262 Raad van State - Kennisgeving beroepschrift n.a.v. Omgevingsplan Hardinxveld-Giessendam (geanonimiseerd) .pdf
Tekst van het document
alternatief heeft aangedragen. 5.14
Middels het stellen van maatwerkregels kan de Raad vooraf concrete lokale eisen stellen aan de toepassing van AVI-bodemassen. In die maatwerkregels kan bijvoorbeeld worden bepaald dat de locatie van de toelichting zich niet in een waterwingebied bevindt, dat AVI-bodemassen boven de grondwaterstand worden toegepast en dat een toepassing onder gesloten verharding (of
vergelijkbaar) dient plaats te vinden. Deze normen zijn nu als beoordelingsregel opgenomen in
artikel 11.23 van de regels van het Omgevingsplan. Heros meent dat dergelijke normen onnodig zijn
en te ver gaan. Als dergelijke normen toch nodig zouden zijn, dan zou het opleggen van die normen bij wijze van maatwerkregel aanmerkelijk minder vergaan dan de introductie van een generieke
#62668890v2
pagina 17 van 21
vergunningplicht. Middels maatwerkregels is immers voorspelbaar onder welke omstandigheden
een toepassing is toegestaan.
Ten onrechte geen onderscheid tussen verschillende toepassingen 5.15
Voor zover de Raad al had mogen kiezen voor een vergunningplicht, geldt dat ten onrechte een
generieke vergunningplicht is opgenomen voor alle AVI-bodemassen. De Raad had in dat geval onderscheid moeten maken in verschillende toepassingen en had daarbij de toepassingen die
zonder meer verantwoord kunnen plaatsvinden, moeten toestaan.
5.16
Dat geldt in de eerste plaats voor toepassingen die voldoen aan de strengere eisen uit het (ontwerp) CMP. In het (ontwerp) CMP is voorgeschreven dat na een overgangstermijn van twee jaar
bodemassen moeten voldoen aan de kwaliteitseisen voor niet-vormgegeven bouwstoffen uit de Rbk. Verder geeft het CMP verboden voor het mengen van AVI-bodemassen met AVI-ketelassen en het mengen van AVI-bodemassen die niet aan de kwaliteitseisen voldoen met niet-afvalstoffen. De Raad had met een minder verstrekkende vergunningplicht volstaan, door alleen die toepassingen die niet
aan het (ontwerp) CMP voldoen aan het vereiste van een vergunning te onderwerpen. 5.17
Ten tweede had de Raad onderscheid moeten maken tussen toepassingen van vormgegeven
bouwstoffen en niet-vormgegeven bouwstoffen. Ten aanzien van vormgegeven bouwstoffen is er zonder meer onvoldoende aanleiding om de facto de toepassing te verbieden, net zoals het rijk dat niet nodig vindt bij vormgegeven bouwstoffen met staalslakken. Zoals Heros hiervoor al toelichtte,
speelt het effect van de zuurgraad geen rol bij de toepassing van AVI-bodemassen in beton
(randnummer 4.21). 5.18
Ten derde had de Raad hooguit kunnen kiezen om alleen een vergunningplicht te introduceren voor locaties waar bijzondere omstandigheden dat volgens de Raad nodig maken. De Raad had op die
manier kunnen bijvoorbeeld een vergunningplicht kunnen opnemen voor de toepassing van AVIbodemassen in of nabij bepaalde waterwingebieden. Voor andere locaties zou dan geen vergunningplicht hoeven gelden.
5.4
Onevenwichtige gevolgen van de vergunningplicht
5.19
Heros meent dat de introductie van de vergunningplicht niet voldoet aan de eis van evenwichtigheid.
5.20
De vergunningplicht vormt zoals hiervoor aangegeven een forse belemmering van voor de toepassing van AVI-bodemassen in Hardinxveld-Giessendam. Het verkrijgen van een vergunning is volstrekt onzeker. Gelet op de onduidelijke beoordelingscriteria (zie ook hierna) is vooraf niet in te schatten of een omgevingsvergunning voor de toepassing van AVI-bodemassen zal worden
verkregen. Feitelijk betekent dit dat geen vergunningplichtige toepassingen van bouwstoffen in de
gemeente meer zullen plaatsvinden. De afeetmogelijkheden voor AVI-bodemassen zullen binnen de gemeente drastisch dalen.
5.21
Dat geldt in het bijzonder voor de toepassing van vormgegeven bouwstoffen, waaronder het product
Granumix van Heros in beton. Deze vormgegeven bouwstoffen komen per definitie in contact met
water en komen daarom niet in aanmerking voor een omgevingsvergunning (zie randnummer 2.6 e.v.). Om dezelfde reden verdwijnt de toepassingsmogelijkheid van Drainmix, bedoeld voor de
doorwatering onder bijvoorbeeld sportvelden, geheel.
#62668890v2
pagina 18 van 21
5.22
Het gevolg van een verbod zal dus zijn dat juist minder secundaire bouwstoffen worden gebruikt, terwijl rijksbeleid juist is gericht op een toename van het gebruik van secundaire bouwstoffen in het
kader van de doelstelling om in 2050 volledig circulair te zijn. De invoering van vergunningplichten
staat haaks op de circulaire doelstellingen. 5.23
Het effect van het verbod is dus juist dat het belang van het milieu wordt geschaad, doordat de circulaire doelstellingen niet kunnen worden gehaald. Dat geldt voor de landelijke doelstellingen,
maar ook voor de gemeentelijke circulaire doelstellingen. Gemeentelijke projecten zullen voorts duurder worden omdat primaire bouwstoffen in de regel duurder zijn dan secundaire bouwstoffen.
5.24
Tegelijk wordt ook het bedrijfsbelang van Heros onevenredig geschaad. De verwerking van bodemassen is het belangrijkste onderdeel van haar bedrijf. Als bodemassen in Nederland niet
langer kunnen worden toegepast als bouwstoffen, bedreigt dat de continuïteit van Heros. 5.25
Als sprake is geweest van een enkel incident met de toepassing van AVI-bodemassen, dan is dat
nog geen reden om de toepassing geheel te verbieden. Dat kan wellicht reden zijn voor specifieke
maatregelen zoals extra toezicht, maar deze vergunningplicht vormt een onevenredige belemmering voor de toepassing van AVI-bodemassen.
5.5
Beoordelingsregels
5.26
Heros meent voorts dat de in artikel 11.23 van de regels van het Omgevingsplan geformuleerde
beoordelingsregels onevenredig veel beperkingen stellen aan het gebruik van AVI-bodemassen en onduidelijk zijn geformuleerd. Als gevolg daarvan is het verkrijgen van een omgevingsvergunning voor een specifieke toepassing volstrekt onvoorspelbaar en onzeker.
5.27
Volgens artikel 11.23, onder h van de regels bij het Omgevingsplan zal geen vergunning worden verleend voor de toepassing van AVI-bodemassen die in contact komen met grond- en
oppervlaktewater,
en/of hemelwater.sg
Dit
betekent
een
aanzienlijke
beperking
van
de
toepassingsmogelijkheden in vergelijking met andere vrij toepasbare bouwstoffen. In de praktijk worden vormgegeven bouwstoffen met AVI-bodemassen (beton) toegepast waarbij er contact kan zijn met grond- of oppervlaktewater. Die toepassingsmogelijkheden vallen ten onrechte weg. Er is
geen grondslag voor het geheel verbieden van deze toepassing.
5.28
Het vereiste dat AVI-bodemassen afgedekt moeten zijn, zodat contact met hemelwater wordt voorkomen, betekent dat de toepassing van Combimix, Granumix en Drainmix (veelal) onmogelijk
zal zijn. 5.29
Volgens artikel 11.23, onder j van de regels bij het Omgevingsplan heeft op de kwaliteit en de
zuurgraad van grondwater en oppervlaktewater. Voorzieningen moeten worden getroffen of maatregelen moeten worden genomen om de kwaliteit en zuurgraad van het grondwater of
nabijgelegen oppervlaktewater niet significant te beïnvloeden. Ten eerste is volstrekt onduidelijk wanneer sprake is van een significante beïnvloeding. Ten onrechte ontbreekt een grenswaarde. Voorts is onbekend hoe het bevoegde gezag de gevolgen voor de zuurgraad (pH) kan en zal
beoordelen. In RIVM-rapport 2024-0074 over de evaluatie van het normeringskader voor secundaire bouwstoffen wordt aanbevolen om nader onderzoek te doen naar het pH effect te doen (pag. 73).
Zo kan een betere afweging gemaakt worden naar de toepassingsmogelijkheden van bouwstoffen:
#62668890v2
pagina 19 van 21
akd “ Het wordt aanbevolen om op de korte termijn prioriteit te geven aan:
• Onderzoek naar oplossingen voor de problematiek rondom het pH effect en het pH verouderingseffect voor alkalische bouwstoffen. Om een betere afweging te kunnen maken
of een bouwstof passend is voor de beoogde toepassing, is het wenselijk om meer inzicht te krijgen in de mate van uitloging als effect van de veranderende pH
5.30
Het is volstrekt onduidelijk hoe het bevoegde gezag uitvoering moet geven aan artikel 11.23, onder
j van de regels bij het Omgevingsplan inzake de zuurgraad, vooruitlopend op onderzoek dat is geadviseerd door RIVM en nog moet worden uitgevoerd en vertaald naar concreet toepasbare normen. Het bevoegde gezag zal onvoldoende invulling kunnen geven aan de eisen omtrent de zuurgraad, hetgeen zal betekenen dat vergunningaanvragen vanwege de onduidelijkheden niet zullen worden verleend. Ten aanzien van vormgegeven bouwstoffen klemt dit te meer omdat hier de zuurgraad geen factor van belang is. 5.31
Gelet hierop zijn de beoordelingscriteria onevenwichtig en voorts onvoldoende concreet en objectief bepaald om als rechtstreeks toetsingskader voor een aanvraag om een omgevingsvergunning te kunnen dienen.
5.6
Tussenconclusie
5.32
De vergunningplicht in het Omgevingsplan alsmede de beoordelingscriteria voldoen niet aan het evenredigheidsbeginsel.
6
CONCLUSIES EN VERZOEK
6.1
Het Omgevingsplan is vastgesteld in strijd met het recht. Heros verzoekt uw Afdeling om par. 11.1.3 van de regels van het Omgevingsplan te vernietigen.
6.2
Heros verzoekt uw Afdeling om de Raad te veroordelen tot het betalen van een tegemoetkoming in de gemaakte proceskosten en tot vergoeding van het griffierecht.
Hoogachtend,
Advocaat AKD
#62668890v2
Advocaat AKD
pagina 20 van 21
Productie
2 3 4 5
6 7 8
9 10 11
#62668890v2
Zienswijze Heros d.d. 6 maart 2025 Productfolder Combimix Productfolder Drainmix Productfolder Granumix Productfolder Immomix Green Deal Verduurzaming nuttige toepassing AEC-bodemas (Ontwerp) CMP, Hoofdstuk Immobilisaat, vulstof of toeslagmateriaal SGS Intron 29 augustus 2025. Circulariteit beton met gewassen en ongewassen AEC granulaat SGS Search 26 februari 2025 Brief d.d. 8 juli 2025: steunverklaring toepassing AEC-bodemas in beton
van 21
Productie 2
AANGETEKEND aan
De gemeenteraad van Hardinxveld-Giessendam
Postbus 175 3370 AD Hardinxveld-Giessendam
VAN
Erik Dans van der
Advocaat
Advocaat
TELEFOON
Pe r e -ma il
@hardinxveld-qiessendam.nl
MOBIEL E-MAIL
@akd.nl
POSTADRES Postbus 4302
3006 AH Rotterdam WEBSITE www.akd.nl
d at u m
ONDERWERP
ONS KENMERK
6 maart 2025
Heros/Bodemas - Zienswijze wijziging omgevingsplan Hardinxveld-Giessendam 2025-1 1001521
Geachte leden van de raad, Van 30 januari 2025 tot en met 13 maart 2025 ligt het ontwerpbesluit 'eerste omgevingsplanwijziging bodemkwaliteit' (hierna: ?het Ontwerp") voor inspraak inzage. Hierbij dient Heros Sluiskil B.V. (hierna: ?Heros") een zienswijze in op het Ontwerp. 1
INLEIDING
1.1
Deze zienswijze heeft betrekking op de toevoeging van paragraaf 11.1.3 aan het omgevingsplan Hardinxveld-Giessendam. De voorgestelde paragraaf 11.1.3 betreft de activiteit “ toepassen van bouwstoffen op of in de landbodem Artikel 11.19 van die paragraaf verbiedt de toepassing van AVIbodemassen, immobilisaten, grondstabilisatie, metaalslakken of bouwstoffen die voor meer dan 20 gewichtsprocenten uit AVI-bodemassen, immobilisaten, grondstabilisatie of metaalslakken bestaan. Deze zienswijze heeft betrekking op AVI-bodemassen, immobilisaten voor zover daarin AVIbodemassen zijn toegepast, en bouwstoffen die voor meer dan 20 gewichtsprocenten uit AVIbodemassen staan. Deze bouwstoffen worden hierna afgekort als "AVI-bodemassen".
1.2
Volgens de toelichting is het mogelijk om middels een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit voor afwijking van het omgevingsplan (hierna: ?Bopa” ) af te wijken van dit verbod. Uit de toelichting blijkt niet wanneer een omgevingsvergunning voor een Bopa zal worden
verleend.
In Nederland wordt de praktijk uitgevoerd doorAKO N.V., statutair gevestigd in Rotterdam (ingeschreven in het handelsregister
onder nummer 24366820). Alle diensten en (andere) werkzaamheden worden verricht uit hoofde van een overeenkomst van opdracht met AKD N.V. Op de overeenkomst zijn, onder uitsluiting van enige andere algemene voorwaarden, de algemene
voorwaarden van AKD N.V. van toepassing die zijn gedeponeerd ter griffie van de rechtbank te Rotterdam onder nummer 22/2023 en waarin onder meer een beperking van de aansprakelijkheid is opgenomen. Iedere aansprakelijkheid is beperkt tot
het bedrag dat in het desbetreffende geval onder de beroepsaansprakelijkheidsverzekering wordt uitbetaald met inbegrip van het bedrag van het eigen risico. Op verzoek worden de algemene voorwaarden kosteloos toegezonden. Zij kunnen ook worden
geraadpleegd op https://www.akd.eu/.
#61683700v1
pagina 1 van 10
akd 1.3
Heros is een verwerker van bodemassen afkomstig van afvalverbrandingsinstallaties. Deze bodemassen worden verwerkt tot circulaire bouwstoffen. Deze bouwstoffen worden toegepast in de grond-, weg en waterbouw. Daarnaast produceert Heros uit de bodemassen secundair grondstoffen voor de toepassing in beton en betonproducten. Deze nuttige toepassing als bouwstof is voorgeschreven in landelijk beleid. Er geldt bovendien een verbod op het storten van bodemas.
1.4
Als gevolg van het Ontwerp zal de toepassing van AVI-bodemassen binnen de gemeente Hardinxveld-Giessendam ernstig worden belemmerd. Deze belemmering is onwenselijk in meerdere opzichten en in strijd met het evenredigheidsbeginsel. Heros verwerkt al vele jaren AVIbodemassen tot bouwstoffen. Daarbij is veel onderzoek gedaan naar de kwaliteit van de bouwstoffen en daarmee is steeds gebleken dat een verantwoorde toepassing mogelijk is. Er is geen aanleiding voor een verbod. Dat zal hieronder worden toegelicht.
2
TEN ONRECHTE VERBOD OP TOEPASSING AVI-BODEMAS
2.1
Heros stelt zich op het standpunt dat er ten onrechte een verbod op de toepassing van AVIbodemassen in het Ontwerp is opgenomen. Dat wordt hieronder nader toegelicht.
2.2
Besluitvorming van bestuursorganen dient te voldoen aan het evenredigheidsbeginsel. Dit geldt nadrukkelijk ook voor bestemmingsplannen1 en - sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet - thans ook voor omgevingsplannen. Uit vaste rechtspraak volgt dat de bestuursrechter, als daar aanleiding voor is, toetst of het bestreden besluit geschikt is om het doel te bereiken, of het een noodzakelijke maatregel is of dat met een minder vergaande maatregel kan worden volstaan, en of de maatregel in het concrete geval evenwichtig is.2 Heros meent dat niet aan de eis van noodzakelijkheid en evenwichtigheid wordt voldaan.
2.2
Onderbouwing in het Ontwerp is te summier en onvoldoende
2.3
Het verbod op de toepassing wordt als volgt gemotiveerd in de toelichting bij artikel 11.19 van de regels van het Ontwerp: “Dit artikel voorziet in een verbod op het toepassen van zogenaamde aandachtsbouwstoffen. ook wel thermisch of chemisch bewerkte bouwstoffen (stabilisatie/ immobilisatie, AVIbodemassen en metaalslakken). Dit zijn de bouwstoffen die op dit moment in opspraak zijn en bij onzorgvuldige toepassing milieuschade veroorzaken. Er is gekozen voor een algemeen verbod, omdat een melding of binnenplanse vergunningplicht alsnog onvoldoende reguleert."
2.4
Er zou dus sprake zijn van bouwstoffen die in opspraak zijn en bij onzorgvuldige toepassing milieuschade veroorzaken. In de “Motivering (omgevingstoets)”3 bij het Ontwerp wordt daaraan toegevoegd dat uit rapportages en publicaties van RIVM en ILT zou blijken dat de wetgeving niet of onvoldoende toereikend zou zijn om aandachtsbouwstoffen veilig voor mens en milieu te kunnen gebruiken. Dat zou een nieuw probleem zijn, ontstaan door ontwikkelingen in deze sector.
ABRS april 2024, ECLI:NL:RVS:2024:1409. ABRS 2 februari 2022, ECLI:NL:RVS:2022:285.
hltps://repositorY. officie le-overheidspublicaties.nl/Dalacollecties/2025/dc-2025-1126/1 /bijlaqe/dc-2025-1126.pdf
#61683700v1
pagina 2 van 10
akd 2.5
Deze onderbouwing is volstrekt onvoldoende, zeker voor een ingrijpend verbod zoals opgenomen in het Ontwerp. Ten onrechte wordt geen enkele uitleg gegeven waaruit de opspraak zou bestaan, noch wordt geduid op welke rapportages en publicaties van RIVM en ILT en welke ontwikkelingen in de sector wordt gedoeld. Niet is onderbouwd waarom een verbod op de toepassing van AVIbodemassen nodig zou zijn.
2.6
Daarbij worden ten onrechte allerlei verschillende bouwstoffen als "aandachtsbouwstoffen" over een kam geschoren. Dat is onjuist, omdat de eigenschappen van bodemassen in vergelijking met bijvoorbeeld staalslakken of grondstabilisatie anders zijn. Een RIVM-rapport over LD-staalslakken kan niet dragend zijn voor een verbod op bodemassen. Voor elke bouwstof afzonderlijk had nader beoordeeld en onderbouwd moeten worden of regelgeving in aanvulling op landelijke regelgeving überhaupt evenredig is en zo ja, welke vorm van regulering dan passend en proportioneel zou zijn.
Al die vereiste nuances ontbreken ten onrechte.
2.7
Het beschikbare onderzoek noopt niet tot een verbod op de toepassing van specifiek AVIbodemassen. Of een verbod (of een meer genuanceerde aanvulling op landelijke regelgeving) voor één of meer van de andere bouwstoffen wellicht wel te overwegen valt, is niet aan Heros - als verwerker van bodemassen - om te beoordelen. Als er zich iets heeft voorgedaan bij een toepassing van AVI-bodemassen, betekent dit evenmin dat een algemeen en dus verstrekkend verbod op de toepassing, gerechtvaardigd is. Het ligt dan op de weg van de gemeente om te analyseren waar mogelijk aandachtspunten bij de toepassing, controle en toezicht bestaan, om vervolgens een op die aandachtspunten toegesneden aanpak uit te werken. Als bijvoorbeeld blijkt dat meer controles van de gemeentelijk toezichthouder gewenst zijn, kan daarop worden ingezet. Als een aanvullende eis dat boven de grondwaterstand wordt toegepast, kan die eis als maatwerkregel worden gesteld. Ten onrechte ontbreekt een analyse van de geschetste materie en een onderbouwing van de aanpak die daarvoor nodig en evenredig is.
2.8
Verder ontbreekt iedere onderbouwing ten aanzien van de 20% gewichtsprocenten als bovengrens voor het gehalte AVI-bodemassen in bouwstoffen. Hetzelfde geldt voor de “maatregelen ter voorkoming van milieuschade" zoals in de toelichting opgenomen. Onduidelijk is waarom de bouwstof alleen onder een gesloten verharding zou mogen worden toegepast, en waarom de bouwstoffen een oppervlakte van minimaal 1.000 m2 zouden moeten beslaan.
2.9
Aldus wordt niet voldaan aan het motiveringsbeginsel.
2.3
Onevenwichtige gevolgen van het verbod
2.10
Een verbod op de toepassing van AVI-bodemassen zal leiden tot een afname van de afzet van bodemas. Zelfs als omgevingsvergunningen voor een Bopa voor deze toepassing kunnen worden verleend, zal dat een afname van de afeet niet kunnen voorkomen. Immers, de bodemassen die door Heros worden geproduceerd worden afgenomen door aannemers. Deze aannemers moeten veelal opdrachten binnenhalen via aanbestedingen. Als ten tijde van de inschrijving voor een aanbesteding onzeker is of een omgevingsvergunning kan worden verkregen voor de toepassing van AVI-bodemassen, zal een aannemer in zijn aanbieding kiezen voor de toepassing van andere bouwstoffen. Immers indien een omgevingsvergunning niet wordt verleend, heeft dat grote gevolgen voor prijs en planning van het project. Dat risico zal een aannemer willen vermijden.
#61683700v1
pagina 3 van 10
akd 2.11
Aannemers zullen bij voorbaat afzien van de toepassing van bouwstoffen waarvoor een Bopa vereist is waarbij onzeker is of en onder welke voorwaarden die kan worden behaald. Het verkrijgen van een omgevingsvergunning is onhaalbaar, gezien de eisen die daardoor in de toelichting worden gesteld. Feitelijk heeft het verbod dus tot gevolg dat geen AVI-bodemassen meer in HardinxveldGiessendam zullen kunnen worden toegepast, in strijd met landelijk beleid.
2.12
Het gevolg van een verbod zal zijn dat juist minder secundaire bouwstoffen worden gebruikt, terwijl rijksbeleid juist is gericht op een toename van het gebruik van secundaire bouwstoffen in het kader van de doelstelling om in 2050 volledig circulair te zijn. De invoering van vergunningplichten is een onwenselijke ontwikkeling gezien de circulaire doelstellingen. Dat vindt niet alleen Heros, maar dat vindt ook de Minister van Infrastructuur en Waterstaat getuige zijn Kamerbrief van 1 juli 2024:'’ “Het is bekend dat medeoverheden een vergunningplicht invoeren voor de toepassing van secundaire bouwstoffen waaronder voor bodemas. Met de Omgevingswet hebben bevoegd gezagen zelf de mogelijkheid om aanvullende eisen te stellen. De vergunningplicht leidt mogelijk tot een verdere afname van de afzet van bodemas. Dit is gezien de circulaire doelstellingen een onwenselijke ontwikkeling."
2.13
Het effect van het verbod is juist dat het belang van het milieu wordt geschaad, doordat de circulaire doelstellingen niet kunnen worden gehaald. Dat geldt voor de landelijke doelstellingen, maar ook voor de gemeentelijke circulaire doelstellingen. Gemeentelijke projecten zullen voorts duurder worden omdat primaire bouwstoffen in de regel duurder zijn dan secundaire bouwstoffen.
2.14
Tegelijk wordt ook het bedrijfsbelang van Heros onevenredig geschaad. De verwerking van bodemassen is het belangrijkste onderdeel van haar bedrijf. Als bodemassen in Nederland niet langer kunnen worden toegepast als bouwstoffen, bedreigt dat de continuïteit van Heros.
2.15
Als sprake is geweest van een enkel incident met de toepassing van AVI-bodemas, dan is dat nog geen reden om de toepassing geheel te verbieden. Dat kan wellicht reden zijn voor specifieke maatregelen zoals extra toezicht, of een concrete aanvullende voorwaarde in het omgevingsplan ter voorkoming van herhaling. Met een verbod is het middel erger dan de kwaal.
2.16
Voor deze nadelige gevolgen is geen rechtvaardiging, omdat het belang van mens en milieu niet noopt tot de instelling van een verbod. Dat zal Heros hieronder toelichten.
2.4
Noodzaak voor een verbod ontbreekt
2.17
Er is geen noodzaak voor het instellen van een generiek verbod op het toepassen van AVI-bodemas en bouwstoffen die bestaan uit AVI-bodemas. Volgens het Ontwerp is het doel van dit verbod duurzaam bodembeheer, waarbij gestreefd wordt naar een balans tussen de bescherming van de bodemkwaliteit voor mens en milieu én ruimte voor maatschappelijke ontwikkelingen.5 Het is echter geenszins nodig om ter bescherming van de kwaliteit van de bodem de toepassing van AVI-bodemas te verbieden.
Kamerstukken II, 2023-2024, 30 872, nr. 300.
Artikel 11.1 van de regels en de toelichting daarbij.
#61683700v1
pagina 4 van 10
2.18
Het Ontwerp staat haaks op landelijk beleid. Al in 2012 zijn de Rijksoverheid en de Nederlandse afvalenergiecentrales de Green Deal Verduurzaming nuttige toepassing AEC-bodemas overeengekomen. Deze Green Deal streeft juist naar de duurzame nuttige toepassing van AVIbodemas als bouwstof. Daartoe zijn de AVI-bodemassen in de loop der jaren opgewerkt om te voldoen aan de kwaliteitseisen voor bouwstoffen uit bouwstoffenregelgeving. Deze kwaliteitseisen zijn thans opgenomen in de Regeling bodemkwaliteit 2022.
2.19
Ingevolge het landelijk afvalstoffenbeleid is de minimumstandaard voor verwerking het opwerken van AVI-bodemas conform de Green Deal ten behoeve van het gebruik als bouwstof. Dat is beschreven in sectorplan 20 van het LAP3. In januari 2025 is het Ontwerp Circulair Materialenplan ("CMP") voor inspraak ter inzage gelegd. Het CMP is de opvolger van het LAP3 en zal later dit jaar al in werking treden. Ook in het CMP is toepassing van AVI-bodemas als bouwstof dat voldoet aan de kwaliteitseisen uit de Regeling bodemkwaliteit 2022, als minimumstandaard voorgeschreven (Afvalplan 's).
2.20
Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet is een specifieke regeling opgenomen voor de toepassing van AVI-bodemassen en immobilisaten als bouwstoffen. De wetgever heeft nadrukkelijk niet gekozen voor een verbod en/of een vergunningplicht voor de toepassing van deze bouwstoffen, omdat met de specifieke regeling het belang van mens en milieu voldoende beschermd is. Het toepassen van bouwstoffen is aangewezen als een milieubelastende activiteit. In par. 4.123 van het Besluit activiteiten leefomgeving (?Bal” ) zijn de regels opgenomen waaraan deze milieubelastende activiteit moet voldoen, waaronder in het bijzonder een verwijzing naar de kwaliteitseisen zoals bedoeld in artikel 25d, eerste lid, van het Besluit bodemkwaliteit.6 Deze kwaliteitseisen gelden ook voor AVI-bodemassen. Daarnaast geldt voor AVI-bodemassen en immobilisaten een informatieverplichting. Ten minste vier weken voorafgaand aan de activiteit, moet bepaalde informatie worden verstrekt aan het bevoegde gezag.7
2.21
Volgens de toelichting bieden de in het Bal gestelde kwaliteitseisen een voldoende generiek beschermingsniveau^
?De kwaliteitseisen voor bouwstoffen in het Besluit activiteiten leefomgeving zijn gesteld met het oog op de bescherming van het milieu. Deze kwaliteitseisen bieden een voldoende generiek beschermingsniveau. Daardoor is de verwachting dat maatwerk alleen aan de orde zal zijn in specifieke situaties waar bijzondere bescherming nodig is. Tot op heden is gebleken dat van de mogelijkheid tot aanscherping van deze kwaliteitseisen in de provinciale milieuverordening voor grondwaterbeschermingsgebieden en waterwingebieden geen gebruik is gemaakt 2.22
De invoering van een informatieverplichting voor AVI-bodemassen en immobilisaten wordt als adequaat instrument gezien om toe te kunnen zien op de kwaliteit van de AVI-bodemas en de locatie van toepassing.9
Artikel 4.1264, eerste lid, van het Bal. Artikel 4.1258, eerste lid, van het Bal. Stb. 2021, 98, pag. 203.
Stb. 2021, 98, pag. 210.
#61683700v1
pagina 5 van 10
2.23
De wetgever op rijksniveau zag ten tijde van de recente invoering van de Omgevingswet derhalve geen noodzaak voor een verbod op de toepassing van AVI-bodemassen. De minister ziet die noodzaak nog steeds niet, getuige de kamerbrief zoals hierboven aangehaald (randnummer 2.12).
2.24
Heros ziet niet welke specifieke situatie binnen de gemeente Hardinxveld-Giessendam aan de orde zou zijn die een verbod alsnog nodig maakt. In ieder geval maakt (de toelichting bij) het Ontwerp geen enkele melding van een specifieke situatie die noopt tot het voorgenomen verbod. De enkele verwijzing naar bovendien niet nader genoemde rapporten en publicaties van RVIM en ILT, volstaat daartoe niet. In ieder geval kunnen enkele incidenten niet een algeheel verbod rechtvaardigen.
2.25
AVI-bodemassen kunnen verantwoord worden toegepast. Zo brengt Heros sinds 2012 AECgranulaat op de markt, onder de merknaam Granova® Granumix. AEC-granulaat in beton is volgens BRL 2507 KOMO gecertificeerd. Heros heeft nimmer enige klacht of kritiek op haar granulaat ontvangen. Dat kan ook niet, want AEC-granulaat scoort vaak beter dan regulier betongranulaat. Waar de score niet beter is, zijn nog steeds alle onderzochte elementen zonder uitzondering in orde. Al met al is er in de loop van diverse jaren geen enkele andere secundaire grondstof voor beton zo
uitvoerig onderzocht als AEC-granulaat. Er kwam nooit uit, dat het materiaal niet zou deugen. Het is daarom onbegrijpelijk wanneer bouwstoffen waarin AVI-bodemas is gebruikt, geweerd zou worden. 2.26
De noodzaak om de toepassing van AVI-bodemas te verbieden, is kortom niet aangetoond. Voor zover er zorgen zijn omtrent de kwaliteit van de bouwstoffen die worden toegepast, voorziet het Bal
erin dat tijdig informatie wordt aangeleverd, zodat de toezichthouder kan vaststellen of inderdaad bouwstoffen worden toegepast binnen de kaders van de wet. De gemeente heeft hier een toezichthoudende taak die binnen het huidige kader adequaat kan worden uitgevoerd. De invoering van een vergunningplicht voegt daar niets aan toe. Minder vergaande alternatieven 2.27
Het bestaande juridische kader volstaat derhalve. Voor zover uw raad niettemin aanvullende waarborgen wenst te formuleren omtrent de verantwoorde toepassing van AVI-bodemassen, dan zijn daarvoor minder ingrijpende alternatieven voor handen. Ten onrechte is gekozen voor het meest vergaande middel.
2.28
Nogmaals, het ligt op de weg van de gemeente om te analyseren waar mogelijk aandachtspunten bij de toepassing, controle en toezicht bestaan, om vervolgens een op die aandachtspunten toegesneden aanpak uit te werken. Met een intensivering van het toezicht kan de gemeente erop toezien dat toepassingen van AVI-bodemassen voldoen aan de wettelijke eisen, ter voorkoming van een onverhoopt incident.
2.29
Heros wees hierboven reeds op de brief van 1 juli 2024 waarin de Minister van Infrastructuur en Waterstaat de invoering van de vergunningplicht als een ongewenste ontwikkeling aanmerkt. De minister wijst in die brief ook op alternatieven waarmee de zorgen van de gemeenten die een vergunningplicht overwegen, kunnen worden ondervangen.10 De minister wijst in de eerste plaats op het CMP en de herijking bodemregelgeving binnen welke context naar de landelijke kaders voor
10
Kamerstukken II, 2023-2024. 30 872, nr. 300.
#61683700v1
pagina 6 van 10
secundaire bouwstoffen wordt gekeken. Het ontwerp CMP ligt thans voor inspraak ter inzage en zal in de loop van dit jaar in werking treden. Heros meent dat de gemeente Hardinxveld-Giessendam
deze herijking van de rijksregels ten onrechte doorkruist met de invoering van een verbod. 2.30
In de tweede plaats wijst de minister erop dat een ketenaanpak van secundaire bouwstoffen wordt opgezet met als doel om reststromen op een zo hoogwaardig en verantwoord mogelijke manier te verwerken en toe te passen. Ook daarmee kunnen zorgen worden ondervangen.
2.31
De minister wijst tot slot op het gesprek dat hij zal aangaan met gemeenten om te zien wat zij nodig hebben voor een verantwoorde toepassing van secundaire bouwstoffen in het algemeen. Het is Heros niet bekend of dit gesprek inmiddels heeft plaatsgevonden. Zo niet, dan meent Heros dat dit gesprek eerst dient plaats te vinden voordat kan worden beoordeeld of nadere regels op gemeentelijk niveau voor één of meer stoffen opportuun zijn. En als die nadere regels dan toch opportuun worden bevonden, dan hoeft dat niet met een verbod maar kan dat ook worden vormgegeven door het stellen van nadere eisen in het Omgevingsplan, naar evenredigheid toegespitst op de betreffende stoffen.
2.32
Volgens de toelichting bij artikel 11.19 van de regels bij het Ontwerp is het mogelijk om met een Bopa af te wijken van het verbod op toepassing van AVI-bodemassen. Daarbij moet rekening gehouden worden met een viertal maatregelen ter voorkoming van milieuschade. Daarnaast moet in de aanvraag de nodige informatie worden gegeven. De vier gestelde genoemde maatregelen ter voorkoming van milieuschade zijn:
(a) (b) (c) (d)
de bouwstof wordt boven de grondwaterstand toegepast; de bouwstof ligt onder gesloten verharding; het werk dient binnen 1 jaar na toepassing te zijn afgerond; en de bouwstoffen worden minimaal toegepast over een oppervlakte van minimaal 1.000 m2.
2.33
De noodzaak voor deze maatregelen wordt niet in het Ontwerp onderbouwd. In ieder geval de voorwaarde dat de bouwstof onder gesloten verharding moet worden toegepast, is niet aanvaardbaar. De AVI-bodemas die voldoet aan de kwaliteitscriteria in de Regeling bodemkwaliteit mag vrij worden toegepast. Een deel van die toepassing ligt niet onder een gesloten verharding, maar vormt bijvoorbeeld zelf de verharding ten onrechte wordt dat onmogelijk gemaakt. AVIbodemassen worden voorts toegepast in waterpasserende systemen, hetgeen zich niet verdraagt met een verplichting van een gesloten verharding. Er is geen begin van onderbouwing waarom die bewezen toepassing in Hardinxveld-Giessendam wordt uitgesloten.
2.34
De maatregel dat de bouwstof boven de grondwaterstand moet worden toegepast, is onduidelijk omdat het begrip grondwaterstand niet is gedefinieerd. De grens van 1.000 m2 is verder volstrekt willekeurig.
2.35
Indien uw raad deze maatregelen desondanks nodig acht, dan kunnen die net zo goed als maatwerkregel in het omgevingsplan worden opgenomen. Dat is minder verstrekkend dan een verbod, omdat dan geen voorafgaande vergunning vereist is. Tegelijktijdig gelden dezelfde maatregelen en is het belang van mens en milieu daarmee geborgd zoals met het Ontwerp wordt beoogd. Uw raad kan immers eenvoudig als maatwerkregels voorschrijven dat elke toepassing van “aandachtsbouwstoffen'' aan de gestelde vier maatregelen moet voldoen.
#61683700v1
pagina 7 van 10
2.36
Uw raad kan eveneens nader in omgevingsplan regelen welke informatie door een initiatiefnemer moet worden aangeleverd in aanvulling op de informatie die reeds ingevolge het Bal moet worden aangeleverd. Ook daarvoor is niet de invoering van een verbod nodig. NB: de meeste informatie zoals opgenomen in de toelichting bij het Ontwerp moet reeds op grond van het Bal worden overgelegd door de initiatiefnemer. Alleen de informatie onder sub j, I tot en met t is aanvullend op het Bal.
2.37
Heros is ervan overtuigd dat het goed mogelijk is om een sluitende regeling op te nemen in het omgevingsplan die recht doet aan de (mogelijke) wens van uw raad om het belang van mens en milieu bij de toepassing van AVI-bodemassen, zonder dat een verbod nodig is. Dat ziet zij bevestigd in documenten over de voorbereiding van het Ontwerp. Heros heeft bij de Omgevingsdienst ZuidHolland Zuid een verzoek ingediend op grond van de Wet open overheid. Dat heeft onder meer geresulteerd in de openbaarmaking van bijgaande e-mail waaruit blijkt dat louter voor een verbod is gekozen, omdat dit de regels simpeler maakt (bijlage 1). Een verdere uitwerking in regels werd kennelijk niet onmogelijk bevonden:
'We hebben o.a. vooreen verbod gekozen, omdat dit de regels simpeler maakt (1 klein artikel ipv 2,5 pagina aan artikelen)."
2.38
De keuze voor een verbod, omdat dit simpeler zou zijn, is wat Heros betreft onbegrijpelijk. Dit vormt een aanzienlijke belemmering voor de toepassing van secundaire bouwstoffen en de transitie naar volledige circulariteit, terwijl met goed doordachte regels het belang van mens en milieu evengoed gediend kan worden.
2.39
Indien een initiatiefnemer vooraf kan inschatten of aan de geldende toetsingscriteria kan worden voldaan, geeft dat rechtszekerheid en zal mogelijk toch voor het gebruik van secundaire bouwstoffen zoals AVI-bodemas worden gekozen in die omstandigheden waar dat ook volgens de gemeente Hardinxveld-Giessendam aanvaardbaar wordt gevonden.
2.40
Ten aanzien van de informatie die nodig zou zijn volgens de toelichting merkt Heros nog het volgende op. Het is veelal onduidelijk welke concrete informatie overlegd zou moeten worden en wat daarvan dan vervolgens de waarde is bij de verdere beoordeling. Volgens sub m zou bijvoorbeeld informatie over de waarborging van de eisen van het productcertificaat nodig zijn, indien een milieuhygiënische verklaring een productcertificaat is. Heros begrijpt dit niet, omdat dit toch juist met het productcertificaat wordt geborgd.
2.41
Volgens sub n moeten de kritische aspecten zoals grondwater en oppervlaktewater in de nabijheid worden beschreven. Onduidelijk is wanneer sprake is van "nabijheid". Verder is de opsomming ten onrechte niet uitputtend, zodat onduidelijk is wat de gemeente als kritische aspecten beschouwt. Dat is rechtsonzeker.
2.42
De "grondwaterstand" is niet gedefinieerd, zodat niet goed kan worden aangegeven wat de toepassingshoogte is ten opzichte van de grondwaterstand.
2.43
De eis dat informatie over de zetting voor de komende 100 jaar moet worden gegeven, volgt Heros niet. Dat is in de eerste plaats een overdreven lange periode en vergt een onnodig onderzoeksinspanning. Verder blijkt niet wat de relevantie hiervan is voor de door gemeente te maken afweging.
#61683700v1
pagina 8 van 10
2.44
Heros meent dat het niet nodig is om per toepassing op aanvullende informatie te vragen ten opzichte van de informatie die reeds op grond van het Bal moet worden aangeleverd. De noodzaak is ten onrechte niet beschreven en zal alleen maar tot onnodige onderzoeksverplichtingen en belemmeringen leiden. Als uw raad hier niettemin aan vast wenst te houden, dan kan de verplichting om aanvullende informatie aan te leveren eenvoudig in het omgevingsplan worden opgenomen. Daarvoor is een vergunningplicht niet nodig en daarvan moet ook worden afgezien.
2.45
Kortom, de eisen van noodzakelijkheid en rechtszekerheid staan in de weg aan een vergunningplicht voor de toepassing van AVI-bodemas. Voor zover aanvullende lokale eisen nodig zouden zijn, gebiedt de evenredigheid dat hooguit een eenduidige maatwerkregel wordt opgenomen in het omgevingsplan met lokale aanvullende eisen waaronder AVI-bodemas, als alternatief voor een vergunningplicht.
2.5
Geschikt
2.46
Tot slot wijst Heros er hier op dat de invoering van een verbod geen geschikte maatregel is, omdat daarmee niet op een coherente wijze uitvoering wordt gegeven aan het Nederlandse bouwstoffenbeleid. Zoals hierboven toegelicht, is het rijksbeleid gericht op het toepassen van secundaire bouwstoffen zoals AVI-bodemassen in het licht van de doelstelling van volledige circulariteit. Het rijksbeleid voorziet juist in toepassingsmogelijkheden, terwijl gemeentelijke regelgeving dat nu zal doorkruisen in Hardinxveld-Giessendam. Daarmee dreigt vervolgens een lappendeken van regels voor de toepassing van bouwstoffen, omdat in andere gemeenten geen
aanvullende eisen gelden, of gemeenteraden elders weer andere regels voor omgevingsplannen kunnen gaan overwegen en kunnen gaan stellen, met ook mogelijke procedures als gevolg. Dat alles levert tegenstrijdigheden op, is niet coherent en daarmee ook om die reden in strijd met het evenredigheidsbeginsel. 3
CONCLUSIE EN VERZOEK
3.1
Het Ontwerp bevat in strijd met het evenredigheidsbeginsel een verbod op de toepassing van AVIbodemassen. Heros verzoekt u om af te zien van de vaststelling van par. 11.1.3 van het Ontwerp voor wat betreft het verbod op de toepassing van specifiek AVI-bodemassen, waaronder immobilisaten waarin AVI-bodemassen zijn toegepast en bouwstoffen die voor meer dan 20 gewichtsprocenten uit AVI-bodemassen bestaan.
3.2
Subsidiair verzoekt Heros uw raad om voor AVI-bodemassen in plaats van een vergunningplicht een eenduidige maatwerkregel op te stellen waarmee het belang van mens en milieu ook op adequate wijze kan worden behartigd. Met vriéndelijke groet,
Advocaten AKD
#61683700v1
pagina 9 van 10
Bijlage
Omschrijving
1
Openbaar gemaakte e-mail
#61683700v1
pagina 10 van 10
Bijlage 1
Van: Verzonden: Aan:
maandag 20 november 2023 16:23
CC:
voorbeeld voor ODNL en ministerie voor landelijke meld of vergunningplicht staalslakken Artikelen en toelichting TGG en staalslakken ed.docx
Onderwerp: Bijlagen:
Beste Ben blij te horen dat er verbeteringen aankomen en een meerjarige herijking van het beleid. Hierbij ter Inspiratie voor de landelijke denktank de artikelen met toelichting die we hebben gemaakt voor o.a. staalslakken. We hebben o.a. voor een verbod gekozen, omdat dit de regels simpeler maakt (1 klein artikel ipv 2,5 pagina aan
artikelen). In de toelichting is te lezen dat we aansturen op aanvraag van een vergunning. Een vergunning geeft het bevoegd gezag meer zeggenschap over waar en hoe ze worden toegepast. Een melding vinden we nog wat te marginaal, omdat onze zeggenschap dan nog steeds minimaal is. Met vriendelijke groet,
en Ondergrond Per 1 januari 2024 treedt de omgevingswet In werking, bent u er al klaar voor? Let op: de bodemmeldingen doet u dan via het ngsloket. Hiervoor heeft u E-herkenning nodig. Oefen alvast met onze modules.
Omgevingadie st ZuldHollandZuld
o
, Postbus 550, 3300 AN Dordrecht
z h zn
078 770
www.ozhz.nl Is deze mail niet voor u bedoeld? Laal dit oon do afzender welen en verrader de mail. Aan dit bericht kunt u geen redden ontlenen.
1
Productie 3
COMBIMIX
INNOVATIE IN FUNDEREN EN OPHOGEN
granova® Jaarlijks krijgen 700.000 ton AEC-bodemasbij Heros Sluiskil B.V. een tweede leven volgens de laatste stand der techniek.
De minerale fractie wordt, deels na wassen, ingezet als duurzame zand- en grindvervangers onder het merk granova’. De granova’ producten zijn een doorontwikkeling van de NL BsB®-gecertificeerde bouwstof AEC-bodemas.
Als uitstekende vervanging voor primaire bouw- en grondstoffen zoals zand en grind, wordt granova' toegepast in
asfalt, beton of als funderingsmengsel voor de wegenbouw. Granova' is leverbaar in verschillende varianten. Dit productblad beschrijft de granova" COMBIMIX voor toepassing in de wegenbouw.
MILIEUHYGIËNISCHE KWALITEIT
CIVIELTECHNISCHE KWALITEIT
PRODUCTIEPROCES
COMBIMIX is CE-gemarkeerd, volgens NEN-EN
Het productieproces van granova* producten
De milieu-hygiënische kwaliteit van COMBIMIX
13242. Om de kwaliteit van het product te borgen
bestaat uit meerdere bewerkingen. Primair wordt
voldoet aan de waarden voor
vindt de productie plaats onder het strenge regime
de ruwe bodemas vrijgemaakt van onverbrande
niet-vormgegeven bouwstof conform het Besluit
van bedrijfscontroles van Heros Sluiskil B.V. De basis
resten. Na zeving en demetalisering worden de gro
Bodemkwaliteit. Hierdoor is COMBIMIX algemeen
eigenschappen zoals op de achterzijde omschreven,
ve korrels gebroken tot een korrelfractie van 0/16
geschikt voor toepassingen in de Nederlandse
worden aanvullend op de eisen vanuit het Besluit
mm. Tot slot worden de korrelfracties gewassen en
bodem.
Bodemkwaliteit bewaakt.
samengevoegd tot een geschikt granulaatmengsel voor bijvoorbeeld de wegenbouw.
1%
1:
i “ e
KORRELVERDELING (RICHTWAARDEN)
KORRELSTERKTE De korrelsterkte van COMBIMIX uitgedrukt in de LA-waarde is < 0,40.
percentage door zeef (m/m)
Zeefmaat (mm)
GEHALTE PLATTE STUKKEN |
M inim um
Het gehalte platte stukken, uitgedrukt in de vlakheidsindex, bedraagt <20%.
WATEROPNAME KORRELFRACTIE 4/31,5 MM De wateropname van deze korrelfractie bedraagt maximaal 6% (m/m).
DRAAGVERMOGEN Het draagvermogen van COMBIMIX 0/16 mm. uitgedrukt in de 0-daagse CBR-waarde,
bedraagt tenminste 60%. De 28-daagse CBR-waarde bedraagt tenminste 80%. De 91-daagse CBR-waarde bedraagt tenminste 100%. De dynamische stijfheid Edyn van COMBIMIX bedraagt 6 weken na inbouw met een verdichtingsgraad van tenminste 98%
t.o.v. de verzwaarde proctorproef tenminste 400 MPa.
GOEDKEURING RIJKSWATERSTAAT Het product granova* COMBIMIX is opgenomen in de toepassingsverklaring ' Eisen
SAMENSTELLING
Onderbouw' en ' Eisen Berm' van Rijkswaterstaat. Daarmee is dit granulaat geschikt voor onderbouw en berm voor projecten van Rijkswaterstaa
De globale samenstelling van COMBIMIX is:
Heros is hiermee het eerste bedrijf in Nederland dat, overeenkomstig de Green Deal, een
Conglomeraat
60% -70%
Keramiek
5% -10%
Glas
15% - 20%
Steen
7% - 13%
Metalen
0% < 1%
Organische materialen
0% < 1%
Gloeiverlies
0% < 3%
bouwstof uit AEC-bodemas produceert die deze goedkeuring van Rijkswaterstaat draagt.
granova* is een merk van:
HEROS
COMBIMIX
GRANUMIX
W ORKING FOR THE FUTURE
granova"
granova"
Voor meer informatie over Granova' kunt u contact opnemen met Heros sluiskil BV Tel: of kijk op onze website: www.granova.nl |
@heros.nl |
Productie 4
DRAINMIX
VAN RESTAFVAL NAAR CIRCULAIRE FUNDERING MET DRAINMIX
granova® Door de intensieve samenwerking tussen SUEZ en Heros Sluiskil werd de nieuwe bouwstof DRAINMIX ontwikkeld;
een duurzame fundering op plaatsen waar water op een vertraagde manier moet worden afgevoerd, zoals pleinen,
parkeerplaatsen, fietspaden en sportvelden. DRAINMIX is een duurzame en circulaire bouwstof die gemeentes, provincies, waterschappen maar ook bedrijven kan ondersteunen bij het realiseren van hun duurzaamheidsdoelstellingen.
VERWERKING VAN RESTAFVAL
STERK, MILIEUVRIENDELIJK EN KOSTENEFFICIENT
In afvalcentrales verbranden we het restafval dat wordt ingezameld bij
DRAINMIX is een sterke, secundaire bouwstof, met genoeg holle ruimte
burgers en bedrijven. De warmte die daarbij vrij komt wordt gebruikt om
om veel water op te vangen. De gemeente Grubbenvorst heeft als eerste
elektriciteit op te wekken en woningen en bedrijven te verwarmen. Na de
DRAINMIX toegepast in een waterpasserend en bufferend pakket in het
verbranding van het restafval blijft in de energiecentrales onder andere
straatbeeld. Het regenwater wordt door de kleine holtes in de DRAINMIX
bodemas over. Na verwerking van bodemas - donkergrijs, zandachtig
tijdelijk opgeslagen en vervolgens vertraagd afgevoerd in de bodem.
materiaal - is het geschikt voor hergebruik. De metalen in de as worden
Hierdoor kunnen ook de hoosbuien van de toekomst geleidelijk afgevoerd
nieuwe grondstoffen en de mineralen zijn ideaal als bouwstof.
worden en blijven er geen gevaarlijke plassen achter op het wegdek. Een mooi voorbeeld van duurzame klimaatadaptatie.
DE VOORDELEN VAN DRAINMIX OP EEN RIJ
Beter voor het milieu Besparing op materiaal en arbeid Constante kwaliteit Slim omgaan met water
DRAINMIX IS EEN LICHTE BOUWSTOF DAT VEEL WATER OPVANGT DRAINMIX voldoet aan de NOC-NSF constructienorm 3, voor fundering onde spo tvelde
Klassieke fundering
t
Het
dt
t
d fg
d.
Fundering met DRAINMIX
—Toplaag —E-layer of foamlayer (optioneel)
—Toplaag —E-layer of foamlayer (optioneel)
—Sporttechnische laag
_
- Zandfundering
DRAINMIX
40% minder ?laagdikte?
—Drainage
Drainage —
AFVAL IS WAARDEVOL Samen maken wij van afval weer nieuwe materialen. DRAINMIX is gemaakt van grondstoffen die achte blijven bij de
rb
di
t fv l.
1.700.000 ton bodemassen per jaar
?V SUEZ haalt het restafval van huishoudens en bedrijven op en brengt het naar de afvalcentrale.
Bij verbranding van afval komt warmte vrij, daarmee wekken wij elektriciteit op.
Na de verbranding blijft bodemas over. Daarin zitten mineralen die ideaal zijn als grondstof voor DRAINMIX
KORRELVERDELING (RICHTWAARDEN)
Zeefmaat
(mm)
Grenswaarden voor doorval (% mm)
Basiskenmerken
.
Algemeen
Gemidd lde
Grens tov
gemiddelde
Grenswaarden
32
100
100
100-100
20
98-100
100
100-100
98
96-100
16
14
85-99
|
Prestaties
Korrel maat
2/14 mm
Korrelgradering
Coarse G,85-15/ 7
Korrelvorm:
- Vlakheidsindex - Korrelvormgetal
F,
Si
94
90-97
12.5
89
83-94
Percentage gebroken materiaal en volledig rond materiaal in grof toeslagmateriaal
Su
10
77
68-86
Gehalte aan fijne bestanddelen
f
8
62
53-72
Kwaliteit van de fijne bestanddelen
NPD
37-59
Verbrijzelingsweerstand van grof toeslagmateriaal
LA,
Weerstand tegen afslijting van grof toeslagmateriaal
M NR
Deeltjes Dichtheid (Rho rd)
2,45 Mg/m
Waterabsorptie (WA.)
3,8 %m/m
Chemische eisen
NR
Duurzaamheideisen
NR
1
6,3
4
48
20-70
23
17-31
2
0-15
5
3-8
1
0-5
2
1-4
0.063 (fines)
?
0,6
*90% van de bepalingen voldoen aan grenswaarden voor de doorval.
DRAINMIX is een product van:
2 -H E R O S
© osue2
WORKING FOR TRE FUTURE klaar voor de grondstoffenrevolutie
Voor meer informatie over DRAINMIX kunt u contact opnemen met Heros Sluiskil BV Tel: of kijk op onze website: www.granova.nl |
@heros.nl |
Productie 5
EEN DUURZAAM ALTERNATIEF
GRANUMIX granova®
Jaarlijks krijgen 700.000 ton AEC-bodemas bij Heros Sluiskil B.V. een tweede leven volgens de laatste stand der techniek. De minerale fractie wordt, deels na wassen, ingezet als duurzame zand- en grindvervangers onder het merk granova . O
De granova
producten zijn een doorontwikkeling van de NL BsB -gecertificeerde bouwstof AEC-bodemas.
Als uitstekende vervanging voor primaire bouw- en grondstoffen zoals zand en grind, wordt granova1, toegepast in asfalt, beton of als funderingsmengsel voor de wegenbouw.
Dit productblad beschrijft de granova' GRANUMIX voor toepassing in bijvoorbeeld vormgegeven betonproducten.
TOEPASSING
KWALITEIT
GRANUMIX is een doorontwikkeling van de KOMO-
GRANUMIX kan tot 50% aan primaire grondstoffen
GRANUMIX wordt geproduceerd uit de KOMO-
gecertificeerde bouwstof AEC-bodemas. Deze
vervangen bij de productie van niet-constructief
gecertificeerde bouwstof AEC-bodemas. In een
secundaire grondstof is uitermate geschikt om zand
beton zoals: tegels, stenen, banden, vloerplaten
speciaal hiervoor ontwikkelde installatie worden
en grind te vervangen in beton en betonwaren.
en buizen. Voor de toepassingsmogelijkheden in
de korrels opgeschoond en op de juiste maat
GRANUMIX is leverbaar in verschillende fracties, met
gewapend(e) beton(constructies) kunt u contact
afgezeefd. Het gehele proces wordt hierbij constant
als basis 0-12 mm en 2-12 mm. Andere afgeleide
opnemen met een van onze adviseurs. GRANUMIX
gemonitord door interne en externe laboratoria.
fracties kunnen op aanvraag geproduceerd worden.
is tevens geschikt als toeslagstof in asfalt
GRANUMIX wordt geleverd voor de toepassing in betonwaren, voorzien van een productcertificaat
volgens de BRL 2507. Dagelijkse controle en waar
borging van de kwaliteit, verzekeren u als producent
van een goede bouwstof tegen gunstige condities.
|
VOORDELEN VAN GRANOVA®:
1
? Besparing van primaire grondstoffen ? Reductie van de CO, uitstoot ? Past in criteria van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen
? Besparing op uw grondstofkosten ? Gunstige LCA waarde; MKI = ? 0,07/ton ? In ruime mate beschikbaar
? Constante kwaliteit
Euralcode
19.01.12
Formele naam
AEC-granulaat
Beoordelingsrichtlijn
BRL 2507
CE-normering
NEN-EN 12620 (CE2+)
Soortelijk gewicht
2000 - 2100 kg/m3
Vochtopname
8 -1 0 %
LCA waarde (volgens Milieu Kosten Indicator)
? 0,07/ton
ALGEMEEN GRANUMIX is een secundaire grondstof. Hoewel hergebruik van
overheidswege wordt gestimuleerd, kan uw milieuvergunning
bepalingen hiervoor hebben opgenomen.
TOEPASSING VAN GRANUMIX IN COMBINATIE MET ANDERE SECUNDAIRE MATERIALEN Voor combinaties van GRANUMIX met andere secundaire materialen zoals beton en/of menggranulaat) dient attesteringsonderzoek plaats
te vinden om de geschiktheid van deze combinatie aan te tonen.
NADERE INFORMATIE CE-productblad, KOMO productcertificaat. MSDS en onderzoeksgegevens zijn op verzoek beschikbaar.
granova* is een merk van:
HEROS W ORKING FOR THE FUTURE
GRANUMIX
COMBIMIX
granova*
granova*
Voor meer informatie over Granova® kunt u contact opnemen met Heros sluiskil BV Tel: of kijk op onze website: www.granova.nl I
@heros.nl |
Productie
IMMOMIX
DUURZAME OPLOSSING VOOR DE BOUW- EN INDUSTRIE
granova® Jaarlijks krijgt 700.000 ton AEC-bodemas bij Heros Sluiskil BV onder de merknaam granova
een tweede leven volgens
de laatste stand der techniek.
Deze granova' producten zijn een uitstekende circulaire vervanging voor primaire bouw- en grondstoffen zoals zand en grind. Granova' wordt toegepast in onder andere asfalt, beton en als funderingsmengel voor de wegenbouw.
Met name voor deze laatste toepassing is granova® IMMOMIX ontwikkeld. Een van de nuttige toepassingen conform de Green Deal.
De ruwe AEC-bodemas wordt bij Heros opgewerkt. IJzer (ferro) en andere (non-ferro) metalen zoals aluminium, koper en zink etc worden teruggewonnen. Ook wordt het restant brandbaar materiaal en andere stoorstoffen verwijderd. Aan het einde van het proces is de ruwe AEC-bodemas verwerkt tot gecertificeerde IMMOMIX. een zwart, zandachtig materiaal
IMMOMIX is een circulaire grondstof speciaal ontwikkeld voor de toepassing als hoofdbestanddeel in immobilisaat De bouwbranche vraagt steeds meer om bouwstoffen die zijn vervaardigd uit secundaire grondstoffen, met als drijfveren de economie (kosten) en het milieubeleid. Bij toepassing van IMMOMIX kan bij grootschalige projecten bespaard worden op de winning en inzet van primaire grondstoffen Dit levert milieuwinst op. Wanneer reststoffen niet langer gestort hoeven te worden, valt er nog meer winst te behalen: geen milieurisico, geen ruimtebeslag, geen kosten voor storten en beheer.
ALGEMEEN:
T chnisch gegeven
De voordelen van IMMOMIX: ? minder inzet van primaire grondstoffen; ? minder storten (ruimtegebrek, maatschappelijke weerstand); ? duurzame oplossingen voor de bouw en industrie (het sluiten
Volumieke massa:
Los gestort ca. 1550 kg/m!, verdicht ca. 1850 kg/m3
Korrelmaat
0-14 mm
Koitelverdeling dooival
Zeef C 22,4 - 0/1 0% cumulatief
van de grondstoffenketen, cradle-to-cradle);
Zeef C4 - 30/70% cumulatief
? Financieel aantrekkelijk.
63pm - 90/100% cumulatief
SPECIFIEK Gloeiverlies
Gemiddeld 3%
IMMOMIX is een secundaire grondstof, specifiek ontwikkeld voor gebruik ten behoeve van immobilisaat. IMMOMIX is merknaam
Uzerhoudende componenten
Ca5%
van Heros. De kwaliteit is vastgelegd in een actuele prestatiever-
Metallisch alluminium
<1%
Korrelvorm
Overwegend hoekig
Verbrijzelingsfactor
0.62-0,76
Vochtgehalte
10-15%
klaring welke op onze site te downloden is en wordt continue
gemonitord.
NADERE INFORMATIE: CE-productblad, KOMO productcertificaat en MSDS via onze
website te downloaden.
IMMOMIX is een product van:
HEROS W ORKING FOR THE FUTURE
Voor meer informatie over IMMOMIX kunt u contact opnemen met Heros Sluiskil BV Tel: of kijk op onze website: www.granova.nl | @heros.nl |
Productie
Green Deal Verduurzaming nuttige toepassing AEC-bodemas
On dergetekenden : A.
De staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, , handelende in zijn hoedanigheid van bestuursorgaan en als vertegenwoordiger van de Staat der Nederlanden, hierna te noemen: Rijksoverheid; en
B. De volgende Afvalenergiecentrales (AEC?s) - Afval Energie Bedrijf
-
ARN BV
-
Attero Energy from Waste Delfzijl B.V. Van Gansewinkel Groep
-
HVC
- Omrin - SITA Nederland Holding B.V. - Twence B.V. te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de voorzitter van de Vereniging Afvalbedrijven, statutair gevestigd te 's-Gravenhage en met adres: 'sHertogenbosch, , , hierna te noemen: ?AEC?s?.
Ondergetekenden hierna tezamen te noemen: Partijen;
Algemene overwegingen: 1.
In deze Green Deal wordt verstaan onder
AEC: een technische eenheid in de zin van het Besluit van 2 maart 2004, houdende implementatie van richtlijn nr. 2000/76/EG van het Europees Parlement en de Raad van de
Europese Unie van 4 december 2000 betreffende de verbranding van afval (PbEG L 332)
(Besluit verbranden afvalstoffen), waarin al dan niet de opgewekte warmte wordt teruggewonnen en die uitsluitend of in hoofdzaak is bestemd voor de verbranding door oxidatie van afvalstoffen. AEC-bodemas: de bodemas die resteert na verbranding in een inrichting die uitsluitend of in hoofdzaak is bestemd voor het verbranden van huishoudelijke afvalstoffen en bedrijfsafvalstoffen in een roosteroven of een wervel bedoven. Duurzame nuttige toepassing van AEC-bodemas: de situatie waarin de bij de verbranding vrijkomende bodemas zodanig wordt be- en verwerkt dat een optimale scheiding wordt gekregen van de aanwezige fracties, te weten, ijzer, roestvrij staal, non-ferrometalen (zoals aluminium , koper en zink), onverbrand en mineralen. Deze vrijkomende stromen worden ieder afzonderlijk hoogwaardig verwerkt of toegepast. Verdere verduurzaming van de keten kan worden bereikt door maximalisatie van de verwijdering van de ferro- en non-
1|G reen Deal
ferrometalen uit de minerale fractie en door het verminderen van de uitloging van de
minerale fractie in de toepassing, niet alleen bij een eerste toepassing maar ook bij een
volgende levensfase. Vermindering zal in ieder geval langs de volgende wegen wonden bereikt:
a. Opwerking tot een niet-vormgegeven product dat voldoet aan de eisen zoals gesteld in
het Besluit bodemkwaliteit voor vrije toepassing; b. Toepassing als toeslagmateriaal in producten; c. Toepassing in immobilisaten; d. Nieuwe, nog niet voorziene innovatieve ideeën.
Partijen hebben afgesproken dat deze Green Deal primair is gericht op opwerking van de AEC-bodemas (a). Deze definitie geeft geen invulling aan de sociale dimensie. Bovendien is deze definitie niet getoetst op maatschappelijk draagvlak.
Kwaliteitsverbetering van AEC-bodemas: de maximale afscheiding van metalen (ferro en non-ferro), de beperking van de uitloging zodat toepassing als niet-vormgegeven bouwstof mogelijk is, het terugbrengen van niet-minerale delen met het oog op gebruik als
toeslagmateriaal (in beton, asfalt of andere producten) of productie van een immobilisaat
dat voldoet aan de eisen voor een vormgegeven product.
IBC-bouwstof: een bouwstof die vanwege de mate van emissie alleen met isolatie-, beheers en controlemaatregelen mag wonden toegepast conform het Besluit van 22 november 2007, houdende regels inzake de kwaliteit van de bodem (Besluit bodemkwaliteit). 2.
Het doel dat Partijen met deze Green Deal beogen te bereiken is te komen tot verdere en structurele kwaliteitsverbetering van AEC-bodemas.
3.
Het Kabinet beoogt een Green Deal met de samenleving die bijdraagt aan verduurzaming van de maatschappij op korte en langere termijn en die lonend is voor overheid en
maatschappij. Doel van de Green Deal is laten zien dat groen en groei hand in hand gaan. 4.
Partijen zien publiekprivate samenwerking als de beste manier om verduurzaming van onze economie te versnellen en hier ook economisch van de profiteren. Deze unieke
gezamenlijke aanpak is in Nederland op andere terreinen zeer succesvol en de Green Deal zal hierop voortbouwen. Creativiteit, ondernemerschap en innovatie zijn onmisbaar
om deze verduurzaming mogelijk te maken.
5.
Het gaat bij de Green Deal om concrete duurzame initiatieven, waarbij barrières
verdwijnen, innovaties worden ontwikkeld, gefinancierd en toegepast en duurzame kansen worden benut. In de praktijk loopt de maatschappij tegen belemmeringen aan die
in de weg staan aan initiatieven die leiden tot een verdere verduurzaming. 6.
Partijen willen in de Green Deal afspraken maken die deze belemmeringen wegnemen, zodat de initiatieven die anders moeilijk van de grond komen ruim baan krijgen. Deze
2|Green Deal
Productie 8
Circulair Materialenplan Home
Over het CMP
Zoek n
Onderwerpen
Materialen
Instrumente
Contact
Home > Onderwerpen > Hoogwaardige verwerking > Immobilisaat, vulstof of toeslagmateriaal
Ontwerp Circulair Materiaienplan
Immobilisaat, vulstof of toeslagmateriaal Inspraak Dit document is een onderdeel van het Ontwerp Circulair Materialenplan (ontwerp-CMP) voor de inspraakprocedure. Eenieder krijgt de gelegenheid om in deze periode verbeterpunten of suggesties aan te dragen voordat het CMP definitief wordt vastgesteld. De Wet milieubeheer bepaalt dat voor het vaststellen van het CMP een procedure van inspraak moet worden gevolgd. Dit geldt niet voor alle onderdelen voor het CMP, maar wel voor de onderdelen die doorwerken in de besluiten van bevoegde gezagen. In het CMP staan deze teksten onder de kop ' Toetsingskaders'.
Zienswijzen op de toetsingskaders worden van een formele reactie voorzien in een reactienota. Daarin wordt aangegeven hoe de zienswijzen zijn verwerkt in het definitieve CMP, of worden argumenten gegeven voor waarom zienswijzen niet tot aanpassing hebben geleid. Zienswijzen op de toelichtende onderdelen worden wel bekeken op mogelijkheden om het CMP te verbeteren, maar worden niet van een formele reactie voorzien in de reactienota. Een zienswijze indienen kan via het formulier op Platform Participatie (zie de link op circulairmaterialenplan.nl ). Vermeld bij uw reactie de titel van het onderdeel van het CMP waar u op reageert, plus het paginanummer of paragraafnummer.
Pdf's ontwerp-CMP worden website De definitieve tekst van het CMP wordt een website. Deze pdf's van het ontwerp-CMP geven
een indruk van de opmaak van de toekomstige website, maar bevatten nog niet de bijbehorende functionaliteiten. Enkele tips voor het lezen van de pdf's:
? In deze pdf kunt u in de browser of de pdf-reader linksboven of rechtsboven een inhoudsgave uitklappen, genaamd 'inhoud' of 'bladwijzers'. ? Onderstippelde woorden in de tekst zijn begrippen waarvoor op de website in een uitklapkader de betekenis wordt gegeven. Zie in het ontwerp-CMP de begrippenlijst onder het deel ' Instrumenten'. ? De [Interne links] in het CMP worden in het ontwerp-CMP nog in blauw met rechte haken weergegeven, maar deze verwijzingen werken nog niet. De links worden op de website van het definitieve CMP werkend gemaakt. Dit document is opgemaakt voor digitoegankelijkheid. Kunt u de tekst of afbeeldingen niet lezen? Neem dan contact op via of het contactformulier van de helpdesk.
Status: Ontwerp Circulair Materialenplan voor inspraak Afzender: Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat
Datum: januari 2025 Website: circulairmaterialenplan.nl Ontwerp Circulair Materialenplan | Ministerie van lenW | 1
6
Circulair Materialenplan
C Home
Over het CMP
Q
Zoeken
Onderwerpen
Material n
Instrumenten
Conta t
Home > Onderwerpen > Hoogwaardige verwerking > Immobilisaat, vulstof of toeslagmateriaal
Immobilisaat, vulstof of toeslagmateriaal Afvalstoffen kunnen worden gebruikt in immobilisaten, ais vulstof of als toeslagmateriaal (zie ook kader) in vormgegeven,bouwstoffen. Dit hoofdstuk heeft tot doel om voor deze vormen van verwerken en inzet van afvalstoffen duidelijkheid te geven: [1] hoe hier vanuit de transitie naar een circulaire economie tegenaan wordt gekeken, en [2] in welke gevallen wel of niet een vergunning mag worden verleend.
Dit hoofdstuk gaat alleen over het inzetten van afvalstoffen in vormgegeven bouwstoffen. Het immobiliseren of conditioneren van afvalstoffen als voorbehandeling voor het storten op een daartoe geschikte stortplaats, valt buiten dit hoofdstuk. Daar waar in dit hoofdstuk wordt gesproken over ?immobilisatie?gaat het uitsluitend over ?koude ifDmobilisatie' en niet om ?thermische immobilisatie ?. Uitleg over de inzet als vulstof, toeslagmateriaal en immobilisaat