20241017 Verslag Raadsvergadering Gorinchem
Tekst van het document
En ten aanzien van de het raadsvoorstel dat eraan zit te komen met betrekking tot de I&O van ik dacht vorige week, maar twee weken geleden kan ook, time flies: dat komt tot stand in overleg met de scholen en ik denk dat u in dat geval toch echt het primaat bij die school moet laten en niet naar de raad moet verhuizen, met welke goede bedoeling dan ook. Want ik denk toch echt dat de scholen zelf en de mensen die er werken het meeste inzicht hebben in hun eigen planning en de manier waarop zij gebruik maken van hun schoolgebouw en wat betreft de schoolbesturen van de schoolgebouwen. Dus mijn eerdere toezegging, zo zal ik hem dan maar noemen bij dezen, doe ik gestand en daar kan me ook alles bij voorstellen. Dat is voor de toekomst dan geborgd. Aan de andere kant hoop ik dan ook dat wij bij een volgende update van het IHP het gesprek dat u nu op basis van de tussenrapportage voert dan in het kader van de update van het IHP met elkaar kunt voeren, want ik denk dat het daar beter past, omdat we nu al op een rijdende trein zitten met betrekking tot de aanpassingen en we bij een I&O ten aanzien van de plannen nog in een voorfase zitten en er dan nog misschien best wat geschoven kan worden, als iedereen zoals wij hier zitten, maar ook zoals de schoolbesturen erin staan, daar dan mee akkoord kunnen gaan.
Ik denk dat we in die samenspraak een heel eind komen, zodat we het niet te zwart-wit moeten maken. Maar voor nu heb ik echt wel de overtuiging dat de weg die we nu zijn ingeslagen de goede is, die de scholen en de schoolbesturen het beste past. De heer Tekir: Voorzitter. Het gaat er mij niet om om het zwart-wit te maken, daar houd ik sowieso niet van, maar als u zegt dat het in overleg is met de schoolbesturen en dat hen het primaat moet worden gegeven, vraag ik mij wel af waarom wij dan hier nog een IHP met een uitvoeringsprogramma vaststellen. Daarin stellen wij prioriteiten, geven we aan
I - 19
welke scholen echt aangepakt moeten worden, dat koppelen we aan middelen en ik ga ervanuit dat ook zo'n IHP in goed overleg met die schoolbesturen tot stand komt. Wethouder mevrouw Mager: Zeker, ja. De heer Tekir: Ja, kijk, er ligt ergens wel een evenwicht, dat we met elkaar ook te bewaken hebben, wat het nut is van het vaststellen van een IHP door de raad, als vervolgens de schoolbesturen het primaat toch gaan krijgen. Dat is even mijn worsteling. we hoeven dat nu niet helemaal uit te discussiëren, maar ik denk wel dat we dat met elkaar in acht moeten houden. Wethouder mevrouw Mager: Nu wil ik wel even de nuance maken dat we natuurlijk niet een school die in de top-5 waar u het net over had op 20 staat ineens op 1 zullen zetten. Het zijn meer de nuanceringen in de, nou noem het top-10, top-7, dus het zal niet zo zijn dat ineens een school die nu heel erg in het groen staat naar nummer 1 wordt verplaatst. Dat is misschien een kleine geruststelling. Maar laten we met elkaar in gesprek blijven hierover. Ik denk ook dat schooldirecteuren u graag daar nog wat inzicht in willen geven als dat nodig mocht zijn. Ik denk dat ik nu naadloos over kan gaan naar wat mevrouw Pellikaan inbracht. Dat had u wat mij betreft ook best mogen doen, terwijl ik hier net nog stond en blij was met het compliment, maar het kan ook zo met een tweede termijn.
Met wat u net zei, en wat ik maar even het flexibel meebewegen met wat er buiten gebeurt noem, is hoe wij hier binnen de bedrijfsvoering het liefst vorm en inhoud geven. Is het schoolbestuur dan de baas? Nee, maar dat gaat in goed overleg en op het moment dat we zowel bestuurlijk als ambtelijk met elkaar constateren dat het misschien op de manier waarop we het in eerste instantie bedacht hebben niet helemaal meer past bij de nieuwe werkelijkheid, moeten we daar op een goede manier mee omgaan, transparant, maar ook heel flexibel. We hebben hier het huis zodanig ingericht dat er gewerkt wordt met opgavemanagers. We hebben veel projecten, we zijn ook projectwethouder, zoals ik dat ben van de Lange Slagenstraat, en zo hebben we sommige projecten ingedeeld.
En natuurlijk wordt er gekeken, wat ik net zei, van: hé, er is iemand uitgevallen, hoe gaan we daarmee om, heeft dat prioriteit? Daar wordt intern constant de afweging gemaakt, dat gebeurt in het managementteam op directieniveau, en dat wordt met ons teruggekoppeld en af en toe hebben we daar ook best stevige gesprekken over, omdat we het natuurlijk niet leuk vinden als iets wat wij ons hebben voorgenomen, en dat mag u visie noemen, maar ik noem het ons collegeprogramma, dat echt ons lijfblad is, om het zomaar te zeggen en waarop we dus ook deze turap vorm en inhoud kunnen geven, dat daar met heel veel mensen naar wordt gekeken en de afweging wordt gemaakt wat prioriteit heeft. En soms helpt het daarbij dat we dingen als een Omgevingswet die op een bepaald moment moet worden ingevoerd. . . , ja, dan kun je op je hoofd gaan staan, maar die moet gewoon ingevoerd worden en daar zal je je omgevingsvisie aan moeten koppelen en dat doen we dan dus ook.
Dat er dan misschien iets anders blijft liggen, moeten we dan voor lief nemen, maar dat is echt opgenomen in de bedrijfsvoering en het is een constante afweging, de secretaris is er, ik zou haast zeggen ‘bijna dagelijks’, mee bezig, want meldt iemand zich ziek, dan is het ‘ojee, en hoe gaan we daar met elkaar mee om?’ Het zal u niet verbazen dat dan de beloften die buiten gedaan zijn, dus naast de beloften die hier in de raad zijn gedaan en I - 20
de besluiten die hier zijn genomen, daarbij ook heel zwaar wegen en we dat ook meenemen in onze afweging wat prioriteit krijgt. De voorzitter: Mevrouw Pellikaan. Mevrouw Pellikaan: Allereerst wil ik de wethouder bedanken dat ze de tijd heeft genomen om te reflecteren op mijn bijdrage. Ik hoor de wethouder beschrijven hoe het college en de ambtenarij zich vooral zo goed mogelijk proberen te bewegen binnen de dynamiek en de hectiek die ook gaande is. Mijn punt was er vooral op gericht, en dat gun ik het college ook vooral, om met elkaar ook de tijd te nemen om soms even stil te staan en de balans op te maken en ook verder te kijken dan het collegeprogramma van vier jaar, maar juist ook naar de jaren daarna, de lange termijn, en daar vervolgens ook de besluiten op te baseren. Wethouder mevrouw Mager: Dank voor de tip en ik kan u bijna verzekeren dat dat ook gebeurt. De dagelijkse afweging en het ingehaald worden door de realiteit spelen daar soms in mee, maar dat mag je inderdaad nooit vergeten. Dan kreeg ik volgens mij nog iets mee van mijn collega ten aanzien van wonen en de hoeveelheid woningen die nog gerealiseerd kan worden, of in de pipeline zit. Volgens mij zijn daar lijstjes van, ik weet het bijna zeker. Is het goed als dat dan onder elkaar wordt gezet en dat we aangeven wat voor soort woningen wanneer gerealiseerd gaan worden? De voorzitter: Ik zie instemmend geknik.
Dat lijkt me een goed plan. Wethouder mevrouw Mager: Dan gaan we daarvoor zorgen. De voorzitter: Uitstekend. Wethouder mevrouw Mager: Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan wethouder Molengraaf. Wethouder mevrouw Molengraaf: Voorzitter. Excuus dat ik niet op de mobiliteit ben teruggekomen. Ik zou mevrouw Pellikaan zeker niet verpauperd achter willen laten, al vroeg ik me wel af wat dat precies betekende, maar goed, daar gaan we nog wel een keer bij de borrel over spreken. Het is heel actueel, Eike’s Hof, en iedereen wil nu actie. En als ik dat van het begin af op mijn lijstje had, waarom is dat dan nog niet klaar? Ik breng u even in herinnering dat de mobiliteitsvisie de fietsknelpunten-top 10 heeft, waar we aan de Haarsekaden bezig zijn met de realisatie. Op het moment dat dat van het lijstje af is, schuift de lijst door. Dan hebben we de Banneweg, die veiliger en oversteekbaarder moest zijn, en op het moment dat daar de planvorming verder van is, gaan we met Eike’s Hof verder. Het is natuurlijk niet zo dat we, omdat we vandaag met de omwonenden zijn gaan spreken, gisteren pas het plan hebben bedacht. Daar gaat heel veel tijd aan vooraf, dus we zijn al maanden bezig met te bedenken wat daar kan. Het is echt wel complex en ik zou heel graag willen dat er makkelijke oplossingen waren, maar helaas is dat niet zo. Er is dus planvorming aan voorafgegaan.
Ik zou ook heel graag willen dat het allemaal sneller ging, want mijn ergste nachtmerrie is dat er daar iets gebeurt en dat daar slachtoffers vallen die het niet meer na kunnen vertellen. Ik denk dat dat voor elke wethouder
I - 21
mobiliteit geldt, dus ik heb daar echt geprobeerd de vaart er zoveel mogelijk in te brengen. Tegelijkertijd wil je met een goed plan komen en niet met een half plan. Dus dat is mijn antwoord daarop. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik naar het raadsvoorstel. Kunt u instemmen met het raadsvoorstel inzake de turap? Stemverklaring de heer Tekir. De heer Tekir: Voorzitter, dank u wel. Het is een tussenstand, dus daar kun je moeilijk op tegen zijn. Daarom zullen we ook instemmen met de turap. Wel zullen wij de reacties op de afwijkingen die we hebben toegelicht meenemen in de behandeling van de begroting, dan wel de verantwoording. Met die acht aandachtspunten gaan we nu akkoord. De voorzitter: Dank u wel anderen. Nog een stemverklaring. Dat is niet het geval. Zonder hoofdelijke stemming wordt hierna conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. 7.b RIB - informatie over verzoek om financiële steun van Stichting Peeriscoop (2024-940905)
De voorzitter: Dames en heren. Bij de vaststelling van de agenda is besloten dit agendapunt in te lassen. Ik zou nog even terugkomen op de geheimhouding en de vraag of hierover in beslotenheid vergaderd zou moeten worden. Het proces verloopt eigenlijk in twee stappen. De voorzitter, ik dus, of 1/5de deel van uw raad, zijnde vijf raadsleden, kan verzoeken om het overleg in beslotenheid te laten plaatsvinden. Dan worden de deuren gesloten en wordt met elkaar bepaald wie in de besloten vergadering aanwezig mag zijn, naast de leden van de raad. Dan meld ik nogmaals het onderwerp en dan is het aan de raad om een besluit te nemen om daadwerkelijk in beslotenheid te vergaderen over het onderwerp. Dat besluit wordt dan genomen bij gewone meerderheid van stemmen. Dus de argumentatie voor of tegen een besloten vergadering wordt in een besloten gedeelte genomen, want dan kunt u ook vrij spreken over de redenen die u hebt. De hoofdwet binnen het openbaar bestuur is ‘openbaar, tenzij’. Van mij hoeft u niet te verwachten dat ik voor zal stellen nu in beslotenheid te vergaderen, dus het ligt aan u. Als er vijf of meer raadsleden zijn die in beslotenheid willen vergaderen, treedt het proces in werking dat ik zojuist heb geschetst, en anders vergaderen we gewoon in de openbaarheid. De heer Van Santen. De heer Van Santen: Even een technische vraag.
U zegt dat u als voorzitter dat besluit mag nemen, of dat 1/5de deel van de raad mag voorstellen om dat te doen, maar hoe ziet u dat dan in het licht van de commissievergaderingen, waar een deel geheimhouding is opgelegd? De voorzitter: Zolang geen voorstel door uw raad is aangenomen ten aanzien van het opheffen van de geheimhouding, geldt wat geldt, namelijk dat die stukken geheim zijn. Ik kijk even rond. Zijn er vijf of meer raadsleden die hierover in beslotenheid willen spreken? Zo niet, dan vervolgen we met de openbare vergadering. Ik zie twee handen. Dat is onvoldoende om verder te gaan in beslotenheid. I - 22
De heer Van Santen: Mogen we wel tien minuten schorsen? De voorzitter: Uiteraard. Ik schors de vergadering (20.58 uur). Schorsing De voorzitter: De vergadering is heropend (21.13 uur). Een aantal raadsleden is er nog niet, maar de tijd is ruim verstreken en het quorum is aanwezig. Als we een afspraak maken, is het goed die ook na te komen; dat zal ik zo meteen ook nog wel even aangeven. Een afwijking van een paar minuten is tot daar aan toe, maar nu is het al geruime tijd en we hebben ook rekening te houden met degenen die thuis digitaal kijken en niet weten wat er aan de hand is; dat weten wij hier trouwens ook niet. . . De heer Van Willigen: Voorzitter, dat appel moet u richten aan de telaatkomers. De voorzitter: Ik zei zojuist ook dat ik dat zou doen als de raad compleet was. (. . . .) Wij gaan beginnen met de vergadering, want ik zie nog steeds geen enkele actie. Geagendeerd is de RIB inzake Peeriscoop. Er is ook een motie aangekondigd door de heer Schefferlie en ik geef hem het woord. De heer Schefferlie: Dank u wel, voorzitter. Allereerst verheugd dat de behandeling van onze motie ‘Perspectief op Peeriscoop’ niet langer gehinderd wordt door een rigiditeit. . . De heer Van Santen: Voorzitter! De voorzitter: Wij hebben een afspraak gemaakt ten aanzien van de schorsing, en die hebt u ruim overschreden; ik heb nog geruime tijd gewacht.
Het lijkt mij goed dat, als wij hier een afspraak maken ten aanzien van schorsingen, die ook wordt nagekomen. Op één of twee minuten kijk ik niet, maar het was nu echt langdurig en we hebben ook rekening te houden met de mensen die thuis achter de buis zitten te luisteren naar deze vergadering en daarom heb ik de heer Schefferlie het woord gegeven. U kunt te allen tijde, als u dat wenst, opnieuw een verzoek indienen tot geheimhouding, maar nu geef ik eerst de heer Schefferlie het woord. De heer Van Santen: Maar dan moet u ons wel excuseren, want wij zullen niet aan deze sessie deelnemen. Bij dezen. Dank u wel. De voorzitter: De heer Schefferlie vervolge zijn betoog. De heer Schefferlie: Dank u wel, voorzitter. Wij zijn erg blij dat we eindelijk in openbaarheid over deze motie kunnen spreken. Er is immers ook geen enkele belemmering om dat in het openbaar te doen, in de wetenschap dat een raadsinformatiebrief in het openbaar is geuit over de hulp die het college bereid is te schenken aan Peeriscoop en onze motie blijft volledig binnen het kader van die raadsinformatiebrief. Voorzitter. Ik ga het kort houden, omdat het over een hoop zaken gaat die we al kennen over Peeriscoop. Het is natuurlijk een parel in de stad, een theater waar we tientallen jaren eigenlijk niet eens voor een dubbeltje op de eerste rij, maar waarschijnlijk zelfs gratis van hebben kunnen genieten.
We weten allemaal dat die situatie is gewijzigd, waardoor het I - 23
eigenlijk een normaal theater geworden is en normale theaters kunnen, tenzij je AFAS heet of zo, eigenlijk niet programmeren zonder verlies te lijden. Tegelijkertijd bevindt het theater zich in een overgangssituatie om met die nieuwe realiteit om te gaan. We hebben een verzoek gezien van het theater, waarop zeven fracties een brief gestuurd hebben naar het college in de zomervakantie van: goh, probeert u dit eens positief tegemoet te treden. Daar is het college ook mee bezig geweest. Dat verzoek hield eigenlijk in van: goh, een programmering, daar willen we eigenlijk graag de realistische kosten voor gesubsidieerd zien en daarnaast hebben wij voor de overgang die nodig is graag een garantiestelling, zodat we, zeg maar, daarnaartoe kunnen groeien. Het is goed om die twee zaken uit elkaar te halen, want de garantiestelling is gericht geweest op het kunnen opvangen van kosten als je die nog niet zelf kunt dekken in die overgang rond de bedrijfsvoering. en daarnaast heb je dan natuurlijk de kosten voor de programmering. We hebben in de raadsinformatiebrief gezien dat het college een aantal besluiten heeft genomen en één daarvan is dat de subsidie wordt verhoogd tot 60.000 euro in plaats van 75.000 euro, maar ook dat die voor één jaar is toegekend en dat de garantiestelling niet geleverd wordt.
Even voor de helderheid: wij hadden het liefst gehad dat de garantiestelling werd toegekend in geheel of gedeeltelijke mate en dat ook de programmeringssubsidie werd toegekend zoals die is gevraagd, omdat wij denken dat die klopt in verhouding tot het aantal voorstellingen dat wordt geleverd. Maar goed, wij willen ons ook graag aanpassen aan de politieke realiteit en de zorgvuldigheid die het college ongetwijfeld heeft betracht, waardoor we niet gaan proberen er in de motie alsnog 75.000 euro van te maken. Laten we aansluiten op die 60.000 euro, hoewel ik denk dat het een uitdaging is voor het theater, maar in ieder geval ook een prikkel, zou je positief kunnen zeggen. Maar dan? Wij zouden eigenlijk het volgende willen voorstellen. Als we een positieve beweging zien in het opstellen van het bedrijfsplan en, zeg maar, in het uitvoeren van dat bedrijfsplan, dat het college constateert dat het positief is, laten we dan nu vast in het vooruitzicht stellen dat we bereid zijn om ook voor het daarop volgende theaterseizoen de subsidie te verhogen tot die 60.000 euro. Dat is een relatief laag bedrag voor zo'n belangrijke voorziening, tegenover het risico dat die zou kwijtraken.
En waarom is dat een risico? Als je wilt gaan programmeren voor het theaterseizoen, dat helaas niet gelijk loopt met onze begrotingsjaren, moet je natuurlijk ook al vroegtijdig beginnen aan die programmering en vrijwilligers en andere partners van het theater zullen graag wel een garantie willen hebben, of een soort serieus vooruitzicht, voordat je zoveel energie gaat steken in het opwerken naar een nieuwe bedrijfsvoering en naar een programmering die ook na het subsidiejaar dat nog wel tot 60.000 euro tegemoet kan zien, doorgaat. Kort samengevat, voorzitter, en ik lees daarmee gewoon de motie op: de gemeenteraad van Gorcum vraagt het college de intentie uit te spreken om bij een positieve beweging in het opstellen en de uitvoering van het gevraagde bedrijfsplan van Peeriscoop ook voor het jaar 2026 bereid te zijn een programmeringssubsidie toe te kennen van € 60.000. En voor de helderheid: dat is 35.000 euro meer dan de 25.000 euro die er doorgaans is. De motivatie in de motie ligt besloten in mijn eerste termijn en ik hoop van harte op de ondersteuning van de collega's in deze raad. Dank u wel. Motie M01: Perspectief voor Peeriscoop De gemeenteraad van Gorinchem,
I - 24
in vergadering bijeen op 17 oktober 2024; vraagt het college de intentie uit te spreken om bij een positieve beweging in het opstellen en de uitvoering van het gevraagde bedrijfsplan van Peeriscoop ook voor het jaar 2026 bereid te zijn een programmeringssubsidie toe te kennen van € 60.000,=.
De heer Klein: Voorzitter. De voorzitter: De heer Klein, Stadsbelang. De heer Klein: Dank u wel, voorzitter. Zojuist zag ik de motie ook in de mail binnenvallen, dus ik moet hem nog even tot me laten doordringen. Ik hoop dat de heer Schefferlie wat extra duiding kan geven aan wat ik lees, ondanks dat het in principe in één zin is samengevat. Ik roep maar gewoon een aantal vragen die direct in mij naar boven komen. Kan ik ‘de intentie uitspreken’ lezen als zeg maar gewoon weer dezelfde positieve grondhouding die eerder is afgekaart? Vervolgens staat er ook ‘bedrijfsplan’. Kan het ook zijn dat bijvoorbeeld uit dat bedrijfsplan komt dat het, ik noem maar een dwarsstraat, 40.000 is wat ze totaal nodig hebben en verandert dan die 60.000 ook? Ik vind het bijvoorbeeld gevaarlijk om die 60.000 zo hard te noemen. En verwacht u dan een evaluatie in ’25, om, zeg maar, ’26 dan goed te keuren? Ik probeer hem even scherp te krijgen. De heer Schefferlie: Dank u wel voor de vragen, want ik vind het fijn om het te verhelderen. Even over de termijn waarop u de motie hebt gekregen: het zal ook u opgevallen zijn dat we pas afgelopen dinsdag de raadsinformatiebrief hebben gekregen. En we vinden het wel fijn als we gewoon duidelijkheid kunnen verschaffen. En nogmaals: het gaat natuurlijk om een overzichtelijk bedrag.
Uw vragen zijn terecht, maar ik vind dat de raadsinformatiebrief van het college daar eigenlijk ook wel helderheid over gaf. Die hebben echt wel in mijn ogen een soort voorwaardelijkheid gekoppeld aan het toekennen van het bedrag, dus ik zie dit ook, zeg maar, als een in mijn ogen theoretisch maximum vanuit de politieke realiteit. Het college heeft er goed over nagedacht, ik had het liever wat ruimhartiger gezien, maar dat wil niet zeggen dat het 60.000 hoeft te zijn; alles ter beoordeling aan het college in de mate waarin het ziet dat dat bedrijfsplan werkelijk wordt opgesteld, maar ook dat het ter hand genomen wordt. Dus het is slechts een intentie. En waarom is die nou zo belangrijk? Want je zou ook kunnen zeggen: joh, laten we het volgend jaar eens bekijken, we hebben nog tijd genoeg. Maar de mensen die hier de schouders onder gaan zetten, dat is heel veel vrijwilligers vragen, het zal ook donateurs, zeg maar, vragen en het zal een stukje lef vragen van de programmering voor het seizoen daarop, want daarmee kun je natuurlijk niet pas een aantal maanden voor het nieuwe seizoen beginnen.
Er wordt geen bedrag toegekend, maar je geeft eigenlijk het college het signaal vanuit deze raad van: goh, hier ligt de bereidwilligheid dat, als die ontwikkelingen positief zijn, net als de toekenning van het college zover gezien in de RIB ook nog een jaar daaropvolgend tot een maximaal bedrag zou kunnen worden toegekend. Is dat voldoende voor u? De heer Klein: Ja, dat is helder. Ik zal er zo meteen iets verder op ingaan. De heer Schefferlie: Dat is goed, dan heb ik ook nog een tweede termijn. Dank u wel. De voorzitter: In één termijn mag u het ook afhandelen, hoor! We hebben nog meer te doen vanavond. De heer Tekir, D66. I - 25
De heer Tekir: Voorzitter, dank u wel. Het had wat voeten in de aarde, laat ik zeggen, om dit debat hier vanavond te voeren, maar ik ben blij dat we wel in openheid en in alle oprechtheid het debat met elkaar kunnen voeren, om als raad te bepalen wat voor cultuurstad we willen zijn. En ik heb er alle hoop in dat dat goed komt. Het is eerder dit jaar begonnen met een brandbrief vanuit meerdere fracties in deze raad, wat volgens mij een constructieve actie was, een gezamenlijke actie ook, oppositie- en coalitiebreed, om het college op te roepen tot een positieve grondhouding te komen en vanuit die grondhouding een afweging te maken die Peeriscoop ten goede komt. Als we nu kijken hoever we staan, is er denk ik een eerste belangrijke stap gezet met de incidentele bijdrage die in het vooruitzicht is gesteld. Ze is nog niet verstrekt, daar zijn voorwaarden aan gekoppeld, maar de eerste stap is gezet en die is belangrijk. Tegelijkertijd ligt er toch een motie voor van onder andere Democraten Gorinchem en D66. Waarom dan? Daarop wil ik met name ingaan in mijn bijdrage, want als wij willen dat de subsidie die wij nu verstrekken voor € 60.000 per jaar niet verdampt, dan zouden we eigenlijk Peeriscoop ook een reële kans moeten bieden, en een tijdspanne moeten gunnen, om ook daadwerkelijk de voorbereidingen te treffen om op eigen benen te kunnen staan.
En dat is, zoals we destijds in de brandbrief met elkaar hebben geschetst, niet één jaar, maar twee jaar. Dat is precies de reden waarom we de motie ook in die lijn hebben voorgesteld, want dan krijgt Peeriscoop echt de kans om vanuit een bedrijfsplan, dat zij opstelt, ook te werken aan een solide toekomst. Ze schrijven dat ook zelf in de reactie die ze geven. We hebben ze wat vragen gesteld en die hebben ze netjes beantwoord, waarin ze het college en ook de raad bedanken en complimenteren, maar ze geven tegelijkertijd ook aan dat het in het eerste jaar wel een flink risico vormt, als wij enkel deze eerste stap nemen en niet de vervolgstap zetten. En voorzitter, dit is niet uniek, daar wil ik het ook even kort over hebben. Ik noem als voorbeeld De Gezel. Wij hebben in 2022 De Gezel een subsidiebijdrage verstrekt voor twee jaar met de voorwaarde dat ze na twee jaar op eigen benen zouden staan. Waarom zouden we dat ook niet kunnen doen voor theater Periscoop. en bij uitstek voor theater Periscoop, zou ik willen zeggen? De voorzitter: Interruptie de heer Koçak. De heer Koçak: Dank u wel, voorzitter. Ik ben het met de heer Tekir eens dat Peeriscoop zeker een kans moet krijgen, want Peeriscoop heeft al jaren zelfstandig gefunctioneerd, zelfredzaam, autonoom, prima. Wat ons betreft krijgt Peeriscoop dus ook de kans.
Is de heer Tekir het echter met mij eens dat Peeriscoop terdege moet beseffen dat het vijf voor twaalf is en de ruimte moet krijgen om met een robuust bedrijfsplan en een degelijke verantwoording te komen? De heer Tekir: Voorzitter, ik ben echt blij met de vraag die de heer Koçak stelt, want die is terecht. Het is overigens niet vijf voor twaalf, maar misschien al vijf óver twaalf. Wij hebben allemaal vanuit verschillende fracties gesprekken gevoerd met theater Peeriscoop. Het theaterseizoen is eigenlijk al begonnen en de afgelopen maanden heeft theater Peeriscoop ingeteerd op eigen middelen. Dat is niet wat we een theaterproductie zouden moeten aandoen. Dus ja, het is vijf óver twaalf en ik ben het met de heer Koçak eens, en ook met het collegestandpunt, dat er een robuust plan moet liggen. dat heet een I - 26
bedrijfsplan, om tot een vervolg te komen. Ik wil er wel bij zeggen, en dat meen ik oprecht: wij hebben die brandbrief ergens in juli gestuurd en sindsdien zijn wij als stadsbestuur aan het broeden op een besluit. Dat kost zo twee, drie maanden en ik vind het dan wel enigszins opmerkelijk dat wij op 15 oktober een RIB sturen en ook Peeriscoop op de hoogte stellen van het besluit, en vervolgens uiterlijk 1 november een bedrijfsplan van ze willen dat een solide toekomst zou moeten bieden. Ik zou daarin ook het college willen oproepen om Peeriscoop iets meer tijd te gunnen om echt tot een voldragen bedrijfsplan te komen, waardoor ze aan hun toekomst kunnen werken. Intussen kunnen we best een voorschot uitbetalen en dat kan gewoon later verantwoord worden. In de subsidiesystematiek is dat mogelijk, maar ik hoor graag hoe het college hiertegen aankijkt. De voorzitter: De heer Klein. De heer Klein: De heer Tekir maakt volgens mij een niet helemaal terechte claim dat dit, zeg maar, als een donderslag bij heldere hemel komt voor Peeriscoop. Tenminste, laat ik dat aannemen, aangezien ze al sinds 26 augustus met elkaar rond de tafel zitten. Laat ik het zo zeggen: ik lees de RIB zó, dat hier dus al sinds die tijd op die manier met elkaar gesproken wordt.
Dus het is volgens mij niet helemaal de correcte aanname, maar misschien dat het college dat zo meteen kan bevestigen of ontkrachten, dat het ineens, zeg maar, afgelopen dinsdag besloten is dat ze een bedrijfsplan moeten maken. De heer Tekir: Die gesprekken lopen inderdaad vanaf 26 augustus, dat hebben we kunnen lezen, maar ik denk dat u het met me eens bent dat net zoals wij ook Peeriscoop tot en met 15 oktober wel in onzekerheid leefde over wat uiteindelijk het definitieve besluit zou zijn. Zij hebben ook pas 15 oktober het besluit vernomen dat zij die € 35.000 plus zouden krijgen. De heer Klein: Ik mag toch aannemen dat de heer Tekir ook wel het vertrouwen heeft in de organisatie Peeriscoop dat ze al voor die tijd überhaupt bezig waren met hun eigen bedrijfsplan, want anders, . . , enfin. Punt. De heer Tekir: Mijn oproep is alleen om in alle zorgvuldigheid ook Peeriscoop de nodige ruimte te geven als zij die nodig hebben. De voorzitter: De heer Koçak. De heer Koçak: Een laatste opmerking wat mij betreft. Laten we even de motie afwachten. Vervolgens is het aan college en Peeriscoop om dat zo snel mogelijk vorm en inhoud te geven. Over een voorschot gesproken: dat laten we aan het college over. De heer Tekir: Zeker, en daarom is de vraag ook aan het college. De voorzitter: Kunt u iets meer tempo maken? De heer Tekir: Zeker, ik wilde al naar een slotwoord.
Bij De Nieuwe Doelen hebben we gezien dat iets wat tien jaar geleden de deuren moest sluiten al tien jaar een kopzorg is van de hele stad. Mijn pleidooi zou zijn: afbreken is makkelijker dan opbouwen, laten we voorkomen dat we hier een weg inslaan die I - 27
voorlopig Peeriscoop wel weet te redden, maar eigenlijk het probleem vooruitschuift en we volgend jaar weer deze discussie hier met elkaar zitten te voeren. Daar hoort, denk ik, bij dat we ze voldoende perspectief bieden met de twee jaar die ze ook verdienen. En om in de woorden van Esmée Ousmani af te sluiten, het is een stukje magie voor heel veel jonge kunstenaars en makers die we niet moeten willen verliezen. Dank u wel, voorzitter. De heer Van Houwelingen: Voorzitter… De voorzitter: De heer Van Houwelingen. De heer Van Houwelingen: Ik heb een technische vraag over de motie. In de motie lees ik dat gevraagd wordt om 60.000 euro, althans de intentie daartoe uit te spreken. In de RIB wordt voorgesteld 25 + 35. We hopen het niet, maar ik krijg altijd zoiets van: wat als de verbetering niet voldoende blijkt? Vervalt dan de volledige 60k, of de +35? De heer Schefferlie: Als ik zo vrij mag zijn, voorzitter: dat ligt natuurlijk ook in redelijkheid ter beoordeling aan het college. Dus als je, zeg maar, voor die programmering normaal al die 25 gaf, dan is het natuurlijk vooral die plus die kritisch bekeken wordt. Maar als het bedrijfsplan niet lukt, als die vordering zich niet voordoet, dan denk ik eerlijk gezegd dat het ook het einde van Peeriscoop is. Maar zo is het in ieder geval bedoeld: ter beoordeling aan het college tot een maximum van dit bedrag.
De heer Van Houwelingen: Duidelijk. Ik las aanvankelijk dat het alles of niets was, en daar zag ik wel een reëel gevaar in. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van der Geest, CDA. De heer Van der Geest: Dank u wel, voorzitter. Laat ik in ieder geval benoemen dat ik het origineel vind dat de VVD-fractie dit onderwerp begint met een klucht op te voeren. Onze fractie is in ieder geval blij dat we dit debat nu in de openbaarheid kunnen voeren. De RIB was wat later dan gepland, maar dank in ieder geval daarvoor, en ook positief hoe het college en het bestuur van Peeriscoop met de vrijwilligers hier de afgelopen tijd aan hebben kunnen werken met elkaar en tot in ieder geval deze oplossing zijn gekomen. Wij zijn voornemens de motie te steunen van Democraten Gorinchem en D66, omdat wij denken dat het wat meer rust geeft richting het tweede jaar. In de antwoorden van de stichting die vandaag werden doorgestuurd wordt ook aangegeven dat een jaar wel erg krap is. Het is een vereniging of stichting die op vrijwilligers gestoeld is, die zijn ons erg dierbaar en we hopen dat het wat rust geeft, ook met het oog op De Nieuwe Doelen, los van wat wij nog inhoudelijk van het voorstel gaan vinden. Die zal in ‘26 echt nog niet open zijn, dus laten we hopen dat we in ieder geval nog twee theaters hebben in dat jaar in Gorinchem.
Wij hebben er vertrouwen in dat het bestuur de goede richting is ingeslagen, dat lezen we ook in de RIB van het college, dus we hopen dat we op die manier voort kunnen bouwen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Hamann. Gorcum Actief.
I - 28
Mevrouw Hamann: Dank u wel, voorzitter. Het kwam zo ineens, deze motie, dat ik geen betoog heb kunnen voorbereiden, dus ik ga proberen iets uit mijn hoofd te zeggen. Ik wil de wethouder hartelijk danken voor de raadsinformatiebrief en de inspanningen die gedaan zijn om met Peeriscoop, na toch ook wel heel veel discussie en gedoe, tot overeenstemming te komen, of in elk geval een verduidelijking over Peeriscoop in het voorzien van haar bestaansmogelijkheden, want daar praten wij over. Als we Peeriscoop niet helpen, hebben we straks geen Peeriscoop meer, zo simpel is het. We danken dus voor die inspanningen en zijn blij, ook al is het niet helemaal wat gevraagd is. De handreiking is hopelijk genoeg voor Peeriscoop met haar mensen, met al die passie en de vindingrijkheid die zij hebben, zoals Gehaktballendag voor de senioren uit de stad – dat vind ik altijd een prachtig verhaal. Ik hoop dat zij daarmee nog vele jaren kunnen doorgaan. En nu kom ik op een punt dat voor mij de motivatie is om deze motie van harte te steunen. Dat is omdat cultuur altijd een hele belangrijke pijler is geweest in onze stad en er is helaas nog maar zo weinig van over. En wat zien we bij de rijksoverheid? Grote bezuinigingen! Ja, we moeten in defensie investeren, ik snap het allemaal, we hadden het er toevallig vanmiddag nog over, maar dat betekent dat. . . .
De voorzitter: Wilt u alstublieft bij de motie blijven? Mevrouw Hamann: Ja, ik moet me ook aan de spreektijd houden, maar het zal duidelijk zijn dat ik bang ben dat ook de rijksoverheid veel gaat bezuinigen op cultuur en Gorinchem heeft al niet zoveel, het bioscoopje is ook al weg, de zaaltjes zijn al weg, we kunnen niet meer dansen in de Speelwagen, het is echt een treurige boel eigenlijk. Ik heb dat eerder ook al gezegd, meermalen zelfs, en ik moet er toch echt niet aan denken dat onze Peeriscoop verdwijnt. Dan even over het overlevingsplan dat er nu ligt, want dat is een beetje een overleving. Het gaat bij mensen die met passie en vrijwilligers hun werk doen ook om een stukkie vooruitzicht. Als het vooruitzicht is dat je met veel pulken wat centjes los hebt gekregen, ga je natuurlijk geen groot beleidsplan maken voor de toekomst als je denkt dat je dan misschien niet eens meer bestaat; dan gooi je er met de pet naar en kap je ermee. Dat zou ik tenminste doen. Maar als je het vooruitzicht hebt dat je misschien een verandering kunt doen, een beleidsplan kunt opstellen, een nieuw soort toekomst kunt bouwen zonder die rijkssteun die weggevallen is, dan wil ik dat zeker een kans geven. Dat vooruitzicht is echt van levensbelang om het beleidsplan kansrijk te maken; daar ben ik van overtuigd. En wat zijn dan de risico's voor de gemeente? De boekhouding, alles is controleerbaar.
Het is allemaal onder voorwaarden en je biedt wel een stukje continuïteit en vooruitzicht en niet elk jaar een grote heisa om weer te kunnen overleven. Ik vind dat echt heel erg zwaar voor die mensen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Hachhouch. De heer Hachhouch: Dank u wel, voorzitter. Fijn om na een kleine twee jaar weer terug te zijn, jammer dat het niet voor de volle ‘25 is, maar jullie voldoen zeker. Ook wij zien het belang van theater Periscoop, zeker ook in de context van het cultuurlandschap in de gemeente Gorinchem. Niet voor niets waren wij een van de fracties die het college opriep om een positieve grondhouding aan te nemen richting de I - 29
eerste oproep van Stichting Peeriscoop. De cultuursector heeft de afgelopen jaren al klap op klap gekregen en daarom is het goed te beginnen met een compliment aan het college voor de eerste beweging die het gemaakt heeft om hen te ondersteunen in 2025. Het is wat ons betreft cruciaal om ons in te zetten voor de versterking en stabiliteit van de stichting Periscoop, om verdere schade aan het culturele aanbod te voorkomen. De voorgestelde maatregelen in de motie zijn wat ons betreft ook van groot belang voor de continuïteit en diversiteit van de cultuur in onze gemeente. Het mag duidelijk zijn dat wij de meerwaarde van deze motie zien en wij danken de heer Schefferlie voor zijn dragende motivering. Het neemt natuurlijk niet weg dat er een grote verantwoordelijkheid ligt bij de stichting Periscoop zelf. Het is cruciaal dat zij niet alleen een goede programmering aanbiedt, maar ook de organisatie en het bestuur op orde krijgt. Wij verwachten dat de stichting haar verantwoordelijkheid pakt in deze noodzakelijke veranderingen. We zien in het land, maar ook lokaal, dat een duurzame bedrijfsvoering zeker mogelijk is. Wel geloven wij dat één jaar daarvoor niet voldoende gaat zijn. Daar is tijd en ondersteuning voor nodig. Samenvattend. De PvdA ondersteunt deze motie vanwege de positie van stichting Periscoop en wil haar de kans geven om in de toekomst duurzaam in te richten.
Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Klein, Stadsbelang. De heer Klein: Bedankt, voorzitter. Ik was bijna bang dat de heer Van Andel ging voordringen, maar ik ben toch blij dat ik ook nog aan de beurt mag komen. . . De heer Van Andel: Dat was ik van plan! De heer Klein: Dat snap ik. De afgelopen tijd ben ik zeer intensief bezig geweest met Peeriscoop, diverse keren gesprekken gevoerd, in de fractie natuurlijk uitgebreid besproken en nou, het leeft, laat ik het zo stellen. We waren dan ook eigenlijk zonder twijfel ondertekenaar van de brief die opriep tot een positieve grondhouding. De vragen van zojuist aan de heer Schefferlie duidden misschien al aan dat wij wel een beetje willen waken voor een bepaalde precedentwerking, dat we niet op dit moment al gaan roepen: 2026 keuren we een subsidie goed. Wij zouden daar wel inderdaad graag het plan onder willen leggen, maar zoals ik begrijp van de beantwoording van de heer Schefferlie, en ik ben ook benieuwd of de wethouder het ook op die manier heeft gehoord, is dat uiteindelijk het bedrijfsplan daaraan ten grondslag zal gaan liggen. Dus in die zin zien wij dat in ieder geval als positieve ontwikkeling en we zijn benieuwd of inderdaad de wethouder op dezelfde manier naar de motie kijkt als wij hem hebben geïnterpreteerd. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: De heer Van Andel, SP. De heer Van Andel: Dank u wel.
Ik durfde eigenlijk niet naar voren te komen, want ik dacht dat er misschien nog een ander moest. Dat is een beetje het nadeel als je de kleinste partij bent, maar het is niet anders. Ook wij hebben in het recente verleden meegedaan aan het schrijven van de brandbrief, alhoewel: dat is door één of twee personen gedaan, maar de rest heeft ondertekend. Ik had niet gedacht dat Peeriscoop zoveel geruis zou I - 30
opleveren hier in de raad, eigenlijk geruis tot op dit moment. Ik vind het jammer dat een partij die recht tegenover me zou moeten zitten er niet is. Ik heb zelfs vanmorgen nog contact gehad met een aantal mensen en daarbij gezegd van: ja, wij zullen wellicht een motie steunen, maar ik moet eerst de motie zien. Ik vond deze motie eerlijk gezegd zeer voorzichtig. Daarom vind ik eigenlijk dat wij gewoon van harte die motie moeten steunen. En ik weet eigenlijk ook wel zeker dat het bestuur van Periscoop hiermee kan leven. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer De Pagter, ChristenUnie/SGP. De heer De Pagter: Dank u wel, voorzitter. In aansluiting op wat gezegd is, zien wij zeker ook het belang van Peeriscoop in de Gorcumse samenleving en sowieso ook van cultuur in onze samenleving. Het college is in samenspraak met Peeriscoop en dat heeft een positief resultaat gehad. Er is invulling gegeven aan de positieve grondhouding; die is bij het college welgesteld te herkennen. De RIB is daar zeker een uitwerking van en we vinden het fijn dat nu stappen zijn gezet en dat we hiermee aan de slag gaan. Er liggen verantwoordelijkheden bij Peeriscoop, nieuwe bedrijfsvoering, overgangsfase, en dat zien wij zeker met vertrouwen tegemoet. De motie roept op tot een intentie, maar het bedrag van € 60.000 roept ook een precedentwerking op.
Ik denk dat we de motie raadsbreed kunnen steunen als we een bedrag eruit halen, want een bedrag is altijd te bepalen op basis van resultaten die geboekt zijn, en wellicht is er meer dan € 60.000 nodig, of minder dan € 60.000. Dat zal dan ter beoordeling moeten zijn. Dus wat ons betreft zullen we de motie kunnen steunen als we de vastpinning van € 60.000 eruit kunnen halen en het laten bij de intentie-uitspraken. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Namens het college is het woord thans aan wethouder Polatli. Wethouder Polatli: Voorzitter, dank u wel. Ik heb het idee dat ik het misschien niet helemaal goed heb begrepen, maar ik hoorde meneer Schefferlie zeggen ‘maximaal zestig’, en als dan uit het beleidsplan blijkt dat in 2025 minder nodig zou zijn. . . , want ik hoorde meneer De Pagter net iets anders zeggen, die wil ik even duidelijk hebben. . . . De heer Schefferlie: Wij sluiten eigenlijk aan bij het bedrag waarvan het college vermoedt dat het theater daarmee door kan zetten, en dat is op € 60.000 bepaald. We hadden liever hoger gezien, het is ook een stukje politieke realiteit dat wij hebben gedacht: laat het aansluiten bij het college, omdat er ook zo’n voorwaarde in staat dat het moet voldoen aan en ter beoordeling is natuurlijk van het college.
Als er minder nodig is, is het minder, maar het is vooral een intentie dat we eigenlijk het gebaar dat het college denk ik zo mooi maakt voor de eerste periode, ook voor het daarop volgende theaterseizoen in principe in het vooruitzicht stellen. Laten we het zo zien. En als u in uw wijsheid later zegt: joh, er is eigenlijk iets meer nodig en u vindt het een goed idee, dan denk ik dat niemand, nou ja, ik kan even niet voor de VVD spreken, maar dat bijna niemand dat een probleem zal vinden. Het is gewoon een richtsnoer, in aansluiting op uw eigen voorstel. Wethouder Polatli: Het is me duidelijk. Als antwoord op een aantal zaken die ik heb gehoord: de gesprekken lopen inderdaad al vanaf 26 augustus en we zijn inderdaad bezig I - 31
geweest, zoals we ook al eerder hadden gemeld, maar ik wil daar niet te diep op ingaan omdat er ook nog een stukje geheimhouding is, en op deze wijze zijn we hier uitgekomen en ligt deze RIB voor. We hebben afgesproken met Peeriscoop dat zij het tijdig aangeeft als het bedrijfsplan niet werkt zoals verwacht. Peeriscoop heeft ook vertrouwen uitgesproken richting het college. De heer Hachhouch wil ik bedanken voor de complimenten die ik heb gehoord. We hebben er heel hard ons best voor gedaan. Het college voelt zich breed gesteund, niet alleen door de indieners van deze motie, maar in de laatste maanden eigenlijk door alle fracties die zich hiervoor hebben ingezet. In uw motie vraagt u om bij een goede uitvoering van het bedrijfsplan ook in 2016 opnieuw subsidie ter hoogte van € 60.000 te verlenen. Met Periscoop was afgesproken een plan te maken waarin zij steeds minder afhankelijk wordt van subsidie van de gemeente. Dit plan verwachten wij vóór 1 november. Dan gaan we samen met Peeriscoop aan de slag om te zorgen dat er vooruitgang in zit en tijdens de uitvoering van het plan in 2025 zullen we de ontwikkelingen goed monitoren, zodat we op tijd gesprekken kunnen voeren over 2026. Verder is het zo dat alle culturele partijen die subsidie ontvangen jaarlijks een subsidieaanvraag indienen.
U vraagt nu om voor deze partij een uitzondering te maken door tweejarig een subsidie toe te kennen. Als we daar iets meer ruimte in zouden kunnen krijgen en als er minder dan € 60.000 . . . .. De heer Schefferlie: Voorzitter, bij wijze van interruptie. We vragen niet om nu een besluit te nemen om de subsidie twee jaar toe te kennen, maar in principe de intentie te hebben om de subsidie die voor het komend jaar wordt toegekend opnieuw toe te kennen tot dat bedrag. We kennen dus nog helemaal geen bedrag toe. Dat is ook de reden waarom wij het bedrag zo laten staan, omdat het vooral die duidelijkheid vergroot die u dit jaar hebt verschaft en die het jaar daarop dan ook komt, zonder dat er een toezegging is, want die gaat u zelf toetsen op basis van het bedrijfsplan. Dus we vragen niet om toe te kennen, maar de intentie uit te spreken, zodat je, zeg maar, naar die belanghebbende wel een serieus vooruitzicht hebt zonder dat het definitief is, want dat hangt van uw toets af. Wethouder Polatli: Ja, dat was me 30 seconden geleden al duidelijk. Ik kan niet anders doen dan zeggen dat ik er voldoende ruimte in zie om aan de hand van het bedrijfsplan op dat moment te kijken, en dan denk ik dat we ook niet gelijk nu al iets uitspreken en daarmee een precedent voor de rest van de stad scheppen. Dus ja: een goed idee is een goed idee. Ik ben dus positief over de motie, voorzitter.
De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even rond. Is er behoefte aan een tweede termijn? De heer Schefferlie: Ja, voorzitter, vrij kort. Allereerst veel dank voor de brede steun. Wij hadden een beetje het gevoel dat Peeriscoop weliswaar een reddingsboei werd toegeworpen, maar dat je daarmee eigenlijk slechts de helft van de kustlijn zou kunnen bereiken en ik denk dat we nu een serieus perspectief bieden met de manier waarop het is voorgesteld, dus gewoon met een toets. Ik denk dat we hiermee de stad een plezier doen. ‘Een goed idee is een goed idee’ heb ik een tijdje niet gehoord. Ik dacht al “hebben wij dan helemaal geen goede ideeën?”, maar vandaag gelukkig wel! Iedereen hartelijk dank daarvoor.
I - 32
Ten slotte nog even een antwoord op de gestelde vraag. We handhaven wel het bedrag, omdat we dat een onderdeel vinden van de duidelijkheid die we in perspectief willen stellen zonder dat het definitief is. Maar goed, ik ga het niet opnieuw herhalen. Ik denk dat het duidelijk is. Dank u wel. De voorzitter: De heer De Pagter. De heer De Pagter: Wij zullen de motie niet steunen vanwege het bedrag. We vinden het een precedentwerking en we gaan gewoon de subsidieaanvraag volgend jaar zien. We zien dat met vertrouwen tegemoet, maar nu € 60.000 vastleggen kan wellicht een effect hebben op andere mensen. De heer Schefferlie: Voorzitter, bij wijze van interruptie probeer ik het nog één keer. We leggen het bedrag niet vast, we stellen het alleen in het vooruitzicht als, zeg maar, de beweging is zoals de wethouder die nu ook verlangt voor de subsidie die nu wordt toegekend. De voorzitter: We zitten overigens nog in de tweede termijn en niet al bij de stemverklaringen, maar een interruptie is natuurlijk prima, zoals u deed. Zijn er nog andere voor de tweede termijn? De heer Van der Geest. De heer Van der Geest: Ja, voorzitter, ook maar gewoon kort. We zijn positief over de brede steun die we zien.
Ik heb niet heel veel opgestoken van de rechtenstudie die ik een paar jaar gedaan heb, maar als het over precedentwerking gaat, heb ik altijd geleerd: gelijke gevallen moeten gelijk behandeld worden en ongelijke gevallen ongelijk. En zoveel gelijke gevallen als Peeriscoop in deze situatie zijn er niet in Gorinchem, dus wij zien het risico niet. De voorzitter: De heer Tekir. De heer Tekir: Voorzitter, ook nog even kort, in de hoop dat we hiermee de collega's van ChristenUnie/SGP over de streep kunnen trekken. Ik denk dat die € 60.000 ook de waarborg biedt dat het niet méér dan € 6.000 zal worden, maar dat het echt aan Peeriscoop is om te onderbouwen welk bedrag zij nodig heeft om tot een solide toekomst te komen. Ik hoop dat we daarmee het stukje duidelijkheid geven waarop ze voort kan bouwen zonder dat ze volgend jaar rond deze tijd weer in de stress schiet. En heel fijn inderdaad de steun en het signaal dat we vanuit deze raad gezamenlijk kunnen afgeven richting Peeriscoop. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Andel. De heer Van Andel: Ik zou alle mensen hier aanwezig willen vragen om kaarten te gaan kopen. Dan helpen we ze het beste. De voorzitter: De heer Klein. De heer Klein: Bedankt, voorzitter. Ondanks dat de RIB er pas dinsdag was, zou ik het heel leuk vinden als we de volgende keer de motie iets eerder krijgen. Dat scheelt mij I - 33
heel veel gelees, voorbereiden en scenario’s bedenken. Laat ik zeggen dat ik het een redelijke plottwist vond; ik had deze nog niet helemaal voorbereid, dus daarvoor complimenten. Zoals ik net ook al zei: als wij hem kunnen interpreteren, en de wethouder interpreteert hem inderdaad ook zo, dat we op basis van het bedrijfsplan uiteindelijk keuzes gaan maken, ook voor 2026, maar dat daarbij het bedrag vooral is bedoeld als, nou ja, richtlijn, of in ieder geval het vertrouwen voor Peeriscoop om daarin echt een solide beleid op te gaan stellen, dan kunnen wij daar helemaal in meegaan. Het is misschien meer een stemverklaring, maar dat scheelt zo meteen weer tijd om. De voorzitter: Geen anderen in tweede termijn, stel ik vast. Dan kijk ik nog even naar de wethouder, maar ik heb niet echt vragen gehoord. Hij wenst inderdaad niet meer het woord, dan denk ik dat we de motie in stemming kunnen brengen. Ik constateer dat de VVD-fractie nog steeds afwezig is. Dat betreur ik in het kader van het publieke debat dat wij hier met elkaar voeren. Tegelijkertijd heb ik de reden ook niet echt gehoord, dus ik stel mijn oordeel daarover verder uit. Wat ik wel wil doen als voorzitter, is in ieder geval met de fractie in gesprek gaan en het lijkt me ook goed dat het onderwerp van gesprek is in het fractievoorzittersoverleg. Goed, dan gaan wij nu stemmen over de motie ‘Perspectief voor Periscoop’.
Wenst u nog een stemverklaring af te leggen? De heer De Pagter. De heer De Pagter: Onze fractie zal tegenstemmen. Als een bredere motie zou voorliggen, waarin wij ons bereid verklaren een subsidie toe te kennen die zowel recht doet aan de continuïteit van het theater als aan de bestuurlijke afspraken tussen het college en het bestuur van het theater, zonder bedragen, zouden we die wel kunnen steunen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Krol. De heer Krol: Ik wil er nog kort op aansluiten. Bij ons is zeker een positieve grondhouding als het gaat om de continuïteit voor Peeriscoop, maar we vinden de motie niet zuiver geformuleerd met het bedrag 60.000 euro, in combinatie met de ambitie die is afgesproken dat de subsidieafhankelijkheid van Peeriscoop kleiner gaat worden. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van der Geest. De heer Van der Geest: Voorzitter, niet zozeer over de motie, als wel om steun te betuigen aan wat u zojuist als voorzitter van de raad zei over de afwezigheid van de VVD. De voorzitter: De heer Van Veen. De heer Van Veen: Een goed idee is een goed idee, maar ik denk dat zelfs Peeriscoop tekort wordt gedaan door te zeggen dat het een goed idee is, want het heeft gewoon te maken met bestaansrecht. In navolging van wat mevrouw Pellikaan zei over een stip op de horizon voor de inwoners, merk ik op dat dat ook voor Peeriscoop geldt en daarvoor is een jaar te summier.
De voorzitter: Dank u wel. Geen andere stemverklaringen, stel ik vast. Dan open ik nu de stemming over de motie. De motie wordt in stemming gebracht en met 20 tegen 2 stemmen aanvaard. I - 34
Voor hebben gestemd de leden mw. Alba Heijdenrijk, Van Andel, Bahlmann, Boutachkourt, Van Gammeren, Van der Geest, mw. De Groot, mw. Hamann, Hachhouch, Van Houwelingen, Klein, Koçak, mw. Metz, mw. Van Oversteeg, mw. Pellikaan, Roeland, Schefferlie, Tekir, Van Veen en Van Willigen. Tegen hebben gestemd de leden Krol en De Pagter. De voorzitter: Ik schors thans vijf minuten de vergadering (21.58 uur) Schorsing De voorzitter: Ik heropen de vergadering (22.04 uur). 8. Overzicht begrotingswijzigingen september 2024 (2024-938256)
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. 9. Moties vreemd aan de orde van de dag
De voorzitter: Dames en heren. Er zijn twee moties vreemd aan de orde van de dag aangekondigd. We beginnen met een motie van Gorcum Actief, VVD, SP en ChristenUnie/SGP met als titel ‘Staalslakken: meten is weten’. Het woord is aan mevrouw Hamann. Mevrouw Hamann: Dank u wel, voorzitter. Wij dienen de motie vreemd aan de orde van de dag in, mede namens VVD, ChristenUnie/SGP en SP. We leven hier in de polder, op het veen. Als je een huis wilt bouwen, moet je eerst heipalen slaan, anders zakt het weg in de slappe ondergrond. Dat is de nuchtere uitleg van een deskundige in bodem en geologie als je vraagt naar de risico’s van die immense hoop giftige staalslakken bij The Dutch in Spijk met betrekking tot wegzakken en uitlogen in het grondwater. Na jarenlange juridische strijd is het plan van The Dutch en de gemeente West Betuwe nu om de staalslakken weer uit het huidige depot te gaan graven en een grote landmark langs de Haarweg te bouwen. Via het linkje aan onze motie gekoppeld is dat precies te zien. De – schrik niet! – 670.000 ton staalslakken, een grijze soort bouwstof, is maar liefst twee keer zo zwaar als het aangestampte zand dat de ondergrond van deze landmark moet worden. En zo zou het daar dan toch zeker voor honderd jaar kunnen blijven liggen, is het verhaal.
Wie daarbij denkt aan het onderheien van een gewoon woonhuis, vindt deze oplossing van dit milieuschandaal echt een lachertje. Het is immers zeer aannemelijk dat het spul wel degelijk zal wegzakken in de ondergrond en dat giftige zware metalen zich mengen in het grondwater, zeker ook richting Gorinchem. Het bedrijventerrein en de woonwijken Gorinchem-Oost, Dalem en Lingewijk liggen er geografisch en geologisch gezien vlak naast, er tegenaan eigenlijk. Wij maken ons dus serieus zorgen over de gevolgen die nu ontstaan voor ons grondwater en de gevaren voor de gezondheid van onze inwoners. De gevaren voor de gezondheid van onze inwoners en medewerkers op het bedrijventerrein in Gorinchem-Oost zijn er ook rechtstreeks via de luchtvervuiling. De staalslakken zijn vermengd met ongebluste kalk, grond en stof. Tijdens de graafwerkzaamheden, die jaren zullen gaan duren, stuift de giftige stof met zware metalen I - 35
naar de omgeving toe. Wie dit inademt, wordt ziek, net als de dieren die in de weilanden in de omgeving grazen en alle aan een longziekte lijden. Nu vindt dit alles plaats net over onze grens, in de gemeente West Betuwe, provincie Gelderland en wij gaan daar als Gorinchem en provincie Zuid-Holland helemaal niet over. Maar wij willen wel opkomen voor de belangen van onze inwoners, werknemers en de toekomst van onze stad en onze kinderen. We hebben daarom samen met VVD, SP en ChristenUnie/SGP een motie opgesteld waarin we vragen om metingen voor wat betreft lucht- en grondwaterverontreiniging. Want wij denken: meten is weten. Ook willen we een duidelijk signaal afgeven naar onze buurgemeente West Betuwe en er bij het rijk op aandringen dat het afvalproduct van Tata Steel – deze hoeveelheid is een hele jaarproductie – als grondstof bij bouwprojecten echt geen goed idee is. In de gemeente Gorinchem is het sinds vorig jaar gelukkig verboden om dit soort bouwstoffen te gebruiken. Voorzitter. De linkjes bij de motie bieden meer informatie over plannen bij The Dutch en tot nu toe bekende gevolgen van staalslakkenvervuiling in de omgeving van Eerbeek en Spijk. Het was allemaal op televisie. Dank u wel. Motie M02: Staalslakken: meten is weten De gemeenteraad van Gorinchem, in vergadering bijeen op 17 oktober 2024; vraagt het college om / geeft het college de opdracht om: 1.
in een brief aan de gemeente West-Betuwe onze zorgen kenbaar te maken over de gezondheidsrisico’s voor inwoners van Gorinchem als de staalslakken op het terrein van golfclub The Dutch te Spijk weer worden verplaatst (verstuiving gevaarlijke stoffen) en m.b.t. eventueel uitlogen van giftige stoffen in het grondwater richting Gorinchem; 2. te zorgen voor adequate metingen van lucht- en grondwaterkwaliteit/vervuiling in Gorinchem in relatie tot dit staalslakken-depot. De verantwoordelijken financieren en leveren periodiek de resultaten van zowel lucht- als grondwatermetingen aan; 3. aan te sluiten bij de lobby in Den Haag om staalslakken te schrappen van de lijst erkende bouwstoffen. Recente bronnen: Info: www.zuidbaan.nl Omroep Gelderland: https://www.gld.nl/tv/aflevering/in-het-vizier-van-de-jager-staalslakken/291406 De Hofbar: https://www.instagram.com/reel/DAksl61ILwd/?igsh=MXdzajM2eTR5ajk3OA==
De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Santen, VVD. De heer Van Santen: Ja, staalslakken, dan toch maar even onze pitch naar de raad, want net over de grens bij Gorinchem, bij het Lingebos, ligt niet alleen de golfbaan, maar ook een jaarproductie aan restproduct van Tata Steel in de vorm van staalslakken, een restproduct met grote risico’s als het gaat om water-, bodem- en luchtkwaliteit. Want staalslakken zijn giftig. Zware metalen zijn daarin aanwezig. Adem je het in, dan heb je directe schade en komt het bijvoorbeeld in contact met water of grondwater, dan heeft dat langetermijngevolgen voor de omgeving, mens en dier. Kortom, een kleine milieuramp voltrekt zich net over de grenzen van Gorinchem. En ja, het ligt formeel op het grondgebied van West Betuwe, en dan is het ook primair aan het bestuur van West Betuwe om daar regie op te houden en daarop te acteren, in toezicht en in het zorgdragen bij een juiste oplossing. Dat is ook zo, maar een milieuramp houdt zich niet aan grenzen van gemeente of provincie. Dat hebben we recent ook nog gezien bij bijvoorbeeld I - 36
Chemours. En eerder beoogde oplossingen, zoals het verwerken van de slakken in de geluidsmuur, zijn door de Raad van State verworpen. Het nieuwe bestuur lijkt overigens van goede wil, met de nieuw beoogde oplossingen zijn ze ook best wel druk, hebben we ook gezien vanuit de raad, en er zijn plannen voor nieuwe oplossingen: geen put, maar in de vorm van een bult met voorzieningen erbij. Hoe dan ook, door deze verkeerde eerste slag krijg je wel de situatie dat de mogelijke oplossing langer op zich laat wachten, met alle gevolgen van dien. Tegelijkertijd moeten we niet met elkaar doen alsof wij in een Gorcumse bunker zitten en er niet door geraakt kunnen worden, want stuifzand op Gorinchem-Oost, waterlozingen in de Lingewijk, het zijn risico’s die we goed in het oog moeten houden. Dat zijn we onze inwoners verplicht vanuit onze zorgplicht die we als gemeente hebben. Om die redenen hebben we samen met de fracties van Gorcum Actief, SP en ChristenUnie/SGP – we hebben er trouwens eerder als fractie ook vragen over gesteld – deze motie ingediend. De motie is: blijf goed kijken naar wat er om ons heen gebeurt, hou dit goed in de gaten en de motie roept dan ook op tot het uitspreken van onze zorg, het aanhaken waar mogelijk in de samenwerking en inzetten op nauw contact met West Betuwe op dit dossier als het gaat om de juiste metingen in relatie tot water-, lucht- en grondkwaliteit.
Kortom, VVD-Gorinchem roept de Gorcumse raad op in deze casus als een tijger vinger aan de pols te houden. Dank u wel. De voorzitter: Democraten Gorinchem, de heer Van Willigen. De heer Van Willigen: Voorzitter. Als u mij toestaat, doe ik het hier vandaan, want ik heb beloofd het in 20 seconden te doen. Dat is nu voorbij, maar ik ga ook nog inhoudelijk wat zeggen. Ook wij waren ons aan het beraden op welke actie we zouden kunnen ondernemen naar aanleiding van de uitspraak van de rechter op 28 augustus. Het saneren gaat inderdaad gewoon grote risico's opleveren. Alleen, de indieners waren gewoon veel sneller dan wij waren. Dank daarvoor, want we doen het met elkaar natuurlijk. Dus wij delen de zorg. Nogmaals: we waren ons aan het oriënteren, maar dank voor de snelle actie van de indieners en het verwoorden van de gedeelde zorgen. De belangen van Gorinchem worden op deze manier volgens ons heel goed gediend. En fijn voor het realisme dat men beseft dat de wind niet stopt bij gemeentelijke of provinciale grenzen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Oversteeg. Mevrouw Van Oversteeg: Dank u wel, voorzitter. Ook vanaf deze plek dank voor het initiatief en ook de aandacht die ik mevrouw Hamann al verschillende keren over dit onderwerp heb horen vragen in deze raadzaal. Wij zullen de motie om die reden ook van harte steunen.
Heel goed dat onze zorgen hierover worden geuit en dat we daarin ook partners vinden, waar we dan ook verandering teweeg kunnen brengen. De voorzitter: De heer Klein. De heer Klein: Bedankt, voorzitter. Ik miste ook al een beetje de spreektijd vandaag, maar prima, niet iedereen is perfect, en ik kan het ook heel kort houden. Wij kunnen ons volledig vinden in de punten 1 en 2. Het enige wat wij ons een beetje afvragen, is de I - 37
noodzaak van punt 3, om aan te sluiten bij een lobby. Bij ons weten is de bouwstof al verboden in Gorinchem, dus zou het dan niet beter zijn om je te focussen op Gorinchem? De heer Van Willigen: Nogmaals: de wind stopt niet bij de gemeentelijke grens van Gorinchem! De heer Klein: Dat weet ik, dat klopt, het is al heel prettig dat we daarover overeenstemming hebben, maar om nou uitgebreid te moeten gaan lobbyen in Den Haag – dan denk ik dat we met bijvoorbeeld een dossier als Waardlanden ook al een grote uitdaging hebben. De voorzitter: De heer Tekir. De heer Tekir: Voorzitter, dank u wel. Ik zal ook proberen het in enkele tientallen seconden te doen. Het is duidelijk dat zo'n omvangrijke verontreiniging niet ophoudt bij de gemeentegrens, dus een goed initiatief vanuit de fracties die dit aanhangig hebben gemaakt, niet alleen omdat het ook een mooi stukje bos is waar wij als Gorcumers heel graag komen, maar zeker ook vanuit de windrichting die onze kant op staat. Ik denk dat het goed is om aan te sluiten bij de lobby’s die er al zijn en niet iets nieuws te initiëren en daarmee kracht bij te zetten aan het bestaande. Dus wij steunen dit initiatief van harte en roepen ook op om de inwoners die het betreft goed te informeren, zodat er geen verhalen de ronde doen die al dan niet kloppen.