CConstaterende datHelmond
Koppel je AI →
Document · PDF

A Ter kennisname geanonimiseerd

Gemeenteraad 20 mei 2025, gemeente HelmondBij agendapunt: Ter kennisname21.907 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Pagina 3 van 12

Ap J.H.G. Cloosterman

26 April 2025

Figuur 4 Een deel van de opgewekte elektriciteit zal d.m.v. elektrolyse worden ingezet voor de productie van waterstof: 2H2O → 2H2 + O2 Het is mij niet duidelijk geworden wat er met de opgewekte zuurstof gaat gebeuren. Pagina 4 van 12

Ap J.H.G. Cloosterman

26 April 2025

4. Het productie schema van onze Noordzee windmolen parken.

Figuur 5

Figuur 6 converterstation Platform waar kabels van een windmolenpark samenkomen, wisselspanning wordt omgezet in gelijkstroom en de gezamenlijk opgewekte stroom doorgestuurd wordt naar het aanlandingspunt. In figuur 5 is aangegeven hoe de met windturbines opgewekte stroom naar het hoogspanningsnet op het vaste land wordt getransporteerd. Het plan omvat 8 aanlandingsplaatsen langs de Nederlandse kust. Meer dan 70 procent van onze elektriciteit komt binnen afzienbare tijd van wind op zee. Eerst zien en dan geloven! Zie hoofdstuk 7. Als een transformatorplatform bij een windpark wordt gesaboteerd,

Pagina 5 van 12

Ap J.H.G. Cloosterman

26 April 2025

kunnen grote delen van Nederland en misschien zelfs Noordwest-Europa op zwart gaan. Een converterstation is een gemakkelijk doelwit voor drones. Nederland beschikt nog niet over voldoende Anti-drone kanonsystemen. Het plan is om er 22 mobiele anti-drone kanonsystemen te bestellen. Defensie hoopt de contracten snel te ondertekenen. Staatssecretaris Gijs Tuinman meldt dat de systemen dan in 2028 operationeel kunnen zijn. [Opmerking: Je mag hopen dat de stations er dan nog staan!] Sabotage van leidingen en kabels op de bodem van de Noordzee kan dramatisch uitpakken: nauwelijks internet en massale stroomuitval.

. Risico en gevolgen van een toenemende Russische agressie. Het ziet er niet naar uit, dat de Russen bereid zijn om de mensonterende oorlogshandelingen tegen Oekraïne te staken. Als de VS stopt met hulp dan is het lot van Oekraïne vrijwel bezegeld en zullen de Russen daarna hun veroveringen richten op de voormalige staten van het Russische Rijk en de Sovjet Unie, waaronder de Baltische Staten, die lid zijn van de NAVO. Een derde wereldoorlog ligt dan in het verschiet. Als de Amerikanen de plichten van hun NAVO lidmaatschap nakomen dan zullen ze de NAVO bijstaan. De bedoeling is dan, dat hun oorlogsmaterieel o.a. via de haven van Rotterdam zal worden aangevoerd voor verder transport. Het is dan ook van groot belang dat de Nederlandse infrastructuur en elektriciteitsvoorziening volledig intact blijven. “Rusland heeft veel interesse in onze onderzeese infrastructuur”, zegt Schellens als programmadirecteur Bescherming Noordzee Infrastructuur. “De Russen brengen leidingen en kabels structureel in kaart om mogelijk te saboteren.” Cyberaanvallen op vitale infrastructuur zijn aan de orde van de dag. De MIVD (militaire inlichtingen- en veiligheidsdienst) wijst erop dat een verdacht Russisch onderzoeksschip al meermaals rondvoer in het Nederlandse deel van de Noordzee.

Het schip zou belangrijke maritieme infrastructuur, zoals internetkabels, gaspijpleidingen en stroomkabels, in kaart hebben gebracht met het oog op eventuele toekomstige sabotage. Tijdens zijn verdachte manoeuvres werd het Russische vaartuig geschaduwd door het marineschip Johan de Witt. Zie figuur 7. Pagina 6 van 12

Ap J.H.G. Cloosterman

26 April 2025

Figuur 7 Volgens Kapitein ter zee René Luyckx varen er per dag 3 Russische schepen door de Noordzee. Per jaar varen er 260.000 schepen over de Noordzee en daar kunnen ook schepen tussen varen van een andere nationaliteit, die spioneren. De Koninklijke Marine breidt naar verwachting in 2027 haar vloot uit met 2 nieuwe multifunctionele ondersteuningsvaartuigen. 6. Doorgaan met de uitbreiding van windmolenparken op zee? Er zijn liefst zes ministeries betrokken bij het project “Windmolens op zee” en elk ministerie heeft zijn eigen verantwoordelijkheid voor een deel van de puzzel. Duidelijkheid van verantwoordelijkheden zijn ver te zoeken, ook geen wonder. Kijk maar eens naar de vele organisatie en mensen die er verder bij betrokken zijn: Provincies, Tennet, Rijkswaterstaat, Gasunie en 5 adviesbureaus. Het is niet duidelijk of er een overall projectleider actief is, die aan de touwtjes trekt. Een goed functionerend management zou zich regelmatig moeten afvragen welke gevaren er dreigen voor de voortgang en het welslagen van het project. Er is onvoldoende beveiliging en hoe meer er nu gerealiseerd wordt, hoe meer er vernietigd kan worden. Het is verstandig om het project op hold te zetten en aandacht te geven aan de inzet van twee andere energiebronnen: Pagina 7 van 12

Ap J.H.G. Cloosterman

26 April 2025

a. Nederland heeft 6 gascentrales: hou deze zo lang mogelijk operationeel! ”Aardgas of waterstof kan een transitiebrandstof zijn in de conversie naar duurzame energie” → De bijdrage van CO2 aan de aardse opwarming van 1,3⁰C is slechts 0,2 à 0,3⁰C → De Nederlandse inspanning zal uiteindelijk maar een temperatuur vermindering van 0,0003⁰C opleveren en dit kost tientallen miljarden Euro’s. Stop met elektrificeren: het netwerk kan het niet aan en er zijn bedrijven die niet aangesloten kunnen worden. b. Plaats snel kerncentrales. Kerncentrales hebben een hoog vermogen en rendement en zijn instaat om aan een wisselende vraag te voldoen. Verder zijn ze, vanwege het veel kleinere oppervlak, beter tegen agressors te beschermen dan windmolenparken op zee. Overigens (en onbegrijpelijk!!) presenteert Nederland op het internet een overzichtskaart van het kabelnetwerk: Hier, mijnheer Vladimir Vladimirovitsj Poetin, dit bieden wij u aan. Zie figuur 8.

Figuur 8 In totaal 6000 km aan kabels.

Pagina 8 van 12

Ap J.H.G. Cloosterman

26 April 2025

7. Het verschil tussen geïnstalleerd en werkelijk vermogen. Het opgestelde vermogen van een windturbine is het maximale vermogen dat onder optimale omstandigheden benut kan worden. Het beschikbare vermogen is het vermogen, dat in de praktijk wordt behaald en wordt o.a. beïnvloed door windkracht, technische mankementen en onderhoud. Het vermogen van een windmolen is afhankelijk van de windkracht. Vanaf windkracht 2-3 begint een windmolen al te draaien. Bij windkracht 4 wordt er nog nauwelijks vermogen opgewekt. Bij windkracht 5 is het vermogen slechts 12%. Pas vanaf windkracht 7 draait een windmolen op volledige capaciteit. Wanneer het dus niet hard genoeg waait komt een windmolen niet aan zijn maximale vermogen. Op zee waait het vaak harder en constanter. Vanaf windkracht 10 wordt een windmolen vaak stopgezet vanwege de veiligheid. In onderstaande grafiek 9 zijn de maand producties van een jaar (mei 2024 t/m 23 april 2025) weergegeven. Ik heb de gemiddelde maandproductie van 1071,1 GWh omgerekend naar GW = 1,464 GW. En dan blijkt er slechts sprake te zijn van een rendement van 31,2%.

Grafiek 9 Aan de burger wordt voorgeschoteld het aantal huishoudens dat hiermee van stroom kan worden voorzien en dat geeft een totaal verkeerd beeld. Het Nationaal Energie Dashboard meldde bijvoorbeeld: Pagina 9 van 12

Ap J.H.G. Cloosterman

26 April 2025

“Op zaterdag 26 april 2025 is er tot nu toe genoeg hernieuwbare energie geproduceerd om een gebied met 928.528 inwoners te voorzien van energie. Dit komt overeen met alle energieverbruik van de stad Amsterdam”. Met 1GW kan je ongeveer 1 miljoen huishoudens van stroom voorzien. Op 1 januari 2024 telde Nederland bijna 8,4 miljoen huishoudens. Met een maandgemiddelde van 1,464 GW kun je dus 1,464 x 1.000.000 = 1.460.000 huishoudens van elektriciteit voorzien. En dat maakt natuurlijk wel indruk! Maar wat heeft dat wel niet gekost! Om zeker te zijn van dit lage rendement heb ik ook de energieproductie van een willekeurige dag bekeken. Zie grafiek 10. De productie uit windenergie op zee stelt weinig voor en is wisselvallig, hetgeen bovendien niet overeenstemt met de vraag! Opvallend is, dat de bijdrage van zonne-energie met zonnepanelen enorm groot is en dit pleit ervoor om de wisselende overmaat aan elektriciteit d.m.v. elektrolyse om te zetten in waterstof als brandstof voor gascentrales of rechtstreeks voor industrie en/of huishoudens.

Grafiek 10

Energieopwek.nl/Entrance

Pagina 10 van 12

Ap J.H.G. Cloosterman

26 April 2025

8. Schade aan het zeeleven. Over de impact van windmolens op zee is al voldoende gepubliceerd. Echter over de schade die wordt aangericht door de aanleg van kabels in de zeebodem hoor je weinig. Vandaar het volgende: Op de Tweede Maasvlakte wordt intussen gebouwd aan de energietoekomst van Nederland. Daar worden drie gigantische verbindingen aangelegd tussen windparken op zee en het vasteland. Maar die enorme ontwikkeling maakt Nederland ook kwetsbaarder voor sabotage. Daarom neemt TenneT uitgebreide maatregelen om de kabels op zee te beschermen. "Op het strand doen we een boring onder het duin door, maar in de zee komen er speciale apparaten die de kabel in de zeebodem begraven in een sleuf van enkele meters diep”. Ik denk dat weinig mensen benul hebben van de schade die het leven in de Noordzee bodem hierdoor wordt aangedaan. Als u hierover meer wilt weten: https://npo.nl/start/serie/de-wilde-noordzee/seizoen-1/riffen/afspelen

9. Slotwoord. Als een Duveltje uit een doosje komt de alarmistische klimaatwetenschap met de boodschap, dat door het afnemen van de snelheid of zelfs stilvallen van de Warme Golfstroom een koude periode (glaciaal) kan ontstaan, zoals ook 10.000 jaar geleden is gebeurd. Volgens de heren Drijfhout (oceanograaf KNMI) en Verdaas (Delta commissaris) is het een lastige boodschap om de burgers hierover te informeren. Over 10 à 20 jaar zou dit al kunnen gebeuren en dan zal het kouder en droger worden in Nederland. De zorgen nemen toe en verder onderzoek is nodig, aldus deze heren. Zie ook: https://www.climategate.nl/2025/04/nieuw-klimaatscenariobaart-onderzoekers-zorgen-juist-koudernederland/?utm_source=rss&utm_medium=rss&utm_campaign=nieuwklimaatscenario-baart-onderzoekers-zorgen-juist-kouder-nederland Vijf jaar geleden werd in een Climategate artikel hier al gewag van gemaakt. Zie: https://www.climategate.nl/2020/01/ap/ 01.01.2020 Noch de overheid, noch het KNMI, noch milieuorganisaties hebben ooit op dit soort signalen gereageerd. Het is dan ook van groot belang dat de overheid zich nu eens gaat afvragen of het huidige en geldverslindende klimaatbeleid stand moet houden. De gevolgen van dit beleid zullen desastreus zijn en zijn nu al merkbaar: Pagina 11 van 12

Ap J.H.G. Cloosterman

26 April 2025

● Aantal faillissementen neemt toe: In de eerste 16 weken van 2025 hebben de ondernemingsrechtbanken 3.599 faillissementen uitgesproken. Dat zijn 2,4% meer faillissementen dan in de eerste 16 weken van 2024 en 16,6% meer dan in dezelfde periode van 2023. ● Concurrentiepositie: Concurrentiepositie Nederland staat onder druk. Het investeringsklimaat in Nederland gaat achteruit, en dat leidt tot minder vertrouwen en bedrijvigheid van ondernemers. ● Armoede: 540.000 mensen leefden onder de armoedegrens in 2023 (3,1%). In 2025 is de verwachting: 715.000. ● Enorme prijsstijgingen: CBS: inflatie afgelopen twee jaar bedroeg 13,8%

Pagina 12 van 12

PROGRAMMAJAARVERSLAG 2024 METROPOOLREGIO EINDHOVEN

INHOUDSOPGAVE OVERZICHT METROPOOLREGIO EINDHOVEN

2

KERNGEGEVENS

3

MANAGEMENTSAMENVATTING

4

LEESWIJZER

5

PROGRAMMA’S EN THEMA’S

6

Metropoolregio Eindhoven Regionale strategie en samenwerking Incl. Landgoed Gulbergen Ruimte en wonen Mobiliteit Incl. GGA Energietransitie Economie Incl. Investeringsfondsen en bijdrage Brainport Development Landelijk gebied Regionaal Historisch Centrum Eindhoven (RHCe) Overhead PARAGRAFEN

6 6 6 13 18 18 21 28 28 34 37 43 44

Weerstandsvermogen en risicomanagement Bedrijfsvoering PROGRAMMAJAARREKENING 2024

44 47 53

Overzicht baten en lasten Toelichting op het overzicht baten en lasten Verschillen overzicht baten en lasten Toelichting op verschillen overzicht baten en lasten Inwonerbijdrage Formatie Balans per 31 december 2024 Grondslagen voor waardering, resultaatbepaling en rechtmatigheidsverantwoording Toelichting op de balans per 31 december 2024 Niet uit de balans blijkende rechten en verplichtingen WNT-verantwoording 2024 Metropoolregio Eindhoven Rechtmatigheidsverantwoording

53 54 54 55 60 60 61 63 65 73 73 76

VERPLICHTE BIJLAGEN

77

Sisa bijlage

77

CONTROLEVERKLARING ACCOUNTANT

79

1

OVERZICHT METROPOOLREGIO EINDHOVEN

Gemeenschappelijke Regeling Vanaf 25 februari 2015 heeft de bestuurlijke samenwerking in de regio vorm gekregen in de Metropoolregio Eindhoven. Vanaf deze datum is dan ook de Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Eindhoven in werking getreden. Op 15 december 2021 heeft een technische aanpassing op deze regeling plaatsgevonden, welke op 1 januari 2022 van kracht is geworden. Deelnemende gemeenten

21

Algemeen bestuur

21 leden

Dagelijks Bestuur

Jeroen Dijsselbloem (voorzitter) Sjoerd Potters Greet Buter Judith Keijzers-Verschelling Giovanni Wouters (secretaris-directeur)

Adviseurs Dagelijks Bestuur

Suzan van de Goor-Gelens (Ruimte & Wonen) Mathijs Kuijken (Mobiliteit) Stijn Steenbakkers (Economie) Rick Thijs (Energietransitie) Fons d’Haens (Landelijk Gebied)

2

KERNGEGEVENS

3

MANAGEMENTSAMENVATTING In 2024 heeft de Metropoolregio Eindhoven (MRE), samen met de 21 deelnemende gemeenten, gewerkt aan het tweede jaar van het werkprogramma ‘Aan de slag’ op basis van het Samenwerkingsakkoord 2023–2026. De nadruk lag op de uitvoering van de vijf hoofdopgaven Ruimte & Wonen, Mobiliteit, Energietransitie, Economie) en Landelijk Gebied. Ook het Regionaal Historisch Centrum Eindhoven (RHCe) en Landgoed Gulbergen maakten onderdeel uit van de organisatie. De totale uitgaven bedroegen ongeveer 27,5 miljoen euro, met een positief financieel resultaat van 628.743 euro voor het hele concern: 317.556 euro bij de MRE-dienst en 311.187 euro bij het RHCe. Bij Landgoed Gulbergen is het saldo op nul uitgekomen, omdat de opbrengsten (zoals de verkoop van de golfbaanopstallen) en de kosten zijn verrekend met de daarvoor bestemde reserve.De lagere personele uitgaven kwamen vooral door enkele vacatures die nog niet of later zijn ingevuld. Ook startten sommige projecten, met name binnen de energietransitie, later dan gepland. Van het vrijgevallen bedrag van 1,02 miljoen euro in dat programma is een deel apart gezet, zodat het in 2025 alsnog kan worden besteed. Hiermee wordt ook voorkomen dat de middelen terug moeten worden gegeven aan het Rijk. Binnen het thema Regionale strategie & samenwerking is vooral gewerkt aan de verkenning van de bovenregionale samenwerking (o.a.

met Weert, Meierijstad, Venlo en Vlaanderen) en de uitwerking van de coördinatie van de afspraken met het Rijk en de provincie in het kader van het convenant Beethoven. . Binnen het programma Ruimte & Wonen is de Woondeal Zuidoost-Brabant verder uitgewerkt, samen met de partners, met onder meer de contouren van de regeling voor de versnelling van 17.000 (betaalbare) woningen in het kader van ‘Beethoven'. Ook is een wensen en bedenkingenprocedure doorlopen met de 21 gemeenteraden over de Ontwikkelstrategie ZuidoostBrabant en is deze op onderdelen verder uitgewerkt. . Binnen het programma Mobiliteit is de Regionale Mobiliteitsvisie vastgesteld door de 21 gemeenten. Ook is gewerkt aan het Meerjarig Multimodaal Mobiliteitspakket (MMMP) en de uitwerking van de plannen voor betere bereikbaarheid, gericht op hoogwaardig van openbaar vervoer, mobiliteitshubs en snelle fietsverbindingen. . Het programma Energietransitie richtte zich op uitvoering van de Regionale Energiestrategie (RES 1.0), oplossen van netcongestie (o.a. met de verkregen nationale MIEK-status voor de pocket Noordoost-Brabant ) en stimuleren van duurzame opwek en energiezuinige maatregelen. De vertraging in enkele deelprojecten zorgt ervoor dat het Rijksbudget in 2025 alsnog wordt ingezet.

In het thema Economie is inbreng geleverd voor het meerjarenplan ‘Brainport in balans’ en is een nieuwe visie op bedrijventerreinen vastgesteld. Ook is het convenant met het Rijk uitgewerkt en getekend voor de Regiodeal ‘Thuis in Brainport' en is het Stimuleringsfonds herijkt, meer gericht op brede welvaart in de ketensamenwerking. Op het gebied van het Landelijk Gebied is naast de inzet op NOVEX De Peel een herijkingstraject gestart gericht op het versterken van groenblauwe verbindingen, een vitale agrarische sector en de maatschappelijke waarde van groei in ruimtelijke gebiedsontwikkelingen. Zowel de MRE als het RHCe hebben hun algemene reserve nu op het maximale niveau dat het Algemeen Bestuur heeft vastgesteld. Meerdere bestemmingsreserves, zoals voor energietransitie en verdere ontwikkeling van de regionale opgaven, zijn aangevuld. Een ander voorbeeld is de 2,8 miljoen euro opbrengst van de golfbaanopstallen op Landgoed Gulbergen, die nu in de desbetreffende reserve zit. Ook al is de financiële positie gezond, de ruimte voor terugkerende lasten is nog beperkt.

4

LEESWIJZER Het jaarverslag 2024 van de concernorganisatie Metropoolregio Eindhoven heeft overeenkomstig de Begroting 2024 de vorm van een programmajaarverslag. Lasten en baten zijn toegerekend aan de programma’s. Op deze manier worden de prijs, prestaties en kwaliteit beter zichtbaar. Op het overzicht Programmarealisatie 2024 zijn de realisatiecijfers 2024, alsmede de begrote cijfers 2024 en de begroting na 2e wijziging per dienstonderdeel vermeld. De kosten van overhead worden conform het ‘Besluit Begroting en Verantwoording gemeenten en provincie’ (BBV) zichtbaar gemaakt op een apart programma. Een en ander resulteert in een exploitatiesaldo 2024 per dienstonderdeel. In de jaarrekening is een afzonderlijk overzicht ‘Verschillen programmasaldi 2024’ met een toelichting van de belangrijkste verschillen opgenomen. De Jaarrekening is opgesteld met inachtneming van het BBV en de financiële beleidsnota’s ‘Nota Reserves en voorzieningen Metropoolregio Eindhoven’, treasurystatuut etc.. Tevens is de Notitie Algemene reserve (als onderdeel van de beleidsnotitie Kaders P&C documenten 4GR) van toepassing op de jaarrekening 2024. In de voorgeschreven paragrafen wordt een aantal aspecten van de financiële huishouding toegelicht, zoals weerstandsvermogen, financiering en bedrijfsvoering.

Tevens wordt informatie gegeven over de verbonden partijen, grondbeleid onderhoud kapitaalgoederen en rechtmatigheid. De verantwoording over de beleidsmatige uitvoering van de activiteiten zoals deze zijn opgenomen in de begroting en werkprogramma 2024 worden per thema als volgt gepresenteerd:

Op schema, binnen de kaders van de begroting / werkprogramma Behoeft aandacht, resultaten blijven wat achter bij de verwachtingen Resultaten blijven significant achter bij wat afgesproken is in de begroting / werkprogramma

5

PROGRAMMA’S EN THEMA’S Metropoolregio Eindhoven Realisatie Werkprogramma 2024 Metropoolregio Eindhoven Met de realisatie van het Werkprogramma ‘Aan de slag’ is in 2024 uitvoering gegeven aan het Samenwerkingsakkoord 2023-2026. Dit samenwerkingsakkoord, waarop de 21 gemeenteraden een zienswijze kenbaar hebben gemaakt, is op 1 maart 2023 door het Algemeen Bestuur vastgesteld. De jaarschijven 2023 en 2024 zijn vervolgens uitgewerkt in een Werkprogramma 2023-2024, dat op 5 juli 2023 door het Algemeen Bestuur is vastgesteld. In dit programmaverslag kijken we terug naar wat we, de 21 samenwerkende gemeenten, in 2024 hebben gedaan om onze ambities te realiseren. Hierbij betrekken we ook het Regionaal Historisch Centrum Eindhoven (RHCe) en Landgoed Gulbergen als onderdeel van de Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Eindhoven.

Regionale strategie en samenwerking Incl. Landgoed Gulbergen Hoofdopgave Samenwerking en strategie Het is onze ambitie om de groei van de economie in goede banen te leiden, waardoor meer inwoners in de regio profiteren van de groei in welvaart én welzijn. We richten onze samenwerking daarbij primair op een gezamenlijke aanpak van de urgente opgaven in de fysieke leefomgeving en het verbeteren van de kwaliteit van die leefomgeving. We versterken de nationale mainportfunctie en organiseren de daartoe vereiste randvoorwaarden. We investeren in de strategische verbinding stadlandregio. Daarbinnen investeren we in het ondersteunen van de intergemeentelijke samenwerking. Dit doen we vanuit het versterken van eigenaarschap en medeverantwoordelijkheid door het in positie brengen en houden van de gemeente(raden) en colleges van burgemeester en wethouders. Het Dagelijks Bestuur is integraal verantwoordelijk voor de regionale strategie en de integraliteit van het werkprogramma. Op het niveau van het Dagelijks Bestuur komen door inbreng en onder verantwoordelijkheid van de adviseurs (voorzitters portefeuillehoudersoverleg) de verschillende programmalijnen samen. Landgoed Gulbergen Op Landgoed Gulbergen lopen twee, min of meer, afzonderlijke trajecten.

Allereerst de prenazorg; Het realiseren van de eindafwerking, pre-nazorg en het op een milieutechnisch verantwoorde wijze overdragen van de gesloten stortplaats aan de provincie voor eeuwigdurende nazorg. De stortplaats kan worden overgedragen aan de Provincie als het Nazorgplan gereed is. Dan kan de eindinspectie door de Provincie worden ingezet waarna overdracht kan gaan plaatsvinden. Het tweede traject op Landgoed Gulbergen is de ontwikkeling van het Landgoed tot een aantrekkelijk toeristisch en recreatief gebied met een sterke groene geleding en duurzame uitstraling, met aandacht voor het hoge ijkpunt van de stortplaats in de regio en passend binnen de Brainport-ambitie van de regio. Nu de Metropoolregio weer volledig eigendom heeft van dit gebied wordt er nagedacht over een nieuwe invulling daarvan. Samen met de grondgebied gemeenten Nuenen c.a. en Geldrop-Mierlo wordt gewerkt aan het nieuwe toekomstperspectief van deze ontwikkeling. Hiervoor zijn in 2024 alle stakeholders in het gebied op gepaste wijze en momenten betrokken.

6

Opgave Werkprogramma 2024

Regionaal perspectief 2024 Wat willen we bereiken? Een overkoepelend langetermijnperspectief, ‘regionaal perspectief 2040’, dat op strategisch niveau inzicht geeft in de verwachtingen, consequenties en aandachtspunten m.b.t. de 5 samenwerkingsthema’s c.q. de regionale programmalijnen. Versnelling en realisatie van de schaalsprong, zoals verwoord in de Strategische Agenda Brainport (pijler 3, ‘wonen en bereikbaarheid’) in balans met draagvermogen regio. Resultaten t/m december 2024 Activiteiten 2024 Strategische verkenning opdracht brede impact schaalsprong i.r.t. benodigd brede voorzieningsniveau "Utrechtse barcode". Welke 'witte vlekken' zien we nu i.r.t. de schaalsprong in de regio?

Stand

Regionaal perspectief 2040 waarin een directe koppeling wordt gelegd tussen brede welvaart en de groeiopgaven van de regio.

7

Toelichting De uitvoering van de opdracht ‘Verkenning voorzieningen’ die in december 2013 door het Dagelijks Bestuur is vastgesteld loopt nog. Inmiddels is de nulmeting basisvoorzieningen (rapportage BRO) afgerond. Dit geeft een beeld van de huidige voorzieningenstructuur in de regio. Naar verwachting wordt in het eerste kwartaal van 2025 deze opdracht volledig afgerond. Een brief van het DB met de precieze stand van zaken is in november 2024, inclusief de eindrapportage basisvoorzieningen, naar alle gemeenten verstuurd. Daarnaast is de opdracht verbreed met een gezamenlijke verkenning met het Rijk op basis van het convenant Beethoven. De focus in de afgelopen periode heeft voornamelijk gelegen op het uitwerken van het Beethovenconvenant en het sturen op realisatie binnen de vijf programmalijnen. Deze focus draagt bij aan een groei in balans, waarbij onder meer afspraken met het Rijk zijn gemaakt over de gezamenlijke verkenning op het gebied van de sociaal-maatschappeljke opgaven. Een quickscan voor de bekostigingssystematiek is in gang gezet. Ook hebben twee bijeenkomsten met de wethouders sociaal domein plaatsgevonden over de groei in balans, mede gelet op het gewenste voorzieningenniveau.

Programmatische sturing en regie op schaalsprong.

Kwartiermakers zijn gestart met inrichting programmabureau (mobiliteit, ruimte en wonen, energietransitie). De werving voor structurele invulling is volbracht. Enkel voor programma mobiliteit loopt de werving naar programmaregisseur nog. Het AB heeft op 3 juli jl. het besluit genomen om bovenregionale samenwerking te verkennen met omliggende gemeenten en regio's, met prioriteit voor Weert en Meierijstad, aangevuld met Venlo. Stapsgewijs wordt uitvoering gegeven aan dit besluit. Het AB is hierover regelmatig geïnformeerd. MRE is lid van het Public Affairs en Strategie overleg Brainport en het coördinatieoverleg BO Brainport. Hierin vindt de positionering/afstemming van de regio plaats richting BO Brainport, en de monitoring van uitvoeringsafspraken in het Beethoven convenant.

Investeren op bovenregionale positionering en versterken van regionale slagvaardigheid door versterken netwerk naar: omliggende regio’s, Provincie Noord-Brabant, Rijk (o.a. Ministeries BZK, LNV) en VNG.

Positioneren van de regionale belangen op (boven-)regionale strategische overlegtafels om meer ondersteuning en middelen vanuit het Rijk naar de regio te krijgen, gecoördineerde inbreng regio aan de provinciale en Rijkstafel(s).

Positionering regio via o.a. Omgevingsdagen, BO-Brainport en Smartwayz lopen nu. O.a. inbreng netcongestie, regionale mobiliteitsvisie. In de afgelopen maanden heeft de focus gelegen op het uitwerken van de financiële afspraken met het Rijk en Provincie in het kader van het convenant Beethoven. Daarnaast zijn in samenwerking met Brainport Development gesprekken opgestart met de Europese Investeringsbank (EIB) om verder te verkennen wat de mogelijkheden zijn voor de realisatie van de opgaven in het samenwerkingsakkoord. Vanuit BPLG loopt proces om tot passende uitvraag middelen regio te

Verkenning van mogelijkheden voor benutten Europese-, Rijks-, provinciale regelingen voor realisatie onderdelen samenwerkingsakkoord.

komen vanuit Rijksgelden.

8

Regionale aanpak brede welvaart Wat willen we bereiken? Strategische verkenning van gezamenlijk beeld brede impact schaalsprong op brede welvaart voor de regio. Afwegingskader brede welvaart voor beleidsontwikkeling op korte én lange termijn binnen de vijf opgaven. Resultaten t/m december 2024 Activiteiten 2024 Strategische verkenning van het vraagstuk om te komen tot gedeeld en gezamenlijk beeld wat brede welvaart betekent.

Stand

Inrichten ambtelijke werkgroep+ linkinpins in portefeuillehoudersoverleggen en verbinding sociaal domein.

Toelichting In Regiodeal ‘Thuis in Brainport’ zijn 3 programmalijnen opgenomen (sociale samenhang, competentieontwikkeling, leefbaarheid). Met het Rijk is in 2024 het convenant getekend zodat de 7 projecten in uitvoering kunnen. Daarnaast is in 2024 de verkenning voorzieningen (basis, top- en regionale voorzieningen) doorlopen; de afronding vindt in het eerste kwartaal van 2025 plaats. Dan zal ook de verdere aanpak worden vastgesteld.

Per portefeuillehoudersoverleg is een linking pin aangewezen. Werkgroep heeft instrumentarium ontwikkeld om toe te passen in de afzonderlijke thema's. Brainport voor elkaar is actief uitgenodigd op Nieuwjaarsbijeenkomst. In het kader van de verkenning voorzieningen zijn ook de wethouders sociaal domein via twee bijeenkomsten betrokken. Zij kunnen inbreng geven op de verdere aanpak.

Een plan van aanpak op welke wijze brede welvaart inhoud kan krijgen in de regionale opgaven.

De verkenning voorzieningen is in de afrondende fase. Dit betreft het huidige en gewenste voorzieningenniveau richting 2040. De verdere aanpak wordt in april 2025 vastgesteld.

o

Versterken samenwerking, participatie en communicatie

9

Wat willen we bereiken? Versterken van de regionale samenwerking en eigenaarschap. Faciliteren en organiseren regionale samenwerking in het algemeen. Ontwikkeling landgoed Gulbergen. Resultaten t/m december 2024 Activiteiten 2024 Vormgeven, opzetten en inrichten programma‘s op alle 5 thema’s binnen regionale agenda.

Stand

Versterken betrokkenheid en eigenaarschap leden Raadstafel21 door adviesvraag op dossiers (o.a. brede welvaart). Versterken en strategisch ondersteunen (vice-)voorzitters portefeuillehoudersoverleg.

Versterken en ondersteunen actieve rol Algemeen Bestuur en verbinding portefeuillehouder/college/raad.

Coördinatie realisatie werkprogramma's op de regionale thema's.

Toelichting Programmabureau is ingericht. Invulling wordt gegeven aan het programmamanagement met een ontwikkeltraject. Raadstafel21 komt 4x per jaar bijeen. Adviserende rol van Raadstafel21 aan Algemeen Bestuur is in Gemeenschappelijke Regeling / Statuut Overlegorganen verankerd. De programmaregisseurs zijn primair verantwoordelijk voor faciliteren van (vice)voorzitters portefeuillehoudersoverleg. De bestuurlijke advisering wordt versterkt. We hebben actief ingezet op het goed aanhaken van onze verschillende bestuurlijke gremia. Als voorbeeld zetten we de Regioconferentie in meerdere mate in als een momentum waarop college- en raadsleden over inhoudelijke onderwerpen met elkaar in dialoog kunnen. Hiermee geven we invulling aan een kenbaar gemaakte behoefte. Manager regionale opgaven is gestart en geeft integraal sturing aan het Programmabureau op basis van lopende werkprogramma. Het Werkprogramma 2025-2026 ‘Focus op realisatie’ is door het Algemeen Bestuur op 18 december 2024 vastgesteld. En is ter informatie aan alle colleges en raden toegezonden. Continu proces

2-Jaarlijks werkprogramma, monitoring en verantwoording voortgang.

Coördinatie Omgevingsdagen, afstemming, Smartwayz, inbreng BO-MIRT e.d.

10

Organiseren en faciliteren overleggremia (portefeuillehoudersoverleg, Dagelijks en Algemeen Bestuur, Raadstafel21). Onderhoud Gemeenschappelijke Regeling (GR)

Continu proces

Het Algemeen Bestuur heeft besloten voor de archiefbepalingen een separate procedure te starten. Ambtelijke voorbereiding is gestart. Uitgangspunt is één wijzigingsvoorstel op te stellen. Aandachtspunt hierbij is dat de nieuwe Archiefwet nog niet is vastgesteld. Behandeling in de Tweede Kamer is vooralsnog gepland eind januari 2025.

Tijdig aanleveren P&C-producten (kadernota, begroting, bestuursrapportages, jaarrekening). Organiseren bijeenkomsten, (regio-) conferenties.

Continu proces, producten zijn tijdig en conform cyclus vastgesteld. In 2024 zijn vier regioconferenties georganiseerd (in januari, april, juni en november). De eerste drie regioconferenties zijn positief gewaardeerd, de laatste regioconferentie is minder gewaardeerd. De verbeterpunten worden meegenomen richting 2025. Op 5 oktober 2024 is door de Raadstafel21 een werkbezoek voor raadsleden georganiseerd over het thema mobiliteit. In 2024 is een extra slag gemaakt in de informatiedeling op ambtelijk niveau. Elke maand wordt een regiouurtje gehouden voor alle ambtenaren. Daarnaast hebben diverse masterclasses plaatsgevonden.

Kennisprogramma door masterclasses, strategische verkenningen, informatiedeling.

Prenazorg en overdracht gesloten stortplaats

Op Landgoed Gulbergen lopen twee, min of meer, afzonderlijke trajecten. Allereerst de prenazorg; Het realiseren van de eindafwerking, pre-nazorg en het op een milieutechnisch verantwoorde wijze overdragen van de gesloten stortplaats aan de Provincie voor eeuwigdurende nazorg. De stortplaats kan worden overgedragen aan de Provincie als het Nazorgplan gereed is. Dan kan de eindinspectie door de Provincie worden ingezet, waarna overdracht kan gaan

11

plaatsvinden. In 2024 is het conceptNazorgplan ingediend bij de Provincie. Het tweede traject op Landgoed Gulbergen is de ontwikkeling van het Landgoed tot een aantrekkelijk toeristisch en recreatief gebied met een sterke groene geleding en duurzame uitstraling, met aandacht voor het hoogste punt van Brabant en passend binnen de Brainportambitie van de regio. Nu de Metropoolregio weer volledig eigendom heeft van dit gebied wordt er nagedacht over een nieuwe invulling daarvan. Op 28 februari 2024 heeft het Algemeen Bestuur daarom de Ontwikkelvisie vastgesteld. Vanuit dit kader zijn er gesprekken met initiatiefnemers geweest. De initiatieven passen binnen de Ontwikkelvisie. Samen met de grondgebied gemeenten Nuenen c.a. en Geldrop-Mierlo wordt gewerkt aan het nieuwe toekomstperspectief van deze ontwikkeling.

Doorlopen ontwikkelproces Gulbergen https://www.gulbergen.nl

12

Financiële realisatie 2024 Regionale strategie en samenwerking

Landgoed Gulbergen

Ruimte en wonen Hoofdopgave We zien een stevige ruimtelijke opgave voor de regio in de vraag naar nieuwe woningen, bedrijventerreinen en voorzieningen. Vanuit de Strategische Agenda Brainport werken we de 3e pijler (wonen en bereikbaarheid) met elkaar verder uit om invulling te geven aan de ruimtelijke puzzel. Deze pijler is een belangrijke overheidsopgave die we regionaal oppakken. Met het Rijk en de provincie werken aan de verstedelijkingsopgave van de complete regio. De regionale ontwikkelstrategie gebruiken we daarbij als richtinggevende principes We hebben ervoor gekozen om deze opgaven gezamenlijk ter hand te nemen in de regio en te spreken van een versnellingsopgave. Hierbij is het belangrijk om vanuit één perspectief te handelen, ook richting Den Haag, om samen dingen voor elkaar te krijgen (en het Rijk aan onze ‘nationale’ opgaven te committeren). Hierbij sluiten we aan bij de ambitie van de Woondeal 2023 van Rijk, Provincie en gemeenten om tot en met 2030 45.000 woningen te realiseren in de regio Zuidoost-Brabant. Hierop aansluitend is vanuit de Strategische Agenda Brainport de vervolgambitie neergelegd om door te programmeren tot 2040. De verwachting is dat er in 2040 100.000 woningen extra nodig zijn ten opzichte van 2023. We kijken hierbij niet alleen naar aantallen, maar ook kwaliteit, woonbehoeften en inzet van woonruimte.

In het verlengde hiervan werken we aan de doorontwikkeling van de integrale, regionale ontwikkelstrategie 2023-2030. De regionale ontwikkelstrategie geeft integrale richtinggevende principes met betrekking tot de huidige prognoses en afspraken woningbouwopgave, werklocaties, in samenhang met onze mobiliteitsopgave. Specifiek voor de woningbouwopgave en de regionale programmering vormt de ontwikkelstrategie ook de basis voor de uitwerking en herijking van de Woondeal in 2024.

13

Opgave Werkprogramma 2024

Versnelling regionale woningbouw Wat willen we bereiken? Vaststellen gezamenlijke woondeal voor de regio Zuidoost-Brabant (samen met Provincie NoordBrabant). Regie voeren op woondeal. Resultaten t/m december 2024 Activiteiten 2024 Opzetten van data-gedreven ontwikkeltools i.r.t. samenhangende opgaven met woningbouw (o.a.doelgroepen, woonzorgvisies e.d.).

Stand

Opstellen regionale programmering, prioritering woningbouwopgave.

Toelichting Alle gemeenten en de MRE zijn aangesloten op het datasysteem JUNO. Dit is ook ingericht en ingevuld en het systeem is operatief en toegankelijk voor de gemeenten zelf. De publieksversie openbaar zetten moeten de gemeenten zelf doen en de eerste gemeenten hebben dit al gedaan. In 2023 is de regionale programmering tot en met 2030 opgesteld als onderdeel van de Woondeal, en met doorkijk naar 2040 (regionale ontwikkelstrategie). Medio 2025 is een actualisatie voorzien met de herijking van de Woondeal. Sinds de oplevering van de woningbouwmonitor Juno op 4 april 2024 is gestart met regionale woningbouwregie. Als onderdeel van de regionale Woondeal is een inrichtingsvoorstel voor een regionale Woningbouw-versnellingstafel opgesteld. Deze is op 19 januari 2024 door de Stuurgroep Woondeal tezamen met een begroting vastgesteld. Daarna zijn leden geselecteerd en is men onder de naam V-team Wonen MRE gestart. Het V-team is operationeel en heeft de eerste casussen behandeld en adviezen uitgebracht. Er wordt gekeken naar het vergroten van slagkracht om woningbouwprogramma's aan te jagen en te versnellen. In februari is een advies inclusief implementatiemogelijkheden besproken in het portefeuillehoudersoverleg. Door nieuwe ontwikkelingen en kansen worden op dit moment de mogelijkheid verkend

Inrichten, financiering en organiseren versnellingsteam.

Aanjagen en versnelling woningbouwprogramma's.

14

voor een realisatieteam, gefinancierd met private middelen. De verwachting is dat dit in 2025 tot besluitvorming komt. Er is een Stuurgroep Woondeal opgericht, waarin alle partners op bestuurlijk niveau zijn vertegenwoordigd. Deze groep stuurt de uitvoering van de Woondeal aan. De stuurgroep wordt ondersteund door een ambtelijk Kernteam Woondeal. De 70 opgaven uit de Woondeal zijn begin 2024 omgezet naar programmamanagement in 12 deelprojecten. Deze zijn geprioriteerd en deels in uitvoering gebracht. Tegelijkertijd wordt er, samen met de subregio's en woningbouwcorporaties, gewerkt aan het versterken van de uitvoeringskracht. Samen met het Ministerie van BZK, de Provincie Noord-Brabant is de MRE gestart met de uitwerking van de woonparagraaf. Er is tijdens het BO MIRT in november 2024 een eerste afspraak te maken die richting geeft. Vervolgens moet dit in 2025 verder worden uitgewerkt tot een regeling. De huidige Woondeal is destijds onder hoge tijdsdruk tot stand gekomen, waardoor gemeenteraden niet of nauwelijks zijn meegenomen in het proces. Er wordt nu gewerkt aan een herijkte woondeal. De verwachting is dat deze in 2025 gereed is.

Realisatie en uitvoering regionale woondeal.

Operatie Beethoven – paragraaf Wonen

Herijking en verrijking Woondeal en betrekken gemeenteraden

15

Doorontwikkeling regionale ontwikkelstrategie 2023-2030 Wat willen we bereiken? Doorontwikkeling integrale regionale ontwikkelstrategie 2023-2040. Ruimtelijke inpassing (puzzel) van majeure opgaven, zoals de woningbouwopgave, mobiliteit, energietransitie, circulaire economie, klimaatadaptatie en de ruimtelijke stad-land relaties. Resultaten t/m december 2024 Activiteiten 2024 Het organiseren van een gezamenlijk proces om te komen tot een vastgestelde ontwikkelstrategie voor de regio in 2023.

Stand

Het realiseren van een uitgewerkte ruimtelijke ontwikkelstrategie voor de drie kernopgaven wonen, werken en bereikbaarheid op het schaalniveau de regio Zuidoost-Brabant.

Toelichting Na een intensief traject hebben de partners (21 gemeenten, twee waterschappen en Provincie) op de Omgevingsdag op 13 juli 2023 ingestemd met de ontwikkelstrategie. Deze is voor wensen en bedenkingen voorgelegd aan de 21 gemeenteraden die hierop hebben gereageerd. Het is nu aan het poho Ruimte & Wonen om te reageren op de reacties van de gemeenteraden waarbij wordt bezien of dit aanleiding geeft om aanpassingen te maken. Deze reactie wordt verwacht begin 2025. De ontwikkelstrategie wordt uitgewerkt op de drie kernopgaven. Voor wonen is deze vastgelegd in de Woondeal 2023, die in 2025 wordt herijkt. Een visie is gereed, en de programmering voor werklocaties wordt uitgewerkt, naar verwachting is deze begin 2025 gereed. Voor mobiliteit is een mobiliteitsvisie opgesteld. Deze is gereed en deze is voorgelegd aan de 21 gemeenten. Er zijn eerste stappen genomen in het borgen van de samenhang tussen de ontwikkelstrategie en de ruimtelijke (deel)opgaven op proces en inhoud. Echter ligt er nog een opgave om dit sterker in te bedden in de manier van werken in de MRE. In 2025-2026 willen we de ontwikkelstrategie hiervoor meer als instrument inzetten om de samenhang te borgen. In de uitwerking worden de eerste stappen gemaakt met onder andere gemeentelijke en/of subregionale

Het borgen van de samenhang tussen de ontwikkelstrategie en andere ruimtelijke opgaven, die vanuit de andere beleidsthema’s spelen op regionale schaal. Inclusief betrekken van perspectief brede welvaart.

Uitwerking vervolgstappen op de regionale ontwikkelstrategie met

16

betrokkenheid van gemeenteraden in het besluitvormingsproces.

uitwerkingen, een dorpenstrategie, ontwikkeling HOV-knopen, intensivering via operatie Beethoven en uitwerkingen op thema's (werklocaties, mobiliteit etc.). Op verschillende onderdelen zijn, waar nodig geacht, gemeenteraden betrokken. Dit onderwerp vergt continue aandacht. De inhoud van de ontwikkelstrategie is in 2023 namens de 21 gemeenten, ook ingebracht in andere ruimtelijke processen, zoals de PMIEK, Programma Landelijk Gebied/Novex de Peel, Novex Stedelijk Brabant en de Contourennotitie Ruimtelijke Voorstel. In 2024 is een zienswijze op de NRD van Defensie ingediend. In 2024 is afgesproken om in 2025, samen met het Rijk en Provincie, een actualisatie van het MIRT-onderzoek uit 2020 te verrichten. De voorbereidingen en aanbesteding zijn hiervoor doorlopen waardoor begin 2025 dit traject kan beginnen. Hierin vormen de Ontwikkelstrategie en de ruimtelijke ontwikkelingen (meer specifiek ook het energienetwerk) input om te komen tot een geactualiseerd ontwikkelpad.

Ontwikkelstrategie in samenhang brengen met andere ruimtelijke opgaven, zoals PMIEK (energienetwerk), Programma Landelijk Gebied/Novex de Peel en Novex Stedelijk Brabant. Dit gezamenlijk vanuit de 21 gemeenten inbrengen in de processen van Provincie en Rijk.

Financiële realisatie 2024 Ruimte en wonen

17

Mobiliteit Incl. GGA Hoofdopgave Het denken over mobiliteit maakt een ontwikkeling door. Mobiliteit levert een bijdrage aan de leefbaarheid, inclusiviteit, veiligheid en gezondheid van onze inwoners. Het huidige mobiliteitssysteem is in de toekomst niet langer houdbaar. Techniek en een andere kijk op mobiliteit maken andere oplossingen mogelijk. De overheidsopgave is om deze transitie op een goede wijze te laten plaatsvinden in onze samenleving. Versterkend voor de (brede) welvaart in onze regio. Een goede bereikbaarheid van en binnen de hele regio is voorwaardelijk voor de ontwikkeling van de regio. Nu en in de toekomst. In 2030 staan er minder structurele files. We verleiden inwoners in het gebruik van OV en fiets. Het percentage reizigers en ondernemers (vervoerders en verladers) dat de reistijd acceptabel en in voldoende mate voorspelbaar vindt, is in 2030 toegenomen. De ketenmobiliteit is in 2030 versterkt. Het is in 2030 gemakkelijker om de spits of drukte te vermijden. Regionale infrastructurele netwerken (ook elektriciteit) zijn in 2030 op orde. De (inter)nationale bereikbaarheid van de regio is in 2030 versterkt. Opgave Werkprogramma 2024

Regionale strategie mobiliteit Wat willen we bereiken? Een toekomstbeeld mobiliteit 2040, dat aansluit op de verstedelijkingsstrategie en regionale ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant. Agenderen van de regionale strategische opgaven op de MIRT-tafel met het Rijk, zodat we de intraregionale en (inter)nationale bereikbaarheid van de regio kunnen blijven verbeteren. Regionale mobiliteitsagenda (RMA). Resultaten t/m december 2024 Activiteiten 2024 Regiobreed proces om te komen tot een toekomstbeeld mobiliteit als leidraad voor gehele regio Zuidoost-Brabant 2040

Stand

Opstellen en vaststellen Regionale Mobiliteitsvisie

Verkennend onderzoek naar de regionale opgaven en doorontwikkeling van de bereikbaarheid van de subregio’s Peel, A2 en Kempen aansluitend op het reeds gesloten verstedelijkingsakkoord en verstedelijkingsstrategie SGE als voorbereiding op een “MIRT-aanpak” en de inzet van bereikbaarheidsmiddelen in de periode 2030-2040 voor de hele regio. Lobbyen bij Provincie en Rijk (MIRT) voor financiering om de ambities uit het

Toelichting In het kader van de Regionale Mobiliteitsvisie is een regiobreed proces gevoerd in de vorm van zienswijzenprocedure. De regionale mobiliteitsvisie is vastgesteld door de raden van alle 21 gemeenten en door het portefeuillehoudersoverleg mobiliteit. Het Meerjarig Multimodaal Mobiliteitspakket (MMMP) wordt ontwikkeld. Hierin zijn de opgaven voor de gehele regio opgenomen.

In de Beethovendeal zijn middelen opgenomen om een deel van de ambities

18

toekomstbeeld, aanvullend op het verstedelijkingsakkoord, gerealiseerd te krijgen. Vaststelling van MMMP

uit de Regionale Mobiliteitsvisie voor de gehele regio gerealiseerd te krijgen. Volgens afspraak waren de eerste contouren voor de zomer 2024 in concept gereed. Nadere uitwerking zou verder volgen in 2024. Dit is met een half jaar vertraagd omdat de focus nu is gelegd op het kortetermijnmaatregelen (KTM2 Beethovendeal) ten behoeve van bespreking in het BO-MIRT van november 2024.

Doorontwikkeling mobiliteitsaanpak 2023-2030 Wat willen bereiken? Opstellen (meerjaren) Regionaal Mobiliteitsprogramma 2024 e.v., monitoren, bijsturen, beheer bereikbaarheidsmiddelen en regionale financiering/middelen Brainportdeal. Versterken (inter)nationale en regionale bereikbaarheid van de regio door te investeren in het HWN, OWN, HUBs, fietsnetwerk en openbaar vervoer voor het regionale mobiliteitssysteem Resultaten t/m december 2024 Activiteiten 2024 Inrichten programmabureau mobiliteit.

Stand

Vereenvoudigen overlegstructuren mobiliteit (Brainport Bereikbaar, Smartwayz, bereikbaarheidsagenda).

Bundelen/herstructurering programma’s, fondsen en bemensing.

19

Toelichting Samenwerkingsovereenkomst regionale mobiliteit is door 21 gemeenten vastgesteld conform planning. De bemensing van het Programmabureau bleek uiterst moeizaam. De strategisch adviseur en programmaregisseur zijn in 2024 gevuld. Nog openstaand voor 2025 is het invullen van de rol van Regisseur programmabeheersing. Tijdelijk is extra externe ondersteuning geregeld voor o.a. de nadere uitwerking van het MMMP en KTM2. Regionale governance is ingericht en operationeel. Bovenregionale governance is opnieuw ontworpen. In Q1 2024 is de uitwerking gemaakt. De stuurgroep die daarin een belangrijke rol speelt is operationeel sinds Q2 2024. Evaluatie van het eerste jaar inclusief doorgroeipad inQ2 2025 of eerder als daar bestuurlijk om gevraagd wordt. Wordt meegenomen in het proces MMMP en inrichten programmabureau.

Meerjarenprogramma ontwikkelen (RMP), inclusief KTM A2-randweg, autowegen, HOV, ov-diensten, fietspaden en Hubs. E.e.a. aangevuld met de mobiliteitspakketten van de subregio’s.

KTM2 is vastgesteld in Poho en geagendeerd in BO-MIRT conform afspraken. RMP2025 wordt voorbereid voor vaststelling op Omgevingsdag in december 2024. MMMP wordt verder ontwikkeld in 2025. Concessie is verlengd tot 2029.De bestuurlijke Kopgroep gedeelde mobiliteit Zuidoost-Brabant die het proces richting een nieuwe concessie begeleid, is opgestart. Opgave is verbreed tot ‘gedeelde mobiliteit’. Verschillende regio wethouders (ook vanuit het zorgdomein vanwege de wens vqn een integraal systeem) hebben zitting in de kopgroep.

Meewerken aan de nieuwe ov-concessie die in 2027 in zal gaan.

Schone, gezonde en veilige mobiliteit Wat willen bereiken? Schonere, gezondere en veiligere mobiliteit in de regio, door het realiseren van programma’s en projecten die opgenomen zijn in het Regionaal Mobiliteitsplan (RMP). Resultaten t/m december 2024 Activiteiten 2024 Uitwerken strategische beleidskaders, die bijdragen aan de ambitie van de regio.

Stand

Realiseren regionale verkeersveiligheidsprojecten, zoals opgenomen in het RMP 2023, waaronder de verkeersveiligheidsquiz.

Het realiseren van de programma’s en projecten uit het RMP 2023 en het jaarprogramma Brainport Bereikbaar 2023. Uitwerken inhoudelijke beleidskaders, die bijdragen aan ambitie van de regio.

Toelichting Regionale Mobiliteitsvisie is door 21 gemeenteraden vastgesteld. Dit bevat het strategisch beleidskader. De regio had de ambitie om een regionaal uitvoeringsprogramma verkeersveiligheid (RUV). Door onderbezetting en noodzakelijke focus op andere werkzaamheden heeft de regio de noodzakelijke coördinerende rol niet op zich kunnen nemen. Met de provincie is gewerkt aan een nieuw Provinciaal Verkeersveiligheidsplan. Realisatie conform planning.

Uitwerking van Regionale Mobiliteitsvisie in thematische beleidskaders volgt in 2025 en worden in MMMP opgenomen.

20

Financiële realisatie 2024 Mobiliteit, incl. GGA

Energietransitie Hoofdopgave Onze inwoners en bedrijven moeten kunnen vertrouwen op een energiesysteem dat een betrouwbaar en betaalbaar aanbod biedt. Onze regio wil uiterlijk in 2050 klimaatneutraal zijn en als tussenstap in 2030 minimaal 55% minder CO2 uitstoten dan in 1990. Toelichting van de opgave: De energietransitie is een brede opgave in de regio en moet in samenhang gezien worden met de schaalsprong. Enerzijds werken we aan een robuust en betrouwbaar energiesysteem. Dit vraagt op de korte en lange termijn om afstemming tussen overheden, netwerkbedrijven en bedrijven in de regio. Anderzijds zetten we volop in op energiebesparing, de realisatie van zonnevelden en windparken en een slimme inzet en verdeling van warmtebronnen in onze regio. Hierover hebben we met elkaar afspraken vastgelegd in onze Regionale Energiestrategie (RES) 1.0. Deze is eind 2021 in alle raden en de besturen van provincie en de beide waterschappen vastgesteld. Om invulling te geven aan de uitvoering hebben we een Samenwerkings- en Uitvoeringsprogramma RES opgesteld. Opgave Werkprogramma 2024

Toekomstig energiesysteem Wat willen we bereiken? Toekomstbestendige afgestemde vraag-aanbod energiesysteem in 2050. Een betere benutting van de capaciteit van het bestaande energienetwerk in onze regio dan in 2022 het geval is, doordat energievraag- en aanbod beter op elkaar aansluiten en door netuitbreidingen. Faciliteren en stimuleren van pilots (op het gebied van energietransitie) en gemeenten i.s.m. partijen als Brainport Development en Innovatiehuis De Peel. Resultaten t/m december 2024 Activiteiten 2024 Organiseren en inrichten programmabureau/-sturing

Stand

21

Toelichting De functies van procesmanager voor de programmalijnen energiesysteem/ grootschalige opwek en warmte, en voor programma-ondersteuner zijn ingevuld. Besloten is om de functie van

procesmanager voor de programmalijn gebouwde omgeving in te vullen via externe inhuur. De nieuwe structuur van het programmateam is uitgewerkt in het nieuwe Samenwerkings- en uitvoeringsprogramma RES 2025-2027. De Brainportregio heeft prioriteit gekregen in het provinciale Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat (MIEK) voor de netverzwaring. Op 27 november 2024 heeft het ministerie van KGG besloten het hoogspanningsstation in Wijchen met onderliggende infrastructuur op te nemen in het nationale MIEK. De aanmelding voor de nationale status is tot stand gekomen in nauwe samenwerking tussen de Provincie Noord-Brabant, MRE, Brainport Development en netbeheerder TenneT. Om onze regionale ontwikkeling mogelijk te maken is er meer uitbreiding nodig van de elektriciteitsinfrastructuur, zowel op het Brabantse hoofdnet als ook alle onderliggende netten. Als regio werken we hierin actief samen met de netbeheerders en de provincie om dit versneld mogelijk te maken. - I.s.m. de regio West-Brabant hebben we een verkenning van het regionale energiesysteem van de toekomst (20402050) laten uitvoeren, besproken in het poho energietransitie van september. Deze resultaten zijn vertaald in een actieagenda.

- Samen met Brainport Development en de Provincie en netbeheerders werken we samen in het Uitvoeringsprogramma Toekomstbestendig Elektriciteitsnetwerk Brainport (UTEB), met acties op korte termijn om de uitbreiding van het elektriciteitsnetwerk te versnellen. Zoals aan (gezamenlijke) routes voor versnelde planvorming en vergunningverlening. - Samen met Brainport Development is er een ondersteuningsaanpak gestart voor energiehubs, waar 11 gemeenten in

Afstemmen met partners over oplossingen voor de netcongestie op korte en langere termijn, zoals uitbreidingen van het elektriciteitsnetwerk, slim omgaan met vraag en aanbod van elektriciteit en integraal programmeren. Waaronder het proces pMIEK (Provinciaal Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat).

22

participeren. Voor 3 gemeenten is er een aanvullende ‘energiehub regisseur’ in dienst gekomen bij Brainport Development die inmiddels is gestart met de eerste fases voor de verkenning van een mogelijke energiehub. Samen met Brainport Development blijven we onze belangen behartigen richting het Rijk en andere partijen. Zie bijvoorbeeld de geslaagde lobby om in het nationale MIEK een prioritaire status voor de regio te krijgen. Via nieuwsbrieven wordt informatie gedeeld over interessante projecten.

Lobby voor prioritering bij netbeheerders en lobby voor experimenteerruimte en aanpassing wet- en regelgeving

Zorgen voor informatie-uitwisseling tussen gemeenten en andere partijen over pilots en subsidiemogelijkheden. Hierbij ook aanhaken bij het duurzaamheidsplan van Brainport Development. Onderhouden en benutten netwerk met provincie, Rijk en Europa om bijvoorbeeld aan te kunnen sluiten bij landelijke of Europese projecten.

Hierover vindt afstemming plaats met o.a. Brainport Development en Fontys. We hebben input geleverd voor de ‘Klimaatmissie’ van de gemeenten Eindhoven en Helmond. Als MRE nemen we verder deel aan de onderzoeksprojecten MARET/EXPLORE en SPRONG (als klankbordpartner). Verkend wordt of we als regio gebruik kunnen maken van ELENA-subsidies. Op diverse plekken in de regio, zoals in de Kempen en in Eindhoven, lopen pilots bij bedrijventerreinen met innovatieve oplossingen voor de netcongestie. Een goed voorbeeld is het Kempisch Bedrijvenpark in Bladel, waar gewerkt wordt aan een ‘energiehub’. Op diverse plekken in de regio worden innovatieve technieken toegepast. Denk aan een creatief zonnepanelensysteem als klimop tegen een gevel, de installatie van een warmtecollectorveld bij een sportveld en het gebruik van ijzerbrandstof voor de verwarming van woningen. Als we interessante ontwikkelingen zien, delen we dit met de gemeenten via bv de nieuwsbrieven.

Innovatieve oplossingen worden gezocht voor de beperkte netcapaciteit in de verschillende subregio's, zoals oplossingen om energie op te slaan.

Gemeenten hebben rol om als launching customer op te treden bij de uitrol van nieuwe technieken en werkwijzen, zoals op het gebied van de opwek van zon- en windenergie.

23

Duurzame opwek energie Wat willen we bereiken? In onze RES 1.0 is als ambitie opgenomen dat we als regio in 2030 2 terawattuur (TWh) aan duurzame energie bijdragen aan het Klimaatakkoord. Realisatie zonne- en windparken conform de afgesproken ambitie in de Regionale Energiestrategie MRE. Realisatie zon op bedrijfsdaken en ‘restruimtes’ al taluds, op parkeergarages of bij vliegvelden. Als ambitie is opgenomen dat alle gemeenten beleid hebben op het gebied van lokaal eigendom bij grootschalige wind- en zonprojecten. Resultaten t/m december 2024 Activiteiten 2024

Stand

Organisatie bestuurlijk gesprek over de voortgang op de ambitie naar 2 TWh duurzame energie; signaleren knelpunten; kennisdeling; coördinatie; afstemming met betrokken partners zoals Defensie en waterschappen.

Opstellen en uitvoeren samenwerkingsen uitvoeringsprogramma (S & UP).

Deelname in bestuurlijke Brabantbrede Stuurgroep RES, met Provincie en de andere 3 Brabantse regio’s.

Toelichting - De gesprekken over de totale inzet op duurzame opwek in de regio, en of die voldoende is om aan de ambitie (2 TWh in 2030) te voldoen, lopen nog. De realisatie van deze ambitie staat erg onder druk. - Er is in 2024 een voortgangsrapportage ‘light’ opgeleverd met het actuele inzicht in de stand van zaken. Deze is nu ook continu beschikbaar in het online dashboard te vinden via www.energieregiomre.nl. - De benodigde informatie voor het Investeringsplan (IP)26-36 voor grootschalige opwek is aangeleverd bij Enexis. Hierbij hebben we bij de gemeenten informatie opgehaald over de meest actuele situatie. Het nieuwe Samenwerkings- en uitvoeringsprogramma RES (S&UP) 2025-2027 is door alle colleges vastgesteld en ter informatie voorgelegd aan de besturen van Provincie en beide waterschappen. De voortgang van de projecten uit het huidige S&UP wordt gemonitord, en is ook via het online dashboard te volgen. De raden zijn hierover geïnformeerd via een raadsinformatiebrief, en in de Metropoolconferentie van 20 november. 6x heeft overleg plaatsgevonden van de Brabantbrede Stuurgroep RES (deze heet voortaan Brabants Bestuurlijk Overleg Energie (BBOE). De voorzitter of vicevoorzitter van het poho

24

energietransitie heeft hieraan deelgenomen namens de regio. 3x heeft het nationaal bestuurlijk RESBeraad plaatsgevonden. De voorzitter of van het Poho energietransitie heeft hieraan deelgenomen namens de regio. 20 van de 21 gemeenten hebben beleid voor lokaal eigendom bij grootschalige (duurzame) opwek. Dit is op verschillende manieren ingevuld; het beleid van de gemeenten komt niet altijd overeen met de richtlijnen zoals opgenomen in de RES 1.0. De regio heeft een subsidie van ruim €900.000 ontvangen voor een periode van 2,5 jaar vanuit het landelijk Programma Verduurzaming Bedrijventerreinen. Dit geld wordt ingezet voor de inhuur van ‘aanjagers’ die aan de slag gaan met verduurzaming op bedrijventerreinen. Het project is gestart op 1 oktober 2024, met de aanpak op 9 bedrijventerreinen (valt onder programmalijn verduurzaming gebouwde omgeving). Dit is aanvullend op de inzet van een ‘energiehub-regisseur’, die inmiddels is gestart met de eerste fases voor de verkenning van een mogelijke energiehub op 3 bedrijventerreinen.

Deelname aan nationaal bestuurlijk RESBeraad.

Ondersteuning lokale beleidsvorming en procedures, incl. lokale participatie (met tools vanuit RES-werkgroep communicatie)

Bedrijven op bedrijventerreinen van informatie voorzien over mogelijkheden voor benutting van duurzame opwek in relatie tot netcongestie. Bedrijven verwijzen naar (subsidie)programma’s en partners voor de ontwikkeling van innovatieve manieren om duurzame opwek te benutten via opslagsystemen en energiehandelsplatformen

Verduurzaming gebouwde omgeving Wat willen we bereiken? Reductie van de CO2-uitstoot door besparing op en verduurzaming van energieverbruik door bewoners, bedrijven en gemeenten en deze doelgroepen (versneld) in beweging krijgen. Gemeenten hebben hun beleid met elkaar afgestemd met betrekking tot het gebruik van duurzame warmtebronnen. Resultaten t/m december 2024 Activiteiten 2024 Aanscherping van de doelstellingen op het gebied van besparing. Afstemming met betrokken partners zoals energiecoöperaties en woningcorporaties.

Stand

25

Toelichting Bestuurlijk is de keuze gemaakt om nu de focus te leggen op de uitvoering van acties en in het nieuwe Samenwerkingsen uitvoeringsprogramma vast te houden aan de eerdere ambitie om maximaal in te zetten op besparing. Elke gemeente heeft

uiteraard zijn eigen ambities vastgelegd op het onderwerp energiebesparing. In 2024 is gewerkt aan de volgende projecten (soms als regionaal project en soms als ‘coalition of the willing’): - Samenwerking met lokale energiecoöperaties (LEC’s: We werken toe naar een samenwerkingsprogramma om de coöperaties te ondersteunen bij hun professionalisering. - Samenwerking met woningcorporaties: Gesproken wordt bijvoorbeeld over juridische mogelijkheden om samen te werken bij de isolatie-aanpak. - Ondersteuning en kennisdeling bij de aanpak van energiearmoede: gemeenten zijn ondersteund op basis van kennissessies (i.s.m. provincie). - Aanpak energiebesparing woningen en coördinatie m.b.t. Soorten Management Plannen (SMP): gemeenten zijn ondersteund op basis van kennissessies (i.s.m. provincie). - Coalitie De Groene Zone Isoleren (19 gemeenten): kick off is geweest op 10 oktober. - Coalitie De Groene Zone zonnepanelen 1.1 (11 gemeenten): Voorbereidingen zijn getroffen voor het project; er wordt nog bepaald of het project doorgaat, gezien de landelijke discussies rond saldering. - Kennisdeling m.b.t. de verduurzaming van maatschappelijk vastgoed: goed bezochte werksessie georganiseerd voor ambtenaren; webinar over verLEDding openbare verlichting is in voorbereiding.

Vanuit het Nationaal Programma Lokale Warmte (NPLW) hebben we als regio aanvullende middelen ter beschikking gekregen om in te zetten voor kennisdeling en de uitvoering van pilots in de warmtetransitie. Gemeenten konden in coalitie-verband aanvraag indienen voor projecten. Gehonoreerd zijn o.a.: aanpak Vereniging van Eigenaren, database gemeentelijke acties en samenwerking

Uitvoering afspraken in de RES 1.0 en het Samenwerkings- en uitvoeringsprogramma RES over onze inzet op energiebesparing.

Uitvoering van lokale transitievisies warmte. Verkenning inzet bovenlokale warmtebronnen (denk aan biogas, aquathermie en geothermie). Het ontwikkelen van een afwegingskader voor de inzet van warmtebronnen. Ondersteund door een ambtelijke RESwerkgroep Warmte.

26

gemeenten en LEC’s. Uitvoering in 2025. - We zijn gestart met het opstellen van een ‘warmtebronnenstrategie’, - Er loopt een ‘Community of practice’ kleine warmtenetten, ondersteund vanuit MRE. - Er is een position paper groen gas opgeleverd en vastgesteld door de stuurgroep. - MRE doet mee aan het actieprogramma geothermie. - Samen met het Nationaal Programma Lokale Warmte hebben we kennis gedeeld m.b.t. het opstellen van de gemeentelijke warmteprogramma’s. - Verder heeft er kennisdeling en afstemming plaatsgevonden op o.a. de thema’s geothermie, groen gas en kleine warmtenetten. Financiële realisatie 2024 Energietransitie

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15528784/1