CConstaterende datGroningen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Waterbalans Water en riolering 2025-2029.pdf

gemeenteraad 20 november 2024, gemeente GroningenBij agendapunt: a: Programma water en riolering (raadsvoorstel 9-10-24)21.301 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Het grondwaterbeleid blijft ongewijzigd. We verwachten dat door extreem natte periodes grondwateroverlast kan toenemen. Recent voorbeeld is de winter van 2023-2024 toen we te maken hadden met veel neerslag. We houden rekening met de uitvoering van een aantal projecten in gebieden waar inwoners structureel overlast ervaren. Het grondwatermeetnet bewijst ons hierbij goede diensten. Het opstellen van een grondwatermodel maakt het mogelijk om een deel van het meetnet te saneren waardoor de operationele kosten ervan verlaagd worden. Wat mag van ons verwacht worden? We beperken structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor zover dit doelmatig is en niet tot de taak van het waterschap, de provincie of het Rijk behoort. Extreme neerslag kan tijdelijk leiden tot een hoge(re) grondwaterstand. Wanneer dit geen gevolgen heeft voor de langere termijn wordt dit gezien als een normaal maatschappelijk risico voor de perceeleigenaar. Wat vinden wij grondwateroverlast? Er is sprake van grondwateroverlast als de grondwaterstand structureel hoger is dan 70 cm beneden het maaiveld én er meldingen zijn over structurele, aantoonbaar nadelige gevolgen. Hiervan is sprake als de overlast gedurende ten minste drie opeenvolgende jaren optreedt. Een uitzondering hierop zijn natte kruipruimtes bij woningen gebouwd na 1992.

Deze woningen moeten te voldoen aan ‘Besluit Bouwwerken Leefomgeving (eerder Bouwbesluit). Als een natte kruipruimte of optrekkend vocht bij deze woningen voor overlast zorgt in de leefruimte, is er sprake van een bouwkundig gebrek. Dit is niet de verantwoordelijkheid van de gemeente. 22

WATERBALANS – Programma Water en Riolering 2025-2029 – Stadsbeheer / Beheer Openbare Ruimte gemeente Groningen

Wat doen we bij overlast door grondwater? Gemeentes hebben een inspanningsverplichting voor het ondiepe grondwater in stedelijk gebied. Met het grondwatermeetnet monitoren we de grondwaterstanden. Voor het oplossen van grondwateroverlast in bestaand bebouwd gebied wordt de volgende aanpak gevolgd: •

• •

Onderzoek naar aard en omvang van overlast: o planmatig in aandachtsgebieden grondwater; o in het kader van voorgenomen projecten; o naar aanleiding van klachten; ontwerpen van gebiedsgerichte oplossingen; uitvoeren van maatregelen.

De gemeente treft alleen maatregelen als deze doelmatig zijn. Hiervoor doen we een doelmatigheidstoets: hoe verhoudt het effect van de maatregelen zich tot de kosten. In de praktijk betekent dit dat we maatregelen bijna altijd combineren met andere werkzaamheden. Grondwateronderlast We merken dat in langdurige droge perioden de grondwaterstand flink kan dalen. We onderzoeken de komende periode of dat mogelijk tot problemen kan leiden. Bij grondwateronderlast gaat het over de gevolgen van te weinig water. Het gaat bijvoorbeeld over de consequenties voor: beschikbaarheid van drinkwater, opbrengsten in de agrarische sector, (kwetsbare) natuur, openbaar groen, stabiliteit van dijken en kaden, bodemdaling door inklinking, gebouwen en riolering door zetting, en funderingen door paalrot. We leggen, waar mogelijk, drainagestelsels aan die zowel water kunnen aanvoeren als afvoeren.

PROCES MELDING GRONDWATEROVERLAST

Buitengebied Geredeneerd vanuit onze gemeentelijke rollen – afwisselend regisserend, regelgevend, samenwerkend, faciliterend en stimulerend – zijn onze mogelijkheden bij grondwateronderlast in het buitengebied beperkt. Wij zijn meestal geen eigenaar van gronden en zijn wettelijk volgend op bijvoorbeeld de provinciale omgevingsverordening en het peilbeheer van het waterschap.

23 WATERBALANS – Programma Water en Riolering 2025-2029 – Stadsbeheer / Beheer Openbare Ruimte gemeente Groningen

De nadruk ligt hier op samenwerken. We vullen dit in door onze betrokkenheid bij het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG), de Regionale Adaptatie Strategie (RAS), samenwerking in de waterketen, en projectgerichte samenwerkingen – zoals bij het Zuidlaardermeergebied en Meerschap Paterswoldsemeer.

Als de nadere prioritering van behoeften binnen categorie 3 en 4 niet in een provinciale verordening is vastgelegd, kan het waterschap dit vormgeven.

Stedelijk gebied Binnen de bebouwde kom heeft de gemeente meer mogelijkheden maar hebben wij nog geen volledig inzicht in de, potentiële, gevolgen van grondwateronderlast. In onze uitvoeringsagenda Klimaatbestendig Groningen hebben wij daarom ook verdiepend onderzoek aangekondigd. Op basis hiervan bekijken we wat de aanpak wordt. Deels moet dit onderzoek nog plaatsvinden. Dit onderwerp is eveneens opgenomen in de Regionale Uitvoeringsagenda. Onderdelen die we meenemen in dit onderzoek zijn: • • • • •

Inzicht in effect op de hoge zandgronden; Inzicht in effect op grotere gebiedsontwikkelingen; Schade door zettingen; Effecten op groen binnen bebouwde kom; Gemeentelijk handelingsperspectief scenario’s drinkwaterbeschikbaarheid en drinkwaterkwaliteitsbescherming. We leveren al input voor de KRW gebiedsdossiers grondwaterwinningen openbare drinkwatervoorziening Onnen en De Punt.

Verdelen schaars water Bijna elk jaar treedt in Nederland een periode van droogte op. Er verdampt meer water dan dat er neerslag valt, en de aanvoer van water via rivieren neemt af. Dit maakt ook dat er besluiten nodig zijn over prioritering bij het verdelen van schaars zoetwater. Bij ernstige watertekorten hanteren waterbeheerders de verdringingsreeks voor de verdeling van zoetwater. De verdringingsreeks geeft de rangorde van maatschappelijke behoeften aan bij de verdeling van zoetwater. De rangorde van belangen binnen de categorieën 1 en 2 is op nationaal niveau vastgelegd.

VERDRINGINGSREEKS BESCHIKBAAR WATER (BRON: KENNISCENTRUM INFOMIL MIN. I&W)

4.4 Waterkwaliteit Voor de bescherming en verbetering van de kwaliteit van de bodem en het grondwater is het instrumentarium van de milieuwetgeving leidend. Gemeente en waterschappen werken samen aan het bereiken van een goede waterkwaliteit. In het buitengebied is dit in de meeste gevallen de verantwoordelijkheid van het waterschap. Bij ongewenste uitstoot uit ons riool- en waterstelsel hebben we oog voor de KRW-doelstellingen. Waterschap Hunze en Aa’s heeft hiervoor een actieplan KRW (8 mei 2024) opgesteld. Wat willen we bereiken? Schoon water is een belangrijke kwaliteit: zowel voor een fijne en gezonde leef- en werkomgeving voor inwoners en bedrijven als ecologisch. •

De waterkwaliteit past bij de functie: gebruik, natuurwaarde, oeverinrichting of als opvang van neerslag. 24

WATERBALANS – Programma Water en Riolering 2025-2029 – Stadsbeheer / Beheer Openbare Ruimte gemeente Groningen

• • •

Hemelwater infiltreren we in de bodem of voeren we af naar oppervlaktewater. Ontkoppelen afvoer afval- en hemelwater: zo veel mogelijk gescheiden rioolstelsels. Duurzaam waterbeheer door gebruik te maken van beschikbare informatie over de kwaliteit van oppervlaktewater en de locatie van riooloverstorten.

Om bovenstaande doelen te realiseren beschouwen we het beheer van riolering en watersysteem als een geheel. Het effect op bijvoorbeeld natuurwaarden, gebruiksfuncties, beleving, of klimaatadaptatie weegt mee in hoe we beheren.

Uitgangspunt voor waterkwaliteit: meer gericht op resultaten dan op normen.

Risico’s Er zijn situaties dat het rioolsysteem niet genoeg capaciteit heeft. Op dat moment functioneren overstorten als veiligheidsklep. Dit voorkomt overlast of schade in woningen en gebouwen. Tegelijk zorgt het voor lozingen van ongezuiverd afvalwater op oppervlaktewater. Met name bij gemengde rioolstelsels die zowel afval- als hemelwater verwerken kan dit gebeuren. Veel vijvers in stedelijk gebied zijn ook ooit voor dat doel aangelegd en ook in de toekomst houden ze deze functie. In combinatie met geen of weinig doorstroming heeft dit een negatief effect op de waterkwaliteit, waterleven en beleving van een vijver. Dit is bijvoorbeeld schadelijk voor vissen en amfibieën. Om dergelijke lozingen verder te minimaliseren wordt het bestaande gemengde rioolstelsel steeds meer ontvlochten en is een gescheiden rioolstelsel de norm.

Aanpak Het verbeteren van de waterkwaliteit in onze gemeente is een langdurig proces waarbij veel factoren van invloed zijn. Het ombouwen van een systeem waarvan de oudste delen al 150 jaar oud zijn kost tijd. Ook vraagt het continu focus om de diverse projecten op elkaar af te stemmen en de doelen goed in beeld te houden. We gaan daarom in de eerste plaats door op de ingeslagen weg, op zoek naar nieuwe kansen en innovaties om onze doelen op een efficiente en doelmatige manier te realiseren. We gaan eveneens door met onderzoek naar de invloed van medicijnen en microverontreinigingen op de waterkwaliteit. We willen hier structureel invulling aan geven in een gezamenlijk programma met de waterschappen. We monitoren het watersysteem om onze kennis ervan steeds verder uit te bouwen. Met deze kennis kunnen we het watersysteem continu verbeteren. In het oppervlaktewater doen we op een aantal specifieke plaatsen analyses om het verloop van de waterkwaliteit nauwkeurig te volgen. In de overige wateren blijven we ecoscans en waterscans uitvoeren. Ook de frequentie van riooloverstorten en de samenstelling van het water worden gemonitord. Het beheer van het rioolsysteem is erop gericht dat overstorten van onverdund afvalwater zo weinig mogelijk geloosd wordt op oppervlaktewater. Lozen van verdund ongezuiverd afvalwater is alleen tijdens extreme neerslag of een calamiteit toegestaan.

Het wordt in de meeste gevallen getransporteerd naar een rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI), en anders naar een IBA (Individuele Behandeling Afvalwater), of helofytenfilter. In alle gevallen wordt het afvalwater geschikt gemaakt om veilig op het oppervlaktewater te lozen zodat het geen milieu- of gezondheidsrisico vormt.

25 WATERBALANS – Programma Water en Riolering 2025-2029 – Stadsbeheer / Beheer Openbare Ruimte gemeente Groningen

LOZEN WATER

We meten en monitoren continu waterkwaliteit en -kwantiteit. Op strategische locaties wordt de kwaliteit van oppervlakte- en rioolwater gemonitord. En daarnaast de kwantiteit van riooloverstorten en neerslag. Het gebied waar we meten en monitoren wordt in 2025 uitgebreid met de woongebieden van voormalige gemeenten Ten Boer en Haren, en Meerstad. In 2008 is de ‘oude’ gemeente Groningen begonnen met registreren van neerslag, vervolgens in 2010 ook de kwantiteit van overstorten en in 2014 de waterkwaliteit. Het uiteindelijke doel is dat de keuze van techniek en investeringen voor milieu- en gezondheid zijn te kwantificeren. Water op straat wordt deels via het rioolsysteem afgevoerd. Met de aanleg van hemelwaterriolen, onderscheiden we twee typen van waterkwaliteit bij water op straat. In gebieden waar een gescheiden rioolstelsel ligt, is dit schoon hemelwater. Waar een gemengd rioolstelsel aanwezig is, is dit verdund afvalwater. Om hemelwater zo veel mogelijk schoon te houden, worden verschillende maatregelen uitgevoerd. We onderzoeken waar we hemelwater kunnen afkoppelen van de gemengde riolering. Naast een positief effect op de waterkwaliteit is dit gunstig voor de capaciteit van het vuilwaterrioolsysteem.

Functiekaart Niet overal is dezelfde waterkwaliteit nodig. De functie van het oppervlaktewater – gebruik, natuurwaarde, oeverinrichting, en opvang van hevige neerslag – bepaalt waar welke waterkwaliteit nodig is. De functies worden onder andere bepaald in de waterstructuurplannen en de Gemeentelijk Ecologische Structuur (GES). Met de functiekaart kunnen we inwoners duidelijk maken wat ze waar en waarom kunnen verwachten van de waterkwaliteit. Om te kunnen sturen op de gewenste kwaliteit is daarom een functiekaart nodig. Deze maakt het voor iedereen duidelijk waar welke waterkwaliteit wordt gevraagd. Met deze kaart kunnen we maatregelen beter structureren. Daarnaast kan deze kaart de waterschappen ondersteunen bij het proces voor overige wateren (niet aangewezen als KRW-waterlichaam). Op dit moment is nog niet de volledige gemeente zo in beeld gebracht. Een speerpunt is daarom het actualiseren van de functiekaart, zodat het beheer en onderhoud beter afgestemd wordt op de functie. Hiermee kunnen we functiegericht beheer invoeren. Hierbij zoeken we samenwerking met de waterschappen. Deze kaart heeft een duidelijke relatie met meten en monitoren. Oppervlaktewater: kwaliteit en kwantiteit Bij het oppervlaktewater streven we naar een toename van duurzaam stedelijk water en waar mogelijk ook van stedelijk natuurwater. Belangrijk hierbij is het verminderen van verontreiniging.

Dit kan door het aantal overstorten te verminderen, maar daarnaast door de inrichting van oevers. Door oevers natuurvriendelijker in te richten, ontstaat meer plantengroei en daarmee extra biodiversiteit. Het gevolg is ook een betere waterkwaliteit. Vijvers hebben niet altijd een verbinding met ander (oppervlakte)water. Aanbrengen van een onderlinge verbinding zorgt voor doorstroming – een continu aan- en afvoer van water – en daarmee een verbeterde waterkwaliteit. Periodiek baggeren heeft een gunstige invloed op de waterkwaliteit. Daarnaast is het van belang voor de bergingscapaciteit. We hebben daarvoor een meerjarenplanning.

26 WATERBALANS – Programma Water en Riolering 2025-2029 – Stadsbeheer / Beheer Openbare Ruimte gemeente Groningen

Zwemwater De gemeente Groningen heeft een aantal officiële zwemwaterlocaties in eigendom en/of beheer. Daarnaast zijn er locaties in eigendom en/of beheer van andere organisaties. Naam Ruskeveense Plas Hoornse Plas Stadsstrand Vrydemalaan Paterswoldsemeer Kardinger Plas Engelbertplas Strand Meeroevers Strand Park Meerstad Grunoplas Grunostrand Camping

Beheer Gemeente Groningen Meerschap Paterswolde Gemeente Groningen Meerschap Paterswolde Gemeente Groningen NV Engelbert Vooruit Gemeente Groningen Meerstad Gemeente Groningen Gemeente Groningen

LOCATIES ZWEMWATER

Gemeentelijke watertaken op deze locaties omvatten het beheersen van negatieve invloed op de zwemwaterkwaliteit als gevolg van de wettelijke taken (inname en afvoer van hemel- en afvalwater). Daarnaast hebben we een adviserende rol ten aanzien van overige factoren die de waterkwaliteit of het ecosysteem beïnvloeden (inrichting, maaibeheer, peilbeheer… etc). Vooral in de dichtbevolkte stad, zeker met een warmer wordend klimaat, worden dergelijke locaties belangrijker. De druk op de bestaande locaties neemt toe. Het Stadspark is in onderzoek als potentiële zwemwaterlocatie.

ZWEMWATER STADSSTRAND GRONINGEN

4.5 Werkwijze Integrale aanpak Water- en rioleringsmaatregelen worden nauw afgestemd met het Programma Klimaatadaptatie, Wijkenergieplannen, Mobiliteitsprogramma en andere programma’s en projecten in de gemeente. Het Groninger Ambitieweb is een hulpmiddel dat ons helpt keuzes te maken in doelstellingen bij een project. Het maakt inzichtelijk op welke thema’s of waarden we binnen een project het verschil willen maken. Bij de voorbereiding van ieder project gaan we dit gebruiken. De integrale benadering van watersysteem en riolering blijft een speerpunt. Helemaal nu we steeds vaker te maken krijgen met veel neerslag in korte tijd. We streven naar robuustheid in de samenhang tussen ruimtelijke inrichting, riolering en watersysteem. Dit biedt nieuwe kansen voor de waterkwaliteit, bijvoorbeeld door hemelwater te gebruiken voor doorstroming en door de invloed van riooloverstorten te verminderen.

27 WATERBALANS – Programma Water en Riolering 2025-2029 – Stadsbeheer / Beheer Openbare Ruimte gemeente Groningen

Verantwoordelijkheden De waterschappen zijn bevoegd gezag voor al het oppervlaktewater. Daarbij gaat het zowel om de kwaliteit als de kwantiteit. De waterschappen zijn meestal, ook in bebouwd gebied, verantwoordelijk voor het onderhoud van het hoofdwatersysteem (primaire watergangen). De gemeente voert, voor zover zij eigenaar zijn, het onderhoud uit aan de secundaire en tertiaire watergangen. In onze gemeente is een aantal kanalen en beken aangewezen als ‘waterlichaam onder de Europese Kaderrichtlijn Water’. Voor deze waterlichamen gelden specifieke doelen en kwaliteitseisen, die uiterlijk in 2027 moeten worden gerealiseerd door de waterschappen. Het beheer en onderhoud van de riolering is onderdeel van de ‘gemeentelijke huishouding’ (artikel 108 Gemeentewet). Het zijn daarmee taken van de gemeente.

Als de particulier kosten heeft gemaakt voor het verhelpen van de verstopping en kan aantonen dat de verstopping op gemeentelijk terrein was, dragen we bij in de kosten. We vergoeden deze kosten tot een maximum van € 200. Blijkt de huisaansluiting in gemeentegrond technisch in orde en slechts verstopt, dan verhelpen we dit op verzoek ook. De kosten van de inspectie en de overige kosten komen dan voor rekening van de eigenaar. Water en droogte in gemeentelijke projecten In de wijken waarvoor een SSW is opgesteld, is deze leidend binnen projecten. Het Groninger Ambitieweb toont integraal de opgaves binnen een gebied aan. Verder staat in het klimaatadaptatiebeleid wat we zien als urgente wateroverlastlocaties die we zo snel mogelijk willen aanpakken. Locaties waar droogte potentieel tot schade kan leiden willen we in kaart brengen.

Gemeente en andere grondeigenaren zijn samen verantwoordelijk voor het rioolstelsel. Het deel van de rioolaansluiting vanaf het gemeenteriool tot de gevel van een gebouw – de huisaansluiting – wordt beschouwd als particulier eigendom. Deels kan deze dus op gemeentelijk terrein liggen. Verstoppingen Bij een verstopping of ander probleem wordt de locatie van de oorzaak vastgesteld. Op particulier of gemeentelijk terrein? Doet het zich voor op particulier terrein, dan moet de eigenaar het zelf oplossen. Bij een verstopping op gemeentelijk terrein is dat de taak van de gemeente. De huisaansluiting kan zich deels op gemeentelijk terrein bevinden. Ook in die situatie voeren we, op onze kosten en ongeacht de oorzaak, het herstel uit. Hiermee vermijden we moeizame discussies over aansprakelijkheid. Bovendien is het ongewenst om particulieren toestemming te geven op gemeentelijk terrein dergelijke werkzaamheden uit te voeren. Deze regel geldt voor zowel vuilwater, hemelwater (inclusief buffer), drainage als oppervlaktewater.

CAMERABEELD VAN RIOOLINSPECTIE

28 WATERBALANS – Programma Water en Riolering 2025-2029 – Stadsbeheer / Beheer Openbare Ruimte gemeente Groningen

o

4.6 Beheer Monitoren en inspecteren Goed beheer kan niet zonder voldoende actuele gegevens. Het is belangrijk om uitgangspunten in de praktijk te controleren en om inzichten aan te passen op wat er in de praktijk gebeurt. Inspecties vertellen ons of iets wel of niet aan de normen voldoet. Moet het gerepareerd worden? Of kunnen we het beter maar vervangen? Aan de hand van de inspecties wordt een maatregelenprogramma opgesteld. Dit wordt in een contract opgenomen en in het jaar na de inspectie uitgevoerd.

onderdeel riool

• •

overstorten

• • • •

rioolgemalen

• • • • • •

grondwater drainage waterkwaliteit

•

Monitoren en inspecteren doel inzicht in de technische staat input meerjarenprogramma’s

registratie aantal overstorten meting van debieten meting van peilen analyse overstortwater (kwantiteit) en ontvangend oppervlaktewater (kwaliteit) registratie werking inzicht in technische staat input meerjarenprogramma’s inzicht in grondwaterstanden input bij afhandelen klachten beheersen grondwaterstand in openbaar gebied inzicht in verloop kwaliteit:

stadswaterscans en ecoscans infiltratiemetingen oppervlakte water neerslag

• • • • • •

oppervlakte water (ongezuiverd water) o Helofytenfilters (gezuiverd water monitoren waterkwaliteit in relatie tot functies ecoscans inzicht in functioneren wadi’s en waterdoorlatende verharding peilen sliblaag input baggerplan neerslaghoeveelheden

•

continu

•

periodiek

•

jaarlijks

•

periodiek

•

continu

OVERZICHT MONITOREN EN INSPECTEREN

• • • • • • •

frequentie 1ste na 30 jaar Daarna 1/20 j. bij kritieke punten na 10 jaar continu continu continu na overstort en elke 2 maand

•

continu

•

continu

•

incidenteel en periodiek projectmatig en structureel

•

De huidige kwaliteit van het rioolstelsel is voor meer dan 70% goed in beeld. Hiervoor geldt dat het minimaal één keer is geïnspecteerd. Dit is exclusief het riool aan de oostkant van het spoor van Haren Ook in overlastsituaties is het van belang om goede analyses te kunnen maken. Hierdoor kunnen financiële middelen ook efficiënter worden ingezet. Op verschillende manieren voorzien we daar in: continu, jaarlijks, periodiek of incidenteel. Op basis van het monitoringsplan meten we in Groningen continu de overstort bij 26 van de 177 overstortlocaties. Dit is inclusief de overstorten die voorzien zijn van een bergbezinkvoorziening. Deze locaties worden representatief geacht voor Groningen. Bij twee locaties in de stad (Noorderplantsoen en Molukkenvijver) wordt de kwaliteit van het overstortwater bemonsterd en geanalyseerd. Op deze locaties meten we ook de kwaliteit van het oppervlaktewater. Het doel hiervan is meer inzicht te krijgen in de werking van de overstorten en de effecten van een overstort op het oppervlaktewater. Van de kleinere kernen willen we inzicht in het functioneren van de overstort hebben. Deze kernen voegen we niet toe aan het basismeetnet. Als de 29

WATERBALANS – Programma Water en Riolering 2025-2029 – Stadsbeheer / Beheer Openbare Ruimte gemeente Groningen

werking bekend is hebben we een bevestiging dat ze voldoen aan de uitgangspunten en vergunningen. Het systeem van monitoren vraagt hier en daar nog uitbreiding om gemeente breed goed inzicht te hebben. Behalve door uitbreiding van het areaal is dit nog een gevolg van de gemeentelijke herindeling. Reinigen Door het periodiek reinigen van kolken, lijngoten en de goot langs de weg wordt de kans op water-op-straat-situaties verminderd. Om te voorkomen dat zwerfvuil in de kolken terechtkomt, worden de goten langs de weg periodiek geveegd. De kolken worden jaarlijks eenmaal gezogen. Zo kan bijvoorbeeld rekening worden gehouden met bladval en het tijdstip dat deze kolken worden gereinigd. De kosten voor het kolken reinigen vallen volledig onder de rioolheffing. Afgelopen jaren zijn veel lijngoten geplaatst in plaats van een kolk. Voor elke variant is een andere methode schoonmaak en cyclus van reinigen nodig. In 2024 zijn we gestart met proeven om een beheerplan voor lijngoten te op te stellen.

REINIGEN STRAATKOLKEN

Repareren of vervangen? Het vervangen van vrijvervalriolering is de grootste opgave en kostenpost binnen de gemeentelijke watertaken. Als we kijken naar de huidige leeftijd van het rioolstelsel, verwachten we vervangingspieken in de periode 20302040 en later. Door middel van inspecties beoordelen we de conditie van het rioolsysteem. Op belangrijke trajecten wordt de toestand van het riool intensiever gemonitord, dit is altijd maatwerk. Afgesproken is om de riolering niet vroegtijdig te vervangen, al zou dat wel een manier zijn om de vervangingspieken af te vlakken. De economische afschrijving en de leeftijd zijn niet leidend. Vervanging bepalen we in principe op basis van de actuele kwaliteit: de restlevensduur. Daarbij kijken we naar het belang: hoe belangrijk is het voor het systeem. Het standpunt is: we gaan geen riool vervangen als dat kwalitatief gezien niet noodzakelijk is. Alleen als er sprake is van koppelkansen zullen we overwegen vervanging of relinen naar voren te halen.

RELINEN

30 WATERBALANS – Programma Water en Riolering 2025-2029 – Stadsbeheer / Beheer Openbare Ruimte gemeente Groningen

Wanneer blijkt dat de buis nog wel tien jaar mee kan, of dat kan worden volstaan met een reparatie of relinen, dan heeft dat de voorkeur. In plaats van grootschalige vervanging kiezen we voor investeren in innovatie en nieuwe technieken voor vervanging. Deze keuze is op dit moment verantwoord. Het bijsturen of herzien van deze strategie is altijd mogelijk als daar aanleiding voor is.

We vervangen, tenzij er sprake is van een koppelkans, alleen als dit kwalitatief gezien noodzakelijk is.

Voor vervanging van pompen in rioolgemalen geldt dit ook: we houden ze zo lang mogelijk in stand en vervangen pas wanneer reparatiekosten niet meer in verhouding staan tot de verwachte restlevensduur. En daarbij houden we rekening met de belangrijkheid van het gemaal: gevolgen en risico’s bij storingen. Als blijkt dat een installatie niet optimaal functioneert, wordt dit met voorrang opgepakt en hersteld. Baggeren De baggeropgave voor de gemeente betreft met name overstortvijvers, en vijvers en watergangen – voor de aanvoer, afvoer en berging – van stedelijk water. Er wordt ook gebaggerd om de Gemeentelijke Ecologische Structuur (GES) te verbeteren en het voorkomen van calamiteiten zoals vissterfte. Ook stankoverlast en beeldkwaliteit kunnen aanleiding zijn om te baggeren. Jaarlijks worden er in één of meerdere gebieden (clusters) baggerwerkzaamheden gepland. Het watersysteem in een cluster wordt daardoor in zijn geheel gebaggerd waardoor dit positief effect heeft op het watersysteem. Naast de meerjarenplanning betreft het meldingen van inwoners, waterschappen en de gemeentelijke organisatie. De planning wordt in principe bepaald door de gemeten hoeveelheid slib. De meetgegevens dekken nog niet het volledige areaal. Daardoor wordt de planning nu nog voor een groot deel bepaald door meldingen.

We werken aan een beheer dat zo veel mogelijk is gebaseerd op metingen (m³ slib). Dit leidt uiteindelijk tot een sluitende meerjarenplanning die tegelijk leidt tot minder meldingen, en achterstallig onderhoud voorkomt. Daarmee ontstaat eveneens beter inzicht in het budget dat hiervoor jaarlijks nodig is. Gegevensbeheer Om continu goed inzicht te hebben in hoe het water- en rioleringssysteem in de praktijk functioneert, moet de beheerdata zo actueel mogelijk zijn en voldoen aan de daarvoor gestelde normen. Gemeente Groningen werkt hiervoor regionaal samen met andere gemeenten en waterschappen. In de aanbesteding voor een nieuw integraal beheersysteem voor de openbare ruimte in 2024 is ook water en riool opgenomen. Het is mogelijk dat we overgaan naar een ander systeem. Met een integraal systeem voor de openbare ruimte kan de werking van de klimaatmaatregelen beter gewaarborgd worden. Meldingen Meldingen over het rioleringssysteem worden volgens een vaste procedure afgehandeld. Ze worden in de gemeentelijke organisatie geregistreerd en binnen de afgesproken termijn opgepakt. Wanneer een melding repeterend is kan het aanleiding zijn voor nader onderzoek naar een structurele oplossing. Verantwoordelijkheden Er zijn situaties waarbij de verantwoordelijkheden voor beheertaken verschillend uitgelegd kunnen worden.

Het gaat daarbij vooral om dagelijks onderhoud, groot onderhoud en vervanging van voorzieningen die meerdere functies hebben. Denk aan een waterberging onder een weg of plein, een wadi die tegelijk een groenfunctie heeft of water passerende bestrating.

31 WATERBALANS – Programma Water en Riolering 2025-2029 – Stadsbeheer / Beheer Openbare Ruimte gemeente Groningen

persleiding, lozing van explosieve of milieugevaarlijke stoffen in het riool, of een rioolgemaal dat door een storing uitvalt. Om dan adequaat te kunnen reageren is er een calamiteitenplan opgesteld. Hiermee sluit de gemeente Groningen aan bij de ambitie ‘handelen bij calamiteiten’ van het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie.

COMBINATIE WADI EN SPEELPLEK

De beheerkosten worden alleen aan de rioolheffing toegerekend als dit rechtmatig is. Voor de uitvoering van maatregelen kijken we naar de vaktechnische aspecten. Het is logisch dat het groen van een wadi onderhouden wordt door groene vakmensen (wijkteam, of team groen) terwijl de techniek van de waterafvoer van een wadi beheerd wordt door team BOR/WRK. De uitvoering van vervanging van waterpasserende bestrating hoort thuis bij team BOR/wegen terwijl het dagelijks onderhoud, wat betreft de waterpasserende functie, bij BOR/WRK hoort. Dit vraagt hier en daar nog afstemming.

Het plan bevat een stappenplan op basis van verschillende scenario's. Per type calamiteit zijn er maatregelen uitgewerkt. Bijvoorbeeld het stilzetten van een gemaal, en het betrekken van de juiste medewerkers en organisaties. Het calamiteitenplan moet regelmatig gecontroleerd en bijgewerkt worden om de gebruikte informatie actueel te houden. Om dit te borgen komt het cluster rioolbeheer periodiek bijeen om de gegevens in het calamiteitenplan te actualiseren. De veiligheidsregio heeft – in overleg met Gemeente Groningen en het waterschap – de informatiekaart ‘Breuk persleidingsysteem Groningen-Garmerwolde’ opgesteld.

Pilot Euvelgunne In ons meet- en monitoringsplan zijn gedurende de pilot jaarlijks de resultaten ervan opgenomen. Als de pilot Euvelgunne is beëindigd maakt het deel uit van het reguliere systeem. Om de werking van het rioolsysteem en de waterkwaliteit te borgen voor de toekomst, stellen we in de planperiode van dit PWR een beheerplan op. We doen dit in overleg met waterschap Hunze en Aa’s. Calamiteiten Ondanks zorgvuldig beheer en onderhoud kunnen er met betrekking tot het rioolstelsel calamiteiten ontstaan. Bijvoorbeeld door een breuk in een 32 WATERBALANS – Programma Water en Riolering 2025-2029 – Stadsbeheer / Beheer Openbare Ruimte gemeente Groningen

5. Uitvoering klimaatadaptatie 5.1 Werkwijze De uitgevoerde stresstests hebben effecten van klimaatverandering in beeld gebracht. De impact kent wat betreft de negatieve gevolgen verschillende gradaties. Alle gevolgen zijn beoordeeld naar de mate van urgentie. Bij het beoordelen van de ernst van situaties onderscheiden we drie categorieën: 1. Urgent; 2. Onwenselijk; 3. Acceptabel. De beoordeling leidt tot een prioriteitenlijst. Het uitvoeren van klimaatadaptieve maatregelen kent meerdere sporen. Waar het kan haken we aan bij geplande (gemeentelijke) projecten: werk met werk maken biedt – financieel en uitvoering technisch – voordelen. Daarnaast zijn er acties geïnitieerd vanuit de Regionale Uitvoeringsagenda 2023-2027, waarbij de gemeente de regie voert. In 2025 wordt het Uitvoeringsprogramma klimaatbestendig Groningen vernieuwd. Hierin wordt de werkwijze rondom klimaatadaptatie verder beschreven

bestaat namelijk dat als daardoor bijvoorbeeld vervanging uitgesteld wordt tijdelijk extra onderhoudskosten (kunnen) ontstaan. Impulsregeling klimaatadaptatie Tot eind 2023 konden gemeenten bij het Rijk een bijdrage aanvragen voor adaptatiemaatregelen via de Impulsregeling klimaatadaptatie. Per maatregel kan uit de impulsregeling maximaal een derde van de kosten worden vergoed, de maatregel moet water-gerelateerd zijn, gericht zijn op uitvoering en vóór 2028 gereed zijn. Het maatregelenpakket vloeit voort uit de stresstest en risicodialoog. De bijdrage wordt ingezet voor de kosten van maatregelen ter bestrijding van wateroverlast, droogte of gevolgenbeperking overstromingen. Fysieke maatregelen versterken bij voorkeur ook andere doelstellingen, bijvoorbeeld op het vlak van zoetwater beschikbaarheid, waterkwaliteit, vergroening, natuur/biodiversiteit, energietransitie en volksgezondheid.

Beheerstrategie Soms ontstaat door aan te haken bij projecten, die op basis van de stresstest geen (hoge) prioriteit hebben, toegevoegde waarde in de openbare ruimte. Bijvoorbeeld doordat het klimaatbestendiger wordt of biodiverser. Vanuit de beheerstrategie dat we integraal aandacht hebben voor de verschillende waarden die in de openbare ruimte een rol spelen, beperken we ons niet per se tot maatregelen die op de prioriteitenlijst staan. Waar mogelijk proberen we de (meerjaren)planning af te stemmen op andere belangen en waarden. Soms is dit wel kostenverhogend. Het risico IMPULSREGELING KLIMAATADAPTATIE

33 WATERBALANS – Programma Water en Riolering 2025-2029 – Stadsbeheer / Beheer Openbare Ruimte gemeente Groningen

Subsidieregeling programma zandgronden Deze regeling heeft tot doel het stimuleren en faciliteren van maatregelen die bijdragen aan de vergroting van de waterbeschikbaarheid door zuinig gebruik of het vasthouden, verdelen of aanvoeren van zoetwater. De subsidieaanvraag is voor het afkoppelen van verhard oppervlak in stedelijk gebied. De uitvoering loopt tot en met 2027. Per afzonderlijke maatregel kan uit deze regeling maximaal 25% van de kosten worden vergoed

5.2 Stimuleren Als gemeente hebben we weinig directe invloed op particulier terrein. Daarom is het van belang inwoners en bedrijven te betrekken bij een zo klimaatadaptief mogelijke leefomgeving. We stimuleren inwoners en bedrijven op verschillende manieren.

Vergroening is dan een hulpmiddel die zichtbaar maakt waar overbodige verharding omgevormd kan worden naar groen. Financieel blijven we dit stimuleren door subsidies te geven voor maatregelen: klimaat-blauwe maatregelen en maatregelen in kader van Operatie Steenbreek. Bedrijven Ook bedrijven worden gestimuleerd om hun terreinen klimaatbestendig in te richten. Dit gebeurt via het online platform Groningen Werkt Slim: https://groningenwerktslim.com/doe-mee/doe-mee-klimaatadaptatie.html Eenmalig hebben we als pilot budget dat bedoeld was voor afkoppelen van hemelwater benut voor het subsidiëren van maatregelen op bedrijventerrein Euvelgunne. Het water en rioleringssysteem vormde de basis van het project maar gaandeweg zijn thema’s als klimaatadaptatie en biodiversiteit toegevoegd. Het is een mooi voorbeeld van een integrale aanpak. De pilot krijgt in een andere vorm een vervolg. Door de in 2023 vastgestelde hemelwaterverordening moeten ook bedrijven zelf meer gaan doen. Verder is in Euvelgunne in 2024, in het kader van klimaatadaptieve bedrijventerreinen, een pilot gestart voor herinrichting (Rigaweg-Noord, Groningen) volgens de gemeentelijke Leidraad openbare ruimte. Daarnaast is gemeentelijke subsidie mogelijk voor onder meer afkoppelen en groene daken. Als gemeente krijgen we zelf subsidies (o.a. Impuls-gelden) voor maatregelen tegen wateroverlast, afkoppelen en infiltratie.

STIMULEREN OPVANG EN GEBRUIK HEMELWATER (‘24)

We geven informatie en advies, we geven subsidies en bieden mogelijkheden om zelf in de openbare ruimte aan de slag te kunnen. De Kansenkaart 34 WATERBALANS – Programma Water en Riolering 2025-2029 – Stadsbeheer / Beheer Openbare Ruimte gemeente Groningen

5.3 Duurzaamheid Het afvalwatersysteem is traditioneel gebouwd op duurzame principes van een laag energiegebruik en een lange levensduur. Door de verschillende opgaven rondom klimaatverandering nemen we ook de volgende onderwerpen hierin mee: biodiversiteit, klimaatadaptatie, hergebruik van materialen, minder of geen gebruik van fossiele brandstoffen, milieubewuste productiemethoden… etc. Door nieuwe inzichten en de ontwikkeling van technieken, zien we dat er – onder meer in het beheer van het riool- en watersysteem – steeds meer mogelijk is om de duurzaamheid te vergroten. Met behulp van het Groninger Ambitieweb leggen we, ook voor wat betreft duurzaamheid in een project, onze doelstellingen bij de start van ieder project vast. Dit vertaalt zich vanzelfsprekend ook in eisen bij uitbesteding. We geven hierbij tegelijk invulling aan beleid op gebied van circulariteit, CO2 neutraal Groningen, energie, duurzame grond- weg- en waterbouw, afval, en criteria duurzaam inkopen (Pianoo). Duurzaamheidsdoelen • • • •

bewust omgaan met water; scheiden aan de bron: wat schoon is schoonhouden; energie besparen; grondstoffen en warmte terugwinnen.

Voor het scheiden aan de bron is afkoppelen – schoon hemelwater niet meer samen met ongezuiverd afvalwater afvoeren – nog steeds een van de belangrijkste, duurzame maatregelen waar we op blijven inzetten. We streven naar het energiezuinig maken van rioolgemalen. Een aantal gemalen is daarvoor al aangepast. Naar verwachting krijgt dit nog een vervolg.

Rioolwater is relatief warm. Door deze warmte te onttrekken kunnen we dit benutten voor verwarming. Deze zogenaamde riothermie wordt al ingezet om het water van zwembad ‘De Papiermolen’ te verwarmen.

RIOTHERMIE

Er is een warmtepotentiekaart opgesteld waarin de mogelijkheden voor het winnen van warmte uit water zijn geïnventariseerd. Er is bijvoorbeeld onderzoek gedaan naar de potentiële hoeveelheid warmte (energie) die gebruikt kan worden voor het verwarmen van woningen en een school in de Groningse Oosterparkwijk. Ook voor de Kardingerplas en vijvers in Lewenborg is dit gedaan. Een mooi resultaat is dat voor het verwarmen van het provinciehuis water uit de diepenring wordt benut. Voor het terugwinnen van grondstoffen wordt samengewerkt met de waterschappen. In de wijk Reitdiep wordt zogenaamd zwartwater – toiletwater – gescheiden van het grijze water – afkomstig van onder meer douche en vaatwasser – naar de zuivering afgevoerd voor onder andere de winning van grondstoffen. Onderzocht wordt hoe op lange termijn toegewerkt kan worden naar een energie- en grondstoffenfabriek. Daarbij wordt bekeken wat dan de gevolgen 35

WATERBALANS – Programma Water en Riolering 2025-2029 – Stadsbeheer / Beheer Openbare Ruimte gemeente Groningen

zijn voor de inrichting van de afvalwaterketen. Dit is onderdeel van het streven naar het optimaliseren daarvan. Zowel voor riothermie als voor de terugwinning van grondstoffen geldt dat dit geen kerntaak is van water- en rioolbeheer. Dit blijft beperkt tot een faciliterende rol. Voor oeverbescherming streven we, waar mogelijk, naar natuurlijke oplossingen, bijvoorbeeld door de toepassing van plasbermen waarin beplanting zorgt voor een natuurlijke bescherming en bijdraagt aan de biodiversiteit, Daarnaast draagt een plasberm in combinatie met een flauw talud bij aan een veilige leefomgeving. Door gebruik te maken van alternatieve oplossingen als relinen, in plaats van vervangen, dragen we bij aan het bevorderen van duurzaam beheer. Water wordt in het veranderende klimaat in sommige periodes schaarser. Water vasthouden – in plaats van zo snel mogelijk afvoeren – en tegelijk bewuster omgaan met het gebruik ervan is van belang. Het eerste is voor ons een aandachtspunt bij zowel beheer als nieuwe ontwikkelingen. Het vergroten van het bewustzijn van het belang ervan bij inwoners en gebouwen- en terreinbeheerders blijft een belangrijk aandachtspunt.

36 WATERBALANS – Programma Water en Riolering 2025-2029 – Stadsbeheer / Beheer Openbare Ruimte gemeente Groningen

6. Uitvoeringsprogramma

•

6.1 Gemeentelijke watertaken •

•

regulier beheer: o afhandelen meldingen; o reinigen lijngoten, kolken en rioolgemalen; o vegen goten; o opstellen beheerplan lijngoten; o monitoren en inspecteren; ▪ zie tabel hoofdstuk 4.6; ▪ op basis resultaten maatregelprogramma’s opstellen; ▪ De kwaliteit van riool in een deel van Haren wordt in beeld gebracht; ▪ uitbreiden basismeetnet met Hoogkerk, Meerstad, Ten Boer en Haren; ▪ uitbreiden continu meten volgens het monitoringsplan met Ten Boer, Meerwijk, Haren, Glimmen en Noordlaren; o vervangen van de besturing van 650 rioolgemalen. Zonodig wordt ook het leidingwerk en of pompen vervangen of gerepareerd. Dit project wordt, afhankelijk van de urgentie, over meerdere jaren (2025-2029) verdeeld. o vervangen van de persleiding Piccardthof en daarbij de werking van de gemalen optimaliseren. afstemmen diverse water- en rioleringsmaatregelen met programma’s klimaatadaptatie, wijkenergieplannen, mobiliteitsprogramma. Er zijn projecten in diverse stadswijken en dorpen: o Coendersborg, Helpman, Villabuurt, Vinkhuizen, Selwerd, Korrewegwijk, Hoogkerk. En in Thesinge, Sint Annen en Haren;

•

• •

•

ketenoptimalisatie: o continueren onderzoek naar effecten van afkoppelen op de gehele afvalwaterketen (samen met Waterschappen Noorderzijlvest en Hunze en Aa’s; o continueren analyse van de zuiveringskring Garmerwolde: o onderzoek naar sturingsmogelijkheden van de afvalwaterketen; o optimalisaties afwegen en prioriteren; o onderzoek naar effect van een droogwaterafvoer (DWA-leiding) naar Garmerwolde; o vervolg pilot RTC Garmerwolde en vervolgstappen naar meer sturing in het afvalwatersysteem; o Het project ‘Slim sturen’ in het riool, opgezet op bedrijventerrein Euvelgunne, waar mogelijk op maat toepassen op andere bedrijventerreinen; actualiseren functiekaart water: o implementeren Kaderrichtlijn Water; o aanvullen met ontbrekende gebieden; o implementeren functiegericht beheer water; voorbereidend op watersturend, gaan we integraal de waterstructuren, riool-, hemel-, grond- en oppervlaktewater, uitwerken. continueren van onderzoek naar de invloed van medicijnen op de waterkwaliteit. We zijn samen met waterschappen en Waterbedrijf Groningen onderdeel van het Noordelijk Netwerk ketenaanpak Medicijnresten in water; afkoppelen hemelwater van de gemengde riolering waar dit kansrijk is.

37 WATERBALANS – Programma Water en Riolering 2025-2029 – Stadsbeheer / Beheer Openbare Ruimte gemeente Groningen

6.2 Bijdragen aan Uitvoeringsagenda Klimaatbestendig Groningen

veenoxidatie. Een vitale bodem en groene omgeving kan veel water opnemen, waardoor reserves worden opgebouwd voor periodes van droogte. Goed bodem- en grondwaterbeheer is vanuit het oogpunt van wateroverlast en hittestress dus een voorwaarde voor een klimaatadaptieve omgeving.

De ingezette weg om uitvoering te geven aan de Uitvoeringsagenda Klimaatbestendig Groningen wordt gecontinueerd. Voor riolering en watersysteem ligt de grootste opgave bij het ontwikkelen van doelmatige en efficiënte strategieën en maatregelen om schade en overlast als gevolg van zeer hevige neerslag en langdurige of extreme droogte te beperken.

Er is vooralsnog onvoldoende bekend over de mogelijke effecten van droogte in de gemeente Groningen. Onderdeel van het uitvoeringsprogramma 20252029 wordt daarom een verdiepend onderzoek, risicodialoog en kosten-baten analyse voor droogte. Dit wordt in samenhang met het actualiseren van het gemeentelijk klimaatbeleid uitgevoerd.

De taken die vanuit de Uitvoeringsagenda Klimaatbestendig Groningen 20202024 waren opgenomen in het uitvoeringsprogramma van het GWRP 20202024 worden ook in het PWR 2025-2029 opgenomen. Het gemeentelijk beleid voor klimaatadaptatie wordt volgens de Nationale Adaptatie Strategie in 2024 geëvalueerd en geactualiseerd. Hierdoor zullen een aantal wijzigingen optreden. Met het PWR 2025-2029 zullen we ook bijdragen aan de doelstellingen in het klimaatbeleid voor 2025-2029 en hierin de synergie optimaal benutten. Het betreft op hoofdlijnen de volgende thema’s: Urgente wateroverlastlocaties Op 126 locaties, in 22 toestroomgebieden, waar bij hevige regenval onacceptabele hinder, schade of letsel kan ontstaan bij kwetsbare groepen of vitale infrastructuur, worden maatregelen getroffen. Maatregelen bestaan uit vasthouden, bergen, vertraagd afvoeren naar plekken waar geen of minder (ernstige) hinder kan ontstaan. Deze maatregelen voeren we zowel zelfstandig uit als in samenwerking (koppelkans) met andere projecten of programma’s. En ook zowel met interne als externe partijen. Soms leidend en soms volgend. Wateroverlast kan ook ontstaan bij derden. Hier zetten we in op bewustwording, informeren en richtinggevend adviseren. Droogte Te lage grondwaterstanden kunnen zorgen voor schade aan gebouwen en infrastructuur, maar ook aan groen en natuur.

Bijvoorbeeld als gevolg van bodemdaling door inklinking van klei en zettingen, of CO2 uitstoot door

STRATEGIE BEHEER WATER: 1-VASTHOUDEN – 2-BERGEN – 3-AFVOEREN

Waterkwaliteit De waterkwaliteit van het oppervlaktewater wordt onder meer beïnvloed door hogere temperaturen. Dit heeft allerlei gevolgen voor het ecosysteem en de biodiversiteit: algenbloei, vissterfte, zuurstofconcentraties… etc. Ziekteverwekkers zoals botulisme en legionella ontwikkelen zich sneller bij hoge temperaturen. Riooloverstorten, waarbij potentieel zowel ziekteverwekkers als voedingsstoffen in het oppervlaktewater komen, hebben daardoor extra impact. 38

WATERBALANS – Programma Water en Riolering 2025-2029 – Stadsbeheer / Beheer Openbare Ruimte gemeente Groningen

Veel maatregelen voor een klimaatadaptieve omgeving hebben te maken met water, zoals wadi's, regentuinen, waterbergingen tegen wateroverlast, en fonteinen of bedriegertjes tegen hittestress. Dit kunnen eveneens plekken zijn waar bacteriën en ziekteverwekkers zich kunnen ontwikkelen en zorgen voor potentiële gezondheidsrisico’s. Dit aspect is in eerdere stresstesten geen onderdeel geweest. In het uitvoeringsprogramma 2025-2029 wordt daarom een verdiepend onderzoek, risicodialoog en kosten/baten analyse voor waterkwaliteit opgenomen. Dit wordt in samenhang met het actualiseren van het gemeentelijk klimaatbeleid uitgevoerd.

Diverse bijdragen Uitvoeringsagenda klimaatbestendig Groningen • Klimaatadaptieve bedrijventerreinen: Op Euvelgunne start in 2024 een pilot herinrichting (Rigaweg-Noord) volgens de Leidraad openbare ruimte; • We blijven inzetten op het ontstenen van private en openbare ruimte met Steenbreek; • We blijven inzetten op inwonerparticipatie rondom ontstenen en vergroenen; • We blijven inzetten op vergroten van kennis en besef bij inwoners rondom thema’s klimaatverandering en klimaatadaptatie; • We blijven subsidies verstrekken om inwoners te ondersteunen bij het nemen van klimaatadaptieve maatregelen

6.3 Bijdragen aan duurzaamheid Wat gaan we doen? We blijven inzetten op een duurzame inrichting van het watersysteem en het afvalwatersysteem. We doen dit door: • • • • • • • • • •

We blijven over de hele linie inzetten op energie besparen. We gaan door met het betrekken van inwoners bij duurzaamheid. We stimuleren watervriendelijk (ver)bouwen door voorlichting. We stimuleren de aanleg van groene ruimte en groene daken. Waar mogelijk willen we inwoners aansporen om de hemelwaterafvoer van de riolering af te koppelen en het water zelf te benutten. We nemen deel aan onderzoek naar hergebruik grondstoffen en energie. We onderzoeken de toepassing van innovatieve technieken en middelen. We streven naar circulair gebruik van afvalstromen. We dragen bij aan de ‘Klimaatproeftuin’: onderzoek door Hanze Hogeschool naar aanpak wadi’s en waterbergende boomgroeiplaatsen. We onderzoeken waar het zinvol en haalbaar is uitklimvoorzieningen voor padden in kolken aan te brengen.

Beheer budget subsidies Het beheer en de besteding van budgetten voor groene en blauwe subsidies is verdeeld over meerdere directies en teams. Dit is niet altijd even doelmatig. Op basis van evaluatie willen we onderzoeken of dit verbeterd kan worden.

39 WATERBALANS – Programma Water en Riolering 2025-2029 – Stadsbeheer / Beheer Openbare Ruimte gemeente Groningen

7. Financiën Dit hoofdstuk gaat over de bekostiging van de gemeentelijke watertaken via de rioolheffing. Hier komt aan de orde welke financiële middelen nodig zijn om de in dit plan gestelde doelen met de beschreven strategie te kunnen realiseren. Doelen, strategie en benodigde middelen zijn onverbrekelijk met elkaar verbonden. In de Gemeentewet is bepaald dat de heffing maximaal kostendekkend mag zijn.

7.1 Wettelijk kader rioolheffing De wettelijke basis voor de rioolheffing is opgenomen in artikel 228a van de Gemeentewet (zie ook bijlage Toerekeningen aan Rioolheffing). De rioolheffing is een bestemmingsheffing. De inkomsten uit de rioolheffing zijn alleen beschikbaar voor uitgaven gerelateerd aan de gemeentelijke watertaken als bedoeld in art. 2.16 van de Omgevingswet. De inkomsten uit de rioolheffing mogen wel aangevuld worden met inkomsten uit de algemene middelen. In fiscaal-juridische zin betekent dit dat de heffing een zuivere belasting is. Belangrijke aandachtspunten van de rioolheffing zijn: • • •

• • • • •

Gemeentewet Wet verankering en bekostiging gemeentelijke watertaken Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) Notitie riolering commissie BBV Jurisprudentie (i.o.)

7.2 Opbouw en verloop rioolheffing In onderstaande grafiek is te zien hoe de rioolheffing is verlopen van 2020 tot en met 2024. De stijging van de lasten is te verklaren door de gestegen kosten. De inflatie van 2020 tot en met 2024 bedraagt voor de CBS-index voor de GWW-sector 33,7%. In dat geval zou de rioolheffing bij volledige indexering in 2024 alleen al door inflatie bijna € 200,-- zijn. Door de tussentijdse herindeling en herberekening van de lasten heeft het tarief een ander verloop gehad. Ten opzichte van het landelijk gemiddelde van € 225 in 2024 – en ook vergeleken met andere grote gemeenten – is de rioolheffing in 2024 in onze gemeente relatief laag met € 167,10.

De opbrengsten zijn bestemd voor het doel waarvoor de heffing in het leven is geroepen: de gemeente mag de opbrengst niet aan andere zaken besteden. De heffing mag niet hoger zijn dan de kosten die de gemeente voor dit doel maakt (maximaal 100% kostendekkend). De vormgeving van de heffing moet een relatie hebben met de gemeentelijke watertaken. De gemeente treft de voorzieningen in het algemeen belang, maar zij moet de kosten wel op een aanvaardbare manier verdelen. Dit houdt in dat er een zekere relatie moet zijn tussen het kostenverhaal via de rioolheffing en het belang dat de belastingplichtige heeft bij de voorzieningen (profijtbeginsel).

De kaders van de begrotingsregels liggen vast in: VERLOOP RIOOLHEFFING

40 WATERBALANS – Programma Water en Riolering 2025-2029 – Stadsbeheer / Beheer Openbare Ruimte gemeente Groningen

7.3 Uitgangspunten rioolheffing

VERGELIJKING RIOOLHEFFING 2024

€ 246

€ 300

€ 200

€ 167

€ 292 € 208 € 192 € 114

€ 169

€ 220

€ 100 €-

Met een tarief per aansluiting van € 167,10 bedragen de totale begrote inkomsten van rioolheffingen in 2024 € 22.285.258. De opbouw van de huidige rioolheffing is weergegeven in onderstaande grafiek. De kapitaallasten zijn een groot deel van de jaarlijkse lasten. Deze post zal in de toekomst toenemen door de grote investeringsopgave die de gemeente Groningen heeft. Dat is ook de reden dat de rioolheffing in de toekomst moet stijgen om kostendekkend te blijven.

In de huidige systematiek heffen we een vast tarief van de eigenaar. Er wordt geen onderscheid gemaakt in het bedrag dat moet worden betaald. Er is onderzoek gedaan naar een wijziging van deze systematiek. In 2020, naar aanleiding van een motie, vond hierover al eens onderzoek plaats. Dit onderzoek is met nieuwe inzichten opnieuw gedaan. De insteek is om de rioolheffing te kunnen baseren op het principe ‘de veroorzaker betaalt’. Door de heffing te baseren op het drinkwaterverbruik komen we daaraan tegemoet. Er is, uitzonderingen daargelaten, een directe relatie tussen het verbruikte drinkwater en de hoeveelheid (afval)water dat op het riool geloosd wordt: ‘de veroorzaker betaalt’. Er zijn weliswaar meer opties voor differentiatie denkbaar maar die komen naar onze mening in mindere mate tegemoet aan het principe, of zijn met het oog op hun haalbaarheid – hoge perceptiekosten – niet verder onderzocht. Er is bijvoorbeeld gekeken naar de WOZ-waarde als uitgangspunt maar ondanks praktische voordelen vinden we deze optie minder logisch. Met name omdat dit veel minder recht doet aan het principe ‘de veroorzaker betaalt’. Het vraagt nog aanvullend onderzoek en voorbereiding voor we hiervoor concrete voorstellen kunnen doen. We willen dit doen in samenspraak met betrokkenen en kijken wat dit voor verschillende partijen betekent.

Besluitvorming zal dan plaatsvinden in de volgende collegeperiode. Toerekening van kosten De kosten die gemoeid zijn met de uitvoering van de gemeentelijke watertaken vormen de basis voor de rioolheffing. Alle taken worden uitgevoerd binnen de eerder genoemde watertaken die we als gemeente hebben. Daarnaast worden diverse taken uitgevoerd die zijdelings verband houden met de rioolheffing. Deze uitgaven zijn voor een bepaald % meegenomen in de rioolheffing (zie bijlage Toerekeningen aan Rioolheffing).

41 WATERBALANS – Programma Water en Riolering 2025-2029 – Stadsbeheer / Beheer Openbare Ruimte gemeente Groningen

Uitvoeringsprogramma Voor de planperiode is een uitvoeringsprogramma opgesteld, waarmee is gerekend voor een kostendekkende rioolheffing. Dit is weergegeven in onderstaande tabel.

Saneren riool Relinen riool Koppelkans Watertaken

Uitvoeringsprogramma

2025

2026

2027

2028

2029

Diversen Diversen Diversen SSW en afkoppelplan

€ 3.938.832 € 2.324.805 € 2.000.000 € 75.000

€ 4.722.043 € 1.102.321 € 2.069.600 € 77.610

€ 4.507.282 € 2.158.179 € 2.158.179 € 80.932

€ 6.319.690 € 2.236.737 € 2.236.737 € 83.878

€ 4.845.702 € 2.281.471 € 2.281.471 € 85.555

€ 1.552.200 € 79.153

€ 1.618.634

€ 1.677.552 € 25.929

€ 1.711.103

€ 647.730

€ 215.805

€ 1.822

€ 640.991

€ 14.438

€ 187.633 € 1.116.000

€ 529.268

€ 190.331 € 75.536

€ 534.416

€ 187.616

Onderzoek wateroverlast en -onderlast, waterkwaliteit water op straat, drinkwaterwingebied

totaal in planperiode

€ 150.000

Kostenbaten analyse waterkwaliteit Klimaatadaptatie Klimaatmaatregelen Gemalen Hoofdgemalen (Droge opstelling) Mechanisch, elektrisch en Hoofdgemalen & Bergbezinkbassins bouwkundig Drukriolering Persleiding

€ 60.000 € 1.500.000

Totalen

€ 12.000.000 € 10.348.000 € 10.790.894 € 13.420.420 € 11.407.357

€ 57.966.671

42 WATERBALANS – Programma Water en Riolering 2025-2029 – Stadsbeheer / Beheer Openbare Ruimte gemeente Groningen

7.4 Kostendekkingsberekening Deze paragraaf geeft de doorrekening naar de benodigde rioolheffing om voldoende geld te hebben voor het beheer en de geplande projecten. De gegevens en de keuzes uit het PWR komen hier bij elkaar en leiden tot de benodigde rioolheffing. Onderstaande uitgangspunten zijn bij de berekening van de benodigde rioolheffing toegepast: • • • • •

• • •

Rioolheffing is 100% kostendekkend. Stand van totale voorziening(en) en/of reserve per 1-1-2024 is afgerond 2,3 miljoen euro. Kosten voor beheer conform betreffende paragraaf van dit PWR. Dit is inclusief personeelslasten, overhead, perceptiekosten en BTW. Kwijtscheldingen zijn niet van toepassing binnen de rioolheffing. De inflatie wordt gesteld op het percentage van de gemeente voor 2025 t/m 2028, en vanaf 2029 op 2% omdat de Europese Centrale bank hiernaar streeft. Uitgaand van de werkelijke inflatie moet de hoogte van de rioolheffing hier ieder jaar op worden aangepast. Investeringen worden geactiveerd, met afschrijving op annuïtaire basis met afschrijving over 55 jaar tegen een rekenrente van 1,70%. Overschotten en tekorten op de exploitatie worden jaarlijks verrekend met de voorziening. Voor de vormgeving van het tariefsysteem van de rioolheffing is gerekend met 132.525 aansluitingen en een stijging van aansluitingen volgens 40% van de woningbouwprognoses.

De rioolheffing is voor de planperiode 2025-2029 volgens de huidige systematiek berekend. De resultaten staan in de tabel rioolheffing in planperiode. Voor de jaren na 2025 betreft dit een prognose. Jaar

2024

2025

2026

2027

2028

2029

riool heffing €

167

173

179

186

193

197

RIOOLHEFFING IN PLANPERIODE

De organisatie moet berekend zijn op de toegenomen complexiteit en omvang van het taakveld. Met name het veranderende klimaat en de afstemming met andere projecten vergt veel tijd. Samen met de snel naderende vervangingspiek vraagt dit meer personele capaciteit. Bovenstaande tabel houdt daar rekening mee. Ontwikkeling lange(re) termijn: De rioolheffing hoeft door het toenemende aantal aansluitingen met deze uitgangspunten, behoudens een indexatie, niet te stijgen. De berekening vindt niet alleen plaats voor de planperiode maar ook met een indicatieve doorkijk naar een periode van 20 jaar (zie volgende pagina). Vanaf 2034 neemt de hoogte van de investeringen toe door grote vervangingsopgaven in bestaande woonwijken als Beijum en Lewenborg.

43

Verloop rioolheffing € 350 € 300

€209

€222

€203

€215

€228

2030

2031

2032

2033

2034

€ 250 € 200

€179

€193

€167

€173

€186

€197

2024

2025

2026

2027

2028

2029

€237

€245

€254

€264

€273

€283

€292

€302

€312

€ 150 € 100 € 50 €0 2035

2036

2037

2038

2039

2040

2041

2042

2043

INDICATIEVE DOORKIJK VERLOOP RIOOLHEFFING

7.5 Voorzieningen Huidige situatie Op dit moment (september 2024) hebben we twee voorzieningen: de voorziening riolering groot onderhoud en de voorziening riolering vervangingsinvesteringen. Riolering groot onderhoud De voorziening groot onderhoud wordt gebruikt voor enerzijds het opvangen van prijsschommelingen in het riooltarief en anderzijds voor het beschikbaar houden van de baggerbudgetten van de in voorgaande jaren geplande, maar niet uitgevoerde, baggerprojecten. De voorziening is jaren geleden ingesteld

conform Artikel 44, lid 1c BBV. “Artikel 44, lid 1c BBV: kosten die in een volgend begrotingsjaar zullen worden gemaakt, mits het maken van die kosten zijn oorsprong mede vindt in het begrotingsjaar of in een voorafgaand begrotingsjaar en de voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren” We stellen voor om deze voorziening op te heffen en twee nieuwe voorzieningen in te stellen: een voorziening rioolheffing en een voorziening riolering baggerprojecten. De stand van de bestaande voorziening is eind 2023 1.773.000 euro. Daarvan heeft 1.604.000 euro betrekking op nog niet uitgevoerde baggerprojecten en 169.000 euro op prijsschommelingen in het riooltarief. 44

WATERBALANS – Programma Water en Riolering 2025-2029 – Stadsbeheer / Beheer Openbare Ruimte gemeente Groningen

Riolering vervangingsinvesteringen Jaren geleden is de voorziening riolering vervangingsinvesteringen ingesteld. We hebben de afgelopen jaren niet gespaard voor bijdragen aan toekomstige vervangingsinvesteringen. Hiermee ontstond een beter evenwicht in de totale woonlasten van inwoners. De komende jaren gaan we dit naar verwachting ook niet doen. De stand van de voorziening was eind 2023 532.000 euro. In 2024 is de 532.000 euro ingezet om de investeringen te verlagen. De stand van de voorziening is nu 0. We stellen voor de voorziening riolering vervangingsinvesteringen op te heffen. Als we in de toekomst willen gaan sparen voor vervangingsinvesteringen zullen we een voorstel aan de raad doen om de voorziening weer in te stellen. Voorgestelde voorzieningen Rioolheffing Deze voorziening dient voor het opvangen van prijsschommelingen in het tarief van de rioolheffing. Het afgesproken maximumniveau van de voorziening is 4% van de omzet (omzet 2025 is 22.797.340 euro, max niveau voorziening 912.000 euro). De voorziening is ingesteld conform Artikel 44, lid 2 BBV. Riolering baggerprojecten De baggerprojecten (groot onderhoud) worden jaarlijks gepland maar kunnen door diverse oorzaken soms niet in het geplande jaar worden uitgevoerd. Deze voorziening dient voor het beschikbaar houden van de budgetten voor de geplande baggerprojecten.

De voorziening is ingesteld conform Artikel 44, lid 2 BBV.

45 WATERBALANS – Programma Water en Riolering 2025-2029 – Stadsbeheer / Beheer Openbare Ruimte gemeente Groningen

8. Organisatie 8.1 Medewerkers Veel watertaken zijn voor een gemeente wettelijk verplicht: het móét gedaan worden. Om dit goed in te vullen, zijn realisatie, onderzoek en allerlei maatregelen nodig. Het omvat o.a. inspecties, monitoren, onderhoud, reparaties, renovaties en vervangingen. Kortom het beheer van alle voorzieningen. De afgelopen jaren is het taakveld tegelijk behoorlijk uitgebreid. Klimaatadaptatie neemt nu een volwaardige plaats in, de Omgevingswet is van kracht geworden, communicatie en participatie krijgen steeds meer aandacht, en er zijn veel raakvlakken met andere projecten (versterkingsopgave, energietransitie…). Dit alles vergt meer dan ooit intensieve samenwerking en afstemming.

8.2 Samenwerking

drinkwatervoorziening worden op elkaar afgestemd en een aantal taken worden gezamenlijk uitgevoerd. Binnen de waterketen zijn clusters gevormd van samenwerkende partijen. Gemeente Groningen is deel van cluster 5 ‘Waterpas’. Deze bestaat verder uit de waterschappen Noorderzijlvest en Hunze en Aa’s, en de waterbedrijven Waterbedrijf Groningen en Waterleidingmaatschappij Drenthe (WMD). We stemmen met onze waterpartners af over beleid en projecten. We investeren in samenwerking: door gezamenlijk de strategie te bepalen zijn kansrijke ontwikkelingen in beeld gebracht. Daarbij gaat het niet altijd om het technisch-inhoudelijke, maar vooral ook om samenwerken en partijen betrekken. En over de wijze waarop we omgaan met communicatie en participatie. Regionaal is het project gegevensbeheer gestart, waarbij zich steeds meer gemeenten aansluiten. Hierdoor wordt kennis gebundeld en gedeeld. Ook gemeente Groningen maakt onderdeel uit van deze samenwerking.

Intern Het beheer van de openbare ruimte, maar dat geldt eveneens voor de uitvoeringsagenda klimaatadaptatie, laat zien dat belangen een enkele vakdiscipline, afdeling, directie of zelfs de totale gemeente overstijgen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.groningen.nl/api/v1/meetings/4909/documents/84061