CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

12-10 transcript Commissie Bestuur

commissie Bestuur 14 januari 2021, gemeente HaarlemBij agendapunt: Transcript commissie d.d. 1 december en 10 december 2020 (openbaar en besloten deel) (alleen naar aanleiding van)27.814 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

16

decemberrapportage verwerken of komt u daar dan in januari mee op de proppen van: jongens, we komen nog een paar miljoen tekort, want dit wisten we niet maar we wisten het eigenlijk wel. De voorzitter: Dank u wel, meneer Van den Raadt. Wethouder. Wethouder Snoek: Dank voor de complimenten. Ik heb de volle 6,5 jaar geprobeerd zo open en transparant mogelijk te zijn, maar fijn dat het meneer Van den Raadt aan het eind nog opvalt ook. Dat gezegd hebbende, dit is wat we nu weten. U haalt denk ik twee discussies door elkaar, dit zijn middelen die in een reserve worden gestort, zodat ze uitgegeven kunnen worden waarvoor ze bedoeld zijn. En u vraagt eigenlijk over de financiële ontwikkelingen op het beleidsveld. En ik denk dat dat is aan de betreffende portefeuillehouder om daarover te informeren. Dat wat bij ons op dit moment bekend is melden we bij u in de decemberrapportage. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Dan nogmaals de vraag: hoe kan dit stuk naar de raad? Ik heb al gehoord in ieder geval hamerstuk met stemverklaring. Mijnheer Van Reenen. De heer Van Reenen: Namens meneer Aynan ook, wij willen dit graag als bespreekpunt naar de raad … De voorzitter: Ik neem aan dat u een motie aankondigt dan daarbij? De heer Van Reenen: Dat heeft die me niet verteld. Maar ik zou het niet onwaarschijnlijk achten. De voorzitter: Goed, bijzonder.

Dan gaat het als … Mijnheer Van den Raadt, u had nog een opmerking? De heer Van den Raadt: Ja, voorzitter. Voor ons is dit stuk niet behandelingsrijp. Ik vind het sowieso erg raar dat je dus dit stuk nu krijgt en volgende week moeten we daar dan iets over zeggen. Terwijl dat het zo’n mega lading is. Het zelfde als dat volgende punt over die belastingen, waarschijnlijk heeft het college hier ook niet allemaal een week over nagedacht. Maar het hoogste orgaan, de gemeenteraad, moet het wel binnen een week kunnen. Ik vind dat hoogst merkwaardig. Dus ik zou zeggen: iets meer uitstel. De voorzitter: Goed, meneer Van den Raadt, ik vrees dat ik u moet teleurstellen. Ik hoor hier aan de opmerking dat er geen meerderheid is voor uw voorstel. Tenzij ik mij vergis, maar ik geloof het niet. Mijnheer Van Reenen. De heer Van Reenen: Mijnheer Aynan laat weten: nee, amendement. De voorzitter: Er wordt een amendement ingediend door Jouw Haarlem, vandaar dat het als bespreekpunt naar de raad zal gaan. Nou, goed, dan is het nu tijd voor de eetpauze. 7.

Eetpauze 18.20 - 19.10 uur De voorzitter: We gaan niet 50 minuten, maar 20 minuten eten. Dus ik verwacht u hier om 10 over half 7 weer terug. Hartelijk welkom terug bij deze vergadering van de commissie bestuur. Wij gaan door met agendapunt 8.

8.

Haarlemse belastingvoorstellen 2021 (MS) De voorzitter: De Haarlemse belastingvoorstellen 2021. Die zijn onderverdeeld in maar liefst 14 verschillende soorten belasting. Wie mag ik het eerste het woord geven op dit onderwerp? Mevrouw De Raadt.

17

Mevrouw De Raadt: Ja, dank u wel, voorzitter. Nou ben ik alleen eventjes mijn tekst kwijt, ik ga het uit mijn hoofd doen. Een vraag eigenlijk, vooral over de nieuwe extra vrijstelling voor de verordening precario. Het college stelt nu voor dat op het moment dat een projectontwikkelaar of een bouwer ergens bezig is en een hele gevaarlijke situatie creëert, dan zegt het college van: nou, dit kan niet, dit is een geval van openbare orde en veiligheid, moet u deze straat afsluiten. En die bouwer gaat dat dan vervolgens doen en dan zegt het college: ja, maar dan hoeft u daar geen precario voor te betalen. En dat vind ik toch wel een wat wonderlijke argumentatie. Feit blijft nog steeds dat die bouwer, a, is hij degene die de gevaarzetting veroorzaakt. En b, hij heeft vervolgens wel het exclusieve recht op die openbare ruimte, op die straat. En of die daar nou daadwerkelijk gaat bouwen of alleen maar zijn hijskraan neerzet en zijn gereedschap, dat maakt natuurlijk feitelijk niet uit. Hij maakt exclusief gebruik van de openbare ruimte en volgens mij hoort daar denk ik gewoon een precario bedrag aan. Dus in die zin ben ik eigenlijk wel benieuwd naar het antwoord van het college hierop. Dank u wel, mevrouw De Raadt. Meneer Trompetter. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Dank voor de belastingvoorstellen.

Ik wil nog verwijzen naar de technische vragen van mijn collega Danny van Leeuwen over de kwijtschelding precario 2020. Daar heb ik de vraag of deze kwijtschelding ook wordt gecontinueerd in 2021, die kwijtschelding van precario, als de maandregeling zou blijven. Of in ieder geval vergelijkbaar blijven. Want uit het overzicht snap ik dat dat niet blijft, omdat je natuurlijk wel raamt voor het hele jaar. Maar mijn vraag is dus wat we gaan doen. En ja, dan de vraag die mijnheer IJsbrandy al gesteld heeft, of de extra verhoging van de OZB gerechtvaardigd blijft nu het college een betere financiële positie verwacht. Maar daar hebben we het later nog wel over. Maar vooral dus de precario en de maatregelen om zeg maar de ondernemers te steunen in coronatijden. Of die in 2021 ook worden voorgezet, dank u. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Trompetter. Wie wil het woord? Niemand. Ook niet iemand die nog thuis zit mee te kijken? Mijnheer Van den Raadt iets over hondenbelasting? Nee, dan is het woord aan u, wethouder, gaat uw gang. Wethouder Snoek: Ja, dank u wel. Twee keer precario, ik denk goed om aan de voorkant even voor de luisteraars thuis hem goed uit elkaar te trekken. De vraag van de Actiepartij gaat over de vrijstelling die we aan de horeca gegeven hebben voor het terras in 2020 als maatregel rondom de corona.

Zoals u in het stuk kunt lezen hebben we daar nu nog geen besluiten over genomen, over 2021. Maar geven we wel vast aan: ja, dat is natuurlijk wel onderwerp van gesprek. We weten niet precies hoe 2021 er uit gaat zien, wat de horeca wel mag en wat niet mag. We zullen dat in het kader van het noodfonds ook weer verder bespreken. En de wethouder economie zal daar ook een voortreksel bij hebben. We regelen dat hier nu niet. We sluiten het ook niet op voorhand uit. Het CDA vraagt, ja, u doet ook een voorstel over anders om te gaan met precario bij het afzetten van een weg. Als een ontwikkelaar ergens aan de slag gaat, dan betaalt die geld omdat die daar zijn hijskraan, noemde u het al, neer wil zetten. Dat doet die op zijn bouwterrein, dat sluit die af en daar moet die vervolgens goed voor betalen. Dat is terecht. In sommige situaties, ik kan me er een voorstellen, laat ik het zo zeggen, dat je aan twee kanten van de weg bezig bent, dat de ontwikkelaar dus met zwaar materieel daarnaartoe gaat. Dan kan het gebeuren dat wij als gemeente zeggen: wij willen dat die weg afgesloten wordt. Dat is niet omdat die weg in gebruik genomen wordt door de ontwikkelaar, waarvoor die zou moeten betalen, maar omdat wij vinden dat dat een betere situatie is. Het college is van mening dat we de mogelijkheid moeten hebben om in dat soort gevallen ander type afspraken te maken.

Dat is maatwerk, dat ga je per geval bekijken. En daarom goed om dat binnen de verordening ook benoemd te hebben. De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw De Raadt. Gaat uw gang.

18

Mevrouw De Raadt: Ja, dank u wel. Oké, maar bent u dan niet, ik denk dat we a nog wel een juridische discussie kunnen hebben over hoe je dat dan precies moet opschrijven in een verordening. En dat wil ik nu even terzijde schuiven. Maar bent u dan niet bang voor het volgende neveneffect dat een bouwer eigenlijk best wel graag die straat exclusief voor hem wil hebben, omdat die daar nou eenmaal dan makkelijker heen en weer kan rijden, als toegangsweg kan gebruiken. Maar dat die denkt: nou, weet je wat, ik heb geen zin om daar precario voor aan te vragen, dat doe ik gewoon niet. Ik ga gewoon net zo lang wachten totdat de gemeente zegt: nou, sluit die straat maar af, want u bent nu zo gevaarlijk bezig. En dan hoeft die opeens geen precario te betalen. De voorzitter: Wethouder. Wethouder Snoek: Nou, op de eerste plaats ben ik blij dat u niet tot de juridische discussie dwingt. Want als iets me de afgelopen jaren heeft geleerd, is dat ik die niet ga winnen in ieder geval. Ja, ben ik daar bang voor? Nou, nee, ik ben daar niet op voorhand bang voor. Ik kan dit natuurlijk ook niet aansluiten, de situatie. Maar die ontwikkelaar, die wil natuurlijk, die zal altijd zo kritisch mogelijk kijken naar hoeveel ruimte die in beslag neemt, want daar moet die voor betalen. En zodra die zijn groot materieel zou willen neerzetten op die toegangsweg, dan gaat die daar ook gewoon voor betalen.

Dus het zal altijd de situatie zijn waarbij die ontwikkelaar zelf voor die openbare ruimte niet nodig heeft, daar zelf ook geen behoefte aan heeft, die ook vervolgens ook niet gaat gebruiken. Dus stel als we zo’n type afspraak maken en vervolgens wordt daar wel het groot materieel vast neergezet, dan doet dat volgens mij ook geen recht aan de afspraken. Maar als het voor de ontwikkelaar niet nodig is en wij die aanvullende afspraken zetten, dan snap ik dat dat redelijk is om daar vervolgens niet ook nog eens, want vervolgens gaat het dan vaak over best wel veel openbare ruimte, om daar dan een enorme rekening achteraan te sturen. Want dan kan ik me ook voorstellen dat die ontwikkelaar zegt: ja, maar ik wil dat helemaal niet. En dan ben ik ook geen jurist, maar ik weet niet hoe het dan gaat met de facturen en of ik die kan ophalen. Dus de andere kant uit werkt het ook niet. Volgens mij wil je er zo goed mogelijk uitkomen, zo’n veilig mogelijke situatie hebben. De ontwikkelaar, degene die bezig is, moet betalen voor wat die in gebruik neemt. En als wij daarvoor aanvullende verzoeken doen, dan denk ik dat het redelijk is dat die daar niet perse voor hoeft te betalen. Maar andermaal, dit is altijd maatwerk. En misschien kunt u een situatie bedenken van wat ik zeg van: dat snap ik ook. Maar ik ben niet op voorhand bang dat we dan nu in een keer overal een arm uitgedraaid worden.

De voorzitter: Gaat uw gang, mevrouw De Raadt. Mevrouw De Raadt: Oké, dan nog even om het helemaal scherp te stellen. Dus op het moment dat het college dan tegen de ontwikkelaar zegt van: nee, u bent nu zo gevaarlijk bezig, deze straat moet worden afgesloten. Persoonlijk denk ik: daar moet je dan gewoon precario betalen, want wie veroorzaakt nou de gevaarzetting. Maar oké, u vindt van niet. Maar u zegt dan wel: als die straat vervolgens wordt afgesloten op het verzoek van het college. En die ontwikkelaar gaat er dan bouwmaterieel neerzetten, dan krijgt die wel een rekening? Wethouder Snoek: Ja, volgens mij zou dat terecht doen aan de aard van de afspraak. We mogen dat ook controleren natuurlijk. Kijk, het gaat volgens mij over situaties waar het groot materieel gebruik maakt van een beperkte weg. En dat je op een gegeven moment als gemeente zegt: wat daar allemaal doorheen moet, dan is het beter om gewoon af te sluiten en dan kan die zelf daar naar zijn bouwterrein toe. In mijn beeld zou het dan inderdaad niet zo moeten zijn nadat het gebeurd is vervolgens dat materieel wel op die openbare weg wordt geplaatst. Dat zeg ik hier nu met mijn boerenverstand. Dus laat ik zeggen, daar wil ik dan voor volgende week donderdag nog wel even op terugkomen. Volgens mij doet dat recht aan de uitgangspunten, ja.

19

Mevrouw De Raadt: Dat zou ik heel fijn vinden, want dan komen we denk ik al een stuk dichter bij elkaar. De voorzitter: Mijnheer Van den Doel. Nog niet, dat komt nog waarschijnlijk. Mijnheer Trompetter. U had geen interruptie? Mijnheer Linder. De heer Linder: Ik vroeg me af vanwege de toeristenbelasting hoe dat nou zit met AirBnB. Ik weet niet of die vraag nu hier op de juiste plek is, dat weet ik niet. Maar wat zijn daar eventueel de verwachtingen van wat dat zou kunnen opleveren? Want ik begrijp we hebben een mooie deal gesloten met AirBnb, gefeliciteerd daarvoor. En heeft u daar ergens een idee bij? De voorzitter: Wethouder. Wethouder Snoek: De complimenten komen portefeuillehouder Berkhout toe, maar die heeft die denk ik ook al gekregen, want u heeft het voorstel hier denk ik vorige maand denk ik besproken. Of nog niet? Oké, super. Dus dat is een mooi resultaat. Ik weet even niet wat we daar toen precies over hebben besproken. Volgens mij in ieder geval niet op voorhand nu een groot bedrag ingeboekt, want we moeten natuurlijk ook zien hoe dit zich ontwikkelt. En de AirBnb verhuur is op dit moment niet hoog en ik durf ook geen voorspelling te doen voor 2021. Dus ik verwacht niet dat daar als gevolg van corona in ieder geval het eerste halfjaar een grote som zal zijn.

En ik denk dat het goed is om eerst te zien hoe dit zich ontwikkelt, alvorens dat op voorhand te gaan inboeken. Want dan organiseer je de plus en niet de min. Dus dat is de afspraak die we nu gemaakt hebben. De voorzitter: Verder geen mensen? Mijnheer IJsbrandy. De heer IJsbrandy: Nou ja, ik wil for the record dat toch nog even opmerken dat wij natuurlijk niet akkoord gaan met de verhoging van de OZB in deze omvang. Ik begrijp het argument incidenteel structureel, maar bij de begroting hebben we ook al heel wat structurele voorstellen gedaan om de stijging van de OZB te matigen. Dus ook daar hebben we mogelijkheden voor aangereikt. De voorzitter: Waarvan akte, meneer IJsbrandy. Verder geen opmerkingen over dit onderwerp? Mijnheer Rutten. De heer Rutten: Ja, ongeveer gelijkluidend aan meneer IJsbrandy, maar niet dat we dan niet instemmen, maar dat ik dat nog even mee terugneem naar de fractie. De voorzitter: Dank u wel, meneer Rutten. Dan rest mij de vraag: hoe gaat dit naar de raad? O, daar is meneer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Voorzitter, ja, tweede termijn. Eerste termijn zat mijn mond vol. Inderdaad, u heeft een goed punt over de hondenbelasting. We hebben laatst gemerkt dat sommige partijen verwijzen naar Rotterdam, als daar iets te halen valt, wat wij dan ook moeten kopiëren, of naar Amsterdam.

Maar in beide steden hebben ze ook de hondenbelasting afgeschaft, dus wij zullen inderdaad met een voorstel komen om dat hier ook te doen. Maar goed, voorbeeld van Rotterdam en Amsterdam. En we verwachten dan ook massale steun van alle partijen. Zoals u weet heeft Trots Haarlem altijd het standpunt: de belastingen mogen alleen verlaag worden, maar nooit verhoogd. In ieder geval niet meer met inflatie. Dus dat is dit keer ook weer ons standpunt. En als je naar de parkeerbelasting kijkt, dan zie je dat de tarieven nu 5 euro 10 worden. Ik heb even opgezocht wat het minimum loon wordt als je 40 uur in de week werkt. En dat is 9 euro 54 bruto. Dus ik denk dat als je dan al je landelijke en lokale belastingen betaalt, dat je een uur werkt om een uur te parkeren

20

in de binnenstad van Haarlem. Nou, dat is echt werkelijk krankzinnig. En de vraag aan de wethouder: wat gebeurt er als elke Haarlemmer besluit om niet meer een lokale belasting te betalen? De voorzitter: Dank u wel, meneer Van den Raadt. Wethouder, wil u daar een antwoord op geven? Wethouder Snoek: Een vriend van mij vertelde een keer over een presentatie die die gaf aan mensen die uit verschillende Afrikaanse landen naar Nederland werden gebracht om getraind te worden in vakbondswerk. En die mensen die vroegen van: hoe gaat dat hier dan met jullie belastingen? En toen zeiden ze: en als iemand niet betaalt? Toen zei die vriend van me: ja, dan sturen we ze een brief. En wat doe je dan als ze weer niet betalen? Ja, dan sturen we ze nog een brief. Ja, voor hen was het volstrekt ridicuul dat het dan vervolgens betaalt ging worden. Nou, gelukkig in het Nederlands stelstel niet. We weten allemaal wat we terugkrijgen voor de belastingen die we betalen. Daar plukt iedere Haarlemmer de vruchten van. U woont in een van de mooiste steden van het land met goed onderwijs, daar kan iedereen van genieten. En de wat-als vraag van meneer Van den Raadt acht ik niet reëel. De heer Van den Raadt: Voorzitter, concreet dan. We weten allemaal wat we terugkrijgen voor de belasting die we betalen. Wat krijgen we dan weer voor een stijging van de hondenbelasting? Wat krijgen we daar dan precies voor.

De voorzitter: Wacht maar. Meneer Van den Raadt, dat is een vraag die zelfs ik zou kunnen beantwoorden. Dus ik neem aan dat dit een retorische vraag is, of niet? De heer Van den Raadt: Nou ja, er wordt gesteld dat het heel duidelijk is wat je terugkrijgt voor je belasting die je betaalt. Maar dat is bij hondenbelasting natuurlijk totaal bijster. De voorzitter: Nou, dan speel ik hem toch maar even door naar de wethouder. Wethouder, gaat uw gang. Wethouder Snoek: Ja, want u bent aan het achteruit discussiëren. De belastingvoorstellen die er liggen zijn de uitwerking van de afspraken die u bij de begroting gemaakt heeft. Bij die begroting maakt u een integrale afweging tussen lasten en andere inkomsten en uitgaven. Dus daar heeft u die discussie gehad, en vervolgens werkt het college dat netjes voor u uit. Dat ligt nu voor. Dus u zult vast en zeker volgend jaar bij de begroting, maar zeker ook bij de kadernota, deze discussie opnieuw met elkaar voeren. Maar volgens mij hoort die niet nu bij deze uitwerking daarvan. De heer Van den Raadt: Ik begrijp dat u dat niet weet. Dank u. De voorzitter: Mijnheer Van den Raadt, nog een vraag aan u. Heb ik u zojuist een amendement horen aankondigen, klopt dat? Dan gaat dit als bespreekpunt naar de raad. Oké, dan is dit punt voldoende besproken. 9.

Spreektijd voor belangstellenden (over niet op de agenda staande onderwerpen) De voorzitter: Dan gaan wij naar agendapunt 9, inspreken voor belangstellenden over net op de agenda staande onderwerpen. Nou, die zijn er niet, die insprekers, dus die kunnen we genoegzaam overslaan.

21

10. Raadsjaaragenda 2021 De voorzitter: Dan gaan wij het hebben over de raadsjaaragenda. O, wacht even, ik zie allemaal zwaaiende. Wordt de wethouder uitgezwaaid of wordt er gevraagd om aandacht? Er is nog wat chocola van de wethouder, voor degene die wil. Het staat hier. Ja, mevrouw De Raadt. Mevrouw De Raadt: Ja, excuus. Dat kwam door mij, want ik zat eventjes ergens anders. Maar hoe gaat dit punt nu naar de raad? De voorzitter: Een bespreekpunt. Mevrouw De Raadt: Bespreekpunt, oké. Helemaal goed, dank u wel. De voorzitter: Wel opletten, hè, mevrouw De Raadt. Mevrouw De Raadt: Ja, vanaf nu ik ben er helemaal weer erbij. Dank u wel. De voorzitter: Goed, wij hebben agendapunt 9 hebben we gehad, want er zijn geen inspreker. Dan gaan wij naar agendapunt 10, de raadsjaaragenda. Door de commissie is vorige keer verzocht de volgende onderwerpen toe te voegen aan de raadsjaaragenda. En aan ons is het volgende daarover aangegeven. Ik neem eens even door, voortgang beëindiging illegaal wonen in de Waarderpolder. Dat is inmiddels aan de raadsjaaragenda toegevoegd. De nota duurzame inkoop, maakt onderdeel uit van de nota inkoop en aanbesteden als aparte paragraaf. Dus die stond al op de raadsjaaragenda. De evaluatie samenwerking Zandvoort en Haarlem, het initiatief voor de evaluatie Zandvoort-Haarlem ligt in principe bij de gemeente Zandvoort.

Net als eerder een tussenevaluatie, hiervan zal een terugkoppeling worden gegeven. En deze terugkoppeling maakt al deel uit van de raadsjaaragenda. En tot slot de uitvoeringsagenda dienstverleningsvisie, de menselijke maat, is ook toegevoegd aan de raadsjaaragenda. Heb ik daarmee alles toegevoegd wat toegevoegd diende te worden? En is hiermee voldoende helderheid verschaft? Of mist u nog zaken? De wethouder wel, die miste zijn tas. Maar die is inmiddels terecht. Dus als er verder geen opmerkingen over zijn, dan gaan wij door naar agendapunt, dan wordt deze gewoon als hamerstuk gaat naar de raad. 11. Herbenoeming extern lid Rekenkamercommissie M.F. Boels De voorzitter: Dan gaan wij vervolgens naar agendapunt 11, de herbenoeming extern lid Rekenkamercommissie M.F. Boels. Aan de raad wordt gevraagd meneer Boels per 1 januari 2021 voor de duur van twee jaar te herbenoemen als extern lid van de RKC. Kan iedereen hiermee instemmen? Hamerstuk. 12. Herbenoeming leden Referendumcommissie (JW) De voorzitter: Agendapunt 12, min of meer hetzelfde. De heer Van den Raadt: Voorzitter, bij die referendumcommissie wil ik graag tegen stemmen. De voorzitter: We gaan nu naar de herbenoeming van de leden referendumcommissie. Had u daar een vraag over, meneer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Nou, alvast een vooruitziende blik dat ik zeg dat ik daar ga tegenstemmen.

22

De voorzitter: Nou, wij moeten eigenlijk sowieso even wachten op meneer Wienen, denk ik, voor dit onderwerp. Of niet? Nee, meneer Wienen, hoe belangrijk ook, is voor dit specifieke onderwerp gewoon niet ter plekke nodig. Dus aan de raad wordt gevraagd op grond van artikel 5 van de referendumverordening de genoemde personen te herbenoemen als lid van de referendumcommissie. En die staan genoemd. Ja, mevrouw De Raadt. Mevrouw De Raadt: Ja, u had me net gesuggereerd om mijn vraag over de vergoedingen van de referendumcommissie onder andere bij dit agendapunt te stellen aan de portefeuillehouder. Nou, dat vroeg ik aan u of dat een goed idee was aan het begin van de agenda. En toen zei u: ja. De voorzitter: Ja, dat is waar, daar was meneer Wienen dan wel weer voor nodig inderdaad. Mevrouw De Raadt: Ja, maar daar staat die dus al in. En er staan al meerdere toezeggingen in, alleen ze worden niet nagekomen. Dat is een beetje het probleem. De voorzitter: Ja, dan stellen we dit punt gewoon uit. Nou, eigenlijk, hij kan ook gesteld worden uw vraag, dan kunnen we dit even afmaken. Meneer Wienen wordt verwacht voor het onderwerp corona gerelateerde onderwerpen. Als u daarmee akkoord gaat, dan kunt u uw vraag dan stellen. Het carbid schieten, ja, zeker. We gaan te snel door de agenda. We lopen een uur voor. We gaan even, maar we kunnen wel even de herbenoeming afmaken.

Laten we dat gewoon even afmaken. Gaat u akkoord met de herbenoeming van de leden referendumcommissie? Mijnheer Van den Raadt had nog een vraag hierover. Gaat uw gang. De heer Van den Raadt: Nou ja, net zoals mevrouw De Raadt nog wat vragen had, had ik in ieder geval de vraag waarom Jos Wienen toen destijds, tijdens het voorstel, drie voorstellen van Trots Haarlem om een referendum te houden het zo voor elkaar heeft gekregen dat er een referendumcommissie zich eigenlijk niet aan het referendumprotocol heeft gehouden. En daar destijds al voortijdig advies heeft gegeven, terwijl dat nog helemaal niet de stap was. Maar ik denk dat meneer Wienen daar antwoord op kan geven. De voorzitter: Ja, dat is waar, daar kan ik geen antwoord op geven, hoe graag ik dat ook zou willen. Nou, dan moeten we toch even wachten op meneer Wienen. We lopen een uur voor op schema, dus wij hebben geappt of hij zo snel mogelijk kan komen. Tot die tijd nemen wij even pauze. Ik denk dat we in ieder geval wel 10 minuten verder zijn, eer de heer Wienen, ja, ga nog maar even eten denk ik. En dan zie ik jullie hier om kwart over 7 weer terug en dan doen wij ons uiterste best om de burgemeester hier aan tafel te krijgen. Tot zo meteen. Zo, inmiddels is de burgemeester ook aangeschoven, hartelijk welkom. Fijn dat u op zo korte termijn toch kon komen.

We zijn gebleven bij agendapunt 12, herbenoeming leden referendumcommissie. Er is een vraag van mevrouw De Raadt, misschien kunnen we daarmee beginnen. Gaat uw gang. Mevrouw De Raadt: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, het gaat niet zo zeer over deze herbenoeming hoor, maar dat was mij aan het begin van de vergadering aangeraden om het rechtstreeks aan u te vragen. Zoals u wellicht ook weet, er is al een aantal keren toegezegd dat we het gaan hebben over de vergoedingen van zowel de referendumcommissies als alle andere commissies als onze eigen commissieleden, zeker schaduwraadsleden. Ja, die toezeggingen staan ook allemaal op de actielijst en zo, maar wanneer gaat het komen? De voorzitter: Burgemeester.

23

Burgemeester Wienen: Ja, wat vervelend dat ik dan hier kom en dat ik dan niet exact een antwoord heb. Ik heb het zelf ook even nagevraagd toen dit ding langskwam, want toen dacht ik: ik denk dat mevrouw De Raadt daar interesse in heeft. En er werd mij verteld van: ja, het is een apart agendapunt, dat hebben we ook afgesproken. En daar komt binnenkort een voorstel. De afspraak was: het moet ruim voor de volgende raadsperiode, dus in deze raadsperiode moet dat behandeld worden en moeten daar besluiten over genomen worden. Maar een precieze datum heb ik niet. Dus ik ga ervanuit dat dat een van de komende maanden zo is, dus dan ligt er een voorstel met in ieder geval alle achtergronden van de opbouw van de vergoedingen. En een voorstel hoe daar de volgende periode mee verder te gaan. De voorzitter: Mevrouw De Raadt. Mevrouw De Raadt: Kunnen we afspreken eerste kwartaal 2021? Uiterlijk. Burgemeester Wienen: Ik ga me daar voor inzetten. Kijk, ik weet op dit moment niet 100% zeker, maar ik vind dat redelijk. Dus laten we zeggen dat het een toezegging is en anders moet ik erop terugkomen. De voorzitter: Dat staat genoteerd als toezegging, dank u wel, burgemeester. We hebben zojuist van mijnheer Van den Raadt gehoord dat hij niet akkoord gaat met de herbenoeming van de leden van de referendumcommissie, om variërende redenen. Mevrouw Van der Windt, gaat uw gang.

Mevrouw Van der Windt: Ja, dank u wel. Ik had naar aanleiding hiervan ook eventjes een korte vraag. Want we wachten inderdaad op de referendumverordening. En met het oog op de herbenoeming van vandaag zagen we ook dat het misschien toch wel goed is dat bij een volgende keer ook echt een jurist in zit en dat het misschien goed is om een maximum termijn vast te leggen. En met name ook om te kijken hoe we kunnen voorkomen dat in de toekomst op enig moment alle leden op hetzelfde moment aftreden. Dus wellicht kan dat ook worden meegenomen. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van der Windt. Mijnheer Rutten. De heer Rútten: Ja, ik had ongeveer hetzelfde als mevrouw Van der Windt. Ik had vooral even de vraag van: waarom de keuze voor drie keer voor de volledige termijn? En niet een of twee voor een kortere termijn, om op die manier een organisch verloop in de continuïteit te krijgen en niet over vier jaar geconfronteerd te worden met een volledig nieuwe commissie. De voorzitter: Duidelijk, dank u wel. Er is nog een vraag van meneer Van der Raadt, gaat uw gang. De heer Van den Raadt: Ja, voorzitter, dat had u terecht net opgemerkt dat die vraag aan meneer Wienen gesteld moest worden. En de vraag is eigenlijk: we hebben die referendumcommissie, ik verwacht dat daar experts in zitten. En daar zitten ook experts in.

En als er een referendumverzoek wordt gedaan, dan zijn er een aantal stappen die afgelopen moeten worden. De eerste stap is beslissen of het onderwerp referendum rendabel is, daar komt dan een ja of nee op. Maar door meneer Jos Wienen is toen Trots Haarlem drie keer een verzoek tot een referendum heeft ingediend, een aantal stappen overgeslagen en is op verzoek van meneer Wienen om al meteen over de vraagstelling te beginnen en dat soort zaken. Maar waarom is dat gedaan? Vindt u dat niet een ondermijning van de democratie als deze experts niet gewoon het protocol kunnen aflopen, maar dat u dan verzoekt om een paar stappen over te slaan. De voorzitter: Dank u wel. Verder geen vragen aan de burgemeester? Mijnheer Trompetter, gaat uw gang.

24

De heer Trompetter: Dank u wel. Ik sluit mij aan bij mevrouw Van der Windt zeg maar met de vragen over zeg maar het dozen van aftreden. De voorzitter: Dank u wel, meneer Trompetter. Mijnheer Linder. De heer Linder: Ik vroeg me af in hoeverre dat er ook naar diversiteit gekeken is. Ik zie dat er weliswaar een vrouw in zit, maar goed, ik zie de gezichten van die mensen niet. Maar of daar ook gekeken wordt dat er diversiteit in zit, qua kleur ook. De voorzitter: Ja, een vrouw kan daarin natuurlijk nooit voldoende zijn, dat snappen we allemaal. Mijnheer Wienen, het woord is aan u. Burgemeester Wienen: Dank u wel. Een interruptie nu? O, op meneer Linder. De heer Van den Raadt: Klopt. Ja, dank u, voorzitter. De voorzitter: Wacht even hoor, meneer Van den Raadt. Er is hier een klein misverstand, u kunt niet interrumperen op meneer Linder. U kunt interrumperen op de burgemeester als u dat wil, maar niet op meneer Linder. Dat is een beetje een eigenaardig stijlfiguur. De heer Van den Raadt: Ik hou me graag aan de regels, voorzitter. De voorzitter: Dat weet ik, meneer Van den Raadt, dank u wel daarvoor. Burgemeester, gaat uw gang. Burgemeester Wienen: Ja, dank u wel. ik vind de opmerkingen over de termijn vind ik eigenlijk heel erg terecht.

Dus ik ga even kijken of wij daar gewoon een afspraak over kunnen maken met deze leden, dat we een rooster van aftreden krijgen wat niet allemaal over drie jaar gelijktijdig vertrek oplevert. De vraag naar een jurist lijkt me dan bij de opvolging, want ik denk dat het ook onredelijk zou zijn om nu te zeggen van: hé, je moet eruit. Maar het lijkt me goed om dat mee te nemen. En als het gaat om diversiteit, ik denk eerlijk gezegd: we hebben gekeken en we kijken naar deskundigheid. En natuurlijk is het goed als je op de achtergrond hebt van: je wil niet eenzijdige samenstelling van commissies. Dat is tegenwoordig steeds meer iets waar je ook zijdelings op let. Maar bij een commissie van drie denk ik dat je niet kunt zeggen van: ja, dan moet er allerlei groepen moeten daarin vertegenwoordigd zijn. Het gaat om deskundigheid en ik vind daarom die opmerking over een jurist vind ik een punt van aandacht. De voorzitter: Mijnheer Linder. De heer Linder: De vraag is: is er naar gekeken? Is er bewust gekeken, of is het gewoon dit is eruit gerold. Burgemeester Wienen: Dat weet ik niet, want dit zijn gewoon de drie leden die er al zaten. En die zijn voordat ik kwam geselecteerd en benoemd door de raad. En ik heb geen idee wat toen op dat moment precies de criteria waren en of daar toen ook naar gekeken is.

Ik weet alleen maar dat nu de zittende leden gevraagd is of ze voor herbenoeming in aanmerking willen komen en dat wilden ze alle drie. Dus ik zeg toe dat ik op dat moment van aftreden, daar kom ik op terug. De voorzitter: Neemt u maar even op, hoor. Goed, ik was eigenlijk wel nieuwsgierig. Goed, mijnheer Van den Raadt had nog een aantal vragen liggen.

25

Burgemeester Wienen: Ja, dat weet ik. De voorzitter: O, gaat uw gang. Burgemeester Wienen: Ja, het zou jammer zijn om dat niet op te pakken. De voorzitter: Dat dacht ik ook, gaat uw gang burgemeester. Burgemeester Wienen: Ja, meneer Van den Raadt die denkt dat ik heb gevraagd om een aantal stappen over te slaan in het verleden. Dus dit gaat even niet over deze nieuwe mensen, maar over dat proces. Dat is een verkeerde veronderstelling. Ik heb wel iets gedaan waar ook mevrouw De Raadt al een keer in de raad een opmerking over maakte. Ik heb namelijk gedacht dat de raad het wellicht prettig vindt als een niet in de verordening opgenomen advies van de referendumcommissie, als ik dat erbij voeg. Maar het is absoluut niet iets wat noodzakelijk is. En het is mijn eigen initiatief geweest en ik heb de indruk dat in ieder geval mevrouw De Raadt zegt van: ik vind het niet nodig. Het leidt alleen maar tot extra kosten en wat levert het voor meerwaarde op? Voor mij hoeft het niet. Als dat een breder gevoel is, dan zal ik dat gewoon nooit meer doen. Want het is ook niet nodig, het staat niet in de voorschriften en wat mij betreft was het facultatief. Er zat zeker niet een verzoek bij om bepaalde vragen over te slaan. Integendeel.

Ik heb gewoon gevraagd van, of adviseer in dit geval mij, maar ik stuur het vervolgens mee naar de raad met mijn advies over hoe jullie kijken naar de rendabiliteit. En in een geval, dat was de eerste keer, zei die commissie van: ja, eigenlijk zou je dan toch ook al wat zicht moeten hebben op de vraagstelling. En dat hebben ze toen aan de fractie van Trots gevraagd en dat bleek toen nogal ingewikkeld te zijn. Nou ja, dat hebben ze toen ook aangegeven. Maar er is zeker niet op mijn verzoek stappen overgeslagen, integendeel. Ik heb een extra stap gezet, in plaats van een stap overgeslagen. En misschien moet ik dat ook niet doen. De voorzitter: U heeft een interruptie van meneer Van den Raadt. Gaat uw gang. De heer Van den Raadt: Ja, inderdaad. Want we weten natuurlijk wel wat u heeft gedaan, maar het gaat nu om deze expertise van deze mensen. En die weten zelf ook welke stappen er doorlopen moeten worden. En als dan op verzoek van u een stap wordt overgeslagen of een stap extra wordt gedaan of een stap niet extra wordt gedaan, dan ja, naar mijn idee zegt dat dan ook iets over die expertise van die mensen. Want die hadden er natuurlijk gewoon tegen u kunnen zeggen: beste burgemeester, u vraagt dit nou wel, maar dat is helemaal niet onze taak of dat komt later of dat komt eerder, maar niet nu omdat u het wil. En dat zegt eigenlijk iets over de expertise van deze mensen.

Bent u dat met mij eens? De voorzitter: Burgemeester, gaat uw gang. Burgemeester Wienen: Nee, ik vind dit gewoon onzin. Als ik vraag aan de referendumcommissie: hoe kijken jullie ernaar? Is dit rendabel of niet? Dan geven zij daar gewoon antwoord op en dat zegt niks over hun expertise of over of dat verkeerd is of niet. Zij horen gewoon een vraag uit Haarlem van een bestuurder die een opdracht heeft volgens de verordening. En ze zeggen: nou, als u aan ons die vraag stelt, dan geven wij daar netjes antwoord op. En dat hebben ze dus ook gedaan. Ik vind het echt uiterst merkwaardig om daar een soort brevet van onvermogen aan te koppelen. En eerlijk gezegd, ik behoef er niet de discussie niet over te doen, dat heeft de raad uitvoerig gedaan naar aanleiding van deze referendumvoorstellen. Maar eerlijk gezegd vind ik dat wij ook na moeten denken, maar dat gaan we vanzelf doen, want er komt een voorstel over de aanpassing van de verordening, over de wijze waarop een voorstel kan worden ingediend. Want misschien moet daar net ook iets meer voorwerk voor gedaan worden.

26

De voorzitter: Dank u wel, burgemeester. U heeft nog een interruptie van meneer Van den Raadt. Waar ik even tussendoor wil zeggen: laten we dit dan ook bespreken tijdens het behandelen van het nieuwe voorstel, wat dan komt. Burgemeester Wienen: Ik verwacht dat het in februari op de agenda van de commissie kan staan. Of tenminste, dat is natuurlijk niet aan mij. Maar in ieder geval, wij bieden het aan en dan verwacht ik dat het in februari geagendeerd zou kunnen worden. En dat is dan de discussienotitie ten behoeve van die aanpassingen. De voorzitter: Discussienotitie ten behoeve van de nieuwe referendumverordening. En misschien kunnen we dan ook meenemen hoe de commissie er over denkt om inderdaad zo’n extra stap mee te nemen, ja dan nee. Mijnheer Van den Raadt, u had nog een interruptie? De heer Van den Raadt: Ja, voorzitter. Nou ja, dat wat dan de burgemeester nu gaat voorstellen op geloof ik eigen houtje in februari, dat had natuurlijk veel eerder gemoeten en niet erin gefietst moeten worden op eigen bevoegdheid. Maar ik neem het wel even kwalijk dat hier de term onzin wordt uitgekraamd, want daar ben ik het totaal niet mee eens. Het is gewoon niet gegaan zoals het had moeten gaan. Dat de burgemeester dat niet leuk vindt en er nu een andere draai aan probeert te geven, dat is voor zijn rekening. Dank u wel. De voorzitter: Ja, ik ga me hier niet inhoudelijk in mengen.

Waarvan akte, meneer Van den Raadt, prima. Hoe gaat dit stuk naar de raad? Is dat een hamerstuk? O, meneer Bloem? De heer Bloem: Ja, van de orde. Volgens mij wil meneer Van den Raadt tegen stemmen, dus dat betekent als dat het geval is, dan moet er hoe dan ook met briefjes gewerkt worden. Er moet hoe dan ook met briefjes gestemd worden hierover, omdat het over personen gaat. Artikel 31 gemeentewet. De voorzitter: Oké, klopt. Dat heeft u heel goed gezien. De heer Bloem: Overigens is het ook dan mogelijk, maar goed, daar kunnen we het eventueel dan ook over hebben, maar we bereiden het in ieder geval voor, voor die vergadering. Je kunt een stemming willen, je kunt ook zeggen dat je geacht wil worden tegengestemd te hebben. Dat hebben we vaker gedaan, maar goed. Daar hebben we eerder discussie over gehad. En volgens mij kan dat, maar als daar twijfels over zijn moeten we het niet doen. De voorzitter: Goed. En dan weet ik niet, kan dit dan wel als hamerstuk? De heer …: Het kan sowieso niet als hamerstuk. Ik ben het helemaal met meneer Bloem eens. Als een partij is die tegen is, dan is er altijd een punt. De voorzitter: Oké, bespreekpunt. Dus ook dit stuk gaat als bespreekpunt naar de raad. 13.

Het opnemen van een verbod op carbidschieten in de Algemene plaatselijke verordening (JW) De voorzitter: Dan komen wij bij agendapunt 13, het opnemen van een verbod op carbidschieten in de algemene plaatselijke verordening. Wie wil daar het woord over voeren? Ja, mijnheer van Reenen. De heer Van Reenen: Dank u wel, voorzitter. Nou, dat kan heel kort. We zijn het ermee eens, maar stellen daar het liefst een voorwaarde aan. Namelijk dat er daadwerkelijk werk gemaakt wordt van een vervangende grote

27

vuurwerkshow van gemeentewegen. We zijn eigenlijk een beetje kwijt wat daar de status van is. Er waren plannen voor, zijn die solide inmiddels? Dat zouden we graag zien. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Reenen. Wie mag ik het woord geven? Meneer Trompetter. De heer Trompetter: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, ook wij zijn het wel eens met het verbod op het carbidschieten. We hebben nog wel eens een keer wat mensen in de commissie gehad die daar iets over bevraagd hebben. En dat waren mensen die de deksels afschoten, stalen deksels in de woonwijken, in plaats van ballen. Moet je gewoon niet doen. En ik hoop dat het ook handhaafbaar is. De voorzitter: Dank u wel, meneer Trompetter. Verder nog iemand hier iets over wil zeggen? Nee, burgemeester, gaat uw gang. Burgemeester Wienen: Ja. Nou, ik denk het is ook voldoende toegelicht. Het is niet alleen voor nu, maar wat ons betreft ook, omdat de raad een duidelijke keuze heeft gemaakt ook volgend jaar zonder vuurwerk te willen. We moeten gewoon voorkomen dat er een nieuwe traditie ontstaat die even gevaarlijk is in ieder geval. Dus wat ons betreft goed om dit nu op te nemen, het is met enige spoed omdat we toch ook een beetje overvallen dat er ook dit jaar geen vuurwerk mogelijk is. En er is geen verband met een vuurwerkshow.

Wat ons betreft was dat een van de argumenten dat dat dit jaar niet zou kunnen, om te zeggen: je moet misschien niet met een lokaal vuurwerkverbod komen. Nou is er een landelijk vuurwerkverbod en ik denk volkomen logisch en terecht. Maar het is ook volkomen logisch dat het raar zou zijn om daar dan vervolgens wel een show te gaan organiseren. Integendeel. Wij hebben juist gezegd: wij gaan dat niet doen. We weten allemaal hoe het ervoor staat met COVID-19, met de epidemie. Wij gaan niet dingen organiseren die, behalve dat ze niet in de begroting zijn opgenomen en dat er geen middelen voor beschikbaar zijn, maar die ook nog eens een keertje een extra risico voor de volksgezondheid met zich meebrengen. De voorzitter: U heeft een interruptie van meneer Van Reenen. Gaat uw gang. De heer Van Reenen: Ja, Jouw Haarlem ziet niet in waarom dat een risico voor de volksgezondheid zou zijn. En vindt het ontbreken van een uitlaatklep voor jongeren wel een risico voor de volksgezondheid. Met uw welnemen, dank u wel voorzitter. De voorzitter: Burgemeester. Burgemeester Wienen: Ja, of dat een risico voor de volksgezondheid is weet ik niet, maar het is sowieso iets waar veel mensen zich zorgen over maken. De lange duur van de maatregelen om besmetting te voorkomen, dat maakt het zeker voor jonge mensen extra lastig.

En als dat in de kerst en nieuwjaar periode ook allerlei beperkingen met zich meebrengt, versterkt dat dat gevoel. Dat snap ik. Ik denk niet dat een vuurwerkshow daarin overigens zo heel erg veel verschil maakt. Ik weet ook niet hoe vaak vuurwerkshows hier gehouden zijn, maar de vuurwerkshows die ik ken, daar zie je dat mensen toch naar een bepaalde plek waar je dat goed kan bekijken trekken en daar meestal redelijk in massa staan te kijken. En dat is precies wat we niet zouden moeten hebben. De voorzitter: Mijnheer Van Reenen, u heeft nog een opmerking. Gaat uw gang. De heer Van Reenen: Ik wilde zeggen: dat valt te reguleren in onze optiek. Maar goed, punt duidelijk.

28

De voorzitter: U heeft ook nog een interruptie van meneer Van den Raadt. Mijnheer Van den Raadt, gaat uw gang. De heer Van den Raadt: Ja, voorzitter. Er werd in een zin gesteld dat carbidschieten net zo gevaarlijk was als vuurwerk afsteken. Kan de burgemeester daar stukken van sturen waar dat uit blijkt? De voorzitter: De burgemeester. Mijnheer Trompetter. De heer Trompetter: Voorzitter, ik heb net tegen meneer Van den Raadt gezegd dat er hier mensen uit Haarlem-Noord hier ooit in de commissie hebben gehad in de discussie over vuurwerk. Die het hadden over buurbewoners die met oud en nieuw carbid aan het schieten waren. Maar niet met voetballen erop, maar met metalen deksels en die vlogen door de wijk. Dus als meneer Van den Raadt dit voldoende gevaar zettend vindt, dan lijkt me dat wel. En als je dat niet vindt, dan ben ik heel benieuwd waarom u dat dan niet vindt. De voorzitter: Ik dacht dat u een van de orde had, maar waarvan akte. Burgemeester, gaat uw gang. Burgemeester Wienen: Ja. Ik doe hier niet nu een uitspraak met een soort wetenschappelijke basis. Ik weet dat er bij carbidschieten, er zit een gevaar. Daardoor wordt het ook in de gemeente waar die traditie bestaat worden er allerlei voorwaarden aan gesteld over waar dat kan gebeuren en op welke manier het moet gebeuren. Want het is niet zonder gevaar.

De melkbussen kunnen ontploffen, er kunnen steekvlammen ontstaan, het weggeschoten element, meestal inderdaad de deksel van een melkbus, dat kan mensen heel ernstig verwonden als ze in de baan van de deksel liggen. En daar komen ook elk jaar ongelukken uit voort. En precieze cijfers heb ik niet, maar wat mij betreft is datgeen wat er aan berichten over is in de media voldoende aanleiding om te zeggen dat daar gevaar aan gebonden is. De voorzitter: Dank u wel, burgemeester. U heeft nog een interruptie van meneer Van den Raadt, klopt dat? De heer Van den Raadt: Ja, voorzitter. Dan gaan we dus af op berichten uit de media en ik hoop niet dat dat standaard praktijk wordt dan in de gemeente Haarlem dat we iets gaan doen op geruchten of berichten uit de media. Als de burgemeester nog gewoon even het onderliggend stuk kan sturen naar ons of de raad, dan is dat prima voldoende. En ik hoorde dat ik geïnterrumpeerd werd door de Actiepartij, maar ik heb daarnet van u geleerd voorzitter dat mijn interruptie op meneer Linder ook niet kon. Dus ik neem aan dat ik daar geen antwoord op hoef te geven. De voorzitter: Mijnheer Van den Raadt, ik heb net gezegd: ik dacht dat het een ordevoorstel was van meneer Trompetter, maar dat was het niet. Mijnheer Bloem, u heeft wel een ordevoorstel? U heeft een interruptie op meneer Van den Raadt, ja, dat mag niet. Hij mocht het net ook niet. Foei.

Goed, burgemeester, wil u nog iets zeggen? Burgemeester Wienen: Nee, dat wordt herhaling, laat ik het niet doen. De voorzitter: Daar zit u hier niet voor, voor herhaling. Ja, dat ga ik nu vragen. Mijn griffie is hyperalert vanavond. En daar leeft de vraag: hoe gaat dit naar de raad? O, mevrouw Wisse, u wilde nog wat zeggen? De voorzitter: Mevrouw Wisse: Ja, ik wilde een vraag stellen over volgende APV wijzigingen. Want volgens mij hebben we volgend kwartaal eentje, als het mag, over het vergunningsstelsel voor deelmobiliteit. En nemen

29

we dan meteen vuurwerk mee? En de PvdA zou het ook nog een keertje over een verbod op metalen schieten hebben. De voorzitter: U denkt: het woord is gevallen, ik gooi hem er even in. Misschien kan de burgemeester daar zo antwoord op geven. Mijnheer Bloem heeft ook nog wat puntjes voor de APV. De heer Bloem: Ja, voorzitter, toch nog heel even over carbidschieten. Ik kom uit een streek waar men dat doet. En ik kan meneer Van den Raadt bevestigen, net zoals elke arts kan bevestigen die uit dat soort gebieden komt, dat het gevaarlijk is, dat het net zo gevaarlijk is als illegaal vuurwerk. Zeker wanneer onervaren mensen het doen zonder de goede begeleiding die gelukkig wel veel in dit soort streken aanwezig is, maar hier zeker niet. De heer Van den Raadt: Dus u pleit voor een cursus, dank u. De voorzitter: Dank u wel, meneer Bloem. Goed, eens even kijken hoor. Mevrouw Wisse vraagt om de volgende behandeling van de APV of er dan de punten vuurwerk. En wat was er nou nog meer, mevrouw Wisse? Mevrouw Wisse: Ook hebben over het vergunningsstelsel voor deelmobiliteit. En ik vroeg me af of het vuurwerkverbod dan meteen meekan in het eerste kwartaal. En ik wilde het ook nog een keertje hebben over een mogelijk APV verbod op metaaldetectie. Dank u wel. De voorzitter: Burgemeester.

Burgemeester Wienen: Ja, ik moet eerlijk zeggen dat ik dat over die deelmobiliteit niet weet of dat via de APV gaat lopen. Als u dat gehoord heeft, dan zal het wel. Maar ik kan me ook voorstellen dat het via een andere verordening loopt. Wij komen wel met een wijziging van de APV. En we hadden al een keer even contact over dat metaaldetectie dan ook mee bekeken wordt. En het lijkt me logisch dat we dan ook die gelegenheid gebruiken om te kijken of we het vuurwerk kunnen regelen. Maar het precieze moment weet ik op dit moment niet. Wat we doen, dat is standaard, we houden de wijzigingen van de APV die voortkomen uit aanbevelingen van de VNG, want die heeft een modelverordening, houden we bij. We houden bij wat er vanuit onze eigen Haarlemse praktijk aan punten is waarvan we zeggen van: dat zouden we moeten verwerken. En als er dan een wijziging is, dat doen we eens in de zoveel tijd, dan nemen we alles mee wat er dan ligt. De voorzitter: Dank u wel. Hoe gaat dit naar de raad? Kan dit een hamerstuk worden? Mijnheer Van den Raadt, u heeft nog een interruptie. De heer Van den Raadt: Ja, de laatste voorzitter. Als dat volgende moment komt om weer nieuwe dingen toe te voegen, is dat dan ook het moment om bestaande dingen er uit te halen? Bijvoorbeeld het verbod op ballonnen. Want je ziet overal lachgasballonnen liggen, dus kennelijk is het niet te handhaven.

Dus is dat dan ook het moment om dingen er weer uit te halen? En hoe dit naar de raad gaat, een stemverklaring wat mij betreft. Dank u wel. De voorzitter: Nou, ik neem aan dat wanneer de APV in zijn totaliteit besproken wordt met een aantal wijzigingen, dat daar ook aan de orde komt dat er een aantal zaken geamendeerd kunnen worden en eruit gehaald kunnen worden. Dus misschien is dat een antwoord op uw vraag, meneer Van den Raad. Mijnheer van

30

den Raadt geeft aan dat het een hamerstuk met stemverklaring kan worden. Is deze commissie het daarmee eens? Hamerstuk in meerderheid, dan wordt het een hamerstuk, waarvoor dank. Oké, dan wil ik de burgemeester graag bedanken voor zijn aanwezigheid, u mag naar huis. Nee? O ja, dat is ook zo. Wij gaan eerst even tijd inruimen voor meneer Botter en dan tot straks. 14. Rapportage informatiebeveiliging najaar 2020 (JB) De voorzitter: Wij gaan over naar agendapunt 14, rapportage informatiebeveiliging najaar 2020. Het college informeert de commissie bestuur over de afgesproken onderwerpen op het gebied van informatiebeveiliging. Status van openstaande punten gerelateerd aan het RKC-onderzoek. Voortgang van de beveiligingsprioriteiten, voortgang van de verbeterplannen DIgiD en Surinet. De analyse van het security incident en risicoanalyse, voorgestelde beveiligingsprioriteit voor het volgende jaar. Beoordeling van de informatiebeveiliging, waaronder de volwassenheid. Overigens is er gevraagd om dit agendapunt in beslotenheid te bespreken. Mijnheer Smit is daarmee akkoord gegaan, daar was het wachten nog op. Hij heeft inmiddels aangegeven dat het wat hem betreft geen probleem is. Dus wij gaan nu in beslotenheid verder. Doen we eerst het openbare deel? Oké, dan doen we eerst het openbare deel, daar beginnen we nu mee.

En als u dat in acht wil nemen om dan geen melding te maken van de stukken die onder geheimhouding zijn. Wie mag ik dan zo meteen als eerste het woord geven? Alvast preluderend. Mijnheer Bloem. De heer Bloem: Voorzitter, ja, eigenlijk is het denk ik beter om eerst het besloten gedeelte te doen, gok ik. Want mijn conclusie kan ik alleen delen dat ik met echt nog wel heel veel zorgen maak over wat ik in de stukken kan lezen. Maar dat kan ik niet beargumenteren. De voorzitter: U stelt voor om het besloten gedeelte eerst te doen, voor het openbare gedeelte. Ik zie instemmend geknik van enkele commissieleden. Wordt dit breed gedeeld? Dan beginnen we met het besloten gedeelte. Dan gaan wij er nu even uit en dan komen wij terug voor het openbare gedeelte van dit agendapunt, wanneer het besloten gedeelte is afgerond. Wij gaan even op zwart, tot straks, als u thuis kijkt. Dank u, meneer Van den Raadt. Dan gaan we nu verder met het openbare gedeelte van dit agendapunt. We hebben het zojuist in beslotenheid gehad over een aantal zaken die gaan over de beveiliging van de informatie van de gemeente Haarlem. Er is misschien ook een aantal punten blijven liggen wat gewoon in alle openbaarheid besproken kan worden. Wie kan ik het woord geven? Mijnheer Bloem. De heer Bloem: Ja, voorzitter.

Informatiebeveiliging is een van de meest vervelende dingen om mee te maken te hebben als normale werknemer. Maar het is wel, zeker als het over gemeentedata gaat, een van de meest noodzakelijke dingen. We hebben het hier over bijzondere gegevens, om niet een nader iemand te noemen, we zijn geen krokettenboer. Dit gaat echt over, zeker als het om zorggegevens gaat, om hele belangrijke privacygevoelige informatie. En daarom is het fijn om te zien dat er stappen worden gemaakt. Alleen we kunnen niet alles tegelijkertijd en er moet een prioriteit gemaakt worden welke stappen we eerst nemen. Maar eerst vragen we aan de wethouder: kunt u ons openbaar informeren over welke afwegingen gemaakt worden bij welk risico eerst aangepakt wordt en welke later? Dat afwegingskader denk ik dat zou in openbaarheid moeten komen. Bijvoorbeeld bij de rapportage, er wordt nu onderzoek gedaan voor de ISO 27001 norm. Misschien kunt u als u die aan de raad toestuurt ook het afwegingskader met ons delen. Dat is eigenlijk formeel. Dan meer als het over geld gaat, dat is ook belangrijk. Dus er zit een schadecomponent aan, tenminste als we de begroting mogen lezen, dan wordt het risico ingeschat op 10 miljoen. Zoveel moeten we vrijhouden in risicoreserve.

En ik heb het bij de begroting ook al gevraagd, maar ik vraag het nu nogmaals: wat voor stappen worden er genomen om het financiële risico af te doen nemen? En wanneer kunnen we informatie verwachten dat dat risico ook kleiner wordt met de stappen die we genomen hebben? Tot zover.

31

De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bloem. Wie mag ik het woord geven? Nee, wethouder, gaat uw gang. Wethouder Botter: Ja, dank u wel, mevrouw de voorzitter. Dank u wel, meneer Bloem. Het is inderdaad zo dat we de afgelopen periode flinke stappen hebben gezet als het gaat over de privacybescherming van onze inwoners voorop. Daarbij staat natuurlijk het feit van dat we de gegevens die geheim moeten blijven ook geheim houden. En daar is alles in eerste instantie op gericht. En ik zal dat afwegingskader bij de volgende rapportage ook naar u toe zenden. Waar we dan in alle openbaarheid met elkaar over kunnen praten, zodat u kunt kijken en zien hoe we dat ook toepassen. En als het dan gaat over die schadecomponent rondom geld. Ja, we hebben allemaal nog recentelijk te maken gehad met de problematiek van het Hof van Twente. Daar zie je dat het weliswaar weer wat anders is dan hetgeen wat we hier in deze notitie behandelen. Maar de schade is zo gemaakt, je weet gewoon niet waar je zeg maar rekening mee hebt te houden. En ik zou daar echt gewoon eens goed mijn licht over op moeten steken of we überhaupt dit bedrag naar beneden kunnen brengen.

Want je ziet dat de problematiek en de manier van infiltratie door externen in onze systemen eigenlijk alleen maar steeds, ook als je naar andere partijen kijkt, de Universiteit van Maastricht, dat dat best een klein haakje alleen maar hoeft te zijn en je hangt. Dus wat dat betreft kan ik daar geen uitspraak op dit moment over doen. Het is al jaren vastgesteld op dat bedrag van die 10 miljoen. Het is een heel hoog bedrag ook, maar tegelijkertijd wil ik wel ook dan bij de volgende rapportage kijken wat er voor nodig is om dat bedrag dan naar beneden te krijgen. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Zijn er verder nog vragen over dit onderwerp aan de wethouder? Nee, prima. Dank u wel voor uw komst, fijne avond. Dan gaan wij nu op zoek naar de burgemeester. Maar als u wil dat we klaar zijn, het is uw agenda, u zegt het maar. Kan hoor. Er staat officieel een koffiepauze gepland voor dit moment, maar ik zie aan de heldere hoofden dat er absoluut geen behoefte aan bestaat en dat we gewoon door kunnen met deze vergadering. Nou, het loopt als een soepele machine. De burgemeester is terug, hartelijk welkom burgemeester. Mag ik de raadsleden vragen om hun wild geraas te staken, om maar even in Sinterklaastermen te blijven. 15. Coronagerelateerde onderwerpen (JW) 15.1 Brief burgemeester Wienen d.d. 9 dec.

mbt overzicht maatregelen COVID-10 nov-dec 2020 De voorzitter: Wij gaan door naar het volgende onderwerp, onderwerp nummer 15, corona gerelateerde onderwerpen. Nu wil ik eerst even vragen aan deze commissie: zijn er onderwerpen die u graag besproken zou willen hebben specifiek? Nee. Dan hebben wij wel een voorstel moeten hebben over de consultatie van deze commissie. We hebben daar een keer mee te maken gehad op een vrijdagavond. En de vraag is hoe we dat in het vervolg gaan doen, wat we daarvan geleerd hebben. De manier waarop de informatie wordt verstrekt aan de commissie. Dat gaat ook deels over persberichten, maar misschien wil iemand gewoon het eerste woord nemen en dan gaat het vanzelf lopen. Misschien wil de burgemeester zelf dan als eerst het woord nemen. Gaat uw gang. Burgemeester Wienen: Behalve dan dat u gisteren nog een brief heeft gehad met een aantal zaken rond corona, wilde ik nog even terugkomen op de discussie die wij vorige week hadden over het feit dat bepaalde informatie eerder in de pers was dan bij de commissie, en dat dat ongewenst is. Ik heb later met de heer Van den Doel nog even contact gehad, omdat u daar ook onderling over gepraat hebt. En daar was een gevoel van: moeten we niet afspreken dat wij de informatie wat eerder krijgen dan de pers. Daar hebben we het ook in het college over gehad.

En eigenlijk zouden wij willen voorstellen om gewoon ervoor te zorgen, want dan zijn we van in ieder geval het probleem af dat je het later zou krijgen. Dat dezelfde verzendlijst die gebruikt wordt

32

voor de pers ook gebruikt wordt voor de raadsleden. Dus niet. Dan krijgt de griffie het ook. Nee, want dat was het punt. Dat dacht ik ook en daarom snapte ik ook niet. Goed. Maar in ieder geval, het voorstel van ons zou zijn om dat te doen. Waardoor je niet in een situatie terecht kan komen dat iets eerder bij de pers is dan bij de raad. Maar om geen afspraken te maken over bepaalde perioden die ertussen moet zitten om te voorkomen dat we in situaties van haast, waarbij we zo snel mogelijk naar de openbaarheid willen. Dat we dan zouden moeten wachten omdat daar afspraken over gemaakt zijn. Voor ons gevoel doet het ook volstrekt recht aan de positie van de raad. De raad wordt direct geïnformeerd. Maar is er ook geen reden om te zeggen van: het publiek moet dan nog een paar uur wachten totdat de raadsleden het misschien wel of niet gelezen hebben. Dus ons voorstel zou toch zijn om te zorgen dat we niet meer in een situatie terecht kunnen komen dat u het niet hebt gekregen door het rechtstreeks aan u toe te sturen. Maar niet om tijdsverloop af te spreken tussen het informeren van raad en pers. De voorzitter: Dus brief komt het erop neer dat u een soort van op de perslijst komt van de gemeente Haarlem. Dat op het moment dat de pers het bericht ontvangt dat u ze ook ontvangt. Nu begrijp ik net van de griffie dat dat formeel al het geval is. Dus even kort even een vraagje.

Ontvangt u de persberichten van de gemeente Haarlem? Maar ik krijg heel veel persberichten. Ja. Nee. Burgemeester Wienen: Als we het afspreken, dan is dat gewoon. Want dan zeggen we dat de lijst die daarvoor gebruikt wordt dat daar de raadsleden gewoon op moeten. De voorzitter: Ja, dan gaan we dat op die manier regelen, als u daarmee instemt. Dan wordt de pers en de raad tegelijkertijd geïnformeerd. Mijnheer Van den Doel. De heer Van den Doel: Dank u wel, voorzitter. Ja, wat ook meespeelde met die vraag was dat we soms de indruk hadden dat u de informatie al 3 dagen had en dan pas na 3 dagen een persbericht eruit en dat wij het dan gelijk met het persbericht horen. En daar voelden wij ons wel wat in onze eer aangetast, om het maar zo te zeggen. Burgemeester Wienen: Ja, als ik met uw instemming, voorzitter, even daar direct op mag reageren. Want daar hebben we het de vorige keer ook over gehad. En dat we daar in ieder geval de inzet hebben om zo snel mogelijk u te informeren. Dus dat staat los van de vraag of er wel of niet een persbericht komt, want er zijn zat zaken die wel naar u moeten maar niet naar de pers hoeven. De heer Van den Doel: Even afsluitend. De voorzitter: Mijnheer Van den Doel. De heer Van den Doel: Ja, nog even afsluitend. Nou, dat stellen we zeer op prijs, want het is natuurlijk een kwestie van vertrouwen. Dat willen we graag onderling hebben in deze zaak.

Dat staat ook of valt met hoe we geïnformeerd worden. Maar uw toezegging, dat is voor dit moment wat mij, GroenLinks, betreft voldoende. De voorzitter: Ja. Mijnheer Linder. De heer Linder: Ik wilde even nog verzekerd zijn. Niet alleen de raadsleden, maar ook van de schaduwraadsleden toch?

33

Burgemeester Wienen: Nee, dat is goed. Goed dat u dat zegt, want dan kan ik dat meteen even doorgeven dat dat er ook bij hoort. De voorzitter: Ja, er wordt zorg voor gedragen dat het vanaf nu goed gereld wordt. U kunt er op vertrouwen dat alle persberichten u tijdig zullen bereiken, tegelijkertijd met het Haarlems Dagblad en andere aanverwanten. Goed. Zijn er nog vragen over dit onderwerp? Mijnheer Bloem. De heer Bloem: Ja, voorzitter. Ook gezien. Er heeft al wat over in de brief gestaan. Maar als het gaat om mogelijke te grote winkeldrukte die Haarlem gaat treffen wil de SP toch nog vragen van: burgemeester, bent u echt? Houdt u het goed in de gaten en zorgt u ervoor dat we niet nog een Black Friday krijgen qua verspreiding? Ook al gunnen we iedereen de drukte van de winkels. Maar het blijkt ook echt uit de nieuwe besmettingscijfers dat dat echt een risico is. Burgemeester Wienen: Ja, dat is ook vanuit de landelijke berichtgeving merk je dat dat gezien wordt als een van de belangrijkste factoren waardoor we weer met een stijging te maken hebben. Hoewel niemand het zeker weet. Hier in Haarlem gaat het overigens iets beter dan landelijk. Dat is op zich fijn. Maar het blijft ook hier te hoog. En ik ben het met u eens. Het is een van de dingen waar we echt heel scherp op moeten letten. De stuurbaarheid, daar zitten beperkingen aan.

Maar we hebben wel een aantal, dat heb ik de volgende keer ook verteld, instrumenten. We brengen wat extra bebording en indicaties op straat aan. Maar behalve dat houden we het ook in de gaten om fysiek te kunnen afsluiten op het moment dat we merken van: jongens, dit gaat niet goed. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van Reenen. De heer Van Reenen: Ja, ik wil de burgemeester namens Jouw Haarlem graag danken voor zijn jongste brief waarin hij rept van de Rijksmaatregel. Dat personen die vinden dat ze vallen onder de uitzondering op de mondkapjesplicht een kaartje kunnen invullen, printen en bij zich dragen en een handhaver dan kan vragen naar dat pasje en dan zelf de afweging kan maken of de persoon in kwestie terecht zo’n pasje draagt. Nou geeft de burgemeester in zijn brief al aan dat dat een lastig ding is. En hij heeft keurig aan dat ze daar ruimhartig in zullen handhaven. Mijn vraag aan de burgemeester is ons bij de eerstvolgende gelegenheid erover te informeren hoe dat verloopt. Dank u wel. Burgemeester Wienen: Ja, dat lijkt me uitstekend, om dat te doen. Ik vind het ook lastig. Mevrouw Van der Windt die had mij daar ook al over benaderd. Ik constateer zelf ook dat als je het bekijkt van: ja of niet via de arts. Er zit een bepaalde ruis in van die niet volstrekt transparant is van hoe moet je het nou exact doen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12272973/1