CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

20220442066 2. GEHEIM Bijlage 1 Selectiedocument aanbesteding Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang

commissie Samenleving 19 mei 2022, gemeente HaarlemBij agendapunt: Vaststellen selectiedocument Beschermd Wonen en Maatschappelijke opvang Haarlem (MTM)25.060 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Locatie beschikbaar gesteld door de gemeente

Wilhelmin a

Velserpoo rt

Gezinslocatie Hoofddorp

Gezinslocatie Velserpoort

Ja

Ja

Nee

Ja

Jongvolwassene n Nee

Etta Palm Hoofddorp ja

Tarief Voor de opvang van daklozen willen de gemeenten met Aanbieders beschikbaarheidsafspraken maken over de beschikbaarheid van het aantal “bedden”. Voor de tariefstelling wordt onderscheid gemaakt tussen het tarief voor de locaties en voor personele kosten. De verwachting is dat het toekomstige tarief voor een plek in een opvangvoorziening bestaat uit drie componenten: 26

1. De kosten verbonden aan een locatie, bestaande uit:  huisvestingskosten (kapitaallasten, huur van het gebouw, onderhoud en inventaris);  hotelmatige kosten (bijvoorbeeld huishoudelijke verzorging, keukenpersoneel, de facilitaire dienst en dagelijkse welzijnsactiviteiten);  voedingskosten;  kosten in het kader van de veiligheid (zoals cameratoezicht, etc.). 2. Personele kosten, met betrekking tot:  Aanwezigheid en begeleiding op de locatie overdag;  Aanwezigheid en begeleiding op de locatie ‘s nachts;  Aanwezigheid van beveiliging op de locatie. 3. De aan- of afwezigheid van een groepsruimte. De Wmo verplicht de gemeente tot het stellen van regels voor een goede verhouding tussen de prijs en de kwaliteit van een voorziening. Met deze aanbesteding willen de gemeenten samen met de Maatschappelijk opvang Aanbieders komen tot een doorontwikkelde tariefstructuur, met een passende tariefstelling, begrensd door het budgettair kader. Dit verkennen de gemeenten in de Dialoogfase in gezamenlijkheid met de Geselecteerde Aanbieders. Door dit in gezamenlijkheid te doen, vergroten de gemeenten de inbreng en draagvlak voor de uiteindelijke tarieven en de bekostigingsvorm. Om tot deze tarieven te komen wordt de Aanbestedende dienst begeleid door een extern bureau.

Het extern adviesbureau maakt gebruik van landelijke benchmarks, van input van Aanbieders via de Dialoogfase, individuele gesprekken en van input van andere (centrum)gemeenten om te voldoen aan de gesteld eisen op grond van de Wmo en tot een reëel tarief te komen. Voorwaarden 1. Inschrijvers op perceel 1 zijn verplicht zich in te schrijven op perceel 2. Inschrijvers op perceel 1: Maatschappelijke opvang zijn verplicht om zich ook in te schrijven op perceel 2: Flexibele opvang. De producten zijn nauw aan elkaar verbonden omdat het product Flexibele opvang wordt ingezet als blijkt dat er onvoldoende Maatschappelijke opvang plekken zijn, bijvoorbeeld in het geval van extreme weersomstandigheden of een pandemie. De gemeenten willen dat er bij een tijdelijke uitbreiding van de plekken ook wordt onderzocht of deze uitbreiding binnen de bestaande locaties mogelijk is. Gemeenten vinden het daarom noodzakelijk dat de Aanbieders die Maatschappelijke opvang aanbieden ook Flexibele opvang bieden. 4.4.2 Perceel 2: Flexibele opvang Productomschrijving Flexibele opvang Flexibele opvang omvat het bieden van een eerste veilige plek aan dakloze inwoners die niet in staat zijn om zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving. Het gaat hierbij om het 27

bieden van bed, bad en brood. Inwoners kunnen 7 dagen per week gebruik maken van de opvangplek. Tijdens de aanwezigheid van de inwoners zijn er woonbegeleiders oproepbaar of aanwezig. De woonbegeleiders zorgen voor een veilige plek waar inwoners kunnen werken aan herstel. Omdat de gemeenten inzetten op het voorkomen van dakloosheid, komt er geen structurele uitbreiding van het aantal opvangplekken. Wel moet het mogelijk zijn om tijdelijk uit te breiden bij de jaarlijkse winterregeling of wanneer er zich onvoorziene omstandigheden voordoen (zoals een pandemie of economische crisis). Deze uitbreiding is altijd tijdelijk en kortdurend. De locatie voor de opvang wordt door de gemeente bepaald in overleg met de Aanbieder. Time-out bedden Inwoners die grensoverschrijdend gedrag vertonen in de opvanglocaties kunnen een sanctie opgelegd krijgen, zoals het tijdelijk niet mogen betreden van de locatie. Omdat het niet wenselijk is dat inwoners met een ontzegging op straat verblijven, kunnen inwoners terecht op een timeout bed. De opvang op een time-outbed is sober (bed, bad en brood) en wordt geboden van 18.00 – 9.00. Bij alle flexibele volwassenen locaties is te minste één (1) time-outbed aanwezig. Het organiseren van time-out bedden is een onderdeel van de percelen Maatschappelijke opvang (1), Flexibele opvang (2) en Beschermd wonen (3).

Aanbieders die inschrijven op deze percelen hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid om de time-out bedden voor zowel inwoners die in de Maatschappelijke opvang of Flexibele opvang verblijven als voor inwoners die Beschermd wonen te organiseren. Veiligheid De Aanbieders van Maatschappelijke opvang zijn verantwoordelijk voor het bieden van een veilige omgeving voor inwoners. De gemeenten kiezen ervoor om geen separate contracten af te sluiten voor de beveiliging binnen de opvang. Dit draagt volgens de gemeenten bij aan het maken van meer eenduidige afspraken. De Aanbieder wordt het enige aanspreekpunt voor de veiligheid op een opvanglocatie. Daarnaast biedt het ruimte aan de Aanbieder om te bepalen wat er nodig is aan beveiliging op een locatie en hoe dat het beste kan worden vormgegeven omdat er allerlei verschillende manieren zijn om ervoor te zorgen dat een locatie veilig is (denk aan cameratoezicht en het inzetten van extra begeleiding). Beveiliging is in deze aanbesteding een integraal onderdeel van Maatschappelijke opvang en maakt zo nodig onderdeel uit van de nieuwe Raamovereenkomst. Doelgroep en Toegang De Maatschappelijke opvang voor de drie (3) regio’s is gericht op dakloze inwoners die nietzelfredzaam zijn en die zich melden bij de Brede Centrale Toegang (BCT).

De Brede Centrale Toegang onderzoekt of de inwoner in aanmerking komt voor de opvang op grond van de Wmo. Dit is het geval als: 

Iemand rechtmatig in Nederland verblijft en zo nodig aanspraak kan maken op voorzieningen;

28

Iemand de thuissituatie heeft verlaten en zich niet op eigen kracht kan handhaven in de samenleving, ook niet met gebruikelijke hulp (zoals verblijf in het netwerk). Het gaat om mensen die niet-zelfredzaam zijn; De kans op herstel van maatschappelijke participatie het grootst is in de regio IJmond, Kennemerland of Haarlemmermeer. Dit wordt bepaald door de BCT in overleg met de gemeente van herkomst, in lijn met het convenant landelijke toegang Maatschappelijke opvang.

De BCT onderscheidt, in opdracht van de gemeente, verschillende subgroepen binnen de groep daklozen. Er wordt een onderscheid gemaakt in volwassenen, jongvolwassenen en gezinnen met kinderen.   

Volwassenen: dakloze inwoners van 23 jaar en ouder; Jongvolwassenen: dakloze jongeren van 18 tot 23 jaar. In verband met de kwetsbaarheid van jongvolwassenen wordt deze groep als een aparte groep gezien; Gezinnen met minderjarige kinderen; gezinnen met één (1) of twee (2) meerderjarige ouders die één (1) of meer minderjarige kinderen hebben. Omdat dakloosheid ook zijn weerslag heeft op de opvoeding en de ontwikkeling van de kinderen, zien de gemeenten gezinnen met minderjarige kinderen als een aparte groep.

Doelstelling van het perceel Op basis van de omschreven gewenste bewegingen in hoofdstuk 3.2. zijn de volgende doelstelling omschreven: Hoofddoelstelling: Tijdelijk uitbreiden van de opvang zodat aan alle dakloze inwoners een plek geboden kan worden. Subdoelstellingen:       

Flexibel kunnen op- en afschalen; Het bieden van opvang waar inwoners tijdelijk gebruik van kunnen maken; Het bieden van een veilige plek waar inwoners vorderingen maken in hun herstel; Stigmatisering van dakloze inwoners tegengaan; Bijdragen aan de acceptatie van dakloze inwoners in de wijk rondom een locatie; Overlast voorkomen voor omwonenden van een locatie; Het bieden van een opvang waar het inwonerperspectief goed gewaarborgd is in zowel beleid en de begeleiding, dit kan o.a. door de inzet van ervaringsdeskundigen.

Inschrijvers van dit perceel zijn verplicht om bij te dragen aan deze subdoelstellingen. Omvang De behoefte aan het aantal extra plekken is vooraf niet exact in te schatten en is afhankelijk van externe omstandigheden. 29

Aantal te contracteren Aanbieders Om tijdig in te kunnen spelen op onvoorziene omstandigheden willen de gemeenten de flexibiliteit zo groot mogelijk houden. Om deze reden is er door de gemeenten voor gekozen om de Flexibele opvang in een apart perceel vorm te geven. In dit perceel wordt geen maximum aan het aantal Aanbieders gesteld. Aanbieders die zich hebben ingeschreven op perceel 2 kunnen door de gemeenten gevraagd worden om tijdelijke locaties (met spoed) te realiseren wanneer dat nodig is. Er kunnen ook Aanbieders inschrijven voor perceel 2 die zich niet hebben ingeschreven voor perceel 1. Andersom is niet mogelijk: Inschrijvers van perceel 1 zijn verplicht om ook in te schrijven op perceel 2. Tarief Voor de opvang van daklozen maken de gemeenten met Aanbieders beschikbaarheidsafspraken over de beschikbaarheid van het aantal “bedden”. Voor de tariefstelling wordt onderscheid gemaakt tussen het tarief voor de locaties en voor de personele kosten. De verwachting is dat het toekomstige tarief voor een plek in een opvangvoorziening bestaat uit drie (3) componenten: 1.

De kosten verbonden aan een locatie, bestaande uit:  huisvestingskosten (kapitaallasten, huur van het gebouw, onderhoud en inventaris);  hotelmatige kosten (bijvoorbeeld huishoudelijke verzorging, keukenpersoneel, de facilitaire dienst en dagelijkse welzijnsactiviteiten);  voedingskosten;  kosten in het kader van de veiligheid (zoals cameratoezicht etc.). 2. Personele kosten, met betrekking tot:  Aanwezigheid en begeleiding op de locatie overdag;  Aanwezigheid en begeleiding op de locatie ‘s nachts;  Aanwezigheid van beveiliging op de locatie. 3. De aan- of afwezigheid van een groepsruimte. De Wmo verplicht de gemeente tot het stellen van regels voor een goede verhouding tussen de prijs en de kwaliteit van een voorziening. Met deze aanbesteding willen de gemeenten samen met de Maatschappelijk opvang Aanbieders komen tot een doorontwikkelde tariefstructuur, met een passende tariefstelling en begrensd door het budgettair kader. Dit verkennen de gemeenten in de Dialoogfase in gezamenlijkheid met de Geselecteerde Aanbieders. Door dit in gezamenlijkheid te doen, vergroten de gemeenten de inbreng en draagvlak voor de uiteindelijke tarieven en de bekostigingsvorm. Om tot deze tarieven te komen wordt de Aanbestedende dienst begeleid door een extern bureau.

Het extern adviesbureau maakt gebruik van landelijke benchmarks, van input van Aanbieders via de Dialoogfase, individuele gesprekken en van input van andere (centrum)gemeenten om te voldoen aan de gesteld eisen op grond van de Wmo en tot een reëel tarief te komen.

30

4.4.3 Perceel 3: Beschermd wonen Productomschrijving Beschermd wonen Beschermd wonen is ‘wonen in een accommodatie van een instelling met daarbij behorende toezicht en begeleiding, gericht op het bevorderen van zelfredzaamheid en participatie, het psychisch en psychosociaal functioneren, stabilisatie van een psychiatrisch ziektebeeld, het voorkomen van verwaarlozing of maatschappelijke overlast of het afwenden van gevaar voor de inwoner of anderen, bestemd voor inwoners met psychische of psychosociale problemen, die niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving’ (artikel 1.1.1, eerste lid, Wmo 2015). Inwoners die Beschermd wonen doen dat in een locatie van een Aanbieder. Meestal wonen er in de woonvorm ook andere inwoners en is er een gezamenlijke ruimte waar inwoners activiteiten met elkaar kunnen ondernemen. Er zijn 24 uur per dag, 7 dagen per week, woonbegeleiders spoedig oproepbaar of aanwezig in de woonvorm. Het is meestal niet nodig dat er 24 uur per dag toezicht wordt gehouden, omdat mensen die Beschermd wonen meestal in staat zijn om hun hulpvraag uit te stellen. De begeleiding is gericht op herstel en om inwoners te ondersteunen bij het weer zelfstandig gaan wonen. Inwoners betalen voor Beschermd wonen geen huur maar een eigen bijdrage. Tot dit product behoren alle huidige en toekomstige plekken voor Beschermd wonen in de regio.

Tussenvoorzieningen Beschermd wonen Dit zijn lichtere vormen van Beschermd wonen die niet onder de wettelijke definitie van Beschermd wonen vallen (artikel 1.1.1, eerste lid, Wmo 2015). Een Tussenvoorziening is een woonvoorziening van of via een Aanbieder. De Tussenvoorziening is zo georganiseerd dat er meerdere inwoners in elkaars nabijheid wonen en gebruik kunnen maken van een gezamenlijke ruimte. Tussenvoorziening zijn op een aantal manieren anders dan Beschermd wonen. Het is in een Tussenvoorziening niet nodig dat de begeleiding 24 uur per dag, 7 dagen per week, aanwezig is. Begeleiders kunnen ook op afroep beschikbaar zijn, op vaste momenten in de woonvorm aanwezig zijn of begeleiding bieden op afspraak. Inwoners die in een Tussenvoorziening wonen zijn daarmee over het algemeen bij het instromen in een voorziening zelfredzamer dan inwoners die Beschermd wonen. In de Tussenvoorzieningen worden wonen en zorg van elkaar gescheiden. Inwoners betalen daarom huur voor hun woonplek. De volgende huidige voorzieningen worden in de toekomst tot de Tussenvoorzieningen Beschermd wonen gerekend:  

Alle huidige plekken voor Beschut wonen in de regio; Alle huidige doorstroomlocaties voor de Maatschappelijke opvang in de regio: o Frans Hals in Haarlem; o Kennemerhof in Beverwijk; 31

o Anton Pieckhofje in Haarlem. De gemeenten kopen de huidige doorstroomlocaties voor de Maatschappelijke opvang in als Tussenvoorzieningen Beschermd wonen, omdat deze locaties erg lijken op de huidige locaties Beschut wonen. Daarnaast is de doelgroep die gebruik maakt van het Beschut wonen en de doorstroomlocaties Maatschappelijke opvang vergelijkbaar. Tot het product Tussenvoorzieningen Beschermd wonen behoren alle huidige en toekomstige Tussenvoorzieningen Beschermd wonen in de regio. Time-out bedden Inwoners die grensoverschrijdend gedrag vertonen op de locaties voor Beschermd wonen of in de Tussenvoorzieningen kunnen een sanctie opgelegd krijgen, zoals het tijdelijk niet mogen betreden van de locatie. Omdat het niet wenselijk is dat inwoners met een ontzegging op straat verblijven moeten inwoners terecht kunnen op een time-out bed. Op dit moment zijn er verschillende afspraken met verschillende Aanbieders over time-out bedden. De gemeenten willen eenduidige afspraken maken over de time-out bedden die aansluiten op het sanctiebeleid. Het organiseren van time-out bedden is een onderdeel van de percelen Maatschappelijke opvang (1), Flexibele opvang (2) en Beschermd wonen (3).

Aanbieders die inschrijven op deze percelen hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid om de time-out bedden voor zowel cliënten die in de Maatschappelijke opvang of Flexibele opvang verblijven als voor inwoners die Beschermd wonen te organiseren. Doelgroep Inwoners met psychiatrische of psychosociale problematiek, al dan niet in combinatie met een Licht Verstandelijke Beperking (LVB), die ondersteuningsvragen hebben bij én het wonen én hun herstelproces. Inwoners die in aanmerking komen voor een van de producten Beschermd wonen zijn op het moment van de aanmelding nog niet in staat om zelfstandig te wonen, maar hebben wel de potentie om zich zo te ontwikkelen dat zelfstandig wonen in de toekomst mogelijk is. Toegang De Toegang tot de maatwerkvoorziening Beschermd wonen loopt via de lokale toegang. Bij een ondersteuningsvraag op het gebied van Beschermd wonen doet één van de toegangsmedewerkers van de (gemandateerde) gemeenteonderzoek naar de situatie en omstandigheden van de inwoner. Afhankelijk van de situatie volgt een gesprek met de inwoner en/of diens vertegenwoordiger. Op basis van dit gesprek en/of ondersteuningsaanvraag beoordeelt de casemanager of de inwoner in aanmerking komt voor een Beschermd wonen voorziening of een Tussenvoorziening.

Doelstelling Op basis van de omschreven gewenste bewegingen in hoofdstuk 3.2 van dit document kent het perceel Beschermd wonen de volgende doelstellingen:

32

Hoofddoelstelling: Een plek bieden aan inwoners met psychiatrische of psychosociale problematiek, al dan niet in combinatie met een LVB, die ondersteuningsvragen hebben bij én het wonen én hun herstelproces. Deze plek moet het mogelijk maken voor inwoners om te werken aan hun herstelproces, zodat ze kunnen toewerken naar zo zelfstandig mogelijk wonen. Subdoelstellingen:     

  

Inwoners met een psychiatrische diagnose een plek bieden waardoor verwaarlozing, gevaar of maatschappelijke overlast voorkomen kunnen worden; Stigmatisering van inwoners met psychiatrische problematiek tegengaan; Bijdragen aan de acceptatie van inwoners met psychiatrische problematiek in de wijk rondom een locatie; Overlast voorkomen voor omwonenden van een locatie of Tussenvoorziening Beschermd Wonen; Bijdragen aan het verkorten van de wachtlijsten voor de locaties of Tussenvoorzieningen Beschermd Wonen door nieuwe plekken te realiseren en doorstroom te bevorderen; Bijdragen aan het realiseren van passende plekken en-of ondersteuning voor alle cliënten Beschermd Wonen; Bijdragen aan de spreiding van voorzieningen door de gehele regio; Het bieden van een opvang waar het cliëntenperspectief goed gewaarborgd is in zowel beleid en de begeleiding, dit kan o.a. door de inzet van ervaringsdeskundigen.

Inschrijvers op dit perceel zijn verplicht om bij te dragen aan de hoofd- en subdoelstellingen van dit perceel. Verwachte omvang In de huidige situatie zijn er ongeveer 300 plekken beschikbaar bij de gecontracteerde partijen voor inwoners met een arrangement voor Beschermd wonen en 75 plekken voor inwoners met een arrangement voor beschut wonen. Hiernaast zijn er momenteel voor ongeveer 58 inwoners light contracten afgesloten voor het bieden van een plek aan inwoners waarvoor gecontracteerde partijen geen plek of aanbod hadden. Op basis van het huidige aantal plekken, de huidige hoeveelheid inwoners die een beschikking krijgen voor Beschermd wonen en populatieontwikkelingen, is een inschatting gemaakt van het benodigd aantal plekken in 2032. Voor Beschermd wonen in zijn geheel, inclusief Tussenvoorzieningen en Beschermd thuis, zijn er in 2032 ongeveer 590 plekken Zorg in Natura (ZIN) nodig en 170 plekken via een Persoonsgebonden Budget (PGB). Het uitgangspunt van de gemeenten is om een dekkend zorgaanbod in natura te hebben, waarbij een PGB alleen ingezet wordt wanneer dit de wens van de inwoner is. Hierdoor is het mogelijk dat er een verschuiving plaats vindt in de aantallen ZIN en PGB gefinancierde ondersteuning. 33

Op basis van het verdeelmodel van AEF3, dat uitgangspunt is voor de budgetverdeling per gemeente, kan een inschatting worden gemaakt van de verdeling van de benodigde plekken over de regio. Uitgaande van de gewenste beweging van Beschermd wonen naar Tussenvoorzieningen en Beschermd thuis wordt ingezet op een verdeling 20% Beschermd wonen, 55% Tussenvoorzieningen en 25% Beschermd thuis. Dit betekent een afbouw van het aantal Beschermde woonplekken en een opbouw van de Tussenvoorzieningen. In tabel 10 is weergegeven wat de gewenste verdeling per gemeente en per voorziening is in 2032. Tabel 10 - Verdeling plekken naar gemeente

Gemeente Beverwijk Bloemendaal Haarlem Haarlemmermeer Heemskerk Heemstede Velsen Zandvoort Totaal

Percentage van Beschermd TussenBeschermd totaal wonen voorzieningen thuis 8,4% 1,7% 4,6% 2,1% 4,9% 1% 2,7% 1,2% 36,% 7,2% 19,8% 9% 23,4% 4,7% 12,9% 5,9% 6,9% 1,4% 3,8% 1,7% 4,2% 0,8% 2,3% 1,1% 12,9% 2,6% 7,1% 3,2% 3,3% 0,7% 1,8% 0,8% 100% 20% 55% 25%

Let op: dit betreft een schatting, er kunnen geen rechten ontleend worden aan deze aantallen.

Aantal te contracteren Aanbieders Voor dit perceel wordt geen maximum gesteld aan het aantal Aanbieders. Er zijn in de regio wachtlijsten voor Beschermd wonen en Tussenvoorzieningen omdat er te weinig plekken zijn. De gemeenten willen daarom zo veel mogelijk Aanbieders contracteren om beter te kunnen voldoen aan de grote vraag naar plekken. Bekostiging en tarifering Voor de tariefstelling wordt onderscheid gemaakt tussen het tarief voor de locaties en voor trajectbegeleiding (perceel 4). De verwachting is dat het toekomstige tarief voor een plek in een locatie voor Beschermd wonen of een Tussenvoorziening bestaat uit drie componenten: 1. De kosten verbonden aan een locatie, bestaande uit:  huisvestingskosten (kapitaallasten, huur van het gebouw, onderhoud en inventaris);  hotelmatige kosten (bijvoorbeeld huishoudelijke verzorging, keukenpersoneel, de facilitaire dienst en dagelijkse welzijnsactiviteiten);  voedingskosten;  kosten in het kader van de veiligheid (zoals cameratoezicht etc.).

3

Uitwerking overgangsregeling integratie-uitkering Beschermd wonen versie september 2021 inclusief nacalculatie Wlz | Circulaire | Rijksoverheid.nl

34

2. Personele kosten, met betrekking tot:  Aanwezigheid en begeleiding op de locatie overdag;  Aanwezigheid en begeleiding op de locatie ‘s nachts;  Aanwezigheid van beveiliging op de locatie. 3. De aan- of afwezigheid van een groepsruimte. De Wmo verplicht de gemeente tot het stellen van regels voor een goede verhouding tussen de prijs en de kwaliteit van een voorziening. Met deze aanbesteding willen de gemeenten samen met de Aanbieders van Beschermd wonen en Tussenvoorzieningen komen tot een doorontwikkelde tariefstructuur, met een passende tariefstelling en begrensd door het budgettair kader. Dit verkennen de gemeenten in de Dialoogfase in gezamenlijkheid met de Geselecteerde Aanbieders. Door dit in gezamenlijkheid te doen, vergroten de gemeenten de inbreng en het draagvlak voor de uiteindelijke tarieven en de bekostigingsvorm. Om tot deze tarieven te komen hebben de gemeenten een extern bureau om advies gevraagd. Het extern adviesbureau maakt gebruik van landelijke benchmarks, van input van Aanbieders via de Dialoogfase, individuele gesprekken en van input van andere (centrum)gemeenten om te voldoen aan de gesteld eisen op grond van de Wmo en tot een reëel tarief te komen. Voorwaarden 1. Inschrijvers op perceel 3 zijn verplicht zich in te schrijven op perceel 6.

Inschrijvers op perceel 3: Beschermd wonen zijn verplicht om zich ook in te schrijven op perceel 6: Beschermd Thuis. De producten zijn nauw aan elkaar verbonden omdat het product Beschermd Thuis ingezet kan worden om instroom in Beschermd wonen of een tussenvorm te voorkomen of uitstroom uit zo’n voorziening te versnellen. De gemeenten vinden het daarom noodzakelijk dat de Aanbieders die Beschermd wonen of tussenvoorzieningen bieden ook Beschermd Thuis bieden. 2. Starten van nieuwe locaties. De gemeenten willen een evenredige verdeling van het aantal Beschermd wonen plekken en tussenvoorzieningen realiseren binnen de regio. Dit betekent op termijn dat er sprake is van opbouw van nieuwe locaties en afbouw van bestaande locaties. Tegelijkertijd is er sprake van een wachtlijst. Gemeenten willen een beroep doen op de flexibiliteit van Aanbieders en de wil om mee te bewegen in deze beoogde beweging. De gemeenten beseffen dat dit vraagt om goede afspraken over hoe op- en afbouw gerealiseerd kunnen worden. Van Aanbieders wordt verwacht dat ze afstemmen met de gemeenten en de gemeenten actief informeren over de doelgroep en het proces voordat er een nieuwe locatie in de regio wordt gerealiseerd. In beginsel geeft een gemeente geen toestemming voor het starten van woonvormen die niet voldoen aan de spreidingswensen van de regio.

Er kunnen echter zwaarwegende redenen zijn om deze toestemming wel te verlenen, bijvoorbeeld wanneer er voor een bepaalde doelgroep geen of onvoldoende aanbod is. De afspraken hiervoor worden verder ontwikkeld met Aanbieders in de Dialoogfase. 35

4.4.4 Perceel 4: Trajectbegeleiding Productomschrijving Trajectbegeleiding is begeleiding die op maat kan worden ingezet en die afhankelijk is van de ondersteuningsvraag van een inwoner. De begeleiding is gericht op het bevorderen van de zelfredzaamheid en participatie van een inwoner, het verbeteren van het psychisch en psychosociaal functioneren en op stabilisatie van de beperkingen van een inwoner in het dagelijks leven. Om te bepalen hoeveel begeleiding passend is voor de ondersteuningsvraag van een inwoner wordt er een hersteltraject op maat bepaald waarbij rekening gehouden wordt met de ondersteuningsbehoefte van een inwoner op één of meerdere van in totaal zeven resultaatgebieden: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.

Financiën; Dagbesteding; Sociale relaties; Opvoeden & opgroeien; Zingeving; Persoonlijk functioneren; Lichamelijke gezondheid.

Dit zijn dezelfde resultaatgebieden die gehanteerd worden in het arrangementenmodel die de gemeenten nu gebruiken (paragraaf 2.1.2, tabel 4), min de resultaatgebieden Wonen en Veiligheid. Daarvoor is gekozen omdat de trajectbegeleiding in deze verwerving los staat van de verblijfslocatie als een los perceel. Zo wordt de inwoner en diens herstelproces centraal gesteld en niet een locatie of de Aanbieder. De begeleiding moet inwonervolgend zijn en niet locatieafhankelijk. De bedoeling is dat de trajectbegeleiding direct beschikbaar is voor een inwoner zodra er een indicatie voor Beschermd wonen of een beschikking voor de Maatschappelijke opvang aan de inwoner verstrekt is. Dat maakt het bijvoorbeeld mogelijk om inwoners die thuis of in de Maatschappelijke opvang wachten op een vervolgplek al begeleiding te bieden en deze begeleiding voort te zetten wanneer een cliënt verhuist naar een andere locatie. Trajectbegeleiding kan daarmee op verschillende locaties geboden worden:   

Op een locatie voor Beschermd wonen of in een Tussenvoorziening Beschermd wonen; In de Maatschappelijke opvang; In de thuissituatie of op een tijdelijke opvangplek.

Zodra wordt vastgesteld dat een inwoner toegang heeft tot Maatschappelijke opvang (percelen 1 en 2) of Beschermd wonen (perceel 3) wordt er een hersteltraject op maat bepaald en wordt de inwoner gekoppeld aan een Aanbieder. De Aanbieder wordt geselecteerd op basis van de expertise die past bij de ondersteuningsvraag van de inwoner. De Aanbieder koppelt vervolgens een trajectbegeleider aan de inwoner. De trajectbegeleider functioneert als een coördinator of regiehouder en begeleidt de inwoner daar waar mogelijk. De eerste gedachte is dat gedurende 36

het hele traject dezelfde trajectbegeleider betrokken blijft, tenzij een inwoner het zelf wenselijk vindt om van begeleider te wisselen. De trajectbegeleider stelt samen met de inwoner een plan op om te werken aan de doelen van de inwoner. De trajectbegeleider coördineert, stemt af en volgt de benodigde hulpverlening naast de eigen inzet. De begeleider versterkt de eigen regie, betrekt zoveel mogelijk het eigen netwerk en leefomgeving van de inwoner en ook andere hulpverleners met expertise waarover de trajectbegeleider zelf niet of onvoldoende beschikt. De trajectbegeleider heeft een signalerende rol en kan ook geconsulteerd worden door betrokkenen als bijvoorbeeld situaties tijdens de begeleiding verergeren. De trajectbegeleider is beschikbaar voor inhoudelijke ondersteuning, consultatie en opschaling van casuïstiek door betrokken professionals. De trajectbegeleider is naast de inwoner het aanspreekpunt bij het nemen van cruciale beslissingen over de hulp en ondersteuning aan de inwoner. In een cyclisch proces van monitoren, beoordelen en beslissen wordt gekeken of de ondersteuning rondom de inwoner leidt tot het gewenste (eind)resultaat. Doelgroep Inwoners die toegang gekregen hebben tot de Maatschappelijke opvang (percelen 1 en 2), Beschermd wonen (perceel 3) of Beschermd thuis (perceel 6) kunnen gebruik maken van trajectbegeleiding.

Toegang De Toegang tot de maatwerkvoorziening Trajectbegeleiding loopt voor Maatschappelijke opvang via de Brede Centrale Toegang en voor Beschermd wonen via de toegangsmedewerker of casemanager van de gemeente. Doelstelling van het perceel Op basis van de omschreven gewenste bewegingen in hoofdstuk 3.2. is de volgende doelstelling omschreven: Hoofddoelstelling: Alle inwoners Maatschappelijke opvang en Beschermd wonen hebben een traject op maat om te kunnen werken aan zo gewoon mogelijk wonen met herstelondersteuning gericht op inclusie, volwaardig burgerschap, participatie, zelfredzaamheid en informele steun in de lokale omgeving. Subdoelstellingen: 

Als een inwoner niet direct kan instromen op een passende plek, wordt in de bestaande woonsituatie direct een traject op maat geboden waardoor achteruitgang zo veel als mogelijk wordt voorkomen en er al in de bestaande situatie wordt ingezet op herstel en zelfstandig wonen. Er is één begeleider die zicht houdt op de ontwikkelingen van een inwoner en die verantwoordelijkheid draagt voor de begeleiding en de ondersteuning die een inwoner nodig heeft. 37

    

De trajectbegeleider draagt zorg voor een passende vervolgplek; De trajectbegeleiding wordt binnen het arrangementenmodel afgebouwd richting zelfstandig wonen; Inwoners Beschermd wonen zijn binnen drie (3) jaar klaar om uit te stromen naar een passende plek. Inwoners Maatschappelijke opvang zijn binnen negen (9) maanden klaar om uit te stromen naar een passende plek. Trajectbegeleiding kan inwonervolgend worden ingezet.

Verwachte omvang Voor een indicatie van de omvang van het aantal trajecten wordt in onderstaande tabel uitgegaan van het unieke aantal cliënten per jaar met een indicatie. Hierin wordt onderscheid gemaakt in de huidige verblijfplaats van een inwoner. Hiernaast verblijven enkele inwoners in een instelling en ontvangen zij vanuit deze instelling ondersteuning. De onderstaande tabel geeft de huidige situatie weer. Tabel 11 - Huidige situatie

Plekken Trajectbegeleiding in de Maatschappelijke opvang Een arrangement Beschermd wonen Een arrangement Beschut wonen Een arrangement Beschermd of Beschut wonen bij een zorgaanbieder zonder raamovereenkomst. Dit is in enkele gevallen ook buiten de regio. Overbruggingszorg

300 75 -

Aantal unieke cliënten met een indicatie 425 425 100 60

-

90

De komende jaren wordt een verschuiving verwacht van Beschermd wonen naar Tussenvoorzieningen Beschermd wonen (zie ook perceel 3). De gemeenten verwachten dan ook dat er in de toekomst meer trajectbegeleiding worden afgegeven voor inwoners die in een Tussenvoorziening Beschermd wonen verblijven. Aantal te contracteren Aanbieders Er geldt voor dit perceel geen maximumaantal te contracteren Aanbieders. Op deze manier kunnen wij wachtlijsten voorkomen en ervoor zorgen dat er clientvolgende begeleiding kan worden ingezet. Tarief Het tarief voor trajectbegeleiding bestaat uit twee componenten:  

Uurtarief begeleiding; Intensiteit van de begeleiding, vastgesteld op basis van het arrangementenmodel.

38

De Wmo verplicht de gemeente tot het stellen van regels voor een goede verhouding tussen de prijs en de kwaliteit van een voorziening. Met deze aanbesteding willen gemeenten samen met de Geselecteerde Aanbieders komen tot een doorontwikkelde tariefstructuur, met een passende tariefstelling en begrensd door het budgettair kader. Dit verkennen de gemeenten in de Dialoogfase in gezamenlijkheid met de Geselecteerde Aanbieders. Door dit in gezamenlijkheid te doen, vergroten de gemeenten de inbreng en draagvlak voor de uiteindelijke tarieven en de bekostigingsvorm. Om tot deze tarieven te komen worden de gemeenten begeleid door een extern bureau. Het extern adviesbureau maakt gebruik van landelijke benchmarks, van input van Aanbieders via de Dialoogfase, individuele gesprekken en van input van andere (centrum)gemeenten om te voldoen aan de gesteld eisen op grond van de Wmo en tot een reëel tarief te komen. Specifiek voor de Maatschappelijke opvang: In de huidige situatie wordt nog niet gewerkt met het arrangementenmodel voor de inwoners in de Maatschappelijk opvang. Het gebruik van het arrangementenmodel willen de gemeenten in de Dialoogfase verkennen in gezamenlijkheid met de Geselecteerde Aanbieders. Door dit in gezamenlijkheid te doen, vergroten de gemeenten het draagvlak voor het model.

Hierbij willen we beoordelen of delen van het arrangementenmodel ook kan worden ingezet voor mensen die in de Maatschappelijk opvang verblijven en/of mensen die op de wachtlijst staan voor Beschermd wonen. Specifiek voor Beschermd wonen: In de huidige situatie is er een verschil in financiële positie van inwoners die in Beschermd wonen verblijven en inwoners die zelfstandig wonen en ondersteuning ontvangen. Hierdoor gaan inwoners die van Beschermd wonen uitstromen naar zelfstandig wonen er financieel op achteruit. In de nieuwe tariefstelling behorend bij deze aanbesteding willen de gemeenten dit onderscheid zoveel mogelijk voorkomen om uitstroom te bevorderen en voor gelijkheid van financiële positie van de verschillende inwoners.

4.4.5 Perceel 5: Pauzeplekken Productomschrijving Pauzeplekken zijn plekken waar inwoners voor een korte periode kunnen verblijven. Inwoners kunnen gebruik maken van een pauzeplek wanneer ze zelf, of hun sociale netwerk of hulpverleners, merken dat het thuis even niet meer gaat. Dat kan zijn omdat het met een inwoner zelf steeds slechter gaat of juist om de omgeving of huisgenoten te ontlasten. Op een pauzeplek kan een inwoner tot rust komen. De inzet van een pauzeplek moet voorkomen dat een thuissituatie escaleert, dat een inwoner terugvalt in problematiek of dat een inwoner geplaatst moet worden op locatie voor Maatschappelijke opvang of Beschermd wonen, in een Tussenvoorziening voor Beschermd wonen of op een behandelplek. Pauzeplekken zijn altijd tijdelijk en inwoners kunnen er een maximaal aantal dagen gebruik van maken. Inwoners moeten na het gebruik van een pauzeplek altijd weer terug kunnen gaan naar de plek waar ze

39

voorafgaand verbleven of woonachtig waren. Dat betekent dat inwoners alleen toegang krijgen tot een pauzeplek als ze ook weer een plek hebben om naartoe terug te keren. Pauzeplekken zijn niet bedoeld om de wachtlijsten voor locaties Beschermd wonen of Tussenvoorzieningen te overbruggen. Daarnaast zijn pauzeplekken niet bedoeld als time-out bed voor inwoners die een sanctie opgelegd gekregen hebben of als langdurige opvangplek voor dakloze mensen. De gemeenten willen het product pauzeplekken en de voorwaarden die aan het product worden gesteld samen met Aanbieders verder vormgeven in de Dialoogfase. Doelgroep Inwoners die gebruik maken van de Maatschappelijke opvang (percelen 1 en 2), Beschermd wonen (perceel 3), Trajectbegeleiding (perceel 4) of Beschermd Thuis (perceel 6) kunnen gebruik maken van pauzeplekken. Bij uitzondering mogen ook inwoners uit de regio, die gebruik maken van ambulante begeleiding vanuit de Wmo of behandeling van een GGZ-instelling, gebruik maken van het product om zo een plaatsing in de Maatschappelijke opvang of Beschermd Wonen, een Tussenvoorziening Beschermd Wonen of een behandelopname te voorkomen. Toegang Hoe de toegang tot de pauzeplekken verloopt, is onderwerp van gesprek tijdens de Dialoogfase met de Geselecteerde Aanbieders.

Doelstelling Het bieden van een pauzeplek waar inwoners met psychiatrische en/of psychosociale problematiek, al dan niet in combinatie met een LVB, tot rust kunnen komen. Verwachte omvang De gemeenten willen in de regio minimaal één centrale voorziening voor pauzeplekken realiseren met minimaal tien (10) bedden óf meerdere pauzeplekken inkopen bij verschillende Aanbieders. Dat is afhankelijk van de uitwerking van het product in de Dialoogfase met de Aanbieders. Aantal te contracteren Aanbieders Het aantal te contracteren Aanbieders is afhankelijk van de uitwerking van het product pauzeplekken tijdens de Dialoogfase want de gemeenten kunnen nu niet inschatten welke vorm van het product pauzeplekken het beste past in de regio. Hierbij zijn er twee (2) opties mogelijk: 

Wanneer er gekozen wordt voor één centrale voorziening in de regio, willen de gemeenten een maximumaantal van drie (3) Aanbieders selecteren die deze centrale voorziening gezamenlijk realiseren. Minimaal één (1) van deze Aanbieders moet voornamelijk bestaan uit ervaringsdeskundigen; 40

Wanneer er gekozen wordt voor het inkopen van meerdere pauzeplekken bij verschillende Aanbieders, hanteren de gemeenten geen maximumaantal Aanbieders.

Tarief Voor de tariefstelling wordt onderscheid gemaakt tussen het tarief voor de locaties en voor trajectbegeleiding (perceel 4). De verwachting is dat het toekomstige tarief voor een pauzeplek bestaat uit drie kostencomponenten: 1. De kosten verbonden aan een locatie, bestaande uit:  Huisvestingskosten (kapitaallasten, huur van het gebouw, onderhoud en inventaris);  Hotelmatige kosten (bijvoorbeeld huishoudelijke verzorging, keukenpersoneel, de facilitaire dienst en dagelijkse welzijnsactiviteiten);  Voedingskosten;  Kosten in het kader van de veiligheid (zoals cameratoezicht, etc.). 2. Personele kosten, met betrekking tot:  Aanwezigheid en begeleiding op de locatie overdag;  aanwezigheid en begeleiding op de locatie ‘s nachts;  beveiliging. 3. De aan- of afwezigheid van een groepsruimte. De Wmo verplicht de gemeente tot het stellen van regels voor een goede verhouding tussen de prijs en de kwaliteit van een voorziening. Met deze aanbesteding willen de gemeenten samen met de Aanbieders komen tot een doorontwikkelde tariefstructuur, met een passende tariefstelling en begrensd door het budgettair kader. Dit verkennen de gemeenten in de Dialoogfase in gezamenlijkheid met de Geselecteerde aanbieders. Door dit in gezamenlijkheid te doen, vergroten de gemeenten de inbreng en het draagvlak voor de uiteindelijke tarieven en de bekostigingsvorm.

Om tot deze tarieven te komen heeft hebben de gemeenten een extern bureau om advies gevraagd. Het extern adviesbureau maakt gebruik van landelijke benchmarks, van input van Aanbieders via de Dialoogfase, individuele gesprekken en van input van andere (centrum)gemeenten om te voldoen aan de gesteld eisen op grond van de Wmo en tot een reëel tarief te komen. Voorwaarden 1. Werken met ervaringsdeskundigen. Een Aanbieder die inschrijft op dit perceel dient aantoonbare ervaring te hebben met het werken met ervaringsdeskundigen. Aanbieders moeten ervaringsdeskundigen in dienst hebben of ruime ervaring hebben met het samenwerken met Aanbieders waarvan het merendeel van het personeelsbestand bestaat uit (vrijwillige) werknemers die ervaringsdeskundige zijn.

41

4.4.6 Perceel 6: Beschermd thuis Productomschrijving Beschermd thuis is een vorm van ambulante ondersteuning die 24 uur per dag, 7 dagen per week oproepbaar is. Door de inzet van Beschermd thuis wordt het ‘gat’ tussen de producten Beschermd wonen (perceel 3) en ambulante begeleiding vanuit de lokale Wmo gedicht. Inwoners die Beschermd thuis ontvangen wonen zelfstandig in de wijk en krijgen in de thuissituatie intensieve begeleiding. Die begeleiding is grotendeels op afspraak beschikbaar en moet daarnaast altijd opgeroepen kunnen worden door een inwoner. Aanbieders die inschrijven op dit perceel moeten dan ook in staat zijn om begeleiding te leveren die 24 uur per dag, 7 dagen per week oproepbaar is voor de inwoner. Randvoorwaarde Dit perceel wordt alleen gegund als uit de dialoog blijkt dat het product Beschermd thuis een aanvulling is op het product Trajectbegeleiding. Doelgroep Inwoners met een indicatie voor Beschermd wonen of voor een Tussenvoorziening (perceel 3). Inwoners wonen zelfstandig. Zij wonen op een plek waar zij kunnen blijven wonen, ook als hulp en ondersteuning niet meer geboden hoeven te worden. Toegang De toegang tot deze voorziening wordt bepaald door de gemeenten, net als voor de producten Beschermd wonen (perceel 3). Doelstelling Op basis van de omschreven gewenste bewegingen in hoofdstuk 3.2.

zijn de volgende doelstellingen omschreven: Hoofddoelstelling: Beschermd thuis maakt het mogelijk dat inwoners in hun eigen woning intensieve ondersteuning kunnen ontvangen die 24 uur per dag, 7 dagen per week oproepbaar is. Subdoelstellingen:     

Het voorkomen van instroom in de voorzieningen Beschermd wonen (perceel 3) en het bevorderen van uitstroom; Op- en afschaling van hulp en ondersteuning gemakkelijker realiseren; Stigmatisering van inwoners met psychiatrische problematiek tegengaan; Bijdragen aan de acceptatie van inwoners met psychiatrische problematiek in de wijk; Overlast voorkomen voor omwonenden.

Verwachte omvang Op basis van het verdeelmodel van AEF, dat uitgangspunt is voor de budgetverdeling per gemeente, kan een inschatting worden gemaakt van de verdeling van de benodigde 42

ondersteuning over de regio. Uitgaande van de gewenste beweging van Beschermd wonen naar Tussenvoorzieningen en Beschermd thuis wordt ingezet op een verdeling 20% Beschermd wonen, 55% Tussenvoorzieningen en 25% Beschermd thuis. Voor Beschermd thuis is de schatting dat er in 2032 ongeveer 190 plekken (zowel ZiN als Pgb) nodig zullen zijn. In tabel 10 is percentueel weergegeven wat de verdeling per gemeente en per voorziening is. Aantal te contracteren Aanbieders Er wordt voor dit perceel niet voorzien in een maximumaantal te contracteren Aanbieders omdat er een koppeling zit tussen dit perceel en perceel 3. Voor Perceel 3 wordt geen maximumaantal te contracteren Aanbieders gehanteerd. Tarief De Wmo verplicht de gemeente tot het stellen van regels voor een goede verhouding tussen de prijs en de kwaliteit van een voorziening. Met deze aanbesteding willen de gemeenten samen met de Aanbieders komen tot een tariefstructuur, met een passende tariefstelling en begrensd door het budgettair kader. Dit verkennen de gemeenten in de Dialoogfase in gezamenlijkheid met de Geselecteerde Aanbieders. Door dit in gezamenlijkheid te doen, vergroten de gemeenten de inbreng en het draagvlak voor de uiteindelijke tarieven en de bekostigingsvorm. Om tot deze tarieven te komen hebben de gemeenten een extern bureau om advies gevraagd.

Het extern adviesbureau maakt gebruik van landelijke benchmarks, van input van Aanbieders via de Dialoogfase, individuele gesprekken en van input van andere (centrum)gemeenten om te voldoen aan de gesteld eisen op grond van de Wmo en tot een reëel tarief te komen.

4.5. Duur van de Opdracht De gemeenten realiseren zich dat de transformatie niet van de ene op de andere dag is gerealiseerd. Aanbieders hebben ruimte en zekerheid nodig om zich aan te passen en om te kunnen investeren in de doordecentralisatie. Om die reden wordt gekozen voor een langere contractduur van zes (6) jaar met de mogelijkheid om de Raamovereenkomst twee (2) keer met twee (2) jaar te verlengen. Dit betekent dat sprake is van een maximale looptijd van de Raamovereenkomst van tien (10) jaar, belopende de periode van 1 juli 2023 tot maximaal 1 juli 2033. Deze contractduur geldt voor alle hiervoor genoemde percelen.

43

5. DE AANBESTEDINGSPROCEDURE 5.1. Inleiding Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang is door de doordecentralisatie en de ontwikkelopgave een uitdagende opdracht. De gemeenten zijn van mening dat alleen in samenwerking met de Aanbieders de Opdracht goed kan worden vormgegeven. Het is daarom de ambitie om samen met de Geselecteerde Aanbieders de perceelindeling en de uitvoeringsvoorwaarden vorm te geven. Om deze samenwerking in een aanbesteding vorm te geven kiezen de gemeenten voor een aanbestedingsprocedure, op basis van de ‘Sociale en Andere Specifieke diensten’ (SAS-diensten), zoals deze is beschreven in de artikelen 2.6a, 2.38 en 2.39 van de Aanbestedingswet 2012. Hierbij wordt door middel van een Dialooggerichte Aanbesteding invulling aan de procedure gegeven. Deze procedure is opgedeeld in drie (3) fasen, namelijk: 1. Selectiefase (Zie hoofdstuk 6); 2. Dialoogfase (zie hoofdstuk 7), en; 3. Inschrijvingsfase (zie hoofdstuk 7). Tijdens deze procedure gaan de gemeenten met de Aanbieders, die in de Selectiefase geselecteerd zijn, in dialoog om gezamenlijk de perceelindeling en de wijze van uitvoering van de Opdracht te bepalen. De onderwerpen voor de dialoogfase zullen gebundeld worden op perceel en/of thema. Na de Dialoogfase worden het Inschrijvingsdocument, Programma van Eisen en de concept Raamovereenkomst opgesteld.

De Geselecteerde Aanbieders worden hierna uitgenodigd zich in te schrijven op één (1) of meerdere percelen van de Opdracht. De intentie is om tot Raamovereenkomsten te komen met Aanbieders die door de Selectiefase komen. Daarbij is het voornemen om Raamovereenkomsten af te sluiten met het aantal Aanbieders dat in hoofdstuk 4.4 per perceel is weergegeven. De Opdracht wordt per perceel gegund op basis van het gunningscriterium Beste PrijsKwaliteitverhouding. Opdrachtgever acht deze procedure, gezien de Opdracht van de aanbesteding en afgezet tegen het karakter van de markt waarin de potentiële Aanbieders opereren een passende procedure. De documenten behorende bij de Dialoogfase en de Inschrijvingsfase zullen te zijner tijd alleen gedeeld worden met de Geselecteerde Aanbieders.

5.2. Klachtenloket Alle potentiële Aanbieders kunnen een Klacht met betrekking tot deze aanbesteding indienen bij de Aanbestedende dienst.

44

De onderstaande werkwijze wordt gehanteerd bij het indienen van Klachten met betrekking tot de aanbesteding: 1. Ondernemers dienen hun Klachten schriftelijk in op mailadres tender@haarlem.nl, ter attentie van de klachten coördinator, onder vermelding van: ‘Aanbesteding Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang’ kenmerknummer 2022/446484; 2. In de klacht dient het volgende opgenomen te worden:  Duidelijke omschrijving van de Klacht;  Datum Klacht;  Naam Ondernemer;  Adres Ondernemer. 3. Het klachtenmeldpunt bevestigt de ontvangst van de Klacht. De Klacht wordt in behandeling genomen en binnen de termijn afgehandeld. De afhandeling van de Klacht geschiedt door personen die niet direct betrokken zijn (geweest) bij deze aanbesteding. Het indienen van Klachten, als ook het indienen van opmerkingen en suggesties, heeft in beginsel geen opschortende werking ten aanzien van de aanbesteding.

5.3. Tegenstrijdigheden Deze aanbesteding is met zorg samengesteld. Als er desondanks tegenstrijdigheden en/of onvolkomenheden in voorkomen, wordt u verzocht de gemeenten hiervan voor de genoemde indieningsdatum op de hoogte te stellen. Als naderhand blijkt dat deze aanbesteding tegenstrijdigheden en/of onvolkomenheden bevat en deze niet door potentiële Aanbieder(s) zijn opgemerkt, zijn deze voor risico van de Aanbieder. In alle gevallen van onduidelijkheid prevaleert deze aanbesteding of de, naar aanleiding van eventuele vragen in een nadere toelichting, gegeven uitleg. Bij gebreke van gestelde vragen prevaleert de interpretatie van de gemeenten. De gemeenten sluiten elke vorm van aansprakelijkheid voor de gevolgen van eventuele onvolkomenheden of onduidelijkheden volledig uit. Het Selectiedocument is ook gebaseerd op het vastgestelde beleid van de gemeenten. Zij behoudt zich het recht voor het beleid te wijzigen. De gemeenten zullen in een dergelijk geval tijdig in overleg treden met (potentiële) Aanbieders.

5.4. Toepasselijk recht Op deze aanbesteding is uitsluitend Nederlands recht van toepassing. Alle geschillen die uit deze aanbesteding en de af te sluiten Raamovereenkomst, voortvloeien, dienen te worden voorgelegd aan de bevoegde rechter te Den Haag.

5.5. Taal De Aanmeldingen en alle mondelinge en schriftelijke communicatie gedurende de looptijd van de aanbesteding en de Raamovereenkomst, dient te geschieden in de Nederlandse taal. 45

5.6. Stoppen aanbesteding De gemeenten behouden zich het recht voor om, zonder opgaaf van redenen, het aanbestedingsprocedure tijdelijk geheel of gedeeltelijk, of definitief te stoppen. Voor dit voortgangsrisico van de aanbestedingsprocedure kunnen de gemeenten– zolang de Opdracht nog niet definitief is gegund – niet aansprakelijk worden gesteld. Aanbieders kunnen op geen enkele wijze hieraan rechten ontlenen, noch zijn de gemeenten op welke wijze dan ook jegens Aanbieders schadeplichtig. Aanbieders zijn zich hiervan bewust en aanvaarden het feit, dat Aanbieder geheel voor eigen rekening en risico meedoet aan deze aanbesteding.

5.7. Gestanddoeningstermijn De gestanddoeningstermijn voor de Aanmelding bedraagt 90 kalenderdagen na de uiterste datum voor het indienen van de Aanmelding. Indien er een kort geding wordt aangespannen tegen de selectiebeslissing, bedraagt de gestanddoeningstermijn minimaal zes (6) weken na de onherroepelijke uitspraak in het kort geding. Alle door Aanbieder overlegde gegevens zijn naar waarheid ingevuld en kunnen door Aanbieder gestand worden gedaan. De gemeenten behouden zich het recht voor op schadevergoeding in geval van onjuiste en/of onvolledige informatie en/of het niet kunnen nakomen van hetgeen door een Aanbieder is aangeboden.

5.8. Herzieningsclausule De gemeenten houden zich het recht voor de Opdracht te wijzigen, ongeacht de geldelijke waarde ervan, zonder een nieuwe aanbestedingsprocedure in de navolgende gevallen:   

De gemeenten behouden zich het recht voor om de omvang van de Opdracht aan te passen als de bijdrage vanuit het Rijk wijzigt. De gemeenten behouden zich het recht voor om de Opdracht te wijzigen als de Wmo 2015 wijzigt. Verlenging vanwege onbedoelde vertraging: De gemeenten behouden zich het recht voor de looptijd van de Raamovereenkomst te verlengen in geval een nieuwe aanbesteding niet tijdig kan worden afgerond waardoor een nieuwe overeenkomst niet aansluitend op de vigerende Raamovereenkomst kan worden afgesloten. Dit kan het geval zijn als: - Een verliezende Aanbieder/Inschrijver in de nieuwe aanbesteding een kortgedingprocedure aanhangig is gemaakt; - De inhoud van een juridische uitspraak over de nieuwe aanbesteding leidt tot herbeoordeling of heraanbesteding; - Opdrachtgever aantoonbaar tijdig is gestart met een nieuwe aanbesteding maar door onvoorziene omstandigheden meer tijd nodig heeft om de aanbesteding af te ronden.

46

De verlenging van de Raamovereenkomst zal in dergelijke gevallen leiden tot die noodzakelijke verlenging die nodig is om een nieuwe Raamovereenkomst af te sluiten met een maximum van één (1) jaar (12 maanden). De algemene aard van de Opdracht zal door de herzieningsclausule echter niet veranderen.

5.9. De Raamovereenkomst De gemeenten zijn voornemens om met deze aanbestedingsprocedure Raamovereenkomsten te sluiten voor de Diensten zoals omschreven in hoofdstuk 4 (De Opdracht). De Raamovereenkomsten worden afgesloten voor een initiële periode van zes (6) jaar met de optie op verlenging met twee (2) maal een periode van twee (2) jaar. De inwerkingtreding van de Raamovereenkomsten is voorzien met ingang van 1 juli 2023. Dit betekent dat sprake is van een maximale looptijd van tien (10) jaar, belopende de periode van 1 juli 2023 tot maximaal 1 juli 2033. Volgens de Aanbestedingswet (art. 2.140 AW) is de looptijd van een Raamovereenkomst niet langer dan vier (4) jaar, behalve in uitzonderingsgevallen die gemotiveerd zijn. De gemeenten realiseren zich dat de transformatie niet van de ene op de andere dag is gerealiseerd. De ontwikkelopgaven worden opgenomen in de Raamovereenkomst, waardoor ruimte wordt gecreëerd om in samenwerking met Aanbieders afspraken bij te stellen. De gemeenten zijn van mening dat de Aanbieders de tijd en stabiliteit gegeven moet worden zodat kan worden doorgebouwd aan de beoogde ontwikkeling. Gestreefd wordt daarom naar meerjarige afspraken om zowel inwoners als Aanbieders voldoende zekerheid te bieden. De gemeenten zoeken daarbij naar de juiste balans tussen flexibel kunnen inspelen op nieuwe ontwikkelingen en inzichten en zekerheid voor Aanbieders.

Voor Aanbieders moet het lonen om te investeren in vernieuwing die bijdraagt aan een optimale ondersteuning aan inwoners. Aanbieders hebben ruimte en zekerheid nodig om zich aan te passen en om te kunnen investeren in de doordecentralisatie. Met deze aanpassing van de duur van de Raamovereenkomst(en) willen de gemeenten de aanbesteding toegankelijker maken voor een grotere groep van potentiële Aanbieders. De Raamovereenkomsten bieden geen afnamegarantie. Omdat de concept Raamovereenkomst mede als discussiestuk ingebracht wordt gedurende de Dialoogfase, is deze nog niet als bijlage toegevoegd aan dit Selectiedocument. Per deelnemende gemeente wordt met elke gegunde Inschrijver een separate Raamovereenkomst gesloten.

5.10.

Toepasselijkheid Algemene Inkoopvoorwaarden

Op de aanbesteding en de hieruit voortkomende Raamovereenkomsten zijn uitsluitend de Algemene Inkoopvoorwaarden Diensten van de gemeente Haarlem, welke op 3 april 2018 zijn vastgesteld door B&W, van toepassing, voor zover daarvan in de Raamovereenkomsten niet wordt afgeweken. 47

Aanbieder conformeert zich volledig en onvoorwaardelijk aan de bijgevoegde Algemene Inkoopvoorwaarden Diensten van de gemeente Haarlem (Bijlage 5). De toepasselijkheid van eventueel door Aanbieder gehanteerde algemene voorwaarden, wordt hierbij nadrukkelijk van de hand gewezen.

5.11.

Planning aanbesteding

De onderhavige aanbesteding zal verlopen volgens de onderstaande planning. LET OP: De datum voor het indienen van vragen gepubliceerd op TenderNed betreft de datum voor het stellen van vragen in de eerste ronde. Deze zal worden aangepast als de eerste termijn verstreken is. De planning SAS- procedure Aanbestedingsprocedure, op basis van de ‘sociale en andere specifieke diensten’ (SAS), zoals deze is beschreven in de artikelen 2.6a, 2.38 en 2.39 van de Aanbestedingswet 2012. Selectiefase Publicatie aankondiging van de Opdracht, bestaande uit o.a.;  Selectiedocument  Uniform Europees Aanbestedingsdocument (UEA)  Algemene Inkoopvoorwaarden Diensten  Opgave(n) referentieproject(en)/ Verklaring opgedane ervaring  SROI-protocol (indien van toepassing) Overige (bijv. onderzoeksverslagen) Inlichtingenbijeenkomst Uiterlijke ontvangst van vragen Publicatie Nota van Inlichtingen Uiterste datum van Aanmelden, bestaande uit, o.a.: Documenten ter toetsing Uitsluitingsgronden, zijnde UEA, Gedragsverklaring Aanbesteden (GVA) Derdenverklaring (en) Documenten ter toetsing Geschiktheidseisen, ten aanzien van o.a.

beroepsbekwaamheid (KvK- uittreksel), financieel en economische draagkracht (accountantsverklaring/ jaarrekening/ jaarverslag en/ of samenstellingsverklaring), verzekering, technische bekwaamheid (kerncompetenties – opgedane ervaring), kwaliteitsborging (kwaliteitssysteemcertificaat) Uitvoeringsvoorwaarden SROI en Duurzaamheid en Milieu. (Let op sommige documenten worden pas bij verificatie, op verzoek, ingediend) Beoordeling: 1. Inhoud van de Aanmelding (controle op volledigheid en juiste wijze van indienen conform voorschriften) 2. Uitsluitingsgronden (toetsing of geen Uitsluitingsgronden van toepassing zijn op Aanmelder)

48

Datum

31 maart

12 april 2022 om 10.30 uur 25 april 2022 6 mei 2022 20 mei 2022

20 mei - 3 juni 2022

3.

Dialoogfase

Inschrijvings- en gunningsfase

Inkoopprocedure afkondigen Implementatie

Geschiktheidseisen (vaststellen geschiktheid door toetsing op gestelde geschiktheidseisen, zoals financiële draagkracht/ technische bekwaamheid (kerncompetenties – opgedane ervaring) 4. Opstellen selectieadvies en brieven Versturen selectiebeslissing en verificatie van de Geselecteerde Aanbieders. Bezwaartermijn, waarin afgewezen Aanbieders nadere toelichting kunnen vragen. Bekendmaken definitieve selectie. Versturen dialoogdocument, uitnodiging deelname Geselecteerde Aanbieders Thema 1 Thema 2 Thema 3 Thema 4 Thema 5 Thema 6 Opstellen concept Raamovereenkomst en programma van eisen. Versturen uitnodiging deelname, bestaande uit o.a.; Concept Raamovereenkomst; Programma van eisen. Mogelijkheid tot het stellen van vragen en het doen van voorstellen tot wijzigingen. Verzending van definitief Raamovereenkomst en programma van eisen. Uiterste datum van instemming met Raamovereenkomst en programma van eisen en inschrijving Bezwaartermijn Definitieve gunning Publicatie aankondiging gegunde Opdracht.

9 juni 2022 9 juni - 24 juni 2022 28 juni 2022 29 juni 2022 5 sept – 30 december 2022

10 jan – 19 jan 2023

20 jan – 10 feb 2023 6 maart 2023 20 maart 2023 21 maart – 10 april 2023 11 april 2023 Mei 2023 11 april tot 1 juli 2023

De gemeenten behouden zich het recht voor om de aangegeven planning te wijzigen. Voor het meest actuele overzicht van de planning, bekijkt Aanbieder de planning in TenderNed. In het geval wijziging van de beoogde planning noodzakelijk is, wordt dit naar alle betrokkenen gecommuniceerd. Aanbieders kunnen geen rechten ontlenen aan deze planning.

49

6. SELECTIEFASE De Selectiefase bestaat uit de volgende stappen: 1. 2. 3. 4. 5.

Publicatie van het Selectiedocument Inlichtingenronde Indienen van vragen en Nota van inlichtingen Indienen en opening van de Aanmelding Selectie door de gemeenten

6.1 Publicatie van het Selectiedocument Deze aanbestedingsprocedure zal volledig digitaal via het Aanbestedingsplatform van TenderNed geschieden. Voor instructies over het gebruik van en digitaal aanbieden in TenderNed wordt verwezen naar: https://www.tenderned.nl/cms/voor-ondernemingen/starten-met-tenderned. Het is uitsluitend toegestaan uw Inschrijving in te dienen via TenderNed. Dit betekent onder andere dat:    

Aanbieder zich registreert op het platform TenderNed; Het indienen van vragen via de vraag & antwoord module verloopt; De Nota van inlichtingen via de vraag & antwoord module gepubliceerd wordt; Alle overige communicatie via de berichtenmodule verloopt.

De Aanbieder is zelf verantwoordelijk voor het indienen van de digitale Aanmelding. Bij vragen of onduidelijkheden over de werking van TenderNed kan er contact opgenomen worden met de Servicedesk via servicedesk@tenderned.nl of op telefoonnummer: 0800 – 836 3376. Let op! De gemeenten raadt Aanbieders aan om ruim voor de deadline te verifiëren of uw onderneming juist is geregistreerd op www.tenderned.nl en of er een persoon bevoegd is om namens uw organisatie een Aanmelding digitaal in te dienen. Indien dit niet het geval is, dient Aanbieders zich eerst te registreren.

6.2 Inlichtingenbijeenkomst Via een (digitale) inlichtingenbijeenkomst wensen de gemeenten informatief op te treden richting potentiële Aanbieders. Daarvoor wordt een inlichtingenbijeenkomst georganiseerd waarin onder andere een toelichting wordt gegeven op de opdracht, de aanbestedingsprocedure en de wijze van aanmelden. Deelname aan deze bijeenkomst is niet verplicht. De bijeenkomst vindt plaats op 12 april om 10.30 uur (zie ook de planning onder paragraaf 5.11). Aanbieder kan maximaal met twee (2) personen aanwezig zijn bij de inlichtingenronde. Aanmelden kan uiterlijk tot twee (2) werkdagen voorafgaand aan de inlichtingenronde door middel van een bericht via het Aanbestedingsplatform aan genoemd contactpersoon. Bij aanmelding geeft u de volgende gegevens door: 50

1. Gegevens Aanbieder (firmanaam); 2. Gegevens contactpersoon (naam, e-mailadres en telefoonnummer). Eventuele vragen zullen tijdens de inlichtingenronde niet beantwoord worden. Deze vragen kunt u stellen via de Nota van inlichtingen.

6.3 Indienen van vragen en Nota van inlichtingen Als potentiële Aanbieder wordt u in de gelegenheid gesteld vragen te stellen en/of opmerkingen te maken over alle inhoudelijke- en procedurele aspecten van voorliggende aanbesteding. Vragen en/of opmerkingen kunnen, met inachtneming van de gestelde termijnen, doorlopend gesteld worden aan Aanbestedende dienst via de vraag & antwoord module. Op de in de planning opgenomen datum stellen de gemeenten een Nota van inlichtingen beschikbaar met daarin opgenomen alle gestelde vragen en antwoorden. De laatste Nota van inlichtingen zal minimaal tien (10) kalenderdagen voor de uiterste datum voor het indienen van de Inschrijvingen ter beschikking worden gesteld. De Nota(‘s) van inlichtingen die de gemeenten ter beschikking stellen dienen te worden beschouwd als integraal onderdeel van de Aanbestedingstukken. Het in de Nota(‘s) van inlichtingen gestelde, prevaleert boven de Aanbestedingsstukken waarbij latere Nota(‘s) van inlichtingen prevaleren boven eerdere mededelingen. (Mondelinge) toezeggingen of afspraken, die niet in de Nota(‘s) van inlichtingen zijn vastgelegd, zijn niet bindend en geldig voor de gemeenten. De gemeenten garanderen niet dat zij vragen die worden gesteld na de in de planning genoemde datum in behandeling neemt en beantwoord.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12264343/1