CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 9 Regels

Raadsvergadering 22 mei 2024, gemeente GoudaBij agendapunt: Bestemmingsplan Partiële herziening binnenstad19.313 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

4.4.6 Bedrijfsmatige activiteiten Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 4.3.4 ten behoeve van het medegebruik van woningen en/of bijgebouwen voor bedrijfsmatige activiteiten uit de Staat van Bedrijfsactiviteiten, die als bijlage 1 is opgenomen bij deze regels, en daarin zijn aangeduid als milieucategorie 2 mits: "Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

28 a. de woonfunctie in overwegende mate blijft gehandhaafd, waarbij geldt dat de brutovloeroppervlakte gebruikt voor bedrijfsmatige activiteiten niet meer mag bedragen dan 35% van de woning met een maximum van 50 m²; b. geen afbreuk wordt gedaan aan het woon- en leefmilieu in de omgeving; c. geen onevenredige toename van de verkeersbelasting optreedt in de omgeving; d. er wordt voorzien in de voldoende parkeerruimte op eigen terrein; e. de bedrijfsmatige activiteiten geschieden door degene die op het perceel woonachtig is; f. geen detailhandel plaatsvindt, behoudens beperkte kleinschalige verkoop in direct verband met de bedrijfsmatige activiteiten. 4.4.7 Recreatieve voorzieningen Het bevoegde gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 4.1 onder a ten behoeve van het toestaan van recreatieve voorzieningen, onder de volgende voorwaarden; a. Er mag geen onevenredige verstoring ontstaan in de evenwichtige opbouw van de voorzieningenstructuur; b. De activiteiten mogen uitsluitend op de begane grondlaag plaatsvinden; c. Er mag geen onevenredige hinder voor de omgeving ontstaan.

4.5 Wijzigingsbevoegdheid 4.5.1 Afvoeren aanduiding autosloperij Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het bestemmingsplan te wijzigen in die zin dat de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - autosloperij' wordt afgevoerd, onder de voorwaarde dat de bestaande bedrijfsactiviteiten ter plaatse duurzaam zijn beëindigd.

"Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

29

Artikel 9

Groen

De gemarkeerde tekstdelen zijn gewijzigd en/of toegevoegd. De doorgehaalde tekst is vervallen. De niet-gemarkeerde tekst is onveranderd, maar wordt vanwege de leesbaarheid getoond. Raadpleeg ook de Algemene regels! Tevens wordt aan Artikel 5 Groen lid 5.1 van het bestemmingsplan Binnenstad West toegevoegd: 5.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e. f.

groenvoorzieningen en water; fiets- en voetpaden; speelvoorzieningen; straatmeubilair; nutsvoorzieningen; ontsluitingspaden voor woonboten, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - woonboot';

5.2 Bouwregels Op de in lid 5.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend andere bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd, met dien verstande dat: a. de bouwhoogte van speeltoestellen niet meer dan 5 m mag bedragen; b. de bouwhoogte van overige andere bouwwerken niet meer dan 3 m mag bedragen. 5.3 Specifieke gebruiksregels Onder strijdig gebruik met deze bestemming wordt in ieder geval gerekend het gebruik van de gronden als parkeerplaats.

"Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

30

Artikel 10

Maatschappelijk

De gemarkeerde tekstdelen zijn gewijzigd en/of toegevoegd. De niet-gemarkeerde tekst is onveranderd, maar wordt vanwege de leesbaarheid getoond. 10.1

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Maatschappelijk' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e. f.

maatschappelijke voorzieningen; aan de functies onder a gebonden parkeervoorzieningen; erven, groenvoorzieningen en water; straatmeubilair; nutsvoorzieningen; ter plaatse van de aanduiding 'horeca tot en met categorie 2': tevens voor horecabedrijven tot en met categorie 2; g. ter plaatse van de aanduiding 'horeca van categorie 5': teven voor horecabedrijven van categorie 5; 10.2

Bouwregels

Op de in lid 10.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd, met dien verstande, dat: a. gebouwen uitsluitend mogen worden gebouwd binnen de op de verbeelding aangegeven bouwvlakken; b. ter plaatse van de aanduiding 'maximale bebouwingspercentage' de maximale oppervlakte aan bebouwing niet meer mag bedragen dan aangegeven op de verbeelding; c. de goothoogte van gebouwen niet meer mag bedragen dan 6 m, tenzij op de verbeelding binnen een bouwvlak, of een gedeelte daarvan, anders is aangegeven; d. de bouwhoogte van gebouwen niet meer mag bedragen dan 10 m, tenzij op de verbeelding binnen een bouwvlak, of een gedeelte daarvan, anders is aangegeven; e. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen niet meer mag bedragen dan: 1. 1 m op de gronden voor de voorgevelrooilijn; 2. 2 m voor het overige f. [indien van toepassing (bij meer dan 1):] de bouwhoogte van vlaggenmasten niet meer mag bedragen dan 6 m; g. de bouwhoogte van andere bouwwerken niet meer mag bedragen dan 3 m h. ten behoeve van water bouwwerken, zoals bruggen, duikers, damwanden en soortgelijke bouwwerken mogen worden gebouwd. 10.3

Afwijken van de bouwregels

Burgemeester en wethouders kunnen bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid: a. 10.2 onder a ten behoeve van het bouwen van bijbehorende bouwwerken buiten de bouwvlakken tot een gezamenlijke grondoppervlakte van 100 m² en een maximale bouwhoogte van 4 m, mits er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van het straat- en bebouwingsbeeld en de verkeers- en parkeerdruk niet onevenredig toeneemt; b. 10.2 onder e ten behoeve van het bouwen van erf- en terreinafscheidingen op de gronden voor de voorgevelrooilijn tot 2 m indien dit geen onevenredige gevolgen heeft voor het straat- en bebouwingsbeeld en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende percelen.

"Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

31

Artikel 11

Tuin - Binnenstad Oost

De gemarkeerde tekstdelen zijn gewijzigd en/of toegevoegd. De niet-gemarkeerde tekst is onveranderd, maar wordt vanwege de leesbaarheid getoond. Artikel 9 Tuin lid 9.2.2 van het bestemmingsplan Binnenstad Oost wordt als volgt gewijzigd: 9.2.2 Bestaande gedeelten van hoofdgebouwen en bijbehorende bouwwerken In afwijking van het bepaalde in lid 9.2.1 zijn tevens bestaande gedeelten van hoofdgebouwen en bijbehorende bouwwerken, waaronder overkappingen met een gesloten constructie, toegestaan, waarbij in bestaande gedeelten van hoofdgebouwen zijn toegestaan de functies die in het betreffende hoofdgebouw zijn toegestaan, met dien verstande dat: a. de maximale oppervlakte aan bebouwing per bouwperceel niet meer mag bedragen dan 10%; b. in afwijking van het bepaalde onder a. geldt op bouwpercelen met de aanduiding 'bijgebouwen' het volgende: 1. het aanduidingsvlak 'bijgebouwen' volledig mag worden bebouwd, ook als daardoor het bebouwingspercentage zoals bedoeld onder a. wordt overschreden; 2. bij sloop en (ver)bouw van erfbebouwing het bebouwingspercentage zoals bedoeld onder a. niet mag worden overschreden; c. de goothoogte van gedeelten van hoofdgebouwen en van aan hoofdgebouwen aangebouwde bijbehorende bouwwerken mag niet meer bedragen dan de hoogte van de eerste bouwlaag van het betreffende hoofdgebouw; d.

de goothoogte van vrijstaande bijbehorende bouwwerken mag niet meer bedragen dan 3 m; e. de goothoogte van een bijbehorend bouwwerk, dat is aangebouwd aan een ander bijbehorend bouwwerk met ten hoogste één bouwlaag en met een bestaande goothoogte van meer dan 3 m, mag ten hoogste zoveel bedragen als die bestaande goothoogte.

"Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

32

Artikel 12 12.1

Tuin - Erf

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Tuin - Erf' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d.

erven, tuinen en parkeervoorzieningen ten dienste van de aangrenzende bestemmingen; toegangspaden; water; speelvoorzieningen.

12.2

Bouwregels

Op de in lid 12.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd, zoals luifels, technische installaties, overkappingen met een open constructie en erfafscheidingen, met dien verstande dat: a. de maximale oppervlakte aan bebouwing per bouwperceel, inclusief de bebouwing genoemd in lid 12.2.1, niet meer mag bedragen dan 50%, tenzij op de verbeelding met de aanduiding 'maximum bebouwingspercentage (%)' een ander bebouwingspercentage is aangegeven; in dat geval geldt het aangegeven bebouwingspercentage als maximum, inclusief de bebouwing genoemd in lid 12.2.1; b. de bouwhoogte van andere bouwwerken, uitgezonderd erfafscheidingen, niet meer mag bedragen dan 5 m, tenzij op de verbeelding met de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)' een andere bouwhoogte is aangegeven; in dat geval geldt de aangegeven bouwhoogte als maximum; c. de bouwhoogte van erfafscheidingen niet meer mag bedragen dan 2 m. 12.2.1 Bestaande gedeelten van hoofdgebouwen en bijbehorende bouwwerken In afwijking van het in lid 12.2 bepaalde zijn tevens bestaande gedeelten van hoofdgebouwen en bijbehorende bouwwerken, waaronder overkappingen met een gesloten constructie, toegestaan, waarbij in bestaande gedeelten van hoofdgebouwen zijn toegestaan de functies die in het betreffende hoofdgebouw zijn toegestaan, met dien verstande dat: a.

de maximale oppervlakte aan bebouwing per bouwperceel niet meer mag bedragen dan 10%; b. in afwijking van het bepaalde onder a. geldt op bouwpercelen met de aanduiding 'bijgebouwen' het volgende: 1. het aanduidingsvlak 'bijgebouwen' volledig mag worden bebouwd, ook als daardoor het bebouwingspercentage zoals bedoeld onder a. wordt overschreden; 2. bij sloop en (ver)bouw van erfbebouwing het bebouwingspercentage zoals bedoeld onder a. niet mag worden overschreden; c. de goothoogte van gedeelten van hoofdgebouwen en van aan hoofdgebouwen aangebouwde bijbehorende bouwwerken mag niet meer bedragen dan de hoogte van de eerste bouwlaag van het betreffende hoofdgebouw; d. de goothoogte van vrijstaande bijbehorende bouwwerken mag niet meer bedragen dan 3 m; e. de goothoogte van een bijbehorend bouwwerk, dat is aangebouwd aan een ander bijbehorend bouwwerk met ten hoogste één bouwlaag en met een bestaande goothoogte van meer dan 3 m, mag ten hoogste zoveel bedragen als die bestaande goothoogte. 12.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden, de navolgende werken en werkzaamheden uit te voeren of te doen uitvoeren: a. het uitvoeren van grondwerkzaamheden; b.

het aanbrengen van oppervlakteverharding. 12.3.1 Uitzondering Het bepaalde in lid 12.3 is niet van toepassing op het uitvoeren van werken en werkzaamheden: "Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

33

in het kader van het onderhoud of beheer, van geringe betekenis 12.3.2 Voorwaarden Een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 12.3, wordt slechts verleend indien door de werken en werkzaamheden geen schade kan ontstaan aan waardevolle beplanting.

"Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

34

Artikel 13

Tuin - Erf Binnenstad Oost

De gemarkeerde tekstdelen zijn gewijzigd en/of toegevoegd. De niet-gemarkeerde/-doorgehaalde tekst is onveranderd, maar wordt vanwege de leesbaarheid getoond. Artikel 10 Tuin - Erf lid 10.2.2 van het bestemmingsplan Binnenstad Oost wordt als volgt gewijzigd: 10.2.2 Bestaande gedeelten van hoofdgebouwen en bijbehorende bouwwerken In afwijking van het bepaalde in lid 10.2.1 zijn tevens bestaande gedeelten van hoofdgebouwen en bijbehorende bouwwerken, waaronder overkappingen met een gesloten constructie, toegestaan, waarbij in bestaande gedeelten van hoofdgebouwen zijn toegestaan de functies die in het betreffende hoofdgebouw zijn toegestaan, met dien verstande dat: a. de maximale oppervlakte aan bebouwing per bouwperceel niet meer mag bedragen dan 10%; b. in afwijking van het bepaalde onder a. geldt op bouwpercelen met de aanduiding 'bijgebouwen' het volgende: 1. het aanduidingsvlak 'bijgebouwen' volledig mag worden bebouwd, ook als daardoor het bebouwingspercentage zoals bedoeld onder a. wordt overschreden; 2. bij sloop en (ver)bouw van erfbebouwing het bebouwingspercentage zoals bedoeld onder a. niet mag worden overschreden; c. de goothoogte van gedeelten van hoofdgebouwen en van aan hoofdgebouwen aangebouwde bijbehorende bouwwerken mag niet meer bedragen dan de hoogte van de eerste bouwlaag van het betreffende hoofdgebouw; d.

de goothoogte van vrijstaande bijbehorende bouwwerken mag niet meer bedragen dan 3 m; e. de goothoogte van een bijbehorend bouwwerk, dat is aangebouwd aan een ander bijbehorend bouwwerk met ten hoogste één bouwlaag en met een bestaande goothoogte van meer dan 3 m, mag ten hoogste zoveel bedragen als die bestaande goothoogte. tevens wordt aan Artikel 10 Tuin - Erf van het bestemmingsplan Binnenstad Oost het volgende lid toegevoegd: 10.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden, de navolgende werken en werkzaamheden uit te voeren of te doen uitvoeren: a. het uitvoeren van grondwerkzaamheden; b. het aanbrengen van oppervlakteverharding. 10.4.1 Uitzondering Het bepaalde in lid 10.4 is niet van toepassing op het uitvoeren van werken en werkzaamheden: in het kader van het onderhoud of beheer, van geringe betekenis. 10.4.2 Voorwaarden Een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 10.4, wordt slechts verleend indien door de werken en werkzaamheden geen schade kan ontstaan aan waardevolle beplanting.

"Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

35

Artikel 14

Tuin - Erf Binnenstad West

Aan Artikel 8 Tuin - Erf van het bestemmingsplan Binnenstad West het volgende lid toegevoegd: 8.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden, de navolgende werken en werkzaamheden uit te voeren of te doen uitvoeren: a. het uitvoeren van grondwerkzaamheden; b. het aanbrengen van oppervlakteverharding. 8.4.1 Uitzondering Het bepaalde in lid 8.4 is niet van toepassing op het uitvoeren van werken en werkzaamheden: in het kader van het onderhoud of beheer, van geringe betekenis. 8.4.2 Voorwaarden Een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 8.4, wordt slechts verleend indien door de werken en werkzaamheden geen schade kan ontstaan aan waardevolle beplanting.

"Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

36

Artikel 15

Verkeer - Verblijf

De gemarkeerde tekstdelen zijn gewijzigd en/of toegevoegd. De niet-gemarkeerde tekst is onveranderd, maar wordt vanwege de leesbaarheid getoond. tevens wordt aan Artikel 10 Verkeer - Verblijf van het bestemmingsplan Binnenstad West toegevoegd: 10.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Verkeer - Verblijf' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e. f. g. h. i. j. k. l.

wegen met een verblijfsfunctie; pleinen; voet- en fietspaden; parkeervoorzieningen; speelvoorzieningen; groenvoorzieningen en water; straatmeubilair; kermis/markt; terrassen; verkeersvoorzieningen ten behoeve van het scheepvaartverkeer; nutsvoorzieningen; ontsluitingspaden voor woonboten, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - woonboot'; m. bruggen, ter plaatse van de aanduiding 'brug'; n. fietsenstalling, ter plaatse van de aanduiding 'fietsenstalling'. alsmede voor: o. ter plaatse van de aanduiding 'cultuurhistorische waarden' tevens voor instandhouding van de aldaar voorkomende stoepen en voor het aanbrengen en in stand houden van stoepen; p. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van water - museumhaven' tevens voor een gebruik ten behoeve van het aangrenzende gebruik voor ligplaatsen voor historische bedrijfsvaartuigen; q. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - kade' tevens voor kaden met bijbehorende voorzieningen, waaronder begrepen groenvoorzieningen, laad- en loswal ten dienste van de en beroepsscheepvaart en verblijfsruimten; r. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - sluisgebouw' tevens voor een sluisgebouw; s. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - sluiswachtershuisje' tevens voor een sluiswachtershuisje.

10.2 Bouwregels 10.2.1 Algemeen Op de in lid 10.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend andere bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd, met dien verstande dat: a. b. c. d.

ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - loopbrug' is een loopbrug toegestaan; de bouwhoogte van lichtmasten niet meer mag bedragen dan 10 m; de bouwhoogte van overige andere bouwwerken niet meer mag bedragen dan 5 m; ten behoeve van water bouwwerken, zoals bruggen, duikers, damwanden en soortgelijke bouwwerken mogen worden gebouwd.

10.2.2 Gebouwen In afwijking van het in lid 10.2.1 zijn tevens toegestaan: a. gebouwen ten behoeve van de toegestane functies ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - kade', waarvan de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 4 m en de gezamenlijke oppervlakte niet meer mag bedragen dan 150 m2; "Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

37 b. een gebouw ten behoeve van de toegestane functie ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - sluiswachtershuisje', waarvan de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 3 m; c. gebouwen ten behoeve van de toegestane functie ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van verkeer - sluisgebouw' waarvan de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 3 m. 10.2.3 Stoepenzone Ter plaatse van aanduiding 'cultuurhistorische waarden' mogen uitsluitend andere bouwwerken worden gebouwd ten dienste van stoepen, zoals bordessen, hekwerken en trappen, waarvan de hoogte niet meer mag bedragen dan 1 m.

10.3 Afwijken van de bouwregels 10.3.1 Stoepenzone Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van het bepaalde in artikel 15.3.6 van het bestemmingsplan Binnenstad West, bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 10.2.3 ten behoeve van het op gronden met de aanduiding 'cultuurhistorische waarden' bouwen van andere bouwwerken, zoals luifels, palen en windschermen, tot een bouwhoogte gelijk aan de hoogte van de begane grondlaag van het betreffende hoofdgebouw.

10.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 10.4.1 Vergunningplicht Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van bevoegd gezag (omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden) op gronden ter plaatse van de aanduiding 'cultuurhistorische waarden' de navolgende werken en werkzaamheden uit te voeren of te doen uitvoeren: a. het verwijderen en aanbrengen van bestrating. 10.4.2 Uitzondering Het in lid 10.4.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden, die: a. het normale onderhoud dan wel het beheer betreffen; b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan met een daarvoor benodigde omgevingsvergunning. 10.4.3 Toelaatbaarheid De werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden als bedoeld in lid 10.4.1, zijn slechts toelaatbaar indien door de werken of werkzaamheden, dan wel door de daarvan hetzij direct, hetzij indirect te verwachten gevolgen voor de waardevolle stoepenzone, welke het plan beoogt te beschermen: a. niet onevenredig aantast; b. de mogelijkheden voor het herstel van die waarden of functies niet onevenredig worden of kunnen worden verkleind.

10.4.4 Beoordeling De beoordeling van de toelaatbaarheid van in lid 10.4.1 bedoelde werken en werkzaamheden geschiedt met inachtneming van het bepaalde in artikel 15.3.6 van het bestemmingsplan Binnenstad West.

"Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

38

Artikel 16

Water - Binnenstad Oost

De gemarkeerde tekstdelen zijn gewijzigd en/of toegevoegd. De doorgehaalde tekst is vervallen. De niet-gemarkeerde tekst is onveranderd, maar wordt vanwege de leesbaarheid getoond. Raadpleeg ook de Algemene regels! Artikel 13 Water van het bestemmingsplan Binnenstad Oost wordt als volgt gewijzigd: 13.1 Bestemmingsomschrijving 13.1.1 Algemeen De voor 'Water' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e. f. g. h.

water; recreatief medegebruik; verkeersvoorzieningen ten behoeve van het scheepvaartverkeer; groenvoorzieningen; bruggen en overkluizingen: uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'brug'; aanlegsteigers: uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'aanlegsteiger'; woonschepen: uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'woonschepenligplaats'. woonboten, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - woonboot';

13.2 Bouwregels 13.2.1 Gebouwen Op de in lid 13.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'woonschepenligplaats' en/of 'specifieke vorm van wonen - woonboot'; gebouwen worden gebouwd, met dien verstande dat uitsluitend gebouwen in de vorm van woonschepen en/of woonboten zijn toegestaan.

13.2.2 Andere bouwwerken Op de in lid 13.1 bedoelde gronden mogen andere bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd, met dien verstande dat: a. de hoogte van andere bouwwerken niet meer mag bedragen dan 6 m; b. ten behoeve van water bouwwerken, zoals duikers, damwanden en soortgelijke bouwwerken mogen worden gebouwd. 13.2.3 Bruggen Op de gronden met de aanduiding 'brug' geldt dat: a. de hoogte van de brug niet meer mag bedragen dan 5 m; b. bouwwerken niet zijn toegestaan indien daardoor niet meer zou kunnen worden voldaan aan de voor een goede waterhuishouding nodige vrije waterspiegel en een minimum doorvaarthoogte van 1,25 m. 13.3 Specifieke gebruiksregels Ter plaatse van de aanduiding 'woonschepenligplaats' en/of 'specifieke vorm van wonen - woonboot'; geldt dat:de gronden tevens gebruikt mogen worden als woonschepenligplaats en/of woonbotenligplaats, met dien verstande dat: a. de lengte van een woonschip en/of woonboot niet meer mag bedragen dan 20 m; b. de hoogte van een woonschip en/of woonboot niet meer mag bedragen dan 3 m; c. een woonschip en/of woonboot tevens mag worden gebruikt als praktijkruimte voor beroepsmatige activiteiten en bedrijfsmatige activiteiten die in de van deze regels deel uitmakende Staat van "Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

39 Bedrijfsactiviteiten zijn aangeduid als categorie 1, waarbij de bepalingen uit lid 14.3 van overeenkomstige toepassing zijn; d. maximaal één woonschip of woonboot is toegestaan.

"Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

40

Artikel 17

Water - Binnenstad West

De gemarkeerde tekstdelen zijn gewijzigd en/of toegevoegd. De doorgehaalde tekst is vervallen. De niet-gemarkeerde tekst is onveranderd, maar wordt vanwege de leesbaarheid getoond. Raadpleeg ook de Algemene regels! Artikel 11 Water van het bestemmingsplan Binnenstad West wordt als volgt gewijzigd: 11.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Water' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e. f. g. h.

water; recreatief medegebruik; verkeersvoorzieningen ten behoeve van het scheepvaartverkeer; groenvoorzieningen; ter plaatse van de aanduiding 'brug': tevens voor een brug of overkluizing; ter plaatse van de aanduiding 'aanlegsteiger': tevens voor aanlegsteigers; ter plaatse van de aanduiding 'woonschepenligplaats': tevens voor woonschepen; ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van water - museumhaven': tevens voor ligplaatsen voor historische bedrijfsvaartuigen; i. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van water - terrasboot': tevens voor ligplaatsen voor terrasboten. j. woonboten, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - woonboot'; k. bruggen, ter plaatse van de aanduiding 'brug'; l. steigers ter plaatse van de aanduiding 'steiger': tevens voor steigers. 11.2 Bouwregels 11.2.1 Gebouwen Op de in lid 11.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'woonschepenligplaats' en/of 'specifieke vorm van wonen - woonboot' gebouwen worden gebouwd, met dien verstande dat: a. uitsluitend gebouwen in de vorm van woonschepen en/of woonboten zijn toegestaan; b. de lengte van een woonschip niet meer mag bedragen dan 20 m; c.

de hoogte van een woonschip, vanaf waterpeil, niet meer mag bedragen dan 3 m 11.2.2 Andere bouwwerken Op de in lid 11.1 bedoelde gronden mogen andere bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd, met dien verstande dat: a. de bouwhoogte van andere bouwwerken niet meer mag bedragen dan 6 meter; b. ten behoeve van water bouwwerken, zoals duikers, damwanden en soortgelijke bouwwerken mogen worden gebouwd. 11.2.3 Bruggen Op de gronden met de aanduiding 'brug' geldt dat: a. de bouwhoogte van een brug en/of overkluizing niet meer mag bedragen dan 5 m; b. bouwwerken niet zijn toegestaan indien daardoor niet meer zou kunnen worden voldaan aan de voor een goede waterhuishouding nodige vrije waterspiegel en een minimum doorvaarthoogte van 1,25 m. 11.3 Specifieke gebruiksregels "Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

41

11.3.1 Aanlegsteigers Ter plaatse van de aanduiding 'aanlegsteigers' geldt dat alleen aanlegsteigers ten behoeve van openbaar gebruik zijn toegestaan en dat een gebruik ten behoeve van een terras niet is toegestaan. 11.3.2 Woonschepenligplaats Ter plaatse van de aanduiding 'woonschepenligplaats' en/of 'specifieke vorm van wonen - woonboot' geldt dat de gronden tevens gebruikt mogen worden als woonschepenligplaats en/of woonbotenligplaats; met dien verstande dat: a. de grootste, uitwendig gemeten lengte van een woonschip en/of woonboot niet meer mag bedragen dan 20 m; b. de grootste, uitwendig gemeten hoogte van een woonschip en/of woonboot niet meer mag bedragen dan 1 bouwlaag, met een maximum bouwhoogte van 3 m vanaf waterpeil; ondergeschikte delen als lichtkoepels en antennes niet meegerekend; c. de diepgang van het woonschip en/of woonboot niet meer mag bedragen dan 0,9 m; d. de onderlinge afstand tussen woonschepen en/of woonboten ten minste 5 m moet bedragen; e. gangboorden, puntdaken, tweede verdiepingen en dakterrassen niet zijn toegestaan; evenmin zijn hekwerken, omheiningen, balustrades, windschermen of soortgelijke objecten op het dak toegestaan; f.

een woonschip en/of woonboot tevens mag worden gebruikt als praktijkruimte voor beroepsmatige activiteiten en bedrijfsmatige activiteiten die in de van deze regels deel uitmakende Staat van Bedrijfsactiviteiten zijn aangeduid als categorie 1, waarbij de bepalingen uit lid 12.3 van overeenkomstige toepassing zijn; g. ten hoogste het aantal woonschepenligplaatsen of woonbotenligplaatsen is toegestaan zoals is aangegeven met de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden'. 11.3.1 Steigers Ter plaatse van de aanduiding 'steigers' geldt dat alleen steigers ten behoeve van openbaar gebruik zijn toegestaan en dat een gebruik ten behoeve van een terras niet is toegestaan.

11.4 Afwijken van de gebruiksregels 11.4.1 Bruggen Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van het bepaalde in lid 15.3.6 en na advies te hebben ingewonnen van de Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit, bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 11.1 onder e., ten behoeve van het bouwen van bruggen, op gronden die niet zijn voorzien met de aanduiding 'brug', daar waar daaraan behoefte bestaat ter bewerkstelliging van een aanmerkelijke verbetering van de bereikbaarheid van delen van het plangebied voor voetgangers- en fietsverkeer. 11.4.2 Medegebruik woonschepen Burgemeester en wethouders kunnen bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 11.3 onder a ten behoeve van het medegebruik van een woonschip en/of woonboot voor bedrijfsmatige activiteiten die in de van deze regels deel uitmakende Staat van Bedrijfsactiviteiten zijn aangeduid als categorie 2, mits: a. de woonfunctie in overwegende mate blijft gehandhaafd, waarbij geldt dat de brutovloeroppervlakte gebruikt voor bedrijfsmatige activiteiten niet meer mag bedragen dan 35% van het woonschip met een maximum van 50 m². b. geen afbreuk wordt gedaan aan het woon- en leefmilieu in de omgeving; c. geen onevenredige toename van de verkeersbelasting optreedt in de omgeving; d. er wordt voorzien in de voldoende parkeerruimte op eigen terrein; e.

de bedrijfsmatige activiteiten geschieden door degene die op het woonschip danwel woonboot woonachtig is; "Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

42 f.

geen detailhandel plaatsvindt, behoudens beperkte kleinschalige verkoop in direct verband met de bedrijfsmatige activiteit; g. geen vergunningplichtige en/of meldingplichtige activiteiten op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht plaatsvinden.

"Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

43

Artikel 18

Water - Nieuwe Park Wonen

De gemarkeerde tekstdelen zijn gewijzigd en/of toegevoegd. De doorgehaalde tekst is vervallen. De niet-gemarkeerde tekst is onveranderd, maar wordt vanwege de leesbaarheid getoond. Raadpleeg ook de Algemene regels! Artikel 14 Water van het bestemmingsplan Nieuwe Park Wonen wordt als volgt gewijzigd: 14.1

Bestemmingsomschrijving

14.1.1 De voor 'Water' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e. f.

water; recreatief medegebruik; duikers; groenvoorzieningen; bruggen; woonschepenligplaats ter plaatse van de aanduiding 'woonschepenligplaats'; met dien verstande dat de gronden uitsluitend zijn bestemd voor de ligplaatsen van woonschepen tot het aantal dat is aangegeven; indien geen aantal is aangegeven, is maximaal één woonschip toegestaan; g. ter plaatse van de aanduiding 'terras': een terras voor de aangrenzende woningen; h. ter plaatse van de aanduiding 'sluis': een sluis; i. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - woonboot' ten hoogste 1 woonboot, met dien verstande dat: 1. de lengte van een woonboot niet meer mag bedragen dan 20 m; 2. de bouwhoogte van een woonboot niet meer mag bedragen dan 3 m; 14.2

Bouwregels

14.2.1 Op de in lid 14.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend andere bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd, met dien verstande, dat de hoogte niet meer mag bedragen dan 5 m. 14.2.2 Op de gronden met de aanduiding 'woonschepenligplaats' en/of 'specifieke vorm van wonen - woonboot', geldt dat: a. de hoogte van het woonschip en/of woonboot niet meer dan 1 bouwlaag mag bedragen; b. de diepgang van het woonschip en/of woonboot niet meer dan 1 m mag bedragen; c. gangboorden, puntdaken, tweede verdiepingen en dakterrassen zijn niet toegestaan; evenmin zijn hekwerken, omheiningen, balustrades, windschermen of soortgelijke objecten op het dak toegestaan.

"Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

44

Artikel 19

Wonen

De gemarkeerde tekstdelen zijn gewijzigd en/of toegevoegd. De niet-gemarkeerde tekst is onveranderd, maar wordt vanwege de leesbaarheid getoond. 19.1

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e.

wonen; tuinen en erven; aan de functie onder a gebonden parkeervoorzieningen; groenvoorzieningen en water; nutsvoorzieningen.

19.2

Bouwregels

Op de in lid 19.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd, met dien verstande dat: a. hoofdgebouwen uitsluitend mogen worden gebouwd binnen de op de verbeelding aangegeven bouwvlakken; b. ter plaatse van de aanduiding 'onderdoorgang' een onderdoorgang op de begane grondlaag is voorgeschreven; c. de goothoogte van gebouwen binnen het bouwvlak niet meer mag bedragen dan 6 m, tenzij op de verbeelding binnen een bouwvlak, of een gedeelte daarvan, anders is aangegeven; d. de bouwhoogte van gebouwen binnen het bouwvlak niet meer mag bedragen dan 10 m, tenzij op de verbeelding binnen een bouwvlak, of een gedeelte daarvan, anders is aangegeven; e. bijbehorende bouwwerken mogen worden gebouwd mits: 1. de gronden buiten het bouwvlak voor ten minste 50% onbebouwd blijven; 2. de goothoogte niet meer bedraagt dan de bouwhoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw; 3. de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 3,5 m; 4. de diepte niet meer bedraagt dan 3 m, gemeten uit de achter- en/of zijgevelbouwgrens; 5. het gezamenlijke grondoppervlak aan bijbehorende bouwwerken bij vrijstaande of halfvrijstaande woningen niet meer bedraagt dan 55 m²; 6. het gezamenlijk grondoppervlak aan bijbehorende bouwwerken bij aaneengesloten woningen niet meer bedraagt dan 30 m²; 7.

voor zover de bestaande maatvoering van bijbehorende bouwwerken afwijkt van het bepaalde in dit lid, is de bestaande maatvoering de maximale maatvoering; f. dakkapellen zijn toegestaan mits: 1. de bouwhoogte van de dakkapel, gemeten vanaf de voet van de dakkapel, ten hoogste 1,75 m bedraagt; en; 2. de afstand tussen de goot van het hoofdgebouw en de dakkapel tenminste 0,5 m bedraagt; en 3. de breedte van de dakkapel aan de voor- en zijkant van woning ten hoogste 60% van de woningbreedte bedraagt; en 4. de afstand tussen de zijkanten van de dakkapel en de bouwmuren tenminste 0,5 m bedraagt; en 5. de onderlinge afstand tussen twee dakkapellen geplaatst in hetzelfde dakvlak tenminste 0,5 m bedraagt. g. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen niet meer mag bedragen dan: 1. 1 m op de gronden voor de voorgevelrooilijn; 2. 2 m voor het overige; h. de bouwhoogte van een pergola niet meer mag bedragen dan 2,5 m; i. de bouwhoogte van andere bouwwerken niet meer mag bedragen dan 3 m; j. ten behoeve van water bouwwerken, zoals bruggen, duikers, damwanden en soortgelijke bouwwerken mogen worden gebouwd. "Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

45

19.3

Afwijken van de bouwregels

Burgemeester en wethouders kunnen bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid: a. 19.2 onder d punt 4 ten behoeve van het bouwen van uitbreidingen van de woning en aangebouwde bijgebouwen tot een diepte van meer dan 3 m uit de achtergevelbouwgrens, mits het perceel groter is dan 300 m² en de bouwmogelijkheid niet leidt tot onevenredige hinder voor omwonenden; b. 19.2 onder d punt 3 ten behoeve van het bouwen van een kap op een bijgebouw waarbij de bouwhoogte van het bijgebouw niet meer mag bedragen dan 6 m en de bouwmogelijkheid niet leidt tot een onevenredige hinder voor omwonenden. 19.4

Specifieke gebruiksregels

19.4.1 Toegestaan gebruik Onder strijdig gebruik wordt niet verstaan het medegebruik van woningen en/of bijgebouwen als praktijkruimte voor beroepsmatige activiteiten en bedrijfsmatige activiteiten die in de van deze regels deel uitmakende Staat van Bedrijfsactiviteiten zijn aangeduid als categorie 1, mits: a. de woonfunctie in overwegende mate blijft gehandhaafd, waarbij geldt dat de brutovloeroppervlakte gebruikt voor beroepsmatige en bedrijfsmatige activiteiten niet meer mag bedragen dan 35% van het vloeroppervlak van de woning met een maximum van 50 m²; b. geen afbreuk wordt gedaan aan het woon- en leefmilieu in de directe omgeving; c. geen onevenredige toename van de verkeersbelasting optreedt in de omgeving; d. er wordt voorzien in voldoende parkeerruimte op eigen terrein; e. de beroepsmatige activiteiten geschieden door degene die op het perceel woonachtig is; f. geen detailhandel plaatsvindt, behoudens beperkte kleinschalige verkoop in direct verband met de beroepsmatige activiteiten. 19.5

Afwijken van de gebruiksregels

Burgemeester en wethouders kunnen bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid: a. 19.4 ten behoeve van het medegebruik van woningen en/of bijgebouwen voor bedrijfsmatige activiteiten die in de van deze regels deel uitmakende Staat van Bedrijfsactiviteiten zijn aangeduid als categorie 2, mits: 1. de woonfunctie in overwegende mate blijft gehandhaafd, waarbij geldt dat de brutovloeroppervlakte gebruikt voor bedrijfsmatige activiteiten niet meer mag bedragen dan 35% van het vloeroppervlak van de woning met een maximum van 50 m²; 2. geen afbreuk wordt gedaan aan het woon- en leefmilieu in de omgeving; 3. geen onevenredige toename van de verkeersbelasting optreedt in de omgeving; 4. er wordt voorzien in de voldoende parkeerruimte op eigen terrein; 5. de bedrijfsmatige activiteiten geschieden door degene die op het perceel woonachtig is; 6. geen detailhandel plaatsvindt, behoudens beperkte kleinschalige verkoop in direct verband met de bedrijfsmatige activiteiten;

"Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

46

Artikel 20 20.1

Waarde - Archeologie

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Waarde - Archeologie' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor doeleinden ter bescherming en veiligstelling van de archeologische waarden. 20.2

Bouwregels

Indien een omgevingsvergunning voor de activiteit archeologie (archeologievergunning) als bedoeld in de Verordening inzake monumenten en archeologie noodzakelijk is, mag het bouwen op de in lid 20.1 bedoelde gronden ten dienste van de andere daar voorkomende bestemming uitsluitend geschieden nadat burgemeester en wethouders omgevingsvergunning hebben verleend.

"Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

47

Artikel 21 21.1

Waarde - Beschermd Stadsgezicht

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Waarde - Beschermd Stadsgezicht' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor instandhouding van het beschermd stadsgezicht. 21.2

Bouwregels

Voor het bouwen gelden, naast de regels ten aanzien van de betreffende bestemmingen krachtens andere artikelen van deze regels, de volgende regels: a. gebouwen mogen uitsluitend worden gebouwd binnen de aangegeven bouwvlakken, tenzij krachtens deze regels anders is bepaald; b. gebouwen mogen uitsluitend zodanig worden gebouwd, dat op elk perceel de gronden gelegen binnen 8 m uit de voorgevelrooilijn voor 100% van hun oppervlakte worden bebouwd, tenzij krachtens deze regels anders is bepaald; c. de breedte van gebouwen mag ter plaatse van de voorgevelrooilijn niet minder dan 4,60 m bedragen en mag niet meer bedragen dan de maximale gevelbreedte per gevel die voor de betreffende gevel op de als Bijlage 8 en Bijlage 9 bij deze regels opgenomen gevelkaart is aangegeven, vermeerderd met maximaal 20%; d. in overeenstemming met de bestemming mogen maximaal twee naastgelegen gebouwen voor een gezamenlijk gebruik geschikt worden gemaakt, met dien verstande dat de maximale gebouwbreedte na samenvoeging niet meer mag bedragen dan 20 m voor de eerste bouwlaag en 10 m voor de overige bouwlagen; e. de goothoogte van een gebouw binnen een bouwvlak, die is opgenomen op de als Bijlage 8 en Bijlage 9 bij deze regels opgenomen gevelkaart, mag ten hoogste 0,5 m minder of meer bedragen dan op de gevelkaart is aangegeven; f.

de bouwhoogte van een gebouw binnen een bouwvlak, die is opgenomen op de als bijlage … bij deze regels opgenomen gevelkaart, mag niet meer bedragen dan de op de gevelkaart aangegeven maximale bouwhoogte; g. op gronden gelegen binnen 8 m uit de voorgevellijn mogen gebouwen met een goothoogte van meer dan 5 m uitsluitend met ten minste twee bouwlagen worden gebouwd; h. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 5 m bedragen, behoudens erf- of perceelafscheidingen, waarvan de bouwhoogte vóór de voorgevelrooilijn van een hoofdgebouw niet meer dan 1 m mag bedragen en elders niet meer dan 2 m, tenzij elders in deze regels anders is bepaald; i. de voorgevel van een gebouw mag uitsluitend in de voorgevelrooilijn worden gebouwd, daar waar die lijn - als bouwgrens - is aangegeven; j. in afwijking van het bepaalde onder g, mogen delen van een gebouw, zoals ingangspartijen, Ioggia's en terrassen, achter het vlak van de voorgevel worden gebouwd: 1. tot een diepte van de helft van de breedte van de betreffende gevel, en 2. tot een gezamenlijke verticale oppervlakte van 1/3 van de oppervlakte van de betreffende gevel k. in afwijking van het bepaalde onder i, mogen delen van een gebouw, zoals balkons, loggia's, erkers, gevellijsten, pilasters en luifels, vóór de voorgevelrooilijn worden gebouwd; 1. een overschrijding van de bouwgrens met ten hoogste 0,7 m, en 2.

met uitzondering van de eerste bouwlaag van gebouwen; l. in gebouwen is een onderdoorgang niet toegestaan; m. gebouwen moeten worden afgedekt met een kap met een dakhelling van tenminste 40° en ten hoogste 55°, doch in geval van de bestaande dakhelling daarvan afwijkt of sprake is van een platte afdekking, is die dakhelling danwel een platte afdekking toegestaan.

"Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

48

21.3

Afwijken van de bouwregels

21.3.1 Overschrijding bouwgrens Burgemeester en wethouders kunnen, met in achtneming van lid 21.3.5 bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 21.2, sub a met betrekking tot het overschrijden van de bouwgrens tot 1 m. 21.3.2 Grotere bouwhoogte Burgemeester en wethouders kunnen, met in achtneming van lid 21.3.5 en na advies te hebben ingewonnen van de Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit, bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 21.2 onder e en f, ten behoeve van het bouwen tot een grotere bouwhoogte, met in achtneming van het bepaalde over bekapping, mits het beeld van de betreffende bebouwingswand, zoals onder meer tot uiting komt in de aanwezige afwisseling in (goot)hoogten en in de parcellering, wordt gerespecteerd of althans niet wezenlijk wordt aangetast en mits ten hoogste drie aan elkaar grenzende hoofdgebouwen dezelfde bouwhoogte krijgen. 21.3.3 Dakhelling Burgemeester en wethouders kunnen, met in achtneming van lid 21.3.5 en na advies te hebben ingewonnen van de Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit, bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 21.2 onder m. ten behoeve van het bouwen met een andere dakhelling of een platte afdekking.

21.3.4 Breedte Burgemeester en wethouders kunnen, met in achtneming van lid 21.3.5 en na advies te hebben ingewonnen van de Adviescommissie omgevingskwaliteit, bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 21.2 onder c, ten behoeve van het verbouwen van de eerste bouwlaag van zijdelings aan elkaar grenzende gebouwen. 21.3.5 Toetsing aan beschikking Indien in deze regels wordt verwezen naar dit lid, toetsen burgemeester en wethouders alvorens de betreffende omgevingsvergunning wordt verleend, aan de toelichting, behorende bij de Beschikking tot aanwijzing van een beschermd stadsgezicht, nr. MMA/MO 196.974.1, ter voorkoming van onevenredige aantasting van de in die toelichting aangegeven kwaliteiten van de omgeving.

"Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

49

Hoofdstuk 3 Artikel 22 22.1

Algemene regels

Algemene aanduidingsregels

overige zone - evenemententerrein Markt en Achter de Waag

De gronden met de aanduiding 'overige zone - evenemententerrein Markt en Achter de Waag' zijn behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor evenemententerrein. 22.1.1 Voorwaardelijke verplichting Het gebruik van de gronden ten behoeve van de aanduiding 'overige zone - evenemententerrein Markt en Achter de Waag' als bedoeld in lid 22.1 is uitsluitend toegestaan zolang de gronden met de aanduiding overige zone - evenemententerrein Markt en Achter de Waag'' worden gebruikt conform de voorschriften zoals opgenomen in Bijlage 3 Voorschriften Markt / Achter de Waag. 22.2

overige zone - evenemententerrein Museumhaven

De gronden met de aanduiding 'overige zone - evenemententerrein Museumhaven' zijn behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor evenemententerrein. 22.2.1 Voorwaardelijke verplichting Het gebruik van de gronden ten behoeve van de aanduiding 'overige zone - evenemententerrein Museumhaven' als bedoeld in lid 22.2 is uitsluitend toegestaan zolang de gronden met de aanduiding overige zone - evenemententerrein Museumhaven'' worden gebruikt conform de voorschriften zoals opgenomen in Bijlage 4 Voorschriften Museumhaven 22.3

overige zone - evenemententerrein Houtmansplantsoen

De gronden met de aanduiding 'overige zone - evenemententerrein Houtmansplantsoen' zijn behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor evenemententerrein. 22.3.1 Voorwaardelijke verplichting Het gebruik van de gronden ten behoeve van de aanduiding 'overige zone - evenemententerrein Houtmansplantsoen' als bedoeld in lid 22.3 is uitsluitend toegestaan zolang de gronden met de aanduiding overige zone - evenemententerrein Houtmansplantsoen'' worden gebruikt conform de voorschriften zoals opgenomen in Bijlage 5 Voorschriften Houtmansplantsoen 22.4

overige zone - evenemententerrein Raam

De gronden met de aanduiding 'overige zone - evenemententerrein Raam' zijn behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor evenemententerrein. 22.4.1 Voorwaardelijke verplichting Het gebruik van de gronden ten behoeve van de aanduiding 'overige zone - evenemententerrein Raam' als bedoeld in lid 22.4 is uitsluitend toegestaan zolang de gronden met de aanduiding overige zone evenemententerrein Raam'' worden gebruikt conform de voorschriften zoals opgenomen in Bijlage 6 Voorschriften Raam. 22.5

overige zone - evenemententerrein Erasmusplein

De gronden met de aanduiding 'overige zone - evenemententerrein Erasmusplein' zijn behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor evenemententerrein.

"Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

50

22.5.1 Voorwaardelijke verplichting Het gebruik van de gronden ten behoeve van de aanduiding 'overige zone - evenemententerrein Erasmusplein' als bedoeld in lid 22.5 is uitsluitend toegestaan zolang de gronden met de aanduiding overige zone - evenemententerrein Erasmusplein'' worden gebruikt conform de voorschriften zoals opgenomen in Bijlage 7 Voorschriften Erasmusplein. 22.6

overige zone - kernwinkelgebied

22.6.1 Gebruiksregels a. De gronden met de aanduiding 'overige zone - kernwinkelgebied' mogen in afwijking van het bepaalde in de daar voorkomende bestemmingen niet voor wonen op de begane grond worden gebruikt; b. In afwijking van het bepaalde onder a, mogen de betreffende gronden wel worden gebruikt voor toegangsportalen en bergingen op de begane grond van de op de verdieping gelegen woningen; c. het bepaalde onder a. geldt niet waar ter plaatse van de daar voorkomende bestemmingen de betreffende gronden zijn aangeduid met 'wonen'. 22.7

overige zone - mixzone

22.7.1 Gebruiksregels a. De gronden met de aanduiding 'overige zone - mixzone' mogen in afwijking van het bepaalde in de daar voorkomende bestemmingen niet voor wonen op de begane grond worden gebruikt; b. In afwijking van het bepaalde onder a, mogen de betreffende gronden wel worden gebruikt voor toegangsportalen en bergingen op de begane grond van de op de verdieping gelegen woningen; c. het bepaalde onder a. geldt niet waar ter plaatse van de daar voorkomende bestemmingen de betreffende gronden zijn aangeduid met 'wonen'. 22.7.2 Afwijken van de gebruiksregels Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 22.7.1 onder a. onder de voorwaarden dat: a. bij het verlenen van de omgevingsvergunning wordt aangetoond dat er geen onevenredige verstoring in de evenwichtige opbouw van de voorzieningenstructuur ontstaat en dat de ontwikkeling waarvoor omgevingsvergunning wordt verleend past binnen het beleid, zoals vastgelegd in de Winkelvisie 2017 - 2025, zoals vastgesteld door de gemeenteraad van de gemeente Gouda. b. er geen bezwaren vanuit milieukwaliteit, in het bijzonder geluidhinder, bestaan; c. geen onevenredige hinder voor de omgeving ontstaat. 22.8

overige zone - waardevolle bomen

22.8.1 Bouwregels Op de gronden gelegen binnen de aanduiding 'overige zone - waardevolle bomen' mag, in afwijking van het bepaalde in de daar voorkomende bestemming(en), niet worden gebouwd. 22.8.2 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 22.8.1 voor zover uit onderzoek gebleken is dat de instandhouding van de boom niet wordt bedreigd en nadat ter zake advies is ingewonnen bij een door bevoegd gezag aan te wijzen natuur- en landschapsdeskundige. 22.8.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden a. Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van bevoegd gezag (omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden) de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren: 1. het verrichten van handelingen, die ernstige beschadiging van bomen ten gevolge hebben of kunnen hebben; "Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

51 2. het aanbrengen van ondergrondse transport-, energie- en telecommunicatieleidingen en de daarmee verband houdende constructies, installaties en apparatuur; 3. het aanbrengen van bestrating onder de boomkruin. b. Het onder a. vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden, die: 1. het normale onderhoud dan wel het normale gebruik betreffen; 2. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan met een daarvoor benodigde omgevingsvergunning. c. De werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden als bedoeld onder a zijn slechts toelaatbaar indien door de werken of werkzaamheden, dan wel door de daarvan hetzij direct, hetzij indirect te verwachten gevolgen voor de waardevolle bomen, welke het plan beoogd te beschermen: 1. niet onevenredig aantast; 2. de mogelijkheden voor het herstel van die waarden of functies niet onevenredig worden of kunnen worden verkleind. 3. De beoordeling van de toelaatbaarheid van onder a. bedoelde werken en werkzaamheden geschiedt met inachtneming van het bepaalde in artikel 22.8.2. 22.9

vrijwaringszone - molenbiotoop

22.9.1 Bouwregels Ter plaatse van de aanduiding 'vrijwaringszone - molenbiotoop' mag, in afwijking van het bepaalde in de daar voorkomende bestemming(en), niet hoger worden gebouwd dan: a. binnen een afstand van 100 m van de molen: de bouwhoogte die gelijk is aan de bouwhoogte van de onderste punt van de verticaal staande wiek van de molen; b. binnen een afstand van 100 m tot 400 m van de molen: de bouwhoogte genoemd onder a vermeerderd met 1/30 van de afstand tussen het bouwwerk en de molen. 22.9.2 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 22.9.1 en toestaan dat hogere in de basisbestemming genoemde gebouwen en andere bouwwerken worden gebouwd, mits vooraf advies wordt ingewonnen van de beheerder van de molen. 22.9.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden a. Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van bevoegd gezag (omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden) de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren: 1. het ophogen van gronden hoger dan de op grond van de in lid 22.9.1 maximaal toelaatbare bouwhoogte voor bouwwerken; 2.

het beplanten met bomen, heesters en andere opgaande beplanting hoger dan de op grond van de in lid 22.9.1 maximaal toelaatbare bouwhoogte voor bouwwerken; 3. het aanbrengen van bovengrondse constructies, installaties en apparatuur hoger dan de op grond van de in lid 22.9.1 maximaal toelaatbare bouwhoogte voor bouwwerken. b. Het in lid 22.9.3 onder a vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden, die: 1. het normale onderhoud dan wel het normale gebruik betreffen; 2. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan met een daarvoor benodigde omgevingsvergunning. c. De in lid 22.9.3 onder a genoemde omgevingsvergunningen kunnen slechts worden verleend indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het huidige en/of het toekomstig functioneren van de molen als werktuig door windbelemmering en/of de waarde van de molen als landschapselement, dan wel dat door het stellen van voorwaarden hieraan voldoende tegemoet gekomen kan worden. Voorafgaand moet advies worden ingewonnen bij de beheerder van de molen.

"Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

52

22.10

vrijwaringszone - zijlen

22.10.1 Bouwregels Ter plaatse van de aanduiding 'vrijwaringszone - zijlen' mag, in afwijking van het bepaalde in de daar voorkomende bestemming(en), niet worden gebouwd, uitgezonderd ter plaatse van de met een bouwvlak aangewezen gronden. 22.10.2 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 22.10.1 en toestaan dat in de basisbestemming buiten het bouwvlak genoemde gebouwen en andere bouwwerken worden gebouwd, mits vooraf advies wordt ingewonnen van de Adviescommissie omgevingskwaliteit. 22.10.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden a. Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van bevoegd gezag (omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden) de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren: 1. het dempen van watergangen, sloten 2. het aanbrengen van bovengrondse constructies, installaties en apparatuur; b. Het in lid 22.10.3 onder a vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden, die: 1. in het kader van onderhoud en beheer; 2. waarmee is of mag worden begonnen op het tijdstip van het onherroepelijk worden van het plan; 3. die voldoen aan het door de raad vastgestelde Kwaliteitsplan openbare ruimte binnenstad; 4.

van niet ingrijpende betekenis. c. De in lid 22.10.3 onder a genoemde omgevingsvergunningen kunnen slechts worden verleend indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de cultuurhistorische waarde als stedenbouwkundig en landschapselement, dan wel dat door het stellen van voorwaarden hieraan voldoende tegemoet gekomen kan worden. Voorafgaand moet advies worden ingewonnen bij de Adviescommissie omgevingskwaliteit. 22.11

vrijwaringszone - stegen

22.11.1 Bouwregels Ter plaatse van de aanduiding 'vrijwaringszone - stegen' mag, in afwijking van het bepaalde in de daar voorkomende bestemming(en), niet worden gebouwd. 22.11.2 Afwijking van de bouwregels Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 22.11.1 en toestaan dat in de basisbestemming genoemde gebouwen en andere bouwwerken worden gebouwd, mits vooraf advies wordt ingewonnen van de Adviescommissie omgevingskwaliteit. 22.11.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden a. Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van bevoegd gezag (omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden) de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren: 1. het ophogen van gronden hoger dan 0,3 meter; 2. het aanbrengen van bovengrondse constructies, installaties en apparatuur; b. Het in lid 22.11.3 onder a vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden, die: 1. in het kader van onderhoud en beheer; 2. waarmee is of mag worden begonnen op het tijdstip van het onherroepelijk worden van het plan; 3. die voldoen aan het door de raad vastgestelde Kwaliteitsplan openbare ruimte binnenstad; 4. van niet ingrijpende betekenis. c.

De in lid 22.11.3 onder a genoemde omgevingsvergunningen kunnen slechts worden verleend indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de cultuurhistorische waarde als stedenbouwkundig "Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

53 en landschapselement, dan wel dat door het stellen van voorwaarden hieraan voldoende tegemoet gekomen kan worden. Voorafgaand moet advies worden ingewonnen bij de Adviescommissie omgevingskwaliteit.

"Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

54

Artikel 23

Algemene afwijkingsregels

Burgemeester en wethouders kunnen bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in deze regels ten behoeve van: a. een afwijking ten aanzien van de voorgeschreven bouwhoogte van gebouwen, bouwhoogte van andere bouwwerken, grondoppervlakte van bebouwing, onderlinge afstand tussen gebouwen, afstand tot perceelsgrenzen en overige aanduidingen, mits deze afwijkingen niet meer bedragen dan 15% van de in het plan voorgeschreven maten, afstanden, oppervlakten en percentages; b. het bouwen van andere bouwwerken, zoals vlaggenmasten, artistieke kunstwerken, antennes e.d. tot een bouwhoogte van 15 m, mits belangen van derden niet in onevenredige mate worden aangetast; c. het overschrijden van de aangegeven bouwgrenzen met ten hoogste 0,8 m, indien het erkers, luifels, balkons, galerijen en dergelijke e bouwdelen, gevel- en kroonlijsten en overstekende daken betreft; d. het overschrijden van de aangegeven bouwgrenzen met ten hoogste 1,5 m, indien het hijsinrichtingen, laadbruggen, reclametoestellen, draagconstructies voor reclame en kelderingangen of kelderkoekoeken betreft.

"Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

55

Artikel 24 24.1

Algemene gebruiksregels

Verboden gebruik

Een verboden gebruik is in ieder geval het gebruik: a. van onbebouwde gronden voor: 1. het storten of het lozen van puin, vuil of andere vaste of vloeibare afvalstoffen; 2. het opslaan van gerede of ongerede goederen, zoals vaten, kisten, bouwmaterialen, voer- en vaartuigen, werktuigen, machines of onderdelen hiervan; 3. het plaatsen of geplaatst houden van onderkomens, tenzij dit gebruik verband houdt met: het (tijdelijk) gebruik ten behoeve van de realisering en/of handhaving van de bestemmingen of het normale onderhoud van de gronden; de opslag van goederen in het kader van de in het plan toegestane bedrijfsvoering; het opslaan of storten van afval- of meststoffen, voor zover noodzakelijk voor het normale onderhoud van de gronden en de watergangen; b. van bouwwerken ten behoeve van een seksinrichting, horeca of detailhandel, voor zover zulks niet expliciet is toegestaan ingevolge de bestemmingsregels.

"Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

56

Artikel 25 25.1

Algemene wijzigingsregels

Algemeen

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het plan te wijzigen, indien de wijziging betrekking heeft op: a. een afwijking ten aanzien van bestemmingsgrenzen, bouwgrenzen, maatvoeringsgrenzen en overige aanduidingen op de verbeelding in het horizontale vlak die noodzakelijk is, ofwel ter aanpassing aan de bij uitmeting blijkende werkelijke toestand van het terrein, dan wel indien dit uit het oogpunt van doelmatig gebruik van de grond en bebouwing gewenst is en er geen dringende redenen zijn die zich hiertegen verzetten en mits die afwijking ten opzichte van hetgeen op de verbeelding is aangegeven niet meer dan 15 m bedraagt;

"Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

57

Artikel 26

Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

"Partiële herziening binnenstad Gouda" (vastgesteld)

58

Artikel 27 27.1

Overige regels

Parkeergelegenheid en laad- en losmogelijkheden bij of in gebouwen

a. Indien de omvang of de bestemming van een gebouw daartoe aanleiding geeft, moet ten behoeve van het parkeren of stallen van auto’s in voldoende mate ruimte zijn aangebracht in, op of onder het gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort. b. Aan het bepaalde in 27.1 sub a wordt geacht te zijn voldaan indien het aantal parkeerplaatsen ten minste overeenkomt met het aantal parkeerplaatsen dat voor het betreffende gebied en de betreffende functie is genoemd in de tabel in Bijlage 1, met inachtneming van de toepassingsregels onder aan de tabel. c. De in 27.1 sub a bedoelde ruimte voor het parkeren van auto’s, inclusief de rijwegen om deze ruimten te bereiken, moeten redelijkerwijs bereikbaar zijn per auto en onafhankelijk van andere parkeerruimten kunnen functioneren. Voorts moet deze ruimte afmetingen hebben die zijn afgestemd op gangbare personenauto’s. Aan deze eis wordt geacht te zijn voldaan: 1. indien de desbetreffende afmetingen in overeenstemming zijn met het bepaalde in NEN 2443, uitgave 2000, de Aanbevelingen voor verkeersvoorzieningen binnen de bebouwde kom (ASVV 2021 van het CROW en diens rechtsopvolgers) en de CROW publicatie 293 Ontwerpwijzer parkeergarages. wat betreft de in de bijlage opgenomen afmetingen van parkeerwegen; 2.

indien de afmetingen van een gereserveerde parkeerruimte voor een gehandicapte in overeenstemming is met de Aanbevelingen voor verkeersvoorzieningen binnen de bebouwde kom (ASVV 2021 van het CROW en diens rechtsopvolgers) en de CROW-publicatie 337 Richtlijn toegankelijkheid. d. Indien de bestemming van een gebouw aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden of lossen van goederen, moet in de behoefte in voldoende mate zijn voorzien aan, in of onder dat gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw hoort. e. Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van het bepaalde in 3.1 sub a en het bepaalde in 27.1 sub d: 1. voor zover op andere wijze in de nodige parkeer- of stallingruimte, dan wel laad- of losruimte wordt voorzien. In het geval in het openbaar gebied wordt voorzien in de nodige parkeer- of stallingruimte, dan wel laad- of losruimte is het uitsluitend toegestaan op grond van dit onderdeel ontheffing te verlenen indien het naar het oordeel van burgemeester en wethouders redelijkerwijs fysiek onmogelijk of uit stedenbouwkundig oogpunt ongewenst is op eigen terrein in de nodige parkeer- of stallingruimte, dan wel laad- of losruimte te voorzien, of 2. voor zover het gaat om het bezoekersdeel in de parkeernorm voor de binnenstad (zone A), of 3.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=e417dbf8-aebc-43d9-bad4-78290d621dd5