CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

2. Bijlage 1 Kadernota 2023 en Voortgangsrapportage 2022

gemeenteraad 14 juli 2022, gemeente HaarlemBij agendapunt: voorzitter: J. Wienen Stemming over moties, amendementen en (geamendeerd) besluit Kadernota 2023 en Voortgangsrapportage 202240.381 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

Daarnaast ontvangt de gemeente middelen voor onder andere versterking Kadernota 2023

71

dienstverlening. Deze extra inkomsten komen ten bate van de beleidsvelden en hebben geen budgettair effect voor de algemene middelen. Omdat nog de exacte verdeling over de beleidsvelden nog niet duidelijk is, zijn de middelen tijdelijk geraamd op een stelpost in programma 7. Voor een meer uitgebreide toelichting wordt verwezen naar informatienota: Gevolgen decembercirculaire 2021 Gemeentefonds (2022/30676). De verwerking van de wijzigingen op de programma’s is als volgt: Pr. Decembercirculaire 2021 omschrijving

2022

2023

2024

2025

2026

Salarislasten zorgdomein (jeugd)

375 n

369 n

368 n

371 n

375 n

Salarislasten zorgdomein (wmo)

313 n

308 n

307 n

309 n

313 n

6

Personen met verward gedrag (DU)

285 n

285 n

285 n

285 n

285 n

7

Gemeenteraadsverkiezingen (DU) (covid-19)

275 n 263 n

265 n

268 n

Decembercirculaire 2021 (lasten): 2

Impuls integraal werken

67 n

36 n

Robuust rechtsbeschermingssysteem

247 n

264 n

Systeemleren

53 n

52 n

52 n

52 n

53 n

Versterking ondersteuning wijkteams

511 n

504 n

502 n

505 n

567 n

-2.485 v

-1.818 v

-1.777 v

-1.788 v

-1.859 v

-359 v

0 v

0 v

-1 v

2 n

Decembercirculaire 2021 (baten): Algemene uitkering Totaal budgettair effect decembercirculaire 2021:

Lager rentesaldo 2022 Er is een rentevoordeel van € 0,7 miljoen. Oorzaken van dit voordeel zijn tweeledig. Ten eerste is er een rentevoordeel omdat er in 2021 minder schulden zijn aangegaan dan eerder verwacht en dit is tegen een lager rentepercentage gebeurd. Ten tweede worden er hogere rentebaten (vanuit) het SVn ontvangen dan begroot. Omgevingswet Verwezen wordt naar de toelichting bij programma 4. Septembercirculaire gemeentefonds 2021 Ten opzichte van de meicirculaire 2021 zijn er voor alle jaren budgettaire voordelen. De belangrijkste oorzaken van de voordelen zijn de accresontwikkeling en het incidenteel opschorten van de opschalingskorting (2022). Deze oorzaken liggen buiten de invloedssfeer van de gemeente en het is mogelijk dat deze voordelen uiteindelijk minder voordelig zijn dan nu geraamd, een en ander afhankelijk van nieuw kabinetsbeleid met invloed op besteding van het accres en het risico van minder rijksuitgaven dan nu gepland. De verwerking conform informatienota ‘Gevolgen van de septembercirculaire 2021' (2021/546668) is per onderwerp als volgt verdeeld over de programma’s:

Kadernota 2023

72

Pr. Septembercirculaire 2021 omschrijving

1

2

3

6

7

Septembercirculaire 2021 (lasten): Aanpak laaggeletterdheid (DU) Gezond in de stad (DU) Rijksvaccinatieprogramma HPV mannen Beschermd Wonen (IU) Maatschappelijke opvang en OGGz (DU) Nacalculatie mobiliteitshulpmiddelen Wlz Suppletie-uitkering integratie sociaal domein Uitvoeringskosten SVB PGB trekkingsrechten Jeugdhulp Uitvoeringskosten SVB PGB trekkingsrechten Wmo 2015 Voordelig verschil middelen jeugdzorg t.o.v. inschatting Vrouwenopvang (DU) Participatie (IU) WSW Aanvullend pakket re-integratie bijstandsgerechtigden (coronacompensatie) Impuls re-integratie bijstandsgerechtigden (coronacompensatie) Bijzondere bijstand (coronacompensatie) Gemeentelijk schuldenbeleid (coronacompensatie) Landelijke structuur interventieteams Toezicht en handhaving gastouderschap

2022

150 136 27 -963 5 -105 62 -65 -148 12 17 -54 110

2023

2024

2025

2026

n 165 n 181 n n n 27 n 27 n 27 n 27 n v -1.131 v -1.141 v -1.124 v -1.125 v n 5 n 5 n 5 n 5 n v -96 v -88 v -88 v -89 v n 62 n 62 n 62 n 62 n v v n n 17 n 17 n 17 n 17 n v -85 v -115 v -148 v -173 v n

324 n 169 339 20 67

n n n n

20 n 66 n

20 n 66 n

20 n 66 n

20 n 67 n

Septembercirculaire 2021 (baten): Algemene uitkering

-9.070 v -5.523 v -5.506 v -5.990 v -6.473 v

Budgettair effect septembercirculaire 2021:

-8.968 v -6.473 v -6.473 v -7.153 v -7.662 v

Trendanalyse Jeugd/Wmo Verwezen wordt naar de toelichting in paragraaf 1.3 van de Kadernota 2023. Neutrale wijzigingen Claim stelpost mee-adem principe 2022 De stelpost overhead is geactualiseerd en verhoogd naar aanleiding van de structurele capaciteitsuitbreiding bij het primair proces voor de jaarschijf 2022 en verder. Op een aantal onderdelen in de bedrijfsvoering is extra inzet nodig. Bij deze Voortgangsrapportage wordt een aantal incidentele en structurele claims toegekend ten laste van de stelpost overhead. Deze wijziging heeft een effect op de programma's 6 en 7 en is per saldo neutraal. Corona herstelplan 2022 Deze wijziging zorgt ervoor dat het budget wordt verplaatst naar de beleidstaak waar de kosten op worden verantwoord. HR 21 functie onderhoud: omzetting overheadfunctie naar lijnfunctie Naar aanleiding van het HR21 functieonderhoud vindt er binnen de afdeling Interne Dienstverlening een budgettair neutrale omzetting van formatie plaats. Het betreft de omzetting van de overhead functie Adviseur IV-A (Businessanalyst; 1,00 fte, schaal 10A) naar de lijn functie Adviseur IV-A (Adviseur functioneel beheer: 1,00 fte, schaal 10A).

Kadernota 2023

73

Invulling efficiency taakstelling coalitie 2018-2022 In het coalitieprogramma 2018-2022 is een efficiencytaakstelling opgenomen van jaarlijks € 500.000 in te vullen door beleid of investeringen doelmatiger, anders of niet meer uit te voeren. Voor € 115.000 is deze taakstelling nog niet met concrete budgetverlagingen ingevuld. Dat gebeurt voor € 100.000 door maatregelen op begrotingsprogramma 4 (verwezen wordt naar de tekst op dit programma). Het restant ter grootte van € 15.000 wordt ingevuld door een budget (ICT applicaties) te schrappen waarop de laatste jaren minder uitgaven zijn gedaan dan geraamd. Maatschappelijk begeleiding statushouders rijksbijdrage 2022 Per 1 januari 2022 vallen bepaalde statushouders nog onder het oude regime waarbij gemeenten voor het begeleiden van nieuwkomers een vergoeding van € 2.370 ontvangen per statushouder. Deze vergoeding wordt achteraf op basis van realisatiecijfers in de meicirculaire uitgekeerd via een Decentralisatie Uitkering (DU). Het aantal statushouders waarvoor de regeling geldt, is voor jaar 2022 ingeschat op 50. De verwachte bijdrage bedraagt € 118.500. Het budget wordt geraamd in programma 1 (30.000) en programma 3 (89.000) en de rijksbijdrage in programma 7, per saldo is de wijziging neutraal. Tijdelijke uitbreiding inhuur PCM Ook dit jaar is het aantal opdrachten groter dan verwacht.

Huidige berekening van de inzet die nodig is op alle vastgestelde projectopdrachten geeft aan dat PCM meer capaciteit nodig heeft. Alle uren worden doorbelast. Het gaat om een bedrag van € 1.508.124. Wet Open Overheid Per 1 mei 2022 is de Wet open overheid (hierna: Woo) in werking getreden als opvolger van de Wet openbaarheid van bestuur (hierna: Wob). De Wob kent bestuursorganen een grote mate van vrijheid toe om naar eigen inzicht documenten openbaar te maken. In de Woo zijn 11 informatiecategorieën vastgesteld waarvan de informatie actief openbaar moet worden gemaakt, dus zonder dat een burger daarom hoeft te vragen. De wet kent daarnaast een inspanningsverplichting om ook voor andere informatie de beleidskeuze te maken deze actief openbaar te maken. De informatie moet ook bereikbaar zijn voor een ieder. Daarom regelt de Woo dat documenten die onder de actieve openbaarmakingsplicht vallen via een digitaal platform (PLOOI PLatform Openbare OverheidsInformatie) toegankelijk worden gesteld. Om de gemeente te ondersteunen bij de implementatie en uitvoering van de Woo worden er rijksmiddelen beschikbaar gesteld: De incidentele middelen voor de periode 2022 tot en met 2026 bedragen voor Haarlem € 133.000 per jaar en zijn onder meer bestemd voor het aanpassen van systemen, het opleiden van medewerkers en het aanpassen van processen en de organisatie.

De structurele middelen bedragen voor Haarlem € 113.000 in 2022 oplopend naar € 199.000 vanaf 2026 en zijn bestemd voor het actieve openbaarmaking van de informatiecategorieën, het aanwijzen van een contactfunctionaris en het beheer en onderhoud van systemen. Tijdelijk personeel i.v.m. OAB en NPO rijksregeling Voor de regeling Onderwijsachterstandenbeleid ontvangt de gemeente jaarlijks een voorlopige beschikking van de specifieke rijksuitkering. Deze is reeds verwerkt in de begroting. Hierbij wordt de inzet van personeel gedekt uit dit budget. Met deze wijziging wordt de begroting geactualiseerd. Vanuit de regeling Nationaal Programma Onderwijs is een specifieke uitkering beschikbaar gesteld door het Rijk. Deze regeling is bedoeld voor herstel en ontwikkeling van het onderwijs tijdens en na corona, en kent vooralsnog een afrekenperiode van augustus 2021 t/m juli 2023. Het budget is in december 2021 met terugwerkende kracht beschikbaar gesteld. Dit is al verwerkt in de begroting. Met deze begrotingswijziging wordt het personeelsbudget verwerkt in de begroting de loonkosten. Kadernota 2023

74

Deze wijziging heeft een effect op programma 1 en 7 en is per saldo neutraal. Toevoegen formatie ten behoeve van RMC De formatie van RMC wordt uitgebreid met 0,72 fte in de functie van trajectbegeleider. Dit wordt gedekt binnen het RMC budget. Deze wijziging heeft een effect op programma 1 en 7 en is per saldo neutraal. Extra capaciteit gemeente Zandvoort Tegenover de extra capaciteit ten behoeve van de gemeente Zandvoort staat een hogere bijdrage aan de gemeente Haarlem. De gemeente Zandvoort besluit over de extra capaciteit bij de Voorjaarsnota 2022. Indien anders wordt besloten, zal de raming in Haarlem daarop worden aangepast. Reservemutaties Actualisatie aantallen algemene uitkering Eenmaal per jaar worden de aantallen waarop de algemene uitkering is gebaseerd geactualiseerd. Een aantal maatstaven hebben een duidelijk verband met de groei van Haarlem. Afspraak is dat de mutaties in aantallen bij deze maatstaven worden verwerkt in de Reserve Groei van de stad. De actualisatie leidt tot een positief effect voor de algemene middelen voor alle jaren, dit loopt op van € 205.000 in 2022 tot € 448.000 in 2026. Voor de Reserve Groei van Haarlem is er een negatief effect voor 2022 van € 2,78 miljoen. In de daaropvolgende jaren ligt het negatieve effect lager, namelijk € 791.000 in 2023 oplopend tot € 819.000 in 2025 en later.

Aanleiding voor deze nadelen zijn een achterblijvende groei wat betreft inwoners (groei van 314 inwoners waarbij een groei van ongeveer 3.700 inwoners werd verwacht) en huishoudens (groei van 151 huishoudens waar een groei van ongeveer 1.600 huishoudens werd verwacht). 2022

2023

2024

2025

2026

Hoeveelheidsverschillen totaal

2.573

345

369

372

372

Waarvan Reserve Groei van de stad

2.778

791

814

819

819

Resterend effect Algemene middelen

-205

-446

-445

-448

-448

Extra dotatie reserve Groei van de stad De actualisatie van de algemene uitkering leidt tot een verlaging van de reserve Groei in 2022 van € 2,78 miljoen. Dit is het gevolg van het niet uitkomen van de (groei)verwachtingen van destijds. De onttrekking leidt tot een negatieve reserve in 2022, omdat een reserve niet negatief kan zijn moet een extra dotatie van € 1,8 miljoen aan de reserve plaatsvinden.

Kadernota 2023

75

4 Investeringen en MPG/Grondbeleid 4.1 Hoofdlijnen Investeringsplan 4.1.1. Inleiding Met als basis de Programmabegroting 2022 is de planning van de voorgenomen investeringen geactualiseerd. Tevens is geïnventariseerd welke wensen er zijn voor nieuwe investeringen of voor bijstelling van al bestaande investeringen. Deze Kadernota dient ter actualisatie van het Investeringsplan en om alle nieuwe of bijgestelde investeringswensen in kaart te brengen. De vervangingsinvesteringen als verwerkt in de actualisatie van het Investeringsplan (IP) worden voorlopig vastgesteld. De nieuwe en/of bijgestelde investeringswensen worden gepresenteerd en als besluitpunt voorgelegd om deze in het Investeringsplan op te nemen. Bij een positief besluit worden deze investeringen bij de Programmabegroting 2023-2027 verwerkt in het Investeringsplan.

4.1.2. Actualisatie Kadernota 2023 Uit de Jaarrekening 2021 blijkt dat afgelopen jaar een bedrag van € 42 miljoen is geïnvesteerd, ten opzichte van een (uiteindelijk) begroot bedrag van € 56 miljoen. Dit betekent dat 77% van de voorgenomen investeringen is gerealiseerd, een vergelijkbaar beeld met de afgelopen jaren. Een bedrag van € 14 miljoen aan voorgenomen investeringen schuift door naar 2022 of latere jaren. Onderdeel van deze actualisatie is dat van alle investeringen opnieuw is gekeken of de geraamde (jaren van) uitgaven realistisch zijn. Na de actualisatie bedraagt de jaarschijf 2022 € 60 miljoen en de jaarschijf 2023 is € 117 miljoen. Bij de actualisatie van het IP voor deze Kadernota heeft de nadruk gelegen op realistisch programmeren van investeringen in 2022. In de voorbereiding van de Programmabegroting 2023-2027 wordt kritisch gekeken naar de voorgenomen investeringen voor 2023 en verder. Hoewel de voorgenomen investeringen in deze jaren aanzienlijk hoger zijn dan de werkelijke uitgaven in de afgelopen jaren (ca. € 40 miljoen per jaar) sluiten ze wel aan bij de ambities van de gemeente om méér te investeren dan voorheen. Deze toename is de afgelopen jaren nog niet gerealiseerd, dus op dit punt is een inhaalslag nodig. De afgelopen jaren zijn veel investeringen voorbereid, die dit jaar tot uitvoering moeten komen.

Zo staat er dit jaar voor € 15 miljoen aan investeringen geraamd in onderwijshuisvesting, waarvoor scholen in de afgelopen jaren de voorbereiding hebben getroffen. Er is € 6 miljoen geraamd voor investeringen in sportaccommodaties die over het algemeen weinig voorbereidingstijd hebben. Tot slot is er voor € 25 miljoen aan (vervangings-)investeringen in de openbare ruimte en riolering geraamd.

4.1.3 Financieel-technische wijzigingen en kredietbesluiten De voor gemeenten geldende begrotingsregels (Besluit Begroting en Verantwoording) schrijven voor wanneer uitgaven als investeringen moeten worden aangemerkt en wanneer dat niet mag. In een aantal gevallen zijn werkzaamheden nu voorzien in de begroting, maar moeten deze als investering worden aangemerkt. Voor deze kosten wordt de begroting incidenteel verlaagd en wordt het

Kadernota 2023

76

Investeringsplan opgehoogd. In een enkel geval is het andersom en komen als investering geraamde kosten in het Investeringsplan juist ten laste van de begroting. Daarnaast zijn er investeringen die gebruik maken van verschillende dekkingsbronnen, zoals van verschillende IP-posten of een combinatie van te activeren groot onderhoud en een aparte IP post. Bij deze combinaties is het vaak zo dat voor een deel van de kredieten eerst goedkeuring van de raad benodigd is en voor andere delen niet (zoals te activeren groot onderhoud of reeds bestaande verzamelkredieten). Voor het inzicht van de raad in de totale kosten van een investering is het dan beter de totale kosten op één IP post onder te brengen. Deze financieel-technische verschuivingen leiden er wel toe dat de kosten, die eerder al via de begroting waren goedgekeurd, opnieuw door de raad moeten worden geaccordeerd via een kredietbesluit. Als onderdeel van deze Kadernota is daarom een reeks besluitpunten opgenomen waarin de raad krediet vrijgeeft voor deze investeringen. Onderstaand worden de betreffende wijzigingen en kredietbesluiten kort toegelicht.

Levensduur verlengende investeringen gemeentelijk vastgoed Bij het groot onderhoud aan gemeentelijk vastgoed is soms sprake van ingrepen aan panden blijkt soms dat niet alleen onderhoud nodig is, maar een grotere ingreep die als vervangingsinvestering of als renovatie is aan te merken. Conform de begrotingsregels moeten deze kosten als investering worden gezien. De dekking voor deze ingrepen staat echter begroot in de exploitatie. In deze gevallen is er dan sprake van een verschuiving van uitgaven van de exploitatie naar het Investeringsplan. Dit gaat in totaal om € 250.000, dit bedrag wordt in mindering gebracht op de begrote lasten in de exploitatie. Verschuiving groot onderhoud (IP Maatschappelijk Nut) naar reguliere investering In de investeringsprojecten in de openbare ruimte Amerikaweg en Professor Eijkmanlaan is sprake van een combinatie van te activeren vervangingsonderhoud en dekking uit specifieke IP posten. Het is in deze gevallen logisch om de dekking vanuit het onderhoudsbudget of de post IP Maatschappelijk Nut om te zetten naar de specifieke IP post. Dit komt de inzichtelijkheid in de totale kosten ten goede. Instellen milieuzone De maatregelen voor het instellen van de milieuzone zijn als investering geraamd. Bij de voorbereiding is gebleken dat het beter is om de voorzieningen hiervoor als dienst af te nemen, in plaats van hier zelf in te investeren.

De kosten komen daarom ten laste van de exploitatie. Houtplein nutswerkzaamheden Bij besluit 2021/174529 verleende de raad een krediet voor de uitvoering van nutswerkzaamheden aan het Houtplein, te vergoeden door de nutsbedrijven. De kosten voor de nutswerkzaamheden zullen hoger zijn dan eerder geraamd, waar ook een hogere vergoeding vanuit de nutsbedrijven tegenover staat. De kredietverlening wordt in een separate nota (2022/707096) aan de raad voorgelegd. Voorbereiding grex Oostpoort In de decemberrapportage 2020 is een krediet vrijgegeven voor de voorbereiding van een grondexploitatie Oostpoort. Inmiddels heeft de gemeente subsidie bijdragen ontvangen voor de versnelling van de ontwikkeling in deze zone. Om deze gelden te kunnen inzetten is een aanvullend kredietbesluit nodig. Kadernota 2023

77

Kassaruimte publiekshal Enkele jaren geleden is een start gemaakt met aanpassingen aan de publiekshal. Vanwege de Coronapandemie hebben de werkzaamheden een tijd stil gelegen en moesten de plannen opnieuw worden bekeken. Door deze ontwikkelingen is zijn de werkzaamheden niet langer te zien als één samenhangende investering en moeten deze kosten volledig ten laste van de exploitatie worden gebracht. Sporthal Sportweg bij de bouw van de nieuwe sporthal aan de Sportweg is met het schoolbestuur een pakket aan aanvullende werkzaamheden overeen gekomen. Deze kosten worden volledig door het schoolbestuur vergoed. Omdat de uitgaven onderdeel uitmaken van de investering, lopen de lasten en de baten via het Investeringsplan en is voor de uitgaven een aanvullend raadskrediet nodig. Kleedkamers HFC (prijsstijging) Voetbalvereniging Koninklijke HFC wil een nieuwe en toekomstbestendige sportaccommodatie bouwen met een clubhuis, multifunctionele ruimtes, kleedkamers en een tribune. Binnen het nieuwbouwplan financiert de gemeente acht nieuwe kleedkamers. Hiervoor heeft de gemeenteraad op 30 maart 2020 € 718.000 krediet verleend aan Koninklijke HFC (2020/99096). Als gevolg van onverwachts gestegen bouwprijzen heeft Koninklijke HFC moeten concluderen dat de totale kosten voor de realisatie van deze kleedkamers € 300.000 hoger uitvallen dan begroot in november 2019.

Koninklijke HFC vraagt voor de realisatie van de kleedkamers een extra gemeentelijke bijdrage van € 300.000. Deze kosten kunnen worden gedekt uit stelpost IP 81.27. Skatepark Scoda Plein (’t Landje) Voor de vervanging van het skatepark zijn in de begroting middelen opgenomen vanuit de versterkers ‘Duurzaam Doen’ en vanuit de onderhoudsmiddelen voor speeltoestellen. Deze middelen, samen met een verwachte bijdrage van derden, worden omgezet naar een investeringsbudget. Cruijff Court In de begroting zijn uitgaven voorzien voor de aanleg van een Cruijff Court. Omdat de aanleg moet worden geadministreerd als investering, worden deze uitgaven omgezet naar een investeringsbudget. Verbouwing Anton Pieckhofje In de Kadernota 2022 is een eerste krediet verleend voor de verbouwing van het Anton Pieckhofje. Inmiddels zijn de totale verbouwingskosten, inclusief het maken van een nieuwe entree, in beeld. Deze kosten worden gedekt vanuit de regionale reserve opvang, wonen en herstel maar dienen wel als investering te worden geadministreerd. De dekking vanuit de regionale reserve wordt daarom toegevoegd aan de Reserve kapitaallasten. De volgende bedragen worden in mindering gebracht op (negatieve bedragen) of toegevoegd aan (positieve bedragen) het Investeringsplan.

Kadernota 2023

78

Mutaties investeringsplan IP post

Onderwerp

2022

VG.IN OR.017 IP.MN GOB.70 GOB.73 IP.MN SOR.24 GOB.62 GOB.62 GRX.03 GRX.03 11.03 81.29 81.29 81.27 81.27 JGD.01 JGD.01 JGD.02 MTS.02

Renovaties gemeentelijk vastgoed Professor Eijkmanlaan Professor Eijkmanlaan Amerikaweg Amerikaweg (Bomen in Schalkwijk) Amerikaweg (Groot onderhoud MN) Instellen milieuzone Houtplein Nutswerkzaamheden Houtplein Nutswerkzaamheden Voorbereiding grex Oostpoort Voorbereiding grex Oostpoort (subsidie) Kassaruimte publiekshal Sporthal Sportweg Sporthal Sportweg (bijdrage) Kleedkamers HFC (prijsstijging) Stelpost kleedaccommodaties Scoda Plein Skatepark Scoda Plein Skatepark (bijdrage) Cruijff Court Anton Pieck Hofje

250

Totale mutatie IP

2023

2024

1.678 -1.678 835 -150 -685 -380 500 -500 360 -360 -37

50 62 -55

655 -655 300 -300 353 -3 300 964 1.614

Totaal 250 1.678 -1.678 835 -150 -685 -380 500 -500 360 -360 -37 655 -655 300 -300 403 -3 362 964 1.559

Het effect van deze verschuivingen is dat er met name in 2022 en 2023 voordelen in de exploitatie optreden omdat er per saldo meer uitgaven als investering worden verantwoord en niet als directe last in de exploitatie. Deze wegvallende lasten komen in de periode ná de investeringen, verspreid over de afschrijvingstermijn van de investeringen, terug als kapitaallasten. Deze wijzigingen leiden ook tot mutaties in de begrote lasten in de exploitatie. Vanwege deze wijzigingen worden de volgende bedragen toegevoegd aan (positieve bedragen) of in mindering gebracht op (negatieve bedragen) de begrote lasten in de Programmabegroting 2023-2027: Mutaties exploitatie begroting Beleidsveld Onderwerp 5.3 5.1 5.1 5.1 6.1 1.1 5.1 1.2 1.1

Vastgoedbeheer Dotatie reserve kap.lst MN (Eijkmanlaan) Dotatie reserve kap.lst MN (Amerikaweg) Instellen milieuzone Kassaruimte publiekshal Scoda Plein Skatepark Scoda Plein Skatepark Cruijff Court Cruijff Court

2022 2023 2024 Totaal -250 -250 -559 -1.119 -1.678 -100 -510 -75 -685 380 380 100 100 -300 -300 -100 -100 -162 -162 -200 -200

Totale mutatie exploitatie (negatief is voordeel) -1.191 -1.629

-75 -2.895

4.1.4. Investeringsplan en gevolgen voor de begroting De actualisatie en de technische wijzigingen leiden tot een geactualiseerd Investeringsplan. De kapitaallasten van dit Investeringsplan en de (gewijzigde) lasten in de exploitatie hebben gevolgen voor het begrotingssaldo in het huidige jaar en voor 2023 en verder.

Kadernota 2023

79

Investeringsplan op hoofdlijnen Het totaal aan geraamde investeringen voor 2022 na deze actualisatie bedraagt € 60 miljoen. Voor de jaren 2023 en verder moet nog een verdere verbetering van de raming plaatsvinden naarmate meer zicht komt op de mogelijkheden voor realisatie in die jaren. Op dit moment bedragen de geraamde investeringen voor 2023 en 2024 respectievelijk € 117 miljoen en € 107 miljoen. Hoewel een verdere groei van het investeringsvolume ten opzichte van 2022 gewenst en verwacht is, moet nog realistisch beoordeeld worden welk uitgavenniveau haalbaar is. Dit gebeurt (grotendeels) op basis van de voortgang in 2022. Het geplande volume aan investeringen in 2022 en in de jaren erna is hoger dan de realisatie in 2021. Dat past bij de ambitie uit de Kadernota 2018 om € 20 miljoen per jaar extra te investeren. Het “wegzetten” van investeringen vergt de nodige voorbereiding en organisatie. In de afgelopen jaren zijn veel investeringen voorbereid en is het aantal lopende projecten gestegen, waardoor de gewenste groei nu kan worden ingezet. Investeringsplan op hoofdlijnen Programma 1 Maatschappelijke. participatie 2 Ondersteuning en Zorg 4 Duurzame Stedelijke Vernieuwing 5 Beheer en Onderhoud 6 Burger, Best en Veiligheid 7 Alg. Dekkingsmidd. & Overhead Eindtotaal

2022

2023

2024

2025

2026

2027

20.907 959 3.591 31.621 87 2.548 59.713

34.603 964 3.186 72.849 100 5.330 117.032

15.660 2.024 17.888 66.311 0 5.430 107.314

11.881 0 20.135 47.026 0 4.460 83.502

16.906 0 16.383 43.804 0 3.376 80.469

1.906 0 1.283 8.857 0 3.376 15.422

De grootste investeringen vallen onder de programma’s 1 (maatschappelijke participatie) en 5 (beheer en onderhoud). In programma 1 gaat het om investeringen in onderwijshuisvesting en sportcomplexen en -accommodaties. Programma 5 bevat de investeringen in de openbare ruimte, waaronder de investeringsbudgetten voor de Structuurvisie Openbare Ruimte (SOR). De stijging in investeringen in Programma 4 vanaf 2024 komt vanuit de reservering van cofinanciering voor ‘bereikbare steden’. Bij deze cijfers is nog geen rekening gehouden met de bij deze Kadernota aangedragen nieuwe of hogere investeringen. Deze worden apart voorgelegd (zie paragraaf 5c van dit hoofdstuk) en pas verwerkt na bestuurlijke besluitvorming hierover. Dat het totaalvolume van de jaarschijf 2027 op dit moment nog zoveel lager is dan in de daar voorgaande jaren is normaal. In paragraaf 5a wordt voorgesteld om in 2027 voor ongeveer € 25 miljoen aan jaarlijkse investeringen voort te zetten, die nog niet in bovenstaand overzicht zijn verwerkt. Ook de in paragraaf 5c voorgestelde nieuwe investeringen gaan voor een aanzienlijk deel over 2027. De praktijk leert ook dat naarmate een jaarschijf in de tijd dichterbij komt, de nodige investeringen meer in beeld komen en de planning beter te maken is.

Wijziging in begrote exploitatie lasten De wijzigingen in het investeringsplan werken door in de begrote rente- en afschrijvingslasten. Daarnaast hebben verschuivingen van uitgaven van het Investeringsplan naar de exploitatie (zie paragaaf 3) een gevolg voor de lasten in de exploitatie. De kapitaallasten van het geactualiseerde Investeringsplan zijn als volgt:

Kadernota 2023

80

Kapitaallasten van dit investeringsplan Lasten Kapitaallasten Waarvan kapitaallasten riolering Waarvan kapitaallasten reserve MN Waarvan gedekt door reserves Totaal

2022 35.892 -4.986 -997 -182 29.728

2023 38.947 -5.231 -1.303 -183 32.230

2024 44.006 -5.722 -1.341 -589 36.354

2025 47.587 -6.100 -1.451 -408 39.628

2026 50.785 -6.370 -1.561 -408 42.446

2027 54.497 -6.731 -1.671 -408 45.687

De kapitaallasten van het bij de Programmabegroting 2022 vaststelde Investeringsplan zijn als volgt: Kapitaallasten van investeringsplan huidige begroting (Programmabegroting 2022) Kapitaallasten Kapitaallasten Waarvan kapitaallasten riolering Waarvan kapitaallasten reserve MN Waarvan gedekt door reserves Totaal

2022 37.901 -5.066 -1.126 -493 31.390

2023 41.428 -5.300 -1.229 -693 34.380

2024 45.870 -5.708 -1.326 -693 38.318

2025 48.641 -6.079 -1.436 -345 40.782

2026 51.768 -6.286 -1.546 -345 43.591

2027 51.768 -6.286 -1.546 -345 43.591

De verschillen in kapitaallasten tussen het bij de Programmabegroting 2021 vastgestelde Investeringsplan en het geactualiseerde Investeringsplan zorgen voor de volgende mutaties in het begrotingskader: Mutatie in lasten van investeringsplan t.o.v. Programmabegroting 2022 Mutaties lasten uit investeringen (negatief is voordeel) Saldo mutatie lasten Waarvan mutatie kapitaallasten riolering Waarvan mutatie kapitaallasten reserve MN Waarvan gedekt door doeluitkering Subtotaal: mutatie kapitaallasten In te vullen taakstelling stelpost investeringen (2022) Lasten direct in exploitatie (zie paragraaf 3) Totaal rekening resultaat (negatief: voordeel)

2022 -2.008 80 128 312 -1.662 511 -1.191 -2.342

2023 -2.481 69 -74 510 -2.150

2024 -1.864 -14 -16 104 -1.964

2025 -1.054 -21 -16 -62 -1.153

2026 -983 -84 -16 -62 -1.145

2027 2.729 -446 -126 -62 2.096

-1.629 -3.779

-75 -2.039

-1.153

-1.145

2.096

De geactualiseerde kapitaallasten zijn tot en met 2026 lager dan was begroot bij de Programmabegroting 2022-2026. De voornaamste redenen hiervoor zijn dat er per eind 2021 minder is geïnvesteerd dan eerder was verwacht en dat de geraamde investeringen in 2022 nu lager zijn dan de raming hiervan in de Programmabegroting 2022. Deze investeringen verschuiven en worden in de periode 2023 en verder alsnog uitgevoerd, wat met ingang van 2027 leidt tot per saldo hogere kapitaallasten. Daarnaast zijn de verschuiving van uitgaven van het Investeringsplan naar de exploitatie zoals besloten bij de Programmabegroting 2022-2026 en de genoemde wijzigingen uit paragraaf 3 verwerkt. Dit leidt tot een verdere verlaging van lasten in de exploitatie in de jaren 2022, 2023 en 2024. In de begroting wordt met jaarlijkse stelposten al rekening gehouden met een zekere mate van onderbesteding van voorgenomen investeringen, hierdoor worden er lagere kapitaallasten begroot. Deze stelpost wordt voor 2022 ingevuld nu het verschil tussen begrote en werkelijke kapitaallasten voor dit jaar bekend is. Vanwege de financiële onzekerheden (denk aan de sterke prijsstijgingen die nog hoger zijn dan eerder verwacht) en de nieuwe investeringen waarover nog een besluit volgt, worden de voordelen uit de actualisatie voor 2022 t/m 2026 nog niet verwerkt in het financieel kader. Tegenover deze Kadernota 2023

81

voordelen wordt een last op een stelpost begroot. Dit kan ruimte bieden om prijsstijgingen en tegenvallers op te vangen in deze periode of om een reservering te maken voor toekomstige kapitaallasten. Bij de Programmabegroting 2023-2027 zal blijken of en hoe deze stelpost wordt benut of kan vrijvallen.

4.1.5. Toevoegingen aan het Investeringsplan In verschillende domeinen zijn nieuwe investeringen of ophogingen van geplande investeringen nodig of gewenst. Voortzetting jaarlijkse investeringsbudgetten in 2027 In het Investeringsplan wordt met jaarlijkse stelposten rekening gehouden met toekomstige (vervangings-) investeringen. Voorbeelden hiervan zijn de jaarlijkse investeringen in accommodaties voor sportverenigingen, gemeentelijk vastgoed, riolering en automatisering. Om het ingezette beleidspad te kunnen voortzetten wordt ook de jaarlijkse reservering voor SOR middelen, waartoe in 2018 is besloten, in 2027 voortgezet. Om in het Investeringsplan rekening te houden met kosten voor technisch noodzakelijke vervangingen van bruggen en kademuren wordt in 2027 een stelpost opgenomen gelijk aan de gemiddelde jaarlijks geraamde investeringen in de periode 2022-2026 van € 1,6 miljoen. De volgende jaarlijkse stelposten worden in 2027 in het IP opgenomen: IP post 81.06 81.27 81.28 81.28 63.19 VG.IN ICT.01 ICT.02 FAC.01 FAC.02 SOR.00 SOR.01 STLP.01 Totaal

Omschrijving Vervanging grassportvelden Vervanging accommodaties sport Vervanging sportvelden: toplagen Vervanging sportvelden: onderbouw Vervanging riolering Levensduur verlengende investeringen gem. bezit Vervanging ICT Digitale transformatie Vervanging meubilair Vervanging interieur SOR Duurzame Mobiliteit SOR Water, groen, klimaatadaptatie, ecologie Reservering vervangingsinvesteringen openbare ruimte

Bedrag 2027 126 530 930 260 8.357 500 1.500 1.000 376 500 9.000 2.000 1.600 26.679

Financieel kader voor nieuwe investeringen Er zijn twee variabelen die de omvang van het Investeringsplan begrenzen: Het maximum aan de netto schuldquote (NSQ) De gemeente hanteert een maximale netto schuldquote van 120% (Kadernota 2018). Bij de Programmabegroting 2021 is de volledige ruimte onder deze NSQ tot eind 2024 ingevuld met hogere investeringen. Uit een recente actualisatie van de berekende NSQ2 blijkt dat er tot eind 2026 nog ruimte is voor € 118 miljoen aan aanvullende investeringen bij een maximale NSQ van 120%. De NSQ is naast de schulden van de gemeente ook sterk afhankelijk van de totale baten van een gemeente en daarmee hebben veel factoren invloed op de berekening, deels niet door de gemeente te beïnvloeden. In het Financieel Kader werd al zichtbaar dat niet de ruimte onder de NSQ van 120%, maar eerder de 2

Deze berekening is weergegeven in het Financieel Kader (Raad 07-05-22) en gebaseerd op de Programmabegroting 2022-2026, de Jaarrekening 2021 en de (meerjarige) gevolgen van de septembercirculaire, de decembercirculaire en een raming van de gevolgen van het Regeerakkoord. Kadernota 2023

82

kapitaallasten van deze investeringen die moeten passen binnen een sluitende begroting, de omvang van het Investeringsplan begrenzen. Kapitaallasten passend in een sluitende begroting De kapitaallasten, volgend vanuit de reeds geplande investeringen, zijn geactualiseerd (zie paragraaf 4b). Voor alle jaren is een daling van de kapitaallasten zichtbaar ten opzichte van de Programmabegroting 2022-2026. Dit wordt veroorzaakt doordat investeringen realistischer in de tijd zijn gepland, waardoor kapitaallasten later komen dan eerder was begroot. De totale omvang van het Investeringsplan -inclusief de verwerkte toevoegingen vanuit de aanvullende voorstellen bij de Programmabegroting 2022- neemt toe, maar per saldo pas in de jaarsnede 2027. Een verdere ophoging van het investeringsvolume leidt tot een verdere verhoging van kapitaallasten. Wanneer investeringen eenmaal zijn gedaan, vormen de kapitaallasten een niet-beïnvloedbare last in de begroting die er toe kan leiden dat het moeilijker is een sluitende begroting te realiseren. Nieuwe investeringen, te besluiten in Kadernota Naast de voortzetting van (stelposten voor) vervangingsinvesteringen zijn voorstellen voor nieuwe en/of hogere investeringen aangemeld. In een aantal gevallen gaat het om het duurder worden van investeringen die al in uitvoering zijn.

Vanwege de vorming van een nieuwe coalitie wordt op dit moment nog niet over alle aangedragen nieuwe investeringen besloten. De besluitvorming hierover volgt, samen met de inpassing van investeringsambities vanuit het nieuwe coalitieprogramma, bij de Programmabegroting 2023-2027. Van de volgende investeringen wordt bij deze Kadernota besloten om deze op te nemen in het Investeringsplan, met daarbij een korte toelichting waarom hierover nu al wordt besloten. Dit besluit en de gevolgen ervan voor het financieel beeld worden verwerkt in de Programmabegroting 20232027. 2022

2023

500

1000

2024

Totaal

Waarom nu beslissen

1.500

Besluit nu nodig voor start in ‘22

Programma 1 Atletiekbaan (Jaap Edenlaan) Programma 5 Openbare ruimte Buitenzorgkade

950

Schalkwijkerbrug

150

Houtplein Gemeentelijk bezit Verduurzaming speeltuingebouwen (motie PB22) Speeltuingebouw Theemsplein (motie PB22) Verduurzaming NME gebouw (amendement PB22) Totaal nieuwe en hogere investeringen

Kadernota 2023

42

950 In uitvoering, onvermijdelijke meerkosten 600

750 In uitvoering, onvermijdelijke meerkosten

2.243

2.243 In uitvoering, onvermijdelijke meerkosten

200

242

Invulling van aangenomen raadsmotie

550

550

Invulling van aangenomen raadsmotie Invulling van aangenomen amendement

100

1.200

1.200

2.500

1.742

5.793

1.200

8.735

83

Atletiekbaan renovatie, optimaliseren en verduurzamen Uit onderzoek is gebleken dat de sporttechnische onderlaag en toplaag van de atletiekbaan niet meer voldoet. Om het gebruik van de atletiekbaan te optimaliseren en in te spelen op de veranderende (sport)behoefte van inwoners is een functie uitbreiding benodigd (aanpassing van de baan zelf en van het binnenterrein t.b.v. omliggende verenigingen), dit kan gecombineerd worden met de renovatie en verduurzaming (waterberging, verlichting) van de atletiekbaan. Hiervoor wordt in 2022 een projectplan geschreven en voorgelegd aan de raad. Bij positieve besluitvorming starten de werkzaamheden eind 2022 en lopen door in 2023. Indicatie van de totale kosten zijn € 1,5 miljoen (uitbreiding, renovatie en verduurzaming) welke niet voorzien zijn binnen het IP-sport (IP 81.28 topen onderlagen). Om de voorbereiding en realisatie eind 2022 / begin 2023 buiten het sportseizoen te kunnen uitvoeren, is een besluit nodig bij deze Kadernota. Wanneer besluitvorming wordt uitgesteld tot de Programmabegroting, schuift de uitvoering een jaar op. Buitenzorgkade De kademuur van de buitenzorgkade moet vervangen worden. De voorbereidingen hiervoor zijn getroffen. Het Definitief Ontwerp is afgerond en de afstemming met de stakeholders heeft plaatsgevonden. De kosten blijken hoger dan eerder voorzien.

Voor de vervanging van de kademuur is in 2020 een uitvoeringsbudget geraamd van € 700.000. Door verschillende redenen is de uitvoering duurder dan indertijd geraamd: a) Het bleek niet mogelijk de damwand te verankeren met groutankers. De groutankers zouden namelijk onder de naastgelegen appartementencomplexen uitkomen. Het gekozen alternatief resulteert in langere en dikkere stalen damwanden dan in eerste instantie bedacht. Hierdoor is meer materiaal (staal) nodig is. b) Naast de toegenomen hoeveelheid staal is ook de eenheidsprijs van staal toegenomen. De damwanden betreffen veruit de grootste kostenpost van het werk. c) Tevens zijn er prijsstijgingen geweest van loonkosten. d) Tot slot zijn recentelijk ook de brandstoffen flink in prijs gestegen. De bijgestelde kosten zijn € 1.650.000, wat een stijging betekent van € 950.000 t.o.v. het eerder geraamde uitvoeringskrediet van € 700.000. Het gaat hier om onvermijdelijke meerkosten in een project dat reeds in uitvoering is, waardoor besluitvorming op dit moment noodzakelijk is. Schalkwijkerbrug Na het vervaardigen van het VO is gebleken dat het oorspronkelijke budget van € 1 miljoen niet toereikend was. Met name de gekozen oplossingsrichting om de brug deels te vervangen lag hieraan ten grondslag.

Op basis van een nieuwe raming is een aanvullend budget van € 950.000 opgenomen in de Kadernota 2022 en als krediet vrijgegeven in besluit (2021/353860). Het project is inmiddels weer een fase verder, het uitvoeringsontwerp is gereed, afspraken over uitvoering en bereikbaarheid tijdens uitvoering (HOV- verbinding) zijn gemaakt. K&L bedrijven weten hun werkzaamheden en hebben daarom hun aanbiedingen gemaakt. Deze nieuwe duidelijkheid resulteert in toch extra benodigd budget namelijk € 750.000. Hiermee komt het totaal op € 2.700.000, dit is inclusief een percentage voor onvoorziene zaken zoals product prijsverhogingen ed. Het gaat hier om onvermijdelijke meerkosten in een project dat reeds in uitvoering is, waardoor besluitvorming op dit moment noodzakelijk is. Kadernota 2023

84

Houtplein De werkzaamheden aan het Houtplein zijn eind 2021 aanbesteed en de uitvoering is in maart 2022 gestart. Om ervoor te zorgen dat fietsers en voetgangers langs het werk kunnen blijven bewegen, is het project opgedeeld in verschillende fases en wordt de bus, stad uit, gedurende het hele werk omgeleid. Daarvoor zijn veel maatregelen getroffen, waaronder het aanbrengen van tijdelijke haltes, met de juiste voorzieningen. Naast de herinrichting wordt een toegang tot nieuwe de fietsenstalling in de parkeergarage gerealiseerd. Daarnaast worden binnen hetzelfde werk ook de kabels- en leidingen vernieuwd. De verwachte kosten zijn € 2,243 miljoen hoger dan de in het IP opgenomen middelen. De oorzaken worden in de voortgangsrapportage risicovolle grote projecten benoemd. Samengevat zijn de hogere kosten het gevolg van meer voorbereiding en begeleiding, aanvullende werkzaamheden aan het riool, de aanleg van tijdelijk bushaltes, het laten staan van vijf bomen als gevolg van een bezwaar op kapvergunning, kosten van de fasering en indexatie van de kosten die gemaakt worden in 2023, hogere kosten vanuit de aanbesteding van het groen, bijkomende kosten voor zaken als het verplaatsen van het kunstwerk E=cm2, het verplaatsen van haltemeubilair en het afvoeren van grond. Tot slot zijn er hogere kosten voor het omrijden van de bussen en voor parkeermaatregelen.

Het gaat hier om onvermijdelijke meerkosten in een project dat reeds in uitvoering is, waardoor besluitvorming op dit moment noodzakelijk is. Verduurzaming speeltuingebouwen Bij de bespreking van de Programmabegroting 2022-2026 is de motie ‘Spelen en duurzaam ontmoeten’ aangenomen waarin het college is verzocht om bij de Kadernota 2023 te komen met een voorstel hoe en wanneer de gebouwen van de speeltuinen duurzaam kunnen worden aangepast. Uit een inventarisatie blijkt dat de kosten voor verduurzaming van de speeltuingebouwen € 242.000 bedragen. Dit is de uitwerking van een motie waarin de raad het college verzocht om bij deze Kadernota met een voorstel te komen. Om van start te gaan met de (voorbereiding van de) verduurzaming is een besluit nodig. Speeltuingebouw Theemsplein Het gebouw kent een brede wijkfunctie. Enkele gebruikers van het pand zijn de speeltuinvereniging, een peuteropvang, speelgroepen en de wijkraad. Het pand aan het Theemsplein is neergezet als noodgebouw voor de duur van 10 jaar, maar staat inmiddels al langer dan 20 jaar. De afgelopen paar jaar is alleen het noodzakelijk onderhoud uitgevoerd, maar geen investeringen meer gedaan. De verouderde staat van het pand zorgt voor toename van de onderhoudslasten en op termijn kostbare investeringen, het pand is deze investeringen niet meer waard.

Het pand heeft energielabel G, is niet geïsoleerd, de vloeren verzakken, is niet toegankelijk voor minder validen en de installaties zijn dusdanig verouderd dat er gevaarlijke situaties kunnen ontstaan (denk aan waterleidingen, elektra, geen brandmelders aanwezig etc.). Met een investering van €550.000,- zou een nieuw multifunctioneel pand gerealiseerd moeten kunnen worden. Dit budget is incidenteel. Het huidige budget voor speeltuinen is niet toereikend om deze investering uit te bekostigen. De raad heeft het college in motie Spelen en duurzaam ontmoeten verzocht om bij de Kadernota 2022 een voorstel te doen hoe en wanneer de gebouwen van de speeltuinen duurzaam kunnen worden aangepast. De investering voor speeltuin Jeugdland

Kadernota 2023

85

wordt buiten het eerdere bedrag vanuit deze motie benoemd gezien de grote urgentie en de grote investering die hier nodig is. Dit is de uitwerking van een motie waarin de raad het college verzocht om bij deze Kadernota met een voorstel te komen. Om van start te gaan met de (voorbereiding van de) verduurzaming is een besluit nodig. Verduurzaming NME gebouw Bij de bespreking van de Programmabegroting 2022-2026 is amendement ‘NME gebouw verduurzaamd’ aangenomen waarin het college is opgedragen om snel in te zetten op verduurzaming van het NME gebouw door deze investering op te nemen als need to have bij de volgende actualisatie van het IP (kadernota 2023) en hierbij de toekomst van het duurzaamheidsloket te betrekken. De kosten van verduurzaming van het NME gebouw zijn geraamd op € 2.500.000. Dit is de uitwerking van een amendement waarin de raad het college opdraagt om bij de Kadernota met een voorstel te komen en deze als ‘need to have’ dus min of meer onvermijdelijk op te nemen. De kapitaallasten vanuit deze investeringen zijn als volgt: 2022

2023

2024

2025

2026

2027

0

41

299

434

431

428

Het college komt voor de begroting met een bredere notitie over verduurzaming van het vastgoed waarbij ook de ambities uit het nieuwe coalitieakkoord zullen worden betrokken.

Wijziging kredietbevoegdheid IP posten en kredietverlening voorbereidingskredieten Kredietbevoegdheid IP posten Vanuit de financiële verordening vloeit voort dat de raad met het vaststellen van het Investeringsplan per investering bepaalt waar het budgetrecht of de kredietbevoegdheid van een IP post wordt belegd. IP posten met categorie A worden met het vaststellen van de Programmabegroting als krediet verleend voor het begrotingsjaar. Van posten met categorie B ligt de kredietbevoegdheid bij het college. Investeringen met categorie C zijn investeringen waarvoor aan de raad een afzonderlijk kredietbesluit moet worden aangeboden voor toestemming om de middelen uit te geven. De meeste investeringsposten in Haarlem zijn aangegeven als categorie C. De posten met categorie B (kredietbevoegdheid college) zijn veelal stelposten voor vervangingsinvesteringen. De raad bepaalt daarbij via het Investeringsplan het bedrag dat beschikbaar is voor (het totaal aan) vervangingsinvesteringen, waarna het college binnen dit kader bevoegd is tot besluiten.

Onder deze B-categorie vallen bijvoorbeeld de vervanging van apparatuur in parkeergarages, vervangingsinvesteringen of renovaties en restauraties aan gemeentelijk vastgoed en de vervanging en uitbreiding van ICT apparatuur, De IP posten FAC.01 en FAC.02 voor respectievelijk de vervanging van meubilair en de vervanging van interieur zijn tot nu toe aangemerkt als C-posten. Bij de vaststelling van deze Kadernota verleent de raad een krediet voor de vervanging van interieur in 2022, waarna de beide IP posten worden aangemerkt als posten in categorie B. Standaard vrijgave voorbereidingskredieten bij Programmabegroting In de informatienota ‘versnelling bestedingsruimte investeringen openbare ruimte’ (2021/0549531) Kadernota 2023

86

wordt een aantal oplossingsrichtingen geformuleerd om de bestedingsruimte te versnellen. Een van deze voorstellen is om de voorbereidingstijd van investeringen te versnellen door voorbereidingskredieten niet via apart op te stellen raadsnota’s vrij te geven, maar bij de begrotingsbehandeling voor investeringen die starten in het begrotingsjaar. Bij deze Kadernota wordt daarom besloten om vanaf nu bij het vaststellen van de Programmabegroting voorbereidingskredieten vrij te geven voor meerjarige investeringen waarvan de eerste uitgaven staan geraamd in het begrotingsjaar, steeds ter hoogte van het bedrag dat in het IP is opgenomen voor het begrotingsjaar. In de tekst over het Investeringsplan in de Programmabegroting zal steeds worden benoemd welke bedragen voor welke investeringen als krediet worden verleend met het vaststellen van de Programmabegroting.

Kredietbesluiten In de regel worden kredietbesluiten via aparte raadsnota’s aan de raad voorgelegd. Ook Daarnaast kan de raad bij het vaststellen van een P&C-document kredieten verlenen. In de hieronder benoemde kredietbesluiten gaat het veelal om technische verbeteringen van eerdere besluiten, aanvullingen op eerdere kredieten, beleidsarme kredieten (toestemming om ontvangen subsidie of bijdragen van derden te mogen uitgeven), kredieten ten laste van stelposten en kredieten voor uitgaven die verschuiven van de exploitatie naar het Investeringsplan zoals benoemd in paragraaf 3. Vervanging interieur Vanwege slijtage en technische veroudering zijn vervangingsinvesteringen aan het interieur van de gemeentelijke kantoorgebouwen nodig. Hiervoor wordt een krediet verleend van € 275.000. In deze Kadernota wordt ook besloten dat dit voortaan een investering van de B-categorie is, waarmee de kredietbevoegdheid bij het college komt te liggen. Sporthal Sportweg Bij de bouw van de nieuwe sporthal aan de Sportweg is met het schoolbestuur een pakket aan aanvullende werkzaamheden overeen gekomen. Deze kosten worden volledig door het schoolbestuur vergoed. Omdat de werkzaamheden onderdeel zijn van een investering ligt het budgetrecht voor de uitgaven -ook al worden deze vergoed door derden- bij de raad. Daarom wordt een krediet verleend van € 655.000, te dekken door de vergoeding door derden.

Scoda Plein skatepark Voor de vervanging van het skatepark zijn in de begroting middelen opgenomen vanuit de versterkers ‘Duurzaam Doen’ en vanuit de onderhoudsmiddelen voor speeltoestellen waarbij ook een bijdrage van derden wordt verwacht. Omdat de vervanging een investering is, ligt het budgetrecht voor deze uitgaven bij de raad. Daarom wordt een krediet verleend van € 403.000, voor € 3.000 gedekt door bijdragen van derden. Cruijff Court In de begroting zijn uitgaven voorzien voor de aanleg van een Cruijff Court. Omdat de aanleg een investering is, ligt het budgetrecht voor deze uitgaven bij de raad. Daarom wordt een krediet verleend van € 362.000. Anton Pieck Hofje In de Kadernota 2022 is een eerste krediet verleend voor de verbouwing van het Anton Pieckhofje. Inmiddels zijn de totale verbouwingskosten, inclusief het maken van een nieuwe entree, in beeld. Deze kosten worden gedekt vanuit de regionale reserve opvang, wonen en herstel. Omdat de verbouwing geldt als investering, ligt het budgetrecht voor de uitgaven -ook al staat er een vergoeding tegenover - bij de raad. Daarom wordt een krediet verleend van € 964.000, waarbij de Kadernota 2023

87

afschrijvingslasten via de reserve Kapitaallasten wordt gedekt vanuit de regionale reserve Opvang, wonen en herstel. Kleedkamers Koninklijke HFC De acht nieuwe kleedkamers waarvoor de gemeenteraad op 30 maart 2020 € 718.000 krediet verleende (2020/99096) worden als gevolg van onverwachts gestegen bouwprijzen € 300.000 duurder. Hiervoor wordt een aanvullend krediet verleend ten laste van de stelpost binnen- en buitensportaccommodaties, IP post IP 81.27. Kredieten speeltuingebouwen Bij de bespreking van de Programmabegroting 2022-2026 is de motie ‘Spelen en duurzaam ontmoeten’ aangenomen waarin het college is verzocht om bij de Kadernota 2022 te komen met een voorstel hoe en wanneer de gebouwen van de speeltuinen duurzaam kunnen worden aangepast. Vanuit deze motie worden in deze Kadernota voorstellen gedaan om voor € 242.000 de speeltuingebouwen te verduurzamen en voor € 550.000 het speeltuingebouw aan het Theemsplein te vervangen. Wanneer de raad besluit om deze bedragen in het Investeringsplan op te nemen wordt tevens krediet verleend voor voorbereiding en uitvoering van deze investeringen. Voorbereiding grex Oostpoort In de decemberrapportage 2020 is een krediet vrijgegeven voor de voorbereiding van een grondexploitatie Oostpoort. Inmiddels heeft de gemeente subsidie bijdragen ontvangen voor de versnelling van de ontwikkeling in deze zone.

Om deze gelden te kunnen inzetten wordt een aanvullend krediet van € 360.000 verleend, dat geheel wordt gedekt door de bijdragen van derden.

Besluit: 1. de gewijzigde begrote kapitaallasten vanuit het geactualiseerde investeringsplan te verwerken in de begroting. 2. de verschuivingen tussen Investeringsplan en exploitatie zoals genoemd onder paragraaf 4.1.3 te verwerken in het Investeringsplan en de begroting. 3. bij de Programmabegroting 2023-2027 de jaarlijkse investeringsbudgetten in 2027 zoals genoemd onder paragraaf 4.1.5 op te nemen in het Investeringsplan. 4. de in paragraaf 4.1.5. opgenomen investeringen (Atletiekbaan, Buitenzorgkade, Schalkwijkerbrug, Houtplein, verduurzaming speeltuingebouwen, speeltuingebouw Theemsplein en verduurzaming NME gebouw) op te nemen in het Investeringsplan en de kapitaallasten uit deze investeringen te verwerken in het financieel kader bij de Programmabegroting 2023-2027 5. de overige aangedragen nieuwe of hogere investeringen af te wegen bij de Programmabegroting 2023-2027. 6. de IP posten FAC.01 en FAC.02 voor respectievelijk de vervanging van meubilair en de vervanging van interieur te classificeren als B-posten, waarmee de kredietbevoegdheid voor deze posten bij het College komt te liggen. 7. met ingang van de Programmabegroting 2023-2027 jaarlijks bij vaststelling van de Programmabegroting voor meerjarige investeringen waarvan de eerste uitgaven staan geraamd in het begrotingsjaar, het investeringsbedrag van het begrotingsjaar als voorbereidingskrediet te verlenen. 8.

Een krediet vrij te geven van € 275.000 ten laste van IP post FAC.02 voor de vervanging van interieur in gemeentelijke kantoorgebouwen

Kadernota 2023

88

9. Een krediet vrij te geven van € 655.000 ten laste van IP post 81.29 voor aanvullende werkzaamheden rondom de bouw van de sporthal aan de Sportweg, volledig te dekken uit te ontvangen bijdragen van derden. 10. Een krediet vrij te geven van € 403.000 ten laste van IP post JGD.01 voor de vervanging van skatepark ’t Landje, voor € 3.000 te dekken uit te ontvangen bijdragen van derden. 11. Een krediet vrij te geven van € 362.000 ten laste van IP post JGD.02 voor de aanleg van een Cruijff Court. 12. Een krediet vrij te geven van € 964.000 ten laste van IP post MTS.02 voor de verbouwing van het Anton Pieckhofje, waarvan de afschrijvingslasten worden gedekt uit de regionale reserve Opvang, wonen en herstel. 13. Een aanvullend krediet vrij te geven van € 300.000 ten laste van IP post 81.27 voor de nieuwbouw van kleedkamers bij de Koninklijke HFC. 14. Een krediet vrij te geven van € 242.000 ten laste van IP post VG.01 voor de verduurzaming van speeltuingebouwen. 15. Een krediet vrij te geven van € 550.000 ten laste van IP post JGD.02 voor de vervanging van het speeltuingebouw aan het Theemsplein. 16. Een krediet vrij te geven van € 2.500.000 ten late van IP post VG.02 voor de verduurzaming van het NME gebouw. 17.

Een krediet vrij te geven van € 360.000 ten laste van IP post GRX.03 voor de voorbereiding van de grondexploitatie Oostpoort, volledig te dekken uit te ontvangen bijdragen van derden. 18. Een aanvullend krediet vrij te geven van € 750.000 ten laste van IP post GOB.80 voor de vervanging van de Schalkwijkerbrug.

4.1.6 Realisme investeringen onderwijshuisvesting en sport Onderwijshuisvesting In de jaren 2022 en 2023 zijn een aantal grote projecten op het gebied van onderwijshuisvesting tot uitvoering gekomen. Het gaat om de renovatie van het Stedelijk Gymnasium (€ 8,7 miljoen), uitbreiding Schoter (€ 7,9 miljoen), uitbreiding Coornhert (€ 2 miljoen), gymzaal IKBC Wijzer (1,4 miljoen), vernieuwbouw Wijde Wereld (5 miljoen). In 2023 zal bovendien de uitbreiding van IKBC Wijzer uitgevoerd worden (€ 1,6 miljoen). Totaal € 26,6 miljoen in 2022 en 2023 samen. De uitbreiding van de Zonnewijzer (€ 4 miljoen) en de nieuwbouw van de Verbeelding (€ 2,2 miljoen) staan ook in 2022/2023 geprogrammeerd. Hierover heeft nog geen besluitvorming plaatsgevonden waardoor uitvoering nog niet zeker is. Tot slot is binnen de stelpost onderwijsvoorzieningen € 7 miljoen voor 2023 opgenomen. Aangenomen mag worden dat dit niet wordt uitgegeven aangezien dit nog niet aan een concreet project is toebedeeld. Samenvatting onderwijshuisvesting: Investeringen gepland ’22-’23 Geplande Investeringen grote zekerheid ’22-’23 Geplande investeringen ’22-’23 onzeker door afhankelijkheden Geplande investeringen ’22-’23 waarschijnlijk niet

Kadernota 2023

€ 39,8 miljoen € 26,6 miljoen € 6,2 miljoen* € 7 miljoen

89

Sport Voor 2022 staan voor sport ruim € 5,9 miljoen en in 2023 ruim € 7,7 aan investeringen gepland (inclusief Skatepark en Cruijff court), totaal € 13,6 miljoen. Hiervan wordt in elk geval in 2022 € 4 miljoen gerealiseerd (€ 1,7 miljoen sporthal Sportweg, € 1,8 miljoen vervangingen regulier areaal buitensport en € 500.000 vervanging kleedkamers). Voor 2023 wordt met zekerheid circa € 900.000 gerealiseerd (vervangingen regulier areaal buitensport). In totaal voor 2022 en 2023 is dat € 4,9 miljoen. Daarnaast is in 2022 en 2023 € 2,9 miljoen gereserveerd voor grotere projecten zoals de nieuwe turnhal, kleedkamers Koninklijke HFC, skatepark (’t Landje) en Cruijff court. Tempo van de realisatie en daadwerkelijke realisatie is afhankelijk van interne capaciteit van de afdeling PCM, BBOR en OMB, stijgende bouwprijzen, oplopende rente en inspraak/bezwaren stakeholders.

De stelpost voor sportaccommodaties (81.27 en 81.30) is bedoeld voor (1) uitbreiding areaal binnensport zoals nieuwe sportzaal aan de Belgiëlaan (€ 3,5 - € 4 miljoen), tijdelijke (blaas)hal (€ 1 miljoen), (2) niet voorziene tegenvallers zoals extra krediet turnhal (€ 250.000), extra krediet Koninklijke HFC (€ 300.000), extra krediet voor maatregelen om sociale- en verkeersveiligheid te verbeteren omgeving nieuwe turnhal (€ 250.000 - € 500.000) en (3) voor vervanging van een deel van het bestaande areaal binnensport en kleedkamers (€ 500.000). Ook bovengenoemde investeringen (€ 5,8 miljoen) kennen sterke afhankelijkheden met andere projecten en/of externe factoren. Zo kan de sportzaal aan de Belgiëlaan alleen gerealiseerd worden als de nieuwe turnhal wordt gerealiseerd en wordt het extra krediet voor de turnhal en Koninklijke HFC pas ingezet op het moment dat deze projecten daadwerkelijk gerealiseerd worden. Samenvatting sport: Investeringen gepland ’22-’23 Geplande Investeringen grote zekerheid ’22-’23 Geplande investeringen ’22-’23 onzeker door afhankelijkheden

€ 13,6 miljoen € 4,9 miljoen € 8,7 miljoen*

Samenvatting investeringen totaal (onderwijshuisvesting + sport) Investeringen gepland ’22-’23 Geplande Investeringen grote zekerheid ’22-’23 Geplande investeringen ’22-’23 onzeker door afhankelijkheden Geplande investeringen ’22-’23 waarschijnlijk niet

€ 53,4 miljoen € 31,5 miljoen € 14,9 miljoen* € 7 miljoen

* Net als in 2021 wordt in voorbereiding naar de programmabegroting nogmaals kritisch gekeken naar de geplande investeringen die onzeker zijn door externe factoren en wordt op basis hiervan het IP voor 2023 geactualiseerd.

4.1.7 Realisme investeringen openbare ruimte Het investeringsplan in de Kadernota 2023 is een overzicht van de lopende en te verwachten projecten voor 2022 e.v. In de afgelopen periode is gewerkt aan een realistische planning voor 2022 op basis van de 1e voortgangsrapportage projecten en de resultaten uit de Jaarrekening 2021. De jaren 2023 tot en met 2026 worden ten behoeve van de Programmabegroting 2023 verder geactualiseerd. Daarin wordt gelijktijdig nieuwe investeringsprojecten die voortvloeien uit het coalitieakkoord opgenomen. De actualisatie houdt ook in dat de doorlooptijd wordt verlengd als aangegeven in de informatienota Versnelling bestedingsruimte Investeringen Openbare ruimte. Voor de projecten waarvan de voorbereiding nog niet is gestart wordt de 5 jaarstermijn gehanteerd voor de doorloop, 3*10% en 2*35%. Dit moet leiden tot een meer realistische en haalbare investeringsplanning. Kadernota 2023

90

In het investeringsoverzicht bij de Kadernota 2023 is een significante stijging te zien van het investeringsvolume 2023 en 2024. Actualisatie van de jaarschijven 2023 tot en met 2027 gaat leiden tot een meer realistische verdeling van de investeringsvolumes en mogelijk ook tot een aanpassing van het totale volume investeringen openbare ruimte. Het gemiddelde investeringsvolume over de jaren 2023-2027 bedraagt € 39,9 mln. Dit volume is circa 2 keer zo hoog als de gemiddelde realisatiecijfers over de afgelopen jaarrekeningen. Het meer realistisch ramen betekent vraagt ook om actuele planningsrisico’s onder ogen te zien. Het invullen van vacatures en het inhuren van de benodigde capaciteit is nog steeds een probleem gelet op de huidige overspannen arbeidsmarkt. Met een verbeterde arbeidsmarktstrategie wordt al wel steeds meer succes geboekt. Zo positioneert Haarlem zich als een aantrekkelijke werkgever met interessante uitdagingen voor onze medewerkers. Er wordt meer geïnvesteerd in opleidingen en trainingen. Daarnaast verbetert door de impuls van het ontwikkelen van huidig personeel ook de kwaliteit van de medewerkers. Politieke besluitvorming zo inrichten dat ook bijgedragen kan worden aan meer invloed van de raad en de doorlooptijd van besluitvorming versneld kan worden. Zo krijgt de raad meer invloed op herinrichtingsprocessen n.a.v. de bespreking van het HCPP.

Tegelijk worden in deze kadernota voorstellen gedaan hoe de bestuurlijke besluitvorming versneld kan worden en daardoor kan bijdragen aan realisatiekracht.

4.2 Hoofdlijnen MPG/grondbeleid Inleiding Als bijlage bij de Kadernota 2023 treft u het Meerjaren Perspectief Grondexploitaties 2022-2026 (MPG) van de gemeente Haarlem aan. Dit geeft een totaal overzicht van de stand van zaken van de gemeentelijke grondexploitaties. Een grondexploitatie is een meerjarige begroting van een ruimtelijk project en is een middel om financieel sturing te geven bij het realiseren van ruimtelijke en maatschappelijke doelstellingen. Grondexploitaties worden geopend als de gemeente kiest voor actief grondbeleid. Dat betekent dat de gemeente de ontwikkeling van de gronden voor eigen rekening en risico uitvoert, dus een actieve (risicovolle) rol bij ontwikkelingsprojecten neemt. De beleidskaders waar deze projecten aan getoetst worden, zijn de nota Grondbeleid 2018, de nota Grondprijzen 2018-2019 en de financiële verordening. De grondexploitaties worden jaarlijks geactualiseerd en via het MPG aan de gemeenteraad voorgelegd. Periodiek worden de grondexploitaties gemonitord via voortgangsrapportages. Krapte woningmarkt De woningmarkt is nog steeds erg gespannen. Afgelopen jaar is de bevolking van Haarlem, na een jaar van krimp, weer gegroeid. Dit terwijl de groei van het aantal woningen afneemt. Dit komt enerzijds door vertraging in projecten, anderzijds omdat als gevolg van het restrictieve splitsingsbeleid minder wordt gesplitst.

Het probleem is niet alleen het aantal woningen, maar ook de aanwezigheid van woningen voor de juiste doelgroepen. De afgelopen jaren is het aantal woningen in het sociale en middensegment afgenomen ten gunste van dure koop en vrije sector huur. De afgelopen jaren zijn zowel de woningprijzen als de bouwkosten gestegen. Omdat de woningprijzen harder zijn gestegen dan de bouwkosten zijn grondprijzen toegenomen. Ook het afgelopen jaar zijn de woningprijzen, ondanks de coronacrisis, fors gestegen. Kadernota 2023

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12265787/1