Bijlage 1b. ontwerp Ontwikkelvisie vol 2.pdf
Tekst van het document
•
Woningen bij de Manpadslaan worden meer geclusterd. Er ontstaat een open middenruimte en afstand tussen de eengezinswoningen en de appartementengebouwen. Vanaf de Herenweg wordt er één rij het gebied in gemaakt met vrijstaande woningen.
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
Aanpassing 4: •
•
•
74
M A N PA D
Eén van de appartementengebouwen wordt op het eind van de Herenwegkavel geplaatst. En één appartementengebouw wordt zo dicht als mogelijk tegen de leidingenzone aangezet aan de Rivierenbuurtzijde. Daarmee ontstaat een balans van de drie hoogbouw elementen verdeeld over het gebied en zo ver mogelijk van de bestaande woningen. Er worden twee clusters gevormd van woningbouw op de Zuidwest kavel waarbij één met tweeonder-één kap woningen bij Manpadslaan en rug-aan-rug woningen, enkele twee-onder-één-kap en vrijstaande woningen bij het appartementengebouw. Daartussen zit open ruimte.
-
V O LU M E
2
Aanpassing 5: •
•
Het appartementengebouw op de Herenweg-kavel is vervangen voor rijwoningen. De 22 eenheden zijn nu allemaal bij elkaar gezet op de plek waar het appartementengebouw stond. Het ruimte beslag van de rijwoningen is wel groter. De twee overgebleven appartementengebouwen (één met sociale woningbouw en met betaalbare koop) zijn hier bij elkaar gezet in het middengebied.
Langs de Rivierenbuurt zijn twee clusters gemaakt. Eén met het appartementengebouw op afstand en enkele eengezinswoningen. De andere met alleen eengezinswoningen.
75
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
(sessie 2)
Startpunt: •
•
Er is een voorstel om alle appartementen bij elkaar te realiseren in één groot gebouw. Dat is hier weergegeven in het midden van het gebied dicht bij de Leidsevaart. Voor de overige woningbouw is hier verder nog geen idee.
Aanpassing 1: •
• •
•
76
In een vervolg op de vorige gedachte wordt de strip met appartementen nog groter gemaakt. Dit verandert het woningbouwprogamma. De lijn van appartementen- gebouwen is hier dichter naar de volkstuinen geschoven. Een formele lay-out wordt voorgesteld met de eengezinswoningen als in een carré-vorm geopend naar de Leidsevaart. Een klein ensemble nog bij de Herenweg.
77
4.3
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
Inzichten De eerste kerngroepsessie is intensief en er zijn heel veel verschillende inzichten bij de deelnemers. Ook is het relatief moeilijk om een eensgezinde lijn te vinden in de inbreng van de deelnemers in de twee werkgroepen. Bij de landschapstafel gaat dat beter dan bij de woningbouwtafel. Het blijkt dat vooral de positie en hoogte van de appartementengebouwen voor veel onrust zorgt bij de deelnemers. Bij de landschapsvarianten spreekt velen de richting ‘waterrijk’ het meeste aan, maar gaan veel opmerkingen en suggesties ook over de groene buffers tussen bestaande gebieden en de nieuwe woningbouwlocaties. 4.3.1 Positie appartementengebouwen
Het groepswerk van de eerste kerngroep bijeenkomst heeft duidelijk gemaakt dat het ontwerpteam aan de slag moet met een goed overzicht wat de opties zijn voor de positie van de appartementengebouwen, en of er alternatieven zijn voor de drie gebouwen. In alle momenten van de werksessies is dezelfde trend waarneembaar dat de appartementengebouwen gaandeweg naar het midden van het plangebied verschuiven. Zeker ook de vrees dat deze gebouwen het zicht vanuit alle kanten zullen domineren speelt een belangrijke rol. Dat de blokjes in de maquette op schaal zijn en toelichting dat bij de voorgestelde 6 bouwlagen vanuit veel posities geen zicht op deze gebouwen is vanwege boombeplanting in de diverse modellen maakt weinig uit voor de negatieve teneur over deze hoge bebouwing bij bijna alle deelnemers. De bouwhoogte is een aspect dat nader belicht moet worden in een volgende sessie evenals een nadere verkenning over welke positie van deze gebouwen tot de mogelijkheden behoren.
het huis Leyduin naar huis te Manpad. Dat is een lijn die in het geheel niet door het plangebied van Gebied Manpad loopt. Verdere verduidelijking over deze set aan gerelateerde thema’s is in het vervolg nodig.
4.3.4 Een lommerrijke en speelse inrichting spreekt aan
Op weinig vlakken is in deze eerste sessie eensgezindheid. Het aspect waar dat wellicht wel in grote mate voor geldt is dat de meeste deelnemers de organische vormen van het model Waterrijk het meest waarderen. De combinatie van speelse vormen, water en beplanting spreekt aan. Daarnaast wordt er wel op gewezen dat ook bij dit aspect de ruimte niet ten kosten mag gaan van groen en afstand tussen de nieuwe bebouwing en de grenzen van het plangebied. De groene buffer heeft prioriteit.
4.3.2 Afstand van de woningbouw tot diverse randen
Alhoewel de appartementengebouwen de meeste discussie oproepen is ook duidelijk dat de positie en afstand van overige woningbouw tot de randen van het plangebied een belangrijk onderwerp zijn. Dat geldt voor de afstand tot de bestaande woningen in de Rivierenbuurt, de Bollenschuur aan de Herenweg, de kavels aan de Manpadslaan, maar ook randen van de Volkstuinen aan zowel de Manpadslaanzijde als aan de Herenwegzijde. Het ontwerpteam zal nader moeten verkennen welke rol deze groene buffers gaan spelen in een landschappelijk raamwerk van de groene ontwikkeling en welke invloed dit heeft op de verhouding met de open middenruimte en aaneengesloten natuur.
4.3.3 Open zicht en de relatie tot Leyduin
De open scheg of de open zichtrelatie tussen Herenweg (Groenendaal) en de Leidsevaart (richting Leyduin) speelt in de discussie over inrichting van het landschap een grote rol. Enerzijds wordt het zicht gewaardeerd, anderzijds wordt ook breed ervaren dat die grote middenruimte niet ten kosten moet gaan van groen en afstand tussen woningen en de randen. Daarnaast is een zichtrelatie tussen huis Leyduin vanaf de Herenweg niet mogelijk. Afgevaardigde van Landschap Noord-Holland geeft ook nog eens aan dat de historische zichtlijn ook niet deze scheg betreft, maar een zichtlijn is vanuit 78
79
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
Hoofdstuk 5
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
Kerngroep werksessie 3 juli 2024
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
“De tweede kerngroepsessie heeft geleid tot verdere verfijning van de input en duidelijke richtlijnen voor de ontwerpers waar we mee aan de slag kunnen. ”
Ondertitel voor afbeeldingen, diagrammen en tabellen
82
Ondertitel voor afbeeldingen, diagrammen en tabellen
83
G E B I E D
Ondertitel voor afbeeldingen, diagrammen en tabellen
84
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
Ondertitel voor afbeeldingen, diagrammen en tabellen
85
5.1
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
Aanpak Op 3 juli 2024 vond de tweede bijeenkomst van de kerngroep plaats. Aan deze bijeenkomst namen circa 20 deelnemers deel, waarvan grotendeels dezelfde personen. De sessie werd opnieuw op het terrein van Parck Manpad gehouden in de loods naast de huidige kassen op het terrein. De sessie begon met een plenaire reflectie op de vorige kerngroepresultaten en een aantal vraagstukken aan de gehele groep om direct op te reageren met een ‘schot voor de boeg’. Vervolgens werd in werkgroepen uiteengegaan om de diverse vraagstukken en de eerste initiële antwoorden uit de groep nader te bestuderen en terug te koppelen. 5.1.1 Vraagstuk 1: Hoofdlijn inrichting landschap
Op basis van de participatiesessie van 19 juni lijkt er een hoofdlijn op te maken over de inrichting van het landschap van het Gebied Manpad. Het ontwerpteam heeft een abstracte weergave gemaakt van een globaal groen vlekkenplan op basis van de inzichten die zij hebben geconcludeerd uit de eerste kerngroepsessie. De vraag aan alle deelnemers is of men zich kan vinden in de weergegeven
hoofdlijn. Het resultaat van de individueel geplakte stickers door de deelnemers tijdens het plenaire deel als ‘schot voor de boeg’ is als volgt: • Het verreweg grootste deel van de deelnemers antwoorden daarop ‘ja’. • Iemand twijfelde tussen ‘ja’ en ‘misschien/geen mening’. • Eén iemand gaf aan ‘misschien/geen mening’.
5.1.2 Vraagstuk 2: Locatie van de appartementengebouwen
In de eerdere participatiesessie bleek dat het positioneren van de drie appartementen-gebouwen uit het woningbouwprogramma een waar dilemma is. Als schot voor de boeg is dus ook aan de participanten gevraagd om op basis van vijf veel voorkomende locaties uit de eerdere sessie aan te geven welke locaties voorkeur hebben.
Poster met daarop in groene stickers het antwoord van de kerngroepleden op het vraagstuk 2 omtrent de beste positie voor de appartementengebouwen.
•
Drie locaties werden het meest gestickerd, waarvan de locatie min of meer in het midden van het gebied ten westen van de volkstuinen de meeste stickers kreeg.
Poster met daarop in groene stickers het antwoord van de kerngroepleden op het vraagstuk 1 omtrent de hoofdlijn voor de inrichting van het landschap.
86
87
G E B I E D
•
• •
Een locatie die niet was aangegeven van te voren, naast de wel aangegeven locatie in het zuidwestelijk deel, werd ook een aantal keren gestickerd.
Evenveel stickers (5) als de voorgaande werden ook gegeven aan de locatie op het perceel aan de Herenweg. De locatie dicht tegen de zone van de waterleidingenstrook kreeg slechts één sticker.
5.1.3 Vraagstuk 3: Eén appartementengebouw vs. rijwoningen Wellicht is het mogelijk om één appartementengebouw te vervangen door 22 rijwoningen. De vraag aan de deelnemers was om een schot voor de boeg te geven op dit vraagstuk.
Poster met daarop in groene stickers het antwoord van de kerngroepleden op het vraagstuk 3 of één appartementengebouw ingewisseld moet worden voor rijwoningen.
•
88
Het merendeel van de stickers werd hier geplaatst onder ‘misschien/geen mening’. Dit was naast andere afwegingen voor deelnemers onder andere een twijfel geval omdat wellicht opties voor lagere appartementengebouwen wel de voorkeur hebben boven één gebouw minder.
• •
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
Enkele stickers werden bij ‘ja’ geplaatst. Niemand gaf aan dat dit geen voorkeur heeft.
5.1.4 Vraagstuk 4: Eén bouwlaag minder vs. een groter parkeerterrein
In voorgaande sessie werd een aantal keren de wens geuit om de appartementengebouwen lager te maken. Een stap daarin zou kunnen zijn door het parkeren onder het gebouw vandaan te halen. Dat betekent dan dat er parkeerterreinen naast de appartementengebouwen komen te liggen. De vraag als schot voor de boeg aan de deelnemers was: Heeft dat alternatief de voorkeur?
Poster met daarop in groene stickers het antwoord van de kerngroepleden op het vraagstuk 4 of er een bouwlaag geschrapt moet worden met in ruil daarvoor meer parkeeroppervlak.
• • •
Een meerderheid zei ja. Toch was er ook een heel aantal mensen dat ‘nee’ als antwoord gaf. Twee keer werd ‘misschien/geen mening’ gestickerd.
89
G E B I E D
Toelichting op de bevindingen uit de eerste sessie.
90
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
Kerngroepleden plakken stickers op de posters als antwoord op de vier vraagstukken.
91
5.2
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
Groepswerksessies In de groepswerksessies wordt na het plenaire gedeelte verder ingegaan op de vraagstukken en een diepere verkenning gedaan om richting voor deze aspecten te vinden en de argumenten daarvoor naar boven te halen met elkaar. De groepen verdelen zich over de landschap georiënteerde vraagstukken en de woningbouw georiënteerde vraagstukken, om daarna te wisselen in de tweede sessie, zodat iedereen zich over alle aspecten kan buigen. 5.2.1 Sessies aan de landschapstafel
Allereerst werd het vraagstuk 1 nader bestudeerd, daarna werd ingegaan op de functionele invulling van de groene buitenruimte, natuur en onbebouwd gebied.
(sessie 1) Over vraagstuk 1 ‘Hoofdlijn voor de inrichting van het landschap’ werd ook het eerste deel van de groepssessie aan de landschapstafel gehouden. Nu niet zozeer met de vraag of men het met de hoofdlijn eens was, maar vooral ‘wat kan er nog beter?’ In de sessie werden een aantal opmerkingen gemaakt die zijn genoteerd op de poster. Hieronder worden deze opgesomd. Algemene opmerkingen: • De analyse van het bestaande gebied mist. • Zichtlijn van en naar Leyduin loopt anders. • Verbinding met natuurgebieden meer aandacht. • Het vraagstuk van 5,5 hectare aaneengesloten natuur maken is niet verenigbaar met het plan. • Er is overeenstemming over het totaalbeeld van het landschap in de groep.
Poster met opmerkingen en kanttekeningen uit sessie 1
92
93
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
(sessie 2) Over vraagstuk 1 ‘Hoofdlijn voor de inrichting van het landschap’ werd ook het eerste deel van de groepssessie aan de landschapstafel gehouden. Nu niet zozeer met de vraag of men het met de hoofdlijn eens was, maar vooral ‘wat kan er nog beter?’ In de sessie werden een aantal opmerkingen gemaakt die zijn genoteerd op de poster. Hieronder worden deze opgesomd. Algemene opmerkingen: • Zichtlijnen zijn belangrijk. • Positie en belang van de zichtlijn hangt wel af van wat er te zien is. • Twijfel over de invulling/inrichting van de open groene ruimte. • Eventueel boomgaard toevoegen (beheer zou door de volkstuinen kunnen of door nieuwe bewoners).
Poster met opmerkingen en kanttekeningen uit sessie 2
94
95
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
In het tweede deel van de groepssessie werd met onderstaande kaartenset gediscussieerd over de mogelijke functies in het openbaar en collectief gebied binnen het toekomstige plan. Deelnemers selecteerde de functies die zij als kansrijk zien en plaatsten deze op de maquette. Op deze en naastliggende pagina het gehele overzicht van alle kaarten, in de volgende pagina’s de diverse gekozen selecties in de sessies.
96
97
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
(sessie 1)
Alle functiekaartjes werden uitgestald op de maquette om ze te kunnen bestuderen en selecties te maken.
Enkele afbeeldingen die de clusters van geselecteerde functiekaartjes op de ondergrond van de maquette laten zien. Ook al werden er clusters van kaartjes bij elkaar op de maquette gelegd, toch betekende dat zeker niet altijd dat de gekozen functies precies daar werden gedacht. Heel vaak moeten de gekozen functies toch meer als generiek van toepassing op het hele gebied gezien worden.
98
99
G E B I E D
Overzicht van het resultaat van geselecteerde en geplaatste kaartjes in de eindfase van het groepsproces van sessie 1.
Lijst van geselecteerde functies: • Aquatische planten • Bomen • Inheemse planten • Steigers • Fruitbomen • Bloemrijke bermen • Laanbomen • Fietspaden • Nectarplanten • Notenbomen • Stinzenbos
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
• Wandelpaden • Struweel • Gemengde haag • Wilde bloemen • Kunstroute • Natuurvriendelijke oevers • Sloten met plasberm • Afgraven • Vijvers
Overzicht van alle geselecteerde functiekaartjes door de groep uit sessie 1 op deze pagina weergegeven. Daarbij de vaakst voorkomende geselecteerde functies nog eens extra groot weergegeven.
100
101
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
(sessie 2)
Alle functiekaartjes werden uitgestald op de maquette om ze te kunnen bestuderen en selecties te maken.
Enkele afbeeldingen die de clusters van geselecteerde functiekaartjes op de ondergrond van de maquette laten zien. Ook al werden er clusters van kaartjes bij elkaar op de maquette gelegd, toch betekende dat zeker niet altijd dat de gekozen functies precies daar werden gedacht. Heel vaak moeten de gekozen functies toch meer als generiek van toepassing op het hele gebied gezien worden.
102
103
G E B I E D
Overzicht van het resultaat van geselecteerde en geplaatste kaartjes in de eindfase van het groepsproces van sessie 2.
Lijst van geselecteerde functies: • Aquatische planten • Bomen • Inheemse planten • Waterspeeltuinen • Fruitbomen • Bloemrijke bermen • Laanbomen • Fietspaden • Nectar planten • Notenbomen • Stinzenbos • Wandelpaden
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
• Struweel • Gemengde haag • Wilde bloemen • Kunstroute • Vlinderdozen • Doorlatende verharding • Meer sloten • Vijvers • Natuurvriendelijke oevers • Sloten met plasberm • Afgraven
Overzicht van alle geselecteerde functiekaartjes door de groep uit sessie 2 op deze pagina weergegeven. Daarbij de vaakst voorkomende geselecteerde functies nog eens extra groot weergegeven.
104
105
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
(sessie 1) Tot slot van de sessie aan de landschapstafel werd uit een brede verzameling inzetstukken gekozen welke invulling voor het landschappelijk raamwerk voorkeur zou hebben. Deze stukken werden op de maquette geplaatst door de deelnemers. Het gesprek over de functiekaartjes en de aard van de inrichting gaf extra richting aan welke inrichting het beste waar zou passen in het gebied.
Het toevoegen van de gekozen inzetstukken aan de ondergrond met de daarvoor geselecteerde functiekaarten.
Het eindresultaat van de sessie is naast de selectie van functiekaartjes ook een inrichting van het gebied met landschapselementen op de maquette. In het resultaat van sessie 1 zijn de diverse bufferzones langs de randen ingevuld met dan wel dichte beplanting (Manpadslaanzijde), afwisselend water, riet, gras en beplanting (Rivierenbuurtzijde) en water en beplantingslijn (Herenwegzijde richting de bollenschuur). Een markante waterpartij is uitgekozen ter onderscheid van het zuidwestelijk deel en het middendeel met water in verbinding met de Leidsevaart. Ook is er een beplantingsstrook toegevoegd langs de Leidsevaart. Tot slot zijn er enkele losse boomgroepen en geïmproviseerde elementen die aanduiding van hagen voorstellen.
Tafel met overzicht van allerlei inzetstukken waar uit gekozen kon worden om invulling aan het landschappelijk raamwerk te geven.
106
107
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
(sessie 2) Tot slot van de sessie aan de landschapstafel werd uit een brede verzameling inzetstukken gekozen welke invulling voor het landschappelijk raamwerk voorkeur zou hebben. Deze stukken werden op de maquette geplaatst door de deelenemers. Het gesprek over de functiekaartjes en de aard van de inrichting gaf extra richting aan welke inrichting het beste waar zou passen in het gebied.
Het toevoegen van de gekozen inzetstukken aan de ondergrond met de daarvoor geselecteerde functiekaarten.
Tafel met overzicht van allerlei inzetstukken waar uit gekozen kon worden om invulling aan het landschappelijk raamwerk te geven.
108
Het eindresultaat van de sessie is naast de selectie van functiekaartjes ook een inrichting van het gebied met landschapselementen op de maquette. In het resultaat van sessie 2 zijn de diverse bufferzones langs de randen ingevuld maar ook de diverse middendelen van het gebied. Aan de Herenweg is gekozen voor twee beplantingslijnen langs de randen met in het midden een tuinachtig element met een kleine waterpartij. In het Zuidwestelijke deel nabij de Manpadslaan is gekozen voor randen met dichte beplanting (Manpadslaanzijde) en een lijnbeplanting met doorzichten langs zowel de volkstuinen als langs de Leidsevaart. Vanaf de Leidsevaart is er een waterpartij gekozen en los daarvan ook een smalle waterpartij in het midden. Langs de Rivierenbuurt is voor water met afwisselend groen en af en toe een doorzicht gekozen. Nabij de volkstuinen is hier een grotere waterpartij geplaatst en diverse boomgroepen langs de waterleidingenzone.
109
G E B I E D
5.2.2 Sessies aan de woningbouwtafel
Voor vraagstuk 2 ‘Locatie van de appartementengebouwen’ was aan het begin van de avond een ‘schot voor de boeg’ gegeven door deelnemers, maar in het eerste deel van de groepssessie aan de woningbouwtafel werd hetzelfde vraagstuk behandeld op een iets andere manier. De vraag aan de deelnemers in de groep was nu om alle locaties langs te gaan en van elke locatie plussen en minnen te noemen. Daarna verplaatste de groep zich naar de maquette om op basis van de gegeven argumenten op basis van het vraagstuk de positie van de appartementengebouwen op de maquette te bepalen. Zodra er een eensluidende positie van de appartementengebouwen door de groep bepaald was mocht het overige programma een plaats gegeven worden met als doel om tot een complete invulling te komen.
Locatie E
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
Plussen • Ver van de bebouwing. • Verbetering tov de huidige kassen. • Allermooiste woonplek met uitzicht rondom. Minnen • Langste ontsluiting door het gebied. • Erg in het zicht vanaf Leidsevaart en Leyduin.
(sessie 1)
Antwoorden op de vraag wat de plus- en minpunten zijn van elk van de mogelijke appartementengebouwlocaties zijn als volgt gegeven door de groep: Locatie A
Locatie B
110
Plussen • In de hoek waar relatief ruimte omheen ligt. • Creëert ruimte omdat het aan de rand van het gebied staat. Minnen • Dichtbij bestaande bebouwing. • Aan overzijde van het veld. • Langere ontsluiting door het gebied. Plussen • Ligt niet direct voor bestaande bebouwing. • Ontsluiting door het gebied is korter. • Vanaf Herenweg niet in het zicht. Minnen • Beetje in zichtlijn / in de open scheg. • Dichtbij de Rivierenbuurt.
Locatie C
Plussen • Kortste ontsluiting. • Redelijk ver van alle bestaande bebouwing. Minnen • Te dicht op de volkstuinen (schaduw). • In beeld vanaf de Herenweg.
Locatie D
Plussen • Redelijk ver van alle bebouwing. • Gemiddelde afstand voor ontsluiting door het gebied. Minnen • Te dicht op de volkstuinen (schaduw). • In zichtlijn vanaf de Herenweg/Groenendaal richting Leyduin (vraag is of de beplanting rond de volkstuinen dat niet opheft).
A
B
E
D C
Poster zoals door de groep ingevuld met argumenten voor en tegen bepaalde locaties
111
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
Antwoorden op de vraag wat de plus- en minpunten zijn van elk van de mogelijke appartementengebouwlocaties zijn als volgt gegeven door de groep:
(sessie 2)
112
Locatie A
Plussen • Past in de lijn van bestaande flats in de Rivierenbuurt. • Staat uit de zichtlijn van naastgelegen woningen • Staat aan de rand van het gebied. • Mooi uitzicht en bezonning. Minnen • Staat dicht tegenover de huizen aan de Leidsevaart. • Lange ontsluiting door het gebied.
Locatie B
Plussen • Mooi uitzicht op Leyduin. • Relatief dicht bij Herenweg i.v.m. OV en fiets. • Korte ontsluiting door het gebied. Minnen • Blokkerend (deels) in de zichtlijn.
Locatie C
Plussen • Positie zou landgoedachtig kunnen zijn vanaf de Herenweg. • Kortste ontsluiting door het gebied. • Dicht bij OV en fietsverbinding Herenweg. Minnen • Relatief dicht bij Bollenschuur. • Schaduw op de volkstuinen.
Locatie D
Plussen • Verst af van alle bestaande woningen. • Kan functioneren als entree van de buurt in Zuidwestelijk deel. • Aan de rand van het plangebied. • Weg/ontsluiting kan er omheen, zicht op open gebied. Minnen • Staat in zichtlijn Groenendaal - Leyduin (afhankelijk van hoe hoog huidige beplanting rond volkstuinen nu al zicht ontneemt?). • Dicht bij de volkstuinen.
Locatie E
Plussen • Ver van de bebouwing. • Prachtig uitzicht. • Ruimte rondom gebouw goed in te passen. Minnen • In het zicht vanaf de Leidsevaart. • Dicht bij Leyduin; prominent in het zicht. • Langste ontsluiting door het gebied.
A
B D E
C
Poster zoals door de groep ingevuld met argumenten voor en tegen bepaalde locaties
113
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
(sessie 1) De foto-serie laat zien hoe na het invullen van de plussen en minnen per locatie de groep al discussiërend de drie appartementengebouwen positioneerde op de maquette. Vertrekpunt is direct twee van de drie gebouwen aan de Leidsevaart. Met kleine verschuivingen blijven deze eerst staan, terwijl het derde gebouw zowel langs de volkstuinen, op de Herenwegkavel en aan de waterleidingenzone nabij de Rivierenbuurt wordt geplaatst.
114
Vervolgens keert het derde gebouw weer terug naar de centrale positie ten westen van de volkstuinen. Omdat aangegeven wordt dat een dergelijke concentratie vanuit zowel de markt (verkoopbaarheid) als mogelijk de stikstofberekening ongewenst kan zijn, wordt er nog verder geschoven. Het derde gebouw tegen de waterleidingenzone aan nabij de volkstuinen in de hoek met Nelis en de Rivierenbuurt. Omdat dit toch te dicht bij bestaande bebouwing wordt ervaren schuift het derde gebouw weer naar het midden. De andere twee gebouwen worden verder uit elkaar gezet, maar daarna ook weer terug geschoven.
115
G E B I E D
Lineaire opstellingen haaks op de Leidsevaart worden geprobeerd waarbij de gebouwen zoveel als mogelijk in het midden worden gezet. Het derde gebouw staat dan wel op de locatie waterleidingenzone/Rivierenbuurt, dan wel Herenweg/volkstuinen. Voor beide varianten wordt ook weer gekeken naar de twee gebouwen langs de Leidsevaart, zoals eerder in de sessie. Hoofdreden lijkt toch de gebouwen zo ver mogelijk uit het zicht van de bestaande bebouwing te houden.
116
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
Omdat de locaties Herenweg-kavel en waterleidingenzone/Rivierenbuurt te veel controverse in de groep oproepen wordt een serie mogelijkheden in de hoek tegenover het speelveld van de Rivierenbuurt/aan de Leidsevaart uitgeprobeerd voor het derde gebouw. De overige twee gebouwen schuiven nauwelijks meer. Dicht bij het speelveld wordt ook gezien als dicht bij bestaande bebouwing tegenover het trapveld en ook aan de overzijde Leidsevaart. Het derde gebouw schuift weer naar het midden vlak bij de volkstuinen.
117
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
Met de twee appartementen- gebouwen aan de Leidsevaart inmiddels vast op hun plek wordt nog een laatste ronde gemaakt met het derde gebouw. Veel dichter bij de Manpadslaan. Dit stuit op bezwaren vanuit de Manpadslaan dat dit minstens zo dichtbij is als net niet acceptabel werd geacht vanaf bebouwing rond het speelveld Rivierenbuurt. Het derde gebouw schuift daarmee nog een keer naar de locatie waterleidingenzone/Rivierenbuurt omdat deze afstand tot bebouwing toch groter is dan de eerder genoemde locaties tegenover trapveld en Manpadslaan. Om uiteindelijk te resulteren in de groepsconclusie dat de drie appartementengebouwen bij elkaar in het midden moeten staan omdat ze daar het verst weg van alle bebouwing staan vanuit alle kanten bezien. Kanttekening van de mogelijke onhaalbaarheid wordt nog herhaald, maar als enige haalbare compromis in de groep wordt met deze opstelling de verdere maquette ingericht.
De maquette wordt op basis van de positie van de drie appartementengebouwen verder ingericht door de groep. Het gehele woonprogramma van 149 woningen is geplaatst, essentiële groene buffers zijn neergezet en water toegevoegd waar dat wenselijk wordt geacht.
Beeld van de ingevulde maquette, vanuit het westen gezien met de Leidsevaart op de voorgrond, als resultaat van de sessie. Het cluster met de drie appartementengebouwen in het midden, een cluster van vrijstaand en twee-onder-één-kap rechts daarvan aan de Leidsevaart, daarachter met een groenzone gescheiden van de volkstuinen een cluster met de rug-aan-rug woningen. Tussen de twee clusters ligt water en open groen. Aan de linkerzijde, nabij de Rivierenbuurt, volgen de twee-onderéén-kap woningen de grens van de waterleidingenzone. De ruime afstand tussen de Rivierenbuurt en de nieuwe woningen is met water, boomgroepen en open groen ingericht. Op de Herenwegkavel is een cluster twee-onder-één-kap woningen gepositioneerd nabij de volkstuinen met een open stuk tot aan de herenweg met water en groen aan weerszijde. 118
119
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
(sessie 2) De foto-serie laat zien hoe na het invullen van de plussen en minnen per locatie de groep al discussiërend de drie appartementengebouwen positioneerde op de maquette. De drie gebouwen worden allereerst op de posities in het midden, nabij de volkstuinen en de twee locaties aan de Leidsevaart (nabij het speelveld van de Rivierenbuurt, en halverwege) geplaatst. De locatie bij het speelveld kan geoptimaliseerd worden blijkt uit de discussie door het verder weg van de buurt te schuiven en te draaien en op een andere groene plint te zetten. Vervolgens ontstaat er discussie over de positie van de gebouwen ten opzichte van Leyduin. Het gebouw langs de Leidsevaart dat halverwege staat wordt naar de locatie aan de waterleidingenzone naast de volkstuinen nabij de Rivierenbuurt verplaatst. Daar wordt het gebouw nog een keer gedraaid en zover mogelijk van de Rivierenbuurt bebouwing gezet.
120
Als de locatie aan de waterleidingenzone en volkstuinen nabij de Rivierenbuurt de plek is waar de sociale huisvesting komt dan wordt voorgesteld om deze sowieso een laag minder hoog te maken en het parkeren er naast te zetten. Er wordt een variant geprobeerd met het appartementengebouw in het midden te verplaatsen naar de andere kant van de volkstuinen zodat het op het uiteinde van de Herenwegkavel komt te staan. Vervolgens wordt een wissel gemaakt met de sociale huisvesting. Er is discussie of de gebouwen aan weerszijde van de zichtlijn (de open scheg) misschien een soort poort kunnen creëren maar wellicht het beeld van een zichtlijn ook wel vernauwen. Het gebouw aan de waterleidingenzone wordt weer naar de Leidsevaart verplaatst.
121
G E B I E D
De sociale huisvesting aan het uiteinde van de Herenweg langs de entreeroute het gebied in wordt niet als wenselijk ervaren door een deel van de groep. Het gebouw wordt naar de andere zijde van de volkstuinen teruggeplaatst. Door het parkeren tussen gebouw en volkstuinen in te leggen wordt er meer afstand tot de volkstuinen gehouden. Het bezwaar van teveel bouwmassa dicht bij Leyduin wordt weer gemaakt bij deze configuratie. Het appartementengebouw in het middendeel wordt weer naar de locatie waterleidingenzone volkstuinen nabij de Rivierenbuurt geplaatst. De sociale appartementen rouleren nog een aantal keer tussen de diverse locaties. Het gebouw tegenover het speelveld en aan de Leidsevaart blijft al een tijd staan.
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
Wanneer het gebouw met de sociale huisvesting weer terugkeert naar de middenlocatie, constateert de groep dat het derde gebouw het hete hangijzer blijkt in de puzzel. Het verdwijnt even van de maquette. Er wordt geopperd om het derde gebouw te koppelen met één van de andere twee. Die locaties lijken immers het beste te werken van alle mogelijkheden. Het koppelen levert alleen zo’n bouwmassa op dat ook hiervoor de handen niet op elkaar komen. Het derde gebouw staat naast de midden locatie nabij de volkstuinen. Zo is het minder prominent ten opzichte van Leyduin, maar wordt het als een te zware last voor dat deel van het plangebied gezien.
122
123
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
Het derde gebouw verdwijnt opnieuw van de maquette. Consequentie is dat er 22 rijwoningen bijgeplaatst moeten worden om aan het kader van het woonprogramma te voldoen. De groep kiest hiervoor en gaat aan de slag met het invullen van de maquette met het overige woonprogramma met de twee appartementengebouwen als uitgangspunt: sociale huisvesting op de middenlocatie en het tweede appartementengebouw tegenover het speelveld aan de Leidsevaart. De maquette wordt op basis van de positie van de drie appartementengebouwen verder ingericht door de groep. Het gehele woonprogramma van 149 woningen met essentiële groene buffers en waterelementen toegevoegd.
124
Beeld van de ingevulde maquette vanuit het westen gezien, als resultaat van de sessie van deze groep. Op de voorgrond de Leidsevaart. Het appartementengebouw met de sociale huisvesting centraal in het midden, met parkeerruimte tussen het gebouw en de grens met de volkstuinen. Daaromheen is groen geplaatst. Het andere appartementengebouw staat helemaal links. Tegen de grens van de waterleidingenzone aan tegenover het speelveld in de Rivierenbuurt (hier niet op de foto). Het gebouw is omgeven door enkele boomgroepen. Omdat het derde gebouw weggelaten is zijn er 22 rijwoningen in de werkmaquette bijgeplaatst. Deze staan enerzijds rechts van het centrale appartementengebouw (naast een rij rug-aan-rug woningen), en anderzijds aan de linkerzijde in de hoek tussen waterleidingenzone, volkstuinen en de groenstrook naast de Rivierenbuurt. Beide gebieden worden door de groep wel als ‘vol’ bestempeld. Bij de Herenwegkavel is een cluster met twee-onder-één-kap woningen geplaatst. Er worden landschapselementen toegevoegd met een waterverbinding vanaf de Leidsevaart en een water en groen gebied in het hart van het zuidwestelijke deel. Daaromheen worden vrijstaande woningen geplaatst. De zichtlijn en waterleidingenzone wordt met open groen ingevuld geflankeerd door een serie bomenrijen die de ontsluitingsweg begeleiden en ook in het deel bij de Herenweg een groen kader maken.
125
5.3
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
Inzichten De tweede kerngroepsessie is net zo intensief als de eerste. Na een lange avond werken met elkaar zijn er echter meer hoofdlijnen te bespeuren. Verschillen in mening over oplossingen zijn er echter ook zeker nog. De positie van de appartementengebouwen blijft een heet hangijzer en ook leven er verschillen over hoe met de hoogte om te gaan en het wel of niet inruilen van één appartementengebouw voor rijwoningen. Opnieuw zijn de meest eensgezinde geluiden te horen over het landschappelijk raamwerk. Zowel in de keuze voor functioneel gebruik en invulling als in de positionering en inrichting van groene buffers, randen en waar water te maken komen in hoofdlijnen overeen. 5.3.1 Appartementengebouwen nader definiëren
In zowel de argumentatie als in de schuifsessie is er heel veel input door de groepen gegeven. De resultaten zijn allerminst eenduidig, maar het ontwerpteam heeft het idee op basis van alles wat er meegegeven is dat in de volgende bijeenkomst een goede koers om de mogelijkheden te trechteren kan worden voorgelegd.
5.3.2 Landschappelijk raamwerk krijgt contouren
Het is prettig dat er in dit stadium van de planvorming zich ook zaken aftekenen waar in de breedte bijval voor is. De invulling van het landschappelijk raamwerk op hoofdlijn is er daar zeker één van. Het ontwerpteam kan met de gegeven reacties en resultaten van functiekaartenselectie en verschillende invullingen met groene elementen op de maquettes een verdere invulling van het vlekkenplan maken en het groene kader voor de ontwikkeling als geheel vormgeven met een eerste voorstel in de volgende bijeenkomst.
5.3.3 Gelijkwaardige verdeling woningen in een mix van type
Waar veel nadruk op de verschillende oplossingen en meningen over de appartementengebouwen overheerst is door de oogharen in de andere modellen te zien dat de overige woningbouw steeds min of meer evenwichtig en gelijkwaardig over de drie hoofdgebieden wordt verdeeld. Op het perceel aan de Herenweg wordt altijd bebouwing op de achterste helft gepositioneerd; Bij de Rivierenbuurt worden twee of drie clusters op afstand van de bestaande woningen met een groene bufferzone geplaatst. Liefst zo dicht mogelijk tegen de grenzen van de waterleidingenstrook aan, maar wel altijd met respect voor de openheid en de zichtlijnen. In het zuidwestelijk deel wordt vaak met een centrale waterpartij gewerkt waar de woningen zich in verschillende configuraties omheen nestelen. Al deze ideeën en configuraties behoeven nadere uitwerking en een stedenbouwkundige bril om ook lokale ontsluiting bijvoorbeeld goed in te passen. Tegelijkertijd biedt deze globale hoofdlijn ook houvast voor het vervolg.
126
127
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
Hoofdstuk 6
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
Kerngroep werksessie 4 september 2024
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
“We zijn het niet over alles eens, maar veel is al veel duidelijker geworden. Er ontstaat een plan op hoofdlijnen waar we niet meer tegen zijn. ”
Ondertitel voor afbeeldingen, diagrammen en tabellen
130
Ondertitel voor afbeeldingen, diagrammen en tabellen
131
G E B I E D
Ondertitel voor afbeeldingen, diagrammen en tabellen
132
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
Ondertitel voor afbeeldingen, diagrammen en tabellen
133
6.1
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
Aanpak en presentatie De derde kerngroep bijeenkomst vond plaats na een zomerreces op 4 september 2024. Dit gaf het ontwerpteam de tijd om alle opgedane inzichten uit de intensieve serie sessies voor de zomer nader te bestuderen en een volgende slag bevindingen aan de kerngroepleden te presenteren. Deze sessie werd gestructureerd door zes thema’s te presenteren aan de plenaire groep en per thema met elkaar daarna in debat te gaan. De uitkomsten van elk van die discussies is per thema weergegeven in het verslag in de volgende paragraaf. 6.1.1 Structuur van het verslag van deze sessie
Dit verslag van de kerngroep participatiesessie van 4 september 2024 is opgebouwd uit de sheets van de gegeven presentatie waartussen de panelen van de discussie zijn gevoegd. Elk van de panelen vertegenwoordigde een thema, dus deze zijn op de meest passende plaats in de presentatie geplaatst. Tevens is bij elk van die thema-panelen tekst geplaatst die een weergave is van de gemaakte opmerkingen en vragen en een korte beschrijving van de stand van zaken aangaande dat onderwerp op de avond. Tot slot hebben we met de kerngroep de avond afgesloten rond de maquette. De invulling van de inrichting van de maquette zoals die door VE-R was voorbereid is gedurende de avond op enkele plekken gewijzigd. Deze worden stapsgewijs weergegeven met de inrichting die op de meeste bijval kon rekenen tot slot.
6.1.2 Wel gevoel voor een gedragen richting, maar geen formeel beslistraject
In dit verslag wordt een aantal keren omschreven waar het meeste draagvlak voor was of een aanzet tot consensus over een bepaalde richting. Het is belangrijk daar bij op te merken dat de kerngroep niet de taak heeft om te stemmen of unaniem te kiezen voor iets, maar dat we met elkaar tot een redelijk gedragen richting zijn gekomen. De exacte woordkeuze in dit verslag is dan ook niet maatgevend voor het verdere formele beslistraject, maar geeft vooral de voortgang weer.
Toelichting op de vraagstukken op de panelen voor de kerngroepleden om op te reageren.
134
135
6.2
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
Debat aan de hand van thema’s Een zestal thema’s zijn behandeld in deze kerngroep bijeenkomst. Dit zijn: (1) Kaders voor de Ontwikkelvisie, (2) Vlekkenkaart voor de Ontwikkelvisie, (3) Landschappelijk raamwerk, (4) Verkeersontsluiting, (5) Aaneengesloten natuurgebied, en (6) Appartementengebouwen. Deze zes thema’s en achterliggende aspecten worden in de volgende subparagrafen behandeld. Steeds wordt aan het slot per thema weergegeven wat de hoofdlijn van opmerkingen waren uit de kerngroep en wat de stand van zaken op dat moment betreft.
6.2.1 Thema 1: Kaders voor de Ontwikkelvisie
De kaders zijn voorafgaand aan de kerngroepsessies al uitgebreid gepresenteerd in de brede publieke bijeenkomst, maar alvorens tot een hoofdlijn voor de Ontwikkelvisie te komen is het goed om nogmaals langs de kaders te lopen als ijking of die hoofdlijn ook daadwerkelijk voldoet aan de gestelde randvoorwaarden.
Sheet uit de presentatie met daarin in rood gemarkeerd de aandachtspunten en in paars toevoegingen ter duiding.
Sheet uit de presentatie met daarin het overzicht van de kaders in het kort.
136
Sheet uit de presentatie met daarin in groen gemarkeerd ambities die nadrukkelijk aandacht vragen.
137
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
THEMA 1: KADERS Opmerkingen kerngroepsessie 4/9: •
Meer duidelijkheid geven over wat harde eis is en wat een wens in deze lijst van kaders.
Stand van zaken: De Ontwikkelkaders worden opgenomen in de plandocumenten voor de Ontwikkelvisie. Daarin zal worden meegenomen om een toelichting bij de kaders te maken en daarin aan te geven wat strikt is en waar meer ruimte in zit.
Poster voor het thema zoals gepresenteerd tijdens de kerngroep bijeenkomst van 4 september 2024.
138
139
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
6.2.2 Thema 2: Vlekkenkaart voor de Ontwikkelvisie
Het schema van het landschappelijk raamwerk zoals we dat de vorige keer hebben laten zien en waar veel bijval voor was, is nu als basis gebruikt om verder te gaan om tot een concept vlekkenplan te komen. Dit wordt voorgelegd aan de kerngroep voor reactie.
Drie gebieden waar gebouwd kan worden (links) en de hoofdontsluiting vanaf de Herenweg (rechts)
Op het vlekkenplan zijn met vijf sterren de mogelijke posities voor de appartementengebouwen weergegeven. Daar moet nog uit gekozen worden welke locaties daadwerkelijk gebruikt gaan worden. Deze discussie wordt verderop in de sessie gevoerd en staat verderop in dit document weergegeven.
Landschappelijk raamwerk op hoofdlijn uit de vorige sessie en dezelfde elementen op de kaart geprojecteerd (rechts).
Aaneengesloten natuurgebied (links) en zichtlijnen door open middengebied (rechts)
140
De totale optelsom van elementen (inclusief de aanduiding van mogelijke locaties voor appartementen) op één kaart
141
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
THEMA 2: VLEKKENKAART VOOR DE ONTWIKKELVISIE Opmerkingen kerngroepsessie 4/9: • • • • •
De 5,5 ha aaneengesloten natuur is een aangenomen motie van de raad en kan als wens worden gezien, maar een goed ontwerponderzoek en volledige beargumentering voor de uitkomst is wel noodakelijk. De opgave (wens) voor 5,5 ha aaaneengesloten natuur is ook een kans om aan te sluiten bij het kader dat de wens uitspreekt om het karakter van Gebied Manpad te behouden en om de “open scheg” met zichtrelatie te respecteren. Zet het grote open groene gebied de groene woonkwaliteit in het gebied onder druk? Voeg nog een groenbuffer toe langs de grens met de ‘Herenweg’ Volkstuinen Geef een toelichting bij de kaart over het karakter van de vlekken voor woningbouw.
Stand van zaken: De 5,5 ha aaneengesloten natuur is inderdaad een aangenomen motie van de raad en het behoort bij de opgave om een goed ontwerponderzoek en volledige argumentatie voor de uitkomst te maken. Vooralsnog lijkt het een haalbaar in te passen wens binnen het vlekkenplan (zie ook verdere toelichting bij het thema Aaneengesloten Natuur), waarbij er geen andere zaken - zoals de kwaliteit binnen de woongebieden - te kort wordt gedaan. De suggesties voor het toevoegen van een buffer langs de volkstuinen gelegen langs de Herenweg en een toelichting bij de woonvlekken wordt meegenomen voor een volgende versie.
Poster voor het thema zoals gepresenteerd tijdens de kerngroep bijeenkomst van 4 september 2024.
142
143
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
6.2.3 Thema 3: Landschappelijk raamwerk
Hoe creëren we een aantrekkelijk landschap waarin de woningen een plek vinden? En in welke vorm maken we dat? Twee mogelijke invullingen van het landschappelijk raamwerk zijn getekend. Links in de ‘agrarische stijl’ die verwantschap heeft met het agrarische verleden van het gebied in de vorm van meer rechtlijnige vormen van alle elementen van water en beplanting. En de ‘landgoed stijl’ die meer leunt tegen de Engelse landschapsstijl die kenmerkend is voor veel van de landgoederen in de omgeving met meer organische en rondere vormen.
Het landschappelijk raamwerk in meer agrarische stijl.
144
Het landschappelijk raamwerk in meer landgoed stijl.
145
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
THEMA 3: LANDSCHAPPELIJK RAAMWERK Opmerkingen kerngroepsessie 4/9: • • •
Ecologische kwaliteiten kunnen in allebei gerealiseerd worden. Voorkeur voor het “agrarische stijl” landschap is minder in de groep. Voorkeur “landgoed stijl” is groter in de groep. Genoemde argumenten als ‘speels’ en ‘tegenhanger van de rechtlijnige overige verkaveling’ en ‘inrichting zoals de volkstuinen’ wordt genoemd. Het karakter van de Manpadslaan zelf, als cultuurhistorische eenheid, wordt in allebei de inrichtingsopties gewaarborgd met een groene buffer.
Stand van zaken: Ook al is de voorkeur voor de ‘agrarische stijl’ minder in de kerngroep, Landschap Noord-Holland geeft wel aan hier voorkeur voor te hebben. Goed om nog een keer dieper door te praten over wat de argumenten daar voor zijn om te kijken wat daarvan in inrichtingsplan kan worden meegenomen. Het ligt voor de hand dat onderdelen van beide stijlen in het uiteindelijke inrichtingsplan worden meegenomen. Zo kan de aansluiting op gebieden als Groenendaal en Herenweg, maar ook de Manpadslaan goed leunen op de ‘landgoed stijl’ terwijl het open middengebied misschien ook kenmerken van de open gebieden zoals het naastgelegen weidegebied van Leyduin kan krijgen.
Poster voor het thema zoals gepresenteerd tijdens de kerngroep bijeenkomst van 4 september 2024.
146
147
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
6.2.4 Thema 4: Verkeersontsluiting
Drie mogelijke entreezones, waarvan vast staat dat de hoofdentree van Gebied Manpad aan de Herenweg ligt en dit ook de enige auto-ontsluiting zal zijn. De calamiteitenontsluiting valt samen met de fietsontsluiting naar de Manpadslaan. De entreezone naar de Rivierenbuurt, ter hoogte van het speelveldje, is niet in het plan voor Gebied Manpad opgenomen, maar is mogelijk wel een kans voor een voetgangersontsluiting in de toekomst.
Voorbeeld uitwerking van hoe de entreezone aan de Herenweg zou kunnen worden. Wanneer het nadere inrichtingsplan voor de openbare ruimte plaatsvindt is het ook goed om met de direct naastgelegen omwonenden nog rond de tafel te gaan om de details hiervoor te bespreken.
Vlekkenplan met aanduiding van de drie mogelijke entreezones
Voorbeeld uitwerking van hoe de entreezone met het fietspad en calamiteitenontsluiting aan de Manpadslaan zou kunnen worden. Wanneer het nadere inrichtingsplan voor de openbare ruimte wordt gemaakt, is het ook goed om met de direct naastgelegen omwonenden nog rond de tafel te gaan om de details hiervoor te bespreken. 148
149
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
THEMA 4: VERKEERSONTSLUITING Opmerkingen kerngroepsessie 4/9: • •
•
De laan vanaf de Herenweg misschien niet recht maar slingerend maken i.v.m. verkeer en snelheid. Extra geluid van extra autoverkeer is geadresseerd en met oplossing van walletjes en beplanting helpt dat (en wordt gewaardeerd). Nog wel behoefte aan duidelijkheid over hoeveelheid extra geluid bij de entree straks te verwachten is en welke maatregelen dan nodig zijn. Maximum snelheid van 30 km/u overal in het gebied. (Ook aan de Manpadslaan zou dat meest passend zijn, terwijl dat nu nog 60 is, maar meer passend bij functies, profiel en fietsgebruik zou zijn om daar 30 km/u) van te maken.
Stand van zaken: Voor de entreezones zal bij het inrichtingsplan openbare ruimte nog verder met de direct omwonenden worden gesproken over de details. Wat betreft het geluid zal in ieder geval bij het verkeersonderzoek naar de aansluiting op de Herenweg worden meegenomen over wat voor toename van verkeer het zal gaan en/of welk effect dat zal hebben op het geluidsniveau.
Poster voor het thema zoals gepresenteerd tijdens de kerngroep bijeenkomst van 4 september 2024.
150
151
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
6.2.5 Thema 5: Aaneengesloten natuurgebied
De in de gemeenteraad aangenomen motie van GroenLinks om te onderzoeken of 5,5 hectare aaneengesloten natuurgebied realiseerbaar is in het plan is meegenomen in de eerdere kerngroepsessies. Het ontwerpteam heeft de eerste versies van het landschappelijk raamwerk nagemeten op aaneengesloten natuurgebied. In zowel de ‘agrarische stijl’ als ‘landgoed stijl’ getekende lay-out van mogelijke inrichting is nagegaan welk aaneengesloten gebied er logischerwijs aan te wijzen is binnen het plangebied. Dat is voor beiden gelijk en komt nu neer op ca. 5 hectare op deze tekeningen. Kanttekening is dat de ontsluitingsweg daar deels doorheen loopt. Dit is niet onmogelijk zolang rekening gehouden wordt met snelheid, inrichting en aanvullende maatregelen ten behoeve van fauna passages.
Twee voorbeelden zijn getoond ter illustratie dat een weg door een gebied met hoge natuurwaarden niet onmogelijk is. Links de Lemelerberg (Overijssel) waar de auto-ontsluiting van het dorp Lemele naar de provinciale weg in het natuurgebied ligt en rechts Park Brederode (Bloemendaal, Noord-Holland) waar de ontsluiting van de woningen in de overgang ligt van het open gebied met natuurwaarde naar de duinen.
Landschappelijk raamwerk in ‘agrarische stijl’ (boven) en ‘landgoed stijl’ (onder) met globale markering van het aaneengesloten natuurgebied van circa 5 hectare.
152
153
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
THEMA 5: AANEENGESLOTEN NATUURGEBIED Opmerkingen kerngroepsessie 4/9: • • • •
De betekenis voor kwaliteit van ecologie is misschien belangrijker dan het exacte oppervlakte. Is het toegankelijk voor mensen? En wat is het effect van die toegankelijkheid op de ecologische kwaliteit? Kansen voor recreatie beperken in het kader van overlast voor natuurwaarde en voor de omgeving. Aandacht voor natuurkwaliteiten en hoe je daar mee omgaat. Ook (juist!) bij de nieuwe bewoners.
Stand van zaken: De ecologen die het onderzoek doen naar de huidige kwaliteiten en waarden, zal ook gevraagd worden om het concept plan te beoordelen op ecologische geschiktheid van de gebieden binnen het plangebied. De geconstateerde bestaande waarden en of de doelsoorten bij de definitie van het aaneengesloten natuurgebied zijn uitgangspunt bij het bepalen of gebieden in het plan onderdeel kunnen zijn om als stapsteen te functioneren tussen de grotere natuureenheden in de omgeving. De inzichten uit het ecologisch onderzoek naar de kwaliteiten binnen het plan om gebieden tot de aaneengesloten natuur te rekenen kunnen natuurlijk nog tot aanscherpingen leiden om tot het definitieve inrichtingsplan voor Gebied Manpad te komen.
Poster voor het thema zoals gepresenteerd tijdens de kerngroep bijeenkomst van 4 september 2024.
154
155
G E B I E D
6.2.6 Thema 6: Appartementengebouwen
Zoals uit de inzichten van de eerdere kerngroep bijeenkomsten is gebleken is dit een terugkerend zwaarwegend thema. Het ontwerpteam heeft voorafgaand aan de derde kerngroep bijeenkomst een verdere studie gedaan naar dit thema. Daarmee is dit thema in drie delen te behandelen: (1) Aantal en hoogte (2) Vorm en (3) Locatie. Het startpunt voor de participatie ging uit van drie appartementengebouwen van 6 bouwlagen (een parkeerlaag in een groene wal plus 5 woonlagen daar bovenop).
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
Aangaande het aantal: Op basis van de participatie-inzichten wordt voorgesteld om in plaats van drie appartementengebouwen twee appartementengebouwen met 22 grondgebonden woningen toe te passen. De twee overgebleven appartementengebouwen bieden plek aan de sociale sector appartementen en aan de betaalbare koop appartementen. Het ontwerpteam heeft een test gedaan waaruit blijkt dat met deze verschuiving nog altijd voldaan kan worden aan het kader om binnen de 20.000 m2 voor kavels en parkeren te blijven.
Aangaande de hoogte: Op basis van de participatie-inzichten is het voorstel om het appartementengebouw met sociale appartementen geen zes maar maximaal vijf lagen te maken. Het andere appartementengebouw met betaalbare koop kent iets meer flexibiliteit om diverse varianten te maken. Ook hier kan één laag minder worden gemaakt en dus ook maximaal vijf in plaats van zes lagen worden voorgesteld.
Dit is het volume dat in de inspiratiebeelden en in de maquette tot nu toe gebruikt is.
Model van appartementengebouw op schaal met vijf bouwlagen en parkeren er naast.
156
Model van appartementengebouw op schaal met vijf bouwlagen inclusief parkeren in een groene wal op begane grond.
157
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
THEMA 6: APPARTEMENTENGEBOUWEN - AANTAL EN HOOGTE Opmerkingen kerngroepsessie 4/9: •
Geen opmerkingen.
Stand van zaken: Over de keuze om twee appartementengebouwen en geen drie in het plan op te nemen en voor het ene vervallen appartementengebouw 22 grondgebonden woningen in het plan op te nemen was veel bijval in de kerngroep. Ook het reduceren van de hoogte van de appartementengebouwen tot maximaal vijf lagen kreeg steun uit de groep.
Poster voor het thema zoals gepresenteerd tijdens de kerngroep bijeenkomst van 4 september 2024.
158
159
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
Voor een appartementengebouw van vier lagen op een plint waarin het parkeren is opgelost maakt ook de vorm veel uit. In bovenstaande afbeeldingen is hetzelfde bouwprogramma in hele afwijkende vormen weergegeven: Alle vloeren dezelfde plattegrond met een plat dak; Of terugliggende gevel op de hogere verdiepingen; Of een kapvorm op de bovenste bouwlaag. Hieronder en hiernaast staan voor deze verschillende bouwvormen enkele voorbeelden afgebeeld.
Hetzelfde woonprogramma kan ook met een enigszins grotere footprint worden gerealiseerd zodat het aantal appartementen per laag wat groter wordt en van de totale hoogte een laag af kan: 3 woonlagen op een groene basis voor parkeren, in totaal dus vier bouwlagen.
Of het gebouw wordt vier lagen met een compacte footprint van vier woonlagen maar dan zonder het parkeren er onder. Dit betekent dat het parkeren rond het gebouw moet worden opgelost in het plan.
160
161
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
betaalbare koop THEMA 6: APPARTEMENTENGEBOUWEN - VORM Opmerkingen kerngroepsessie 4/9: • • • • • •
De vorm van het betaalbare koop appartementengebouw heeft nog diverse vragen/ discussiepunten: Parkeernorm: Kan de gemeente niet iets aan de parkeernorm doen? (minder parkeerplaatsen realiseren bij deze categorie woningen) “Wonen in het groen” is niet wonen op een parkeerplaats. Kwaliteit van het parkeren heeft ook effect op de omgeving. Aandacht voor verhouding appartementengebouw met de omgeving: verandering van breed en minder hoog heeft ook effect op de esthetiek die gekozen wordt. De vorm van het appartementengebouw is lastig te beoordelen als we de architectuur van de andere woningen niet kennen. “Je kunt het pas beoordelen als je het ziet zoals het wordt.”
Stand van zaken: In dit stadium van de planvorming is het lastig te beoordelen wat de exacte vorm van de appartementengebouwen moet worden. In het nabije vervolg zal duidelijkheid in het plan gegeven worden omtrent de architectuur in het algemeen en die van de appartementengebouwen in het bijzonder. Daarbij zal nadrukkelijk rekening gehouden worden met de mogelijkheden om de hoogte van het gebouw eerder nog verder te beperken dan voor de maximaal afgesproken hoogte van vijf lagen te gaan.
Poster voor het thema zoals gepresenteerd tijdens de kerngroep bijeenkomst van 4 september 2024.
162
163
G E B I E D
Positie appartementengebouwen: Op basis van de participatie kwamen er 5 mogelijke locaties op de maquette, met een nuance voor één van die 5 die ook als nummer 6 gezien kan worden. Deze kwamen in drie gevallen overeen met die in de inspiratieschetsen van de drie ontwerprichtingen aan de start van dit proces. In twee gevallen werd de nieuwe positie als een verbetering gezien. Elke locatie heeft zijn plus- en minpunten. Niet elke locatie kreeg evenveel steun in de kerngroep. Op basis van de participatie heeft één van de locaties relatief veel consensus. Dat is locatie D op onderstaande afbeelding. We stellen voor deze locatie het grootste appartementenprogramma voor, die van de sociale appartementen. Ook omdat op deze locatie het parkeren eenvoudiger kan worden ingepast, de locatie ver van andere bebouwing af is en het autoverkeer voor dit programma niet het gehele gebied hoeft te doorkruisen. Tot slot is deze locatie vooralsnog zonder risico van stikstofberekening.
A
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
THEMA 6: APPARTEMENTENGEBOUWEN - POSITIE SOCIALE WONINGBOUW Opmerkingen kerngroepsessie 4/9: • •
Locatie D voor sociale appartementen woongebouw krijgt veel steun in de kerngroep. Kanttekening daarbij: Let op afstand tot en zicht op de volkstuinen vanaf het sociale appartementen woongebouw.
B
Stand van zaken: Locatie D wordt meegenomen als vast gegeven voor de positie van het appartementengebouw voor de sociale woningbouw. Exacte oriëntatie, positie en vorm van het gebouw op deze locatie zal in de verdere uitwerking van het stedenbouwkundig plan worden uitgezocht. De overige vier locaties (A,B, C en E) zijn stuk voor stuk besproken, waarbij de plussen en minnen uit eerdere sessies nogmaals meegenomen zijn. In de volgende sheets wordt ingegaan op dat deel van de appartementengebouw discussie die over de positie gaat.
164
E
D
C
165
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
Positie appartementengebouwen: Voor het tweede appartementengebouw zijn de overige vier locaties gewogen om tot een locatiekeuze te kunnen komen. De afwegingen staan in het schema hieronder.
A
E
166
B
C
167
G E B I E D
Appartementengebouwen op locatie D en A.
168
Appartementengebouwen op locatie D en B.
M A N PA D
Appartementengebouwen op locatie D en C.
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
Appartementengebouwen op locatie D en E.
169
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
THEMA 6: APPARTEMENTENGEBOUWEN - POSITIE TWEEDE APPARTEMENTENGEBOUW Opmerkingen kerngroepsessie 4/9: Locatie A: • Onder veel deelnemers was draagvlak om deze locatie als mogelijke optie weg te strepen op basis van de minpunten en uitleg van het projectteam. Locatie B: • 120 meter afstand tussen bestaande woningen en appartementengebouw. Ook al staat er beplanting tussen in de winter ga je het gebouw wel zien. • Gebouw is enigszins in de zichtlijn gepositioneerd. Locatie C: • Er is veel draagvlak in de kerngroep om locatie C niet verder mee te nemen omdat de locatie te krap is om alle wensen van groen en parkeeroplossing en minimale hoogte hier in te passen binnen de beschikbare ruimte. Locatie E: • Als voor deze locatie het gebouw vier lagen zou worden met parkeren er naast dan hebben de woningen op deze positie nog steeds goed uitzicht. • De langere afstand voor verkeer dan naar bijvoorbeeld B of C is een minpunt. • Relatief dichter op Leyduin. Alhoewel ook opgemerkt: Vanaf Leyduin is het appartementengebouw wellicht helemaal niet zo beleefbaar voor bezoekers van het gebied daar.
Stand van Zaken: Locatie E heeft voor het grootste deel van de kerngroep de voorkeur. Omdat het onduidelijk is wat de stikstofberekening op basis van de nieuwe calculator (oktober 2024) zal uitwijzen voor het plan als geheel worden locatie E en B allebei meegenomen in de verdere planvorming als mogelijkheden.
Poster voor het thema zoals gepresenteerd tijdens de kerngroep bijeenkomst van 4 september 2024.
170
171
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
6.2.7 Configuratie van stand van zaken op de maquette
Na de sessie met de thema’s wordt de bijeenkomst afgesloten rond de maquette. Door het ontwerpteam is er een start-opstelling voor de sessie aan de maquette neergelegd. Het project-team had er voor gekozen om een plan variant neer te leggen met het appartementengebouw op positie B met een gebouw in 5 bouwlagen (met vier woonlagen op een groene basis voor parkeren).
Eerste stap is het verlagen van het gebouw door het parkeren er onder uit te halen. Een parkeerplaats wordt naast het gebouw wordt in de maquette geplaatst en het groene basement wordt onder het gebouw uit gehaald.
172
173
G E B I E D
M A N PA D
O N T W E R P
O N T W I K K E LV I S I E
-
V O LU M E
2
Vervolgens wordt het appartementengebouw van locatie B verplaatst naar locatie E. Dat betekent dat ook een deel van de grondgebonden woningen van plek moeten veranderen. Zo gaat er een rijtje en een aantal twee-onder-één-kap woningen naar de locatie B. De vorm van het appartementengebouw op locatie E is wederom vier bouwlagen met parkeren aan twee kanten naast het gebouw.