CConstaterende datGroningen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Gebiedsvisie en toelichting De Nieuwe Held.pdf

gemeenteraad 6 mei 2026, gemeente GroningenBij agendapunt: 7a: Moties bij collegebrief Omgevingsprogramma, Samenwerkingsovereenkomst en financiering De Nieuwe Held (collegebrief 18 maart 2026 wensen en bedenkingen)18.704 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

In het centrum krijgt hij een smaller profiel, met fietsstroken. De aansluiting van De Nieuwe Held, Gravenburg en de Held op hun omgeving is bepaald op grond van de resultaten van het MIRT-onderzoek naar de ontsluiting van de Westflank (2025) en de bijbehorende ontwikkelagenda. Daarin is besloten tot een knip (blokkade) voor autoverkeer tussen De Held en Vinkhuizen. Zo'n blokkade zorgt voor een sterke afname van sluipverkeer door Vinkhuizen. Een tweede knip – in de Kerkstraat in Hoogkerk maakt ook deel uit van deze ontwikkelagenda. Deze knip wordt nog nader onderzocht.

Gravenburg wordt via de Maresiussraat en de Leegeweg aangesloten op de boulevard. De Held krijgt via de Leegeweg een aansluiting op de boulevard. Bij de Maresiusstraat is dat met een rotonde. De exacte vormgeving van de aansluiting Leegeweg op de boulevard moet nog worden uitgewerkt. Auto context: N355, doorfietsroute en Reitdiepplein De N355, aan de noordkant van De Nieuwe Held, zal in de toekomst worden verbreed. Bij Slaperstil verdwijnt de aansluiting van de Zijlvesterweg op de N355. Door de verbreding van de N355 schuift de bestaande doorfietsroute langs de N355 op naar het zuiden. De aansluiting van het Reitdiepplein op de N355 wordt als half klaverblad vormgegeven, met voor autoverkeer op- en afritten aan de westkant. Hoe de doorfietsroute wordt ingepast in het Reitdiepplein is nog onderwerp van verdere studie. Dat geldt ook voor de precieze inpassing van de fietsen loopverbinding van De Nieuwe Held met de wijk Reitdiep. Het ontwerp voor het vernieuwde Reitdiepplein wordt gemaakt door de projectorganisatie Ring West Verbindt, een samenwerkingsverband van de provincie en de gemeente. Als gevolg van de aanpak van de N355 en het Reitdiepplein moeten ook andere verbindingen worden ontworpen of aangepast. Dat geldt onder meer voor het beoogde middenspanningsstation van Enexis. Een voorlopige suggestie voor aansluiting is opgenomen in de kaart "auto en bus".

Deze aansluiting wordt nog nader uitgewerkt.

Auto en bus

62 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

Verbindingsweg (boulevard)

Bushaltes aan beide zijden van rijbaan

Overige wegen

Woonbuurt (auto te gast)

63

5.6 Ecologie en groen

Buurtvlek

Bestaand

kavel

Ecologische waarde in De Nieuwe Held De Nieuwe Held wordt een natuurinclusieve wijk, met een robuuste groenstructuur met veel gebruikswaarde voor mens, plant en dier. Die ecologische waarden zijn anders dan de huidige. Voor weidevogels zal er een verlies aan areaal en dus compensatie nodig zijn. Voor vleermuizen zal is behoud of verbetering mogelijk en voor vissen, amfibieën, diverse insecten, zoogdieren en vogels is een verbetering mogelijk. Het kaartje "Ecologische structuur" geeft aan hoe het groen in De Nieuwe Held samenhangt met de Gemeentelijke Ecologische Structuur (GES). Het laat bestaand kerngebied zien (in/om Eelderbaan), te ontwikkelen verbindingen. Ook het stadsdeelpark staat op de kaart. Dit nieuwe park krijgt een functie voor mens, als plant en dier. Met de bouw van De Nieuwe Held versterken we op die manier de GES.

Het belangrijkste gebruiksgroen op wijkniveau bevindt zich in het stadsdeelpark, schoolpark en sportpark. Deze kennen een luwe en drukkere kant, en geleiden zo gebruik door mens en dier. In de groene contramal tussen de wierden gaan menselijk gebruik en natuurwaarden nog sterker samen op. In de buurten is ruimte voor ‘huis, tuin en keuken’ natuur. We werken er zoveel mogelijk met inheemse soorten, die ook worden gekozen op hun ecologische waarde. We verwachten van private ontwikkeling dat deze natuurinclusief is, met bijbehorende maatregelen als nestgelegenheid e.a.

Ecologische ader

+0.25m

-0,2m -0,7m -1,50m -2,75m

1

2,5

2

10

4.5

2

2

4

5

0.6 2,2

ca. ruimte 35m 35m = minimale totaal ca. 45m 44.8m = minimale totaal ruimte

Diversiteit biotopen We realiseren in De Nieuwe Held verschillende biotopen. In de profielen op de pagina hiernaast zijn per biotoop logootjes van mogelijke soorten weergegeven: • Water en oever: o.a. verschillende vissoorten, amfibieën, insecten, libellen en vogels. Ook de waterspitsmuis. • Gras: vochtiger en drogere graslanden, met bijbehorende soorten. • Struweel: op vochtigere en drogere plekken, waardoor voor verschillende soorten een goede habitat ontstaat. • Bos: In het stadsdeelpark en op een paar andere plekken met voldoende ruimte, kunnen bosschages worden aangelegd, met volledige kern-mantel-zoom vegetatie. Dat biedt bijvoorbeeld aan meerdere zoogdieren en vogels een goede plek.

Singel op overgang naar De Held (Natalie Barneykade)

Bestaand

Buurtvlek

+0,05

+ 0.32

NAP

Ecologische structuur Kerngebied bestaand

Te ontwikkelen verbinding

Stadsdeelpark

Vliegroutes voor bestaande soorten vleermuizen worden ingepast. We stemmen er het ontwerp van watergangen en opgaande beplanting op af. Belangrijk aandachtspunt is de verlichting op het sportpark in de noordoosthoek. Die moet worden afgestemd op de daar voorkomende vleermuissoorten. Dat is een punt van verdere uitwerking.

-1,25

1,8 -2,5

2

4

2

4

14,9

PROFIEL 13 1:100 Ecologische overgangszone naar Gravenburg

64 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

65

5.7 Water en klimaat

5.8 Archeologie en erfgoed

Watersysteem Het watersysteem is opgebouwd uit grotere en daarmee robuustere peilvakken dan de huidige. Het bevat brede watergangen, die een functie hebben voor het bergen van hemelwater in het plan en (deels) ook het water afvoeren van de omliggende wijken Vinkhuizen, De Held en Gravenburg. De dimensionering voldoet aan de eisen van het waterschap en de gemeente en is robuust. De drooglegging in de woonbuurten is ten minste 1,30m. Dit maakt ophogen (ca. 0,4- 0,8 meter) noodzakelijk. De Nieuwe Held krijgt een gescheiden riolering. Hemelwater wordt niet naar de rioolzuiveringsinstallatie afgevoerd.

Erfgoedwaarden in het plan Het plan voor De Nieuwe Held verwijst naar de historische wierden, die kenmerkend zijn grote delen van Noord-Groningen, en ook voor de directe omgeving. Alle woningen worden gebouwd op eigentijdse wierden. De Leegeweg, een oude weg die kenmerkend is voor het landschap, wordt ingepast in het plan en krijgt specifieke bebouwingsregel. Die zorgen ervoor dat nieuwbouw goed aansluit bij de karakteristiek van bestaande woningen en boerderijen langs deze weg. Ook het profiel van de weg – inclusief groene bermen en sloten aan weerszijden – verwijst naar de cultuurhistorie van het gebied.

Het systeem kan een piekbui van 90 mm/uur verwerken, waarbij het hemelwater als volgt wordt geborgen: • Ruim 20% van het hemelwater infiltreert direct in de bodem of een infiltratiesysteem (tuinen, publiek groen); • Ca. 25% wordt via de hemelwaterriolering richting oppervlaktewater afgevoerd; • Ca. 55% wordt opgevangen in het oppervlaktewater in het plan en in de wadi’s in het buurtgroen. Het systeem gaat uit van berging van gemiddeld 20mm water op private kavels.

De richting van de agrarische verkaveling wordt waar mogelijk als onderlegger gebruikt voor de inrichting van het stedenbouwkundig plan. In het stadsdeelpark worden bestaande sloten én het bestaande maaiveld niveau zoveel mogelijk behouden. Inpassing van restanten van oude kreken is niet mogelijk, omdat het maaiveld moet worden opgehoogd. Waar mogelijk wordt in het nieuwe buurtgroen en/of het stadsdeelpark, verwezen naar de in het gebied aangetroffen oude bewoningsresten. Watersysteem

Archeologische waarden

Primaire watergang

Overig

Secundaire watergang

Peilvakken

Het plan voor De Nieuwe Held is waar mogelijk aangepast op de archeologische waarden: • De woonontwikkeling blijft búiten het archeologisch monument rondom ‘t Hooihuis dat sinds 2016 beschermd is. • Het ontwerp voor de nieuwe basisschool en haar omgeving wordt aangepast op de vindplaats ter plekke.

Gemeentelijk archeologisch monument Archeologisch perceel

Op/rond de andere vindplaatsen is planaanpassing niet mogelijk. Daar zal worden opgegraven.

66 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

67

5.9 Duurzaamheid en energie

De Nieuwe Held wordt gasloos en woningen voldoen aan de wettelijke eisen voor energieprestaties (BENG). Er wordt onderzoek gedaan naar een collectief warmtesysteem in het centrumgebied. De landschappelijke wierden hebben een te lage dichtheid voor een collectief warmtesysteem. Ten noordwesten van de wijk, tegen de N355, komt een Transport Verdeel Station van Enexis. Dit heeft een bovenwijkse functie als verdeelstation voor alle noordwestelijke wijken, inclusief Zernike. Het heeft een ruimtebeslag van ruim 1500 m2, wordt groen ingepast en krijgt een eigen ontsluiting buiten de wijk De Nieuwe Held om. De hoofdtracés voor elektriciteit van en naar dit station moeten ook in De Nieuwe Held worden ingepast. Ten noorden van het projectgebied, aan de andere kant van de N355, ligt een hoogspanningsleiding. Binnen een zone van 50m van de hoogspanningsleiding mogen geen woningen of andere bouwwerken komen. Bij het ontwerpen van de woonbuurten worden voldoende verdeelkasten voor stroom (pacto's) meegenomen. Op de wierden worden pacto’s op weinig gevoelige plekken in de openbare ruimte ingepast, bijvoorbeeld bij parkeerterreinen. Het centrumgebied krijgt een compact stedelijk milieu. Hier streven we ernaar om de pacto’s niet in de openbare ruimte op te nemen, maar in de bouwvelden of in gebouwen te plaatsen, bijvoorbeeld gekoppeld aan een fietsenberging.

We kiezen hiervoor omdat de openbare ruimte schaars is. We geven voorrang aan de leefkwaliteit op straat en aan ruimte voor spelen, verblijf, water en groen.

68 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

Energie Hoogspanning tracé Optie: Enexis verdeelstation Minimale afstand bebouwing t.o.v. hoogspanning tracé

69

6. Uitwerking 1. Inleiding planonderdelen

70 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

71

6.1 Groene contramal

Het groene raamwerk rondom de woonwierden noemen we de contramal. Deze kent verschillende sferen en bestaat uit de volgende onderdelen: • De boulevard • Het stadsdeelpark met op de koppen het schoolpark en sportpark • De waterrijke contramal • Ecopark als groene rand naar Gravenburg • Waterrijke singel als groene rand naar De Held • De ecologische wandelstrip aan de noordzijde hoogspanningszone • Het lint de Leegeweg • Het kadeplein in het centrumgebied

72 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

73

De boulevard De boulevard vormt de centrale verkeersverbinding voor de fiets, auto en het openbaar vervoer, die meanderend en vloeiend door De Nieuwe Held loopt. Vinkhuizen. De boulevard is een verbindend planelement: een stevige groenstructuur, rijk aan bomen, waarop de woningen gericht zijn.

1. Verschillende profielen De boulevard kent drie profielen. Bij de landschappelijke wierden is de boulevard ruim van opzet met veel ruimte voor bomen en een groene middenberm. In het centrumgebied versmalt de boulevard. De trottoirs zijn hier juist breder, zodat een meer stedelijke en intieme sfeer ontstaat. De overgangszone verbindt de beide profielen.

Profiel 1: boulevard tussen de landschappelijke wierden

74 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

1

3 2

Profiel 2: boulevard in het centrumgebied

Profiel 3: boulevard t.p.v. overgangszone

75

2. Boomstructuur

3. Zichtlijnen

4. Ontsluiting van buurten

5. Ventwegen

Het bladerdak van een rijke bomenstructuur kenmerkt de hele boulevard. De structuur is los van opzet, bomen staan niet strak in het gelid. Zo benadrukken we het informele landschappelijke beeld versterkt en remmen we de snelheid van het verkeer.

Vanaf de boulevard is het contrast tussen wierden en contramal goed waarneembaar. De beleving van het water in de contramal wordt, waar mogelijk, versterkt door bruggen aan te leggen.

De entrees tot de wierden liggen tegen over elkaar en dragen bij aan het remmen van verkeer.

De ventwegen langs de boulevard vormen ook de doorgaande fietsverbindingen. Het zijn rustige woonstraten, zonder doorgaand autoverkeer. Auto's kunnen aan één kant parkeren ('langsparkeren'.)

76 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

77

Stadsdeelpark Het stadsdeelpark is bedoeld voor inwoners van De Nieuwe Held en voor de bestaande wijken Gravenburg en de Held. Het ligt daarom zo centraal mogelijk, langs een belangrijke fietsroute, op de overgang tussen de Held en De Nieuwe Held. Aan beide uiteinden komt een basisschool – die aan de westkant is er al. Voor het stadsdeelpark is in dit kader een schets opgenomen. Het ontwerp voor het stadsdeelpark wordt tegelijk met het eerste deelplan uitgewerkt. De aanleg volgt meteen daarna. Zo heeft de wijk van begin af aan een eigen park. Deze Gebiedsvisie bevat principes die voor die uitwerking als vertrekpunt dienen. Ze worden op de volgende pagina’s toegelicht. 1. Zonering Van luw, natuurlijk naar intensief en cultuurlijk. Het zuidelijk deel van het stadsdeelpark is luwer en natuurlijker van karakter, het noordelijk deel meer cultuurlijk, geschikt voor wat intensiever gebruik. Zo biedt het park ruimte aan natuur en mens. 2. Optimaal verbonden Het stadsdeelpark wordt optimaal verbonden met de buurten rondom. Langs de noordrand loopt een breed pad, dat ook dient als fietsverbinding met Vinkhuizen. Dwars daarop worden meerdere voetpaden aangelegd.

Die verbinden de buurten met het park en maken het park ook voelbaar en zichtbaar vanuit de buurten. 3. Herkenbaar, eigen, beeldmerk Het stadsdeelpark krijgt een eigen, herkenbare identiteit. Mogelijk kunnen bijzondere objecten of kunstwerken daar deel van uitmaken. 4. Gebruik gevarieerd en aanpasbaar Het park biedt ruimte voor gevarieerd gebruik en wordt zo ingericht dat wijziging van gebruik in de loop der jaren mogelijk is. Bij de start van de ontwerpuitwerking zijn omwonenden en scholen betrokken. 5. Water: één van de dragers Langs de zuidrand van het stadsdeelpark moet een (te verbreden) hoofdwatergang worden ingepast. Daarmee vormt water één van de ingrediënten van het stadsdeelpark. De waterlopen in de contramal, ten noorden van het stadsdeelpark, wateren af op deze hoofdwaterloop, al dan niet deels via duikers. 6. Verwijzing naar de historie We ambiëren een verwijzing naar de historische verkaveling en de kreken/kreekruggen die het landschap hebben gevormd.

79

Centraal stadsdeelpark met de parkrandwoningen

80 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

81

82 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

83

Bestaand schoolpark Voor het schoolpark is een schets opgenomen in deze Gebiedsvisie. Deze biedt slechts een suggestie. Het ontwerp voor het schoolpark werken we later uit, samen met de school en omwonenden.

Sportpark en nieuwe school Tussen De Nieuwe Held, de N355, de volkstuinen en Vinkhuizen is ruimte gereserveerd voor een nieuw omnisport complex en een basisschool. De opgave in dit gebied bevat óók volkstuinen, fietsroutes, ecologische verbindingen, hoofdwatergangen én een ruimtereservering voor waterberging. De kaderkaart bevat een illustratieve schets, waar genoemde opgaven in hun juiste maatvoering zijn ingetekend. Dit ontwerp moet nog worden uitgewerkt. We lichten de opzet en ingrediënten toe.

Enkele uitgangspunten daarbij zijn: • De westrand inclusief water maakt deel uit van te versterken ecologische verbinding; • Integratie 'kiss and ride' voor de scholen in het parkontwerp. Bij voorkeur zodanig dat deze, buiten de haal- en breng tijden om, voor spelen kan worden gebruikt; • Fietsverkeer scheiden van autoverkeer: aparte fietsroutes vanaf de rotonde en vanaf de noordelijke buurten; • Natuurlijke buffer tussen schoolpark en boulevard: een wadi of anders; • Inpassing van het in 2022 geplante voedselbosje in het schoolpark; • Verbeteren relatie school – schoolpark, met daarbij de vraag: moeten de entrees op twee niveaus behouden blijven?

Sport Het omnisportcomplex bevat vier wedstrijdvelden, een multifunctioneel clubgebouw, inclusief zes tot acht kleedkamers. Streven is om in het clubgebouw ook als bso, kinderopvang en/of buurthuis te laten functioneren. Het is op dit moment nog niet helder voor welke combinaties van sporten het complex gebruikt gaat worden. De voorlopige inschatting is twee wedstrijdvelden voor voetbal en twee voor hockey. We onderzoeken wat de beste plek voor het clubgebouw en het parkeren is en betrekken omwonenden daarbij. We vinden het passend om van het clubhuis een wervend beeldmerk te maken, zichtbaar vanaf de entree tot De Nieuwe Held. Een kantine op hoogte, met trap/tribune is goed denkbaar. Basisschool Voor de basisschool – verbonden met die in de wijk Reitdiep - gaan we uit van een ruimtebehoefte van zo'n 2000m2 voor het schoolgebouw, en 3000m2 buitenruimte. Daarbij houden we rekening met 500m2 voor bso/kinderopvang in of nabij de school en 500m2 gymzaal. Elke basisschool in een nieuwbouwwijk heeft te maken met een piek, zeker in een wijk als de Held, die voor een (groot) deel op gezinnen gericht is. De inschatting is dat er gedurende een (piek)periode van 20 jaar 900 tot 1700 extra m2 vloeroppervlak nodig is. Met bijbehorend voldoende buitenruimte.

We streven naar een basisschool als vrijliggend gebouw in het groen, en streven ernaar om de locatie en opzet van een tijdelijk extra gebouw al in het ontwerp te integreren.

Zicht op bestaande school vanaf toekomstig stadsdeelpark

84 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

Water, groen, ecologie In het sportpark zorgen we voor opname van vleermuisroutes en voor realisatie van oost-west en noord-zuid ecologische verbindingen, zowel boomals water gerelateerd. Ze lopen langs de randen van het gebied en langs het voetpad dat midden over het sportpark loopt. Volkstuinen Ten noorden van Vinkhuizen ligt het volkstuinencomplex Golden Raand. Dat blijft behouden.

Natuurlijk spelen in het groen bij bestaande en nieuwe school

85

Waterrijke contramal tussen de wierden Tussen de woonwierden is de contramal waterrijk en natuurlijk. Het regenwater vanaf de wierden wordt er opgevangen in brede, slingerende waterlopen, met natuurlijke oevers. De beplanting in de contramal is natuurlijk: kruidenrijk gras, struiken, bomen en bosplantsoen. Er is ruimte voor voetgangers op halfverharde paden of graspaden, en hier en daar voor spelen aan het water.

Groene contramal in geval van functie als hoofdwatergang

Avontuurlijk spelen aan het water

86 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

Wandelpaden in het groen

87

88 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

89

Ecopark als groene rand naar Gravenburg Op de overgang naar Gravenburg verbreden we de waterlopen. Ze worden en ingebed in brede, natuurlijk ingerichte groenzones. Aan de westzijde wordt de sloot op de overgang naar de tuinen van Gravenburg verbreed. Aan de oostzijde komen natuurlijke oevers. Kruidenrijk grasland en hier en daar opgaande beplanting, struiken en bomen, zullen het beeld gaan bepalen. Alle bestaande voetgangersbruggen vanaf Gravenburg naar De Nieuwe Held blijven intact en een informeel, slingerend voetpad loopt van zuid naar noord door de groenzone. Over het geheel genomen voegen we in vergelijking met het oude bestemmingsplan méér, robuuster en breder groen toe aan de rand van Gravenburg. Alleen in de uiterste noordwesthoek is dat niet zo. Daar is de afstand van de woonwierde tot aan Gavenburg groter dan in het oude bestemmingsplan, maar komt wél een vrijstaand appartementengebouw van vier lagen, búiten die wierde – in het groen, beoogd. Het benutten van deze locatie voor woningbouw is nodig om het gewenste aantal te halen. We vinden een bijzonder gebouw op deze plek passen in het stedenbouwkundig plan, omdat het in de as van de boulevard ligt.

Bestaande groenzone en bruggen aan de rand van Gravenburg

Singel als groene rand naar De Held Ook aan de zijde van de wijk De Held verbreden we het water en voorzien het (waar dat nog niet zo was) van groene, natuurlijke oevers. Aan beide zijden. Het profiel bij de Nathalie Barneykade laat dat zien. Het groen aan deze zijde krijgt een iets minder dichte beplanting dan aan de zijde van Gravenburg. We denken aan een singel met groene oevers en daarin verspreide bomen in het gras. Langs delen van de singel lopen voetgangers op een voetpad in het groen, langs andere delen over de verharding in de woonbuurt.

Bestaande kade aan de rand van De Held

Bestaand Bestaand

+0.32

1:2

1:1 -1,4 -2,4

-1,30

15

1,5

Buurtvlek Bestaand

2,2

Bestaand

Buurtvlek Ecologische ader

+0.25m

-0,2m -0,7m

+0,05

+ 0.32

-1,50m

NAP -1,25

-2,75m

1

1,8 -2,5

2

4

2

4

14,9

PROFIEL 13

2,5

2

4.5

10

2

4

2

5

0.6 2,2

ca. 35mtotaal ruimte 35m = minimale 44.8m = minimale ca. 45m totaal ruimte

1:100 Groene overgangszone naar Gravenburg in nieuwe situatie (onder) en bestaande situatie (boven)

90 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

Groene overgang naar De Held t.p.v. Natalie Barneykade in nieuwe situatie (onder) en bestaande situatie (boven)

91

Leegeweg De Leegeweg is met zijn historische boerderijplaatsen een historische drager van dit gebied. Langs de Leegeweg brengen we de sfeer van de oude landelijke weg terug, met gevarieerde bebouwing, sloten en groene bermen. Het wordt een oud lint in een nieuw jasje. Waar mogelijk in blijft er rondom bestaande boerderijplaatsen wat ruimte vrij om historische kwaliteiten zichtbaar te houden. Langs de weg is alleen ruimte voor vrijstaande woningen en een enkele tweekapper. Op een paar plekken kunnen nieuwe erven worden gemaakt: met grotere schuurvolumes op een gezamenlijk erf. Alle huizen langs de Leegeweg zijn noord-zuid georiënteerd, waardoor ze bewust vaak in een kleine hoek ten opzichte van de Leegeweg staan. In positionering van de bebouwing en ritmiek wordt gezocht naar een invulling die past bij een lintweg. Tussen het bebouwde deel van het lint zijn er doorzichten naar de contramal – de rand van de wijk. De sloten langs de weg worden iets verbreed en aan de noordzijde van de weg komt een voetpad in het groen. Er komen bomen bij om de groene sfeer te versterken. Dammen over de sloot worden per twee woningen aangelegd en parkeren gebeurt op het erf.

-0,46

-0,65

-0,67 -1,35

1m

1:1

1m

1:1

3,3

1,35

-0,63

-0,67

-1,15

2,27

1,5

1,53 1,35

3,47

1,25

3,12

3,02

1,16

1,17

Smalle sloten langs de Leegeweg in bestaande situatie

1:100

1:1

-0,46

-0,65

-0,67 -1,7

1m

1:1

3,3

1,35

-0,63

-0,65

-1,25

2,27

1,5

1,53 1,35

3,47

1,25

3,12

1,16

1m

3,02

1,17

1:100

0,50m bebouwing

0,35m straat

-0,65

-0,63

-0,46

-0,1 -0,65

-0,05

-0,67

-1,25

Peilvak -1,25m

1:1

1,35

-1,7

-2,25

1:1

3,3

2,27

1

1,5

1,53 1,35

3,47

1,25

3,12

1,16

-2,7

1:1

5,02

Peilvak -1,70m

1,17

Straatprofiel Leegeweg van bestaande situatie (boven), via tussenfase (midden) naar nieuwe situatie (onder)

92 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

1:100

93

6.2 Centrumgebied

Hart van de wijk met voorzieningen In het midden van De Nieuwe Held krijgt de wijk ligt het centrumgebied, dat als compact voorzieningencentrum ook een rol speelt voor de bestaande, omliggende wijken. Met een kadeplein, een supermarkt, ondersteunende winkels, zorgvoorzieningen en een aanzienlijk deel appartementen is dit het meest stedelijke deel van de wijk, met de meeste reuring. Het centrumgebied wijkt qua programma, identiteit en ontwerp af van de wierden. De dichtheid en korrelgrootte is hoger. Er is meer variatie in woningtypen, zoals appartementen, atelierwoningen en herenhuizen. De kleurstelling is lichter en meer daken zijn plat. De meeste reuring bevindt zich aan de boulevard en het kadeplein. Daar bevinden zich voorzieningen en ruimte voor werken in op de begane grond (de 'plinten' van de gebouwen). Rond het groene buurtplein, de groene hofjes en naar de randen toe, is het rustiger, met meer een regulier woningaanbod. De inrichting van de openbare ruimte is meer stedelijk van aard en anders van opzet. Het centrum heeft een royaal kadeplein aan het water. Met ruimte voor terrassen, vlondertrappen, zitelementen, bomen is dit dé plek om te verblijven en mensen te ontmoeten. De binnenwereld links en rechts van de boulevard heeft groene hofjes, steegjes met geveltuinen en een groen buurtplein. Dit gebied is voor een groot deel niet toegankelijk voor de auto.

De openbare ruimte is steniger en de overgangen van privé naar openbaar zijn merendeels gebouwd.

94 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

95

Samenhangend gebied met meer stedelijkheid Het centrumgebied is één samenhangend gebied. De gevarieerde bebouwing, de hoge dichtheid en de bijzondere openbare ruimtes zorgen voor een meer stedelijke sfeer. De verschillende sferen van de randen van het centrum bepalen de identiteit van de plekken binnen het centrumgebied. Zo onderscheidt de boulevard zich van de singel. Langs de boulevard zijn de stoepen breed en groen, vormt de bebouwing een stevige gevelwand en is er ruimte voor andere functies dan wonen in de plint. Aan de singel staan voorname herenhuizen met het adres aan het water. Rondom het kadeplein vormt de bebouwing een ensemble en vormt de overgang tussen de stedelijke boulevard en de groene singel. Bouwblokken trappen af in bouwhoogte en de overgangen worden minder formeel. Aan het stadsdeelpark hebben de woningen een representatieve gevel, met een duidelijk afgebakende buitenruimte aan het park.

Bovenstaande collage geeft een indruk van de gewenste sfeer en identiteit.

96 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

Verschillende sferen van de contramal in het centrumgebied

Aan de Leegeweg is de sfeer meer landelijk, er staan vrijstaande woningen of tweekappers met een dwarskap, passend in de schaal en maat van het historische lint. Wonen en werken aan groen en water Vrijwel alle woningen en voorzieningen in het centrumgebied hebben hun adres aan de contramal of aan één van de interne groengebieden. Zo wordt elke woning (of voorziening) direct verbonden met het groen. De woningen hebben een zorgvuldig ontworpen overgangszone tussen de openbare ruimte en de bebouwing. De overgangen zijn veelal gebouwd en worden afgestemd op de aangrenzende openbare ruimte. Er is een grote variatie in uitwerking mogelijk, bijvoorbeeld een ommuurd terras, stoepzone, loggia of veranda.

Eén samenhangend gebied met interne groengebieden

97

Lichtere tinten, cultuurlijker groen De sfeer en uitstraling van het centrumgebied onderscheidt zich van de rest van de wijk. De sfeer is meer stedelijk met aan de boulevard en het kadeplein hogere bebouwing met platte daken en voorzieningen in de plint. Het groen is meer cultuurlijk: met regentuinen, siergroen, bomen in verharding of gras. De openbare ruimte heeft een luxere uitstraling dan elders in de wijk. Ook in het centrumgebied heeft de bebouwing natuurlijke kleuren en materialen, maar in vergelijking met de rest van de wijk is de kleurstelling lichter met meer zandkleurige tinten, meer stenige materialen en minder hout.

98 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

99

Interne groengebieden

Water

Ontsluiting

Parkeren

Naast de verschillende groene sferen van de contramal zijn er interne groengebieden met hun eigen karakter. In het meest stedelijke deel is een groen hof (1) waaromheen gewoond wordt. Het zuidelijke deel heeft een groen binnengebied (2). In het westelijke deel verbinden twee groene doorgangen (3) de boulevard met Gravenburg. Deze interne groengebieden vormen de collectieve buurtplekken.

In de bouwblokken, de straten en in het buurtgroen wordt ruimte gereserveerd voor het zichtbaar afvoeren en tijdelijk bergen van regenwater. In het centrumgebied wordt dit meer cultuurlijk vormgegeven in bijvoorbeeld een regentuin. Het water wordt op deze wijze vertraagd afgevoerd richting de contramal. Het centrumgebied heeft twee peilvakken aan weerszijden van de boulevard.

Het centrum krijgt een autoluw binnengebied. Fiets en voetganger staan centraal. Een fijnmazig netwerk van fiets- en voetpaden door het buurtgroen en langs de kades verbindt het centrumgebied met de contramal en met Gravenburg en de Held I. Straten vanaf de boulevard (wijkstraat) en de buurtstraten zijn doodlopend voor gemotoriseerd verkeer, maar doorgaand voor fietsers en voetgangers.

In het centrumgebied zijn verschillende parkeerprincipes. Onder het bouwblok met de supermarkt bevindt zich een verdiepte parkeergarage. In de overige bouwvelden wordt op maaiveld geparkeerd. Hierbij is voldoende aandacht voor de woonkwaliteit met ruimte voor ontmoeting en spelen. Langs sommige straten wordt in de openbare ruimte geparkeerd, met ruimte voor bomen en beplanting. Aan de randen parkeren bewoners op eigen terrein.

Groene buurtruimtes geven aanleiding om te spelen en bewegen

Een raingarden voor de opvang van regenwater

Een autoluw netwerk met ruimte voor spelen en ontmoeten

Parkeren binnen bouwveld met aandacht voor woonkwaliteit, door combinatie met groen & ontmoetingsruimte

100 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

101

Beeldregie

Plinten

Bouwhoogtes & daken

Schaal & korrel

Het centrumgebied vraagt om extra aandacht voor beeldregie vanwege het publieke karakter en de diversiteit aan sferen van de openbare ruimte. Langs kade en boulevard vormt de bebouwing een ensemble. Bebouwing aan de westrand en het park heeft een duidelijke structuur met een representatieve gevels richting de contramal. Langs de Leegeweg sluit bebouwing in maat, schaal en materiaalgebruik aan bij het karakter van het lint.

De bebouwing langs de boulevard en de hoeken van het kadeplein heeft een hogere plint (3,5 tot 4,5m). Zo krijgen de boulevard en kadeplein grandeur en ontstaat er flexibiliteit om nu en in de toekomst andere functies te herbergen op deze meest publieke plekken van de wijk.

Langs boulevard, park en kadeplein komt de hoogste bebouwing. Naar de randen van het centrumgebied trapt dit af naar ca. drie bouwlagen. Dit zorgt voor aansluiting bij aangrenzende woonwijken. Ook rondom buurtgroen is de bebouwing lager voor een intieme sfeer. Langs boulevard, kadeplein en park bevinden zich meer appartementen. Hier komen voornamelijk platte daken met aan de randen meer kappen voor een overgang naar kleinschaligheid. Bij platte daken is hoogtevariatie binnen het bouwblok verplicht.

In het centrumgebied ontstaat een gevarieerd en levendig bebouwingsbeeld, mede d.m.v. sprongen in de rooilijn en bouwhoogte. Op deze manier wordt ook de overgang gemaakt van de publieke, grotere schaal en korrel aan de boulevard naar meer kleinschaligheid aan de randen. Langs kade en boulevard gaat het om grotere gebaren en sprongen over grotere afstanden. Naar de randen toe wordt deze plasticiteit subtieler en toegepast op kleinere schaal.

Representatieve hoek met sterke plasticiteit en publieke plint

Een verhoogde plint geeft flexibiliteit & grandeur

Hoogtesprongen in bouwvolume zorgen voor plasticiteit

Voorbeeld van subtiele plasticiteit op kleine schaal

102 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

103

Voorzieningen

Appartementen

Balkons

Fietsenstalling, pacto's en installaties

De boulevard en het kadeplein zijn de plekken met de meeste reuring in de wijk. Hier bevinden zich de publieke voorzieningen in de plinten. In het bouwblok op de hoek zijn de supermarkt en andere voorzieningen gelegen. Voor overige voorzieningen (zoals het gezondheidscentrum) wordt een plek gezocht aan de oostzijde van de boulevard. Aan de westzijde van de boulevard zijn zogenaamde atelierwoningen gesitueerd. Deze lenen zich voor kleinschalige bedrijvigheid aan huis in de hoge plint.

In het centrumgebied bevinden zich de meeste appartementen van de wijk. De appartementen concentreren zich in de bouwblokken aan de oostzijde van de boulevard. De bouwblokken aan het stadsdeelpark zijn ook kansrijk om als appartementen te ontwikkelen.

Tot een hoogte van 4,5m vanaf het maaiveld zijn aan de buitenzijde van de bouwblokken geen uitkragende balkons toegestaan. Aan de boulevard en in de smalle straten kragen balkons maximaal 1,2m uit ten opzichte van de voorgevel. Zo ontstaat een representatief beeld aan de boulevard. Ook is er voldoende ruimte voor bomen en behouden de smalle straten voldoende ruimte.

De hogere dichtheid en het stedelijk karakter vragen erom dat andere functionele voorzieningen zoals (fietsen)bergingen en pacto’s in samenhang met de bouwblokken worden ontworpen. Installaties (zoals warmtepompen, airco’s) worden niet aan de aan openbare ruimte grenzende gevels bevestigd.

Appartementen met voorzieningen in de plint

Bouwblok met combi appartementen en grondgebonden wonen

Verdiepte buitenruimtes op de begane grond en eerste verdieping met daarboven halfverdiepte balkons

Fietsparkeren in gebouw met open & representatieve uitstraling.

104 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

105

Integraal beeld boulevard en kade

-0.2

-0.2

-1,50 -2,50

2

2

2

5

1,5

30 m

circa 32-44 m (breedte variabel)

20

5m

PROFIEL 3 1:100

Kade in het centrumgebied

Bovenstaand beeld toont de basisprincipes voor de beeldregie langs de boulevard en kade in het centrumgebied waarin de eerder besproken thema’s zijn gecombineerd. Boulevard en kadeplein zijn de meest publieke delen van de hele wijk. De bebouwing vormt een ensemble rondom de openbare ruimte. Gevels hebben een zorgvuldige geleding en sterke plastiek. Hoge plinten met ruimte voor voorzieningen, open vormgegeven gevels en entrees, aan zowel kade als boulevard, zorgen voor een open en uitnodigende uitstraling.

Sprongen in de rooilijn en bouwhoogte binnen de bouwblokken zorgen voor een levendig en gevarieerd beeld. De hoek van kadeplein en de boulevard heeft een hoogteaccent en op de begane grond een stedelijke overgang in de vorm van een overdekte arcade. Met de volumeopbouw, hoogte en kapvorm wordt een overgang gemaakt naar de randen van het centrumgebied, zoals het lint van de Leegeweg en de singel aan de rand van De Held. Zo wordt de overgang gemaakt naar de kleinere schaal en woonsfeer.

+0,05

8,5 - 10

1,5

1,5

14

1,5

1,5

8,5 - 10

PROFIEL 4A 1:100

Intieme groene doorgangen richting Gravenburg

106 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

107

6.3 Landschappelijke wierden

Landschappelijke buurtschappen Ten noorden en zuiden van het centrumgebied liggen de landschappelijke wierden. Deze groene buurtschappen liggen aan weerszijden van de boulevard als wierden in de contramal. De wierden zijn opgezet als informele, kleinschalige buurten. Het wonen aan het groen en het buitenleven staan centraal. Het wierdegroen vormt het hart van de wierde. Dit is de plek voor buurtgenoten om elkaar te ontmoeten en te spelen. Elke wierde bestaat uit een samenhangend ensemble van bebouwing. De meeste woningen zijn grondgebonden en hebben het adres aan het wierdegroen of aan de groene contramal.

108 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

109

Bovenstaande collage geeft een indruk van de gewenste sfeer en identiteit.

110 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

Wonen aan het groen Op de landschappelijke wierden wordt gewoond aan het groen. Bijna alle woningen hebben een adres aan de contramal of aan het wierdengroen. De contramal rondom de landschappelijke wierden heeft verschillende sferen: de groen ingerichte boulevard, het stadsdeelpark, de ecologische wandelstrip aan de noordrand, de ecologische ruggengraat aan de westzijde en de waterrijke contramal. Ook het wierdengroen, in de vorm van een groen hart of groene scheg, heeft op iedere wierde een eigen karakter door verschillen in maat, vorm en inrichting. Om het groene karakter van de wierden te versterken, streven we zoveel mogelijk naar het minimaliseren van verharding en maximale ruimte voor groen. Er komt groen op alle schaalniveaus, waarmee groen de verbinding vormt tussen huis, straat, buurt, wijk en omgeving.

Samenhang en differentiatie Elk van de wierden kent een samenhangend bebouwingsbeeld: het ontwerp van de woningen in de wierde is op elkaar afgestemd en vormt één samenhangend ensemble. Ook met de inrichting van de openbare ruimte wordt de samenhang binnen een wierde versterkt. Bijvoorbeeld door te zorgen voor continuïteit in de overgangszone tussen woning en openbare ruimte langs de buitenranden van de wierden of een rand van bomen rondom de wierden. De wierden onderling zullen zich net anders presenteren door de architectuur (kleur, materiaalgebruik en detaillering). Dit wordt zichtbaar aan de boulevard. Ook de inrichting van het wierdegroen is per wierde verschillend. Zo ontstaat er een variatie aan plekken en mogelijkheden om te spelen en bewegen. Extra aandacht is nodig voor het bebouwingsbeeld van de bijzondere randen: de boulevard, de noordrand, en aan de parkwand. Daar wordt met name door de inrichting van de openbare ruimte gezorgd voor samenhang langs deze lange lijnen.

Sferen van de contramal bij de noordelijke wierden

Samenhang en variatie in de noordelijke wierden

111

Sfeer & uitstraling De sfeer en uitstraling van De Nieuwe Held is natuurlijk, duurzaam en groen. De bebouwing gaat op in het landschap en past bij het groene karakter van de wijk. Dat geldt ook voor de landschappelijke wierden. De landschappelijke wierden stralen rust en samenhang uit, zonder eenvormig te worden. Ten opzichte van het centrumgebied kenmerken ze zich door een lagere dichtheid en meer kleinschalige bebouwing. Het materialenpalet is duurzaam, robuust en ingetogen. In de openbare ruimte wordt gewerkt met gebakken klinkers, open bestrating, groene bermen en groen met een natuurlijk karakter. Verharding wordt zoveel mogelijk beperkt. De bebouwing heeft een sterke relatie met het groen. Met sterke overgangen en gevelopeningen gericht op de openbare ruimte. Op de overgang van privé naar openbaar terrein komen (bijna) overal hagen. Met name langs de buitenranden van de wierden wordt gestreefd naar een continue groene overgangszone van voortuinen. Aan het wierdengroen is een grotere variatie aan

overgangszones denkbaar, mede bepaald door de relatie tussen woning en openbare ruimte. Denk aan bijvoorbeeld een veranda of omsloten terras. Voor de bebouwing streven we naar een eenduidige hoofdvorm. Ook in de uitstraling van de bebouwing staat het duurzame, landschappelijke en groene karakter van de wijk voorop. Daarmee krijgt De Nieuwe Held een eigen identiteit. Er wordt niet verwezen naar retrostijlen, die ook geen logische relatie hebben met de locatie van de wijk of met de huidige tijd. Er wordt gewerkt met natuurlijke materialen passend in een natuurlijke omgeving. Dit bestaat uit gebakken steen in gedekte tinten, roodbruin tot zandkleur in combinatie met eventueel hout aan de gevels en antracietkleurige kappen. In vergelijking met het centrumgebied worden er op de landschappelijke wierden meer rood/bruine tinten toegepast. Incidenteel kunnen woningen met een plat dak voorkomen.

Noordelijke landschappelijke wierden

Zuidelijke landschappelijke wierden

112 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

113

Groen

Water

Ontsluiting

Parkeren

De groene contramal vormt de scheiding tussen de verschillende wierden en kent een diversiteit aan sferen, van groen ingerichte boulevard tot waterrijke contramal. Daarnaast krijgt elke wierde een meer kleinschalige, collectieve groene ruimte: het “wierdengroen”. Dit wordt uitgewerkt in twee vormen: een centraal hof of een groene scheg die in open verbinding staat met de contramal. Het wierdengroen en de contramal worden door wandelpaden met elkaar verbonden.

Op straat en in het wierdengroen wordt ruimte gereserveerd voor het zichtbaar afvoeren en tijdelijk bergen van regenwater. Op de landschappelijke wierden wordt dit natuurlijk vormgegeven in bijvoorbeeld wadi’s. Er wordt gebruik gemaakt van het hoogteverschil voor de afvoer van het water naar de contramal. Het water wordt op deze wijze vertraagd afgevoerd richting het water in de contramal. Met groene daken op de platte daken wordt ook bij de woning water tijdelijk opgevangen.

Op de landschappelijke wierden krijgen fiets en voetganger prioriteit. Er wordt gewerkt met minimale verharding en leefstraten aan het groen met plek om te spelen en elkaar te ontmoeten. Straten worden zo ingericht dat hardrijden met de auto wordt ontmoedigd.

Vrijstaande woningen en twee-onder-een-kap-woningen parkeren op eigen terrein. Voor andere woningtypes wordt geparkeerd in de openbare ruimte, in compacte parkeerpockets op de minst gevoelige plekken. Dit wordt eventueel gecombineerd met haaks parkeren op aangegeven locaties. Langs de ventwegen bij de boulevard is langsparkeren toegestaan. Parkeren in de openbare ruimte heeft een groene uitstraling door bijvoorbeeld halfopen bestrating.

Plek voor avontuurlijk spelen in de waterrijke contramal

Regenwater wordt zichtbaar opgevangen en afgevoerd in de openbare ruimte

Smalle leefstraat met plek voor spelen en ontmoeten

Zorgvuldig vormgegeven parkeerpocket met groene uitstraling

114 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

115

Interne organisatie & bebouwing wierden Voor de landschappelijke wierden zijn twee verschillende organisatieprincipes mogelijk: het hart en de scheggen. Bij het principe met het hart wordt er één centrale groene ruimte gemaakt in het hart van de wierde. De buitenste rand van woningen is met de voorzijde gericht op de omliggende contramal en de binnenste rand van woningen is met de voorzijde gericht op het centrale wierdengroen. Woningen rondom het wierdengroen vertonen een zekere samenhang en zijn onderdeel van dezelfde “familie”, met daarbinnen wel mogelijkheden voor variatie in woningtype en bebouwingsvolume, geveluitwerking etc. In het buurtgroen is het mogelijk om compacte vrijliggende bebouwing te plaatsen.

Dit zijn bijzondere woningtypes, die aan alle kanten zorgvuldig moeten zijn ontworpen, inclusief de erfscheidingen. Bij het organisatieprincipe van de scheggen worden er meerdere schegvormige groene ruimtes gemaakt die in open verbinding staan met de contramal. Bebouwing is met de voorzijde gericht op deze groene scheggen. Ook daarin wordt gestreefd naar enige samenhang rondom de groene scheg. Daarnaast betekent dit dat woningen met de zijkant gericht zullen zijn naar de waterrijke contramal. Dit vraagt om extra aandacht voor de tweezijdigheid van de woningen en representativiteit van de kopgevels aan de randen.

Toegangsstraat wierden vanaf boulevard

Variatie en samenhang rondom groen buurthart

116 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

Groene scheg met open zicht op de groene omgeving

Weg langs centraal wierdengroen

117

Bebouwing aan boulevard

Bebouwing aan parkrand

De boulevard is de belangrijkste doorgaande route in De Nieuwe Held. Bebouwing aan de boulevard is daarom van hoge kwaliteit, met extra aandacht voor plasticiteit en geveldetaillering. De groene en landschappelijke uitstraling van de boulevard staat voorop. Het ontwerp van de openbare ruimte zorgt voor continuïteit langs de hele boulevard. Tegelijkertijd is het beeld langs de boulevard levendig en gevarieerd door afwisseling van woningtypes, korrelgrootte, kleine rooilijn variaties en gevarieerde gevels. Samenhang binnen een wierde

wordt versterkt, waardoor de afzonderlijke wierden vanaf de boulevard herkenbaar zijn. Die samenhang binnen een wierde ontstaat door continue hagen langs de buitenrand. Door de duidelijke scheiding tussen de verschillende wierden door de waterrijke contramal. Net als de keuze voor een eigen kleurtoon voor de bebouwing per wierde en samenhang in de hoofdvorm van de bebouwing. Op de hoeken van de contramal en de buurtinprikkers moet extra aandacht worden besteed aan de representativiteit en tweezijdigheid van de bebouwing.

Het stadsdeelpark is het groengebied in De Nieuwe Held dat het meest openbare karakter heeft. Bebouwing aan de parkrand is daarom van hoge kwaliteit en vormt een representatieve begrenzing van het stadsdeelpark. Gevels krijgen een open uitstraling voor een sterke relatie tussen woning en groen. De parkrand als geheel vertoont een samenhangend beeld door de inrichting van de openbare ruimte, de terrassen als gebouwde overgang tussen privé en openbaar en de continue massa-opbouw van rijen. Tegelijkertijd is er ook verlevendiging en

variatie in het totaalbeeld. De drie afzonderlijke wierden zijn afleesbaar doordat elke wierde zijn eigen kleurtoon heeft. Binnen elke wierde wordt één principe voor de hoofdvorm toegepast. Hoeken die grenzen aan deze contramal zijn representatief en tweezijdig. De entree van de woningen bevindt zich aan de straat aan de zijde van het wierdengroen. Daar wordt ook het parkeren op eigen terrein gerealiseerd op een representatieve manier.

Variatie in woningtypes & wonen aan een ventweg

Mogelijke variatie door dakuitbouwen & geveltoevoegingen

Rijwoningen aan het groen met geïntegreerde overgangszone en gewenste variatie en plasticiteit

Gebouwd terras aan groen

118 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

Representatieve parkeerzijde

119

Bebouwing aan noordrand

Groenzone noordrand t.p.v. ecologische wandelstrip en hoogspanningszone

De bebouwing langs de noordrand wordt onderdeel van de stadsrand, met aan de ene zijde de boog van Gravenburg en aan de andere zijde de flats in het bos van Vinkhuizen. De Nieuwe Held voegt een herkenbaar eigen beeld toe aan deze noordrand. Dit wordt met name bepaald door een brede buffer van water en groen langs de rand. De bebouwing langs deze noordrand is met een representatieve voorzijde naar buiten gericht. Omdat deze bebouwing onderdeel vormt van de stadsentree is er extra aandacht

voor de beeldregie, met hoogwaardige architectuur, materialen en plasticiteit. Door variatie in woningtypes en volume ontstaat een gevarieerd beeld. Op de hoek van noordrand en boulevard wordt in het bijzonder aandacht gevraagd voor een representatieve uitstraling omdat dit de entree van de wijk vormt.

Voorbeeld representatieve hoek met alzijdige appartementen

Representatieve gevels en hoge kwaliteit aan groene rand

120 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

121

7. Kwaliteitsborging 1. Inleiding en vervolg

122 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

123

7.1 Kwaliteitsborging en vervolg

In dit hoofdstuk beschrijven we hoe deze Gebiedsvisie zich verhoudt tot de documenten die volgens de Omgevingswet moeten worden opgesteld. Ook geven we aan hoe de ruimtelijke kwaliteit wordt geborgd en wat de rol van de supervisor hierin is. Gebiedsvisie en uitwerking in deelplannen De Gebiedsvisie voor De Nieuwe Held legt de ambities, hoofdopzet en principes voor de ruimtelijke kwaliteit voor de wijk als geheel vast. Gekoppeld aan de Gebiedsvisie wordt een “gebiedsgericht omgevingsprogramma” opgesteld. Dit vormt de onderbouwing en borging van de Gebiedsvisie volgens de Omgevingswet. In het omgevingsprogramma staat hoe zorgvuldig wordt omgegaan met de omgevingswaarden, die de Omgevingswet voorschrijft. Dit met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. De Gebiedsvisie is een bijlage bij het Omgevingsprogramma. De Gebiedsvisie en het bijbehorend Omgevingsprogramma vormen het kader voor de uitwerking in deelplannen. De Gebiedsvisie De Nieuwe Held bevat de uitgangspunten, ruimtelijke en programmatische kaders voor de deelplanuitwerking voor De Nieuwe Held. Deelplanuitwerking zal gefaseerd gebeuren. Een deelplan kan bestaan uit woonbuurten van totaal ca 300 tot 350 woningen per deelplan. Een deelplan kan ook over een andere functie gaan, zoals een ‘sportpark’, ‘stadsdeelpark’ of ‘school’.

Deze worden bewust gebundeld in één document, omdat ze inhoudelijk veel samenhang hebben. Het Stedenbouwkundig Plan legt de ruimtelijke en functionele opzet van het deelgebied vast, met daarin de verkaveling, de bouwvlakken en bouwhoogtes. Dit wordt vertaald in een plankaart en bouwregels bij de uitwerking van het Omgevingsprogramma voor dit deelgebied en vastgelegd via een BOPA-planologie. Zodra de mogelijkheid er is om via een Omgevingsplanwijziging de gebiedsontwikkeling planologisch-juridisch te borgen, gaan we over naar die systematiek. Het Beeldkwaliteitsplan bevat de principes en criteria gericht op de uiterlijke verschijningsvorm van de bebouwing en de openbare ruimte. Dit wordt samengevat in “gebiedscriteria” die in de Welstandsnota opgenomen. Het kwaliteitskader vormt, samen met het Omgevingsprogramma en de Welstandsnota het toetsingskader voor (B)OPA’s bouw: de bouwplannen die architecten in overleg met ontwikkelende partijen indienen. De Gebiedscriteria (Welstand) en plankaart met regels (Omgevingsprogramma) zijn het formele kader volgens de Omgevingswet. Het kwaliteitskader bevat ook het verkavelingsplan, met woningverdeling, op grond waarvan gemeente en ontwikkelaars concrete afspraken over de woningbouw maken: wie bouwt wat waar. Tenslotte dient het kwaliteitskader als kader voor de uitwerking van de openbare ruimte in Inrichtingsplannen.

Supervisor De Nieuwe Held is een omvangrijke gebiedsontwikkeling, met 1.850 woningen en meerdere voorzieningen. Gemeente en ontwikkelende partijen willen kwaliteit realiseren. Ruimtelijke kwaliteit wordt in De Nieuwe Held primair bepaald door groen, landschap en openbare ruimte. Ook architectuur is daar een integraal onderdeel van. Er is gekozen voor het werken met een supervisor om voor het gehele gebied de samenhang te bewaken en de kwaliteitsborging van bouwplannen directer, sneller en beter te laten verlopen. De supervisor is verantwoordelijke voor: • Het bewaken van de stedenbouwkundige, architectonische en landschappelijke samenhang en kwaliteit van het project; • Het bewaken van de kwaliteit van de kaderdocumenten die voor De Nieuwe Held worden opgesteld; • Het bewaken van de kwaliteit van de bouwplannen in De Nieuwe Held. De supervisor wordt aangesteld door de gemeente voor een periode van drie jaar, met verlenging tot nog eens drie jaar. Kwaliteitsbewaking en andere rollen Bij het bewaken van samenhang en ruimtelijke kwaliteit hebben óók de projectontwerpers, de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit (CRK) en de gebiedsstedenbouwer van de gemeente een rol. De stadsbouwmeester(s) worden een tot twee keer per jaar in een bijeenkomst met alle supervisors geïnformeerd.

De verantwoordelijkheden en rolverdeling in relatie tot de supervisor zijn als volgt: De projectontwerpers (stedenbouw, openbare ruimte): • zorgen voor het opstellen van de kwaliteitskaders, voor de ontwerpen openbare ruimte en voor de dagelijkse begeleiding van bouwplannen; • werken in dienst of in opdracht van de gemeente; • leggen concept kaderdocumenten voor advies voor aan de supervisor, die zich daarvoor laat bijstaan door de gebiedsstedenbouwkundige. Conceptkaderdocumenten worden, als de supervisor deze voldoende vindt, voor advies aan de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit voorgelegd. De supervisor verzorgt (mede) de toelichting aan de CRK. De Commissie Ruimtelijke Kwaliteit: • is verantwoordelijk voor de formele bouwplantoetsing en adviseert het college van B&W over omgevingskwaliteit bij omgevingsvergunningsaanvragen; • krijgt concept-kaderdocumenten en bouwplannen voor advies voorgelegd – in zowel het stadium van het Integraal vooroverleg (IVO) als de Omgevingsvergunningsaanvraag (OVA). De gebiedsstedenbouwer: • is verantwoordelijk voor inbedding van het project in haar context; • draagt bij aan de opgave definitie per deelplan; • heeft een verantwoordelijkheid voor afstemming van het kwaliteitsniveau in het project op dat van vergelijkbare producten/gebieden elders in de gemeente.

Kwaliteitskader, stedenbouwkundig plan en beeldkwaliteitsplan Voor elk deelplan wordt (indien relevant) een kwaliteitskader gemaakt. Elk kwaliteitskader bevat een Stedenbouwkundig Plan en Beeldkwaliteitsplan.

124 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

125

Stappenplan kwaliteitsborging bouwplannen Architecten zijn verantwoordelijk voor het leveren van kwaliteit in de bouwplannen. Zij werken in opdracht van ontwikkelende partijen of de gemeente (voor scholen en andere gemeentelijke gebouwen). De projectontwerpers verzorgen de dagelijkse begeleiding van bouwplannen. De supervisor adviseert en/of beoordeelt de kwaliteit op een aantal momenten: 1. Architectenselectie: De supervisor wordt door ontwikkelende partijen geïnformeerd over de beoogde verdeling – welke partij bouwt waar - en beoogde architect per bouwveld. Daarop geeft de supervisor advies. 2. Startoverleg: Elk bouwplan start met een startoverleg tussen supervisor en architect, waarin uitgangspunten, ambities en wensen uitgewisseld worden. 3. SO (Structuurontwerp): Het Structuurontwerp (SO) wordt door de architect gepresenteerd, met daarbij expliciet aandacht voor de wijze waarop het ontwerp zich in de context voegt en hoe het zich verhoudt tot het kwaliteitskader; De supervisor geeft advies en geeft schriftelijke SO-terugkoppeling. Resultaat is een schetsontwerp voorzien van eventuele opmerkingen, dat uitgewerkt kan worden naar VO. 4. VO (Voorontwerp) en IVO: Het Structuurontwerp wordt door de architect tot Voorontwerp (VO) uitgewerkt en gepresenteerd aan de supervisor (met vooraf toegezonden stukken). De supervisor geeft mondelinge feedback en schriftelijk advies.

De Supervisor bepaalt of het VO geschikt is voor indiening als IVO en behandeling in de CRK. Indien akkoord, dan levert de supervisor een schriftelijk advies. Dit wordt door de indiener meegezonden bij de stukken voor de CRK. Er volgt inhoudelijke bespreking bij de CRK en daarbij is de supervisor aanwezig. De CRK levert geschreven advies, aan de indiener/ initiatiefnemer.

126 De Nieuwe Held - Groningen Gebiedsvisie-maart 2026

De supervisor is verantwoordelijk voor interpretatie van en reflectie op het advies van de CRK. Indien het advies van de CRK ‘Akkoord’ is, of ‘Akkoord op hoofdlijnen met minimale aanpassingen’ dan kan het VO worden uitgewerkt tot DO. Indien de CRK iets meer aanpassingen van het plan vraagt, dan wordt een tussenstap ingebouwd. Daarbij heeft de supervisor een verantwoordelijkheid in interpretatie en reflectie op het advies van de CRK. De architect verzorgt terugkoppeling wat met de adviezen is gedaan. Onze ervaring in het werken met supervisors en goede begeleiding ‘aan de voorkant’ leert dat een CRK advies ‘Niet akkoord – fikse aanpassingen’, in de praktijk niet voorkomt. Resultaat van deze stap is een goedgekeurd VO, dat kan worden uitgewerkt tot Definitief Ontwerp. 5. DO (Definitief ontwerp) en OVA: Het Voorontwerp wordt door de architect tot Definitief ontwerp (DO) uitgewerkt. De architect presenteert het DO aan de supervisor en licht toe wat met eerdere (eventuele) opmerkingen is gedaan. De supervisor geeft een schriftelijke DO-reactie. Na positief advies wordt een OVA (omgevingsvergunningsaanvraag) ingediend: een (B)OPA – bouw. Deze OVA wordt voorgelegd aan de CRK. Dit kan een hamerstuk zijn, tenzij het ontwerp afwijkt van het geaccordeerde VO. De architect verzorgt terugkoppeling wat met adviezen is gedaan. De supervisor gaat mee naar CRK indien nodig.

Afstemming – ook tussen de architecten van de ontwikkelende partijen Elke wierde is een samenhangend ensemble van bebouwing, tuinen en openbare ruimte. Om die samenhang te realiseren vindt de gemeente samenwerking/afstemming belangrijk, óók tussen verschillende architecten die binnen één wierde werkzaam zijn. Wij verwachten dat de architect(en) per wierde een kleuren- en materialenpalet voorstellen en ter beoordeling aan de supervisor voorleggen. Dat gebeurt aan de hand van monsterborden en (kleur)stalen. De eerste partijen die aan de slag gaan in een wierde, leggen hiervoor de basis en de supervisor zorgt dat latere ontwikkelingen daarbij aansluiten. We verwachten dat architecten binnen één wierde langs de boulevard en parkrand, de hoofdvorm en het type oplossing voor de goot en de kopgevelbeeindiging op elkaar afstemmen. Tijdens de ontwerpfase van de woningen worden uitbreidingsopties (dakkapel, serres, erkeruitbouw, dakopbouw etc.) direct mee ontworpen.

Het geschreven advies van de supervisor maakt deel uit van de indiening en gaat als zwaarwegend advies mee richting CRK. Het is de verantwoordelijkheid van de indiener om zowel de tekeningen als het advies van de supervisor bij de IVO/OVA en stukken voor de CRK te voegen. De architecten presenteren het Structuurontwerp, Voorontwerp en Definitief ontwerp aan de supervisor. Voorafgaand aan de presentaties van VO en DO worden tekeningen toegestuurd aan het secretariaat van De Nieuwe Held.

127

Nadere toelichting omgevingsprogramma, uitwerking en (b)opa Sturingsfilosofie De gebiedsontwikkeling ‘De Nieuwe Held’ betreft een grootschalige en langdurige transformatie, die zich over meerdere decennia zal uitstrekken en in opeenvolgende fasen wordt gerealiseerd. De omvang, complexiteit en fasering van deze ontwikkeling vragen om een sturingsfilosofie waarin samenhang, bestuurlijke regie en flexibiliteit in balans zijn. De gemeente Groningen kiest er daarom voor om ‘De Nieuwe Held’ te sturen via een gebiedsgericht omgevingsprogramma, in combinatie met omgevingsvergunningen voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten (BOPA’s) en, waar passend, omgevingsvergunningen voor omgevingsplanactiviteiten (OPA’s). Deze instrumentkeuze sluit aan bij de mogelijkheden die de Omgevingswet biedt om beleidsdoelen programmatisch vast te leggen en deze stapsgewijs te vertalen naar juridisch bindende besluiten.

Het gebiedsgerichte omgevingsprogramma De Nieuwe Held Het Omgevingsprogramma vormt het beleidsmatige kader voor de ontwikkeling van ‘De Nieuwe Held’. Het Omgevingsprogramma beschrijft de doelen voor het gebied, de maatregelen om deze doelen te bereiken en de randvoorwaarden voor uitvoering. Het vaststellen van het Omgevingsprogramma is een zelfbindend instrument en een bevoegdheid van het college van burgemeester en wethouders. De gemeenteraad wordt vooraf in de gelegenheid gesteld wensen en bedenkingen te uiten. Daarmee wordt de raad vroegtijdig betrokken bij de hoofdlijnen van de gebiedsontwikkeling. De verlening van BOPA’s is in beginsel een collegebevoegdheid. Door het omgevingsprogramma vooraf voor wensen en bedenkingen aan de raad voor te leggen, wordt beoogd de raad in positie te brengen om richting te geven aan de ontwikkeling. Voor zover de raad heeft besloten af te zien van het bindend adviesrecht bij BOPA’s die passen binnen het omgevingsprogramma, geldt dat als uitgangspunt voor de verdere vergunningverlening.

Het omgevingsprogramma is dynamisch van aard en wordt per deelplan geactualiseerd zodra de uitwerking voor een deelgebied voldoende concreet is. De actualisatie vormt een belangrijk beleidsmatig toetsingskader en onderbouwing voor de beoordeling van vergunningaanvragen. Wanneer een actualisatie uitsluitend een nadere uitwerking is van eerder vastgestelde kaders, wordt deze in beginsel niet opnieuw aan de gemeenteraad voorgelegd, tenzij sprake is van wezenlijke beleidswijzigingen. Buitenplanse omgevingsplanactiviteiten (BOPA’s) Een BOPA is vereist wanneer een activiteit in strijd is met het geldende omgevingsplan. De beoordeling richt zich op de vraag of de activiteit kan worden ingepast binnen een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL). Het omgevingsprogramma biedt hierbij een integrale onderbouwing waarin ruimtelijke, milieukundige, verkeerskundige, ecologische en sociale aspecten in samenhang zijn beschouwd. De gemeente gaat er in beginsel van uit dat het toepassen van een gefaseerde BOPA niet noodzakelijk is, omdat het omgevingsprogramma per deelplan voldoende duidelijkheid biedt over de gewenste ontwikkeling en bijbehorende randvoorwaarden. Toch kan een gefaseerde BOPA in specifieke situaties toegevoegde waarde hebben, bijvoorbeeld om initiatiefnemers vroegtijdig planologische zekerheid te geven of om complexe ontwikkelingen beheerst te laten verlopen.

Omgevingsplanactiviteiten (OPA’s) Voor activiteiten die wel binnen het geldende omgevingsplan passen, maar waarvoor op grond van dat plan een vergunningplicht geldt, kan gebruik worden gemaakt van een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit (OPA). Dit kan aan de orde zijn op locaties waar het onderliggende planologische regime (bestemmingsplan De Held III) al voorziet in de beoogde functie, maar aanvullende toetsing vereist is. Procedure Het uitgangspunt is dat de benodigde BOPA’s en OPA’s in beginsel worden afgehandeld via de reguliere procedure, met een beslistermijn van acht weken, die door het college eenmaal met zes weken kan worden verlengd. Omdat ‘De Nieuwe Held’ gefaseerd wordt gerealiseerd, worden vergunningen op verschillende momenten aangevraagd. Een sluitende vergunningenplanning is daarom niet op voorhand vast te leggen.

Gefaseerd realiseren Zoals eerder aangegeven wordt De Nieuwe Held gezien de omvang en complexiteit van de ontwikkeling gefaseerd gerealiseerd. Voor afzonderlijke deelplannen zullen omgevingsvergunningen voor (buitenplanse) omgevingsplanactiviteiten (OPA’s en BOPA’s) worden aangevraagd. Het vastgestelde Omgevingsprogramma zal daarbij: • Dienen als motivering voor het afwijken van het geldende omgevingsplan; • Fungeren als toetsingskader voor aanvragen; • Bijdragen aan consistentie en rechtszekerheid; • Helpen om planologische en financiële risico’s beheersbaar te houden. De afzonderlijke BOPA’s worden conform de Activiteitenlijst bindend adviesrecht gemeente Groningen 2025 in procedure gebracht. Dat houdt in dat deze niet voor adviesrecht aan de raad worden voorgelegd, maar direct voor bezwaar en beroep open staan. Toelichting uitwerking naar deelplannen en kwaliteitskader Voor elk deelplan wordt (indien relevant) een kwaliteitskader opgesteld. Elk kwaliteitskader bevat een Stedenbouwkundig Plan en Beeldkwaliteitsplan. Deze worden bewust gebundeld in één document, omdat ze inhoudelijk veel samenhang hebben. Het Stedenbouwkundig Plan legt de ruimtelijke en functionele opzet van het deelgebied vast, met daarin de verkaveling, de bouwvlakken en bouwhoogtes.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.groningen.nl/api/v1/meetings/5420/documents/92816