CConstaterende datHardinxveld-Giessendam
Koppel je AI →
Document · PDF

303 Dienst Gezondheid & Jeugd ZHZ - Vastgestelde begroting 2027.pdf

Gemeenteraad GHG 24 september 2026, gemeente Hardinxveld-GiessendamBij agendapunt: 7: Vaststellen Lijst ingekomen stukken 24 september 202645.209 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

LVS blijft regie voeren wanneer dit nodig is om de continuïteit van het traject te waarborgen of om juridische verplichtingen correct uit te voeren.  Deelname aan multidisciplinaire overleggen wanneer dit relevant is voor de leerplicht van het kind of de jongere.  Efficiënte uitvoering via o.a. digitale afhandeling en clustersturing, waarbij in ieder regionaal cluster gezamenlijke afspraken zijn gemaakt over het proces, de samenwerking en de verdeling van werkzaamheden. Sinds het schooljaar 2019/2020 is de instroom bij LVS fors gestegen, voor zowel relatief verzuim, absoluut verzuim als vrijstellingen. Als gevolg van een bestuursopdracht die in 2025 is uitgevoerd onder regie van gemeenten, zijn de werkwijze en taakafbakening van LVS aangescherpt en is gekozen voor scherpere prioritering en samenwerking op clusterniveau. Dit moet onnodige instroom beperken, doorlooptijden verkorten en capaciteit richten op casussen waar de leerplichtbevoegdheid echt nodig is. Belangrijke kanttekening Voor de begroting 2027 zit de zorg in hoeverre we met dit scenario (15,5 fte) in staat zijn om de minimale wettelijke taken volledig uit te voeren. Dit wordt in 2026 op twee evaluatiemomenten gemonitord en bestuurlijk besproken.

Dienst Gezondheid & Jeugd | Soort product (rapport etc.)| 21 Indicatoren Resultaat-indicator Begroting 2027 De norm voor de indicatoren is historisch bepaald en geeft de omvang van het taakvolume van LVS weer dat met de afgesproken bezetting kan worden behandeld. De instroom wordt bepaald door gedrag van scholen, ouders, jongeren en ketenpartners. Deze indicatoren zijn niet direct te beïnvloeden door LVS. Relatief verzuim 18- ≤ 2.500 Relatief verzuim 18+ ≤ 700 Absoluut verzuim ≤ 500 Verleende vrijstellingen ≤ 500 Risico- en signaleringsindicator Begroting 2027 Gedeelde verantwoordelijkheid met ketenpartners Alle meldingen worden binnen de beschikbare capaciteit opgepakt. 100% Meldingen voldoen aan de afgesproken procescriteria voor voorwerk. 100% Doorstroompunt Voor 2027 ligt de focus op het verder consolideren van de nieuwe wettelijke taakuitbreiding van de doelgroep tot 27 jaar. De belangrijkste doelen zijn: a. vroegtijdig bereiken en begeleiden van jongeren met (dreigende) uitval; b. actief ondersteunen van jongeren die langer dan een jaar uit beeld zijn (circa 4.800 jongeren); c. bevorderen van duurzame terugkeer van jongeren naar onderwijs of werk; d. versterken van regionale samenwerking met gemeenten, arbeidsmarktregio’s, mbo-instellingen en jongerenwerk.

De doelgroep bestaat jaarlijks uit 700 tot 800 nieuwe voortijdig schoolverlaters, naast de circa 4.800 jongeren die eerder het onderwijs verlieten en nog geen stabiele werk- of leersituatie hebben. In 2027 richten we onze inzet op:  Professionele begeleiding van jongeren door doorstroomcoaches, met expertise in onderwijs, werk en multiproblematiek.  Preventieve ondersteuning van jongeren die dreigen uit te vallen, bij voorkeur vóór de start van het nieuwe schooljaar.  Gericht opzoeken van jongeren die langer dan een jaar uit beeld zijn, met extra aandacht voor jongeren in kwetsbare wijken. Nauwe samenwerking met mbo-instellingen, gemeenten, jongerenwerk, werkgevers en uitvoeringsorganisaties van de participatiewet. Indicatoren Indicator Begroting 2027 Aantal jongeren dat door het Doorstroompunt is benaderd 1700 Aantal jongeren dat door het Doorstroompunt is bereikt 1200 Aantal jongeren dat door een Doorstroomcoach is begeleid 350 Waardering door de jongeren van de begeleiding door Doorstroomcoaches ≥ 7,0 Dienst Gezondheid & Jeugd | Soort product (rapport etc.)| 22 Wat gaat het kosten? (bedragen x € 1.000) Toelichting In beginsel betreft het verschil tussen de begroting 2026 en de begroting 2027 de indexatie. Daarnaast worden de kosten voor Leerplicht in 2027 lager, doordat de opdracht van Leerplicht voor het programma Dordt-West stopt in 2026.

2.4 Programma 4: Serviceorganisatie Jeugd Wat willen wij bereiken? SOJ koopt voldoende, kwalitatieve, betaalbare en beschikbare jeugdhulp in voor de tien gemeenten in de regio Zuid-Holland Zuid, in het kader van de Jeugdwet. Zodat jeugdhulp geboden kan worden aan kinderen, jongeren en ouders die dit nodig hebben bij het opgroeien of opvoeden. Wat gaan wij daarvoor doen? SOJ voert voor de deelnemende gemeenten een aantal taken uit op basis van de Jeugdwet, zoals inkoop, contractmanagement, beschikken en betalen van jeugdhulp. SOJ beheert de contracten met jeugdhulpaanbieders en stelt inkoopkaders op. Samen met gemeenten en andere betrokkenen (cliënten, aanbieders) worden inkoopstrategieën ontwikkeld. SOJ stuurt op kwaliteit en kosten door het bewaken van contractafspraken, normenkaders en handhaving op winstmaximalisatie en onrechtmatigheden, met behulp van data en monitoring. In 2027 ligt de focus van SOJ op het uitvoeren van het gezamenlijke Verbeterprogramma betaalbare en beschikbare jeugdhulp, het doen van rechtmatigheidsonderzoeken en het sturen op de ontwikkelopdracht die aan aanbieders is gegeven naar aanleiding van de herijking van de tarieven 2026. Verbeterprogramma betaalbare en beschikbare jeugdhulp Net als in de rest van het land wordt in de regio Zuid-Holland Zuid een groot beroep gedaan op jeugdhulp.

Hierdoor staan de betaalbaarheid en de beschikbaarheid van de hulp onder druk. In 2027 werken gemeenten, SOJ en andere samenwerkingspartners verder aan de uitvoering van het regionale Verbeterprogramma, waarbij het uitgangspunt is dat jeugdhulp toegankelijk blijft voor jeugdigen en gezinnen die deze ondersteuning echt nodig hebben. Voor SOJ ligt de focus in 2027 op de onderdelen van het programma waarvoor wij rechtstreeks verantwoordelijk zijn. De geraamde besparingen hiervan zijn verwerkt in de begroting. Dat betekent dat wij het voortouw nemen in de voorbereiding van de regionale inkoop van jeugdhulp per 2028, waarin we samen met gemeenten de inhoudelijke en financiële kaders vormgeven.

Daarnaast werkt SOJ met de zorgaanbieders aan de transformatie van het hoogspecialistische segment en geven we uitvoering aan de eerder afgesproken besparingsmaatregelen binnen het contractmanagement, die bedoeld zijn om de doelmatigheid te vergroten en het gebruik Lasten Baten Saldo Lasten Baten Saldo Lasten Baten Saldo Leerplicht 2.446 1.679 -768 1.814 1.814 0 1.749 1.749 0 Doorstroompunt 1.672 1.663 -9 1.467 1.467 0 1.518 1.518 0 Saldo baten en lasten 4.118 3.342 -777 3.282 3.282 0 3.267 3.267 0 Mutaties reserves 0 0 0 0 0 0 0 0 0 Geraamd resultaat 4.118 3.342 -777 3.282 3.282 0 3.267 3.267 0 Begroting 2026 Begroting 2027P3 Leerplicht en Voortijdig Schoolverlaten Jaarrekening 2025 Dienst Gezondheid & Jeugd | Soort product (rapport etc.)| 23 van jeugdhulp beter te begrenzen. Ook ondersteunt SOJ gemeenten bij de toepassing van de aangescherpte Verordening Jeugdhulp en bij het versterken van de samenwerking bij de uitvoering van de Jeugdwet, Wmo en Wlz, onder andere in de overgang 18-/18+. Verder zorgen wij in 2027 voor de implementatie van de aangescherpte dienstomschrijvingen binnen de lopende contracten. Door deze activiteiten uit te voeren en steeds in nauwe samenwerking met gemeenten en partners op te trekken, draagt SOJ in 2027 concreet bij aan de regionale beweging om de jeugdhulp beschikbaar en betaalbaar te houden.

De effecten van de maatregelen uit het Verbeterprogramma zullen de komende jaren zichtbaar moeten worden. Rechtmatigheidsproject Het doel van dit project is om de rechtmatigheid en doelmatigheid van de zorguitgaven te vergroten, risico’s beter te beheersen en gemeenten meer inzicht te geven in de kwaliteit en juistheid van de ingekochte zorg. Onrechtmatig gedeclareerde zorg wordt teruggevorderd. Het project is gestart in 2025 en loopt in ieder geval door in 2026. Voor 2027 geldt dat de voortzetting en mogelijke doorontwikkeling naar een structurele werkwijze afhankelijk zijn van de resultaten en ervaringen in 2026 én van de benodigde capaciteit. Indien het project effectief blijkt, kan het in 2027 worden voortgezet of geïntegreerd worden in de reguliere werkwijze van SOJ. Indien nodig wordt een voorstel voor extra capaciteit voorgelegd aan het bestuur. Herijking tarieven 2026 en ontwikkelopdracht Het algemeen bestuur heeft op 18 december 2025 besloten om de jeugdhulptarieven voor 2026, voortkomend uit het verplichte kostprijsonderzoek, vast te stellen. Dit leidt naar verwachting tot een lastenverhoging voor de gemeenten van € 6,4 miljoen, na aftrek van een aantal door de SOJ reeds getroffen besparingsmaatregelen van € 1,2 miljoen.

Om de financiële impact beheersbaar te houden, heeft het algemeen bestuur aan het besluit een taakstellende ontwikkelopdracht voor jeugdhulpaanbieders gekoppeld. Deze ontwikkelopdracht richt zich op het verbeteren van de doelmatigheid en het verlagen van kosten bij jeugdhulpaanbieders en beoogt een structurele besparing van € 3,2 miljoen. Belangrijke doelen zijn onder meer verlaging van ziekteverzuim en PNIL (personeel niet in loondienst). Mogelijk worden hier nog doelen aan toegevoegd. De ontwikkelopdracht gaat medio 2026 in en loopt door tot en met april 2028. In deze periode werken aanbieders onder aansturing van SOJ samen aan de realisatie van de doelen. Nieuwe Wet verbeterde beschikbaarheid jeugdhulp Per 1 januari 2026 is de Wet verbeterde beschikbaarheid jeugdhulp in werking getreden. Onder andere vanwege onvoldoende aansluiting tussen vraag en aanbod (geen dekkend zorglandschap) en hoge uitvoeringslasten voor aanbieders die werken in meerdere gemeenten/regio’s. De wet bestaat kortgezegd uit drie onderdelen 1) Regionale samenwerking tussen gemeenten; 2) Versterken bestuursstructuur en financiële bedrijfsvoering en 3) Inzicht- en toezichtstaken voor de NZa op het gebied van de Jeugdwet. Deze wet zal ook de nodige impact hebben op SOJ in 2027 en daarna.

Indicatoren Prestatie-Indicator | Begroting 2027 4 ontwikkeltafels en 3 bestuurlijke tafels met | 100% jeugdhulpaanbieders per jaar Tenminste 3 individuele gesprekken met strategische | 100% partners per jaar Onderstaande tabel bevat de vanuit het BBV voorgeschreven beleidsindicatoren die betrekking hebben op Serviceorganisatie Jeugd. De gepresenteerde waarden zijn gemiddelde waarden voor de tien gemeenten in Zuid-Holland Zuid. Nr.TaakveldNaam indicatorEenheidBronBegroting 2026Begroting 2027 29 6. Sociaal | Jongeren met | % van alle jongeren domein | jeugdhulp | tot 18 jaar | CBS 11,7% 11,6% 30 6. Sociaal | Jongeren met | % van alle jongeren domein | jeugdbescherming | tot 18 jaar | CBS 1,2% 1,1% 31 6. Sociaal | Jongeren met | % van alle jongeren domein | jeugdreclassering | van 12 tot 23 jaar | CBS 0,2% 0,3% Wat gaat het kosten? De financiële raming van de jeugdhulpuitgaven 2027-2030 is gebaseerd op de prognose (januari 2026) van de kosten per gemeente voor het jaar 2026. Deze verwachte uitgaven worden geïndexeerd naar het prijsniveau 2027. Geen groei en nog geen besparingen verwerkt In de vorige begrotingen en meerjarenperspectieven is ervoor gekozen om in aanvulling op de prognose van de kosten geen generieke besparingen en geen groei te verwerken. Deze gedragslijn wordt in deze begroting en meerjarenperspectief voortgezet.

Dit betekent dat we uitgaan van de actuele prognose van jeugdigen in zorg. Daarbij wordt opgemerkt dat de kostenontwikkeling per gemeente sterk verschilt en fluctueert. Dit wordt mede veroorzaakt door toe- of afname van (soms enkele) jeugdigen die intensieve verblijfszorg toegekend hebben gekregen. Deze toe- en afnames zijn niet te voorspellen. Net als vorig jaar geven gemeenten in hun zienswijzen een geactualiseerde opgave van de te verwerken besparingen uit het verbeterprogramma jeugdhulp. In aanvulling hierop kunnen gemeenten ook gemotiveerd overige besparingen of groei opgeven, wanneer de actuele lokale situatie en (overige) lokale plannen daar aanleiding tot geven. De besparingen vanuit SOJ-contractmanagement zijn wel al verwerkt. De prognose voor 2027 is hoger dan de prognose bij het vorige meerjarenperspectief en begroting 2026. Dit wordt verderop toegelicht. Daarnaast is er een aantal risico's dat tot hogere kosten kan leiden. Zie hiervoor de risicoparagraaf. Informatievoorziening, monitoring en rapportage De ontwikkeling van de inzet van jeugdhulp is door gemeenten uitgebreid te raadplegen in het gemeentedashboard. Het gemeentedashboard is op een aantal punten wederom behoorlijk uitgebreid qua functionaliteit. Gemeenten worden nauw betrokken bij de verdere doorontwikkeling.

Maandelijks worden data-bijeenkomsten georganiseerd om de Dienst Gezondheid & Jeugd | Soort product (rapport etc.)| | 24 ontwikkelingen te bespreken. Op verzoek worden verdiepende analysesessies georganiseerd op gemeenteniveau. Tevens ontvangen gemeenten maandrapportages met een actuele prognose en een rolling forecast. Indexatie De tarieven voor jeugdhulp moeten wettelijk toereikend geïndexeerd worden. De VNG adviseert gemeenten hierin volgens een vastgestelde methodiek. Deze advisering wordt gevolgd en is contractueel vastgelegd. Voor 2026 is dit als uitgangspunt genomen (5,13%). Voor 2027 is nog geen indexcijfer beschikbaar. Bij de indexatie in de primaire begroting wordt de indexatie uit de kadernota gehanteerd. Dit is 5,7% voor de looncomponent (weging 90%) en 2,2% voor de overige kosten (weging 10%). Naar aanleiding van de behandeling in het DB is echter besloten om voor de looncomponenten van de uitvoeringskosten SOJ uit te gaan van een lagere CEP-indexatie van 4,2%. Met handhaving van de weging van 90% voor lonen en 10% voor overige kosten resulteert dit in een indexatie voor 2027 van 4,00%.

Begroting 2027 (bedragen x € 1.000) P4 Serviceorganisatie | Jaarrekening 2025 | Begroting 2026 Begroting 2027 Jeugd | LastenBatenSaldoLastenBatenSaldoLastenBatenSaldo Producten 154.160154.1600159.560159.5600171.775171.7750 Saldo baten en lasten154.160154.1600159.560159.5600171.775171.7750 Mutaties reserves 000000000 Geraamd resultaat154.160154.1600159.560159.5600171.775171.7750 Bovenstaande is exclusief overhead. Totale lasten inclusief overhead bedragen € 176.066.884 voor 2027. Hieronder is de mutatie van de gemeentelijke bijdragen ten opzichte van de begroting 2026 opgenomen. (bedragen x € 1.000) Gemeentelijke bijdragen begroting 2026 | 164.958 Eliminatie besparingen B2026 zienswijzen, opnieuw op te geven 908 | 0,6% Eliminatie besparingen B2026 verbeterprogramma jeugdhulp opnieuw op te geven 2.293 | 1,4% Lagere vrijval oude jaren en renteopbrengsten t.o.v. primaire begroting 2026 126 | 0,1% Subtotaal na correctie zienswijzen en vrijval oude jaren 168.285 Correctie indexatie 2026 | 3.008 | 1,85% Subtotaal na correctie indexatie | 171.294 Indexatie 2027 | 8.700 | 5,35% Correctie indexatie looncomponenten uitvoeringskosten SOJ naar 4,2% -65 | -0,04% Subtotaal na correctie indexatie 2027 179.928 Correctie n.a.v.

kostprijsonderzoek | 5.356 | 3,2% SOJ-contractmanagement besparingsmaatregelen verbeterprogramma jeugdhulp -596 | -0,5% Besparingsmaatregelen verbeterprogramma jeugdhulp na zienswijze -1.266 | -0,7% Nog te realiseren besparingen opgenomen door gemeenten -2.650 | -0,9% Subtotaal na correctie kostprijsonderzoek 180.772 Mutatie jeugdhulpgebruik | -4.988 | -3,02% Gemeentelijke bijdragen concept begroting 2027 | 175.784 7,27% Dienst Gezondheid & Jeugd | Soort product (rapport etc.)| | 25 Dienst Gezondheid & Jeugd | Soort product (rapport etc.)| 26 Toelichting mutaties: Eliminatie besparingen gemeenten vorige primaire begroting Bij het opstellen van elke nieuwe begrotingscyclus worden de eerder overgenomen besparingen vanuit gemeenten opnieuw beoordeeld door gemeenten en opgevoerd in de zienswijzen. Daarom zijn ze hier geëlimineerd (€ 3,2 miljoen). Lagere vrijval oude jaren en rentebaten De vrijval oude jaren en rentebaten vallen in 2027 lager uit dan in de begroting 2026. Hierdoor daalt het totaal met € 126.000 ten opzichte van 2026. Correctie indexatie 2026 In het laatste meerjarenperspectief is voor de indexatie 2026 uitgegaan van een percentage van 3,28%. Op basis van de inmiddels beschikbare definitieve cijfers blijkt de werkelijke indexatie 5,13% te bedragen. Het verschil tussen het uitgangspunt en de gerealiseerde indexatie leidt tot een correctie van 1,85%.

Deze aanvullende indexatie resulteert in een verhoging van de gemeentelijke bijdrage met € 3,0 miljoen. Indexatie 2027 Voor het begrotingsjaar 2027 is een indexatie van 5,35% gehanteerd. Dit percentage is gelijk aan de indexatie 2027 zoals opgenomen in de kadernota en sluit daarmee aan bij de door het bestuur vastgestelde financiële uitgangspunten. De toepassing van deze indexatie leidt tot een verhoging van de gemeentelijke bijdrage met € 8,7 miljoen ten opzichte van het laatste meerjarenperspectief. Correctie indexatie looncomponent uitvoeringskosten SOJ Naar aanleiding van de behandeling in het DB is voor de looncomponenten van de uitvoeringskosten SOJ gekozen voor de lagere CEP-indexatie van 4,2%, in plaats van de eerder gehanteerde indexatie uit de kadernota. Met handhaving van de weging van 90% voor lonen en 10% voor overige kosten leidt dit tot een neerwaartse correctie van de gemeentelijke bijdrage voor 2027 met circa € 0,1 miljoen. Nog te realiseren besparingen opgenomen door gemeenten Drie gemeenten hebben gebruik gemaakt van de mogelijkheid om via zienswijzen gemotiveerd af te wijken van de begroting voor totaal -€ 2,65 miljoen. Realisatie besparingsmaatregelen verbeterprogramma jeugdhulp In de begroting 2027 zijn de besparingsmaatregelen uit het verbeterprogramma jeugdhulp voor de onderdelen contractmanagement (maatregelen 81, 131 en 132) verwerkt.

Deze maatregelen zijn herijkt op basis van de actuele gegevens en opnieuw doorgerekend op basis van de forecast januari 2026, waarna zij zijn geïndexeerd naar prijspeil 2027. De herijking leidt tot een structurele bijstelling van de verwachte besparingen. Twee gemeenten hebben ervoor gekozen deze besparingsmaatregelen in zienswijze niet over te nemen. De totale besparing die hieruit voortvloeit bedraagt € 596.264. Daarnaast is er één gemeente die middels zienswijze additionele besparingen vanuit het verbeterprogramma heeft overgenomen voor totaal € 1,3 miljoen. Conform de gebruikelijke systematiek is deze verwerkt via de circulaire verdeelsleutel tussen de gemeenten en toegedeeld aan ambulante regionale jeugdhulp. Dienst Gezondheid & Jeugd | Soort product (rapport etc.)| 27 Correctie tarieven naar aanleiding kostprijsonderzoek De tarieven zijn bij de contractverlenging herijkt op basis van het wettelijk verplichte kostprijsonderzoek, omdat de bestaande tarieven niet langer toereikend waren voor de actuele kostenstructuur bij aanbieders. De lastenstijging die hieruit volgt (restant na eerder verwerkte besparingen), is meegenomen in deze begroting. Voor de onderbouwing, effecten en de samenhang met de ontwikkelopdracht verwijzen we naar de paragraaf ‘Herijking tarieven 2026 en ontwikkelopdracht’.

Per saldo groei jeugdhulpgebruik Per saldo resteert een daling van het jeugdhulpgebruik van € 5,0 miljoen (-3,02%) ten opzichte van de begroting 2026. De daling doet zich voor bij zowel ambulante jeugdhulp als jeugdhulp met verblijf. Ook ten opzichte van de kadernota 2027 en de prognose bij de tweede bestuursrapportage 2025 is sprake van een daling van het jeugdhulpgebruik. Begroting, meerjarenperspectief bijdrage specificatie per gemeente 2027 - 2030 De opbouw van de begroting en voorlopige bijdragen per gemeente naar jeugdhulpcategorie en taakvelden (ten behoeve van gemeentebegrotingen), zijn in onderstaande tabellen opgenomen. De bijdragen hebben een voorlopig karakter. Gebleken is dat de werkelijke kosten per gemeente sterk kunnen fluctueren. Er wordt een aantal risico's gelopen welke niet verwerkt zijn in de begroting. Deze zijn beschreven in de risicoparagraaf. Gemeenten worden geadviseerd hier rekening mee te houden. Begroting 2027 Toelichting splitsing uitvoeringskosten SOJ in primaire proces en overhead In de begroting 2027 wordt voor het eerst een onderscheid aangebracht tussen uitvoeringskosten van de SOJ die behoren tot het primaire proces en kosten die als overhead worden aangemerkt. Deze aanpassing volgt de verplichte BBV ‑richtlijnen en sluit beter aan bij de aard van de werkzaamheden, waardoor de transparantie in de kostentoerekening toeneemt.

Aanleiding voor deze wijziging is het inzicht dat een deel van de uitvoeringskosten die tot nu toe als overhead werden verantwoord, feitelijk direct samenhangt met het primaire proces van jeugdhulpverlening. Het betreft functies en activiteiten die rechtstreeks bijdragen aan de uitvoering van de jeugdhulptaken. De totale uitvoeringskosten SOJ bedragen in de begroting € 5,9 miljoen. Deze zijn als volgt gesplitst:  € 4,3 miljoen wordt aangemerkt als overhead en verantwoord op taakveld 0.4 Overhead;  € 1,6 miljoen wordt toegerekend aan het primaire proces en verantwoord op de regionale taakvelden: o 6.752 Jeugdhulp ambulant regionaal; o 6.762 Jeugdhulp met verblijf regionaal. De toerekening van de uitvoeringskosten aan het primaire proces vindt plaats naar rato van de regionale zorgkosten van deze taakvelden. Hierdoor worden de kosten evenwichtig verdeeld over ambulante jeugdhulp en jeugdhulp met verblijf en sluiten zij aan bij het feitelijk gebruik. In de hiernavolgende tabellen is deze wijziging verwerkt en wordt inzichtelijk gemaakt hoe de uitvoeringskosten SOJ per gemeente zijn verdeeld over de genoemde taakvelden. De opgenomen bedragen zijn daarmee consistent met de nieuwe systematiek die vanaf de begroting 2027 wordt gehanteerd. De veranderde toerekening heeft geen invloed op de hoogte van de totale bijdrage per gemeente.

De bijdrage per gemeente blijft gebaseerd op de circulaire verdeling. Taakveld (ZHZ) | 0.4 Overhead 6.752 SOJ - 6.762 SOJ - | Totaal SOJ | Primair | Primair proces - | proces - ambulant | verblijf Alblasserdam 196.431 | 45.840 | 26.813 | 269.083 Dordrecht 1.283.101 | 299.428 | 175.144 | 1.757.673 Gorinchem 409.391 | 95.536 | 55.882 | 560.809 Hardinxveld-Giessendam167.624 | 39.117 | 22.881 | 229.621 Hendrik-Ido-Ambacht 223.716 | 52.207 | 30.537 | 306.461 Hoeksche Waard 677.052 | 157.999 | 92.418 | 927.469 Molenlanden 338.475 | 78.987 | 46.202 | 463.664 Papendrecht 273.029 | 63.715 | 37.269 | 374.012 Sliedrecht 251.783 | 58.757 | 34.369 | 344.909 Zwijndrecht 471.479 | 110.026 | 64.357 | 645.862 Totaal 4.292.081 | 1.001.611 | 585.871 | 5.879.563 Gemeentelijke bijdragen begroting 2027 (bedragen x € 1.000) GemeenteRegionale | Taak- | LTA FMPGB FMSOJVrijval | Rente | TotaalPrognose Prognose zorgmarkt gericht en | oude jareninkomsten | 2027 | 2025 2e forecast sub-sidies | Kadernotaburap model (FM) Alblasserdam 8.249 | 149 | 309 | 245 | 196 | -5 | -13 | 9.131 | 9.265 | 8.009 Dordrecht 48.375 | 976 | 1.852 | 2.593 | 1.283 | -226 | -84 | 54.768 | 60.785 | 52.910 Gorinchem 12.267 | 311 | 1.235 | 229 | 409 | -23 | -27 | 14.401 | 14.613 | 12.577 Hardinxveld-Giessendam4.811 | 127 | 280 | 295 | 168 | -37 | -11 | 5.632 | 6.047 | 5.343 Hendrik-Ido-Ambacht9.295 | 170 | 331 | 250 | 224 | -58 |

-15 | 10.198 | 10.739 | 9.549 Hoeksche Waard 22.824 | 515 | 1.614 | 674 | 677 | -172 | -45 | 26.087 | 26.688 | 23.635 Molenlanden 10.164 | 257 | 323 | 816 | 338 | -35 | -22 | 11.841 | 11.088 | 9.458 Papendrecht 11.804 | 208 | 702 | 166 | 273 | -77 | -18 | 13.059 | 14.180 | 12.071 Sliedrecht 8.182 | 191 | 226 | 164 | 252 | -40 | -17 | 8.959 | 9.239 | 7.896 Zwijndrecht 19.352 | 358 | 503 | 1.108 | 471 | -52 | -31 | 21.709 | 22.919 | 20.510 Totaal 155.323 | 3.263 | 7.375 | 6.540 | 4.292 -726 | -283 | 175.784 185.563 161.957 Specificatie Regionale Zorgmarkt (bedragen x € 1.000) Zorgcategorie Begroting | Aantal 2027 | jeugdigen Ambulante jeugdhulp Behandeling, begeleidng, diagnostiek 30.505 | 2.818 Jeugd GGZ 30.021 | 3.296 Dagbesteding en dagbehandeling 16.477 | 610 Basis GGZ 2.231 | 1.097 ED (dyslexie) 3.458 | 833 Ambulant overig 3.590 | 1.528 Subtotaal ambulante jeugdhulp 86.281 | 7.641 Jeugdhulp met verblijf Verblijf met behandeling 16.143 | 94 Pleegzorg 7.152 | 401 Gesloten jeugdhulp 1.006 | 5 Gezinshuizen 8.363 | 101 Verblijf SGGZ HIC (high intensive care) 1.497 | 10 Wonen met begeleiding 16.600 | 123 Logeren 2.132 | 97 Subtotaal jeugdhulp met verblijf 52.893 | 810 Jeugdbescherming en jeugdreclassering11.586 | 766 Jeugdhulp taxivervoer 2.976 | 391 SOJ uitvoeringskosten primaire proces 1.587 Totaal 155.323 | 8.183 Dienst Gezondheid & Jeugd | Soort product (rapport etc.)| | 28

Taakvelden (bedragen x € 1) IV3 taakveldAlblasserdamDordrechtGorinchemHardinxveld-Hendrik-Ido-Hoeksche MolenlandenPapendrechtSliedrechtZwijndrechtEindtotaal GiessendamAmbachtWaard 6.752 Jeugdhulp ambulant regionaal4.640.302 | 26.155.581 | 7.421.002 | 3.018.051 | 5.693.494 | 15.426.979 | 6.172.436 | 5.734.988 | 5.312.463 | 10.455.343 | 90.030.640 6.753 Jeugdhulp ambulant landelijk309.235 | 1.851.548 | 1.234.653 | 280.314 | 331.376 | 1.613.892 | 322.801 | 702.426 | 226.278 | 502.535 | 7.375.058 6.762 Jeugdhulp met verblijf regionaal3.105.954 | 19.267.466 | 4.146.146 | 1.561.564 | 3.096.383 | 5.783.417 | 3.471.676 | 5.187.724 | 2.484.724 | 7.274.554 | 55.379.607 6.792 PGB Jeugd 245.334 | 2.592.541 | 228.722 | 294.631 | 250.166 | 673.865 | 816.495 | 166.282 | 163.660 | 1.108.394 | 6.540.091 6.821 Jeugdbescherming 550.114 | 3.090.870 | 883.158 | 307.378 | 479.347 | 1.559.941 | 671.693 | 838.080 | 480.912 | 1.585.059 | 10.446.552 6.822 Jeugdreclassering 96.909 | 611.221 | 104.754 | 13.844 | 137.744 | 395.931 | 70.002 | 173.980 | 55.376 | 343.094 | 2.002.856 0.5 Rente -12.929 | -84.452 | -26.946 | -11.033 | -14.725 | -44.563 | -22.278 | -17.970 | -16.572 | -31.032 | -282.500 0.4 Overhead 196.431 | 1.283.101 | 409.391 | 167.624 | 223.716 | 677.052 | 338.475 | 273.029 | 251.783 | 471.479 | 4.292.081 Totaal 9.131.351 | 54.767.875 | 14.400.881 5.632.372 | 10.197.502 26.086.514 11.841.299

13.058.539 8.958.625 | 21.709.426 175.784.384 Meerjarenraming 2028-2030 In onderstaande tabellen zijn de besparingen verwerkt van de ontwikkelopdracht voor aanbieders als gevolg van de herijking van de tarieven 2026 voor de jaren 2028 tot en met 2030. Aan het realiseren van de besparingen zijn risico’s verbonden. 2028: (bedragen x € 1.000) GemeenteRegionale | Taak- | LTA FMPGB FMSOJVrijval | Rente | Totaal zorgmarkt | gericht en | oude | inkoms forecast | sub-sidies | jaren | ten model (FM) Alblasserdam 8.151 | 149 | 309 | 245 | 196 | -5 | -13 | 9.033 Dordrecht 47.732 | 976 | 1.852 | 2.593 | 1.283 | -226 | -84 | 54.124 Gorinchem 12.135 | 311 | 1.235 | 229 | 409 | -23 | -27 | 14.269 Hardinxveld-Giessendam4.743 | 127 | 280 | 295 | 168 | -37 | -11 | 5.565 Hendrik-Ido-Ambacht 9.176 | 170 | 331 | 250 | 224 | -58 | -15 | 10.078 Hoeksche Waard 22.585 | 515 | 1.614 | 674 | 677 | -172 | -45 | 25.848 Molenlanden 10.056 | 257 | 323 | 816 | 338 | -35 | -22 | 11.734 Papendrecht 11.641 | 208 | 702 | 166 | 273 | -77 | -18 | 12.896 Sliedrecht 8.062 | 191 | 226 | 164 | 252 | -40 | -17 | 8.838 Zwijndrecht 18.982 | 358 | 503 | 1.108 | 471 | -52 | -31 | 21.340 Totaal 153.264 | 3.263 | 7.375 | 6.540 | 4.292 | -726 | -283 | 173.725 2029-2030: (bedragen x € 1.000) GemeenteRegionale | Taak- | LTA FMPGB FMSOJVrijval | Rente | Totaal zorgmarkt | gericht en | oude | inkoms forecast | sub-sidies | jaren

| ten model (FM) Alblasserdam 8.138 | 149 | 309 | 245 | 196 | -5 | -13 | 9.021 Dordrecht 47.644 | 976 | 1.852 | 2.593 | 1.283 | -226 | -84 | 54.037 Gorinchem 12.116 | 311 | 1.235 | 229 | 409 | -23 | -27 | 14.250 Hardinxveld-Giessendam4.733 | 127 | 280 | 295 | 168 | -37 | -11 | 5.555 Hendrik-Ido-Ambacht 9.159 | 170 | 331 | 250 | 224 | -58 | -15 | 10.062 Hoeksche Waard 22.553 | 515 | 1.614 | 674 | 677 | -172 | -45 | 25.815 Molenlanden 10.041 | 257 | 323 | 816 | 338 | -35 | -22 | 11.719 Papendrecht 11.619 | 208 | 702 | 166 | 273 | -77 | -18 | 12.873 Sliedrecht 8.045 | 191 | 226 | 164 | 252 | -40 | -17 | 8.822 Zwijndrecht 18.947 | 358 | 503 | 1.108 | 471 | -52 | -31 | 21.305 Totaal 152.996 | 3.263 | 7.375 | 6.540 | 4.292 | -726 | -283 | 173.457 Dienst Gezondheid & Jeugd | Soort product (rapport etc.)| | 29 Dienst Gezondheid & Jeugd | Soort product (rapport etc.)| 30 2.5 Programma 5: Algemene dekkingsmiddelen Vpb heffing en onvoorzien In de begroting dienen deze twee posten te worden gepresenteerd. De verwachting is echter dat GR DG&J geen lasten of baten zal hebben die behoren de onderdelen Vbp heffing en onvoorzien. Treasury De verwachting is dat de DG&J over liquide zal zijn als gevolg van de wijze waarop de SOJ is gefinancierd. De middelen van uit de gemeenten worden eerder ontvangen dan de betalingen aan zorgaanbieders.

Voor het jaar 2027 wordt een positief renteresultaat verwacht van circa € 283.000. Overhead en overige algemene dekkingsmiddelen De overhead bevat alle lasten die ter ondersteuning van het primaire proces worden gemaakt. Gedacht moet worden aan salarislasten van leidinggevenden (ongeacht of zij deels werkzaam zijn voor een taakveld), medewerkers financiën, huisvesting en Bedrijfsvoering Drechtsteden (voorheen SGD/SCD). De algemene baten en lasten betreffen baten die worden ontvangen ter dekking van de overhead. Wat gaat het kosten? (bedragen x € 1.000) Toelichting: Vpb heffing en onvoorzien In de begroting dienen deze twee posten te worden gepresenteerd. De verwachting is echter dat GR DG&J geen lasten of baten zal hebben die behoren de onderdelen Vbp heffing en onvoorzien. Treasury De verwachting is dat de DG&J over liquide zal zijn als gevolg van de wijze waarop de SOJ is gefinancierd. De ontvangen middelen van uit de gemeenten bedragen per saldo op maandbasis meer dan de middelen die zijn uitgezet bij de zorgaanbieders. Per saldo is er geen resultaat, dit doordat de zorgaanbieders in de loop van het jaar daarop de eind declaratie indienen, danwel dat een positief resultaat als gevolg van resultaatbestemming terug vloeit naar de gemeenten. Voor het jaar 2026 wordt een positief renteresultaat verwacht van circa € 283.000.

Lasten Baten Saldo Lasten Baten Saldo Lasten Baten Saldo VPB heffing 0 0 0 0 0 0 0 0 0 Onvoorzien 0 0 0 0 0 0 0 0 0 Treasury 415 953 538 0 283 283 0 283 283 Overhead DGJ 8.521 8.622 102 8.118 0 -8.118 9.580 0 -9.580 Overhead SOJ 4.400 3.975 -425 5.680 0 -5.680 4.292 0 -4.292 Algemene dekkingsmiddelen DGJ 126 -748 -873 0 8.118 8.118 0 9.273 9.273 Algemene dekkingsmiddelen SOJ 0 0 0 0 5.397 5.397 0 4.009 4.009 Saldo baten en lasten 13.461 12.802 -658 13.798 13.798 0 13.872 13.565 -308 Mutaties reserves 0 1.943 1.943 0 0 0 0 308 308 Geraamd resultaat 13.461 14.745 1.285 13.798 13.798 0 13.872 13.872 0 Begroting 2026 Begroting 2027P5 Algemene dekkingsmiddelen Jaarrekening 2025 Dienst Gezondheid & Jeugd | Soort product (rapport etc.)| 31 Overhead en overige algemene dekkingsmiddelen In 2026 zijn de uitgangspunten rondom de splitsing naar primair proces (de programma's 1 tot en met 4) en de overhead herzien. Aanleiding hiertoe waren wijzigingen die binnen de BBV omtrent overhead zijn doorgevoerd. Dit heeft geresulteerd in een tweetal verschuivingen, te weten: 1. De uitvoeringslasten SOJ waren volledig opgenomen onder de overhead. Echter hangt een deel van de lasten direct samen met de uitvoering van jeugdhulp. Hierbij gaat het om totaal € 1,6 miljoen. Deze lasten zijn nu opgenomen onder het primair proces, te weten: a. 6.752 Jeugdhulp ambulant regionaal; b.

6.762 Jeugdhulp met verblijf regionaal. 2. Als gevolg hiervan zijn de huisvestingslasten voor de locatie Johan de Wittstraat toegevoegd aan de overhead. Deze waren voorheen begroot bij OGGZ (€ 57.000) en Veilig Thuis (€ 335.000). Mutatie reserves De mutatie reserves betreft onttrekkingen uit de bestemmingsreserves Vitaliteit (€ 112.000), Tijdelijke uitbreiding HR (€ 116.000) en Herinrichting Karel Lotsyweg en Johan de Wittstraat (€ 80.000 afschrijving). Dienst Gezondheid & Jeugd | Soort product (rapport etc.)| 32 3 Verplichte Paragrafen 3.1 Risico en weerstandsvermogen Kaders In de vergadering van het Algemeen Bestuur van 22 december 2022 is de nota risicomanagement en weerstandvermogen vastgesteld. Hierin is vastgelegd hoe risico's binnen de Dienst Gezondheid en Jeugd worden geïnventariseerd, gekwalificeerd beheerst en waar nodig gekwantificeerd. De paragraaf wordt steeds geactualiseerd bij elk volgend P&C document, zo ook nu ook met de begroting 2027 en jaarrekening 2025. Risicobeheersing Voor het bepalen van een gewenst weerstandsvermogen is inzicht nodig in de omvang en in de achtergronden van de risico’s en de risicobeheersing.

De actuele en relevante inzichten omtrent de risicobeheersing zijn als volgt omschreven: - Risicobeheersing jeugdhulp SOJ - Risicobeheersing GGD, VT, LVS, apparaatskosten SOJ en bedrijfsvoering GR Risicobeheersing jeugdhulp SOJ Weerstandsvermogen Voor jeugdhulp is er geen weerstandsvermogen/algemene reserves. Zoals opgenomen in de bijdrageverordening komen tegenvallers en meevallers ten opzichte van de begroting, ten laste respectievelijk ten gunste van de deelnemende gemeenten. Risico's gerelateerd aan jeugdhulpgebruik Deze financiële risico's richten zich vooral op de ontwikkeling van de kosten van jeugdhulp in relatie tot de begroting en de daling van de rijksbijdragen voor jeugdhulp. In 2025 laat het gebruik van jeugdhulp een kleine daling zien. De ontwikkeling van de kosten voor jeugdhulp fluctueert en verschilt per gemeente. In de Hervormingsagenda zijn een aantal programmalijnen opgenomen die moeten leiden tot een forse afname van de kosten. In lijn hiermee worden de rijksbijdragen afgebouwd. Als het niet lukt de kosten te laten dalen, ontstaat er een tekort tussen rijksbijdragen en kosten jeugdhulp. Gemeenten en Serviceorganisatie nemen de uitvoering van de maatregelen gezamenlijk ter hand. Hiertoe is het Verbeterprogramma inkoop jeugdhulp opgesteld. De uitwerking en implementatie van de maatregelen is onderhanden.

Risico vanwege hogere inflatie en indexatie Onzekerheden in de ontwikkeling van de inflatie kunnen de indexatie van tarieven doen oplopen. Voor 2026 zijn de tarieven met 5,13% geïndexeerd. Dit is 1,85% hoger dan waarmee in de begroting rekening is gehouden. Bij het opstellen van de kadernota en begroting is het OVA percentage nog niet bekend en worden indexcijfers uit de septembercirculaire gebruikt. Dit heeft voor 2026 een forse stijging opgeleverd van de lasten ten opzichte van de begroting van circa € 3,0 mln. De tarieven worden geïndexeerd volgens de landelijk overeengekomen OVA-methodiek. Hiermee wordt ook het gemeentefonds voor het onderdeel jeugdhulp geïndexeerd. Gemeenten ontvangen dus middelen voor de indexatie van de tarieven jeugdhulp. De inhaalindexatie is verwerkt in de begroting 2027, maar niet in de begroting 2026. Dienst Gezondheid & Jeugd | Soort product (rapport etc.)| 33 Risico behalen beoogd resultaat ontwikkelopdracht zorgaanbieders SOJ Voor SOJ is een kostprijsonderzoek uitgevoerd naar de toereikendheid van de tarieven voor jeugdhulpaanbieders. De uitkomsten hiervan met een impact van € 6,4 mln. zijn verwerkt in de tarieven voor 2026 en in de begroting 2027, maar niet in de begroting 2026. Aanbieders krijgen een ontwikkelopdracht om het ziekteverzuim en de inzet van inhuur te reduceren. Het beoogd resultaat hiervan is € 2,6 mln.

In de begroting 2027 en meerjarenperspectief zijn de beoogde resultaten van de ontwikkelopdracht verwerkt. Het risico bestaat dat de resultaten gedeeltelijk niet gehaald worden. De maximale impact van dit risico is € 2,6 mln. in 2029. Met terugwerkende kracht declareren van PGB-budgetten Van de verstrekte PGB-budgetten wordt circa 65% daadwerkelijk besteed. In de huidige gemeentelijke verordeningen en beleidsregels zijn geen beperkingen opgelegd aan het met terugwerkende kracht over oude jaren indienen van declaraties. Wel geldt de algemene wettelijke regel dat dit na 5 jaar niet meer kan. Over de jaren 2020 tot en met 2024 zou nog een bedrag van € 16,1 mln. gedeclareerd kunnen worden. De ervaring leert dat hier zeer beperkt gebruik van wordt gemaakt. Continuïteitsproblemen van aanbieders die gesloten jeugdhulp leveren (JeugdzorgPlus) Er zijn in de provincie Zuid-Holland twee aanbieders die gesloten jeugdhulp leveren. Deze zijn financieel in de problemen gekomen als gevolg het ingezette beleid het gebruik van gesloten jeugdhulp af te bouwen en vanwege overige bedrijfsvoeringsproblemen. Beide aanbieders hebben continuïteitsplannen opgeleverd. Hieraan is een behoorlijk kostenplaatje van circa € 23 mln. gekoppeld.

Tegelijkertijd worden door de accounthoudende regio's afdoende SPUK-middelen van het Rijk ontvangen van waaruit de uitvoering van de continuïteitsplannen bekostigd kunnen worden. De accounthoudende regio's nemen de afwikkeling hiervan verder ter hand. Naar verwachting zijn er geen verdere bijdragen vanuit onze regio nodig. Zeker is dit echter nog niet. Financiële problematiek Jeugdbescherming West Het aantal jeugdbeschermingsmaatregelen in het verzorgingsgebied van Jeugdbescherming West is sterk afgenomen en neemt mogelijk nog verder af. Als gevolg hiervan staat de exploitatie sterk onder druk en moeten de regio's mogelijk financiële ondersteuning bieden middels een instandhoudingbijdrage. Hierover is een bestuurlijk akkoord gesloten. De geschatte omvang van dit risico bedraagt maximaal € 2,6 mln. bij 10 procent krimp per jaar van het aantal maatregelen. In dat geval dalen de kosten van de uitvoering van de maatregelen ook. Dit effect is groter dan de instandhoudingsbijdrage. Rentabiliteit en beschikbaarheid kleinschalige woonvoorzieningen en gesloten jeugdhulp De rentabiliteit van kleinschalige woonvoorzieningen is kwetsbaar en het aanbod moet voldoende zijn in het kader van de voorgenomen afbouw van gesloten plaatsingen.

Er is een risico is dat aanvullende vergoedingen moeten worden verstrekt en moet worden bijgesprongen bij bestaande en toekomstige kleinschalige woonvoorzieningen. Risicomatrix In onderstaande tabel is de impact van de risico's gekwantificeerd die niet zijn meegenomen in de begroting/prognose. Omvang jeugdhulp in gemeente in €mln. 5 tot 1010 tot 1515 tot 20>40 Risico: | Opmerking:Risicomarge Risico behalen resultaten ontwikkelopdracht zorgaanbieders SOJ1,4%1,4%1,4%1,4%Tariefstijging kostprijsonderzoek en inhaalindexatie niet verwerkt in de begroting 2025 (Continuïteit) JeugdzorgPlus 0,4%0,4%0,4%0,4%Verwachting is dat SPUK toereikend is voor continuïteit Financiële problematiek Jeugdbescherming West 1,6%1,6%1,6%1,6%Maximaal cumulatief in 2029, exclusief (grotere impact) lagere kosten maatregelen Rentabiliteit en beschikbaarheid kleinschalige verblijfszorgpmpmpmpm Subtotaal | 3,4%3,4%3,4%3,4% Correctiefactor risico's doen zich niet gelijktijdig voor (50%)1,7%1,7%1,7%1,7% Risico op hogere kostenontwikkeling jeugdhulp / dure jeugdigen10%7,5%5%2,5% Totaal 11,7%9,2%6,7%4,2% Risicobeheersing GGD, VT, LVS en bedrijfsvoering GR Op basis van het model voor het rangschikken van risico's van de GR zijn in onderstaande tabel de geïnventariseerde risico’s weergegeven m.b.t. de GGD, VT, LVS en bedrijfsvoering van de GR. Ook is aangegeven of het risico incidenteel dan wel structureel is.

Deze risico's omvatten slechts dat deel van de totaal door de GR DG&J in kaart gebrachte risico's welke gekwantificeerd kunnen worden en 'resteren' na het nemen van beheersmaatregelen. Risico | Omschrijving | Kans | Omvang | Incidenteel/ | Risicobedrag structureel 1 | Batenraming | 2 | 2 | S | € 250.000 2 | Taakstellende begroting bij | 3 | 3 | S | € 750.000 en groeiend beroep op de | /of kwaliteit en dienstverlening | imago risico 3 | RVP en Uitvoering Jong JGZ | 3 | 2 | S | € 250.000 4 | Claims | 1 | 2 | S | € 150.000 5 | Loon- en prijsstijging | 1 | 2 | S | p.m. 6 | Transitie BD en | 3 | 2 | S | € 400.000 informatiebeveiliging 7 | COVID-19 | 3 | 2 | S | € 400.000 8 | Organisatieontwikkeling en | 1 | 2 | I | p.m. bedrijfsvoering 9 | Psychosociale hulpverlening aan | 1 | 2 | I/S | € 110.000 Oekraïners 10 | Terughalen taken door | 2 | 2 | S | € 200.000 gemeenten 11 | Renteontwikkeling | 2 | 2 | I | p.m. 12 | HR 21 | 3 | 2 | I/S | p.m. 13 | Gelijktrekken | 3 | 2 | S | p.m arbeidsvoorwaarden inhuur met eigen personeel - IKB 14 | Opvolging medewerkers | 3 | 1 | I?S | p.m. tevredenheidsonderzoek (MTO) 15 | Implementatie Wet open | 3 | 1 | I/S | p.m. overheid (WOO) Totaal | € 2.510.000 Hieronder volgt een toelichting op de in de tabel benoemde risico's.

Dienst Gezondheid & Jeugd | Soort product (rapport etc.)| | 34 Dienst Gezondheid & Jeugd | Soort product (rapport etc.)| 35 Batenraming De producten van de DG&J worden voor het grootste deel gefinancierd uit inwoner- en directe gemeentelijke bijdragen. Een deel van de inkomsten heeft echter een fluctuerend karakter, zoals de subsidies in het kader van Veilig Thuis en de opbrengst van de polikliniek voor onder meer reizigersvaccinaties. In de begroting zijn verder ramingen opgenomen voor onder meer OGGZ, WMO toezicht en kinderopvang waarvoor jaarlijks een traject met gemeenten wordt doorlopen over de omvang vergoeding van het takenpakket (in de vorm van offertes/DVO's). Hierdoor is er een risico dat de realisatie van deze baten afwijkt van de raming. Het risico is gehandhaafd op € 250.000. Taakstellende begroting bij een groeiend beroep op dienstverlening Het beroep op de dienstverlening bij Veilig Thuis, OOGZ en Leerplicht is sterk gestegen. DG&J heeft middels de impactanalyses aangegeven meer middelen nodig te hebben om de stijgende vraag af te handelen danwel dat het aantal meldingen naar beneden moet worden gebracht. Bij bespreking van de kadernota 2026 en de impactanalyses op 19 december 2024 heeft het AB besloten de begroting 2025 als kaderstellend voor 2026 te hanteren.

Gemeenten kunnen geen aanvullende middelen beschikbaar stellen, terwijl de aantallen sterk gegroeid zijn en een stijgende lijn laten zien. Bij de kadernota 2027 is deze lijn doorgezet door het hanteren van de nullijn plus indexatie. Het aantal meldingen is echter nog steeds hoog. Bij niet (voldoende) invullen van de benodigde randvoorwaarden en onvoldoende effect van de bijsturingsmaatregelen kan mogelijk niet op een verantwoorde manier invulling aan de werkzaamheden worden gegeven en moeten mogelijk alsnog extra kosten worden gemaakt. Het risico wordt gehandhaafd op € 750.000 op jaarbasis. RVP en Uitvoering Jong JGZ Wijzigingen in het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) leiden tot extra kosten, welke significant hoger zijn dan de vergoeding die gemeenten hiervoor ontvangen. De impact voor 2026 en 2027 wordt ingeschat op circa € 250.000 per jaar. In december 2025 heeft het AB hierover een voorgenomen besluit genomen. Na definitieve besluitvorming door het AB (april 2026) over toekenning van de benodigde middelen en begrotingswijzging vervalt dit risico in de risicoparagraaf. Claims De DG&J kent een grote verscheidenheid aan producten. Om de kwaliteit hiervan te borgen worden de nodige inspanningen geleverd, mede in het kader van de HKZ- certificering (Harmonisatie Kwaliteitsbeoordeling in de Zorgsector).

Risico's op fouten (miscommunicatie, foutieve registraties) en hieruit mogelijk voortkomende schadeclaims zijn echter nooit in zijn geheel uit te sluiten. Het algemene risicobedrag voor claims handhaven we op € 150.000. Loon- en prijsstijgingen Conform de notitie kaderstelling op de GR-en houdt de DG&J rekening met een loon- en prijs indexatie bij het opstellen van de begroting. Daarvoor moet, conform deze notitie, uitgegaan worden van de indices van de septembercirculaire van het vorige begrotingsjaar. De huidige CAO liep eind maart 2025 af. De concept nieuwe CAO (in stadium ledenraadpleging) leidt tot lagere loonkosten dan de indexatie waarmee rekening is gehouden. Deze is verwerkt in de prognose voor 2025 en de begroting 2026. Dienst Gezondheid & Jeugd | Soort product (rapport etc.)| 36 Transitie SGD en informatiebeveiliging Tot ultimo 2021 steunde de DG&J voor ICT, HRM, juridische diensten en inkoop op het Servicecentrum Drechtsteden (SCD). Vanaf 2022 is het SCD ondergebracht bij de Servicegemeente Dordrecht (SGD) en is de gemeente Dordrecht als servicegemeente verantwoordelijk voor de taakuitvoering. Per 2025 is de naam veranderd naar Bedrijfsvoering Drechtsteden (BD). Met de BD is hiervoor een overeenkomst tot en met 2025 gesloten waarbij afspraken zijn gemaakt over onder meer de omvang en prijs van de te leveren diensten.

Voor de periode na 2025 wordt het zogenaamde 'Bosland project' uitgevoerd. Dit project moet resulteren in een transparante en breed gedragen wijze van dienstverlening en financiering van de (service-)gemeente Dordrecht aan andere gemeenten en gemeenschappelijke regelingen. In dit project wordt een nieuw sturings-, diensten- en financieringsmodel tussen BD en de afnemende partijen vormgegeven voor de bedrijfsvoeringstaken. Dit met het doel meer helderheid, transparantie en flexibiliteit te bewerkstelligen. Het project vult een brede regionale behoefte in aan goede en transparante (basis)dienstverlening. De uitkomsten van het financieringsmodel zijn onzeker en brengen risico's mee ten aanzien van de kosten en risico's voor de DG&J. De uitkomsten van het Bosland traject worden naar verwachting per 1 januari 2027 ingevoerd. Voor 2026 zijn reeds afspraken gemaakt. Verder brengt het privacygevoelige karakter van het takenpakket van de DG&J met zich mee dat er hoge eisen moeten worden gesteld aan de informatiebeveiliging. Vanuit de wet- en regelgeving worden de NEN7510 en aanvullend de NIS2 geïmplementeerd. Dit zijn geen eenmalige inspanningen. Gezien de ontwikkelingen op dit gebied zal er naar verwachting de komende jaren meer geïnvesteerd moeten worden in de informatiebeveiliging. Vanuit BD is men ook bezig met het Quarant onderzoek.

In het kort zou dit onderzoek duidelijkheid moeten geven over welke specifieke taken en verantwoordelijkheden er bij BD komen te liggen en welke bij de partnerorganisaties. Hier zal dan ook in duidelijk worden wat DG&J zelf op het gebied van Informatiebeveiliging structureel moet organiseren en wat bij BD komt te liggen. Omdat DG&J een hybride IV-landschap heeft en veel applicaties niet vanuit BD worden aangeboden moet DG&J op het gebied van Informatiebeveiliging dus ook zelf zaken structureel te organiseren. Voor het 'Bosland project', de tijdelijke afspraken voor 2026 en de hogere eisen omtrent informatiebeveiliging wordt in de deze risicoparagraaf een bedrag opgenomen van € 400.000. COVID-19 Het ministerie van VWS heeft met ingang van 2025 de vergoedingssystematiek voor COVID-19-vaccinaties gewijzigd naar een ‘prijs per prik’. Dit betekent dat de vergoeding voor een GGD rechtstreeks afhankelijk is van het aantal toegediende vaccinaties binnen de eigen regio. De verwachting is dat de vergoeding per vaccinatie de komende jaren zal afnemen. De DG&J kent een aantal specifieke kenmerken waardoor de kosten per toegediende vaccinatie relatief hoog liggen ten opzichte van het landelijk gemiddelde. Dit betreft onder andere de beperkte omvang van onze GGD, het ontbreken van een geïntegreerde JGZ-organisatie en de omvangrijke geografische spreiding binnen het werkgebied.

Daarnaast wordt medio juli 2026 de Papendrechtsebrug (N3) voor een periode van negen maanden afgesloten vanwege renovatiewerkzaamheden. Deze afsluiting heeft aanzienlijke gevolgen voor de bereikbaarheid binnen de regio en maakt de huidige uitvoeringswijze van de vaccinatiecampagne niet langer efficiënt of haalbaar. Dienst Gezondheid & Jeugd | Soort product (rapport etc.)| 37 Dit leidt naar verwachting tot extra inzet van personeel, aanvullende logistieke maatregelen en hogere operationele kosten. Gecombineerd met de verwachte daling van de vergoeding per prik en onzekerheid over garantiestelling, voorziet de DG&J dat de COVID-19-vaccinatiecampagne in 2026 niet binnen de beschikbare vergoeding uitgevoerd kan worden. Het financiële risico voor 2026 wordt geraamd op € 400.000. Er ligt een voorstel voor het vormen van een bestemmingsreserve. Bij positieve besluitvorming tot instellen van een bestemmingsreserve wordt het risico hiermee verminderd. Organisatieontwikkeling en bedrijfsvoering Geconstateerd is dat op diverse vlakken organisatieontwikkeling nodig is en het verstandig is voorstellen voor verdere verbetering en borging van de bedrijfsvoering voor te bereiden.

Denk daarbij bijvoorbeeld aan ontwikkelingen in de huisvesting (herinrichting KL-weg en incidentele kosten verhuizing JdW), vitaliteit, opleidingen, HRM, arbeidsmarktcommunicatie, MJP uitvoeringsbudget en verduurzaming en versterken van het medisch profiel. Inmiddels is een voorstel voor bekostiging van de onderdelen huisvesting, vitaliteit en HRM goedgekeurd. Omdat voor de overige onderdelen de impact nog onvoldoende helder is, is hiervoor een p.m.-post opgenomen in deze risicoparagraaf. Psychosociale hulpverlening aan Oekraïners De psychosociale hulpverlening aan Oekraïners is met ingang van 2025 ondergebracht bij de DG&J. De bekostiging via 'Bekostigingsregeling eerste opvang ontheemden Oekraïne door Regionale openbare lichamen' loopt vooralsnog tot eind 2025. In juli 2025 is de Richtlijn tijdelijke bescherming (RTB) verlengd tot en met 4 maart 2027, waarmee de looptijd van de 'Bekostigingsregeling eerste opvang ontheemden Oekraïne door Regionale openbare lichamen' zal worden verlengd tot in ieder geval eind 2026. Bij beëindiging van de bekostiging moet overwogen worden of gemeenten de psychosociale hulpverlening willen continueren en zelf gaan uitvoeren. De kosten daarvoor bedragen circa € 300.000 tot € 400.000. Bij beëindiging van de taak zijn er mogelijk frictiekosten vanwege een vast contract met een medewerker voor circa € 110.000.

Dit risico wordt zeer laag ingeschat omdat verwacht wordt dat de medewerker elders binnen DG&J kan worden ondergebracht. Terughalen taken door gemeenten Een deel van de gemeenten overweegt taken die bij de DG&J belegd zijn terug te nemen. Dit brengt risico's mee ten aanzien van de dekking van de overhead bij een teruglopend werkvolume alsmede risico's ten aanzien van het voorbestaan van functies, kennis en expertise. Er is reeds eerder besloten tot het weghalen van taken. De wegvallende dekking overhead bedraagt € 135.000. Mogelijk gebeurt dit ook bij andere taken. Vooralsnog is het risico op € 200.000 gezet. Renteontwikkeling In de jaarstukken 2025 is een incidentele rentebate opgenomen, waarvan het structurele karakter onzeker is. Gezien het onzekere karakter is het vooralsnog niet mogelijk om met eventuele rentebaten in de (verdere) toekomst rekening te houden. Rentebaten kunnen als een positief risico worden voorzien, maar gezien het onzekere karakter is ook hiertoe is een p.m.-post opgenomen in deze risicoparagraaf. In de prognose in de 1 e en 2e burap is overigens rekening gehouden de te verwachten renteopbrengsten voor 2025. Dienst Gezondheid & Jeugd | Soort product (rapport etc.)| 38 HR 21 In 2027 zal naar verwachting gestart worden met de implementatie van een nieuw functiewaarderingssysteem.

De implementatie is gefaseerd en zal naar verwachting in 2027 starten en afgerond zijn in 2028. Dit is onderdeel van een Drechtsteden brede invoering. Hiermee zijn aanzienlijke implementatiekosten gemoeid en ervaringen elders wijzen op een structurele stijging van de loonkosten. De kosten van de implementatie en loonkostenstijging zijn nog niet bekend. Gelijktrekken arbeidsvoorwaarden inhuur met eigen personeel - IKB Door de wetgever zijn de eisen voor het gelijktrekken van arbeidsvoorwaarden inhuur en eigen personeel aangescherpt. Ook het IKB moet worden meegenomen. De impact hiervan zal de komende periode duidelijk worden. Opvolging medewerkers tevredenheidsonderzoek (MTO) Het medewerkers tevredenheidsonderzoek (MTO) is in september 2025 afgerond en in het laatste kwartaal van 2025 zijn de resultaten in de teams besproken. Resultaten die vanuit het MTO te verwachten zijn kunnen zich richten op de opleiding- en ontwikkelmogelijkheden van de medewerkers, maar ook de werkdruk, herstelbehoefte en vitaliteit kunnen om passende aanvullende maatregelen en acties leiden. Dit wordt in het eerste halfjaar van 2026 in kaart gebracht. Wet open overheid (Woo) De Wet open overheid (Woo) is op 1 mei 2022 ingegaan en vervangt de Wet openbaarheid van bestuur (Wob).

De Woo verplicht overheden om belangrijke informatie uit eigen beweging (actief) openbaar te maken, in tegenstelling tot de Wob waar informatie pas werd gezocht na een verzoek. De komende jaren wordt de verplichting tot het actief openbaar maken van informatie gefaseerd ingevoerd. Vanaf 1 november 2024 zijn de eerste vijf categorieën verplicht openbaar te maken, waaronder 'wetten en algemeen verbindende voorschriften' en 'vergaderstukken van de Staten-Generaal'. De komende jaren zal er verdere gefaseerde invoering plaatsvinden en zullen er nog meer informatiecategorieën volgen, die via koninklijk besluit worden vastgesteld. Aangezien de DG&J een gemeenschappelijke regeling (GR) is zijn er voor GR’ n geen mogelijkheden om rechtsreeks subsidie aan te vragen bij het rijk onder de “subsidieregeling ondersteuning implementatie Woo”. De subsidieontvangers van deze subsidie betreffen de VNG, IPO en Unie van waterschappen en het waterschapshuis. DG&J probeert binnen de beschikbare middelen en resources de gefaseerde implementatie te realiseren maar kan op dit moment niet overzien of de gehele implementatie van de Woo binnen deze middelen kan plaatsvinden. 3.2 Financiële kengetallen Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) bepaalt dat gemeenschappelijke regelingen een basis set van vijf financiële kengetallen moeten opnemen in de begroting en de jaarrekening.

De schuldquota leningen, solvabiliteitsratio, structurele exploitatieruimte en weerstandsratio zijn voor DG&J van toepassing. Realisatie 2025 Begroting 2026 Begroting 2027 Begroting 2028 Begroting 2029 Begroting 2030 Netto schuldquote -1,90% -1,41% -1,20% -1,20% -1,24% -1,31% Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen -1,90% -1,40% -1,19% -1,20% -1,23% -1,31% Solvabiliteitsratio 12,60% 5,25% 3,96% 3,38% 3,15% 2,91% Structurele exploitatieruimte 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 Weerstandsratio 0,8 0,7 0,5 0,4 0,4 0,4 Dienst Gezondheid & Jeugd | Soort product (rapport etc.)| 39 Netto schuldquote De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van GR DG&J ten opzichte van de eigen middelen. Een percentage tussen de 0% en 100% is voldoende. Een quote boven de 130% is een indicatie voor een te hoge schuld. De norm houdt in dat de netto schuldquote ruim onder de 130% dient te zijn wanneer zij voornemens is een grote investering te doen. DG&J heeft een netto schuldquote van 1,2% negatief. De verwachting is dat in 2027 DG&J geen schulden heeft. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft de mate aan in hoeverre het bezit is gefinancierd met eigen vermogen. Het ratio is de verhouding tussen het eigen vermogen en het balanstotaal en geeft aan in hoeverre het bezit op de balans is afbetaald.

Normaal bevindt het solvabiliteitsratio van een gemeente zich tussen de 30% en 80%. DG&J heeft een ratio van 4,0%. Dit percentage laat zien dat DG&J voldoende middelen heeft om de schulden af te lossen, maar gezien het lage percentage er beperkte omvang van eigen vermogen is. Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte is een maatstaf voor het verschil tussen structurele baten en lasten met in achtneming van beperkingen en verruimingen van de exploitatie door dotatie en onttrekking aan reserves. De maatstaf geeft aan welke structurele ruimte DG&J heeft om de eigen lasten te dragen. De DG&J kan de structurele lasten dekken uit de structurele inkomsten. Weerstandsratio De weerstandsratio geeft de verhouding aan tussen de risico's en het weerstandsvermogen van GR DG&J. Het weerstandsvermogen bestaat uit het totaal van de reserves, de post onvoorzien en de stille reserves. GR DG&J heeft geen post onvoorzien en stille reserves. Dit betekent dat de weerstandscapaciteit gelijk is aan de omvang van de reserves, ofwel € 1,3 miljoen. Gezien de financiële omvang van de risico's, 2,5 miljoen, leidt dit tot een weerstandsratio van ongeveer 0,5. Dit betekent dat DG&J beperkt ruimte heeft om onvoorziene risico's op te kunnen vangen. 3.3 Kapitaalgoederen DG&J heeft beperkte investeringen in gebouwen en installaties. Op de vaste activa wordt lineair afgeschreven.

De jaarlijkse kapitaal- en onderhoudslasten zijn in de jaarstukken verwerkt. De GR DG&J heeft, anders dan kantoormeubilair en gebouw gebonden installaties, geen kapitaalgoederen. 3.4 Financiering In december 2022 is door het Algemeen Bestuur het financieringsstatuut vastgesteld. Dit financieringsstatuut vormt het kader voor beleid en uitvoering van de treasuryfunctie. De concrete uitvoering hiervan is belegd bij Bedrijfsvoering Drechtsteden. De Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) is huisbankier van DG&J. Dienst Gezondheid & Jeugd | Soort product (rapport etc.)| 40 Risicobeheer De belangrijkste financiële risico’s bij de uitvoering van het treasurybeleid zijn de kasgeldlimiet, de renterisico’s en de kredietrisico’s. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is het bedrag wat DG&J per jaar maximaal met kort geld mag financieren. Volgens de Wet Fido bedraagt deze limiet 8,2% van het totaal van de exploitatiebegroting. Gezien de omvang van de begroting 2027, € 226 miljoen, mag DG&J haar financiële huishouding voor maximaal circa € 18,57 miljoen met kort geld financieren. De verwachting is dat DG&J ook in 2027 voldoende middelen zal hebben, waardoor geen kortlopende financiering nodig zal zijn. Renterisiconorm De renterisiconorm heeft tot doel om, binnen de portefeuille aan langlopende leningen, een overmatige afhankelijkheid van de rente in een zeker jaar te voorkomen.

Om dat te bereiken mag het totaal aan renteherzieningen en aflossingen op grond van deze norm niet meer dan 20% zijn van het begrotingstotaal. De renterisiconorm van DG&J bedraagt voor 2027 € 45,3 miljoen. De verwachting zal zijn dat DG&J geen langlopende leningen zal aangaan in 2027. Financiering DG&J heeft bij de de BNG Financieringsovereenkomst (krediet- en depotarrangement) ondertekend. Daarbinnen kan DG&J gebruik maken van kredietfaciliteiten. Vanwege een structurele overliquiditeit is het de verwachting dat geen kasgeldleningen zullen worden aangetrokken. Schatkistbankieren Bij het verplicht schatkistbankieren mag DG&J een bedrag van 2% van het begrotingstotaal buiten de Schatkist houden, het zogenoemde drempelbedrag. Het drempelbedrag mag als gemiddeld creditbedrag per kwartaal niet overschreden worden. (bedragen x € 1.000) Benutting drempelbedrag schatkistbankieren Begrotingstotaal 226.467 Wettelijk percentage 2% Drempelbedrag 4.529 Rentelasten en renteresultaat Aangezien de verwachting is dat DG&J geen vreemd vermogen zal aantrekken, zal zij geen rente hoeven betalen. Door de liquiditeitspositie van DG&J, zal aan schatkistbankieren moeten worden gedaan. De ECB heeft in 2025 in meerdere stappen haar depositotarief verlaagd naar 2%. Het schatkistrentetarief ligt circa 0,1% onder het ECB-depositotarief. De verwachting voor 2027 is onzeker.

Voor 2027 wordt een omslagrente van 0% gehanteerd. Dienst Gezondheid & Jeugd | Soort product (rapport etc.)| 41 3.5 Verbonden partijen Er is sprake van een verbonden partij als er bestuurlijk en financieel belang is waarbij de begrippen ‘bestuurlijk’ en ‘financieel’ in het BBV nader worden gedefinieerd. De DG&J heeft geen relatie met organisaties die aan deze definitie voldoen. 3.6 Bedrijfsvoering Omdat de jaarstukken 2025 en de begroting 2027 gelijktijdig worden opgesteld is ervoor gekozen om deze paragraaf zodanig op te stellen dat hierin zowel een terugblik als vooruitblik wordt gegeven op een aantal thema's die spelen op het onderdeel bedrijfsvoering. Daarmee wordt voor dit onderdeel een meer samenhangend beeld geschetst wat ook voor beide documenten benut kan worden. Organisatie en besturing De PIOFACH-taken zijn verdeeld over de 2 stafafdelingen waarbij de stafafdeling bedrijfsvoering verantwoordelijk is voor volgende gebieden:  Personeel: beheer van personeelszaken.  Informatie: informatievoorziening en -beheer.  Organisatie: structurering en organisatie van processen.  Automatisering: technologische ondersteuning en automatisering van processen.  Communicatie: interne en externe communicatie.  Huisvesting: beheer van fysieke ruimtes en faciliteiten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.hardinxveld-giessendam.nl/api/v1/meetings/1203/documents/36259