CConstaterende datGorinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

211104 Concept Verslag Raadsvergadering.docx

Raadsvergadering 27 januari 2022, gemeente GorinchemBij agendapunt: HAMERSTUK Vaststellen notulen voorgaande raadsvergadering en parallelsessies53.783 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 6

Moet ik dan denken aan een pand, gaat het dan daarom en willen we dat? Een andere vraag die ik hierbij heb is of het COC de preferred partner is van de gemeente Gorinchem, of dat er, als deze extra subsidie wordt toegekend, en in 2022 vast ook nog een subsidie, ook nog ruimte is voor andere belangenbehartigers van de LHBTIQ+gemeenschapDe voorzitter: Ik wil nu even ingrijpen, want er worden nu allerlei vragen gesteld die uitvoeringstechnisch van aard zijnMevrouw Molengraaf-Vullers: Nee-

K - 54

De voorzitter: Ja. U als raad bepaalt de doelen, de ‘wat-vragen’, en het college doet vervolgens de toetsing. Het is bij subsidieverlening nooit zo van: u vraagt, wij draaien. Als er 5.500 euro wordt aangevraagd, of meer, en het college wijst minder toe, vindt altijd toetsing plaats op basis van de doelen die u als raad stelt. Dat is het proces en daar is het college dan verantwoordelijk voor. Het lijkt me niet goed dat we op dit moment, in een begrotingsraad, die hele toetsing gaan doorlopen. De wethouder heeft aangegeven dat een nieuwe aanvrage kan worden ingediend, waarna een toetsing plaatsvindt op de doelen die gesteld zijn door de gemeenteraad, op basis daarvan wordt uiteindelijk een besluit genomen en ik kan me voorstellen dat het college de raad daarover informeert. Mevrouw Molengraaf-Vullers: Ik begrijp wat u zegt, ik denk alleen dat het niet klopt. Mijn vraag gaat over het volgende. Er is een toetsing geweest, daarop heeft het college 5.500 euro toegekend en dat gaan we nu vanuit de raad repareren, omdat ze het daarmee niet redden. Dat vind ik gek, als u begrijpt wat ik bedoel. Ergens is er dan iets fout gegaan: of de toetsing is goed geweest, maar ja ze komen er niet uit, dus dan gaan we toch maar repareren, of de toetsing is zodanig geweest dat het COC er van het begin af aan al niet mee uit kon komen. Daar vind ik iets geks in zitten, maar goed.

Mijn tweede vraag ging overigens ergens anders over, maar ik ga ervan uit dat de wethouder daarop nog zal antwoorden. De voorzitter: Wethouder Kraaijeveld. Wethouder Kraaijeveld: Op het laatste punt: we hebben gewoon een algemene, openstaande subsidieregeling. Als mensen op bepaalde gemeentelijke doelen of instellingen initiatieven ontplooien, kunnen ze daarvoor bij ons aankloppen, ook op het gebied van LHBTI. Zo werkt het volgens mij op heel veel vlakken. De laatste motie gaat over tiny gardens. Wij vinden het op zichzelf positief om inwoners te stimuleren meer met groen te doen. We zouden echter willen voorstellen om dit als gedachte mee te nemen richting de bespreking van volgende week, als we het hebben over de regionale adaptatiestrategie en de vertaling die wij in Gorinchem maken naar de lokale adaptatiestrategie, en hoe je deze gedachte zou kunnen verbinden in de strategie die we daar zouden willen vormgeven. De heer Van Breemen: Het voorstel van de wethouder kan ik op zichzelf wel volgen, maar het hele idee, zal ik maar zeggen, staat al gewoon op de website van de gemeente Gorinchem: dat je een geveltuintje kunt aanleggen, enz. In de motie wordt eigenlijk gevraagd om een subsidie van 50 euro per tuintje, maar ik hoop toch dat de wethouder ook weet dat het gewoon op de site staat en dat het echt al, ik denk tien jaar, staand beleid van deze gemeente is.

Wethouder Kraaijeveld: Dat klopt, we hebben ook het NK Tegelwippen, en we zijn op allerlei fronten hiermee bezig. Het punt zit natuurlijk ook in de vertaling die in deze motie is gemaakt, om die zo concreet te gaan doen. Het voorstel van het college is om deze gedachte mee te nemen naar hoe we de lokale adaptatiestrategie zouden kunnen versterken met deze gedachte in het achterhoofd en wat we daarop inmiddels al doen. Dat was het, voorzitter.

L - 55

De heer Bahlmann: Dus de wethouder geeft aan dat hij het meeneemt in het hele proces van de aankomende sessies, dan houden wij de motie gewoon aan en wachten we een en ander af. De voorzitter: Dank u wel. Het woord is aan wethouder Vaan der Geest. Wethouder Van der Geest

Wethouder Van der Geest: Dank u wel, voorzitter, en dank ook voor alle inbreng van de fracties. Mijn antwoord heb ik in een aantal blokjes onderverdeeld en aan het einde behandel ik de moties. Ik begin met mobiliteit. Velen hebben gerefereerd aan de mobiliteitsvisie, aan de uitvoeringsagenda, de visie die we unaniem in 2020 in deze zaal hebben vastgesteld en de maatregelen die we in september 2020 in overgrote meerderheid hebben aangenomen. Dat is eigenlijk nog maar een jaar geleden. In deze raadsperiode hebben we samen zaken in gang gezet en die zullen uiteraard doorlopen tot de volgende raadsperiode, en uiteindelijk de visie tot en met 2040. Dat is niet zo gek, want infraprojecten duren nu eenmaal lang, zeker in een bestaande stad. Ik vind ook dat u eigenlijk uzelf tekort doet als u zegt dat er maar weinig is gebeurd. Wij hebben in deze periode juist ontzettend veel in gang gezet, mede door het geld dat we de afgelopen periode, en de periode daarvoor, hebben kunnen sparen met de grexen. Een aantal van u heeft wat aandachtspunten meegegeven rond verkeersveiligheid. Daar hebben wij ook aandacht voor, soms door herinrichting of onderhoud, vanuit mobiliteit en via gedragscampagnes die we samen doen in de AV – eigenlijk alleen in de Alblasserwaard, want Vijfheerenlanden zit in een andere subsidieregio, maar we hebben wel samenwerking met de Drechtsteden gevonden inmiddels.

In uiterste nood moeten we handhaven. Waar we dat met simpele ingrepen kunnen doen, moeten we dat niet nalaten binnen het beperkte budget dat we daarvoor hebben. De heer Bahlmann vroeg naar de verkeerstelling op de Haarsekaden. Die is inderdaad recent uitgevoerd, het wachten is nog op de rapportage en de analyse, maar overigens staat dat los van de herinrichting ervan. De heer Oostrum vroeg naar het gebruik van de lift bij de stationstunnel, de stationstunnel die er nu eindelijk echt bijna is, maar de lift inderdaad nu nog niet. Die komt wel in december, als het goed is. Hij is bijtijds besteld, maar door leveringsproblemen is het wat vertraagd en daardoor zijn de werkzaamheden nu helaas ook nog bezig. Maar we zijn er bijna! Mevrouw Molengraaf en de heer Van Breemen vroegen naar de bewaakte fietsenstalling. Eerder dit jaar hebben we een I&O gehad over het onderzoek dat we gedaan hebben naar de bewaakte fietsenstalling en toen hebben we ook besloten dat voorstel niet door te zetten, mede gelet op de coronasituatie en de eventuele verhoging van de parkeergelden die erbij zat. Omdat we op de Kruisstraat een tijdelijk huurcontract hadden, hebben we daar helaas het pand moeten verlaten, want de eigenaar heeft een nieuwe huurder gevonden.

Gelet op de kosten die de huur van een pand met zich brengt, gaan we niet opnieuw een pand betrekken, maar werken we aan de permanente oplossing zoals we in het parkeerprogramma hebben besloten. De suggestie van de heer Onvlee voor een fietsenstalling in Kweeklust kunnen we daarin meenemen, maar primair is de focus daarbij op het autoparkeren.

K - 56

Mevrouw Molengraaf-Vullers: Ik hoor nu iets heel geks bij de wethouder, namelijk dat de focus ligt op het autoparkeren. Ik snap dat Kweeklust een parkeerplaats is voor auto’s, maar ik vond juist de suggestie van de heer Onvlee zo verfrissend. Is het niet ook een speerpunt van dit college om het fietsparkeren meer plek te geven? Ik zou haast zeggen: combineer dat nou echt. Wethouder Van der Geest: Dat gaan we inderdaad bekijken, maar de opdracht die u als raad heeft gegeven voor de uitbreiding van Kweeklust slaat primair op het autoparkeren, dus dit is een nieuwe suggestie die we daarin kunnen meenemen. Glasvezel is eigenlijk een soort terugkerend onderwerp bij de behandeling van een begroting of perspectiefnota. Ik had eigenlijk gehoopt dat we u hierover net voor deze vergadering nader zouden kunnen informeren, maar dat is helaas niet gelukt. Wel hoop ik u binnenkort positief nieuws te kunnen melden. Als alles loopt zoals het moet lopen met de partij, zullen we u in december informeren over de manier waarop we Gorinchem kunnen gaan verglazen. De heer Van Santen vroeg naar de bomen. Vorig jaar hebben we u een RIB gestuurd over de gerooide en herplante bomen en ik zeg u graag toe dat we dat opnieuw zullen doen. Dat is wat handiger dan het nu te doen. In het verlengde hiervan informeerde mevrouw Molengraaf naar de samenwerking met de stichting Gorcum Natuurlijk Groen.

Deze stichting is een serieuze en betrokken gesprekspartner, met wie we onder andere ook de rooilijsten bespreken. Het zijn heel bevlogen vrijwilligers, met wie we graag samenwerken. De heer Onvlee had in het kader van sport een vraag over de vrijwilligerscampagne. In oktober hebben we een vrijwilligerscampagne gehad, over dat vrijwilligers goud waard zijn, maar ook en vooral om meer vrijwilligers te werven, want uit de Kracht van SportExtra, de lokale verdieping van het Sportakkoord, zoals we die tussendoor hebben gehad, was de vraag: wij staan te springen om vrijwilligers, en na corona is die vraag eigenlijk alleen maar urgenter geworden. Over de resultaten kunnen we nog geen uitspraak doen, maar het was in ieder geval een mooie campagne die we in heel veel abri’s in Gorinchem hebben gezien. De heer Van Santen vroeg ook om een verduidelijking ten aanzien van het overnemen van grafrechten; de heer Van Mourik vroeg er trouwens ook naar. Formeel is het al mogelijk. Ik heb de brief ook gezien, naar aanleiding ook van een recent artikel in het AD, en zowel op de site als in een brief aan de rechthebbenden kunnen we dat nog verduidelijken. Ik wil graag toezeggen dat we dat oppakken. En dan economie en de vestingstad. Het is heel vaak gezegd vandaag, en dus moet het wel waar zijn, dat Gorinchem de allermooiste vestingstad is. Stiekem wisten we dat natuurlijk ook al.

Heel Gorinchem was er blij mee, bewoners en ondernemers, en zelfs wij als politici. Maar Gorcumers blijven wel Gorcumers en al heel snel werd er dan ook op gewezen wat er allemaal schortte aan die vestingstad, ondanks die prijs, en wat nog beter kan. Ook mevrouw Van Maaren deed er vandaag wat suggesties voor. Bij de behandeling van een van de moties kom ik erop terug. Bij de verkiezing heeft de Stichting Citymarketing een belangrijke rol gespeeld. Ze hebben een flinke campagne gedraaid in onze stad en daarbuiten om stemmen te werven en die prijs binnen te halen. Ik durf wel te stellen dat wij het zonder hen niet gehaald hadden. Het heeft geleid tot een verdubbeling

L - 57

van de bezoekersaantallen, die zeker zeer welkom waren bij alle ondernemers in onze binnenstad net na corona. Ik ga meteen door naar de moties. Democraten Gorinchem en D66 hebben een motie over de allermooiste vestingstad ingediend. Als ik die motie zo mag lezen, dat we aan Citymarketing kunnen vragen wat zij nodig heeft om deze gouden kans te verzilveren, welke randvoorwaarden ze daarbij nodig heeft, primair binnen de herschikking en herprioritering van de middelen – die afspraak hebben we altijd staan –, en dat u de deur op een kier zet als ze daarbij extra middelen nodig heeft, die, naar ik verwacht, beschaafde bedragen zullen zijn, maar mocht u daarvoor een bandbreedte kunnen aangeven, dan kunnen wij positief oordelen. Dan de Gorcumse Poorten van Stadsbelang en Gorcum Actief. In augustus stelde mevrouw Hamann ook nog schriftelijke vragen, mede naar aanleiding van de UNESCOen ANWB-verkiezing, om die kansen te benutten, en daarop hebben wij geantwoord dat wij die kansen zien in bijvoorbeeld de openbare ruimte, het aanpakken van de fysieke omgeving, en dat wij werken aan een collegevoorstel, samen met partijen in en rond de vesting. Dus deze punten kunnen we daarbij meenemen. In die zin kunnen wij de motie positief beoordelen.

Mevrouw Van Maaren: Zijn die toegangspoorten niet al gedeeltelijk in het vestingplan verwerkt? Wethouder Van der Geest: Mij wordt gesouffleerd dat dat niet het geval is. Mevrouw Van Maaren: Er staat in ieder geval iets over poorten in. Ik kan het niet letterlijk herhalen, want ik heb het een tijd niet gelezen, maar ik wil graag even laten checken dat het niet dubbel is. Wethouder Van der Geest: Dat gaan we doen; goed dat u mij daaraan herinnert. De suggesties die u op een aantal vlakken deed zullen wij meenemen in het voorstel, om te kijken of we die kunnen verbeteren in en rond onze vesting. De heer Bahlmann: Ik wil nog een suggestie doen met betrekking tot de motie die wij hebben ingediend, want wij zouden hem breder willen trekken. Hoe mooi zou het niet zijn om de stad binnen te kunnen rijden door ruïneachtige stadsmuren, opgebouwd uit recyclede bakstenen, voorzien van vegetatie en ruimte voor insecten? Dit past ons inziens uitstekend binnen de thema’s klimaatadaptatie, circulariteit en biodiversiteit. De heer Van Breemen: ‘Ruïneachtig’ en ‘mooiste vestingstad’ lijken mij niet echt twee dingen die matchen! De voorzitter: De wethouder neemt het mee! Wethouder Van der Geest: Ik ga proberen mijn best te doen, voorzitter.

Mevrouw Van Maaren: Mag ik de wethouder een tip geven? Omdat wij nu onder het UNESCO Werelderfgoed vallen, kunnen wij niet zomaar alles toelaten bij het vestinggebeuren. Dus laat het goed uitzoeken voordat u iets gaat toezeggen en we ons mogelijk in de nesten werken.

K - 58

De heer Bahlmann: Het gaat om de toegang van de stad, en niet om de vesting. Dus als je uit de kant van de Banneweg komt, dat je dan via een ruïneachtige iets richting de vesting gaat zoals die nu opgebouwd is. De voorzitter: Het college heeft de suggestie gehoord. Dank u wel. Wethouder Van der Geest: Genoeg tips en tricks, voorzitter. De VVD heeft een motie ingediend over fietsbereikbaarheid voor iedereen en eigenlijk ook over toegankelijkheid in de openbare ruimte. Wij houden in ons huidige beleid ten aanzien van de inrichting van de openbare ruimte rekening met de inclusieve inrichting van die openbare ruimte. We sluiten daarmee ook aan bij het VN-verdrag over de rechten van personen met een beperking, tevens vastgelegd in het integraal sociaal beleid. Bij de behandeling van de mobiliteitsvisie heeft de raad ook aandacht gevraagd voor die toegankelijkheid en ook voor verkeersmaatregelen die we nemen. Het Gehandicaptenplatform is bij heel veel projecten een belangrijke gesprekspartner voor ons en dat geldt overigens ook bij mobiliteiten rond de Fietsersbond. Het is dus eigenlijk staand beleid. De motie is daarmee, hoe sympathiek ook, overbodig.

De heer Van Santen: Mooi dat de wethouder zegt dat al die punten worden meegenomen, maar zijn al die aanbevelingen uit het rapport, dat pas in oktober is verschenen, dan daadwerkelijk daarin opgenomen? Daar roept deze motie eigenlijk toe op, dus eigenlijk zegt u dat u de motie best wilt uitvoeren met de recente aanbevelingen, die tot voor kort nog niet zo recent waren en daar nog niet in waren getoetst. Wethouder Van der Geest: Voorzitter. Wij houden rekening met die inclusieve openbare ruimte binnen de beperkingen die een bestaande stad soms met zich meebrengt. Daarmee is uw motie de facto overbodig, los nog van het rapport dat u aanhaalt van de Fietsersbond. Mevrouw Molengraaf-Vullers: Voorzitter. Nu moet me toch echt iets van het hart. Ik hoor hoe wethouders zich in allerlei bochten wringen om moties van coalitiepartijen aan te bevelen, hoe overbodig ze ook zijn en hoe staand beleid het ook is, en nu komt er een motie van de oppositie die door de wethouder meteen overbodig wordt genoemd omdat datgene wat erin staat al wordt gedaan. Ik vind dat echt jammer. Wethouder Van der Geest: Ik wilde precies naar de motie van ChristenUnie/SGP gaan over de inventarisatie van kapitaalgoederen. Onze kapitaalgoederen en ons areaal kennen allemaal meerjarenonderhoudsplanning, ook voor civiele werken als de Lange Brug.

Die meerjarenonderhoudsplanning moet actueel worden gehouden en vragen dus ook om uitvoeringsplannen. Het komend jaar willen we voor het eerst een integraal uitvoeringsplan opstellen. Het eerste deel van de motie, de inventarisatie van kapitale vervangingsinvesteringen duurder dan 1 miljoen euro, willen we graag doen, maar u vraagt wel om het 20 jaar door te trekken en dat is wat lastig. Als u genoegen zou nemen met tien jaar, kunnen we het doen. Dus met die lezing kunnen wij positief adviseren over de motie. De heer Barth: Ik zat bij het schrijven van de motie zelf ook te dubben over 10 of 20 jaar. Ik wilde de termijn gelijk trekken met het investeringsplafond, dat we ook op 20 jaar L - 59

hebben getrokken. Maar 10 jaar is prima wat mij betreft, want je moet ook niet te ver vooruit willen kijken. Ik wil overigens nog wel een correctie op uw inbreng aanbrengen. Ik heb nagevraagd of in de meerjarenonderhoudsplanning de vervanging van de Lange Brug, die volgens mij over negen of tien jaar aan de beurt is, is opgenomen en die zit daar niet in. En een brug doe je niet met een paar miljoen. Vandaar eigenlijk deze motie. Wethouder Van der Geest: Volgens mij is die inventarisatie heel nuttig, voorzitter, dus met die lezing kunnen we positief adviseren over de motie. De heer Barth: Dank voor uw warme aanbeveling! Wethouder Van der Geest: Dank voor uw motie! Dan de motie ‘Bevordering zwemvaardigheid’ van de SP. In april heeft de fractie van ChristenUnie-SGP via schriftelijke vragen hiervoor aandacht gevraagd. In Gorinchem hebben we de doelstelling dat geen kind de basisschool verlaat zonder zwemdiploma. Deze vangnetconstructie, zoals we dat noemen, wordt uitgevoerd in samenwerking met de basisscholen, het Caribabad en de Stichting Leergeld en tot nu toe wordt dat doel elk jaar behaald, en ook elk jaar gemonitord. We doen dat in september in groep 7, zodat we ook nog tijd hebben, als dat niet het geval is, om kinderen alsnog naar het zwemdiploma te leiden. Maar de motie vraagt ook iets te doen voor volwassenen.

Ons lijkt een onderzoek niet zo opportuun, maar ik zou wel graag een gesprek willen voeren met een aantal partijen van de doelgroepen die mevrouw Dansen in haar motie noemt, zoals Vluchtelingenwerk en GGD, maar ook het Caribabad, om te kijken wat voor activiteiten we daarin kunnen ontplooien, als die nodig zijn, en wat voor signalen ze daarvoor hebben. Het is dus geen onderzoek, maar wel het uitzetten van de voelsprieten bij een aantal partijen, om te kijken of het nut heeft. Mevrouw Dansen: We horen dan graag waar u op uitkomt. Wethouder Van der Geest: Uiteraard. Tot slot de motie van GroenLinks en D66, ‘Beperk overlast rook houtkachels’. De indieners geven duidelijk aan dat het niet over verbieden gaat, maar om goede communicatie en voorlichting. De eerste oproep zouden we dan ook graag oppakken, de twee andere punten willen we echter ontraden, omdat die lastig of onmogelijk uitvoerbaar zijn. De heer Van Breemen: Kan de wethouder mij uitleggen waarom het moeilijk uitvoerbaar is om iets in de omgevingsvisie op te nemen? Wethouder Van der Geest: Dan moet ik stiekem met een schuin oog naar mijn collega ‘omgevingsvisie’ kijken, maar volgens mij is het omdat het vooral te gedetailleerd is en er nog geen landelijke basis is voor die regels. Misschien spreek ik voor mijn beurt, maar dan kan mijn collega er in tweede termijn op terugkomen.

De heer Van Breemen: Dat krijg je als in al die portefeuilles gaat zitten shuffelen, maar toch even: de omgevingsvisie is juist het lokale instrument om regels te maken en wij zijn echt niet de enige gemeente die het in de omgevingsvisie wil opnemen. Dus ik snap gewoon niet waarom het volgens u moeilijk te doen zou zijn. Hetzelfde geldt voor het K - 60

afhandelen van meldingen. Ik heb ook iets gezegd over klanttevredenheid, ik weet niet wie van u daar tegenwoordig verantwoordelijk voor is, maar dat hoort daar volgens mij bij. Dus serieus meldingen afhandelen: ik kan me niet voorstellen dat het college zegt “nee, dat kunnen we helaas niet uitvoeren”. Dus ik zou straks nog even met alle portefeuillehouders op dit dossier bij elkaar gaan zitten en hierover opnieuw gaan nadenken. De voorzitter: Wellicht nog een onderwerp voor enig overleg tijdens de schorsing. De heer Van Santen: Mevrouw de voorzitter. Ik heb nog één vraag aan de wethouder. Bij de behandeling van de mobiliteitsvisie hebben we een motie vastgesteld met betrekking tot de rondweg-noord. Het grootste deel van de raad was het daarmee eens. Nu staat hij niet bij de prioriteiten van deze begroting en we zitten straks ook nog met een investeringsplafond. Dus als we het nu niet doen, gaan we het niet redden. Wat is nou de visie van de wethouder hierop? Wanneer gaan we die rondweg-noord nou realiseren en waarom staat die niet bij de prioriteiten? Wethouder Van der Geest: Het onderzoek zouden we doen, hebben we toen gezegd, in samenhang met station Gorinchem-Noord, wat daar zou zijn, en het verleggen van de Haarweg.

Zoals u weet, hebben we een nieuwe plek moeten zoeken voor het station Gorinchem-Noord, dus we moeten ook even kijken hoe we dan omgaan met die Haarweg en dus ook route-noord. Maar dat onderzoek gaat nog lopen, of loopt inmiddels al. De heer Van Santen: Ik wil niet vervelend zijn, maar die rondweg-noord is natuurlijk niet alleen station-noord. Het is veel meer dan dat, het gaat over de complete infrastructuur van oost naar west, het gaat over auto’s, fietsen, noem-maar-op. Als u al zegt dat u het fietsplan eruit gaat nemen, dan hoop ik wel dat u ook met dat soort dingen rekening gaat houden. Maar eigenlijk zegt u nu dat we dat niet doen: we gaan niet met de rondweg-noord aan de slag. Dat is voor onze fractie een heel belangrijk punt. Wethouder Van der Geest: Het onderzoek heeft u volgens mij raadsbreed aangenomen, dus dat pakken we ook op. Maar wat ik zei: het station was inderdaad inclusief het omleggen van de Haarweg. Daarover zijn we in gesprek, dus de motie die onderdeel heeft uitgemaakt van die rondweg heeft ook wat vertraging opgelopen. Maar u heeft een raadsvoorstel aangenomen, dat was toen heel duidelijk en staat nog steeds overeind. De voorzitter: Dank u wel. Dan zal ik nu een aantal vragen beantwoorden en ik verzoek de vicevoorzitter mij te vervangen. (Het voorzitterschap wordt overgedragen aan de heer Van Breemen). De voorzitter: Het woord is aan de burgemeester.

Burgemeester

De burgemeester: Leden van de raad. Een groot aantal van u heeft positieve opmerkingen gemaakt ten aanzien van de veiligheid in de stad, waarvoor dank. Veiligheid doe je natuurlijk niet alleen als burgemeester. Ik ben heel blij dat er de afgelopen jaren een heel mooi team is gevormd, het Team Toezicht en Handhaving, en dan kun je ook resultaten boeken. De samenwerking met de politie, met het OM en met het RIEC is L - 61

gewoon heel goed en dan kun je ook echt een deuk in een pakje boter slaan, om het maar eens even zo te zeggen; dan kun je het verschil maken. Natuurlijk zijn er altijd dingen die beter kunnen en ik kom zo meteen op een paar facetten terug. Allereerst is een vraag gesteld met betrekking tot de kermis: waarom is de kermis niet op zondag geopend? De kermis is al jarenlang niet op zondag geopend en dat heeft ermee te maken dat besturen is: belangen afwegen. De kermis staat hier negen dagen in de binnenstad, waar heel veel mensen wonen en in toenemende mate mensen wonen. Negen dagen onafgebroken ’s middags en ’s avonds een behoorlijke hoeveelheid lawaai leidt ook weer tot opmerkingen en soms klachten vanuit de bevolking. De afgelopen dagen heb ik ook een aantal keren reacties gehad vanuit de bevolking, daarop heb ik de Milieudienst metingen laten verrichten en het geluidsniveau is nu ook wat anders ingesteld. Ook de bassen waarvoor de heer Van Santen regelmatig aandacht vraagt zijn nu wat aangepast en dan zie je wel: het is een precair evenwicht. Als je negen dagen lang kermis hebt, is het ook goed om mensen die door de week werken één dag rust te gunnen.

Het is wel mogelijk om daarvoor vanaf 1 uur ontheffing te verlenen, dat kan ik als burgemeester doen, maar daar heb ik niet voor gekozen, want het gaat al jaren zo in die belangenafweging en anders krijg je ook weer de belangen van de omwonenden die dan met de nodige opmerkingen richting mijn kant komen. Daarom is de kermis op zondag niet open. Ten aanzien van de toegankelijkheid van de verkiezingslocaties: het is natuurlijk heel belangrijk dat die goed toegankelijk zijn. Ik denk dat de aandacht die nu wordt gevraagd voor die toegankelijkheid te maken heeft met het feit dat we in coronatijd een paar nieuwe locaties hebben geopend. Op een aantal onderdelen is het daarmee niet helemaal goed gegaan en daar hebben we nu nauwgezet aandacht voor. De handreiking van de VNG zullen we daarbij zeker gebruiken en wat we ook altijd doen, en dat gaan we dus nu ook weer doen, is het betrekken van het Gehandicaptenplatform daarbij, want zij zijn de ervaringsdeskundigen en wij hopen dat het nu gewoon goed zal gaan bij de komende verkiezingen. Ten aanzien van het corona-gedenkteken: zoals toegezegd door mij in deze raad, heb ik een oproep gedaan op verschillende manieren, ik heb er ook een column over geschreven, en uit mijn hoofd gezegd zijn er ongeveer tien reacties binnengekomen en daar zitten zowel positieve als negatieve reacties tussen.

Vorige week heb ik mijn secretaresse gevraagd om een afspraak te maken met een groepje mensen, om die reacties door te nemen en te kijken wat we daarmee gaan doen. Dan is de vraag gesteld of er voldoende agenten zijn. U kent de norm voor wijkagenten. Wij hebben best wel een behoorlijke periode vacatures gehad bij de wijkagenten en ik kreeg deze week van de teamchef van de politie het verheugende bericht dat de laatste twee vacatures zijn ingevuld. Per 1 januari 2022 zijn we weer volledig op sterkte. Het CDA heeft regelmatig aandacht gevraagd voor wijkgericht werken met de boa’s. Dat hebben we ingevoerd en de eerste resultaten zijn heel positief. We hebben themaoverstijgende zaken waar verschillende boa’s op kunnen acteren, maar per wijk hebben we een vast aanspreekpunt en dat werkt heel erg goed. Je ziet het ook doorwerken in de wijkgerichte aanpak, want in wijken wordt natuurlijk naar meer facetten gekeken dan alleen veiligheid en we merken dat veiligheid nu echt een belangrijk onderdeel is.

K - 62

Veiligheidsmensen zijn een belangrijke partner in die wijken om samen te werken, zodat je informatie-uitwisseling krijgt en tijdig op zaken kunt acteren. Ten aanzien van cameratoezicht zijn er op dit moment geen signalen dat op specifieke locaties ook mobiel cameratoezicht zou moeten plaatsvinden, maar u weet van mij dat ik positief sta ten opzichte van cameratoezicht en als het nodig en mogelijk is – nogmaals: ik heb al eerder aangegeven, en ook nu, dat het wel aan bepaalde regels moet voldoen – passen we het gewoon toe in de stad, want het is een belangrijk instrument in de gereedschapskist om op sommige plekken veilige situaties te creëren. Dan de motie van de SP, ‘Gedoog thuiskweek medicinale cannabis’. Het college ontraadt deze motie. Voordat ik op de inhoud inga, wil ik even gezegd hebben dat de heer Oostrum zich enkele maanden geleden tot mij gewend heeft om over deze materie te spreken, ook de heer Van Willigen van Democraten Gorinchem heeft zich gemeld, en op basis daarvan ben ik aan de slag gegaan. Ik heb er met de politie over gesproken en de politie heeft mij recent een negatief advies daarop gegeven. Het staat ook als onderwerp in de lokale driehoeksagenda geagendeerd. Waarom ontraad ik deze motie? Er zijn een aantal facetten die een rol spelen.

Ik wil ingaan op de strafrechtelijke kant, ik wil ingaan op de bestuursrechtelijke kant en daarnaast op een aantal facetten die ook een rol spelen. Het thuis telen van cannabis is gewoon verboden op basis van de Opiumwet, ongeacht de aanleiding daarvoor. Dat geldt dus ook voor het telen van vijf planten of minder. Soms zeggen mensen wel eens tegen me: ja, maar burgemeester ik mag maximaal vijf planten telen. Dan zeg ik: nee, het is gewoon verboden. Ook als de politie een, twee of drie planten aantreft in een woning, worden ze meegenomen, want het is gewoon verboden. Dus ook een kleine hoeveelheid mag niet. Tegelijkertijd is het ook weer niet zo dat we heel actief op zoek gaan naar die kleine hoeveelheid, maar als de politie ze toevallig aantreft bij een huiszoeking, dan neemt ze die natuurlijk wel mee. Het is dan aan de officier van justitie – zo gaat het altijd in dit land – om te beoordelen of een strafrechtelijke vervolging wordt ingesteld. Er is trouwens een mogelijkheid om van dat verbod af te wijken. Dat kan de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport doen op basis van artikel 8 van de Opiumwet. Ik ben daar dus als burgemeester, als het gaat over de strafrechtelijke kant, niet toe bevoegd. De bestuursrechtelijke kantDe voorzitter: Er is een interruptie van de heer Van Willigen. De heer Van Willigen: We hebben hier te maken met een hele gekke situatie.

U geeft aan dat het verboden is, maar er wordt niet gestraft als de eigenaar van drie, vier of vijf plantjes daarvan vrijwillig afstand doet. Het is prachtig dat het verboden wordt, maar het is niet strafbaar. Dit is de grote spagaat waar we in zitten en waar u als burgemeester zeker wel op kunt acteren. Verboden, maar niet strafbaar, hoe kan dat dan? De burgemeester: Het is verboden en het is strafbaar, dat is wat ik zeg. De politie neemt het in beslag, maar het is aan de officier van justitie of al dan niet tot strafrechtelijke vervolging wordt overgegaan en die kan tot sepot besluiten. De heer Van Willigen: Ik ben hier al erg lang mee bezig en ik kan u vertellen dat er nergens gestraft is op het moment dat de eigenaar van vijf planten vrijwillig afstand doet L - 63

van de planten. Dat is de Nederlandse lijn die overal gehanteerd wordt en waar ook de gebruikers helemaal knettergek van worden. U zegt nu dat u de motie op advies van de politie ontraadt, maar de politie is op deze manier zelf ook op een drijvend schip aan de gang, dat eigenlijk bijna zinkende is. Ik snap er helemaal niks van. Het is verboden, maar als de politie invalt is het niet strafbaar op het moment dat je zegt “neem maar mee”, en dan krijgen we opnieuw dezelfde situatie: dan gaan mensen weer kweken. De burgemeester: Het is verboden. Ik heb u aangegeven dat alleen de minister van VWS de mogelijkheid heeft om tot ontheffing te besluiten. Het is dan blijkbaar beleid van het OM om tot sepot over te gaan, maar het is gewoon verboden. De burgemeester: Ik zag eerst mevrouw Dansen en daarna de heer Tekir voor een interruptie. De burgemeester: Is het goed dat ik eerst even mijn verhaal afmaak? Dan hebben we het plaatje compleet. Mevrouw Dansen: Ik zou liever eerst nog een vraag stellen aan u, want het valt me op dat u het op geen enkele manier heeft over de mogelijkheden die de gemeente Tilburg heeft gevonden om er wel wat mee te doen. U gaat er gewoon van uit dat het niet mag, en dat kan, maar het lijkt mij een vrij rigide standpunt, vooral omdat we met z’n allen in Nederland wel een harddrug kunnen gebruiken die we zo in de winkel kunnen kopen.

Maar er is een gemeente, Tilburg, die daar een oplossing voor gevonden heeft en ik hoor u niet zeggen dat u daarnaar wilt kijken en wilt overwegen om hier misschien hetzelfde te doen. De burgemeester: Dat komt omdat ik daar nog niet aan toe was. De voorzitter: Ik stel voor dat de burgemeester verder gaat met de beantwoording en dat we haar even dat punt laten afmaken. De burgemeester: Dank u wel. Naast de strafrechtelijke kant hebben we natuurlijk ook nog de bestuursrechtelijke kant. Die betreft artikel 13b van de Opiumwet. Als er planten worden aangetroffen kan ik – daar is beleid voor vastgesteld –, afhankelijk van de hoeveelheid, een woning een aantal maanden, drie maanden/negen maanden/twaalf maanden, sluiten. Daar heb ik een discretionaire bevoegdheid in, in die zin dat ik afhankelijk van de situatie die ik aantref al dan niet tot beleidstoepassing kan overgaan. Dan ten aanzien van het kweken van medicinale cannabis. Als een land besluit cannabis voor medicinale doeleinden toe te laten, moet dat volgens het Enkelvoudig Verdrag inzake verdovende middelen van 1961 gebeuren door een nationaal bureau. Dat moet de oogsten opkopen en heeft het alleenrecht op de verkoop daarvan, dat via apotheken gaat. Dat telen gebeurt onder zeer strikte condities, zodat het product voldoet aan de eisen en geschikt is voor patiënten met een lage weerstand.

Het is dus een hele gecontroleerde teelt en de producten die verkocht worden bij de apotheek voldoen aan de hoogste kwaliteitseisen. Zo’n gereguleerde teelt kan natuurlijk nooit gecreëerd worden in een thuissituatie.

K - 64

Dan Tilburg. Ja, sinds 2016 is de werkwijze in Tilburg dat men daar kan telen. Men moet dan wel een pasje hebben en onder bepaalde voorwaarden kan de burgemeester dan afzien van bestuursrechtelijke maatregelen. Ik wil er alleen wel even op wijzen dat de gemeente Tilburg dit al sinds 2016 doet en dat in al die jaren nog geen enkele andere gemeente dit beleid heeft gevolgd, met name omdat: 1. de mogelijkheid al bestaat om medicinale cannabis via de apotheek te kopen; 2. het strafrechtelijk verboden is; 3. ook bestuursrechtelijk daartegen in principe gewoon opgetreden zou moeten worden. In deze casus, die mij al eerder heeft bereikt, ook via de heer Oostrum, geldt ten slotte nog een andere argumentatie, namelijk dat een individu er financieel belang bij heeft om zelf te telen, omdat het via de apotheek te duur zou zijn. Dan moeten we wel een afweging maken van het individuele financiële belang versus het algemeen belang, want als je planten wilt telen, moeten lampen ingeschakeld worden, met het risico van brand, wateroverlast, kortsluiting, enz. Als je dan weet dat er gewoon een legale manier is, via de apotheek, om gecontroleerde cannabis te kopen, dan ziet college er niet de noodzaak van in om in deze motie mee te gaan. De voorzitter: Dank u wel.

Ik had gezegd dat ik u even uw verhaal zou laten afmaken, maar u bent wel erg gedetailleerd op een en ander ingegaan, terwijl u eerder had gezegd dat het college op hoofdlijnen zou reageren. Ik zag dat de heer Van Willigen en mevrouw Dansen nog een interruptie willen plaatsen, en misschien willen anderen dat ook nog. Eerst de heer Van Willigen, dan mevrouw Dansen. De heer Van Willigen: Dank u wel, voorzitter. De burgemeester kwalificeerde het belang dat de mensen hierbij zouden hebben als een financieel belang, maar in mijn gesprekken met de betrokken mensen is een heel ander belang aangevoerd, namelijk kwaliteit. Het blijkt namelijk dat datgene wat bij een apotheek verkocht wordt niet altijd goed inspeelt op de klachten van degene die de medicinale cannabis wil kweken. Het kweken van cannabis is een vaardigheid waarbij de mensen echt op hun eigen ziektebeeld de cannabis gaan kweken. Degenen die mij hierop aanspreken noemen het financiële belang een bijkomend voordeel, maar willen vooral hun cannabis zelf kweken omdat ze dan weten wat ze kweken en dat ze daar baat bij hebben. Dus asjeblieft niet het financiële belang benoemen. Mevrouw Dansen: Ik ben het in grote lijnen eens met de heer Van Willigen. Het gaat inderdaad vaak ook om kwaliteit. Ik ben opgegroeid in Rotterdam in andere tijden en ik weet dat het helemaal niet zo moeilijk is.

Het is gewoon onzin om te zeggen dat het moeilijk is om cannabis te telen. Ik hoor dat u een heleboel argumenten heeft opgezocht om het niét te willen en geen enkel argument om het wél te willen. Dat vind ik jammer. We hadden hier een voorbeeldfunctie kunnen vervullen en een hoop mensen blij kunnen maken, maar ik zie – en dat mag u onaardig opvatten, al is het niet zo bedoeld – alleen serieuze onwil. Helaas. De voorzitter: Ook de heer Oostrum wil nog even interrumperen. De heer Oostrum: Ja, voorzitter, ik constateer dat het gaat om de prijs/kwaliteitverhouding en om eigen initiatief van een aantal mensen die in hun eigen medicijnen zouden kunnen voorzien als we het toestaan. Het gaat volgens mij ook om de L - 65

beschikbaarheid op het moment dat ze het nodig hebben en ik heb begrepen dat het niet altijd voorradig is in de kwaliteit die vereist wordt, en zeker niet tegen een prijs die men kan betalen, én dat het vaak voor verzekeringen nog lastig is om te vergoeden. Al die argumenten in ogenschouw nemend, zou ik het toch even in Tilburg proberen. De voorzitter: Waarvan akte. Ik stel voor dat de burgemeester nog even antwoord geeft als dat nodig is en dat u verder uw tweede termijn gebruikt om hierover nog opmerkingen te maken. De burgemeester: Dank voorzitter. Ik heb inderdaad zeer gedetailleerd aangegeven wat de argumenten waren om deze motie te ontraden. Ik ben er niet voor om als tweede gemeente in Nederland hieraan toe te geven. De voorzitter: Hiermee zijn we aan het einde gekomen van de termijn van het college. Ik zie op uw aantekeningen dat we nu een halfuur gaan schorsen. Ik schors de vergadering (20.27 uur). Schorsing (Tijdens de schorsing is het voorzitterschap overgedragen aan de burgemeester) De voorzitter: Ik heropen de vergadering (21.09 uur). We zijn in deze begrotingsbehandeling inmiddels aangekomen bij de tweede termijn van de fracties. Repliek

De voorzitter: Het woord is aan Democraten Gorinchem. Ditmaal bedraagt de spreektijd maximaal vijf minuten per fractie. Mevrouw Pellikaan: Voorzitter. Ik reageer graag kort op een aantal zaken vanuit de bijdragen van andere fracties. Als eerste vond ik het mooi om te horen dat er zoveel connecties zijn op thema’s die ook wij als extra belangrijk hebben aangemerkt, zoals de toegankelijkheid van onze stad en de oproep dit goed in het oog te houden bij alles wat we doen, bijvoorbeeld bij het vraagstuk mobiliteit, waarbij aandacht wordt gevraagd voor minder valide weggebruikers. Ook het thema van ontmoetingsplekken, buurthuizen en een goede invulling van het sociale werk leeft in de raad. Mooi om te zien dat er gezamenlijke zorgen en ambities zijn. We zien ook een tegenstelling. Enerzijds wordt kritiek geleverd op de financiële situatie van de gemeente, anderzijds horen we ook een pleidooi om te investeren en zaken spoedig op te pakken. Maar wat we vooral niét horen zijn dan de dingen die niet meer hoeven. We investeren te veel, maar er wordt niet gezegd wat dan niet meer hoeft. We haken dan ook graag aan bij de constructieve ideeën van anderen, zoals van D66, waarmee wij de samenwerking hebben opgezocht op het gebied van de woningcrisis. De motie ‘Versnel de woningbouw’ is volgens ons de belangrijkste motie van vanavond. De urgentie hiervan is goed verwoord door D66.

De woningcrisis grijpt in op vele facetten van onze samenleving, met alle gevolgen van dien. Zo kan het ontbreken van een passend huis, of überhaupt een eigen huis, ook vertragend werken voor de stappen die generaties in het leven nemen, zoals de generatie van mijzelf. Tel daar een handjevol beleggers bij op, een studieschuld en een tekortschietende wet- en regelgeving, en je bent kansloos op de K - 66

woningmarkt als enthousiaste starter die ook eens een achtertuin wil om in te zitten. In het contact met mijn leeftijdgenoten proef ik ook de angst hiervoor, dat de weg naar een betaalbare en toegankelijke woning uitzichtloos is en blijft, zeker omdat een perspectief gemist dreigt te worden. Het is dan ook belangrijk dat we bij dit landelijke probleem onze lokale invloed zo goed mogelijk benutten, zoals deze motie doet. Ik hoop dan ook van harte dat de andere fracties deze ook kunnen steunen. Mevrouw Mager: Misschien een beetje een rare vraag vanuit deze hoek, zal ik maar zeggen, maar vindt u dan dat het college tot nu toe niet genoeg gedaan heeft om de woningbouw een impuls te geven met alle activiteiten die op dat gebied reeds zijn ontplooid en alle initiatieven die zijn genomen? Mevrouw Pellikaan: Nee, dat is niet wat ik zeg. Ik zeg dat de woningcrisis een impuls nodig heeft en wij vragen eigenlijk heel simpelweg nu eens in kaart te brengen wat de belemmeringen zijn, hoe we het kunnen versnellen en om potentiële bouwlocaties in kaart te brengen. Dat is waar deze motie om vraagt. Mevrouw Mager: Maar dat vroeg ik niet. Ik vroeg of u vindt dat het college daaraan tot nu toe te weinig gedaan heeft. Mevrouw Pellikaan: Nee, dat vind ik niet, maar ik vind gelijktijdig dat de woningcrisis wel een impuls kan gebruiken.

Mevrouw Mager: Volgens mij praten wij er al twee jaar over dat dat zo is en doen we daar ook ons best voor, maar dank u wel voor de toelichting. Mevrouw Pellikaan: Als ik daar een laatste reactie op mag geven: ook al doen we ons best, er kunnen nog steeds belemmeringen zijn en dan blijft het belangrijk te kijken hoe we die kunnen wegnemen met elkaar. Dat zijn voor mij echt twee aparte zaken. Dan nu het amendement en de moties. Er is één amendement ingediend, ‘Kansen koppelen’. Mooi dat dit zo gerealiseerd kan worden. Wij zijn vóór. Motie M1, ‘Allermooiste vestingstad’, is van onszelf. De wethouder heeft ons gevraagd of hij deze motie op een bepaalde manier mag lezen. Nou, dat mag zeker van ons, als daarbij aan Citymarketing wordt gevraagd of zij hiermee uit de voeten kan en wat dan de randvoorwaarden zijn die zij daarbij nodig heeft. De wethouder vroeg ook of wij een bandbreedte konden geven. Wij vinden het heel moeilijk om dat in te schatten. Zojuist hebben we begrepen dat het college van de uitvoering is en wij hebben er vertrouwen in dat dat goed gaat komen. Maar laten we wel zeggen dat we bijvoorbeeld niet zenuwachtig worden van een max van 30.000 euro. Motie M2, ‘De Gorcumse Poorten, de toegang tot onze vestingstad’.

Daar zijn we voor, al kunnen wij ons moeilijk een voorstelling maken van de insectvriendelijke ruïnes die Stadsbelang hierbij suggereerde! De heer Bahlmann: Ik zal wel een tekening maken, dan heeft u er een beetje een idee van. Mevrouw Pellikaan: Graag.

L - 67

Motie M3, ‘Tiny gardens’, komt ook uit de pen van Stadsbelang. Ik weet even niet of die wordt aangehoudenDe heer Bahlmann: Ja, die is aangehouden. Mevrouw Pellikaan: Mooi, dan hoef ik daar geen reactie op te geven. Motie M4, ‘Fietsbereikbaarheid voor iedereen’. Ik heb de wethouder horen zeggen dat dit staand beleid is en dat in dit beleid ook al rekening wordt gehouden met de inclusiviteit van de openbare ruimte. Ik snap de motie heel goed, want er wordt gezegd dat er nieuwe aanbevelingen uit zijn gekomen, maar als ik het staande beleid zo mag lezen dat de aanbevelingen daarin gewoon al worden meegenomen, dan vind ik de motie inderdaad ook overbodig en zullen wij tegenstemmen. De heer Van Santen: Ik hoor mevrouw Pellikaan zeggen dat het nieuw beleid is met nieuwe aanbevelingen, en dat klopt, maar hoe ga je dan in bestaand beleid de nieuwe aanbevelingen meenemen? Dan is het toch puur uitvoering van de motie? Mevrouw Pellikaan: Als het in bestaand beleid al uitgangspunt is om zorg te dragen voor de inclusiviteit van de openbare ruimte, zie ik dat uitgangspunt als een gaand proces waarin je ook nieuwe ontwikkelingen mee kunt nemen, zoals bijvoorbeeld aanbevelingen in een rapport dat recent is uitgekomen.

De heer Van Santen: Dus u ondersteunt het in dit geval? Mevrouw Pellikaan: Ja, ik ondersteun het van harte, maar ik zie ook dat het al verankerd is en daarmee vinden wij de motie overbodig. Motie M5, Opstartsubsidie COC’. COC is gewoon een organisatie met een belangrijke functie in onze stad. Deze motie steunen wij dan ook. Motie M6, ‘Kostendelersnorm’, is een hele sympathieke motie, want de kostendelersnorm kan een enorme impact hebben op de financiële gezondheid van een huishouden en in de bijstand kan het verschil tussen het wel of niet redden een paar tientjes in de maand zijn. De oproep tot meer maatwerk is dan ook goed, of in ieder geval het onderzoeken naar mogelijkheden daarvoor, uiteraard rekening houdend met toekomstig Rijksbeleid. Motie M7, ‘Begraafrechten’, daar zullen wij tegen zijn. Hier volgen wij de argumentatie van de wethouder. Motie M8, ‘Vervanging kapitaalgoederen’. Hierop werd een aanpassing voorgesteld, die kunnen wij dan steunen. Motie M9, ‘Vergeet me niet pad’ van het CDA is een mooi initiatief. Deze motie zullen wij steunen. Wij zouden de wethouder hierbij de suggestie willen meegeven te kijken naar een route tussen De Schutse en het Piazzacenter. Motie M10, ‘Bouw grijs, plant groen’. Wat deze motie aankaart is in essentie natuurlijk heel belangrijk.

Het credo ‘bouwen, bouwen, bouwen’ dat veelal wordt gebruikt is natuurlijk ook belangrijk om de andere, even urgente opgaven niet uit het oog te verliezen, zoals biodiversiteit en duurzaamheid. Maar ook hierbij hebben wij begrepen dat het in het huidige beleid al verankerd is. We steunen dan ook de lijn van de wethouder hierin en zullen niet voor deze motie zijn, omdat we die overbodig vinden.

K - 68

Motie M11, ‘Gedoog thuiskweek medicinale cannabis’. Ons eigen veldonderzoek toont aan dat mensen het vooral doen om kwaliteit in relatie tot hun eigen ziektebeeld en problemen te kweken. Dat is voor ons doorslaggevend. De motie maakt dat mensen autonoom met hun eigen ziekte kunnen omgaan en wij zijn dan ook van harte voor deze motie. Motie M12, ‘Bevordering zwemvaardigheid’. Ook bij deze motie is er enige onduidelijkheid of ze mogelijk zal worden aangehouden nu de voelsprieten van de wethouder zullen worden uitgestoken. Mevrouw Dansen: Volgens mij is niet afgesproken dat de motie zal worden aangehouden. Wij brengen hem gewoon in stemming en de wethouder heeft aangegeven dat hij wel onderzoek zal doen. Mevrouw Pellikaan: Oké, dat is dan helder. Motie M13, ‘Versnel de woningbouw’: daar zijn we uiteraard voor. Motie M14, ‘Beperk overlast rook houtkachels’. Deze laten wij nog even in het midden. Volgens mij worden hier nog aanpassingen op gedaan. De heer Van Breemen: Voorzitter, bij wijze van interruptie. Volgens mij wordt vooral de beantwoording van het college aangepast over deze motie, dus misschien moet u die even afwachten. Mevrouw Pellikaan: Gaan we zeker doen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De fractie Stadsbelang. De heer Bahlmann: Dank u wel, voorzitter. Ik wil alleen het amendement en de moties doornemen.

A1, ‘Kansen koppelen’, mede indiener, dus zullen we voor zijn. Motie M1, ‘Allermooiste vestingstad’. Stadsbelang voor. Motie M2, ‘De Gorcumse Poorten’, daarvan zijn we indiener, dus zeker voor. Motie M3, ‘Tiny gardens’, hebben we aangehouden, dus daar hoeft niet over gestemd te worden. Motie M4, ‘Fietsbereikbaarheid voor iedereen’, daar zijn wij tegen. Motie M5, Opstartsubsidie COC’, mede indiener, dus zijn we voor. Motie M6, ‘Kostendelersnorm’, daar zijn we tegen. Motie M7, ‘Begraafrechten’, ook tegen. Motie M8, ‘Vervanging kapitaalgoederen’, voor. Motie M9, ‘Vergeet me niet pad’, mede indiener, dus voor. Mevrouw Molengraaf-Vullers: Voorzitter. Dit is wat Stadsbelang altijd doet: je lepelt gewoon op waar je voor of tegen bent, maar je legt helemaal niet waaróm je voor of tegen bent. Nou ja… De heer Bahlmann: Ik kan alles wel gaan herhalen wat de wethouder heeft gezegd, maar… Mevrouw Molengraaf-Vullers: O! Oké, nee, dan is het helder!

L - 69

De heer Bahlmann: Dank u wel. Motie M10, ‘Bouw grijs, plant groen’, daar zijn we tegen. Motie M11, ‘Gedoog thuiskweek medicinale cannabis’. Ik wil nog het een en ander afwachten van wat de burgemeester gaat zeggen. Motie M12, ‘Bevordering zwemvaardigheid, oftewel iedereen een zwemdiploma’. Toezegging door de wethouder gedaan volgens mij. We zullen de onderbouwing door de wethouder nog verder afwachten. Motie M13, ‘Versnel de woningbouw’, daar zijn we voor. Motie M14, ‘Beperk overlast rook houtkachels’, daar zijn we tegen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. De VVD. De heer Van Santen: Voorzitter. Het gaat allemaal voortvarend, aldus het college, maar wij constateren dat we op veel dossiers gewoon te laat zijn. Het gesprek over de begraafrechten hadden we op z’n minst eerder kunnen aangaan. En de koppelkansen: waarom hebben we dit scenario niet gewoon eerder in beeld gehad? Die kansen zijn er al jaren. Nu ineens snel moeten schakelen: waarom het ene wel en het andere niet? Dat is voor ons onduidelijk. Ik hoor ook een aantal zaken die gewoon niet goed zijn gegaan: de Right to challenge lukt niet, de participatie is een lastig item en de Jongerenraad is mislukt. Nou, dan vind ik het makkelijk om te zeggen: jammer, maar helaas. Maar dat is wel wat hier vanavond gezegd wordt. Ik laat het er even bij. De woningbouw.

Wij gaan ervan uit dat dit nu ook snel en gestructureerd zal gaan. De vraag is wat je dan nog sneller kunt en of dat niet ten koste gaat van de kwaliteit binnen de regelgeving. Houd daarbij de regelgeving ook aan en ga er vooral niet aan tornen. Zorg ook voor een integrale aanpak voor de stad, met voorzieningen e.d. Een ‘versnel-motie’ is dan onwijs sympathiek en iedereen weet dat die crisis er is, maar het is wat ons betreft niet de juiste weg. De heer Tekir: Wat is volgens u wel de goede weg om iets te doen aan de woningcrisis? Het kabinet komt met een opgave voor een miljoen woningen en ieder jaar honderd miljoen euro ter stimulering, waarvan wij gebruik kunnen maken, als gemeente ook. Daar sluiten wij op aan en daar sluit de provincie op aan. Maar de VVD-Gorinchem vindt dat dat niet de juiste richting is. Wat moet er volgens u dan wel gedaan worden om de woningcrisis te lijf te gaan? De heer Van Santen: Ik wil u met alle liefde ons verkiezingsprogramma toesturen, en dat zal ik ook zeker doen, maar wat wij vooral willen, is dat er meer gebouwd wordt. Dat had ook op lange termijn al gedaan moeten worden. De heer Tekir: Maar versnelde bouw is toch ook bouwen, of…? De heer Van Santen: Maar versnelde bouw hangt samen met een aantal factoren.

Of het vanuit de gemeente een belemmerende factor is, weet ik niet, er zijn ook marktpartijen die daarin betrokken worden en daar moet je ook rekening mee houden. Wij denken dat er al heel veel bestaande regelgeving is op dit gebied. Ga je daarop dan extra druk zetten, of ga je zeggen: nee, we gaan binnen de bestaande uitvoering die we hebben kijken wat K - 70

de mogelijkheden zijn? Prima, maar laten we vooral kijken naar de langetermijnbouwplannen die er al liggen en daarvoor ook gewoon een integrale aanpak voorzien, dus met voorzieningen e.d. Ga je overal snel bouwen, dan mis je toch die integrale aanpak wat ons betreft. Dus voor ons is het één grote samenhang. De heer Tekir: Ik nodig u toch uit nog een keer goed naar die motie te kijken, want die gaat uit van het bestaande woningbouwprogramma waarin die integraliteit al is geborgd. Daarbuiten roepen we op om ook potentiële andere gebieden en kansen te verzilveren, en dat vooral te versnellen. Dus ja: bouwen en waar mogelijk versnellen. Ik denk dat we hetzelfde bedoelen. Wellicht kan het helpen als u nog een keer naar de motie kijkt. De heer Van Santen: Ik zal er nog eens goed naar kijken, maar de wethouder heeft in eerste termijn gezegd dat veel van die zaken niet kunnen binnen de bestaande regelgeving en als we daar nu vanuit de raad druk op gaan zetten, vrees ik dat het toch een heel ander verhaal gaat worden. Dan krijg je druk die misschien ten koste gaat van de kwaliteit en daar willen we voor waken. Ik vervolg met de windmolens. Waarom nu pas in het proces? Dat is mijn vraag, een procesvraag dus.

Is er een contract afgesloten, met De Knotwilg bijvoorbeeld, en wanneer kan de raad het juridisch advies tegemoetzien? Het straatnaambordje voor Richard Navest vinden we heel fijn natuurlijk. Ook de focus op zonne-energie wordt nog eens bevestigd. Hartstikke mooi. De communicatie over de begraafrechten wordt nog eens meegenomen, heb ik de wethouder horen zeggen. Ook helemaal goed. Over de bomen: die worden dan herplaatst vanuit de Lingewijk naar een andere locatie, heb ik nu begrepen. Waar naartoe? Zijn daar al ideeën over? Dan over de moties. Fietsbereikbaarheid. Ja, dat is een recent rapport en het is ook hartstikke goed dat de wethouder zegt dat we dat al voor een groot deel in dingen hebben opgenomen. Het is ook geen verwijt wat dat betreft, maar het is vrij recent. Zie het vooral als ondersteunend. En als u zegt dat we alles al doen, dan bent u ook vrij snel laar met die aanbevelingen, denk ik. Het wordt eigenlijk alleen maar vet onderstreept op deze manier. Ik wil er nog een paar andere moties uitlichten. Naar aanleiding van motie M2 heeft de wethouder eigenlijk gezegd wat wij vinden: laat het vooral aan de professionals. De VVD vindt het ook best wel een verdienste van Citymarketing, die ondanks een fikse korting op de bijdrage van de gemeente zich heeft ingezet, met resultaat.

Laten we de coördinatie van alle communicatie-uitingen bij die Citymarketing laten en haar gewoon een passend budget geven. Ik vind het dan knap hoe moties met een bepaalde strekking compleet worden omgekat naar iets anders, om dan positief te kunnen adviseren. Hopelijk gaan we dat dan ook zo onthouden met elkaar. Maar goed. Ze zijn in ieder geval druk bezig met die voorbereiding om het komende jaar de mooiste vestingstad uit te dragen en dat juichen wij van harte toe. Daar wil ik het heel even bij laten. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De PvdA, de heer Oostrum. De heer Oostrum: Dank u wel, voorzitter. Een korte tweede termijn vanuit de Partij van de Arbeid, denk ik tenminste. L - 71

Geconstateerd is dat er in de afgelopen periode sprake is geweest van scherpe verhoudingen tussen coalitie- en niet-coalitiegebonden partijen. Dat zie ik ook in deze raad nog steeds terug. De oorzaak wordt wel eens gezocht in coronabeperkingen, maar dat is zeker niet de oorzaak, al heeft het er niet aan meegewerkt om de verbindingen te leggen die normaal gesproken na het einde van vergaderingen en in de aanloop naar andere vergaderingen informeel worden gelegd. Gelukkig hebben wel toenaderingen plaatsgevonden tussen verschillende fractieleden en verschillende raadsleden en dat heeft in ieder geval ook geleid tot breder draagvlak voor raadsvoorstellen, amendementen en moties. Als we nu met elkaar constateren dat dat tot verbetering heeft geleid, laten we dan met elkaar afspreken dat we dat beter gaan doen. Geconstateerd wordt dat wonen, mobiliteit en duurzaamheid hele langetermijn-ambities zijn en dus profiteren vaak pas volgende colleges van de realisatie daarvan. De credits van een goed beleid worden dan ook vaak pas later zichtbaar. Dat is nu eenmaal het lot van ons democratische politieke systeem. Ik had nog even terug willen komen op wonen, maar ik sluit me nu graag aan bij de woorden van mevrouw Pellikaan.

Over klimaatadaptatie wil ik nog even opmerken dat klimaatadaptatie en duurzaamheid op dit moment echt van ons vragen dat we onze verantwoordelijkheid nemen, met of zonder windmolens. Als we daarbij beseffen dat één turbine ongeveer 25 voetbalvelden met zonnepanelen vervangt, moeten we er toch eens over nadenken of we niet nog meer kunnen stimuleren dat mensen zonnepanelen op hun dak leggen, en dat gaat over particulieren, instellingen, ondernemingen en ook over verenigingen van eigenaren. Het helpt ook nog een keer om energiearmoede te voorkomen, als wij blijven zorgen dat mensen zelf hun panelen kunnen betalen, of in ieder geval met subsidies kunnen neerleggen en daarmee dan ook niet meer dan anders betalen voor de duurzaamheidsmaatregelen. Op deze plek wil ik namens de Partij van de Arbeid het college en de ambtelijke organisatie danken voor de in de bijna afgelopen raadsperiode geleverde inzet. Ondanks corona staan de stad en het beleid voor de toekomst er goed bij. Voorzitter, dan kom ik bij de amendementen en moties. Het amendement ‘Kansen koppelen’, daar zijn wij voor. Dat geldt uiteraard ook voor de moties impuls stadspromotie en de Gorcumse Poorten. De motie ‘Fietsbereikbaarheid’ leidt bij ons nog even tot wat gedachten.

Hier staan met nadruk aanbevelingen voor aangepast fietsen en wij willen met name ook aandacht voor die inclusie van mensen met beperkingen, dat die ook hun verbindingen kunnen leggen. De toezegging van het college komt daaraan een heel eind tegemoet, maar ik hoor graag van de wethouder of hij daar in tweede termijn nog even op terug wil komen. Ik ben blij met de steun voor de motie ‘Opstartsubsidie COC’ en het maatwerk bij de kostendelersregeling. Bij de begraafrechten aarzelen wij nog even, maar wij zijn in principe voorstander van kostendekkende tarieven en als die 2 x 10% daarvoor nodig is, zal dat beleid op onze steun kunnen rekenen. Motie M8 en M9 zijn we voor. Motie M10, ‘Bouw grijs, plant groen’. Met respect en complimenten voor de heel gedetailleerde voorbeelden die aangedragen zijn, want die passen uitstekend in de eerder K - 72

door ons ingediende motie, moet ik toch zeggen dat wij daarin eerder een beperking dan een uitbreiding van onze motie zien. In dat geval zijn wij er tegen. Wij zullen meestemmen met het gedogen van de thuiskweek van medicinale cannabis, omdat wij vinden dat het ondanks alle bezwaren die daartegen zijn voor een beperkt aantal mensen in Gorinchem toch een heel zinvolle oplossing is. We zouden daarom graag zien dat dat wordt gedoogd. Wij zijn ervoor dat zoveel mogelijk mensen zwemvaardigheid hebben, maar in de motie wordt opgeroepen tot een onderzoek waarvan de resultaten in december teruggekoppeld zouden moeten worden en de wethouder heeft al aangegeven dat hij het gaat onderzoeken. Wellicht wil hij nog even toelichten hoe hij dat gaat doen en wat het effect daarvan zal zijn. De motie ‘Versnel de woningbouw’, daar zijn wij voor. Bij het beperken van de overlast door de rook van houtkachels hoorde ik nog wat gedachten over aanpassingen van de motie, maar die heb ik nog niet gezien, dus het blijft nog even onzeker of wij daar voor of tegen zijn. Dat is het, voorzitter. Dank u wel.

De heer Van Breemen: Mag ik de heer Oostrum, en overigens ook alle andere mensen die denken dat ik de motie ga aanpassen, vragen waarop zij dat baseren? De heer Oostrum: Op hoop! De heer Van Breemen: Dat is positief! De heer Oostrum: Ik vond in ieder geval uw argument dat, als er overlast is, daarop gehandeld moet worden, wel goed. Alleen weet ik niet hoé daarop gehandeld moet worden, maar met voorlichting vooraf ben ik het zeker eens, en met de waarschuwing bij mist ook. In die zin klinkt de motie sympathiek, maar ze is nog niet helemaal zoals wij dachten dat zou kunnen. De voorzitter: Dank u wel. Dan ChristenUnie/SGP, mevrouw Molengraaf. Mevrouw Molengraaf-Vullers: Voorzitter. Ik zal het niet heel lang maken, want ik heb ook met mijn interrupties onze punten wel duidelijk gemaakt. Ik heb alleen nog wel een appeltje te schillen met wethouder Van Zanten, dat zal duidelijk zijn. Hij haalde een perspectiefnota uit 2016 aan over kostendekkendheid en concludeerde dat we daartoe hadden besloten, zodat we het daarover dus niet meer hoeven te hebben. Dat dan ondertussen een aangenomen motie over de hondenbelasting uit 2017 niet wordt uitgevoerd, terwijl dat toch ook een raadsuitspraak is, is toch wel wat selectief.

Ik begrijp nu uit zijn woorden dat, als het college zelf aangeeft met voorstellen te komen, daarmee eigenlijk wordt bedoeld: kom zelf maar met de vraag om een I&O en zo, en als je dat niet hebt gedaan, ja, dan is dat je eigen probleem. Ik vind dit het zoveelste voorbeeld van een gesloten en toch ook wel wat arrogante bestuurscultuur van de wethouder. Dat valt me erg tegen. Een kleine opmerking nog over het jongerenwerk. De beantwoording van de wethouder over de samenvattende rapportages kan ik volgen en heel eerlijk gezegd hebben de diverse sessies ons ook wel het vertrouwen gegeven dat er lessen geleerd zijn, maar toch vindt L - 73

mijn fractie het wel schuren dat er een kwart miljoen euro is uitgegeven waarvoor ons inziens te weinig is geleverd. Maar goed, daar zullen we dan waarschijnlijk mee moeten leven. Voorzitter. Ik zou nu alle moties langs kunnen gaan en een beetje hetzelfde kunnen doen wat het college doet en zeggen: alles wat overbodig is, daar zijn we tegen. Maar dat staat me ontzettend tegen en dat ga ik dan ook niet doen. Ik ga proberen de moties eerlijk langs te gaan. Wat het amendement betreft, ben ik het eens met de heer Van Breemen, die opmerkte dat dit wel een hele rare route is en opriep gewoon zelf met een voorstel te komen. Tegelijkertijd snap ik dat een amendement nodig is om het bedrag vrij te maken, dus ik schat zomaar in dat wij daar wel eens voor zouden kunnen stemmen, al was het maar om dat bedrag vrij te maken. Maar dan zou ik het wel fijn vinden als het college ook snel met een plan komt. De motie M1, ‘Allermooiste vestingstad’, is eigenlijk een ontzettende open deur. Volgens mij heeft iedereen gezegd dat we dit moeten uitbuiten en dat we hier wat mee moeten. Het voelt een beetje als een open deur inschoppen om het college te stimuleren om dat ook te doen, maar blijkbaar heeft dit college dat nodig. Dus wij zullen die open deur intrappen en voorstemmen. Motie M2, ‘De Gorcumse Poorten, de toegang tot onze vestingstad’, geeft mij eerlijk gezegd een heel hoog Madurodamgevoel.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gorinchem&id=95d3e1de-ab00-4ca4-9bf4-b19b18d8b3ed