Bijlage 2 Jaarstukken 2022 definitieve versie (250523).pdf
Tekst van het document
Tabel: Algemene dekkingsmiddelen
In vergelijking met de gewijzigde begroting 2022 vallen de algemene dekkingsmiddelen in de voorliggende jaarrekening 2022 € 2.123.461 hoger uit. De oorzaken hiervan zijn: a. Voor de controle en invordering van de Tozo-regeling was € 428.700 beschikbaar voor de periode 2022-2024. In 2022 is daarvan € 257.561 uitgegeven en onttrokken aan de reserve. b. Bijdrage plustaken ad € 269.989. Dit betreft € 110.356 voor de uitvoering van SROI (social return of investment), € 41.708 casuïstiek bespreking voor alle deelnemers, ondertussengroep inburgering (€ 69.925) en € 49.000 bijdrage Roosendaal voor het project kinderopslag. c. Voor tijdelijke detachering van twee personeelsleden is vergoeding van € 9.840 ontvangen. d. Voor de uitvoering van de energietoeslag en leefgeld Oekraïners is een bedrag van € 669.989 bij gemeenten in rekening gebracht. e. Overige baten bestaan uit (€ 235.400): € 39.077 --> Bijdrage RWB fee 2021 € 15.555 --> Bijdrage Moedige Dialoog € 180.768 --> Bijdrage loonkostensubsidie voor medewerkers met garantiebaan die in dienst van het Werkplein zijn, levensloopvergoedingen van medewerkers, vergoedingen UWV (zwangerschapsverlof, ziekte). 25
In 2022 is een lopend arbeidsconflict beëindigd. De daarvoor gevormde voorziening arbeidsverplichtingen van € 549.203 is niet benut en nu vrijgevallen ten gunste van het resultaat. Voor inburgering zijn een aantal regiehouders in dienst genomen. De loonkosten en overige kosten ad €290.263 worden doorberekend aan het programma Inburgering. f. Vergoeding doorberekende loonkosten (€ 884.012) --> Dit betreft de doorberekende loonkosten van het werkgeversservicepunt, garantiebanen en Werkplein Actief aan het participatiebudget. Dit werd altijd al uit het participatiebudget bekostigd. Echter vanaf 2022 zijn de medewerkers in reguliere dienst van het Werkplein gekomen en worden hun loonkosten onder de bedrijfsvoering verantwoord. g. Doorberekende kosten (€ 125.930) --> Dit betreft de overheadkosten (huisvesting, ICT kosten) van ingehuurde medewerkers voor re-integratieactiviteiten. h. Vrijvallen jaarresultaat (€ 303.762) --> Voor de implementatie van de organisatieontwikkeling was vanuit het resultaat 2020 nog € 443.613 beschikbaar gesteld voor de periode 2022. Vanwege de extra werkzaamheden voor de energietoeslag, leefgeld en controle Tozo konden niet alle activiteiten in gang worden gezet. In 2022 is € 356.025 uitgegeven aan begeleiding en inhuur van capaciteit voor HRM en communicatie, aan nieuwe huisstijl en de serious games.
In 2022 is daarom € 356.025 onttrokken aan de reserve. Dat betekent dat er € 87.523 minder aan de reserve is onttrokken. Voor DIV is € 70.981 minder onttrokken. Voor uitvoering Plan van aanpak DIV is €13.645 in 2022 uitgegeven. Bij elkaar wordt uit de gereserveerde middelen een bedrag van € 369.670 onttrokken.
2.4 Paragrafen In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) staat aangegeven welke paragrafen moeten worden opgenomen in de begroting. De onderdelen lokale heffingen, onderhoud kapitaalgoederen, verbonden partijen en grondbeleid zijn niet van toepassing voor deze gemeenschappelijke regeling. De volgende verplichte paragrafen worden achtereenvolgens behandeld: a. Financiering b. Bedrijfsvoering c. d. e.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing Informatie t.b.v. paragraaf verbonden partijen gemeenten R echtmatigheid
2.4.1 Paragraaf Financiering In de wet financiering decentrale overheden, Wet fido, zijn de kaders gesteld voor een verantwoorde, prudente en professionele inrichting en uitvoering van de treasuryfunctie. Deze regeling geeft een uiteenzetting van de kaders, waarbinnen het treasurybeleid is vormgegeven. Belangrijk daarbij is dat het financieel beheer zo beheersbaar en transparant mogelijk wordt uitgevoerd. Renterisico In 2022 zijn wij geen langlopende geldlening aangegaan omdat er slechts beperkte investeringen in ICT zijn gedaan. In de begroting van 2022 hebben wij wel rekening gehouden met rentekosten maar niet met het aantrekken van een lening. Tot op heden zijn de gedane investeringen (zie bijlage staat van investeringen) binnen onze rekening-courant faciliteit gefinancierd. Voor het renterisico worden twee normen onderscheiden; de renterisiconorm en de kasgeldlimiet. Er dient binnen deze normen geopereerd te worden. Renterisiconorm Met de renterisiconorm wordt beoogd de renterisico’s te beheersen op de vaste schuld (schuld met een rente typische looptijd van één jaar of langer) door het aanbrengen van spreiding in de looptijden in de leningenportefeuille. De renterisiconorm was in 2022 niet van toepassing omdat het Werkplein geen 26
geldleningen heeft afgesloten. Kasgeldlimiet Een belangrijk uitgangspunt van de Wet fido is het vermijden van grote fluctuaties in de rentelasten van openbare lichamen. In 2022 is geen kortlopend geld aangetrokken. Wel heeft het Werkplein een rekeningcourant faciliteit met de Bank voor Nederlandse Gemeenten afgesloten waardoor we tijdelijk een roodstand kunnen hebben. De kasgeldlimiet wordt berekend als een percentage (8,2%) van het totaal van de jaarbegroting. Voor de begroting 2022 bedroeg de kasgeldlimiet € 7,8 mln. Bankkosten In 2022 hebben we beperkte rentekosten gehad. Deze zijn inbegrepen in de kosten voor het betalingsverkeer (€ 9.233). Dit betreft kosten van de BNG en de Rabobank. Schatkistbankieren Per 1 juli 2021 is het percentage van het drempelbedrag schatkistbankieren gewijzigd naar 2% van het begrotingstotaal. Het drempelbedrag is altijd minimaal € 250.000. De initiële begrotingsomvang 2022 voor het Werkplein bedroeg ruim € 94 mln. 2% hiervan is € 1.882.278. Dit was het drempelbedrag voor 2022. De omvang van de uitzettingen bij ’s Rijksschatkist:
Kredietfaciliteit Op 16 november 2015 heeft het Werkplein een kredietfaciliteit met de bank voor Nederlandse gemeenten afgesloten. Dit betekent dat het Werkplein in voorkomende gevallen tot maximaal een bedrag van € 2.000.000 rood mag staan. Deze kredietfaciliteit is door de gemeenten gegarandeerd.
2.4.2 Paragraaf Bedrijfsvoering Qua bedrijfsvoering heeft het jaar 2022 voornamelijk in het teken gestaan van het afronden van de organisatievisie 2024 en het plaatsingsproces voor de medewerkers. Daarnaast is de implementatie van Office 365 (samenwerken met Teams, Sharepoint) in het vierde kwartaal van start gegaan. De afwikkeling van de controle van de Tozo-regelingen en de uitvoering van de energietoeslag en leefgeld voor Oekraïners heeft wederom een behoorlijke inzet en inspanningen van de medewerkers gevraagd. Daarbij is de positieve inzet en het uithoudingsvermogen van medewerkers wederom van groot belang geweest. En dat in een periode waar naast Corona ook menig virus weer zijn slag kon slaan. 27
Personeel Inzet Het jaar 2022 was ook weer een zeer intensief jaar voor het Werkplein personeel. Hoewel er tot oktober een dalende trend van het aantal uitkeringen was vergde het afhandelen van de energietoeslag enorm veel tijd van de medewerkers. En dat in een tijd dat de krappe arbeidsmarkt ook voor het Werkplein voelbaar werd. Dat betekende dat nog steeds veel interne medewerkers zijn ingezet voor de energietoeslag. Hierdoor bleef de werkvoorraad voor onze medewerkers onverminderd hoog. Naast deze ontwikkelingen in de omvang van het bestand zien we ook de continue instroom van een andere klantgroep bij het Werkplein. Denk hierbij aan dienstverlening aan niet-uitkeringsgerechtigden (nuggers) en inwoners die aangewezen zijn op beschut werk en garantiebanen. Werk blijft er in de vorm van het verstrekken van structurele loonkostensubsidie en nazorg. Door dit alles is de druk op alle teams onverminderd groot gebleven. Daarnaast hebben interne werkgroepen ook de nodige personele inzet gevraagd. Denk hierbij aan de organisatieontwikkelingen, maar ook de ketensamenwerking en de implementatie van de Wet inburgering. Voorziening In 2020 is er voor toekomstige arbeid gerelateerde verplichtingen een voorziening getroffen van € 549.203. In oktober 2022 heeft de Centrale Raad geoordeeld dat de uitspraak van de rechtbank in stand blijft.
Dat betekent dat wij nogmaals in het gelijk zijn gesteld in een lopende arbeidskwestie. Deze uitspraak betekent dat er geen gebruik van de gevormde voorziening gemaakt zal worden. De voorziening valt derhalve in deze jaarrekening vrij ten gunste van het resultaat bedrijfsvoering. Formatie In 2022 bedroeg de formatie 135,45 fte. Dit is verhoogd tot 140,34 vanwege de integratie van Werkplein Actief binnen de reguliere formatie. Werkelijk was in 2022 151,08 ingevuld, waarvan 137,59 fte vast ingevuld en 13,41 fte flexibel. Inhuur Doordat het Werkplein werkt met een flexibele schil en er sprake is van meerdere projecten wordt er regelmatig personeel ingehuurd. Dit gebeurde in 2022 overwegend via inhuur van gedetacheerden of een payroll constructie conform de uitgangspunten van Flex West-Brabant. Op reguliere vacatures is ruim 13,21 fte ingehuurd, met name bij team Inkomen, Inkomensondersteuning en team Werk en Participatie. Voor projecten (Aanpak Statushouders, inzet doelgroep B en C, garantiebanen, Intensivering fraudepreventie, toegang sociaal domein gemeenten, Inburgering, Pilot cliëntondersteuning Roosendaal en plustaak GKB en KOT) is ruim 39 fte ingehuurd. Ziekteverzuim Het ziekteverzuimpercentage in 2022 bedroeg 6,2% (in 2021 4,2%). Een groot deel van dit percentage (4,6%) wordt veroorzaakt door langdurige ziektegevallen. Dit is een stijging ten van vorig jaar.
Deels is dit te wijten aan het actief zijn van vele virussen in het najaar. Anderzijds is er ook sprake van werk gerelateerd verzuim. Ter vervanging van langdurig zieken is 3 fte aan vervanging ingehuurd. Voornamelijk bij team Inkomen om de afhandeling van aanvragen binnen de toegestane termijnen te waarborgen. Organisatieontwikkeling In 2018 zijn we gestart met de doorontwikkeling van de organisatie. In 2022 zijn hier wederom forse stappen in gemaakt. De hoofdstructuur is door het bestuur vastgesteld waarna de functies opnieuw beschreven en vastgesteld zijn. Daarna is het plaatsingsproces van start gegaan dat eind 2022 was afgerond. De nieuwe organisatie is in september 2022 van start gegaan. In 2022 is er door middel van serious games door de gehele organisatie geoefend met acteurs om meer vorm en inhoud aan de mensgerichte benadering te geven. In de praktijk proberen we dat steeds meer vorm te geven. Ook is gewerkt aan het bedenken en voorbereiden van een Leerplein. Hiermee wordt de ontwikkeling van medewerkers en het continu leren gestimuleerd. Dat zal zijn vervolg krijgen in 2023. 28
Ondernemingsraad (OR) Het jaar 2022 stond in het teken van de organisatieontwikkeling. Dit is voor iedereen een intensief jaar geweest, ook voor de OR. We hebben voor de organisatieontwikkeling 2 adviesaanvragen behandeld: De hoofdstructuur en de invulling van de rest van de organisatie. In navolging van de organisatieontwikkeling, heeft de OR de adviesaanvraag overgang ondersteunende diensten van Roosendaal naar het Werkplein afgerond. Hiermee is de DVO met Roosendaal voor deze diensten ten einde gekomen. Informatievoorziening/veiligheid ICT Nadat in 2021 de overgang naar de datacenters is gerealiseerd is in 2022 de borging van de ICTdienstverlening aan bod gekomen. Het vertrek van Bergen op Zoom uit de gemeenschappelijke regeling is ICT West-Brabant West een heroverweging gestart bij al haar deelnemers over het bestaansrecht van de gemeenschappelijke regeling en dus ook de dienstverlening. Het resultaat was unaniem dat er de samenwerking voortgezet moet worden, met als kanttekening dat de dienstverlening gaat veranderen. De focus moet niet meer alleen op technische ondersteuning liggen, ook op informatievoorziening en beveiliging moet nauwer worden samenwerkt. Daarnaast moet de governance beter worden uitgewerkt en moet de basis beter op orde komen. Daarvoor is onder begeleiding van een externe partij een onderzoek gestart hoe dat te realiseren.
Dat onderzoek loopt door tot in 2023. Organisatieontwikkeling In het kader van de organisatieontwikkeling zijn diverse initiatieven gestart, o.a. de inzet van robot proces automation. De inzet is om collega’s beter te ondersteunen door applicaties te koppelen. Daarnaast is uit diverse werkgroepen geïnventariseerd wat de behoefte is van de organisatie hoe de IT zich de komende jaren moet ontwikkelen. Dat resulteert in een actualisatie van het informatiebeleidsplan. De publieke website, de webshop meedoen en het intranet PLEIN zijn aangepast aan de nieuwe look and feel van het Werkplein. Office365 doet steeds meer intrede binnen de organisatie. Samenwerken is daarbij het credo. De meest opvallende wijziging is de wijze van dataopslag. Dat is verhuisd van de O-schijf naar SharePoint en Teams en van de H-schijf naar OneDrive. Dat is een andere manier werken, waar de collega’s aan moeten wennen. Daarom is een adoptieprogramma doorlopen om de collega’s de nieuwe werkwijze eigen te maken. Systeem voor bemiddeling naar werk Tulip, een belangrijk systeem wat gebruikt werd door de bemiddelaars, is vervangen door Salesforce. In de toekomst wordt Salesforce breder ingezet als een customer relationship managementsysteem om de collega’s een integraal beeld te geven van de inwoners.
Extra regelingen De oorlog in Oekraïne heeft geleid tot extra regelingen die in 2022 opgestart en uitgevoerd moesten worden, zoals uitkeringen voor vluchtelingen en de energietoeslag. Die extra regelingen zijn ook doorgevoerd in de applicaties. Personeel Op het personele vlak is zijn meerdere mutaties geweest. Het beheer van zaaksysteem wordt niet meer als dienst afgenomen van Roosendaal, maar is nu intern belegd. Gebruikersondersteuning is als dienst belegd bij ICT WBW. Hetzelfde geldt voor de functie functioneel beheerder Office365. In aanloop naar een komende pensionering is een trainee aangetrokken die die beheerwerkzaamheden kan overnemen wanneer het pensioen zich aandient van de betreffende medewerker. Informatiebeveiliging 29
In 2022 zijn er gelukkig geen incidenten voorgevallen waardoor informatie op grote schaal gelekt is of waardoor de dienstverlening in gevaar is gekomen. Gelukkig omdat de dreiging van buitenaf altijd op de loer ligt. Het risico op incidenten heeft het Werkplein verminderd door de identiteit aan de poort te controleren en door de software actueel te houden. Dat heeft het Werkplein in gedaan samenwerking met ICT West-Brabant West en de informatie beveiligingsdienst (IBD). Bewustzijn medewerkers Door middel van nieuwsberichten op PLEIN zijn medewerkers meerdere keren geïnformeerd over informatiebeveiliging. Om de kennis over veilig en zorgvuldig gebruik van informatie op peil te houden is meer nodig. Door bijvoorbeeld trainingen, e-learnings en instructies aan te bieden. Het toekomstige Leerplein kan daar in 2023 voor ingezet worden. Suwinet audit & DigiD audit Het gebruik van Suwinet Inkijk en DKD inlezen is door een externe auditor beoordeeld en akkoord bevonden. Met daarbij de aanbeveling om het beleid en plan binnen de organisatie uit te dragen. En de aanbeveling om het kennisniveau op peil te houden door trainingen aan te bieden aan medewerkers. De DigiD aansluitingen van webformulieren zijn beoordeeld en akkoord bevonden door een externe auditor.
De aanbevelingen van de auditor zijn gericht op het documenteren van procedures en het vastleggen van wijzigingen in de webformulieren. Samenwerking met ICT West-Brabant West Om toegang te krijgen tot zakelijke informatie is een extra vorm van authenticatie nodig en ingericht voor de collega’s in 2022. De informatie beveiligingsdienst signaleerde meerdere nationale of mondiale kwetsbaarheden die door ICT WBW of door het Werkplein opgelost zijn. De infrastructuur is in 2022 zo ingericht dat de winkel open kan blijven in geval van calamiteiten. Privacy 2022 is voor het Werkplein een bewogen jaar geweest met de nodige operationele uitdagingen en een transitietraject naar een inwonergerichte organisatie (het groene werken). Er moesten veel ballen in de lucht worden gehouden. Dit heeft tot gevolg gehad dat, de begin 2022 benoemde en voorgenomen, activiteiten op het gebied van (aandacht voor) privacy op een laag pitje hebben gestaan. Er is gedurende het gehele jaar wel adequaat gehandeld in het geval van een beveiligingsincident of datalek en bij het behandelen van verzoeken in het kader van rechten van betrokkenen. Ook zijn concrete vragen uit de organisatie op het gebied van privacy tijdig beantwoord.
Volwassenheidsniveau Gemeten met de Privacy self assessment methode van het VNG IBD behaalt Werkplein over 2022 een privacy volwassenheidscore van 2,7 op een schaal van 1 tot 5. In 2021 was dit ook 2,7. Hierbij betekent niveau 3 dat er in de basis voldaan wordt aan de AVG. Niveau 4 betekent dat er een structurele periodieke evaluatie van alle AVG vereisten is ingericht en wordt uitgevoerd. Financieel beheer Het is onze verplichting om op periodieke wijze verantwoording af te leggen over het gevoerde (financieel) beleid. Deze verantwoording heeft plaatsgevonden via maandelijkse managementinformatie en de bestuursrapportages alsmede in de diverse bestuurlijke en ambtelijke gremia. In 2022 hebben we de kaderbrief 2023 en begroting 2023 ter besluitvorming voorgelegd en zijn tevens de jaarstukken 2021 aan de gemeenten aangeboden. Er zijn drie begrotingswijzigingen voor 2022 aan gemeenten aangeboden vanwege de gunstiger ontwikkeling van het bestand door de verbeterde economische omstandigheden, maar ook vanwege de extra kosten voor de uitvoering van de energietoeslag en het leefgeld voor Oekraïners. 30
Huisvesting Het Werkplein heeft twee locaties, een in Etten-Leur en een in Roosendaal. Voor de locatie Etten-Leur is een huurcontract voor 10 jaar gesloten. De druk op de werkplekken is in 2022 nog laag. Dit komt enerzijds door de invoering van tijd- en plaats onafhankelijk werken maar voornamelijk ook vanwege het meer op locatie (lees bij gemeenten) gaan werken. Voor de locatie Dunantstraat te Roosendaal geldt nog steeds tijdelijke huur totdat de verbouwing van het stadskantoor in Roosendaal zal zijn gerealiseerd. Het pand is begin februari 2023 gesloten. Bezwaar- en beroepschriften De ingediende bezwaar- en beroepschriften hebben betrekking op alle onderdelen binnen het Werkplein (Inkomen, Inkomensondersteuning en Werk & Participatie). Een bezwaarschrift kan ingediend worden als de inwoner het niet eens is met een besluit, met als volgende stap de gang naar de rechter (beroep, hoger beroep).
Tabel: Aantal bezwaar- en beroepschriften 2022
In 2022 zijn 271 bezwaar- en beroepsschriften ingediend en daarvan zijn 3 gegrond verklaard. In 2021 zijn 246 bezwaar- en beroepschriften ingediend, waarvan 6 gegrond. Klachten De ingediende klachten hebben betrekking op alle onderdelen binnen het Werkplein (Inkomen, Inkomensondersteuning en Werk & Participatie).
Tabel: Aantal klachten 2022
Van bovenstaande klachten zijn 16 gegrond en 14 deels gegrond. Tegenover deze 73 klachten in 2022 stonden 59 klachten in 2021, waarvan 9 klachten gegrond en 8 deels gegrond verklaard. Geen van de (gegronde) klachten heeft financiële consequenties. Een klacht is een kans om beter in contact te komen met onze inwoners. Met behulp van een webformulier is het indienen van klachten vanaf juli 2021 daarom makkelijker gemaakt. Dit verklaart ook de toename in het aantal klachten. Ingebrekestellingen De ingediende ingebrekestellingen hebben betrekking op Inkomen en Inkomensondersteuning.
Tabel: Aantal ingebrekestellingen 2022 31
Van deze ingebrekestellingen zijn er 2 gegrond verklaard. Het Werkplein heeft in 2022 geen dwangsom betaald. Het aantal ingebrekestellingen in 2021 was 7.
2.4.3 Paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing Om weerstand te kunnen bieden tegen substantiële tegenvallers, zonder aantasting van het uit te voeren beleid, is normaliter een bepaald weerstandsvermogen onontbeerlijk. Dit vormt een buffer om onverwachte en onvoorziene tegenvallers op te kunnen vangen. Het weerstandsvermogen voor het Werkplein bestaat alleen uit de post onvoorziene uitgaven. Daarnaast zijn gemeenten achtervang bij eventuele tekorten van de gemeenschappelijke regeling Werkplein Hart van West-Brabant. Bepaling weerstandsvermogen Bij het bepalen van het weerstandsvermogen en de omvang daarvan wordt gekeken naar de algemene reserve en de post onvoorzien. Deze twee tezamen bepalen het weerstandsvermogen. Het Werkplein beschikt niet over een algemene reserve, wel over een post onvoorziene uitgaven. Deze bedroeg in 2022 € 50.000. De post onvoorzien is in 2022 niet aangewend.
Reserve en Voorzieningen Het Werkplein beschikt niet over reserves en voorzieningen. Wel is vanuit het onverdeeld resultaat 2021 een bedrag van € 1.248.260 bestemd voor uitvoering en controle Tozo, organisatieontwikkeling en archiveringstaken DIV in 2021 en 2022. Een deel van dit bedrag valt vrij (ten gunste van de exploitatie 2022) omdat de werkzaamheden slechts gedeeltelijk konden worden verricht. Voor het jaar 2023 blijft een bedrag beschikbaar van € 329.714. Risico’s Om het weerstandsvermogen te kunnen beoordelen, moet de beschikbare weerstandscapaciteit worden afgezet tegen de risico’s. Bij het inventariseren van de risico’s is de volgende definitie van risico’s gehanteerd: ‘het betreft risico’s die een financieel gevolg kunnen hebben en die (nog) niet op een andere manier zijn ondervangen, bijvoorbeeld door het afsluiten van een verzekering, het treffen van een voorziening of het nemen van een beleidsmaatregel’. In 2022 zijn de volgende risico’s benoemd: Ziekteverzuim In paragraaf 3.6.2 wordt toegelicht dat het verzuimpercentage over 2022 van 6,2% is gestegen ten opzichte van 2021. Datalek Het Werkplein werkt met veel privacygevoelige gegevens. Daar willen wij zorgvuldig mee omgaan. In paragraaf bedrijfsvoering 2.4.2 onderdeel privacy is dit verder toegelicht.
Buig en bijzondere bijstand Bij de Werkplein gemeenten in totaliteit is sprake van een tekort op de Buigmiddelen die het Rijk heeft toegekend aan de gemeenten. Alleen bij Roosendaal is sprake van een overschot. Deze kosten van Buig en de structurele loonkostensubsidie zijn in 2022 lager uitgevallen dan in de laatste begrotingswijziging geraamd was. De gevolgen van de Coronapandemie en daarmee de economische groei en werkgelegenheid zijn veel gunstiger uitgevallen dan eerder werd aangenomen. Bij de bijzondere bijstand en minimabeleid is geen sprake van bijzonderheden. Uitvoeringskosten Er was in 2022 uiteindelijk sprake van een daling van het aantal uitkeringsgerechtigden. Van de extra formatie op basis van de rekenregel is geen gebruik gemaakt. Voor de kosten van bedrijfsvoering geldt dat 32
er sprake is van een begrotingsonderschrijding in 2022. Dit is toegelicht in paragraaf 3.3.1. Participatiemiddelen Gemeenten hebben voor 2022 80% van het re-integratiegedeelte van de rijksmiddelen participatiebudget aan het Werkplein beschikbaar gesteld. Op deze middelen is een beperkt bedrag onbenut gebleven. Dit heeft voornamelijk te maken met de gevolgen van Covid19. Hierdoor konden minder leerwerktrajecten worden ingezet. Debiteuren Tozo In het kader van de uitvoering van de Tozo regeling zijn bedrijfskredieten verstrekt en zijn te veel verstrekte vergoeding voor levensonderhoud als terugvordering opgeboekt. In de beoordeling van het risico vallen deze onder het normale risicoprofiel voor BBZ. Een risico is dat ondernemers vanwege de Coronapandemie en het vervallen van de steunmaatregelen van het Rijk niet in staat blijken te zijn de vordering terug te betalen. In principe worden alle kosten Tozo door het Rijk vergoed.
ESF-subsidie In 2022 is er geen gebruik gemaakt van een esf subsidieregeling. Kengetallen Met ingang van 2015 moet in het jaarverslag o.g.v. het BBV een aantal kengetallen worden gepubliceerd. Hiertoe is een Ministeriële Regeling d.d. 9 juli 2015 van kracht geworden. Voor het Werkplein zijn daarbij de volgende kengetallen relevant en berekend voor het jaarverslag 2022:
Netto schuldquote Netto Schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte
2022 -1,35% -1,35% 5,75% 0,37%
2021 -2,38% -2,38% 6,94% 0,19%
Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto schuldquote. De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de medeoverheid ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Het Werkplein heeft geen eigen vermogen. De hoge schuldquote is het gevolg van enerzijds geen eigen middelen en anderzijds van het verantwoorden van de debiteuren in de balans. In feite is de schuld aan gemeenten voor de opgenomen debiteuren participatiewet een fictieve schuld. Zouden de vorderingen daadwerkelijk overgenomen worden dan zou daarvoor een lening moeten worden opgenomen. Dit is niet het geval waardoor er ook geen sprake is van rentekosten en aflossingen. De solvabiliteit geeft aan of een organisatie in staat is om op korte en lange termijn aan haar betalings- en aflossingsverplichtingen te voldoen. De voornaamste reden om de solvabiliteit te berekenen is om in te kunnen schatten of een organisatie in staat is om bij opheffing (liquidatie) al haar schulden te betalen. Het percentage is voor reguliere organisaties gemiddeld 25%. Het Werkplein is een gemeenschappelijke regeling die in principe geen eigen vermogen (reserves) heeft. De gemeenten dienen als achtervang om eventuele tekorten e.d. op te vangen. Daardoor is en kan het percentage voor het Werkplein laag zijn.
Het financiële kengetal structurele exploitatieruimte geeft aan hoe groot de (structurele) vrije ruimte binnen de vastgestelde begroting is. Daarnaast geeft het ook aan of de organisatie in staat is om structurele tegenvallers op te vangen, dan wel of er nog ruimte is voor nieuw beleid. Dit is bij het Werkplein vrij 33
beperkt. In principe worden al onze uitgaven gedekt door structurele gemeentelijke bijdragen. 2.4.4 Informatie t.b.v. paragraaf verbonden partijen gemeenten Het Werkplein is één van de verbonden partijen van de zes deelnemende gemeenten. De deelnemende gemeenten zijn Etten-Leur, Halderberge, Moerdijk, Roosendaal, Rucphen en Zundert. Het Werkplein participeert in één verbonden partij, de ICT Samenwerking West-Brabant. In het kader van deze deelname is een Overeenkomst tot beperking van de financiële aansprakelijkheid van ‘Werkplein Hart van West-Brabant’ door alle deelnemers ondertekend. Hiervoor geldt dat de aansprakelijkheid voor Werkplein nooit meer bedraagt dan een vastgesteld percentage van de betreffende (financiële) aanspraak, waarbij de aansprakelijkheid van Werkplein nooit meer kan omvatten dan de jaarbijdrage van Werkplein. Jaarlijks wordt bepaald welk percentage aan dienstverlening Werkplein in het afgelopen jaar heeft afgenomen van ICT WBW ten opzichte van het in dat jaar totaal aan geleverde diensten door ICT WBW. Tevens wordt de totale omvang van de bijdrage van Werkplein vastgelegd. De omvang dienstverlening in 2022 bedroeg € 506.965.
2.4.5 Paragraaf Rechtmatigheid Rechtmatig handelen is voor het Werkplein van groot belang. Rechtmatig handelen wil zeggen dat de handelingen voor het financiële reilen en zeilen van het Werkplein plaatsvinden in overeenstemming met de wettelijke- en eigen kaders (verordeningen en beleidsregels). Om dit te kunnen toetsen is binnen de organisatie van het Werkplein één team belast met de controle op de activiteiten en bestedingen (team Kwaliteit). Binnen dit team zijn de volgende activiteiten gericht op de rechtmatigheid: Interne Controle Bezwaar en Beroep Kwaliteit (de kwaliteitsmedewerkers en de security officer) Applicatiebeheer/informatiebeveiliging Fraude De verantwoordelijkheid voor het rechtmatig handelen ligt bij het Dagelijks Bestuur van het Werkplein. Met ingang van het verslagjaar 2023 moet het Dagelijks Bestuur van het Werkplein zelf een rechtmatigheidsverantwoording opstellen die wordt opgenomen in de jaarrekening. Deze nieuwe rechtmatigheidsverantwoording vergt een kanteling van de bestaande vooral repressief georiënteerde controleaanpak naar een veel meer preventief georiënteerde controleaanpak die gericht is op het voorkomen van een tekortschietende uitvoering. Dit zal uiteindelijk leiden tot een beter georganiseerde- en een meer groenere bedrijfsvoering.
Ter ondersteuning van dit vernieuwde interne controleproces zijn we in 2021 binnen Checkpoint IC gestart met het inrichten van de tool “Beheersing Beheerst”. Op het niveau van de bedrijfsprocessen zijn de doelstellingen, risico’s en in opzet aanwezige beheersmaatregelen in kaart gebracht. Vervolgens hebben er interviews hierover plaatsgevonden met de medewerkers van de verschillende afdelingen. Op basis van de uitkomsten wordt per bedrijfsproces vastgesteld of een deugdelijke uitvoering te verwachten is. In 2022 zijn de beheersmaatregelen gecontroleerd op het bedrijfsproces Inkomen. In 2023 worden de andere bedrijfsprocessen hier ook in meegenomen. Door onze bedrijfsprocessen op bovengenoemde werkwijze te analyseren en optimaliseren kunnen we er gevoeglijk vanuit gaan dat de rechtmatigheid, doelmatigheid en doeltreffendheid geborgd is, hetgeen zorgt voor een juiste basis voor de rechtmatigheidsverantwoording. De uitkomsten van deze risicoanalyse vormen de basis voor de te verrichtte interne controlewerkzaamheden. Doelstelling IC Belangrijk doel is vaststellen of de relevante informatie nauwkeurig, tijdig en volledig in de administratie en 34
de dossiers zijn opgenomen en de (financiële) handelingen in overeenstemming zijn met het door het Algemeen Bestuur vastgestelde normenkader (rechtmatig). Het tweede doel is vast te stellen of de werkafspraken worden nageleefd en of verbeterd kunnen worden. Het is immers van belang voor zowel het Werkplein als voor de dienstverlening aan de inwoner, voortdurend de processen te blijven verbeteren en ontwikkelen. Interne controle biedt hierin ondersteuning door middel van constatering, signalering en het formuleren van verbetervoorstellen m.b.t. procesoptimalisatie en bedrijfsvoering. Wanneer de procesbeheersing in de lijn goed op orde en inzichtelijk is, voorkomt dit veel onnodig controlewerk achteraf. Reparatie achteraf kost meer tijd dan een goede beheersing vooraf en kan negatieve gevolgen hebben voor de inwoner. Een goede beheersing vooraf is van essentieel belang voor een mensgerichte organisatie. Een goed opgezette interne beheersing is een belangrijke pijler waarop het Dagelijks Bestuur van het Werkplein Hart van West-Brabant in het kader van planning en control moet kunnen steunen. Niet alleen voor wat betreft het controleren en signaleren van tekortkomingen in de uitvoering maar zeker ook voor het verbeteren van de dienstverlening aan de inwoner.
Het Werkplein hanteert de dienstverlening aan de inwoners als uitgangspunt; de controle wordt daarom niet beperkt tot de rechtmatigheid maar er wordt ook gekeken naar wat de inspanningen van het Werkplein voor de inwoners betekenen. De rapportages Interne Controle worden voorgelegd aan het Managementteam van het Werkplein ter ondersteuning van het opstellen van de jaarstukken zoals bedoeld in artikel 15 van de ‘Financiële verordening ISD Werkplein Hart van West-Brabant’. De uitkomsten van de interne controle ondersteunen mede de rechtmatigheidsverantwoording, zoals die door het dagelijks bestuur met ingang van de jaarrekening 2023 en latere jaren wordt afgegeven.
2.5 Openbaarheidsparagraaf Wet open overheid (Woo) Op 1 mei 2022 is de Wet open overheid (Woo) in werking getreden. De Woo vervangt de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) en is een belangrijke stap naar een transparante(re) overheid. Iedereen heeft recht op toegang tot publieke informatie en de Woo regelt dit recht van burgers op informatie (artikel 1.1 Woo). De Woo moet er dus voor zorgen dat overheidsinformatie beter vindbaar en uitwisselbaar is. De gemeenten hebben in 2022 en ontvangen in de komende jaren geld voor de Woo. De totaal verwachten kosten zijn nog niet bekend. We verwachten kosten te gaan maken op het gebied van software en koppelingen: - Aansluiten op PLOOI; - Aanpassingen aan interne applicaties; - Eventuele andere software; Verder verwachten wij kosten te maken op het gebied van projectmanagement, trainingen voor medewerkers en aanpassing processen. Structureel gaan wij kosten maken in beheer en onderhoud, instellen van een contactfunctionaris (0,1 fte) en eventuele kosten documenten. In 2023 wordt een projectvoorstel aan het bestuur voorgelegd van hoe wij de implementatie van de WOO vorm willen gaan geven en wat daarvoor nodig is.
35
3. Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling 3.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Inleiding De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. De cijfers van realisatie over 2022 worden afgezet ten opzichte van de begroting 2022 na wijziging (3e begrotingswijziging 2022). Algemeen De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Vaste activa De waardering van vaste activa vindt plaats op basis van de verkrijgingsprijs. Alle vaste activa worden voor het bedrag van de investering geactiveerd. Bijdragen van derden die in directe relatie staan met het vaste actief worden in mindering gebracht op het bedrag van de investering Vaste activa met een verkrijgingsprijs onder € 15.000 worden niet geactiveerd. Deze activa komen ten laste van de exploitatie van het Werkplein. Het Werkplein schaft geen vaste activa met een maatschappelijk nut aan. Het Werkplein kent alleen de volgende soorten vaste activa:
Materiële vaste activa met een economisch nut
Inventaris
Hard- & software
Gebruiksrechten op software voor onbepaalde duur die in één keer in rekening worden gebracht bij het Werkplein vallen onder de vaste materiële activa met een economisch nut. Gebruiksrechten op software voor een bepaalde duur die in een keer in rekening worden gebracht bij het Werkplein moeten worden geactiveerd als vooruitbetaalde kosten. De implementatiekosten verbonden aan nieuwe hard- en software vallen onder de verkrijgingsprijs. De opleidingskosten verbonden aan nieuwe hard- en software vallen daarentegen niet onder de verkrijgingsprijs. Afschrijvingstermijnen De afschrijvingstermijnen van de soorten vaste activa zijn:
Inventaris: 10 jaar
Hard- en software: 4 á 5 jaar Voor laptops, smartphones en beeldschermen is in deze jaarrekening een afschrijvingstermijn van 3 jaar aangehouden. De economische levensduur van deze apparatuur is maximaal 3 jaar. Afschrijvingsmethode De afschrijving van de vaste activa vindt plaats op basis van de lineaire methode. Hierbij wordt de verkrijgings- of vervaardigingsprijs verminderd met de eventuele restwaarde, gelijkmatig verspreid over de verwachte gebruiksduur (in jaren) van het vaste actief. Resultaatonafhankelijk afschrijven De afschrijvingen geschieden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar.
36
Duurzame waardeverminderingen Naar verwachting duurzame waardeverminderingen van vast activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen. Financiële vaste activa De financiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde op basis van de historische uitgaafprijs. Vorderingen op openbare lichamen en overige vorderingen Dit betreft de vorderingen op de gemeenten in verband met de afrekening van de productkosten 2020 alsmede de vorderingen in verband met het btw-compensatiefonds. De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Indien en voor zover noodzakelijk wordt geacht wordt een voorziening voor dubieuze debiteuren gevormd, welke als waardecorrectie in mindering wordt gebracht op de vorderingen Vorderingen cliëntdebiteuren De vorderingen cliëntdebiteuren betreft de vorderingen die het Werkplein heeft op (ex-)cliënten c.a. Deze vorderingen worden per bijstandsregeling en per gemeente beheerd. De vorderingen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening voor dubieuze debiteuren als waardecorrectie op het openstaande vorderingenbedrag ultimo 2021 in mindering gebracht. De voorziening is dynamisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen.
De leeftijd/ouderdom van de vordering (gerekend vanaf het jaar van ontstaan van de vordering) alsmede de CBS-status van de incasso van de vordering bepalen daarbij het verwachte percentage van (mogelijke) oninbaarheid. Liquide middelen en overlopende activa Deze activa worden tegen nominale waarde gewaardeerd. De liquide middelen betreffen de saldi die worden aangehouden bij de BNG en de Rabobank. Een negatief banksaldo wordt verantwoord onder de vlottende passiva. De overlopende activa betreffen nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen. Eigen vermogen Onder het eigen vermogen wordt het gerealiseerd resultaat gepresenteerd. Voorzieningen Onder voorzieningen worden bedragen gepresenteerd die voor een duidelijke kostenpost zijn aan te wenden. Vlottende passiva: schulden en overlopende passiva De schulden en overlopende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Nog te betalen gemeenten inzake vorderingen cliëntdebiteuren Onder deze post is opgenomen het nog te betalen bedrag aan de in het Werkplein deelnemende gemeenten inzake de vorderingen cliëntdebiteuren. Tegenover de netto vorderingenpositie van het Werkplein op de cliëntdebiteuren staat een afdracht verplichting van gelijke omvang voor de nog te verwachten ontvangsten op de cliëntdebiteuren aan de deelnemende gemeenten. Deze post is opgenomen in de balans tegen de nominale waarde.
Personeelskosten Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden 37
sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden en overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld door reorganisaties) dient wel een verplichting opgenomen te worden.
38
3.2 Balans en toelichting Balans per 31 december 2022 Activa
Ultim o 2022
Ultim o Passiva 2021
Vaste Activa Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut
Totaal vaste activa
Ultim o 2021
Vaste Passiva 110.585
Eigen verm ogen 150.141 Gerealiseerd resultaat
Financiële vaste activa
Overige langlopende leningen
Ultim o 2022
0
110.585
359.192
985.139
Gerealiseerd resultaat programma Werk
-
457.749
Gerealiseerd resultaat inburgering Bestemmingsreserve doorontw ikkeling organisatie
825.947 87.593
443.613
Bestemmingsreserve DIV en archief
70.983
84.628
Bestemmingsreserve Tozo
171.140
Voorzieningen Voorziening voor verplichtingen en verliezen w aarvan de omvang op de 0 balansdatum onzeker is, doch redelijkerw ijs te schatten (art. 44 lid 1a Bbv) 150.141 Totaal vaste passiva
Vlottende activa
87.756
549.203
1.602.611
2.520.332
Vlottende Passiva
Vorderingen op openbare lichamen
5.307.062
Netto-vlottende schulden m et een rentetypische looptijd korter dan één jaar 3.789.486 Banksaldi
Vorderingen cliëntdebiteuren
5.634.555
5.866.381 Overige schulden
Vordering kapitaalverstrekking
1.629.134
1.853.247
Uitzettingen in 's Rijks schatkist
7.100.000
15.500.000
Uitzettingen m et een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar
492.920
1.132.095
7.546.709
6.952.535
Overige vorderingen
Overlopende passiva
Liquide m iddelen
Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouw d en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume
Kassaldi
Nog te betalen bedragen Werkplein
2.081.629
2.974.324
Nog te betalen bedragen gemeenten ivm vorderingen cliëntdebiteuren
5.634.555
5.866.381
Vooruit ontvangen bedragen
1.387.929
7.115.619
Overlopende activa
Terugbetalingsverplichting kapitaalverstrekking
1.629.134
1.853.247
Nog te ontvangen bedragen
Overige overlopende passiva
532
994
Banksaldi
Vooruitbetaalde bedragen
573.014
21.669
1.247.426
8.845
Overige overlopende activa Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen Totaal vlottende activa
20.265.433
28.265.385 Totaal vlottende passiva
18.773.407
25.895.195
Totaal Activa
20.376.018
28.415.526 Totaal Passiva
20.376.018
28.415.527
39
3.2.1 Toelichting op de balans Vaste activa Het volgend overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de investeringen met economisch nut en de financiële vaste activa weer: Omschrijving Inrichting werkplekken 2019 Intranet/sharepoint 2019 Canon DX10R scanner DIV+software Aanschaf 4 servers (1 verkocht) Laptops Smartphones Beeldschermen Persoonlijke internetpagina Cliëntvolgsysteem Totaal Werkplein
Boekwaarde Investeringen Investeringen 1-1-2022 begroot werkelijk 13.441 13.128 4.388 30.000 28.568 56.531 160.000 62.762 18.419 45.000 20.185 15.665 7.000 25.000 30.000 150.141 297.000 82.947
Afschrijving 6.721 6.564 2.194 14.284 64.542 15.939 12.259
Boekwaarde 31-12-2022 6.720 6.564 2.194 14.284 54.751 22.666 3.406
122.503
110.585
Tabel: Materiële en financiële vaste activa 2022
Inrichting werkplekken In 2020 is de afschrijvingstermijn van laptops, smartphones en beeldschermen aangepast naar 3 jaar. Dit omdat de economische levensduur maximaal 3 jaar blijkt te zijn. In 2023 vindt de laatste afschrijving plaats. Intranet/Sharepoint In 2020 is het intranet (Plein) ingericht. In 2023 is deze investering geheel afgeschreven. Scanner DIV en software Voor de digitalisatie van stukken is in 2019 een nieuwe scanner aangeschaft. In 2023 is deze investering geheel afgeschreven. Geraamd was een investering van € 30.000. Deze wordt in 2023 gerealiseerd. Aanschaf 4 servers Ten behoeve van de nieuwe inrichting werkplekken, zijn 4 servers aangeschaft. Inmiddels is één server weer verkocht omdat volstaan kan worden met drie servers. In 2023 is deze investering geheel afgeschreven. Laptops In 2021 zijn 46 laptops aangeschaft ter vervanging van de laptops van 2019. Ze worden in 3 jaar afgeschreven. In 2022 zijn 36 laptops aangeschaft en 150 laptops van 2019 gereviseerd (kosten € 27.750) waardoor de levensduur verleng is tot en met 2023. De nieuwe laptops van 2022 betreft de aanschaf voor nieuw personeel dat nu in dienst is van het Werkplein in plaats van voorheen inhuur. De geraamde investering van € 160.000 is dus slechts gedeeltelijk benut. Smartphones In 2021 zijn 99 smartphones aangeschaft ter vervanging van de smartphones van 2019.
Ze worden in 3 jaar afgeschreven. In 2022 zijn 65 smartphones aangeschaft, deels als vervanging en deels voor nieuw personeel. Geraamd was € 45.000 (150 stuks). Niet alle smartphones behoefde in 2022 te worden vervangen. Beeldschermen 2021 In 2021 zijn 41 monitors aangeschaft ter vervanging van de monitors van 2019. Ze worden in 3 jaar afgeschreven. In 2023 is deze investering geheel afgeschreven. De geraamde investering van € 7.000 voor nieuwe beeldschermen hoefde niet e worden benut omdat er nog voldoende goede 40
beeldschermen waren. De geraamde investeringen voor persoonlijke internetpagina (€ 25.000) en client volgsysteem (€ 30.000) worden pas in 2023/2024 opgepakt. Vlottende activa Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen Gemeente Etten-Leur € 1.036.512 Gemeente Halderberge € 569.733 Gemeente Moerdijk € 442.957 Gemeente Roosendaal € 1.146.007 Gemeente Rucphen € 285.717 Gemeente Zundert € 419.812 BTW € 1.358.848 WVS € -45.927 ISD Brabantse Wal € 85.234 Saver € 6.274 Breda € 1.895 Totaal € 5.307.062 Vorderingen cliëntdebiteuren Gemeente Etten-Leur Gemeente Halderberge Gemeente Moerdijk Gemeente Roosendaal Gemeente Rucphen Gemeente Zundert Overig Totaal
€ € € € € € € €
1.029.499 721.928 917.802 2.009.916 594.530 425.214 -64.330 5.634.559
€ € € € € € € €
305.359 162.612 342.581 371.748 199.096 182.738 65.000 1.629.134
Vorderingen kapitaalverstrekking Gemeente Etten-Leur Gemeente Halderberge Gemeente Moerdijk Gemeente Roosendaal Gemeente Rucphen Gemeente Zundert Overig Totaal
De cliëntdebiteuren werden tot en met het jaar 2016 op de balans van de gemeenten opgenomen. In 2017 heeft de Commissie BBV echter een bindende uitspraak gedaan dat niet de gemeenten, maar 41
de Gemeenschappelijk Regeling (in casus het Werkplein) de juridische eigenaar is van de cliëntdebiteuren. Dit heeft tot gevolg dat de cliëntdebiteuren en de daarbij behorende voorziening dubieuze debiteuren op de balans van het Werkplein moeten worden opgenomen. De waarde van de bijstandsvorderingen waren per 31-12-2021 € 10.505.642. Dit bedrag is in 2022 verhoogd met nieuwe vorderingen (€ 2.728.844) en verlaagd met ontvangsten (€ 2.380.607) en buiten invorderingstellingen (€ 700.374) wegens oninbaarheid. Per saldo wordt de stand per 31-12-2022 € 10.153.504. Hierop is de voorziening dubieuze debiteuren ad € 2.894.638 in mindering gebracht. Per saldo staat een bedrag van € 7.258.866 op de balans van het Werkplein per 31-12-2022. Bij gemeenten staat het bedrag aan vorderingen ad € 7.258.866 als vordering op het Werkplein op de balans (bij Werkplein staat dit alsnog te betalen op de post overlopende passiva). Het bedrag aan dubieuze debiteuren ad € 2.894.638 staat op de gemeentelijke balans als schuld aan het Werkplein. Zoals al eerder aangegeven is een bedrag van €63.032 buiten invordering gesteld in verband met de kinderopvangtoeslag-affaire. Dat bedrag is als volgt per gemeente:
Liquide middelen Het Werkplein heeft een tweetal bankrekeningen bij de Bank voor Nederlandse gemeenten, één voor betalingen en één voor ontvangsten. De ontvangstenrekening heeft een positief saldo van € 571.469,57. Daarnaast bestaat nog een rekening bij de Rabobank voor kleine betalingen € 1.544,56. Overlopende activa Nog te ontvangen bedragen/vooruitbetaalde bedragen. Vooruitbetaalde bedragen hebben betrekking op de voorschotten cliënten € 21.669 Vaste passiva Eigen vermogen Gerealiseerd resultaat inburgering Gerealiseerd resultaat 2022 Restant bestemmingsreserve doorontwikkeling organisatie Restant bestemmingsreserve Div/archief Bestemmingsreserve Tozo
€ € € € € €
1.514.855 825.947 359.192 87.593 70.983 171.139
42
Verloop reserves
Stand 1-1-2021 Onverdeeld resultaat bedrijfsvoering 2020
Onverdeeld resultaat bedrijfsvoering 2021
Controle en Bestemming Onverdeeld Onverdeeld Bestemming terug- en s res erve resultaat res ultaat s reserve Bestemming Bestemming invorderings doorontwikk Gerealiseer bedrijfs - programma DIV en s reserve s reserve maatregelen eling d resultaat voering werk archief TOZO 3 TOZO 1 en 2 Tozo 1-5 organis atie Inburgering
Totaal
4.523.681
0
0
0
0
0
0
4.523.681
Toevoeging bestemmingsreserve uitvoering plan van aanpak achterstanden DIV en archief
-175.000
0
0
175.000
0
0
0
0
Toevoeging bestemmingsreserve TOZO 3
-195.525
0
0
0
195.525
0
0
0
Toevoeging bestemmingsreserve TOZO 1 en 2
-220.735
0
0
0
0
220.735
0
0
Toevoeging bestemmingsreserve doorontwikkeling organisatie
-657.000
0
0
0
0
0
657.000
0
-3.275.419 -2 0 0 0
0 4 0 985.135 985.139
0 0 0 457.749 457.749
0 2 -90.374 0 84.628
0 0 -195.525 0 0
0 0 -220.735 0 0
0 1 -213.388 0 443.613
-3.275.419 5 -720.022 1.442.884 1.971.129
Mutaties 2021
Uitkering aan deelnemende gemeenten restant resultaat bedrijfsvoering 2020 Afrondingsverschillen Onttrekking (besteed in 2021) Onverdeeld resultaat 2021 Eindstand 31-12-2021 Mutaties 2022 Toevoeging bestemmingsreserve TOZO 1-5 Uitkering aan deelnemende gemeenten restant resultaat bedrijfsvoering 2021 Afrondingsverschillen Onttrekking (besteed in 2022) Onverdeeld resultaat 2022 Resultaat inburgering 2022 Eindstand 31-12-2022
0
-428.700
0
428.700
0
-556.439 -3 -457.749
-13.645
0
70.983
-257.561
-356.019
171.139
87.594
359.195 0
Voorziening verlofsparen
359.192
€
0
0
825.947 825.947
-556.439 -3 -1.084.974 359.195 825.947 1.514.855
87.756
Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Banksaldi
€
492.920
Het Werkplein heeft een tweetal bankrekeningen bij de Bank voor Nederlandse gemeenten, één voor betalingen en één voor ontvangsten. Op de betalingsrekening is een kredietfaciliteit van € 2.000.000 afgesloten. Overige schulden Nog te betalen kosten Crediteuren Af te dragen BTW Af te dragen loonheffing en premies Af te dragen pensioenpremies Betalingen aan klanten Af te dragen loonheffing uitkeringen Overig
Overlopende passiva Nog te betalen bedragen Diverse crediteuren Tussenrekening Webshop Totaal
€ € € € € € € € €
557.975 347.759 0 719.952 155.137 4.358.242 1.402.874 4.770 7.546.709
€ € € €
2.255.066 -192.089 18.786 2.081.629
Nog te betalen bedragen gemeenten i.v.m. vorderingen cliëntdebiteuren 43
Bijstandsdebiteurensaldi gemeenten (exclusief terugbetalingsverplichting kapitaalverstrekking) 31-12-2022 Voorziening dubieuze cliëntdebiteuren Totaal
€ € €
8.529.192 -2.894.637 5.634.555
Vooruit ontvangen bedragen
Tozo 2021 Etten-Leur Tozo 2021 Halderberge Tozo 2021 Moerdijk Tozo 2021 Roosendaal Tozo 2021 Rucphen Tozo 2021 Zundert Uitvoeringskosten Tozo Etten-Leur Uitvoeringskosten Tozo Halderberge Uitvoeringskosten Tozo Moerdijk Uitvoeringskosten Tozo Roosendaal Uitvoeringskosten Tozo Rucphen Uitvoeringskosten Tozo Zundert Opboeking debiteuren Bedrijfskapitaal Moerdijk Bedrijfskapitaal Roosendaal
€ 816.337 € 849.875 € 1.066.338 € 1.190.492 € 788.845 € 727.995 € 53.981 € 36.814 € 59.185 € 66.088 € 36.802 € 36.316 € -1.170 73 € 62 € € 1.387.929
Terugbetalingsverplichting kapitaalverstrekking € Dit betreft de aflossingen bedrijfskredieten BBZ en Tozo. Overige overlopende passiva
€
1.629.134
531
44
Niet uit de balans blijkende verplichtingen Langlopende financiële verplichtingen Het Werkplein Hart van West-Brabant is voor een aantal toekomstige jaren verbonden aan verschillende, niet uit de balans blijkende, financiële verplichtingen. Hierna volgt een opsomming van de belangrijkste van deze verplichtingen: a. Huurovereenkomst locatie Etten-Leur (€ 392.328 per jaar) en Roosendaal (circa € 228.450 per jaar). Resterende looptijd Etten-Leur 2 jaar en Roosendaal locatie Dunantstraat laatste jaar. b. Dienstverleningsovereenkomst ondersteunende diensten (gemeente Etten-Leur en Roosendaal), circa € 870.035 per jaar. Dit betreft de ondersteuning op het gebied van financiën, personeel & organisatie, secretarieel, communicatie, informatievoorziening. De overeenkomst met Roosendaal geldt vanaf 2023 alleen nog voor KCC-functie en enkele afzonderlijke taken zoals inkoopadviezen. De overeenkomsten hebben looptijd van 5 jaar en zijn verlengd tot 31-12-2024. c. Onderhoudsovereenkomst programmatuur betaalsysteem (Suite) (circa € 235.390 per jaar). Looptijd is 4 jaar vanaf februari 2019, waarna Werkplein de overeenkomst zesmaal 1 jaar kan verlengen. Het Werkplein beschikt over een groot aantal inhuurcontracten die het Werkplein is aangegaan. Deze hangen allen samen met de reguliere activiteiten van de GR en zijn derhalve niet afzonderlijk toegelicht.
Gebeurtenissen na balansdatum Het COVID-19 (Corona) virus heeft geen financiële gevolgen voor de jaarrekening 2022 en lijkt voor onze begroting 2023 en volgende jaren geen financiële gevolgen te hebben. De huidige onzekerheden (hoge inflatie vanwege energiecrisis, gevolgen sancties Rusland) kunnen uiteindelijk wel een impact hebben op de begroting. We monitoren onze risico’s en die van onze partners voortdurend. Onze organisatie loopt geen risico voor de continuïteit. Wel is de druk, mede vanwege de uitvoering van extra rijksmaatregelen zoals de energietoeslag en leefgeld Oekraïners, maar ook de organisatieontwikkeling op het huidige personeel groot. We bewaken onze liquiditeitspositie goed en nemen zo nodig maatregelen om onze taken gedurende deze bijzondere tijd zo goed mogelijk te blijven uitvoeren.
3.3 Overzicht baten en lasten In 2022 bedroegen de totale lasten van het Werkplein € 109.392.291. De baten bedroegen € 110.577.431. Er is sprake van een voordelig resultaat van € 1.185.142 op de bedrijfsvoering. Een deel daarvan (€ 825.947)wordt gereserveerd voor de inburgeringsvoorziening. Het resterende bedrag van € 359.195 wordt uitgekeerd aan de gemeenten. In de programmaverantwoording is voor de programma’s Werk en Participatie, Inkomen en Inkomensondersteuning in de paragraaf 2.2.8 (“Wat mag het kosten?”) een analyse opgenomen van de afwijkingen tussen de begroting na wijziging en de gerealiseerde baten en lasten. In de jaarrekening is voor het programma Bedrijfsvoering deze analyse opgenomen in de volgende paragraaf (3.3.1 Toelichting kosten bedrijfsvoering).
45
Overzicht van baten en lasten jaarrekening 2022 Programma's: Programma Werk en Participatie Programma Inkomen Tozo regelingen Programma Inkomensondersteuning Leefgeld Oekrainers Energietoeslag Programma Inburgering Subtotaal programma's Programma Bedrijfsvoering Totaal Algemene dekkingsmiddelen: Gemeentelijke bijdragen Programma's: Bedrijfsvoering Programma Werk en Participatie Programma Inkomen Tozo regelingen Programma Inkomensondersteuning Leefgeld Oekrainers Energietoeslag Programma Inburgering Totaal algemene dekkingsmiddelen Gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten Toevoeging/onttrekking aan reserves Gerealiseerd resultaat Gerealiseerd resultaat inburgering
Begroting 2022 Baten 457.749 1.104.146 1.970.000 439.349
3.971.244 1.538.395 5.509.639
Baten 14.479.122 4.941.356 62.584.054 -1.945.000 7.810.998 880.030 12.637.848 2.180.930 103.569.338 109.078.977
Lasten 5.399.105 63.688.200 25.000 8.250.347 880.030 12.637.848 2.180.930 93.061.460 16.017.517 109.078.977 Begroting 2022 Lasten
109.078.977
Realisatie 2022 Saldo 4.941.356 62.584.054 -1.945.000 7.810.998 880.030 12.637.848 2.180.930 89.090.216 14.479.122 103.569.338
Baten 457.749 872.506 1.131.056 544.515
Saldo 14.479.122 4.941.356 62.584.054 -1.945.000 7.810.998 880.030 12.637.848 2.180.930 103.569.338
Baten 14.479.121 4.552.261 61.996.250 -1.112.511 8.081.357 474.903 13.674.900 1.763.467 103.909.747
0
110.577.431
3.005.827 3.661.857 6.667.684
Lasten Saldo 5.010.011 4.552.261 62.868.756 61.996.250 18.545 -1.112.511 8.625.872 8.081.357 474.903 474.903 13.674.900 13.674.900 937.520 937.520 91.610.507 88.604.679 17.781.784 14.119.927 109.392.291 102.724.607 Realisatie 2022 Lasten
109.392.291
0 0
Saldo 14.479.121 4.552.261 61.996.250 -1.112.511 8.081.357 474.903 13.674.900 1.763.467 103.909.747 1.185.142 359.195 825.947
Tabel: Overzicht van Baten en Lasten per programma 2022
3.3.1 Toelichting kosten bedrijfsvoering Bij de begroting voor 2022 zijn door de gemeenteraden een aantal financiële begrotingsuitgangspunten aangegeven. Hier wordt de navolging daarvan aangegeven.: Nr. 1
2
3
Richtlijn begroting Financieel Van het Dagelijks Bestuur (DB) van de Gemeenschappelijke Regeling (GR) wordt verwacht dat zij een structureel financieel-sluitende meerjarenbegroting 2022-2025 aanbiedt aan de deelnemers. De gehanteerde begrotingsuitgangspunten door de GR dienen in de begroting 2022 van de GR inzichtelijk te worden gemaakt. In de begroting 2022 dient een overzicht te worden opgenomen met de meerjarige bijdrage (2022 t/m 2025) per deelnemer. De begroting dient te worden opgesteld op basis van ongewijzigd beleid. Dat wil zeggen dat geen nieuwe taken of uitbreiding van bestaande taken in de primitieve begroting mogen worden opgenomen. Tenzij dit eerder door het Algemeen Bestuur is besloten. De begroting en jaarrekening dienen te voldoen aan het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). Dit betekent dat de voorgeschreven gegevens dienen te worden opgenomen. Met name wordt aandacht gevraagd voor: a. een overzicht van incidentele lasten en baten per programma; b. een specificatie van lasten en baten per programma; c. het opnemen van een meerjarig investeringsplan in de begroting; d. het opnemen van (prestatie) indicatoren in de begroting;
Toepassing De begroting voor 2022 was sluitend. In de bijlagen is de gemeentelijke bijdragen voor 2022 opgenomen.
In de begroting voor 2022 was geen nieuw beleid opgenomen.
De jaarrekening voldoet aan het Besluit Begroting en Verantwoording.
46
4
5
6
7
8
9
10
11 12
13 14
e. de verwachte stand begin en eind begrotingsjaar van Eigen en Vreemd vermogen. De begroting bevat een overzicht met het verloop de reserves. In dit overzicht is te zien wanneer en voor welk bedrag per jaar de reserve wordt ingezet. Ook bevat dit overzicht een toelichting waar in het doel van de reserve wordt omschreven. De begroting 2022 dient te worden opgesteld op basis van een gelijkblijvende gemeentelijke bijdrage ten opzichte van het begrotingsjaar 2021. Als dit leidt tot beleidsmatige keuzes dienen deze aangegeven te worden in de kaders voor de begroting 2022 (Etten-Leur, Moerdijk, Roosendaal, Rucphen, Zundert). De loonontwikkeling wordt geraamd conform de geldende CAO van de betreffende GR. Voor de meerjarige ontwikkeling van de salariskosten dient rekening gehouden te worden met de werkelijke periodieken. Meerjarige mutaties in de werkgeverslasten dienen onderbouwd te worden. Voor deze zaken kan niet worden volstaan met een vast percentage per jaar zonder onderbouwing (Halderberge).
Indien voor het betreffende begrotingsjaar nog geen cao bekend is mag uitgegaan worden van het in de septembercirculaire 2020 (of een actuelere circulaire) opgenomen percentage van de prijs overheidsconsumptie, beloning werknemers (dit is de loonontwikkeling exclusief de incidentele loonstijging), (Etten-Leur, Roosendaal, Zundert) Het prijsindexcijfer van de algemene prijsontwikkeling Bruto Binnenland Product (BBP) uit de septembercirculaire 2020 (of een actuelere circulaire) is de basis voor de toe te passen indexering voor de begroting 2022 inclusief meerjarenraming (Halderberge en Roosendaal). Een positief resultaat vloeit terug naar de deelnemers. De GR kan hiervan afwijken; hiertoe dient het DB een expliciet en gemotiveerd voorstel tot resultaatbestemming voor te leggen aan het Algemeen Bestuur van de GR In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing is aandacht voor de risico’s door deze te kwantificeren, te prioriteren en de beheersingsmaatregelen te benoemen Binnen twee jaar na inwerkingtreding van de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen brengen de deelnemers de regeling in overeenstemming met de gewijzigde Wgr. De gevolgen van de besluitvorming over de ketensamenwerking worden verwerkt in de begroting.
Wat betreft gezamenlijke activiteiten met de WVSGroep en de ISD Brabantse Wal, zorgt Werkplein HvWB ervoor dat hetgeen daarover in haar begroting is opgenomen aansluit bij de begrotingen van de WVS-Groep en de ISD Brabantse Wal. De drie begrotingen zijn de basis voor de ketenbegroting. Het Werkplein HvWB maakt een meerjarige prognose van het aantal bijstandsontvangers. Het Werkplein HvWB neemt in de bijlagen van de begroting een overzicht op met het verloop van de vaste en tijdelijke formatie sinds 2015. Hieruit blijkt welke mutaties er sinds 2015 in de formatie zijn doorgevoerd en met welke reden en de besluitvorming hierover.
In deze paragraaf is het verloop van de gevormde reserves voor organisatieontwikkeling, tozo en aanpak archief/div toegelicht. De begroting 2022 is driemaal aangepast aan de gewijzigde omstandigheden (daling bestand, energietoeslag en leefgeld).
De loonkosten zijn conform geldende cao in deze jaarrekening verwerkt.
Het prijsindexcijfer uit de septembercirculaire 2021 is verwerkt.
Het positieve resultaat bedrijfsvoering wordt aan de gemeenten uitgekeerd. De risico’s zijn in paragraaf 2.4.3 toegelicht. Dit wordt met de gemeenten opgepakt. In de jaarrekening zijn deze kosten in programma Werk en Participatie verwerkt. De begrotingen zijn op elkaar afgestemd.