2. 250424 Concept-Energievisie NL
Tekst van het document
Het Friese energiesysteem staat in verbinding met het landelijke netwerk, bijvoorbeeld via de waterstofbackbone voor flexibel vermogen of via het hoogspanningsnetwerk voor duurzame elektriciteit vanaf de Noordzee.
3. T OEKOMSTBEELD EN IMPLICATIE OP DE RUIMTE Dit hoofdstuk geeft een eerste schets van een toekomstig energiesysteem in Fryslân in 2050. Het toekomstbeeld is een doorvertaling van de gezamenlijke ambitie en vijf leidende principes. Er wordt in de eerste paragraaf nader ingegaan op Friese energiebesparing, -productie, -opslag, -conversie en -infrastructuur in 2050. De Energievisie is onder meer een bouwsteen voor de Omgevingsvisie Fryslân. In paragraaf twee volgt een schatting van de hoeveelheid ruimte die gevraagd is voor een toekomstbestendig, fossielvrij energiesysteem in 2050.
Fryslân heeft aanzienlijk bespaard, zodat het Friese landschap en energiesysteem zorgvuldig wordt ingezet. De Friese energievraag is in 2050 teruggebracht van 17 TWh naar ongeveer 12 TWh. Besparing heeft plaatsgevonden in bedrijfspanden, door inwoners in huizen en door efficiëntere apparaten en elektrisch transport. Huizen en gebouwen zijn goed geïsoleerd waardoor de energiebehoefte flink gedaald is. Gebruik van elektrisch openbaar vervoer en deelmobiliteit is de norm. Energieneutrale ondernemers profiteren van een gunstig vestigingsbeleid. Er vinden reguliere gesprekken met ondernemers plaats om verder te besparen of om bij te dragen aan een betrouwbaar en gebalanceerd energiesysteem. Fryslân heeft een robuust en flexibel energiesysteem. Groene waterstof uit de waterstofbackbone wordt gebruikt voor flexibel vermogen bij Burgum. Lokaal wordt er op een beperkt aantal plekken groene waterstof geproduceerd voor de inzet van de logistiek of voor conversie en opslag. De gevarieerde energiemix, in combinatie met opslag en conversie van elektriciteit, warmte en gassen zorgen ervoor dat het energiesysteem goed kan bufferen. Door het gebruik van slimme technologieën kunnen energiestromen efficiënt worden beheerd en kan vraag en aanbod op elkaar worden afgestemd.
30
CONCEPT FRIESE ENERGIEVISIE
31
Fryslân produceert zijn eigen energie: grootschalig in clusters en kleinschalig in dorpen Fryslân profiteert optimaal van de potentie aan duurzame energiebronnen binnen de provincie. Door een grote variatie aan duurzame bronnen (wind, zon, duurzame warmte, biomassa, getijdenenergie en blue energy) lukt het Fryslân om op jaarbasis energieneutraal te zijn (figuur
12
11,7 3
10
3.1). Ongetwijfeld zijn er nieuwe, innovatieve energiebronnen waar Fryslân gebruik van maakt
8
en waar Friese bedrijven in pionieren. Om energieneutraal te worden, zijn er een beperkt aantal
6
plekken aangewezen waar grootschalige opwek van duurzame elektriciteit geclusterd wordt,
4
passend bij grootschalig landschap. Dit resulteerde in vier opweklocaties van elk 400 ha die
2
jaarlijks in totaal ongeveer 2 TWh aan Friese stroom leveren16.
0
Het landelijk gebied is vrijwel energieneutraal door een lage energievraag en door productie
Figuur 3.1 Friese energiemix in 2050, inclusief het RES-bod en invulling van de overige opgave met geclusterde productie van energie, kleinschalige productie en innovatieve technieken.
Friese opgave 2050 in TWh
9,0 4,6 4,4 2 1,5
Vraag in 2050 (na besparing)
RES 1.0
Opgave na RES 1.0
van biogas door boeren, kleinschalige warmtenetten in dorpen, zon op daken en dorpsmolens.
Biogas en duurzame warmte
Overige opgave
Vier clusters Vier clusters duurzame opwek bij opwek energie vraag
0,3 Klein schalige opwek
0,3 Getijdenenergie
0,3 Blue energy
Daarnaast wordt in het landelijk gebied slim gebruik gemaakt van energieopslag en vraagsturing. Ook maken de Waddeneilanden gebruik van blue energy17, getijdenenergie en grootschalige batterijen, wat ervoor zorgt dat ze vrijwel energieneutraal zijn. De vier grote kernen voorzien voor een belangrijk deel in hun eigen energiebehoefte Het stedelijk gebied heeft weinig ruimte voor energieopwek- en infrastructuur. Toch voorzien de vier kernen (Leeuwarden, Heerenveen, Drachten, Sneek) voor een groot deel in de eigen energievraag. De kernen hebben fors ingezet op energiebesparing in de gebouwde omgeving, mobiliteit en industrie. Dit voorkomt de noodzaak om extra energie op te wekken in het landschap. De kernen hebben in een significant aantal wijken lokale warmtenetten aangelegd op geothermie, aquathermie of restwarmte in combinatie met seizoensoplag. Biogas wordt gebruik in panden die lastig te isoleren zijn of als back-up voor het warmtenet. Personenvervoer is volledig fossielvrij. Net-bewust en bidirectioneel laden via publieke laadpalen is de norm. Batterijen met grote vermogens om snel te laden zijn hierin onmisbaar op bijvoorbeeld logistieke knooppunten. De relatief grote dakoppervlakten van distributiecentra worden gebruikt voor grootschalige zon op dak. Industriële clusters worden gekenmerkt door een combinatie van grote energievraag en grootschalige opwek.
Er wordt duurzame elektriciteit op bedrijventerreinen geproduceerd waarmee de kernen een groot deel van de eigen energievraag opwekken en bijdragen aan een efficiënt systeem omdat deze elektriciteit relatief dichtbij weer ingezet of opgeslagen kan worden. In totaal produceren deze kernen ongeveer 1,5 TWh aan duurzame elektriciteit op bedrijventerreinen18, wat een aanzienlijk deel is van de Friese energievraag. 16. Op basis van een combinatie van windturbines en zonnepanelen (in vermogensverhouding van 1:1). Voor wind is uitgegaan van een ruime opstelling van 20 hectare per turbine, een vermogen van 5 MW per turbine en 3500 vollasturen. Ter vergelijking: het NP RES gaat uit van een windmolenpark van 10 molens van 450 hectare (4,5 ha hectare per turbine) en een vermogen van 5,6 MW per turbine. Voor de zonnepanelen is gerekend met 950 vollasturen en is rekening gehouden met curtailment (50% vermogen = 90% opbrengst). 17. De potentie van blue energy kan alleen verwezenlijkt wordt als er voldoende zoet water beschikbaar is. Dit moet nader onderzocht worden. 18. Schatting op basis van een door de provincie Fryslân uitgevoerde GIS-analyse van de beschikbare oppervlakte voor duurzame opwek op bedrijventerreinen bij Leeuwarden, Heerenveen, Drachten en Sneek. Dezelfde aannames zijn gedaan als genoemd bij voetnoot 16, maar er is voor een ruimere opstelling gekozen van 30 ha/windmolen.
Er is echter geen rekening gehouden met landelijke afstandsnormen of huidige plannen van de gemeenten. Het is zaak om het praktisch potentieel op de bedrijventerreinen van de vier grote kernen nader te bepalen.
32
CONCEPT FRIESE ENERGIEVISIE
33
3.2 Implicatie op de ruimte In deze Energievisie is uitgebreid ingegaan op het energiesysteem in relatie tot het Friese landschap en de leefomgeving. Beleidsmatige ruimte is hard nodig om de leidende principes te kunnen omzetten naar acties die bijdragen aan het toekomstige energiesysteem. Ook fysieke ruimte is nodig voor een toekomstbestendig en duurzaam energiesysteem, maar hier moet zorgvuldig mee om worden gegaan. Ruimtelijke ontwikkelingen worden integraal afgewogen. Energie is een belangrijk onderdeel van de Omgevingsvisies. Ruimtelijke afspraken en principes die de deelnemers van de Friese Energietafel in deze Energievisie vastleggen worden bekrachtigd in de Provinciale Omgevingsvisie (POVI) en de Gemeentelijke Omgevingsvisies (GOVI). Dit zijn bijvoorbeeld ruimtelijke principes over clustering van productie van energie, het plaatsen van energieaanbod bij vraag en het ‘schaal bij schaal’-principe. Daarnaast kan er via de POVI en GOVI ruimte gereserveerd worden die nodig is voor het Friese energiesysteem. Dit is ruimte die nodig is voor productie, productie, opslag en infrastructuur. Het uitgangspunt nu is om zoveel mogelijk op daken te leggen en andere opties, zoals geschetst in de zonneladder. Maar alleen daarmee komen we er niet.
In tabel 3.1 geven we een schatting van de hoeveelheid ruimte die nodig is voor grootschalige duurzame productie van elektriciteit in Fryslân tot 2050. Deze ruimte is nodig om evenveel energie op te wekken als te gebruiken in
Doel van benodigde ruimte Grootschalige opwek van zon- en windenergie
Ruimte nodig op bedrijven terreinen grote kernen
Hoeveel opwekclusters in buitengebied nodig (van 400 ha)?
Ruimte in buitengebied nodig voor opwekclusters
Geschat potentieel bedrijventerreinen bij vier kernen volledig benutten (zie voorbeeld figuur 3.1)
1600 ha
4
1600 ha
Geschat potentieel bedrijventerreinen bij vier kernen 50% benutten
800 ha
6
2400 ha
Geschat potentieel bedrijventerreinen bij vier kernen niet benutten
0 ha
8
3200 ha
Scenario
Tabel 3.1 Inschatting benodigde ruimte voor grootschalige opwek van duurzame elektriciteit tot 2050
Fryslân. We geven drie scenario’s weer, afhankelijk van hoeveel productie er op bedrijventerreinen van de vier grote kernen gerealiseerd wordt. Indien het totale potentieel voor de productie van duurzame elektriciteit benut wordt op de bedrijventerreinen van de vier kernen (Leeuwarden, Heerenveen, Drachten en Sneek) kost dit ongeveer 1600 ha aan ruimte op deze terreinen. Om energieneutraal te worden, kost dit aanvullend nog 1600 ha (vier clusters van 400 hectare) aan landoppervlak in het buitengebied. Indien er minder productie wordt gerealiseerd op de bedrijventerreinen van de vier kernen, kost dit extra ruimte in de opwekclusters. Als er geen aanvullende opwek wordt gerealiseerd op de bedrijventerreinen, zou dit acht clusters van 400 ha (3200 ha) in het buitengebied kosten. Er is niet alleen ruimte nodig voor energieproductie, maar ook voor energie-infrastructuur en -opslag. Benodigde ruimte voor opslag wordt nader bepaald in de opslagstrategie en batterijbeleid dat respectievelijk door de deelnemers van de FET en de provincie Fryslân opgesteld zal worden. Benodigde ruimte voor grotere verdeelstations wordt nader bepaald in de pMIEK 2.0, die begin 2025 wordt vastgesteld. Er is daarnaast nog veel meer ruimte voor energieinfrastructuur nodig, voor kabels, kleinere verdeelstations en voor duizenden trafostations (middenspanningsruimtes).
Naast bovengrondse uitbreidingen van energie-infrastructuur zijn er ook vele kilometers aan ondergrondse kabels benodigd. De ruimtelijke impact hiervan moet nader worden bepaald. In de bijlage wordt per ontwikkelpad de impact van systeemkeuzes op de hoeveelheid onderstations en middenspanningsruimtes getoond.
34
CONCEPT FRIESE ENERGIEVISIE
35
Figuur 4.1 Schematisch overzicht van vervolgstappen en borging van Friese Energievisie.
4.1 Energievisie en pMIEK 2.0 De Energievisie is onderdeel van het proces Integraal programmeren. Met integraal wordt bedoeld het maken van plannen over de vraagsectoren heen (mobiliteit, industrie, gebouwde omgeving
4. BORGING EN UITVOERING
en landbouw). Dit is een cyclisch proces bestaande uit vijf stappen. Deze stappen komen overeen
De Friese Energievisie is géén blauwdruk van het toekomstige energiesysteem, maar geeft wel
We zien de energietransitie als een estafette, waarbij we gezamenlijk de uitdaging aangaan om de
richting. De borging van het agenderende karakter van deze visie krijgt vorm via drie sporen, die
eindstreep te halen. We kijken verder dan individuele bestuursperiodes en gemeentegrenzen en
ook onlosmakelijk van elkaar zijn verbonden:
streven gezamenlijk naar een succesvolle finish.
• Als input en onderdeel van Integraal Programmeren om sturing te geven aan de investeringen in
Elke twee jaar zal er in Fryslân een nieuwe pMIEK worden opgeleverd, om te beginnen in 2025
het energienetwerk met pMIEK als (tussen)product. Een periodieke herijking van de Energievisie
(hoofdstuk 4.3). De Energievisie zal elke vier jaar geëvalueerd en, indien nodig en gewenst,
wordt ook afgestemd op dit cyclisch traject.
geactualiseerd worden.
met de nationale handreiking voor het proces welke is opgesteld door de werkgroep Integraal Programmeren19 (figuur 4.2).
• Als input en bouwsteen voor de Provinciale en Gemeentelijke Omgevingsvisies. • Als gezamenlijke visie en product van de Friese Energietafel. De Energievisie is richtinggevend
In 2024 stelt een nieuwe Friese Energietafel het Provinciaal Meerjarenprogramma Infrastructuur
voor de uitvoering van de bestaande samenwerking waarbinnen elke organisatie zijn eigen
Energie en Klimaat (pMIEK 2.0) op, waarin de uitvoering van projecten ter uitbreiding van de
bevoegdheid en verantwoordelijkheid behoudt. De visie wordt gebruikt voor een herijking en
energie-infrastructuur wordt geprioriteerd. Landelijk is bepaald dat dit programma begin 2025
vernieuwing van de huidige uitvoeringsagenda.
opgeleverd moet worden.
19. De werkgroep bestaat uit een samenwerking van IPO, VNG, Unie van Waterschappen, Netbeheer Nederland, NP RES, TNO en van de ministeries Economische Zaken en Klimaat, Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
36
CONCEPT FRIESE ENERGIEVISIE
37
Hiertoe maken we voor alle regio’s ontwikkelpaden zoals in deze visie al voor drie gebieden
4.2 Ruimtelijke ordening
is gedaan (bijlage 1). Deze ontwikkelpaden geven inzicht in de systeemkeuzes die voorliggen per gebied en de energie-infrastructuurprojecten die hiervoor benodigd zijn. Parallel werken
Deze Energievisie levert input voor de Provinciale en Gemeentelijke Omgevingsvisies. In de
we aan een Fries afwegingskader op basis van het nationale afwegingskader en de leidende
Energievisie staat de richting waar het energiesysteem van de toekomst heen gaat bewegen.
principes uit deze visie. Dit kader wordt richting het pMIEK gebruikt om bepaalde energie-
Deze richting is gebaseerd op de feitelijke en verwachte ontwikkelingen van vraag en aanbod
infrastructuurprojecten te prioriteren boven andere. Deze projecten, zoals de uitbreiding van
van verschillende sectoren en op basis van ambitie, richtinggevende principes en toekomstbeeld
onderstations of de aanleg van een warmtenet, volgen uit de verschillende ontwikkelpaden. In
die zijn geformuleerd door de deelnemers van de Friese Energietafel. Ook staat in hoofdstuk 3
deze Energievisie zijn ook een aantal onderzoeksprojecten geagendeerd voor de pMIEK 2.0 of 3.0
toegelicht wat de benodigde ruimte zal zijn voor de clusters met duurzame elektriciteit.
(hoofdstuk 4.3).
De consequenties van de Energievisie voor de ruimtelijke ontwikkelingen worden in het proces
Als eindresultaat geeft het pMIEK een overzicht van energie-infrastructuurprojecten van regionaal
van de herijking van de Provinciale Omgevingsvisie en Gemeentelijke Omgevingsvisies afgewogen
belang die het meest bijdragen aan het realiseren van deze regionale Energievisie. Het pMIEK
tegen ook andere opgaven die (zowel beleidsmatige als fysieke) ruimte vragen. Waar mogelijk
bevat verschillende type projecten die voldoen aan een bepaalde schaal. Tijdens het traject om
worden koppelkansen zoveel mogelijk benut. De afronding van de herijking van de Provinciale
te komen tot het pMIEK worden er afspraken gemaakt over de doorwerking van het pMIEK in de
Omgevingsvisie wordt in 2026 verwacht. De gemeentelijke Omgevingsvisies en omgevingsplannen
investeringsplannen van netbeheerders. Elke twee jaar wordt het pMIEK geactualiseerd.
kunnen richting geven aan de inpassing van de benodigde infrastructuur. Het gaat daarbij niet alleen over de grote verdeelstations (de onderstations), maar ook over kabeltracés, kleinere
Figuur 4.2 Cyclus integraal programmeren.
verdeelstations en de enorme hoeveelheid transformatorhuisjes die in dorpen, wijken en buurten
Energievisie Energievisie Fryslân die in deFryslân komende jaren (in verband met de toenemende elektrificatie) een plek moeten krijgen.
Na de vaststelling van de Provinciale Omgevingsvisie volgt het Provinciale Omgevingsprogramma dat de ruimtelijke consequenties van het nieuwe, duurzame, energiesysteem, verder in detail uitwerkt. Hierop wordt de invulling van de Provinciale Omgevingsverordening gebaseerd. Waar nodig worden de regels in de Provinciale Omgevingsverordening hierop aangepast. Energie-estafette Energie-estafette
4.Borgen:4.Borgen: afwegen,afwegen, keuzes maken keuzes enmaken en plannen maken plannen maken
3. Ontwerpen 3. Ontwerpen richting per richting regio:per regio: ontwikkelpaden ontwikkelpaden
We zien de energietransitie We zien de energietransitie als een estafette, als een estafette, waarbij we gezamenlijk waarbij we gezamenlijk de uitdagingdeaangaan. uitdaging aangaan. Overheden,Overheden, maatschappelijke maatschappelijke partners, partners, burgers, bedrijven burgers,enbedrijven netbeheerders en netbeheerders bundelen bundelen hun krachten hun omkrachten het gewenste om hetresultaat gewenste resultaat te bereiken.teOok bereiken. al zullen Ook wethouders al zullen wethouders na na verloop vanverloop tijd vanvan functie tijd van wisselen, functie dewisselen, inzet de inzet blijft onverminderd blijft onverminderd hoog. De energie hoog. wordt De energie wordt doorgegeven doorgegeven aan de volgende aan de generatie volgendeleiders generatie leiders en deelnemers en deelnemers aan de Friese aan Energietafel. de Friese Energietafel. We We kijken verder kijken dan individuele verder dan individuele bestuursperiodes bestuursperiodes en gemeentegrenzen en gemeentegrenzen en streven gezamenlijk en streven gezamenlijk naar succes.naar succes.
CyclischCyclisch proces proces 2.Toekomstbeeld 2.Toekomstbeeld en en richting geven richting voor geven heelvoor heel Fryslân: energievisie Fryslân: energievisie
5. Uitvoeren 5. Uitvoeren en monitoren en monitoren
De Energievisie De Energievisie maakt deel maakt uit vandeel een uit van een cyclisch proces cyclisch dat bestaat proces dat uit vijf bestaat stappen. uit vijf Destappen. De EnergievisieEnergievisie wordt elke vier wordt jaarelke geëvalueerd vier jaar geëvalueerd en indien nodig en indien bijgewerkt. nodig bijgewerkt. Zie hoofdstuk Zie4.1 hoofdstuk 4.1 van de Energievisie. van de Energievisie.
1. Inzicht 1. verkrijgen: Inzicht verkrijgen: kennisdocument kennisdocument
38
CONCEPT FRIESE ENERGIEVISIE
39
4.3 Doorwerking in andere, ook sectorale, beleidsplannen
4.4 Uitvoeringsagenda Energievisie
Enerzijds is deze visie gebaseerd op andere sectorale plannen en anderzijds zal deze visie
De Friese Energievisie is agenderend van aard; dat betekent dat er met de vaststelling van deze
doorwerken in sectorale plannen, bijvoorbeeld plannen op het gebied van mobiliteit, economie,
visie leidende principes worden vastgesteld voor een Fries toekomstig energiesysteem en dat
landbouw, wonen, de RES, natuur en landschap en samenleving.
er nog openstaande keuzes en nadere uitwerking geagendeerd worden. Door de keuzes en uitwerking te agenderen en tijdig te maken, kunnen alle deelnemers van de Friese Energietafel
De basis van deze visie is gelegd door de ontwikkelingen en bijbehorende energievraag en
(FET) de nodige voorbereidingen treffen voor de uitrol van een volledig duurzaam energiesysteem.
-aanbod, die bij de verschillende sectoren worden verwacht in beeld te brengen. Deze prognoses zijn terug te vinden in het Kennisdocument dat als bijlage bij deze visie is opgenomen. Verder zijn
De urgentie van stappen zetten kan niet genoeg worden benadrukt. Veel bedrijven en inwoners
de onderwerpen natuur en landschap en samenleving betrokken door deze nadrukkelijk een plek
zijn bezig met verduurzamingsplannen en de daaropvolgende investeringsbeslissingen. Het is
te geven in de leidinggevende principes.
daarom van belang dat er snel keuzes worden gemaakt over de energiemix en locaties.
De doorwerking van deze visie in sectorale plannen zal in de toekomst gaan plaatsvinden. De
De borging en uitvoering van de Energievisie wordt nader geconcretiseerd in een gezamenlijke
energietransitie raakt immers alle beleidsvelden, en vice versa. Daarover zijn nog geen gesprekken
uitvoeringsagenda die in 2024-2025 wordt opgesteld door de organisaties van de Friese
gevoerd, maar dit onderwerp zal een plek kunnen krijgen in de uitvoeringsagenda. Gedurende
Energietafel. Dit is een actualisatie van de huidige FET-uitvoeringsagenda. Deze agenda kan
het traject van het opstellen van de Energievisie is in ieder geval als aandachtspunt benoemd
voorstellen bevatten voor het opstellen van nieuw beleid of het herzien van beleid, maar ook
de relatie met de doelstellingen van het bereiken van de RES-doelen, een circulaire economie,
het uitvoeren van specifieke projecten of acties die door verschillende deelnemers van de FET
klimaatadaptatie en biodiversiteit evenals de relatie met sociaaleconomische aspecten als
opgepakt worden. De RES wordt elke twee jaar beoordeeld en zo nodig herijkt indien er sprake is
betaalbaarheid en beschikbaarheid van energie voor alle inwoners in Friesland.
van bijgesteld ambities. Voor 1 juli 2025 dient de volgende voortgangsrapportage van de RES 1.0 óf de herijking naar een RES 2.0 ingediend te worden bij het NP RES. De uitvoering past binnen de afspraken die gemaakt zijn bij ondertekening van het Samenwerkingsdocument Friese Energietafel. Binnen de Friese Energietafel behoudt elke organisatie zijn eigen bevoegdheid en verantwoordelijkheid. Voor de uitvoering zullen menskracht en middelen worden vrijgemaakt. Eén en ander is ook afhankelijk van de middelen van het Rijk, die moeten zorgen voor een blijvende ondersteuning. Het lobbyen daarvoor zal ook onderdeel uitmaken van de uitvoeringsagenda. Met het opstellen, uitvoeren en monitoren van de uitvoeringsagenda houden de deelnemers van de FET grip op de uitvoering op de kortere termijn en blijven ze op koers volgens de principes voor het energiesysteem op de langere termijn. Een initieel (niet uitputtend) overzicht van acties per leidend principe die opgenomen kunnen worden in de uitvoeringsagenda, staan in bijlage 5.
40
CONCEPT FRIESE ENERGIEVISIE
41
BIJLAGEN BIJLAGE 1: ONTWIKKELPADEN De Energievisie geeft inzicht in de leidende principes en inrichting van het toekomstige Friese energiesysteem. Deze bijlage geeft een gebiedsgerichte uitwerking van de systeemkeuzes die voorliggen om de overstap te maken naar een duurzaam energiesysteem. Welke keuze gemaakt wordt door een sector of door overheden, heeft invloed op de type en de hoeveelheid infrastructuur die benodigd is. Sommige keuzes zijn al gemaakt binnen een gebied, maar vaak moeten er nog knopen doorgehakt worden. Deze bijlage geeft inzicht in de keuzes die voorliggen, en de consequenties van deze keuzes voor de infrastructuur en ontwikkelduur. In dit hoofdstuk worden er drie gebiedsgerichte ontwikkelpaden getoond: voor gemeente Noardeast-Fryslân, voor de regio Harlingen-Waadhoeke en voor de stad Leeuwarden. Deze ontwikkelpaden zijn illustratief voor 1) een landelijke gemeente (Noardeast), 2) een stad (Leeuwarden) en 3) een plek waar vraag en aanbod bij elkaar komt (Harlingen-Waadhoeke). Elk ontwikkelpad geeft een overzicht van mogelijke verduurzamingsroutes per sector, wanneer er naar verwachting keuzes gemaakt (moeten) worden en de consequenties van deze keuzes voor de nodige uitbreiding van energie-infrastructuur en bronontwikkeling.
De data van de regio-analyses, welke een perspectief hebben tot 2030/2035, hebben voor deze periode ook als basis gediend voor de ontwikkelpaden. De ambitie is om in 2024 voor andere gebieden in Fryslân ook ontwikkelpaden te maken in voorbereiding op de pMIEK 2.0 (zie hoofdstuk 4). De drie ontwikkelpaden uit deze bijlage fungeren dus als voorbeeld waar andere gebieden van kunnen leren en hebben verder geen status. In de praktijk vraagt energietransitie met stakeholders een zorgvuldig proces. Het gezamenlijk bouwen aan gemeenschappelijke handelingsperspectieven en het leren van elkaar is hier een belangrijk onderdeel van. De ontwikkelpaden zijn bedoeld om een onderbouwd gesprek te faciliteren tussen overheden en maatschappelijke partners. De ontwikkelpaden zijn beschreven met een technisch perspectief, maar om te komen tot daadwerkelijke keuzes zullen er zorgvuldige processen door alle deelnemers van de FET gefaciliteerd worden. De ontwikkelpaden beschrijven dus het ‘wat’ en nog niet het ‘hoe’.
42
CONCEPT FRIESE ENERGIEVISIE
43
1.1 Methodiek ontwikkelpaden
1.2 Gemeente Noardeast-Fryslân
De ontwikkelpaden in hoofdstuk 1.2 t/m 1.4 geven inzicht in systeemkeuzes voor een aantal
Gemeente Noardeast-Fryslân is een grote gemeente in het noordoosten van Friesland. Het is een
segmenten (sectoren of subsectoren) voor zowel energievraag (grijze kaders) als energieproductie
landelijke gemeente met een aantal dorpen en Dokkum als grootste stad. De gemeente kenmerkt
(groene kaders). De sectoren die de grootste impact hebben op het energiesysteem en
zich door een grote hoeveelheid groen-gasinvoeders, een industrieel cluster (met o.a. bakkers)
het elektriciteitsnet, zijn meegenomen in de figuren. Dit is gebaseerd op de analyse die is
bij Hallum en de verduurzaming van de gebouwde omgeving en mobiliteit in de dorpen en stad
uitgevoerd in het Kennisdocument (bijlage 4). In figuur 1.1 is er een legenda opgenomen voor
Dokkum. Vanuit Holwerd vertrekt de veerdienst richting Ameland.
de drie ontwikkelpaden. Alleen de segmenten met de grootste impact op de energiebalans en het elektriciteitsnetwerk zijn opgenomen in de ontwikkelpaden en kunnen variëren per
In alle segmenten is volledige elektrificatie van vraag en productie is mogelijk, maar voor elk
gebied. Aan de linkerkant van de ontwikkelpaden staan diverse mijlpalen en beslismomenten
segment zijn er ook alternatieve energiebronnen- en dragers mogelijk. De provincie Fryslân en
beschreven die richtinggevend zijn voor de systeemkeuzes die gemaakt worden. Deze besluiten
de gemeente Leeuwarden hebben gedeeltelijk invloed op de systeemkeuzes die gemaakt worden
worden door gemeenten, provincie, het Rijk of het bedrijfsleven genomen. Sommige zaken zijn
voor de mobiliteit, gebouwde omgeving en duurzame opwek.
randvoorwaardelijk of kaderstellend voor een keuze in een gebied, zoals de Wet collectieve Doorwerking leidende principes in ontwikkelpad
warmte of het vaststellen van de nieuwe Omgevingsvisie Fryslân.
De vijf leidende principes die in deze visie worden vastgesteld hebben betrekking op Voor elke systeemkeuze zijn er verschillende opties uitgewerkt (langs de vier energiedragers),
energiebesparing, duurzame productie van energie met meerdere bronnen, een goede inpassing
met elk een bepaalde duur voor de uitbreiding van infrastructuur of ontwikkeling van duurzame
in het landschap en energiesysteem en de flexibiliteit van het energiesysteem. Deze principes
energiebronnen. Per energiedrager wordt er aangegeven welke bron of techniek worden
werken met name door in de ontwikkelpaden door te kiezen voor duurzame alternatieven, naast
overwogen in het gebied. Vaak zijn er ook combinaties aangegeven als optie. Een collectief
elektriciteit, door zo veel mogelijk energieproductie (bij energievraag) te clusteren en door te
warmtenet zal bijvoorbeeld vaak ook elektriciteit vragen en daarnaast zullen niet alle gebouwen
kiezen voor slimme oplossingen ten behoeve van de flexibiliteit van het elektriciteitsnet.
op een warmtenet overstappen in een dorp of stad. Leidende principes volgen Voor de duur van de uitbreiding van het elektriciteitsnetwerk hanteert Liander een periode van
Wanneer de leidende principes worden toegepast, wordt in verschillende sectoren voor
8-10 jaar (aanleg nieuw onderstation). Voor de aanleg van een warmtenet is dit korter, namelijk
alternatieve energiebronnen gekozen om het elektriciteitsnetwerk minder te belasten. Gemeenten
zo’n 4-6 jaar. In alle drie de gebieden is er een regio-analyse uitgevoerd. De inzichten en data uit
en provincie en Rijk kunnen de keuze voor de gebouwde omgeving, mobiliteit en duurzame
deze analyses zijn overgenomen in de ontwikkelpaden.
opwek (deels) zelf maken of invloed op uitoefenen met beleid, (financiële) ondersteuning of
Legenda Legenda Legenda Figuur bijlage 1.1 Legenda Legenda voor ontwikkelpad Legenda bij Legenda
ontwikkelpaden Besluit & Beleid Beleid Besluit & Beleid Besluit & Besluit & Beleid Besluit & Beleid Rijksbesluit Rijksbesluit Rijksbesluit Rijksbesluit Rijksbesluit
Besluit & Beleid
Rijksbesluit Provinciebesluit Provinciebesluit Provinciebesluit Provinciebesluit Provinciebesluit Rijksbesluit
bewustwording bij ondernemers. Overheden en ondernemers zouden volgens de principes ook sterk inzetten op de versterking van de flexibiliteit van het lokale energiesysteem met batterijen, seizoensopslag of conversie. Wanneer de leidende principes worden toegepast, zou:
Symbool Symbool Symbool Symbool Symbool
Elektrificatie Elektrificatie Elektrificatie Elektrificatie Elektrificatie
Symbool
Elektrificatie Biodiesel Biodiesel Biodiesel Biodiesel Biodiesel
Werkzaamheden Werkzaamheden Werkzaamheden Werkzaamheden
terwijl de netbeheerder benodigde uitbreidingen realiseert. In 2029 zijn de concessies
Bronontwikkeling nodig Bronontwikkeling nodignodignodig Bronontwikkeling Bronontwikkeling Bronontwikkeling nodig
voor de Friese veerdiensten naar de Waddeneilanden verlopen. Op dit moment wordt de
Netuitbreiding nodig
Werkzaamheden Netuitbreiding nodig
Elektrificatie
Netuitbreiding nodig
aanbestedingsprocedure voorbereid. De kaders die hierin leidend zijn bepalen in grote mate de
Biodiesel
Bronontwikkeling nodig
wijze van systeemkeuze die voor de veerdiensten gemaakt wordt.
Provinciebesluit Gemeentebesluit Gemeentebesluit Gemeentebesluit Gemeentebesluit Gemeentebesluit
Biodiesel Groengas Groengas Groengas GroengasGroengas
Gemeentebesluit Bedrijfsbesluit Bedrijfsbesluit Bedrijfsbesluit Bedrijfsbesluit Bedrijfsbesluit
Groengas Batterij nodig Bron en infrastructuur infrastructuur gereed BronBron en infrastructuur en gereed gereed Uitbreiding extra Bron eninfrastructuur infrastructuur Uitbreiding of extra onderstation Bron en gereed Uitbreiding Uitbreiding of of extra of extra onderstation onderstation Uitbreiding of extra onderstation Groengas Batterij nodig onderstation gereed Bron en infrastructuur gereed Uitbreiding of extra onderstation Zonne-energie Zonne-energie Zonne-energie Zonne-energie Type energiedrager Bron en infrastructuur gereed
Provinciebesluit
Gemeentebesluit
Bedrijfsbesluit Mijlpaal Mijlpaal Mijlpaal Mijlpaal Mijlpaal Bedrijfsbesluit
Uitbreiding of extra onderstation
Zonne-energie Mijlpaal Zonne-energie Randvoorwaardelijk of Randvoorwaardelijk Randvoorwaardelijk Randvoorwaardelijk of of Windenergie Randvoorwaardelijk of Windenergie Windenergie Windenergie Mijlpaal Zonne-energie kaderstellend beleid/proces kaderstellend kaderstellend beleid/proces beleid/proces kaderstellend beleid/proces of kaderstellend Windenergie Randvoorwaardelijk of Windenergie Duurzame warmtebron Duurzame warmtebron warmtebron Randvoorwaardelijk kaderstellendofbeleid/proces DuurzameDuurzame warmtebron beleid/proces
kaderstellend beleid/proces
Windenergie
Duurzame Duurzame warmtebron Duurzame warmtebron warmtebron
Bronontwikkeling nodig Batterij nodig Batterij nodig Batterij Batterij nodignodig Batterij nodig
• De gebouwde omgeving voor een klein deel overgaan op een collectieve warmtevoorziening.
Type Type energiedrager energiedrager Type energiedrager
Anjum en Dokkum zijn in de Transitievisie Warmte van de gemeente aangewezen als
TypeElektriciteit energiedrager Elektriciteit Elektriciteit Type energiedrager Elektriciteit
startkernen. Hier wil werkt de gemeente aan wijkuitvoeringsplannen en heeft de ambitie rond in
Type energiedrager
Elektriciteit
Warmte Elektriciteit Warmte Warmte Warmte Elektriciteit Warmte Biogas of -brandstof -brandstof Warmte Biogas of -brandstof of Biogas of Biogas -brandstof Warmte Biogas of -brandstof Waterstof Biogas -brandstof Waterstof Waterstof Biogas ofof -brandstof Waterstof Waterstof Waterstof Waterstof
44
• De veerdienst (als transitiemiddel) naar Ameland tijdelijk op biobrandstof kunnen varen
Werkzaamheden Netuitbreiding nodig Netuitbreiding nodig nodignodig Netuitbreiding Netuitbreiding
2030 een lokaal warmtenet te hebben gerealiseerd. • De (bakkers)industrie in Hallum energie dichtbij vraag realiseren en alternatieve energiebronnen gebruiken, zoals duurzame warmte of groen gas. Er vinden momenteel gesprekken tussen de provincie, gemeente en ondernemers plaats over de mogelijke verduurzamingsroutes in Hallum.
CONCEPT FRIESE ENERGIEVISIE
45
• De gemeente productie van duurzame energie realiseren, geclusterd en, naast zonne-energie,
Implicaties voor energie-infrastructuur
ook windenergie en groen gas. Vanwege de grote potentie aan groen gas in de gemeente zijn
De twee hierboven beschreven scenario’s hebben verschillende implicaties voor de energie-
monovergisters kansrijk.
infrastructuur.
Figuur bijlage 1.3 Schets van energieinfrastructuur in Noardeast Fryslân in 2050.
Bij het minimaal belasten van het elektriciteitsnetwerk, doordat er bijvoorbeeld wordt gekozen voor een ander pad (warmte of biogas) dan elektrificatie, zijn niet alle uitbreidingen nodig. Uiteraard is dit helemaal afhankelijk van de locatie en de grootte van het verschil in elektriciteitsvraag groei tussen de paden. De consequenties van dit scenario op de infrastructuur zijn hieronder en in figuur 1.3 nader toegelicht.
Figuur bijlage 1.2 Ontwikkelpad Noardeast-Fryslân Programma van eisen (2025)
Mobiliteit Veerdiensten
Nota van Uitgangspunten (2024)
Toewijzing aanbesteding (2026)
Elektrificatiepad
+20MW
Elektrificatie
In het gebied Noardeast-Fryslân lijkt er bij inzet op het electrificatiepad een extra onderstation
Biodiesel
nodig te zijn om aan de elektravraag te voldoen. Als de elektrificatievraag toeneemt moeten
+0-20MW Combinatie
Mobiliteit Personen
Concessie busvervoer
Regionaal Mobiliteitsprogramma 2.0
ook de bestaande stations maximaal worden uitgebreid. Daarnaast zijn er ook meer
+1-2MW
Elektrificatie
Elektrificatie
+10-25MW
+20MW
Elektrificatie
Combinatie
Gebouwde omgeving Warmtetransitie
Combinatie
+15-40MW
Leidende principes
+30 MW
Bij de keuze voor warmte of biogas ontstaat er meer ruimte in het elektriciteitsnet op zowel
Warmtenet Combinatie
de middenspanning als op de hoogspanning (onderstation niveau). Er zijn naar schatting ook
+50MW
Elektrificatie
Industrie
nodig zijn vanwege een lagere totale energievraag en piekbelasting in dit gebied. Door relatief
+50MW
Individuele Warmtepomp
Warmteprogramma Wet collectieve warmte
+17-23MW
minder duurzame opwek en mobiliteit is er minder piekbelasting op het netwerk.
Aanwijzen warmtekavel
Transitievisie Warmte
elektriciteitshuisjes (MSR’s) nodig om de energievraag in met name van de gebouwde omgeving op te vangen. De flexibiliteit en opslag behoefte zal in vergelijking tot de andere gebieden minder
Walstroom
Mobiliteit Logistiek
Inschatting uiterlijk investeringsbesluit door bedrijven
hier veel minder elektriciteitshuisjes (MSR’s) nodig. Het onderstation Dokkum zal in beide
20-35 MW
paden uitgebreid moeten worden. Maar de bouw van nieuw onderstation kan mogelijk worden
Warmtenet Combinatie
vermeden. Zon PV
+45MW
Windturbines
+15MW
Zon PV
Raadsbesluit
Energieproductie
+15-130MW Windturbines
+0-45MW Combinatie
Energievisie
Omgevingsvisie Fryslân
Warmtenet
Monovergister
Nu
46
2025
2030
2035
2050
CONCEPT FRIESE ENERGIEVISIE
47
De gemeente Waadhoeke heeft flinke ambities voor de productie van duurzame energie. De
1.3 Regio Harlingen-Waadhoeke
gemeente werkt aan de ontwikkeling van een Energielandschap waar deze productie wordt
In het noordwesten van de provincie Fryslân, grenzend aan de Waddenzee, ligt het gebied
geclusterd. De gemeente heeft verschillende opties voor het landschap en bepaalt de precieze
Harlingen-Waadhoeke (figuur 1.4). Dit gebied heeft een gezamenlijk ontwikkelpad omdat de
inrichting hiervan de komende jaren mede op basis van een gebiedsontwikkelingsproces. Naast
gemeenten Waadhoeke en Harlingen voor een groot deel gebruikmaken van dezelfde energie-
het Energielandschap is ook de aanwezigheid van glastuinbouw kenmerkend voor de regio.
infrastructuur. Zo worden Harlingen en Waadhoeke allebei gevoed vanuit onderstation Herbaijum.
Waadhoeke is de enige gemeente in Fryslân met glastuinbouw met twee grotere clusters van
Het oostelijke gedeelte van Waadhoeke wordt gevoed vanuit onderstation Leeuwarden.
60-70 ha (Sexbierum en Berlicum). Deze sector heeft verschillende verduurzamingsopties, zoals elektrificatie, duurzame warmte of groen gas en het is nog niet duidelijk waar de voorkeur ligt van
Gemeente Harlingen wordt gekenmerkt door de Port of Harlingen, vanuit waar dagelijks meerdere
de tuinders. De keuze die genomen wordt heeft mogelijk grote impact op het elektriciteitssysteem.
veerboten naar Terschelling en Vlieland vertrekken. Er ligt ook een grote industriehaven, er
Er is een grote relatie tussen de keuzes die gemaakt worden in het Energielandschap en de
is visserij en de bruine vloot. Op een klein oppervlak komt er dus veel bedrijvigheid (en dus
verduurzamingsroute van de glastuinbouw.
energiegebruik) bij elkaar. De verduurzaming op Terschelling en Vlieland is relevant voor Harlingen-Waadhoeke omdat de onderliggende netten ook zijn aangesloten op onderstation
Het ontwikkelpad Harlingen-Waadhoeke (figuur 1.3) kenmerkt zich primair door de
Herbaijum en daarmee invloed hebben op de beschikbare capaciteit. Op dit moment is de
verduurzaming van de veerdienst en logistiek, de glastuinbouw, de gebouwde omgeving,
beschikbare capaciteit gering. Netbeheerders zoeken naar mogelijkheden om de capaciteit
de industrie en het Energielandschap, d. In dit ontwikkelpad is volledige elektrificatie van
rondom Herbaijum te vergroten. Er worden ook gesprekken gevoerd over de aanleg van
energievraag en -productie mogelijk voor alle segmenten, maar er zijn alternatieven beschikbaar.
wadkabels naar de eilanden.
Het Rijk, de provincie Fryslân en de gemeenten Waadhoeke en Harlingen hebben gedeeltelijk
Figuur bijlage 1.4 Ontwikkelpad Harlingen-Waadhoeke
invloed op de systeemkeuze die gemaakt wordt voor de veerdienst, de gebouwde omgeving en het Energielandschap. Programma van eisen (2025)
Mobiliteit Veerdiensten
Leidende principes volgen
Biodiesel
Toewijzing aanbesteding (2026)
Nota van Uitgangspunten (2024)
Doorwerking leidende principes in ontwikkelpad
+50MW
Elektrificatie
Wanneer de leidende principes worden toegepast, wordt in verschillende sectoren voor
+0-50MW
alternatieve energiebronnen gekozen om het elektriciteitsnetwerk minder te belasten.
Combinatie
Mobiliteit Logistiek
+27MW
Elektrificatie
Combinatie
Aanwijzen warmtekavel
Gebouwde Omgeving WarmteTransitievisie transitie
+26-35MW
omgeving en het Energielandschap gedeeltelijk zelf maken of beïnvloeden. De overheden
+50MW Individuele Warmtepomp
Warmteprogramma
Wet collectieve warmte
Warmte
Combinatie
+25-40MW
+25-55MW
kunnen invloed uitoefenen op keuzes die in de overige segmenten gemaakt worden, met beleid, (financiële) ondersteuning of bewustwording bij ondernemers. Overheden en ondernemers
Warmtenet Combinatie
Inschatting uiterlijk investeringsbesluit
Sociaal economisch actieprogramma door gemeenten
Inschatting uiterlijk investeringsbesluit
Glastuinbouw
Wanneer de leidende principes worden toegepast, zou:
+110MW
Elektrificatie
• De veerdiensten naar Terschelling en Vlieland (als transitiemiddel) tijdelijk op biobrandstof Warmtenet
kunnen varen terwijl de netbeheerder benodigde uitbreidingen realiseert. In 2029 gaan de
+0-75MW
nieuwe concessies in voor de Friese veerdiensten naar de Waddeneilanden. Op dit moment
Warmtenet
Combinatie
wordt de aanbestedingsprocedure voorbereid. De kaders die hierin leidend zijn bepalen in grote
+54-144MW
Zon PV
mate de wijze van systeemkeuze die voor de veerdiensten gemaakt wordt.
Zon PV
Gebiedsontwikkelingsproces
Energieproductie Energielandschap
+60-70MW
Windturbines
Windturbines
Raadsbesluit
Raadsbesluit
energiesysteem met batterijen, seizoensopslag of conversie.
+0-38MW Combinatie
Duurzame Warmte
Duurzaam concept Berlikum
zouden volgens de principes ook sterk inzetten op de versterking van de flexibiliteit van het lokale
+38MW
Elektrificatie
Industrie
Proces Greenport
Gemeenten, provincie en Rijk kunnen de systeemkeuze voor de veerdienst, de gebouwde
Zonthermie
+42-105MW
alternatief voor elektrificatie.
Warmtenet Zonthermie
Omgevingsviisie Fryslân
• De zwaardere logistiek en binnenvaart op groen gas of biobrandstof kunnen overstappen als
+0-150MW Combinatie Warmtenet
Nu
48
2025
2030
2035
2050
CONCEPT FRIESE ENERGIEVISIE
49
• De gebouwde omgeving, industrie en glastuinbouw, naast elektrificatie, ook gebruik maken
Implicaties voor energie-infrastructuur
van duurzame warmtebronnen (restwarmte, aquathermie of geothermie) en/of groen gas
De twee hierboven beschreven scenario’s hebben verschillende implicaties voor de energie-
in combinatie met (seizoens)opslag. Gemeenten Waadhoeke en Harlingen hebben de regie
infrastructuur. Het scenario dat leidende principes hanteert, resulteert in gevarieerde
voor de verduurzaming van de gebouwde omgeving via de TVW, warmteprogramma en
infrastructuur en minder uitbreiding van of nieuwe onderstations.
Figuur bijlage 1.5 Schets van energieinfrastructuur in Harlingen-Waadhoeke in 2050 in twee scenario’s.
wijkuitvoeringsplannen. • Het Energielandschap, naast zonne-energie, ook windenergie en duurzame warmte produceren (zonthermie wordt momenteel door de gemeente overwogen voor de inzet in de glastuinbouw). De consequenties van dit scenario op de infrastructuur zijn hierna en in figuur 1.5 nader toegelicht. Elektrificatiepad Het scenario waarin overheden en bedrijven inzetten op elektrificatie, waarbij andere energiebronnen- en dragers minimaal worden toegepast en er niet wordt ingezet op slimme oplossingen, is vanuit het energiesysteem en het elekriciteitsnetwerk onwenselijk. Dit scenario volgt niet de leidende principes uit de Energievisie. In dit scenario zijn er grote uitbreidingen van de elektriciteitsinfrastructuur nodig, wat tijd, uitvoeringskracht en geld kost. Netcongestie blijft in dit scenario een belemmerende factor, ook op de langere termijn. Wanneer de veerdienst, de logistiek, de glastuinbouw, de industrie en de gebouwde omgeving volledig elektrificeren in Harlingen-Waadhoeke, wordt dit scenario in dit gebied werkelijkheid. Gezien de grote vermogensvraag die elektrificatie in de segmenten vraagt, is het vroegtijdig informeren van de netbeheerders van groot belang. In vrijwel alle segmenten vindt momenteel al elektrificatie plaats. De Port of Harlingen kampt bijvoorbeeld op dit moment al met problemen om nieuwe netaansluitingen te krijgen.
Door niet tijdig te kiezen voor een andere energiebron of -drager, zal het elektrificatiescenario automatisch werkelijkheid worden. De consequenties van dit scenario op de infrastructuur zijn hieronder en in figuur 1.5 nader toegelicht. Elektrificatiepad Er wordt met name impact verwacht op het middenspanningsnet als het electrificatiepad (links) zich ontvouwd. Er zijn veel elektriciteitshuisjes (middenspanningsruimten: MSR’s) nodig om de energievraag van huishoudens, elektrisch vervoer, landbouw en midden- en klein bedrijf op te kunnen vangen. Op onderstation niveau zijn er drie nieuwe stations nodig. Eén 110/50/20kV station en twee 50/20kV stations. Deze zullen naar mate de elektrificatievraag toeneemt ook maximaal uitgebreid moeten worden in de toekomst. Deze stations zijn nodig om de grotere ontwikkelingen rondom glastuinbouw, industrie en het energielandschap te faciliteren. Ook zal er een grote flexibiliteit en opslag behoefte zijn om het elektriciteitsnet en energievraag en – aanbod in balans te houden. Met name de veerdiensten, industrie en logistiek hebben ook energie nodig als het niet waait of de zon niet schijnt. Voor de warmtevraag in de gebouwde omgeving is daarnaast seizoensopslag of import van energie nodig om de energiebalans te waarborgen.
50
CONCEPT FRIESE ENERGIEVISIE
51
• Gemeente Leeuwarden de bedrijventerreinen maximaal benutten voor productie van duurzame
Leidende principes
energie. Zo wordt er energieaanbod dicht bij vraag gerealiseerd en zorgt windenergie voor een
Bij het realiseren van meer warmte infrastructuur en meer inzet op biogas betekent dit concreet
relatief lagere impact op het elektriciteitsnet dan zonne-energie. De gemeente heeft de ambitie
minder investeringen in het elektriciteitsnet op middenspanning- en hoogspanningsniveau. Er
om 35 windturbines te realiseren op bedrijventerreinen in Leeuwarden. De gemeente geeft
zijn significant minder elektriciteitshuisjes nodig en de drie nieuwe onderstations hebben minder
voorkeur van windenergie boven zon-pv. De gemeente is van plan een belemmeringenstudie
investeringen voor uitbreiding nodig in de toekomst. Daarnaast zorgen de andere energiedragers
te doen naar windturbines op bedrijventerreinen in Leeuwarden. De uitkomsten van dit
(warmte en biogas) voor een betere balancering in het totale energiesysteem.
onderzoek, deze Energievisie en de nieuwe Provinciale Omgevingsvisie bepalen in hoge mate wat de gemeente in haar nieuwe Energieagenda zal opnemen.
1.4 Leeuwarden
De consequenties van dit scenario op de infrastructuur zijn hieronder en in figuur 1.7 nader
Leeuwarden is als Friese hoofdstad meegenomen als ontwikkelpad (figuur 1.6). Leeuwarden
toegelicht.
kenmerkt zich door de aanwezigheid van bedrijventerreinen met voedingsmiddelenindustrie, een grote verduurzamingsopgave in de gebouwde omgeving en een hoge ambitie van duurzame
Elektrificatiepad
productie van duurzame elektriciteit. Ook in dit ontwikkelpad is volledige elektrificatie van
Ook voor Leeuwarden is er een scenario denkbaar met maximale elektrificatie van energievraag
energievraag en -productie mogelijk voor alle segmenten, maar ook hier zijn er alternatieven
en -aanbod. Dit scenario volgt niet de leidende principes uit de Energievisie. In vrijwel alle
beschikbaar. De provincie Fryslân en de gemeente Leeuwarden hebben gedeeltelijk invloed op de systeemkeuzes die gemaakt worden voor de mobiliteit, gebouwde omgeving en duurzame opwek.
segmenten vindt momenteel al elektrificatie plaats. In de periode 2022-2030 wordt in Leeuwarden
Doorwerking leidende principes in ontwikkelpad
snelheid van elektrificatie, bijvoorbeeld bij de industrie, waardoor een groei van meer dan 100%
een groei van 30% van de elektriciteitsvraag verwacht. Er is veel onzekerheid over de mate van en tot 2030 niet uitgesloten is. Door niet tijdig te kiezen voor alternatieve energiebronnen en -dragers,
Leidende principes volgen
wordt het maximale elektrificatiescenario werkelijkheid. De consequenties van dit scenario op de
Wanneer de leidende principes worden toegepast, wordt in verschillende sectoren voor
Figuur bijlage 1.6 Ontwikkelpad Leeuwarden
infrastructuur zijn hieronder en in figuur 1.7 nader toegelicht.
alternatieve energiebronnen gekozen om het elektriciteitsnetwerk minder te belasten. Gemeenten en provincie en Rijk kunnen de keuze voor de gebouwde omgeving, mobiliteit en duurzame opwek (deels) zelf maken of invloed op uitoefenen met beleid, (financiële) ondersteuning of bewustwording bij ondernemers. Overheden en ondernemers zouden volgens de principes ook sterk inzetten op de versterking van de flexibiliteit van het lokale energiesysteem met batterijen, seizoensopslag of conversie. Wanneer de leidende principes worden toegepast, zou: • Een deel van de (voedingsmiddelen)industrie en bedrijven op een duurzame warmtevoorziening
Mobiliteit Personen
Concessie busvervoer
groen gas willen inzetten als verduurzamingsoptie. Er blijft naar verwachting alsnog een groot deel van de industrie over die zal elektrificeren.
Mobiliteit Logistiek
Gebouwde omgeving Warmtetransitie
+25-70MW
Elektrificatie
+26MW
Intentie-overeenkomst duurzame warmte Heechterp
Wet collectieve warmte
25-30MW
Combinatie
Beleidskader Mobiliteit
Aanwijzen warmtekavel
Combinatie
+70MW
Individuele Warmtepomp
Elektrificatie
+30-80MW
Warmteprogramma
+35-60MW Combinatie
Combinatie
• De zwaardere logistiek gedeeltelijk op groen gas of biobrandstof overstappen als alternatief voor
Warmtenet
Maatregelenpakket inflatie
elektrificatie. Op termijn (na 2035) zou vrachtverkeer dat langere afstanden moet rijden groene waterstof kunnen overwegen. Vóór die tijd is er niet voldoende groene waterstof beschikbaar
+38MW
Elektrificatie
Laadvisie
overstappen. Friesland Campina overweegt bijvoorbeeld het gebruiken van de eigen restwarmte of het boren van een geothermiebron. In Leeuwarden zijn er vooralsnog weinig bedrijven die
Zero-emissie zone 2028
Inschatting uiterlijk investeringsbesluit
+150MW Elektrificatie
Industrie Onderstation treedt in werking
in Nederland. Het personenvervoer zal vrijwel zeker gaan elektricifceren. Vanaf 2028 bereidt de
+24MW
Combinatie Warmtenet
gemeente een zero-emissiezone voor in de stad. • De gebouwde omgeving voor een belangrijk deel overgaan op een collectieve warmtevoorziening. Er is in de stad potentie voor o.a. geothermie. De gemeente ziet momenteel kansen voor een warmtenet in ongeveer 40% van de wijken in Leeuwarden. Onlangs heeft de
Belemmeringenstudie windenergie
Energieproductie
+185MW
Windturbines
+145MW
Windturbines
+100-150MW Zon PV
5+144MW Energievisie
gemeente een intentieovereenkomst gesloten voor duurzame warmte in de wijk Heechterp.
Combinatie Warmtenet
Omgevingsvisie Fryslân
Nu
52
Zon PV
Leeuwarder Energieagenda
2025
CONCEPT FRIESE ENERGIEVISIE
Monovergister
2030
2035
2050
53
Implicaties voor energie-infrastructuur De twee hierboven beschreven scenario’s hebben verschillende implicaties voor de energieinfrastructuur. Elektrificatiepad Ook in en rondom Leeuwarden wordt met name de impact verwacht op het middenspanningsnet als het elektrificatiepad zich ontvouwt. Er zullen veel elektriciteitshuisjes (MSR’s) nodig zijn om de energievraag van de gebouwde omgeving op te vangen. Op onderstation niveau is er één nieuw station nodig. Een 110/20kV onderstation. Deze en huidige stations moeten naar mate de elektrificatievraag toeneemt ook maximaal worden uitgebreid. Ook in dit gebied zal er een grote flexibiliteit en opslag behoefte zijn voor de industrie en logistieke hubs. Daarnaast is er seizoensopslag van energie nodig om te voldoen aan de warmtevraag van de gebouwde omgeving
BIJLAGE 2: FRIESE ENERGIE-INITIATIEVEN Het nieuwe energiesysteem is niet van de ene dag op de andere gerealiseerd. We zitten in een energietransitie tot 2050 waarbij de invulling van het toekomstig energiesysteem nog geen platgetreden pad is. Daarom is het van belang om lerend vooruit te gaan, stappen te zetten en ervaringen op te doen en ook risico’s te nemen. En om weg te gooien wat niet werkt en te behouden en versterken wat kansrijk lijkt. In Fryslân zijn diverse initiatieven die experimenteren met nieuwe en duurzame vormen van energievoorziening. Deze brengen we in beeld om inzicht te krijgen in welke experimenten worden gedaan en welke lessen we hieruit kunnen leren. Geleerde lessen kunnen we in de
in de winter.
uitwerkingen van de Energievisie oppakken en meenemen in de uitvoering.
Leidende principes
Op de website van de Friese Energietafel zijn deze initiatieven in een overzicht te vinden. De
Bij een keuze voor warmtenetten of inzet op meer biogas ontstaat er ruimte in het elektriciteitsnet op zowel het middenspanning- als het hoogspanningsnet (onderstation niveau). Er zijn naar
projecten zijn kort beschreven en bevatten links naar websites waar meer informatie op te halen is.
schatting veel minder middenspanningsruimten (MSR’s) nodig omdat een groot gedeelte van Figuur bijlage 1.7 Schets van energieinfrastructuur in Leeuwarden in 2050.
54
de energievraag opgevangen kan worden door warmte. Het nieuwe onderstation zal er in beide paden moeten komen, maar er is meer capaciteit over op het onderstation in 2050 voor andere ontwikkelingen (zoals op plekken buiten Leeuwarden die op dit onderstation zijn aangesloten).
CONCEPT FRIESE ENERGIEVISIE
55
BIJLAGE 3: BEGRIPPEN EN AFKORTINGEN Begrip/afkorting
Toelichting
Centraal energiesysteem
Aquathermie
Het gebruik van warmte en koude uit het oppervlaktewater, drinkwater of afvalwater voor het verwarmen en koelen van gebouwen. De warmte wordt als dat nodig is opgeslagen in de bodem en daarna opgewaardeerd met een warmtepomp. Bron: https://www.nplw.nl/technieken/warmtebronnen/default.aspx
Een energiesysteem waarbij energie op een centraal punt wordt geproduceerd en van daaruit wordt getransporteerd, vaak over grotere afstand, naar de energievragers.
Congestie
Tekort aan transportcapaciteit dat opstopping veroorzaakt, meestal op het elektriciteitsnet, maar soms ook op het gasnet.
Congestiemanagement
Het beter benutten van het energiesysteem door vraag en aanbod in tijd en hoeveelheid meer op elkaar af te stemmen. Meer informatie: https://www.liander.nl/-/media/files/ energietransitie/liander-brochure--mogelijke-oplossingentransportschaarste-versie-juli-2023.pdf
Covergisting
Vergisting van dierlijke mest samen met andere organische afval- of reststoffen. Kan op verschillend schaalniveau plaatsvinden, van boerderijniveau tot grote industriële vergisters. Als restproduct blijft digestaat (het natte eindproduct) over.
Decentraal energiesysteem
Een energiesysteem waarbij opwek en productie vanuit meerdere kleiner locaties getransporteerd wordt naar energievragers in de directe omgeving.
Energiegemeenschap
Een groep van burgers die gezamenlijk hun energie regelt. Meer informatie: https://topsectorenergie.nl/nl/kennisbank/ kennisdossier-energiecollectieven/
Energiehub
Is een lokaal afgebakend energiesysteem dat is verbonden met het openbare energienet. In een energiehub wordt energievraag en –aanbod van gas, warmte en elektriciteit lokaal op elkaar afgestemd. Het streven binnen een energiehub is om de lokale productie en de energievraag zoveel mogelijk gelijktijdig te laten plaatsvinden. Hierdoor wordt het openbare net zo minimaal mogelijk belast en kan er zoveel mogelijk lokale energie worden uitgewisseld zonder afhankelijkheid van de externe energiemarkt. Een energiehub kan veel vormen aannemen, in grootte en organisatie.
Energieneutraal
Evenveel energie duurzaam opwekken of produceren als gebruiken.
Betaalbaarheid
Draaglijke kosten van energie voor gebruikers en lage maatschappelijke kosten voor het energiesysteem voor de samenleving als geheel. Bron: https://open.overheid.nl/ documenten/9c656bf0-e388-4baf-88d6-96ac6aa326dd/file
Betrouwbaarheid
Zekerheid van toegang tot energie, oftewel leveringszekerheid. Voor de lange termijn zet, landelijk, het kabinet in op een hogere mate van energie-onafhankelijkheid door eigen productie dan tot nu toe het geval was, integratie in Europa en een diversificatie voor de toevoer van buiten Europa. https:// open.overheid.nl/documenten/9c656bf0-e388-4baf-88d696ac6aa326dd/file
Bodemenergie
56
Het gebruik van warmte en koude uit de bodem tot een diepte van maximaal 500 meter. Een warmtepomp waardeert de warmte uit de bodem op tot een voor gebouwen bruikbaar niveau. Er wordt onderscheid gemaakt in gesloten (bodemwarmtewisselaar GBES) en open systemen (Warmtekoudeopslag WKO). Bron: https://www.nplw.nl/ technieken/warmtebronnen/default.aspx
Bidirectioneel laden
Twee kanten opladen met de elektrische auto: opladen en elektriciteit leveren. Bron: Feiten en fabels over bidirectioneel laden | ANWB
Biogas
Een gasmengsel dat ontstaat uit biologische afbraak van organisch materiaal (zoals mest, rioolslib of GFT afval) door enzymen. Het bestaat onder meer uit methaan en koolstofdioxide.
Cablepooling
Verschillende energiebronnen (bijvoorbeeld wind- en zonneparken) maken gebruik van één aansluiting. Dit verlaagt maatschappelijke kosten, de doorlooptijd tot realisatie en vermindert het ruimtebeslag. Met een slim managementsysteem wordt gezorgd voor een continue balancering. Bron: Cable pooling - Firan
CONCEPT FRIESE ENERGIEVISIE
57
Energiesysteem
De verbinding tussen vraag en aanbod, ofwel opwek en productie en gebruik, transport en opslag van verschillende energievormen. Bron: https://www.rvo.nl/onderwerpen/energiesysteem/nieuwenergiesysteem
Energietransitie
De overgang van het gebruik van fossiele energie naar energie uit hernieuwbare bronnen. Bron: https://www.cbs.nl/nl-nl/ economie/industrie-en-energie/energietransitie
EMS
Energie Management Systeem: software om energieverbruik en energieproductie van een gebouw of industriële installatie nauwkeurig te meten en te analyseren.
FET
Friese Energietafel https://frieseenergietafel.nl/
Fossiele energie
Energie die wordt opgewekt of geproduceerd uit fossiele bronnen als steenkool, aardolie of aardgas. De verbranding van fossiele brandstoffen brengt uitstoot van CO2 -gas met zich mee, dat een versterkt broeikaseffect veroorzaakt, dat weer zorgt voor een opwarming van de aarde.
Fossielvrij
Niet gebruikmakend van fossiele energie
Friese Energietafel
Netwerk van alle overheden, maatschappelijke organisaties, netbeheerders en samenwerkende burgers in Friesland. Bron: https://frieseenergietafel.nl/
Geothermie
De effecten op het elektriciteitsnet als gevolg van toenemende vraag en aanbod van elektriciteit. De vraag neemt toe, omdat veel energievragers (bedrijven, woningen, mobiliteit) gaan elektrificeren. Het aanbod neemt toe, omdat er lokaal steeds meer duurzame opwek wordt georganiseerd (zon op dak, zon op land, wind en dergelijke). Deze ontwikkelingen kunnen opstopping (congestie) op het net veroorzaken. Meer informatie: https://vng.nl/sites/default/files/2023-07/ infographic-impact-van-de-warmtetransitie_1.pdf
Klimaatdoelen
De doelen uit het Klimaatakkoord (2019). Dit akkoord is de Nederlandse invulling van het Klimaatakkoord van Parijs uit 2015. Daarin hebben 195 landen, inclusief Nederland, afgesproken om in 2050 de stijging van de gemiddelde wereldtemperatuur te beperken tot ruim onder de 2 graden Celsius, zo mogelijk 1,5 graden Celsius. Volgens het Klimaatakkoord moet in 2030 de uitstoot in Nederland t.o.v. 1990 49% lager zijn. Inmiddels is deze doelstelling verhoogd tot 55% (Klimaatplan). Gedacht wordt nu aan verdere ophoging van deze doelstelling. In 2050 moet 90% van de CO2 uitstoot zijn teruggebracht. Bron: https://www.klimaatakkoord.nl/
Klimaatneutraal
Alle activiteiten door de mens hebben geen effecten op het klimaat.
Klimaatneutraal Energiesysteem
Een energiesysteem dat geen invloed heeft op het klimaat. Om klimaatneutraal te zijn, moet dit systeem overgaan op hernieuwbare (duurzame) energievormen, zoals groene elektriciteit, gassen, warmte en vervoersbrandstoffen.
Leidende principes
Vuistregels die, in dit geval, richting geven aan de inrichting van het energiesysteem van de toekomst.
GOVI
Gemeentelijke Omgevingsvisie
Mono(mest)vergister
Groen gas
Hernieuwbaar biogas dat is opgewaardeerd tot dezelfde kwaliteit als aardgas, zodat het geleverd kan worden aan het aardgasnet.
Is het vergisten van mest al of niet op eigen bedrijf om warmte en biogas te leveren.
Netcongestie
Tekort aan transportcapaciteit meestal op het elektriciteitsnet, maar soms ook op het gasnet.
Netcongestiemanagement
Het beter benutten van het energiesysteem door vraag en aanbod in tijd en hoeveelheid meer op elkaar af te stemmen. Meer informatie: https://www.liander.nl/-/media/files/ energietransitie/liander-brochure--mogelijke-oplossingentransportschaarste-versie-juli-2023.pdf
NPE
Nationaal Plan Energiesysteem is de kabinetsvisie voor het Energiesysteem tot 2050. Deze is vastgesteld in 2023 en wordt elke 5 jaar herzien. Nationaal plan Energiesysteem
Hernieuwbare energie
58
Het gebruik van warmte uit de diepe ondergrond vanaf 500 meter en dieper voor het verwarmen van huizen, gebouwen, kassen en lichte industrie, ook wel aardwarmte genoemd. Bron: https://www.nplw.nl/technieken/warmtebronnen/geothermie/ default.aspx
Impact elektriciteitsnet
Energie die afkomstig is van natuurlijke bronnen die op korte termijn continu worden aangevuld, zoals wind, water, zon, bodem, lucht en biomassa. Fossiele energie en kernenergie vallen hier niet onder, omdat deze bronnen niet worden aangevuld. Bron: https://www.cbs.nl/nl-nl/faq/specifiek/wat-ishernieuwbare-energie
CONCEPT FRIESE ENERGIEVISIE
59
Onafhankelijk
Ontwikkelpaden
60
Onafhankelijk van fossiele brandstoffen betekent dat de samenleving energie gebruikt (of kan gebruiken) zonder dat daar fossiele brandstoffen voor zijn ingezet. Met grotendeels onafhankelijk van energie die van buiten de provincie Fryslân wordt bedoeld dat in hoeveelheid in de provincie evenveel wordt opgewekt als er vraag is. Praktisch gezien zullen er wel elektronen en gasmoleculen de provinciegrens passeren. Routes waarlangs het energiesysteem zich kan ontwikkelen naar een duurzaam energiesysteem van de toekomst. Deze zijn niet ‘af’ maar geven richting volgens de huidige inzichten. Ze kunnen gedurende de rit naar 2050, bij nieuwe inzichten en ontwikkelingen, worden bijgesteld. Bron: Nationaal plan Energiesysteem
OVEF
Coöperatie Openbare Verlichting & Energie Fryslân
pMIEK
Provinciaal Meerjarenprogramma Infrastructuur en Klimaat. In dit programma, dat elke 2 jaar vernieuwd wordt, staat hoe toegewerkt wordt naar het energiesysteem van de toekomst. Het geeft onder andere aan in welke volgorde aanpassingen, zoals nieuwe of vergroten van elektriciteitsstations, gerealiseerd worden. In Fryslân wordt het programma ontwikkeld door de samenwerkende partijen binnen de Friese Energietafel en door Gedeputeerde Staten van de Provincie Fryslân vastgesteld. De regionale netbeheerders (Liander, Stedin) nemen de projecten uit de pMIEK met prioriteit op in hun investeringsplannen. Deze worden telkens ter consultatie aan ‘stakeholders’ aangeboden. In 2025 is de pMIEK 2.0, die gebaseerd wordt op de Energievisie, klaar. https://www.ipo.nl/nieuws/iedere-provincie-eenpMIEK-1-0/