CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

Strategische Verkenningen 2026 - Schaarste vraagt keuze

Raadsvergadering 19 maart 2026, gemeente GoudaBij agendapunt: Aanbieden Strategische verkenningen29.488 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

belangrijkste aanpassing in deze verordening was om ook hierin de beweging naar meer ondersteuning in de sociale basis vast te leggen. Ook is in dit kader in de zomer van 2025 de subsidieregeling Versterken sociale basis door het college vastgesteld. Doel van de subsidieregeling is om samen met maatschappelijke partners in de stad de beweging te kunnen maken. Verordeningen in het kader van de Participatiewet in Balans Landelijk is per 1 januari 2026 de Participatiewet in Balans van kracht. Op lokaal niveau betekent dit dat meerdere verordeningen die hiermee samenhangen (o.a. re-integratieverordening) en de bijbehorende regelingen aangepast worden. De wetswijziging heeft als doel om meer ruimte te geven aan professionals om rekening te kunnen houden met de persoonlijke situatie van inwoners. Visie sociaal domein Vanuit deze twee grote veranderingen in het sociaal domein is tegelijk met de bespreking van de maatregelen ook met de gemeenteraad afgesproken om een nieuwe visie op het sociaal domein op te stellen. Deze visie wordt opgesteld op basis van de meest recente (wetenschappelijke) inzichten over het sociaal domein. Er worden onder andere inwoners,

ervaringsdeskundigen, maatschappelijke partners en experts betrokken. In deze visie bepaalt de raad wat de rol van de gemeente is en tot hoe ver deze reikt in het sociaal domein. Daar hoort bij wat dit betekent voor de rol van inwoners, gemeenschappen en partners. De visie is daarmee een belangrijk document om de ingezette beweging van de afgelopen jaren te borgen voor de lange termijn. Dat houdt in dat de gemeente steeds meer investeert in het ondersteunen van de sociale basis: het fundament van het sociale leven, bestaande uit zowel informele sociale netwerken (zoals vrienden, familie, buren en vrijwilligers) als formele voorzieningen (zoals onderwijs, welzijn, sport en cultuur).

Opgaven en strategische afwegingen In de kern raken de grote opgaven voor het sociaal domein aan twee nauw met elkaar samenhangende vragen. In beide gevallen is sprake van een schaal die loopt van overheid naar samenleving: 1 Wie is verantwoordelijk voor de ondersteuning van inwoners? 2 Waar is die ondersteuning georganiseerd?

Strategische Verkenningen Gouda, 2026

49

5 | Een stad die samen zorgt

Deze vragen zijn bepalend voor de manier waarop de gemeente ondersteuning vormgeeft. Een deel van die keuzes ligt vast: op grond van verschillende wetten hebben gemeenten diverse taken en verplichtingen die richting geven aan de ondersteuning die zij moeten bieden. In het afgelopen jaar heeft de gemeenteraad bovendien eerste richtingen verkend en vastgelegd. De kern van het vraagstuk zit daarmee in de vraag of een nieuw bestuur deze ingezette richting wil vasthouden en verstevigen, of dat het nieuwe bestuur anders kijkt naar de rol van de overheid ten opzichte van de samenleving. Deze keuze heeft consequenties voor de wijze waarop de gemeente haar (wettelijke) taken invult en voor de aanvullende ondersteuning die zij daarbovenop organiseert. Hieronder zijn deze twee vragen, de uitersten op de schaal van overheid naar samenleving, en de combinatie hiervan uitgewerkt. Opgave 1: Wie is verantwoordelijk voor de ondersteuning van inwoners? De geïndividualiseerde prestatiemaatschappij heeft haar weerslag op de samenleving, vooral de jeugd. Ook binnen het veiligheidsdomein worden hiervan steeds vaker de uitwassen zichtbaar, bijvoorbeeld in de vorm van jeugdoverlast, normoverschrijdend gedrag en jongeren die in aanraking komen met

criminaliteit. Deze signalen maken zichtbaar waar sociale en preventieve structuren onder druk staan. Dit maakt dat hulpvragen complexer worden en voor steeds meer problemen bij het opvoeden en opgroeien naar de overheid wordt gekeken voor een oplossing. Ook bij volwassenen en specifiek de ouderen zijn de effecten te zien van een maatschappij waarin minder vanzelfsprekend naar elkaar wordt omgekeken. In combinatie met de toenemende vergrijzing wordt ook bij deze inwoners een groter beroep op ondersteuning en complexere problematiek verwacht. Dit werkt niet alleen door in zorg en ondersteuning, de effecten hiervan zijn ook terug te zien in het veiligheidsdomein. Tegelijk is er vanuit het Rijk minder geld beschikbaar voor het sociaal domein. De gemeente komt daarmee steeds meer klem te zitten tussen kostenbeheersing aan de ene kant en goede ondersteuning voor haar inwoners aan de andere kant. Daarom gaat deze vraag in de kern over een visie op verantwoordelijkheid. Waar ligt het zwaartepunt in de verantwoordelijkheid voor ondersteuning: ligt die bij inwoners zelf en onderling, of bij de gemeente? Overheid als verantwoordelijke (zie figuur 5.6) Aan de ene kant van het spectrum voelt de overheid zich betrokken bij en verantwoordelijk voor het welbevinden van alle inwoners. Deze

verantwoordelijkheid is breder dan alleen de wettelijke taken; de gemeente creëert een breed aanbod aan aanvullende activiteiten en ondersteuning voor alle inwoners. Doel is om niet alleen inwoners te ondersteunen die al buiten de boot zijn gevallen en dus een beroep doen op een wettelijke regeling, maar ook in te zetten op het voorkómen van problemen en het ondersteunen van inwoners die buiten de boot dreigen te vallen. Financieel betekent dit dat de gemeente naast bekostiging van de wettelijke taken ook geld besteedt aan het activeren en ondersteunen van alle inwoners, bijvoorbeeld via maatschappelijke partners in de sociale basis. Samenleving als verantwoordelijke (zie figuur 5.6) Aan deze kant van het spectrum ziet de overheid een kleinere rol voor zichzelf en verwacht de gemeente dat inwoners meer zelf en onderling oplossen. De gemeente zet in op het maatschappelijk kapitaal; de kracht van de samenleving. De overheid is er voor de wettelijke taken, maar laat het aan de samenleving om de lichtere problemen van inwoners op te pakken. Hierin verwacht de gemeente veel eigen initiatief van inwoners en accepteert de gemeente het risico dat er inwoners zijn die zichzelf onvoldoende staande kunnen houden. Wanneer kwetsbaarheden zich verdiepen kan het zijn dat deze zichtbaar Strategische Verkenningen Gouda, 2026

50

worden in het veiligheidsdomein. Financieel gezien betekent dit dat de gemeente vooral geld uitgeeft aan de uitvoering van de wettelijke taken en minder aan de ondersteuning van maatschappelijke partners. Opgave 2: Waar is ondersteuning georganiseerd? Naast de vraag naar verantwoordelijkheid, is er de vraag naar de plek waar ondersteuning is georganiseerd. Deze vraag lijkt in eerste instantie op de vraag naar verantwoordelijkheid, maar is anders. De vraag naar verantwoordelijkheid gaat over hoe ver de verantwoordelijkheid van de gemeente reikt en daarmee ook hoeveel geld de gemeente uitgeeft aan ondersteuning van inwoners. Vervolgens is er de keuze hoe deze verantwoordelijkheid en middelen zich vertalen in waar ondersteuning wordt aangeboden. De keuze voor waar ondersteuning wordt geboden, is bepalend voor de ervaring en het beeld van ondersteuning. Ondersteuning die alleen beschikbaar is met een indicatie van de gemeente of bij de gemeente zelf voelt voor een inwoner anders dan ondersteuning via het buurtcentrum om de hoek, terwijl de aard van de ondersteuning vergelijkbaar kan zijn. Ook de bekostiging en mate van sturing vanuit de gemeente verschillen.

Overheid (zie figuur 5.6) De overheid heeft aan deze kant van het spectrum een grote rol in zowel het doorverwijzen van inwoners naar ondersteuning, als in het zelf bieden van ondersteuning. Dit betekent dat er meer capaciteit nodig is bij de gemeente zelf. De ondersteuning is vooral individueel: een individuele inwoner komt met een hulpvraag en wordt individueel geholpen. Voor inwoners kan de drempel om hulp te vragen hoger zijn. Financieel gezien zijn het inzicht en de sturing heel direct: per inwoner is duidelijk wat de kosten van ondersteuning zijn. Samenleving (zie figuur 5.6) Aan de andere kant van het spectrum vervullen de maatschappelijke partners een sleutelrol in het organiseren van ondersteuning. Ondersteuning is ingericht dichtbij de inwoner; via vrijwilligersorganisaties en professionele ondersteuning in de sociale basis vinden inwoners op een laagdrempelige manier hulp. De gemeente is er voor het indiceren van specialistische ondersteuning. Ondersteuning is vaker collectief (in groepsverband) georganiseerd. Financieel is het inzicht en de sturing meer indirect: maatschappelijke partners krijgen via subsidie ondersteuning van

de gemeente. Er is dus geen direct of indirect inzicht in en sturing bij de gemeente op de ondersteuning van individuele inwoners. Samenhang De combinatie van de twee vragen levert vier herkenbare richtingen op. De eerste vraag gaat over verantwoordelijkheid (meer bij de gemeente of meer bij inwoners en hun omgeving). De tweede vraag gaat over organisatie (ondersteuning vooral via de gemeente of vooral via partners in de sociale basis). De matrix is bedoeld als gespreksinstrument: de kwadranten beschrijven uitersten om de afwegingen scherp te maken. In de praktijk kan de keuze per doelgroep of thema verschillen, maar zonder expliciete keuze ontstaat versnippering in beleid, uitvoering en samenwerking. De kernvraag voor het bestuur is: waar wil het nieuwe bestuur in de basis het zwaartepunt leggen, is differentiatie nodig? En wat betekent dat voor inwoners, partners, organisatiekracht en financiën?

Strategische Verkenningen Gouda, 2026

51

5 | Een stad die samen zorgt 5.6 Wie is verantwoordelijk voor de ondersteuning van inwoners, en waar is deze ondersteuning georganiseerd?

OVERHEID ALS BASIS

Wie is verantwoordelijk voor de ondersteuning van inwoners? OVERHEID

Waar is ondersteuning georganiseerd?

OVERHEID

OVERHEID ALS BASIS

In dit kwadrant ziet de overheid zichzelf als verantwoordelijke voor ondersteuning van inwoners en als de plek waar dit georganiseerd dient te worden. In de praktijk betekent dit dat er naast wettelijke taken ook bovenwettelijke ondersteuning georganiseerd is bij de gemeente. Inwoners kunnen zowel met grote als kleine hulpvragen aankloppen bij de gemeente. Dat kan

SAMENLEVING

SAMENLEVING

FOCUS OP WETTELIJKE TAKEN

FOCUS OP DE SOCIALE BASIS

SAMENLEVING ALS BASIS

gaan over geldzaken, maar ook over opvoed- en opgroeiproblematiek of hulp bij het creëren van structuur in de dag. Individuele inwoners krijgen individuele ondersteuning van een medewerker van de gemeente. Er zijn wel maatschappelijke partijen in de stad, maar zij zijn meer op zichzelf aangewezen en krijgen minder aandacht en geld vanuit de gemeente.

FOCUS OP DE SOCIALE BASIS

Hier ontmoeten inwoners de overheid in de samenleving. De overheid ziet zichzelf als verantwoordelijk voor het welbevinden van alle inwoners, maar heeft de ondersteuning van inwoners meer op afstand georganiseerd, in de sociale basis. De maatschappelijke partners vormen de cruciale schakel tussen de overheid en inwoners. Zij bieden laagdrempelig Strategische Verkenningen Gouda, 2026

52

5 | Een stad die samen zorgt

ondersteuning aan inwoners, stimuleren onderlinge verbinding door ondersteuning vaak collectief aan te bieden en ondersteunen op allerlei plekken initiatief van inwoners zelf. Zo worden bijvoorbeeld vrijwilligers en mantelzorgers goed ondersteund, omdat zij cruciaal zijn voor de verbinding in de stad en de ondersteuning van kwetsbare inwoners. De gemeente besteedt minder geld aan de wettelijke taken en zet structureel in op het versterken van de sociale basis via maatschappelijke partners. Bijvoorbeeld door meer in te zetten op indirecte ondersteuning aan inwoners via vrijwilligersorganisaties in plaats van individuele ondersteuning direct aan inwoners. Het doel is dat inwoners dichtbij laagdrempelige ondersteuning vinden en dat het ontstaan en verergering van problematiek voorkomen worden. Daarmee nemen kosten voor specialistische zorg af. De gemeente werkt intensief met maatschappelijke partners in de sociale basis samen om zo gemeentelijke ambities en financiën, en signalen vanuit de stad bij elkaar te brengen.

SAMENLEVING ALS BASIS

De overheid ziet de samenleving als primair verantwoordelijk voor het ondersteunen van inwoners. Vanuit de wet zijn er verplichtingen, die de gemeente zo sober mogelijk uitvoert. Inwoners zijn op elkaar aangewezen voor alle hulpvragen die niet vallen onder de wettelijke taken. Mantelzorgers en vrijwilligers zijn heel belangrijk, maar er is geen uitgebreide ondersteuning vanuit de gemeente voor hen. Ook de ondersteuning in de sociale basis van inwoners is sober. De gemeente verstrekt minder geld en het is vooral aan maatschappelijke partners onderling om elkaar te vinden. De gemeente neemt hierin geen actieve rol op zich.

FOCUS OP WETTELIJKE TAKEN

Dit scenario lijkt op het scenario hiervoor; de samenleving is aan zet. Wel ziet de gemeente een rol voor zichzelf als het gaat om het goed organiseren van ondersteuning voor inwoners die het meest kwetsbaar zijn en vanuit de wet recht hebben op ondersteuning. De wettelijke taken worden daarom niet zo sober mogelijk uitgevoerd. De toegang tot voorzieningen is

strak afgebakend, maar er is veel aandacht voor maatwerk en goede dienstverlening aan inwoners. De gemeente zet vooral in op het tegengaan van armoede, zware jeugdzorgproblematiek, het ondersteunen van inwoners met onbegrepen gedrag en dak- en thuisloze inwoners. Dit betekent dat het recht op ondersteuning zo wordt afgebakend dat inwoners met lichtere vormen van ondersteuning dit zelf of in hun netwerk moeten oplossen. De gemeente laat dus een deel van de inwoners los en laat het aan de samenleving om hen op te vangen. De keuze voor focus op wettelijke taken betekent ook dat ondersteuning aan maatschappelijke partners minder aandacht krijgt. Denk aan opvoedcursussen bij het Centrum voor Jeugd en Gezin en de ontmoetingsplekken in buurthuizen. De gemeente bekostigt vooral specialistische zorg en zet minder in op het voorkomen van problemen (preventie).

Strategische Verkenningen Gouda, 2026

53

5 | Een stad die samen zorgt

STRATEGISCHE AFWEGINGEN BALANS OVERHEID EN SAMENLEVING

4

1

5

Voor welke balans, voor welk kwadrant, kiest Gouda in de basis in de dynamiek tussen overheid en samenleving? Waar, op welke beleidsterreinen of thema’s, is differentiatie nodig? En wat betekent dat voor inwoners, partners, organisatiekracht en financiën?

Onderstaande vragen kunnen helpen bij het beantwoorden van de bovenstaande vraag: 1 Wil het nieuwe bestuur vasthouden aan de ingezette richting naar meer ondersteuning in de sociale basis, of kiest het nieuwe bestuur voor een andere balans? 2 Wil de gemeente meer nadruk leggen op individuele ondersteuning met een indicatie of meer op collectieve ondersteuning door maatschappelijke partners in de sociale basis? 3 Wil de gemeente sterker inzetten op preventie of er vooral zijn op het moment dat inwoners ondersteuning nodig hebben?

6

In hoeverre wil Gouda aanvullend beleid en extra regelingen organiseren bovenop de wettelijke taken, en welke begrenzing hoort daarbij? Wil de gemeente vooral inzetten op de meest kwetsbare inwoners of ook een breed ondersteuningsaanbod hebben voor alle inwoners? In hoeverre wil de gemeente inwoners die mantelzorger of vrijwilliger zijn actief ondersteunen of vindt de gemeente dit een verantwoordelijkheid van inwoners onderling?

26 In Gouda ervaren ruim 7.000 inwoners ernstige geluidhinder door verkeer, waarvan circa 4.000 ernstige slaapverstoring.

Opgave 3: Inzet op gezondheid en preventie Een opgave is het bepalen van het ambitieniveau van de gemeente op gezondheid en preventie, aanvullend op de wettelijke verplichtingen. Een integrale aanpak, waarin meerdere factoren die gezondheid beïnvloeden samenkomen, kan op lange termijn brede maatschappelijke effecten hebben en vraagt om afstemming tussen domeinen. De fysieke leefomgeving speelt hierin een rol. 9% van de inwoners26 ervaart ernstige geluidhinder en slaapverstoring door verkeer, met een verwachte toename door bevolkingsgroei en mobiliteit. Tegelijkertijd staan mogelijkheden voor spelen, bewegen en ontmoeten in de openbare ruimte onder druk, terwijl juist rustige, groene en aantrekkelijke plekken bijdragen aan fysieke en mentale gezondheid, preventie en sociale verbinding. Het beperken van gezondheidsschade vraagt daarom om bewuste ruimtelijke keuzes, zoals rustige zijden van woningen, stille plekken én beweeg- en ontmoetingsruimten die aansluiten bij de behoeften van verschillende doelgroepen. Dit raakt aan de verschillende keuzes die in de schaarse ruimte van Gouda moeten worden gemaakt, zoals beschreven in hoofdstuk 3.

Strategische Verkenningen Gouda, 2026

54

5 | Een stad die samen zorgt

Tegelijkertijd zijn de structurele middelen beperkt en is de gemeente sterk afhankelijk van tijdelijke en aflopende rijksmiddelen (zoals IZA, GALA en AZWA), met onzekerheid over het vervolg. Verkokering van budgetten via specifieke uitkeringen (SPUK’s) beperkt de flexibiliteit. Dit maakt het noodzakelijk om keuzes te maken over de inzet van middelen, of om structurele financiering te verruimen.

STRATEGISCHE AFWEGINGEN GEZONDHEID

1

2

Wat is het ambitieniveau van de gemeente op het gebied van gezondheid en preventie, aanvullend op de wettelijke taken? Er kan bijvoorbeeld worden doorgegaan met investeren in gezondheid en preventie via tijdelijke Rijksmiddelen, waarbij er bewustzijn is bij de inzet ervan dat ze tijdelijk zijn. Er kan focus worden aangebracht in de aanpak, bijvoorbeeld op ouderen of op mentale gezondheid.

INFORMATIEBLOK: STRATEGISCH PARTNERSCHAP ONDERWIJS De gemeente heeft veel belang bij een goede samenwerking met het onderwijs. Niet alleen is de gemeente verantwoordelijk voor onderwijshuisvesting (zie hoofdstuk 3), scholen hebben ook grote maatschappelijke waarde omdat er veel overeenkomsten zijn in de uitdagingen waar scholen en de gemeente tegenaan lopen, zoals jeugdzorgproblematiek, vroegtijdig schoolverlaters, nieuwkomers en segregatie (zie ook hoofdstuk 6). Daarnaast is het onderwijs nodig om de innovatiekracht op niveau te houden, werkenden om- en bij te scholen en de studenten voor te bereiden om de arbeidsmarkt van de toekomst. Ook liggen er over en weer kansen in de oplossingen van deze vraagstukken, bijvoorbeeld in de koppeling van onderwijstrajecten aan vragen uit de maatschappij en het bedrijfsleven. Daarom is de afgelopen periode sterk ingezet op goede samenwerking met het onderwijs.

Uitdagingen De gemeente heeft wel een belang, maar geen invloed op scholen. Wetgeving en financiering gaan buiten de gemeente om. Wel ontvangen gemeenten financiering voor de aanpak van onderwijsachterstanden. Deze subsidie is door het rijk voor 2026 met bijna 10% verlaagd. Wat er in 2027 gaat gebeuren en of en hoe de subsidie blijft bestaan is onduidelijk. In 2026 wordt deze verlaging nog opgevangen vanuit de opgebouwde reserves, maar dit is geen oplossing voor de langere termijn. Dit vraagt om de volgende afwegingen: 1 Welke positie kiest het nieuwe bestuur in de samenwerking met het onderwijs? 2 In hoeverre is de gemeente bereid eigen middelen in te zetten voor de versterking van de samenwerking met het onderwijs en het tegengaan van kansenongelijkheid in het onderwijs? Of wil het nieuwe bestuur (andere) keuzes maken binnen de bestaande middelen over de inzet hiervan?

Strategische Verkenningen Gouda, 2026

55

6 | Een stad die beschermt 6.1 Meldingen overlast door verwarde personen Per 10.000 inwoners 120

Inleiding In Gouda is veel maatschappelijke kracht aanwezig. Dit vormt de basis van de veiligheid en leefbaarheid van de stad. Inwoners en ondernemers die naar elkaar omkijken, verantwoordelijkheid nemen en signalen delen, leveren daarbij een wezenlijke bijdrage. Van buren die een oogje in het zeil houden tot vrijwilligers, wijkteams en buurtinitiatieven die actief betrokken zijn bij hun straat of wijk: deze betrokkenheid raakt niet alleen aan leefbaarheid, maar ook direct aan veiligheid. Veiligheid en verantwoordelijkheid gaan daarbij hand in hand. Vertrouwen, sociale samenhang en onderlinge verantwoordelijkheid bepalen in belangrijke mate hoe weerbaar een stad is tegen onveiligheid en ontwrichting. Tegen deze achtergrond vraagt veiligheid in Gouda om een evenwichtige inzet waarin eigen verantwoordelijkheid, preventie, ondersteuning, repressie en handhaving elkaar

Gouda Nederland

100

aanvullen. Veiligheid staat daarbij niet los van andere beleidsterreinen, maar vormt het punt waar keuzes in het sociale, ruimtelijke en economische domein hun weerklank krijgen. Investeringen aan de voorkant in sociale stabiliteit, ondersteuning en leefbare wijken beïnvloeden direct de aard en omvang van veiligheidsvraagstukken die later ontstaan, zonder dat de noodzaak tot ingrijpen ooit geheel verdwijnt. Het veiligheidsdomein laat daarmee zien waar deze keuzes voldoende effect sorteren en waar aanvullende begrenzing, correctie of bijsturing nodig blijft. Respectvol omgaan met elkaar, en met iedereen die een publieke taak vervult, hoort daarbij. Daarbij strekt veiligheid zich inmiddels uit over zowel het fysieke als het digitale domein. Online en offline leefwerelden zijn met elkaar verweven; digitale dreigingen, desinformatie en online aangejaagde ordeverstoringen kunnen directe fysieke gevolgen hebben in buurten en op straat.

80 60 40 20

15 016 017 018 019 020 021 022 023 2 2 2 20 2 2 2 2 2 Politie

6.2 Aandeel meisjes in minderjarige verdachten

15.600 JONGEREN

17.500

JONGEREN

6.6 Ontwikkeling aantal woningen 50.000 40.000 30.000

20

%

MEISJES

2021

26

%

MEISJES

2022 CBS

20.000

Strategische Verkenningen Gouda, 2026 10.000

56

6 | Een stad die beschermt

Effectief handelen vraagt om goed zicht en inzicht. Zicht ontstaat door het signaleren van ontwikkelingen, incidenten en patronen via meldingen, data en ervaringen van inwoners en professionals. Inzicht ontstaat wanneer deze signalen worden geduid, verbonden en in samenhang worden bezien, over domeinen en organisaties heen. Door deze beelden intern te delen en gezamenlijk te interpreteren, kan de gemeente gerichter bepalen waar, wanneer en hoe interventies het meest effectief zijn. De verbinding tussen zorg en veiligheid is voor gemeenten een wezenlijk onderdeel van hun maatschappelijke opdracht. Gemeenten staan dicht bij inwoners en hebben zowel verantwoordelijkheden in het organiseren van ondersteuning als een regierol in het bevorderen van een veilige en leefbare omgeving. In de praktijk betekent dit dat vraagstukken rond zorg, preventie en veiligheid niet los van elkaar kunnen worden benaderd, zeker niet in complexe situaties zoals bij verward gedrag, jeugdoverlast of intimidatie. Het veiligheidsdomein fungeert hierin niet alleen als uitvoerder, maar ook als signaalgever: incidenten en overlast laten zien waar draagkracht ontbreekt en waar eerder ingrijpen of andere keuzes nodig zijn. De wijze waarop het gemeentebestuur positie kiest in relatie tot inwoners, maatschappelijke

organisaties en partners werkt daarmee door in de weerbaarheid van de stad als geheel. Ook de ruimtelijke inrichting van de stad, economische ontwikkeling en de manier waarop ruimte wordt geboden aan ondernemerschap werken door in toezicht, handhaving en weerbaarheid. Keuzes over functiemenging, gebiedsinrichting en vestigingsmogelijkheden creëren kansen, maar brengen ook risico’s met zich mee die zich later kunnen manifesteren in overlast, onveiligheid of ondermijnende criminaliteit. Daarmee bepalen beslissingen in het fysieke en economische domein mede welke veiligheidsvraagstukken ontstaan en welke risico’s actief moeten worden afgedicht. Veiligheid fungeert als noodzakelijke begrenzing én als terugkoppeling: zij maakt zichtbaar waar risico’s blijven bestaan en waar eerdere keuzes vragen om heroverweging of aanscherping. De wijze waarop het bestuur hierin positie kiest, is bepalend voor de weerbaarheid van de stad in de komende jaren. Centrale vraag in dit hoofdstuk is: ■ Hoe wil het nieuwe bestuur de veiligheid en leefbaarheid van Gouda in samenhang versterken, binnen een duidelijke rolverdeling tussen gemeente, partners en inwoners? Strategische Verkenningen Gouda, 2026

57

6 | Een stad die beschermt

Trends en ontwikkelingen De integratie van zorg, veiligheid en leefbaarheid biedt kansen om stedelijke vraagstukken effectiever aan te pakken. Tegelijkertijd wordt het bestuur geconfronteerd met beperkte capaciteit en middelen. Dit vergroot de noodzaak om scherp te prioriteren: waar heeft inzet het meeste effect en waar zijn grenzen onvermijdelijk? De onderstaande trends schetsen de context waarbinnen deze keuzes moeten worden gemaakt. Integratie van zorg en veiligheid Veel veiligheidsvraagstukken hangen nauw samen met zorg- en sociale problematiek. In de zorg- en veiligheidsketen is sprake van een stapeling van problemen, waarbij mentale problematiek, verslaving, schulden, instabiele thuissituaties en criminaliteit elkaar versterken. Het aantal meldingen over personen met verward gedrag bij politie en gemeenten is de afgelopen jaren sterk toegenomen. Ook in Gouda is dit zichtbaar. Politiecijfers laten zien dat in Gouda het aantal registraties overlast door verwarde personen structureel hoger ligt

27 Bron: Politieregistraties overlast door verward persoon (E33) 28 Bron: Politieregistraties overlast jeugd 29 Bron: Jongeren met jeugdreclassering

dan in Nederland27. Financiële middelen voor preventieve inzet zijn vaak tijdelijk van aard, zoals ook beschreven in hoofdstuk 5. De geregistreerde jeugdcriminaliteit in Nederland is de afgelopen decennia sterk afgenomen. Tussen 2012 en 2023 daalde het aantal jeugdige verdachten met ruim 40%, terwijl drugsmisdrijven en vuurwapenbezit relatief stabiel bleven. Tegelijkertijd is de afname onder meisjes minder sterk dan onder jongens. Tussen 1996 en 2019 nam criminaliteit onder meisjes zelfs sterker toe, en in 2022 bereikte het aandeel vrouwelijke verdachten (12–18 jaar) met ruim een kwart een historisch hoog niveau. In Gouda wijken recente ontwikkelingen af van de landelijke trend. Waar jeugdoverlast nationaal in 2025 afneemt, is in Gouda drie kwartalen op rij een stijging zichtbaar28. Ook ligt het aandeel jongeren met een jeugdreclasseringsmaatregel in Gouda met 0,4% iets boven het landelijk gemiddelde van 0,3%29. In het coalitieakkoord Aan de slag 2026–2030 wordt ingezet op een gecoördineerde aanpak van radicaliserende jongeren, met nadruk op preventie en vroegsignalering. Dit vraagt om een samenhangende aanpak met sociaal domein en onderwijs.

In de gemeente Gouda verblijven relatief veel arbeidsmigranten, naar schatting tussen de 2.700 en 4.100 personen. Bij verlies van werk verliest een deel van hen ook de huisvesting, wat leidt tot een toename van dakloze arbeidsmigranten. Dit plaatst hen in een kwetsbare positie en brengt zorg- en veiligheidsvraagstukken met zich mee. Door ontbrekende of onvolledige inschrijving in de Basisregistratie Personen ontbreekt bovendien goed inzicht in de werkelijke aantallen en de leefomstandigheden van deze groep. In het nationale coalitieakkoord Aan de slag 2026– 2030 wordt ingezet op het beter beschermen van de positie van arbeidsmigranten. Daarbij wordt meer verantwoordelijkheid gelegd bij werkgevers voor huisvesting en registratie. De huidige problematiek van arbeidsmigranten vraagt om een samenhangende aanpak over de verschillende domeinen en gemeentegrenzen heen, van huisvesting tot overlast. Verdieping ondermijnende criminaliteit Georganiseerde criminaliteit manifesteert zich lokaal en raakt direct aan woonwijken, bedrijven en maatschappelijke sectoren. Door de combinatie van omvangrijke criminele vermogens en de toegang tot zware

Strategische Verkenningen Gouda, 2026

58

6 | Een stad die beschermt

geweldsmiddelen kunnen criminele netwerken invloed uitoefenen en druk zetten op de samenleving. Dit vergroot de risico’s voor de integriteit van het openbaar bestuur en de veiligheid van bestuurders en ambtenaren, en tast het vertrouwen in overheid en rechtsstaat aan. In Gouda is een stijging zichtbaar in het aantal meldingen van ondermijnende criminaliteit30. Op de ranglijst van meest ondermijningsgevoelige gemeenten staat Gouda op plaats 44 van de 352 gemeenten31. Naast drugscriminaliteit en geweld neemt ook zorgcriminaliteit in urgentie toe. Hierbij wordt de zorgsector misbruikt voor financieel gewin. De totale omvang van zorgfraude in Nederland wordt geschat op meerdere miljarden euro’s; de exacte omvang in Gouda is niet bekend. De Nationaal Rapporteur Mensenhandel signaleert daarnaast een stijging van het aantal slachtoffers van mensenhandel en illegale prostitutie, een ontwikkeling die ook in Gouda zichtbaar is. Criminele netwerken maken daarbij steeds geraffineerder gebruik van legale structuren, waardoor risico’s minder zichtbaar worden en moeilijker te bestrijden zijn. De gemeente Gouda vergroot het zicht en

inzicht in deze structuren door het actualiseren van het Bibob-beleid en het versterken van de informatiepositie, om risico’s beter te signaleren en gericht te kunnen optreden. Verdichting en zichtbaarheid van problemen Gouda is een uitzonderlijk dicht bevolkte stad (zie hoofdstuk 1) waarin de beschikbare ruimte intensief wordt gebruikt (zie hoofdstuk 3). Dit vergroot de zichtbaarheid en ervaren impact van veiligheidsvraagstukken in de openbare ruimte. Klassieke problemen zoals overlast, jeugdgroepen en vermogenscriminaliteit blijven aanwezig, maar zijn steeds vaker verweven met onderliggende sociale en zorgproblematiek. Door de hoge dichtheid is de inrichting en het beheer van de openbare ruimte van groot belang voor het veiligheidsgevoel op straat. Een groot deel van de Gouwenaars ervaart overlast van rondslingerend vuil. Daarnaast worden overlast door verwarde personen, jeugdoverlast en overlast gerelateerd aan alcohol- of drugsgebruik vaak genoemd. Ook straatintimidatie, zoals nastaren, naroepen en achterna lopen, vormt voor een deel van de inwoners een probleem.

30 Onder ondermijning wordt verstaan: de aantasting van de rechtsstaat en het maatschappelijk vertrouwen door georganiseerde criminaliteit, waarbij criminele activiteiten en vermogens zich vermengen met de legale economie en het dagelijks leven. Dit uit zich onder meer in verwevenheid tussen onder- en bovenwereld, misbruik van legale structuren, intimidatie en geweld, en druk op bestuur, ambtenaren en maatschappelijke organisaties. 31 Bron: Onderwereldkaart Schulden, drugs, risicojongeren: deze gemeenten zijn het kwetsbaarst voor zware criminelen

6.3 Aantal meldingen ondermijnende criminaliteit 2023

101 2024

136

2025

160 Gemeente Gouda

6.4 Misdrijven Per 10.000 inwoners 600

Gouda Nederland

500

400

19 20

20 20

21 20

22 20

23 20

Politie

2.3 Demonstraties Aangemeld en plaatsgevonden 60 Strategische Verkenningen Gouda, 2026 50

59

6 | Een stad die beschermt

Weerbaarheid en veerkracht op lokaal niveau In augustus 2025 bracht de VNG de handreiking Weerbaarheid en veerkracht op lokaal niveau uit. Deze handreiking biedt gemeenten richting bij het versterken van lokale weerbaarheid in situaties van langdurige crisis en maatschappelijke ontwrichting. Zij sluit aan bij recente kabinetsbrieven over civiele paraatheid en crisisbeheersing, Europese paraatheidsstrategieën en NAVO-doelstellingen voor civiele weerbaarheid. Gemeenten worden hierin gepositioneerd als cruciale schakels, omdat de impact van crises zich het eerst en het meest voelbaar manifesteert op lokaal niveau.

Bestaande kaders Keuzes worden niet in een vacuüm gemaakt. Er bestaan al lokale, provinciale en landelijke kaders die de speelruimte voor het gemeentebestuur bepalen en begrenzen. De volgende paragraaf zet de belangrijkste daarvan op een rij.

32 Bron: Kamerbrief over de rol van de boa | Kamerstuk | Rijksoverheid.nl

Landelijke kaders Algemene wetten als de Gemeentewet, de Algemene wet bestuursrecht en bijzondere wetten waaronder de Wet Bibob, de Alcoholwet en de Wet op Kansspelen zijn van toepassing. Daarnaast heeft de minister van Justitie en Veiligheid op 2 oktober 2025 een aankondiging gedaan over de doorontwikkeling van het boa-bestel. Voor gemeenten ontstaat hierdoor een uitbreiding van de rol als werkgever. Deze versterkte werkgeversrol vraagt om organisatorische aanpassingen en wordt tussen nu en 2028 stapsgewijs ingevoerd32. Lokale kaders De Goudse gemeenteraad heeft op 27 september 2023 de kadernota Integraal Veiligheid Beleid vastgesteld voor de periode 2024-2027. Op 28 juli 2025 heeft het college het Bibob-beleid geactualiseerd. Daarnaast is de Algemene Plaatselijke Verordening Gouda (APV) van belang. Gouda heeft een handhavingsarrangement. Dit is een verplichte samenwerkingsafspraak tussen gemeente, politie en OM over taken, bevoegdheden, veiligheid en informatiedeling. Deze is verplicht voor de inzet van handhavers met geweldsbevoegdheid.

6.5. Meldingen overlast jeugd Per 10.000 inwoners

Gouda Nederland Gouda

6.5. Meldingen overlast jeugd 150 Per 10.000 inwoners

Nederland

120 150 90 120 60 90 30 60 30

21 20

22 20

23 20

21 19 20 20 20 20 6.6 Meldingen overlast Politie ivm alcohol/drugs Per 10.000 inwoners 6.6 60 Meldingen overlast ivm alcohol/drugs 50 Per 10.000 inwoners

22 20

23 20 Gouda

19 20

0 Politie

20 20

Nederland Gouda Nederland

60

40 50 30 40 20 30 10 20 0 10

19 20

20 20

21 20

22 20

23 20

19 20

20 20

21 20

22 20

23 20

0 Politie Politie

Strategische Verkenningen Gouda, 2026

60

6 | Een stad die beschermt

Opgaven en strategische afwegingen De vier opgaven die hierna volgen werken de samenhang tussen sociale stabiliteit, bestuurlijke keuzes en veiligheid uit langs verschillende lijnen. Zij maken concreet waar veiligheidsvraagstukken zich in Gouda manifesteren en welke keuzes en spanningsvelden daarbij voor het bestuur aan de orde zijn. Opgave 1: Aanpak van zorg- en veiligheidsproblematiek De toenemende verwevenheid van zorg- en veiligheidsvraagstukken vormt een urgent vraagstuk. De behoefte aan ondersteuning op het gebied van zorg, preventie en samenleven groeit sneller dan de beschikbare capaciteit en middelen, terwijl het sociale vangnet niet voor iedereen toereikend is. Hierdoor stapelen kwetsbaarheden zich op en ontstaan complexe situaties waarin psychische problematiek, verslaving, schulden, instabiele leefomstandigheden en crimineel gedrag samenkomen. Deze problematiek manifesteert zich zichtbaar in wijken en op locaties waar zorgbehoefte, kwetsbaarheden, gebrek aan sociale cohesie en veiligheidsrisico’s elkaar versterken.

Maatschappelijke ontwikkelingen vergroten de druk op deze opgave. Door de ambulantisering van de zorg wonen meer kwetsbare groepen zelfstandig in de wijk, waaronder mensen met verward of onbegrepen gedrag, ouderen, dak- en thuislozen, statushouders en mensen met verslavingsproblematiek. Ook jongeren die rond hun achttiende uit ondersteunende structuren vallen en dakloze arbeidsmigranten vormen specifieke risicogroepen. Tegelijkertijd staat de veiligheid en daarmee het sociaal weefsel in sommige wijken onder druk door criminele netwerken die inspelen op gelegenheidsstructuren, gevoelens van uitsluiting en het ontbreken van perspectief. Dit raakt niet alleen individuele zorgvragen, maar ook de weerbaarheid van de stad en het vertrouwen in de overheid.

6.7 Percentage van inwoners dat weleens (vormen van) intimidatie in openbare ruimte heeft meegemaakt

23,7% 2024 Stadspeiling

In de praktijk komen zorg- en veiligheidsvraagstukken steeds vaker samen in incidenten en escalaties. Dit vraagt om duidelijke keuzes over rolverdeling, escalatie en het moment waarop ondersteuning overgaat in begrenzing. De gemeente Gouda heeft, mede dankzij tijdelijke rijksmiddelen, een breed palet aan interventies ontwikkeld dat is gericht op zowel vroegtijdige ondersteuning als het begrenzen van ongewenst gedrag, met specifieke aandacht voor het voorkomen van afglijden van jongeren richting criminaliteit. Keuzes aan de voorkant werken direct door in de druk op toezicht, Strategische Verkenningen Gouda, 2026

61

6 | Een stad die beschermt

handhaving en bestuurlijke en/of strafrechtelijke inzet. Wanneer preventieve ondersteuning tekortschiet of wegvalt, verschuift problematiek vrijwel onvermijdelijk naar zwaardere vormen van ingrijpen. Het nieuwe bestuur staat daarmee voor de opgave om te bepalen in hoeverre preventieve inzet structureel wordt geborgd. Deze afweging raakt niet alleen het veiligheidsdomein, maar ook beleid op het gebied van zorg en ondersteuning, onderwijs, bestaanszekerheid, ruimtelijke opgaven en leefbaarheid. Door gerichte investeringen in samenwerking met partners en inzet op preventie kan escalatie worden voorkomen en kan de behoefte aan zwaardere veiligheidsinterventies worden beperkt. Zeker in het veiligheidsdomein geldt daarbij dat de gemeente afhankelijk is van partners zoals politie, OM, zorginstanties en woningcorporaties, die in veel gevallen primair aan zet zijn. De rol van het stadsbestuur is daarmee die van verbinder, regisseur en aanjager. De gemeente kan initiatief nemen, partijen bij elkaar brengen en afspraken borgen en een beperkte preventieve inzet plegen. Het is aan het bestuur om ten aan zien van de eigen inzet en de inzet op samenwerking met partners prioriteiten te stellen, verantwoordelijkheden te beleggen en het ambitieniveau vast te stellen.

STRATEGISCHE AFWEGING ZORG EN VEILIGHEID

1

a

b

c

Welke keuzes maakt een nieuw bestuur in de inzet op preventie op het snijvlak van zorg en veiligheid? Zet het nieuwe bestuur vooral in op brede ondersteuning vanuit het sociaal domein of wil het nieuwe bestuur daarnaast ook een aantal ontwikkelde interventies voor specifieke doelgroepen structureel borgen? Waar ligt de verdeling tussen vroegtijdige ondersteuning, begeleiding en begrenzing? Welke rolinvulling past hierin voor de gemeente?

Opgave 2: Tegengaan van ondermijnende criminaliteit Gouda is een ondernemende en open stad. Dit is een kracht, maar brengt ook kwetsbaarheden met zich mee die kunnen worden misbruikt door criminele netwerken. Het beschermen en versterken van de maatschappelijke en economische basis is daarmee een essentieel onderdeel van de aanpak van ondermijnende criminaliteit. Ondermijnende criminaliteit tast veiligheid en leefbaarheid aan doordat criminele activiteiten zich vermengen met legale structuren, zoals ondernemingen, vastgoed, zorg en arbeidsrelaties. Toegang tot geldstromen, huisvesting, afzetmarkten en mensen speelt daarbij een centrale rol. Net als bij de zorgen veiligheidsproblematiek ontstaat ruimte voor ondermijning soms ook waar perspectief ontbreekt of mensen zich buitengesloten voelen. Daarmee raakt ondermijning niet alleen aan criminaliteit, maar ook aan sociale weerbaarheid, vertrouwen in de overheid en het functioneren van het ondernemingsklimaat. Het onderdeel trends en ontwikkelingen laat zien dat Gouda in aanzienlijke mate gelegenheidsstructuren kent voor ondermijnende criminaliteit. De strafrechtelijke aanpak van georganiseerde misdaad ligt Strategische Verkenningen Gouda, 2026

62

6 | Een stad die beschermt

primair bij politie en justitie. Voor de gemeente ligt de opgave vooral in het voorkomen en beperken van maatschappelijke effecten en in het versterken van barrières die criminele activiteiten bemoeilijken. Dit vraagt om een flexibele, informatiegestuurde aanpak en nauwe samenwerking met regionale en landelijke partners. Een stevige informatiepositie, zicht en inzicht in risico’s en ontwikkelingen, vormt daarbij een noodzakelijke randvoorwaarde. Het nieuwe bestuur staat voor de opgave om te bepalen hoe de aanpak van ondermijnende criminaliteit wordt bestendigd en versterkt. Daarbij gaat het om bewuste keuzes over rolverdeling en inzet: waar de gemeente richtinggevend en faciliterend optreedt, bijvoorbeeld via vergunningverlening, toezicht, bewustwording en preventie, en waar samenwerking met veiligheidspartners in repressieve trajecten noodzakelijk is. Ook het beperken van neveneffecten, zoals schade aan leefbaarheid, ondernemerschap en vertrouwen in publieke en maatschappelijke instituties, maakt hiervan deel uit.

STRATEGISCHE AFWEGING ONDERMIJNENDE CRIMINALITEIT

1

a

b

Welke keuzes maakt het gemeentebestuur om het open en ondernemende karakter van Gouda te beschermen en tegelijkertijd de kwetsbaarheid voor ondermijnende criminaliteit duurzaam te beperken? Waar ligt het zwaartepunt tussen preventieve barrières, toezicht en repressieve samenwerking? Welke rolverdeling past tussen gemeente, ondernemers, maatschappelijke partners en veiligheidspartners?

Strategische Verkenningen Gouda, 2026

63

6 | Een stad die beschermt

Opgave 3: Veiligheid op straat Veiligheid op straat gaat over het prettig en veilig kunnen voelen en zijn in de openbare ruimte. In een dichtbevolkte stad als Gouda worden vormen van overlast en onveiligheid snel zichtbaar en vaak intens ervaren. Het betreft uiteenlopende verschijnselen, zoals afvaloverlast, jeugdoverlast, hinderlijk of gevaarlijk verkeersgedrag en overlast door mensen met verward of onbegrepen gedrag. Ook straatintimidatie, mede in samenhang met geweld tegen vrouwen, krijgt daarbij toenemende maatschappelijke aandacht. De manier waarop inwoners elkaar ontmoeten, aanspreken en naar elkaar omkijken speelt een belangrijke rol in het ervaren veiligheidsniveau. Sterke sociale samenhang en betrokken buurten dragen bij aan informele sociale controle en vergroten de weerbaarheid tegen overlast en onveiligheid. Waar het sociale weefsel onder druk staat, worden spanningen sneller zichtbaar. De gemeentelijke opgave ligt daarom niet alleen in het beperken van overlast, maar ook in het zodanig inrichten en beheren van de openbare ruimte dat ontmoeting, verbondenheid en sociale veiligheid worden ondersteund, in combinatie met duidelijke kaders, toezicht en samenwerking.

Veiligheid op straat vraagt om bestuurlijke prioritering. Niet alle vormen van overlast en onveiligheid kunnen gelijktijdig en met dezelfde intensiteit worden aangepakt. Het nieuwe bestuur zal moeten bepalen welke vormen van problematiek het meest urgent zijn om aan te pakken. Legt het bestuur het accent bij vormen van onveiligheid en overlast met een hoge maatschappelijke en persoonlijke impact (ernstig maar relatief beperkt in aantal), of bij vormen van overlast die breed worden ervaren en het dagelijks leefklimaat beïnvloeden (minder ernstig, maar veelvuldig voorkomend)? De keuzes die een nieuw bestuur maakt, bepalen waar de beschikbare inzet wordt geconcentreerd en welke verwachtingen richting de stad worden gewekt.

STRATEGISCHE AFWEGINGEN VEILIGHEID OP STRAAT

1

2

Welke prioriteiten stelt het gemeentebestuur bij het bevorderen van veiligheid en leefbaarheid in de openbare ruimte? Kiest het nieuwe bestuur voor de meer preventieve aanpak in het vergroten van de veiligheid op straat zoals inrichting van de openbare ruimte, preventieve maatregelen, of juist voor de repressieve kant zoals toezichthouden en handhaven?

Deze afweging hangt direct samen met de inzet van handhavers. Handhavers zijn het zichtbare aanspreekpunt in de openbare ruimte, maar hun inzet is begrensd door capaciteit en door de keuzes die het bestuur maakt over wat voorrang krijgt. Tegelijkertijd wordt het werk op straat steeds complexer. Dat vraagt om professionele vaardigheden, gerichte training en handhavers die integraal kunnen handelen in uiteenlopende en soms spanningsvolle situaties. Zonder duidelijke keuzes in hun inzet neemt de effectiviteit op alle vlakken af.

Strategische Verkenningen Gouda, 2026

64

6 | Een stad die beschermt

Opgave 4: Weerbaarheid en veerkracht Weerbaarheid en veerkracht vragen om een duidelijke positionering. Door toenemende geopolitieke spanningen, hybride dreigingen, cybercriminaliteit, klimaatverandering en het reële risico op langdurige verstoring van vitale processen zoals energie, water en communicatie, wordt steeds duidelijker dat crises niet alleen acuut zijn, maar ook langdurig en ontwrichtend kunnen uitwerken. Digitale dreigingen hebben daarbij steeds vaker directe fysieke gevolgen: cyberaanvallen, digitale spionage of online aangejaagde ordeverstoringen kunnen vitale processen verstoren, de openbare orde onder druk zetten en het lokaal bestuur raken. De scheidslijn tussen online en offline veiligheid vervaagt daarmee. De impact van dergelijke verstoringen wordt uiteindelijk lokaal gevoeld: in buurten, netwerken en voorzieningen, waar zij direct doorwerken in veiligheid, leefbaarheid en sociale stabiliteit, en raakt in het bijzonder inwoners en groepen die minder vanzelfsprekend kunnen meedoen. Voor Gouda betekent dit dat weerbaarheid niet uitsluitend kan worden benaderd als een technische of organisatorische opgave rond crisisbeheersing en vitale infrastructuur. In samenhang met de eerdere opgaven rond

zorg, (cyber)veiligheid en leefbaarheid hangt de weerbaarheid van de stad in belangrijke mate samen met sociale stabiliteit, onderlinge verbondenheid en vertrouwen in het bestuur. Een stad met een sterk sociaal weefsel is beter in staat om schokken op te vangen en langdurige ontwrichting te doorstaan. Onderlinge betrokkenheid tussen inwoners, maatschappelijke organisaties en netwerken fungeert daarbij als beschermende factor tegen onveiligheid, polarisatie en maatschappelijke ontwrichting. De gemeente kan voorwaarden scheppen voor ontmoeting, samenwerking en initiatief, maar kan maatschappelijke verbondenheid niet afdwingen. De zelf- en samenredzaamheid van inwoners, organisaties en bedrijven vormt daarom een essentieel onderdeel van de weerbaarheidsopgave. Thema’s als eenzaamheid, bestaanszekerheid, ondermijning, desinformatie en bestuurlijke weerbaarheid komen hierin samen en versterken elkaar. Het nieuwe bestuur staat voor de opgave om positie te kiezen in een context waarin landelijke en regionale kaders mede richting geven aan de lokale weerbaarheidsagenda. Ook zonder expliciete keuzes wordt de

koers beïnvloed door ontwikkelingen vanuit het Rijk en de veiligheidsregio. De kern van deze opgave ligt in het bepalen van richting, ambitie en rolopvatting: beperkt tot het op orde brengen van de interne organisatie en basiscommunicatie, of aanvullend als actieve, verbindende en coördinerende partij in de stad. Als bestuurslaag die het dichtst bij de samenleving staat, vervult de gemeente hierin een sleutelrol.

STRATEGISCHE AFWEGINGEN WEERBAARHEID

1

2

Welke rol en verantwoordelijkheid kiest de gemeente Gouda in het versterken van de weerbaarheid van de stad? In welke mate positioneert Gouda zich als actieve, verbindende en coördinerende partner richting maatschappelijke organisaties, netwerken en buurten binnen de weerbaarheidsopgave?

Strategische Verkenningen Gouda, 2026

65

7 | Een stad die samenwerkt Inleiding In deze strategische verkenningen worden de belangrijkste opgaven voor de gemeente Gouda beschreven. Bijna al die opgaven overstijgen onze gemeentegrenzen. Of het nu gaat om energietransitie, de inkoop van jeugdzorg en Wmo, economie, woningbouw of mobiliteit: de schaal van Gouda is vaak te klein om deze vraagstukken zelfstandig en effectief aan te pakken. Regionale samenwerking is daarmee geen vrije keuze, maar noodzakelijk om maatschappelijke doelen te realiseren. Tegelijkertijd brengt samenwerking ook verschillende spanningen met zich mee. Dit hoofdstuk schetst de belangrijkste ontwikkelingen, spanningen en afwegingen rond het samenwerken in samenwerkingsverbanden voor de gemeente Gouda. De positie van Gouda Om die spanningen te kunnen begrijpen is het belangrijk om de positie van Gouda te schetsen. Gouda ligt in de Regio Midden-Holland op

een strategisch snijpunt. Midden-Holland is een regio midden in de Randstad, in het Groene Hart, maar tegelijkertijd in verbinding met de grote steden. In het westen heeft de regio, o.a. Zuidplas Cortelande en Westergouwe, een sterke oriëntatie richting de Metropoolregio Rotterdam Den Haag. Gouda ligt aan de A12 corridor en is onderdeel van het grootstedelijk netwerk met vraagstukken rond leefbaarheid en bodemdaling die ook in andere delen van de Zuidelijke Randstad spelen. In het oosten maakt de regio juist deel uit van het Groene Hart. Dit zorgt voor de gemeente Gouda voor een dubbele oriëntatie met soms tegenstrijdige belangen (verstedelijking vs. landschap/natuur) die in de regionale samenwerking continu afgewogen moeten worden.

7.1 Regio Midden-Holland

Steeds meer samenwerkingsverbanden Een groeiend aantal grensoverstijgende opgaven hebben geleid tot een sterke toename van samenwerkingsverbanden. Gemeenten maken in 2024 gemiddeld deel uit van 42 samenwerStrategische Verkenningen Gouda, 2026

66

7 | Een stad die samenwerkt

kingsverbanden. Dit leidt tot een "lappendeken" die geografisch en inhoudelijk overlapt en een druk legt op de bestuurlijke en ambtelijke capaciteit. Gemeenten werken op verschillende manieren samen: ■ Verplichte samenwerkingsverbanden De wet schrijft deze samenwerking dwingend voor. Gemeenten hebben hierin geen keuze. (Voorbeelden: Veiligheidsregio’s, GGD, Omgevingsdiensten). ■ Semi-verplichte samenwerkingsverbanden Landelijk beleid of strenge criteria maken samenwerking in de praktijk noodzakelijk om taken uit te voeren. (Voorbeelden: Arbeidsmarktregio’s, Jeugdzorg, RES). ■ Vrijwillige samenwerkingsverbanden Gemeenten hebben een vrije keuze om samen te werken. (Voorbeelden zijn: G40, Economic Board Zuid-Holland). De ruime meerderheid van de samenwerkingsverbanden valt in de laatste categorie, wat de gemeente Gouda keuzevrijheid geeft. Toch is die vrijheid betrekkelijk: veel opgaven overstijgen het lokale schaalniveau en vragen om gezamenlijk optrekken. Bovendien benaderen het Rijk en de provincie steeds vaker de regio als gesprekspartner in plaats van afzonderlijke gemeenten. Dat maakt regionale samenwerking niet alleen wenselijk, maar in toenemende mate

ook noodzakelijk. Elk samenwerkingsverband kent een eigen governance, financiële afspraken en beleidsruimte. Deze samenwerkingen bieden een platform om afspraken te maken met partners en geven toegang tot expertise, lobby- en uitvoeringskracht en externe middelen. Daarnaast bieden zij een multiplier effect: door gezamenlijk op te trekken vergroot Gouda de kans op subsidies en financiële bijdragen die individueel niet bereikbaar zouden zijn. Deelname vraagt echter ook bestuurlijke en ambtelijke inzet, en vergt soms specifieke expertise die niet automatisch aanwezig is in de ambtelijke organisatie. Keuzes voor samenwerkingsverbanden en samenwerkingsdoelen Hierin ligt een dilemma: de gemeente Gouda heeft verschillende samenwerkingsverbanden nodig om Goudse belangen en doelstellingen te behartigen en realiseren, maar tegelijkertijd vraagt dit veel inzet om grip en sturing op deze samenwerkingsverbanden uit te oefenen. Een keuze in welke samenwerkingsverbanden je investeert moet volgen uit de inhoudelijke prioriteit. Voor de gemeente Gouda zijn bijvoorbeeld de volgende samenwerkingsdoelen van belang:

■ Mobiliteit: betere ontsluiting van de westkant van Gouda en de regio, met prioriteit voor Station Gouda-Zuidplas, de Doorfietsroute Gouda–Rotterdam en verbeteringen aan de N207 en N457. ■ Wonen: meer betaalbare woningen, versterking van de investeringscapaciteit van woningcorporaties en behoud van de sociale woningvoorraad. ■ Economie: een toekomstbestendige regionale economie, met ruimte voor bedrijfsverplaatsingen (de 'regionale schuifpuzzel'), hogere milieucategorieën ten behoeve van circulaire economie, en het verzilveren van zachte plancapaciteit. ■ Bodemdaling: structurele rijksmiddelen voor onderhoud en funderingsherstel, en eerlijke compensatie voor de extra beheerskosten die bodemdaling met zich meebrengt. ■ Onderwijshuisvesting: voldoende rijksmiddelen voor nieuwbouw en renovatie van schoolgebouwen. ■ Jeugdzorg: betaalbare en beschikbare zorg voor de meest kwetsbare inwoners, binnen een jeugdstelsel dat goed werkt, beter beheersbaar is en financieel houdbaar blijft. ■ Weerbaarheid: veerkracht lokaal versterken door heldere afspraken met medeoverheden over rollen, taken en verantwoordelijkheden, zoals communicatie, noodsteunpunten en bevolkingszorg. Strategische Verkenningen Gouda, 2026

67

7 | Een stad die samenwerkt

Voor het nieuwe gemeentebestuur is het zaak om duidelijke lobbydoelen op te stellen en daarin prioriteiten te stellen. Niet alle doelen kunnen tegelijk met dezelfde intensiteit worden nagestreefd. We weten welke thema’s voor Gouda urgent zijn, maar de vraag is: welke thema’s wil het nieuwe gemeentebestuur zich het meest voor inspannen, en waar ligt de grootste kans op resultaat? Voor de gemeente Gouda zijn hierin vooral de volgende strategische samenwerkingsverbanden relevant: ■ Regio Midden-Holland ■ Netwerksamenwerking Alphen-GoudaWoerden ■ Bestuurlijk Platform Groene Hart/ Novex Groene Hart ■ Economic Board Zuid-Holland ■ G40 ■ VNG/ VZHG ■ Novex Zuidelijke Randstad ■ Platform Slappe Bodem ■ Veiligheidsregio Hollands Midden Het nieuwe bestuur staat voor de opgave om hier duidelijke keuzes in te maken: welke samenwerkingen krijgen prioriteit, waar investeert de gemeente Gouda in positionering, en waar accepteert de gemeente een meer

volgende rol? Zonder deze focus dreigt de gemeente Gouda overal mee te bewegen en minder gericht invloed uit te oefenen. Grip op samenwerkingsverbanden Meer regionale samenwerking levert slagkracht op, maar heeft een keerzijde: minder lokale beleidsvrijheid en democratische controle op afstand. Daarbij is het goed om te beseffen dat samenwerkingsverbanden sterk uiteenlopen in aard en doel. Sommige zijn primair gericht op gezamenlijke uitvoering of het bundelen van kennis en capaciteit omwille van efficiëntie, andere op beleidscoördinatie of gezamenlijke lobby. De wijze waarop de raad grip kan uitoefenen verschilt daarmee per samenwerkingsverband. Gemeenteraden ervaren vaak een gebrek aan grip, waardoor het gevoel kan ontstaan dat samenwerkingsverbanden in een democratisch gat opereren. De herziene Wet gemeenschappelijke regelingen (2022) biedt de raad weliswaar meer instrumenten om kaders te stellen en te controleren, maar die gelden alleen voor formele regelingen. Veel samenwerkingsverbanden zijn informeel van aard, zoals een convenant of bestuurlijke afspraak, en vallen daarmee buiten deze waarborgen. Dat maakt sturing complex: de gemeente Gouda kan niet overal even

dominant aanwezig zijn of op sturen, terwijl afwezigheid betekent dat anderen de koers bepalen. De afgelopen raadsperiode heeft de gemeenteraad gewerkt aan verschillende aanvullende sturingsmogelijkheden op gemeenschappelijke regelingen33.

STRATEGISCHE AFWEGINGEN SAMENWERKINGEN

1

2

3

Welke samenwerkingen en onderwerpen krijgen prioriteit? Waar investeert de gemeente Gouda in stevige positionering, en waar accepteert de gemeente een meer volgende rol? Waar is lokale autonomie gewenst en waar wegen schaalvoordelen of collectieve opgaven zwaarder? Hoe organiseert het gemeentebestuur de sturing en grip op het groeiend aantal samenwerkingsverbanden?

33 Bron: Initiatiefvoorstel Gemeente Gouda: Wijze van behandeling Gemeenschappelijke regelingen Gouda (25 juni 2025)

Strategische Verkenningen Gouda, 2026

68

8 | Een organisatie die ambities waar kan maken Inleiding De ambities die een nieuw bestuur de komende jaren wil waarmaken voor inwoners, ondernemers en de stad hangen direct samen met de kracht van de ambtelijke organisatie. Om ambities van een nieuw bestuur te realiseren is vakmanschap en een veilige, lerende werkomgeving randvoorwaardelijk. Om die randvoorwaarden te versterken is de afgelopen vier jaar geïnvesteerd in een robuustere organisatie. Robuust betekent dat de bedrijfsvoering is versterkt, de focus op uitvoering is vergroot en de organisatie logischer is ingericht met aandacht voor leiderschap. Tegelijkertijd verandert de context waarin wordt gewerkt snel: schaarste op allerlei vlakken, complexere opgaven, hoge verwachtingen en technologische versnelling vragen om samenhang, scherpe keuzes en slimmer werken. Dit hoofdstuk laat zien waar de ambtelijke organisatie nu staat en welke ontwikkeling nodig is om de komende jaren betrouwbaar te blijven leveren, voor, in en met de stad.

8.1 Bezetting in FTE Gemeente Gouda

800 700 600 500 400

Waar komen we vandaan? De afgelopen bestuursperiode heeft de gemeente Gouda gewerkt aan het versterken van de ambtelijke organisatie. De groei van de gemeentelijke opgaven is in eerdere jaren niet overal gevolgd door een evenredige versterking van de bedrijfsvoering. Hierdoor zijn kwetsbaarheden ontstaan, die de afgelopen periode gericht zijn aangepakt om de organisatie te verstevigen. Ook de sturing van de organisatie is verbeterd. De gemeente Gouda is daarmee minder afhankelijk geworden van tijdelijke oplossingen, zoals externe inhuur. Dit was nodig om plannen die worden gemaakt ook uit te kunnen voeren. Er is ook geïnvesteerd in vakmanschap en leiderschap, met aandacht voor de uitvoering. De organisatie is aangevuld met benodigde expertise, waardoor continuïteit en kwaliteit op belangrijke vakgebieden zijn versterkt. Op het gebied van digitalisering zijn stappen gezet richting betere digitale dienstverlening naar de stad en een modernere werkplek voor iedereen

21 20

20 20

23 20

22 20

24 20

25 20

Salarisbestand Gouda

8.2 Gemiddelde leeftijd Ambtenaren gemeente Gouda in 2024

46,8 jaar

Referentie gemeenten (50.000-100.000 inwoners)

44 jaar Gouda

A+O Monitor

8.3 Leeftijdsklasse Ambtenaren gemeente Gouda in 2024

25,2%

21,6%

A+O Monitor

28,5%

24,7% 0-34 jaar

45-54 jaar

35-44 jaar >55 jaar

Strategische Verkenningen Gouda, 2026

69

8 | Een organisatie die ambities waar kan maken

die werkt voor de gemeente. Daardoor is de technische basis stabieler en betrouwbaarder geworden. Waar staan we nu? De gemeente Gouda is een aantrekkelijke werkgever en een vitale en lerende organisatie. Er is slagkracht om de opgaven van de stad uit te voeren. Dat beeld wordt ondersteund door cijfers én door wat medewerkers zelf aangeven. In het Gouds Medewerkers Onderzoek zegt 88% enthousiast te zijn over de eigen baan en 95% voelt zich verantwoordelijk en betrokken. Ook sociale veiligheid is stevig. Meer dan 90% van de medewerkers voelt zich sociaal veilig en kan zichzelf zijn op het werk. Dat draagt direct bij aan kwaliteit, werkplezier en behoud van medewerkers. Daarnaast is de gemeente Gouda een relatief jonge organisatie. De gemiddelde leeftijd ligt rond de 44 jaar, lager dan bij vergelijkbare gemeenten. Dat helpt op de arbeidsmarkt: de gemeente Gouda is relatief goed in staat om vacatures te vullen en nieuwe collega’s aan te trekken. De organisatie beweegt ook intern. De doorstroom is hoog (12,6% tegenover 6,1% bij referentiegemeenten), wat past bij een organisatie waarin ontwikkeling en perspectief belangrijk zijn. Daarnaast is de gemeente Gouda minder kwetsbaar geworden door de

afbouw van externe inhuur: van ongeveer 30% in 2022 naar circa 20% in 2025. De gemeente Gouda is ook aantoonbaar vitaal en ontwikkelgericht. Het ziekteverzuim ligt lager dan bij vergelijkbare gemeenten (4,9% tegenover 6,2%). Daarnaast investeert de gemeente Gouda zichtbaar in leren en ontwikkelen, onder meer via een groot aantal VNG-trainees en hogere opleidingsuitgaven dan referentiegemeenten. In benchmarks valt bovendien op dat de gemeente Gouda de ondersteuning (overhead) relatief efficiënt organiseert. Dat is een kracht, maar vraagt ook om bewuste keuzes. Juist met een compacte overhead is het belangrijk om scherp te prioriteren en gericht te investeren in wat de uitvoering sterker maakt. Met dit beeld ligt nu de vraag voor hoe er keuzes worden gemaakt in schaarste die tegelijk de uitvoeringskracht en het werkplezier vasthouden. Dat vraagt om gerichte stappen om de organisatie koersvast te leiden en bestuurlijke keuzes te laten landen in de uitvoering, zodat Gouda ook de komende jaren betrouwbaar aan de slag blijft voor, in en met de stad.

8.4 Cijfers Gouds Medewerkerstevredenheidsonderzoek 2025

88%

is enthousiast over zijn baan.

95,1%

Voelt zich verantwoordelijk en betrokken

90,6% Voelt zich sociaal veilig

90,2% Kan zichzelf zijn

Strategische Verkenningen Gouda, 2026

70

8 | Een organisatie die ambities waar kan maken

Trends en ontwikkelingen De context waarin de ambtelijke organisatie werkt verandert snel en wordt complexer. Opgaven nemen toe en grijpen vaker in elkaar. Wonen, zorg, veiligheid, duurzaamheid en dienstverlening zijn niet meer los te organiseren. Tegelijk komen er nieuwe taken bij. Landelijke programma’s en regelgeving vragen meer tijd en verantwoording. Dat maakt het werk minder voorspelbaar en vraagt om wendbaarheid, goede afstemming en een rolvaste invulling van functies. Daar komt schaarste bij. De financiële ruimte staat onder druk door onzekerheid in rijksmiddelen en stijgende uitvoeringskosten, terwijl de arbeidsmarkt structureel krapper wordt. Juist in die combinatie zit de kern: als middelen en capaciteit beperkt zijn, moet de gemeente Gouda scherper kiezen om te bewaken dat ambities uitvoerbaar blijven. Anders ontstaat het risico dat incidentele financiering de norm wordt, terwijl duurzaam organiseren vraagt om structurele keuzes. Tot slot neemt de maatschappelijke druk toe. Ervaren polarisatie en afnemend vertrouwen maken het werk zichtbaarder en soms harder.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=14bb57b0-571b-4c44-af5c-b8e683c42bb2