CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

20210385018 Rapport Berenschot Haarlem

commissie Bestuur 9 september 2021, gemeente HaarlemBij agendapunt: Toezenden Stukken organisatieontwikkeling.39.435 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

meer complexe dienstverleningsvragen is het hebben van

over de kwaliteit van dienstverlening.42 Complexe vragen

een duidelijk contactpersoon binnen de organisatie een

van inwoners en ondernemers worden vlot begeleid en

aandachtspunt.

gefaciliteerd.

5.2 Draagvlak voor samenwerking met de organisatie

•

De gemeente wil transparant, communicatief, slagvaardig

• De gemeentelijke organisatie heeft de afgelopen jaren

en vlot opereren. De bereikbaarheid en beschikbaarheid

positieve stappen gezet in de verbinding naar inwoners

voor vragen van bewoners en partners uit de stad moet

en partners toe. Zowel de ambtenaren als de inwoners en

versterkt worden met passende serviceformules en goede

partners ervaren betrokken en betrouwbaar contact met

dienstverleningscommunicatie.43

elkaar. • We constateren dat met het actieprogramma Nieuwe

•

De gemeentelijke organisatie wil in het beleid, denken

Democratie en de inzet die op dit vlak de afgelopen jaren

en handelen de inwoners, ondernemers en bezoekers

heeft plaatsgevonden vanuit bestuur en ambtelijke organi-

centraal stellen. De gemeente wil zich meedenkend en

satie de gemeente opgavegericht en wendbaar wil inspe-

meewerkend opstellen, waarbij invloed van inwoners op

len op initiatieven uit de gemeenschap en hier ook – zeker

hun buurt en stad wordt vergroot en initiatieven uit de stad

vergeleken met referentiegemeenten – positieve stappen

de ruimte krijgen. Van klassieke burgerparticipatie naar

in heeft gezet. Vanuit de ogen van inwoners is er tegelijker-

overheidsparticipatie, samen met het fysieke en sociale

tijd ook voldoende ruimte voor verbetering. Met name het

domein

goed luisteren en inspelen op vragen en initiatieven van inwoners en die ondersteunen wordt als belangrijk gezien.

In 2020 heeft de gemeentelijke organisatie een nieuwe

• Ten aanzien van de samenwerking met ondernemers en

dienst­­verleningsvisie opgesteld en is er een dienstverlenings­

partners uit de stad ligt er meer ruimte voor verbetering.

programma gestart. Het doel van deze visie is de gemeentelijke

In die samenwerking, en de aandachtspunten die daarin

organisatie te laten werken vanuit gemeenschappelijke waarden

zijn meegegeven door stakeholders, valt op dat partners

en uitgangspunten. De drie pijlers van deze nieuwe dienst­

en ondernemers tegen dezelfde knelpunten aanlopen als

verleningsvisie zijn:

die binnen de organisatie worden ervaren. De organisatie

1. De inwoner staat centraal in onze dienstverlening: we werken in vertrouwen

is betrouwbaar en zorgvuldig, maar dat gaat ten koste van de slakracht en wendbaarheid van de organisatie. Er is

2. Snel en simpel waar het kan, persoonlijk waar het hoort

geen duidelijke visie en partnerschap op de lange ter-

3. Dienstverlening in het DN: we zijn betrokken en betrouwbaar

mijn, (te) weinig ruimte voor innovatie en er gaat veel tijd verloren in afstemmen, regels en bureaucratie en sturing op details. Zonder dat dit tot effectievere aanpak van de opgaven leidt.

49

• Wat ook opvallend is, is dat partners ook dezelfde patro-

41

nen spiegelen als medewerkers binnen de organisatie:

42

namelijk het vinden en benutten van ‘olifantenpaadjes’.

43

Gemeente Haarlem (2016) Concernopdracht deeluitwerking organisatievisie op integrale dienstverlening en veiligheid. Gemeente Haarlem (2016) Concernopdracht deeluitwerking organisatievisie op integrale dienstverlening en veiligheid. Organisatie in Ontwikkeling (2017).

Evaluatie organisatieontwikkeling gemeente Haarlem 2015-2021 | Hoofdrapport

De kern van de dienstverleningsvisie is dat de organisatie

Dienstverlening in het sociaal en fysiek domein

betrokken en betrouwbaar wil zijn, een persoonlijke benadering

Voor de dienstverlening in het sociaal domein wordt gewerkt

toepast, een organisatie die waar het kan dienstverlening

met klantreizen. Uit onderzoeken in het sociaal domein48

snel en simpel verleent en een organisatie die in vertrouwen

worden ruime voldoendes gegeven door inwoners voor

samenwerkt met stad en dorp en ambtenaren en bestuur.

dienstverlening op het gebied van werk, inkomen en schulden.49 Op het gebied van de fysieke leefomgeving geeft 60% van de

5.1.2 Uitkomsten: dienstverlening voor Haarlem en Zandvoort

Haarlemmers aan dat de gemeente goed bereikbaar is voor meldingen over de veiligheid/overlast in de buurt

Sinds de gemeenten Haarlem en Zandvoort ambtelijk gefuseerd zijn in 2018, is er in beide gemeenten onderzoek gedaan

Aandachtspunten worden geformuleerd over het reageren op en

naar hoe de dienstverlening ervaren wordt en in hoeverre

afhandelen van de meldingen. 46% van de inwoners vindt dat

de gemeente en burgers goed op elkaar zijn aangesloten. De

de gemeente adequaat reageert op de meldingen. Ondernemers

dienstverlening wordt op een aantal punten zeer positief

geven de afhandeling van vergunningsaanvragen een

ervaren, maar laat ook een aantal kritische kanttekeningen

rapportcijfer van een 5,89. Daarmee scoort Haarlem lager dan

zien. Deze recente studies, onderzoeken en evaluaties brengen

referentiegemeenten (6,31). De aanvraag van vergunningen is

we hiernavolgend samenvattend in beeld:

minder eenvoudig en de afhandeling gaat minder snel dan in vergelijkbare gemeenten.

Algemene dienstverlening van de organisatie Inwoners zijn over het algemeen tevreden met de dienst­

Communicatie en informatie

verlening van de gemeentelijke organisatie. Inwoners van de

Op het vlak van communicatie wordt de gemeentelijke

gemeente Haarlem geven de dienstverlening gemiddeld een 7,

organisatie van Haarlem bovengemiddeld beoordeeld

inwoners van de gemeente Zandvoort een 6,5.44 De digitale

door inwoners (vergeleken met referentiegemeenten50). De

dienstverlening van de gemeente wordt eveneens positief

communicatie en informatie heeft een gemiddeld rapportcijfer

beoordeeld door inwoners van de gemeente Haarlem met een

van een 6,8.51 De gemeente gebruikt begrijpelijke taal en de

gemiddeld cijfer van een 7,2. Ook zijn inwoners overwegend

informatie is meestal helder.

positief over de afhandeling van vragen/aanvragen bij de gemeente.45

Er worden ook aandachtspunten geformuleerd voor de communicatie. Deze kan worden verbeterd door in te zetten

Ondernemers uit Haarlem geven de algehele dienstverlening

op een beter bereik bij speciale doelgroepen, een actieve, open

een gemiddeld rapportcijfer van een 6,45 voor de algehele

en luisterende houding van raad, college en ambtenaren,

dienstverlening en een 6,82 voor de digitale dienstverlening.

resultaten van gemeentebeleid duidelijker naar voren brengen

Zandvoortse ondernemers geven de dienstverlening gemiddeld

en duidelijker maken hoe besluiten worden genomen.52

een 6,5. De gemeentelijke organisatie scoort hierin hoger

De gemeente kan opener en transparanter communiceren

dan gemeenten van een vergelijkbare omvang. Ook in de

met inwoners en tijdiger informatie geven. Onder

afhandeling van vragen van ondernemers scoort de gemeente

ondernemers scoort de gemeente iets onder het gemiddelde

gemiddeld genomen hoger dan referentiegemeenten.

van referentiegemeente daar waar het gaat over juist- en

46

volledigheid van informatie en de communicatie over het Een kleine groep inwoners en ondernemers is kritisch over

verloop van de afhandeling.53

de openingstijden van de publiekshal en de telefonische contactmogelijkheden, de wachttijden en de duur van een aanvraag of melding in het algemeen.47 Inwoners geven aan dat ze behoefte hebben aan meer snelheid en eenvoud in procedures.

48 44 45 46 47

50

Rapportage Tussenevaluatie Haarlem-Zandvoort. Omnibusonderzoek (2020); Quick Scan Lokale Democratie (2020). VNG Ondernemerspeiling. Dienstverleningsvisie (2020); Omnibusonderzoek (2020); Rapportage Tussenevaluatie Haarlem-Zandvoort.

49 50 51 52 53

Onderzoeken van de afdelingen Werk en Inkomen en Schulden, Minima en Sociale Recherche (KTO W&I en SMSR). Dienstverleningsvisie (2020). Quick Scan Lokale Democratie (2020). Omnibusonderzoek (2020). Quick Scan Lokale Democratie (2020). Ondernemerspeiling (2020).

Evaluatie organisatieontwikkeling gemeente Haarlem 2015-2021 | Hoofdrapport

Dienstverlening door (medewerkers in) de ambtelijke

‘Ik geef een 7, omdat ik van mening ben dat wij als

organisatie

Gemeente Haarlem mensen goed tot dienst zijn

Medewerkers van de gemeente worden door inwoners en

en kunnen helpen. Wij staan inwoners over het

ondernemers gezien als vriendelijk, toegankelijk en deskundig.

algemeen snel te woord en nemen de tijd om iemand

De medewerkers houden zich overwegend aan afspraken, zijn

juist te kunnen ondersteunen. Echter, ik denk dat er

begripvol en denken oplossingsgericht mee.54 Ondernemers

nog wel ruimte voor verbetering is. Dit met name in

beoordelen de professionaliteit van de gemeentelijke organisatie

procesversnelling en de kortere lijntjes met externe

en haar medewerkers met een 6,65 gemiddeld. Daarmee

organisaties (en de samenwerking hierin).”

scoort de gemeente Haarlem hoger dan gemeenten van een

(dienstverleningsonderzoek)

vergelijkbare omvang (gemiddelde score van 6,22). Ongeveer een vijfde van de medewerkers vindt dat het niveau Ten aanzien van de dienstverlening door de medewerkers in

van dienstverlening onder de maat of op basisniveau is. Een

de ambtelijke organisatie is een aantal aandachtspunten uit de

kwart van de medewerkers vindt het niveau van dienstverlening

verschillende onderzoeken te halen:

op gewild niveau of bijzonder. 56% van de medewerkers vindt

•

Dienstverlening aan de balie wordt positiever beoordeeld

het dienstsverleningsniveau standaard. Ruim 90% van de

dan de dienstverlening aan de telefoon.

deelnemers zou willen dat het dienstverleningsniveau hoger zou

Inwoners en ondernemers hebben behoefte aan één

liggen dan nu gemiddeld genomen het geval is.

55

•

duidelijk contactpersoon. Dat is nu niet altijd het geval en

•

•

het duurt soms even voordat de juiste contactpersoon is

Medewerkers vinden duidelijkheid en respect de belangrijkste

gevonden. Ondernemers hebben procentueel iets minder

aspecten van contact met inwoners en collega’s. In het contact

vaak dan in andere gemeenten van vergelijkbare omvang

met inwoners vinden ze heldere communicatie en het luisteren

één contactpersoon (9% ten opzichte van 11%).56

naar inwoners en partners het belangrijkst. Betrouwbaarheid

Het verbeteren van de ambtelijke organisatie is

en betrokkenheid zijn de belangrijkste uitgangspunten voor de

belangrijk aandachtspunt voor een groot deel van de

dienstverlening. Medewerkers zijn overwegend tevreden over

inwonersrespondenten (78%) van de gemeente Haarlem

de manier waarop ze die betrouwbaarheid en betrokkenheid

om het functioneren van de gemeente te verbeteren.57

invullen. De belangrijkste aandachtspunten die medewerkers

39% van de inwoners is tevreden over hoe ambtenaren

over de dienstverlening formuleren, zijn het centraal stellen van

in de gemeente werken. Dit is hoger dan in

inwoners en het sneller en simpeler werken. Daarnaast wordt

referentiegemeenten, waar 25% van de inwoners hierover

aangegeven dat de interne samenwerking verbeterd kan worden.

tevreden is. 28% van de respondenten uit de Quick Scan Lokale Democratie heeft (veel tot onbeperkt) vertrouwen in

5.1.3 Reflectie van gesprekspartners

de Haarlemse ambtenaren.

Vanuit de organisatie wordt aangegeven dat dienstverlening aan de stad de afgelopen periode hoofdzakelijk gefocust is geweest op

Beeld van de dienstverlening door medewerkers van

de hardere kant van dienstverleningsprocessen richting inwoners

de organisatie

en ondernemers vanuit (telefonische) balie en op digitalisering

Medewerkers hebben zelf ook recent in de cultuuranalyse

van processen. De nieuwe dienstverleningsvisie heeft een bredere

dienstverlening (2020) aangegeven hoe zij tegen de door

scope en beoogt voor de gehele organisatie de dienstverlening

hun geleverde externe dienstverlening aankijken. 34% van de

langs gezamenlijke waarden, houding en gedrag vorm te geven.

58

medewerkers geeft aan enthousiast te zijn over dienstverlening aan inwoners en partners en 32% geeft aan hierover tevreden

Het heeft volgens de gesprekspartners lang geduurd voordat

te zijn. Zij beoordelen de externe dienstverlening met een

deze dienstverleningsvisie tot stand kon komen. De

gemiddelde van een 6,9.

dienstverleningsvisie is nog niet doorleefd; het is moeilijk voeten aan de grond te krijgen, zo vinden de gesprekspartners In zowel het sociaal domein als nu ook in het fysiek domein is de gemeentelijke organisatie bezig om processen van dienstver-

51

54 55 56 57 58

Omnibusonderzoek (2020); Ondernemerspeiling. Tussenevaluatie Haarlem-Zandvoort (2021). Ondernemerspeiling (2020). Quick Scan Lokale Democratie (2020). Cultuuranalyse Dienstverlening (2020).

lening te optimaliseren. Gesprekspartners vanuit de gemeentelijke organisatie zijn positief over de stappen die daar in de afgelopen jaren zijn gezet en de resultaten die daar zijn bereikt.

Evaluatie organisatieontwikkeling gemeente Haarlem 2015-2021 | Hoofdrapport

5.1.4 Analyse

•

De gemeentelijke organisatie heeft in de organisatie­

De dienstverlening van de gemeentelijke organisatie van

ontwikkeling gebiedsgericht werken een belangrijke

Haarlem komt uit de verschillende onderzoeken op onderdelen

plek gekregen om meer samen te werken met bewoners,

met een (ruime) voldoende uit de bus. Medewerkers worden

ondernemers en (maatschappelijke) organisaties. Haarlem

gezien als betrokken en betrouwbaar. Over het algemeen zijn

en Zandvoort zijn opgedeeld in een zestal gebieden waar

inwoners positiever over de dienstverlening van de gemeente

een gebiedsmanager met een gebiedsteam zich richt op een

dan ondernemers.

integrale aanpak. Doel hiervan is om gezamenlijk te bepalen wat belangrijk is in een gebied, ideeën en initiatieven op

Met name op slagvaardig, transparantie en vlot opereren

te halen en overbodige regels uit de weg te ruimen en op

lijken aanknopingspunten voor verbetering te liggen.

deze manier slagkrachtig, integraler, flexibeler en sneller te

Betrouwbaarheid gaat op dit moment boven snelheid. Bij

werken aan het realiseren van maatschappelijke resultaten.

meer complexe dienstverleningsvragen is het hebben van

De filosofie van gebiedsgericht werken gaat over alle

een duidelijk contactpersoon binnen de organisatie een

aandachtsgebieden binnen de gemeentelijke organisatie.60

aandachtspunt. In de coalitieakkoorden van de gemeenten Haarlem en

5.2 Samenwerking met inwoners en partners

Zandvoort wordt eveneens een duidelijke ambitie uitgesproken om maatschappelijke participatie met inwoners en partners te versterken.61 Hierin is de afgelopen periode ook, mede langs de lijnen van het actieprogramma en het gebiedsgericht werken,

5.2.1 Nieuwe democratie

geïnvesteerd.62

Vanuit de missie op de organisatie wil de gemeentelijke organisatie in het beleid, denken en handelen de inwoners,

5.2.2 Nieuwe democratie in de praktijk

ondernemers en bezoekers centraal stellen. De gemeente wil

Samenwerking met inwoners

zich meedenkend en meewerkend opstellen, waarbij invloed van

Uit de Quick Scan Lokale Democratie komt naar voren dat de

inwoners op hun buurt en stad wordt vergroot en initiatieven

gemeentelijke organisatie, vergeleken met referentiegemeenten,

uit de stad de ruimte krijgen; van klassieke burgerparticipatie

goed op weg is in de wijze waarop de gemeente inwoners de

naar overheidsparticipatie, samen met het fysieke en sociale

mogelijkheid biedt om de gemeentelijke besluitvorming te

domein.

beïnvloeden en daarin te participeren. Inwoners krijgen in Haarlem de kans om mee te praten over lokale kwesties en

De gemeentelijke organisatie van Haarlem heeft de wijze

worden actief betrokken bij gemeentelijke plannen, activiteiten

waarop zij de betrokkenheid met inwoners, maatschappelijke

en voorzieningen.

partners en ondernemers organiseert, vastgelegd in het Actieprogramma Nieuwe Democratie (2019) en in het

Inwoners zelf geven aan dat zij ook nog ruimte voor verbetering

gebiedsgericht werken.

zien. Zo ervaren zij ruimte om initiatieven in de buurt te nemen63, maar geven tegelijkertijd ook aan het belangrijk te

•

Het actieprogramma is een samenwerkingsvoorstel met

vinden dat er beter naar de mening van inwoners geluisterd

de stad om maatschappelijke doelen te verwezenlijken

wordt64. Bij het realiseren van initiatieven om de omgeving

met inwoners, partners en ondernemers. De gemeente

te verbeteren ervaren zij niet altijd voldoende hulp en

zet met het actieprogramma in op het faciliteren van

ondersteuning van de gemeente en worden niet altijd even

maatschappelijke initiatieven in de stad. Dit ligt in lijn

gehoord.65 Aandachtspunten liggen onder meer in het reageren

met de missie van de gemeente om (in steeds wisselende

op vragen, ideeën of ingezonden brieven. De belangrijkste

netwerken) samen te werken met partners in de stad en die

onderwerpen waarop de gemeente volgens haar inwoners

de stad ondersteunt in het bereiken van haar doelen.

intensiever moeten gaan samenwerken, is de inrichting van

59

hun wijk, dorp en/of de omgeving, duurzaamheid en energie en wonen.

52

59

Actieprogramma Nieuwe Democratie

60 61 62 63 64 65

Organisatie in Ontwikkeling (2017). Coalitieakkoorden Haarlem en Zandvoort. Zie programmabegrotingen. 51% van de inwoners uit het Omnibusonderzoek. 86% van de respondenten uit de Quick Scan Lokale Democratie. Dienstverleningsvisie 2020.

Evaluatie organisatieontwikkeling gemeente Haarlem 2015-2021 | Hoofdrapport

Samenwerking met partners Ondernemers beoordelen de samenwerking met de gemeente-

Element

Beeld op hoofdlijnen van partners in het fysieke en

missie

sociale domein • Een stroperige organisatie. Kernwoorden die

lijke organisatie met een krappe voldoende. De betrokken­heid

stakeholders gebruiken om de gemeentelijke organisatie van Haarlem te beschrijven zijn ‘traag,

bij de totstandkoming en uitvoering van beleid wordt met een

inefficiënt, stroperig’. Processen duren overwegend

gemiddeld cijfer van 5,5 beoordeeld.66 In Zandvoort is dit een

lang en vraagstukken kunnen lang ‘door de organisatie zweven’ en ‘hete aardappels’ kunnen

dat de gemeentelijke organisatie voldoende betrokken is bij hen

lang worden doorgeschoven. Eigenaarschap is

en is 32% van mening dat de organisatie zich flexibel opstelt als dat nodig is. Daarmee scoort de gemeentelijke organisatie iets lager dan gemeenten van vergelijkbare omvang.68

Slagkrachtig

5,8.67 In totaal geeft 34% van de ondernemers uit Haarlem aan

dan niet vanzelfsprekend. Voor de partners die de ‘olifantenpaadjes’ kennen, kunnen hier goed omheen werken. • Weinig doorzettingsmacht contactpersonen. De partners ervaren dat hun contactpersonen vaak niet gemandateerd zijn of verantwoordelijkheid hebben om slagkrachtig te handelen. Zij stranden vaak

De gemeente scoort op het vlak van regeldruk bij ondernemers

zelf ook in de Haarlemse organisatie, met name bij

iets beter dan gemeenten van een vergelijkbare omvang. Van de

domeinoverstijgende onderwerpen. Hierdoor is het

ondernemers ervaart 39,6% een hoge tot heel hoge regeldruk.69

moeilijk om (snel) resultaat te boeken en projecten te realiseren.

Ondernemers waarderen de inspanningen van de gemeente om

• Een betrouwbare organisatie. De gemeentelijke

regelgeving te versoepelen en te vereenvoudigen gemiddeld met een

organisatie wordt door de stakeholders uit het fysieke

5,5. In gemeenten met een vergelijkbare omvang is dat een 5,3.

en sociale domein door het merendeel gezien als betrouwbaar. Alle gesprekspartners geven aan goed contact te hebben met de contactpersonen die binnen

5.2.3 Reflectie van gesprekspartners

de organisatie voor hen belangrijk zijn. (De gemiddelde

Samenwerking met partners

score uit de sessies met partners in het fysieke en sociale

Partners van de gemeente geven met betrekking tot het

domein is 4,35 uit 5.) • Betrokken en benaderbaar bestuur en medewerkers.

realiseren van maatschappelijke opgaven – conform de aandachtspunten mee. Deze hebben we op hoofdlijnen in beeld gebracht en geordend langs de kernelementen van de missie. Element

Beeld op hoofdlijnen van partners in het fysieke en

missie

sociale domein

Partners uit het fysiek en sociaal domein ervaren Betrouwbaar

missie van de gemeentelijke organisatie – verschillende

dat ze goed toegang hebben tot het bestuur als dat voor

dat er veel wordt gewerkt met tijdelijke contracten en korte subsidietermijnen. De samenwerking wordt als positief ervaren, het wederzijds partnerschap en

lange termijn een heldere richting geeft en vooruit kijkt.

onderling vertrouwen minder. Partners zouden graag

Partners constateren een opeenstapeling van ambities

meer ruimte en vertrouwen in het partnerschap

waarbinnen niet duidelijk geprioriteerd wordt en er veel Opgavegericht

contactpersonen. Ook geven partners van buiten aan

positieve ontwikkeling gezien.

opgaven geen duidelijke inhoudelijke visie die voor de

ervaren om effectiever en innovatiever samen aan de

ad hoc gehandeld wordt.

maatschappelijke opgaven te werken.

• Ontbreken van regie op integraliteit. Partners ervaren in brede zin dat afdelingen langs elkaar heen werken en

• Veel overleggen. Binnen de gemeentelijke organisatie

activiteiten niet vanzelfsprekend in samenhang worden

wordt veel tussen afdelingen afgestemd en kan elke

opgepakt. Ze constateren ook een knip tussen beleid

afdeling beslissingen heroverwegen. Alhoewel dat

en uitvoering. De gemeentelijke organisatie opereert

enerzijds zorgvuldig kan zijn, leidt het ook tot veel vertraging, veel overleg en daarmee weinig slagkracht.

niet altijd met één mond naar buiten toe. Daarnaast

• Bureaucratische regels en procedures. Partners

gemist. Ketenpartners geven aan dat er niet effectief wordt gestuurd op integraliteit van de keten, maar op de invulling van losse onderdelen. Dat bevordert ook de concurrentie tussen ketenpartners.

Zorgvuldig

wordt er naast intern ook extern regie op integraliteit

bovengemiddeld veel regels en procedures waar zij aan moeten voldoen om iets ‘gedaan’ te krijgen. Dit leidt tot veel papierwerk en tot lange processen. De • (Financiële) sturing op detailniveau. Partners ervaren

Partners constateren dat de gemeentelijke organisatie

dat de gemeentelijke organisatie erg op financiële

in de aanpak van haar opgaven geen interne en externe

details en casuïstiek stuurt en controle probeert te

speelruimte heeft. Er is weinig flexibiliteit om in te

houden (op het ‘hoe’) in plaats van op de inhoudelijke

kunnen spelen op nieuwe ontwikkelingen of ruimte te

koers, de hoofdlijnen en de keten (het ‘wat’).

bieden voor innovatie. Tabel 2. Ondernemerspeiling 2020. Tussenevaluatie Haarlem Zandvoort. Ondernemerspeiling. Ondernemerspeiling.

ervaren bij de gemeentelijke organisatie van Haarlem

verantwoordingsbehoefte is groot.

• Beperkt tot geen flexibiliteit en ruimte voor innovatie. Wendbaar

goed contact hebben met de voor hun relevante

• Geen langdurig partnerschap. Partners geven aan

De gemeentelijke organisatie heeft op haar centrale

53

meedenkend en empathisch. Zij geven aan dat ze

hen van belang is. Het gebiedsgericht werken wordt als

• Ontbreken van een lange termijn visie en keuzes.

66 67 68 69

de medewerkers van de gemeente als betrokken,

Beeld van gesprekspartners over het realiseren van de missie en de visie op de organisatie.

Evaluatie organisatieontwikkeling gemeente Haarlem 2015-2021 | Hoofdrapport

Beeld van medewerkers van de gemeentelijke

5.2.4 Analyse

organisatie

De gemeentelijke organisatie heeft de afgelopen jaren positieve

Haarlemse ambtenaren zijn overwegend positief over de wijze

stappen gezet in de verbinding naar inwoners en partners toe.

waarop zij in verbinding staan met groepen en organisaties die

Zowel de ambtenaren als de inwoners en partners ervaren

voor de uitvoering van hun werk belangrijk is. Het gemiddelde

betrokken en betrouwbaar contact met elkaar.

cijfer is een 7,6. 61% van de Haarlemse ambtenaren geven hun contact met inwoners en partners gemiddeld een 8 of hoger.

We constateren dat met het actieprogramma Nieuwe

Voor 90% van de ambtenaren is het duidelijk welke groepen

Democratie en de inzet die op dit vlak de afgelopen jaren

voor hen van belang zijn en zij hebben hier ook goed contact

heeft plaatsgevonden vanuit bestuur en ambtelijke organisatie

mee. Het merendeel van de ambtenaren (68%) geeft ook aan

de gemeente opgavegericht en wendbaar wil inspelen op

dat het voor hen helder is wat deze groepen en organisaties van

initiatieven uit de gemeenschap en hier ook – zeker vergeleken

hen verwachten en dat ze hier ook goed aan kunnen voldoen

met referentiegemeenten – positieve stappen in heeft gezet.

(64%).

Bezien door de ogen van inwoners is er tegelijkertijd ook voldoende ruimte voor verbetering. Met name het goed

Verbinding met partners

luisteren en inspelen op vragen en initiatieven van inwoners

Ik heb goed contact met de groepen of organisaties die voor mijn werk belangrijk zijn

Het is duidelijk welke groepen of organisaties voor mijn werk belangrijk zijn

en die ondersteunen wordt als belangrijk gezien. Voor wat betreft de samenwerking met ondernemers en partners uit de stad ligt er meer ruimte voor verbetering. In die samenwerking, en de aandachtspunten die daarin zijn meegegeven door stakeholders, valt op dat partners en

Ik kan aan de verwachtingen voldoen van de groepen of organisaties voor mijn werk belangrijk zijn

ondernemers tegen dezelfde knelpunten aanlopen als die binnen de organisatie worden ervaren. De organisatie is

Het is duidelijk wat de groepen of organisaties die voor mijn werk belangrijk zijn van de gemeente verwachten 0-10%

10-20%

20-30%

30-40%

40-50%

50-60%

60-70%

70-80%

80-90%

90-100%

betrouwbaar en zorgvuldig, maar dat gaat ten koste van de slagkracht en wendbaarheid van de organisatie. Er is geen duidelijke visie en partnerschap op de lange termijn, (te)

Zeer mee oneens

Mee oneens

Neutraal

weinig ruimte voor innovatie en er gaat veel tijd verloren in

Mee eens

Zeer mee eens

Geen mening

afstemmen, regels en bureaucratie en sturing op details. Dit

Figuur 25. Enquêteresultaten verbinding met partners.

zonder dat dit tot effectievere aanpak van de opgaven leidt.

Respondenten die werkzaam zijn binnen het maatschappelijk domein geven aan beter aan de verwachtingen te kunnen

Wat ook opvallend is, is dat partners ook dezelfde patronen

voldoen van groepen en organisaties die voor hen belangrijk

spiegelen als medewerkers binnen de organisatie: namelijk het

zijn (70,5%) dan respondenten die werkzaam zijn in het

vinden en benutten van ‘olifantenpaadjes’.

fysieke domein (56,2%). Zij geven ook aan iets beter contact te hebben. Het beeld dat uit de gesprekken binnen de organisatie naar voren komt over de verbinding met partners in het fysieke en maatschappelijke domein ligt hiermee in lijn. Gesprekspartners geven aan dat zowel in het fysiek domein als in het maatschappelijk domein steeds meer wordt ingezet op het in gezamenlijkheid afstemmen over de opgaven en het investeren in contacten met stakeholders, maar dat in het sociaal domein daar de grootste stappen in gezet zijn. Een belangrijk aandachtspunt dat gesprekspartners uit de organisatie meegeven is de invulling van het contractbeheer en contractmanagement naar partners toe. Daar ligt veel ruimte om te professionaliseren en tijdig de goede signalen de organisatie in te brengen. 54

HOOFDSTUK 6

Beantwoording van de onderzoeksvragen In dit hoofdstuk beantwoorden we de onderzoeksvragen die door de gemeente Haarlem centraal zijn gesteld in deze evaluatie en formuleren we de onderzoeksconclusies. Dat doen we op basis van de bevindingen en analyse die we in hoofdstukken 2 tot en met 5 uiteen hebben gezet langs de lijnen van ons evaluatiekader. We beantwoorden eerst achtereenvolgens de hoofdvragen (1 en 2) en gaan daarna in op de deelvragen (A tot en met F). In de volgende figuur treft u een overzicht van de vragen aan. – fotograaf Engelchor fotografie

Evaluatie organisatieontwikkeling gemeente Haarlem 2015-2021 | Hoofdrapport

Hoofdvragen van het onderzoek

1 2

Hoe dragen de organisatieontwikkelingen sinds 2015 bij aan de missie om tegelijkertijd wendbaar, slagkrachtig, opgavegericht, betrouwbaar en zorgvuldig te werken aan het realiseren van maatschappelijke resultaten? Zijn de ingrepen in de organisatie effectief geweest om de missie te realiseren? Welke effectieve en belemmerende organisatiepatronen zijn er, hoe worden deze binnen de organisatie ervaren en hoe kan de organisatie versterkt worden in het licht van de missie?

Deelvragen van het onderzoek

Dit is een ambitieuze missie en visie die – alhoewel passend in de tijdsgeest – een intrinsieke spanning in zich heeft. Slagkracht suggereert immers snelheid en doortastendheid, terwijl zorgvuldigheid meer appelleert aan onverstoorbaarheid en bezinning. Ook de begrippen wendbaarheid en betrouwbaarheid kunnen ‘schuren’. Dat is op zichzelf niet ongebruikelijk en onoverkomelijk: alle overheidsorganisaties in Nederland worstelen ermee om een goed evenwicht te vinden in dit spanningsveld. Wat van belang is, is dat de organisatie – op het moment dat dit spanningsveld zich voordoet – tot

A

Welke probleemanalyse en ex ante evaluatie lagen aan de visie ten grondslag?

samenhangende keuzes komt. Daar is in Haarlem naar onze

B

In hoeverre worden samenhangende strategievorming, sturing en beheersing gefaciliteerd, zodat de organisatie haar rol als strategisch adviseur van beide colleges kan waarmaken?

afgelopen jaren ook niet organisatiebreed op gestuurd.

C

In hoeverre dragen de verschillende sturingsprincipes en de wijze waarop deze tot uiting komen in de lijnorganisatie, programma’s en gebieden bij aan de samenwerking en wat kan verbeterd worden?

organisatie op dit moment niet conform haar missie functioneert.

D

In hoeverre slaagt de organisatie in sturing en samenwerking op doelen en resultaten, zowel op ‘deel’ (i.e. projecten, afdelingen, facetten, gebieden, zones) als ‘geheel’ (i.e. portefeuille -breed, stedelijk niveau, concern, integraal)? Wat gaat goed, wat kan versterkt worden en wat werkt belemmerend?

E

In hoeverre draagt de bedrijfsvoering (de ondersteunende afdelingen zoals HRM, ICT, ID etc.) van het primair proces en de wijze waarop deze georganiseerd is bij aan het bereiken van de maatschappelijke doelen?

F

In hoeverre heeft de organisatieontwikkeling bijgedragen aan de missie om wendbaar, slagkrachtig en betrouwbaar met de samenleving te werken aan huidige en toekomstige opgaven? Waar ligt het verbeterpotentieel?

taxatie onvoldoende aandacht voor geweest en gedurende de

Dat leidt ertoe dat we in onze evaluatie concluderen dat de

Dat begint in onze ogen bij het ontbreken van een eenduidig en richtinggevend perspectief voor de organisatie, die invulling geeft aan de wijze waarop Haarlemse en Zandvoortse opgaven gerealiseerd moeten worden. De visie – en de uitwerking van de visie in de ontwikkeling van de organisatie - geeft onvoldoende richting om in die verschillende wensen in de missie te prioriteren; op papier maar ook – zoals we hebben gezien – in de praktijk. De ontwikkeling van de organisatie heeft nu geleid tot een optelsom van individuele afdelingen en plannen, waar(aan) hard wordt gewerkt, maar die samen onvoldoende als geheel werken aan het realiseren van de Haarlemse en Zandvoortse opgaven. Samen zijn de verschillende afdelingen

Figuur 26. Hoofdvragen van het onderzoek.

niet meer dan de som der delen.

6.1 Beantwoording hoofdvragen

In het functioneren van de gemeentelijke organisatie van Haarlem heeft het principe van betrouwbaarheid, beheersing en zorgvul­

6.1.1

1

Hoofdvraag 1. Bijdrage van de organisatie­ ontwikkeling aan het realiseren van de missie Hoe dragen de organisatieontwikkelingen sinds 2015 bij aan de missie om tegelijkertijd wendbaar, slagkrachtig, opgavegericht, betrouwbaar en zorgvuldig te werken aan het realiseren van maatschappelijke resultaten? Zijn de ingrepen in de organisatie effectief geweest om de missie te realiseren?

digheid het (vooralsnog) gewonnen van wendbaar en slagkrachtig opgaven realiseren. Dit terwijl wendbaar en slagkrachtig opgaven realiseren – ook in ogen van besturen, partners en medewerkers - onverminderd is wat de Haarlemse en Zandvoortse ambities verdienen en ook in de toekomst steeds meer gaan vragen. Daarmee is niet gezegd dat de organisatie de afgelopen jaren geen goede stappen heeft gezet. Sterker nog; er zijn in Haarlem

56

Haarlem is in 2015 de ontwikkeling van de organisatie gestart

en Zandvoort de afgelopen jaren mooie resultaten geboekt. De

vanuit de overtuiging dat, met een flexibele netwerkorganisatie

verbinding met partners en inwoners in de stad Haarlem en het

en daadkrachtige medewerkers met mandaat, de gemeente beter

dorp Zandvoort is versterkt. De organisatie werkt gaandeweg

in staat zou zijn om effectief in te spelen op de complexiteit van

aan het oplossen van de knelpunten waar ze zelf ook tegen

opgaven buiten. En om daarnaast de verbinding met partners

aanloopt. Het sociaal domein is daar een mooi voorbeeld

en inwoners te versterken en te benutten, zonder in te boeten

van. En in coronatijd heeft de organisatie laten zien dat – bij

op betrouwbaarheid en zorgvuldigheid in dienstverlening en

onverwachte ontwikkelingen – ze slagkrachtig, flexibel en

handelen.

wendbaar kan inspelen op nieuwe opgaven.

Evaluatie organisatieontwikkeling gemeente Haarlem 2015-2021 | Hoofdrapport

Het is wat ons betreft te vroeg om te stellen dat de ingrepen

procedurele factoren (staven waarin wethouders op

in de organisatie niet uiteindelijk tot succes kunnen leiden,

portefeuilles hun wensen aan de afdelingsmanagers

ook op de flexibele opgaven en in de horizontale sturing. Dat

doorgeven) als organisatorische factoren (directie op

vraagt wel om een richtinggevend perspectief, het ‘afmaken’

afstand, geen sterke inhoudelijke en integrale strategische

en aanscherpen van de ontwikkeling die is ingezet en aandacht

functie in de concernstaf). Ook hier zien we dat

voor het aanpakken van de belemmerende patronen in de

vervolgens de heersende cultuur met zich meebrengt dat

organisatie. Om scherp te maken waarop de gemeentelijke

er vrijheid is om zélf te prioriteren. Dit zien we terug

organisatie verder moet versterken beantwoorden we eerst de

in een verschillende prioritering tussen vakafdelingen

resterende onderzoeksvragen. Vervolgens formuleren we in

onderling, bedrijfsvoeringsafdelingen versus vakafdelingen,

hoofdstuk 7 handvatten om langs te versterken.

programma’s die zonder capaciteit zitten en geen voet aan de grond krijgen, bestuurders die de indruk hebben dat de

6.1.2 Hoofdvraag 2: effectieve en belemmerende organisatiepatronen

2

Welke effectieve en belemmerende organisatiepatronen zijn er, hoe worden deze binnen de organisatie ervaren en hoe kan de organisatie versterkt worden in het licht van de missie?

organisatie autonoom werkt in plaats van zich voegt naar de bestuurlijke ambities en maatschappelijke partners die een trage en stroperige gemeente ervaren. •

De hiervoor vermelde mechanismen geven een zorgelijk beeld. Toch heeft de organisatie in coronatijd laten zien

We zien effectieve en belemmerende patronen in de volgende

dat zij in staat is om wel degelijk slagvaardig en wendbaar

mechanismen; bewust in stellige termen geformuleerd:

te opereren om (urgente) maatschappelijke opgaven aan te gaan. Hier zagen we dat er tussen de afdelingen

•

De betrokkenheid van de medewerkers is groot. Er wordt

snel effectieve coördinatie- en sturingsmechanismen op

hard gewerkt. We zien loyaliteit en trots op de stad

gang kwamen, in de vorm van netwerkteam(s). Er werd

Haarlem en het dorp Zandvoort. De grote betrokkenheid

geprioriteerd en men toonde eigenaarschap voor zowel

van medewerkers binnen de afdelingen heeft niet met

de ‘eigen’ taken als het geheel. Dit toonde aan dat de

zich meegebracht dat er altijd ook slagvaardig wordt

organisatie wel het vermogen heeft om, onder specifieke

gewerkt. Dat heeft te maken met de structuur en de

omstandigheden, snel overkoepelende opgaven te realiseren.

cultuur. Vanuit de structuur kan worden gewezen op

Natuurlijk vormt corona een ongekende en zeer urgente

de onduidelijke taakafbakeningen en het niet helder

uitdaging, maar ook op kleinere schaal zien we mooie

zijn van de rollen. Gecombineerd met een hoge ervaren

vormen van opgavegericht werken.

werkdruk (als gevolg van autonome ontwikkelingen in stad en dorp en politiek-bestuurlijke wensen die leiden

•

De organisatie van de gemeente Haarlem bestaat over

tot een stapeling van activiteiten) leidt dit tot een focus

het algemeen uit professionele medewerkers. Die

op de eigen taken van een afdeling. Bovendien wordt op

professionaliteit moet wel in haar kracht worden gezet

veel afdelingsoverstijgende opgaven niet effectief gestuurd

door rolduidelijkheid. Op dit moment zijn de rollen en

en komt horizontale coördinatie onvoldoende op gang,

verantwoordelijkheden niet altijd helder. Gecombineerd

ondanks de vele overleggen. De cultuur van weinig

met weinig zakelijkheid en het niet-aanspreken van

zakelijkheid en het niet-aanspreken van collega’s versterkt

collega’s ontstaat ruimte, wat door medewerkers in de

dit effect: het eigenaarschap geldt alleen de ‘eigen’ taken.

interviews ook onder professionaliteit wordt verstaan,

Dit gaat ten koste van de daadkracht van de organisatie als

om te kunnen laveren langs en tussen procedures door;

geheel. De vaste taken en verantwoordelijkheden prevaleren

de zogenaamde ‘olifantenpaadjes’. Medewerkers die daar

boven flexibele taken.

moeite mee hebben, verlaten de organisatie. Medewerkers die hiermee om kunnen gaan, floreren (vaak met de beste

•

In weerwil van de ambitie om opgavegericht te werken, zien we een stapeling van prioriteiten. Er wordt niet vanuit een samenhangende toekomstvisie geredeneerd; door verschillende factoren ontbreekt een heldere prioritering die wordt vertaald naar het werk van de organisatie: inhoudelijke factoren (coalitieprogramma’s en vele

57

beleidsstukken zijn leidend in plaats van de Toekomstvisie),

bedoelingen) maar zonder dat er grip is op hun activiteiten.

Evaluatie organisatieontwikkeling gemeente Haarlem 2015-2021 | Hoofdrapport

•

6.2 Beantwoording deelvragen

Vrijwel alle organisaties zijn vanwege hun omvang ‘geknipt’ in overzichtelijke onderdelen. Daarbij ontstaat meteen ook de behoefte en noodzaak om te ‘plakken’, oftewel activiteiten met elkaar in verband te brengen met coördinatie. Ook moeten ‘knopen worden doorgehakt’,

•

6.2.1 Deelvraag A. Probleemanalyse en ex ante evaluatie

waarmee sturing en prioritering worden bedoeld.

probleemanalyse en ex ante evaluatie lagen aan A Welke de visie ten grondslag?

In Haarlem zien we dat met het knippen inderdaad

De ontwikkeling van de organisatie is ingezet om als gemeente

de beoogde sterke afdelingen zijn ontstaan die waren

Haarlem beter in te kunnen spelen op een omgeving waarin

beoogd. Voor de vaste activiteiten pakt dat ook goed uit.

maatschappelijke, politiek-bestuurlijke, economische en

De organisatieverandering was er echter op gericht om

technologische ontwikkelingen zich snel opvolgen, de vraag en

flexibiliteit teweeg te brengen en te faciliteren. Dat zien

verwachting van de Haarlemmers veranderen en Haarlemse (en

we minder terugkomen. Met betrekking tot het ‘plakken’

later ook Zandvoortse) opgaven steeds complexer worden.

werd onvoldoende coördinatie tot stand gebracht. Ook het ‘knopen doorhakken’ is onvoldoende uitgekristalliseerd in

Om stad en bestuur optimaal te ondersteunen bij het realiseren

termen van prioritering en (inhoudelijke) richtingbepaling.

van haar doelen moest afscheid worden genomen van de structuur van hoofdafdelingen die voor sterke verkokering

•

De organisatieontwikkeling kwam organisch en van

tussen domeinen zorgde en onvoldoende flexibel en wendbaar

onderop tot stand. Er werden vele initiatieven in het

waren om mee te bewegen met de veranderingen in de

kader van de ontwikkeling ontplooid, maar een integrale

samenleving.

heldere aansturing ontbrak. Terugblikkend zien we dat veranderingen onvoldoende over de breedte werden ingezet.

De analyse was dat – om effectief in te kunnen spelen op

Er bleven open eindjes, zoals de bovengenoemde uitwerking

opgaven en goed in verbinding te staan met inwoners – in de

van coördinatie- en sturingsmechanismen. In de organisatie

ontwikkeling van medewerkers en de organisatie moest worden

was er ruimte om te ‘duiken’; in de hand gewerkt door

ingezet op daadkrachtige medewerkers en afdelingshoofden

diffuse doelstellingen en de cultuur van niet-aanspreken.

met veel professionele verantwoordelijkheid, flexibel inzetbaar

Ook werd het leiderschap (na een aanvankelijk ingezet

en breed mandaat en een platte organisatie die afdeling

maar niet afgemaakt traject) niet in positie gebracht.

overstijgend werkt aan thema’s en opdrachten. Om dit te bereiken wordt het organiseerprincipe van een flexibele

•

Tot slot: organisatieveranderingen hebben altijd te maken

netwerkorganisatie gehanteerd.

met weerstand en de verleiding is groot om terug te vallen op oude patronen. Een dominant patroon in Haarlem is het maken van een doorwrocht plan in een uitvoerig document. Hiervan hebben wij er in het kader van dit onderzoek vele gezien. Veranderen is echter ook een kwestie van daadwerkelijk doen. Hier kan Haarlem aan kracht winnen. Onduidelijkheid én vrijheid in prioriterin Stapeling en gebrek aan samenhang

Betrokkenheid versus daadkracht

NT’s/coördinatiemechanisme gekoppeld aan opgaven – organisatie (vb. Corona, Sociaal Domein, Gebiedsmanagement)

Publieke waarde

Draagvlak

Organisatie

‘Professionaliteit’ en ruimte versus (gedeeld) eigenaarschap en aanspreekbaarheid Knippen, plakken, knopen hakken

Veel plannen en documenten, maar geen implementatie en afmaken Leidt tot taaiheid in organisatieverandering en ‘oude patronen’ Figuur 27. Visualisatie effectieve en belemmerende patronen in de organisatie.

58

Sturen op de organisatieontwikkeling (leiderschap, uitwerking): open eindjes, poot niet stijf, niet doorpakken

Evaluatie organisatieontwikkeling gemeente Haarlem 2015-2021 | Hoofdrapport

Naar aanleiding van deze probleemanalyse en de keuze en uitwerking van de oplossing concluderen wij het volgende: •

Er ontbreekt een vertaalslag van de Haarlemse maatschappelijke opgaven naar de organisatie (het ‘wat’) naar een richtinggevende strategie en een

6.2.2 Deelvraag B. Samenhangende strategie­ voering, sturing en beheersing

B

In hoeverre worden samenhangende strategievorming, sturing en beheersing gefaciliteerd, zodat de organisatie haar rol als strategisch adviseur van beide colleges kan waarmaken?

nadere duiding van wat dat vraagt in termen van flexibel en vast organiseren van taken en het inrichten van

We zien dat de organisatieontwikkeling volgens plan heeft

(overkoepelende) randvoorwaarden (het ‘hoe’). Daarnaast

geresulteerd in 24 sterke afdelingen. De strategievorming en

zijn andere oplossingen dan een flexibele netwerkstructuur

sturing lijken op het niveau van de eigen afdeling (grotendeels)

(zover wij weten) niet onderzocht.

goed te functioneren. Er ligt daarin veel verantwoordelijkheid bij de afdelingsmanagers. Medewerkers weten waaraan ze

•

Er ontbreekt een nadere uitwerking van de

werken en kunnen goed binnen de afdeling samenwerken en

werking van de flexibele netwerkorganisatie

resultaten boeken.

(plakken en knopen doorhakken). De overleg­ structuur die er was langs de organisatielijnen van de

Wat in de ontwikkeling van de organisatie nog onvoldoende is

hoofd­afdelingen, was stopgezet zonder dat daar al nieuwe

gelukt, is om samenhang aan te brengen in de strategie en de

coördinatie­mechanismen voor in de plaats waren gekomen.

sturing op deze afdelingen. Als we inzoomen op of en hoe dat

Een flexibele netwerkorganisatie vereist een horizontale

wordt gefaciliteerd, concluderen we het volgende:

samenwerking, maar hoe deze samenwerking eruit moet zien en hoe deze tot stand moest komen is niet uitgewerkt.

•

Er is geen eenduidige en samenhangende inhoudelijke strategie voor de organisatie. De

•

De organisatiebrede ontwikkeling zonder stip op

inhoudelijke strategie van de gemeente is gefragmenteerd

de horizon en duidelijke koers heeft geleid tot een

over de verschillende afdelingen, programma’s en

stapeling van losse veranderinitiatieven die niet

gebieden. Daar waar het programmatisch en gebiedsgericht

worden afgemaakt door de organisatie en onduidelijke

werken had moeten leiden tot samenhang, is dit in de

eisen die men stelt aan leidinggevenden en medewerkers

praktijk niet goed tot stand gekomen. De (ambities van)

om invulling te geven aan de organisatieontwikkeling.

programma’s en gebieden zijn te los komen te staan van de lijnorganisatie. Waar de onderdelen in de organisatie aan

Dit heeft er toe geleid dat de organisatieontwikkeling sinds

bijdragen zijn primair de doelen van hun eigen afdeling.

2015 op een aantal cruciale elementen tekort is geschoten en

Het is voor grote delen van de organisatie onduidelijk hoe

niet naar (mogelijke) potentie is ingevuld, goede bedoelingen

die doelen zich tot elkaar verhouden. De bijdrage aan het

en inzet van medewerkers en leidinggevenden ten spijt. Veel

grotere geheel kan niet (inhoudelijk) worden gedefinieerd.

van de kritische noten die in de beantwoording van de andere

Als er geen duidelijke samenhangende strategie is, is het ook

onderzoeksvragen naar voren komen zijn (gedeeltelijk) hierop

moeilijk om daarop te sturen.

terug te voeren. •

De inhoudelijke sturing op de organisatie is

Waar vindt u de onderbouwing van deze deelvraag in dit

gefragmenteerd georganiseerd en komt niet

rapport?

goed bij elkaar. Afdelingen werken primair vanuit eigen

In hoofdstuk 2 gaan we nader in op de missie en de visie op

prioriteiten. In principe is ook iedere afdelingsmanager

de organisatie en de wijze waarop deze zijn vertaald naar de

(resultaat)verantwoordelijk voor de strategie op het

ontwikkeling van de organisatie en haar medewerkers.

eigen beleidsterrein. De afdelingen werken nog te vaak langs elkaar in plaats van met elkaar. Concernbrede strategieontwikkeling komt niet van de grond. Ook bij de concernstaf komt men onvoldoende toe aan het brengen van samenhang en het strategisch adviseren. De directie is in de sturing op de organisatie en de afdelingen op (te) grote afstand komen te staan en heeft onvoldoende gestuurd op de organisatiebrede thema’s en vraagstukken.

59

Evaluatie organisatieontwikkeling gemeente Haarlem 2015-2021 | Hoofdrapport

Vanuit de afdelingen werd te laat geëscaleerd naar de

•

Voortredenerend op het voorgaande concluderen

directietafel.

we dat de rol van strategisch adviseur momenteel

-

Bij de afdelingen binnen het sociaal domein lijkt de

wel op onderdelen, maar niet integraal wordt

inhoudelijke sturing en samenhang in de afgelopen

waargemaakt. Er wordt niet vanuit een integrale

periode wel goed tot stand te zijn gekomen.

inhoudelijke strategie geprioriteerd. We zien dat de

Medewerkers zijn hier beduidend positiever over (in de

strategische functie dominant bij de afdelingsmanagers

enquête en in de gesprekken) dan de andere afdelingen.

is belegd, die veel op hun bord hebben. De integrale

De managers hebben binnen deze afdelingen besloten

strategie- en inhoudsontwikkeling komt niet tot stand en

de overlegstructuur voort te zetten, waar men twee jaar

de verbindende rol vanuit de concernstaf tussen bestuur,

vóór de organisatiewijziging reeds mee was begonnen;

stad en ambtelijke organisatie wordt nog onvoldoende

zij het met minder managers. De managers geven zelf

benut. Dit zien we ook in de prioritering en toedeling van

aan dat dit goed werkt. In dit netwerkteam is eveneens

middelen.

geïnvesteerd in het vormen van een gezamenlijke

-

•

mening en in het bespreken van casuïstiek. Nu wordt

Waar vindt u de onderbouwing van deze deelvraag in dit

er meer over de grote lijnen gesproken en wordt er meer

rapport?

aan ‘de voorkant’ van vraagstukken gekeken wat er

In hoofdstuk 4 gaan we nader in op de organisatie van de

moet gebeuren en welke processen er op elkaar moeten

gemeente Haarlem. In paragraaf 4.2 en 4.3 wordt ingegaan

worden afgestemd.

op de coördinatie tussen afdelingen en de besluitvorming en

In het fysiek domein wordt gewerkt aan (de

sturing in de organisatie. In hoofdstuk 2 gaan we dieper in op

ontwikkeling van) een sterker opdrachtgever- en

het ontbreken van een duidelijke inhoudelijke richting voor

opdrachtnemerschap en portfoliomanagement.

de organisatie.

De beheersmatige sturing is stevig geborgd binnen de organisatie. We zien een sterke Concern­

6.2.3 Deelvraag C. Sturingsprincipes lijn, programma en gebied en samenwerking

control die de beheersing op middelen strak heeft geregeld langs de lijnen van de P&C-cyclus. Breed in de organisatie zien we dat beheersing van risico’s en het sturen op details

C

centraal staat, hetgeen mede lijkt ingegeven door de

In hoeverre dragen de verschillende sturingsprincipes en de wijze waarop deze tot uiting komen in de lijnorganisatie, programma’s en gebieden bij aan de samenwerking en wat kan verbeterd worden?

politieke dynamiek. Wel constateren we dat de sturing en

De gemeente Haarlem heeft in de ontwikkeling van de

beheersing overwegend middelengeoriënteerd is in plaats

organisatie gekozen om drie sturingsprincipes centraal te

van georiënteerd op opgaven, doelen en resultaten. Oftewel:

stellen in het realiseren van haar doelen: lijnsturing via

bij het toedelen van middelen wordt meer uitgegaan

afdelingen, programmasturing (op niveau van organisatie

van eerdere jaren dan (strategische) doelstellingen zoals

en domein specifiek) en gebiedssturing (gebiedsgerichte

het opzetten van programma’s en deze van middelen te

aanpakken). Doel was om met name vanuit programma’s

voorzien. Oftewel: bij het toedelen van middelen geldt meer

en gebieden flexibel mee te kunnen bewegen met (afdeling

het jaar er wordt meer uitgegaan van historisch gegroeide

overstijgende) maatschappelijke opgaven. Over de wijze waarop

verdeling van middelen.

deze sturingsprincipes bijdragen aan de samenwerking in de organisatie concluderen we het volgende:

•

Concernbrede strategievorming komt niet van de

•

Verticale lijnsturing vanuit afdelingen is dominant,

grond. In de sturing op de organisatie staan capaciteit en

maar leidt in de huidige vorm niet (overal) tot

middelen centraal, in plaats van inhoudelijke doelen en

effectieve samenwerking tussen afdelingen. Binnen

resultaten. Afdelingen houden capaciteit en middelen vast

afdelingen werkt de lijnsturing goed. Medewerkers zijn

ten behoeve van hun eigen prioriteiten, en programma’s en

zeer tevreden over de samenwerking binnen de afdeling,

gebieden, bedoeld om inhoudelijke samenhang en sturing

weten wat hun eigen taak, verantwoordelijkheid en bijdrage

vanuit opgaven te stimuleren, hebben (vaak) geen middelen

is. Afdelinoverstijgende samenwerking komt alleen niet

tot hun beschikking.

effectief van de grond. De flexibiliteit die was voorzien in de samenhang tussen de afdelingen – ook binnen de lijnsturing – is niet goed van de grond gekomen.

60

Evaluatie organisatieontwikkeling gemeente Haarlem 2015-2021 | Hoofdrapport

Dat komt door gebrek aan eenduidige coördinatie­

Daarmee constateren we ook dat een van de belangrijkste

mechanismen tussen afdelingen. In plaats daarvan is er

doelen die met de organisatieontwikkeling is beoogd: namelijk

een wildgroei aan overleggen en hulpstructuren ontstaan.

het flexibel, wendbaar en slagkrachtig organiseren op en

Er zijn veel overleggen waarbij het niet altijd duidelijk is

realiseren van de opgaven – slechts in beperkte mate tot stand

waar het overleg over gaat en wie om welke reden en vanuit

komt. Dat zit onvoldoende diep in de sturing en cultuur

welke verantwoordelijkheid aan tafel zit. Dat versterkt

van de organisatie. De gemeentelijke organisatie blijft een

elkaar en leidt tot meer afstemming.

dominant afdeling gestuurde organisatie die vanuit afdelingen met taken en verantwoordelijkheden opereert in plaats vanuit

•

Horizontale sturing vanuit programma’s in

(horizontale) opgaven acteert.

een vragende rol naar de lijnorganisatie is niet effectief. We zien bij programma’s en gebieden wisselende

Waar vindt u de onderbouwing van deze deelvraag in dit

beelden.

rapport?

-

Wanneer programma’s vanuit mandaat, middelen en

In hoofdstuk 4 gaan we nader in op de organisatie van de

capaciteit hun doelen en resultaten kunnen realiseren

gemeente Haarlem. In paragraaf 4.1 wordt ingegaan op

dan kunnen mooie resultaten worden geboekt.

de vaste en flexibele taakverdeling in de organisatie en de

Tegelijkertijd is borging en verbinding met de organisatie

organisatie van programma, lijn en gebied. In paragraaf

dan wel een belangrijk aandachtspunt om te voorkomen

4.2 werken we dit nader uit langs de lijnen van coördinatie

dat het losstaande initiatieven worden of blijven.

en samenwerking. In paragraaf 4.3 gaan we in op besluit­

We zien dat domeinspecifieke programma’s inhoudelijke

vorming, (strategische) sturing en prioritering en de

samenhang kunnen brengen waardoor de opgaven

problemen waar programma’s en gebieden daarin tegenaan

krachtiger kunnen worden gerealiseerd. Er is dan sprake

lopen.

-

van projectmatige sturing op resultaten. Zeker wanneer er hierop ook binnen de organisatie afstemming en samenhang gezocht wordt, werkt dit effectief. Dit is

6.2.4 Deelvraag D. Sturing en samenwerking op ‘deel’ en ‘geheel’

echter niet eenduidig en duidelijk binnen de gehele organisatie ingericht. -

Wanneer programma’s niet beschikken over capaciteit of doorzettingsmacht en er sterke afhankelijkheidsrelaties zijn richting de lijnorganisatie,

D

In hoeverre slaagt de organisatie in sturing en samenwerking op doelen en resultaten, zowel op ‘deel’ (i.e. projecten, afdelingen, facetten, gebieden, zones) als ‘geheel’ (i.e. portefeuille -breed, stedelijk niveau, concern, integraal)? Wat gaat goed, wat kan versterkt worden en wat werkt belemmerend?

dan functioneren deze vorm van sturing niet effectief en slagkrachtig. Voor opgave-, project- of

De organisatieontwikkeling heeft (zoals beoogd) gezorgd voor

programmamanagers is het op deze manier ingewikkeld

robuuste afdelingen. Dat is, zoals uitgebreid in dit rapport

(en sleuren) om de flexibele, horizontale opgaven te

beschreven en toegelicht, zeker gerealiseerd. Binnen de

realiseren.

afdeling verloopt de samenwerking en de sturing (overwegend) goed. Staande taken en processen, zoals bijvoorbeeld de

•

Gebiedsgericht werken leidt tot meer verbinding

dienstverlening in het KCC, verloopt prima. Zoals eveneens in

in gebied, en verdient versterking. Vanuit inwoners,

de beantwoording van deelvraag C in paragraaf 6.1.3 toegelicht

partners en de beide gemeentebesturen wordt er overwegend

kan dit ook op projecten en gebieden goed verlopen, mits aan

positief naar het gebiedsgericht werken gekeken. Dit is

de voorkant heldere (start)opdrachten zijn meegegeven met

(naar aard en historie) overwegend wel meer ruimtelijk

adequate middelen en capaciteit.

georiënteerd. De aansluiting met het sociaal domein wisselt per gebied en de betrokken personen (zowel aan de kant

Het grootste knelpunt van de gemeentelijke organisatie

van het gebied als het sociaal domein).

doet zich voor op het tot stand brengen van integraliteit en samenhang op het geheel van doelen en resultaten van de gemeente. Met name bij afdelingsoverstijgende thema’s doen zich knelpunten voor en vindt stagnatie plaats. Dat zien we terug op zowel het niveau van casuïstiek als op grote opgaven.

61

Evaluatie organisatieontwikkeling gemeente Haarlem 2015-2021 | Hoofdrapport

De volgende belemmeringen zijn daarin wat ons betreft

•

•

Zakelijkheid in de (inhoudelijke) sturing op resultaten is een belangrijk aandachtspunt voor de

dominant: Organisatiebrede doelen en resultaten zijn

organisatie. Dat gaat zowel om zakelijkheid in effectieve

niet (duidelijk) benoemd, worden niet helder

overleggen waar knopen worden doorgehakt in plaats

uitgedragen en zijn daarmee niet sturend.

van wordt afgestemd, het ‘elkaar aanspreken’ wanneer

De gemeentelijke organisatie werkt aan een optelsom

procedures niet gevolgd worden of verantwoordelijkheid

van deelresultaten, waarbij onduidelijk is hoe deze

wordt afgeschoven, rolduidelijkheid en rolzuiverheid, als in

zich tot elkaar verhouden en of deze bijdragen aan de

een strakkere sturing op (afdelingsoverstijgende) doelen en

organisatiebrede doelen. Het overzicht hierop ontbreekt.

resultaten.

Zowel de directie als de concernstaf speelt hierin geen sturende rol. Er is geen integrale beleidscontrol (waar staan

Waar vindt u de onderbouwing van deze deelvraag in dit

we ten opzichte van onze ambities) en strategische advisering

rapport?

om samenhangende sturing te kunnen ondersteunen en

In hoofdstuk 4 gaan we nader in op de organisatie van de

versterken.

gemeente Haarlem. In paragraaf 4.1 wordt ingegaan op de vaste en flexibele taakverdeling in de organisatie. In

•

Geen heldere vaste en flexibele taakverdeling

paragraaf 4.2 gaan we in op de coördinatie tussen afdelingen.

tussen afdelingen. De afbakening tussen afdelingen

In paragraaf 4.3 gaan we in op besluitvorming, (strategische)

is niet altijd scherp en het is bij afdelingsoverstijgende

sturing en prioritering. Daarnaast wordt ook in hoofdstuk 2.2.

vraagstukken niet altijd helder wie welke bijdrage moet

ingegaan op samenhang in doelen waar de organisatie aan

leveren. De oriëntatie op de eigen ‘robuuste’ afdeling

werkt.

in combinatie met de hoge ervaren werkdruk bracht bij medewerkers de neiging met zich mee om zich te beperken tot de ‘eigen’ taken en geen eigenaarschap te nemen op overstijgende taken. •

6.2.5 Deelvraag E. Bedrijfsvoering

E

Afdelingsoverstijgende afweging en prioritering

In hoeverre draagt de bedrijfsvoering (de ondersteunende afdelingen zoals HRM, ICT, ID etc.) van het primair proces en de wijze waarop deze georganiseerd is bij aan het bereiken van de maatschappelijke doelen?

op doelen en resultaten komt onvoldoende tot

Het nieuwe bedrijfsvoeringsmodel is een ‘hybride model’

stand. Er is geen duidelijk mechanisme om te (her)

waarbij integrale advisering en middeloriëntatie in aparte

prioriteren tussen de (vaak overkoepelende) flexibele

afdelingen zijn ondergebracht. Het model plaatst de

opgaven en de (vaste afdelingsgebonden) taken. De

resultaatverantwoordelijk manager (RVM) en de afdeling

prioriteiten van de betreffende afdeling zijn hiermee

centraal en organiseert de bedrijfsvoering daar als twee ringen

dominant omdat zij beschikt over de capaciteit en middelen.

omheen.

Hierdoor focust de afdeling op het grip krijgen op de eigen opdracht en komen de flexibele opgaven onvoldoende van

•

Allereerst zien we dat de medewerkers zich op de

de grond. Doordat de capaciteit en middelen van afdelingen

verschillende onderdelen van bedrijfsvoering voldoende

volledig ‘vast’ zijn georganiseerd en de werkdruk hoog is, is

ondersteund voelen.

er in de praktijk geen of weinig ruimte om flexibele taken op te pakken en innovativiteit na te streven.

•

De vraag die hiervoor gesteld wordt brengt Bedrijfsvoering in verband met maatschappelijke doelen. Er moet worden

•

Netwerkteams brachten verbetering in

vastgesteld dat deze maatschappelijke doelen niet een-op-

coördinatie en sturingsmechanismen. Afdelingen

een in de doelstellingen van Bedrijfsvoering zijn terug te

werden met elkaar in verband gebracht en er kon beter

vinden. Bedrijfsvoering ondersteunt het primaire proces.

worden geprioriteerd. Het risico bestaat wel dat er een

Daarbij moet worden aangetekend dat er een afstand

sterkere domeinoriëntatie ontstaat (net zoals bij de

bestaat tussen de afdelingen in Bedrijfsvoering

hoofdafdelingenstructuur), waarmee de samenhang binnen

en de afdelingen die zich richten op de

domeinen wordt versterkt, maar de horizontale sturing

maatschappelijke vraagstukken.

tussen domeinen alsnog ondergeschoven blijft.

62

Evaluatie organisatieontwikkeling gemeente Haarlem 2015-2021 | Hoofdrapport

•

De eerste ring om de afdelingen heen wordt gevormd

De gemeentelijke organisatie is nog niet altijd in staat om met inwoners en partners snel en slagkrachtig initiatieven

De toegevoegde waarde van deze vorm wordt

en innovatie te realiseren of te ondersteunen. Medewerkers

breed betwijfeld. De adviseurs van deze afdeling

lopen dan zelf ook vaak tegen de ‘muur’ van de organisatie

opereren in de beleving toch te ver van de afdelingen af.

op, die redelijk vast- en dichtgeregeld is. Met de sterke

De meeste resultaatverantwoordelijke managers ervaren

nadruk op betrouwbaarheid en zorgvuldigheid gaat aan

de meerwaarde onvoldoende. ID slaagt er niet in om bij

slagkracht en wendbaarheid verloren. De zorgvuldigheid,

alle afdelingen aan te sluiten en daar van betekenis te zijn;

die voor partners ook tot veel afstemming en

tegelijkertijd staan ze te ver af van de middelenafdelingen

papierwerk leidt, wordt minder gewaardeerd dan

binnen Bedrijfsvoering om die te coördineren of te richten

de slagkracht en de wendbaarheid die gevraagd

naar de prioriteiten van het primair proces.

wordt.

De voornoemde afstand is terug te zien in de uiteen­

•

•

door de afdeling Interne Dienstverlening (ID).

•

Alhoewel er betrokkenheid is, voelen partners

lopende prioriteringen die worden gehanteerd tussen

zich lang niet altijd partner van de gemeente

vakafdelingen en de middelenafdelingen in Bedrijfsvoering.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12266714/1