210624 Concept verslag Raadsvergadering.docx
Tekst van het document
Gorcum Actief heeft tegen het besluit gestemd voor die veerdienst en wij vinden het eigenlijk nog steeds een slecht plan vanwege de risico’s, maar de financiering is nu wel een stuk beter geworden. Wij zitten met het dilemma: wat nou als de vastgestelde dienstregeling helemaal niet wordt gehaald? Haakt Altena dan af en zit Gorinchem dan toch nog met honderd procent risico? Wij willen graag antwoord van de wethouder hierop. Onze tweede vraag is: hoeveel boten worden nu precies aangeschaft en hoeveel worden precies verkocht? Dat blijkt niet voldoende uit de stukken. H - 20
Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Van Oversteeg, CDA. Mevrouw Van Oversteeg: Voorzitter, dank u wel. De complimenten die ik in B&A heb gegeven voor een mooi voorstel en ook een mooie samenwerking met de oevergemeenten wil ik hier heel kort nog even noemen en dan ga ik in op de moties, omdat die nieuw zijn ten opzichte van de B&A-sessie. De eerste motie, over de mondiale milieuwinst, bekeek ik allereerst heel sympathiek, want ik dacht: nou ja, wie wil dit nou eigenlijk niet? Vervolgens kwamen bij mij wat vragen naar boven als: hoe liberaal is deze motie eigenlijk, als ik kijk naar wie hem indient, op welke manier speelt de markt hierin ook een rol en op welke wijze kunnen we dit nu precies uitvoeren? Dat zijn de vragen die ik daarbij nog heb en waar ik graag de wethouder iets over hoor zeggen. De tweede motie ziet eigenlijk op een discussie die we ook in B&A hebben gevoerd en waarbij ik het jammer vind dat er een beeld dreigt te ontstaan over onjuiste informatievoorziening, want daar herken ik mij absoluut niet in. Ik vind juist dat er veel handreikingen zijn gedaan en dat heel veel informatie ingezien kon worden, maar ik heb begrepen dat niet iedereen daar gebruik van wilde maken. Dan vind ik het niet juist dat het op deze manier wordt gepresenteerd. Dus met die motie zullen wij niet instemmen. Het voorstel zullen wij uiteraard steunen. Dank u wel.
De voorzitter: Korte interrupties van de heer Wientjes en daarna mevrouw Hamann. De heer Wientjes: Dank u wel, voorzitter. Ik vind de vraag over de motie over de milieuimpact iets waar ik toch wat over moet zeggen. Of het liberaal is of niet, is voor u natuurlijk heel moeilijk te beoordelen als niet-liberaal, dus daar laten we het dan maar bij. Het is gewoon heel zakelijk en praktisch om het op die manier te doen en het is ook heel gewoon in de wereld. Door de Nederlandse overheid worden in ontwikkelingssamenwerking – daar weet ik het zelf van –, maar ook door de Wereldbank en IFC en allerlei andere grote organisaties, eigenlijk altijd verplicht om dan de vervuilende schepen te slopen. Nou, dat zou in dit geval onze businesscase helemaal over de bol laten gaan, dus dat moeten we niet doen, maar ik zie het als een inspanningsverplichting. Laten we proberen die schepen daar te krijgen waar ze in ieder geval iets vervangen wat nog vervuilender is. Dan kun je zeggen “dan gaan de schepen die ze daar vervangen weer door naar wat anders”, maar ja, ergens onderaanDe voorzitter: Het is helder. Dank u wel. De heer Wientjes: Ik was nog niet helemaal klaar, mevrouw de voorzitter. Ze maakte ook een insinuatie over het niet bekijken van informatie. Ik weet niet op wie dat slaat, maar er was niet zo heel veel informatie om te bekijken.
Alles wat er was hebben we uitgebreid kunnen bekijken en daaruit kwam elke keer naar voren dat het zo ontzettend pover was. De voorzitter: Dan een interruptie van mevrouw Hamann.
H - 21
Mevrouw Hamann: Ja, ook een reactie op mevrouw Van Oversteeg. Het lijkt net of ze zegt dat wij vinden dat we verkeerde informatie hebben gekregen, maar dat is niet het geval. Wij hebben niet verkeerde informatie gekregen, we hebben te weinig informatie gekregen. We hebben het wel gevraagd en onder geheimhouding had het ook best gegeven kunnen worden, maar dat is niet gebeurd en daardoor kunnen wij onze controlerende taak niet uitvoeren. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Barth, ChristenUnie/SGP Mevrouw Van Oversteeg: Mag ik niet meer op de interrupties reageren? De voorzitter: Daar mag u op reageren en daarna geef ik de heer Barth het woord. Mevrouw Van Oversteeg: Ik wou zeggen: ik heb het volgens mij heel netjes binnen de tijd gehouden. Maar ik wil daar toch kort even op reageren. Naar mijn idee zijn er voldoende mogelijkheden geboden om de informatie in te zien en ook om een mening te kunnen vormen over de vraag of wij deze investering willen aangaan, ja of nee. Daarnaast moest ik eerlijk gezegd een beetje glimlachen om de opmerking van de heer Wientjes dat alleen echte liberalen zouden kunnen beoordelen of iets liberaal is. Nou ja, goed, daar verschillen we over van mening. Ik zie de heer Wientjes nu ook lachen, dus misschien wil hij daar nog enigszins op terugkomen.
De voorzitter: Misschien samen maar een keer een terrasje pakken! De heer Wientjes: Dat lijkt me heel gezellig. De voorzitter: Dank u wel. De heer Barth, ChristenUnie/SGP. De heer Barth: Dank u wel, voorzitter. Het uitgangspunt bij de twee elektrische veerboten om uit te gaan van een lagere exploitatie en duurzaam varen, is met dit voorstel, ook al vallen de veerboten duurder uit, nog steeds in lijn met de oorspronkelijke uitgangspunten. Dat vindt de ChristenUnie/SGP belangrijk. Voorzitter. Ik gaf al aan dat de financiële risico’s gestegen zijn. De veerboten blijken duurder te zijn en in dit voorstel is sprake van een stuk risicodeling, mede door het commitment, langjarig, met andere deelnemende oevergemeenten. Tot zover zijn wij positief over dit voorstel. Over het gehele voorstel zijn wij positief overigens. Dan kom ik nu toe aan het behandelen van de twee moties van de VVD. Allereerst de motie ‘milieuwinst’. Die vind ik eigenlijk wat lastig te duiden, want welke veerdienst zal nu een moderne boot hebben met lage uitstoot en deze willen inruilen voor een oudere veerboot van de gemeente Gorinchem? Ik denk dat het altijd andersom gaat. In principe zijn wij het wel eens met de VVD dat we ervan uit willen gaan dat de milieuwinst behouden blijft, maar daar zou ik straks graag van de heer Wientjes meer duiding over willen hebben, want hij lijkt mij wat overbodig.
Elke veerdienst koopt een modernere veerboot, ook al is hij somsDe voorzitter: Wilt u afronden? De heer Barth: Dan kom ik op motie 2. Die richt zich op de informatievoorziening rondom de businesscase. Waar ik het volstrekt niet mee eens ben, is de uitspraak dat de H - 22
raad zich uitspreekt dat wij rond de businesscase veel te weinig informatie hebben gekregen. Dat is niet het geval en ook niet van toepassing op dit raadsvoorstel. Dat is eerder gepasseerd in de raad. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Hiermee hebben we de eerste termijn gehad en geef ik wethouder Van der Geest het woord. De heer Wientjes: Mevrouw de voorzitter, ik had verwacht dat ik het woord zou krijgen, want de heer Barth stelde een vraag over de motiesDe voorzitter: U krijgt in tweede termijn het woord en dan kunt u zijn vragen beantwoorden. Wethouder Van der Geest: Dank u wel, voorzitter. Ik kan volgens mij kort zijn, want een deel is natuurlijk een herhaling van de B&A-sessie. Er zijn een paar nieuwe punten toegevoegd, in ieder geval de evaluatie die de heer Van Willigen aanstipte. Volgens mij is het goed om het te evalueren, zowel in huis als met de oevergemeenten waarmee we het proces hebben doorlopen, dus dat gaan wij zeker doen. Mevrouw Hamann stelde een verduidelijkingsvraag over het aantal schepen. Het gaat om twee schepen die we nieuw aanschaffen en twee schepen die uit de dienstregeling vallen en daardoor niet meer nodig zijn. Er is één motie ingediend waarover ik iets wil zeggen, en dat is de motie ‘mondiale milieuwinst’. Eigenlijk gaf de heer Barth het antwoord al. Volgens mij is dit iets van marktwerking.
Er zal geen veerdienst zijn die viezere of duurdere schepen gaat kopen in plaats van wat er is, dus dat lost zich vanzelf op, is de verwachting. De andere motie laat ik aan de raad over, maar daar heb ik genoeg over gehoord gelukkig. De voorzitter: Dank u wel. Dan zijn we bij de tweede termijn. Allereerst geef ik de heer Wientjes het woord. De heer Wientjes: Dank u wel, voorzitter. De schepen die we nu hebben hoeven niet per se ingezet te worden als veerboten, en dat maakt de markt ook een stukje breder. Ja, hij zal bij verkoop een andere boot vervangen, maar dat hoeft niet noodzakelijkerwijs een vervuilendere veerboot te zijn. Het is goed om daarop te blijven letten. U moet ook bedenken dat voor projecten dit soort veerboten gevraagd kunnen worden en laten we kijken of dan bij die projecten ook die milieuwinst behaald zou kunnen worden. Je kunt je voorstellen dat je een project hebt dat je op een andere manier kunt oplossen en deze boten eigenlijk een soort overbodige luxe zijn. Dat is toch een zaak, vinden wij, om bij de verkoop te controleren. Het is een inspanningsverplichting. Laten we proberen dat milieu-effect te optimaliseren. Ik sluit af met complimenten voor de manier waarop door de wethouder heel knap gemanoeuvreerd is en extra geld op tafel is gehaald.
Maar helaas: met extra geld maak je een slecht project nog niet goed, en daarom zullen wij tegen het voorstel stemmen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Dansen, SP. Mevrouw Dansen: Dank u wel, voorzitter. Wij willen graag nog even wat zeggen over de twee moties van de VVD. Wij zullen tegen motie 1 stemmen. Wij worden hier niet blij H - 23
van. Die oude boten moeten verkocht worden en dat is niet milieuwinst, maar winst maken op het milieu. Wij doen de boten weg omdat ze te vervuilend zijn en gaan liever elektrisch varen, maar misschien zijn er ergens, bijvoorbeeld in Afrika, nog wat arme lieden die alleen maar onze vieze oude boten kunnen betalen. Daar heb ik geen goed gevoel bij. Met de tweede motie zullen wij wel instemmen, omdat wij het teken dat hiermee gegeven wordt goed vinden. Wij hebben ook wat ervaring met de manier waarop de informatie gedeeld wordt door dit college en zeker in de eerste vergadering over de veren heb ik me buitengewoon geërgerd aan de manier waarop de informatie niét gedeeld werd. Dank u wel. De voorzitter: De heer Van Breemen, GroenLinks. De heer Van Breemen: Voorzitter, dank u wel. Ik heb inmiddels motie 2 gelezen en die zal ik niet steunen. Ik ben het eens met het eerste wat de raad in deze motie benadrukt, namelijk dat wij altijd recht op informatie hebben, maar niet met het tweede. We zijn bijna over-geïnformeerd in deze kwestie en ik zal deze motie dus niet steunen. De voorzitter: De heer Koçak. De heer Koçak: Voorzitter. Ik wil me richten op de twee moties. De eerste gaat over de milieuwinst. Nogmaals: de inspanningsverplichting laten we zeker aan de vrije markt over.
Ik heb me nog nooit zo liberaal gevoeld als vanavond! Dus wat mij betreft laten we het absoluut aan de vrije markt over. Van de tweede motie, over de informatievoorziening, heb ik met belangstelling kennisgenomen. Ook deze motie vinden wij absoluut overbodig. Het recht op informatievoorziening is al verankerd en we hebben ook andere middelen, zoals een interpellatie of schriftelijke vragen, of een face-to-face-gesprek met de wethouder. In dit verband wil ik graag verwijzen naar de historische opmerking van de heer Barth. Dat is volgens mij toereikend om de motie goed te beoordelen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Barth. De heer Barth: Dank, voorzitter. De uitgangsgedachte van motie 1, milieuwinst, steunen wij. De heer Wientjes verbreedde de mogelijkheden van de veerboten, zodat ze een andere bestemming zouden kunnen krijgen. Wij denken dat die in negentien van de twintig gevallen overbodig is, maar toch zullen we hem steunen, voor het geval dat. Ik weet dat de heer Wientjes een betere kijk heeft dan ik op de toepassing van tweedehandsboten, dus daarin ga ik met hem mee. Dank u wel. De voorzitter: De heer Van Willigen. De heer Van Willigen: Dank u wel. Even een korte reactie op de moties. Ten aanzien van motie 1 van de heer Wientjes volgen wij de argumentatie van de heer Barth in eerste termijn.
Hij gaat nu een beetje overstag door te zeggen dat het in negentien van de twintig
H - 24
gevallen overbodig zal zijn, maar dat hij doet voor die ene. Wij denken niet dat die ene plaatsvindt, dus we gaan de motie niet steunen. Wij ondersteunen zeker de tweede motie niet, waarin staat dat de raad zich negatief uitspreekt over de informatievoorziening rond de investering in elektrische boten. Wij hebben de informatievoorziening als ruim voldoende en zeker toereikend voor de controlerende rol die we als gemeenteraadsleden hebben, ervaren. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik heb verder geen meldingen meer gezien voor de tweede termijn. Dus geef ik wethouder Van der Geest opnieuw het woord. Wethouder Van der Geest: Voorzitter, dank u wel. Volgens mij hoef ik alleen nog maar kort in te gaan op de motie ‘milieuwinst’. Los van het feit dat ik denk dat hij overbodig is, is hij ook lastig uitvoerbaar. Het vergt nogal wat om dat te doen en daar hebben we simpelweg de menskracht niet voor. Dus ook in die zin ontraad ik de motie. Maar ik begrijp dat de heer Wientjes goede contacten heeft elders in deze wereld, dus mocht hij nog een adres hebben dat twee boten nodig heeft, dan houden we ons aanbevolen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan zijn we nu aangekomen bij de stemming. We gaan allereerst stemmen over de moties en daarna over het raadsvoorstel. Om dat te doen, trek ik even een stemmingsnummer: nr.
18, zodat mevrouw Pellikaan als eerste aan de beurt van stemmen is. Motie M1 wordt in stemming gebracht en met 14 tegen 10 stemmen verworpen. Tegen hebben gestemd mevrouw Pellikaan, de heren Roeland en Schefferlie, mevrouw Stevens, de heren Van Willigen, Bahlmann en Chaaby, mevrouw Dansen, de heren Koçak, Van der Lee, Van Mourik, Onvlee en Oostrum en mevrouw Van Oversteeg. Voor hebben gestemd de heren Van Santen, Tekir, Wientjes, Barth en Van Breemen, mevrouw Hamann, de heer Hassouna en de dames Van Maaren, Mager en MolengraafVullers. Motie M2 wordt in stemming gebracht en met 18 tegen 6 stemmen verworpen. Tegen hebben gestemd mevrouw Pellikaan, de heren Roeland, Schefferlie, Tekir, Van Willigen, Bahlmann, Barth, Van Breemen, Chaaby, Hassouna en Koçak en Van der Lee, de dames Van Maaren en Molengraaf-Vullers, de heren Van Mourik, Onvlee en Oostrum en mevrouw Van Oversteeg. Voor hebben gestemd de heer Van Santen, mevrouw Stevens, de heer Wientjes en de dames Dansen, Hamann en Mager. De voorzitter: Dan breng ik nu het raadsvoorstel in stemming. Zonder hoofdelijke stemming wordt conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten, onder aantekening dat de fracties van VVD, SP en Gorcum Actief geacht willen worden tegen te hebben gestemd. H - 25
De voorzitter: Dames en heren. Ik zie dat bij enkele leden behoefte bestaat aan een schorsing. Ik schors de vergadering voor vijf minuten (20.29 uur). Schorsing De voorzitter: De vergadering is heropend (20.35 uur). 6.c Nieuw Afval- en Grondstoffenbeleid (2021-737318)
De voorzitter: Dames en heren. In de eerste termijn hebben de fracties drie minuten spreektijd per partij en het college acht minuten, in de tweede termijn hebben de fracties één minuut per partij en het college drie minuten. Allereerst is het woord aan de heer Van Santen van de VVD, die ook een motie zal indienen. De heer Van Santen: Dank u wel, voorzitter. Ik zal proberen niet in herhaling te treden, maar ik ga wel dingen onderbouwen voor de motie. Nieuw afvalbeleid, met als eigenlijk doel de invoering van diftar, en dat doen we met een hele grote tussenstap, door eerst een pasjessysteem in te voeren, een grote tussenstap, die heel snel gezet wordt en nog geen jaar duurt, een soort quickstep. De VVD onderschrijft de ambities en wensen van dit plan, zoals we eerder al hebben aangegeven. We gaan voor 100 kg, of minder, afval voor iedere inwoner. Op langere termijn levert dit een structurele milieuverbetering op en ook qua kosten per inwoner zouden we daarop vooruit moeten gaan, dus minder kosten per inwoner, dubbel mooi. Dit plan onderschrijft vooral ook meer bewustwording en verdere voorlichting op afvalscheiding. In stap 1 ligt dan ook het grootste belang wat ons betreft. Ik begreep dat het college dit ook zo ziet en ook uit de voorgaande sessies dat een aantal andere fracties er zo over dacht.
Als je echt in stap 1 gelooft, is het wat ons betreft onlogisch om de grootste succesfactor van dit plan op stap 3 te leggen en in te zetten op de kostenmethodiek, oftewel aangeven dat het doel alleen behaald kan worden door mensen ook gedifferentieerd te laten betalen. Wat ons betreft een vreemde redenatie. Wat is belangrijk voor ons? Investeren in nieuwe technieken en vooral in voorlichting. Daarmee kunnen we afvaldumping – dat is in onze optiek wat anders dan bijplaatsing – voorkomen. Met nieuwe technieken zijn logistieke verbeteringen ook mogelijk. Twee. Door de inzet van poortwachten lossen we de problematiek van het bedrijfsafval op het ABS grotendeels op. Ook goed mogelijk blijft daarin goed letten op de uitvoering; dat hebben we al gezegd en er ook de nodige zorgen over geuit. Ondanks alles blijft het punt van bijplaatsing staan. Dat gaan we gewoon niet oplossen met de invoering van pasjes en naar verwachting al helemaal niet met de invoering van diftar, zeker niet met deze variant van diftar, want met de voorgestelde variant maakt grootte van afval niet uit. Met pasjes krijg je dan wel eens een bijplaatsing, omdat je misschien je pasje vergeet, met de manier van diftar gaat dit geheid een veelvoud opleveren omdat de kosten gewoon heel relevant zijn.
We tackelen dus twee van de drie belangrijkste problemen die voor Gorinchem van toepassing zijn en we zetten daar nieuwe ambities en doelen bij. Wat is dan nu van H - 26
belang? Goede communicatie met onze inwoners, betrek onze inwoners hier goed, vooral in de uitvoering en laat mensen eerst wennen aan de omgang met pasjes, goede meetbaarheid van de inzet van nieuwe systemen en technieken, meten is weten: gaat het nu beter dan jaren geleden in de binnenstad, waar liggen nog knelpunten en kinderziekten, hoe ontwikkelen de bijplaatsingen zich?, en als laatste goede informatievoorziening. Er zijn veel variaties op diftar mogelijk, een aantal dat goed werkt in combinatie met nascheiding. Dat zie je ook bij de grote steden steeds meer terugkomen. Laten we daar nog eens goed met de raad bij stilstaan na een eerste leerperiode op die pasjes. Kortom, alleen met de juiste informatie en resultaten zou je op de juiste manier de precieze vervolgstap kunnen maken.
Daarom hebben wij een motie opgesteld, luidende: Motie M3: Eerst meten dan weten De raad van de gemeente Gorinchem, in vergadering bijeen op donderdag 24 juni 2021; overwegende dat: - goede communicatie met onze inwoners cruciaal is en daar zeker niet gehaast op geacteerd dient te worden; - er nog een behoorlijke overbruggingsperiode is tussen 2022 en 2050 waarbij nu wordt gesteld dat meer dan 56% van het doel in minder dan 11% van de tijd moet worden behaald; - er een learning curve zit op de inzet van nieuwe technieken en systemen; - goede meetbaarheid van de inzet van nieuwe systemen en technieken een lange(re) periode vergt; - goede informatievoorziening richting de raad omtrent verschillende variaties van diftar tot op heden ontbreekt; - het effect op afvalreductie en bijplaatsingen nog niet bekend is aangaande stap 2 de invoer van het pasjessysteem; - je derhalve nog geen heldere keuze kunt maken richting stap 3; roept het college op: - de inzet van stap 3 in dit plan uit te stellen naar 2025; - een goede evaluatie uit te voeren op stap 2 alvorens een keuze te maken in de precieze noodzaak en een eventuele variant van stap 3.
Tot zover, dank u wel. De voorzitter: Dank u. De heer Tekir, D66. De heer Tekir: Voorzitter, dank u wel. Er zijn van die dossiers waarbij alles draait om de uitvoering, en dat is ook het geval bij het afval- en grondstoffenbeleid. Over die uitvoering maakt de fractie van D66 zich zorgen. Dat gaat dan concreet om het pasjessysteem, zoals ook al eerder is genoemd. Wij kunnen instemmen met de ambities, zoals het terugdringen van de CO2-uitstoot en het voorkomen dat de afvalstoffenheffing verder toeneemt, maar als het in de praktijk allemaal niet werkt, of bijplaatsingen alleen maar verergeren, schieten we daar met z’n allen niets mee op, zeker niet nadat we een slordige 10 miljoen euro hebben geïnvesteerd om alles aan te passen. Daarom denken wij toch dat het een goed idee is om onze inwoners te laten beslissen of zij wel of niet met pasjes willen werken, en wel door middel van een bindend referendum. Daartoe dient D66 dan ook een motie in, om de simpele reden dat zonder draagvlak dit hele systeem gedoemd is te mislukken. Dan kun je maar beter de mensen zelf laten beslissen, vanuit de gedachte dat zij hier dag-in, dag-uit mee moeten werken.
Nu zult u waarschijnlijk denken “er is toch al een enquête uitgezet?”, en uiteraard hebben wij daar ook kennis van genomen, met dank ook voor de Gorcumse uitslagen, maar juist gelet op die enquêteresultaten verbaast het ons des te meer dat er nu al zoveel reuring is in de stad H - 27
over het pasjessysteem. Daar kunnen we onze oren en ogen niet voor sluiten. Een algehele volksraadpleging geeft, hoe je het ook wendt of keert, een sterkere basis voor zo’n omvangrijk besluit, en dat is precies wat we nu nodig hebben. Wat in onze overweging ook meespeelt is de snelheid waarmee de nascheiding rendabel wordt. Een paar jaar geleden was het financieel nog ondenkbaar, nu passen we het al toe bij de hoogbouw, en wie weet wat er over pak-weg drie, vier jaar mogelijk is. Die technologische ontwikkeling gaat heel hard en wat zou het zuur zijn als we in 2024 klaar voor de start zijn om te werken met pasjes en dat op dat moment nascheiding ook al rendeert voor laagbouw. Kortom, D66 pleit in dit dossier voor directe democratie. Dat is bij tijd en wijle helemaal niet zo gek, vinden wij, al snappen we ook dat het voor sommigen van u misschien wat ongewoon is. Daarom voor de twijfelaar nog even: alleen al het stadsgesprek over een dergelijke keuze is zo waardevol, dat het hoe dan ook leidt tot meer bewustwording over afval en afvalscheiding, en dat is, denk ik, ongeacht het systeem waar je voor kiest, heel erg waardevol. Dank u wel.
Motie M4: Laat inwoners kiezen De raad van de gemeente Gorinchem, in vergadering bijeen op donderdag 24 juni 2021; verzoekt het college om: - een bindend referendum voor te bereiden waarin inwoners worden geraadpleegd om wel of niet over te gaan tot het pasjessysteem voor afvalinzameling; - dit referendum te organiseren in 2021 (fase 1), nog voordat wordt overgegaan tot het daadwerkelijk plegen van investeringen in het pasjessysteem.
De voorzitter: Dank u wel. De heer Bahlmann, Stadsbelang. De heer Bahlmann: Dank u wel, voorzitter. Het verheugt ons dat er een strategienota komt met een nieuw afval- en grondstoffenbeleid, een cultuuromslag voor velen, maar wij hebben vertrouwen in de te nemen stappen. Vroeger was roken op kantoor vanzelfsprekend, tegenwoordig durf je het niet eens in je hoofd te halen. Met andere woorden: alles heeft tijd nodig om te wennen. Er zijn extra zorgen met betrekking tot naastplaatsingen bij ondergrondse containers, in combinatie met het afsluiten van deze containers met een pasjessysteem. Daarom dienen wij samen met de PvdA en Gorcum Actief de volgende motie in: Motie M5: Samen houden we Gorinchem schoon De raad van de gemeente Gorinchem, in vergadering bijeen op donderdag 24 juni 2021; constaterende dat: dit nieuwe beleid een cultuuromslag voorstaat, hoe wij met afval, grondstoffen en naastplaatsingen om moeten gaan; er dagelijks in de wijken van Gorinchem naast de ondergrondse containers klein grofvuil wordt aangeboden; heel veel Gorcumers zich irriteren aan naastplaatsingen en dit graag anders zouden zien; een verstopte opening van de ondergrondse container meestal met een simpele handeling opgelost kan worden; ondergrondse containers niet geleegd kunnen worden, als er klein grofvuil op de containerplek ligt; elke Gorcumer zich beter voelt in een schone buurt; er
meer sociale cohesie ontstaat, omdat iedereen zich meer verantwoordelijk gaat voelen voor een schone buurt; in andere gemeenten al diverse successen zijn behaald met de invoer van het concept ‘containeradoptant’;
H - 28
een beter milieu echt bij jezelf begint. verzoekt het college: te onderzoeken of er draagvlak binnen Gorinchem is om containeradoptant te worden; ruimte te bieden om een pilot op te starten en de tools te faciliteren om dit tot een regelrecht succes te maken.
Op de moties van VVD en D66 wachten we het antwoord van de wethouder af. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Oostrum, PvdA. De heer Oostrum: Dank u wel, voorzitter. Er liggen nu drie moties en die vragen toch om een korte toelichting als inleiding, maar ik zal in ieder geval binnen de drie minuten blijven. Voorzitter. Er ligt een aanzienlijke opgave voor ons, en met ‘ons’ bedoel ik in dit geval alle inwoners van Gorinchem en de andere bij Waardlanden aangesloten gemeenten. We moeten tussen nu en 2025 terug van 232 kg afval per persoon naar maximaal 100 kg en daar zullen we dan ook als gemeenteraden de nodige voorzieningen voor moeten treffen. Het stappenplan biedt daarvoor prima mogelijkheden en dat stellen wij dan ook graag vast. Om te beginnen ligt er een strategienota waarin een belangrijke trendwijziging als ambitie is neergelegd, op weg naar zo groot mogelijk hergebruik van materialen en zo weinig mogelijk, liefst helemaal geen, verbranding van restafval. Om dat te bereiken wordt samenwerking gezocht met kringloopinstellingen die als eerste alle nog bruikbare en te herstellen artikelen opnieuw in omloop brengen. Verder ligt de uitdaging bij de inwoners zelf om hun afval zorgvuldig te scheiden en daarmee de hoeveelheid te verbranden restafval zoveel mogelijk terug te brengen naar die 100 kg.
Dat dat mogelijk is, wordt al bewezen in 44 gemeenten in Nederland, de koplopers. Ik kom dan bij het stappenplan. Dat begint in huis met het apart houden van papier, glas, flessen en potten en PMD, wat staat voor plastic verpakkingen, metalen verpakkingen en drinkpakken, en dat moet dan ook in de juiste containers gestort worden, als het even kan ook door groente-, fruit- en etensresten apart te houden van het restafval. Dat vraagt om meer en betere voorlichting én om de juiste containers op de juiste plekken. Voor het restafval wordt vervolgens het misbruik van de containers door onbevoegden voorkomen door het invoeren van een pasjessysteem, dat bovendien wordt gebruikt ter controle op de afvalbrengstations, waar de inwoners van het Waardlandengebied welkom zijn. Blijft het knelpunt van de bijplaatsingen waar elke Gorcumer zich aan ergert en waar geen kruid tegen gewassen lijkt. Handhaving lijkt onbegonnen werk, behalve bij een heterdaadje. De suggestie in B&A, die ook al in het stuk stond, om een succesvol Rotterdams initiatief voor containeradoptie te onderzoeken, is samen met Stadsbelang en Gorcum Actief omgezet in de ingediende motie. Deze alternatieve en gerichte vorm van buurttoezicht biedt kansen op een win-winsituatie: snelle melding bij technische problemen en bij bijplaatsingen kan het snel tot een oplossing leiden.
Ten slotte blijft het belonen van de afvalscheiding de laatste stap. Wie minder restafval heeft, betaalt daarvoor dan ook minder en wie veel restafval heeft en grof afval laat ophalen, of afval gaat brengen bij het afvalbrengstation, betaalt daar dan ook extra voor.
H - 29
De vervuiler betaalt. En die afvalbrengstations gaan ten slotte nog meer samenwerken met de kringloopinstellingen, en dan ben ik weer bij het begin van mijn betoog. Voorzitter. De motie van de VVD en de motie van D66 zullen wij niet steunen. De motie van de VVD haalt namelijk belangrijke onderdelen uit het stappenplan en het is juist één pakket waarmee bewoners echt duidelijkheid krijgenDe voorzitter: Wilt u afronden? De heer Oostrum: De motie van D66 geeft aan dat de bewoners moeten beslissen en juist gezien de samenhang van het hele pakket moet je niet de inwoners vragen om op één onderdeel een beslissing te nemen. Voorzitter, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie een interruptie van de heer Van Santen. De heer Van Santen: Ja, voorzitter, ik hoorde de heer Oostrum zeggen dat wij een onderdeel uit het stappenplan halen, maar dat is niet zo. Wij halen helemaal geen onderdeel uit het stappenplan, wij geven juist aan dat het stappenplan op zich in stand kan blijven, maar dat we wel wat meer ruimte en tijd willen voor stap 2 in het stappenplan. Dat wil ik de heer Oostrum nog even meegeven. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Willigen, Democraten Gorinchem. De heer Van Willigen: Ik haal wederom adem. We moeten met elkaar, overheid en bewoners, gaan aanpakken om de hoeveelheid restafval terug te dringen.
We leverden in 2018 nog maar liefst 232 kg huishoudelijk restafval per inwoner en dat moet naar 100 kg. De heer Oostrum noemde het ook al. We zitten nu op 167 kg, dus we zijn er nog lang niet. Aanpakken en niets doen is geen optie. Ik wil hierbij nog wel kort aandacht vragen bij mijn collega-raadsleden die zich ook vertegenwoordigd voelen door hun partij in Den Haag. Want afval begint natuurlijk wel bij de producent. Mogelijk moeten we met landelijk beleid ook daar wat steviger gaan aanpakken om de keten te kunnen doorbreken. Er is natuurlijk altijd sprake van een eigen verantwoordelijkheid, en die begint bij ons ook met de aankoop van onze spullen, maar ook met het omgaan met het afval. Scheiding op de juiste manier helpt met het terugdringen van de hoeveelheid restafval. Het liefst zouden wij zelfs naar 0 kg willen gaan. Of het een utopie is, zullen we in 2050 misschien wel zien. Het invoeren van diftar en het pasjessysteem roept de nodige vragen op. Je hoort het ook als je op straat loopt en mensen je daarover aanspreken. En tegen elk punt vóór schijnt ook een punt tégen te staan. We weten het niet helemaal, maar we neigen toch zeker wel naar de invoering zoals die in dit raadsvoorstel staat. De bijplaatsingen zijn natuurlijk een gigantische bron van ergernis voor vele inwoners.
Bij de invoering van het systeem verwachten wij dan ook dat stevig wordt toegezien op de bijplaatsingen en dat er ook actief wordt aangepakt om juist hier de vervuiler nog extra te laten betalen. Wij gaan akkoord met het raadsvoorstel, maar geven wel mee dat we moeten leren lopende het project. Reageer en anticipeer en durf, zoals de heer Tekir ook eigenlijk al vroeg, ook onderweg nieuwe kennis in te bouwen in het beleid. En wat wij heel belangrijk H - 30
vinden is: communiceer met bewoners via voorlichting, maar ook vooral een luisterend oor. Specifieke aandacht vragen wij bij dezen nog wel voor mensen die gebruikmaken van medische hulpmiddelen die ook in het afvalproces meegenomen moeten worden en gezinnen waarin luiers een belangrijk onderdeel uitmaken van het afval. Ten aanzien van de motie van de VVD wachten wij de reactie van de wethouder af. Ten aanzien van D66: wij zijn geen voorstander van referenda. We zitten hier inderdaad als volksvertegenwoordigers en dienen die rol dan ook gewoon in te vullen. De motie van Stadsbelang, PvdA en Gorcum Actief, ‘Samen houden we Gorinchem schoon’, willen we een kans bieden. Hier zullen we ook wel zien of de geïrriteerde Gorcumer ook bereid is om verantwoordelijkheid te nemen voor een afvalcontainer. Het zou prachtig zijn als het gaat lukken, dus laten we het in ieder geval gaan proberen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Dansen SP. Mevrouw Dansen: Dank u wel, voorzitter. Het is belangrijk om de geschiedenis te bestuderen, om te voorkomen dat fouten die in het verleden gemaakt zijn opnieuw gemaakt worden. Bij het nieuwe afval- en grondstoffenbeleid lijkt het dat dat in ieder geval niet gebeurd is. In het verleden werkte in Gorinchem het pasjessysteem niet, dus gaan we het nog een keer toepassen.
Wij hebben in Gorinchem al heel veel problemen met bijplaatsingen van afval bij containers en toch zoeken we niet naar een oplossing voor dit probleem, we bedenken een beleid dat dat probleem exponentieel zal vergroten. Diftar is geprobeerd in een flink aantal gemeenten, grote en kleinere, en de meeste daarvan zijn tot de conclusie gekomen dat achteraf scheiden beter werkt. Dit voorstel maakt dat wij met diftar aan de gang gaan, zodat we er zelf achter kunnen komen dat het niet werkt. Vooraf scheiden van plastic enz. werkt niet voldoende tot niet goed, dus blijven we het doen. Ons lijkt het voorstel gebaseerd op de behoefte van Waardlanden om de bestaande werkwijze verder uit te bouwen en niet om op zoek te gaan naar innovatieve oplossingen. Waardlanden lijkt niet in discussie te willen gaan over een andere wijze van afvalscheiding, omdat dit ten koste kan gaan van functies binnen de bestaande organisatie. Een objectieve afweging van de bestaande werkwijze, afgezet tegenover het concept van nascheiding, ontbreekt volledig. Wij gaan ook tegen dit voorstel stemmen. Ten slotte de moties. De VVD heeft de motie ‘Meten is weten’ ingediend. Wij denken dat het wel een goed idee is om dat te doen, dus daar stemmen we voor. De motie van D66 over het referendum.
In tegenstelling tot de heer Van Willigen vind ik dat, ook al ben je volksvertegenwoordiger, het helemaal geen kwaad kan om te kijken wat de mensen die het moeten gaan doen erover denken. Dus daar zijn we ook voor. Stadsbelang heeft een motie ingediend over het adopteren van een container. Dat gaan wij niet doen. Ik ben wel heel benieuwd of Stadsbelang zich al bij de wethouder heeft opgegeven om als partij ook een container te adopteren. Dat zou ik in ieder geval stoer vinden. Dank u wel. De voorzitter: De heer Van Willigen, interruptie.
H - 31
De heer Van Willigen: Ja, ik wil graag aan mevrouw Dansen meegeven dat aan de stukken die wij hebben gekregen ter besluitvorming van dit onderdeel ook een enquête toegevoegd is waarin, denk ik, al heel goed geluisterd is naar mensen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Dansen: Als ik even mag reageren: ik denk dat we kunnen constateren dat we het daarover niet eens zijn, en daar wil ik het graag bij laten. De voorzitter: De heer Van Breemen, GroenLinks. De heer Van Breemen: Ja, voorzitter, dank u wel. Aansluitend op wat GroenLinks over het nieuwe afval- en grondstoffenbeleid heeft gezegd tijdens de B&A, kan de conclusie eigenlijk kort zijn. Wij zijn erg positief over de stap die gezet wordt in circulair denken en duurzaamheid, maar zijn verder niet voor deze strategie. Stap 1 van het strategierapport is voor ons echt een no brainer, of, in beter Nederlands: een open deur. Hierin zit de positieve prikkel verwerkt om mensen meer bewust te maken van het belang van afvalscheiding en van een circulaire economie, waarin afval vrijwel niet meer bestaat. Het zit hem aan de ene kant in voorlichting, maar aan de andere kant ook vooral in het zo makkelijk mogelijk maken voor mensen om op een verantwoorde manier hun afval te verwerken.
Wat GroenLinks betreft moet die stap dus ook zo snel mogelijk gezet worden, aangevuld met de verbetering van de service, die de laatste jaren nogal is wegbezuinigd op allerlei vlakken: gratis plastic zakken, verminderde frequentie ophalen grofvuil, hondenpoepzakjes, noem het maar op. Een andere goede maatregel uit dit plan is het aannemen van boa’s om te handhaven. Het zijn er natuurlijk veel te weinig, maar het is een begin. Het is niet moeilijk te bedenken dat mensen hun afvalovertredingen minder snel zullen riskeren als ze weten dat ze ervoor gepakt kunnen worden. Trek de vergelijking maar eens met hondenpoep en controleurs. Nu is de pakkans nul, dus is er ook weinig belemmering. Als er straks twee boa’s zijn, wordt de pakkans misschien iets groter, en wie weet helpt het. Maar dan de maatregelen die we niet kunnen volgen en die er ook toe geleid hebben dat GroenLinks niet zal instemmen met dit voorstel: pasjes, diftar, kosten in rekening brengen voor het ophalen van grofvuil. Alle verleidingen door het makkelijk te maken afval verantwoord aan te bieden worden op deze manier onderuit gehaald door een reeks aan belemmeringen. Wat GroenLinks betreft heeft het pasjessysteem in het verleden in Gorinchem, maar ook in het heden in andere steden, bewezen niet te werken. Als je daarnaar vraagt, krijg je van Waardlanden het antwoord “neuh, dat valt echt wel mee, geloof ons maar”.
Wij geloven dat helaas niet. Bijplaatsing en afvaldumping elders zullen alleen maar gaan toenemen, zwerfvuil en de ergernis daarover zullen daardoor ook toenemen. Er is bovendien nog geen oplossing bedacht voor dingen als incontinentiemateriaal en luiers, en wederom: als je daarnaar vraagt, dan wordt domweg verwezen naar de industrie. Maar zolang die geen oplossing biedt, is er dus ook geen oplossing. Ook wordt gedacht dat deze maatregel afvaltoerisme tegen gaat werken. Dat is natuurlijk een beetje naïef. Het heeft vooral een heel hoog nimby-gehalte en is vooral een financiële afweging en geen groene. Door op deze manier het afvaltoerisme tegen te gaan kost het ons minder en we weten heus wel dat mensen het naar de buren brengen, of ergens in de natuur neerzetten, maar wij zijn ervan af. Ja, zo gaat je afvalstoffenheffing H - 32
omlaag, maar de milieuwaarde zeker niet. Dat geldt eigenlijk ook voor het geld vragen om grof huisvuil op te halen. Dat leidt tot asociaal gedrag: mensen die hun grofvuil naast dat van hun buurman zetten en zo dus helemaal niet betalen voor dat ophalen, of mensen die het gewoon naast de containers zetten, of ergens op een parkeerplaats dumpen, wat nu al gebeurt. Kortom, wederom een financiële redenering en geen duurzame. Dus, voorzitter, GroenLinks waardeert de ingezette groene gedachte, maar kan deze maatregelen om genoemde redenen niet steunen. Wat ons betreft moeten Waardlanden en het bestuur van Waardlanden terug naar de tekentafel en met een beter sociaal en vooral groener plan komen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Barth, ChristenUnie/SGP. De heer Barth: Ja, dank u, voorzitter. De ChristenUnie/SGP is in principe altijd voor machinale scheiding achteraf geweest vanwege het comfort voor de inwoners en nadat wij ook uit pilots uit het verleden hadden begrepen dat dat een behoorlijk hoge scheiding als resultaat geeft. De doelstelling blijkt echter zo hoog te zijn, en de techniek nog dusdanig onvolwassen, dat we onze doelstelling voor het scheiden van afvalstromen met de techniek van nascheiding niet kunnen realiseren. Dus daarmee komen we feitelijk op de beste keuze voor deze periode, voor nu, en dat is het vooraf scheiden van de afvalstromen.
Gezien de tijd wil ik nu eigenlijk direct reageren op de drie moties. In de motie van D66 wordt verzocht om een bindend referendum. Ik zou zeggen: politiek Den Haag heeft het referendum in 2018 afgeschaft, dan moeten wij dit paard ook maar niet opnieuw van stal willen halen. De motie van de VVD, ‘Eerst meten dan weten’, vraagt om uitstel van het variabele tarief op restafval. Die variabele kosten en opbrengsten zijn juist onderdeel, als kostendrager, van het hele concept, dus naar mijn mening moet dat direct worden ingevoerd. Uitstel kan niet lijden, want dan gaat de afvalstoffenheffing omhoog, maar mogelijk wil de wethouder daar nog op ingaan. De motie van Stadsbelang, ‘Samen houden we Gorinchem schoon’, is een titel met een hoge aaibaarheidsfactor. In eerste instantie vroeg ik me af hoe het adopteren van een vuilcontainer gaat werken. De motie vraagt overigens om een onderzoek. Maar onze zorg in het hele voorstel zit ‘m in de bijplaatsingen en dit voorstel voor het adopteren van een container zou wel eens een mooi instrument kunnen zijn om bijplaatsen te verminderen en te voorkomen. Die aanpak van bijplaatsingen vinden wij zo belangrijk, dat indien nodig wij zelfs het instrument van cameratoezicht toepasselijk zouden vinden. Hierbij wil ik het houden, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ma Hamann, Gorcum Actief. Mevrouw Hamann: Dank u wel, voorzitter.
De afvalberg en de afvalproblemen blijven almaar groeien. Voor de derde keer op rij worden de kosten in Gorinchem verhoogd en de service verlaagd. Wij vinden dat geen goede ontwikkeling. Ongeveer anderhalf jaar geleden hebben wij nadrukkelijk gevraagd om nascheiding van afval en dito logistieke aanpassingen daarop te gaan onderzoeken en de kosten daarvoor te berekenen en te
H - 33
vergelijken. Dat onderzoek is niet gedaan, althans in ieder geval niet toegevoegd aan de stukken. Kan de wethouder uitleggen waarom dat onderzoek niet is gedaan? Gorcum Actief gelooft niet in diftar voor de stad. In landelijke gebieden kan het misschien heel goed werken, maar steden hebben de ervaring dat veel meer afval wordt gedumpt, en die steden kwamen er ook weer van terug. Omdat Gorinchem met Waardlanden in een gemeenschappelijke regeling zit, hebben wij de indruk dat het eigenlijk al besloten is. Wij kunnen dan alleen nog maar een soort damage control gaan doen. We vragen daarom de wethouder om volop in te zetten op handhaving. En laat de controleurs nu ook eindelijk eens iets doen met de tips, foto’s, filmpjes en andere aanwijzingen van welwillende inwoners die dat doorgeven. Want laten we wel wezen: de meeste mensen in Gorinchem doen het hartstikke goed. We hopen ook op sociale controle en hebben daarom samen met Stadsbelang de motie ingediend voor de adoptie van containerplaatsen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Maaren, fractie Van Maaren. Mevrouw Van Maaren: Dank u wel, voorzitter. Minder afval willen we allemaal, maar op welke wijze zou het voor Gorinchem het beste kunnen werken? Onze fractie heeft twijfels of de beoogde visie voor Gorinchem wel de juiste weg is, en dit om de volgende redenen.
Een succesvolle vorm van bron- of nascheiding is mede afhankelijk van het niveau van verstedelijking. Hoe is het met de verhouding laag- en hoogbouw? Grotere steden zien ook steeds meer af van bronscheiding en gaan terug naar nascheiding. Gorinchem is een verstedelijkt gebied en dient met een ander en genuanceerder oog naar het afvalbeleid te kijken dan onze partners in landelijke gebieden. De huidige techniek maakt het mogelijk dat nascheiding bijna, of net zo effectief is als bronscheiding, veel hygiënischer is in en om het huis en veel minder gedoe voor iedereen. Is onze verbrandingscentrale hiertoe niet in staat, dan verder kijken naar andere partijen die dit wel kunnen op de langere termijn. Gedrag van mensen dient aangepast te worden, maar gaat dat gebeuren met dit pasjessysteem? In het verleden werkte het niet, maar na enige research blijkt dit in vele verstedelijkte gebieden momenteel ook niet te werken. Het creëert onder andere juist meer bijplaatsingen. Ten slotte. Het doel om de afvalkosten per huishouden te verlagen lijkt niet te gaan gebeuren. Diftar klinkt mooi voor een gelijkwaardige verdeling van kosten, maar blijkt vaak niet het gewenste resultaat te behalen. De burger ziet met dit mogelijke beleid haar gemeentelijke lasten stijgen met beleid waar andere steden juist op terugkomen. Met betrekking tot de motie over het referendum: daar zijn wij niet voor.
Het adopteren van afvallocaties klinkt sympathiek, maar hierover hebben wij enige twijfel, want het begint eigenlijk bij de basis: zorgen dat de huidige meldingen beter gemeld en/of verwerkt kunnen worden en meer handhaving. Met betrekking tot de motie van de VVD horen wij graag eerst een reactie van de wethouder. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Oversteeg, CDA.
H - 34
Mevrouw Van Oversteeg: Voorzitter, dank u wel. In B&A heb ik namens het CDA uitgesproken blij te zijn met het voorstel dat er ligt, omdat het ons ook helpt om de doelstelling te halen en omdat ik het helemaal eens ben met het principe erachter, namelijk: de vervuiler betaalt. Hoe meer afval je produceert, hoe meer je daarvoor ook betaalt, in plaats van de rekening weg te leggen bij iedereen. Om die reden steunen wij dan ook dit beleid. Gaandeweg het debat heb ik een aantal argumenten gehoord waarop ik graag wil reageren en waar ik dan ook de moties in mee zal nemen. Allereerst hoor ik een hoop twijfels over de vraag of we wel of niet een pasjessysteem moeten invoeren, want we hebben dat in het verleden al een keer gedaan en dat werkte niet. Daarop zou ik graag willen zeggen dat het in heel veel plaatsen de afgelopen tijd heel succesvol is gebeurd en dat die techniek gelukkig ook vooruit gaat. Dus ik heb er veel vertrouwen in dat het op de goede manier wordt uitgerold. Daarnaast hoor ik een aantal collega-raadsleden zeggen “ja, maar er zijn ook steden die daar weer op terugkomen”. Maar wat ik heb begrepen in de informerende sessies is dat het om énkele steden gaat en van een heel andere, namelijk grotere, schaal. Voor het overige hoor ik dat het goed werkt en dat we daarover ook juist zijn geïnformeerd. Dan zou ik zeggen: laten we daar ook in meegaan.
Een punt dat daarbij nog wel aandacht verdient zijn de bijplaatsingen, een probleem dat voor iedereen herkenbaar is, waar je ook woont. We zien het met z’n allen in de stad. Naar ons idee is elk instrument daartegen dan welkom, en zo beoordelen wij ook de motie die door Stadsbelang, Partij van de Arbeid en Gorcum Actief is ingediend, ‘Samen houden we Gorinchem schoon’. Een sympathiek idee en in het kader van “als het maar helpt” zullen wij die ook steunen. Bij de motie ‘Eerst meten dan weten’ zien wij allereerst de financiële consequenties, die ik onwenselijk vind. Op het moment dat we alleen de stappen 1 en 2 zouden zetten, zie je, en dat staat ook netjes in het stuk, een flinke stijging van de afvalstoffenheffing. In het verleden hebben we ons inspanningen getroost met communicatie en het verleiden om mensen hun afval te laten scheiden, maar die blijken niet genoeg te zijn om die afvalberg ook daadwerkelijk te laten slinken. Om die reden zullen wij niet instemmen met deze motie, ook omdat wij denken dat dit inhoudelijk geen zoden aan de dijk zet. Ten slotte de motie van D66 over het referendum. Allereerst trokken wij bij het CDA onze wenkbrauwen daarover op.
Wij staan sowieso niet te springen om een referendum, maar daarnaast heb ik D66 in november 2020 horen zeggen dat zij diftar graag wil onderzoeken, omdat zij van mening is dat dat een effectief middel is om de afvalkosten te beheersen. Nu zie ik hierin wat angst om die beslissing te nemen, terwijl er naar mijn idee meer dan voldoende informatie is om die beslissing te nemen. Ik roep D66 daarom graag op om met elkaar onze rol te nemen en daarin dit beleid van harte te aanvaarden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik wethouder Van der Geest het woord. Wethouder Van der Geest: Dank u wel, voorzitter. Na een lang traject met Waardlanden en met u als raad kunnen we vanavond een besluit nemen over het nieuwe afval- en grondstoffenbeleid, om te werken aan minder afval, meer hergebruik en hopelijk beheersbare afvalstoffenheffing, de drie pijlers waarover we het vaak met elkaar hebben H - 35
gehad. Voor de liefhebbers: afgelopen donderdag stond er nog een mooi stuk in de NRC over producentenaansprakelijkheid, waarin werd geconcludeerd dat we na de energietransitie nu te maken hebben met een grondstoffentransitie, waar dit beleid nu ook een bodem onder legt. Voordat ik op de moties inga, wil ik reageren op een aantal punten die zijn gemaakt. Los even van de punten die u aanstipt over communicatie en handhaving, waarover we het in B&A al uitgebreid hebben gehad, is door een aantal van u zorg uitgesproken over mensen met medische hulpmiddelen, zoals bijvoorbeeld luiers. In B&A ging het daar ook over en het zit ook in de strategienota. Het zijn doelgroepen waarmee we rekening gaan houden, sterker nog: het zal in de afvalstoffenheffing een vorm krijgen en daar besluit u over als raad. Later komen we bij u terug op die verdeling, dus welke groepen we het gratis een aantal keren kunnen aanbieden. Dat kan bijvoorbeeld voor jonge gezinnen, zoals ik u heb horen noemen, maar bijvoorbeeld ook ouderen of mensen met een medische indicatie. Een aantal van u heeft het over nascheiding gehad. In de stukken staat inderdaad dat we nog niet tot nascheiding overgaan in algemene zin, in een aantal gevallen doen we dat wel. De heer Tekir haalde al aan dat bijvoorbeeld in de hoogbouw bronscheiding lastig is als het gaat over restafval en PMD, dus daar hebben we inderdaad nascheiding.
Mevrouw Hamann vroeg waar dat onderzoek eigenlijk is. Er zijn vele stukken geproduceerd en een van die stukken gaat inderdaad over een scenario-onderzoek, waarin bronscheiding en nascheiding, wel of geen diftar, naast elkaar gehouden worden. Dus dat staat gewoon in de stukken bij iBabs, die u daar kunt raadplegen. Voor de rest resten mij volgens mij alleen nog de moties. De motie van Stadsbelang, PvdA en Gorcum Actief gaat over bijplaatsingen. Over bijplaatsingen hebben we het vaker gehad, het is een actueel probleem en dat zal bij het nieuwe beleid ongetwijfeld niet anders zijn, behalve dan dat we er meer inzet op zetten rond toezicht en handhaving en rond communicatie. Een deel is inderdaad kwaadwillend en een deel is onwetend, dus daar zullen we wat aan moeten doen. Een van de dingen die erin zit is dat we een cultuuromslag nodig hebben, een cultuuromslag als het gaat over “hoe gaan we ons met afval, hoe gaan we om met onze grondstoffen?”, maar ook “hoe gaan we om met onze leefomgeving?”. Dat gaat breder dan alleen het afvaldossier. Ik denk dat de motie over containeradoptant worden – en ik verwacht in de tweede termijn heel veel aanmeldingen voor nieuwe adoptanten! –een hele mooie manier is om mensen echt weer eigenaar te laten zijn van hun eigen leefomgeving, dus die kan ik warm aanbevelen. Dan kom ik vervolgens bij de motie van de VVD, ‘Eerst meten dan weten’.
Normaal ga ik niet zo in op overwegingen, maar in dezen toch wel, voorzitter, want een van de dingen die is gezegd was dat een goed informatievoorziening ontbrak. Het vorig jaar, in kwartaal 2, hebben wij meerdere inspiratiesessies of voorlichtingssessies gehad. Blijkbaar was de heer Van Santen daar helaas niet bij, maar daarin zijn we onder andere ook op de verschillende manieren van diftar ingegaan. Hij geeft ook aan dat we nog ruim de tijd hebben. We lopen fors achter op de landelijke milieudoelstellingen en het effect op afvalreductie en bijplaatsingen is nog onbekend. Ook dat zit duidelijk in het analyserapport, zit duidelijk in de strategienota, dus ik zou bijna willen zeggen: hoeveel heeft u nog meer nodig om een besluit te kunnen nemen? De voorzitter: Interruptie de heer Van Santen.
H - 36
De heer Van Santen: Over bijplaatsingen: dat is natuurlijk best wel lastig meten. De vorige keer heeft volgens mij de heer Bahlmann aangegeven dat we wat meer geholpen zijn als we het rapport hebben dat daarover gaat. Dat zou nog een grote wens zijn in dit verhaal. En over informatievoorziening: ja er is best wat informatievoorziening geweest, maar toen de vorige keer de wethouder aangaf dat er geen varianten van diftar waren zonder pasjes, ja, dat is niet zo, dus dan denk ik: nou oké, dan we weten we het kennelijk met elkaar niet zo goed meer, dus is het misschien sowieso goed om nog eens een keer te kijken welke varianten van diftar er allemaal zijn. Bovendien denken wij dat er varianten van diftar zijn die misschien veel beter aansluiten op nascheiding, wat je in de grote steden wel ziet. Daar roept dit stuk toe op. Dus ik ben het wel met u eens dat de informatievoorziening tot op zeker hoogte aanwezig was, maar op dat punt zouden we misschien met z’n allen nog eens een recap kunnen doen. Wethouder Van der Geest: Bedankt voor de toevoeging, maar ik blijf de motie ontraden. Ten slotte kom ik bij de motie over het referendum van D66. Ik heb mij al niet heel erg enthousiast getoond tijdens de B&A-sessie en ik blijf dat ook niet.
Ik denk dat u als raad zelf een goede keuze kunt maken, nog los van het feit dat het bindend referendum voor het invoeren van pasjes wat mij betreft niet zo’n hele goede zet is, omdat de invoering van pasjes het middel is en niet het doel. We hebben het doel om bijvoorbeeld het afvaltoerisme tegen te gaan en oneigenlijk gebruik door bijvoorbeeld bedrijfsafval toe te voegen. Daarvoor hebben we die pasjes heel hard nodig en er uiteindelijk toe te komen dat mensen bewustere keuzes maken om hun grondstoffen in de juiste bak te doen en uit het restafval te halen. Dus bij dezen ontraad ik die ook, voorzitter. De voorzitter: Interruptie van de heer Tekir. De heer Tekir: Ja, voorzitter, dank u wel. Ik volg de wethouder waar het erom gaat dat het doel van dit beleid niet is het wel of niet hanteren van pasjes. Alleen, het gebruik van pasjes is natuurlijk wel het element dat onze inwoners dagelijks gaan merken. Dat is iets wat hen direct raakt. In die zin is een referendum daarover wel relevant. Ik ben benieuwd hoe de wethouder daartegen aankijkt. Wethouder Van der Geest: Het mooie van het werk van de heer Tekir en van mij is dat ongeveer alles wat we doen het dagelijks leven van onze inwoners raakt. Dat maakt het ook zo mooi om wethouder te zijn, maar ik denk dat het ook wel heel mooi is om raadslid te zijn.
Maar gelukkig nemen wij in deze zaal – hopelijk snel weer ook écht in deze zaal – heel veel besluiten en hebben we daar geen referenda voor nodig. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we over naar de tweede termijn. Ik geef allereerst de heer Oostrum het woord. De heer Oostrum: Dank u wel, voorzitter. Ik kan het heel kort houden. We zitten in een ernstige situatie. We leveren op dit moment per inwoner 232 kg afval en dat moeten we terugbrengen naar 100 kg. We lopen ver achter bij andere gemeenten en daarnaast stijgen de kosten van de afvalverwerking met het jaar de pan uit. Dat betekent dat er nu ook nog eens nieuwe investeringen gedaan moeten worden en dat bevestigt voor mij alleen maar H - 37
des te meer dat we terug moeten naar het principe ‘de vervuiler betaalt’, en daar is dit pakket uitstekend toe in staat. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Bahlmann. De heer Bahlmann: Dank u wel, voorzitter. Ik wil even reageren op de wethouder met betrekking tot het adviseren over de moties. De motie van de VVD, daar gaan wij niet in mee en de motie van D66, daar gaan wij ook niet in mee. Ik wil ook reageren op mevrouw Dansen, die mij vroeg of wij ons dan ook aanmelden als adoptant. Zeker. Ik wilde eigenlijk in de motie aangeven dat alle raadsleden adoptant zouden moeten worden, maar dat vond ik te ver gaan, vandaar dat we het op deze manier doen. Meerdere raadsleden binnen onze fractie hebben al aangegeven dat ze adoptant willen worden. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Willigen. De heer Van Willigen: Dank u wel, voorzitter. Ik wilde even niet interrumperen, want ik dacht: het is beter om dat in tweede termijn te doen. In de chat heb ik al aangekondigd dat ik een vraag heb aan mevrouw Hamann, dus haar oren zullen nu gespitst zijn. Zij constateerde nogal teleurgesteld en kritisch dat de kosten verhoogden en de service verlaagde. Maar ook zij weet natuurlijk dat de kosten in dezen voor de service uitgaan en wij hebben nu meer service nodig.
Mijn vraag aan mevrouw Hamann is: vindt Gorcum Actief dat de kosten mogen stijgen op het moment dat de service ook verhoogt? Zo nee, waarom niet? En zo ja: hoeveel mogen de kosten dan stijgen? De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Santen. De heer Van Santen: Dank u wel, voorzitter. Drie dingetjes nog. Eén: er zijn ook wel eens nieuwe onderzoeken op diftar, best wel recent, en die kan ik delen met iedereen. Het is wat ons betreft sowieso goed om dat mee te nemen alvorens u naar stap 3 gaat. Een belangrijker punt is het volgende. Bij een aantal collega’s hoor ik zorgen over de financiële consequenties wanneer we stap 2 ietwat verlengen. Ik vermoed dat de motie gewoon niet begrepen wordt, of gewoon niet goed uitgelegd is door mij. Die zorg is namelijk onnodig, want op lange termijn is dat gewoon niet aan de orde. Het doel is gewoon hetzelfde. Een kleine toelichting daarop. De snelle curve in de stukken op de invoering van diftar in jaar 1 gaat uit van heel veel aannames op kostenreductie. In die aannames is bijvoorbeeld geen rekening gehouden met variaties zoals de mogelijke toename van bijplaatsingen, eventuele kinderziekten, hoe stap 1 in dit plan tot ontwikkeling gaat komen en de grafiek heeft ook helemaal geen betrekking op Gorinchem ‘an sich’; we hebben het immers nog niet uitgevoerd. Je kunt die grafiek dan voor een groot deel gewoon tekenen zoals je wilt.
In dat kader is 56% afvalreductie in 11% van de tijd naar 2050 simpelweg niet realistisch. Dat zie je ook terug bij het Rijk: dat is niet realistisch. Het argument dat we het dan niet gaan redden, of financieel niet verbetert op deze doelstelling, als we diftar niet binnen een jaar invoeren, gaat gewoon niet op. Er is genoeg tijd tot 2050 om het doel te halen. Dat is hetzelfde met deze motie. En dat kan ook H - 38
zeker met een mogelijke stap 3, diftar, als stap 2 ons niet in goede richting brengt. Neem dan gewoon die tijd om dat goed te beoordelen. Ik heb erover nagedacht. In het Engels heb je daar een gezegde voor – een Nederlandse variant kan ik niet zo snel bedenken –: slow and steady wins the race. Die motie roept gewoon op om die strategie te hanteren. Dan nog twee andere punten over de moties. Wij zijn op zich geen voorstander van een referendum. Het probleem is gewoon vaak dat je dan een best wel complex probleem gaat terugbrengen tot een simpel ja of nee. Dat lijkt me hier ook het geval. En over de containeradoptie: die containers geven in de nieuwe vorm […] lijkt me dat we ook met elkaar best wel verantwoordelijkheden hebben, maar goed, als daar mensen in voorop willen lopen, dan is dat wat ons betreft ook prima. In dat kader zullen we die motie wel steunen. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Breemen. De heer Van Breemen: Voorzitter, dank u wel. Ik heb in eerste termijn mijn standpunt over het afvalbeleid al duidelijk gemaakt, dus ik ga alleen in op de moties. De motie van de VVD. Ik vind niet dat stap 3 ingevoerd moet worden, zelfs stap 2 al niet, dus die motie zal ik niet steunen. Een referendum over dit onderwerp lijkt mij ook niet de oplossing. Volgens mij kunnen wij als raad dat prima namens onze inwoners doen.
De motie van Stadsbelang klinkt allemaal heel erg sympathiek, maar ook wel een beetje naïef. Ik denk niet dat mensen zich anders zullen gedragen als een buurtbewoner verantwoordelijk is voor de ondergrondse container om de hoek. Maar op zich is het wel het onderzoeken waard. Ik heb, denk ik, nog een tiental mailtjes van Waardlanden dat mijn klacht in behandeling is, dus daar wacht ik rustig op. In die zin ben ik al een adoptant en ik hoop dus dat, als we dit in gaan voeren, er ook op een goede manier mee omgegaan wordt, want dat is nu in ieder geval niet het geval. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Tekir. De heer Tekir: Voorzitter, dank u wel. Ik zal vooral stilstaan bij de moties, te beginnen met de motie over de containeradoptie. Wij vinden dit een sympathiek idee, dat ook heel erg aansluit bij het initiatief van adoptiegroen dat wij volgens mij jaren terug hebben geïnitieerd. Dus dat idee steunen we ook voor het afvalbeleid, ongeacht het systeem waarvoor we kiezen. Over het referendum is het een en ander gezegd. Onder andere heb ik de worsteling gehoord bij de heer Van Willigen. Via de heer Van Willigen zou ik tot alle indirecte democraten willen zeggen: in 99,99% van alle gevallen besluiten wij ook als gemeenteraad. Daartoe zijn wij inderdaad ook op aarde.
Maar soms is het gewoon een goed idee om eens te rade te gaan bij de inwoners die er straks simpelweg mee moeten werken. Dat wat betreft het referendum. De heer Oostrum gaf aan dat de samenhang zou verdwijnen als je mensen alleen laat beslissen over de pasjes. Dat ben ik niet met hem eens. Als je kijkt naar alle andere maatregelen in het afvalbeleid, zoals toestaan van bestelbussen, versterken van de