Bijlage 1 Beleidsuitwerking Natuur en Groen 2024
Tekst van het document
1
M E E R I N F O R M AT I E • Factsheet Natuurwaardenkaart • Structuurvisie Dorpomgevingsplan Hierden (BoschSlabbers, 2011) • ‘Verdiepingsslag Buitengebied Harderwijk en Hierden’
2 L A N E N VA N D E TO E KO M S T
e
ur
de m
erel
s sa
d
2
Amba
De Varenweg, Hoge Varenweg en Lageweg zijn voorbeelden met mooie lanen. Op een aantal andere wegen binnen of op de grens van dit deelgebied ontbreekt echter de continuïteit in wegbeplanting nog. Zorg op de Zuiderzeestraatweg, Mheenbroekweg, Oostermheenweg, Kleine Varenweg, Ruiversdam, Wijtgraaf, Molenweg, Wouterskampen en Papenerf voor goede biodivers beplante lanen door een meer continue beplanting te realiseren. Voorgesteld wordt om deze wegen (verder) aan te planten met een mix van soorten als fladderiep, zomereik, wintereik, ratelpopulier, linde. zomerlinde, winterlinde, berk, beuk, etc. Waar dit niet of lastig past kunnen tuineigenaren actief worden benaderd en bomen uitgedeeld om meer bomen in het straatbeeld op particuliere grond te krijgen.
WAT K U N T U B I J D R AG E N • Richt uw erf of tuin in met meer inheemse (erf) beplanting: struiken, bomen, hagen, fruibomen, minder gemaaid gras etc. • Bekijk de Varenweg 19 eens als voorbeeld van een ecologische ‘hotspot’ in de straat. • Laat bladeren in de tuin liggen, vogels zoals de merel, zoeken er naar slakken en wormen. • Plaats een drinkplaats in de tuin. Dit kan een grote ondiepe schotel zijn. Merels, maar ook andere vogels kunnen er ook in badderen. • Zorg voor dichte, doornige struiken in de tuin. Geef de kat een belletje, of houd deze binnen als er jonge merels in de tuin zitten. Zie pagina 72 voor mogelijke maatregelen die u kunt treffen ter bevordering van de lokale biodiversiteit. A M BA S SA D E U R : M E R E L Waar grasvelden zijn (hoe klein ook) en bomen en struiken, daar zijn merels. Van weilanden tot wegbermen, merels weten er hun voedsel te vinden. Het talrijkst in groene buitenwijken en in vochtige bossen met veel ondergroei. Beleidsuitwerking Natuur en Groen - 45
11. Randmeer en oeverzone Beschermd gebied - Continue oeverzone met 4 tinten KO E R S VO O R N AT U U R & G R O E N Motto: Continue oeverzone met 3 tinten Met de ingrepen rond Waterfront, Lorentz en de Mheenlandoevers is er de afgleopen 15 jaar een enorme natuurkwaliteitsslag gemaakt en toegewerkt naar een meer aaneengesloten oeverzone met ecologische kwaliteit! 1. De Hierdense zijde als ‘luwe open natuuroever’ gaat erg goed. Hier geldt: behoud de rustige plekken, voorkom betreedbaarheid en houdt deze zijde dus onbereikbaar en open i.v.m. het naastgelegen weideland. 2. Langs industrieterrein Lorentz is de ‘besloten bosoever’ beplanting juist wel beplanting gewenst, omdat ze het zicht op de bebouwing en verzacht. 3. Voor het centrum ligt de focus op een ‘(bio)diverse woonoeverarchipel’ met grote diversiteit aan land-waterovergangen en oevertypen (zie ook deelgebied Waterfront). 4. De oevers langs de ‘halfopen natuurlijke parkoever’ het Zeepad mogen extra ecologische kwaliteit krijgen. Het gaat hier met name om kleine ingrepen in relatie tot maaibeheer, extra bomen, e.d. Langs de oever is behoud en versterking van de rietkragen een belangrijke opgave. Een ander aandachtspunt blijft de beleving van de weidsheid van het water. Opgaande beplantingen langs de oevers van de N302 verstoren deze weidsheid, terwijl deze wel gidslijnen zijn voor vleermuizen.
Het beheer dient er op gericht te zijn om een de juiste balans te vinden tussen boomvorming enerzijds en brede zichtvensters anderzijds.
bes
2. bouw voort op cultuurhist. landschap: oever, weiden 3. bescherm natuurgebieden: N2000, GNN 4. verbindende structuren: aaneengesloten oever 5. fijnmazig netwerk: oevers 6. beleefbare randen&routes: parkoever, stadsoeverarchipel, moerasbosoever 7. 1000 speldenprikken: wilgen en populieren 8. ontwikkel natuurwaarde: rietoevers
K A R A K T E R I S T I E K - D E VO O R M A L I G E ZUIDERZEE INCLUSIEF DE OEVERS Het Veluwemeer en het Wolderwijd zijn relicten van de Zuiderzee en zijn ontstaan na de inpoldering van Oostelijk- respectievelijk Zuidelijk Flevoland. Het zijn uitgestrekte meren, die buiten de gemeente grenzen aan de natuurgebieden Harderbroek, Harderbos en Kievitslanden (Flevopolder). In de meren zelf liggen begroeide dammen en natuur- en recreatie-eilanden, waaronder het eiland de Knar. De oevers kennen een verschillende invulling. Het westelijke deel (langs het Zeepad) kent natuurlijke oevers met veel opgaande beplanting en strandjes. Hier is plek voor recreatie samen met de natuur. Het gedeelte langs de Mheenlanden is juist open, hier komt bijna geen opgaande beplanting voor. In recente jaren zijn hier ingrepen gedaan in de oeverzone om middels oeververgravingen en langsdammen meer oeverzone en luwte voor watervogels en waterplanten te creëren. Deze luwte is zichtbaar is door het plaatselijk heldere water. Grenzend aan het centrumstedelijk gebied wordt de oever veelal gevormd door stortsteenoevers of kades. Industrieterrein Lorentz heeft sinds de uitbreiding wel weer stevige groene oevers van 40 tot 60 meter, samen met de natuurlijk ingerichte P8. Kwa l ite i ten : • N2000 en rustgebied, aquatische natuur. Schoon en ondiep water, veel vissoorten en kranswieren.
Hierdense kant heeft mooie natuurlijke oevers;
46 - BoschSlabbers
• Heel veel soorten, waaronder 165 vogelsoorten: veel watervogels zoals kuifeend, krooneend. Maar ook visdiefje, paling, bever en veel libelles. • De Hierdense oever is amper bereikbaar: Weinig verstoring is goed voor de natuur. • De oever langs het Zeepad met riet, strandjes, wandel- en fietsmogelijkheden heeft belangrijke waarde voor de beleving van oever en water. • Natuurtuin Harderwijk is een ecologische hotspot! Kn e lpu n te n : • De recreatiefunctie knelt geregeld met de natuurfunctie. Vervuiling en gemaaide oevers rond strandjes en Zeepad zijn nadelig voor de natuur. Tevens dreigt het gevaar van opschaling waarbij strandjes en aanlegplaatsen worden vergroot met daarbij steeds grotere boten. Het kleinschalige informele karakter van de oeverzone gaat daardoor verloren. • De eilanden zijn voor recreatie aangelegd en onderhevig aan verstoring. Op het water is de recreatie lastig te zoneren. Hierdoor een conflict tussen recreatie (motorboten, lawaai, verstoring) en natuur (waterplanten, luwte, stilte) • Toekomstbestendigheid van de oevers in relatie tot klimaatverandering is onzeker (waterpeil) • Het Dolfinarium en de grote industrieterreinen aan het water onderbreken de continuïteit van de brede, zachte oeverzone langs het Randmeer. • Op de eilanden, dammen en oevers langs de N302 kan de natuur vrij haar gang gaan.
De spontaan ontstane begroeiing verstoort de beleving van de weidsheid
e
op
lu
w
e
tu
ev
er
2 LEGENDA Aaneengesloten oeverzones Luwe open natuuroever
Besloten bosoever
Biodiverse woonarchipel Halfopen natuurlijke parkoever
l ha 1. natuurlijk systeem leidend: klei, veen, strandwal
lot
s
en
b w o o n i o d i ve r s e o e ve r archi pel
Plantwijzer
o nb
er o ev
na
o ur
f
e op
n
p
k ar
v oe
er
2
Behoud en versterk rietkragen
Beleving van weidsheid
1
B E V I N D I N G E N VA N U I T D E A N A LYS E Bestaand aandeel groen
K WA L I T E I T E N I N B E E L D
0
10
Hitte eiland effect +2°c (in graden)
0°c
Soortendiversiteit (in aantal soorten)
0
1025
Bestaand aandeel groen: de 0-meting is alleen van toepassing binnen het bebouwd gebied. De oever heeft grotendeels een groen karakter. (bron: Cobra) Hittestress: Geen beschikbare data. Wel is bekend dat de ervaring van hittestress op grote wateroppervlakten zoals de Randmeren zeer laag is door het koelere wateroppervlak. De natuuroever (kranswierwater, rietland) is ‘gevoelig’ voor droogte volgens de klimaateffectatlas. (bron: klimaateffectatlas) Soortendiversiteit: Scoort hoog. In het algemeen is de soortendiversiteit rond land-water overgangen het hoogst door de grote verscheidenheid aan milieus. Hier zijn voor verschillende soorten insecten, planten, vogels, dagvlinders en libellen waargenomen.(bron: Factsheet Natuurwaardenkaart)
1550
Recreatieve oever met strand
Natuuroever langs de Mheenlanden
Terug naar Inhoudsopgave
Z U I D E R Z E E PA D : G E L A AG D E G R O E N E ZO N E Het groen rond het zuiderzeepad bestaat momenteel voornamelijk uit gras en bomen. Zet in op meer gelaagdheid van het groen rond het zuiderzeepad door het toevoegen van meer heesters. Biodiversiteit zit niet alleen in hoge kruid- en bloemrijke grassen maar ook in grotere beplanting als (bloeiende)heesters. Tevens ontstaan door goed maaibeheer kansen voor soorten als de rietorchis. Neem hierbij de kennis vanuit de Natuurtuin Harderwijk mee, die hier al mee geëxperimenteerd hebben in de oeverzone.
2 B R E D E E N A A N E E N G E S LOT E N R I E T K R AG E N
A M BA S SA D E U R : BA A R D M A N Broedt in uitgestrekte rietvelden met veel jong riet, langs rivieren en meren. Zwerft in de winter in groepjes en kan dan ook worden gevonden in kleinere rietvelden. In de zomer insecten zoals libellen, muggen, spinnen etc. In de winter zaad van riet en rietgras. M E E R I N F O R M AT I E • Factsheet Natuurwaardenkaart
“zeepad prachtig pad om langs te fietsen en te wandelen.”
Het is van belang om aaneengesloten en brede rietgebieden te ontwikkelen, voornamelijk rond de Mheenlanden maar ook bij het Zeepad (met uitzondering van strandjes als onderbreking). Onderzoek met betrokken partijen (Rijkswaterstaat, Provincie, Gastvrije randmeren, Natuurmonumenten) welke maatregelen wenselijk zijn waarbij de Natura2000 doelen prioritair zijn. Te denken valt aan het verbeteren van de oeverzone met riet en moerasvegetatie.. Van belang is om voldoende areaal met overstaand riet te hebben, met rietpluimen voor o.a. de baardman, roerdomp en karekiet. Houd hier rekening mee als er riet wordt gemaaid zoals de zone langs het Zeepad.
2
H A R D E R W I J KS E W I LG E N S T R A N D E N SPELDENPRIK Langs de strandjes langs het Zeepad zijn in recente jaren een aantal goede schaduwbomen verloren gegaan. Plant hier wilgen en populieren (en eventueel andere soorten, zie Plantwijzer) op of rond de strandjes. In het centrum kan bij het Strandeiland op het strand of aan de randen ook de exoot treurwilg worden gebruikt. Deze groeit snel en breed, is een goede drachtboom voor bijen en geeft op Nederlandse wijze een lekker tropisch gevoel.
ur
3
e -d
baa
rd ma n
de
WAT K U N T U B I J D R AG E N • Voorkom verstoring en blijf op de paden, houd de hond aan de lijn waar dit gewenst is • Ruim zwerfaval op rond de oever, ook als het niet van u is.
1
A m b a s sa
1
Ge op basee bewinbrenrd one g rs
Beleidsuitwerking Natuur en Groen - 47
12. Mheenlanden, Stadslanderijen en Hierdense beek
LEGENDA Noord-zuid gerichte landschaps-elementen Behoud rust en openheid mheenlanden
Beschermd gebied- rust op de Mheenlanden en singels voor de Stadslanderijen Plantwijzer
7. 1000 speldenprikken: houtsingels 8. ontwikkel natuurwaarde: kwel
Kwa l ite i ten : • De Hierdensche beek vormt -gecombineerd met de Mheenlanden- één van de weinige robuuste ecologische verbindingen tussen het Centraal Veluws Natuurmassief en de Randmeren; • Stadslanderijen en Mheenlanden maken zichtbaar deel uit van de reeks van landschapstypen op de
48 - BoschSlabbers
Voorzetting huidige natuurontwikkeling
k
6. beleefbare randen&routes: kruidenrijke weide
Kn e lpu n te n : • De vele historisch aanwezige houtssingels zijn verdwenen, met als gevolg een wat kaal landschap. Het onderscheid met de omliggende landschapstypen (Hierdense Enk, Mheenlanden) is hierdoor vervaagd. Ondanks de ambities uit eerdere visies is in dit gebied de afgelopen 15 jaar nog nagenoeg niets teruggeplant; • Intensief agrarisch grondgebruik rond de stadslanderijen, natuurwaarde beperkt hier zich tot enkele percelen; • Stadslanderijen zijn zeer beperkt toegankelijk voor wandelaars. Vanaf de zuidzijde steken diverse smalle wegen het gebied in. Een (klompen)route die deze verbindt ontbreekt echter.
Mheenlanden
ee
5. fijnmazig netwerk: watergangen
eb
4. verbindende structuren: landschappelijke verbinding, Hierdense beek
ns
3. bescherm natuurgebieden: GNN, GN, Nationaal landschap
de
2. bouw voort op cultuurhist. landschap: mheenlanden, stadslanderijen
gradiënt van nat naar droog; • Historische verkaveling is grotendeels intact; • Kwaliteiten zitten voornamelijk in het noorden (Natuurmonumenten, weidevogelgebied): moerige/ venige grond met onder natuurbeheer begraasde natte graslanden, gevoed door kwel. Veel verschillende soorten die van plasdras-landschappen houden: graslandvlindersoorten en vogels zoals de kievit, veldleeuwerik en grutto. Veel verschillende sprinkhanen en krekels; • Rust en stilte: Open landschap dat voor veel wandelaars een goede plek biedt om tot rust te komen. Er is maar één route die het gebied toegankelijk maakt en uitmondt op de vogelkijkhut.
er
1. natuurlijk systeem leidend: beneden flanken, veen, klei
K A R A K T E R I S T I E K - N AT U U R L I J K T E G E N G E W I C H T VA N D E V E R S T E D E L I J K I N G De Stadslanderijen en Mheenlanden bevinden zich ten noorden van de Zuiderzeestraatweg, waarbij het bij de eerste wat hoger gelegen akker en weidegronden betreft en bij de laatste lagere weides en hooilanden grenzend aan de voormalige Zuiderzee. Deze gemeenschapsgronden (mheen) waren vroeger in bezit van de stad, die ze vervolgens in pacht uitgaf aan boeren. Kenmerkend voor de Stadslanderijen is de rationele strokenverkaveling haaks op de oude ontginningsassen. Van oudsher waren de perceelsranden ingeplant met (elzen)singels en heggen. Het landschap van de Mheenlanden is zeer open tot aan het Veluwemeer, met ook hier een intacte historische verkaveling. Hier ontspringen enkele kleine beekjes die zelfstandig afwateren op het Veluwemeer. De oostelijke grens wordt gevormd door de Hierdensche of Leuvenumsche beek; een smalle beek die ontspringt op de Veluwe (nabij Uddelermeer) en uitmondt in het Veluwemeer. In tegenstelling tot de meeste Veluwse beken wordt ze vooral gevoed door regenwater in plaats van kwelwater, waardoor de afvoer sterk fluctueert. Zowel de beek als de Mheenlanden zijn onderdeel van het natuurnetwerk en GO.
Recreatief rondje door stadslanderij en langs hierdense beek
Hi
KO E R S VO O R N AT U U R & G R O E N Motto: Rust op de Mheenlanden en singels voor de Stadslanderijen Het noordelijk deel (de Mheenlanden) bevat al veel kwaliteiten en weinig knelpunten. Binnen de Mheenlanden en langs de beek ligt de nadruk voornamelijk op voortzetting van de huidige natuurontwikkeling. Beheer gericht op de vastgestelde lokale beheerstypen is hier belangrijk (weidevogels, vernatting, kruiden- en faunarijk grasland). Behoud de (recreatieve) rust en openheid. Het is hier niet wenselijk om extra recreatieve routes toe te voegen. Ook is het belangrijk het open karakter van het gebied te behouden, ten behoeve van weidevogels en andere doelsoorten. Stem juist beheer af met lokale grondeigenaren en belangenverenigingen. De opgave ligt voornamelijk in het toevoegen van kwaliteit door noord-zuid gerichte landschaps-elementen in de Stadslanderijen terug te brengen (singels en kruidenrijke akkerranden, met de kavelrichting mee). Door de aanplant van nieuwe elzensingels ontstaat op den duur een meer kleinschalig besloten landschap dat zich Hortuspark duidelijk onderscheidt van de omliggende open landschappen zoals de Hierdense Enk en de Mheenlanden langs het Randmeer, met meer ecologische kwaliteiten.
2 Stadslanderijen
1
B E V I N D I N G E N VA N U I T D E A N A LYS E Bestaand aandeel groen
0
Hittestress (in graden)
+2°c
Soortendiversiteit (in aantal soorten)
0
K WA L I T E I T E N I N B E E L D 10 0.1
297
Bestaand aandeel groen: de 0-meting is alleen van toepassing binnen het bebouwd gebied. Dit betreft een groen landelijk gebied met veel natuurwaarde. (bron: Cobra) Hittestress: Scoort zeer hoog, de ervaring van hittrestress is zeer laag. Dit is met name te danken aan de afwezigheid van bebouwing en het zeer open karakter van het landschap aan het Randmeer. De natuur (hooilanden, kruidenrijk grasland e.d.) is echter ‘gevoelig’ voor verdroging. (bron: klimaateffectatlas) Soortendiversiteit: In het gebied zijn veel soorten insecten, vogels en planten waargenomen. (bron: Factsheet Natuurwaardenkaart)
“Heerlijke mooie fietsroute met vergezichten over Veluwemeer ”
0°c
1550
Openheid en rust rond de Mheenlanden met zicht op Randmeer
De Hierdense beek als natuurlijke verbinding tussen Mheenlanden en de Veluwe
Terug naar Inhoudsopgave
WAT K U N T U B I J D R AG E N • Agrarier/grondeigenaar: draag bij aan de aanleg van landschapselementen als houtsingels en heggen. Maak voor ondersteuning bij subsidies, aanleg en onderhoud gebruik van organisaties als Stichting Landschapsbeheer Gelderland. • Ga natuurinclusief boeren. Zorg voor bloemrijke akkerranden, laat overhoekjes ongemoeid. Zie pagina 72 voor mogelijke maatregelen die u kunt treffen ter bevordering van de lokale biodiversiteit.
A M BA S SA D E U R : D OT T E R B LO E M Vooral langs en ook wel in redelijk snelstromende beekjes, in brongebieden, natte graslanden, rietlanden en ook wel op zeer natte plekken in loofbossen tref je in de lente de met fraaie opvallend grote dooiergele bloemen bloeiende Gewone dotterbloem. Na de bloei vallen de typische een beetje peulvormige kokervruchten op, die als een soort kroontje op de stengel staan.
2
A M E E R I N F O R M AT I E • Factsheet Natuurwaardenkaart • Stichting Landschapsbeheer gelderland • Verdiepingsslag Dorpsomgevingsplan Hierden • Structuurvisie Dorpomgevingsplan Hierden (BoschSlabbers, 2011)
ba
s sa
d eu r - d ot t er
bl
Natuur en groen gaat ook over beleven. Creëer een nieuw recreatief wandelrondje door het verbinden en benutten van zandpaden langs landbouwgronden, rekening houdend met de ingetekende wandelpaden in de Verdiepingsslag Dorpsomgevingsplan Hierden, zie kopje ‘meer informatie’. De korte route kan begeleid worden door kruidenrijke wegbermen. Het ommetje beperkt zich tot de nabijheid van Hierden en kan aangesloten worden op het Heyrderpad, dat recent met hulp van Stichting Landschapsbeheer Gelderland is omgevormd tot klompenpad. Deze kan richting het oosten doorgetrokken worden en gekoppeld worden aan de Hierdense beek. Er worden geen extra routes/ paden aangelegd in de Mheenlanden om de bestaande en kwetsbare biodiversiteit te waarborgen.
1
m
E C R E AT I E F R O N D J E D O O R D E O U D E 2 RS TA DSLANDERIJEN
M H E E N L A N D E N G E VO E D VO O R K W E L SPELDENPRIK Het terugbrengen van het ijzerrijke kwelwater in de wortelzone is een belangrijke randvoorwaarde voor herstel van de groeiplaatsomstandigheden van o.a. de dotterbloem. Plaggen is een snelle methode om af te komen van te voedselrijke bovengrond. Bijkomend voordeel is dat daarmee ook de grondwaterstand ten opzichte van het maaiveld hoger komt. Agendeer dit bij Natuurmonumenten, zij zijn de beheerder in dit gebied.
m
5 K M N I E U W E K AV E L R A N D B E P L A N T I N G Herstel hier de komende jaren 5 kilometer aan kavelrandbeplanting. A. Hier is door de gemeente al een start gemaakt met de aanplant langs de Ooster Mheenweg. Breidt dit uit met het zuidelijk deel van de Kleine Mheenweg, de Ruimelsweg, Mheenbroekweg, Oostermheenweg, Koemheenweg en Waterweg/Munnikesteeg, wat resulteert in 2,5km herstelde singels en lanen. Want al deze wegen waren tot in de jaren ‘50 nog beplant. Kijk echter uit dat de zichtrelatie tussen dorpsrand en Randmeer niet overal verloren gaat. Speel met transparantie/hoogte van landschapselementen. Laat de gemeentelijke Aanjager Natuurlijk Groen actief in gesprek gaan met de grondeigenaren (agrariërs, sportpark de Rumels, erfbewoners) in dit gebied, zij zijn immers eigenaar! Want de gemeentegronden zijn hier smal. Idealiter gebeurt dit in een integrale gebiedsaanpak, waarbij meteen thema’s als water/ droogte en leefbaarheid van het buitengebied worden belicht. B. Binnen de landelijke ambities om toe te werken naar 10% groenblauwe dooradering op agrarische gronden (GLB), vormt dit een geschikt gebied voor de tweede 2,5km. Dit kan óf door grondeigenaren hiertoe te stimuleren (i.c.m.
GLB/subsidies), óf door een deel van de voormalige gemeenschapsgronden weer tot gemeenschapsgrond te maken door stroken op kavelranden aan te kopen en hier zowel houtsingels als klompenpaden op te leggen. Zoek hierbij de link met de Verdiepingsslag Dorpsomgevingsplan Hierden. Rond Hierden dorp is er mogelijkheid voor hogere elzensingels. Richting de openweidevogelgebieden (Mheenlanden) maken de hoge singels plaats voor lagere heggen met struikvormers. De Mheenlanden zelf blijven open.
oe
1
Beleidsuitwerking Natuur en Groen - 49
13. Hierdense enken en kampen
LEGENDA Behoudt de enken open: werk met akkerranden
Buitengebied - Raamwerk voor de randen
Versterk en verdicht de randen
KO E R S VO O R N AT U U R & G R O E N Motto: Raamwerk voor de randen Er is behoefte aan een versterking van de landschapselementen en een sturing op de ontwikkelingen: • Zorg voor landschappelijke meerwaarde bij deze lokale initiatieven (landschappelijke vereveningfonds, kwaliteitsimpuls middels rood-voor-rood regeling of via Verdiepingsslag Buitengebied Harderwijk en Hierden). Voorbeeldenboek Berg en Dal en de pilot van gemeente Voorst kan hierbij als inspiratie dienen; • Onderzoek hierbij tevens hoe ongewenst landgebruik kan worden tegengegaan. Hoe voorkom je ‘frot-maaraan’ landschap? Stel eisen en stuur de juiste kant op: niet teveel minicampings laten ontstaan. Zet actief in op een steviger ‘natuurlijk groen’ raamwerk: houdt de enken open, dus werk met akkerranden en versterk en verdicht de randen met houtige landschapselementen. Dorpsomgevingsplan Hierden geldt hierbij als uitgangspunt. Dit moet gebeuren op vrijwillige basis, dus ga erover in gesprek met grondeigenaren en faciliteer dit middels plantgoed en plantdagen: • De enken: Zet in op een netwerk van (bloemrijke) akkerranden, met name langs de veldwegen. • Plant nieuwe beplantingsstructuren (houtwallen. hagen en bomenrijen) langs de randen van de enk en zet actief in op de groenere inpassing van erven en ‘rommelige’ lokaties (paardenbakken, hekken, etc) door stimuleren van lage hagen en kavelrandbeplanting.
• Werk toe naar een groene kamerstructuur aan de oostkant (Stadslanderij-oost).
Plantwijzer
1. natuurlijk systeem leidend: hoge flanken 2. bouw voort op cultuurhist. landschap: essenlandschap 3. bescherm natuurgebieden: Nationaal landschap 4. verbindende structuren: landschappelijke verbinding 5. fijnmazig netwerk: wegen 6. beleefbare randen&routes: enkenlandschap 7. 1000 speldenprikken: akkerranden, erfbeplanting, nestkasten 8. ontwikkel natuurwaarde: Solitaire bomen
KARAKTERISTIEK - OPEN A K K E R B O U WG E B I E D O P D E OV E R G A N G VA N H O O G N A A R L A AG De Hierdense enken en kampen worden gevormd door de oude bouwlanden (enken/essen en kampen) van het dorp Hierden op de overgang van de Veluwe naar de voormalige Zuiderzee. De escomplexen liggen zuidelijk van de Zuiderzeestraatweg tot aan de Wijlgraaf. Het is een open landschap met bebouwing en beplanting langs de randen. Kenmerkend is de bolle ligging van de akkers. Het landgebruik bestaat voor een groot deel uit akkerbouw. Noordelijk van de straatweg en oostelijk van de Wijlgraaf liggen van oorsprong meer de kampen (eenmansenken), waar historisch bezien ook meer kavelrandbeplanting zit. In de omgeving is veel kleinschalige landbouw in de vorm van kleine hooilanden en akkers. Tussen deze akkers door liggen verscheidene oude boerderijen met ouderwets agrarisch karakter, rieten daken en met oude grote bomen op de erven. Kwa l ite i ten : • De enken en kampen liggen op de overgang van de droge uitlopers van het Veluwemassief naar de natte gronden langs het Randmeer en maakt deel uit van een opeenvolgende reeks van landschapstypen op de gradiënt van nat naar droog. • Historische enken en kampen met deels oude boerderijen, erven met oude beplanting, eikenlanen, zandwegen en een aantal historische landschapselementen, zoals houtwallen, veedriften en oude
50 - BoschSlabbers
kerkepaden. • De lage en hoge enk zijn nog duidelijk herkenbaar door de openheid in het midden, de bolle ligging en beplanting en erven aan de randen. • Landgoed de Essenburg met verstopte beek (Hierdense beek) in beekbegeleidend bos. • De Zuiderzeestraatweg met lanen • Leefgebied van patrijs, hazen, wezel. • Aan de oostkant meer kampen in kamerstructuur. Kn e lpu n te n : • De enk heeft geen ‘fraaie groene lijst‘. De randen langs de oostelijke stadsrand, het Eendengebied en de zuidkant van Hierden hebben weinig kwaliteit. Veel beplantingselementen zijn in de loop der jaren toch verloren gegaan. • Het belang van de landbouw neemt langzaam af, en daarmee verliest het de beheerder. Gevolg is een rommelig beeld: hekwerken, paardenbakken, schuren, volkstuinen. Een complicerende factor is de steeds meer versnipperde eigendomsituatie. • Akkers bestaan uit intensieve maisakkers en hebben nauwelijks akkerranden. Er wordt tot aan het naadje van de weg geploegd. Ecologische overhoekjes of bermen zijn er niet. • Het mozaïek van akkers is weinig beleefbaar: monotoon palet van mais. Op veel plekken rijdt/fiets je in de nazomer tussen muren van mais.
Herstel kamerstructuur in kampen landschap
Stadslanderijen Oost
2 Lage enk
Hoge enk
1
B E V I N D I N G E N VA N U I T D E A N A LYS E Bestaand aandeel groen
0
Hittestress (in graden)
+2°c
Soortendiversiteit (in aantal soorten)
0
K WA L I T E I T E N I N B E E L D 10
3
0.3
437
Bestaand aandeel groen: Scoort laag op de 3-30-300 regel. Dit komt door het open karakter van de enk en daarbij het geringe aantal bomen. (bron: Cobra) Hittestress: Scoort goed, ervaring van hittestress varieert maar is gemiddeld laag. Hoe dichter bij de stad, hoe hoger de ervaring van hittestress. (bron: klimaateffectatlas) Soortendiversiteit: Van de 437 waargenomen soorten worden vooral vogel, insecten, planten en mossen & schimmels veel waargenomen. In tegenstelling tot de vleermuis waarvan maar één soort van waargenomen is. (bron: Factsheet Natuurwaardenkaart)
“Landgoed Essenburgh, prachtig om te wandelen”
0°c
1550
Openheid midden op de lage enk
Kammerstructuur in het meer kampen landschap
Terug naar Inhoudsopgave
2 E R F I N PA S S I N G VA N A L L E G R OT E S TA L L E N &
Ge op basee bewinbrenrd one g rs
SCHUREN Vanuit de prik-op-de-kaart blijkt dat het kaal en open zicht op de grote stallen en schuren niet als fraai ervaren wordt. Het groen aankleden van erven zal de beleving van de enken ten goede komen. Ga middels de gemeentelijk Aanjager Natuurlijk Groen met grondeigenaren in gesprek! Bespreek mogelijkheden tot (gemeentelijke) subsidiëring en hulp in onderhoud (landschapsbeheer Gelderland bijv.). Denk aan soorten als zomereik, wintereik, gewone es, sleedoorn, vuilboom, haagbeuk, esdoorn en hazelaar. Zorg binnen de erfranden ook voor een goede onderlaag met soorten als meidoorn, liguster, gelderse roos of veldesdoorn.
WAT K U N T U B I J D R AG E N • Meer variatie in gewassen draagt bij aan beleving van mozaïek, kleinschaligheid en afwisseling. Zoek hiertoe connecties met lokale of regionale afnemers (bakkers, brouwers, etc). Inspiratie: Bierbrouwlandschap, speltbrood/gerst (Berg en Bos, Peeske) • Tijdig vervangen van oude bomen op erven e.d. om kaalslag te voorkomen. • op het erf kan met snoeihout een takkenril worden gemaakt, dit trekt veel muizen aan die voedselbron zijn van de torenvalk. • De torenvalk maakt zelf geen nest maar gebruikt nesten van ander vogels, vooral van zwarte kraai. Echter, kan op een hoge paal een nestkast geplaats worden. • erfbeplanting toevoegen • hoopjes met blad e.d. laten liggen
• Creëer een Wezelhotel. De wezel eet muizen, woont in muizenholen, houtstapels, takkenhopen of stapel dakpannen. Vraagt veel dekking laag bij de grond. Kleine landschapselementen, heggen, takkenrillen. Zie pagina 72 voor mogelijke maatregelen die u kunt treffen ter bevordering van de lokale biodiversiteit.
1
A M BA S SA D E U R : TO R E N VA L K Bevindt zich voornamelijk in open en halfopen land met veel woelmuizen. Broedt in nestkasten, solitaire bomen en aan de rand van bos en bosjes. Zelden ook op de grond.
M E E R I N F O R M AT I E • Factsheet Natuurwaardenkaart • ‘Verdiepingsslag Buitengebied Harderwijk en Hierden’ • Structuurvisie Dorpomgevingsplan Hierden (BoschSlabbers, 2011) • Voorbeeldenboek Ruimtelijke Initiatieven in het Buitengebied Berg en dal, BoschSlabbers 2020 • Vereniging Nederlands Cultuurlandschap
2
r-
Ge op basee bewinbrenrd one g rs
5 K M E C O LO G I S C H E A K K E R R A N D E N / L AG E H A AG J E S O P D E E N K Bloem- en kruidenrijke akkerranden vergroten niet alleen de lokale biodiversiteit maar ook de beleving van het gebied. Vanuit de gemeente kan streekeigen zaaigoed ter beschikking worden gesteld. Voor boeren wordt een vergoeding voor inkomstenderving van hun akkers gegeven per strekkende meter (een plafond ingesteld voor het aantal vierkante meters vergoeding en zaaigoed). Akkerranden zijn minimaal 3 meter breed en een minimaal oppervlak van 100m2. Maak gebruik van de subsidies vanuit provincie of GLB-regelingen en benut kennis en middelen van clubs als Stichting Landschapsbeheer Gelderland en Vereniging Nederlands Cultuurlandschap.
Ambassadeu
1
d
or et
envalk
Diversiteit aan beplanting op en rond een erf
Beleidsuitwerking Natuur en Groen - 51
LEGENDA
14. Eendengebied en Duinen
Robuuste groene kaders of vlakken voordat ontwikkeling plaatsvindt
Buitengebied - Boswonen in een lappendeken van bosblokken
Robuuste lanen
Plantwijzer
1. natuurlijk systeem leidend: stuwwalplateau 2. bouw voort op cultuurhist. landschap: boslandschap 3. bescherm natuurgebieden: Nationaal landschap, GNN, GN 4. verbindende structuren: landschappeljike verbinding 5. fijnmazig netwerk: wegen 6. beleefbare randen&routes: Veluwebos 7. 1000 speldenprikken: inheemse soorten, groene erfbeplanting 8. ontwikkel natuurwaarde: warme, zonnige open plekken
Verloofing van naalddominerende bossen
KO E R S VO O R N AT U U R & G R O E N Motto: Boswonen in een lappendeken van bosblokken Sluit aan bij het boskarakter van de Veluwe en de Duinen en daarmee bij de historische situatie (voormalig droog bos & hei). Door middel van ‘Rood voor Groen’ kan de transformatie van het Eendengebied zichzelf financieren. Zorg voor een lage dichtheid wonen in het boskarakter. Laat het gebied openbaar toegankelijk zijn zodat het een betekenis krijgt als uitloopgebied voor de inwoners van Harderwijk en Hierden. Een stevig groen bosraamwerk bij de ontwikkeling van dit gebied is het startpunt. Stel hiertoe een integrale ruimtelijke visie op voor dit gebied. Want losse ad hoc ontwikkelingen moeten worden vermeden. Creëer een stevige bosrand aan de noordzijde en vul het gebied in met een lappendeken van bosblokken en open zandige ruimtes waarin je terughoudend kan bouwen van villa tot vinex. De aanplant van dit raamwerk dient zo spoedig mogelijk (gekoppeld aan de asbestsanering) te gebeuren, investeer idealiter al in robuuste groene kaders en bosvlakken voordat de ontwikkeling plaatsvindt: eerst wordt geplant en dan plaatselijk ‘uitgehakt’. Zet qua woningbouw in op woningen zonder tuin (zonder grondeigendom), met slechts een vlonder grenzend aan het gemeenschappelijk groen.
Werk in de Duinen aan natuurbrandpreventie en klimaatadaptatie door verloofing: naaldbomen verwijderen ten behoeve van loof.
K A R A K T E R I S T I E K - VO O R M A L I G V E LU W E D E E L T U S S E N E N K E N E N S N E LW E G Het Eendengebied en De Duinen maakten oorspronkelijk deel uit van de Veluwe. Door de spoorlijn en de snelweg zijn beide gebieden inmiddels losgesneden van dit natuurgebied. Het gebied De Duinen heeft zich in de loop der tijd ontwikkeld tot een bewoond bosrijk gebied waarin zich diverse vakantieparken en villa’s bevinden. In het Eendengebied herinnert weinig meer aan het oorspronkelijke Veluwelandschap. Het beeld wordt hier bepaald door tientallen (voormalige) eendenhouderijen. Het gebied bestaan nu hoofdzakelijk uit twee verschillende landschappen, echter was het begin vorige eeuw één groot bos- en heideterrein, grenzend aan de enken. Het gebied vormt de overgang tussen de hoge en droge zandgronden van de Veluwe en het traditionele landbouwgebied van de enken van Hierden. Kwa l ite i ten : • Het gebied De Duinen heeft een uitgesproken boskarakter. Het maakt landschappelijk gezien nog steeds deel uit van het Veluwelandschap. Aan de randen van het Eendengebied bevinden zich hier en daar oude stuifduinen en vliegdennen, die zichtbaar maken dat het gebied ooit deel uit heeft gemaakt van de Veluwe.
52 - BoschSlabbers
• Het Eendengebied heeft enkele hooilandjes tussen de schuren in die niet in (intensief) gebruik zijn met natuurwaarde • Eendengebied: Rand van het spoor, enkele houtwalrestanten en het bos op de grens met Frankrijk leggen de relatie met de Veluwe • Waargenomen bontzandoogje, bruin zandoogje (komt op bos en graslanden af). Kn e lpu n te n : • Het Eendengebied heeft nagenoeg geen ruimtelijke kwaliteit. Het is een rommelig desolaat landschap met intensief landgebruik (stikstof), een industrieel karakter met onaantrekkelijke schuren en weinig beplanting. Het gebied is in sanering. • Er bestaat geen ruimtelijke samenhang tussen het eendengebied en zijn omgeving. Nagenoeg alle relatie dat dit voormalige Veluwe is, is verloren; • A28 en spoor zijn een barrière tussen gebied en veluwe zonder faunapassages. • Het grootste gedeelte van de Duinen is geprivatiseerd landschap. Vakantieparken/woonparken en villa’s zijn ontoegankelijk en bevatten veel ‘te nette’ tuinen en exoten met weinig natuurwaarde: laurier, eikensterfte door dominantie van (giftige) rododendrons; • Verhekking en ‘sluimerkap’ in de Duinen.
Lage dichtheid wonen in boskarakter van Veluwe
2 1
B E V I N D I N G E N VA N U I T D E A N A LYS E Bestaand aandeel groen
0
Hittestress (in graden)
+2°c
Soortendiversiteit (in aantal soorten)
0
K WA L I T E I T E N I N B E E L D 10
6
0.2
273
0°c
1550
Bestaand aandeel groen:: Scoort gemiddeld op de 3-30-300 regel. Echter zijn de verschillen binnen het gebied groot. Zo scoort het westen zeer laag door de vele stallen en schuren en kale open percelen. Het oosten scoort zeer hoog door de bosachtige omgeving waar de wijk zich in bevindt. (bron: Cobra) Hittestress: Scoort goed, de ervaring van hittestress is gemiddeld zeer laag. Hoe dichter bij de stad, hoe hoger de ervaring van hittestress. (bron: klimaateffectatlas) Soortendiversiteit: Van de 273 waargenomen soorten worden vooral vogels, insecten, planten en mossen & schimmels veel waargenomen. In tegenstelling tot de vleermuis waarvan maar één soort van waargenomen is. (bron: Factsheet Natuurwaardenkaart)
Bestaand bos tussen de Parallelweg en Berkenboomsweg
Het boskarakter binnen de Duinen
“Leuk klein bosje ten westen van het eendengebied”
Terug naar Inhoudsopgave
A M BA S SA D E U R : G R OT E VO S De vlinders zijn vooral te vinden op warme, zonnige, open maar beschutte plaatsen. Ook moeten er geschikte plaatsen zijn om te overwinteren, zoals holle bomen of stapels hout.
1
Referentieproject: Buitenplaats Koningsweg Arnhem
M E E R I N F O R M AT I E Factsheet Natuurwaardenkaart • ‘Verdiepingsslag Buitengebied Harderwijk en Hierden’
Referentieproject: Buitenplaats Koningsweg Arnhem
Referentieproject: Zorgpark Monnikenberg
2
ur
R O B U U S T E L A A N VO O R D E PA A S LOW E G E N T W E E D E PA R A L L E LW E G Een robuuste laan die functioneert als groene corridor door het Eendengebied. Alle bospercelen en houtwalstructuren haken aan op de laan. Zorg binnen de laan voor een varieteit aan boomsoorten. Voeg onder de laan een extra laag heesters toe waardoor meer gelaagdheid onstaat wat ten goede komt voor de biodiversiteit van het gebied.
WAT K U N T U B I J D R AG E N • Eendenhouder/projectontwikkelaar: stimuleer bosaanplant. Bekijk hoe dit in Almere werkt en bestem dit als tijdelijke natuur, sluit aan bij stichting Tijdelijkenatuur.nl (gedragscode). • Haal uw hek weg en plant een inheemse haag • Vervang exoten voor inheemse soorten: Taxus, hulst en hedera ipv laurier, rododendron e.d. Zie pagina 72 voor mogelijke maatregelen die u kunt treffen ter bevordering van de lokale biodiversiteit.
e -d
g rot
e vo s
de
2
G E B I E D S V I S I E M E T R A A M W E R K VO O R TO E KO M S T I G E O N T W I K K E L I N G E N Zet vol in op het ontwikkelen van een stevig ‘donkergroen’ raamwerk en spelregels (kaders) voor nieuwe (woningbouw)ontwikkelingen. Maak en vul het gebied in met een lappendeken van bosblokken en open ruimtes waarin je kan bouwen van villa tot vinex. Bouwstenen bestaan uit: • Een continue, stevige groene bosrand aan de noordzijde en behoud van de bosrand aan de zuidzijde tussen A28 en parallelweg • Een ritme van 10-15 robuuste dwarse houtwalstructuren (N-Z-gericht) van gemiddeld 25m breed • Concreet: veel bomen planten, en zandige open plekken creëren. • Behoud van alle bestaande bomen en bosvakken • Plant alle vrijkomende kavels direct na asbestsanering al vol met veren van inheems loofhout, struiken en bomen (ratelpopulier, boswilg, lindes, zomer- en wintereik, veldesdoorn, berk, e.d.) voor veel variatie. Zorg hiermee voor stevige basis. Het Eendengebied biedt natuurkansen om -naast schrale zand&heide- een bijdrage te leveren aan de 37.000 ha nieuw te planten bos uit de Nationale Bossenstrategie. • Wees zuinig op oude bomen bij projecten. • Behoud enkele open ruimtes en ga deze als droog schraalgrasland beheren. Dus minder maaien. • Zorg voor groene aders vanuit het bos als overgang naar de enk.
• Zorg voor een mooie rand naar de enk door bestaande erven stevig in de erfbeplanting te zetten en/of landschapselementen toe te voegen. • Versterk de rand langs het spoor (Parallelweg) met kleine erfjes als groenrode rafelrand. • Zet qua woningbouw in op woningen zonder tuin (zonder grondeigendom), met slechts een vlonder grenzend aan het groen. Zorg voor spelregels voor bebouwing die het groene karakter verder versterken, zoals gemeenschappelijke tuinen/groen. • Bekijk Buitenplaats Koningsweg in Arnhem als voorbeeld van kwalitatief wonen in bos en aan droog schraalland zonder privétuinen.
A m b a s sa
1
Beleidsuitwerking Natuur en Groen - 53
15. Groene zoom
Buitengebied - Gemoedelijk groen kneuterparadijs KO E R S VO O R N AT U U R & G R O E N Motto: Gemoedelijke groen kneuterparadijs Zet voort wat met de Structuurvisie Groene Zoom (2011) beoogt is. Laat elke ingreep toewerken naar een kleinschalig natuurlijk/cultuurlijk ‘kneuterlandschap’, het Hobbiton van de Veluwe. Dus geen grote gebaren, maar hobbyboeren, moestuinen, kleinschalig rood in het groen e.d. Bescherm en bouw voort aan de kamerstructuur van groene randen die de kavels omlijsten. Ze versterken de kleinschaligheid en gaan zicht op ongewenste functies tegen. Met name aan de oostkant is extra aanplant van robuuste landschapselementen gewenst die de verhouding rood-groen weer in balans brengen en het rood omkaderen. Voor de hele zone geldt: • Bomen zijn er al veel, versterk ook de struik- en kruidenlaag. Daar heeft ook ambassadeurssoort de Putter veel profijt van. Afwisseling is wenselijk: tussen kruidenbermen en een keer weilandje, tussen (losse) struiken, bramenstroken en stukjes hakhoutwal (waar dan ook gehakt mag worden). • Wees kritisch: nieuwe (rode) ontwikkelingen zijn ondersteunend aan dit groene kneuterlandschap. Waak voor intensivering. Behoud de functiemix. Nieuwe ontwikkeling zijn natuurinclusief en dragen zorg voor behoud van bestaande opgaande beplanting.
Benader elk kavel als een ‘landgoed’ (zorglandgoed, bedrijvenlandgoed, campinglandgoed) met een juiste verhouding van groen en rood. Richtlijn hierbij is: voor elke 1m2 rode massa (gebouw) minimaal 1,5m2 opgaand groene massa (houtwal, bos, bomen, struiken). • Versterk de recreatieve toegankelijkheid van begin tot eind en koppel openbaar toegankelijke plekken met struinpaadjes (bosvlakken, boomgaardjes, e.d.) aan de bestaande route.
Plantwijzer
1. natuurlijk systeem leidend: beneden flanken, hoge flanken 2. bouw voort op cultuurhist. landschap: weiden 3. bescherm natuurgebieden: n.v.t. 4. verbindende structuren: landschappelijke verbinding 5. fijnmazig netwerk: watergangen, bossages, weilanden, fietsroutes 6. beleefbare randen&routes: kamerstructuur 7. 1000 speldenprikken: erfbeplanting, drinkplaatsen, kruidenrijk gras 8. ontwikkel natuurwaarde: boomgaarden, distels, houtwallen
K A R A K T E R I S T I E K - B E S LOT E N , G R O E N PA R K L A N D S C H A P De Groene Zoom wordt gevormd door een hoger gelegen zandrug die zich uitstrekt vanaf de Veluwe richting het Wolderweid. Het is een brede zone met een halfbesloten deels parkachtig landschap. De zone is gelegen tussen Ermelo en Harderwijk en heeft de kenmerken van een stadsrandzone. Relicten uit het agrarische landschap zoals houtwallen, akkers en weitjes, bosjes, lanen en kleine oude boerderijen worden afgewisseld door een mix van landelijk wonen, kleine bedrijfjes en campings. Het aandeel woningen, en met name grote vrijstaande woningen, is recent toegenomen. Hoewel de verbinding van landschap in het noorden wordt onderbroken door de Groene Zoomweg, is de verbinding met het zuidelijker gelegen gebied (gemeente Ermelo) sterk. Veel groene elementen als bospercelen zorgen voor deze verbinding. In het Ermelose gedeelte bevindt zich een aantal grote zorginstellingen met een parkkarakter. Kwa l ite i ten : • Halfstedelijke voortzetting van kleinschalig landschap van kampen en coulissen, bosperceeltjes, houtwallen; een mozaïek van functies in raamwerk van groene kamertjes. Met name het westelijke deel is een kleinschalig landschap. Voor het overige deel wordt de bebouwing gevormd door
54 - BoschSlabbers
boerderijen en verspreide woonbebouwing. • De groene zoom vormt een aantrekkelijk uitloopgebied voor de inwoners van Harderwijk (Drielanden) en Ermelo. • De Groene Zoomweg met ecologische waarde • Soorten als groene specht, steenuil, konijnen, Sint Jacobsvlinder. Kn e lpu n te n : • Over de gehele breedte wordt groen vervangen door rood, de verhouding groen-rood verminderd hierdoor ten nadele. Vooral aan de westkant is er veel rode ontwikkeling zonder dat er écht stevige groene ontwikkeling heeft plaatsgevonden. • Het mozaïek in het gebied oogt plaatselijk rommelig, o.a. door zicht op campingterrein De Elzenhof vanaf de Groene Zoomweg en het chaletpark en minder gewenste functies zoals caravanstalling. • De betekenis van de landbouw als economische drager van het landschap is sterk afgenomen met verstedelijking tot gevolg. Nieuwe functies zoals wonen, stallingen, bedrijfsfuncties als sportschool, bowling, gezondheidscentra verschijnen in het landschap zonder dat ze bijdragen aan de ruimtelijke kwaliteit. • De Groene Zoomweg heeft een barrièrewerking voor fauna.
2 1
1
LEGENDA Versterk kamerstructuur met struik en kruidlaag Nieuwe (rode) ontwikkelingen zijn ondersteunend aan groen kneuterlandschap
B E V I N D I N G E N VA N U I T D E A N A LYS E Bestaand aandeel groen
0
Hittestress (in graden)
+2°c
Soortendiversiteit (in aantal soorten)
0
K WA L I T E I T E N I N B E E L D 10
7
0.4
227
Bestaand aandeel groen: Scoort goed op de 3-30-300 regel door aanwezigheid van het grote aandeel aan bossages, met name aan de westzijde. (bron: Cobra) Hittestress: Scoort zeer goed, de ervaring van hittestress is gemiddeld zeer laag. Dit komt door de relatief lage aanwezigheid van bebouwing en grote aandeel groen. (bron: klimaateffectatlas) Soortendiversiteit: Het gebied scoort met 227 soorten gemiddeld op basis van de atlasleefomgeving. Hierin onderzocht zijn vaatplanten, amfibieën, reptielen, vissen, dagvlinders, libellen en vogels. (bron: Factsheet Natuurwaardenkaart)
0°c
1550
Groene Zoom als recreatief uitloopgebied
Kleinschalig landschap van kampen en coulissen
Terug naar Inhoudsopgave
P U N TJ E S O P D E I VO O R H E T L A N D S C H A P P E LIJK RAAMWERK Zet de laatste stappen in het compleet maken van het landschapelijk raamwerk. Evalueer het gedane werk en benoem de vervolgtappen. Met name aan de oostelijke zijde is een kwaliteitsslag gewenst. Het doorontwikkelen van dit raamwerk (lanenstelsel, routenetwerk) kunnen de beide gemeentengrotendeels in eigen hand nemen. Voor andere zaken is samenwerking nodig met private initiatieven. Zoals gezegd: wees kritisch, rode ontwikkelingen moeten ondersteunend zijn aan het kleinschalig groene ‘kneuterlandschap’ en de kwaliteit van het landschap juist niet ondermijnen. Denk qua puntjes op de i aan het volgende: • ‘Verdik’ bestaande erfbeplanting, plant nieuwe erfbeplanting aan op kale randen i.s.m. eigenaren. Leg rond woningen en recreatieparken extra nadruk op inheemse heggen en voorkom schuttingen. • Plant houtwallen en extra bosblokken aan, met name aan de oostelijke zijde om voor een betere groen t.o.v. rood verhouding te zorgen. • Het versterken van het groene en landelijke karakter en natuurwaarden zit naast het robuuste raamwerk ook in details. Laat het buitengebied (buiten rondweg) qua karakter ook buitengebied zijn: geen (stedelijke) lantaarns, prullenbakken en rood asfalt, en bij voorkeur lokaal nog onverharde paden en donkerte.
• Benut (oude droge) beeklopen en kwelgebieden voor natte natuurwaarden zoals natte graslandjes en ecologische oevers
A M BA S SA D E U R : P U T T E R Putters leven vooral op het halfopen platteland, bij boerderijen, in dorpen, ook in buitenwijken van steden. Daar waar laanboompjes, boomgaarden, houtwallen en distels zijn, voelen ze zich thuis, net als in tuinen met wat meer structuur
M E E R I N F O R M AT I E Factsheet Natuurwaardenkaart Structuurvisie Groene Zoom
de
2
WAT K U N T U B I J D R AG E N • Voeg landschapselementen toe langs erfranden: dichtere struiken, heggen, bomen e.d. De Putter maakt zijn nest graag in uw struik of haag. • Drinkplaatsjes aanleggen in de tuin helpt veel vogelsoorten. Er hoeft maar een klein laagje water in aanwezig te zijn. Zorg dat een drinkbak op een veilige plek ligt, in de buurt van een boom of dichte struik. • Vogels als de putter eten allerlei zaden, vooral van distels, kaardenbollen en dergelijke. In de tuin kun je zo ook lokken met zonnebloempitten. Maar laat ook eens kruiden in de tuin uitbloeien zodat ze zaad kunnen vormen. • Het later maaien zorgt voor een toename aan kruiden en daarmee aan nectarrijke bloemen. Zie pagina 72 voor mogelijke maatregelen die u kunt treffen ter bevordering van de lokale biodiversiteit.
pu
1
2
t te
r
b a s s a d eu r -
TO E VO E G E N VA N FAU N A PA S SAG E S B I J FIETSTUNNELS Onderzoek de meerwaarde van faunaverbindingen tussen wijk en buitengebied haaks over de Groene Zoomweg. Mogelijk is er ter plaatse van de 5 bestaande fietstunnels een combinatie met faunapassage mogelijk (naast of in de fietstunnels). Richt parallel aan het fietspad een (smalle) strook in voor dieren en insecten met kleine houtige of stenige elementen die schuilplekken bieden. Deze kunnen vervolgens aansluiten op hogere beplanting zoals kruidenrijke gras die een begeleidende functie hebben richting de faunapassage. Een andere mogelijkheid is (verbetering van) de klassieke faunapassage onder de weg door.
Am
1
Beleidsuitwerking Natuur en Groen - 55
16. Veluwe
LEGENDA
Beschermd gebied - Beschermde natuur, divers in soort en leeftijd
Completer en divers bos
Zonering C+
KO E R S VO O R N AT U U R & G R O E N Motto: Beschermd natuur, divers in soort en leeftijd Verbeter de diversiteit en weerbaarheid van de Harderwijkse Veluwe door actief klimaatgericht bosbeheer waarbij natuurlijke systemen altijd uitgangspunt zijn. Maak het Harderwijks bos completer en diverser (alle ontwikkelstadia, verschillende bostypen en boom- soorten). Laat delen echt oud worden en andere delen verjongen. Werk actief aan verloofing door inheemse zachte strooiselsoorten, om zowel de sponswerking van de bodem als de plaagresistentie en (bodem)biodiversteit verbeterd. Ook ambassadeurssoort de mol heeft voordeel van meer bodemleven. Onderdeel hiervan is graasdrukbeheersing (van wild dat jonge loofbomen eet), het omvormen van naald- naar loofbos en eventueel een boost aan het natuurlijk systeem door bekalking in plantgaten van gewenste strooiselsoorten. Voorkom het ‘afsnoepen’ van areaal. Zorg dat er geen vierkante meter (voormalige) bosgrond meer wordt ‘afgesnoept’ voor (gebouwde) ontwikkelingen. Zorg binnen de bebouwde delen voor een zo continue mogelijk bladerdak! Plant (o.a. bungalowpark, verzorgingsplaats met tankstation e.d.)bomen in elke berm en overhoek, zodat de bossfeer écht tot aan de grenzen van Harderwijk rijkt.
Houdt ten slotte rekening met de Recreatiezonering Veluwe, van intensiever recreatief gebruik nabij Harderwijk tot rustige natuurgebieden met extensief medegebruik (oostelijke bosdelen).
Plantwijzer
1. natuurlijk systeem leidend: stuwwalplateau 2. bouw voort op cultuurhist. landschap: boslandschap 3. bescherm natuurgebieden: N2000, Nationaal landschap, GO 4. verbindende structuren: radiaal, Hierdense beek 5. fijnmazig netwerk: padennetwerk 6. beleefbare randen&routes: veluwebos 7. 1000 speldenprikken: meer bladerdak 8. ontwikkel natuurwaarde: rijk strooisellaag
K A R A K T E R I S T I E K - N AT U U R G E B I E D M E T BOSSEN, HEIDE EN STUIFZANDGEBIEDEN Op de stuwwal bevindt zich het uitgestrekte boslandschap van de Veluwe; het grootste aaneengesloten bosgebied van Nederland. Het Harderwijkse deel van de Veluwe bestaat uit meerdere gebieden; het militair oefenterrein Beekhuizerzand, het Harderwijker bos, het Cyriasische veld en een deel van het Leuvenumse bos. Naald- en loofbossen bepalen het beeld, het padenverloop is grillig, afgestemd op het reliëf ter plaatse. De heidevelden zoals het Cyriasche veld (eigendom van Natuurmonumenten) en het ‘levend’ stuifzandgebied het Beekhuizerzand zijn ecologische waardevolle gebieden die zorgen voor ruimtelijke variatie. Globaal bezien is er een indeling tussen een meer natuurlijk bos aan de oostkant waar weinig beheer en een westelijk deel waar meer beheer en recreatief gebruik plaatsvindt. Het grootste gedeelte van dit deelgebied is beschermde natuur (NNN, N2000). Kwa l ite i ten : • Groot aaneengesloten bossysteem met intensievere en extensiever beheerde delen (door eigen beheerplannen gemeente en natuurmonumenten), reliëf en diversiteit. • Big 5: edelhert, zwijn, wolf, vos, das. 22 zoogdiersoorten binnen dit gebied. • De zandverstuiving Beekhuizerzand omgeven door bebost stuifduinencomplex met veel reliëf.
De randen bevatten veel bijzondere en kwetsbare vegetatie en zijn habitat van kwetsbare en gevoelige soorten. • Heidegebieden, waaronder het Cyriasiche veld
56 - BoschSlabbers
(heide) dat mooi zichtbaar is vanaf de weg. • De Leuvenense beekzone met beekdynamiek (door toevoegen van zand, verontdiepen), natuurlijk proces langs de beek. • Koopmansbosch & Stille Eenzaamheid: grotendeels onbeheerd met veel dood hout, paddestoelen, diversiteit, oude waardevolle naaldbossen. • De Haspel, oud loofbos (oud landgoedbos). • Intensief gebruikte Strokelbos met oude schietbanen, hierdoor minder ree en hert en dus veel waardevolle loofverjonging. • Onder hoogspanning meer hakhout en heide, loofstruweel. • Het natuurbos kent een bijzondere en kwetsbare vegetatie van korstmossen (lichenen). Kn e lpu n te n : • Door monoculturen van grove den en spar hebben sommige bosgedeelten (o.a. Harderwijkerveld) een lagere landschappelijke en ecologische waarde, een hoger natuurbrandgevaar en verdampt er veel water. • Langs de rand van de Veluwe bevinden zich diverse campings, een sportpark, verzorgingsplaats met fastfood en een oud kazerneterrein. De bossfeer en toegankelijkheid is hier minder aanwezig. • Er blijven snippers bos en bomen opgegeven worden t.b.v. intensiever gebruik van de natuur en verdienmodellen door aangrenzende bedrijven. • Verzuring van bosbodem en graasdruk hebben een negatieve impact op de verjonging van loof. • Plaatselijk intensief (recreatief) gebruik zorgt voor verstoring (o.a.
trimbos, Defensiegebieden) • Barrièrewerking van de A28 en N302 voor soorten.
omvormen van naald- naar loofbos
Beekhuizerzand Zonering C+
Laat delen oud worden en verjong andere delen
Leuvenumse bos Zonering C
Zo continue mogelijk bladerdak in bebouwde delen intensief naar extensief recreatiezonering
Strokelbos Zonering A Zonering B
Het Cyriasische veld Zonering C+
B E V I N D I N G E N VA N U I T D E A N A LYS E
K WA L I T E I T E N I N B E E L D
Bestaand aandeel groen
0
9
10
Hittestress (in graden)
+2°c
0.2
0°c
0
1522
1550
Soortendiversiteit (in aantal soorten)
Bestaand aandeel groen: Het gebied scoort zeer hoog op basis van de 3-30-300 regel. Dit komt uiteraard door de het grote bosareaal aanwezig op de Veluwe. (bron: Cobra) Hittestress: Het gebied scoort zeer goed op basis van het Stedelijk hitte-eiland effect. Ervaring van hittestress is gemiddeld zeer laag. Dit komt omdat (natuurlijke)groene gebieden een groot verkoelend effect hebben. (bron: klimaateffectatlas) Soortendiversiteit: En de winnaar is... Op de Veluwe zijn de meeste soorten waargenomen. Voornamelijk insecten, planten, mossen & schimmels en vogels springen eruit. (bron: Factsheet Natuurwaardenkaart)
Zandverstuiving Beekhuizerzand
bossysteem met intensievere en extensiever beheerde delen
“Na van der valk heb je meteen het bos gevoel van de Veluwe. Erg mooi ”
Terug naar Inhoudsopgave
1
R E C R E AT I E ZO N E R I N G : V E R W I J D E R E N VA N PA D E N
1
tussen een gezonde populatie, veiligheid voor de weggebruiker, wildbeleving, afschot en predatie. Monitor deze aspecten om de juiste keuzes te kunnen maken.
O N D E R ZO E K G E S C H I K T E LO CAT I E S VO O R
3 B O SA A N WA S, VO O R C O M P E N SAT I E , V E R -
S T E R K I N G E N V E T E R A N I SAT I E In grove lijnen heb je jonge bossen, oude bossen, en zeer oude ‘veterane’ bossen. Beuken bereiken volwassenheid na zo’n 200 jaar, eiken na 400 jaar en taxus zelfs na 900+ jaar. Van deze categorie veterane bossen is er praktisch niets over in de gemeente. Juist deze hele oude bossen (200-300 jaar en ouder) zijn voor de biodiversiteit ontzettende belangrijk. Niet voor houtproductie, waar nu meestal het beheer nog wat op leunt. In kader van omdenken is het goed om deze weg in te gaan richting veteranisatie van bosdelen.
A M BA S SA D E U R : M O L Verrijk het bodemleven door middel van rijk-strooiselsoorten: Loofboomsoorten die in staat zijn vanuit de diepere bodemlagen mineralen op te nemen en hun goed verteerbare bladeren beschikbaar te maken voor het bodemleven in de hogere bodemlaag. Dit komt het bodemleven inclusief bodeminsecten als torren en mieren en ook regenwormen -en dus de mol- ten goede.
ol
Verschil in bodemopbouw; bij winterlinde (links) een rijke bosflora en dunne strooisellaag en bij de zomereik (rechts) weinig bosflora en een dikke laag strooisel (Bron: P. Voorn)
Am
O M VO R M E N N A A R D I V E R S I T E I T LO O F S O O R T E N E N O N T W I K K E L S TA D I A Het beleid van de laatste jaren is gericht op een natuurlijker bosbeheer, waardoor andere (loof)soorten meer kans krijgen. Werk door aan actief klimaatgericht bosbeheer: • Zet ook in op verjonging, zodat er verschillende ontwikkelstadia ontstaan in de bossen. • Vergroot en verbeter het aandeel loof door het actief inbrengen van inheemse loofsoorten die organische stof in bodem verbeteren tbv betere sponswerking (zogenaamde rijke strooiselsoorten met zacht blad: ratelpopulier, boswilg, zomer- en winterlinde, haagbeuk, zoete kers, maar ook onderbeplanting als krentenboompje, vlier, lijsterbes, vuilboom etc). • Klimaatverandering betekent groter risico op onbeheersbare natuurbranden. Natuurbranden is voor de biodiversiteit alleen maar goed (zolang kwetsbare soorten ergens naartoe kunnen vluchten), maar houdt in het beheerplan wel rekening met maatregelen om het risico op onbeheersbaarheid te verkleinen, zoals omvormen van naald naar loof, langs brandgangen ‘vuurladders’ vermijden (brandstofrijke overgangen van struiken naar bomen). Vooral vliegvuur is lastig te bestrijden bij harde wind. • Werk door aan faunabeheer en graasdruk beheersing in relatie tot graasdruk en een gezonde populatie. Zoek hierbij naar het nieuwe optimum
WAT K U N T U B I J D R AG E N • Bouw&Infrapark, instellingen & tuineigenaren: vervang hekken voor hagen (of plant het hek aan tot een haag) en zorg voor meer bladerdak door aanplant van inheeme loofbomen op elk plekje waar dat maar past • Voorkom grondwateronttrekking, dit zorgt voor verdroging van de natuur. Gebruik dus minder water of plaats een regenton en gebruik geen eigen grondwaterput. Zie pagina 72 voor mogelijke maatregelen die u kunt treffen ter bevordering van de lokale biodiversiteit.
s s a d eu r - d e m
2
2
ba
Recreatiezonering: Werk actief verder aan de plannen vanuit gemeente om paden te verwijderen en de zonering beter vorm te geven.
Verschil in maaswijdte leiden tot meer rust voor de natuur en/of het opdelen in typen gebruikers
M E E R I N F O R M AT I E Factsheet Natuurwaardenkaart
Beleidsuitwerking Natuur en Groen - 57
3.3 Opgaven voor de verbindende structuren Een aantal verbindende structuren worden als een aparte overkoepelende laag beschouwd die de deelgebieden met elkaar verbinden.
1 DE RADIALEN
De groene radialen vormen de verbindende structuren tussen de verschillende deelgebieden en landschapstypen. De drie radialen zijn: • de Stationslaan / Oranjelaan / Harderwijkerweg N303, inclusief de ‘nieuwe’ verbinding langs Westermeenweg/Westeinde/Verkeersweg; • de Selhortsweg / Hoofdweg / Deventerweg / Leuvenumseweg N302; • de Luttekepoortstraat / Hierdenseweg / Oosteinde / Boomkamp / Zuiderzeestraatweg, inclusief de ‘nieuwe’ verbinding via Veerkeersweg / Newtonweg. De radialen bestaan momenteel uit mooie oude (monumentale) bomen. Echter zijn de radialen monotoon en bestaan ze voornamelijk uit eiken of lindes. Dit maakt de radialen kwetsbaar voor externe factoren zoals droogte en ziektes etc. KO E R S Motto: veerkrachtige en diverse radialen ‘Robuuste’ radialen houdt in dat ze vanaf heden worden ingericht en beheerd met oog voor de toekomst. De radialen moeten veerkrachtig zijn voor o.a. de gevolgen van klimaatverandering zoals droogtes, wateroverlast, stormen en mogelijke ziektes. Dit kan bereikt worden door meer diversiteit in boomsoorten en waar mogelijk meer gelaagdheid door het toevoegen van heesters. Daarmee wordt ook de diversiteit in soorten insecten, vogels en kleine zoogdieren binnen de radialen verhoogd. Zie de deelgebieden 3, 4, 5, 8, 10, 13 & 16 voor uitwerkingen op lokaler niveau.
2 RANDMEER OEVERS
De Randmeeroevers vormen een parallele semi-natuurlijke verbinding. Binnen de oevers kan onderscheid gemaakt worden in drie verschillende sferen; een recreatieve oever, woon-werk oever en een natuurlijke oever zone. Echter neemt de drukt vanuit o.a. recreatie en watersport toe en dreigen de natuurlijke plekken langs de oevers verder verstoord te worden. KO E R S Zie deelgebied 11 - Randmeer en oeverzone
3 HIERDENSE BEEK (EVZ)
De Hierdense beek is een prachtige waterloop die ontspringt in de grote agrarische enclave hoger op de Veluwe, doorkuist bossen, bloemkampen en mondt uit op het Randmeer. Er zijn al veel maatregelen getroffen om de beek met haar natuurlijke processen in ere te herstellen. Echter zijn deze maatregelen vooral op de Veluwe uitgevoerd. Binnen het agrarisch gebied valt nog meer winst te behalen om nog meer natuurlijke kwaliteit toe te voegen aan de beek. KO E R S Motto: dynamiche beek binnen natuurbuffer Ga door op de richting die voor de beek in het bos al is ingeslagen: verontdiepen en meer dynamiek. Laat takken en stammen niet alleen in het bos in de beek liggen, maar ook binnen het agrarisch gebied, zodat de beek weer gaat meanderen. Zet binnen het agrarisch gebied in op een bufferzone rond de beek. Laat akkers niet tot aan rand van de beek lopen. Pas natuurvriendelijke oevers toe. Verondiep en verbreed waar mogelijk waardoor de beek een echte waterdragende structuur wordt en minder snel droogvalt. Zie deelgebied 12-15 voor uitwerkingen.
4 D E B L AU W E LO N G
De blauwe long, die de loop van een voormalige beek volgt, vormt een prachtige blauwe maar ook groene ader te midden van de wijken. Echter mag deze meer kwaliteit krijgen en de uitstraling hebben van een blauwe long. KO E R S Motto: voormalige beek als blauwe ruggengraad Brede groenblauwe zones te midden van stedelijke gebieden zijn schaars en moeten ten alle tijden gekoesterd worden. Behoud de natuurlijke inrichting van de waterloop (Beek van de Hoge Geest), dit zal biodiversiteit ten goede komen. Zorg voor meandering met flauwe buitenbochten en scherpe binnenbochten, natuurlijk beheer (natuurvriendelijke oevers) en waar mogelijk meer wateraanvoer. Pas rond de beek een bufferzone met natuurvriendelijk beheer toe. Zie deelgebied 7 - Drielanden