Concept Milieueffectrapportage omgevingsvisie Etten-Leur.pdf
Tekst van het document
Blad 43 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
Onderwijs, spel, sport en andere maatschappelijke voorzieningen Binnen de wijken zijn naast de wijk- en buurtwinkelcentra op loopafstand van woningen goed bereikbare voorzieningen gelegen. Ze zijn verspreid gelegen over de wijken. De voorzieningen variëren van basisonderwijs, kinderopvang en kleinere en grotere speel- en sportvoorzieningen: • het basisonderwijs is ondergebracht in brede scholen, een combinatie van onderwijs, kinderopvang en wijkcentra. Niet in alle wijken is er sprake van de combinatie. In dat geval zijn wijkactiviteiten elders ondergebracht. • speelplekken zijn te onderscheiden in: o speelplekken in de buurt, voor de jongsten; o meer algemene speelplekken zoals multicourts en een skatebaan voor heel EttenLeur. • er zijn diverse sportvoorzieningen in onze gemeente: drie sportparken, twee tennisparken, diverse sportscholen en een zwembad. • in diverse wijken zijn wijkparken. Zij zijn een plek voor ontmoeting, beweging voor jong en oud en wijkactiviteiten. Het Oderkerkpark en Brabantpark hebben een functie voor heel Etten-Leur. Zij bieden ook ruimte aan evenementen. • een cultureel centrum complementeert het aanbod aan voorzieningen. Er is voldoende ruimte voor het verenigingsleven en recreatie. Het aanbod is soms voor regionaal gebruik. Zorgvriendelijke wijken Goede wijkcentra en voorzieningen vormen één van de pijlers van een zorgvriendelijke wijk.
De afgelopen periode heeft Etten-Leur geïnvesteerd in het realiseren van woonservicezones: • bundeling van beschut en beschermd wonen, zorg en maatschappelijke voorzieningen; • elk woonservicegebied heeft een wijkservicepunt van waaruit 24 uurs zorgverlening is gegarandeerd. De woonomgeving is veilig en toegankelijk. Daarnaast nemen inwoners met een beperking steeds meer deel aan de samenleving. Zij komen in de wijk wonen met de nodige vormen van (professionele) ondersteuning. Plekken voor ontmoeting zoals de wijkcentra zijn essentieel, maar dat niet alleen. Ook de inrichting van de openbare ruimte en openbare gebouwen stelt inwoners in staat stellen om mee te (blijven) doen (obstakel- en drempelvrij). Gezonde wijken met een goede omgevingskwaliteit De leefomgeving in de wijken is over het algemeen goed, maar staat wel onder druk.
Blad 44 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
4.2.2
Staat van de werkgebieden Etten-Leur: vier werklocaties met een eigen karakter Etten-Leur profiteert van de ligging langs de A58, de nabijheid van Breda en de A16 en heeft een regionale werkgelegenheidsfunctie (660,3 banen per 1.000 inwoners). De meeste banen liggen in de industrie en handel. De bedrijven zijn vooral gevestigd op de werklocaties Vosdonk, Attelaken en Zwartenberg. Het gaat vooral om midden- en kleinbedrijven, er zijn weinig grote bedrijven Deze bedrijventerreinen kantorenpark Oostpoort-Trivium zijn goed voor een kleine 10.000 arbeidsplaatsen en hebben daarmee een belangrijke regionale werkgelegenheidsfunctie. De bedrijventerreinen zijn daarmee een belangrijke economische kracht van Etten-Leur.
Trends en ontwikkelingen De ontwikkelingen ten aanzien van werken en werklocaties volgende de landelijke trends. Er is nog steeds naar kavels: Er is nog steeds een trend dat bedrijven liever kiezen voor een nieuwe locatie dan voor transformatie van een bestaande. Dit leidt tot leegstand op bestaande bedrijventerreinen en kantorenlocaties. Bedrijven en kantoren moeten aan steeds meer eisen voldoen, bijvoorbeeld om de hinder op de omgeving te beperken. Daardoor en daarnaast werken bedrijven en kantoren steeds meer aan innovatieve concepten en technieken en vragen ze daarvoor flexibiliteit van locaties en regels. Bedrijvenlocaties moeten een bijdrage gaan leveren aan duurzame en hernieuwbare energie en hergebruik van grondstoffen. In de regio West-Brabant hebben vier sectoren de meeste potentie. Het gaat om agrofood, maakindustrie, logistiek en kennisdiensten. In Etten-Leur zijn deze sectoren allen aanwezig maar geen enkele sector overheerst. Binnen alle sectoren is kennis en innovatie nodig om te komen tot een duurzame en circulaire economie (hergebruik van grondstoffen). Economisch gezien is het tekort aan ruimte op geschikte locaties een knelpunt. Het gaat dan met name om een gebrek aan geschikte locaties voor bedrijven in de logistieke sector. Bepaalde werksectoren hebben daarnaast moeite om geschikte arbeidskrachten te vinden.
In de huidige situatie geven bepaalde werklocaties nog hinder op de omgeving. Tot slot is de bereikbaarheid een aandachtspunt, met name het steeds drukker worden van de snelweg als belangrijkste aan- en afvoerroute. Nieuwe werklocatie Op regionaal niveau zijn afspraken gemaakt over hergebruik van bestaande bedrijventerreinen en de noodzaak voornieuwe terreinen. Aan Etten-Leur is hiervoor 10 ha toegedeeld.
Blad 45 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
Staat van het buitengebied Buitengebied: verwevenheid van functies Het buitengebied beslaat het grootste deel van het grondgebied van Etten-Leur. Het buitengebied kent een sterke verwevenheid van functies, namelijk land- en tuinbouw, veeteelt, wonen, natuur, landschap, waterbeheer, recreatie en toerisme. In toenemende mate vragen ook energieopwekking en klimaatadaptatie om een plek in het buitengebied. Agrarische sector in beweging Etten-Leur maakt deel uit van de agrarische topregio West-Brabant op het gebied van plantaardige producten, zaadveredeling en verwerking van landbouwproducten tot voedsel en andere goederen. De meeste gronden in het buitengebied zijn in gebruik voor agrarische doelen. Toch is maar 3,7% van de beroepsbevolking in de agrarische sector werkzaam. Naar verwachting neemt dit percentage de komende jaren zelfs nog verder af. Anderzijds heeft de sector een nauwe band met de meeste agrofood industrieën en met dienstverlening. Deze band is van belang voor het voortbestaan van deze bedrijven.
Bron: Monitor agrarische leegstand, provincie Noord-Brabant
4.2.3
De afgelopen jaren is het aantal bedrijven in Etten-Leur in de primaire agrarische sector afgenomen: • het aandeel veeteeltbedrijven (graasdieren) neemt af; • de tuinbouwsector groeit; • akkerbouw en glastuinbouw blijven redelijk stabiel.
Blad 46 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
Bij de actieve agrarische bedrijven zien we de volgende trends: • toename in omvang (overname van gronden en rechten van stoppende bedrijven); • nieuwe verschijningsvormen en intensivering, bijvoorbeeld grotere gebouwen en installaties, teeltondersteunende voorzieningen, teelt op water, monocultuur en minder weidegang; • meer onderlinge samenwerking, zowel vanuit het individuele bedrijf naar de markt als aanvullend op de bedrijfsvoering van elkaar. De agrarische sector staat onder druk. Meer aandacht voor dierenwelzijn, voedselkwaliteit en de gevolgen voor bodem, lucht, water en gezondheid dwingen de sector om over de toekomst na te denken. De verwachting is dat enerzijds bij de huidige agrarische bedrijven schaalvergroting en/of intensivering zal blijven plaatsvinden, maar dat tegelijkertijd bedrijven zich gaan ontwikkelen naar vormen van landbouw die zich beter verhouden tot de mens, de omgeving en het milieu. Meer aandacht voor de leefomgeving en een omslag naar een circulaire economie zullen tot veranderingen leiden. Dit geeft de kans om een betere balans te zoeken met de leefomgeving met minder belasting voor deze omgeving en de gezondheid. De vraagstukken vergrijzing en leegstand vragen ook in het buitengebied van Etten-Leur om een passend en duurzaam antwoord. Trend is dat een deel van de bestaande bedrijven al toegroeitnaar een circulaire landbouw.
Of zelfs naar natuurvriendelijke landbouw. Een vitaal buitengebied is niet alleen voor de agrarische sector van belang, maar ook voor de omgeving. Het buitengebied vervult ook een rol in de waterhuishouding, natuur, recreatie, schone energievoorziening en andere vormen van ondernemen. De cultuurlandschappelijke identiteit en verscheidenheid behouden en versterken Het buitengebied van Etten-Leur heeft een eigen karakteristieke opbouw met diverse landschappelijke en cultuurhistorische waarden (zie paragraaf 4.2.4 en 4.2.6). Deze waarden staan onder druk van ruimtelijke ontwikkelingen en ruimtevragen in het buitengebied. Behoud en versterking van landschappelijke waarden is daarom een aandachtspunt. Ecologische structuur en biodiversiteit behouden en versterken Het buitengebied van Etten-Leur kent diverse beschermde natuurgebieden en beschermde planten diersoorten (zie paragraaf 4.2.5). Deze waarden staan onder druk. Door menselijk ingrijpen als gevolg van industriële ontwikkeling, de verstedelijking en intensivering van de landbouw is deze structuur, het ecosysteem, verstoord. Klimaatverandering versterkt de verstoring. Behoud en versterking van ecologische waarden is daarom een aandachtspunt. Ruimte voor water, aandacht voor verdroging Etten-Leur kent een op de noordelijk gelegen Mark gerichte waterstructuur (zie paragraaf 4.2.8).
In de toekomst is door de klimaatverandering meer ruimte voor de opvang van water nodig: als opvang tijdens piekbuien en overstromingen en als buffer voor periodes van droogte. Daarnaast is verbetering van de waterkwaliteit een aandachtspunt. Daarnaast is lang aanhoudende droogte en verdroging een toenemend probleem in het buitengebied, zowel voor de agrarische sector als de natuur. Wonen blijft een belangrijke functie in het buitengebied In het buitengebied van Etten-Leur bevinden zich veel burgerwoningen, meestal voormalige agrarische bedrijfswoningen. Die woonfunctie blijft belangrijk in het buitengebied, naast bijvoorbeeld de agrarische activiteiten en functies als natuur, landschap en recreatie. Het buitengebied kent ook een vorm van tijdelijk wonen voor seizoenarbeiders.
Blad 47 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
Behoud en versterken van extensieve recreatie en kleinschalige voorzieningen Het buitengebied heeft ook een belangrijke functie voor extensieve vormen van recreatie zoals wandelen, fietsen, paardrijden en varen. Voor wandelen en fietsen is een netwerk van routes beschikbaar en zijn er ondersteunende voorzieningen. Maar ook hardlopers, wielrenners en mountainbikers maken gebruik van het buitengebied en delen dit netwerk. Ruimte voor opwekking van duurzame energie In het buitengebied staan al drie windparken die bijdragen aan de opwekking van duurzame energie in Etten-Leur (zie paragraaf 4.2.16).
4.2.4
Staat van landschap en groen Huidige situatie Het landschap is een belangrijke drager van de ruimtelijke structuur van Etten-Leur. Door de natuur en de mens gevormd kent Etten-Leur een landschappelijke driedeling: • Het lager gelegen, grotendeels open, deels natuurlijk, deels agrarisch (melkvee) klei- en veenlandschap in het noordelijk buitengebied; In de loop van de tijd van karakter veranderd door turfwinning, inpoldering, ruilverkaveling en natuurontwikkeling. • Centraal de van oudsher bebouwde woon- en werkgebieden op de hoger gelegen overgangszone en de dekzandgronden; In de loop van de tijd steeds verder bebouwd, verdicht en geïntensiveerd, maar met een in het algemeen groen stedelijk karakter. • Een hoger gelegen, half gesloten, deels natuurlijk, deels agrarisch dekzandlandschap in het zuidelijk buitengebied. In de loop van de tijd veranderd door ontginning, schaalvergroting en natuur- en recreatieve ontwikkeling. Kenmerkend zijn het verschil en de overgang tussen enerzijds het noordelijke lager gelegen, vlakke gebied met klei en veenafzettingen en anderzijds het zuidelijke, hoger gelegen glooiende dekzandgebied. Dwars daar doorheen lopen beekdalen (in noord-zuid richting) en hoge zandruggen (donken). Ook landschapselementen behorend bij de diverse landschapstypen die Etten-Leur kent, zijn belangrijk voor de karakteristiek en daarmee herkenbaarheid van het landschap.
Door menselijk ingrijpen is met name het karakteristieke kleinschalige verschil qua reliëf en landschapselementen ter plaatse van het overwegend lagere, noordelijke gebied en het hogere, zuidelijke gebied afgenomen. De mens heeft met de snelweg en het spoor het landschap in oostwest richting doorsneden. Elementen van het oorspronkelijke landschap zijn ook nog goed herkenbaar in het stedelijk gebied. Deze elementen, onder andere langs wegen, maken integraal onderdeel uit van de zogenoemde Hoofdgroenstructuur. Tot de Hoofdgroenstructuur horen ook de stads- en wijkparken. Een ander onderdeel van de Hoofdgroenstructuur vormt het randzonegroen tussen stedelijk en landelijk gebied. De Hoofdgroenstructuur, vijvers en waterlopen, bomen en hagen langs straten en kleine groenelementen en speelplekken vormen het groene karakter van de woongebieden van EttenLeur. De gemiddelde hoeveelheid groen en water in het stedelijk gebied per woning bedraagt thans ongeveer 88 m². In het algemeen wordt de huidige staat van het landschap en groen neutraal tot redelijk beoordeeld voor het centrum en de werkgebieden, redelijk in het buitengebied en goed in de woongebieden.
Blad 48 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
Ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid Landschap en groen staan onder druk van ruimtelijke ontwikkelingen: verlies van groen in de stedelijke omgeving door verdichting en inbreiding, verlies van reliëf en landschapselementen in het buitengebied door schaalvergroting. Aan de andere kant is er steeds meer aandacht voor de waarde van en het belang van behoud en versterking van landschappelijke waarden en groen. Ook in combinatie met andere belangen als natuur en biodiversiteit, cultuurhistorie, water/klimaatadaptatie en recreatie. Het huidig gemeentelijk beleid is dan ook al gericht op bescherming en waar mogelijk versterking van de kenmerken van het landschap en vergroting van het oppervlak groen, zowel in de stedelijke omgeving als het buitengebied (daar ook ingegeven voor het provinciaal beleid: zorgvuldig ruimtegebruik en kwaliteitsverbetering landschap). Daar staat tegenover dat met name in het buitengebied nog mogelijkheden tot ontwikkeling bestaan die kunnen leiden tot verlies van waarden. Voor de werkgebieden bestaat nog geen specifiek beleid om landschap/groen te versterken. De toekomstige ontwikkeling van het landschap wordt in het centrum- en de woongebieden per saldo neutraal tot positief beoordeeld, in de werkgebieden neutraal en in het buitengebied neutraal tot enigszins negatief.
Tabel 4.1 Samenvattende beoordeling huidige staat en ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid aspect landschap en groen Landschap en groen
Huidige staat 2020
Centrum
0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten ++ Goede staat
Woongebieden
Werkgebieden
Buitengebied
0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten + Redelijke staat, enkele knelpunten
Ontwikkeling 2030 o.b.v. trends, vigerend beleid + Positieve ontwikkeling
Knel- en aandachtspunten
Verlies groen
0/+ Neutrale tot positieve ontwikkeling 0 Neutraal
0/- Neutrale tot negatieve ontwikkeling
Blad 49 van 132
Verlies oorspronkelijk reliëf en landschapselementen Verdere aantasting openheid
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
4.2.5
Staat van natuur Huidige situatie Buitengebied Etten-Leur ligt niet in of direct nabij Natura2000-gebied. Dichtstbijzijnde Natura2000-gebieden zijn het Ulvenhoutse Bos (7,5 naar het oosten), Biesbosch/Hollands Diep (7,5 km naar het noorden), Brabantse Wal (18 km naar het westen) en een aantal Vlaamse gebieden (10 km naar het zuiden). Etten-Leur heeft daarmee maar vanuit één aspect mogelijk invloed op Natura2000-gebieden: stikstof. In het noordelijk en zuidelijk buitengebied ligt een aantal natuurgebieden die onderdeel uitmaken van het Natuurnetwerk Brabant (NNB): in het noorden de natte natuurparels “Strijpen/De Berk” en “Kelsdonk/Zwermlaken”, in het zuiden de natte natuurparel “De Pannenhoef”. Verder ligt in het buitengebied een groot aantal kleinere natuurgebiedjes die onderdeel uitmaken van het NNB, zoals natte gebiedjes, wielen en waterlopen in het noorden en vaarten, struwelen, bosjes en houtwallen in het zuiden en liggen er ecologische verbindingszones om natuurgebieden met elkaar te verbinden, o.a. langs de Vossenbergsevaart. Daarmee heeft het buitengebied van Etten-Leur een redelijk oppervlak beschermd natuurgebied. Het NNB en de ecologische verbindingszones zijn echter nog niet volledig gerealiseerd. Ook staat de kwaliteit van de beschermde natuurgebieden onder druk door effecten vanuit de omgeving: verdroging, vermesting/verzuring, verstoring.
In, maar ook buiten de beschermde natuurgebieden en ecologische verbindingszones komen diverse beschermde plant- en diersoorten voor. In de natuurgebieden vooral de soorten die gebonden zijn aan de specifieke kenmerken van de natuurgebieden, zoals bijvoorbeeld de hydrologie in de natte natuurparels. Buiten de natuurgebieden komen vooral soorten voor die gebonden zijn aan het agrarisch landschap. Een gemeentedekkend beeld van voorkomende soorten ontbreekt. Een aantal beschermde soorten staat onder druk, met name door verkleining en versnippering van leefgebieden, verdroging, verzuring en vermesting en verstoring. Stedelijk gebied Ook in het stedelijk gebied van Etten-Leur komen diverse beschermde plant- en diersoorten voor, zoals bijvoorbeeld vleermuizen, huismussen en gierzwaluwen. Het grote aandeel groen in EttenLeur bevordert de soortenrijkdom in de stad. In het stedelijk gebied van Etten-Leur liggen diverse gebieden met een hoge natuurwaarde. Dit zijn De Oude Leemput, het Oderkerkpark, het Koninginnebos en een voormalige botanische tuin. Ook laanbeplantingen langs de ontsluitingswegen dragen bij aan de soortenrijkdom. Maar ook in de stad staan plant- en diersoorten onder druk, door het verdwijnen of renoveren van groen en (oude) bebouwing.
In het kader van het zogenaamde “Soortenmanagementprogramma” zijn de stedelijke gebouwbewonende diersoorten (zoals vleermuizen en huismus) in kaart gebracht en zijn beheermaatregelen benoemd om de soortenrijkdom in de stad te behouden en te versterken. De huidige staat van de natuur in Etten-Leur wordt neutraal tot redelijk beoordeeld, die in de woongebieden goed. Als gevolg van de verstedelijking, industrialisatie, bevolkingsgroei, mobiliteit en (intensieve) landbouw en staan natuurwaarden en de biodiversiteit onder druk. De klimaatverandering versterkt deze verstoring.
Blad 50 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
Ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid Buitengebied Door de toenemende ontwikkeling van het buitengebied blijven beschermde plant- en diersoorten onder druk staan. Dit volgt de landelijke trend. Er komt weliswaar steeds meer aandacht voor behoud en versterking van natuurwaarden, er wordt verder gewerkt aan de realisatie van het NNB (bijvoorbeeld Noordrand Midden) en ecologische verbindingszones en binnen het NNB heeft de bescherming een positief effect. Maar buiten het NNB laat het beleid nog ontwikkelingen toe met negatieve effecten op natuur en is de bescherming van natuurwaarden nog niet dekkend. De toekomstige ontwikkeling van natuurwaarden in het buitengebied wordt daarmee neutraal tot negatief beoordeeld. Stedelijk gebied Door de toenemende ontwikkeling en verdichting blijven ook in het stedelijk gebied beschermde soorten onder druk staan. Dit volgt de landelijke trend. Ook in het stedelijk gebied komt er wel meer aandacht voor behoud en versterking van natuurwaarden, door natuurbehoudend of zelfs natuurinclusief te ontwikkelingen. In de stedelijke omgeving is met het Soortenmanagementplan een eerste stap gezet richting verbetering van de natuurlijke kwaliteiten. De toekomstige ontwikkeling van natuurwaarden in de stedelijke omgeving wordt daarmee neutraal tot positief beoordeeld.
Tabel 4.2 Samenvattende beoordeling huidige staat en ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid aspect natuur Natuur
Huidige staat 2020
Centrum
0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten ++ Goede staat
Woongebieden
Werkgebieden
Buitengebied
0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten 0/+ Neutraal tot Redelijke staat, enkele knelpunten
Ontwikkeling 2030 o.b.v. trends, vigerend beleid + Positieve ontwikkeling
Knel- en aandachtspunten
Verder verlies natuurwaarden Geen dekkend beeld soorten
0/+ Neutrale tot positieve ontwikkeling 0 Neutraal
0/- Neutrale tot negatieve ontwikkeling
Blad 51 van 132
Verder verlies natuurwaarden Geen dekkend beeld soorten
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
4.2.6
Staat van cultuurhistorie en archeologie Huidige situatie Etten-Leur kent diverse cultuurhistorische waarden en een paar archeologische monumenten, met name in het centrum, in de woongebieden en het buitengebied. De belangrijkste cultuurhistorische en archeologische waarden zijn beschermd door Rijks-, provinciaal en gemeentelijk erfgoedbeleid. Niet beschermde waarden, zoals bijvoorbeeld zandwegen, verkavelingsstructuren staan onder druk bij ruimtelijke ontwikkelingen. De huidige staat van cultuurhistorie en archeologie wordt positief beoordeeld voor het centrum, de woongebieden en buitengebied. De werkgebieden worden neutraal beoordeeld, vanwege het ontbreken van bijzondere cultuurhistorische en/of archeologie waarden. Ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid Het beschermingsregime vanuit het Rijks-, provinciaal en gemeentelijk beleid borgt dat de belangrijkste cultuurhistorische en archeologische waarden beschermd zijn. Het archeologisch beleid borgt ook het behoud en/of onderzoek bij bodemverstoring bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. De toekomstige ontwikkeling wordt neutraal beoordeeld: bestendiging van de huidige goede staat. Tabel 4.3 Samenvattende beoordeling huidige staat en hntwikkeling op basis van trends en vigerend beleid aspect cultuurhistorie en archeologie Cultuurhistorie en archeologie
Huidige staat 2020
Centrum
++ Goede staat, geen knelpunten ++ Goede staat, geen knelpunten 0 Neutrale staat ++ Goede staat, geen knelpunten
Woongebieden Werkgebieden Buitengebied
4.2.7
Ontwikkeling 2030 o.b.v. trends, vigerend beleid 0 Neutraal
Knel- en aandachtspunten
0 Neutraal 0 Neutraal 0 Neutraal
Staat van bodem Huidige situatie De bodemopbouw volgt de landschappelijke opbouw: venige en kleiige gronden in het noordelijk buitengebied, voedselarme podzol- en voedselrijke opgebrachte eerdzandgronden in het centrum en de woongebieden en een afwisseling van zandgronden met lokaal venige gronden in het zuidelijk buitengebied. De bodemkwaliteit in Etten-Leur is nog niet volledig en gemeentebreed in beeld. De bodemkwaliteit volgt in het algemeen die van het landgebruik: in het buitengebied wordt de bodemkwaliteit bepaald door het van oudsher agrarische karakter van het gebied: van oudsher bemest en bewerkt met gewasbebeschermingsmiddelen. In de werkgebieden is lokaal sprake van bodemverontreiniging door vroegere bodemverontreinigende activiteiten. Op de meeste locaties voldoet de bodemkwaliteit aan de eisen die de functie erop stelt. De bodemkwaliteit heeft daarmee voor het centrumgebied, de woongebieden en het buitengebied een neutrale tot redelijke staat met weinig knelpunten, voor de werkgebieden een matige staat met een redelijk aantal knelpunten. Bodemwaarden staan onder druk. Verontreiniging, verdroging, vermesting, verarming, verdichting en verzilting vormen in combinatie met een toenemend gebruik een bedreiging voor de bodemkwaliteit.
Blad 52 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
Ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid Het vigerende beleid is erop gericht dat de bodem de kwaliteit moet hebben die de functie erop vraagt / toelaat. Bodemverontreinigingen worden gesaneerd wanneer de (beoogde) functie erop dat vraagt. Tegelijk is voorkomen van (nieuwe) bodemverontreinigingen een voorwaarde voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. De bodemkwaliteit verbetert hierdoor. Een landelijk aandachtspunt voor de bodem in het buitengebied is uitputting. Door het intensieve agrarische gebruik verdwijnen voedingstoffen uit de bodem en worden deze onvoldoende aangevuld. Met name zandgronden zijn van nature voedselarm en hebben een kwetsbare bovengrond. De kwaliteit van de bovengrond kan snel veranderen door de toename van mineralen door vermesting of zure neerslag en zandgronden zijn kwetsbaar voor verdroging. De bufferwerking van de zandgronden is afgenomen door toename van de verstedelijking en de landbouw. In tegenstelling tot de zandgronden zijn de klei- en veengronden minder kwetsbaar voor de genoemde processen. De toekomstige ontwikkeling van de bodem op basis van trends en vigerend beleid wordt dan ook neutraal tot positief beoordeeld voor het centrumgebied en de woon- en werkgebieden en neutraal tot enigszins negatief voor het buitengebied.
Tabel 4.4 Samenvattende beoordeling huidige staat en ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid aspect bodem Bodem
Huidige staat 2020
Centrum
0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten 0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten -Matige staat, redelijk aantal knelpunten 0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten
Woongebieden
Werkgebieden
Buitengebied
Ontwikkeling 2030 o.b.v. trends, vigerend beleid + Neutraal tot positieve ontwikkeling
Knel- en aandachtspunten
+ Neutraal tot positieve ontwikkeling 0 Neutraal
Sanering bestaande verontreinigingen
0/- Neutraal tot enigszins negatieve ontwikkeling
Voorkomen verdere verzuring en uitputting
Blad 53 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
4.2.8
Staat van water en klimaat Huidige situatie Etten-Leur loopt van de zuidelijker gelegen zandgronden op 10-12 m + NAP af naar de noordelijker gelegen kleigronden op 0-2m +NAP. Het oppervlaktewatersysteem volgt dit hoogteverschil en bestaat globaal beschouwd uit een stelsel van noord-zuid gelegen beken, zoals de Vossenbergsevaart, Brandse Vaart en Laakse Vaart, die in noordelijke richting uiteindelijk afwateren op de Mark. Op de beken sluit een slotenstelsel aan, dat in het noordelijker lager en dus nattere kleigebied fijnmaziger is dan op de hoger en droger gelegen zuidelijke zandgronden. Het grondwatersysteem in de gemeente kent drie soorten gebieden: • infiltratiegebieden op de centrale en zuidelijke zandgronden: waar het water goed in kan dringen en het grondwater op natuurlijke wijze aangevuld wordt; • kwelgebieden op de overgang van zand naar klei of de beekdalen: waar het water omhoog komt; • intermediaire gebieden ertussenin. Klimaatverandering leidt tot meer hittegolven, vaker extreme neerslag en overstromingsgevaar, en meer perioden van droogte. De maatschappelijke gevolgen en gevolgen voor de leefomgeving zijn groot voor zowel de gezondheid, de leefbaarheid, de natuur en de biodiversiteit, het comfort in woningen, gebouwen en openbare ruimte, de arbeidsproductiviteit, maar ook voor de voedselproductie. Ook de economische schade kan aanzienlijk zijn.
Daarnaast staan de drinkwatervoorziening en waterkwaliteit onder druk, enerzijds door de klimaatverandering (met name verdroging), anderzijds door het intensieve landgebruik (met name in het buitengebied). In het centrumgebied is er sprake van hoge mate van verdichting en verharding. Er is (nog) relatief weinig ruimte voor water. En hoewel het centrum van Etten-Leur relatief groen is is een groot deel versteend (met name in het winkelhart) en bestaat daarmee het risico op hittestress. De woongebieden in Etten-Leur zijn groen en bieden ruimte aan water. Lokaal zijn woongebieden meer verdicht en verhard en bestaat kans op wateroverlast en hittestress. De afgelopen twintig jaar is fors geïnvesteerd in de kwaliteit van het rioolstelsel, het afkoppelen van hemelwater van de riolering en de aanleg van bergbezinkbassins en retentievijvers. Werkgebieden zijn traditioneel nog veel verhard en weinig groen, wat risico op wateroverlast en hittestress met zich meebrengt. In het buitengebied is er uiteraard veel ruimte voor water, met name in en rond de beekdalen, en groen. Aandachtspunten in het buitengebied zijn met name het voorkomen van wateroverlast (in en rond de beekdalen en in het lager gelegen nattere buitengebied in het noorden) en het landgebruik in relatie tot de waterkwaliteit.
De huidige staat van water en klimaat in de woongebieden en het buitengebied is neutraal tot redelijk, met een gering aantal knelpunten. In het centrum en de werkgebieden is door de verharding de huidige staat matig en bestaan er knelpunten.
Blad 54 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
Ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid Autonome ruimtelijke ontwikkelingen leiden tot meer verharding en verstening. Daar staat tegenover dat het waterbelang in wet- en regelgeving en waterbeleid geborgd is: een toename van verharding moet worden gecompenseerd door retentie. Ook de provinciale beleidsregel kwaliteitsverbetering landschap wordt vaak vormgegeven in de vorm van groen met ruimte voor water. De hoeveelheid verharding in stedelijke gebieden in combinatie met extreme regenval leidt tot toenemende kans op wateroverlast. In langere periodes van hitte gaat het koel houden van woningen, verzorgingstehuizen en openbare ruimte een probleem worden. Vooral onder ouderen en chronisch zieken kan dit tot extra sterfgevallen leiden. Er komt steeds meer aandacht voor de gevolgen van klimaatverandering. De gemeente Etten-Leur heeft regionaal in een stresstest haar gevoeligheid voor klimaatverandering onderzocht. Dit heeft nog niet geleid tot beleid. Met name in het centrum worden daarom in de nabije toekomst negatieve effecten van klimaatverandering verwacht: wateroverlast en hittestress. In de woongebieden leidt het groenbeleid al wel tot maatregelen om de gevolgen van de klimaatverandering te voorkomen dan wel te beperken al is een trend dat particuliere tuinen steeds meer worden verhard.
Voor de werklocaties is er nog geen specifiek beleid en wordt autonoom een status quo verwacht. In het buitengebied zijn er twee ontwikkelingen: enerzijds toename van effecten op het watersysteem door nog mogelijke ruimtelijke ontwikkelingen, anderzijds vanuit beleid meer ruimte voor water en groen. De toekomstige ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid wordt in het centrum negatief beoordeeld: toename van verharding/verdichting/verstening en (nog) onvoldoende beleid om de negatieve effecten te beperken. In de woongebieden is er naar verwachting wel een positieve balans tussen negatieve ontwikkelingen en positieve maatregelen. Tabel 4.5 Samenvattende beoordeling huidige staat en ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid aspect water en klimaat Water en klimaat
Huidige staat 2020
Centrum
-Matige staat, redelijk aantal knelpunten + Redelijke staat, gering aantal knelpunten -Matige staat, redelijk aantal knelpunten 0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten
Woongebieden
Werkgebieden
Buitengebied
Ontwikkeling 2030 o.b.v. trends, vigerend beleid - Negatieve ontwikkeling 0/+ neutraal tot positieve ontwikkeling 0 Neutraal
0 Neutraal
Blad 55 van 132
Knel -en Aandachtspunten
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
4.2.9
Staat van verkeer en mobiliteit Huidige situatie Etten-Leur is goed bereikbaar met rechtstreekse aansluitingen op de snelweg, een functionerend wegennet, een fietsnetwerk, voldoende parkeermogelijkheden in het centrum en een dekkend openbaar vervoernetwerk (trein, bus). Verkeersonderzoek (Goudappel Coffeng, 2020) laat zien dat de stedelijke wegenstructuur geschikt is voor afwikkeling van de aantallen verkeersbewegingen die erop rijden. Dat wil niet zeggen dat lokaal geen stagnatie of overlast ervaren kan worden. Een aantal rotondes en kruispunten is in de spitsperioden te krap voor de hoeveelheid verkeer. Ook op een aantal wegen: Hoevenseweg / Concordialaan, Rode Poort, Lage Vaartkant is de verkeersdruk hoog. Bij de oversteken over het spoor is sprake van opstopping, filevorming en vertraging als de spoorbomen dicht zijn. In het buitengebied is menging van verschillende verkeersstromen op vaak smalle wegen een aandachtspunt, zeker op wegen waar vrachtverkeer van en naar bedrijven van dezelfde wegen gebruikt maakt als fietsers naar school of vrijetijdsvoorzieningen. De huidige verkeerssituatie in Etten-Leur is neutraal tot redelijk met een gering aantal knelpunten, op lokaal niveau en vooral in de spitsperioden. Ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid Het autogebruik in Nederland neemt nog steeds toe.
Daarnaast leiden autonome ruimtelijke ontwikkelingen tot meer verkeersbewegingen. Daarmee neemt de druk op het wegennet toe. Met name voor de aandachtswegen en kruispunten/rotondes in de huidige situatie leidt een verdere toename van verkeer tot vergroting van het knelpunt. Een verwachte toename van treinverkeer leidt meer opstoppingen en vertraging rond de spoorwegovergangen. Daarnaast is de onder druk staande doorstroming op de snelweg een bron van zorg. Tegelijk is er sprake van een langzame, maar gestage gedragsverandering ten aanzien van de vervoerswijzekeuze. Een deel van de mensen neemt bewust minder de auto: om praktische overwegingen (niet in de file willen staan, geen parkeerruimte), om gezondheidsredenen (meer willen bewegen) of idealistische redenen (bij willen dragen aan verduurzaming). Deze gedragsverandering verloopt langzaam en is nog moeilijk in cijfers te duiden. In de grote steden gaat het sneller dan elders in Nederland, waar de auto vervoerskeuze nr 1 blijft. In het buitengebied wordt verkeersveiligheid een groter aandachtspunt. Er is steeds meer sprake van menging van functies in het buitengebied en daarmee van menging van verschillende verkeersstromen. Daarnaast worden de landbouwvoertuigen groter, langer en breder en vragen daarmee mee ruimte.
De toekomstige ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid wordt neutraal tot negatief beoordeeld: het aantal autoverkeersbewegingen zal toenemen, een gedragsverandering richting duurzame mobiliteit is ingezet, maar nog niet (goed) zichtbaar.
Blad 56 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
Tabel 4.6 Samenvattende beoordeling huidige staat en ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid aspect verkeer en mobiliteit Verkeer en mobiliteit
Huidige staat 2020
Centrum
0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten + Redelijke staat, gering aantal knelpunten + Redelijke staat, gering aantal knelpunten 0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten
Woongebieden
Werkgebieden
Buitengebied
4.2.10
Ontwikkeling 2030 o.b.v. trends, vigerend beleid 0/- Neutraal tot enigszins negatieve ontwikkeling
Knel- en aandachtspunten
- Negatieve ontwikkeling
Lage Vaartkant, Lichttorenhoofd, Hoevenseweg, Concordialaan
Rode Poort
- Negatieve ontwikkeling 0/- Neutraal tot enigszins negatieve ontwikkeling
Toenemend vracht- en landbouw verkeer in relatie tot langzaam verkeer
Staat van geluid Huidige situatie Het geluidklimaat in Etten-Leur is zoals verwacht mag worden in een stad met een omvang als Etten-Leur gelegen aan een snelweg en een spoorlijn. De belangrijkste geluidbronnen in Etten-Leur zijn de snelweg A58 aan de zuidzijde van het centrum en de woongebieden, het spoor door de woongebieden en de twee geluidgezoneerde (maar niet volledig geluidbenutte) bedrijventerreinen Vosdonk (aan de westzijde van Etten-Leur) en Zwartenberg (aan de noordzijde). Lokaal belangrijke geluidbronnen zijn de hoofdontsluitingswegen, de windturbines in het noordelijk buitengebied en lokale bedrijven. De scheiding van woon- en werkgebieden en de toepassing van milieuzonering met richtafstanden tot geluidgevoelige functies heeft ervoor gezorgd dat er geen grote geluidknelpunten in Etten-Leur bestaan. Geluid is wel een veel voorkomende bron van ergernis onder inwoners. Overlast van verkeer en in het bijzonder brommers en scooters vormt ook in Etten-Leur de belangrijkste bron van ervaren hinder. Op de tweede plek staat overlast van buren. De hinder van trein, industrie, horeca of evenementen noemen inwoners minder. Jaarlijks wordt een aantal geluidsklachten over de bedrijven op Vosdonk ontvangen, vooral van bewoners die wonen binnen de geluidszone van het industrieterrein Vosdonk.
De aanwezigheid van een milieucategorie 5 op Vosdonk is een gegeven maar is gelet op de milieugevolgen voor de omgeving onwenselijk, het industrieterrein is een regionaal bedrijventerrein voor bedrijven tot en met milieucategorie 4, bedrijven met de zware milieucategorie van 5 zijn vanwege de milieugevolgen bestemd voor bovenregionale bedrijventerreinen. Lokaal wordt geluidoverlast ervaren door bewoners, met name langs de hoofdontsluitingswegen. Langs de snelweg en het spoor zijn nog geluidoverbelaste woningen opgenomen in het saneringsplan waarvoor nog maatregelen moeten worden genomen. Aandachtspunt is dat de lokale geluidbelasting niet actueel in beeld is (de gemeentelijke geluidkaart dateert van 2013). Het huidige geluidklimaat in Etten-Leur is over het algemeen neutraal tot redelijk met een gering aantal knelpunten. Alleen in de werkgebieden is sprake van een hogere geluidbelasting en daarmee een matige staat.
Blad 57 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
Ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid Autonoom neemt de geluidbelasting toe door ruimtelijke ontwikkelingen: wegverkeer van en naar nieuwe woningen en bedrijven, industrielawaai van nieuwe bedrijven, spoorweglawaai door toename aantal treinbewegingen. Door de bouw van nieuwe woningen komen er ook nieuwe bewoners in de geluidbelasting van bestaande geluidbronnen te wonen. Hierbij wordt wel getoetst aan wettelijke normen en een aanvaardbaar woon- en leefklimaat als voorwaarde gesteld. Daar staat tegenover dat geluidbronnen ((elektrische) auto’s, industriële installaties steeds stiller worden. Wet is er een toename zichtbaar van geluidsklachten over klimaatinstallaties, waarvan het aantal in de toekomst toe gaat nemen.De toekomstige ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid wordt daarom per saldo neutraal tot negatief beoordeeld.. Tabel 4.7 Samenvattende beoordeling huidige staat en ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid aspect geluid Geluid
Huidige staat 2020
Centrum
0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten 0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten
Woongebieden
Werkgebieden
Buitengebied
4.2.11
-Matige staat, redelijk aantal knelpunten 0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten
Ontwikkeling 2030 o.b.v. trends, vigerend beleid 0/- Neutraal tot enigszins negatieve ontwikkeling
Knel- en aandachtspunten
0/- Neutraal tot enigszins negatieve ontwikkeling
Bestaande saneringsopgaven langs spoor en snelweg Woningen binnen geluidszone industrieterein Vosdonk. Geluid klimaatinstallaties Ongewenste opvulling geluidruimte
0/- Neutraal tot enigszins negatieve ontwikkeling 0/- Neutraal tot enigszins negatieve ontwikkeling
Bestaande saneringsopgaven langs spoor. Evenementen en horeca.
Staat van luchtkwaliteit Huidige situatie In Etten-Leur voldoet de luchtkwaliteit op de meeste locaties (ruimschoots) aan de wettelijke normen. De stikstofconcentraties (norm 40 ug/m3) variëren van 16 µg NO2/m3 tot maximaal 35 µg NO2/m3 (langs de snelweg). De concentraties PM10 (norm 40 ug/m3) en PM2,5 (norm 25 ug/3) variëren respectievelijk van 17 µg PM10/m3 tot maximaal 20 µg PM10/m3 en 11 µg PM2,5/m3 tot maximaal 13 µg PM2,5/m3. Echter ook onder de wettelijke normen kan luchtverontreiniging leiden tot gezondheidsrisico’s. Inmiddels heeft de Wereld Gezondheidsorganisatie daarom advieswaarden opgesteld voor de luchtkwaliteit, die verder gaan dan de huidige normen. De concentraties in Etten-Leur liggen onder of niet ver boven de, vanuit gezondheidsoptiek gegeven, advieswaarden van de WHO (20 ug/m3 voor PM10, 10 ug/m3 voor PM2,5). De overschrijding voor PM2,5 is niet uniek voor Etten-Leur, maar speelt in een groot deel van Nederland. Alleen in het gebied gelegen binnen de invloed van het westelijk deel van de snelweg en de glaswolfabriek van Isover op bedrijventerrein Vosdonk is sprake van een mogelijk dreigende overschrijding van de luchtkwaliteitsnormen. Deze dreigende overschrijding is het gevolg van cumulatie van emissies van het verkeer op de A58 en bedrijven op Vosdonk. Dit gebied wordt in
Blad 58 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
het Besluit kwaliteit leefomgeving (een van de algemene maatregelen van bestuur die uitwerking geeft aan de Omgevingswet) dan ook aangewezen als een aandachtsgebied voor luchtkwaliteit. De huidige luchtkwaliteit in Etten-Leur is over het algemeen neutraal tot redelijk met een gering aantal knelpunten. Overal wordt ruim voldaan aan de wettelijke normen en ligt de luchtkwaliteit in de buurt van de advieswaarden vanuit gezondheid van de WHO. Alleen op Vosdonk is sprake van een dreigende overschrijding van normen en daarmee een matige staat. Ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid Autonoom is er sprake van twee effecten op luchtkwaliteit. Enerzijds neemt door ruimtelijke ontwikkelingen de uitstoot van luchtverontreinigende stoffen toe (door een toename van verkeer en vanuit nieuwe bedrijfsbronnen). Anderzijds is er een trend dat de luchtkwaliteit landelijk verbetert door schonere technieken, o.a. schonere auto’s, elektrische auto’s en schonere bedrijfsinstallaties. Per saldo verbetert de luchtkwaliteit al jaren. De verwachting is dat deze trend doorzet. De verbetering van de luchtkwaliteit heeft volop de aandacht.
Ondanks de aanzienlijke verbetering van de luchtkwaliteit in de afgelopen decennia blijft luchtverontreiniging een belangrijk gezondheidsrisico Om de positieve trend te borgen en te versterken is door Rijk, provincies en een aantal gemeenten het Schone Lucht Akkoord ondertekend. Doel van het akkoord is gezamenlijk de luchtkwaliteit in Nederland permanent verder te verbeteren. Concreet gaat het Schone Lucht Akkoord om een vermindering van de uitstoot van fijnstof en stikstofdioxiden door wegverkeer, mobiele werktuigen, landbouw, scheepvaart, industrie en huishoudens. Dat neemt niet weg dat bij nieuwe ontwikkelingen lokaal de luchtkwaliteit kan verslechteren. In het buitengebied kan de luchtkwaliteit lokaal verslechteren bij uitbreiding van veehouderijen conform de mogelijkheden die het bestemmingsplan buitengebied hiervoor biedt. De toekomstige ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid is over het algemeen positief: de landelijke trend is dat de luchtkwaliteit verbetert door schonere technieken. Alleen in het buitengebied wordt de kans op afname van luchtkwaliteit door uitbreiding van veehouderijen neutraal tot negatief beoordeeld. Tabel 4.8 Samenvattende beoordeling huidige staat en ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid aspect luchtkwaliteit Luchtkwaliteit
Huidige staat 2020
Centrum
0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten 0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten -Matige staat, redelijk aantal knelpunten + Redelijke staat, gering aantal knelpunten
Woongebieden
Werkgebieden
Buitengebied
Ontwikkeling 2030 o.b.v. trends, vigerend beleid + Positieve ontwikkeling
Knel- en aandachtspunten
+ Positieve ontwikkeling
0 Neutraal
0/- Neutraal tot enigszins negatieve ontwikkeling
Blad 59 van 132
Dreigende overschrijding op Vosdonk
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
4.2.12
Staat van trillingen Huidige situatie In de huidige situatie worden met name langs het spoor en, in mindere mate langs wegen met zwaar vrachtverkeer trillingen ervaren. Dit met name in de woongebieden en, in mindere mate in het centrum en buitengebied. Het aantal knelpunten is echter beperkt. De huidige situatie voor het aspect trillingshinder wordt dan ook neutraal tot redelijk met een gering aantal knelpunten beoordeeld. Ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid Door de toename van het aantal spoorbewegingen met name het goederenvervoer en de toename van zwaar(der) verkeer van en naar Etten-Leur neemt in de toekomst de trillingshinder naar verwachting toe. Er bestaat (nog) geen wet- en regelgeving en/of gemeentelijk beleid voor trillingshinder. Er bestaan alleen landelijke richtlijnen. De toekomstige ontwikkeling van trillingshinder wordt dan ook negatief beoordeeld, behalve voor de werkgebieden, waar minder of geen trillingshinder ervaren wordt, omdat er geen of minder mensen wonen. Tabel 4.9 Samenvattende beoordeling huidige staat en ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid aspect trillingen Trillingen
Huidige staat 2020
Centrum
0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten 0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten 0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten 0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten
Woongebieden
Werkgebieden
Buitengebied
Ontwikkeling 2030 o.b.v. trends, vigerend beleid - Negatieve ontwikkeling
Knel- en aandachtspunten
- Negatieve ontwikkeling
Trillingen langs spoor
0 Neutraal
- Negatieve ontwikkeling
Blad 60 van 132
Trillingen langs spoor
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
4.2.13
Staat van geur Huidige situatie Geurhinder komt voornamelijk van twee bronnen: veehouderijen en industrie. In de huidige situatie geven met name veehouderijen uitstoot van geur en geurhinder. De geurhinder is echter relatief beperkt. Etten-Leur kent geen concentraties van intensieve veehouderijbedrijven. Alleen in de noordwesthoek van de gemeente is sprake van cumulatie van geurhinder van enkele varkensbedrijven waarvan een juist over de gemeentegrens in de gemeente Halderberge is gevestigd. Bij enkele woningen wordt de norm uit de provinciale Omgevingsverordening voor cumulatie van 20 % gehinderden overschreden. Het aantal inwoners dat geuroverlast ervaart van nabij gelegen agrarische bedrijven is beperkt (< 1 %). In het buitengebied ondervinden circa 30 woningen een matige tot zeer slechte geurkwaliteit. Naast veehouderijen produceert een aantal bedrijven geur. Dit leidt echter niet of nauwelijks tot (klachten over) geurhinder. Een goede ruimtelijke scheiding en maatregelen aan de bron maken een effectieve aanpak mogelijk. Deze aanpak heeft in Etten-Leur geleid tot nagenoeg geen geurhinder van industriële bedrijven. De huidige staat wordt dan ook neutraal tot redelijk beoordeeld met een gering aantal knelpunten.
In het centrum is geen sprake van geurhinder, wat redelijk tot goed wordt beoordeeld Ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid Toekomstige ontwikkelingen leiden mogelijk tot toename van geuruitstoot en ervaren geurhinder. Dit geldt voor de ontwikkelingsmogelijkheden op bedrijventerrein en ontwikkelingsmogelijkheden van veehouderijen in het buitengebied en met name voor woningen in het buitengebied en in de woongebieden. Landelijk, provinciaal en gemeentelijk geurbeleid borgen dat er geen wezenlijke verslechtering van de geurkwaliteit optreedt. De regels voor geur voor industriële bedrijven liggen vast in de Beleidsregel industriële geur Noord-Brabant 2018. De normen voor veehouderijen zijn opgenomen in de Wet geurhinder en veehouderij. Maar het beleid kan een negatief effect niet geheel voorkomen. De toekomstige ontwikkeling van geur in het buitengebied en de woongebieden wordt dan ook negatief beoordeeld. Vanwege de gezondheidsrisico’s adviseert de GGD bij cumulatie van geurhinder strengere normen te hanteren. In de provinciale Omgevingsverordening zijn voor cumulatie normen opgenomen. Voor gevoelige objecten in het buitengebied adviseert de GGD een geurnorm van 5 OU/m3 (in plaats van 8 OU/m3) te hanteren. Het Rijk heeft het advies van de GGD nog niet overgenomen maar laat dit over aan gemeenten.
In het centrum en de werkgebieden verandert het geurklimaat naar verwachting niet of nauwelijks. Dit wordt neutraal beoordeeld.
Blad 61 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
Tabel 4.10 Samenvattende beoordeling huidige staat en ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid aspect geur Geur
Huidige staat 2020
Centrum
+/++ Redelijke tot goede staat, geen/gering aantal knelpunten 0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten 0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten 0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten
Woongebieden
Werkgebieden
Buitengebied
4.2.14
Ontwikkeling 2030 o.b.v. trends, vigerend beleid 0 Neutraal
Knel- en aandachtspunten
0/- Neutraal tot enigszins negatieve ontwikkeling
Geurhinder vanuit buitengebied
0 Neutraal
0/- Neutraal tot enigszins negatieve ontwikkeling
Toename geur door uitbreiding veehouderijen
Staat van licht Huidige situatie In de huidige situatie zijn de kern, de snelweg, de bedrijventerreinen en de glastuinbouwgebieden bronnen van lichtuitstoot. Lokaal is ook bij sportterreinen en rond paardenbakken sprake van lichtuitstoot. Het noordelijk en zuidelijk buitengebied zijn nog redelijk donker. Er is lichtuitstoot in Etten-Leur, maar er zijn geen wezenlijke knelpunten of (klachten over) ervaren lichthinder. Er is in de afgelopen jaren wel sprake van een beperkte toename in het aantal klachten over lichthinder, met name in de omgeving van glastuinbouwbedrijven. De huidige staat wordt neutraal tot redelijk beoordeeld in de woongebieden, werkgebieden en het buitengebied, redelijk tot goed in het centrum. Ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid Er is een trend van toenemende verlichting, met name langs sportterreinen, paardenbakken en veehouderijen (open stallen, serrestallen). Aan de andere kant is er toenemende aandacht voor het voorkomen van lichthinder en het behouden van donkerte en worden steeds meer eisen gesteld aan lichtarmaturen om lichtuitstoot te beperken. Er is geen dekkend landelijk beleid op het gebied van licht en geen dekkend gemeentelijk beleid. Aan sommige lichtbronnen, zoals glastuinbouw, worden in het Activiteitenbesluit eisen gesteld.
Etten-Leur stelt daarnaast regels voor de verlichting van sportparken (welke velden, de afscherming van lichtbronnen en de tijdsduur). De openbare verlichting wordt gefaseerd getransformeerd naar slimme LED verlichting. De lichtintensiteit kan daardoor beter worden afgestemd op de vraag. De verwachting is dat de lichtuitstoot en daarmee lichthinder in het buitengebied (rond glastuinbouw) en (aan de randen van) de woongebieden toch verder zal toenemen. Deze toename van licht is neutraal tot enigszins negatief beoordeeld. Voor het centrum en de werkgebieden wordt niet of nauwelijks toename van lichthinder verwacht, wat neutraal is beoordeeld.
Blad 62 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
Tabel 4.11 Samenvattende beoordeling huidige staat en ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid aspect licht Licht
Huidige staat 2020
Centrum
+/++ Redelijke tot goede staat, geen/gering aantal knelpunten 0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten 0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten + Redelijke staat, gering aantal knelpunten
Woongebieden
Werkgebieden
Buitengebied
4.2.15
Ontwikkeling 2030 o.b.v. trends, vigerend beleid 0 Neutraal
Knel- en aandachtspunten
0/- Neutraal tot enigszins negatieve ontwikkeling
Lichthinder van sportvelden/glastuinbouw
0 Neutraal
0/- Neutraal tot enigszins negatieve ontwikkeling
Lichthinder van glastuinbouw
Staat van veiligheid Huidige situatie Het veiligheidsklimaat in Etten-Leur is zoals verwacht mag worden in een stad met een omvang als Etten-Leur. De belangrijkste risicobronnen vanuit vervoer, opslag en gebruik gevaarlijke stoffen (externe veiligheid) zijn de snelweg A58 aan de zuidzijde van het stedelijk gebied, het spoor door de woongebieden, hogedrukgasleidingen (langs het spoor en in het zuidoostelijk buitengebied) en de bedrijventerreinen (met name Vosdonk aan de westzijde en Zwartenberg in het noordelijk buitengebied). Lokale risicobronnen zijn tankstations, tanks in het buitengebied en opslag bij lokale bedrijven. De invloedsgebieden van de risico’s als gevolg van het vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor en de A58 reiken over het stedelijk gebied. In het invloedsgebied van de spoorlijn en de A58 bevinden zich diverse kwetsbare objecten (overwegend woningen, een zorgcentrum en een GGZ-instelling). Door de scheiding van wonen en werken, milieuzonering en de daarbij behorende richtafstanden zijn de risico’s vanuit de bedrijventerreinen beperkt. Rondom de gasleiding en tankstations/tanks worden de veiligheidsafstanden aangehouden. Vanuit waterveiligheid bezien zijn gebieden langs de Mark (noordzijde noordelijk buitengebied) en langs de beekdalen aandachtsgebieden voor overstroming. Deze gebieden zijn dunbevolkt, maar bij overstroming is wel sprake van schade.
Een deel van het noordelijk buitengebied kan bij overstroming tot 2 m onder water komen te staan. De waterkering langs de Mark heeft een norm van 1 op 100 (bestand tegen een overstroming met een omvang/ernst zoals die 1x in de 100 jaar verwacht wordt. Vanuit verkeersveiligheid bezien heeft Etten-Leur geen bijzondere knelpunten. Aandachtspunt is de oversteekbaarheid (met name voor voetgangers en fietsers) van een aantal drukke wegen in het centrum van Etten-Leur, zoals de Rode Poort en Schoonhout-Parklaan. Daarnaast is aandachtspunt dat Etten-Leur nog een aantal gelijkvloerse kruisingen met het spoor kent. In het buitengebied is menging van verschillende verkeersstromen op vaak smalle wegen een
Blad 63 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
aandachtspunt, zeker op wegen waar vrachtverkeer van en naar bedrijven van dezelfde wegen gebruikt maakt als fietsers naar school of recreatieve fietsers. Uit een burgerpeiling (2018) blijkt dat de ervaren verkeersoverlast in Etten-Leur onder het landelijk gemiddelde ligt. Uit de burgerpeiling (2018) blijkt dat de sociale onveiligheid en de overlast die bewoners van elkaar ondervinden iets boven het gemiddelde van andere gemeenten met een vergelijkbaar welzijnsprofiel ligt. De huidige staat van veiligheid is over het algemeen neutraal tot redelijk beoordeeld: er zijn aandachtspunten, maar die zijn in beeld en de aandachtspunten zijn geen bijzondere knelpunten. Ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid De gemeente Etten-Leur heeft beleid voor externe veiligheid. In de nota zijn de veiligheidsambities per gebied uitgewerkt Risico's inclusief aandachtsgebieden zijn in beeld en worden gevolgd. Bestaande knelpunten worden opgelost en nieuwe knelpunten worden voorkomen. Vestiging van risicovolle bedrijven in het stedelijk gebied wordt tegengegaan. Hiermee is de inbreng van externe veiligheid bij afweging over nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen geborgd en worden nieuwe risico’s voorkomen. De gemeente is samen met de Veiligheidsregio actief met verminderen van de risico’s langs bestaande bronnen, met name de snelweg en het spoor.
Aan de andere kant neemt het vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor in de toekomst mogelijk toe en is de Betuweroute nog geen volwaardig alternatief om het vervoer van gevaarlijke stoffen door Brabant (en daarmee ook Etten-Leur) te beperken. Waterveiligheid krijgt steeds meer de aandacht. Door klimaatverandering wordt de kans op overstromingen groter. Deels zijn al maatregelen getroffen. De overige planvorming om hiervoor oplossingen te realiseren is nagenoeg afgerond, uitvoering daarvan vindt de komende jaren plaats. Verder wordt langs waterlopen met een overstromingsrisico ingezet op meer ruimte voor opvang van water en wordt terughoudender omgegaan met nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen in mogelijke overstromingsgebieden. De verkeersveiligheid is in de afgelopen decennia toegenomen. Landelijk, provinciaal en gemeentelijk beleid is erop gericht deze toename weer terug te brengen, bij voorkeur tot 0 verkeersdoden. Sociale veiligheid is steeds meer een aandachtspunt: oplossen van bestaande onveilige locaties en bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen eerder en beter nadenken over een sociaal-veilige inrichting. Etten-Leur heeft beleid op het gebied van veiligheid, criminaliteitsbestrijding e.d. De toekomstige ontwikkeling wordt wisselend beoordeeld voor de verschillende gebieden.
In het centrum is de verwachting dat uitvoering van het externe veiligheidsbeleid langs het spoor de veiligheidssituatie verbetert. In de woongebieden leidt een verdere verdichting juist tot meer bewoners binnen bestaande veiligheidsrisico’s. Ook heeft de toename van verkeer mogelijk een negatief effect op de verkeersveiligheid. In het buitengebied neemt de kans op overstromingen toe, maar is beleid in gang gezet om water meer ruimte te geven en zijn of worden maatregelen getroffen om overstroming te voorkomen of te beperken. Sociale veiligheid staat steeds meer in de aandacht. Het is dan ook de verwachting dat de sociale onveiligheid afneemt.
Blad 64 van 132
Plan-MER Omgevingsvisie Etten-Leur projectnummer 0254419.101 27 oktober 2020, definitief Gemeente Etten-Leur
Tabel 4.12 Samenvattende beoordeling huidige staat en ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid aspect veiligheid Veiligheid
Huidige staat 2020
Centrum
+ Redelijke staat, gering aantal knelpunten 0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten 0/+ Neutrale tot Redelijke staat, gering aantal knelpunten + Redelijke staat, gering aantal knelpunten
Woongebieden
Werkgebieden
Buitengebied
4.2.16
Ontwikkeling 2030 o.b.v. trends, vigerend beleid 0/+ Neutrale tot positieve ontwikkeling 0/- Neutraal tot enigszins negatieve ontwikkeling
Knel- en aandachtspunten
Verdichting / toename inwoners nabij risicobronnen zoals het spoor
0 Neutraal
0/+ Neutrale tot positieve ontwikkeling
Staat van energie Huidige situatie Het energiegebruik van Etten-Leur en daarmee de opgave voor verduurzaming van het energieverbruik is bekend. Met drie windmolenparken in het noordelijk buitengebied wekt EttenLeur al duurzame energie op. Ook het aantal zonnepanelen op daken in Etten-Leur neemt toe. De huidige staat is over het algemeen neutraal tot redelijk: Etten-Leur wekt al duurzame energie op met behulp van windturbines en zon op daken. Alleen in de werkgebieden ligt de opwek van duurzame energie achter op wat mogelijk is. Ontwikkeling op basis van trends en vigerend beleid Nederland en dus ook Etten-Leur staat aan de vooravond van een grote verandering op het gebied van haar energievoorziening. Internationaal bestaat politiek breed gedragen de ambitie om de opwarming van het klimaat te beperken tot ruim beneden 2o Celsius. Om dit te bereiken is het noodzakelijk om de uitstoot van broeikasgassen met minstens 80% terug te dringen. Het gaat vooral om de vermindering van de uitstoot van CO2 maar ook methaan dat vrijkomt in de veeteelt. De opwekking van elektriciteit en warmte moet binnen 30 jaar CO2 neutraal zijn. De uitstoot van broeikasgassen moet teruggedrongen zijn om zo verdere opwarming van de aarde te voorkomen. Dit, plus het eindig zijn van de voorraad fossiele brandstoffen, leidt tot de noodzaak van een energietransitie.
Energie komt straks van de zon, de wind, de bodem, getijden en waterstof. In regionaal verband is in het kader van de Regionale Energie Strategie (RES) West-Brabant gewerkt aan een duurzame invulling van de energiebehoefte. Dit door enerzijds in te zetten op (verdere) beperking van het energiegebruik, anderzijds in te zetten op opwekking van duurzame energie. Etten-Leur volgt hierin de regionale ontwikkelingen. Voor Etten-Leur zijn de opgaven tot 2030: • Grootschalige opwekking via zonne-energie op daken 43 Gigawattuur (GWh) • Kleinschalige opwekking via zonnepanelen op daken 28 Gigawattuur (GWh) In de ‘Transitievisie Warmte’ wordt de warmteopgave voor Etten-Leur uitgewerkt. Voor 2030 is de regionale ambitie om via isolatie 15% minder warmte te gebruiken in de gebouwde omgeving ten opzichte van 2020.