Bijlage 2 Jaarstukken 2022 definitieve versie (250523).pdf
Tekst van het document
1
Inhoud Inleiding ........................................................................................................................................................... 3 2. Terugblik 2022 .............................................................................................................................................. 5 2.1 Terugblik 2022 ............................................................................................................................................... 5 2.1.1. Missie en visie ....................................................................................................................................... 5 2.1.2 Het nieuwe Werkplein! .......................................................................................................................... 5 2.1.3 Structureel tijdelijke regelingen ............................................................................................................. 6 2.1.4 Wet inburgering ..................................................................................................................................... 7 2.1.5 Ketensamenwerking...............................................................................................................................
7 2.1.6 Programmatisch werken ........................................................................................................................ 8 2.1.7 Financieel ............................................................................................................................................... 8 2.2 Strategische doelstellingen ........................................................................................................................... 9 2.2.1 Inleiding .................................................................................................................................................. 9 2.2.2 Bestandsontwikkeling ............................................................................................................................ 9 2.2.3 Strategische doelstellingen .................................................................................................................. 10 2.2.3.3 Minder inwoners leven in armoede .................................................................................................. 11 2.2.3.4 ...........................................................................................................................................................
13 2.2.4 Wat mag het kosten? ........................................................................................................................... 14 2.3 Algemene dekkingsmiddelen....................................................................................................................... 25 2.4 Paragrafen .................................................................................................................................................. 26 2.4.1 Paragraaf Financiering.......................................................................................................................... 26 2.4.2 Paragraaf Bedrijfsvoering ..................................................................................................................... 27 2.4.3 Paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing ........................................................................ 32 2.4.5 Paragraaf Rechtmatigheid .................................................................................................................... 34 2.5 Openbaarheidsparagraaf Wet open overheid (Woo).................................................................................. 35 3. Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling ...................................................................................
36 3.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling .................................................................................. 36 3.2 Balans en toelichting ................................................................................................................................... 39 3.2.1 Toelichting op de balans ...................................................................................................................... 40 3.3 Overzicht baten en lasten ............................................................................................................................ 45 3.3.1 Toelichting kosten bedrijfsvoering ....................................................................................................... 46 3.3.2 Incidentele baten en lasten .................................................................................................................. 52 3.4 Informatie wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) ......... 53 3.5 Verantwoording taakvelden jaarrekening 2022 ......................................................................................... 54 3.6 SISA-bijlage bij de jaarrekening ...................................................................................................................
55 3.7 Controleverklaring ....................................................................................................................................... 59 3.8 Bijlagen........................................................................................................................................................ 60 3.8.1 Staat van personele sterkte ................................................................................................................. 60 3.8.2 Staat van geactiveerde kapitaaluitgaven ............................................................................................. 61 3.8.3 Specificatie gemeentelijke bijdragen jaarrekening 2022 ..................................................................... 61
2
Inleiding Voor u liggen de jaarstukken 2022 van de Gemeenschappelijke Regeling ISD Werkplein Hart van West- Brabant (hierna Werkplein). Met het jaarverslag en jaarrekening leggen wij verantwoording af aan het Algemeen Bestuur van het Werkplein over de verschillen tussen begroting en daadwerkelijke resultaten in prestaties en financiën. De cijfers tot en met het vierde kwartaal 2022 worden in de verschillende programma’s in het jaarverslag verder toegelicht. Uitdagingen in 2022 We kijken terug op een hectisch jaar met een hoge werkdruk voor onze medewerkers. Er zijn veel uitdagingen op ons pad gekomen. Maar ook een jaar waarin we stil hebben gestaan bij mijlpalen in de organisatieontwikkeling. We hebben het dan ook niet langer over organisatieontwikkeling maar over het nieuwe Werkplein. Dit hebben we gemarkeerd met een nieuwe look en feel. 2022 was ook het jaar van de steeds weer nieuwe tijdelijke regelingen bij het Werkplein hebben. De laatste tijdelijke coronaregelingen zijn per 1 april 2022 gestopt. Daarna kregen we te maken met de verschillende energietoeslagen en de uitbetaling van het leefgeld voor Oekraïners na het uitbreken van de oorlog in Oekraïne. De uitvoering van al deze tijdelijke regelingen heeft het afgelopen jaar een grote impact op de werkdruk bij het Werkplein gehad. Door de krapte op de arbeidsmarkt was het moeilijk om extra extern personeel te werven.
Veel tijdelijke regelingen zijn dus met de reguliere formatie uitgevoerd. Door al deze extra werkzaamheden hadden reguliere taken soms minder prioriteit. Het piepte en kraakte het afgelopen jaar. Maar naast alle extra taken zijn we óók datgene blijven doen waar we voor zijn. We hebben onze inwoners zo goed mogelijk ondersteund in hun route naar een glimlach. Resultaten 2022 Na een stijgende trend in het bestand kent het Werkplein voor 2022 een daling. Deze is te verklaren als gevolg van de meevallende economische gevolgen na de Corona crisis. In de tweede bestuursrapportage hebben wij de gemeenteraden gemeld voor 2022 een daling van het bestand te voorzien van 1,3%. Deze voorspelling is nagenoeg uitgekomen. Het Werkplein heeft 2022 afgesloten met een bestandsdaling van 1,1%. Ten opzichte van de eindstand per 31 december 2021 is sprake van een daling van 43 dossiers voor de zes gemeenten gezamenlijk. De uitgaven voor wat betreft de uitkeringen (Buig) is voor één van de zes gemeente binnen het rijksbudget gebleven. Voor de andere vijf is sprake van een lichte tot matige overschrijding. Daarnaast kunnen we melden dat alle aanvragen voor een uitkering of bijzondere bijstand binnen de wettelijke termijnen zijn afgewikkeld.
Gezien de druk die uitvoering van TOZO controles, de Energietoeslag en het leefgeld voor Oekraïners ook in 2022 het Werkplein heeft opgeleverd zijn we trots op deze prestatie. Effecten op de langere termijn Alle veranderingen binnen het Werkplein zijn er op gericht om maatwerk aan onze inwoners te bieden. Voor een deel van onze inwoners is uiteindelijk participatie het hoogst haalbare. Als daardoor iemand in een stabiele situatie zijn leven kan leiden, bijvoorbeeld zonder schulden en andere (zorg) ondersteuning, hebben schulden en andere (zorg)ondersteuning, hebben gemeenten daar ook baat bij. De ontwikkelingen binnen het Werkplein moeten in een breder perspectief gezien worden. Met name de financiële impact voor gemeenten is breder dan alleen de Buig-uitgaven (uitkeringslasten). Exploitatie 2022 De exploitatie van het Werkplein bestaat uit twee onderdelen: de programmakosten en de kosten van bedrijfsvoering. De programmakosten Werk en Participatie, Inkomen (met uitzondering van de kosten van Tozo die geheel door het Rijk wordt vergoed), en Inkomensondersteuning en Inburgering worden volledig gedekt door gemeentelijke bijdragen. De gepresenteerde saldi worden derhalve volledig 3
verrekend met de gemeenten. Het voordelige resultaat op de bedrijfsvoeringskosten wordt aan de gemeenten uitgekeerd. Voor wat betreft programma Inburgering wordt een voorstel gedaan om een deel van het resultaat, namelijk € 825.947, te reserveren ten behoeve van de inburgeringsvoorziening. Het totaal dat wordt teruggekeerd aan de gemeenten wordt derhalve -€ 1.483.198 Programma's Werk en Participatie Inkomen Inkomensondersteuning Inburgering Bedrijfsvoering Totaal Te bestemmen reserve Inburgering Totaal terugkeren aan gemeenten
Jaarrekening Begroting 2022 na 2021 wijziging € 4.373.984 € 4.941.355 € 56.722.107 € 62.584.054 € 7.757.047 € 7.810.998 € 2.180.930 € 12.872.420 € 14.479.122 € 81.725.558 € 91.996.459
Jaarrekening 2022 € 4.552.261 € 61.996.250 € 8.081.357 € 937.520 € 14.119.927 € 89.687.315
Saldo -€ 389.094 -€ 587.804 € 270.359 -€ 1.243.410 -€ 359.195 -€ 2.309.145 € 825.947 -€ 1.483.198
Het jaar 2022 is uiteindelijk afgesloten met een bestandsdaling van 1,1%. In de bijgestelde begroting werd nog rekening gehouden met een daling van 1,3%. Desondanks leidt dit tot lagere kosten op het programma inkomen van € 587.804. Bij het programma inkomensondersteuning is sprake van een overschrijding van € 375.525. Dit komt vooral door hogere kosten van bewindvoering en individuele inkomenstoeslag. Programma Werk en Participatie sluit met een positief resultaat van € 389.094. Dit komt met name doordat er flink minder leerwerktrajecten zijn ingezet vanwege de nasleep van coronabeperkingen. Bij programma Inburgering is sprake van een flinke onderuitputting van de middelen die voor 2022 voor inburgeringsvoorzieningen door het Rijk beschikbaar zijn gesteld. Deze middelen (€825.947) worden gereserveerd. Dit omdat de uitgaven voor een inburgeraar plaatsvinden gedurende maximaal drie jaren. Op de uitvoeringskosten blijft een bedrag van € 351.025 over. Bij de afzonderlijke programma’s wordt een nadere toelichting op het saldo gegeven. De exploitatie van de kosten van bedrijfsvoering sluit dit jaar af met een positief saldo van € 359.195. Dit positieve resultaat wordt toegelicht In hoofdstuk 3.3. Opzet en reikwijdte jaarstukken 2022 In deze jaarstukken worden de gerealiseerde cijfers van 2022 vergeleken met de begroting na wijziging.
Dat betreft de cijfers zoals vermeld in de 3e begrotingswijziging 2022 die tegelijkertijd met de tweede bestuursrapportage 2022 is opgesteld. In het jaarverslag en de programma’s zijn de toelichtingen zoveel mogelijk integraal opgenomen om een beeld van het totaal te kunnen geven. De jaarstukken worden aan het Dagelijks en Algemeen bestuur ter besluitvorming voorgelegd. Het Algemeen Bestuur stelt de jaarstukken in haar vergadering van 25 mei 2023 vast. Opbouw jaarstukken 2022 De jaarstukken zijn opgebouwd uit vier hoofdstukken. De Inleiding met een algemeen beeld. In hoofdstuk 2 gaan we in het jaarverslag inhoudelijk in op de verschillende onderdelen van het Werkplein. In hoofdstuk 2.2 de strategische doelstellingen en 2.2.8 de programma verantwoording. In hoofdstuk 3 treft u de jaarrekening 2022 en de daarbij behorende bijlagen aan.
4
2. Terugblik 2022 2.1 Terugblik 2022
2.1.1. Missie en visie In 2022 hebben we aan de hand van de door het Werkplein en gemeenten gezamenlijk opgestelde programmaplaat gewerkt. De strategische doelstellingen daarin dienden als leidraad voor de inspanningen van gemeenten en het Werkplein in 2022. In de bestuursrapportages afgelopen jaar hebben we ieder kwartaal stil gestaan bij deze doelstellingen en de behaalde resultaten. Eind 2022 hebben gemeenten en het Werkplein de visie en doelstellingen in de programmaplaat verder verfijnd. In deze opdracht wordt de visie op de rol van het Werkplein in 2022 als volgt omschreven: “Wij vertrouwen in de talenten en kwaliteiten van onze inwoners. Daarom stimuleren wij iedereen om deze te ontwikkelen, met als doel werk, en als dat (nog) niet lukt, wel meedoen in de samenleving. Dat doen we samen met de inwoner, collega’s en partners op basis van maatwerk.” Deze visie sluit goed aan op de maatschappelijke bewegingen van het centraal stellen van de inwoner, en niet het proces. Evenals het nieuwe Werkplein waar het Werkplein de menselijke maat als uitgangspunt hanteert.
2.1.2 Het nieuwe Werkplein! De afgelopen jaren hebben we hard gewerkt aan de vergroening van het Werkplein. Bij de organisatieontwikkeling stond de transformatie van een proces -en taakgerichte organisatie naar een inwoner -en resultaatgerichte organisatie centraal. Anders werken met een fundamenteel andere klantbenadering vraagt een omschakeling in denken en doen van iedereen in de organisatie. Het heeft een grote impact in de organisatie maar de gedachte achter de koerswijziging wordt breed gedragen. De structuur is gewijzigd, functies zijn veranderd, we werken meer vanuit de werkgebieden (lokale gemeenten), regels en processen worden aangepast. Om dit allemaal te behappen en vorm aan te geven zijn er collega’s die anderen helpen en ondersteunen in de rol van intervisiebegeleiders, groeibuddy’s en schrijfcoaches. In 2022 hebben we een aantal mijlpalen gemarkeerd die bij hebben gedragen aan de ontwikkelingen. Alle medewerkers van het Werkplein hebben in het tweede kwartaal deelgenomen aan de serious game. Hierin hebben we met elkaar de nieuwe manier van werken beleefd en ervaren. Daarnaast zijn we met elkaar het gesprek aangegaan gedurende het jaar tijdens verschillende inspiratiefestivals. Er is inmiddels een nieuw functieboek waarin alle functies opnieuw gedefinieerd zijn en alle medewerkers zijn opnieuw geplaatst in hun eigen of een nieuwe functie.
In het derde kwartaal is dit proces formeel afgerond. Eind september heeft dit alles geresulteerd in een feestelijke afsluiting van de fase van ontwikkelen en de overgang naar de fase van doen. Dit moment hebben we ook gebruikt voor de onthulling van een mooie nieuw passend Werkplein-logo en huisstijl. Bekijk via de QR-code de video over de onthulling van het nieuwe logo.
Eind 2022 zijn we voorzichtig gestart met het werken op locatie in de werkgebieden. We hebben drie werkgebieden. Roosendaal is één gebied, Moerdijk en Halderberge vormen samen een werkgebied en de gemeenten Etten-Leur, Rucphen en Zundert zijn een werkgebied. Per werkgebied is er 5
een gebiedsverbinder. Zij zorgen er mede voor dat er lokaal gewerkt kan worden en dat de verbindingen met het sociaal domein gelegd worden. Stap voor stap handelen we als Werkpleiners steeds meer volgens onze nieuwe visie. We doen datgene dat echt bijdraagt aan de ontwikkeling van onze inwoners. Ook al zijn dit dingen die misschien in eerste instantie niet direct tot (kortdurende) uitstroom leiden. Let wel, iedereen die direct aan het werk kan zullen we matchen aan een werkgever. Maar er zijn nu eenmaal inwoners waarvoor dat een stap te ver is. Door samen te werken in de lokale netwerken kunnen we samen met deze inwoners wel een stabiele leefsituatie creëren. Hierdoor zijn inwoners op termijn minder afhankelijk van andere zorg of hulpverlening en uiteindelijk wellicht een uitkering. De kwaliteitsslag die we doormaken zal dus pas op langere termijn effect hebben. Al met al is er het afgelopen jaar weer veel gebeurd waardoor we onze inwoners die route naar een glimlach beter kunnen geven die ze verdienen.
2.1.3 Structureel tijdelijke regelingen De afgelopen jaren zijn er heel wat tijdelijke (crisis) regelingen voorbij gekomen die het Werkplein heeft uitgevoerd. Toen de laatste coronaregelingen begin 2022 zo goed als gestopt waren kwam de volgende reeks tijdelijke regelingen (energietoeslag) op het bordje van het Werkplein terecht. Dit heeft een hele grote impact op de dagelijkse werkzaamheden en onze medewerkers gehad. Collega’s zijn bijgesprongen waar nodig met als gevolg dat eigen werkzaamheden op een lager pitje kwamen te staan. En waarbij de werkdruk onverminderd (te) hoog is geweest. Eind februari 2022 brak de oorlog in Oekraïne uit. Dit heeft ook directe consequenties gehad voor de uitvoeringspraktijk bij het Werkplein. Als gevolg van de onrusten in Oost-Europa stegen de prijzen van onze dagelijkse boodschappen, de energiekosten rezen de pan uit en een vluchtelingenstroom kwam op gang. In de eerste plaats heeft dit natuurlijk menselijk leed met zich meegebracht voor deze duizenden vluchtelingen maar net zo goed voor onze inwoners die van een minimum inkomen rond moeten komen. Om de kosten voor deze huishoudens enigszins te drukken heeft het Rijk in 2022 de energietoeslag in het leven geroepen. Het Werkplein heeft deze regeling in verschillende etappes uitgevoerd waarbij in 2022 zo’n 6.500 aanvragen zijn behandeld.
Daarnaast zijn er ambtshalve verstrekkingen gedaan en hebben sommige inwoners een verkorte aanvraag ingediend. In totaal zijn er in 2022 ruim 10.600 energietoeslagen verstrekt. Dit is een enorm aantal voor een organisatie als het Werkplein. Bedenk daarbij dat het maar beperkt mogelijk was om hiervoor extern personeel aan te trekken. De uitvoering van deze regeling heeft dus gezorgd voor een hele hoge werkdruk binnen de organisatie. Naast de uitvoering van de energietoeslag heeft het Werkplein de uitbetaling van het leefgeld voor Oekraïners voor vier gemeenten opgepakt. In de eerste maanden van de vluchtelingenstroom hebben ook een aantal medewerkers van het Werkgeversservicepunt (WSP) een rol gehad bij de doorgeleiding naar werk en allerhande praktische vragen. Vanwege de impact op het reguliere werk en dus directe plaatsing van inwoners met een uitkering naar betaald werk is deze inzet afgeschaald en gestopt vanuit het Werkplein. De afgelopen drie jaar heeft de ene tijdelijke regeling de andere opgevolgd. En zoals het er naar uit ziet zal dat sowieso in 2023 nog doorgaan. Elke keer een andere regeling die vanuit het Rijk uit de grond wordt gestampt en die naast het reguliere werk uitgevoerd moet worden. Vanwege de krapte op de arbeidsmarkt worden deze taken veelal door de Werkpleiners uitgevoerd.
Dit heeft de afgelopen jaren een grote impact op de werkdruk bij het Werkplein gehad. Alle collega’s werken keihard om onze inwoners te ondersteunen waar nodig maar dit heeft dit gevolg dat andere extra projecten niet altijd kunnen en dat de doorontwikkeling van inwoners soms langer duurt.
6
2.1.4 Wet inburgering Vanaf 1 januari 2022 voert het Werkplein de nieuwe Wet Inburgering uit. Voor ieder werkgebied is een regiehouder inburgering gestart. In het begin van het jaar lag de focus op het opbouwen van een netwerk en het tot stand brengen van samenwerkingen. Bijvoorbeeld met de taalscholen en met Vluchtelingenwerk. Ook heeft er veel tijd gezeten in het uiteenzetten van werkprocessen en het inrichten van systemen. Omstreeks april zijn de eerste nieuwkomers onder de nieuwe wet ingestroomd. Naast het spreken van inwoners en partners tijdens de brede intake is er ook gebouwd aan een dashboard om inburgeringscijfers inzichtelijk te krijgen. Dit staat nog in de kinderschoenen waardoor nog niet alle cijfers sluitend in beeld gebracht kunnen worden. In heel 2022 zijn 195 inburgeraars ingestroomd. Waarvan 158 asielstatushouders en 37 gezins- en overige migranten. Aantal inburgeraars Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert Totaal
2022 47 37 33 51 13 14 195
2.1.5 Ketensamenwerking Binnen de ketensamenwerking werken de WVS, ISD Brabantse Wal en het Werkplein samen als ware het één organisatie. In 2022 is gewerkt aan de proeftuinen, inzet van leerwerktrajecten, het Publiek Groenbedrijf, de Praktijkacademie en een meer op elkaar sluitende vergaderstructuur van de besturen van de drie organisaties. In 2022 zijn leerwerktrajecten ingezet om inwoners te ontwikkelen naar werk. Naast de leerwerktrajecten zijn loonwaardemetingen uitgevoerd om de loonkostensubsidie vast te stellen en worden medewerkers bij reguliere bedrijven begeleid door een jobcoach zodat de kans op uitval kleiner is. Voor 2022 waren flinke ambities rondom de proeftuinen en leerwerktrajecten, zowel kwalitatief als kwantitatief, geformuleerd. Vanwege de hoge werkdruk bij het Werkplein en de ISD zijn de ambities rondom aantallen inwoners in de proeftuinen en leerwerktrajecten helaas niet gerealiseerd. Daarentegen hebben we zeker geleerd van de proeftuinen. We hebben een nieuwe werkwijze ontwikkeld waarbij maatwerk, wensen van de inwoner én de verbeterde samenwerking door professionals die (vaker) gezamenlijk vanuit één locatie werken centraal staan. Dit komt samen in de nieuwe ontwikkeltrajecten.
In 2022 is besloten om WVS groen door te ontwikkelen naar een Publiek Groenbedrijf waarmee inwoners kans krijgen te ontwikkelen naar een betaalde baan in het groen én waarmee gemeenten invulling geven aan inclusieve werkgelegenheid voor hun eigen inwoners. Daarnaast is een nieuwe overlegstructuur georganiseerd met de besturen van de drie organisaties. De Algemeen Besturen vergaderen direct na elkaar en daarnaast wordt ook elk kwartaal een gezamenlijke bestuursvergadering gehouden. Dit wordt door de deelnemers positief ervaren omdat zo meer vanuit het geheel gestuurd wordt.
7
2.1.6 Programmatisch werken In 2021 hebben de gemeenten en het Werkplein gezamenlijk een start gemaakt met programmatisch werken. In 2022 zijn we hier gezamenlijk mee verder gegaan. In een gezamenlijk proces zijn we gekomen tot een formulering van strategische doelstellingen voor de langere termijn, indicatoren en daaraan gekoppeld de inspanningen die nodig zijn om de resultaten te bereiken. Voor 2022 zijn we tot een aanscherping van de visie en doelstellingen gekomen die goed aansluiten bij de uitdagingen waar gemeenten en Werkplein voor staan de komende jaren. Hierbij staan vijf strategische doelstellingen centraal: 1. Meer inwoners zijn zelfredzaam. 2. Meer inwoners krijgen passende ondersteuning. 3. Minder inwoners leven in armoede. 4. We werken meer samen in het sociaal domein. 5. Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners. Gedurende het jaar zijn we met elkaar in gesprek gegaan wat nodig is om bij te dragen aan de
2.1.7 Financieel De jaarrekening vertoont ten opzichte van de gewijzigde begroting 2022 een positief beeld. In totaliteit blijft een bedrag van € 1.483.198 over.
Bij bijna alle programma’s is sprake van positieve resultaten. Alleen bij programma Inkomensondersteuning is sprake van een beperkt nadelig resultaat. De rest van de resultaten worden evenals voorgaande jaren verrekend met de gemeenten (in dit geval terugbetaald). Voor een uitgebreide analyse van het resultaat verwijzen wij u naar de drie programma’s in hoofdstuk 2.2.8 en voor de bedrijfsvoeringskosten naar hoofdstuk 3 paragraaf 3. Bestemming resultaat De inburgeringsvoorzieningen worden bekostigd uit de door het Rijk beschikbaar gestelde middelen. Deze middelen worden voor een inburgeraar over drie jaar beschikbaar gesteld. De uitgaven verlopen dus ook over drie jaar. Dat betekent dat de niet bestede middelen gereserveerd dienen te worden. Dit jaar wordt er een bedrag van € 825.947 gereserveerd voor inburgeringsvoorzieningen. Die middelen zullen besteed worden aan voornamelijk leerroutes. Voor de uitvoering van de Tozo-regelingen vloeien er nog werkzaamheden voort die in 2023 uitgevoerd moeten worden. In 2021 hebben we hiervoor een bestemmingsreserve opgenomen van € 428.700 euro. In 2022 hebben we hiervan € 257.561 besteed. Het restant ad € 171.139 willen we wederom bestemmen voor de uitvoering van Tozo gereleateerde werkzaamheden in 2023. Besluit 1. Wij stellen het Algemeen Bestuur voor om het jaarverslag 2022 en de jaarrekening 2022 vast te stellen. 2.
Wij stellen het Algemeen Bestuur voor om het niet bestede budget programmakosten te verrekenen met gemeenten. 3. Wij stellen voor het voordelig resultaat bedrijfsvoeringskosten € 359.195 uit te keren aan de gemeenten. 8
4. Wij stellen voor dat het Algemeen Bestuur instemt met de begrotingsoverschrijding van programma inkomensondersteuning. 5. Wij stellen voor het resultaat van de inburgeringsvoorziening ad € 825.947 te storten in bestemmingsreserve op te nemen. 6. Wij stellen voor om het restant van de bestemde middelen voor de Tozo (€171.139) te bestemmen in 2023 en 2024.
Vastgesteld door het dagelijks en algemeen bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling ISD Werkplein Hart van West-Brabant in zijn vergadering van 25 mei 2023, Hoogachtend, Marko Does
Hoogachtend, René van Ginderen
Secretaris/Directeur
Voorzitter
2.2 Strategische doelstellingen
2.2.1 Inleiding De D6 gemeenten en het Werkplein hebben eind 2021 afgesproken om in de periode 2022 tot en met 2024 op de volgende strategische doelstellingen in te zetten: 1. 2. 3. 4. 5.
Meer inwoners zijn zelfredzaam; Meer inwoners krijgen passende ondersteuning; Minder inwoners leven in armoede; We werken meer samen in het sociaal domein; Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners.
In de volgende paragrafen laten we zien welke ontwikkelingen het Werkplein (in samenwerking met gemeenten en partners) op deze strategische doelstellingen hebben gerealiseerd.
2.2.2 Bestandsontwikkeling
9
In 2022 zien we dat het aantal uitkeringen met 1,1% gedaald is ten opzichte van december 2021.
4.100 4.000 3.900 3.800
Janu… Febr… Maart April Mei Juni Juli Augu… Sept… Okto… Nove… Dece…
Bestandsontwikkeling 2022 D6 gemeenten gemeenten gezamenlijk
We zien dat de ontwikkeling van het Werkplein bestand afwijkt ten opzichte van de landelijke lijn en de lijn met vergelijkbare organisaties. Tot oktober 2022 lijkt de tendens redelijk vergelijkbaar met de kanttekening dat het Werkplein er juist onder zit of er bovenuit steekt. Vanaf oktober lijkt er echter bij het Werkplein sprake van een licht stijgende tendens. Het is niet helemaal te verklaren waar deze afwijking in zit. We weten wel dat er het afgelopen jaar vrij veel statushouders zijn geplaatst, veel extra personeel is ingezet op de extra rijksregelingen en er veel is ingezet op de organisatieontwikkeling bij het Werkplein. Hierdoor is de doorontwikkeling van inwoners wat achtergebleven. Daarnaast speelt ook de bijstandsdichtheid in ons gebied een rol. Die is t.o.v. het landelijke gemiddelde vrij laag (Werkplein 3,8% t.o.v. landelijk 4,8%). Waarbij Zundert met 1,9 % het laagste scoort en Roosendaal met 5,2% het hoogste. Opvallend is dat alleen Roosendaal met de rijksvergoeding Buig uitkomt.
2.2.3 Strategische doelstellingen 2.2.3.1 Meer inwoners zijn zelfredzaam We streven naar zelfredzaamheid voor onze inwoners. We dragen hier op verschillende manieren aan bij. Dit kan bijvoorbeeld door uitstroom naar werk maar ook door het ontwikkelen van onze inwoners naar participatie of juist een stabiele thuissituatie. In 2022 zien we het aantal aanvragen teruglopen. Dat beeld zien we bij iedere gemeente terug. Aantal aanvragen Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert Totaal
2021 189 141 141 481 80 66 1098
2022 177 130 133 460 56 49 1005
Aantal aanvragen: 2021 vs 2022 10
Afgelopen jaar hebben we samen met Randstad het project Rise Smart (project B-unit) doorlopen. Het doel was dat inwoners met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt (doelgroep B) door een intensieve benadering door zouden stromen naar werk. Halverwege hebben Randstad en het Werkplein geconcludeerd dat de doelgroep dusdanig complex is dat maar een heel klein deel daadwerkelijk naar werk bemiddeld kon worden. In vervolg daarop is de inzet van Rise Smart breder geworden. Hierbij waren er meer mogelijkheden voor de inzet van trainingen en begeleiding. Uiteindelijk zijn 81 inwoners aangemeld voor dit project. Hiervan zijn 52 inwoners aan de slag gegaan met Rise Smart en uiteindelijk zijn 16 inwoners door dit project naar werk bemiddeld. 2.2.3.2 Meer inwoners krijgen passende ondersteuning Wij bieden onze inwoners zoveel mogelijk passende ondersteuning in hun route naar een glimlach. Eén van de doelgroepen waar het Werkplein voor werkt zijn de inwoners met een indicatie beschut werken. Iedere gemeente krijgt jaarlijks een taakstelling met daaraan gekoppeld een budget voor de plaatsing van inwoners met een beschut werken indicatie. Alle inwoners met een beschut werken indicatie die kunnen werken zijn aan het werk bij WVS of een andere werkgever.
Beschut werk Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert D6
(Rijks)Taakstelling tm 2022
Totaal plaatsingen op basis van 31 uur tm 2022
20 17 15 58 21 6 137
21 12 12 56 16 6 121
Plaatsingen tm 2022 (aantallen inwoners) Plaatsingen in 2022 (aantallen inwoners) 5 6 4 9 3 2 29
23 14 12 59 17 6 131
Tabel beschut werk; De Rijks Taakstelling rekent met 31 uur per plek. Als alle plaatsingen beschut werk in uren worden bekeken dan zijn er 121 plaatsingen gedaan (kolom 2). De kolommen 3 en 4 geven weer hoeveel inwoners er geplaatst zijn. Inwoners werken niet precies 31 uur in een beschutte werkplek waardoor het aantal plaatsingen op basis van uren niet overeenkomt met het aantal inwoners dat geplaatst is.
In paragraaf 2.2.3.5 is te zien dat het WSP ook voor andere doelgroepen passende ondersteuning biedt. Bijvoorbeeld de doelgroep garantiebanen. 2.2.3.3 Minder inwoners leven in armoede Het Werkplein voert verschillende regelingen uit die bijdragen aan het verminderen van de armoede van inwoners. In deze paragraaf geven we per regeling een toelichting. Bijzondere bijstand (exclusief energietoeslag) 2022 2021 Aantal aanvragen 5.089 5.121 Aantal toegekende 4.104 4.277 aanvragen
2020 5.100 3.918
Van de 4.104 toegekende aanvragen had 73% van de aanvragers een Werkplein-uitkering.
Collectieve zorgverzekering 1e kwartaal 2022
1e kwartaal 2021
1e kwartaal 2020 11
Aantal deelnemers
6.781
7.273
7.392
In 2022 daalde het aantal deelnemers met 186 naar 6595 op 1 november 2022. Belangrijkste redenen voor deze daling zijn: premieachterstand, overlijden en de uitgevoerde inkomenscontrole. Overig gemeentelijk minimabeleid Het gaat hierbij om tegemoetkomingen voor maatschappelijke participatie (o.a. bezoek pretpark, bioscoop, dierentuin, theater, sportbeoefening etc.), schoolkosten, vakantieactiviteit en tijdschriftenregeling. 2022 2021 2020 Aantal aanvragen 1.450 1.070 1.046 Aantal toegekende aanvragen 1.017 786 727 Aantal ambtshalve 692 724 691 continueringen Van de huishoudens die deze voorziening in 2022 hebben ontvangen had 82% een Werkplein-uitkering. Bij vier van de Werkpleingemeenten verloopt de uitvoering via een webwinkelsysteem. Inwoners krijgen dan elk kalenderjaar een winkeltegoed waarmee zij zelf producten en diensten kunnen kopen/afnemen bij de aangesloten leveranciers. In 2022 is van het totaal toegekende budget (=€ 499.274) waarvan feitelijk € 352.389 (=71%) is verbruikt. Door de opheffing van de coronamaatregelen zijn onze inwoners in 2022 weer meer gebruik gaan maken van de in onze webwinkel aangeboden participatiemiddelen. In de voorgaande jaren lag het feitelijke gebruik op respectievelijk: 66% (2021) en 64% (2020) van de toegekende budgetten. Loketfunctie aanvragen persoonlijke lening kredietbank.
In 2022 zijn nog maar 4 aanvragen ontvangen tegenover 52 in 2021. De reden hiervan is dat de De6 op 27 januari 2022 de samenwerking met Plangroep hebben opgezegd vanwege tekortschietende dienstverlening. De De6 hebben vervolgens een nieuwe samenwerkingsovereenkomst afgesloten met de Kredietbank Nederland maar maken vooralsnog geen gebruik van de mogelijkheid om persoonlijke leningen af te sluiten. Afwikkeling kinderopvangtoeslagaffaire Door de kinderopvangtoeslag (KOT)-affaire hebben gemeenten en Werkplein in 2022 een aantal extra werkzaamheden verricht. De werkzaamheden van het Werkplein bestonden uit: Controle of gedupeerden een uitkering in het kader van de Participatiewet (Pw) ontvingen. De door de Belastingdienst uitgekeerde compensatiebedragen moeten immers vrijgelaten worden bij de bijstandsverlening. Onderzoek naar recht op pauzering van de incasso en kwijtschelding van vorderingen. In 2022 heeft het Werkplein bij 6 debiteuren de incasso gepauzeerd en daarnaast is bij 16 debiteuren besloten om de openstaande (restant)vorderingen buiten invordering te stellen. Het totaal buiten invordering gestelde bedrag is € 63.032. Onderzoek naar verstrekte bijzondere bijstand in de kosten van bewindvoering. Aan een aantal gedupeerden van de KOT-affaire heeft het Werkplein in 2022 bijzondere bijstand in die kosten verstrekt.
Die bijzondere bijstand uitgaven kunnen de gemeenten vergoedt krijgen van het Rijk. Het Werkplein informeert de gemeenten nog hoe hoog die kosten zijn. De gemeenten hebben recht op Rijksvergoeding van voor de hierboven vermelde werkzaamheden en gemaakte kosten. De totale tijdsinzet van het Werkplein maakt onderdeel uit van de verantwoorde bedrijfsvoering kosten. Op grond van drie ministeriele regelingen z.g. specifieke uitkeringen (SPUK), compenseert het Rijk de Werkpleingemeenten voor de aan (mogelijk) gedupeerde ouders en hun gezinnen geleverde brede ondersteuning en voor de kwijtschelding van publieke vorderingen. De verantwoording en 12
declaratie van die kosten bij het Rijk loopt via de jaarrekening met bijbehorende Single information Single audit-systematiek (SiSa) van de werkpleingemeenten. 2.2.3.4 We werken meer samen in het sociaal domein Het afgelopen jaar heeft het Werkplein weer fors ingezet op de organisatieontwikkelingen. Eén van de doelstellingen hierbij is om meer samen te werken in het sociaal domein. Het eerste half jaar stond nog in het teken van bewustwording bij medewerkers en voorbereiding op het nieuwe werken. We hebben hier bijvoorbeeld heel bewust bij stil gestaan tijdens de serious game. Hierbij werden alle medewerkers op hun eigen manier uitgedaagd en bewust gemaakt van hun handelen in complexe (domeinoverstijgende) situaties. Aan de hand van real life casussen van onze persona’s gingen collega’s met elkaar in gesprek over hoe te handelen maar kwam er ook feedback van de acteurs. Dit heeft zeker bijgedragen aan de bewustwording van de route naar het nieuwe Werkplein en daarmee de glimlach voor onze inwoners. Vanaf oktober is er hard gewerkt aan het meer lokaal werken in de zes gemeenten. De gebiedsverbinders zijn gestart en zijn de praktische verbinders tussen het Werkplein en de werkgebieden en gemeenten. We zien dat onze collega’s steeds meer uitvliegen over de werkgebieden. Maar merken ook dat dit tijd nodig heeft, zowel voor Werkplein als gemeenten.
Nog niet overal zijn de faciliteiten op orde en is het nog wennen om daadwerkelijk de stap te zetten. Maar op de locaties waar het gebeurt en waar collega’s van het Werkplein en gemeenten elkaar weten te vinden wordt de samenwerking zoveel laagdrempeliger. Het begin is er en dat willen we vasthouden! 2.2.3.5 Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners WSP 2022 2021
D6 507 537
Het aantal gerealiseerde plaatsingen per jaar
Het totaal aantal plaatsingen in 2022 was lager dan een jaar eerder. We zien dat er minder beweging in het bestand zit als gevolg van de nasleep van corona, de organisatieontwikkeling en verschoven prioriteiten binnen het Werkplein het afgelopen jaar. Maar ook doordat de inwoners die bij het Werkplein terecht komen vaak een complexere hulpvraag hebben waardoor mensen niet (meteen) naar werk bemiddeld kunnen worden. In 2022 heeft het WSP in het tweede kwartaal een rol gespeeld in de bemiddeling van Oekraïense vluchtelingen naar werk. Naast de bemiddeling kwamen veel praktische vragen bij WSP-medewerkers terecht. De aandacht voor deze doelgroep ging ten koste van de bemiddeling van de reguliere doelgroep bij het Werkplein. Als gevolg hiervan is rond de zomer besloten om de ondersteuning van de Oekraïense vluchtelingen te laten vallen. De gemeenten hebben dit zelf ingericht. Om de dienstverlening aan werkgevers en onze inwoners te verstevigen werken we sinds afgelopen jaar met een nieuw CRM-systeem. Met dit werkgeversvolgsysteem kunnen beter zien wat we doen bij welke werkgever. Voor een zo optimaal mogelijke samenwerking beogen we 1 aanspreekpunt per werkgever/organisatie.
13
Cirkeldiagram; aantal plaatsingen per doelgroep 2022
Grafiek; Aantal plaatsingen per gemeente t.o.v. totaal aantal plaatsingen WSP in 2022
2.2.4 Wat mag het kosten? Programma Werk en Participatie De inzet binnen het programma Werk en Participatie is zowel gefinancierd vanuit de reguliere begroting (qua personele inzet) als vanuit de re-integratiemiddelen binnen het participatiebudget. De reintegratiemiddelen zijn in de kern middelen die het Werkplein heeft ingezet om de re-integratie van inwoners te versnellen, te bevorderen dan wel mogelijk te maken. Het Rijk maakt een verdeling tussen de beschikbare middelen; klassieke bijstand en nieuw Wajong en nieuw Begeleiding. In 2022 waren de totale kosten minus baten van re-integratie activiteiten € 4.552.261. Dat is € 389.094 minder dan de gewijzigde begroting.
14
Tabel: Programma Werk en Participatie 2022
Verschillenanalyse In totaliteit is er een bedrag van € 5.010.011 in 2022 ingezet voor re-integratie activiteiten. Dat is € 389.094 minder dan begroot. Inhuur klantmanagers (nadelig € 50.900) De inhuurkosten waren in 2022 hoger dan begroot. Het plaatsingsproces heeft langer geduurd waardoor sommige klantmanagers langer zijn ingehuurd dan voorzien was. Daarnaast zijn ook de inhuurtarieven van de recente inhuur hoger dan gebruikelijk. Individuele trajecten / Maatwerk (nadelig € 101.711) Naar aanleiding van de jaarrekening 2021 is dit budget tussentijds naar beneden bijgesteld. Uiteindelijk is er toch meer ingezet dan verwacht. De kosten voor scholing en activering zijn in 2022 verdubbeld ten opzichte van 2021 (€ 157.000 naar € 304.000). Ook zijn er meer loonwaardemetingen door UWV uitgevoerd dan verwacht.
15
Leerwerktrajecten WVS (voordelig € 64.695) Minder leerwerktrajecten bij de WVS ingezet dan vooraf begroot. Dit komt door de nasleep van de coronabeperkingen, de organisatieontwikkelingen en de uitvoering van tijdelijke regelingen bij het Werkplein is de ontwikkeling van inwoners achtergebleven bij de verwachtingen. Proeftuinen ketensamenwerking ( voordelig € 40.167) De kosten voor de inhuur van de projectleider ketensamenwerking zijn lager uitgevallen omdat de projectleider in het laatste kwartaal van 2022 niet meer ingezet was. Extra inzet fraudepreventie (nadelig € 73.843) Het betreft hier inhuur van medewerkers. De kosten van 1 fte waren eerder bij de reguliere bedrijfsvoeringskosten van terugvordering en verhaal geboekt. De lagere tussentijdse bijstelling van de begroting was derhalve niet terecht. Beschut werken (voordelig € 76.368) Het gaat hier om de begeleidingsvergoeding die per beschut werken wordt betaald. Tov 2021 zijn meer inwoners gestart op een beschutte werkplek. Derhalve zijn de kosten gestegen tov 2021 maar iets lager dan eerder begroot. Loonwaardemetingen (voordelig € 36.206) Het aantal loonwaardemetingen zijn toegenomen. Onder deze kostenpost vallen echter alleen de metingen via WVS. WVS kon niet alle metingen uitvoeren waardoor er meer metingen uitgevoerd zijn door het UWV. Hierdoor valt deze post lager uit dan begroot.
Intensivering nazorg (voordelig € 51.657) Vanwege andere prioriteiten (uitvoering extra regelingen etc.) is hier in 2022 niet op ingezet. In 2023 wordt dit verder opgepakt. Klantmanagers (Garantiebanen) (voordelig € 61.360 Er is vanwege wisseling van personeel uiteindelijk minder personeel inzet geweest op Garantiebanen. Stelpost WVS (voordelig € 310.910) In de derde begrotingswijziging is de raming voor leerwerktrajecten met € 310.910 verlaagd. Dit betekent dat bij WVS een nadeel van dit bedrag zal ontstaan vanwege lagere inkomsten vanuit het Werkplein. Het resultaaat van € 310.910 dat nu overblijft blijft voor gemeenten beschikbaar ter dekking van de lagere baten WVS. Notitie bestandsbeheersing (voordelig € 8.533) Onder deze post zijn extra klantmanagers ingehuurd om het reguliere werk zoveel mogelijk te laten doorlopen. Vanwege de tijdelijke regelingen hebben medewerkers tijdelijk ander werk gedaan waardoor het reguliere werk bleef liggen. In afstemming met gemeenten is hiervoor gekozen. Er was geen ruimte om daarnaast nog in te zetten op de extra maatregelen in de notitie bestandsbeheersing. Programma Inkomen Onze inzet binnen het programma Inkomen wordt zowel gefinancierd vanuit de reguliere begroting (qua personele inzet) als vanuit de BUIG-middelen. Deze laatste kosten worden 1- op-1 op klantniveau verrekend met de gemeenten waarvoor deze kosten gemaakt worden c.q.
wiens inwoners het betreffen. De besteding van het budget over 2022 waarover het Werkplein kon beschikken is weergegeven in onderstaande tabel.
16
Tabel: Programma Inkomen 2022
Verschillenanalyse in hoofdlijnen Het programma inkomen valt in zijn geheel iets lager uit dan de gewijzigde begroting 2022. Gerekend werd met een daling van 1,3%, dat is uiteindelijk 1,1% geworden. Doordat de daling tot september circa 1,8% was en pas vanaf oktober vanwege de instroom van statushouders het bestand weer iets opliep zijn de kosten lager uitgevallen dan begroot. Participatiewet Buig (€ - 319.804) In de gewijzigde begroting is gerekend met een afname van het bestand met 1,3%. Uiteindelijk is het uitkeringsbestand over 2022 met 1,1% gedaald. Dat is een iets minder positieve ontwikkeling dan voorzien. De verklaring hiervoor is te vinden in de instroom vanaf juli van 90 statushouders. Omdat eerder de daling boven de 1,3% zat vallen de kosten nog iets positiever uit dan in de eerdere gewijzigde begroting van 2022. BBZ (€ -131.045) In de gewijzigde begroting zijn we ervan uitgegaan dat deze kosten hoger zouden uitvallen dan het vorige jaar. Bij de BBZ is de verklaring voor de hogere uitgaven te vinden in het stopzetten van de Tozo-regeling. Per 1 oktober 2021 is de Tozo-regeling gestopt en zijn de voorwaarden van de BBZ versoepeld. Deze kosten zijn met name te vinden in de eerste drie maanden van 2022. Daarna is de versoepelde regeling gestopt. IOAW / IOAZ (€ -81.735) IOAW en IOAZ laten een dalende lijn zien in 2022.
Gezien de specifieke aard van de regeling weten we dat deze kosten jaarlijks zullen afnemen. Eén van de voorwaarden bij de IOAW is bijvoorbeeld dat iemand geboren moet zijn voor 1965 en tussen zijn 50e en 60e werkloos is geraakt. Die groep wordt steeds kleiner. Het is altijd lastig in te schatten hoe deze kosten zich ontwikkelen. 17
Onderzoeks- en advieskosten BBZ (€ -100.217) We zien de kosten voor de BBZ stijgen. Daardoor zou je verwachten dat de onderzoeks- en advieskosten ook stijgen. Voor een aanvraag BBZ wordt vaak een levensvatbaarheidsonderzoek uitgevoegd. De kosten BBZ stijgen echter door gebruik van de versoepelde BBZ in de eerste drie maanden van 2022. Deze regeling was een verkapte verlenging van de Tozo. Voor de versoepelde BBZ hebben we specifieke afspraken gemaakt over het toepassen van een levensvatbaarheidsonderzoek. Dit onderzoek was niet in alle gevallen nodig. Waar het wel nodig was, zijn prijsafspraken gemaakt. Daardoor zien we dat de onderzoek- en advieskosten niet meestijgen met de uitgaven Bbz. Loonkostensubsidie (€ -104.386) Het aandeel loonkostensubsidie valt hoog uit. Enerzijds vanwege de taakstellingen met betrekking tot beschut werk anderzijds vanwege het groeiende aantal garantiebanen. Dit is het gevolg van de uitvoering van de doelstelling en gemaakte afspraken met de gemeenten. Dit bedrag wordt ieder jaar hoger omdat er jaarlijks meer mensen geplaatst worden. Baten debiteuren BBZ (€ - 98.898) De Bbz wordt meestal in de vorm van een lening verstrekt waarna achteraf wordt vastgesteld of het inkomen onder de jaarnorm is geweest. In de eerste drie maanden van 2022 heeft het Werkplein uitvoering gegeven aan de versoepelde Bbz. Dit lag in het verlengde van de Tozo-regeling.
Deze Bbz-uitkeringen zijn direct om niet gezet. Daarom zien we in 2022 een negatieve baten debiteuren. Vangnetregeling Het Buig-budget wordt landelijk vastgesteld. Hieronder zijn de werkelijke uitgaven op het Buig-budget ten opzichte van het rijksbudget 2022 weergegeven. Zoals te zien, is door de Rijksoverheid een Buig-budget beschikbaar gesteld van ca. € 59,8 miljoen. De werkelijke uitgaven bedragen ca. € 58,7 miljoen. De werkelijke uitgaven liggen € 1.091.540 lager. De uitgaven van de meeste gemeenten komen echter boven het Buig-budget uit. Alleen Roosendaal heeft een overschot op de uitgaven BUIG. Voor alle gemeenten in totaal blijft dit 1,9% onder het rijksbudget. Om voor de vangnetregeling in aanmerking te komen moet het tekort over 2022 meer bedragen dan 7,5%. Daarnaast moet het tekort over de afgelopen drie jaar 7,5% bedragen. Hieraan voldoet geen van de deelnemende gemeenten.
Tabel: Uitgaven Buig per gemeente versus Rijksbudget 2022
Vanaf 2022 geldt voor de loonkostensubsidie een andere vorm van bekostiging. De uitgaven worden op basis van realisaties (macro) vergoed. Binnen de beschikbare rijksbudget zit nog ruimte om dit instrument meer in te zetten.
18
Tabel: Uitgaven loonkostensubsidie per gemeente versus Rijksbudget 2022
Tozo (Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers) De Tozo-regeling is gestopt per oktober 2021. De komende jaren zal dit nog terug komen in de jaarrekening. De regeling bestond uit twee delen, te weten de uitkering voor levensonderhoud die om niet verstrekt is. Hoewel de regeling per oktober 2021 is geëindigd, zijn er in 2022 nog betalingen verricht voor de uitkeringen levensonderhoud. Dit kan bijvoorbeeld zijn omdat er een bezwaarprocedure liep waardoor er een nabetaling heeft plaatsgevonden. Daarnaast zijn er ook mensen geweest die de uitkering ten onrechte hebben ontvangen en deze nog moeten terugbetalen. Het tweede deel van de Tozo-regeling bestond uit een bedrijfskapitaal van maximaal € 10.157,00. Sinds juli 2022 moeten ongeveer 200 ondernemers aflossen op dat bedrijfskapitaal. Een groot deel van die ondernemers doet dit inmiddels ook. Met andere ondernemers proberen we nog in gesprek te komen voor een betalingsregeling. De kosten van de Tozo-regeling zijn aan de voorkant volledig afgedekt door het Rijk. Eventuele terugvorderingen vloeien op het moment van ontvangst ook weer terug naar het Rijk. Er is dus geen risico voor de deelnemende gemeenten. TOZO
Jaarrekening 2021
Begroting 2022 na wijziging 2022
Jaarrekening 2022
Verschil
Tozo om niet
6.503.235
25.000
18.545
-6.455
Totaal lasten
6.503.235
25.000
18.545
-6.455
Tozo Opbrengst wegens terugvordering
1.618.527
1.970.000
1.115.721
-854.279
-134
15.336
15.470
Lasten
Tozo Opbrengst bedrijfskapitaal Correctie ontvangen rente Tozo 1, 2 en 3 in 2020*
16.040
Totaal baten
1.634.567
1.969.866
1.131.056
-838.810
Saldo van lasten en baten
4.868.669
-1.944.866
-1.112.511
832.355
Etten-Leur
792.003
-346.000
-266.142
79.858
Halderberge
523.793
-248.000
-124.489
123.511
Moerdijk
743.781
-312.927
-167.170
145.758
Roosendaal
1.613.248
-563.938
-280.279
283.660
Rucphen
569.033
-207.000
-136.073
70.927
Zundert
626.812
-267.000
-138.359
128.641
4.868.669
-1.944.866
-1.112.511
832.355
Bijdragen gemeenten
Totaal bijdragen gemeenten
19
Leefgeld Oekraïners Met vier van de deelnemende gemeenten heeft het Werkplein afgesproken om de betalingen te verrichten voor de leefgeldregeling voor Oekraïners. Het Werkplein doet alleen de betalingen, de deelnemende gemeenten nemen zelf de besluiten op de aanvraag. Op basis van die besluiten wordt het geld overgemaakt. Hieronder staat de hoogte van de betalingen per gemeente. Door de gemeenten worden de bedragen voor het leefgeld en uitvoering aan het Werkplein vergoed. De uitvoeringskosten zijn in de kosten bedrijfsvoering, paragraaf 3.3, verantwoord.
Programma inkomensondersteuning Onze inzet binnen het programma inkomensondersteuning wordt zowel gefinancierd vanuit de reguliere exploitatiebegroting (personele inzet) en gemeentelijke budgetten (programma). Deze laatste kosten worden 1-op-1 verrekend met de gemeenten waarvoor deze kosten worden gemaakt. Het door de gemeenten aan het Werkplein ter beschikking gestelde budget voor 2022, alsmede de ten laste van dat budget gebrachte uitgaven 2022 zijn weergegeven in onderstaande tabel.
Tabel: Programma Inkomensondersteuning 2022
20
Verschillenanalyse in hoofdlijnen Het verschil tussen de gewijzigde begroting 2022 en de jaarrekening 2022 bedraagt € 270.358. Bijzondere bijstand (€ 270.313) Meerdere kostensoorten bijzondere bijstand zijn in 2022 gestegen ten opzichte van 2021. De twee kostensoorten die er qua stijging uitspringen zijn: kosten voor bewindvoering en individuele inkomenstoeslag. De kosten voor bewindvoering 2022 bedroegen € 2.340.247 (=stijging t.o.v. 2021: € 145.384). De uitgaven individuele inkomenstoeslag bedroegen € 1.102.390,15 (=stijging van € 43.958). Collectieve zorgverzekering (- € 7.114) De jaaruitgaven voor de gemeentelijke premiebijdrage wijken nauwelijks af van de begroting. Overig gemeentelijke minimabeleid (€ 112.905) Op basis van de werkelijke uitgaven 1e halfjaar 2021 en 1e halfjaar 2022 is na de 2e Berap 2022 de begroting neerwaarts bijgesteld. Door de coronabeperkende maatregelen in 2021 en begin 2022 konden mensen immers minder maatschappelijk participeren. Pretparken, dierentuinen, bioscopen e.d. waren beperkter open en/of er waren restricties wat betreft het aantal te ontvangen bezoekers. Medio 2022 werd nog rekening gehouden met een nieuwe opleving van corona in het najaar 2022. Gelukkig bleef zo'n nieuwe coronagolf uit. Daardoor is er in 2022 € 71.200 meer besteed in de webwinkel dan in het jaar 2021.
In overleg met de gemeenten is in de 2e helft 2022 ook nog besloten om een nieuw webwinkelsysteem aan te schaffen. Reden: de leverancier van de (oude) webwinkel stopte per 1 januari 2023 met het onderhoud. De aanschaf- en implementatiekosten hiervan bedroegen € 76.000 excl. btw. Energietoeslag Eind 2021 heeft het kabinet besloten om een energietoeslag te verstrekken aan inwoners met een laag inkomen. Op dat moment was er al sprake van stijgende energietarieven. Deze stijging is in een stroomversnelling gekomen door de oorlog in Oekraïne. Halverwege april 2022 is het Werkplein begonnen met de uitvoering. Hierbij is uitgegaan van een potentiële doelgroep van ongeveer 11.000 inwoners verdeeld over de diverse gemeenten. Impact en bereik per gemeente In het jaar 2022 heeft het Werkplein in totaal 5.089 aanvragen bijzondere bijstand afgehandeld. Dit is ongeveer gelijk aan het aantal aanvragen bijzondere bijstand in 2021 (5.241). Daar bovenop zijn er in 2022 nog 6.523 aanvragen energietoeslag behandeld. Dit is dus meer dan een verdubbeling van het totale aantal aanvragen bijzondere bijstand boven op de reguliere werkzaamheden. In de onderstaande tabel staat het aantal verstrekte energietoeslagen per gemeente. Het potentiële aantal huishoudens is gebaseerd op informatie van het CBS. Het aantal verstrekte energietoeslagen is de stand per 31 december 2022.
Ook in 2023 kan de energietoeslag voor het jaar 2022 nog worden aangevraagd tot 1 april 2023. Het totaal aantal verstrekt is de optelsom van ambtshalve toekenningen, verkorte aanvragen en lange aanvragen.
Gemeente
Potentiële doelgroep
Verstrekt
Bereik in procenten
Etten-Leur
1900
1.861
98%
Halderberge
1300
1.234
95%
Moerdijk
1600
1.360
85%
Roosendaal
4300
4.054
94%
Rucphen
1100
1.050
95%
Zundert
700
772
110%
Werkplein
10900
10.331
95%
Aantal verstrekte energietoeslagen per 31 december 2022 21
Een aantal gemeenten heeft eind 2022 de keuze gemaakt om ook een energietoeslag te verstrekken aan inwoners met een inkomen tussen de 120% en de 130%. Die aantallen staan hieronder. Het lagere bereik komt doordat pas eind 2022 de aanvraag kon worden ingediend. De verwachting is dat dit percentage in het eerste kwartaal van 2023 nog zal oplopen. Gemeente
Potentiële doelgroep
Verstrekt
Bereikt in procenten
Etten-Leur
400
106
27%
Moerdijk
400
77
19%
Roosendaal 900 161 Aantal verstrekte energietoeslagen 120% - 130% per 31 december 2022
18%
Wat mag het kosten? Hieronder staan de kosten per gemeente uitgesplitst. De uitvoeringskosten vallen iets hoger uit dan geraamd. Voor het afhandelen van de aanvragen heeft het Werkplein extern personeel moeten werven. Gezien de huidige schaarste op de arbeidsmarkt, gebeurt dit tegen relatief hoge tarieven. Dit is een trend die de afgelopen jaren is ingezet, sinds de gemeenten worden belast met de uitvoering van tijdelijke regelingen.
De uitvoeringskosten zijn in de kosten bedrijfsvoering, paragraaf 3.3, verantwoord. Project ondersteuning slachtoffers kinderopvangtoeslag Roosendaal
In dit project werken meerdere organisaties in het sociaal domein (o.a. gemeente Roosendaal – MEE – Traverse – Alwel) samen. Doel: proberen om het beschaamde vertrouwen van de KOT-gedupeerden in de overheid te herstellen en hen te adviseren/ondersteunen welke (financiële) hulp er beschikbaar is.
22
Programma inburgering Onze inzet binnen het Programma Inburgering wordt gefinancierd vanuit een bijdrage vanuit de zes deelnemende gemeenten. Deze bijdrage behelst het doorsluizen van de vergoedingen die van het Rijk voor de uitvoering van de Wet inburgering worden verstrekt. Het benodigde budget waarover het Werkplein moet beschikken, is weergegeven in onderstaande tabel. Programma Inburgering
Begroting 2022 na wijziging
Jaarrekening 2022
Verschil
Lasten Inburgeringsvoorzieningen Leerroutes Arbeid en begeleiding Arbeid en begeleiding gezinsmigranten Tekort inburgeringsvoorzieningen Totaal inburgeringsvoorzieningen
€ 1.052.317 € 365.145 € 28.838 -€ 1.634 € 1.444.666
€ 5.031 € 547.000 € 250
-1.047.286 181.855 -28.588 1.634 -892.385
Uitvoeringskosten Loonkosten Welkomsprogramma Financieel ontzorgen Overige personeelskosten Huisvestingskosten ICT systeem en voorzieningen Facilitaire kosten Communicatie Meetinstrument kwaliteit Overige kosten en onvoorzien Totaal uitvoeringskosten
€ 689.017 € 111.600 € 79.773 € 28.629 € 37.082 € 44.038 € 10.120 € 13.000 € 15.000 -€ 291.995 € 736.264
€ 385.239
-330.654 -111.600 -78.194 -24.648 -37.082 -37.299 4.457 -13.000 -15.000 291.995 -351.025
€ 2.180.930
€ 937.520
€ -1.243.410
€ 416.536 € 277.670 € 341.255 € 741.261 € 206.947 € 197.260 € 2.180.930
€ 424.540 € 321.354 € 305.624 € 444.526 € 137.528 € 129.895 € 1.763.467 € 825.947
8.004 43.684 -35.631 -296.735 -69.419 -67.365 -417.463 825.947
Saldo van lasten en baten Bijdragen gemeenten Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert Totaal bijdragen gemeenten Resultaat (te bestemmen)
Jaarrekening 2021
€ 552.281
€ 358.363 € 1.579 € 3.981 € 6.739 € 14.577
Tabel: Programma Inburgering 2022
Verschillenanalyse in hoofdlijnen De inburgeringsvoorzieningen worden bekostigd uit de door het Rijk beschikbaar gestelde middelen. Deze middelen worden voor een inburgeraar over drie jaar beschikbaar gesteld. De uitgaven verlopen dus ook over drie jaar. Dat betekent dat de niet bestede middelen gereserveerd dienen te worden. Dit jaar wordt er een bedrag van € 825.947 gereserveerd voor inburgeringsvoorzieningen. Die middelen zullen besteed worden aan voornamelijk leerroutes. Leerroutes (€ 1.047.286 voordelig) Nog niet voor alle inburgeraars is er een leerroute ingezet en zijn er nog geen kosten gemaakt in taalaanbod en participatie-activiteiten. Deze kosten zullen op een later moment worden gemaakt. Arbeid- en begeleiding statushouders (€ 181.855 nadelig) Dit betreft de maatschappelijke begeleiding door Vluchtelingenwerk en het participatie verklaringstraject. In 2022 zijn door Vluchtelingenwerk 215 inburgeraars begeleid. De instroom volgens de Wet inburgering in 2022 betrof 158 asielmigranten en 37 gezins- en overige migranten. Dit betekent dat circa 57 23
statushouders/inburgeraars zijn begeleid die nog onder de oude Wet vielen. De kosten daarvan bedroegen € 110.808. Deze kosten zijn verantwoord binnen de inburgeringsvoorzieningen. Daarnaast zijn er kosten gemaakt door Vluchtelingenwerk voor juridisch spreekuur, taakstelling huisvesting en taalcoaching. De kosten ad € 82.600 vallen niet onder inburgering en zijn apart bij gemeenten in rekening gebracht. Arbeid- en begeleiding gezinsmigranten (€ 28.588 voordelig) Voor deze groep inwoners is nog weinig aanbod in het participatieverklaringstraject (PVT) en in de Module Arbeidsmarkt en participatie (MAP) gedaan. Deze kosten zullen op een later moment worden gemaakt. Loonkosten (€ 330.654 voordelig) In de begroting is rekening gehouden met een capaciteit van 6,3 fte regiehouders. In de praktijk is er 3 fte ingezet waarvan we enkele maanden vacatureruimte hebben gehad. Welkomstprogramma (€ 111.600 voordelig) De inzet van het welkomstprogramma behoeft nog verdere aandacht. Deze kosten zullen op een later moment worden gemaakt. Financieel ontzorgen (€ 78.194 voordelig) Er wordt niet meer ingezet op het financieel ontzorgen van inburgeraars via de Kredietbank Nederland. Het heeft weinig toegevoegde waarde en inburgeraars komen er juist door in de problemen. We leveren maatwerk op dit gebied en in het financieel zelfredzaam maken van inburgeraars.
Overige uitvoeringskosten (€ 169.423 nadelig) Bij de invoering is een inschatting gemaakt van de kosten zoals huisvesting, ict kosten, facilitaire kosten, communicatie e.d. Omdat het personeel uit de eigen organisatie zijn ingezet zijn geen separate kosten meer aan inburgering toegerekend. Inmiddels is ook afgesproken om de uitvoeringskosten (dus personeel en overige kosten) te integreren in de bedrijfsvoering van het Werkplein. Ondertussengroep Er is een groep statushouders vlak voor of tijdens de coronapandemie ingestroomd en is achteruit gegaan in hun taalbeheersing en participatie. Zij kunnen stappen maken als zij hierin intensief ondersteund worden. Er wordt een intensieve aanpak ingezet voor circa 80 tot 120 statushouders die vallen onder de oude Wet inburgering, oftewel de ondertussengroep. Het doel was het verhogen van participatie en deelname aan de maatschappij. De aanpak heeft zijn resultaat opgeleverd. 13 inwoners zijn uitgestroomd naar parttime werk en 2 zijn volledig uitgestroomd. 2 inwoners zijn gestart met een opleiding en 6 met een stage. Andere participatie-activiteiten die ingezet zijn, zijn: 8 inwoners aan de slag gegaan met het sportprogramma, 8 via Werkplein Actief, 13 met vrijwilligerswerk, 4 met een traject bij Kringloper, 6 met fietslessen, 15 met extra taalondersteuning, 1 in een leerwerktraject bij WVS en 1 met het Logistiek paspoort.
Daarnaast is er meer contact met interculturele zorg en meer zicht op de voortgang inburgering. Er is veel praktische ondersteuning geboden bij praktische zaken. Het netwerk is uitgebreid waardoor er een beter vangnet gevormd wordt voor de statushouder.
24
2.3 Algemene dekkingsmiddelen Vanuit het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is voorgeschreven inzicht te geven in de algemene dekkingsmiddelen. Onder algemene dekkingsmiddelen wordt verstaan die middelen die niet aan een programma toegeschreven kunnen worden en algemeen inzetbaar zijn. De algemene dekkingsmiddelen bestaan uit de bijdragen van de deelnemende gemeenten in de uitvoeringskosten. Deze kosten worden omgeslagen naar de deelnemende gemeenten, via een in de begroting vastgesteld percentage.