CConstaterende datErmelo
Koppel je AI →
Document · PDF

Meerjarenbegroting 2027-2030 e250076741

Gemeenteraad 27 mei 2026, gemeente ErmeloBij agendapunt: Ontwerp-meerjarenbegroting Meerinzicht 2027-203020.984 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

21

Programma Domein Sociaal (bedragen x C1.000,-)

Rekening 2025 *

Begroting 2026 (inclusief wijzigingen)

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

Begroting 2030

Lasten

20.705

18.934

19.520

19.145

19.145

19.145

Baten

-20.365

-18.934

-19.520

-19.145

-19.145

-19.145

Saldo

-340

0

0

0

0

0

* Rekening 2025 laat het geprognosticeerde resultaat vanuit de Bestuursrapportage 2025 zien.

22

Paragrafen Paragraaf Bedrijfsvoering Inleiding Drie van de zeven voorgeschreven paragrafen van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) zijn van toepassing voor de Gemeenschappelijke regeling Meerinzicht. De overige vier vallen niet onder verantwoordelijkheid van Meerinzicht, maar van de gemeentelijke P&C cyclus (o.a. grondbeleid). In de programmabegroting van Domein Bedrijfsvoering komen diverse beleidsvoornemens aan bod, die de bedrijfsvoering van de organisaties van Ermelo, Harderwijk, Zeewolde en Meerinzicht raken. Voorbeelden hiervan zijn het uitvoeren van de strategische HRM kalender, zoals het bouwen aan een sterk werkgeversmerk, inclusie en vitaliteit. In deze paragraaf Bedrijfsvoering worden de bedrijfsvoeringsaspecten benoemd, die voor heel Meerinzicht, domein bedrijfsvoering en domein sociaal, van belang zijn.

Wat willen we bereiken? Klantgerichtheid We willen goed aansluiten bij de behoeften van onze klanten. Door te luisteren, mee te denken en proactief te handelen, streven we ernaar om onze dienstverlening steeds beter af te stemmen op wat nodig is.

Wat gaan we hiervoor doen? Cliëntervaringsonderzoek o.b.v. continumeting Domein Sociaal Dit onderzoek heeft via de verkregen antwoorden als doel het verschaffen van gedegen inzicht in de mate waarin het beleid binnen het Sociaal domein van Meerinzicht bijdraagt aan de zelfredzaamheid, verbetering van de leefsituatie en het perspectief van de cliënt. Het omvat de gebieden WMO, Jeugd en Beschermd Wonen. Het doorlopend onderzoeken van de ervaring van de cliënten is een effectief middel om op basis van de juiste resultaten (management- en sturingsinformatie) het klant- en organisatieproces bij te sturen en/of te optimaliseren. Toegangsbeleving: snelheid, bekwaamheid, bejegening Dit thema richt zich op de eerste ervaring van cliënten bij het verkrijgen van zorg of ondersteuning. Hoe snel worden zij geholpen? Wordt hun situatie serieus genomen? Ervaren zij de medewerkers als deskundig en vriendelijk? Dit is cruciaal omdat een positieve eerste indruk vaak de basis legt voor het gehele zorgtraject. Indicator

Norm

Cliënten die tevreden of heel tevreden zijn over de toegang tot zorg

> 850Zo

Cliënten die aangeven dat medewerkers bekwaam en respectvol waren

> 900

Cliënten die aangeven dat zij snel genoeg zijn geholpen (bijvoorbeeld binnen een vooraf afgesproken termijn) > 850

Een hoge score op snelheid en bejegening voorkomt ontevredenheid en uitstelgedrag. Het percentage van 85-90% houdt rekening met normale variatie en uitzonderlijke situaties, maar stimuleert wel continu verbeteren. Bij lagere scores is gericht verbeteren noodzakelijk.

23

Kwaliteit: Is ondersteuning over het algemeen goed? Dit thema meet de algemene tevredenheid over de kwaliteit van de geleverde ondersteuning. Worden de zorgvragen adequaat beantwoord? Zijn cliënten tevreden over de manier waarop hun probleem wordt aangepakt? Dit is een directe indicator van de effectiviteit van de dienstverlening vanuit cliëntperspectief. Indicator

Norm

Cliënten die de kwaliteit van de ondersteuning als goed of zeer goed beoordelen > 8007o

Een norm van 80% weerspiegelt dat de meeste cliënten tevreden moeten zijn, maar erkent ook dat zorg soms complex is en niet altijd volledig kan voldoen aan verwachtingen. Deze norm stimuleert kwaliteitsbewaking zonder onrealistische eisen te stellen.

Effect: Is dit de best passende zorg uit het aanbod? Hier wordt gemeten of de cliënt dit de best passende zorg vindt uit het beschikbare aanbod voor zijn Z haar hulpvraag. Dit bepaalt in grote mate het uiteindelijke succes en de tevredenheid over het traject. Indicator

Norm

Cliënten die ervaren dat zij de best passende zorg ontvangen > 7507o

Omdat zorg vaak maatwerk vereist en soms moet worden bijgesteld, is een iets lagere norm realistisch. Het daagt zorgverleners uit om continu te evalueren of de zorg nog passend is, en bij te sturen waar nodig. De hierboven genoemde normen komen uit een Benchmarkgegevens uit de zorgsector. Veel onderzoeken en kwaliteitsrapportages binnen de zorgsector (zoals Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd, Patiëntenfederatie Nederland, en branche-specifieke kwaliteitsmetingen) laten zien dat tevredenheidsnormen vaak rond de 75% tot 90% liggen voor diverse thema's. Bijvoorbeeld: scores van 80-90% worden vaak gezien als 'goed' of 'hoogwaardig' in cliënttevredenheidsonderzoeken. Een score onder de 70% duidt meestal op verbeterpunten en wordt door organisaties vaak als onvoldoende ervaren.

Intern tevredenheidsonderzoek domein bedrijfsvoering Intern klantonderzoek dat de gemiddelde score op Domein Bedrijfsvoering meet bij de klanten van Meerinzicht Bedrijfsvoering. Deze indicator meet hoe tevreden de klanten van Meerinzicht Bedrijfsvoering (Ermelo, Harderwijk, Zeewolde en Domein Sociaal) zijn over de diensten en ondersteuning van en samenwerking met domein Bedrijfsvoering. Indicator

Norm

Richtscore tevredenheid 7,5

In het rapport Berenschot (24-06-2024) wordt een norm van 7 of 7,5 als realistisch gesteld. Om als Meerinzicht ambitieus te blijven, streven we naar een 7,5.

24

Tijdigheid van dienstverlening domein sociaal Indicatoren met betrekking tot de afhandeling van aanvragen, administratieve taken en bereikbaarheid binnen het domein sociaal. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om taken en aanvragen in het kader van de WMO, de bijzondere bijstand, de gehandicaptenparkeerkaart, minimaregelingen en regelingen voor levensonderhoud. Afhandelen aanvragen binnen termijn Aanvragen en taken worden binnen de wettelijke termijnen of de vastgestelde Dienstverleningsovereenkomst (DVO) termijn afgehandeld. Deze indicator meet de tijdigheid van de afhandeling van aanvragen voor verschillende regelingen binnen het domein sociaal. Het doel is om te waarborgen dat inwoners tijdig uitsluitsel krijgen over hun aanvraag. Indicator

Norm

Aanvragen afgehandeld binnen de termijn

> 9007o

Door 90% als norm te hanteren, streven we naar een hoge mate van compliance met wettelijke en contractuele termijnen, terwijl er rekening wordt gehouden met onvoorziene omstandigheden die een kleine afwijking kunnen veroorzaken. Dit zorgt voor rechtszekerheid voor de aanvrager en draagt bij aan een betrouwbare dienstverlening.

Afhandeling administratieve werkzaamheden Administratieve werkzaamheden (zoals registratie, berichtenverkeer, e.d.) worden binnen de wettelijke termijnen afgehandeld. Deze indicator richt zich op de snelheid van interne processen zoals het registreren van gegevens en het afhandelen van berichtenverkeer binnen het domein sociaal. Een snelle afhandeling hiervan is cruciaal voor een efficiënte bedrijfsvoering en een accurate dossieropbouw. Indicator

Norm

Administratieve werkzaamheden afgehandeld binnen de termijn

> 9007o

Een norm van 90% binnen de wettelijke termijnen zorgt ervoor dat de administratieve lasten beperkt blijven en dat informatie snel beschikbaar is voor verdere processtappen. Dit draagt bij aan een vlotte doorstroom van dossiers en voorkomt onnodige vertragingen in de dienstverlening.

Bereikbaarheid domein sociaal Het domein sociaal (KCC Meerinzicht) is tijdens de openingstijden van de gemeenten bereikbaar. Deze indicator meet de beschikbaarheid van de gemeentelijke diensten binnen domein sociaal voor haar inwoners gedurende de vastgestelde openingstijden. Het gaat hierbij om de mogelijkheid voor inwoners om contact op te nemen via diverse kanalen. Indicator

Norm

Bereikbaarheid KCC tijdens openingstijden

> 9507o

Een bereikbaarheid van 95% garandeert dat inwoners vrijwel altijd contact kunnen leggen met domein sociaal wanneer zij dit nodig hebben tijdens de reguliere openingstijden. Dit bevordert de

25

toegankelijkheid van de gemeentelijke dienstverlening en zorgt ervoor dat vragen en problemen tijdig kunnen worden opgepakt.

Wat willen we bereiken? Kostenbeheersing We zijn ons bewust van de verantwoordelijkheid die hoort bij het werken met publieke middelen. We maken bewust keuzes in de inzet van middelen. Efficiënt werken en scherp sturen op kosten gaan hand in hand met onze ambitie om kwaliteit en klantgerichtheid te blijven leveren.

Wat gaan we hiervoor doen? Financieel resultaat Middels de indicator financieel resultaat wordt verantwoording afgelegd over de inzet van publieke middelen, hoe deze middelen worden besteed en of Meerinzicht binnen het budget blijft. Het biedt transparantie op de financiële prestaties voor de gemeenten. Programma (bedragen x C 1.000,-)

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029 Begroting 2030

Domein Bedrijfsvoering Lasten

35.614

35.377

35.452

35.452

Baten

-35.614

-35.377

-35.452

-35.452

Saldo

0

0

0

0

Lasten

19.520

19.145

19.145

19.145

Baten

-19.520

-19.145

-19.145

-19.145

Saldo

0

0

0

0

Lasten

55.134

54.522

54.597

54.597

Baten

-55.134

-54.522

-54.597

-54.597

0

0

0

0

Domein Sociaal

Totaal

Totaal saldo van baten en lasten

De norm vindt zijn basis in de vastgestelde begroting van Meerinzicht. Kengetallen

26

De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. De liquiditeit verwijst naar de mate waarin aan korte termijn betalingsverplichtingen voldaan kan worden. Dit betekent dat er voldoende liquide middelen zijn, zoals contanten en gemakkelijk te gelde te maken activa, om uitgaven, zoals salarissen en schulden, te voldoen. Overige financiële kengetallen zoals solvabiliteit en bijvoorbeeld structurele exploitatieruimte zijn voor Meerinzicht minder relevant. Netto schuldquote Kengetal

Begroting 2027 Begroting 2028 Begroting 2029 Begroting 2030

Netto Schuldquote

5,96/

5,41/0

6,58/

7,00/

Liquiditeitsratio

^,0

^,0

^,0

^,0

De norm voor de netto schuldquote is gebaseerd op de financiële verhoudingen binnen Meerinzicht en vindt zijn basis in de begroting. De norm voor liquiditeit dient boven de 1,0 uit te komen, wat inhoudt dat op elk moment aan de kortlopende verplichtingen voldaan kan worden. Rechtmatigheid In het kader van rechtmatigheid wordt er verantwoording afgelegd over de naleving van relevante wet­ en regelgeving, interne regels en begrotingsafspraken (het normenkader) bij de uitvoering van het financiële beheer. Daarmee wordt verklaard dat de financiële handelingen en transacties in overeenstemming zijn met de geldende regels en kaders. Indicator

Norm

Rechtmatigheid > 98/

In de rechtmatigheidsverantwoording gaat het om drie criteria: het voorwaardencriterium, het misbruik­ en oneigenlijk gebruikscriterium en het begrotingscriterium. Voorgeschreven in de regelgeving is een maximum onrechtmatigheid. De voorgeschreven verantwoordingsgrens wordt door het bestuur vastgesteld.

Wat willen we bereiken? Kwaliteit We werken aan het versterken van de kwaliteit van onze dienstverlening. Dat doen we door processen te verbeteren, medewerkers op te leiden, duidelijk te communiceren en aandacht te hebben voor wat wél werkt - en waar nodig te leren van wat beter kan.

Wat gaan we hiervoor doen? Klachten en bezwaren

27

Tevredenheid van burgers over onze dienstverlening is een belangrijk uitgangspunt voor de kwaliteit van onze dienstverlening. Jaarlijks zijn er vele tienduizenden klantcontacten, en ondanks de inspanningen daartoe is helaas niet iedereen tevreden. Inwoners die niet tevreden zijn over de dienstverlening hebben de mogelijkheid om een klacht of bezwaar in te dienen. Klachten hebben altijd betrekking op gedrag, op de wijze van handelen, bijvoorbeeld onvriendelijke bejegening, te late reactie of verkeerde informatiegevingen door medewerkers. Bezwaren richten zich op een inhoudelijk besluit (zoals vergunningen, belastingen, toekenningen) waarmee een inwoner het niet eens is. In de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is door de wetgever bepaald wat klachten en bezwaren zijn, en op welke manieren deze moeten worden behandeld. Wij volgen dit. Indicator Aantal klachten

Norm N.v.t.

Uitkomsten na behandeling (Deels) gegrond

< Wo

Ongegrond/niet ontvankelijk/ingetrokken > 600

Afhandelingstermijnen Binnen wettelijke termijn

> 900

Buiten wettelijk termijn

< 100

Er is geen vaste, universele norm vast te stellen voor het absolute aantal klachten. Relevanter is de monitoring van trends over de tijd, is er sprake van een stijging of daling en wat zijn onderliggende oorzaken. Zowel gegronde als niet-gegronde klachten kunnen worden gebruikt als leermomenten om processen, communicatie en dienstverlening te verbeteren. Voor het percentage (deels) gegronde klachten hanteren we een norm van maximaal 40%. Een hoog aantal (deels) gegronde klachten kan een signaal zijn voor significante verbeterpunten. Er is geen algemeen of universeel percentage te geven, het is een intern gedefinieerde norm die voornamelijk bepaald is op basis van historische data en ontwikkelingen. V.w.b. de afhandelingstermijnen geldt dat op grond van de Awb klachten binnen zes weken moeten worden afgehandeld. Deze termijn kan eenmalig met vier weken worden verlengd. In incidentele gevallen is meer uitstel nodig, bijvoorbeeld bij een complexe klacht waar ook onderzoek door een derde partij noodzakelijk is om de klacht zorgvuldig af te handelen. In die gevallen kan de beslistermijn alleen met schriftelijke instemming van de klager nog verder worden verdaagd. Om die reden is een absolute norm voor afhandelingstermijnen niet te geven. Wel kan als norm gedefinieerd worden het aandeel klachten wat daadwerkelijk binnen de uiteindelijk van toepassing zijnde termijn is afgehandeld.

Deze norm is vastgesteld op basis van ervaringscijfers en ambitie. Indicator Aantal bezwaren (EHZM)

Norm N.v.t.

28

Indicator

Norm

Afhandelingstermijnen Gemiddelde doorlooptijd (weken)

N.v.t.

Binnen wettelijke termijn (incl. verleningsopties) > 9507o

Er is geen vaste, universele norm vast te stellen voor het absolute aantal bezwaren. Relevanter is de monitoring van trends over de tijd, is er sprake van een stijging of daling en wat zijn onderliggende oorzaken. Ontwikkelingen kunnen worden gebruikt als leermomenten om processen, communicatie en dienstverlening te verbeteren. V.w.b. de afhandelingstermijnen geldt dat op grond van de Awb een bestuursorgaan binnen twaalf weken, gerekend vanaf de dag na die waarop de termijn voor het indienen van het bezwaarschrift is verstreken, een beslissing neemt. Een beslissing kan met zes weken worden verdaagd. In de praktijk betekent dit dat binnen vierentwintig weken na datum besluitvorming een beslissing op het bezwaarschrift genomen moet zijn, zonder dat er sprake is van overschrijding van de beslistermijn. Naast het verdagen van de beslissing zijn er twee andere wettelijke mogelijkheden om de afhandelingstermijn te verlengen, namelijk opschorting en verdere uitstel. Om die reden is een absolute norm voor afhandelingstermijnen niet te geven. Wel kan als norm gedefinieerd worden het aandeel bezwaren dat daadwerkelijk binnen de uiteindelijk van toepassing zijnde termijn is afgehandeld. Deze norm is vastgesteld op basis van ervaringscijfers en ambitie.

Gegevensbescherming De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) is in mei 2018 in werking getreden in alle landen van de Europese Unie. Iedere overheidsorganisatie is verplicht om een Functionaris voor Gegevensbescherming (FG) aan te stellen. De FG is een onafhankelijke toezichthouder die toezicht houdt op de toepassing en de naleving van de AVG, waaronder datalekken. Een datalek is een inbreuk op de beveiliging waarbij persoonsgegevens onbedoeld of onrechtmatig worden vernietigd, verloren, gewijzigd of toegankelijk worden voor onbevoegden. Indicator Aantal gemelde datalekken

Norm N.v.t.

Waarvan gemeld bij Autoriteit persoonsgegevens c 2007o

Er is geen vaste, universele norm vast te stellen voor het absolute aantal gemelde datalekken. Dit is een interne norm. Als referentie is er gekeken naar de realisatie in de afgelopen jaren (2024 19% Z 2023 14% Z 2022 29%). Een toename van het aantal gemelde datalekken kan paradoxaal genoeg een positief teken zijn. Hoewel het op het eerste gezicht zorgwekkend lijkt dat er steeds meer datalekken aan het licht komen, duidt deze stijging in veel gevallen op een verbeterde detectie en een groter bewustzijn van privacyregelgeving. Wel hanteren we een norm voor het aandeel datalekken dat gemeld wordt bij de Autoriteit Persoonsgegevens. Een hoog percentage kan duiden op een hoog risico op ernstige datalekken waar maatregelen op genomen moeten worden. Er bestaat weliswaar geen drempelpercentage in de regelgeving, maar wél een plicht om alle relevante datalekken te melden zolang er sprake is van een duidelijk risico voor betrokkenen. De focus ligt op de kwaliteit van de risicoanalyse, niet op een statistische norm.

Wat willen we bereiken? 29

Kwetsbaarheid verminderen We bouwen aan een robuuste organisatie die minder afhankelijk is van individuele personen of incidentele oplossingen. Hierdoor zijn we minder kwetsbaar en beter bestand tegen veranderingen. Het identificeren en mitigeren van deze kwetsbaarheden is cruciaal voor het waarborgen van continuïteit, oftewel het vermogen van Meerinzicht om operationeel te blijven en essentiële diensten te leveren.

Wat gaan we hiervoor doen? Instroom, uitstroom, vacatures Dit zijn aantallen medewerkers die zijn ingestroomd, respectievelijk uitgestroomd in de bezetting van Meerinzicht. Onder uitstroom valt ook doorstroom van medewerkers binnen Meerinzicht én naar de brongemeenten, deze informatie is om systeemtechnische redenen op dit moment nog niet apart te herleiden. Een vacature ontstaat wanneer een bestaande functie vrijvalt of een nieuwe functie wordt opengezet, én er actieve werving plaatsvindt binnen of buiten de organisatie om deze plek snel en goed te vervullen. Indicator

Norm

Instroom

< 160

Uitstroom en doorstroom

< 160

% vacatures vervuld binnen 60 dagen > 600

Hoge in- en uitstroompercentages kunnen wijzen op problemen zoals ontevredenheid van medewerkers, slechte arbeidsomstandigheden of moeilijkheden bij het aantrekken van nieuw personeel. Door normen te stellen, kan Meerinzicht beter anticiperen op personeelswisselingen en zorgen voor een adequate bezetting. De gehanteerde norm heeft als basis landelijke data en ontwikkelingen, gecombineerd met eigen ambities. Verzuimpercentage, meldingsfrequentie en nulverzuim Het verzuimpercentage is gedefinieerd als het totaal aantal verzuimde kalenderdagen van de medewerkers in procenten van het totaal aantal potentieel beschikbare kalenderdagen van medewerkers. De meldingsfrequentie is gedefinieerd als het gemiddeld aantal nieuwe verzuimgevallen per medewerker per jaar, omgerekend naar jaarbasis. Het aandeel nulverzuim is gedefinieerd als het aandeel medewerkers dat niet ziek is geweest en zich niet ziek heeft gemeld. Indicator

Norm

Verzuimpercentage < 6,70 Meldingsfrequentie < 0,95 Aandeel nulverzuim > 450

Hoge percentages kunnen wijzen op problemen met de werkomgeving, werkdruk of andere factoren die de gezondheid van medewerkers beïnvloeden. De gehanteerde normen vinden hun basis in landelijke data en ontwikkelingen, gecombineerd met eigen ambities.

30

Opleiding Onder opleidingskosten vallen in beginsel alle kosten die voor rekening van Meerinzicht komen, dus inclusief studiemateriaal, examens en salariskosten. Hieronder vallen niet de kosten van doorbetaling van salaris in geval van scholing tijdens het werk. Het leer!plein is het online leerplatform voor alle medewerkers van de gemeenten en van Meerinzicht. Indicator

Norm

Opleidingskosten t.o.v. de loonsom

1,750Zo

Aantal medewerkers dat gebruik maakt van het Leerlplein 757o

Door een percentage van de loonsom te reserveren voor opleidingen, verzekert Meerinzicht zich ervan dat er budget beschikbaar is voor de ontwikkeling en training van medewerkers. Opleidingen vergroten de kennis, vaardigheden en competenties van medewerkers, wat uiteindelijk de kwaliteit van de dienstverlening ten goede komt. Op het leer!plein kunnen medewerkers terecht voor een breed aanbod aan live en online workshops, lezingen en trainingen. Verder worden er onder andere interessante e-learnings, vlogs van collega's en artikelen aangeboden. De 75% is een interne norm gebaseerd op ambitie.

Wat willen we bereiken? Projecten Het vaststellen van passende indicatoren en normen is cruciaal voor effectieve projectsturing. De normen moeten voldoende ambitieus zijn om prestaties te stimuleren, maar ook realistisch blijven om motiverend te werken. Belangrijker dan alleen het meten van afwijkingen is de actie die volgt bij normoverschrijding: ^

Welke escalatiepaden zijn beschikbaar?

^

Wie is verantwoordelijk voor welke interventies?

^

Wanneer grijpen we in?

De voorgestelde normen zijn gebaseerd op best practices uit erkende projectmethodieken zoals PRINCE2. Deze normen worden wereldwijd toegepast en voortdurend verfijnd op basis van decennia aan praktijkervaring. Ze fungeren als vroege waarschuwingssignalen en stellen projectteams in staat om tijdig en proactief bij te sturen. Periodieke evaluatie van de normen is essentieel.

Wat gaan we hiervoor doen? Projectbeheersing (X) Het percentage van het project dat is voltooid ten opzichte van de geplande voortgang. Dit kan visueel worden weergegeven in een dashboard. Indicator

Norm

Voortgang van het project t.o.v. de geplande voortgang > 907o

De norm is realistisch maar uitdagend: Een norm van 100% is te ambitieus, aangezien kleine vertragingen of onverwachte gebeurtenissen vrijwel onvermijdelijk zijn. 90% biedt ruimte voor beperkte afwijkingen zonder dat het project direct als "rood" wordt aangemerkt.

31

Het leidt tot vroege signalering van problemen: Structurele onderprestatie onder de 90X1 wijst op knelpunten die actie vereisen. Dit dwingt tot tijdig ingrijpen, bijvoorbeeld door middelen aan te passen, de scope te herzien, de planning bij te stellen, prioriteiten aan te passen en/of risico's te mitigeren. Het is een stimulans voor proactief management: Het streven naar ten minste 90X stimuleert projectteams om actief knelpunten te signaleren en op te lossen. En daarnaast met het leiden tot een beperking van neveneffecten: Projecten staan zelden op zichzelf. Vertragingen kunnen doorwerken in andere projecten, processen of dienstverlening. Een norm helpt niet alleen om afspraken na te komen, maar dient ook om bewuste en tijdige afwegingen te maken. Ontwikkelingen, nieuwe regels e.d. kunnen een reden zijn om de planning onderbouwd en met een formeel besluit aan te passen om het projectresultaat te halen. Budget Afwijking (0 A) Het verschil tussen het werkelijke en het geplande budget. Indicator

Norm

Afwijking van het projectbudget t.o.v. het geplande budget c 5X

Toelichting norm Financiële discipline: Binnen Meerinzicht worden projecten uitgevoerd met beperkte middelen. Een overschrijding van meer dan 5X kan leiden tot problemen in de financiële verantwoording. ^

Ruimte voor onvoorziene kosten: Een afwijking van exact 0X is zelden haalbaar. Factoren zoals inflatie, technische complexiteit of nieuwe regelgeving kunnen extra kosten veroorzaken. Een marge van 5X is acceptabel en realistisch.

^

Vroegtijdige escalatie: Dreigende overschrijding boven de 5X vereist actie, zoals het herzien van de begroting of het nemen van kostenbeheersende maatregelen.

Beheersing van scope: Een strakke budgetnorm voorkomt ongecontroleerde scope-uitbreiding zonder bijpassend budget.

Paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen geeft aan in hoeverre Meerinzicht financieel gezien in staat is eventuele tegenvallers op te vangen, zonder dat hiervoor het beleid moet worden gewijzigd. De risico's relevant voor het weerstandsvermogen zijn die risico's die niet anderszins zijn ondervangen. In de dagelijkse operatie zijn er tal van kansen en bedreigingen waar op ingespeeld wordt. Veel hiervan wordt ook door dagelijks management en getroffen beheersmaatregelen ondervangen. Ook reguliere risico's - risico's die zich regelmatig voordoen maken geen deel uit van de risico's in het onderdeel weerstandsvermogen.

Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en mogelijkheden om tegenvallers op te kunnen vangen. Meerinzicht kent, tot op heden, voor dit doel geen reservepositie en kan in haar begroting enkel terugvallen op de weerstandscapaciteit die bestaat uit de post onvoorzien binnen de begroting. In de vastgestelde financiële verordening heeft het bestuur ingestemd met de mogelijkheid tot instellen van reserves. Deze mogelijkheid heeft niet tot doel om tegenvallers op te vangen, maar is bedoeld om meerjarige projecten uit te voeren, waarbij eenmalig middelen zijn verstrekt.

32

Weerstandscapaciteit

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

(bedragen x C 1.000,-)

2027

2028

2029

2030

Reserves

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Onvoorzien

160

160

160

160

Hogere bijdrage deelnemende gemeente

p.m.

p.m.

p.m.

p.m.

Totaal

160

160

160

160

Risico's Meerinzicht blijft de ontwikkelingen en de daarmee verbonden kansen en risico's en gevolgen voor de (toekomstige) begroting monitoren. Waar mogelijk en noodzakelijk worden dan ook beheersmaatregelen genomen om te voorkomen dat beleid niet gerealiseerd wordt of er financiële risico's zijn. Mochten de ontwikkelingen leiden tot aangepaste prognoses, dan verwerkt de organisatie dit bij de eerstvolgende bestuursrapportage met bijbehorende ontwerp 1e begrotingswijziging. Hieronder zijn overige risico's aangegeven: Kans : L - minder vaak dan eens per 2 jaar M - eens per 1 of 2 jaar H - Vaker dan eens per jaar

Impact : L < C 250.000 M > C 250.000 en < C 500.000 H > C 500.000

Risico-overzicht Nr. Beschrijving risico

1.

Wisselingen in het bestuur of veranderingen in politieke prioriteiten kunnen leiden tot het wijzigen van beleid, waardoor strategische plannen en samenwerkingsdoelen moeten worden aangepast.

2.

Het ontbreken van een scherp geformuleerde (gezamenlijke) uitvoeringsopdracht door EHZ gemeenten waardoor het risico bestaat dat er willekeur kan ontstaan ten aanzien van de te leveren en te verantwoorden resultaten.

3.

Continuïteit dienstverlening vanwege afwijkende besluitvorming bij 1 of meerdere gemeente(n) binnen EHZverband ten aanzien van nieuw in te zetten beleid (kan ook betekenen stoppen bestaand beleid).

Kans Impact Beheersmaatregel

M

M

M

H

Regelmatig overleg met bestuur en stakeholders, vaststellen van gezamenlijke strategische doelen en het formuleren van lange termijnbeleid dat minder gevoelig is voor wisselende prioriteiten.

M

Duidelijke en breed aanvaarde P&C-cyclus. Geregeld actualisatie van bestaande PDO's. Tijdig adresseren en bespreekbaar maken van eventuele onduidelijkheden op de daarvoor bedoelde tafels.

M

Vroegtijdig verschillende belangen afwegen en mutaties tijdig verwerken in gemeentelijke kadernota, kan voorkomen dat er een moeilijk uitvoerbare opdracht bij Meerinzicht komt te liggen. Daar waar mogelijk wordt gestreefd naar een uniforme opdracht, indien noodzakelijk wordt maatwerk toegepast en worden de effecten hiervan in beeld gebracht.

4.

Aanpassing van bestaande of introductie van nieuwe wetten die de uitgaven beïnvloeden.

M

H

Adequaat inventariseren en rapporteren van ontwikkelingen (data en duiding), impactanalyse en tijdige afstemming en communicatie over beleid en budgettering met de brongemeenten. Indien nodig herijken van opdracht aan Meerinzicht.

5.

Autonome groei van de aanspraken in het sociaal domein (bijvoorbeeld door maatschappelijke of demografische ontwikkelingen). Een toename van aanspraken door inwoners kan leiden tot hogere uitgaven.

M

H

Adequaat inventariseren en rapporteren van ontwikkelingen (data en duiding), tijdige afstemming en communicatie met de brongemeenten.

33

6.

Tijdelijke taken vanuit het Rijk ļ gemeenten naar Meerinzicht kunnen leiden tot extra werkzaamheden, die ten koste kunnen gaan van reguliere dienstverlening.

H

M

Bij iedere opdracht vooraf afstemming met gemeenten gestemd met de gemeenten welke impact de opdracht heeft. Bij schaarste-problemen wordt in afstemming met de gemeente in werkzaamheden geprioriteerd.

7.

Tekort aan personeel enļof expertise door verloop of verzuim wat kan leiden tot kennisverlies, verhoogde wervingskosten en verlies aan stabiliteit binnen teams.

M

H

Continu actief uitvoeren van bestaande beheersmaatregelen zoals verwoord in het meerjarige EHZM-project "Strategisch Medewerkers Beleid".

8.

Projecten lopen uit qua tijd enļof kosten door slechte planning, onvoldoende risico­ management of onvoorziene complicaties, wat kan leiden tot kostenoverschrijding en vertragingen in de dienstverlening.

L

M

Projecten lopen uit qua tijd enļof kosten door slechte planning, onvoldoende risico­ management of onvoorziene complicaties, wat kan leiden tot kostenoverschrijding en vertragingen in de dienstverlening.

9.

Cyberdreigingen zoals ransomware, malware of phishing kunnen bedrijfsgegevens, privacy en continuïteit van de dienstverlening ernstig in gevaar brengen.

H

Uitvoeren van regelmatige penetratietests, versterken van firewall en antivirusmaatregelen, en medewerkers trainen in cybersecurity-bewustzijn. Voorbereiden op snelle actie bij cyberaanvallen met een incident-responseplan en cybersecurity oefening

H

Implementeren van een noodherstelplan en back-upvoorzieningen. Regelmatige tests van back-upsystemen en onderhoud van faciliteiten. Afspraken maken met leveranciers voor snelle herstelacties bij storingen.

Kritische systemen of diensten vallen tijdelijk uit door storingen, onderhoudsfouten of rampen (zoals brand of 10. overstroming), wat de continuïteit van de organisatie kan bedreigen.

H

M

Gegevens van burgers, klanten of medewerkers worden onbevoegd ingezien of gelekt door bijvoorbeeld hacking, 11. phishing of onvoldoende beveiligde databases. Dit kan leiden tot juridische claims, reputatieschade en boetes.

H

H

IT-beveiligingsprotocollen zoals tweefactor-authenticatie en encryptie. Regelmatig uitvoeren van dataprotectie-audits en bewustzijnstrainingen voor medewerkers over phishing en databeveiliging.

Tijdige en geharmoniseerde besluitvorming door de 12. brongemeenten is van invloed op de realisatie van de voorgenomen ombuigingen.

M

H

Eenduidig afspraken geformaliseerd vastleggen en bewaken.

Onvoldoende uitvoeringskracht bij Meerinzicht. Voor realisatie van de ombuigingen dienen we de juiste mensen 13. en middelen te hebben om de ombuigingen tijdig en goed te kunnen realiseren ļ effectueren.

L

H

Projectmatige aanpak, plan van aanpak, PDCA toepassen met regelmatige opvolging.

Onverwachte uitgaven of overschrijding van het budget a.g.v. kostenstijgingen door bijv. inflatie, stijgende loonkosten of materiaal­ kosten. Tevens verminderde flexibiliteit na realisatie van 14. ombuigingen. Hanteren van de 0-lijn op de materiële budgetten vanaf 2024 heeft een negatief effect op de financiële performance van Meerinzicht. Oorzaak ligt o.a. in bestaande afspraken waar indexering contractueel is vastgelegd.

M

H

Financiële monitoring met maandelijkse budgetrapportages. Tijdige afstemming en communicatie met de brongemeenten, mogelijk een aanvullende bijdrage van de gemeenten. Opstellen van een scenario-analyse om te anticiperen op kostentoenames.

Niet-naleving van wet- en regelgeving kan leiden tot sancties, juridische problemen en reputatieschade, 15 bijvoorbeeld door het niet tijdig implementeren van nieuwe wetten of regels.

L

M

Regelmatig compliance-audits uitvoeren, personeel trainen in relevante regelgeving en een systeem om wetswijzigingen te monitoren en implementeren.

Definitieve subsidiebedragen zijn lager dan vooruit ontvangen bedragen. M.n. in geval van ESF-subsidies. Deze 16. zijn onderhevig aan uitgebreide controles, vanuit het Rijk en vanuit de EU. Dit alles maakt het onzeker welk bedrag aan ESF-subsidies uiteindelijk wordt ontvangen.

M

L

Eventuele kosten voor het aanvragen, monitoren en verantwoorden worden in de meerjarenbegroting budgetneutraal gedekt. Hierbij wordt niet uitgegaan van een 100^1 toekenning.

34

Tijdige en geharmoniseerde besluitvorming m.b.t. ombuigingen Meerinzicht door de brongemeenten is van 17 invloed op de realisatie van de voorgenomen ombuigingen en het besparingspotentieel

H

H

Eenduidig afspraken geformaliseerd vastleggen en bewaken.

Doorvoeren van (te) veel / alle voorstellen (ombuigingen) op gebied van personeel / arbeidsvoorwaarden heeft negatieve 18 impact op aantrekkelijk werkgeverschap en mogelijk op de beschikbaarheid van genoeg medewerkers.

M

H

Weloverwogen keuzes maken en actieve communicatie aan betrokkenen.

Minimaliseren van stelposten, binnen de ombuigingen, in de begroting van Meerinzicht leidt tot een verdere beperking 19 van (regel)ruimte in geval van financiële tegenvallers en vergroot de kans op negatieve financiële resultaten.

H

M

Financiële monitoring met maandelijkse budgetrapportages. Tijdige afstemming en communicatie met de brongemeenten, mogelijk een aanvullende bijdrage van de brongemeenten.

De rechtmatigheidsverantwoording kent vanaf begrotingsjaar 2025 een gemaximeerde grens van 2^i.

M

M

Actief monitoren van inkoopcontracten en financieel beheer om tijdig onrechtmatigheden in beeld te hebben. Hierdoor kan er tijdig actie op ondernomen worden.

20

Kengetallen Met de algemene financiële kengetallen wordt inzicht gegeven in de financiële positie van de gemeente. Kengetallen zijn getallen, die de verhouding uitdrukken tussen bepaalde onderdelen van de begroting of de balansen en kunnen helpen bij de beoordeling van de financiële positie. De kengetallen maken inzichtelijk over hoeveel financiële ruimte Meerinzicht beschikt om structurele en incidentele lasten te kunnen dekken of op te kunnen vangen. In het BBV staan de volgende algemene financiële kengetallen: 1.

Netto schuldquote;

2.

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen;

3.

Solvabiliteitsratio;

4.

Grondexploitatie (niet van toepassing voor Meerinzicht);

5.

Structurele exploitatieruimte;

6.

Belastingcapaciteit (niet van toepassing voor Meerinzicht).

De Begroting en Jaarstukken van Meerinzicht bevatten geen grondexploitatie en belastingopbrengsten en derhalve worden de kengetallen 4 en 6 niet opgenomen in deze paragraaf. In de onderstaande tabel zijn de vier van toepassing zijnde kengetallen opgenomen voor begrotingsjaren 2026-2030. De conclusie is dat Meerinzicht bij twee kengetallen (de netto schuldquote en de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen) de categorie A heeft. Meerinzicht heeft met name vaste activa op het gebied van automatisering. Op het kengetal 'Solvabiliteitsratio' scoort Meerinzicht een C. Aangezien Meerinzicht geen eigen vermogen heeft, is dat onvermijdelijk. Zoals bekend is Meerinzicht voor de financiering afhankelijk van de deelnemende gemeenten. Het kengetal “Structurele exploitatieruimte" geeft aan hoe groot de structurele vrije ruimte zich verhoudt tot de totale begrotingsbaten. Meerinzicht heeft voor de begrotingsjaren 2026 t/m 2030 een categorie B omdat structurele lasten gedekt worden met structurele baten en incidentele lasten met incidentele baten.

35

Beoordeling door Provincie Gelderland Kengetallen

Categorie Categorie Categorie A B C

Netto schuldquote

^00/

90/-130/

^30/

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

^00/

90/-130/

^30/

Solvabiliteitsratio

^00/

20/-50/

^0/

Structurele exploitatieruimte

^/o

0/

^/o

Grondexploitatie

^00/

20/-35/

^5/

Belastingcapaciteit

^5/

95/-105/

^050/

Kengetallen!

Begroting! Categorie! Begroting! Categorie!Begroting!Categorie!Begroting!Categorie!Begroting!Categorie 2026

2027

2028

2029

2030

Netto schuldquote

7,63/

A

5,96/

A

5,41/

A

6,58/

A

7,00/

A

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen

7,63/

A

5,96/

A

5,41/

A

6,58/

A

7,00/

A

Solvabiliteitsratio

0,00/

C

0,00/

C

0,00/

C

0,00/

C

0,00/

C

Structurele exploitatieruimte

0,00/

B

0,00/

B

0,00/

B

0,00/

B

0,00/

B

Grondexploitatie

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Belastingcapaciteit

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Paragraaf Financiering Algemeen De financieringsparagraaf komt voort uit de Wet financiering decentrale overheden. Deze wet stelt regels voor het financieringsgedrag van gemeenten en gemeenschappelijke regelingen. De financieringsparagraaf is in samenhang met het treasurystatuut een belangrijk instrument voor het transparant maken en daarmee voor het sturen, beheersen en controleren van de treasuryfunctie binnen Meerinzicht. Het beleid van Meerinzicht voor de treasuryfunctie ligt vast in de financiële verordening.

Kasgeldlimiet Met deze kasgeldlimiet wordt de omvang van de kortlopende leningen beheerst. Voor de kasgeldlimiet geldt een afwijkend percentage ten opzichte van gemeenten. Dit is vastgelegd in de Wet financiering decentrale overheden. De kasgeldlimiet voor gemeenschappelijke regelingen is gelimiteerd tot 8,2% van het begrotingstotaal. In onderstaande tabel is de toegestane kasgeldlimiet voor de periode 2027-2030 weergegeven. De verwachting op dit moment is dat er geen kortlopende leningen worden aangegaan. Kasgeldlimiet (bedragen x C 1000,-) Omvang begroting per 1 januari

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

Begroting 2030

55.134

54.522

54.597

54.597

8,2

8,2

8,2

8,2

4521,0

4470,8

4477,0

4477,0

(1) Toegestane kasgeldlimiet In procenten In C

Renterisiconorm

36

De renterisiconorm heeft tot doel het beheersen van de renterisico's op de vaste schuld door het aanbrengen van spreiding in de looptijden van de leningenportefeuille. Een verandering van de rente heeft dan geen schokeffect tot gevolg en werkt zodoende vertraagd door in de rentelasten en -baten. De renterisiconorm wordt berekend door het wettelijk vastgestelde percentage van 20% te vermenigvuldigen met het begrotingstotaal ^ totale lasten) aan het begin van het begrotingsjaar; er is een minimum van C 2.500.000. Uit het onderstaande overzicht blijkt dat Meerinzicht de komende jaren geen overschrijding kent op de renterisiconorm. Renterisiconorm Grondslag (totaal van de lasten begroting)

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

Begroting 2030

55.134

54.522

54.597

54.597

200Zo

200Zo

200Zo

200Zo

11.027

10.904

10.919

10.919

0

0

0

0

11.027

10.904

10.919

10.919

Normpercentage Toegestane renterisiconorm Verplichte aflossing Ruimte/overschrijding

Renteontwikkelingen Aantrekken geld Waar de langlopende rente de afgelopen jaren meebewoog met de ECB rente, lijkt dat nu niet meer het geval. De marktrente reageert nu meer op geopolitieke ontwikkelingen. Waar de ECB-rente nog een dalend verloop laat zien, blijft de marktrente vrij stabiel. De kapitaalrente wordt daarnaast ook sterk beïnvloed door economische groei, inflatie en monetair beleid. De renteontwikkelingen worden bepaald op basis van langlopende leningen met een looptijd van 20 jaar. Voor 2027 en verder wordt een rentepercentage verwacht van 3,50%. Beleggen in Schatkist De rentepercentages voor het schatkistbankieren bevinden zich ongeveer op hetzelfde niveau als de ECBrente. Voor de lopende rekening in de Schatkist wordt een gemiddelde renteopbrengst verwacht van Ĵ.,5% in 2027. Verwerking verwachte renteopbrengsten In afstemming met de gemeente is bepaald hoe om te gaan met de verwachte renteopbrengsten. Er is afgesproken dat de renteopbrengsten worden begroot. Dit wordt gedaan op basis van de verwachte renteontwikkelingen. In eerste instantie worden de opbrengsten, op verzoek van de gemeenten, bij de begroting nog niet verwerkt op de bijdragen van de gemeenten. Zo wordt er meerjarig stabiliteit gecreëerd ten aanzien van de bijdrage van de gemeenten.

Bij het opstellen van de bestuursrapportage wordt inzichtelijk gemaakt wat de verwachte renteopbrengsten zijn op basis van de werkelijke rente en vloeien deze opbrengsten terug naar de EHZ-gemeenten.

Liquiditeit Schatkistbankieren Om de staatsschuld en beleggingsrisico's te beperken zijn decentrale overheden verplicht om hun overtollige geldmiddelen aan te houden in 's Rijks schatkist. Daarnaast mogen alleen leningen verstrekt worden aan medeoverheden. Het bedrag, dat Meerinzicht zelf mag aanhouden op haar eigen bankrekeningen, is maximaal gelijk aan het drempelbedrag schatkistbankieren. Het Rijk heeft voor het buiten de Schatkist aan te houden liquide middelen een normpercentage ingesteld van 2% van het totaal van de begrote lasten vóór bestemming. Meerinzicht heeft op de lopende rekening bij de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) een plafond ingesteld van C 400.000,-. Aan het eind van elke dag wordt het saldo boven dit plafond automatisch

37

afgeroomd naar de Schatkist. Wekelijks wordt aan de hand van de betalingen die gedaan moeten worden, ingeschat welk bedrag van de Schatkist teruggestort moet worden op de lopende rekening bij de BNG.

Openbaarheidsparagraaf Inleiding De Woo (Wet open overheid) is op 1 mei 2022 in werking getreden als opvolger van de Wob (Wet openbaarheid van bestuur). Deze wet regelt het recht op informatie en moet er onder andere voor zorgen dat overheidsinformatie beter vindbaar en uitwisselbaar is. De Woo stelt drie belangrijke plichten voor de overheid, namelijk een actieve openbaarmakingsplicht, een passieve openbaarmakingsplicht en een informatiehuishoudingsplicht. Het doel van de Woo is het bevorderen van openbaarheid en transparantie: overheidsorganisaties moeten, uit zichzelf of als iemand daarom vraagt, informatie openbaar maken over wat zij doen en waarom. Daarnaast moet de informatiehuishouding van de gemeente op orde zijn. Op die manier is het voor iedereen mogelijk om de overheid te controleren. Openbaarheid van overheidsinformatie is belangrijk voor de democratie en het vertrouwen tussen de samenleving en de overheid. Voor de komende jaren is ook van belang dat de processen en systemen hierop worden ingericht.

Openbaarmaking van documenten (actieve openbaarmaking): De actieve openbaarmakingsplicht houdt in dat overheidsorganisaties uit eigen beweging informatie openbaar moeten maken. In de Woo worden 17 informatiecategorieën genoemd waarvoor deze actieve openbaarmakingsplicht geldt. Voor gemeenten gelden 11 van de 17 categorieën. De inwerkingtreding van de actieve openbaarmakingsplicht vindt gefaseerd plaats, waarbij de eerste tranche op 1 november 2024 in werking is getreden. De overige drie tranches treden op een later moment in werking. Aanvankelijk zou voor het publiceren van de informatie uit de informatiecategorieën het Platform Open Overheidsinformatie (PLOOI) worden gebruikt. In 2022 is deze centrale infrastructuur stopgezet en is in 2023 een verwijsindex (de 'Woo-index') gelanceerd. De Woo-index is niet een centraal publicatieplatform, maar maakt het mogelijk dat informatie voor iedereen centraal doorzoekbaar is. De EHZM-organisaties (gemeenten Ermelo, Harderwijk en Zeewolde, en Meerinzicht) zijn aangesloten op de Woo-index. In 2024 is gestart met de verkenning naar een geschikt publicatieplatform voor de EHZM-organisaties. Met betrekking tot de voorbereiding op de actieve openbaarmakingsplicht hebben de drie gemeenten en Meerinzicht zich gepositioneerd als 'slimme volger'.

Voor de implementatie van de actieve openbaarmakingsplicht betekent dit dat de gemeenten en Meerinzicht ervoor zullen zorgen dat de informatie uit de relevante verplichte informatiecategorieën gepubliceerd kunnen worden, maar dat bovenop de rijksbijdrage geen extra investeringen worden gedaan om op de verplichtingen vooruit te lopen. Het huidige project voor de implementatie van de Woo loopt. In de aankomende jaren zal dit project erop toezien om een publicatieplatform op te zetten ten behoeve van de actieve openbaarmaking. Hierdoor kan een ieder documenten inzien zonder daar een verzoek voor in te dienen.

Passieve openbaarmaking De passieve openbaarmakingsplicht houdt in dat overheidsorganisaties informatie openbaar moeten maken als iemand daarom vraagt. Concreet betekent dit dat het voor iedereen mogelijk is om een bestuursorgaan te verzoeken om publieke informatie voor eenieder openbaar te maken. Deze mogelijkheid bestond ook onder de Wet openbaarheid van bestuur.

38

In 2023 is de functie van een Woo-coördinator gecreëerd om verbeteringen door te voeren in de coördinatie op en ondersteuning bij het passieve openbaarmakingsproces. In maart 2024 is de geworven kandidaat in dienst getreden bij Meerinzicht, zodat de EHZM-organisaties eenduidig ondersteund kunnen worden. De Woo-coördinator draagt zorg voor een nieuw, uniform werkproces voor de passieve openbaarmaking. Het werkproces is aangevuld met praktische werkinstructies die bijdragen aan een tijdige en zorgvuldige besluitvorming. Naar verwachting zullen de verzoeken in de periode 2027-2030 toenemen, ook na implementatie van de actieve openbaarmaking. Binnen het project 'implementatie Woo' zal onderzoek worden gedaan naar het huidige proces van de passieve openbaarmaking. Hierin zal de komende jaren worden gekeken naar de efficiëntie en de kwaliteit van het huidige proces.

Informatiehuishouding De informatiehuishoudingsplicht houdt in dat overheidsorganisaties verplicht zijn om maatregelen te treffen zodat overheidsinformatie goed te vinden en toegankelijk is. Voor de regie en sturing op informatiehuishouding binnen de EHZM-organisaties is de basis een informatievisie en informatiebeleid. De informatievisie is in 2024 hernieuwd vastgesteld. Uit deze visie volgt een uitvoeringsplan met projecten die bijdragen aan het verbeteren van de informatiehuishouding of de informatiehuishouding raken. Het verbeteren van de informatiehuishouding vraagt om een structurele aanpak. In het verleden zijn diverse projecten uitgevoerd die zien op deelgebieden van het verbeteren van de informatiehuishouding. Om de Woo te implementeren, werken de gemeenten Ermelo, Harderwijk, Zeewolde en Meerinzicht samen aan het programma 'Implementatie Woo - transparant, openbaar en betrouwbaar'.

39

Financiële begroting Algemene dekkingsmiddelen Inleiding De algemene dekkingsmiddelen beperken zich wat Meerinzicht betreft tot de bijdragen vanuit de EHZ gemeenten en uit specifieke inkomsten uit dienstverleningsovereenkomsten met andere organisaties (bijvoorbeeld doorbelasting naar andere gemeenten in de regio) en inkomsten vanuit subsidies. De kosten worden één op één in rekening gebracht bij de brongemeenten. De bijdragen per gemeente worden weergegeven in het "totaaloverzicht bijdragen per gemeente".

Overhead Onder overhead wordt verstaan het geheel van functies gericht op de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. De overheadkosten bestaan uit personele lasten voor directie en staf, algemene organisatiebrede overige personeelskosten (opleidings-, mobiliteits-, arbokosten etc.) en huisvestingskosten. Door inzet van deze middelen wordt bereikt dat de gehele organisatie intern en extern effectief en efficiënt functioneert, zowel voor wat betreft de op te leveren resultaten als de wijze waarop deze tot stand komen. De kosten van overhead worden weergegeven in het “overzicht van de geraamde baten en lasten per taakveld"

Onvoorzien De post onvoorzien wordt ingezet voor uitgaven die als niet uitstelbaar en onvermijdbaar worden aangemerkt en waarvoor in de begroting geen andere raming is opgenomen. In de Meerjarenbegroting 2027-2030 is hiervoor C 160.000,- per jaar gereserveerd. Dit bedrag komt voort vanuit de financiële verwerking van de ombuigingsvoorstellen bij de Bestuursrapportage 2025 die is vastgesteld.

Uitgangspunten Inleiding Bij het opstellen van deze meerjarenbegroting is de door het bestuur vastgestelde Meerjarenbegroting 2026-2029 met daarin als bijlage de Kadernota 2027-2030 als uitgangspunt gehanteerd. In de kadernota wordt alleen het zogenaamde bestaande beleid van de gemeente opgenomen. Hiermee wordt o.a. het beleid bedoeld ten aanzien van: ^

loon- en prijsmutaties

^

personeel (o.a. opleiding, inhuur)

^

opdrachten van gemeenten, die nog niet in begroting verwerkt zijn

Zogenaamde voorstellen voor "nieuw beleid" zijn niet verwerkt in de kadernota en voorliggende begroting. De aanmeldingen voor nieuw beleid vanuit Meerinzicht vormen een onderdeel van de gemeentelijke kadernota's. Zo kunnen de gemeenteraden bij de behandeling van de gemeentelijke kadernota's integraal een afweging maken. Meerinzicht verwerkt de financiële gevolgen van het nieuwe beleid van de gemeentelijke kadernota's pas nadat de raden van de gemeenten hier een besluit over hebben genomen. De verwerking vindt plaats in de eerstvolgende begroting | begrotingswijziging. De volgende indexcijfers zijn op basis van de kadernota voor deze meerjarenbegroting gehanteerd: ^

loonmutaties

5,ľXi

^

prijsmutaties

2,5^1

40

•

opleidingen

^

inhuur

1,75Z van de loonsom 2,0X1 van de loonsom

De bestaande afspraken over de verdeelsleutel lopen af in 2025. Voor de periode daarna moeten nieuwe afspraken worden gemaakt, de gemeenten voeren gesprekken om tot nieuwe afspraken te komen. Ten tijde van het opstellen van deze begroting is dit nog gaande en zijn er geen besluiten genomen. Om die reden is in deze begroting vooralsnog de onderstaande verdeelsleutel gehanteerd. Nadat de drie raden hebben ingestemd met een nieuwe verdeelsystematiek zal de begroting daarop worden aangepast. Gemeente

Bedrijfsvoering

Domein Sociaal

Ermelo

34,97Z

25,71Z

Harderwijk

39,39Z

57,26Z

Zeewolde

25,640Zo

17,03Z

Totaal

100%

100%

Vennootschapsbelasting Meerinzicht is voor haar dienstverlening aan de gemeenten Ermelo, Harderwijk en Zeewolde vrijgesteld van Vpb, omdat deze onder de samenwerkingsvrijstelling valt. De diensten die buiten EHZ om worden verricht, zijn niet winstgevend, wat betekent dat Meerinzicht niet Vpb plichtig is.

Budgettaire uitkomst Inleiding Het uitgangspunt voor de Meerjarenbegroting 2027-2030 is de Meerjarenbegroting 2026-2029 aangevuld met de nadien door het bestuur vastgestelde 1e begrotingswijziging 2025, onderdelen van de Kadernota 2027-2030 en aanvullende opdrachten van de gemeenten. In onderstaande tabel zijn de budgettaire gevolgen voor zowel uniforme dienstverlening als specifieke dienstverlening opgenomen, waarbij de mutaties ten opzichte van de meerjarenbegroting 2026 jaarschijf 2027 zijn opgenomen. De in de onderstaande tabel opgenomen onderdelen zijn verwerkt in de Meerjarenbegroting 2027-2030.

41

Effecten Kadernota 2026-2029 en verwerkte besluiten

Indexactie A

2027 2028 2029 2030

(bedragen x C 1.000,-) Effecten Kadernota 2027-2030 op uniforme dienstverlening Loonmutaties uniforme dienstverlening

5,100Zo

1.035 1.035 1.035 1.036

Prijsontwikkeling op basis van Kadernota 2026-2029 uniforme dienstverlening

2,507o

220

215

215

215

Opleidingskosten

1,75% van loonsom

18

18

18

18

Inhuur derden / ziektevervanging

2% van loonsom

31

31

31

31

Subtotaal effect kadernota uniforme dienstverlening 2027-2030

1.305 1.299 1.299 1.299

DVO taken - overhead

28

28

28

28

Actualisatie CAO ombuigingen

6

6

6

6

Subtotaal actualisatie

34

34

34

34

Totaal effect uniforme dienstverlening 1.339 1.333 1.333 1.333 Effecten Kadernota 2027-2030 op specifieke dienstverlening Loonmutaties specifieke dienstverlening

5,107o

238

226

226

226

Prijsontwikkeling op basis van Kadernota 2026-2029 specifieke dienstverlening

2,507o

19

19

19

19

257

245

245

245

Budget advies, bezwaar en beroep Belastingen

103

103

103

103

Budget WOZ / optimalisatie uitvoering wet WOZ

153

153

153

153

Formatie applicatiebeheer Centric LeefOmgeving (CLO)

48

48

48

48

Kwijtscheldingen belastingen

68

68

68

68

Personele verzekeringen

28

28

28

28

Structule kosten arbeidsmarktcommunicatie

75

75

75

75

Versnelde afschrijving applicatie Unit4 iv.m. verSaaSing

212

-15

-5

-5

SROI (specifiek voor Harderwijk)

20

20

20

20

725

480

490

490

SROI - Putten

11

11

11

11

SROI- Epe

15

15

15

15

Subtotaal effect kadernota specifieke dienstverlening 2027-2030 Verwerkte besluiten Bedrijfsvoering Aanmelding gemeentelijke Kadernota 2026:

Tijdelijke formatie financiën (specifiek voor Ermelo) Subtotaal Aanmelding gemeentelijke Kadernota 2026 Aanvullende besluiten

SROI- Heerde

18

9

9

9

9

Subtotaal aanvullende besluiten domein Bedrijfsvoering

35

35

35

35

Totaal effect verwerkte besluiten domein Bedrijfsvoering

760

515

525

525

106

106

106

106

Toegang Jeugd Zeewolde - reguliere uitvoering

210

210

210

210

Arbeidsdeskundige (specifiek voor Ermelo en Harderwijk

72

72

72

72

388

388

388

388

-102

-102

-102

-102

-102

-102

-102

-102

Sociaal Aanmelding gemeentelijke Kadernota 2026:

Accountmanager werkgeversdienstverlening Landelijke hervorming arbeidsmarktinfrastructuur

Subtotaal Aanmelding gemeentelijke Kadernota 2026 Aanvullende besluiten

Positionering beleid Beschermd wonen / Maatschappelijke opvang 1 fte terug naar gemeente

Subtotaal aanvullende besluiten domein Bedrijfsvoering

42

Effecten Kadernota 2026-2029 en verwerkte besluiten

Indexactie %

2027İ 2028İ 2029İ 2030

Totaal effect verwerkte besluiten domein Sociaal

286

286

286

286

Totaal 2.642 2.379 2.389 2.389

Effect op uniforme dienstverlening Onderstaande tabel laat het totaal effect uniforme dienstverlening gespecificeerd per gemeente zien. Hierbij is de verdeling gemaakt gemaakt op basis van de 2 domeinen, en de daarbij behorende verdeelsleutel. Gemeentel

Begroting!

(bedragen x C 1.000.-)

Begroting

Begroting!

Begroting

2027

2028

2029

2030

Ermelo

345

341

342

342

Harderwijk

382

380

380

380

Zeewolde

249

249

248

248

Subtotaal

976

970

970

970

Domein Bedrijfsvoering

Domein Sociaal Ermelo

93

93

93

93

Harderwijk

208

208

208

208

Zeewolde

62

62

62

62

Subtotaal

363

363

363

363

Totaal

1.339

1.333

1.333

1.333

Overzicht van baten en lasten Toelichting op het overzicht van baten en lasten In onderstaande tabel is de begrotingsomvang op domein niveau opgenomen. Programma (bedragen x C 1.000,-)

Rekening 2025

Begroting 2026 (inclusief wijzigingen)

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

Begroting 2030

Bedrijfsvoering Lasten

35.823

35.184

35.614

35.377

35.452

35.452

Baten

-35.791

-35.184

-35.614

-35.377

-35.452

-35.452

Saldo

32

0

0

0

0

0

Lasten

20.705

18.934

19.520

19.145

19.145

19.145

Baten

-20.365

-18.934

-19.520

-19.145

-19.145

-19.145

Saldo

340

0

0

0

0

0

Lasten

56.528

54.118

55.134

54.522

54.597

54.597

Baten

-56.156

-54.118

-55.134

-54.522

-54.597

-54.597

372

0

0

0

0

0

Domein Sociaal

Totaal

Totaal saldo van baten en lasten

43

Incidentele baten en lasten In de volgende tabel staat een overzicht van de incidentele baten en lasten. Incidenteel houdt in dat het gaat om baten en lasten die een tijdelijk karakter hebben. Deze zitten slechts één of enkele jaren in de begroting. Dit overzicht geeft niet alleen inzicht in de incidentele baten en lasten, maar is ook een hulpmiddel bij het beoordelen van het structurele begrotingssaldo. De baten en lasten die niet incidenteel zijn, zijn immers structureel van aard. Het structurele begrotingssaldo geeft aan of de structurele lasten met structurele baten worden afgedekt. In alle begrotingsjaren is de begroting structureel sluitend. Dit betekent dat in alle begrotingsjaren de structurele lasten volledig worden gedekt door structurele baten. Begroting 2026-2029 - incidentele baten en lasten Programma (bedragen x C1.000,-)

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

Begroting 2030

Bedrijfsvoering

256

0

0

0

Domein Sociaal

346

0

0

0

Saldo

602

0

0

0

Bedrijfsvoering

-256

0

0

0

Domein Sociaal

-346

0

0

0

Saldo

-602

0

0

0

0

0

0

0

Incidentele lasten

Incidentele baten

Totaal saldo van incidentele baten en lasten Structurele baten en lasten Lasten

54.532

54.522

54.597

54.597

Baten

-54.532

-54.522

-54.597

-54.597

Totaal Structurele baten en lasten

0

0

0

0

Saldo

0

0

0

0

Specificatie incidentele lasten en baten

44

Programma (bedragen x C1.000,-)

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

Begroting 2030

0

0

0

Incidentele lasten Bedrijfsvoering - VerSaaSing Unit4

238

- Tijdelijke formatie Financiën

18

Domein Sociaal - Inzet klantmanager (esf subsidie)

221

- Afhandeling aanvraag minimaregelingen - Inburgering 1,5 fte

125

Totaal Incidentele lasten

602

Incidentele baten Bedrijfsvoering - VerSaaSing Unit4

-238

- Tijdelijke formatie Financiën

-18

Domein Sociaal - ESF subsidie voor inzet klantmanager

-221

- Afhandeling aanvraag minimaregelingen - Inburgering 1,5 fte

-125

Totaal Incidentele baten

-602

0

0

0

0

0

0

0

Totaal saldo van incidentele baten en lasten

Criteria repressief toezicht provincie De uitgangspunten, die de provincie hanteert om voor het begrotingsjaar 2027 voor het repressieve toezicht in aanmerking te komen zijn: 1.

De begroting 2027 is in structureel en reëel evenwicht. Als dat niet het geval is, maakt de meerjarenraming aannemelijk dat dit evenwicht uiterlijk in 2030 tot stand komt.

2.

De jaarrekening 2025 is in structureel en reëel evenwicht. Als de jaarrekening niet in evenwicht is, betrekt de provincie het structureel tekort bij het onderzoek van de begroting 2027. Dit betekent dat de jaarrekening goed inzicht moet geven in het structurele en incidentele aandeel van het tekort.

3.

De door het bestuur vastgestelde jaarrekening 2025 en de vastgestelde begroting 2027 moeten respectievelijk voor 15 juli 2026 en voor 15 september 2026 ingediend worden bij de provincie.

Structureel evenwicht betekent dat in de begroting structurele lasten gedekt worden door structurele baten. Het reëel evenwicht houdt in dat onderzoek wordt gedaan naar de realiteit van de ramingen. Daarbij moet de begroting en meerjarenraming uiteraard volledig zijn. Op basis van bovenstaande tabel kan geconcludeerd worden dat de begroting 2027 structureel en reëel sluitend is.

Overzicht van de geraamde baten en lasten per taakveld Taakvelden zijn een verplicht onderdeel voor alle gemeenten, provincies, waterschappen en gemeenschappelijke regelingen. Een taakveld wordt in het BBV omschreven als een groep van activiteiten binnen een programma. In bijlage "taakvelden verantwoording" is een gedetailleerd overzicht van de geraamde baten en lasten per taakveld opgenomen voor Meerinzicht.

45

Uitzetting financiële positie en toelichting Geprognosticeerde balans In het BBV is de verplichting vastgesteld dat de gemeenten een geprognosticeerde begin- en eindbalans van het begrotingsjaar opnemen onder de uiteenzetting van de financiële positie. Geprognosticeerde balans 2027 - 2030 (Bedragen xd.000,-)

2025

2026

2027

2028

2030

2029

Balans per mutaties balans per mutaties balans per mutaties balans per mutaties balans per mutaties balans per 31-12-2025 31-12-2026 31-12-2027 31-12-2028 31-12-2029 31-12-2030

Activa Vaste activa Materiële vaste activa

4.000

500

4.500

-900

3.600

-400

3.200

600

3.800

200

4.000

Totaal vaste activa

4.000

500

4.500

-900

3.600

-400

3.200

600

3.800

200

4.000

14.450

-580

13.870

840

14.710

340

15.050

-640

14.410

-230

14.180

Vlottende activa Uitzettingen korter dan een jaar Liquide middelen

400

0

400

0

400

0

400

0

400

0

400

Overlopende activa

5.700

0

5.700

0

5.700

0

5.700

0

5.700

0

5.700

Totaal vlottende activa

20.550

-580

19.970

840

20.810

340

21.150

-640

20.510

-230

20.280

Totaal activa

24.550

-80

24.470

-60

24.410

-60

24.350

-40

24.310

-30

24.280

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

450

-80

370

-60

310

-60

250

-40

210

-30

180

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

450

-80

370

-60

310

-60

250

-40

210

-30

180

Vlotende schuld

10.500

0

10.500

0

10.500

0

10.500

0

10.500

0

10.500

Overlopende passiva

13.600

0

13.600

0

13.600

0

13.600

0

13.600

0

13.600

Totaal vlottende passiva

24.100

0

24.100

0

24.100

0

24.100

0

24.100

0

24.100

Totaal passiva

24.550

-80

24.470

-60

24.410

-60

24.350

-40

24.310

-30

24.280

Passiva Eigen vermogen Vaste passiva Vreemd vermogen Voorziening Schulden langer dan een jaar Totaal vaste passiva Vlottende passiva

EMU-saldo Het EMU-saldo van het voorafgaande jaar, het actuele begrotingsjaar en het komende jaar is opgenomen in de onderstaande tabel. Een positief getal betekent een toename van de boekwaarde en een negatief getal betekent een vermindering van de boekwaarde.

46

Vragenlijst berekening EMU-saldo (bedragen x C1.000,-)

Prognose Begroting 2025 2026

Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

Begroting 2030

0

0

0

0

0

0

Mutatie (im)materiële vaste activa

300

500

-900

-400

600

200

Mutatie voorzieningen

-150

-80

-60

-60

-40

-30

Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie)

0

0

0

0

0

0

Verwachte boekwinst/verlies bij de verkoop van financiële vaste activa en (im)materiële vaste activa, alsmede de afwaardering van financiële vaste activa

0

0

0

0

0

0

-450

-580

840

340

-640

-230

Berekend EMU-saldo

Arbeidskosten gerelateerde verplichtingen Arbeidskosten-gerelateerde verplichtingen zijn alle vormen van aan de arbeidsrelatie verbonden rechten op uitkeringen tijdens of na het dienstverband. Het gaat hierbij dus om "normale" jaarlijkse arbeidskosten zoals vakantiedagen, premies en pensioenen. De jaarlijks terugkerende arbeidskosten met een vergelijkbaar volume zijn verwerkt in de baten en lasten van de Meerjarenbegroting 2027 - 2030. Voor deze kosten mag op basis van de bepalingen in het BBV geen voorziening worden gevormd.

Afschrijvingstermijnen De investeringen voor de jaren 2027-2030 zijn opgenomen in bijlage "investeringen en afschrijvingslasten". De investeringen in automatisering, voertuigen en machines en gereedschappen kennen de volgende levensduur:

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16907356/1