CConstaterende datHelmond
Koppel je AI →
Document · PDF

2023 07 06 Gemeente Helmond Gemeenteraad

Gemeenteraad 6 juli 2023, gemeente HelmondBij agendapunt: Verslag61.922 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 6

De heer Rieter: Ja voorzitter, dit volgens mij precies dezelfde vraag. Dus nogmaals, er zitten heel veel negatieve punten aan en wij willen eerst die negatieve punten, de basis op orde voordat we dus verder kunnen gaan. En ik heb echt gewoon precies dezelfde argumenten aan de heer Manders. Ik zie een andere interruptie nog. De voorzitter: Ja. De heer Van Geel: Ja, hoe ziet Helder Helmond het stoppen met de schaalvergroting eigenlijk voor zich? Want we hebben gewoon afspraken gemaakt in Brainport-regio over het extra bijbouwen en de woningbouw. Ik zie niet in hoe wij hoe wij dat op een goede manier zouden kunnen afbouwen. De voorzitter: De heer Rieter De heer Rieter: Dank u wel. Kijk, we zijn hier bij elkaar nu voor de Voorjaarsnota, wat ik al zei een stap richting de begrotingen en wij geven onze inkijk daarop, wat wij vinden. En inderdaad, er zijn al een aantal dingen ingezet maar toch is het onze visie daarop, toch heel duidelijk, en die breng ik hier over en ik dat die heel helder is. De voorzitter: Ik zag de heer Boetzkes ook en daarna de heer Vervoort. De heer Boetzkes: Dank u wel, voorzitter. Ik wou nog even reageren op de voordelen van schaalvergroting. Schaalvergroting biedt zeker voordelen, maar als we een metafoor gebruiken waarin de kleine middenstand wordt opgegeten door schaalvergroting, dan past dat in ieder geval niet bij Helder Helmond.

En moet de vraag ook zijn, hoe kunnen we zorgen dat dat niet gebeurt en dat we sterk en sociaal blijven om te zorgen dat wij die schaalvergroting niet als doel stellen ten koste van alles. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Vervoort. De heer Vervoort: Dank u wel, voorzitter. Afgelopen week heb ik op televisie gezien dat afgelopen jaar Nederland is gegroeid met 400.000 inwoners, waarvan een aantal migranten en arbeidsmigranten zijn. Ik denk dat het voor ons als gemeente ontzettend belangrijk is dat wij met elkaar een discussie aangaan, en vandaag maar op een later moment, hoe Helmond zijn eigen wil ontwikkelen in het Brains Port Smart-district onder andere. Want ik wil zeggen, als we elk jaar maar 400.000 inwoners als Nederland groeien, dan zitten we over twintig jaar met elkaar op eenzelfde tegel. En is dat wat wij gezamenlijk willen? Ik heb wethouder De Kort ook in SGE-verband aangegeven … De voorzitter: En uw vraag is? Want dit is het bijdragen. De heer Vervoort: Het is wel een vraag, dit is niet mijn bijdrage. Maar mijn vraag is, kijkt Helder Helmond hetzelfde op? Want wij willen graag de bouw voor die Helmonders, maar ik hoor van mijnheer Rieter die zegt we willen eigenlijk minder bouwen. Maar wat willen we met elkaar? De voorzitter: De heer Rieter. De heer Rieter: Met uw verzoek om hierover te spreken, daar zijn we het mee eens.

We hebben natuurlijk laatst een verzoek gekregen om onderwerpen in te dienen voor de strategische agenda en schaalvergroting was ons belangrijkst thema, dus daar zijn we het mee eens, dus laten we dan daar verder op ingaan. Maar in

ieder geval nu hier voor de Voorjaarsnota is het toch voor ons belangrijk dat we in ieder geval wel onze koers duidelijk maken. De voorzitter: Duidelijk. De heer Thomas Tuerlings. De heer Tuerlings: Dank u wel, voorzitter. Even opgezocht, als je kijkt naar het landgebruik van Nederland, 54 procent van ons land wordt gebruikt als landbouwgrond en 13 procent wordt gebruikt voor bebouwing. Dat is inclusief woningen en wegenstructuren. Dus ik denk dat we ons niet zo'n zorgen hoeven te maken als we met een half procent per jaar groeien en inwoneraantal. De voorzitter: Dank u wel. Dank u wel, de heer Rieter voor zijn bijdrage. En dan zou ik willen vragen of mevrouw Maráczi haar bijdrage start. Mevrouw Maráczi van de SP. Mevrouw Maráczi: Dank u wel, voorzitter. De behandeling van een voorjaarsnota of begroting blijft voor de SP toch vaak een moment van bezinning. Waar zijn we ooit begonnen, waar zijn we nu en waar willen we nog heen? Voorzitter zoals jullie allemaal weten is de SP in 2014 na een hele mooie verkiezingsuitslag gestart met het meebesturen van deze stad.

Voor de SP een grote stap maar wel een stap waarbij we het verschil konden gaan maken met onze drie kernwaarden menselijke waardigheid, gelijkwaardigheid en solidariteit onder de armen, vastberaden aan de slag om te bouwen aan sociaal, inclusief en leefbaar Helmond, met oog voor de problemen van onze inwoners en hun leefwereld. We werden ook meteen geconfronteerd en verantwoordelijk gemaakt voor de taken die door de overheid destijds over de schutting gegooid werden, namelijk de drie decentralisaties en het sociaal domein. Het doel, beleid dichter bij de inwoners brengen en zorg beter op de lokale behoefte afstemmen was en is goed. Maar door de te snelle onverdachte invoering en met de gepaarde bezuinigingen allesbehalve een gemakkelijke klus. We begonnen aan een transformatie die zeer omvangrijk en complex was en nog steeds gaande is, een transformatie die verhulde dat er een groot verschil was tussen de leefwereld van onze inwoners en de systeemwereld van de gemeente en instanties. De SP heeft al snel ingezien dat dit euvel aangepakt moest worden en dat we moesten gaan werken volgens de bedoeling om onze inwoners de juiste zorg en ondersteuning te kunnen bieden. En ik weet nog dat toen ik het begrip werken volgens de bedoeling voor de eerste keer inbracht, het leek alsof ik een andere taal sprak. Men begreep echt niet wat wij daarmee bedoelden.

Maar de aanhouder wint en het werd uiteindelijk een begrip dat landde in organisatie en nu door iedereen gedragen wordt. Voorzitter, een stad waar iedereen meetelt en mee kan doen, was en is voor de SP nog steeds van groot belang, ongeacht je afkomst, je geaardheid, je portemonnee et cetera. Iedereen is van belang en doet ertoe. Een van onze kernwaarden is gelijkwaardigheid. Of je advocaat of zwerver bent mag geen verschil uitmaken. Iedereen moet binnen haar, zijn mogelijkheden mee kunnen doen en het Stadsleerbedrijf blijft daar een prachtig voorbeeld van. We wilden ook een geen eigen schuld-principe hanteren en zetten in op het bespreekbaar maken van armoede en een andere kijk op hulp bij schulden. Voorzitter, om onze stad leefbaar en een fijne plek te laten zijn om te wonen, was en is voor de SP de schaal van de wijk van groot belang. Het wijkgericht werken is daar een gevolg van. Maar ook natuur en voldoende groen zijn voor ons van groot belang voor een leefbare stad. Werk maken van klimaatadaptatie, een prachtig stadspark, stimulering van groene gevels en daken zijn daar een paar voorbeelden van. Voorzitter, een kleine greep over hoe het ooit begon maar gezien de tijd wil ik door waar we nu zijn. Als SP stonden en staan wij voor structureel en duurzaam beleid. Waar de bron aangepakt wordt in plaats van pleisters plakken.

Daarbij hoort een langetermijnvisie en een integrale aanpak. Ook daar zijn we destijds mee begonnen. We zien nu een verdere doorontwikkeling op de vele beleidsterreinen en dat is goed en nodig. Waarvan de realisatie van de time out-voorziening maar één voorbeeld is, maar voor ons een hele cruciale. Wij zien ook dat het voor veel mensen moeilijk is om te begrijpen dat er een lange adem voor nodig is en het

om geduld vraagt. Ook blijkt het vaak moeilijk te zijn om de verbindingen te zien die gelegd worden tussen de verschillende domeinen en allerlei beleidsstukken, oftewel het grote plaatje kunnen zien. Maar integraliteit blijft van cruciaal belang en het zou ons ontzettend helpen als Den Haag dit ook inziet en zelf ook integraal ging werken. De koers die ooit is ingezet blijft en wordt verstevigd, majeure projecten zijn in uitvoering en komen steeds dichter bij de eindstreep. Dat dit ook met tegenslagen gepaard gaat, zien wij ook. Dat brengt problemen en zorgen met zich mee en die moeten uiteraard besproken worden, maar daarbij moeten we ook samen aan oplossingen werken. Onze stad is niet gebaat bij halve projecten en een afrekencultuur. Voorzitter, beleid van onderaf, van binnen naar buiten, waarmee bedoeld wordt dat ambtenaren niet alleen achter hun bureau zitten maar actief de straat opgaan, zijn ook begrippen die een weg hebben gevonden. Heel belangrijk om de veranderende rol van de overheid te kunnen waarmaken. Participatiebeleid kan dan ook niet ontbreken. De SP is zeer tevreden hoe dit door de organisatie is opgepakt en dat er nu een volwaardig participatiebeleid is opgesteld. Beleid dat alle aspecten van participatie bevat, maatwerk en flexibiliteit beoogt en een lerend vermogen heeft.

Er bestaat nu eenmaal geen blauwdruk van participatie, maar wij zijn van mening dat we met deze kaders heel ver kunnen komen. Voorzitter, maar waar willen we nog heen? Zoals gezegd is het voor de SP belangrijk om de ingezette koers te blijven volgen om te komen tot langdurig en structureel beleid, toekomstbestendig en met oog voor de volgende generatie. Maar we zien wel dat we een capaciteitsprobleem hebben. De SP is van mening dat als we iets doen, dit ook goed en zorgvuldig uitgevoerd moet kunnen worden. Wat betekent dat er zeer waarschijnlijk keuzes gemaakt moeten worden bij de behandeling van de begroting. Welke keuzes wij dan willen maken, is nu nog niet te zeggen. Maar voor de SP staat wel vast dat wij niet aan investeringen binnen het sociaal domein gaan tornen. Voorzitter, voordat ik naar het afsluitende deel van onze bijdrage ga, wil ik toch nog even een actuele vraag stellen. Zoals wij gisteren in het Eindhovens Dagblad konden lezen zit Stadstuin Helmond in de problemen. De SP is van mening dat Stadstuin Helmond van grote waarde is voor onze stad en dat noodgedwongen de deuren moeten sluiten voorkomen zou moeten worden. De Stadstuin is inmiddels een crowdfunding gestart maar wij willen ook een oproep doen aan het college om het gesprek aan te gaan over de problemen en te bekijken of de gemeente ook iets kan doen.

Is het college daartoe bereid? En zo ja, kan het gesprek dan zo snel mogelijk gepland worden? Voorzitter, ik wil graag afsluiten met nog een grote wens. Onlangs heb ik kennis mogen maken met Geert, zijn relaas heeft me geraakt maar ook geïnspireerd. Ik had het eerder over werken volgens de bedoeling, een begrip dat in de organisatie geland is en leeft, maar ook een begrip dat gepaard gaat met vertrouwen in plaats van wantrouwen. De SP omarmt het streven om die Andere Overheid te kunnen zijn, een overheid die benaderbaar is, luistert en doet wat nodig is. We hebben ook steeds gezegd dat daar een cultuuromslag voor nodig is, met het besef dat er fouten gemaakt kunnen worden, maar die fouten wel erkend en rechtgezet moeten worden. En waaruit vooral lering getrokken moet worden. Alle staat of valt met bejegening en het vermogen om zich te kunnen verplaatsen in een ander. Dat vraagt om bepaalde kwaliteiten. Onze wens is dan ook dat de beschikking over de juiste vaardigheden en ervaring van groter belang is dan een diploma. Geert is bewonderenswaardig, want ondanks alles wat hem overkomen is, koestert hij geen wrok. Hij heeft niet opgegeven, maar is blijven strijden voor rechtvaardigheid. Door zijn vasthoudendheid is er nu wel naar hem geluisterd, zijn de fouten erkend en ook rechtgezet. Daardoor kan hij het nu achter zich laten en zich weer op de toekomst richten.

En hij is zelfs bereid om door zijn ervaringen te delen mee te werken aan het leerproces binnen de organisatie om de nodige cultuuromslag te kunnen maken. Een voorbeeld voor ons allen en mijn inspirator voor de motie waarmee ik mijn bijdrage wil afsluiten. En ik zou het op prijs stellen burgemeester, als u de hele motie voorleest. Dank u wel. In het kader van ook dichter bij onze bewoners, want onze inwoners hebben de hele tekst niet. De voorzitter: Ja. Vraagt u dat voor alle moties?

Mevrouw Maráczi: Ja eigenlijk wel. De voorzitter: Dit is een motie SP, Denk aan Helmonders, werven volgens de bedoeling. De gemeenteraad van Helmond in vergadering bijeen op 6 juli, constaterende dat de gemeente Helmond de relatie tussen overheid en samenleving wil verbeteren, werken volgens de bedoeling en inzet van een ervaringsdeskundigen al jaren een terugkomend thema is, het thema Andere Overheid hieraan is toegevoegd. Overwegende dat wij beseffen dat dit om een cultuuromslag vraagt, binnen de organisatie hier ook aan gewerkt wordt, een cultuuromslag niet afgedwongen kan worden door beleidsstukken, met alle goede bedoelingen er zaken toch flink mis kunnen gaan, werken volgens de bedoeling en een Andere Overheid vragen om bepaalde kwaliteiten, zoals inlevingsvermogen en ervaring, de organisatie versterkt moet worden. Roept het college op bij werving en selectie iemands kwaliteiten, persoonlijke vaardigheden en ervaring passend bij de functie leidend te laten zijn in plaats van het opleidingsniveau en diploma. Voor het bestaande personeel gerichte ondersteuning en training mogelijk te maken om de cultuuromslag te kunnen maken. En ten derde, tijdens het jaarlijks bijpraten over de organisatie met de gemeenteraad hierover te rapporteren. En gaat over tot de orde van de dag en is voldoende ondertekend en maakt onderdeel uit van de beraadslagingen. Dank u wel.

Mevrouw Spoek heeft een vraag. Mevrouw Spoek-van Dinther: Dank u wel, voorzitter. Een sympathieke motie, ik ben bewust van dat drijfveren inderdaad vaak meer doen dan opleidingsniveau. Ik heb alleen een vraag over het eerste onderdeel van het dictum, want als je het zo zwart-wit stelt dan leg je jezelf eigenlijk op dat bijvoorbeeld jong afgestudeerden eigenlijk altijd op de tweede plek komen te staan. Dus misschien dat de formulering net wat anders kan zodat we hetzelfde het doel bereiken, dat je bijvoorbeeld zegt dat bij werving en selectie iemands diploma en opleidingsniveau niet direct leidend te laten zijn ten opzichte van drijfveren, kwaliteiten, persoonlijke vaardigheden en ervaring passend bij de functie. Ik denk dat we dan hetzelfde bedoelen, maar dat dat er misschien completer in vermeld staat. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Boetzkes, hebt ook een vraag over de motie? Ja, de heer Boetzkes en daar naar mevrouw Maráczi. De heer Boetzkes: Ja voorzitter, dank u wel. Ik wil graag even goed begrijpen. Hoe dat het nu gaat met die diploma’s. Is dat dan niet meer nodig? Zijn dan mensen zonder diploma's, gaan die dat dan later halen in de functies? Of is het wel zo dat in eerste instantie wel gekeken wordt na die geschiktheid op de functie? Want dat is me niet helemaal duidelijk vanuit deze motie. Dank u wel. De voorzitter: De heer Mol. De heer Mol: Dank u wel, voorzitter.

Ik zit me af te vragen, lijkt deze motie niet ontzettend veel op onze motie open hiring? De voorzitter: Mevrouw Maráczi. Komt u maar eens even naar voren. Want ik moest hem ook helemaal voorlezen dus dan krijgt u hem weer terug mevrouw Maráczi. Mevrouw Maráczi: Ja, juist om de context te plaatsen. Deze motie is bedoeld, niet om mensen zonder diploma, of het gaat niet om het diploma maar het is wel zo, we moeten ook aan de andere kant kijken. We kijken niet alleen naar papieren of opleiding, iemand kan heel goed opgeleid zijn en één vaardigheid die heel belangrijk is, is een inlevingsvermogen, empathie en met mensen om kunnen gaan. Nou dan kun je heel hoog gestudeerd hebben en voor die functie een hbo-opleiding vragen, maar die is niet relevant. Het gaat erom wat

is voor die functie nodig om goed die functie uit te kunnen voeren. Dat geldt ook bij het klantencontactcentrum, hoe ga je met mensen om? Het gaat ook om gedrag en houding. Dus het gaat niet om het papiertje. Natuurlijk zijn er kwaliteitseisen, maar die kwaliteitseisen bestaan niet alleen uit een opleiding. Als we iemand hebben die heel hoog opgeleid is maar die niet die kwaliteit heeft om een inlevingsvermogen te hebben of mensen echt goed naast iemand kunnen gaan staan. Ja, dan kunnen wij een cultuuromslag willen tot een ons wegen, maar dan gaat het gewoon niet lukken. Dus er moet goed gekeken naar de juiste mensen op de juiste plek. En dat is niet afhankelijk van een diploma. En daar gaat het eigenlijk om. De voorzitter: En de vraag over hiring en de vraag van vrouw Spoek. Nee, u moet wel even eerst de vragen beantwoorden, open hiring en mevrouw Spoek heeft gevraagd kunt u de motie wat aanpassen. Mevrouw Maráczi: Ja als dat helpt, maar in mijn beleving is dit gewoon de essentie en daarmee wil ik niet zeggen dat mensen met een diploma niet meer kunnen solliciteren. Maar ze moeten naast dat diploma dan ook de goede kwaliteiten hebben en als iemand zonder een diploma die kwaliteit heeft, moeten we daar ook naar kijken. De voorzitter: De vraag is, kunt u even aanpassen? Nee. Mevrouw Maráczi: Ik heb goed geluisterd naar, maar ik wil wel die essentie erin houden.

De voorzitter: Volgens mij best redelijk. Maar mevrouw Spoek, kunt u hem nog heel eventjes? Mevrouw Spoek-van Dinther: Dank u wel, voorzitter. Ik kan het nu herhalen, maar misschien is beter als we straks tijdens de schorsing even kijken of dat we daar uitkomen. Nog een kleine toelichting inderdaad, want ik hoor u net heel veel soft skills noemen voor een functie in dat hele hiringproces zou het dan om bepaalde soft skills één, maar bepaalde vaardigheden op niveau is vaak twee. Zou dan bijvoorbeeld een assessment ook onderdeel uit moeten maken van het traject volgens u? De voorzitter: Ik inventariseer, want het gaat allemaal over die motie. Die open hiring heeft u ook nog niet op geantwoord. Even eerst die twee en dan kijken we. Mevrouw Maráczi: Open hiring, ja die motie ken ik maar die ging toen vooral over het bedrijfsleven en het bedrijfsleven in onze stad. En ik heb het nu echt over onze organisatie. In feite is het eigenlijk hetzelfde. De voorzitter: Ik zag de heer Manders. De heer Manders: In feite werd mijn vraag al beantwoord doordat gezegd werd de juiste persoon op de juiste plaats. Iemand die totaal geen communicatieve vaardigheden heeft, maar wel een heel hoog diploma op ICT, die kunnen wij heel goed gebruiken als gemeente. Dus ik denk dat er niet te eenzijdig gesproken moet worden.

Maar aan de andere kant denk ik dat iemand die in een verslavingszorg zit en die zelf een verslaafd is geweest een supergoede extra kracht kan zijn binnen zo'n organisatie. Dus ik denk dat daar nu al naar gekeken wordt. Ik kan me niet voorstellen dat iemand dit soort zaken niet meeneemt in een advertentie of in een werving, omdat we met een enorm tekort aan mensen zitten. In die zin zou ik de motie als overbodig zien, maar is die waarschijnlijk niet. De voorzitter: Dank u wel. De heer Boetzkes. Nee, u bent nog niet aan de beurt. De heer Boetzkes.

De heer Boetzkes: Allereerst wil ik reageren op het voorstel of de suggestie van Forum om dit achteraf met elkaar te bespreken. Volgens mij bespreken we moties hier, dus laten we vooral hier de discussie met elkaar voeren zodat wij daar allen deelgenoot van kunnen zijn en daar ook ons beeld over kunnen vormen. Daarnaast wil ik nog even duidelijk hebben, ik begrijp dus dat mensen zonder kwalificatie, dat dat het doel is van deze motie, dat mensen zonder de diploma's, het hbo is niet relevant zegt u dan, toch kunnen solliciteren en aangenomen worden op een functie. Dat zou ik graag duidelijk willen hebben. En als dat dus niet zo is, dat we dat in ieder geval wel overeind laten, dan is dat volgens mij de essentie altijd ook van een sollicitatie, dat we de beste persoon op de beste plek zoeken met de beste kwalificaties die van toepassing zijn. En dan lijkt deze motie overbodig. De voorzitter: Mevrouw Maráczi tot slot, want dan is het voldoende even. Mevrouw Maráczi: Ja, daar wil ik heel graag even op ingaan. Want overbodig is hij zeker niet. Wij kampen echt met een cultuuromslag die gemaakt moeten worden en zolang als er nog, vind ik, te veel fouten gemaakt worden, dat kan, maar dan moeten wij wel heel goed gaan kijken, hebben wij wel de juiste mensen op de juiste plek staan? We hebben dat ook binnen Senzer gehad, ik noem maar even een voorbeeld.

Daar hebben wij ook aan een cultuuromslag gewerkt achter de schermen, daar zijn mensen die werden werkleider, dat kan, maar totaal geen kwaliteit om een werkleider te zijn, totaal geen affectie met mensen, totaal geen inlevingsvermogen. En die mensen die zijn gewoon vervangen door mensen die wel die kwaliteit hebben en daardoor is er ook heel veel veranderd. De voorzitter: Volgens mij hebben wij voldoende toelichting nu op deze, de heer Rieter nog. De heer Rieter: Ik heb het niet over de motie, dus ik zit wel te wachten want we gingen meteen van de bijdrage naar de motie. Ik heb nog wel een vraag aan mevrouw Maráczi en ze had in ieder val mooie oproep richting de Stadstuin dus. Over die oproep, over de financiële situatie wil ik het niet hebben. Maar we hebben natuurlijk afgelopen dinsdag commissievergadering gehad over PFAS en dat ligt toch wel echt onder de rook van Custom Powders, de Stadstuin daar en ik hoor u daar helemaal niet over. En dat zijn natuurlijk ook best wel grote zorgen, veel onduidelijkheid en als we naar de deskundigen kijken dat er nog best wel flink wat op onze afkomt. Hoe kijkt u daarnaar? De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Maráczi. Mevrouw Maráczi: Daar kan heel kort over zijn, ik heb me daar niet in verdiept. Ik heb niet bij de commissie gezeten, daar heb ik collega's voor. En ik moet zeggen, dat loopt nog en daar ga ik me in verdiepen.

Maar op dit moment heb ik me daar nog niet mee beziggehouden, want ik ben met andere dingen bezig geweest. Dus ik kan daar geen antwoord op geven. De heer Rieter: Maar u bent natuurlijk woordvoerder van heel de SP en u stippelt wel dat onderdeel uit. Mevrouw Maráczi: Maar ik kan daar vandaag geen antwoord op geven. Maar daar komen wij nog wel op terug. De heer Rieter: Oké, helder. De voorzitter: Dan bent u gekomen aan het einde van uw termijn.

Mevrouw Maráczi: Ik wil nog één dingetje zeggen voor de duidelijkheid, als we het over die mensen zonder diploma's. Ik vind het juist belangrijk, we hebben het ook al jaren over ervaringsdeskundigen. Waar zijn de ervaringsdeskundigen in dienst? Dat is belangrijk. En of die dan een diploma hebben of niet, maar daar gaat het ook om. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we opnieuw beginnen? De heer Boetzkes. De heer Boetzkes: Ja voorzitter, we willen goed begrijpen waar die motie over gaat en we snappen ook dat ervaringsdeskundigen belangrijk zijn. Wat ik echt goed probeer te begrijpen, dat er ook functies zijn, een registeraccountant moet daar gewoon een opleiding voor hebben. Sterker nog, we gaan op een gegeven moment een situatie creëren waar deze motie dus oproept tot het aannemen van mensen die dat werk niet eens kunnen of misschien wat niet eens mogen doen. En dat wil ik van mevrouw, want een ervaringsdeskundige, supermooi voorbeeld, supergoed, daar zou ik ook heel erg naar willen zoeken maar dan moet dat wel gespecificeerd worden in deze motie. De voorzitter: Mevrouw Maráczi, u wacht even, u laat de heer Boetzkes even uitspreken, dan gaat het via mij en dan kunt u via mij reageren. Mevrouw Maráczi Mevrouw Maráczi: Ja sorry, maar dit komt echt uit mijn hart. Dus daarom ben ik zo gefrustreerd als mensen het niet snappen. Maar dat maakt niet uit.

Nee, maar deze motie beoogt gewoon naar de juiste mensen op de goede plek en ik snap dat wij heel veel kennis moeten hebben. Ik snap dat wij hoogopgeleiden moeten hebben, en daar is die functie dan ook voor, daar wordt ook naar gekeken bij die functie. Maar er zijn ook heel veel functies waar gewoon andere kwaliteiten belangrijker zijn dan hbo-opleiding. Daar gaat het om. De voorzitter: Mijnheer Manders en mevrouw Spoek en de heer Boetzkes. De heer Manders: Een korte opmerking. Een goede hr-medewerker, die zal dat toch automatisch doen? U noemt net een voorbeeld van fouten die gemaakt zijn met Senzer, ik kan me voorstellen dat iemand puur theoretisch opgeleid is en niet dat gevoel heeft, maar dat is rechtgezet, daar is iemand anders aangenomen, begreep ik. Dan is dat probleem toch al opgelost? Dus ik snap niet wat die motie anders wil dan wat een goede hr-medewerker al doet, kijken naar de mensen of die geschikt zijn voor die job. Wat helpt dan deze motie? De voorzitter: Mevrouw Spoek en dan de heer Boetzkes nog. En dan gaan we een afronden. Mevrouw Spoek. Mevrouw Spoek-van Dinther: Dank u wel, voorzitter. Ik denk een goede hr-medewerker misschien … De voorzitter: We gaan hier niet het P&O-beleid van de gemeente Helmond, dat gaan we niet doen. We gaan een intentie uitspreken.

Mevrouw Spoek-van Dinther: Ik begrijp ook wat de heer Boetzkes aangeeft over opleidingsniveau inderdaad, sommige functies daar moet je eenmaal bepaalde kennis voor hebben, anders kan het niet. De voorzitter: Dat is allemaal herhaling. Wat is uw vraag? Mevrouw Spoek-van Dinther: Ik denk dat de toevoeging ook moet zitten, en dat moeten we dus publiekelijk bespreken, in inderdaad een assessment mogelijk als aanpassing. En misschien inderdaad het dictum, kijken dat het niet direct voorstaat, maar dat het beiden meegewogen wordt.

De voorzitter: De heer Boetzkes. De heer Boetzkes: Voorzitter, ik ga er niet meer inhoudelijk op in, maar ik vind het wel erg vervelend dat er eerst niet geluisterd wordt naar bijdrages die worden geleverd op dit stuk, vervolgens mij wordt verweten dat ik het niet begrijp. En dan met uit het hart, dat dat het allemaal goed praat. We houden ons gewoon volgens mij aan de regels die we hier met elkaar hebben en gaan we gewoon de discussie voeren om te begrijpen wat er gezegd wordt. Want ik ben oprecht geïnteresseerd om te snappen wat er met deze motie bewerkstelligd moet worden. Dank u wel. De voorzitter: Prima, ik denk dat het goed is dat, de wethouder zal hier nog op reageren en dat hij nog alle gelegenheid krijgt om daar met elkaar nog even over in debat te gaan om dat de juiste intentie. En ik ben het met de heer Boetzkes eens, we hebben allemaal het recht om even goed te begrijpen en we spreken allemaal vanuit ons hart. Dank u wel. Mevrouw Maráczi: Dat was ook niet de bedoeling van mij, maar het is gewoon, ik heb volgens mij drie keer hetzelfde gezegd en dan vind ik het frustrerend als het anders uitgelegd wordt. Maar het blijkt te werken volgens de bedoeling, werven volgens de bedoeling is een ingewikkeld begrip. De voorzitter: Dank u wel, we spreken volgens de bedoeling. Dank u wel. Dan gaan we ook naar de volgende bijdrage.

De volgende bijdrage is van de heer Vervoort, CDA. De heer Vervoort, aan u. De heer Vervoort: Dank u wel, voorzitter. De meeste Helmonders zijn niet alleen trots op hun stad, maar ze zien ook vele verbeteringen die de afgelopen vijftig jaar zijn doorgevoerd. Of we nu kijken naar onze bruisende binnenstad, dus het sfeervol Haagje of de prachtige wijk als Brouwhuis in Dierdonk en de vele andere delen van Helmond, overal zien wij vooruitgang. Maar laten we ons eens verdiepen in wat echt belangrijk is voor onze Helmonder. Het eerste dat in hun gedachte komt is hun directe woonomgeving. Ze hechten waarde aan het hebben van een eigen tuintje, de zorgen ervoor dat het stoepje voor zijn deur schoon is en hoewel ze best bereid zijn om nu en dan de openbare stoep te vegen, is het toch echt een taak van de gemeente om te zorgen dat het onderhoud van het openbare groen in orde is. Dan de veiligheid. De directe woonomgeving staat hoog op het verlanglijstje van onze inwoners. Ze hebben een hekel aan overlast, ruziemakers en rommel. In hun vrije tijd willen ze graag ontspannen op een terrasje in een bruisende binnenstad of genieten van de horecagelegenheden in hun eigen wijk. Ze willen kunnen sporten in een goed uitgeruste accommodatie waar het gezellig en aangenaam vertoeven is.

Daarnaast willen onze Helmonders op een klantvriendelijke en snelle manier geholpen worden voor het gebruik van de vele diensten die de gemeente biedt, zoals het aanvragen van een paspoort, rijbewijs of een vergunning voor de aanbouw of zelfs voor een nieuwbouwhuis. Onze inwoners streven erna hun hele leven in dezelfde wijk te blijven wonen waar ze zijn geboren. Maar we realiseren ons ook dat dat voor velen niet haalbaar is. Ze willen verduurzamen en zonnepanelen op hun dak installeren, maar alleen als ze dat financieel kunnen veroorloven en als het echt iets oplevert. De voorzitter: Er is een interruptie. De heer Manders. De heer Manders: Mijnheer Vervoort, het kan een debattechniek zijn om te zeggen onze inwoners. Maar is daar wetenschappelijk onderzoek over gedaan of onze inwoners inderdaad in de wijk willen blijven wonen? Ik heb zelf een dochter en die wil absoluut niet in Helmond blijven wonen. Dus ik weet niet of zij meegenomen is in uw onderzoek, maar toch even een vraag. Op basis van welk wetenschappelijke rapporten heeft u die zin in uw betoog opgenomen?

De voorzitter: De heer Vervoort. De heer Vervoort: We hebben echt geen wetenschappelijk onderzoek gedaan onder de 96.000 inwoners, maar wij spreken heel veel Helmonders. En uw dochter is misschien een uitzondering dat ze zegt, van nou ik ben blij als ze uit Helmond vertrekt, maar de meeste mensen die wij spreken die zeggen luister hier, willen heel graag in dat Helmond blijven worden want we hebben het hier uitstekend naar onze zin. En we zien ook steeds meer Helmonders die een paar jaar elders zijn verbleven weer heel graag terugkomen op het oude nest. De voorzitter: Mijnheer Manders, er is nog hoop, toch? Mijnheer Vervoort, u vervolgt uw betoog. De heer Manders: Ze willen ook graag een bijdrage leven aan de maatschappelijke organisaties, maar structureel gezien is dat wel een uitdaging. Onze inwoners verwachten dat de gemeente hen serieus neemt en bijstaat wanneer er hulp nodig is. De gemeente moet voor iedereen een soort vangnet zijn. Als lokale politieke partijen moeten we uiterst ons best doen om de wensen van onze Helmonders zo goed mogelijk te vervullen. Natuurlijk hebben we politiek gezien verschillende ideeën en idealen, maar we moeten ons echt er van bewustzijn dat we Helmond maar één keer kunnen veranderen. Laten we de inwoners stap voor stap meenemen zodat vele plannen breed gedragen worden en we samen vooruitgang boeken.

Om de betrokkenheid van de burgers bij onze besluitvorming te vergroten dienen wij samen met andere partijen een motie in die voortborduurt op de eerder aangenomen motie van 29 november 2022 en de heer Van den Boogaard zal die later namens ons ook mede indienen. Nu wil ik graag, raad, naar de wensen voor 2024 en verder. Wij delen de mening van het college dat iedereen moet kunnen meedoen, op een fatsoenlijke manier moeten kunnen rondkomen en als het kan jaarlijks iets beter af moet zijn. Echter we zien ook, en horen ook, dat er nog veel stille armoede is. Als CDA Helmond willen wij er alles aan doen om deze mensen ook daadwerkelijk te helpen. Maatwerk is in onze ogen van groot belang, omdat het volgen van de regels niet altijd voldoende is in bepaalde situaties. Wij zien in diverse wijken mooie initiatieven ontstaan, zoals het project Aandacht voor Ouderen in de wijk Brandevoort. Hier helpen 60-plussers elkaar met kleine klusjes om zo ook de eenzaamheid tegen te gaan. Dit soort prachtige initiatieven ontstaan vanuit de inwoners zelf. Dan duurzaamheid en leefbaarheid zijn cruciale onderwerpen. Onze stad groeit al jaren en het is belangrijk dat we bouwen naar de wensen van onze Helmonders. De meeste inwoners willen graag een normale woning met een tuintje.

Er is weliswaar een kleine groep die liever in een mooi appartement in het centrum of één van andere wijken wil gaan wonen, maar in onze beleving de overgrote meerderheid wil graag in hun eigen vertrouwde wijk blijven wonen, vooral vanwege de sociale contacten die ze in de loop der jaren hebben opgebouwd. Wij maken ons echt ook grote zorgen over bouwplan BSD. Aangezien wij van mening zijn dat dit een verkeerde keuze is met ernstige financiële gevolgen. Onze inwoners willen zeker ook duurzaam wonen, maar dat moet ook betaalbaar zijn. Het is te gemakkelijk om te stellen dat iedereen van het gas af moet, meer isoleren moet toepassen en zonnepanelen op het dak moet leggen. In vele gevallen zijn mensen namelijk afhankelijk van verhuurder of ze hebben een bepaalde leeftijd bereikt waarop ze moeten kiezen tussen het plaatsen van zonnepanelen van ongeveer 5.000 euro op hun dak of het doen van andere leuke dingen met hun spaargeld. Laten we die keuze respecteren. Eén ding mag zeker zijn, als onze netbeheerder niet sneller optreedt kunnen we deze duurzaamheidsambities simpelweg niet waarmaken. Veel inwoners willen ieder geval geen zonnevelden in hun omgeving, zolang de daken van de bedrijven nog niet vol liggen met zonnepanelen. En als CDA staan wij hier honderd procent achter. Onze inwoners willen ook zelf kunnen kiezen hoe ze van A naar B gaan, te voet, met de fiets of met de auto.

Bereikbaarheid is van cruciaal belang voor zowel onze inwoners als voor onze ondernemers. Met name voor onze inwoners die minder mobiel zijn blijft

bereikbaarheid van zeer groot belang. Als de kinderen of kleinkinderen niet op de gewenste manier de woning van opa of oma kunnen bereiken zullen ze helaas minder op bezoek komen, wat de eenzaamheid vergroot. Pas wanneer het openbaar vervoer goed geregeld is zullen waarschijnlijk meer inwoners ervan gaan gebruikmaken. Maar we zijn nog lang niet zover. Zolang dit niet op orde is willen wij de bestaande infrastructuur behouden. Om een aantrekkelijke stad te zijn en te blijven moeten de algemene voorzieningen op sportief en cultureel gebied op peil zijn en blijven. Wij merken en horen dat er verschillende accommodaties zijn die dringend aandacht nodig hebben. Als CDA roepen wij dan ook het college en de raad dringend op om deze accommodaties als speerpunten te benoemen en concrete oplossingen voor te stellen. Het is belangrijk dat we dit niet voor ons doorschuiven maar tijdens de begrotingbehandeling later dit jaar met gerichte investeringsplannen komen. Laten we ook gebruikmaken van de kansen, zoals bijvoorbeeld het MMC Gezondheidscentrum in Stiphout. Het is nu het moment om hier actief op in te spelen, gezien de recente uitspraken van de rechters. Ons bestuur en de organisatie, die knellen al jaren. De ambities van onze stad zijn altijd al hoger geweest van dat we daadwerkelijk kunnen uitvoeren.

Daarom doen wij een dringend beroep om alleen plannen te maken die gedragen worden en een realistische kans hebben om uitgevoerd te worden. Het maken van plannen die niet gedragen worden, veel geld en tijd kosten en uiteindelijk in de kast belanden is gewoon zinloos. Daarnaast maken we ons zorgen over de betaalbaarheid van onze gemeente. Een stijging van 12 procent van de ozb is voor veel inwoners onbetaalbaar en een doorn in het oog. Daarom vragen wij het college kritisch naar de kosten te kijken zodat deze betaalbaar blijven voor onze inwoners. Dit was onze inbreng namens het CDA Helmond. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van den Boogaard heeft een interruptie. De heer Van den Boogaard: Dank u wel. Even op het laatste ingaan, u stelt nu al net alsof vanuit het college voorgesteld wordt om 12 procent de ozb-indexering te gaan heffen, maar dat is helemaal niet het voorstel. Dus ik weet niet waar u dat vandaan haalt. De voorzitter: De heer Vervoort, daar zegt de Voorjaarsnota nog niks over. De heer Vervoort. De heer Vervoort: Ja, er staat in dat de ozb met deze percentages verhoogd kan worden naar 12 procent. Of wij hebben het misschien verkeerd begrepen, maar dat wordt wel zo gesuggereerd en daar maken wij ons ontzettend zorgen over.

De voorzitter: Ja, de Voorjaarsnota is een vooruitblik op de begroting waarin we wel zeggen dat de mogelijkheid is dat 12, maar het is juist het debat met elkaar om richting te krijgen hoe de begroting er uiteindelijk uit gaat zien. Dus vandaar dat het percentage er wel staat, maar het is geen begroting. De heer Manders. De heer Manders: Ik weet niet of ik het goed gelezen heb, maar volgens mij staat er dat juist het college voorstelt om van die indexering af te zien en juist niet die 12 procent te pakken. En het lijkt me verstandig om dit in een Auditcomité verder te bespreken, wat zijn nou de mogelijkheden? Ik snap dat u waarschuwt maar ik dacht dat het college het ook zag, 12 procent dat is inderdaad iets wat we niet moeten willen. Maar het staat er niet. Er staat juist dat we het moeten gaan veranderen. De voorzitter: De heer Vervoort. Maar het punt van de heer Vervoort was duidelijk. De heer Vervoort: Onze oproep is heel duidelijk richting onze raad en richting college om geen 12 procent, nog substantieel lager te doen want zo krijgen we wat u ook in uw bijdrage had gegeven, een doorkoppelen van

allemaal percentages en de inflatie vliegt al omhoog. Dus wij zouden graag zien dat er geen 12 procent kan, maar ik noem maar iets, 5 procent. De voorzitter: Uw signaal is duidelijk. Dank u wel. Dus nu is het gewoon duidelijk, toch? Dank u wel. Dan dank ik de heer Vervoort voor zijn bijdrage. Dan ga ik de heer Van den Boogaard, D66, het woord geven om zijn bijdrage te starten. De heer Van den Boogaard. Na de bijdrage van de heer Van den Bogaard schorsen we de vergadering tien minuten. De heer Van den Boogaard. De heer Van den Boogaard: Dank u wel, voorzitter. Helmond is in beweging, groeit maar kent de nodige groeipijnen. Ze bruist, maar loopt tegen haar grenzen aan. Ze wil verder, maar wordt beperkt door huidige problematiek. D66 Helmond wil deze groeiende beweging faciliteren en zorgen dat de stad meekomt met de gestelde en noodzakelijke ambities. Hierbij willen we de nadruk leggen op een aantal punten. Meedoen, rondkomen en vooruitkomen, mobiliteit, cultuur, sport, onderwijs, economie, participatie en financiën. Als eerste meedoen, rondkomen en vooruitkomen. Wij onderschrijven van harte dat in deze Voorjaarsnota de focus gericht blijft op een sterke sociale basis in de stad en de gezondheid van Helmonders. Wij zien dat uitdagingen die zich op landelijk niveau voordoen zoals kansenongelijkheid een groot beroep op zorg en ondersteuning doen.

De tekorten in de zorg manifesteren zich ook in Helmond. Voor D66 is het evident dat met een vergrijzende bevolking een groter beroep moet worden gedaan op die zorg en ondersteuning, daar kunnen we niet omheen. Daarnaast zien we helaas ook dat heel wat stadsgenoten dermate grote levensgebeurtenissen kennen dat ze de weg naar de zelfredzaamheid moeilijk weten te vinden. Er is een groep die onze ondersteuning langdurig nodig zal hebben en die we ook moeten bieden. En dan onze jeugd, laten we daar fors op investeren, vooral waar het gaat om hun weerbaarheid, veerkracht en kansengelijkheid. Laten we ook vooral aandacht hebben voor de jeugdigen die het het hardst nodig hebben, die zonder hulp keuzes moeten maken waarvan de gevolgen nauwelijks terug te draaien zijn. Hierbij vragen wij specifiek aandacht voor de jongeren die vanaf hun achttiende op eigen benen moeten staan, zowel in de zorg als huisvesting. We onderstrepen het belang van de kadernota Sociaal Domein. Tegelijkertijd rijst bij ons de vraag welke ervaringen we daarin in vier jaar tijd mee hebben opgedaan. Wat heeft deze nota de hulpzoekende Helmonders gebracht? Wat werk goed en waar is verandering noodzakelijk? En draaien we binnen de beschikbare middelen en menskracht wel aan de juiste knoppen? Wij vinden het noodzakelijk dat er een goede evaluatie van de effecten van huidige de kadernota komt.

Daarnaast pleiten wij voor de ontwikkeling van integraal armoedebeleid waarbij de focus komt te liggen op onze aandachtswijken. Mobiliteit, de vaststelling van de mobiliteitsvisie is uitgesteld maar wat D66 betreft zetten we in op een realistische transitie in balans. Elektrisch vervoer gaat een enorme impact hebben op onze mobiliteit en het is nog onduidelijk hoe die ontwikkeling precies gaat verlopen. Wij pleiten er dan ook voor een robuuste ontsluiting van de wijken te realiseren naast een autoluw centrum. Dit zorgt er dan voor dat het autoluw maken van het centrum niet tot te veel problemen gaat leiden, zodat verkeer ook een andere weg gaat zoeken. Afschalen kan altijd later nog. Dit betekent ook dat eerst de fietsinfrastructuur op orde moet worden gebracht. Geen oude schoenen weggooien voordat je nieuwe hebt. Dan woningbouw, de woningbouw heeft het door externe factoren lastig, terwijl veel inwoners een woning zoeken. Daarom vragen wij hier extra aandacht voor. D66 pleit ervoor om te kijken hoe we samen bijvoorbeeld via de versnellingstafels die naar aanleiding van de woondeals regionaal worden ingericht de bouw op gang kunnen houden. Dan cultuur, sport en onderwijs, D66 is blij met het ongedaan maken van de voorgenomen bezuiniging op de huisvesting van de bibliotheek en Kunstkwartier. Voor D66 zijn sport en cultuur onbetaalbaar en niet in geld uit te drukken.

Zeker met de schaalsprong in ons achterhoofd zijn voorzieningen als sport en cultuur van zeer grote waarde, zowel sociaal als economisch. Vandaar dat er ons inziens een inhaalslag mag worden gemaakt. Vergelijk de budgetten per persoon in Helmond maar eens met Eindhoven en naar rato zou dat dus nog veel meer gelijkgetrokken mogen worden.

Verenigingen worden ook veel genoemd, niet gek want verenigingen zorgen voor sociale binding, voor verantwoordelijkheidsgevoel, voor normen en waarden en voor inzet en doorzettingsvermogen. Zeker in deze tijd zijn dat essentiële lessen. D66 denkt dat juist steun voor verenigingen op andere vlakken een besparing is. Als mensen elkaar ontmoeten, betekent dat minder eenzaamheid. Als mensen elkaar regelmatig spreken, worden problemen eerder opgemerkt voordat ze echt complex worden. Als mensen elkaar vaker zien, betekent het meer zorgen om en voor elkaar. Daarom vinden we het belangrijk dat wordt onderzocht of Helmondse muziekverenigingen meer mogelijkheden krijgen om zich te kunnen profileren en laten zien in Helmond. Ook onderwijs staat bij ons hoog op de agenda, mooi om te zien dat de verlengde schooldag draait als pilot op verschillende school. D66 ziet heil in uitbreiding van die verlengde schooldag naar de rijke schooldag met verschillende verenigingen die mee kunnen ondersteunen als win-winsituatie. Elke dag een toevoeging van muziekles, les in beweging en sport, samen sporten, er bestaat geen betere oplossing om elk kind een goede start in het leven te geven. Jong beginnen betekent meer winst op latere leeftijd en meer kansengelijkheid. Dan de arbeidsmarkt.

Het is belangrijk om te kijken hoe moderne technologie ook ingezet kan worden als hulpmiddel om mensen een beter perspectief te bieden. Wat betreft de arbeidsmarkt is de opkomst van AI de laatste jaren opmerkelijk te noemen. Bij hoofdopgave 3, economisch vitaal en aantrekkelijk lezen we dat skills gestimuleerd moeten worden. We nemen aan dat daar ook aandacht voor taalvaardigheid, voor het schrijven van goede opdrachten richting zo'n hulpmiddel mee wordt bedoeld. Dan economie, wij zijn benieuwd naar de doorontwikkeling van Foodtech Brainport omdat dit speerpunt wat achterblijft ten opzichte van het succes van Automotive Campus. Wat betreft de keuze om die laatste voorlopig in ieder geval deels in publieke handen te houden juichen wij toe. Wij zien graag tegen moet in welke vorm dit dan precies gegoten gaat worden. De visie op de bedrijventerreinen is niet alleen iets wat regionaal plaats moet vinden, wat D66 betreft gaan we de inbreidingsmogelijkheden op ons bestaande bedrijventerreinen eerst inventariseren. Het is onze indruk dat hier nog winst te behalen valt door beter te benutten en meer samenwerking tussen de bedrijven. Dan bestuur en organisatie, het beleidskader participatie, goed dat er gewerkt wordt aan verdere professionalisering van participatie binnen de gemeente.

En vooruitlopend op het nieuwe participatiebeleid willen we alvast geld reserveren voor uitvoering van een burgerberaad om zo vorm en inhoud te geven aan de landelijke pilot burgerberaad. Daarom dienen wij hiervoor een motie in samen met GroenLinks CDA VVD en Mì Hellemonders. Dan financiën, voorlopig staan we er qua financiën vrij goed voor, maar de inflatie en daarmee ook de toenemende kosten zullen ook leiden tot tegenvallers. Met het ravijnjaar in het vooruitzicht is de voorgenomen temporisering noodzakelijk. En ook vanwege de beperkte realisatiekracht is het misschien ook wel een geluk bij een ongeluk. Ook bij de bezuiniging op de jeugdzorg heeft het rijk weer een korting over de schutting gegooid die we als gemeente mogen oplossen zolang er geen flankerend beleid komt. Al met al wel reden om goed op de centen te blijven letten. Ook al staan we er nu goed voor, want het zal niet de laatste keer zijn dat we met zo’n dergelijke actie geconfronteerd worden. Dan de kaders en indexeringen, onze fractie is akkoord met het volgen van het VNG-advies om het tekort te laten zien in het ravijnjaar 2026. Ook zijn wij akkoord met het niet volledig meeverhogen van de interne subsidiebudgetten. Zorg hierbij wel voor dat er maatwerk mogelijk is en ontzie vooral de gevallen waar kleinere bedragen mee gemoeid zijn.

Dat geeft ook ruimte voor het niet verhogen van het volledige inflatiepercentage van de ozb en andere heffingen. Onze inwoners moeten immers al genoeg betalen en hebben al genoeg voor hun kiezen. Ik hoor weer een echo. De voorzitter: De heer Van Aert, zet hem eens even uit. Dank u wel. De heer Van den Boogaard: Leuk om jezelf zo terug te horen. Maar we zullen wel de vinger aan de pols moeten houden. We moeten immers als gemeente wel voldoende inkomsten blijven houden om te voorkomen dat we met bezuinigingen onze kwetsbare inwoners gaan raken of belangrijke kansen laten liggen

die onze stad vooruithelpen. Kortom, we moeten de groeiende beweging van onze stad faciliteren en zorgen dat iedereen meekomt met de gestelde en noodzakelijke ambities in een stad die in beweging is. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even of er een interruptie is. De heer Rieter en mevrouw Janssen. De heer Rieter. De heer Rieter: Dank u wel, voorzitter. Eén van de onderwerpen die de heer Van den Boogaard aanstipt, is mobiliteit en ik kan nog wel herinneren dat die een aantal jaar geleden ook de last mile-motie heeft ingediend en ik hoor eigenlijk over openbaar vervoer niks in uw bijdrage. Dus ik ben wel benieuwd hoe u daarnaar kijkt in relatie tot de komende jaren, hoe snel we dat gaan realiseren, die last mile. Of is dat een ambitie die u niet meer wilt nastreven? De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Janssen, ik collecteer eventjes, en dan kunt u. Mevrouw Janssen-Jansen: Ik had even een vraag omdat u sprak over meer muziek in de klas en over sporten en faciliteiten cultuur. Betekent dat dan dat u wilt dat de gemeente Helmond dat faciliteert? De voorzitter: De heer Van den Boogaard. De heer Van den Boogaard: Als het gaat om de last mile-oplossing, daar staan we natuurlijk nog steeds achter en dat wordt waarschijnlijk ook een onderdeel van de mobiliteitsvisie die we nog vast moeten stellen.

Het is heel belangrijk inderdaad dat alle wijken in Helmond bereikbaar zijn met het ov, dus dat daar ook busvoorzieningen voor gerealiseerd worden. Maar zoals je weet is dat een provincieaangelegenheid natuurlijk, dus daarvoor moeten we wel bij de provincie aankloppen om ook daar subsidie voor te krijgen. Dus die lobby loopt als goed is nog, maar daar zal wethouder Bonte straks nog wel op ingaan denk ik. De voorzitter: Daar gaat wethouder Bonte over. Dan de vraag van mevrouw Janssen. De heer Van den Boogaard: Meer muziek in de klas de gemeente kan dat wel faciliteren en aanjagen natuurlijk maar het is uiteindelijk aan de scholen om dat dan ook goed in te regelen. Maar als gemeente hebben we daar denk ik wel een rol in om te kijken hoe we dat kunnen faciliteren op de scholen. De voorzitter: Mevrouw Janssen. Mevrouw Janssen-Jansen: Ja, maar dat was mijn vraag niet. Faciliteren is iets anders. De burgemeester is volgens mij ambassadeur van Méér Muziek in de Klas, in Helmond een elk geval. Het gaat over rijkssubsidies en bijdragen, snap je? Dus je moet ook als school rijkssubsidie aanvragen om met dat project mee te doen. En dezelfde geldt als je een vakleerkracht hebt, dan gaat van jouw budget af als school. Dus dat is niet extern, want je krijgt maar vijftien euro per leerling van het rijk voor al deze soort dingen.

Vandaar dat mijn vraag is, wilt u daar extra geld van de gemeente Helmond in stoppen? Dat was eigenlijk concreet de vraag. De voorzitter: Volgens mij had hij daar ja op gezegd. De heer Van den Boogaard. De heer Van den Boogaard: Wat ons betreft wel, ja. Want wij vinden het belangrijk dat er muziek in de klas komt. We willen ook meer geld voor cultuur uittrekken, dus dit daar zeker een onderdeel van. Ja. De voorzitter: Dank u wel. Dan zie ik nog een vraag van de heer Manders en de heer Vervoort.

De heer Manders: Ja, u wilt meer geld voor cultuur uittrekken. Aan de kant zegt u wel, subsidiëring moeten we niet indexeren met de inflatie. Dat is toch ook een vorm van bezuiniging? Als de inflatie 10 procent is en u indexeert maar met 5 procent voor cultuur, dan bezuinigt toch ook op cultuur? Of zie ik dat fout? De voorzitter: De heer Vervoort. De heer Vervoort: Dank u wel, voorzitter. Eigenlijk in het verlengde hiervan, u wilt in bepaalde onderdelen meer investeren, dat begrijpen we. Maar waar gaat u het vandaan halen? De voorzitter: De heer Van den Boogaard. De heer Van den Boogaard: Over de indexering, het klopt dat we inderdaad als het gaat om de indexering van de subsidies, dat we daar behoudend in willen zijn. Want we kunnen wel te indexering inderdaad met die 12 procent verhogen, maar dan slaan we ergens anders misschien ook weer een gat. Het gaat natuurlijk ten koste van de financiën, dus we moeten daar wel kritisch naar kijken. Dus vandaar dat we zeggen, we kunnen dat wel verhogen maar niet met de totale indexering van 12 procent. Maar we kijken wel kritisch naar verenigingen die het moeilijk hebben en als het gaat om kleinere bedragen, dat we daar dan niet te moeilijk over doen. De voorzitter: Het was: het niet doorvoeren van indexering, is dat ook bezuinigen? Dat was de vraag.

De heer Van den Boogaard: Wat ons betreft gaan we niet bezuinigen op die verenigingen, dus wij zien het niet als een bezuiniging maar gewoon netjes letten op de kas die we hebben. De voorzitter: De heer Manders. De heer Manders: Dus u voert wel volledige indexatie in bij de verenigingen? Dat is wat u nu zegt. En bij andere instellingen dan niet? De voorzitter: De heer Van den Boogaard. De heer Van den Boogaard: Nee, dat zei ik niet. En die discussie komt ook nog terug richting de begroting, dus we hebben er nu te weinig zicht op om daar te zien wat dan precies de gevolgen zijn. Dus misschien dat het college daar dadelijk wat meer over kan zeggen. De voorzitter: De heer Manders. De heer Manders: Ja, u kunt het wel terug schuiven naar het college, maar het gaat om uw redenering. U wilt niet indexeren bij subsidiëring en volgens mij is dat precies hetzelfde, alleen op een andere manier gezegd, maar we willen graag voorspreken. Als u niet indexeert, als u de subsidies niet aanpast op de inflatie, dan gaat u bezuinigen. Dat dat kan ik niet anders vertalen. Als u dat wel anders wilt vertalen, dan moet u mij even een lesje economie geven. De voorzitter: De heer Van den Boogaard. De heer Van den Boogaard: Ik heb niet gezegd dat we niet gaan indexeren, maar we moeten daar gewoon even goed kritisch naar kijken wat de mogelijkheden daarin zijn, ook financieel.

De voorzitter: De vraag van de heer Vervoort nog.

De heer Van den Boogaard: Over de financiën, hoe we dat gaan betalen? De heer Vervoort: Ja, u gaf aan dat u op bepaalde onderwerpen meer wil investeren. Prima. Maar dan zul je op andere onderwerpen moeten bezuinigen. En ik vraag u concreet, op welk onderdeel wilt u dan gaan bezuinigen? De voorzitter: Dank u wel. De heer Van den Boogaard. De heer Van den Boogaard: Op dit moment hebben wij nog niet scherp waar we dan nu op kunnen bezuinigen, dus dat zou de keuze zijn die we nog richting de begroting moeten maken. De voorzitter: Dank u wel. Anderen? De heer Manders. De heer Manders: Ik heb uit uw betoog gehoord, mijnheer Van den Boogaard, dat u in ieder geval niet gaat bezuinigen op cultuur. Want dat was zo waardevol dat daar niet op bezuinigd werd. Of heb ik dat verkeerd gehoord? Ook verkeerd gehoord. De voorzitter: Mijnheer Van den Boogaard. De heer Van den Boogaard: Nee, dat heeft u goed gehoord, inderdaad we gaan niet bezuinigen op cultuur. De voorzitter: Dank u wel voor uw bijdrage. De heer Rieter nog. De heer Rieter: Dank u wel. Nee, mijn vraag was meer, de heer Van den Boogaard die kondigt een motie aan over burgerberaad. Gaat hij die ook indienen of wie gaat die indienen? Dat is meer de vraag. De voorzitter: De heer Van den Boogaard gaat die indienen. De heer Rieter: Dat was hij niet van plan, denk ik. Maar dank u wel.

De voorzitter: Nou, fijn om elkaar zo een beetje te helpen, toch? Dat vind ik ook prima. Er is een motie aangekondigd in het betoog van de heer Van den Boogaard en die heeft hij nu ook ingediend en die ligt bij mij. De motie kostten burgerberaad., Het dictum. Wij vragen de burgemeester en wethouders om bij het opstellen van de begroting 2024 eenmalig een realistisch bedrag te reserveren voor de uitvoering van een burgerberaad en hiervoor dekking te zoeken in de begrotingsreserve 2024, dit burgerberaad zal nog verder worden uitgewerkt met de gemeenteraad na het vaststellen van het nieuw participatiebeleid. En is breed ondertekend en daarmee is het voldoende ondertekend en maakt het ook onderdeel uit van de beraadslagingen. Dank u wel. De heer Boetzkes heeft hier een vraag over. De heer Boetzkes: Ja voorzitter, dank u wel. We hebben de motie gezien, zijn zeker niet onwelwillend, maar we hebben nog wel een vraag over hoe dit zich verhoudt tot het beleid. Nog geen twee dagen geleden spraken we over het participatiebeleid, daar is het woord de burgerberaad niet gevallen, ook niet door de fractie van D66. Kan de heer Van den Boogaard misschien aangeven hoe dat deze motie zich verhoudt tot het beleid en hoe hij dat ziet hoe dat daarin in terugkomt in relatie met deze motie. De voorzitter: De heer Van den Boogaard.

De heer Van den Boogaard: Wij zien een burgerberaad juist als toevoeging op het participatiebeleid dat we nog vast gaan stellen en daar is dit gewoon een onderdeel van. De voorzitter: De heer Boetzkes. De heer Boetzkes: Ja voorzitter, dank u wel. Een heel kort en duidelijk antwoord, maar op dit moment is het in het participatiebeleid dus nergens genoemd. Is het dan ook onderdeel van de motie om dat daar in te zetten, dat dat daarin meegenomen gaat worden? Of dat we dat in ieder geval in de volgende commissies dat ook gaan bespreken met elkaar? De voorzitter: Mevrouw Tamarinof wil hier ook op ingaan. Mevrouw Tamarinof: Ja, een burgerberaad staat al in het participatiebeleid. Het staat er wel in, zoek, maar. De voorzitter: De heer Van den Boogaard. De heer Van den Boogaard: De bedoeling is ook om gezamenlijk, dus in de partitiewerkgroep van de raad dit verder uit gaan werken. Dus we gaan het gezamenlijk doen als raad. De voorzitter: Zo voldoende? Dank u wel voor uw bijdrage. Ik schors de vergadering voor tien minuten en ik kijk, tien over drie aanvang van het vervolg van deze vergadering. Dames en heren, wilt u uw plaatsen innemen? Dames en heren, dames en heren van de gemeenteraad, college, wilt u uw plaatsen innemen? We hadden afgesproken om tien over drie weer te beginnen. Ja klopt, ja. Dames en heren, wilt u uw plaatsen innemen? Ik mis ook nog een paar wethouders.

Het is tien over drie. We gaan nu de volgende zes bijdrages krijgen. Dan ga ik weer schorsen, een schorsing van ongeveer een uur. Dan zal er een kleine versnapering zijn voor degenen die daar zin in hebben. En om zeven uur exact is de dinerpauze en alles daartussenin worden de bijdraag gedaan. Maar dan weet u even hoe de planning is. Mevrouw Spierings van Lokaal sterk aan het woord. Mevrouw Spierings. Mevrouw Spierings-Van Deursen: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, collega raadsleden, toehoorders op de publieke tribune en thuis via de livestream, met deze Voorjaarsnota zetten we de piketpalen voor de begroting 2024. Nog steeds leven we in een wereld waar veel onrust is. De oorlog in Oekraïne is helaas nog niet voorbij, het probleem met de vele asielzoekers nog niet opgelost, op de energiemarkt is iets meer rust, maar ook deze crisis is zeker nog niet voorbij. En dan zijn er nog de naweeën van de coronapandemie en zo zijn er nog veel meer zaken die onze leefomgeving aangaan. We gaan er in Helmond nog steeds vanuit dat voor iedereen rondkomen, meedoen en vooruitkomen het belangrijkste is. Maar daarvoor hebben we een gezonde en robuuste organisatie nodig. Brede welvaart is het fundament waarop we verder gaan en brede welvaart is meer dan materiële welvaart aan economische groei. Het gaat over kwaliteit van leven in al zijn facetten.

Bestaanszekerheid voor al onze inwoners, dat is een belangrijk gegeven voor Lokaal sterk. Gelukkig staat onze stad er financieel niet slecht voor en dat willen we graag zo houden. Maar er schuilt een groot gevaar in de enorme inflatie, een ontwikkeling die we als gemeente zeker niet moeten aanwakkeren. Lokaal sterk is dan ook zeer terughoudend en wil graag een incidentele aanpassing zien van de indexering op de lasten voor onze inwoners, zoals onder andere de ozb. Omdat ook onze gemeente last heeft van een tekort aan medewerkers zullen we onze ambities moeten gaan aanpassen aan de capaciteit die we hebben om ze uit te voeren. Maar we willen ook een Andere Overheid zijn, meer naast de mensen, ondernemers en organisaties gaan staan en dit moet voor de gehele organisatie gaan gelden. En het is fijn te weten dat alle ontwikkelingen gelegd worden naast de lat van inclusie en dat er ook nog eens gewerkt wordt aan een

antidiscriminatieagenda. Dit zal zeker meehelpen om iedereen te kunnen laten meedoen. We zien dat veel inwoners goed mee kunnen doen zonder ondersteuning. Echter, er zijn nog heel veel mensen in onze stad die veel tot heel veel moeite hebben om rond te komen. Er zijn diverse landelijke regelingen om deze mensen te helpen. Maar ook in onze stad Helmond hebben we daar extra op ingezet. Wij vragen het college om alle regelingen die er zijn duidelijk en laagdrempelig te communiceren zodat mensen kunnen zien waar ze moeten zijn en waar ze mogelijk gebruik van kunnen maken. Want door preventie aan de voorkant voorkom je grote problemen. Door meer te investeren in basisvaardigheden, bewegen, gezond leven en elkaar ontmoeten zullen onze inwoners zich beter voelen. En onze wijkhuizen kunnen daarbij een grote rol spelen. Dit zijn plekken waar inwoners elkaar laagdrempelig kunnen ontmoeten en waar ze kunnen deelnemen aan diverse activiteiten. De wijkontwikkelingsplannen zijn van groot belang omdat elke wijk anders is en dus andere voorzieningen nodig heeft. Het is goed te zien dat er al voor veel wijken zo'n plan is gemaakt, samen met wijkraden, instellingen, verenigingen en inwoners. Maar ook hier is menskracht van groot belang. Draagkracht bepaalt mede het succes. Op sportief gebied staat er komend jaar heel veel te gebeuren.

Uitwerkingen van het Sportakkoord dat is gesloten, er wordt een nieuw zwembad gebouwd en ook de bouw op de sport- en beleefcampus De Braak is in volle gang. Ook is er in de diverse wijk in de openbare ruimte de mogelijkheid gemaakt om te sporten en bewegen. Er zijn diverse beweegtuinen waar mensen zeer laagdrempelig gebruik van kunnen maken en er wordt ondersteuning geboden aan verenigingen die dat nodig hebben. Ook wordt er een quickscan gemaakt van de sport- en wijk -accommodaties en de resultaten zullen aangeven wat en waar moet gebeuren. Toch zien we ontwikkelingen, zoals bijvoorbeeld bij voetbalvereniging Mierlo Hout, welke zij ons recent tijdens de hooravond hebben duidelijk gemaakt, enorm achterstallig onderhoud zodat renoveren niet meer de oplossing biedt. Dan is de vraag wat zouden we kunnen betekenen voor dergelijke vraagstukken, zonder dat er een enorme precedentwerking ontstaat? Het zijn immers bijna allemaal geprivatiseerde accommodaties die tegelijkertijd een brede maatschappelijke functie vervullen. Lokaal sterk vraagt zich af of er een mogelijkheid is om te gaan kijken naar nieuwe financieringsvormen om tot aanvaardbare oplossingen te komen. En hiervoor dienen wij een motie in. We hebben begrepen dat de gemeente Helmond opnieuw energiecontracten gaat afsluiten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13027273/1