362930 008 210728 BH4028 F50 ontwerptoelichting Apeldoorn-Epe DEF
Tekst van het document
28 juli 2021
Visie & doel Versterken cultuurhistorische waarden Creëren veilige doorstroom voor de fietsers Behoud lokale natuur Minimaliseren impact medegebruikers op fietsers Behouden cultuurhistorische waarde Ruimte creëren voor het vier meter brede tracé Bestaande elementen passend vormgeven Versterking huidige infrastructuur Versterking lokaal landschappelijk karakteristiek en natuur Versterking lokale ecologie
Ontwerpuitgangspunt Cultuurhistorie
Gebruikmaken van cultuurhistorische karakteristiek Borgen van verkeersveiligheid
Cultuurhistorie
Behoud/versterking huidige natuuren landschappelijke waarden Minimaliseren hinder medeweggebruikers en versterking natuur Elimineren onoverzichtelijk kruispunt Minimaliseren hinder medeweggebruikers Behoud cultuurhistorische karakteristiek
Ecologie
Kruisingen en medegebruik Ecologie en dwarsprofiel Medegebruik Cultuurhistorie Ecologie en dwarsprofiel Ruimtelijke kwaliteit Omgeving Landschap en ecologie Ecologie
Kruispunten
Ecologie en medegebruik
Kruispunten en medegebruik Medegebruik cultuurhistorie
BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
47
Project gerelateerd 6.5 Traject Wenumsche beek – Poelweg
28 juli 2021
Behoud schrale vegetatie in bermen met ecologisch bermbeheer Laanbeplanting rondom route met bomen Herplanting van de verschillende gekapte bomen rondom het tracé (niet op de enk)
Versterking landschappelijke en ecologische waarden verduidelijking overgang landschapstypen Behoud natuurwaarden en versterking landschappelijke karakteristiek
Ecologie Landschap Ecologie en landschap
BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
48
Project gerelateerd
6.1
Kruising Anklaarseweg
[Ontwerptekening: BH4028-TE-SO-6202 - F50 - Baronnenroute-02]
De Baronnenlijn 2.0 volgt het oude spoorbaantracé, die in de volksmond “Het Baronnenlijntje” wordt genoemd. Vanaf de kruising met de Anklaarseweg vervolgen fietsers die uit het noorden komen, hun weg bijvoorbeeld via de Koninginnelaan richting centrum, via de Zwolseweg richting Apeldoorn west of via de Anklaarseweg richting Apeldoorn oost. Vanwege de hoge verkeersintensiteit (circa 14.000 motorvoertuigen per etmaal) is een fietstunnel op deze locatie overwogen. De verkeersbelasting op de Anklaarseweg is te hoog voor de functie als ontsluiting van de aanliggende (woon)wijken; de weg wordt gebruikt als sluiproute tussen Apeldoorn west en de A50. Aanleg van een fietstunnel zou de route zo mogelijk nog aantrekkelijker maken voor sluipverkeer, omdat de huidige fietsoversteek dan zou vervallen. Ruimtelijke inpassing van een tunnel zou ook ingrijpend zijn, onder andere vanwege de beeldbepalende bomen die moeten wijken en een ingewikkelde ontsluiting van het hofje aan De Jagershuizen.
28 juli 2021
Het alternatief is de realisatie van een fietsrotonde naar Zwols model. Een fietsrotonde heeft de uiterlijke kenmerken van een normale rotonde, met dit verschil dat auto’s uitsluitend rechtdoor kunnen over de Anklaarseweg. Fietsers kunnen via een doorgaande fietscirkel wel alle kanten op; de uitwisseling is aanmerkelijk eenvoudiger en comfortabeler dan bij een fietstunnel. Ondanks de hoge intensiteit van het autoverkeer hebben de fietsers voorrang. De vormgeving van de kruising als fietsrotonde maakt dit mogelijk, waardoor de snelheid van het autoverkeer geremd wordt door de bochten, als op een normale rotonde, en het attentie niveau maximaal gericht op de overstekende fietsers. In tegenstelling tot de kruising van de Veluweflankroute met de Stadhoudersmolenweg (zie paragraaf 4.2) is een fietsrotonde op deze locatie goed toepasbaar, vanwege het geringere aandeel vrachtverkeer en de ligging in een meer stedelijke omgeving, met (zichtbare) hogere bebouwingsdichtheid. Ook voor een fietsrotonde moeten enkele beeldbepalende bomen wijken, maar dit zijn er minder dan voor een tunnel. Herplant van bomen is eventueel mogelijk in het gazon tussen de flatgebouwen en het huidige fietspad. Dit kan een grote solitair zijn of een boomgroep en moet qua uitstraling afwijken van de oude eikenlaan.
De aansluiting van De Jagershuizen verschuift iets naar het westen en de daar aanwezige bushalte wordt verplaatst. Bij de nieuwe halte halteert de bus op de rijbaan van de Anklaarseweg, wat ook bijdraagt aan het minder aantrekkelijk maken van deze route voor sluipverkeer.
BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
49
Project gerelateerd
Fietsrotonde naar Zwols model (Harry ten Klooster)
6.2
Apeldoorn Noord – Hommelbrink (Anklaarseweg-Hogekampweg)
[Ontwerptekening: BH4028-TE-SO-6202 - F50 - Baronnenroute-02]
Dit traject in Apeldoorn-noord ligt in de buurt Hommelbrink met woonwijk en beekdal van de Koningsbeek. In de buurt Hommelbrink wordt het zuidelijk deel van het traject gekenmerkt door de ligging in het stedelijk gebied. Het oude spoorbaantracé ligt tussen de woonstraten van de wijk, De Jagershuizen en Termaaden. In het noordelijk deel loopt het traject door het beekdal van de Koningsbeek, een kleinschalige agrarisch gebied met kenmerkende landschappelijke structuren (knotwilgen, houtwallen, laanbeplanting). De Koningsbeek die gekruist wordt heeft nog zichtbare oude landhoofden van de voormalige spoorbaan. Het traject maakt onderdeel uit van een ommetje vanuit de wijk. Het fietspad wordt over het gehele traject begeleid met struiken die vanwege de verbreding worden teruggesnoeid.
28 juli 2021
BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
50
Project gerelateerd Langs het traject moeten enkele bomen, met name berken en eiken, worden gekapt in verband met benodigde ruimte. De gekapte bomen en eventueel gerooide struiken worden vervangen door nieuwe bomen en struiken in de bermen aan weerszijden van de fietsroute. Sleedoorn dient in ieder geval toegepast te worden in verband met de sleedoornpage die in dit gebied voor komt. De berm wordt ontwikkeld tot kruidenrijke vegetatie begeleid met bomen en inheemse struiken (ca. 5%).
6.3
Bebouwd buitengebied Wenum-Wiesel (Hogekampweg - Plasweideweg)
[Ontwerptekening: BH4028-TE-SO-6202 - F50 - Baronnenroute-02]
De Koningsbeek heeft een ruime onderdoorgang en wordt aan de noordzijde al begeleid door knotwilgen. Hier zijn geen specifieke verbetermaatregelen voorzien. Wel worden de leuningen van de brug vervangen, zodat alle beekkruisingen eenzelfde leuning krijgen, conform het type van de Baronnenroute. Het semiverhard voetpad dat oostelijk van het oude spoorbaantracé ligt, in het verlengde van Termaaden naar de Koningsbeek en vervolgens in westelijke richting afbuigt langs de beek, wordt aan de zuid- en noordzijde verlengd. Zuidelijk komt een semiverhard voetpad langs de Termaaden naar het meest noordelijke doorsteekje tussen De Jagershuizen en Termaaden. In noordelijke richting loopt het semiverharde voetpad via een eigen brug of vlonder over de Koningsbeek om vervolgens in de oostelijke berm naast het fietspad aan te sluiten op de Hogekampweg. De exacte ligging van het voetpad wordt afgestemd op de bestaande bomen. Het bankje aan de noordelijke bebouwingsrand van Hommelbrink (bocht van De Jagershuizen) wordt vervangen en omgedraaid, zodat het fraai uitzicht biedt in noordwestelijke richting over het kleinschalige landschap met weilanden. Ook de andere zitbanken langs de fietsroute, nabij de Koningsbeek, worden zodanig geplaatst dat er beter zicht is op het omliggende landschap, georiënteerd op het voetpad en niet zozeer gericht op het fietspad.
28 juli 2021
Het traject loopt hier door kleinschalig bewoond gebied van Wenum dat samen met Wiesel een tweelingdorp vormt. Dit gebied wordt gekenmerkt door relatief veel opgaand groen (bomen en struiken) langs het oude spoorbaantracé en rond de woonerven. Het groene, kleinschalige karakter van dit traject wordt zoveel mogelijk behouden. Bij dit traject begeleid met bomen in de bermen komend uit de woonwijk is een essentiële vliegroute vastgesteld van gewone dwergvleermuizen (hoogste aantallen) en ruige dwergvleermuizen tot de Wenumse watermolen (Regelink, 2019). Gewone dwergvleermuizen zijn gebouwbewoners die foerageergebied hebben in het buitengebied.
BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
51
Project gerelateerd Bij de kruising met de Hogekampweg is het uitzicht vanuit verkeersoptiek in de zuidwestelijke hoek beperkt door de hoge haag rond het woonerf. Gezien de geringe verkeersintensiteit is de verwachting dat de standaard toepassing van het plateau volstaat om de snelheid van het autoverkeer voldoende te beperken. In de DOfase wordt onderzocht of aanvullende maatregelen genomen moeten worden. Te denken valt aan snoeien, verwijderen of verplaatsen van de haag en/of aanvullende markering of bebording aanbrengen. Uitbuigen van de Hogekampweg of het fietspad is ruimtelijk niet of nauwelijks mogelijk, zonder bomen te moeten kappen of grond aan te kopen. Cultuurhistorisch is het ook niet wenselijk het oude spoorbaantracé uit te buigen, ook niet als die uitbuiging licht en vloeiend is; de rechtlijnigheid van de historische lijn zou daardoor worden aangetast. Een soortgelijk beperkt uitzicht is er in de zuidoostelijke hoek van de kruising met de Hoge Brink. De ruimtelijke mogelijkheden om de Hoge Brink of het fietspad uit te buigen zijn hier nog beperkter dan bij de Hogekampweg. Ook hier is de verkeersintensiteit laag en wordt de snelheid door de geringe verhardingsbreedte beperkt. De principe kruispuntsoplossing volstaat hier in gelijke mate als bij de kruising met de Hogekampweg. Bij de kruisingen met de Fluitersweg en de Plasweideweg is het uitzicht goed.
Ondanks dat er op enkele plekken bomen moeten worden gekapt, blijft de doorgaande groenstructuur bestaan, waarbij het groene karakter in een kleinschalig bewoond landschap wordt behouden. Waar ruimte is kunnen wel bomen tussen de bestaande structuur worden herplant. Onder andere de spitse punt die het tracé van de Baronnenlijn 2.0 vormt met de Nieuwe Kamp juist ten zuiden van de Fluitersweg kan hiervoor benut worden. De bestaande bank die daar staat wordt vervangen.
28 juli 2021
6.4
Wenum
[Ontwerptekening: BH4028-TE-SO-6202 - F50 - Baronnenroute-01 en 02]
Open agrarisch gebied Plasweideweg-Wenumsedwarsweg Tussen de Plasweideweg en de Wenumsedwarsweg ligt de fietsroute in een ontginningslandschap dat gekenmerkt wordt door openheid en rechte kavels met weilanden en enkele akkers. In de berm komen enkele bomen voor die nog relatief jong zijn (ca 20-30 jaar). De bermen zijn relatief kruiden- en bloemrijk met onder meer duizenblad, St. Janskruid en hemelsleutel. Aandachtspunt is bestrijding van de exoten Japanse duizendknoop en Amerikaanse vogelkers. Het fietspad wordt frequent mede gebruikt door ruiters. Om dit medegebruik te faciliteren en tegelijkertijd ruimte te creëren voor groencompensatie en ecologische versterking wordt aan de westzijde een 3 meter brede strook agrarische grond aangekocht, direct achter de bestaande watergang. De beleving van het oude spoorbaantracé in het landschap blijft daarmee goed behouden. BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
52
Project gerelateerd
Voor behoud en verbetering van de kruidenrijke berm wordt er ingezet op ecologisch bermbeheer en wordt ook 5% aan bloem-/besrijke struiken (o.a. sleedoorn) aangeplant. Hierdoor ontstaan structuurrijke bermen waar diverse planten- en diersoorten van profiteren. In de voorgaande, verkennende schetsontwerpfase is voorzien in een verbindend fietspad, een zogenaamde feeder, naar de Wenumseveldweg. Inpassing van de feeder betekent een ingrijpende doorsnijding van het landbouwperceel. De Wenumseveldweg kan worden bereikt via de Wenumseweg, parallel aan de fietsroute. De Wenumseweg is een grindweg. Om dit landschapskenmerk niet aan te tasten en om te voorkomen dat de Wenumseweg als sluiproute naar het bedrijventerrein Stadhoudersmolen gebruikt gaat worden is het niet wenselijk deze weg te verharden. De feeder heeft vooral een functie voor de bereikbaarheid van bedrijventerrein Stadhoudersmolen voor fietsers vanuit noordelijke richting. Voor die doelgroep biedt de Plasweideweg een goede verbinding. Geadviseerd wordt om geen nieuwe feeder te realiseren.
Huidige situatie vanaf kruispunt Wenumsedwarsweg
Visualisatie toekomstige situatie vanaf kruispunt Wenumsedwarsweg
28 juli 2021
BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
53
Project gerelateerd Voor de inpassing worden op dit trajectdeel her en der bomen gekapt. Er blijft sprake van een doorgaande groenstructuur, maar er worden waar mogelijk wel bomen herplant. De Papegaaibeek wordt zichtbaar gemaakt in het landschap door de bestaande duiker te vervangen door een brug met kenmerkende leuningen voor de Baronnenlijn 2.0 en doorlopende oevers. Langs de kale beekloop komen aan de zuidelijke beekoever elzen te staan, vanaf de Oude Zwolseweg tot aan het Apeldoorns kanaal. Oostelijk van het oude spoorbaantracé loopt het klompenpad Kopermolenpad langs de noordelijke oever van de beek. Vanaf de kruising met de beek loopt het Kopermolenpad langs het fietspad in noordelijke richting, waarbij de wandelaars voldoende ruimte hebben om in de westelijke berm te kunnen lopen. In deze berm wordt voorzien in een struinpad.
Wenumsedwarsweg-Wenumsche beek Iets ten noorden van de Wenumsedwarsweg gaat het ontginningslandschap over in het beekdallandschap met de Papegaaibeek en Wenumsche beek. Dit is een cultuurhistorisch waardevol gebied, met een aantal cultuurhistorisch waardevolle objecten zoals de Wenumse watermolen. Het gebied maakt deel uit van de Groene Ontwikkelingszone en de nieuwe natuuropgave Wenum Wiesels beekdal. Herstel en versterking van landschappelijke en ecologische waarden wordt gestimuleerd, evenals het beleefbaar en zichtbaar maken van de beken als blauwe dragers van het Wenum Wiesels beekdal. Agrarische activiteiten, mede kenmerkend voor dit gebied, worden behouden. Vanaf de Wenumsedwarsweg loopt het fietspad rechtlijnig door over het oude spoorbaantracé naar de Papegaaiweg in Wenum-Wiesel, waarbij het beekdal met de Papegaaibeek wordt gekruist. Het tracé wordt hoofdzakelijk begeleid door verspreid staande berken en eiken van circa 30-50 jaar. Ter hoogte van de Papegaaibeek staan andere soorten zoals populieren in de berm. 28 juli 2021
Bij het dorp Wenum komen meerdere cultuurhistorische waarden en verkeerskundige knelpunten samen. Net zuidelijk van de kruising van het oude spoorbaantracé met de Papegaaiweg lag oorspronkelijk Halte Wenum, er loopt een watergang vanaf de Wenumsche beek bij de watermolen naar de Papegaaibeek en er komt een aantal wegen en inritten uit op de Papegaaiweg. De kruising met de Papegaaiweg wordt verkeerskundig aangepast, om een aantal knelpunten op te lossen en kansen te benutten. De Papegaaiweg wordt vanuit westelijke richting naar het zuiden afgebogen, zodat de fietsroute (nagenoeg) haaks gekruist kan worden. De Papegaaiweg buigt na de kruising terug om oostelijk het huidige tracé te vervolgen. De Wenumseweg sluit daar haaks op aan. Door de uitbuiging verdwijnt de rechtlijnigheid van de Papegaaiweg, waardoor de snelheid van het autoverkeer wordt geremd en de route onaantrekkelijker wordt voor sluipverkeer. De uitrit van het bedrijf in de noordwestelijke hoek van deze kruising is verkeerskundig een complicerende factor.
BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
54
Project gerelateerd In overleg met de eigenaar van het (bedrijfs)perceel aan de westzijde wordt onderzocht of er een geschikte alternatieve ontsluiting van het terrein mogelijk is. Vooralsnog wordt ervan uit gegaan dat de uitrit op de Papegaaiweg behouden moet blijven, maar wel enkele meters in westelijke richting wordt verschoven. De manoeuvre vanuit de uitrit in oostelijke richting en vice versa wordt eenvoudiger door het verleggen en verdraaien van de Papegaaiweg en door de afstand tussen uitrit en fietspad te vergroten. Doordat de fietsroute haaks en zuidelijker wordt gekruist wordt het uitzicht sterk verbeterd, o.a. van automobilisten op fietsers uit noordelijke richting. De ruimte die in de noordoosthoek ontstaat door het verleggen van de Papegaaiweg, wordt benut om de watergang te verruimen en beter zichtbaar te maken met natuurlijke oevers. In de overhoek wordt struweel toegevoegd om het doorzicht vanuit het oosten weg te nemen. De kruising van de watergang met de fietsroute wordt voorzien van kenmerkende leuningen. Mocht in de toekomst de inrit naar het bedrijf komen te vervallen, dan kan de watergang weer bovengronds komen en de duiker worden vervangen door een brug. De uitbuiging van de Papegaaiweg in zuidelijke richting gaat ten koste van een deel van de rustplaats; de rustplaats wordt verplaatst naar de Astaweg.
Op de plek die hier overblijft kan een informatiepaneel worden geplaatst over de historie van de plek als Halte Wenum. De ondergrondse afvalcontainer moet verplaatst worden. Het agrarische bedrijf in de zuidwestelijke hoek van de kruising met de Papegaaiweg heeft een (officieuze) uitweg op de fietsroute, die frequent gebruikt wordt. Om onderlinge hinder tussen fietsers en een efficiënte bedrijfsvoering te beperken wordt in de DO fase in overleg met de ondernemer besproken hoe het bedrijf op andere wijze ontsloten kan worden, bijvoorbeeld via een rechtstreekse verbinding naar de Papegaaiweg of door de westelijke berm van het fietspad.
Het traject tussen de Papegaaiweg en Astaweg wordt gekenmerkt door een zeer besloten en nauw aandoend fietspad als gevolg van het hekwerk dicht op het fietspad aan de westzijde en opgaande beplanting aan de oostzijde. Het profiel van het huidige fietspad inclusief bermen is te smal. De benodigde grond voor het nieuwe bredere fietspad wordt aan de westzijde aangekocht. De bestaande natuurlijke groenstructuur aan de oostzijde kan zo behouden worden en aan de westzijde kan een aantrekkelijkere, natuurlijke erfafscheiding komen, bijvoorbeeld in de vorm van een dichte haag van slee-/meidoorn of beuk. Die haag wordt ook doorgezet aan de noordzijde van het perceel langs de Astaweg, zodat deze beter aansluit bij het landschappelijke en cultuurhistorische karakter nabij de watermolen. De kruising van de Astaweg is onoverzichtelijk. Rekening houdend met de onderschikte functie van de Astaweg en het beperkte gebruik wordt de Astaweg voor gemotoriseerd verkeer afgesloten ter hoogte van de fietsroute. Verkeer kan gebruik maken van de Papegaaiweg en Oude Zwolseweg2. In de noordoostelijke hoek van de kruising met de Astaweg is een nieuwe woonontwikkeling gepland, waarbij voorzien is in een nieuwe aansluiting op de Astaweg ten oosten van de fietsroute. Deze ontwikkeling en de afsluiting van de Astaweg nabij de fietsroute zijn niet strijdig met elkaar.
Mocht afsluiting van de Astaweg voor autoverkeer onverhoopt niet mogelijk zijn, dan wordt de oostelijke tak van de Astaweg naar het noorden uitgebogen, zodat voldoende zicht ontstaat in de zuidoostelijke hoek van de kruising en bovendien de fietsroute haaks gekruist kan worden. De inpassing van de uitbuiging moet worden afgestemd met de nieuwe woonontwikkeling.
2
De aansluiting tussen Papegaaiweg en Oude Zwolseweg is krap, maar ruim genoeg voor grote voertuigen om te kunnen passeren. 28 juli 2021
BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
55
Project gerelateerd In de noordwestelijke hoek bij de Astaweg wordt een rustpunt ingericht, die tevens dienst doet als informatiepunt voor de Wenumse watermolen. De zichtrelatie richting de watermolen kan worden versterkt door de beplanting opener te maken. De elektriciteitskast wordt landschappelijk ingepast met een beukenhaag. Het korte traject tussen Astaweg en Wenumsche beek wordt begeleid door grote eiken en grote coniferen en heeft enigszins een besloten karakter.
6.5
Traject Wenumsche beek – Poelweg
[Ontwerptekeningen: BH4028-TE-SO-6202 - F50 - Baronnenroute-01]
Op dit traject is voldoende ruimte om het fietspad te verbreden, met voldoende brede bermen om tevens het klompenpad Kopermolenpad in de westelijke berm als struinpad te integreren. Voor het kruisen van de Wenumsche beek tussen de westelijke berm en de route die in westelijke richting langs de beek loopt maken de wandelaars gebruik van de brug met de kenmerkende landhoofden van het oude spoorbaantracé.
Het oude spoorbaantracé ligt op een dijklichaam in het beekdal van de Wenumsche beek en gaat zuidelijk van de Marleweg over in een lichte doorsnijding op de hoger gelegen Wenumse Enk van ca. 1 m diep. Het verschil in hoogteligging is hierdoor duidelijk zichtbaar. Het traject gelegen op de Wenumse Enk wordt gekenmerkt met relicten van heischrale vegetaties met droge heide en zandblauwtje. Ook verder noordelijk in het ontginningslandschap zijn de bermen
28 juli 2021
BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
56
Project gerelateerd schraal en kruidenrijk. Verder zijn verspreid in de bermen overwegend berken en eiken aanwezig, lokaal populier en wilg. Her en der is opslag van struiken. Ter hoogte van woonerven zijn grotere forse eiken aanwezig. Het Wenums beekdal ligt in het Gelders Natuurnetwerk en maakt onderdeel uit van het plangebied nieuwe natuur Wenum Wiesels beekdal. Versterking van landschappelijke en ecologische waarden wordt hier gestimuleerd. De Wenumsche beek heeft voldoende ruimte onder de kruising met het oude spoorbaantracé met min of meer doorlopende oevers en vormt geen knelpunt voor de meer watergebonden fauna. De beekloop heeft veel ruimte met natuurlijke oevers en bossen aan de zuidzijde van de beek. Hier zijn verder geen ecologische verbetermaatregelen in het beekdal nodig. Inrichting van faunatunnels of amfibiegoten is niet zinvol om meerdere redenen. De dieren zullen al hoofdzakelijk via de bosrand en de Wenumsche beek trekken en ze zijn met name in de nacht actief wanneer het op het fietspad niet druk is; kans op aanrijding is dus klein. Om dieren te geleiden naar een tunneltje is geleiding nodig van rasters parallel aan het fietspad over een vrij lang traject. Dit werpt, naast een minder fraaie landschappelijke inpassing, voor dieren ook weer een beperking op in vrije loopruimte.
Het traject ten noorden van de Wenumsche beek biedt voldoende ruimte om het fietspad eenvoudig in te passen tot de gewenste breedte. Tot de Marleweg wordt het klompenpad Kopermolenpad als struinpad geïntegreerd in de westelijke berm. De Marleweg (zuidzijde) en Ramsbrugweg (aan weerszijden) worden voorzien van een begeleidende laanbeplanting, als begrenzing van de enk. De kruisingen met de Marleweg en Ramsbrugweg worden in de huidige situatie gekenmerkt door openheid, waardoor het uitzicht vanuit verkeerskundige optiek voldoende is. Nieuwe bomen dienen op voldoende afstand van de kruisingen gesitueerd te worden om de veiligheid te behouden.
28 juli 2021
De te kappen bomen langs de fietsroute op de enk worden niet herplant, zodat de karakteristieke openheid van de enk maximaal wordt beleefd. Noordelijk van de Ramsbrugweg gaat het landschap over in het rechtlijnige ontginningslandschap van het Wenumsche Veld. Oostelijk van het oude spoorbaantracé liggen kleine percelen met boomkwekerijen, oostelijk van de spoorbaan liggen voornamelijk weilanden. Het oude spoorbaantracé heeft er een vrij breed profiel met aan weerszijden grasbermen met bomen. Om de bijzondere schrale graslandvegetatie in de voedselarme bermen te behouden en over de bermen uit te breiden wordt ingestoken op lokaal afplaggen, ecologisch bermbeheer en exotenbestrijding (Amerikaanse vogelkers). Daarnaast is voor extra structuur en geleiding van kleinere dieren circa 5% aan inheemse (dwerg)struiken en bloem- en besdragende soorten waardevol, onder meer in de vorm van brem en lijsterbes (max.5 m hoog). De inrichting en het ecologisch beheer is grofweg van toepassing voor het traject tussen de Wenumsche beek en Egelbeek. Ook de hoger gelegen dijklichamen van het oude spoorbaantracé zijn gezien het toegepaste materiaal en gebruik relatief voedselarm. De kruisingen met de Groeneveltweg en Poelweg worden gekenmerkt door openheid. Het uitzicht vanuit verkeerskundig optiek is voldoende.
Met de inpassing van het bredere fietspad worden verspreid over het traject bomen gekapt, waaronder ook oudere eiken. Dit varieert per trajectdeel. Uit het vleermuisonderzoek blijkt dat er bij de bomen langs de fietsroute geen verblijfplaatsen voorkomen. De kap betekent dan ook geen verlies van vleermuisverblijfplaatsen. Herplant vindt zo veel mogelijk plaats bij de groenstructuren die van belang zijn als route voor vleermuizen. De huidige open delen op de enk zijn niet van belang als foerageerroute voor vleermuizen. In het agrarisch gebied tussen de Groeneveltweg/De Flesse en Poelweg worden op kavelgrenzen karakteristieke BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
57
Project gerelateerd beplantingsstructuren met berken op de hogere delen en elzen op lagere delen toegevoegd, ter versterking van de landschapsbeleving en ecologische waarde van het gebied. Tussen de Groeneveltweg/De Flesse en de Poelweg wordt een rustpunt ingericht, die tevens dienst kan doen als verzamelplaats voor fietsers uit Vaassen richting Apeldoorn.
28 juli 2021
BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
58
Project gerelateerd
7
Tracédeel Gemeente Epe; twee verschijningsvormen
In dit hoofdstuk wordt het traject in de gemeente Epe voor beide varianten toegelicht. Het traject in de gemeente Epe kan twee verschijningsvormen hebben, afhankelijk van gekozen identiteit van de route (zie hoofdstuk 3): Is de cultuurhistorisch beleving van de Baronnenlijn leidend, of de beleving van de landschapskenmerken? De verschillen worden in dit hoofdstuk toegelicht. De maatregelen en ontwerpkeuzes worden per trajectdeel beschreven. De verschijningsvorm hangt samen met de keuze voor de Veluweflankroute of de Baronnenroute, op het grondgebied van Gemeente Apeldoorn. In hoofdstuk 5 en 6 is het ontwerp van de Veluweflankroute respectievelijk de Baronnenroute tussen Apeldoorn en de Poelweg toegelicht. Elk van deze drie hoofdstukken over de tracé-onderdelen begint met een korte trajectvisie en een matrix. Dit geeft snel en overzichtelijk weer hoe de ontwerpuitgangspunten in dit gedeelte van het tracé terugkomen en ook waar deze uitgangspunten vandaan komen. Trajectvisie Epe Voor dit tracédeel bij Epe is een trajectdeel zuidelijk van de N309 ontworpen en zijn er een drietal varianten ontworpen voor het deel noordelijk van de N309. Voor het eerste deel ten zuiden van de N309 is gekozen om de cultuurhistorische waarde en betekenis van het oude spoorbaantracé maximaal te benutten en om de landschappelijke en ecologische waarden te behouden en te versterken.
Door de beken en de natuur rondom de fietsroute zichtbaarder en toegankelijker te maken wordt de interactie met de fietser verhoogd, maar wordt tegelijkertijd ook de natuur zelf versterkt. Juist in deze regio rondom Epe zijn verschillende locaties met bijzondere natuur, zoals vleermuizenpopulaties die versterkt kunnen worden door de fietsroute. Wel zijn mogelijk twee brede fietstunnels nodig op dit traject.
28 juli 2021
De drie varianten ten noorden van de N309 bestaan uit: • Europalaan – Oude Spoorbaan: Bij dit traject maakt de fietsroute gebruik van de rechtlijnigheid van de oude spoorbaan. Dit is de meest directe route. Daarnaast wordt hiermee maximaal ingespeeld op het cultuurhistorische kenmerk van de spoorbaan. Deze variant gaat in meer of mindere mate ten koste van tuinen van mensen woonachtig aan de Leenhofweg, Europalaan en De Pal. Hier is veel weerstand tegen. De grond van de oude spoorbaan is in eigendom bij de gemeente en wordt door de bewoners gehuurd. Voor deze variant zal enige bomenkap in het Kapelbosje nodig zijn. • Europalaan Agrarisch, oostelijk gelegen route naast de oude spoorbaan: De oostelijke variant is minder direct en volgt het oude spoorbaantracé niet. Wel loopt de route parallel aan de oude spoorbaan en wordt de rechtlijnigheid zoveel mogelijk benaderd. Bij deze variant worden de tuinen van aanwonenden niet aangesproken, waardoor de impact op de bewoners veel minder groot is. Het Kapelbosje wordt grotendeels gespaard en deze variant biedt ruimte en logische aanknopingspunten voor natuurcompensatie en/of het versterken van natuurwaarden. • Europalaan - Leenhofweg: Deze routevariant is minder direct en vloeiend, omdat van bestaande infrastructuur gebruik wordt gemaakt.
Hierdoor wordt minder natuur aangetast, maar hierdoor is er ook minder interactie met en versterking van de omgeving mogelijk. Dit gaat gepaard met een grotere hoeveelheid gemotoriseerd medegebruik van het fietspad, omdat de Europalaan als fietsstraat wordt ingericht. De verkeersveiligheid van deze variant is daardoor minder goed geborgd. Wel zorgt dat ervoor dat de route in het donker sociaal veilig en goed verlicht is. Bij deze variant moeten verschillende voorzieningen verplaatst worden (speelveld en parkeerplaatsen).
BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
59
Project gerelateerd
Trajectmatrix Epe Onderdeel 7.1 Poelweg – Laan van Fasna
7.2 Kruising Laan van Fasna
7.3 Traject Laan van Fasna-Deventerweg
7.4 Kruising Deventerweg
7.5 Traject Deventerweg – Eekterweg
7.6 Kruising Eekterweg
Ontwerpelementen Vervanging duikers door bruggen Bomenkap voor de verbreding van het fietspad Inrichting natuurlijke oevers met beek begeleidende beplanting Fietstunnel benodigd Aanleg voetpad langs fietspad (ook door tunnel) Verwijdering verbindend fietspad laan van Fasna Afbuiging oude spoorbaan tracé naar twee richtingen fietspad Kenmerkende leuningen naast het fietspad Behoudt duiker maar versterking oever en groenstroken Aanleg T-aansluiting met stoplichten voor de fietser Verbreding weg en demping watergang voor opstelvakken Inpassing aansluitend wandelpad Verduidelijking overgang tussen stedelijk en landelijk gebied Aanleg nieuwe bruggen en wilgenlanen naast beken Verbreding spoorbaantracé en aanleg wandelpad Gekruist met een fietstunnel Aanleg verbindend fietspad Fauna passages in de tunnel Herplant opgaande beplanting
28 juli 2021
Visie & doel Beleving Egelbeek versterken Behoud enkenlandschap
Ontwerpuitgangspunt Beekkruisingen Landschap
Versterken omliggende natuur en landschappelijke karakteristiek Elimineren verkeersonveilige kruising Faciliteren hoge hoeveelheid wandelaars Eliminatie onveilig verkeerssituatie
Ecologie en landschap
Verkeersveiligheid bij kruisingen verbeteren, maar bomen behouden Veiligheid en vormgeving beekkruising Dorpse Beek Meer structuur en kwaliteit voor de lokale natuur Passend alternatief voor veiligheid en mobiliteit Faciliteren autoverkeer na aanleg Taansluiting Faciliteren wandelaars naast fietsroute Versterken interactie met natuur/landschappelijke elementen Versterken landschappelijke karakteristiek en waarden Faciliteren wandelaars en routekwaliteit
Ecologie
Elimineren potentieel gevaarlijk kruispunt Verbinding met de fietsroute en Eekterweg Behoud lokale natuur
Tunnels en kruisingen
Behoud lokale natuur (vliegroute vleermuizen)
Kruisingen Medegebruik Kruisingen
Beekkruisingen Ecologie Kruisingen Medegebruik Medegebruik Landschap Beekkruisingen Landschap Dwarsprofiel
Omgeving Tunnels Ecologie Ecologie
BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
60
Project gerelateerd 7.7 Ernst-Achterhegge (Eekterweg – Stationsweg)
Kap en herplant van omliggende bomen door verbreding fietspad Aanleg ecologische passages Extra beplanting langs beken voor extra zichtbaarheid
7.8 Spoorspraat (Stationsweg – Brinkerweg)
Route via het oude spoorbaantracé vanaf de Spoorstraat Viertal veiligheidsmaatregelen bij de kruising Coöperatieweg Groot aantal bomen kappen en herplant rondom de route, niet op deel enk Brede bermen en struinpad
7.9 Traject Brinkerweg – N309
7.10.1 Tracévariant Europalaan – Oude Spoorbaan
7.10.2 Tracévariant Europalaan Agrarisch
28 juli 2021
Aanleg ecoduiker met geleidend scherm en bermbeheer Aanleg extra bos, een poel en verbreding natuurlijke oever Kruising Brakerweg wordt ontoegankelijk voor autoverkeer Gebruikmaken rechtlijnige spoorbaanstructuur Gedeeltelijk over gehuurde achtertuinen heen Duiker vervangen met brug Bestaande beplanting kappen en herplanten rondom het fietspad Parrallel aan het oude spoorbaantracé Mogelijkheid om meer grond bij te kopen voor vergroening Bomenkap rondom cultuurhistorisch Kapelbos Huidig gebruikte grond door omwonenden is niet nodig Route onder N309 door het park naar de Europalaan
Behoud lokale natuur
Ecologie
Versterking en behoud natuur rondom de route Versterking interactie fietsers en natuur en versterking landschappelijke karakteristiek Vermijden hinder door medegebruikers op de Spoorstraat Borgen van de veiligheid bij de kruising
Ecologie
Behoud natuur en ruimte voor een verbreed pad Versterking beleving (overgang) landschapstypen Versterking natuurwaarden en wandelaars ruimte geven Behoud en versterking natuur
Ecologie en dwarsprofiel en landschap
Versterking omliggende natuur en interactie Verplaatsing fabrieks- en woningverkeer
Ecologie
Versterking cultuurhistorische waarden en betekenis Het oude spoorbaantracé gaat deels door tuinen Eenduidige vormgeving en beleving beekkruising Behoud/herstel lokale natuurwaarden
Cultuurhistorie
Versterking cultuur-historische waarden Versterking lokale natuurelementen
Cultuurhistorie Ecologie
Ruimte voor fietspad creëren
Dwarsprofiel
Voldoende ruimte voor inpassing fietspad Aanleg vlotte en veilige fietsroute
Omgeving
Ecologie en landschap
Medegebruik Kruisingen
Ecologie
Medegebruik
Dwarsprofiel Landschap Ecologie
Kwaliteit fietsroute
BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
61
Project gerelateerd 7.10.3 Tracévariant EuropalaanLeenhofweg
28 juli 2021
Zuidelijk deel aanleg van volledig nieuw fietspad Verplaatsing trapveldje en opsplitsing parkeerkoffers
Aanleg vlotte en veilige fietsroute
Kwaliteit fietsroute
Ruimte creëren voor fietsroute
Dwarsprofiel
BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
62
Project gerelateerd
7.1
Poelweg - Laan van Fasna
[Ontwerptekening: BH4028-TE-SO-6201 - F50-04]
Tussen de Poelweg en de Laan van Fasna volgt de fietsroute het oude spoorbaantracé. Dit traject ligt deels op een kade in de laagte ter hoogte van de Poelweg en ter hoogte van het beekdal van de Egelbeek alsook ingesneden in de hoger gelegen enken waaronder de Wanenk. De hoogteverschillen zijn hier op dit traject duidelijk zichtbaar. Een manege vlak naast de fietsroute heeft hoogopgaande coniferen als erfbeplanting parallel aan de route. De enk is mede door kwekerijen naast het oude spoorbaantracé niet goed beleefbaar. Het onverharde pad naar De Poel vormt de zuidelijke begrenzing van de enk. Het noordelijk deel van het traject ligt ingeklemd tussen erfscheidingen (o.a. hekwerk) en bebouwing voordat het op de Laan van Fasna uitkomt. De Egelbeek heeft een groot natuurbelang. Het is een kwelbeek die ontspringt in het natuurgebied Het Korte Broek met vochtige hooilanden en kruiden- en faunarijke graslanden. De beek ontvangt
28 juli 2021
permanente kwel en is onderdeel van het Natura 2000-gebied Veluwe in verband met de aanwezigheid van beekprik en rivierdonderpad. Bij de beekloop komen diverse libellen en waterjuffers (o.a. weidebeekjuffer, bloedrode en bruinrode heidelibelles) voor. Bij de poelen in de omgeving van de beek komt de kamsalamander (Natura 2000-doelsoort) en de poelkikker (beschermd) voor en het is mogelijk een vliegroute van de meervleermuis en een hotspot voor foeragerende vleermuizen. Verder is hier de exoot Italiaanse kamsalamander o.b.v. eDNA vastgesteld. Het gevarieerde landschap van beekdal en enken is onderdeel van het leefgebied van de das. In de berm van de spoorbaan op de enk is een burcht aanwezig in de steilere bermrand ter hoogte van een maisakkertje. Gezien de omvang en ligging nabij het fietspad betreft het een bijburcht. De das gebruikt meerder burchten bestaande uit grotere hoofd- en kraamburchten en kleinere bijburchten. Het is een zeer mobiele soort met een groot, gevarieerd leefgebied in de omgeving.
De Poelweg ligt in een duidelijke laagte met in noordelijke richting een zandkop. De watervoerende sloten parallel aan het oude spoorbaantracé biedt kansen voor inrichting van extra plasdrassituaties langs de watergangen en een drinkpoel in de overhoeken.
Laagte bij de Poelweg
De Egelbeek wordt in de huidige situatie niet beleefd doordat deze over een grote lengte beduikerd is onder het oude spoorbaantracé. Daarnaast vormt de lange stalen duiker (1m diameter, ca 15m lang)
BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
63
Project gerelateerd voor onder meer amfibieën een knelpunt. De duiker wordt ten gunste van beleving en natuurkwaliteit vervangen door een brug met kenmerkende leuningen met doorlopende oevers onderlangs. De leuningkeuze is afhankelijk van de gekozen verschijningsvorm (Baronnenroute of Veluweflankroute). De beek is aan weerszijden van het oude spoorbaantracé onnatuurlijk en onzichtbaar. Aan de westzijde is de beek beschoeid, heeft steile onnatuurlijke oevers met aan de zuidoever een recht opgaande erfafscheiding met klimopbeplanting strak langs de beek. Aan de oostzijde van het oude spoorbaantracé ligt de beek in een open landschap met onbeschoeide oevers maar vrij ruig (brandnetel). Beekbegeleidende beplanting ontbreekt. Verbetermaatregelen voor het westelijk beekdeel zijn inrichting van natuurlijke oevers zonder beschoeiing en vrijere ligging door middel van een andere, meer landschappelijke inpassing van de erfafscheiding, bijvoorbeeld door een transparantere aanplant met elzen. Ook aan de oostzijde wordt de beek langs de zuidoever voorzien van beekbegeleidende elzenbeplanting; gunstig voor de beekprik (schaduw/beschutting) en voor de beleefbaarheid en zichtbaarheid van de beek. Als natuurlijke overgang tussen beek en paardenbak kunnen groepsgewijs enkele (eetbare) inheemse struiken aangeplant worden (o.a. meidoorn/hondsroos/hazelaar).
Voor de beleving zou het fraaier zijn als de paardenbak wordt verplaatst, bijvoorbeeld naar de westzijde van het fietspad, zuidelijk van de manage. Uitbreiding van het leefgebied van de kamsalamander en poelkikker is mogelijk door extra poelen langs de beken aan te leggen. Een poel kan eventueel ook als vee- of paardendrinkpoel worden ingezet.
De bank naast de eik nabij de Egelbeek, westelijk van het oude spoorbaantracé, wordt vervangen zodat eenduidigheid in toepassing van meubilair ontstaat. Het type bank is afhankelijk van de gekozen verschijningsvorm. Voor de verbreding van het fietspad worden op dit trajectdeel bomen gekapt, met name in het enkenlandschap. In het beekdal worden singels op perceelsgrenzen toegevoegd ter versterking van het landschap en vergroting van de biodiversiteit. In de bermen in het doorsneden enkenlandschap wordt ingezet op een menging van bloem- en bessendragende en dichte struiken (sleedoorn/meidoorn/hondsroos/liguster) en kleinere boomsoorten (bv lijsterbes, wilde appels en peer) die zorgen voor dekking en voedsel voor de das. Met name aan de westzijde van het traject, alsook minder dicht aan de oostzijde. Bij de aanpassing van de fietsroute dient bij de uitvoering en inrichting goed rekening gehouden te worden met eventuele bezetting van de bijburcht van de das.
Ter hoogte van de manege is het voorstel om de hoge coniferen te vervangen door een groene afscherming met inheems plantmateriaal zoals een natuurlijke dichte slee-/meidoornhaag, in combinatie met bomen (bijvoorbeeld zomerlinden) zodat er ook sprake is van schaduw.
28 juli 2021
BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
64
Project gerelateerd
7.2
Kruising Laan van Fasna
[Ontwerptekeningen: BH4028-TE-SO-6201 - F50-04 en BH4028-TE-SO-6206 - F50 Lengte profielen tunnels-1]
de onoverzichtelijkheid als gevolg van het gebogen verloop van de Laan van Fasna, het slechte zicht tussen fietsers en kruisende automobilisten door de nabijheid van bebouwing, hekwerken en dichte begroeiing en het verwachtingspatroon van zowel automobilisten als fietsers, die er a priori niet op voorbereid zullen zijn dat zij voorrang moeten verlenen aan de kruisende verkeersstroom. De bocht in de Laan van Fasna vergt de nodige aandacht van automobilisten, wat afleidt van overstekende fietsers. Bovendien is de bocht nadelig voor het tijdige onderlinge zicht tussen automobilisten en fietsers. Fietsers kunnen gemakkelijk over het hoofd worden gezien of schuil gaan in de dode hoek van vrachtwagenchauffeurs. De Laan van Fasna wordt ter hoogte van de bocht daarom gekruist met een fietstunnel. De beperkt beschikbare ruimte maakt het niet mogelijk een ideale tunnel in te passen. Aan de zuidzijde kunnen geen wijkende groene taluds worden toegepast en aan de noordzijde is het verloop van de fietsroute over de hellingbaan iets gebogen. Ten behoeve van de sociale veiligheid worden aan de noordzijde wel groene taluds toegepast. Een aantal haakse parkeerplaatsen aan de Vormerij moet hiervoor worden vervangen door langsparkeervakken.
Indien de parkeerdruk daar aanleiding toe geeft moet voor een deel van de parkeerplaatsen een alternatieve locatie worden gezocht aan de Vormerij of de Manegeweg. Vanwege het relatief grote aantal wandelaars wordt in de tunnel een gescheiden voetpad aangebracht. Aan de noordzijde sluit dit voetpad aan op de voetpaden structuur in Vaassen, aan de zuidzijde wordt in de oostelijke berm van het fietspad voorzien in een 1,00 meter breed voetpad tot aan de Poelweg.
De kruising van het fietspad met de Laan van Fasna is complex. Het is niet zozeer de intensiteit van het autoverkeer, maar wel de verkeersveiligheid op deze locatie, die een fietstunnel op deze locatie nodig maken. De situatie is inherent onveilig door de combinatie van 28 juli 2021
De ruimte aan de zuidzijde is dermate beperkt, dat de bereikbaarheid van de percelen aan weerszijden beïnvloed wordt. In overleg met de eigenaren van de percelen moet in de DO-fase gezocht worden naar de wijze waarop de bereikbaarheid kan worden gegarandeerd. Tenminste aan één zijde is een alternatieve ontsluiting over een belendend perceel noodzakelijk. Het pand en perceel aan de BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
65
Project gerelateerd Laan van Fasna ten westen van het tracé is in eigendom van Gemeente Epe. Onderzocht kan worden of voor de huidige gebruikers een onderkomen op een andere locatie kan worden gevonden. Aan de zuidzijde ontbreekt de ruimte om naast de hellingbaan van de tunnel een verbindend fietspad naar de Laan van Fasna aan te leggen. In de fietsstructuur kan deze verbinding worden gemist, als de Manageweg als alternatieve route geschikt gemaakt wordt. Daarvoor wordt voorzien in een verbindend fietspad met de Manegeweg, juist ten noorden van de hellingbaan van de fietstunnel. Op die locatie sluit ook het fietspad naar de Poelweg aan.
Fietsstructuur
Een voordeel van het ontbreken van een verbindend fietspad is dat de bestaande gelijkvloerse oversteek van de Laan van Fasna verwijderd kan worden, waardoor een verkeersonveilige situatie geëlimineerd wordt. De aanliggende gebouwen en percelen aan de Laan van Fasna
28 juli 2021
kunnen vanuit westelijke richting via de huidige fietsstroken tot aan de Vormerij bereikt worden. Een doorsteekje naar de Vormerij ten westen van de fietstunnel verzorgt de bereikbaarheid vanuit noordelijke en oostelijke richting. Het bestaande fietspad langs de Laan van Fasna tussen de huidige oversteekplaats en de Poelweg wordt verwijderd.
7.3
Traject Laan van Fasna-Deventerweg
[Ontwerptekening: BH4028-TE-SO-6201 - F50-03 en 04]
Het traject vanaf de tunnelkruising van de Laan van Fasna naar de kruising met de Deventerweg weg ligt in het bebouwde gebied van Vaassen, deels aan de oostelijke dorpsrand. Het fietspad aan de rand van het bebouwde gebied wordt gekenmerkt door de ligging in een bredere parkachtige groene zone met kruidenrijke berm met diverse grotere loofbomen. Het oude spoorbaantracé ligt in deze zone en is onderdeel van korte ommetjes vanuit de buurt. Het huidige fietspad ligt parallel aan de Laan van Fasna. Halverwege het traject wordt de Dorpse beek (of ook Geelmolensebeek of Vaassense Molenbeek) gekruist via een brugdek met ijzeren leuning en gesloten middenberm. De gegraven beek ligt westelijk van de Laan
BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
66
Project gerelateerd van Fasna in een relatief open en parkachtige omgeving. Oostelijk van de Laan van Fasna heeft het een beeld als een strakke watergang met geschoren gazon en bedrijventerrein met parkeerplaats. In de Dorpse beek komt de beekprik voor, weliswaar in aantal waarnemingen lager dan bij bijvoorbeeld de Egelbeek en Nieuwe beek bij Vaassen. Het fietspad volgt niet het oude spoorbaantracé, maar het bestaande brede tweerichtingen fietspad. Vanaf de nieuwe fietstunnel onder de Laan van Fasna buigt het fietspad in oostelijke richting iets af van het oude spoorbaantracé. Vanuit landschappelijk en cultuurhistorisch oogpunt is dit minder wenselijk, maar herstel van de oude loop van het spoorbaantracé is onevenredig ingrijpend en kostbaar, onder andere door kap van zeer veel bomen en benodigde grondaankoop ter hoogte van de voormalige halte Vaassen. De keuze voor het gebruik van het huidig fietspad beperkt zowel de kosten als de ruimtelijke ingreep in het landschap en de woonomgeving. Het verloop van het fietspad wordt zoveel mogelijk gestrekt om het rechtlijnige karakter van een spoorbaantracé zo goed mogelijk te benaderen. Bij de oversteken van de zijwegen (Schaarpan, Veenweg, De Pirk, Stationsstraat) waarbij het huidig fietspad naar het westen afbuigt worden de oversteeklocaties in rechte lijn met het fietspad gelegd.
Hierdoor komt het fietspad dichter bij de hoofdrijbaan; de voorrangsregeling wordt omgedraaid en duidelijk geregeld door uitritconstructies aan te brengen. De te kappen bomen op dit trajectdeel worden zoveel mogelijk in de directe omgeving terug geplant.
ecologisch beheer van de oever en met name aangrenzende groenstroken (1 x gefaseerd maaien en afvoeren, ca 1/3 laten staan) biedt deze zone meer structuur en is de natuurwaarde eenvoudig te verhogen. Doordat het bestaande fietspad iets wordt verbreed, moet het brugdek bij de kruising met de bestaande fietstunnel Veenweg onder de Laan van Fasna ook verbreed worden. Het fietspad ligt ter hoogte van het voormalig Station Vaassen ook oostelijk van het oude spoorbaantracé. Het voormalig stationsgebouw ligt verscholen achter een grondwal en beplanting waardoor het zicht hierop wordt ontnomen. Als markering en beleving van deze cultuurhistorisch waardevolle plek wordt er een afbeelding/informatiepaneel langs de westzijde van het fietspad opgenomen.
De kruising met de Dorpse beek wordt zichtbaarder gemaakt door de voor de fietsroute kenmerkende leuningen te plaatsen, waarbij aan weerszijde zicht is op open water. De vormgeving van de leuningen is afhankelijk van de gekozen variant. De duiker onder de Laan van Fasna blijft behouden; in verband met de verkeersveiligheid is het openwerken van de beek in de berm tussen rijbaan en fietspad ongewenst. De beekloop wordt westelijk en oostelijk van het fietspad en de Laan van Fasna verder landschappelijk versterkt met knotwilgen langs de zuidoever. Door 28 juli 2021
BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
67
Project gerelateerd
7.4
Kruising Deventerweg
[Ontwerptekening: BH4028-TE-SO-6201 - F50-03]
Bij de huidige rotonde is onvoldoende ruimte om een tweerichting fietsoversteek over de Deventerweg in te kunnen passen. De aansluiting wordt omgevormd naar een normale T-aansluiting. De intensiteiten geven er geen aanleiding toe (bijna geen wachttijd; zie het resultaat van capaciteitsberekening met Methode Harders), maar vanwege optimale verkeersveiligheid wordt desondanks geadviseerd de verkeersafwikkeling op het kruispunt te regelen met verkeerslichten.
Resultaat capaciteitsberekening kruispunt Deventerstraat (Methode Harders)
Inpassing van de fietsroute bij de aansluiting van de Deventerstraat aan de Laan van Fasna vergt een aanpassing van de kruispuntsvorm.
28 juli 2021
Door de beperkte verkeersintensiteiten is de kans op roodlicht negatie door vooral fietsers en bromfietsers weliswaar reëel, maar daar staat tegenover dat fietsers uit noordelijke richting gemakkelijk schuil kunnen gaan in de dode hoek van rechtsafslaand vrachtverkeer naar de Deventerstraat. De hinder voor fietsers wordt beperkt door in de basisregeling wachtstand groen voor de fietsers in te stellen en afslaand en rechtdoorgaand verkeer op de Laan van Fasna te voorzien van eigen opstelvakken. BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
68
Project gerelateerd Om de opstelvakken in te kunnen passen moet de hoofdrijbaan van de Laan van Fasna aan de noordzijde in oostelijke richting verbreed worden, waarbij de parallel gelegen watergang gedempt wordt en vervangen door een duiker. De lengte van het rechtsafvak op de noordelijke tak van de Laan van Fasna wordt beperkt tot circa 35 meter, zodat de uitrit van Welkoop en naastgelegen appartementen voor het begin van de opstelvakken aansluit. Verplaatsing van de uitrit in noordelijke richting is geen optie vanwege de (te) beperkte manoeuvreerruimte voor grote voertuigen, die voor bevoorrading van Welkoop regelmatig gebruik moeten maken van de uitrit. Ook aan de zuidzijde is de opstellengte op de Laan van Fasna beperkt (circa 45 meter) door de nabijheid van de aansluiting van de Boxhofstede. Gezien de geringe verkeersintensiteiten, die geen verkeersregelinstallatie vereisen, zijn korte opstellengtes niet bezwaarlijk. In de DO fase wordt de verkeersregeling ontworpen, waarbij de afwikkeling van de verschillende signaalgroepen zodanig geoptimaliseerd dat (te) lange wachtrijen voorkomen worden. De uitrit van Welkoop aan de Deventerstraat komt te vervallen.
De uitrit van het terreintje ten noorden van het voormalige station Vaassen kan vanwege het beperkte gebruik gehandhaafd blijven, of desgewenst verplaatst worden naar de Stationsstraat, om met name het uitrijden in noordelijke richting te vereenvoudigen. Noordelijk van de kruising met de Deventerweg ontbreekt een vrijliggend wandelpad dat aansluit op de wandelroute oostelijk van de woonwijk Heggerenk (zie ook paragraaf 6.5). Ter hoogte van de Welkoop wordt westelijk van het fietspad een aanliggend voetpad ingepast met bij voorkeur een groene afscheiding van het terrein van Welkoop (inheemse struiken) aansluitend op de hagen noordelijk ervan. Voor de aanpassingen moet een aantal bomen worden gekapt. Deze worden elders gecompenseerd. Indien de Welkoop naar een andere locatie in Vaassen verplaatst en het terrein wordt herontwikkeld, dan kan door herverdeling van de ruimte mogelijk een gelijkvloerse of ongelijkvloerse kruising van de fietsroute met behoud van de rotonde worden ingepast. 28 juli 2021
7.5
Traject Deventerweg – Eekterweg
[Ontwerptekening: BH4028-TE-SO-6201 - F50-03]
Het traject tussen de Deventerweg en Eekterweg wordt in het zuidelijk deel gekenmerkt door de ligging in de rand van het bebouwd gebied van Vaassen-noord met de woonwijk Heggerenk, dat overgaat in landelijk en kleinschalig bewoond gebied (Heggerot) en eindigt bij de Eekterweg. Noordoostelijk van de Eekterweg ligt het bedrijventerrein Eekterveld. De directe omgeving van het fietspad is relatief groen met bredere bermen. In het bebouwde gebied zijn relatief meer bomen en struiken aanwezig. Hier is een essentiële vliegroute van gewone dwergvleermuizen vastgesteld. BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
69
Project gerelateerd Daarnaast zijn laatvliegers waargenomen (Regelink, 2019). De bredere groenzone bij woonwijk Heggerenk wordt mede gebruikt door omwonenden als ommetje en uitloopgebied. Vanaf het fietspad loopt een fietsroute noordelijk van de brandweerkazerne, als feeder in oostelijke richting, naar onder andere bedrijventerrein Eekterveld. In het bebouwde gebied van Vaassen, net ten noorden van de kruising met de Deventerweg, kruist de fietsroute een aantal beken van het Vaassense bekenstelsel, dat samenhangt met het net bovenstrooms gelegen landgoed De Cannenburgh met water(koren)molen De Cannenburgh. Deze beken zorgden voor voeding van de benedenstrooms gelegen voormalige molens van Oosterhof (o.a. Amsterdamse kopermolen, een korenmolen). Het betreft de Hartense Molenbeek en de circa 40 m zuidelijk hiervan gelegen Nieuwe beek (of Rode beek)3. Beide beken zijn gegraven en worden gevoed door de natuurlijke Rode beekloop. Kenmerkend voor beide beken is het besloten, groene karakter van het gebied westelijk van de Laan van Fasna. Dit in tegenstelling tot het meer open gebied ten oosten van de Laan van Fasna, waar de Hartense beek een wijert (een vijver bij de watermolen), voedt. De Nieuwe beek is opgeleid en ligt zichtbaar tussen hogere kades waar her en der nog oudere knotwilgen aanwezig en/of recentelijk aangeplant zijn.
In het meer besloten gebied met veel opgaand groen ten westen van de Laan van Fasna wordt de beek begeleid door relatief jonge knotwilgen (ca 20-30 jaar). De beek is hier door het vele overige opgaande groen niet overal even goed beleefbaar. De Nieuwe beek is vanwege de aanwezigheid van beekprikken en rivierdonderpad onderdeel van het Natura 2000-gebied Veluwe. Daarnaast komt de zeldzame gebogen driehoeksvaren voor bij de steile oevers van deze beek waarvan delen als houtwalbeek zijn ontwikkeld door houtopslag.
Circa 75m noordelijk van de Hartense Molenbeek ligt een beekloop die voor de komst van de woonwijk Heggerenk bovenstrooms aftakte van de Hartense Molenbeek en in oostelijke richting afstroomde. De beek werd begeleid door een haag of struweel, kenmerkend voor het gebied Heggerot. In de huidige situatie begint deze verdwenen Hefterbeek bij de Hartense Molenbeek nabij het fietspad, loopt een stukje parallel aan het fietspad en takt vervolgens in oostelijke richting af. Daar heeft de beek een natuurlijke loop en ligt er noordelijk van het fietspad dat ten noorden van de brandweerkazerne loopt. Bij de kruisingen van de Nieuwe beek en Hartense Molenbeek met het oude spoorbaantracé zijn de oude landhoofden nog aanwezig. Om de zichtbaarheid en beleving van de Vaassense beken te verbeteren worden de beeklopen oostelijk van de fietsroute begeleid met knotwilgen (onderlinge afstand 5m). Langs de Nieuwe en Hartense Molenbeek komen aan weerszijden van de beek knotwilgen om de bijzondere cultuurhistorische waarde weer te geven. De brugleuningen van de oude bruggen worden vervangen. Het type is afhankelijk van de variant die wordt gekozen. Bij de beekloop noordelijk van de brandweerkazerne komt alleen aan de noordzijde een rij knotwilgen.
Aan de westzijde van de fietsroute worden de Nieuwe beek en Hartense beek meer vrijgezet, zodat ook hier meer zicht is op de beeklopen met knotwilgen en een duidelijke relatie ontstaat met de beeklopen oostelijk van de fietsroute. Dit geldt ook voor de watergang ten noorden van de brandweerkazerne; daar wordt de groenstrook lokaal vrijgezet. De Vaassense beken worden hierdoor herkenbare structuurdragers in het landschap.
3
De beken hebben verschillende namen in de legger van het waterschap, website stichting bekenstichting en onderzoeken naar het Veluwse sprengenlandschap o.a. WUR-rapport 2002 28 juli 2021
BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
70
Project gerelateerd Westelijk van de nieuwe brandweerkazerne is een open locatie waar de gekapte bomen en struiken gecompenseerd kunnen worden (door inheemse soorten). Deze invulling zorgt voor landschappelijke inpassing van de kazerne.
Ter hoogte van de woonwijk Heggerenk in Vaassen-noord wordt het fietspad op het oude spoorbaantracé verbreed, waarvoor vooral relatief jonge eiken moeten wijken die dicht op het fietspad staan. Indien mogelijk worden deze bomen herplant in los verband langs het fietspad. Mocht herplant niet haalbaar zijn, dan worden nieuwe bomen van diverse soorten aangeplant. Voor de wandelaars wordt westelijk van het fietspad een vrijliggend halfverhard (bijv. fijne Grauwacke) voetpad gerealiseerd, dat z’n weg vindt tussen de bomen door. 80 meter ten zuiden van de kruising met de Pastoorsweg steekt het voetpad over naar de oostzijde van het fietspad en sluit aan op het bestaande parallel gelegen zandpad. Vanuit de woonwijk Heggerenk richting het zuiden kruisen de wandelaars de Hartense beek en de Nieuwe beek via eigen bruggen. De vormgeving van deze bruggen is in harmonie met de bruggen in het fietspad, maar ondergeschikt. Het traject noordelijk van de woonwijk, gesitueerd in het kleinschalige gebied Heggerot, wordt landschappelijk versterkt met extra hagen op oude cultuurhistorische lijnen. In de zuidwestelijke hoek van de kruising met de Pastoorsweg wordt een rustpunt ingericht, die tevens dienst kan doen als verzamelplaats voor fietsers uit Vaassen richting Epe. De vormgeving is afhankelijk van de gekozen verschijningsvorm. De kruising met de Pastoorsweg is onder een scherpe hoek.
Gemeente Epe is voornemens de Pastoorsweg voor autoverkeer af te sluiten juist ten oosten van de fietsroute, om sluipverkeer te weren. Vanwege deze afsluiting, waardoor kruisend verkeer tot een minimum aan lokaal bestemmingsverkeer wordt beperkt, is de schuine kruising acceptabel. Het uitzicht op deze kruising is goed. Feeder bedrijventerrein Eekterveld Het bestaande fietspad achter de brandweerkazerne is een belangrijke feeder voor de F50, met name voor fietsers met bestemming bedrijventerrein Eekterveld.
28 juli 2021
BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
71
Project gerelateerd
Daarvoor wordt dit traject geasfalteerd en vanaf de Pastoorsweg over circa 350 meter doorgetrokken langs de Laan van Fasna tot het Molenpad, waar het vervolgens aansluit op het bestaande fietspad. Het fietspad sluit aan op de Pastoorsweg en fietsers maken over 40 meter gebruik van de weg en aansluitend van de bestaande toegang tot het parkeerterrein van de tennisvereniging. De toegang van het parkeerterrein wordt ingericht als fietsstraat om zodoende de positie van de fietser te verbeteren. Deze nieuwe route vervangt gedeeltelijk de huidige route via de Deventerweg. De huidige route wordt als onveilig ervaren, zeker de oversteek over de Laan van Fasna bij het Molenpad. Een alternatief voor deze nieuwe feeder is de herinrichting van de Deventerstraat als fietsstraat (ten oosten van de Laan van Fasna) en een veiliger oversteek bij het Molenpad.
28 juli 2021
BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
72
Project gerelateerd
7.6
Kruising Eekterweg
[Ontwerptekeningen: BH4028-TE-SO-6201 - F50-03 en BH4028-TE-SO-6206 - F50 Lengte profielen tunnels-1]
De Eekterweg, begeleid door een laanbeplanting, vormt voor grondgebonden dieren zoals de das, marters, kleine marterachtigen (hermelijn, wezel en bunzing), vos, eekhoorn, egel, muizen, amfibieën, ringslang en hazelworm een barrière. In de waterrijke omgeving noordelijk van het bedrijventerrein komen de poelkikker (beschermde soort) en overige amfibieënsoorten voor. Ook is een oude waarneming van de das bekend. Om een veilige oversteek te realiseren wordt de Eekterweg gekruist met een fietstunnel. Vanwege de relatief hoge verkeersintensiteit en rijsnelheden en de beperkte zicht omstandigheden is een gelijkvloerse kruising met voorrang voor de fietsers op deze locatie namelijk lastig verkeerveilig in te passen, Bijkomend voordeel van een fietstunnel op deze locatie is dat een ecologische verbinding relatief eenvoudig mee ontworpen kan worden met een fietstunnel. De fietsroute wordt verbonden met het fietspad langs de Eekterweg door een verbindend fietspad aan te leggen over het bestaande zandpad aan de westzijde van de fietsroute. Dit verbindende pad sluit net ten noorden van de noordelijke hellingbaan aan op de fietsroute. Om dit verbindende fietspad in te passen moet de oostelijke greppel versmald worden of vervangen door een duiker.
Fietsers uit zuidelijke richting met een bestemming aan de Eekterweg kiezen al eerder een alternatieve route, via de feeder noordelijk langs de brandweerkazerne of via de Pastoorsweg.
Het oude spoorbaantracé kruist de Eekterweg op maaiveld. Aan weerszijden van het oude spoorbaantracé staan bomen. Het is een duidelijke groenstructuur in het landschap, die een vliegroute vormt voor vleermuizen.
28 juli 2021
De open fietstunnel met wijkende bermen biedt ruimte voor inrichting van faunapassages voor amfibieën en kleinere en middelgrote zoogdieren zoals de das. Hiervoor wordt aan weerszijden een minimaal 1,5 m brede zone in de tunnel ingericht, die beide aansluiten op de omgeving. Het gaat om een inrichting met grond met bij voorkeur stobben voor dekking van kleinere soorten en om een open loopstrook van 60 à 70cm breed voor onder meer de das. Licht in de tunnel is gezien de korte onderdoorgang voldoende aanwezig om natuurlijke vegetatie te ontwikkelen. Watertoevoer naar de groenstrook is een aandachtspunt. BH4028-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
73
Project gerelateerd
Inventarisatie ecologie
Naast de inrichting in de tunnel is de geleiding naar de onderdoorgang essentieel. Dit vindt plaats door dekkinggevende beplanting als lijnelement naar de onderdoorgang toe. Deels zijn dit bomen van de lagere klasse, bijv. els, berk en lijsterbes met inheemse struiken in de berm en zover mogelijk de tunnel in. Voor functionaliteit circa 10-25% bomen/struiken en overig kruiden (ruigte). Parallel aan de Eekterweg komt een combiraster of opstaande rand/scherm van 40-60cm hoog (10cm ingegraven) voor het keren van amfibieën en kleinwild en geleiding naar de tunnel. Aan de noordzijde van de tunnel is deze in oostelijke richting circa 50m, tot de weg naar het bedrijventerrein en aan de zuidzijde tot de perceelontsluiting. In westelijke richting is het combiraster circa 25m lang, tot de inritten. Bij de aansluiting van het verbindende fietspad op het fietspad langs de Eekterweg komt een amfibie-/kleinwildgoot.