CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

4. Evaluatie IVB Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2024-2027.pdf

Raadsvergadering 27 september 2023, gemeente GoudaBij agendapunt: Kadernota Integraal Veiligheidsbeleid (IVB) 2024-202728.633 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

47 Bron: Tabellenboeken politie gemeente Gouda. Vanaf 2020 heeft de politie enkele categorieën in de tabellenboeken aangepast.

Daardoor zijn de categorieën ‘High Impact Crimes’ en ‘diefstallen met geweld’ ook niet meer opgenomen in dit overzicht. Ook zijn de oude categorieën ‘overlast drugs: dealen’ en ‘overlast drugs: wietplantages’ samengevoegd in ‘overlast drugs’. Tot slot is de oude categorie ‘conflictbemiddeling en burenruzie’ uitgesplitst in ‘conflictbemiddeling’ en ‘burenruzie’.

DSP-groep

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

53

Tabel 5.4 Cijfermatige ontwikkeling per registratie tussen 2018-2020 en 202148 Soort registratie

Gemiddelde 2018-2020

2021

Ontwikkeling

Woninginbraken

305

136

Straatroof

11

12

Overvallen

4

3

Openlijk geweld (Persoon)

9

10

Bedreigingen

159

111

Mishandelingen

196

154

Diefstal schuur/tuinhuis etc.

62

37

Diefstal uit/vanaf

203

131

Diefstal fiets

378

334

Zakkenrollerij

26

15

Vernieling

390

350

Huiselijk geweld

95

76

Zedenmisdrijf

31

32

Overlast drugs

53

38

Conflictbemiddeling49

613

639

?

Burenruzie50

62

20

?

Aanmeldingen

128

78

-

Geluidsoverlast

829

1120

Overlast door personen

766

924

motorvoertuigen

buurtbemiddeling

Wat zeggen de cijfers? Er is een duidelijke dalende lijn waarneembaar op de meeste registraties. Vrijwel alle categorieën dalen, enkel ‘geluidsoverlast’ en ‘overlast door personen’ stijgen. Dit is, gezien de beperkende maatregelen van de coronacrisis, in de lijn der verwachting: er is een correlatie zichtbaar tussen het aantal geregistreerde delicten en de getroffen coronamaatregelen. Omdat dit de vergelijkbaarheid met voorgaande jaren beperkt, is nog niet te zeggen in hoeverre deze positieve ontwikkelingen tijdelijk of duurzaam zijn. Dit lichten we nader toe.

Het jaar 2020 wordt gekenmerkt door een (gedeeltelijke) lockdown van maart t/m mei en vanaf november. Veel Gouwenaars werkten thuis en activiteiten buitenshuis waren beperkt. De cijfers die in die periode opvallend scherp daalden zijn openlijk geweld (persoon), diefstal fiets, en zakkenrollerij. De cijfers die juist stegen zijn diefstal in/vanaf motorvoertuigen, overlast drugs, geluidsoverlast en overlast door personen. De stijgende lijn in overlast past binnen een landelijke trend waarvan het voorstelbaar is dat die kan worden toegeschreven aan de coronamaatregelen.51

48 Omdat 2020 en 2021 vooral gekenmerkt worden door corona, zijn in de tabel ook de cijfers van 2014-2016 meegenomen om de

ontwikkelingen op langere termijn zichtbaar te maken. 49 Omdat deze categorie pas sinds 2019 beschikbaar is (zie vorige voetnoot), zijn nog geen stijgende of dalende trends vast te stellen. 50 Idem. 51 Zie ook: Secondant, platform voor maatschappelijke veiligheid. 2021, Overlast onder corona. https://ccvsecondant.nl/platform/article/overlast-onder-corona. Geraadpleegd 24 mei 2022.

DSP-groep

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

54

In 2021 is de stijging van de hoeveelheid geluidsoverlast en overlast door personen nog verder gestegen; die stijging zien we niet in de hoeveelheid aanmeldingen voor buurtbemiddeling. We zien in 2021 ook dat het aantal woninginbraken en diefstal schuur/tuinhuis flink is gedaald. We zien daarin een samenhang met de avondklok van eind januari t/m april én vanaf november in dat jaar: het ligt voor de hand dat woninginbraken worden bemoeilijkt als mensen veel thuis zijn, juist in de donkere wintermaanden waarin het aantal inbraken van oudsher relatief hoog is.

5.2.2

Bedrijvigheid en veiligheid Cijfers Tabel 5.5 Ontwikkeling per soort registratie tussen 2018-2020 en 2021 Soort registratie

Gemiddelde

2021

Ontwikkeling

2018-2020 Winkeldiefstal

174

228

Diefstal/inbraak bedrijven en instellingen

98

43

Overvallen bedrijven/geldinstellingen

3

2

Wat zeggen de cijfers? Het aantal winkeldiefstallen in Gouda is tussen 2018 en 2021 elk jaar gestegen. Daarmee is er sinds 2018 een einde gekomen aan een daling die de jaren daarvóór was ingezet. De stijging is opvallend omdat juist in 2020 en 2021 winkels meerdere maanden gesloten waren vanwege coronamaatregelen.52 Ook valt op dat het aantal registraties van diefstal/inbraak bij bedrijven en instellingen juist sterk is afgenomen, ondanks dat de vele gesloten winkels de gelegenheid voor deze vorm van criminaliteit vergrootte. Dit gaat in tegen de verwachtingen en vraagt nadere analyse met betrokken ketenpartners als politie.

5.2.3

Jeugd en veiligheid Cijfers Tabel 5.6 Aantal overlastmeldingen door jongeren en recidive onder Top60- en TopX-jongeren tussen 20182021 2018

2019

2020

2021

Meldingen Overlast door jeugd

582

527

851

491

Recidive onder Top60-jongeren

58%

54%

44% (eerste halfjaar)

Bestond niet meer

Recidive onder TopX-jongeren

Bestond nog niet

Bestond nog niet

Geen cijfers

59% (juli 2020 – juni

beschikbaar

2021)

52

De noemer ‘winkeldiefstal’ is bedoeld voor spullen die bedoeld waren voor de verkoop en die tijdens openingstijden uit de winkel zijn gestolen.

DSP-groep

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

55

Wat zeggen de cijfers? Bovenstaande tabel is per jaar weergegeven om twee redenen: •

2020 is een uitschieter in het aantal overlastmeldingen jeugd, waardoor een ‘gemiddelde’ weinig zegt.

•

In 2020 veranderde de Top60 naar de TopX, waardoor recidivecijfers beperkt vergelijkbaar zijn.

Zoals ook in paragraaf 2.3.1 toegelicht, zien we in 2020 dat niet alleen in Gouda, maar ook regionaal en landelijk de hoeveelheid meldingen van jeugdoverlast is toegenomen, waarschijnlijk door de coronamaatregelen. De daling in 2021 is echter opvallend te noemen, en is regionaal en landelijk niet zo scherp zichtbaar. Hoewel dit kan duiden op het effect van maatregelen, is het op dit moment nog te vroeg om hier conclusies aan te verbinden.

5.2.4

Fysieke veiligheid Cijfers Tabel 5.7 Ontwikkeling per soort registratie tussen 2018-2020 en 2021 Soort registratie Verkeersveiligheid rijden onder invloed

Gemiddelde 2018-2020

2021

152

115

•

rijden onder invloed (drank)

87 (gemiddelde 2019-2020)

82

•

rijden onder invloed (drugs/geneesmiddelen)

51 (gemiddelde 2019-2020)

33

Verkeersveiligheid verlaten plaats ongeval

425

411

Brandstichting

35

42

Ontwikkeling

(zie toelichting in tekst)

Wat zeggen de cijfers? Rijden onder invloed is over de brede linie afgenomen. Vanaf 2019 is het soort invloed uitgesplitst, en zien we dat vooral het rijden onder invloed drugs/geneesmiddelen verminderd is. Omdat deze cijfers slechts over drie jaar beschikbaar zijn, en omdat de heropening van horeca en uitgaansgelegenheden na de coronacrisis hierin nog niet zijn meegenomen, is het nog te vroeg om te concluderen of er sprake is van een trend. Het verlaten van een plaats van ongeval neemt elk jaar af, al is 2020 een uitschieter naar beneden. Bij brandstichting zien we weinig veranderen; het gemiddelde over 2018-2020 is weliswaar lager, maar ook dat komt door één lage uitschieter in 2020. In de andere jaren zien we dat het cijfer weinig fluctueert.

5.2.5

Integriteit en veiligheid Cijfers Tabel 5.8 Ontwikkeling per soort registratie tussen 2018-2020 en 2021 Soort registratie Fraude

DSP-groep

Gemiddelde 2018-2020

2021

401

522

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

Ontwikkeling

56

•

waarvan fraude met online handel

207 (gemiddelde 2019-2020)

203

Wat zeggen de cijfers? Het aantal fraudemeldingen neemt stevig toe. Vanaf 2019 is inzichtelijk hoeveel hiervan te herleiden zijn naar fraude met online handel. Binnen de inzichtelijke jaren is daar geen duidelijke stijging in te zien. Het is onbekend aan welk type fraude de overall stijging is toe te schrijven.

5.3

Veiligheidssituatie in Noord, Oost en West De gemeente Gouda heeft in de meest recente Veiligheidsmonitor geen onderscheid gemaakt tussen de verschillende gebieden. Dat maakt dat het niet mogelijk is om op wijkniveau cijfermatig in te zoomen op de verschillende soorten problematieken.

Om wel globaal zicht te krijgen op de veiligheidssituatie in de verschillende Goudse wijken, hebben we buurtvoorlichters een enquête laten uitvoeren, en is een digitale vragenlijst verspreid. Deze methoden zijn minder representatief dan de Veiligheidsmonitor, maar geven een indicatie van de thema’s die op wijkniveau van belang zijn. De resultaten hiervan presenteren we in de volgende paragraaf.

5.3.1

Wat zeggen de inwoners? In onderstaande tabellen staat weergegeven hoe inwoners in respectievelijk West, Noord en Oost hebben geantwoord op de vragen welke vormen van overlast er respectievelijk in hun eigen buurt en in de gemeente Gouda spelen, en aan welke veiligheidsproblemen volgens hen extra aandacht besteed moet worden.

Volgens inwoners: criminaliteit en overlast in de eigen buurt In de onderstaande tabel is te zien wat inwoners van Gouda hebben geantwoord op de vraag: “Welke vormen van overlast en criminaliteit spelen er in uw buurt?”

Tabel 5.9 Vormen van criminaliteit in eigen buurt van bewoners, op volgorde van hoe vaak beantwoord

DSP-groep

#

West

Noord

Oost

1

Zwerfvuil

Woninginbraken

Zwerfvuil

2

Geluidsoverlast

Zwerfvuil

Verkeersveiligheid (incl. te hard rijden)

3

Jeugdoverlast (hangjongeren,

Jeugdoverlast (hangjongeren,

Geluidsoverlast

Intimiderend gedrag)

Intimiderend gedrag)

4

Drugsoverlast/handel

Geluidsoverlast

Verkeerd aangeboden afval

5

Verkeersveiligheid (incl. te hard rijden)

Verkeersveiligheid (incl. te hard rijden)

Drugsoverlast/handel

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

57

Volgens inwoners: criminaliteit en overlast in de gemeente Gouda In de onderstaande tabel is te zien wat inwoners van Gouda hebben geantwoord op de vraag: “Welke vormen van overlast en criminaliteit spelen er in de gemeente Gouda?”

Tabel 5.10 Vormen van criminaliteit en overlast in de gemeente Gouda, volgens bewoners van deze gebieden #

West

Noord

Oost

1

Zwerfvuil

Woninginbraken

Drugsoverlast/handel

2

Jeugdoverlast (hangjongeren,

Jeugdoverlast (hangjongeren,

Jeugdoverlast (hangjongeren,

Intimiderend gedrag)

Intimiderend gedrag)

Intimiderend gedrag)

3

Drugsoverlast/handel

Vandalisme

Woninginbraken

4

Verkeersveiligheid (incl. te hard rijden)

Autobranden

Zwerfvuil

5

Woninginbraken

Zwerfvuil

Vandalisme

Volgens inwoners: veiligheidsproblemen die extra tijd en aandacht verdienen In de volgende tabel is te zien wat bewoners aan buurtvoorlichters hebben geantwoord op de vraag “Aan welke veiligheidsproblemen moet de gemeente samen met de politie en andere partners volgens u extra aandacht besteden?”

Tabel 5.11 Extra aandacht voor welke veiligheidsproblemen volgens de bewoners #

West

Noord

Oost

1

Verkeersveiligheid (incl. te hard rijden)

Meer surveillance/blauw op straat

Jeugdoverlast (hangjongeren, Intimiderend gedrag)

2

Drugsoverlast/handel

Woninginbraken

Verkeersveiligheid

3

Jeugdoverlast (hangjongeren,

Verkeersveiligheid (incl. te hard rijden)

Drugsoverlast/handel

Jeugdoverlast (hangjongeren,

Zwerfvuil

Intimiderend gedrag) 4

Meer surveillance/blauw op straat

Intimiderend gedrag) 5

Fout parkeren/parkeeroverlast/fiets

Autobranden

Meer surveillance/blauw op straat

parkeren

5.4

Conclusie Deze veiligheidsanalyse toont dat Gouda in grote lijnen slaagt in het terugdringen van criminaliteit. Het aantal misdrijven per 1.000 inwoners is in 2021 voor het eerst lager dan het regionaal gemiddelde in Zuid-Holland. Wel toont de onveiligheidsperceptie in 2019 een relatieve verslechtering die vooralsnog niet is verklaard en niet is te zien in andere gebieden in Nederland. Per 2021 is de onveiligheidsperceptie echter weer verbeterd, en beter dan het regionaal en landelijk gemiddelde.

DSP-groep

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

58

Op het gebied van de veilige woon- en leefomgeving zien we vrijwel alle registraties van criminaliteit dalen. Dit is een positieve ontwikkeling. Twee aandachtspunten zijn van belang, die beide samenhangen met de onzekerheid over de effecten van de coronacrisis. Ten eerste is nog onzeker in hoeverre de dalende trends voortzetten als er een winterperiode komt zónder coronamaatregelen, en is blijvende aandacht op dit gebied gewenst. Ten tweede zien we een scherpe toename in overlast door personen en geluidsoverlast. Het belang dat de gemeente Gouda hecht aan inzet van buurtbemiddeling wordt hiermee extra onderstreept. Een aandachtspunt uit de veiligheidsanalyse is verder de stijging in het aantal winkeldiefstallen.

DSP-groep

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

59

6

Conclusie Deel 1 Over de gehele linie ontwikkelt de veiligheidssituatie in Gouda zich positief. Gouda zet in op een breed palet aan veiligheidsproblemen. Veel van de beleidsdoelen zijn gehaald, maar veel ook niet, en bovendien is een deel van de doelen niet concreet of meetbaar geformuleerd. De gemeente weet op veel gebieden duidelijke resultaten te presenteren die tonen dat er hard wordt gewerkt aan verdere versterking van verschillende aanpakken, zoals de vernieuwde Top-aanpak, de aanpak van ondermijning in de horeca en drugscriminaliteit. Aandachtspunten zijn de verdere versterking van integraal werken tussen het veiligheids-, sociaal en zorgdomein en het (gezamenlijk prioriteren van) capaciteit bij gemeente en politie. Ook lijkt de aanpak van radicalisering en extremisme toe te zijn aan een herziening.

De vier geëvalueerde maatregelen zijn in grote lijnen succesvol. De onderliggende beleidslogica is in de meeste gevallen solide en samenhangend. Het Risicojongerenoverleg (RJO) is hierop een uitzondering: die dient als laagdrempelig overleg voor een niet strikt afgebakende doelgroep en kent geen vaststaand vervolg of resultaat. Dat maakt dat het RJO wel meerwaarde heeft, maar ook relatief veel kwetsbaarheden kent. De Last onder Dwangsom (LoD) is een relatief nieuw en veelbelovend middel, dat in de praktijk nog een aantal verbetermogelijkheden kent. Verder blijkt in de praktijk dat de maatregelen grotendeels worden uitgevoerd zoals beoogd en dat ze hun beoogde doelen behalen. Verbetermogelijkheden hebben betrekking op afbakening en toepassing53 (TopX, RJO, LoD, Bibob), informatiedeling (TopX, RJO); geprioriteerde capaciteit (TopX, LoD), procesregie (RJO), kwaliteit van bestuurlijke rapportages, doorlooptijd en afwikkeling (allen LoD).

De veiligheidsanalyse toont dat criminaliteit in Gouda afneemt. Door de coronamaatregelen is het te vroeg om te concluderen welk deel van de afname van woninginbraken is toe te schrijven aan het Goudse veiligheidsbeleid. Afgezet tegen regionale en landelijke trends zien we dat Gouda goed scoort. Wel wordt door professionals aangegeven dat er blijvend meer capaciteit nodig is om deze cijfers vast te houden en verder te verbeteren, zowel binnen de gemeente als bij veiligheidspartners. Verder is er specifiek op het gebied van jeugd behoefte aan meer interdisciplinariteit en integrale samenwerking. Wat betreft de aanpak van ondermijning heeft de gemeente grote stappen gezet door de toepassing van de Bibob-toets op afhaalen bezorgzaken.

53

Hieronder valt ook het onderzoeken of uitbreiding (bredere toepassing) gewenst is – zowel ten positieve (meer ondersteuning voor bredere doelgroep in de TopX) als om een negatief waterbedeffect te bestrijden (Bibob).

DSP-groep

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

60

Deel 2 – Advies prioriteiten

DSP-groep

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

61

7

Aanbevelingen Kadernota IVB 2023-2026 In dit hoofdstuk gaan we in op de aanbevelingen met betrekking tot de nieuwe prioriteiten voor de Kadernota voor de periode 2023-2026. Hierbij gaan we uit van de informatie die we hebben opgehaald tijdens een werksessie met professionals en tijdens een raadsbijeenkomst met de vertegenwoordigers veiligheid van de fracties. De professionals en raadsleden werd gevraagd naar welke thema’s volgens hen de komende jaren prioriteit moeten krijgen.

7.1

Hoe werkt prioriteren? Keuzes maken Als alles prioriteit heeft, krijgt niets écht prioriteit. Er moeten keuzes gemaakt worden om focus te krijgen. Het is daarom wenselijk een beperkt aantal veiligheidsthema’s tot zwaartepunt te benoemen voor de komende jaren. Het lastige aan prioriteren is de vraag: ‘Wat gebeurt er met onderwerpen die niét tot prioriteit zijn benoemd?’ Op het gebied van veiligheid zijn tenslotte alle onderwerpen belangrijk. De oplossing is om duidelijk af te spreken dat niet-geprioriteerde onderwerpen niet worden genegeerd: ze vragen alleen geen intensivering de komende jaren. Voor deze onderwerpen wordt het bestaande basisniveau gehandhaafd. Daarnaast moeten de gemeente en haar partners natuurlijk altijd inspringen op actuele veiligheidsproblemen. Het is dan ook belangrijk om flexibiliteit te houden gedurende de looptijd van de kadernota. Ontwikkelingen kunnen leiden tot het afschalen of het toevoegen van prioriteiten, zeker in een periode van vier jaar. Het verleden heeft uitgewezen dat de gemeente Gouda deze flexibiliteit vormgeeft door in haar jaarlijkse actieplannen bij te sturen.

Gemeentelijke prioriteiten én wijkgerichte accenten De veiligheid en veiligheidsgevoelens van bewoners wordt door verschillende veiligheidsvraagstukken aangetast. Sommige veiligheidsvraagstukken zijn niet gebiedgebonden – denk aan gedigitaliseerde criminaliteit – of dermate complex dat ze op gemeentelijk niveau moeten worden aangepakt. Daarnaast zijn er veiligheidsvraagstukken die in de ene wijk meer spelen dan in andere wijken, bijvoorbeeld door de voorzieningenfunctie in een wijk of de bevolkingssamenstelling (bijvoorbeeld relatief veel jongeren). Dit betekent dat er onderscheid gemaakt wordt in gemeentelijke prioriteiten én prioriteiten die op wijkniveau spelen. Zo wordt recht gedaan aan de unieke situatie van de wijk en kan maatwerk geleverd worden, afgestemd op de behoefte van de bewoners uit de wijk.

Functionele criteria prioritering Het prioriteren van veiligheidsthema’s is niet gebonden aan vaste spelregels. Iedere gemeente hanteert eigen selectiecriteria die passen bij de eigen organisatie en burgers. Dat neemt niet weg dat bepaalde criteria voor

DSP-groep

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

62

de hand liggen om mee te wegen bij het besluit om een veiligheidsthema al dan niet te prioriteren. We onderscheiden er drie: 1.

Relevantie: veiligheidsthema’s kunnen tot prioriteit gemaakt worden omdat ze spelen bij veel burgers, ze een grote impact op hun veiligheidsbeleving hebben of leiden tot groot maatschappelijk ongenoegen en/of uit de cijfers komt naar voren dat er sprake is van een stijging van de incidentie.

2.

Ontbreken beleidskader: veiligheidsthema’s kunnen tot prioriteit gemaakt worden omdat het nog aan een uitgewerkt beleidskader of specifieke aanpak ontbreekt. Als er al sprake is van een uitgewerkt beleidskader of goed lopende aanpak, kan dit ook betekenen dat een veiligheidsthema daarom geen prioriteit wordt.

3.

Thema heeft oorsprong in veiligheidsdomein: het is van belang om mee te wegen of OOV een rol heeft of zou moeten hebben in de aanpak op dat thema. De vraag daarbij is of het thema primair thuishoort in het veiligheidsdomein of dat het gelet op de oorzaken, benodigde aanpak en betrokken partners beter thuishoort in een ander domein.

Concrete prioriteiten en daaraan gekoppelde doelen geven sturing aan het beleid, mits daarbij wordt gemonitord in hoeverre vooruitgang wordt geboekt. Ook dit criterium wordt meegewogen in het advies over nieuwe prioriteiten.

7.2

Van longlist naar shortlist Op basis van de verschillende gesprekken met ketenpartners en de Veiligheidsanalyse komt een aantal thema’s naar voren waarbij extra inzet en prioritering logisch kan zijn: •

Kwetsbare wijken

•

Jeugd en jongvolwassenen

•

Polarisatie, maatschappelijke onrust en radicalisering

•

Ondermijning, waaronder drugscriminaliteit en criminele families/-netwerken

•

High Impact delicten

•

Cybercriminaliteit en gedigitaliseerde criminaliteit

Hieronder volgt een toelichting per veiligheidsthema’s met daarbij de argumenten die per thema zijn gegeven in de verschillende gesprekken en sessie om een thema al dan niet te prioriteren. Per thema volgt een advies vanuit DSP over het prioriteren van het thema.

7.3

Toelichting per thema Kwetsbare wijken •

Veel ketenpartners en professionals benoemen het belang van aandacht voor kwetsbare wijken. Gouda kent verschillende kwetsbare wijken waarbij sprake is van een accumulatie van factoren waardoor in die

DSP-groep

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

63

wijken relatief veel (veiligheids)problemen voorkomen. In de wijken is de sociaal economische status relatief laag, wonen doorgaans mensen met een lager opleidingsniveau en met problemen als GGZproblematiek en schulden. Ook is de sociale cohesie in de wijken doorgaans laag. Er zijn verschillen tussen de wijken aan te wijzen, waardoor het volgens respondenten van belang is om te werken vanuit gebiedspecifieke opgaven. •

Om wijk- en buurtspecifiek te werken is integraal werken vanuit verschillende domeinen (veiligheid, zorg, wonen) noodzakelijk. Er moet goed gekeken worden naar wie wat kan doen. De gemeente en ketenpartners zijn het erover eens dat het zwaartepunt bij preventie ligt: voorkomen dat problematiek escaleert. Goede hulpverlening aan kwetsbare personen verkleint de kans dat problemen escaleren en onveilige situaties ontstaan. Als het zwaartepunt bij de preventie – en dus het sociaal domein - ligt, betekent dit logischerwijs dat de rol van de afdeling Veiligheid beperkt is en zij minder noodzaak zien voor het prioriteren van dit thema vanuit het veiligheidsbeleid. Als het thema geprioriteerd wordt, is het van belang dat gezamenlijk met de relevante kernpartners de doelen gesteld worden.

•

Het is volgens ketenpartners met name van belang om voort te bouwen op bestaande structuren. Bovendien wordt er vanuit het bestuursakkoord integraal op dit thema ingezet, waardoor het thema blijvend aandacht krijgt en vraagt, maar momenteel niet zozeer extra inzet vraagt.

•

Vanuit de gemeenteraad wordt benadrukt dat het belang van de veiligheidsbeleving van bewoners een nadrukkelijke rol moet krijgen in het bepalen van prioriteiten. De veiligheidsbeleving van bewoners wordt grotendeels bepaald door hun directe woonomgeving. Bewoners moeten zich veilig voelen in hun eigen huis en op straat.

Jeugd en jongvolwassenen •

Volgens gemeente en ketenpartners moet blijvend worden ingezet op het voorkomen van jonge aanwas, waarmee het risico tot afglijden in de (zwaardere) criminaliteit in een vroeg stadium wordt ingeperkt. Volgens professionals gaat het specifiek om jonge aanwas voor drugscriminaliteit.

•

Deze doelgroep is verweven met (vrijwel) alle andere veiligheidsthema’s. Dit maakt dat deze doelgroep aandacht vraagt bij de aanpak op andere veiligheidsthema’s.

•

De mate waarin overlast door jongeren wordt ervaren verschilt tussen wijken, maar blijft een aandachtspunt. Met name in 2020 was er een sterke groei in het aantal meldingen van jeugdoverlast, samenhangend met coronamaatregelen. Het aantal meldingen is in 2021 weer teruggelopen.

•

Ook in de Eenheid Den Haag ziet men vooral een sterke stijging van het jeugdoverlast.54 Daarnaast ziet de Eenheid ook dat de afname van jeugdcriminaliteit vanaf 2018 niet meer doorzet.

•

Respondenten zien dat in kwetsbare wijken, waar armoede een grote rol speelt en mensen gemiddeld een laag opleidingsniveau hebben, jeugdigen een verhoogd risico lopen om in aanraking te komen met justitie. Dit vraagt om een wijkgerichte en integrale aanpak. Ook wordt door ketenpartners benadrukt dat er meer focus moet komen op preventie. Criminaliteit gaat vaak over van generatie op generatie en

54 DRIO Den Haag (2021). Algemeen Veiligheidsbeeld Eenheid Den Haag 2021.

DSP-groep

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

64

het is van belang deze intergenerationele overdracht te doorbreken. Naarmate mensen ouder worden, is het steeds lastiger deze cirkel te doorbreken, daarom is het zaak om al vroeg in te zetten. Hierbij is samenwerking tussen het sociaal domein en veiligheidsdomein van groot belang. •

Volgens respondenten is er winst te behalen met het integraal werken op het gebied van aanpak van overlast en criminaliteit door jeugd en jongvolwassenen. Het veiligheidsdomein sluit niet altijd voldoende aan bij het sociaal- en zorgdomein en vice versa. Meer kennis over en weer draagt volgens respondenten bij aan beter en vroeger signaleren, en het kunnen bieden van meer passende ondersteuning. Vanuit het bestuursakkoord is recent geld vrijgemaakt voor de inzet op jeugd, waarbij met de aanstelling van jeugdboa’s een eerste stap wordt gezet in de integrale samenwerking.

•

Respondenten geven aan dat er al verschillende aanpakken lopen rondom jeugd en jongvolwassenen. De gemeente zit met haar ketenpartners op het goede spoor. Echter, de doelgroep jeugd en jongvolwassenen is ook een doelgroep met weerbarstige problematiek die constant aandacht blijft vragen.

•

Jeugdigen en jongvolwassen worden door respondenten gezien als een brede doelgroep die om een nadere specificering en afbakening vraagt. Ketenpartners en raadsleden zien met name uitdagingen op het gebied van jongeren in de drugscriminaliteit. Dit wordt ook in de Eenheid Den Haag als belangrijke uitdaging gezien.55 Het is zaak om jongeren alternatieven te bieden voor de drugscriminaliteit. Deze alternatieven moeten dermate zijn dat ze ook echt weerstand kunnen bieden aan een carrière in de drugscriminaliteit.

Polarisatie, maatschappelijke onrust en radicalisering •

Gouda heeft een verleden van uitreizigers. In de afgelopen vier jaar zijn er twee personen teruggekeerd. Dit is zonder noemenswaardige problemen verlopen.

•

Jihadisme is als thema minder op de voorgrond. Gouda kent een relatief forse hoeveelheid casuïstiek in haar persoonsgerichte aanpak die geduid is als jihadistisch-extremistisch.

•

Het thema radicalisering verbreedt zich tot links-, rechts- en anti-overheids-extremisme. Uit een inventarisatie die Gouda in 2019 heeft gedaan, bleek dat de omvang van deze groep in Gouda beperkt was.

•

In het landelijk dreigingsbeeld van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV)56 wordt aangegeven dat de coronaprotesten geleid hebben tot fragmentatie en vermenging. Het aantal demonstraties nam met de versoepelingen van de coronamaatregelen in juni 2021 af, maar tegelijkertijd blijft het risico binnen de radicale onderstroom tot verder radicaliseren bestaan. Daarbij is de drempel om buitenwettelijke acties (online) te bespreken en plegen lager geworden.

•

Ook in het Algemeen Veiligheidsbeeld Eenheid Den Haag (2021) wordt beschreven dat de Eenheid steeds meer verschillende groepen en personen ziet die zich afzetten tegen het overheidsbeleid.

55 DRIO Den Haag (2021). Algemeen Veiligheidsbeeld Eenheid Den Haag 2021. 56

Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid. (2021). Dreigingsbeeld Terrorisme Nederland 55. Ministerie van Veiligheid en Justitie.

DSP-groep

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

65

Onderdeel van deze groepen zijn onder andere rechts-extremisten.57 De verwachting is dat het aantal aanhangers van het extreemrechtse en rechtextremistische gedachtengoed na de coronacrisis hoger zal liggen dan voorheen. Volgens de Eenheid gaat de grootste dreiging uit van potentieel gevaarlijke eenlingen. •

Inzet op maatschappelijke onrust en polarisatie vraagt vooral inzet in het preventieve veld omdat er vaak (nog) geen sprake is van strafbare feiten.

•

Polarisatie een voedingsbodem voor radicalisering doordat mensen steeds meer in wij-zij denken terecht komen en zich tegen andere (groepen) bewoners en/of de (decentrale) overheid gaan afzetten.

•

Daarnaast dient ingezet te worden op het verminderen van de sociale tweedeling ter preventie van radicalisering en moet volgens ketenpartners meer het gesprek aangegaan worden met bewoners om de verbinding met hen te blijven houden.

•

Gemeente en ketenpartners geven aan dat de uitdaging voor de komende jaren vooral ligt bij het versterken van de verbinding met groepen en tussen groepen, zodat alle groepen zich gezien en gehoord voelen. Ook dit hangt volgens respondenten vooral samen met kwetsbare wijken; met name op die plekken is er weinig sociale cohesie tussen verschillende groepen bewoners. Dit betekent volgens de respondenten dat er met name wijkgericht moet worden gewerkt en moet worden ingezet op de sociale cohesie in kwetsbare wijken.

•

Als het gaat om radicalisering is dit volgens een respondent geen prioriteit maar is het vooral van belang om blijvend aandacht te houden voor de problematiek en tijdig op ontwikkelingen in te spelen.

Ondermijning, waaronder drugscriminaliteit en criminele families/- netwerken •

Ondermijning is een belangrijk thema voor veel ketenpartners. Deze vorm van criminaliteit tast het gezag van de overheid aan en beïnvloedt in sterke mate de leefbaarheid in wijken. Dit is niet uniek aan Gouda, vrijwel alle Nederlandse gemeenten worstelen in meer of mindere mate met dit fenomeen.

•

Ondermijning is moeilijk in cijfers te vangen. De onder ‘drugscriminaliteit’ genoemde cijfers kunnen tevens worden gelezen als een (onvolledige) indicatie van ondermijning.

•

Gouda heeft zich in de afgelopen vier jaar sterk gemaakt tegen ondermijning door de Bibob-toets te verplichten voor bezorg- en afhaalzaken, naast de horecagelegenheden waar de verplichting al gold. Hiermee is de Goudse horeca weerbaarder geworden. Er is behoefte bij de gemeente om de Bibob-toets breder in te zetten.

•

Een bonafide horeca kan zorgen voor een waterbedeffect naar andere sectoren. Het vraagt om een lange adem om een lokaal klimaat te creëren dat weerbaar is tegen ondermijning. Criminelen moeten het signaal blijven krijgen dat er voor hen geen plek is in Gouda. Vanuit de Eenheid Den Haag wordt aangegeven dat onder andere bedrijventerreinen, bedrijfsverzamelgebouwen en afgelegen plekken zoals parkeerplaatsen en woonwagenterreinen locaties zijn waar risicovolle bedrijvigheid plaatsvindt. 58 En

57

DRIO Den Haag (2021). Algemeen Veiligheidsbeeld Eenheid Den Haag 2021.

58 DRIO Den Haag (2021). Algemeen Veiligheidsbeeld Eenheid Den Haag 2021.

DSP-groep

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

66

daarbinnen lijkt de automotivebranche een belangrijk aandachtspunt te zijn, omdat deze vaak verweven is met drugscriminaliteit en criminele netwerken. Ook de beautybranche wordt als risicovol gezien door de Eenheid Den Haag. •

Binnen het thema ondermijning wordt aangegeven dat criminele families en risicojongeren/jonge aanwas specifiek om aandacht vragen. Jonge aanwas is een belangrijke doelgroep: zij zijn de toekomst van Gouda en er moet voorkomen worden dat zij geronseld worden voor criminele uitbuiting vanwege het risico om door te groeien in de zwaardere (georganiseerde) criminaliteit.

•

De gemeente Gouda heeft na het laten uitvoeren van twee specifieke drugsonderzoeken beter zicht op de wijze waarop in Gouda drugs worden verhandeld en geconsumeerd. Dit is aanleiding geweest om vanaf 2022 de aanpak van drugscriminaliteit te prioriteren.

•

Volgens de rapporten is het drugsgebruik onder jongeren in Gouda niet hoger of lager dan landelijke gemiddelden. Wel maken sommige professionals zich zorgen dat drugsgebruik, ook in Gouda, steeds verder genormaliseerd is onder jongeren.

•

Het aantal drugsdelicten in Gouda kende een piek in 2019: er waren toen 12,16 drugsdelicten per 10.000 inwoners. Gouda stak daarmee uit boven het Nederlands gemiddelde van 7,98 per 10.000 inwoners. Sindsdien is het aantal delicten, zeker in Gouda, flink gedaald. In 2021 was er sprake van 6,92 delicten per 10.000 inwoners; landelijk was dit in hetzelfde jaar 6,54 per 10.000 inwoners.

•

Vanuit de gemeenteraad wordt onderstreept dat de focus op de aanpak van drugscriminaliteit vastgehouden moet worden. Hierbij gaat het onder andere om de focus op productieplekken, het denormaliseren van drugsgebruik en voorlichting over de gevolgen van drugsgebruik en -handel onder jongeren en het voorkomen van jonge aanwas.

•

Volgens de gemeente en ketenpartners wordt de ernst van de drugsproblematiek onderschat. Drugscriminaliteit heeft een grote impact op de samenleving en hangt samen met veel verschillende thema’s.

•

Professionals hebben meermaals het onderzoek van Bureau Bervoets & Bureau Beke geciteerd, waarin werd vastgesteld dat een aantal criminele families in Gouda verantwoordelijk is voor de toelevering van een drugs in Gouda. Vandaar dat Gouda in 2022 een nieuwe prioriteit introduceerde specifiek op dit thema.

•

Kwetsbare jongeren komen relatief gemakkelijk in aanraking met drugshandel. Eenmaal toegetreden tot die wereld is het moeilijker om weer uit te treden en is het risico om af te glijden in zwaardere criminaliteit groter.

•

Vanuit de gemeenteraad wordt enerzijds het belang van inzet op criminele families onderstreept vanwege de grote rol in ondermijning in Gouda. Anderzijds wordt aangegeven dat er al langer op criminele families wordt ingezet en dat er vanuit verschillende onderzoeken inmiddels meer bekend is over de families, maar de families vooralsnog actief zijn. Om daadwerkelijk barrières te gaan creëren voor criminele families en de aanpak te intensiveren, vraagt dit volgens respondenten om het prioriteren van dit thema.

DSP-groep

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

67

Veelvoorkomende en high impact criminaliteit •

Het aantal woninginbraken lag in Gouda in 2021 hoger dan gemiddeld in Nederland: 18,46 per 10.000 inwoners, t.o.v. 13,42 per 10.000 in Nederland gemiddeld.

•

Er is de afgelopen jaren ingezet om het aantal woninginbraken terug te dringen met 10%. Deze doelstelling is behaald. Ook zien we dat de afgelopen drie jaar minder inbraakpogingen slagen.

•

Het aantal mishandelingen en bedreigingen ligt in 2021 Gouda vrijwel gelijk met het Nederlands gemiddelde, met 20,9 mishandelingen per 10.000 inwoners. Dit cijfer daalt gestaag. Ook het aantal bedreigingen (15,07 per 10.000 inwoners in 2021) daalt ten opzichte van voorgaande jaren en ligt nu rond het landelijk gemiddelde. Het totaal aantal diefstallen ligt in 2021 in Gouda wel hoger dan gemiddeld in Nederland, respectievelijk 174,40 per 10.000 versus 163.66 per 10.000 inwoners).

•

Binnen de Eenheid Den Haag ziet met van traditionele vermogensdelicten/high impact crimes een afname.59

•

Door gemeente en ketenpartners wordt enerzijds aangegeven dat het thema blijvend aandacht vraagt, maar extra inzet momenteel niet nodig is. Anderzijds wordt aangegeven dat respondenten het mogelijk te vroeg vinden om af te schalen. De aanpak loopt volgens hen goed, maar zij vragen zich af of de aanpak voldoende geborgd is. Bovendien is de impact op burgers die slachtoffer worden van een HIC-delict vaak erg groot.

•

Vanuit de gemeenteraad wordt aangegeven dat HIC-delicten een grote impact hebben op bewoners, waardoor dit blijvend aandacht moet krijgen. Ook zien zij een stijging van het aantal winkeldiefstallen. De ondernemersvereniging geeft echter aan dat er niet sprake is van een structureel aantal diefstallen. Bovendien zijn winkeldiefstallen iets waar ondernemers erg alert op zijn en verschillende maatregelen voor treffen. Omdat veelvoorkomende en high impact delicten niet overal in dezelfde mate voorkomen, pleiten sommige raadsleden ook voor een aanpak van hotspots – dus daar waar een delict relatief vaak voorkomt.

Cybercriminaliteit en gedigitaliseerde criminaliteit60 •

Cybercriminaliteit en gedigitaliseerde criminaliteit zijn volgens veel ketenpartners in toenemende mate belangrijke thema’s. De toenemende digitalisering van de samenleving maakt dat zowel de gemeente, haar partners als bewoners digitaal weerbaarder moeten worden tegen online criminaliteit.

•

Binnen de Eenheid Den Haag ziet met in tegenstelling tot een afname van traditionele vermogensdelicten een toename van criminaliteit met een gedigitaliseerd karakters, zoals online aanen verkoopfraude, fraude met internetbankieren. 61

59 DRIO Den Haag (2021). Algemeen Veiligheidsbeeld Eenheid Den Haag 2021. 60 Cybercriminaliteit betreft delicten waarbij ICT het middel en doel is. Het gaat dan bijvoorbeeld om delicten als hacken en ransomware.

Gedigitaliseerde criminaliteit betreft traditionele delicten waarbij ICT als middel wordt ingezet, maar niet het doel is. Denk hierbij aan marktplaats-fraude of whatsapp-fraude. 61 DRIO Den Haag (2021). Algemeen Veiligheidsbeeld Eenheid Den Haag 2021.

DSP-groep

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

68

•

Gemeente en ketenpartners vinden het lastig in te schatten welke ontwikkelingen op het gebied van cybercriminaliteit en gedigitaliseerde criminaliteit zij kunnen verwachten. Wel wordt hierbij onderschreven dat er sprake is van een toename. Vanwege de impact van deze delicten op bewoners en de toenemende trend, kan dit een thema volgens sommige ook worden aangemerkt als een high impact crime.

•

Met name wat betreft cybercriminaliteit ziet een deel van de ketenpartners vooral een rol weggelegd voor landelijke partijen. Het is hierbij volgens ketenpartners ook nog onduidelijk wat je als gemeente op dit thema überhaupt kan doen. Er ligt met name een uitdaging bij het bepalen van de positie van de gemeente in de aanpak op dit thema. Door het lokaal te prioriteren geef je als gemeente een signaal van urgentie af.

•

Voor beide verschijningsvormen geldt dat deze om een andere aanpak vragen en ook een andere doelgroep hebben. Zo is het van belang vooral bewoners en ondernemers weerbaar te maken tegen gedigitaliseerde criminaliteit en cybercriminaliteit en is het voor de gemeente-organisaties juist belangrijk om de vitale infrastructuur te beschermen tegen cybercriminaliteit, zoals ransomware of DDOS-aanvallen. Vanuit de gemeenteraad wordt aangegeven dat er met name ingespeeld moet worden op de voorlichting van bewoners op de mogelijke risico’s en gevolgen van gedigitaliseerde criminaliteit en cybercriminaliteit.

DSP-groep

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

69

8

Conclusie deel 2

8.1

Integrale weging veiligheidsthema’s Zoals aangegeven in het vorige hoofdstuk, hanteren wij een aantal criteria om te komen tot een beargumenteerd advies voor nieuwe prioriteiten. Het gaat om de criteria relevantie (impact op bewoners of toename in cijfers), bestaand beleidskader (is er al een goed lopende aanpak) en een regierol voor OOV (ligt de taakstelling op dit thema primair bij veiligheid).Op basis van de Veiligheidsanalyse, de verschillende gesprekken met professionals en de verdiepingsslag tijdens de prioriteringssessies, komen we in dit hoofdstuk tot een gewogen advies voor nieuwe prioriteiten.

8.1.1

Weging Na weging komen er vier prioriteiten naar voren. Het betreft ondermijning, cybercriminaliteit en gedigitaliseerde criminaliteit, Veelvoorkomende criminaliteit en HIC-delicten en maatschappelijke onrust, polarisatie en radicalisering. We lichten de prioriteiten toe: •

Veelvoorkomende en high impact delicten •

Relevantie: de impact op bewoners die slachtoffer worden van een HIC is vaak erg groot. Het aantal woninginbraken is de afgelopen jaren gedaald maar dat neemt niet weg dat Gouda nog steeds hoger scoort dan gemiddeld in Nederland. Op de andere veelvoorkomende en HICdelicten mishandeling en bedreiging scoort Gouda rond het landelijk gemiddelde. Het aantal diefstallen ligt wel hoger dan gemiddeld in Nederland. Gelet op deze impact is het volgens respondenten van belang om de aandacht in de aanpak niet te verslappen. Door het thema te prioriteren wordt de aanpak geborgd en wordt voorkomen dat de aandacht verslapt.

•

Bestaand beleidskader en regierol OOV: voor veelvoorkomende en HIC geldt dat er momenteel een aanpak loopt, waarin OOV een belangrijke rol speelt. Het is ook volgens respondenten met name zaak om de huidige aanpak te consolideren om het aantal HIC delicten en met name woninginbraken terug te blijven dringen.

•

Maatschappelijke onrust, polarisatie en radicalisering •

Relevantie: maatschappelijke onrust en polarisatie is het gevolg van toegenomen maatschappelijke ongelijkheid, een gevoel van achterstelling onder mensen en gebrek aan verbinding met instanties en medebewoners. De gevolgen van deze gevoelens en het gebrek aan verbinding kunnen op de levens van bewoners groot zijn, zeker als iemand radicaliseert in zijn/haar gedachtengoed en mogelijk overgaat tot het gebruiken van geweld.

•

Bestaand beleidskader en regierol OOV: de oplossing van maatschappelijke onrust en polarisatie is met name gericht op het verbeteren van de leefsituatie van mensen en de leefbaarheid en sociale cohesie in de wijk en tussen groepen. Hier ligt met name een rol weggelegd voor (organisaties in) het sociaal domein. De rol van de afdeling OOV in de aanpak van

DSP-groep

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

70

maatschappelijke onrust is daarmee beperkt. Wanneer maatschappelijke onrust omslaat in radicalisering en er sprake is van een veiligheidsrisico, ligt de regie wel bij OOV. Gouda heeft de afgelopen jaren met verschillende radicaliseringscasussen te maken gehad die in de pga radicalisering opgenomen zijn (geweest). De komende jaren ligt de uitdaging op dit vlak met name bij de doorontwikkeling van de pga om adequaat te kunnen inspelen op de trends op het gebied van radicalisering en extremisme (denk aan verschuiving naar rechts-extremisme en antioverheidsentiment). Omdat de omvang van de groep links-, rechts- en anti-overheidsextremisten vooralsnog beperkt lijkt, is de noodzaak om daar op korte termijn extra op in te zetten beperkt. •

Cybercriminaliteit en gedigitaliseerde criminaliteit •

Relevantie: de impact op bewoners en ondernemers die slachtoffer worden van gedigitaliseerde criminaliteit of cybercriminaliteit is doorgaans groot. Onderzoek laat zien dat de gevolgen van deze delicten vergelijkbaar zijn met de gevolgen van traditionele offline criminaliteit. 62 Bovendien is er een toename zichtbaar van deze vorm van criminaliteit in de gemeente.

•

Bestaand beleidskader en regierol OOV: gedigitaliseerde criminaliteit en cybercriminaliteit is een thema dat voor veel gemeenten een grote uitdaging is, omdat de rol van de gemeenten in de aanpak ervan nog niet helder is. Ook voor gemeente Gouda geldt dat de rol van de gemeente nog niet helder is én dat het ontbreekt aan een beleidskader op dit thema. Zowel voor cybercriminaliteit – criminaliteit gericht op ICT – als gedigitaliseerde criminaliteit – traditionele criminaliteit die online plaatsvindt –geldt dat er gemeente een rol en verantwoordelijkheid hebben in het beschermen van haar inwoners en ondernemers en hen digitaal weerbaarder maken. Vanwege het veiligheidsaspect ligt hierin een belangrijke rol weggelegd voor OOV. Het gaat nadrukkelijk niet om cyberincidenten/-crisisis waarbij vitale digitale infrastructuren het doelwit zijn. Dit is een landelijke en gemeentelijke opgave – onder andere door het ‘eigen huis op orde te hebben’ – maar niet zozeer van de afdeling OOV.63

•

Ondermijning: •

Relevantie: ondermijning is een veelomvattend thema dat verschillende branches, organisaties en mensen raakt. De ernst van de problematiek wordt in Gouda onderkent, maar specifiek voor drugscriminaliteit zijn ketenpartners van mening dat de ernst en impact ervan onderschat wordt. Met name het drugsgebruik onder en het dealen van drugs door jongeren normaliseert steeds meer is de veronderstelling. Er zijn steeds meer zorgen over jonge aanwas richting ondermijnende criminaliteit.

•

Bestaand beleidskader en regierol OOV: de afgelopen jaren is op verschillende branches van ondermijning ingezet, o.a. op een aantal specifieke kwetsbare branches. Aan deze focus kleeft

62 Leukfeldt, R., Notté, R., & Malsch, M. (2018). Slachtofferschap van online criminaliteit. 63 Weerbaarheid tegen cyberaanvallen is een gemeentebrede opgave, waarbij de focus ligt op het eigen ‘huis’ op orde krijgen en

handelingsprotocollen te ontwikkelen in geval van cyberaanvallen. OOV is hierbij een belangrijke samenwerkingspartner, bijvoorbeeld door met andere afdelingen en partners risico’s in kaart te brengen, maar het ligt voor de hand om de regie te leggen bij de domeinen die gaan over de ICT-infrastructuur van de gemeente.

DSP-groep

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

71

het risico op een waterbedeffect naar andere branches waar nog geen aanpak op loopt. Er ligt een nadrukkelijke wens om ook op andere kwetsbare branches in te zetten (denk aan andersoortige ondernemingen zoals kapperszaken en nagelsalons). Hierbij heeft OOV een belangrijke regierol in de samenwerking met andere organisaties en domeinen. Daar komt bij dat criminele families en drugscriminaliteit pas vanaf 2022 geprioriteerd zijn, waardoor de effecten op deze onderwerpen nog niet zichtbaar (kunnen) zijn en het volgens respondenten te vroeg is om ondermijning af te schalen.

Tot slot hebben we nog de ‘thema’s’ jeugd en jongvolwassenen en kwetsbare wijken. Beiden wijken af van de thema’s die we hierboven beschreven. Jongeren en jongvolwassenen moet worden gezien als een doelgroep en niet als een veiligheidsthema zoals de hierboven beschreven thema’s. Het is een doelgroep die blijvend aandacht vraagt, mede doordat de ontwikkelingen onder jongeren door de toenemende digitalisering snel gaan. Daarbij komt dat jongeren en jongvolwassenen een kwetsbare groep vormen die bij aanraking met criminaliteit het risico lopen verder af te glijden. De afgelopen jaren is met betrekking tot deze doelgroep ingezet op jeugdoverlast, woninginbraken, radicalisering en drugsproblematiek. Er lopen verschillende initiatieven en aanpakken waarvan gemeente en ketenpartners de indruk hebben dat ze op de goede weg zitten. De komende jaren is het zaak om de lopende aanpakken voort te zetten en te borgen. Dit neemt niet weg dat binnen de thema’s ondermijning en gedigitaliseerde criminaliteit jongeren en jongvolwassenen extra aandacht vragen. Voor (de preventie van) jonge aanwas lopen al verschillende initiatieven (Dealbreakers en het risicojongerenoverleg), maar er zijn blijvende zorgen over dit fenomeen. Voor gedigitaliseerde criminaliteit geldt dat een aanpak gericht op de weerbaarheid van jongeren – ook tegen daderschap (denk aan geldezels) – vormgegeven moet worden.

Tot slot het thema kwetsbare wijken. In een aantal Goudse wijken is sprake van een cumulatie van factoren waardoor deze relatief kwetsbaar zijn voor criminaliteit en veiligheidsproblemen. In deze wijken is het van belang een integrale, wijkgerichte aanpak te creëren om de problematiek in de wijk te verminderen door enerzijds preventief in te zetten op risicofactoren en anderzijds repressief criminaliteit aan te pakken. Dit betekent dat kwetsbare wijken niet zo zeer een zelfstandig thema is maar meer een strategie of een manier van (samen)werken waarmee veiligheidsproblematiek op wijkniveau kan worden aangepakt. Hierbij is het zaak dat verschillende gemeentelijke afdelingen gezamenlijk optrekken.

8.1.2

Advies Alles overziend komen er drie thema’s naar voren die wij adviseren om de komende jaren te prioriteren. Het gaat om: 1.

Intensiveren: ondermijning Dit thema vraagt de komende vier jaar om intensivering op de volgende vier actielijnen:

DSP-groep

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

72

2.

a.

Kwetsbare branches64

b.

Drugscriminaliteit

c.

Criminele families65

d.

Jonge aanwas

Ontwikkelen: gedigitaliseerde criminaliteit en cybercriminaliteit Dit thema vraagt de komende vier jaar om een uitwerking/ontwikkeling van een doelgroep-specifieke aanpak ten behoeve van de weerbaarheid van (kwetsbare) bewoners en ondernemers.66

3.

Consolideren: veelvoorkomende delicten en high impact delicten Dit thema vraagt de komende vier jaar om het consolideren van de huidige aanpak ten behoeve van het verder terugdringen van het aantal veelvoorkomende en HIC-delicten, met in het bijzonder woninginbraken.

Voor het thema ondermijning is jonge aanwas expliciet als actielijn opgenomen. We adviseren om ook binnen het thema gedigitaliseerde criminaliteit en cybercriminaliteit expliciet aandacht te hebben voor jongeren en jongvolwassenen als kwetsbare groep vanwege het vele gebruik van sociale media. In hoeverre jongeren en jongvolwassenen als slachtoffer en daders extra aandacht behoeven binnen het thema veelvoorkomende criminaliteit en high impact delicten vraagt om een verdiepende analyse van politiegegevens.

Met betrekking tot maatschappelijke onrust/polarisatie en radicalisering zien wij op dit moment geen aanleiding om het thema te prioriteren. Omdat polarisatie met name voortkomt uit maatschappelijke ongelijkheid en gevoelens van ongenoegen tussen groepen mensen en tussen bewoners en instanties, is het van belang om gemeentebreed in te zetten op het verminderen van die gevoelens en het versterken van vertrouwen en samenhorigheid. Dit vraagt om integrale samenwerking tussen onder andere het sociaal domein, zorgdomein, ruimtelijk domein en het veiligheidsdomein. Indien sprake is van radicalisering heeft de afdeling OOV wel een regierol. Er zijn echter op basis van de veiligheidsanalyse en de gesprekken geen signalen dat het intensiveren van de aanpak momenteel nodig is.

We willen nogmaals benadrukken dat het prioriteren en daarbinnen het benoemen van actielijnen niet betekent dat de overige thema’s geen inzet vragen. Zoals reeds beschreven is het van belang om het bestaande niveau en de bestaande aanpak op de thema’s te handhaven en voort te zetten. Daarnaast is het

64 Met betrekking tot kwetsbare branches kan gedacht worden aan het verder professionaliseren en uitbreiden van het BIBOB-beleid naar

nog onvergunde branches, zoals nagelsalons. Andere mogelijkheden zijn het in kaart brengen van kwetsbaarheden bij branches die een mogelijke faciliterende rol kunnen hebben bij witwassen, zoals vastgoedontwikkelaars en het notarieel. Gezamenlijk met branches kan op basis van de kwetsbaarheden worden gekeken naar waar barrières opgeworpen kunnen worden. 65 Met betrekking tot criminele families heeft men de indruk dat deze redelijk goed in beeld zijn maar dat de aanpak verder vormgegeven moet worden – het is pas sinds 2022 immers een prioriteit. Intensivering van de aanpak is nodig om daadwerkelijk barrières op te kunnen werpen. Ook de aanpak van criminele families in Tilburg kan als inspiratie dienen. In gemeente Tilburg is voor de aanpak van criminele families gekozen voor een ondersteunende aanpak, waarbij de families praktische hulp krijgen op de leefgebieden en vervolgens worden toegeleid naar een leven in de ‘bovenwereld’. De eerste resultaten lijken positief. 66 Voor de aanpak van gedigitaliseerde criminaliteit en cybercriminaliteit kan onder andere de cyberwegenkaart van het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV) als startpunt worden genomen om te bepalen welke rol de gemeente daarin heeft. Daarnaast heeft de Vereniging voor Nederlandse Gemeenten (VNG) een focusblad Digitale Veiligheid opgesteld waarin mogelijkheden voor een aanpak in opgenomen zijn.

DSP-groep

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

73

van belang om nieuwe ontwikkelingen nauwlettend in de gaten te houden en indien nodig prioriteiten en/of actielijnen te verleggen. Het integraal veiligheidsbeleid is adaptief en dynamisch.

Tot slot adviseren we om integraal en wijkgericht werken expliciet als strategie te benoemen in de Kadernota. Middels deze aanpak kan recht worden gedaan aan de verschillen tussen wijken en lokaal een passende aanpak voor criminaliteit en veiligheidsproblematiek worden ontwikkeld. Deze strategie geldt zowel voor het werken op de prioriteiten als de overige veiligheidsthema’s. Dit betekent dat bijvoorbeeld gericht woninginbraken in hotspots worden aangepakt, digitale weerbaarheidscampagnes worden ingezet in gebieden met veel ondernemers en gericht drugsgebruik wordt aangepakt in gebieden waar veel uitgaanspubliek en/of jongeren komt/komen. Schematisch zien de geadviseerde prioriteiten er als volgt uit:

Gedigitaliseerde Ondermijning

criminaliteit

Veelvoorkomende en high impact crimes

Wijkgericht en integraal werken

8.2

Doelen, effectindicatoren en verantwoordingsmethodiek Tot slot is gevraagd advies uit te brengen over doelen, effectindicatoren en een verantwoordingsmethodiek. In deze paragraaf geven we enkele suggesties.

Doelen en effectindicatoren

DSP-groep

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

74

Met betrekking tot de effectindicatoren en gestelde doelen valt op dat in de afgelopen Kadernota voor een aantal prioriteiten gekozen is voor SMART-geformuleerde doelen. Door de doelen op die manier te formuleren en daar meetbare effectindicatoren aan te koppelen, is het goed mogelijk om tussentijds de voortgang op de prioriteiten te meten en waar nodig het beleid aan te scherpen of veranderen. Niet voor alle prioriteiten is dat echter altijd mogelijk (of zelfs wenselijk), vaak omdat het gaat om procesopgaven – zoals integraal samenwerken of een aanpak ontwikkelen. Ook zijn er thema’s waarvan de aard en omvang nog niet helder zijn, waardoor het lastig is om concrete doelen te stellen. Dat is bijvoorbeeld het geval bij cybercriminaliteit en gedigitaliseerde criminaliteit. In zo’n geval ligt het voor de hand om te beginnen met het in kaart brengen welke initiatieven er al lopen, welke partners daarbij betrokken zijn en gezamenlijk een handelingskader op te stellen. Vervolgens kan op basis van het handelingskader een aanpak ontwikkeld worden en hieraan doelen gekoppeld worden.

Verantwoordingsmethodiek Om te kunnen bepalen of het beleid doeltreffend is, is het van belang om het integraal veiligheidsbeleid te monitoren. De effecten van het beleid zijn in de praktijk vaak lastig te meten. Niet in de laatste plaats omdat de beoogde outcome ook door andere factoren wordt beïnvloed. Een volwaardige effectmeting is daarom niet altijd haalbaar. Een alternatief is een plan- en procesevaluatie. Met een planevaluatie wordt – ex ante – getoetst of de aanpak in theorie effectief is. Voor dit doel wordt de beleidslogica van de aanpakken in de uitvoeringsplannen geëxpliciteerd (ieder uitvoeringsplan heeft z’n eigen beleidslogica). Dat wil zeggen: •

per beleidsprioriteit wordt in beeld gebracht welke doelen (maatschappelijke effecten) worden beoogd (daar waar mogelijk én zinvol worden de doelen SMART-geformuleerd),

•

wie de doelgroep(en) precies is/zijn en

•

met welke middelen en activiteiten gedacht wordt dat deze beoogde doelen gehaald worden.

Dit leidt tot een formeel model met doelen, middelen en mogelijke uitkomsten. Is eenmaal het formele model opgesteld, dan kan worden getoetst of de ingezette middelen en de gevolgde werkwijzen waarschijnlijk tot de beoogde resultaten leiden. Die toets kan enerzijds worden uitgevoerd door na te gaan of de aannames logisch en consistent zijn, anderzijds door na te gaan of de gehanteerde werkwijze bij de betreffende prioriteit elders (al dan niet in een andere context) al wordt toegepast en welke effecten daarvan bekend zijn. Daarbij is het ook zaak na te gaan welke randvoorwaarden succesbepalend waren bij het behalen van het beoogde effect. Vervolgens wordt gemonitord of de uitvoeringspraktijk voldoet aan de randvoorwaarden en wordt gekeken naar de directe resultaten (output) (procesevaluatie). Als het proces overeenkomt met het voorgenomen proces en aan de randvoorwaarden is voldaan, kan daarmee aannemelijk worden gemaakt of de aanpak effectief is. Hierbij kunnen cijfers als sluitstuk van een plan- en procesevaluatie fungeren.

Een plan- en procesevaluatie is een belangrijke maar tijdsintensieve stap. Daarom wordt het vaak overgeslagen en wordt naar oplossingen gekeken zonder de exacte oorzaken van problemen te weten.

DSP-groep

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

75

Hierdoor bestaat het risico dat interventies onvoldoende aansluiten bij de problematiek. Het is daarom belangrijk dat samen met ketenpartners drie vragen wordt beantwoord, we illustreren dit met jonge aanwas: •

Wat: Wat is de kern van het fenomeen/probleem, waar worden jongeren gerekruteerd, om welke jongeren gaat het? Hoe verlopen de rekruteringsprocessen?

•

Waarom: wat maakt dat jongeren deelnemen aan criminaliteit? En wat maakt dat jongeren wegblijven bij ondermijnende criminaliteit of weer het rechte pad op raken?

•

Hoe: hoe voorkomen we dat jongeren in de criminaliteit terecht komen?

Door deze vragen te stellen leg je in principe al de basis voor de planevaluatie en zorg je er met elkaar voor dat de aanpak aansluit bij de oorzaken van de problemen, waarmee je de doeltreffendheid van beleid waarborgt. Bovendien erken je hiermee de complexiteit van problematiek, die zich vaak niet laat vangen in kwantitatieve effectindicatoren. Echter, vaak wordt in de verantwoording van beleid vooral gekeken naar kwantitatieve effectindicatoren terwijl die weinig zeggen over de echte praktijk en maatschappelijke opbrengst. Steeds vaker wordt daarom gebruik gemaakt van de methode bovenstaande ‘Rijker verantwoorden’, wat in feite neerkomt op het cyclisch, met elkaar, beantwoorden van bovengenoemde vragen. Dit is een methodiek waarbij ketenpartners met elkaar het gesprek voeren over het probleem, oorzaken, ontwikkelingen en de aanpak. Dit gesprek kan op verschillende momenten gevoerd worden: •

Bij planvorming.

•

Bij een tussentijdse evaluatie van de aanpak.

Voor een integrale aanpak waarin kernpartners elkaar nodig hebben, kan Rijker verantwoorden als concept op verschillende niveaus meerwaarde hebben: •

Het samen vanuit de complexe inhoud uitwerken van een uitvoeringsplan (inclusief brede maatschappelijke doelen), het samen tussentijds evalueren op voortgang en het samen vaststellen van de benodigde aanpassingen in de aanpak en monitoring zorgt ervoor dat de betrokken professionals tussentijds leren van de uitvoering en de aanpak daardoor steeds effectiever kan worden gemaakt. Dit concept past goed bij een integraal veiligheidsbeleid waarin de aanpak van complexe problematiek de samenwerking van meerdere partijen vereist. Ook kan dit concept goed worden gebruikt voor input voor het uitvoeren van een planevaluatie. De planevaluatie toetst tenslotte de beleidslogica van de aanpak (de theorie van verandering). En omdat binnen Rijker verantwoorden de theorie van verandering expliciet – en met elkaar – uitgewerkt wordt, komt deze direct beschikbaar voor de planevaluatie.

•

Door de focus te verschuiven van sec verantwoorden op kwantitatieve prestatie-indicatoren naar ook leren en doorontwikkelen richt de monitor zich ook op inhoudelijke indicatoren en randvoorwaarden voor succes. Deze grootheden zijn voor de betrokken kernpartners vaak veel herkenbaarder en geloofwaardiger dan (uitsluitend) de kwantitatieve indicatoren. Dat zorgt bij hen voor draagvlak en grotere bereidheid om met de uitkomsten aan de slag te gaan.

DSP-groep

RAPPORT ─ Evaluatie Kadernota Integrale Veiligheid Gouda 2019-2022 en advies prioriteiten 2023-2026

76

Bijlage 1 Overzicht geïnterviewden De volgende personen zijn tijdens het interview ééns of meermaals geïnterviewd. Onderstaande tabel geeft de functie weer ten tijde van het interview.

Bestuurders Functie Burgemeester Wethouder Sociaal Domein

Organisaties Functie Teamchef Politie BT Gouda Gebiedsregisseur Veiligheid en Wijken Hoofd Veiligheid en Wijken Operationeel Specialist, Politie Gemeentesecretaris Coördinator Veiligheid en Wijken Beleidsmedewerker Maatschappelijk Beleid Procesregisseur Zorg- en Veiligheidshuis Hollands Midden Coördinator Veiligheid en Wijken Jurist Manager Zorg- en Veiligheidshuis Hollands Midden Stadsmarinier Afdelingshoofd Opgroeien & Start Arbeidsmarkt Hoofd RIEC Jeugdregisseur Opgroeien & Start Arbeidsmarkt Preventiewerker Jeugd Preventie Team Programmamanager Ondermijning Voorzitter Samenwerkende Binnenstadondernemers Gouda Jongerenwerk Procesregisseur Veiligheid Gebiedsofficier, Openbaar Ministerie Hoofd Stadstoezicht Accountmanager Gouda RIEC Beleidsmedewerker HIC Sr. Adviseur Veiligheid en Crisisbeheersing Afdelingshoofd Ruimtelijk beleid en advies

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=23e42201-3ffe-4ac7-ad11-26d0bd21b4c1