RO bijlage 3a voortoets wnb zoutwinning Haaksbergen
Tekst van het document
8
Nuttige energie; hoeveelheid gewenste arbeid die uit de brandstof wordt gehaald. Totale energie-inhoud van diesel is ca. 10 kWh/liter
Blad 27 van 36
Voortoets Wnb Zoutwinning Haaksbergen projectnummer 0460482.100 24 augustus 2021 revisie 13 Nouryon Salt B.V.
Tabel B0.10: invoergegevens werktuigen distributienet. Werktuig
Stage klasse
literverbruik
Stationaire uren
Cilinderinhoud
[-]
[-]
[liter/jaar]
[uren/jaar]
[liter]
Autokraan 50 ton
Stage IV 300-560 kW
153
5
16,75
Graafmachines
Stage IV 130-300 kW
1.383
34
7,5
Tractor met Dumper
Stage IV 75 – 130 kW
382
8
5
Vulpomp/Testpomp
Stage IV 56 – 75 kW
142
5
2,8
Vrachtwagens
Kipper Euro-VI
151
5
16,75
Klein materieel
Stage IIIa 18-37 kW
146
17
0,9
Bemalingspomp
Stage IV 56-75 kW
125
34
2,9
Deze werktuigen zijn gemiddeld middels een lijnbron ter hoogte van het tracé hiertoe zijn de standaard bronkenmerken van werktuigen sector bouw en industrie aangehouden. Periodiek wordt de ontwikkeling van de cavernevorm en omvang vastgesteld door middel van een sonarmeting. Deze meting wordt op locatie uitgevoerd. Het meten vindt plaats met een auto waaruit de meetsonde wordt afgelaten in de caverne. Daarnaast wordt periodiek de caverne bezocht om dekenvloeistof in te brengen of te verwijderen. Het inbrengen gebeurt met een elektrische pomp die elektrisch wordt aangedreven. Behoudens (de-)mobilisatie zijn dit volledig geëlektrificeerde handelingen die geen emissie veroorzaken tijdens de handelingen. Tevens wordt een tractor ingezet tijdens de workover. De emissie hiervan is te vinden in bijlage 2. Er is geen aggregaat meer meegenomen voor mastwerkzaamheden tijdens de workover, omdat deze werkzaamheden met de aanwezige stroom van de zoutwinningslocaties kunnen worden uitgevoerd. Wegverkeer Ten behoeve van het periodieke onderhoud, de boringen en het tracé zullen voertuigen zich van en naar de boorlocaties begeven. Dit verkeer is verdeeld over 2 lijnbronnen. In tabel B0.11 zijn de uitgangspunten voor het wegverkeer gegeven.
Blad 28 van 36
Voortoets Wnb Zoutwinning Haaksbergen projectnummer 0460482.100 24 augustus 2021 revisie 13 Nouryon Salt B.V.
Tabel B0.11: Uitgangspunten wegverkeer. Bron
Voertuigtype
[-]
[-]
[#/jaar]
Licht verkeer
2.010
Middelzwaar verkeer
840
Zwaar verkeer
551
Licht verkeer
720
Zwaar verkeer
30
Licht verkeer
200
Zwaar verkeer
540
Licht verkeer
200
Zwaar verkeer
540
Verkeer naar H-11 (zoutwinningslocatie + boring)
Bewegingen
Verkeer naar transporttracé
Onderhoudsverkeer 1
Onderhoudsverkeer 2
Het wegverkeer is gemodelleerd middels een lijnbron naar de betreffende locaties. Hiertoe is de sector buitenwegen gehanteerd. Het wegverkeer is meegenomen tot daar waar het is opgenomen in het heersende verkeersbeeld. Hier is geen stagnatiefactor gehanteerd. Aanleg H-12 en onderhoud aan H-01 tot en met H-03, H-05, H-06, H-09 en H-10 (2028) In 2028 zal zoutput H-12 en het leidingnet van H-11 tot en met H-12 worden aangelegd. Tevens zal onderhoud worden gepleegd aan H-01 tot en met H-03, H-05, H-06, H-09 en H10. De emissies die optreden tijdens het boren en het aanleggen van de zoutwinningslocaties zijn ook opgenomen in bijlage 2. Deze zijn op dezelfde plek gemodelleerd als waar de zoutwinningslocaties zijn aangelegd, met uitzondering van het aggregaat dat toegepast gaat worden. Van deze aggregaten is een emissiecijfer bekend en is de benodigde hoeveelheid brandstof ingeschat door een partij die gespecialiseerd is in boringen. Om tot een uitstoot te komen is op basis van het brandstofverbruik de emissie NOx en NH3 bepaald. Hiertoe is aangenomen dat 1 liter diesel circa 3 kWh nuttige energie bevat9. Dit aggregaat is uitgerust met een nageschakelde luchtzuiveringstechniek op basis van Adblue en resulteert in een beperkte NOx uitstoot. Op basis van emissiemetingen is dit 0,2 g/kWh0,2 g/kWh (bijlage 4).
Omdat van de ammoniakuitstoot geen emissiegegevens bekend zijn is veiligheidshalve uitgegaan van een emissie van 0,0057 g/kWh wat ca 1.5 zo hoog is als de hoogste emissiefactor voor werktuigen in AERIUS. Op basis van een dieselverbruik van 40.000 liter per boring (40.000 liter * 3 kWh/liter) is het gevraagde vermogen 120.000 kWh. Dit resulteert in een uitstoot van 24 kg NOx en 0,7 kg NH3 per boring. Voor boring van H-12 wordt dit gereduceerd met 35% door gebruik van stroom op locatie tot een emissie van 15,6 kg NOx en 0,5 kg NH3. De inzet van de werktuigen voor het aanleggen van de distributieleiding is weergegeven in tabel B0.12.
9
Nuttige energie; hoeveelheid gewenste arbeid die uit de brandstof wordt gehaald. Totale energie-inhoud van diesel is ca. 10 kWh/liter
Blad 29 van 36
Voortoets Wnb Zoutwinning Haaksbergen projectnummer 0460482.100 24 augustus 2021 revisie 13 Nouryon Salt B.V.
Tabel B0.12: invoergegevens werktuigen distributienet. Werktuig
Stage klasse
literverbruik
Stationaire uren
Cilinderinhoud
[-]
[-]
[liter/jaar]
[uren/jaar]
[liter]
Autokraan 50 ton
Stage IV 300-560 kW
165
5
16,75
Graafmachines
Stage IV 130-300 kW
1.240
30
7,5
Tractor met Dumper
Stage IV 75 – 130 kW
256
6
5
Vulpomp/Testpomp
Stage IV 56 – 75 kW
154
5
2,8
Vrachtwagens
Kipper Euro-VI
163
5
16,75
Klein materieel
Stage IIIa 18-37 kW
144
17
0,9
Bemalingspomp
Stage IV 56-75 kW
121
37
2,9
HDD boorrig
Stage IV 300-560 kW
270
5
23,5
Deze werktuigen zijn gemiddeld middels een lijnbron ter hoogte van het tracé hiertoe zijn de standaard bronkenmerken van werktuigen sector bouw en industrie aangehouden. Periodiek wordt de ontwikkeling van de cavernevorm en omvang vastgesteld door middel van een sonarmeting. Deze meting wordt op locatie uitgevoerd. Het meten vindt plaats met een auto waaruit de meetsonde wordt afgelaten in de caverne. Daarnaast wordt periodiek de caverne bezocht om dekenvloeistof in te brengen of te verwijderen. Het inbrengen gebeurt met een elektrische pomp die elektrisch wordt aangedreven. Behoudens (de-)mobilisatie zijn dit volledig geëlektrificeerde handelingen die geen emissie veroorzaken tijdens de handelingen. Tevens wordt een tractor ingezet tijdens de workover. De emissie hiervan is te vinden in bijlage 2. Er is geen aggregaat meer meegenomen voor mastwerkzaamheden tijdens de workover, omdat deze werkzaamheden met de aanwezige stroom van de zoutwinningslocaties kunnen worden uitgevoerd. Wegverkeer Ten behoeve van het periodieke onderhoud, de boringen en het tracé zullen voertuigen zich van en naar de boorlocaties begeven. Dit verkeer is verdeeld over 2 lijnbronnen. In tabel B0.13 zijn de uitgangspunten voor het wegverkeer gegeven.
Blad 30 van 36
Voortoets Wnb Zoutwinning Haaksbergen projectnummer 0460482.100 24 augustus 2021 revisie 13 Nouryon Salt B.V.
Tabel B0.13: Uitgangspunten wegverkeer. Bron
Voertuigtype
[-]
[-]
[#/jaar]
Licht verkeer
2.010
Middelzwaar verkeer
840
Zwaar verkeer
551
Licht verkeer
720
Zwaar verkeer
30
Licht verkeer
200
Zwaar verkeer
540
Licht verkeer
200
Zwaar verkeer
540
Licht verkeer
200
Zwaar verkeer
540
Verkeer naar H-12 (zoutwinningslocatie + boring)
Bewegingen
Verkeer naar transporttracé
Onderhoudsverkeer 1
Onderhoudsverkeer 2
Onderhoudsverkeer 3
Het wegverkeer is gemodelleerd middels een lijnbron naar de betreffende locaties. Hiertoe is de sector buitenwegen gehanteerd. Het wegverkeer is meegenomen tot daar waar het is opgenomen in het heersende verkeersbeeld. Hier is geen stagnatiefactor gehanteerd.
Blad 31 van 36
Voortoets Wnb Zoutwinning Haaksbergen projectnummer 0460482.100 24 augustus 2021 revisie 13 Nouryon Salt B.V.
Bijlage 2: Berekening emissie mobiele werktuigen Bij het berekenen van de emissies NOx en NH3 van mobiele werktuigen wordt onderscheid gemaakt tussen emissie bij belasting en bij stationair draaien. De emissies bij belasting worden berekend op basis van gegevens over het aantal draaiuren. De emissies bij stationair draaien worden berekend op basis van de tijd dat het werktuig stationair draait en gegevens over de cilinderinhoud. Dit alles gebeurt op basis van onderstaande formules10: EB = V x Be x G x EFW / 1000 EB V Be
= = =
G EFW
= =
De emissie van het ingevoerde werktuig tijdens belasting [kg/jaar] Het volle vermogen van dit mobiele werktuig [kW] De fractie van het volle vermogen van dit werktuig dat daadwerkelijk wordt gebruikt tijdens belasting [-] Het aantal uur dat het werktuig belast wordt gebruikt [uur/jaar] Emissiefactor tijdens belast draaien [g/kWh]
ES = TS x EFS_Cl x Cl / 1000 ES TS EFS_Cl
= = =
Cl
=
De emissie van het ingevoerde werktuig tijdens stationair draaien [kg/jaar] Het aantal uur dat het werktuig stationair draait [uur/jaar] De emissiefactor tijdens stationair draaien per liter cilinderinhoud [g/liter cilinderinhoud/uur] De cilinderinhoud van het ingevoerde mobiele werktuig [liter]
Cl V
= =
De cilinderinhoud van het ingevoerde mobiele werktuig [liter] Het volle vermogen van dit mobiele werktuig [kW]
E EB ES
= = =
De totale emissie van het ingevoerde werktuig [kg/jaar] De emissie van het ingevoerde werktuig tijdens belasting [kg/jaar] De emissie van het ingevoerde werktuig tijdens stationair draaien [kg/jaar]
Cl = V / 20
E = EB + ES
De data die in ten grondslag ligt aan de emissieberekening voor de mobiele werktuigen – zoals emissiefactoren en lastfactoren - is gepubliceerd in de vorm van Excel spreadsheets. TNO bepaalt deze NOx en NH3 emissiefactoren van mobiele werktuigen, voor nationale modellen11. Deze getallen geven de typische uitstoot van dit soort mobiele bronnen, en deze gegevens worden jaarlijks bijgesteld naar aanleiding van nieuwe inzichten. In de navolgende tabel (op de volgende pagina) staan de uitgangspunten om tot de emissies van de mobiele werktuigen te komen.
10 11
https://www.aerius.nl/nl/factsheets/emissieberekening-mobiele-werktuigen/15-10-2020 https://www.aerius.nl/nl/factsheets/mobiele-werktuigen-%E2%80%93-eigen-typering-emissiefactoren/15-10-2020-0
Blad 32 van 36
Emissies mobiele werktuigen Brandstof
Werktuig
Vermogen
Draaiuren belast
Draaiuren onbelast
Lastfactor
Emissiefactor NOx (belast)
Emissiefactor NH3 (belast)
Emissiefactor NOx (onbelast)
Emissiefactor NH3 (onbelast)
Emissie NOx
Emissie NH3
[kW]
[uur]
[uur]
[-]
[g/kWu]
[g/kWu]
[g/l/uur]
[g/l/uur]
[kg/jaar]
[kg/jaar]
STAGE IV STAGE IV STAGE IIIb STAGE IIIa
40 100 50 20
1.456,0 352,8 1.512,0 672,0
624,0 151,2 648,0 288,0
0,41 0,69 0,55 0,34
1,00 1,00 3,50 8,80
0,0029 0,0029 0,0029 0,0031
10,00 10,00 14,20 14,20
0,0084 0,0084 0,0084 0,0083
36,19 32,00 168,53 43,80
0,08 0,08 0,14 0,02
STAGE IV STAGE IV STAGE IIIb STAGE IV STAGE IIIa STAGE IIIa
120 120 50 100 40 20
23,8 112,0 344,4 36,4 392,0 134,4
10,2 48,0 147,6 15,6 168,0 57,6
0,76 0,69 0,55 0,69 0,34 0,34
1,00 1,00 4,00 1,00 8,80 8,80
0,0029 0,0029 0,0029 0,0029 0,0031 0,0031
10,00 10,00 14,20 10,00 14,20 14,20
0,0084 0,0084 0,0084 0,0084 0,0083 0,0083
2,79 12,19 43,12 3,30 51,09 8,76
0,01 0,03 0,03 0,01 0,02 0,00
STAGE IV
92
42,0
18,0
0,55
0,90
0,0024
10,00
0,0084
2,74
0,01
STAGE IV STAGE IV
270 65
33,6 70,0
14,4 30,0
0,69 0,84
1,00 0,90
0,0028 0,0026
10,00 10,00
0,0083 0,0084
8,23 4,40
0,02 0,01
Stage-klassse Aanleg pompgebouw
diesel diesel diesel diesel
generator kraan shovels pompbemaling
diesel diesel diesel diesel diesel diesel
asfalteermachine heistelling shovels kraan generator pompbemaling
diesel
tractor
diesel diesel
kraan boring heftruck boring
Aanleg wellpad
Workover
Werktuigen boring
Blad 1 van 2
Emissies mobiele werktuigen Brandstof Totaal
Werktuig
Stage-klassse
Vermogen
Draaiuren belast
Draaiuren onbelast
Lastfactor
Emissiefactor NOx (belast)
Emissiefactor NH3 (belast)
Emissiefactor NOx (onbelast)
Emissiefactor NH3 (onbelast)
Emissie NOx
Emissie NH3
[kW]
[uur]
[uur]
[-]
[g/kWu]
[g/kWu]
[g/l/uur]
[g/l/uur]
[kg/jaar]
[kg/jaar]
417,16
0,44
Blad 2 van 2
Voortoets Wnb Zoutwinning Haaksbergen projectnummer 0460482.100 24 augustus 2021 revisie 13 Nouryon Salt B.V.
Bijlage 3: Rekengegevens Leidingen
Blad 33 van 36
9588 10 0,0
Totalen 286492 286 0,3
82 0 0,0
Onbelast Draai uren Brandstof verbr
NOx emissie
NH3 emissie
Perc.
[g]
[g]
[-]
Bijlage 2: Rekengegevens Leidingen Voortoets Wnb Zoutwinning Haaksbergen
Omschrijving
Hoevh.
Eenh.
[-]
[-]-
[-]
4x4 lasequipment (2 pos) bronneringspomp 40 m³/h bronnering: dieplepel 3000 ltr IV (schatting) compressor 7 m³/min Dieplader 45 ton dieplepel M 1250 ltr IV dieplepel M 600 ltr IV dieplepel R 1000 ltr IV dieplepel R 1250 ltr IV dieplepel R 1500 ltr IV dieplepel R 1750 ltr IV dieplepel R 2000 ltr IV dieplepel R 2500 ltr IV dieplepel R 3000 ltr IV dumper 4x4 7,5 m³ generator 35 KVA daguren generator met verlichting HDD Boring; Boorrig 100 ton HDD Boring; Generator 30 KVA HDD Boring; Generator 350 KVA IIIA HDD Boring; Mobiele kraan 18 to HDD Boring; Vrachtwagen HDD Boring; Tankwagen (tractor 100 pk) HDD Boring; Vuilwaterpompen 6'' HDD Boring; Waterpomp 4'' kipper 6x6 10 m³ landbouwtractor 125 pk IV lasdiesel mobiele kraan 25 ton pick-up Raket; compressor 45m3/min Raket; vrachtwagen shovel 2000 ltr IV tractor 65 pk 2 wd trilplaat < 50 cm trommellier 25 ton incl haspel excl. draad truck oplegger kraan tbv rijplaten schotten vrachtwagen + hiab
16 dag 211 dag 40 uur 30 dag 22 dag 570 uur 92 uur 126 uur 80 uur 400 uur 1 uur 1478 uur 3 uur 508 uur 80 uur 110 dag 3 dag 563 uur 180 uur 180 uur 185 uur 135 uur 258 uur 328 uur 328 uur 6 uur 220 uur 69 dag 20 uur 2 dag 80 uur 240 uur 220 uur 206 dag 27 dag 28 dag 150 uur 11 dag
Hoevh. In Effectieve draai uren kosturen inzet [uur] 128 5064 40 240 176 1139 92 126 80 400 1 2955 3 508 80 880 24 563 359 359 185 135 258 328 328 6 220 548 20 16 160 240 220 1648 216 224 150 88
[-] 60,00% 100,00% 100,00% 20,00% 50,00% 90,00% 90,00% 90,00% 90,00% 90,00% 90,00% 90,00% 90,00% 90,00% 60,00% 100,00% 50,00% 100,00% 100,00% 100,00% 100,00% 100,00% 100,00% 100,00% 100,00% 60,00% 90,00% 60,00% 25,00% 20,00% 100,00% 100,00% 72,50% 50,00% 50,00% 15,00% 50,00% 50,00%
[uur] 77 5064 40 48 88 1025 83 113 72 360 1 2660 3 457 48 880 12 563 359 359 185 135 258 328 328 4 198 329 5 3 160 240 160 824 108 34 75 44
Perc.
[-] 40% 30% 40% 40% 40% 40% 40% 40% 40% 40% 40% 40% 40% 40% 40% 40% 40% 40% 50% 50% 50% 40% 50% 30% 30% 40% 40% 30% 50% 40% 60% 40% 50% 50% 40% 40% 45% 40%
[uur] 31 1519 16 19 35 410 33 45 29 144 0 1064 1 183 19 352 5 225 180 180 93 54 129 98 98 1 79 99 3 1 96 96 80 412 43 13 34 18
[ltr.] 57 165 68 14 210 498 80 101 68 359 1 2267 5 779 71 195 0 1335 43 497 235 322 156 11 11 3 88 27 6 2 295 572 226 498 3 8 216 98
1521 5933 1808 518 5565 13187 2131 2674 1800 9528 30 60109 122 20665 2536 6998 14 47968 1530 17843 8451 8537 5290 384 384 123 2336 963 228 63 10575 15176 5993 16844 92 272 5716 2587
0 2 1 0 2 4 1 1 1 3 0 19 0 6 1 2 0 11 1 4 2 3 1 0 0 0 1 0 0 0 3 5 2 4 0 0 2 1
60% 70% 60% 60% 60% 60% 60% 60% 60% 60% 60% 60% 60% 60% 60% 60% 60% 60% 50% 50% 50% 60% 50% 70% 70% 60% 60% 70% 50% 60% 40% 60% 50% 50% 60% 60% 55% 60%
125537 126 0,1
Totalen 865244 865 0,9
1113 1 0,0
Belast Draai uren Brandstof verbruik
NOx emissie
NH3 emissie
[ltr.]
[g]
[g]
573 2606 1086 215 2522 7920 1280 1606 1081 5722 18 36098 73 12410 1051 2527 4 15250 403 4619 2256 3869 1216 169 169 52 1398 608 61 24 2246 6879 2530 3886 29 88 1821 1173
1769 66297 3481 2681 8086 24445 3950 4956 3337 18345 58 115729 235 39788 18331 64295 91 145424 10246 80545 38060 12405 21603 4294 4294 873 4162 15456 1027 74 39160 22053 8113 69023 728 2232 5838 3761
[uur] 46 3545 24 29 53 615 50 68 43 216 1 1596 2 274 29 528 7 338 180 180 93 81 129 230 230 2 119 230 3 2 64 144 80 412 65 20 41 26
1151731 1152 1,2
135124 135 0,1
Belast + onbelast NOx NH3 Brandstof emissie emissie verbruik [g]
5 22 9 2 21 132 11 13 9 48 0 301 1 103 9 21 0 127 4 39 19 32 10 1 1 0 12 5 1 0 19 57 21 33 0 1 15 10
Totalen 1192 1 0,0
3289 72229 5289 3199 13651 37632 6081 7630 5137 27873 88 175837 357 60453 20866 71293 104 193391 11775 98387,5 46511 20942 26893 4678 4678 995 6498 16419 1255 137 49735 37230 14106 85866 820 2504 11554 6348
[g] 5 23 10 2 23 136 11 14 10 51 0 320 1 110 9 23 0 138 4 42,5 21 35 11 1 1 0 12 5 1 0 21,5 62 23 37 0 1 17 11
[ltr.] 630 2771 1154 229 2732 8417 1360 1707 1149 6081 19 38364 78 13189 1122 2722 4 16585 445 5116 2491 4191 1372 180 180 55 1486 635 67 26 2541 7451 2756 4384 32 96 2037 1271
Last factor
[%]
Materieel eigenschappen Milieuklasse Vermogen Stage-/Euroklasse/div. [-]
40 EURO 6 (EQV STAGE IV) 60 STAGE IIIA 69 STAGE IV 50 STAGE IIIA 69 EURO 6 (EQV STAGE IV) 69 STAGE IV 69 STAGE IV 69 STAGE IV 69 STAGE IV 69 STAGE IV 69 STAGE IV 69 STAGE IV 69 STAGE IV 69 STAGE IV 69 STAGE IIIA 60 STAGE IIIA 40 STAGE IIIA 50 STAGE IIIB 60 STAGE IIIA 60 STAGE IIIA 61 STAGE IIIA 50 EURO 6 (EQV STAGE IV) 50 STAGE II 60 STAGE IIIA 60 STAGE IIIA 69 STAGE IIIA 69 STAGE IV 69 STAGE IIIA 61 STAGE IIIA 40 EURO 6 (EQV STAGE IV) 69 STAGE IIIA 50 EURO 6 (EQV STAGE IV) 69 STAGE IV 50 STAGE II 50 STAGE IIIA 50 STAGE IIIA 40 EURO 6 (EQV STAGE IV) 50 EURO 6 (EQV STAGE IV)
[kW]
Cylinder inhoud [ltr.]
99 6 226 38 316 129 129 118 125 132 167 226 226 226 186 28 4 300 24 280 129 316 59 6 6 120 59 14 129 99 310 316 150 59 3 29 338 294
4,950 0,275 11,300 1,900 15,809 6,434 6,434 5,882 6,250 6,618 8,346 11,300 11,300 11,300 9,300 1,400 0,200 15,000 1,200 14,000 6,434 15,809 2,950 0,275 0,275 6,000 2,950 0,688 6,434 4,950 15,515 15,809 7,500 2,941 0,150 1,450 16,900 14,700
Voortoets Wnb Zoutwinning Haaksbergen projectnummer 0460482.100 24 augustus 2021 revisie 13 Nouryon Salt B.V.
Bijlage 4: Gegevens Nouryon aggregaat
Blad 34 van 36
Protokoll
Abgasmessprotokoll Katalysator GEN1 Motornummer 536111096 Containernummer DrillTec 21850 / Containernummer Katalysatoren 224.436
SNV_PreControl
Betriebsstunden
8816h
Datum
24.09.2020
300
300
300
6
7
Wählen Sie ein Element aus.
Anlage
5
Wählen Sie ein Element aus.
DrillTec GUT GmbH
4
Wählen Sie ein Element aus.
Betreiber
RFV.103cpsi.2%
204034 RFV.103cpsi.2%
A-Nummer
3
RFV.103cpsi.2%
204034
Wählen Sie ein Element aus.
2
BdzokProjektnummer
Vertragswerte Tmax
△pmax
Länge:
C°
mbar
Reaktortyp: EM30.90
NOx
NH3
CO
Einheit
g/kWh
ppm unbez.
ppm unbez.
Rohgas
≤ 4,3
≤
≤
≤
Reingas
≤ 0,5
≤ k.A.
≤ k.A.
≤
≤ 20
Reaktionsmittel: AdBlue 32.5%
Ersteller KAHA 5acXjzUk
Freigeber JAHO
Freigabedatum 14.08.2017
Status Freigegeben
Matchcode L-50156
Version -
Protokoll
Motorlast kW
%
600
75
600
75
560
70
560
70
520
65
520
65
480
60
480
60
400
50
400
50
320
40
320
40
240
30
240
30
Abgasmessprotokoll Katalysator GEN1 Motornummer 536111096 Containernummer DrillTec 21850 / Containernummer Katalysatoren 224.436
Dosiermenge
NO
NO2
NOx
CO
NOx
O2
Temp.
Druck
Messort
l/h
ppm unbez.
ppm unbez.
ppm unbez.
ppm unbez.
g/kWh
%
C°
mbar
Zahl
304
23
327
199
3,32
10. 27
479.8
9
1
Rohgas
19
0
19
8
0,19
13. 71
478.7
9
8
Reingas
304
17
321
168
3,30
11. 08
483.5
8
1
Rohgas
18
0
18
8
0,19
13. 76
483.4
8
8
Reingas
283
16
299
157
3,12
11. 73
479.8
7
1
Rohgas
17
0
17
7
0,18
13. 95
485
7
8
Reingas
262
14
276
138
2,93
12. 51
475.4
6
1
Rohgas
18
0
18
5
0,19
14. 16
481.2
6
8
Reingas
226
12
238
129
2,64
13. 70
466
5
1
Rohgas
0
15
15
5
0,17
14. 45
476.9
5
8
Reingas
186
8
194
122
2,30
15. 27
441
4
1
Rohgas
14
0
14
5
0,17
14. 98
449
4
8
Reingas
193
6
199
109
2,63
16. 25
406.1
3
1
Rohgas
13
0
13
5
0,17
15. 79
420.7
3
8
Reingas
4.95
4.53
4.3
3.9
15
2.6
2.543
Info
Servicetechniker: Stefan Bzdok-Gruhn
Ersteller KAHA 5acXjzUk
Freigeber JAHO
Freigabedatum 14.08.2017
Status Freigegeben
Matchcode L-50156
Version -
Protokoll
Abgasmessprotokoll Katalysator GEN2 Motornummer 536111095 Containernummer DrillTec 21851 / Containernummer Katalysatoren 224.436
SNV_PreControl
Betriebsstunden
8816h
Datum
24.09.2020
300
300
300
6
7
Wählen Sie ein Element aus.
Anlage
5
Wählen Sie ein Element aus.
DrillTec GUT GmbH
4
Wählen Sie ein Element aus.
Betreiber
RFV.103cpsi.2%
204034 RFV.103cpsi.2%
A-Nummer
3
RFV.103cpsi.2%
204034
Wählen Sie ein Element aus.
2
BzdokProjektnummer
Vertragswerte Tmax
△pmax
Länge:
C°
mbar
Reaktortyp: EM30.90
NOx
NH3
CO
Einheit
g/kWh
ppm unbez.
ppm unbez.
Rohgas
≤ 4,3
≤
≤
≤
Reingas
≤ 0,5
≤ k.A.
≤ k.A.
≤
≤ 20
Reaktionsmittel: AdBlue 32.5%
Ersteller KAHA 5acXjzUk
Freigeber JAHO
Freigabedatum 14.08.2017
Status Freigegeben
Matchcode L-50156
Version -
Protokoll
Motorlast kW
%
Abgasmessprotokoll Katalysator GEN2 Motornummer 536111095 Containernummer DrillTec 21851 / Containernummer Katalysatoren 224.436
NO
NO2
NOx
CO
NOx
O2
Temp.
Druck
Messort
ppm unbez.
ppm unbez.
ppm unbez.
ppm unbez.
g/kWh
%
C°
mbar
Zahl
Info
600
75
290
19
309
129
3,14
11. 24
471.7
10
1
Rohgas
600
75
18
0
18
10
0,18
15. 75
478.1
10
8
Reingas
560
70
286
19
305
129
3,14
11. 41
470.2
9
1
Rohgas
560
70
19
0
17
9
0,17
15. 83
483.5
9
8
Reingas
520
65
277
18
295
123
3,08
11. 94
469.7
9
1
Rohgas
520
65
16
0
16
7
0,17
16. 26
478.9
9
8
Reingas
480
60
268
16
284
114
3,02
12. 49
467.5
8
1
Rohgas
480
60
16
0
16
7
0,17
16. 37
473.6
8
8
Reingas
400
50
225
13
12
237
2,64
13. 99
451.7
7
1
Rohgas
400
50
12
0
200
7
0,17
16. 66
467.9
7
8
Reingas
320
40
186
9
195
101
2,37
15. 51
424.6
5
1
Rohgas
320
40
12
0
12
7
0,14
17. 15
448.7
5
8
Reingas
240
30
181
10
191
93
2,52
16. 50
393
4
1
Rohgas
240
30
13
0
13
6
0,17
17. 51
429.1
4
8
Reingas
Servicetechniker: Stefan Bzdok-Gruhn
Ersteller KAHA 5acXjzUk
Freigeber JAHO
Freigabedatum 14.08.2017
Status Freigegeben
Matchcode L-50156
Version -
Protokoll
Abgasmessprotokoll Katalysator GEN3 Motornummer 536111093 Containernummer DrillTec 21848 / Containernummer Katalysatoren 224.439
SNV_PreControl
Betriebsstunden
8803h
Datum
24.09.2020
300
300
300
6
7
Wählen Sie ein Element aus.
Anlage
5
Wählen Sie ein Element aus.
DrillTec GUT GmbH
4
Wählen Sie ein Element aus.
Betreiber
RFV.103cpsi.2%
204034 RFV.103cpsi.2%
A-Nummer
3
RFV.103cpsi.2%
204034
Wählen Sie ein Element aus.
2
Projektnummer
Vertragswerte Tmax
△pmax
Länge:
C°
mbar
Reaktortyp: EM30.90
NOx
NH3
CO
Einheit
g/kWh
ppm unbez.
ppm unbez.
Rohgas
≤ 4,3
≤
≤
≤
Reingas
≤ 0,5
≤ k.A.
≤ k.A.
≤
≤ 20
Reaktionsmittel: AdBlue 32.5%
Ersteller KAHA 5acXjzUk
Freigeber JAHO
Freigabedatum 14.08.2017
Status Freigegeben
Matchcode L-50156
Version -
Protokoll
Motorlast kW
%
600
75
600
75
560
70
560
70
520
65
520
65
480
60
480
60
400
50
400
50
320
40
320
40
240
30
240
30
Abgasmessprotokoll Katalysator GEN3 Motornummer 536111093 Containernummer DrillTec 21848 / Containernummer Katalysatoren 224.439
Dosiermenge
NO
NO2
NOx
CO
NOx
O2
Temp.
Druck
Messort
l/h
ppm unbez.
ppm unbez.
ppm unbez.
ppm unbez.
g/kWh
%
C°
mbar
Zahl
448
17
465
120
4,72
9.7 8
477.4
12
1
Rohgas
30
1
31
8
0,31
9.1 8
499.7
12
8
Reingas
433
10
443
111
4,56
9.5 7
459.1
11
1
Rohgas
28
0
28
7
0,29
9.2 7
498.1
11
8
Reingas
428
10
438
114
4,58
9.8 4
450
10
1
Rohgas
26
0
26
6
0,27
9.5 9
492
10
8
Reingas
418
10
428
111
4,54
10. 13
439.6
10
1
Rohgas
23
0
23
4
0,24
9.8 2
482
10
8
Reingas
413
12
425
123
2,64
10. 56
418.1
9
1
Rohgas
19
1
20
3
0,17
10. 17
472.2
9
8
Reingas
404
14
418
146
5,05
11. 14
406
7
1
Rohgas
21
1
22
3
0,24
10. 66
459.8
7
8
Reingas
400
15
415
162
5,48
11. 18
397
6
1
Rohgas
22
3
25
3
0,33
10. 86
437.8
6
8
Reingas
5.7
5.3
4.7
4.3
3.65
2.8
2.6
Info
Servicetechniker: Stefan Bzdok-Gruhn
Ersteller KAHA 5acXjzUk
Freigeber JAHO
Freigabedatum 14.08.2017
Status Freigegeben
Matchcode L-50156
Version -
Protokoll
Abgasmessprotokoll Katalysator GEN4 Motornummer 536111094 Containernummer DrillTec 21849 / Containernummer Katalysatoren 224.439
SNV_PreControl
Betriebsstunden
8816h
Datum
24.09.2020
300
300
300
6
7
Wählen Sie ein Element aus.
Anlage
5
Wählen Sie ein Element aus.
DrillTec GUT GmbH
4
Wählen Sie ein Element aus.
Betreiber
RFV.103cpsi.2%
204034 RFV.103cpsi.2%
A-Nummer
3
RFV.103cpsi.2%
204034
Wählen Sie ein Element aus.
2
Projektnummer
Vertragswerte Tmax
△pmax
Länge:
C°
mbar
Reaktortyp: EM30.90
NOx
NH3
CO
Einheit
g/kWh
ppm unbez.
ppm unbez.
Rohgas
≤ 4,3
≤
≤
≤
Reingas
≤ 0,5
≤ k.A.
≤ k.A.
≤
≤ 20
Reaktionsmittel: AdBlue 32.5%
Ersteller KAHA 5acXjzUk
Freigeber JAHO
Freigabedatum 14.08.2017
Status Freigegeben
Matchcode L-50156
Version -
Protokoll
Motorlast kW
%
600
75
600
75
560
70
560
70
520
65
520
65
480
60
480
60
400
50
400
50
320
40
320
40
240
30
240
30
Abgasmessprotokoll Katalysator GEN4 Motornummer 536111094 Containernummer DrillTec 21849 / Containernummer Katalysatoren 224.439
Dosiermenge
NO
NO2
NOx
CO
NOx
O2
Temp.
Druck
Messort
l/h
ppm unbez.
ppm unbez.
ppm unbez.
ppm unbez.
g/kWh
%
C°
mbar
Zahl
296
24
320
153
3,25
11. 11
481
12
1
Rohgas
22
0
22
9
0,22
14. 26
484.6
12
8
Reingas
300
22
322
140
3,31
11. 18
484.7
11
1
Rohgas
22
0
22
7
0,23
14. 39
486.8
11
8
Reingas
303
20
323
133
3,38
11. 45
480.7
10
1
Rohgas
21
0
22
7
0,23
14. 55
483.5
10
8
Reingas
299
18
317
129
3,37
11. 85
475.2
9
1
Rohgas
20
0
20
6
0,21
14. 66
479.4
9
8
Reingas
257
13
270
120
2,99
13. 42
458.5
7
1
Rohgas
17
0
17
5
0,19
14. 91
467
7
8
Reingas
214
9
223
119
2,65
14. 98
434.5
6
1
Rohgas
15
0
15
5
0,18
15. 46
452
6
8
Reingas
205
8
213
111
2,81
16. 15
404.7
5
1
Rohgas
17
2
19
4
0,25
16. 01
430.3
5
8
Reingas
4.4
3.9
3.7
3.42
2.53
1.975
2.8
Info
Servicetechniker: Stefan Bzdok-Gruhn
Ersteller KAHA 5acXjzUk
Freigeber JAHO
Freigabedatum 14.08.2017
Status Freigegeben
Matchcode L-50156
Version -
Voortoets Wnb Zoutwinning Haaksbergen projectnummer 0460482.100 24 augustus 2021 revisie 13 Nouryon Salt B.V.
Bijlage 5: AERIUS-berekening 2029 Kenmerk: RYHB8xHXPoyv
Blad 35 van 36
Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.
Berekening jaar 2029 Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens
Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: https://www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers. RYHB8xHXPoyv (26 maart 2021) pagina 1/16
Resultaten
Contact
Activiteit
Rechtspersoon
Inrichtingslocatie
Nouryon Industrial Chemicals B.V.
Boortorenweg, 7554RS Hengelo
Omschrijving
AERIUS kenmerk
Project Haaksbergen
RYHB8xHXPoyv
Datum berekening
Rekenjaar
Rekenconfiguratie
26 maart 2021, 08:10
2029
Berekend voor natuurgebieden
Totale emissie
Resultaten Hectare met hoogste bijdrage (mol/ha/j)
Toelichting
Resultaten
Situatie 1
NOx
57,90 kg/j
NH3
< 1 kg/j
Natuurgebied
Uw berekening heeft geen depositieresultaten opgeleverd boven 0,00 mol/ha/jr.
Project Haaksbergen jaar 2029, alle wellpads in onderhoud, worst case
jaar 2029
RYHB8xHXPoyv (26 maart 2021) pagina 2/16
Resultaten
Locatie jaar 2029
Emissie jaar 2029
Resultaten
Bron Sector
jaar 2029
Emissie NH3
Emissie NOx
H-01 Mobiele werktuigen | Delfstoffenwinning
< 1 kg/j
4,64 kg/j
H-02 Mobiele werktuigen | Delfstoffenwinning
< 1 kg/j
4,72 kg/j
H-03 Mobiele werktuigen | Delfstoffenwinning
< 1 kg/j
4,72 kg/j
H-04 Mobiele werktuigen | Delfstoffenwinning
< 1 kg/j
4,72 kg/j
Onderhoudsverkeer 1 Wegverkeer | Buitenwegen
< 1 kg/j
3,31 kg/j
H-06 Mobiele werktuigen | Delfstoffenwinning
< 1 kg/j
4,72 kg/j
RYHB8xHXPoyv (26 maart 2021) pagina 3/16
Resultaten
Bron Sector
Resultaten
jaar 2029
Emissie NH3
Emissie NOx
H-o7 Mobiele werktuigen | Delfstoffenwinning
< 1 kg/j
4,72 kg/j
H-05 Mobiele werktuigen | Delfstoffenwinning
< 1 kg/j
4,72 kg/j
Onderhoudsverkeer 2 Wegverkeer | Buitenwegen
< 1 kg/j
1,82 kg/j
H-12 Mobiele werktuigen | Delfstoffenwinning
< 1 kg/j
4,72 kg/j
H-09 Mobiele werktuigen | Delfstoffenwinning
< 1 kg/j
4,72 kg/j
H-10 Mobiele werktuigen | Delfstoffenwinning
< 1 kg/j
4,72 kg/j
Onderhoudsverkeer 3 Wegverkeer | Buitenwegen
< 1 kg/j
< 1 kg/j
H-08 Mobiele werktuigen | Delfstoffenwinning
< 1 kg/j
4,72 kg/j
RYHB8xHXPoyv (26 maart 2021) pagina 4/16
Resultaten
Emissie (per bron)
H-01 247612, 466759 4,64 kg/j < 1 kg/j
Naam Locatie (X,Y)
jaar 2029
NOx NH3
Resultaten
Voertuig
Omschrijving
STAGE II, 18 <= kW < 37, bouwjaar 2001 (Diesel)
blanketvloeistof inspuiten
Voertuig
Omschrijving
AFW
AFW
jaar 2029
Brandstof verbruik (l/j)
Stationair bedrijf (uren/j)
Cilinder Stof inhoud (l)
Emissie
14
0
0,9 NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Uitstoot hoogte (m)
Spreiding (m)
Warmte Stof inhoud (MW)
Emissie
workover tractor
4,0
4,0
0,0 NOx NH3
2,74 kg/j < 1 kg/j
Aggregaat
4,0
4,0
0,0 NOx
1,62 kg/j
RYHB8xHXPoyv (26 maart 2021) pagina 5/16
Resultaten
H-02 247529, 466503 4,72 kg/j < 1 kg/j
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Voertuig
Omschrijving
STAGE IIIa, 18 <= kW < 37, bouwjaar 2007 (Diesel)
blanketvloeistof inspuiten
Voertuig
Omschrijving
AFW
AFW
jaar 2029
Brandstof verbruik (l/j)
Stationair bedrijf (uren/j)
Cilinder Stof inhoud (l)
Emissie
14
0
0,9 NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Uitstoot hoogte (m)
Spreiding (m)
Warmte Stof inhoud (MW)
Emissie
workover tractor
4,0
4,0
0,0 NOx NH3
2,74 kg/j < 1 kg/j
Aggregaat
4,0
4,0
0,0 NOx
1,62 kg/j
RYHB8xHXPoyv (26 maart 2021) pagina 6/16
Resultaten
H-03 247193, 466570 4,72 kg/j < 1 kg/j
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Voertuig
Omschrijving
STAGE IIIa, 18 <= kW < 37, bouwjaar 2007 (Diesel)
blanketvloeistof inspuiten
Voertuig
Omschrijving
AFW
AFW
jaar 2029
Brandstof verbruik (l/j)
Stationair bedrijf (uren/j)
Cilinder Stof inhoud (l)
Emissie
14
0
0,9 NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Uitstoot hoogte (m)
Spreiding (m)
Warmte Stof inhoud (MW)
Emissie
workover tractor
4,0
4,0
0,0 NOx NH3
2,74 kg/j < 1 kg/j
Aggregaat
4,0
4,0
0,0 NOx
1,62 kg/j
RYHB8xHXPoyv (26 maart 2021) pagina 7/16
Resultaten
H-04 247241, 466274 4,72 kg/j < 1 kg/j
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Voertuig
Omschrijving
Brandstof verbruik (l/j)
Stationair bedrijf (uren/j)
Cilinder Stof inhoud (l)
Emissie
STAGE IIIa, 18 <= kW < 37, bouwjaar 2007 (Diesel)
blanketvloeistof inspuiten
14
0
0,9 NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Voertuig
Omschrijving
Uitstoot hoogte (m)
Spreiding (m)
Warmte Stof inhoud (MW)
Emissie
AFW
workover tractor
4,0
4,0
0,0 NOx NH3
2,74 kg/j < 1 kg/j
AFW
Aggregaat
4,0
4,0
0,0 NOx
1,62 kg/j
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Soort
Voertuig
Standaard
Standaard
jaar 2029
Onderhoudsverkeer 1 247631, 466676 3,31 kg/j < 1 kg/j
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Licht verkeer
200,0 / jaar NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Zwaar vrachtverkeer
540,0 / jaar NOx NH3
3,26 kg/j < 1 kg/j
RYHB8xHXPoyv (26 maart 2021) pagina 8/16
Resultaten
H-06 246729, 466193 4,72 kg/j < 1 kg/j
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Voertuig
Omschrijving
STAGE IIIa, 18 <= kW < 37, bouwjaar 2007 (Diesel)
blanketvloeistof inspuiten
Voertuig
Omschrijving
AFW
AFW
jaar 2029
Brandstof verbruik (l/j)
Stationair bedrijf (uren/j)
Cilinder Stof inhoud (l)
Emissie
14
0
0,9 NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Uitstoot hoogte (m)
Spreiding (m)
Warmte Stof inhoud (MW)
Emissie
workover tractor
4,0
4,0
0,0 NOx NH3
2,74 kg/j < 1 kg/j
Aggregaat
4,0
4,0
0,0 NOx
1,62 kg/j
RYHB8xHXPoyv (26 maart 2021) pagina 9/16
Resultaten
H-o7 246776, 465898 4,72 kg/j < 1 kg/j
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Voertuig
Omschrijving
STAGE IIIa, 18 <= kW < 37, bouwjaar 2007 (Diesel)
blanketvloeistof inspuiten
Voertuig
Omschrijving
AFW
AFW
jaar 2029
Brandstof verbruik (l/j)
Stationair bedrijf (uren/j)
Cilinder Stof inhoud (l)
Emissie
14
0
0,9 NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Uitstoot hoogte (m)
Spreiding (m)
Warmte Stof inhoud (MW)
Emissie
workover tractor
4,0
4,0
0,0 NOx NH3
2,74 kg/j < 1 kg/j
aggregaat
4,0
4,0
0,0 NOx
1,62 kg/j
RYHB8xHXPoyv (26 maart 2021) pagina 10/16
Resultaten
H-05 246961, 466380 4,72 kg/j < 1 kg/j
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Voertuig
Omschrijving
Brandstof verbruik (l/j)
Stationair bedrijf (uren/j)
Cilinder Stof inhoud (l)
Emissie
STAGE IIIa, 18 <= kW < 37, bouwjaar 2007 (Diesel)
blanketvloeistof inspuiten
14
0
0,9 NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Voertuig
Omschrijving
Uitstoot hoogte (m)
Spreiding (m)
Warmte Stof inhoud (MW)
Emissie
AFW
workover tractor
4,0
4,0
0,0 NOx NH3
2,74 kg/j < 1 kg/j
AFW
Aggregaat
4,0
4,0
0,0 NOx
1,62 kg/j
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Soort
Voertuig
Standaard
Standaard
jaar 2029
Onderhoudsverkeer 2 246764, 465720 1,82 kg/j < 1 kg/j
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Licht verkeer
540,0 / jaar NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Zwaar vrachtverkeer
200,0 / jaar NOx NH3
1,64 kg/j < 1 kg/j
RYHB8xHXPoyv (26 maart 2021) pagina 11/16
Resultaten
H-12 245312, 466468 4,72 kg/j < 1 kg/j
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Voertuig
Omschrijving
STAGE IIIa, 18 <= kW < 37, bouwjaar 2007 (Diesel)
blanketvloeistof inspuiten
Voertuig
Omschrijving
AFW
AFW
jaar 2029
Brandstof verbruik (l/j)
Stationair bedrijf (uren/j)
Cilinder Stof inhoud (l)
Emissie
14
0
0,9 NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Uitstoot hoogte (m)
Spreiding (m)
Warmte Stof inhoud (MW)
Emissie
workover tractor
4,0
4,0
0,0 NOx NH3
2,74 kg/j < 1 kg/j
Aggregaat
4,0
4,0
0,0 NOx
1,62 kg/j
RYHB8xHXPoyv (26 maart 2021) pagina 12/16
Resultaten
H-09 246215, 466112 4,72 kg/j < 1 kg/j
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Voertuig
Omschrijving
STAGE IIIa, 18 <= kW < 37, bouwjaar 2007 (Diesel)
blanketvloeistof inspuiten
Voertuig
Omschrijving
AFW
AFW
jaar 2029
Brandstof verbruik (l/j)
Stationair bedrijf (uren/j)
Cilinder Stof inhoud (l)
Emissie
14
0
0,9 NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Uitstoot hoogte (m)
Spreiding (m)
Warmte Stof inhoud (MW)
Emissie
workover tractor
4,0
4,0
0,0 NOx NH3
2,74 kg/j < 1 kg/j
Aggregaat
4,0
4,0
0,0 NOx
1,62 kg/j
RYHB8xHXPoyv (26 maart 2021) pagina 13/16
Resultaten
H-10 245936, 466217 4,72 kg/j < 1 kg/j
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Voertuig
Omschrijving
Brandstof verbruik (l/j)
Stationair bedrijf (uren/j)
Cilinder Stof inhoud (l)
Emissie
STAGE IIIa, 18 <= kW < 37, bouwjaar 2007 (Diesel)
blanketvloeistof inspuiten
14
0
0,9 NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Voertuig
Omschrijving
Uitstoot hoogte (m)
Spreiding (m)
Warmte Stof inhoud (MW)
Emissie
AFW
workover tractor
4,0
4,0
0,0 NOx NH3
2,74 kg/j < 1 kg/j
AFW
Aggregaat
4,0
4,0
0,0 NOx
1,62 kg/j
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Soort
Voertuig
Standaard
Standaard
jaar 2029
Onderhoudsverkeer 3 245455, 466546 < 1 kg/j < 1 kg/j
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Licht verkeer
540,0 / jaar NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Zwaar vrachtverkeer
200,0 / jaar NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
RYHB8xHXPoyv (26 maart 2021) pagina 14/16
Resultaten
H-08 246473, 466020 4,72 kg/j < 1 kg/j
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Voertuig
Omschrijving
STAGE IIIa, 18 <= kW < 37, bouwjaar 2007 (Diesel)
blanketvloeistof inspuiten
Voertuig
Omschrijving
AFW
AFW
jaar 2029
Brandstof verbruik (l/j)
Stationair bedrijf (uren/j)
Cilinder Stof inhoud (l)
Emissie
14
0
0,9 NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Uitstoot hoogte (m)
Spreiding (m)
Warmte Stof inhoud (MW)
Emissie
workover tractor
4,0
4,0
0,0 NOx NH3
2,74 kg/j < 1 kg/j
Aggregaat
4,0
4,0
0,0 NOx
1,62 kg/j
RYHB8xHXPoyv (26 maart 2021) pagina 15/16
Resultaten
Disclaimer
Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.
Rekenbasis
Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2020_20210209_2f032ce1a2 Database versie 2020_20210209_2f032ce1a2 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/nl/factsheets/release/aerius-calculator-2020
Resultaten
jaar 2029
RYHB8xHXPoyv (26 maart 2021) pagina 16/16
Voortoets Wnb Zoutwinning Haaksbergen projectnummer 0460482.100 24 augustus 2021 revisie 13 Nouryon Salt B.V.
Bijlage 6: Hydrologische effecten door bodemdaling Zoutwinning Haaksbergen (RHDHV, 22 maart 2021)
Blad 36 van 36
RAPPORT Hydrologische effecten door bodemdaling Zoutwinning Haaksbergen Klant:
Nouryon Salt B.V.
Referentie: BH5570WATRP2103231402 Status:
Definitief/01
Datum:
22 maart 2021
Projectgerelateerd
HASKONINGDHV NEDERLAND B.V.
Laan 1914 no.35 3818 EX AMERSFOORT Water Trade register number: 56515154 +31 88 348 20 00 T +31 33 463 36 52 F reception.ame-la@nl.rhdhv.com E royalhaskoningdhv.com W
Titel document: Hydrologische effecten door bodemdaling Ondertitel: Referentie: BH5570WATRP2103231402 Status: 01/Definitief Datum: 22 maart 2021 Projectnaam: MER Haaksbergen Projectnummer: BH5570 Auteur(s): Ben van der Wal Opgesteld door: RHDHV Gecontroleerd door: MG Datum: 22 maart 2021 Goedgekeurd door: MG Datum: 22 maart 2021
Classificatie Projectgerelateerd
Behoudens andersluidende afspraken met de Opdrachtgever, mag niets uit dit document worden verveelvoudigd of openbaar gemaakt of worden gebruikt voor een ander doel dan waarvoor het document is vervaardigd. HaskoningDHV Nederland B.V. aanvaardt geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor dit document, anders dan jegens de Opdrachtgever. Let op: dit document bevat persoonsgegevens van medewerkers van HaskoningDHV Nederland B.V. en dient voor publicatie of anderszins openbaar maken te worden geanonimiseerd. 22 maart 2021
BH5570WATRP2103231402
i
Projectgerelateerd
Inhoud 1
Inleiding
1
2
Opbouw ondergrond
2
3
Klimaat
3
3.1
Samenvatting resultaten 2012/2013 ten aanzien van de GXG
3
3.2
Nadere beschouwing in kader van de klimaatverandering
4
3.3
Klimaatverandering en afvoer van de beken
5
4
Conclusies
6
4.1
Samenvatting conclusies rapportage 2013
6
4.2
Aanvullende conclusies 2021
6
Figuren Figuur 2-1: Doorsnede ondergrond REGIS II v2.2.
2
Figuur 3-1: Berekende verandering (in 2013) van de GHG en GLG ten gevolge van de bodemdaling na 50 jaar (figuur 4.7 en 4.8 van bijlage 1). 3 Figuur 3-2: Berekend effect klimaatverandering (2050) met LHN op GHG (boven) en GLG (onder).
Bijlagen Bijlage 1: Rapport hydrologische effecten door bodemdaling 2013 Bijlage 2: Vergelijking modelparameters REGIS II v2.2 met de parameters van het model
22 maart 2021
BH5570WATRP2103231402
ii
5
Projectgerelateerd
1
Inleiding
In 2013 heeft Royal HaskoningDHV een modelonderzoek uitgevoerd naar de hydrologische effecten van bodemdaling ten gevolge van zoutwinning bij Haaksbergen. De studie is verricht in opdracht van Nouryon die de zoutwinning wil gaan uitvoeren. De studie is uitgevoerd in het kader van het opstellen van een milieueffectrapport (MER). Op basis van een gegeven bodemdaling is onderzocht wat de hydrologische effecten zijn. Er is daarbij gebruik gemaakt van het grondwatermodel van toenmalig waterschap Regge en Dinkel (nu: Vechtstromen). Naast de hydrologische effecten zijn ook afgeleide effecten beschouwd. De MER-studie is opnieuw opgestart. In deze aanvullende rapportage is bezien of de conclusies uit het geohydrologisch onderzoek van 2013 nog geldig zijn. Het rapport met de beschrijving van de hydrologische effecten uit 2013 is opgenomen in bijlage 1. Er zijn een tweetal redenen denkbaar waardoor de uitkomsten van de studie niet meer geldig zouden zijn: 1. Er is sprake van veranderd inzicht in de opbouw van de ondergrond. 2. De referentie-situatie is veranderd, bijvoorbeeld doordat GLG en GHG in de tijd variëren en er tegenwoordig ook rekening gehouden wordt met klimaatverandering om de effecten te beoordelen. Het rapport uit 2013 en deze aanvulling is voorgelegd aan het waterschap Vechtstromen.
Het waterschap heeft op 12 maart 2021 per email aangegeven in te kunnen stemmen met de gevolgde analyse. Leeswijzer Een beschouwing over de ondergrond is opgenomen in hoofdstuk 2. Hoe effecten zullen wijzigen ten gevolge van klimaatverandering is beschreven in hoofdstuk 3. De conclusies uit het rapport van 2013 zijn samengevat in paragraaf 4.1. In paragraaf 4.2 zijn de conclusies samengevat van het aanvullende onderzoek.
22 maart 2021
BH5570WATRP2103231402
1
Projectgerelateerd
2
Opbouw ondergrond
Een belangrijk onderdeel van het grondwatermodel is de schematisatie van de ondergrond in lagen. Deze geschematiseerde opbouw komt tot stand op basis van boringen. Het inzicht hoe de boringen geïnterpreteerd kunnen worden, verandert in de tijd. Ook worden boringen bijgeplaatst. In dat licht is het van belang om te bezien of de interpretatie, zoals die destijds in het model is opgenomen, nog vergelijkbaar is met de huidige inzichten. Daartoe zijn het doorlaatvermogen en de weerstand van de modellagen vergeleken met de nieuwste inzichten zoals te vinden in REGIS II v2.2 (dinoloket TNO). In Figuur 2-1 is een doorsnede weergegeven zoals deze te vinden is in REGIS.
Figuur 2-1: Doorsnede ondergrond REGIS II v2.2.
Kenmerkend is de aanwezigheid van slechts een dun pakket (10 à 40 meter) van watervoerende lagen op dikke kleiafzettingen. De zandige afzettingen bestaan uit afzettingen uit de formatie van Boxtel en Drenthe en iets zuidelijker komen in het oosten ook zandige afzettingen van de Formatie van Appelscha voor. Binnen de zandige afzettingen van de Formatie van Boxtel komen kleilagen voor. REGIS geeft ook het doorlaatvermogen en de weerstand van de verschillende lagen. In bijlage 2 zijn het totale doorlaatvermogen (kD) van de zandlagen en de weerstand van de Boxtelklei (bxk2) vergeleken met het model. Een vergelijking van de kaarten laat zien dat het doorlaatvermogen in het model wat betreft ordegrootte goed overeenkomt met wat in REGIS te vinden is. In de verbreiding zijn er verschillen, maar de structuur met geulopvulling is in beide schematisaties te herkennen. Opgemerkt dient te worden dat de parameterwaarden in het model gekalibreerd zijn. De parameterwaarden in REGIS zijn dat niet. Van de weerstand van bxk2 is niet veel terug te vinden in modellaag C2 (overigens ook niet in C1). Voor de weerstand van bxk2 is in REGIS uitgegaan van een kwaarde van 0,005 m/d, een uniforme doorlatendheid die aan de lage kant is. De nieuwe inzichten wat betreft het doorlaatvermogen zullen niet leiden tot grote veranderingen in de voor de bodemdaling in 2012 berekende effecten.
Het feit dat met minder weerstand in de geulen wordt gerekend kan ertoe leiden dat de verbreiding van de effecten berekend met het model wat groter is dan als met de weerstand uit REGIS zou zijn gerekend. De effecten worden daarmee in ieder geval niet onderschat. Op basis van deze bevindingen lijkt het niet noodzakelijk de effecten van de bodemdaling opnieuw te bepalen met een aangepast model. 22 maart 2021
BH5570WATRP2103231402
2
Projectgerelateerd
3
Klimaat
3.1
Samenvatting resultaten 2012/2013 ten aanzien van de GXG
De grondwatersituatie verandert ten gevolge van bodemdaling. Omdat zowel grondwater als oppervlaktewater niet mee dalen met de bodem komt de grondwaterstand dichter bij maaiveld. In 2013 is een verandering van de GHG en GLG berekend zoals weergegeven in Figuur 3-1. In beide situaties wordt de toestand natter. Bij een te verwachten bodemdaling van maximaal 50 cm is de te verwachten verandering van de GHG maximaal kleiner dan 20 cm en de te verwachten verandering van de GLG maximaal kleiner dan 30 cm.
Figuur 3-1: Berekende verandering (in 2013) van de GHG en GLG ten gevolge van de bodemdaling na 50 jaar (figuur 4.7 en 4.8 van bijlage 1).
22 maart 2021
BH5570WATRP2103231402
3
Projectgerelateerd
De verhoging in de zomer heeft positieve gevolgen voor landbouw en natuur. De verhoging in de winter leidt tot een geringe toename van de landbouwschade en in enkele rekencellen is er mogelijk sprake van het sneller ontstaan van wateroverlast. De afgeleide effecten zijn beschreven in de rapportage van 2013 (bijlage 1).
3.2
Nadere beschouwing in kader van de klimaatverandering
Het effect van de bodemdaling op de grondwaterstand is in de zomer (GLG) groter dan in de winter (GHG), doordat bij de GHG de verhoging van de grondwaterstand meer wordt tegengegaan door een verhoogde afvoer dan in de zomer. In de zomer vallen meerdere waterlopen immers droog. De grootte van de effecten zijn enigszins afhankelijk van de hoogte van de GLG en GHG in de referentiesituatie. Als de GHG natter is zullen de effecten op de grondwaterstand kleiner zijn als er meer waterlopen of andere drainagemiddelen actief worden. Dit effect is echter zeer gering en een orde grootte kleiner dan het verschil in effect bij GLG en GHG (verschil tussen beide figuren van Figuur 3-1). Het feit dat de GLG en GHG in de tijd iets kunnen variëren kan aanleiding zijn tot geringe veranderingen in het effect zoals berekend. Ook klimaatverandering zal leiden tot een verandering van de GLG en GHG. Doordat het warmer wordt treedt er meer verdamping op in de zomer (bij klimaatscenario Wh voor 2050). Er zal echter ook meer neerslag vallen met grotere piekbuien, zowel in de zomer als in de winter. Met het landelijk model van Deltares (LHN) zijn berekeningen uitgevoerd die het effect op de GXG bepalen. De resultaten zijn gepubliceerd in de klimaateffectatlas (www.klimaateffectatlas.nl). De resultaten zijn onzeker maar geven wel een indicatie van wat er te verwachten is.
Voor deze studie is voornamelijk de te verwachten verandering van de GHG van belang. De verlaging van de GLG wordt juist gecompenseerd door de verhoging van de GLG ten gevolge van de bodemdaling. De te verwachten verhoging van de GHG treedt op in het gebied dat door de bodemdaling wordt beïnvloed en is kleiner dan 10 cm. Dit betekent dat het effect van de bodemdaling en de klimaatverandering op de grondwaterstand vrijwel onafhankelijk van elkaar zijn.
22 maart 2021
BH5570WATRP2103231402
4
Projectgerelateerd
Figuur 3-2: Berekend effect klimaatverandering (2050) met LHN op GHG (boven) en GLG (onder).
3.3
Klimaatverandering en afvoer van de beken
In de rapportage van 2013 is aangegeven dat basisafvoer in de winter verhoogt ten gevolge van de bodemdaling. Hoewel niet zeker is of de GHG door klimaatverandering werkelijk zal verhogen, zal bij verhoging door klimaatverandering de basisafvoer van de beken toenemen. Tevens zal door de toename van de intensiteit van de buien de piekafvoer in de beken toenemen. Het waterschap zal met alle drie de gevolgen rekening moeten houden, maar de effecten van de bodemdaling en de klimaatverandering zijn wel onafhankelijk van elkaar te beschouwen. In de zomer (GLG-situatie) zal de basisafvoer ten gevolge van de bodemdaling toenemen. De beken zullen daardoor minder snel droogvallen.
22 maart 2021
BH5570WATRP2103231402
5
Projectgerelateerd
4
Conclusies
4.1
Samenvatting conclusies rapportage 2013
In het rapport van 2013 (opgenomen als bijlage 1) is een beschouwing gegeven van de effecten na 20 jaar bodemdaling en na 50 jaar bodemdaling. De conclusies zijn hieronder samengevat. Na 20 jaar De effecten op de GLG zijn gering (maximaal 0,1 meter) en positief voor de landbouw. De effecten op de GHG zijn gering (maximaal 0,06 meter) en leiden op enkele locaties tot een toename van de landbouwschade van 5% à 10%. Er is geen effect te verwachten voor de bebouwing in het gebied. Er is geen risico op zetting. De basisafvoer van de beken neemt in een aantal afwateringseenheden toe, maximaal 55 m3/dag. Omdat de waterlopen ingericht zijn voor afvoer tijdens hoogwatersituaties zal een verhoging van de basisafvoer niet tot problemen leiden. Door de afname van het verhang met circa 0,015% over een traject van 1.200 meter in het stroomafwaarts gelegen deel binnen het bodemdalingsgebied van de Bolscherbeek zal het peil tijdens hoogwatersituaties toenemen en kan er vaker inundatie optreden. Verdere kwantificering is op basis van de studie uit 2013 niet mogelijk. Na 50 jaar De effecten op de GLG zijn gering (maximaal 0,25 meter) en positief voor de landbouw. De effecten op de GHG zijn gering (maximaal 0,15 meter) en leiden op enkele percelen tot een toename van de landbouwschade van 5% à 15%.
Nagenoeg alle cellen waar een GHG hoger dan 0,8 meter onder maaiveld berekend wordt, vallen buiten de bebouwingslocaties. In enkele cellen treedt mogelijk een toename van wateroverlast op. Er is geen risico op zetting. De basisafvoer van de beken neemt in een aantal afwateringseenheden toe, maximaal 145 m3/dag. Omdat de waterlopen ingericht zijn voor afvoer tijdens hoogwatersituaties zal een verhoging van de basisafvoer niet tot problemen leiden. Door de afname van het verhang met circa 0,03% over een traject van 1.500 meter in het stroomafwaarts gelegen deel binnen het bodemdalingsgebied van de Bolscherbeek zal het peil tijdens hoogwater toenemen en kan er vaker inundatie optreden. Kwantificering is op basis van de studie uit 2013 niet mogelijk.
4.2
Aanvullende conclusies 2021
Op basis van de bevindingen ten aanzien van de schematisatie van de ondergrond lijkt het niet noodzakelijk de effecten van de bodemdaling opnieuw te bepalen met een aangepast model. De te verwachten verhoging van de GHG ten gevolge van de klimaatverandering is in het gebied, dat door de bodemdaling wordt beïnvloed, kleiner dan 10 cm. Het effect op de GHG ten gevolge van de bodemdaling en de klimaatverandering zijn daarmee onafhankelijk van elkaar te beschouwen. Door een hogere GHG ten gevolge van klimaatverandering zal de basisafvoer van de beken toenemen. De verwachte verlaging van de GLG ten gevolge van de klimaatverandering wordt gecompenseerd door de verhoging van de GLG ten gevolge van de bodemdaling. In de zomer (GLG-situatie) zal de basisafvoer ten gevolge van de bodemdaling toenemen. De beken zullen daardoor minder snel droogvallen.
22 maart 2021
BH5570WATRP2103231402
6
Projectgerelateerd
De piekbuien kunnen ten gevolge van klimaatverandering toenemen zowel in de winter als in de zomer. Het waterschap zal hier rekening mee moeten houden.
22 maart 2021
BH5570WATRP2103231402
7
Bijlage 1 Rapport hydrologische effecten door bodemdaling 2013
Definitieve notitie hydrologische effecten door bodemdaling zoutwinning Haaksbergen
AkzoNobel 15 augustus 2013 Definitief rapport 9W5639.01
HASKONINGDHV NEDERLAND B.V. INDUSTRY, ENERGY & MINING
Boschveldweg 21 Postbus 525 5201 AM 's-Hertogenbosch +31 73 687 41 11
Telefoon
+31 73 612 07 76
Fax
info@rhdhv.com
www.royalhaskoning.com
Internet
Arnhem 09122561
Documenttitel
Verkorte documenttitel
Definitieve notitie hydrologische effecten door bodemdaling zoutwinning Haaksbergen Notitie
Status
Definitief rapport
Datum
15 augustus 2013
Projectnaam
MER Zoutwinning IHS
Projectnummer
9W5639.01
Opdrachtgever
AkzoNobel
Referentie
9W5639.01/R0001/500914/DenB
Auteur(s)
ir. B.J. van der Wal
Collegiale toets
M. Giesberts
Datum/paraaf
15-08-2013
Vrijgegeven door
M. Giesberts
Datum/paraaf
15-08-2013 A company of Royal Haskoning
KvK
INHOUDSOPGAVE Blz. 1
INLEIDING
1
2
UITGANGSPUNTEN EN GRONDWATERMODEL 2.1 Bodemdaling 2.2 Grondwatermodel 2.3 Bodemdaling in het grondwatermodel
3 3 4 8
3
UITGEVOERDE BEREKENINGEN EN EFFECTBEPALING 3.1 Uitgevoerde berekeningen 3.2 Hydrologische effecten 3.3 Effecten op landbouw, natuur en bebouwing
11 11 11 12
4
BEREKENDE EFFECTEN BODEMDALING 4.1 Hydrologische effecten na 20 jaar 4.2 Effect op landbouw en bebouwing na 20 jaar 4.3 Hydrologische effecten na 50 jaar 4.4 Effect op landbouw en bebouwing na 50 jaar
13 13 15 17 19
5
CONCLUSIES EN BESCHOUWING VAN DE BEREKENDE EFFECTEN
25
Notitie Definitief rapport
9W5639.01/R0001/500914/DenB -i-
15 augustus 2013
1
INLEIDING Kader AkzoNobel is voornemens om zout te gaan winnen uit de nieuwe winningslocatie ten noordwesten van Haaksbergen. De keuze voor de locatie Haaksbergen heeft te maken met de dikte van het zoutpakket, de ingeschatte risico’s en de kwaliteit van het zout. Op dit moment wordt een MER studie uitgevoerd waarin verschillende varianten worden uitgewerkt. De in dit rapport beschreven effecten van de bodemdaling worden gebruikt bij de MER-studie. De bodemdaling voor een aantal scenario’s is berekend door KBB. De bodemdaling heeft mogelijk gevolgen voor de hydrologie en daarvan afgeleid zijn er mogelijk gevolgen voor de landbouw, de natuur en bebouwing in het gebied. In deze studie zijn de hydrologische effecten en de afgeleide effecten bepaald voor een worst case bodemdalingsscenario voor zowel de situatie na 20 jaar als na 50 jaar. De hydrologische effecten zijn bepaald met behulp van een grondwatermodel van Waterschap Regge en Dinkel. Gezien het regionale karakter van de bodemdaling heeft Royal HaskoningDHV er voor gekozen het beschikbare model met cellen van 100 m bij 100 m te gebruiken voor de berekeningen (TNO-rapport: NITG 04-020-B, 12 mei 2004). Het model is geschikt gemaakt voor deze studie.
Figuur 1: Winningslocatie
Notitie Definitief rapport
9W5639.01/R0001/500914/DenB -1-
15 augustus 2013
Leeswijzer De te verwachten bodemdaling is beschreven in hoofdstuk 2. In dit hoofdstuk zijn tevens het grondwatermodel, de modelaanpassingen en de hydrologische situatie beschreven. Hoe de bodemdaling in het model is doorgevoerd is beschreven in de laatste paragraaf van hoofdstuk 2. Met het model een drietal berekeningen uitgevoerd, de referentiesituatie, de situatie na 20 jaar bodemdaling en de situatie na 50 jaar bodemdaling. De berekeningen worden kort toegelicht in hoofdstuk 3. In hoofdstuk 3 is tevens beschreven hoe de effecten van de bodemdaling worden beoordeeld. Het betreft de hydrologische effecten en de effecten op landbouw, natuur en bebouwing. Voor de landbouw geldt dat er mogelijk sprake is van opbrengstderving ten gevolge van een veranderende grondwaterstand. Of dit gebeurt, is bepaald met Waternood, een instrument voor landbouwschadeberekeningen. Ook natuur is gevoelig voor een grondwaterstand die verandert. Voor de bebouwing wordt gekeken naar het mogelijk ontstaan van wateroverlast in natte perioden en naar het risico op zetting in droge perioden. In hoofdstuk 4 zijn de effecten van de bodemdaling voor de situatie na 20 jaar en na 50 jaar beschreven. Er wordt kort ingegaan op mogelijk compenserende maatregelen. In hoofdstuk 5 worden de conclusies samengevat en worden de effecten beschouwd.
9W5639.01/R0001/500914/DenB 15 augustus 2013
Notitie -2-
Definitief rapport
2
UITGANGSPUNTEN EN GRONDWATERMODEL
2.1
Bodemdaling Ten gevolge van de voorgenomen zoutwinning zal de bodem ten noordwesten van Haaksbergen dalen. De verwachtte daling na 20 en 50 jaar is met modellen berekend door KBB en als invoer voor deze studie aangeleverd op een raster van 50 m bij 50 m. Bodemdaling na 20 jaar [m]
Figuur 2.1: Te verwachten bodemdaling na 20 jaar
Bodemdaling na 50 jaar [m]
Figuur 2.2: Te verwachten bodemdaling na 50 jaar
Notitie Definitief rapport
9W5639.01/R0001/500914/DenB -3-
15 augustus 2013
In figuur 2.1 en 2.2 zijn de te verwachten dalingen weergegeven op het modelraster van het grondwatermodel (100 m bij 100 m). In het centrum van het winningsgebied bedraagt de berekende bodemdaling maximaal circa 18 cm na 20 jaar en circa 45 cm na 50 jaar.
2.2
Grondwatermodel Het grondwatermodel van waterschap Regge en Dinkel is opgebouwd uit 3 watervoerende lagen. Het is een tijdsafhankelijk model, dat de grondwaterstand tijdsafhankelijk met een representatief weerjaar berekent. De GHG (gemiddeld hoogste grondwaterstand), de GVG (gemiddelde voorjaars grondwaterstand) en de GLG (gemiddeld laagste grondwaterstand) worden hieruit afgeleid. In het model zijn verschillende typen waterlopen en drainageniveau’s opgenomen. Het volgende onderscheid is gemaakt: de leggerwatergangen; de kleinere “top10” waterlopen; landbouwkundige drains; maaiveld. De leggerwatergangen en de kleinere “top10” waterlopen zijn in figuur 2.3 opgenomen. De cellen waar waterlopen voorkomen zijn gekleurd. In elke cel kunnen meerdere waterlopen afzonderlijk worden gedefinieerd.
Top 10 waterlopen Legger waterlopen Figuur 2.3: Waterlopen in het grondwatermodel
Aanpassingen in het grondwatermodel Het grondwatermodel is niet gekoppeld aan een oppervlaktewatermodel. Grondwater kan verticaal het grondwatermodel verlaten via de drainerende middelen. Het verdere verloop van het uittredende water in het oppervlaktewater wordt echter niet gevolgd.
9W5639.01/R0001/500914/DenB 15 augustus 2013
Notitie -4-
Definitief rapport
Het blijkt dat in het grondwatermodel in een aantal cellen het opgegeven drainerende waterpeil lager is dan in de omliggende cellen. In het grondwatermodel is dat geen enkel probleem, echter het water kan vervolgens niet wegstromen via het oppervlaktewater en het peil is dus te laag gekozen, tenzij er sprake zou zijn van een bemaling. In deze cellen, zie figuur 2.4 is het oppervlaktewaterpeil gecorrigeerd. Oppervlaktewaterpeil gecorrigeerd [m]
Figuur 2.4: Cellen waar oppervlaktewaterpeil in grondwatermodel is aangepast
Hydrologische situatie De berekende grondwaterstand (GVG) is weergegeven in figuur 2.5. De GVG verloopt van circa NAP +28 meter in de zuidoost hoek tot circa NAP +15 meter in de noordwest hoek, een verval van 13 meter. Het is duidelijk zichtbaar dat de isolijnen (lijnen met gelijke grondwaterstand) naar de waterlopen toe afbuigen. De waterlopen draineren het grondwater. Dit wordt ook duidelijk in figuur 2.6 waarin de hoeveelheid drainage is weergegeven in het voorjaar.
Notitie Definitief rapport
9W5639.01/R0001/500914/DenB -5-
15 augustus 2013
Berekende GVG [m tov NAP]
Figuur 2.5: Berekende grondwaterstand
Berekende drainage [mm/d] in voorjaar referentie situatie
Figuur 2.6: Berekende drainage in de voorjaarssituatie
Calibratie Het model is gecontroleerd met behulp van peilbuismetingen. Van alle beschikbare peilbuizen zijn de metingen opgevraagd bij het DINO-loket (www.dinoloket.nl) voor de periode 2001-2010. Uit de meetreeksen is een GLG, GVG en GHG bepaald en deze zijn vergeleken met de berekende GLG, GVG en GHG.
9W5639.01/R0001/500914/DenB 15 augustus 2013
Notitie -6-
Definitief rapport
In figuur 2.7, 2.8 en 2.9 zijn de GHG, GVG en GLG ten opzichte van maaiveld weergegeven inclusief de afwijkingen die berekend zijn ten opzichte van de gemeten waarden. Een positieve afwijking betekent dat het model de grondwaterstand te hoog ofwel de situatie te nat berekent. Er zijn slechts weinig meetpunten beschikbaar binnen het gebied waar de bodemdaling optreedt. Er worden geringe afwijkingen gevonden, behalve in een meetpunt ten oosten van de bodemdalingszone (B34E0105) waar de GHG 0,52 meter te hoog berekend wordt. Verder weg worden nog enkele grotere afwijkingen gevonden van circa 0,8 meter. Berekende GHG [m tov Maaiveld]
Figuur 2.7: Berekende GHG ten opzichte van maaiveld
Berekende GVG [m tov Maaiveld]
Figuur 2.8: Berekende GVG ten opzichte van maaiveld
Notitie Definitief rapport
9W5639.01/R0001/500914/DenB -7-
15 augustus 2013
Berekende GLG [m tov Maaiveld]
Figuur 2.9: Berekende GLG ten opzichte van maaiveld
2.3
Bodemdaling in het grondwatermodel De bodemdaling leidt er toe dat alles in het gebied zal dalen. In het model moeten daarom alle drainageniveau’s worden verlaagd. Het betreft het niveau in: de leggerwatergangen; de kleinere “top10” waterlopen; drains; maaiveld. Zowel het bodemniveau van de waterlopen als de stuwpeilen van de stuwen in de waterlopen zullen dalen. Het is echter mogelijk dat het peil in de waterlopen minder daalt dan de bodem omdat water immers niet omhoog zal stromen. Dit wordt toegelicht aan de hand van de Bolscher Beek. In figuur 2.10 is als voorbeeld weergegeven wat de bodemdaling na 50 jaar betekent voor de Bolscher beek. Het beekpeil verloopt van circa NAP+22 meter bovenstrooms tot circa NAP +15 meter benedenstrooms, waarbij het peil op een aantal locaties is gestuwd. Het in de figuur weergegeven peil is overgenomen uit het grondwatermodel. Het verhang in de beek is gemiddeld 7 meter op 7 kilometer ofwel 0,1 % De bodemdaling is doorgevoerd door het peil in de referentiesituatie (bovenste lijn in figuur 2.10) te verminderen met de bodemdaling. Het resultaat is de onderste lijn in het figuur. Achter de stuw op 3000 meter in de grafiek ontstaat in de onderste lijn een zone waar het waterpeil stroomafwaarts omhoog gaat. Aangezien dit niet mogelijk is wordt het peil gecorrigeerd tot de middelste lijn.
Hier is dus de daling van het peil kleiner dan de bodemdaling.
9W5639.01/R0001/500914/DenB 15 augustus 2013
Notitie -8-
Definitief rapport
Bolscher beek 22
peil beek [m tov NAP]
21
20
19
peil peil na bodemdaling
18
peil na bd gecorrigeerd
17
16
15 0
1000
2000
3000
4000
5000
6000
7000
afstand
Figuur 2.10: Beekpeil Bolscher beek
Het feit dat het waterpeil minder daalt dan het bodemniveau doet zich in meerdere waterlopen voor, ook in de kleinere waterlopen. De modelcellen waar het peil minder zal dalen dan de bodem is weergegeven in figuur 2.11. Peil waterlopen daalt minder dan bodem [m] Situatie na 50 jaar stuw Bolscher beek
Figuur 2.11: Cellen waar het peil minder daalt dan de bodem van de waterlopen
2.4
Hoogwater situatie. Een hoger beekpeil tijdens hoogwater kan leiden tot meer en grotere inundatiezones met een hoger waterpeil. Inundatie is enerzijds ongewenst. Er is risico voor bebouwing als deze niet hoog genoeg ligt. Inundatie tijdens hoogwater is anderszijds gewenst om de afvoerpieken stroomafwaarts te verkleinen.
Notitie Definitief rapport
9W5639.01/R0001/500914/DenB -9-
15 augustus 2013
Het waterschap heeft onlangs plannen uitgewerkt voor de herinrichting van de Bolscherbeek. Er is een uitgebreide modelstudie uitgevoerd door HKV (pr2279.20, maart 2012), waarbij de effecten tijdens hoogwater zijn beschouwd. Gesteld is dat door de herinrichting van de beek bij een situatie die eens in de 100 jaar voor komt het inundatieoppervlak niet mag toenemen. HKV heeft het inundatieoppervlak bepaald door het maximale berekende beekpeil te vergelijken met het maaiveldhoogte in een strook van 100 meter rond de beek. Het maximale beekpeil is samengesteld uit het berekende beekpeil voor 7 verschillende maatgevende situaties, 6 dynamische en 1 stationaire situatie. Het waterschap heeft het Sobekmodel waarmee HKV de berekeningen heeft uitgevoerd beschikbaar gesteld aan Royal HaskoningDHV om de effecten van de bodemdaling te onderzoeken. In overleg met het waterschap is er voor gekozen het effect op het beekpeil van de bodemdaling na 50 jaar voor de situatie na herinrichting van de beek te bepalen. Deze situatie na herinrichting van de beek (ontwerp 1.3) is voor deze studie de referentiesituatie. Er is contact geweest met HKV over de keuze van het juiste berekeningsscenario en de maatgevende situatie. De situatie na herinrichting (ontwerp 1.3) is stationair herberekend. Het uit 7 berekeningen samengestelde maatgevende peil is door HKV aangeleverd.
9W5639.01/R0001/500914/DenB 15 augustus 2013
Notitie - 10 -
Definitief rapport
3
UITGEVOERDE BEREKENINGEN EN EFFECTBEPALING
3.1
Uitgevoerde berekeningen Met het grondwatermodel zijn een drietal berekeningen uitgevoerd: de referentiesituatie; de situatie na 20 jaar bodemdaling; de situatie na 50 jaar bodemdaling. De referentiesituatie is de situatie die representatief is voor de huidige situatie. Hiervoor is de situatie zoals die berekend wordt met het door het waterschap aangeleverde model gebruikt met de aanpassingen die zijn beschreven in paragraaf 2.2. Voor de situatie na 20 jaar en 50 jaar bodemdaling zijn berekeningen uitgevoerd waarbij alle drainageniveau’s en het maaiveld zijn verlaagd volgens de bodemdaling zoals weergegeven in figuur 2.1 en 2.2. Bij de berekeningen is rekening gehouden met het feit de daling van het waterpeil in de waterlopen niet overal gelijk is aan de daling van het bodemniveau, zie paragraaf 2.3.