8a. SVHW - jaarrekening 2024.pdf
Tekst van het document
Personeelskosten zijn € 168.000 lager dan begroot door openstaande vacatures met name voor taxateur n(niet) wonen;
•
De automatiseringskosten worden aan de programma’s toegerekend op basis van het werkelijk
aantal fte’s per ultimo 2024. Zie de toelichting bij Gegevensbeheer Algemeen. De
automatiseringskosten op het programma WOZ-Administratie zijn € 23.000 lager dan begroot;
•
Het budget voor ingeleend personeel is bij de eerste begrotingswijziging 2024 al flink opgehoogd vanwege de te verwachten bezwaren, die op het niveau van 2023 werden ingeschat. Daarnaast is ook ingehuurd voor de invulling van vacatures. Per saldo is de inhuur € 1.291.00 hoger uitgekomen dan begroot. Naast het hogere aantal bezwaren (minder dan in 2023, maar meer dan gemiddeld in de jaren ervoor) is er ook extra inzet nodig geweest voor het afwikkelen van circa 9.000 NCNP bezwaren uit 2023 in het eerste kwartaal 2024. Tenslotte
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 28 van 70
Jaarstukken 2024 zijn extra de werkzaamheden door de toetreding van de gemeente Drimmelen volledig uitbesteed, om een zachte landing in de bestaande organisatie mogelijk te maken. Dit gezien de druk vanwege de hoge hoeveelheid WOZ-bezwaren op de staande organisatie. De verwachting is dat deze extra flexibele schil in de toekomst niet meer in deze omvang nodig is, wanneer de aantallen bezwaren in lijn blijven met de aantallen uit 2024. Tenslotte is er ingehuurd om enkele wettelijke wijzigingen die nog niet waren doorgevoerd in de administratie ondanks de drukte wel uit te kunnen voeren.
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 29 van 70
Jaarstukken 2024
3.7 Toelichting programma Dienstverlening 3.7.1
Omschrijving
Dit programma heeft als doelstelling het opleggen van aanslagen en het afhandelen van bezwaar- en
beroepschriften en het invorderen van de opgelegde belastingaanslagen. Wat hebben we bereikt?
In 2024 zijn voor alle deelnemers de aanslagen opgelegd binnen de normen, zoals opgenomen in de dienstverleningsovereenkomsten. De invordering van de opgelegde aanslagen is overeenkomstig de
planning verlopen.
Wat hebben we daarvoor gedaan?
We hebben aanslagen opgelegd, klanten telefonisch te woord gestaan, kwijtscheldingsverzoeken
behandeld, aanmaningen en dwangbevelen verzonden, bezwaar- en beroepsschriften behandeld, de invorderbaarheid beoordeeld en voorstellen gedaan ten behoeve van oninbaar verklaringen.
Lasten
De WOZ-kosten gemeenten hebben betrekking op de overname van gegevens van die gemeenten, die niet in het eigen vastgoedinformatiesysteem zijn opgenomen.
Daarnaast bestaan de lasten uit externe kosten voor dwanginvordering, proceskostenvergoeding en bankkosten.
De toegerekende kosten van het programma ondersteuning worden op basis van de formatie aan de diverse programma’s toegerekend Baten
De bijdrage van de deelnemers is gebaseerd op een vast bedrag per aanslagregel van 1,218 euro.
Daarnaast bestaat de bijdrage van het waterschap uit de door het SVHW te betalen vergoeding voor het leveren van de WOZ-gegevens door de gemeenten die geen deel uitmaken van de gemeenschappelijke regeling.
Kwantitatieve gegevens
In onderstaande tabel zijn de kwantitatieve gegevens opgenomen die horen bij het programma
Dienstverlening. In de aantallen van bezwaar- en verzoekschriften zijn ook de aantallen opgenomen
die worden veroorzaakt door het ambtshalve ontheffen en verminderen en belastingaanslagen.
Aanslagbedrag
Kwantitatieve gegevens
Aanslagregels
2024 werkelijk € 534.346.707 3.898.748
2024 begroot €
428.709.668 3.964.784
2023 werkelijk €
490.957.171 3.801.879
Bezwaar-en verzoekschriften (objectniveau) * Ingekomen
26.024
20.195
44.607
Afgedaan
25.273
17.559
28.558
751
2.636
16.049
Aantal aanslagbiljetten
735.368
745.170
700.804
Aantal aanmaningen
65.961
77.010
73.109
Aantal dwangbevelen
32.384
32.519
34.270
Aantal verzoeken om kwijtschelding
36.590
36.072
37.928
Niet afgedaan per 31/12
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 30 van 70
Jaarstukken 2024 In de bovenstaande tabel zijn de automatische verminderingen en ontheffingen meegenomen. Er zijn aanmaningen in het aantal aanmaningen en dwangbevelen, omdat er in 2024 een pilot kosteloze
herinneringen heeft plaatsgevonden, die heeft geleid tot een kleine 7.000 minder aanmaningen en ongeveer 3.000 minder dwangbevelen.
3.7.2
Dienstverlening – Overzicht van Baten en Lasten
(bedragen in x 1.000 euro): Omschrijving
2024
2024 b e g ro ting na wijzig ing
Re ke ning
2024
2023
Be g ro ting
Re ke ning
LASTEN Lonen en salarissen Dienstverlening Toelagen Sociale lasten en premies Totaal personele kosten
1.472 11 400 1.883
1.699 12 513 2.224
1.833 14 554 2.401
1.543 13 438 1.995
12 987 167 190 12 140 555 57 42 220 62 704 207 22
13 1.122 53 154 18 207 580 65 55 282 79 1.004 182 22
12 1.154 114 146 29 183 349 78 42 302 46 859 192 13
12 872 40 145 7 196 546 61 49 212 71 2.218 170 20
Subtotaal programma kosten
5.259
6.061
5.921
6.614
Toerekening kosten ondersteuning:
1.433
1.998
1.907
1.550
T o taal laste n
6.692
8.059
7.828
8.164
2.501
2.750
2.584
2.828
652
480
5
525
Vrijval voorziening oninbare invorderingskosten Bijdragen deelnemers
0 4.847
0 4.829
0 5.239
311 4.951
T o taal b ate n
8.000
8.059
7.828
8.616
Totaal baten Totaal lasten Jaarre sultaat
8.000 6.692 1.308
8.059 8.059 0
7.828 7.828 0
8.616 8.164 452
Abonnementen Automatiseringskosten Ingeleend personeel Telefoonkosten Communicatie Vervaardigen aanslagen Porti aanslagen Controle belastingen Advertentiekosten Kosten dwanginvordering Porti dwanginvordering Proceskosten Bankkosten Kosten inlichtingenbureau
BATEN Opbrengst invorderingskosten Vergoeding rente bank
In de Begroting 2024 zijn de kosten van dit programma vastgesteld op € 5.921.000 (exclusief de
toerekening van kosten Ondersteuning). De werkelijke kosten bedragen € 5.259.000 (exclusief de
toerekening van kosten Ondersteuning) hetgeen een voordelig resultaat in de Jaarrekening 2024 geeft
van € 662.000. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door: •
Er is personeel overgegaan van dienstverlening naar ondersteuning en WOZ. Daarnaast zijn er
enkele later in het jaar ingevulde vacatures. De personele kosten blijven daardoor € 518.00
achter bij de begroting; Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 31 van 70
Jaarstukken 2024 •
De automatiseringskosten worden aan de programma’s toegerekend op basis van het werkelijk aantal fte’s per ultimo 2024. Zie de toelichting bij Gegevensbeheer Algemeen. De
automatiseringskosten op het programma Dienstverlening zijn € 167.000 lager dan begroot; •
Ingeleend personeel is € 53.000 hoger dan begroot. Dit heeft te maken met vervanging
vanwege zwangerschap en ziekte en extra inhuur voor het KCC tijdens de aanslagoplegging 2024;
•
De telefoonkosten overschrijden de begroting met € 44.000 vanwege eenmalige kosten voor
de implementatie van het nieuwe telefoniesysteem van het KCC, dat na een Europese
Aanbesteding in 2024 is gegund. De structurele lasten liggen ongeveer € 50.000 lager dan voor de aanbesteding;
•
De kosten voor communicatie zijn € 17.000 lager, omdat er kosten zijn gedeeld met collega
•
Het vervaardigen van aanslagen is lager uitgekomen dan begroot door een eenmalige
belastingkantoren;
compensatie van de leverancier voor extra werkzaamheden door SVHW. Het eenmalige voordeel leidt per saldo tot € 43.000 lagere kosten dan begroot; •
De porti kosten voor de aanslagen overschrijden de begroting doordat in de afgelopen jaren de
tarieven flink omhoog zijn gegaan. Dit was ook al zichtbaar in de jaarrekening 2023 en bij de
eerste begrotingswijziging 2024 is hierop ook al geanticipeerd. De meerkosten ten opzichte van de begroting bedragen € 206.000; •
De controle op honden- en toeristenbelasting is efficiënter ingezet dan begroot en er is voor een deelnemer hondenbelasting vervallen in 2023 wat per saldo leidt tot € 21.000 lagere kosten;
•
De onderschrijding kosten dwanginvordering van € 82.000 ten opzichte van de Begroting 2024
wordt veroorzaakt doordat in de begroting nog rekening was gehouden met een nieuwe
aanbesteding van het deurwaarderscontract waarbij de kosten mogelijk hoger uit zouden
vallen. De aanbesteding is echter voordeliger uitgevallen. Daarnaast zijn minder dossiers bij de deurwaarder aangeleverd. Hierdoor ontstaat een voordelig saldo; •
De portikosten voor dwanginvordering zijn € 16.000 hoger dan de begroting door de stijging van de porto tarieven. Daarnaast zijn er iets minder aanmaningen en dwangbevelen aangeleverd vanwege de pilot kosteloze herinnering;
•
De proceskosten zijn € 150.000 lager dan begroot. Aanvankelijk waren deze kosten bij de eerste begrotingswijziging 2024 nog opgehoogd vanwege het hoge aantal te verwachten
bezwaren in 2024 gebaseerd op de aantallen uit 2023. Ook was daarbij rekening gehouden
met de halvering van de factoren voor de berekening van de proceskostenvergoeding conform het belastingplan 2024. Medio 2024 heeft de Hoge Raad geconcludeerd, dat het verschil in
vergoeding van de kosten tussen belasting- en premiezaken en overige zaken strijdig is met
het discriminatieverbod van art. 1 Grondwet (“Gw”). In belastingzaken moet voortaan ook het
hogere tarief worden berekend. Het tarief per punt bezwaar naar aanleiding van een uitspraak van de Hoge Raad is verdubbeld van € 310 naar € 624. De baten zijn hoger door: •
Lagere opbrengsten invorderingskosten € 83.000 vanwege de pilot kosteloze herinnering,
i.c.m. hogere invorderingstarieven; •
Hogere rentebaten dan begroot voor € 647.000.
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 32 van 70
Jaarstukken 2024
4.
Paragrafen 4.1 Paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing
Het weerstandsvermogen is: het vermogen van SVHW om niet-structurele risico's op te vangen zonder
het beleid en de bedrijfsvoering aan te hoeven passen. Onder het weerstandsvermogen wordt verstaan de algemene reserve.
Op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen zijn de deelnemers verplicht eventuele tekorten
bij een gemeenschappelijke regeling aan te vullen. Het SVHW verwerkt de kosten in de tarieven van de
producten. Een eventueel overschot/tekort aan het einde van het jaar wordt in rekening of in mindering gebracht op de te ontvangen bedragen van de deelnemers. In formele zin loopt het SVHW geen risico,
omdat het eventuele tekorten afwentelt op de deelnemers, dan wel verrekent met de algemene reserve (buffer) van de gemeenschappelijke regeling.
Op 13 april 2022 heeft het Algemeen bestuur de nota Risicomanagement en weerstandsvermogen SVHW 2022 vastgesteld. Deze nota beschrijft de structuur ten aanzien van het uit te voeren beleid
omtrent risico’s en fraude. SVHW hanteert een risicomijdend profiel ten aanzien van risico’s en streeft ernaar om risico 's zoveel mogelijk te ondervangen. Dat is de reden waarom diverse verzekeringen afgesloten zijn voor het onroerend goed, inventaris en personeel. Eind 2024 is een nieuwe
risicoanalyse opgesteld.
De risico’s hebben een intern (SVHW, “eigen” organisatie) en/of een extern (deelnemers) karakter. In de Najaarsnota 2024 zijn de grootste risico’s, die SVHW onderkent, gerapporteerd.
SVHW is een belangrijke organisatie voor haar 14 deelnemers. Continuïteit van de bedrijfsvoering is
daarom essentieel. Dit dient op het niveau van directie en Dagelijks Bestuur te kunnen worden beslist. Bij het opvangen van de gevolgen van calamiteiten is het onwenselijk dat de organisatie afhankelijk zou zijn van de besluitvorming van de deelnemers. Gelet op genoemde risico's en de behoefte aan
continuïteit van de bedrijfsvoering is het gewenst een financiële buffer in stand te houden. In de nota
Risicomanagement en weerstandsvermogen is daarom besloten de omvang vast te stellen op minimaal 400.000 euro en maximaal 700.000 euro. Er doen zich geen juridische procedures voor die aanleiding kunnen geven tot enig financieel nadeel.
Eind 2004 is bij de Bank Nederlandse Gemeenten een lening van 2.600.000 euro met een looptijd van 30 jaar aangetrokken. Deze lening heeft gedurende de gehele looptijd van 30 jaar een vast rentepercentage van 4,445 procent, zodat er geen sprake is van een financieel risico. Beschikbare weerstandscapaciteit
Het weerstandsvermogen is: het vermogen van SVHW om niet-structurele risico’s op te vangen zonder
het beleid en de bedrijfsvoering aan te hoeven passen. De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat bij SVHW uitsluitend uit de algemene reserve. (bedragen in x 1.000 euro): We e rstand scap acite it
31-12-2023 T o e vo e g ing e Onttre kking e n
Algemene reserve
700
0
0
T o taal
700
0
0
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 33 van 70
Be ste mming re sultaat vo rig b o e kjaar
31-12-2024 0
700
0
700
Jaarstukken 2024 Inventarisatie van de risico’s
In onderstaand overzicht zijn de belangrijkste risico’s weergegeven: (bedragen in x 1.000 euro): Categorie
Beheersing
Risico
Financieel Belang
Bedrag
Nalatigheid of onrechtmatig handelen
Verzekeren
Schadeclaims
x € 1.000
Kans
Klasse
%
Risico score
Toelichting begroting voorjaarsnota 2024
Bedrag
x € 1.000
10 De risico’s zijn in de meeste gevallen beperkt, doordat waar mogelijk verzekeringen zijn afgesloten. Ook hebben wij in de begroting diverse budgetten beschikbaar, bijvoorbeeld om ons eigen risico af te dekken.
100
1
10%
Overdragen
100
1
10%
Onderhoud gebouw SVHW
Accepteren
100
1
10%
Bedrijfsongevallen
Verzekeren
50
1
10%
Fraude en diefstal
Elimineren
50
1
10%
Afwezigheid personeel wegens ziekte of anderszins (zwangerschaps- en bevallingsverlof, zorgverlof)
Reduceren
100
2
25%
Vertrek personeel
Reduceren
100
2
25%
ICT
Reduceren
750
2
25%
Informatiebeveiliging en cybercrime
Reduceren
750
2
25%
188 Informatiebeveiliging is steeds actueler. Er is weliswaar steeds meer aandacht voor, maar het risico wordt ook steeds groter. Denk hierbij aan datalekken. Het SVHW heeft een plan opgesteld hoe men hackers kan weren. Daarbij is ingezoomd op Preventie, Detectie en Eliminatie. Hoe goed je de beveiliging ook op orde hebt, het garandeert niet dat hacken onmogelijk is. Hackers bedenken steeds weer nieuwe mogelijkheden en schade ten gevolge daarvan is niet uit te sluiten. Vooralsnog is het risico door Het SVHW niet verzekerd.
Loonontwikkelingen
Accepteren
100
2
25%
Prijsontwikkelingen
Reduceren
125
2
25%
25 Door de hoge inflatie is het mogelijk dat vanuit de CAO aanvullende looncompensaties worden geeist. Hierdoor zullen de personeelskosten harder stijgendan wij in de begroting verwacht hadden. 31 De begroting is zowel aan de baten- als aan de lastenkant gebaseerd op contante prijzen. Per programma maken we bij het opstellen van de begroting een reële en actuele inschatting van de kosten. De hoge inflatie in 2022 van de energielasten en marktprijzen hebben we zo goed mogelijk proberen in te schatten voor de begroting 2024. Grote onzekerheid heerst hoe de inflatie zich zal ontwikkelen.
Renterisico
Accepteren
25
1
10%
3 Het risico lopen we dat de rente stijgt. Ingeval we dan een nieuwe lening moeten afsluiten (lang of kort), stijgen onze financieringslasten.
Bezwaarschriften & Beroep
Reduceren
300
3
50%
150 Door de vele bezwaarschriften die worden ingediend moeten hoge proceskostenvergoedingen worden betaald. Deze zijn reeds verwerkt in de begroting, echter is het lastig te schatten naar omvang. Hierdoor dat wij ook een extra bedrag reserveren. Ook loopt er een rechtszaak over de landelijke daling van de vergoeidng voor NCNP bureaus
uittreden van Deelnemers
Accepteren
100
1
10%
Nieuwe wet en regelgeving
Reduceren
100
1
10%
10 Risico op verlies van baten bij uittreden van deelnemers uit de GR. Dit is echter goed afgedekt binnen de gemeenschappelijke regeling waarbij frictiekosten worden opgevangen door de uittredend deelnemer. 10 Het risico dat wij onvoldoende voorbereid zijn op de invoering van nieuwe wet- en regelgeving waardoor wij onvoorziene kosten moeten maken.
Totaal
Versie 1.0
1 april 2025
2.850
10 Het SVHW loopt altijd het risico op schadeclaims. Over het algemeen zijn dit langlopende procedures waarvan de risico's moeilijk in te schatten zijn. 10 Wij voeren voor onze gebouw planmatig beheer en onderhoud uit. Dit doen wij op basis van actuele inspecties. Echter kan het altijd voorkomen dat onbegroot onderhoud moet plaatsvinden. 5 Wij hebben hiervoor een verzekering afgesloten. Werkgevers hebben de wettelijke zorgplicht voor de veiligheid van werknemers en die zorgplicht wordt uitgebreid. De werkgever is aansprakelijk voor bedrijfsongevallen en beroepsziektes van werknemers. 5 De huidige economische ontwikkelingen kunnen voor medewerkers van het SVHW leiden tot verhoogde prikkels of gelegenheden tot het doen van of meewerken aan fraude. Er zijn fysieke en/of administratieve maatregelen genomen (functiescheiding, procesbeschrijvingen). De interne controle richt zich ook op deze zaken. 25 Kennis en kunde zijn (tijdelijk) niet beschikbaar waardoor de kwaliteit van de organisatie en de door de organisatie geleverde producten lager worden. Uitgangspunt bij ziekteverzuim is een interne oplossing en geen externe inhuur, afhankelijk van de duur van de afwezigheid en taak. 25 Als gevolg van vertrek van personeel kunnen er kennis en kunde verloren gaan.
Daarnaast is er bij het huidige personeel veel ervaring en kennis van de lokale situatie aanwezig, die bij vertrek verloren gaat. Dit kan leiden tot inefficientie. 188 Computeruitval kan tot gevolg hebben dat we onze dienstverlening niet meer uitvoeren en onze medewerkers niet meer optimaal kunnen werken. Vooral de laatste tijd zijn bedreigingen van virussen in het nieuws, hetzelfde geldt voor datalekken.
695
Pagina 34 van 70
Jaarstukken 2024 Ratio weerstandsvermogen
Voor de beoordeling van het weerstandsvermogen wordt de verhouding tussen de beschikbare
weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit berekend. De weerstandsratio van SVHW bedraagt:
Beschikbare capaciteit / benodigde capaciteit = 700 / 695 = 1,00
Voor de beoordeling van het weerstandsvermogen wil SVHW uitkomen op een waarde tussen de 1,0 en 1,4. Een weerstandsratio van minimaal 1 wordt gezien als voldoende.
Wanneer de geïnventariseerde risico’s de bovengrens van € 700.000 structureel overschrijden legt het
Dagelijks Bestuur een plan voor dat gericht is op het aanvullen van de Algemene reserve tot het bedrag uit hoofde van het benodigd weerstandsvermogen. Als de risico’s meerjarig de algemene reserve overstijgen komt er een voorstel. Op dit moment is dit nog niet aan de orde. Financiële kengetallen
Het BBV schrijft voor dat in de jaarstukken een uniforme set van vijf financiële kengetallen moet worden opgenomen. Voor SVHW zijn deze kengetallen als volgt: Ke ng e talle n
2024 Re ke ning
2024 Be g ro ting
2023 Re ke ning
Netto schuldquote
13,82%
-2,62%
2,44%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
13,82%
-2,62%
2,44%
Grondexploitatie
0,00%
0,00%
0,00%
Solvabiliteitsratio
10,11%
11,60%
12,31%
Structurele exploitatieruimte
12,86%
0,00%
3,18%
Belastingcapaciteit
0,00%
0,00%
0,00%
Netto schuldquote en netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen (hoe lager deze percentages hoe beter)
Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto schuldquote. De netto schuldquote weerspiegelt het niveau
van de schuldenlast van SVHW ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Een hoge netto schuldquote hoeft op zichzelf geen probleem te zijn. Of dat het geval is valt niet direct af te leiden uit de netto schuldquote zelf,
maar hangt af van meerdere factoren. Zo kan een hoge schuld worden veroorzaakt doordat er leningen zijn afgesloten en die gelden vervolgens worden doorgeleend en vervolgens weer afgelost. In dat geval hoeft een hoge schuld geen probleem te zijn. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre er sprake is van
doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven (netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen). De netto schuldquote is verbeterd als gevolg van meer nog te ontvangen bedragen en een hoger banksaldo per 31-12-2024.
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 35 van 70
Jaarstukken 2024 Solvabiliteitsrisico (hoe hoger dit percentage hoe beter)
Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin SVHW in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van SVHW. De mate van
weerbaarheid geeft in combinatie met de andere kengetallen een indicatie over de financiële positie.
De solvabiliteitsratio 2024 is gedaald ten opzichte van 2023 doordat de afdracht van belastinggelden
aan de deelnemers in de eerste week van 2025 heeft plaatsgevonden in plaats van de laatste week van 2024.
Structurele exploitatieruimte (hoe hoger dit percentage hoe beter)
Dit kengetal helpt mee om te beoordelen welke structurele ruimte SVHW heeft om de eigen lasten te
dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Wanneer dit cijfer negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de structurele lasten te blijven dragen. Belastingcapaciteit
Dit kengetal is voor SVHW niet van toepassing. Tabel signaleringswaarden
Voor de financiële kengetallen heeft de Provincie Zuid Holland signaleringswaarden opgesteld. Onderstaande tabel geeft de financiële kengetallen van SVHW weer ten opzichte van de signaleringswaarden. Ke ng e talle n Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte geldleningen Grondexploitatie Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit
sig nale ring swaard e r P ro vincie Zuid -Ho lland vo ld o e nd e matig o nvo ld o e nd e < 90% 90-130% > 130% < 90% < 20% > 50% > 0% < 95%
90-130% 20-35% 20-50% =0% 95-105%
> 130% > 35% < 20% < 0% > 105%
SVHW jaarre ke ning 2024 13,82% n.v.t. n.v.t.
13,82% 10,11% 12,86%
Doordat de deelnemers verplicht zijn eventuele tekorten aan te vullen beschikt SVHW over een relatief laag eigen vermogen. Hierdoor is het percentage solvabiliteitsrisico laag, maar dat is geen reden tot
zorg. Op basis van de financiële kengetallenkunnen we concluderen dat de financiële positie voldoende is.
4.2 Paragraaf Onderhoud Kapitaalgoederen Het periodieke onderhoud is in 2024 uitgevoerd aan de hand van het in 2017 vastgestelde meerjarig onderhoudsplan van het kantoorpand. In 2024 hebben diverse investeringen in materiele vaste activa plaats gevonden voor verbouwingen aan het kantoorpand. Vanwege benodigde verduurzamingsmaatregelen om in 2023 te kunnen voldoen aan de wettelijke vereisten is in 2024 gestart met het opstellen van een strategisch huisvestingsplan. In afwachting van de uitkomsten hiervan zijn bepaalde onderhoudsuitgaven en – investeringen aangehouden.
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 36 van 70
Jaarstukken 2024
4.3 Paragraaf Financiering 4.3.1
Algemeen
De financieringsparagraaf gaat in op de eisen van de wet Fido. Het moet blijken dat de uitvoering van
de treasuryfunctie alleen de publieke taak dient, het beheer prudent is en dat aan de kasgeldlimiet en de renterisiconorm is voldaan.
4.3.2
Treasurybeheer
De volgende risico`s zijn voor de organisatie van belang:
Renterisicobeheer;
Kredietrisicobeheer.
Renterisicobeheer
Het doel van het renterisicobeheer is het beheersen van de risico`s die voortvloeien uit de
mogelijkheid dat de rentelasten van vreemd vermogen in de toekomst hoger zouden worden dan gewenst zou zijn. De aangetrokken geldlening heeft gedurende de looptijd (30 jaar) een vast rentepercentage.
Kredietrisicobeheer
Per twee weken vinden afgeronde voorschotbetalingen plaats aan de deelnemers. SVHW bepaalt de hoogte van het voorschot aan de hand van de werkelijk ontvangen belastingopbrengsten per
deelnemer. Een gering bedrag reserveren we voor restituties. Elk kwartaal ontvangen de deelnemers
een overzicht van de stand van de invordering alsmede van de ontvangsten en de daarop in mindering gebrachte voorschot afdrachten. Medio van het jaar ontvangt SVHW de geraamde bijdragen van de
deelnemers in de kosten van de dienstverlening. Het verstrekken van gelden aan derden in welke vorm dan ook komt niet voor.
4.3.3
Kasgeldlimiet en renterisiconorm
De kasgeldlimiet en de renterisiconorm hebben beiden als doel de leningenportefeuille van decentrale overheden te behoeden voor een onverantwoord grote gevoeligheid voor rentefluctuaties. De
kasgeldlimiet stelt dat de gemiddelde netto vlottende schuld van een decentrale overheid in een
bepaald kwartaal niet hoger mag zijn dan een wettelijk bepaald percentage van het begrotingstotaal. Voor gemeenschappelijke regelingen is dit 8,2 procent.
Uit de onderstaande tabel blijkt dat de ruimte onder het kasgeldgeldlimiet gedurende 2024 niet is overschreden.
Kasg e ld limie t 2024 (x € 1.000) 1
Omvang begroting Kasgeldlimiet
2
16.050 8,2%
1e kwart. 2e kwart. 3e kwart. 4e kwart. 1.316
1.316
1.316
1.316
Vlottende schuld Opgenomen gelden < 1 jaar
0
0
0
0
3
Vlottende middelen Rekening-courantsaldi < 1 jaar
485
498
483
483
4
Totaal netto vlottende schuld (2)-(3)
-485
-498
-483
-483
Ruimte onder kasgeldlimiet (1)-(4)
1.801
1.814
1.799
1.799
De renterisiconorm is opgesteld met als doel de rentegevoeligheid van de portefeuille van leningen met een looptijd van één jaar of langer te beperken. Dit komt erop neer dat het renterisico in een bepaald Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 37 van 70
Jaarstukken 2024 jaar niet meer mag bedragen dan een bepaald percentage van het begrotingstotaal. Voor gemeenschappelijke regelingen is dit 20 procent.
Uit de onderstaande tabel blijkt, dat SVHW geen renterisico heeft. R e nte risico va ste schuld x € 1 . 0 0 0
2024
1a Renteherziening vaste schuld o/g 1b Renteherziening vaste schuld u/g 2 Netto renteherziening (1a-1b) 3a Nieuwe vaste schuld 3b Nieuwe verstrekte lange leningen 4 Netto nieuwe vaste schuld 5 Betaalde aflossingen
0 0 0 0 0 0 98
7 Renterisico vaste schuld (2 en 6)
98
Renterisiconorm 8 Begrotingstotaal 9 Vastgesteld % (20%) 10 Renterisiconorm (minimumnorm) 7 Renterisico vaste schuld
16.050 3.210 2.500 98
11 Ruimte (10-7)
2.402
6 Herfinanciering (laagste van 4 en 5)
4.3.4
0
Financiering
Het saldo van de aangetrokken geldleningen is per 1 januari 2024 afgerond 1.357.000 euro. Op de
lening van de Bank Nederlandse Gemeenten is in 2024, 98.000 euro afgelost. Het saldo van de
geldlening per 31 december 20243bedraagt 1.259.000 euro. Bij deze lening bedraagt het vaste rentepercentage 4,445% voor de gehele looptijd van de lening.
4.3.5
Relatiebeheer
Het SVHW heeft met de Bank Nederlandse Gemeenten een rekeningcourant verhouding. De bank valt onder Nederlands toezicht.
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 38 van 70
Jaarstukken 2024
4.4 Toelichting EMU-saldo In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV, art. 19) is de verplichting vastgesteld, dat er in de
jaarrekening een overzicht verstrekt wordt over het boekjaar. Hieronder volgt het EMU-Saldo van SVHW
over 2024:
(bedragen in x 1.000 euro) : 2024 x € 1000,-
Omschrijving
2024 x € 1000,-
Jaarrekening
1
Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)
2
Volgens begroting 2024
2023 x € 1000,-
Jaarrekening
2.525
0
684
Afschrijvingen ten laste van de exploitatie
200
255
249
3
Dotaties aan voorzieningen ten laste van de exploitatie minus vrijval van voorzieningen ten bate van de exploitatie
100
0
-180
4
Bruto investeringen in (im)materiële vaste activa die op de balans worden geactiveerd
29
0
109
5
Baten uit bijdragen van andere overheden, de Europese Unie en overigen, geen betrekking hebbende op bouwgrondexploitatie en niet verantwoord op de exploitatie
6
Desinvesteringen in (im)materiële vaste activa: Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa (tegen verkoopprijs), voor zover niet op exploitatie verantwoord
7
Aankoop van grond en uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d., alleen transacties met derden niet op de exploitatie
8
Baten bouwgrondexploitatie: Baten voor zover niet al op de exploitatie verantwoord
9
Lasten op balanspost Voorzieningen voor zover deze transacties met derden betreffen
10
Lasten i.v.m. transacties met derden, die niet via de onder vraag 1 genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief fondsen en dergelijke) worden gebracht
11 a b
Verkoop van effecten: Gaat u effecten verkopen? (ja/nee) Zo ja wat is bij verkoop de verwachte boekwinst op de exploitatie?
ja
Berekend EMU-saldo
Versie 1.0
1 april 2025
nee
2.795
Pagina 39 van 70
ja
nee
256
ja
nee
644
Jaarstukken 2024
4.5 Paragraaf bedrijfsvoering 4.5.1
Toelichting rechtmatigheidsverantwoording
Het Controleprotocol SVHW 2024-2025 is op 13 november 2024 vastgesteld. Hierin is tevens het
geactualiseerde normenkader opgenomen wat direct met het controleprotocol is vastgesteld.
4.5.2
Begrotingsrechtmatigheid
De toelichting begrotingsrechtmatigheid 2024 (zie paragraaf 5.2) geeft een analyse van de afwijking
van het exploitatieresultaat ten opzichte van de Begroting 2024.
Op basis van de Financiële verordening SVHW 2024 wordt ten minste verslag gedaan over: •
Afwijkingen die in de rechtmatigheidsverantwoording zijn opgenomen en maatregelen die zijn getroffen ter voorkoming hiervan in de toekomst;
• •
Visie op de beheersing van rechtmatigheid in de organisatie;
De belangrijkste risico’s en de uitkomst van de verbijzonderde interne controlewerkzaamheden op deze risico’s.
4.5.3
Voorwaardencriterium en Misbruik en Oneigenlijk gebruik Criterium
Verbijzonderde Interne controle
SVHW gebruikt voor de onderbouwing van de rechtmatigheidsverantwoording de werkzaamheden die worden uitgevoerd door de verbijzonderde interne controlefunctie. Deze werkzaamheden vinden
gestructureerd plaats op basis van het Interne controleplan 2024. In het interne controleplan 2024 zijn zowel werkzaamheden beschreven voor de controle op de getrouwheid en rechtmatigheid van de
jaarrekening en de jaarverantwoording belastingen voor de deelnemers. Vanuit de interne controle wordt zowel systeemgericht als gegevensgerichte controles uitgevoerd.
Bij de systeemgerichte controle is gekeken naar de interne beheersing van SVHW: •
Zijn de processen goed ingericht en werkt het in de praktijk ook zo (opzet, bestaan en werking);
• •
Is er voldoende functiescheiding;
Kunnen mutaties uitsluitend worden aangebracht door daartoe bevoegde medewerkers (bijvoorbeeld invoering van de tarieven);
•
Worden transacties door de juiste personen geautoriseerd.
Naast de systeemgerichte controles zijn aanvullend gegevensgerichte controles uitgevoerd door middel van het trekken van een steekproef. Over de uitkomsten van de verbijzonderde interne controle is per
kwartaal gerapporteerd. Hieruit is één fout gebleken die groter is dan de rapporteringstolerantie, maar kleiner is dan de verantwoordingsgrens. Het betreft hier de volgende fout:
Bij de controle op de naleving op de aanbestedingswet is gebleken dat één opdracht ten onrechte niet
Europees is aanbesteed. Het betreft hier een opdracht die na het einde van de looptijd van het contract verlengd is, terwijl dit niet meer mogelijk was. Deze fout hadden wij ook al gerapporteerd bij de
jaarrekening 2023 aangezien de fout toen al was ontstaan. De fout is doorgelopen tot 1 juli 2024 en bedraagt afgerond 65.000. Verder zijn er geen fouten geconstateerd. Om fouten met betrekking de aanbestedingswet te voorkomen in de toekomst zijn meerdere contracten Europees aanbesteed in
2024. Ook wordt voor de inhuur van externen vanaf 2024 een marktplaats gebruikt, waardoor inhuur altijd rechtmatig wordt ingehuurd.
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 40 van 70
Jaarstukken 2024
4.6 Openbaarheidsparagraaf Wet Open Overheid (WOO) De Wet Open Overheid (Woo) legt aan bestuursorganen een aantal verplichtingen op. Eén van deze verplichtingen betreft het geven van een impuls aan openbaarheid door in de begroting en het verantwoordingsverslag in de jaarstukken aan te geven hoe rekening wordt gehouden met de bepalingen uit de Woo.
De Wet Open Overheid kent, samengevat, een viertal belangrijke aspecten: 1.
De verplichting voor ieder bestuursorgaan om een Woo contactfunctionaris aan te wijzen.
2.
Verplichtingen gericht op passieve openbaarmaking.
4.
Het op orde brengen van de (digitale) informatiehuishouding.
3.
Verplichtingen gericht op actieve openbaarmaking.
Woo contactfunctionaris
De Woo contactfunctionaris is geheel 2024 in dienst geweest bij SVHW en helpt burgers en journalisten
bij informatieverzoeken.
Passieve openbaarmaking
Alle verzoeken tot openbaarmaking worden via een workflow afgewikkeld in onze systemen. Deze
worden in behandeling genomen door onze contactfunctionaris en doorgezet naar de verantwoordelijk medewerker. In 2024 zijn er 4 verzoeken binnen gekomen om informatie openbaar te maken. Hiervan zijn er 4 afgewezen, 0 zijn buiten behandeling gesteld en 0 zijn er toegewezen.
Actieve openbaarmaking
De Woo stelt de verplichting om elf benoemde informatiecategorieën actief te publiceren. Deze
verplichting zal niet voor alle elf categorieën tegelijk gelden. Over de ingangsdatum is nog geen
zekerheid tijdens het schrijven van dit onderdeel Openbaarheid, maar naar verwachting zullen begin
2023 de eerste categorieën gepubliceerd moeten worden.
In 2024 voldeden wij aan de Woo door de verplichte informatiecategorieën actief te publiceren. De Wet
Open Overheid legt de verplichting op documenten in een, voor SVHW beperkt, aantal categorieën actief openbaar te maken, zijnde: •
wet- en regelgeving;
•
bestuurstukken;
• •
•
• •
organisatiegegevens; jaarplannen en -verslagen; Wob/Woo-verzoeken; onderzoeken; klachten.
SVHW voldoet - voor zover van toepassing- aan deze verplichting.
Informatiehuishouding op orde
De Woo verplicht dat de digitale informatiehuishouding binnen acht jaar op orde wordt gebracht. Dit betekent dat er op basis van een op te stellen meerjarenplan maatregelen moeten worden genomen om informatiebestanden duurzaam toegankelijk te maken en te houden. In 2025 zullen wij daarom doorgaan met het uitvoeren van de maatregelen.
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 41 van 70
Jaarstukken 2024
JAARREKENING 2024 5.
Baten en Lasten 5.1 Staat van baten en lasten 2024
De onderstaande tabel geeft de staat van Baten en Lasten weer. (bedragen in x 1.000 euro) Realisatie 2024
Begroting na wijziging 2024
Begroting 2024
Realisatie 2023
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Ondersteuning Gegevensbeheer algemeen
0 3.508
0 2.281
0 1.227
10 3.494
10 2.625
0 869
10 3.388
10 2.622
0 766
287 3.157
287 2.347
0 811
WOZ-administratie
6.275
4.590
1.685
6.242
5.203
1.039
4.535
3.607
928
4.337
3.551
Subtotaal programma's
18.088
12.285
5.804
18.106
14.345
3.761
16.050
12.537
Omschrijving programma: Gegevensbeheer BAG Dienstverlening
305
8.000
185
5.229
120
2.772
301
8.059
205
6.302
96
1.757
290
7.828
198
6.100
92
1.728
3.513
338
8.616
16.735
170
6.737
13.091
168
786
1.879
3.644
Omschrijving algemene dekkingsmiddelen: Algemene dekkingsmiddelen
Subtotaal algemene dekkingsmiddelen Gerealiseerde kosten Overhead Vennootschapsbelasting
Gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten
0
0
18.088
0
0
0
0
3.278
-3.278
15.562
2.525
0
0
18.106
0
0
0
0
3.761
-3.761
18.106
0
0
0
16.050
0
0
0
0
3.513
-3.513
16.050
0
0
0
16.735
0
0
0
0
2.960
-2.960
16.051
684
Toevoeging/onttrekking aan reserves: Mutaties in reserves
Subtotaal mutaties reserves Gerealiseerde resultaat
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
18.088
15.562
2.525
18.106
18.106
0
16.050
16.050
0
16.735
16.051
684
5.2 Begrotingsrechtmatigheid (bedragen in x 1.000 euro)
1 april 2025
0
0
NB: In bovenstaande tabel zijn de baten en lasten in de jaarrekening 2024 € 608.000 lager dan in de exploitatierekening 2024 is opgenomen, vanwege de verantwoording op programma en de daarbij behorende doorbelastingssystematiek vanuit ondersteuning voor wat betreft de baten en lasten
Versie 1.0
0
0
Pagina 42 van 70
Jaarstukken 2024 Op basis van bovenstaande opstelling blijkt dat de lasten per programma binnen de vastgestelde
begroting zijn gebleven. Voor ondersteuning zien wij wel een overschrijding. Dit heeft echter te maken met de doorbelasting van dit programma naar de overige programma’s doordat er baten op dit
programma worden gerealiseerd worden deze via de kosten doorbelast naar de overige programma’s. hierdoor betreft dit geen overschrijding van vastgesteld budget, maar enkel een administratieve handeling. Alle overige programma’s zijn qua lasten binnen de begroting gebleven.
De overige afwijkingen zijn tijdig gemeld in de najaarsrapportage blijkend uit de toelichting op de afwijkingen in voorgaande hoofdstukken.
5.3 Rechtmatigheidsverantwoording Verantwoordelijkheid dagelijks bestuur De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijkt een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden- en misbruik en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het dagelijks bestuur toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties deze criteria zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het algemeen bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het algemeen bestuur op 13 november 2024 vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag, omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken.
Deze grens is door het algemeen bestuur bepaald en bedraagt 3% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op €465.000 De grondslag voor deze verantwoording is de Kadernota Rechtmatigheid 2024 van de Commissie BBV van oktober 2024. Het dagelijks bestuur stelt vast dat de omvang van de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen bedrag € 65.000 bedraagt. Dit is lager dan de daarvoor gestelde grens van €465.000. Van de niet rechtmatig tot stand gekomen verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties is volgens het dagelijks bestuur overigens een bedrag van € 0 acceptabel op basis van door het algemeen bestuur vastgestelde afspraken. In de paragraaf bedrijfsvoering is op basis van de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en op basis van de afspraken met het AB aanvullende informatie opgenomen over de financiële rechtmatigheid. In deze paragraaf heeft het DB ook beschreven welke actie hij onderneemt om vermelde afwijkingen in de toekomst te voorkomen.
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 43 van 70
Jaarstukken 2024
5.4 Staat van incidentele Baten en Lasten (bedragen in x 1.000 euro) Programma
Kostensoort
Incidentele Lasten
Diversen Ondersteuning Ondersteuning Dienstverlening
Personele kosten Huisvestingskosten Automatiseringskosten Kosten klantcontact
Vacatureruimte Uitstel wegens huisvestingsstrategie Uitstel geplande vernieuwing + eenmalig toetreding G'berg Telefonie: implementatie kosten
Dienstverlening Dienstverlening WOZ administratie
Kosten heffen Proceskosten Inhuurkosten
Programma
Kostensoort
Dienstverlening Ondersteuning Ondersteuning
Rentebaten Overige opbrengsten Overige opbrengsten
Ondersteuning Dienstverlening
Overige opbrengsten Voorziening oninbaar
-43 -150 1.119
Totaal incidentele lasten
413
Incidentele Baten
Doorbelasting kosten aan deelnemers (oa Geertruidenberg en Drimmelen) Opbouw voorziening oninbaar
136 -200
Totaal incidentele baten
534
Incid e nte e l re sulta a t (voord e lig)
121
Boven structurele rente Forfaitaire vergoeding Kinder Opvang Toeslag Vrijval twee te betalen balansposten
Niet van toepassing.
5.6 Besteding onvoorzien Niet van toepassing.
1 april 2025
-446 -60 -51 44
Eenmalige compensatie vervaardiging aanslagen Lagere gegrond dan gebruikelijk Bovenmatig veel inhuur tbv afhandelen NCNP bezwaren en op vacatures
5.5 Structurele toevoeging en onttrekking aan reserves
Versie 1.0
Bedrag
Pagina 44 van 70
162 130 306
Jaarstukken 2024
6.
Balans per 31 december 2024
(bedragen in x 1.000 euro) Activa
31-12-2024 31-12-2023 Passiva € € Vaste p assiva
Vaste activa Materiële vaste activa - economisch nut
1.420 T o taal
Totaal vaste activa
1.420 1.420
31-12-2024 31-12-2023 €
1.590 Eigen vermogen Algemene Reserve 1.590 Bestemmingsreserve Gerealiseerde resultaat 1.590
T o taal Vo o rzie ning e n Voorziening verlofsparen T o taal
Vlo tte nd e activa
25.587
Overige vorderingen
2.800 T o taal
Liq uid e mid d e le n Kassaldi Banksaldi
Ove rlo p e nd e activa Overige nog te ontvangen bedragen, en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
T o taal
1 april 2025
28.386
2 484 T o taal
Versie 1.0
700 129 2.526
700 65 684
3.355
1.450
649
549
649
549
1.258
1.357
1.258
1.357
5.262
3.355
26.621
4.190
1.307
4.233
27.927
8.423
27.927
8.423
33.189
11.778
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer
Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
Totaal vlottende activa
€
486
6.041
Binnenlandse banken en overige financiële instellingen T o taal
2.750 Totaal vaste passiva 8.791 Vlo tte nd e p assiva 2 474 Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar 476 Overige schulden
2.897
Ove rlo p e nd e p assiva Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en 921 die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen m.u.v. jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een vergelijkbaar volume
2.897
921
31.769
10.188 Totaal vlottende passiva
33.189
11.778
Pagina 45 van 70
T o taal
T o taal-g e ne raal
Jaarstukken 2024
6.1 Waarderingsgrondslagen Algemeen
De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat berusten op de grondslag van verkrijgings- of vervaardigingsprijs of nominale waarde, tenzij hierna anders is vermeld. De baten en
lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten daarvoor geeft.
Rechtmatigheidsverantwoording
De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid. Dat betekent dat: •
De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten,
balansmutaties, alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van art. 17 Financiële-verhoudingswet; •
De financiële rechtmatigheid waaronder het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat: •
Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals op
•
Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en
door het algemeen bestuur is vastgesteld op 13 november 2024 als onderdeel van het controleprotocol 2024-2025;
investeringskredieten onrechtmatig zijn, waarbij voor een aantal scenario’s in het
controleprotocol 2024-2025 is beschreven wanneer deze overschrijdingen
acceptabel zijn. Voor over- en onderscheidingen van baten, onderschrijdingen van
lasten en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als
onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan het algemeen bestuur zijn
•
gemeld.
Ten aanzien van het M&O criterium is er geen Nota Misbruik en oneigenlijk
gebruik. Omdat alleen bij misbruik sprake is van een onrechtmatigheid zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording.
De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de kadernota rechtmatigheid 2024 van de Commissie BBV van oktober 2024 alsmede onze eigen financiële verordening en het
controleprotocol 2024-2025. Dit betekent dat: •
Een verantwoordingsgrens van 3% is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen;
•
Een rapporteringstolerantie van € 25.000 is gehanteerd waarboven fouten en onduidelijkheden in de paragraaf bedrijfsvoering worden opgenomen.
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 46 van 70
Jaarstukken 2024 Balanswaardering
Vaste activa
De activa met economisch nut zijn gewaardeerd tegen de historische kostprijs verminderd met de daarop toegepaste afschrijvingen, bepaald op basis van de verwachte levensduur dan wel de
periode waarop de investeringen betrekking hebben. De afschrijvingen zijn berekend volgens het
lineaire systeem met uitzondering van het kantoorpand waar een annuïtaire geldlening tegenover staat. Het kantoorpand wordt annuïtair afgeschreven.
Vlottende activa
De vorderingen en overlopende activa zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde, met aftrek van een voorziening voor oninbaarheid wanneer hier sprake van is.
Voorzieningen
De voorzieningen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde.
Overige activa en passiva
Voor zover in het bovenstaande niet anders is aangegeven, worden activa en passiva gewaardeerd op nominale waarde.
Eigen vermogen
Het eigen vermogen van SVHW bestaat uit de algemene reserve, de bestemmingsreserves en het
gerealiseerde resultaat. Mutaties hierop vinden plaats conform besluitvorming door het algemeen bestuur.
Resultaatbepaling
Het resultaat wordt bepaald met in achtneming van de hiervoor vermelde waarderingsgrondslagen. Baten worden verantwoord in het jaar waarin zij zijn gerealiseerd. Lasten worden opgenomen in het jaar waarin zij voorzienbaar zijn.
Afschrijvingen
De afschrijvingen op vaste activa zijn gebaseerd op basis van verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Afschrijvingen vinden plaats op basis van geschatte levensduur dan wel de periode waarop de investeringen betrekking hebben. De volgende termijnen worden gehanteerd: o
Gebouwen permanent
30 jaar
o
Verbouwing/ renovatie
besluit AB
o
o
o
o o o o o
Versie 1.0
1 april 2025
Gebouwen semipermanent
15 jaar
Herinrichting terrein
annuïtair
Lineair
Lineair
20 jaar
Lineair
4 jaar
Lineair
10 jaar
Lineair
Grond
geen afschrijving
Inrichting: Inventaris/ meubilair
10 jaar
Automatisering
Machines en installaties Kantoormachines
Bouwkundig (serverruimte, receptie)
5 jaar
10 jaar
Pagina 47 van 70
Lineair Lineair Lineair
Jaarstukken 2024
6.2 Toelichting Balans 2024 6.2.1
ACTIVA
(bedragen in x 1.000 euro)
Vaste activa
Mate rie le vaste activa - e co no misch nut
31-12-2024
31-12-2023
€
€
Balans per 1 januari Bedrijfsgebouw Grond kantoorgebouw Overige materiele vaste activa
995 293 302
1.084 293 352
1.590
1.729
Investeringen boekjaar Bedrijfsgebouw Overige materiele vaste activa
29 -
109
Totaal investering
29
109
Afschrijvingen boekjaar Afschrijving bedrijfsgebouw Afschrijving overige materiele vaste activa
94 105
89 160
Totaal afschrijvingen
200
249
Balans per 31 december Boekwaarde bedrijfsgebouw Boekwaarde grond Boekwaarde overige vaste activa
930 293 196
995 293 302
Totaal boekwaarde 31 december
1.420
1.590
31-12-2024
31-12-2023
€
€
Vlo tte nde activa
Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd er dan één jaar.
25.587
hoogte van het drempelbedrag voor het begrotingsjaar 2023 bedraagt € 2.625.000. Het SVHW maakt gebruik van de mogelijkheid bij de BNG Bank om de overtollige middelen automatisch af te romen vanuit het eigen rekeningstelsel naar de werkrekening schatkistbankieren. Deze automatische afroming vindt dagelijks plaats.
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 48 van 70
6.041
Jaarstukken 2024 Investeringen 2024
In het boekjaar 2024 hebben de volgende investeringen plaats gevonden:
-
Verbouwing
€ 29.458
Op deze post zal worden afgeschreven met ingang van 2025. De begrote investering in hardware is een jaar uitgesteld. Het bleek technisch haalbaar de hardware een jaar langer aan te houden. In 2025 wordt dit Europees aanbesteed. Dit wordt bij de eerste begrotingswijziging 2025 opgevoerd. Verantwoording schatkistbankieren:
In het overzicht hieronder wordt per kwartaal aangegeven welke middelen SVHW buiten
’s Rijksschatkist heeft aangehouden. Dit overzicht is gebaseerd op de richtlijn in artikel 2, vierde lid, van de Wet financiering decentrale overheden. (bedragen in x 1.000 euro) Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)
Drempelbedrag
2625 Kwartaal 1
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
496
505
486
367
(3a) = (1) > (2)
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag
2.129
2.120
2.139
2.258
(3b) = (2) > (1)
Overschrijding van het drempelbedrag
-
-
-
-
(2)
(1) Berekening drempelbedrag Verslagjaar (4a) (4b) (4c)
Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
350.000 350.000 -
(1) = (4b)*0,0075 + Drempelbedrag (4c)*0,002 met een minimum van €250.000
2625
(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
44.671
45.916
44.719
33.731
90
91
92
92
496
505
486
367
Toelichting berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren
Dagelijks wordt door de BNG Bank het banksaldo boven de intra dag limiet van 500.000 automatisch afgeroomd.
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 49 van 70
Jaarstukken 2024 (bedragen in x 1.000 euro) 31-12-2024 Ove rig e vo rd e ring e n
€
Debiteuren deelnemers (+ overig) Overige debiteuren ( zie specificatie )
Specificatie overige debiteuren : Invorderingskosten Overige nog te ontvangen Totaal
€ 2.800
2.750
2.800
2.750
31-12-2024
31-12-2023
3.367 3.367
3.117 3.117
567
367
2.800
2.750
31-12-2024
31-12-2023
Af: Dubieuze debiteuren invorderingskosten Per saldo
Liq uid e Mid d e le n Deze post is als volgt samengesteld :
31-12-2023
€
€
Kas Bank
2 484
2 474
Totaal
486
476
31-12-2024
31-12-2023
Ove rlo p e nd e activa €
Overige nog te ontvangen bedragen, en vooruitbetaalde bedragen, die ten laste van volgende begrotingsjaren komen 2.897
€
921
De overlopende posten betreffen o.a. nog te ontvangen rente over het 4e kwartaal. Vergoeding voor KOTA en vooruitbetaald bedrag voor licenties.
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 50 van 70
Jaarstukken 2024
6.2.2
PASSIVA
(bedragen in x 1.000 euro) Eig e n ve rmo g e n
31-12-2024
31-12-2023
Algemene reserve Bestemmingsreserve Gerealiseerd resulaat
700 129 2.526
700 65 684
totaal
3.355
1.450
31-12-2024
31-12-2023
Vorrziening verlofsparen
649
549
totaal
649
549
Vo o rzie ning e n
Eigen Vermogen Be ste mming Omschrijving Algemene reserve Gerealiseerd resultaat voorgaand jaar Bestemmingsreserves Uitgekeerd aan deelnemers T o taal
31-12-2023 T o e vo e g ing e Onttre kking e n
31-12-2024
vo rig b o e kjaar
700 684 65 1.450
re sultaat
0
0
-684 64
700 0 129
620 0
830
De algemene reserve vormt het vrij besteedbare eigen vermogen van SVHW bedraagt 700.000 euro. Be ste mming Bo e kwaard e Bo e kwaard e re sultaat Ve rlo o p van d e re se rve s T o e vo e g ing e Onttre kking e n 31-12-2023 31-12-2024 vo rig b o e kjaar Reserve PBB (persoonlijk opleidingsbud 65 64 129 T o taal
65
0
0
64
129
Bestemmingsreserves
In 2024 is vanuit het gerealiseerde resultaat over 2023 een bedrag van € 64.000 gedoteerd aan de
bestemmingsreserve PBB (persoonlijk basis budget) vanwege het niet volledig benutten van de PBB
ruimte door medewerkers van het SVHW. Deze bestemmingsreserve heeft een looptijd van 5 jaar en is ingegaan in 2021.
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 51 van 70
Jaarstukken 2024 Voorzieningen Ve rlo o p van d e vo o rzie ning e n
Bo e kwaard e T o e vo e g ing e Vrijval 31-12-2023
Voorziening verlofsparen
549
99
T o taal
549
99
Bo e kwaard e 31-12-2024
Aanwe nd ing
0
0
648
0
648
Medewerkers kunnen onder de cao waterschappen bovenwettelijke vakantie uren sparen (verlofsparen) die zij later kunnen inzetten op een manier die aansluit bij hun carrièreplanning en vitaliteitsbeeld. Voor deze arbeidskosten gerelateerde verplichtingen die een niet voorspelbare opbouw en afbouw kennen moet conform het BBV een voorziening worden gevormd.
Voor nieuw aangekocht verlof is in 2024 € 99.000 euro gedoteerd aan de voorziening. (bedragen in x 1.000 euro) Vaste schuld e n me t e e n re nte typ ische lo o p tijd van e e n jaar o f lang e r
Onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiele instellingen Schuldrestant per 1 januari Bij: Verstrekkingen af: Aflossingen in verslagjaar Schuldrestant per 31 december
31-12-2024
31-12-2023
€
€ 1.357
1.451
98
94
1.258
1.357
Voor de aankoop van het kantoorgebouw is bij de Bank Nederlandse Gemeenten een 30 jarige annuita geldlening afgesloten met een vast rentepercentage van 4,445%. De verschuldigde aflossing over het jaar 2024 bedraagt € 98.288, de betaalde rente op de geldlening bedraagt in 2024 € 60.298. Voor een nadere specificatie wordt verwezen naar Bijlage IV Staat van opgenomen geldleningen. Ne tto vlo tte nd e schuld e n me t e e n re nte typ ische lo o p tijd ko rte r d an e e n jaar
Af te dragen ontvangsten deelnemers Crediteuren
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 52 van 70
31-12-2024 €
31-12-2023 €
26.468 153
3.973 217
26.621
4.190
Jaarstukken 2024 (bedragen in x 1.000 euro) Af te d ra ge n ontva ngste n
31-12-2024 €
31-12-2023 €
1 622 937 1.455 1.165 1 353 11 627 1.365
0 130 138 153 149 0 82 0 0 1.009
Lansingerland Nieuwkoop Oud-Beijerland Riderkerk Voorne aan Zee Werkendam Westvoorne Woudrichem RAD Waterschap Hollandse Delta
2.042 -1 1.498 1.694 897 2 1.301 797 2 395 1 1 9.972
220 0 195 166 120 0 64 117 0 86 0 0 1.018
Totaal
26.468
3.973
Aalburg
Alblasserdam Albrandswaard Altena Barendrecht Binnenmaas Brielle Cromstrijen Drimmelen Goeree-Overflakkee
Hardinxveld-Giessendam Hellevoetsluis
499 833
Hoeksche Waard Korendijk
Krimpenerwaard
Het betreft hier de af te dragen ontvangsten aan de deelnemers ultimo 2024
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 53 van 70
56 270
Jaarstukken 2024 (bedragen in x 1.000 euro) Ove rlo p e nd e p assiva
31-12-2024 €
Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen m.u.v. jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een vergelijkbaar volume
1.307
31-12-2023 €
4.233
Overlopende passiva
De overlopende passiva bestaan uit onder andere nog te betalen kosten inkoopfacturen (€ 525.000) en
de afdracht loonbelasting en sociale premies over de maand december 2024 (€ 356.000). Niet in de balans opgenomen verplichtingen
Met een aantal leveranciers heeft SVHW langdurige contracten afgesloten die verbandhouden met het uitvoeren van haar belastingtaken. Deze contracten hebben een relatie met het belasting- en taxatiesysteem, het vervaardigen van belastingaanslagen en (dwang)invordering.
Via de niet uit de balans blijkende verplichtingen geeft SVHW inzicht in deze verplichtingen groter dan € 100.000 na het jaar 2024. Deze verplichtingen zijn niet opgenomen in een balanspost.
De volgende verplichtingen exclusief btw per jaar zijn op basis van een EU aanbesteding en de betalingen in 2024 aangegaan: • • • • •
Versie 1.0
1 april 2025
Licentiekosten beeldmateriaal
t/m 1 juli 2026
€ 352.500
Post- en printdiensten
t/m 1 juli 2027
€ 115.000
Deurwaardersdiensten Telefonie diensten
Accountantsdiensten
t/m 1 juli 2026
t/m 1 juni 2027 t/m 1 juli 2028
Pagina 54 van 70
€ 273.000 € €
42.000
73.500
Jaarstukken 2024
6.3 Exploitatierekening 2024 (kostensoortniveau) (bedragen in x 1.000 euro) Omschrijving
Re ke ning 2024
Be g ro ting na wijzig ing
Be g ro ting 2024
Re ke ning 2023
Laste n Personeelskosten Huisvestingskosten Kantoorkosten Automatiseringskosten Overige diensten Kapitaallasten Kosten verwerven data WOZ kosten derden Kosten Klantcontact Kosten heffen Kosten Invordering Proceskosten Onvoorzien
7.035 241 229 2.210 2.752 260 595 639 202 794 511 704 0
8.064 313 259 2.403 2.715 257 727 671 171 908 564 1.004 50
7.838 296 270 2.347 1.223 315 825 647 175 652 553 859 50
6.438 263 222 1.809 1.993 313 693 625 152 852 473 2.218 0
T o taal laste n
16.170
18.106
16.051
16.051
Bijdragen deelnemers Opbrengst invorderingskosten Overige opbrengsten Rentebaten
14.935 2.501 608 652
14.866 2.750 10 480
13.452 2.584 10 5
12.783 3.139 813
T o taal b ate n
18.696
18.106
16.051
16.735
Sald o van b ate n e n laste n
2.526
0
0
684
0
0
0
0
2.526
0
0
684
Bate n
Onttrekking aan algemene reserve
Ge re alise e rd re sultaat
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 55 van 70
Jaarstukken 2024
6.3.1
Toelichting op Exploitatierekening 2024 (kostensoorten)
In de toelichting op de exploitatierekening 2024 worden de afwijkingen verklaard die groter zijn dan 10.000 euro.
(bedragen in x 1.000 euro) R e ke ning
P e rsone e lskoste n
Be groting
2024
1 Lonen en salarissen 2 Toelagen
5.021 75
3 Sociale lasten en premies 4 Thuiswerkvergoeding belast 5 Overige belaste vergoedingen
6 Ontvangen uitkering UWV 7 Vergoeding gebruik eigen auto 9 Onbelaste vergoedingen 10 Overige personeelskosten 11 Geschenken personeel < € 25 12 Intermediaire kosten en kosten OR 13 Personeelskosten welke onder WKR vallen 14 Arbovoorzieningen en EHBO cursussen 15 Consumpties op de werkvloer 16 Woon werk verkeer onbelast 17 Opleidingskosten 18 Inrichting thuiswerkplek
2023
5.499 74
4.542 71
1.456 7 53
1.671 24 49
1.303 10 44
5
45 30
15 36
-44 16
8 Voorziening vacatures
R e ke ning
2024
0
-39
18 4 2 6 39 39 6 88 138 6
26 5 5 12 57 18 7 85 220 10
39 2 3 5 38 25 4 77 130 2
7.035
7.837
6.438
salariskosten sociale lasten
5.156 1.456
5.646 1.671
4.667 1.303
Totaal
6.611
7.317
5.970
sociale lasten in % van de salariskosten
28,2%
29,6%
27,9%
personeelsformatie in FTE ultimo
83,1
86,2
81,4
gemiddelde salariskosten in €
79,6
84,9
73,3
19 dotatie voorziening verlofsparen Totaal
100
0
131
Salariskosten huidig personeel
Toelichting op de personeelskosten
De personeelskosten zijn € 802.000 lager uitgevallen dan begroot. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door het feit dat diverse vacatures door het boekjaar heen niet zijn opgevuld, of later zijn ingevuld. de belaste en onbelaste vergoedingen en de opleidingskosten zijn voor heel de organisatie onder het domein Ondersteuning geraamd. Doordat er organisatie breed vacatures zijn, zijn de vergoedingen
voor thuiswerk en gebruik eigen auto ook lager dan begroot en er is een UWV premie ontvangen. De
opleidingskosten en overige personeelskosten zijn € 209.000 lager dan begroot. Aan de voorziening
voor verlofsparen is in 2024 per saldo € 100.000 gedoteerd.
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 56 van 70
Jaarstukken 2024 (bedragen in x 1.000 euro)
Huisve sting sko ste n
Re ke ning 2024
1 Onderhoud gebouw 2 Nutsvoorzieningen 3 Belastingen Totaal
Be g ro ting 2024
Re ke ning 2023
139 90 12
203 75 18
181 71 11
241
296
263
Toelichting op de huisvestingskosten
De huisvestingskosten zijn lager uitgevallen dan begroot als gevolg van het later uitvoeren van onderhoud.
(bedragen in x 1.000 euro) Kanto o rko ste n
Re ke ning 2024
1 Kantoorartikelen 2 Abonnementen 3 Interne faciliteiten 4 Verzekeringen 5 Kosten salarisverwerking 6 Telefoonkosten 7 Portokosten algemeen Totaal
Be g ro ting 2024
Re ke ning 2023
56 47 27 17 26 41 14
78 43 22 18 21 52 35
57 47 26 16 27 36 12
229
269
222
Toelichting op de kantoorkosten
De kantoorkosten zijn €40.000 lager uitgevallen dan begroot. Dit wordt met name veroorzaakt dat minder kleine kantoormaterialen zijn aangeschaft dan begroot. Daarnaast zijn de telefoonkosten afgenomen.
(bedragen in x 1.000 euro) Auto matise ring sko ste n
Re ke ning 2024
1 Automatiseringskosten Totaal
Be g ro ting 2024
Re ke ning 2023
2.210
2.347
1.809
2.210
2.347
1.809
Door de eerder beschreven operationele druk konden niet alle vernieuwingsprojecten in 2024 worden uitgevoerd.
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 57 van 70
Jaarstukken 2024 (bedragen in x 1.000 euro) Ove rig e d ie nste n
Re ke ning 2024
1 Diensten van derden 2 Ingeleend personeel 3 Organisatie ontwikkeling 4 Accountantskosten Totaal
Be g ro ting 2024
Re ke ning 2023
70 2.562 24 95
81 1.060 0 82
120 1.697 95 81
2.752
1.223
1.993
Het grootste deel van de overschrijding op de kosten voor ingeleend personeel wordt veroorzaakt door extra inhuur voor het afwikkelen van de NCNP bezwaren uit 2023 in Q1 2024 en de NCNP-bezwaren in
2024 (€ 1.087.000) . Daarnaast is er voor de integratie voor de toetreding van Drimmelen als nieuwe deelnemer eenmalig extra ingehuurd om de staande organisatie te ontlasten (€ 237.000). Ook voor
financiën is extra ingehuurd om de pensionering van twee medewerkers op te vangen (€ 67.000). Ten slotte is er ingehuurd op vacatures en voor ziekte- en zwangerschapsverlof (€ 151.000).
(bedragen in x 1.000 euro) Kap itaallaste n
Re ke ning 2024
1 Afschrijvingen 2 Rente Totaal
Be g ro ting 2024
Re ke ning 2023
200 61
251 64
249 64
260
315
313
De kapitaallasten zijn lager uitgevallen dan begroot door de beperkte investeringen die in 2023 zijn uitgevoerd. Doordat wij afschrijven een jaar na oplevering, leidde het uitstel van deze investeringen tot een voordeel in de jaarrekening 2024.
(bedragen in x 1.000 euro) WOZ-Ko ste n g e me e nte n
Re ke ning 2024
1 WOZ-kosten gemeenten Totaal
Geen verschillen om nader toe te lichten.
Versie 1.0
1 april 2025
Pagina 58 van 70
Be g ro ting 2024
Re ke ning 2023
639
647