Transcript commissie Ontwikkeling van 9 oktober 2025
Tekst van het document
De goede vraag is eigenlijk aan u: hoe staan die andere bewoners erin die er nu nog wonen? Dat is mijn vraag aan u. Er is natuurlijk een heleboel mensen weggegaan, die zijn naar
17
oost gegaan. Hoe staan die in het hele plan? Ja ik kan ik mocht er niet bij zijn, want ik ben ontweken weggestuurd door Ymere. Dat kan ik u ook vertellen. Inspreker 2: Dat is ook bijzonder. De huidige bewoners die zijn er eigenlijk niet meer, want dat staat grotendeels leeg en er zitten volgens mij tijdelijk studenten in. Daar kan ik ook niet even aanbellen van wat vinden jullie ervan? Want ik denk niet dat die daar heel veel van vinden. Die zitten daar tijdelijk. De voorzitter: Andere vragen nog voor de heer Hunting? Mevrouw Jacobsz, OPHaarlem. Mevrouw Jacobsz: Goedenavond. Ik werd even getriggerd door de groene binnentuin, dat dat dan geen openbare tuin zou worden, ook niet meer toegankelijk voor mensen die er niet wonen. Begrijp ik dat goed? En hoe is dat precies aan hun medegedeeld of uitgelegd? Inspreker 2: Dat klopt inderdaad. Ze hebben … Volgens mij stond het zelfs op een van de posters dat het een afgesloten binnentuin wordt, die alleen toegankelijk is voor nieuwe bewoners. En alleen de nieuwe bewoners hebben ook zicht op de binnentuin, want de hele buurt kijkt alleen maar tegen een soort betonnen muur aan, die om de tuin heen staat. De voorzitter: Vervolgvraag, mevrouw Jacobsz.
Mevrouw Jacobsz: En dat is dus in strijd met wat voorheen werd gepresenteerd? Inspreker 2: Bij de eerdere presentaties ben ik zelf niet geweest, maar ik heb dat opgezocht en ook aan buren gevraagd. We zijn bezig met de oprichting van een Buurtcomité. Dus ik leer elke dag bij. Maar er was eerst sprake van een plan met twee U-vormige gebouwen en dat is toen als een optie gepresenteerd om dat in een rechte lijnen te gaan maken. En daarvan heeft de buurt gezegd: als het maar maximaal drie lagen hoog wordt. Nu zijn het dan de rechte lijnen, maar vier lagen hoog. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Hunting, voor de beantwoording van de vraag vanuit de commissie. We gaan nu richting het Volkshuisvestingprogramma, de bespreking daarvan. En daar komt dit specifieke geval niet naar voren, gok ik zomaar. Maar de wethouder en de commissieleden hebben u wel gehoord. Dus wellicht volgt daar nog actie uit richting het programma. Dank. Gaan we naar de commissie voor het Volkshuisvestingsprogramma. De inspraak van de commissie op het Volkshuisvestingsprogramma, met daarbij ook de concept Huisvestingsverordening en de rapportage woningbouw betrokken, u geagendeerd. En wie mag ik hierover het woord geven? Mijnheer Heinis, PvdA. De heer Heinis: Dank u wel, voorzitter. Op veel vlakken is het een supersterk concept. We zijn er ook best blij mee.
We vinden de focus op collectieve woonvormen bijvoorbeeld heel goed en de extra aandacht voor kwaliteit van de bestaande voorraad. Maar er zijn nog wel echt een paar belangrijke punten die we graag anders zouden zien. Allereerst gaat het om de groei wat ons betreft. Want we gaan flink terugschakelen na 2030. We gaan de komende jaren ongeveer 1.200 woningen per jaar groeien en dan ineens is het 2030 geweest, dan gaan we naar 500 woningen per jaar. En wij maken ons geen illusie dat we in 2030 alle woningmarktproblemen hebben opgelost, dat de wooncrisis voorbij is. Wij vinden het heel spannend om dit te doen. Vorige keer heb ik dat ook gezegd en gepleit om met 1.100 woningen per jaar te blijven groeien. Toen merkte ik dat er niet heel veel steun was, maar ik trek toch die woningbehoefteonderzoeken, ik vind het gevaarlijk. Het is geen blauwdruk heel duidelijk. En wat doen wij? We gebruiken het als blauwdruk voor ons Volkshuisvestingsprogramma.
18
De voorzitter: Mijnheer Heinis, u heeft een interruptie van mevrouw Oudshoorn, D66. Mevrouw Oudshoorn: Interessante gedachte van de PvdA-fractie. Waar moeten die woningen dan komen? Want dat lijkt me wel vrij cruciaal om ons tot dat soort ideeën te verhouden. Als de PvdA dan ook even wil voorstellen waar ze moeten komen. De voorzitter: Mijnheer Heinis. De heer Heinis: We hebben gelukkig heel veel locaties. We hebben een hele goede plancapaciteit in Haarlem. En we hebben ook een lijst met aanvullende voorstellen gezien, die bij heel veel stukken zat. Daar kom je echt super ver mee. Daar maken wij ons niet zo heel veel zorgen over. We voelden dus weinig steun. Waar we nu aan zitten te denken als voorstel aan de commissie, kunnen we niet die 5.000 woningen dat je zegt: die willen we in de eerste vijf jaar gaan plannen. Dan ga je eigenlijk gewoon het bouwtempo aanhouden wat je nu ongeveer aanhoudt en dan kan je op een later moment bijsturen. Als het echt heel goed gaat, dan kunnen we omlaag, maar als de sores blijft en we verwachten nu dat al de gemeenten om ons heen hun bouwdoelen halen. Ik ben er best wel sceptisch over. Maar als het wel goed gaat, kunnen we verlagen. Als het niet goed gaat, dan kunnen we door blijven bouwen. We hebben onze organisatie op ingericht. Het lukt ons om goede aantallen te halen. Laten we dat alsjeblieft niet weggooien.
Dan het tweede, het beter benutten van bestaande bouw. We vroegen om een kwantitatief doel hierop. En we zijn blij dat het er nu voor hospitamatches goed in staat. Het gaat ook over andere woningdeelvarianten. Maar als het gaat om kamergewijze verhuur of Friends-wonen, vinden wij het wel erg laag. Er staat nu een ambitie om 15 tot 20 woningen, om daar dan afspraken over te maken. En we denken, als je kijkt naar de demografische ontwikkelingen, dat je daar gewoon twee nullen achter kan zetten. Want we hebben een enorme toename van eenpersoonshuishoudens. We zien ook heel veel eenzaamheid in de stad en woningdelen kan echt enorm helpen om veel meer mensen aan een betaalbare en fijne woonplek te helpen. En dat hoeft niet allemaal ingewikkeld met intermediaire organisaties, het kan ook gewoon met Friends-wonen, met twee personen bijvoorbeeld. Dan kan je al heel veel binnen de bestaande regels en kan je veel meer en snel ook veel meer doen. Dus we hopen dat er echt wat meer ambitie op dit punt nog inkomt. De voorzitter: Mijnheer, Heinis, u heeft weer een interruptie, maar nu van de heer Amand. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Gaat u nu ook bouwen in het groen? Want dat wil ik wel ik nu weleens even horen natuurlijk. In Haarlem zuidwest bijvoorbeeld. Gaat u dat ook doen? De voorzitter: Mijnheer Heinis.
De heer Heinis: Ik zei net al: die woningbouwlocaties daar staan we er best wel goed mee voor. Als we die 5.000 woningen tussen 2030 en 2035 bouwen, dan redden we dat. Dan hoeven we niet heel erg in het groen te gaan. De voorzitter: Vervolgvraag van mijnheer Amand. De heer Amand: Voorzitter, ik word er een beetje moedeloos van eigenlijk. Ik vraag aan de heer Heinis: gaat u nu bouwen in het groen? De voorzitter: Mijnheer Heinis.
19
Mijnheer Heinis: We hebben de locaties daarvoor. De voorzitter: Gaat u verder, mijnheer Heinis. De heer Heinis: Dan ten slotte de dakloze gezinnen. Het agenderingsvoorstel voor de Huisvestingsverordening en wij willen pleiten voor voorrang voor alle dakloze gezinnen met minderjarige kinderen en een binding met Haarlem. We dienden twee jaar geleden samen met de Actiepartij hier een motie over in om deze gezinnen niet te laten bungelen in de opvang. En het zit nu niet echt in de Huisvestingsverordening. Via omwegen is er misschien wel iets mogelijk voor deze mensen, maar juist in deze situatie wil je snel en duidelijk zijn. En zo zeggen we het ook in het regionaal Actieplan dakloosheid. Daar zeggen we: middels wonen eerst voorkomen of verkorten we verblijf in de opvang aanzienlijk. Waarbij het streven is om opvang voor gezinnen en kinderen tot een uiterst minimum te beperken. En als je A zegt in dit plan, moet je ook B zeggen in de Huisvestingsverordening. Voor deze groep willen we dat wonen eerst de standaard wordt. En eventueel kunnen we dat met een amendement op de Huisvestingsverordening doen, maar we hopen dat het niet nodig is. De voorzitter: Ik zie drie vingers omhooggaan. Is dat een interruptie of termijn? Termijn, termijn, termijn. Mijnheer Amand, weer een interruptie. Ga uw gang.
De heer Amand: Voorzitter, ik heb toch een beetje moeite met deze stelling van de heer van de heer Heinis. We hebben in Haarlem-Noord appartementen leegstaan van 30, 35 vierkante meter, die staan gewoon leeg. En nu gaan we bouwen en die appartementen blijven leegstaan. Hoe kan u dat nu verkopen aan de Haarlemmers? De voorzitter: Mijnheer Heinis. De heer Heinis: Dat is niet te verkopen en daarom hebben wij ook het initiatief genomen voor een Leegstandsverordening die we nu hebben. De voorzitter: We gaan naar de termijn van de heer Van Leeuwen, Actiepartij. De heer Van Leeuwen: Voorzitter, allereerst veel steun voor de wijze woorden van de PvdA. Zeker ook wat betreft Friends. Zeker ook voor het bouwtempo na 2030. Dat zijn ook twee voor ons belangrijke punten. Wat ook voor ons belangrijk is en waar we een mismatch zien in wat het college gesteld heeft en wat de inspreekbijdragen schriftelijk hebben laten zien, maak werk van studentenhuisvesting. Die getallen die kunnen nog weleens een keertje te laag zijn, zoals het college dat voorstelde ook in die monitor. Dat geloven we wel, maar we zien ook de oproep uit de onderwijswereld om dat beter te doen. En Friends kan daarbij helpen. Hospitaverhuur kan daarbij helpen. Voorzitter, wat PvdA stelt, dat klopt inderdaad.
Wij vinden ook dat gezinnen met minderjarige kinderen zich sneller moeten kunnen inschrijven of moeten kunnen doorstromen. En we vinden ook dat het beleid goed op elkaar moet worden afgestemd. Housing First, pak doorstroom, deze verordening, de Huisvestingsverordening, de prestatieafspraken. Soms zien we door het woud van beleid de woningen niet meer. En het is geweldig dat we dat beleid hebben, maar het moet wel op elkaar aansluiten. We zijn benieuwd naar de zienswijzen op de Huisvestingsverordening. Wij hebben er een en die heeft te maken met het splitsen in onze stad. Wij zijn terughoudend geweest met het splitsen in vooroorlogse wijken. Dat vinden we nog steeds heel goed. En die ondergrens van 50 vierkante meter vinden we ook heel goed. Maar daar waar inmiddels met een Omgevingsvergunning kleinere woningen zijn gerealiseerd en dus feitelijk al wordt gewoond, dan is het wat ons betreft niet verdedigbaar om het kadastraal splitsen te blokkeren. Want
20
dat heeft namelijk op geen enkele manier meer een effect op de leefbaarheid. Waarom zouden we daar voorliggen? En zeker wanneer die woning is gelegen in een gebied waar gereguleerd parkeren al de norm is en het college daarin op huisnummer kan ingrijpen, vinden wij dat je gewoon die splitsing moet kunnen voortzetten. Graag een reactie van de wethouder. En anderszins overwegen wij ook wel een amendement in de periode dat we definitief gaan vaststellen. De voorzitter: Ik zag ook interruptie, maar ik wilde uw zin horen. Mevrouw Oudshoorn, D66, ga uw gang. Mevrouw Oudshoorn: Dank u wel, voorzitter. We zijn ook heel enthousiast over splitsen, zoals bekend mag zijn. Ik ga ook zeker met veel interesse naar het voorstel van de Actiepartij kijken om dat legaal te maken, als dat juridisch haalbaar is voor woningen die al gesplitst zijn met een oppervlakte minder dan die 50 vierkante meter. Maar legt u mij dan toch even uit waarom u dat een goed idee vindt als het al bestaat? Maar als iemand nieuwe appartementen wil maken van laten we zeggen 35 of 40 vierkante meter, is dat ineens volstrekt onbespreekbaar. Ik begrijp dat toch niet. De voorzitter: Mijnheer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Wij hebben het over het feit dat de leefbaarheid in die vooroorlogse wijk in het geding was.
En we hebben in het Coalitieakkoord zoals u weet ook de afspraak gemaakt dat we eerder strenger dan minder streng zouden zijn. Maar dit gaat over inmiddels gesplitste of in elke geval bouwkundig gerealiseerde woningen die bewoond worden. En ik wil voorkomen dat iemand straks zegt: ik heb een appartement van 40 vierkante meter. Ik mag niet kadastraal splitsen, dus ik ga hem weer samenvoegen met een appartement in dezelfde woning van ook 40. Dan heb ik een woning van 80 vierkante meter. Die is niet meer sociaal. Dat is geen middeldure huur meer en er staan twee bewoners op straat. Dat wil ik voorkomen en ik hoop op uw steun, als de wethouder niet nu al zou zeggen dat hij dat ook de verkeerde oplossing vindt. De voorzitter: Mevrouw Oudshoorn. Mevrouw Oudshoorn: Los van de juridische complexiteit die ik me daarbij voor kan stellen, vind ik dat ook de verkeerde oplossing. Maar ik begrijp dan toch niet zo goed waarom één woning van 120 vierkante meter splitsen naar drie appartementen van 40 ineens volstrekt onbespreekbaar is. Maar als het al zo is, dan moeten we door alles heen om het wel te legaliseren. Legt u mij dat dan toch eens uit. De voorzitter: Mijnheer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Doe ik niet, want verwijs ik gewoon naar alle bijdragen die u zelf ook heeft gehad en alle commissies die we hierover hebben gesproken al in de vorige periode.
Ik probeer daar nu zich aandient een probleem een oplossing te bieden. En ik denk dat ik u eigenlijk aan mijn zijde heb daarvoor. En het andere kunnen het nog weleens over hebben, zonder meer, maar niet in het kader van nu, want ik heb nog maar 20 seconden. Nee, verder, laten we blijven inzetten op betaalbaar en sociaal wonen. Dat is uiteindelijk wat we al 10 jaar roepen in deze stad. En dat moeten we in dat programma blijven doen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Klazes, GroenLinks. Mevrouw Klazes: Dank u wel, voorzitter. We zijn blij met deze verordening en we hebben nog wel een paar zaken. In het hoofdstuk duurzaam en toekomstbestendig staat de ambitie van 20 procent houtbouw. In 2021 sprak Haarlem zich tijdens de duurzaamheidstop van de MRA de ambitie uit voor minimaal 20 procent
21
houtbouw. We zien dat Haarlem lekker aan de weg timmert. We kunnen het dus best wel goed en waarom durft de wethouder dan niet in te zetten om nogmaals minimaal 20 procent houtbouw. Het is al eerder gezegd over die gedeelde woningen. En ook een beetje in lijn met de oproep van de onderwijsinstellingen die bijgevoegd is bij de stukken. Er zijn steeds meer eenpersoonshuishoudens in Haarlem, 40 procent van de Haarlemmers woont alleen. Een alleenwonende neemt meer woonruimte in beslag dan iemand die onderdeel uitmaakt van een meerpersoonshuishouden. Een alleenwonenden heeft bijvoorbeeld een eigen keuken en een eigen badkamer, die hij of zij alleen gebruikt. Dus per saldo is een alleenwonende buitengewoon inefficiënt voor de woningmarkt. Tegelijkertijd zijn er mensen die heel graag met een paar vrienden een woning zouden willen delen. Dit scheelt in de kosten en daarnaast bestrijdt het de eenzaamheid die op dit moment door heel veel mensen wordt ervaren in Haarlem, door 51 procent van de bevolking. En dat is bijna 67.000 mensen die zich eenzaam voelen. Maar goed, het mag niet. Je mag niet met meerdere mensen in een huis wonen. Je mag niet zomaar met een groep vrienden in een soort organisch gezinsverband een woning delen.
Dat mag niet, omdat de omschrijving van een woning in het Omgevingsplan als volgt is: een gebouw of gedeelte van een gebouw dat dient voor de huisvesting van één huishouden. Wat is dan een huishouden? Ik heb het even opgezocht. Volgens de Van Dale is een huishouden een economische eenheid zoals een gezin of woongemeenschap. Dus feitelijk past het gezamenlijk bewoner van een woning door een groep die geen gezinsverband heeft prima binnen de definitie van het Omgevingsplan. De Vlamingen noemen het overigens prachtig samen huizen. Maar uit het antwoord op mijn technische vraag blijkt dat het in ieder geval door de ambtelijke organisatie wordt gezien als kamerverhuur. En dat mag niet, tenzij er een vergunning wordt verleend. Een woning delen met vrienden zou een oplossing kunnen zijn voor veel woonproblemen en voor veel eenzaamheid, maar de huidige regels in de Huisvestingsverordening staan dit in de weg. Voor alle duidelijkheid, het gaat dus niet om een bouwkundige splitsing en het gaat ook niet over kamerverhuur. Ik wil graag van de wethouder horen waarom het niet is toegestaan om met een groep vrienden een huis te delen. En of hij mogelijkheden ziet om hier wel in te voorzien? Verder vinden wij de resultaten uit de rapportage woningbouw best indrukwekkend. Er komt hopelijk een moment dat de woningbehoefte zal gaan afvlakken. De prognose is dat dit rond 2032 zal gaan gebeuren.
En we hopen dat dat inderdaad zo is. We zijn een groot voorstander van woningbouw, begrijp ons niet verkeerd, maar we hopen wel tegelijkertijd dat dit niet meer ten koste gaat van groene leefbaarheid dan strikt noodzakelijk. Dus absoluut niet buiten de huidige geplande locaties, zoals die staan aangegeven in de in deze verordening. Dat was het. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Klazes. Mevrouw Oudshoorn, D66. Uw termijn, ga uw gang. Mevrouw Oudshoorn: Dank u wel, voorzitter. Ook wij zien een hele hoop goede dingen in deze nota. We gaan bouwen binnen het bestaande stedelijk gebied, dat vinden we prettig. We gaan het middensegment versterken. Ook een speerpunt waar we heel blij mee zijn dat er aandacht voor is. En natuurlijk het initiatiefvoorstel Samen beter wonen, wat weer een mooie plek gekregen heeft in deze nota. We zijn ook heel enthousiast over de ideeën om meer studentenkamers te realiseren, zeker ook kamers, dus niet alleen maar studio's. De inspreekbijdrage van onze onderwijsinstellingen is heel helder. Kunnen die ambities nu niet omhoog? Kan dat niet wat scherper? We horen graag een reflectie van de wethouder, want ook wij zouden graag een wat concreter en vastomlijnder doel zien voor jongerenwoningen. We steunen dan ook van harte het pleidooi van GroenLinks voor woningdelen met vrienden. Wel zo makkelijk.
En we steunen ook het idee van de Actiepartij om niet onnodig streng te zijn over reeds gesplitste woningen. Daar horen we heel graag een juridische reflectie van de wethouder. Kan dat nu wel of kan dat nu niet voor die bestaande gevallen? Maar toch zien we dan één ding ook niet in de nota. En u weet al wat ik ga zeggen. Namelijk meer ruimte om woningen te splitsen. En dan missen we concreet de uitvoering van de motie Maak meer woningvorming mogelijk. Ik had heus niet verwacht dat hier een concreet voorstel zou liggen om aan al die normen te gaan
22
tornen waar ik zo'n bezwaar tegen heb, waaronder dat minimum van 50 vierkante meter. Maar ik had wel gehoopt dat in deze nota een actie zou staan om inzichtelijk te maken wat daar mogelijk is of dat hier op zijn minst een rapport had gelegen waarom het dan allemaal niet mogelijk is? We hebben een motie aangenomen gekregen met een meerderheid in deze raad en we horen graag van de wethouder waarom we dat niet terugzien. En het verbaast D66 ten zeerste, omdat het verhuren van kamers wel op ongelooflijk veel plekken in dit document een plek heeft gekregen. En dan vinden wij het toch een beetje verbazingwekkend dat als je een huis hebt en je wil daar met meerdere mensen in wonen, door dat kamersgewijs te verhuren, vinden we dat een fantastisch idee en dan gaan we dat stimuleren. Dan is dat allemaal leuk. Dan is dat niet een probleem met fietsen. Dan is dat blijkbaar ook geen probleem met afval. Maar op het moment dat we dat gaan doen door gewoon van één grote woning meerdere woningen te maken voor die toenemende groep eenpersoonshuishoudens, die daar enorm behoefte aan hebben, dan kan dat ineens allemaal niet. Dat stuit ons toch enorm tegen de borst.
We hebben net ook al over de parkeernormen van fietsen gehoord, 30 vierkante meter hoor ik de Actiepartij zeggen, daar hoef je toch geen twee fietsen bij? Dat is allemaal prima, maar waarom is een woning van 30 vierkante meter voor één persoon dan ineens een probleem als het opsplitsen aankomt? Lang verhaal kort, we zijn hier bezig met een inspreekbijdrage en wij zouden toch heel graag in dit stuk op zijn minst de actie voor de toekomst hebben gezien om in beeld te brengen wat er nu wel en niet mogelijk is qua soepelere regels voor splitsing. Er meldde zich namelijk een architect bij ons en hij zei: ik kan het niet meer uitleggen. Mensen in de binnenstad hebben panden, die willen alle mogelijke dingen doen om overlast van de omgeving te voorkomen, maar ze krijgen gewoon nee te horen als ze willen splitsen. En ondertussen lukt het de gemeente wel om tientallen woningen in een voormalig winkelpand te realiseren. Waarom is dat dan geen probleem? Wij zijn ook enorm voor het realiseren van meer woningen, maar we vragen de wethouder toch nog één keer: kunt u niet nog een keer kijken naar ons splitsingsbeleid, want absoluut zijn wij het helemaal eens met dat het geen overlast moet veroorzaken. Maar ik denk dat de praktijk hier ook laat zien dat onze huidige regels wel erg strikt uitpakken. We hadden dat graag teruggezien, we zien het niet, dus we horen daarop graag een reflectie.
De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Oudshoorn. Gaan we door naar mevrouw Jacobsz, OPHaarlem. Mevrouw Jacobsz: Dank u wel, voorzitter. Ik wil mij van harte aansluiten bij de betogen van Actiepartij en van D66. En vooral dat onderdeel splitsen en vooral mensen die dus al splitsingen hebben van ver voor 2019. Want ik krijg ook signalen dat er ontzettend streng wordt toegepast en ik pleit ook voor hetzelfde pleidooi als wat we net hoorden. Ik ben heel blij met uw bijdragen. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Bruch, VVD. De heer Bruch: Dank u wel, voorzitter. Als we echt iets willen doen aan de woningnood, dan moeten we alle mogelijkheden durven te gebruiken. En dan bedoel ik niet alleen bouwen, maar ook slimmer omgaan met wat we al hebben. En in dit programma zien we aandacht voor het beperken van woningsplitsing en een steeds zwaardere vergunningsplicht en het resultaat: het aantal woningen dat door splitsingen wordt toegevoegd, is de afgelopen jaren drastisch gedaald. En dat is zonde, want juist splitsing is een snelle betaalbare manier om meer woonruimte te creëren voor starters en jongeren, zonder dat we daarvoor nieuwe grond hoeven te gebruiken. We sluiten ons dan ook zeker aan bij het hartstochtelijk betoog van D66 op dit punt. Tegelijkertijd missen we in dit programma ook aandacht voor de andere kant van de woningmarkt. Het vergroten van woningen.
Gezinnen die in Haarlem willen blijven wonen, hebben vaak meer ruimte nodig. En laten we hen niet wegjagen door alleen maar te focussen op kleiner en compacter. De VVD wil dat Haarlem beide bewegingen actief stimuleert. Splitsen waar dat kan en vergroten waar dat nodig is. Minder bureaucratie,
23
meer ja, mits-beleid en meer ruimte voor particuliere initiatiefnemers om zelf oplossingen te realiseren. En dan kom ik ook nog even op de Woningbouwrapportage. Als we die lezen, dan lijkt alles op koers. Maar wie goed kijkt, ziet dat Haarlem structureel achterloopt bij haar eigen ambities. In 2024 werden 996 woningen toegevoegd en dat is minder dan het afgesproken gemiddelde van 1.100. En dat is geen incident, maar een patroon. Volgens de Bestuursrapportage zijn het er dit jaar zelfs maar 534. Het college zegt dat dit komt door marktontwikkelingen. Maar de waarheid is ook dat Haarlem zelf een belangrijk deel van de rem is. We hebben een woud aan regels, steeds hogere eisen die projecten complexer en duurder maken. En de Rekenkamer waarschuwde al dat deze zware gemeentelijke regie door marktpartijen als belemmerend wordt ervaren. En toch gaat het college op dezelfde weg door. Het gaat erom dat mensen een plek kunnen vinden om te wonen en dat lukt niet met te veel sturing. Wat Haarlem nodig heeft, is minder regeldruk, meer ruimte voor ondernemers en ontwikkelaars en een beleid dat de markt niet tegenwerkt, maar benut. Ik hoorde de heer Heinis praten over 5.000 woningen. Dat is mooi. Dat staat letterlijk in ons nieuwe verkiezingsprogramma. Ik zal er niet meteen een stemadvies aan koppelen, maar toch.
Alleen wij vinden wel dat de motie Zonder overzicht geen inzicht, hadden wij toch meer informatie verwacht over wat er mogelijk is in de toekomst. De heer Heinis is volgens mij wel tevreden. Wij zijn dat niet. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bruch. Gaan we door naar de heer Visser, ChristenUnie. De heer Visser: Net als de PvdA willen wij meer bouwen, maar ik vond de ambitie van de PvdA nog te laag. De woningnood is echt gigantisch hoog. En dan is 12.000 woningen tot 2040 echt veel te weinig. Volgens de ChristenUnie moeten we eerder richting de 17.000 woningen voor 2036 gaan. Voor de rest een goed stuk. Ik was wel verbaasd over het stuk over houtstook in dit paragraaf. Bij de Commissie Beheer hebben we er het vanavond niet over gehad. Dat debat wachten we maar af. Maar op basis van onze inbreng daar, die we nog gaan doen, stel ik voor om de paragraaf houtstook te schrappen. De voorzitter: Mijnheer Visser, u heeft wel een interruptie van mevrouw Van den Broek, Partij voor de Dieren. Mevrouw Van den Broek: Ik verbaas me erover, als de bevolkingsprognose van de provincie Noord-Holland nog een toename is van 16.000 mensen in 2050, dat u dan 17.000 extra woningen wilt bouwen. Dat is toch lijkt me wel heel royaal. Bent u dat niet met ons eens? De voorzitter: Mijnheer Visser. De heer Visser: Input is output.
Je ziet nu dat mensen wegtrekken uit Haarlem, die heel graag in Haarlem willen blijven. Dat komt deels doordat we zo weinig hebben gebouwd de afgelopen jaren, dat de mensen wegtrekken. Dus volgens ons is het probleem echt groter. De voorzitter: Nee, we gaan nu niet allemaal nieuwe interrupties doen, want de heer Visser was al klaar met zijn betoog. Dus dat gaan we niet doen. Maar mijnheer Amand, u wilt uw termijn doen? De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Dat is ook de bedoeling. We kunnen natuurlijk bouwen, bouwen, bouwen. Ik hoorde alle verkiezingsprogramma's, iedereen bouwt. Ik denk de overkant, de Actiepartij, die gaat denk ik ook in het groen bouwen als ik het zo een beetje hoor. Wat de PvdA wil. En heel hoog. Maar gaan we dan ook die mensen helpen die 30 vierkante meter willen? En dat gebeurt in Haarlem dus niet en dat is natuurlijk ook een probleem. We kunnen wel alles zeggen. We gaan de mensen die studeren hier, die gaan we helpen. We gaan ze op een kamer stoppen. Prima allemaal, hartstikke leuk, maar dat willen ze dus niet. En de Haarlemmers die willen toch in Haarlem blijven, ook jongeren. Dus 30 vierkante meter, 35 ook. En ik hoop dat
24
D66 ook misschien meegaat dat we die mensen … Ik heb technisch uitgevraagd. Ik zit al een week op antwoord te wachten. Bijvoorbeeld de Aelbertsbergstraat, ik zal meteen maar een naam en straat noemen. En ik hoor helemaal niets. Dat vind ik ook heel zwak, dat ik lang op de vragen die ik stel een week of 10 dagen en langer nog een antwoord moet wachten. Dus bouwen prima, maar help ook die mensen die willen verhuren en ook die mensen die willen wonen. Dus ik vind dat heel slecht wat er nu gebeurt. En ik denk dat de Haarlemmers het er helemaal mee eens zijn. En de wethouder, denk ik, voordat hij naar Den Haag afreist, kan hij nog een pluimpje halen van Trots. De voorzitter: We gaan door naar mevrouw Van Zetten, Hart voor Haarlem. Mevrouw Van Zetten: Dank u, voorzitter. Ik heb het idee dat met dat concept Volkshuisvestingsprogramma we toch een beetje de erfenis van de heer Roduner redelijk op tijd gaan behandelen. Want ik heb de indruk dat in Den Haag de invoering van de Wet versterking regie volkshuisvesting nog niet eens is vastgesteld. En ik lees hier woorden. Over drie maanden zijn er verkiezingen, maar er worden toch bepaalde politieke keuzes gemaakt. En dat is het vasthouden aan de 40 procent sociaal en 40 procent voor de middeninkomens. En juist op het gebied van de middenhuur is de markt toch wel behoorlijk aan het instorten.
De verwachtingen zijn dat die de komende jaren met 30 procent af gaan nemen vanwege alle eisen die worden gesteld aan de verhuur van dit soort woningen. Wat mij ook opviel, is we hebben het dan over de doelgroepen op de Haarlemse woningmarkt. Dan wordt er gesproken van buitenlanders. Maar wat ik nu mis, is dat er geen woord wordt gerept over het geven van voorrang van statushouders op de Haarlemse woningmarkt. Die juist heel erg concurreren met starters op de woningmarkt. CBS-cijfers hadden al aangegeven dat Haarlem flink boven het landelijk gemiddelde zit. En dat zijn oude cijfers. Dus ik vraag me af: hoe moeten we dit zien, als we het dan gaan hebben over al die doelgroepen die wij een plek willen geven in Haarlem? En ik zou daar graag wel een iets van de wethouder van horen, want ik heb toch een beetje het idee dat dit expres of dat dat soort informatie liever niet gegeven wordt. En dat vind ik jammer, want ik denk dat we het hele spectrum in zijn geheel willen zien. En als we het dan over buitenlanders hebben, denk ik, wat zijn dan buitenlanders? Dat wordt dan niet geëxpliceerd. En dan zou ik ook wel een woord willen lezen over de voorrang die we geven aan statushouders. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van Zetten. Gaan we door naar mevrouw Van den Broek, Partij voor de Dieren. Mevrouw Van den Broek: In turbo.
De Partij voor de Dieren wil ook dat er woningen gebouwd worden, maar wel op een wijze en aantallen die een gezonde en leefbare omgeving garanderen. Want grote bouwgetallen klinkt natuurlijk heel stoer, maar we hebben nog niet duidelijk welke gevolgen deze woningbouwopgave heeft voor voorzieningen die we ook moeten realiseren, zoals scholen, huisartsen, speeltuinen, ov, groen of dat pwoord. Dat kost ook ruimte en daar hebben we nog lang geen compleet beeld van. Wat we wel zien … De voorzitter: Mevrouw Van den Broek, rondt u af? Uw tijd is op. U kunt het eventueel nasturen. Mevrouw Van den Broek: Ja, de laatste zin. Want wat we wel zien, is dat in de huidige woonbouwplannen vaak toch nog stukken groen worden afgesnoept, waar geen huisartsen komen. We zullen zien wat de inspraak gaat brengen. De voorzitter: Wie mag ik nog meer het woord geven? Mijnheer Roduner, een reactie.
25
Wethouder Roduner: Dank u wel. Een aantal verschillende invalshoeken. Misschien nog even goed om te starten met de het aantal. Zoals duidelijk is, ligt er een demografische ontwikkeling die zegt dat we nog zo'n 12.000 woningen moeten bouwen. Dus daar hebben we ons in eerste instantie op gericht. Als u goed gelezen heeft, dan ziet u dat wij op dit moment al 15.000 woningen in ons planproces hebben. Dus u heeft al via Startnotities, Omgevingsvisies heeft u hier toestemming gegeven aan dat wij nu werken op dit moment aan de realisatie van 15.000 woningen. Dat is aanzienlijk meer dan de demografische behoefte. En dan kijk ik toch naar de Partij voor de Dieren. Daar zitten voorzieningen bij, daar zitten heel veel volgens mij hele huisartsen bij, daar zitten ook nog sportvoorzieningen bij. Volgens mij hebben we in het kader van een groei van Haarlem best wel een goed overzicht over wat er in de stad nodig is en zorgen we dat die voorzieningen meegroeien met de stad. Maar we zitten dus al behoorlijk boven die productie. Volgens mij hoeven hem niet per se echt af te gaan remmen, maar er is in ieder geval geen noodzaak om nog weer iets extra's erbij te doen. En dat zit denk ik zowel als extra ontwikkellocaties, maar we hebben het hier gehad in de raad over extra ontwikkellocaties. U heeft zelf initiatiefvoorstellen gedaan, dat is vanuit de raad gekomen.
Er zijn voorstellen geweest voor optoppen en er zijn voorstellen geweest voor splitsen. U heeft allemaal voorstellen gedaan om nog meer woningen te bouwen in Haarlem. En eigenlijk zegt het college hiermee van dat is allemaal niet nodig en misschien ook wel niet wenselijk. Als je kijkt hoe we naar de nieuwbouwontwikkelingen kijken, denk ik dat dat goede ontwikkelingen zijn, dat dat hoogwaardige ontwikkelingen zijn waar we mooie nieuwe stukjes stad maken, waar we auto's en fietsen inpassen op een goede manier, waar voorzieningen bijkomen en waar we ook goed letten op de betaalbaarheid van die woningen. Dat zijn volgens mij hele mooie, complete ontwikkelingen. En alle andere ontwikkelingen, als het nu gaat over optoppen, waarbij we dan niet opeens meer ruimte hebben voor parkeren of splitsen waar we dat ook weer niet hebben, zijn dat denk ik toch mindere ontwikkelingen en zeker ook als het gaat over het sturen op de betaalbaarheid, zijn die ook echt wel minder. De voorzitter: Mevrouw Oudshoorn, D66, heeft een interruptie. Ga uw gang. Mevrouw Oudshoorn: Dan gaan we ons daar de komende weken daarop bezinnen. Als de wethouder toch even kan uitleggen waarom het kamersgewijs verhuren aan meer volwassen mensen van woningen dan wel een heel goed idee is als het maken van meer woningen in de bestaande voorraad dat niet is? De voorzitter: Mijnheer Roduner.
Wethouder Roduner: We hebben een ambitie op hospitaverhuur. Dat is dan dat deel in onzelfstandig wonen. Waar volgens mij PvdA een veel grotere ambitie nog wil. Volgens mij hebben wij een hele bescheiden ambitie opgeschreven. Ik zal ook even toelichten waar die vandaan komt. Volgens mij, als je kijkt naar de woningbouwontwikkeling, denk ik dat je 15.000 woningen in plancapaciteit ziet, door het huidige splitsingsbeleid en het huidige woningvormingsbeleid wat gewoon nog doorgaat, verwacht ik dat er zo'n 50 woningen tot 100 per jaar nog bijkomen. Dus over die periode heb je het dan toch ook nog weer over 1.000, 2.000 woningen die op andere manieren toch nog binnen de regels tot stand worden gebracht. Dat zijn echt aanzienlijke aantallen denk ik die gerealiseerd kunnen worden en gaan worden hopelijk. Waar we denk ik dan terughoudend moeten zijn om nog veel meer toe te gaan voegen. Een interruptie, voorzitter. De voorzitter: Een interruptie van de heer Amand, Trots. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Ik heb één vraag aan de wethouder, voordat u afreist naar Den Haag. Gaan we nu naar 200.000 inwoners in Haarlem of kan u dat niet vertellen voordat u weggaat?
26
De voorzitter: Mijnheer Roduner. Wethouder Roduner: We doen altijd een voorspelling in onze Kadernota over de demografische ontwikkeling. Ik weet het niet precies uit mijn hoofd, maar dat kunt u daar terugzien. Volgens mij zitten we dan op 186.000 inwoners, zoiets. Daar rekenen we mee en daar zit ook een hele berekening bij over wat dat betekent voor onder andere het aantal scholen die we moeten bouwen. Misschien wel richting de VVD'er, want het gaat veel over splitten. Ik vind het ... Wat we toevoegen met name in de nieuwbouwvoorraad is klein en wat we willen beschermen is de grote voorraad. De wat grotere huizen die beschermen we met splitsen, maar als u zegt: het splitsen moeten we toestaan, waardoor die grote woningen kleiner worden, maar dan moet ik in een nieuwbouw weer grotere woningen gaan bouwen. Dan zijn we echt … Dat is volgens mij niet zo logisch. Ik denk dat het logisch is om in de nieuwbouw die dingen die we missen in de woningvoorraad toe te voegen, de kleine woningen, ook de onzelfstandige woningen kunnen daarin worden toegevoegd, maar dan is het denk ik onlogisch om dan juist ook nog weer je bestaande voorraad aan te gaan passen. Want dan ben je eigenlijk tegelijkertijd op twee plekken de woningvoorraad ongecontroleerd aan het aanpassen. Splitsen gaat over verschillende dingen.
Ik denk dat er hier al iets meer ruimte zit in splitsen, in ieder geval als het gaat over het centrum. We hebben de gebieden voor wonen boven winkels aangepast, logischer gemaakt. De Kruisstraat zat er bijvoorbeeld maar voor één helft in, de Grote Markt zat er niet in. Zo zijn er een aantal dingen die logischer zijn gemaakt en volgens mij beter zijn gemaakt. En dat zijn ook plekken waar we denk ik nog echt die leegstand zien. Op andere plekken zie je die leegstand minder. Dan gaat het echt over het creëren van kleine woningen, is dat dan per se nodig? Dat weet ik niet. Ik spreek die architecten ook in de binnenstad en ik zeg altijd; als jij jongerenwoningen zou bouwen of sociale huurwoningen, dan kun je een Omgevingsvergunning krijgen, die is dan beschikbaar, maar op een of andere manier krijg ik nooit die voorstellen. Dan krijg ik altijd voorstellen voor grote woningen of in ieder geval Hugo de Jonge-proef woningen, 50+ vierkante meter. Zodat ze niet aan de regels voldoen. En dan zie ik ook weer hier in de Kruisstraat een advertentie langskomen voor 60 vierkante meter voor 2.200 euro. Dus ik weet niet of we onszelf daar een plezier mee doen, om dat nu te doen. Want we zien dat het splitsen ook voor heel veel ontwikkelaars toch een manier is om dure woningen te bouwen, die eigenlijk niet zoveel bijdragen aan de gemeentelijke beleidsdoelen.
En dat geldt dus ook voor dat kadastraal splitsen. Want ik zag de inspreekbijdrage. Ik moest echt even drie keer lezen om hem te snappen. Maar omdat het over een notaris gaat, denk ik dat ik het snap. Het gaat volgens mij, als ik het goed lees, over een legaal gesplitste woning, dus er is op zich niets mis mee. Alleen we hebben met elkaar gezegd en ik denk goed is om te realiseren richting Actiepartij, waarom we kadastraal splitsen niet toestaan, is omdat we uitponden niet willen toestaan. Het gaat over complexen waarin we hebben toegestaan dat er kleine woningen komen, gericht op de middeldure huur. Soms ook nog zelfs sociaal. Maar inmiddels zie je dat ze duur zijn. Dus ze gaan richting middeldure. Dat zijn woningen die dus nog vallen binnen, waarschijnlijk omdat ze kleiner zijn dan 50 vierkante meter, de Wet betaalbare huur. Daarmee is geborgd dat ze bestemd zijn voor de middeldure huursector. Op het moment dat we dat kadastraal gaan splitsen, kunnen ze verkocht worden. Worden ze ook verkocht, zien we. Dan zijn het vrije sector marktwoningen. Dan is dat het hele middeldure huur is kwijt, want dan gaat het gewoon voor een marktconforme prijs. In de binnenstad is dat toch inmiddels zo'n 8.000 euro per vierkante meter.
Plus het feit dat je natuurlijk ook hier even moet afvragen, is het logisch om zulke panden in zulke kleine brokjes te splitsen? Wat betekent dat voor een verduurzamingsopgave bijvoorbeeld? Wat betekent dat voor het onderhoud van zo’n gebouw? Vandaar dat wij in onze Huisvestingsverordening hebben opgeschreven dat om de sociale en middeldure huursector te beschermen kadastraal niet gesplitst mag worden. Ik ken u allemaal als liefhebbers ook van de middeldure huursector. Als je zegt kadastraal splitsen mag weer, dan ben je die woningen onder de huidige marktomstandigheden binnen no-time allemaal kwijt. Dus realiseert u zich dat, voordat u met amendementen komt. Het staat ook allemaal toegelicht waarom we dat kadastraal splitsen niet vinden in de Huisvestingsverordening, in ieder geval volgens
27
mij die uit 2020, geloof ik uit mijn hoofd. Dus dat is denk ik ook wat daarachter zit. Dan kamergewijze verhuur. We hebben gezegd: er zijn groepen die echt wel floreren bij onzelfstandig wonen. Kamergewijze verhuur is een beetje hoe je het zou noemen. En die willen we graag ook een plek geven in samenwerking met de corporaties. De huidige regels staan dat ook toe. En met de corporaties hebben we geborgd dat het ook een goede verhuurder is waar we afspraken over kunnen maken. Ja, dan moeten we wel die check doen. Er moet wel een vergunning worden aangevraagd om te checken op een aantal leefbaarheidszaken. Ik denk dat dat heel goed is. Maar als je kijkt bijvoorbeeld stichting Anne-Bo in Haarlem-West is een mooi voorbeeld van waar Elan een woning heeft getransformeerd naar studentenhuisvesting voor een aantal jonge meiden. Ik denk dat dat een mooi voorbeeld is. Ik denk als we het mooie beeld schetsen van jongeren die gezellig samenwonen in kamergewijze verhuur, dan wil ik er toch ook een negatief spiegelbeeld tegenaan houden, wat op dit moment de praktijk is in de stad. Op dit moment is mensen die samen kamers huren in de stad, dat zijn niet die leuke, lieve Haarlemse jongeren. Dat zijn over het algemeen arbeidsmigranten. Dat zijn arbeidsmigranten waarvan de handhaving inmiddels loopt, die 1.500 euro betalen voor een kamer waar ze met zijn tweeën in slapen.
En dat is een groot leefbaarheidsprobleem aan het worden in de stad. Je ziet dat de kamergewijze verhuur niet die leuke jongeren zijn, maar dat dat arbeidsmigranten zijn die hier gehuisvest worden in de stad. Daar proberen we op te handhaven, maar wij kunnen in onze regels niet een onderscheid gaan maken in woningen wie daar woont. Dus we kunnen niet gaan zeggen, want dat zou denk ik ook discriminatie zijn, dat we zeggen: Haarlemse jongeren vinden we leuk, maar die arbeidsmigranten willen we niet. Mijn zorg zit erin, als je dit ruim baan geeft, de stad binnen no-time wordt overspoeld door … Het is een professionele partij die huizen kopen en daar arbeidsmigranten in huisvesten en daar echt heel goed op verdienen. Veel meer dan … Dat is even mijn zorg. En waarom we dus de route hebben gekozen van de corporaties, want dat is mogelijk in het stelsel, is om grip te houden op die situatie. Om grip te houden op de verhuurder waar we een afspraak mee kunnen maken. En ik denk, maar dat is wel, dat dingen kunnen samenkomen. Dit gaat heel erg over de bestaande voorraad ook, maar je kunt ook kijken naar nieuwbouw als je zegt: ik wil meer. Want ik hoor een aantal partijen hetzelfde zeggen. Dus of het nou gaat over studentenhuisvesting van D66 of de jongeren van GroenLinks of meer kamergewijze verhuur van de PvdA. Volgens mij gaat het een beetje over hetzelfde.
Hoe zorg je dat je in de bestaande voorraad en in de nieuwbouw meer ruimte creëert voor dit type woonconcept? En ik denk dat het goed is dat wij terugkomen en in de volgende versie kijken of we de ambitie voor de bestaande voorraad kunnen vergroten. Die zal niet met twee nullen gaan, maar er kan natuurlijk wel nog een keer iets gekeken worden. Dan gaan we dan met de corporaties overleggen of zij in hun bestaande voorraad, dat kan DAEB zijn, dat kan misschien ook niet DAEB-stelsel zijn of ze daar woningen zien waarvan ze zeggen: die kunnen wij verbouwen om iets groter te maken. Dus laten we kijken dat we die ambitie wat breder trekken dan alleen de groepen die hier genoemd zijn, maar ook misschien wat reguliere groepen daarin in kunnen trekken. En ik denk dat het goed is dat we kijken of met bijvoorbeeld DUO of Ymere of ook corporaties misschien nog wel voor jongeren willen bouwen, kunnen we kijken of ook die nieuwbouw onzelfstandige woningen kunnen toevoegen. Volgens mij kunnen we dan beide doen. Alleen ik zeg u: het is echt wel … Dat staat in het stuk. Misschien moeten we zelf ook iets gaan doen, maar het is echt wel heel belangrijk om grip te houden wie die woningen verhuren. Want voor je het weet, wordt de stad overspoeld. Dus laten we dat met elkaar afspreken, dat we daar nog kijken of we de ambitie hoger kunnen leggen.
De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Amand. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Eén vraag aan de wethouder. Die 15.000 woningen waar komen die precies?
28
Wethouder Roduner: Die kaart zit erbij. U heeft alle plannen langs gezien. De kaart zit erbij. U kunt hem ook digitaal vinden op plancapaciteit MRA, kunt u gewoon precies zien waar al die woningen gaan komen. Echt een super kaart. Partij van de Arbeid heeft nog een vraag over de dakloze gezinnen. Want dan gaan we naar de Huisvestingsverordening. Er zit een mogelijkheid in, die is in ieder geval verruimd. Ik begrijp wel dat u zegt: dat is wel weer een administratief, ik geef mijn woorden, administratieve rompslomp. Ik denk dat de oplossing zit niet in het aanpassen van de Huisvestingsverordening. Die is namelijk ook regionaal afgestemd. En dan gaan we weer een heel proces met onze buurgemeenten. Maar in een aanpassing van de tijdelijke urgentieregeling wonen eerst om te kijken of we met de corporaties bijvoorbeeld twee woningen per corporatie, dan heb je zes woningen, afspraken kunnen maken over het extra toewijzen van woningen aan gezinnen. Ik denk dat dat een logische oplossing is. Dan houd je de Huisvestingsverordening zoals die is, maar verruimen we de Wonen eerst-regeling en ik denk dat dat in de uitvoerbaarheid veel makkelijker is en ook veel sneller kan werken. En niet al wat afstemming doet. Dus laat ik u toezeggen dat we daarop terugkomen.
GroenLinks, ik ga vrijdag, heb ik in mijn staf wonen het nieuwe MRA-convenant, wat weer de ambitie hoger legt als het gaat over de houtbouw. Dat gaat naar 30 procent. Ik weet niet of ik … Want u vindt het misschien niet genoeg, maar ik ga het toch zeggen. Door het oude convenant zijn we in de MRA van een half procent houtbouw naar 5 procent houtbouw gegaan. Dat is een vertienvoudiging, maar dat is niet die 20 procent waar we met elkaar heen zouden willen gaan. Dat is het slechte nieuws. Het enigszins goede nieuws is wel dat Haarlem koploper is en dat wij op zo'n 11 procent zitten, maar dat is ook nog niet de 20 procent. Dus ik als ik kijk naar de omgeving denk ik echt: wij zijn als Haarlem echt koploper. Louis Pasteur 1f, een aantal prachtige projecten waarin we echt houtbouw en andere biobased materialen realiseren. Ik denk ook dat het goed is dat MRA de lat weer wat hoger legt, want ik denk dat op die manier we wel steeds stappen blijven zetten en niet blijven hangen op een bepaald ambitieniveau. Richting de VVD zou ik nog willen zeggen. Want u zegt: we hebben zoveel regels. Het is zo moeilijk te ontwikkelen in Haarlem. Dat ben ik niet met u eens. Vorig jaar hebben we 2.400 vergunningen afgegeven. Dat zijn ontwikkelingen die in principe gewoon haalbaar zijn, ondanks al onze ingewikkelde regels, waar we wel die hoge ambitie hebben gelegd.
En volgens mij doen wij er ook nog eens een keer alles aan om te zorgen dat die woningen ook echt gebouwd worden. Daar zetten we ons in ieder geval ook financieel extra voor in. Ik denk dat we daar trots op mogen zijn. En dat laat denk ik ook zien dat in Haarlem ontwikkelen hartstikke goed kan. En Hart voor Haarlem heeft nog een vraag over voorrang voor statushouders. Ja, dat zit niet in dit stuk. We hebben nog steeds een wettelijke plicht om statushouders te huisvesten in deze regio. Wat hierin zit voor het eerst is onder andere een ambitie voor een tussenvoorziening voor statushouders. Dat ze niet in één klap naar een grote woning gaan, maar eerst in een tussenvoorziening zitten in afwachting bijvoorbeeld van nareizigers, om daarna beter geplaatst te kunnen worden. Dat is een nieuwe ambitie die in dit stuk zit. Maar zolang het Rijk eist dat wij aan een taakstelling hebben te voldoen, hebben we die ook netjes te voldoen. Dan is het met elkaar kijken hoe we dat dan zo goed mogelijk kunnen doen. En de voorrangsregeling werkt daarbij uitstekend. De voorzitter: Dat levert een interruptie op van mevrouw Van Zetten. Ga uw gang. Mevrouw Van Zetten: Dat begrijp ik allemaal wel, maar we hebben een uitgebreide nota dan over het doelgroepenbeleid. Dan hebben we het helemaal uitgesplitst in leeftijd in of het nu Haarlemmers zijn of buitenlanders.
En dan begrijp ik werkelijk niet, om inzicht te krijgen van dit soort informatie, dat die voorrang van die statushouders daar niet staat opgenomen. En dan heb ik altijd van ik ben toch wel voor transparant en open beleid en dan denk ik toch: dat is ongewenste informatie, die krijgen we niet. Dat neem ik dan het college wel kwalijk, want je wilt toch wel weten waar je over praat in deze stad, ook al is het verplicht door het Rijk. Dat doet er niet aan toe, niet aan af dat die informatie beschikbaar moet zijn.
29
De voorzitter: Mijnheer Roduner. Wethouder Roduner: Volgens mij op pagina 27 staat een mooie alinea over statushouders. Niet zozeer als buitenlandse groep gedefinieerd, maar als Haarlemse doelgroep, want het zijn Haarlemmers op het moment dat ze aan Haarlem worden toegewezen. En dan zie je hoeveel statushouders in 2022 de laatste cijfers die we hadden in Haarlem wonen. En daar ziet u ook inderdaad hoe we dat willen doen met de huisvesting en die tussenvoorziening. Dus volgens mij is dat goed inzichtelijk over waar we over spreken in Haarlem. De voorzitter: Helder. Heeft u nog meer? Nee. Dan was mijnheer Bruch, u heeft nog een opmerking? De heer Bruch: Ik dacht aan een tweede termijn. De voorzitter: Het is een inspraak van uw commissie, dus u heeft ruimschoots uw inspraak gehad. We zijn een uurtje bezig, maar als u nog meer inspraak wilt doen op het stuk, dan kan dat. Ga uw gang. De heer Bruch: Ik wilde nog even, de wethouder die had het over de regels, maar dan wijs ik toch even over de Delftlaan, waar 50 startkoopwoningen niet van de grond komen vanwege de regels. Het Dantumaterrein, waar in plaats van 40 appartementen nu 20 auto’s staan. En over splitsing. Het gaat om woningen die al bestaan, die nu zoals de heer Van Leeuwen al schetste, moeten worden samengevoegd tot één woning.
En die wordt dan of heel duur of valt onder de regeling Hugo de Jonge, is daardoor niet rendabel en wordt verkocht. En in beide gevallen worden twee woningen onttrokken aan de categorie betaalbare huur, die we zo belangrijk vinden. De voorzitter: Anderen in tweede termijn? Mevrouw Jacobsz, OPHaarlem. Mevrouw Jacobsz: Ik was vergeten nog een vraag te stellen, getriggerd door de inspreker over die openbare tuin, die dan niet meer openbaar zou zijn. Want ik vroeg me af of de wethouder de wooncorporaties kan bewegen tot het niet onttrekken van openbaar groen aan de openbaarheid. De voorzitter: Anderen? Niemand. De heer Roduner. Wethouder: De Delftlaan en Dantuma. Wat je daar zag bij Delftlaan is dat er echt aan een hele hoop regels niet voldaan wordt. Dus ik denk niet dat dat nou een schoolvoorbeeld moet zijn van een ontwikkeling die we graag zouden zien. Dan ben ik het tweede vergeten. Had ik ook een passend antwoord op. Dantuma is denk ik hetzelfde. Dat kadastraal splitsen, sorry, want daar had u het nog even over. Daar heb ik ook wel mee geworsteld, want ik begrijp uw dilemma dat u zegt: linksom of rechtsom wordt het een dure woning op die manier. Mijn redenering is toch wel uiteindelijk vanuit de Huisvestingsverordening, het is wel echt de moeite. We willen graag volgens mij het meest schaarse in onze voorraad is toch die kleine middeldure huurwoning.
En wat je gewoon ziet gebeuren op het moment dat je dat kadastraal splitsen toe gaat staan, is dat dit echt heel snel wordt uitgepond. En dat je ze dus ook nooit meer terugkrijgt als huurwoning. Dat levert ook dus een beheerprobleem vaak op bij gebouwen waar bijvoorbeeld drie van die kleine dingetjes ingebouwd zijn in het verleden. Dat is ook qua beheersbaarheid van het onderhoud van zo'n gebouw of de verduurzaming van een gebouw? Dat maakt het allemaal niet makkelijker. Ik weet ook niet of het een houdbare situatie is. Ik vind het alternatief dat ze dan worden samengevoegd naar groter ook niet fijn. Ik vind het allebei niet perfect, maar denk toch dat het alles overwegende verstandig is om nog even vast te houden aan het beleid. U mag daar … U bent volgens mij nu goed geïnformeerd. En misschien nog even over de Orionlaan, dat komt hier naar de commissie met een grondverkoop en u gaat uiteindelijk ook iets vinden van het ontwerp. Misschien nog wel
30
een klein beetje nuancering in mijn beleving. Het is geen dichte muur van 75 meter. Het zijn gewoon woningen met ramen. Volgens mij wordt er nu gesproken over een voortuintje zelfs met deuren dus er zal levendigheid zijn als ik naar de straat kijk. Er wordt gesproken over vijf lagen, vier lagen, maar aan de overkant staat vijf lagen. Volgens mij is ook gepoogd in het ontwerp op de plekken waar inderdaad aan de overkant minder hoog is, ook wel wat afstand te bouwen. Het kan natuurlijk nooit perfect zijn en het ontwerp is wat veranderd. Dat klopt. En dat heeft te maken met, er staan ook heel veel bomen op het terrein, dus het wordt sowieso, het zal niet mogelijk zijn die bomen allemaal te behouden, maar er is toch nagedacht dat de oorspronkelijke U die ging wel ten koste van de bomen die midden in het terrein stonden. En dat waren toch de waardevolle bomen waarvan we zeiden: die zijn de moeite waard om te behouden. Dus we hebben ook gekozen voor het groen en een wat ander ontwerp. Ik denk, het ontwerp wat ik heb gezien vind ik een goed ontwerp en ook goed uit te leggen. En ik denk dat het ook wel echt kwaliteit kan toevoegen aan het gebied, want het is op dit moment een beetje een gribusbende daar. De voorzitter: Mevrouw Van Zetten heeft nog een vraag. Ga uw gang. Mevrouw Van Zetten: Toch nog een reactie, want de wethouder die had het over pagina 27 en er stond al van alles.
Ik heb het even over deze nota, doelgroep op de Haarlemse woningmarkt, vraag, aanbod, verschil tussen vraag en aanbod en slaagkansen. En daar zit geen pagina 27 bij en het woord statushouders komt er niet in voor. Dus dat wil ik even meegeven. En nog wat, dat was ik vergeten te zeggen. Als in de verordening iets staat opgenomen tegen houtstook, dat ben ik helemaal met de ChristenUnie eens, dat moet worden geschrapt. Want dat treedt te veel in op onze leefomgeving en daar ben ik tegen. De voorzitter: Anderen nog in de derde termijn? Mijnheer Amand, Trots. De heer Amand: Voorzitter, ik had een vraag aan de wethouder ook gesteld over de Aelbertsbergstraat. Had ik het met hem over die appartementen. Want dat is toch wel iets aparts dat dat niet kan. Die mensen, er wonen er nog een paar en die anderen staan al geloof ik al een halfjaar of een jaar leeg. Waarom is dat niet uitgevraagd? Ik heb dat nu al weken geleden gevraagd, maar ik zie geen antwoord. Kunt u het antwoord mij geven of niet? Wethouder Roduner: Mevrouw Van Zetten, dat zie ik dan als inspraak. Volgens mij moeten we hier niet allemaal afzonderlijke cases gaan bespreken. De heer Amand: Er zijn er nog meer. De voorzitter: Mijnheer Amand, wilt u uw microfoon uitzetten, alstublieft? De wethouder antwoordt mevrouw Van Zetten.
Wethouder Roduner: In algemene zin hebben we volgens mij eerder al met elkaar gehad dat er allemaal illegale of legale half semi-illegale situaties zijn ontstaan. Die proberen we op een goede manier op te lossen, waarbij we kritisch kijken of er inderdaad sprake is van dat er wel een Omgevingsvergunning is verleend in het verleden en of die überhaupt te verlenen kan zijn. Als een Omgevingsvergunning is verleend, zijn we vaak wel wat milder over de huisvestingsvergunning. Mits dat allemaal goed is gegaan. Maar als we met elkaar constateren dat het aan beide niet kan voldoen, dan moeten we met elkaar terug naar een situatie die wel gewoon netjes voldoet aan de regels. Dus volgens mij leveren we superveel maatwerk in de stad. Veel meer dan ik u vertel. En gaan we heel goed om met de rechten van de mensen die daar ook wonen. Alleen het kan
31
niet altijd allemaal en soms is het ook even duidelijk zijn en zeggen dat een situatie moet worden hersteld, maar volgens mij doen we dat heel netjes. De voorzitter: Daarmee de beantwoording van deze vragen. Zijn er vragen in de vierde termijn vanuit de commissie? Nee? Is hiermee de inspraak voldoende geweest? Dan gaan we hiermee dit agendapunt afsluiten. Heeft u uw inspreekbijdrage gegeven over het concept Volkshuisvestingsprogramma en komt dat bij u terug. Heeft u een termijn, wethouder? Eind dit jaar, begin volgend jaar? Begin volgend jaar, zie ik geknik. Nee, eind dit jaar. Eind dit jaar komt het bij u terug ter besluitvorming hierover. Hartstikke goed. 10. Ter inzage leggen ontwerpwijziging Nota dak- en dakopbouwen De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 10, maar ik kijk ook even naar de klok met tijden voor mij. U heeft allemaal ruim tijd gebruikt voor de onderwerpen die zijn behandeld, maar er zijn ook heel veel partijen niet of veel, vier, vijf partijen niet. Dus ik wil even tijd iets op gaan plussen van eenieder, zodat u in ieder geval nog iets kan zeggen over de Nota dak- en dakopbouwen en de bestuursrapportage. Het zal geen ruime tijd zijn, maar dan heeft u in ieder geval iets ruimte om daar iets van te vinden. Dus houd uw bijdrage beknopt. Agendapunt 10, Nota dak- en dakopbouwen.
Haarlem wil de kwaliteit van de dakopbouwen verbeteren, omdat ze vaak het straatbeeld verstoren en leiden tot discussie en vertraging bij vergunningverlening. Het huidige beleid biedt veel ruimte voor interpretatie, waardoor de ruimtelijke identiteit van buurten onder druk staat. Daarom wordt de Nota dak aangepast om duidelijker, eenvoudiger en effectiever te zijn. Het college heeft het collegebesluit hier naar de commissie gestuurd en er wordt ook inspraak of de ontwerpwijziging wordt ter inzage gelegd, dus daar kan ook inspraak op komen. Maar u mag daar ook uiteraard iets van vinden en uw zienswijze hierop geven. Wie mag ik daarover het woord geven? Mevrouw Verhoeff, PvdA. Mevrouw Verhoeff: Dank u wel, voorzitter. En ik zal me eraan houden om het kort te houden, want ik had ook een kort tekstje voorbereid. Eigenlijk gaat de fractie gewoon instemmen met het voorstel van het college. We hebben daar wel een vraag en dat is geen technische vraag in onze ogen, maar wel een politieke vraag, omdat met name hoekoplossingen … Wij vinden het een mooi idee om dus feitelijk te kiezen voor recht optrekken of een specifiek dak maken, dus niet echt een lijstje omhoog, maar een dak. Maar omdat met name specifiek hoekoplossingen in veel gevallen alleen maar goed kunnen worden ingevuld als meerdere buren samenwerken, twee of drie, want het is afhankelijk van hoe het pand is vormgegeven.
Hoe denkt het college dat daarmee zou kunnen worden omgegaan? En we vragen het politiek, omdat als we dat overlaten aan mensen die vergunningen moeten verlenen en dat is op zich heel logisch, dat die zich ook strikt aan de regels houden om gewoon eenduidig beleid te hebben. Dus het gaat om de intentie die hierachter zit. En wat is dan de visie van het college? Als één eigenaar een dakopbouw wil in een hoeksituatie, moeten dan de buren akkoord zijn? Kan het nooit, als er maar één iemand komt? Mag de eigenaar dan de trend zetten of mag er helemaal niets? Dat is feitelijk de vraag. Want het zijn prachtige voorbeelden die erin zitten, maar dat werkt echt alleen maar als twee of drie buurmannen, dat is heel verschrikkelijk, buren gezamenlijk tot een besluit komen om te investeren. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Verhoeff. Mijnheer Van leeuwen, Actiepartij. De heer Van Leeuwen: Voorzitter, allereerst complimenten voor het grondige werk, wat we ook zien dat hierin is gepleegd. We hebben twee kritiekpunten. Het college schrijft dat het in enkele gevallen het voornemen heeft het bouwrecht in te willen perken om de betaalbaarheid van de woningen te behouden.
En dat roept bij ons wel vraagtekens op, want wanneer doe je dat dan wel en wanneer doe je dat dan niet? En gaat de conjunctuur dan bepalen of de buurman wel mag verbouwen en de buurvrouw aan de andere kant niet? Als je
32
dat niet goed normeert, dan vinden we dat willekeur om de hoek komt. En het moet gaan om ruimtelijke overwegingen. Juist dat heeft u zo goed in het stuk willen verwoorden, de ruimtelijke overweging hoe je in de stad om wil gaan met optoppen. Want dat is het in feite. En dat is voor ons zwaarwegend. Dat is eigenlijk wel een amendement waard, want we vinden het echt een verkeerd argument. En het tweede, dat is meer een vraag. We willen heel erg in de architectuur meegaan, zegt u, dat vinden wij ook, maar die jaren 50 en 60 flatgebouwen, met die grote lange oppervlakten die kunnen wat ons betreft in die optopavonden die we ook met de heer Heines hebben georganiseerd vorig jaar, die kunnen best wel contrasterend voor ons zijn in glas, in hout, in lichte bouwmaterialen. Die hoeven wat ons betreft niet een voortzetting te zijn van de bestaande goot en de bestaande gevelmaterialen. Dus daar nog een vraag over, want daar zien we namelijk de grote aantallen in de toekomst gerealiseerd worden. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Leeuwen. Mijnheer Terol, VVD. De heer Terol: Dank, voorzitter. We steunen de wens van het college om de dakopbouwvarianten te versimpelen. Er zijn nu te veel varianten, waardoor verrommeling ontstaat en het straatbeeld in veel gevallen ook echt afneemt.
Ook komt er door deze versimpeling meer ambtelijke capaciteit vrij, dat is mooi, want dan kunnen deze ambtenaren zich nu ook focussen op het goedkeuren van andere aanvragen. Waaronder bijvoorbeeld maatwerk voor wonen boven winkels. Echter zijn we het niet eens met het inperken van de bouwrecht op orde twee panden. Als een vergunningsaanvraag voldoet aan het Omgevingsplan en ook binnen het straatbeeld past, moet de vergunning wat de VVD betreft gewoon worden verleend. Ook als dit een woning duurder maakt. Wat de VVD betreft is dit geen reden om de vrijheid van een huiseigenaar in te perken. En daarnaast hebben we twijfels over de impact van deze maatregel. Uit onze technische vragen blijkt dat er nog geen zicht is op om hoeveel panden het gaat en ook niet hoeveel vergunningen er per jaar worden afgegeven bij orde twee panden. Wij vinden dat als je iets aan de woningnood moet doen en echt impact wil maken, dan moet je simpelweg meer betaalbare koopwoningen bouwen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Terol. Mevrouw Van Zetten, Hart voor Haarlem. Mevrouw Van Zetten: Ik ben het hartgrondig met de heer Terol eens. De voorzitter: Anderen? Mevrouw Oudshoorn, D66. Mevrouw Oudshoorn: Van harte steun om het beleid eenduidiger en overzichtelijker te maken.