Bijlage 1. 240625 Def_OmgevingsvisieHarderwijk-gecomprimeerd
Tekst van het document
Omgevingsvisie Harderwijk 2040
Mobiliteit en infrastructuur Ruimte voor ondernemen Visiekaart
65
DEEL A | basis
DEEL B | thema uitwerking
4.3.2.9. Luchtkwaliteit (emissies) Het Schone Lucht Akkoord is in 2020 gesloten tussen het Rijk, provincies en tientallen gemeenten, waaronder Harderwijk. Deze partijen willen de negatieve gezondheidseffecten van binnenlandse bronnen halveren in 2030 ten opzichte van 2016. De Rijksoverheid werkt daarin samen met gemeenten een aanpak uit om de negatieve gezondheidseffecten bij hooggevoelige groepen te beperken. Deze richt zich onder andere op gevoelige bestemmingenbeleid. De gemeente neemt naar aanleiding hiervan initiatieven tot aanvullend beleid, binnen hun eigen taken en bevoegdheden en werkt indien nodig samen als de inspanningen en de bronnen daarom vragen. Het doel van het Schone Lucht Akkoord is om gezamenlijk de luchtkwaliteit in Nederland permanent te verbeteren. Deelnemende partijen nemen maatregelen om de luchtverontreiniging van binnenlandse bronnen te beperken. Dat betekent dat mensen langer, gezonder en met meer kwaliteit leven. De maatregelen in het Schone Lucht Akkoord zijn haalbaar en betaalbaar. En ze sluiten waar mogelijk aan bij lopende initiatieven. In alle sectoren starten overheden in samenspraak met bedrijven en inwoners initiatieven en acties voor schonere lucht. Verschillende bronnen van luchtverontreiniging worden aangepakt.
Het Schone Lucht Akkoord bevat maatregelen voor de volgende thema’s: • mobiliteit (verkeer); • mobiele werktuigen; • industrie; • woningen en houtstook; • binnenvaart en binnenhavens; • landbouw; • hoogblootgestelde locaties en gevoelige groepen; • internationaal luchtbeleid; • participatie van inwoners en bedrijven. Om uitstoot te beperken gaat de gemeente volop inzetten op elektrisch vervoer. Daartoe worden op hubs aan de rand van wijken laadstations en deelauto’s beschikbaar gemaakt. Ter verbetering van de luchtkwaliteit gaan we naar 30 km/u. Ook worden zware (diesel)vrachtwagens geweerd in stedelijk gebied door milieuzonering in te voeren. In de gemeente Harderwijk is geen plaats meer voor intensieve veehouderij vanwege de belasting op de natuur. Houtkachels worden vergunningplichtig en uitstootfilters zijn in 2040 verplicht.
DEEL C | gebiedsuitwerking
DEEL D | realisatie
Geurhinder In het omgevingsplan worden geurnormen opgenomen die passen bij een woon- en recreatieve omgeving. Uitgangspunt is dat er geen toename van geur ten gevolge van intensieve veehouderij plaatsvindt. Geurproducerende industriële bedrijven zijn toegestaan op bedrijven/industrieterreinen. Een aanvaardbare geurbeleving op woon- en leefgebieden is het uitgangspunt. Bij het bepalen van de aanvaardbaarheid wordt aangesloten bij het Gelders geurbeleid. Bij het ontwikkelen van geurgevoelige objecten binnen de invloedsfeer van het bedrijven/-industrieterrein wordt de cumulatieve geurbelasting van de bedrijven betrokken om te bepalen of er sprake is van een gezonde en veilige leefomgeving. 4.3.2.10. Bodemverontreinigingen Bodemverontreinigingen worden integraal aangepakt bij gebiedsontwikkelingen. Hier geldt het principe dat de vervuiler betaalt. Wel zal de gemeente bereidwillig zijn om constructief mee te denken over een sanering in combinatie met andere opgaven met opbrengstpotentie. In principe worden bodemverontreinigingen functioneel gesaneerd. Dat wil zeggen: afhankelijk van de functie die het gebied gaat krijgen wordt de norm bepaald. Voor woonfuncties en de directe leefomgeving en natuurgebieden is die norm het hoogst. Bestaande grondwaterverontreinigingen worden gemonitord en daar waar mogelijk gesaneerd in combinatie met duurzaamheid.
Invasieve exoten In het beheergebied van Harderwijk komen, net als elders in Nederland ‘invasieve exoten’ voor: planten die hier niet van nature voorkomen, maar door de mens zijn geïntroduceerd. Een voorbeeld is de Japanse Duizendknoop. De plant kan veel schade aanrichten aan infrastructuur en biodiversiteit, verspreidt zich makkelijk en is moeilijk te bestrijden. Het is dan ook onwenselijk, en bij wet verboden, dat de plant zich door grondverzet verspreidt. Bij grondverzet moet ook worden geverifieerd of de Japanse Duizendknoop, Sachalinse Duizendknoop en de Bastaardduizendknoop voorkomen op locatie. Zeer Zorgwekkende Stoffen Opkomende verontreinigingen zijn de laatste decennia veelvuldig in het nieuws geweest, zoals DDT, asbest, PCB’s, dioxinen, MBTE, Chroom IV, lood en PFAS.
Omgevingsvisie Harderwijk 2040
inhoud
Bodem
Water
Natuur en groen Klimaatverandering Gezonde leefstijl en -omgeving Ontmoeting, verbinding en samenhang Inwoners in kwetsbare situaties Arbeidsmarkt, onderwijs, inkomen Omgevingskwaliteit
Wonen
Voorzieningen Mobiliteit en infrastructuur Ruimte voor ondernemen Visiekaart
66
DEEL A | basis
DEEL B | thema uitwerking
DEEL C | gebiedsuitwerking
Het zijn vaak stoffen die we al heel lang gebruikt hebben en die de bodem historisch en diffuus belast hebben of geleid hebben tot lokale hotspots. Het zijn nieuwe inzichten die maken dat we in actie moeten komen om middels goed bodembeheer de toekomstige effecten te mitigeren. Onder de Omgevingswet zal de gemeente als beheerder van de fysieke ruimte een verantwoordelijkheid hebben en nemen. Asbest In onze regio is vaak sprake van sloop van panden met asbesthoudende/ asbest-verdachte daken. Ook al worden de asbesthoudende daken al op een goede manier aangepakt, de (mogelijk) asbesthoudende druppelzone wordt hierbij dikwijls vergeten. Uit onderzoek blijkt dat in een aanzienlijk deel van onderzochte asbest-inspoelzones sterk verhoogde asbestconcentraties worden aangetroffen. We verplichten bodemonderzoek naar asbest voorafgaande aan sloop om risico’s voor de gezondheid te minimaliseren. Daarnaast zijn er nog diverse wegen die gesaneerd zijn maar op zo’n wijze dat deze gemonitord moeten worden en mogelijk aanvullend gesaneerd (m.n. Fase 1 asbestwegen). Met name in het Eendengebied maar ook in overig buitengebied zijn nog veel inritten, erven en percelen waar vroeger schuren stonden, verontreinigd met asbest. De doelstelling is asbestvrij.
DEEL D | realisatie
inhoud
Bodem
Water
Natuur en groen Klimaatverandering Gezonde leefstijl en -omgeving Ontmoeting, verbinding en samenhang Inwoners in kwetsbare situaties Arbeidsmarkt, onderwijs, inkomen Omgevingskwaliteit
Wonen
Voorzieningen Mobiliteit en infrastructuur Ruimte voor ondernemen Visiekaart
Omgevingsvisie Harderwijk 2040
67
DEEL A | basis
DEEL B | thema uitwerking
DEEL C | gebiedsuitwerking
DEEL D | realisatie
inhoud
OMGEVINGSVISIE - LEGENDA GEZONDE LEEFOM
GEZONDE LEEFOMGEVING OMGEVINGSVISIE - LEGENDA GEZONDE LEEFOM Legenda
1 Tankstation 1 Tankstation met LPG 2 2 Tankstation te vervallen/verplaatsen 3 3 Asbestverdacht 4 4 Duurzame landbouw 5 5 Geen intensieve veehouderij 6 6 Asbestweg (indicatief) 7 7 Aandachtsgebied 8 8 hoogspanningsleiding
9 9 Hoogspanningsleiding ondergronds 10 10 Hoofdgastransport 11 Aandachtsgebied milieu 11
Omgevingsvisie Harderwijk 2040
68
DEEL B | thema uitwerking
DEEL A | basis
DEEL C | gebiedsuitwerking
DEEL D | realisatie
inhoud
4.3.3. Ontmoeting, verbinding en sociale samenhang 4.3.3.1. Samen werken aan vitale en leefbare buurten
Het gaat om ontmoeten en elkaar kennen. De kracht van veel volksbuurten en dorpen is het saamhorigheidsgevoel. Door op wijk- en buurtniveau saamhorigheid te bevorderen, met bijvoorbeeld wijk en buurtgerichte activiteiten, door de vitaliteit in buurten te versterken, door gelegenheid te scheppen voor het organiseren van kleine (culturele) evenementen, door oog te hebben voor buurtdragers en deze te ondersteunen en ten slotte door vormen van wijkeconomie toe te staan. ‘strangers are strangers until they meet…’
Bodem
Water wijk
Natuur en groen
multifunctioneel centrum
Klimaatverandering
11
... voor het natuurlijk systeem Het herstel van het natuurlijk systeem, inclusief de groene basisstructuur in de openbare ruimte, draagt bij aan een uitnodigende openbare ruimte voor inwoners.
... voor het welbevinden van onze inwoners Samenlevingen functioneren op basis van hun sociaal kapitaal. Om met elkaar samen te kunnen leven, is contact, informeel en formeel, essentieel. Om zo netwerken te vormen, waarbinnen men elkaar vertrouwt, samenwerkt en elkaar hulp en steun verleent. Niet alleen binnen groepen, maar ook tussen verschillende groepen. Waardoor begrip voor elkaar toeneemt. Het kennen van elkaar in een buurt kan niet overschat worden. Sociaal contact leidt ertoe dat mensen meer tevreden zijn met de plek waar ze wonen. (Bron: CBS Sociale samenhang: wat ons bindt en verdeelt).
2040
Principes ten aanzien van ontmoeting, verbinding en sociale cohesie zijn: •
Wijk- en buurtgericht werken vormt de basis.
•
Wijken zijn gemêleerd en hebben een eigen identiteit en karakter.
Rietmeen vlindertuin
● laagdrempelige ontmoetingsplekken ● samenredzaam ● ● versterkte functie van de binnenstad ● jongerenplekken ● ● gemêleerde wijken ● cultuur in de wijk ● sportclusters ● ● wijkeconomie ●
Gezonde leefstijl en -omgeving Ontmoeting, verbinding en samenhang Inwoners in kwetsbare situaties Arbeidsmarkt, onderwijs, inkomen Omgevingskwaliteit
Wonen
Voorzieningen
ONTMOETING, VERBINDING EN SOCIALE SAMENHANG
Mobiliteit en infrastructuur Ruimte voor ondernemen
2040
Visiekaart
11. Bron: Amigo, liedje van Chef’Special.
Omgevingsvisie Harderwijk 2040
69
DEEL A | basis
DEEL B | thema uitwerking
•
Cultuur en identiteit scheppen verbinding evenals (gezamenlijke) historie van mensen en plekken.
•
Fysieke dragers worden ingezet voor ontmoeting in de wijk of buurt.
•
Maatschappelijke bestemmingen worden niet naar andere functies getransformeerd.
•
Wijk- en deeleconomie dragen bij aan sociale cohesie.
•
Sportclusters zijn de basis voor de bevordering van een gezonde leefstijl.
4.3.3.2. Benut de kracht van de straat, de buurt, de wijk Wijkgericht werken betekent luisteren naar wijkbewoners en horen wat hen bezig houdt, waar problemen zijn, waar behoeften bestaan en vooral waar goede ideeën bestaan en waar de energie zit. Daarvoor is het noodzakelijk om gesprekken te voeren met wijkplatforms, buurtcomités en/of straat- en keukentafelgesprekken. Vaak zijn inwoners prima in staat om te vertellen wat ze nodig hebben. Daarvoor is wederzijds vertrouwen nodig. Dat vertrouwen wek je door gesprekken te voeren op basis van gelijkheid. De behoeften in de wijk of buurt kunnen vorm krijgen in een zogenaamde ‘wijkagenda’: welke zaken moeten, in welke volgorde, worden opgepakt liefst in combinatie met gepland (groot) onderhoud. En ook: welke behoeften kunnen niet worden opgepakt? Een wijkagenda draagt bij aan transparantie. Een geïntegreerde benadering is bij wijkgericht werken uitgangspunt. Daarmee wordt bedoeld dat bestuurders en ambtenaren luisteren in de wijk, om te horen wat er speelt. En ook dat alle partijen (naast inwoners ook woningcorporaties, schoolbesturen, buurthuisbeheerders, jongerenwerkers, etc.) worden betrokken bij gemeentelijke plannen. Met de wijkgerichte aanpak zal de gemeente ook de identiteit per buurt of wijk samen met de bewoners kleur geven zodat de herkenbaarheid en het wij-gevoel wordt vergroot.
Zo werken de gemeente, maatschappelijke partners en inwoners samen aan de herstructurering en leefbaarheid van hun wijk. Hierbij komen bijvoorbeeld zaken als openbaar groen, parkeren, wijkactiviteiten zoals ‘Kansrijk opgroeien’, onderhoud en veiligheid of het creëren van laagdrempelige ontmoetingsplekken voor mensen in de openbare ruimte of gebouwen aan de orde.
DEEL C | gebiedsuitwerking
DEEL D | realisatie
4.3.3.3. Ontmoeting Bestaande locaties/ruimten (zogenaamde huiskamers) worden geschikt gemaakt om met elkaar het gesprek aan te kunnen gaan. Dat kan bijvoorbeeld in buurt- en wijkvoorzieningen zoals scholen, kerken en moskeeën, (inclusieve) speelplaatsen of sportaccommodaties maar ook in de binnenstad in leegstaande winkelpanden. In de basisstructuur worden ontmoetingsplekken gecreëerd voor jong en oud. Deze plekken worden samen met de inwoners van de wijk uitgedacht op stads-, wijk- en buurtniveau. Deze aanpak moet leiden tot meer verbinding tussen inwoners waardoor het omzien naar elkaar weer meer vanzelfsprekend wordt. We gaan daarmee van zelfredzaam naar samenredzaam. De binnenstad is de natuurlijke huiskamer van de Harderwijker samenleving en daarmee een bijzondere ‘wijk’. Veel activiteiten vinden plaats in de binnenstad. De binnenstad kent naast winkels en horeca ook veel culturele activiteiten. Het kwalitatief versterken van het totale aanbod is van levensbelang voor het goed functioneren van de binnenstad als huiskamer. De wijkcentra zijn het natuurlijke hart van de wijk.
Op deze en andere belangrijke plekken in de wijk (bij voorkeur grenzend aan of onderdeel van de basisstructuur) gaat de gemeente in gesprek met instellingen zoals winkeliers, kerken, moskeeën, scholen, sportclusters of andere maatschappelijke voorzieningen zoals bijvoorbeeld de Stedelijke Harmonie om samen op buurt- of wijkniveau ontmoeting te organiseren. Denk aan een gezamenlijke stadstuin, buurtkas, klusschuur of ruimte voor het beoefenen van een gezamenlijke hobby. Ook kan worden gedacht aan kleine buurtpodia en -huizen, huiskamers aan of in schoolgebouwen, laagdrempelige gezondheidscentra in de wijk, etc.
inhoud
Bodem
Water
Natuur en groen Klimaatverandering Gezonde leefstijl en -omgeving Ontmoeting, verbinding en samenhang Inwoners in kwetsbare situaties Arbeidsmarkt, onderwijs, inkomen Omgevingskwaliteit
Wonen
We zijn een stad met dorps karakter Wijkaanpak heeft ook een organisatorische consequentie. In de programmatische aanpak worden wijken integraal beschouwd. Samen met inwoners kan de wijk worden geschouwd, wordt de combinatie gezocht met het stadsbedrijf en bekeken welk noodzakelijk onderhoud op stapel staat, of woningbouwcorporaties plannen hebben voor herstructurering of er vanuit onderwijs of sport ontwikkelingen zijn, etc. Gezamenlijk met wijk- en/of buurtbewoners en andere belanghebbenden zoeken we naar geïntegreerde oplossingen, wijk voor wijk, buurt voor buurt met een duidelijke tijdsplanning.
Omgevingsvisie Harderwijk 2040
Voorzieningen Mobiliteit en infrastructuur Ruimte voor ondernemen Visiekaart
70
DEEL A | basis
DEEL B | thema uitwerking
Ontmoetingsplekken in de openbare ruimte en met name in de basisstructuur bieden mogelijkheden voor bijvoorbeeld bootcamps, jeu de boules, trapveldjes, tafeltennistafels, picknickbanken, etc. Ook jongeren krijgen in de basisstructuur ruimte. Deze plekken worden ingericht met op dat moment bekende groepen van jongeren. Dat betekent dat met regelmaat het gesprek wordt aangegaan met jongeren om te kijken of bestaande plekken voldoen of moeten worden aangepast. Flexibiliteit is daarin erg belangrijk. 4.3.3.4. Vitale buurten Harderwijk en Hierden hebben in 2040 gemêleerde wijken met een eigen karakter en voldoende ontmoetingsruimte. Gemêleerde wijken betekent dat er bij herstructurerings- en inbreidingsplannen per wijk en buurt wordt bekeken aan welk woningtype behoefte is om daarmee een evenwichtiger samenstelling van bewoners van de wijk te krijgen. Daarin moet rekening worden gehouden met de identiteit van de wijk en het karakter van de buurt. Gestreefd wordt om in iedere wijk een goede gedifferentieerde samenstelling van woning typologieën te krijgen. Zo zal het streven zijn dat iedere wijk 30% sociale huurwoningen heeft. Bij nieuwe gebiedsontwikkelingen is dit een minimale eis, bij bestaande wijken zal de eis soms hoger liggen om het percentage in een wijk te verhogen tot 30%. Uiteraard wordt daarbij ook gekeken naar de locatie en naar een goede spreiding in de wijk.
Los van de sociale woningbouw zal een percentage van het woningbouwprogramma bestemd moeten zijn voor bijzondere doelgroepen als geïntegreerd onderdeel van het programma. Uiteraard is dit percentage afhankelijk van de behoefte en is daarmee vaak maatwerk maar mag geen sluitpost zijn. In principe zijn bijzondere doelgroepen altijd onderdeel van het woningbouwprogramma tenzij kan worden aangetoond dat er geen behoefte is.
DEEL C | gebiedsuitwerking
DEEL D | realisatie
inhoud
creatief denkproces uit de wijk zelf waarbij de gemeente het algemeen belang behartigt. Ook het ‘Samen kleuren we de stad’ en het ‘Stadsidee’ zijn goede manieren om de kracht, de ideeën en de energie van inwoners te benutten. 4.3.3.5. Cultuur, identiteit, erfgoed Cultuur en historie geven een herkenbaarheid (identiteit) aan een buurt. Een gezamenlijke geschiedenis helpt, maar verklaart soms ook de gevoeligheden in een buurt. Kennis daarvan en respect voor de ontstaansgeschiedenis geeft wederzijds begrip. Dat kan een bepaalde mentaliteit van de bevolking verklaren zoals de open samenleving die in Harderwijk door de eeuwen heen steeds weer zichtbaar is (zie de Stadsgenese). Monumenten en cultureel erfgoed uit de verschillende tijdsvakken van de geschiedenis zijn het waard om beschermd te worden. Openbare ruimte wordt zodanig ingericht dat het karakter en identiteit van de wijk wordt versterkt met bijvoorbeeld community-art12. Voor de wijk karakteristieke kenmerken worden uitgelicht en bijzondere aandacht gaat uit naar stads- en dorpsgezichten, monumentale gebouwen van verschillende tijdsgewrichten en cultuurhistorische en archeologische waarden. Dit wordt samen met wijkbewoners opgepakt.
Omgevingsvisie Harderwijk 2040
Water
Natuur en groen Klimaatverandering Gezonde leefstijl en -omgeving Ontmoeting, verbinding en samenhang Inwoners in kwetsbare situaties Arbeidsmarkt, onderwijs, inkomen Omgevingskwaliteit
Wonen
Meergezinswoningen bedoeld voor kwetsbare doelgroepen en senioren (appartementen) worden dichter op voorzieningen/wijkcentra gebouwd. Met het realiseren van appartementen rondom wijk(winkel)centra wordt de mogelijkheid geboden voor inwoners met een zorgvraag om te kunnen wonen nabij (zorg) voorzieningen. Eengezinswoningen (grondgebonden woningen) worden verder van het centrum van de wijk/binnenstad gesitueerd. Herstructurering waarbij grotere ingrepen in de wijk of de buurt worden gedaan heeft een tijdshorizon van 25 jaar. Dat proces moet goed en zorgvuldig samen met de wijkbewoners worden doorlopen. De gemeente doet momenteel ervaring op met de aanpak ‘Harderwijk aan de slag’. De kracht en de ideeën komen in een
Bodem
Voorzieningen Mobiliteit en infrastructuur Ruimte voor ondernemen
12. Community-art is kunst gemaakt met of door bewoners van de wijk of buurt.
Visiekaart
71
DEEL A | basis
DEEL B | thema uitwerking
In de eerder genoemde wijkaanpak wordt met wijk- en buurtbewoners het gesprek aangegaan betreffende hun identiteit en het karakter van de wijk of buurt en wat daaraan behouden of zelfs versterkt zou moeten worden. Stad als podium geeft Harderwijk kleur en smoel. Er wordt daarom veel ruimte gegeven aan evenementen op verschillende plekken in de stad zoals het Crescentpark, de Rietmeen, de Wijde Wellen, de Mess, de kop Stadswerven, het Vondelpark, het Sypelpark en uiteraard de gezellige binnenstad. Ook in de basisstructuur worden plekken aangewezen waar kleinschalige wijk- en buurtevenementen zijn te organiseren. 4.3.3.6. Fysieke dragers in de buurt Met dragers in de buurt worden ruimtelijke structuren, plekken en programma’s bedoeld die de binding van bewoners met hun buurt en met elkaar, duurzaam kunnen versterken. Onderwijsgebouwen (zowel basis- als voortgezet onderwijs) of andere gebouwen met een maatschappelijke functie kunnen waar nodig en mogelijk een ontmoetingsplek in de wijk zijn. Deze gebouwen kunnen ook ’s avonds een functie voor wijkactiviteiten krijgen.
DEEL C | gebiedsuitwerking
DEEL D | realisatie
inhoud
4.3.3.7. Wijk- en deeleconomie Wijkeconomie (kleine buurt- of wijkgerichte bedrijfsmatige activiteiten) kan ook bijdragen aan de sociale cohesie. Winkeliers maar ook dienstverleners zoals kappers en andere (thuiswerkende) zelfstandigen hebben een belangrijke bindende functie in de wijk. De concentratie daarvan in de wijk(winkel)centra ligt voor de hand en is sowieso mogelijk maar een lunchroom of kapper is ook denkbaar als sociale functie in de buurt of wijk. De functie van dit soort activiteiten bevordert de ontmoeting, de levendigheid en daarmee het buurtgevoel.
Bodem
Ook het stimuleren van een deeleconomie kan de saamhorigheidsgevoel bevorderen. Het delen van een ladder, auto of gereedschap brengt een gezamenlijk verantwoordelijkheid met zich mee en daarmee dus ook het contact in de buurt.
Klimaatverandering
Buurtdragers kunnen er voor zorgen dat een wijk of buurt tot leven komt. De gemeente kan veel ontmoetingsplekken realiseren maar zonder het ontplooien van activiteiten op deze plekken blijft deze ontmoetingsruimte onbenut en de drempel om eens binnen te stappen te hoog. Het is zorg om samen met partners een goede ondersteuning te bieden aan een netwerk van vrijwilligers. Het in Harderwijk en Hierden sterk ontwikkelde verenigingsleven kan hierin een belangrijke rol spelen. Voorzieningen zoals scholen, religieuze gebouwen en verenigingsgebouwen zijn beperkt aanwezig in de wijk en worden samen met plekken in de openbare ruimte meer ingezet voor ontmoeting voor verschillende doelgroepen. Gebouwen met een maatschappelijk nut worden niet getransformeerd naar andere functies. De sportclusters Sypel, Strokel, Slingerbos Hierden en nog te realiseren Watersport vervullen al een vergelijkbare functie maar kunnen ook breder worden ingezet op momenten dat er geen trainingen of wedstrijden plaatsvinden. Dergelijke sportclusters krijgen een open karakter waarmee het gebruik van de accommodaties kan toenemen.
Water
Natuur en groen
Gezonde leefstijl en -omgeving Ontmoeting, verbinding en samenhang Inwoners in kwetsbare situaties Arbeidsmarkt, onderwijs, inkomen Omgevingskwaliteit
Wonen
Voorzieningen Mobiliteit en infrastructuur Ruimte voor ondernemen Visiekaart
Omgevingsvisie Harderwijk 2040
72
DEEL A | basis
DEEL B | thema uitwerking
DEEL C | gebiedsuitwerking
DEEL D | realisatie
inhoud
OMGEVINGSVISIE - LEGENDA SOCIALE VERBINDI
OMGEVINGSVISIE - LEGENDA SOCIALE VERBINDI
ONTMOETING, VERBINDING EN SOCIALE SAMENHANG Legenda
1 Samen Sterk 12 Ontmoetingsgebied binnenstad 23 Ontmoetingsgebied wijkniveau 34 Sportcluster 4 Onderwijslocatie
Omgevingsvisie Harderwijk 2040
73
DEEL A | basis
DEEL B | thema uitwerking
DEEL D | realisatie
DEEL C | gebiedsuitwerking
inhoud
4.3.4. Inwoners in kwetsbare situaties 4.3.4.1.
Samenredzaam door, wanneer nodig, elkaar te helpen bij het ‘meedoen’
Bodem
In de komende decennia ontstaat een grote zorgvraag dankzij de toename in aantal van de pluriforme groep ‘zorgbehoevende 75-plussers’. Daartegenover staat een kleiner wordende groep mantelzorgers, die zelf ouder en kwetsbaarder worden, en een kleiner wordende groep professionals, voor wie de loonkosten steeds hoger worden. Oplossingen om dit zorgtekort het hoofd te bieden worden onder meer gezocht in technologie, in een andere organisatie van de professionele zorg aan huis, in nieuwe woonzorgvormen, in burgerinitiatieven en in de flexibilisering van arbeid en zorgtaken. Al deze oplossingen stellen specifieke eisen aan de zorgvragers en niet alle zorgvragers zullen aan deze eisen kunnen voldoen. Met name ouderen met minder sociale en technische vaardigheden lopen in de toekomst een groter risico om geen of onvoldoende zorg te ontvangen volgens het SCP. De verschuiving van zorg naar de thuissituatie (in plaats van zorg in instellingen) zorgt voor een toenemende druk op het sociale vangnet. Het betreft vaak kwetsbare mensen die zelfstandig wonen en meer of minder aangewezen zijn op hulp van anderen. Over het algemeen zijn deze mensen ook aangewezen op sociale huurwoningen. Vanwege de scheiding van wonen en zorg in het landelijk beleid wonen steeds vaker mensen, vanwege hun inkomenssituatie, in kwetsbare situaties geconcentreerd bij elkaar.
De balans tussen zorgvragers en -dragers is steeds vaker zoek. Tegelijkertijd bezorgt dat sociale woningbouw ook een zeker negatief stempel, terecht of onterecht, waardoor omwonenden niet positief staat tegenover sociale woningbouw.
wijk
Water
Natuur en groen Klimaatverandering Gezonde leefstijl en -omgeving Ontmoeting, verbinding en samenhang
welkom
● clustering zorg rondom wijkcentra ● toegankelijkheid ● ● centrale zone met ziekenhuis en scholen in Challengeboulevard ● ● wijkgerichte benadering ●
Inwoners in kwetsbare situaties Arbeidsmarkt, onderwijs, inkomen Omgevingskwaliteit
Wonen
... voor het natuurlijk systeem Door in de wijk luwte te creëren en natuurlijke systemen ruimte te geven ontstaan gebieden met veel groen. Dit heeft een positieve werking op mensen en juist op mensen die beter gedijen in een meer prikkelvrije omgeving.
Voorzieningen
INWONERS IN KWETSBARE SITUATIES
... voor het welbevinden van onze inwoners Zorg is niet altijd te vertalen in verzorging maar heeft ook te maken met mensen met bijvoorbeeld een taalachterstand of eenzaamheid onder zowel jongeren als ouderen. De gemeente biedt ondersteuning aan mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt vanwege een taal- en/of opleidingsachterstand. Onder de noemer Omgevingsvisie Harderwijk 2040
Mobiliteit en infrastructuur Ruimte voor ondernemen
2040
Visiekaart
74
DEEL A | basis
DEEL B | thema uitwerking
inclusiviteit zet de gemeente middelen in om deze inwoners meer kansen te bieden hun eigen situatie te verbeteren door onder andere volwasseneneducatie ‘Een leven lang leren’.
2040
•
•
DEEL D | realisatie
Samensterk woongemeenschappen zijn gesitueerd rondom de voorzieningen in (wijk)centra. Ter bevordering van de verbinding/ontmoeting geldt als voorwaarde dat bij planontwikkeling ontmoetingsplekken worden gerealiseerd voor woongemeenschappen. Met een samensterk-aanpak worden relaties gesmeed, gaan mensen elkaar kennen en vertrouwen en ontstaat saamhorigheid.
Het creëren van goede sociale verbindingen moet daarom ook fysiek verankerd worden. In huisvesting van kwetsbare mensen moet veel aandacht zijn voor een goede mix van zorgvragers en zorgdragers. Zorgdragers mogen niet overbelast worden en daarom is het belangrijk dat er een breed sociaal netwerk ontstaat dat de eerste signalen van een zorgvraag opvangt en kan bijspringen bij kwetsbare medebewoners. Daar om heen hoort dan een schil van professionals georganiseerd te zijn die hulp kan bieden ter voorkoming van overbelasting van zorgdragers (mantelzorgers).
4.3.4.2. Verbinding rondom wijkcentra: ondersteuning en zorg nabij Bij wijkcentra (en binnenstad) met een divers aanbod van zorgvoorzieningen is intensivering van woningbouw mogelijk. Mede maar niet alleen, geschikt voor doelgroepen die aangewezen zijn op het gebruik maken van deze voorzieningen. Nieuwe woon-concepten (zoals bijvoorbeeld het Knarrenhof-concept) passen goed in dit denken en worden waar mogelijk ontwikkeld nabij voorzieningen in wijkcentra. Samensterk moet overigens niet verworden tot een ‘samen hulpbehoevend’. Dat betekent dat de gemeente en woningcorporaties afspraken maken over de instroom van nieuwe bewoners vanwege natuurlijk verloop. Ook komt er meer inzet op passende woonvormen voor bijzondere zorgbehoefte.
inhoud
De aanwezigheid van sociale ruimten, (denk aan een hobbyruimte, klusschuur, groentekas, muziekstudio) is daarin een voorwaarde. Rondom het wijkwinkelcentrum is daarom veel aandacht nodig voor het fysieke ontwerp om deelname aan de samenleving te stimuleren. De inrichting van openbare ruimte is daar uiterst belangrijk bij. In de openbare ruimte rond het wijkcentrum is een duidelijke toegankelijkheidsstructuur uitgangspunt.
Principes ten aanzien van inwoners in kwetsbare situaties zijn: •
DEEL C | gebiedsuitwerking
De kern van de eerste- en tweedelijns zorg wordt geconcentreerd in de Centrale zone, de as tussen binnenstad en NS-station met name in de omgeving van het St. Jansdal ziekenhuis. In de Centrale Zone wordt onderzocht hoe de verbinding kan worden gelegd tussen groepen inwoners, jong en oud, hulpvragers en hulpdragers met een georganiseerde kring van hulpverlening, mogelijk in combinatie met onderwijsinstellingen. Zorginstellingen kunnen juist verspreid in de wijk/stad worden ontwikkeld liefst aan de basisstructuur en in samenhang met andere woonvormen. Bewoners van deze instellingen zijn minder gericht op de voorzieningen maar hebben wel behoefte aan ruimte om te wandelen. In overleg met zorginstellingen wordt de behoefte geïnventariseerd en wordt per wijk bekeken in het gebiedsgerichte hoofdstuk waar welke behoefte voor maatschappelijk vastgoed bestaat.
4.3.4.3. Samensterk-gebieden Samensterk gaat over het versterken, stimuleren en aanmoedigen van (ver)binding tussen wijk- en buurtbewoners die wat aandacht kunnen gebruiken én inwoners die dat kunnen bieden. Het gaart daarbij om buurtbewoners die elkaar (leren) kennen en vertrouwen. Activiteiten die ontstaan kunnen heel divers zijn: met elkaar een koffieochtend organiseren, samen deelnemen aan georganiseerde ochtendgymnastiek, stadstuinen samen onderhouden, een loop/wandel/fietsgroep, samen op Nederlandse les, excursies, versterken van het onderlinge contact. (Uit: Inspiratieboek Community Building, Philadelphia). Bij de wijkgerichte benadering hoort ook het sturen in de samenstelling van de wijk waarbij aandacht is voor een goede mix van zorgdragers en zorgvragers. Samen sterk-gebieden zijn in principe gebieden geconcentreerd rondom voorzieningen, zogenaamde wijkcentra met winkels, ontmoetingsmogelijkheden zoals Multifunctionele accommodaties (MFA’s) of (positieve) gezondheidscentra,
Omgevingsvisie Harderwijk 2040
Bodem
Water
Natuur en groen Klimaatverandering Gezonde leefstijl en -omgeving Ontmoeting, verbinding en samenhang Inwoners in kwetsbare situaties Arbeidsmarkt, onderwijs, inkomen Omgevingskwaliteit
Wonen
Voorzieningen Mobiliteit en infrastructuur Ruimte voor ondernemen Visiekaart
75
DEEL A | basis
DEEL B | thema uitwerking
DEEL C | gebiedsuitwerking
zorgverleners en andere dienstverleners. Wijk(winkel)centra worden daarmee huiskamers van de wijk en worden zorg- en ontmoetingsgebieden met winkel en aanverwante voorzieningen zoals tandartsen, huisartsen en andere zorg- en dienstverleners. Zorgconcepten worden ontwikkeld in zogenaamde samensterk-gebieden. De binnenstad heeft een vergelijkbare functie maar dan voor de hele samenleving. Uiteraard zijn door middel van eerder genoemde ontmoetingsplekken in de wijk ook elders in de wijk mogelijkheden om verbinding tussen inwoners te bevorderen.
DEEL D | realisatie
inhoud
Bodem
Water
Natuur en groen Klimaatverandering Gezonde leefstijl en -omgeving Ontmoeting, verbinding en samenhang Inwoners in kwetsbare situaties Arbeidsmarkt, onderwijs, inkomen Omgevingskwaliteit
Wonen
Voorzieningen Mobiliteit en infrastructuur Ruimte voor ondernemen Visiekaart
Omgevingsvisie Harderwijk 2040
76
DEEL A | basis
DEEL B | thema uitwerking
DEEL C | gebiedsuitwerking
DEEL D | realisatie
inhoud
OMGEVINGSVISIE - LEGENDA INWONERS IN KWE
INWONERS IN KWETSBARE SITUATIES OMGEVINGSVISIE - LEGENDA INWONERS IN KWE Legenda
OMGEVINGSVISIE - LEGENDA INWONERS IN KWE
1 Buurthuis 1 2 Multifunctionele accommodatie 12 (MFA) 3 23 Ontmoetingsgebied binnenstad 4 34 Ontmoetingsgebied wijkniveau 5 45 Zoekgebied woon-zorgconcept 6 56 Challengeboulevard 6 Centrale Zone
Omgevingsvisie Harderwijk 2040
77
DEEL A | basis
DEEL B | thema uitwerking
DEEL D | realisatie
DEEL C | gebiedsuitwerking
inhoud
4.3.5. Arbeidsmarkt, onderwijs, inkomen 4.3.5.1. Voorwaarden scheppen voor welbevinden Bodem
... voor het natuurlijk systeem
Water
In de loop der eeuwen hebben Harderwijkers vaak gekozen voor verschillende vormen van broodwinning. De arme gronden boden vaak maar een beperkte opbrengst, de visserij was belangrijk maar risicovol en de strategische positie aan het water bood kansen voor handel met het achterland zeker nadat ook het spoor de verbindingen aanzienlijk verbeterde en versnelde.
Natuur en groen
wijk
Klimaatverandering
... voor het welbevinden van onze inwoners Bestaanszekerheid betekent dat je duurzaam in je levensonderhoud kunt voorzien en mee kunt doen aan de samenleving volgens de geldende normen van welvaart en welzijn. Werkgelegenheid is hierbij een bepalende factor. Op dit moment kennen we een lage werkloosheid. Dat is met name het gevolg van de vergrijzing. De baby-boomers gaan met pensioen en het geboortecijfer is lager dat ooit. Het bestedingspatroon van baby-boomers is relatief hoog en bestedingen blijven hoog zelfs nu Nederland gebukt gaat onder torenhoge inflatie. Eerder had dat tot gevolg dat consumenten voorzichtiger werden in hun bestedingen maar nu is een kloof zichtbaar. Mensen met een bovenmodaal inkomen hebben de middelen om te investeren in energiebesparende maatregelen, zonnepanelen, elektrisch vervoer en kunnen daarmee de extreme stijging van de energieprijs relatief eenvoudig tegengaan. Datzelfde gebeurt op de huizenmarkt. Daar waar het goedkoper is om een huis te kopen, is door de enorme vraag ten opzichte van het aanbod de prijs van een koopwoning geëxplodeerd. Ondanks een voorlopig lage rente is het daarom toch voor grote groepen mensen onmogelijk om een woning te kopen. Ook op de sociale huurwoning markt zijn de wachtlijsten lang. Veel mensen zijn aangewezen op de vrije sectorhuur.
Zij betalen relatief veel voor een woning en geven relatief veel van hun inkomen uit aan de vaste (woon)lasten.
2040
PEPERNOTEN
INNOVATIECENTRUM SCHOOL
C
CALI FORNIA
● arbeidsperspectief ● werknemersklimaat ● ruimte voor startups ● ● integrale kindcentra ● Challengeboulevard ● wijkeconomie ●
Ontmoeting, verbinding en samenhang Inwoners in kwetsbare situaties Arbeidsmarkt, onderwijs, inkomen Omgevingskwaliteit
Wonen
Voorzieningen
ARBEIDSMARKT, ONDERWIJS EN INKOMEN
Mobiliteit en infrastructuur Ruimte voor ondernemen
Principes ten aanzien arbeidsmarkt, onderwijs, inkomen zijn: •
Gezonde leefstijl en -omgeving
Jongvolwassenen (16-27 jaar) worden ondersteund, waardoor zij zichzelf naar vermogen kunnen ontwikkelen voor deelname op de arbeidsmarkt (en in de samenleving). Omgevingsvisie Harderwijk 2040
2040
Visiekaart
78
DEEL A | basis
DEEL B | thema uitwerking
•
Het (door)ontwikkelen van Harderwijk/Hierden tot een ideale woon-, werk- en recreatieplek leidt tot een aantrekkende werking voor nieuwe werknemers.
•
Jongeren kunnen in Harderwijk terecht voor goed en breed (beroeps) onderwijsaanbod.
•
De Challengeboulevard gaat jongeren, maar ook volwassenen, perspectief bieden op een goede loopbaan door de samenwerking opleiding, werkervaringsplaatsen en faciliteiten beter op elkaar aan te sluiten.
4.3.5.2. Bestaanszekerheid Er zullen altijd inwoners afhankelijk zijn van een uitkering. Vaak zijn dat mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt door bijvoorbeeld onvoldoende startkwalificatie, taalachterstand, financiële problemen of een diversiteit van andere oorzaken. Zeker in een langdurige uitkeringssituatie of situatie met een minimuminkomen kan het meedoen in de samenleving afnemen. Om deze mensen te betrekken zijn de eerder beschreven samensterk-concepten ook belangrijk. Mensen zitten soms (te) lang in een negatieve spiraal, de drempel om mee te doen wordt te hoog. Ze komen daar zonder hulp niet of nauwelijks meer uit. Voor inwoners die moeite hebben met het vinden van werk faciliteert de gemeente samen met de Inclusief groep nieuwe werkervaringsplaatsen via de vakacademie en/of de sprintacademie om werkvaardigheden op te doen. De gemeente zet in op preventie door jongvolwassenen (16-27 jaar) waar nodig integraal te ondersteunen, waardoor zij zichzelf naar vermogen kunnen ontwikkelen voor participatie op de arbeidsmarkt. 4.3.5.3. Arbeidsmarkt Het werk van de toekomst zal steeds meer verbonden zijn met technologie; vaker een hoge scholing vereisen en minder plaats- en tijdgebonden zijn13.
Ook voorzien de onderzoekers dat de opkomst van de ‘op-afroepeconomie’ doorzet en een steeds groter deel van de werkenden relatief korte klussen voor wisselende opdrachtgevers zal doen. Het gevolg: weinig continuïteit in het werk en minder mogelijkheden om een loopbaan te plannen. Daarmee wordt de 13. Bron: Sociaal Cultureel Planbureau, 2022.
DEEL C | gebiedsuitwerking
DEEL D | realisatie
inhoud
relatie tussen woonplaats en werk ook steeds flexibeler. Omdat er onvervulde vacatures zijn in vrijwel alle sectoren en weinig werkloosheid ontstaat een grote vraag naar personeel. Daarom gaat de gemeente zich inzetten voor een prettig woonklimaat voor nieuwe werknemers. Bodem
Deze omgevingsvisie geeft richting aan de wijze waarop de gemeente zich ontwikkelt tot een ideale woon-, werk- en recreatieplek. Het doel is dus niet méér bedrijvigheid en dus werkgelegenheid maar het inzetten op het bieden van een aantrekkelijke woonomgeving om daarmee goed opgeleide werknemers aan te trekken. Dat betekent ook dat de gemeente zich gaat inzetten voor goede huisvesting van buitenlandse werknemers die tijdelijk of langere werkcontracten hebben. Het gaat dan wel om werknemers die werkzaam zijn binnen de EHPZagglomeratie. 4.3.5.4. Onderwijs Het bieden van onderwijs binnen de eigen gemeente is uitgangspunt. Vooral in relatie met inclusie is een uitgangspunt opgenomen over thuisnabij en passend onderwijs. Het doel is om ieder kind in Harderwijk zoveel mogelijk binnen de gemeente onderwijs te kunnen bieden. Daarnaast is bij het uitgangspunt versterken positie voortgezet onderwijs (VO) benoemd dat het doel hiervan is om weglek van leerlingen te voorkomen. De versterking wordt vooral gezocht in de doorgaande leerlijn vmbo-mbo. Iedere nieuwe school wordt in principe een kindcentrum (KC), een gebouw waar een school met kinderopvang wordt gerealiseerd. Er zijn daarnaast locaties aangewezen om zich te ontwikkelen tot Integraal kindcentrum (IKC).
In dit concept van onderwijs en opvang wordt samengewerkt aan een doorlopende ontwikkellijn, daarnaast zijn er andere voorzieningen aanwezig die voor de wijk van essentiële betekenis kunnen zijn, gericht op kind en gezin. Denk aan welzijns- of zorgactiviteiten. Dit wordt per locatie nog nader ingevuld omdat deze afhankelijk is van de behoefte van de wijk aan maatschappelijke functies. Het opleidingsniveau heeft in Harderwijk lang onder het gemiddelde van Nederland gelegen. Er wordt met de Challengeboulevard geïnvesteerd in goed aanbod op mbo-niveau in Harderwijk. Deze mensen zijn hard nodig om de vele vacatures te vervullen in onze regio. De gemeente wil daarnaast met de Challengeboulevard het mbo-onderwijs op een hoger plan brengen. Ook vormen van samenwerking tussen werkgevers, opleidingsinstituten en de overheid moeten leiden tot een onderwijsomgeving op een hoger niveau.
Omgevingsvisie Harderwijk 2040
Water
Natuur en groen Klimaatverandering Gezonde leefstijl en -omgeving Ontmoeting, verbinding en samenhang Inwoners in kwetsbare situaties Arbeidsmarkt, onderwijs, inkomen Omgevingskwaliteit
Wonen
Voorzieningen Mobiliteit en infrastructuur Ruimte voor ondernemen Visiekaart
79
DEEL A | basis
DEEL B | thema uitwerking
Belangrijke werkgevers als het St. Jansdal, het Bouw en Infrapark en diverse bedrijven spelen daarin een prominente rol. De Challengeboulevard gaat jongeren, maar ook volwassenen, perspectief bieden op een goede loopbaan door in de samenwerking opleiding, werkervaringsplaatsen en faciliteiten beter op elkaar aan te sluiten. De gemeente faciliteert waar nodig het (beroeps) onderwijs zodat inwoners een “leven lang kunnen leren” om te kunnen meegroeien met wat de veranderende arbeidsmarkt vraagt.
DEEL C | gebiedsuitwerking
DEEL D | realisatie
We zijn innovatief en tonen lef Voor inwoners die moeite hebben met het vinden van werk faciliteert de gemeente nieuwe werkervaringsplaatsen via de vakacademie en/of de sprintacademie om werkvaardigheden op te doen. Met de Challengeboulevard combineert de gemeente onderwijs met werkgevers en werkervaringsplaatsen o.a. door laagdrempelig startup plaatsen te creëren.
inhoud
Bodem
Water
Natuur en groen Klimaatverandering
4.3.5.5. Startups Veel jonge mensen die gaan studeren en daarom de gemeente hebben verlaten hebben na de studie onvoldoende kennis over de arbeidsmarkt in Harderwijk. De gemeente gaat zich ook inzetten voor deze doelgroep en gaat locaties aanwijzen voor startups in het werklandschap van de Groene Zoom (accent op ambacht en innovatie) én nabij het station in Nieuw Weiburg (accent op dienstverlening en automatisering), aan de Sypel in het monumentale schoolgebouw of op het Bouw&infrapark.
Gezonde leefstijl en -omgeving Ontmoeting, verbinding en samenhang Inwoners in kwetsbare situaties Arbeidsmarkt, onderwijs, inkomen Omgevingskwaliteit
Wonen
Voorzieningen Mobiliteit en infrastructuur Ruimte voor ondernemen Visiekaart
Omgevingsvisie Harderwijk 2040
80
DEEL A | basis
DEEL B | thema uitwerking
DEEL C | gebiedsuitwerking
DEEL D | realisatie
inhoud
OMGEVINGSVISIE - ARBEIDSMARKT ONDERWIJS
ARBEIDSMARKT, ONDERWIJS, INKOMEN Legenda
1 Zoekgebied startup 2 Zoekgebied speciaal onderwijs 3 Zoekgebied primair onderwijs 4 IKC Challengeboulevard 5 Onderwijslocatie 6 Ziekenhuis 7 Aantrekkelijke binnenstad 8 Werklocatie 9
Omgevingsvisie Harderwijk 2040
81
De basisstructuur is uitgangspunt
Waarom….
water
e
rv oo
2040
ruimte voor ondernemen
Harderwijk
vi nd
st en ers van onze inwon
mobiliteit en infrastructuur
kwetsbare inwoners
keling
Steeds vaker zullen we merken dat er grenzen zijn aan de groei doordat we rekening moeten houden met mensen elders en na ons. Tegelijkertijd moeten we ook streven naar het zo goed mogelijk voldoen aan het invullen van de opgaven van nu. In de zoektocht naar die behoeften begeven we ons op het spanningsveld van de behoeften van nu en de maatregelen die consequenties hebben voor de toekomst.
is de drage
wik nt
bodem
e lb we Het
…voor het natuurlijk systeem
em ste sy
ro
De alliantie van bouw en infrastructuur is facilitair aan de andere eerder beschreven allianties. De alliantie bouw en infrastructuur zijn de thema’s die gaan over het bouwen en aanleggen van gebouwen en infrastructuur op basis van wensen en behoeften uit de samenleving, rekening houdend met natuurlijke systemen. Met andere woorden de twee leidende principes zijn bepalend voor alles wat gerealiseerd wordt. De mogelijkheden worden begrenst door ruimte en middelen.
onderwijs, werk en inkomen
rop
4.4.1.
inhoud
Onder deze alliantie worden de volgende thema’s besproken: » omgevingskwaliteit: bebouwing, erfgoed en openbare ruimte; » wonen; gezonde klimaatleefstijl en » voorzieningen; verandering -omgeving » mobiliteit en infrastructuur; sociale natuur verbinding » ruimte voor ondernemen. en groen
aa tv oo
Alliantie van bouw en infrastructuur
k
4.4.
DEEL D | realisatie
DEEL C | gebiedsuitwerking
uu rli j
DEEL B | thema uitwerking
Het nat
DEEL A | basis
ruimtelijke kwaliteit en erfgoed
wonen voorzieningen
…voor het welbevinden van onze inwoners
Klimaatverandering Gezonde leefstijl en -omgeving Ontmoeting, verbinding en samenhang Inwoners in kwetsbare situaties
Wonen
UITWERKING ALLIANTIE THEMA’S
1. Energieneutraal, natuurinclusief en circulair bouwen.
SUPER MARKT
BEBOUWING EN INFRASTRUCTUUR
2. Verklein iedere ingreep in de fysieke leefomgeving en daarmee de gemeentelijke ecologische voetafdruk.
4. Ruimtelijke ingrepen worden gewaardeerd en geprioriteerd op basis van hun maatschappelijk toegevoegde waarde.
Natuur en groen
Omgevingskwaliteit
Voor 2040 betekent dat voor de alliantie van bouw en infrastructuur:
3. Ga efficiënt om met de ruimte door te zoeken naar multifunctionele gebouwen/plekken en geïntegreerde oplossingen14.
Water
Arbeidsmarkt, onderwijs, inkomen
In deze alliantie hebben we het over de opgaven ten behoeve van het welbevinden van inwoners zoals woningbouw, ruimte voor ondernemen, voorzieningen, mobiliteit en infrastructuur en dat alles met behoud van ruimtelijke kwaliteit in onze prachtige gemeente met natuur, water en historie.
2040
Bodem
2040
14. Bij een geïntegreerde benadering is sprake van ontwikkeling: het minder ingewikkeld maken. In de afgelopen decennia zijn complexe opgaven geknipt in deelaspecten om meer grip te krijgen. Met oplossingen gericht op die deelaspecten wordt vaak het grote geheel vergeten. Daarvoor werden integrale oplossingen bedachten waarin we verbinding leggen tussen de deelaspecten. Door terug te gaan naar de basis spreken we weer over de eigenlijke opgave: de kern. Een geïntegreerde oplossing is daarmee het antwoord op de kernopgaven inclusief alle deelaspecten in plaats van een optelsom van alle deelopgaven. (Bron: www.Geldofscs.nl, maart 2023)
Omgevingsvisie Harderwijk 2040
Voorzieningen Mobiliteit en infrastructuur Ruimte voor ondernemen Visiekaart
82
DEEL A | basis
DEEL B | thema uitwerking
DEEL C | gebiedsuitwerking
DEEL D | realisatie
inhoud
4.4.2. Omgevingskwaliteit: bebouwing, erfgoed en openbare ruimte 4.4.2.1.
Bodem
Omgevingskwaliteit: gebruikswaarde, belevingswaarde en toekomstwaarde
Water
... voor het natuurlijk systeem
Natuur en groen
Bij nieuwe initiatieven is omgevingskwaliteit dé manier om álle deelaspecten met elkaar te verbinden. Of het nu gaat om erfgoed, biodiversiteit, energieneutraal bouwen, mobiliteit of openbare ruimte, ieder deelaspect draagt iets bij aan de kwaliteit van het gebied, de ontwikkeling of het gebouw. In de gemeente Harderwijk hebben adviesorganen als de Omgevingskamer én de Commissie Omgevingskwaliteit (nu nog commissie ruimtelijke kwaliteit, CRK) daarin een belangrijke rol. Het integreren van alle deelaspecten moet leiden tot een goede ontwikkeling waarin de functionaliteit van de plek of het gebouw goed is, recht doet aan zijn omgeving, toekomstwaardig en duurzaam is.
... voor het welbevinden van onze inwoners Omgevingskwaliteit gaat niet alleen om ‘mooi’, maar ook om ‘goed’, dat wil zeggen functioneel, mooi en toekomstbestendig. Dit omvat drie waarden: gebruikswaarde, belevingswaarde en toekomstwaarde. Daarnaast gaat het niet alleen over de vraag óf een ruimtelijke ingreep moet plaatsvinden, maar ook hoe deze het beste ingepast kan worden en vooral wáár. Een goed gebouw op een slechte plek levert immers geen ruimtelijke kwaliteit op. Nadrukkelijk wordt daarom bepleit dat locatiekeuze en samenhang tussen functies tot de ruimtelijke kwaliteitsvraag gerekend moeten worden (bron: Vromraad, 2011).
Klimaatverandering Gezonde leefstijl en -omgeving KAZERNE
● monumenten en erfgoed ● eigenheid en architectuur ● inbreiding ● ● multifunctioneel ● variatie in woonmilieus ● ● buitensport, -spel en -ontmoeting ● natuurinclusief ●
Erfgoed kan meer dan nu een functie hebben voor de samenleving. Niet alleen de historische plek zelf, het voorwerp, de traditie enz. is belangrijk, maar vooral ook de verschillende betekenissen en het gebruik ervan. Erfgoed is bovendien een bron voor ruimtelijke, sociale, economische en democratische ontwikkeling als alle belanghebbenden daar een betrokkenheid bij hebben (bron: Verdrag van Faro, 2005).
Ontmoeting, verbinding en samenhang Inwoners in kwetsbare situaties Arbeidsmarkt, onderwijs, inkomen Omgevingskwaliteit
Wonen
Voorzieningen
OMGEVINGSKWALITEIT
2040
Mobiliteit en infrastructuur Ruimte voor ondernemen Visiekaart
Omgevingsvisie Harderwijk 2040
83
DEEL A | basis
2040
DEEL B | thema uitwerking
Principes ten aanzien van ruimtelijke kwaliteit zijn: •
Natuurinclusief ontwikkelen bij gebiedsontwikkeling, in de openbare ruimte en op daken en gevels.
•
Creëren van verschillende woonmilieus (centrum stedelijk, buitencentrum, groenstedelijk, centrumdorps, landelijk wonen), passend bij de plek.
•
Vorm en uitvoering (materialisatie) draagt bij aan de kwaliteit van de omgeving en de identiteit van de plek. Hierbij hebben hergebruikte of biobased materialen de voorkeur.
•
De kwaliteit van de beeldbepalende gebouwen, monumenten, ensembles van gebouwen, stads- en dorpsgezichten, oude structuren en verkavelingspatronen worden beschermd en onderhouden.
•
Versterking van de beeldende kwaliteit van de openbare ruimte, cultureel erfgoed, cultuurhistorische waarden, eigenheid en identiteit, architectuur en stedenbouw en openbare ruimte is een wezenlijk onderdeel van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen.
•
DEEL C | gebiedsuitwerking
4.4.2.2. Omgevingskwaliteit De openbare ruimte biedt voldoende ruimte voor ontmoeten, sport en spel en is sociaal veilig. Door het creëren van sfeer en identiteit, toepassing van materialen en de mate van onderhoud ontstaat een hoge kwaliteit en inrichting van de openbare ruimte en dat draagt bij aan het welbevinden van de mens. Veel voorzieningen en plekken worden natuur inclusief ontwikkeld. In wijken en buurten die niet aan de 3-30-300 norm voldoen worden mogelijkheden gezocht voor buurtplantsoenen of parkjes. In deze omgeving is ook ruimte voor culturele uitingen die passend zijn bij de identiteit van de wijk. Gebouwen passen in hun omgeving en hebben een sterke interactie met de openbare ruimte. Ze begrenzen de openbare ruimte en nieuwbouw moet qua vorm en uitvoering (materialisatie) bijdragen aan de kwaliteit van de omgeving. In het hoofdstuk gebiedsgerichte benadering (hoofdstuk 5) worden kaders gegeven welke karakteristiek en beeldkwaliteit in de verschillende wijken en gebieden gewenst zijn. De Commissie Omgevingskwaliteit geeft op basis van deze kaders advies. De leden van de commissie vertegenwoordigen in gezamenlijkheid de disciplines cultuurhistorie/erfgoed, monumentenzorg, bouw- en architectuurhistorie, stedenbouw en architectuur.
Inbreiding voor uitbreiding: inbreidingslocaties worden ten volle benut met inachtneming van de basisstructuur.
•
Bij iedere ontwikkeling wordt gezocht naar geïntegreerde oplossingen.
•
Hoogbouw dient efficiënt ruimtegebruik en draagt bij aan identiteit, herkenbaarheid en leesbaarheid van de stad.
•
Bewegen, sporten en spelen bevorderen en ontmoeting faciliteren met bijzondere aandacht voor sociale veiligheid.
DEEL D | realisatie
inhoud
Bodem
Water
Natuur en groen Klimaatverandering Gezonde leefstijl en -omgeving Ontmoeting, verbinding en samenhang Inwoners in kwetsbare situaties Arbeidsmarkt, onderwijs, inkomen Omgevingskwaliteit
Wonen
Voorzieningen
•
Ruimtelijke verbindingen tussen Veluwe en Randmeren en enken en open gebied bij Ermelo worden hersteld of versterkt in de basisstructuur.
Mobiliteit en infrastructuur Ruimte voor ondernemen Visiekaart
Omgevingsvisie Harderwijk 2040
84
DEEL A | basis
DEEL B | thema uitwerking
DEEL C | gebiedsuitwerking
DEEL D | realisatie
4.4.2.3. Erfgoed Bij transformaties en herstructurering zal steeds de kwaliteit van de beeldbepalende gebouwen, ensembles van gebouwen, stads- en dorpsgezichten en verkavelingspatronen onderdeel zijn van een grondige analyse. Dat kan door ze te onderzoeken, waar nodig te beschermen en te onderhouden en oude structuren te hanteren als uitgangspunt voor nieuwbouw. Hierdoor blijft het DNA bewaard en geeft het karakter aan de plek. Dat gold al langer maar ook gebouwen uit een recenter, naoorlogs verleden verdienen aandacht en waardering.
van de basisstructuur. Daarnaast is het streven om per wijk een gemêleerde samenstelling van woonmilieus te creëren. Ieder met een eigen uitstraling en dichtheid. In Harderwijk worden zes verschillende woonmilieus onderscheiden:
Bij gebiedsontwikkelingen wordt aandacht besteed aan het cultureel erfgoed, zoals: Ligplaatsen ten behoeve van historisch varend erfgoed bij Waterfront; verwijzingen naar het Hanzeverleden in de architectuur van Waterfront; aandacht en versterken van historische boerenerven in het buitengebied en dorp Hierden; het behoud van het karakter en het versterken van militaire structuren en objecten in bijvoorbeeld Kranenburg noord, bij herstructurering en transformaties van gebieden uit de wederopbouwperiode (1940-1965) en Post ‘65 periode (1965 -1990), het versterken van de vesting binnenstad door projecten zoals herstel en zichtbaarheid stadsmuur; etc.
Woonmilieu bosrijk wonen Het bosrijk wonen is een uniek woonmilieu voor Harderwijk waarbij gezocht wordt naar een manier om wonen in symbiose met de natuur en het landschap te ontwikkelen. Het lommerrijke Veluwse landschap is leidend met daaraan ondergeschikt wonen in een lagere dichtheid. Het voorzieningenniveau is zeer laag.
Bij planontwikkelingen in de vestingstad en daar buiten wordt rekening gehouden met het archeologisch erfgoed. Het grootste deel van de Harderwijkse geschiedenis ligt onder de grond. Als behoud in situ echt niet mogelijk is, wordt onderzoek uitgevoerd ten einde kennisvermeerdering over de geschiedenis van Harderwijk te genereren. De kennis van archeologische onderzoek wordt gebruikt om het verhaal te vertellen, te verbeelden en in te passen om zo een bijdrage te leveren aan de ruimtelijke kwaliteit van de omgeving. Daarnaast participeren vrijwilligers bij archeologisch onderzoek en dragen zij bij aan publieksbereik.
inhoud
Bodem
Woonmilieu landelijk wonen Het landelijk wonen wordt getypeerd door kleine woonclusters (boerenerven, e.d.) in het groen. Het agrarische open landschap is leidend met wonen in een lage dichtheid. Het voorzieningenniveau is zeer laag.
Woonmilieu dorps wonen Het dorps wonen sluit aan op het unieke karakter van Hierden. Er is hier sprake van woningbouw met een grotere samenhang met een dorpse woningdichtheid. Het voorzieningenniveau is laag, maar sluit voldoende aan op de basisbehoefte in het dorp. Woonmilieu groenstedelijk Het groenstedelijke woonmilieu wordt gekenmerkt door grondgebonden en deels gestapelde of geschakelde woningen. Het zijn doorgaans de traditionele Harderwijker woonwijken die ruim en groen van opzet zijn. Het woonmilieu wordt gekenmerkt door een gemiddeld voorzieningenniveau en sluit voldoende aan op de basisbehoefte.
Water
Natuur en groen Klimaatverandering Gezonde leefstijl en -omgeving Ontmoeting, verbinding en samenhang Inwoners in kwetsbare situaties Arbeidsmarkt, onderwijs, inkomen Omgevingskwaliteit
Wonen
Voorzieningen
4.4.2.4. Stedenbouw en architectuur De gemeente wil een zo hoog mogelijke (beeld)kwaliteit realiseren en in stand houden in Harderwijk. Fysieke kenmerken van de woon- en werkomgeving zijn van belang. Versterking van de beeldende kwaliteit van openbare ruimten, cultureel erfgoed, cultuurhistorische waarden, eigenheid en identiteit, architectuur en stedenbouw en openbare ruimte zijn medebepalend bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Vanuit het duurzaamheidsbeginsel is een hoofdprincipe voor stedenbouw dat inbreidingslocaties ten volle worden benut met inachtneming
Woonmilieu buitencentrum Het buitencentrum betreft het rond het centrum gelegen compact en monofunctioneel woonmilieu. Het betreft wijken en buurten rondom het centrum met een grote variatie in woningtypen zowel grondgebonden als gestapeld, in dichtheid variërend van herenhuis tot tuindorp in diverse bouwperioden. Qua voorzieningen is men gericht op het nabij gelegen centrum met een hoog voorzieningenniveau.
Omgevingsvisie Harderwijk 2040
Mobiliteit en infrastructuur Ruimte voor ondernemen Visiekaart
85
DEEL A | basis
DEEL B | thema uitwerking
Woonmilieu centrumstedelijk In het centrumstedelijke woonmilieu ligt de nadruk op menging van functies, intensief gebruik, hogere dichtheden en goede bereikbaarheid per OV. De historische binnenstad en de centrale zone vormen een belangrijk onderdeel van dit milieu. Er is sprake van menging op gebouwenniveau, accent op commerciële of publieke functies, voornamelijk gestapelde woonvormen met als uitzondering de historische binnenstad, korrelgrootte klein tot middelgroot en een hoog voorzieningenniveau. In hoofdstuk 5 bij de gebiedsgerichte benadering zal dit worden omschreven per wijk. Hierin wordt de gewenste structuur en ruimtelijke inrichting per wijk beschreven en wordt richting gegeven aan het toekomstbestendig maken van onze bestaande wijken. Dit is straks ook een kader om initiatiefnemers uit te nodigen om te investeren in de bestaande stad. Bijvoorbeeld woningcorporaties die een nieuw type woning wil toevoegen aan een wijk. 4.4.2.5. Inbreiding en verdichting Ruimte in de gemeente Harderwijk is schaars. Dat maakt dat we daar slim mee om willen gaan. De gemeente Harderwijk kenmerkt zich door een relatief compacte stad met Hierden als landelijke kern. Het buitengebied, waaronder waardevol natuur- en cultuurlandschap, is een van de kernkwaliteiten van de gemeente Harderwijk.
Tegelijkertijd willen we voldoende draagvlak creëren voor onze voorzieningen en willen we dat onze inwoners zich veilig en duurzaam kunnen verplaatsen. De gemeente kiest daarom, aansluitend op de principes uit de Omgevingsvisie, voor het efficiënt benutten van binnenstedelijke/ binnendorpse locaties. Hierdoor kunnen onze (toekomstige) inwoners optimaal gebruik maken van de voorzieningen in de stad en houden we de stad levendig. Op Harderweide na zijn alle (grotere) woningbouwlocaties binnenstedelijk. Er is in principe nog voldoende ruimte om in de bestaande stad en dorp voldoende woningen te realiseren voor de behoefte. Met dit uitgangspunt daagt de gemeente ook initiatiefnemers uit om na te denken over transformatie en inbreiding. De beschikbare ontwikkelruimte in Harderwijk is schaars. Om dus voldoende te kunnen bouwen zal alle creativiteit moeten worden benut om te komen tot aanvaardbare oplossingen zoals bv. in het Waterfront. Dat kan ook betekenen dat er hoger en/of gestapeld (appartementen) gebouwd moet worden (verdichten) om daarmee meer openbare ruimte te creëren of dat andere parkeer- en mobiliteitsoplossingen
DEEL C | gebiedsuitwerking
DEEL D | realisatie
moeten worden aangewend om de impact van automobiliteit op onze leefomgeving te verkleinen. Gestapeld betekent niet per sé hoog maar kan ook middelhoog zijn. Klimaat adaptieve maatregelen, natuurinclusief-, energieneutraal- en circulair bouwen en de basisstructuur worden door ontwikkelende partijen vaak gezien als gestapelde ambities. Voor de gemeente zijn dit echter voorwaarden voor ontwikkeling en dienen deze opgaven te worden geïntegreerd in iedere ontwikkeling. Naast nieuwbouw van woningen zetten we ook in op leefbaarheid in de bestaande wijken. De gemeente wil graag dat inwoners zo lang mogelijk, prettig kunnen wonen in hun eigen leefomgeving. Om dat te kunnen doen moet er ook in de bestaande wijken een passend woningaanbod zijn. Wijken moeten gemêleerd zijn en een goede mix bevatten van allerlei woningaanbod voor de verschillende doelgroepen. Hiermee wil de gemeente het mogelijk maken dat ouderen bijvoorbeeld kunnen verhuizen naar een levensloopbestendige woning in de eigen wijk bij hun sociale netwerk. Gemêleerde wijken zijn ook sterke wijken, de gemeente vindt het belangrijk dat onze inwoners elkaar ontmoeten en kennen. Dat vraagt om gemengde wijken met voorzieningen en ruimte die dat mogelijk maken. 4.4.2.6.
Uitbreiding Uit het woningbehoefteonderzoek van KAW 2022 waarin rekening wordt gehouden met de te realiseren programma’s in Waterfront, Harderweide en Nieuw Weiburg, wordt in de beleidsuitwerking Wonen uitgewerkt vanaf wanneer en aan welk type woningen behoefte bestaat voor Harderwijk als totaal voor 2040. Voorlopig heeft Harderwijk in 2022 een opgave voor het bouwen van 5.500 nieuwe woningen tot 2030, waarvan ca. 4.200 woningen in bovenstaande gebiedsontwikkelingen worden gerealiseerd. Er wordt voor de overige 1.300 woningen gezocht naar inbreidingslocaties zoals Kranenburg Noord. Het woningmarktbehoefteonderzoek wijst uit dat na 2030 tot 2040 ook nog behoefte zal bestaan aan woningen. Uitbreidingsmogelijkheden zijn beperkt tot het Eendengebied. In het Eendengebied wordt voorzien dat een meer landelijke extensief woonmilieu passend is (zie hoofdstuk 6). Op de visiekaart wordt per wijk of buurt ook de gewenste of maximale verstedelijkingsgraad (dorps tot hoogstedelijk) aangegeven. Indien er onvoldoende ruimte is voor alle ruimtelijke opgaven (w.o. bedrijventerrein) wordt in breder verband met onze buurgemeenten Ermelo en Zeewolde in overleg getreden. Mogelijkheden daarvoor ontstaan bij het gezamenlijk opstellen van een gebiedsagenda voor de hele EHPZ-regio15.
inhoud
Bodem
Water
Natuur en groen Klimaatverandering Gezonde leefstijl en -omgeving Ontmoeting, verbinding en samenhang Inwoners in kwetsbare situaties Arbeidsmarkt, onderwijs, inkomen Omgevingskwaliteit
Wonen
Voorzieningen Mobiliteit en infrastructuur Ruimte voor ondernemen Visiekaart
15. EHPZ-regio doelt op het samenwerkingsverband Ermelo, Harderwijk, Putten en Zeewolde.
Omgevingsvisie Harderwijk 2040
86
DEEL A | basis
DEEL B | thema uitwerking
DEEL C | gebiedsuitwerking
4.4.2.7. Hoogbouw Hoogbouw is verdeeld in verschillende categorieën: laagbouw, middelhoogbouw, hoogbouw en hoogbouw plus.16 Ten aanzien van maximale hoogte van gebouwen is de visie dat we op sommige locaties in onze gemeente de hoogte opzoeken in de zoektocht naar ruimte voor met name woningbouw. Hoogbouw heeft niet als enige doel om veel woningen te stapelen of om efficiënt met de beschikbare ruimte om te gaan. Hoogbouw is ook een manier om de identiteit, herkenbaarheid en leesbaarheid van Harderwijk kracht bij te zetten. Het helpt in het versterken van zichtlijnen, oriëntatie en het markeren van entrees. De stad wordt met name getoond aan de hoofdverkeersaders in- en rond de stad. Hoogbouw kan helpen in een kwalitatief ambitieniveau van Harderwijk. Harderwijk maakt hiermee een bescheiden schaalsprong en hiermee worden alternatieve, bijzondere woningtypes gecreëerd waardoor er meer diversiteit ontstaat in het woningaanbod. Hoogbouw levert ook interessante contrasten op en de gelaagdheid van de stad wordt gevarieerder. In de themakaart wordt geschetst waar hoogbouw van toegevoegde waarde kan zijn. Niet alle locaties lenen zich voor woningbouw. Locaties nabij belangrijke voorzieningen zoals wijk(winkel)centra en NS-station én uitvalswegen lenen zich daar goed voor. Deze gebieden zijn ook gebaat bij een hoge dichtheid omdat daarmee de mobiliteit wordt beperkt.