A Ter kennisname geanonimiseerd
Tekst van het document
BEST BEST- -EINDHOVEN EINDHOVEN- -GELDROP-MIERLO GELDROP-MIERLO- -HELMOND HELMOND- -NUENEN NUENEN- -OIRSCHOT OIRSCHOT- -SON SONEN ENBREUGEL BREUGEL- -VELDHOVEN VELDHOVEN- -WAALRE WAALRE
STEDELIJK GEBIED!
VOORWOORD Geachte raadsleden,
Ook namens de andere leden van het Bestuurlijk Platform
De schaalsprong vergt de komende jaren veel van onze regio: het faciliteren van een groot aantal extra arbeidsplaatsen, een fikse woningbouwopgave, voorzieningen die moeten meegroeien met alle veranderingen. Dat moeten we allemaal realiseren binnen de schaarse ruimte. Daarbij willen we kansen benutten om brede welvaart te stimuleren door het bevorderen van
Rianne Donders, Best
Remco van Dooren, Eindhoven
Martijn de Kort, Helmond
Freek van Genugten, Nuenen
Judith Keijzers, Oirschot
Suzanne Otters, Son en Breugel
Marcel Delhez, Veldhoven
Marcel Oosterveer, Waalre
welzijn op verschillende beleidsterreinen. Een complexe en grote opgave. De samenwerking van onze 9 gemeenten in het Stedelijk Gebied Eindhoven kunnen we daarom niet los zien van onze samenwerking met de 21 gemeenten in ZuidoostBrabant binnen de Metropoolregio Eindhoven (MRE). Dat is het niveau waarop Rijk en Provincie voortaan afspraken maken met de regio. Daarom hebben wij afgelopen jaar onze strategische positionering opnieuw bepaald: hoe verhoudt onze samenwerking zich tot onze samenwerking binnen de MRE. Meer hierover leest u op pagina 3. De opgaven in onze gemeenten vragen om actie. Daarom kiezen wij ervoor om, ook in een verkiezingsjaar, een jaarprogramma op te stellen. U ziet veel activiteiten die breed gedragen worden binnen onze gemeenten, ongeacht de politieke wind die er waait. Mochten de verkiezingen of de MRE-koers vragen om bijstelling, dan gaan wij daarover in gesprek en komen er bij u op terug. We houden u met onze kwartaalberichten op de hoogte van onze voortgang. Heeft u daar vragen over? Neem dan contact op met uw portefeuillehouder. Die vindt u terug in dit jaarprogramma en na de verkiezingen op onze website.
Jos van Bree Voorzitter Stedelijk Gebied Eindhoven
2
BEST - EINDHOVEN - GELDROP-MIERLO - HELMOND - NUENEN - OIRSCHOT - SON EN BREUGEL - VELDHOVEN - WAALRE
STEDELIJK GEBIED! INHOUDSOPGAVE
VOORWOORD
2
ECONOMIE
6
ONZE SAMENWERKING IN HET STEDELIJK GEBIED EINDHOVEN
4
VOORZIENINGEN
15
RUIMTE
19
WONEN
11
BIJLAGE 1 TAKEN WERKGROEP GREX
24
BEST - EINDHOVEN - GELDROP-MIERLO - HELMOND - NUENEN - OIRSCHOT - SON EN BREUGEL - VELDHOVEN - WAALRE
STEDELIJK GEBIED!
ONZE SAMENWERKING
IN HET STEDELIJK GEBIED EINDHOVEN Wat we willen bereiken binnen onze samenwerking is vastgelegd in onze Samenwerkingsagenda 2023. We spraken hierin af om ook de komende jaren ‘als waren wij één gemeente’ samen te werken op de thema’s Economie, Wonen, Voorzieningen en Evenementen en het verbindende thema Ruimte. De uitvoering leggen we jaarlijks vast in een jaarprogramma, dat door de negen colleges wordt vastgesteld.
SAMENWERKINGSCONVENANT Hoe de jaarprogramma’s worden uitgevoerd ligt (juridisch) vast in het Samenwerkingsconvenant. Belangrijk uitgangspunt bij de uitvoering van het jaarprogramma blijft dat de ambtelijke ondersteuning bestaat uit medewerkers van de eigen gemeentelijke organisaties, ondersteund door een klein secretariaat.
STRATEGISCHE POSITIONERING De manier waarop we regionaal samenwerken is de afgelopen jaren veranderd. Een deel van de (strategische) taken in de regio zijn verschoven van het SGE naar het MRE-niveau. Gelijktijdig zien we dat de behoefte aan concrete, pragmatische en oplossingsgerichte samenwerking zoals in ons SGE blijft bestaan. In 2025 hebben we daarom bekeken hoe onze SGE-samenwerking zich verhoudt tot onze MRE-samenwerking. Op 17 september 2025 hebben Bestuurlijk en Ambtelijk Platform van het SGE de strategische positionering van het SGE vastgesteld.
1. Ontwikkelen eigen programma Eigenstandig van het SGE 2. Uitvoeren eigen programma Strategische positionering SGE 3. Voorportaal In relatie tot MRE 4. Uitvoering onder regie van MRE
Ontwikkelen eigen programma We ontwikkelen een eigen programma, waarbij ruimte is voor het opzetten van initiatieven die (nog) niet in andere samenwerkingsverbanden zijn belegd. We zien dit als onze incubator of kraamkamer (‘samen denken’).
4
BEST - EINDHOVEN - GELDROP-MIERLO - HELMOND - NUENEN - OIRSCHOT - SON EN BREUGEL - VELDHOVEN - WAALRE
STEDELIJK GEBIED!
Uitvoeren eigen programma Na het ontwikkelen van eigen initiatieven volgt uiteraard de realisatie. Dat kan lokaal, op SGE-niveau of op MRE-niveau. We behouden onze samenwerking op onderdelen waar die al jaren succesvol is en voegen onderdelen toe waar dit helpt om gedeelde opgaven te realiseren. Voorportaal De negen stedelijke gemeenten hebben bij veel regionale opgaven dezelfde (lokale) uitdagingen en belangen. Bestuurders kunnen regionale vraagstukken bespreken op de SGE-tafel om zo het gesprek op MRE effectiever en slagkrachtiger te maken. Ook kan de ambtelijke voorbereiding van MRE-tafels gezamenlijk worden opgepakt om capaciteit efficiënt in te zetten. Uitvoering onder regie van MRE/bijdragen aan uitvoering van MRE-agenda Een deel van de MRE-agenda wordt lokaal uitgevoerd. De negen SGE-gemeenten kunnen ervoor kiezen om deze opgaven gezamenlijk uit te voeren. Hiermee benutten we onze (schaarse) capaciteit efficiënt en kunnen we gebruik maken van specifieke expertise.
ORGANOGRAM Bestuurlijk platform
POHO Economie
Deelnemers: 9 bestuurders
Deelnemers: 9 portefeuillehouders
Secretariaat SGE Secretaris & Adviseur
POHO Wonen Deelnemers: 9 portefeuillehouders
Ambtelijk platform Deelnemers: 9 gemeentesecretarissen
Coördinatoren Overleg Deelnemers: 9 coördinatoren
POHO Voorzieningen Deelnemers: 9 portefeuillehouders
POHO Ruimte Deelnemers: 9 portefeuillehouders
Primaire bestuurlijke tafels
Ambtelijk Overleg Economie Deelnemers: 9 ambtenaren Economie
Ambtelijk Overleg
Regionale Adviescommissie Detailhandel Regionaal Ontwikkelfonds Werklocatie
Werkgroep 9voor1
Wonen Deelnemers: 9 ambtenaren Wonen
Werkgroep GREX
Ambtelijk Overleg Voorzieningen & Evenementen Deelnemers: 9 ambtenaren Voorzieningen & Evenementen
Coördinatieteam Wonen
Ambtelijk Overleg Ruimte
Werkgroep Transparant Woningaanbod
Werkgroep WoonST/ standaard sociale huurwoning
Deelnemers: 9 ambtenaren Ruimte
Toekomstige werkgroepen, adviestafels en uitvoeringsorganen
Primaire ambtelijke gremia
Werkgroepen, adviestafels (RACD) en uitvoeringsorganen (ROW)
5
BEST - EINDHOVEN - GELDROP-MIERLO - HELMOND - NUENEN - OIRSCHOT - SON EN BREUGEL - VELDHOVEN - WAALRE
STEDELIJK GEBIED!
ECONOMIE INLEIDING De economie in de Brainportregio groeit nog steeds harder dan het landelijk gemiddelde. Dat geldt zeker voor het stedelijk gebied als motorblok van de Brainport regio. Daarbij is het van belang om niet alleen de groei van ASML te faciliteren, maar het hele ecosysteem. Dat vraagt om extra ruimte voor bedrijven, terwijl ruimte schaars is. Nu er op de schaal van 21 een programmering is, zetten we vol in op de uitvoering daarvan. Daarnaast is toekomstbestendigheid van bestaande werklocaties ook een belangrijk thema, met intensivering als voorname kans. Tegelijkertijd vraagt het beter benutten van wat we hebben ook om extra schuifruimte. De regie op zowel de programmering als ook de uitvoeringsagenda ligt bij MRE, maar SGE gemeenten pakken daarin stevig hun rol. Het voorliggende jaarprogramma economie is stevig. Daarom staan per onderdeel de activiteiten op volgorde van prioriteit. Kijkend naar het hele jaarprogramma op het thema economie, dan hebben de volgende projecten de hoogste prioriteit: •
B1 SOK Brainport-Oost
•
B2 Vervolgstappen evaluatie ROW
•
B3 Prioritaire acties Uitvoeringsagenda Werklocaties
•
D1 Regionale aanpak arbeidsmigranten (in samenwerking met poho Wonen)
LEDEN VAN HET PORTEFEUILLEHOUDERSOVERLEG ECONOMIE
Jan Boersma (voorzitter), Son en Breugel
Stan van der Heijden (vice voorzitter), Best
Stijn Steenbakkers, Eindhoven
Frans Stravers, Geldrop-Mierlo
Martijn de Kort, Helmond
Bertje van Stiphout, Nuenen
Claud Leermakers, Oirschot
Thomas van Broekhoven, Veldhoven
Suzan van de GoorGelens, Waalre
Stijn Smeulders, agendalid, Provincie Noord-Brabant
6
BEST - EINDHOVEN - GELDROP-MIERLO - HELMOND - NUENEN - OIRSCHOT - SON EN BREUGEL - VELDHOVEN - WAALRE
STEDELIJK GEBIED!
WAT GAAN WE DOEN IN 2025? A. Propositie thema Economie Met de nieuwe bestuurders maken we in Q3 en Q4 een propositie voor het thema Economie SGE. Daarin bepalen we onze prioriteiten. We doen dit in relatie tot onze activiteiten die we uitvoeren binnen MRE en de uitkomst van de overkoepelende discussie over de rol en positie van ons SGE. Doel hiervan is het borgen van de economische belangen binnen de regionale samenwerking. Bestuurlijk trekkers:
voorzitter en vicevoorzitter
B. Werklocaties 1. Uitwerking en besluitvorming Samenwerkingsovereenkomst SGE RBT Brainport-Oost De gemeente Helmond heeft 40% van het risico op de eindwaarde van de grondexploitatie van de ontwikkeling van Regionaal Bedrijventerrein Brainport Oost voor haar rekening genomen binnen de afspraken die gelden in de daarvoor opgerichte Gemeenschappelijke Regeling. De ontwikkeling is van regionaal belang. Daarom hebben SGE gemeenten afgesproken dit risico onder de 9 SGE gemeenten verder te verdelen. De afspraken daarover, alsmede verdere afspraken over financiën, risico’s, kwaliteit en invloed/ zeggenschap, leggen we vast in een samenwerkingsovereenkomst. Deze ronden we parallel aan de oprichting van de GR in 2026 af, waarna besluitvorming kan plaatsvinden. Bestuurlijk trekkers:
Martijn de Kort, Frans Stravers
2. Regionaal Ontwikkelfonds Werklocaties (ROW) Het ROW is een initiatief van provincie Noord-Brabant en de 9 gemeenten van het SGE. Het ROW heeft als voornaamste doel het versterken van het regionaal ecosysteem door herontwikkeling van een bedrijfslocaties te ondersteunen die zonder een (financiële) bijdrage niet tot stand zouden komen. In 2025 is het Regionaal Ontwikkelfonds Werklocaties geëvalueerd. In 2026 implementeren we de adviezen vanuit de evaluatie. Bestuurlijk trekkers:
Jan Boersma en Stan van der Heijden
3. Prioritaire acties Uitvoeringsagenda Werklocaties: Het uitvoeren van de Regionale Agenda Werklocaties is belangrijk voor de gehele (MRE) regio. Vanuit het Stedelijk Gebied Eindhoven willen de negen gemeenten inzetten op: Uitgifteprotocol: Instrumenten ontwikkelen voor het selectief alloceren van bedrijven (zoals het uitgifteprotocol). Als SGE vervullen we het trekkerschap voor dit project. Intensiveren ruimtegebruik op bedrijventerreinen: De grootste opgave ten aanzien van intensivering van ruimtegebruik op bedrijventerreinen in onze regio ligt op grondgebied van het SGE. In februari 2026 wordt een projectopdracht opgeleverd binnen MRE verband voor een gerichte aanpak/ toolbox. De uitvoering blijft aan de individuele gemeenten zelf, waar ook de SGE-gemeenten haar aandeel zullen pakken. We blijven continue afstemmen met het MRE om dubbelwerk te voorkomen.
7
BEST - EINDHOVEN - GELDROP-MIERLO - HELMOND - NUENEN - OIRSCHOT - SON EN BREUGEL - VELDHOVEN - WAALRE
STEDELIJK GEBIED!
Actieprogramma Werklocaties MRE In overleg met de MRE voeren we het penvoerderschap voor de actie uit paragraaf 3.1 om de Uitvoeringsagenda werklocaties uit te werken tot actieprogramma. Voor deze opdracht nodigen we ambtelijke afvaardiging van gemeenten uit andere subregio’s uit om mede vorm te geven aan de uitwerking. Daarin maken we ook expliciet welke bijdrage we vanuit het SGE leveren aan het actieprogramma. Bestuurlijk trekkerschap voor werklocaties is vanuit het Portefeuillehoudersoverleg Economie MRE belegd bij Martijn de Kort. Thomas van Broekhoven vertegenwoordigt het stedelijk gebied ten aan zien van werklocaties in de bestuurlijke kopgroep. 4. Regulering van bedrijfsverzamelgebouwen op bedrijventerreinen Verschillende gemeenten hebben een voorbereidingsbesluit genomen, of denken daarover na, als eerste stap om meer grip te krijgen op de (deels ongewenste) toename van bedrijfsverzamelgebouwen op bedrijventerreinen. Voor een efficiënte en effectieve aanpak is regionale samenwerking op dit onderwerp gewenst en daarvoor leveren we in de eerste helft van 2026 een projectvoorstel op.
Zaken die we daarbij adresseren zijn: gedeeld inzicht waar je dergelijke initiatieven wel en niet wilt toestaan, inzicht in welke negatieve uitwassen je wilt voorkomen, wat je ruimtelijk mag vragen van initiatieven, voorbeelden van goede voorbereidingsbesluiten en het komen tot (uniforme) beleidsregels in het omgevingsplan. Bestuurlijk trekker:
Claud Leermakers
5. Subregionale visie op automotive en autoshowrooms De vraag naar ruimten en locaties verandert snel in de automotive branche; minder traditionele autoshowrooms op autoboulevards en juist een toename naar werkplaatsruimte, verkoopopslag en kantoorcontactruimte. Tegelijkertijd zien we de druk vanuit bijvoorbeeld wonen of andere (bedrijfsmatige) ruimtevragers op plekken waar automotive is geconcentreerd toenemen. In beide gevallen ontbreekt gemeentelijke sturing. Ook gemeenten zonder automotive concentratiegebieden ondervinden hinder vanwege waterbedeffecten. De RACD heeft in juli 2019 al een overzichtelijk memo opgeleverd aan het poho over dit thema. Daarop voortbordurend leveren we in de eerste helft van 2026 een projectvoorstel op met daarin helder omschreven op welke aspecten we ons gaan richten bij het ontwikkelen van een subregionale visie en hoe daar uitvoering aan te geven. Bestuurlijk trekker:
Bertje van Stiphout
8
BEST - EINDHOVEN - GELDROP-MIERLO - HELMOND - NUENEN - OIRSCHOT - SON EN BREUGEL - VELDHOVEN - WAALRE
STEDELIJK GEBIED!
C. Vitale Centra 1. Gevolgen schaalsprong voor Vitale Centra Het thema Voorzieningen en Evenementen heeft een onderzoek laten uitvoeren naar onze huidige voorzieningen en de gevolgen van de schaalsprong voor voorzieningen in 2040. Voor het onderdeel ‘detailhandel’ en ‘horeca’ vragen we de RACD ons te adviseren over vervolgstappen. Bestuurlijk trekker:
Claud Leermakers
2. Regionale Advies Commissie Detailhandel (RACD) De Regionale Advies Commissie Detailhandel adviseert de negen gemeenten gevraagd en ongevraagd over detailhandelsvraagstukken. De RACD heeft een proactieve rol in de uitvoering van het regionale detailhandelsbeleid. De RACD kan gemeenten helpen met de uitvoering, kennis delen en initiëren. Het portefeuillehoudersoverleg Economie stelt het jaarplan van de RACD vast. Bestuurlijk trekker:
Martijn de Kort
3. Uitvoeren detailhandelsvisie SGE De detailhandelsvisie is in 2023 herijkt en vastgesteld door de gemeenteraden. Hier vloeien een aantal opgaven uit voort. In samenspraak met de Regionale Advies Commissie Detailhandel (RACD) is een plan van aanpak opgesteld. Dit plan voeren we uit. Bestuurlijk trekker:
Martijn de Kort
D. Overige samenwerkingsprojecten 1. Regionale aanpak arbeidsmigratie In 2025 hebben de thema’s Economie en Wonen gezamenlijk gewerkt aan een regionale aanpak arbeidsmigratie. Het portefeuillehoudersoverleg Economie heeft afgesproken om bij nieuwvestiging of uitbreiding van grote bedrijven rekening te houden met huisvestingseffecten. Ook is afgesproken om de VNG-huisvestingseffectrapportage als instrument te implementeren in 2026. Bestuurlijk trekkers:
Godfried van Gestel en Suzan van de Goor
2. Continueren en doorontwikkelen 9voor1 Binnen 9voor1 werken negen bedrijfscontactfunctionarissen en Brainport Development samen als ‘waren zij één gemeente’ Deze succesvolle samenwerking zetten we in 2026 voort. We blijven actief afstemming zoeken over huisvestingsvragen van bedrijven om zo te kunnen sturen op zorgvuldige uitgifte en ‘juiste bedrijf op de juiste plek’. Bestuurlijk trekker:
Thomas van Broekhoven
3. Vastgoedmonitor bedrijfshuisvesting De vastgoedmonitor bedrijfshuisvesting voeren we jaarlijks uit om een goed beeld te hebben van de markt van bedrijfsmatig vastgoed en kantoren. We hebben een meerjarige overeenkomst met de externe partij die voor ons de monitor maakt. De monitor is input voor 9voor1 en de adaptieve bedrijventerreinenprogrammering. Bestuurlijk trekker:
Suzan van de Goor
9
BEST - EINDHOVEN - GELDROP-MIERLO - HELMOND - NUENEN - OIRSCHOT - SON EN BREUGEL - VELDHOVEN - WAALRE
STEDELIJK GEBIED!
4. Werkgroep GREX De Werkgroep GREX is een overkoepelende werkgroep voor de thema’s Economie en Wonen. Hierin zijn de gemeentelijk specialisten op het gebied van grondexploitaties verenigd. Het werkplan van de werkgroep is opgenomen in bijlage 1. Vanuit het thema Economie wordt aan de werkgroep gevraagd om expertise te leveren ten aan aanzien van samenwerkingsovereenkomst RBT Brainport-Oost Bestuurlijk trekker:
Frans Stravers
10
BEST - EINDHOVEN - GELDROP-MIERLO - HELMOND - NUENEN - OIRSCHOT - SON EN BREUGEL - VELDHOVEN - WAALRE
STEDELIJK GEBIED!
WONEN INLEIDING Wonen staat (ook landelijk) hoog op de politieke agenda. Vanwege de schaalsprong zijn meer (betaalbare) woningen van extra groot belang in onze regio. Uit onze monitor blijkt dat de woningbouwproductie in de regio achterblijft bij de planning. We maken daarom een analyse van de oorzaken en bekijken welke oorzaken wij als gemeenten kunnen beïnvloeden. Ondertussen zetten we vol in op het beter benutten van onze bestaande woningvoorraad. Het grootste deel van onze woningen staat er immers al. Deze woningvoorraad is niet goed afgestemd op de vraag, onder meer door vergrijzing en meer alleenstaanden. We gaan actief aan de slag met initiatieven die het beter benutten van onze woningvoorraad mogelijk maken. Als SGE-gemeenten werken we al jaren samen op het thema Wonen. We zorgen dat we deze kennis en ervaring inbrengen bij onze samenwerking op MRE-niveau. Uiteraard stemmen we de activiteiten uit ons jaarprogramma goed af op de activiteiten op MRE-niveau.
LEDEN VAN HET PORTEFEUILLEHOUDERSOVERLEG WONEN
Caroline van Brakel (voorzitter), Veldhoven
Joep van de Ven (vicevoorzitter), Oirschot
Stan van der Heijden, Best
Mieke Verhees, Eindhoven
Godfried van Gestel Geldrop-Mierlo
Gaby van den Waardenburg, Helmond
Patrick Kok, Nuenen
Jelle de Jong, Son en Breugel
Suzan van de GoorGelens, Waalre
Wilma Dirken, agendalid, Provincie Noord-Brabant
11
BEST - EINDHOVEN - GELDROP-MIERLO - HELMOND - NUENEN - OIRSCHOT - SON EN BREUGEL - VELDHOVEN - WAALRE
STEDELIJK GEBIED!
WAT GAAN WE DOEN IN 2025? A. Propositie thema Wonen Met de nieuwe bestuurders maken we in Q3 en Q4 een propositie voor het thema Wonen SGE. Daarin evalueren we op hoofdlijn de Visie op Wonen SGE en bepalen we de doelen voor de komende vier jaar. We doen dit in relatie tot onze activiteiten die we uitvoeren binnen MRE en de uitkomst van de overkoepelende discussie over de rol en positie van ons SGE. Bestuurlijk trekkers:
Voorzitter en vicevoorzitter portefeuillehoudersoverleg Wonen
B. Woningbouwopgave 1. Middensegment woningmarkt In 2025 hebben we een verkenning uitgevoerd naar mogelijkheden om het middensegment van de woningmarkt beter te faciliteren. In 2026 vervolgen we de stakeholdergesprekken, brengen we goede voorbeelden in beeld en doen we aanbevelingen om de doorstroming (gouden driehoek) te verbeteren. Bestuurlijk trekkers:
Caroline van Brakel en Jelle de Jong
2. Beter benutten bestaande woningvoorraad In 2026 werken we verder aan het beter benutten van de bestaande woningvoorraad. We rollen hospitaverhuur uit over alle gemeenten in het SGE door de samenwerking met Hospi housing. Daarnaast gaan we actief aan de slag met het optoppen van gebouwen en complexen, waarbij iedere gemeente zich inspant om minimaal twee potentiële locaties te verkennen. Ook trekken we samen met de corporaties op: we maken afspraken met corporaties over woningdelen en we zetten een stuurgroep op, waarin actief de samenwerking met de corporaties wordt gezocht om samen verder te werken aan het beter benutten van de bestaande woningvoorraad. Bestuurlijk trekkers:
Patrick Kok en Mieke Verhees
3. WoonST We voeren het WoonST-project uit. Daarbij maken we in 2026 een concrete aanpak voor de uniformering en vereenvoudiging van onze ruimtelijke procedures voor WoonST-projecten. Daarnaast willen we WoonST opschalen naar het MRE-gebied. Daarvoor concretiseren we (financiële) afspraken met de overige MREgemeenten en voeren deze uit. Bestuurlijk trekkers:
Suzan van de Goor en Mieke Verhees
12
BEST - EINDHOVEN - GELDROP-MIERLO - HELMOND - NUENEN - OIRSCHOT - SON EN BREUGEL - VELDHOVEN - WAALRE
STEDELIJK GEBIED!
C. Gezamenlijke afspraken 1. Coördinatieteam Wonen. We implementeren de aanbevelingen vanuit de evaluatie van het coördinatieteam die is uitgevoerd in 2025. Daarvoor passen we indien nodig het Afsprakenkader Wonen SGE 2022 natuurlijk aan. Bestuurlijk trekkers:
Joep van de Ven en Caroline van Brakel
2. Uniformeren prestatieafspraken met Wooncorporaties We willen komen tot uniforme afspraken met woningcorporaties. In 2026 onderzoeken we welke afspraken we gezamenlijk en uniform kunnen vastleggen met corporaties, om meer samenhang en efficiëntie te bereiken. Dit onderzoek leidt tot modelafspraken die vanaf 2027 worden verwerkt in de lokale afspraken. Bestuurlijk trekkers:
Jelle de Jong en Patrick Kok
D. Woonruimteverdeling 1. Urgentieregeling We voeren de urgentieregeling uit, passen het uitvoeringsproces aan (sociale urgentie) en actualiseren overeenkomsten en regelingen waarin de uitvoering is geborgd. Daarnaast monitoren we de landelijke ontwikkelingen met betrekking tot wet- en regelgeving en komen zo nodig met voorstellen om de bestaande regeling hierop te actualiseren. Ook onderzoeken we of en zo ja hoe we de regeling kunnen opschalen naar het MRE-niveau. Aan de hand van een pilot met een gemeente uit de rest van het MRE leren we wat nodig is om uiteindelijk alle gemeenten organisatorisch, procesmatig en financieel aan te sluiten op de urgentieregeling. Daarnaast passen we het uitvoeringsproces aan (sociale urgentie) en actualiseren we overeenkomsten en regelingen waarin de uitvoering is geborgd. (NB: Het daadwerkelijk opschalen naar MRE behoort uitdrukkelijk niet bij de opdracht). Hiernaast blijven we inzetten op inzetten op verbetering en de professionalisering van de governance en uitvoering van de regeling. Bestuurlijk trekkers:
Patrick Kok en Godfried van Gestel
2. Arbeidsmigranten In 2025 hebben de thema’s Economie en Wonen gezamenlijk gewerkt aan een regionale aanpak arbeidsmigratie. Vanuit het thema Wonen leveren we in Q1 2026 een actueel regionaal beleidskader voor huisvesting van arbeidsmigranten op. Eind 2026 hebben we een lokale doorvertaling gereed voor vaststelling in de gemeenteraden. Daarnaast sluiten we aan op het bestaande netwerk binnen het Actieprogramma EU-Arbeidsmigranten van de gemeente Eindhoven. Bestuurlijk trekkers:
Godfried van Gestel en Suzan van de Goor
3. Schaarste onderzoek We leveren eind 2026 het schaarste onderzoek binnen het betaalbare segment op. Dit is een herhaling van het onderzoek uit 2024. Met de negen gemeenteraden is afgesproken om dit onderzoek tweejaarlijks uit te voeren. Ook voeren we een analyse uit naar de effecten van het sturen op voorrang voor lokale woningzoekenden bij sociale huurwoningen van woningcorporaties en bij betaalbare koopwoningen. Bestuurlijk trekker:
Gaby van den Waardenburg
13
BEST - EINDHOVEN - GELDROP-MIERLO - HELMOND - NUENEN - OIRSCHOT - SON EN BREUGEL - VELDHOVEN - WAALRE
STEDELIJK GEBIED!
E. Aanvullende samenwerkingsprojecten 1. Leegstandsverordening We verkennen nut en noodzaak (en toegevoegde waarde) van een gezamenlijke leegstandsverordening. Aanleiding hiervoor is onder andere de bespreking in de Tweede Kamer van het Amendement van het lid Stultiens c.s. over een grondslag voor gemeenten om een leegstandsheffing voor woningen in te voeren. Bestuurlijk trekker:
Joep van de Ven
2. Werkgroep GREX De Werkgroep GREX is een overkoepelende werkgroep voor de thema’s Economie en Wonen. Hierin zijn de gemeentelijk specialisten op het gebied van grondexploitaties verenigd. Het werkplan van de werkgroep is opgenomen in bijlage 1. Daarin staan de zelfstandige taken van de werkgroep en de taken en verantwoordelijkheden vanuit de thema’s Wonen en Economie. Bestuurlijk trekker:
Caroline van Brakel
3. Nieuwe wetgeving We continueren onze verkennende rol bij nieuwe wetgeving. We denken hierbij aan: •
De Wet versterking regie volkshuisvesting
•
Regelgeving over huisvesting van aandachtsgroepen (bv. woonwagenbewoners en statushouders)
Bestuurlijk trekkers:
Caroline van Brakel en Suzan van de Goor
4. Organiseren van kennissessies Om de beperkte ambtelijke capaciteit op het thema Wonen binnen de gemeenten van het Stedelijk Gebied Eindhoven efficiënt en effectief te kunnen inzetten is het belangrijk om kennis te delen. Daarvoor organiseren we maandelijks ambtelijke kennissessies. In deze sessies bespreken we trends en ontwikkelingen, ontwikkelingen op het gebied van wet- en regelgeving en de betekenis die dat voor onze gemeentelijke taken heeft en verkennen we de mogelijkheden van het instrumentarium dat we tot onze beschikking hebben. In 2026 willen we ook één of twee sessie gezamenlijk met woningcorporaties plannen. We stemmen onze kennissessies af op de kennissessies die georganiseerd worden van uit MRE en leveren daar een actieve bijdrage op basis van onze kennis en ervaringen. Bestuurlijk trekker:
Caroline van Brakel
14
BEST - EINDHOVEN - GELDROP-MIERLO - HELMOND - NUENEN - OIRSCHOT - SON EN BREUGEL - VELDHOVEN - WAALRE
STEDELIJK GEBIED!
VOORZIENINGEN INLEIDING De schaalsprong van onze regio zorgt voor vragen van onze inwoners over de voorzieningen in hun leefomgeving. Wordt niet alles volgebouwd? Kan ik nog wel een huisarts vinden? En is er gedacht aan scholen en kinderopvang? Daarom heeft het thema Voorzieningen afgelopen jaar onderzoek gedaan naar een breed scala aan voorzieningen. Daaruit blijkt dat we op dit moment (gemiddeld gezien) nog weinig knelpunten hebben, maar dat die met de groei van de inwoneraantallen wel snel gaan komen. Tel daar de vergrijzing en de internationalisering bij op en we hebben een flinke uitdaging voor de komende jaren. We willen niet afwachten tot alle ruimte in het stedelijk gebied is benut voor andere functies. Ook onze toekomstige inwoners moeten ruimte hebben om te bewegen, recreëren en ontmoeten en in nieuwe wijken moet de ruimte voor bijvoorbeeld scholen of huisartsen vanzelfsprekend zijn. In 2026 benutten we ons portefeuillehoudersoverleg dan ook om stappen te zetten richting de toekomst: we monitoren trends en ontwikkelingen om goed in te kunnen spelen op veranderende behoeften. We agenderen knelpunten op de juiste (regionale) tafels en maken afspraken om voorzieningen integraal mee te nemen in gebiedsontwikkelingen. Voorzieningen zijn immers geen bijzaak, maar een randvoorwaarde voor brede welvaart, leefbaarheid en aantrekkelijkheid van onze regio.
De ontwikkelingen op het thema gaan snel. Zelf zijn we volop in gesprek over een programmaplan voor de komende jaren, begin 2026 bespreekt het DB-MRE een voorzieningenstrategie voor heel Zuidoost-Brabant. Indien nodig passen we het jaarprogramma aan op deze ontwikkelingen.
LEDEN VAN HET PORTEFEUILLEHOUDERSOVERLEG VOORZIENINGEN
Kees Vortman, Waalre, voorzitter
Jelle de Jong, Son en Breugel (vicevoorzitter)
Stan van der Heijden, Best
Robert Strijk, Eindhoven
Marita van Lierop, Helmond
Niels Wouters, Nuenen
Joep van de Ven, Oirschot
Thomas van Broekhoven, Veldhoven
Frans Stravers, Geldrop-Mierlo
15
BEST - EINDHOVEN - GELDROP-MIERLO - HELMOND - NUENEN - OIRSCHOT - SON EN BREUGEL - VELDHOVEN - WAALRE
STEDELIJK GEBIED!
WAT GAAN WE DOEN IN 2026? A. Propositie thema Voorzieningen Met de nieuwe bestuurders maken we in Q3 en Q4 een propositie voor het thema Voorzieningen SGE. Daarin bepalen we de doelen voor de komende vier jaar. We doen dit in relatie tot onze activiteiten die we uitvoeren binnen MRE en de uitkomst van de overkoepelende discussie over de rol en positie van ons SGE. Bestuurlijk trekkers:
Voorzitter en vicevoorzitter portefeuillehoudersoverleg V&E
B. Voorzieningenniveau op koers 1. Uitwerken programmaplan In 2025 hebben de wethouders Voorzieningen naar aanleiding van de Voorzieningenstudie de scope bepaald en een eerste versie van een Programmaplan 2026-2028 besproken. Hierin staan de missie, rollen en strategie van onze samenwerking op dit thema. In de eerste maanden van 2026 maken we dit programmaplan af. Voor de voorzieningen die inhoudelijk binnen de scope van ons thema vallen, werken we het programmaplan verder uit in concrete projecten en bepalen zo onze opgave voor de komende jaren. Bestuurlijk trekkers:
Kees Vortman, Jelle de Jong en Marita van Lierop
2. Opstellen regionale referentienorm voor voorzieningen Om de toekomstige behoefte aan voorzieningen beter te kunnen bepalen, ontwikkelen we referentienormen voor basis- en regionale voorzieningen die inwoners in onze regio mogen verwachten. We gebruiken deze richtlijnen als start voor het goede gesprek. De kwalitatieve invulling en lokale situatie mogen daarbij nooit uit het oog verloren worden. We baseren ons op landelijke richtlijnen, ervaringen en op cijfers van gemeenten die een dergelijke exercitie al doorlopen hebben, waaronder gemeente Eindhoven. Bestuurlijk trekkers:
Voorzitter en vicevoorzitter
3. Gezonde en leefbare wijken De groei van de regio gaat in ons stedelijk gebied gepaard met verdichting. De druk op ruimte wordt groter en het belang van ruimte voor voorzieningen en ontmoeting groeit ook. • Groen moet niet alleen ten dienste staan van klimaat, maar ook van ontmoeting en bewegen. Daarom sluiten we aan bij het project groenblauwe structuren van het thema Ruimte. • Bij een integrale ruimtelijke afweging van (grootschalige) in- of uitbreiding is het belangrijk om de ruimtelijke impact van voorzieningen mee te nemen. Daarvoor zoeken we aansluiting bij het adviesteam Ruimte. Bestuurlijk trekker:
Frans Stravers
16
BEST - EINDHOVEN - GELDROP-MIERLO - HELMOND - NUENEN - OIRSCHOT - SON EN BREUGEL - VELDHOVEN - WAALRE
STEDELIJK GEBIED!
4. Voorzieningenstudie SGE In 2025 hebben we voor het stedelijk gebied een voorzieningenstudie laten uitvoeren. Hierbij hebben we de huidige situatie in kaart gebracht en een behoefteberekening gemaakt voor de toekomst. Deze studie actualiseren we jaarlijks. De eerste actualisatie doen we in Q3 2026. Kennis die we hierbij opdoen ten aanzien van voorzieningen die inhoudelijk niet tot onze scope behoren (denk bijvoorbeeld aan gezondheidszorg of onderwijs), brengen we in op relevante regionale tafels. Bestuurlijk trekker:
Niels Wouters
5. Samenwerking in beeld De samenwerking ten aanzien van voorzieningen is niet eenduidig georganiseerd. Sommige thema’s zijn geagendeerd bij verschillende gremia. Ook zijn er verschillen ten aanzien van verantwoordelijkheden en rollen van de overheid. Deze bestuurlijke spaghetti gaan we ontrafelen. Hoe is de samenwerking georganiseerd; bestuurlijk en met onze partners? Waar liggen knelpunten voor het op peil houden van deze voorziening? Met welke trends en ontwikkelingen moeten we rekening houden? We zorgen dat we overzicht creëren en voorkomen dubbel werk, maar ook dat zaken tussen wal en schip raken. Bestuurlijk trekkers:
Thomas van Broekhoven en Robert Strijk
C. Actuele ontwikkelingen 1. Afstemmen nieuwe ontwikkelingen Binnen SGE stemmen we concrete ontwikkelingen en vragen vanuit onze gemeenschap op elkaar af, waarbij we ook kijken naar regionale mogelijkheden. Dat kunnen verzoeken zijn van bijvoorbeeld verenigingen, maar ook van doelgroepen. Denk daarbij aan jongeren, senioren of internationals. We toetsen deze ontwikkelingen aan het beoordelingskader Brede Welvaart. Door dit soort verzoeken regionaal af te stemmen, kunnen we strategischer keuzes maken, beter aansluiten op de (korte en lange termijn) behoeften en voorkomen we dubbel werk. Het bepalen van de juiste locatie beleggen we bij het thema Ruimte. Bestuurlijk trekker:
Thomas van Broekhoven
2. Lopende ontwikkelingen Ontwikkelingen en verzoeken die eerder bij dit thema zijn opgestart, geven we in 2026 een vervolg en ronden we zo mogelijk af. •
Cricket
Uiterlijk Q2 ronden we dit actiepunt af met een visie op cricket voor het SGE voor de komende jaren. Bestuurlijk trekker: •
Kees Vortman
Indiaas cultureel centrum
In 2025 hebben we samen met het thema ruimte locaties in beeld gebracht voor de Indiase gemeenschap ten behoeve van een cultureel centrum en tempel. Het initiatief ligt nu bij de Indiase gemeenschap. Wij houden de vinger aan de pols. Bestuurlijk trekker:
Niels Wouters
17
BEST - EINDHOVEN - GELDROP-MIERLO - HELMOND - NUENEN - OIRSCHOT - SON EN BREUGEL - VELDHOVEN - WAALRE
STEDELIJK GEBIED!
•
GLOW in de regio
In 2025 is de stichting ‘GLOW in de regio’ opgericht. In 2026 stimuleren we een professionalisering van de governance en financiering. Bestuurlijk trekker: •
Joep van de Ven
Aquabest
De eigenaar van Aquabest werkt aan plannen voor een grootschalige multifunctionele accommodatie. De gemeenten in het stedelijk gebied gaan in gesprek met de eigenaar om te bekijken hoe zij dit initiatief kunnen ondersteunen. Bestuurlijk trekker:
Marita van Lierop
D. Kennissessies Binnen het Stedelijk Gebied Eindhoven delen we kennis als ‘waren we één gemeente’. We maken gebruik van onderzoeken en beleidskaders die in andere gemeenten ontwikkeld zijn. Wanneer een onderwerp voor meerdere gemeenten interessant is, organiseren we kennissessies. In 2026 organiseren we in ieder geval een kennissessie over een Maatschappelijk Programma van Eisen bij in- of uitbreidingen. Aan de hand van deze kennissessie bepalen we of we een gezamenlijk basisprogramma willen ontwikkelen. Bestuurlijk trekker:
Stan van der Heijden
18
BEST - EINDHOVEN - GELDROP-MIERLO - HELMOND - NUENEN - OIRSCHOT - SON EN BREUGEL - VELDHOVEN - WAALRE
STEDELIJK GEBIED!
RUIMTE INLEIDING Het Stedelijk Gebied Eindhoven vormt het hart en tegelijkertijd de motor van de Brainport Eindhoven. Voor onze inwoners vormt de regio een geheel: ze bewegen zich gemakkelijk door de hele regio voor werk en recreatie. Een Daily Urban System noemen we dat. Dit betekent ook dat we de grote ruimtelijke opgaven van onze gemeenten niet los van elkaar kunnen zien. Door de schaalsprong is de druk op de Ruimte groot in het stedelijk gebied: wonen, werken, mobiliteit, groen, voorzieningen en energie vragen om ruimte. Onze beperkte ruimte moeten we dan ook goed benutten: slim combineren waar kan en keuzes maken waar nodig. Een integrale afweging wordt daarbij steeds belangrijker. Door samen te werken en de regionale context mee te nemen, zorgen we ervoor dat ruimtelijke keuzes niet geïsoleerd worden gemaakt, maar bijdragen aan een samenhangende en toekomstbestendige ontwikkeling van de hele regio. Het doel is om gezamenlijk de juiste regionale ruimtelijke keuzes te maken. Daarbij hebben we als thema Ruimte extra aandacht voor de groenblauwe structuren, die niet belegd zijn bij andere thema’s, maar wel van essentieel belang voor de kwaliteit van onze leefomgeving.
LEDEN VAN HET PORTEFEUILLEHOUDERSOVERLEG RUIMTE
Gaby van den Waardenburg, Mieke Verhees, vice voorzitter, Helmond voorzitter, Eindhoven
Jan Willem Slijper, Best
Godfried van Gestel, Geldrop-Mierlo
Patrick Kok, Nuenen
Joep van de Ven, Oirschot
Caroline van Brakel, Veldhoven
Suzan van de Goor Gelens, Waalre
Wilma Dirken, agendalid, Provincie Noord-Brabant
Jelle de Jong, Son en Breugel
19
BEST - EINDHOVEN - GELDROP-MIERLO - HELMOND - NUENEN - OIRSCHOT - SON EN BREUGEL - VELDHOVEN - WAALRE
STEDELIJK GEBIED!
WAT GAAN WE DOEN IN 2026? A. Propositie thema Ruimte Met de nieuwe bestuurders maken we in Q3 en Q4 een propositie voor het thema Ruimte SGE. Daarin bepalen we de doelen voor de komende vier jaar. We doen dit in relatie tot onze activiteiten die we uitvoeren binnen MRE en de uitkomst van de overkoepelende discussie over de rol en positie van ons SGE. Bestuurlijk trekkers:
Voorzitter en vicevoorzitter portefeuillehoudersoverleg Ruimte
B. We werken verder aan de uitvoering en monitoren verstedelijkingsakkoord Het Verstedelijkingsakkoord SGE geeft Rijk, Provincie en de negen gemeenten grip op de verstedelijkingsopgave in het stedelijk gebied. Uitgangspunt van het akkoord is om in ieder geval de realisatie van 62.000 woningen en 72.000 arbeidsplaatsen mogelijk te maken. Daarvoor zijn ook investeringen in randvoorwaarden als bereikbaarheid, groen, water en energie benodigd. Veel van de gemaakte afspraken zijn belegd bij één van de ondertekenende partijen. Als SGE pakken we een aantal onderdelen gezamenlijk op. Binnen de MRE-samenwerking ligt het primaat voor het MIRT-onderzoek en de afspraken met het Rijk. Met name bij de deelopgaven zijn de belangen van de SGE-gemeenten groot. In 2026 bespreken we in hoeverre de gebiedsuitwerkingen van het MIRT binnen de SGE-samenwerking uitgevoerd kunnen worden. Het gaat dan om de gebiedsuitwerkingen: Best-Veldhoven-Eindhoven, Eindhoven-Geldrop, EindhovenNuenen-Helmond-Deurne. Tevens bespreken we de relatie tussen de gebiedsuitwerkingen en (de toekomst van) het verstedelijkingsakkoord. 1. Monitoring Verstedelijkingsakkoord We leveren de Monitor Verstedelijkingsakkoord op, houden het akkoord actueel en gaan hierover het gesprek aan met elkaar en onze partners. We signaleren samen knelpunten expliciet, formuleren oplossingen en daarvoor maken we indien nodig scherpe keuzes.
Bestuurlijk trekker:
Mieke Verhees
2. Ontwikkeling Groen-Blauwe structuren Een afspraak uit het Verstedelijkingsakkoord is het ‘beschermen, versterken en compleet maken van de grote landschappelijke en ecologische structuren in het SGE’. In 2026 stellen we een uitvoeringsagenda vast en starten met de uitvoering daarvan. Uiteraard houden we rekening met ontwikkelingen op dit onderwerp binnen de MRE-samenwerking. Bestuurlijk trekker:
Patrick Kok en Joep van de Ven
20
BEST - EINDHOVEN - GELDROP-MIERLO - HELMOND - NUENEN - OIRSCHOT - SON EN BREUGEL - VELDHOVEN - WAALRE
STEDELIJK GEBIED!
C. We maken regionale ruimtelijke keuzes Veel van onze opgaven vragen om ruimtelijke keuzes. Lokale keuzes zijn uiteraard een verantwoordelijkheid van de gemeenten, maar veel vragen zijn bovenlokaal. Denk daarbij bijvoorbeeld aan regionale bedrijventerreinen, grote evenementenlocaties of bijzondere sportvoorzieningen. Deze keuzes wegen we gezamenlijk af en we brengen advies uit. 1. Faciliteren ruimtelijke vragen Het thema Ruimte faciliteert ruimtelijke vragen die ingebracht worden door derden of door andere SGEthema’s. We gaan in 2026 in ieder geval op zoek naar ruimte voor een gezamenlijk gronddepot. Ook kijkt het thema Ruimte naar bijzondere functies die in de regio moeten landen naar aanleiding van de groei van de Regio (Schaalsprong). Bestuurlijk trekker:
Jelle de Jong
2. Oprichten Adviesteam Ruimte In 2025 is het Coördinatieteam Wonen geëvalueerd en is in samenhang daarmee nut en noodzaak van een Adviesteam Ruimte verkend. In 2026 nemen we een besluit over de oprichting van een Adviesteam Ruimte en, wanneer dit besluit positief uitvalt, richten we het Adviesteam in. Bestuurlijk trekkers:
Joep van de Ven
3. Proactief signaleren ruimtelijke knelpunten De groei van de regio legt veel druk op onze ruimte. We kunnen niet meer volstaan met het faciliteren van alle ruimtelijke vragen. Daarom werken we in 2026 een aanpak uit voor het proactief signaleren en agenderen van ruimtelijke knelpunten. Bestuurlijk trekkers:
Caroline van Brakel
D. Deelnemen aan Van Gogh Nationaal Park Het Van Gogh Nationaal Park is een sterk merk met internationale aantrekkingskracht. Het doel voor de lange termijn is om een toekomstbestendige, integrale en kwalitatief hoogwaardige gebiedsontwikkeling/ ontwikkelingen in het gebied te realiseren met perspectief richting 2030. De gemeenten van het Stedelijk Gebied Eindhoven liggen allemaal binnen het samenwerkingsgebied Van Gogh Nationaal Park. De gemeenten blijven dan ook gezamenlijk deelnemen. Bestuurlijke afvaardiging in de regiegroep blijft georganiseerd vanuit ons Portefeuillehoudersoverleg Ruimte, de ambtelijke afvaardiging in het kernteam vanuit ons ambtelijk overleg. Bestuurlijk trekkers:
Joep van de Ven en Patrick Kok
21
BEST - EINDHOVEN - GELDROP-MIERLO - HELMOND - NUENEN - OIRSCHOT - SON EN BREUGEL - VELDHOVEN - WAALRE
STEDELIJK GEBIED!
E. We delen kennis en verkennen of we gezamenlijk beleid kunnen ontwikkelen We delen ambtelijk en bestuurlijk kennis ten aanzien van ruimtelijke thema’s in een verstedelijkte omgeving, zoals een ambtelijke sessie over ‘units en bedrijfsloodsen’: hoe kunnen we hierop sturen? Daarnaast bekijken we waar we samen kunnen werken ten aanzien van ruimtelijk beleid en ruimtelijke tools. Waar kunnen we samen optrekken bij de ontwikkeling van nieuw beleid, voor welke knelpunten hebben andere gemeenten al oplossingen en hoe kunnen we samenwerken om ons beleid effectiever te maken. We starten met een inventarisatie van de mogelijkheden. Bestuurlijk trekker:
Gaby van de Waardenburg
22
BEST - EINDHOVEN - GELDROP-MIERLO - HELMOND - NUENEN - OIRSCHOT - SON EN BREUGEL - VELDHOVEN - WAALRE
STEDELIJK GEBIED!
BIJLAGEN
BEST - EINDHOVEN - GELDROP-MIERLO - HELMOND - NUENEN - OIRSCHOT - SON EN BREUGEL - VELDHOVEN - WAALRE
STEDELIJK GEBIED!
BIJLAGE 1: TAKEN WERKGROEP GREX Zelfstandige taken Werkgroep GREX Vennootschapsbelasting Sinds enkele jaren moeten gemeenten Vennootschapsbelasting (Vpb) afdragen. Met name heeft dit betrekking op de gemeentelijke bouwgrondexploitatie en het gemeentelijk kostenverhaal. De invoering heeft veel impact gehad op de ambtelijke inzet bij gemeenten en op de kosten van gebiedsontwikkeling. Ervaringen hiermee delen de negen gemeenten binnen de werkgroep GREX. Omgevingswet en Aanvullingswet grondeigendom De werkgroep pakt de implementatie van de wet gezamenlijk op en deelt ervaringen. Kennisuitwisseling contracteren met marktpartijen Door afstemming binnen de werkgroep over contracteren met marktpartijen wordt kennis gedeeld en worden veel inhoudelijke aspecten van gebiedsontwikkeling gezamenlijk (uit)gedragen. Hiervoor is een ambtelijke werkgroep opgericht. Overzicht grondprijzen, tarieven voor het gemeentelijk kostenverhaal en de parameters voor de gemeentelijke grondexploitatie De werkgroep GREX houdt een regionaal overzicht bij van deze prijzen, tarieven en parameters en deelt deze met de ambtelijke overleggen en Portefeuillehoudersoverleggen.
Taken en verantwoordelijkheden vanuit het thema Wonen -
Taken en verantwoordelijkheden vanuit het thema Economie Expertise leveren advisering en vorming samenwerkingsovereenkomst RBT Brainport-Oost
24
Geacht college, geachte raad, Conform de Wet gemeenschappelijke regelingen bied ik u hiermee ter informatie aan de Nota van beantwoording wensen en bedenkingen inrichting BV-structuur Fondsbeheer MRE. Besluitvorming is voorzien in de vergadering van het Algemeen Bestuur van 25 februari 2026.
Metropoolregio Eindhoven Raiffeisenstraat 18 / Postbus 985 5611 CH Eindhoven / 5600 AZ Eindhoven www.metropoolregioeindhoven.nl s.vandervelden@metropoolregioeindhoven.nl 040 25 94 624
12 februari 2026
Nota van beantwoording wensen en bedenkingen inrichting BV-structuur fondsbeheer, versie 9 februari 2026 Gemeente
Wensen en bedenkingen
Reactie MRE
Geen wensen en bedenkingen Bergeijk Bladel Eersel Reusel-De Mierden Procedure Heeze-Leende
Geen wensen en bedenkingen Geen wensen en bedenkingen Geen wensen en bedenkingen Geen wensen en bedenkingen
Aangezien wij middels deze brief en met ons ook andere MRE-gemeenten nogal wat vragen en opmerkingen hebben ingediend, willen wij u om een tweede ronde van zienswijzen indienen vragen, mochten de aktes ingrijpend wijzigen na deze eerste ronde van zienswijzen indienen. Governance en besluitvorming Geldrop-Mierlo Governance en besluitvorming De raad onderschrijft de ingezette lijn, maar acht het van belang dat in de definitieve uitwerking duidelijk wordt vastgelegd hoe de 21 gemeenten betrokken blijven bij de prioritering van middelen, de voorbereiding van besluiten en de wijze van sturing binnen de nieuwe structuur. De raad verzoekt daarom in het definitieve voorstel expliciet te beschrijven hoe gemeenten invloed kunnen uitoefenen en hoe de verbinding tussen MRE-bestuur en lokale besluitvorming wordt geborgd.
Oirschot Best
Naar aanleiding van de wensen en bedenkingen van de gemeenteraden zijn de aktes niet op ingrijpende wijze gewijzigd.
In het definitieve voorstel zal expliciet worden beschreven hoe gemeenten invloed kunnen uitoefenen en hoe de verbinding tussen MRE-bestuur en lokale besluitvorming wordt geborgd. De prioritering van middelen vindt overigens conform de al eerder vastgelegde besluitvormingsstructuur plaats. Voor Beethoven Wonen is dat via de Stuurgroep Woondeal ZuidoostBrabant, waarin de gemeenten worden vertegenwoordigd. Bovendien kan elke gemeente zelf daarbij afwegen of zij een aanvraag voor middelen indienen. Voor mobiliteit is in juli 2024 door het Algemeen Bestuur de werkwijze (incl. besluitvorming) helder vastgelegd, waarbij elke gemeente betrokken is als het gaat om de afweging van de inzet (en dus prioritering) van de middelen.
Geen wensen en bedenkingen over de voorgestelde BV-structuur Wij kunnen ons vinden in de voorgestelde BV-structuur
1
voor het fondsbeheer onder de MRE. Met de notitie Voorgenomen BV-structuur fondsen MRE en het webinar van 26 november 2025 hebben wij kennisgenomen van de achtergronden en uitwerking van en overwogen alternatieven voor de fondsstructuur. Wij zien dat de voorgestelde fondsstructuur is ingericht op het doorgeleiden van private cofinanciering van de wonen ‘VEX’ regeling naar gemeenten, waarbij ook juridische en fiscale aspecten in acht zijn genomen. De publieke controle is gewaarborgd, terwijl ook private partners een rol hebben in de ‘governance’. De structuur is bovendien schaalbaar naar (eventuele) andere fondsen onder de MRE. Wij kunnen ons hiermee vinden in deze BV-structuur. Andere fondsen Helmond Deurne
Helmond Deurne
Helmond Son en Breugel Cranendonck Heeze-Leende Deurne
Vermenging met andere fondsen - Stimuleringsfonds MRE beheert al jaren het Stimuleringsfonds. Dit fonds is beperkt van omvang en wordt jaarlijks gevoed door de MRE-gemeenten. Via de MRE-begroting en jaarrekening oefenen de MRE-gemeenten “controle” uit op dit fonds. Het is niet gewenst dat deze middelen vermengd worden met andere fondsen. Regiodeal Thuis in Brainport De Regiodeal “Thuis in Brainport” is een fonds, dat zich richt op een beperkte set concrete projecten en heeft een beperkte looptijd. De relatief beperkte omvang en het karakter van de Regiodeal “Thuis in Brainport” maken het eveneens niet logisch en noodzakelijk om dit onder te brengen in de voorgestelde beheersstructuur. Regionaal Bereikbaarheidsfonds Het Regionaal Bereikbaarheidsfonds MRE is een fonds gevoed door de MRE-gemeenten, dat ook dienstdoet als “doorgeefluik” naar gemeenten van middelen die beschikbaar worden gesteld vanuit het door het regionale bedrijfsleven, via het Brainport Partnerfonds, gevoede Bereikbaarheidsfonds Brainport. Gezien de financiële omvang in relatie tot de reguliere MRE-begroting en de potentiële looptijd van het Regionaal Bereikbaarheidsfonds MRE ligt (stellen wij) een verkenning naar de meerwaarde
Geheel eens. Wij bevestigen dat het Stimuleringsfonds niet zal worden vermengd met andere fondsen in de nieuwe structuur. De voorgestelde structuur heeft juist als voordeel dat ongewenste vermenging van fondsen en activiteiten wordt voorkomen. Het Stimuleringsfonds blijft zodoende binnen de huidige structuur – via de MRE-begroting en jaarrekening – lopen. Dit verandert dus niet. Ook de middelen van de Regiodeal blijven binnen de huidige structuur lopen en komen niet in een BV-structuur. Met het Rijk zijn hierover ook harde afspraken gemaakt en dit is vastgelegd in de Verordening Regiodeal Metropoolregio Eindhoven (besluit Algemeen Bestuur van 18 december 2024). Dit verandert dus niet. Wij onderschrijven uw voorstel om een verkenning uit te voeren naar de meerwaarde van onderbrenging van het Regionaal Bereikbaarheidsfonds MRE in de BV-structuur. Wij verwachten hierover een nader voorstel aan het Algemeen Bestuur voor te leggen op 1 juli 2026. Dit ook gelet op de Samenwerkingsovereenkomst van de MRE met ASML, gemeenten Eindhoven en Veldhoven inzake de private bijdrage voor Beethoven Mobiliteit. Gelet op eerdere antwoorden worden hierin niet het Stimuleringsfonds en de Regiodeal meegenomen. Bij toekomstige ontwikkelingen en publieke investeringen onder
2
Heeze-Leende
Eindhoven
Asten Gemert-Bakel Someren
van onderbrenging van dit fonds in de voorgestelde BV-beheerstructuur voor de hand (wel op prijs). De bevoegdheid van de Fondsbeheer BV om extra fondsen toe te voegen willen wij echter beperken. Wij vinden dat dit alleen kan en moet gebeuren als dit via een besluit van de MRE loopt, bij voorkeur inclusief een zienswijzeprocedure voor gemeenten. Verkenning bestaande fondsen Met het oprichten van een overkoepelende Fondsbeheer BV ontstaat een schaalbare structuur. Hierdoor kunnen voor toekomstige fondsen dochterondernemingen (BV) en bestuursstichtingen worden toegevoegd. In dit licht zien wij graag dat er een verkenning plaatsvindt naar de reeds bestaande fondsen binnen de MREsamenwerking.
MRE- beheer zal (zoals gebruikelijk) transparantie het uitgangspunt blijven. Als leidend beginsel van behoorlijk bestuur. In de statuten van Fondsbeheer B.V. is in artikel 6.1.8 expliciet opgenomen dat oprichting van, en deelnemen in andere ondernemingen aan voorafgaande goedkeuring van het Algemeen Bestuur is onderworpen. MRE is als enig aandeelhouder ook de enige partij in de betreffende Algemene Vergadering en dient haar goedkeuring te geven voordat kan worden besloten tot oprichting van een nieuwe entiteit.
Met name voor wat betreft het Regionaal Bereikbaarheidsfonds MRE. Gezien de financiële omvang in relatie tot de reguliere MRE-begroting, de potentiële looptijd en omdat het Regionaal Bereikbaarheidsfonds MRE ook dienstdoet als “doorgeefluik” naar gemeenten van middelen, die beschikbaar worden gesteld vanuit het regionale bedrijfsleven (via het Brainport Partnerfonds / Bereikbaarheidsfonds Brainport) lijkt een verkenning naar de meerwaarde van onderbrenging van dit fonds in de voorgestelde BV-beheerstructuur voor de hand liggend. Onderzoek onderbrenging Regionaal Bereikbaarheidsfonds in voorgestelde BVbeheerstructuur Gezien de financiële omvang in relatie tot de reguliere MRE-begroting en de potentiéle looptijd van het Regionaal Bereikbaarheidsfonds MRE ligt een verkenning naar de meerwaarde van onderbrenging van dit fonds in de voorgestelde BV-beheerstructuur voor de hand. Het feit dat de nieuwe fondsstructuur gericht is op beheer van private middelen geeft tegelijk aan dat het eventueel onderbrengen van het Stimuleringsfonds in de nieuwe
3
Waalre Valkenswaard
Cranendonck Heeze-Leende
Waalre
Risico’s Helmond Asten Gemert-Bakel Son en Breugel Someren Nuenen c.a. Deurne
Oirschot Best
fondsstructuur niet gewenst is. Stimuleringsfonds Het feit dat de nieuwe fondsstructuur gericht is op beheer van private middelen, geeft aan dat het eventueel onderbrengen van het Stimuleringsfonds in de nieuwe fondsstructuur niet gewenst is. Onderbrengen fondsen in voorgestelde BV-beheerstructuur Het feit dat de nieuwe fondsstructuur gericht is op beheer van private middelen, geeft tegelijk aan dat het eventueel onderbrengen van het Stimuleringsfonds in de nieuwe fondsstructuur niet noodzakelijk is. Wel stellen wij u graag de vraag of u zich voorwaarden of termijnen kunt voorstellen waarbij onderbrenging van het Stimuleringsfonds in de nu voorliggende fondsenstructuur toch te overwegen is, omdat het de overzichtelijkheid wel ten goede lijkt te komen. Transparantie We zouden graag zien dat ook bij toekomstige ontwikkelingen en publieke investeringen, die vallen onder MRE beheer, waarbij sprake is van substantiële private (co)financiering, transparantie het uitgangspunt vormt. Dit er voor pleit om ook voor toekomstige fondsen / voor het beheer van de private bijdragen, onder de moederfonds BV" een dochter-BV op- en in te richten. Risico is niet gekwantificeerd Hoewel in het voorstel wordt aangegeven dat risico’s niet bij de MRE of haar gemeenten mogen landen, constateren wij dat deze risico’s niet nader zijn gekwantificeerd.
Gezien het feit dat de MRE 100% eigenaar wordt van zowel de moeder- als dochter-BV, achten wij dit een kwetsbaar punt. Het is niet wenselijk dat de risico’s in deze BV via de risicoparagraaf in de MRE-begroting worden afgedekt. We roepen op om afspraken te maken over hoe risico’s worden gemonitord en beheerst, zonder dat deze via de MRE-begroting worden afgedekt. Risico’s zijn niet toegelicht en gekwantificeerd In de notitie Voorgenomen BV-structuur fondsen MRE wordt
De voorliggende structuur is gericht op risico isolatie en mitigatie. MRE en haar gemeenten worden met het voorliggende construct beschermd tegen eventuele risico's van de fondsen. Het voorliggende construct zorgt er daarmee ook niet voor dat MRE reserves als gevolg van het inrichten hiervan moeten worden aangevuld. We zullen er eveneens zorg voor dragen dat er duidelijke afspraken worden gemaakt op het gebied van risico-, monitoring en beheersing, waarbij het uitgangspunt gehanteerd blijft dat eventuele risico's niet dienen te worden afgedekt via de MRE-begroting. Juridisch gezien is dit geborgd in de wetgeving rondom de Besloten Vennootschap (B.V.). Een aandeelhouder is niet
4
gesteld dat de voorgestelde constructie risico’s minimaliseert. De risico’s (hoe klein misschien ook) worden niet toegelicht noch gekwantificeerd. Het is ons nog onduidelijk in welke mate deze meetellen bij de berekening van het benodigde weerstandsvermogen en de daarmee door de concernorganisatie MRE aan te houden reserves. Wij zouden willen voorkomen dat MRE, als 100% eigenaar van ‘moeder’ en ‘dochter’ BV, en daarmee indirect ook haar deelnemende gemeenten, als gevolg van het inrichten van deze structuur, genoodzaakt worden tot het verder aanvullen van deze reserves. Wij vragen u dit verder te verduidelijken voorafgaand aan de finale besluitvorming op 25 februari 2026. Cranendonck Heeze-Leende
Eindhoven
persoonlijk aansprakelijk voor wat in naam van de vennootschap wordt verricht en is niet gehouden om in de verliezen van de vennootschap bij te dragen (art. 2:175 BW). Met andere woorden: de aandeelhouder kan alleen de inleg / storting op de aandelen verliezen. Dat geldt ook voor de MRE. MRE is niet verplicht om eventuele verliezen te dekken. Uiteraard kan dit wel onverplicht, bijvoorbeeld als dat wenselijk wordt geacht. In de voorliggende structuur is Woonfonds B.V. verantwoordelijk voor de private bijdrage aan de goedgekeurde projecten. Woonfonds is daarmee ook verantwoordelijk voor de afspraken en nakoming daarvan met de private partner. De toekenning van het fonds, en de vervulling ervan aan de gemeenten valt hiermee dus onder verantwoordelijkheid en risico van Woonfonds B.V.
Financiële risico’s In uw notitie wordt onder 7.3 Financiële aandachtspunten het volgende risico genoemd: “Risico’s: Risico’s van de verschillende fondsen mogen niet landen bij de MRE of haar gemeenten. De structuur borgt dat financiële risico’s worden geïsoleerd van de MRE.” Dit vraagt wat ons betreft om een nadere toelichting. Betekent dit dat er geen risico is? Hoe is dit specifiek juridisch geborgd? Is ook juridisch geborgd dat de risico’s in de BV’s niet alsnog via de risicoparagraaf in de MREbegroting worden afgedekt? Valt hier ook het risico onder dat de private partner zijn bijdrage niet (tijdig) levert terwijl er vanuit het fonds wel subsidies zijn toegekend? Financiële risico’s In het door u meegestuurde memo wordt onder “7.3 Financiële aandachtspunten” het volgende genoemd: “Risico’s van de verschillende fondsen mogen niet landen bij de MRE of haar gemeenten. De structuur borgt dat financiële risico’s worden geïsoleerd van de MRE en haar gemeenten”. Dit aandachtpunt wordt door ons onderschreven. Niettemin vraagt dit aandacht, omdat het voorstel de eventuele
5
risico’s niet nader kwantificeert. De MRE wordt 100% eigenaar van de “moeder” BV en de “dochter” BV. Het is niet wenselijk dat de risico’s in deze BV via de risicoparagraaf in de MRE-begroting worden afgedekt. Verantwoording Helmond Son en Breugel Deurne
Cranendonck Heeze-Leende
Eindhoven
Asten Gemert-Bakel Laarbeek Oirschot
Verantwoording financiële middelen uit fonds en beheer van fonds is gewenst om controlerende rol uit te kunnen oefenen De gemeenteraad heeft een controlerende rol. Om hier goed invulling aan te geven mag verwacht worden dat er periodiek gerapporteerd wordt over het beheerfonds en de financiële stromen, die daarbinnen plaatsvinden. Dit gebeurt door de agendering van jaarstukken van de beide BV’s en de bestuursstichting in het Algemeen Bestuur MRE en verzending hiervan naar de gemeenteraden. Controlerende rol raad De raad heeft een controlerende rol. Om hier goed invulling aan te kunnen geven mag verwacht worden dat er periodiek gerapporteerd wordt over het beheerfonds en de financiële stromen, die daarbinnen plaatsvinden. Wij kunnen ermee instemmen dat dit gebeurt door de agendering van jaarstukken van de beide BV’s en de bestuursstichting in het Algemeen Bestuur MRE en verzending hiervan, ter informatie, naar de gemeenteraden. Controlerende rol raden De raden van de deelnemende gemeenten hebben een controlerende rol. Om hier goed invulling aan te kunnen geven verwachten wij een periodieke rapportage over het beheerfonds en de financiële stromen, die daarbinnen plaatsvinden. Naast agendering van de jaarstukken van de beide BV’s en de bestuursstichting in het Algemeen Bestuur MRE vragen wij om verzending van deze stukken naar de raden.
Actieve rapportage over fondsbeheer Als gemeenteraad hebben wij een controlerende rol. Om deze goed te kunnen vervullen, is het noodzakelijk dat er periodiek en gestructureerd wordt gerapporteerd over het beheer van het fonds en de financiële stromen binnen
Wij onderschrijven uiteraard het belang van een transparante en betrouwbare informatievoorziening. De controlerende rol van de raden betreft te allen tijde de GR MRE. Hierin wordt conform de vastgelegde afspraken aan voldaan in het Algemeen Bestuur van de MRE. De rapportage aan MRE geschiedt via de jaarstukken van Fondsbeheer B.V. waarin de rapportage van dochterondernemingen is opgenomen. Deze rapportages zullen ook aan de gemeenteraden ter informatie beschikbaar worden gesteld.
6
Geldrop-Mierlo
Bestuurszetels Helmond
de BV's en de bestuursstichting. Wij verzoeken daarom om jaarlijkse rapportages van beide BV's en de bestuursstichting, inclusief financiële verantwoording, niet alleen te agenderen in het Algemeen Bestuur MRE, maar ons hier actief over te informeren, (waarbij de mogelijkheid geboden wordt direct vragen te stellen.) De Metropoolconferentie kan hiervoor mogelijk gebruikt worden. Dit stelt ons in staat onze controlerende taak adequaat uit te voeren en versterkt de democratische legitimatie van het fondsbeheer. Informatievoorziening De raad benadrukt het belang van een betrouwbare en regelmatige informatievoorziening. Voor een goede kaderstelling en controle is het noodzakelijk dat inzicht wordt geboden in de voortgang van projecten, risico’s, toewijzing van middelen en financiële ontwikkelingen. De raad vraagt daarom om een heldere rapportagesystematiek die bij voorkeur aansluiten op de bestaande P&C-cyclus van de MRE, zodat informatie eenduidig wordt aangeboden en goed vergelijkbaar blijft. Exacte invulling bestuursposities in beide BV’s en stichting is nog niet bekend De oprichting van twee BV’s en de bestuursstichting brengt de nodige bestuursposities met zich mee, die door het Algemeen Bestuur MRE, in verbinding tot de MREgemeenten moeten worden ingevuld.
De door de MRE beschikbaar gestelde documentatie geeft geen uitsluitsel over hoe de selectie van kandidaat bestuurders plaatsvindt. De MRE kent geen vastgesteld deelnemingenbeleid. Het Helmondse “Deelnemingenbeleid privaatrechtelijke rechtspersonen 2017” stelt dat een lid van het college van burgemeester en wethouders of de gemeenteraad behoudens uitzonderingen niet als bestuurder van een besloten vennootschap of stichting kan worden benoemd
Wij onderschrijven uw toevoeging. De bevoegdheid de benoeming van de bestuurders ligt bij het Dagelijks Bestuur van de Metropoolregio Eindhoven, aangezien het Dagelijks Bestuur gerechtigd is privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten. In de statuten van de verschillende entiteiten zijn geen specifieke procedurele vereisten vastgelegd met betrekking tot de benoeming van bestuurders. Het Dagelijks Bestuur van de Metropoolregio Eindhoven voert de benoeming van de bestuurders uit, met een duidelijk gehoor aan de wensen van de raden. Hiertoe zal een profielschets worden opgemaakt op basis waarvan een transparante openbare werving en selectie zal worden doorlopen. Het Dagelijks Bestuur neemt de verschillende wensen vanuit de raden mee in de opdracht om de profielschets dusdanig op te stellen dat, waar mogelijk, rekening wordt gehouden met de diverse verzoeken en wensen rondom de benoeming van de bestuurders. Hierbij worden ook de