Programmabegroting 2026 - 2029
Tekst van het document
De laatst bekende woonlasten zijn door het COELO berekend op € 1.052 voor een meerpersoonshuishouden in 2026. Hiertegenover hebben
69
wij de berekende belastingdruk 2026 gezet. De conclusie daaruit is dat we als gemeente Bergeijk onder het landelijk gemiddelde zitten.
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding Het gemeentelijk weerstandsvermogen geeft de mate aan waarin de gemeente in staat is financiele tegenvallers op te vangen. Om dit te kunnen moet er een zekere mate van vrije ruimte zijn binnen de begroting en/of de vermogenspositie. Deze vrije ruimte heet ook wel de weerstandscapaciteit. De weerstandscapaciteit bestaat uit middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt om niet geraamde kosten (onverwachte, onvoorziene omstandigheden) te dekken. Dit met inachtneming dat het niet ten koste gaat van de uitvoering van bestaande taken.
Wettelijk kader Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten moeten in de
Risico’s worden in dit verband gedefinieerd als gebeurtenissen die de doelrealisatie van de gemeente Bergeijk negatief kunnen beïnvloeden, waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële omvang zijn in relatie tot de financiele positie van de gemeente. In deze paragraaf wordt achtereenvolgens ingegaan op: - Wettelijk kader; - Weerstandsvermogen; - Een inventarisatie van de weerstandcapaciteit; - Een inventarisatie van de risico’s; - Relatie tussen de risico’s en de weerstandcapaciteit; - De financiële kengetallen.
paragraaf Weerstandvermogen en risicobeheersing in ieder geval de volgende onderdelen worden vermeld:
Onderdeel De paragraaf bevat tenminste: • Een inventarisatie van de weerstandscapaciteit; • Een inventarisatie van de risico’s; • Het beleid over de weerstandscapaciteit en de risico’s • Verplicht opnemen van een aantal kengetallen • Beoordeling van de onderlinge verhouding van de kengetallen in relatie tot de financiële positie
Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen: - De weerstandscapaciteit: dit zijn middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet-begrote kosten te dekken; - Alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die materieel van invloed kunnen zijn op de meerjarige financiële positie. De omvang van het weerstandsvermogen geeft aan hoe robuust de begroting is. Dit is van belang bij een financiële tegenvaller. Door alert te zijn op het weerstandsvermogen, voorkomen we dat elke financiële tegenvaller leidt tot bezuinigingen.
Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit middelen en mogelijkheden waarover de gemeente de beschikking heeft/kan beschikken om niet-begrote kosten te dekken. Met ingang van deze begroting, wordt de weerstandscapaciteit uitgedrukt in twee (2) delen. Het eerste deel betreft de weerstandscapaciteit van het vermogen, ook wel incidentele 70
Op grond van art. 11 BBV
weerstandscapaciteit genoemd. Deze weerstandscapaciteit kan slechts eenmalig worden ingezet om tegenvallers op te vangen. Het tweede deel is de weerstandscapaciteit van de exploitatie, ook wel de structurele weerstandscapaciteit genoemd. Deze capaciteit kan permanent worden ingezet om tegenvallers op te vangen. Belangrijkste componenten hiervan voor Bergeijk zijn de post (structureel) onvoorzien, de onbenutte belastingcapaciteit en de structurele begrotingsruimte. Voor beiden wordt als voorwaarde gesteld dat de inzet plaatsvindt zonder dat het bestaande beleid in gevaar komt. Vooral om die laatste reden is de algemene reserve in de weerstandscapaciteit van het vermogen de belangrijkste component. Voor de gemeente Bergeijk bestaat de weerstandscapaciteit uit: - de algemene reserves; - het begrotingssaldo; - de post onvoorzien; - de onbenutte belastingcapaciteit. De beschikbare weerstandscapaciteit is in onderstaande tabel weergegeven.
Algemene reserve Onvoorzien Saldo jaarstukken naar AR Begrotingssaldo Stille reserves Onbenutte belastingcapaciteit Totale weerstandscapaciteit
Bedragen x 1.000 Begroting na Primitieve Realisatie 2024 wijziging 2025 begroting 2026 14.426 17.649 17.948 25 25 3.637 p.m. 3.030 21.093
Risico’s Van de risico’s wordt een inschatting gemaakt van de waarschijnlijkheid dat een risico zich voordoet en wat de mogelijke schadeomvang kan zijn. Daarvoor worden de volgende twee (2) vragen gesteld: (1) Wat is de financiële impact? En (2) wat is de kans dat de gebeurtenis zicht voordoet? De kans dat de gebeurtenis zich voordoet aan de hand van de volgende score: Kans score Zeer gering Gering Waarschijnlijk Hoog
5% 25% 50% 75%
p.m. 2.840 20.514
p.m. 2.870 20.843
De risicoscore is de vermenigvuldiging van het ingeschatte financiële effect van het risico vermenigvuldigd met het percentage wat aansluit op de kans dat het risico zich voordoet. Indien een risico zich zeker voor zou doen dan wordt dit in de begroting opgenomen vanwege de stelregel dat de begroting realistisch opgesteld moet worden. Alleen risico’s met een gekwantificeerd bedrag van > € 25.000 (ongeveer 0,05% van de totale begroting) worden in de risicomatrix opgenomen. Nadat de risico’s zijn gekwantificeerd, kan de benodigde weerstandscapaciteit worden berekend. In 2025 wordt een nieuwe inventarisatie gemaakt van de aanwezige risico’s binnen de organisatie, zodat risico’s zoals datalekken ook gekwantificeerd worden.
Bedragen x € 1.000 Structureel / Jaarrekening Begroting Begroting Begroting Begroting Risico incidenteel 2024 2026 2027 2028 2029 Algemene uitkering: effect wijzigingen S 700 701 727 727 727 Programmakosten jeugdhulp S 150 150 150 150 150 Sanering bodemverontreiniging I 750 750 750 750 750 Nadeelcompensatie actualisering bestemmingsplannen I 100 100 100 100 100 Toeristenbelasting S 78 65 65 65 65 Wachtgeld I 74 74 74 74 74 Informatiebeveiliging, datalekken en cyberaanvallen I 300 300 300 300 300 Totaal 2.152 2.140 2.166 2.166 2.166
Algemene uitkering reguliere wijzigingen De Algemene Uitkering is de grootste inkomstenbron voor gemeenten. Gelet op de geopolitieke spanningen en de mogelijke economische gevolgen maakt het dat het Rijk mogelijk moet bezuinigen. Dit kan een negatief effect hebben op de algemene uitkering. Daarom wordt voor dit risico 2% van de omvang van de algemene uitkering aangehouden. Het bedrag komt daarmee uit op circa € 700.000. Jeugdhulp Het risico wordt ingeschat op € 150.000. De volgende risico's worden onderkend: Wijzigingen als gevolg van de hervormingsagenda Jeugd 202371
2028, kwetsbaarheden kleine gemeenten, ouder problematiek, en een beperkte invloed gemeente op het CJG. Sanering bodemverontreiniging Een substantieel gedeelte van de Openbare Ruimte is verontreinigd. Dit is vooral gerelateerd aan het gebruik in het verleden van zinkassen op wegen (en bermen). Een gedeelte van met name onze wegen en bermen buiten de kom zijn zinkassenverdacht. Op zinkassenverdachte wegen moet per definitie vooraf onderzoek plaatsvinden en op veel van die wegen en bermen is een zinkassen gerelateerde verontreiniging homogeen of heterogeen aanwezig. Ook bij de uitvoering van reguliere onderhoudswerkzaamheden is dit een reëel
risico geworden, waarvan de extra kosten niet vooraf zijn in te schatten. Voor dit risico nemen we een bedrag op van € 750.000. Nadeelcompensatie actualisering bestemmingsplannen Inwoners kunnen bij (de actualisatie van) bestemmingsplannen een beroep doen op nadeelcompensatie. Bij particuliere initiatieven is het uitgangspunt dat het risico op planschade middels een overeenkomst bij de betreffende ontwikkelaar wordt gelegd. Voor de gemeentelijke grondexploitaties wordt hiervoor verwezen naar de paragraaf grondbeleid. De omvang handhaven we op € 100.000. Grondexploitaties Het risico met betrekking tot de grondexploitaties is niet meer opgenomen in deze paragraaf. De risico’s zijn onderdeel van het gemeentelijk grondbeleid en worden individueel afgedekt door de algemene reserve grondexploitatie. Toeristenbelasting De toeristenbelasting in de gemeente is gebaseerd op de Kurtax. Deze is gekoppeld aan de omzet van bedrijven die toeristenbelasting moeten afdragen in de gemeente. Indien de omzet van deze bedrijven tegenvalt, zal ook de inkomsten voor de toeristenbelasting lager zijn. Als risico wordt een percentage van 5% van de inkomsten uit de toeristenbelasting opgenomen. Voor deze jaarstukken is dat € 78.000. Wachtgeld Indien een wethouder vertrekt, kan aanspraak gemaakt worden op wachtgeld.
In dat geval dienen we de vertrekkende wethouders te voorzien van wachtgeld voor maximaal drie (3) jaar en twee (2) maanden. Voor de risicoparagraaf wordt het bedrag van het wachtgeld voor één (1) fte wethouder aangehouden. Dit bedraagt op basis van de jaarstukken € 74.000. Informatiebeveiliging, datalekken en cyberaanvallen Gemeenten gebruiken voor de uitvoering van hun taken over het brede spectrum van beleidsterreinen diverse mogelijkheden van informatie-uitwisseling, zowel onderling als met diverse keten-partners. Het is daarbij van belang dat gegevens beschikbaar en betrouwbaar zijn. Daarnaast mag informatie alleen voor bevoegden inzichtelijk zijn. De beveiliging van informatie moet daarom professioneel georganiseerd worden. Door het beveiligen van de informatievoorziening verlagen wij als gemeente het risico op beveiligingsincidenten en beperken wij de mogelijk negatieve impact van dergelijke incidenten op privacy en de gemeentelijke informatie. Om de risico’s te beperken zijn beheermaatregelen genomen zoals: 72
Een jaarlijkse audit op de ICT omgeving van de Kempengemeenten. Met een Third Part Mededeling (verder: ‘TPM’) wordt een onafhankelijk oordeel afgegeven over de betrouwbaarheid van de geïmplementeerde beheersmaatregelen rondom de ICT-diensten die SSC De Kempen aan De Kempengemeenten levert en Het uitvoeren van een PEN-test, om de robuustheid van de systemen op dat moment te beoordelen. Daarnaast is de gemeente en onze gemeentelijke netwerkbeheerder, SSC de Kempen, aangesloten bij de InformatieBeveiligingsDienst (verder: ‘IBD’), onderdeel van de (Vereniging van Nederlandse Gemeenten (verder: ‘VNG’). Vanuit de IBD worden wij geadviseerd over te nemen maatregelen. Ondanks de aandacht voor informatiebeveiliging en het inzetten van beheersmaatregelen blijven er altijd risico’s bestaan. Het is onmogelijk om alle beveiligingsincidenten te voorkomen. Mogelijke beveiligingsincidenten en daarmee verbonden risico’s zijn te verdelen in: Het niet beschikbaar hebben van de benodigde informatie(systemen) (aspect beschikbaarheid). Het uitvallen van een kernapplicatie voor bijvoorbeeld het verstrekken van paspoorten of het uitbetalen van uitkeringen of subsidies, verstoort direct de bedrijfsprocessen, maar kan ook veel problemen brengen; Ongeautoriseerde toegang tot vertrouwelijke of geheime informatie (aspect vertrouwelijkheid).
Wanneer onbevoegden toegang hebben tot gevoelige informatie kan dat verstrekkende gevolgen hebben. Zo kan de privacy van personen worden aangetast, maar er zou ook gevoelige informatie rondom grondposities kunnen uitlekken. Het kan in bepaalde gevallen zelfs leiden tot fysieke risico’s wanneer bijvoorbeeld via internet pompen, sluizen of gemalen gehackt worden en Onjuiste of onvolledige informatie (aspect integriteit). Wanneer in administraties of basisregistraties onjuiste gegevens staan, kan dat leiden tot diverse problemen en fouten, bijvoorbeeld foutieve uitbetalingen. De komst van de AVG heeft geleid tot een versterking en uitbreiding van de privacy-rechten van inwoners. De gemeente heeft de verantwoordelijkheid de privacy van haar inwoners te borgen. Beveiligings- en privacy-incidenten brengen voor gemeenten het risico op imagoschade en financiele schade met zich mee. Indien een van deze zaken zich voordoet, kan de schade groot zijn, waarbij ook een boete vanuit de autoriteit persoonsgegevens (verder: ‘AP’) uitgedeeld kan worden. Op basis van de in het verleden uitgedeelde boetes wordt hiervoor een risico opgenomen van € 300.000.
Onderlinge relatie Onderdeel van de programmabegroting is het weerstandsvermogen en de risicobeheersing. Hierbij wordt inzichtelijk gemaakt in welke mate de gemeente de ingeschatte risico’s kan opvangen,
Incidenteel weerstandvermogen Algemene reserve stand 1-1 Incidenteel begrotingssaldo Incidentele risico's Ideale bandbreedte Incidenteel weerstandvermogen Minimaal benodigde weerstandcapaciteit De gemeente Bergeijk is in staat om de incidentele risico's op te vangen als deze zich in enig jaar allemaal tegelijk voordoen. De ratio is in alle jaren boven de 13 en daarmee zeer sterk. In 2025 worden alle risico’s binnen de organisatie inzichtelijk gemaakt, zodat de incidentele risico’s een betere weergave zijn van de werkelijkheid. Denk aan datalekken, stroomstoringen, algemene rampen of
Structureel weerstandvermogen Onbenutte belastingcapaciteit Onvoorzien structureel Structureel begrotingssaldo Structurele risico's Ideale bandbreedte Structureel weerstandvermogen Minimaal benodigde weerstandscapaciteit
De gemeente Bergeijk is niet in staat om alle structurele risico's op te vangen indien die zich gelijktijdig voordoen, ondanks de positieve ratio van het weerstandsvermogen. Dit kan veranderen op het moment dat mutaties leiden tot een aanpassing van het begrotingssaldo. In het geval zal de gemeente als alle structurele risico's zich voordoen, en verder geen wijzigingen plaatsvinden in Tekort/overschot t.o.v. structureel begrotingssaldo Structureel begrotingssaldo Structurele risico's Tekort/overschot (- = tekort)
73
wanneer deze zich voordoen. Met ingang van deze begroting wordt een onderscheid gemaakt tussen het incidentele en structurele weerstandsvermogen. Deze zijn beiden toegevoegd, waarbij tevens een analyse is toegevoegd.
2026 17.948 -1.546 1.224 > 1,4 13,40 1.224
2027 17.948 -831 1.224 > 1,4 13,98 1.224
Bedragen x 1.000 2028 2029 17.948 17.948 -215 -215 1.224 1.224 > 1,4 > 1,4 14,49 14,49 1.224 1.224
gladheid. Voor nu is de algemene reserve van voldoende omvang om ook naar de toekomst toe een verhoging van incidentele risico's op te vangen. Daarnaast kunnen eventuele negatieve saldi bij de jaarstukken worden opgevangen als deze zich voordoen.
2026 2.870 25 628 916 > 1,4 3,85 916
2027 2.660 25 903 942 > 1,4 3,81 942
Bedragen x 1.000 2028 2029 2.504 2.311 25 25 449 1.172 942 942 > 1,4 > 1,4 3,16 3,72 942 942
het begrotingssaldo, moeten bezuinigen of aanspraak maken op de onbenutte belastingcapaciteit om een structureel sluitende begroting aan te aanbieden. In onderstaand overzicht is het begrotingssaldo ten opzichte van de structurele risico’s weergegeven: Bedragen x 1.000 2026 2027 2028 2029 628 903 449 1.172 916 942 942 942 -288 -39 -493 230
Kengetallen In de begroting worden een aantal financiële kengetallen opgenomen. Naast de kengetallen wordt een beoordeling van de onderlinge verhouding van de kengetallen in relatie tot de financiële positie opgenomen. De kengetallen en beoordeling
Bij ultimo jaar Netto schuldquote
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Solvabiliteitsratio
Structurele exploitatieruimte
zijn enerzijds bedoeld om de financiële positie inzichtelijker te maken. Anderzijds zijn de kengetallen bedoeld om gemeenten met elkaar te vergelijken.
Begroting 2026 Begroting 2027 Begroting 2028 Begroting 2029 Bandbreedte Cat A < 90% Cat B >90 78% 82% 85% 85% <130% Cat C > 130% Cat A < 90% Cat B >90 77% 81% 84% 84% <130% Cat C > 130% Cat A > 50% Cat B > 20 35% 36% 37% 37% <50% Cat C < 20% Cat A >0% 1% 1% 1% 2% Cat B 0% Cat C < 0%
Grondexploitatie
2%
4%
3%
5%
Belastingcapaciteit
86%
86%
86%
86%
In de tabel wordt per kengetal aangegeven in welke categorie de gemeente Bergeijk zit. De categorieën bestaan uit: A = Goed B = Voldoende
74
Beoordeling Bergeijk Begrotingsjaar (2026)
A
A
B
A
Cat A <20% Cat B >20 <35% Cat C > 35% A Cat A < 95% Cat B >95 < 105% Cat C > 105% A
C = Onvoldoende Hierbij wordt enkel het kengetal in het begrotingsjaar als waarde genomen voor de toekenning van de categorie.
Netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in de verhouding van de gemeentelijke schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft derhalve een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie drukken. Een laag percentage is gunstig. De VNG adviseert om 130% als maximum norm te hanteren en daarboven de schuld af te bouwen. Gedurende alle jaren blijven we als gemeente binnen de A categorie. Dit wil zeggen dat toekomstig verwachtte leningen, aangetrokken kunnen worden zonder invloed op het oordeel. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Omdat bij leningen onzekerheid kan bestaan of deze allen worden terugbetaald, wordt dit kengetal zowel inclusief als exclusief de doorgeleende gelden berekend. Zo wordt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en wat dit betekent voor de schuldenlast. Hoe lager deze percentages, hoe beter. Gedurende alle jaren blijven we als gemeente binnen de A categorie. Dit wil zeggen dat toekomstig verwachtte leningen, aangetrokken kunnen worden zonder invloed op het oordeel. Solvabiliteitsratio Dit cijfer geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger dit percentage, hoe gunstiger dit is voor de financiële weerbaarheid van Bergeijk. Dit cijfer geeft daardoor een soort toekomstvisie weer.
Onder het solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Het eigen vermogen van een gemeente bestaat uit de reserves en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. Op dit onderdeel scoren we in categorie B. Dit heeft met name te maken met de grote investeringen die in toekomst worden verwacht en invloed hiervan op het balanstotaal. In samenhang met de andere onderdelen is het nog niet nodig om actie hierop te ondernemen. Structurele exploitatieruimte Dit cijfer helpt mee te beoordelen welke structurele ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen of welke structurele stijging van de
75
baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Wanneer dit cijfer negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten (exclusief mutaties reserves). Het wordt in een percentage uitgedrukt. Voor alle jaren is er een positief saldo. Hierdoor zijn aanpassingen in het financiële beleid vooralsnog niet nodig. Omdat het percentage wel rond de 1% aan blijft zitten, is het belangrijk hier aandacht aan te blijven besteden. Kengetal grondexploitatie De boekwaarde van de voorraden grond moet worden terugverdiend bij de verkoop. Kenmerkend voor grondexploitaties is dat de looptijd meerdere jaren is. Naarmate de inkomsten verder in de toekomst liggen, brengt dit meer rentekosten en risico’s met zich mee. Een grondexploitatie van 10% of hoger wordt beschouwd als kwetsbaar. Op dit onderdeel scoren we in categorie A. Dit betekent dat de bestaande grondexploitaties geen groot risico vormen voor de gemeente. Belastingcapaciteit Dit cijfer geeft inzicht in hoe de belastingdruk in de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde.
Wanneer dit percentage laag ligt, betekent het dat de gemeente meer inkomsten uit belastingen zou kunnen verwerven. Of dit wel of niet gebeurt, is een beleidskeuze. Onder de woonlasten wordt verstaan de OZB, de rioolheffing en de reinigingsheffing (afvalstoffenheffing) voor een woning met een gemiddelde WOZ-waarde in die gemeente. De belastingcapaciteit wordt daarom berekend door de totale woonlasten meerpersoonshuishoudens in jaar t te vergelijken met het landelijk gemiddelde in jaar t-1. Dit wordt uitgedrukt in een percentage. Voor het begrotingsjaar 2026 is het percentage 86%. Hierdoor zijn aanpassingen in het financiële beleid niet nodig. We zitten als gemeente onder het landelijk gemiddelde.
Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen Wettelijk kader Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten moeten in de paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen in ieder geval de volgende onderdelen worden vermeld: Onderdeel De paragraaf bevat tenminste de volgende kapitaalgoederen: Wegen, riolering, water, groen en gebouwen. Van deze kapitaalgoederen wordt aangegeven: • Het beleidskader; • De uit het beleidskader voortvloeiende financiële consequenties; • De vertaling van de financiële consequenties in de begroting en de jaarrekening.
Wat willen wij bereiken? In de toekomstvisie van gemeente Bergeijk zijn diverse uitgangspunten opgenomen die van toepassing zijn op het onderhoud van kapitaalgoederen, te weten: Als overheid ligt er een duidelijke voorbeeldfunctie om te investeren in duurzame ontwikkelingen die aansluiten op het heden, zonder het vermogen van toekomstige generaties om in hun eigen behoeften te voorzien in gevaar te brengen. De bouwstenen van het toekomstig leefklimaat zullen daarom herbruikbaar zijn met grondstoffen die gekenmerkt worden door een hoge mate van circulariteit. Het beheer van de kapitaalgoederen binnen de leefomgeving wordt gekenmerkt door een goede afstemming met de huidige behoeften. De inrichting zal veilig en klimaat robuust zijn. De openbare ruimte zal flexibel inspelen op toekomstige ontwikkelingen zoals het gebruik van hernieuwbare energiebronnen. Dit alles met respect voor het dorpse karakter en haar groene structuurelementen. Het huidige coalitieakkoord geeft ten aanzien van het onderhoud kapitaalgoederen de volgende aanknopingspunten: - Het voorzieningenniveau blijft minimaal op het huidige peil; - Sportaccommodaties, gemeenschapshuizen en scholen blijven in alle kernen bestaan;
-
-
Op grond van art. 12, lid 1 BBV art. 12, lid 2 BBV
Zelfwerkzaamheid door verenigingen bij onderhoud en beheer van accommodaties wordt gestimuleerd door middel van TUOB; De gemeente heeft een voorbeeldfunctie als het gaat om duurzaam werken, afvalverwerking en energiegebruik.
BORA: Beheer Openbare Ruimte & Accommodaties
In 2024 is gestart met de 4e periode van BORA. Dit beleidsplan vormt de leidraad voor het Bergeijks streven naar verbetering en innovatie. In BORA IV streeft Bergeijk ernaar de leefbaarheid, duurzaamheid en participatie in de gemeenschap te borgen en waar mogelijk te verbeteren of te verhogen. Met het oog op het verleden, waarbij het technisch beheer een score van 7 behaalde, wil Bergeijk nu een stap verder gaan en de FOCUS leggen op het creëren van meerwaarde.
Een weergave van de kwaliteitsscores met daaraan corresponderende kleuren.
De gemeente streeft er naar de openbare ruimte en accommodaties in Bergeijk te verbeteren. Door ruimte te geven aan ontwikkelingen op het gebied van leefbaarheid, duurzaamheid en participatie, wordt er naar een meerwaarde voor de inwoners gestreefd. Er wordt ingezet op een hoogwaardige 76
leefomgeving, duurzaam beheer en een betrokken gemeenschap. Samen met de inwoners en belanghebbenden zal de gemeente aan een gemeente werken waar het prettig wonen, werken en recreëren is, zowel voor de huidige als toekomstige generaties.
Wegen, verkeer en bruggen) Met de vaststelling van BORA IV zijn ook de nieuwe beheerplannen voor wegen en voor bruggen vastgesteld. Het beheerplan is gericht op voorkoming van kapitaalvernietiging door adequate maatregelen op het juiste moment te plannen. Het beheer is daarnaast gericht op het inperken van risico’s ten aanzien van aansprakelijkheid van vermijdbare schades aan derden. Voortdurend wordt de beheerdata van het wegenareaal ge-updatet. Gemiddeld 1x per 2 jaar wordt een weginspectie uitgevoerd. Gemiddeld 1x per 3 jaar worden alle bruggen geïnspecteerd. Behalve dat de kwaliteit van ons areaal dan wordt beoordeeld wordt gelijktijdig ook de data van ons areaal ge-updatet. Met de meest actuele data worden de beheerplannen geactualiseerd en worden de onderhoudsplanningen opgesteld en indien nodig bijgesteld. Actualiseren van een beheerplan kan gevolgen hebben voor de begroting van het wegen- of bruggenonderhoud. Voor wegen, verkeer en bruggen is vanuit de beheerplannen voor 2026 in de exploitatie € 460.000 opgenomen. Voor het groot onderhoud wordt € 992.000 in de voorziening wegen en bruggen gestort.
Herinrichtingen Naast reguliere onderhoudswerkzaamheden zijn jaarlijks ook totale herinrichtingen van één of meerdere deelgebieden gepland. Deze projecten worden vanuit herinrichtingen FOCUS in de begroting opgenomen. Rehabilitaties Met de vaststelling van BORA IV zijn vanaf 2024 ook rehabilitaties van wegen opgenomen in de begroting. Het betreft daarbij de volledig nieuwe aanleg van bestaande wegen. Anders dan bij Focus-projecten gaat het hier enkel om het vernieuwen van de verhardingen. Voor 2026 staat de rehabilitatie van het fietspad Grensweg op de planning en starten we de voorbereiding van de rehabilitatie van de fietspaden Provincialeweg – Loveren in Westerhoven. Ontwikkelingen 2026 Afgezien van herinrichtingen van bestaande kapitaalgoederen gaan ook de nieuwe ontwikkelingen gewoon door. Het betreffen nieuwbouwontwikkelingen en de aanleg van (vrij liggende) fietspaden (fietsambitie). Voor een totaaloverzicht van de investeringen wordt verwezen naar het meerjaren investeringsprogramma, welke is opgenomen in het onderdeel investeringen.
Voorziening wegen & bruggen
Bedragen * (€ 1.000)
2.000
1.500
1.000
500
0 Saldo 1-1 Storting Onttrekking
2026 1.399 992 1.237
Grafiek 1: ontwikkeling voorziening wegen en bruggen
77
2027 1.154 992 943
2028 1.204 992 1.218
2029 978 992 713
Groen en spelen Groen Het Groenbeheerplan maakt onderdeel uit van BORA IV. Voor groen is er een exploitatiebudget beschikbaar van € 1.759.000. Dit exploitatiebudget is opgesplitst in het groen binnen en buiten de bebouwde kom. Voor het groot onderhoud wordt in 2026 € 27.000 gestort in de voorziening openbaar groen. De voorziening openbaar groen loopt qua projecten gelijk met de voorziening wegen en bruggen om zo integraal werken te bevorderen. Voor de gemeentelijk bos- en natuurterreinen is het vernieuwde Bosbeheerplan (2022-2031) in uitvoering. Ontwikkelingen 2026: Binnen de bebouwde kom: - Integraal beheer van de openbare ruimte; - Uitvoeren maatregelen bosjes;
-
Initiatieven ondersteunen en uitvoeren op het gebied van versterking biodiversiteit en klimaatadaptatie.
Buiten de bebouwde kom: - Inboeten en vervanging laanbeplanting - De locaties met de invasieve exoot Japanse duizendknoop beheersen om uitbreiding te voorkomen; - Optimaliseren ecologisch maaibeheer. Spelen Het beheerplan Speelvoorzieningen gaat uit van duurzaam onderhoud van de 373 speel- en sporttoestellen en de bijbehorende veiligheidsondergronden in de gemeente, zodat deze netjes en veilig blijven. Zo voldoet Bergeijk aan haar eigen doelstellingen en ook aan de wettelijke verplichtingen. Voor het onderhoud van de speelvoorzieningen is er een exploitatiebudget van € 119.000.
Voorziening openbaar groen 160 Bedragen * (€ 1.000)
140 120 100 80 60 40
20 0 Saldo 1-1 Storting Onttrekking
2026 151 27 37
Grafiek 2: ontwikkeling voorziening openbaar groen
78
2027 141 27 28
2028 140 27 35
2029 132 27 21
Openbare Verlichting Met de vaststelling van BORA IV in 2024 is ook het beheerplan Openbare Verlichting geactualiseerd. De focus in het beheerplan ligt op het in stand houden van het huidige areaal en de afronding van het verledden van het areaal. Voor 2026 is er in de exploitatie voor openbare verlichting een budget van € 228.000 beschikbaar. Voor het
groot onderhoud van de openbare verlichting wordt er een bedrag van circa € 14.000 gestort in de voorziening openbare verlichting. Ontwikkelingen in 2026: - reinigen LED armaturen voor een langere levensduur
Voorziening openbare verlichting
Bedragen * (€ 1.000)
60
40
20
0 Saldo 1-1 Storting Onttrekking
2026 47 14 16
2027 45 14 11
2028 48 14 10
2029 52 14 10
Grafiek 3: ontwikkeling voorziening openbare verlichting
VGRP: Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Het VGRP 2025-2029 is een beleidsplan dat op hoofdlijnen de invulling van de gemeentelijke watertaken weergeeft. Als gemeente wil Bergeijk een goed functionerend water- en rioleringssysteem en vanuit de zorgplicht riolering bijdragen aan gemeenschappelijke thema’s, zoals klimaatadaptatie, duurzaamheid en een gezonde leefomgeving. Door middel van het VGRP legt Bergeijk vast wat zij wil bereiken en wat de rol van inwoners en bedrijven is ten aanzien van afval-, hemel-, en grondwater. Voor de zorgplicht Afvalwater zijn de onderstaande doelen geformuleerd: - Zorgen voor de inzameling van stedelijk afvalwater. - Zorgen voor transport van stedelijk afvalwater. Voor de Zorgplicht Hemelwater is het onderstaande doel geformuleerd: - Zorgen voor inzameling van overtollig hemelwater (voor zover de particulier niet op eigen terrein redelijkerwijs in de verwerking kan voorzien); - Zorgen voor verwerking van ingezameld hemelwater. 79
Voor de zorgplicht Grondwater is het onderstaande doel geformuleerd: - Zorgen dat - voor zover mogelijk - het grondwater de bestemming van een gebied niet structureel belemmert. Ontwikkelingen in 2026: - Uitvoering geven aan meerjarenplanning onderhoudswerkzaamheden vrijverval rioleringen. De werkzaamheden bestaan uit het reinigen, inspecteren en repareren van kleine gebreken (wortel ingroei, lokale beschadigingen). Reparatie van deze kleine gebreken verhoogt de bedrijfszekerheid en verlengt de levensduur van de riolering. - Uitvoering geven aan de meerjarenplanning renovaties gemalen en randvoorzieningen - Om grip te houden op het functioneren van ons stedelijk watersysteem gaan we het BRP (basisrioleringsplan) actualiseren naar een SSW. In een Systeemoverzicht Stedelijk Water (SSW) brengen we het complete rioleringssysteem in beeld. Hierin komt naar voren hoe het watersysteem systeem functioneert en wat de
-
kwetsbare locaties zijn. We weten wat er gebeurt bij bepaalde hoeveelheden neerslag en waar dit leidt tot overlast en welke maatregelen getroffen kunnen worden om wateroverlast te verminderen? Met dit plan hebben we een duidelijk en compleet beeld van het watersysteem van de gemeente Bergeijk. Vervanging en verbetering riolering en hemelwaterstructuur in: o De Weebosch; o Herinrichting Bernardstraat e.o o Voorbereiden inrichting Hemelwaterbergingsgebied Borkelsedijk
Voor een totaaloverzicht van de investeringen 2025-2029 wordt verwezen naar het meerjarig investeringsprogramma het onderdeel investeringen. Gemeentelijke Accommodaties Met de vaststelling van BORA IV is ook het nieuwe beheerplan gemeentelijke accommodaties geactualiseerd. De focus in het beheerplan over de periode 2024-2027 ligt met name op de functievervulling en duurzaam behoud van de voorzieningen in de gemeenschap. De gemeentelijke gebouwen en sportaccommodaties vervullen diverse functies, van maatschappelijk (sport- en verenigingsgebouwen) tot veiligheid (brandweerkazernes) en bedrijfsvoering (gemeentehuis, gemeentewerf en milieustraat). Het brengt mensen samen en draagt bij aan een groot en actief verenigingsleven. Het TUOB-beleid is hierin een belangrijk pijler. Op een groot aantal gemeentelijke accommodaties, met name op de basisvoorzieningen is het TUOB-beleid en de bijbehorende systematiek van toepassing. De gemeente zorgt voor het volledige onderhoudsbudget. Het budget voor groot onderhoud blijft bij de gemeente, de overige huisvestingslasten zijn vastgelegd in een exploitatiesubsidie. Mede door TUOB en de inzet van vrijwilligers zijn afspraken op het gebied van beheer & onderhoud eenduidig en transparant voor allen en kunnen voorzieningen hierdoor duurzaam in stand worden gehouden op een vooraf vastgesteld niveau, zodat functievervulling niet in gevaar komt.
De gewenste situatie wordt beschreven in prestatie-eisen en de gewenste staat van de accommodatie, voor de gebouwen en sportaccommodaties wordt rapportcijfer 7 gehanteerd. De kwaliteitsscore wordt bepaald aan de hand van de NEN2767 (conditiemeting voor gebouwen) en dient als communicatiemiddel voor het in één waarde overdragen van informatie van degradatie van een accommodatie. De kwaliteitsscore geeft een getalswaarde voor de technische staat van een accommodatie ten opzichte van de
80
Daarnaast is er in 2026 exploitatiebudget (exclusief de kapitaallasten/storting voorziening vervanging riolering en loonsom) voor het beheer van het riool van circa € 794.000 beschikbaar. Op aanraden van onze huisaccountant en een extern adviesbureau bouwen we de voorziening riolering groot onderhoud (spaarvoorziening) af. Deze afbouw is meegenomen in de calculaties van het VGRP 2025-2029. Het VGRP betreft een gesloten systeem waarbij wordt uitgegaan van 100% kostendekkendheid (op begrotingsbasis). Voor- en nadelen blijven in het systeem en worden verwerkt middels de voorziening riolering (egalisatievoorziening). Periodiek, bij de begroting en de jaarstukken, wordt de berekening van de rioolheffing geactualiseerd.
nieuwstaat. Door het uitvoeren van inspecties ontstaat een beeld van technische kostendragers waarvoor de gemeente verantwoordelijk is: technische kwaliteit van de bouwdelen, de onderhoudsbehoefte op middellange en lange termijn en de mogelijke risico’s bij uitstel van onderhoudswerkzaamheden. De gemiddelde meerjarige kwaliteitsscore voor gebouwen, terreinen en sportvelden op basis van conditiemeting bedraagt een ruime 7. Door inspecties te herhalen ontstaat er een goed instrument om de kwaliteitsontwikkeling van accommodaties te volgen en eventueel bij te sturen en met deze informatie een gedegen onderhoudsbegroting op te stellen. In navolging op de klimaatdoelstelling is Bergeijk volop bezig met het verduurzamen van de gemeentelijke gebouwen en sportaccommodaties. Om tot een concreet uitvoeringsprogramma te komen en om op lange termijn inhoud te geven aan duurzaamheid zijn energiescans van de gemeentelijke gebouwen uitgevoerd. Het uitvoeringsprogramma is opgesteld op basis van het principe Trias Energetica en wordt zoveel mogelijk geïntegreerd in het bestaande beheerplan (TUOB). De kansrijke maatregelen, voortkomend uit deze energiescans, zijn vervolgens stapsgewijs uitgevoerd. In eerste instantie is prioriteit gegeven aan maatregelen die gericht zijn op het verminderen van het energieverbruik.
Voor de resterende energievraag wordt bezien welke maatregelen genomen dienen te worden om dit duurzaam op te wekken. Om een volgende stap in het verduurzamen te zetten is onderzocht wat de mogelijkheden zijn met de hedendaagse technische ontwikkelingen. De focus ligt om gebouwen verder te verduurzamen en op termijn van het aardgas af te gaan. Het uitgangspunt is om dit voor 2027 te realiseren bij in ieder geval de buitensportaccommodaties, later gevolgd door de gemeenschapshuizen en de binnensportaccommodaties.
Voor gebouwen en sportaccommodaties is voor 2026 in de exploitatie (TUOB: klein- en dagelijks onderhoud) € 525.000 opgenomen. Voor de storting in de voorziening Groot onderhoud is € 1.296.000 gereserveerd.
-
-
Ontwikkelingen in 2026: - Uitvoering geven aan meerjarenonderhoudsplanningen onderhoud en gemeentelijke accommodaties op basis van een geactualiseerd beheerplan;
-
-
Met de hedendaagse ontwikkelingen de gemeentelijke accommodaties verder verduurzamen naar aardgasloos, te beginnen met de buitensportaccommodaties; Planvorming verduurzamen maatschappelijk vastgoed mogelijk i.c.m. subiside (DuMaVa); Nieuwbouw duurzame accommodatie en aanleg padelbanen tennisvereniging RTV Riethoven; Uitbreiding en verduurzamen bakkerijmuseum; Uitbreiding buurthuis ’t Sant.
Grafiek 4: ontwikkeling voorziening accommodaties
Areaal en vervangingswaarde In onderstaande tabellen wordt een indicatie van de omvang van het gemeentelijk eigendom gegeven met de waarde die ze vertegenwoordigen. De omvang van het areaal per structuurelement is als volgt: Structuurelement aantallen
Vrij verval leiding
Wegvakonderdeel 66.007 m²
Mast
Boom
Haag
Natuur beplanting
470 st.
Cultuur beplanting 3.362 m²
Gras
268 st.
29.428 m²
2.566 m²
11.447 m²
Bedrijventerreinen
10.856 m
Begraafplaatsen
0m
3.236 m²
9 st.
210 st.
4 m²
11.393 m²
865 m²
4.365 m²
Buitengebied
18.045 m
1.249.566 m²
645 st.
25.128 st.
396 m²
1.427.973 m²
449 m²
10.437.814 m²
Hoofdwegen binnen de kom
35.695 m
284.657 m²
943 st.
1.968 st.
9.322 m²
108.779 m²
8.655 m²
19.326 m²
Hoofdwegen buiten de kom
6.725 m
300.390 m²
622 st.
4.715 st.
120 m²
234.142 m²
1.319 m²
2.251.606 m²
Kernwinkelgebied
1.753 m
24.775 m²
174 st.
169 st.
1.418 m²
887 m²
0 m²
0 m²
Sport en recreatie
291 m
25.823 m²
108 st.
775 st.
2.817 m²
4.093 m²
139 m²
8.137 m²
89.046 m
597.451 m²
16.917 m²
38.499 st.
77.122 m² 94.561 m²
263.195 m²
2.551.905 m²
3.087 st. 5.856 st.
5.064 st.
162.411 m
2.079.890 m²
30.910 m²
507.966 m² 13.240.661 m²
Woongebied Totalen
De kapitaalgoederen vertegenwoordigen een vervangingswaarde van circa € 323.638.000 (het areaal mechanische riolering, bruggen verkeerstekens, speeltoestellen en bossen zijn in dit overzicht niet meegenomen).
81
Financiële verantwoording Investeringen in maatschappelijk nut in de openbare ruimte worden verplicht geactiveerd op de balans. Op deze investeringen moet worden afgeschreven.
-
Uitgaven die thuishoren in een exploitatiebegroting; Uitgaven die ten laste van een voorziening (BORA) mogen worden gebracht; Investeringen in maatschappelijk nut die moeten worden geactiveerd op de balans.
Dat betekent dat de gelden voor BORA zijn gesplitst in: Schematisch ziet het financiële beheer van de kapitaalgoederen er als volgt uit:
Beheer kapitaalgoederen
Exploitatie
Voorziening
Om een totaalbeeld te krijgen, zijn in de volgende overzichten de jaarlasten samengevoegd. Voor
Investeringen
een overzicht van de investeringen wordt verwezen naar het onderdeel investeringen.
Overzicht exploitatie Bedragen x € 1.000 Wegen, verk eer en bruggen
2026
2027
2028
2029
460
470
460
460
1.878
1.841
1.841
1.841
Openbare verlichting
228
224
221
221
Gebouwen en sportaccommodaties
525
525
526
526
Totaal exploitatie
3.091
3.060
3.048
3.048
Totaal stortingen naar de onderhoudsvoorzieningen
2.329
2.329
2.329
2.285
Totaal onderhoud kapitaalgoederen
5.420
5.389
5.377
5.333
Groen en spelen
82
Paragraaf Financiering In deze paragraaf staan het treasury beleid en het risicobeheer van de financieringsportefeuille centraal. Het geeft inzicht in de rentelasten, het renteresultaat, de wijze waarop rente aan investeringen, grondexploitaties en taakvelden worden toegerekend en de financieringsbehoefte. De kaders hiervoor zijn vastgelegd in de wet Financiering Decentrale Overheden (Fido), de wet Houdbare gemeentefinanciën (Hof), het Besluit Begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV), de Financiële verordening
Wettelijk kader
We hanteren de volgende doelstellingen: - Er is voldoende financiering op de korte en lange termijn; zodoende kan er ten allen tijde aan de betalingsverplichtingen worden voldaan; - De risico’s die aan de financiële transacties verbonden zijn, worden beheerst en beperkt; - De rentekosten van de leningen worden zoveel mogelijk beperkt.
paragraaf financiering in ieder geval het volgende onderdeel worden vermeld:
Op grond van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten moet in de Onderdeel De paragraaf betreffende de financiering bevat in ieder geval de beleidsvoornemens ten aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille.
Rente risicobeheer Renteschommelingen hebben niet alleen gevolgen voor de rentelasten of -opbrengsten bij het aantrekken dan wel uitzetten van gelden, maar ook voor de koersen van obligaties. Hieronder worden de onderscheiden risico's nader toegelicht. Renterisico Beheersing van het renterisico op korte schuld geschiedt door de kasgeldlimiet en op langlopende schulden door de renterisiconorm. Kasgeldlimiet Met deze limiet wil de wetgever voorkomen dat uitsluitend kortlopende leningen worden
Op grond van art. 13 BBV
afgesloten. Het aantrekken van dit type leningen is aantrekkelijk wanneer de rente erg laag is. Het risico van een stijgende rente bij herfinanciering is daarmee in verhouding groot. Daarom is bepaald dat gemeenten maximaal 8,5% van het begrotingstotaal mogen gebruiken voor kortlopende leningen. Wanneer zich in drie achtereenvolgende kwartalen een overschrijding voordoet, moet de gemeente maatregelen nemen om deze overschrijding voorkomen (zoals het aantrekken van langlopende geldleningen). Aan de hand van de liquiditeitsprognoses wordt betaald welke type lening het meest geschikt is voor de dan geldende situatie.
Bedragen x 1.000 Kasgeldlimiet 3e kwartaal 2024 4e kwartaal 2024 1e kwartaal 2025 2e kwartaal 2025 Begrotingstotaal per 1 januari 59.798 59.798 59.516 59.516 Limiet percentage 8,5% 8,5% 8,5% 8,5% Normbedrag 5.083 5.083 5.059 5.059 Netto vlottende positie Vlottende schuld 0 0 0 0 Vlottende middelen -10.566 -9.129 -8.159 -6.687 Netto saldo -10.566 -9.129 -8.159 -6.687 Onder- overschrijding Ruimte onder de kasgeldlimiet 15.649 14.212 13.218 11.746 Overschrijding kasgeldlimiet
Door de ruimte onder het kasgeldlimiet is het voor de gemeente Bergeijk mogelijk om kortlopende
83
geldleningen aan te trekken op het moment dat dit nodig is.
Renterisiconorm Deze norm draagt bij aan een zodanige opbouw van de langlopende leningenportefeuille dat tegenvallers als gevolg van renteaanpassingen en herfinanciering in voldoende mate worden beperkt. Het totaal aan aflossingen en herfinanciering mag jaarlijks maximaal 20% bedragen van
Renterisico Begrotingstotaal per 1 januari Limiet percentage Renterisiconorm Rente herziening Aflossing Renterisico Onder- overschrijding normbedrag Ruimte onder de renterisiconorm Overschrijding renterisiconorm
het begrotingstotaal. Door een goede spreiding van de looptijd wordt flexibiliteit in de toekomst behouden tegen zo laag mogelijke rentekosten. Ook hiervoor geldt dat constant wordt gekeken welke lening het meest passend is voor de liquiditeitspositie van de gemeente.
2026 63.174 20% 12.635 0 3.069 3.069
2027 62.589 20% 12.518 0 2.619 2.619
Bedragen x 1.000 2028 2029 63.258 64.093 20% 20% 12.652 12.819 0 0 2.619 2.619 2.619 2.619
9.566
9.899
10.033
10.200
Door de ruimte onder de renterisiconorm heeft de gemeente Bergeijk voldoende ruimte om in de
toekomst langlopende geldleningen aan te trekken of lopende leningen te herfinancieren.
Liquiditeitsrisico Dit is het risico dat over onvoldoende middelen wordt beschikt om onze financiële verplichtingen te voldoen. Gemeente Bergeijk werkt vanuit totaalfinanciering. Dit betekent dat alle gemeentelijke inkomsten en uitgaven worden gesaldeerd voordat we ons op de geld- of kapitaalmarkt begeven. Rekening houdend met het moment van inkomsten en uitgaven leidt tot een betere sturing op de benodigde liquiditeiten voor de komende jaren, de aan te trekken externe financiering en de ontwikkeling van de rentekosten.
boven het drempelbedrag aan te houden in de rijksschatkist. Door deze maatregel hoeft het Rijk minder geld te lenen op de financiële markten en zal de staatsschuld dalen.
Gemeenten zijn in het kader van schatkistbankieren verplicht hun overtollige liquide middelen
Dit drempelbedrag bedraagt voor de gemeente Bergeijk circa € 1,2 miljoen. Verder is er de mogelijkheid overtollige middelen uit te lenen aan andere decentrale overheden. Bedragen x 1.000 2027 2028 2029
Financieringspositie per 1 januari Activa Vaste activa Grondexploitatie Saldo Passiva Reserves Voorzieningen Langlopende geldleningen Saldo Financieringstekort Financieringsoverschot
2026 89.594 1.331 90.925
90.277 2.631 92.908
92.561 2.131 94.692
91.571 2.931 94.502
38.605 5.674 47.969 92.248 1.323
37.819 4.884 44.900 87.604 5.304 -
37.157 4.591 42.282 84.029 10.663 -
36.494 4.329 39.663 80.486 14.016 -
Bij aanvang van het begrotingsjaar wordt geen theoretisch financieringstekort verwacht Dit geldt 84
Vanaf 1 juli 2021 is voor gemeenten (en provincies, waterschappen en hun gemeenschappelijke regelingen) met een begrotingstotaal tot € 500 miljoen de drempel voor het verplicht schatkistbankieren verhoogd naar 2% van het begrotingstotaal (was 0,75%) met een minimum van € 1 miljoen (was € 250.000).
op het moment dat alle investeringen conform opgave worden uitgevoerd.
In 2025 zijn reeds leningen aangetrokken om eventuele financieringstekorten die gedurende het jaar ontstaan op te vangen. Ook kunnen deze
gebruikt worden voor de theoretische tekorten in de komende jaren.
Leningen en garanties Opgenomen geldleningen Wij hebben leningen afgesloten om betalingen te verrichten ten aanzien van investeringen. De afgelopen jaren zijn tussentijds leningen afgelost en nieuwe leningen aangetrokken. Door de lage
rentestand van de afgelopen jaren is het gemiddelde rentepercentage afgenomen. In 2025 zijn twee langlopende geldleningen aangetrokken van respectievelijk € 10 miljoen en € 15 miljoen. Jaarlijks wordt nagegaan of de liquiditeit van de gemeente voldoende is. Onderstaand overzicht geeft inzicht in de omvang en de rentegevoeligheid van de opgenomen leningen.
Leningenportefeuille per 1 januari Opgenomen geldleningen Af: reguliere aflossingen Af: vervroegde aflossingen Totaal boekwaarde 31 december Gemiddeld rentepercentage geldleningen
2026 47.969 -3.069
2027 44.900 -2.619
Bedragen x 1.000 2028 2029 42.282 39.663 -2.619 -2.619
44.901 2,15%
42.282 2,15%
39.663 2,14%
Verstrekte leningen en garanties aan derden Het verstrekken van leningen of garanties aan derden is alleen toegestaan voor de publieke taak. Begin 2025 heeft de gemeente voor ongeveer € 15,4 miljoen aan leningen en garantstellingen verstrekt aan derden. Van dit bedrag is € 13,6 miljoen uitgeleend aan woningbouwcorporaties en afgesloten met een garantie van het
37.045 2,13%
Waarborgfonds Sociale Woningbouw. Sinds 2000 trekken woningbouwcorporaties hun leningen rechtstreeks bij banken aan met borging van het Waarborgfonds Sociale Woningbouw waarbij rijk en gemeenten samen voor de achtervangpositie garant staan. Daarnaast heeft de gemeente enkele garanties afgegeven aan overige partijen. Er zijn momenteel geen signalen dat hier risico’s over worden gelopen.
Naam Bedragen x € 1.000 Stichting gemeenschapshuis Terlo Stichting Speeltuin de Bucht Stichting Wooninc Tennisvereniging Weebosch Totaal garantstellingen
Aard Garantie Garantie Garantie Garantie
Naam Bedragen x € 1.000 Woningstichting de Zaligheden Stichting Wooninc (NWB) Stochting Wooninc (BNG) Woningstichting Woningbelang Totaal Borgstellingen
Restant Restant Restant Restant Aard 31-12-2026 31-12-2027 31-12-2028 31-12-2029 Achtervang 6.000 6.000 6.000 6.000 Achtervang 1.142 1.034 926 818 Achtervang 3.500 3.500 3.500 3.500 Achtervang 3.000 3.000 3.000 3.000 13.642 13.534 13.426 13.318
85
Restant Restant Restant Restant 31-12-2026 31-12-2027 31-12-2028 31-12-2029 195 183 172 161 105 100 95 90 1.491 1.363 1.230 1.097 6 3 1.797 1.649 1.497 1.348
Rentetoerekening Deze toerekening geeft inzicht in de rentelasten, het renteresultaat en de wijze waarop rente aan investeringen, grondexploitaties en taakvelden wordt toegerekend. De commissie BBV schrijft voor dat de interne rente exact wordt berekend. De omslagrente
wordt berekend door de aan de taakvelden toe te rekenen rente te delen door de boekwaarde per 1 januari van de vaste activa die integraal zijn gefinancierd. Het percentage bedraagt 1,0 % voor 2026. Het rentepercentage uit de omslagrente dient ook gebruikt te worden voor de grondexploitaties.
Renteschema De externe rentelasten over de korte en lange financiering De externe rentebaten over de korte en lange financiering Saldo rentelasten en rentebaten De rente die aan de facilitaire grondexploitaties (kostenverhaal) moet worden doorberekend De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend
Bedragen x 1.000 2026 1.030 -100 930
De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (= projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend Aan taakveld toe te rekenen externe rente Rente over eigen vermogen Rente over voorzieningen Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente De aan taakvelden toegerekende rente Renteresultaat op het taakveld Treasury Aan taakvelden toe te rekenen externe rente Boekwaarde vaste activa 1 januari Gemiddelde rente Keuze voor omslagrente EMU saldo In de wet Hof zijn de Europese normen verankerd voor de hoogte en de jaarlijkse groei van de overheidsschuld. De decentrale overheden leveren een gelijkwaardige bijdrage aan het naleven van de EMU normen. Bestuurlijk is afgesproken de komende jaren geen sanctie toe te passen bij blijvende overschrijding van de norm. Gemeenten krijgen een individuele referentiewaarde voor het EMU-tekort in een jaar. Voor het
930 930 930 89.594 1,04% 1,00%
sturen op de ontwikkeling van de gemeenteschuld luidt het devies: Let bij het opstellen van de begroting op de ontwikkeling van de hoogte van uw gemeenteschuld. Te hoge schulden zijn slecht voor de financiële gezondheid van de gemeenten. Pas als het plafond voor het EMU-tekort van de gezamenlijke gemeenten wordt overschreden kan de individuele referentie waarde een rol gaan spelen. Voor de jaren 2026 en 2027 wordt het EMU saldo overschreden. Dit heeft te maken met de verwachte investeringen binnen de gemeente.
EMU saldo Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves Mutatie (im)materiële vaste activa Mutatie voorzieningen Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie) Verwachte boekwinst bij verkoop effecten en verwachte boekwinst bij verkoop (im)materiële vaste activa Berekend EMU-saldo Referentiewaarde Verschil met referentiewaarde
86
-
2026 -1.611 4.836 102 531
Bedragen x 1.000 2027 2028 2029 -541 -379 229 683 2.284 -991 -789 -294 -262 1.300 -500 800
-6.876 3.200 -3.676
-3.314 3.200 -114
-2.457 3.200 743
158 3.200 3.358
Meerjarenbalans Bedragen ( x € 1.000) (im) Materiële vaste activa Financiële vaste activa kapitaalverstrekking Financiële vaste activa leningen Totaal vaste activa Voorraden Uitzettingen korter dan een jaar Liquide middelen Overige vlottende activa Totaal Vlottende activa Totaal Activa
Bedragen ( x € 1.000) Eigen vermogen Geprognosticeerd jaarresultaat Voorzieningen Vaste schulden Totaal vaste passiva Vlottende schuld Overlopende passsiva Totaal Vlottende passiva Totaal passiva
Realisatie 2024
Begroot 2025
Begroot 2026
Begroot 2027
Begroot 2028
Begroot 2029
60.626 185 582 61.393 -656 13.718 430 15.029 28.521 89.915
83.995 185 578 84.758 800 2.500 350 8.852 12.502 97.260
88.831 185 578 89.594 1.331 2.500 350 13.769 17.950 107.544
89.514 185 578 90.277 2.631 2.500 350 8.254 13.735 104.013
91.798 185 578 92.561 2.131 2.500 350 3.059 8.040 100.601
90.808 185 578 91.571 2.931 2.500 350 313 6.094 97.665
Realisatie 2024
Begroot 2025
Begroot 2026
Begroot 2027
Begroot 2028
Begroot 2029
37.819 -918 5.674 47.969 90.544 5.000 12.000 17.000 107.544
37.157 72 4.884 44.900 87.013 5.000 12.000 17.000 104.013
36.494 234 4.591 42.282 83.601 5.000 12.000 17.000 100.601
35.716 957 4.329 39.663 80.665 5.000 12.000 17.000 97.665
42.257 6.294 24.448 72.999 5.867 11.049 16.916 89.915
* Voor de meerjarenbalans wordt in de stand van de reserves rekening gehouden met het begrotingssaldo van het voorgaande jaar. Derhalve
87
36.719 5.572 37.969 80.260 5.000 12.000 17.000 97.260
dient voor de aansluiting met de staat reserves, het onderdeel reserves vermeerderd te worden met de begrotingsruimte.
Paragraaf Bedrijfsvoering Wat willen wij bereiken?
Visie De bedrijfsvoering van de organisatie omvat de werkprocessen en interne dienstverlening en advisering. De visie op dienstverlening is onlosmakelijk verbonden met de visie op bedrijfsvoering. Goede bedrijfsvoering is essentieel voor een effectieve en efficiënte dienstverlening. Het zorgt ervoor dat de gemeente haar taken goed kan uitvoeren en dat burgers, bedrijven en organisaties de dienstverlening krijgen die ze nodig hebben. Eind 2025 is ook een visie op bedrijfsvoering uitgewerkt, waarmee we de komende jaren onze interne processen gaan integreren en optimaliseren. Dit om ook onze dienstverlening verder te optimaliseren.
In Bergeijk pakken we samen aan, want met elkaar komen we verder. En tonen we lef als het nodig is. Dit is de missie van de organisatie Bergeijk. Dit doet de organisatie door de ontwikkelingen lokaal en regionaal in een vroegtijdig stadium met lef, ambitie en eigen verantwoordelijkheid aan te pakken. Met aandacht voor sfeer, persoonlijke ontwikkeling en verbinding. Deze missie en visie vormen de uitgangspunten voor de organisatie en de bedrijfsvoering. Door de externe gerichtheid en de toegenomen transparantie is de kwaliteit van de bedrijfsvoering steeds meer zichtbaar voor de burgers. De doelen van bedrijfsvoering zijn facilitair aan de doelen van de totale organisatie. Door het optimaliseren van de bedrijfsvoering streeft de gemeente ernaar de doelen en ambities uit de taakvelden zo efficiënt en effectief mogelijk te realiseren.
Organisatie Organisatieontwikkeling Organisatieontwikkeling is een continu proces dat gericht is op het realiseren van de organisatiedoelen en het versterken van de kwaliteit van onze dienstverlening, speciale aandacht voor de volgende thema’s: - Een toekomstbestendige organisatiestructuur en formatie, passend bij onze opgaven en ambities; - Een strategisch HR-beleid waarin behoud en ontwikkeling van medewerkers centraal staat en waar aandacht is voor werkgeluk en vitaliteit; - Een continue verbetering van onze dienstverlening, afgestemd op de behoeften van inwoners en partners; - Efficiënte en soepele processen door procesgericht en projectmatig werken.
Dienstverlening Visie Gemeente Bergeijk is een dienstverlenende organisatie richting de inwoners en ondernemers van Bergeijk. Daarvoor is duidelijke en eigentijdse communicatie en goede bereikbaarheid via verschillende kanalen erg belangrijk. In 2025 wordt de visie van de organisatie verder uitgewerkt in een eigentijdse visie op dienstverlening. Daarmee bieden we duidelijkheid aan inwoners, ondernemers, partners en medewerkers over onze dienstverlening. Ook biedt dit kaders voor toekomstige keuzes. Bedrijfsvoering
Formatie Per 1 januari 2026 bedraagt de formatie 124,89 fte. Schematisch is de formatie als volgt verdeeld: College van B&W 4 FTE
Griffie 2,22 FTE
Algemeen directeur 1 FTE
88
Maatschappij & Ruimte
Beheer, ruimte & Organisatie
Dienstverlening & Veiligheid
26,76 FTE
33,0 FTE
30,2 FTE
Bedrijfsvoering 27,71 FTE
Bedragen x € 1.000 Loonsom Loonkostensubsidie Inhuur Kosten voormalig personeel Reis - en verblijfskosten Woon- werkvergoeding Verzuimbegeleiding Opleiding en organisatieontwikkeling Overige personeelskosten Totaal
Administratieve organisatie Zelfevaluatie BRP en reisdocumenten Buiten de Ensia-systematiek zullen de Basisregistratie persoonsgegevens (BRP) en de uitgifte van reisdocumenten voor zowel ingezetenen als niet-ingezetenen) onderworpen worden aan de jaarlijkse zelfevaluatie. Informatievoorziening Informatiebeveiliging In 2026 blijft de informatiebeveiliging een onmisbaar aandachtspunt voor de gemeentelijke organisatie. De voortdurende digitalisering en de toename van online dienstverlening vragen om robuuste en toekomstbestendige beveiligingsmaatregelen. Nieuwe technologische innovaties, zoals geavanceerde kunstmatige intelligentie en bredere toepassing van cloud-oplossingen, brengen zowel kansen als risico’s met zich mee. Daarnaast worden in 2026 strengere nationale en Europese richtlijnen verwacht, zoals de NIS2richtlijn en strengere privacywetgeving. Dit betekent dat de gemeente nog meer inzet op naleving en transparantie richting inwoners en samenwerkingspartners. De dreigingen blijven zich ontwikkelen; cybercriminelen passen hun methoden continu aan. Cyberaanvallen richten zich steeds vaker op het verstoren van publieke dienstverlening of het verkrijgen van persoonlijke gegevens. Om dit te voorkomen, versterkt SSC de Kempen de informatiebeveiliging in onze omgeving met detectie- en responsmogelijkheden, hierbij wordt ook nauw samengewerkt met landelijke veiligheidsnetwerken.
Ook intern ligt de focus op het verder verhogen van het bewustzijn bij medewerkers en bestuurders. Met het Kempenbrede bewustwordingsplatform Digibewust in de Kempen zullen actuele zaken themagewijs worden aangeboden. Voor inwoners betekent dit dat zij kunnen rekenen op een betrouwbare en veilige digitale dienstverlening, met zorgvuldige bescherming van hun gegevens. 89
Begroot 2026 12.177 -10 238 245 15 110 20 201 421 13.416
Begroot 2027 12.441 -10 238 245 15 110 20 209 414 13.681
Begroot 2028 12.441 -10 238 245 15 110 20 209 414 13.681
Begroot 2029 12.441 -10 238 245 15 110 20 209 414 13.681
Zo blijft de gemeente Bergeijk streven naar een veilige en betrouwbare informatievoorziening, waarbij de belangen van inwoners en partners centraal staan. Privacy Privacy blijft een belangrijk aandachtspunt binnen onze organisatie, zeker in een tijd van digitalisering en technologische ontwikkelingen. Gemeente Bergeijk handelt proactief en verantwoordelijk in een digitale omgeving die snel verandert. Met de toename van AI en algoritmes investeren we in de AI-geletterdheid van medewerkers. Het AI-beleid wordt geactualiseerd en het algoritmeregister uitgebreid, conform de Europese AI-verordening (AI Act). Door structureel Data Protection Impact Assessments (DPIA’s) uit te voeren, signaleren we privacy risico’s vroegtijdig en versterken we de zorgvuldigheid en transparantie van onze processen. Ook bereiden we ons voor op de Wet gegevensverwerking door samenwerkingsverbanden (WGS) door processen en afspraken aan te scherpen. Zo borgen we doelbinding en verantwoorde gegevensdeling. Gemeente Bergeijk bereidt zich daarnaast voor op strenger toezicht van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) door de interne beheersing te versterken en explicieter te kunnen aantonen dat we voldoen aan de AVG. Wet politiegegevens (verder:’Wpg’) Audit Gemeente Bergeijk blijft zich inzetten voor zorgvuldige en veilige verwerking van politiegegevens volgens de Wet politiegegevens (Wpg).
We houden ons aan de wettelijk vastgestelde auditplanning: jaarlijks voeren we een interne audit uit en eens per vier jaar vindt een verplichte externe audit plaats. Deze audits toetsen of processen en systemen voldoen aan de wet en helpen risico’s vroegtijdig te signaleren. Zo beschermen we de privacy van inwoners en versterken we het vertrouwen in onze gegevensverwerking.
Rechtmatigheidsverantwoording Rechtmatigheid is een juridische term, die aangeeft dat een (voorgenomen) handelwijze in overeenstemming is met de geldende regels en besluiten. Dit begrip is van toepassing op alles wat een gemeente qua taken op zich neemt. Bij rechtmatigheid in het kader van de rechtmatigheidsverantwoording bestaat er een duidelijke relatie met het financiële beheer. Er moet immers worden verantwoord dat de baten, lasten en
balansmutaties die in de jaarrekening zijn opgenomen rechtmatig tot stand zijn gekomen. Het gaat om de financiële beheershandelingen. Binnen de rechtsmatigheidsverantwoording wordt onderscheid gemaakt tussen afwijkingen, fouten en onduidelijkheden en begrotingsonrechtmatigheden.
1. Afwijkingen: posten die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen (fouten) en posten, waarbij voor het college een onduidelijkheid bestaat over de rechtmatigheid. 2. Fouten: Rechtmatigheidsfouten treden op bij financiële beheershandelingen, waarbij de in het normenkader beschreven wet- en regelgeving niet is nageleefd. 3. Onduidelijkheden: Indien het college in het kader van de verslaggeving niet kan aangeven of er sprake is van een rechtmatigheidsfout of niet. 4. Begrotingsonrechtmatigheden: Hiervan is sprake als het college bij de realisatie van doelen en het realiseren van activiteiten afwijkt van de budgetten die door uw raad zijn vastgesteld.
Hiervan is sprake als het lasten- of investeringsbudget is overschreden (a), de baten (opbrengsten) door het doen of nalaten van een financiële beheershandeling lager zijn dan het door uw raad vastgestelde budget (b) of voor het door uw raad vastgestelde budget minder doelen of activiteiten zijn gerealiseerd dan begroot voor het betreffende budget (c).
Verbonden partijen -
In onderstaand overzicht zien we de uitsplitsing van de termen:
Bij de jaarrekening 2023 is voor het eerst de rechtmatigheidsverantwoording in de paragraaf bedrijfsvoering opgenomen en goedgekeurd door de accountant en de administratie. De aandachtspunten uit de verantwoording zijn verwerkt in de financiële verordening. -