CConstaterende datHeiloo
Koppel je AI →
Document · PDF

Omgevingvisie Heiloo.pdf

Commissies t/m 31-12-2023 7 februari 2022, gemeente HeilooBij agendapunt: 20:15 - 20:45 Voorontwerp omgevingsvisie Heiloo 204019.960 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Zonnecollectoren op het dak (Baafje)

42 42

We zoeken zoveel mogelijk de combinatie met veranderingen die al gaande zijn. Dit zijn bijvoorbeeld ontwikkelingen zoals de bouw en verbouw van woningen of bedrijfsgebouwen. Duurzame opwek van energie wordt in ieder geval mogelijk gevonden op gebouwen. In het bijzonder willen we daar de grotere daken voor benutten. Ook grote parkeerplaatsen lenen zich voor overkappingen met zonnedaken. Plannen voor duurzame opwek die invloed hebben op de omgeving willen we goed begeleiden door mogelijkheden te geven voor proces- en financiële participatie. Er worden verder wijkuitvoeringsplannen (WUPs) gemaakt en uitgevoerd. In deze plannen kijken we hoe energiebesparing en duurzame warmte versneld kunnen worden. Voor de overgang naar duurzame warmte werken we op basis van de Visie Aardgasvrije Wijken. Deze visie wordt om de vijf jaar bijgewerkt. Voor duurzame mobiliteit is het belangrijk om het aansluitend vervoer van ons treinstation naar dorpen in de omgeving, naar Alkmaar en naar de kust te verbeteren. We geven veel aandacht aan de vervoersmogelijkheden op eigen kracht (met de fiets of te voet) naast vormen van schoon collectief of gedeeld vervoer. De beschikbaarheid van (elektrische) fietsen en de stallingsmogelijkheden op station Heiloo kunnen nog worden verbeterd. Heiloo is een echt fietsdorp.

Alle woonwijken inclusief het toekomstige woongebied Zandzoom zijn binnen 10 minuten vanaf het station bereikbaar op een gewone fiets. Dit imago van fietsdorp willen we nog verder versterken. Dit is verder uitgewerkt in hoofdstuk 5. We realiseren een doorfietsroute tussen Heiloo en Heerhugowaard en Heiloo en Uitgeest/ Velsen. Vanuit Heiloo kunnen forenzen zo op een comfortabele en snelle manier op de fiets naar onderwijs of werk. En andersom is ook Heiloo vanuit de omgeving comfortabel en snel te bereiken.

Beschikbaarheid fietsen stationsomgeving

43 43

Bij locatiekeuzes voor nieuwe woningbouw of publieksgerichte voorzieningen sturen we op duurzame vervoersmogelijkheden. Ten behoeve van elektrische fietsen en auto’s zorgen we voor voldoende laadpunten. Op nieuwe woonplekken experimenteren we daarnaast met deelauto’s. Klimaatadaptatie werken we volgens de trits besparen, vasthouden, bergen, aanpassen en afvoeren. Dit betekent dat we inzetten op waterbesparing. En daar waar het regenwater valt inzetten op het vasthouden en bergen van water alvorens het af te voeren. Bij de inrichting van de openbare ruimte nemen we maatregelen tegen wateroverlast, voor wateropvang en tegen hittestress. We vergroten het bewustzijn bij inwoners en ondernemers. Dit doen we opdat zij ook in hun tuin of op hun erf rekening houden met de veranderingen in het klimaat. We zetten in op maatregelen die nodig zijn i.v.m. zeespiegelstijging, bodemdaling en biodiversiteit. Dit betekent dat we voldoende ruimte maken voor water en groen en in sommige situaties een ander grondwaterbeheer toepassen. Het bodem- en watersysteem wordt meer en meer bepalend voor de mogelijkheden van gebruik.

Ruimte voor waterberging in woonwijken

Door aanplant en beheer versterken we daarnaast de biodiversiteit in groenvoorzieningen en bermen van het openbaar gebied. Daarnaast liggen er ook stevige kansen voor natuurinclusieve landbouw. Dit soort landbouw heeft een gunstig effect op de nabijgelegen natuurgebieden.

44 44

Voor circulariteit stellen we eisen bij de circulariteit van bouwmaterialen. Dit geldt voor nieuwbouw en verbouw van woningen of bedrijfspanden. We onderzoeken of de afvalstraat en kringloopwinkel aan elkaar gekoppeld kunnen worden waarbij combinaties worden gelegd met het opknappen van tweedehands goederen en hergebruik van materialen. We stimuleren kringlooplandbouw en circulair ondernemerschap in andere sectoren. Samen maken we van hergebruik de norm.

Kringloopwinkel

Op het gebied van bereikbaarheid moeten wonen, werken en voorzieningen, voor iedereen op een duurzaam veilige manier ontsloten zijn. En dat zonder onevenredige overlast of schade aan de omgeving. De gemeente werkt op dit punt veel samen met de regio. Dit gebeurt onder meer om de doorstroming op de N9 te verbeteren. Voor de ontsluiting van Heiloo blijven we inzetten op een aansluiting op de A9. Deze is nodig vanwege toekomstige woningbouw en ten behoeve van ontlasting van de Kennemerstraatweg door Heiloo en de Rijksweg door Limmen. Op het niveau van de woonbuurten werken we aan een verandering waarbij openbare ruimte meer op verblijf en veiligheid is gericht dan op de auto. In ons verkeersbeleid streven we onder meer naar een grotere rol van de fiets en goede recreatieve mogelijkheden om Heiloo en omgeving per fiets en te voet te beleven.

45 45

Visiekaart

Als vóór de omschrijving meerdere kleurvlakken zijn opgenomen betekent dit dat de omschrijving van toepassing is op meerdere gebieden.

46 46

5

Wat is onze visie op gebieden?

In hoofdstuk 4 zijn de speerpunten uitgewerkt. In dit hoofdstuk geven we aan waar deze speerpunten leiden tot gebiedsgericht keuzes. In de hierbij horende visiekaart is dit tevens in beeld gebracht. We maken onderscheid tussen het dorp, het buitengebied en de verbindingen. 5.1

Dorp

In het dorp Heiloo koesteren we de karakteristieke linten en lanen, de centra en parels met karakteristieke bebouwing, het dorpse en groene karakter. We richten ons op behoud en versterking van de gemoedelijke en groene woonkern die Heiloo is. En op behoud en versterking van het intercitystation en de stationsomgeving van Heiloo. Dit met ruimte voor ondernemen en aanpassing aan de eisen die de nieuwe tijd aan ons stelt. Wat betekent dat voor de verschillende plekken in ons dorp? De centra houden we compact. Vestiging van detailhandel en horeca is voorbehouden aan deze centra. Dit uitgezonderd winkel- en horecavestigingen die door hun schaal en aard niet in de centra passen. Denk hierbij aan een bouwmarkt of hotel. Zoals eerder aangegeven verbeteren we zowel de stationsomgeving als de omgeving van de Witte Kerk. We maken een aantrekkelijke openbare ruimte die vooral gericht is op de voetganger en de fietser. Bij nieuwbouw of verbouw vragen we extra kwaliteit van de architectuur. In de omgeving van het station zien we graag nog meer publieksgerichte functies. Het station is begin en eindpunt. Plek om te wachten, plek om af te spreken, maar voor bezoekers ook de plek waar de eerste kennismaking met Heiloo plaatsvindt. Dat vraagt om een uitnodigende omgeving waar je goede horeca en winkels vindt. Waar je informatie over de omgeving op kunt doen.

En waar je ook een plek voor een zakelijke bespreking, studie of werk kunt vinden. Combinaties met de bibliotheek zijn op dit punt goed mogelijk. De aandacht voor kwaliteit van openbare ruimte en bebouwing geldt ook voor de omgeving van de Witte Kerk. Dit oude dorpshart heeft cultuurhistorisch al behoorlijk wat te bieden. We zetten hier in op een waaier aan horecagelegenheden en winkels in combinatie met versterking van de woonfunctie. In Heiloo koesteren we het dorpse karakter. Juist op bijzondere plekken zoals bij het station kan ook gestapelde bouw plaatsvinden. We houden daarbij vast aan een maximum hoogte van circa 4 bouwlagen. Ook wordt in de architectuur altijd aandacht besteed aan de overgangen naar de omgeving waarin bebouwing in een of twee bouwlagen met een kap overheerst. Zandzoom zal het uitbreidingsgebied van Heiloo zijn. Daarnaast veranderen we het gebied Oosterzij geleidelijk van een bedrijventerrein naar een woongebied en gebied met combinaties

47 47

van wonen en werken. Inbreidingen en transformaties zijn ook op andere plekken binnen Heiloo denkbaar. Vooral om meer betaalbare kleine woningen te realiseren. De gemeente zal in samenwerking met de woningcorporatie onderzoeken of woningen in bestaande woonbuurten kunnen worden verduurzaamd en vernieuwd. Daarbij kunnen nieuwe woonconcepten ontstaan die voorzien in de toenemende vraag naar woningen voor één en twee persoonshuishoudens. Plan Oost is een gebied waar in dat geval het eerst naar kan worden gekeken omdat hier qua verduurzaming een belangrijke verbetering mogelijk is. Hoewel inbreiding in Heiloo goed mogelijk is zal dat alleen gebeuren in combinatie met behoud van waardevol groen. Het groene karakter is immers een belangrijke kwaliteit die we willen behouden. Dit in verband met de ruimtelijke kwaliteit, de kwaliteit uit het oogpunt van natuur, schone lucht, waterhuishouding en verkoeling in het geval van hitte-stress.

Het dorp Heiloo heeft kansen om op recreatief gebied meer te betekenen. Dit kan door vestiging van een hotel, door overnachtingsaanbod in B&B’s en door een eigentijds aanbod op het gebied van kamperen. Vooral de rust en retraitezoekende toerist past goed bij de kwaliteiten die Heiloo al heeft. Geschikte plekken voor dit aanbod zijn de stationsomgeving, de omgeving van De Witte Kerk, de Kennemerstraatweg en de omgeving van Onze Lieve Vrouwe ter Nood. Zoals eerder aangegeven wordt in Heiloo gezocht naar een locatie voor een circulair centrum (afvalinbreng in combinatie met repaircafe en kringloopwinkel).Denkbaar is bijvoorbeeld een goed ontsloten locatie op een van de bedrijventerreinen of aan de rand van het dorp.

48 48

5.2

Buitengebied

Het buitengebied is ons veel waard; als landbouwgebied, als natuurgebied en als uitloopgebied voor recreatie. Het open en het besloten deel van ons buitengebied hebben ieder hun eigen functies, identiteit en kansen. In het open gebied zijn landbouw, natuur en alle mengvormen daartussen in de hoofdrol. De landbouw speelt een belangrijke rol omdat landbouwbedrijven grote delen van dit gebied beheren. Ook in de toekomst zal dat in belangrijke mate zo blijven. waarbij agrarische ondernemers zoals eerder aangegeven keuzemogelijkheden hebben om zich verder in de (kringloop)landbouw te specialiseren of om combinaties te maken met andere bronnen van inkomsten. Zolang de duurzame kwaliteit van het buitengebied en de relatieve rust in dit gebied voorop staan, zijn beide ontwikkelingen mogelijk. Qua beleving is in dit deelgebied vooral de open, groene ruimte en de relatieve stilte belangrijk. Openheid is van belang vanwege het contrast met de kern, het bos en de buitenplaatsen. Maar ook voor de weidevogels. Bij ontwikkelingen op agrarische erven vinden we het belangrijk dat er landschappelijke inpassing is. Daar waar de agrarische functie verdwijnt zijn functies passend die binnen het bestaande bebouwingsoppervlak realiseerbaar zijn en geen extra druk op de omgeving opleveren. Een voorbeeld daarvan is een voormalig agrarisch erf waarop een functie wordt gerealiseerd voor beschermd wonen.

De schaal en uitstraling van een erf zijn daarbij inspiratiebron. Kansen liggen in dit gebied in de ontwikkeling van kringlooplandbouw en natuurinclusieve landbouw. Ook het versterken van het waterbergende vermogen is een kans waarbij klimaatadaptatie, biodiversiteit en recreatie samen kunnen gaan. Het netwerk van fietspaden kan worden versterkt door enkele cruciale verbindingen te maken. Dit betreft de fietsverbinding tussen de Westerweg en de Meerweg en tussen de Belieslaan en de Meerweg. Ook betreft het een fietspad aan de zuidoostkant van de gemeente naar het dorp Akersloot. Voor wat betreft de duurzame opwekking van energie is in de RES 1.0 de mogelijkheid benoemd om een windturbine te plaatsen op het bedrijventerrein Boekelermeer aan de oostgrens van de gemeente (zoekgebied wind). Dit kan eventueel in combinatie met zonne-energie. Voor duurzame opwekking van zonne-energie is in de gemeente Heiloo voor het overige één zoekgebied aangewezen voor zonne-energie. Dit is het bollengebied ten oosten van de A9. Een zoekgebied betekent dat er in een nader onderzoek wordt gekeken of er concrete mogelijkheden zijn voor duurzame opwekking van energie. Meer kleinschalige opstellingen van zonne-energie zijn denkbaar bijvoorbeeld als zonnedak boven een Park en Bike-locatie.

Hierbij zal altijd gekeken worden naar goede landschappelijke inpassing en een goed proces waarbij bewoners en ondernemers mee kunnen denken en zo mogelijk ook financieel kunnen participeren. Dit geldt ook voor de situatie waarin binnen een zoekgebied inderdaad mogelijkheden worden gevonden om duurzame opwekking van energie te realiseren.

49 49

In het besloten gebied zijn natuur, cultuurhistorie en recreatie de belangrijkste dragers. De ervaring van bos, buitenplaatsen en parken, het ontstaan van het gebied en de mogelijkheden om te ontmoeten, sporten en bewegen in de buitenlucht staan hier centraal. Meer dan de andere delen van het buitengebied is dit besloten deel gericht op behoud. Kansen in dit deel van het buitengebied zijn gericht op het optimaliseren van de biodiversiteit, het zichtbaar maken en versterken van cultuurhistorische waarde en het verbeteren van recreatieve mogelijkheden voor zover deze passen bij de natuurwaarden en cultuurhistorische waarden van het betrokken gebied.

50 50

5.3

Verbindingen

Met de ambitie om van Heiloo een echt fietsdorp te maken gaan we eerst in op de fietsverbindingen van het dorp. Heiloo is goed voor de fiets ontsloten maar met het oog op fietsforensen voor werk en studie willen we comfortabele doorfietsroutes realiseren die het dorp verbinden met Alkmaar/Heerhugowaard en Uitgeest/Velsen. Dit soort routes zijn breed, vlak en met zo min mogelijk kruispunten en stoplichten. Binnen Heiloo is de stationsomgeving de centrale plek voor fietsenstalling en -verhuur. De zelfservice accommodatie is een mooi begin maar aanbod van voldoende en verschillende soorten fietsen (waaronder elektrische fietsen) kan nog verbeterd worden. Ook de stallingsmogelijkheden kunnen aantrekkelijker en comfortabeler worden. Dit kan door bijzondere vormgeving of door op termijn een ondergrondse fietsenstalling te realiseren. Aandacht voor aangename en veilige ruimte voor de fietser in verschillende richtingen vanuit het station is nodig om de naam fietsdorp waar te maken. Recent onderzoek wijst uit dat met kleine aanpassingen een veiliger fietspad of strook kan ontstaan. Bijvoorbeeld door scherp gekante stoepbanden te vervangen door bolle of schuin oplopende banden. Voor de automobilist moet duidelijk zijn dat hij of zij in deze omgeving te gast is en de voetganger en fietser de hoofdrol innemen. Extra aandacht gaat tevens uit naar schoollocaties.

Het op de fiets komen wordt aangemoedigd door veilige paden en goede stalling en fietsparkeermogelijkheden nabij de ingangen. Ook in nieuwbouwsituaties streeft de gemeente naar woonconcepten waarbij de fiets makkelijker te pakken is dan de auto, die bij voorkeur op afstand staat. Tot slot zal het recreatienetwerk voor de fiets zoals eerder is aangegeven worden verbeterd door op enkele plekken nog een essentiële verbinding toe te voegen.

Zoals toegelicht vraagt Heiloo en de toename van het aantal woningen in Heiloo om een directe aantakking op de A9. In aanvulling op de A9/N9 zou een Park and Bike locatie een goede toevoeging zijn om recreanten te verleiden de auto te laten staan en het geplande bezoek aan de omgeving verder per fiets te doen.

51 51

6

6.1

Hoe voeren we onze visie uit?

Onze kernprincipes

In onze gemeente hanteren we 6 kernprincipes. Kernprincipes zijn manieren van werken. Werkwijzen die altijd gelden. Als we keuzes maken en als we plannen maken passen we de kernprincipes toe. Door toepassing van de kernprincipes vertalen we de intenties van de Omgevingswet naar onze gemeente en reageren we op trends en ontwikkelingen zoals de bovenmatige druk op de ruimte. 1. We geven het goede voorbeeld; wat we belangrijk vinden laten we zien in de praktijk. 2. We combineren zoveel mogelijk functies, zodat de ruimte optimaal wordt gebruikt. Ruimte is schaars en komt steeds meer onder druk te staan. Om die reden is meervoudig ruimtegebruik hard nodig. 3. We doen het samen; de gemeente met haar inwoners, instellingen, ketenpartners en ondernemers. Samen bereiken we meer dan alleen. Er spelen grote maatschappelijke thema’s zoals de energietransitie of de noodzaak om ons voor te bereiden op klimaatverandering. We werken aan bewustwording onder onze inwoners en ondernemers en we vragen onderwijsinstellingen om aan dit soort thema’s aandacht te besteden. 4. We spelen in op onze bestaande waarden zoals opgenomen in hoofdstuk 3 van deze visie. 5. We werken aan onze speerpunten zoals opgenomen in hoofdstuk 4 van deze visie. 6. We werken vanuit ja, mits; een plan is een kans om de identiteit van onze gebieden te versterken en inhoud te geven aan onze speerpunten.

Bij een initiatief onderzoeken we vanuit een positieve grondhouding of deze kans verzilverd wordt en of het initiatief kan worden uitgevoerd. 6.2

Afweging van initiatieven

Als er een verzoek bij onze gemeente binnenkomt kijken we: y

of het verzoek inspeelt of kan inspelen op de waarden zoals verwoord en verbeeld in onze waardenkaart hoofdstuk 3 van deze visie);

y

of het verzoek aansluit of kan aansluiten bij onze speerpunten zoals verwoord en verbeeld in hoofdstuk 4 en 5 van deze visie);

y

of het verzoek past of kan passen binnen geldende wet- en regelgeving.

We bekijken verzoeken vanuit alle invalshoeken die van belang zijn. Dat doen we met elkaar; een integrale gezamenlijke afweging. We gaan na of het plan uitvoerbaar is en voldoende meerwaarde heeft. Of dat het plan met een aanpassing uitvoerbaar of van meerwaarde kan worden gemaakt. Hoe beter een plan aansluit bij waarden en speerpunten, hoe groter de kans van slagen.

52 52

Het past bij onze tijd om goed te overleggen met iedereen die mogelijk hinder of overlast kan ervaren van een plan. Hoe eerder in het proces zulke gesprekken plaatsvinden hoe beter. We stimuleren het dat initiatiefnemers zelf nagaan of er bij belanghebbenden bezwaren zijn. En dat initiatiefnemers vervolgens kijken hoe eventuele bezwaren kunnen worden weggenomen. Daarbij kan het ook zijn dat meerdere initiatieven op een plek op een positieve manier met elkaar samen komen. Hoe beter het draagvlak is onderzocht, hoe meer kans dat win-winsituaties worden ontdekt. En dat problemen in of na de realisering worden voorkomen. De manier waarop de gemeente zelf met participatie omgaat, wordt nader uitgewerkt in de gemeentelijke participatienota. 6.3

Kosten bij ontwikkelingen en financiële bijdragen

Hoe gaan wij om met kosten bij ontwikkelingen en financiële bijdragen De gemeente is verplicht om kosten voor werkzaamheden of maatregelen waar initiatiefnemers voordeel van hebben bij die initiatiefnemers in rekening te brengen. Dit geldt onder de Wet ruimtelijke ordening maar ook onder de Omgevingswet die naar verwachting 1 juli 2022 in werking treedt. Als de gemeente eigenaar is van grond waarop wordt gebouwd is dat makkelijk. De gemeente berekent de gemaakte kosten door in de verkoopprijs van de kavels. Als de gemeente geen eigenaar is van de grond kan zij vooraf een overeenkomst met de eigenaar sluiten. In deze overeenkomst staat welke kosten in rekening worden gebracht. Als het niet mogelijk is om vooraf afspraken te maken moet de gemeente op een andere manier kosten verhalen. Dit kan in het omgevingsplan (de vervanger van het bestemmingsplan) of in een omgevingsvergunning. Financiële bijdrage aan ontwikkelingen van een gebied Naast het hiervoor genoemde verplicht verhalen van kosten zijn er in de Omgevingswet ook mogelijkheden om een financiële bijdrage te vragen bij ontwikkelingen in een gebied dat niet het te ontwikkelen gebied zelf is (artikel 13.22 van de Omgevingswet). Het gaat hier om bijdragen aan bijvoorbeeld de aanleg van een park of een weg, waar toekomstige gebruikers van het te ontwikkelen gebied ook voordeel van hebben.

Het vragen van een financiële bijdrage kan via een vooraf af te sluiten contract. Onder de Wet ruimtelijke ordening werd dit een bijdrage aan ruimtelijke ontwikkelingen genoemd. Het vragen van een financiële bijdrage is mogelijk als er een functionele samenhang is tussen de activiteit en het doel waarvoor een financiële bijdrage wordt gevraagd. Bijkomende voorwaarde is dat de financiële bijdrage is geregeld in een omgevingsvisie of een programma onder de Omgevingswet. De gemeente heeft de intentie om de bestaande regelingen voor het leveren van financiële bijdragen onder de Omgevingswet te continueren. In een volgende versie van deze omgevingsvisie zal dit geconcretiseerd worden voor het moment dat de Omgevingswet in werking treedt.

53 53

6.4

Hoe lang geldt de visie?

We actualiseren de omgevingsvisie elke twee jaar. Dit komt overeen met de beleidscyclus van de Regionale Energie Strategie. Het kan na twee jaar zijn dat de visie aangepast moet worden door gewijzigde inzichten op een thema of in een bepaald gebied. Daarmee wordt de omgevingsvisie geen star document. Het is aannemelijk dat de stip op de horizon en de hoofddoelen die we in deze omgevingsvisie hebben gesteld wel overeind blijven. 6.5

Doorwerking in het omgevingsplan en in programma’s

De omgevingsvisie is mede basis voor het opstellen van het gemeentelijke omgevingsplan. Dit is het juridische plan dat het bestemmingsplan vervangt en ook een aantal gemeentelijke verordeningen. Tevens worden verschillende milieuregels in dit plan opgenomen die voorheen buiten het bestemmingsplan werden vastgelegd. De Omgevingswet geeft ook de mogelijkheid om bepaalde onderdelen van de omgevingsvisie uit te werken in een programma. Dit kan voor een specifiek gebied of voor een specifiek onderwerp. In een programma kunnen bepaalde speerpunten of acties verder worden uitgewerkt. Er staat in welk doel de gemeente wil bereiken, welke stappen de gemeente gaat zetten om dat doel te bereiken en binnen welke tijd we de doelen willen halen. Programma’s worden door het College van Burgemeester en wethouders opgesteld. 6.6

Uitvoering van de speerpunten en rol van de gemeente

De toekomst maken we samen met onze inwoners, instellingen en ondernemers. De hoofddoelen en speerpunten bereiken we ook alleen met elkaar. Per hoofddoel hebben we in hoofdstuk 4 aangegeven hoe we met verschillende omschreven stappen tot uitvoering komen. En in hoofdstuk 5 is dat nog eens verder uitgediept voor verschillende gebieden. De stappen om tot uitvoering te komen worden na bespreking met de gemeenteraad opgenomen in de tabellen van bijlage 1 van deze omgevingsvisie. We geven daarbij ook de rol van de gemeente aan. Dit afhankelijk van de keuzes die de gemeenteraad hierover maakt. Juist in de tegenwoordige tijd is dat belangrijk. Voor veel zaken is samenwerking nodig. En dan is het belangrijk om te weten wie waar verantwoordelijk voor is. De rol van de gemeente varieert van een lichte rol tot het niveau van uitvoering. We onderscheiden vijf verschillende niveaus: y

aandacht voor vragen;

y

mogelijk maken (faciliteren);

y

in beweging zetten;

y

trekken;

y

uitvoeren.

Van elk van deze rollen volgt hier een voorbeeld: y

De gemeente wil het bewustzijn van inwoners en ondernemers vergroten op het gebied van klimaatadaptatie. De rol van de gemeente is dan ‘aandacht vragen voor’.

y

Voor het behoud van maatschappelijk vastgoed wil de gemeente meer mogelijkheden bieden voor verschillende vormen van gebruik. Dit valt onder ‘mogelijk maken’.

y

De gemeente nodigt marktpartijen en woningcorporaties uit om nieuwe woonconcepten te

54 54

ontwerpen en aan te bieden die helpen om het woningaanbod beter af te stemmen op de behoefte. De rol van de gemeente is dan ‘in beweging zetten’. y

De gemeente wil de biodiversiteit langs wegen, paden en waterlopen in samenwerking met het hoogheemraadschap en beheerders versterken. De gemeente doet dit in de rol van ‘trekken’.

y

De gemeente wil de openbare ruimte in de centra zo inrichten dat deze beter toegankelijk is voor iedereen. Dit is een kwestie van ‘uitvoeren’.

55 55

Bijlagen

56 56

Bijlage 1: Tabellen uitvoering speerpunten en rol van de gemeente

Toelichting op de tabellen: In de navolgende tabellen worden aan de hand van de vier hoofddoelen stappen ter uitvoering omschreven. Bij de rollen van de gemeente zijn achtergrondkleuren toegepast, zoals nader toegelicht in paragraaf 6.6: y

aandacht voor vragen

y

mogelijk maken (faciliteren)

y

in beweging zetten

y

trekken

y

uitvoeren

57 57

PM Na bespreking in de gemeenteraad worden hier tabellen opgenomen met de acties die voortkomen uit de verschillende speerpunten en de rol die de gemeente bij deze acties speelt.

58 58

Bijlage 2: Trends en ontwikkelingen

We leven in een dynamische tijd. Er verandert veel en ontwikkelingen gaan steeds sneller. Deze trends en ontwikkelingen hebben hun weerslag op het ruimtegebruik en de druk op de ruimte. Belangrijk is dat we kennis hebben en voorbereid zijn op deze trends en ontwikkelingen, zodat we met beleid tijdig kunnen bijsturen. De belangrijkste trends en ontwikkelingen voor deze omgevingsvisie zijn hier beschreven. 1. ALGEMEEN 1.1 Technologische ontwikkelingen De invloed van internet en nieuwe technologieën is groot. Zorg zal steeds meer op afstand kunnen door toepassing van domotica. De mogelijkheid om producten en diensten via internet te kopen maakt dat de detailhandel op andere manieren klanten aan zich moet binden. Pakjes worden in de toekomst misschien wel door drones bezorgd. Mogelijk zijn er meer bezorg- en afhaalpunten voor pakketjes, ook op wijkniveau, nodig. In de coronacrisis is thuiswerken de standaard geworden. De verwachting is dat na deze crisis thuiswerken en thuis studeren een rol blijft spelen. Dit zal gevolgen hebben. Omdat de gemeente Heiloo vooral een gemeente van forenzen is betekent dit dat er voor werk en studie minder wordt gereisd. 1.2 Druk op de ruimte boven- en ondergronds De druk op de ruimte in Nederland is groot. Zo ook in de gemeente Heiloo.

Er is een stevige vraag naar woningen, duurzame opwek van energie vraagt ruimte en er is ruimte nodig om voorbereid te zijn op perioden van droogte, hitte en wateroverlast. Een goede afweging van het ruimtegebruik is van essentieel belang. Ook onder de grond is de druk groot. Steeds meer kabels en leidingen worden in de bermen geplaatst, waardoor de ruimte voor bomen steeds beperkter wordt. Mede door het toenemende gebruik van elektriciteit zullen systemen verzwaard moeten worden. Ook de verbeteringen in onze digitale ontsluiting en de noodzaak om neerslag vast te houden waar het valt, vragen om extra ruimte onder de grond. Tot slot zal het gebruik van omgevingswarmte nodig kunnen zijn om al onze woningen van het gas af te krijgen. Ook warmtekoude opslag in de bodem of in water heeft invloed op het gebruik van de ondergrond. 2. DUURZAAMHEID 2.1 Klimaatverandering en noodzaak klimaatadaptatie De gemiddelde temperatuur op aarde stijgt. Er ontstaan extremere weertypen, zoals hete zomers, lange perioden van droogte en heftige neerslag. Deze weersextremen kunnen bijvoorbeeld leiden tot schade aan woningen door wateroverlast, schade aan de natuur door droogte of gezondheidsproblemen bij ouderen door hitte. Het is duidelijk dat klimaatadaptatie

59 59

vraagt om een nieuwe manier van boven- en ondergrondse ruimteverdeling. Een klimaatbestendige omgeving is slim ingericht door water te besparen, door het vast te houden en te laten infiltreren. Pas in het laatste geval voeren we het af. Er is een beperkte hoeveelheid verharding en/of waterdoorlatende verharding. Ook is er meer groen. Bij een klimaatadaptieve inrichting is het bodem- en watersysteem bepalend voor de mogelijkheden van gebruik. Bomen zijn waardevol omdat ze ervoor zorgen dat water kan infiltreren en verdampen. Verdamping en schaduw helpen ook om hittestress tegen te gaan in hete zomers. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) stelt dat vanaf iedere woning een miniparkje op loopafstand toegankelijk zou moeten zijn (op maximaal 300 meter en met minstens 0,5 ha groen). Klimaatverandering heeft ook gevolgen voor de natuurgebieden, als het warmer en droger wordt heeft dat effect op de veiligheid (brand). Dan is het noodzakelijk dat voldoende bluswater aanwezig is. Door klimaatverandering zijn er vaker clusterbuien. Blijft de bereikbaarheid gegarandeerd? En zijn gebouwen veilig tegen overstroming? Zitten de vitale functies boven waterniveau? Er is onderzoek gedaan naar deze vragen in de gemeenten Bergen, Castricum, Heiloo en Uitgeest.

De eerste resultaten hieruit laten zien dat er redelijk grote gebieden zijn met overstromingsgevaar en lokale problemen met grondwater- of hemelwateroverlast. In de gemeente Heiloo is hemelwateroverlast bij een aantal relatief grote gebieden terug te zien. De oostzijde van de gemeente naast de strandwal en een groot deel van de noordzijde van de gemeente zijn hier voorbeelden van. Naast wateroverlast en overstromingsgevaar zijn er een aantal gebieden die versteend zijn en daardoor extra risico’s opleveren voor hittestress. Dit komt met name naar voren aan de noordelijke zijde rondom de randen van de bebouwde kom van Heiloo en op één plek aan de zuidwestelijke kant van de gemeente. 2.2 Noodzaak energietransitie en daarbij horende ruimtevraag Het energieverbruik zal in de toekomst gaan dalen door energie-efficiëntere apparatuur en bedrijfsvoering. En door isolatie van woningen en utiliteitsgebouwen. Er zal een verschuiving plaatsvinden van aardgasverbruik naar elektriciteitsverbruik. Door het inzetten van alternatieve warmteopties (kleinschalige warmtenetten, elektrisch verwarmen of andere innovaties) zal het elektriciteitsverbruik in totaliteit stijgen. Het elektriciteitsnet zal daarop moeten worden aangepast.

Gezien de aandacht voor de energietransitie, worden veel technologische ontwikkelingen verwacht, zoals ontwikkelingen op het gebied van energieopslag, energie-uitwisseling, alternatieve warmtebronnen en duurzame opwekking. Het is moeilijk in te schatten op welke termijn deze technieken beschikbaar komen. Er moet ook rekening worden gehouden met veranderende wet- en regelgeving en financieringsmogelijkheden die de energietransitie moeten versnellen. De verwachting is dat gemeenten meer formele bevoegdheden krijgen in de energietransitie, zoals het aanwijzen van bestaande wijken die van het aardgas losgekoppeld worden.

60 60

Veel openbare ruimte zal moeten worden opengebroken om aardgasleidingen te vervangen, het elektriciteitsnet te verzwaren of om een kleinschalig warmtenet aan te leggen. Dit geeft extra druk op de schaarse ruimte onder de grond. De groeiende vraag naar elektriciteit heeft ook bovengronds effect. Niet alleen door zonnepanelen en mogelijke windmolens, maar er zal ook meer bovengrondse infrastructuur nodig zijn, zoals transformatorvoorzieningen. In het kader van energieopwekking wordt gekeken of de landelijke opgave van de Regionale Energiestrategie (RES) in onze regio ruimtelijk in te passen is. De RES geeft voor ons gehele land aan dat er op het land voor 2030 zeker 35 TWh aan duurzame energie opgewekt moet worden, met bestaande bewezen technieken. Dit zijn op dit moment met name zonnevelden en windmolens. Als deze technieken worden toegepast in onze gemeente zal dat invloed hebben op ons buitengebied. We verwachten daarnaast dat het aantal zonnepanelen op daken in de komende decennia flink zal groeien. Afhankelijk van de snelheid van innovaties is het mogelijk dat ook gevels van gebouwen een rol gaan spelen bij de opwekking van elektriciteit. 2.3 Eindigheid grondstoffen, noodzaak circulariteit Grondstoffen raken op, zoals fossiele brandstoffen of de edelmetalen die in onze telefoons, laptops, windmolens en zonnepanelen zitten.

In een circulaire gemeente zorgen we ervoor dat grondstoffen en materialen (lokaal) worden gescheiden, hergebruikt en niet verloren gaan. Tevens hoort bij een circulaire gemeente dat er volop word ingezet op het hergebruiken van grondstoffen zodat onze economie kan blijven draaien. Dit ondanks het feit dat primaire grondstoffen steeds schaarser worden. In een circulaire gemeente ontstaat meer lokale werkgelegenheid in de reparatie en verwerkingssector en ontstaan nieuwe businessmodellen voor lenen en delen. De komende jaren kunnen we verwachten dat de Rijksoverheid steeds meer inzet op de Circulaire Economie. Zij zal dit in samenhang met de Energietransitie oppakken. Er zullen nieuwe programma’s, verplichtingen en doelstellingen komen. We gaan naar 50 % minder gebruik van primaire grondstoffen in 2050. De ambities staan beschreven in Nederland circulair in 2050. Naast het terugdringen van het eigen afval van de gemeente kan daarbij ook gedacht worden aan het circulair inkopen van gemeenten. 2.4 Terugloop biodiversiteit Op wereldniveau en in ons land is de biodiversiteit zeer sterk afgenomen. Tweejaarlijks worden in onze provincie de resultaten van de monitoring van de biodiversiteit gepresenteerd. Uit de monitoring blijkt dat kwetsbare biodiversiteit, soorten van bijzondere leefmilieus, zeldzame soorten en soorten van landbouwgebieden nog steeds afnemen.

De sterke achteruitgang van biodiversiteit in natuurgebieden lijkt door alle gerichte maatregelen die daarvoor zijn uitgezet af te vlakken. Naar verwachting is ook de biodiversiteit in de gemeente Heiloo achteruit gegaan. Boeren spelen een onmisbare rol voor verbetering van de biodiversiteit in het buitengebied daar waar zij natuurinclusief werken. Ook binnenstedelijk groen kan bij de juiste inrichting, gebruik en beheer

61 61

een toevluchtsoord voor flora en fauna bieden. Natuur wordt hiermee in het dorp gehaald. Het draagvlak voor natuurvriendelijk beheer van stedelijk groen onder bewoners is in het algemeen toegenomen. 3. DEMOGRAFIE EN VOORZIENINGEN 3.1 Ontwikkeling van de bevolking Het aantal inwoners in de gemeente Heiloo is in de afgelopen jaren sterk gegroeid. Per 1 januari 2020 telde onze gemeente ca. 23.970 inwoners en ruim 10.750 huishoudens. Sinds 2014 is het inwonertal met ruim 6% toegenomen. Hiermee is de groei van Heiloo sterker dan de groei van Nederland (3,4%). Daarnaast is de groei ongeveer vergelijkbaar met de bevolking van de provincie Noord-Holland (+5,0%) in dezelfde periode. Een belangrijke oorzaak van deze groei is de toename van binnenlandse migratie. Per saldo vestigden zich steeds meer mensen vanuit andere gemeenten in Heiloo. In de afgelopen periode bleek Heiloo vooral aantrekkelijk voor jonge huishoudens en gezinnen. 3.2 Vergrijzing en ontgroening Vergrijzing en ontgroening zijn trends waarmee we in de gemeente nu al te maken hebben. Op dit moment is 34% van de inwoners in de gemeente tussen de 0-35 jaar, 13% tussen de 65-75 jaar en 13% is 75 jaar en ouder. Hiermee is de bevolking van Heiloo relatief oud. Ter vergelijking: in Nederland ligt het aandeel inwoners van 65-75 jaar op 11% en het aandeel 75-plussers op 8%.

Door de vergrijzing neemt het aantal ouderen in de gemeente Heiloo de komende jaren toe. In 2021 waren er ruim 6450 65-plushuishoudens (60% van het totale aantal). In 2040 zal dit aantal zijn toegenomen tot ruim 8900 65-plushuishoudens. Binnen deze groep neemt vooral het aantal 75-plussers in sterke mate toe. Lang niet alle ouderen hebben een zorgvraag, waardoor zij niet allemaal behoefte hebben aan een specifieke woonvorm. Voor een groeiende groep ouderen geldt dit echter wél. Tegelijkertijd met de vergrijzing, neemt het aantal jonge huishoudens af (ontgroening). 3.3 Verandering van de woningbehoefte Aantal woningen Er is berekend wat de provinciale prognoses voor het inwonertal betekenen voor Heiloo. Op basis hiervan neemt het aantal inwoners in de gemeente Heiloo in de periode 2021-2025 met circa 960 personen toe. In diezelfde periode zal het aantal huishoudens toenemen met 820. Door de toename van het aantal huishoudens, het inlopen van het woningtekort en de toename van frictieleegstand komt de totale woningbehoefte voor de gemeente Heiloo uit op +1050 woningen in de periode 2021 tot 2030. Daarnaast is de ambitie van de Regio Alkmaar om de woningbehoefte van de Metropoolregio Amsterdam (MRA) deels op te vangen en jaarlijks veel extra woningen hiervoor te bouwen.

In het scenario waarin de gemeente Heiloo deze woningbehoefte vanuit de MRA opvangt, zou dat betekenen dat onze gemeente nog een extra woningbehoefte van circa 2700 woningen erbij krijgt in de periode tot 2030. Hierin kunnen echter andere keuzes worden gemaakt, bijvoorbeeld in de vorm van beschikbare ontwikkellocaties in de overige regiogemeenten.

62 62

Aard van de woningen In de gemeente Heiloo staan ca. 10.935 woningen. Van deze huidige woningvoorraad bestaat 74% uit koopwoningen, 18% uit corporatiewoningen en 8% uit particuliere huurwoningen. De totale woningvoorraad bestaat voor een relatief groot deel uit hoek- en rijwoningen (34%). Hiernaast bestaat nog circa 25% van de woningvoorraad uit appartementen. Dit zijn vooral huurappartementen. Het aanbod betaalbare koopwoningen is de afgelopen jaren aanzienlijk afgenomen door een sterke toename van de prijzen van koopwoningen. In de huidige situatie bezit ruim 90% van de koopwoningen een waarde van boven de € 250.000. Het aandeel van jongeren tot de 25 in Heiloo, woont in corporatiewoningen of particuliere huurwoningen. Een groot aantal jongeren staan nog aan het begin van hun werkcarrière en kunnen daardoor nog geen koopwoning betalen. In de gemeente is er een toenemende vraag naar middenhuur (€752-€1000 per maand) aanwezig. De woningvraag van huishoudens met een middeninkomen bestaat echter voor een belangrijk deel uit koopwoningen. Het potentiële aanbod aan goedkope en betaalbare koopwoningen is ten opzichte van de grootte van de groep huishoudens met een middeninkomen klein. Deze groep huishoudens met een middeninkomen zal zich de komende jaren in omvang vergroten. Dit terwijl door stijging van de woningprijzen het goedkope aanbod de komende tijd verder zal afnemen.

De verwachting is dat dit een negatieve invloed gaat hebben op de positie van middeninkomens op de woningmarkt. Voorts is er behoefte aan extra woningen in zo goed als alle onderscheiden segmenten. Een voorbeeld hiervan is de behoefte aan kleine (levensloopgeschikte) appartementen, gericht op de groeiende groep (kleine) huishoudens. Deze vraag geldt zowel voor starters als voor ouderen. In de koopsector ligt de opgave in de toevoeging van betaalbare woningen in de prijsklasse tot € 250.000. Daarnaast neemt de vraag naar koopappartementen toe, met name in het goedkope segment. Met oog op onzekerheden binnen de woningvraag, is het raadzaam om als gemeente de komende jaren te werken met een bandbreedte voor de te verwachten woonvraag, zowel kwantitatief als kwalitatief. Bijzondere doelgroepen In het uitvoeringsplan ‘Pact Woonzorg Regio Alkmaar’ zijn op regionaal niveau afspraken gemaakt om de beschikbaarheid van betaalbare zelfstandige woningen voor kwetsbare inwoners te verhogen. Ook heeft het plan als doel de begeleiding van kwetsbare inwoners passender te laten zijn waardoor zij in staat zijn zelfstandig te wonen. Deze afspraken betekenen voor de regio Alkmaar dat er in de periode 2020 – 2022 355 extra woningen vereist zijn voor de kwetsbare doelgroepen.

In het Pact zijn geen exacte verdelingen van de extra woningen over de gemeenten Bergen, Castricum, Heiloo en Uitgeest afgesproken. Op basis van de regionale

63 63

bevolkingssamenstelling wordt er geschat dat dit aantal voor Heiloo op 20 extra woningen zal komen te liggen. De realisatie van deze 20 woningen is essentieel om de groeiende doelgroep uitstromers uit Beschermd Wonen (BW), (Maatschappelijke Opvang (MO) en Jeugdzorg te kunnen blijven bedienen. 3.4 Eenzaamheid, meer vrije tijd voor recreatie en vrijwilligerswerk Doordat de overheid langer zelfstandig thuis wonen stimuleert, wonen steeds meer kwetsbare groepen in een eigen woning en niet in een verzorgingshuis, instelling of op een instellingsterrein. Dit kan eenzaamheid veroorzaken. Ook onder jongeren is eenzaamheid een steeds groter wordend probleem. Om een maatschappij te krijgen waarin inwoners, vrijwilligers en professionals naar elkaar omkijken is een leefomgeving nodig die aanleiding geeft tot ontmoeting en verbinding. Dit vraagt meer ontmoetingsplekken, dagbestedingsvoorzieningen en verschillende activiteiten en zorg dichtbij en toegankelijk voor iedereen. 3.5 Detailhandel en voorzieningen onder druk Door toegenomen mobiliteit en de opkomst van internetaankopen staat de detailhandel op veel plaatsen onder druk. Ook andere voorzieningen hebben het door toenemende digitalisering soms moeilijk. Gezien de veranderende samenstelling van de bevolking met veel ouderen is het van belang om voorzieningen zo veel mogelijk te behouden.

3.6 Individualisering en achteruitgang verenigingsleven Vanwege de vergrijzing in Nederland zijn er steeds minder jongeren die zich aansluiten bij (sport) verenigingen. Daarbij speelt dat landelijk de deelname aan groepsporten afneemt en individuele sporten zoals hardlopen aan betekenis winnen. Het aantal vrijwilligers neemt af. De exploitatie van sportkantines en dorpshuizen wordt daarmee moeilijker. Ook zijn voorzieningen soms niet meer afgestemd op het soort activiteiten waar vraag naar is. In de gemeente Heiloo is de uitgangssituatie redelijk gunstig. 34,4% van de bevolking is aangesloten bij een sportvereniging. Dit is hoger dan het landelijke gemiddelde van 24,9%. 3.7 Langer thuis wonen De overheid stimuleert langer zelfstandig thuis wonen. Ook ouderen zelf kiezen daar vaker voor. Hierdoor verandert niet alleen de woonbehoefte van onze inwoners, maar ook de behoefte aan (het niveau van) lokale voorzieningen. Er is meer behoefte aan levensloopbestendige woningen of appartementen met op korte afstand welzijns- en medische instellingen waarop een beroep kan worden gedaan als dat nodig is. Ook is er behoefte aan dichtbij gelegen, goed toegankelijke voorzieningen en aan woonvormen waarbij mensen voor elkaar zorgen zoals mantelzorgwoningen, kangoeroewoningen of een knarrenhof.

64 64

3.8 Decentralisatie begeleid wonen Het is de wens van de gemeente en woningbouwcorporaties dat mensen die uitstromen uit instellingen verspreid gaan wonen in de gemeente. Het is moeilijk deze doelgroep te huisvesten omdat er beperkt woningen vrijkomen en er al veel druk op de woningmarkt is. 3.9 Wonen en werken Kijk je naar de werkgelegenheid in Heiloo dan valt op dat deze voor een relatief groot deel bestaat uit bedrijfsvoering vanuit huis. Veel mensen werken in de zakelijke dienstverlening vanuit hun thuissituatie in de vorm van een beroep aan huis. Als gevolg hiervan zijn er 419,5 banen per 1000 inwoners aanwezig. Hiernaast bestaat een groot deel van de bevolking uit forenzen die werkzaam zijn in bijvoorbeeld de Metropool Regio Amsterdam of in Alkmaar. 4. IDENTITEIT 4.1 Grotere behoefte aan diversiteit en lokale identiteit De identiteit van Heiloo is zichtbaar in het landschap met strandwallen en strandvlakten, met bossen en buitenplaatsen, waterlopen, wegen, met weilanden en bollenvelden. In de kern van Heiloo zijn het de oudere bebouwingslinten en het gebouwde erfgoed van bijvoorbeeld de omgeving van de Witte Kerk en het GGZ terrein, en ook de verschillen in de woonwijken waar je de geschiedenis aan afleest. De ontstaansgeschiedenis van het landschap en ingebruikname van deze plek op de strandwal door mensen maken samen het verhaal van Heiloo.

De samenleving globaliseert, maar de behoefte aan een plek waar je je goed voelt en die uniek is neemt toe. Naast de architectuur van de woning, is de identiteit (hoe ziet het eruit) van de directe leefomgeving en de openbare ruimte van grote invloed op het plezier waarmee mensen in Heiloo wonen of werken. 4.2 Druk op landschap (groene karakter en openheid) De gemeente Heiloo bestaat voor een groot deel uit bebouwd gebied. De woonbuurten zijn relatief groen. Al geruime tijd geleden zijn er keuzes gemaakt voor Zandzoom als het toekomstige gebied voor woningbouw. In het overige buitengebied is een aanzienlijk deel van de gronden natuur dat onder beheer staat van natuurbeherende instanties. Duurzame opwekking van energie kan een functie zijn die concurreert met het behoud van het groene karakter en eventueel ook met de openheid van het buitengebied. 4.3 Onderhoudslast karakteristieke (kerk)gebouwen De gemeente Heiloo heeft een aantal karakteristieke gebouwen en gebouwcomplexen. Het behoud van karakteristieke gebouwen is niet vanzelfsprekend. Het zijn meestal oude gebouwen met hoge onderhoudskosten en energielasten. Sommige eigenaren kiezen daarom voor vervanging van de karakteristieke gebouwen door nieuwbouw. Als karakteristieke gebouwen (een deel van) hun functie verliezen worden ze onvoldoende onderhouden.

Belangrijk is dat voldoende mogelijkheden worden geboden voor alternatieve of aanvullende functies die nieuwe draagkracht geven voor het behouden van dat wat karakteristiek is.

65 65

5. TOERISME/RECREATIE De toerist, maar ook de recreant uit de wijdere omgeving, is op zoek naar een andere beleving. Het vroegere ‘standaard vakantieaanbod’ voldoet niet meer. De toerist is mondiger. Daarbij wil de nieuwe consument graag kunnen kiezen. Een aantal algemene trends zijn dat mensen meer willen genieten van een aantrekkelijke omgeving. Dat er een toenemende vraag is naar kwaliteit en goede dienstverlening. Ook is er een groeiende vraag naar recreatievormen afgestemd op (actieve) senioren en een toenemende belangstelling voor routegebonden recreatie (fietsen, wandelen, skeeleren, nordic walking, varen etc.). Onder toeristen en recreanten neemt het bewustzijn van gezondheid en levensstijl toe. Daarnaast zien we ook andere trends zoals de behoefte aan ‘gezellige’ vormen van recreatie. Samen met anderen activiteiten ondernemen is daarbij wellicht belangrijker dan de activiteiten op zich. Tevens is er een trend van ‘sensationalisering’: toeristen zoeken steeds vaker naar nieuwe uitdagingen en extremen. Het gaat hierbij steeds meer om beleving, emotie en fascinatie. Feitelijk beschikken steeds meer huishoudens over een auto, caravan en/of camper. De vraag naar camperplaatsen is zeker in de Coronatijd aanmerkelijk gestegen. Deze toenemende vraag geldt ook voor de regio Alkmaar waar Heiloo onderdeel van is. Heiloo is geen uitgesproken recreatiegemeente.

Wel kent de gemeente een aantal bijzonderheden die aantrekkelijk kunnen zijn voor recreanten. Heiloo is een handig startpunt voor het verkennen van de omgeving (polders, kust en Alkmaar) vanaf het station. Daarnaast is Heiloo een bedevaartsoord. De trend om in retraite te gaan, een plek van bezinning op te zoeken, maakt Heiloo tot een interessante bestemming. Door de toeristische overdruk op Amsterdam en de kustgemeenten liggen er kansen voor Heiloo om een deel van deze vraag af te vangen. 6. MOBILITEIT 6.1 Mobiliteit blijft groeien, druk op leefbaarheid en ruimte De behoefte aan mobiliteit neemt al decennialang toe en de verwachting is dat deze groei ook in de regio Alkmaar doorzet. Dat komt onder meer door economische groei, toenemende woon-werkafstanden, bescheiden groei van het aantal inwoners in de gemeente, groei in de regio Alkmaar en een forse groei in de MRA. Ook woningbouw in de regio, meer evenementen, een toenemende recreatiedruk in de kuststrook en een vergrijzende bevolking met ouderen die langer mobiel blijven, zorgen voor meer groei. Daartegenover staat dat thuiswerken en thuisstuderen mogelijk voor een afname van de mobiliteit zorgt. 6.2 Populariteit deelmobiliteit groeit Ook kan de toenemende populariteit van “delen” zorgen dat er minder ruimte nodig is voor het parkeren van auto’s.

Deelmobiliteit en ketenmobiliteit kunnen ertoe leiden dat reizigers bewust andere manieren kiezen voor hun reis dan alleen de auto.

66 66

6.3 Technologische ontwikkelingen Technologische ontwikkelingen kunnen bijdragen aan betere benutting van bestaande infrastructuur (Mobility as a Service, MaaS). Deze ontwikkelingen kunnen een impuls geven aan het behalen van doelstellingen op het gebied van de energietransitie en aan het opvangen en faciliteren van de groeiende mobiliteit. Denk aan openbaar vervoer dat zich aanpast aan de vervoersvraag en aan elektrische en autonoom rijdende voertuigen. Dergelijke ontwikkelingen brengen echter ook tal van onzekerheden met zich mee, zoals het effect van zelfrijdende voertuigen, de laadstructuur voor elektrische auto’s en de gevolgen voor het particuliere autobezit. Meer elektrisch rijden leidt tot minder geluidhinder (dit is niet altijd veiliger) en minder emissies. Dat kan ertoe leiden dat de (milieu-)belemmeringen van het verkeer minder zwaar gaan wegen in plannen voor bijvoorbeeld woningbouw of natuurontwikkeling, maar biedt geen vermindering van het ruimtegebruik. Door de uitbreiding van het aantal elektrische auto’s, met name in parkeergarages, kunnen problemen ontstaan, omdat deze auto’s alleen in een waterbak te blussen zijn. 6.4 ‘Op fietsafstand’ door elektrische fiets ruimer Mede dankzij de e-bike is “op fietsafstand” een groter gebied geworden. Door de centrale ligging van de gemeente Heiloo is het gemakkelijk om omliggende dorpen te bezoeken.

In Heiloo is de gehele bestaande- en toekomstige kom (inclusief Zandzoom) binnen tien minuten bereikbaar op de gewone fiets. De elektrische fiets maakt het daarnaast mogelijk om het kust- en duingebied te bezoeken. Forenzen voor werk en studie kunnen door de e-bike worden verleid om niet meer met de auto naar hun werk te rijden. Ook ouderen kunnen met de e-bike langer blijven fietsen of grotere afstanden afleggen. Schaduwkant hiervan is een toename van ongevallen, waarbij ouderen betrokken zijn. Uitdaging is om de omgeving seniorproof te ontwerpen en ouderen veiliger in het verkeer te laten bewegen en de verschillen in snelheid op het fietspad veilig te laten verlopen. 7. GEZONDHEID EN VEILIGHEID 7.1 Toenemend belang van preventieve gezondheidszorg Er is een toenemende behoefte aan een gezonde leefstijl. Een ongezonde leefstijl is een belangrijke risicofactor voor chronische ziekten. De leefstijl van veel mensen kan gezonder. Dit blijkt als we de vier belangrijkste leefstijlfactoren (roken, alcohol, beweging en voeding) op een rij zetten; 10% drinkt teveel, een kwart rookt, een derde beweegt te weinig en zowat iedereen eet te weinig groente en fruit. Specifiek voor onze gemeente is met name overgewicht een veelvoorkomend lichamelijk gezondheidsprobleem. 41,8% van de volwassenen en ouderen heeft overgewicht en 13,7% van de volwassen en ouderen rookt.

Daar komt bij dat 48% van de 65-plussers lijdt aan langdurige ziekte6. De omgeving kan zorgen voor een positieve invloed op een gezonde leefstijl. De omgeving moet zo ingericht worden dat deze uitnodigend is om te verblijven, recreëren en te bewegen. Het stimuleren van een gezond voedselaanbod in school- en sportkantines heeft positieve invloeden op de leefstijl. 6

bron: waarstaatjegemeente.nl en allecijfers.nl

67 67

7.2 Noodzaak om te bewegen/sporten De behoefte van inwoners om te bewegen blijft groot. Daarnaast is er steeds meer aandacht voor gezondheid. De wijze en de tijdstippen waarop inwoners sporten en bewegen verandert. Ook binden inwoners zich minder makkelijk langdurig aan sportverenigingen. Deze ontwikkelingen zorgen er ook voor dat het aantal leden van sportverenigingen over het algemeen stagneert of afneemt. Sportverenigingen spelen daarop in door het aanbod te verbreden. Mede door de vergrijzing is inclusief sporten en bewegen steeds belangrijker. Op late leeftijd zijn mensen nog steeds vitaal en voor hen is bewegen belangrijk om gezond te blijven. Verder is er meer behoefte aan beweegtuinen waar jong en oud (samen) kunnen sporten en bewegen. 7.3 Toenemend besef van belang kwaliteit bodem, water, lucht Er is in toenemende mate aandacht voor het klimaat en een gezonde leefomgeving. Een schone bodem, schoon water en goede luchtkwaliteit is hiervoor uitgangspunt. De luchtkwaliteit in de gemeente kan de komende jaren onder druk te staan. Dit komt deels door de toename van mobiliteit, maar bijvoorbeeld ook door toename van open haarden. Dit betekent meer emissie van fijnstof en stikstofdioxide die afkomstig zijn van wegverkeer en industrie. De luchtkwaliteit van Heiloo voldoet op dit moment nog steeds aan de daarvoor gestelde normen7.

Fijnstof kan echter ook onder de grenswaarde schadelijke gevolgen voor de gezondheid hebben. Blootstelling aan luchtverontreiniging is nog steeds een substantiële oorzaak van ziekte en sterfte. 8. LANDBOUW 8.1 Verdwijnen traditionele boerenbedrijven, ontwikkeling nieuwe verdienmodellen De landbouwbedrijven in het buitengebied van Heiloo zijn vooral veehouderijen en voor een kleiner deel bedrijven in de bollenteelt. De landbouw staat voor een grote transformatieopgave. Zeker als agrarische bedrijven groter willen worden krijgen ze te maken met de stikstofproblematiek. Voor een schoon milieu is het gewenst dat minder gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt. Ook is het wenselijk dat een omslag wordt gemaakt naar kringlooplandbouw; meer duurzaam en meer gericht op biodiversiteit. Een deel van de agrarische ondernemers is al hard bezig met deze opgaven. Agrarische ondernemers zullen ruimte nodig hebben voor deze omschakeling en eventueel ook om nevenactiviteiten te ontplooien. Activiteiten die helpen om de bedrijfsvoering rendabel te krijgen en tegelijkertijd te voldoen aan maatschappelijke ontwikkelingen. Daarnaast zal er ook sprake zijn van bedrijfsbeëindiging, onder meer door opvolgingsproblemen. Waar agrarische bedrijven stoppen vindt een functieverandering plaats.

Door ontwikkelingen op en rond erven of hobbymatige activiteiten vindt een afname plaats van de agrarische identiteit. Om verpaupering van vrijkomende agrarische bebouwing te voorkomen zijn ook in de toekomst goede hergebruikmogelijkheden nodig.

7

bron: atlas van de leefomgeving

68 68

Bijlage 3: Beleid, Rijk, Provincie en regio op hoofdlijnen

DEEL 1 KADERS Omgevingswet De aankomende Omgevingswet is een landelijk geldende wet die een heleboel wetten en Algemene maatregelen van Bestuur samenneemt en vervangt. Het rijk bundelt de regelgeving voor de fysieke leefomgeving in deze wet. Haar doel is dat regelgeving eenvoudiger wordt, procedures worden verkort en dat er in samenhang wordt gekeken naar alle beleidsvelden in onze leefomgeving. Uitgangspunt is om meer ruimte te geven aan initiatief. En om in nauw contact te staan met de samenleving bij het opstellen van beleid. Met de stappen die we nemen om onze omgevingsvisie te maken, pakken we deze uitdaging op. Het rijk en de provincie stellen ook een omgevingsvisie op. Iedere overheid mag de inhoud van zijn eigen omgevingsvisie bepalen. De omgevingsvisie bindt alleen de overheid die deze visie opstelt. De uitwerking in voor iedereen geldende regels vindt op provinciaal niveau plaats in de provinciale verordening. En op gemeenteniveau in het omgevingsplan. Rijksbeleid/Provinciaal beleid Als kader voor de Omgevingsvisie Heiloo heeft het natuurbeleid en de aanwijzing van een groot deel van de gemeente als aardkundig waardevol gebied en Bijzonder Provinciaal Landschap de meeste impact. Het natuurbeleid omvat de bescherming van de Natura 2000-gebieden; gebieden die op Europees niveau belangrijk zijn.

En het omvat bescherming van natuurgebieden die op nationaal niveau van belang zijn en zijn opgenomen in het Natuur Netwerk Nederland (NNN-gebieden). De provincie heeft ook beleid voor weidevogels. Dit kan via twee routes. Er is ofwel sprake van NNN gebieden die betekenis hebben voor weidevogels. Of er zijn leefgebieden van weidevogels aangewezen in de Bijzondere provinciale landschappen. In het onderdeel kaarten van deze bijlage zijn de natuurbeschermingsvormen die in Heiloo voorkomen weergegeven. Met de regels voor weidevogelleefgebieden wil de provincie het leefgebied van bedreigde weidevogels beschermen. Van belang zijn het beheer, de afwezigheid van opgaande begroeiing en gunstige omgevingscondities, zoals een relatief hoog waterpeil. Ook de afwezigheid van bebouwing is van belang voor het succes van weidevogelpopulaties. Daarom is vastgelegd dat bouwen in de weidevogelgebieden in principe niet is toegestaan. Als dat toch noodzakelijk is, dan moet het verlies aan weidevogelgebied worden gecompenseerd. Voor het planten van bomen en struiken betekent het provinciale beleid dat we geen nieuwe houtige beplanting in weidevogelgebieden planten. Vervanging van bestaande beplantingen en beplanting aan de randen van weidevogelleefgebied kan mogelijk wel. Lagere struikbeplanting is daarbij geschikter dan bomen.

Overleg met de beheerders van het weidevogelgebied en de provincie is in deze gevallen gewenst.

69 69

In aanvulling daarop is er ook beleid voor bijzondere provinciale landschappen en aardkundig waardevolle gebieden. Als belangrijk rijks- en provinciaal kader geldt daarnaast dat bij het bouwen van woningen en andere stedelijke functies altijd eerst moet worden gekeken naar de mogelijkheden binnen bestaand stedelijk gebied voordat mogelijkheden daarbuiten worden benut. In deel 2 van deze bijlage zijn de kaarten te vinden. Als je de bescherming van NNN-gebieden en van de bijzondere provinciale landschappen over elkaar legt, blijkt dat het hele buitengebied van Heiloo een vorm van bescherming heeft. Dit met uitzondering van het gebied Zandzoom. De omgang met erfgoed en specifiek de omgang met archeologische waarden en rijksmonumenten is geregeld in de Erfgoedwet. Voor provinciale monumenten is de provinciale erfgoedverordening van kracht. De archeologische monumenten in de gemeente zijn een aantal archeologisch waardevolle percelen aan de noordzijde van de gemeente, en de omgeving van de Witte Kerk Heiloo (zie de kaart: aardkundige waarden en de daarbij horende beschrijving in het onderdeel kaarten van deze bijlage). Regionale afspraken De afspraken op regionaal niveau werken door op het niveau van de gemeenten. In deze analyse worden alleen regionale stukken aangehaald, die een kader bieden voor de omgevingsvisie.

Recreatie In de regionale visie verblijfsrecreatie Noord-Holland Noord (dec 2017) worden 7 leidende (ontwikkel) principes weergegeven voor de verblijfsrecreatie. De essentie voor uitbreiding van recreatiebedrijven of nieuwvestiging is dat gekeken wordt of een ondernemer zich met zijn bedrijf onderscheidt van andere bedrijven. Ook moet een ondernemer laten zien dat er een markt is voor zijn plannen. Voorts is de bedrijfsmatige exploitatie belangrijk. Tot slot worden ondernemers uitgedaagd om eerst te kijken of er ook bestaande slechtlopende bedrijven kunnen worden opgekocht om verbeterd te worden. Dit voordat een geheel nieuw bedrijf wordt opgericht. Voor bestaande recreatiebedrijven richt de regionale visie zich op het verbeteren van de vitaliteit, het versterken van bestaand ondernemerschap en het creëren van nieuwe waarde voor niet vitaal aanbod. In de regio Alkmaar: parel aan zee, toeristisch-recreatieve visie regio Alkmaar 2025 worden 3 doelen beschreven: 1. Gastwaarde: de Regio Alkmaar bevordert de gastvrijheid voor haar dagrecreanten en verblijfstoeristen. 2. Economische waarde: de Regio Alkmaar trekt meer verblijfstoeristen die langer verblijven, terugkeren en meer besteden en geeft hiermee een impuls aan de werkgelegenheid in de regio. 3. Omgevingswaarde: de ruimtelijke kwaliteit is de basis voor de aantrekkingskracht van het

70 70

gebied en de Regio Alkmaar bevordert de leefbaarheid door deze kwaliteit in stand te houden en zo mogelijk te versterken. Deze doelen worden bereikt door: y

Producten: kwaliteitsverbetering bestaand dagrecreatief en verblijfstoeristisch aanbod, nieuw aanbod ontwikkelen en verbinden van parels in arrangementen.

y

Promotie en marketing: verbetering van de vindbaarheid en van het bestaande aanbod en betere positionering en zichtbaarheid van de (identiteit van de) regio.

y

Samenwerking: werken aan herkenbare organisatiestructuren en regie op samenwerking en kennisontwikkeling

Dit wordt uitgewerkt in 6 speerpunten: Bijzonder overnachten, Inspirerende cultuur en verhalen, Inspirerende dagattracties, Natuurlijk sportief, Inspirerende steden en dorpen en Bewust ontspannen. Detailhandel De rijksoverheid en provincie hebben instrumenten in het leven geroepen om de verdere ontwikkeling van meters ‘voor de leegstand’ tegen te gaan. Een belangrijk instrument is de Ladder Duurzame Verstedelijking. Deze verplicht bij nieuwe ontwikkelingen aan te tonen dat er sprake is van een regionale behoefte. Het is hiervoor noodzakelijk regionaal beleid op te stellen en voorzienbaarheid te creëren. De regio Alkmaar voert al meerdere jaren regionaal beleid op de ontwikkeling van detailhandel. Afspraken zijn uitgewerkt en vastgelegd in de detailhandelvisie Regio Alkmaar 2025. In deze visie wordt een indeling gemaakt naar 3 typen winkelgebieden; recreatieve winkelgebieden (zoals’t Loo en het Stationsgebied), boodschappenwinkelgebieden (zoals het Hoekstuk) en doelgerichte winkelgebieden (die in de gemeente Heiloo niet voorkomen). Het hoofddoel van de detailhandelvisie is het versterken/concentreren van winkels binnen deze structuur/indeling. (duurzame) mobiliteit In 2019 is een gezamenlijk regionaal ontwikkelbeeld mobiliteit opgesteld voor de regio Alkmaar. Het ontwikkelbeeld is uitgewerkt in een Strategische agenda duurzame bereikbaarheid regio Alkmaar. Voor Heiloo zijn m.n.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heiloo&id=30019186-901f-4f95-a005-96f72b9ad7d9