RV Definitief locatiebesluit transformatorstation Incheonweg Rozenburg (2021.0000636)
Tekst van het document
5.7
Geluid
Voor het station geldt een verplichting tot het vastleggen van een geluidszone, omdat het gelijktijdig in te schakelen elektrische vermogen van de buiten opgestelde transformatoren 200 MVA of meer bedraagt. Hiermee valt het station in categorie 20.1b van onderdeel C van bijlage I van het Besluit omgevingsrecht (Bor). Conform onderdeel D van bijlage I bij het Bor moet het station worden gezien als een inrichting die in belangrijke mate geluidhinder kan veroorzaken. De bepalingen uit de Wet geluidhinder zijn van toepassing op het station. Om te voorkomen dat er nieuwe geluidgevoelige functies worden gerealiseerd in de nabijheid van het station, moet het station conform artikel 41 van de Wet geluidhinder worden voorzien van een geluidzone. Buiten deze geluidzone mag de geluidbelasting vanwege het station niet meer dan 50 dB(A) bedragen. De geluidsbronnen op het station zijn de transformatoren en compensatiespoelen. In het oorspronkelijke ontwerp van het station staan de transformatoren en compensatiespoelen in driewandige cellen. Voor dit ontwerp is geluidsonderzoek uitgevoerd, dat is opgenomen als bijlage 12.1. Door de gemeente is dit onderzoek beoordeeld (zie bijlage 12.2) en het onderzoeksbureau heeft hierop een reactie gegeven (zie bijlage 12.3). Uit dit onderzoek blijkt dat binnen de 50 dB(A) etmaalwaardecontour geen woningen liggen.
Wel liggen er enkele bedrijfsgebouwen binnen de geluidcontour, dit zijn echter geen geluidgevoelige objecten. Deze gebouwen zijn niet beschermd vanuit het oogpunt van geluid en de belasting heeft geen negatief effect op het gebruik. Uit het onderzoek blijkt verder dat dat de geluidbelasting op de gevel van de nabij geleden woningen maximaal 48 dB(A) etmaalwaarde is, inclusief toeslag voor het tonale karakter van het geluid. Uitgangspunt voor de geluidsberekeningen is dat het station overdag, 's-avonds en 's-nachts evenveel geluid produceert (worst-case benadering). Dit geluidsniveau is 38 dB(A) ten opzichte van de dichtstbijzijnde woning. Voor de avond en nacht geldt respectievelijk een toeslag van 5 dB(A) en 10 dB(A). Dit betekent dat de 38 dB(A) in de avond een etmaalwaarde heeft van 43 dB(A) door de toeslag van 5 dB(A). Voor de nacht komt de etmaalwaarde op 48 dB(A) voor de toeslag van 10 dB(A). De geluidproductie van maximaal 48 dB(A) is maatgevend voor de etmaalwaarde en die voldoet aan de maximaal toegestane waarde van 50 dB(A). Uit de consultatie van de omgeving, zie hiervoor hoofdstuk 6, blijkt dat er bij omwonenden veel zorgen zijn over mogelijke geluidshinder. Het uitgevoerde geluidsonderzoek laat zien dat het station voldoet aan de geluidsnormen. In de omgeving is al veel ander geluid te horen, onder andere van de industrie, Schiphol en de snelweg.
Het onderzoeksbureau doet nog nader onderzoek naar de gevolgen van het geluid van het transformatorstation in combinatie met het geluid dat nu al in de omgeving ervaren wordt (cumulatie). Ondanks dat voldaan wordt aan de gestelde geluidseisen hebben TenneT en Liander besloten om voor zowel de transformatoren als de compensatiespoelen een extra wand te plaatsen. Daarmee staan de transformatoren en compensatiespoelen tussen vier muren in plaats van drie, waar het ontwerp op gebaseerd was. De netbeheerders hopen hiermee recht te doen aan de specifieke situatie van deze omgeving, waar al een relatief groot aantal geluidsbronnen zijn. Het geluidsonderzoek waarin de transformatoren en compensatiespoelen in vierwandige cellen staan is opgenomen als bijlage 12.4. De vierde wand is uitneembaar en wordt aan de binnenzijde geluidabsorberend uitgevoerd. Uit de rekenresultaten blijkt dat de geluidbelasting bij woningen in de omgeving beperkt zal blijven tot maximaal 47 dB(A) etmaalwaarde, inclusief toeslag voor het tonale
21
karakter van het geluid. Op de gevels van de individuele woningen verandert het geluidsniveau vaak wel. In het ongunstigste geval gaat de etmaalwaarde op een gevel 1 dB(A) omhoog. In het gunstigste geval gaat de etmaalwaarde op een gevel 4 dB(A) naar beneden. Conclusie: binnen de vastgestelde geluidcontour liggen geen woningen. De maximale geluidbelasting voldoet aan de maximaal toegestane waarden. Ten aanzien van geluid gelden daarom geen beperkingen voor de haalbaarheid van het station op deze locatie. De geluidcontour moet worden opgenomen in het nieuwe bestemmingsplan. De netbeheerders hebben besloten cellen van de transformatoren en compensatiespoel te voorzien van een vierde wand.
5.8
Elektromagnetische velden
100 microtesla grenswaardecontour Voor de blootstelling - kortdurend of langdurend - aan magnetische velden zijn in Nederland geen wettelijke grenswaarden vastgesteld, maar is er wel sprake van Europees en nationaal beleid. Voor transformatorstations heeft de Europese Unie (EU) een richtwaarde voor maximale blootstelling van 100 microtesla geadviseerd. Nederland heeft deze richtwaarde overgenomen. Mensen mogen in de openbare ruimte niet blootgesteld worden aan magneetvelden ten gevolge van de elektriciteitsvoorziening van meer dan 100 microtesla. Er is onderzoek uitgevoerd om de 100 microtesla grenswaardecontour (magneetveld) inzichtelijk te maken. Dit onderzoek is opgenomen als bijlage 13-1. De beoordeling van het onderzoek in opdracht van de gemeente is opgenomen als bijlage 13-2. Op onderstaande figuur is de 100 microtesla grenswaardecontour weergegeven. Uit het onderzoek blijkt dat de contour binnen de grenzen van de installaties en daarmee ruim binnen de grenzen van het station blijft.
Figuur 5.2: 100 microtesla grenswaardecontour eindsituatie (2 meter boven maaiveld)
Jaargemiddelde 0,4 microtesla magneetveldcontour In 2005 heeft het voormalige ministerie van VROM, thans ministerie van I&W (Infrastructuur en Waterstaat), een advies over hoogspanningslijnen en hun magneetveld uitgebracht aan gemeenten en beheerders van het hoogspanningsnet14. Over de lange termijneffecten is op rijksniveau beleid ontwikkeld gebaseerd op het Europese voorzorgsbeginsel.
14
Dit beleidsadvies is te raadplegen op de website van het RIVM (www.rivm.nl/hoogspanningslijnen). 22
Het beleid houdt in dat bij de vaststelling van bestemmingsplannen voor tracés van bovengrondse hoogspanningslijnen, nieuwe situaties waarbij kinderen (0-15 jaar) langdurig in een gebied rond bovengrondse hoogspanningslijnen verblijven met een jaargemiddelde magneetveld hoger dan 0,4 microtesla, zoveel als mogelijk worden vermeden. Dit beleid is niet van toepassing op transformatorstations en ondergrondse kabelverbindingen. Ondanks dat dit beleid niet van toepassing is op transformatorstations heeft de gemeente verzocht aan de netbeheerders voor het station het jaargemiddelde 0,4 microtesla magneetveldcontour van het station te onderzoeken. Dit onderzoek is opgenomen als bijlage 14.1. De beoordeling van het onderzoek in opdracht van de gemeente is opgenomen als bijlage 14-2. Op onderstaande figuur is de jaargemiddelde 0,4 microtesla magneetveldcontour weergegeven. Uit het onderzoek blijkt dat de jaargemiddelde 0,4 microtesla magneetveldzone in de beoogde eindsituatie aan enkele zijden net buiten de grens van het station ligt. Echter, worden hier geen huizen of andere gevoelige ruimtelijke objecten (zoals locaties waar kinderen langdurig verblijven) geraakt. Zie onderstaande figuur.
Figuur 5.3: Jaargemiddelde 0,4 microtesla magneetveldcontour eindsituatie (1 meter boven maaiveld)
Vanuit de omgeving is de vraag gesteld om in het EM-veldenonderzoek er rekening mee te houden dat het maaiveld van de huizen aan de Aalsmeerderdijk circa 3,5 meter hoger ligt in vergelijking met maaiveld van het station. Het onderzoeksbureau heeft hier specifiek naar gekeken. Hierover is aangegeven dat door de grote afstand van de Aalsmeerderdijk tot de stationslocatie, het magneetveld van het station zal opgaan in het achtergrondniveau, wat door andere kabels e.d. veroorzaakt wordt. De hoogte heeft vanwege de afstand weinig invloed meer15. Conclusie: zowel de 100 microtesla grenswaardecontour als de jaargemiddelde 0,4 microtesla magneetveldcontour liggen ver buiten gevoelige bestemmingen. Ten aanzien van elektromagnetische velden gelden daarom geen beperkingen voor de haalbaarheid van het station op deze locatie.
15
Op de site van RIVM staan grafieken voor 380kV-hoogspanningsllijnen. Hierbij wordt het magneetveld tot 150 meter afstand
van de lijn weergegeven. Dit geeft grafisch weer dat het magneetveld snel afneemt met toenemende afstand. https://www.rivm.nl/hoogspanningslijnen/magneetvelden 23
5.9
Externe veiligheid
Het station is geen risicovolle inrichting zoals bedoeld in het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi). Onderzoek naar het aspect externe veiligheid is daarom niet nodig. Volgens de risicokaart16 bevindt zich op circa 900 meter ten noorden van de locatie een ondergrondse gasleiding. Ten westen van het station is een risicovolle inrichting gevestigd, te weten afvalinzameling De Meerlanden. Gezien de afstand van deze inrichting en de gasleiding tot de stationslocatie vormen deze geen belemmering voor de haalbaarheid van het station. Op onderstaande figuur is een uitsnede van de risicokaart opgenomen.
Figuur 5.4: Uitsnede risicokaart in de omgeving van het station (zwarte kader)
Conclusie: er bevinden zich geen risicovolle inrichtingen of assets in de nabijheid van de stationslocatie die de bouw van het station belemmeren. Het station zelf is geen risicovolle inrichting.
5.10 Luchthavenindelingsbesluit Het station ligt circa 1,5 kilometer ten zuiden van één van de start- en landingsbanen van Schiphol. Om de veiligheid van zowel het vliegverkeer als de leefomgeving rondom Schiphol te waarborgen zijn in het Luchthavenindelingsbesluit (LIB) maximale bouwhoogtes vastgelegd. Op basis van het LIB blijkt dat de maximale bouwhoogte van de locatie tussen 18 en 21 meter ten opzichte van het huidige maaiveldniveau bedraagt. De maximale bouwhoogte van het station is lager dan 18 meter, daarmee zijn er geen belemmeringen op basis van de hoogtebeperkingen uit het LIB. In bijlage 15 is een afbeelding opgenomen met de maximale bouwhoogtes uit het LIB ter hoogte van de stationslocatie. De stationslocatie ligt in gebied waar (maatgevende) toetshoogten voor radarapparatuur zijn vastgesteld. De Luchtverkeersleiding Nederland (LVNL) heeft aan TenneT en Liander bevestigd dat er geen verstoring van de grondradarsystemen (of andere systemen) van LVNL wordt verwacht door de komst van het nieuwe station. Ten aanzien van mogelijke verstoring van boordcommunicatie-apparatuur aan boord van vliegtuigen geven geraadpleegde experts aan TenneT en Liander aan, dat een mogelijke verstoring niet aannemelijk is.
16
www.risicokaart.nl 24
Schiphol heeft aangegeven geen beperkingen ten aanzien van de ligging van de (bebouwing) op het stationsterrein aan de Incheonweg te zien, gebaseerd op het basisontwerp, gerelateerd aan de ligging van de reservering van de parallelle Kaagbaan en de gekoppelde, niet-gereserveerde vliegfunnel, zie afbeelding 5.5. Er gaat een positief advies naar de directie van Schiphol over de mogelijke stationslocatie. Onder voorbehoud van instemming van de directie van Schiphol ontvangt eind maart 2021 de gemeente een bevestiging dat er geen bezwaren zijn vanuit Schiphol.
Figuur 5.5: Stationslocatie met reservering parallelle Kaagbaan en niet-gereserveerde vliegfunnel (bron: Schiphol)
Conclusie: de bouwhoogtes uit het Luchthavenindelingsbesluit vormen geen belemmering voor de bouw van het station. Onder voorbehoud van instemming van de directie van Schiphol ontvangt eind maart 2021 de gemeente een bevestiging dat er geen bezwaren zijn vanuit Schiphol.
5.11 Inpassing De stationslocatie ligt binnen het bedrijventerrein Schiphol Logistics Park (SLP). Voor de ontwikkeling van SLP is in 2015 een beeldkwaliteitsplan opgesteld. In dit plan staat beschreven waar nieuwe bedrijven voorzien zijn en op welke manier de nodige groenstructuren toegepast worden. De kaders uit het beeldkwaliteitsplan zijn vertaald naar de specifieke functie van het station op deze plek. In een notitie zijn de uitgangspunten opgenomen ten aanzien van een goede landschappelijke inpassing van het station in de omgeving en is benoemd welke beleidskaders van toepassing zijn (bijlage 5). De notitie is ambtelijk akkoord bevonden door de gemeente. De locatie ligt naast het UNESCO monument Stelling van Amsterdam, waar de naastgelegen Geniedijk en het Fort Aalsmeer onderdeel van uitmaken. Het station heeft als nutsvoorziening een bijzondere en afwijkende functie in het gebied. Daarom hebben de netbeheerders in overleg met de gemeente besloten een architect een ontwerp te laten maken voor het station. Een belangrijk aspect van de ontwerpopgave is om de bijzondere functie van het station tot uitdrukking te laten komen, op zodanige wijze dat deze én aansluit bij de uitgangspunten voor de beeldkwaliteit én een functioneel sobere uitstraling krijgt.
Een ander belangrijk aspect is dat de gebouwen een attractief aanzicht krijgen naar de openbare weg en dat een passende uitstraling naar de Stelling van Amsterdam wordt gevonden. Daarbij wordt ook gekeken naar een goede landschappelijke inpassing van het station.
25
In onderstaande figuur is weergegeven hoe het toekomstige station zich landschappelijk verhoudt tot de directe omgeving. De bomenrijen ten zuiden van het station zijn onderdeel van het nog te ontwikkelen Geniepark.
Figuur 5.6: Beoogde inpassing station tussen de Incheonweg en het toekomstige Geniepark
Conclusie: bij het ontwerp van het aanzicht van de gebouwen en terreininrichting van het station wordt rekening gehouden met de inpassing van het station in zijn omgeving. Het Q-team van de gemeente toetst of dit ontwerp voldoet aan het beeldkwaliteitsplan.
5.12 Grondeigendom De grond van de beoogde stationslocatie aan de Incheonweg is in eigendom van de provincie Noord-Holland. TenneT en Liander zijn in gesprek met de provincie over de aankoop van de grond. De partijen hebben overeenstemming over de grondprijs en zijn in gesprek over de uitwerking van een koopovereenkomst met de opschortende voorwaarde dat door de gemeente een definitief locatiebesluit wordt genomen. In onderstaande tabel zijn de aan te kopen kadastrale percelen opgenomen. In bijlage 16 is een kaart opgenomen met de aan te kopen percelen. Tabel 1: Eigendom en andere zakelijk gerechtigden (d.d. 14 december 2020) Perceel HLM03 - AL - 498
Opp. (m2) 27.636
Opp. aan te kopen deel (m2) 24.819
Eigenaar Provincie Noord-Holland
HLM03 - AL - 499
12.534
12.534
Provincie Noord-Holland
HLM03 - AL - 718
24.078
1.648
Provincie Noord-Holland
HLM03 - AL - 936
14.312
1.798
Provincie Noord-Holland
HLM03 - AL - 1093
23.775
1.625
Provincie Noord-Holland
Conclusie: de provincie Noord-Holland is de eigenaar van het perceel en heeft aangegeven het perceel aan TenneT en Liander te willen verkopen. Door een uitgevoerde gezamenlijke en bindende taxatie is de prijs van de grond tussen partijen al overeengekomen. De laatste voorwaarden worden op dit moment afgestemd.
26
6
Omgevingsconsultatie
Communicatie en participatie (tijdens) haalbaarheidsonderzoek locatie Incheonweg In deze paragraaf wordt de communicatie en consultatie voor het haalbaarheidsonderzoek naar de locatie aan de Incheonweg beschreven. De gemeente, TenneT en Liander geven aan wat de inbreng is geweest van bewoners en ondernemers in de buurt van de locatie. Hierbij geven zij ook in rubrieken samenvattend aan welke vragen er allemaal gesteld zijn en wat daar op het antwoord is. Ook wordt er een conclusie gegeven naar aanleiding van deze consultatie. De antwoorden op de vragen zijn in dit document als bijlage opgenomen. Aanpak communicatie De gemeente, TenneT en Liander besteden veel aandacht aan de communicatie over de beoogde locatie van transformatorstation. De aanpak van de communicatie is er op gericht zo open en persoonlijk mogelijk omwonenden en andere belanghebbenden te informeren en, daar waar gewenst, ook het gesprek aan te gaan. De gemeente werkt daarbij nauw samen met de netbeheerders TenneT en Liander, in het bijzonder waar het de technisch-inhoudelijke vragen betreft. Direct belanghebbenden persoonlijk benaderd Het voorlopige locatiebesluit van het college van B&W op 26 november 2020 was het startpunt van het vervolg van de haalbaarheidsstudie en het informeren van de omgeving.
Om te beginnen zijn op 26 november 2020 vertegenwoordigers van de stichting Oude Meer, Rozenburg en Aalsmeerderbrug (ORA), de dorpsraad Rijsenhout, de actiegroep Rijsenhout zegt nee tegen 150kV! en verschillende ondernemers, waaronder De Arendshoeve, Stadsherstel en Boer Bos, telefonisch geïnformeerd over het haalbaarheidsonderzoek naar de locatie aan de Incheonweg. Dat was voorafgaand aan de bekendmaking door het college van B&W over het voorgenomen haalbaarheidsonderzoek op diezelfde dag. Daarnaast zijn via de gemeentelijke contactpersonen luchthaven Schiphol, ontwikkelaar Schiphol Area Development Company (SADC), De Meerlanden en CRASH Luchtoorlog & Verzetsmuseum '40-'45 geïnformeerd. Brieven Op vrijdag 27 november 2020, vóór het persbericht en het persmoment, heeft de gemeente een bewonersbrief verspreid bij 65 adressen in Rozenburg en Aalsmeerderbrug, bij bewoners en bedrijven aan onder meer de Aalsmeerderdijk, Aalsmeerderweg en de Incheonweg. Omwonenden, die niet persoonlijk geïnformeerd zijn, zijn gevraagd direct contact op te nemen met de gemeente, TenneT of Liander bij vragen. In deze brief is een bewonersbijeenkomst in januari aangekondigd. Ook heeft de gemeente gemeld dat dit mogelijk een online bijeenkomst zou worden vanwege de Corona-regels.
Begin januari is een tweede bewonersbrief gestuurd naar dezelfde adressen met een uitnodiging voor de online informatiebijeenkomst op 21 januari 2021. Bij deze brief zat een brochure van TenneT en Liander met een uitleg over het bouwen van een transformatorstation, de haalbaarheidsstudie en het proces. De brochure is opgenomen als bijlage 4. Persbericht / persmoment Na het persoonlijk benaderen van direct belanghebbenden, en nadat er een brief aan omwonenden en aangrenzende bedrijven van de locatie was gestuurd, is een persbericht uitgegaan. Op vrijdag 27 november is er ook een persmoment geweest. Diverse kranten hebben hier een artikel aan gewijd, waaronder Haarlems Dagblad, NH Nieuws en HC nieuws.
27
Online informatiebijeenkomst 21 januari Op 21 januari 2021 is een online informatiebijeenkomst geweest. Deze bijeenkomst was vooral bedoeld om een grote groep te bereiken en te informeren. Een echte live bijeenkomst zat er niet in vanwege Corona. Omwonenden konden zich vooraf aanmelden en vragen doorgeven, maar dat hoefde niet. Behalve per brief werd de bijeenkomst ook bekend gemaakt op de Informeer, de websites van de gemeente, TenneT en Liander. Het bericht is gedeeld door de dorpsraad Rijsenhout in de nieuwsbrief van de dorpsraad, en via social media. De bijeenkomst was een live uitzending, waarbij gemeente en netbeheerders aan tafel geïnterviewd werden door een (externe) gespreksleider. De eerder gestelde vragen van geïnteresseerden stonden hierin centraal. Kijkers / aanwezigen konden via Whatsapp live vragen stellen. Deze werden zoveel als mogelijk behandeld tijdens de bijeenkomst. Er was extra tijd gereserveerd om een half uur langer door te gaan, om extra vragen te beantwoorden. Daar werd gebruik van gemaakt. Op 12 februari zijn alle vragen en antwoorden, na zorgvuldige beantwoording, gepubliceerd op de websites van de drie partijen. De deelnemers die zich hadden aangemeld, hebben ook per mail dit document gekregen. Vragen waar tijdens de bijeenkomst het antwoord niet op kon worden geven, zijn later alsnog beantwoord.
Nogmaals zowel via de mail als op de websites van de gemeente, TenneT en Liander. Bereik bijeenkomst 21 januari Het aantal apparaten waarop werd ingelogd tijdens de bijeenkomst was 185. Gemiddeld bleven 70 apparaten ingelogd, dat wil zeggen gemiddeld tenminste 70 kijkers. De bijeenkomst kan nog steeds bekeken worden via internet. Tot en met eind februari 2021 is de bijeenkomst door ongeveer 370 mensen bekeken. Kleinere bijeenkomsten 28 januari Voor meer persoonlijke overleg en directe vragen hebben de gemeente, TenneT en Liander op 28 januari 2021 kleinere online bijeenkomsten georganiseerd. Deze kleinere vervolgbijeenkomsten voor direct omwonenden waren bedoeld om meer persoonlijk en direct met elkaar in gesprek te gaan en vragen te kunnen beantwoorden. Om iedereen aan het woord te kunnen laten komen, heeft de gemeente de 33 mensen, die zich aangemeld hadden, in 3 groepen van 11 personen ingedeeld. Tijdens deze overleggen was veel ruimte om vragen te stellen, en dat gebeurde ook. Voor de vragen over geluid en elektromagnetische velden waren specialisten aanwezig om deze te beantwoorden. De gemeente, TenneT en Liander hebben vervolgens de gestelde vragen ook schriftelijk beantwoord in de vorm van een mail aan de deelnemers en andermaal via publicatie op de websites. De vragen en antwoorden die zijn gedeeld met de deelnemers zijn terug te vinden op de websites.
Meedenken Het haalbaarheidsonderzoek bestaat uit meerdere onderzoeken. De technische onderzoeken die af waren, stonden vanaf 28 januari op de websites van zowel de gemeente als TenneT en Liander. Belanghebbenden konden hier op- en aanmerkingen of suggesties aan de gemeente meegeven. Op verzoek van de omwonenden is de reactietermijn, aanvankelijk gesteld op 14 februari, verlengd naar 21 februari 2021. De vragen die zijn binnengekomen op de informatieavonden, maar ook voor- en nadien zijn beantwoord en gepubliceerd op de websites. Direct contact Vanaf eind november 2020 tot en met 24 februari 2021 konden mensen bellen met onder ander de projectmanager van de gemeente of met de projectleiders of de omgevingsmanagers van TenneT en Liander. Ook konden vragen gesteld worden per e-mail naar Transformatorstation@haarlemmermeer.nl of Haarlemmermeer@liander.nl.
28
Met verschillende ondernemers, vertegenwoordigers van de dorpsraad Rijsenhout, ORA en individuele bewoners is telefonisch en per e-mail contact geweest over het haalbaarheidsonderzoek, over de procedure en over persoonlijke vragen. Tenslotte is er op vrijdag 19 februari in de Arendshoeve een overleg geweest met vertegenwoordigers van Werkgroep “Ook Aalsmeerderbrug zegt NEE tegen 150kV”. Reacties van omwonenden In november en december 2020 waren veel van de reacties op het haalbaarheidsonderzoek neutraal of afwachtend. In de loop van januari en februari 2021, toen de plannen ook concreter werden toegelicht, kwamen er meer vragen en weerstand en is er een werkgroep opgericht “Ook Aalsmeerderbrug zegt NEE tegen 150kV”. Omwonenden vinden dat de locatie voor het transformatorstation te dicht bij hun huizen ligt. Er zijn zorgen over gezondheid vanwege geluid en elektromagnetische velden. Diverse omwonenden vragen zich af waarom het transformatorstation op deze locatie moet komen en zijn van mening dat er andere geschikte locaties in de gemeente beschikbaar zijn. Omwonenden willen geen transformatorstation nabij hun woning. Reactie GGD Kennemerland Op 2 maart 2021 heeft de GGD Kennemerland advies uitgebracht over het realiseren van een station aan de Incheonweg. Dit advies is zowel afkomstig van de brandweer als een arts/medisch milieukundig adviseur.
Door de GGD zijn de volgende opmerkingen geplaatst: • Goed dat er onderzoek is gedaan naar de 0,4 microTesla zone, we onderschrijven de conclusie dat er geen verhoogd risico op leukemie bestaat voor de omwonenden van dit transformatorstation; • Uit het oogpunt van veiligheid zijn geen extra maatregelen nodig, de afstand is voldoende; • Wat geluid betreft is het van belang op te merken dat er, ook al voldoet de installatie aan de geldende normen voor een ‘gemengd gebied’ er wel degelijk sprake kan zijn van geluidsoverlast. Hoe het geluid van de transformator zich zal verhouden tot andere bronnen in het gebied, is op voorhand lastig te voorspellen. De toevoeging dat er nog een extra geluidsscherm komt om de belasting op de gevels te verminderen is positief; • Ons advies is om ook na realisatie van het transformatorstation, contact te onderhouden met de omwonenden en hen mogelijkheid te bieden in gesprek te gaan en/of hun klachten te uiten. Dus niet het contact verbreken nadat het participatietraject is afgerond. Reactie gemeente en netbeheerders De gemeente en netbeheerders beantwoorden alle vragen die gesteld zijn. De antwoorden zijn gepubliceerd op de websites van de gemeente, TenneT en Liander. De vragen zijn in rubrieken samengevat met de beantwoording en opgenomen als bijlage A in dit document.
Alle antwoorden zijn gepubliceerd op de websites van de gemeente, Liander en TenneT en te vinden als bijlage B in dit document. Door de werkgroep “Ook Aalsmeerderbrug zegt NEE tegen 150kV” is over het geluidsonderzoek een aantal vragen gesteld. Deze vragen zijn opgenomen als bijlage C in dit document. Met het door de installaties veroorzaakte geluid en elektromagnetische velden wordt voldaan aan de daarvoor wettelijk gestelde eisen en richtlijnen. Er wordt door een architect een ontwerp gemaakt van de gebouwen en er wordt een landschapsplan gemaakt, zodat het station zo goed mogelijk wordt ingepast in de gewenste beeldkwaliteit van deze omgeving.
29
Toezegging extra geluidswerende maatregelen Veel zorgen bij de omwonenden gaan over mogelijke geluidsoverlast. Uit het geluidsonderzoek blijkt dat het transformatorstation voldoet aan de normen voor geluid, maar dat stelt omwonenden onvoldoende gerust. In de omgeving is al veel geluid vanwege het bedrijventerrein, luchthaven Schiphol en de snelweg. Daarom hebben de netbeheerders TenneT en Liander besloten om voor zowel de transformatoren als de spoelen, dit zijn de geluidsbronnen van het station, een extra wand te plaatsen. Daarmee staan deze installaties tussen vier muren in plaats van drie, waar het ontwerp op gebaseerd was. De verlaging van de geluidsdruk op de omgeving die hier het gevolg van is, zal er naar verwachting toe bijdragen dat het station in de (woon)omgeving, rekening houdend met het reeds bestaande achtergrondgeluid, minder hoorbaar is. De netbeheerders verwachten hiermee recht te doen aan de specifieke situatie van deze omgeving en de geluidshinder die in dit gebied al wordt ervaren. Conclusie haalbaarheid vanuit communicatie en participatie De gemeente, TenneT en Liander hebben vanaf eind november 2020, ondanks de beperkingen vanwege de Corona-crisis honderden mensen bereikt met informatie over het plan.
Daarnaast is er met circa veertig bewoners en ondernemers (meerdere keren) persoonlijk contact geweest, door middel van fysieke, online of telefonische gesprekken. Omwonenden zijn gehoord en op de gestelde vragen is antwoord gegeven. De gemeente, TenneT en Liander hebben een toelichting kunnen geven op het kader waaraan een ontwikkeling als deze moet worden getoetst en hoe de vestiging kan passen in dat kader. De participatie en communicatie (consultatie) maken deel uit van het haalbaarheidsonderzoek. De vraag is steeds: zijn er reële bezwaren? Zijn er bezwaren of overwegingen waar de gemeente, TenneT en Liander onvoldoende rekening mee hebben gehouden? De effecten met betrekking tot het geluid, de elektromagnetische velden (’straling’) en het uitzicht zijn onderzocht. In de communicatie rondom het haalbaarheidsonderzoek zijn er geen bezwaren, overwegingen of omstandigheden gebleken, waardoor deze locatie als ongeschikt moet worden beschouwd. Met betrekking tot de gevreesde geluidhinder worden aanvullende maatregelen getroffen, ondanks dat aan de norm zonder die maatregel wordt voldaan. Dit afwegend is de conclusie dat de gemeente op grond van het onderzoek, maar ook de resultaten van de communicatie en consultatie redelijkerwijs tot het oordeel kan komen dat de locatie aan de Incheonweg geschikt is voor de vestiging van het geplande transformatorstation.
30
7
Conclusie
In deze studie is de haalbaarheid voor de realisatie van het station op de locatie aan de Incheonweg onderzocht. Vanuit techniek en omgevingsaspecten (milieu en veiligheid) blijkt dat het haalbaar is een station te realiseren op de beoogde locatie aan de Incheonweg. Hierbij zijn wel aandachtspunten. Deze vormen echter geen belemmeringen voor de haalbaarheid om een station te realiseren op de locatie aan de Incheonweg. De volgende aandachtspunten volgen uit deze studie: • • •
•
Er is een nieuw bestemmingsplan nodig om het station planologisch-juridisch mogelijk te maken op de locatie; Er is overleg nodig met Hoogheemraadschap van Rijnland over de wateropgave van het station (watertoets, watercompensatie, inrit met duiker, bemaling); Als de werkzaamheden niet trillingsvrij uitgevoerd kunnen worden, is onderzoek nodig naar jaarrond beschermde nesten van de huismus en gierzwaluw. Er zijn maatregelen nodig voor vleermuizen, vogels en amfibieën; Bij het ontwerp van het station moet rekening gehouden worden met het beeldkwaliteitsplan SLP en de ligging nabij UNESCO monument Stelling van Amsterdam.
De gemeente, TenneT en Liander hebben vanaf eind november 2020, ondanks de beperkingen vanwege de Corona-crisis honderden mensen bereikt met informatie over het plan. Daarnaast is er met circa veertig bewoners en ondernemers (meerdere keren) persoonlijk contact geweest, door middel van fysieke, online of telefonische gesprekken. Omwonenden zijn gehoord en op de gestelde vragen is antwoord gegeven. De gemeente, TenneT en Liander hebben een toelichting kunnen geven op het kader waaraan een ontwikkeling als deze moet worden getoetst en hoe de vestiging kan passen in dat kader. De participatie en communicatie (consultatie) maken deel uit van het haalbaarheidsonderzoek. De vraag is steeds: zijn er reële bezwaren? Zijn er bezwaren of overwegingen waar de gemeente, TenneT en Liander onvoldoende rekening mee hebben gehouden? De effecten met betrekking tot het geluid, de elektromagnetische velden (’straling’) en het uitzicht zijn onderzocht. In de communicatie rondom het haalbaarheidsonderzoek zijn er geen bezwaren, overwegingen of omstandigheden gebleken, waardoor deze locatie als ongeschikt moet worden beschouwd. Met betrekking tot de gevreesde geluidhinder worden aanvullende maatregelen getroffen, ondanks dat aan de norm zonder die maatregel wordt voldaan.
Dit afwegend is de conclusie dat de gemeente op grond van het onderzoek, maar ook de resultaten van de communicatie en consultatie redelijkerwijs tot het oordeel kan komen dat de locatie aan de Incheonweg geschikt is voor de vestiging van het geplande transformatorstation.
31
Bijlagen Onderdeel van rapportage haalbaarheidsstudie Bijlage A Reactienota bewonersconsultatie Bijlage B Vragen en antwoorden bewonersconsultatie Bijlage C Vragen en antwoorden geluidsonderzoek
Bijlagenboek behorende bij haalbaarheidsstudie Bijlage 1 Zoekgebieden haalbaarheidsstudie 2017 Bijlage 2 Weigering verzoek tot wijziging BP locaties 2A en 2B Bijlage 3 Onderzocht gebied alternatieve locaties Bijlage 4 Brochure transformatorstation Bijlage 5 Notitie landschappelijke inpassing Bijlage 6 Vooronderzoek bodem Bijlage 7 Verkennend bodemonderzoek Bijlage 8 Memo archeologie Bijlage 9 Memo conventionele explosieven Bijlage 10 Quickscan natuur Bijlage 11 Berekening stikstofdepositie Bijlage 12-1 Akoestisch onderzoek (3 wanden) Bijlage 12-2 Toetsing gemeente akoestisch onderzoek (3 wanden) Bijlage 12-3 Reactie Peutz op toetsing onderzoek gemeente Bijlage 12-4 Akoestisch onderzoek (4 wanden) Bijlage 13-1 Magneetveldstudie 100 mT grenswaardecontour Bijlage 13-2 Beoordeling gemeente magneetveldstudie 100 mT grenswaardecontour Bijlage 14-1 Magneetveldstudie jaargemiddelde 0,4 mT grenswaardecontour Bijlage 14-2 Beoordeling gemeente magneetveldstudie jaargemiddelde 0,4 mT grenswaardecontour Bijlage 15 Maximale bouwhoogtes LIB Bijlage 16 Oppervlaktes perceel
32
Bijlage A
Reactienota bewonersconsultatie
Thema en vragen 1. De noodzaak van een transformatorstation Veel vragen worden gesteld over de noodzaak van een nieuw transformatorstation. Waarvoor is het nodig en wat is de urgentie? Kan er helemaal niet meer geleverd worden? Is het bijvoorbeeld ook van belang voor het centrum van Hoofddorp? Welk stroomgebruik bedient het nieuwe station, waarbij de vraag wordt gesteld of het niet vooral voor nieuwe datacenters is en waarom daar geen paal en perk aan gesteld wordt. Gaan we daadwerkelijk meer stroom gebruiken en krijgt dit in de huidige coronacrisis niet een ander perspectief, bijvoorbeeld krimp of minder groei van het vliegverkeer en bedrijfsontwikkelingen?
2. Hoe is het locatieonderzoek op deze locatie uitgekomen Waarom is het zo complex gebleken om een geschikte locatie te vinden? Voor het bouwen van woningen geldt het adagium “eerst bewegen, dan bouwen”, maar zou niet ook moeten gelden “eerst stroom, dan bouwen”. Waarom is bij bedrijventerreinontwikkelingen als Schiphol-Rijk niet ook een ruimte voor een transformatorstation meegenomen? Vragen worden gesteld over de redenen waarom (m)eerdere locaties zijn afgevallen, zoals de eerdere locaties bij Rijsenhout, een locatie op Schiphol Trade Park, locaties aangedragen door het dorp Rijsenhout, etc. Ook worden nieuwe locaties aangedragen, zoals ten noorden van de N201 (Burgemeester Brouwerweg), Schiphol-Rijk en ten westen van de Rijksweg A4. Meer specifiek wordt nog gevraagd, waarom de Incheonweg eerder is afgevallen en nu kennelijk wel kan, waarom in het datacenterbeleid gesproken wordt over een benodigde oppervlakte van 5-7ha, terwijl nu 4ha voldoende is, en tenslotte, waarom niet gelijk 2 stations op één locatie.
Antwoorden Liander heeft sinds 1 oktober 2020 voor het gebied Hoofddorp / Schiphol- Rijk en omgeving code rood afgegeven: er is geen capaciteit meer beschikbaar op het elektriciteitsnet. Het gebied met deze transportbeperking geldt voor onderstation Hoofddorp en raakt met name het oostelijke gedeelte van Hoofddorp. Onderstation Rozenburg heeft al langere tijd een transportbeperking, waardoor ook ontwikkelbeperkingen zijn ontstaan in PrimA4a. De nieuwe transportbeperking raakt alle ontwikkelingen binnen het verzorgingsgebied van het nieuwe transformatorstation, dus ook de ontwikkelingen in het stadscentrum van Hoofddorp. Nieuwe grondgebonden woningen kunnen vooralsnog van stroom worden voorzien, maar voor grootverbruikaansluitingen van bedrijven en gestapelde woningen geldt dit niet. Het nieuwe station is ook nodig voor de grote vraag naar transport van stroom door de energietransitie. In het door de raad vastgestelde datacenterbeleid wordt voorgesteld dat er tot aan 2030 een maximale groei aan datacenters wordt geaccepteerd met een stroomvraag van 750 MVA. Datacenters met een grotere stroomvraag dan 80 MVA, worden rechtstreeks aangesloten op het 150kV-net en moeten een eigen inkoopstation realiseren.
Vooralsnog is – ondanks de coronacrisis - geen sprake van een vermindering van de energievraag of afgenomen noodzaak tot bouw van woningen of een afname van bedrijfsvestigingen met een stroomvraag. De vraag naar energie is zo groot dat de netbeheerders inmiddels op zoek zijn naar twee stationslocaties, één ten westen van de rijksweg A4 en één ten oosten. Omdat de vraag zicht het eerst voor doet aan de oostkant, wordt daar het eerste station gepland. De zoektocht naar een stationslocatie is in 2015 gestart, waarbij meerdere locaties zijn onderzocht. De door de dorpsraad van Rijsenhout aangedragen locaties maakten daar deel van uit. De ruimte in onze regio is schaars en daarmee de keuzemogelijkheden beperkt. Veel gronden zijn al bestemd, niet meer beschikbaar, onvoldoende groot of op een te grote afstand van aan te sluiten klanten gelegen. Ook vanwege de reservering van de parallelle Kaagbaan en het doortrekken van de Noord-Zuidlijn zijn locaties afgevallen. Het is juist dat met de kennis van nu gesteld moet worden dat bij diverse gebiedsontwikkelingen – met name bedrijventerreinen – rekening gehouden had moeten worden met de ruimtevraag vanwege de stroomvoorziening. De energietransitie zorgt voor een steeds groter aandeel van elektriciteit in het energiegebruik. Vanwege de energietransitie schakelen steeds meer consumenten en bedrijven over op elektriciteit.
Zoals de overgang naar elektrisch vervoer en gasloze woningen. Ook de landbouw en industrie stappen langzaam over naar elektriciteit. Daarnaast is de sterke groei van datacenters met een hoge stroomvraag in de afgelopen jaren onvoldoende voorzien. De groei van datacenters wordt inmiddels in onze gemeente, maar ook in de regio, beperkt, maar zal niet geheel vervallen. De netbeheerders hebben ook voor deze bedrijven een aansluit- en transportverplichting. Er wordt inmiddels op regionaal niveau over dit vraagstuk gesproken en naar oplossingen gezocht, mede in het perspectief van de op duurzaamheid gestoelde energietransitie. Bedrijventerrein Schiphol-Rijk is grotendeels bebouwd en voor zover niet bebouwd, is de ruimte te gering of beperkt door het Luchthavenindelingsbesluit (LIB) en de reservering voor de parallelle Kaagbaan voor de realisatie van een station. De in het eerste locatieonderzoek als voorkeurlocaties naar voren gekomen locaties bij Rijsenhout (2A/2B) lagen in de omgeving van de dorpskern en -voorzieningen en zijn om die reden in 2018 door de gemeenteraad afgewezen. De andere locatie (1) is afgevallen door de Noord-Zuidlijn. De zoektocht heeft zich vervolgens vooral geconcentreerd op bedrijventerreinen. 1
3. De locatie aan de Incheonweg Gevraagd wordt waarom nu voor de locatie aan de Incheonweg wordt gekozen. Past dit wel in het geldende bestemmingsplan en waarom zou deze locatie wel kunnen en eerder de locaties bij Rijsenhout niet. Deze locatie ligt op net iets meer dan 200m vanaf bestaande woningen, waar in eerdere onderzoeken nog een afstandsnorm van 300m werd aangehouden. Is het niet uiterst toevallig dat de dichtstbij zijnde woning net buiten de 200m contour ligt. Ook de ligging nabij de cultuur-historisch waardevolle Waterlinie met het Fort Aalsmeer en de Geniedijk wordt als bezwaarlijk en niet passend gezien. Het levert overlast qua geluid en EM-velden op voor bestaande woningen, niet alleen aan de Aalsmeerderdijk, maar ook bijvoorbeeld voor woningen aan de Aarbergerweg, maar mogelijk ook voor bedrijven, die op veel kortere afstand aanwezig zijn. Als voorbeeld wordt de Arendshoeve genoemd, die ook concreet een vraag heeft gesteld over geluidhinder binnen de kassen. Zijn die bedrijven wel gehoord, wordt gevraagd. Ook wordt gewezen op de belangen van Schiphol, de reservering voor de parallelle Kaagbaan en wordt de vraag gesteld of wel met Schiphol is overlegd. Als de 2e Kaagbaan niet door gaat, zou een verplaatsing meer naar het westen wellicht ook mogelijk worden.
Concreet geeft iemand aan er net te zijn gaan wonen en nu met zo’n ingrijpende wijziging in de omgeving geconfronteerd wordt. Wordt waardevermindering van de woning gecompenseerd? Tenslotte wordt ook wordt gevraagd of elders stations op vergelijkbare afstanden van bestaande woningen zijn gesitueerd.
Om de locatiemogelijkheden uit te breiden is hierbij voor de hoogspanningsinstallaties van TenneT uitgegaan van opname in een gebouw, waarmee ook het benodigde grondoppervlak is afgenomen van ca. 6 tot 4 ha. De ruimte in de ondergrond is schaars en langere kabellengtes leiden tot groter stroomverlies. Stations worden om die reden efficiënt gespreid en zo dicht mogelijk bij de stroomvragers gesitueerd. Ook vanuit die optiek ligt de Incheonweg goed. De locatie aan de Incheonweg maakt deel uit van het bedrijventerrein Schiphol Logistics Park, SLP-Zuid genoemd, en een transformatorstation sluit hier goed aan qua functie, is ruimtelijk/landschappelijk goed inpasbaar en ligt op voldoende afstand van woningen. Hierboven is al aangegeven hoe op de locatie aan de Incheonweg is uitgekomen. De betreffende gronden hebben een agrarische bestemming, maar wel is vastgelegd dat die bestemming door het college van burgemeester en wethouders kan worden gewijzigd naar bedrijfsdoeleinden. Er is destijds niet voor een rechtstreekse bestemming gekozen, omdat er nog geen anterieure afspraken met de grondeigenaar waren gemaakt. Voor de plaatsing van het station is nu een partiële herziening van het bestemmingsplan nodig, omdat de wijzigingsbevoegdheid van het bestemmingsplan nog uitgaat van een verlegging van de Incheonweg in zuidelijke richting.
Door aanpassing van het kruispunt met de Aalsmeerderweg is die verlegging niet meer noodzakelijk. Daarnaast is het station qua vermogen zwaarder dan de wijzigingsbevoegdheid van het bestemmingsplan mogelijk maakt (maximaal 200 MVA in plaats van de thans beoogde 400 MVA). De locatie aan de Incheonweg kan getypeerd worden als 'gemengd gebied' (liggend op een bedrijventerrein met woningen aan de rand van het gebied). In het eerste haalbaarheidsonderzoek is bij de richtafstand van 300 meter uitgegaan van een situering nabij een “rustige woonwijk”. Voor omgevingstype 'gemengd gebied' geldt voor milieucategorie 4.2 (opgesteld transformatorvermogen van 200 tot 1000 MVA) een richtafstand van 200 meter ten opzichte van gevoelige bestemmingen, zoals wonen. Voor het station is de afstand van de (gevels) van de aanwezige geluidgevoelige gebouwen (woningen) tot de inrichtingsgrens (hek van het station) van het geprojecteerde onderstation minimaal 220 meter. Door TenneT en Liander is er desondanks voor gekozen in het geluidsonderzoek ook nog de volgende stap uit te laten voeren waarbij de optredende geluidniveaus op de gevel van de woningen zijn getoetst aan de grenswaarden die van toepassing zijn voor 'gemengd gebied', te weten 50 dB(A) etmaalwaarde (50 dB(A) in de dag-periode, 45 dB(A) in de avond en 40 dB(A) in de nacht).
Uit het geluidsonderzoek blijkt dat aan deze grenswaarden wordt voldaan. Ook de belendende bedrijven zijn geïnformeerd over de eventuele komst van het station. Daarnaast is er overleg met Schiphol. Ook die resultaten zijn betrokken in het haalbaarheidsonderzoek. Als voldaan wordt aan de vestigingsvoorwaarden uit een oogpunt van hinder, veiligheid, gezondheid en ruimtelijke randvoorwaarden is het niet aannemelijk dat woningen in de omgeving in waarde gaan dalen ten gevolg van het te bouwen transformatorstation. Als een woningeigenaar meent van wel, kan hij/zij, nu een partiële herziening van het bestemmingsplan vereist is, een planschadeclaim bij de gemeente indienen. Een schadebeoordelingscommissie zal dan beoordelen of sprake is van schade die redelijkerwijs niet ten laste van de woningeigenaar kan blijven.
2
4. De inpassing op de locatie Gepleit wordt het station meer westwaarts richting de Aalsmeerderweg te situeren, dus verder weg van de woningen aan de Aalsmeerderdijk. Gevraagd wordt ook waarom de transformatoren met een open zijde richting de Aalsmeerderdijk zijn geplaatst, en de compensatiespoelen tegen de Geniedijk staan. Vragen worden gesteld over de landschappelijke inpassing. Wordt het Geniepark wel aangelegd, of is dat een wens(beeld), wat het doet met de beleving van het monument, hoe ziet het terrein er straks uit, wat is de hoogte van de bebouwing, of niet alle installaties in een gebouw kunnen, en tenslotte, kan er geen afscherming met een grondwal plaatsvinden. Concreet wordt tenslotte nog gevraagd naar wat een GISinstallatie is en waarom daarvoor in dit geval is gekozen.
Op verschillende locaties staan transformatorstations direct in of grenzend aan woongebieden. Het is wel lastig vergelijken, omdat de transformatorstations qua grootte, type installaties en vermogen nergens volledig hetzelfde zijn. Enkele voorbeelden: • Station Haarlemmermeer, Leenderbos 95 Hoofddorp • Station Hoofddorp, Pieter Verhoogstraat nabij 19, Hoofddorp • Station Rozenburg, Aalsmeerderweg nabij 620 Rozenburg • Station Aalsmeer Bloemenveiling, Legmeerdijk 318 Aalsmeer • Station De Weel, Priggeweg 6, 't Veld Verplaatsing in westelijke richting leidt naar verwachting tot bezwaren van Schiphol, in verband met de in acht te nemen reservering en veiligheidszones, als gevolg van de mogelijke aanleg van de Parallelle Kaagbaan. Een deel van de meer westelijk gelegen kavel mag om die reden nu al niet bebouwd worden. Ook heeft de grondeigenaar gevraagd om plaatsing langs de oostelijke grens van de kavel, zodat er geen té kleine restkavel over blijft. Bij de plaatsing van het GIS-gebouw, de transformatoren en de compensatiespoelen is er voor gekozen deze zoveel mogelijk aan de westelijke en noordelijke zijde van het perceel te plaatsen, waardoor de naar de woningen gerichte oostzijde zover mogelijk van bebouwing blijft en het station mede daardoor landschappelijk goed kan worden ingepast.
De transformatoren en compensatiespoelen zijn de geluidbronnen en veel zorgen gaan over geluid. De onderzoeken laten zien dat de zes transformatoren en twee compensatiespoelen voldoen aan de geluidsnormen, maar dat lijkt omwonenden onvoldoende gerust te stellen. In de omgeving is al veel ander geluid te horen, onder andere van de industrie, Schiphol en de snelweg. Het onderzoeksbureau voert naar aanleiding van vragen van de omwonenden nog onderzoek uit naar de gevolgen van het geluid van het transformatorstation in combinatie met het geluid dat nu al in de omgeving ervaren wordt (cumulatie). Vooruitlopend op het onderzoek hebben TenneT en Liander besloten om voor zowel de transformatoren als de compensatiespoelen een extra wand te plaatsen die aan de binnenzijde geluidabsorberend wordt uitgevoerd. Daarmee staan de geluidsbronnen tussen vier muren in plaats van drie, waar het ontwerp op gebaseerd was. De netbeheerders hopen hiermee recht te doen aan de specifieke situatie van deze omgeving. In het oorspronkelijke ontwerp met één open zijde wordt op de gevels van de dichtstbijzijnde woningen aan de Aalsmeerderdijk reeds aan de norm van 50dB voldaan. Uit het onderzoek van 1 maart 2021 (4 wanden) blijkt dat de ten gevolge van het station optredende geluidbelasting ter plaatse van woningen maximaal 47 dB(A) etmaalwaarde bedraagt (inclusief een eventuele toeslag voor tonaal geluid).
Hiermee wordt ruimschoots voldaan aan de toepasselijke criteria op basis van de Wet geluidhinder en de VNG-richtlijn 'Bedrijven en milieuzonering'. Gesteld kan worden dat derhalve sprake is van een uit akoestisch oogpunt planologisch inpasbare situatie. Het Geniepark wordt gerealiseerd zowel ten westen van de Aalsmeerderweg (Schiphol Logistics Park West door SADC), alsmede ten oosten van de Aalsmeerderweg en parallel aan de ontwikkeling van het transformatorstation en de restkavel van Schiphol Logistics Park Zuid. Hierbij zal ook de door de gemeente verworven woning met kassencomplex aan de Aalsmeerderweg worden betrokken. In het bestemmingsplan voor Schiphol Logistics Park is de bescherming van cultuurhistorische waarde van het monument en de Geniedijk vastgelegd. De Geniedijk zelf, alsmede een zone van ca. 50 meter aan de noordzijde daarvan is als cultuurhistorisch waardevol aangemerkt en bestemd. De gemeente heeft voor de inrichting hiervan het Ontwikkelingsplan Geniepark vastgesteld. Hierin worden langs de noordzijde van de dijk over een breedte van 50 meter (fruit)bomen aangeplant. Het terrein van het transformatorstation wordt daarmee aan de zuidzijde omzoomd door het Geniepark. Op het stationsterrein komt op de niet verharde delen gras (bloemrijk grasland). Op de grens wordt een hek aangebracht. 3
Hier zal met een landschapsontwerper verder uitwerking aan worden gegeven. Het GIS-gebouw is maximaal 12 meter hoog en is het hoogste gebouw van het station. De hoogspanningsinstallaties staan in dit gebouw, de transformatoren en compensatiespoelen staan buiten, maar hebben inmiddels aan alle zijden scherfmuren, waardoor ook die installaties zich manifesteren als (lagere) bouwwerken (hoogte 6,5 meter). Er zijn twee systemen voor de hoogspanningsinstallaties (150kV) van TenneT: Gas Insulated Switchgear (GIS): een gesloten systeem, alle hoogspanningsinstallaties zitten verwerkt in een gebouw; Air Insulated Switchgear (AIS): een open systeem, waar alle hoogspanningssystemen in de buitenlucht staan.
5. De geluidhinder Gevraagd wordt naar de geluidhinder vanwege het transformatorstation. Voldoet dit aan de te stellen normen, is het hoorbaar en/of hinderlijk, en, wordt ook rekening gehouden met het achtergrondniveau vanwege wegen vliegverkeer, alsmede bedrijven? Meer specifiek wordt gevraagd naar de frequentie van het geluid (lage frequenties zijn storender), eventuele fluctuaties daarin, en, tenslotte, het tonale karakter daarvan. Wat is of wat ervaar je van een verschil van 2 of 3 dB? Voorts is gevraagd wat er gebeurt als de aannames die nu gedaan worden in de praktijk niet blijken te kloppen. Wat is daar dan aan te doen? Zijn er nog extra mogelijkheden om het geluid verder terug te dringen? In dat kader wordt gevraagd waarom de transformatoren een open zijde hebben naar de Aalsmeerderdijk toe. Tenslotte nog de vraag, word ik gecompenseerd voor kosten voor noodzakelijke geluidsisolerende maatregelen?
Bij het GIS systeem wordt 50-60% van de hele kavel gebruikt en bebouwd. De resterende 40-50% van de buitenruimte blijft onbebouwd en dient mede als wisselplek als de installatie in één keer na 30 jaar topt 50 jaar technisch vervangen moet worden. Voor open systemen, en dat geldt ook voor de transformatoren van Liander, geldt dat deze gefaseerd kunnen worden vervangen, waardoor daarvoor geen wisselplek benodigd is. Desondanks is een AIS groter dan een GIS met vergelijkbare capaciteit. Vanwege de inpassing van het station op de locatie aan de Incheonweg en om het draagvlak onder inwoners te vergroten, heeft de gemeente een GIS-installatie als voorwaarde gesteld. Een architect is bezig met een ontwerp van de gebouwen, passend bij de door de gemeente gewenste beeldkwaliteit. Geluid is een deels subjectieve beleving. Ook de toonsoort leidt tot verschillen in wat als hinderlijk en wat als acceptabel wordt ervaren. In de regelgeving wordt dit geobjectiveerd en zijn maximale waarden op de gevels van woningen bepaald, waarbij in de berekeningsmethodes ook rekening wordt gehouden met het tonale karakter van het geluid. Hiervoor worden opslagen voorgeschreven. Uit het geluidsonderzoek van Peutz (4 wanden), blijkt dat ter plaatse van de gevels van de dichtstbijzijnde woningen (Aalsmeerderdijk en Aalsmeerderweg) onder de norm van 50 dB(A) (etmaalwaarde) wordt uitgekomen.
De etmaalwaarde is maximaal 47dB om exact te zijn, inclusief de opslag van 5dB vanwege het tonale karakter. De regelgeving schrijft niet voor dat rekening moet worden gehouden met het aanwezige achtergrondniveau van het geluid. Er is al sprake van een hoge geluidbelasting vanwege het weg- en vliegverkeer en het bedrijventerrein. In het algemeen kan worden gesteld dat als de geluidbijdrage van een toegevoegde geluidbron lager is dan dat achtergrondniveau, de geluidhinder niet zal toenemen. Het nieuwe geluid wordt dan gemaskeerd door het reeds aanwezige geluid. Transformatorgeluid manifesteert zich bij de specifieke frequentie van 100 Hz (de grondtoon) en een aantal zgn. 'hogere harmonische frequenties' (veelvouden van 100 Hz: 200, 300, 400 Hz etc.). Vanwege dit tonale aspect is, conform de wettelijk voorgeschreven rekenmethodiek, een toeslag van 5 dB in rekening gebracht alvorens de geluidniveaus zijn getoetst. Of het geluid ter plaatse van de woningen ook daadwerkelijk als tonaal wordt ervaren is overigens de vraag en is mede afhankelijk van het niveau van het omgevingsgeluid. Er is overigens geen sprake van wijzigende toonhoogtes, de frequenties liggen vast. Een toename van drie decibel ten opzichte van een bestaand geluidniveau betekent een verdubbeling van de geluiddruk. Dit wordt door het menselijk gehoor overigens niet als een verdubbeling ervaren.
Een toename van drie dB is nog juist hoorbaar. Het ligt overigens in de verwachting dat het geluid van het station aan de Incheonweg grotendeels of geheel wordt gemaskeerd door het reeds aanwezige omgevingsgeluid.
4
6. De EM-velden Gevraagd wordt naar de gevolgen van de elektromagnetische velden die inherent zijn aan stroomvoorzieningen. Dit zowel wat betreft de installaties op het terrein, als boven de voedende kabelverbindingen naar het station. Zijn die gevolgen onderzocht en wat is het effect op de omliggende woningen, waaronder ook die aan de Aarbergerweg. Meer specifiek wordt nog gevraagd of de EM-velden epilepsieaanvallen kunnen opwekken en er wordt gevraagd of rekening is gehouden met een advies van de Gezondheidsraad met betrekking tot de gezondheidseffecten van hoogspanningsleidingen.
7. Wat wordt er onderzocht Gevraagd wordt naar de aard en omvang van het haalbaarheidsonderzoek, zowel voor de installaties als de noodzakelijke kabels, alsmede de waarborging van de onafhankelijkheid daarvan. Is er sprake van trillingshinder, is de grond al eigendom van de netwerkbedrijven of kunnen wij als bewoners de gronden nog aankopen om de vestiging te voorkomen. Tenslotte wordt nog gevraagd of ook gekeken wordt naar de natuurbelangen.
De onderzoeken worden gedaan, in opdracht van de netbeheerders door een professionele en deskundige bureaus. Het geluidsonderzoek is door Peutz uitgevoerd en wordt daarna getoetst door de gemeente. De gemeente betrekt, daar waar nodig, onafhankelijke deskundigen erbij. Ook TenneT en Liander zijn er overigens niet bij gebaat dat onderzoeken mogelijkerwijs niet zouden kloppen. Uitgangspunt is dat de geluidsnormen niet worden overschreden waardoor geluidsisolerende maatregelen in woningen niet noodzakelijk zijn. Als er toch sprake zou zijn van een overschrijding van de geluidsnormen dan moeten in eerste instantie maatregelen aan de bron worden uitgevoerd. Dit betekent dat er maatregelen bij de compensatiespoelen en transformatoren moeten worden genomen en niet bij de woningen. De EM-velden (elektromagnetische velden) van het station zijn onderzocht en maken deel uit van het haalbaarheidsonderzoek. De rapporten zijn via de websites van gemeente en netwerkbedrijven gedeeld met de omwonenden. Er wordt rekening gehouden met het geldende beleid, waarbij voor hoogspanningsstations en ondergrondse hoogspanningsverbindingen op basis van Europese normen een blootstellingslimiet van 100 microtesla geldt.
Aanvullend is, op verzoek van de gemeente en in lijn met het advies van de Gezondheidsraad, de stationslocatie ook getoetst aan het zogenaamde "voorzorgbeginsel voor bovengrondse hoogspanningslijnen". Daarbij wordt geadviseerd om bij nieuwe situaties, zoveel mogelijk, te voorkomen dat kinderen langdurig verblijven in een zone waarbij het jaargemiddelde magneetveld hoger is dan op 0,4 microtesla. De contour van de 100 microtesla licht ruimschoots binnen de grenzen van het terrein. Die van de 0,4 microtesla valt nagenoeg samen met de grens van het stationsterrein. Omwonenden, ook die van de Aarbergerweg, zullen daarmee geen hinder hebben van de EM-velden. Bij TenneT, Liander, bij de GGD en het Kennisplatform over Elektromagnetische Velden is niets bekend over extra risico van epilepsiepatiënten. Er is wel onderzoek gedaan naar het effect van werken aan elektriciteit en epilepsie, maar ook daarbij is geen verband gevonden.
Voordat een definitief besluit over de locatie wordt genomen, is met het haalbaarheidsonderzoek onder andere het onderstaande onderzocht: o een definitieve uitwerking van de ruimtelijke inpassing met een schetsontwerp van het station, waarbij zoveel mogelijk aansluiting wordt gezocht bij de kaders voor de ontwikkeling van Schiphol Logistics Park (SLP) en de Geniedijk en het nog in te richten Geniepark; o een akoestisch onderzoek naar mogelijk geluidhinder; o een onderzoek naar elektromagnetische velden; o een bodemonderzoek naar mogelijke bodemverontreiniging van onder meer poly- en perfluoralkylstoffen (PFAS) en perfluoroctaanzuur (PFOA); o consultatie van omwonenden naar eventuele bezwaren of gevolgen voor en vanuit de (woon)omgeving, zodat omgevingsbelangen kunnen worden meegewogen; o onderzoek naar de luchtvaartbelangen; o kabeltracés voor de voedende 150kV-verbindingen en de afgaande 20kV-verbindingen. De meeste onderzoeken zijn door of in opdracht van de netwerkbedrijven verricht. De gemeente toetst de resultaten daarvan met eigen deskundigen (geluid, ruimtelijke inpassing, etc.) of met externe deskundigen (EMvelden). De grond is eigendom van de provincie Noord-Holland, maar zal onder ontbindende voorwaarde van een definitief locatiebesluit/ bestemmingswijziging van de gemeente door de eigenaar aan TenneT en Liander worden verkocht.
Er is inmiddels overeenstemming over de grondprijs en de koopovereenkomst wordt nu uitgewerkt. 5
8. Wat is het vervolg (planning en inbreng van bewoners) Wat gaat er gebeuren met de vragen c.q. inbreng van omwonenden en andere belanghebbenden. Ligt de locatie(keuze) al vast. Worden verslagen gemaakt van de gehouden online bewonersavonden en hoe nemen deelnemers daar kennis van c.q. worden ze gepubliceerd. Wanneer is het onderzoek klaar en kunnen de omwonenden en belanghebbenden daar dan kennis van nemen? Kunnen wij nog meedenken met de invulling en uitwerking (inrichtingsplan, gebouwontwerpen) op de locatie. Wat is de tijdsplanning van de vervolgstappen. Kunnen wij ook na deze haalbaarheidsfase nog reageren of hebben wij nog mogelijkheden om ons hiertegen te verweren.
Voor het perceel waar het transformatorstation zou kunnen komen, wordt het benodigde (wettelijk vereiste) natuuronderzoek uitgevoerd. Met de aanleg van het Geniepark wordt niet slechts de cultuurhistorische waarde, maar ook het natuurbelang gediend. Tot en met 24 februari 2021 konden omwonenden, ondernemers en andere belanghebbenden in het gebied vragen stellen in het kader van het participatieonderzoek. Reeds gestelde vragen (bijeenkomsten van 21 en 28 januari jl.) zijn inmiddels beantwoord en op de websites van de gemeente, TenneT en Liander geplaatst. De deelnemers van de bijeenkomsten en individuele vragenstellers zijn per mail beantwoord. Hierdoor is het mogelijk geweest om aanvullende vragen te stellen c.q. in dialoog te komen met de gemeente c.q. de netbeheerders. Na 24 februari 2021 is het participatieonderzoek afgerond, met de opstelling van deze reactienota. Hier zijn de ontvangen vragen en reacties verwerkt. Daarnaast bevinden de genoemde technische onderzoeken in het kader van de haalbaarheid zich in een afrondende fase en worden uiteindelijk definitieve rapporten opgeleverd en ingebracht in het haalbaarheidsonderzoek. Zodra het college van burgemeester en wethouders besluit het haalbaarheidsonderzoek, en daarmee de locatiekeuze, aan de gemeenteraad voor te leggen, wordt hiervan op de gebruikelijke wijze openbare kennisgeving van gedaan.
Bij de behandeling van het haalbaarheidsonderzoek en het locatiebesluit kan ook bij de gemeenteraad worden ingesproken. Na het definitieve locatiebesluit – ingeval dit positief is - wordt er een bestemmingsplan opgesteld en in procedure gebracht. Belanghebbenden kunnen zienswijzen bij de gemeenteraad en vervolgens eventueel beroep bij de Raad van State indienen. Er zijn en blijven dus ook na 24 februari mogelijkheden om reacties te geven op het besluit tot realisatie van een transformatorstation op de locatie aan de Incheonweg. Ook blijven de netbeheerders in gesprek met de omgeving en bereid vragen te beantwoorden.
6
Bijlage B
Vragen en antwoorden bewonersconsultatie
Versie 10 maart 2021
WAAROM/ALGEMEEN Waarom is er een transformatorstation nodig? Er is grote behoefte aan extra elektrische stroom in de Haarlemmermeer, voor nieuwe bedrijven, woningbouw en vanwege de energietransitie. Liander kan vanaf oktober 2020 in Hoofddorp, Schiphol-Rijk en Rijsenhout geen nieuwe bedrijven en andere grootverbruikers (nieuwe woonwijken) meer aansluiten. Er is in een steeds groter deel van de Haarlemmermeer geen extra capaciteit meer voor op het netwerk. Daarvoor zijn twee nieuwe transformatorstations nodig. Vooruitlopend op de bouw van een nieuw transformatorstation zijn er sinds 2017 al diverse (tijdelijke) maatregelen genomen om de netcapaciteit te verhogen. Deze (tijdelijke) maatregelen zijn niet voldoende. In 2019 is onderzoek gedaan naar andere oplossingen, maar die zijn er niet. De noodzaak is de laatste tijd alleen maar groter geworden. Een transformatorstation moet zo dicht mogelijk bij de gebruikers staan. De locatie die nu onderzocht wordt voor het eerste station (de locatie aan de Incheonweg) kan voldoen aan alle gestelde voorwaarden. Wie gaat de elektriciteit gebruiken? De belangrijkste vraag komt van Schiphol Logistics Park, Schiphol-Rijk, de Hoek en Rijsenhout. Gaat dit station voor 50% de datacenters van stroom voorzien? Liander heeft aangegeven te verwachten dat circa 50% van de stroomcapaciteit gebruikt zal worden door datacenters.