CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

Programmabegroting 2022-2025

Raadsvergadering 10 november 2021, gemeente GoudaBij agendapunt: Programmabegroting 2022-202550.742 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 6

Het tarief voor afvalstoffenheffing bestaat uit een vast tarief (voor 2022 bepaald op 299,50) en een variabel tarief. Het variabele deel van de afvalstoffenheffing 2022 is afhankelijk van het aantal maal door huishoudens aangeboden restafval in 2021. Het tarief is € 1,50 per 60 liter restafval. Het aanvragen van kwijtschelding is mogelijk. Tevens is er evenals de voorgaande jaren een mogelijkheid tot vrijstelling indien als gevolg van een medische aandoening sprake is van extra veel afval. Bij de vaststelling van de Verordening Reinigingsheffingen 2022 (raadsbehandeling in december 2021) worden de definitieve tarieven 2022 vastgesteld. Reinigingsrecht is een heffing voor bedrijven die hun afval bij het huishoudelijk afval mogen aanbieden. Bedrijven mogen afval aanbieden dat qua samenstelling en hoeveelheid vergelijkbaar is met huishoudelijk afval. Het tarief betreft een tarief per aanbieding. Kwijtschelding is niet mogelijk. De reinigingsheffingen (afvalstoffenheffing en reinigingsrecht) worden bepaald op basis van actuele berekeningen van kosten en opbrengsten met als uitgangspunt kostendekkende tarieven. In 2022 is een tariefsverhoging (naast de ophoging met het inflatiepercentage) noodzakelijk omdat de kosten voor het verwerken van de afvalstoffen stijgen.

Rioolheffingen Rioolheffing is een heffing voor huishoudens en bedrijven die water direct of indirect op de gemeentelijke riolering afvoeren. Rioolheffing is een bestemmingsheffing. De opbrengsten worden dan ook alleen gebruikt om de kosten te dekken die samenhangen met de wettelijke zorgplicht die de gemeente heeft voor de afvoer van afvalwater, de afvoer van regenwater en het beheer van het grondwaterpeil. De heffing bestaat uit 2 soorten; een eigenaren- en een gebruikersdeel. Eigenaren betalen een vast bedrag per perceel. Gebruikers betalen een bedrag op basis van het aantal kubieke meters water dat vanuit een perceel wordt afgevoerd. Het gebruikersdeel wordt vermeerderd indien meer dan 400m3 water vanuit een perceel wordt afgevoerd. De tarieven voor de rioolheffing zijn gebaseerd op het GRP 2019-2023. De rioolheffing voor 2022 wordt vervolgens bepaald op basis van actuele berekeningen baten en lasten. Gebaseerd op de actuele berekening worden de rioolheffingen 2022 niet verhoogd en blijven hetzelfde als de tarieven van 2021. Marktgelden Marktgelden worden geheven voor alle week- en dagmarkten in de gemeente. Er zijn tarieven voor een vaste standplaats en een dagplaats gedifferentieerd naar een tarief voor de zaterdagmarkt en een tarief voor de dinsdag, woensdag of donderdagmarkt. Belastingplichtigen betalen een bedrag op basis van de plaats (m2) die wordt ingenomen.

De opbrengsten van deze belasting worden onder andere ingezet voor het onderhoud van de markt, daarbij valt te denken aan het reinigen van het marktterrein, dagelijks toezicht op de markt door de marktmeester en energie- en watervoorzieningen. De tarieven van de marktgelden worden opgehoogd met het inflatiepercentage van 1,4%. In 2021 is de opbrengst voor marktgelden naar beneden bijgesteld. In verband met de maatregelen rondom corona kon de non food sector een aantal maanden geen gebruik maken van de markt. Daarom is voor deze ondernemers een hardheidsclausule toegepast en zijn geen marktgelden geheven. Voor het opmaken van de begroting 2022 gelden deze coronamaatregelen vanaf 2022 niet meer, zodat de begrote opbrengst weer in lijn ligt met de jaren vóór 2021.

Programmabegroting 2022-2025

75

Toeristenbelasting Toeristenbelasting is een belasting voor uitbaters van overnachtingsmogelijkheden zoals hotels en bed & breakfast. Er wordt een bedrag per overnachting betaald. De opbrengsten van deze belasting worden ingezet voor stadsmarketing en toerisme. De raad heeft op 28 oktober 2020 besloten om de belastingtarieven van de toeristenbelasting voor 2020 en 2021 op € 0,00 vast te stellen. Dit besluit is genomen om ondernemers te ondersteunen bij de gevolgen van de coronamaatregelen. In 2022 wordt het belastingtarief van 2020 naast een ophoging met het inflatiepercentage van 2022 (1,4%) opgehoogd met het inflatiepercentage van 1,8 % (2021). In 2022 krijgen de ondernemers aan het begin van het jaar een voorlopige aanslag. Deze mag in meerdere maandelijkse termijnen worden betaald. De definitieve aanslag volgt na afloop van het belastingjaar. Per 1 januari 2021 kunnen gemeenten in hun huisvestingsverordening instrumenten opnemen voor het toezicht op en de handhaving van de ongewenste neveneffecten van de toeristische verhuur van woonruimte. Een van die instrumenten is een registratieplicht voor toeristische verhuur. Op 30 juni heeft de raad besloten een registratieplicht voor toeristische verhuur op te nemen, waardoor registratie vanaf 1 januari 2022 mogelijk is.

Met de invoering van een registratieplicht voor toeristische verhuur kan een verhuurder niet langer vrijblijvend via bijvoorbeeld een digitaal platform zijn woning voor toeristisch gebruik aanbieden. Door invoering van een registratieplicht krijgt de gemeente dit in beeld. Dat is van belang om te kunnen beoordelen of het niet te veel druk op de woningmarkt geeft, om (brand)veiligheidseisen te kunnen handhaven en om toeristenbelasting te innen (gelijk speelveld). Precariobelasting Precariobelasting is een belasting voor personen of bedrijven die voorwerpen hebben onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond. Voorwerpen waarvoor de gemeente Gouda precariobelasting heft zijn onder andere bouwmaterialen, terrassen, en winkeluitstallingen. De opbrengsten van deze belasting gaan naar de algemene middelen. De tarieven worden verhoogd met het inflatiepercentage van 1,4%. De tarieven voor terrassen en uitstallen van goederen worden met ingang van 2022 weer geheven. Deze tarieven zijn voor de belastingjaren 2020 en 2021 op 0 vastgesteld om de ondernemers te ondersteunen tijdens de coronamaatregelen. Vanaf 1 januari 2022 is het niet meer mogelijk om precariobelasting op nutsnetwerken te heffen (tarief kabels en leidingen).

Sinds 1 juli 2017 is in de Gemeentewet opgenomen dat er geen precariobelasting mag worden geheven over netwerken die nutsbedrijven, in, op of boven gemeentegrond exploiteren. Voor gemeenten die op 10 februari 2016 een tarief voor nutsnetwerken in hun belastingverordening hadden, is geregeld dat zij dit tarief nog mochten heffen tot en met 2021. De opbrengsten zijn vanaf 2022 niet meer opgenomen in de begroting. Voor onze gemeente betekent het een lagere structurele baat van circa € 2 miljoen. Deze inkomstenderving is opgevangen in het financieel perspectief. Er is geen verhoging doorgevoerd van lokale heffingen ter compensatie. Hondenbelasting De hondenbelasting is een belasting voor houders van honden. Het te betalen bedrag is afhankelijk van het aantal honden. De opbrengsten gaan in de algemene middelen en worden dus niet slechts gebruikt als vergoeding voor het beschikbaar stellen van collectieve voorzieningen voor honden (zoals onderhoud van hondenuitrenplekken en het beschikbaar stellen van hondenpoepzakjes). Voor belastingjaar 2022 wordt het tarief verhoogd met het inflatiepercentage van 1,4%. Havengelden Havengelden worden betaald voor vaartuigen die in gemeentewater aanleggen of verblijven. Het te betalen bedrag is afhankelijk van de duur van het verblijf en de lengte (in strekkende meters) van het vaartuig.

De opbrengsten van havengelden worden onder andere gebruikt voor het onderhoud van aanlegsteigers en voorzieningen ten behoeve van de recreatievaart. De tarieven van de havengelden worden verhoogd met het inflatiepercentage van 1,4%. Staangelden Staangeld wordt opgelegd aan de hoofdbewoner van een woonwagen voor het hebben van een standplaats voor een woonwagen. Het te betalen bedrag is afhankelijk van de oppervlakte van de staanplaats. De staangelden worden verhoogd met het percentage van de maximale jaarlijkse huurverhoging voor woonwagenstandplaatsen van 0,0%. Tot en met 30 juni 2022 mag de huurprijs niet worden verhoogd (bron: www.rijksoverheid.nl). Leges Leges zijn vergoedingen voor een product die bij de gemeente wordt aangevraagd of voor een dienst die door de gemeente op verzoek wordt uitgevoerd.

76

Programmabegroting 2022-2025

In algemene zin worden de legestarieven verhoogd met het inflatiepercentage van 1,4%. Waarschijnlijk zullen enkele nieuwe belastbare feiten worden opgenomen c.q. bestaande belastbare feiten worden gewijzigd in relatie tot onder meer gewijzigde regelgeving. Enkele tarieven worden aangepast om een betere aansluiting te krijgen tussen tijdsbesteding van de behandeling van de aanvraag en de hoogte van het tarief. Verder zijn gemeentes gebonden aan de door de rijksoverheid vastgestelde maximumtarieven. De inwerkingtreding van de Omgevingswet en de wet Wkb (wet kwaliteitsborging voor het bouwen) is nu voorzien per 1 juli 2022. De implementatie van deze wetten heeft ruime aandacht bij de gemeente en de ODMH. Als gevolg van gewijzigde processen en regelgeving zullen legestarieven veranderen, bepaalde leges mogen niet meer worden geheven en er kunnen nieuwe tarieven worden geheven. Wat dit precies betekent voor de legesverordening en de kostendekkendheid van de tarieven is momenteel nog niet bekend. De belastingverordening 2022 wordt in de raadsvergadering van december 2021 aangeboden zonder te anticiperen op de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen. Bij inwerkingtreding van beide wetten per juli 2022 zal in de eerste helft van 2022, per die datum een aanpassing van de legesverordening doorgevoerd worden. De raad besluit daar dan over in de eerste helft van 2022.

Met de voorbereidingen op de Omgevingswet wordt gebouwd aan een overzichtelijk planproces om initiatiefnemers op een heldere manier van een globaal plan tot aan een vergunning te faciliteren. Daarbij worden ook de leges, die Gouda nu in rekening brengt voor alle diensten, opnieuw tegen het licht gehouden. De gemeentelijke faciliterende rol is op die manier meteen juist verwerkt in het verplicht verhalen van kosten. Daartegenover staat een veel betere risico-inschatting voor initiatiefnemers wat voor hen kosten verlagend werkt. Er is gebleken dat de leges voor uitgebreide en bestemmingsplanprocedures niet kostendekkend zijn. Daarom worden deze leges (tarief 2.2.1 tot en met 2.2.3.) conform het collegebesluit van 12 oktober 2021 per 1 januari 2022 verhoogd. De gewijzigde tarieven dekken de kosten om te komen tot een intentieovereenkomst waarin de afspraken staan om de verdere kosten te dekken. De kosten voor een individuele RO procedure voor een bestemmingsplan of uitgebreide procedure blijven op deze wijze weer kostendekkend en de kosten voor individuele projecten blijven ook voor het individu en niet voor de gemeenschap. Deze vorm van kostenverhaal is geregeld in de Wet ruimtelijke ordening. Voor de reguliere procedure en de kruimelprocedure blijven de leges gelijk aan de huidige vooroverleg tarieven.

Parkeerbelastingen Parkeerbelasting wordt betaald voor het parkeren van een voertuig op plaatsen die door het college zijn aangewezen als betaald parkeerplaatsen. Tevens wordt parkeerbelasting geheven voor het verlenen van een parkeervergunning. De opbrengsten gaan in de algemene middelen. Het kostenelement dat gemeenten in rekening mogen brengen bij de naheffingsaanslag parkeerbelasting voor 2022 is aangepast aan de consumentenprijsindex. En mag met € 1,20 worden verhoogd. De kosten van de naheffingsaanslag komen daarmee op € 66,50

4.1.4 Overzichten In deze paragraaf staan de volgende overzichten: 1. overzicht lokale heffingen; 2. overzicht lokale lastendruk eigenaar/gebruiker en huurder. 1. Overzicht lokale heffingen In het onderstaande overzicht staan de geraamde opbrengsten voor 2022. Opbrengstsoort (bedragen x € 1.000)

Geraamde opbrengst 2022

Geraamde kwijtschelding 2022

Geraamde opbrengst 2021

Tarieven 2022

Belastingen en heffingen OZB-eigenaren woningen

8.742

8.627

0,0969%

OZB-eigenaren niet-woningen

5.011

2

4.898

0,3404%

OZB-gebruikers niet-woningen

3.486

3.401

0,00

Afvalstoffenheffing

11.598

976

10.123

344,50

Rioolheffing eigenaren

9.419

719

9.058

252,70

Rioolheffing gebruikers

9.501

9.120

247,40

Totaal Belastingen en heffingen

47.757

1.697

45.227

Overige belastingen Hondenbelasting

269

266

79,15

Parkeerbelasting

4.036

3.986

div

Toeristenbelasting

145

2

0

2.046

div

Precariobelasting

Programmabegroting 2022-2025

77

Opbrengstsoort (bedragen x € 1.000)

Geraamde opbrengst 2022

Totaal Belastingen en heffingen

Geraamde kwijtschelding 2022

4.450

Geraamde opbrengst 2021 0

Tarieven 2022

6.300

Rechten Leges burgerzaken

1.020

912

div

Leges bouwvergunningen

2.150

2.150

div

Leges overig

283

293

div

Marktgelden

127

121

div

Havengelden

108

107

div

Staangelden

183

192

div

Reinigingsrechten

25

25

div

Totaal rechten

3.896

0

3.800

Totaal Lokale heffingen

56.103

1.697

55.327

De geraamde opbrengsten zijn bruto-opbrengsten zonder aftrek van geraamde kwijtscheldingen. De OZB-tarieven zijn nog gebaseerd op de WOZ-waarde met peildatum 1 januari 2020 en moeten dus nog worden gecorrigeerd op basis van de hertaxatie met peildatum 1 januari 2021. De OZB-tarieven van een niet-woning zijn inclusief een opslag van 7% ten behoeve van het Ondernemersfonds Gouda (OFG). Het OFG ontvangt jaarlijks een subsidie van 7% van de OZB-inkomsten van niet-woningen van twee jaar daarvoor. In de begroting 2022 is voor deze subsidie een bedrag van € 544.505 opgenomen. De afvalstoffenheffing is de som van het vaste tarief (€ 299,50) en het variabele tarief op basis van gemiddeld 30 aanbiedingen van 60 liter restafval á € 1,50 (€ 45,00). De geraamde opbrengst afvalstoffenheffing is exclusief de reinigingsrechten bedrijven. 2. Overzicht lokale lastendruk eigenaar/gebruiker en huurder In onderstaande tabel is de lastendruk in Gouda in het jaar 2022 voor zowel een eigenaar-gebruiker als een huurder aangegeven. Ter vergelijking zijn de cijfers van 2021 toegevoegd. Zoals gebruikelijk in het woonlastenoverzicht worden hierbij de OZB, de afvalstoffenheffing en de rioolheffingen betrokken. Verder is als uitgangspunt genomen een meerpersoonshuishouden.

Voor de berekening van de OZB 2022 is uitgegaan van een woning met een WOZ-waarde van € 245.000 (gemiddelde WOZ-waarde van woningen in Gouda in 2021). De gemiddelde WOZ-waarde voor 2020 is € 223.000. Deze gemiddelde WOZ-waarde is gebruikt voor de berekening van de OZB 2021. Voor het bepalen van het tarief voor afvalstoffenheffing is uitgegaan van het vaste tarief vermeerderd met 30 aanbiedingen van 60 liter zakken. Opbrengstsoort (bedragen x € 1)

2022 eigenaar/ gebruiker

OZB eigenaar

237,40

Afvalstoffenheffing

344,50

Rioolheffing eigenaar

252,70

Rioolheffing gebruiker Totaal

2021 huurder

eigenaar/ gebruiker

verschil in % huurder

234,15 344,50

306,00

eigenaar/ gebruiker

huurder

1,40% 306,00

252,70

12,58%

12,58%

0,00%

247,40

247,40

247,40

247,40

0,00%

0,00%

1.082,00

591,90

1.040,25

553,40

4,01%

6,96%

Kwijtschelding Personen met een inkomen op bijstandsniveau en zonder vermogen kunnen in aanmerking komen voor kwijtschelding van gemeentelijke belastingen. In Gouda is kwijtschelding mogelijk voor afvalstoffenheffing, rioolheffing en onroerende zaakbelastingen. Voor het variabele tarief afvalstoffenheffing is een maximale kwijtschelding van € 75,00 mogelijk. In de praktijk komt kwijtschelding vooral voor bij de afvalstoffenheffing en rioolheffing. De kwijtscheldingsnorm is 100%. Met ingang van 1 januari 2022 is het mogelijk om voor AOW-gerechtigden en volledig arbeidsongeschikten de vermogensnorm die van toepassing is bij het beoordelen van een verzoek om kwijtschelding van gemeentelijke belastingen met maximaal € 2.000 op te hogen. Hierdoor verspelen AOW’ers die een (kleine) financiële buffer hebben niet het recht op kwijtschelding. Van een dergelijke mogelijkheid kan gebruik worden gemaakt als het gemeentelijk kwijtscheldingsbeleid

78

Programmabegroting 2022-2025

wordt gewijzigd. In het belastingvoorstel dat in de raadsvergadering van december wordt behandeld wordt aangegeven of het beleid hierop wordt aangepast.

4.1.5 Kostenonderbouwing tarieven De gemeente Gouda hanteert bij de vaststelling van de tarieven voor 2022 een kostendekkende tarifering als uitgangspunt. Onderstaand zijn de kostprijsonderbouwingen van de tarieven voor leges, afvalstoffenheffing en rioolheffing voor 2022 weergegeven. Kostenonderbouwing legestarieven uit legesverordening De kostendekkendheid van de leges is in 2021 nader onderzocht en geheel geactualiseerd. Hiervoor is gebruik gemaakt van kostendekkendheid.nl. Een webapplicatie die door een groot aantal gemeenten (80) wordt gebruikt. In samenwerking met kostendekkendheid.nl en de diverse deelnemende gemeenten wordt de komende jaren meer onderzoek verricht naar de kostendekkendheid van de leges. Het doel is een hogere kwaliteit van de legesproducten (snellere dienstverlening), meer transparantie en tegen lagere kosten. Titel 1 Algemene dienstverlening Legesverordening (bedragen x € 1.000)

Lasten taakvelden

Overhead

Totale lasten

Totale baten

Kostendekking

1.1 Burgerlijke stand

150

12

162

110

68,09%

1.2 Reisdocumenten en NL ID-kaart

487

18

506

465

91,96%

1.3 Rijbewijzen

243

13

257

228

88,83%

1.4 Verstrekking Basisreg Personen

45

2

47

33

70,05%

1.5 Overige Publiekszaken

21

1

22

17

78,76%

1.7 Gemeentearchief

0

0

0

0

0,00%

1.9 Geluidshinder

0

0

0

0

0,00%

1.11 Huisvestingswet

16

0

16

0

0,00%

1.13 Verkeer en Vervoer

33

34

67

39

57,32%

1.14 Leegstandswet

0

0

0

0

55,35%

1.16 Kansspelen

0

0

0

0

77,40%

1.17 Telecommunicatie

18

14

32

37

116,36%

1.18 Diversen

6

1

6

3

50,97%

Totaal titel 1

1.020

96

1.116

933

83,64%

Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning Legesverordening Lasten Overhead Totale lasten (bedragen x € 1.000) taakvelden

Totale baten

Kostendekking

2.1 Begripsomschrijving

0

0

0

0

2.2 Vooroverleg / beoordeling conceptaanvraag

0

0

0

0

0,00%

2.335

147

2.482

2.335

94,09%

2.3 Omgevingsvergunning

0,00%

2.4 Vermindering

0

0

0

-3

0,00%

2.5 Teruggaaf

0

0

0

0

0,00%

2.6 Intrekking Omgevingsvergunning

0

0

0

0

0,00%

2.7 Wijziging omgverg agv wijz project

0

0

0

0

0,00%

2.8 Bestemmingswijzigingen zonder activiteiten

0

0

0

0

0,00%

0

0

0

0

0,00%

2.335

147

2.482

2.332

93,97%

Totale lasten

Totale baten

2.9 2.10 In deze titel niet benoemde beschikking Totaal titel 2

-

Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn Legesverordening Lasten (bedragen x € 1.000) taakvelden

Overhead

Kostendekking

3.1 Horeca

28

3

31

30

98,47%

3.2 Organiseren evenementen of markten

73

7

80

27

33,71%

3.3 Prostitutiebedrijven

1

0

1

1

74,11%

3.4 Winkeltijdenwet

0

0

0

0

0,00%

3.5 vergunning ter bescherming van het ondernemersklimaat

0

0

0

0

0,00%

3.6. in deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

0

0

0

0

0,00%

102

10

112

58

51,73%

Totaal titel 3

Programmabegroting 2022-2025

79

Recapitulatie Titel (bedragen x € 1.000)

Lasten taakvelden

Overhead

Totale lasten

Totale baten

Kostendekking

Titel 1

1.020

96

1.116

933

83,64%

Titel 2

2.335

147

2.482

2.332

93,97%

Titel 3 Totale tarieventabel

102

10

112

58

51,73%

3.457

253

3.709

3.323

89,59%

Voor de berekening van de kostendekkendheid is gebruik gemaakt van de 'Handreiking kostentoerekening leges en tarieven' (opgesteld in opdracht van het ministerie van Binnenlandse zaken) en van het kostenmodel van de VNG. Alle directe lasten die op de betreffende taakvelden staan worden betrokken in de berekening. Het gaat hierbij om de taakvelden Burgerzaken, Openbare orde en veiligheid, Parkeren, Openbaar groen en (openlucht) recreatie, Milieubeheer en Wonen en bouwen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de kosten voor afdrachten van rijksleges voor rijbewijzen en reisdocumenten, inzet van de medewerkers van de Omgevingsdienst, maar ook aan automatiseringskosten en uren van medewerkers die direct kunnen worden toegerekend aan de betreffende producten. De indirecte overheadlasten worden buiten de begroting om toegerekend op basis van de omvang van de taakvelden. De systematiek van toerekenen aan de hand van de omvang van het taakveld verdeelt de overhead over alle kosten. Het voordeel van deze systematiek is de eenvoud. Aan de batenkant worden de geraamde inkomsten in beeld gebracht. Wanneer de baten worden afgezet tegen de lasten resulteert de kostendekkendheid. Een kostendekkendheid van minder dan 100% betekent dat de geraamde lasten hoger zijn dan de geraamde baten. In de tabel is per heffing de mate van kostendekkendheid voor het begrotingsjaar aangegeven.

Het is van belang dat de totale legesverordening de 100% kostendekkingsnorm niet overschrijdt. Kruissubsidiëring binnen titels van de legesverordening is dus mogelijk Uit de tabel blijkt dat de geraamde baten van de verordening niet uitgaan boven de totale geraamde lasten van de verordening. Dit geldt ook wanneer de drie titels in de legesverordening individueel worden bekeken. Titel 3 is voor slechts 51% kostendekkend. Het betreft echter een klein onderdeel van de legesverordening wat voor een groot deel bestaat uit evenementenvergunningen. Vanwege de maatschappelijk betekenis ervan is dit bij veel gemeenten niet kostendekkend. Kostenonderbouwing afvalstoffenheffing 2022 Afval op basis begroot 2022 Omschrijving (bedragen x € 1.000)

2022

Kosten taakveld afval

9.566

Inkomsten excl. heffingen

1.214

Netto kosten

8.352

Toe te rekenen kosten: Overhead

291

Kwijtschelding

976

Compensabele BTW

1.979

Totaal kosten

11.598

Opbrengst afvalstoffenheffing

11.598

Dekking

100,0%

Uitgangspunt bij de bepaling van de hoogte van de afvalstoffenheffing 2022 is 100% kostendekking. Alle kosten die op het taakveld Afval staan, worden betrokken bij de berekening van de heffing. Het betreft hier zowel de kosten van afvalinzameling als van afvalverwerking. Daarnaast worden de kapitaallasten van reeds uitgevoerde investeringen (bijvoorbeeld ondergrondse containers) en de kosten van de kwijtscheldingen afvalstoffenheffing meegenomen. Ook kosten vanuit andere taakvelden die aan de afvalstoffenheffing dienen te worden toegerekend, tellen mee. Aan de hand van de capaciteitsraming worden kosten Handhaving (in dit geval reinigingsinspectie) toegerekend aan de afvalstoffenheffing. Op het taakveld Belastingen worden de perceptiekosten (kosten van aanslagoplegging en invordering van alle heffingen) verzameld. Op basis van het aantal aanslagregels afvalstoffenheffing vindt de toerekening aan Afval plaats. Vanuit het taakveld Verkeer en wegen wordt een deel van de kosten voor straatreiniging aan Afval toegerekend. Ook de kwijtscheldingen worden in de kostenonderbouwing meegenomen.

80

Programmabegroting 2022-2025

De directe uurkosten van medewerkers worden toegerekend op basis van de raming van de directe uren. In de uiteindelijke hoogte van de afvalstoffenheffing wordt (buiten de begroting om) een deel van de btw op afval-gerelateerde kosten toegerekend. Sinds de introductie van het btw-compensatiefonds (per 1 januari 2003) hanteren gemeenten deze werkwijze. Schommelingen in kosten worden zoveel mogelijk in de egalisatievoorziening afvalstoffenheffing opgevangen. Dit voorkomt dat de afvalstoffenheffing voor de burger sterk fluctueert. Kostenonderbouwing rioolheffing 2022 Riool op basis begroot 2022 Omschrijving (bedragen x € 1.000) Kosten taakveld riolering Inkomsten excl. heffingen Netto kosten

2022 14.651 9 14.642

Toe te rekenen kosten: Overhead Kwijtschelding

204 719

Compensabele BTW

3.355

Totaal kosten

18.920

Opbrengst rioolheffing

18.920

Dekking

100,0%

Voor de berekening van de hoogte van de rioolheffing worden alle lasten verzameld die op het taakveld Riolering staan. Bij Riolering realiseert de gemeente 100% kostendekking. Grote kostencomponent binnen Riolering zijn de kapitaallasten van de historische investeringen (rioolvervanging). Daarnaast vormen de kosten van dagelijks- en groot onderhoud ook een belangrijke kostencomponent. Kwijtscheldingen van het opgelegde gebruikersdeel van de rioolheffing worden betrokken in de kosten van Riool. Op het taakveld Belastingen worden de perceptiekosten (kosten van aanslagoplegging en invordering van alle heffingen) verzameld. Op basis van het aantal aanslagregels rioolheffing vindt de toerekening aan Riool plaats. Vanuit het taakveld Verkeer en vervoer wordt een deel van de kosten straatreiniging aan Riool toegerekend. Het betreft het deel dat betrekking heeft op het voorkomen van de vervuiling van het riool en de rioolkolken. Het deel van de kosten baggeren sloten en watergangen dat betrekking heeft op de verbetering van de waterkwaliteit, wordt toegerekend aan Riool. De directe uurkosten van medewerkers worden toegerekend op basis van de raming van de directe uren. In de uiteindelijke hoogte van de rioolheffing wordt, buiten de begroting om, een deel van de btw op riool-gerelateerde kosten toegerekend.

Sinds de introductie van het btw-compensatiefonds hanteren gemeenten deze werkwijze. Met ingang van het jaar 2020 is de spaarvoorziening vervangingsinvesteringen riolering van voldoende omvang om vanuit deze voorziening de vervangingsinvesteringen riolering te bekostigen. Investeringsbudgetten die we over 40 jaar afschrijven zijn niet meer nodig.

Programmabegroting 2022-2025

81

4.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 4.2.1 Inleiding De paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing geeft inzicht in de ontwikkeling van risico’s en daarmee inzicht in de financiële weerbaarheid van de gemeente. In de kern gaat het om de vraag in welke mate de gemeente in staat is om financiële gevolgen van risico’s op te vangen. Deze paragraaf geeft aanvullend de stand van zaken van een zestal financiële kengetallen: netto schuldquote, netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen, solvabiliteitsratio, structurele exploitatieruimte, grondexploitatie en belastingcapaciteit. De paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing is opgesteld volgens het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV), de nota risicomanagement en weerstandsvermogen en de nota reserves en voorzieningen. Daarnaast is gebruik gemaakt van de inzichten die vanuit het ministerie van BZK worden aangereikt (Financiële Regelgeving en Toezicht Decentrale Overheden).

4.2.2 Belangrijkste conclusies De ratio van de weerstandscapaciteit bedraagt ultimo 2021, begin 2022, 2,27. Dit betekent dat het weerstandsvermogen de kwalificatie “uitstekend” krijgt om de gevolgen van het optreden van risico’s financieel op te vangen. De Goudse schuldquote wordt door de VNG als neutraal (onder de norm van 130%) bestempeld. De structurele exploitatieruimte laat zien dat de structurele lasten meerjarig volledig worden gedekt door structurele baten.

4.2.3 Weerstandsvermogen Weerstandsvermogen is het vermogen van de gemeente om financiële tegenvallers op te kunnen vangen zonder dat dit invloed heeft op het uitvoeren van de programma’s. Ratio weerstandsvermogen = Beschikbare weerstandscapaciteit : Benodigde weerstandscapaciteit

4.2.3.1 Beschikbaar weerstandsvermogen Het beschikbaar weerstandsvermogen bestaat uit de middelen waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om financiële risico’s (niet begrote kosten of tegenvallende opbrengsten) op te vangen. Dit is de som van de algemene reserve, de reserve sociaal domein en het saldo van mutaties in de exploitatiesfeer, voor zover dit saldo wordt toegevoegd aan de algemene reserve of de reserve sociaal domein. De reserve sociaal domein wordt in 2022 afgebouwd naar nul. De ontwikkeling van het beschikbaar weerstandsvermogen fluctueert met de jaarlijkse inkomsten en uitgaven van de gemeente Gouda. Het traceren van het beschikbaar weerstandsvermogen is begin 2019 aangescherpt, opdat een beter beeld wordt verkregen van dit beschikbaar weerstandsvermogen. In onderstaande tabel is de ontwikkeling meerjarig weergegeven. Aangezien het niet zeker is dat de begrote resultaten ook daadwerkelijk gerealiseerd gaan worden en aangezien de bestemming van het rekeningresultaat voorbehouden is aan de gemeenteraad, kan het beschikbare weerstandsvermogen wijzigen als gevolg van het daadwerkelijk gerealiseerde resultaat en van besluitvorming in de gemeenteraad. Omschrijving (bedragen x € 1.000)

2022 na resultaat / 3e begr.wijz. 2021

2023

2024

2025

stand per 1 januari Algemene reserve

34.428

30.605

32.288

35.472

Reserve sociaal domein

1.207

0

0

0

Beschikbaar weerstandsvermogen

35.635

30.605

32.288

35.472

Dit leidt tot een beschikbaar weerstandsvermogen van € 35.635.000 begin 2022. In de oorspronkelijke meerjarenraming waren al mutaties in de algemene reserve en in de reserve sociaal domein opgenomen. Deze zijn eveneens in de bovenstaande tabel opgenomen per jaar, opdat een meer zuiver beeld van de ontwikkeling van het beschikbaar vermogen wordt weergegeven. Daarnaast zijn de mutaties die worden voorgesteld in deze programmabegroting meegenomen. Uiteindelijk leidt dit tot een beschikbaar weerstandsvermogen van € 35.472.000 begin 2025.

4.2.3.2 Benodigd weerstandsvermogen Het benodigd weerstandsvermogen is een optelsom van alle risico’s waarvoor geen beheersmaatregelen zijn getroffen. Voor het berekenen van het benodigd weerstandsvermogen maakt de gemeente Gouda een onderscheid tussen risico’s verbonden aan grondexploitaties en overige risico’s. De risico’s verbonden aan grondexploitaties worden gekwantificeerd met behulp van de IFLO methode. Daarbij wordt een risico-opslag van 10% gehanteerd met betrekking tot de

82

Programmabegroting 2022-2025

boekwaarden, de toekomstige opbrengsten en de toekomstige kosten. De overige risico’s (going concern) worden gekwantificeerd met behulp van een Monte Carlo simulatie. Bij deze going concern risico’s zijn tevens de financiële risico’s opgenomen die in de kadernota 2022 stonden vermeld. Beide methoden zijn begin 2019 verder verfijnd om in deze begroting een zo goed mogelijk beeld te geven van het benodigd weerstandsvermogen. In onderstaande tabel worden de risico’s met de grootste financiële impact toegelicht. Risico categorie

Sub aanduiding

Toelichting

Westergouwe

In september 2018 heeft de raad fase 3 toegevoegd aan fase 1 en 2 van de grondexploitatie Westergouwe. Fase 1 is zo goed als gereed en bevat nagenoeg geen risico’s meer. Ook de risico’s bij fase 2 nemen steeds verder af omdat er stap voor stap meer zekerheid komt over kosten en opbrengsten. Fase 2 is in aanbouw en voor het merendeel van de te realiseren opbrengsten zijn contracten gesloten of zijn de opbrengsten al gerealiseerd. Voor fase 3 fase drie bestaat meer onzekerheid over kosten en opbrengsten. Het stedenbouwkundig plan is nagenoeg gereed, de voorbereidingen voor de gronduitgifte worden getroffen en de gronden worden op dit moment voorzien van de benodigde voorbelasting.

Spoorzone

Het risico is beperkt. De kavel tussen de Rabobank en de Bioscoop is grotendeels bouwrijp en moet nog worden verkocht. Een Goudse woningcorporatie is voornemens het bouwkavel aan te kopen voor het realiseren van sociale huurwoningen. De wijziging van het bestemmingsplan is in voorbereiding.

Materiele Vaste Activa

Gouda bezit een voorraad potentiele bouwgronden langs de spoorzone en rondom Westergouwe fase 1 die in de toekomst geschikt zijn voor bebouwing. Deze gronden worden gefaseerd in exploitatie genomen. De omvang van de ontwikkellocatie en daadwerkelijke bestemming volgt de actuele marktvraag. De percelen langs de spoorzone hebben een kantoorbestemming. De vraag naar nieuwbouwwoningen is momenteel groot. De VON prijzen van woningen stijgen – helaas stijgen ook de bouwkosten. Dit kan in combinatie met de beperkte bouwcapaciteit de grondwaardes onder druk zetten. De waarde van toekomstige bouwgronden hangt samen met het gekozen bouwprogramma. Ambities en aanvullende eisen bepalen de daadwerkelijke grondprijs. Dergelijke eisen zijn grotendeels gemeentelijke keuzes. Marktrisico’s zijn moeilijker te beïnvloeden – wel kan door de gekozen fasering en kleinschalige deelgebieden snel worden ingespeeld op veranderingen in de vraag.

Grondbank

Voor de Grondbank heeft de gemeente Gouda een voorziening getroffen. Het risico bestaat dat deze voorziening niet hoog genoeg is. De gemeente Zuidplas heeft besloten om in 2020 samen met de partners tot een definitieve ontwikkelingsvisie voor het Middengebied van de Zuidplaspolder te komen voor de realisatie van ten minste 4000 woningen. In 2021 zullen de gronden van de Grondbank worden getaxeerd na bestuurlijke besluitvorming over deze ontwikkelingsvisie van het Middengebied. De verwachting is dat in 2021 ten opzichte van 2020 een positieve wijziging van de waarde van de gronden zal plaatsvinden. Medio 2021 wordt dan ook duidelijk of de voorziening toereikend is.

Grondexploitaties Bouwplannen en projecten

Omschrijving

Risicogebied

Going Concern Frauderisico

Fraude is het bevoordelen van jezelf of een ander middels opzettelijk wederrechtelijk Risk & handelen. Bepalend voor fraude zijn dus de elementen bevoordeling en opzettelijke Compliance / strijdigheid met wet- en regelgeving. Iedere organisatie loopt het risico om slachtoffer Control te worden van fraude. Om tegen dit risico te wapenen worden beheersmaatregelen getroffen. Desondanks is het risico op fraude niet uit te sluiten. Het frauderisico bestaat uit drie elementen: • incentive/druk: er is een druk ontstaan voor een individu of een organisatie om te gaan frauderen. • gelegenheid: onvoldoende beheersmaatregelen in de organisatie kunnen zorgen dat het voor een persoon of een organisatie(onderdeel) mogelijk is om te frauderen; • houding/rechtvaardiging: de frauderende persoon of organisatie moet het voor zichzelf kunnen rechtvaardigen dat het plaatsvindt. Het risico op fraude is niet verzekerd en is daarom opgenomen in de weerstandsparagraaf.

Niet voldoen aan Privacy Wetgeving (AVG)

Gemeenten verwerken voor de uitvoering van hun taken persoonsgegevens. Op grond AVG-Privacy van de op 25 mei 2018 in werking getreden Europese Algemene Verordening Persoonsgegevens zijn gemeenten ertoe gehouden om zorgvuldige verwerking van deze gegevens aantoonbaar te waarborgen. De nieuwe wetgeving is stevig, onder andere door het stellen van hoge boetes. Daarnaast zijn de inhoudelijke eisen streng, zoals het aanstellen van een data protection officer, het uitvoeren van risico-analyses, zogenoemde privacy impact assessments (PIA’s) en het hebben van een actueel verwerkingenregister. Het risico blijft altijd aanwezig dat persoonsgegevens onzorgvuldig worden verwerkt, waaruit datalekken kunnen ontstaan. Dit kan leiden tot financiële schade, zoals opgelegde boetes. Ook kunnen datalekken of incidenten betrokkenen ernstig schaden en kan imagoschade ontstaan voor de organisatie als een lek of incident bijvoorbeeld in de media veel aandacht krijgt.

Programmabegroting 2022-2025

83

Omschrijving Verzakkingen woonwagenlocaties

Risicogebied

Risico is dat de gemeente extra kosten moet maken om verzakkingen van de Beheer woonwagenlocaties tegen te gaan. Aantal van de woonwagenlocaties in eigendom van Openbare de gemeente hebben te maken met verzakkingen. Als verhuurder zijn wij Ruimte verantwoordelijk voor een goede woonplek en dus ook een goed ondergrond. Om verzakkingen tegen te gaan worden betonplaten geplaatst. Kosten hiervan zijn circa €100.000 per plek. De gemeente heeft vier woonwagenlocaties in bezit. Met name de locaties aan de Tiendweg en de Goudkade zijn het meest urgent. De onderhoudsmiddelen zijn mogelijk niet toereikend.

Einde economische levensduur civieltechnische kunstwerken

Een aantal van de civieltechnische kunstwerken (bruggen, viaducten, tunnels en Beheer walmuren) zijn bijna aan het einde van de economische levensduur. Deze bouwwerken Openbare worden normaal in 80 jaar afgeschreven. Dan moet besloten worden of deze worden Ruimte vervangen of groot onderhoud moet worden gepleegd. Het risico is dat de kosten groter zijn dan het budget wat daarvoor beschikbaar is. Inspecties zijn al uitgevoerd en aanvullende inspecties worden nog uitgevoerd.

Vervanging viaduct Noothoven van Goorstraat

Noothoven van Goorstraat die is afgesloten voor voertuigen omdat de draagkracht van Beheer de brug is verminderd. Door de destijds gehanteerde betonsamenstelling, dat gevoelig Openbare is voor ASR aantasting, blijkt dat het viaduct Noothoven van Goorstraat medio 2023 Ruimte vervangen dient te worden. De vervangingsinvestering wordt geschat op ca. € 2,8 miljoen.

Toegankelijkheid openbare ruimte naar woningen en bedrijven

Door een lage droogzettingsnorm te hanteren kan het openbaar gebied verder zakken Beheer voordat er wordt opgehoogd. Op verschillende plekken leidt dit tot Openbare toegankelijkheidsproblemen. Bij het oplossen van individuele situaties moeten Ruimte aanzienlijke kosten worden gemaakt om de toegankelijkheid te waarborgen. Dit wordt alleen uitgevoerd als hier geen andere oplossingen (op eigen) terrein) mogelijk zijn.

Stijgende Materiaalkosten en krapte op de markt

Risico dat prijzen omhoog gaan voor aanbestedingen. Veel materialen worden schaarser (en duurder) en veel aanbieders zitten vaak vol. Prijzen gaan dan omhoog voor nieuwe beheeraanbestedingen en projectaanbestedingen.

Beheer Openbare Ruimte

Gladheidsbestrijding

Het risico op een extreme winter. Extra kosten voor de gemeente doordat er meer gladheidsbestrijding moet worden uitgevoerd.

Beheer Openbare Ruimte

Stormschade

Het risico van zeer zware stormen wat extra kosten voor de gemeente betekent. Zoals Beheer het ruimen van bomen en vorstschade. Openbare Ruimte

Ombouwen afvalcontainers

Het risico dat afval afvalcontainersystemen omgebouwd moeten worden van 2G naar 4G. 2G en 3G wordt namelijk uitgefaseerd. ivm uitfasering 2G. Gaat over alle containers en is noodzakelijk voor diftar.

Beheer Openbare Ruimte

Brandblusleiding Spoorzone

Een speciale brandblusleiding in de Spoorzone is speciaal aangelegd om te kunnen bouwen langs het spoor. Onderzoek wordt uitgevoerd of onderhoud nodig is aan deze leiding. Er is geen rekening gehouden met dit onderhoud. Daarmee het risico van onvoorziene kosten.

Beheer Openbare Ruimte

Baggerkosten Oostpolder

De gemeente is aangeschreven door het Hoogheemraadschap van Schieland en de Beheer Krimpenerwaard voor het voldoen aan de onderhoudsverplichting om de sloten die in Openbare beheer zijn bij de gemeente op diepte houden. Deze kosten zijn niet begroot omdat de Ruimte sloten eens per 10-15 jaar gebaggerd dienen te worden en niet in openbaar gebied liggen maar wel eigendom zijn van de gemeente. Er wordt onderzoek uitgevoerd naar de hiermee gemoeide kosten. Voorafgaand aan de baggerwerkzaamheden dient ook onderzoek naar niet gesprongen explosieven (NGE’s) uitgevoerd te worden.

Baggerkosten Overig Openbaar De gemeente moet periodiek (ca. eens per 5-10 jaar) de bij de gemeente in beheer gebied zijnde watergangen op diepte brengen. (baggeren). Voordat deze werkzaamheden gestart kunnen worden moet eerst NGE onderzoek worden uitgevoerd. Deze kosten werden voorheen gedekt uit de rioolheffing. Dit is afgebouwd. Toekomstige bagger activiteiten komen ten laste van het grootonderhoud openbare ruimte.

Beheer Openbare Ruimte

Uitstel Omgevingswet

Risico dat de omgevingswet opnieuw wordt uitgesteld. Invoering van de Omgevingswet Ruimtelijk is voorzien per 1 januari 2022. In 2022 is nog een bestemmingsreserve van € 250.000 Beleid beschikbaar voor het opstellen van het Omgevingsplan, daarna is er geen budget meer voor de dekking van de invoeringskosten van de Omgevingswet (opstellen en wijzigen Omgevingsplan, DSO, inhuur extra capaciteit in de transitieperiode etc.)

Invoering Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb)

De WkB wordt gelijktijdig met de Omgevingswet ingevoerd. De Wkb leidt er naar Ruimtelijk verwachting toe dat de bouwleges zullen afnemen, terwijl een deel van de bestaande Beleid taken in stand zal blijven én er ook nog enkele nieuwe BWT-taken voor de ODMH bij zullen komen. Voor Gouda wordt op basis van een eerste globale toets per saldo een negatief bedrag verwacht van structureel € 300.000 tot € 350.000 (som van minder inkomsten en blijvende/nieuwe kosten van uitvoering van deze taken). Bezien wordt of er alternatieve heffingsmogelijkheden zijn. Hier wordt de raad uiteraard in meegenomen.

Verbonden Partijen

Verbonden partijen zijn gemeentelijke samenwerkingsverbanden of deelnemingen die gevormd zijn om bepaalde taken bijvoorbeeld efficiënter uit te voeren. De gemeente Gouda heeft in de rechtspersonen bestuurlijke invloed en/of financiële belangen. De gemeentelijke bijdrage van Gouda aan de verbonden partijen bedroeg in 2019 € 40,7 miljoen.

84

Programmabegroting 2022-2025

Verbonden partij/subsidie

Omschrijving De COVID crisis raakt ook verbonden partijen. Hierdoor bestaat het risico op discontinuïteit van verbonden partijen en maatschappelijke instellingen. Waardoor extra financiële steun vanuit de gemeente nodig is. Specifieke Uitkeringen (SiSa)

Risicogebied

De gemeente ontvangt allerlei specifieke uitkeringen welke verantwoord dienen te Control worden via de systematiek van Single Information Single Audit (SISA). Indien de verantwoording niet of onvoldoende invulling krijgt, loopt de gemeente het risico dat de uitkering niet als een rechtmatige besteding wordt aangemerkt en terugbetaald moet worden. Naast het risico van terugbetaling, bestaat er een financieel risico als gevolg van extra werkzaamheden door de accountant en/of ambtelijke inzet. Het aantal SiSa-regelingen is toegenomen van 9 naar 21. De totale omzet is toegenomen van € 29 miljoen naar € 43 miljoen.

Vorderingen op personen/ bedrijven zijn niet te innen

Het toepassen van bestuursdwang (artikel 5.3.1 Awb) is een van de handhavingsinstrumenten die gemeenten hebben tegen overtredingen van de wet en illegale situaties. Het risico bestaat dat de dwangsom vervolgens niet geïnd kan worden. Dit geldt ook voor andere vorderingen die de gemeente heeft op personen of bedrijven.

Financiën

Aansprakelijkheid en nadeelcompensatie

Niet of onvoldoende nakomen van contractuele afspraken en toezeggingen, onzorgvuldig handelen of onjuiste toepassing van regelgeving kan ertoe leiden dat de gemeente aansprakelijk wordt gesteld voor schade. Deze schade kan ontstaan in het openbaar gebied (letselschade, materiële schade, evenementen etc.) of door handelen/nalaten gemeente (onterecht weigeren/verlenen vergunning, werken in de openbare ruimte). Het gaat hierbij om grotere schades die niet worden gedekt door de verzekering (contractuele aansprakelijkheid) of boven de dekking uitgaan.

Bestuur & Management

De gemeente kan ook aansprakelijk worden gesteld voor schade als gevolg van op zichzelf rechtmatig handelen, bv. door werkzaamheden in het openbaar gebied doordat winkels en of bedrijven moeilijk bereikbaar zijn (gederfde winst). De drempel om in aanmerking te komen voor nadeelcompensatie is relatief hoog zodat de kans van optreden laag wordt ingeschat en het risico niet wordt meegenomen in het berekenen van de weerstandscapaciteit. Ook de Turfmarktkerk valt onder dit risico. Rampen en crises

Dit risico is de verzameling van alle veiligheidsrisico´s: overstromingen, ordeverstoringen, treinongevallen, terrorisme. Hieronder worden per categorie de belangrijkste risicoś genoemd.

Openbare Orde en Veiligheid

Natuur en milieu: - Overstromingen (omdat Gouda een laaggelegen gebied is en aan een grote rivier ligt) - Extreme weersomstandigheden (droogte, extreme neerslag, windhozen) Voorzieningen: - Verstoring gasvoorziening - Verstoring elektriciteitsvoorziening - Verstoring drinkwatervoorziening Gebouwde omgeving: - Grote branden - Instorting Vervoer - Spoorvervoerincidenten (vervoer gevaarlijke stoffen) - Wegvervoerincidenten Onvoorziene bodemdaling: -Effect op de openbare ruimte in geval dat zich een onvoorziene bodemdaling voordoet Gezondheid: - Pandemie Publieke veiligheid: - Extreem geweld - Verstoring openbare orde Geheugen van Gouda

Het Geheugen van Gouda is een groots opgezet programma waarbij een centraal ICT organisatiegeheugen wordt opgezet met een focus op zaakgericht werken en centrale opslag van documenten. Belangrijkste risico´s zijn: De capaciteit/ bemensing van het programma. Digivaardigheid van de organisatie, risico dat niet alle medewerkers mee kunnen of willen. Samenhang/ afhankelijkheden met andere programma's (bijv. omgevingswet, sociaal domein). Verantwoordelijkheid/ eigenaarschap van het management, bij overdracht van de taken naar de lijn. Afhankelijkheid van leveranciers met vertragingen als gevolg.

Langdurige stroomuitval

Langdurige stroomuitval brengt de continuïteit van de dienstverlening in gevaar. De kans dat de elektriciteit langdurig uitvalt, wordt klein geacht. Ook zijn de nodige waarborgen ingebouwd (bijvoorbeeld noodaggregaat; noodaggregaat ondersteunt

Faciltair

Programmabegroting 2022-2025

85

Omschrijving Risicogebied overigens niet alles, alleen meldkamer bestuurscentrum en enkele andere voorzieningen). Het kan voor komen dat één of meerdere ICT-voorzieningen (langdurig) niet beschikbaar zijn. Hierdoor kunnen problemen ontstaan. Het kan bijvoorbeeld zijn dat bepaalde producten of diensten niet kunnen worden afgegeven of dat beveiligingssystemen niet werken. Hoewel de kans op uitval klein wordt geschat, kan de impact groot zijn. Bijkomend risico is dat de ict ondersteuning van andere gemeenten mogelijk niet kunnen worden uitgevoerd. Dit kan weer leiden tot mogelijke schade claims. Daarnaast kan imagoschade optreden. Risico is dat je aansprakelijk gesteld wordt door burgers/ bedrijven die daardoor persoonlijke schade hebben opgelopen. Bedrijfsvoering algemeen

De algemene risico´s inzake bedrijfsvoering (BDV) zijn de risico´s waardoor de Bestuur & continuïteit van de bedrijfsvoering in gevaar komt zoals uitval, langdurige ziektes, grote Management uitstroom en problemen met invullen vacatures.

Open einde regeling WMO

De Wet Maatschappelijke ondersteuning (WMO) is een open-einde regelingen en kent WMO daardoor geen bestedingsplafond. Hierdoor moet de gemeente ondersteuning blijven leveren aan haar inwoners, ook als het budget voor het betreffende jaar niet toereikend is (bijvoorbeeld door demografische ontwikkelingen). WMO doet de gemeente zelf. Voor de voorzieningen WMO is een abonnementstarief ingevoerd. Door het invoeren van een abonnementstarief voor Wmo-voorzieningen worden minder eigen bijdragen ontvangen en extra kosten gemaakt door de mogelijke toenemende vraag naar Wmomaatwerkvoorzieningen. Invoering van het abonnementstarief kan een aanzuigende werking hebben.

Informatieveiligheid en Cybercrime

Cybercrime is een vorm van digitale criminaliteit waarbij internetcriminelen inbreken op ICT bijvoorbeeld een computer, telefoon of het complete netwerk van een organisatie. ICT is bij deze vorm van criminaliteit het doel én het middel. ‘Malware’, ‘ransomware’ en ‘phishing’ zijn de meest voorkomende vormen van cybercriminaliteit. Cybercriminelen gebruiken daarvoor onder meer computervirussen of kwaadaardige en schadelijke software. Bij ransomware worden bestanden ontoegankelijk gemaakt totdat het slachtoffer betaalt. Dit soort aanvallen worden steeds groter en vernuftiger, waarbij bedrijven en organisaties bewust worden aangevallen (in december 2019 de Universiteit van Maastricht). Dit kan leiden tot langere uitval van ICT systeem of zelfs financiële schade door het betalen van losgeld. Door het uitvoeren van de Baseline Informatiebeveiliging Overheid wordt via 103 controls en bijbehorende verplichte maatregelen de gemeentelijke informatievoorziening beschermt. Hoe een maatregel wordt ingezet hangt af van risicoanalyse en kosten/baten analyse waarbij de proceseigenaar nu kan kiezen uit 3 niveaus van beveiligen op basis van het onderkende belang. Ondanks dat gestreefd wordt naar optimale informatieveiligheid is 100% een illusie.

Ten aanzien van beschikbaarheid kan het voorkomen dat een kritieke enkelvoudige glasvezel verbinding wordt verbroken waardoor ICT voorzieningen niet of beperkt beschikbaar zijn totdat de verbinding is hersteld (backups en recovery). Continuïteit van de dienstverlening komt daardoor in gevaar (burgerservicezaken, handhaving, uitkeringen, vergunningen, enz). Gemeente Gouda verzorgt ook de ICT voor de gemeentes Waddinxveen en Zuidplas. Bij incidenten bestaat hierbij de kans op claims omdat wij de gevraagde dienstverlening niet kunnen leveren.

Saldo financieringsfunctie valt lager uit dan begroot

Betreft het taakveld treasury: Treasury Volumerisico is het risico dat er een mismatch is tussen de werkelijke en de begrote financieringsbehoefte. Als het werkelijk investeringsniveau lager uitvalt dan ingeschat leidt dit tot een intern rentenadeel, doordat er minder doorbelast kan worden aan het betreffende project. Voor het onttrekken van geld, betaalt de gemeente een vergoeding (rente). De rente wordt vervolgens intern doorbelast aan het betreffende project of dienstonderdeel. Voor het doorbelasten wordt een omslagrente gehanteerd en gefixeerd in de begroting. Dit brengt financiële- en beheerstechnische risico's met zich mee. Omslagrente is als gevolg van hetgeen het BBV voorschrijft aangepast van 4% vanaf 2017 naar 2,75% in 2019 en ingaande 2020 naar 2,25%.

Stijgende Rente

Het risico is dat de rente, die in toekomst betaald moet worden hoger wordt. Hoger dan Financiën het bedrag waarmee in de begroting rekening is gehouden.

Lagere uitkeringen vanuit het Rijk

Risico is dat de inkomsten uit het Rijk lager uitvallen dan in de begroting is geraamd. Algemene en specifieke uitkeringen bepalen voor 63% van onze inkomsten zijn we hiervan afhankelijk (bron: jaarrekening 2020). Lagere inkomsten leiden tot een tegenvaller in de begroting. Om structurele tegenvallers op te vangen moeten inkomsten worden verhoogd of kosten worden verlaagd.

Financiën

De algemene uitkering gemeentefonds wordt herijkt. De voorlopige uitkomst van het onderzoek, het herzien (herijken) van het Gemeentefonds, is bekend. De gemeente Gouda is een zogeheten voordeelgemeente. De voorlopige uitkomst pakt voor Gouda voordelig uit. Echter allerlei onzekerheden kunnen nog van invloed zijn op deze herijking en uitkomst. Borgstelling via het Dit risico betreft aan particulieren en aan woningcorporaties verstrekte geldleningen Waarborgfonds Eigen Woningen waarvoor waarborgfondsen optreden als borg; de gemeente fungeert als achtervang (als secundaire of tertiaire zekerheid). De gemeente zal pas op deze borgstellingen

86

Programmabegroting 2022-2025

Treasury

Omschrijving (WEW) en WSW-borgstellingen worden aangesproken als het garantievermogen van de waarborgfondsen voor woningcorporaties onvoldoende is om de betalingsverplichtingen voor rente en aflossing van de gewaarborgde geldleningen over te nemen van de in gebreke blijvende instelling.

Open einde regeling Jeugd

Risicogebied

De kans dat de gemeente op deze achtervangpositie wordt aangesproken, wordt zeer klein geacht. Indien dat toch gebeurt, zal de aanspraak eerst op basis van 50/50 worden verdeeld tussen Rijk en gemeenten waarna het deel dat aan de gemeenten wordt toebedeeld op basis van een bepaalde verdeelsleutel wordt omgeslagen naar de deelnemende gemeenten. Het eventueel voor Gouda resterende deel zal nooit meer zijn dan globaal 5% van het garantiebedrag en bestaan uit het verstrekken van een renteloze lening aan het betreffende waarborgfonds. Het eventuele netto verlies voor de gemeente bestaat derhalve uit derving van rentevergoeding op de verstrekte renteloze geldlening. De Wet Jeugdzorg is een open-einde regelingen en kent daardoor geen Jeugdzorg bestedingsplafond. Hierdoor moet de gemeente ondersteuning blijven leveren aan haar inwoners, ook als het budget voor het betreffende jaar niet toereikend is. Jeugd advisering wordt door de Sociaal Teams uitgevoerd. Er wordt met lokale en regionale partners samengewerkt, waarbij gemeente Gouda maatwerkvoorzieningen levert en optreedt op als financier. Extra groei, bovenop de geraamde groei, van de jeugdzorguitgaven blijft een risico. Als de zorgvraag hoger ligt dan geraamd is de gemeente wettelijk verplicht deze te leveren.

Open einde regeling Participatiewet (Pw-budget)

Het PW-budget (v/h WWB BUIG-budget) is voor de gemeente Gouda sinds 2011 onvoldoende gebleken om de uitkeringen in het kader van de Participatiewet te betalen. Kenmerkend voor dit budget is dat deze een open einde regeling is. Vooraf is niet duidelijk hoe de bijstandsvraag zich zal ontwikkelen en in hoeverre het budget wordt overschreden. Gemeenten moeten een tekort op hun budget voor de Participatiewet zelf opvangen.

Werk en inkomen

Negatieve effecten objectief verdeelmodel (impact is groter agv cumulatie regelingen en niet beïnvloedbare indicatoren).Vangnetregeling: er blijft een eigen risico van 7,5% op het tekort; van 7,5%-12,5% is het risico 50% en bij een hoger tekort dan 12,5% wordt 100% gecompenseerd door het Rijk. Drie momenten van vaststelling budget door het Rijk: voorlopige budget, nader voorlopig budget en definitief budget. Integraal Huisvestingsplan (IHP) De gemeente heeft de wettelijke taak scholen van adequate huisvesting te voorzien. Onderwijs Een deel van de schoolgebouwen is aan het eind van hun levensduur en voldoet zowel functioneel als technisch niet meer aan de eisen van deze tijd. Samen met de schoolbesturen en een extern adviesbureau is een integraal huisvestingsplan (IHP) opgeleverd voor de komende vijftien jaar. Op basis van gezamenlijke uitgangspunten en een quickscan van gebouwen zijn verschillende scenario’s voor herschikking, nieuwbouw en renovatie van schoolgebouwen uitgewerkt. Het organiseren en bouwen van veel schoolgebouwen levert een aantal risico’s op. Belangrijkste zijn: - Het risico dat kredieten onderwijshuisvesting overschreden worden en dat als gevolg daarvan de kapitaallasten voor de gemeente toenemen, eventueel in combinatie met een stijging van de schuldquote.

• Het risico dat schoolbesturen (bijvoorbeeld door onvoorziene omstandigheden) tijdens de rit uitstappen en zich niet meer committeren aan het IHP. • Het risico dat de implementatie van het IHP vertraging oploopt als gevolg van onvoorziene omstandigheden. • Het risico dat de sturing en governance tekort schiet, waardoor de gemeente zijn grip op het programma verliest en het college en de raad niet meer tijdig kunnen bijsturen. • Het risico van stijgende bouwkosten. Onderhoud sportaccomodaties

Onderhoud van de sportaccomodaties is opgenomen in het meerjarig onderhoudsplan. Vastgoed Het risico is dat het budegt niet toereikend is. Terwijl het onderhoud wel uitgevoerd moet worden.

MO overig

Overige risico´s in het sociaal domein;

Sociaal Domein

Grondbank

Het risico dat Zuidplas gebruik gaat maken van de opschortende voorwaarde. De accountant van de grondbank heeft aangegeven dat dit risico opgenomen moet worden in de risicoparagraaf. De afspraak tussen de deelnemers is nu gemaakt dat ieder uit moet gaan van hetzelfde bedrag aan risico en dat dit wordt opgenomen in de risico paragraaf.

Verbonden partij/subsidie

Vanaf 2011 functioneert de Grondbank Het Groene Hart (Grondbank RZG Zuidplas) als stallingbedrijf. De gronden zijn bedoeld voor de ontwikkeling van de Zuidplaspolder tot een gebied voor wonen, werken en natuur, indirect draagt de Grondbank bij aan het invullen van de regionale woningbouwopgave. Het aandeel van Gouda in de Grondbank is 6%. Voor dit percentage draagt Gouda bij aan de kosten van de Grondbank en staat via een verliesvoorziening samen met de andere deelnemers garant voor de eventuele tekorten. Toename beroep op borgstellingen en garanties

Gemeenten staan borg voor de rente- en aflossingsverplichtingen van organisaties Financiën zoals culturele instellingen, voetbalclubs, bibliotheek, etc. Als een partij niet kan voldoen aan de verplichting jegens de bank dan zal de bank de gemeente aanspreken de betalingsverplichting over te nemen of de schuld over te nemen bij een faillissement

Programmabegroting 2022-2025

87

Omschrijving (afhankelijk van de gevestigde zekerheden). Borgstellingen met het hoogste risicoprofiel zijn de Schouwburg en de Cheese Experience.

Risicogebied

Er is een 80% borgstelling verstrekt aan de Stichting Schouwburgcomplex voor de bij de ABNAMRO opgenomen financiering van de Cinema. In beginsel zouden wij door de ABN aangesproken kunnen worden tot het voldoen van de 80% van de rente- en aflossingsverplichtingen. Indien dat gebeurt ontstaat een vordering van Gouda op de Schouwburg met daarbij de vraag of deze vordering ooit zal kunnen worden voldaan. De Cheese Experience is later geopend dan voorzien. De organisatie is sterk afhankelijk van het aantrekken van het (internationaal) toerisme dat door de Corona vooralsnog vrijwel is weggevallen. Door de Coronamaatregelen van het kabinet heeft de CE in 2020 enkele malen de horeca moeten sluiten dan wel geheel moeten sluiten. Covid19 Cultuurinstellingen die in financiële nood komen

Een groot deel van de culturele sector heeft in 2020 en 2021 verliezen geleden als Covid19 gevolg van de maatregelen rondom Covid-19. De financiële impact verschilt per organisatie. Gebleken is dat bijvoorbeeld de podia en tentoonstellingsorganisaties harder getroffen zijn, dan cultuureducatie. Door de sluiting, de beperkingen qua publieksaantallen en de extra kosten die de maatregelen met zich meebrengen, komen culturele organisaties, groot en klein, in de problemen door het wegvallen van en vermindering van inkomsten. Meerdere organisaties benaderen de gemeente voor (financiële) steun. Indien de effecten van Covid19 meerjarig aanhouden, is de verwachting dat het verdienmodel van de cultuursector structureel onder druk komt te staan. Dit kan effecten hebben op het subsidiebeleid.

Toename bijstand

In de eerste maanden van de coronacrisis was er een flinke toename van het beroep Covid19 op bijstand. Het aantal bijstandsdossiers steeg van 1.594 op 1 januari 2020 naar 1.738 op 1 januari 2021. De instroom vanuit de WW valt mee. Dit is een landelijk beeld wat je ook bij andere gemeenten ziet. Het risico is dat de toestroom in 2022 verder toe kan nemen, bijvoorbeeld na het beëindigen van de steunmaatregelen vanuit de overheid.

Lagere parkeerinkomsten

Substantieel lagere inkomsten uit heffingen en leges. Nieuwe beperkende maatregelen Covid19 kunnen leiden tot minder bezoekers aan de stad, waardoor parkeeropbrengsten achter blijven.

Lagere inkomsten uit verhuur of Veel huurders van gemeentelijke gebouwen ondervinden nog altijd de negatieve exploitatie (financiële) gevolgen van de coronacrisis. Bij besluit van 31 maart jl. heeft het college daarom besloten om de inning van de huren van gemeentelijke gebouwen tot nader order op te schorten. Verder is besloten om onder voorwaarden, huurkortingen te verlenen aan de huurders die een daartoe gemotiveerd verzoek hebben ingediend De gemeente wil een bijdrage leveren aan behoud van huurders van gemeentelijke accommodaties, waarbij de insteek is dat huurders zelf, voor zover mogelijk, een verantwoordelijkheid hebben. Daarnaast moet worden voorkomen dat maatschappelijke en culturele organisaties worden bedreigd in hun voortbestaan of failliet gaan, wanneer de gemeente geen steun zou verlenen. Nieuwe beperkende maatregelen kunnen leiden tot nieuwe steun.

Covid19

Extra uitgaven voor opvang dak- Voor de opvang van daklozen en voor de vrouwenomvang geldt dat deze zijn Covid19 en thuislozen en verplaatst naar een andere locatie. Dit om de de 1,5 meter regel te kunnen handhaven. vrouwenopvang Deze zijn verplaatst naar andere locaties zoals hotel/ vakantieparken. Nieuwe beperkende maatregelen. Oninbaarheid opgeschorte huren, leges en belastingen

Als gevolg van Covid is het risico aanwezig van oninbaarheid van de opgeschorte Covid19 huren als partijen niet meer aan hun financiële verplichtingen kunnen voldoen. Ook kan de oninbaarheid van leges en belastingen dan toenemen. Zeker wanneer de steunmaatregelen van de overheid eindigen.

Extra kosten afvalverwerking

Landelijk beeld is dat tussen de 20 en 25 procent meer afval ontstaat bij huishoudens. Extra verwerkingskosten zijn over het algemeen niet begroot. In Gouda zijn de voornaamste oorzaken van de extra kosten verschuiving van bedrijfsafval naar huishoudelijk afval door het thuiswerken. Maatregelen om bezoekersstroom op het ABS reguleren en algemene meerkosten voor Cyclus, die in het regionale overleg zijn afgestemd met de gemeenten.

Covid19

Haven- marktgelden en burgerserviceinkomsten

Een nieuwe golf en nieuwe beperkende maatregelen kunnen leiden tot lagere inkomsten uit leges door minder huwelijken, lagere ontvangen havengelden, lagere ontvangen marktgelden

Covid19

Extra uitgaven stimulering lokale Door het wegvallen van de steunmaatregelen kunnen meerdere ondernemers en Covid19 economie winkels failliet gaan. Dit leidt tot meer leegstand in het centrum, minder activiteiten, etc waardoor de gemeente extra beleid ontwikkeld met bijbehorende kosten om de lokale economie weer een zwengel te geven. Dit heeft echter nog geen impact voor 2021. Uitgestelde zorgvraag

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=bb1afa77-d952-45c1-9ea4-a8468fd561de