CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

20220442066 2. GEHEIM Bijlage 1 Selectiedocument aanbesteding Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang

commissie Samenleving 19 mei 2022, gemeente HaarlemBij agendapunt: Vaststellen selectiedocument Beschermd Wonen en Maatschappelijke opvang Haarlem (MTM)25.060 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Selectiedocument Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang Gemeenten regio’s Haarlemmermeer, IJmond en Zuid- Kennemerland

(kenmerk: 2022 446484)

10 maart 2022 Maatschappelijke Ondersteuning

1

Inhoudsopgave Inhoudsopgave ................................................................................................................................. 1 1.

2.

3.

4.

5.

6.

INTRODUCTIE ........................................................................................................................... 4 1.1.

Inleiding & aanleiding ....................................................................................................... 4

1.2.

De Opdrachtgever ............................................................................................................. 4

1.3.

Leeswijzer .......................................................................................................................... 5

WAAR STAAN WE NU? ............................................................................................................. 6 2.1

Huidige situatie ................................................................................................................. 6

2.2

Wat gaat er goed en welke verbeterpunten zijn er? ...................................................... 11

GEWENSTE SITUATIE .............................................................................................................. 15 3.1.

De hoofdopgave .............................................................................................................. 15

3.2.

De gewenste beweging ................................................................................................... 15

DE OPDRACHT ........................................................................................................................ 19 4.1.

De scope van de Opdracht .............................................................................................. 19

4.2.

Perceelindeling ................................................................................................................ 20

4.3.

Uitgangspunt budgetbepaling en wijze van bekostiging ................................................ 22

4.4.

Toelichting per perceel ................................................................................................... 22

4.5.

Duur van de Opdracht ..................................................................................................... 43

DE AANBESTEDINGSPROCEDURE ........................................................................................... 44 5.1.

Inleiding ........................................................................................................................... 44

5.2.

Klachtenloket .................................................................................................................. 44

5.3.

Tegenstrijdigheden ......................................................................................................... 45

5.4.

Toepasselijk recht ........................................................................................................... 45

5.5.

Taal .................................................................................................................................. 45

5.6.

Stoppen aanbesteding .................................................................................................... 46

5.7.

Gestanddoeningstermijn................................................................................................. 46

5.8.

Herzieningsclausule......................................................................................................... 46

5.9.

De Raamovereenkomst ................................................................................................... 47

5.10.

Toepasselijkheid Algemene Inkoopvoorwaarden ....................................................... 47

5.11.

Planning aanbesteding ................................................................................................ 48

SELECTIEFASE ......................................................................................................................... 50 6.1

Publicatie van het Selectiedocument.............................................................................. 50

6.2

Inlichtingenbijeenkomst.................................................................................................. 50

6.3

Indienen van vragen en Nota van inlichtingen ............................................................... 51 2

6.4

Indienen en openen van de Aanmeldingen .................................................................... 51

6.5

Selectie door gemeenten ................................................................................................ 54

7. VERVOLGPROCEDURE ................................................................................................................ 61 7.1

De Dialoogfase ................................................................................................................ 61

7.2

Inschrijvingsfase .............................................................................................................. 62

BIJLAGE 1. BEGRIPPENLIJST ............................................................................................................ 64 BIJLAGE 2. UNIFORM EUROPEES AANBESTEDINGSDOCUMENT .................................................... 65 BIJLAGE 3. VERKLARING OPGEDANE ERVARING ............................................................................ 66 BIJLAGE 4. DERDE(N)VERKLARING ................................................................................................. 67 BIJLAGE 5. ALGEMENE INKOOPVOORWAARDEN DIENSTEN HAARLEM ........................................ 68 BIJLAGE 6. SAMENVATTING UITKOMSTEN ONDERZOEKEN ........................................................... 69 BIJLAGE 7. MOGELIJKE GESPREKSONDERWERPEN DIALOOG ........................................................ 76

3

1. INTRODUCTIE 1.1. Inleiding & aanleiding Voor u ligt het Selectiedocument van de Europese aanbesteding voor de verwerving van Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang voor de regiogemeenten Haarlemmermeer, IJmond en Zuid- Kennemerland (hierna: de gemeenten). De aankondiging van deze Opdracht is gepubliceerd op www.tenderned.nl. Directe aanleiding voor deze aanbestedingsprocedure is het aflopen van de huidige overeenkomsten voor Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang. De doordecentralisatie van Beschermd wonen is een belangrijke ontwikkeling die van invloed is op deze aanbesteding. Op dit moment ligt de verantwoordelijkheid voor Beschermd wonen nog bij de centrumgemeenten. Eerder is door het Rijk aangegeven dat op 1 januari 2023 gestart wordt met de doordecentralisatie van Beschermd wonen. De ingangsdatum van deze doordecentralisatie is uitgesteld. De verwachting is dat de doordecentralisatie in de toekomst en tijdens de looptijd van deze Raamovereenkomst zal worden vormgegeven. Dit houdt in dat alle gemeenten vanaf dat moment financieel verantwoordelijk worden voor inwoners die Beschermd wonen nodig hebben. Om deze reden wordt deze aanbesteding gezamenlijk uitgevoerd door alle gemeenten in de regio.

Omdat in de praktijk er weinig verschil is tussen inwoners die gebruik maken van Maatschappelijke opvang en inwoners die gebruik maken van Beschermd wonen en de samenhang hiertussen van belang is, worden deze voorzieningen gezamenlijk verworven in één (1) regionale aanbesteding. De gemeenten wensen in samenwerking met de markt de voorwaarden te bepalen en te komen tot een realistische invulling van de opgave. De gemeenten volgen daarvoor een aanbestedingsprocedure, op basis van de ‘Sociale en Andere Specifieke diensten’ (SAS-diensten), zoals deze is beschreven in de artikelen 2.6a, 2.38 en 2.39 van de Aanbestedingswet 2012 en gaan in deze procedure met Aanbieders in dialoog. Globaal is de procedure opgedeeld in drie (3) fasen, namelijk: Selectiefase, Dialoogfase en Inschrijvingsfase. Voorliggend document ziet toe op de Selectiefase. Aanbieder wordt uitgenodigd om zich op basis van dit document en bijbehorende documenten, met inachtneming van de hierin vermelde eisen, criteria en voorwaarden, in te schrijven voor deelname aan de Dialoogfase. De gemeenten wensen u veel leesplezier en succes bij het uitbrengen van een Aanmelding.

1.2. De Opdrachtgever Met deze Europese aanbesteding besteedt de gemeente Haarlem aan namens de regiogemeenten van de regio’s Haarlemmermeer, IJmond en Zuid-Kennemerland (hierna te noemen: Opdrachtgever, ook wel genoemd de gemeenten). De regio’s Haarlemmermeer, IJmond en Zuid-Kennemerland bestaan uit de volgende gemeenten: 4

Regio Haarlemmermeer:  Haarlemmermeer Regio IJmond:   

Beverwijk Heemskerk Velsen

Regio Zuid-Kennemerland:    

Bloemendaal Haarlem Heemstede Zandvoort

Vanaf de herverdeling van financiële middelen wordt Beschermd wonen een taak van álle acht (8) gemeenten in onze regio (de ‘doordecentralisatie’). De herverdeling zal gefaseerd plaatsvinden waarbij de gemeente van herkomst verantwoordelijk wordt voor nieuwe inwoners die in aanmerking komen voor Beschermd wonen. De Raamovereenkomsten voor alle producten, behalve voor voorzieningen Maatschappelijke opvang, worden dan ook met alle acht (8) gemeenten gesloten. De gemeenten hebben gezamenlijk een regionaal beleidskader Opvang, Wonen en Herstel 20222027 opgesteld. Zij hebben uitgesproken om ondanks de doordecentralisatie samen te blijven werken. De wens is om ondersteuning op maat en dichtbij de inwoners te organiseren. Daarbij geldt “lokaal wat kan, regionaal wat moet”. Het regionale beleidskader vormt de basis voor deze aanbesteding. De aanbesteding gaat dan ook uit van een regionale aanpak met oog voor de lokale verschillen van de deelnemende gemeenten.

1.3. Leeswijzer Het Selectiedocument is als volgt opgebouwd: Hoofdstuk 1 geeft een toelichting op de in- en aanleiding van de aanbesteding. Hoofdstuk 2 en 3 geven de huidige situatie en de gewenste situatie weer. Hoofdstuk 4 omschrijft de Opdracht en de voorlopige perceelindeling. Hoofdstukken 5, 6 en 7 geven een toelichting op de procedure. De algemene zaken worden toegelicht in hoofdstuk 5. Hoofdstuk 6 omschrijft de stappen die genomen moeten worden in de Selectiefase en hoofdstuk 7 geeft een doorkijk naar de volgende fasen van de aanbesteding: de Dialoogfase en de Inschrijvingsfase.

5

2. WAAR STAAN WE NU? 2.1 Huidige situatie De gemeente Haarlem is centrumgemeente voor de Maatschappelijke opvang-, en Beschermd wonen in de regio's Haarlemmermeer, IJmond en Zuid-Kennemerland. In 2018 heeft de gemeente Haarlem voor de gehele regio de maatwerkvoorzieningen Maatschappelijke opvang en Beschermd wonen aanbesteed. In onderstaande paragraaf wordt eerst de huidige situatie van de Maatschappelijke opvang toegelicht, hierna volgt de situatie van Beschermd wonen. 2.1.1 Maatschappelijke opvang Omschrijving Maatschappelijke opvang Maatschappelijke opvang omvat de voorzieningen waarin een eerste veilige plek aan dakloze inwoners wordt geboden die niet in staat zijn om zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving. Dit betreft altijd een tijdelijke en kortdurende opvang. Inwoners betalen een eigen bijdrage voor dit verblijf. Na deze opvang stromen inwoners door naar een passende vervolgplek, bijvoorbeeld een zelfstandige woonplek (indien nodig met begeleiding) of een beschermde woonplek. Huidige doelgroep Maatschappelijke opvang Tot de doelgroep voor Maatschappelijke opvang behoren inwoners die tijdelijk en kortdurend dakloos zijn binnen de gemeenten. Volgens huidige afspraken onderscheiden de gemeenten verschillende subgroepen. Allereerst is een onderscheid gemaakt tussen de OGGZ-doelgroep en de economisch daklozen: 

OGGZ-daklozen: Onder de OGGZ-doelgroep verstaan de gemeenten (kwetsbare) inwoners die te kampen hebben met een combinatie van problemen zoals psychiatrische problemen, psychosociale problemen, verslaving, schulden en/of een verstandelijke beperking gecombineerd met (dreigende) dakloosheid. Deze groep is onvoldoende zelfredzaam om het eigen leven zelfstandig weer op orde te brengen. Een deel van de groep is zorgmijdend. De opvang van OGGZ-daklozen is regionaal georganiseerd, zie tabel 1;

Economische daklozen: Dakloze inwoners die niet tot de OGGZ doelgroep behoren, worden geschaard onder de “economische doelgroep”. Bij deze groep staat de huisvestingsvraag op de voorgrond. Ze zijn (financieel) zelfredzaam en zware psychische problematiek en verslaving zijn niet aan de orde. De gedachte is dat het maatschappelijk herstel van economisch daklozen op lokaal niveau effectiever is dan op regionaal niveau, daarom wordt de opvang voor economische daklozen door individuele gemeenten georganiseerd en gefinancierd.

Vervolgens is binnen de twee (2) bovengenoemde doelgroepen een onderscheid gemaakt in volwassenen, gezinnen met kinderen en jongvolwassenen: 

Dakloze volwassenen: Dit zijn cliënten van 23 jaar of ouder die dakloos zijn; 6

 

Dakloze gezinnen met kinderen: Dakloze gezinnen met kinderen zijn één (1) of twee (2) meerderjarige ouders met één (1) of meer minderjarige kinderen; Dakloze jongvolwassenen: Bij deze doelgroep gaat het om dakloze jongeren van 18 tot 23 jaar (deze opvang is op dit moment nog geen onderdeel van het contract, de gemeente Haarlem heeft voor deze opvang separate subsidieafspraken gemaakt).

Toegang tot Maatschappelijke opvang De toegang tot de Maatschappelijke opvang is afhankelijk van de doelgroep: 

OGGZ-doelgroep: Toeleiding van OGGZ-daklozen tot de Maatschappelijke opvang verloopt via de Brede Centrale Toegang (BCT) in Haarlem, die gepositioneerd is bij de GGD Kennemerland. De BCT beoordeelt op basis van de problematiek of, en zo ja, van welke opvangvoorziening een inwoner gebruik kan maken. Er zijn verschillende opvangvoorzieningen, namelijk voor jongvolwassenen van 18-23 jaar, volwassenen vanaf 24 jaar en gezinnen;

Economische daklozen: Toeleiding tot de lokale opvang verloopt via de lokale gemeente en kan per gemeente verschillen. Als iemand zich bij de BCT meldt en er na onderzoek blijkt dat er sprake is van economische dakloosheid in plaats van OGGZ-dakloosheid, wordt de persoon naar de gemeente van herkomst verwezen. De gemeente wordt door de BCT hiervan op de hoogte gesteld.

Trajectbegeleiding voor daklozen Afhankelijk van de doelgroep wordt er passende trajectbegeleiding geboden aan cliënten: 

OGGZ-daklozen: Aan OGGZ-daklozen wordt eerste opvang geboden. Onder eerste opvang wordt een veilige omgeving voor inwoners verstaan waar ze tot rust kunnen komen en waar zij aangespoord worden om ondersteuning te aanvaarden waardoor zij hun leven weer kunnen oppakken. Als door de BCT is aangetoond dat een inwoner minimaal 10 dagen van de eerste 14 dagen in de opvang is verbleven, wordt de inwoner gekoppeld aan een trajectbegeleider van de aanbieder die de locatie exploiteert. De trajectbegeleider en de inwoner stellen samen een plan met doelen op. De trajectbegeleiding wordt voor de duur van de opvang afgegeven. Het aantal uur is maatwerk. Gemiddeld wordt er per traject drie (3) uur per week ingezet. Het doel is dat een inwoner binnen drie (3) tot maximaal zes (6) maanden doorstroomt naar een passende vervolgplek. Vervolgplekken zijn meestal zelfstandig wonen, Beschermd wonen of een plek in een Doorstroomvoorziening1. Als een cliënt minder dan 10 dagen gebruik maakt van de opvang dan krijgt de inwoner ondersteuning van het Vangnet en Adviesteam van de GGD;

1

Doorstroomvoorzieningen in de huidige keten van Maatschappelijke opvang hebben als doel om inwoners woonvaardigheden aan te leren zodat ze na hun verblijf zelfstandig kunnen gaan wonen (al dan niet met begeleiding). Tijdens het verblijf in een Doorstroomvoorziening kan ook blijken dat zelfstandig wonen niet tot de mogelijkheden van de inwoner behoort en dat Beschermd wonen of een andere (intramurale) plek passend is.

7

Economische daklozen: De ondersteuning van economische daklozen is een lokale taak en de geboden ondersteuning verschilt per gemeente;

Dakloze gezinnen met minderjarige kinderen: Deze doelgroep wordt opgevangen op een aparte locatie. Het gezin krijgt direct bij de start van de opvang een begeleider toegewezen. De trajectbegeleider en het gezin maken samen een plan met ondersteuningsvragen en doelen. De trajectbegeleiding wordt voor de duur van de opvang afgegeven. Het aantal uur is maatwerk. Gemiddeld wordt er per gezinstraject drie (3) uur per week ingezet. De trajectfinanciering voor gezinnen wordt aangevuld met een tarief om begeleiding te kunnen bieden aan in de opvanglocatie. Waar nodig worden kinderen toegeleid naar jeugdhulp of andere vormen van ondersteuning. Het doel is dat het gezin binnen drie (3) tot maximaal zes (6) maanden kan doorstromen naar een passende vervolgplek;

Jongvolwassenen: Deze doelgroep wordt niet in de reguliere opvang maar op een aparte locatie opgevangen, zie tabel 1 hieronder. De jongvolwassenen krijgen direct bij de start van de opvang een begeleider toegewezen van de opvanglocatie. Bij dak- en thuisloze jongeren is – naast de begeleider van de opvanglocatie– de (CJG) regisseur van de “eigen” gemeente samen met de jongvolwassenen verantwoordelijk voor het organiseren van de noodzakelijke (specialistische) hulpverlening tijdens en na de periode van opvang. De jongvolwassene maakt samen met de (CJG-) regisseur en de begeleider van opvanglocatie afspraken over wat nodig is, wie wat doet en werken daarbij nauw samen. Het aantal uur begeleiding is maatwerk. Het doel is dat de jongvolwassenen binnen drie (3) tot maximaal zes (6) maanden kunnen doorstromen naar een passende vervolgplek.

Huidige omvang en aantal gecontracteerde partijen Maatschappelijke opvang In de huidige situatie heeft de gemeente Haarlem contracten afgesloten met drie partijen die verschillende locaties exploiteren in de regio. Hiernaast zijn er separate subsidieafspraken gemaakt met één partij voor de woon- en trajectbegeleiding van de jongerenlocatie Spaarnezicht. In onderstaande tabel zijn de regionale locaties voor Maatschappelijke opvang weergegeven. Tabel 1- Regionale locaties voor Maatschappelijke opvang

Locatie Wilhelminastraat Velserpoort alleenstaanden Hoofddorp gezinnen Frans Hals

Doelgroep Alleenstaande OGGZ-daklozen Alleenstaande OGGZ-daklozen Dakloze gezinnen Alleenstaande daklozen die getraind worden in woonvaardigheden

8

Aantal plekken 30 42 30 units 14

Kennemerhof

Anton Pieckhofje

Spaarnezicht

Alleenstaande daklozen die getraind worden in woonvaardigheden Alleenstaande daklozen die getraind worden in woonvaardigheden Dakloze jongvolwassenen

11

18 (Mogelijke uitbreiding naar 34) 22

Ook zijn er tijdens de contractperiode separate contracten afgesloten voor tijdelijke opvanglocaties in verband met corona. En om een plek te bieden aan inwoners met een indicatie voor Maatschappelijke opvang waar binnen de huidige overeenkomsten geen invulling aan kon worden gegeven. In onderstaande tabel zijn de regionale tijdelijke opvanglocaties weergegeven uit de periode 2020-2022. Op het moment van publiceren is alleen de tijdelijke opvanglocatie Joops hotel actief. Tabel 2 - Regionale tijdelijke opvanglocaties periode 2020 - 2022

Locatie Beijneshal Aurora Raecks hotel Joops hotel

Doelgroep Alleenstaande daklozen Alleenstaande daklozen Alleenstaande daklozen Alleenstaande daklozen

Aantal plekken 35 50 20 23

Naast de regionale Maatschappelijke opvang hebben een aantal gemeenten zelfstandig ook overeenkomsten afgesloten voor de opvang van economische daklozen. Acceptatieplicht Voor de gecontracteerde partijen Maatschappelijke opvang geldt een acceptatieplicht: aanbieders zijn verplicht om ondersteuning te bieden aan inwoners met een beschikking voor Maatschappelijke opvang. Huidige bekostigingsvormen Maatschappelijke opvang Binnen de Maatschappelijke opvang wordt onderscheid gemaakt tussen de bekostiging van de bedden en het bieden van trajectbegeleiding voor inwoners met een indicatie voor Maatschappelijke opvang. Voor de beschikbaarheid van de bedden maakt Haarlem jaarlijks volumeafspraken met gecontracteerde partijen op basis van een beschikbaarheidsfinanciering. De trajectbegeleiding wordt gefinancierd op inwonersniveau. Tabel 3 – Bekostigingsvormen Maatschappelijke opvang

Producten

Contractvorm

Bekostiging

Eerste opvang Traject in opvang

Beschikbaarheids-verplichting Beschikbaarheids-verplichting & Raamcontract

Beschikbaarheidsfinanciering Beschikbaarheidsfinanciering

9

PxQ (trajectbegeleiding)

Opvang voor economisch daklozen (alleen Haarlem en Zandvoort)

Beschikbaarheids-verplichting

Beschikbaarheidsfinanciering

2.1.2 Beschermd wonen Omschrijving Beschermd wonen en doelgroep In de huidige situatie wordt een onderscheid gemaakt tussen Beschermd- en Beschut wonen. Beschermd wonen is wonen in de accommodatie van een instelling met daarbij behorend toezicht en begeleiding voor inwoners die tijdelijk niet zelfstandig kunnen wonen. De inwoners wonen in een veilige en beschermende woonomgeving. Begeleiding is 24 uur per dag, 7 dagen per week, oproepbaar of aanwezig. Inwoners betalen een eigen bijdrage voor dit verblijf. Beschut wonen lijkt op Beschermd wonen maar kent een aantal verschillen. Bij Beschut wonen is er niet altijd 24 uur per dag, 7 dagen per week, begeleiding oproepbaar of aanwezig voor inwoners omdat ze hun ondersteuningsvragen meestal kunnen uitstellen. De inwoners zijn daarmee zelfredzamer dan de inwoners die Beschermd wonen. Een ander verschil met Beschermd wonen is dat inwoners zelf huur betalen voor hun woonplek omdat de financiering van het wonen en de ondersteuning van elkaar gescheiden zijn. Toegang tot Beschermd wonen en bijbehorende begeleiding In de regio verloopt de toegang tot Beschermd wonen via centrumgemeente Haarlem. Om te komen tot passende begeleiding, koppelt de gemeente Haarlem een casemanager aan iedere individuele aanvraag. De casemanager doet een onderzoek waarin de verschillende resultaatgebieden (zie tabel 4) worden meegenomen.

De uitkomsten van dit onderzoek bepalen of een inwoner in aanmerking komt voor Beschermd wonen en welk arrangement dan passend is voor de ondersteuningsbehoefte van een inwoner. Een arrangement omvat de ondersteuningsbehoefte van een inwoner op één (1) of meerdere van in totaal negen (9) resultaatgebieden. Elk resultaatgebied kent meerdere intensiteitstreden. Deze onderzoeksmethodiek wordt het arrangementenmodel genoemd. Tabel 4 - Resultaatgebieden en intensiteitstreden arrangementenmodel Resultaatgebieden

1. Wonen 2. Veiligheid 3. Financiën 4. Dagbesteding A/B 5. Sociale relaties 6. Opvoeden en opgroeien 7. Zingeving 8. Persoonlijk functioneren 9. Lichamelijke gezondheid

Intensiteitstreden

Beschut zelfstandig wonen Beschut groepswonen Beschermd Wonen Beperkt toezicht Middelzwaar toezicht Intensief toezicht Beperkt Middelzwaar Intensief Beperkt Beperkt/ Midden Intensief Zeer intensief midden Beperkt Middelzwaar Intensief Betrekken van de lokale deskundigheid op het gebied van Jeugd Activeren en aanwakkeren Beperkt Middelzwaar Intensief Zeer intensief Beperkt Middelzwaar Intensief Zeer intensief

10

Voor elk gebied waarop de inwoner een ondersteuningsvraag heeft wordt de meest passende trede toegekend, afhankelijk van de aard en de intensiteit van de ondersteuningsvraag. Door de combinatie van verschillende treden op verschillende resultaatgebieden ontstaat een hersteltraject op maat. Huidige omvang en aantal gecontracteerde partijen Beschermd wonen Voor Beschermd wonen heeft de gemeente Haarlem met 17 partijen raamovereenkomsten afgesloten. Er is geen vast volume gecontracteerd. Op dit moment zijn er om en nabij de 300 Beschermd wonen plekken en ongeveer 70 Beschut wonen plekken. Acceptatieplicht Voor de gecontracteerde partijen Beschermd wonen geldt een acceptatieplicht: partijen zijn verplicht om ondersteuning te bieden aan inwoners met een beschikking voor Beschut- of Beschermd wonen. Light contracten Naast de gecontracteerde partijen zijn er met ongeveer 30 verschillende partijen ‘light contracten’ afgesloten om een plek te bieden aan inwoners waarvoor binnen de huidige overeenkomsten geen ondersteuning of plek voor is. Een light contract is een contract om de ondersteuning voor één (1) inwoner met één (1) partij af te spreken. Met een nietgecontracteerde partij kan ervoor maximaal vijf (5) inwoners een light contract worden afgesloten. In 2021 zijn er light contract afgesloten voor ongeveer 58 unieke cliënten.

Huidige wijze van bekostiging Beschermd wonen Het budget dat per inwoner wordt toegekend aan een aanbieders, wordt bepaald door de combinatie van tredes per resultaatgebied van het arrangement dat aan de inwoner is toegekend. Aan elke trede per resultaatgebied hangt een tarief. De som van alle tredes vormt het totale budget per inwoner: het arrangement. Tabel 5 – Bekostigingsvorm Beschermd wonen

Producten

contractvorm

bekostiging

1. Arrangement op maat 2. Overbruggingszorg

Raamcontract

PxQ

2.2 Wat gaat er goed en welke verbeterpunten zijn er? Om de kwaliteit en de effectiviteit van de huidige manier van werken te meten, zijn er in de periode van 2018 tot met 2021 in opdracht van de gemeenten verschillende onderzoeken uitgevoerd. Deze evaluatie zijn zowel voor de Maatschappelijke opvang als voor Beschermd wonen uitgevoerd. In deze paragraaf volgt een korte samenvatting van wat er goed gaat, maar ook wat er beter kan voor beide voorzieningen. In bijlage 6 is een meer uitgebreide samenvatting, per voorziening en per onderzoek te vinden. 11

2.2.1 Wat gaat er goed? Uit de onderzoeken kwam naar voren dat er veel goed gaat of is verbeterd. Hieronder leest u enkele voorbeelden: 

Er wordt gericht gewerkt aan herstel. Er heeft een cultuurverandering plaatsgevonden bij partijen Beschermd wonen door het arrangementenmodel. Zo wordt er in de begeleiding van inwoners door partijen Beschermd wonen concretere doelen nagestreefd en ligt er meer nadruk op de zelfregie en persoonlijke doelen van een inwoner. Dat komt omdat er meer gestuurd wordt op de resultaten van de inwoner en niet op de hoeveelheid ureninzet van de begeleiders. Zo draagt het huidige model ook bij aan het herstelproces van een inwoner.

Inwoners geven aan tevreden te zijn over de begeleiding. De meeste inwoners in de Maatschappelijke opvang zijn tevreden over de begeleiding, omdat er aan doelen wordt gewerkt en inwoners daar zelf de regie op kunnen houden. Inwoners geven aan dat zij dankzij de begeleiding het gevoel hebben voorbereid te zijn op het zelfstandig leven. Inwoners worden gemotiveerd om te gaan én te blijven werken aan een zelfstandig leven.

Zachte landing en goede start in de wijk. Het merendeel van de uitstromers uit de Maatschappelijk opvang maakt kennis met een lokale wijkprofessional en vindt zo aansluiting in de wijk.

Samenwerking tussen aanbieders. Partijen Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang ervaren onderling en met de gemeenten korte lijnen en er is sprake van een laagdrempelige samenwerking. Signalen van stagnatie of knelpunten worden snel gezien en waar mogelijk opgepakt. Nog niet voor alle situaties is een oplossing maar over het algemeen is de samenwerking goed.

2.2.2 Wat kan beter? Op basis van de uitgevoerde onderzoeken zijn er ook verbeterpunten te benoemen. Hieronder volgt een opsomming van de belangrijkste verbeterpunten: 

Voor de inwoners met complexe problematiek is het lastig om een passende plek te vinden. Zowel de gemeenten als de partijen zien nog verbetermogelijkheden voor de samenwerking rondom inwoners die kampen met complexe problematiek. Zo kan het bijvoorbeeld zijn dat de ondersteuning op een Beschermd wonen locatie wordt beëindigd, omdat een inwoner onvoldoende meewerkt of omdat een inwoner zeer agressief gedrag vertoont. Na een zorgbeëindiging komt een inwoner bijna altijd in de Maatschappelijke opvang terecht. Dat kan het resultaat zijn van een zorgvuldig afwegingsproces maar een plek in de opvang is lang niet altijd de best passende plek voor de inwoner. 12

Verder wordt de acceptatieplicht niet altijd gehandhaafd in de praktijk. Daarvoor zijn meerdere redenen: de doelgroep wordt steeds complexer, er zijn onvoldoende passende woonvoorzieningen voor inwoners die kampen met complexe problematiek en zorgaanbieders kampen met personeelstekorten waardoor het lastig is om inwoners met complexe problematiek goed te ondersteunen in een woonvoorziening. Hierdoor is het vinden van een passende plek voor inwoners met complexe problematiek of een dubbeldiagnose in de regio lastig. 

Inwoners op de wachtlijst krijgen niet altijd passende ondersteuning. In de regio zijn wachtlijsten voor Beschermd wonen. Als de inwoner nog niet terecht kan bij één van de woonlocaties dan is het mogelijk om overbruggingszorg in te zetten. De overbruggingszorg wordt geboden in de vorm van extramurale begeleiding. Deze mogelijkheid wordt momenteel (te) weinig gebruikt en onvoldoende benut om verergering van de situatie tegen te gaan en om zelfredzaamheid te stimuleren.

Instroom in Beschermd wonen kan vaker worden voorkomen. De gecontracteerde partijen geven aan dat het mogelijk is om meer inwoners vanuit de bestaande thuissituatie en/of een zelfstandige woning te ondersteunen, als de ambulante begeleiding anders wordt georganiseerd. Denk daarbij aan de mogelijkheid om ook in het weekend en in de avonduren zorg te kunnen leveren en mogelijkheden om de ondersteuning flexibeler en meer op maat vorm te geven. In de huidige situatie ervaren zorgaanbieders hiervoor belemmeringen.

Continuïteit van de begeleiding. Inwoners vinden het prettig als er sprake zou zijn van continuïteit van begeleiding. Op dit moment zijn de voorzieningen en ketens Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang nog te gescheiden ingericht waardoor het slechts beperkt mogelijk is om bij in-, uit- of doorstroom dezelfde begeleider te behouden.

Passende financiering. De gecontacteerde partijen van Maatschappelijke opvang geven aan dat zij met de huidige tarieven niet goed uit de voeten kunnen. Het onderzoeksbureau HHM heeft in de evaluatie van de contracten geconstateerd dat het totale budget voor de opvang in relatie tot de populatie die opgevangen wordt reëel is. HHM constateert daarnaast dat de partijen meer uren inzetten dan waar de gemeente vanuit is gegaan bij de berekening van de tarieven. Dit verschil in daadwerkelijke personeelsinzet en bekostiging van deze inzet is volgens HHM de belangrijkste bron voor de onvrede die sommige partijen hebben met betrekking tot de bekostiging van de Maatschappelijke opvang.

Acceptatie in de wijk. Inwoners die zelfstandig wonen, Beschermd wonen of die verblijven op een locatie voor Maatschappelijke opvang, krijgen regelmatig te maken met vooroordelen van de buurt en een gebrek aan acceptatie. Daardoor is het lastiger voor inwoners om mee te doen of 13

aansluiting te vinden. In sommige buurten ervaren buurtbewoners overlast van inwoners of locaties. Het valt daarbij op dat buurtbewoners steeds makkelijker van zich laten horen en dat de acceptatiegraad lager ligt ten opzichte van een aantal jaar geleden. 

Het onderscheid tussen economische- en OGGZ- daklozen is niet helpend. Partijen vinden het huidige onderscheid tussen OGGZ-daklozen en economische daklozen niet helpend. Professionals zien in de praktijk weinig verschil tussen beide groepen. Ook de economische daklozen hebben vaak intensieve ondersteuning nodig op meerdere levensgebieden, net als de OGGZ-daklozen.

Deze verbeterpunten worden in hoofdstuk 3 vertaald naar gewenste bewegingen voor de nieuwe contractperiode.

14

3. GEWENSTE SITUATIE 3.1. De hoofdopgave Voor alle inwoners die gebruikmaken van Maatschappelijke opvang en Beschermd wonen willen de gemeenten werken aan ‘zo gewoon mogelijk wonen’ met herstelondersteuning gericht op inclusie, volwaardig burgerschap, participatie, zelfredzaamheid en informele steun in de lokale omgeving.

3.1.1 Beleidsuitgangspunten Samen met partijen en cliëntenvertegenwoordigers is een nieuw kader opgesteld voor de Maatschappelijke opvang, Beschermd wonen en Vrouwenopvang genaamd ‘Regionaal Kader Opvang, Wonen en Herstel voor 2022 tot en met 2027’. De komende jaren focussen de gemeenten uit de regio zich in dat kader op twee (2) uitgangspunten die hieronder worden toegelicht: 

Inwoner centraal: Dit gaat om het nog beter en praktisch invulling geven aan begrippen als ‘werken vanuit de wensen’ en ‘behoeften’ van een inwoner, meer aandacht hebben voor de menselijke maat en werken volgens het model van Positieve Gezondheid. ‘Inwoner centraal’ betekent dat inwoners niet tussen wal en schip vallen, ook niet de inwoners met complexe problematiek. Het betekent daarnaast dat iedere inwoner de ondersteuning krijgt die nodig is met behoud van zelfregie, ongeacht de (zorg)locatie waar diegene woont;

Zo thuis mogelijk: Het uitgangspunt is dat de gemeenten streven naar ondersteuning die zo thuis en zo zelfstandig mogelijk wordt ingezet. Dit benadrukt het belang van het hebben van een eigen plek, een thuis, als noodzakelijk element voor herstelondersteuning. Als inwoners een huis hebben is de wens van de gemeenten om de ondersteuning daar in te zetten zodat inwoners in hun eigen leefomgeving kunnen blijven wonen.

Het inzetten van (meer) ervaringsdeskundigheid samen met de andere inzichten die in de afgelopen jaren zijn opgedaan, is onderdeel van de doorontwikkeling van deze twee (2) uitgangspunten in de komende jaren.

3.2. De gewenste beweging De beleidsuitgangspunten leiden tot zes (6) ontwikkelopgaven die de gemeenten willen uitwerken in deze verwerving. Deze ontwikkelopgaven zijn hieronder omschreven. 3.2.1 Ondersteuning dichterbij, lokale verantwoordelijkheid en spreiding van voorzieningen De huidige voorzieningen voor Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang zijn voornamelijk gecentreerd in de centrumgemeente Haarlem. Er zijn (te) weinig mogelijkheden voor inwoners om beschermd te wonen in hun eigen omgeving. In de nieuwe contractperiode willen de gemeenten daarom veel concreter sturen op de beweging van Beschermd wonen naar voorzieningen met het uitgangspunt ‘zo thuis mogelijk’ en deze voorzieningen zo veel als 15

mogelijk te spreiden over de regio. Dit betekent dat regiogemeenten voorzieningen gaan opbouwen en de centrumgemeente voorzieningen gaat afbouwen zodra er voldoende voorzieningen zijn in de regiogemeenten. In figuur 1 is deze beweging vormgegeven. De gemeenten zorgen ervoor dat inwoners zoveel als mogelijk kunnen blijven wonen in hun eigen gemeente en daarmee in een vertrouwde omgeving en in de buurt van hun sociale netwerk. Deze lokale woonvoorzieningen maken het mogelijk voor inwoners om ‘zo thuis mogelijk’ te kunnen wonen en bevorderen de participatie. Voor het realiseren van plekken in de lokale gemeenten, willen de gemeenten gebruik maken van woonprofielen die uitgaan van de ondersteunings- en woonbehoefte van de inwoners. Er zijn een aantal voorzieningen waar gemeenten gezamenlijk verantwoordelijk voor blijven en waar centraal op gestuurd zal worden in de regio. Dat geldt voor:   

Maatschappelijke opvang locaties; Beschermd wonen voorzieningen; Tussenvoorzieningen Beschermd wonen (omschrijving hoofdstuk 4.4.3) waarvoor het economisch niet rendabel is om ze lokaal te organiseren.

In Hoofdstuk 4 worden alle voorzieningen verder uitgewerkt. Alleen bovenstaande voorzieningen blijven een regionale verantwoordelijkheid. Alle andere voorzieningen worden een lokale verantwoordelijkheid. Ook voorzieningen die een lokale verantwoordelijkheid worden zullen als onderdeel van deze aanbesteding worden ingekocht om te borgen dat er in de regio zoveel mogelijk eenduidige afspraken worden gemaakt. Daarnaast worden er tussen gemeenten afspraken gemaakt om te waarborgen dat inwoners uit de ene gemeente zo nodig gebruik kunnen maken van lokale voorzieningen uit een andere gemeente, bijvoorbeeld als er binnen de eigen gemeente geen passend aanbod beschikbaar is.

Figuur 1 - Spreiding van voorzieningen in de regio.

16

3.2.2. Passende ondersteuning voor álle inwoners De wens is dat alle inwoners die dat nodig hebben en die toegang krijgen tot Maatschappelijke opvang of Beschermd wonen gebruik kunnen maken van een passende voorziening. Voor Aanbieders van Maatschappelijke opvang en Beschermd wonen geldt daarom, zoals eerder omschreven, een acceptatieplicht. Aanbieders hebben de plicht om inwoners die door een casemanager of door de Brede Centrale Toegang naar deze Aanbieder worden doorverwezen te accepteren en te ondersteunen. In de praktijk zien de gemeenten dat Aanbieders aangeven dat ze niet alle aan hen toegewezen inwoners kunnen ondersteunen. Voor een kleine groep inwoners kan nu geen passende oplossing gevonden worden, omdat er in de praktijk onvoldoende passend aanbod is. Het gaat dan om volwassen inwoners die zorgmijden, die te maken hebben met multiproblematiek, die soms moeilijk te motiveren zijn voor begeleiding en/of die agressief gedrag kunnen vertonen. In de nieuwe contracten moeten er heldere afspraken gemaakt worden met Aanbieders zodat ook deze inwoners een passende plek of vormen van ondersteuning ontvangen. Samen met de huidige partijen van Maatschappelijke opvang en ervaringsdeskundigen is geconstateerd dat er in de praktijk weinig tot geen onderscheid is tussen economische- en OGGZ-daklozen. Daarom wordt dit onderscheid in de nieuwe verwerving niet gehanteerd.

Het gaat in alle gevallen om dakloze mensen die niet in staat zijn om zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving (artikel 1.1.1, eerste lid, Wmo 2015). 3.2.3. Wachtlijsten en wachttijden verkorten en doorstroom bevorderen De praktijk waarin de Aanbieders hun werk doen is weerbarstig; de in-, door- en uitstroom van inwoners Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang is onvoldoende op gang gekomen. In de regio zijn er wachtlijsten voor Beschermd wonen, de gezinsopvang en de jongerenopvang. In de komende contractperiode willen de gemeenten de wachtlijsten verkorten en de ondersteuning voor inwoners die op de wachtlijst staan verder verbeteren. Ook als een inwoner nog geen passende verblijfplek heeft, wordt er in de thuissituatie of op een andere plek waar iemand verblijft (bijvoorbeeld in de opvang, in een hotel of op vakantiepark) passende ondersteuning geboden. Door op deze manier extra te sturen op het inzetten van tijdige en passende ambulante ondersteuning kan instroom in een voorziening voor Beschermd wonen mogelijk worden voorkomen en sluit de ondersteuning beter aan bij wat een inwoner nodig heeft. 3.2.4. Passende financiering, passende afspraken en gebruik arrangementenmodel De huidige gecontracteerde partijen voor Maatschappelijke opvang hebben aangeven niet uit te komen met de huidige tarieven.

Als onderdeel van deze aanbesteding willen de gemeenten daarom nieuwe afspraken maken met Aanbieders over de financiering van de Maatschappelijke opvang. De wens is om de afspraken met de Aanbieders zo veel mogelijk te vereenvoudigen. Nu zijn er met verschillende partijen Maatschappelijke opvang verschillende afspraken over verschillende locaties. Het is de wens van gemeenten dat deze afspraken eenduidig zijn, dat de sturing kan worden verbeterd en dat de uitvoering minder gecompliceerd wordt. Ook voor Beschermd wonen is het van belang om heldere afspraken te maken en nieuwe tarieven vast te

17

stellen die aansluiten bij de veranderingen die de doordecentralisatie met zich meebrengt voor gemeenten en Aanbieders en bij de producten die worden ingekocht. Afgelopen contractperiode heeft het arrangementenmodel voor positieve resultaten gezorgd voor inwoners met een voorziening voor Beschermd wonen, met name omdat de nadruk lag op de zelfregie en persoonlijke doelen van een inwoner. Daarom hebben de gemeenten als uitgangspunt het arrangementenmodel te behouden. De gemeenten streven naar een situatie en bekostiging waarin Aanbieders meer flexibiliteit ervaren om op basis van het arrangement passende ondersteuning in te zetten. Daarnaast is de wens om de administratieve lasten te verlagen en de mogelijkheden van het arrangementenmodel beter te benutten. 3.2.5. Acceptatie in de wijk In de nieuwe contracten willen de gemeenten meer nadruk leggen op de taak van Aanbieders om overlast te voorkomen en inclusie en acceptatie na te streven in de wijken en buurten rondom de locaties. 3.2.6. Samenwerking stimuleren, zo min mogelijk schotten en beter aansluiten bij de praktijk Om goede ondersteuning te kunnen bieden aan inwoners en ze centraal te kunnen stellen, is samenwerking tussen alle betrokken partijen noodzakelijk.

Daarvoor is het nodig dat er een goede samenwerking is tussen Maatschappelijke opvang- en Beschermd wonen aanbieders en GGZ-instellingen, partijen die andere Wmo-ondersteuning bieden (zoals ambulante begeleiding en dagbesteding) en partijen die preventief werken of welzijnsactiviteiten bieden. In de uitvoering moet er meer ruimte komen voor samenwerking en partnerschap. Omdat Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang een grote overlap kennen, streven de gemeenten ook naar een betere samenwerking tussen deze Aanbieders en naar minder schotten tussen de verschillende voorzieningen.

18

4. DE OPDRACHT 4.1. De scope van de Opdracht 4.1.1 Hoofdoelstelling van de Opdracht De doelstelling van deze Opdracht is: Alle inwoners met een indicatie Maatschappelijke opvang en Beschermd wonen zo gewoon mogelijk kunnen wonen met herstelondersteuning gericht op inclusie, volwaardig burgerschap, participatie, zelfredzaamheid en informele steun in de lokale omgeving. Van Aanbieders die zich aanmelden en uiteindelijk inschrijven wordt verwacht dat ze bijdragen aan het realiseren van deze hoofddoelstelling. 4.1.2 Binnen de scope van de Opdracht De aanbesteding heeft betrekking op de Wmo maatwerkvoorzieningen Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang voor de regio’s Haarlemmermeer, IJmond en Zuid-Kennemerland. Het gaat concreet om:  De Maatschappelijke opvang locaties in het kader van de Wmo;  De Beschermd wonen locaties en de Tussenvoorzieningen Beschermd wonen;  Alle vormen van begeleiding op en rondom de locaties van Maatschappelijke opvang en Beschermd wonen;  Alle vormen van begeleiding aan inwoners die op grond van de Wmo toegang hebben gekregen tot de Maatschappelijke opvang of die een beschikking voor Beschermd wonen hebben. 4.1.3 Buiten de scope van de Opdracht De voorzieningen die hieronder worden genoemd maken geen onderdeel uit van deze aanbesteding: 

Vrouwenopvang: Bij vrouwenopvang gaat het om voorzieningen voor vrouwen van 18 jaar en ouder, al dan niet met kinderen, die ontvluchten aan bedreigde situaties waarin mishandeling en geweld centraal staan. Hoewel de vrouwenopvang onder de binnenwettelijke Wmo-opvang valt, is het toch geen onderdeel van deze aanbesteding. Dit omdat de Aanbestedende dienst hiervoor samenwerkt met de regio’s Alkmaar en Zaanstreek en vanwege het specialistische karakter van de voorzieningen deze overstijgende samenwerking graag wil behouden;

Preventie: Preventie is het voorkomen van verergering of opstapeling van problemen en het voorkomen van sociale of maatschappelijke uitval. Preventie is belangrijke pijler in het beleid. Door in te zetten op preventie kan Maatschappelijke opvang en Beschermd wonen voorkomen worden. Er is een belangrijke samenhang met de algemene voorzieningen en sociale basis in de regiogemeenten, omdat preventie het best lokaal kan worden vormgegeven. Daarom is het een taak van individuele gemeenten om preventie vorm te geven en valt dit buiten deze aanbesteding; 19

Voorzieningen voor Opvang die op grond van de Wmo niet verplicht geboden hoeven te worden: In deze aanbesteding wordt onderscheid gemaakt tussen ‘opvang binnen de wettelijke kaders van de Wmo’ en ‘buitenwettelijke opvang’. De ‘buitenwettelijke opvang’ valt niet binnen de scope van de aanbesteding: o Buitenwettelijke opvang: In de Wmo is vastgelegd dat EU-burgers en vreemdelingen alleen in aanmerking komen voor de Maatschappelijke opvang onder bepaalde voorwaarden. Ook blijkt uit een recentelijke uitspraak van de Centrale raad2 van Beroep dat gemeenten in die gevallen waarbij het enkel niet lukt om woonruimte te vinden en er geen ondersteuningsvraag is, er geen opvang geboden hoeft te worden op grond van de Wmo. Iedereen met een Nederlands paspoort heeft het recht zich in Nederland te vestigen, ook als iemand in het buitenland heeft gewoond. Mensen zijn echter zelf verantwoordelijk voor het vinden van onderdak als ze zelfredzaam zijn. De opvang van bijvoorbeeld arbeidsmigranten die korter dan drie (3) maanden in Nederland zijn, mensen zonder verblijfsstatus en (re)migranten met alleen een huisvestingsvraag worden gezien als ‘buitenwettelijke opvang’ en maken géén onderdeel uit van deze aanbesteding;

 Ambulante begeleiding: Gemeenten zijn zelf verantwoordelijk om begeleiding in te kopen als onderdeel van de Wmo. Daarom valt deze taak buiten de scope van deze aanbesteding. Er is overigens wel een belangrijke samenhang tussen ambulante begeleiding en begeleiding vanuit Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang. Deze samenhang wordt verder toegelicht in paragraaf 4.2;  Het organiseren van de toegang tot Maatschappelijke opvang en Beschermd wonen: Het bieden van toegang tot de voorzieningen voor Beschermd wonen wordt met ingang van 1 januari 2023 in de regio een lokale gemeentelijke taak. De toegang tot de Maatschappelijke opvang blijft een verantwoordelijk van centrumgemeente Haarlem en is belegd bij de Brede Centrale Toegang van de GGD. Het organiseren van toegang is daarmee geen onderdeel van deze aanbesteding. Er is een relatie tussen de onderdelen die geen en die wel onderdeel uitmaken van deze verwerving. Tijdens de Dialoogfase is ruimte om die relatie te bespreken en de grenzen goed te bepalen.

4.2. Perceelindeling Op basis van de huidige situatie en de gewenste bewegingen hebben de gemeenten een visie op de perceelindeling opgesteld. Met de percelen zoals hieronder omschreven verwachten de gemeenten de uitgangspunten, de geschetste bewegingen en de opgaven te bereiken. De 2

https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:CRVB:2019:3446

20

perceelindeling vereist echter een breed draagvlak bij Aanbieders, gelet op de acceptatieplicht en de gewenste samenwerking tussen en met de Aanbieders. De definitieve perceelindeling is daarom onderdeel van de dialoog met de Geselecteerde Aanbieders. Dit betekent dat de gemeenten de perceelindeling samen met de Geselecteerde Aanbieders bespreken tijdens de dialoog. Hoofdstuk 7 gaat verder op de dialoog in. In paragraaf 4.4 worden de percelen verder toegelicht. Perceelindeling 1. 2. 3. 4. 5. 6.

Maatschappelijke opvang; Flexibele maatschappelijke opvang – verplicht bij inschrijving van perceel 1; Beschermd wonen en Tussenvoorzieningen; Trajectbegeleiding voor mensen die een voorziening voor Maatschappelijke opvang of Beschermd wonen nodig hebben; Pauzeplekken; Beschermd Thuis – verplicht bij inschrijven perceel 3.

Toelichting perceelindeling Voor Maatschappelijke opvang worden in perceel 1 Aanbieders gezocht om de eerste opvang te kunnen bieden aan daklozen. Perceel 2 is erop gericht om Aanbieders te contracteren die, wanneer dat nodig is, kunnen bijdragen aan het realiseren van een nieuwe tijdelijke locatie. Het kan bijvoorbeeld gaan om de jaarlijkse winterregeling of wanneer er zich onvoorziene omstandigheden voordoen (zoals een pandemie). Inschrijvers op perceel 1 zijn verplicht om zich ook op perceel 2 in te schrijven, omdat de Aanbieders die de eerste opvang bieden ook betrokken zijn bij de tijdelijke locaties. Hoeveel Aanbieders en in welke mate de Aanbieders betrokken zijn is afhankelijk van de situatie. Door de trajectbegeleiding in een apart perceel te plaatsen is het mogelijk dat een begeleider de begeleiding kan voortzetten wanneer de inwoner verhuist naar een andere locatie. Dit maakt het mogelijk om inwoners die nog op de wachtlijst staan of in de Maatschappelijke opvang wachten op een vervolgplek alvast een arrangement op maat aan te bieden, zodat in de thuissituatie of in de opvang al gericht wordt gestart met het herstelproces. Trajectbegeleiding op maat kan daarmee op verschillende situaties en locaties geboden worden. Daarmee ontstaat er meer flexibiliteit en samenwerking tussen de Aanbieders en staat een inwonervolgende aanpak centraal.

De perceelindeling draagt ook bij aan ‘zo thuis mogelijk’. De producten uit perceel 3 en perceel 6 zijn nauw aan elkaar verbonden omdat het product Beschermd Thuis ingezet kan worden om instroom in Beschermd wonen of een tussenvorm te voorkomen of uitstroom uit zo’n voorziening te versnellen. Aanbieders van perceel 3 zijn daarom verplicht om ook een Aanmelding in te dienen voor perceel 6.

21

4.3. Uitgangspunt budgetbepaling en wijze van bekostiging Het budget Elk jaar wordt in de decembercirculaire de budgetten bepaald voor Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang. Het uitgangspunt voor de budgetbepaling voor deze Opdracht is het budget zoals dat zal worden opgenomen in de decembercirculaire 2022, min de uitvoeringskosten en de kosten die buiten deze opdracht vallen (zoals bijvoorbeeld de subsidie voor de toegang tot de Maatschappelijke opvang). Op dit moment is het niet mogelijk om het budget per perceel definitief te bepalen omdat de perceelindeling die wordt voorgesteld vanaf paragraaf 4.4 anders is dan de huidige situatie Het budget per perceel is daarom onderdeel van de Dialoogfase. Daarom wordt in tabel 6 een bandbreedte weergegeven van de totale Opdracht. In de huidige situatie is de budgetverdeling om en nabij de 20-25% voor de Maatschappelijke opvang en 75-80% voor Beschermd wonen. Meer dan de helft van de uitgaven aan Zorg in Natura wordt besteed aan de traditionele voorzieningen in het kader van Beschermd wonen. Het uiteindelijke budget en de verdeling over de verschillende percelen is afhankelijk van de invulling van de dienstverlening, de uitkomsten van de dialoog (definitieve scope van de Opdracht en perceelindeling) en het rijksbudget. Tabel 6 - Bandbreedte verwacht budget 2023

Onderdeel Opdracht Minimaal Maximaal

Bandbreedte totaalbudget in 2023 voor alle gemeenten exclusief de uitvoeringskosten en subsidies 39.500.000 42.500.000

Let op: dit betreft een inschatting, er kunnen geen rechten ontleend worden aan deze aantallen

De bekostiging In hoofdstuk 2 is de huidige situatie en de huidige wijze van bekostiging beschreven. De gemeenten willen de bekostiging van de Maatschappelijke opvanglocaties vereenvoudigen. De bekostiging van trajecten op maat voor inwoners met een indicatie Beschermd wonen moet vooral flexibeler worden vormgegeven. Bij de keuze voor een bekostigingsmodel moet gekeken worden in hoeverre het model bijdraagt aan het behalen van deze en de andere gewenste bewegingen. Daarnaast zijn ook andere overwegingen van belang. Zo willen de gemeenten dat het model bijdraagt aan de sturing en dat administratieve lasten worden beperkt. In dialoog met Aanbieders wordt per perceel over de wijze van bekostiging gesproken.

4.4. Toelichting per perceel In onderstaande paragrafen worden per perceel de volgende onderdelen beschreven:     

de productbeschrijving de doelgroep de doelstellingen van het perceel de verwachte omvang het aantal te contracteren Aanbieders 22

 

de bekostiging en de tariefstelling de voorwaarden

4.4.1 Perceel 1: Maatschappelijke opvang Productomschrijving Maatschappelijke opvang Maatschappelijke opvang is ‘onderdak en begeleiding voor inwoners die de thuissituatie hebben verlaten, al dan niet in verband met risico’s voor hun veiligheid als gevolg van huiselijk geweld, en niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving’ (artikel 1.1.1, eerste lid, Wmo 2015). Maatschappelijke opvang omvat het bieden van een eerste veilige plek aan dakloze inwoners die niet in staat zijn om zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving. Dit betreft altijd een tijdelijke en kortdurende opvang. Inwoners kunnen 7 dagen per week gebruik maken van de opvangplek. Woonbegeleiders zijn oproepbaar of aanwezig in de voorziening. De woonbegeleiders zorgen voor een veilige plek waar cliënten kunnen werken aan herstel. Inwoners, m.u.v. de jongvolwassenen, betalen voor de Maatschappelijke opvang een eigen bijdrage. Hiernaast ontvangen inwoners direct Trajectbegeleiding (perceel 4). Na deze opvang stromen de dakloze inwoners door naar een passende vervolgplek, bijvoorbeeld een zelfstandige woonplek (indien nodig met begeleiding vanuit perceel 4), een Tussenvoorziening (perceel 3) of een Beschermde woonplek (perceel 3). Er worden aparte opvangplekken ingekocht voor:   

Volwassenen; Jongvolwassenen; Gezinnen met kinderen.

Bij deze verwerving gaan de gemeenten in principe uit van de leeftijdsgrenzen zoals onder het kopje doelgroep staan omschreven, maar het moet wel mogelijk zijn om op basis van de hulpvraag af te kunnen wijken en maatwerk te bieden. Zo kan het bijvoorbeeld zijn dat iemand van 24 jaar een hulpvraag heeft die beter aansluit bij de manier van begeleiden van de jongvolwassenen doelgroep. In deze gevallen moet het mogelijk zijn om gebruik te maken van de opvangvoorzieningen voor jongvolwassenen. De plekken voor jongvolwassen en gezinnen met kinderen zijn 24 uur per dag, 7 dagen per week beschikbaar. De gemeenten bepalen in gezamenlijkheid met de Geselecteerde Aanbieders of de opvang voor volwassenen ook 24 uur per dag, 7 dagen per week beschikbaar moet zijn. Hierbij wordt naast een inhoudelijk perspectief ook het budgettair kader meegewogen. Door de beschikbaarheid in gezamenlijkheid te verkennen, willen de gemeenten een product ontwikkelen dat past binnen het financieel kader van de gemeenten en waarbij inwoners zo optimaal mogelijk kunnen werken aan herstel. 23

Time-out bedden Inwoners die grensoverschrijdend gedrag vertonen in de opvanglocaties kunnen een sanctie opgelegd krijgen door de Aanbieder, zoals het tijdelijk niet mogen betreden van de locatie. Omdat het niet wenselijk is dat inwoners met een ontzegging op straat verblijven, kunnen inwoners terecht op een time-outplek. De opvang op een time-outplek is sober (bed, bad en brood) en wordt geboden van 18.00 uur ’s avonds tot 9.00 uur ‘s ochtends. Bij alle Maatschappelijke opvanglocaties voor volwassenen is ten minste één (1) time-outplek aanwezig. De gemeenten bepalen in gezamenlijkheid met de Geselecteerde Aanbieders of een timeoutplek ook wenselijk is in de gezinsopvang en de opvang voor jongvolwassenen. Het organiseren van time-out bedden is een onderdeel van de percelen Maatschappelijke opvang (1), Flexibele opvang (2) en Beschermd wonen (3). Aanbieders die zich aanmelden op deze percelen hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid om de time-out bedden voor zowel inwoners die in de Maatschappelijke opvang of Flexibele opvang verblijven als voor inwoners die Beschermd wonen te organiseren. Veiligheid De Aanbieders van Maatschappelijke opvang zijn verantwoordelijk voor het bieden van een veilige omgeving voor inwoners. De gemeenten kiezen ervoor om geen separate contracten af te sluiten voor de beveiliging binnen de opvang.

Dit draagt volgens de gemeenten bij aan het maken van meer eenduidige afspraken. De Aanbieder wordt het enige aanspreekpunt voor de veiligheid op een opvanglocatie. Daarnaast biedt het ruimte aan de Aanbieder om te bepalen wat er nodig is aan beveiliging op een locatie en hoe dat het beste kan worden vormgegeven omdat er allerlei verschillende manieren zijn om ervoor te zorgen dat een locatie veilig is (denk aan cameratoezicht en het inzetten van extra begeleiding). Beveiliging is in deze aanbesteding een integraal onderdeel van Maatschappelijke opvang en maakt zo nodig onderdeel uit van de nieuwe Raamovereenkomst. Doelgroep en Toegang De Maatschappelijke opvang voor de drie (3) regio’s is gericht op dakloze inwoners die nietzelfredzaam zijn en die zich melden bij de Brede Centrale Toegang (BCT). De Brede Centrale Toegang onderzoekt of de inwoner in aanmerking komt voor de opvang op grond van de Wmo. Dit is het geval als:  

Iemand rechtmatig in Nederland verblijft en zo nodig aanspraak kan maken op voorzieningen; Iemand de thuissituatie heeft verlaten en zich niet op eigen kracht kan handhaven in de samenleving, ook niet met gebruikelijke hulp (zoals verblijf in het netwerk). Het gaat om mensen die niet-zelfredzaam zijn; De kans op herstel van maatschappelijke participatie het grootst is in de regio IJmond, Kennemerland of Haarlemmermeer. Dit wordt bepaald door de BCT in overleg met de gemeente van herkomst, in lijn met het convenant landelijke toegang Maatschappelijke opvang.

24

De BCT onderscheidt, in opdracht van de gemeente, verschillende subgroepen binnen de groep daklozen. Er wordt een onderscheid gemaakt in volwassenen, jongvolwassenen en gezinnen met kinderen.   

Volwassenen: dakloze inwoners van 23 jaar en ouder; Jongvolwassenen: dakloze jongeren van 18 tot 23 jaar. In verband met de kwetsbaarheid van jongvolwassenen wordt deze groep als een aparte groep gezien; Gezinnen met minderjarige kinderen; gezinnen met één (1) of twee (2) meerderjarige ouders die één (1) of meer minderjarige kinderen hebben. Omdat dakloosheid ook zijn weerslag heeft op de opvoeding en de ontwikkeling van de kinderen, zien de gemeenten gezinnen met minderjarige kinderen als een aparte groep.

Doelstelling van het perceel Op basis van de omschreven gewenste bewegingen in hoofdstuk 3.2. zijn de volgende doelstellingen omschreven: Hoofddoelstelling: Dakloze mensen een veilige opvangplek bieden zodat ze kunnen werken aan hun herstel en toewerken naar zo zelfstandig mogelijk wonen. Subdoelstellingen:      

Het bieden van opvang waar alle cliënten met een Wmo-indicatie tijdelijk gebruik van kunnen maken; Het bieden van een veilige plek waar cliënten vorderingen maken in hun psychosociaal en sociaal-maatschappelijk herstel; Stigmatisering van dakloze mensen tegengaan; Bijdragen aan de acceptatie van dakloze mensen in de wijk rondom een locatie; Overlast voorkomen voor omwonenden van een locatie; Het bieden van een opvang waar het cliëntenperspectief goed gewaarborgd is in zowel beleid en de begeleiding, dit kan o.a. door de inzet van ervaringsdeskundigen.

Inschrijvers van dit perceel zijn verplicht om bij te dragen aan deze doelstellingen. Verwachte omvang Voor de verwachte omvang van het aantal plekken voor Maatschappelijke opvang wordt uitgegaan van het huidige aantal beschikbare plekken voor OGGZ-daklozen. Op dit moment wordt er een onderscheid tussen economische daklozen en OGGZ-daklozen gehanteerd. Het huidige aantal plekken voor beide groepen is in de tabellen hieronder weergegeven. Tabel 7 - Huidige omvang OGGZ-daklozen

Locatie Wilhelminastraat Velserpoort alleenstaanden Hoofddorp gezinnen

Doelgroep Locatie voor alleenstaanden Locatie voor alleenstaanden Dakloze gezinnen

25

Aantal plekken Maximaal 30 Maximaal 42 Maximaal 30 units

Spaarnezicht

Dakloze jongvolwassenen

Maximaal 22

Tabel 8 - Huidige plekken voor economische daklozen

Locatie Velserpoort gezinnen in Haarlem Velserpoort alleenstaanden in Haarlem Locatie Etta Palm in Hoofddorp

Doelgroep Economisch dakloze gezinnen Economische daklozen Alleenstaanden & gezinnen

Aantal plekken Maximaal 21 units 5 plekken Maximaal 9 units

Conform het uitgangspunt om geen onderscheid meer te hanteren kan zijn dat er een verschuiving plaatsvindt in het aantal plekken voor Maatschappelijke opvang naar Tussenvoorzieningen. De te verwachten omvang van het aantal plekken staat nog niet vast en is onderdeel van de dialoog. Aantal te contracteren Aanbieders Voor Maatschappelijke opvanglocaties willen de gemeenten een contract afsluiten met minimaal twee (2) Aanbieders, waarbij de gemeenten uitgaan van één (1) Aanbieder pér locatie. Het defintief aantal locaties wordt aan de hand van de uitkomsten uit de Dialoogfase. Het is als Aanbieder mogelijk om meerdere locaties te bedienen. Sommige locaties worden gehuurd door de gemeente Haarlem (dit zijn de Wilhelminastraat en de Velserpoort). Voor deze opvanglocaties kunnen ook Aanbieders zonder vastgoed inschrijven. Voor de andere locaties kunnen alleen Aanbieders inschrijven die eigen vastgoed hebben of gedurende de hele contractperiode gebruik kunnen maken van vastgoed van derden. In onderstaande tabel is per locatie aangegeven of het pand wordt gehuurd door de gemeente. De gezinslocatie Velserpoort, de Jongvolwassenenlocatie en de locatie in Hoofddorp zijn in het grijs weergegeven, omdat op basis van de dialoog wordt bepaald of deze plekken worden toegevoegd aan de Opdracht. Tabel 9 – Beschikbaarheid locaties door de gemeente

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12264343/1