Cityplan Heerlen_vastgesteld_1_Bijlagen bij de toelichting_Bijlage 1 Inspraak- en vooroverlegno.pdf
Tekst van het document
REACTIE 39: METROPROP – Bongerd 4 t/m 16, Geleenstraat 2 t/m 4 Het bestemmingsplan beperkt het aantal functies en veel functies tot de begane grond. Hierdoor is invulling van de panden op basis van de nieuwe bestemmingsplan-voorschriften op de verdiepingen niet mogelijk. Gevolg is een verdere verloedering van de binnenstad. Concreet voor de locatie Bongerd 4 t/m 16 en Geleenstraat 2 t/m 4 betekent het plan een beperking van de gebruiksmogelijkheden, omdat detailhandel wordt beperkt tot de begane grond en eerste verdieping terwijl ook het gehele pand in gebruik of ingericht is voor detailhandel. Er zijn geen woningen aanwezig en er mogen geen woningen meer worden toegevoegd. Inspreker vraagt om de flexibiliteit en mogelijkheden niet in te perken t.o.v. het huidige bestemmingsplan. . Reactie gemeente In paragraaf 1.1.2 van deel I van dit inspraakverslag zijn de uitgangspunten van het economisch beleid beschreven. De locaties Bongerd 4 t/m 16 en Geleenstraat 2 t/m liggen in de retail hoofdstructuur, in het gebied dat is aangewezen als concentratiegebied. Deze onderverdeling is gebaseerd op de aangewezen hoofdstructuur in de Structuurvisie Ruimtelijke economie Zuid-Limburg. Ook het beleid m.b.t. kantoren is hier beschreven, in paragraaf 1.1.3.
De grote leegstand van en een dalende behoefte aan kantoren leidt er toe dat onbenutte gebruiksmogelijkheden voor kantoren worden wegbestemd. Het beleid met betrekking tot horeca is beschreven in paragraaf 1.3. Uitgangspunt is dat horeca wordt geclusterd in verschillende horecaconcentratiegebieden om deze te versterken. Mogelijkheden voor horeca buiten deze clusters, die niet zijn benut, worden wegbestemd. Met uitzondering van daghoreca (horeca categorie 1), die wel in alle panden in de bestemming Centrum mogelijk blijft. In paragraaf 1.2 is de beschrijving van het woonbeleid terug te vinden. In het ontwerpbestemmingsplan wordt in de panden in het retail-concentratiegebied weer op alle verdiepingen detailhandel en commerciële dienstverlening mogelijk gemaakt. Hiermee wordt tegemoet gekomen aan een van de bezwaren van inspreker. De mogelijkheid voor het gebruik als kantoor is, zoals boven beschreven, niet meer mogelijk. Wonen blijft in dit pand mogelijk op de boven de begane grond gelegen verdiepingen. Het toevoegen van woningen is toegestaan als deze passen in de geldende regionale en gemeentelijke beleidsuitgangspunten. De achtergrond van deze wijze van bestemmen is terug te vinden in deel I van het inspraakverslag in paragraaf 1.2. Indien in panden nog geen woning
33
is vergund, kunnen woningen dus nog steeds worden gerealiseerd. Op deze wijze kan het pand ook gebruikt worden voor wonen. In het ontwerp bestemmingsplan Cityplan Heerlen zal de mogelijkheid worden opgenomen om af te wijken van de gebruiksmogelijkheden t.b.v. leisure-concepten. Hiervoor is een omgevingsvergunning nodig, waarbij de behoefte en de inpasbaarheid van het initiatief (goed woon- en leefklimaat) moeten worden aangetoond. In paragraaf 1.4 van deel I van de dit inspraakverslag is beschreven onder welke voorwaarden dit mogelijk is. Conclusie Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt het bestemmingsplan gewijzigd.
REACTIE 40: METROPROP – GELEENSTRAAT 48 Het bestemmingsplan beperkt het aantal functies en veel functies tot de begane grond. Hierdoor is invulling van de panden op basis van de nieuwe bestemmingsplan-voorschriften op de verdiepingen niet mogelijk. Gevolg is een verdere verloedering van de binnenstad. Concreet voor de locatie Geleenstraat 48 betekent het plan een beperking van de gebruiksmogelijkheden, omdat detailhandel en dienstverlening worden beperkt tot de begane grond. Er is een woning aanwezig en er mogen geen woningen meer worden toegevoegd. Inspreker vraagt om de flexibiliteit en mogelijkheden niet in te perken t.o.v. het huidige bestemmingsplan. Reactie gemeente In paragraaf 1.1.2 van deel I van dit inspraakverslag zijn de uitgangspunten van het economisch beleid beschreven. De panden van inspreekster liggen in de retail hoofdstructuur en zijn deels aangewezen als balansgebied en deels als concentratiegebied. Deze onderverdeling is gebaseerd op de aangewezen hoofdstructuur in de Structuurvisie Ruimtelijke economie ZuidLimburg. Ook het beleid m.b.t. kantoren is hier beschreven, in paragraaf 1.1.3. De grote leegstand van en een dalende behoefte aan kantoren leidt er toe dat onbenutte gebruiksmogelijkheden voor kantoren worden wegbestemd. Het beleid met betrekking tot horeca is beschreven in paragraaf 1.3.
Uitgangspunt is dat horeca wordt geclusterd in verschillende horecaconcentratiegebieden om deze te versterken. Mogelijkheden voor horeca buiten deze clusters, die niet zijn benut, worden wegbestemd. De panden van inspreekster liggen niet in een horecacluster. In paragraaf 1.2 is de beschrijving van het woonbeleid terug te vinden. Deze pand aan de Geleenstraat 48 ligt in het balansgebied. In het balansgebied blijft detailhandel mogelijk op de begane grond. Hierbij wordt de vigerende situatie voor detailhandel overgenomen en is er voor detailhandel geen sprake van een inperking. Zoals beschreven vervallen de mogelijkheden om deze panden te gebruik als kantoor. Het blijft wel mogelijk om de panden te gebruiken t.b.v. dienstverlening. De panden liggen niet in een horecacluster. Horeca is alleen nog mogelijk waar dit gebruik feitelijk aanwezig is. Het Cityplan Heerlen maakt het wel mogelijk om ondergeschikte daghoreca (horeca categorie 1) te vestigen in combinatie met een andere vorm van commercieel gebruik (blurring). Wonen wordt nu ook mogelijk op de begane grond en kunnen worden toegevoegd, met inachtneming van de regionale beleidsuitgangspunten voor wonen. De achtergrond van deze wijze van bestemmen is terug te vinden in deel I van het inspraakverslag in paragraaf 1.2.
In het ontwerp bestemmingsplan Cityplan Heerlen zal de mogelijkheid worden opgenomen om af te wijken van de gebruiksmogelijkheden t.b.v. leisure-concepten. Hiervoor is een omgevingsvergunning nodig, waarbij de behoefte en de inpasbaarheid van het initiatief (goed woon- en leefklimaat) moeten worden aangetoond. In paragraaf 1.4 van deel I van de dit inspraakverslag is beschreven onder welke voorwaarden dit mogelijk is. Conclusie Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt het bestemmingsplan niet gewijzigd.
34
REACTIE 41: V.D. WOUW (IN-19007716-12), namens VRC – Willemstraat 2 Het bestemmingsplan zou de vigerende rechten respecteren, maar hier blijft veel te weinig over. Volgens inspreker ligt een onjuist en onverstandige keuze ten grondslag aan het plan. De voorgestelde lijn zal het centrum van Heerlen op slot zetten. Bij de vaststelling van de Structuurvisie Heerlen 2035 heeft de raad aangegeven een veranderende rol na te streven, naar een faciliterende overheid. Het voorontwerp betekent echter een stap terug in de tijd. Er is niet eerst open discussie gevoerd en het is geen bottomup-denken. De enige gebruiksmogelijkheid voor inspreekster is nog onderwijs, waardoor het onmogelijk is een impuls te geven aan het centrum; de gemeente weet dat inspreekster andere plannen heeft met het pand. Inspreekster vraagt zich af hoe het mogelijk dat BAG-registratie wordt gebruikt voor de inventarisatie van de woningaantallen. De regulering van de functie wonen betekent een forse aantasting van bestaande rechten. Reactie gemeente Bij de karakterisering van het Cityplan Heerlen als beheerplan is duidelijk aangegeven dat de vigerende rechten alleen kunnen worden overgenomen als deze passen in geldende wet- en regelgeving en beleid. De beleidsuitgangspunten zijn kort weergegeven in deel I van dit inspraakverslag.
Hierbij is ook beschreven waarom het economisch en woonbeleid op locaties kan leiden tot een vermindering van de gebruiksmogelijkheden. In het kort: er is onvoldoende programma om alle bestaande vastgoed te vullen. De zeer ruime en flexibele gebruiksmogelijkheden, die al minstens 25 jaar gelden voor de binnenstad, hebben er niet toe geleid dat de leegstand in de stad afneemt of verdwijnt. Daarom worden keuzes gemaakt om bepaalde gebieden, zoals het kernwinkelgebied of de horecaconcentratiegebieden, te versterken. Met als doel een levendig en aantrekkelijk centrum van Heerlen en Parkstad. Dit betekent niet dat de gemeente zich niet faciliterend opstelt. Aan uitvoerbare initiatieven die bijdragen aan het versterken van het centrum zal medewerking worden verleend. Bestemmingsplanregeling Willemstraat 2 Inspreker merkt op dat de gebruiksmogelijkheden op het perceel aan de Willemstraat 2 beperkt zijn tot onderwijs, door de functieaanduidingen. In het ontwerpbestemmingsplan is de regeling in overeenstemming gebracht met de regeling van het bestemmingsplan City – Oost en de vergunde situatie. Dit met inachtneming van de geldende beleidsuitgangspunten en de feitelijk aanwezige functies. Bij de inventarisatie in maart is gebleken dat een restaurant in het pand is gevestigd. Dit horecabedrijf is positief bestemd in het ontwerp bestemmingsplan.
Het pand Willemstraat 2 kan hierdoor worden gebruikt voor commerciële, maatschappelijke en publieke dienstverlening en deels voor horeca, onderwijs en maatschappelijke voorzieningen. In het ontwerp bestemmingsplan Cityplan Heerlen is daarnaast de mogelijkheid opgenomen om af te wijken van de gebruiksmogelijkheden t.b.v. leisure-concepten. Hiervoor is een omgevingsvergunning nodig, waarbij de behoefte en de inpasbaarheid van het initiatief (goed woon- en leefklimaat) moeten worden aangetoond. In paragraaf 1.4 van deel I van de dit inspraakverslag is beschreven onder welke voorwaarden dit mogelijk is. Woningaantallen De BAG-registratie voor wonen is gebaseerd op (omgevings-)vergunningen, die verleend zijn voor de realisatie van woningen. Dit in tegenstelling tot de WOZ-registratie, waarbij wordt uitgegaan van het feitelijk gebruik. Omdat een (omgevings-)vergunning wordt pas verleend na een planologische en Wabo-technische toets betreft het legale woningen. Het totaal aantal woningen in het plangebied is aldus bepaald op grond van vergunde woningen. In het ontwerp bestemmingsplan is de systematiek van de juridische regeling enigszins aangepast. Enkel de bestaande en onherroepelijk vergunde woningen zijn rechtstreeks toegestaan. In de bestemmingen die wonen toestaan, kunnen extra woningen middels een binnenplanse afwijkingsmogelijkheid worden toegevoegd.
Mits deze passen de regionale beleidsafspraken voor wonen, die gelden op het moment dat woningen worden toegevoegd. De lijst met de bestaande en vergunde woningen wordt wel nog toegevoegd als bijlage bij de toelichting, om te fungeren als ijkmoment.
35
Conclusie Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt het bestemmingsplan gewijzigd.
REACTIE 42: V.D. WOUW (IN-1907717-12) namens VBC - Akerstraat 9,11 t/m 11b, 13, 15 t/m 15c, Bongerd 20-40, 24a en 26a, Pancratiusstraat 47 - 53, Pancratiusplein 37, 39, 40, 42, Geerstreet 42 t/m 48, Uilestraat 5 en 5a Daar waar gesteld wordt dat de vigerende rechten bestaan deze veelal niet meer dan de feitelijke aanwezige (bestaande) situatie, waardoor uiteindelijk weinig overblijft. Bestaande rechten zien ook op de planologische mogelijkheden. De voorgestelde lijn is veelal gebaseerd op inmiddels achterhaalde beleidsuitgangspunten en zet het centrum van Heerlen op slot. Het bestemmingsplan bevriest, het bestemd weg en kent een lage flexibiliteitsgraad. Initiatieven van ondernemers, marktpartijen en inwoners worden niet mogelijk gemaakt. Het zou beter zijn om eerst te inventariseren welke wensen er leven en welke mogelijkheden en kansen door betrokkenen worden gezien. De bestemmingen die zijn toegekend aan de gronden van inspreker (gemengd en kantoor) betekenen een aantasting van de bestaande gebruiksmogelijkheden. Detailhandel en kantoren moeten verdwijnen en woningen mogen niet worden toegevoegd. Dit draagt niet bij aan de couleur locale. Het bestemmingsplan kent nagenoeg geen flexibiliteitsbepalingen en getuigd niet van visie. Wat betreft wonen is de wijze waarop het bestaande aantal woningen is bepaald onaanvaardbaar.
In andere procedures wordt gesteld dat geen vertrouwen kan worden ontleent aan de functietoekenning in de BAG. De regulering van de functie wonen betekent daarnaast een forse aantasting van bestaande rechten, waardoor het versterken van het centrum wordt gefrustreerd. Reactie gemeente Bij de karakterisering van het Cityplan Heerlen als beheerplan is duidelijk aangegeven dat de vigerende rechten alleen kunnen worden overgenomen als deze passen in geldende wet- en regelgeving en beleid. De beleidsuitgangspunten zijn kort weergegeven in deel I van dit inspraakverslag. Hierbij is ook beschreven waarom het economisch en woonbeleid op locaties kan leiden tot een vermindering van de gebruiksmogelijkheden. In het kort: er is onvoldoende programma om alle bestaande vastgoed te vullen. De zeer ruime en flexibele gebruiksmogelijkheden, die al minstens 25 jaar gelden voor de binnenstad, hebben er niet toe geleid dat de leegstand in de stad afneemt of verdwijnt. Daarom worden keuzes gemaakt om bepaalde gebieden, zoals het kernwinkelgebied of de horecaconcentratiegebieden, te versterken. Met als doel een levendig en aantrekkelijk centrum van Heerlen en Parkstad. Dit betekent niet dat de gemeente zich niet faciliterend opstelt. Aan uitvoerbare initiatieven die bijdragen aan het versterken van het centrum zal medewerking worden verleend.
De inspraak reactie heeft betrekking op de locaties Akerstraat 9, 11 t/m 11b, 13, 15 t/m 15c, Bongerd 20-40, 24a en 26a, Pancratiusstraat 47 - 53, Pancratiusplein 37, 39, 40, 42, Geerstreet 42 t/m 48, Uilestraat 5 en 5a. In het Cityplan Heerlen zijn deze panden allemaal bestemd als Gemengd. De panden aan de Akerstraat maken als balansgebied deel uit van de retail-hoofdstructuur. Dit betekent dat in deze panden de mogelijkheid blijft bestaan om hier op de begane grond detailhandel te vestigen. In deze panden is ook daghoreca (horeca categorie 1) mogelijk in de vorm van blurring, dus in ondergeschikte vorm in een winkel of een dienstverlener. De andere panden liggen buiten de hoofdstructuur en worden aangemerkt als transitiegebied. Hier verdwijnt inderdaad de mogelijkheid om een winkel te vestigen. Ook de mogelijkheid om een kantoor in de panden van inspreker te vestigen verdwijnt. Naast deze beperking biedt het bestemmingsplan ook enkele nieuwe gebruiksmogelijkheden. In het ontwerp bestemmingsplan Cityplan Heerlen zal de mogelijkheid worden opgenomen om af te wijken van de gebruiksmogelijkheden t.b.v. leisure-concepten. Hiervoor is een omgevingsvergunning nodig, waarbij de behoefte en de inpasbaarheid van het initiatief (goed
36
woon- en leefklimaat) moeten worden aangetoond. In paragraaf 1.4 van deel I van de dit inspraakverslag is beschreven onder welke voorwaarden dit mogelijk is. Daarnaast wordt het in de bestemming Gemengd nu ook mogelijk op de begane grond te gebruiken voor wonen. Het aantal woningen wordt in eerste instantie beperkt tot de bestaande en de onherroepelijk vergunde woningen. Extra woningen kunnen worden toegevoegd, mits deze passen de regionale beleidsafspraken voor wonen, die gelden op het moment dat woningen worden toegevoegd. De BAG-registratie voor wonen is gebaseerd op (omgevings-)vergunningen, die verleend zijn voor de realisatie van woningen. Dit in tegenstelling tot de WOZ-registratie, waarbij wordt uitgegaan van het feitelijk gebruik. Omdat een (omgevings-)vergunning wordt pas verleend na een planologische en Wabo-technische toets betreft het legale woningen. Het totaal aantal woningen in het plangebied is aldus bepaald op grond van vergunde woningen. Conclusie Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt het bestemmingsplan niet gewijzigd.
REACTIE 43: KUBLO ADVIES BV (IN-19007719-12), namens Berden, Metroprop, Wonen Zuid, Weller Sectie 5, VBC bv Het Bidboek wordt doorinsprekers ontvangen als een goede start voor de transformatie naar een beter functionerende binnenstad. De samenwerking tussen gemeente en partijen als eigenaren, beleggers en ontwikkelaars is hiervoor de enige juiste weg. Echter in het Cityplan Heerlen worden mogelijke functies op basis van het huidige bestemmingsplan weg bestemd, dan wel beperkt. Feitelijk betekent dit dat voor een groot aantal plekken de verdiepingen geen invulling meer krijgen. Ook de functie wonen is op vele plekken onmogelijk geworden. Dit rechtvaardigt de angst dat de binnenstad verder aan kwaliteit zal verliezen. Het bestemmingsplan is een doodsteek voor de stad. Het zou beter zijn om in te zetten op flexibiliteit met bestemmingen moeten minstens zo ruim zijn als de vigerende plannen. Verzocht wordt ook om het overleg met de onroerend goed eigenaren weer op te pakken. Reactie gemeente In het eerste deel van dit inspraakverslag zijn de beleidsuitgangspunten opgenomen voor de gebruiksmogelijkheden die mogelijk zijn in het Cityplan Heerlen. Het beleid heeft een inperking van de gebruiksmogelijkheden tot gevolg. Dit is niet zonder reden.
Deze beleidsuitgangspunten zijn ingegeven door het feit dat in Heerlen en de regio niet onvoldoende programma is om alle bestaande vastgoed te vullen. De zeer ruime en flexibele gebruiksmogelijkheden, die al minstens 25 jaar gelden voor de binnenstad, hebben er niet toe geleid dat de leegstand in de stad afneemt of verdwijnt. De panden in het kernwinkelgebied en de omringende straten konden worden gebruikt als winkel, kantoor, horeca, dienstverlening en wonen. Of een combinatie van deze functies. Onderstaand wordt nog even kort ingezoomd op de gebruiksmogelijkheden Voor winkels is gebleken uit CBS-cijfers (december 219) dat het aantal winkelvestigingen in Zuid-Limburg de afgelopen 10 jaar is gedaald met bijna 20%. Hier blijkt ook uit dat het nodig is om in te zetten op een compacter winkelgebied en zo te zorgen voor een aantrekkelijk en levendig centrum. In de Structuurvisie Ruimtelijke Economie Zuid-Limburg is daarom een hoofdstructuur aangewezen, waar kwalitatieve en kwantitatieve versterking van de retailfunctie aan de orde is. Retailvestigingen buiten deze hoofdstructuur zijn niet meer wenselijk. Het Cityplan Heerlen is één van de instrumenten om hier aan bij te dragen. Naar aanleiding van de inspraakreacties is besloten om voor het concentratiegebied de nu geldende mogelijkheden voor detailhandel over te nemen.
Voor de meeste panden in het concentratiegebied betekent dit dat detailhandel mogelijk blijft op alle verdiepingen. In het balansgebied waren de mogelijkheden voor detailhandel al in overeenstemming met het nu nog geldende bestemmingsplan. Dienstverlening blijft gehandhaafd conform de geldende bestemmingsplanregeling. Dit is niet het geval voor kantoren. Zoals beschreven in paragraf 1.1.3 van deel I van dit inspraakverslag zijn er in de toekomst om diverse redenen steeds minder kantoren nodig. Omdat er geen
37
nieuwe kantoren meer bij hoeven te komen, zijn in het Cityplan Heerlen enkel de benutte kantoormogelijkheden positief bestemd. Om de horeca in het centrum van Heerlen te versterken wordt ingezet op clustering in horecaconcentratiegebieden, met ieder een eigen DNA. Daarnaast blijft in het kernwinkelgebied daghoreca, in horecacategorie 1, mogelijk. In het balansgebied is ondergeschikte horeca mogelijk in een winkel of bij een dienstverlener (blurring). Voor het overige worden alleen bestaande horecapanden positief bestemd en alle onbenutte gebruiksmogelijkheden voor horeca wegbestemd. Het beleid gaat ook uit van het versterken van de woonfunctie in het centrum van Heerlen. Vandaar dat wonen in de zone direct rondom het kernwinkelgebied nu ook mogelijk wordt op de begane grond. Ook elders in het centrum kan de woonfunctie worden versterkt door het toevoegen van kwalitatief goede woningen. Dat moet wel gepaard gaan met verdunning elders in de stad. Dit, omdat nieuwe woningen worden gevuld door mensen, die elders in de stad een woning achterlaten. Dit verklaart de wijze van het bestemmen van het gebruik voor wonen. Woningen toevoegen mag middels een binnenplanse afwijkingsmogelijkheid, mits deze passen in de regionale afspraken voor wonen, die gelden op het moment dat woningen worden toegevoegd.
In het ontwerp van het Cityplan Heerlen is een gebruiksmogelijkheid toegevoegd voor leisure, onder de voorwaarde dat sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Dit is beschreven in paragraaf 1.4 van het eerste deel van dit inspraakverslag. Het ontwerp van het Cityplan Heerlen biedt op deze manier de maximale invullingsmogelijkheden, binnen de geldende beleidskaders. Conclusie Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt het bestemmingsplan gewijzigd.
REACTIE 44: THUIS EN PARTNERS (IN-19007721-12), namens Weller, Honigmannstraat 102 en Stationstraat (vml. hotel de la Station) Het bestemmingsplan beperkt de bouw- en gebruiksmogelijkheden aanzienlijk en dat is onwenselijk. Op de locatie Honigmannstraat 102 was wonen boven de begane grond mogelijk, waarbij het aantal niet was begrensd. In het voorontwerp bestemmingsplan zijn geen woningen meer opgenomen voor deze locatie. Daarnaast blijkt uit de regeling niet duidelijk of het totaal aantal woningen van 2766 voor het plangebied of het aantal woningen voor de locatie (0) op deze locatie van toepassing is. Wat de uitleg ook is, in beide gevallen wordt het wonen beperkt. Dit klemt omdat inspreker concrete plannen heeft met deze locatie om deze te transformeren naar ca. 40 woningen, geheel in lijn met het versterken van de woonfunctie in Heerlen Centrum. Het fixeren van het woningaantallen heeft een waardevermindering van het pand tot gevolg. Aangezien de plannen voor transformatie bekend zijn bij de gemeente wordt verzocht om deze mogelijk te maken in het bestemmingsplan. Hetgeen wordt opgemerkt over de nieuwe regeling voor wonen is ook van toepassing op de locatie Stationstraat (vml. hotel De la Station). Daarnaast worden de functies detailhandel, kantoren en horeca wegbestemd.
In 2009 heeft inspreker een principeverzoek ingediend (appartementen, winkels en parkeergarage) voor de herontwikkeling van deze locatie na het beëindigen van het tijdelijke gebruik als parkeerplaats. Nu Maankwartier in de eindfase komt wil inspreker de gronden gaan ontwikkelen. De geplande ontwikkeling past in het huidige bestemmingsplan en inspreker vraagt om het bestemmingsplan zodanig aan te passen dat ter plekke detailhandel en 40 woningen mogelijk zijn. Voor deze locatie wordt daarnaast verzocht om de bouwhoogte aan te passen aan de vigerende bouwhoogte van 14 meter. Inspreker is tevreden dat de vergunde woningen op de locatie Pancratiusstraat 48 zijn meegenomen in het Cityplan Heerlen.
Reactie gemeente
38
In de nu nog vigerende bestemmingsplannen is wonen in de binnenstad van Heerlen in zeer veel panden mogelijk, deels op alle verdiepingen, deels op de boven de begane grond gelegen verdiepingen. Dit wordt overgenomen in het voorliggend bestemmingsplan ‘Cityplan Heerlen’, waarbij in de zone rond het kernwinkelgebied in de bestemming Gemengd de mogelijkheden worden verruimd. Hier wordt wonen ook op de begane grond mogelijk gemaakt. Wonen in het centrum is gewenst, omdat dit een versterking van het centrum tot gevolg kan hebben. Zoals beschreven in deel I van deze inspraaknota onder 1.2 betekent dit echter niet dat woningen zondermeer kunnen worden toegevoegd. Het toevoegen van woningen in het centrum leidt immers tot leegstand elders in de stad of de regio. Het toevoegen van woningen is wel mogelijk middels een binnenplanse afwijkingsmogelijkheid, als deze passen in de geldende regionale en gemeentelijke beleidsuitgangspunten. De achtergrond van deze wijze van bestemmen is terug te vinden in deel I van het inspraakverslag in paragraaf 1.2. Indien in panden nog geen woning is vergund, kunnen woningen dus nog steeds worden gerealiseerd. Op deze wijze kunnen panden ook gebruikt worden voor wonen. Locatie Honigmannstraat 102 Bij de inspraakreactie heeft inspreker zijn plannen voor deze locatie (nogmaals) gedeeld.
Hoewel deze plannen vrij concreet zijn en op het eerste oog lijken te passen binnen het nu nog geldende bestemmingsplan, is er –één jaar later- nog steeds geen aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend. Het is dan ook nog niet gebleken of het plan voor deze woningen uitvoerbaar is. Dit heeft tot gevolgd dat deze woningen nu nog niet kunnen worden meegenomen in het ontwerpbestemmingsplan. Locatie Stationstraat Deze locatie is bestemd als Gemengd. Wonen is mogelijk binnen deze bestemming, ook op de begane grond, met inachtneming van het maximaal aantal woningen voor het plangebied. Voor de plannen van inspreker voor deze locatie geldt hetzelfde als voor de locatie Honigmannstraat 102. Het in 2009 ingediende principeverzoek maakt dit niet anders. De uitvoerbaarheid van deze plannen is nog niet aangetoond. Op deze locatie verdwijnen inderdaad de onbenutte retail- en horecagebruiksmogelijkheden. Dit omdat de locatie niet ligt in de retail-hoofdstructuur of een horecaconcentratiegebied. Onbenutte gebruiksmogelijkheden buiten deze aangewezen gebieden worden weg bestemd. In het eerste deel van dit inspraakverslag wordt ingegaan op de beleidsafwegingen die hier aan ten grondslag liggen. De hoogte van de toegestane bebouwing op de locatie is overgenomen uit het nu nog vigerende bestemmingsplan: 14 meter aan de straatzijen en 6 meter op het achterliggende terreindeel.
De toegestane bouwhoogte zal dan ook niet gewijzigd worden. Voor beide locatie biedt het bestemmingsplan ook een nieuwe gebruiksmogelijkheid. In het ontwerp bestemmingsplan Cityplan Heerlen zal de mogelijkheid worden opgenomen om af te wijken van de gebruiksmogelijkheden t.b.v. leisure-concepten. Hiervoor is een omgevingsvergunning nodig, waarbij de behoefte en de inpasbaarheid van het initiatief (goed woon- en leefklimaat) moeten worden aangetoond. In paragraaf 1.4 van deel I van de dit inspraakverslag is beschreven onder welke voorwaarden dit mogelijk is. Conclusie Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt het bestemmingsplan niet gewijzigd.
REACTIE 45: RUIJTERS VASTGOEDMANAGERS (IN-1907722-12), namens Grasbroek bv en Festina Lente bv - Geleenstraat 51, Raadhuisstraat 2, Honigmannstraat 29 Inspreker is van mening dat het bestemmingsplan niet toekomstproof is en geen ondersteunende en faciliterende rol kan bieden bij het behalen van de doelstellingen. Hij stelt dat de ambitie om de levendigheid in het centrum terug te brengen wordt miskend door het schrappen van woningtitels. Gezien bijlage 1 bij de regels mogen er geen woningen meer worden gerealiseerd in het pand aan de Geleenstraat 51. Het pand krijgt de bestemming Gemengd. Het volledige pand vullen met dienstverlening ontbeert realiteitszin. Er kan geen
39
uitvoering meer worden gegeven aan het idee voor herontwikkeling van het pand met een mix van wonen en commerciële functies op de begane grond. Ook bij het pand Raadshuisstraat 2 is eenzelfde aanpassing van de functiemogelijkheden, waar bovenop ook horeca wordt uitgesloten. Aan de Honigmannstraat 29 wordt de woonbestemming wederom ontnomen. De functies, detailhandel, dienstverlening en horeca die mogelijk zijn in de bestemming Centrum zijn beperkt tot de begane grond. Dit leidt tot leegstand aangezien de bovenverdiepingen niet inpandig zijn ontsloten. Gevraagd wordt om de toegekende bestemmingen te heroverwegen. Reactie gemeente Zoals beschreven in deel I van dit inspraakverslag onder 1.1.2 zijn de Geleenstraat en de Raadhuisstraat onderdeel van de aangewezen economische hoofdstructuur. De panden aan de Geleenstraat 51 en de Raadhuisstraat 2 zijn ingedeeld bij het balansgebied. Het pand aan de Honigmannstraat ligt in het concentratiegebied. Deze indeling is gebaseerd op de aangewezen hoofdstructuur in de Structuurvisie Ruimtelijke economie Zuid-Limburg. Het woonbeleid is kort beschreven in paragraaf 1.2. Het beleid met betrekking tot horeca is beschreven in paragraaf 1.3. Uitgangspunt is dat horeca wordt geclusterd in verschillende horecaconcentratiegebieden om deze te versterken. Mogelijkheden voor horeca buiten deze clusters, die niet zijn benut, worden wegbestemd.
Geleenstraat 51 en Raadhuisstraat 2 Door de ligging in het balansgebied blijft hier detailhandel op de begane grond mogelijk. De pand liggen niet in een horecacluster. Horeca is alleen nog mogelijk waar dit gebruik feitelijk aanwezig is. Het pand aan de Geleenstraat 51 is inmiddels in gebruik als winkel. De gebruiksmogelijkheid voor horeca wordt dan ook niet overgenomen in het ontwerpbestemmingsplan. In het pand aan de Raadhuisstraat 2 is ook geen horeca aanwezig en deze mogelijkheid vervalt eveneens voor dit pand. In het Cityplan Heerlen wordt het wel mogelijk om in het balansgebied ondergeschikte daghoreca te vestigen in combinatie met een andere vorm van commercieel gebruik (blurring). Wonen is en blijft mogelijk in deze panden. Het wordt nu ook mogelijk op de begane grond. Extra woningen kunnen worden toegevoegd, mits deze passen de regionale beleidsafspraken voor wonen, die gelden op het moment dat woningen worden toegevoegd. De achtergrond van deze wijze van bestemmen is terug te vinden in deel I van het inspraakverslag in paragraaf 1.2. Honigmannstraat 29 Voor de woonbestemming in dit pand geldt hetzelfde regime als hier boven beschreven, met uitzondering voor het wonen op de begane grond. Dit was en wordt niet toegestaan. De beperking voor detailhandel en dienstverlening tot de begane grond wordt in het ontwerpbestemmingsplan niet meer overgenomen.
Dit vanwege de ligging in het concentratiegebied. Deze gebruiksmogelijkheden worden terug gebracht conform het nu nog geldende bestemmingsplan, waardoor deze functies ook op de verdiepingen kunnen worden uitgeoefend. Naast deze beperking biedt het ontwerpbestemmingsplan ook enkele nieuwe gebruiksmogelijkheden voor de genoemde panden van inspreker. In het ontwerp bestemmingsplan Cityplan Heerlen zal de mogelijkheid worden opgenomen om af te wijken van de gebruiksmogelijkheden t.b.v. leisure-concepten. Hiervoor is een omgevingsvergunning nodig, waarbij de behoefte en de inpasbaarheid van het initiatief (goed woon- en leefklimaat) moeten worden aangetoond. In paragraaf 1.4 van deel I van de dit inspraakverslag is beschreven onder welke voorwaarden dit mogelijk is.
Conclusie Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt het bestemmingsplan gewijzigd.
40
REACTIE 46: BEDDENSPECIAALZAAK Bongerd 29 - Wilhelminaplein 2, 3, 3a, 3b Inspreker geeft aan dat de bestemmingen zijn niet helemaal correct gezien het gebruik van de panden: de winkel is op meerdere verdiepingen aanwezig op de adressen Bongerd 29, Wilhelminaplein 2 en 3 (kelder, begane grond en 1e verdieping) en op meerdere nummers (Bongerd 29 2e verdieping, Wilhelminaplein 3A en 3b) is woonruimte aanwezig. Reactie gemeente De winkelruimte die inspreker in gebruik heeft, is inderdaad niet volledig positief bestemd in het voorontwerpbestemmingsplan. In het ontwerpbestemmingsplan wordt dit aangepast op het bestaande gebruik. De bestaande woningen passen in de bestemmingsplanregeling van het ontwerp bestemmingsplan. Conclusie Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt het bestemmingsplan gewijzigd.
REACTIE 47: AELMANS RENTMEESTERS EN MAKELAARS en anderen - algemene reactie De makelaars met bedrijfsmatig vastgoed zijn zich bewust dat het beleid het moeilijk maakt om buiten de gebaande paden te treden. Zij vragen om lef te tonen en desondanks te komen met een vooruitstrevend nieuw bestemmingsplan. In het plan wordt de uitwerking van de marktvraag gemist. Insprekers geven adviezen: geen inkadering van de functies, woontitels niet weghalen bij bestaand vastgoed, kruiselings ruilen mogelijk maken, leisure mogelijk maken, actieve rol gemeente bij Loon bij omvorming tot wijkwinkelcentrum, voorsorteren op de omgevingswet. Zij vragen om eerder, bij het vormen van beleid, te worden betrokken in het proces. Reactie gemeente In het eerste deel van dit inspraakverslag zijn de beleidsuitgangspunten opgenomen voor de gebruiksmogelijkheden die mogelijk zijn in het Cityplan Heerlen. Het beleid heeft een inperking van de gebruiksmogelijkheden tot gevolg. Dit is niet zonder reden. Deze beleidsuitgangspunten zijn ingegeven door het feit dat in Heerlen en de regio niet onvoldoende programma is om alle bestaande vastgoed te vullen. De zeer ruime en flexibele gebruiksmogelijkheden, die al minstens 25 jaar gelden voor de binnenstad, hebben er niet toe geleid dat de leegstand in de stad afneemt of verdwijnt.
De panden in het kernwinkelgebied en de omringende straten konden worden gebruikt als winkel, kantoor, horeca, dienstverlening en wonen. Of een combinatie van deze functies. Onderstaand wordt nog even kort ingezoomd op de gebruiksmogelijkheden. Voor winkels is gebleken uit recente CBS-cijfers (december 219) dat het aantal winkelvestigingen in Zuid-Limburg de afgelopen 10 jaar is gedaald met bijna 20%. Hier blijkt ook uit dat het nodig is om in te zetten op een compacter winkelgebied en zo te zorgen voor een aantrekkelijk en levendig centrum. In de Structuurvisie Ruimtelijke Economie Zuid-Limburg is daarom een hoofdstructuur aangewezen, waar kwalitatieve en kwantitatieve versterking van de retailfunctie aan de orde is. Retailvestigingen buiten deze hoofdstructuur zijn niet meer wenselijk. Het Cityplan Heerlen is één van de instrumenten om hier aan bij te dragen. Naar aanleiding van de inspraakreacties is besloten om voor het concentratiegebied de nu geldende mogelijkheden voor detailhandel over te nemen. Voor de meeste panden in het concentratiegebied betekent dit dat detailhandel mogelijk blijft op alle verdiepingen. In het balansgebied waren de mogelijkheden voor detailhandel al in overeenstemming met het nu nog geldende bestemmingsplan. Dienstverlening blijft gehandhaafd conform de geldende bestemmingsplanregeling. Dit is niet het geval voor kantoren.
Zoals beschreven in paragraf 1.1.3 van deel I van dit inspraakverslag zijn er in de toekomst om diverse redenen steeds minder kantoren nodig. Omdat er geen nieuwe kantoren meer bij hoeven te komen, zijn in het Cityplan Heerlen enkel de benutte kantoormogelijkheden positief bestemd. Om de horeca in het centrum van Heerlen te versterken wordt ingezet op clustering in horecaconcentratiegebieden, met ieder een eigen DNA. Daarnaast blijft in het kernwinkelgebied daghoreca, in horecacategorie 1, mogelijk. In het balansgebied is ondergeschikte horeca
41
mogelijk in een winkel of bij een dienstverlener (blurring). Voor het overige worden alleen bestaande horecapanden positief bestemd en alle onbenutte gebruiksmogelijkheden voor horeca wegbestemd. Het beleid gaat ook uit van het versterken van de woonfunctie in het centrum van Heerlen. Vandaar dat wonen in de zone direct rondom het kernwinkelgebied nu ook mogelijk wordt op de begane grond. Ook elders in het centrum kan de woonfunctie worden versterkt door het toevoegen van kwalitatief goede woningen. Woningen toevoegen mag middels een binnenplanse afwijkingsmogelijkheid, mits deze passen in de regionale beleidsafspraken die gelden op het moment dat woningen worden toegevoegd. In het ontwerp van het Cityplan Heerlen is een gebruiksmogelijkheid toegevoegd voor leisure, onder de voorwaarde dat sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Dit is beschreven in paragraaf 1.4 van het eerste deel van dit inspraakverslag. Het ontwerp van het Cityplan Heerlen biedt op deze manier de maximale invullingsmogelijkheden, binnen de geldende beleidskaders. De ontwikkeling van het Loon heeft de aandacht van de eigenaar en de gemeente. Wat betreft het verzoek om vroegtijdig betrokken te worden bij het vormen van beleid, zal er een mogelijkheid zijn om aan te sluiten bij het participatietraject voor de Omgevingsvisie.
Conclusie Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt het bestemmingsplan gewijzigd.
REACTIE 48: SPAN HOLLAND BV - Klompstraat 1-9 De bestaande rechten voor de locatie Klompstraat 1-9 zijn niet geheel overgenomen. Inspreker verzoek om horecafunctie toe te voegen en maximale oppervlakte casino en wvo voor detailhandel uit de bestemmingsplanregeling te halen. Reactie gemeente Het beleid met betrekking tot horeca is beschreven in paragraaf 1.3. Uitgangspunt is dat horeca wordt geclusterd in verschillende horecaconcentratiegebieden om deze te versterken. Mogelijkheden voor horeca buiten deze clusters, die niet zijn benut, worden wegbestemd. Zoals beschreven in deel I van dit inspraakverslag onder 1.1.2 is de Klompstraat geen onderdeel van de aangewezen economische hoofdstructuur. Het pand aan van inspreker ligt in het transitiegebied en maakt geen onderdeel uit van een horecacluster. De gebruiksmogelijkheden in het transitiegebied voor commerciële functies worden beperkt tot dienstverlening. Horeca en detailhandel zijn alleen nog mogelijk waar deze functies feitelijk aanwezig zijn. In de doeleindenomschrijving van de bestemming is de aanwezige horeca positief bestemd. Gezien de ligging buiten een horecacluster is het vloeroppervlak vastgelegd op het aanwezige vloeroppervlak. Op deze maximale oppervlakte kan de horeca worden voortgezet. De maximale oppervlakte voor de speelautomatenhal is niet meer opgenomen in het ontwerpbestemmingsplan.
De omvang wordt gereguleerd door de Verordening kansspelautomaten Heerlen. In het ontwerp bestemmingsplan is daarnaast de mogelijkheid overgenomen uit het bestemmingsplan City – Oost om dit deels te gebruiken voor maatschappelijke voorzieningen. Daarnaast is een gebruiksmogelijkheid toegevoegd voor leisure, onder de voorwaarde dat sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Dit is beschreven in paragraaf 1.4 van het eerste deel van dit inspraakverslag. Conclusie Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt het bestemmingsplan gewijzigd.
REACTIE 49: ELKENRADE BV (IN-19007733-12) Oranje Nassaustraat 5
42
Inspreker maakt bezwaar dat de locatie Oranje Nassaustraat 5a net niet in het Cityplan Heerlen zit. Reactie gemeente Inspraakreactie is dubbel ontvangen (per post en mail) ingeboekt. De beantwoording is verwerkt onder inspraakreactie 24. Conclusie Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt het bestemmingsplan niet gewijzigd.
REACTIE 50: Oranje Nassaustraat 31 Inspreker maakt bezwaar tegen beperken bestemming. Alleen detailhandel is te beperkt. Er moeten meerdere opties mogelijk zijn, zoals horeca, dienstverlening, detailhandel en zeker ook wonen op de begane grond. Om nieuwe ondernemers een kans te geven. Internetverkoop is niet bevorderlijk voor de detailhandelsfunctie. Reactie gemeente Inspraakreactie is dubbel ingeboekt. Reactie gemeente is terug te vinden onder inspraakreactie 29. Conclusie Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt het bestemmingsplan niet gewijzigd
REACTIE 51: CORIO TRAVEL Oranje Nassaustraat 3 Inspreker maakt bezwaar tegen gewijzigde beperkte bestemmingen Oranje Nassaustraat. Inspreker mag hierdoor niet meer zelf beslissen om aan een andere ondernemer het pand te verhuren of te verkopen. Een nieuwe gebruiker moet in de gelijke branche actief zijn. Hij maakt ook bezwaar tegen de clustering van de horeca. Gunstige verhuur of verkoop wordt bijna onmogelijk. Reactie gemeente Zoals beschreven in deel I van dit inspraakverslag onder 1.1.2 is de Oranje Nassaustraat voor het grootste deel geen onderdeel meer van de aangewezen economische hoofdstructuur. Alleen de volgende panden van de Oranje Nassaustraat zijn onderdeel van de hoofdstructuur: de huisnummers 1 t/m 3b zijn onderdeel van het concentratiegebied en de panden met huisnummers 5 t/m 13 zijn onderdeel van het balansgebied. Het overige deel van de straat is aangemerkt als transitiegebied en is geen onderdeel van de hoofdstructuur. Deze onderverdeling is gebaseerd op de aangewezen hoofdstructuur in de Structuurvisie Ruimtelijke economie Zuid-Limburg. Het beleid met betrekking tot horeca is beschreven in paragraaf 1.3. Uitgangspunt is dat horeca wordt geclusterd in verschillende horecaconcentratiegebieden om deze te versterken. Mogelijkheden voor horeca buiten deze clusters, die niet zijn benut, worden wegbestemd.
Het pand Oranje Nassaustraat 3 maakt dus onderdeel uit van het concentratiegebied voor detailhandel. Ook wel het kernwinkelgebied genoemd. Het pand heeft de bestemming ‘Centrum’. Dit betekent voor detailhandel dat de gebruiksmogelijkheden uit het nu nog geldende bestemmingsplan worden overgenomen. Detailhandel op de begane grond blijft mogelijk, naast dienstverlening. Hoewel het pand niet ligt in een horecacluster, is het wel mogelijk om daghoreca in het pand te vestigen. Dit is rechtstreeks toegestaan in de bestemming ‘Centrum’. Commerciële dienstverlening, detailhandel en daghoreca kunnen ook in de toekomst door een nieuwe ondernemer worden uitgeoefend. Dit betekent dat de gebruiksmogelijkheden voor het pand Oranje Nassaustraat 3 ruimer zijn, dan waar inspreker van uit gaat. Conclusie Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt het bestemmingsplan niet gewijzigd.
43
REACTIE 52: Oranje Nassaustraat 2, Bongerd 17 en 17A De verandering door het bestemmingsplan houdt in dat inspreker niet meer zelf kan beslissen om aan een andere ondernemer te verhuren of te verkopen. De nieuwe gebruiker zou in dezelfde branche actief moeten zijn. Hierdoor wordt verhuur of verkoop bijna onmogelijk. Reactie gemeente Zoals beschreven in deel I van dit inspraakverslag onder 1.1.2 is de Oranje Nassaustraat voor het grootste deel geen onderdeel meer van de aangewezen economische hoofdstructuur. Alleen de volgende panden van de Oranje Nassaustraat zijn onderdeel van de hoofdstructuur: de huisnummers 1 t/m 3b zijn onderdeel van het concentratiegebied en de panden met huisnummers 5 t/m 13 zijn onderdeel van het balansgebied. Het overige deel van de straat is aangemerkt als transitiegebied en is geen onderdeel van de hoofdstructuur. Ook het oostelijk deel van de Bongerd is geen onderdeel van de hoofdstructuur en valt in het transitiegebied. Deze onderverdeling is gebaseerd op de aangewezen hoofdstructuur in de Structuurvisie Ruimtelijke economie Zuid-Limburg. Het beleid met betrekking tot horeca is beschreven in paragraaf 1.3. Uitgangspunt is dat horeca wordt geclusterd in verschillende horecaconcentratiegebieden om deze te versterken. Mogelijkheden voor horeca buiten deze clusters, die niet zijn benut, worden wegbestemd.
Het panden aan de Oranje Nassaustraat 2 en de Bongers 17-17A liggen in het transitiegebied en zijn geen onderdeel van een horecacluster. De gebruiksmogelijkheden in het transitiegebied voor commerciële functies worden beperkt tot dienstverlening. Detailhandel en horeca zijn alleen nog mogelijk waar deze functies feitelijk aanwezig zijn. Het pand aan de Oranje Nassaustraat 2 is een horecapand en hiervoor is in het bestemmingsplan een functieaanduiding opgenomen voor horeca. Het gebruik voor horeca tot en met categorie 2 kan hierdoor worden voortgezet. Het pand Bongerd 17-17A is ingericht als winkel en heeft een functieaanduiding voor detailhandel gekregen. Het gebruik als winkel blijft hierdoor mogelijk. Hierbij wordt een wijzigingsbevoegdheid opgenomen om het gebruik voor detailhandel weg te bestemmen, indien sprake is van structurele leegstand van minimaal 3 jaar. Dit betekent dat de gebruiksmogelijkheden ruimer zijn, dan inspreker denkt. Beide panden kunnen worden gebruikt voor dienstverlening. Het pand aan de Oranje Nassaustraat 2 daarnaast ook als horecapand en het pand aan de Bongerd 17-17a ook als winkel. Het ontwerp van het Cityplan Heerlen biedt ook enkele nieuwe gebruiksmogelijkheden. Wonen wordt nu ook mogelijk op de begane grond. Het toevoegen van woningen is toegestaan als deze passen in de geldende regionale en gemeentelijke beleidsuitgangspunten.
De achtergrond van deze wijze van bestemmen is terug te vinden in deel I van het inspraakverslag in paragraaf 1.2. Daarnaast biedt het nieuwe bestemmingsplan ook een extra gebruiksmogelijk om leisureconcepten te realiseren. Hiervan kan gebruik worden gemaakt als de nieuw te vestigen leisure geen overlast oplevert voor de omliggende panden. In paragraaf 1.4 van deel I van de dit inspraakverslag is beschreven onder welke voorwaarden dit mogelijk is. Conclusie Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt het bestemmingsplan niet gewijzigd.
REACTIE 53: SUYDERLAND VENRODE Promenade 139-155 Door de inperking van de bestemming Centrum en wonen tot Gemengd wordt de bestemming te fors beperkt. Gezien de functie van de Promenade als poort van de binnenstad ligt het voor de hand om ook horeca toe te staan en de invulling van het souterrain niet te veel te beperken. Ook gezien het huidige gebruik van nr. 139. Reactie gemeente Zoals beschreven in deel I van dit inspraakverslag onder 1.1.2 is het westelijk deel van de Promenade, tussen de Geerstraat en de Honigmannstraat aangewezen als balansgebied voor retail in de economische hoofdstructuur. Deze indeling is gebaseerd op de aangewezen hoofdstructuur in de Structuurvisie Ruimtelijke economie Zuid-Limburg.
44
Het beleid met betrekking tot horeca is beschreven in paragraaf 1.3. Uitgangspunt is dat horeca wordt geclusterd in verschillende horecaconcentratiegebieden om deze te versterken. Mogelijkheden voor horeca buiten deze clusters, die niet zijn benut, worden wegbestemd. De behoefte aan fysieke winkels afgenomen. Uit recente CBS-cijfers blijkt dat het aantal winkelvestigingen in Zuid-Limburg de afgelopen 10 jaar is gedaald met bijna 20%. Hieruit blijkt dat het nodig is om in te zetten op een compacter winkelgebied en zo te zorgen voor een aantrekkelijk en levendig centrum. Omdat de panden aan de Promenade 139-155 deel uitmaken van de hoofdstructuur zijn de gebruiksmogelijkheden voor detailhandel overgenomen uit het nu nog geldende bestemmingsplan. De panden liggen niet in een horecacluster. Horeca is buiten de aangewezen horecaconcentratiegebieden alleen nog mogelijk waar dit gebruik feitelijk aanwezig is. Omdat geen horeca aanwezig is in de panden, vervalt deze mogelijkheid op deze locatie. In het Cityplan Heerlen wordt het wel mogelijk om in het balansgebied ondergeschikte daghoreca (horeca in categorie 1) te vestigen in combinatie met een andere vorm van commercieel gebruik (blurring). Wonen wordt daarnaast nu ook mogelijk op de begane grond, met inachtneming van het aantal toegestane woningen in het plangebied.
De achtergrond van deze wijze van bestemmen is terug te vinden in deel I van het inspraakverslag in paragraaf 1.2. Extra woningen kunnen worden toegevoegd met een binnenplanse afwijkingsmogelijkheid. Voorwaarde is dat de toevoeging past in de -op het moment van toevoegen- geldende regionale beleidsafspraken voor wonen. Daarnaast biedt het nieuwe bestemmingsplan ook een extra gebruiksmogelijk om leisureconcepten te realiseren. Hiervan kan gebruik worden gemaakt als de nieuw te vestigen leisure kan worden ingepast in de omgeving en geen overlast oplevert voor de omliggende panden. In paragraaf 1.4 van deel I van de dit inspraakverslag is beschreven onder welke voorwaarden dit mogelijk is. Conclusie Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt het bestemmingsplan niet gewijzigd.
REACTIE 54: PASCH VENLO BV Oranje Nassaustraat 20-24 Inspreker verzoekt om de ON-straat te benoemen tot aanloopstraat en deel uit te laten maken van het balansgebied. De straat voldoet aan de omschrijving van aanloopstraten. Bij de inkrimping van en wegbestemmen wordt geen rekening gehouden met bestaande gevestigde ondernemers. Reactie gemeente Zoals beschreven in deel I van dit inspraakverslag onder 1.1.2 is de Oranje Nassaustraat voor het grootste deel geen onderdeel meer van de aangewezen economische hoofdstructuur. Alleen de volgende panden van de Oranje Nassaustraat zijn onderdeel van de hoofdstructuur: de huisnummers 1 t/m 3b zijn onderdeel van het concentratiegebied en de panden met huisnummers 5 t/m 13 zijn onderdeel van het balansgebied. Het overige deel van de straat is aangemerkt als transitiegebied en is geen onderdeel van de hoofdstructuur. Deze onderverdeling is gebaseerd op de aangewezen hoofdstructuur in de Structuurvisie Ruimtelijke economie Zuid-Limburg. De behoefte aan fysieke winkels afgenomen. Uit recente CBS-cijfers blijkt dat het aantal winkelvestigingen in Zuid-Limburg de afgelopen 10 jaar is gedaald met bijna 20%. Hieruit blijkt dat het nodig is om in te zetten op een compacter winkelgebied en zo te zorgen voor een aantrekkelijk en levendig centrum.
In Heerlen wordt sinds 2013 al gewerkt aan het versterken van voorzieningenclusters en het in balans brengen van de vraag en aanbod. Bij de herziening van bestemmingsplannen in Heerlen, worden onbenutte winkelmogelijkheden buiten aangewezen clusters, sindsdien weg bestemd. Het beleid met betrekking tot horeca is beschreven in paragraaf 1.3. Uitgangspunt is dat horeca wordt geclusterd in verschillende horecaconcentratiegebieden om deze te versterken. Mogelijkheden voor horeca buiten deze clusters, die niet zijn benut, worden wegbestemd.
45
De panden aan de Oranje Nassaustraat 20-24 liggen in het transitiegebied en maken geen onderdeel uit van een horecacluster. De gebruiksmogelijkheden in het transitiegebied voor commerciële functies worden beperkt tot dienstverlening. Het pand Oranje Nassaustraat 20-22 is in gebruik als winkelpand. Daarom is hiervoor een functieaanduiding voor detailhandel opgenomen in het bestemmingsplan. Het gebruik als detailhandel op nummer 20-22 kan hierdoor worden voortgezet. Hierbij wordt een wijzigingsbevoegdheid opgenomen om het gebruik voor detailhandel weg te bestemmen, indien sprake is van structurele leegstand van minimaal 3 jaar. De mogelijkheden voor horeca vervallen voor dit pand. In het pand aan de Oranje Nassaustraat 24 is een restaurant gevestigd. Daarom is hiervoor een functieaanduiding voor horeca t/m categorie 2 opgenomen in het bestemmingsplan. Het gebruik als horeca kan hierdoor worden voortgezet. Naast deze beperking biedt het nieuwe ontwerpbestemmingsplan ook enkele nieuwe gebruiksmogelijkheden. Wonen wordt nu ook mogelijk op de begane grond. Het toevoegen van woningen is toegestaan als deze passen in de geldende regionale en gemeentelijke beleidsuitgangspunten. De achtergrond van deze wijze van bestemmen is terug te vinden in deel I van het inspraakverslag in paragraaf 1.2.
Daarnaast biedt het nieuwe bestemmingsplan ook een extra gebruiksmogelijk om leisureconcepten te realiseren. Hiervan kan gebruik worden gemaakt als de nieuw te vestigen leisure geen overlast oplevert voor de omliggende panden. In paragraaf 1.4 van deel I van de dit inspraakverslag is beschreven onder welke voorwaarden dit mogelijk is. Hoewel op pandniveau de gebruiksmogelijkheden afnemen, blijft voor de straat als geheel blijft hierdoor een mix van functies mogelijk. Hierdoor kan deze haar aantrekkelijkheid kan behouden. Wat betreft de communicatie over de bestemmingsplanwijziging hebben wij huis-aan-huis in het plangebied een uitnodiging bezorgd voor de inloopavonden over het bestemmingsplan. Daarin is gevraagd aan huurders om eigenaren te informeren. In de uitnodiging stond ook dat het plan ter inzage lag en hoe en wanneer kon worden ingesproken. Daarnaast hebben we de bekendmaking ook in het digitale gemeenteblad geplaatst. Hierop kan iedereen zich abonneren. Als er een bekenmaking is, die belangrijk is voor de abonnee ontvangt deze hier een mail over. Conclusie Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt het bestemmingsplan niet gewijzigd.
REACTIE 55: Oranje Nassaustraat 23 Inspreker gaat niet akkoord met het verwijderen van de niet gebruikte bestemmingen op het pand. Hij heeft de benedenverdieping volledig gerenoveerd en deze zeer grote investering mag niet teniet worden gedaan. Reactie gemeente Zoals beschreven in deel I van dit inspraakverslag onder 1.1.2 is de Oranje Nassaustraat voor het grootste deel geen onderdeel meer van de aangewezen economische hoofdstructuur. Alleen de volgende panden van de Oranje Nassaustraat zijn onderdeel van de hoofdstructuur: de huisnummers 1 t/m 3b zijn onderdeel van het concentratiegebied en de panden met huisnummers 5 t/m 13 zijn onderdeel van het balansgebied. Het overige deel van de straat is aangemerkt als transitiegebied en is geen onderdeel van de hoofdstructuur. Deze onderverdeling is gebaseerd op de aangewezen hoofdstructuur in de Structuurvisie Ruimtelijke economie Zuid-Limburg. Het beleid met betrekking tot horeca is beschreven in paragraaf 1.3. Uitgangspunt is dat horeca wordt geclusterd in verschillende horecaconcentratiegebieden om deze te versterken. Mogelijkheden voor horeca buiten deze clusters, die niet zijn benut, worden wegbestemd. De gebruiksmogelijkheden in het transitiegebied voor commerciële functies worden beperkt tot dienstverlening. Detailhandel en horeca zijn alleen nog mogelijk waar deze functies feitelijk
46
aanwezig zijn. Gebleken is dat de benedenverdieping in gebruik is voor dienstverlening (huiswerkbegeleiding). Omdat het pand niet meer in gebruik is voor detailhandel of horeca, vervallen deze gebruiksmogelijkheden. Naast deze beperking biedt het nieuwe bestemmingsplan ook enkele nieuwe gebruiksmogelijkheden. Wonen wordt nu ook mogelijk op de begane grond. Het toevoegen van woningen is toegestaan als deze passen in de geldende regionale en gemeentelijke beleidsuitgangspunten. De achtergrond van deze wijze van bestemmen is terug te vinden in deel I van het inspraakverslag in paragraaf 1.2. Daarnaast biedt het nieuwe bestemmingsplan ook een extra gebruiksmogelijk om leisureconcepten te realiseren. Hiervan kan gebruik worden gemaakt als de nieuw te vestigen leisure geen overlast oplevert voor de omliggende panden. In paragraaf 1.4 van deel I van de dit inspraakverslag is beschreven onder welke voorwaarden dit mogelijk is. Hoewel op pandniveau de gebruiksmogelijkheden afnemen, blijft voor de straat als geheel blijft hierdoor een mix van functies mogelijk. Hierdoor kan deze haar aantrekkelijkheid kan behouden. Conclusie Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt het bestemmingsplan niet gewijzigd.
REACTIE 56: Plaarstraat 7 Inspreker vraagt zich af of het pand Plaarstraat 7 binnen of buiten het horecaconcentratiegebied valt. En of hij het risico loopt dat de bestemming komt te vervallen bij een niet tijdige invulling. Hij vraagt zich af welke ontwikkelingen er te verwachten zijn op de hoek Plaarstraat-Akerstraat. Reactie gemeente Het beleid met betrekking tot horeca is beschreven in paragraaf 1.3. Uitgangspunt is dat horeca wordt geclusterd in verschillende horecaconcentratiegebieden om deze te versterken. Mogelijkheden voor horeca buiten deze clusters, die niet zijn benut, worden wegbestemd. Het pand aan de Plaarstraat 7 ligt net in het horecaconcentratiegebied Pancratiusplein Zuid. Hierdoor blijft het gebruik van het pand voor horeca mogelijk. Wat betreft de mogelijke ontwikkelingen op de hoek Plaarstraat-Akerstraat hebben wij geen gegevens. Conclusie Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt het bestemmingsplan niet gewijzigd.
REACTIE 57: Dautzenbergstraat 17C Door de verkeerssituatie en afsluiting van het centrum kunnen klanten het restaurant niet per auto bereiken om eten af te halen. Hoe wordt dit afgestemd op het horecabeleid? Reactie gemeente Het beleid met betrekking tot horeca is beschreven in paragraaf 1.3. Uitgangspunt is dat horeca wordt geclusterd in verschillende horecaconcentratiegebieden om deze te versterken. Mogelijkheden voor horeca buiten deze clusters, die niet zijn benut, worden wegbestemd. Het horecabeleid is er op gericht om de horeca zo te versterken dat consumenten meer redenen hebben om het centrum te bezoeken. Horeca moet er voor zorgen dat het centrum wordt gezien als een verblijfs-, ontmoetings- en belevingslocatie. Een horecagelegenheid waar eten kan worden afgehaald draagt hier niet aan bij. De aangewezen horecaconcentratiegebieden liggen allemaal op een acceptabele loopafstand van parkeergarages of parkeermogelijkheden in de openbare ruimte. Dit geldt ook voor de horecagelegenheid van inspreker. In dit bestemmingsplan wordt overigens geen regeling opgenomen m.b.t. de openstelling of afsluiting van straten. Conclusie Naar aanleiding van deze inspraakreactie wordt het bestemmingsplan niet gewijzigd.
47
3.
VERSLAG GEVOERDE VOOROVERLEG
In het kader van het overleg, ex artikel 3.1.1 Besluit ruimtelijke ordening, is het plan op 13 maart 2019 toegezonden aan:
Provincie Limburg; Waterschap Overmaas; Gasunie: Brandweer Zuid-Limburg; TenneT TSO BV; Enexis; Koninklijke KPN N.V./BMD Advies Rijndelta; Parkstad Limburg; ProRail.
Van het Waterschap, Gasunie, Brandweer Zuid-Limburg, Enexis en Parkstad Limburg zijn geen reacties ontvangen. De reacties van de overige vooroverleginstanties zijn onderstaand kort weergegeven. Daarnaast is beschreven of en hoe deze zijn verwerkt in het ontwerp bestemmingsplan. Overlegreactie Provincie Limburg, Maastricht Het plan is beoordeeld op de adequate doorwerking van de provinciale belangen. De beoordeling van het plan geeft aanleiding tot het maken van opmerkingen. Indien u in het plan onderstaande opmerkingen adequaat verwerkt, zal er geen aanleiding zijn om in de verdere procedure van het plan een zienswijze in te dienen. De opmerkingen betreffen de volgende aspecten: Algemeen: Het verzoek om explicieter te vermelden op welke manier dit plan past binnen het IBA contourenplan, de Structuurvisie Ruimtelijke Economie Zuid-Limburg, de afspraken in het kader van Stedelijke Ontwikkeling en in het licht van de Regiodeal. Reserveringszone N281: De reserveringszone langs de provinciale weg voldoet niet op alle plekken aan artikel 2.3.2 van de Omgevingsverordening Limburg. Hierin is opgenomen dat een reserveringszone 15 meter breed moet zijn aan weerszijde. PIP: Het plangebied van het Cityplan overlapt aan de oostzijde van het station ter plekke van de spoorzone het plangebied van het PIP Spoorverdubbeling Heerlen- Landgraaf.
Gelet op het bepaalde in artikel 3.26 lid 5 Wro is de gemeente met ingang van 28 maart 2019 (datum tervisielegging ontwerp-PIP) niet langer bevoegd om een bestemmingsplan voor deze gronden vast te stellen. Verzocht wordt om het betreffende gedeelte buiten het plangebied te houden. Wonen: Verzocht wordt om in paragraaf 2.3.2 te verwijzen naar de nieuwe tekst uit de Omgevingsverordening en de Structuurvisie Wonen Zuid-Limburg. Daarnaast wordt verzocht om expliciet de werking van het ‘verschuiven van woontitels’ te beschrijven in de toelichting en de daarbij behorende regels. Het plan bevat geen nieuwe woningbouw mogelijkheden en hoeft dan ook niet besproken te worden in het Ambtelijk Overleg Wonen Parkstad. Gedviseerd wordt om het plan ter kennisname wel in het Ambtelijk Overleg Wonen Parkstad in te brengen. Reactie gemeente Heerlen In paragraaf 1.1 van de toelichting is een duidelijkere beschrijving opgenomen van hoe het bestemmingsplan zich verhoudt tot de genoemde uitgangspunten, ambities, de SVREZL en de afspraken in het kader van de Subsidiebeschikking en de Regiodeal. De breedte van de reserveringszone voor de N281 en de aanpassing van de plangrens conform het PIP zijn doorgevoerd op de verbeelding van het ontwerpbestemmingsplan. In het ontwerp bestemmingsplan is gekozen voor een andere regeling met betrekking tot wonen.
Deze is beschreven in de toelichting in paragraaf 2.3.2, waarbij ook de beschrijving van het beleid is geactualiseerd. Aanpassing bestemmingsplan
48
De reactie heeft aanleiding gegeven tot aanpassing van de toelichting en de verbeelding van het bestemmingsplan. Overlegreactie TenneT TSO B.V. Binnen de grenzen van dit plan heeft TenneT (na een eerste beoordeling) noch bovengrondse-, noch ondergrondse hoogspanningsverbindingen in beheer. Zij hebben dan ook geen opmerkingen op het genoemde plan. Reactie gemeente Heerlen De reactie is ter kennisname aangenomen. Aanpassing bestemmingsplan De overlegreactie geeft geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan. Overlegreactie Koninklijke KPN N.V. In dit bestemmingsplan lijkt er echter niet veel te veranderen voor KPN. De belangen van KPN lijken met dit plan geborgd. Reactie gemeente Heerlen De reactie is ter kennisname aangenomen. Aanpassing bestemmingsplan De overlegreactie geeft geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan. Overlegreactie ProRail Het voorontwerp bestemmingsplan “Cityplan Heerlen” geeft ProRail aanleiding tot het geven van onderstaande reactie. Trillingen ProRail beoogt niet alleen voor huidige bewoners, maar ook voor toekomstige bewoners rond het spoor een “goede buur” te zijn. Het is mogelijk dat in de toekomst bebouwing in de directe nabijheid van het spoor wordt gerealiseerd, waarbij trillinghinder voor de toekomstige bewoners/gebruikers kan ontstaan als gevolg van treinverkeer.