CConstaterende datHardinxveld-Giessendam
Koppel je AI →
Document · PDF

Overdrachtsdocument Gemeenteraad 2026.pdf

Gemeenteraad GHG 1 april 2026, gemeente Hardinxveld-GiessendamBij agendapunt: 5: Overdrachtsdocument Gemeenteraad 202630.953 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Invulling & Taken De functie van plaatsvervangend raadsvoorzitter kan op verschillende manieren worden ingevuld. In veel gemeenten bestaat de functie alleen uit het vervangen van de burgemeester als raadsvoorzitter bij verhindering of wanneer de burgemeester zelf portefeuillehouder is bij een voorstel. Dit is ook het wettelijk minimum. In Hardinxveld-Giessendam kiezen we ervoor om meer taken en bevoegdheden bij de plaatsvervangend raadsvoorzitter te beleggen. De plaatsvervangend voorzitter heeft in de eerste plaats een rol bij het vervangen van de burgemeester als voorzitter van de raadsvergadering wanneer deze verhinderd of zelf portefeuillehouder is, hierbij hoort ook het ceremoniële teken van het dragen van de ambtsketen. Tevens is de plaatsvervangend raadsvoorzitter bij afwezigheid van de burgemeester bij externe activiteiten zoals bijvoorbeeld het raadsuitje of een heidag belast met ceremoniële taken die normaliter door de burgemeester worden verricht. De plaatsvervangend raadsvoorzitter heeft ook een rol bij ontmoetingen met de Commissaris van de Koning bij afscheid of komst van een burgemeester. Tevens is de plaatsvervangend raadsvoorzitter belast met de volledige en volwaardige bekleding van het ambt van burgemeester bij afwezigheid van de burgemeester én de door het college aangewezen locoburgemeester.

Zo is de plaatsvervangend raadsvoorzitter bevoegdheid om te handelen in bijvoorbeeld een crisissituatie. De plaatsvervangend raadsvoorzitter is tevens: • • • •

Voorzitter van de vertrouwenscommissie voor de burgemeestersprocedure en klankbordcommissie Plaatsvervangend voorzitter van het presidium bij afwezigheid burgemeester Klankbord en meldpunt voor integriteitsschending betreffende de burgemeester (Voorzitter van de werkgeverscommissie)

Deze bredere invulling leidt tot de volgende vereisten en kenmerken voor een plaatsvervangend raadsvoorzitter. Van een plaatsvervangend raadsvoorzitter in Hardinxveld-Giessendam mag worden verwacht dat hij/zij affiniteit en vaardigheden heeft om vergaderingen voor te zitten. Daarnaast is de plaatsvervangend raadsvoorzitter ook iemand die beschikt over verbindende kwaliteiten en in staat is om op te treden bij representatieve activiteiten. De plaatsvervangend raadsvoorzitter geniet gezag in de gemeenteraad en kan van daaruit geloofwaardig en politieke onafhankelijk optreden als vertegenwoordiger van de gehele gemeenteraad.

Vervolg proces

55

Kandidaten voor de functie worden opgeroepen hun kandidatuur schriftelijk te melden bij de raadsvoorzitter en de griffier. Door middel van stemming (stemming over personen dus geheime stemming) wijst de raad een 1e, 2e en 3e plaatsvervangend raadsvoorzitter aan.

56

10. Verordening klankbordgesprekken burgemeester 10.1 Verordening klankbordgesprekken burgemeester en raad 2026 Status: Nog vast te stellen door gemeenteraad

Verordening klankbordgesprekken burgemeester en gemeenteraad 2026 De raad van de gemeente Hardinxveld-Giessendam; gelezen het voorstel; gelet op artikel 84, 86, 147 en 149 van de Gemeentewet besluit vast te stellen de Verordening klankbordgesprekken burgemeester en gemeenteraad 2026. Artikel 1. Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: a) Gesprekken: klankbordgesprekken van de raad met de burgemeester; b) Commissie: de commissie die is samengesteld uit de leden van de raad die het klankbordgesprek voeren; c) Informanten: derden die de commissie kunnen informeren over de rollen van de burgemeester waar de raad minder goed zicht op heeft, zoals wethouder(s), gemeentesecretaris, adjunct-directeur, griffier, collega-bestuurders, ondernemers, politiefunctionaris, officier van justitie, ambtenaren of samenwerkingspartners; d) Commissaris: commissaris van de Koning in de provincie Zuid-Holland Artikel 2. Algemene bepalingen 1.

De raad voert gesprekken met de burgemeester en stelt daarvoor aan het begin van een nieuwe raadsperiode een commissie samen;

2.

De commissie voert tenminste drie en maximaal zes gesprekken per ambtsperiode;

Artikel 3. Procedure en tijdschema 1. De griffier agendeert en organiseert de klankbordgesprekken; 2.

Drie van de gesprekken worden gevoerd in ieder geval vier weken voorafgaand aan de gesprekken die de commissaris van de Koning met de burgemeester heeft;

3.

De griffier onderhoudt de contacten met het Kabinet van de commissaris van de Koning in de provincie Zuid-Holland.

57

Artikel 4. Samenstelling van de commissie 1. De raad kiest een commissie uit haar midden tenminste acht weken voor het gesprek, als bedoeld in artikel 3, lid 2; 2.

De commissie bestaat uit de voorzitters van de raadsfracties en de eerste waarnemend voorzitter van de raad;

3.

Indien de waarnemend voorzitter van de raad tevens fractievoorzitter is, kan een ander raadslid van zijn fractie worden benoemd als lid van de commissie;

4.

Plaatsvervangend leden worden niet benoemd;

5.

Bij ziekte of langdurige afwezigheid van een commissielid kiest de raad een vervanger;

6.

De commissie laat zich bijstaan door de griffier;

7.

De commissie kan zich laten informeren door de informanten.

Artikel 5. Voorzitterschap van de commissie 1. De eerste waarnemend voorzitter van de raad vervult het voorzitterschap van de commissie; 2.

De voorzitter leidt het gesprek;

3.

De voorzitter treedt, voor zover nodig, op als contactpersoon en als woordvoerder naar buiten;

4.

De commissie kan zich laten bijstaan door een externe gespreksleider;

5.

De commissie kiest uit haar midden een plaatsvervangend voorzitter.

Artikel 6. Geheimhouding 1. De commissie legt in elke vergadering, met toepassing van artikel 86 van de Gemeentewet, geheimhouding op over de inhoud van de verslagen en het behandelde tijdens de gesprekken; 2.

De voorzitter ziet erop toe dat aan het gestelde in het vorige lid wordt voldaan;

3.

Betrokkenen voorkomen dat op enigerlei wijze de vertrouwelijkheid en geheimhouding in gevaar komt;

4.

De voorzitter en de leden van de commissie verstrekken geen inzage in de verslagen noch informatie daarover en over het behandelde tijdens de gesprekken aan raadsleden die geen lid zijn van de commissie, noch aan anderen, behoudens het bepaalde in artikel 7, lid 1 en artikel 9, lid 4;

5.

De commissie, noch de raad zal de geheimhouding waartoe het eerste lid verplicht, opheffen;

6.

De commissie treft een voorziening met betrekking tot de wijze waarop de geheimhouding blijft gewaarborgd bij het beheer van documenten en voeren van de correspondentie;

7.

De geheimhoudingsplicht blijft na ontbinding van de commissie van kracht;

8.

Het in dit artikel bepaalde is van overeenkomstige toepassing op de griffier, de informanten en een mogelijke externe gespreksleider.

Artikel 7. Voorbereiding gesprek 1. Leden van de commissie en de burgemeester krijgen de gelegenheid om, voor zover van toepassing, het voorgaande verslag in te zien; 2.

Leden van de commissie en de burgemeester krijgen de gelegenheid om bespreekpunten aan te leveren;

58

3.

Uiterlijk twee weken voor het gesprek ontvangen de leden van de commissie en de burgemeester namens de voorzitter een schriftelijke uitnodiging; die bevat in ieder geval plaats, tijdstip, agenda en bespreekpunten;

4.

Betrokkenen die niet in staat zijn het gesprek bij te wonen delen dit tijdig mee;

5.

Bij verhindering van meer dan één lid van de commissie zorgt de griffier voor een nieuwe afspraak.

Artikel 8. Het gesprek 1. Het gesprek vindt plaats in beslotenheid; 2.

Tijdens het gesprek hebben zowel de leden van de commissie als de burgemeester de mogelijkheid hun mening over en ervaringen met de geagendeerde bespreekpunten toe te lichten;

3.

De profielschets waarop de burgemeester is benoemd is één van de referentiepunten in de gesprekken met name in de eerste ambtsperiode. Veranderende omstandigheden en nieuwe ontwikkelingen worden tevens meegenomen bij de reflecties in de gesprekken;

4.

De volgende onderwerpen worden in elk geval tijdens het gesprek besproken: de burgemeester a als voorzitter van de raad en college b als coördinator van beleid, kwaliteitsbewaker met toepassing van artikel 170 Gemeentewet; c die invulling geeft aan de eigen portefeuille, met name de handhaving van de openbare orde en veiligheid; d en haar/zijn contacten met de inwoners, organisaties en bedrijven; e als ambassadeur en gezicht van de gemeente in de regio, provincie, rijk en Europa; f en haar/zijn contacten met ambtenaren, met name de gemeentesecretaris en de griffier; g en haar/zijn nevenfuncties en integriteit;

5.

Het gesprek wordt ook gebruikt om wederzijdse wensen voor de toekomst kenbaar te maken, om eerder gemaakte afspraken te evalueren, en te spreken over het functioneren van de raad en de ontwikkelingen van de gemeente.

Artikel 9. Verslaglegging 1. Door de griffier wordt het verslag in conceptvorm opgesteld en door de voorzitter van de commissie en de burgemeester door ondertekening vastgesteld; 2.

Het verslag bevat de feitelijke gegevens van de tijd, plaats en rol van de aanwezigen bij het gesprek;

3.

Het verslag geeft een duidelijk en feitelijk beeld van het besprokene;

4.

Een lid van de commissie kan laten aantekenen dat hij of zij het niet eens is met het verslag of een specifiek onderdeel ervan;

5.

De burgemeester kan laten aantekenen dat hij of zij het niet eens is met een specifiek onderdeel van het verslag;

6.

Een afschrift van het vastgestelde verslag wordt aan de burgemeester en de commissaris van de Koning in de provincie Zuid-Holland gestuurd.

Artikel 10. Archivering 1. De griffier draagt zorg voor een afdoende vertrouwelijke archivering van de stukken, waaronder een afschrift van het vastgestelde verslag; 2.

Alle overige bescheiden, als bedoeld in de artikelen 6 en 7, die in het bezit zijn van de voorzitter en de leden van de commissie worden onmiddellijk vernietigd;

59

3.

Na het aftreden van de burgemeester worden alle in lid 1 genoemde stukken door de griffier vernietigd.

Artikel 11. Onvoorziene gevallen In alle gevallen waarin deze verordening niet voorziet, beslist de commissie.

Artikel 12. Onvoorziene gevallen Deze verordening treedt in werking de dag na de bekendmaking onder gelijktijdige intrekking van de “Verordening functioneringsgesprekken burgemeester en raad”, vastgesteld op 1 april 2026.

Artikel 13. Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening klankbordgesprekken burgemeester en raad 2026”.

Aldus vastgesteld in de vergadering van de raad van de gemeente Hardinxveld-Giessendam , 1 april 2026,

De griffier,

Marien Jongkind

De voorzitter,

Dirk Heijkoop

60

10.2 Lijst van wijzigingen Verordening klankbordgesprekken burgemeester en raad 2026 Status: Intern document

Wijzigingen ten opzichte van de huidige verordening die is vastgesteld op 7 september 2022

Artikel 2 lid 3 -

Geschrapt het volgende lid: "Het verslag van het laatste gesprek in een ambtsperiode weegt mee bij het oordeel over een eventuele herbenoeming van de burgemeester." Toelichting: De Klankbordgesprekken hebben allemaal impliciet een functie bij de vraag ten aanzien van een eventuele herbenoeming. Alleen het laatste gesprek hierbij een gemarkeerde rol te geven is niet logisch. Daarbij lijkt de bepaling met name door het begrip "bij het oordeel over" enigszins in tegenspraak met de essentie van de klankbordgesprekken waarbij het gaat om een wederzijdse reflectie niet zijnde een beoordeling.

Artikel 4 lid 2 -

Toegevoegd "eerste" bij waarnemend voorzitter van de raad. Toelichting: dit in navolging op de keuze om in de nieuwe raadsperiode meerdere plaatsvervangend raadsvoorzitters te benoemen.

Artikel 5 lid 1 -

Toegevoegd "eerste" bij waarnemend voorzitter van de raad. Toelichting: dit in navolging op de keuze om in de nieuwe raadsperiode meerdere plaatsvervangend raadsvoorzitters te benoemen.

Artikel 6 lid 3 geschrapt deel van de tekst -

-

Het volgende deel van lid 3 is geschrapt: "In de voorbereiding kunnen betrokkenen daarom alleen gebruik maken van eigen kennis en ervaring, van openbare bronnen en van voor dit doel vertrouwelijk verkregen informatie van de informanten. Het op andere wijze inwinnen van inlichtingen of informatie of overleg met derden is uitgesloten." Toelichting: Artikel 6 ziet in zijn geheel op de geheimhouding van de gesprekken. Dit dient goed geborgd te zijn. De tekst in de nu van kracht zijnde verordening sluit uit dat er bijvoorbeeld binnen de fracties door de fractievoorzitter naar reflecties op het functioneren van de burgemeester gevraagd wordt. Dit is te stringent en hier moet wel ruimte voor zijn. Dit voedt immers het beeld van de leden van de klankbordgroep. Nadrukkelijk is het niet de bedoeling dat informatie vanuit klankbordgroep overleggen wordt gedeeld.

Artikel 6 lid 6 -

Het volgende deel van lid 6 is geschrapt: "en bij de bepaling van plaats en tijdstip van de gesprekken."

61

-

Toelichting: Geheimhouding van de inhoud van de gesprekken is van groot belang. Echter er behoeft geen geheimhouding te rusten op de plaats en tijdstip van de gesprekken. Praktisch gezien is dit ook zo goed als ondoenlijk en de meerwaarde hiervoor ontbreekt.

Artikel 8 lid 3 -

-

Het bestaande lid 3 zijnde: "Uitgangspunt bij het gesprek gedurende de ambtstermijn is de profielschets waarop de burgemeester is benoemd." is herschreven naar "De profielschets waarop de burgemeester is benoemd is één van de referentiepunten in de gesprekken met name in de eerste ambtsperiode. Veranderende omstandigheden en nieuwe ontwikkelingen worden tevens meegenomen bij de reflecties in de gesprekken" Toelichting: De profielschets heeft zeker in de eerste ambtstermijn een belangrijke functie en vormt dan ook een belangrijk referentiepunt. Echter er zal ook sprake van zijn van veranderende omstandigheden en ontwikkelingen. Het is van belang om die mee te wegen. Het in absolute zin vast te houden aan de oorspronkelijke profielschets zal geen recht doen aan de actuele omstandigheden, zeker als er sprake is van een langere zittingsduur en herbenoeming(en). Bij een herbenoeming wordt immers geen nieuwe profielschets gemaakt.

Artikel 8 lid 4 Het artikel is enigszins geredigeerd zonder directe inhoudelijke wijzigingen aangebracht te hebben.

62

11. Overdrachtsrapportage proces 'Samen Verder' Status: Vastgesteld door Gemeenteraad Inleiding Op 12 februari 2024 is het onderzoeksrapport ‘Van verdeeld naar gedeeld leiderschap’ uitgebracht. Het betreft bevindingen en adviezen naar aanleiding van het onderzoek naar de stand van de organisatieontwikkeling in de Gemeente Hardinxveld-Giessendam. Op 29 februari 2024 is het rapport in de gemeenteraad besproken waarbij de motie "Samen Veder!" unaniem is aangenomen. Vervolgens is in de raadsvergadering van 30 mei 2024 het raadsvoorstel "Uitvoering Motie Samen Verder + inrichting monitoringsgroep" besproken waarbij is besloten om het plan van aanpak voor de uitvoering van de motie 'Samen Verder te onderschrijven en een Monitoringsgroep in te stellen.

De uitvoering van het plan van aanpak is opgepakt en verder vormgegeven en de Monitoringsgroep is meerdere keren bij elkaar geweest.

In mei 2024 is de monitoringsgroep ingesteld. Doel van de monitoringsgroep is om de voortgang van de uitvoering van de motie 'Samen Verder' en daarmee de uitvoering van de adviezen gezamenlijk te bewaken. In de monitoringsgroep hebben zitting: twee vertegenwoordigers van de gemeenteraad, twee vertegenwoordigers van de Ondernemingsraad, een wethouder namens het college en als verantwoordelijke voor de portefeuille personeel & organisatie. De burgemeester, gemeentesecretaris en de griffier hebben een adviserende en ondersteunende rol.

Met het zicht op de gemeenteraadsverkiezingen van 18 maart 2026 en daarmee de start van een nieuwe raadsperiode is met de monitoringsgroep de balans opgemaakt en wordt deze aangeboden in de vorm van een overdrachtsrapportage aan de nieuwe gemeenteraad.

In deze overdrachtsrapportage is per actie zoals opgenomen in het plan van aanpak een stand van zaken opgenomen als ook een duiding van het effect van de inzet / het resultaat op de hogere doelen zijnde: -

Een sterk bestuur Een sterke organisatie Een gezonde financiële positie

63

Stand van zaken adviezen en aanbevelingen: Gemeenteraad Opstellen toekomstvisie Stand van zaken Nadat in maart 2025 de startnotitie Toekomstvisie door de gemeenteraad is vastgesteld zijn in een tweetal gezamenlijke werksessies van gemeenteraad en college de contouren voor de Toekomstvisie bepaald. De Toekomstvisie is in september 2025 vastgesteld door de gemeenteraad.

Effect De Toekomstvisie vormt samen met de Omgevingsvisie de visie van de gemeente. Beide visies zijn het kader voor beleidskeuzes (sturing) en uitvoering. Tevens vormen ze een referentiepunt voor de robuustheid en toekomstbestendigheid van de organisatie.

Met name de Toekomstvisie draagt bij aan de robuustheid en toekomstbestendigheid van de organisatie door kaders te bieden voor focus ten aanzien van de kerntaken die wij als gemeente hebben en de balans te bewaken ten aanzien van de zelfstandige positie van de gemeente (toekomstbestendigheid).

Bevorderen van dualistisch debat en gedrag in gemeenteraad Stand van zaken Op een aantal momenten heeft er gesprek plaatsgevonden binnen de gemeenteraad over het fenomeen dualisme en de invulling daarvan. Centraal staat de rolscheiding tussen raad en college. Mede op basis van de gesprekken en in relatie tot dit onderwerp zijn de volgende veranderingen doorgevoerd: introductie nieuwe debatstructuur, implementatie nieuwe P&C-cyclus en werking met kaderstellende raadsvoorstellen. Tevens wordt gewerkt aan de herijking van de vergaderstructuur.

Effect De gesprekken en doorgevoerde veranderingen draaien in basis om het versterken van de kaderstellende en controlerende taak van de gemeenteraad. Op basis van de gesprekken met de raadsfracties in het kader van de evaluatie van het vergadermodel wordt geconstateerd dat: o o o o

de gemeenteraad zich meer en meer bewust is van haar rol haar kaderstellende en controlerende rol bewuster invult er meer debat is met daarbij een behoorlijke mate van inzet van raadsinstrumenten er meer afstand is tussen raadsleden/fracties en collegeleden.

Aandacht voor verhoudingen coalitie & oppositie Stand van zaken Op een aantal momenten heeft er gesprek plaatsgevonden binnen de gemeenteraad over de verhoudingen coalitie & oppositie. Het gesprek is gevoerd in samenhang met het thema dualisme. De in dat kader doorgevoerde veranderingen hebben ook relatie met het thema verhouding coalitie en oppositie.

64

Effect In de gesprekken zijn zaken benoemd en meer uitgesproken. Dit heeft geleid tot meer inzicht en begrip. Met name de nieuwe debatstructuur heeft geleid tot een meer open debat. Dit is terug te zien in de stemverhoudingen. Tevens is afstemming voorafgaand aan een debat binnen de coalitie en afstemming met wethouders minder aan de orde. Het punt van dualisme staat ook in nauwe relatie met de ontwikkeling van de rolneming door de gemeenteraad waarbij ingezet wordt om als raad meer in positie te komen.

Laat coalitievorming extern begeleiden (informateur, formateur) Stand van zaken Met de gemeenteraad heeft een eerste oriëntatie plaatsgevonden op de werking van een raadsprogramma versus een coalitieakkoord. Zodra de lijsttrekkers bekend zijn zal een overleg worden gearrangeerd om afstemming te hebben over het beoogde formatieproces na de verkiezingen 2026.

Effect Nog niet van toepassing.

65

Stand van zaken adviezen en aanbevelingen: Organisatie

Introductie sturen = kiezen als leidend principe geduid. Stand van zaken Sturen = kiezen is eind november 2023 als sturend principe geïntroduceerd. Langs dit principe hebben we sinds die tijd verkend, resulterend in het vastgestelde organisatieplan. In dit principe, ook wel sturingsfilosofie genoemd, is het belangrijk dat gemaakte keuzes uitlegbaar zijn en verantwoord worden. Het is steeds de afweging wie op welk moment of bij welke keuze betrokken wordt. Het kan dan gaan om collega's, medeoverheden, inwoners, ondernemers en maatschappelijke instellingen.

Het uitgangspunt is dat iedere medewerker de autonomie heeft om keuzes te maken waar mogelijk, maar ook kan rekenen op sturing indien nodig. Het gaat dan om keuzes die binnen de eigen beschikbare tijd, geld en deskundigheid vallen. Autonomie vraagt om het bewust zijn en juist inzetten van die tijd, geld en deskundigheid.

Effect In het vastgestelde organisatieplan is sturen = kiezen het leidende principe. Het inbedden van deze sturingsfilosofie vraagt continu aandacht. Met het organisatieplan zetten we als organisatie een zelfverzekerde stap vooruit. Zo werken we aan een duurzaam sterke organisatie die ten dienste staat van onze samenleving.

Tweehoofdige directie van start en daarmee meer aandacht voor organisatieontwikkeling, cultuur en persoons- en teamontwikkeling. Stand van zaken In november 2024 zijn 3 domeinmanagers aangesteld, naast de gemeentesecretaris. Daarmee is de sturing in de top van de organisatie voldoende belegd. We organiseren sturing en leidinggeven zodat deze niet afhankelijk is van 1 of een klein aantal personen. Zo zijn de domeinmanagers tevens loco-secretaris ter vervanging. Samen vormen zij het managementteam. Binnen het eigen domein zijn de managers integraal verantwoordelijk voor budgetten, capaciteit en kwaliteit. Waar domeinoverstijgende vraagstukken zijn, worden deze belegd in het sturingsoverleg. Dit overleg bestaat uit de domeinmanagers, de strategisch adviseurs en de gemeentesecretaris.

Effect Met de 3 domeinmanagers en het inrichten van coördinerende rollen en functies in de teams zijn de stuurrollen in de organisatie voldoende ingericht en passend bij wat nodig is in de organisatie. De vaststelling van het organisatieplan per 1 juli 2025 en de bijbehorende teamsessies, een periodiek terugkerend onderdeel in de organisatie, geeft houvast voor het vormen van een sterke organisatie.

Opstellen handboek organisatie/veranderplan met thema's in samenspraak met medewerkers (1). Stand van zaken

66

Eerder in 2024 waren er de 'benen op tafel' bijeenkomsten in de organisatie over een aantal thema's. Dit is vanaf eind 2024 omgevormd naar een veranderteam met medewerkers uit de organisatie. Door hen is een aantal verdiepingssessies georganiseerd. Zo is er met elkaar opgefrist op de adviezen van Deloitte & De Reeder, ook voor de collega's die daarna in dienst kwamen. Er is verkend op patronen die we in de organisatie met elkaar hebben gevormd en of deze patronen helpend of tegenwerkend zijn. Alle opbrengsten uit het veranderteam hebben begin 2024 geleid tot een plan van aanpak organisatieontwikkeling, inclusief een adviesaanvraag bij de Ondernemingsraad.

Effect De bijeenkomsten van het veranderteam hebben geleid tot een plan van aanpak. Daarna zijn er teamsessies georganiseerd. Alle teams hebben een teamplan opgesteld en het organisatieplan is opgesteld en vastgesteld. Het veranderteam komt in het najaar 2025 weer bijeen.

Opstellen handboek organisatie/veranderplan met thema's in samenspraak met medewerkers (2). Stand van zaken Het handboek organisatie is gereed. In samenwerking met de Ondernemingsraad en een aantal medewerkers die tijdelijk een redactieteam vormden, is het organisatie-handboek opgesteld.

Effect In het handboek organisatie zijn personele regelingen opgenomen. Een aantal hiervan is de loop van de afgelopen maanden geactualiseerd (zie hieronder). Het handboek is daarnaast een naslagwerk voor alle medewerkers. Er is beschreven hoe de interne dienstverlening is georganiseerd (denk aan team facilitaire zaken of team HRM). Het handboek is digitaal en wordt regelmatig geactualiseerd.

Uitvoering van thema's uit het handboek waaronder budgethoudersregeling en mandaatregeling, werken volgens kernwaarden, gesprekscyclus, afspraken over samenwerken, elkaar aanspreken, vertaling van (regionaal) HRM beleid naar dagelijkse afspraken Stand van zaken In het organisatiehandboek zijn de personele regelingen opgenomen. Ondertussen zijn ook nieuwe regelingen opgesteld, zoals de regeling personeelsgesprekken. Een half jaar na de start van de domeinmanagers is de regeling vastgesteld door het college en met advies van de Ondernemingsraad. Net voor de zomer van 2025 zijn de domeinmanagers gestart met de uitvoering van deze regeling. Het werken volgens de kernwaarden is verankerd in het organisatieplan.

Effect Duidelijkheid over personele verantwoordelijkheden en de uitvoering van de regeling personeelsgesprekken.

Inrichten van coördinerende/sturingsrollen met helder mandaat en escalatiemogelijkheid. Stand van zaken

67

Zie onder directie en domeinmanagers

Communiceren over ontwikkelingen (en andere actualiteiten) via wekelijkse terugkoppeling Stand van zaken De terugkoppeling vindt wekelijks plaats op een vast tijdstip. Medewerkers kunnen zowel fysiek als digitaal aansluiten. Vaste onderwerpen zijn: informatie uit college, gemeenteraad en domeinoverleg, vooruitblik naar de komende week, lief en leed, OR en PV-activiteiten, andere activiteiten in en buiten het gemeentehuis.

Effect De terugkoppeling is een wekelijks ontmoetingsmoment geworden met een hoge graad van deelname. Vooraf en na dit moment zoeken collega's elkaar op. Zo draagt dit moment bij aan de organisatieontwikkeling.

(Her)introductie van de servicenormen ten gunste van de dienstverlening aan inwoners, ondernemers en instellingen Stand van zaken De servicenomen gaan niet alleen om heldere regels en afspraken rondom de dienstverlening aan inwoners, ondernemers en instellingen. De servicenomen draaien vooral om houding en gedrag. Denk aan het bereikbaar zijn, het sturen van ontvangstbevestigingen, enzovoorts. Het vraagt inzet en aandacht om de servicenomen te doorleven in de organisatie. Dat heeft de herintroductie in begin van 2024 ons geleerd Effect De servicenormen met elkaar, bijvoorbeeld via een aanpak uit het veranderteam, doorleven, maakt dat deze onderdeel worden van de dagelijkse praktijk. Ook de monitoring van de servicenormen (zie hieronder) is daar onderdeel van.

Monitoren van werken volgens de servicenormen (continue proces) Stand van zaken Zie hierboven

Verdere kwaliteitsverbetering van de P&C cyclus in de aanloop naar de begroting 2026 Stand van zaken Vanaf het begin van de bestuursperiode is ingezet op een verbetering van de documenten in de P&C cyclus. Dat heeft geresulteerd in een andere manier van verantwoorden en daarmee verhogen van de controlerende functie van de gemeenteraad met een andere opzet van de jaarrekening. In het afgelopen jaar is de opzet van de Perspectiefnota aangepakt, waarmee de kaderstellende rol van de gemeenteraad is vergroot. Daarnaast is een halfjaarrapportage toegevoegd.

68

Effect De P&C cyclus is opnieuw ingericht wat door de raad is vastgesteld. Zo wordt meer samenhang aangebracht in de cyclus, ook in verbinding met de organisatie. Dit komt de inhoud en kwaliteit van de verschillende producten ten goede; dit is merkbaar nu we het toepassen. Daarmee is de P&C cyclus beter ingericht om ook de raad in positie te brengen. Dit vergroot de controlerende en kaderstellende rol van de gemeenteraad. Binnen de organisatie is de betrokkenheid bij de P&C producten verhoogd. De ontwikkeling van de nieuwe producten is opgepakt door een team van adviseurs en financiën

Versterken van de strategische financiële functie Stand van zaken Het voornemen uit 2024 om op 1 plek de financiële functie te versterken, is losgelaten als gevolg van de opbrengsten uit de teamsessies. Er is gekozen om teambreed de financiële functie te versterken. Ingezet wordt op de volgende aspecten: o o o

Kwalitatieve versterking van de financiële functie als geheel in de organisatie. Verdere professionalisering van de samenwerking de budgethouders en de adviseurs/financieel consulenten Doorontwikkeling van de verhouding in de driehoek controller – domeinmanager – gemeentesecretaris. Dit ook in het perspectief van de grote opgaven waar de gemeente voor staat.

Effect Verbreden en professionaliseren van de aanwezige financiële functies in de organisatie

Werken met evaluatie, niet alleen van (leiderschaps)gedrag, ook van projecten, processen en thema's waaraan gezamenlijk wordt gewerkt. Dit bevordert het leervermogen en integraliteit. Stand van zaken Dit is een thema dat in de teamsessies aan de orde is geweest. Er wordt in verschillende teams gewerkt met evaluatie van processen en projecten, zoals bijvoorbeeld ruimtelijke projecten en het proces van de Perspectiefnota. Het ene team is hier verder mee dan het andere. Wat in brede zin geldt, is dat het vastleggen van concrete afspraken leidt tot duidelijkheid over wie wat doet.

Effect Zowel werken met evaluatie(s) als het vastleggen van afspraken vergroot het (persoonlijk) leiderschap en maakt balans tussen sturing en autonomie in de organisatie duidelijk. Zo voert dit terug op de sturingsfilosofie sturen = kiezen.

Bepalen wat wordt overgenomen uit het koersdocument en vervolgdocument en wat niet en dit transparant maken. Stand van zaken

69

Het koersdocument van destijds in ingetrokken. Het uitgangspunt om transparant te zijn over besluitvorming en navolgbaarheid van processen blijft een uitgangspunt dat is opgenomen in het organisatieplan. Zie ook sturen = kiezen.

Effect Uitleggen van keuzes delen als onderdeel van de sturingsfilosofie en zo bijdragen aan een sterke organisatie.

70

Stand van zaken adviezen en aanbevelingen: College

Besluit instellen tweehoofdige directie Stand van zaken In 2024 en in de eerste helft van 2025 is intensief binnen en met de organisatie samengewerkt om in beeld te krijgen waar en hoe de organisatie versterkt kon worden. Belangrijke momenten daarin waren: het vaststellen van het organogram in juni 2024, het aanstellen van 3 domeinmanagers die startten in het najaar van 2024 en de teamsessies in samenwerking met het veranderteam in het voorjaar van 2025. Het besluit uit 2023 voor het instellen van een tweehoofdige directie is daarmee vervangen.

Effect Het inrichten van een sterke organisatie is het primaire doel. Dat betekende het aanbrengen van sturing op verschillende plekken in de organisatie. Met het aanbrengen van stuurrollen in de organisatie, waar de domeinmanagers de meest prominente vorm van zijn, is de noodzaak van de tweehoofdige directie vervallen. Het hebben van een tweehoofdige directie was immers geen doel op zich, maar beoogde voldoende capaciteit op sturing te faciliteren. Dit is door het instellen van de domeinmanagers adequaat ingevuld.

Besluitvorming over versterking organisatie Stand van zaken Zie hierboven.

Werken volgens een nieuwe portefeuilleverdeling Stand van zaken Afgerond in december 2023. Sinds die tijd wordt gewerkt in de nieuwe portefeuilleverdeling. De gemeenteraad is hierover geïnformeerd.

Externe begeleiding college – teamtraject college en directie Stand van zaken Net als de organisatie is het ook voor het college belangrijk om regelmatig stil te staan bij patronen en cultuur van samenwerking. Dit is een aantal keer gebeurd onder externe begeleiding. In 2024 hebben burgemeester en secretaris een sessie begeleid over een aantal vervolgonderwerpen. In 2025 heeft het college, net als ieder team, in de organisatie, een eigen teamsessie gedaan. Dit heeft geleid tot het teamplan voor het college. De teamsessies krijgen begin 2026 een vervolg. Het college gaat in het najaar van 2025 deze bestuursperiode afronden met een heisessie.

Effect

71

Net als in de organisatie is stilstaan bij het eigen werk en inzet van belang. Dit vraagt om regelmatig afstand te nemen van de dagelijkse werkzaamheden.

Continue aandacht voor samenwerking, evaluatie, rolvastheid, verhouding samenwerking organisatie, leiderschapsstijlen. Stand van zaken Iedere collegevergadering is er aandacht voor rolvastheid. De gemeentesecretaris heeft wekelijks aandacht voor de verhouding in de organisatie. Evaluatie van vergaderingen wordt regelmatig gedaan en daarnaast ook in teamsessies opgepakt.

Effect Continu aandacht werkt versterkend binnen het college. Dit straalt uit op de organisatie.

Regelmatig evalueren van collegebijeenkomsten en reflectie op ieders rol. Stand van zaken Zie hierboven.

Werken met bestuurlijke agenda zodat integrale opgaves zichtbaar zijn. Onder meer via themasessies of opiniërende bespreking in college Stand van zaken Themasessie en opiniërende besprekingen in het college zijn vast onderdeel geworden van de vergadercyclus. Regelmatig schuiven betrokken adviseurs aan in het college. De integrale opgaven zijn zichtbaarder geworden onder meer door het prioriteringstraject dat heeft geleid tot de huidige samenstelling en opzet van de Perspectiefnota 2026-2029. In de aanloop naar de begroting 2026 en verder zal verdere aanscherping van opgaven moeten plaatsvinden, ook in het kader van overdracht naar een nieuw bestuur.

Effect Doorlopend

Verantwoording van financiële budgetten. De besteding van de door de gemeenteraad toegekende budgetten is geregistreerd, zo constateren de onderzoekers. Deze budgetten zijn echter niet met een specifiek raadsbesluit vastgesteld, maar met het vaststellen van de begrotingen door de gemeenteraad goedgekeurd. Over 2023 wordt dit alsnog aan de gemeenteraad voorgelegd via de rechtmatigheidsverantwoording bij de jaarrekening Stand van zaken In de jaarrekening van 2023 is hieraan specifiek aandacht besteed.

72

Effect Afgerond

Regulier overleg tussen college en Ondernemingsraad Stand van zaken Er is regulier overleg tussen college en Ondernemingsraad sinds 2023. De gemeentesecretaris voert als WOR-bestuurder daarnaast de formele overleggen met de Ondernemingsraad. Het volgende moment met het college staat gepland in het 4e kwartaal van 2025.

Effect Regulier

Reguliere verantwoording aan de gemeenteraad over organisatieontwikkeling, bijvoorbeeld in een jaarlijkse Ontmoeting Stand van zaken Door de monitoringsgroep is in de Ontmoeting van december 2024 een inzicht gegeven in onder meer de organisatieontwikkeling. Het voornemen is om een doorkijk door de gemeentesecretaris te laten verzorgen in het 4e kwartaal van 2025 en dit daarna jaarlijks te herhalen. Zo wordt ook de verbinding tussen college, raad en organisatie gelegd.

Effect Regulier

73

Conclusies en aanbevelingen Overall: Drie kernbegrippen / doelen uit het eerste rapport van Deloitte & De Reeder uit 2021 waren Rust, Relatie & Regie. Overall kan gesteld worden dat op deze drie doelen forse stappen zijn gezet. - Gemeenteraad: de aanbevelingen en acties zijn (voor zover mogelijk) allemaal opgepakt waarbij er belangrijke vorderingen zijn gemaakt. Stappen zijn gezet om de positie van de gemeenteraad te versterken. Dit draagt bij aan het doel van een sterk bestuur. - Gemeenteraad: een sterk bestuur vraagt een doorlopende aandacht en ontwikkeling zeker ook in een nieuwe raadsperiode. Geadviseerd wordt om jaarlijks een raads/griffieplan op te stellen met het oog op de doorontwikkeling van de gemeenteraad. - Organisatie: Sinds het plan van aanpak is vastgesteld zijn veel van de acties opgepakt. Met het op 1 juli 2025 vastgestelde organisatieplan zijn de adviezen van Deloitte & De Reeder geborgd. En is weer eens gebleken dat organisatieontwikkeling nooit af is. Het gaat erom in beweging te blijven en tijdig patronen te herkennen. Dat maakt ook dat een aantal acties uit het plan van aanpak van toen inmiddels zijn uitgevoerd of in een andere vorm zijn opgepakt. Zo dragen alle omschreven acties uit het plan van aanpak bij aan het geheel van de organisatieontwikkeling, soms klein en operationeel en soms meer strategisch.

Dit alles gericht op het doel van een sterke organisatie. - Organisatie: De primaire verantwoordelijkheid voor de organisatie ligt bij de gemeentesecretaris en het college. Een goede verbinding met de gemeenteraad is echter van belang. Het versterken en borgen van die verbinding wordt geadviseerd om zo samenhang te realiseren in ontwikkelingen ten behoeve van een sterk bestuur, een sterke organisatie en gezonde financiële positie. Instrumenten hierbij zijn het upgraden van het begrotingsprogramma 5 "Financiering / Algemene dekkingsmiddelen / Bedrijfsvoering / Organisatie", een jaarlijks gesprek met / presentatie vanuit de gemeentesecretaris voor de gemeenteraad en meer focus en monitoring via de driehoek op de ontwikkellijnen. - College: de aanbevelingen en acties zijn (voor zover mogelijk) allemaal opgepakt waarbij er belangrijke vorderingen zijn gemaakt gericht op het doel van een sterk bestuur. Belangrijke aspecten waren de teamontwikkeling en periodieke reflectie. - College: De ontwikkelingen van een college zijn een doorlopend proces. Geadviseerd wordt om de teamontwikkeling en reflectiebijeenkomsten structureel en periodiek in te richten. Een jaarlijks teamplan is hierbij een goed middel. - Overall: De monitoringsgroep heeft een goede rol gehad met name in de verbinding tussen de domeinen college, raad en organisatie.

Gezien de goede opvolging van de aanbevelingen van het rapport en de ontwikkelingen die in gang zijn gezet vangt een nieuwe fase aan. Een fase van doorlopende aandacht en borging. In deze fase kunnen de reguliere verbindingslijnen en verantwoordingsprocessen (zoals de nieuwe Planning & Control cyclus) benut worden. De inzet van de Monitoringsgroep stopt dan ook. Een goed en positief vervolg staat op valt met de rolneming van betrokken gremia en personen. Er is een goede basis en structuur waarmee eerste ervaringen zijn opgedaan. Dit verder uitbouwen en opbouwen is van belang. De nieuwe planning & control cyclus is een belangrijk hulpmiddel maar uiteindelijk komt het er op aan dat een ieder zijn of haar rol pakt. -

74

12. Rechtspositie 12.1 Verordening rechtspositie Raads- en Burgerleden Status: Nog vast te stellen door gemeenteraad

Verordening rechtspositie Raads- en burgerleden Hardinxveld-Giessendam 2026 De raad van de gemeente Hardinxveld-Giessendam; gelezen het voorstel; besluit vast te stellen de Verordening rechtspositie raads- en burgerleden Hardinxveld-Giessendam 2026. Artikel 1 Definitiebepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: a. burgerlid: een vertegenwoordiger van een fractie, niet zijnde een raadslid, die als zodanig door de raad is benoemd; b. griffier: de griffier, bedoeld in artikel 107 van de Gemeentewet. c. raadslid: lid van de gemeenteraad.

Artikel 2. Reis- en verblijfkosten raads- en burgerleden 1.

Voor reizen als bedoeld in artikel 3.1 van de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.1.7 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers worden aan een raads- of burgerlid vergoed: a. de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer; b. bij gebruik van een eigen vervoersmiddel het maximumbedrag dat door een werkgever aan een werknemer per afgelegde kilometer onbelast kan worden verstrekt alsmede de parkeer- of stallingskosten, veerkosten en tolkosten;

2.

Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed.

3.

Als een raadslid of burgerlid een functionele beperking heeft, kan incidenteel een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking worden gesteld.

4.

De noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfkosten die een raadslid of burgerlid maakt in verband met reizen, gemaakt voor de uitoefening van de functie, worden ten laste van de gemeente vergoed.

Artikel 3. Scholingsbudgetten Voor de scholing van de gemeenteraad zijn beperkt budgetten beschikbaar. De griffier draagt zorg voor de scholing van de gemeenteraad. Het aanwenden van deze budgetten kan uitsluitend geschieden wanneer het doel hiervan scholing voor de gemeenteraad als geheel betreft. Voor individuele of fractie gerelateerde scholing zijn geen budgetten beschikbaar.

75

Artikel 4. Verzekering raadsleden voor arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden 1.

Het raadslid dat nog niet de pensioengerechtigde leeftijd als bedoeld in artikel 7a van de Algemene Ouderdomswet heeft bereikt, ontvangt per jaar ten laste van de gemeente een bedrag ter hoogte van het bedrag van de vergoeding van de werkzaamheden voor één maand, waarmee hij voorzieningen kan treffen ter zake van arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden;

2.

Voor zover het lidmaatschap van de gemeenteraad in de loop van een jaar begint of eindigt, wordt het bedrag, bedoeld in het eerste lid, naar evenredigheid van de duur van het raadslidmaatschap toegekend;

3.

Voor zover het raadslid in de loop van het jaar de pensioengerechtigde leeftijd bereikt, wordt het bedrag, bedoeld in het eerste lid, naar evenredigheid van de duur van de periode tot de datum waarop hij die leeftijd heeft bereikt, uitbetaald;

4.

Dit artikel is niet van toepassing op een raadslid dat is benoemd in een plaats die is opengevallen als gevolg van het tijdelijk ontslag van een raadslid wegens zwangerschap en bevalling of ziekte op grond van artikel X12 van de Kieswet.

Artikel 5. Informatie- en communicatievoorzieningen raads- en burgerleden 1.

Een raads- of burgerlid tekent een bruikleenovereenkomst wanneer hem ten laste van de gemeente voor de duur van de uitoefening van zijn functie informatie- en communicatievoorzieningen ter beschikking worden gesteld bedoeld in artikel 3.3.2 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst vast.

2.

Een raads- of burgerlid levert na beëindiging van zijn functie de ter beschikking gestelde informatieen communicatievoorzieningen in bij de gemeente. Overname van de informatie- en communicatievoorzieningen na schoning is mogelijk conform hetgeen beschreven staat in de bruikleenovereenkomst.

Artikel 6. Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel 1.

Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in artikel 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.

2.

Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in deze verordening, voor zover deze worden gerekend tot een vergoeding, tegemoetkoming of verstrekking als bedoeld in artikel 31a, tweede lid, onderdelen a tot en met h, van de Wet op de Loonbelasting 1964.

Artikel 7. Betaling vaste vergoeding burgerleden Burgerleden ontvangen een vaste vergoeding voor hun werkzaamheden. De betaling van de vergoeding van burgerleden vindt maandelijks plaats. De vergoeding bedraagt het vaste bedrag van €200,00 per maand.

Artikel 8. Toelage raadslid onderzoekscommissie 1. Een raadslid dat lid is van een onderzoekscommissie als bedoeld in artikel 155a, derde lid, van de Gemeentewet wordt voor de duur van de activiteiten van die commissie ten laste van de gemeente een toelage toegekend;

76

2. Bij instellingsverordening van de onderzoekscommissie bepaalt de raad de hoogte van de vergoeding alsmede het doel, de duur en de strekking van de opdracht van de onderzoekscommissie; 3. Overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.1.3., eerste lid, Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, bedraagt de toelage per jaar niet meer dan maximaal drie keer de maandelijkse vergoeding voor de werkzaamheden; 4. Een raadslid dat lid is van een bijzondere commissie als bedoeld in artikel 3.1.4., eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers wordt voor de duur van de activiteiten van de commissie een toelage toegekend ter hoogte van het bedrag per maand genoemd in artikel 3.1.4., eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers (maximaal €139,90 per maand).

Artikel 9. Betaling en declaratie van onkosten 1.

Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van kosten die op grond van deze verordening voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen plaats door: a. betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreeks aan de gemeente toegezonden factuur, b. betaling vooruit uit eigen middelen of c. betaling ten laste van de gemeentelijke creditcard.

2.

Een aanvraag om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van een declaratieformulier en bewijsstukken. Het vereiste om bewijsstukken te overleggen geldt niet wanneer de vergoeding een forfaitair bedrag betreft.

3.

Het declaratieformulier en de bewijsstukken worden binnen twee maanden na factuurdatum of betaling door raads- of commissie/burgerleden ingediend bij de griffier.

4.

Voor zover van toepassing draagt de gemeente er zorg voor dat de betaling aan raads- of commissieleden binnen één maand na het indienen van de aanvraag wordt overgemaakt.

Artikel 10. Intrekking oude verordening De Verordening rechtpositie Raads- en burgerleden Hardinxveld-Giessendam 2024 wordt ingetrokken.

Artikel 11. Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na de datum van publicatie van het Gemeenteblad waarin deze verordening wordt geplaatst.

Artikel 12. Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Hardinxveld-Giessendam 2026.

Aldus vastgesteld in de vergadering van de raad van de gemeente Hardinxveld-Giessendam , 1 april 2026,

De griffier,

De voorzitter,

Marien Jongkind

Dirk Heijkoop

77

12.2 Lijst van wijzigingen Rechtspositie raads- en burgerleden Hardinxveld-Giessendam 2026 Status: Intern document

Toelichting en Lijst van wijzigingen Verordening rechtspositie raads- en burgerleden HardinxveldGiessendam 2026 De huidige Verordening rechtspositie raads- en burgerleden is vastgesteld op 26 september 2024. In voorliggend document is een overzicht op hoofdlijnen van de wijzigingen die worden voorgesteld voor de nieuwe geactualiseerde verordening met waar nodig een toelichting. Nieuwe artikelindeling -

-

Een nieuwe artikel indeling is opgenomen ten behoeve van een logische rubricering en daarmee vindbaarheid. Waar mogelijk zijn artikelen waarvan het thema hetzelfde was samengevoegd tot één artikel. Concreet: voormalig artikel 2 en 3 zijn samengevoegd in één nieuw artikel. Voor een logischere rubricering is dit artikel verder naar achteren in de verordening geplaatst (artikel 8).

Scholingsbudgetten (artikel 3) -

-

In de oude verordening stond een proces beschreven voor aanvragen betreffende trainingen en scholing van de gemeenteraad. In de praktijk zijn hiervoor echter géén of slechts beperkt budgetten voor opgenomen in de begroting. Het artikel is geheel herschreven. De nadruk ligt hierbij op de beperkte budgetten en het uitsluitend aanwenden hiervan voor scholing van de gemeenteraad als geheel. De mogelijkheid tot aanvragen voor individuele of fractie gerelateerde scholing komt hiermee te vervallen.

Vaste vergoeding voor burgerleden (artikel 8) In de huidige verordening is er niets opgenomen over de betaling en vergoeding van burgerleden voor hun werkzaamheden. Daarom is het goed om hierover afspraken te maken en deze te bekrachtigen door middel van deze verordening. Momenteel wordt de betaling van burgerleden per raadsvergadering uitgekeerd en betreft de hoogte daarvan € 77,84. Voor de griffie zorgt dit voor een aanzienlijke administratieve last. Daarom is er in de nieuwe verordening voor gekozen om burgerleden een vaste vergoeding van € 200,00 per maand te geven. -

78

12.3 Verordening commissie uitvoering werkgeverstaken griffie(r) Status: Nog vast te stellen door gemeenteraad

Verordening commissie uitvoering werkgeverstaken griffie(r) 2026 De raad van de gemeente Hardinxveld-Giessendam; gelezen het voorstel; gelet op artikel 84, eerste lid en artikel 107 van de Gemeentewet en afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht; besluit vast te stellen de Verordening commissie uitvoering werkgeverstaken griffie(r) 2026. Artikel 1. Taken en bevoegdheden 1.

De commissie uitvoering werkgeverstaken griffie(r), verder te noemde de commissie, oefent het werkgeverschap uit ten aanzien van de griffier en de overige op de griffie werkzame medewerkers, zoals daarvoor door de raad aan haar mandaat is verleend door middel van deze verordening. Hieronder valt niet uitputtend: e) Functioneren als schakel tussen gemeenteraad en griffie(r); f)

Fungeren als sparringpartner voor de griffier;

g)

Monitoren van het functioneren van de griffie(r);

h) Voorbereiden benoeming en bespreken arbeidsvoorwaarden griffier; i)

Deelname aan sollicitatiegesprekken overige op de griffie werkzame medewerkers;

2.

Tot de bevoegdheid van de commissie behoren ook de voorbereiding en uitvoering van de overige tot het werkgeverschap van de raad behorende beslissingen en regelingen;

3.

De commissie kan mandaat verlenen aan de griffier voor het uitoefenen van de aan hem/haar overgedragen bevoegdheden ten aanzien van het griffiepersoneel.

Artikel 2. Samenstelling 1. De commissie bestaat uit een voorzitter, dit is bij voorkeur de eerste plaatsvervangend raadsvoorzitter, en twee andere leden uit de raad; 2.

De leden van de commissie worden door de raad uit haar midden benoemd. Aan de start van de bestuursperiode en bij een tussentijdse vacature is ieder raadslid vrij zich kandidaat te stellen als lid voor de commissie, bij voorkeur beschikken deze kandidaten over relevante kennis van personeelszaken en hebben zij affiniteit met personeelsmanagement. Raadsleden kunnen zich met een schriftelijke motivatie kandidaatstellen bij de griffier. De griffier draagt zorg voor kennisgeving van alle kandidaten met inbegrip van ieders schriftelijke motivatie aan de gehele raad;

3.

Wanneer een kandidaat een absolute meerderheid van de stemmen heeft behaald is hij gekozen als lid. In het geval van een tweede vacature volgt er nog een stemming tussen alle overgebleven kandidaten. Ook wanneer het aantal kandidaten gelijk is aan het aantal vacatures vindt er een stemming voor benoeming plaats;

4.

Het lidmaatschap van de commissie eindigt:

79

a. op eigen verzoek; het lid doet daarvan schriftelijk mededeling aan de raad; het ontslag gaat in als de opvolger door de raad is benoemd; b. indien het lid aftreedt als lid van de raad; c. indien de raad van oordeel is dat het lid niet langer geschikt is de functie van lid van de commissie te vervullen; 5. Wanneer het lidmaatschap eindigt ontstaat een vacature, hieraan zal tussentijds invulling worden gegeven door benoeming van een nieuw door de raad gekozen lid; 6. De voorzitter van de raad kan in voorkomende gevallen worden uitgenodigd om in de vergadering van de commissie aanwezig te zijn en eventueel optreden als informant. Artikel 3. Taken voorzitter De voorzitter draagt in ieder geval zorg voor: a. b. c. d. e.

het tijdig en periodiek bijeenroepen van de commissie; het leiden van de vergaderingen; het doen naleven van deze verordening; het ondertekenen van de stukken en de besluiten die van deze commissie uitgaan, alsmede het zorg dragen voor de uitvoering van de besluiten van de commissie; het fungeren als schakel tussen de commissie en de griffier als eerstverantwoordelijke voor de personele en organisatorische zaken van de griffie.

Artikel 4. Ondersteuning van de commissie De griffier staat de commissie terzijde. Daarnaast kan de commissie een functionaris, ondersteuner of informant vragen de commissie terzijde staan.

Artikel 5. Besluitvorming Besluiten worden genomen bij absolute meerderheid van stemmen, uitgebracht door de leden zoals bedoeld in artikel 2. Besluiten worden alleen genomen indien in de vergadering meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden aanwezig is. De besluitenlijst wordt in de eerstvolgende vergadering van de werkgeverscommissie definitief vastgesteld.

Artikel 6. Beslotenheid van vergaderingen De vergaderingen van de commissie worden in beslotenheid gehouden. Artikel 7. Vergaderfrequentie De commissie vergadert minimaal twee keer per jaar. Tevens vindt er minimaal twee keer per jaar een gesprek plaats tussen de commissie en alle medewerkers van de griffie. Voor het overige vergadert de commissie zo vaak als door de voorzitter of één van de leden nodig wordt geacht.

Artikel 8. Onvoorziene omstandigheden In gevallen waarin deze verordening niet voorziet of bij twijfel over de toepassing ervan beslist de commissie op voorstel van de voorzitter.

Artikel 9. Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na de datum van publicatie van het Gemeenteblad waarin deze verordening wordt geplaatst.

80

Artikel 10. Intrekking oude verordening De 'Verordening Werkgeverscommissie' uit 2011 wordt ingetrokken.

Artikel 11. Citeertitel Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Verordening commissie uitvoering werkgeverstaken griffie(r) 2026’.

Aldus vastgesteld in de vergadering van de raad van de gemeente Hardinxveld-Giessendam , 1 april 2026,

De griffier,

Marien Jongkind

De voorzitter,

Dirk Heijkoop

81

12.4 Lijst van wijzigingen Verordening Commissie Uitvoering Werkgeverstaken Griffie(r) 2026 Status: Intern document

Toelichting en Lijst van wijzigingen Verordening Commissie uitvoering werkgeverstaken griffie(r) 2026

De huidige Verordening Werkgeverscommissie is vastgesteld op 26 mei 2011. In voorliggend document is een overzicht op hoofdlijnen van de wijzigingen die worden voorgesteld voor de nieuwe geactualiseerde verordening met waar nodig een toelichting.

Nieuwe naam verordening -

Na het inwinnen van juridisch advies is gebleken dat de term werkgeverscommissie juridisch gezien niet klopt. Het lijkt gebruikelijk om de raad aan te wijzen als de werkgever van de griffier, maar dit klopt niet. Een werkgever is een figuur uit het privaatrecht. Niet de raad maar de gemeente heeft rechtspersoonlijkheid in het privaatrecht. Als het gaat om de arbeidsovereenkomst met de griffier en andere op de griffie werkzame ambtenaren is het de raad die mag besluiten tot het aangaan ervan. Dat is te lezen in de artikelen 107 lid 2 en 107b lid 2 Gemeentewet. Dat de raad daartoe mag besluiten maakt de raad nog geen werkgever. Werkgever is en blijft de rechtspersoon gemeente. De raad is dus geen werkgever, maar stelt (vreemd genoeg) wel een werkgeverscommissie in. De raad wijst de griffier aan en besluit namens de gemeente om met die griffier een arbeidsovereenkomst aan te gaan. Het uitvoeren van werkgeverstaken zal door iets of iemand moeten gebeuren. De gemeente als abstractie kan dat niet. De raad als geheel is onpraktisch. Dus ligt het op de weg van de raad om daarvoor een commissie in te stellen. Die commissie houdt zich bezig met het uitvoering geven van werkgeverstaken. Om die reden is het logisch en wel zo zuiver om de commissie aan te duiden als: Commissie uitvoering werkgeverstaken griffie(r).

Samenstelling commissie -

De voorzitter van de commissie is automatisch de eerste plaatsvervangend raadsvoorzitter Voor de overige twee leden in de commissie wordt een vacature opengesteld waarop ieder raadslid vrij is zichzelf te kandideren. Hiervoor is een proces beschreven.

Schrappen artikel over verslaglegging -

In de Verordening Werkgeverscommissie uit 2011 was een artikel opgenomen omtrent de verslaglegging van de commissie. In de praktijk gebeurde dit de afgelopen jaren echter informeel door de leden en niet door de griffier. Om deze reden is er in de nieuwe verordening géén artikel over 'verslaglegging' opgenomen. Het gedeelte over het vaststellen van de besluitenlijst is in een artikel over 'besluitvorming' ondergebracht.

Beslotenheid

82

-

Omdat de Commissie volgens artikel 84 van de gemeentewet wordt ingesteld zijn alle vergaderingen en stukken van rechtswege besloten. Het artikel over beslotenheid is om die reden teruggebracht in lengte.

Schrappen artikel over 'Verantwoording -

In de Verordening Werkgeverscommissie uit 2011 stond beschreven dat de commissie jaarlijks verslag uitbrengt aan de raad van haar werkzaamheden en bevindingen. In de praktijk vond deze verantwoording echter nooit plaats. Daarnaast is het goed om op te merken dat er van de overige commissies ook geen jaarlijks verslag naar de gemeenteraad verschijnt. Om deze reden is er in de nieuwe verordening géén artikel over 'Verantwoording' opgenomen.

83

13. Integriteit & Weerbaarheid 13.1 Protocol Geheimhouding gemeente Hardinxveld-Giessendam 2025 Status: Vastgesteld door Gemeenteraad

Protocol Geheimhouding gemeente Hardinxveld-Giessendam 2025 Hoofdstuk 1: Algemeen Artikel 1: begripsbepalingen In dit protocol wordt verstaand onder: -

Awb: Algemene wet bestuursrecht

-

GemW: Gemeentewet

-

Woo: Wet open overheid

-

Externen: Inhuurmedewerkers, rekenkamer, accountant, advocaat of adviseurs

Artikel 2: Wettelijke kaders voor geheimhouding 1. De Woo geeft in artikel 5.1 lid 1 en 2 de belangen aan op grond waarvan de verplichting tot geheimhouding kan worden opgelegd. 2. De Awb bepaalt in artikel 2.5 in algemene zin dat de geheimhoudingsplicht geldt voor alle gegevens waarvan iemand het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden. Deze bepaling geldt als een algemene maatregel in verhouding tot de in lid 4, 5 en 6 van dit artikel genoemde bepalingen inzake geheimhouding. 3. Het Wetboek van Strafrecht bepaalt in artikel 272 de strafbaarheid van het schenden van geheimhouding en vertrouwelijkheid. 4. De Gemw bepaalt in artikel 23 en 24 de regels voor besloten raadsvergaderingen. 5. De Gemw bepaalt in artikel 54 dat collegevergaderingen met gesloten deuren plaatsvinden. 6. De Gemw bepaalt in artikel 60 de regels voor kennisgeving van beslissingen van het college aan de raad, of het achterwege blijven daarvan, en het openbaar maken van besluitenlijsten van collegevergaderingen. 7. De Gemw bepaalt in artikel 81 de regels voor kennisgeving van beslissingen van de burgemeester aan de raad. 8. De Gemw bepaalt in artikel 87 de regels voor de raad, het college en de burgemeester voor het opleggen van de verplichting tot geheimhouding.

84

9. De Gemw bepaalt in artikel 88 de regels voor de raad, het college en de burgemeester voor het verstrekken van geheime informatie. 10. De Gemw bepaalt in artikel 89 de regels voor de raad, het college en de burgemeester voor het opheffen van de verplichting tot geheimhouding.

Artikel 3: Geheimhouding als uitzondering 1. In de informatievoorziening van het college of de burgemeester naar de raad, en in de beraadslagingen tussen college, burgemeester en raad is openbaarheid de regel en geheimhouding de uitzondering. 2. Hierbij geldt als uitgangspunt het algemeen belang van de openbaarheid van bestuurlijke informatie. 3. Het is verplicht om de grondslag voor het opleggen van de verplichting tot geheimhouding op te nemen in het dictum van het besluit tot opleggen van de genoemde verplichting.

Artikel 4: Geheim hanteren 1. In het verkeer tussen college, burgemeester en raad wordt de term 'geheim' gehanteerd. 2. Informatie van het college, de burgemeester en de raad is openbaar of geheim. Vertrouwelijke en besloten informatie heeft géén wettelijke grondslag en heeft daarmee geen juridische bescherming. 3. Het is mogelijk om informatie voor een korte duur onder embargo te verstrekken, daarbij wordt aangegeven tot welk moment het embargo geldt. Informatie onder embargo heeft géén wettelijke grondslag en daarmee geen juridische bescherming.

Hoofdstuk 2: Opleggen verplichting tot geheimhouding Artikel 5: Opleggen verplichting tot geheimhouding door college, burgemeester of gemeenteraad 1. De gemeenteraad, het college of de burgemeester legt enkel de verplichting tot geheimhouding op als een belang genoemd in artikel 5.1, eerste of tweede lid van de Woo van toepassing is of als er anderszins een wettelijke grondslag voor is. 2. De raad, het college of de burgemeester legt terughoudend de verplichting tot geheimhouding op over een compleet stuk. Waar mogelijk wordt informatie die geheim moet blijven in een bijlage opgenomen zodat de informatie die openbaar is ook openbaar kan zijn. 3. De verplichting tot geheimhouding wordt duidelijk vermeld op het (digitale) stuk. Hierbij wordt onder andere gebruik gemaakt van het watermerk 'geheim'. 4. In het stuk wordt verplicht een concrete en deugdelijke belangenafweging voor het opleggen van de geheimhouding beschreven. 5. Bij het besluit tot opleggen van geheimhouding wordt een einddatum vastgesteld. Indien het niet mogelijk is om een concrete datum te bepalen, wordt een objectief bepaalbaar materieel feit genoemd waarop de geheimhouding eindigt, zoals: 'na ondertekening van de koopovereenkomst' of 'bij afronding van het onderzoek'.

85

6. De belangenafweging die ten grondslag ligt aan het opleggen van geheimhouding wordt opgenomen in het besluit. Daarbij wordt gemotiveerd welk concreet belang, zoals genoemd in artikel 5.1 van de Woo, in het geding is en waarom dit zwaarder weegt dan het belang van openbaarheid. Een algemene verwijzing naar de Woo is onvoldoende. 7. Indien slechts een deel van de informatie geheim is, wordt erop toegezien dat ook de naamgeving van het document geen informatie prijsgeeft die onder de geheimhouding valt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: http://raad.hardinxveld-giessendam.nl/api/v1/meetings/1212/documents/35144