454075 Jaarstukken 2021 (oud)
Tekst van het document
Om sneller een passende (integrale) oplossing te vinden voor cliënten met complexe problematiek, is de Regionale Experttafel (RET) opgericht. Het RET zorgt ervoor dat elk kind in een zeer complexe situatie waarbij de hulpverlening en de toegang zijn vastgelopen, passende hulp krijgt. Ook voorgenomen uithuisplaatsingen die via de lokale toegang lopen, worden in het RET besproken. Medewerkers van het RET kunnen escaleren naar de Bovenregionale Experttafel (BOEG). Er is meer geïnvesteerd in preventie, signalering en ambulante hulp om uithuisplaatsingen te voorkomen. Als kinderen niet meer thuis kunnen wonen, worden zij zo veel mogelijk kleinschalig, gezinsgericht en in perspectief biedende voorzieningen opgevangen. Bij voorkeur in het eigen netwerk. Er zijn meer Gezinshuizen en pleeggezinnen geworven. Vanaf 2019 werken we met één integraal contract voor alle maatwerkvoorzieningen Wmo, Jeugdhulp en MO/BW. De huidige inkoop is met 2 jaar verlengd tot en met 2023. Er zijn een aantal optimalisatiemogelijkheden benoemd die in 2021 verder zijn onderzocht. In 2022 worden deze mogelijkheden verder uitgewerkt. De inkoop van de jeugdbescherming is uit het contract gehaald. Dit is een onderdeel van de Gelderse Verbeteragenda Jeugdbescherming geworden.
De samenwerking met huisartsen is gecontinueerd met de inzet van een GZ-psycholoog, waardoor minder (onjuiste) doorverwijzingen naar de sGGZ plaatsvinden. Met het onderwijs is nog meer de samenwerking gevonden in verband met passend onderwijs. Binnen de gemeente Epe loopt het project Grip op (Jeugd)Zorg waarin extra aandacht gaat naar complexe jeugdcasuïstiek en jeugdbeschermingsgezinnen. Het ombuigvoorstel “Geen dyslexiezorg voor middelbare scholieren” is in 2021 afgerond. De Beleidsregels Maatschappelijke Ondersteuning en Jeugdhulp gemeente Epe worden in 2022 aangepast zodat dyslexiezorg alleen nog wordt vergoed voor kinderen op de basisschool die maximaal 12 jaar oud zijn. Dit past binnen de Jeugdwet en was voor overheveling van de Zorgverzekeringswet naar de Jeugdwet ook al het geval. Uit de nadere uitwerking van het ombuigvoorstel is gebleken dat er in de praktijk al op deze manier wordt gewerkt, maar door het opnemen in de beleidsregels is het ook juridisch vastgelegd. 9.3.3 De arbeidsmarkt (Participatiewet) Wat willen we bereiken? Met de Participatiewet is er één regeling gekomen voor mensen waarbij het niet vanzelfsprekend is dat zij een plekje krijgen op de reguliere arbeidsmarkt. De budgetten voor de oude doelgroep, de Wsw en voor de nieuwe doelgroep zijn samengevoegd.
Bij de decentralisatie is bezuinigd op het budget voor de sociale werkvoorziening, terwijl de oud-Wsw’ers hun rechten en plichten behouden. Per arbeidsmarktregio hebben gemeenten en sociale partners de opdracht gekregen om een werkbedrijf te ontwikkelen voor het organiseren van (beschut) werken naar vermogen.
67
De Participatiewet moet leiden tot meer participatie, meer gerichte en effectieve inzet van budgetten en besparing van kosten. Er is minder geld beschikbaar om een uitkeringsgerechtigde naar werk toe te kunnen leiden. Dit is merkbaar voor partners als bedrijven, onderwijs- en zorginstellingen. Uitdaging is om op een houdbare manier met deze financiële opgave om te gaan.? Wat hebben we gedaan in 2021? De activiteiten in het kader van Participatiewet zijn in programma 10 benoemd. De uitgangspunten uit de Kadernota Participatiewet zijn verder uitgewerkt in de Verordening Participatiewet en in beleidsregels.? In 2021 hebben we onder andere het volgende gedaan*:? • Verhogen van het uitstroompercentage participatiewet (voormalig WWB, voormalig WSW en jonggehandicapten): a. Er zijn prestatieafspraken gemaakt met Werkbedrijf Lucrato over de uitstroom. b. Er zijn baanafspraken gerealiseerd met werkgevers en maatschappelijke organisaties voor de Eper doelgroep samen met FactorWerk. c. Er zijn projecten gestart gericht op extra inzet bij het activeren van mensen die al langere tijd een uitkering ontvangen.
• Voortzetten van het huidige participatiebeleid en armoede- en schuldenbeleid waaronder het in stand houden en versterken van de toegang van de gemeentelijke minimaregelingen: meedoenregeling, schoolfonds en het kindpakket; • Uitvoering geven aan de verzamelverordening en verzamelbeleidsregels voor de Participatiewet; • Het realiseren van baanafspraken voor de Eper doelgroep door zowel regionale (op arbeidsmarktregio niveau via Factor Werk) als lokale samenwerking vorm te geven met werkgevers; • Doorontwikkelen van de uitvoeringsorganisaties voor de Participatiewet en de oud-Wsw’ers gericht op de transformatie; • Er is intensiever ingezet op de doelgroep statushouders binnen het zittend uitkeringsbestand door de integrale aanpak van de WerkClub. • Alle inwoners met een bijstandsuitkering zijn opnieuw op de participatieladder geplaatst en voorzien van een perspectieftrede om zodoende gerichte ondersteuning te kunnen bieden met als doel inwoners te laten participeren naar vermogen; • Vervolg geven aan de monitoring op de uitvoering (inhoud en financiën) die zowel landelijk, regionaal als lokaal wordt vormgegeven. * door de coronacrisis en de RIVM maatregelen is een aantal in te zetten instrumenten uitgesteld, zoals de empowerment voor vrouwen, jobcoaching voor doelgroepregisterkandidaten en fysieke bijeenkomsten zoals het Meet & Greet evenement en vacaturegroepen.
9.4 Financiën en risico’s Wat zijn de financiële effecten van de drie decentralisaties? Tot 2019 kregen gemeenten via integratie-uitkeringen de middelen beschikbaar voor de Participatiewet, Wmo-begeleiding en de Jeugdwet. In 2019 zijn de integratie-uitkeringen voor Wmobegeleiding, Wmo-huishoudelijke verzorging en een deel van de Jeugdwet overgeheveld naar het algemene deel van de uitkering. Deze overheveling zorgt ervoor dat een verdeling tussen de twee uitkeringen voor Wmo niet meer te maken is. Voor de jeugdwet geld dat de middelen voor Voogdij/18+ nog wel een integratie-uitkering blijft en deze dus nog specifiek te volgen blijft. Naast de overheveling naar het algemene deel van de uitkering, was de planning dat in de meicirculaire 2021 een nieuwe herverdeling plaats zou vinden op basis van vernieuwde maatstaven. Door de uitbraak van Covid-19 en door onduidelijkheid over de effecten van de herverdeling bij diverse gemeenten, is de herverdeling uitgesteld en zal deze naar verwachting ingaan per 1 januari 2023. Deze wijziging zorgt ervoor dat de toekomstige middelen niet in te schatten zijn. De gemeente kan dat geld naar eigen inzicht besteden, verantwoording aan het Rijk is niet nodig
68
De volgende bedragen (€ x 1.000) waren beschikbaar: Taak
2021
WMO
10.128
Jeugdzorg
7.917
Arbeidsmarkt / Participatie
4.760 Totaal
22.805
Wat hebben we gedaan? • Vanuit de transformatieagenda en de daarvoor beschikbaar gestelde middelen is gewerkt aan de verschuiving van specialistische zorg en ondersteuning naar voorliggende-, algemene voorzieningen. • Het project ‘grip op zorg’ is vastgesteld met als doel uitvoering te geven aan de ambitie om structureel €1 miljoen om te buigen binnen het sociaal domein, om ook in de toekomst binnen de beschikbare middelen te blijven. ‘Grip op zorg’ omvat 14 ombuigvoorstellen op het gebied van Wmo, Jeugd en contractmanagement. • De raadsmonitor sociaal domein wordt twee keer per jaar aan de raad gepresenteerd. Daarnaast is er een integrale beleids- en financiële monitor die maandelijks geanalyseerd wordt en kan de Datamonitor Epe (DaME) worden gebruikt om analyses en prognoses op te stellen. • Er is een reserve Risico’s Sociaal Domein. Daaruit worden de financiële risico’s in het sociale domein opgevangen.
69
10 | Covid-19 10.1 Inleiding De coronacrisis heeft een grote impact op de samenleving. Dat zal nog wel enige tijd merkbaar blijven. De gemeente Epe wil de maatschappelijke effecten van de coronacrisis zoveel mogelijk bestrijden. In 2021 zijn financiële middelen ingezet voor de kosten van maatregelen in de acute en overbruggingsfase als gevolg van de coronacrisis. Bij de vaststelling van de begroting 2021 in november 2020 heeft de gemeenteraad een bedrag van €5,4 miljoen beschikbaar gesteld voor de benodigde maatregelen in de komende periode. De gemeente ontvangt ook financiële ondersteuning van de rijksoverheid en de provincie. In deze paragraaf volgt een integraal beeld van de beleidsmatige en financiële inzet vanuit doelen en uitgangspunten naar een daarop afgestemde uitwerking van maatregelen. 10.2 Doel Het gemeentelijke doel is te investeren om de ongewenste maatschappelijke effecten van de coronacrisis op lokale activiteiten te beperken danwel tegen te gaan. Daartoe in 2021 en 2022 maatregelen in te zetten gericht op de fase van overbruggen van de periode met coronabeperkingen en de eerste stappen in de fase van herstel en stimuleren. De gemeente zet zich met name in op het sociaal maatschappelijk en economisch terrein waar de impact het grootst is. 10.3 Uitgangspunten Het zal niet mogelijk zijn om als gemeente in te gaan op alle effecten van deze crisis.
Keuzes zijn nodig waar ondersteuning te bieden, welke organisaties en doelgroepen dat zijn. Dit rekening houdend met wat voor de gemeente te dragen is. De volgende uitgangspunten gelden daarbij: 1. De maatregelen zijn aanvullend op regelingen en maatregelen van het Rijk en andere regelingen. 2. De compensatiebudgetten vanuit het Rijk worden ingezet conform het doel met daar waar mogelijk en wenselijk een lokale invulling. 3. De maatregelen richten zich op de middellange termijn, zijnde de jaren 2021 en 2022. De maatregelen bieden geen zekerheid, garantie of doorkijk voor daarna. 4. De maatregelen richten zich op specifieke doelgroepen en organisaties en niet op het totaal aan organisaties in de gemeente. 5. Per doelgroep gelden niet alleen de regelingen van het Rijk en de provincie, maar ook wat andere partijen (kunnen) doen zoals banken, vastgoedeigenaren en de bedrijven, organisaties en instellingen zelf. 6. De maatregelen zijn tijdelijk, direct uitvoerbaar, geven op korte termijn effect. 7. Maatregelen en investeringen sluiten zoveel als mogelijk aan bij het collegeprogramma en actueel bestaand beleid. 10.4 Maatschappelijke effecten De gemeentelijke inzet richt zich op het sociaal maatschappelijk en economisch domein. Per domein is een aantal beleidsterreinen geformuleerd voortkomend uit het doel, de uitgangspunten en de lokale situatie.
Sociaal maatschappelijk De gemeentelijke inzet is gericht op: • het voortbestaan en de continuïteit van een organisatie of van sociaal-maatschappelijke structuren, die onmisbaar zijn in onze gemeente. • toekomstbestendigheid, levensvatbaarheid en ondersteuning voor een korte periode (20212022). • het ondersteunen van mensen in een kwetsbare situatie en bij te dragen aan verbinding in de samenleving.
70
De maatregelen richten zich op de volgende beleidsterreinen: 1. Zorg en ondersteuning (Jeugdzorg, WMO): Bieden van continuïteit van zorg. De gemeentelijke budgetten voor zorg en ondersteuning, waar nodig de komende twee jaar verhogen (geraamd bedrag: € 856.000 (voor gehele periode; bron: 5e coronarapportage)) 2. Welzijn, sport en cultuur (gesubsidieerde gemeentelijke instellingen, verenigingen en stichtingen): Financieel bijdragen in de stijgende kosten als gevolg van de corona-crisis. Instellingen (dorpshuizen, sportcentra, bibliotheek etc.) met een exploitatie/instandhouding subsidie: gedeeltelijke compensatie van de stijging van het exploitatietekort (geraamd bedrag: € 351.000 (voor gehele periode; bron: 5e coronarapportage)). Verenigingen en stichtingen: gedeeltelijk financiële tegemoetkoming (geraamd bedrag: € 341.000 (voor gehele periode; bron: 5e coronarapportage)). 3. Leefbaarheid (verbinding in de samenleving): Tegengaan negatieve gevolgen kwetsbare groepen en impuls geven aan sociale cohesie in de dorpen. Extra activiteiten voor kwetsbare groepen en extra inzet maatschappelijk werk (geraamd bedrag: € 315.000 (voor gehele periode; bron: 5e coronarapportage)). Stimuleringsfonds welzijn, zorg, sport en cultuur (geraamd bedrag: € 330.000). 4.
Ambtelijke capaciteit: extra personele inzet onder meer ten behoeve van openbare orde en veiligheid, het uitvoeren van rijksregelingen en extra ambtelijke ondersteuning in de samenleving (geraamd bedrag: € 706.000 (voor gehele periode; bron: 5e coronarapportage)). Economisch De gemeentelijke inzet is gericht op: • ondersteunen van ondernemers en bedrijven aanvullend op het rijksbeleid faciliteren. • bij te dragen aan meer economische activiteiten in de lokale samenleving door extra te gaan investeren, voor zover het bijdraagt aan het beperken danwel tegengaan van ongewenste maatschappelijke effecten als gevolg van de coronacrisis. • zoveel mogelijk lokale ondernemers en bedrijven te betrekken bij diverse werken en diensten van de gemeente, maar binnen de grenzen die de regelgeving voor aanbesteden daarvoor stelt. De maatregelen richten zich op de volgende beleidsterreinen. 1. Lokale economie: Faciliteren en ondersteunen van lokale ondernemers en bedrijven. o Incidenteel budget voor extra uitvoeringskosten accountmanagement economie (geraamd bedrag: € 160.000 (voor gehele periode)) o Incidenteel budget voor extra uitvoeringskosten voor versnelling woningbouwprogramma (geraamd bedrag: € 240.000 (voor gehele periode)) o Stimuleringsfonds voor versnelde uitvoering actieprogramma economische visie (geraamd bedrag: € 100.000) 2.
Investeren en stimuleren: Stimuleren economische activiteiten met multiplier effect. o Diverse activiteiten gericht op het vitaal houden van de dorpscentra (geraamd bedrag: €215.000 voor de gehele periode, bron: 5e coronarapportage) o Stimuleringsfonds voor versnelling investeringen gericht op versterking lokale economie en kwaliteitsverbetering toerisme (geraamd bedrag: € 1.400.000). 3. Participatie en armoedebestrijding (werkgelegenheid, armoede- en minimabeleid, schuldhulpverlening): Voldoende ondersteuning kunnen bieden in de vorm van bijstandsuitkering, bijzondere bijstand, en schuldhulpverlening. o Faciliteren van aanvullende maatregelen ten behoeve van het beleidsterrein werk en inkomen, en daar waar nodig de betreffende gemeentelijke budgetten de komende twee jaar te verhogen. (geraamd bedrag: € 808.000 (voor gehele periode; bron: 5e coronarapportage)). o Stimuleringsfonds voor ondersteuning/begeleiding van ondernemers in relatie tot schuldenproblematiek (geraamd bedrag: € 250.000) 4. Ambtelijke capaciteit: extra personele inzet onder meer als gevolg van meer vergunningsaanvragen en diverse projecten (geraamd bedrag: €459.000 voor de gehele periode, bron: 5e coronarapportage).
71
10.5 Financiële verantwoording over 2021 In de vijfde coronarapportage, behandeld in de raad in februari 2022, is gerapporteerd over de verwachte uitgaven ten aanzien van corona over 2021 en 2022. De financiële gevolgen van corona over 2021 worden transparant gemaakt in deze verantwoording, waarbij de werkelijkheid is afgezet tegen de verwachting. Omschrijving
5e coronarapportage 2021
Werkelijk 2021
Verschil (+positief / negatief)
Pijler Bestuur en organisatie Belastingen: Precario belasting; markt en nultarief terras
34.000
26.787
7.213
Toeristenbelasting
55.000
-62.000
117.000
0
-
-
Uitstel belastingen voor ondernemers, verenigingen e.d.; risico van oninbaarheid Personeel: Communicatie, P&O, JZ
99.840
99.840
-
Zaakgericht werken
0
-
-
Digitaal samenwerken
0
-
-
Burgerzaken kosten inhaalvraag
0
-
-
BABS; inhaalvraag
0
-
-
Ondersteuning teamleiders
0
-
-
13.000
-
13.000
Vergoeding inzet gemeentesecretaris VNOG Piketvergoeding communicatie
4.762
4.762
-
Administratieve/personele lasten projectgroep corona
38.000
41.417
-3.417
Controle kosten administratieve verwerking corona uitgaven in de jaarrekening.
10.000
12.504
-2.504
20.000
10.857
9.143
0
-
-
5.950
5.998
-48
Divers: Inwonerparticipatie; extra kosten (inclusief video conferencing) Verkiezingen Sneltests personeel Voorlichting; informatievoorziening algemeen
1.799
7.827
-6.028
282.351
147.992
134.359
Meerkosten jeugdhulp
0
-
-
Meerkosten beschermd wonen
0
-
-
Meerkosten maatschappelijke opvang
0
-
-
Meerkosten WMO
-25.737
17.007
-42.744
Meerkosten toegang Jeugd
33.184
33.718
-534
Meerkosten toegang WMO
22.000
-
22.000
Plus OV/vervoerders; meerkosten corona protocol,
0
-
-
Basismobilibeit; vervallen eigen bijdrage llv (scholensluiting lockdown)
0
-
-
Plus OV; vaccinatieritten vav
0
-
-
Extra inzet 18-/18+
0
-
-
Steunouder
0
-
-
Capaciteit team leefbaar
92.000
139.928
-47.928
OOV
172.800
176.276
-3.476
Huisbezoeken t.b.v. herindicatie
26.000
26.000
-
Capaciteit team SHV
56.000
89.533
-33.533
0
-
-
50.000
-
50.000
Subtotaal Pijler Sociaal WMO en Jeugd:
Personeel:
Schuldhulpverlening, Werk & Inkomen: hogere uitvoeringskosten o.b.v. DVO Apeldoorn Minimaregelingen; stijging aantal aanvragen
72
Minimaregelingen; toename uitvoeringskosten Apeldoorn
22.000
-
22.000
Lucrato; toename dienstverlening participatiewet door stijging aantal werkzoekenden; extra consulent
108.000
69.940
38.060
Lucrato; extra middeling en trajecten
0
-
-
19.000
18.906
94
Uitvoeringskosten Activerium DVO Apeldoorn
0
-
-
Buig; toename aantal uitkeringen
0
-
-
Voedselbank: Toename vraag/afname
2.000
-
2.000
Formulierenteam; toename aantal aanvragen
14.000
14.000
-
Over Rood; meer aanvragen
7.000
-
7.000
TONK
70.000
68.397
1.603
Oranje verenigingen, kunsthuizen, exposities, e.d.
5.600
4.000
1.600
Muziekverenigingen, koren e.d.
7.078
5.576
1.502
Cultuurplein Noord Veluwe
12.000
12.000
-
Veluws museum Hagedoorns Plaatse
5.300
10.600
-5.300
0
-
-
Lucrato; prgr. werkbegeleiding 3 gemeenten (co-financiering)
Cultuur:
Bibliotheek Sport: Sportverenigingen
0
-
-
22.000
22.000
-
Koekoek/Wieken
131.000
84.224
46.776
Kulturhus Epe/EGW
45.000
-
45.000
Hezebrink
36.319
3.114
33.205
32.560
32.560
-
0
-
-
5.610
5.610
0
PWA hal Multifunctionele accommodaties:
Welzijn en gezondheidszorg: Verian: Hogere kosten maatschappelijk werk GGD; Infectieziektenbestrijding en communicatie Koppel/Swoe: extra jongerenactiviteit Wijk/buurt- en speeltuinverenigingen
18.052
18.031
21
Negatieve gevolgen; jongeren, kwetsbare groepen en ouderen
244.725
198.846
45.879
Activering worst-case scenario Vaccinatiecampagne
0
-
-
3.048
3.113
-65
0
-
-
5.985
-
5.985
Divers: Scholen Peuterspeelzaalwerk; terugbetaling ouderbijdrage Evenementen; leges
3.000
833
2.167
1.245.524
1.054.212
191.312
Afdeling Ruimte; productiviteitsverlies, vertraging in projecten o.a. omgevingswet
146.000
108.323
37.678
Extra inzet/personeel; Vergunningverl. inhaal achterstanden
93.000
115.780
-22.780
Inrichting openbaren ruimte diverse maatregelen
16.607
25.798
-9.191
Recreatieve voorzieningen; bospaden
11.274
11.274
0
extra schoonmaakwerkzaamheden openbare begraafplaatsen
5.000
6.295
-1.295
(Ver)huur accommodaties; derving inkomsten extra huur
11.361
-
11.361
Afvalverwerking; hogere kosten inzameling papier grof afval
50.000
-
50.000
960
900
60
CTB controle
85.486
4.260
81.226
Afgelasting Epe on Ice
Subtotaal Pijler Ruimte en economie Personeel:
Openbare ruimte:
Divers:
Actie voor ondernemers: posters
3.000
-
3.000
Vitale centra: diverse acties
0
-
-
Vitale centra: verlenging centrummanager
0
-
-
Vitale centra: herinrichting centrum Epe
0
-
-
Ondersteuning evenementensector
0
-
-
73
Lokale economie: verlenging accountmanager bedrijven
0
-
Toeristische markers rotondes
0
-
-
422.688
272.630
150.058
Totaalsaldo acute- overbruggings- en herstelkosten (incl. afronding)
1.950.563
1.490.928
459.635
Totaalsaldo inkomsten
2.416.036
2.263.565
-152.471
Subtotaal
Saldo beschikbaar als stortingsvoorstel in reserve herstel- en stimuleringsagenda coronacrisis
Stimuleringsagenda
-
307.164
beschikbaar 2021 & 2022
werkelijk 2021
Verschil (+positief / - negatief)
Stimuleringsfonds welzijn, zorg, sport en cultuur
330.000
27.185
-302.815
Extra inzet op accountmanagement economie
80.000
14.652
-65.348
Extra inzet op versnelling woningbouwprogramma
240.000
108.322
-131.678
Stimuleringsfonds versnelde uitvoering actieprogramma economische visie
100.000
18.680
-81.320
1.400.000
1.174.613
-225.387
250.000
71.330
-178.670
2.400.000
1.414.782
985.218
Stimuleringsfonds voor versnelling investeringen Stimuleringsfonds voor ondersteuning/begeleiding van ondernemers Totaalsaldo stimuleringsagenda Saldo beschikbaar voor 2022
985.218
Toelichting op verschillen in de kosten en inkomsten: • pijler sociaal: er is € 85.000 meer aan personele lasten uitgegeven dan voorzien als gevolg van extra werkzaamheden in relatie tot corona. Het gaat hier onder andere om opschaling handhaving bij extra corona maatregelen, extra contacten en ondersteuning van maatschappelijke organisaties/verenigingen, uitvoering van de vaccinatiecampagne en uitvoering van het worstcase scenario zorgcontinuïteit. Door extra inhuur van personeel kunnen we de gewenste dienstverlening leveren aan inwoners en organisaties/verenigingen. • pijler sociaal: er is € 121.000 minder uitgegeven aan schuldhulpverlening, werk en inkomen. In de raming was op basis van landelijke onderzoeken / rapportages voorzien in een hogere toestroom. De steunmaatregelen van het Rijk hebben er waarschijnlijk aan bijgedragen dat er minder hulpvragen zijn dan oorspronkelijk voorzien. • pijler sociaal: er is € 224.000 minder uitgegeven aan het in stand houden van multifunctionele accommodaties. Hier ligt grotendeels een technische oorzaak aan ten grondslag, waardoor er een vertekend beeld is over onze daadwerkelijke bijdrage aan multifunctionele accommodaties. o In 2021 is € 132.000 aan de Koekoek/Wieken uitgegeven.
In de raming is rekening gehouden met een bijdrage vanuit onze eigen coronamiddelen, maar door het beschikbaar komen van een specifieke uitkering vanuit het Rijk hebben we deze bijdrage vanuit rijksmiddelen kunnen doen. o Voor Kulturhus Epe/EGW en de Hezebrink hebben we conform raming respectievelijk € 45.000 en € 36.000 coronasteun uitgegeven in 2021. Daarnaast voorzagen we een vergelijkbare financiële bijdrage aan beide accommodaties in 2021 over 2020. Hiertoe is een ‘nog te betalen in 2021’ opgenomen. Afgesproken was dat de daadwerkelijke bijdrage bepaald zou worden op basis van de jaarrekening 2020 van beide accommodaties. Op basis van de jaarrekening 2020 van beide multifunctionele accommodaties was deze bijdrage niet nodig. • pijler sociaal: er is € 46.000 minder uitgegeven aan welzijn en gezondheidszorg. Dit wordt in 2022 uitgegeven (negatieve gevolgen jongeren, kwetsbare groepen en ouderen).
74
• •
pijler ruimte: voor de controle CTB is €18.829 beschikbaar gesteld aan ondernemers in 2021. De overige van het rijk ontvangen middelen zijn gestort in de VOB CTB 176409, omdat de middelen moeten worden terugbetaald als ze niet zijn besteed. pijler ruimte: er is € 50.000 minder uitgegeven aan afvalverwerking dan geraamd.
Bij het vaststellen van het Beleidskader Herstel- en stimuleringsagenda coronacrisis is in totaal € 2.400.000 beschikbaar gesteld voor stimulering. Vanuit de stimuleringsmiddelen is € 1.100.000 beschikbaar gesteld voor het project Veluwe-op-1. Deze zijn gestort in de reserve Structuurvisies dorpscentra 980320. In 2021 is daarnaast € 314.782 uitgegeven, waardoor er nog € 985.218 beschikbaar blijft voor 2022. Bij het vaststellen van het Beleidskader Herstel- en stimuleringsagenda coronacrisis (vastgesteld door de raad in februari 2021) is het uitgangspunt dat de beschikbare middelen van rijk en provincie, samen met de gemeentelijke middelen, worden ingezet voor de uitvoering van het beleidskader. In 2021 is aan de reserve het corona resultaat van de jaarrekening 2020 (€ 253.735) toegevoegd, de bij de begroting 2021 beschikbaar gestelde middelen (€ 4.290.500) en de ontvangen rijks- en provinciale middelen (€ 2.334.139,41). De ontvangen en gestorte middelen verminderd met de uitgaven voor acuut, overbrugging, herstel & stimulering blijven beschikbaar in de reserve herstel- en stimuleringsagenda coronacrisis.
75
Jaarrekening
76
Overzicht van baten en lasten Raming 2021 voor wijziging
(bedragen x € 1.000)
Raming 2021 na wijziging Baten
Lasten
Realisatie 2021
Baten
Lasten
Saldo
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
1. Opgroeien in Epe
592
13.396
-12.803
592 13.546
973
14.391
13.418
2. Actief in Epe
516
4.059
-3.543
516
4.604
-4.088
3. Zorg en opvang
307
11.839
-11.533
307 12.239
-11.933
656
4.536
-3.880
1.507
11.290
4. Leefbaar en veilig
2
2.399
-2.397
2
2.462
-2.460
-9.783
37
2.486
5. Ruimte en wonen
2.695
4.171
-1.476
2.718
4.662
-2.449
-1.944
4.172
4.085
6. Epe op orde
1.240
7.278
-6.038
1.218
87
7.162
-5.944
1.433
5.713
-4.280
7. Duurzaamheid
7.357
7.181
176
7.630
7.441
189
7.741
7.534
207
110
644
-534
110
8
678
-670
8
654
-544
221
929
-708
1.126
-1.118
-15
928
6.793
14.853
-8.060
6.793 15.092
-943
-8.299
8.206
15.823
-7.617
Programma’s
8. Toezicht en handhaving 9. Bedrijvigheid 10. Weer aan het werk 11. Bestuur en organisatie
404
3.302
-2.898
3.273
-2.868
438
3.374
-2.935
20.023
69.799
-49.776 20.298 72.262
-51.964
25.369
71.089
45.720
- Lokale heffingen
8.593
460
8.133
8.585
467
8.117
8.603
491
8.112
- Algemene uitkering
51.282
11
51.271 51.484
11
51.473
54.322
135
4
131
135
4
131
120
4
116
1.209
-235
1.444
1.209
-235
1.444
1.399
90
1.309
-
128
-128
-
128
-128
20
-20
61.219
367
60.852 61.412
374
61.038
64.444
117
9.647
124 10.590
-10.466
523
11.207
10.684 -
Saldo v.d. programma’s
404
-12.953
Algemene dekkingsmiddelen:
- Dividend - Financieringsfunctie - Overige Subtotaal algemene dekkingsmiddelen Overhead
-9.530
- 54.322
604 63.840
Heffing Vennootschapsbel.
-
-
-
-
-
-
-
-
Onvoorziene uitgaven
-
101
-101
-
91
-91
-
-
-
81.359
79.914
1.445 81.834 83.317
-1.483
90.336
82.901
7.436
46
532
-486
46
532
-486
57
4.984
-4.927
-
3
-3
-
3
-3
-
66
-66
2.361
125
2.236
3.154
125
3.029
2.846
1.599
1.248
Gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten Mutaties in reserves 1. Opgroeien in Epe 2. Actief in Epe 3. Zorg en opvang 4. Leefbaar en veilig
-
-
-
-
-
-
-
5. Ruimte en wonen
280
155
124
289
1.255
-966
248
2.010
-1.762
6. Epe op orde
254
408
-155
667
408
258
542
1.603
-1.061
7. Duurzaamheid
3
3
-0
3
49
-46
33
206
-173
8. Toezicht en handhaving
-
-
-
-
-
-
-
-
-
9. Bedrijvigheid
-
-
-
-
-
-
-
-
-
26
72
-46
26
72
-46
105
1.088
-983
11. Bestuur en organisatie
4.757
6.077
-1.320 10.656
9.478
1.178
9.851
10.283
-432
Algemene dekkingsmidd.
440
2.350
-1.910
440
2.350
-1.910
2.856
321
2.536
115
1.098
10. Weer aan het werk
Overhead
-
738
623
623
476
1.150
938
212
Totaal mutaties in reserves
8.904
10.349
-1.445 16.379 14.896
1.483
17.688
23.097
-5.409
Gerealiseerd resultaat
90.263
90.263
0 98.213 98.213
0 108.025 105.998
2.027
77
Toelichting op de baten en lasten Begrotingsrechtmatigheid Bij de rechtmatigheidscontrole vormt het begrotingscriterium een belangrijk toetsingscriterium. Uitgangspunt is dat begrotingsoverschrijdingen onrechtmatig zijn. Er zijn echter situaties waarbij overschrijdingen binnen het door de raad uitgezette beleid vallen en binnen het doel blijven waarvoor het budget beschikbaar is gesteld. Hierbij kan gedacht worden aan overschrijdingen die geheel of grotendeels worden gecompenseerd door direct daaraan gerelateerde opbrengsten (bijvoorbeeld via subsidies en kostendekkende omzet) en overschrijdingen bij open einde (subsidie)regelingen. In deze gevallen hebben de overschrijdingen geen effect op het oordeel over de rechtmatigheid. Zie hiervoor de Kadernota Rechtmatigheid van de Commissie BBV. In onderstaand overzicht zijn de programma's opgenomen waarbij sprake is van een overschrijding van de lasten, met daarbij een verklaring in hoeverre de afwijking past binnen het door de raad geformuleerde beleid en de conclusie ten aanzien van het oordeel over de rechtmatigheid. Voor een nadere uitwerking van de verschillen wordt verwezen naar de financiële analyse van de programma’s. De raad autoriseert deze kostenoverschrijdingen met het vaststellen van de jaarrekening. Programma
Begrotingsafwijking lasten Verklaring voor verschil
Conclusie
Begroot Werkelijk Verschil 1. Opgroeien in Epe
13.546
14.391
-845 De hogere lasten zijn in hoofdzaak veroorzaakt door Extra uitgaven passen hogere uitgaven voor jeugdzorg (zorg in natura en de binnen het beleid of worden gecompenseerd landelijke/ bovenregionale ingekochte zorg. Door de door daaraan coronasituatie blijkt dat zorgtrajecten langer en intensiever waren. Eveneens als gevolg van corona zijn gerelateerde inkomsten; geen effect op het hogere uitgaven gedaan o.a. in het kader van het Nationaal Onderwijs Programma. Tegenover de hogere oordeel over de uitgaven staan voor een belangrijk deel compenserende rechtmatigheid. inkomsten van het rijk.
4. Leefbaar en veilig
2.462
2.486
-24 De hogere lasten zijn veroorzaakt door hogere uitgaven Extra uitgaven passen in het kader van de regeling van het rijk ter compensatie binnen het beleid of van uitgaven voor de controle van het worden gecompenseerd door daaraan coronatoegangsbewijs en voor onderhoud en beheer gerelateerde inkomsten; van de brandweerkazernes. geen effect op het oordeel over de rechtmatigheid.
7. Duurzaamheid
7.441
7.534
-93 De hogere lasten zijn in hoofdzaak veroorzaakt door uitstel van investeringen in riolering (lagere kapitaallasten die leiden tot een hogere toevoeging aan de voorziening riolering). Daarnaast zijn de kosten voor beheer en onderhoud van de riolering hoger dan begroot (met name tariefstijging).
Extra uitgaven passen binnen het beleid; geen effect op het oordeel over de rechtmatigheid.
8. Toezicht en handhaving
654
929
-275 De hogere lasten zijn in hoofdzaak veroorzaakt door hogere uitgaven voor inhuur voor toezicht en handhaving. Deze extra uitgaven worden voor een deel gedekt door de van het rijk ontvangen uitkering in het kader van de coronacrisis. Het andere deel van de kosten wordt gedekt uit de daarvoor ingestelde reserve. Daarnaast is er een hogere toerekening van interne loonkosten aan dit programma, die wordt gecompenseerd door voordelen op andere programma’s. Een totaalanalyse van de loonkosten is opgenomen in bijlage 1.
Extra uitgaven passen binnen het beleid of worden gecompenseerd door daaraan gerelateerde inkomsten of dekking uit de reserve; geen effect op het oordeel over de rechtmatigheid.
10. Weer aan het werk
15.092
15.823
-731 De hogere lasten zijn in hoofdzaak veroorzaakt door de uitvoering van de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo). Hierdoor werden zelfstandigen geholpen om tijdelijk in hun levensonderhoud te voorzien en was het mogelijk om een lening te krijgen voor bedrijfskapitaal. Voor de uitvoering werd een specifieke uitkering van het rijk ontvangen.
Extra uitgaven worden gecompenseerd door daaraan gerelateerde inkomsten van het rijk; geen effect op het oordeel over de rechtmatigheid.
11. Bestuur en organisatie
3.273
3.374
-101 De hogere lasten zijn in hoofdzaak veroorzaakt doordat Extra uitgaven passen als gevolg van de coronasituatie meer kosten gemaakt binnen het beleid of zijn voor de verkiezingen. Het rijk heeft via de algemene worden gecompenseerd uitkering een extra bedrag hiervoor beschikbaar gesteld. door daaraan Daarnaast is er sprake van een hogere toerekening van gerelateerde inkomsten; interne loonkosten aan dit programma, die wordt
78
gecompenseerd door voordelen op andere programma’s. Een totaalanalyse van de loonkosten is opgenomen in bijlage 1. Algemene dekkingsmiddelen
geen effect op het oordeel over de rechtmatigheid.
465
604
-139 De hogere lasten zijn veroorzaakt door het resultaat op Extra uitgaven passen de rentelasten; per saldo zijn minder rentelasten dan binnen het beleid; geen effect op het begroot toegerekend aan de programma’s. Op de programma’s ontstaat hierdoor een voordeel. De interne oordeel over de rentelasten worden als bespaarde rente toegevoegd rechtmatigheid. aan het totaal van de reserves en voorzieningen; verwezen wordt naar de toelichitng op het programma en naar bijlage 2 (totaalanalyse rente en afschrijving).
Overhead
10.590
11.207
-617 De hogere lasten zijn voornamelijk veroorzaakt door Extra uitgaven passen hogere juridische advieskosten en een hogere binnen het beleid; toerekening van interne loonkosten aan dit programma. geen effect op het oordeel over de Daar staat een lagere doorberekening van rechtmatigheid. kapitaallasten tegenover. Een totaalanalyse van de loonkosten en de kapitaallasten is opgenomen in bijlage 1 en 2.
Resultaat bestemming
14.896
23.097
Investeringen
-8.201 De hogere ‘lasten’ zijn veroorzaakt doordat het saldo van de toevoegingen aan reserves resulteert in meer toevoegingen aan reserves dan begroot. De grootste afwijkingen betreffen de toevoegingen aan de reserve huisvesting onderwijsvoorzieningen, de reserve onderhoud wegen en het resultaat op de uitvoering van het sociaal domein, de uitvoering van de BUIG en de opbrengst bouwleges (Wabo). Een uitgebreide toelichting/specificatie is opgenomen in de analyse van de resultaatbestemming.
Hogere uitgaven dan begroot
Betreft uitvoering van bestaand beleid en werkwijze; in lijn met begroting dan wel besluitvorming van de raad; geen effect op het oordeel over de rechtmatigheid.
Op twee in 2021 afgesloten investeringskredieten is een Extra uitgaven 2021 overschrijding (groter dan € 25.000) op de uitgaven passen binnen het ontstaan. Een toelichting hierop is opgenomen in bijlage beleid; 2 van deze jaarstukken. geen effect op het oordeel over de rechtmatigheid.
79
Financiële analyses per programma 1 | Opgroeien in Epe Bedragen x € 1.000 Begroting 2021
Begroting 2021 na wijziging
Werkelijk 2021
Verschil 2021
Lasten
13.402
13.546
14.391
-845
Baten
594
592
973
381
-12.808
-12.954
-13.418
-464
Saldo
Toelichting op mutaties in lasten en baten + is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000 Lasten: · De begroting van de zorg in natura (ZIN) en de landelijke/ bovenregionale ingekochte zorg is gerelateerd aan de werkelijke uitgaven in 2019. De bestedingen zijn gebaseerd op de gedeclareerde zorg en een inschatting op basis van productieverantwoordingen van zorgaanbieders van de door hen in 2021 geleverde zorg. Door Corona wordt gezien dat zorgtrajecten langer en intensiever worden wat resulteert in hogere lasten.
. 847
Het hierboven genoemde onderdeel wordt verrekend met de reserve risico's sociaal domein en heeft geen invloed op het resultaat. Voor het totaalbeeld van de gedecentraliseerde taken Wmo en jeugdzorg wordt verwezen naar de paragraaf sociaal domein. Overige voor- en nadelen: · Als gevolg van corona zijn er geen activiteiten gestart vanuit het expertisecentrum; het onderwijs en andere partijen hadden prioriteit bij de gevolgen van covid-19. Dit levert een voordeel op (€ 89.000). Vanuit het Rijk zijn voor de schooljaren 2021-2022 166 en 2022-2023 extra middelen ontvangen voor het Nationaal Onderwijs Programma (zie toelichting baten). In 2021 zijn in het kader hiervan extra uitgaven geweest van €213.000. · In 2021 zijn er hogere uitgaven geweest op het onderwijsachterstandenbeleid dan begroot. Dit zorgt voor een nadeel van € 90.000. Dit verschil wordt opgevangen door een onttrekking aan de VOB onderwijsachterstandenbeleid. Per saldo geen effect heeft op de jaarrekening.
-90
· De GGD heeft in 2021 minder inspecties bij kinderopvanglocaties uitgevoerd als gevolg van corona. Hierdoor ontstaat een eenmalig voordeel van € 32.000.
32
· Vanuit het Rijk zijn er extra middelen gekomen voor voorschoolse educatie peuters beschikbaar gesteld via de algemene uitkering. Deze middelen zijn niet besteed
54
· De verzekeringen zijn in 2021 opnieuw aanbesteed, wat leidt tot hogere lasten op de verzekeringen van schoolgebouwen. Dit heeft een nadelig effect op de jaarrekening.
-29
· In 2021 is het hekwerk van speeltuin de Kouwnaar vervangen (€19.000), hiervan is reeds melding gedaan in de voortgangsrapportage. Daarnaast zijn de onderhouds en beheerkosten van de speeltuinen hoger uitgevallen in 2021 (€14.000). Per saldo ontstaat er een nadeel op het gebied van speelvoorzieningen.
-33
· Voor het opstellen van het Intergraal Huisvestingsplan zijn er extra kosten geweest (€20.000). Deze extra uitgaven worden -27 gedekt uit de reserve huisvesting onderwijsvoorzieningen. Daarnaast ontstaat er een nadeel door een verhoogde storting in de voorzieing groot onderhoud buitenzijde gymlokalen, deze storting was niet voorzien in de begroting (€7.000). · Voordeel kapitaallasten: in bijlage 2 is een totaalanalyse van de kapitaallasten opgenomen.
571
· Door de coronacrisis zijn op dit programma uitgaven verantwoord die niet waren begroot. Deze extra uitgaven worden gedekt door de van het rijk ontvangen compensatie-uitkering verantwoord op programma algemene dekkingsmiddelen). In de 258 paragraaf corona is een analyse en toelichting opgenomen op het geheel van de uitgaven en inkomsten in 2021 als gevolg van de coronacrisis.
Baten: · Door de corona pandemie is het belang van goede ventilatie op scholen duidelijk geworden. Daarom heeft het Rijk middelen beschikbaar gesteld om goede ventilatie betaalbaar te maken. Hier tegenover staan uitgaven voor ventilatie bij scholen, waardoor de extra inkomst geen effect heeft op de jaarrekening.
64
· In 2021 zijn er hogere uitgaven geweest op het onderwijsachterstandenbeleid dan begroot. Dit verschil wordt opgevangen door een onttrekking aan de VOB onderwijsachterstandenbeleid. Dit levert aan de batenkant een voordeel op. Per saldo geen effect heeft op de jaarrekening.
90
· In 2021 heeft het Rijk aangekondigd voor de schooljaren 2021-2022 en 2022-2023 extra middelen beschikbaar te stellen voor gemeenten in het kader van opgelopen achterstanden bij scholieren vanwege corona. Het uitvoeringsprogramma hiervan heet het Nationaal Onderwijs Programma. In 2021 heeft de gemeente €213.000 aan inkomsten ontvangen. Tegenover deze inkomsten staan ook uitgaven (zie lasten). Per saldo heeft dit geen effect op de jaarrekening
213
80
2 | Actief in Epe Bedragen x € 1.000 Begroting 2021
Begroting 2021 na wijziging
Werkelijk 2021
Lasten
4.059
4.604
4.536
68
Baten
516
516
656
140
-3.543
-4.088
-3.880
208
Saldo
Verschil 2021
Toelichting op mutaties in lasten en baten + is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000 Lasten:
.
· De stimuleringsregeling jeugd liep tot eind 2021. Het begrote budget is niet volledig uitgeput, waardoor het restant kan vrijvallen. Dit levert een voordeel op in de jaarrekening.
356
· Het college heeft in 2019 besloten om bij te dragen aan de investering voor de renovaties van kunstgrasvelden om zo de accommodatie toekomstbestendig te maken. Deze kosten zijn niet gemaakt in 2020. De niet gebruikte subsidie is in 2021 teruggevorderd wat zorgt voor een voordeel van € 63.000. Dit voordeel wordt gestort in de reserve renovatie kunst- en natuurgrasvelden 2021.
63
· In 2021 zijn er minder kosten voor regulier onderhoud en voor beheer gemaakt aan de wijkgebouwen dan begroot. Hierdoor ontstaat er een voordeel van € 42.000.
42
· Op sportbeleid zijn er diverse ontwikkelingen geweest in 2021. In 2021 ontstaat een voordeel op het budget van onder andere buurtsportcoaches (€ 10.000) en btw-corectie over de jaren 2016 en 2017 (€ 9.000). Daarnaast hebben er extra uitgaven plaatsgevonden in het kader van het lokaal sportakkoord (€ 85.000). Hier staan extra inkomsten van het Rijk tegenover (zie onder baten). Per saldo leveren al deze ontwikkelingen een nadeel op van € 25.000 in de jaarrekening.
-25
· De directe personele kosten van de afdelingen Ruimte en Samenleving toegerekend aan de programma’s. Ten opzichte van de -61 begroting is er een nadeel ontstaan. Het grootste onderdeel hiervan zijn de salariskosten. Een totaalanalyse van de salariskosten is opgenomen in bijlage 1. · Door de coronacrisis zijn op dit programma uitgaven verantwoord die niet waren begroot. Het betreft op dit programma uitgaven voor aanvullende subsidies. Deze extra uitgaven worden gedekt door de van het rijk ontvangen compensatieuitkering (verantwoord op programma algemene dekkingsmiddelen). In de paragraaf corona is een analyse en toelichting opgenomen op het geheel van de uitgaven en inkomsten in 2021 als gevolg van de coronacrisis.
393
Baten: · In 2020 is door gemeente Epe een verstrekte subsidie lager vastgesteld dan beschikt. Het bezwaar dat hierop is aangetekend, is gegrond verklaard. Het college heeft de subsidie in 2021 opnieuw vastgesteld. Het terug te vorderen deel van de subsidie is komen te vervallen. Dit zorgt voor een nadeel in de jaarrekening.
116
· Door de coronamaatregelen zijn er minder huurinkomsten voor binnensportlocaties ontvangen, waaronder huurinkomsten van Sport- en Dorpscentrum Vaassen.
129
· Er is een specifieke uitkering ontvangen voor het lokaal sport akkoord. Deze inkomst is niet begroot. Hierdoor ontstaat een voordeel op de baten. Hier staan de uitgaven van het lokaal sport akkoord tegenover. Per saldo heeft dit geen effect op het saldo van de jaarrekening.
85
· Door de coronacrisis zijn op dit programma inkomsten verantwoord die niet waren begroot. In de paragraaf corona is een analyse en toelichting opgenomen op het geheel van de uitgaven en inkomsten in 2021 als gevolg van de coronacrisis.
281
81
3 | Zorg en Opvang Bedragen x € 1.000 Begroting 2021
Begroting 2021 na wijziging
Werkelijk 2021
Lasten
11.851
12.239
11.290
949
Baten
307
307
1.507
1.200
-11.544
-11.932
-9.783
2.149
Saldo
Verschil 2021
Toelichting op mutaties in lasten en baten + is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000 Lasten:
.
· In 2021 zijn vanwege corona, beperkende maatregelen ingesteld voor het organiseren van groepsbijeenkomsten zoals dagbesteding (groepsbegeleiding). Hierdoor is de instroom naar deze voorziening beperkt geweest. Daarnaast is de Wmo dagbesteding getransformeerd naar een voorliggende voorziening, de Buurtpunten. Hierdoor worden er minder maatwerkvoorzieningen verstrekt.
279
· Voor het opstellen van de begroting 2021 is bij individuele begeleiding de werkelijke uitgaven uit 2019 als basis genomen. De lasten lijken te stabiliseren wat zorgt voor een voordeel van € 98.000
98
· In 2021 is het budget voor praktische gezinsondersteuning fors verhoogd, met de verwachting om hiermee meer kinderen voorliggend te kunnen helpen. De verwachting is niet uitgekomen wat zorgt voor een voordeel van € 39.000.
39
· In 2021 is er ten opzichte van de begroting minder uitgegeven aan begeleiding Wmo via persoons gebonden budgetten. De Sociale Verzekeringsbank (SVB) factureert maandelijks een voorschot aan de gemeente voor de verwachte uitgaven. De uitgaven van budgethouders lagen in 2021 lager dan in de begroting is opgenomen.
37
· Kortdurend verblijf, logeeropvang of respijtopvang zijn producten die de gemeente Epe heeft ingekocht met als doel om bijvoorbeeld mantelzorgers even tijdelijk te ontlasten. In de praktijk maken weinig inwoners hier gebruik van. Dit komt onder andere doordat het voor aanbieders soms lastig is om een logeerplek aan te bieden. In regionaal verband wordt er een inventarisatie uitgevoerd of deze producten wel aansluiten bij de behoefte en wens van bijvoorbeeld mantelzorgers. Dit kan ertoe leiden dat het product anders ingekocht moet worden.
43
· Als centrumgemeente ontvangt Apeldoorn middelen voor de financiering van activiteiten gericht op de aanpak van huiselijk geweld, de zogenoemde DUVO middelen. 2021 is afgesloten met een overschot op de begroting. Tijdens het regionaal bestuurlijk overleg van 20 januari 2022 is besloten om het restant budget over te hevelen naar de regiogemeenten naar rato van het aantal inwoners en dit bedrag zoveel mogelijk te besteden binnen het sociaal domein.
88
· In 2019 is het financieel convenant voor Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen (MO/BW) voor de regio OostVeluwe vastgesteld door de gemeenteraad. Het begrote voorschot voor de uitvoering van de MO/BW is niet ingezet wat zorgt voor een voordeel van € 134.000 op de lasten. Naast dit voordeel op de lasten wordt door gemeente Epe ook een bedrag ontvangen vanuit regio Oost-Veluwe wat zorgt voor een extra voordeel (zie baten).
134
Alle hierboven genoemde onderdelen worden verrekend met de reserve risico's sociaal domein en hebben daardoor geen invloed op het resultaat van de jaarrekening. Voor het totaalbeeld van de gedecentraliseerde taken Wmo en jeugdzorg wordt verwezen naar de paragraaf sociaal domein. Overige voor- en nadelen: · Vanaf 1 januari 2020 worden alle mobiliteitshulpmiddelen voor Wlz-cliënten (wet langdurige zorg) die in een Wlz-instelling wonen vanuit de Wlz worden gefinancierd. Het onderscheid tussen verblijf met – of verblijf zonder behandeling is dan dus niet meer relevant. Hierdoor worden er minder mobiliteitshulpmiddelen vanuit de Wmo verstrekt. Daarnaast worden er geen algemeen gebruikelijke hulpmiddelen meer verstrekt zoals fietsen met trapondersteuning. Dit zorgt voor een voordeel van € 102.000.
102
· In 2021 is er minder gebruik gemaakt van vraagafhankelijk vervoer als gevolg van corona. Dit levert een voordeel op van € 246.000
246
· In 2021 zijn er extra uitgaven geweest (€28.000) in het kader van het lokaal preventieakkoord. Deze uitgaven waren niet begroot, omdat de uitgaven gecompenseerd worden door een specifieke uitkering van het rijk (zie onder baten). Per saldo heeft dit geen effect op de jaarrekening.
-28
· De directe personele kosten van de afdelingen Ruimte en Samenleving toegerekend aan de programma’s. Ten opzichte van de begroting is er een nadeel ontstaan. Het grootste onderdeel hiervan zijn de salariskosten. Een totaalanalyse van de salariskosten is opgenomen in bijlage 1.
-77
· Voordeel kapitaallasten: in bijlage 2 is een totaalanalyse van de kapitaallasten opgenomen. · Door de coronacrisis zijn op dit programma uitgaven verantwoord die niet waren begroot. Deze extra uitgaven worden gedekt door de van het rijk ontvangen compensatie-uitkering verantwoord op programma algemene dekkingsmiddelen). In de paragraaf corona is een analyse en toelichting opgenomen op het geheel van de uitgaven en inkomsten in 2021 als gevolg van de coronacrisis.
0 -135
Baten: · In 2019 is het financieel convenant voor Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen (MO/BW) voor de regio OostVeluwe vastgesteld door de gemeenteraad. In dit convenant zijn afspraken gemaakt over de financiële overschotten en tekorten voor MO/BW tot 2023. Het overschot wordt naar rato van cliëntenaantal verdeeld over 6 gemeenten. Ook over
1.028
82
2021 heeft de gemeente Epe een bedrag uit het overschot ontvangen. Dit wordt gestort in de reserve risico's sociaal domein. · In 2021 heeft een verrekening plaatsgevonden voor het WMO-abonnementstarief over de jaren 2020 en 2021 vanuit het minimabeleid. In 2020 heeft deze verrekening niet plaatsgevonden waardoor er een voordeel is ontstaan binnen het minimabeleid. Deze verrekening zorgt in 2021 voor een eenmalig voordeel van € 108.000. De uitgaven zijn te vinden op programma 10 . Het voordeel wordt gestort in de reserve risico's sociaal domein.
108
· Bij het opstellen van de begroting 2021 is er van uitgegaan dat de eigen bijdragen voor vervoer door de GR Basismobiliteit (PlusOV) verrekend zouden worden met de vervoerslasten. Omdat de eigen bijdragen echter als opbrengsten moeten worden gepresenteerd, ontstaat een voordeel in de baten.
36
· In 2021 heeft het rijk extra middelen beschikbaar gesteld voor het Lokaal preventieakkoord. Hiermee krijgen gemeenten de kans om extra in te zetten voor gezondheidspreventie. Deze inkomsten zijn niet begroot, waardoor er een voordeel ontstaat. Hier tegenover staan extra uitgaven die niet begroot zijn. Per saldo heeft het geen effect op het saldo van de jaarrekening.
28
83
4 | Leefbaar en Veilig Bedragen x € 1.000 Begroting 2021
Begroting 2021 na wijziging
Werkelijk 2021
Verschil 2021
Lasten
2.387
2.462
2.486
-24
Baten
2
2
37
35
-2.385
-2.460
-2.449
11
Saldo
Toelichting op mutaties in lasten en baten + is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000 Lasten: · De middelen voor Gebiedsgericht werken zijn incidenteel beschikbaar gesteld bij begroting 2017 voor de jaren 2017-2020. De periode is doorgetrokken tot 2021. In 2021 is er een evaluatie opgesteld over het Gebiedsgericht werken. Op basis van de eerste evaluatie, welke in 2021 is uitgevoerd, kan een bedrag van € 88.000 vrijvallen wat niet meer nodig is voor de afronding van de evaluatie.
. 88
· Diverse oorzaken hebben geleid tot een overschrijding op het onderhoud en beheer van de brandweerkazernes, uitgevoerd door de veiligheidsregio (VNOG). De overschrijding is hoger dan in voorgaande jaren; een aanpassing van het structurele budget in 74 de begroting zal vermoedelijk nodig zijn. · In het kader van de regeling van het rijk ter compensatie van uitgaven voor de controle van het coronatoegangsbewijs zijn bijdragen ter ondersteuning aan organisaties en ondernemers verstrekt. Hier staan inkomsten van het rijk tegenover (zie onder de baten).
37
Baten: · In 2021 is (via de veiligheidsregio) een bijdrage van het rijk ontvangen voor de kosten die zijn gemaakt voor 37 bijdragen/ondersteuning in verband met de controle op het coronatoegangsbewijs. Hier staan uitgaven tegenover (uitvoering van de regeling, zie onder de lasten).
84
5 | Ruimte en Wonen Bedragen x € 1.000 Begroting 2021
Begroting 2021 na wijziging
Werkelijk 2021
Lasten
4.203
4.662
4.085
577
Baten
2.708
2.718
4.172
1.454
-1.495
-1.944
87
2.031
Saldo
Verschil 2021
Toelichting op mutaties in lasten en baten + is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000 Lasten:
.
· Voor lagere lasten bouwgrondexploitatie wordt verwezen naar de paragraaf grondbeleid. Dit wordt verrekend met de reserve bouwgrondexploitatie waardoor dit geen effect heeft op het saldo van de jaarrekening.
726
· Als gevolg van de coronapandemie zijn extra, niet begrote kosten gemaakt voor de inhuur van personeel. Deze zijn gedekt vanuit de daarvoor ingestelde reserve, waardoor dit geen effect heeft op het saldo van de jaarrekening.
224
· Er worden nog kosten gemaakt voor de sanering van een perceel in het plan Oosterhof-Zuid. Hiervoor is een voorziening gevormd. Hier tegenover staat een opbrengst door de verkoop van het perceel.
-38
· Er zijn meer vergunningaanvragen bouwen ingediend dan begroot, waardoor de lasten voor welstandsadviezen hoger uitvallen. -47 · Voordeel kapitaallasten: in bijlage 2 is een totaalanalyse van de kapitaallasten opgenomen.
102
Baten: · Er is een pand en een perceel grond in Oosterhof-Zuid verkocht waarmee geen rekening was gehouden in de begroting. Daar 660 worden nog kosten voor gemaakt die aan de lastenzijde staan. Een deel wordt gereserveerd voor structureel hogere lasten van de nieuwe bibliotheek. · In een koopovereenkomst met betrekking tot de realisatie van een appartementencomplex is afgesproken dat bij verkoopprijzen boven een bepaald bedrag, de gemeente meedeelt in de extra opbrengst. Vanwege de sterk gestegen huizenprijzen heeft dit een voordeel opgeleverd.
700
· Voor de lagere baten bouwgrondexploitatie wordt verwezen naar de paragraaf grondbeleid. De winsten zijn conform het beleid toegevoegd aan de reserve bouwgrondexploitatie en hebben daardoor geen effect op het saldo van de jaarrekening.
526
· Als gevolg van de ontwikkelingen op de woningmarkt zijn in 2021 enkele grote plannen in ontwikkeling gekomen, zoals Oosterhof-Zuid. Hiervoor zijn in 2021 overeenkomsten gesloten en de bijdragen van de ontwikkelaar aan ons betaald. Dergelijke grote plannen komen niet jaarlijks voor en waren daarom niet vooraf begroot.
77
· In de begroting was de verkoop van snippergroen ten onrechte opgenomen onder de bouwgrondexploitatie. Dit leidt in de jaarrekening tot een voordeel.
56
· Er zijn meer en meer grote vergunningaanvragen bouwen ingediend dan begroot. Dit heeft (vrijwel)geen invloed op het saldo van de jaarrekening, omdat het overschot in de reserve bouwleges wordt gestort.
540
85
6 | Epe op orde Bedragen x € 1.000 Begroting 2021
Begroting 2021 na wijziging
Werkelijk 2021
Verschil 2021
Lasten
7.242
7.162
5.713
1.449
Baten
1.218
1.218
1.433
215
-6.024
-5.944
-4.280
1.664
Saldo
Toelichting op mutaties in lasten en baten + is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000 Lasten:
.
· De kosten van het groot onderhoud van wegen worden in de begroting opgenomen voor een gemiddeld bedrag van de kosten over twintig jaar. Het werkelijke onderhoud wordt uitgevoerd op basis van inspectie van de wegen en het bijdragen in 1.377 projecten. Hierdoor zijn in sommige jaren de werkelijke kosten van het groot onderhoud lager dan het gemiddelde, in andere jaren hoger dan het gemiddelde. De afwijkingen van het gemiddelde bedrag wordt verrekend met de reserve groot onderhoud wegen. Hierdoor ontstaat een gelijk blijvende last voor het onderhoud door de jaren heen. In 2021 is vertraging ontstaan in de projecten Hoge Weerd 3e fase en Herinrichting Krugerstraat -Tuindorpweg-van Riebeeckstraat. Hierdoor zijn er in 2021 minder kosten gemaakt. · In 2021 zijn investeringen op begraafplaatsen uitgesteld. Daarnaast zijn de opbrengsten uit begraafrechten hoger uitgekomen dan begroot (zie baten). Dit leidt tot een toevoeging aan de voorziening begraven en een nadeel aan de lastenkant in dit programma.
-168
· Het beheer en onderhoud van de Openbare Ruimte is via een langjarig contract uitbesteed aan een marktpartij. De prijs van dit contract wordt jaarlijks geïndexeerd. De werkelijke indexatie kwam in 2021 lager uit dan bij de begroting aangenomen. Hierdoor ontstaat er een voordeel op dit programma.
90
· De directe personele kosten van de afdelingen Ruimte en Samenleving toegerekend aan de programma’s. Ten opzichte van de begroting is er een nadeel ontstaan. Het grootste onderdeel hiervan zijn de salariskosten. Een totaalanalyse van de salariskosten is opgenomen in bijlage 1.
-21
· Voordeel kapitaallasten: in bijlage 2 is een totaalanalyse van de kapitaallasten opgenomen.
233
Baten: · Het onderhoud van de openbare verlichting is door de komst van LED erg veranderd doordat de levensduur van LED armaturen en conventionele lampen langere is. In 2021 is een omslagpunt bereikt waarbij er geen conventionele lampen meer vervangen worden maar direct vervangen worden door LED armaturen. Hierdoor is er geen grondslag meer voor de financiële voorziening groot onderhoud openbare verlichting. Het restant van de voorziening wordt toegevoegd aan de reserve vervanging openbare verlichting om de laatste conventionele lampen te vervangen voor LED-armaturen. Hierdoor heeft dit geen invloed op het saldo van de jaarrekening.
53
· In 2021 zijn de werkelijke opbrengsten uit begraafrechten en de ontvangen afkoopsommen voor het onderhoud van graven hoger uitgekomen dan het gemiddelde waarop de begroting gebaseerd was. Dit komt omdat in 2021 nabestaanden reeds grafrechten hebben verlengd terwijl in de begroting ervan was uitgegaan dat dit in 2022 pas zou plaatsvinden. Daarnaast hebben in 2021 nabestaanden er vaker dan gemiddeld voor gekozen het grafrecht/onderhoud voor 50 jaar af te kopen. Als gevolg hiervan heeft er een storting plaatsgevonden in de voorziening begraven (zie lasten). Het voordeel aan de batenkant in dit programma heeft dan ook geen effect op het saldo van de jaarrekening.
172
86
7 | Duurzaamheid Bedragen x € 1.000 Begroting 2021
Begroting 2021 na wijziging
Werkelijk 2021
Lasten
7.181
7.441
7.534
-93
Baten
7.357
7.630
7.741
111
176
189
207
18
Saldo
Verschil 2021
Toelichting op mutaties in lasten en baten + is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000 Lasten:
.
· In 2021 zijn investeringen in riolering uitgesteld. Dit leidt tot een toevoeging aan de voorziening riolering en heeft daarmee een nadeel aan de lastenkant in dit programma.
140
· De kosten voor het beheer en onderhoud van de riolering zijn in 2021 hoger uitgekomen dan begroot. Dit komt omdat de tarieven voor het onderhoud meer dan verdubbeld zijn en ook de overige kosten binnen het contract flink gestegen zijn. Daar staat in 2021 tegenover dat er minder is uitgegeven aan reiniging en inspectie van riolering. Het nadeel dat per saldo ontstaat wordt verrekenend met de reserve riolering en heeft daarmee geen invloed op het saldo van de jaarrekening.
-63
· Er zijn meer aanvragen energieadviezen ingediend dan begroot. De kosten daarvan vallen daarom hoger uit. Dit wordt deels gedekt door een niet begrote subsidie en deels vanuit de nog beschikbare middelen in de reserve duurzaamheid.
-34
· De werkzaamheden van OVIJ voor duurzaamheid zijn toegenomen vanwege de gestegen vraag. Dit is deels gedekt uit een niet begrote subsidie.
-31
· De directe personele kosten van de afdelingen Ruimte en Samenleving zijn toegerekend aan de programma’s. Ten opzichte van de begroting is er een voordeel ontstaan. Het grootste onderdeel hiervan zijn de salariskosten. Een totaalanalyse van de salariskosten is opgenomen in bijlage 1.
24
· Voordeel kapitaallasten: in bijlage 2 is een totaalanalyse van de kapitaallasten opgenomen.
161
Baten: · In de begroting wordt rekening gehouden met leges inkomsten van een gemiddeld aantal particuliere percelen dat op het rioolstelsel van de gemeente wordt aangesloten. Het werkelijke aantal is vooraf lastig te bepalen en wijkt daar over het algemeen van af. In 2021 zijn er minder aansluitingen gerealiseerd dan in de begroting opgenomen. Het nadeel dat ontstaat wordt verrekend met de reserve riolering en heeft daarmee geen invloed op het saldo van de jaarrekening.
-25
· In 2021 heeft de invoering van diftar plaatsgevonden en is de vergoeding voor de inzameling van PMD veranderd. Zowel de inschatting van de opbrengsten uit diftar als van PMD waren lager dan de werkelijke opbrengsten. Voor PMD speelde bij een lagere begroting mee dat op basis van de mate van afkeuring van PMD door de sorteerder in 2020 de opbrengst 2021 lager is ingeschat. Voor een toelichting op diftar is opgenomen in paragraaf 1 Lokale heffingen. Het voordeel dat ontstaat wordt verrekend met de reserve grondstoffeninzameling en heeft daarmee geen invloed op het saldo van de jaarrekening.
156
87
8 | Toezicht en Handhaving Bedragen x € 1.000 Begroting 2021
Begroting 2021 na wijziging
Werkelijk 2021
Verschil 2021
Lasten
644
654
929
-275
Baten
110
110
221
111
-534
-544
-708
-164
Saldo
Toelichting op mutaties in lasten en baten + is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000 Lasten:
.
· De directe personele kosten van de afdelingen Ruimte en Samenleving zijn toegerekend aan de programma’s. Ten opzichte van de begroting is op dit programma een nadeel ontstaan. Het grootste onderdeel hiervan zijn de salariskosten. Een totaalanalyse van de salariskosten is opgenomen in bijlage 1.
-92
· Als gevolg van de coronapandemie zijn extra niet begrote kosten gemaakt voor de inhuur van personeel voor toezicht en handhaving. Deze kosten zijn gedeeltelijk gedekt vanuit de rijksbijdrage voor extra kosten toezicht en handhaving. De overige kosten worden gedekt uit de daarvoor ingestelde reserve, waardoor dit geen effect heeft op het saldo van de jaarrekening.
177
Baten: · Als gevolg van de coronapandemie is een rijksbijdrage ontvangen voor de extra kosten toezicht en handhaving. Deze zijn ingezet als dekking voor de extra uitgaven.
123
88
9 | Bedrijvigheid Bedragen x € 1.000 Begroting 2021
Begroting 2021 na wijziging
Werkelijk 2021
Verschil 2021
Lasten
678
1.126
928
198
Baten
8
8
-15
-23
-670
-1.118
-943
175
Saldo
Toelichting op mutaties in lasten en baten + is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000 Lasten:
.
· In de begroting was uitgegaan van kosten voor o.a. het actieprogramma economische visie en toekomstkracht. Deze worden 115 gedekt uit de reserve herstel- en stimulering. De kosten zullen voor een groot deel in 2022 gemaakt worden. Op dit programma ontstaat daardoor een voordeel. Daar staat een lagere onttrekking van die reserve tegenover. · Er is rekening gehouden met uitgaven voor toekomstbestendige bedrijventerreinen. De kosten daarvan zijn op programma 7 geboekt en deels gedekt door subsidie, waardoor er op dit programma een voordeel ontstaat.
60
89
10 | Weer aan het werk Bedragen x € 1.000 Begroting 2021
Begroting 2021 na wijziging
Werkelijk 2021
Lasten
14.853
15.092
15.823
-731
Baten
6.793
6.793
8.206
1.413
-8.060
-8.299
-7.617
682
Saldo
Verschil 2021
Toelichting op mutaties in lasten en baten + is een voordeel - is een nadeel bedragen in € 1.000 Lasten:
.
· In maart 2020 is de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) in werking getreden. De regeling heeft tot doel om zelfstandigen tijdelijk in hun levensonderhoud te voorzien en een lening te kunnen verstrekken voor 973 bedrijfskapitaal om hiermee hun bedrijf tijdens de coronacrisis in stand te kunnen houden. Gemeenten voeren deze regeling uit en hebben hiervoor een specifieke uitkering van het Rijk ontvangen. De door de gemeenten gemaakte kosten worden voor elke gemeente individueel op basis van nacalculatie volledig vergoed (zie ook baten). De uitvoering van de Tozo vindt plaats door het GROS (Gemeentelijk Regionaal Ondernemers Steunpunt en is een samenwerkingsverband van de gemeenten Apeldoorn en Deventer). De uitvoeringskosten worden ook uit deze kostenplaats bekostigd. Dit maakt onderdeel uit van het contract met Apeldoorn voor werk en inkomen. · Door de extra inzet op dienstverlening om mensen met een uitkering naar werk te begeleiden, is het aantal mensen met een 326 uitkering lager dan verwacht. Door deze daling zijn de kosten van de uitkeringen lager en ontstaat er een voordeel op de lasten. Het resultaat wordt verrekend met de reserve BUIG en heeft daardoor geen invloed op het saldo van de jaarrekening.