Programmabegroting 2025-2028.pdf
Tekst van het document
Waar de opslag voor een 10-jaarslening medio 2023 nog 0,20% was, is de actuele opslag 0,40%. Het afgelopen jaar heeft de rente zich als volgt ontwikkeld:
Renteverloop 1 aug 2023 - 1 aug 2024 4,0%
3,5%
3,0%
2,5%
2,0%
3-maands Euribor Programmabegroting 2025-2028
10-jaars IRS 55
Risicobeheer Risicobeheersing vormt één van de pijlers van de Wet fido. In de volgende onderdelen wordt ingegaan op de risicoaspecten die verbonden zijn aan de uitvoering van de treasuryfunctie binnen HardinxveldGiessendam. Deze kunnen worden onderscheiden in renterisico’s, kredietrisico’s, koersrisico’s en valutarisico’s. Voor de gemeente is het laatstgenoemd risico niet van toepassing. Renterisico vlottende schuld (kasgeldlimiet) Met de kasgeldlimiet is in de Wet fido een norm gesteld voor het maximumbedrag waarop de gemeente haar financiële bedrijfsvoering met kortlopende middelen (looptijd < 1 jaar) mag financieren. Deze norm bedraagt 8,5% van het begrotingstotaal. Voor 2025 kan de kasgeldlimiet voor de gemeente als volgt worden bepaald: Bedragen x € 1.000 Berekening kasgeldlimiet Begrotingstotaal 2023 Relevante percentage
59.186
Kasgeldlimiet
5.031
8,50%
1ste kwartaal 2de kwartaal 3de kwartaal 4de kwartaal Gemiddelde netto vlottende schuld (+) of gemiddelde netto vlottend overschot (-) Kasgeldlimiet Overschrijding kasgeldlimiet Ruimte onder kasgeldlimiet
5.000 5.031
4.000 5.031
0 5.031
5.000 5.031
31
1.031
5.031
31
-
De kasgeldlimiet mag maximaal drie kwartalen worden overschreden. De gemeente Hardinxveld-Giessendam verwacht in 2025 binnen de gestelde normen te opereren. Oogmerk van het door de servicegemeente uit te voeren gemeentelijke saldobeheer is om de limietruimte optimaal te benutten. Renterisico vaste schuld (renterisiconorm) De Wet fido definieert vaste schuld als opgenomen geldleningen met een rentetypische looptijd groter of gelijk aan 1 jaar. Met de renterisiconorm biedt de Wet fido een richtsnoer om renteaanpassingen van financieringen en beleggingen goed in de tijd te spreiden. Het doel van deze norm is het voorkomen van een overmatige afhankelijkheid van het renteniveau in één bepaald jaar. De norm bedraagt 20% van het begrotingstotaal. Conform voorschrift van de geactualiseerde Wet fido wordt het renterisico in onderstaande tabel voor de komende vier jaren bepaald, terwijl de renterisiconorm alleen betrekking heeft op het totaal van de begroting voor het komende jaar.
Programmabegroting 2025-2028
56
2025
2026
Bedragen x € 1.000 2027 2028
Berekening renterisico Bedrag renteherzieningen Bedrag aflossingen Totaal renterisico
0 2.210 2.210
0 2.710 2.710
0 3.010 3.010
0 2.950 2.950
Renterisiconorm: Begrotingstotaal 2025 Percentage conform ministeriële regeling Renterisiconorm 2025
58.027 20% 11.605
54.558 20% 10.912
54.231 20% 10.846
54.239 20% 10.848
Toets renterisico aan norm: Renterisico Renterisiconorm Onderschrijding
2.210 11.605 9.395
Uit deze tabel blijkt dat de gemeente in 2025 de renterisiconorm niet zal overschrijden. In de volgende tabel wordt een overzicht gegeven van de opgenomen geldleningen en het laatste jaar van aflossing. Nr.
Leningverstrekker
Nominale hoofdsom
Restant Restant geldlening geldlening 31-12-2024 31-12-2025
1 2 3 4 5 6 7 8 9
Nederlandse Waterschapsbank Bank Nederlandse Gemeenten Bank Nederlandse Gemeenten Bank Nederlandse Gemeenten Bank Nederlandse Gemeenten Bank Nederlandse Gemeenten Bank Nederlandse Gemeenten NNB NNB
1.500.000 2.000.000 7.000.000 4.500.000 3.500.000 3.000.000 7.500.000 10.000.000 6.000.000
180.000 100.000 4.900.000 1.500.000 2.100.000 2.400.000 7.000.000 10.000.000
120.000 0 4.725.000 1.200.000 1.925.000 2.250.000 6.750.000 9.000.000 6.000.000
45.000.000
28.180.000
31.970.000
Rentepercentage
Looptijd in jaren
Jaar van laatste aflossing
5,18% 3,37% 0,53% 1,45% 1,13% 0,12% 3,05% 3,50% 3,75%
25 20 40 15 20 20 30 10 10
2027 2025 2052 2029 2036 2040 2052 2034 2035
We hebben in de begroting 2025 rekening gehouden met een nog aan te trekken lening van € 10 miljoen in 2024. Dit is onder andere gebaseerd het investeringsplan vanuit de perspectiefnota 2025-2028. De uitvoering van het investeringsplan en de grondexploitaties zullen bepalend zijn wanneer er exact een nieuwe langlopende lening moet worden aangetrokken. Kredietrisico’s Kredietrisico’s kunnen zich op twee manieren manifesteren. Ten eerste is er het risico dat direct wordt gelopen uit hoofde van door de gemeente verstrekte leningen en uitgezette beleggingen. Ten tweede is een kredietrisico aan de orde ten aanzien van verstrekte gemeentegaranties (ook wel borgstellingen genoemd). Dit laatste kan worden omschreven als een indirect kredietrisico. Kredietrisico op leningen en beleggingen De gemeente Hardinxveld-Giessendam heeft uit hoofde van haar publieke taak leningen (door)verstrekt en beleggingen gerealiseerd. In het hierna volgende overzicht zijn de uitgezette gelden vermeld.
Programmabegroting 2025-2028
57
De deelnemingen en beleggingen bestaan per 31 december 2024 uit: Bedragen x € 1.000 Uitzettingen Deelnemingen/belegging en
2024 2025 2026 2027 2028 Saldo % Saldo 31/12 % Saldo 31/12 % Saldo 31/12 % Saldo 31/12 % 31/12620 100,0 620 100,0 620 100,0 620 100,0 620 100,0
Totaal
620 100,0
620 100,0
620 100,0
620 100,0
620 100,0
Bedragen x € 1.000
Stedin Holding B.V. Bank Nederlandse Gemeenten OASEN N.V. Gem HG deelneming B.V. - De Blauwe Zoom C.V. Gem De Blauwe Zoom B.V. MerwedeLingelijn B.V. Totaal
454 78 8 29 1 50 620
Genoemde deelnemingen en beleggingen worden uit hoofde van de uitvoering van de publieke taak aangehouden. Over het aandelenbezit wordt koersrisico gelopen, waarbij wordt opgemerkt dat betreffende aandelen niet op de beurs worden verhandeld waardoor optredende waardefluctuaties niet zo grillig verlopen. De waarde wordt dan meer bepaald door de intrinsieke waarde van het bedrijf en niet door “vraag en aanbod” op de beurs. Kredietrisico ten aanzien van gemeentegaranties (borgstelllingen) De gemeente Hardinxveld-Giessendam staat jegens geldgevers borg voor de betaling van rente en aflossing op langlopende geldleningen die door organisaties, instellingen of verenigingen zijn aangetrokken en die activiteiten verzorgen die in het verlengde liggen van de gemeentelijke publieke taak. Deze borgstellingen beperken zich hoofdzakelijk tot woningstichting Fien Wonen, Afvalverwerking HVC Alkmaar en in een enkel geval organisaties in de verenigingssfeer (bijv. sportverenigingen). De gemeente Hardinxveld-Giessendam staat per ultimo 2025 garant voor een totaalbedrag aan leningen van € 61,3 miljoen. Het WSW staat borg voor de betalingsverplichtingen van Fien Wonen. Onze gemeente staat vervolgens weer borg voor de betalingsverplichtingen van het WSW. Op deze wijze heeft de bank die de lening heeft verstrekt voldoende zekerheid dat de betalingsverplichtingen worden nagekomen.
Ultimo 2024 is de verwachte verleende achtervang een totaalbedrag van € 54,5 miljoen. Financieringspositie Een oordeel over een vermogenspositie kan worden gevormd door bepaling van de solvabiliteitsratio. Solvabiliteit geeft de mate aan waarin een instelling in staat is aan haar korte- en langetermijnverplichtingen te voldoen. Deze maatstaf kan worden bepaald door de verhouding te bepalen tussen het eigen vermogen (reserves) en het vreemd vermogen (opgenomen financiering). Het spreekt voor zich dat de ratio wordt bepaald aan de hand van het eigen vermogen omdat dat immers als buffer dient voor het opvangen van eventuele stroppen. In de voorliggende begroting wordt uitgegaan van de volgende verhoudingen tussen eigen en vreemd vermogen per begin en eind 2024: Omschrijving Eigen vermogen Vreemd vermogen Programmabegroting 2025-2028
31-dec-24 32.278 44% 40.543 56%
Bedragen x € 1.000 1-jan-24 30.873 42% 41.948 58% 58
Financiering activa Op grond van de Staat van Activa bezit de gemeente Hardinxveld-Giessendam per 31 december 2024 voor een bedrag van € 54,1 miljoen aan vaste activa en € 13,5 miljoen aan bouwgrondexploitaties. Van de vaste activa bedragen de investeringen in riolering en reiniging € 12,7 miljoen. Zoals in de nota Financierings- en rentevisie is aangeven worden de investeringen in riool en de bouwgrondexploitatie 100% extern gefinancierd. De overige activa worden deels extern gefinancierd en deels via het eigen vermogen. Samenvattend kan dat als volgt worden gepresenteerd:
n x € 1.000 Boekwaarde per 31-12-2023 - overige activa - investeringen met een economisch nut, waarvoor heffing kan worden geheven - bouwgrondexploitaties (inclusief faciliterend deel)
Bedragen x € 1.000 Reserves en voorzieningen
Externe financiering
41.318 12.761 13.507 67.586
9.427 7.243 13.507 30.177
31.891 5.518 0 37.409
Leningenportefeuille (opgenomen) Op basis van de liquiditeitenplanning is er in 2025 aanvullende financieringsbehoefte. Tijdelijke tekorten zullen worden opgevangen door middel van het kredietlimiet bij BNG en kortlopende leningen. Omschrijving
Bedrag
Bedragen x € 1.000 Gemiddeld Rentepercentage
Stand per 1 januari 2025 Nieuwe leningen Reguliere aflossingen Vervroegde aflossingen Rente-aanpassing (oud percentage) Rente-aanpassing (nieuw percentage)
28.180 6.000 -2.210 -
2,31% 3,75% 2,56%
Stand per 31 december 2025
31.970
2,56%
Uitzettingen (verstrekte langlopende geldleningen, beleggingen) Het totaalbedrag aan uitzettingen van de gemeente Hardinxveld-Giessendam bedraagt per eind 2024 € 0,04 miljoen en betreft overige verbonden partijen. Daarnaast heeft de gemeenten een belegd vermogen van € 0,6 miljoen. Op korte termijn bestaan geen plannen om langlopende leningen te verstrekken. Kas- en saldobeheer De inrichting van het betalingsverkeer (het beheer van het gemeentelijke rekeningstelsel, het coördineren van bevoegdheden en het verrichten van feitelijke betalingen) alsmede de saldoregulatie wordt verzorgd vanuit servicegemeente Dordrecht. De gemeente Hardinxveld-Giessendam onderhoudt bankrelaties met de Bank Nederlandse Gemeenten en de Rabobank. Een hulpmiddel bij de saldoregulatie en voor het eventueel opnemen van langjarige financiering is de meerjarige liquiditeitenplanning dat door de SGD in nauw overleg met de gemeente is opgezet. Deze planning wordt periodiek geactualiseerd op grond van nieuwe informatie of inzichten. Schatkistbankieren Bij het verplicht schatkistbankieren mag de gemeente een bedrag van 2,0 procent van het begrotingstotaal buiten de Schatkist houden, het zogenoemde drempelbedrag. Het drempelbedrag mag als gemiddeld creditbedrag per kwartaal niet overschreden worden. Wanneer de gemeente het drempelbedrag overschrijdt dient het meerdere afgestort te worden in de Schatkist.
Over dit saldo wordt rente vergoed die bijna even hoog is als de ECB-beleidsrente.
Programmabegroting 2025-2028
59
Het drempelbedrag voor de gemeente Hardinxveld-Giessendam voor 2025 kan als volgt worden berekend: Bedragen x € 1.000 Benutting drempelbedrag schatkistbankieren 2025 Begrotingstotaal Wettelijk percentage Drempelbedrag (afgerond)
58.027 2% 1.161
Informatievoorziening Met de servicegemeente vindt regelmatig overleg plaats over de voortgang en uitvoering van de treasuryzaken, met name over de liquiditeitenplanning en eventuele financieringsmogelijkheden. Rente overzicht De commissie BBV heeft de rente notitie in 2023 herzien. Deze notitie is vanaf het begrotingsjaar 2025 van kracht. Het doel van de notitie is het bevorderen van een eenduidige handelwijze met betrekking tot rente door de gemeenten (harmonisering), stimuleren dat gemeenten de (verwachte) werkelijke rentelasten opnemen in de begroting en jaarstukken en het eenduidig inzichtelijk maken van de wijze waarop de gemeenten met rente omgaan. In de rente notitie wordt geadviseerd om onderstaand rente overzicht in de begroting op te nemen. De belangrijkste wijziging in de herziene notitie betreft de rentetoerekening aan de grondexploitaties, vanaf de begroting 2025 is het renteomslag percentage ook van toepassing op de grondexploitaties, met uitzondering van de facilitaire grondexploitaties.
Renteoverzicht a. b.
Bedragen x € 1.000 Begroting 2025
De externe rentelasten over de korte en lange financiering De externe rentebaten (idem) Saldo rentelasten en rentebaten
c1. De rente die aan de facilitaire grondexploitaties (kostenverhaal) moet worden doorberekend -/c2. De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend -/c3. De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (=projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend +/+ -/-
774 6 768
114 162
nvt 275
Aan taakvelden toe te rekenen externe rente
492
d1. Rente over eigen vermogen d2. Rente over voorzieningen
nvt nvt
Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente e.
De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)
f.
Renteresultaat op het taakveld Treasury
492 -/-
504 -12
De rentelasten zijn doorberekend tegen een percentage van 1%. Voor de rioleringsinvesteringen van voor 2013 is gerekend met 3%. Dit percentage is gebaseerd op het gemiddelde rentepercentage van de langlopende leningen tot en met 2012. Dit omdat de rioleringsinvesteringen in het verleden hebben plaatsgevonden tegen een hoger rentepercentage. Bij rioleringsinvesteringen van na 2012 wordt uitgegaan van het jaarlijkse berekende omslagpercentage, voor 2025 1%.
Programmabegroting 2025-2028
60
1.14 Paragraaf Verbonden partijen Inleiding Op 14 april 2019 heeft de gemeenteraad de Nota verbonden partijen Hardinxveld-Giessendam 2019 – 2022 vastgesteld. De nota geeft een beschrijving van het begrip verbonden partij en een afwegingskader voor het aangaan van een Verbonden partij. Daarnaast zijn een kader en instrumenten opgenomen voor sturing en toezicht. Dit laatste is het onderwerp van deze paragraaf. Voor de beleidsinhoud van de verbonden partijen wordt verwezen naar de programma's in de begroting. Op basis van een risicoprofiel en -classifi atie is aan iedere verbonden partij een sturingspakket gekoppeld. Bij een hoger risicoprofiel worden zowel door het college als door de raad meer instrumenten ingezet. Overzicht verbonden partijen Hardinxveld-Giessendam neemt deel in de volgende verbonden partijen waarbij het openbaar belang per partij is weergegeven. Verbonden partij Vestigingsplaats Opgenomen in risicoclassificatie 1. GR Sociaal Dordrecht
Openbaar belang Per 1 januari 2022 is GR Sociaal de opvolger van de GR Drechtsteden, waarbij het sociale deel is overgegaan. De overige onderdelen van de GR Drechtsteden zijn ondergebracht bij Servicegemeente Dordrecht. Ook de governance is vanaf 2022 veranderd, waarbij GR Sociaal een volwaardige GR is met een Algemeen en een Dagelijks Bestuur. Het in algemene zin behartigen van belangen op het terrein van: volksgezondheid, jeugd, maatschappelijke zorg en onderwijs.
2. GR Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid
Dordrecht
3. GR Veiligheidsregio ZuidHolland Zuid
Dordrecht
Het in algemene zin behartigen van belangen op het terrein van: regionale brandweer, centrale post ambulancevervoer, geneeskundige hulpverlening, openbare orde en veiligheid.
4. GR Omgevingsdienst ZuidHolland Zuid
Dordrecht
De Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid is opgericht ter ondersteuning van de deelnemende regiogemeenten en de Provincie Zuid-Holland bij de uitvoering van hun taken op het gebied van het omgevingsrecht in het algemeen en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht in het bijzonder, alsmede de taken op het terrein van vergunningverlening, toezicht en handhaving en op grond van de in artikel 5.1 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht genoemde wetten.
5. GR GEVUDO/HVC
HVC: Alkmaar Gevudo: Dordrecht
Gevudo: In de praktijk: Het houden van 14,5% aandeelhouderschap van de HVC. De eigen stortplaats is in 2007 verkocht aan HVC. In beginsel had zij hetzelfde doel als HVC afvalcentrale. HVC afvalcentrale: Zorg dragen voor het op milieu hygiënisch verantwoorde wijze bewaren, bewerken en (doen) verwerken van huishoudelijk en andere categorieën van afvalstoffen met bijkomende werkzaamheden.
Programmabegroting 2025-2028
61
6. GR Reinigingsdienst Waardlanden
Gorinchem
Reinigingsdienst voor de gemeenten Gorinchem, Hardinxveld-Giessendam, Molenlanden en Vijfheerenlanden.
7. GR Bureau Openbare Verlichting
HardinxveldGiessendam
Bureau OVL is de beheerunit die voor 7 gemeenten toeziet op het onderhoud en het laten verhelpen van storingen aan de Openbare Verlichting.
8. GR Samenwerkingsverband Vastgoedinfo, Heffing en Waardebepaling (SVHW)
Klaaswaal
Een zo doelmatig mogelijke uitvoering van werkzaamheden met betrekking tot: de heffing en invordering van belastingen; de uitvoering van de Wet waardering onroerende zaken; de administratie van vastgoedgegevens; het verstrekken van vastgoedgegevens aan de deelnemers en derden.
9. Stedin Holding N.V.
Rotterdam
Netwerkbeheerder voor transport en levering van energie.
10. N.V. Bank Nederlandse Gemeenten
Den Haag
Uitoefening van het bedrijf van bankier ten dienste van overheden. De Bank Nederlandse Gemeenten biedt financiële diensten op maat, zoals kredietverlening, betalingsverkeer, advisering, elektronisch bankieren en beleggen.
11. N.V. Oasen
Gouda
Het (doen) exploiteren van een of meer waterleidingbedrijven en laboratoria.
12. MerwedeLingeLijn (M.L.L.) Beheer B.V.
Gorinchem
Deelname in vennootschap met als doel de realisatie van een tweetal haltes en aanpassen bestaande halte in Hardinxveld-Giessendam.
Verbonden partij Overige deelnemingen 1. Gemeente Hardinxveld-Giesendam Deelneming B.V. 2. Gemeenschappelijke exploitatie maatschappij De Blauwe Zoom beheer B.V.
Vestigingsplaats
Openbaar belang
HardinxveldGiessendam
Deelname in het aandelenkapitaal van Gezamenlijke Exploitatiemaatschappij De Blauwe Zoom C.V.
HardinxveldGiessendam
De besloten vennootschap is beherend vennoot van de commanditaire vennootschap GEM De Blauwe Zoom C.V. en heeft als doel het ontwikkelen, realiseren en exploiteren van vastgoedprojecten in De Blauwe Zoom.
3. GEM De Blauwe Zoom C.V.
HardinxveldGiessendam
De besloten vennootschap heeft ten doel locatieontwikkeling, zoals is gedefinieerd in de samenwerkingsovereenkomst De Blauwe Zoom.
Service Gemeente Dordrecht Risico’s Sinds 1 januari 2022 zijn door de gemeenten in de Drechtsteden samenwerkingsovereenkomst gesloten met de gemeente Dordrecht voor de uitvoering van de bedrijfsvoeringstaken. Dit geldt ook voor onze gemeente. De diensten die de gemeente afneemt waren daarvoor ondergebracht bij de GR Drechtsteden (GRD). Hoewel de Service Gemeente Dordrecht (SGD) formeel geen verbonden partij is, betalen wij (net zoals eerder het geval was) een bijdrage aan de uitvoering van de bedrijfsvoeringstaken.
Programmabegroting 2025-2028
62
Ontwikkelingen De gemeenteraad is half 2024 geïnformeerd over de stand van zaken van de tussenevaluatie naar de afnemersrelatie met Dordrecht. Dit proces is bedoeld om afnemers en de aanbieder van de diensten Dordrecht in goede zakelijke verhouding te kunnen laten samenwerken. Daarnaast loopt het project 'hoogwaardige dienstverlening met een transparante financiering'. Dit traject is gelijktijdig met de evaluatie gestart en moet afnemers meerjarig inzicht geven in de financiering van diensten die de Servicegemeente levert.
Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Risico’s Voor de gemeenschappelijke regeling met de Veiligheidsregio Zuid-Holland-Zuid zijn er de volgende financiële risico's te benoemen: • Nieuwe kostenverdeelsystematiek welke in 2017 werd vastgesteld maar door een ingroeimodel pas wordt toegepast in de begroting van 2024 en verder Voor het jaar 2024 betekent dit een hogere gemeentelijke bijdrage dan initieel begroot, te weten: 66.834 euro. De verhoging van de gemeentelijke bijdrage naar aanleiding van de nieuwe kostenverdeelsystematiek voor 2025 komt neer op 59.179 euro. •
Een boeterente
Als gevolg van het herfinancieren van de leningenportefeuille is er in de jaren tot en met 2026 sprake van een boeterente. Na 2026 volgt een drastische verlaging door lagere rentes. •
Kazerne Sliedrecht
Er is een investeringsvoorstel gedaan voor de brandweerkazerne in Sliedrecht. Er is ingestemd met het ontwerp. Deze kosten spelen vanaf de oplevering van de kazerne (naar verwachting eind 2025, begin 2026). Deze zijn nog niet meegenomen in de ontwerpbegroting. •
Energiekosten
Vanaf 2024 zullen de energiekosten hoger worden dan voorgaande jaren door het noodgedwongen afsluiten van een nieuw energiecontact naar aanleiding van een faillissement van de bestaande leverancier. •
CAO ontwikkeling
In 2024 moet een nieuwe CAO worden afgesloten. De eerste signalen wijzen op een verhoging van ca 5%. In de begrotingsrichtlijnen 2024 is uitgegaan van een indexatie van 3,9%, in de begrotingsrichtlijnen 2025 is 5,4% gehanteerd. Doorrekening van de CAO, zodra deze bekend is, moet inzicht geven in de kosten die hieruit voortvloeien. Ontwikkelingen In 2024 vindt er een herziening plaats van het regionaal risicoprofiel VRZHZ. Hiervoor wordt de gemeenteraad in de gelegenheid gesteld een zienswijze op te geven. Aandachtsgebied natuurlijke omgeving In 2024 en verder continueren de VRZHZ de aandacht voor de verkleining van het overstromingsrisico middels samenwerking met partners op het gebied van waterveiligheid en nemen deel aan een aantal landelijke pilots gericht op evacuatie van mens en dier. Aandachtspunt verkeer en vervoer Tot 2030 worden een groot aantal bruggen, tunnels, wegen en sluizen gerenoveerd, vervangen of aangelegd. De VRZHZ volgt en adviseert over deze grote infrastructurele werkzaamheden in onze regio gericht op bereikbaarheid, tunnelveiligheid en incident management. Programmabegroting 2025-2028
63
Toekomstbestendige brandweerzorg Er is opdracht gegeven om een beeld te gaan schetsen van een toekomstbestendige repressieve brandweerzorg voor Zuid-Holland Zuid. Riskfactory Er is een voorgenomen besluit genomen over het realiseren van een Risk Factory in Zuid-Holland Zuid. In de Risk Factory werken we gezamenlijk met partnerorganisaties aan het vergroten van de zelfredzaamheid en de veerkracht van de samenleving, in het bijzonder kinderen. Dit afgestemd op de risico's die onze regio kenmerken.
MerwedeLingelijn (M.L.L.) Beheer B.V. Risico’s De BV is opgericht ten behoeve van de aanleg en aanpassing van haltes langs de MerwedeLingeLijn. Alleen in Gorinchem moet nog een halte gebouwd worden. Alle overige werkzaamheden zijn afgerond. De kosten van de aanleg van de haltes in onze gemeente zijn binnen het beschikbare krediet gebleven. De kosten die de BV nog maakt zijn voor rekening van de gemeente Gorinchem. Voor onze gemeente zijn er geen risico's. Ontwikkelingen Na afronding van de laatste aan te leggen halte in Gorinchem wordt de BV opgeheven, omdat het project, waarvoor de BV is opgericht, dan is afgerond. De gemeente Gorinchem heeft besloten om de halte Gorinchem Noord niet te realiseren. Dit zou betekenen dat de BV kan worden ontbonden. Echter, gelet op het 'on hold' zetten van de MIRTverkenning A15, er een restbudget beschikbaar komt voor de regio om de regio bereikbaar te houden en de MLL een van de mogelijke maatregelen is om dit doel te bereiken, is de BV nog niet opgeheven. Bestuurlijk wordt verkend of er draagvlak is voor een intensievere samenwerking, waarbij de BV het juridisch vehikel zou kunnen zijn. Momenteel is nog niet aan te geven hoe een en ander zich gaat ontwikkelen.
Gemeenschappelijke Regeling Bureau Openbare Verlichting Risico’s Geen. Ontwikkelingen De bedrijfsvoering is op orde alsmede de dienstverlening.
OASEN N.V. Risico’s Het risico voor de gemeente beperkt zich tot het verworven aandelenkapitaal (€ 8.190). Ontwikkelingen Door sterk in te zetten op verbetering en innovatie, wil Oasen een sprong op kwalitatief gebied maken. Nog beter drinkwater, een nog beter transportsysteem en nog betere klantinteractie. Vanuit de overtuiging dat dit goed haalbaar is: Beter is Mogelijk. Dat doet Oasen door de verantwoordelijkheid en het vakmanschap van haar mensen centraal te stellen, te benutten en te stimuleren. Met zijn allen vormen ze een autoriteit op het gebied van drinkwater. Samen met anderen ontwikkelen zij die kennis verder en bouwen zij collectief aan een betere maatschappij. De missie van Oasen is: onze klant krijgt altijd onberispelijk drinkwater uit de kraan. In de missie staan de drie essentiële aspecten van het bedrijf: de productie van onberispelijk water, dat bij transport door een leidingnet goed blijft en een bedrijfsvoering (Productie én Distributie) die dusdanig verrassingsvrij is dat het drinkwater altijd uit de kraan komt bij de klant. De vijf kernwaarden zijn: 1. Voor de Volksgezondheid 2. Klantgericht 3. Maatschappelijk Programmabegroting 2025-2028
64
4. Duurzaam 5. Transparant
Stedin Groep N.V. Risico’s De voorgenomen verduurzaming van de gebouwde omgeving heeft forse investeringen tot gevolg. Voor deze investeringen heeft Stedin kapitaal nodig, waarbij inmiddels een traject is doorlopen om het kapitaal met € 200 miljoen te versterken. Hardinxveld-Giessendam heeft ervoor gekozen om hierin niet deel te nemen. Daarnaast is gewerkt aan een tweede traject om meer kapitaal te verwerven. Een deel van dit kapitaal bestaat uit een kapitaaldeelname door het Rijk. Daarnaast zal in de komende jaren mogelijk extra kapitaal uitvraag bij de deelnemende en niet- deelnemende gemeenten/provincies worden uitgezet. In onze meerjarenraming is vanaf 2023 rekening gehouden met een dividenduitkering van € 0. Ontwikkelingen Stedin groep bestaat formeel sinds 1 februari 2017, de datum waarop Eneco Groep gesplitst is. Vanaf die datum staan er twee gezonde bedrijven; Eneco groep met bedrijfsonderdelen die zich richten op productie, handel en levering van energie. en Stedin Groep, een netwerkbedrijf dat erop gericht is om te zorgen dat de energievoorziening betrouwbaar en betaalbaar blijft en het nieuwe energiesysteem gerealiseerd en gefaciliteerd wordt. De aandelen in Eneco zijn in 2020 verkocht, waarmee alleen Stedin als belang resteert. Het aandeel van hernieuwbare energie in de elektriciteitsopwekking neemt gestaag toe.
Steeds meer huishoudens en bedrijven installeren zonnepanelen op het dak van hun pand. Daarnaast is de afgelopen jaren fors geïnvesteerd in windenergie, zon energie uit biomassa en andere duurzame energiebronnen. Stedin voorziet als netwerkbeheerder dat vanwege deze ontwikkelingen de komende jaren fors zal moeten worden geïnvesteerd. In samenspraak met de aandeelhouders worden mogelijkheden verkend voor de financiering van deze investering.
Gemeenschappelijke exploitatie maatschappij De Blauwe Zoom beheer B.V. Risico’s N.v.t. Besloten vennootschap is beherend vennoot voor GEM De Blauwe Zoom C.V. Ontwikkelingen Op 25 februari 2014 is de B.V. opgericht. De BV is houdster van een deel van de aandelen (2%) van GEM De Blauwe Zoom C.V. Voor een toelichting wordt verwezen naar GEM De Blauwe Zoom C.V.
Gemeente Hardinxveld-Giessendam Deelneming B.V. Risico’s Niet van toepassing, Besloten vennootschap is beherend vennoot voor GEM De Blauwe Zoom C.V. en ROM-S C.V. Ontwikkelingen Op 25 februari 2014 is de B.V. opgericht. De BV is houdster van een deel van de aandelen (2%) van GEM De Blauwe Zoom C.V. Voor een toelichting wordt verwezen naar GEM De Blauwe Zoom C.V.
Gemeenschappelijke exploitatie maatschappij De Blauwe Zoom beheer B.V. Risico’s N.v.t. Besloten vennootschap is beherend vennoot voor GEM De Blauwe Zoom C.V. Ontwikkelingen Op 25 februari 2014 is de B.V. opgericht. De BV is houdster van een deel van de aandelen (2%) van GEM De Blauwe Zoom C.V. Voor een toelichting wordt verwezen naar GEM De Blauwe Zoom C.V.
Programmabegroting 2025-2028
65
GEM De Blauwe Zoom C.V. Risico’s De GEM draagt alle risico’s voor de ontwikkeling in De Blauwe Zoom. Risico’s omvatten variaties in de prijs van het bouw- en woonrijpmaken, een verminderde exploitatiebijdrage door particulieren in de zuidstrook als zij niet tot ontwikkeling over gaan, een vertraging van het uitgiftetempo en het niet beheersen van de plankosten. Daar staat tegenover dat er ook kansen in de ontwikkeling zijn. Door toepassing van de btw-handelswijze op resterende deelgebieden worden de kosten beperkt, door organisch ontwikkelen wordt het programma afgestemd op de juiste doelgroepen. In beginsel is het positieve saldo in de grondexploitatie voor GEM de Blauwe Zoom dekkend voor alle risico’s. Ontwikkelingen Het totale gebied bestaat uit circa 530 te ontwikkelen woningen. Voor de eerste fase is in 2015 een bestemmingsplan onherroepelijk geworden voor 188 woningen. Voor deelplan Ons Dorp is in 2021 een bestemmingsplan onherroepelijk geworden ten behoeve van 72 woningen. Voor de derde fase circa 270 woningen, is eind mei 2024 het bestemmingsplan onherroepelijk. Fase 1 is geheel afgerond. En Ons Dorp wordt in de loop van 2024 opgeleverd. In 2024 worden de plannen voor Nordwest definitief met een programma van circa 130 woningen. Daarvoor zal als eerste het gebied worden opgehoogd met zand. Verkopen van woningen zullen dan in 2026 plaats vinden.
Gemeenschappelijke regeling Sociaal Risico’s Voor de drie opgaves van de GR Sociaal (1. Bestaanszekerheid versterken 2. Ontwikkelen naar werk 3. Zorgen voor ondersteuning) is de kaderstelling lokaal belegd. De uitvoerende taken van de Participatiewet en Wmo zijn grotendeels belegd bij de Sociale Dienst Drechtsteden (SDD). Er zijn ontwikkelingen die zorgen voor toenemende onzekerheid en risico's: - Onzekere, maar ingrijpende invloeden als de inflatie, energieprijzen en cao-onderhandelingen, die doorwerken in tarieven van dienstverlening en kostprijzen van producten; - Stijgende personeelstekorten; - Groeiende vraag naar ondersteuning; - Nieuwe wettelijke taken en wetswijzigingen waarvan de wetstrajecten nog lopen en waarvan in een aantal gevallen nu al duidelijk is dat de beschikbare middelen ontoereikend zijn of dat forse investeringen nodig zijn; - Onzekerheid over financiering door het Rijk. Op het gebied van Zorgen voor ondersteuning (Wmo) vragen de ontwikkelingen om interventies in de vraagkant en de aanbodkant om de continuïteit van de ondersteuning naar de toekomst te borgen. Denk aan normaliseren, het versterken van de eigen kracht en het eigen netwerk en scherpe toetsing of iemand echt zorg nodig heeft. In 2023 hebben we een toename gezien van de huisvestingstaakstelling van statushouders. De consequenties van de verhoging wordt in kaart gebracht en meegenomen.
Door een hogere taakstelling wordt de werklast bij de SDD groter en dit kan eventueel zorgen voor hogere uitvoeringskosten in 2024. Ontwikkelingen Schuldhulpverlening: Vanaf 2025 zetten we extra in op armoede en schulden onder werkenden. Wmo Wanneer zorg en ondersteuning schaars is, zullen er keuzes gemaakt moeten worden, maar ook zijn er meer innovatieve oplossingen nodig. In 2023 is het Wmo-beleid hereikt. Sleutelwoorden in het nieuwe kaderbeleid zijn: normaliseren, het versterken van de eigen kracht en het eigen netwerk en scherpere toetsing op maatwerkvoorzieningen. De SDD en het Sociaal Team zijn nauwer met elkaar gaan samenwerken en afstemmen over de in te zetten ondersteuning. Ook wordt er sinds halverwege 2023 actief ingezet op het matchen van inwoners met een arbeidsbeperking naar participatieplekken. Kansen worden benut om meer gebruik te maken van ons maatschappelijke voorveld en lokale ondernemers. Programmabegroting 2025-2028
66
Statushouders Een kans zien we bij de instroom van statushouders in relatie tot de tekorten op de arbeidsmarkt. In 2023 zijn we gestart met een lokaal project om statushouders die langere tijd in de bijstand zitten, te begeleiden naar een participatieplek. Voor de vrouwelijke statushouders is in 2024 een apart traject opgestart om hen meer te laten participeren in de omgeving van de buurt en basisschool. Eind 2024 zal het traject worden geëvalueerd en naar aanleiding van de uitkomsten zal worden besloten of het traject wordt voortgezet in 2025. Met de GR Sociaal en de gemeenten wordt gewerkt aan de verdere versterking van de aansluiting van de inburgering op het regulier (beroeps)onderwijs en de realisatie van duale trajecten waarbij inburgering en participatie zo optimaal mogelijk op elkaar aansluiten.
Gemeenschappelijke regeling Publieke Gezondheid en Jeugd Risico’s De DG&J kent een grote verscheidenheid aan producten. Om de kwaliteit hiervan te borgen worden de nodige inspanningen geleverd, mede in het kader van de HKZ-certificatie. Risico's op fouten (miscommunicatie, foutieve registraties) en hieruit mogelijk voortkomende schadeclaims zijn echter nooit in zijn geheel uit te sluiten. De DG&J houdt een weerstandsvermogen aan om eventuele risico's in extra kosten op te vangen vanuit reserves. De risico's worden geïnventariseerd en ingeschaald op kans en impact. De totale financiële omvang van de risico's ligt ruim boven het weerstandsvermogen. Dit betekent dat de algemene reserve mogelijk niet toereikend zal zijn om de nadelen/risico's volledig op te vangen. De producten van de DG&J worden hoofdzakelijk gefinancierd uit inwoner- en directe gemeentelijke bijdragen. Een deel van de inkomsten hebben een fluctuerend karakter, zoals de subsidies in het kader van Veilig Thuis, OGGZ en de opbrengst van de polikliniek en inspecties toezicht Kinderopvang. Hierdoor is er een gering risico dat de realisatie van deze baten afwijkt van de raming.
In het kader van de bedrijfsvoering/primair proces bestaat het risico op extra personele en financiële inzet indien er een hoger dan voorzien beroep wordt gedaan op de dienstverlening in brede zin (Veilig Thuis, GGD, LVS en hiermee samenhangende ondersteuning) van de DG&J. Voor de Serviceorganisatie Jeugd Zuid-Holland Zuid (SOJ) ligt er een risico rond de voorspelbaarheid van de kosten. Hierin ligt een afhankelijkheid bij het declaratiegedrag van zorgaanbieders. De afschaffing van de solidariteit zorgt voor een extra risico op de begroting van gemeente HardinxveldGiessendam. Dit betekent een hogere bijdrage aan de SOJ. De lokale inzet en doorontwikkeling van het sociaal team moet er aan bijdragen dat de benodigde jeugdhulp binnen de budgetten kan worden uitgevoerd. Een kritische toegang en het afbakenen van jeugdhulp zijn belangrijke knoppen. In het programmaplan van het netwerk MT staan regionale maatregelen beschreven die hier ook aan moeten bijdragen. Veel van deze maatregelen worden zowel lokaal als regionaal ingevoerd. Er wordt regelmatig geëvalueerd en de kostenontwikkeling wordt nauwlettend gevolgd. Ontwikkelingen DG&J Op 15 februari 2024 is het Meerjarenbeleidsplan (MJP) DG&J ZHZ 2024-2028 voorlopig vastgesteld. Het MJP vormt de basis voor het beleid van de DG&J in de periode 2024 -2028. In de zomer 2024 wordt gewerkt aan het uitvoeringsplan.
Het uitvoeringsprogramma staat ter vaststelling geagendeerd voor de vergadering van het algemeen bestuur op 26 september 2024. De financiële positie van gemeenten vanaf 2026 en de situatie op de arbeidsmarkt zijn bepalend voor het tempo waarin en de intensiteit waarmee de DG&J toewerkt naar de MJP-ambities. Gemeenten stellen 1 x per 4 jaar een lokale nota gezondheidsbeleid op. Voor Hardinxveld-Giessendam is het lokale gezondheidsbeleid in februari 2022 besloten door de gemeenteraad. De visie Sociaal Domein ligt ten grondslag aan de gezondheidsnota. SOJ De 10 gemeenten in Zuid-Holland Zuid voeren sinds 1 januari 2015 gezamenlijk de taken uit die voortvloeien uit de Jeugdwet. Hiertoe is besloten tot de vorming van de Serviceorganisatie Jeugd Zuid-Holland Zuid als onderdeel van de Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid. Na jarenlange stijging in de jeugdhulpkosten werd bij de jaarrekening 2022 en 2023 een stabilisatie geconstateerd. Programmabegroting 2025-2028
67
Er is krapte op de arbeidsmarkt en de betaalbaarheid van de zorg staat onder druk. De Hervormingsagenda Jeugd 2023-2028 en het Toekomstscenario zet op verschillende niveaus in op het beschikbaar houden van de zorg voor de meest kwetsbare jeugdigen en het realiseren van besparingen. Komende tijd zal meer duidelijk worden wat de maatregelen concreet voor gemeentes betekent en de manier van werken. Onze gemeente en regio heeft een deel van deze maatregelen reeds (deels) uitgevoerd, zoals de uitvoering van de jeugdmodule en het verbinden van GGZ expertise aan het Sociaal Team. Het normenkader onder de nieuwe contractafspraken 2022 met jeugdhulpaanbieders moeten hier ook aan bijdragen. In de uitvoering hiervan is er nog een aantal knelpunten waar een verbeterplan voor wordt opgesteld. Vooralsnog wordt een risicoclassificatie van hoog gehanteerd.
Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid Risico's Vanwege loon- en prijsontwikkelingen bedroeg het gerealiseerd resultaat over 2023 €629.000 negatief. Het Algemeen Bestuur (AB) van de OZHZ heeft eerder besloten om dit negatieve resultaat te dekken vanuit het weerstandsvermogen. De omvang van het weerstandsvermogen bedroeg eind 2023 € 974.000. Na verrekening met het negatieve resultaat 2023 resteert een weerstandsvermogen van € 345.000. Gegeven het risicoprofiel is een weerstandsvermogen van € 750.000 benodigd. Door toevoeging van de op dit moment voorziene positieve resultaten 2024 tot en met 2026 komt het weerstandsvermogen eind 2026 uit op het vereiste niveau. Vanaf 1-1-2024 is de gemeente bevoegd gezag over de uitvoering van bodemsaneringstaken. OZHZ voerde deze taken tot invoering van de Omgevingswet al uit namens de provincie Zuid-Holland, en zal dit blijven doen als de gemeenten verantwoordelijk worden. De structurele middelen die voor de uitvoering nodig zijn, zijn reeds opgenomen in de gemeentelijke begroting. OZHZ adviseert om voor 2025, naast de structurele middelen, opnieuw incidentele middelen op te nemen, omdat er nog geen compleet beeld is van de daadwerkelijke implementatie- en uitvoeringskosten. Hier gaan we als gemeente niet in mee, zoals verwoord in eerdere zienswijzen.
Tegelijkertijd zijn deze taken, en dus ook de financiering, afhankelijk van het aantal ruimtelijke projecten en het daar bijhorende grondverzet. Hier ontstaat dus een risico, aangezien er wel uitvoering gegeven zal moeten worden aan deze taken als marktpartijen hierom vragen. Ontwikkelingen In 2023 heeft de Omgevingsdienst de nodige voorbereidingen getroffen om klaar te zijn voor de invoering van Omgevingswet per 1-1-2024. In de eerste na inwerkingtreding zal dit tot nieuwe inzichten en uiteindelijk tot nieuwe jurisprudentie leiden. Dit heeft effect op de werkzaamheden die OZHZ namens de gemeente uitvoert. Daarnaast loopt er een herijking en uitbreiding van de Energie-agenda/E-agenda. Deze agenda heeft als doel om de CO2-uitstoot bij bedrijven te verminderen. Verder krijgt ook het onderwerp 'Zeer Zorgwekkende Stoffen' (ZZS) steeds meer aandacht. Dit zijn stoffen die vrijkomen bij bedrijfsmatige activiteiten en schadelijk zijn voor mens en milieu. Te denken valt aan stoffen zoals PFAS en lood. Dit onderwerp heeft binnen de keten van Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH) op het gebied van milieu een steeds nadrukkelijkere plaats. Tot slot zal de omgevingsdienst naar aanleiding van diverse onderzoeken naar het functioneren van omgevingsdiensten, werken aan een kwaliteitsimpuls wat betreft de uitvoering van VTH-taken.
Een aspect wat hier mee samenhangt is het kwalitatief op orde houden van de bedrijfsvoering. Nieuwe wetgeving (Omgevingswet, Wkb etc.), ontwikkelingen binnen verschillende beleidsvelden (bijvoorbeeld stikstof en PFAS) in combinatie met de krapte op de arbeidsmarkt zorgen voor de nodige uitdagingen. Dit wordt versterkt door bezuinigingsopgaven bij de deelnemers richting het ravijnjaar 2026. Hiervoor loopt inmiddels een bestuursopdracht die door het AB is vastgesteld. In deze bestuursopdracht wordt naar de volgende lijnen gekeken: • Externe budgetten OZHZ. • Efficiëntie in processen. • Inhoudelijke keuzes van de deelnemers (individueel of regionaal). • Kostenbesparingen bij de deelnemers door taken regionaal uit te laten voeren. Programmabegroting 2025-2028
68
De uitwerking krijgt gestalte in nauwe samenwerking met de ambtelijke vertegenwoordigers van gemeenten en provincie. Bestuurlijke agendering van de resultaten vindt plaats bij de Begrotingsrichtlijnen 2026.
Gemeenschappelijke Regeling GEVUDO: Gemeenschappelijke Vuilverwerking Dordrecht en Omstreken en Huisvuilcentrale Alkmaar Risico’s Geen risico's. Ontwikkelingen Geen ontwikkelingen.
Gemeenschappelijke Regeling Reinigingsdienst Waardlanden Risico’s De focus bij Waardlanden (WL) heeft behoudends het op peil houden van hun dienstverlening de afgelopen jaren gelegen op het (samen met de deelnemende gemeenten) ontwikkelen van nieuw afvalbeleid en de implementatie daarvan. Lopende dit proces is de interne bedrijfsvoering van WL onder druk komen te staan, met name het uitvoeren van de begrotingsdiscipline en het laten aansluiten bij de P&C-cyclus van de gemeenten is een punt van zorg. Tevens is het beheers houden van de kosten van zowel de afvalinzameling als de afvalverwerking een punt van aandacht. Ontwikkelingen Op 1 januari 2024 is diftar in onze gemeente gevoerd en zal voor het aanbieden van restafval per keer een bedrag een rekening worden gebracht. Met invoering van diftar is de laatste fase ingevoerd van het in de zomer van 2021 door de gemeenteraad vastgestelde afval- en grondstoffenbeleid. Met het invoeren van diftar zijn we in een nieuwe fase terecht gekomen. In deze nieuwe fase zal de nadruk komen te liggen op essentiële financiële en operationele processen. Een goede monitoring van de (financiële) effecten van het nieuwe beleid is pré. Op 8 januari 2024 is Jurgen Rau (vanwege vertrek Hans van den Brule) gestart als interim directeur van WL.
Jurgen Rau zal zich met name bezig houden om de bedrijfsvoerings- en financiële processen te professionaliseren.
NV Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) Risico’s Het risico voor de gemeente beperkt zich tot het verworven aandelenkapitaal. Het risicobeheer van BNG Bank is gericht op handhaving van het veilige risicoprofiel van de bank. Dit profiel komt tot uitdrukking in hoge externe credit rating. Ontwikkelingen Gedurende het begrotingsjaar hebben zich geen veranderingen voorgedaan in de belangen van aandeelhouders in BNG Bank. Over 2023 realiseerde BNG Bank een nettowinst na belastingen van € 254 miljoen (2022: € 300 miljoen). Van de nettowinst is voorgesteld om € 120 miljoen (50% beschikbare winst) aan dividend uit te keren (2022 € 139 miljoen – 50% beschikbare winst). Voor de gemeente Hardinxveld-Giessendam komt dit neer op € 67.675 (over 2022 in 2021 € 78.390).
Samenwerkingsverband Vastgoedinformatie Heffen en Waarderen (SVHW) Risico’s Uit onderzoeken naar vergelijkbare organisaties is gebleken dat SVHW de efficiëntste organisatie is. Dit houdt in dat de geboden kwaliteit tegen een scherpe prijs wordt aangeboden. Het doorvoeren van bezuinigingen heeft daardoor een direct effect op de geboden kwaliteit. Daarnaast bestaat het risico dat deelnemers uittreden, waarbij mogelijkerwijs de lasten voor de achterblijvende deelnemers hoger worden. Tegelijkertijd treden er ook nieuwe gemeenten toe.
Programmabegroting 2025-2028
69
Ontwikkelingen Per 1 januari 2024 is de gemeente Drimmelen toegetreden tot SVHW. Verder zal de gemeente Geertruidenberg per 1 januari 2025 toetreden. Naar verwachting zullen in de komende jaren meerdere gemeenten aansluiting gaan zoeken bij het SVHW. Daar staat tegenover dat gemeenten ook kunnen uittreden. Dit betekent dat er zowel kansen als risico's zich voor kunnen doen.
Risicoprofiel Op basis van de begrotingen en jaarrekeningen van de verbonden partijen is een nieuwe analyse uitgevoerd. Bij Bureau Openbare Verlichting gaat de classificatie op financieel vlak van gemiddeld naar laag, doordat de interne organisatorische problemen zijn opgelost. Het totaaloverzicht is te vinden in onderstaand schema:
Bovenstaand overzicht is ontleend aan de laatst vastgestelde nota. Serviceorganisatie Jeugd is geïntegreerd in de Dienst Gezondheid en Jeugd ZHZ en de GR Drechtsteden betreft met ingang van 2022 GR Sociaal. Voor meer informatie in deze begroting wordt u verwezen naar de toelichting per programma bij de financiële begroting onderdeel risico's en ontwikkelingen. Risicoclassificatie Uit de gemaakte analyse blikt de volgende risicoclassificatie:
Risicoclassificatie
Verbonden partijen
Sturings- en toezichtsarrangementen
1. Laag
Stedin, Oasen, SVHW, Bureau Openbare Verlichting, BNG, Gevudo, OZHZ, Merwedelingelijn
Basispakket
2. Laag / gemiddeld
Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid, Waardlanden, Dienst Gezondheid & Jeugd -
Pluspakket
GR Drechtsteden (GR Sociaal), Serviceorganisatie Jeugd ZHZ -
Compleetpakket
3. Gemiddeld 4. Gemiddeld/hoog 5. Hoog Programmabegroting 2025-2028
70
Inhoud van de sturingsarrangementen Hieronder staat de feitelijke invulling van de sturingsarrangementen beschreven, gekoppeld aan de sturende en beheersende rollen van de raad en het college. Basis Pakket
Plus Pakket
Kaderstellende rol (=sturen) • Begroting verbonden partij met ambtelijk advies bespreken in college • In de begroting wordt een actuele risicoanalyse, de bepaling van het sturingsarrangement en eventueel maatwerk opgenomen • De begroting van de verbonden partij wordt ter zienswijze aan de raad voorgelegd • Jaarlijkse bijeenkomst waarin risicoanalyses verbonden partijen worden besproken tussen college en raad • Hogere frequentie bestuurlijke en ambtelijke overleggen
Controlerende rol (=beheersen) • Jaarrekening verbonden partij met ambtelijk advies bespreken in college • In de jaarrekening wordt door het college verantwoording afgelegd aan de raad over de verbonden partijen • Actieve informatieplicht: bij belangrijke tussentijdse ontwikkelingen informeert het college de raad via burap's of RIB • •
Compleet Pakket
• •
•
Nog hogere frequentie bestuurlijke en ambtelijke overleggen Er wordt een actieve dialoog tussen de raad en de verbonden partij georganiseerd door bijvoorbeeld de directie uit te nodigen in de raad
•
Alle P&C documenten verbonden partijen (ook burap's) worden met ambtelijk advies besproken in college In gemeentelijke burap wordt door het college verantwoording afgelegd aan de raad over de verbonden partijen met risicoclassificatie 'gemiddeld' of 'hoger' Het college informeert de raad via een RIB over de P&C documenten van de verbonden partij Zo nodig wordt de raad tussentijds geïnformeerd (ook buiten de P&C documenten om)
Financiële informatie per verbonden partij Voor de feiten en cijfers is gebruik gemaakt van de cijfers uit de jaarrekening 2023, voor zover voorhanden, van de verbonden partij. Onderstaand een overzicht met een weergave van de bijdragen per verbonden partij.
Realisatie 2023 GR Sociaal GR Publieke Dienst Gezondheid en Jeugd (incl. SOJ) GR Veiligheidsregio ZHZ GR Omgevingsdienst ZHZ GR GEVUDO GR Reinigingsdienst Waardlanden GR Openbare Verlichting GR SVHW
Programmabegroting 2025-2028
x € 1.000 Raming begroting 2025
Raming begroting 2024
10.420
9.783
11.038
6.763
6.316
7.650
1.420
1.325
1.593
484
498
606
0
0
0
2.536
2.243
2.859
41
42
42
216
196
225
21.880
20.403
24.013
71
Programmabegroting 2025-2028
72
1.15 Paragraaf Grondbeleid Algemeen Het grondbeleid heeft samenhang met diverse programma’s, zoals ruimtelijke ordening, volkshuisvesting en verkeer en vervoer. Het grondbeleid heeft een grote financiële impact, niet alleen vanwege de te verwachten baten, maar ook vanwege de risico’s die worden gelopen bij het in exploitatie brengen van bouwgrond. Verslaglegging over het grondbeleid vindt plaats via het meerjarenprogramma grondzaken (MPG). Meerjarenprogramma grondzaken Het meerjarenprogramma grondzaken (MPG) geeft een overzicht van de programmatische, contractuele en financiële stand van de ruimtelijke projecten. Maar wat is een ruimtelijk project? Of beter gezegd: welke definitie hanteert de gemeente Hardinxveld-Giessendam voor een ruimtelijk project? Vanuit de gemeente is er ruimtelijk beleid ten aanzien van volkshuisvesting, economische ontwikkelingen, openbare ruimte, infrastructuur, recreatie, duurzaamheid en natuur. De in 2023 vastgestelde Kadernota strategisch grondbeleid vertaalt het ruimtelijke beleid in een verantwoord en transparant kader waarbinnen het team Ruimtelijke Projecten gebiedstransformaties kan initiëren en uitvoeren. Deze gebiedstransformaties worden ruimtelijke projecten genoemd. Een voorbeeld van een ruimtelijk project is De Blauwe Zoom waar een landelijk gebied wordt getransformeerd tot een nieuwbouwwijk voor BovenHardinxveld.
Op de kaart hieronder zijn alle ruimtelijke projecten van de gemeente Hardinxveld-Giessendam weergegeven. Sectie Grondzaken binnen het team Ruimtelijke Projecten is belast met de financiële en contractuele uitvoering en beheersing van de ruimtelijke projecten. Via onderhavig MPG legt Grondzaken verantwoording af over de financiële en contractuele stand van zaken en de toekomstverwachting voor alle ruimtelijke projecten. Dit geldt zowel voor projecten waarbij de gemeente zelf grondbezit heeft, als voor facilitaire projecten. Facilitaire projecten zijn projecten waarbij particuliere ontwikkelaars eigen gronden ontwikkelen.
Programmabegroting 2025-2028
73
De overheid geeft via de Omgevingswet wettelijke kaders aan de uitvoering van ruimtelijke projecten. De Omgevingswet biedt onder meer kaders voor het toepassen van zaken zoals kostenverhaal, onteigening etc. Financiële uitwerking is te vinden in het Besluit begroting en verantwoording (BBV). Het nieuwe BBV is per 1-1-2016 van kracht geworden en stelt duidelijke eisen aan de financiële verslaglegging van alle ruimtelijke projecten. Daarnaast is per juli 2019 door de commissie BBV een nieuwe notitie geschreven om nadere duiding te geven aan verschillende onderwerpen. Per begrotingsjaar 2019 is de notitie van het BBV per juli 2019 vigerend geworden en vormt daarmee ook de basis voor onderhavig MPG. Door de komst van de Omgevingswet is de BBV opnieuw aangepast. Wijzigingen van de BBV gelden vanaf de jaarrekening 2025. Grondbeleid Het grondbeleid van de gemeente uit 2015 vormde een trendbreuk met het verleden. In het verleden was actief grondbeleid – waarbij de gemeentegrond opkoopt, transformeert en bouwrijpe grond uitgeeft – de norm. In 2015 heeft de gemeente, overeenkomstig de landelijke trend, een beweging gemaakt naar facilitair grondbeleid. Dat betekent dat de gemeente het aankopen, transformeren en ontwikkelen van grond aan de markt over laat, maar waarbij de gemeente wel regie voert.
De werkwijze komt voort uit een verdere terugtrekking van de overheid van de (risicovolle) grondmarkt bij de Nota Ruimte (2005) en de daaropvolgende inwerkingtreding van de Wro en Bro. Lange tijd heeft de herziening van de Nota grondbeleid uit 2023 op zich laten wachten. Dit omdat de gemeente de Omgevingswet in het nieuwe grondbeleid wilde verwerken. In 2022 is de tekst van de Omgevingswet en de Aanvullingswet grondeigendom bekend geworden. Dat was het moment om de Nota grondbeleid uit 2014 te herzien. Begin 2023 is de Kadernota strategisch grondbeleid vastgesteld. Deze is gestoeld op de Wro/Bro, echter de bepalingen uit de Ow zijn ook meegenomen. Inmiddels is ook de Omgevingswet in werking getreden. De Kadernota strategisch grondbeleid is nog steeds actueel maar zal herzien worden, waarbij de bepalingen Wro/Bro geschrapt worden. In de Kadernota strategisch grondbeleid is gekozen voor situationeel grondbeleid, waarbij de gemeente per project bekijkt welke rol zij inneemt. Gemeente Hardinxveld-Giessendam is al enige jaren bezig om de actieve projecten af te ronden. Nieuwe initiatieven worden in beginsel op een facilitaire manier begeleid. Uitzonderingen kunnen gemaakt worden, zoals bij de Westpunt in ’t Oog is gebeurd. In de Westpunt van ’t Oog is bedrijvigheid voorzien.
Deze toevoeging van bedrijventerrein was afgestemd met de provincie, er bleek voldoende vraag naar bedrijventerrein, de eigenaren wilden vervreemden, maar (lokale) ontwikkelaars waren niet direct geïnteresseerd om te kopen. Om die redenen heeft de gemeente besloten om Westpunt in ’t Oog zelf te transformeren. In 2024 is de verwachting dat een nieuw actief project wordt gestart, namelijk een herontwikkeling van de schoollocaties aan de Pietersweer. De impact van de Ow op het grondbeleid is groot. Er is een nieuwe planvorm: het omgevingsplan en gemeentes moeten een nieuwe visie, een omgevingsvisie, opstellen. Dit is meegenomen in de Kadernota strategisch grondbeleid. Het zal gemeente breed aanpassing vergen, waarbij niet alle disciplines even ver zijn met de implementatie van de Ow. In 2024 kan de nieuwe manier van werken voor vertraging zorgen in de projecten. Bovenwijks beleid/financiële bijdragen Daarnaast zal de gemeente tot een heroverweging over het bovenwijks beleid moeten komen aangezien de Ow nieuwe middelen biedt om bovenwijks beleid toe te passen. In 2014 is gekozen geen Bovenwijks beleid op te stellen onder de Wro. Onder de Ow wordt het kostenverhaal verruimd. Als een causaal verband bestaat tussen de kosten en het project, worden de kosten onder de regels van kostenverhaal doorberekend aan de ontwikkelaars.
De verruiming van de mogelijkheden tot kostenverhaal is meegenomen in de Kadernota strategisch grondbeleid.
Programmabegroting 2025-2028
74
Indien sprake is van een functionele samenhang tussen het project en de kosten, dan kan onder de Ow een financiële bijdragen worden gevraagd aan de ontwikkelaars. Dit kan verplicht of vrijwillig. De financiële bijdrage kan ingezet worden voor infrastructurele werken als een snelfietsroute of een bijdrage aan een nieuw gemeentepark. De doelen die de gemeente wil bereiken met de financiële bijdrage, moeten opgenomen worden in het Omgevingsplan en de omgevingsvisie. Bij de invoering van de Ow en de vaststelling van een Omgevingsplan en een Omgevingsvisie wordt onderzocht of de gemeente een vrijwillige bijdrage gaat vragen aan ontwikkelaars. Indien gewenst wordt bovenwijks beleid opgesteld. De mogelijkheid om die bijdrage een verplichtend karakter te geven is gebonden aan diverse voorwaarden waaronder winstgevendheid binnen projecten en lijkt door de huidige hoge kosten, minder voor de hand liggend. Type projecten Op basis van de Ow en het BBV zijn projecten te onderscheiden in diverse types. Ondergrens is dat een project minimaal voldoet aan de voorwaarden voor een bouwplan zoals gesteld in 13.11 Ow. De volgende types worden onderscheiden: −
− −
−
−
−
Bouwgronden in exploitatie (BIE / Actief) Actieve projecten zijn projecten waarbij de gemeente haar eigen grond actief transformeert (bijvoorbeeld G22 Westpunt). De gemeente houdt de uitgaven en inkomsten bij door middel van een (bouw)grondexploitatie (een meerjarige exploitatie ook wel een BIE genoemd). Een project wordt pas actief als de gemeenteraad een grondexploitatiecomplex met een grondexploitatiebegroting heeft vastgesteld. PPS-projecten (Publiek-private samenwerkingen) G09 De Blauwe Zoom is een bijzondere vorm van een actief project. De gemeente is gedeeld aandeelhouder in een GEM (grondexploitatiemaatschappij) die de grond transformeert. Exploitatieplannen Onder De Blauwe Zoom ligt ook een exploitatieplan (E09). Met een exploitatieplan worden regels voor het omslaan van kosten over de verschillende grondeigenaren op een publiekrechtelijke manier geregeld. Daarnaast kunnen diverse locatie-eisen worden gesteld. De financiële verantwoording van het exploitatieplan vindt plaats door middel van een facilitaire exploitatie. De meest recente versie van het exploitatieplan is eind 2023 door de raad vastgesteld. Onder de Ow vervalt het exploitatieplan als publiekrechtelijk middel. In plaats daarvan wordt onder het omgevingsplan een financiële paragraaf opgenomen.
Strategische gronden (materiële vaste activa/MVA) Materiële vaste activa zijn strategische of slapende grondposities in bezit van de gemeente, waarvan de gemeente voornemens is te transformeren dan wel te verkopen. De raad heeft voor deze projecten nog geen besluit tot uitvoering c.q. verkoop genomen. Op deze gronden wordt niet afgeschreven en de gronden dienen periodiek getaxeerd te worden. Particuliere ontwikkelingen met overeenkomst Indien particuliere initiatieven binnen de beleidskaders passen en haalbaar worden geacht, maar er nog geen gewijzigd planologisch kader is, kan de gemeente besluiten om tot anterieure contractvorming over te gaan. De particuliere ontwikkelaar ontwikkelt dan zijn eigen stuk grond, waarbij de gemeente, tegen een vergoeding (kostenverhaal), onder meer het publiekrechtelijke deel uitvoert. Voorbeelden van particuliere ontwikkelingen zijn de P10 IJzergieterij en P23 Rokerij. Particuliere initiatieven Particulieren komen met hun plannen bij de gemeente ter beoordeling. De gemeente bekijkt (onder andere via de regiegroep) of een initiatief binnen de beleidskaders past en haalbaar wordt geacht. De nu genoemde particulieren initiatieven bevinden zich in deze initiatieffase. Een voorbeeld is het onderzoek naar de ontwikkeling van P16 Middelwetering.
Gronden als vast actief (openbaar gebied onder wegen, gebouwen, parken, pleinen etc.) worden niet verantwoord in het MPG. Ook niet als daar investeringen voor gedaan worden, zoals het onderdeel van verplaatsing van de weg nabij P16 Middenwetering. De gemeente heeft op dit moment ook geen ruilgronden of grondbanken in bezit. Naast de lopende projecten (actieve grondexploitaties, GEM De Blauwe Zoom en de anterieure trajecten) zijn ook nog andere ruimtelijke contractvormen mogelijk zoals concessies, joint ventures, bouwclaims etc. De gemeente heeft naast GEM De Blauwe Zoom geen andersoortige contracten lopen en is Programmabegroting 2025-2028
75
ook niet voornemens dat in de nabije toekomst te gaan doen. Alleen in project P16 Middenwetering loopt een kleine bouwclaim voor de bouw van 4 woningen. Lijst ruimtelijke projecten Onderstaande lijst is opgesplitst naar type project. Allereerst de actieve projecten, PPS-projecten, projecten van de ontwikkel B.V. en de eventueel af te sluiten actieve projecten. Daarna volgt de lijst met strategische gronden, de lijst met particulieren ontwikkelingen met overeenkomst en de lijst met particuliere ontwikkelingen zonder overeenkomst (initiatieven). Elk project is terug te vinden op de kaart op basis van een G-nummer, E-nummer, P-nummer waarbij G staat voor gemeentelijk, E staat voor exploitatieplan en P staat voor privaat. BIE G06 – Pieter de Hoogh (voorheen Morgenslag) G15 – Herstructurering Gemeentehaven G22 – 't Oog Westpunt PPS G09 – CV/BV GEM De Blauwe Zoom (50% deelneming) MVA G16 – Compensatiegronden grienden G18 – Zwembad Duikelaar e.o. G21 – Pietersweer 34-36 (incl.
locatie Ichthus) Exploitatieplan E09 – Exploitatieplan De Blauwe Zoom 2e herziening Particuliere ontwikkeling met overeenkomst P09 – Nederveen-Huisman (Buitendams 348-352) P10 – IJzergieterij (Rivierdijk 828) P10a – Legalisering woonarken (Rivierdijk) P23 – De Rokerij P27 – Giessenschool – Stationsstraat 23-27 /Thuismakers P28 – Buitendams 45, De Nieuwe Dam P35 – 't Oog Waardzone en 2e fase P39 – Zwaluwpad (Buitendams 378) P41 – Parallelweg 106 Particuliere initiatieven P16 – Middenwetering P26 – Voormalig smederij Hahbo P30 – Buitendijkse Jachthaven Beneden Merwede P38 – Frederikstraat P42 – Brooshoofdstraat 20 P43 – Buitendams 354-358 X01 – Tracé Boezemgemaal Voorstadium --- - Nassaustraat Noord --- - Troelstrastraat/Kampanje Af te sluiten ontwikkelingen en MVA Geen af te sluiten projecten in 2024 Ontwikkelingen in 2023 en begin 2024 In deze paragraaf wordt stil gestaan bij 2023. Hoe is 2023 verlopen? Welke doelstellingen zijn bereikt? Enzovoort. In hoofdstuk 4 (woningbouwprognose) wordt verder ingegaan op de zogenoemde boeggolf (stroom woningen per jaar voor de komende jaren gerelateerd aan de planuitval) en wat de prognoses zijn voor de komende jaren. Programmabegroting 2025-2028
76
Normaliter vergelijken we de aannames voor het MPG 2023 met het MPG van 2024 om zo een kwantitatief oordeel te kunnen geven over het behalen van de beoogde doelstellingen. Voor het MPG 2024 wordt een verandering doorgevoerd waardoor we eenmalig niet kunnen vergelijken wat de afzet ten opzichte van de verwachting is geweest. Om aan te sluiten bij de planmonitor voor de provincie worden gebouwde woningen nu niet meer gemeten bij grondverkoop en start bouw maar bij oplevering. Dat betekent dat de metingen met circa een jaar vertragen. Vanaf het MPG 2025 zal er weer een vergelijking volgen met de verwachting.