CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

Rapportage over participatieproces VCP GO.pdf

Raadsvergadering 30 juni 2021, gemeente GoudaBij agendapunt: Verkeerscirculatieplan Gouda34.013 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Is bij deze kalibratie ook gecheckt, bijvoorbeeld met een selected link analyse, of de routekeuze uit het kentekenonderzoek correct in het model terecht is gekomen? Komen uit het model voor de huidige situatie dezelfde cijfers als uit het kentekenonderzoek? 4. Hoe is in het model omgegaan met routekeuzes die niet direct uit het kentekenonderzoek zijn te halen? Voorbeeld: de routekeuze vanaf de N207 west (Provincialeweg) naar de N207 zuid (Schoonhovens weg) – via de N207 of via locaties 11 en 1 – is slechts deels uit het kentekenonderzoek te halen. Hoe gaat het model hier mee om? 5. Door de keuze van de meetpunten bij het kentekenonderzoek lijkt het dat de woonwijk ‘Westergouwe’ met bestemming stad (P+R+H) buiten beschouwing wordt gelaten dan wel als ‘doorgaand’ aangemerkt. Deel 3: Veelvoud aan gereden kilometers door ‘omrijden’. Zoals bovenstaand onder vraag 2 beschreven is, volgens Gouda-Onderneemt, het probleem van doorgaand verkeer op de singels beperkt. Ergo het overgrote deel kan benoemd worden als bestemmingsverkeer. Indien de voorkeursvariant; ‘het Sectorenmodel’, met de z.g. knips 6

28

De getallen zijn inclusief het regionaal doorgaande verkeer

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

op de singels en de route Joubertstraat/Bodegraafsestraatweg wordt toegepast zal verkeer met bestemming P+R (Intercitystation) GHZ, of schouwburg moeten gaan omrijden. GoudaOnderneemt voorziet, op grond van de analyse van de door haar ingeschakelde deskundigen, een enorme toename van het aantal gereden kilometers als gevolg van dit ‘omrijden’. Voorbeeld: Bezoek schouwburg vanuit Krimpenerwaard (vanaf rotonde Stolwijkersluis) Huidig traject: Haastrechtse brug, Goejanverwelledijk, Fluwelensingel, Blekersingel en Schouwburglaan. Totaal 1,58 km

VCP traject: N228, Goverwellesingel, Goudse Houtsingel, Burgm. Van Reenensingel, Burgm. Mijssingel, Burgm. Jamessingel, Spoorstraat, Blekersingel en Schouwburglaan. Totaal 9,48 km

Gouda Onderneemt ziet graag de onderbouwing van het, door de wethouder eerder afgegeven statement dat de uitstoot van uitlaatgassen door de extra gereden kilometers van bestemmingsverkeer wordt gecompenseerd door de Gouwenaars die binnen Gouda de auto laten staan en op de fiets naar de binnenstad en overige bestemmingen gaan. Deel 4: Autoluwe binnenstad Onderdeel van het VCP is het weren/verbieden van auto’s van bezoekers in de binnenstad binnen de singels. Hierover hebben wij de volgende vragen: 29

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

• • • •

Welke positieve effecten verwacht men van deze maatregel? Hoe zijn deze gekwantificeerd en onderbouwd? Is de capaciteit van de parkeerterreinen en -garages voldoende , met name in piekuren, om een toename te kunnen verwerken? Wat is uw mening over de positie van en effecten voor de ondernemers zoals bijvoorbeeld Nieuwe Haven die nu nog per auto bereikbaar zijn?

Bij de afwegingen moet beseft worden dat de huidige congestie in de binnenstad, ons inziens, met name wordt veroorzaakt door bezorgend verkeer (volgens rapportage BCI 2.000 voertuigen per dag) vergunning-, ontheffingshouders en bewoners, gebruikers. Dit geldt ook voor de parkeerplaatsen. Ergo: er zijn meer vergunninghouders dan parkeerplaatsen. Er zal dus sprake zijn van substitutie/kannibalisme Het is belangrijk dat op basis van feiten en cijfers beter gediscussieerd kan worden over het nut en noodzaak van de maatregelen waardoor een afgewogen besluit kan worden genomen. Afsluiting Graag willen wij deze notitie willen bespreken in ons volgend Mobiliteitsoverleg van 10 februari a.s. Het is wellicht het meest effectief als de gemeente vooraf al schriftelijk reageert. In afwachting hiervan teken ik namens de mobiliteitscommissie van Gouda-Onderneemt. Jan Willem van der Wolf.

30

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

7

Reactie op notitie Gouda Onderneemt over VCP Gouda

Gouda Onderneemt (GO) heeft een notitie (d.d. 21 januari 2020) opgesteld met bezwaren/vragen over het Mobiliteitsplan, het VCP en een eerder uitgevoerd kentekenonderzoek . Samengevat stelt GO de volgende bezwaren/vragen: 1.

2.

3.

4.

Verduidelijking van de antwoorden op eerder gestelde vragen. GO stelt dat een objectief referentiekader ontbreekt en dat het ontbreken van de kwantitatieve benadering de probleemanalyse en keuze voor een voorkeursvariant lastig maakt. Ook is het lastig te beoordelen of de voorgestelde maatregelen in verhouding staan tot de problemen die opgelost moeten worden. Interpretatie kentekenonderzoek Vragen van GO hebben betrekking op definitie van sluipverkeer, interpretatie van het probleem, kalibratie van het verkeersmodel, routekeuze van sluipverkeer, en de aanmerking van Westergouwe-verkeer als doorgaand verkeer. Veelvoud aan gereden kilometers door ‘omrijden’ GO stelt dat door het voorgenomen maatregelenpakket het aantal gereden kilometers fors toeneemt. Autoluwe binnenstad GO vraagt zich af welke positieve effecten van deze maatregel worden verwacht, hoe deze zijn onderbouwd, of de parkeercapaciteit voldoende is en wat de effecten zijn voor ondernemers op bijvoorbeeld de Nieuwe Haven als bezoekers niet meer voor de deur kunnen parkeren.

Reactie: 1. Voor het VCP is een beoordelingskader opgesteld, en zijn voor een deel van de opgenomen indicatoren de effecten (verkeerseffecten, doorstroming/reistijd) kwantitatief onderbouwd, en deels kwalitatief (o.a. effecten op luchtkwaliteit, geluidshinder, verkeersveiligheid). In hoofdstuk 4 en in bijlage 2 van het rapport van het VCP wordt hier nader op in gegaan. Deze effecten alsmede de kansen die ontstaan om een bijdrage te leveren aan de gestelde ambities zoals duurzaamheid, aantrekkelijke binnenstad, leefbare woonwijken en bereikbaarheid zijn samengevat in een afwegingstabel van de drie varianten. Op basis daarvan is de voorkeursvariant gekozen. Diverse indicatoren kunnen inderdaad verder uitgewerkt of toegelicht worden, zodat gedetailleerder zicht is op de effecten en we daar transparanter over communiceren. De komende periode gebruiken we om effecten van het VCP nader te onderzoeken (zoals lucht- en geluidseffecten), en transparanter zijn in de afweging tot voorkeursvariant. We voorzien wel dat we in het participatietraject tot een ander/aangepast/beter maatregelpakket gaan komen door de inbreng van en gesprekken met bewoners en ondernemers. Naast het participatietraject zetten we 31

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

dan ook in op nader onderzoek naar de effecten van maatregelpakketten, het doorrekenen van nieuwe varianten, om uiteindelijk tot een beter plan te komen. Op dit moment zijn wel degelijk problemen in Gouda, die we op willen lossen: Verminderen van (ernstige) verkeersongevallen Verminderen van verkeersoverlast (verkeersonleefbaarheid, geluidshinder, luchtverontreiniging) in woonstraten, op de singels en in de binnenstad Het verminderen van het ruimtebeslag van stilstaan en rijdend verkeer in onze waardevolle en historische binnenstad Bevorderen van de doorstroming op de randwegen in 2030. We zien dat diverse kruispunten aan hun capaciteit gaan komen, wat leidt tot wachtrijvorming. Naast het oplossen van problemen, willen wij ook ambities verwezenlijken op het vlak van leefbaarheid, duurzaamheid, aantrekkelijke binnenstad en economische bereikbaarheid om de stad Gouda beter te maken. Door een goede autostructuur kunnen we kansen creëren voor extra groen, meer ruimtelijke kwaliteit, betere fietspaden, aantrekkelijke en veilige woonstraten, een goed ondernemersklimaat, en we tegelijkertijd de bereikbaarheid van de stad blijven borgen. De “ladder” van het Mobiliteitsplan van oplossingsrichtingen om het percentage doorgaand verkeer te verminderen, is ook gevolgd met de uitwerking van het VCP. Immers, naast sectorenmodel waren ook de varianten 30 km en eenrichtingsverkeer.

Hieruit blijkt dat het instellen en inrichten van wegen als 30 km/u straten (o.a. Fluwelensingel/Blekerssingel, Nieuwe Veerstal, Joubertstraat) niet het gewenste effect hebben in de routekeuze. Dit “stimuleert” verkeer onvoldoende om via de randwegen te gaan rijden. Dus oplossingsrichting 2,3 en 4 van de ladder bieden onvoldoende oplossend vermogen. Dat maakt dat wij op oplossingsrichting 5: “verkeersmaatregelen die dwingend werken op de gewenste routekeuze” uit komen. Deze oplossingsrichting bestaat ook uit diverse smaken, wat wij graag in het komende participatietraject met stakeholders gaan verkennen. 2.

Deze definitie staat inderdaad in het mobiliteitsplan. Regionaal doorgaand verkeer is al het verkeer wat door Gouda rijdt, en geen herkomst of bestemming heeft in Gouda zelf. De ambities en kaders voor het VCP zijn afkomstig uit het mobiliteitsplan en zijn ruimer dan enkel het sluipverkeer over woonstraten aanpakken. Daarom is het niet perse relevant wat de exacte definitie van sluipverkeer is. De gehanteerde ambities zijn: het verminderen van rijdend en stilstaand verkeer in de binnenstad, het verminderen van (doorgaand) verkeer op de singels en in woonstraten, en gemotoriseerd verkeer bundelen op een (beperkt) aantal hoofdwegen die daar beter voor zijn ingericht, om zo de fietskwaliteit en leefbaarheid op andere routes te verbeteren. We willen daarvoor verkeer zo snel mogelijk afleiden naar randwegen die aan de buitenzijde

32

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

van de stad liggen, zodat we verblijfsgebieden (waaronder de singels) aantrekkelijker kunnen inrichten en meer ruimte voor de fiets creëren. We verwachten dat op de singels in de toekomst bijna 10.000 auto’s per dag rijden als we nu geen maatregelen nemen. Het is nu al te druk en het wordt dus nog drukker, daardoor staat de leefbaarheid, fietskwaliteit en ruimtelijke kwaliteit hier ernstig onder druk. De singels zijn niet ingericht op dergelijke verkeersaantallen. Op de Fluwelensingel en Blekerssingel rijden dan ook meer auto’s dan op de Goudse Houtsingel. Dat is onwenselijk. De Goudse Houtsingel is beter ingericht op hogere verkeersaantallen, en leidt daar minder tot problemen voor omwonenden. Uit de berekeningen van het VCP weten we ook dat de verkeersdruk op de singels sterk verminderd kan worden waarmee kansen ontstaan voor een veel aantrekkelijkere inrichting en beter leefbaarheid.

Het kentekenonderzoek is gebruikt voor het kalibreren van het model. Is bij deze kalibratie ook gecheckt, bijvoorbeeld met een selected link analyse, of de routekeuze uit het kentekenonderzoek correct in het model terecht is gekomen? Komen uit het model voor de huidige situatie dezelfde cijfers als uit het kentekenonderzoek? Het klopt dat het kentekenonderzoek is gebruikt om het model te kalibreren. Er zijn meerdere selected link analyses gedaan om de uitkomsten van het model te vergelijken met de resultaten in het kentekenonderzoek. Hiermee is niet alleen de herkomst en de bestemming duidelijk, maar ook de route die het verkeer neemt door Gouda heen. Hoe is in het model omgegaan met routekeuzes die niet direct uit het kentekenonderzoek zijn te halen? Deze routes zijn in het statisch regionale verkeersmodel (Omnitrans) verwerkt, en zijn versterkt door middel van tellingen om het verkeer de juiste route te laten rijden in het model.

33

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

Door de keuze van de meetpunten bij het kentekenonderzoek lijkt het dat de woonwijk ‘Westergouwe’ met bestemming stad (P+R+H) buiten beschouwing wordt gelaten dan wel als ‘doorgaand’ aangemerkt. Westergouwe is maar deels gebouwd en geeft nog geen grote stroom verkeer. Ook hier worden de gegevens uit het statische regionale verkeersmodel gehaald. 3.

Ja, het klopt dat voor diverse relaties autoverkeer moet omrijden. Daartegenover staat dat we daarmee fietsen aantrekkelijker maken en inwoners stimuleren vaker de fiets pakken. Ook zullen mensen mogelijk hun bestemming of parkeerlocatie wijzigen, waarmee het aantal voertuigkilometers in verblijfsgebieden wordt gereduceerd. Dit is nog niet meegenomen in de doorrekeningen. Ook geldt dat we in het VCP hebben gesteld dat de maatregelen in de noordwesthoek nog nader uitgewerkt moeten worden in samenspraak met de buurt. De komende periode gaan we dan ook in gesprek met bewoners en andere stakeholders om de mogelijkheden verder te bespreken. En ja, de geschetste route is in het VCP langer dan nu het geval: gemeten vanaf de Haastrechtse brug naar de Schouwburg is het relatief ver omrijden (6x zo ver). Voor de mensen die echter nabij de Haastrechtse brug wonen is fietsen veel aantrekkelijker en sneller, die zullen dus niet met de auto gaan als daartoe geen noodzaak is. Voor inwoners van Haastrecht en Oudewater is de omrijdafstand naar de schouwburg alweer beperkter, omdat de Goudse Houtsingel al meer op hun route ligt. Voor inwoners van Stolwijk of Bergambacht, die wel uit de geschetste richting komen, is de toename van het aantal voertuigkilometers wel groot, maar relatief gezien minder dan geschetst wordt omdat ze van grotere afstand komen (respectievelijk 1,8x en 1,5x verder i.p.v.

6x). Ook is er een kortere omrijdroute mogelijk bij het voorliggende VCP dan in het plaatje geschetst wordt. Vanaf de Goudse Houtsingel blijft het bij invoering van het voorliggende VCP mogelijk naar de Bodegraafsestraatweg af te slaan. Verder kan afgevraagd worden om hoeveel autoritten dit gaat, en stimuleren we hiermee een gedragsverandering. Op een schouwburgavond komen bezoekers uit alle windrichtingen en voornamelijk uit Gouda. In veel gevallen kunnen mensen ook voor een andere bestemming of parkeerlocatie kiezen, waarmee omrijdafstanden beperkt kunnen worden. Voor bezoekers vanuit Stolwijk en Haastrecht wordt het bijvoorbeeld ook aantrekkelijker om bij Klein-Amerika te parkeren en vanaf daar naar de schouwburg te lopen (ca 7-10 min). Dat is een prima loopafstand, is gezond, in veel gevallen sneller dan omrijden, en daarmee wordt het aantal voertuigkilometers in verblijfsgebieden en Gouda beperkt. En voor de schouwburg geldt ook dat een deel van de bezoekers eerst nog een hapje in de stad eet, waarbij geldt dat Klein Amerika

34

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

vanuit Stolwijk en Haastrecht een aantrekkelijke parkeerlocatie is. Maar ja, een deel van de mensen krijgt te maken met omrijdafstanden. In de komende periode zal het VCP aangescherpt en verbeterd worden door de gesprekken die we gaan voeren met bewoners, ondernemers en andere stakeholders. De effecten van het aangepaste plan kunnen weer totaal anders zijn dan het voorliggende maatregelenpakket.

35

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

4.

We willen de binnenstad autoluwer maken omdat het ruimtebeslag van rijdend en stilstaand verkeer op onze historische binnenstad zeer groot is. Met het autoluwer maken van de binnenstad willen we de binnenstad aantrekkelijker maken doordat er meer ruimte ontstaat voor groen, voor verblijven, voor aantrekkelijke verblijfskwaliteit, voor extra terrassen, voor evenementen. Daarmee verwachten we ook meer bezoekers naar de binnenstad te trekken, wat goed is voor onze lokale ondernemers. Deze effecten laten zich heel moeilijk kwantificeren, maar er zijn veel positieve praktijkervaringen vanuit andere gemeenten en binnensteden. Bovendien zorgen we voor voldoende parkeergelegenheid voor bezoekers die met de auto komen, dat is een zeer belangrijke randvoorwaarde voor een autoluwe binnenstad, wat we ook altijd hebben gecommuniceerd hierbij. Inmiddels hebben we ook cijfers van de bezetting van de parkeerlocaties (onderzoek Technolution), waarmee we inzicht hebben in de restcapaciteit. Als voorbeeld hieronder het gebruik van de Bolwerkgarage.

Hiermee kunnen we met een kwantitatieve onderbouwing komen van de haalbaarheid van een autoluwe binnenstad en de eventuele noodzaak voor extra parkeergelegenheid. De cijfers leren ons dat er op diverse parkeerlocaties op verschillende momenten nog restcapaciteit is. Deze restcapaciteit willen en kunnen we beter benutten (bijvoorbeeld met een goed parkeerverwijssysteem en tariefstelling) maar als blijkt dat extra parkeercapaciteit nodig is dan geven we dit als belangrijke randvoorwaarde mee aan de raad. In de plannen is reeds over een mogelijke nieuwe parkeerlocatie in de zuidwesthoek gecommuniceerd.

36

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

8

Verslag mobiliteitsoverleg 10 februari 2020

Locatie: Aanvang: Deelnemers: Namens gemeente Gouda: Namens ondernemers:

Huis van de Stad 16.00 uur

wethouder Niezen (HN), Paul Weststrate (PW), Mette Corsel (MC) Nico Voogt (NV), Gerard van Erk, Jan Willem van der Wolf (JW), Lennart van Gastel, Gerben Roskam, Peter van Vliet, Hilde Beekes - verslag

1. Opening Ter voorbereiding van dit Mobiliteitsoverleg heeft Gouda onderneemt een notitie opgesteld. De gemeente Gouda heeft hierop schriftelijk gereageerd. In dit overleg wordt de notitie en de antwoorden daarop besproken waarna de vraag: “hoe nu verder” centraal staat. 2. Verslag overleg 12 december 2019 Zonder wijzigingen vastgesteld 3. Bespreking notitie GO van 21 januari en reactie gemeente Gouda van 4 februari NV merkt, namens GO, op dat de manier waarop de gestelde vragen beantwoord worden niet correct is. Bij het beantwoorden zijn niet de originele vragen uitgangspunt, maar een samengestelde verkorte weergave van de vragen, met een verwijzing naar het document waarin de originele vragen zijn verwoord. Daarnaast is uitgangspunt in de beantwoording de voorkeursvariant van het VCP terwijl in de gesprekken meermaals is aangegeven dat dit niet het gewenste startpunt van het participatietraject is. PW geeft in het antwoord hierop aan dat de wethouder aan heeft gegeven, gezien het vastgestelde Mobiliteitsplan, hier toch vanuit te willen gaan met dien verstande dat de uitkomst van het participatietraject een andere kan zijn. GO constateert dat de beantwoording van de vragen over feiten en cijfermatige onderzoeksuitkomsten onbeantwoord blijven.

Om scenario’s te kunnen vergelijken is classificatie van uitkomsten nodig, wanneer is iets goed of niet goed in het bereiken van de gestelde doelen? De onderbouwing van de criteria ontbreekt. Daarnaast worden in het voorkeursscenario aannames gedaan; Het verminderen van de CO2 uitstoot is hiervan een voorbeeld; minder verkeer door de binnenstad levert besparing op. GO stelt juist dat omrijden (en dus meer km’s rijden)t.g.v. de voorkeursvariant meer uitstoot oplevert en daar lijkt onvoldoende rekening mee gehouden te worden. Ook de onderbouwing van de vermeende positieve effecten bij het weren van bezoekers uit de binnenstad ontbreekt. De door ons gestelde vragen hierover zijn onbeantwoord gebleven

37

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

Kortom Gouda Onderneemt wil oordelen en adviseren op basis van feiten niet van aannames. Om het participatie traject met GO goed in te zetten is het van belang het eens te worden over het doel, de ambities. Het Mobiliteitsplan 2017 met daaraan het gekoppelde amendement zoals door de gemeenteraad is vastgesteld, is leidend maar positieve en negatieve effecten moeten in balans blijven, wederom op basis van vooraf benoemde criteria. Gouda Onderneemt vraagt daarom aandacht voor het ‘Laddermodel’ zoals dat ook in het MP is beschreven. Daarin staat een opbouw van maatregelen die bijdragen aan mogelijke oplossingen van de voorliggende punten. Begin met aanpassing van de bewegwijzering, die nu nog doorgaand verkeer, dat buiten de stad moet zijn, de singels opleiden. Richt rond- en randwegen zo in dat op deze wegen de doorstroming verhoogd wordt en de routes voor de gebruikers, qua tijd, sneller is en daardoor de singels gaan mijden. Diverse voorstellen voor andere oplossingen dan “knips” zijn meermaals aangedragen. Gouda Onderneemt is het eens met de gestelde doelen vanuit het MP 2017, verbeteren verkeersveiligheid en verminderen CO2 uitstoot, maar geeft de voorkeur aan het eerst proberen van andere oplossingen. MC licht toe dat met het VCP niet bedoeld is om alle voorgestelde maatregelen in een keer uit te voeren.

Het is juist de bedoeling eerst kleine maatregelen in te voeren, dan het effect te meten en wanneer de resultaten niet voldoende zijn pas de volgende stap door te voeren. NV merkt op dat uit het kenteken onderzoek is gebleken dat een relatief klein deel van het verkeer in de binnenstad als doorgaand verkeer te benoemen is. Het weren van dit verkeer zal dus waarschijnlijk ook minder effect hebben dan verwacht. Dit zal ook van invloed zijn op de effecten van de “knips” MC geeft aan dat ook de gemeente vanuit aanvullend onderzoek, nieuwe informatie heeft , die nog nader bekeken moet worden. Ook cijfers over de CO2 uitstoot komen binnenkort beschikbaar. Op basis van de verwachtingen, gebaseerd op de expertise van deskundigen, zullen maatregelen nodig zijn die verder gaan dan die in het laddermodel voorgesteld worden. Gezien het bovenstaande licht de vraag voor of het nodig is de start van het participatietraject uit te stellen tot al het feiten materiaal verzameld is of dat vast begonnen kan worden en de overleggen gaande weg met de informatie kunnen gaan werken. Gouda Onderneemt is terughoudend. Deze terughoudendheid komt voort uit het niet voldoende ervaren van het openstaan door de gemeente voor andere oplossingen dan het voorkeursscenario.

38

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

PW merkt op dat er soms onduidelijkheid lijkt te zijn over VCP (Verkeer Circulatie Plan) versus voorkeursscenario. Hij stelt voor de naam VCP los te koppelen van het voorkeursscenario en deze te blijven gebruiken voor een gezamenlijke uitkomst. Gouda Onderneemt ziet dat anders en oppert VCVP, Verkeers Circulatie Verbeterings Plan. Opnieuw wordt samen met de gemeente benadrukt dat we uit te gaan van de ambities in het mobiliteitsplan en het gemeenschappelijk doel dat te willen bereiken en te bepalen hoe dat het beste kan. De criteria wanneer een doel bereikt is moeten worden vastgelegd in het stappenplan voor participatie. Met verwijzing naar de opmerkingen van MC: het is juist de bedoeling eerst kleine maatregelen in te voeren, dan het effect te meten en wanneer de resultaten niet voldoende zijn pas de volgende stap door te voeren” is het dus van grootste belang om aan te geven welke stappen dit zijn, in welke volgorde en wanneer bepaald wordt welk resultaat de genomen stappen hebben. Hierna pas, in overleg, te bepalen of dan welke stappen moeten volgen. Gouda Onderneemt hecht er aan te melden dat bij de discussie over verwachtingen op basis van expertise van deskundigen mogelijk de indruk is ontstaan dat de kennis en kunde van MC, als verkeersdeskundige, ter discussie zou staan. Daarvan is uitdrukkelijk geen sprake.

JW zal namens de mobiliteitscommissie van Gouda Onderneemt nogmaals een aantal vragen herhalen waar nog geen duidelijk antwoord op is gegeven maar wel van belang zijn voor het vervolg van de participatie traject. Daarnaast stemmen MC en JW gezamenlijk een nieuwe datum af voor een vervolgd Mobiliteitsoverleg.

39

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

9

Verslag eerste bijeenkomst Gouda Onderneemt

Datum Tijd Locatie Aanwezigen

: : : :

Vrijdag 11 september 2020 van 10:00 tot 12:05 Le Patapouf, Gouda Mette Corsel Marco de Baat

Projectleider, gemeente Gouda Verkeerskundige, GoudappelCoffeng

Paul Weststrate Jim Pedd

Voorzitter, Awareness Verslaglegging, Awareness

Hilde Beekes Jan Willem van der Wolf

Secretariaat Gouda Onderneemt Programmamanager Gouda Onderneemt Secretaris Gouda Onderneemt (penningmeester Samenwerkende Ondernemersverenigingen Gouda in de binnenstad - SOG) O.a. voorzitter ondernemersvereniging Kromme Gouwe Voorzitter Gouda Onderneemt Voorzitter duurzaamheidsplatform Gouda Centrummanager SOG Vertegenwoordiger Koninklijke Horeca Nederland (KHN)

Gerard van Erk Marco Steenwinkel

Marcus Schuchmann

Nico Voogt Teun Bokhoven Hans van Aalst Lennart van Gastel

Afwezigen

:

Peter van Vliet E.C. Lafaber Gerard van Nieuwpoort Gerben Roskam

Bijlagen :

Presentatie gemeente Gouda

1. Opening en mededelingen De voorzitter heet de aanwezigen van harte welkom. Hij memoreert dat Gouda Onderneemt (GO) eerder met de gemeente heeft overlegd over het onderwerp verkeerscirculatieplan, in het kader van hun normale periodieke overleggen met de wethouder. Vandaag is echter wel de eerste officiële bijeenkomst met GO in de formele tweede ronde van participatie voor een te formuleren verkeerscirculatieplan. De procesaanpak is eind vorig jaar vastgesteld, maar de corona-uitbraak heeft tot een aanzienlijke vertraging geleid in de start van de bijeenkomsten.

40

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

Deze tijd is wel benut om verdergaand onderzoek te doen naar huidige en toekomstige verkeerssituaties en verdere aanscherping en detaillering van verkeersmodellen. 1. De agenda Vervolgens presenteert de voorzitter de agenda van de avond: • Welkom en mededelingen o Toelichting op het proces door voorzitter o Toelichting verkeerskundige Goudappel Coffeng o Eerste reactie GO-leden o Discussie • Einde eerste bijeenkomst 2. Toelichting op het proces door de voorzitter Er is volgens de voorzitter vorig jaar veel over het verkeerscirculatieplan en het voorkeursscenario van het college van burgemeester en wethouders gesproken. Dat is echter niet het uitgangspunt van de participatie die nu plaatsvindt. Het Mobiliteitsplan dat door de raad is vastgesteld, staat wel centraal. Het is de bedoeling om de beleidsdoelen uit dat plan uit te werken tot een zo goed mogelijk afgewogen nieuw verkeerscirculatieplan, dat op voldoende draagvlak kan rekenen. We bekijken en bespreken daarbij bekende en nieuwe maatregelen met hun effecten en onderlinge samenhang. Het is aan Gouda Onderneemt om te onderzoeken hoe zij vindt dat de doelen van het Mobiliteitsplan kunnen worden bediend. Het VCP dat uiteindelijk aan de raad wordt aangeboden, zal stapsgewijs uitgevoerd worden. Er is op verzoek van Gouda Onderneemt een eigen processpoor opgezet voor de participatie.

Aan het ene spoor neemt de Denktank met bewoners en belangenorganisaties deel en Gouda Onderneemt vult het tweede spoor. Zo snel als dat mogelijk is, wordt geprobeerd de twee sporen samen te brengen. Zodat dan gekeken kan worden waar eventueel consensus over bestaat of mogelijk is ten aanzien van het maatregelenpakket, en waarover de groepen het niet eens worden. Aan het einde van de rit is er dan hopelijk zoveel mogelijk consensus. Zo veel mogelijk eensgezindheid is in het belang van de deelnemers: als college en raad in hun politieke besluitvorming niet selectief kunnen ‘shoppen’ uit een veelheid van standpunten, dan is de invloed van de deelnemers aan de participatie op het eindresultaat des te groter. De deelnemerslijsten en verslagen van sessies zullen tussen de twee sporen uitgewisseld worden. Bovendien is het de bedoeling dat de contactgegevens en namen van vertegenwoordigers in beide groepen op de site van de gemeente worden gepubliceerd. Dat maakt het voor overige belangstellenden (inwoners en ondernemers) mogelijk om onderweg via die vertegenwoordigers eventuele inbreng te leveren op de plannen. De voorzitter vraagt aan de aanwezigen of zij hiermee kunnen instemmen. Platform Gouda Onderneemt stemt hiermee in. ➢ Een van de deelnemers vraagt waarom de agenda voor de Denktank afwijkt van die van Gouda Onderneemt.

De voorzitter legt uit dat dit een gevolg is van verschil in startpositie: De Denktank komt voor het eerst bij elkaar in deze vorm over dit onderwerp, terwijl Gouda 41

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

Onderneemt een kennisvoorsprong heeft. Bovendien heeft GO eerder al een aantal concrete vragen en kwesties op tafel gelegd die zo snel en zo goed mogelijk worden geadresseerd. Ook dat bepaalt de inhoud van de sessie en de presentatie van de gemeente samen met Goudappel Coffeng. Om die redenen is besloten aan de hand van het verloop van het proces de agenda te bepalen. ➢ De voorzitter memoreert dat beide groepen wordt gevraagd hun achterbannen te informeren over de inhoud en voortgang van het participatieproces. Zodat zij de volgende keer de reacties van die achterbannen kunnen inbrengen. Daarvoor worden het verslag van de bijeenkomst en de presentatie van de gemeente beschikbaar gesteld. Deze dienen als ondersteuning van de toelichting naar de achterbannen. De voorzitter onderstreept dat beide participatiegroepen in een veilige setting vrijuit moeten kunnen praten, zonder dat daarvan in de communicatie naar buiten misbruik wordt gemaakt. Hij vraagt de aanwezigen daarom prudent om te gaan in de communicatie met de buitenwereld. Daar wordt instemmend op gereageerd. Nico Voogt, voorzitter van Gouda Onderneemt, merkt wel op dat ook te verwachten van de overheid. ➢ Jan Willem van der Wolf (programmamanager Gouda Onderneemt), programmamanager van Gouda Onderneemt, vraagt waarom wethouder Hilde Niezen er niet is.

De voorzitter licht toe dat de wethouder niet aanwezig is bij deze sessies. Zij zal op enig moment de uitkomsten van het proces in ontvangst nemen en daar een standpunt over innemen, geadviseerd door haar ambtenaren. De heer Van der Wolf vraagt of er een toezegging van de wethouder kan komen dat ook zij in de communicatie prudent met de buitenwereld om zal gaan. De voorzitter zegt daar wel van uit te gaan, maar zal het aan de wethouder vragen. ➢ Gerard van Erk, secretaris Gouda Onderneemt, vraagt of de gezamenlijke bijeenkomst met de Denktank al in december moet plaatsvinden, of dat dit een indicatief streven is. Hij vindt dat de druk er namelijk wel erg op zit zo. De voorzitter vertelt dat het streven is om wanneer het mogelijk is de twee sporen bij elkaar te brengen. In verband met de planning op weg naar een raadsbesluit voor de zomer van 2021 is dat inderdaad het liefst voor het kerstreces. De heer Van Erk vraagt daarop of dit dan afhangt van de inhoud en de snelheid van het proces en dus niet van de gemeenteraad. Dat wordt bevestigd door de voorzitter. Hij acht de planning echter goed haalbaar als beide groepen zich daarvoor inzetten.. 3. Toelichting verkeerskundige Goudappel Coffeng De heer Marco de Baat van Goudappel Coffeng geeft een toelichting (zie de bij het verslag gevoegde presentatie).

➢ Nico Voogt (vz namens Gouda Onderneemt) vraagt of het verkeersberaad in de Denktank zit. Mette Corsel, projectleider van Gemeente Gouda, vertelt dat dit niet het geval is. Rover, GAB en de Fietsersbond nemen plaats in de Denktank, maar Arriva en de 42

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

hulpdiensten zitten in het verkeersberaad en worden los geïnformeerd over de voortgang van de Denktank. Daarop vraagt de heer Voogt of alle communicatie die naar het verkeersberaad gaat en betrekking heeft tot het VCP, ook rechtstreeks naar Gouda Onderneemt kan gaan. Nu is het namelijk soms zo dat dit enkel gebeurt dankzij de aanwezigheid van Jan Willem van der Wolf (programmamanager Gouda Onderneemt) in het verkeersberaad. Zij willen dus graag rechtstreeks de informatie ontvangen van de gemeente. De heer Corsel zegt dit toe. De voorzitter vraagt daarop of er een bepaalde rolverdeling is onder de aanwezigen binnen Gouda Onderneemt. (N.B. Deze is verwerkt in de toevoeging achter de namen van de aanwezigen). Na een korte voorstelronde vraagt de voorzitter de groep om in het kader van het verkeerscirculatieplan aan te geven welke belangen zij in het bijzonder willen behartigen. Gouda Onderneemt verwijst hiervoor naar de missie, visie en strategie van dit platform op de eigen website (https://www.gouda-onderneemt.nl/vereniging). Daarop gaat de heer De Baat verder met zijn presentatie. Het is vooral een verdieping van wat eerder besproken is. Enkel de dia’s waar vragen over gesteld zijn, of opmerkingen gemaakt zijn die niet op de dia’s terug te vinden zijn, nemen we op in dit verslag. Voor de rest van de presentatie verwijzen we u naar de bijlage.

Bij autonome groei van het verkeer – rekening houdend met alle bekende uitbreidingsplannen en ontwikkelingen in Gouda die verkeerseffecten hebben – hebben de randwegen onvoldoende capaciteit. Knelpunten op de randwegen kunnen opgelost worden door rotondes aan te passen. Op de N207 en N457 bij Westergouwe liggen nu drie rotondes,

43

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

die meer capaciteit opleveren als zij worden omgevormd tot kruispunten met verkeerslichten. ➢ De heer Marco Steenwinkel (penningmeester SOG) vraagt waarom vroeger gekozen is voor rotondes, terwijl nu gezegd wordt dat kruispunten met verkeerslichten beter zijn. Het antwoord op die vraag is meerledig. Rotondes leveren - tot een bepaalde intensiteit van de verkeersstromen - een betere doorstroming. De heer Corsel veronderstelt dat tijdens de aanleg onder verantwoordelijkheid van de provincie, mogelijk onvoldoende rekening gehouden is met de mate en snelheid waarmee het verkeer zou toenemen. Volgens de heer De Baat ligt deze weg er al ruim vijftig jaar. Het verkeer is in die tijd stapsgewijs toegenomen. Bij voorbaat overdimensioneren van dit soort wegen is een heel kostbare aangelegenheid en dus is het vooral een kwestie van investeren op het juiste moment. Hoe dan ook is hier duidelijk te zien dat het aanleggen van kruisingen met verkeerslichten op de N207 waar nu rotondes liggen, zorgt voor grotere druk op de zuidwestelijke randweg. Daar zijn dan aanpassingen nodig om de verkeersdoorstroming op peil te houden.

Afgelopen periode is ook nader ingezoomd op de verkeerseffecten van VCP-maatregelen op de Zuidwestelijke Randweg. In fase 1 waren er al maatregelen voorzien aan de randwegenstructuur, maar mogelijk niet goed onderbouwd en toegelicht. Er is een ambitie om de Nieuwe Veerstal als rand/onderdeel van de binnenstad aantrekkelijker te maken en de verbinding tussen binnenstad en de IJssel te versterken. Hiervoor is een afname van de verkeersdruk wenselijk/nodig. In het sectorenmodel was daarvoor een knip opgenomen op de Veerstal-route. Die voor een forse verkeerstoename op de Zuidwestelijke randweg zorgt. Ook dat was aanleiding om nader in te zoomen op de randwegen. Op basis van berekeningen met het verfijndere model blijken maatregelen aan de Zuidwestelijke randweg nu eerder 44

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

nodig te zijn dan in fase 1 geconcludeerd, en dat een harde knip op de Veerstal-route vooralsnog niet kansrijk lijkt te zijn. Een beperktere verluwing door herinrichtingsmaatregelen lijkt wel mogelijk te zijn, omdat de verkeerseffecten dan een stuk minder groot zijn, en met de beoogde maatregelen er enige restcapaciteit wordt gecreëerd die dergelijke effecten kan opvangen. ➢ De heer Lennart van Gastel (vertegenwoordiger KHN) vindt het goed dat er geëvalueerd en gereflecteerd wordt. Maar wat hem betreft was al het extra onderzoek niet nodig geweest omdat de uitkomsten al vanaf het begin duidelijk waren voor de aanwezigen. Hij voelt enige boosheid hierover. De voorzitter zegt dit gevoel te betreuren, maar vindt het tegelijk belangrijk dat nu de meningen en conclusies van GO hard zijn bevestigd in tellingen, berekeningen en verkeersmodellen. Hij acht dat nuttig voor de rest van het proces omdat het nu niet langer ter discussie staat. De heer Jan Willem van der Wolf (programmamanager Gouda Onderneemt) voegt daaraan toe dat Gouda Onderneemt vanaf het begin ook heeft gezegd ‘meten is weten’. Hij hoopt dat het model is verbeterd en verfijnd, en is blij dat nu in elk geval dezelfde conclusie getrokken wordt. ➢ De heer Gerard van Erk vraagt wat nu de status is van de in het vorige VCP voorgestelde harde ‘knippen’.

Blijven die bestaan of worden er bijvoorbeeld verkeersvertragende maatregelen genomen zodat een harde knip niet meer nodig is? De heer De Baat antwoordt dat nu eerst wordt gedacht aan vertragende maatregelen. De volgorde van voorgenomen acties is, dat eerst gezorgd wordt voor voldoende capaciteit op (rand)wegen waar verkeer moet kunnen toenemen dat elders ontmoedigd of verminderd wordt. Daarbij wordt telkens gemeten en geëvalueerd hoed dat uitpakt, voordat eventueel voor aanvullende volgende maatregelen wordt besloten. ➢ De heer De Baat legt uit dat in het sectorenmodel bepaalde knips nodig waren, omdat dat het kernprincipe van deze variant was om verkeer door de wijken weg te halen en te bundelen op de randwegen. In dit participatieproces kunnen we nu naar nieuwe pakketten toewerken waar meer consensus over is. We gebruiken daarbij de inzichten van fase 1 en uit het aanvullend onderzoek van de afgelopen periode. We zoeken naar significante vermindering in de verkeersdruk op de wegen/woonstraten binnen de randwegen. Dat is moeilijk omdat de randwegen aan de buitenkant van Gouda ongunstig liggen. De route door de stad heen blijft voor een groot deel van het verkeer - ook bij herinrichting van die randwegen naar 30 km/u - de snelste en kortste weg. Dit kan betekenen dat er nog steeds een knip op een goed gekozen plek in enige vorm nodig kan blijven.

Dat zullen we met elkaar onderzoeken. ➢ De heer Lennart van Gastel (vertegenwoordiger KHN) vraagt zich af hoe het proces precies in elkaar zit. Het plan lijkt te wijzen op de vijf punten uit het mobiliteitsplan van de gemeenteraad waar nog altijd naartoe gewerkt moet worden. Daarmee lijkt het alsof het proces eindigt met het sectorenmodel, wat het voorkeursmodel van de

45

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

wethouder is. De vraag is dus: is dit model het vertrekpunt en moet er vanaf daar gediscussieerd worden? De voorzitter vertelt dat destijds een voorkeur is uitgesproken voor dat model, vanwege de politieke afweging die men toen maakte op basis van de effecten die het sectorenmodel zou hebben op de beleidsdoelen van het Mobiliteitsplan. Dat is nu losgelaten. We onderzoeken en bespreken met elkaar welk maatregelenpakket die beleidsdoelen het beste bedient en waarvoor voldoende draagvlak kan ontstaan. De uitdagen aan de twee groepen in het participatieproces is, om met elkaar zo’n integraal pakket te bedenken, daarbij gevoed door verkeersinzichten van Goudappel Coffeng. De heer Van Erk (secretaris Gouda Onderneemt) wil weten of de knips die blijven, leiden tot een nieuwe variant. De vraag is of de effecten wel goed geanalyseerd worden. De heer Teun Bokhoven zegt dat daarin de crux ligt: de impact van een bepaalde maatregel moet goed geanalyseerd worden en dat zou modelmatig moeten gebeuren. De heer Marco de Baat van Goudappel Coffeng zegt daar de volgende keer op in te zullen gaan. ➢ De heer Nico Voogt (vz namens Gouda Onderneemt) uit zijn zorgen. Voor een deel hoort hij herhalingen van zaken waarover al eerder met GO is gesproken. Hij is een beetje bang dat GO toch in het voorkeursscenario van het college gezogen wordt.

De harde knips die daarin stonden, blijven staan en zo lijkt het alsof er richting het sectorenmodel geredeneerd wordt. Daar heeft de heer Voogt geen goed gevoel bij. ➢ De heer Teun Bokhoven (voorzitter Duurzaamheidsplatform Gouda) meent dat er twee problemen door elkaar lopen. Het eerste heeft te maken met de doorstroming van verkeer, dat via de randweg opgelost moet worden. Het tweede probleem gaat over het sectorenmodel en dus minder over de doorstroming. Het gaat daarmee om twee verschillende thema’s met elk een eigen set aan parameters aan de hand waarvan een oordeel geveld moet worden. Het gaat erom hoe de binnenstad op een goede manier bereikbaar gemaakt wordt. Dat is goed te doen, maar het gaat om andere issues voor de middenstand dan voor het verkeer op de randweg. De voorzitter geeft aan dit wel te begrijpen. Maar de randwegen hebben een zekere kwaliteit nodig om iets te kunnen doen voor de doorstroming in het centrumgebied. Goede doorstroming op de randweg is een voorwaarde om de andere doelstellingen in de binnenstad te realiseren. Wat de heer Bokhoven betreft, zouden de plannen voor de randwegen nu al in werking gezet worden. Volgens de voorzitter verwacht de gemeenteraad dat hen een voorstel wordt voorgelegd door het college, mede gebaseerd op de uitkomsten van dit participatieproces.

Daarbij moet voldoende duidelijk zijn welke beleidsdoelen op termijn met dat plan gehaald kunnen worden. Er moet een stip op de horizon staan, waar naartoe gewerkt wordt. De route naar dat eindresultaat en het tempo worden

46

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

bepaald door in de goede volgorde stappen te zetten in die richting, en telkens te meten en beoordelen wat de effecten zijn, voordat de volgens stap wordt gezet. De heer Van Erk (secretaris Gouda Onderneemt) benadrukt nogmaals dat de knippen onwenselijk zijn en dat die dan niet in het stappenplan moeten zitten. ➢ De heer Jan Willem van der Wolf (programmamanager Gouda Onderneemt) wil graag een toelichting op de zogenoemde ‘Ladder van Verdaas’ waarover gesproken is. Bij elke stap ziet hij monitoring en evaluatie van voorgestelde maatregelen. Vindt die monitoring en evaluatie plaats op het model, of gaat het om de daadwerkelijk meten en evalueren van genomen maatregelen? De heer De Baat van Goudappel Coffeng legt uit dat de gemeenteraad op een gegeven moment besluiten neemt over het stappenplan. Dat houdt ook in dat duidelijk zal zijn welke stappen op welk punt gezet worden, het gaat dus om inschatting vooraf van de effecten op basis van modellen, en monitoring achteraf van de echte maatregelen. ➢ De heer Jan Willem van der Wolf (programmamanager Gouda Onderneemt) reageert op een opmerking dat de Goudse Houtsingel en de Goverwellesingel niet gemakkelijk te nemen zijn. Hij vindt dat een te gemakkelijke conclusie. Het is wat hem betreft belangrijk om de route op de Joubertstraat te ontlasten via groene golven en andere maatregelen op de randwegen.

De heer de Baat van Goudappel Coffeng legt uit dat verschillende maatregelen zijn onderzocht om de aantrekkelijkheid van de randweg (boven de route binnendoor) te vergroten. Zo zijn verbeteringen aan de randweg doorgevoerd om de doorstroming te verbeteren. Maar daaruit blijkt dat dit onvoldoende aanzuigende werking heeft. Dat raakt ook weer aan het feit dat de randweg aan de buitenkanten zijn gelegen, en een langere route vormen dan bepaalde routes door de stad heen. Ondanks de hogere snelheid die je op de randwegen kunt behalen, blijven de wegen door de stad heen aantrekkelijk voor veel verkeer. ➢ De heer De Baat legt uit dat gekeken is naar de effecten van doseren van verkeer aan de randen (conform het mobiliteitsplan), zodat hiermee gestimuleerd wordt dat verkeer op de randweg blijft. De berekeningen laten zien dat de opstelstroken van de randwegen hierdoor vollopen en de vertraging terugslaat waar je het niet wilt hebben. Vervolgens vraagt de voorzitter aan de heer De Baat om uit te leggen hoe opstelstroken werken. De heer De Baat stelt dat er in het model verkeerspunten, opstelstroken en verkeerslichten zijn opgenomen. Je ziet echter op bepaalde plekken zoals de Koningin Wilhelminaweg en het Sluiseiland dat die stroken onvoldoende lengte hebben en dat daardoor de capaciteit van wat het kruispunt kan verwerken per groencyclus beperkt is.

Het verkeer kan onvoldoende bufferen, waardoor al snel sprake is van fileterugslag op de doorgaande rijrichtingen. Als er wel voldoende breedte is voor een extra opstelstrook, dan kan de verwerkingscapaciteit van het kruispunt – en daarmee van de aanvoerwegen – sterk toenemen. Dat is ook onderzocht, maar niet overal is voldoende ruimte, en de beschikbare lengte blijft vaak beperkt vanwege de opbouw van het wegennet.

47

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

➢ De heer Gerard van Erk (secretaris Gouda Onderneemt) vraagt of het besluit om te knippen pas in de laatste fase genomen zal worden. De heer Marco de Baat van Goudappel Coffeng bevestigt dat dit de laatste maatregel zou zijn om verkeer op de randwegen te houden. Echter als blijkt dat andere maatregelen niet voldoende effect hebben, kom je toch bij knippen uit of moet geconcludeerd worden dat de ambitie niet haalbaar is. De heer Van Erk vraagt daarna of als er andere knips opdoemen als mogelijke maatregelen, dit dan leidt tot een nieuwe analyse en een nieuw proces van besluitvorming. De heer Mette Corsel van gemeente Gouda legt uit hoe het proces met de gemeenteraad werkt. Die behoeft een eindbeeld met een voorkeursvariant, maar bij elke tussenstap is sprake van een go/no go-moment waarin de raad wordt betrokken. Gebaseerd op de effecten van de tot dan toe genomen maatregelen. Telkens zal dan ook budget moeten worden vrijgegeven voor de volgende set maatregelen. Op die manier is sprake van een gefaseerd, zorgvuldig en beheersbaar stapsgewijs proces. Het VCP is een dusdanig omvangrijk project met substantiële investeringskosten, dat de raad niet in een keer gevraagd kan worden met het gehele plan en alle investeringen in te stemmen. Dus wordt het plan opgeknipt in meerdere faseringsstappen.

De voorzitter stelt dat er nu met elkaar aan een eindbeeld gewerkt wordt, dat de beleidsdoelen het beste bedient en waar voldoende draagvlak voor kan ontstaan. Er wordt stapsgewijs gekeken wat nodig is om tot dat eindbeeld te komen. ➢ De heer Nico Voogt (vz namens Gouda Onderneemt) wil graag weten of alle nieuwe verkeersdata zoals nu in de modellen is gestopt, ook voor GO beschikbaar is. Zodat het verkeersbureau dat GO heeft ingeschakeld daarmee aan de slag kan. De heer Marco de Baat zegt dat de data en de uitkomsten gedeeld kunnen worden. ➢ De heer Marco Steenwinkel (penningmeester SOG) wil graag weten of de praatplaat de basis voor het volgende gesprek vormt. Volgens de voorzitter is dat niet het geval. Op basis van dit overleg worden effecten van bijvoorbeeld het wegnemen van de twee knips doorberekend in het model. Daarmee verandert de praatplaat. We gaan telkens kijken aan de hand van de ideeën in dit overleg wat goed en wat minder goed zou kunnen werken. ➢ De heer Nico Voogt (vz namens Gouda Onderneemt) wil graag met betrokkenen en ondernemers in gesprek gaan. In die gesprekken staan de presentaties die gegeven worden wel centraal. Mag die informatie gedeeld worden? De voorzitter bevestigt dat, maar onderstreept dat verslag en presentatie bedoeld zijn ter ondersteuning van het informeren van de achterban, maar niet door op de zendknop te drukken.

Het is cruciaal dat de hier aanwezige leden de achterban mondeling informeren inclusief alle context en nuances. De voorzitter sluit om 12:05 de bijeenkomst met de afspraken: - Deelnemers ontvangen de presentatie (inmiddels al toegezonden) - Deelnemers ontvangen zo snel mogelijk het concept-verslag 48

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

-

Platform GO informeert de achterban Een datum voor de volgende sessie wordt zo snel mogelijk bepaald De volgende bijeenkomst komt Goudappel Coffeng onder meer met de resultaten van het gewijzigde sectorenmodel en een toelichting op de gewenste netwerkstructuren voor autoverkeer, fietsverkeer en busroutes. -*-

NOTA BENE – 19 oktober 2020: Naar aanleiding van de eerdere conceptversie van dit verslag heeft Gouda Onderneemt op 6 oktober een reactie gestuurd: “Reactie op verslag Awareness 1e part.bijeenkomst”. Dat heeft – na bespreking van de reactie in de tweede bijeenkomst met Gouda Onderneemt op 7 oktober - geleid tot aanpassingen in dit definitieve verslag. Een aantal andere punten uit de reactie-notitie van Gouda Onderneemt is (nog) niet beantwoord. Gouda Onderneemt wenst dat hun reactie-notitie integraal onderdeel uitmaakt van dit verslag van de 1e sessie. Dat is in letterlijke zin niet mogelijk (noch technisch gesproken, noch wat betreft gescheiden verantwoordelijkheden voor de inhoud van de twee documenten). De lezer van dit verslag dient daarom de notitie van Gouda Onderneemt te beschouwen als onlosmakelijk gekoppeld aan dit verslag.

49

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

10

Bijlage: Reactie op verslag Awareness eerste part.bijeenkomst

51

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

52

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

53

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

11

Verslag tweede bijeenkomst Gouda Onderneemt

Datum: Tijd: Locatie: Aanwezigen:

Afwezigen:

Woensdag 7 oktober 2020 van 15:00 tot 17:00 uur Le Patapouf, Gouda Mette Corsel

Projectleider, gemeente Gouda

Marco de Baat

Verkeerskundige, Goudappel Coffeng

Paul Weststrate Angela Vogt

Voorzitter, Awareness Verslaglegging

Hilde Beekes Jan Willem van der Wolf Gerard van Erk Nico Voogt Hans van Aalst Lennart van Gastel Peter van Vliet Don Frederiks

Secretariaat Gouda Onderneemt Programmamanager Gouda Onderneemt Secretaris Gouda Onderneemt Voorzitter Gouda Onderneemt Centrummanager SOG Vertegenwoordiger KHN Vereniging Bedrijventerreinen Gouda (VBG) Samenwerkende Ondernemersverenigingen Gouda (SOG) – vervangt Marco Steenwinkel

Marcus Schuchmann

voorzitter ondernemersvereniging Kromme Gouwe Voorzitter duurzaamheidsplatform Gouda Gouda Onderneemt Vereniging Bedrijventerreinen Gouda (VBG) Samenwerkende Ondernemersverenigingen Gouda (SOG)

Teun Bokhoven E.C. Lafeber Gerard van Nieuwpoort Gerben Roskam

Bijlagen:

geen (presentatie is separaat reeds verzonden)

1. Opening en mededelingen De voorzitter heet de aanwezigen van harte welkom. Gouda Onderneemt heeft in een notitie een reactie gegeven op en naar aanleiding van het verslag van de vorige bijeenkomst. De voorzitter stelt voor eerst die notitie langs te lopen. Hij gaat in op enkele proces-opmerkingen, waarna Marco en Mette zullen reageren op de inhoudelijke kwesties uit de notitie. Opmerkingen op het verslag: De veilige setting

54

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

Er is door de deelnemers aangegeven dat namen opnemen in het verslag volgens hen in strijd is met vrijheid van praten en een veilige setting. De voorzitter stelt voor dat de namen zullen worden vervangen door Gouda Onderneemt. Wel merkt de voorzitter erbij op dat de namen er niet voor niets bijstonden. Binnen Gouda Onderneemt en de mensen die de verslagen lezen is het belangrijk om te weten wat wordt gezegd en door wie het wordt gezegd. Zodat context, gewicht en autoriteit duidelijk zijn. Gouda Onderneemt wil voorkomen dat inbreng wordt opgevat als een persoonlijke mening. De heer Voogt – voorzitter van het Platform Gouda Onderneemt – geeft er de voorkeur aan dat de naam telkens gekoppeld wordt aan de functie die iemand heeft. De voorzitter past dit aan in het verslag. Individueel en collectief belangen behartigen Op de vraag welke belangen de deelnemers individueel en collectief behartigen is ter plekke in de eerste sessie een mooie volzin bedacht. Gouda Onderneemt vindt dat iets te kort door de bocht en heeft verzocht te verwijzen naar de tekst op de eigen website. De voorzitter zal het verslag ook daarop aanpassen en opnieuw ter goedkeuring voorleggen. Werkwijze, proces, planning en snelheid Gouda Onderneemt vindt het vooraf opgestelde tijdpad niet realistisch, mede omdat tijd voor afstemming met de achterban telkens gewenst is.

Het uitgangspunt is dat zorgvuldigheid en kwaliteit voorop staan. De voorzitter is het ermee eens dat inhoud en kwaliteit voorgaan op een rigide proces en deadlines. De planning is opgesteld als streven, zodat de raad voor de zomer van 2021 een besluit zou kunnen nemen over een nieuw VCP. Uitgangspunt is dat men bereid is zijn best te doen om voortgang te boeken. Graag ziet de voorzitter dat het Platform Gouda Onderneemt die ambitie wil onderschrijven. Dus dat het proces letterlijk ‘zo snel als mogelijk’ verloopt, waarbij de kwaliteit en de zorgvuldigheid voorop staan. De heer Voogt, Gouda Onderneemt, is voor een langer gerekt participatieproces. Afronding van het participatieproces in februari of zelfs iets later zou volgens hem haalbaarder zijn. De voorzitter concludeert dat het Platform Gouda Onderneemt wel bereid is om haar best te doen om te streven naar een zorgvuldige procesvoering met ook een redelijk tempo in de beraadslagingen. De voorzitter geeft aan dat de overige reacties van GO op het verslag voornamelijk inhoudelijk van aard zijn. Hij geeft het woord daarom aan de heer Corsel, projectleider van gemeente Gouda. Inhoudelijke reacties op het verslag De heer Corsel, projectleider Gemeente Gouda, licht toe hoe hij de notitie van GO leest wat betreft uitvoeringsstappen.

In eerste instantie maakte ik uit de notitie op dat jullie slechts één stap willen onderzoeken, dat eerst buiten op straat realiseren, en dan met elkaar de effecten onderzoeken. En daarna 55

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

pas onderzoek gaan doen naar vervolgstappen. Op een later tijdstip las ik het anders, namelijk dat jullie wel vooraf de opeenvolgende stappen willen bedenken, maar in de uitvoering elke stap met een go / no-go willen afsluiten. De heer Corsel wil graag snappen of GO bereid is in de participatie met elkaar de ‘stip op de horizon’ te bepalen – waar willen we uitkomen en wat zijn dan mogelijke scenario’s en maatregelpakketten – of wil GO slechts één stap zetten en dan eerst realisatie en evaluatie afwachten? De heer Van Erk, secretaris Gouda Onderneemt: De stip op de horizon lijkt op het sectorenmodel. Het lijkt nu net of bij voorbaat het uitgangspunt is om de ladder van Verdaas (zie de vorige presentatie) helemaal af te werken. De heer Corsel, projectleider gemeente Gouda: Er zijn met de Mobiliteitsnota van 2017 uitgangspunten en ambities vanuit de raad en het college vastgesteld. Dat zijn politieke ambities en wij kijken wat nodig is om die ambities te halen. Richting de raad willen we een doorkijk geven van mogelijke stappen die logischerwijs nodig zijn om de geformuleerde ambities te bereiken. Maar in de raad zullen we daarna voor de uitvoering de volgtijdelijke stappen steeds per stuk voorleggen, mede op basis van de evaluatie van voorafgaande maatregelen.

Het ingewikkelde aan het proces is, volgens de heer Van Gastel, vertegenwoordiger KHN, dat ambitie en probleemvaststelling door elkaar worden gehaald. Het college heeft een ambitie en dat wordt continu vermengd met een probleem dat moet worden opgelost. Hierdoor krijgt men geen grip op waar het concreet over gaat. De heer Corsel, projectleider gemeente Gouda geeft aan dat ambitie en probleem met elkaar te maken hebben. De heer van Gastel, vertegenwoordiger KHN, is van mening dat je eerst duidelijk en inzichtelijk moet hebben wat nu precies de problemen zijn die je opgelost wilt hebben. De stappen worden vervolgens hieraan gekoppeld. De heer Van der Wolf, programmamanager Gouda Onderneemt, hecht grote waarde aan het vaststellen van een toetsingskader. Dat is wezenlijk om te kunnen bepalen of de maatregelen wel of niet voldoende effectief zijn. Over het toetsingskader moeten we het hebben. Iedereen is het eens over de verschillende stappen. En ambities die zijn goed, maar kan je niet kwantificeren, maar ga je wel meten en exact benaderen. De heer Corsel, projectleider gemeente Gouda, geeft aan dat het beeld, de praatplaat, van het vorige VCP is losgelaten. Maar eerder bedachte noodzakelijke stappen kunnen nog steeds zinvol en essentieel blijken, zoals de capaciteit van de randwegen in orde maken.

Hij wil weten wat volgens GO maatregelen zijn die kunnen bijdragen aan de beleidsdoelen? Concreet vraagt hij de deelnemers aan welke maatregelen zij denken. De voorzitter benadrukt dat de discussie - op weg naar een gezamenlijk bedacht VCP - moet leiden tot een pakket aan maatregelen die bijdragen aan de ambities die vermeld staan in het mobiliteitsplan. 56

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

De voorzitter concludeert dat het Platform Gouda Onderneemt zich niet bij voorbaat wil vastleggen op het volledig doorlopen van de gehele ladder. De heer Van Erk, secretaris Gouda Onderneemt, beaamt dit. Voorzichtigheid moet worden geboden om te voorkomen dat grote maatregelen worden genomen die wellicht niet nodig blijken. Hij pleit voor het stap voor stap uitvoeren van de maatregelen, waarbij de ambitie wel kan worden gehandhaafd. Zodoende kunnen al die maatregelen die de ambities waarmaken toch worden beoordeeld op hun effect. De voorzitter concludeert: - Het is geen doel op zich om de ladder van Verdaas koste wat het kost helemaal te doorlopen. - Er is telkens een go/no-go moment in de reeks van maatregelen die elkaar opvolgen, waarbij steeds wordt gekeken en gemonitord wat de effecten zijn en of deze voldoende zijn. - Het Platform Gouda Onderneemt is wel bereid om collectief mee te denken aan denkbare scenario’s om de beleidsdoelen te bereiken die in het mobiliteitsplan zijn vastgesteld. De heer Voogt, voorzitter Gouda Onderneemt benadrukt de informatieachterstand die de achterban heeft ten opzichte van de deelnemers aan deze bijeenkomst. Hij wil niet nu al suggesties doen voor bepaalde maatregelen, zonder dat hij hierover heeft kunnen nadenken en ze heeft kunnen bespreken met de achterban.

De voorzitter geeft aan dat alle deelnemers wel iets kunnen vinden en kunnen inbrengen, maar begrijpt het punt dat de verstrekte informatie nieuw is en dat deze met de achterban nog moet worden besproken. Een echte reactie komt kennelijk daarna. De kwaliteit staat voorop, aldus de voorzitter. Toelichting de heer de Baat, Verkeerskundige, GoudappelCoffeng De heer De Baat benoemt de ambities en doelen van het Mobiliteitsplan, die richting geven aan het VCP, n.l. het verbeteren van: - Leefbaarheid en gezondheid - Aantrekkelijkheid binnenstad - Duurzame mobiliteit - Economische bereikbaarheid - Toekomstbestendigheid Deze ambities komen voort uit problemen die leven in Gouda. Op de vraag van de heer Van Aalst, Centrummanager SOG, of de Singels behoren tot de binnenstad antwoordt de heer de Baat dat de binnenstad alles is binnen de Singels. De

57

Rapportage over participatieproces VCP , 3 maart 2021

Singels zijn de toegangspunten tot je binnenstad, maar behoren niet tot de historische binnenstad. De binnenstad aantrekkelijker maken kan je doen door de binnenstad iets autoluwer te maken. De heer Van Gastel, vertegenwoordiger van Koninklijke Horeca Nederland, is hier niet op tegen. Verschillende maatregelen om de binnenstad autoluwer te maken zijn denkbaar / bespreekbaar. Maar het afsluiten van de binnenstad voor het autoverkeer is iets anders. Hij ziet dat meer als een oplossing voor een probleem elders in de stad, omdat men daar geen sluipverkeer wil. Ook voor de binnenstad geldt volgens de heer de Baat, verkeerskundige Goudappel Coffeng, dat je gefaseerd allerlei maatregelen kunt nemen, waarbij het afsluiten van de binnenstad voor auto’s van bezoekers een allerlaatste stap zou zijn. Het is juist de bedoeling om in dit proces gezamenlijk met de deelnemers van Gouda Onderneemt mogelijke stappen te onderzoeken waar we op kunnen inzetten, om de binnenstad aantrekkelijker te maken voor bezoekers, ondernemers en bewoners.

De heer de Baat, verkeerskundige GoudappelCoffeng, vervolgt zijn presentatie. Hij behandelt wensbeelden die zijn opgesteld voor elk van de afzonderlijke vervoerswijzen (lopen, fiets, auto, vracht). Door eerst per vervoerswijze te kijken wat een ideaal netwerk zou zijn, en daarna die verschillende netwerken over elkaar heen te leggen op de kaart van Gouda, kunnen we heel goed zien en bespreken waar die verschillende ideale netwerken goed te combineren en te realiseren zijn. En er blijkt dan ook waar conflicten en problemen zijn, waar wensen onverenigbaar zijn. Op die plekken kunnen we dan bespreken welke oplossingen denkbaar zijn. Het voetgangersklimaat Iedereen is aan het begin en aan het einde van elke reis voetganger. Overal in Gouda is dan ook de ambitie dat er ten minste veilige trottoirs zijn. Maar in de binnenstad wil je meer een flaneergebied realiseren, waar het niet alleen gaat om als voetganger van A naar B te gaan, maar ook om veilig en prettig te verblijven. Zodat bezoekers langer blijven, en bijvoorbeeld winkels en horeca bezoeken. In woonwijken is ook de autobereikbaarheid van woningen belangrijk, met een basiskwaliteit voor de voetganger. Daarom zijn er verschillende verblijfsmilieus gedefinieerd (A, B en C). Het fietsnetwerk Gouda beschikt over een fijnmazig fietsnetwerk.

Hier is een onderscheid gemaakt in gebundelde dikke (vaak ook regionale) routes, waarvan een aantal naar de binnenstad leiden, ook over oude historische structuren. Ter ontsluiting van de woonwijken is een fijnmaziger netwerk nodig. Wanneer de autonetwerkkaart en de kaart van het fietsnetwerk over elkaar heen worden gelegd, wordt duidelijk waar het fietsnetwerk en het autonetwerk elkaar kruisen en waar knelpunten kunnen ontstaan. Op die knelpunten moet worden

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=6db8edef-9de8-42fe-bd21-9c2d235a1a97