CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota van beantwoording zienswijzen

Raadsvergadering 8 december 2021, gemeente GoudaBij agendapunt: Transitie Visie Warmte Gouda 202123.536 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

63

8. indiener wil meer aandacht voor adequate ondersteuning van de warmtetransitie in een wijk door bijvoorbeeld projectondersteuning vanuit een projectbureau.

64

9. Indiener verzoekt om voldoende bemensing bij de afdeling Duurzaamheid van de gemeente Gouda.

65

10. Indiener wijst erop dat de financiële gevolgen voor de individuele woningbezitter en huurder dienen duidelijk te zijn, alvorens te ingrijpende besluiten worden genomen

66

11. samengevat geeft wijkteam Plaswijck aan positief-kritisch te staan tegenover de concept TVW en geeft mee: “bezint eer ge begint en als we beginnen dan wel samen met alle betrokken partijen”.

67

68

69

70

260867

Indiener maakt de gemeente een compliment met een goed opgezette en onderbouwde eerste concept TVW, ondanks de vele onzekerheden die er zijn voor wat betreft financierbaarheid en technologische ontwikkelingen. Indiener noemt als allerhoogste prioriteit en eerste stap: no regret “isoleren isoleren isoleren” en adviseert de gemeente om druk uit te oefenen op provincie en Rijk om ervoor te zorgen dat er een Nationaal Isolatie Programma wordt uitgewerkt Op wijkniveau moeten er ondersteuningspunten komen (bijvoorbeeld in wijkcentra of bij winkelcentra) die dienen als eerste aanspreekpunt voor burgers met vragen over isolatie. Indiener pleit ervoor om meer inzichtelijk te maken wat er met de subsidies “samen aardgasvrij

ruimte om bijvoorbeeld in te spelen op initiatieven. Ondersteuning in de wijk waar een project wordt gestart of een wijkinitiatief wordt uitgewerkt is heel belangrijk. Dit punt zal in de uitvoeringsfase nader uitgewerkt worden bij het ontwerpen van de wijkuitvoeringsplannen. De mate waarin adequate ondersteuning kan worden geboden is afhankelijk van onder meer Rijksbijdrage. De gemeente doet er alles aan om voldoende capaciteit voor de uitvoering van de taken in huis te hebben. Met betrekking tot dit punt wordt ook verwezen naar hoofdstuk 1.5. In hoofdstuk 7.3, aanpak verkenningsblokken, wordt dit punt duidelijk beschreven onder stap 4 van de 5 stappen: “voor de gekozen optie werken we in detail de kosten en baten uit voor referentiewoningen”. Een positief-kritische houding is. een goede basis voor samenwerking. Dat de intentie is om met alle betrokken partijen samen te werken moge duidelijk zijn (hoofdstuk 7.1 eerste uitgangspunt en hoofdstuk 7.6)

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen In hoofdstuk 1.5 beschrijft de gemeente de claim naar het Rijk. Gouda is lid van de VNG en van de G40 en oefent via deze organisaties mede druk uit op het Rijk om te komen met maatregelen. Uitwerking van isolatieprogramma’s valt onder uitwerking en wordt niet geregeld in de TVW. Zie onder antwoord 63.

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

De regeling wordt in de TVW genoemd als voorbeeld. Communiceren over de

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van

pagina 23

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Gouda” (p. 42) is gedaan en welke resultaten zijn bereikt.

resultaten van de projecten die SAG subsidie hebben ontvangen zal gebeuren via de lokale media, de website Maak Gouda Duurzaam en de (sociale) media van de gemeente. Zie antwoord onder 70

de TVW of de bijlagen

71

Idem aangaande de RRE(W) subsidie; vraagt om transparant te maken hoe deze subsidie is besteed en wat er is bereikt.

72

Adviseert om bij de volgende stappen in de supportstructuur de subsidies te koppelen aan de handelingsperspectieven en oplossingsrichtingen welke in de TVW worden beschreven om “aardgasvrij-ready” te worden. Indiener doet aanbevelingen om burgers actief te betrekken met concrete activiteiten en voorlichting door a) Ieder huishouden per brief op de hoogte te stellen van de TVW en het vervolgproces. b) Informatie te verstrekken via onder meer wijk- en stadsbrede bijeenkomsten c) Een energieloket bewoners concreet te laten helpen

Dit advies wordt in overweging genomen in de uitvoeringsfase.

Ad a) voor de TVW is gekozen om te communiceren via de algemene communicatiekanalen van de gemeente en via www.maakgoudaduurzaam.nl. Huis-aan-huis communicatie past in de uitvoeringsfase in de wijken. Maakt deel uit van de participatie- en communicatiestrategie, waar de TVW de kaders voor schetst. Ad b) dit gaat in de uitvoeringsfase plaatsvinden Ad c) de inrichting van een energieloket is in voorbereiding.

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Indiener vindt het van belang dat er uiteindelijk gekozen wordt voor een systeem dat lage investeringskosten voor de individuele bewoners garandeert Indiener wijst op een in de TVW genoemde “.. terugverdienperiode van 30 jaar” en het feit dat die periode voor sommige bewoners gezien hun leeftijd niet realistisch is. Indiener wijst op de druk in de ondergrond en stelt: welk energiesysteem uiteindelijk ook wordt gekozen, het is van belang dat dit systeem goed blijft functioneren bij eventuele grondverzakkingen Indiener wil zelf de aansluiting op gas het liefst zo lang mogelijk behouden, tenzij de gemeente met een betrouwbaar, voordelig en gemeenschappelijk gedragen alternatief komt waarbij je als individu tijdens een storing net zo

Een van de uitgangspunten in de TVW is dat de warmtetransitie woonlastenneutraal kan worden uitgevoerd. De genoemde terugverdienperiode van 30 jaar heeft betrekking op in het Klimaatakkoord gemaakte afspraken over de rekenmethode. Dit is een terecht punt. In hoofdstuk 7.5.1. is dit punt benoemd als aspect dat de komende jaren onderdeel van de haalbaarheidsonderzoeken gaat uitmaken.

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Dit is een bekende vraag; veel mensen willen dit. Het is begrijpelijk want de huidige situatie is bekend en dat geeft vertrouwen. En voorlopig wordt niemand gedwongen om van aardgas af te gaan dus het kán

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

73

74

75

76

210907

pagina 24

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

eenvoudig een expert aan huis kunt krijgen als thans het geval is bij de cv-monteurs.

77

Verwijst naar p. 47 waar staat “In de meeste buurten is isolatie en/ of het installeren van een hybridewarmtepomp een eerste slimme stap” en geeft aan geen voorstander te zijn van tussenoplossingen; je geef veel geld uit terwijl je nog niet weet of jouw individuele oplossing wel in het collectieve plaatje past.

78

Op bladzijde 32, onder 4.2.5 is te lezen dat veel beoogde warmtebronnen slechts een niet toereikende warmte leveren (“laag”). Dat baart indiener grote zorgen.

79

Noemt beperkingen aan de woning bij isolatie; onder meer aanwezigheid van asbest in de muren. En stelt dat het daarom beter zou zijn te starten met gebouwen die na 1992 gebouwd zijn.

80

Indiener merkt op dat er nog veel “in onderzoek” is en dat stabiliteit van energiesystemen en apparatuur eerst proefondervindelijk bewezen moet zijn voordat het grootschalig wordt

ook. Juist hierom zijn in de TVW algemene uitgangspunten geformuleerd, welke in hoofdstuk 7 zijn uitgewerkt in kaders en randvoorwaarden. Daarmee wordt het belang van draagvlak, betrouwbaarheid van het energiesysteem en betaalbaarheid benadrukt. Waar in de TVW staat dat isolatie en/of het installeren van een hybride warmtepomp een eerste slimme stap is, wordt bedoeld dat deze tussenoplossing aansluit op de uiteindelijke oplossing. Uiteindelijk is het ieders vrije keus om over te stappen op deze tussenoplossing alvorens daadwerkelijk afscheid wordt genomen van het aardgas. Het is begrijpelijk dat er zorg ontstaat wanneer gesproken wordt over “lage temperatuur” terwijl het huidige systeem (gasketel) hoge temperatuur warmte levert. Toch betekent “lage temperatuur” hier niet “ontoereikend”. Het overzicht onder 4.2.5 is een feitelijk overzicht van warmtebronnen en de temperatuur. Waar “laag” staat wordt een temperatuur tot ca 50 graden bedoeld. Deze warmte is toepasbaar wanneer woningen daarop aangepast worden (isoleren naar label A of B). Verder is het zo dat temperatuur van de warmte uit een bron opgewaardeerd kan worden met een collectieve of een individuele warmtepomp. Bij de aanpak “buurten op natuurlijk tempo”, beschreven in hoofdstuk 6.2, is het starten met woningen die na 1992 gebouwd zijn onder meer het geval.

Problemen die het isoleren bemoeilijken zijn maatwerk dat tijdens de uitvoeringsfase aandacht krijgt. Zo wordt ervoor gezorgd dat woningen stap voor stap verduurzamen. Aan de keuze van een individueel of collectief systeem zal altijd onderzoek vooraf gaan. Zoals in de TVW beschreven wil de gemeente pas een alternatief doorvoeren wanneer deze pagina 25

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

toegepast en beveelt aan om niet in de voorste gelederen te willen lopen en in de tussentijd CO2 uitstoot te reduceren door bomen te planten en Gouda meer onderdeel van het Groene Hart te maken. 81

Indiener uit zorg over warmtelevering in de situatie waarin er te weinig afnemers zijn. Hoe gaat in het nieuwe systeem “vrijheid van keuze van energieleverancier” uitpakken?

82

Indiener oppert dat wanneer voor de binnenstad de enige oplossing “groen aardgas/biogas” waarom niet eigenaren van woningen en gebouwen buiten de binnenstad de mogelijkheid bieden om datzelfde gas via het bestaande netwerk te laten gebruiken?

warmtevoorziening betrouwbaar is. Dit beschrijft de uitvoeringsstrategie voldoende. Het is waar dat reduceren van CO2 uitstoot breder is dan alleen “aardgasvrij maken”. Echter: vergroeningsbeleid valt buiten de scope van de TVW In de TVW wordt gesproken over “keuzevrijheid in techniek om aardgasvrij te worden”(7.1 en de keuzevrijheid om al dan niet aan te sluiten op een warmtenet (4.1.7). “Keuze in vrijheid van energieleverancier” is niet een thema dat in de TVW behandeld wordt. Hierover zal de komende jaren duidelijkheid komen, onder meer door van kracht worden van de nieuwe warmtewet. Hier ligt de verantwoordelijkheid niet bij de gemeente maar bij het Rijk. De binnenstad is als gebied, samen met andere complexe wijken, in de fasering op lange termijn gezet. Groen gas wordt nu gezien als één van de mogelijkheden. Als warmteoplossing voor de binnenstad staat in de TVW genoemd: “Voordat besloten wordt welke warmtevoorziening hier komt, worden technologische ontwikkelingen en de ervaringen in de andere buurten afgewacht”. En: “als kansrijk wordt gezien individuele oplossingen, hybride of groen gas”. Afspraak in het Klimaatakkoord is dat tot 2030 in Nederland 1,5 miljoen woningen worden verduurzaamd. Als al deze woningen wachten op de beschikbaarheid van groen gas komt er van deze doelstelling weinig terecht. Daarnaast is het zo dat groen gas of biogas momenteel erg schaars is.

Het is daarom alleen toepasbaar in die situaties waar echt geen andere oplossing mogelijk is. (Inter)nationale ontwikkelingen rondom duurzame warmte worden nauwlettend gevolgd en zullen samen met toekomstige innovaties meegenomen worden in volgende versies van de TVW. pagina 26

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

83

84

85

86

87

261318

Indiener stelt: als het alternatief voor aardgas er toch moet komen, dan hoop ik dat u kiest voor een warmtenet waar een ieder eenvoudig op aangesloten kan worden, een stadsverwarmingsidee, zoals in Den Haag gebruikt wordt.

Het staat vast dat het alternatief voor aardgas er moet komen, dat staat niet ter discussie in de TVW. Of dat in Gouda een warmtenet wordt waar iedereen eenvoudig op aangesloten kan worden zal van wijk tot wijk worden onderzocht. De TVW biedt hiervoor de basis. Bij de keuze voor een collectief systeem zullen bewoners zoveel als mogelijk ontzorgd worden.

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Indiener is woonachtig in een appartement van een wooncomplex (Statensingel) en roept de opstellers van de TVW op om tegenmacht te creëren. Legt deze term uit als: “realisten” die plannen, die van de klimaattafels komen, kritisch beschouwen. Slechte plannen zoals bijvoorbeeld de grootschalige toepassing van biomassa, die de Nederlandse belastingbetalers reeds ongelofelijk veel geld hebben gekost en nog kosten, hadden dan mogelijk kunnen worden voorkomen. Indiener stelt dat woonlastenneutraliteit niet realistisch is. Geeft als voorbeeld de in het EPA rapport genoemde terugverdientijd van 9 jaar, welke na eigen berekening tussen de 15 en 25 jaar bleek te liggen. Mede daarom is afgezien van de plaatsing van zonnepanelen. Indiener vreest dat de nieuwe Warmtewet zal leiden tot dwang en geen keuzevrijheid en pleit voor het maken van goede afspraken tussen exploitant en woningeigenaren.

De TVW is tot stand gekomen met de inbreng van vele kritische meedenkers. Onder meer via de Transitietafel, de regiegroep en veel buurtbijeenkomsten hebben zij inbreng gehad.

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Of woonlastenneutraliteit realistisch is moet blijken uit detailberekeningen die worden gedaan in de fase waarin een Wijkuitvoeringsplan wordt opgesteld.

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Hoe de doorzettingsmacht van gemeente wordt geregeld onder de nieuwe Warmtewet is nog niet duidelijk. Hoe afspraken tussen woningeigenaren en exploitant t.z.t. tot stand gaankomen is ook nog niet duidelijk en valt niet binnen de scope van deze TVW maar wordt in de uitvoeringsfase uitgewerkt. Alle in deze zienswijze genoemde factoren zijn onderdeel van het nader onderzoek dat eerst zal plaatsvinden voordat definitief besloten wordt over de aanleg van een warmtenet. Wat betreft aansluiting op een warmtenet vanuit Rijnmond: hiervoor zijn scenario’s uitgewerkt in de Regionale Energiestrategie (RES) Midden-

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Indiener stelt “..dat warmtenetten, die voor transport en distributie horizontale leidingaanleg van enige omvang behoeven, vooralsnog niet rendabel te exploiteren zijn. En bij mij roept voorgaande, op dit moment zelfs meer twijfels op als de toepassing van groen gas en/of water stof gas of elektrische warmtepompen.” Stelt verder dat er genoeg argumenten zijn om in de

pagina 27

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

88

89

90

261999

gemeente Gouda met zijn extreem slechte bodemgesteldheid geen ondergronds warmtenet aan te leggen. En vraagt zich verder af waarom Gouda niet wordt aangesloten op het “warme transportsysteem”(restwarmte Rijnmond) en vraagt zich af of Gouda bewoners überhaupt wel een alternatieve warmtevoorziening kan aanbieden. Wijst op de noodzaak tot het creëren van draagvlak, dat volgens indiener zelf op dit moment ontbreekt. Beveelt aan: “Er moeten wel meer dan twee tandjes bij gemeente Gouda en stakeholders als het over het creëren van een breed draagvlak onder de inwoners van Gouda voor de warmtetransitie gaat”. Indiener stelt verder nog 3 vragen: 1. Kan de gemeente de indruk bevestigen dat in de loop van het transitieproces standpunten worden aangepast zonder dat de burger wordt geïnformeerd over het hoe en waarom? 2. 1500 woningen per jaar in Gouda gasloos en gasloos geschikt maken is een schier onmogelijke opgave gezien het gebrek aan voldoende geschoold, deskundig en ervaren personeel. 3. Blijft het weghalen van de gasaansluiting gratis

Holland, en is ook nog in onderzoeksfase. Zie ook onder 83.

Zienswijze is een persoonlijke aanvulling op zienswijze met zaaknummer 246771 waar indiener zich bij aansluit. Indiener wijst op de in de TVW geschetste mogelijkheden voor warmtenetten. En geeft aan deze een heel serieuze optie te vinden. En beschrijft dat de aanleg een lange aanlooptijd nodig heeft (met redenen gemotiveerd) en wijst daarbij op de stevige invloed die de gemeente heeft. Zienswijze: de TVW speelt hier onvoldoende op in. De TVW geeft geen urgentie aan. Noemt drie concrete punten: 1. Indiener ziet de planning in de TVW als slechts “globaal”; veel

Ad 1) de TVW is, naast technische onderzoeken, voor een groot gedeelte tot stand gekomen in gesprek met een flink aantal participanten. Nóch de technische onderzoeken nóch de gesprekken met participanten hebben geleid tot doorslaggevende argumenten om te starten met voorbereiden van de aanleg van een warmtenet. De kansen in de verkenningsblokken lijken goed, maar resultaat van onderzoeken en gesprekken was toch: “er is eerst nader onderzoek nodig”. Dit onderzoek heeft ook als doel om draagvlak te creëren, een

De TVW beschrijft in hoofdstuk 7 de uitvoeringsstrategie. Een uitgebreide communicatie- en participatiestrategie is daar onderdeel van. Een van de doelstellingen is om draagvlak stap voor stap te laten groeien.

Ad 1.Nee. Inwoners worden bij het ontwikkelen van plannen in hun buurt nauw betrokken. Na maximaal 5 jaar wordt de Transitievisie Warmte geactualiseerd. Ad 2) de opgave is inderdaad groot. En de tijd is beperkt. Daarom is het zaak om te starten. Daarvoor biedt de TVW kaders. Wat betreft middelen en mensen verwijzen we naar hoofdstuk 1.5 van de TVW. Ad 3) eventuele kosten van verwijderen van de gasaansluiting zijn beleid van de netbeheerder en vallen buiten de scope van de TVW

pagina 28

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

overleg en veel tussenstappen en zachte targets (bijvoorbeeld: “eerst plan van aanpak om tot een uitvoeringsplan te komen”) 2. Indiener merkt op dat het Programma Aardgasvrije Wijken (PAW) en het Expertisecentrum Warmte (ECW) niet worden genoemd in relatie tot in actie komen. 3. Het voorwerk voor het definiëren en uitgeven van warmtekavels staat nog niet op de agenda. 91

92

Indiener beschrijft dat er een concreet plan uitgewerkt kan worden voor omgeving Krugerlaan, voor de aanleg van een warmtenet. En stelt dat de gemeentelijke organisatie waarop zij met deze plannen kunnen aanhaken mager is. Advies: gemeente, bied ruimte en maak haast. Indiener plaatst na het voorgaande punt een vijftal voorbeelden: 1. Bied nu ‘ruimte’ aan bewonersinitiatieven voor het maken van goede schetsplannen met toetsing door professionele adviseurs. Het zou jammer zijn wanneer een serieus plan vanuit Kort Haarlem in een lade gaat omdat deze wijk geen ‘verkenningswijk’ meer is. 2. Haal de uitgifte van kavels, in overleg met provincie e.a., zo ver mogelijk naar voren. 3. Vraag de Tweede Kamer om in het Wetsontwerp Collectieve Warmtelevering de mogelijkheid van verplichte aansluiting weer op te nemen, wat warmteprojecten veel goedkoper maakt omdat het vollooprisico vervalt (Warmtewet 2.0 komt dit najaar op de agenda, is ‘niet controversieel’). Het argument dat zo’n verplichting de tarieven opstuwt is ongeldig: het grootste deel van de Warmtewet regelt immers de toezichtfunctie en

noodzakelijke component bij een dergelijke ontwikkeling. Ad 2) Dit is juist. Gouda is deelnemer aan het kennis- en leerprogramma van het PAW en maakt gebruik van de kennis van het ECW. Beide zijn niet noodzakelijk om te noemen in de TVW. Zie ook onder antwoord 59. Ad 3) dit klopt; voorwerk voor definiëren van warmtekavels is onderdeel van de uitvoering en deze is nog niet gestart. De TVW beschrijft de intentie om bewonersinitiatieven te ondersteunen. Daarnaast is er echter ook paragraaf 1.5 van de TVW waarin aandacht wordt gevraagd voor het gebrek aan middelen.

Ad 1) Deze ruimte wordt geboden, voor zover capaciteit en middelen van de gemeente het aan kunnen.

Ad 2) besluiten over aanwijzen van kavels behoren niet tot de scope van de TVW. De urgentie wordt ook door de gemeente gevoeld. Ad 3) Via de VNG, de G40 en andere organisaties waar Gouda bij is aangesloten is een inspraakreactie gegeven op de ontwerp Warmtewet. Deze wordt nu herzien. Voor het overige: de warmtewet valt buiten de scope van de TVW.

pagina 29

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

bevoegdheden van Autoriteit Consument & Markt. 4. Durf besluiten te nemen zodat de burgers een duidelijk beeld hebben van de ernst van de opgave en van de keuzemogelijkheden voor hen. Overleg met de burgers ja, maar ook uitleg aan de burgers van de noodzakelijke besluiten. 5. Het buurtwarmteplan voor de Krugerlaan en omgeving ligt klaar in concept. Neem binnenkort ons plan in ontvangst en neem daarover een principebesluit. Indien positief, start dan meteen het overleg met eigenaar-bewoners en gebouwexploitanten in het betreffende gebied, om de kans dat zij meedoen en daarnaar handelen zo groot mogelijk te maken. 93

94

95

96

262061

Zienswijze van de werkgroep Energie uit Achterwillens, ingediend door 1 contactpersoon, resultaat van een gesprek van het kernteam met 10 wijkbewoners. De zienswijze ziet op 4 thema’s welke hieronder stuk voor stuk behandeld worden: 1. Zienswijzen mbt de algemene doelstelling 2. Zienswijzen mbt participatie en communicatie 3. Zienswijzen mbt de visie op besluitvorming en volgordelijkheid in het proces 4. Zienswijzen mbt financierbaarheid 1. De nadruk in de TVW dient zich meer te richten op de CO2-reductie en energie-onafhankelijkheid. Denk daarbij aan lokaal op te wekken energie 1. De voorliggende TVW richt zich te eenzijdig op “Van het aardgas af” Voor een CO2 reductie is meer nodig en ook mogelijk 2. In de TVW is het opnemen van de visie dat de gemeente Gouda een ‘samenwerkende overheid’ is, een

Ad 4) Dit is de bedoeling van de communicatie- en participatiestrategie van de gemeente. Via krant, website en overige (sociale) media geeft de gemeente uitleg aan inwoners. Zie ook hoofdstuk 7.6. Ad 5) Het is ontzettend fijn dat er in een buurt zo actief wordt samengewerkt om tot plannen te komen. Conform de TVW zal gestart worden met Plaswijckkern en Middenwillens West. Als er dan nog voldoende capaciteit beschikbaar is, kunnen andere plannen ondersteund worden

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

CO2-reductie is een belangrijk thema in het coalitieakkoord en ook in de TVW. Lokaal op te wekken energie is een thema waar de TVW niet over gaat, dat staat uitgewerkt in de Regionale Energiestrategie.

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Zie antwoord onder 94

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen Paragraaf 7.6 eerste alinea toevoegen:

Dit blijkt al uit de formulering in hfd 7.6: “.. bij de uitvoering van de warmtetransitie is het de bedoeling dat betrokkenen pagina 30

97

98

absolute voorwaarde om optimale participatie bij de Wijk uitvoeringsplannen te garanderen.

partners worden”. Tegelijk is er het gegeven dat per buurt andere behoeften kunnen heersen aangaande de rol van de overheid. Daarom wil de gemeente per buurt (en wellicht per project) onderzoeken wat daar de meest geschikte rol is. De tekst in 7.6 wordt aangevuld.

2. Indiener stelt dat uit het proces en de stukken rond de TVW blijkt dat de gemeente Gouda in haar wettelijke regierol pas aan het begin staat van: - het smeden van een “duurzame coalitie”3 van betrokken partijen met een gezamenlijk doel (wat onder meer blijkt uit het feit dat nog maar weinig buurtbewoners op de hoogte zeggen te zijn). En stelt voor om in de TVW meer urgentie te geven aan het oprichten van een organisatie die zich gaat richten op het vormen van een duurzame coalitie op stedelijk (bestuurlijk platform) en wijkniveau, om zo met verschillende partijen op basis van gezamenlijk gedragen doelen concrete plannen op te stellen en uit te werken met als doel de betrokken organisaties en de bewoners van Gouda gemotiveerd aan de slag te laten gaan met maatregelen die bijdragen aan de CO2 reductie. 3. Indiener stelt dat niet duidelijk is wie op welk moment waarover beslist; de beslismacht van bewoners, B&W en gemeenteraad in het WUP is (nog) niet uitgewerkt.

In paragraaf 7.7.5 is de rol van de gemeente verwoord. De publiekrechtelijke verantwoordelijkheden zijn in dit stuk nog niet precies gedefinieerd. De huidige formulering biedt alle ruimte tot het eventueel vormen van coalities op stedelijk en/of wijkniveau of andere platforms. Om hiervoor alle mogelijkheden open te houden wordt het niet als wenselijk gezien om in de TVW al op de vorm hiervan vooruit te lopen. Met Energiecoöperatie Gouda (EcG) is al een overeenkomst gesloten, dat is hiervan een mooi begin.

De TVW beschrijft de rollen van alle partners en de inzet en samenwerking die van partners wordt verwacht. Bewoners vallen hier ook onder. Ook het WUP komt participatief tot

https://www.rvo.nl/onderwerpen/duurzaam-ondernemen/duurzameenergieopwekken/aardgasvrij/transitievisie-warmte-en-wijkuitvoeringsplan 3

pagina 31

“De warmtetransitie is een proces dat we samen doen” houdt ook in dat het streven van de gemeente is om, naast de rechtmatige rol, ook de rol van een ‘samenwerkende overheid’ te vervullen in dit transitieproces. Op buurtniveau zal moeten worden bepaald welke rol van de gemeente nodig en wenselijk is aan de hand van de behoefte van de buurt”. Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

En merkt op dat dit samenhangt met het niet uitgewerkt zijn van participatie-/communicatiestrategie en een sturingsfilosofie voor de energietransitie. Vraagt om duidelijkheid hierover zodat bewoners weten welke inzet en bijdragen in de besluitvorming te verwachten is.

stand. Participatie bij ontwikkelen van het WUP wordt in samenspraak met alle betrokkenen, waaronder inwoners, uitgewerkt in de participatie- en communicatiestrategie. Wijkuitvoeringsplannen worden vastgesteld door de gemeenteraad. Over aanpassingen aan de woning beslissen bewoners zelf.

99

3. “De TVW dient voorrang te geven aan het ontwikkelen van een gemeentelijke visie op de sturing naar warmtenetten, dit om bijvoorbeeld isolatie keuzes van individuele woningen te kunnen laten aansluiten op een eventueel warmtenet.” En licht toe dat de ontwikkeling van en de besluitvorming over warmtenetten wellicht langer duurt dan uitvoeren van isolatiemaatregelen of maken van een individuele keus voor een alternatieve warmtevoorziening. Indiener vindt het daarom zaak om met voorrang te verkennen welke technische en financiële mogelijkheden er zijn, en daarnaast vast te stellen hoe groot de bereidheid onder bewoners is om hierin (aanleg warmtenet) mee te gaan.

In hoofdstuk 7.7.5 van de TVW staat onder de kop “rol van de gemeente bij collectieve warmte” hierover het uitgangspunt geformuleerd: “Hierover wordt in deze eerste TVW nog geen keuze gemaakt.” Omdat in dit stadium nog te weinig bekend is over de concrete mogelijkheden is de keus gemaakt om hier nog niet op vooruit te lopen. In de TVW is nadrukkelijk de keuzevrijheid bij het kiezen van een warmteoplossing beschreven. Het onderzoek naar technische en financiële mogelijkheden voor een warmtenet start in verkenningsblok Plaswijck-kern. De kennis die daar wordt opgedaan wordt vervolgens gebruikt in de andere buurten. De fasering zoals neergelegd in de TVW is het resultaat van een integrale voorbereiding met stakeholders.

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

100

4. Indiener maakt zich zorgen over de financierbaarheid. En stelt dat het noodzakelijk is dat er een gemeentelijke toets komt mbt reductie van CO2 uitstoot op vergunningen en subsidies, in combinatie met een monitor. Dit om inzicht te krijgen in waar het gemeentelijk beleid wel of geen directe invloed heeft op maatregelen rond vermindering van CO2 uitstoot. Stijging van kosten zal bewoners met de smalste beurzen relatief het meest treffen en daarmee tot grotere ongelijkheid in de Goudse samenleving leiden.

Kosten en betaalbaarheid zijn thema’s die pas concreet worden in de uitvoeringsfase. Dan wordt ook gekeken naar maatregelen ten aanzien van de financiering.

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Het inrichten van een monitor om de geboekte successen inzichtelijk te maken is onderdeel van de uitvoering. Hoe dit precies vorm krijgt zal na vaststelling van de TVW worden uitgewerkt. Een toets op alle ter zake doende gemeentelijke vergunningen en financieringen met betrekking tot CO2 reductie pagina 32

101

102

103

262333

Wil daarom in de TVW vorm gegeven zien aan een toets op alle ter zake doende gemeentelijke vergunningen en financieringen met betrekking tot CO2 reductie. En verwacht aanvullend daarop dat er een monitor wordt ingericht om de geboekte successen inzichtelijk te maken. Indiener is van mening dat het streven naar 50% lokaal eigendom van energie opwekkingsinstallaties >15 kW in de TVW geborgd moet worden. De gemeente zou meer initiatief moeten nemen tot het versnellen van zonnedaken op schoolgebouwen (sportaccommodaties, winkels, bedrijven en ander vastgoed). Lokale energiecoöperaties dienen actief met gemeente en vastgoedbeheer samen te werken met als doel om tot financiële arrangementen te komen om lokale energie opwekking te combineren met lokaal eigendom.

maakt geen onderdeel uit van de TVW

Dit punt maakt geen onderdeel uit van de doelstellingen van de TVW; het is onderdeel van de RES. Zie verder bij de reactie onder punt 59.

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Indiener is bewoner van de Voorwillenseweg en merkt op dat de buurt Voorwillenseweg niet als een buurt herkenbaar is en dat daarmee niet voor de Voorwillenseweg een eenduidige oplossing voor de toekomstige warmtevoorziening in lijn met de behandelde mogelijkheden aangeduid wordt. Indiener vraagt zich af of de aanduiding “individueel of warmtenet” in paragraaf 5.1 geldt voor het centrale deel van de Voorwillenseweg. Dit is niet terug te vinden in bijlage F, Buurtoverzicht en handelingsperspectief.

Het buurtoverzicht in bijlage F is gemaakt op basis van de clustering verbeeld in bijlage E figuur 11 Clustering van buurten in Gouda ten behoeve van multicriteria analyse. Het gaat dus niet om de hele Voorwillenseweg. De definitieve afbakening wordt goed weergegeven in de digitale samenvatting van de TVW op de gemeente website: https://www.gouda.nl/goudawerkt-aan-de-stad/goudaaardgasvrij/transitievisie-warmte

In bijlage F afbeelding met buurtafbakening toevoegen bij Voorwillenseweg & Wethouder Venteweg

Indiener is van mening dat de beoordeling van de Voorwillenseweg niet nauwkeurig genoeg is meegenomen in het buurtperspectief, waardoor er in de toekomst verkeerde verwachtingen ontstaan of veronderstellingen worden gedaan die te kort schieten in de mogelijkheden genoemd in paragraaf 5.1. Een verduidelijking (splitsing in drie delen) van het

In de TVW is de keuzevrijheid voor een alternatieve warmteoplossing voor aardgas duidelijk meegenomen. Bij het opstellen van wijkuitvoeringsplannen wordt rekening gehouden met individuele situaties, zodat er voldoende mogelijkheden open blijven.

De benoeming van de buurt in bijlage F zonder toelichtende kaart is inderdaad verwarrend. Dit wordt in de definitieve TVW aangepast.

pagina 33

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

buurtperspectief zal hier op zijn plaats zijn 104

262036

Indiener heeft de zienswijze op een webpagina van de Werkgroep Energie uit Achterwillens gedeeld. Aan de hand daarvan hebben 8 bewoners van de wijk Achterwillens aangegeven dat zij de zienswijze delen. Van deze mensen is een lijst met (naam- en adres-)gegevens bijgevoegd. Indiener heeft de zienswijze in 4 aparte documenten vormgegeven: 1) Begeleidende brief 2) Document met algemene opmerkingen 3) Het hoofddocument TVW voorzien van vragen en opmerkingen 4) Een document met vragen en opmerkingen die betrekking hebben op de bijlagen bij de TVW.

105

1) Zienswijze in de begeleidende brief: De keuze om al dan niet buiten de specifieke bijdragen van de rijksoverheid voor met name de proceskosten uit de algemene gemeentelijke middelen een stelpost vrij te maken komt niet eens aan de orde in de conceptTVW. Dat maakt het zeer waarschijnlijk dat de feitelijke inzet vanuit de gemeente begrenst blijft door wat de specifieke bijdrage van de rijksoverheid mogelijk maakt.

De personen die in de bijlage worden genoemd worden niet als afzonderlijke indieners van zienswijzen gezien maar als achterban van de indiener, die zelf contact met deze achterban onderhoudt. Ad 1) een reactie op de zienswijzen die zijn geuit in het begeleidend schrijven is opgenomen in dit document in dit overzicht. Ad 2) een reactie op de zienswijzen in het document met algemene opmerkingen en vragen is opgenomen in dit document in dit overzicht. Ad 3) Er is met belangstelling kennis genomen van de bijlage en de daarin gepleegde redactie. In het belang van de leesbaarheid van deze nota van beantwoording zijn in deze nota geen reacties hierop verwerkt. Het stuk wordt als bijlage bij de nota van beantwoording gevoegd. Ad 4) De opmerkingen in de bijlagen zijn op enkele punten aanleiding geweest om de stukken tekstueel aan te passen. De zienswijzen en hun beantwoording zijn verwerkt in deze nota van beantwoording. De programmabegroting van Gouda voorziet in de uitvoering van het programma energietransitie. De feitelijke inzet van de gemeente is gerelateerd aan de huidige begroting. Het vrijmaken van een stelpost uit de algemene middelen is nog niet aan de orde. Het visiedocument TVW leent zich niet om uitgerust te worden met een begroting. Dat is iets voor een uitvoeringsplan. Dat er veel inzet gepleegd moet worden waarvoor veel middelen van diverse aard nodig zijn is duidelijk.

Met het oog daarop is hoofdstuk 1.5 opgenomen. pagina 34

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

106

Indiener stelt: “om in 2022 toch al volop van start te kunnen gaan komt het in mijn visie dus vooral aan op gebruikmaking van de inzet van koplopers. Dat lijkt me een reden temeer om te zorgen dat de TVW helderheid biedt over de kaders voor de komende periode en de context ervan”.

107

2) Zienswijzen in het document met algemene opmerkingen: “ALG 01” In de nota wordt, onder meer op blz. 06, met zoveel worden gezegd dat het doel van de TVW is om de CO2-uitstoot aanzienlijk te verlagen. In navolging van de rijksoverheid wordt “het afscheid van aardgas en andere fossiele brandstoffen en het inzetten van nieuwe duurzame vormen van warmte” als belangrijk middel gezien. Er ontstaat complexiteit als aardgasvrij worden ook een doel op zichzelf is met het oog op het leegraken van de Nederlandse gasvelden

108

Omdat het in een hoog tempo afstappen van het gebruik van aardgas tot effect kan hebben dat vooralsnog de CO2-uitstoot juist toeneemt zou een consequentie zijn om het gelijk stellen van CO2 neutraliteit en aardgasvrij los te laten en te bepalen waaraan prioriteit wordt gegeven: CO2 neutraliteit of aardgasvrij. En stelt voor om te kiezen voor CO2 neutraliteit en CO2 reductie te bestempelen als de weg daar naar toe. Stelt voor om hoofdstuk 2 hierop aan te passen.

109

Indiener stelt dat om CO2-reductie te bereiken de warmtetransitie

De TVW is tot stand gekomen met inbreng van onder meer een aantal van deze “koplopers”, en de samenwerking met hen zal de komende periode verder vorm krijgen. De participatie- en communicatiestrategie die bij de TVW wordt ontwikkeld, komt in samenspraak met onder meer deze koplopers tot stand. De TVW biedt voldoende helderheid en houvast om in 2022 met de daarin beschreven projecten van start te gaan. Verlagen van de CO2 uitstoot is een ambitie van het college en wordt in de inleiding als zodanig beschreven. Het is een belangrijk hoofddoel van het klimaatakkoord. Het is echter niet de hoofddoelstelling van de TVW. In het klimaatakkoord zijn tientallen maatregelen vastgelegd om klimaatverandering tegen te gaan. Eén daarvan is: stoppen met gebruik van aardgas en overstappen op andere, duurzame warmtebronnen. Over de TVW is in het Klimaatakkoord afgesproken dat “…elke gemeente uiterlijk eind 2021 een plan presenteert voor de overstap van aardgas op…(andere bronnen)”. Dit laatste is het doel van de TVW. Dit staat voldoende duidelijk beschreven in hoofdstuk 1.1. De TVW beschrijft de temporisering van aardgasvrijworden. Dit is de opdracht zoals in het Klimaatakkoord staat. Deze opdracht vervangen voor een hoofddoel op gebied van CO2 reductie betekent een andere visie. Hiermee zal de TVW niet voldoen aan de landelijke afspraken.

Dat het college hiernaast de CO2 doelstelling ook zeer belangrijk vindt blijkt uit het feit dat een belangrijk deel van de “korte termijn”-buurten bestaat uit buurten waar “aardgasvrijready” het streven is. Isoleren en besparen. Het besluit om al dan niet een strategienota met CO2 pagina 35

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Zienswijze leidt niet tot

110

111

112

maar één van de middelen is. De doelstelling “CO2 neutraal” bestrijkt een breder terrein. En stelt voor om een aparte strategienota te wijden aan de doelstelling om per 2040 een CO2 neutraal Gouda te bereiken.

neutraliteit als doel op te stellen valt niet binnen de strekking van de TVW.

aanpassing van de TVW of de bijlagen

Indiener voorziet problemen met het behalen van een planning die uitgaat van 2040 als eerste jaar van een ‘aardgasloos Gouda’, bepleit realiteitsbesef op gebied van CO2 neutraliteit omdat alternatieve vormen van warmte er tijdelijk voor kunnen zorgen dat CO2 uitstoot juist toeneemt. Beide argumenten gecombineerd met de problemen rond de financiering brengen indiener tot de zienswijze: de doelstelling 2040 aardgasvrij los te laten en daar een ander jaartal (dat realistisch is) voor te nemen. niet opgenomen is hoe tussentijds en eind 2039 zal worden bepaald in hoeverre de doelstelling bereikt is. Dat is een omissie.

Voor de reactie op deze zienswijze: zie onder antwoord 3 en 4

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

het klopt dat in de TVW niet is opgenomen hoe het bereiken van de doelstelling gemonitord gaat worden. Landelijk wordt de voortgang van het Klimaatakkoord gemonitord door bij gemeenten aantallen aardgasvrij gemaakte woningen en isolatieacties. Het is mogelijk dat landelijk een methodiek ontwikkeld wordt om alle TVW's te monitoren. Voordat hier duidelijkheid over is, is het voldoende om bij elk WUP een monitoringsmethode af te spreken.

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

2) Zienswijzen in het document met algemene opmerkingen: “ALG 02”

het bepalen van aantallen gebeurt pas nadat er aanvullend onderzoek is gedaan en zal in het WUP worden beschreven. Inrichten van een monitoringssysteem wordt onderdeel van de uitvoering.

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

In hoofdstuk 1.4 wordt uitgelegd wat wordt verstaan onder “verkenningsblokken”; de stadsdelen die kansrijk zijn om als eerste van het aardgas af te gaan. Het zou tot verwarring leiden als daarnaast wordt uitgelegd waarom niet meer stadsdelen worden benoemd.

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Indiener stelt voor om een schema op te stellen waarin indicatief per jaar wordt weegegeven hoeveel woningen en gebouwen er zullen worden verduurzaamd en/of van het gas af gaan. realisatiecijfers in datzelfde schema opnemen. 113

Indiener mist in de TVW de toelichting waarom niet op indicatieve basis de stadsdelen worden benoemd die gedurende de werkingstijd van 5 jaar in aanmerking komen voor het maken van een start met de voorbereiding van een uitvoeringsplan.

pagina 36

114

Indiener mist de vermelding op welke wijze en door welk orgaan van de gemeente het beginjaar van de start van het opstellen van een wijkuitvoeringsplan gebeurt. En zegt voorstander te zijn van vaststellen van het startjaar door de gemeenteraad. Als dat niet in de TVW zelf wordt vastgelegd wordt dat naar de mening van indiener automatisch een bevoegdheid van het college van BenW.

In hoofdstuk 1.4 van de TVW wordt uitgelegd dat de definitieve TVW na vaststelling door de gemeenteraad onderdeel zal worden van de Omgevingsvisie en dat verdere uitwerkingen op buurtniveau vervolgens een plek zullen krijgen in het Omgevingsplan. Meer precies geformuleerd: “…in een nader uit te werken programma en de daarbij behorende regels in het Omgevingsplan. De Omgevingswet is nog niet van kracht maar daarop wordt wel voorgesorteerd bij het opstellen van Transitievisie Warmte en Wijkuitvoeringsplan. De huidige lijn is: TVW en WUP zijn beide programma in de zin van de omgevingswet. (in de TVW liggen datums en jaartallen nog niet vast en het WUP: is de onderbouwing van hetgeen wordt vastgelegd in het omgevingsplan.) In het Omgevingsplan worden de regels gesteld bij datgene wat in het WUP is vastgelegd. Daarmee is formeel het vaststellen van een omgevingsplan de bevoegdheid van de gemeenteraad. Dit neemt niet weg dat het college kan besluiten om (net als bij vaststellen van de TVW) de gemeenteraad te betrekken bij het besluit. Belangrijkste in dit verband is: de intentie van het college om alle processen in nauw overleg met gemeenteraad én alle stakeholders te voeren.

115

Indiener mist de beschrijving van instrumentarium om de onderlinge samenhang tussen afzonderlijke uitvoeringsplannen in de gaten te houden.

116

Omliggende stadsdelen moeten worden geïnformeerd over de uitvoeringsplannen en bewoners van deze omliggende stadsdelen

Samenhang met andere programma’s en samenhang tussen de programmaonderdelen valt onder het overkoepelend programmamanagement Energietransitie. Ontwikkelen van dit instrumentarium op niveau van de TVW is onderdeel van de uitvoering. Het betrekken van bewoners van omliggende stadsdelen wordt onderdeel van het proces om te komen tot een WUP. pagina 37

Onder 1.4 als laatste twee zinnen als volgt wijzigen: De definitieve TVW zal na vaststelling door de gemeenteraad onderdeel worden van de Omgevingsvisie. Verdere uitwerkingen op buurtniveau zullen vervolgens een plek krijgen in een nader uit te werken programma en de daarbij behorende regels. Het is de intentie van het college om de gemeenteraad nauw te blijven betrekken bij vervolgstappen. De rol van de gemeente is meer nauwkeurig beschreven in hoofdstuk 7.7.5.

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van

moeten hun mening kunnen geven over het conceptbesluit tot vaststelling van een WUP 117

Indiener vindt de planning onnodig vaag en stelt voor een globale indicatie te geven van het jaar waarin zal worden gestart met de voorbereiding van een uitvoeringsplan. Indiener noemt dit “..in een bepaald opzicht in afwijking van de afspraak als bedoeld onder a. op blz. 27 van het Klimaatakkoord” en vindt de wijze van planning op gespannen voet staan met de vermelding op blz 27 van het Klimaatakkoord: “De gemeente bepaalt in samenspraak met de betrokken stakeholders de planning van de (stapsgewijze) aanpak richting aardgasvrij”.

Dit zal worden verwoord in de participatie- en communicatiestrategie, zie ook onder punt 106. De in de TVW beschreven fasering is opgedeeld in korte termijn, middellange termijn en lange termijn. De startjaren van deze termijnen kunnen worden beschouwd als startjaren voor het opstellen van een uitvoeringsplan. Deze planning is het resultaat van onderzoek en veel gesprekken met veel stakeholders en bewoners; voor aanwijzen van een startbuurt met een concreet startmoment bleek nog niet voldoende draagvlak te bestaan.

de TVW of de bijlagen Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Het Klimaatakkoord beschrijft in de door indiener genoemde passage: “Voor wijken waarvan de transitie voor 2030 is gepland, maken zij ook de potentiële alternatieve energie infrastructuren bekend en bieden zij inzicht in de maatschappelijke kosten en baten en de integrale kosten voor eindverbruikers hiervan”. De Goudse TVW beschrijft géén wijken waarvan de transitie voor 2030 is gepland. In plaats daarvan beschrijft de TVW die buurtclusters en stadsbrede projecten waarvan de nadere onderzoeken op korte termijn starten (vanaf 2022 en vóór 2025). De TVW beschrijft verder in hoofdstuk 7 dat het opstellen van wijkuitvoeringsplannen in samenspraak met stakeholders zal plaatsvinden. 118

Indiener mist in de TVW de expliciete vermelding welk orgaan de feitelijke beslissing neemt over het jaar waarin daadwerkelijk van start wordt gegaan. En noemt dat dit, wanneer dit niet wordt gedaan, automatisch een bevoegdheid van het college is. Vraagt daarnaast om duidelijkheid over de wijze waarop bewoners van een betrokken stadsdeel een inbreng kunnen leveren ten aanzien van het jaar waarin de voorbereiding van een

Wat betreft de bevoegdheden: De concept TVW beschrijft dat in de verkenningsblokken eerst nader onderzoek gedaan wordt, samen met bewoners en stakeholders. Werkende weg wordt duidelijk wanneer een “start” gemaakt kan worden. Wat verstaan wordt onder “start” is in dit stadium nog niet helemaal helder (is het de start van een verkenning, of is het bijvoorbeeld een ‘go/no gobeslissing’?). pagina 38

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

uitvoeringsplan feitelijk van start zal gaan.

Bewoners kunnen dus altijd hun inbreng leveren. Bij elke stap wordt rekening gehouden met de dan geldende wet- en regelgeving, inclusief formele inspraak. Zodra er planvorming plaatsvindt waarbij regels voor inwoners worden geformuleerd staan besluiten ook open voor beroep. Dit is in de TVW nog niet aan de orde en hoeft ook niet op vooruit te worden gelopen.

119

Indiener stelt vragen bij de planning gerelateerd aan de te behalen aantallen. Ziet veel onduidelijkheid ontstaan rond de indeling middellange termijn, lange termijn en natuurlijk tempo. Geeft in rekenscenario’s diverse mogelijkheden en uitkomsten weer en stelt dan de vraag: wordt het zeer waarschijnlijk geacht dat in 2030 ook al een fors deel van de woningen die zijn ingedeeld onder natuurlijk tempo en gefaseerde aanpak aardgasvrij zullen zijn?

De in de TVW beschreven planning is globaal, dat klopt. Zie hiervoor ook onder antwoord 117. Vast staat, dat in 2022 wordt begonnen in MiddenwillensWest en Plaswijck-kern met verder onderzoek om over te stappen op een duurzame vorm van warmte.

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

120

Indiener stelt voor om de behaalde resultaten in een dashboard te verwerken. Daarin per onderscheiden stadsdeel vermelden welk percentage van de genoemde aantallen inmiddels is gerealiseerd, onderscheiden naar verduurzaamd en naar aardgasvrij 2) Zienswijzen in het document met algemene opmerkingen: “ALG 03”

Op welke manier doelstellingen gemonitord gaan worden is onderdeel van de uitvoeringsfase. We betrekken de koplopers in de stad graag bij het ontwerpen van een dergelijk instrument

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

De tekst wordt inderdaad duidelijker wanneer de zin in paragraaf 7.7.7 gelijk is aan eerdere formuleringen. In het Klimaatakkoord is afgesproken: “De transitievisie warmte zal in principe eens in de 5 jaar geactualiseerd worden….. …..Uiterlijk in 2022 wordt – op basis van ervaringen met de eerste transitievisies – bepaald of 5 jaar inderdaad de beste termijn is voor een collectieve actualisatiecyclus. Dit ook bezien vanuit de wisselwerking met de actualisatiecyclus van de RES. Gemeenten kunnen indien gewenst vaker de transitievisie warmte actualiseren.” Aangaande de RES is landelijk de afspraak dat deze elke 2 jaar

Toevoegen aan 7.7.7 een-nalaatste zin: “….wordt de TVW tenminste elke…”

121

Indiener merkt op dat de termijn waarbinnen de TVW zal worden geactualiseerd niet eenduidig is verwoord in de TVW. Op meerdere plekken is sprake van een termijn van “minimaal 5 jaar”, terwijl in hoofdstuk 7.7.7 “elke 5 jaar” staat. Stelt voor om hier “tenminste” toe te voegen. Merkt op dat 5 jaar wel een lange periode is en pleit voor de nadruk op “actualisering zodra er aanleiding is”. Verwijst daarbij naar de RES waarbij van actualisering eens per 2 jaar wordt uitgegaan. En stelt verder voor om de actualisering te gebruiken voor het vastleggen van het startjaar voor de voorbereiding van een

pagina 39

122

uitvoeringsplan voor een specifiek stadsdeel. Dit om te borgen dat totaaloverzicht en samenhang behouden blijven en dat de planning van de start een bevoegdheid van de gemeenteraad blijft.

wordt geactualiseerd. Aangaande de TVW is het afhankelijk van zowel ontwikkelingen binnen de gemeente als landelijke afspraken hierover of de periode van 5 jaar wordt ingekort.

2) Zienswijzen in het document met algemene opmerkingen: “ALG 04”

In het proces om te komen tot een TVW is met veel betrokkenen gesproken. Het bleek voor veel betrokkenen een té grote stap om al in dit proces van “verkenningsbuurt” naar “startbuurt” te gaan. Dit is beschreven in hoofdstuk 1.2. De kern van de gesprekken was: “er moet eerst nog meer onderzoek gedaan worden in de buurten, zowel op technisch als op sociaal/maatschappelijk vlak”. In samenspraak met de stakeholders is toen voorgesteld om voor deze buurten de term “verkenningsblokken” te gebruiken. Het is een proces waarin mensen met elkaar hebben gezocht naar de voor dit moment beste benaming.

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Voor de in de TVW genoemde verkenningsblokken zal een plan van aanpak worden opgesteld voordat de nadere verkenningen starten. In deze TVW wordt beschreven dat het voornemen is om alle stappen in nauwe samenspraak met alle betrokkenen te zetten. Betrokkenen in het proces naar de TVW hebben gemerkt dat veel aannames niet bleken te kloppen en bijgesteld moesten worden. In dit stadium al een volledige beschrijving van de processtappen in de toekomst geven wordt daarom niet als een goed plan gezien. Vertrouwen in de samenwerking en een gezamenlijk leerproces heeft meer de voorkeur van het college. Het is mogelijk dat tijdens de samenwerking in de komende jaren wordt gekozen voor een andere term. Voorlopig wordt de landelijke lijn gevolgd om de

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Indiener wil het gebruik van begrippen als ‘verkenningsblok’, ‘verkenningsbuurt’ en ‘startbuurt’ koppelen aan een duidelijke definitie ervan in de begrippenlijst. Wijst op twee tekstgedeelten waar de term ‘startbuurt’ niet met elkaar lijkt overeen te stemmen (hfd 6.1 eerste alinea en hfd 1.2 laatste alinea) en verwijst daarbij naar het proces van voorbereiding waarin nog over ‘startbuurt’ gesproken werd.

123

Verder ervaart indiener de informatie over het procesverloop na aanwijzing van een buurt/cluster waar enigerlei start zal plaatsvinden als niet-consistent. Indiener bepleit een eenduidige en volledige beschrijving van de stappen vanaf de start van transitieactiviteiten in een cluster/buurt en dat daarin duidelijk wordt beschreven hoe en door wie wordt besloten óf tot het opstellen van een plan van aanpak voor een uitvoeringsplan wordt besloten en later tot het opstellen van het betreffende plan zelf wordt besloten.

124

Indiener stelt voor om de term “wijkuitvoeringsplan” los te laten (stelt; een wijk als grondgebied voor plannen is niet meer in beeld) en stelt voor om een andere benaming te gebruiken,

pagina 40

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

bijvoorbeeld clusteruitvoeringsplan (CUP) of transitieuitvoeringsplan (TUP).

125

126

127

2) Zienswijzen in het document met algemene opmerkingen: “ALG 05” Onder ALG05 stelt indiener een aantal vragen over de begrippen “actieve buurtbewoners”, “meerderheid van betrokkenen”, en “participatie”. En vraagt zich af of hier geduid wordt op de nog vast te stellen participatiestrategie. En benoemt hierbij dat het in de TVW thuis hoort dat voor de verschillende betrokkenen duidelijk is hoe het vaststellingsproces zal verlopen. Noemt de relatie tussen uitvoeringsplannen en omgevingsplannen een specifiek punt van aandacht. Bepleit het alsnog invoegen van informatie over wat wanneer wordt vastgesteld, met welke procesgang.

Indiener heeft een aantal vragen over het aanwijzen van een exploitant van het warmtenet; kan dit los van de vaststelling van een uitvoeringsplan? Wie “wijst een warmtebedrijf aan”? Het college of de gemeenteraad? Indiener pleit ervoor dat in de TVW wordt vastgelegd dat in het eerste kwartaal 2022 een strategiedocument voor besluitvorming door de gemeenteraad zal worden opgesteld waarin wordt aangegeven hoe de gemeente wil omgaan met (mede) door bewoners opgezette energiecoöperaties voor de exploitatie van warmtenetten.

uitvoeringsplannen “WUP” of wijkuitvoeringsplan te noemen. Op dit moment is deze benaming in de communicatie de meest gebruikte term dus voor ieder ‘herkenbaar’. Deze vragen zullen in de loop van het uitvoeringsproces beantwoord worden.

De omgevingsvisie van Gouda is nog niet vastgesteld. Het ministerie van BZK heeft begin 2021 gemeenten geïnformeerd over hun bevoegdheden in de Omgevingswet en de Warmtewet, en de relatie tussen Transitievisie Warmte en Omgevingsvisie geschetst. In de fase van voorbereiding op het maken van uitvoeringsplannen wordt duidelijk welke procesgang en procedures gevolgd kunnen of moeten worden. Een en ander is nu nog niet uitgekristalliseerd zodat het te vroeg is om nu al te verwerken in de TVW. Het kader “Warmtewet 2.0” waar door indiener naar wordt verwezen verwoordt de stand van zaken genoemd in een Kamerbrief uit december 2019. Inmiddels is bekend dat de besluitvorming over de Warmtewet is uitgesteld en deze nog niet in januari 2022 in zal gaan. Hoe om te gaan met warmtenetten en de exploitatie hangt nauw samen met de bevoegdheden die voortvloeien uit die wet. Het lijkt niet verstandig om daarop vooruit te lopen. De TVW wordt ook niet gezien als aangewezen plek om het opstellen van strategiedocumenten vast te leggen. pagina 41

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

128

129

130

2) Zienswijzen in het document met algemene opmerkingen: “ALG 06” Indiener ervaart formuleringen over betaalbaarheid en woonlastenneutraliteit als strijdig en niet transparant en bepleit daarom nadere invulling van de ‘belofte’ van betaalbaarheid, met name in relatie tot de toezegging op blz. 42, regel 01-02: “.Deze buurten worden pas startbuurten bij gedragen overeenstemming van de meerderheid van betrokkenen over ……. de betaalbaarheid …..”. De definitie van woonlastenneutraliteit op blz 16 en 49 geeft ook geen duidelijkheid. Indiener wil toegevoegd zien welke kosten exact bij de kostenvergelijking worden betrokken Indiener acht de kans groot dat het voorlopig zal ontbreken aan voldoende financiële bijdragen vanuit de Rijksoverheid en denkt ook dat het gemeentebestuur dat ‘gat’ niet uit eigen middelen zal opvullen. En vindt het daarom logisch dat hoofdstuk 7, de “uitvoeringsstrategie” daarop wordt ingericht. Indiener stelt voor om diverse tekstdelen van de conceptTVW aan te passen

2) Zienswijzen in het document met algemene opmerkingen: “ALG 07” Indiener is opgevallen dat er geen specifieke aandacht is in de concept-TVW voor het stimuleren van de totstandkoming van energiecoöperaties. En bepleit het opnemen van een aanvullende tekst waarin tot uiting komt op welke wijze op ondersteuning van gemeentewege mag worden gerekend. 2) Zienswijzen in het document met algemene opmerkingen: “ALG 08”

Het is begrijpelijk dat het thema betaalbaarheid vragen oproept. Dit zal helaas niet in deze eerste TVW verholpen kunnen worden. De verwachting is dat in de uitvoeringsfase, wanneer een WUP wordt opgesteld, meer gedetailleerd onderzoek op pandniveau worden uitgevoerd. Meer exacte gegevens over kostenvergelijking zal dan ook pas in dat stadium voorhanden zijn. Over woonlastenneutraliteit wordt ook landelijk een discussie gevoerd. Er zijn veel meningen over. Uiteindelijk bepaalt elke individuele pandeigenaar zelf wat zij/hij “betaalbaar” vindt. Met deze eerste TVW laat Gouda zien welke inspanningen er zijn gedaan om een globaal tijdspad te schetsen voor het aardgasvrij maken van de stad, en om een start te maken met de uitvoering. Met het toevoegen van een uitvoeringsstrategie is al een doorkijk gegeven naar de fase van uitvoering. Tegelijkertijd is het heel onzeker of plannen uitvoerbaar zijn, omdat de factor ‘middelen’ nog onzeker is. Toch is ervoor gekozen om de uitvoeringsstrategie te schrijven met de bedoeling om deze uitvoering te kunnen starten. In de eerstvolgende jaren van uitvoering zal blijken op welke manier de uitvoeringsstrategie moet worden aangepast. Die aanpassing kan gedaan worden bij de eerstvolgende actualisering van de TVW.

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Dit is een punt van uitwerking tijdens de uitvoering.

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

pagina 42

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

131

132

133

134

135

136

Indiener wijst op het ontbreken van een aanpak voor proceswarmte die ingezet wordt in de industrie. Ervaart dat als een belangrijke omissie.

2) Zienswijzen in het document met algemene opmerkingen: “ALG 09” Indiener merkt n.a.v. de tabel met overzicht van alle warmtebronnen (4.2.5) op, dat het totaal aan beschikbare warmte lager is dan de beschreven totale warmtevraag (4.1.4 en 4.2). Stelt voor dat aangegeven wordt welke conclusies daaruit getrokken kunnen worden en hoe dat verschil kan worden overbrugd. 2) Zienswijzen in het document met algemene opmerkingen: “ALG 10” Indiener stelt voor om in het kader van onder meer de energietransitie een expertgroep in te stellen wanneer complexe afwegingen moeten worden gemaakt, waarbij moeilijk tot niet vergelijkbare grootheden in het geding zijn. (bijvoorbeeld de Multi Criteria Analyse). Pleit ervoor om in dit soort situaties tot overeenstemming te komen via inzet van een expertgroep. 2) Zienswijzen in het document met algemene opmerkingen: “ALG 11” Indiener merkt op dat het gebruik van de term “de gemeente” of “Gemeente Gouda” de “nabijheid niet bevordert” en doet de aanbeveling om waar dit wordt gebruikt te wijzigen in “ons gemeentebestuur”. 2) Zienswijzen in het document met algemene opmerkingen: “ALG 12” Indiener merkt op dat in de concept-TVW een aantal voorgenomen activiteiten staat vermeld. Doet de aanbeveling om een lijst op te stellen waar die activiteiten in zijn opgenomen.

2) Zienswijzen in het document met algemene opmerkingen: “ALG 13” Indiener merkt op dat de inhoudelijke strategie en de participatiestrategie van elkaar losgekoppeld zijn, omdat de participatiestrategie geen onderdeel

Dit kopt; in hoofdstuk 1.3 wordt beschreven dat proceswarmte voor de industrie een specifieke opgave is. Deze sector valt onder een andere Klimaattafel. Het onderwerp maakt dus “volgens landelijke afspraak” geen deel uit van de TVW. De tekst zal beter worden toegelicht.

In 1.3 eind eerste alinea toevoegen: “..die via een andere tafel van het nationale Klimaatakkoord loopt”.

In de tabel op 4.2.5 staat een aantal warmtebronnen zonder getal genoemd met de aanduiding “ruim” of “onbekend”. In de uitvoeringsfase zal per wijk stap voor stap hierover meer duidelijkheid worden verkregen.

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Het instellen van een dergelijke groep gaat breder dan de scope van de TVW. In het proces naar deze eerste TVW is overigens gebruik gemaakt van een-opeen gesprekken met stakeholders, de Transitietafel, gesprekken met inwoners, met experts en gesprekken in de regiegroep.

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

Het gebruik van “ons” en “wij” wordt in gemeentelijke stukken vermeden omdat daarbij veelal niet duidelijk is wie met “wij” worden bedoeld. Daarom wordt “Gemeente Gouda” gebruikt.

Zienswijze leidt niet tot aanpassing van de TVW of de bijlagen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=528b5f3a-6b4e-4e81-b78a-c26c4b422404