Boekwerk programmabegroting 2025 - 2028
Tekst van het document
78% 57% 20% Lijkbezorgingsrechten Gemeente Bergeijk beheert één (1) actieve begraafplaats in Luyksgestel. De tarieven worden opgenomen in de tarieventabel behorende bij de Verordening Lijkbezorgingsrechten 2025. Het streven is erop gericht om deze begraafplaats kostendekkend te laten zijn. Trend is vermindering van begraven en meer crematies. Onderhoudslasten blijven ongewijzigd. Reclamebelasting Op verzoek van de initiatiefgroep Centrummanagement is met ingang van 2014 in Bergeijk reclamebelasting ingevoerd. Deze belasting wordt geheven bij ondernemers in een vastgesteld gebied. De hoogte van de belasting is afhankelijk van de WOZ-waarde van het pand. De inkomsten worden volledig doorbetaald aan de Stichting Centrummanagement. Bedrijven Investeringszones vastgoed centrum Bergeijk (verder: ‘BIZ’) Per 1-1-2025 gaan we (waarschijnlijk) starten met een BIZ. Dit is een belasting voor eigenaren van onroerende zaken, die in hoofdzaak niet tot woning dienen, gelegen binnen de investeringszone (zelfde gebied als de reclamebelasting). De hoogte van de belasting is afhankelijk van de WOZ-waarde van het pand. De inkomsten worden volledig doorbetaald aan de Vereniging BIZ vastgoed centrum Bergeijk. Overige bestemmingsheffingen De overige bestemmingsheffingen bestaan uit de opbrengsten uit de overeenkomst voor de organisatie van de kermissen.
70
Kwijtscheldingsbeleid In de raadsvergadering van 1 juni 2023 is de Verordening Kwijtschelding Gemeentelijke Belastingen Bergeijk 2023 vastgesteld. De gemeente kent mogelijkheden voor het verlenen van kwijtschelding van de OZB, de afvalstoffenheffing en de
Belastingdruk Voor de berekening van de belastingdruk gaan we uit van een gemiddelde WOZ-waarde in Bergeijk. Voor de rioolheffing gaan we uit van een gemiddeld waterverbruik tussen de 100 en 350 m³. Bij de afvalstoffenheffing hanteren we een gemiddeld
rioolheffing. Dit geldt voor burgers en voor privébelastingen van ondernemers indien er sprake is van recht op een Bbz-uitkering. Kwijtschelding wordt in de praktijk vooral verleend voor de afvalstoffen- en rioolheffing. Voor kwijtschelding van de OZB komt niemand of bijna niemand in aanmerking.
aanbod aan containers. De grijze container wordt gemiddeld ca. 5 keer per jaar aangeboden, de groene container 7 keer. De belastingcapaciteit gemeente Bergeijk zetten we af tegen de landelijke capaciteit. Begroting 2025 geeft een belastingcapaciteit van 89%.
Realisatie 2024 op basis van COELO
Begroot 2025 (Gemeente)
Onroerende zaak belasting Rioolheffing Afvalstoffenheffing
376 271 214
380 280 238
Totale woonlasten Woonlasten landelijk gemiddelde* Woonlasten tov landelijk gemiddelde
861
898
1.010
1.010
85%
89%
Gegevens op basis van COELO 2024 voor meerpersoonshuishoudens. * de landelijke gemiddelde zijn gebaseerd op het COELO 2024. Voor 2025 is het gemiddelde van 2024 aangehouden.
De laatst bekende woonlasten zijn door het COELO berekend op € 1.010 voor een meerpersoonshuishouden in 2025. Hiertegenover hebben
wij de berekende belastingdruk 2025 gezet. De conclusie daaruit is dat we als gemeente Bergeijk onder het landelijk gemiddelde zitten.
71
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding Het gemeentelijk weerstandsvermogen geeft de mate aan waarin de gemeente in staat is financiele tegenvallers op te vangen. Om dit te kunnen moet er een zekere mate van vrije ruimte zijn binnen de begroting en/of de vermogenspositie. Deze vrije ruimte heet ook wel de weerstandscapaciteit. De weerstandscapaciteit bestaat uit middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt om niet geraamde kosten (onverwachte, onvoorziene omstandigheden) te dekken. Dit met inachtneming dat het niet ten koste gaat van de uitvoering van bestaande taken. Risico’s worden in dit verband gedefinieerd als gebeurtenissen die de doelrealisatie van de
Wettelijk kader Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten moeten
gemeente Bergeijk negatief kunnen beïnvloeden, waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële omvang zijn in relatie tot de financiele positie van de gemeente. In deze paragraaf wordt achtereenvolgens ingegaan op: - Wettelijk kader; - Weerstandsvermogen; - Een inventarisatie van de weerstandcapaciteit; - Een inventarisatie van de risico’s; - Relatie tussen de risico’s en de weerstandcapaciteit; - De financiële kengetallen.
in de paragraaf Weerstandvermogen en risicobeheersing in ieder geval de volgende onderdelen worden vermeld:
Onderdeel De paragraaf bevat tenminste: • Een inventarisatie van de weerstandscapaciteit; • Een inventarisatie van de risico’s; • Het beleid over de weerstandscapaciteit en de risico’s • Verplicht opnemen van een aantal kengetallen • Beoordeling van de onderlinge verhouding van de kengetallen in relatie tot de financiële positie
Beleid -
Nota reserves en voorzieningen gemeente Bergeijk (2023)
Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen: - De weerstandscapaciteit: dit zijn middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet-begrote kosten te dekken; - Alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die materieel van invloed kunnen zijn op de meerjarige financiële positie. De omvang van het weerstandsvermogen geeft aan hoe robuust de begroting is. Dit is van belang bij een financiële tegenvaller. Door alert te zijn op het weerstandsvermogen, voorkomen we dat elke financiële tegenvaller leidt tot bezuinigingen.
Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit middelen en mogelijkheden waarover de gemeente de
Op grond van art. 11 BBV
beschikking heeft/kan beschikken om niet-begrote kosten te dekken. Met ingang van deze begroting, wordt de weerstandscapaciteit uitgedrukt in twee (2) delen. Het eerste deel betreft de weerstandscapaciteit van het vermogen, ook wel incidentele weerstandscapaciteit genoemd. Deze weerstandscapaciteit kan slechts eenmalig worden ingezet om tegenvallers op te vangen. Het tweede deel is de weerstandscapaciteit van de exploitatie, ook wel de structurele weerstandscapaciteit genoemd. Deze capaciteit kan permanent worden ingezet om tegenvallers op te vangen. Belangrijkste componenten hiervan voor Bergeijk zijn de post (structureel) onvoorzien, de onbenutte belastingcapaciteit en de structurele begrotingsruimte. Voor beiden wordt als voorwaarde gesteld dat de inzet plaatsvindt zonder dat het bestaande beleid in gevaar komt. Vooral om die laatste reden is de algemene reserve in de weerstandscapaciteit van het vermogen de belangrijkste component. 72
Voor de gemeente Bergeijk bestaat de weerstandscapaciteit uit: - de algemene reserves; - het begrotingssaldo; - de post onvoorzien;
-
de onbenutte belastingcapaciteit.
De beschikbare weerstandscapaciteit is in onderstaande tabel weergegeven.
Bedragen x 1.000 Begroting na Primitieve begroting Realisatie 2023 wijziging 2024 2025 Algemene reserve 12.270 18.808 18.808 Onvoorzien 25 25 Saldo jaarstukken naar AR 7.771 Begrotingssaldo -302 283 Stille reserves p.m. p.m. p.m. Onbenutte belastingcapaciteit 3.468 3.030 2.680 Totale weerstandscapaciteit 23.509 21.561 21.796
Risico’s
De risicoscore is de vermenigvuldiging van het ingeschatte financiële effect van het risico vermenigvuldigd met het percentage wat aansluit op de kans dat het risico zich voordoet. Indien een risico zich zeker voor zou doen dan wordt dit in de begroting opgenomen vanwege de stelregel dat de begroting realistisch opgesteld moet worden. Alleen risico’s met een gekwantificeerd bedrag van > € 25.000 (ongeveer 0,05% van de totale begroting) worden in de risicomatrix opgenomen. Nadat de risico’s zijn gekwantificeerd, kan de benodigde weerstandscapaciteit worden berekend. In 2025 wordt een nieuwe inventarisatie gemaakt van de aanwezige risico’s binnen de organisatie, zodat risico’s zoals datalekken ook gekwantificeerd worden.
Van de risico’s wordt een inschatting gemaakt van de waarschijnlijkheid dat een risico zich voordoet en wat de mogelijke schadeomvang kan zijn. Daarvoor worden de volgende twee (2) vragen gesteld: (1) Wat is de financiële impact? En (2) wat is de kans dat de gebeurtenis zicht voordoet? De kans dat de gebeurtenis zich voordoet aan de hand van de volgende score: Kans score Zeer gering Gering Waarschijnlijk Hoog
5% 25% 50% 75%
Bedragen x € 1.000
Taakveld risico 0. Taakveld Bestuur en ondersteuning a 6. Taakveld Sociaal domein b 7. Taakveld Volksgezondheid en milieu c 8. Taakveld VHROSV d Verbonden partijen e Totaal
Structureel / Begroting Jaarrekening Begroting Begroting Begroting Begroting incidenteel 2024 2023 2025 2026 2027 2028
Omschrijving risico
Kans
Algemene uitkering: effect wijzigingen
Waarschijnlijk
S
263
500
765
758
771
783
Programmakosten jeugdhulp
Waarschijnlijk
S
150
150
150
150
150
150
Sanering bodemverontreiniging
Hoog
I
50
50
50
50
50
50
Nadeelcompensatie actualisering bestemmingsplannen
Waarschijnlijk
I
50
50
50
50
50
50
GRSK / GGD / ODZOB / VRBZO / MRE
Waarschijnlijk
S
81 594
131 881
131 1.146
131 1.139
131 1.152
131 1.164
Algemene uitkering reguliere wijzigingen In de algemene uitkering is reeds een stelpost van € 400.000 opgenomen voor de uitvoeringskosten van Jeugd. Dit is op basis van de uitspraak Commissie van Wijzen. Er bestaat een kans dat een nieuwe kabinet deze middelen toch niet toevoegt aan de algemene uitkering.
Programmakosten jeugdhulp Het risico schatten we in op € 150.000. De volgende risico's worden onderkend: Wijzigingen als gevolg van de hervormingsagenda Jeugd 20232028, kwetsbaarheden kleine gemeenten, oudere problematiek, en een beperkte invloed van de gemeente op het CJG.
Daarnaast bestaat een risico dat een nieuw te vormen kabinet bezuinigingen door zal voeren in het Gemeentefonds. Wij schatten het risico hiervan in op 1% van de totale algemene uitkering voor de gemeente Bergeijk.
Sanering bodemverontreiniging Een substantieel gedeelte van de openbare ruimte is verontreinigd. Dit is vooral gerelateerd aan het, in het verleden, gebruik van zinkassen op wegen (en bermen). Een gedeelte van onze 73
wegen en bermen buiten de kom zijn zinkassenverdacht. Op zinkassenverdachte wegen moet per definitie vooraf onderzoek plaatsvinden en op veel van die wegen en bermen is een zinkassen gerelateerde verontreiniging homogeen of heterogeen aanwezig. Vanaf 2019 is verontreiniging met PFAS ook actueel geworden. Ook bij de uitvoering van reguliere onderhoudswerkzaamheden is dit een reëel risico geworden, waarvan de extra kosten niet vooraf zijn in te schatten. Nadeelcompensatie actualiseren bestemmingsplannen Inwoners kunnen bij (de actualisatie van) bestemmingsplannen een beroep doen op nadeelcompensatie. Bij particuliere initiatieven is het uitgangspunt dat het risico op nadeelcompensatie middels een overeenkomst bij de betreffende ontwikkelaar wordt gelegd. Voor de gemeentelijke grondexploitaties wordt hiervoor verwezen naar de paragraaf grondbeleid. Verbonden partijen De GRSK houdt geen eigen vermogen aan als weerstandscapaciteit. Dit op basis van
Onderlinge relatie Onderdeel van de programmabegroting is het weerstandsvermogen en de risicobeheersing. Hierbij wordt inzichtelijk gemaakt in welke mate de gemeente de ingeschatte risico’s kan opvangen,
vastgesteld beleid. Als calamiteiten zich voordoen worden de deelnemende gemeenten aangesproken, volgens de vastgestelde systematiek. De risico's zijn benoemd in de begroting maar niet opnieuw gekwantificeerd in geld. Wij handhaven het eerder gehanteerde uitgangspunt van een risico van € 0,5 miljoen voor de 5 KempenPlus-gemeenten (ca € 100.000 per gemeente). Het is aan de deelnemende gemeenten om weerstandscapaciteit aan te houden. De vier grote verbonden partijen (GGD, VRBZO, ODZOB en MRE) hebben een risicoanalyse gemaakt. Deze risicoanalyse is afgezet tegen hun reservepositie. Daaruit resteert een deel niet afgedekte risico's. Indien zich dit voordoet kan dat betekenen dat de gemeente moet bijdragen. Dat deze risico’s zich gaan manifesteren is als “waarschijnlijk” gewogen. Grondexploitatie Het risico met betrekking tot de grondexploitaties is niet meer opgenomen in deze paragraaf. De risico’s zijn onderdeel van het gemeentelijk grondbeleid en worden individueel afgedekt door de algemene reserve grondexploitatie.
wanneer deze zich voordoen. Met ingang van deze begroting wordt een onderscheid gemaakt tussen het incidentele en structurele weerstandsvermogen. Deze zijn beiden toegevoegd, waarbij tevens een analyse is toegevoegd. Bedragen x 1.000
Incidenteel weerstandvermogen Algemene reserve stand 1-1 Incidenteel begrotingssaldo Incidentele risico's Ideale bandbreedte Incidenteel weerstandvermogen Minimaal benodigde weerstandcapaciteit
De gemeente Bergeijk is in staat om de incidentele risico's op te vangen als deze zich in enig jaar allemaal tegelijk voordoen. De ratio is in alle jaren boven 182 en daarmee zeer sterk. In 2025 worden alle risico’s binnen de organisatie inzichtelijk gemaakt, zodat de incidentele risico’s een betere weergave zijn van de werkelijkheid. Denk aan
2025 18.808 -592 100 > 1,4 182,16 100
2026 18.808 -112 100 > 1,4 186,96 100
2027 18.808 -608 100 > 1,4 182,00 100
2028 18.808 -50 100 > 1,4 187,58 100
datalekken, stroomstoringen, algemene rampen of gladheid. Voor nu is de algemene reserve van voldoende omvang om ook naar de toekomst toe een verhoging van incidentele risico's op te vangen.
74
Structureel weerstandvermogen Onbenutte belastingcapaciteit Onvoorzien structureel Structureel begrotingssaldo Structurele risico's Ideale bandbreedte Structureel weerstandvermogen Minimaal benodigde weerstandscapaciteit
2025 2.680 25 875 1.046 > 1,4 3,42 1.046
De gemeente Bergeijk is niet in staat om alle structurele risico's op te vangen indien die zich gelijktijdig voordoen. Dit kan veranderen op het moment dat mutaties leiden tot een aanpassing van het begrotingssaldo. In het geval zal de gemeente als alle structurele risico's zich voordoen, en verder geen wijzigingen plaatsvinden in het begrotingssaldo, moeten bezuinigen of aanspraak Tekort/overschot t.o.v. structureel begrotingssaldo Structureel begrotingssaldo Structurele risico's Tekort/overschot (- = tekort)
2026 2.535 25 -683 1.039 > 1,4 1,81 1.039
Bedragen x 1.000 2027 2028 2.354 2.192 25 25 -36 480 1.052 1.064 > 1,4 > 1,4 2,23 2,53 1.052 1.064
maken op de onbenutte belastingcapaciteit om een structureel sluitende begroting aan te aanbieden. In onderstaand overzicht is het begrotingssaldo ten opzichte van de structurele risico’s weergegeven:
2025 875 1.046 -171
2026 -683 1.039 -1.722
Bedragen x 1.000 2027 2028 -36 480 1.052 1.064 -1.088 -584
Kengetallen In de begroting worden een aantal financiële kengetallen opgenomen. Naast de kengetallen wordt een beoordeling van de onderlinge verhouding van de kengetallen in relatie tot de financiële positie opgenomen. De kengetallen en beoordeling
Bij ultimo jaar Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio
Structurele exploitatieruimte
Grondexploitatie
Belastingcapaciteit
zijn enerzijds bedoeld om de financiële positie inzichtelijker te maken. Anderzijds zijn de kengetallen bedoeld om gemeenten met elkaar te vergelijken.
Begroting Begroting Begroting Begroting 2025 2026 2027 2028 Bandbreedte Cat A < 90% 72% 97% 97% 94% Cat B >90 <130% Cat C > 130% Cat A < 90% 71% 96% 96% 93% Cat B >90 <130% Cat C > 130% Cat A > 50% 38% 34% 35% 36% Cat B > 20 <50% Cat C < 20% Cat A >0% 1% -1% 0% 1% Cat B 0% Cat C < 0% Cat A <20% 2% 1% 2% 1% Cat B >20 <35% Cat C > 35% Cat A < 95% 89% 89% 89% 89% Cat B >95 < 105% Cat C > 105%
In de tabel wordt per kengetal aangegeven in welke categorie de gemeente Bergeijk zit. De categorieën bestaan uit: A = Goed B = Voldoende
Beoordeling Bergeijk Begrotingsjaar (2025)
A
A
B
A
A
A
C = Onvoldoende Hierbij wordt enkel het kengetal in het begrotingsjaar als waarde genomen voor de toekenning van de categorie.
75
Netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in de verhouding van de gemeentelijke schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft derhalve een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie drukken. Een laag percentage is gunstig. De VNG adviseert om 130% als maximum norm te hanteren en daarboven de schuld af te bouwen. Gedurende alle jaren blijven we als gemeente binnen de A categorie. Dit wil zeggen dat toekomstig verwachtte leningen, aangetrokken kunnen worden zonder invloed op het oordeel. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Omdat bij leningen onzekerheid kan bestaan of deze allen worden terugbetaald, wordt dit kengetal zowel inclusief als exclusief de doorgeleende gelden berekend. Zo wordt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en wat dit betekent voor de schuldenlast. Hoe lager deze percentages, hoe beter. Gedurende alle jaren blijven we als gemeente binnen de A categorie. Dit wil zeggen dat toekomstig verwachtte leningen, aangetrokken kunnen worden zonder invloed op het oordeel. Solvabiliteitsratio Dit cijfer geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger dit percentage, hoe gunstiger dit is voor de financiële weerbaarheid van Bergeijk. Dit cijfer geeft daardoor een soort toekomstvisie weer.
Onder het solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Het eigen vermogen van een gemeente bestaat uit de reserves en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. Op dit onderdeel scoren we in categorie B. Dit heeft met name te maken met de grote investeringen die in toekomst worden verwacht en invloed hiervan op het balanstotaal. In samenhang met de andere onderdelen is het nog niet nodig om actie hierop te ondernemen. Structurele exploitatieruimte Dit cijfer helpt mee te beoordelen welke structurele ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen of welke structurele stijging van de
baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Wanneer dit cijfer negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten (exclusief mutaties reserves). Het wordt in een percentage uitgedrukt. Voor het begrotingsjaar 2025 is er een positief saldo en voor het jaar 2028 ook. Hierdoor zijn aanpassingen in het financiële beleid vooralsnog niet nodig. Omdat het percentage wel tegen de 0 aan blijft zitten, is het belangrijk hier aandacht aan te blijven besteden. Kengetal grondexploitatie De boekwaarde van de voorraden grond moet worden terugverdiend bij de verkoop. Kenmerkend voor grondexploitaties is dat de looptijd meerdere jaren is. Naarmate de inkomsten verder in de toekomst liggen, brengt dit meer rentekosten en risico’s met zich mee. Een grondexploitatie van 10% of hoger wordt beschouwd als kwetsbaar. Op dit onderdeel scoren we in categorie A. Dit betekent dat de bestaande grondexploitaties geen groot risico vormen voor de gemeente. Belastingcapaciteit Dit cijfer geeft inzicht in hoe de belastingdruk in de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde.
Wanneer dit percentage laag ligt, betekent het dat de gemeente meer inkomsten uit belastingen zou kunnen verwerven. Of dit wel of niet gebeurt, is een beleidskeuze. Onder de woonlasten wordt verstaan de OZB, de rioolheffing en de reinigingsheffing (afvalstoffenheffing) voor een woning met een gemiddelde WOZ-waarde in die gemeente. De belastingcapaciteit wordt daarom berekend door de totale woonlasten meerpersoonshuishoudens in jaar t te vergelijken met het landelijk gemiddelde in jaar t-1. Dit wordt uitgedrukt in een percentage. Voor het begrotingsjaar 2025 is het percentage 89%. Hierdoor zijn aanpassingen in het financiële beleid niet nodig. We zitten als gemeente onder het landelijk gemiddelde.
76
Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen Wettelijk kader Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten
moeten in de paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen in ieder geval de volgende onderdelen worden vermeld:
Onderdeel
Op grond van
De paragraaf bevat tenminste de volgende kapitaalgoederen: Wegen, riolering, water, groen en gebouwen. Van deze kapitaalgoederen wordt aangegeven: • Het beleidskader; • De uit het beleidskader voortvloeiende financiële consequenties; • De vertaling van de financiële consequenties in de begroting en de jaarrekening.
art. 12, lid 1 BBV
Wat willen wij bereiken? In de toekomstvisie van gemeente Bergeijk zijn diverse uitgangspunten opgenomen die van toepassing zijn op het onderhoud van kapitaalgoederen, te weten: Als overheid ligt er een duidelijke voorbeeldfunctie om te investeren in duurzame ontwikkelingen die aansluiten op het heden, zonder het vermogen van toekomstige generaties om in hun eigen behoeften te voorzien in gevaar te brengen. De bouwstenen van het toekomstig leefklimaat zullen daarom herbruikbaar zijn met grondstoffen die gekenmerkt worden door een hoge mate van circulariteit. Het beheer van de kapitaalgoederen binnen de leefomgeving wordt gekenmerkt door een goede afstemming met de huidige behoeften. De inrichting zal veilig en klimaat robuust zijn. De openbare ruimte zal flexibel inspelen op toekomstige ontwikkelingen zoals het gebruik van hernieuwbare energiebronnen. Dit alles met respect
Beleid -
-
BORA IV Focus op meerwaarde (Beheer Openbare Ruimte & TUOBAccommodaties 2024-2048) VGRP (Verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan 2025-2029)
art. 12, lid 2 BBV
voor het dorpse karakter en haar groene structuurelementen. Het huidige coalitieakkoord geeft ten aanzien van het onderhoud kapitaalgoederen de volgende aanknopingspunten: - Het voorzieningenniveau blijft minimaal op het huidige peil; - Sportaccommodaties, gemeenschapshuizen en scholen blijven in alle kernen bestaan; - Zelfwerkzaamheid door verenigingen bij onderhoud en beheer van accommodaties wordt gestimuleerd door middel van TUOB; - De gemeente heeft een voorbeeldfunctie als het gaat om duurzaam werken, afvalverwerking en energiegebruik.
-
GVM (Gemeentelijke Visie Mobiliteit 2022-2026) Bewegen, Ontmoeten en Spelen (BOS) (2020) Integraal beheerplan Bos- en natuurterreinen (2022-2031)
77
BORA: Beheer Openbare Ruimte & Accommodaties In 2024 is gestart met de 4e periode van BORA.
wil Bergeijk nu een stap verder gaan en de FOCUS leggen op het creëren van meerwaarde.
Dit beleidsplan vormt de leidraad voor het Bergeijks streven naar verbetering en innovatie. In BORA IV streeft Bergeijk ernaar de leefbaarheid, duurzaamheid en participatie in de gemeenschap te borgen en waar mogelijk te verbeteren of te verhogen. Met het oog op het verleden, waarbij het technisch beheer een score van 7 behaalde,
Afbeelding 1: Een weergave van de kwaliteitsscores met daaraan corresponderende kleuren.
De gemeente streeft er naar de openbare ruimte en accommodaties in Bergeijk te verbeteren. Door ruimte te geven aan ontwikkelingen op het gebied van leefbaarheid, duurzaamheid en participatie, wordt er naar een meerwaarde voor de inwoners gestreefd. Er wordt ingezet op een hoogwaardige
leefomgeving, duurzaam beheer en een betrokken gemeenschap. Samen met de inwoners en belanghebbenden zal de gemeente aan een gemeente werken waar het prettig wonen, werken en recreëren is, zowel voor de huidige als toekomstige generaties.
Wegen, verkeer en bruggen Met de vaststelling van BORA IV zijn ook de nieuwe beheerplannen voor wegen en voor bruggen vastgesteld. Het beheerplan is gericht op voorkoming van kapitaalvernietiging door adequate maatregelen op het juiste moment te plannen, waardoor extreem zware en dure maatregelen in de toekomst worden voorkomen. Het beheer is daarnaast gericht op het inperken van risico’s ten aanzien van aansprakelijkheid van vermijdbare schades aan derden.
Herinrichtingen Naast reguliere onderhoudswerkzaamheden zijn jaarlijks ook totale herinrichtingen van één of meerdere deelgebieden gepland. Deze projecten worden vanuit herinrichtingen FOCUS in de begroting opgenomen.
Voortdurend wordt de beheerdata van het wegenareaal ge-updatet. Uitbreidingen van het areaal en nieuwe data als gevolg van herinrichtingen worden aan het areaal toegevoegd. Gemiddeld 1x per 2 jaar wordt een weginspectie uitgevoerd. Gemiddeld 1x per 3 jaar worden alle bruggen geïnspecteerd. Behalve dat de kwaliteit van ons areaal dan wordt beoordeeld wordt gelijktijdig ook de data van ons areaal ge-updatet. Met de meest actuele data worden de beheerplannen geactualiseerd en worden de onderhoudsplanningen opgesteld en indien nodig bijgesteld. Actualiseren van een beheerplan kan gevolgen hebben voor de begroting van het wegen- of bruggenonderhoud. Voor wegen, verkeer en bruggen is vanuit de beheerplannen voor 2025 in de exploitatie € 421.000 opgenomen. Voor het groot onderhoud wordt € 972.500 in de voorziening wegen en bruggen gestort.
Rehabilitaties Met de vaststelling van BORA IV zijn vanaf 2024 ook rehabilitaties van wegen opgenomen in de begroting. Het betreft daarbij de volledig nieuwe aanleg van bestaande wegen. Anders dan bij Focus-projecten gaat het hier enkel om het vernieuwen van de verhardingen. Voor 2025 staat de rehabilitatie van het fietspad Grensweg op de planning. Ontwikkelingen 2025 Afgezien van herinrichtingen van bestaande kapitaalgoederen gaan ook de nieuwe ontwikkelingen gewoon door. Het betreffen nieuwbouwontwikkelingen en de aanleg van (vrijliggende) fietspaden (fietsambitie). Voor een totaaloverzicht van de investeringen wordt verwezen naar het meerjaren investeringsprogramma, welke is opgenomen in het onderdeel investeringen. In 2025 worden de werkzaamheden omtrent het vervangen van brugleuningen op 9 bruggen afgerond. 78
Voorziening wegen & bruggen
Bedragen * (€ 1.000)
2.000
1.500
1.000
500
0 Saldo 1-1 Storting Onttrekking
2025 1.260 973 1.038
2026 1.194 973 1.212
2027 954 973 924
2028 1.003 973 1.194
Grafiek 1: ontwikkeling voorziening wegen en bruggen
Groen en spelen Het Groenbeheerplan maakt onderdeel uit van BORA IV. Voor groen is er een exploitatiebudget beschikbaar van € 1.700.000. Dit exploitatiebudget is opgesplitst in het groen binnen en buiten de bebouwde kom. Voor het groot onderhoud wordt in 2025 € 26.000 gestort in de voorziening openbaar groen. De voorziening openbaar groen loopt qua projecten gelijk met de voorziening wegen en bruggen om zo integraal werken te bevorderen. Voor de gemeentelijk bos- en natuurterreinen is het vernieuwde Bosbeheerplan (2022-2031) in uitvoering. Het beheerplan Speelvoorzieningen gaat uit van duurzaam onderhoud van de 373 speel- en sporttoestellen en de bijbehorende
veiligheidsondergronden in de gemeente, zodat deze netjes en veilig blijven. Zo voldoet Bergeijk aan haar eigen doelstellingen en ook aan de wettelijke verplichtingen. Voor het onderhoud van de speelvoorzieningen is er een exploitatiebudget van € 115.000. Ontwikkelingen 2025: - Initiatieven ondersteunen en uitvoeren op gebied van versterking biodiversiteit; - De locaties met de invasieve exoot Japanse duizendknoop verder beheersen om uitbreiding te voorkomen; - Integraal beheer van de openbare ruimte binnen de bebouwde kom.
Voorziening openbaar groen 160
Bedragen * (€ 1.000)
140 120 100 80 60 40 20 0 Saldo 1-1 Storting Onttrekking
2025 146 26 31
2026 141 26 36
2027 131 26 27
2028 129 26 34
Grafiek 2: ontwikkeling voorziening openbaar groen
79
Openbare Verlichting Met de vaststelling van BORA IV in 2024 is ook het beheerplan Openbare Verlichting geactualiseerd. De focus in het beheerplan ligt op het in stand houden van het huidige areaal en de afronding van het verledden van het areaal. Voor 2025 is er in de exploitatie voor openbare verlichting een budget van € 230.000 beschikbaar. Voor het groot onderhoud van de openbare verlichting wordt er een bedrag van circa € 13.500 gestort in de voorziening openbare verlichting. Tot en met 2025 is het beleid er mede op gericht alle conventionele armaturen van de openbare verlichting versneld te vervangen door LED-armaturen. Door het gebruik van LED-verlichting wordt een lager vermogen gebruikt met een besparing van energie waardoor een daling van het energieverbruik ontstaat met als gevolg daarvan ook een vermindering van de CO2 uitstoot. In 2025 wordt voor de laatste keer € 200.000 geïnvesteerd in de omvorming van de openbare verlichting naar LED-verlichting.
Ontwikkelingen in 2025: - Vervangen van de laatste verlichtingsarmaturen door LED; Sinds 2018 wordt jaarlijks een gedeelte van het areaal vervangen door LED armaturen. De laatste 2 jaar worden ook steeds meer lampen vervangen door LED lampen, wanneer het armatuur nog niet is afgeschreven. Eind 2024 bestaat naar schatting 90% van het areaal uit LED lampen en LED armaturen. In 2025 worden de laatste armaturen en lampen vervangen. - Uitfasering van de groepsremplace (het groepsgewijs vervangen van conventionele lampen). Doordat steeds meer lampen vervangen worden naar LED komt de groepsremplace te vervallen. Daarnaast is sinds 2023 het gebruik van kwikhoudende lampen verboden, waardoor een aantal conventionele lampen ook niet meer verkrijgbaar is en dus automatisch ook vervangen worden door LED lampen.
Voorziening openbare verlichting
Bedragen * (€ 1.000)
40
20
0 Saldo 1-1 Storting Onttrekking
2025 37 14 16
2026 34 14 15
2027 33 14 11
2028 36 14 9
Grafiek 3: ontwikkeling voorziening openbare verlichting
VGRP: Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Het VGRP 2025-2029 is een beleidsplan dat op hoofdlijnen de invulling van de gemeentelijke watertaken weergeeft. Als gemeente wil Bergeijk een goed functionerend water- en rioleringssysteem en vanuit de zorgplicht riolering bijdragen aan gemeenschappelijke thema’s, zoals klimaatadaptatie, duurzaamheid en een gezonde leefomgeving. Door middel van het VGRP legt Bergeijk vast wat zij wil bereiken en wat de rol van inwoners en bedrijven is ten aanzien van afval-, hemel-, en grondwater.
Voor de zorgplicht Afvalwater zijn de onderstaande doelen geformuleerd: - Zorgen voor de inzameling van stedelijk afvalwater. - Zorgen voor transport van stedelijk afvalwater.
80
Voor de Zorgplicht Hemelwater is het onderstaande doel geformuleerd: - Zorgen voor inzameling van overtollig hemelwater (voor zover de particulier niet op eigen terrein redelijkerwijs in de verwerking kan voorzien); - Zorgen voor verwerking van ingezameld hemelwater. Voor de zorgplicht Grondwater is het onderstaande doel geformuleerd: - Zorgen dat - voor zover mogelijk - het grondwater de bestemming van een gebied niet structureel belemmert. Ontwikkelingen in 2025: - Uitvoering geven aan meerjarenplanning onderhoudswerkzaamheden vrijverval rioleringen. De werkzaamheden bestaan uit het reinigen, inspecteren en repareren van kleine gebreken (wortel ingroei, lokale beschadigingen). Reparatie van deze kleine gebreken verhoogt de bedrijfszekerheid en verlengt de levensduur van de riolering. - Uitvoering geven aan de meerjarenplanning renovaties gemalen en randvoorzieningen - Vervanging en verbetering riolering en hemelwaterstructuur in: o de Burgmeester MagneestraatKleine Broekstraat; o De Weebosch; o De Bucht; o De Frater Romboutstraat en Kerkepad;
Gemeentelijke Accommodaties Met de vaststelling van BORA IV in 2024 is ook het nieuwe beheerplan gemeentelijke accommodaties geactualiseerd. De focus in het beheerplan ligt met name op de functievervulling en duurzaam behoud van de voorzieningen in de gemeenschap. De gemeentelijke gebouwen en sportaccommodaties vervullen diverse functies, van maatschappelijk (sport- en verenigingsgebouwen) tot veiligheid (brandweerkazernes) en bedrijfsvoering (gemeentehuis, gemeentewerf en milieustraat). Het brengt mensen samen en draagt bij aan een groot en actief verenigingsleven. Het TUOB-beleid is hierin een belangrijk pijler. Op een groot aantal gemeentelijke accommodaties, met
o
alle onderdeel uitmakende van het herinrichtingsprogramma Focus.
Voor een totaaloverzicht van de investeringen 2025-2028 wordt verwezen naar het meerjarig investeringsprogramma het onderdeel investeringen. Daarnaast is er in 2025 exploitatiebudget (exclusief de kapitaallasten/storting voorziening vervanging riolering en loonsom) voor het beheer van het riool van circa € 511.000 beschikbaar. Op aanraden van onze huisaccountant en een extern adviesbureau bouwen we de voorziening riolering groot onderhoud (spaarvoorziening) af. Deze afbouw is meegenomen in de calculaties van het nieuwe VGRP 2025-2029. Het vernieuwde VGRP 2025-2029 is in september 2024 in de raad vastgesteld. Hierbij is rekening gehouden met een tariefstijging 3,5% (voor 2025 en verder). Deze cijfers zijn in de programmabegroting 2025-2029 opgenomen. In de tussentijd is gebleken dat het rentepercentage waarbij in het VGRP mee gerekend is lager uitvalt dan voorzien. Dit komt mede door een lagere kapitaalbehoefte (gemeentebreed). Het rentevoordeel wat hierdoor ontstaat is wel in de programmabegroting 20252029 verwerkt. Het VGRP betreft een gesloten systeem waarbij wordt uitgegaan van 100% kostendekkendheid (op begrotingsbasis). Voor- en nadelen blijven in het systeem en worden verwerkt middels de voorziening riolering (egalisatievoorziening).
Bij de eerstvolgende tariefsberekening (programmabegroting 2026) zal bekeken worden of de resultaten van riool in 2024 en het rentevoordeel in 2025 effect hebben op de geplande tariefstijging (2026 en verder).
name op de basisvoorzieningen is het TUOB-beleid en de bijbehorende systematiek van toepassing. De gemeente zorgt voor het volledige onderhoudsbudget. Het budget voor groot onderhoud blijft bij de gemeente, de overige huisvestingslasten zijn vastgelegd in een exploitatiesubsidie. Mede door TUOB en de inzet van vrijwilligers zijn afspraken op het gebied van beheer & onderhoud eenduidig en transparant voor allen en kunnen voorzieningen hierdoor duurzaam in stand worden gehouden op een vooraf vastgesteld niveau, zodat functievervulling niet in gevaar komt. De gewenste situatie wordt beschreven in prestatie-eisen en de gewenste staat van de 81
accommodatie, voor de gebouwen en sportaccommodaties wordt rapportcijfer 7 gehanteerd. De kwaliteitsscore wordt bepaald aan de hand van de NEN2767 (conditiemeting voor gebouwen) en dient als communicatiemiddel voor het in één waarde overdragen van informatie van degradatie van een accommodatie. De kwaliteitsscore geeft een getalswaarde voor de technische staat van een accommodatie ten opzichte van de nieuwstaat. Door het uitvoeren van inspecties ontstaat een beeld van technische kostendragers waarvoor de gemeente verantwoordelijk is: technische kwaliteit van de bouwdelen, de onderhoudsbehoefte op middellange en lange termijn en de mogelijke risico’s bij uitstel van onderhoudswerkzaamheden. De gemiddelde meerjarige kwaliteitsscore voor gebouwen, terreinen en sportvelden op basis van conditiemeting bedraagt een ruime 7. Door inspecties te herhalen ontstaat er een goed instrument om de kwaliteitsontwikkeling van accommodaties te volgen en eventueel bij te sturen en met deze informatie een gedegen onderhoudsbegroting op te stellen. In navolging op de klimaatdoelstelling is Bergeijk volop bezig met het verduurzamen van de gemeentelijke gebouwen en sportaccommodaties. Om tot een concreet uitvoeringsprogramma te komen en om op lange termijn inhoud te geven aan duurzaamheid zijn in 2017 energiescans van de gemeentelijke gebouwen uitgevoerd.
Het uitvoeringsprogramma is opgesteld op basis van het principe Trias Energetica en wordt zoveel mogelijk geïntegreerd in het bestaande beheerplan (TUOB). De kansrijke maatregelen, voortkomend uit deze energiescans, zijn vervolgens in de periode 2018 - 2022 uitgevoerd. In eerste instantie is prioriteit gegeven aan maatregelen die gericht zijn
op het verminderen van het energieverbruik. Voor de energie die dan nog verbruikt wordt, wordt bezien welke maatregelen genomen dienen te worden om dit duurzaam op te wekken. Om een volgende stap in het verduurzamen te zetten is onderzocht wat de mogelijkheden zijn met de hedendaagse technische ontwikkelingen om gebouwen verder te verduurzamen en op termijn van het aardgas af te gaan. Het uitgangspunt is om dit voor 2027 te realiseren bij in ieder geval de buitensportaccommodaties, later gevolgd door de gemeenschapshuizen en de binnensportaccommodaties. Voor gebouwen en sportaccommodaties is voor 2025 in de exploitatie (TUOB: klein- en dagelijks onderhoud) € 469.000 opgenomen. Voor de storting in de voorziening Groot onderhoud is € 1.243.000 gereserveerd. Ontwikkelingen in 2025: - Uitvoering geven aan meerjarenonderhoudsplanningen onderhoud en gemeentelijke accommodaties op basis van een geactualiseerd beheerplan; - Met de hedendaagse ontwikkelingen de gemeentelijke accommodaties verder verduurzamen naar aardgasloos, te beginnen met de buitensportaccommodaties; - Start voorbereiding/uitvoering gezamenlijke nieuwbouw duurzame accommodatie en aanleg padelbanen tennisvereniging RTV Riethoven/WTC Westerhoven; - Uitbreiding areaal: beheer en onderhoud uitkijktoren.
Voorziening accommodaties
Bedragen * (€ 1.000)
2.000
1.500
1.000
500
0 Saldo 1-1 Storting Onttrekking
2025 384 1.243 979
2026 648 1.243 1.376
2027 516 1.243 1.727
2028 32 1.243 1.273
Grafiek 4: ontwikkeling voorziening accommodaties
82
Areaal en vervangingswaarde In onderstaande tabellen wordt een indicatie van de omvang van het gemeentelijk eigendom
gegeven met de waarde die ze vertegenwoordigen.
De omvang van het areaal per structuurelement is als volgt: Structuurelement aantallen Bedrijventerreinen Begraafplaatsen Buitengebied Hoofdwegen binnen de kom Hoofdwegen buiten de kom Kernwinkelgebied Sport en recreatie Woongebied Totalen
Vrij verval leiding 10.856 m 0m 18.045 m 35.695 m 6.725 m 1.753 m 291 m 89.046 m 162.411 m
Wegvakonderdeel 74.758 m² 3.590 m² 1.435.560 m² 274.455 m² 376.596 m² 24.426 m² 25.254 m² 610.588 m² 2.825.227 m²
Mast
Boom
237 st. 15 st. 480 st. 927 st. 469 st. 182 st. 225 st. 3.040 st. 5.575 st.
484 st. 210 st. 24.893 st. 2.003 st. 4.751 st. 181 st. 781 st. 5.095 st. 38.398 st.
De kapitaalgoederen vertegenwoordigen een vervangingswaarde van circa € 323.638.000 (het areaal mechanische riolering, bruggen Structuurelement x € 1.000 Bedrijventerreinen Begraafplaatsen Buitengebied Hoofdwegen binnen de kom Hoofdwegen buiten de kom Kernwinkelgebied Sport en recreatie Woongebied Totalen
Vrij verval leiding 9.290 0 12.834 29.892 3.861 1.320 173 63.288 120.657
Wegvakonderdeel 4.722 293 38.692 26.919 25.728 3.221 1.586 51.887 153.046
Cultuur beplanting 3.349 m² 4 m² 605 m² 10.155 m² 120 m² 1.475 m² 2.794 m² 78.642 m² 97.143 m²
Gras
Haag
32.045 m² 11.289 m² 1.566.963 m² 124.244 m² 239.215 m² 0 m² 17.017 m² 312.764 m² 2.303.536 m²
2.706 m² 866 m² 641 m² 10.557 m² 1.189 m² 935 m² 275 m² 19.279 m² 36.447 m²
Natuur beplanting 11.292 m² 3.059 m² 101.898 m² 6.179 m² 403 m² 0 m² 32.955 m² 42.915 m² 198.700 m²
verkeerstekens, speeltoestellen en bossen zijn in dit overzicht niet meegenomen). Dit is als volgt uitgesplitst:
Mast
Boom
351 22 712 2.114 1.069 825 334 4.508 9.935
380 165 19.541 1.572 3.730 142 613 4.000 30.142
Financiële verantwoording Investeringen in maatschappelijk nut in de openbare ruimte worden verplicht geactiveerd op de balans. Op deze investeringen moet worden afgeschreven. Dat betekent dat de gelden voor BORA zijn gesplitst in:
Cultuur beplanting 76 0 17 270 2 43 56 1.926 2.391
-
Gras
Haag
49 22 1.781 165 235 0 25 443 2.720
116 37 28 454 51 40 12 829 1.567
Natuur beplanting 181 49 1.630 99 6 0 527 687 3.179
Totalen 15.165 588 75.235 61.485 34.682 5.591 3.326 127.567 323.638
Uitgaven die thuishoren in een exploitatiebegroting; Uitgaven die ten laste van een voorziening (BORA) mogen worden gebracht; Investeringen in maatschappelijk nut die moeten worden geactiveerd op de balans.
Schematisch ziet het financiële beheer van de kapitaalgoederen er als volgt uit: Beheer kapitaalgoederen
Exploitatie
Voorziening
Om een totaalbeeld te krijgen, zijn in de volgende overzichten de jaarlasten samengevoegd. Voor Overzicht exploitatie Bedragen x € 1.000 Wegen, verkeer en bruggen Groen en spelen Openbare verlichting Gebouwen en sportaccomodaties Totaal exploitatie Totaal stortingen naar de onderhoudsvoorzieningen Totaal onderhoud kapitaalgoederen
Investeringen
een overzicht van de investeringen wordt verwezen naar het onderdeel investeringen. 2025 421 1.815 230 469 2.935 2.255 5.190
2026 412 1.819 226 470 2.927 2.255 5.182
2027 421 1.819 223 470 2.933 2.255 5.188
2028 412 1.819 219 471 2.921 2.255 5.176
83
Paragraaf Financiering In deze paragraaf staan het treasury beleid en het risicobeheer van de financieringsportefeuille centraal. Het geeft inzicht in de rentelasten, het renteresultaat, de wijze waarop rente aan investeringen, grondexploitaties en taakvelden worden toegerekend en de financieringsbehoefte. De kaders hiervoor zijn vastgelegd in de wet Financiering Decentrale Overheden (Fido), de wet Houdbare gemeentefinanciën (Hof), het Besluit Begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV), de Financiële verordening
Wettelijk kader Op grond van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten moet in Onderdeel
We hanteren de volgende doelstellingen: - Er is voldoende financiering op de korte en lange termijn; zodoende kan er ten allen tijde aan de betalingsverplichtingen worden voldaan; - De risico’s die aan de financiële transacties verbonden zijn, worden beheerst en beperkt; - De rentekosten van de leningen worden zoveel mogelijk beperkt.
de paragraaf financiering in ieder geval het volgende onderdeel worden vermeld:
Op grond van
De paragraaf betreffende de financiering bevat in ieder geval de beleidsvoornemens ten aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille.
Beleid -
Fido (2000) BBV HOF (2014) Financiële verordening gemeente Bergeijk (2025)
Rente risicobeheer Renteschommelingen hebben niet alleen gevolgen voor de rentelasten of -opbrengsten bij het aantrekken dan wel uitzetten van gelden, maar ook voor de koersen van obligaties. Hieronder worden de onderscheiden risico's nader toegelicht. Renterisico Beheersing van het renterisico op korte schuld geschiedt door de kasgeldlimiet en op langlopende schulden door de renterisiconorm. Kasgeldlimiet Begrotingstotaal per 1 januari Limiet percentage Normbedrag Netto vlottende positie Vlottende schuld Vlottende middelen Netto saldo Onder- overschrijding Ruimte onder de kasgeldlimiet Overschrijding kasgeldlimiet
art. 13 BBV
Kasgeldlimiet Met deze limiet wil de wetgever voorkomen dat uitsluitend kortlopende leningen worden afgesloten. Het aantrekken van dit type leningen is aantrekkelijk wanneer de rente erg laag is. Het risico van een stijgende rente bij herfinanciering is daarmee in verhouding groot. Daarom is bepaald dat gemeenten maximaal 8,5% van het begrotingstotaal mogen gebruiken voor kortlopende leningen. Wanneer zich in drie achtereenvolgende kwartalen een overschrijding voordoet, moet de gemeente maatregelen nemen om deze overschrijding voorkomen (zoals het aantrekken van langlopende geldleningen). Aan de hand van de liquiditeitsprognoses wordt betaald welke type lening het meest geschikt is voor de dan geldende situatie.
Bedragen x 1.000 3e kwartaal 2023 4e kwartaal 2023 1e kwartaal 2024 2e kwartaal 2024 51.011 51.011 62.007 62.007 8,5% 8,5% 8,5% 8,5% 4.336 4.336 5.271 5.271 0 1.318 1.318
0 5.554 5.554
0 922 922
0 7.208 7.208
5.654
9.890
6.193
12.479
Door de ruimte onder het kasgeldlimiet is het voor de gemeente Bergeijk mogelijk om kortlopende
geldleningen aan te trekken op het moment dat dit nodig is.
84
herfinanciering mag jaarlijks maximaal 20% bedragen van het begrotingstotaal. Door een goede spreiding van de looptijd wordt flexibiliteit in de toekomst behouden tegen zo laag mogelijke rentekosten. Ook hiervoor geldt dat constant wordt gekeken welke lening het meest passend is voor de liquiditeitspositie van de gemeente.
Renterisiconorm Deze norm draagt bij aan een zodanige opbouw van de langlopende leningenportefeuille dat tegenvallers als gevolg van renteaanpassingen en herfinanciering in voldoende mate worden beperkt. Het totaal aan aflossingen en
Renterisico Begrotingstotaal per 1 januari Limiet percentage Renterisiconorm Rente herziening Aflossing Renterisico Onder- overschrijding normbedrag Ruimte onder de renterisiconorm Overschrijding renterisiconorm
2025 60.095 20% 12.019 0 -1.319 -1.319
2026 56.994 20% 11.399 0 -1.319 -1.319
2027 57.641 20% 11.528 0 -869 -869
Bedragen x 1.000 2028 58.996 20% 11.799 0 -869 -869
10.700
10.080
10.660
10.931
Door de ruimte onder de renterisiconorm heeft de gemeente Bergeijk voldoende ruimte om in de
toekomst langlopende geldleningen aan te trekken of lopende leningen te herfinancieren.
Liquiditeitsrisico Dit is het risico dat over onvoldoende middelen wordt beschikt om onze financiële verplichtingen te voldoen. Gemeente Bergeijk werkt vanuit totaalfinanciering. Dit betekent dat alle gemeentelijke inkomsten en uitgaven worden gesaldeerd voordat we ons op de geld- of kapitaalmarkt begeven. Rekening houdend met het moment van inkomsten en uitgaven leidt tot een betere sturing op de benodigde liquiditeiten voor de komende jaren, de aan te trekken externe financiering en de ontwikkeling van de rentekosten.
boven het drempelbedrag aan te houden in de rijksschatkist. Door deze maatregel hoeft het Rijk minder geld te lenen op de financiële markten en zal de staatsschuld dalen. Vanaf 1 juli 2021 is voor gemeenten (en provincies, waterschappen en hun gemeenschappelijke regelingen) met een begrotingstotaal tot € 500 miljoen de drempel voor het verplicht schatkistbankieren verhoogd naar 2% van het begrotingstotaal (was 0,75%) met een minimum van € 1 miljoen (was € 250.000). Dit drempelbedrag bedraagt voor de gemeente Bergeijk circa € 1,2 miljoen. Verder is er de mogelijkheid overtollige middelen uit te lenen aan andere decentrale overheden.
Gemeenten zijn in het kader van schatkistbankieren verplicht hun overtollige liquide middelen
Financieringspositie per 1 januari Activa Vaste activa Grondexploitatie Saldo Passiva Reserves Voorzieningen Langlopende geldleningen Saldo Financieringstekort Financieringsoverschot
Bedragen x 1.000 2027 2028
2025
2026
73.232 960 74.192
84.758 800 85.558
94.430 900 95.330
94.601 500 95.101
40.809 5.732 24.287 70.828 3.364
36.967 5.765 37.969 80.701 4.857
35.605 5.074 46.400 87.079 8.251
35.139 4.475 44.582 84.196 10.905
Bij aanvang van het begrotingsjaar wordt een theoretisch financieringstekort verwacht van afgerond € 3,3 miljoen in het eerst volgende begrotingsjaar.
Dit geldt op het moment dat alle investeringen conform opgave worden uitgevoerd. 85
Het hebben van een tekort leidt ertoe dat de noodzaak tot een vaste financiering toeneemt, middels het aantrekken van langlopende
geldleningen. De liquiditeitsprognose wordt in 2025 geactualiseerd om de noodzaak van wel of niet financieren te onderbouwen.
Leningen en garanties Opgenomen geldleningen Wij hebben leningen afgesloten om betalingen te verrichten ten aanzien van investeringen. De afgelopen jaren zijn tussentijds leningen afgelost en nieuwe leningen aangetrokken. Door de lage rentestand van de afgelopen jaren is het gemiddelde
rentepercentage afgenomen. De laatst aangetrokken langlopende geldleningen dateert uit 2022. Jaarlijks wordt gekeken of het aangaan van nieuwe leningen nodig is om de liquiditeit te garanderen. Onderstaand overzicht geeft inzicht in de omvang en de rentegevoeligheid van de opgenomen leningen.
Leningenportefeuille per 1 januari Opgenomen geldleningen Af: reguliere aflossingen Af: vervroegde aflossingen Totaal boekwaarde 31 december Gemiddeld rentepercentage geldleningen
2025 24.288 -1.319
2026 22.969 -1.319
Bedragen x 1.000 2027 2028 21.650 20.782 -869 -869
22.969 1,12%
21.650 1,12%
20.782 1,23%
Verstrekte leningen en garanties aan derden Het verstrekken van leningen of garanties aan derden is alleen toegestaan voor de publieke taak. Begin 2025 heeft de gemeente voor ongeveer € 14 miljoen aan leningen en garantstellingen verstrekt aan derden. Van dit bedrag is € 12 miljoen uitgeleend aan woningbouwcorporaties en afgesloten met een garantie van het
19.913 1,23%
Waarborgfonds Sociale Woningbouw. Sinds 2000 trekken woningbouwcorporaties hun leningen rechtstreeks bij banken aan met borging van het Waarborgfonds Sociale Woningbouw waarbij rijk en gemeenten samen voor de achtervangpositie garant staan. Daarnaast heeft de gemeente enkele garanties afgegeven aan overige partijen. Er zijn momenteel geen signalen dat hier risico’s over worden gelopen.
Naam Bedragen x € 1.000 Stichting gemeenschapshuis Terlo Stichting Speeltuin de Bucht Stichting Wooninc Totaal garantstellingen
Aard Garantie Garantie Garantie
Naam Bedragen x € 1.000 Stichting Vestia Stichting Wooninc Woningstichting de Zaligheden Totaal Borgstellingen
Aard Oorspronkelijk bedrag Achtervang Achtervang Achtervang
Oorspronkelijk bedrag
Restant Restant Restant Restant 31-12-2025 31-12-2026 31-12-2027 31-12-2028 458 206 195 183 172 140 110 105 100 95 3.449 1.616 1.491 1.363 1.230 4.047 1.932 1.791 1.646 1.496
Restant Restant Restant Restant 31-12-2025 31-12-2026 31-12-2027 31-12-2028 2.459 692 604 514 420 14.222 5.357 5.075 4.782 4.477 10.000 6.000 6.000 6.000 6.000 26.681 12.049 11.679 11.295 10.897
86
Rentetoerekening Deze toerekening geeft inzicht in de rentelasten, het renteresultaat en de wijze waarop rente aan investeringen, grondexploitaties en taakvelden wordt toegerekend. De commissie BBV schrijft voor dat de interne rente exact wordt berekend. De omslagrente
wordt berekend door de aan de taakvelden toe te rekenen rente te delen door de boekwaarde per 1 januari van de vaste activa die integraal zijn gefinancierd. Het percentage bedraagt 0,5 % voor 2025. Het rentepercentage uit de omslagrente dient ook gebruikt te worden voor de grondexploitaties.
Bedragen x 1.000 Renteschema 2025 De externe rentelasten over de korte en lange financiering 511 De externe rentebaten over de korte en lange financiering 109 Saldo rentelasten en rentebaten 402 De rente die aan de facilitaire grondexploitaties (kostenverhaal) moet worden doorberekend -5 De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (= projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend Aan taakveld toe te rekenen externe rente -5 Rente over eigen vermogen Rente over voorzieningen Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente 397 De aan taakvelden toegerekende rente -405 Renteresultaat op het taakveld Treasury -8 Aan taakvelden toe te rekenen externe rente Boekwaarde vaste activa 1 januari Gemiddelde rente Keuze voor omslagrente
EMU saldo In de wet Hof zijn de Europese normen verankerd voor de hoogte en de jaarlijkse groei van de overheidsschuld. De decentrale overheden leveren een gelijkwaardige bijdrage aan het naleven van de EMU normen. Bestuurlijk is afgesproken de komende jaren geen sanctie toe te passen bij blijvende overschrijding van de norm. Gemeenten krijgen een individuele referentiewaarde voor het EMU-tekort in een jaar. Voor het
397 73.232 0,54% 0,50%
sturen op de ontwikkeling van de gemeenteschuld luidt het devies: Let bij het opstellen van de begroting op de ontwikkeling van de hoogte van uw gemeenteschuld. Te hoge schulden zijn slecht voor de financiële gezondheid van de gemeenten. Pas als het plafond voor het EMU-tekort van de gezamenlijke gemeenten wordt overschreden kan de individuele referentie waarde een rol gaan spelen. Voor de jaren 2025 en 2026 wordt het EMU saldo overschreden. Dit heeft te maken met de verwachte investeringen binnen de gemeente. Bedragen x 1.000
EMU saldo Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves Mutatie (im)materiële vaste activa Mutatie voorzieningen Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie) Verwachte boekwinst bij verkoop effecten en verwachte boekwinst bij verkoop (im)materiële vaste activa Berekend EMU-saldo Referentiewaarde Verschil met referentiewaarde
2025 -353 11.526 33 -160
2026 -1.113 9.672 -691 -100
2027 -1.261 171 -599 400
2028 -187 -362 -300
-11.686 3.078 -8.608
-11.376 2.912 -8.464
-2.431 2.945 514
-249 3.015 2.766
87
Meerjarenbalans Bedragen ( x € 1.000) (im) Materiële vaste activa Financiële vaste activa kapitaalverstrekking Financiële vaste activa Leningen Totaal vaste activa Voorraden Uitzettingen korter dan een jaar Liquide middelen Overige vlottende activa Totaal Vlottende activa Totaal Activa
Bedragen ( x € 1.000) Eigen vermogen Voorzieningen Vaste schulden Totaal vaste passiva Vlottende schuld Overlopende passsiva Totaal Vlottende passiva Totaal passiva
Realisatie 2023
Begroot 2024
54.661 185 578 55.424 3.231 7.564 397 17.111 28.303 83.727
Realisatie 2023
72.469 185 578 73.232 960 2.500 500 7.137 11.097 84.329
Begroot 2024
39.397 5.826 26.266 71.489 3.343 8.895 12.238 83.727
* Voor de meerjarenbalans wordt in de stand van de reserves rekening gehouden met het begrotingssaldo van het voorgaande jaar. Derhalve
37.354 5.688 24.287 67.329 5.000 12.000 17.000 84.329
Begroot 2025 83.995 185 578 84.758 800 2.500 500 8.702 12.502 97.260
Begroot 2025 36.719 5.572 37.969 80.260 5.000 12.000 17.000 97.260
Begroot 2026 93.667 185 578 94.430 900 2.500 500 6.367 10.267 104.697
Begroot 2026 36.400 4.897 46.400 87.697 5.000 12.000 17.000 104.697
Begroot 2027 93.838 185 578 94.601 500 2.500 500 3.585 7.085 101.686
Begroot 2027 35.783 4.321 44.582 84.686 5.000 12.000 17.000 101.686
Begroot 2028 93.838 185 578 94.601 200 2.500 500 1.097 4.297 98.898
Begroot 2028 35.166 3.969 42.763 81.898 5.000 12.000 17.000 98.898
dient voor de aansluiting met de staat reserves, het onderdeel reserves vermeerderd te worden met de begrotingsruimte.
88
Paragraaf Bedrijfsvoering Wat willen wij bereiken? In Bergeijk pakken we samen aan, want met elkaar komen we verder. En tonen we lef als het nodig is. Dit is de missie van de organisatie Bergeijk. Dit doet de organisatie door de ontwikkelingen lokaal en regionaal in een vroegtijdig stadium met lef, ambitie en eigen verantwoordelijkheid aan te pakken. Met aandacht voor sfeer, persoonlijke ontwikkeling en verbinding. Deze missie en visie vormen de uitgangspunten voor de organisatie en de bedrijfsvoering. Door de externe gerichtheid en de toegenomen transparantie is de kwaliteit van de bedrijfsvoering steeds meer zichtbaar voor de burgers. De doelen van bedrijfsvoering zijn facilitair aan de doelen van de totale organisatie. Door het optimaliseren van de bedrijfsvoering streeft de gemeente ernaar de doelen en ambities uit de taakvelden zo efficiënt en effectief mogelijk te realiseren. Dienstverlening Visie Gemeente Bergeijk is een dienstverlenende organisatie richting de inwoners en ondernemers van Bergeijk. Daarvoor is duidelijke en eigentijdse communicatie en goede bereikbaarheid via verschillende kanalen erg belangrijk. In 2025 wordt de visie van de organisatie verder uitgewerkt in een eigentijdse visie op dienstverlening. Daarmee bieden we duidelijkheid aan inwoners, ondernemers, partners en medewerkers over onze dienstverlening. Ook biedt dit kaders voor toekomstige keuzes.
Organisatie Organisatieontwikkeling Het ontwikkelen van de organisatie stopt nooit. Organisatieontwikkeling richt zich op het bereiken van de organisatiedoelen, met speciale aandacht voor: - Strategisch HR-beleid met aandacht voor behoud, ontwikkeling en vitaliteit van medewerkers; - Organisatie en formatie, passend bij de opgave en gewenste kwaliteit; - Goede en passende dienstverlening; - Persoonlijke ontwikkeling, opleiding en training (o.a. via de Bergeijk SMART Academy); - Soepele processen door proces- en projectmatig werken en procesverbeteringen; - Werkgeluk en vitaliteit van medewerkers. Met goed werkgeverschap, passende arbeidsvoorwaarden, inhoudelijke uitdagingen, eigentijdse werkwijzen, en aantrekkelijke arbeidsmarktcommunicatie is gemeente Bergeijk een aantrekkelijke werkgever voor huidige en nieuwe medewerkers in de huidige krappe arbeidsmarkt.
Strategisch HR-beleid In 2025 wordt het strategisch HR-beleid verder uitgewerkt. Speerpunt is het behoud, de ontwikkeling en vitaliteit van medewerkers. Belangrijke topics daarbij zijn aantrekkelijk werkgeverschap voor huidige en nieuwe medewerkers, werkgeluk en werkdruk. De resultaten van het medewerkersonderzoek (2023) zijn daarin meegenomen. Belangrijkste aandachtspunt daarin was de ervaren werkdruk, het opvallendste pluspunt was de zeer hoge eNPS-score: de mate waarin medewerkers zich positief uitlaten over de organisatie. BErgeijk SMART Academy De wereld om ons heen verandert voortdurend. Dit vraagt een organisatie die ontwikkelingsgericht is en streeft naar continue verbetering. De organisatie bestaat uit de mensen die daar werken. Door te investeren in de medewerkers, wordt geinvesteerd in de kwaliteit van de gemeentelijke organisatie. Met de BErgeijk SMART Academy blijven we de doorontwikkeling van onze medewerkers ondersteunen. Ook in 2025 biedt de Academy een actief ontwikkelprogramma met trainingen, opleiding en aandacht voor talent. Het programma is gebaseerd op de gewenste ontwikkeling van de organisatie. Het aanbod omvat klassikale cursussen, trainingen op locatie, procesverbeteringen, inspiratiesessies en lunchbijeenkomsten en een breed digitaal aanbod aan webinars, podcasts en e-learnings.
Naast noodzakelijke - deels verplichte - inhoudelijke trainingen is er aandacht voor vitaliteit en werkgeluk. Het doel van het BErgeijk SMART programma is om continu te investeren in de kwaliteit en wendbaarheid van de organisatie en de mensen die daar werken. In 2025 is bijzondere aandacht voor project- en procesmatig werken, weerbaarheid (bij agressie), integriteit en Insights. In het programma is blijvende aandacht voor de introductie van nieuwe medewerkers met eigen trainingen ‘Hoe werkt de gemeente’ door en voor collega’s. In verschillende modules en bijeenkomsten wordt aandacht besteed aan de bijzondere positie van een gemeente en meer specifiek: HR, informatieveiligheid, inzicht in juridische en financiële processen binnen onze gemeente. Arbeidsmarkt De arbeidsmarkt in Nederland blijft krap; er zijn meer vacatures dan werkzoekenden. Met name in de functiegebieden ruimtelijke ordening/milieu, bouwkunde en civiele techniek is het een uitdaging om openstaande vacatures te vervullen. Maar ook vacatures op het gebied van onder andere financiën, juridische zaken, toezicht en ICT blijken moeilijk vervulbaar. Tegelijkertijd komt er een pensioengolf aan. Als er niets verandert dan 89
komt de gemeentelijke dienstverlening in Nederland onder druk te staan. Voor gemeente Bergeijk is het vinden, maar vooral ook binden en blijven boeien, van medewerkers dan ook uitermate belangrijk. Dit wordt gelet op de schaalsprong van de gemeente Bergeijk nog crucialer. Goede
arbeidsmarktcommunicatie is daarbij onontbeerlijk, maar ook het investeren in een goede sfeer, passende arbeidsvoorwaarden, inhoudelijke uitdagingen, opleiding en eigentijdse werkwijzen (Microsoft365) blijven de aandacht houden.
Formatie Per 1 januari 2025 bedraagt de formatie 124,89 fte. Schematisch is de formatie als volgt verdeeld: College van B&W 4 FTE
Griffie 2,22 FTE
Algemeen directeur 1 FTE
Maatschappij & Ruimte
Beheer & Organisatie
Dienstverlening & Veiligheid
26,76 FTE
33,0 FTE
30,2 FTE
Bedragen x € 1.000 Loonsom Loonkostensubsidie Inhuur Kosten voormalig personeel Reis - en verblijfskosten Woon- werkvergoeding Verzuimbegeleiding Opleiding en organisatieontwikkeling Overige personeelskosten Totaal
-
De onderhandelingen voor de CAO Gemeenten 2025 starten in november 2024. Afspraken over extra verlofdagen uit de CAO 2024 gaan per 1 januari 2025 in. Er zijn nog geen prognoses voor de pensioenpremies in 2025. In 2024 bedraagt
Begroot 2025 11.571 -51 238 245 15 123 14 193 267 12.615
-
Begroot 2026 11.571 -51 238 245 15 123 14 200 267 12.622
Bedrijfsvoering 27,71 FTE
Begroot 2027 11.571 -51 238 245 15 123 14 208 267 12.630
Begroot 2028 11.571 -51 238 245 15 123 14 208 267 12.630
de premie voor het ouderdoms- en nabestaandenpensioen 27%, hiervan is 18,9% voor de werkgever en 8,1% voor de werknemer. Gemeente Bergeijk past de maximaal wettelijk toegestane onbelaste reiskostenvergoeding toe (€ 0,23 per kilometer).
90
Bedrijfsvoering Visie De bedrijfsvoering van de organisatie omvat de werkprocessen en interne dienstverlening en advisering. We stellen in 2025 een visie op de bedrijfsvoering op welke gelijk zal lopen met de visie omtrent de externe dienstverlening. Administratieve organisatie Zelfevaluatie BRP en reisdocumenten Buiten de Ensia-systematiek zullen de Basisregistratie persoonsgegevens (BRP) en de uitgifte van reisdocumenten voor zowel ingezetenen als niet-ingezetenen) onderworpen worden aan de jaarlijkse zelfevaluatie. Informatievoorziening Informatiebeveiliging Gemeenten gebruiken voor de uitvoering van hun taken over het brede spectrum van beleidsterreinen diverse mogelijkheden van informatie-uitwisseling, zowel onderling als met diverse ketenpartners. Het is daarbij van belang dat gegevens veilig, beschikbaar en betrouwbaar zijn. Bergeijk richt haar informatiebeveiliging in op basis van de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (verder: ‘BIO’). Dit is het normenkader Informatiebeveiliging voor de hele overheid. Met het uitvoeringsplan informatiebeveiliging wordt verder gewerkt aan het optimaliseren van beleid, procedures en maatregelen op het gebied van informatiebeveiliging. Informatieveiligheid is een thema dat steeds belangrijker voor eenieder wordt, zowel in werk als privé.