Bijlage 1 Zienswijzenverslag (anoniem).pdf
Tekst van het document
26
De zienswijze leidt tot aanpassing van de stukken Art. 7.3.c wordt toegevoegd: “er mag niet met de bouw van de brug over het Hoendiep tussen de (toekomstige) Stadstraat en de Energieweg begonnen worden binnen 3 jaar na vaststelling van dit
Nr.
Inhoud zienswijze
standpunt burgemeester en wethouders
voorstel bestemmingsplan. ” In paragraaf 5.3.1 van de toelichting van het bestemmingsplan wordt de inpassing van de regel nader gemotiveerd.
8.8
Het bestemmingsplan is gebaseerd op artikel 7c van het Besluit uitvoering Chw. Het bestemmingsplan wordt echter niet aangewezen in lid 17 (plangebieden waarop artikel 7c van toepassing is). Waarschijnlijk is gebruik gemaakt van de mogelijkheid om plangebieden bij (ministeriële) regeling aan te wijzen zoals bedoeld in de ‘Beleidsregel aanmeldingen Regeling uitvoering Crisis- en herstelwet’. Volgens artikel 2 van deze beleidsregel is aanwijzing bij regeling alleen toegestaan als de betrokkenheid van de gemeenteraad of provinciale staten is geborgd, en kennisgeving aan of betrokkenheid van belanghebbenden is geborgd. In het bestemmingsplan wordt dit niet gemotiveerd. Graag een motivering opnemen dat het toegestaan is om de aanwijzing via regeling mogelijk te maken.
Het stedelijk gebied van de gemeente Groningen is aangewezen in Regeling van de Minister voor Milieu en Wonen van 18 maart 2020 tot wijziging en aanvulling van de Regeling uitvoering Crisis- en herstelwet (Regeling uitvoering Crisis- en herstelwet (vijfde tranche)). Dit besluit is op 20 maart 2020 gepubliceerd. De Suikerzijde valt binnen het aangewezen gebied van dit besluit (de kaart in bijlage 36 behorende bij dit besluit). In de aanmelding moet uit de motivering blijken hoe de betrokkenheid van en/of kennisgeving aan geborgd is. Uit het goedkeuren van de aanmelding en het opnemen van het stedelijk gebied van de gemeente Groningen, dat aan deze motiveringsverplichting in goede orde is voldaan.
De zienswijze leidt tot aanpassing van de stukken In paragraaf 5.1 van de toelichting van het bestemmingsplan wordt het besluit tot aanmelding Chw ingevoegd.
Tevens wordt paragraaf 6.4 in de toelichting van het bestemmingsplan toegevoegd ter Binnen de procedure van het bestemmingsplan is de verantwoording betrokkenheid van de belanghebbenden geborgd, van de waarover verantwoording is afgelegd in hoofdstuk 6 van ontwerpfase van 27
Nr.
8.9 BP
Inhoud zienswijze
Het Ambitiedocument Water in Groningen biedt een ruimtelijkeconomisch perspectief op het gebruik van water. Groningen heeft de ambitie om zich opnieuw sterker als stad aan het water te presenteren en de ruimtelijke, recreatieve en economische potentie van het water in de stad beter in te zetten. Dit document legt de koers vast en werkt op hoofdlijnen uit hoe we de openbare ruimte aan het water kunnen verbeteren en hoe we een kwaliteitsslag kunnen maken voor wonen, recreëren en varen. Hoe verhoudt deze visie uit 2017 zich met het opheffen van 3 ligplaatsen aan de Energieweg in dit bestemmingsplan. Welke poging is er gedaan om deze vervallen ligplaatsen terug te laten komen elders in het plan?
standpunt burgemeester en wethouders
voorstel
de toelichting. Ook is de gemeenteraad gedurende de gehele procedure geïnformeerd over de vorderingen en is de gemeenteraad het bevoegd gezag voor het vaststellen van het bestemmingsplan. Geconcludeerd kan worden dat de belangen van beiden niet worden geschaad.
de bestemmingsplan procedure.
Naar aanleiding van de uw zienswijze concluderen wij dat in paragraaf 5.1 van de toelichting niet duidelijk het besluit tot aanmelden voor de Chw is verwerkt. Tevens wordt paragraaf 6.4 toegevoegd ter verantwoording van de ontwerpfase van de bestemmingsplanprocedure. Voor De Suikerzijde biedt de historische waterstructuur De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het Hoendiep goede mogelijkheden om de van de stukken ruimtelijke kwaliteiten langs het water te verbeteren. Hier zetten we in op het verbeteren van de verblijfskwaliteit en het versterken van de relatie met het water. Dit doen we door bijvoorbeeld een aantrekkelijke nieuwe fiets- en wandelroute langs het Hoendiep te maken. Ook hebben we de ambitie om in het park aan de westkant van Deelgebied Noord een waterpartij te maken dat geschikt is voor onder meer recreatieve gebruiksmogelijkheden. Voor het aanleggen van een brug over het Hoendiep en een nieuwe verkeersverbinding naar de weg Hoendiep, moeten op termijn drie ligplaatsen verdwijnen. De mogelijkheden om in en rond De Suikerzijde drie nieuwe ligplaatsen te maken zijn beperkt, onder meer als gevolg van wettelijke regels over geluid. De Wet geluidhinder brengt namelijk met zich mee dat het 28
Nr.
Inhoud zienswijze
standpunt burgemeester en wethouders bestemmen van nieuwe ligplaatsen alleen mogelijk is op locaties met een relatief lage geluidbelasting van maximaal 48 dB door wegverkeerslawaai of spoorweglawaai en van maximaal 50 dB(A) door industrielawaai. Het college van B&W kan hiervan ontheffing verlenen en nieuwe ligplaatsen toestaan op locaties waar de geluidbelasting maximaal 5 dB hoger is (d.w.z.: tot maximaal 53 dB of 55 dB(A)). Veel van het water in en rond het plan ligt in de geluidscontour van de wegen Hoendiep en Westelijke Ringweg. Bovendien ligt de kade van het Hoendiep binnen de contouren van het bedrijventerrein Hoendiep of industrieterrein van Groningen-West/ Hoogkerk. Hoewel het de bedoeling is dat bedrijventerrein Hoendiep zuidzijde op termijn – conform de Structuurvisie –transformeert naar een woonbestemming, is de aanleg van nieuwe ligplaatsen voor woonschepen hier nu door de aanwezige bedrijvencontour niet mogelijk. Het water in het parkgebied van De Suikerzijde lijkt daarom de enige mogelijkheid te zijn om nieuwe ligplaatsen aan te leggen. De haalbaarheid van het maken van ligplaatsen in de waterpartij van het park zien wij als een integrale opgave. Wij willen dit de komende tijd nader onderzoeken en bekijken binnen de vele doelstellingen van het parkgebied. Voor meer informatie verwijzen we u naar de beantwoording van zienswijze 5.7. 29
voorstel
Nr.
Inhoud zienswijze
standpunt burgemeester en wethouders
voorstel
8.10
Op de website van de Gemeente Groningen staat een document genaamd "Van Schets naar Schep" (https://gemeente.groningen.nl/sites/default/files/Infographicplanproces-Van-Schets-naar-Schep.pdf). In de afbeelding staat een binnenwater afgebeeld tegen de overgang naar Hoogkerk. Deze lijkt in het huidige bestemmingsplan niet meer te bestaan. Dit binnen water leek een uitstekende plek voor het plaatsen van enkele schepen aan de uiterste oostelijke zijde van dit binnenwater, aan de rand van, maar net buiten de industriezone. Wat is de reden van het niet meer opnemen van een binnenwater in het huidige bestemmingsplan? Wordt een woonschip en daarbij behorende ligplaats door de gemeente Groningen gezien als een ‘onroerende zaak’ als bedoeld in artikel 6.1 Wet ruimtelijke ordening (Wro)? Voor een schip met ligplaats worden gemeentelijke heffingen gebaseerd op de OZB door de gemeente vastgesteld. In deze aanslag staat dat dit onroerende zaken betreft. Ook de belastingdienst ziet mijn schip met ligplaats als "normale" woning en is als zodanig ook opgenomen in mijn Aangifte inkomstenbelasting. Indiener ziet graag bevestigd dat een schip en ligplaats inderdaad een onroerende zaak is, en graag onderbouwen hoe de compensatie plaatsvindt voor het feit dat en ligplaats niet meer in dit bestemmingsplan (en in het bestemmingsplan Openbaar Vaarwater 2019) is opgenomen.
In het bestemmingsplan heeft het park de bestemming ‘Groen – Park’ gekregen. Binnen de bestemming is de functie ‘water’ toegestaan, waarmee het mogelijk is om dit binnenwater te realiseren. Ook biedt het bestemmingsplan de mogelijkheid voor het realiseren van waterwoningen (binnen het gebied van de aanduiding). Of die mogelijkheid in het nieuwe park daadwerkelijk geboden gaat worden, wordt nader bepaald. Voor meer informatie verwijzen we u naar de beantwoording van zienswijze 5.7.
De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de stukken
Artikel 6.1 Wro biedt de mogelijkheid om regels te stellen voor een aantal instrumenten, zoals een wijzigingsbevoegdheid, een uitwerkingsverplichting of een binnenplanse afwijkingsmogelijkheid. Dit artikel herkent de term ‘onroerende zaak’ niet.
De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de stukken
BP
8.11
De Wro herkent de mogelijkheid tot een tegemoetkoming in schade als gevolg van een juridische planologische wijziging (waaronder een aanpassing van het bestemmingsplan). Dit wordt ‘planschade’ genoemd. Indien u vindt dat u planschade heeft geleden, dan kunt u hiervoor bij het college een aanvraag indienen. Deze aanvraag moet worden ingediend binnen vijf jaar na het moment waarop die oorzaak onherroepelijk is geworden.
9
30
Nr. 9.1 SV/BP
9.2 SV
9.3 SV
Inhoud zienswijze
standpunt burgemeester en wethouders
voorstel
De eerste indruk van indiener is positief: het plan bevat veel ruimte voor groen en duurzaamheid. De vraag waarop indiener nog geen antwoord heb: wie zijn die toekomstige bewoners van dit nieuwe groene gebied waar het zo goed toeven is?
We zetten in op het creëren van een stedelijk woonmilieu met verschillende woningen (appartementen, boven/benedenwoningen, rijwoningen, herenhuizen) voor verschillende doelgroepen. Daarnaast hebben de bouwvelden overmaat en dat biedt gelegenheid om verschillende binnenterreinen te maken. In het gebied komt een mix van sociale huur, middeldure huur en koop, vrijesector huur en koop.
De zienswijze leidt tot aanpassing van de stukken
De Woningdeal 2019 van Minister Ollongren heeft als doel meer en sneller te bouwen, onder andere op het Suikerterrein in Groningen. Er is enorm veel geld voor vrij gemaakt. Het andere doel van deze deal is minstens zo belangrijk: een einde maken aan de excessen op de woningmarkt. De cruciale vraag bij de ontwikkeling van Suikerzijde is dus hoe de Gemeente Groningen de excessen op de woningmarkt op Suikerzijde gaat voorkomen. Stadjers hebben er weinig aan als de Suikerzijde straks is volgebouwd met dure huizen die voor de doorsnee Stadjers niet bereikbaar zijn. De aankoop van het Suikerterrein is een enorm goede zet van de Gemeente Groningen geweest: voor een relatief laag bedrag (in vergelijking met de huidige grondprijzen) heeft de Gemeente Groningen het monopolie in handen gekregen om betaalbaar en duurzaam wonen voor Stadjers te garanderen voor nu en in de toekomst. Dat is heel goed nieuws.
In De Suikerzijde willen wij woningen aanbieden voor alle doelgroepen. Iedereen die een (groen)stedelijke omgeving weet te waarderen is hier welkom. Betaalbaarheid is een belangrijk aandachtspunt. In het gebied komt daarom een mix van sociale huur, middeldure huur en koop, vrijesector huur en koop. Aangezien we zelf grondeigenaar zijn en daarmee de gronduitgifte bepalen, zullen we daarop sturen.
Wij onderkennen de behoefte aan betaalbare woningen, waaronder sociale woningen. De onderbouwing van de behoefte voor voldoende en betaalbare woningen is nader uitgewerkt in onze nieuwe Woonvisie (https://gemeente.groningen.nl/woonvisie). Vooralsnog is het streven om in de stad Groningen jaarlijks minimaal 200 tot 240 sociale huurwoningen 31
In de paragraaf betreffende de Woonvisie (3.3) in het BP wordt nader ingegaan op de doelgroepen voor bewoners in de gemeente. De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de stukken
De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de stukken
Nr.
9.4 SV
Inhoud zienswijze
standpunt burgemeester en wethouders
Natuurlijk staan de gebruikelijke partijen te popelen om hier snel te gaan bouwen en hier goud geld mee te verdienen. Maar laten we niet té snel gaan. Voordat we gaan bouwen moeten we ons afvragen of minimaal 50% van de toekomstige woningen permanent betaalbaar zijn voor het merendeel van de Stadjers die met redelijk tot slecht betaalde banen toch ook graag fatsoenlijk willen wonen. Het gelijkheidsprincipe zou hier van toepassing moeten zijn: Stadjers met lage/laagmidden inkomens verdienen net zo goed een woning op Suikerzijde als mensen met midden- en hoge inkomens. Trouwens: wat is een middeninkomen? En wat is middenhuur? Wie bepaalt wat?
netto toe te voegen. Dit wordt op meerdere locaties in de stad gerealiseerd. Ook De Suikerzijde maakt onderdeel uit van deze ambities. Daarnaast streven we naar een (meer) evenwichtige verdeling van sociale huurwoningen over de stad. De programmering in de gebiedsontwikkelingen, waaronder De Suikerzijde, is dan ook deels gebaseerd op bestaande verhoudingen in de stadsdelen en op de relatie met de omliggende wijken. In de basis gaan we voor de eerste fase uit van 15% sociale huur voor De Suikerzijde, maar we kijken ook – gezien de grote behoefte – of we het aandeel sociale huur hier kunnen vergroten. Meer sociale huur zet wel de haalbaarheid van het plan onder druk in verband met het verschil in grondwaarde. We zijn dan ook in gesprek met het Rijk om te onderzoeken of het Rijk hierin kan ondersteunen.
Een cruciale rol die aandacht verdient bij de ontwikkeling van De Suikerzijde is de rol van de toekomstige bewoner die er direct belang bij heeft dat de woning permanent betaalbaar gebouwd wordt en dat de subsidies die onderdeel zijn van de Crisis- en Herstelwet ook daadwerkelijk worden gebruikt voor huisvesting van de financieel minst draagkrachtigen. Indiener wil ervoor pleiten deze inspraak van burgers niet te beperken tot het indienen van Inspraakreacties. Toekomstige bewoners van
Middenhuur (en daarmee samenhangend middeninkomens) staat hoog bij ons op de agenda. Wij streven er naar om in de loop van 2021 hiervoor nadere uitgangspunten te ontwikkelen. Op dit moment denken we bij middenhuur aan een huur tussen € 752,33 (sociale huurgrens) en € 950,- (prijspeil 2021). De wijze waarop we het participatieproces inrichten is nog niet definitief bepaald. Uw suggestie om toekomstige bewoners te laten meedenken over ‘hun wijk’ nemen wij hierbij ter harte.
32
voorstel
Nr.
9.5
9.6 SV
9.7 SV
Inhoud zienswijze Suikerzijde en andere ontwikkelgebieden moeten structureel aanschuiven aan de 'Versnellingstafel Woondeal Groningen' en direct medezeggenschap hebben over de ontwikkeling van Stad. Dit is de basisvoorwaarde voor sociale cohesie en leefbaarheid in de wijken. In het kader van experiment Crisis- en Herstelwet is het mogelijk flexibeler om te gaan met bestemmingsplannen zodat er sneller gebouwd kan worden. Mijn voorstel is om onder de noemer 'experiment' ruimte te bieden aan wooncoöperaties en andere alternatieve woonvormen. De ontwikkeling van wooncoöperaties en andere alternatieve woonvormen in Groningen kan als business case gepresenteerd worden. Bij het opstellen van bussiness cases kan de Gemeente Groningen bijvoorbeeld ondersteuning krijgen van het Expertteam Woningbouw en het Expertteam Eigenbouw van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. In artikel 16 van de Woningdeal is te lezen dat er een financieringsregeling van 30 miljoen euro per jaar beschikbaar is voor burgerinitiatieven. Volgens het artikel vraagt de groei van het aantal 75-plussers om toegankelijke wijken en voldoende passende woonvormen. Het voorstel van indiener is dat Gemeente Groningen een deel van dit bedrag reserveert voor wooncoöperaties die inzetten op realiseren van woningen waar Wonen, Welzijn en Zorg voor een redelijke prijs centraal staan.
Zoals we inmiddels allemaal kunnen weten is de gebruikelijke manier van bouwen met beton, staal en stenen een enorme CO2belasting voor ons milieu en ons klimaat. Gemeente Groningen is in de positie om ons milieu actief te beschermen door gebruik van duurzame bouwmaterialen als eis voor
standpunt burgemeester en wethouders
voorstel
Verwezen wordt naar de beantwoording bij zienswijze 3.2.
De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de stukken
We onderzoeken wat de specifieke behoefte is aan andere/bijzondere vormen van wonen, waaronder wooncoöperaties. Op basis van concrete initiatieven nemen we dit mee in de planvorming.
De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de stukken
De regeling in de Woondeal waarnaar wordt verwezen is een algemene, landelijke regeling. De genoemde 30 miljoen is Rijksgeld en geen gemeentegeld, dus we kunnen geen middelen reserveren. Burgers of sociale ondernemers/initiatiefnemers van een vernieuwende vorm van wonen voor overwegend 55+-ers kunnen zelf een bijdrage aanvragen via Stimuleringsregeling Wonen en Zorg (SWZ): https://www.rvo.nl/subsidie-enfinancieringswijzer/stimuleringsregeling-wonen-en-zorgswz . Als gemeente hebben we hierin geen rol. De stad Groningen heeft de komende decennia dringend behoefte aan de bouw van nieuwe woningen. Een omvangrijk deel daarvan wordt in De Suikerzijde gebouwd. Bij het ontwikkelen van een gebied wordt een afweging gemaakt van belangen. De wens om hier 33
De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de stukken
Nr.
Inhoud zienswijze nieuwbouw neer te leggen. Duurzaam bouwen is namelijk heel veel meer dan een zonnepaneel op het dak of een warmtepomp. Het gebruik van milieu-vriendelijke bouwmaterialen, zoals hout, leem en stro, zou de norm moeten zijn als voorwaarde voor het mogen bouwen op De Suikerzijde. Deze natuurlijke materialen zijn circulair en geen belasting voor ons milieu.
9.8 SV
Op pag. 105 van de Structuurvisie wordt gesproken over de 'gekozen oplossingsrichting van collectieve WKO-systemen..'. Indiener pleit voor een herziening van deze keuze. Het is van groot belang dat toekomstige bewoners zelf en samen kunnen beslissen hoe zij duurzame energie willen realiseren. Bovendien zijn er inmiddels vele nadelen bekend over collectieve WKOsystemen zoals de complexiteit rond onderhoud en rendement.
standpunt burgemeester en wethouders
voorstel
zoveel mogelijk duurzaam te bouwen is hier één van. Momenteel zijn circulaire bouwmaterialen relatief duurder, maar de kosten dalen en daarmee wordt de inzet van circulaire materialen in De Suikerzijde steeds kansrijker. De gemeente volgt de ontwikkelingen op de voet. Ons streven is om gebruik te maken van duurzame bouwmaterialen (circulair of biobased) en materialen die minder CO2 emissies veroorzaken. Het percentage duurzame bouwmaterialen moet daarbij groeien. Wij vinden een duurzame warmte en koude voorziening De zienswijze leidt van belang. Daarnaast moet een ieder hiervan gebruik tot aanpassing van kunnen maken. Door de hoge bebouwingsdichtheid en de stukken de bijbehorende energievraag kan alleen optimaal van bodemenergie gebruikt gemaakt worden door gebruik te Aan paragraaf 3.3 maken van collectieve bronnen. van de toelichting Er is onvoldoende ruimte in de ondergrond om iedereen van het BP wordt voor een eigen WKO-systeem te laten kiezen. Andere het onderdeel systemen zoals luchtwarmtepompen hebben nadelen ‘ondergrond’ zoals geluidsoverlast en trillingen. Deze systemen toegevoegd. hebben een veel hoger elektriciteitsverbruik door de warmtepomp in vergelijking tot een bodemIn artikel 1 worden warmtepomp. Daarnaast hebben luchtwarmtepompen de definities van buitenunits nodig.
De plaatsing daarvan komt heel een open en precies om overlast te voorkomen en het straatbeeld gesloten systeem niet aan te tasten. Pellet- houtkachels veroorzaken naast opgenomen. mogelijke stank / roet ook fijnstof en stoten CO2 en eveneens milieuschadelijke stikstofoxiden uit. Vanuit dit Aan artikel 16, perspectief vinden wij een collectief WKO-systeem hier wordt lid 3 de beste invulling. Toekomstige bewoners hebben zelf ingevoegd met regels voor WKO’s. 34
Nr.
Inhoud zienswijze
standpunt burgemeester en wethouders keuze in hun inkoop van groene stroom en het zelf plaatsen van (extra) zonnepanelen.
9.9 SV
Indiener raadt een samenwerking met RUG en/of Hanzehogeschool aan om zo door onafhankelijke partijen onderzoek te laten doen naar de effecten van een andere keuze van bouwmaterialen op ons milieu en ons welzijn op korte en op langere termijn. Als blijkt dat een gezondere en betaalbare woning leidt tot een verhoogde mate van welzijn en tot een afname in zorgkosten dan zou dit zeker een belangrijk argument zijn om tot een cultuuromslag te komen in de manier waarop wij samen bouwen aan Stad.
Het artikel wordt overeenkomstig doorgenummerd.
Ter verduidelijking wordt een motivering voor WKO’s in de toelichting opgenomen en wordt in de regels opgenomen dat WKO’s in het plangebied zijn toegestaan. Voor gesloten en open systemen worden dieptebepalingen opgenomen. Er is redelijk wat onderzoek gedaan naar de milieueffecten van bouwmaterialen, onder andere door de TU Delft. Ook is er onderzoek naar de effecten van bouwmaterialen op de gezondheid uitgevoerd, wat landelijk heeft geleid tot aanpassingen in de keuze voor bouwmaterialen. Nieuwe ontwikkelingen volgen we daarbij op de voet. We vinden het een interessant idee om dit onderwerp beter in beeld te krijgen en zoeken hierover contact met het lectoraat Gezonde Stad van de Hanzehogeschool. In dit lectoraat wordt onderzoek gedaan naar de invloed van de gebouwde omgeving op gedrag, gezondheid en welzijn van inwoners van Groningen.
10
Woonschepencomite Groningen (WSC)
10.1
Het WCG juicht de voorgenomen plannen voor een groot deel toe. Vanuit de Watervisie zijn ambities verwoord voor het Echter het WCG is aan haar stand verplicht vooral aandacht te realiseren van nieuwe ligplaatsen in de stad. In de geven aan het wonen op het water. In de Woonvisie van 2015 en Watervisie is als onderzoeksopgave het realiseren van in de Watervisie van 2017 wordt de ambitie uitgesproken om het minimaal 15 nieuwe ligplaatsen voor wonen op het wonen op water als gewaardeerde woonvorm een water meegegeven.
SV
voorstel
35
De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de stukken
Nr.
Inhoud zienswijze kwaliteitsimpuls te geven door het aanbod te vergroten: kwalitatief en kwantitatief. Daarbij wordt het realiseren van 40 nieuwe ligplaatsen genoemd met woonkwaliteit naast 80 waterkavels, passend bij de ambitie van de gemeente Groningen om het aantal ligplaatsen van 434 naar 550 te vergroten. Het WCG heeft voor de Suikerzijde in 2011 plannen ingediend gericht op duurzaamheid, creativiteit, recreatie en toekomst. Maar….. het WCG vindt van het streven naar uitbreiding van ligplaatsen voor drijvende bouwwerken en van de ideeën van het WCG in de voorliggende plannen niets terug. Er wordt geen invulling gegeven aan genoemde ambitie anders dan een suggestie van een flink aantal woonboten. Het aantal uit te breiden ligplaatsen en waar deze komen worden niet benoemd. Nog sterker, voor de plannen moeten 3 ligplaatsen wijken, terwijl daarvoor geen compensatie wordt geboden.
standpunt burgemeester en wethouders De mogelijkheden voor het maken van ligplaatsen in De Suikerzijde zijn beperkt, onder meer als gevolg van de Wetgeluidhinder (Wgh). De Wgh brengt namelijk met zich mee dat het bestemmen van nieuwe ligplaatsen alleen mogelijk is op locaties met een relatief lage geluidbelasting van maximaal 48 dB door wegverkeerslawaai, maximaal 55 dB door spoorweglawaai en van maximaal 50 dB(A) door industrielawaai. Het college van B&W kan hiervan ontheffing verlenen en nieuwe ligplaatsen toestaan op locaties waar de geluidbelasting hoger is tot maximaal 53 dB voor wegverkeerslawaai, 63 dB voor spoorweglawaai en maximaal 55 dB(A) voor industrielawaai. In het kader van het bestemmingsplan en het MER zijn diverse geluidsonderzoeken uitgevoerd. In deze onderzoeken wordt zichtbaar dat veel water in en rond het gebied een te hoge geluidbelasting ondervindt vanwege wegverkeerslawaai afkomstig van het Hoendiep of Westelijke Ringweg, of vanwege industrielawaai afkomstig van bedrijventerrein Hoendiep of industrieterrein Groningen West. Nieuwe ligplaatsen zijn alleen mogelijk als deze op grotere afstand, dus dieper landinwaarts worden aangelegd. Het water in het parkgebied van De Suikerzijde is daarom in principe de enige mogelijkheid om nieuwe ligplaatsen aan te leggen.
Ter ontsluiting van het noordelijke deelgebied is een brug over het Hoendiep voorzien met een verkeersaansluiting op de rijweg Hoendiep nabij de 36
voorstel
Nr.
Inhoud zienswijze
standpunt burgemeester en wethouders
voorstel
Diamantlaan. Deze route raakt drie woonschepen. In het bestemmingsplan worden deze drie ligplaatsen op termijn wegbestemd. Omdat deze brug pas op een later moment nodig is en het gebied eerst met een andere brug ontsloten wordt, is er tijd om met de woonschipeigenaren in goed overleg een geschikte oplossing te vinden. Wij hebben deze opgaven in het bestemmingsplan voor deelgebied noord vertaald door de mogelijkheid op te nemen voor de realisatie van 20 waterwoningen in de waterpartij in het parkgebied (binnen deze definiëring vallen ook ligplaatsen). Of deze waterwoningen hier ontwikkeld kunnen worden, is afhankelijk van de uitwerking van de plannen voor het park en de waterpartij aan de westkant van het plangebied. In dit parkgebied komen namelijk veel doelstellingen samen die integraal moeten worden onderzocht, zoals wonen, ecologie, recreatie, waterkwaliteit, privatisering openbare ruimte en andere ontwikkelmogelijkheden. In een later stadium in de planvorming van deelgebied noord wordt een ontwerp voor dit parkgebied uitgewerkt. Op dat moment wordt ook een definitief besluit over de inpasbaarheid van waterwoningen in het parkgebied genomen. 10.2 SV/ BP
Het WCG pleit voor de visie en voor het bestemmingsplan van de Suikerzijde voor aandacht voor dit attractieve kenmerk. Graag ziet het WCG de toegezegde 40 nieuwe ligplaatsen mét 3 plaatsen ter compensatie van de 3 die ingenomen worden terug in de plannen. Om ook recht te doen aan het wonen op water naast de prachtige
Vanuit de Watervisie en het onderzoek naar nieuwe ligplaatsen is uitgesproken dat er in principe kansen liggen voor het realiseren van minimaal 15 nieuwe ligplaatsen in het plangebied van De Suikerzijde, maar niet van 40 nieuwe ligplaatsen. In het 37
De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de stukken
Nr.
Inhoud zienswijze
standpunt burgemeester en wethouders
plannen voor de nieuwe woonwijken met groen. Het WCG stelt hiervoor twee locaties voor: in het Hoendiep (kanaal) gelegen ten zuiden en westen van de Energieweg en de weg Hoendiep en aan de noordzijde van het plangebied.
stedenbouwkundige plan voor deelgebied noord vormt de waterpartij in het park de enige mogelijke locatie voor nieuwe ligplaatsen (zie beantwoording van zienswijze 10.1).
voorstel
Het creëren van een schiereiland parallel aan het Hoendiep met aan weerszijden ligplaatsen voor 40 woonschepen heeft tot gevolg dat de ruimtelijke relatie met het water van het Hoendiep verdwijnt en in feite wordt geprivatiseerd. Belangrijke doelstelling voor deelgebied noord is juist het maken van een groene en openbaar toegankelijke oever en te voorkomen dat de oever van het Hoendiep wordt geprivatiseerd. Het wonen op het water in het doorgaande Hoendiep zou passend zijn aan de noordzijde van het water. Vanwege de te hoge geluidsbelasting van het autoverkeer op de invalsweg Hoendiep is dat nu niet mogelijk. Aan de zuidzijde van het water zien wij geen ruimte voor het toevoegen van waterwoningen vanwege het gewenste openbare karakter van de oever in de nieuwe stadswijk. Ook staat het op gespannen voet met de voorgestelde natuurvriendelijke oevers langs het Hoendiep. 10.3 SV/ BP
In het nog niet zo heel verre verleden heeft men de doorvaart naar dit gebied vanuit de Stad onmogelijk gemaakt door de vaste spoorbrug en de aanleg van de lage, vaste oeververbinding ten behoeve van de ringweg. Vanuit de westzijde is dit gebied wel varend te bereiken. Het WCG dringt erop de toegang voor varende schepen niet verder te beperken door de aanleg van nog
De nieuw aan te leggen bruggen worden beweegbaar, waarmee doorvaart mogelijk blijft.
38
De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de stukken
Nr.
10.4
Inhoud zienswijze meer vaste bruggen. Daarmee zou ook de realisatie van de bedoelde 40 ligplaatsen voor woonschepen ernstig gefrustreerd worden. Voor varende schepen moet ook op de doorvaarthoogte moet gelet worden, zodat schepen met een staande mast de aanmeerplaatsen kunnen bereiken. Het is onze wens dat er zodanige voorzieningen worden aangelegd dat schepen vanaf het Hoge der A, Oosterhaven, Noorderhaven, de historische haven Hoogkerk en van vele plaatsen elders kunnen aanmeren. Deze gewenste dynamiek kan een wezenlijke bijdrage leveren aan de levendigheid en aantrekkelijkheid van het gebied. In het inspraakverslag bij de structuurschets Suikerfabriekterrein van februari 2019 staat de zorg vermeld van een aantal bewoners van de woonboten aan de Energieweg en de UT- Delfiaweg over het intact houden van hun bewoning op het water. Het betreft eventuele verplaatsing van hun woonboot als gevolg van bijvoorbeeld infrastructurele werken en de zorg ingesloten te worden door vaste bruggen. Zoals boven vermeld deelt het WCG deze zorg en vraagt hierover overleg.
standpunt burgemeester en wethouders
voorstel
Sinds begin 2019 zijn de plannen voor De Suikerzijde verder ontwikkeld. Sindsdien zijn ook de gesprekken met betrokken bewoners gecontinueerd.
11
11.1 SV
Indiener ziet in het (voor)ontwerp van de Structuurvisie Suikerzijde 2020 een stippellijn lopen welke een Ontwerpopgave Hoofdontsluiting weergeeft. Dit ligt midden over het perceel van indiener. Dit wijkt af van de situatie zoals die aangeduid in de Structuurschets van 2018. Hierin loopt de infrastructuur, aangegeven met een stippellijn, aan de zuidzijde van de vaart. Dit ligt buiten ons perceel en loopt parallel aan het al bestaande fietspad.
Wij passen de kaart aan conform de eerdere kaart, waarmee de weg niet over uw perceel loopt.
De zienswijze leidt tot aanpassing van de stukken De kaart in de SV wordt overeenkomstig aangepast.
39
Nr.
11.2 SV
11.3
11.4 SV
Inhoud zienswijze Het is indiener te kennen gegeven dat dit niet de bedoeling was en dat De Structuurvisie 2020 hierin niet mag afwijken. Indiener verzoekt derhalve om Structuurvisiekaart De Suikerzijde hierop aan te passen, zodat deze overeenkomt met de situatie beschreven in de Structuurschets 2018. Dit houdt in dat de weg langs het fietspad buiten ons perceel loopt, aan de zuidzijde van de vaart, waar reeds aanwezige ruimte is gecreëerd. Tevens valt het indiener op dat de kleur van de arcering in Structuurvisiekaart De Suikerzijde van het perceel van indiener afwijkt van de omliggende percelen. Een verklaring hiervoor is indiener niet gegeven. Indiener verzoekt deze aangepast zien dat deze dezelfde kleur krijgt als de overige percelen.
Indiener is serieus bezorgd over de verdere toename van het autoverkeer op deze locatie. Graag zou indiener, zodra er meer bekend wordt over de uitwerking hiervan, hierbij door de Gemeente betrokken worden. Indiener heeft bezwaar tegen de weergave van de voorgenomen nieuwe groenstructuur op hun perceel in Structuurvisiekaart de Suikerzijde op bladzijde 34 van de Structuurvisie. Deze bestrijkt een groot deel van de grond van indiener. Conceptueel begrijpt indiener dat er een poging wordt gedaan tot het verbinden van het Stadspark met de nieuw aan te leggen woonwijk middels een dun strookje groenstructuur. Dat dit ten koste moet gaan van een deel van het perceel begrijpt indiener
standpunt burgemeester en wethouders
voorstel
Met de aanduiding is aangegeven dat er bij de verdere planvorming rekening wordt gehouden met de positie van de bestaande kavels aan het lint. De feitelijke invulling vindt in overleg met de bewoners van het lint plaats in het kader van de uitwerking in bestemmingsplannen. Op dat moment kan ook beoordeeld worden wat bijvoorbeeld de afstand van nieuw te bouwen woningen tot het bestaande lint zal zijn. Indiener wordt bij dat overleg direct betrokken en kan dan ook eventuele wensen tot ontwikkeling van het eigen perceel kenbaar maken.
De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de stukken
Wij zeggen toe dat u tijdig bij de verdere uitwerking betrokken wordt.
De aanduiding van de groenzone is, zoals u zelf aangeeft, De zienswijze leidt een eerste aanduiding van de wens om conform het niet tot aanpassing gemeentelijk groenbeleid te zorgen voor een verbinding van de stukken met omgeving Peizerweg/Stadspark. Ook hier geldt dat concrete uitwerking plaats zal vinden in het kader van de bestemmingsplan-uitwerking. Pas dan kan op perceelsniveau bepaald worden hoe de groene verbindingszone precies zal lopen en voor welke 40
Nr.
11.5
Inhoud zienswijze
standpunt burgemeester en wethouders
niet. Bovendien is deze strook onbeduidend van kwaliteit en qua grootte minimaal als je het afzet tegen de rest van de groenstructuur. Ook is er geen fysieke doorgang. Op ons perceel is er sprake van bebouwing, ook langs het water, en een tuin. Het geheel heeft geen openbare functie. Het beoogde doel, een doorlopende groenverbinding, is dan ook ontoereikend aan die kant van de sloot. De Structuurvisiekaart de Suikerzijde laat zien dat het logischer is om een groene strook aan te brengen langs het bestaande Hegefietspad, aan de zuidzijde van de sloot. Hier gaat de groenstructuur over in een parkachtige structuur met kreken. Ten aanzien van de ontwikkeling van het perceel van indiener, wil indiener graag meedenken en participeren in de toekomstige ontwikkeling van de bouw- en ontwikkelplannen voor deelgebied Zuid. We zien dan ook een uitnodiging graag tegemoet om met de Gemeente van gedachten te wisselen over een nadere invulling van de plannen, zodat we hier rekening mee kunnen houden met betrekking tot ons perceel.
inrichting gekozen wordt. Zoals eerder aangegeven gebeurt dit in overleg met indiener. De structuurvisie is niet het plan waarin de globale aanduiding van de groenzone op perceelsniveau nader gedetailleerd moet worden.
12
Vereniging Wijkraad Hoogkerk en Buurtcommissie Buitenhof (VWH & BB)
12.1
Allereerst de opmerking dat de VWH & BB de wens van de Fietsersbond (onder R7a, pagina 22 van het inspraakverslag voorontwerp), dat de fietsroute langs het Hoendiep zo snel mogelijk gerealiseerd moet worden, van harte onderschrijven. Uit de gemeentelijke reactie blijkt dat de aanleg van de daarvoor benodigde tunnel voor 2023 op de planning staat. VWH & BB verwacht dat deze fietsroute voor fietsers uit Hoogkerk en het verder weg gelegen westelijke achterland steeds belangrijker gaat
SV/BP
voorstel
Verwezen wordt naar de gecombineerde beantwoording De zienswijze leidt bij zienswijzen 11.2, 11.3 en 11.4. niet tot aanpassing van de stukken
De ambitie voor de Suikerzijde is het gebied voor fietsers De zienswijze leidt te verbinden in alle windrichtingen. We houden daarom niet tot aanpassing rekening met een nieuwe fietsroute vanuit het van de stukken “centrum” van Hoogkerk – via De Suikerzijde – richting het centrum van Groningen. In eerste instantie is het nodig om de route van oost naar west door De Suikerzijde aan te leggen. Omdat we eerst een tweede ecologische compensatiegebied 41
Nr.
Inhoud zienswijze
standpunt burgemeester en wethouders
worden, omdat de gemeente voornemens is om de fietsers op de kruising Hoendiep/Van Zwedenlaan uit de voorrang te halen. Bij dat besluit speelde ook het alternatief van de aanleg van deze nieuwe fietsroute via de Suikerzijde een rol. VWH & BB zien graag dat de uitvoering van beide plannen aan elkaar gekoppeld wordt, zodat er te allen tijde voor fietsers een zo veilig mogelijke west/oost verbinding richting de binnenstad beschikbaar is.
ingericht moeten hebben, verwachten we dat de westelijke helft van deelgebied Noord en dit deel van de niet eerder dan 2025 gereed is (grondwerk en bouwrijp maken). Vervolgens zal de fietsverbinding aangelegd worden.
voorstel
Een belangrijk volgende punt in deze verbinding is de kruising met de Johan van Zwedenlaan. We willen vanuit deelgebied Noord onder de Johan van Zwedenlaan een ongelijkvloerse verbinding maken, zodat daar een verkeersveilige doorgaande fietsroute ontstaat. Vervolgens moet er ook een fietsroute komen tussen Hoogkerk en de Johan van Zwedenlaan. Dit moet nog nader uitgewerkt worden mede in afstemming met de eigenaren van de grond aldaar. Het koppelen van de uitvoering van de nieuwe fietsroute met het aanpassen van de voorrangssituatie bij de rotonde is daarom niet haalbaar.
12.2 BP
In paragraaf 4.2 (verkeer en mobiliteit) wordt het belang van de aanpak van de westelijke ring (=stoplichten weg , ongelijkvloersmaken van kruisingen en deels verdiept aanleggen) en een alternatieve route voor het bietenverkeer erkend, om een goede gebiedsontwikkeling van de Suikerzijde mogelijk te maken. De VWH heeft er in zijn inspraakreactie op gewezen dat de VWH blij is met deze formele erkenning, maar dat daar tot op heden kennelijk onvoldoende middelen voor gereserveerd zijn en dat de aanleg daarvan daarom op de lange baan terecht dreigt te komen. VWH hebben er daarom voor gepleit om een gelijktijdige planontwikkeling te maken voor deze drie projecten en ook om
De ontwikkeling van De Suikerzijde komt stapsgewijs tot De zienswijze leidt stand. Het duurt een groot aantal jaren voordat De niet tot aanpassing Suikerzijde volledig ontwikkeld is met mogelijk 5.000 van de stukken woningen. Ook de verkeerseffecten zullen in tijd groter worden. Uit de analyse van de MER, met het bijhorende verkeersonderzoek, blijkt dat het niet noodzakelijk is om (deel)plannen van De Suikerzijde te laten wachten op oplossingen voor de Westelijke Ringweg of op een alternatieve route voor het bietenverkeer. Het is zeker niet het geval dat De Suikerzijde onbereikbaar zal zijn. 42
Nr.
12.3 SV
Inhoud zienswijze
standpunt burgemeester en wethouders
voorstel
een deel van de opbrengsten van de grondverkoop op de Wel vragen enkele knooppunten van wegen extra Suikerzijde te investeren in of te reserveren voor deze projecten. aandacht in monitoring en op termijn mogelijk in In de inspraakreactie schrijft de gemeente dat ze “streven naar vormgeving. zowel een oplossing voor de Westelijke Ringweg als een alternatieve route voor het bietenverkeer“. Dit stelt de VWH & BB Voor beide opgaven geldt dat ze complex zijn en niet erg gerust, als er niet tegelijk concrete reserveringen gedaan zorgvuldig afgewogen en onderzocht moeten worden. worden. Uit de mondelinge reactie van de gemeente in de De (financiële) besluitvorming over deze opgaven ligt klankbordgroepbijeenkomst Suikerzijde van 13 januari jongstleden overigens ook bij andere partijen dan alleen de begrijpen de VWH & BB dat het project Suikerzijde echter al een gemeente Groningen. Met die partijen moet gezamenlijk tekort heeft op de grondexploitatie, zodat er niets gereserveerd hiervoor een oplossing gevonden worden. Het verder kan worden. Daarom willen de VWH & BB toch sterk adviseren om belasten van de grondexploitatie voor De Suikerzijde de grondexploitatie van de Suikerzijde nogmaals kritisch tegen het met externe infrastructurele oplossingen draagt daar licht te houden en te bezien of er geen verschuivingen mogelijk niet aan bij. zijn ten gunste van deze reservering.
Het is immers een gezamenlijk belang van gemeente en omwonenden dat de Suikerzijde een aantrekkelijk gebied wordt en dat de woningen vlot verkocht worden. Als het gebied een slechte reputatie krijgt omdat er weliswaar mooie woningen of bedrijfslocaties zijn, maar dat die praktisch onbereikbaar zijn door dagelijkse files van zowel privé - als openbaar vervoer, zien we dit streven in gevaar komen. Verder willen VWH & BB benadrukken dat er voor het verkeer van Het bietenverkeer en al het verkeer richting de De zienswijze leidt Groningen West niet alleen een oplossing moet komen voor het Suikerfabriek (CBC) heeft onze intensieve aandacht en is niet tot aanpassing bietenverkeer, maar voor ál het verkeer richting de Suikerfabriek. onderwerp van nader onderzoek. Hiervoor is reeds een van de stukken De overlast bereikt weliswaar een piek tijdens de aparte projectgroep voor opgericht. bietencampagne, maar de zware vrachtwagens rijden het hele jaar over wegen die daar eigenlijk niet voor gemaakt zijn en Als gevolg van de plannen voor De Suikerzijde neemt het vormen zo een gevaar voor de verkeersveiligheid of het verkeer op het omliggende wegennet toe. Voor het woongenot van de inwoners. Het is dus niet alleen een oplossing deelplan De Suikerzijde noord zijn in onze ogen voor een tijdelijk probleem.
De bedoeling van onze reactie is voldoende maatregelen genomen, om dit plan doorgang overigens niet om (deel)plannen voor de Suikerzijde op deze te laten vinden. Bij de verdere planontwikkeling van De infrastructurele ontwikkeling te laten wachten. Het is wél onze Suikerzijde nemen we het richtinggevende advies van de 43
Nr.
12.4 SV
Inhoud zienswijze
standpunt burgemeester en wethouders
bedoeling om aan te geven dat er nu al forse verkeersproblemen zijn in dit gebied en dat die door de aanleg van de Suikerzijde eerder groter dan kleiner zullen worden. Daarbij verwachten wij, dat ook de ontwikkeling van de Suikerzijde nieuwe ontwikkelingen op het gebied van verkeersinfrastructuur mogelijk en noodzakelijk maakt en dat bij een juiste planning van deze structuur niet alleen De Suikerzijde zelf hiervan profiteert, maar ook de omwonenden in Groningen West. Daarom is het ook jammer dat bij onderdeel f van onze inspraakreactie (over het verkeer op de Peizerweg en in de Buitenhof) slechts verwezen wordt naar de toekomstige planuitwerking voor Deelgebied Zuid van de Suikerzijde en dat dit nader onderzocht wordt. VWH & BB pleiten voor een doorrekening van alle verkeersstromen in Groningen West met het meest recente verkeersmodel (van de laatste maanden!) om beter zich te krijgen op de werkelijke problematiek en dan maatregelen voor te stellen. VWH & BB begrijpen dat de attentie nu ligt op het deelgebied noord, maar helaas stopt verkeer niet bij de plangrenzen en moet je dus nu al nadenken over en berekeningen maken van de te verwachten verkeersstromen in het hele gebied tussen Westpoort, westelijke ring en de A7.
Er wordt in de gemeentelijke reactie verwezen naar de komende Mobiliteitsvisie, maar het is nog maar de vraag of dit concrete probleem daarin voldoende aan bod zal komen. Uit de ter inzage liggende stukken blijkt verder dat het waarschijnlijk aan te leggen NS station in dit gebied ook een hubfunctie moet krijgen. Dat betekent ook iets voor de hoeveelheid verkeersbewegingen naar en van dit station, van zowel privé- als openbaar vervoer. VWH & BB begrijpen dat -als dit doorgaat- er belangrijke verkeersstromen naar en van het Zernike terrein zullen gaan lopen. Het is mooi als de binnenstad of de Friesestraatweg daarmee ontlast wordt, maar het moet niet zo
mobiliteitsvisie mee. Deze visie wordt naar verwachting na de zomer van 2021 vastgesteld.
voorstel
Ook de structuurverbetering in het westelijke stadsdeel gaan we in samenhang met andere projecten nader onderzoeken en we formuleren oplossingsrichtingen voor verkeersknelpunten. We maken daarbij gebruik van het nieuwe verkeersmodel dat voor de zomer van 2021 operationeel zal zijn.
We voorzien voor dit nieuwe station een hubfunctie voor het openbaar vervoer en de fiets. Bij de verdere uitwerking van deze functie en de daarbij behorende toeleidende infrastructuur zullen wij zeker de totale effecten op bereikbaarheid, verkeer en leefbaarheid betrekken. Het station krijgt overigens niet een P+R functie zoals Haren of Zuidhorn, met overstap van auto naar bus of trein. 44
De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de stukken
Nr.
12.5 BP
Inhoud zienswijze zijn dat de bewoners van Groningen West er dan een probleem bijkrijgen. Dit is ons inziens een extra argument om bij de ontwikkeling van de Suikerzijde breder naar de te verwachten groei van de verkeersstromen te kijken dan nu gedaan lijkt te worden. In het Ontwerp bestemmingsplan Suikerzijde deelgebied Noord staat als eerste zin over de wet – en regelgeving ten aanzien van de bodem: ‘Uitgangspunt van een goede ruimtelijke ordening is dat de bodemkwaliteit geschikt is voor de beoogde bestemming.’ (4.2 p.32) Blijkbaar is dat voor de gemeente toch niet het uitgangspunt, als in beschouwing wordt genomen dat de gemeente het MER-advies (7.3.3., p. 120) naast zich neerlegt om de grond van voormalig stortplaats De Halm vlakbij de Johan van Zwedenlaan multifunctioneel te saneren. De voormalige stortplaats moet onderdeel worden van een park, aangeduid als ‘Hoogpark’. Volgens de expertise in de stukken gaat het bij de voormalige stortplaats om 1,4 hectare en daarbij is het een plak van ongeveer 5 meter diep, afgedekt met ongeveer 50 centimeter grond (leeflaag). In het Inspraakverslag (voorstel 24 november 2020) staat op pagina 26 bij e. onderaan, dat sanering pas wordt uitgevoerd ‘bij ruimtelijke ontwikkelingen op de locatie zelf’.
En: ‘hier zijn nu geen ruimtelijke ontwikkelingen voorzien, vandaar dat we de aanbeveling in het MER , om multifunctioneel te saneren, niet overnemen’. Bij de klankbordgroepbijeenkomst Suikerzijde van 13 januari j.l. werd duidelijk dat de gemeente onder ruimtelijke ontwikkelingen dan verstaat het bebouwen en bewonen van de grond. We zien het inrichten van een park ter plaatse al als een heel aanzienlijke verontrustende en ongewenste ruimtelijke ontwikkeling,
standpunt burgemeester en wethouders
voorstel
De oude vuilstort van de Halm ligt in de uiterste De zienswijze leidt noordwest hoek van deelgebied Noord, in het gebied niet tot aanpassing waar een nieuw park gepland is. De kartonfabriek De van de stukken Halm heeft in het verleden onder andere bouw- en sloopafval gestort op de voormalige stortplaats De Halm. Deze bodemverontreiniging is als ernstig beschikt, maar niet als spoedeisend. Dit betekent dat een sanering pas wordt uitgevoerd bij ruimtelijke ontwikkelingen op de locatie zelf, de voormalige stortplaats. Hier zijn nu geen ruimtelijke ontwikkelingen voorzien, omdat we op dit moment uitgaan van een inpassing van deze locatie in de plannen voor het park. De plannen voor het park moeten wel eerst nog verder uitgewerkt worden, maar ook zonder dit gebied van circa 1 hectare resteert er een groot parkgebied van ruim 10 hectare. De noordwest hoek blijft dan een groene zone langs de Johan van Zwedenlaan en wordt dan niet toegankelijk voor mensen. Bovendien vergt een volledige sanering van deze locatie een investering van ruim €10 mln. Een alternatief kan zijn om eerst al het groen weg te halen en vervolgens een leeflaag van circa 1 meter op te brengen. Niet alleen zal dit ten koste gaan van al het groen, ook dit alternatief vergt een aanzienlijke financiële inspanning .
Gelet op de specifieke geïsoleerde ligging van de locatie, de mogelijkheden ongewenst gebruik tegen te gaan, het 45
Nr.
Inhoud zienswijze
standpunt burgemeester en wethouders
onverenigbaar met het gezond en veilig betreden van een dergelijk gebied.
12.6 BP
bij het park passende groene karakter en de grote financiële consequenties van sanering vinden wij het verantwoord en passend om de aanbeveling in het MER Gezien de kosten van een sanering kunnen de VWH & BB zich de (multifunctioneel saneren) niet over te nemen. De schroom van de gemeente wel voorstellen. Ook bij het aantrekkelijkheid van de Suikerzijde zal daarmee naar onbetreedbaar houden van dit gedeelte van het toekomstige park onze mening zeker niet afnemen. legt dit tegelijk een claim op elke ruimtelijke ontwikkeling daar in de toekomst, omdat er eerst gesaneerd zal moeten worden. Om eventuele sportieve of recreatieve ontwikkelingen op deze locatie niet bij voorbaat onmogelijk te maken door een dergelijke financiële drempel, pleiten VWH & BB voor het beginnen met een spaarpotje voor de eventuele benodigde sanering in de naaste toekomst. Beter zou zijn als de gemeente deze sanering gewoon aanpakt; hoe kan het dat er bij deze toekomstige wijk, die het paradepaardje moet worden op het gebied van groen en duurzaamheid, zo’n situatie blijft bestaan met een ongesaneerd stuk bodem op basis van financiële argumenten? Op pagina 52 Artikel 6 van het Ontwerpbestemmingsplan Verwezen wordt naar de beantwoording bij zienswijze Suikerzijde deelgebied Noord is sprake van een ‘specifieke vorm 5.7 en 10.2. van wonen – waterwoningen’, aan de oostkant van het park.
Ook pagina 73 6.1.d maakt hier melding van. Dat het park en ook de nieuwe inham en het nieuwe haventje daarin bij het Hoendiep gebruikt zou gaan worden om (mogelijk 20) woonboten (‘waterwoningen’) aan te meren, vinden de VWH & BB een erg onwenselijke ontwikkeling. Zo’n duidelijke woonfunctie bij de nieuwe baai en de rand van het park staat in scherp contrast met de functie van park voor iedereen en haventje voor iedereen, het park houdt dan op park te zijn en de woonboten zullen welke andere (recreatieve) bestemming daar ook in de weg zitten. Bovendien wordt het beloftevolle uitzicht van deze toekomstige inham op het Hoendiep, aldus grondig verstoord. Als men bezig is,
voorstel
46
De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de stukken
Nr.
12.7
12.8
Inhoud zienswijze
standpunt burgemeester en wethouders
in verband met andere stedelijke opgaven, toekomstige plaatsen te zoeken voor woonboten, zou men verderop langs het Hoendiep, dus richting stad, misschien wel iets kunnen vinden, aan het toekomstige nieuwe fietspad langs het Hoendiep. In dit nieuwe woongebied worden natuurlijk veel nieuwe namen De gemeente staat altijd open voor goede suggesties gecreëerd, sommige namen komen zelfs nu reeds in de stukken voor straatnamen, thema’s of passende namen voor naar voren. Het is goed dat de bewoners van Groningen zelf ook (sub)buurten. Deze worden dan besproken en een rol gegund wordt hierbij. De VWH zou het in elk geval erg op afgewogen tegen andere voorgestelde ideeën of prijs stellen hierbij betrokken te worden! Wat te denken suggesties. Dat gebeurt in de Straatnaamcommissie. bijvoorbeeld van de kreupele naam voor het nieuwe park voor Uiteindelijk komt er een gemotiveerd voorstel dat in het Hoogkerk e.o. ‘Hoogpark’ (Stedenbouwkundig plan Suikerzijde College van B&W wordt besproken en vastgesteld. Noord Uitwerking eerste deelgebied pagina 8) Wij zouden het graag voorleggen aan de bewoners van Hoogkerk e.o. wat volgens hun de naam is die het meest toepassing zou zijn. Tevens uiten wij de wens om de historisch zeer belangrijke naam Verwezen wordt naar de beantwoording van zienswijze ‘Wolvedijk’ weer in ere te herstellen, waar nu een zeer klein stukje 12.7.
We kunnen in dat benoemingsproces suggesties als weg ter plaatse Campinglaan en het vervolg dan ook nog Wolvedijk meenemen. Peizerweg genoemd wordt. In de volksmond wordt die hele weg daar trouwens nog altijd Wolvedijk genoemd, door mensen die in dit afgelegen gebied bekend zijn. De Wolvedijk was rond de dertiende eeuw de historische grens tussen Hoogkerk en Groningen. “Om het reitland tussen Hoogkerk/Leegkerk en Groningen te verdelen is een rechte lijn getrokken tussen de kerk op de wierde van Dorkwerd en de kerk van Eelde. Deze lijn deelt het gebied doormidden. De afstand tussen Dorkwerd en Eelde bedraagt ruim dertien kilometer.” Deze lijn werd getrokken naar twee kanten toe vanaf “de nu doodlopende Wolvedijk” P. 269 en plaatje p. 271 Jan van den Broek – Groningen, een stad apart. Proefschrift 2007
47
voorstel
Nr. 12.9 MER
12.10 MER
Inhoud zienswijze
standpunt burgemeester en wethouders
Opvallend is dat de voormalige stortplaats De Halm onderdeel Verwezen wordt naar de beantwoording van zienswijze wordt van het nieuwe park langs de Johan van Zwedenlaan. P. 50 12.5. van het MER spreekt over 1,4 ha. vervuilde grond met zware metalen, cresolen en waarschijnlijk asbest, ook de afdeklaag is zwaar vervuild. Het bodeminformatiesysteem (BIS) geeft voor dit gebied de classificatie ‘ernstig, niet spoedeisend’. Op p. 72 Voorontwerp Structuurvisie staat: ‘In groenstructuren (i.t.t. waar gebouwd wordt) wordt alleen gesaneerd als de bodemverontreiniging schadelijk kan zijn voor mensen of de omgeving’. En op p. 100 Voorontwerp Structuurvisie staat zelfs: we zijn ‘niet voornemens’ de aanbeveling in het MER, waar het gaat om de vervuilde grond op het voorterrein en het terrein bij de Halm te saneren, ‘op grote schaal op te volgen’. Dat blijkt uit kostenoogpunt te zijn. Het gaat hier om een publiek park dat vermoedelijk intensief gebruikt gaat worden door mens en dier. Daarom vindt de VWH het onwenselijk dat men de ‘ernstig’ vervuilde grond niet tot nauwelijks wil gaan saneren. De VWH ziet graag dat de aanbeveling in de MER (7.3.3, p.120) wél wordt overgenomen: de bodem van voormalig stortplaats De Halm dient ‘niet functiegericht, maar multifunctioneel’ gesaneerd te worden.
In de bewoordingen van het Voorontwerp Structuurvisie en het Voorontwerp bestemmingsplan noordelijk deel staat op verschillende plaatsen dat de hoofdontsluiting voor verkeer van en naar het nieuwe gebied Suikerzijde zal zijn via de Johan van Zwedenlaan en het Hoendiep met de Ring West en dan dus ook via rotonde Zuiderweg A7. De zuidelijke verkeersontsluiting van De Suikerzijde via Peizerweg en Hunsingolaan (Buitenhof) zou daar duidelijk ondergeschikt aan zijn. De cijfers van de verschillende prognoses, o.m. uit het rapport van Goudappel Coffeng (MER, bijl. 1), geven evenwel een ander beeld! De prognoses in de Suikerzijderapporten laten een enorme toename
voorstel De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de stukken
De route vanuit De Suikerzijde via de Hunsingolaan is De zienswijze leidt duidelijk ondergeschikt en functioneert niet als niet tot aanpassing hoofdontsluiting van het gebied. Wij onderzoeken bij de van de stukken verdere uitwerking van deelgebied zuid nog op welke wijze dit deelgebied ontsloten en aangesloten wordt op de Peizerweg, met in acht neming van de functie van de Hunsingolaan als wijkontsluitingweg voor de Buitenhof. Verder zullen wij bij de verdergaande planontwikkeling ook op het niveau van de gehele westflank van Groningen de verkeersontwikkeling monitoren en waar 48
Nr.
12.11 MER
Inhoud zienswijze
standpunt burgemeester en wethouders
zien in de aantallen motorvoertuigen tussen nu en 2030. De zuidelijke verkeersontsluiting is anders dan beloofd een hoofdontsluiting van de Suikerzijde. Extra argument dat het verkeer de zuidelijke ontsluiting zeker zal weten te vinden kan gevonden worden in de melding van constante file bij ochtend – en avondspits bij de rotonde Johan van Zwedenlaan/Hoendiep (MER, bijlage 1, fig. 3.3, p.10). Concluderend: bij het algemeen kader dat het Voorontwerp Structuurvisie samen met de MER aldus schetst zal, indien ongewijzigd, de Buitenhof, de Peizerweg en de HOV-as ter plaatse o.i. helaas nog flinke verkeersdruk en verkeersproblemen gaan ontmoeten. Dat is onwenselijk, niet alleen door de ermee samenhangende geluids- en emissieoverlast, maar ook doordat de oversteekbaarheid voor fietsers en voetgangers, waaronder spelende kinderen (bv. Eemsgolaan), in het geding komt.
nodig maatregelen nemen om verkeersknelpunten op te lossen. We maken daarbij gebruik van het nieuwe verkeersmodel dat in de loop van 2021 beschikbaar komt.
Op de Hunsingolaan rust de motie ‘HOV-as Peizerweg: zekerheid voor de Buitenhof’ van 23 februari 2000. Deze motie geeft als aanvaardbare hoeveelheid aan 3000 mvt./e., de genoemde 5800 mvt. van Goudappel Coffeng, met kanttekening, is vrijwel een verdubbeling van dit aantal en dat is onwenselijk. Als vergeleken wordt met hoe het verschil met de autonome ontwikkeling er bij andere wegen in het model uitziet zal die 5800 mvt. vermoedelijk zelfs naar boven moeten worden bijgesteld. De VWH is benieuwd hoe de aangekondigde studie naar sluipverkeer zal uitpakken. De genoemde raadsmotie uit het jaar 2000 wil naar strekking en geest het aantal motorvoertuigen zo laag als mogelijk houden, omdat het hier een de facto wijkontsluitingsweg betreft. Dat is de kern van de motie, niet anders, zoals de interpretatie uit het inspraakverslag Suikerfabriekterrein van februari 2019.
In de Structuurvisie is de structuur van het verkeersnetwerk op hoofdlijnen geschetst. Omdat de ontwikkeling van De Suikerzijde aan de noordkant begint, concentreren wij ons bij de uitwerking eerst op dit deel van het netwerk. De verdere uitwerking van het zuidelijk deel komt pas in een latere fase aan de orde. De hoofdontsluiting voor auto’s van De Suikerzijde vindt plaats via Hoendiep en de Peizerweg naar de Westelijke Ringweg en secundair via de Johan van Zwedenlaan. Deze routes hebben beperkt invloed het doorgaande verkeer op de Hunsingolaan. In de motie uit 2000 is aangegeven dat als er in de Buitenhof substantieel meer dan 3000 motorvoertuigen komen, het vanwege de wegenstructuur en de woonfunctie niet meer dan normaal is, dat er aanpassingen gepleegd worden. Bij de 49
voorstel
De zienswijze leidt niet tot aanpassing van de stukken
Nr.
Inhoud zienswijze
standpunt burgemeester en wethouders
voorstel
uitwerking van deelgebied zuid onderzoeken wij te zijner tijd op welke wijze dit deelgebied ontsluiten wordt en kijken daarbij ook naar mogelijke effecten daarvan op de omgeving. Bij deze uitwerking zullen wij u op dat moment uiteraard betrekken. Op het niveau van de gehele westflank van Groningen blijven wij de verkeersontwikkeling monitoren en zullen waar nodig maatregelen nemen om verkeersknelpunten op te lossen.
13
Rover
13.1
De afdeling Rover ziet een verkeerde ontwikkeling met betrekking tot de ontsluiting Suikerzijde als de aanpak van de ring West in combinatie met de trein naar Zernike. In ogen van Rover zijn er verkeerde keuzes gemaakt en is aan de ligging van het geplande station niets gewijzigd.
SV
Het onlangs uitgevoerde onderzoek ‘Verbeter openbaar De zienswijze leidt vervoer naar Zernike’ (dec 2020) naar de OV-verbinding niet tot aanpassing richting Zernike is niet de eerste keer dat wij sinds 2007 van de stukken naar de bereikbaarheid van Zernike hebben gekeken. Zo hebben wij bijvoorbeeld in 2013 de HOV Visie (als Bouwsteen van de Actualisatie Netwerkanalyse 2013 Rover verwijst hierbij ook naar de onderzoeken naar de trein naar Regio Groningen-Assen) vastgesteld. Daarin hebben we Zernike wegens de onderlinge relatie met het plan Suikerzijde. ook nadrukkelijk gekeken hoe we Zernike met het openbaar vervoer wilden gaan bedienen. Destijds was de Aangezien de gemeente Groningen sinds 2007 al eigenaar is van keuze om dit met name met de doorkoppeling van de de locatie Suikerfabriek had Rover als belangenvereniging al veel regionale treinen i.c.m. de introductie van het Qbredere en eerdere onderzoeken verwacht naar zowel de trein linknetwerk te doen. Destijds was er geen sprake van om naar Zernike als naar de beide noodzakelijke regionale stations dit met nieuw spoor of via de Suikerzijde te doen.
50
Nr.
13.2 SV
Inhoud zienswijze
standpunt burgemeester en wethouders
zijnde Suikerzijde en Hoogkerk aan de spoorlijn Groningen – Leeuwarden.
Ook hebben we gekeken naar de aanleg van station Hoogkerk en de eventuele rol hiervan in de verbinding naar Zernike. In 2019 is hierover besloten om station Hoogkerk in ieder geval voorlopig niet aan te leggen.
Aangezien de trein naar Zernike direct raakt aan de Suikerzijde qua hoogwaardige bereikbaarheid van het openbaar vervoer. Daar het persbericht van de provincie Groningen in deze materie al voldoende voeding geeft voor inhoudelijke kritiek: “Andere varianten voor een treinverbinding zijn te kostbaar, nemen te veel ruimte in beslag, hebben te veel nadelige effecten op de woonomgeving, op het groen en de natuur in de omgeving van de Ring West of op bestaande plannen.”
Wij delen uw mening dat voor investeringen in spoorprojecten de provincie en gemeente hierbij zeker niet de enige partijen zijn die hierin dienen te investeren. Onze lobby is hier dan ook op gericht.
Wij zien overigens wel een belangrijke rol voor een station op De Suikerzijde in de totale bereikbaarheid van onze gemeente. In het kader van het onderzoek naar het verbeteren van de OV-verbinding blijkt in de Rover valt hierbij helemaal over deze zinsnede: “Andere varianten referentiesituatie (dienstregeling 2021) een overstap voor een treinverbinding zijn te kostbaar” met de sneltrein in Zuidhorn op de bus naar Zernike in tijd sneller is dan via een station bij De Suikerzijde. Dit Aangezien zowel de provincie als gemeente Groningen vergeten doet niet af aan het belang dat wij aan realisatie van een dat financiering van spoorprojecten het primaat van het Rijk is en station bij De Suikerzijde hechten. niet de lagere overheden. Hier wordt gedaan alsof de gemeente en provincie Groningen alles uit de eigen begroting moeten Het station kan van grote toegevoegde waarde zijn voor betalen. Wat niet de juiste insteek is. het totale openbaar vervoersysteem, voor de ontwikkeling van De Suikerzijde en aanliggende wijken, Aangezien de gemeentelijke en provinciale projecten in Zuidvoor de bereikbaarheid van scholen in Vinkhuizen en Holland (Rijnland en Den Haag) gewoon een MIRT subsidie voor de ontwikkeling van onder meer een nieuw hebben ontvangen. De twee bovenstaande voorbeelden geven onderwijscluster nabij het station.