4. Jaarstukken 2020 VRMWB.pdf
Tekst van het document
28
Jaarstukken 2020
Daarna is de selectie gemaakt binnen gebouwbranden naar het soort gebouw. Dat levert onderstaande weergave op.
29
Jaarstukken 2020
Het verloop van het aantal incidenten in de loop der jaren is te zien in onderstaande tabel. Ten opzichte van 2019 waren er over heel 2020 ruim 6% meer incidenten.
Vrijwilligers Het aantal vrijwilligers is opgenomen in onderstaande tabel. In het dekkings- en spreidingsplan van de brandweer is een formatie opgenomen van 1.312 vrijwilligers. We opereren dus al enkele jaren regiobreed met ruim 4% minder vrijwilligers dan de sterkte volgens het dekkingsplan. Dit kan doorwerken op de belasting van de vrijwilliger en op opkomsttijden. De inzet van VRMWB, met name de start van het Bureau Vrijwilligheid per 2021, is er dan ook op gericht om een brede aanpak te ontwikkelen die er op gericht is vrijwilligers te vinden te binden en te boeien.
30
Jaarstukken 2020
Realisatie 2019
Begroting 2020
Realisatie 2020
Repressie Aantal vrijwilligers Aantal beroeps
1.259 220
1.322 -
1.259 216
Vakbekwaam worden en zijn Opkomstpercentage vrijwilligers bij oefenen Opkomstpercentage vrijwilligers bij alarm
76% 47%
60% 30%
77%* 48%*
-
4,50 min 1,50 min
-** -**
Multidisciplinair Aantal opleiden/trainen/oefenen Aantal deelnemers opleiden/trainen/oefenen Aantal Grip-situaties
28 1.170 14
25 1.200 0
% geëvalueerde GRIP-2 situaties
90%
100%
20*** 400*** 11 (incl. Covid19) 100%
100-150 sec.
-
100-150 sec.
69
-
69
98 8 10 37 19 151
-
98 8 10 36 18 146
Uitruktijd 1e tankautospuit Vrijwilligers Beroeps
Meldkamer Gemiddelde verwerkingstijd van incidenten voor meldkamer Techniek, facilitair en logistiek Aantal kazernes Aantal voertuigen: Tankautospuiten Redvoertuigen Hulpverleningsvoertuigen Overige grote voertuigen Piketvoertuigen Dienstvoertuigen en busjes
* Vanwege corona waren onze vrijwilligers ook overdag meer thuis en scoort het opkomstpercentage zowel bij oefenen als bij alarmeringen aanzienlijk hoger. ** De uitruktijd vormt samen met de meldingstijd en rijtijd de opkomsttijd van de brandweer. Op de opkomsttijd in totaal wordt gestuurd. Omdat we in de overgang zitten naar gebiedsgerichte opkomsttijden, is er in deze jaarrekening al voor gekozen om de uitruktijden niet meer te rapporteren. Ook de evaluatie Wet veiligheidsregio’s onderschrijft dat er anders met de opkomsttijd van de brandweer omgegaan dient te worden. *** Vanwege corona is het oefenen en opleiden grotendeels stil komen te liggen.
31
Jaarstukken 2020
Financieel overzicht Weergave van de kosten voor het leveren van een hulpvaardige en slagvaardige inzet: Leveren van een hulpvaardige en slagvaardige inzet (bedragen x € 1.000)
32
Begroting Begroting 2020 Primair 2020 Definitief
Lasten Baten
€ €
55.752 -3.051
€ €
56.766 -55.108
Rekening Verschil 2020 (begroting -/rekening) € 60.354 € -3.588 € -61.227 € 6.119
Lasten overhead Baten overhead
€ €
4.310 -
€ €
4.361 -4.361
€ €
4.074 -4.477
€ €
288 115
Algemene dekkingsmiddelen Vennootschapsbelasting
€ €
-
€ €
-
€ €
-
€ €
-
Gerealiseerde totaal saldo van lasten en baten
€
57.010
€
1.658
€
-1.276
€
2.934
Onttrekking aan reserves Toevoegingen aan reserves
€ €
-8.562 7.170
€ €
-8.218 6.560
€ €
-7.911 6.560
€ €
-308 -
Gerealiseerde resultaat
€
55.618
€
-
€
-2.627
€
2.627
Jaarstukken 2020
2.5 Wendbare en duurzame organisatie Inleiding Samen werken we aan veiligheid en veerkracht. Dit doen we langs de drie pijlers met als basis een wendbare en duurzame organisatie. We voeren onze veiligheidstaken tegen zo laag mogelijke maatschappelijke kosten uit. We werken samen, zijn duurzaam, werken informatie gestuurd en organiseren onszelf wendbaar. We zijn trots en doen ons werk vol passie. Wat willen we bereiken
Wat hebben we gerealiseerd
We willen ons zo organiseren dat we gemakkelijk kunnen inspelen op veranderingen, ons snel kunnen aanpassen aan nieuwe situaties en flexibel kunnen omgaan met prioriteiten en doelstellingen.
Organisatieontwikkeling De hoofdstructuur is op 1 juli 2020. in werking getreden. Het bijbehorende organisatiebesluit en het ondermandaat zijn vastgesteld. De hoofdstructuur is verder uitgewerkt in een fijnstructuur die op 1 januari 2021 in werking is getreden. Het ondermandaat voor de fijnstructuur is in januari 2021 vastgesteld. Verbeteren stuurbaarheid en adaptiviteit We hebben de contacten met de bestuursadviseurs versterkt waardoor de voorbereiding op de bestuursvergaderingen is verbeterd. Sinds juli 2020 is gestart met een online vragenuurtje voor de adviseurs van de AB-leden om hen voorafgaand aan de vergadering de kans te geven vragen te stellen en opmerkingen mee te geven. We hebben een proces ingericht om de beantwoording van raadsvragen te bespoedigen en meer grip te krijgen op het proces en de inhoud van de beantwoording. In september 2020 vonden bijeenkomsten plaats met onze gemeenten, met het oog op het vergroten van de transparantie en sturingsmogelijkheden. Dit krijgt in 2021 een vervolg. In het licht van bezuinigingen is het essentieel om met elkaar gedegen te onderzoeken welke mogelijke extra bezuiniging scenario’s er zijn en welke gevolgen die hebben voor zowel VRMWB als gemeenten. De rapportagecyclus is aangepast, waardoor er periodiek in het bestuur over de voortgang wordt gerapporteerd.
We beschikken over dashboards met operationele-, financiële- en personele prestaties, wat leidt tot beter inzicht in de ontwikkelingen van de bedrijfsvoering. De personeelsprocessen zijn geoptimaliseerd en vervolgens uitgeschreven in tekst en stroomschema's. Waar mogelijk gedigitaliseerd. Het proces voor de strategische omgevingsanalyse is opgesteld. In 2021 wordt hier uitvoering aan gegeven door o.a. expertteams trends en ontwikkelingen te laten volgen en de effecten op onze strategie in beeld te brengen. De processen rondom inkopen en aanbestedingen en de toetsing van de rechtmatigheid zijn verbeterd. Tijdens de interim-controle heeft de accountant dit ook vastgesteld. Activiteiten die zijn ondernomen: Herzien van het bestaande inkoop- en aanbestedingsbeleid en het daaraan gekoppelde inkoopproces. Deze wordt bestuurlijk vastgesteld in 2021. − Door de spendanalyse van de afdeling Inkoop is beter zicht op inkoop en aanbestedingen binnen de organisatie en wordt integraal getoetst op rechtmatigheid. Door dit periodiek te doen wordt de rechtmatigheid op
33
Jaarstukken 2020
aanbesteden beter geborgd. We beschikken over een goed georganiseerde en betrouwbare informatievoorziening die het mogelijk maakt een effectieve organisatie te zijn en intensief samen te werken met onze partners op basis van betrouwbare, actuele en volledige informatie.
Informatiegestuurde veiligheid Dit spoor richt zich op het versterken van de samenwerking en gegevensuitwisseling tussen de veiligheidsregio en haar partners. Samen met de GGD is de eerste versie van de veiligheidsmonitor ‘district Markiezaten’ ontwikkeld. Inmiddels is de monitor voor de districten Baronie en Hart van Brabant in ontwikkeling. In het ‘Fieldlab Zuid 6’ werken de zes zuidelijke veiligheidsregio’s aan een gezamenlijk datafundament, analyse en monitoring. Begin 2020 zijn de Belastingdienst West-Brabant, GGD West-Brabant, OMWB, Waterschap Brabantse Delta en Veiligheidsregio MWB gezamenlijk gestart met datauitwisseling en ontwikkeling van informatieproducten. Op dit moment ontwikkelen we een gezamenlijk monitor voor klimaateffecten. De GHOR heeft in de coronacrisis samen met alle partners in de zorgketen als 1e in Nederland diverse dashboards ontwikkeld. Daarnaast heeft de GHOR voor het RONAZ een platform gebouwd voor informatiedeling tussen zorgpartners. Voor de extra zorgcapaciteit buiten de ziekenhuizen is een prognosemodel ontwikkeld. Er wordt aangesloten op landelijke initiatieven rond het thema ‘samen slimmer met data’. Denk hierbij aan de realisatie van een landelijke Business Intelligence voorziening (incidentdata) en eigen CBS brandweerstatistieken.
Operationele informatievoorziening Voor het verbeteren en optimaliseren van betrouwbare en actuele informatie bij een inzet: Is de aanbesteding afgerond voor het optimaliseren van de uitruk (navigatie, voertuigpositie, informatievoorziening tijdens uitruk, ‘automatisch statussen’ en telemetrie). Nieuwe Navigatie en voertuiglocatiesystemen worden in 2021 in gebruik genomen. We zijn gestart met het in eigen beheer ontwikkelen van een operationeel informatiesysteem (de operationele viewer) Er lopen diverse initiatieven om foto's, videobeelden, plannen en aanwijzingen vanaf de plaats van een incident direct te kunnen delen met collega’s in het veld, back office expertise en de meldkamer. Het beleidskader hiervoor (op basis van de AVG) is begin 2020 vastgesteld en geoperationaliseerd (kennissessie en awareness). Op het gebied van informatieveiligheid lopen diverse awareness en audit trajecten. Binnen de operationele informatievoorziening zijn er systementesten en penetratietesten uitgevoerd. Doel hierbij operationele systemen te auditen op kwetsbaarheden en ze nog beter te beschermen tegen cyberincidenten en hacks. Slimmer samenwerken De implementatie van de modernisering van de technische infrastructuur is in het eerste kwartaal van 2020 afgerond. Deze werkplekinrichting heeft zijn succes inmiddels ruim bewezen, om zo ‘werkplek onafhankelijk’ te werken tijdens de coronacrisis.
De aanbesteding voor een nieuw zaak- en workflow systeem is in het eerste kwartaal van 2020 afgerond. Het technisch verouderde zaaksysteem (DMS) is inmiddels
34
Jaarstukken 2020
-
-
We versterken op duurzame inzetbaarheid van onze mensen zodat collega’s vitaal blijven.
We streven naar een duurzame bedrijfsvoering, waar op het gebied van inkopen, energiegebruik en digitalisering belangrijke stappen gezet worden.
vervangen door een modern workflow en zaaksysteem (PowerBrowser). Processen zijn geoptimaliseerd en volledig gedigitaliseerd. We bereiden deze procesinrichting voor op het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). We hebben geïnvesteerd in het digitaal vakmanschap van onze medewerkers. In het eerste kwartaal is een elektronische leeromgeving ingericht en gaan we steeds meer virtueel leren en oefenen (o.a. bedienen tankautospuit). Deze andere manier van oefenen blijkt erg goed te werken in het coronatijdperk. De beleidsvisie op de Documentaire Informatie Voorziening is geactualiseerd en wordt in 2021 vastgesteld. We implementeren in 2021 substitutie (vernietigen van papieren documenten op basis van spelregels uit de Archiefwet) en gaan dan ook digitaal ondertekenen.
Duurzame inzetbaarheid personeel Voor duurzame inzetbaarheid en vitaliteit is een plan van aanpak opgesteld met concrete doelstellingen en resultaten voor komende jaren. In december heeft de vitaliteitsweek “vitaal in coronatijd” plaatsgevonden als een soort quickstart met als doel medewerkers te inspireren aan de slag te gaan met hun mentale en fysieke vitaliteit. De (concept)beleidsnotitie en uitwerkingsstukken voor het tweede loopbaanbeleid zijn onderwerp van gesprek geweest met de ondernemingsraad en worden in januari 2021 vastgesteld. Duurzame bedrijfsvoering De optimalisatie en digitalisering van processen heeft in 2020 vertraging opgelopen binnen de afdeling PF&C door Corona, ondersteuning van het reorganisatietraject, verzuim en onderbezetting. Met de inzet van Simpled-card voor het doen van kleine uitgaven is het bestelproces vereenvoudigd. Duurzame oplossingen In 2020 is niet de beoogde visie op duurzaamheid vastgesteld. Wel is een notitie voorbereid met o.a. concrete speerpunten voor 2021 en de relatie met de global goals. Deze wordt begin 2021 vastgesteld. - In 2020 is gestart met een breed onderzoek naar de optimale mogelijkheden voor de inrichting van werkplekken, het beperken van reisbewegingen en de invoering van de thuiswerkplek.
We blijven investeren in het goed uitoefenen van ons werk. We richten onze processen efficiënt en doeltreffend in. We vertalen en initiëren nieuwe ontwikkelingen en trends. We adviseren en ondersteunen de organisatie bij beleidsvoering en uitvoering van taken op het gebied van: Personeel en organisatie Financiën, Planning en Control - Inkoop – Communicatie - Informatisering - Strategie en ontwikkeling.
35
Jaarstukken 2020
Prestatie-indicatoren Realisatie Personeel en organisatie Ziekteverzuim (organisatie)
Realisatie
2019
Begroting of streefwaarde 2020
5,5%
4,5%
5,2%
2020
Communicatie Brandweer volgers YouTube Facebook Instagram LinkedIn Twitter
14.687 7.018 3.801 -
VRMWB: volgers YouTube Facebook Instagram LinkedIn Twitter
679 4.705 1.045 4.573 -
Informatisering Incidentafhandeling conform norm Aantal beveiligingsincidenten (incl. datalekken) - Major incidenten - Minor incidenten Strategie en ontwikkeling Wob-verzoeken Aantal Afgedaan binnen de wettelijke termijn Nog niet afgehandeld Raadsvragen afgedaan binnen afgesproken termijn Inkoop Aantal aanbestedingstrajecten - Europees - Meervoudig FP&C Aantal facturen Doorlooptijd facturen (% binnen 30 dagen)
36
91% 0 5
6 5 1 6
7
9 30
8 25
10 25
12.675 93%
13.000 90%
11.500 92%
Jaarstukken 2020
Financieel overzicht Weergave van de kosten voor het leveren van een wendbare en duurzame organisatie: Wendbare en duurzame organisatie (bedragen x € 1.000)
Begroting Begroting 2020 Primair 2020 Definitief
Lasten Baten
€ €
2.408 -74.626
€ €
2.184 -749
Rekening Verschil 2020 (begroting -/rekening) € 1.673 € 511 € -753 € 4
Lasten overhead Baten overhead
€ €
9.597 -123
€ €
9.433 -9.469
€ €
10.692 -9.788
€ €
-1.259 319
Algemene dekkingsmiddelen Vennootschapsbelasting
€ €
-
€ €
-
€ €
-1
€ €
1
Gerealiseerde totaal saldo van lasten en baten
€
-62.745
€
1.399
€
1.824
€
-425
Onttrekking aan reserves Toevoegingen aan reserves
€ €
-2.440 1.173
€ €
-1.900 501
€ €
-2.054 € 501 €
154 -
Gerealiseerde resultaat
€
-64.012
€
0
€
271 €
-271
Financieel overzicht Overhead Conform de BBV wetgeving moeten de kosten van Overhead inzichtelijk gemaakt worden in het jaarverslag. Deze zijn bij Veiligheidsregio MWB reeds inzichtelijk gemaakt en verantwoord per pijler. Hieronder nog een samenvattend overzicht voor het totaal. Hierin is te zien dat het lastentotaal op Overhead wordt overschreden met €969.000 ten opzichte van de gewijzigde begroting. Een deel van deze overschrijding was voorzien en hiervan is het Bestuur in kennis gesteld in het AB van dec 2020. Een ander deel is te wijten aan de storting in de voorziening reorganisatie en onvoorziene omstandigheden. Dit wordt verder toegelicht in paragraaf 4.5. Overhead specifiek (bedragen x € 1.000)
Begroting Begroting 2020 Primair 2020 Definitief
Rekening Verschil 2020 (begroting -/rekening)
Stimuleren redzaamheid in de samenleving Lasten overhead Baten overhead
€ €
-
€ €
-
€ €
-
€ €
-
Bijdragen aan een veilige leefomgeving Lasten overhead Baten overhead
€ €
961 -
€ €
905 -905
€ €
903 € -912 €
2 7
Leveren van een hulpvaardige en slagvaardige inzet Lasten overhead Baten overhead
€ €
4.310 -
€ €
4.361 -4.361
€ €
4.074 -4.477
€ €
288 115
Wendbare en duurzame organisatie Lasten overhead Baten overhead
€ €
9.597 -123
€ €
9.433 -9.469
€ €
10.692 -9.788
€ €
-1.259 319
Totale lasten overhead Totale baten overhead Totale Overhead
€ € €
14.868 -123 14.745
€ € €
14.699 € -14.735 € -36 €
15.669 € -15.176 € 493 €
-969 441 -528
37
Jaarstukken 2020
3 Jaarverslag: Paragrafen
38
Jaarstukken 2020
Paragrafen In dit hoofdstuk komen de paragrafen aan bod. Het doel van een paragraaf is om voor thema overstijgende onderwerpen één totaalbeeld te geven. Volgens het BBV zijn de volgende paragrafen verplicht: • lokale heffingen • weerstandsvermogen en risicobeheersing • onderhoud kapitaalgoederen en investeringen • financiering • bedrijfsvoering • verbonden partijen • grondbeleid Omdat wij geen lokale heffingen heffen en niet over grondposities beschikken, zijn de paragrafen lokale heffingen en grondbeleid niet opgenomen in de jaarstukken. Het overzicht investeringen is toegevoegd aan de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen om een eenduidig en volledig beeld te geven betreffende dit onderwerp.
3.1 Bedrijfsvoering Formatie en Bezetting In onderstaand overzicht is onze formatie opgenomen. De realisatie van de gegevens heeft betrekking op de stand van zaken per ultimo 2020. Dit betreft de medewerkers met een aanstelling. De brandweervrijwilligers zijn uitgezonderd van het FTE-overzicht en apart verantwoord in deze paragraaf.
De bezetting is organisatie breed licht afgenomen. Binnen de organisatieonderdelen is er sprake van een aantal verschuivingen. Zo is bij de sector incidentbestrijding de bezetting afgenomen, terwijl de andere sectoren juist een zeer lichte groei of geen verandering kennen. Door de organisatieontwikkeling zijn sommige functies bewust niet vacant gesteld, terwijl andere functies juist bewust zijn ingevuld. De functies die niet vacant zijn gesteld, zijn gedeeltelijk opgevuld door inhuur.
39
Jaarstukken 2020
Ziekteverzuim In 2020 is het ziekteverzuimpercentage (5,2%) in vergelijking met de voorgaande drie jaar gedaald. Echter, het verzuim van 2020 zit boven het gemiddelde verzuim over de afgelopen 7 jaar (5%). Ten opzichte van de landelijke norm van veiligheidsregio’s (4,5%) zitten wij circa 0,7% hoger. Uit nadere analyse blijkt dat medewerkers gemiddeld steeds langer ziek zijn en de frequentie steeds lager wordt. Middels sociaal- en medisch overleg wordt actief gestuurd om het langdurig en het frequent verzuim en de oorzaken hiervan terug te dringen.
Sector
verzuimpercentage
Crisisbeheersing Risicobeheersing Incidentbestrijding Strategie & Ontwikkeling Mens & Bedrijfsvoering
5,1% 3,7% 4,3% 9,6% 7,1%
Totaal
5,2%
Naast het wegnemen van specifieke oorzaken is er ook in algemene zin meer aandacht besteed aan preventie van verzuim. Hiervoor is het Bedrijfszorgpakket van IZA zorgverzekering aangeschaft. Medewerkers met beginnende klachten, die op termijn kunnen leiden tot uitval, kunnen -zonder tussenkomst van de huisarts- door middel van diverse interventies op het gebied van fysieke en psychische klachten vroegtijdig geholpen worden. Hierdoor kan verzuim vermeden of sneller opgelost worden. Ook medewerkers met acute klachten kunnen door middel van de diverse interventies snel geholpen worden. IZA heeft hiertoe, verspreid over onze regio een netwerk van hulpverleners tot stand gebracht.
40
Jaarstukken 2020
Vrijwilligers Het aantal vrijwilligers is opgenomen in onderstaande tabel. In het dekkingsplan van de brandweer is een formatie opgenomen van 1.312 vrijwilligers.
Het thema vrijwilligheid als één van de speerpunten benoemd. Het vinden en binden van vrijwilligers krijgt daarin nadrukkelijk aandacht om zo voldoende instroom voor de toekomst te kunnen garanderen. Daarnaast loopt er regulier een continu proces van werving en selectie voor de verschillende brandweerteams die vacatures beschikbaar hebben, alhoewel in 2020 dit een periode heeft stilgelegen wegens Corona. Algemene Verordening Gegevensbescherming Per 25 mei 2016 is de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) ingevoerd binnen de Europese Unie. De AVG heeft de Wet Bescherming Persoonsgegevens (WBP) vervangen. In navolging van de AVG is binnen Veiligheidsregio MWB een Functionaris Gegevensbescherming (FG) aangesteld. Deze medewerker houdt toezicht op de toepassing en naleving van de AVG. De organisatie stelt de FG in staat om haar taak onafhankelijk te vervullen. Controle door de FG is altijd mogelijk en wordt zelfs aangemoedigd door de organisatie. Medewerkers geven aan dat ze het toezicht en de controle van FG ervaren als constructieve hulp en niet zien als een bedreiging. De basis voor het beleid is eind 2017 gelegd door een besluit van het AB. Daar is in 2018 een vervolg aan gegeven en in 2020 verder uitgewerkt.
In 2019 zijn door de FG de volgende aandachtspunten benoemd voor 2020: Wat willen we bereiken Wat hebben we gerealiseerd Aandacht en toezicht houden op de ontwikkeling van Identity Management en bedrijfscontinuïteit
Het raamwerk voor Identity Management staat en bevindt zich nu in de afrondende fase. Hier is geen nader toezicht door de FG op vereist.
De Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) gaat per 1 januari 2020 in en brengt een aantal aanpassingen op het gebied van informatieveiligheid met zich mee.
Het team informatieveiligheid heeft de BIO in 2020 opgepakt. Er is gekeken naar de impact van de BIO op de organisatie, er zijn prioriteiten gekozen nadat de impact duidelijk was en er zijn Business Impact Analyses uitgevoerd op de gekozen prioriteiten. In 2021 wordt hier in overleg met de FG vervolg aan gegeven.
41
Jaarstukken 2020
Operationele informatievoorziening
In 2019 hebben zich twee grote beveiligingsincidenten voorgedaan welke rechtstreeks samenhangen met Operationele Informatievoorziening. Gebleken is dat op dit gebied nog meer kwetsbaarheden zitten waardoor nieuwe incidenten niet zijn uit te sluiten. Het aandachtspunt operationele informatievoorziening heeft volop aandacht gekregen. Duidelijk is dat dit niet in één jaar opgelost kan worden. Om die reden gaat de CISO, mede vanuit zijn rol als architect, hier in 2021 mee verder. Het is wel al dusdanig op orde dat het geen aandachtspunt meer is voor de FG. Wel blijft de FG het volgen.
Bewustwording
Gebleken is dat de campagnes de afgelopen jaren hun vruchten hebben afgeworpen waardoor er een brede algemene kennis over informatieveiligheid aanwezig is in de organisatie. Een verdieping van deze kennis is echter noodzakelijk nu de dreigingen op dit vlak alleen maar toenemen. Met de COVID-19 crisis en de reorganisatie was het niet mogelijk om de bewustwordingscampagne uit te voeren zoals deze vooraf gepland was. Wel is er alles aan gedaan om een bewustwordingscampagne neer te zetten binnen deze beperkingen. Dit is gelukt en voor 2021 wordt opnieuw geprobeerd de meer uitgebreide campagne uit te voeren. Dit is ook van belang om de VRMWB beter te kunnen beveiligen als er een Cyberaanval plaatsvindt. De FG is hierbij betrokken.
COVID-19
Tijdens de COVID-19 crisis is er volop aandacht geweest voor de vraag welke persoonsgegevens gedeeld mogen worden en dit is meerdere malen in de loop van de crisis bijgesteld. Dit aan de hand van geleerde lessen en omdat men een betere grip kreeg op de crisis waardoor ook duidelijk werd welke persoonsgegevens wel en niet nodig waren om de crisis te bestrijden. Door de COVID-19 crisis moest een groot deel van het personeel vanuit huis gaan werken. Hier is vanuit de VRMWB volop aandacht voor geweest. Daarbij had de AVG geen bijzondere aandacht hetgeen ook niet vereist was nu eind 2019 de volledige ICTinfrastructuur was vernieuwd en het thuiswerken/werken op andere locaties daarin al volop was meegenomen. De FG heeft geen signalen gekregen dat het thuiswerken bijzondere problemen ten aanzien van de AVG met zich meebracht.
Tot slot de cijfers: Aantal datalekken van de VR: 5 Aantal beveiligingsincidenten: 0 Aantal datalekken van andere organisaties: 2 Aantal uitgevoerde DPIA’s: 01 Aantal afwijkingen van het advies van de FG: 0 Aantal bezwaarschriften/klachten: 0 Aantal verzoeken om inzage/rectificatie: 0 Aantal lasten onder dwangsom/boetes van de Autoriteit Persoonsgegevens: 0
1 Opgemerkt wordt dat er weliswaar DPIA’s uitgevoerd hadden moeten worden maar dat met de inzet van
medewerkers in de crisis organisatie dit niet mogelijk was. Het gaat daarbij niet om verplichte DPIA’s maar DPIA’s die volgens de organisatie nodig zijn om beter zicht te krijgen op naleving van de AVG.
42
Jaarstukken 2020
3.2 Financiering Artikel 212 van de Gemeentewet schrijft voor dat de uitgangspunten voor het financiële beleid, het financiële beheer en inrichting van de financiële organisatie dienen te worden vastgesteld. Daarom is binnen Veiligheidsregio MWB de financiële verordening vastgesteld. Hierin is bepaald dat het DB in ieder geval verslag doet van de volgende onderdelen: a. De kasgeldlimiet b. De renterisiconorm c. De huidige liquiditeitspositie d. De liquiditeitsplanning en de financieringsbehoefte e. De rentevisie f. De rentekosten en -opbrengsten verbonden aan de financieringsfunctie g. Renteschema 2020 h. EMU Saldo De overheid stelt in de Wet FIDO (Financiering Decentrale Overheden) specifieke regels ten aanzien van de structuur van de leningen van de decentrale overheid, om zo de gevoeligheid voor rentefluctuaties te beperken. Daarom wordt een kasgeldlimiet en een renterisiconorm gehanteerd. a. De kasgeldlimiet De kasgeldlimiet stelt grenzen aan de omvang van de financiering door middel van kort vermogen (looptijd korter dan 1 jaar). Voor gemeenschappelijke regelingen is de kasgeldlimiet vastgesteld op 8,2% van de lasten van de jaarbegroting. Voor Veiligheidsregio MWB betekent dit dat de kasgeldlimiet voor 2020 is gesteld op € 7,4 miljoen (8,2% van € 90,0 miljoen).
Conform de wet FIDO moet aan Gedeputeerde Staten gerapporteerd worden als de kasgeldlimiet op twee opeenvolgende kwartalen wordt overschreden. Er heeft in 2020 geen overschrijding van de kasgeldlimiet plaatsgevonden. b. De renterisiconorm De renterisiconorm heeft tot doel om de renterisico’s op de langlopende schulden (langer dan 1 jaar) te beheersen, door grenzen te stellen aan de spreiding van looptijden van de leningenportefeuille. Dit is een indicator van het gedeelte van de langlopende schulden dat maximaal aan renteherziening en/of herfinanciering onderhevig mag zijn. Voor de gemeenschappelijke regeling is de renterisiconorm gesteld op 20% van de lasten van de jaarbegroting, met een minimumbedrag van € 2,5 miljoen. Voor Veiligheidsregio MWB betekent dit dat de renterisiconorm voor 2020 € 18,0 miljoen bedraagt (20% van € 90,0 miljoen). Bedragen x € 1.000)
Realisatie 2019
Realisatie 2020
Renteherzieningen (1) Betaalde aflossingen (2) Renterisico (1 + 2)
€ € €
€ 2.549 € 2.549 €
4.342 4.342
Renterisiconorm (20%)
€
17.937
€
17.993
Ruimte renterisiconorm
€
15.388
€
13.651
In 2020 heeft geen herziening plaatsgevonden van de rentepercentages van de leningen van Veiligheidsregio MWB. De leningenportefeuille bestaat uit een 6-tal leningen met een vast rentepercentage. De totale omvang van de leningenportefeuille bedraagt € 19,06 miljoen per ultimo 2020. Op basis van de leningenportefeuille is onderstaand overzicht samengesteld voor de renterisiconorm; c. De huidige liquiditeitspositie De omvang van de vrij ter beschikking staande liquide middelen, inclusief middelen schatkist bankieren, is in 2020 toegenomen van € 2,9 miljoen per 1/1/2020 naar € 7,4 miljoen per 31/12/2020. In het saldo eind 2020 zit een aangetrokken kasgeldlening in verband met de hoge salariskosten in december en de 13e maand. Daarnaast zijn voor de investeringen 2020 geen nieuwe leningen aangetrokken op basis van het investeringsplan, omdat de ter beschikking staande liquide middelen op dat moment wel voldoende waren voor de financieringsbehoefte. d. De liquiditeitsplanning en de financieringsbehoefte Veiligheidsregio MWB hanteert een liquiditeitsplanning op basis van de investeringsplanning, de
43
Jaarstukken 2020
aflossingsschema’s van de leningen en de meerjarenbegroting. Hierdoor kan de liquiditeitsplanning en de financieringsbehoefte voor de middellange termijn worden bepaald. e. De rentevisie Veiligheidsregio MWB heeft geen eigen beleid ontwikkeld op het gebied van renteontwikkelingen en volgt de huisbankier op het gebied van rentevisie. f. De rentekosten en opbrengsten verbonden aan de financieringsfunctie Lagere overheden zijn sinds eind 2013 verplicht om hun liquide middelen en beleggingen aan te houden in de schatkist van het Ministerie van Financiën. Veiligheidsregio MWB houdt de rekening-courant tegoeden en deposito’s aan bij het Ministerie van Financiën. Over het saldo wordt op dit moment 0% rente vergoed. De rentekosten van de langlopende leningen welke onder de leningenportefeuille van Veiligheidsregio MWB vallen, bedragen over 2020 € 547.431. Deze kosten worden middels nacalculatie gecorrigeerd en één op één doorberekend aan de taakvelden waardoor er geen saldo ontstaat op het taakveld 0.5 Treasury. g. Renteschema 2020 Renteschema 2020 A B
De externe rentelasten over de korte en lange financiering De externe rentebaten (idem) Saldo rentelasten en rentebaten
C1 De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend C2 De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend C3 De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (= projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend Aan taakvelden toe te rekenen externe rente D1 Rente over eigen vermogen D2 Rente over voorzieningen Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente E
44
€ 547.431 € -
-/€ 547.431
€
-
-/-
€
-
-/-
€
- +/+
€
-
€ €
- +/+ - +/+
€
-
€
-
De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)
€ -547.431 -/-
Renteresultaat op het taakveld Treasury
€
-
Jaarstukken 2020
h. EMU-saldo 2020 Het EMU-saldo is het verschil tussen de inkomsten en uitgaven van de overheid. Door overheidsorganisaties wordt jaarlijks gerapporteerd over dit saldo. Omschrijving (bedragen x 1.000) Realisatie Realisatie 2019
2020
1.
Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)
€
2.191
€
340
2.
Mutatie (im)materiële vaste activa
€
5.719
€
-4.319
3.
Mutatie voorzieningen
€
606
€
514
4.
Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie)
€
199
€
-199
5.
Boekwinst/verlies bij de verkoop van financiële vaste activa en (im)materiële vaste activa, alsmede de afwaardering van financiële vaste activa
€
775
€
-123
€
-3.896
€
5.496
Berekend EMU-saldo
Door de overdracht van de activa van de GMK aan de LMS en de verkoop van een tweetal kazernes aan de Gemeenten is de materiele omvang afgenomen. Dit draagt bij aan een aanzienlijk positief EMU saldo. Ook de mutatie voorraden komen voort uit de overdracht van de activa van de GMK aan de LMS.
3.3 Onderhoud kapitaalgoederen en investeringen In artikel 12 van het BBV wordt aangegeven wat de beleidskaders zijn van het onderhoud van de kapitaalgoederen, de hieruit voortvloeiende financiële consequenties en de vertaling van deze consequenties in de begroting. Veiligheidsregio MWB beschikt over een aanzienlijke omvang kapitaalgoederen. Met het onderhoud van de kapitaalgoederen is een substantieel deel van de begroting gemoeid. Deze kapitaalgoederen bestaan voor een groot deel uit materieel en voertuigen. Gebouwen In 2013 is een besluit genomen over de eigendomsoverdracht van een 9-tal kazernes van de gemeenten, per 31 december 2013. In totaal zijn 4 kazernes terug overgedragen aan een gemeente. Eind 2020 zijn nog 5 kazernes in eigendom bij de veiligheidsregio. Het eigendom van de overige 64 kazernes, berust bij de gemeenten. Naast de brandweerkazernes wordt tevens gebruik gemaakt van een kantoorpand van de GGD West-Brabant, waarvan een gedeelte wordt gehuurd. Voor alle kazernes zijn met de gemeenten afspraken gemaakt over het onderhoud (gebruikersdeel) van de overgenomen kazernes via demarcatielijsten en meerjarige onderhoudsplannen (MJOP’s). Voor het groot onderhoud is een voorziening ingesteld voor het egaliseren van de in de tijd gespreide onderhoudskosten.
Voor alle kazernes zijn de MJOP’s eind 2018 geactualiseerd, waarna de dotatie en de stand van de voorziening is aangepast. In de toelichting van de balans bij de voorziening is de financiële mutatie toegelicht. Eind 2020 is de realisatie van de deelprojecten nieuwbouw Safety Village nagenoeg afgerond. De opslagloods is in 2019 geactiveerd. De laagbouw, hoogbouw, kantoor en kantine, ondergrondse infra (en gastank), overkapping, verbouwing stenen gebouw en de terreininrichting zijn in 2020 geïnvesteerd. Voor afronding van het nieuwbouw project voor het kantoor en de kantine, de terreininrichting en de verbouwing van het stenen gebouw schuift een restantdeel van het budget door naar 2021. Dit wordt naar verwachting in het 1e kwartaal 2021 afgerond. Alle investeringen inclusief het naar 2021 doorgeschoven budget passen of worden uitgevoerd binnen de daarvoor beschikbaar gestelde budgetten. Materieel en voertuigen We hebben een grote vloot aan voertuigen. Bij aanbesteding van deze voertuigen is een onderhoudscontract afgesloten. De bepakkingswerkzaamheden worden grotendeels in eigen beheer uitgevoerd. Er is geen voorziening groot onderhoud ingesteld t.b.v. materieel. Vooralsnog is hier geen noodzaak toe en gelden de afgesloten contracten als normering. Er is momenteel geen sprake van achterstallig onderhoud binnen onze vloot.
Naast normeringen op materieel zijn er ook normeringen op materiaal.
45
Jaarstukken 2020
Voertuigen en bepakking (bedragen x € 1.000)
Begroting primitief 2020
Voertuigen Planmatig onderhoud Correctief onderhoud Brandstof Verzekeringen Schades Overig Totaal voertuigen
€ € € € € € €
Bepakking Planmatig onderhoud Correctief onderhoud Overig Totaal bepakking
€ € € €
Totaal
€
583 389 600 479 41 113 2.205
Begroting na wijziging 2020
€ € € € € € €
189 € 203 € € 392 € 2.597
€
585 470 600 411 35 105 2.206
Realisatie 2020 Saldo begroting /- realisatie
€ € € € € € €
551 426 357 324 30 39 1.728
€ € € € € € €
34 44 243 87 5 66 478
162 € 153 € € 315 €
158 147 0 306
€ € € €
4 6 -0 9
2.034
€
487
2.521
€
De voertuigen zijn vanaf 2020 WA-verzekerd. Schades aan voertuigen zijn voor eigen rekening. Het saldo begroting -/- realisatie is in paragraaf 4.5 Toelichting baten en lasten nader verklaard. Financiële consequenties Investeringen De investeringen zijn opgenomen in een meerjarig investeringsplan. Dit plan geeft de voorgenomen investeringen weer voor de lange termijn. Voor de korte termijn (2 jaar) wordt het meerjarig investeringsplan in detail jaarlijks geactualiseerd. Zo kan gewerkt worden met een planning die up-to-date is en voldoende informatie biedt voor de begroting en de uitvoering door de dienstonderdelen. Het meerjarig investeringsplan geeft ook input voor onze financieringsbehoefte. Alle investeringen in onderstaande overzichten betreffen investeringen met een economisch nut. We hebben geen investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut uitgevoerd. Per pijler is het verschil verklaard tussen de begroting en de realisatie. Leveren van een hulpvaardige en slagvaardige inzet Categorie Begroting Begroting na (bedragen x € 1.000) primitief 2020 wijziging 2020
Realisatie 2020 Saldo begroting /- realisatie
Bedrijfsgebouwen Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Overige materiële vaste activa
€ €
6.895
€ €
3.757 1.802
€ €
3.613 1.161
€ €
143 642
€
674
€
437
€
407
€
31
€
6.170
€
2.217
€
1.496
€
721
Totaal
€
13.739
€
8.213
€
6.677
€
1.537
Gebouwen Van de nieuwbouw Safety Village zijn alle deelprojecten (laagbouw, hoogbouw, kantoor en kantine, ondergrondse infra (en gastank), overkapping, verbouwing stenen gebouw en de terreininrichting) in 2020 geïnvesteerd. De opslagloods is in 2019 geactiveerd. Van het totaal behaalde voordelige resultaat is € 90.000 benodigd voor afronding van het nieuwbouw project in 2021. Dit schuift door naar 2021. De gehele nieuwbouw wordt naar verwachting in het 1e kwartaal 2021 afgerond. Alle investeringen inclusief het naar 2021 doorgeschoven budget passen of worden uitgevoerd binnen de daarvoor beschikbaar gestelde budgetten. Vervoermiddelen Het voertuig watertransport groot en de 6 haakarmbak watertank (10-12 m3) zijn geïnvesteerd. Op deze investeringen is een inkoopvoordeel behaald van in totaal € 230.000. Daarnaast zijn 2 piketvoertuigen geïnvesteerd. De vervanging van het haakarmchassis 6x4 ad. € 415.000 is vanwege problemen met de levering ten gevolge van covid-19 niet uitgevoerd en schuift door naar 2021. Machines, apparaten en installaties Op deze categorie ontstaat een voordelig resultaat van € 31.000. De vergunning voor de investering
46
Jaarstukken 2020
wasplaat ad. € 51.900 is nog niet afgegeven. Deze investering schuift daarmee door. Overige materiële vaste activa De uitlevering van de nieuwe uitrukpakken heeft door covid-19 vertraging opgelopen. Ten gevolge hiervan schuift € 385.000 door naar 2021. Op de inrichting van gebouwen wordt een voordeel behaald van € 198.000 door vervallen, doorgeschoven en uitgestelde investeringen als gevolg van toekomstige renovatie en nieuw te bouwen kazernes. Van de geplande investering inventaris tankautospuit basis schuift € 67.000 door naar 2021. De aanschaf van de inventaris voertuig waterongevallen bestrijding ad. € 40.000 schuift eveneens door naar 2021. Het overig verschil van € 31.000 ontstaat door voordelen op innovatie en een nadeel op telefonie. Wendbare en duurzame organisatie Categorie Begroting (bedragen x € 1.000) primitief 2020
Begroting na wijziging 2020
Realisatie 2020 Saldo begroting /- realisatie
Overige materiële vaste activa
€
1.044
€
711 €
176 €
535
Totaal
€
1.044
€
711 €
176 €
535
Van het totale voordeel op hardware schuift € 502.000 door naar 2021. De investering voor Automatisch Voertuig Locatiesysteem (AVLS) heeft door afstemming over de procedures met het OCB en de daadwerkelijke invulling van de operationele informatievoorziening vertraging opgelopen. Ook de De Centrale Uitgifte (DCU) schuift door. Het overige resultaat van € 33.000 ontstaat op warme ICT. Totaal Veiligheidsregio Hieronder de gecumuleerde staat voor investeringen voor boekjaar 2020. Totaal Investeringen Begroting Begroting na Realisatie 2020 Saldo begroting (bedragen x € 1.000) primitief 2020 wijziging 2020 /- realisatie Totaal
€
14.782
€
8.924
€
6.852
€
2.072
In onderstaand overzicht is een specificatie opgenomen van de gerealiseerde investeringen 2020 per eenheid. Eenheid Realisatie 2020 (bedragen x € 1.000) Dienstauto's Hardware IBGS Innovatie Inrichting Installaties Oefengebouwen Tankautospuit Telefonie Uitrukkleding Waterongevallenbestrijding Watertransport Werkplaatsen Werkplaatsen adembescherming
€ € € € € € € € € € € € € €
47 176 55 8 305 128 3.598 78 85 1.053 37 1.051 38 193
Totaal
€
6.852
3.4 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Risico’s vormen een onderdeel van ons dagelijks leven. Ook wij hebben te maken met risico’s bij de
47
Jaarstukken 2020
uitvoering van onze taak. De vraag is niet hoe kunnen we ze vermijden; de vraag is, hoe gaan we er mee om. Veel risico’s worden opgevangen door een scala van beheersmaatregelen die we inzetten om het effect van bepaalde risico’s te beperken. Deze maatregelen zijn onderdeel van de protocollen die binnen de organisatie zijn ontwikkeld. Voor een deel zijn er risico’s die we niet of beperkt kunnen beheersen. Om deze op te vangen hebben we diverse verzekeringen afgesloten. Daarnaast hebben we een berekening gemaakt die we duiden als de “benodigde weerstandscapaciteit “. Dit is een interne buffer die de organisatie in staat moet stellen de gevolgen van de risico’s op te vangen zonder dat het beleid of de uitvoering daarvan in gevaar komt. Onder beschikbare weerstandscapaciteit verstaan we de middelen en mogelijkheden die een organisatie heeft om onverwachte, niet begrote kosten te kunnen dekken. Het geld en de mogelijkheden bestaan onder andere uit het vrij aanwendbare gedeelte van de algemene reserve en in voorkomende gevallen de post onvoorzien die in de begroting is opgenomen. De benodigde weerstandscapaciteit is afhankelijk van de aard en de omvang van de risico’s waar een organisatie mee wordt geconfronteerd (risicoprofiel). In het risicoregister is opgenomen welke maatregelen we nemen om de kans dan wel de impact van de geïdentificeerde risico’s te beperken.
Hierin worden de volgende categorieën onderscheiden: strategische-, financiële-, operationele- en wet- en regelgevingsrisico’s. Om de impact goed en vanuit een breder perspectief in te schatten, worden de risico’s beoordeeld op meerdere facetten, zoals continuïteit van de organisatie, bestuurlijke afbreuk, imago organisatie en personele, juridische en financiële implicaties. De risicoscore komt tot stand door kans en impact met elkaar te vermenigvuldigen. Tussen de benodigde weerstandscapaciteit en de risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen, maar die wel van betekenis kunnen zijn voor de financiële positie bestaat dus een relatie. De verhouding tussen beschikbare en benodigde weerstandscapaciteit wordt het weerstandsvermogen genoemd. Om de benodigde weerstandscapaciteit te berekenen wordt de score op kans omgezet naar de volgende percentages: Score 1 2 3
Kans Laag Middel Hoog
% 25% 50% 75%
Bovenstaand percentage wordt vermenigvuldigd met het gemiddelde bedrag binnen de categorie financiële impact. Dit wordt zichtbaar gemaakt in onderstaande tabel. Op basis van de gekwantificeerde actuele risico’s is de benodigde weerstandscapaciteit bepaald op € 4.612.500. Risico
Score
Kans
Vrijwilligheid Fort Oranje Chemiepack Contiunuiteit ICT Tweede loopbaanbeleid Omgevingswet WNRA En Europese deeltijdrichtlijn Informatieveiligheid Vakbekwaamheid
2 1 1 1 3 3 3 3 2
75% € 1.750.000 € 1.312.500 25% niet gedefinieerd niet gedefinieerd 25% niet gedefinieerd niet gedefinieerd 25% niet gedefinieerd niet gedefinieerd 75% € 1.750.000 € 1.312.500 75% € 300.000 € 225.000 75% € 1.750.000 € 1.312.500 75% € 300.000 € 225.000 75% € 300.000 € 225.000
Totaal benodigde weerstandscapaciteit
Gemiddelde financiële impact
Benodigd weerstandsvermogen
€
4.612.500
Het bestuur heeft in maart 2012 besloten om de algemene reserve op te heffen. Elke deelnemende gemeente kan een algemene reserve aanhouden die onder andere is bestemd voor de risico’s die voortvloeien uit de gemeenschappelijke regelingen waarin wordt deelgenomen. Dit betekent dat in het geval van de Veiligheidsregio de gemeenten feitelijk fungeren als een deel van het benodigde weerstandscapaciteit. We kennen echter ook een vrij aanwendbare bestemmingsreserves onder de benaming Crisis en Calamiteiten. Deze kan worden aangewend voor optredende risico’s zonder dat dit leidt tot een ernstige verstoring van het geformuleerde beleid. Hiermee vormt deze bestemmingsreserve een buffer voordat
48
Jaarstukken 2020
teruggevallen moet worden op de deelnemende gemeenten. Het directe weerstandsvermogen kan aan de hand van die beschikbare weerstandscapaciteit van € 1.611.576 worden gesteld op 0,35. Binnen de organisatie is per 1 januari 2021 Concerncontrol (voorheen audit en control) ingericht, met een onafhankelijke concerncontroller. Op jaarbasis voert deze functie diverse controles en onderzoeken uit. Enerzijds richt de functie zich op de rechtmatigheid, waarbij wordt gecontroleerd of onze handelwijze in overeenstemming is met wet- en regelgeving en besluiten. Anderzijds richt het nieuwe gedeelte van deze functie zich op de doelmatigheid en doeltreffendheid van de organisatie. De audits die op dit vlak worden uitgevoerd, vormen een belangrijke stap in het leren en verbeteren van de organisatie en mogelijke risico’s te determineren. In dit diagram geven we de belangrijkste risico’s weer. De weergegeven risico’s worden vervolgens tekstueel toegelicht. Als laatste geven we onderbouwd de vervallen risico’s weer. WNRA & 3 3 Europese deeltijd-
2 Hoog = 3
Impact
Risicodiagram
2e loopbaanbeleid
Middel = 2
1
Laag = 1
richtlijn
Informatie veiligheid
2
Vakbekwaam heid
3 Omgevings wet
Vrijwilligheid
1
1
Chemie -Pack
Fort Oranje Laag = 1
2
continuïteit ICT
Middel = 2
Hoog = 3 Kans
Vrijwilligheid (strategisch risico) Het kost steeds meer moeite om voldoende vrijwilligers te vinden en te blijven binden. Daarnaast staat de beschikbaarheid van deze vrijwilligers steeds meer onder druk. Hierdoor kan onze kerntaak, het bestrijden van incidenten, onder druk komen te staan. De beheersmaatregelen voor dit risico bestaan uit twee aspecten. Enerzijds richten we ons op het werven van nieuwe vrijwilligers middels wervingscampagnes. Door corona heeft het werven van nieuwe vrijwilligers stilgelegen. Dit kan betekenen dat we komende periode geconfronteerd worden met een daadwerkelijk tekort. In 2021 dienen daarom extra werving, selectie en opleidingen uitgevoerd te worden. Indien in bepaalde posten niet of onvoldoende vrijwilligers gevonden kunnen worden vraagt dat mogelijkerwijs om herijking van ons spreidingsplan dan wel aanpassing van onze uitrukmodaliteiten. Anderzijds hebben we het vrijwilligerstraject ‘Expeditie JIJ’ opgezet. Met dit traject hebben we maatregelen en ideeën opgehaald om vrijwilligheid in onze regio te versterken. Met ingang van 2021 hebben we een bureau vrijwilligheid ingericht en in elk district een front-office om de verbinding met de vrijwilligers te verbeteren. De financiële impact is naar verwachting 1.3 miljoen.
Vakbekwaamheid medewerkers (operationeel risico) In 2020 heeft een groot aantal realistische trainingen geen doorgang gevonden vanwege beperkende maatregelen door het Corona virus. De meeste trainingen worden doorgeschoven naar 2021 of zelfs 2022. Enerzijds omdat we ook dit jaar nog met beperkende maatregelen te maken hebben en anderzijds omdat de capaciteit van oefencentra beperkt is. Hoewel het effect op langere termijn nog niet bekend is, maken wij ons zorgen over de vakbekwaamheid van met name onze medewerkers.
49
Jaarstukken 2020
Ook bij opleidingen is een achterstand opgelopen, met name omdat de planning vanwege de Corona maatregelen een aantal keren is bijgesteld. Bovendien verwachten we door nieuwe wervingscampagnes om de uitstroom van vrijwilligers op te vangen, dat er behoefte is aan een extra opleiding in het najaar van 2021. Informatieveiligheid (strategisch risico) De minister heeft besloten dat alle veiligheidsregio’s binnen afzienbare tijd tot de vitale infrastructuur gaan behoren. Dit betekent dat we aan een hoger volwassenheidsniveau op het gebied van informatieveiligheid moeten voldoen. Informatieveiligheid wordt beoordeeld aan de hand van de zogeheten volwassenheidsniveaus, 0 is het laagste, 5 is het hoogste. Op dit moment scoren wij veelal niveau 2, op een enkel vlak halen we een 3 en soms zelfs een 4. Wanneer wij behoren tot de vitale infrastructuur betekent dit een volwassenheidsniveau van 4 op alle onderdelen van de organisatie. Samen met een landelijke vakgroep wordt in 2021 aan een plan van aanpak gewerkt inclusief benodigde (financiële) middelen. De financiële impact bedraagt naar verwachting tussen de € 0,1 miljoen en € 0,5 miljoen. Tweede loopbaanbeleid (wet- en regelgeving risico) Het tweede loopbaanbeleid houdt in dat medewerkers na 20 werkzame jaren in een bezwarende 24-uurs functie doorstromen naar een andere functie binnen of buiten de organisatie.
Veiligheidsregio MWB heeft hierin de verplichting om medewerkers te ondersteunen en te faciliteren bij het starten van een tweede loopbaan. Bij medewerkers zorgt dit beleid voor onzekerheid over hun toekomst. Voor de organisatie ontstaan financiële gevolgen vanwege het aanbieden van studiefaciliteiten en mogelijke overbruggingsregelingen. Om dit risico te mitigeren is een uitvoeringskader opgesteld. Daarnaast worden medewerkers bewust gemaakt van hun eigen verantwoordelijkheid bij het bepalen van hun tweede loopbaan. Afhankelijk van de te maken keuzes heeft dit risico een financiële impact van € 1,0 miljoen tot € 2,5 miljoen. Omgevingswet (wet- en regelgeving risico) De omgevingswet treedt naar verwachting per 1 januari 2022 in werking en bundelt de regels over ruimte, wonen, infrastructuur, milieu, natuur en water. Dit heeft consequenties van de omgevingswet op de processen en werkzaamheden in het kader van advisering. De precieze financiële consequenties zijn nog niet geheel duidelijk. De financiële impact bedraagt naar verwachting tussen de € 0,1 miljoen en € 0,5 miljoen. WNRA en Europese deeltijdrichtlijn (wet- en regelgeving risico) Op 1 januari 2020 is de WNRA in werking getreden. Deze Wet regelt dat ambtenaren zoveel mogelijk dezelfde rechten en plichten krijgen als werknemers in de civiele sector.
Voor personeel van Veiligheidsregio’s geldt echter uitstel in verband met de complexe situatie van het werkgeverschap (beroeps-, vrijwillig – en ander personeel en 24/7 beschikbaarheid en inzetbaarheid). De inwerkingtreding voor personeel van Veiligheidsregio’s vindt op een later, nog niet bekend, moment plaats. In het Veiligheidsberaad van 14 september 2020 is door alle 25 voorzitters Veiligheidsregio’s de intentie uitgesproken om deel te nemen aan de Werkgeversvereniging Samenwerkende Veiligheidsregio’s (WVSV). Dit moet ertoe leiden dat per 1 januari 2022 de oprichting van de werkgeversvereniging een feit is. De Europese Deeltijdrichtlijn vormt een risico vanwege de verplichting dat deeltijdmedewerkers - waaronder brandweervrijwilligers - een gelijke beloning dienen te krijgen als voltijd medewerkers wanneer zij hetzelfde werk doen en aan dezelfde taken en opleidingseisen moeten voldoen. Dit is daarom van toepassing op brandweervrijwilligers. Er is een landelijke bestuurlijke denktank ingericht die zal rapporteren hoe fundamenteel onderscheid kan worden gemaakt tussen beroepsmedewerkers en vrijwilligers. In 2021 neemt het Veiligheidsberaad een besluit. Mocht besloten worden tot taakdifferentiatie dan zullen de kosten voor de VRMWB met minimaal € 1,0 miljoen tot € 2,5 miljoen stijgen.
Belangrijkste stijgingen worden dan veroorzaakt door hogere kosten in verband met het wegvallen van consignatie en kazernering van vrijwilligers op diverse posten waardoor wij naar andere mogelijkheden moeten zoeken om de noodzakelijke paraatheid te kunnen waarborgen. Daarnaast zullen de kosten stijgen voor het garanderen van beschikbaarheid van een aantal noodzakelijke specialismen. Chemie-Pack (wet- en regelgeving risico) Gemeente Moerdijk, Veiligheidsregio MWB en onderdelen van de Staat der Nederlanden worden door de verzekeringsmaatschappijen van omliggende bedrijven van Chemie-Pack in Moerdijk verantwoordelijk gehouden voor de schade die zij zeggen te hebben geleden als gevolg van de brand op 5 januari 2011. Het is onduidelijk of en wanneer er een dagvaarding komt. Door de advocaat is in een brief aan de Gemeente Moerdijk en de Veiligheidsregio een bedrag genoemd van € 27 miljoen (exclusief rente en kosten). Daarnaast wordt bij veroordeling ook imagoschade geleden. De beheersmaatregelen op dit risico bestaan uit
50
Jaarstukken 2020
specialistische juridische bijstand. Daarnaast wordt waar nodig afgestemd met gemeente Moerdijk en de Staat der Nederlanden. Diverse voorbereidingen en aanvullende onderzoeken zijn afgerond. Voor dit risico hebben we geen financiële impact gedefinieerd. Fort Oranje (wet- en regelgeving risico) Uit de bekende kwestie Fort Oranje uit 2017 kunnen theoretisch via de civiele weg nog claims volgen met betrekking op Veiligheidsregio MWB. Voor dit risico hebben we geen financiële impact gedefinieerd. Continuïteit ICT (operationeel risico) Tijdens een crisis is het mogelijk dat onze vitale (ICT) infrastructuur niet naar behoren werkt. Dit kan tot gevolg hebben dat de inzet vertraagd wordt en dat bepaalde onderdelen uitvallen. Er zijn een aantal beheersmaatregelen genomen om dit risico te mitigeren, zoals een analyse over kwetsbaarheden, het kunnen overdragen van kritische processen naar andere veiligheidsregio’s en het oefenen met scenario’s zoals stroomuitval, cybercrime en ICT-uitval. Voor de crisisorganisatie blijft dit een permanent aandachtspunt. Ondanks de genomen maatregelen blijft dit risico potentieel aanwezig. Voor dit risico hebben we geen financiële impact gedefinieerd. Gewijzigde risico’s Onderstaand worden de gewijzigde risico’s toegelicht. Het gaat in dit geval om twee risico’s die zijn vervallen en één risico dat is toegevoegd.
Organisatie doorontwikkeling (operationeel risico) Momenteel vindt er een proces van herinrichting van de organisatie plaats. De structuur van de nieuwe organisatie staat per 1 januari 2021 en de organisatie zal het komend jaar door ontwikkelen. Vanuit dit proces worden frictiekosten verwacht die niet vanuit de reguliere begroting gedekt kunnen worden. Bij de bestemming van het resultaat 2019 is hiervoor een reserve aangemaakt en bij de bestemming van 2020 wordt hier een extra bedrag voor gevraagd. Als het bestuur hiermee instemt is dit risico gemitigeerd. Beheerkosten ICT (wet- en regelgeving risico) Er was sprake van een dispuut met onze ICT-dienstverlener over bepalingen in de aanbesteding en de overeenkomst. Er is overeenstemming bereikt over de implementatiekosten. Het bedrag wordt gedekt uit de exploitatie. Hiermee komt dit risico te vervallen en is de weerstandscapaciteit niet aangesproken. Financiële kengetallen Onderstaande tabel geeft de financiële kengetallen weer die op grond van het BBV verplicht moeten worden opgenomen in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing. Kengetallen
Rekening 2019
Begroting 2020
Rekening 2020
Netto schuldquote
41%
51%
34%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
41%
51%
34%
Solvabiliteitsratio
33%
22%
30%
0,65%
0,02%
5,38%
Structurele exploitatieruimte
De netto schuldquote geeft het niveau van de schuldenlast van Veiligheidsregio MWB aan ten opzichte van de eigen middelen en geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Hoe lager het kengetal, hoe sterker de positie. Vanuit de begroting werd verwacht dat de schuldquote zou toenemen als gevolg van de aantrekking van nieuwe leningen voor de investeringen. De nieuwe leningen zijn in 2020 grotendeels achterwege gebleven. De vorderingen (Rijks Schatkist) zijn echter vrij fors toegenomen en het gerealiseerde saldo van baten is een hoger dan de oorspronkelijke begroting. Hierdoor valt het kengetal fors lager uit. Er is geen verschil zichtbaar tussen de netto schuldquote en de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen. Dit wordt veroorzaakt doordat er geen kapitaalvestrekkingen zijn gedaan aan bijvoorbeeld deelnemingen, gemeenschappelijke regelingen of overige verbonden partijen.
51
Jaarstukken 2020
De solvabiliteitsratio geeft inzicht in het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Dit geeft aan in welke mate de Veiligheidsregio in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Het solvabiliteitsratio ligt rond het niveau van 2019. VNG geeft als richtlijn mee dat dit percentage het liefste hoger is dan 25%. Ten opzichte van de begroting is het eigen vermogen toegenomen door het positieve exploitatie resultaat. Het balanstotaal is nagenoeg gelijk gebleven aan de begroting, waardoor de solvabiliteitsratio gunstiger uitvalt dan in de oorspronkelijke begroting, en tevens hoger is dan 25%. De structurele exploitatieruimte geeft aan of de structurele lasten gedekt worden door structurele baten en de exploitatie hiermee in evenwicht is. Dit wordt beoordeeld door de structurele lasten, inclusief de structurele toevoegingen aan reserves, af te zetten tegen de structurele baten, inclusief de structurele onttrekkingen aan reserves. De realisatie in 2020 was een anomalie in termen van incidentele uitgaven. Dit werd met name veroorzaakt door de kosten voor Corona, die als incidenteel zijn geclassificeerd, terwijl de reguliere baten als structureel blijven geclassificeerd. Daarnaast is er sprake van tijdelijke inhuur, waarbij de niet ingevulde salarislasten als structureel zijn geboekt.
Kortom, in termen van kosten had 2020 een groter incidenteel karakter dan normaal, waar de werkelijke structurele exploitatieruimte positiever uitvalt.
3.5 Verbonden partijen Er is sprake van een verbonden partij volgens het BBV als er een bestuurlijk en financieel belang is in een privaat- of publiekrechtelijke organisatie. Het bestuurlijk belang komt tot uitdrukking in de zeggenschap. Het financieel belang komt tot uitdrukking in het aan de verbonden partij ter beschikking gestelde bedrag. Dat is niet verhaalbaar als de verbonden partij failliet gaat, of waarvoor aansprakelijkheid bestaat als de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt. Veiligheidsregio MWB is een samenwerkingsverband op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen, waaraan 24 gemeenten deelnemen. Vastgelegd is dat de deelnemende gemeenten zorg dragen dat Veiligheidsregio MWB over voldoende middelen beschikt om aan haar verplichtingen te kunnen voldoen waarmee de exploitatie en het afdekken van financiële risico’s gewaarborgd is. Hierdoor is Veiligheidsregio MWB een formeel verbonden partij voor de 24 gemeenten. Veiligheidsregio MWB zelf kent geen verbonden partijen conform de definitie van het BBV. Er zijn wel partijen waar sprake is van een structureel samenwerkingsverband. Deze worden hieronder toegelicht. Gemene rekening GHOR Met ingang van 1 januari 2014 is voor de bedrijfsvoering van de GHOR een dienstverleningsovereenkomst afgesloten met de GGD West-Brabant.
De dienstverleningsovereenkomst is geformaliseerd in een overeenkomst kosten voor gemene rekening, waarin de activiteiten van de GHOR zijn ondergebracht. De gemeenschappelijke regelingen GGD West-Brabant, GGD Hart voor Brabant en Veiligheidsregio MWB maken deel uit van deze gemene rekening. In de gemene rekening zijn de kosten opgenomen ten aanzien van het personeel (inclusief de kosten van ziekte, arbeidsongeschiktheid en ontslag), de toerekenbare overhead en de overige kosten van de GHOR. Ter verdeling van het werkelijke niveau van de kosten is een verdeelsleutel tussen de partijen afgesproken. Veiligheidsregio MWB participeert voor een aandeel van 93,65% in de gemene rekening. Het instellen en in stand houden van een GHOR is een taak van de veiligheidsregio. De GHOR is een onderdeel van de GGD en opgenomen in de begroting en jaarrekening van de GGD. Met ingang van 1 januari 2017 vindt er geen consolidatie meer plaats van de cijfers van de GHOR met de Veiligheidsregio MWB. De bijdrage van de veiligheidsregio aan het in stand houden van de GHOR is opgenomen in de begroting en jaarrekening van de Veiligheidsregio MWB. De doelstellingen en resultaten van de GHOR worden verantwoord onder het thema geneeskundige zorg. Landelijke Meldkamer Samenwerking Het beheer van de meldkamer is per 1 januari 2020 overgedragen aan de LMS, als onderdeel van de Nationale Politie.
De overdracht van de verantwoordelijkheid van het beheer wordt vastgelegd in de Wet op de Veiligheidsregio’s en in de Politiewet. De overdracht is nader gespecificeerd in het overdrachtsdossier dat in het najaar van 2020 is vastgelegd. Door middel van deze overdracht vindt een langdurige samenwerking met de LMS plaats. Tevens is medio 2020 de nieuwe meldkamer in Bergen op Zoom in gebruik genomen en maken de brandweercentralisten en het multi-opschaling onderdeel uit van deze nieuwe meldkamer. Publiek-Private Samenwerking Moerdijk Vanaf 1 februari 2013 is er op het Zeehaven- en Industrieterrein van Moerdijk een beroepspost ingesteld die 24 uur per dag zowel (overheids)basisbrandweerzorg als bedrijfsbrandweerzorg biedt. Dit is vastgesteld in een overeenkomst tussen de Stichting Bedrijfsbrandweerzorg Moerdijk (SBM) en Veiligheidsregio MWB. In
52
Jaarstukken 2020
de overeenkomst zijn nadere afspraken vastgelegd over de financiering, taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden van beide partijen. De post is continu bezet door 6 personen. Voor de bedrijfsbrandweertaak beschikt de post over een tankautospuit industrieel en een schuimblusvoertuig. Deze kunnen ook worden ingezet voor de basisbrandweerzorg op het terrein. Ten behoeve van de bedrijfsbrandweerzorg is personeel specifiek en aanvullend opgeleid en geoefend. Door de post Moerdijk Haven wordt gewerkt met het Bedrijfsbrandweer Veiligheidsbeheersysteem (VBS). Alle wijzigingen worden dagelijks verwerkt, zodat het systeem actueel is en blijft.
53
Jaarstukken 2020
Publiek-Private Samenwerking voor blusboot De Veiligheidsregio MWB heeft een waakvlamovereenkomst met de firma BST te Dinteloord voor de incidentbestrijding op de vaarwegen rondom Volkerak en Schelde-Rijnverbinding. BST exploiteert en beheert de blusboot (Furie 4) en de nautische bemanning. De brandweer levert een opstapbemanning die is opgeleid en geoefend naar de huidige eisen. Veiligheidsregio MWB en Veiligheidsregio Zeeland werken al lange tijd samen bij het bestrijden van incidenten op het Schelde-Rijnkanaal. Om deze interregionale samenwerking te formaliseren is een samenwerkingsovereenkomst opgesteld door beide veiligheidsregio’s. Hierin is een aantal algemene uitgangspunten en operationele afspraken vastgelegd. Met deze overeenkomst wordt bijgedragen aan een betere brandweerzorg en voldoet de samenwerking tussen partijen nog meer aan de eisen die de wet en maatschappij hieraan stellen. Bij incidenten op het Schelde-Rijnkanaal is het niet altijd direct duidelijk binnen welke veiligheidsregio het incident plaatsvindt. Door de samenvoeging van de meldkamers zal de alarmering sneller gerealiseerd kunnen worden. Tussen beide regio’s is in een samenwerkingsovereenkomst een verantwoordelijkheidsverdeling afgesproken.
Als het gaat om Search & Rescue wordt de Eendracht vanuit Tholen (VRZ) gealarmeerd en bij brand en IBGS (Incidentbestrijding gevaarlijke stoffen) wordt de Furie 4 uit Dinteloord gealarmeerd. Tijdens een incident treden beide vaartuigen gezamenlijk op. Dutch Institute for Technology, Safety & Security (DITSS) In 2020 is de samenwerking met Stichting DITSS geïntensiveerd. Er zijn verschillende projecten opgestart. Zo wordt samen met 5 andere Veiligheidsregio’s in Zuid-Nederland gewerkt aan een Veiligheidsinformatieknooppunt (VIK). Naast de Veiligheidsregio’s participeren ook het Ministerie van Justitie en Veiligheid en TNO in het project. De partijen hebben toegezegd om gedurende 3 jaar in het VIK te investeren. Door middel van het VIK dient informatie tussen de verschillende regio’s uitgewisseld te kunnen worden, hiervoor wordt een “open data architectuur” gecreëerd. Hierbij wordt gebruik gemaakt van nieuwe technologieën en werkwijzen. Deze samenwerking wordt per 31-12-2020 beëindigd.