05-04-2023, verslag gemeenteraad 16.30 uur - Raadsvergadering.pdf
Tekst van het document
De heer Van der Laan: Dank, voorzitter. Meer ruimte voor banen, geen criminaliteit, op zich kun je daar niet tegen zijn. Het gaat hier over de economische agenda en natuurlijk zal er ook op bedrijventerreinen criminaliteit zijn, maar juist omdat die agenda financieel vrij beperkt is tot 1,6 miljoen per jaar moet je natuurlijk wel goed weten waar je je geld uitgeeft. We vragen ons een beetje af: is die criminaliteit dan zo groot dat je daar een heel apart beleid moet doen binnen het economische beleid? Dus we wachten even een reactie af van het college voor wat betreft die motie. Meer ruimte voor de kleine ondernemer, daar kan ook niemand tegen zijn. Was het niet dat je als gemeente zelf die situatie min of meer hebt gecreëerd. Je hebt jarenlang honderden miljoenen in die binnenstad gestoken. Daar komt het grootkapitaal op af. Die binnenstad is ook voor ouderen vrijwel onbereikbaar geworden, althans met het openbaar vervoer. Dan denken de ondernemers: wat is onze doelgroep? Dat zijn jongeren, dus hippe internationale koffietentjes. Dat heb je dus zelf als gemeente gecreëerd. Dat is gewoon een economisch beginsel, niet meer en niet minder. 01:09:01
Voorzitter: De heer Rustebiel. 01:09:05
De heer Rustebiel: Stelt de Partij voor het Noorden nu werkelijk dat de Starbucks hier is 21
gekomen omdat er na veel vijven en zessen eindelijk één boom is geplant naast het stadhuis? 01:09:14
De heer Van der Laan: Was het maar zo simpel. We hebben onder andere een forumgebouw neergezet van 180 miljoen. We zijn nu druk aan het investeren op de grote markt, 14 miljoen. Zo kan ik elke straat wel langsgaan, maar er is gewoon echt honderden miljoenen geïnvesteerd in de binnenstad. Dat is gewoon een economisch beginsel en daar komt het grootkapitaal op af. Dat kun je dan wel weer proberen te corrigeren met wetgeving en bestemmingswijzigingen, maar dat is wel heel erg lastig, voorzitter. Wij horen graag de mening van het college of ze dat aandurven en of dat kan, maar dit is een wet van economie en die is vrij helder. Dan nog twee moties. Daar staan wij zelf op, dus daar wil ik niet zoveel over zeggen. Tot zover, voorzitter. 01:10:05
Voorzitter: Dank u wel. Wie volgt? De heer Van de Vendel. 01:10:09
De heer Van de Vendel: Dank u wel, voorzitter. Er is al veel gezegd over de moties. Ik wou nog eventjes benoemen dat wij erg blij zijn dat in deze economische agenda zo een grote rol is weggelegd voor de circulaire en impact economie, dat het een grote toevoeging is voor deze gemeente en dat het fijn is dat we daar extra focus en extra middelen voor vrijmaken. We willen als gemeente vooruitlopen op deze vlakken, maar we moeten niet vergeten ons goeie onderhoud te doen en te denken aan onze kleinste inwoners. Daarom dienen wij uiteraard een motie voor innovatie voor een proefdiervrije economie mede in. Ook moeten we niet onze ogen sluiten voor de criminaliteit op bedrijventerreinen. Graag onderzoeken wij de mogelijkheden om dit te ondervangen, om de rotte appels eruit te halen en om meer te weten komen over het probleem van criminaliteit op bedrijventerreinen om het zo beter te kunnen betrekken in het integraal veiligheidsbeleid. Hetzelfde geldt voor de motie voor het ondersteunen van de kleine retailondernemer. Het is al veel gehad, maar het belang van de retail is groot in Groningen en graag zien we in of dit op deze manier verder ondersteund kan worden in ruimtelijk beleid, deze manier de balans in de gemeente goed terug te brengen en we zo door kunnen met een heerlijke sociale circulaire gemeente. 01:11:34
Voorzitter: Mevrouw Armut heeft een vraag voor u. 01:11:36
Mevrouw Armut: Dank u, voorzitter. Ik hoor de discussie nu een beetje aan en we hebben het steeds over het weren van het daghoreca als we deze motie aan zouden nemen en om dan daarmee kleine retailondernemers te beschermen. Ik vraag me dan toch af: hoe maken wij dan als het onderscheid tussen grote retailers en kleine retailers, want hoe sluiten we nou uit dat er alsnog bijvoorbeeld een HEMA zich dan gaat vestigen? Die kan toch die hoge huurprijzen alsnog ophoesten, dus ik vraag me een beetje af of we nou daadwerkelijk dat probleem hiermee oplossen. 01:12:08
De heer Van de Vendel: We kunnen daar geen onderscheid op maken op wat voor type retail er komt. Dat is een stoel waar we als gemeente niet op kunnen gaan zitten, maar algemene 22
tendensen kunnen niet 28 HEMA's in de binnenstad komen, dus er zal altijd een verschuiving daardoor plaatsvinden vanuit de horeca naar retail, wat wij dus willen ondersteunen. 01:12:33
Voorzitter: Mevrouw Armut. 01:12:36
Mevrouw Armut: Wij hebben veel HEMA's, maar het zullen er geen 28 zijn, maar er hoeven toch maar twee grote ketens zich bij een verhuurder te melden. Dat zou toch al genoeg zijn om voor een verhuurder te zeggen: "We schuiven die kleine retailondernemer aan de kant. Wij gaan gewoon met een grote keten in zee, want die kan wel die hoge huurprijzen ophoesten." Ik denk dat het op zich goed genoeg gaat en dat er zich genoeg mensen zouden melden die de huurprijzen kunnen ophoesten. Hoe voorkomen we dat dan met deze motie? 01:13:01
De heer Van de Vendel: Dank voor de vraag. Dat is iets wat natuurlijk altijd kan gebeuren, maar door deze motie maken we de algemene tendens richting horeca en het verdrukken van de kleine retailondernemer lastiger. Uiteraard is het nog steeds niet onmogelijk dat een andere zaak meer huur wil betalen voor hetzelfde pand. Daar kunnen wij niks aan doen. Dat is altijd mogelijk, maar de algemene tendens van horecaondernemers die een hogere omzet genereren per vierkante meter en daardoor een hogere huur kunnen betalen in plaats van retail, die vertragen we enigszins. 01:13:38
Voorzitter: Mevrouw Goodijk. 01:13:42
Mevrouw Goodijk: Dank u wel, voorzitter. Op schriftelijke vragen eerder gesteld door de heer Tjepkema heeft het college gereageerd: "We zien inderdaad dat kleine, zelfstandige retailers het soms moeilijk hebben. Echter, dit is niet één op één te relateren aan de concurrentie met daghoreca." Dus de tegenstelling die er soms wordt gepresenteerd is misschien een beetje tegenstrijdig en ook de ambtelijke organisatie heeft gezegd: "Dat is niet één op één te relateren." Daarnaast hebben we het over daghoreca, maar daghoreca kan uiteraard ook een lokale koffieboer zijn. Dus waarom doet u alsof daghoreca hetzelfde is als een keten? 01:14:20
De heer Van de Vendel: Dank u wel voor de vraag. Het is niet hetzelfde als een keten. Het zijn hele verschillende zaken. Alleen dragen ze beide bij aan hetzelfde probleem en hebben ze dezelfde uitwerking, dat zij een hogere huur per vierkante meter kunnen betalen omdat ze meer omzet genereren. 01:14:38
Voorzitter: Mevrouw Goodijk. 01:14:41
Mevrouw Goodijk: Hoe komt u erbij dat ook een lokale koffietent of ijsboer hogere huur kan betalen dan een kleine retailer? 01:14:52
De heer Van de Vendel: Bij mijn weten is er in horecaland gewoon een hoge omzet per 23
vierkante meter over het algemeen genomen. Er zijn altijd uitzonderingen. Het is een economie, dus je beïnvloed niet in één keer alles in de economie, maar is er een hogere omzet per vierkante meter over het algemeen genomen in de horeca, dus kunnen zij een hogere huur betalen en gaat dat dus vaak ten koste van de kleinere retailondernemer. 01:15:21
Voorzitter: We worden nu wel heel technisch. Mevrouw Jacobs. 01:15:29
Mevrouw Jacobs: Mevrouw Goodijk had nog een vraag, maar staat u die niet toe, want dat was denk ik een reactie of zag u die niet? 01:15:34
Voorzitter: Die zag ik wel, maar ik zei: "Het wordt nu wel heel technisch." Mevrouw Jacobs. 01:15:40
Mevrouw Jacobs: Ik zou graag van de fractie van GroenLinks willen weten, voorzitter, of ze ook zien dat er een bepaalde mix juist is? Als je het hebt over de beste straten van Groningen wat de afgelopen paar jaar zijn uitgeroepen, dan hebben we het over de Folkingestraat en over de Zwanestraat. Dat zijn bij uitstek straten waar juist die functie, die mix van retailers en horecaondernemers heel erg zit en dat zouden we toch vooral moeten willen behouden. Dus als er ergens een kleine retailer zit en die gaat om welke reden dan ook weg, dat is niet altijd de hoge huur en dat kan natuurlijk wel, maar zou u dan willen tegenhouden dat er een ander komt en wilt u dan ook leegstand? Die vraag heb ik aan de heer Tjepkema gesteld, maar zou ik ook aan u willen stellen. Zou u dan eerder leegstand willen of zou u willen dat er zich een ondernemer vestigt, hetzij welke ondernemer dan ook. Het kan natuurlijk een lokale koffietent zijn met havermelk en gemberthee. Dat zou ook nog kunnen. 01:16:38
De heer Van de Vendel: Ik ben altijd pro havermelk en gemberthee. Dat lijkt me heel goed in het kader van de eiwittransitie, maar dat is even een andere discussie. Ik ben niet voor leegstand uiteraard. Ik denk alleen dat we een probleem wel moeten onderkennen dat ook in bijvoorbeeld de Brugstraat en omstreken is. We zien daar dat er veel meer horeca komt ten koste van retailondernemers, en dat we daar op moeten willen sturen. 01:17:08
Voorzitter: Mevrouw Jacobs. 01:17:10
Mevrouw Jacobs: Bent u misschien met de fractie van de VVD van mening dat juist die daghoreca misschien wel in onze stad komt, omdat onze inwoners daarom vragen, omdat we de jongste stad van Nederland zijn, dat we heel veel studenten hebben en de studenten van tegenwoordig, dat weet ik uit ervaring, eten en drinken veel vaker buiten de deur dan ik toen deed. 01:17:31
Voorzitter: Uw vraag is wel duidelijk. De heer Van de Vendel. 01:17:37
De heer Van de Vendel: Dat klopt. Er wordt uiteraard veel geconsumeerd in de horeca, want 24
anders waren ze wel failliet gegaan. Dat snap ik ook. Dus er is vraag naar. Daardoor komt er ook aanbod. Dat snap ik. Alleen denk ik dat we daarmee, wat ook al eerder is genoemd, een andere groep de binnenstad ontzeggen bijna en dat er veel winkels verdwijnen waar ook veel vraag naar is en dat dat mede komt juist door de grote omzet per vierkante meter van de horeca. 01:18:09
Voorzitter: We gaan wel naar een einde van dit debat, want we gaan echt dingen herhalen. De heer Rustebiel, tot slot. 01:18:15
De heer Rustebiel: Waarom neemt u het wel op voor lokale retailers en niet voor lokale horecaondernemers in het voorstel? U zet ze zelfs een beetje tegen elkaar op. Waarom doet u dat? 01:18:25
Voorzitter: De heer Van de Vendel. 01:18:28
De heer Van de Vendel: Ik denk niet dat we ze per se tegen elkaar op willen zetten. Dat lijkt me helemaal niet de bedoeling. We nemen het wel op voor de retailondernemers, omdat we zien dat er daar nu veel van verdwijnen, dat die het zwaar hebben en bij mijn weten is dat voor lokale horecaondernemers minder het geval. 01:18:46
Voorzitter: Bent u aan het eind van uw woordvoering? Dat is het geval. Iemand anders nog? De heer Moerkerk. 01:18:57
De heer Moerkerk: Dank u wel, voorzitter. De enige motie waar we nog iets over willen zeggen, het zal u niet verbazen, is de retailmotie. De binnenstad heeft altijd wel een soort van het probleem. Of het staat leeg in 2014 of er is te veel koffie wat verkocht wordt in 2023. Wij denken dat de markt dit uiteindelijk zelf oplost. Ik ben zelf horecaondernemer en heb met verbazing aangezien hoeveel er geïnvesteerd wordt de laatste jaren in horecazaakjes en ik durf de stelling aan dat er over een jaar of vijf een kwart weer verdwenen is, omdat het gewoon niet rendabel is. Dus het gaat zichzelf oplossen. Waar we ons nu toe bewegen is in plaats van faciliteren en investeren in de binnenstad is zoeken naar regulering, maar dat werpt weer nieuwe problemen op. Een klein voorbeeld: een ondernemer heeft jarenlang zijn retailwinkel gerund, zijn pand afbetaald en wil met pensioen en zijn pandje verhuren aan iemand anders. Dat mag niet, want het moet een winkel zijn per se, maar die dient zich niet aan. Dus regulering leidt ook tot schuren op dit vlak. Wij moeten misschien niet willen dit allemaal dicht zetten. Dat is de reden dat wij vinden dat de markt het moet oplossen. Het beweegt alle kanten op, dat weet ik ook, maar het beweegt het laatste jaar wel de goede kant op. Daarom is mijn fractie van zins tegen deze motie te stemmen. 01:20:14
Voorzitter: Dank u wel. Een vraag van de heer Brandenbarg.
25
01:20:20
De heer Brandenbarg: Ik u weet dat ik dit wel eens vaker heb gevraagd, maar ik heb er nog nooit een fatsoenlijk antwoord heb gekregen. Kan de heer Moerkerk van de Stadspartij 100 procent Groningen mij één voorbeeld noemen waar de markt ooit een maatschappelijk probleem heeft opgelost? 01:20:40
Voorzitter: De heer Moerkerk. 01:20:42
De heer Moerkerk: Dank u. Dan moet u me iets nauwkeuriger vragen wat u een maatschappelijk probleem vindt waarvan u vindt dat we de macht hebben om daar iets aan te doen. Dan kan ik zeggen of ik vind dat we daar iets aan moeten doen. 01:20:57
Voorzitter: Ik krijg de suggestie om u allen even te waarschuwen dat de tijd doorloopt als u de microfoon niet uitzet. De heer Van Zoelen. 01:21:06
De heer Van Zoelen: Dank, voorzitter. Ik wil daar wel even op ingaan, want u heeft het over meerdere problemen. U had het over leegstand. U heeft het over het probleem dat er meer horeca komt, maar het probleem waar het om gaat is dat die huren te hoog zijn. Dus dezelfde vraag die ik aan D66 heb gesteld: wat zijn uw plannen of wat denkt u wat de oplossing is om die huren of die kosten omlaag te krijgen, zodat die ondernemer kan blijven bestaan? 01:21:36
De heer Moerkerk: Mijn inschatting is dat er nogal wat zaken zullen verdwijnen en veranderen de komende paar jaar. Er komt leegstand, ook de markt zal ervoor zorgen, los van of wij dat zou de reguleren. Dan heeft dat een drukkend effect op de huren. Dit kunnen we niet helemaal uitstippelen, helemaal voorspellen, maar ik weet wel dat als we ons gaan bemoeien met het reguleren, dat we daar ook geen garantie op succes hebben. 01:21:58
Voorzitter: Dank u wel. Wie kan ik nog het woord geven over de moties? Mevrouw Goodijk. 01:22:05
Mevrouw Goodijk: Allereerst wil ik het college complimenteren op de mooie economische agenda die er ligt en daar wil ik nog één opmerking over aanstippen. Er staat terecht in de agenda dat we heel veel aandacht moeten hebben voor het aantrekken en behouden van internationaal talent. Echter, dat wil benadrukken dat we ook Nederlandse afgestudeerden niet uit het oog moeten verliezen. Ook volgens het bedrijfsleven liggen er nog heel veel kansen hiervoor, met name op het gebied van marketing en promotie, oftewel laat zien wat je in huis hebt. Mijn fractie is dan ook voornemens om hiervoor op termijn met voorstellen te komen, maar we wachten het aangekondigde onderzoek van de wethouder af over de beweegredenen voor het vertrekken van de jonge Groningers. Ik ben me ook bewust dat het misschien niet heel sterk overkomt aangezien de heer Bosch recentelijk is vertrokken naar Utrecht, maar toch willen wij als fractie dit belangrijke punt aanstippen. Dan zal ik nog even kort langs de moties gaan. Meer ruimte voor retailondernemers, er worden terecht zorgen geuit over de te hoge huren in de binnenstad. Dit is een terechte zorg, maar het voorstel van 26
de heer Tjepkema biedt hier niet één op één een oplossing voor. Zo blijkt uit de antwoorden van de schriftelijke vragen. Als er sprake is van een tendens waarin horecazaken de kleine retailondernemers onderdrukken en verdrijven, want hier is nog geen onderzoek naar gedaan door de gemeente, dan vinden we dat we met maatregelen moeten komen, maar werk dan wel verschillende maatregelen uit om te laten zien wat we kunnen doen om dat te beteugelen. We vinden ook dat we ruimte moeten geven aan lokale ondernemers die kleur geven aan de binnenstad, maar lokale ondernemers kunnen uiteraard ook lokale horecaondernemers zijn. Dus we stemmen voor dit voorstel, maar met de kanttekening dat wij benieuwd zijn naar het voorstel dat het college gaat schrijven. Als er concreet een voorstel ligt, dan gaan wij hier ons opnieuw op beraden. Mijn vraag aan het college is het volgende: zijn jullie bezig met het uitwerken van andere instrumenten of maatregelen die we als gemeente zouden kunnen treffen om meer grip te hebben hierop? Wij hopen als laatste dat er rekening wordt gehouden met creatieve concepten die soms grensoverschrijdend zijn, die D66 ook al even aanstipte zoals een kleine retailer die ook horecafuncties aanbiedt, want ook daar moet ruimte voor blijven. Dan motie drie: meer banen en minder criminaliteit.
Daar kun je natuurlijk niet op tegen zijn, zou je zeggen, maar toch vinden wij de motie wel randje overbodig aangezien we het aanpakken van bedrijventerrein al hebben besproken tijdens de sessie over de aanpak van ondermijning naar aanleiding van het rapport van Tops en Van der Torre. Het college heeft destijds al aangegeven bezig te zijn met het tegengaan van criminele activiteiten op bedrijventerreinen en hier zijn reeds ook wat mensen voor aangenomen bij OOV. Dus zoals ik al zei, randje overbodig, maar om toch steun uit te spreken voor deze aanpak zullen wij de motie steunen. De motie van de Partij voor de Dieren over de dierproeven vinden wij sympathiek en zullen wij steunen. Dan als laatste de motie van de PVV over de Brainport, wij vinden het dictum dusdanig verstrekkend dat we hier niet in mee kunnen gaan. Al moedigen we het idee aan, daarnaast vinden we het overbodig, omdat er gewoon al verschillende initiatieven en projecten zijn die een soortgelijke functie vervullen, en de ambities die verwoord staan in de economische agenda vinden wij daarom al mooi genoeg. Daar wil ik het bij houden. Dank u wel, voorzitter. 01:25:57
Voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Armut. 01:25:58
Mevrouw Armut: Dank, voorzitter. Ook vanuit ons even een reactie op een aantal moties. Meer ruimte voor banen, geen voor criminaliteit, deze dienen wij mee in. We hebben het er de afgelopen tijd al vaker over gehad. Groningen moet meer doen om ondermijnende criminaliteit tegen te gaan en dit is een stap in de juiste richting. Illegale praktijken moeten we verbannen van onze bedrijventerreinen om ze volop te kunnen gebruiken voor hetgeen waar ze voor bedoeld zijn. Meer ruimte voor de kleine retailondernemer, er is al heel veel over gezegd en in grote lijnen kan mijn fractie zich aansluiten bij wat mevrouw Goodijk daar net over heeft gezegd. Toch missen wij wel de aandacht voor het feit dat we hiermee daghoreca zouden beperken, maar alsnog retailers van grote ketens bestaan die de huur ook makkelijk kunnen ophoesten. We zijn echt wel benieuwd naar de reactie van het college daarop. De motie over dierproeven zullen wij steunen en Brainport zullen we waarschijnlijk tegen stemmen om de redenen die net zijn genoemd. 27
01:27:01
Voorzitter: Dank u wel. Wie wil er nog een bijdrage leveren? Of hebben we iedereen gehad? Ik geloof het wel. Dan ga ik naar het college. Mevrouw Bloemhoff. 01:27:13
Wethouder Bloemhoff: Dank u wel, voorzitter. Allereerst dank aan de raad voor de complimenten voor de economische agenda en dat we de komende jaren echt gaan inzetten op een economie die bijdraagt aan de brede welvaart van de inwoners. Het moet groener, het moet eerlijker en we gaan ook echt inzetten op de drie transities, de energietransitie natuurlijk, de digitale transitie en de transitie naar positieve gezondheid is. Dus dat is heel erg mooi om daar breed draagvlak voor te voelen hier in deze raad en die steken we in onze zak. De ambtelijke organisatie is ook aanwezig, dus dat is een mooi compliment voor de mensen die zo druk zijn geweest met de economische agenda. Dan gaan we naar de moties. Het was ook een genoegen, moet ik zeggen, om te luisteren naar dit politieke debat. Echt weer even een lekker debat hier in de raad. Dat is voor ons als college leuk om te volgen. Er zijn een viertal moties ingediend, voorzitter, waar ik het advies van het college op zal geven. Allereerst de motie: meer ruimte voor banen, geen voor criminaliteit. Er waren wat fracties die zeiden: "Hoe moeten we die samenhang nou precies zien bij die motie?" Ons advies daarin is oordeel raad.
Aan de ene kant zijn we bezig met het rapport van Tops en Van der Torre natuurlijk over ondermijning en dat er ook wel een aantal activiteiten op bedrijventerreinen plaatsvinden waar je op zijn minst vraagtekens bij kunt hebben en waar mogelijk sprake is van ondermijning, dus in het kader van die aanpak ondermijning wil men daar graag mee aan de slag. Tegelijkertijd krijgen we vanuit de bedrijventerreinen die vooral bij ruimtelijke economie aankloppen om signalen en verzoeken om ondermijning onderwerp te maken van onze gebiedsgerichte aanpak. Dus wat we graag zouden willen en ook met de motie kunnen, is dat we zeggen: "We brengen die twee werelden bij elkaar en we kijken breder naar de bedrijventerreinen en waar we interventies gericht kunnen doen." Dat is ook nodig, want aan de ruimtelijke kant zitten we nijb als het gaat om het aantal hectare wat we nog voor bedrijventerreinen hebben, dus we moeten inbreiden, we moeten ook naar de revitalisering van bestaande bedrijventerreinen kijken, en dan zou je natuurlijk best kunnen kijken naar bedrijventerreinen waar een aantal autohandels zitten waar over het algemeen niet zoveel activiteit is. Dan is de economische toegevoegde waarde voor Groningen wellicht nihil.
Voor een andere ondermijnende wereld wellicht wel, maar dan zou je daar echt gericht met OOV en met de mensen van ruimtelijke economie de aandacht en prioriteit aan kunnen gegeven die het verdient. Daarom is ons oordeel bij deze motie oordeel raad. 01:29:55
Wethouder Bloemhoff: Dan de discussie over de ruimte voor de kleine retailondernemer, motie drie. Helaas zien we in de gemeente al een aantal jaren een gestage terugloop van het aantal winkels, met name ook wat kleinere winkels. Dit is een landelijk en ook een autonome trend. Dat ligt niet alleen aan eventuele concurrentie met horeca en daghoreca, maar ook natuurlijk voor de opkomst van online winkelen. Dus als wij de kleine speciaalzaken willen redden, dan moeten we daar massaal gaan kopen en dan moeten we niet bij een witgoedwinkel gaan kijken naar de wasmachine en vervolgens thuis achter de computer kruipen en hem daar kopen omdat hij daar goedkoper is. Dus het is ook iets wat we dan met zijn allen in deze samenleving moeten blijven stimuleren. Dus je ziet dat door die
28
internetaankopen ook de bezoekmotieven aan de binnenstad en andere winkelgebieden veranderen. We komen niet meer alleen naar de binnenstad om daar te winkelen, maar juist ook voor een kopje koffie en een broodje te bestellen, en dat zie je echt economisch terug in de binnenstad. Je kunt dus ook wel stellen dat daghoreca wel in een behoefte voorziet. Aan de andere kant zien we nu ook dat er wel heel veel zaken oppoppen en dat er ook een verdienmodel op zit. Dus daar vinden we het ook wel van belang dat je daar weer op kan sturen. Daarom komen we binnenkort met een horecakader als afwegingskader voor de groei van de horeca en ook de afweging tussen horeca en daghoreca. De vraag van mevrouw Goodijk was: "Welke andere middelen hebben we dan?" Dat horecakader, maar ook zijn we bezig met een gemeentelijk ontwikkelbedrijf om daar een gebiedsgerichte aanpak op mogelijk te maken, dus dat je gebiedsgericht een aantal interventies kan doen, panden zou kunnen opkopen in straten die niet lopen, waardoor je weer straten tot bloei krijgt. Zo proberen we toch meer grip te krijgen op de diversiteit van het aanbod in de binnenstad. 01:31:58
Voorzitter: Mevrouw Goodijk heeft er nog een vraag over. 01:32:02
Mevrouw Goodijk: Dank u wel voor de opheldering. Mijn vraag is: wanneer kunnen we de brief over dit horecakader verwachten? De tweede vraag is dan: zou het aannemen van deze motie dan niet een beetje voorbarig zijn als er nog het één en ander uitgewerkt wordt? 01:32:19
Voorzitter: De wethouder. 01:32:21
Wethouder Bloemhoff: Voorzitter, die brief geeft antwoord op de vraag daghoreca-horeca, niet zozeer retail-daghoreca, dus dit is een ander instrument. Dat wil ik daarover zeggen. Daghoreca was volgens mij voor de zomervakantie dat hij op de LTA staat dat u naar u toe komt, dus dan kunt u het daar bespreken. Dit gaat om het behoud van zoveel mogelijk zelfstandige winkeltjes. Er werd even gerefereerd aan de discussie over de Folkingestraat. Ik kan me nog herinneren dat er juist daar bijvoorbeeld vanuit de Folkingestraat zelf werd verzocht om meer interventies vanuit de overheid toen vanwege, wat zij noemden, de verblokkerisering van de Folkingestraat. Daar werd toen gevraagd naar doelgerichte interventies. Het is natuurlijk altijd de spanning dat we natuurlijk geen leegstand situatie moeten krijgen, dus ik denk dat de fracties daar ook terecht aandacht voor vragen. Het is belangrijk dat we daar telkens bij de vergunningverlening een afweging kunnen maken tussen horeca en retail. Het is natuurlijk een lichte toets waar het dan om gaat, dus het gaat om een binnenplanse afwijking. Tegelijkertijd moeten we, als de motie wordt aangenomen, wel weten dat we de winkeliers niet aan een touwtje hebben. Als er geen winkelier in een bepaald pand wil of kan trekken, willen we natuurlijk niet hoeven kiezen tussen daghoreca en leegstand, want leegstand is natuurlijk geen optie.
Met die kanttekeningen en ook daarbij de opmerking dat we dus met een voorstel richting uw raad kunnen komen, waar u het dan nog over kunt hebben, geven wij op deze motie oordeel raad. Dan de motie steun innovaties die dierproeven onnodig maken, daar waren ook vragen gesteld over of dat wel past binnen de economische agenda en bij de partijen. Wij zeggen dat het oordeel raad is bij deze motie. De financiers van het medisch onderzoek zien we dat die binnen de gemeente Groningen gelukkig al langer inzetten op de transitie naar proefdiervrij onderzoek. Partijen bijvoorbeeld 29
als ZonMw, MWO, Held Holland en een aantal ministeries. Daar sluiten we ons graag bij aan. We kunnen dus bij subsidie- en co-financieringsaanvragen het gebruik van dierproeven op de agenda zetten wat er wordt gevraagd in de moties. We kunnen ook zorgen dat innovaties dierproefvrij gerealiseerd kunnen worden. Dat soort innovaties kunnen we voorrang geven in het honoreren van aanvragen. Als er een subsidie wordt aangevraagd, dan worden er altijd tussenrapportages en eindrapportages verstrekt en kunnen we daar gericht naar vragen om daar inzage in te geven zonder dat het tot allerlei handhaving leidt. Het wordt gewoon een onderdeel waar we partijen op kunnen bevragen en dat doen we op andere onderdelen ook, bijvoorbeeld op circulair of op sociaal. Dus dat kan met dierproefvrij onderzoek ook. 01:35:10
Voorzitter: Ik zag een wat aarzelend handje van de heer Rustebiel. Had u een vraag? 01:35:15
De heer Rustebiel: Ik wou de vraag van mevrouw Goodijk repeteren. Zij vroeg of het college ons meer opties kan aanreiken als het gaat om het bevorderen van lokale retailondernemers, om te zorgen dat we daar een wat breder debat over kunnen voeren dan alleen maar een uitgewerkte motie, ja of nee? U zei al dat het horecakader daar niet helemaal het instrument voor is, dus is het denkbaar dat daar wat meer opties worden voorgeschoteld? 01:35:43
Wethouder Bloemhoff: Als u opties wil, dan kan het college die natuurlijk altijd leveren. De vraag is wel even op welke termijn, want dat horecakader gaat specifiek over de daghorecahoreca. U heeft nog een brief gehad van het college over de winkeltijdenwet, dus dan zou ik wel graag even met de raad in gesprek willen op welke manier dat dan voorbereid zou kunnen worden naast dit onderwerp, zodat dat ook in de behoefte wordt voorzien, want het gemeentelijke ontwikkelbedrijf komt uw kant op. Dat is iets waar het college mee komt. Het horecakader komt uw kant op, er is een brief gestuurd over de winkeltijdenwet en we hebben nu dit voorliggen. Dus dat is dan even een verzoek aan u om daar na afloop even contact over te hebben hoe u dat voor u ziet. Die dierproeven motie, oordeel raad. Dan gaan we naar de Brainport Groningen motie. Daarvan hadden we het volgende: Groningen is Groningen en geen Eindhoven, zeg ik dan wel. Wij hebben onze eigen kracht, en ik weet dat het heel populair is om naar Eindhoven te verwijzen elke keer, maar ik denk dat wij bewust kiezen voor de inzet op brede welvaart en dat er twee onvergelijkbare economische situaties zijn. Toch hebben een aantal punten wel vergelijkbare ontwikkelingen als u het heeft over technologie en daar wil ik graag even wat over toelichten, want Groningen is al één van de beste regio's voor ondernemerschap.
Na Amsterdam kennen we de meeste ondernemingen die bij de 50 snelst groeiende technologiebedrijven en innovatieve startups van Nederland zijn. Ook is onze campus Groningen, wat op het Zernike zit, al een campus van nationaal belang. Het is één van de snelstgroeiende campussen in Nederland en het biedt plaats van de technische faculteit van de RUG, en we zijn nog bezig met de mbo-campus op Suikerzijde en de vitaliteitscampus. Met andere woorden, we zijn bezig met de campusontwikkeling, we zijn bezig met technologie en wij zitten niet alleen in op tech, wat uw motie vraagt, maar we hebben de drie transities waar we op stimuleren: positieve gezondheid, de Healthy Aging campus en straks de vitaliteitscampus. Energie bijvoorbeeld, Hydrogen Valley, straks de 30
duurzaamheidscampus op Suikerzijde en digitalisering en dat doen we vooral via het noordelijk online ondernemersplatform. Kortom wij zijn druk bezig met een aantal dingen die u wilt, maar dat doen we wel op de manier zoals we dit in Groningen doen, en niet per definitie zoals in Eindhoven. 01:38:39
Voorzitter: De heer Ram heeft er een vraag over. 01:38:43
De heer Ram: Dank u wel, voorzitter. Ik hoorde de ambities op de drie transities die het college wil inzetten. Twee daarvan delen wij als fractie, maar wat wij vragen is om de maakindustrie een prominentere plek te geven, dus echt een hogere ambitie te geven. De reden daarvoor is om daarvoor ook in het lagere segment meer banen daarmee te creëren. Nu krijgen we een dienstensector die heel groot is van hoger opgeleiden, maar daarmee vergeten we een groep in onze optiek. Daar wil ik graag een reactie op en ook op dat punt van die hogere ambitie voor de maakindustrie, voorzitter. 01:39:30
Voorzitter: Wethouder. 01:39:31
Wethouder Bloemhoff: Voorzitter, ik heb in de commissievergadering al aangegeven dat wij in de economische agenda juist voor die praktische werkgelegenheid en voor die maakindustrie wel willen gaan. U schrijft bijvoorbeeld in uw motie dat maakindustrie zorgt voor minder conjunctuurverschillen. Helaas was het maar zo. Dat zorgt wel voor juist meer conjunctuurverschillen. Juist doordat wij een sterke overheids- en dienstensector hebben, hebben wij minder conjunctuurverschillen hier in de regio. Waar meer industrie is, is het veel vatbaarder. Dat zag je ook in coronatijd. Die regio's waren veel zwaarder getroffen, dus die redenering volgen wij niet helemaal. Desalniettemin willen we graag op praktische werkgelegenheid inzetten. Je ziet nu enorme krapte als het gaat om de technische beroepen en ook in de logistiek waar heel veel mbo geschoold werk is. Daar zien we nu juist de krapte ontstaan en daar willen we dus vooral via bijvoorbeeld programma's op de arbeidsmarkt, regio kansrijk beroep en dat soort zaken op inzetten. Dus we zetten er veel liever op in dat we dat soort functies vervuld krijgen en dat we nog kijken waar we nog aanvullende praktische werkgelegenheid kunnen realiseren voor mensen die nu aan de kant staan. Die hebben misschien andere behoeften dan per se die technische skills maar kunnen andere dingen doen.
Daar ziet het college meer in dan zeggen: "Maak massaal maakindustrie in de technologie." De functies krijgen we dus niet vervuld en het is ook zo dat het in elk geval niet zo is dat die maakindustrie nou zorgt dat we minder conjunctuurgevoelig zijn. Daarom zeggen we ontraden, voorzitter. 01:41:12
Voorzitter: Dank u wel. Ik stel voor dat we overgaan tot stemming over de moties. Terwijl we stemmen, geef ik u alvast een overweging om zo meteen 6b nog af te maken en daarna te gaan eten. Als u een nieuwe stoel aan het uitproberen bent, dan is de griffie buitengewoon nieuwsgierig naar uw ervaringen. Die staan nu in het [onhoorbaar] hoor ik. Sleep er één deze zaal in en ga er nog een uurtje op zitten, zou ik zeggen. We gaan eerst over het raadsvoorstel stemmen. 31
01:41:55
De heer Sijbolts: Voorzitter, mijn fractie heeft behoefte aan een korte schorsing van vijf minuten. 01:42:04
Voorzitter: Ik geloof dat het onbeleefd is om te vragen waarom. 01:42:09
De heer Sijbolts: Voorzitter, wij moeten even over één motie overleggen. 01:42:13
Voorzitter: Vijf minuten schorsing. 01:48:53
Voorzitter: Wij hervatten de beraadslagingen. De heer Sijbolts wil even iets zeggen als conclusie van de schorsing. 01:49:01
De heer Sijbolts: Dank u wel, voorzitter. Wij kunnen overgaan gaan tot de stemming. Daar moesten wij over overleggen en de heer Moerkerk zal niet deelnemen aan de stemming over motie drie. 01:49:11
Voorzitter: Dank u wel. Dan gaan wij over tot de stemming over het voorstel zelf: de economische agenda. De stemming is geopend. Er zijn 44 stemmen uitgebracht. Twee hebben niet gestemd, maar één daarvan ben ik. De heer Ram is tegen. Dank u wel. Het voorstel is aangenomen. 01:50:24
Voorzitter: Dan gaan wij over naar de stemming over motie twee: meer ruimte voor banen. De stemming is geopend. Er zijn 40 stemmen voor. De motie is aangenomen. 01:51:31
Voorzitter: We gaan naar motie drie: meer ruimte voor de kleine retailondernemer. Een stemverklaring. Mevrouw Goodijk, gaat uw gang. 01:51:55
Mevrouw Goodijk: Dank u wel. Na overleg met de fractie hebben wij toch besloten om tegen deze motie te stemmen ondanks eerder aangegeven, omdat de antwoorden van de indienende fracties en de wethouder voor ons onbevredigend waren. Wij zien liever dat het college in kaart brengt welke instrumenten en maatregelen er concreet zijn om meer ruimte te geven aan kleine retailondernemers, voordat we nu overhaast voorsorteren op deze voorliggende maatregel. Wij zullen hierover ook met vragen komen. Dank u wel. 01:52:23
Voorzitter: Dank u wel. De stemming kan verder gaan. Er zijn 24 voor, de motie is aangenomen. 01:52:41
Voorzitter: Dan gaan we naar motie vier: de Partij voor de Dieren en anderen over dierproeven. Ook ik ben voor. Deze is unaniem aangenomen.
32
01:53:08
Voorzitter: Dan gaan we naar motie negen: Brainport Groningen. Ik ben ook tegen. De motie is verworpen.
b. Vaststelling MER Gebiedsontwikkeling Meerstad-Noord -
M01: Van Vet naar FET – Meerstad zonnepark
01:53:50
Voorzitter: Dan stel ik voor dat wij 6b nog gaan bespreken en dat we daarnaar gaan pauzeren voor een maaltijd. Mag ik het woord geef aan mevrouw Nieuwenhout? 01:54:10
Mevrouw Nieuwenhout: Hartelijk dank. We praten over de vaststelling van de MER en Meerstad-Noord, maar wij willen het graag hebben over een eerlijke energietransitie. Een aantal jaar geleden besloten we dat de winst uit onze hernieuwbare energieprojecten moet worden hergeïnvesteerd in de Groningse energietransitie, dat de energietransitie voor iedereen in Groningen is, ook voor degenen die zelf geen zonnepanelen kunnen kopen. Meerstad-Noord wordt het eerste grootschalige project waarin we dit in de praktijk brengen en onze Fonds energietransitie het FET vullen, maar er is een probleem. In de huidige plannen komt naar voren dat eerst de verplichtingen moeten worden afgelost voordat er geld naar het FET gaat. Met andere woorden dat het zonnepark eerst vet op de botten moeten hebben voordat het FET gevuld wordt. Daarmee duurt het jaren voordat de inwoners het geld kunnen gebruiken. Er is ook een andere manier: we kunnen een andere verdeling kiezen en al vanaf het begin af aan het zonnepark dat FET laten vullen. Daarmee komt het geld eerder beschikbaar en kunnen onze inwoners het eerder gebruiken. Mijn fractie, en daarmee alle eer voor Hans, dient een motie in van Vet naar FET.
Om enkele scenario's te onderzoeken, waarbij anders wordt omgegaan met de financiën en daardoor het energietransitiefonds sneller te vullen, zodat het geld zo snel mogelijk land waar dat het meest nodig is, bij onze inwoners. 01:55:45
Voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Armut. 01:55:48
Mevrouw Armut: Dank u, voorzitter. Ik heb even een vraag, want mijn fractie begrijpt dan niet echt waar dat geld vandaan zou moeten komen. Je moet dan toch inkomsten gaan halen die je nu nog niet hebt? Wie gaat dat dan financieren? 01:56:00
Mevrouw Nieuwenhout: De inkomsten van het zonnepark worden gehaald uit het verkopen van de stroom en mocht de stroomprijs te laag zijn uit de subsidieregeling die hiervoor aangevraagd wordt. Dus de inkomsten komen vanaf het begin af aan al binnen, maar door dat er aan het begin een grote uitgave zit, namelijk het bouwen van het zonnepark, lijkt het financieel alsof je dan eerst die hele badkuip weer moet vullen voordat je positief uitkomt en die winsten kan geven aan het energietransitiefonds. Of je dat doet en hoe je dat precies doet, daar zijn dus verschillende financiële strategieën voor. Dus het is niet nodig om eerst alles helemaal te voldoen, de hele badkuip te vullen voordat je kan uitkeren aan een energietransitiefonds. Dat kan ook vanaf het begin. Nou ben ik geen financieel expert, dus
33
we vragen het college om hier scenario's voor uit te werken, zodat wij als raad daar een goed onderbouwde beslissing over kunnen nemen. 01:57:01
Voorzitter: Dank u wel. Iemand anders nog? De heer Moerkerk. 01:57:06
De heer Moerkerk: Ik had nog een vraag aan GroenLinks. Dat model impliceert waarschijnlijk dat je het moet gaan lenen om dat dan is het fonds te kunnen stoppen en dan betaal je dat weer terug als de inkomsten omhooggaan en de badkuip bijna vol is. Interpreteer ik dat goed? 01:57:24
Mevrouw Nieuwenhout: Niet helemaal goed. Je leent het geld om het zonnepark te bouwen, want voordat je het bouwt, moet je het geld al erin te stoppen om het aan te schaffen en te bouwen. Daarna is de vraag: hoe snel ga je die lening aflossen? Daar zijn verschillende strategieën voor. 01:57:46
Voorzitter: De heer Moerkerk. 01:57:48
De heer Moerkerk: Als er dan ook geld in het fonds moet voor andere projecten, dan moet dat dus opnieuw geleend worden. Dan blijft de leenniveau hoger of misschien wordt het zelfs hoger dan het investeren in het park zelf. 01:58:02
Mevrouw Nieuwenhout: Dat is niet de bedoeling. Er komen dus inkomsten binnen en de vraag is: hoe verdeel je die inkomsten? Hoeveel van die inkomsten gebruik je om je leningen af te lossen en hoeveel van de inkomsten gebruik je voor andere dingen, dus bijvoorbeeld voor het vullen van dit fonds? Dus er wordt geen hogere lening extra aangevraagd om het fonds te vullen, maar de inkomsten van het zonnepark kunnen naar het fonds toe. 01:58:27
Voorzitter: Mevrouw Poelstra. 01:58:29
Mevrouw Poelstra-Bos: Dank u wel, voorzitter. In de motie wordt gesproken over de pachtsom die aan de Meerstad PV zou moeten worden betaald. Hoe ziet u dat voorstel? Er staat in de motie dat die markt conform zou moeten zijn. Kunnen we al iets meer zeggen? Kunt u al meer zeggen over de wensen die u daarover heeft, want het zou betekenen dat er in Meerstad PV minder inkomsten zijn bijvoorbeeld? Wat zou dat betekenen voor de sociale woningbouwplannen bijvoorbeeld in Meerstad? 01:59:07
Mevrouw Nieuwenhout: Dat is een goede vraag en daarom is het belangrijk dat het college hier een onderzoek naar doet, zodat ook de gevolgen in kaart worden gebracht. Wat ons betreft wat belangrijk is, is dat er een eerlijke vergoeding wordt betaald voor die grond zich. Die grond stond in de boeken als woningbouw en nu komt er een zonnepark op. Dat is wat heel anders en er staan ook andere financiën tegenover, dus wat markt conform is, moet
34
bepaald worden aan de hand van wat voor functie dat heeft. Van de precieze implicaties willen we dus graag dat het college die verder uitzoekt en aan ons voorlegt. 01:59:41
Voorzitter: Dank u wel. De heer Brandenbarg. 01:59:44
De heer Brandenbarg: Voor een korte woordvoering, voorzitter, want wij vinden dat mevrouw Nieuwenhout van GroenLinks het al ontzettend duidelijk heeft uitgelegd. Wij ondersteunen deze motie van harte omdat het van belang is dat mensen snel merken in hun directe leefomgeving dat de gemeente regie neemt in de energietransitie. In hun directe leefomgeving bedoel ik bijvoorbeeld om hun huis te kunnen verduurzamen omdat dat goed is voor de portemonnee, de huizen en het klimaat, maar ook omdat dat helpt om uiteindelijk meer draagvlak te krijgen voor die zo noodzakelijke energietransitie. 02:00:23
Voorzitter: Dank u wel. De VVD. 02:00:27
De heer Heiner: Dank, voorzitter. De VVD is van mening dat energie opgewekt moet worden inmiddels zon op daken en wind op zee en dus niet middels zonneparken. Stel je besluit dam toch een zonnepark te bouwen, dan kun je er net zo goed ook gewoon huizen onder zetten. Daarnaast zijn er nog voldoende daken die vol gelegd kunnen worden. Dat gebeurt hier niet en daarom stemt de VVD tegen dit voorstel. 02:00:48
Voorzitter: Dank u wel. De heer Rebergen. 02:00:52
De heer Rebergen: Dank u wel, voorzitter. Binnen onze fractie hinken we bij dit voorstel wel een beetje op twee gedachten. Aan de ene kant hebben we het fonds wat we graag willen en waar we inwoners willen ondersteunen. Dat is de ene kant. De andere kant is dat als je naar de financiële kant kijkt het een beetje gek is om van tevoren al dat geld uit te halen voordat je een positief resultaat hebt? Onze fractie zal dus verdeeld stemmen over deze motie. 02:01:21
Voorzitter: Dank u wel. De heer Van Veen. 02:01:24
De heer Van Veen: Dank u wel, voorzitter. We werken in Groningen echt aan een enorme energietransitie die essentieel is om klimaatverandering tegen te gaan om onze afhankelijkheid van Gronings en buitenlands gas te verkleinen en ook om hoge energiekosten voor inwoners en onze ondernemers te voorkomen. Daarom is het zo goed dat we in Groningen vooroplopen en nu ook dit grote zonnepark gaan aanleggen, maar we moeten wel eerlijk zijn. De eerlijkheid is dat deze transitie niet altijd voor iedereen even leuk is. Niet iedereen wordt blij van een zonneweide in de buurt van zijn huis en niet iedereen zit erop te wachten om een warmtepomp installeren. Daarom is het zo belangrijk dat de overheid regie neemt, dus de Groningse gemeente hier, bij deze energietransitie en bepaalde onderdelen zelf uitvoert. Dit om zo de negatieve effecten te verkleinen of zelfs te 35
compenseren. In dit specifieke geval heeft dat twee grote voordelen. Ik word een beetje afgeleid door een hand die ik omhoog zie staan. 02:02:18
Voorzitter: De heer Heiner. 02:02:20
De heer Heiner: Ik wilde de PvdA-fractie vragen of zij het niet met de VVD eens is dat we dan niet beter huizen onder zo een zonnepark kunnen behouden zodat mensen erin kunnen wonen en omwonenden veel minder last hebben van het zonnepark? 02:02:34
De heer Van Veen: Op het moment dat je er huizen onder bouwt, krijg je niet zoveel opbrengst, want een huis heeft ook een oprit nodig om een auto te parkeren, een huis heeft een tuintje nodig en een huis heeft wat ruimte nodig om te lopen. Daarom denken we dat het goed is om die afwisseling te hebben in het landschap hier, met ook alle huizen die daar komen met vanzelfsprekend zonnepanelen erop, maar ook een gebied specifiek alleen een zonneweide. 02:02:55
Voorzitter: De heer Ram. 02:02:58
De heer Ram: Een vraag aan de PvdA, voorzitter. Door de bestemming te veranderen van woning naar zonnepanelen is er een vorm van kapitaalvernietiging. Woningbouw levert gewoon veel meer geld op. Hoe ziet de PvdA dat dan, die kapitaalvernietiging in MeerstadNoord? 02:03:17
De heer Van Veen: Wij zien dat het in dit geval waard is, omdat die energietransitie zo belangrijk is, omdat het zo belangrijk is, zoals ik al zei, om klimaatverandering tegen te gaan, om minder afhankelijk te zijn, om groene energie op te wekken. Dus in dit geval is dat wat ons betreft waard. In mijn woordvoering was ik bij de twee grote voordelen die het geval is omdat Groningen het hier zelf doet. Ten eerste dat we dus de omwonenden direct kunnen compenseren. We hebben een uitgebreid en eerlijk proces gehad met de inwoners en we zijn nu tot een goede regeling gekomen. Ten tweede kunnen we de winsten van deze zonneweide uiteindelijk weer investeren, en dat het zo ten goede komt aan de mensen met een kleine portemonnee die minder inkomen hebben en niet de mogelijkheid hebben om zelf te investeren in duurzaamheid. Juist die mensen hebben het extra nodig, dus daarom is dat heel goed, en daarom is het ook goed dat deze motie nu oproept om te kijken hoe we dat sneller kunnen doen, hoe we die inkomsten eventueel naar voren kunnen halen en hoe we kunnen zorgen dat we nog sneller bezig kunnen en nog voortvarender iedereen mee kunnen krijgen in de energietransitie. Dank u wel. 02:04:15
Voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Poelstra. 02:04:18
Mevrouw Poelstra-Bos: Dank u wel, voorzitter. Het gaat hier echt om het bestrijden van het klimaatprobleem. Dat zien wij ook en dat we daar echt stappen moeten maken. We 36
onderschrijven zeker het belang van het Fonds energietransitie en we zijn van mening dat alle inwoners snel moeten worden geholpen met verduurzamen, maar we staan ook voor een gezond financieel beleid. We kunnen niet zomaar leden van de toekomst als die nog onzeker is. Moeten we boven op die investering nog extra leningen doen? Dat zouden we heel graag willen onderzoeken dus. We willen zeker weten dat als er andere financieringsopties zijn, dat die dan niet andere zaken verdringen die wij ook willen doen voor onze inwoners. De motie vraagt om een onderzoek naar de scenario's. Ik denk dat we daarbij wel een beter beeld krijgen van welke keuzes we wel en niet kunnen maken, dat we niet te veel risico nemen of interen op het weerstandsvermogen. [Onhoorbaar] positief verrast en blijkt uit de opties dat het wel kan, dus vooralsnog volgen wij de lijn van het college om wel te wachten op een positieve kasstroom. Als de wethouder het onderzoek wel gaat doen, kan die dan aangeven of er opties zijn en of de gevolgen voor de woningbouw bij Meerstad meegenomen kunnen worden in het onderzoek? Dan wachten we graag het oordeel van het college af. 02:05:42
Voorzitter: Dank u wel. De heer Ram. 02:05:48
De heer Ram: Voorzitter, kort, wij zien geen meerwaarde in deze investering in het zonnepark. Wij zien het als een vernietiging van kostbare woningbouwgronden. Wij maken ons zorgen over de financiële positie van Meerstad. Het is een aantal jaar goed gegaan, maar er dient nu een tijd aan dat het qua conjunctuur slechter gaat, zeker op de woningmarkt. Om dan geld te gaan afromen in een energiefonds vinden wij geen goed idee. Daarom zullen we tegen deze motie stemmen, voorzitter. 02:06:27
Voorzitter: Dank u wel. Wie kan ik nog het woord geven? Mevrouw De Groot. 02:06:36
Mevrouw De Groot: Dank u wel, voorzitter. Het belang van een snellere energietransitie is groot en wij zijn dan benieuwd naar de uitwerking van de verschillende scenario's waar toe deze motie oproept en wat wij erin met snellere extra middelen zouden doen, ook voor onze inwoners die een kleinere beurs hebben en die nog niet mee kunnen doen met de energietransitie. Dan spreken we hier op een later moment over deze verschillende scenario's wat dan de implicaties zijn en wat we er dan van vinden. Daarnaast zijn we erg benieuwd wat de wethouder hier over te zeggen heeft. Dank u wel. 02:07:15
Voorzitter: Dank u wel. Wie nog? De heer Van der Laan. 02:07:20
De heer Van der Laan: Dank, voorzitter. We zitten wat dubbel in het zonnepark altijd. Enerzijds vinden wij het helemaal geen park en neigt het wat naar industrie, maar dat is ook weer niet helemaal, dus wij zitten als partij er wat tussenin. Wij zeggen: "Leg alsjeblieft die zonnepanelen op daken. Zeker op de vele daken die nog steeds leeg zijn, ook in de gemeente Groningen." Dan de motie. De motie is natuurlijk vrij zacht. Het uitwerken van scenario's, daar kunnen wij niet tegen zijn en daar zullen we wel voorstemmen, maar we hebben in de commissievergadering gemerkt dat er wel eens een beetje voorbij wordt 37
gegaan aan de belangen van de direct omwonenden. Geef die mensen nou een keer alsjeblieft snel internet, waar ze nu al zeven jaar op wachten. Dat de provincie niet opschiet wil niet zeggen dat de gemeente niet een keer wat kan doen, maar dat de gemeente daar ook in kan interveniëren. Dus als je toch in scenario's gaat denken en businesscase, dan zou ik zeggen: neem dan ook de businesscase snel internet mee in dat gebied, teneinde de bewoners daar ook een keer te laten profiteren van snel internet. 02:08:32
Voorzitter: Mevrouw De Groot heeft een vraag voor u. 02:08:35
Mevrouw De Groot: Dank u wel, voorzitter. U geeft aan: "Laten we nou eerst de daken vol leggen en laten we nou eerst zonnepanelen op daken leggen." Volgens mij heeft in de commissievergadering de wethouder duidelijk al gezegd dat we gewoon niet voldoende daken hebben om iedereen te voorzien. Hoe kijkt de Partij voor het Noorden daar tegenaan? Zijn deze zonneweides, misschien niet zo weides, dan niet gewoon echt heel hard nodig? 02:09:03
De heer Van der Laan: Het is altijd makkelijk om het platteland de offers van de stad te laten ondergaan. Dat gebeurt al veel te veel, niet alleen in Groningen, maar in heel Nederland. Wij weten gewoon dat het lastiger is om de daken vol te leggen, want dan zit je met bouwkundige aanpassingen, maar dat wil niet zeggen dat je het platteland voor de komende dertig, veertig jaar grotendeels moet gaan verpesten, want dan ben je aan het doen. 02:09:29
Voorzitter: Mevrouw De Groot. 02:09:31
Mevrouw De Groot: De woningen en de mensen die op het platteland wonen hebben toch net zo goed baat bij een snellere energietransitie en hebben toch net zo goed baat bij groene energie. Ik snap wat de heer Van der Laan zegt, maar het is gewoon nodig om ook hierover na te denken. 02:09:51
De heer Van der Laan: Jazeker. De mensen op het platteland hebben ook bijvoorbeeld snel recht op internet, maar dat krijgen ze ook niet. Dat is dan altijd vreemd dat de stad altijd aan het voorsorteren is op het platteland en dat zien we in deze discussie. Daarom zijn we wel blij dat de gemeente nu het heft in handen neemt en dat dit park niet hopelijk straks toebehoort aan een Chinese of een Duitse investeerder. Dat is hartstikke goed en daarom willen we wel positief meedenken in scenario's, maar wel met die opmerkingen die ik zojuist maakte. 02:10:24
Voorzitter: Dan laten we dat hierbij. Mevrouw Nieuwenhout, nog een nieuwe opmerking? We gaan de discussie in de sessie niet overdoen. 02:10:33
Mevrouw Nieuwenhout: De heer Van der Laan schept het beeld dat de omwonenden vergeten worden in de ontwikkeling van het zonnepark. Mag ik de heer Van der Laan erop
38
wijzen dat er in de omgevingsovereenkomst verschillende regelingen, de profijtregeling, het gebiedsfonds zijn, waarmee ook dit soort dingen gefinancierd kunnen worden? 02:10:53
De heer Van der Laan: Voorzitter, daar zijn we natuurlijk van op de hoogte, maar dan nog blijft de impact op zo een gebied dat je echt gaat veranderen. Nogmaals, je mag het een zonnepark noemen, je mag het een zonne-industrie noemen en het blijft heel erg groot. Dat moeten we ons wel realiseren. 02:11:11
Voorzitter: De heer Hekkema. 02:11:13
De heer Hekkema: Dank, voorzitter. Ik heb toch nog een andere vraag aan de heer Van der Laan, want hij doet wel de hele tijd alsof het hier om een zonneweide gaat of een zonneindustrie, maar als de heer Van der Laan de stukken goed heeft gelezen, dan heeft dit college ook allerlei afspraken opgenomen en ideeën en ambities opgeschreven over de groene inrichting van het park en groene bufferzone die terugkomt in de omgevingsovereenkomst waarbij er een zonnepark gaat ontstaan, waarbij de Lagelandpolder een ontzettende impuls krijgt als het gaat om het herstel van de natuur, het uitbreiden van de natuur en daarmee ook het herstel van de biodiversiteit. Dus het zou de heer Van der Laan wel sieren, en ook een vraag aan hem, om dat te benoemen. 02:11:55
Voorzitter: De heer Van der Laan, tot slot. 02:11:56
De heer Van der Laan: Voorzitter, we denken dat we het benoemd hebben door te zeggen: "We laten in het midden of het gaat om een zonnepark of een zonne-industrie." Dat is ons beeld wat er tussenin zit, maar het is pertinent niet een zonnepark want dat woordje park impliceert alleen maar groen en daar is geen sprake van. 02:12:15
Voorzitter: Dank u wel. Wil er nog iemand het woord voeren over deze motie? Dat is niet het geval. Dan ga ik naar het college. De heer Broeksma, gaat uw gang. 02:12:27
Wethouder Broeksma: Dank u wel, voorzitter. Omdat de motie ziet op energietransitie ben ik namens het college de woordvoerder. De opbrengst van het zonnepark in Meerstad-Noord is tweeledig zoals u opmerkte, zowel duurzame energie maar het levert ook meer geld op. Dat geld moet hier in de gemeente blijven en dat geld hebben we ook nodig voor die energietransitie, met name voor die inwoners die klem komen te zitten bij de stijgende energieprijzen. Tegelijkertijd dient de Exploitatie B.V, die gaat dus helemaal van de gemeente zijn, wat vet op de botten te krijgen en zeker een eigen vermogen op te bouwen. U benoemt in de motie terecht de spanning tussen die twee, het Vet of het FET. Goed om daar dus onderzoek naar te doen. Het college begrijpt dat u haast heeft, en heeft dat zelf ook, maar net als u moeten we verstandig opereren. Vandaar een onderzoek naar scenario's dat dat een uitstekend idee is. We geven de motie oordeel raad. Er zijn een aantal opmerkingen gemaakt, voorzitter. Moet je eerst lenen ten behoeve van dat FET? Nee, vanaf dag één na de installatie zijn er natuurlijk inkomsten. Die inkomsten kun je gebruiken om de 39
lening af te lossen, die kun je gebruiken om vet op de botten bij de B.V. te kweken of die je gebruiken om te laten landen in het Fonds energietransitie over alle drie een beetje. Die scenario's in welke verhouding je dat zou moeten doen kun je in dat onderzoek naar voren laten komen, onderzoek naar verschillende scenario's. Datzelfde geldt voor de pachtsom waar D66 naar vraagt. Dat is onderdeel van de businesscase. Een marktconforme pachtsom moet dat gewoon zijn en natuurlijk het effect voor Meerstad als geheel. Meerstad-Noord is een onderdeel van Meerstad als geheel en nemen we natuurlijk mee in die scenario's. Dat lijkt me meer dan logisch. De Partij voor het Noorden, nog even over snel internet. In het participatieproces is dat naar voren gekomen. Bewoners zeggen: "Dat moet niet uit het gebiedsfonds betaald worden." U heeft mij gevraagd om te informeren bij de gedeputeerden hoe het ermee staat. Ik heb dat gedaan. Hij is volop bezig met overleg en onderzoek om ervoor te zorgen dat snel internet in dit gebied verder wordt aangelegd. Kortom voorzitter, oordeel raad voor de motie. 02:14:48
Voorzitter: Dank u wel. Dan mevrouw Poelstra nog. 02:14:52
Mevrouw Poelstra-Bos: Dank u wel, voorzitter. Heel fijn dat de gevolgen voor Meerstad in beeld komen in het onderzoek. Kan de wethouder nog wel aangeven of dan ook echt het percentage sociale woningbouw daarin meegenomen wordt? 02:15:06
Voorzitter: Wethouder. 02:15:10
Wethouder Broeksma: Ik heb gezegd: "Het effect voor Meerstad als geheel is het onderdeel sociale woningbouw waar altijd geld bij moet, wordt daar natuurlijk een onderdeel van." Prima. 02:15:20
Voorzitter: Dan denk ik dat we de beraadslagingen over deze motie kunnen beëindigen en dan breng ik hem in stemming. Eerst het raadsvoorstel: Vaststelling MER Gebiedsontwikkeling Meerstad-Noord. We zijn er. Ik sta als niet gestemd, maar ik ben wel stemgerechtigd. Ik sta ergens in die computer, maar we weten niet waar. Ik ben voor. Het voorstel is aangenomen. 02:16:04
Voorzitter: Dan gaan we naar motie één. Ook hier ben ik voor. De motie is aangenomen met 34 tegen negen. 02:16:30
Voorzitter: Dan gaan we, nadat ik u nogmaals op het gebruik van de stoel heb gewezen, pauzeren tot kwart voor acht. 00:28:35
Voorzitter: Als iedereen weer zijn plaats ingenomen heeft kunnen we verder. Dan begin ik met een mededeling die Sten al eerder had willen laten doen, maar die doen we nu. Hij gaat 17 mei trouwen. Dat is onze volgende raadsvergadering dus hij heeft een goede reden om er dan niet te zijn. Op 18 mei is het Hemelvaartsdag en Sten en zijn Djoeke gaan niet ten hemel, 40
maar gaan dan wel naar de kerk. Daar is iedereen welkom. Ik zal zorgen dat het via de griffie nog even in de dagmail komt.
c. Nota Sociale Basis fase 2 -
M07: “Even aan studenten vragen”
- M10: Geen Moi, geen Joy Voorzitter: Dan zijn wij bij agendapunt 6c: Nota Sociale Basis 2. Daar zijn twee moties ingediend en ik zou willen voorstellen dat Student en Stad als eerste hun motie toelicht. 00:30:10
Mevrouw De Groot (Student en Stad): Dank u wel, Voorzitter. Ik zag iedereen hier gaan staan in de toelichting van zijn moties en toen dacht ik: dat vind ik ook wel gepast, want dit is een ogenschijnlijk kleine motie, maar symboliseert best iets groots en een grote zaak voor onze partij. Want, Voorzitter, in deze nota hebben we het over het versterken van de sociale cohesie in Groningen. We hebben het over het versterken van de band en de verbinding die onze inwoners met elkaar voelen. We hebben het over de vraag hoe wij er als gemeente nou iets aan bij kunnen dragen. Dit is best een hele lastige, want dit probleem, van mensen die steeds vaker tegenover elkaar in plaats van naast elkaar staan, is niet zomaar opgelost. Dat we iets willen en moeten doen is zeker, want ook in onze gemeente zitten er grote kloven tussen verschillende partijen en groepen. 00:31:14
Mevrouw De Groot (Student en Stad): Eén van die grote kloven is de kloof tussen studenten en Stadjers , die allebei evenveel inwoner zijn van onze mooie gemeente. Dit is een serieuze kloof en een kloof die steeds vaker, jammer genoeg, zorgt voor onbegrip, afkeer en soms zelfs haat. Hier maakt onze partij zich serieuze zorgen over. Onze motie om te kijken naar de kansen om aan de ene kant de studenten en aan de andere kant de hulpbehoevende inwoner, de eenzame inwoner, te verbinden, is wat ons betreft een stap in de goede richting. Wij zullen ons blijven inzetten om studenten en Stadjers niet tegenover elkaar, maar naast elkaar te krijgen. Daarbij even mijn korte toelichting op mijn motie. Dank u wel. 00:32:12
Voorzitter: Dank u wel. Dan wil ik de PVV vragen om hun motie 'Geen Moi, geen Joy' toe te lichten? 00:32:47
De heer Ram (PVV): Voorzitter, ik heb een motie gemaakt over de sociale basis. In onze optiek is de analyse voor de helft gedaan en dan vooral aan de sociaaleconomische visie op werk, zorg en armoede. De andere kant van het verhaal, de sociaal-culturele component, wordt helaas vergeten en daarmee gaan we de pleit niet slechten in Groningen. Zoals ik eerder heb aangegeven in eerdere de debatten: bij Selwerd speelt de wijkvernieuwing, 88 nationaliteiten, niemand spreekt Nederlands en er is geen integratie. Ook bij het duidingsdebat heb ik het eerder aangegeven: iemand in Hoogkerk. Een mevrouw, die werkt nota bene bij het COA, zegt... 00:33:38
Voorzitter: Ik wachtte even op een komma, maar die komt niet, want de heer De Haan had al vroeg een vraag. 41
00:33:45
De heer De Haan (CDA): Voorzitter, al vroeg een vraag. Ik vind het echt een bizarre motie, moet ik zeggen. Ik heb nog gevraagd om hem niet in te dienen. Ik heb zo veel vragen. De eerste vraag is: u spreekt over de oorspronkelijke Groninger. Ik ben heel benieuwd of u mij zou kunnen uitleggen wie volgens de PVV de oorspronkelijke Groninger is? U heeft het erover dat zij de ruggengraat zijn van de samenleving. Dat is volgens u dus niet de vrijwilliger of de mantelzorger, maar dat zijn deze oorspronkelijke Groningers, waarvan ik heel benieuwd ben hoe u die ziet. Ten derde ben ik heel benieuwd of u echt signalen hebt gekregen van die oorspronkelijke Groninger, dat ze niet betrokken zijn bij het beleid, dat ze geen gehoor krijgen bij het college en dat het college zegt: "Wij willen niet met u in gesprek, u oorspronkelijke Groninger." Ik zou heel graag wat meer duidelijkheid willen krijgen over deze, wat mij betreft, echt bizarre motie. 00:34:42
De heer Ram (PVV): Ik begrijp dat het CDA niet helemaal begrijpt waar het probleem in onze samenleving in zit. Ik heb al eerder aangegeven, ook in het duidingsdebat: hoe krijg je nou die Groninger die, onder andere, op de PVV stemt en zich niet meegenomen voelt in onze samenleving, hoe ga je die nou bereiken? Er werd toen gezegd: "We gaan de wijken in." Wat is er van die belofte waargemaakt door deze coalitie en dit college? Helemaal niks! Vervolgens heb ik al aangegeven: in Selwerd heb je 88 nationaliteiten. Op dit moment kun je helemaal nergens meer integreren. Dat betekent dat je helemaal geen basis hebt om daar nog een samenhang te creëren. Je moet met elkaar een culturele basis hebben om houvast te creëren. Dan heb ik het ook over die oorspronkelijke Groninger. 00:35:48