339896 Ontwerp Omgevingsvisie gemeente Epe
Tekst van het document
Er zal verbinding worden gezocht tussen het centrumgebied en de Veluwe. Dit betekent dat de inrichting van het centrumgebied zal moeten veranderen door meer groen en minder auto’s. In Vaassen is de Cannenburch een belangrijke toeristische waarde. Vaassen en de Cannenburch zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Voor Vaassen ligt de uitdaging in het verleiden van de kasteelbezoekers om het centrum van Vaassen te bezoeken. Het kernthema ‘historie en de Cannenburch’ moet in het centrum gaan ‘landen’. Het centrum van Vaassen is een plek is waar de bezoeker uitstekend terecht kan voor de dagelijkse boodschappen of om een terrasje te pakken.
31
Agrarische sector De gemeente Epe beschikt over een groot agrarisch buitengebied dat grofweg bestaat uit twee deelgebieden: de IJsselvallei en de Veluweflank. In de IJsselvallei is en blijft ruimte voor grotere agrarische bedrijven. Deze bedrijven staan hier dan ook centraal. Transformatie van voormalige (agrarische) bedrijven wordt gestimuleerd, dit houdt in dat in de IJsselvallei nieuwe functies mogelijk worden gemaakt, maar de agrarische functie blijft leidend in dit gebied. De opgave in dit gebied komt door de monocultuur van dit gebied, de uitdaging is de verleiding naar biodiversiteit, energie opwekking, beperken CO2 uitstoot en recreatie. Wel staat ons voor dit gebied een transitie opgave voor ogen die uiteindelijk moeten leiden tot een leefomgeving waar schone lucht, bodem en water, en verbetering van de biodiversiteit belangrijke doelen zijn. Deze opgave moet niet (alleen) op de schouders van de agrariërs worden gelegd. Er liggen kansen bij boeren die op termijn gaan stoppen, maar het is vooral ook belangrijk dat bottom up een proces ontstaat waarbij de gemeente een faciliterende rol heeft. Een programmatische uitwerking is hierbij het meest effectief. In de Veluweflank is juist meer functiemenging en ligt verbinding met de dorpen voor de hand. Natuurinclusieve landbouw draagt hier bij aan de kwaliteit en de beleving van het buitengebied.
In dit gebied worden geen (nieuwe) grootschalige agrarische bedrijven toegestaan. Voor bestaande agrarische bedrijven die willen intensiveren en
32
schaalvergroten is hier geen plek meer, deze kunnen verhuizen naar de IJsselvallei. Hierdoor ontstaat ruimte voor nieuwe functies die bijvoorbeeld het toerisme in onze gemeente kunnen versterken. Opgave: Zowel in de Veluweflank als in de IJsselvallei weteringengebied ligt een transitie opgave. Aan de rand van de Veluwe is stikstof het grootste probleem, ook het intensieve agrarische gebruik leidt tot verschraling. Hier is een heel nieuw type agrarischondernemen nodig. De opgave is verbreding, recreatie, bosontwikkeling, minder intensief. In de IJsselvallei is de opgave om tot een natuur inclusieve landbouw te komen, in evenwicht met bodem en water. Daarnaast is ook de opgave hier: meer ruimte voor natuur.
Bedrijventerreinen Eekterveld en Kweekweg De gemeente Epe heeft twee grote bedrijventerreinen. Eekterveld (Vaassen) en Kweekweg (Epe). De beide bedrijventerreinen bieden veel werkgelegenheid en zijn daarmee belangrijk voor de regionale- en lokale economie. Ze sluiten aan bij het Regionaal Programma Werklocaties van de Cleantech Regio. Duurzaam, circulair en klimaatbestendig zijn hierin de kernwaarden. Het is voor bedrijven van belang om ruimte te hebben voor groei. We vinden het dan wel belangrijk dat dit past binnen de regionale afspraken en de schaalgrootte van de gemeente Epe.
Opgave: Voor de bestaande terreinen is extra aandacht voor een aantrekkelijk werkklimaat. Wij willen de beide terreinen daarom toekomstbestendig(er) maken. Hierbij staan naast opgaven als circulaire economie, klimaatadaptatie, biodiversiteit en energietransitie ook veiligheid en een goede samenwerking centraal. Dit zal ook gelden voor eventuele uitbreidingen en nieuwe bedrijventerreinen.
Bij een aantoonbare (uitbreidings)behoefte aan bedrijfskavels willen wij ruimte bieden voor toekomstige uitbreiding(en). Daarbij wordt aansluiting gezocht bij de bestaande terreinen en rekening gehouden met de belangen en waarden van de omgeving. Het zoeken van uitbreidingsruimte hoort als opgave ook bij groei. Voor Eekterveld lijken de omstandigheden hiervoor gunstiger dan voor Kweekweg waar ook ruimte voor woningbouw wordt gezocht. De wijze waarop en waar groei wordt gefaciliteerd, komt later in deze visie aan de orde. Uitbreiding van solitaire bedrijven beschouwen wij als maatwerk. Vanuit een positieve grondhouding wordt de haalbaarheid per initiatief beoordeeld. Voor het bedrijventerrein Kweekweg ligt veroudering en verrommeling op de loer. Daarnaast passen niet alle hier gevestigde bedrijven bij de ligging nabij woonwijken en daarmee onze ambitie voor een duurzame en gezonde leefomgeving. Eekterveld is ruimer opgezet en meer ‘up-to-date’, maar ook daar is het belang om aandacht te houden voor een aantrekkelijk werkklimaat.
33
Aan de slag met de opgaven Er is veel te doen in onze gemeente, er zijn meerdere uitdagende opgaven. De duurzame toekomst is de overkoepelende opgave en hangt samen met de andere drie uitgewerkte kernopgaven. In de omgevingsvisie hoort hier een gebieds- en actiegerichte uitwerking bij. Er is een beeld nodig wat de opgaven voor de verschillende gebieden in onze gemeente betekenen. Veel opgaven hebben direct met elkaar te maken zoals vergrijzing, gezondheid en goed wonen of het werken aan biodiversiteit en het agrarisch ondernemen in onze gemeente. We zullen in het volgende hoofdstuk de kansen benoemen om tot meervoudige oplossingen te komen. Dit doen we door de verschillende typen buitengebied en de verschillende onderdelen van onze dorpen uit te werken.
34
35
Projecten, overheid aan zet
Regie & samenleving
Vorm geven aan ontwikkeling
Ruimte voor initiatief
Veluwe Veluweflank IJsselvallei
Kleine dorpen
Grote dorpen
36
4. RUIMTELIJKE KEUZES Onze waardevolle leefomgeving is ons belangrijkste uitgangspunt. In hoofdstuk 2 hebben we uitgebreid beschreven hoe natuur, landschap en dorpse identiteit de kwaliteit van onze gemeente bepalen. Vanuit trends, ontwikkelingen en de opbrengst van het participatieproces hebben we de opgaven beschreven: welke uitdagingen komen op onze gemeente af, waar gaan we mee aan de slag. In dit vierde hoofdstuk worden de opgaven gebiedsgericht uitgewerkt in fysieke keuzes. De acties, beleidsregels en maatregelen formuleren we vanuit het geheel van de opgaven, de samenhang van de vier kernopgaven. Op meerdere plekken in onze gemeente komen opgaven samen. Het betreffen niet alleen opgaven die we zelf gaan uitvoeren, een deel zal door particuliere initiatiefnemers, commerciële partijen of andere overheden worden gedaan.
Gebieden In dit hoofdstuk werken we uit wat de opgaven per gebied zijn en welke concrete doelstellingen we nastreven. Ook benoemen we waar kansen liggen om verbindingen te leggen. De ‘ruimtelijke ontwikkeling’ wordt zo concreet als mogelijk beschreven. De uitwerking is per gebied anders. Daarom is het goed gebieden te definiëren waarvoor een gerichte uitwerking passend is.
Strategische afweging De opgaven zoals beschreven in hoofdstuk 3 zijn ook ‘getest’. Dit hebben we gedaan door een strategische afweging te maken. We hebben onderzocht wat de impact is op de leefomgeving bij het realiseren van de belangrijkste programma onderdelen uit de opgaven. Het gaat om het realiseren van natuur en bos, zon- en windenergie, woningbouwontwikkeling, uitbreiding van bedrijventerrein en het realiseren van recreatie. Door middel van scenario’s hebben we in beeld gebracht wat de verschillende programmaonderdelen in wisselende grootte en locatie betekenden voor de grijze en groene milieu aspecten, de maatschappelijke gevolgen en de economische kansen en bedreigingen. De resultaten van de strategische afweging zijn vertaald naar dit hoofdstuk waarbij de gebiedsindeling voor het buitengebied een nadrukkelijk resultaat is.
Voor de ontwikkeling van onze dorpen zien we duidelijk een ander perspectief. Per dorp beschrijven we aan de hand van de opgaven de doelstelling en de maatregelen / beleid: • Epe • Vaassen • Emst • Oene
Het onderscheid in het buitengebied gaat uit van een indeling in drie gebieden die duidelijk een ander karakter, functie en toekomstperspectief hebben. Het gaat om: • Veluwe • Veluweflank • IJsselvallei
37
Samengevat zien we voor de gebieden de volgende hoofdlijn: • Veluwe: natuur centraal, waar mogelijk combineren met ruimte voor ontwikkeling van recreatie & toerisme. Natuur versterken door gerichte acties op waterbeheer, verloving, biodiversiteit, etc. • Veluweflank: transitie waaronder extensivering van agrarisch gebruik, mogelijkheden voor functieverandering (meer groen i.c.m. wonen, ‘passende’ bedrijvigheid waaronder recreatie & toerisme, energieopwekking). In het gebied zorgen voor de verbinding tussen de dorpen en de natuur. • IJsselvallei: open structuur behouden, meer aandacht voor natuurinclusief en extensiever agrarisch gebruik. Ruimte voor energieopwekking, aandacht voor aansluiting bij de dorpen (ook hier recreatie & toerisme). • Epe: woninguitbreiding, voorzieningen op loopafstand, verder vergroenen ten behoeve van reductie hittestress en wateroverlast. Aandacht voor revitalisatie Kweekweg. • Vaassen: idem Epe. Uitbreiding Eekterveld, mits circulair, groen, energie- en klimaatneutraal. • Oene: karakter behouden, woningbouw voor de lokale doelgroepen, veilige verkeersverbindingen tussen Oene en de andere dorpen. Lokale voorzieningen behouden. • Emst: als Oene, maar dan wel specifiek aandacht voor veiligheid van verkeer op de hoofdweg.
38
Opbouw ruimtelijke keuzes Het draait bij de ruimtelijke keuzes om de ontwikkeling van onze gemeente de komende 10 jaar. We kiezen daarmee de richting voor de langere termijn. Per opgave beschrijven we de aanpak, we benoemen uiteraard ook kansen om combinaties te maken. Meervoudig ruimtegebruik en maatwerk vinden we daarbij belangrijk. Twee vragen staan centraal bij het uitwerken van de ruimtelijke keuzes. De eerste vraag draait om de doelstelling: wat willen we per gebied bereiken? We beschrijven hierbij zowel enkelvoudige doelstellingen als meer integrale doelstellingen (vanuit de samenhang van de opgaven). Per gebied stellen we tot slot de vervolgvraag: hoe kunnen we dit bereiken? Als antwoord op die vraag beschrijven we de aanzet voor acties, maatregelen en meer integrale keuzes en beleidslijnen. Dit zegt overigens niks over de rol in de uitvoering. De gemeente neemt voor verschillende (deel)opgaven verschillende rollen aan. In het hoofdstuk 5 ‘Handelingsperspectief’ wordt dat nader uitgewerkt. Zoals we de beschrijving in deze visie zijn begonnen, zo sluiten we ook de uitwerking van de ruimtelijke opgaven af; namelijk door per gebied de verbinding met de waardevolle leefomgeving te beschrijven.
VELUWE
Natuurgericht ontwikkelen bij verschillende activiteiten De Veluwe staat voor onze belangrijkste kernwaarde: natuur. Het is onderscheidend voor onze gemeente, we zitten in de top van de gemeenten qua aantal vierkante meters natuur per inwoner. De Veluwe is veel malen groter dan het gebied binnen onze gemeentegrenzen. Daarmee hebben we een gedeelde verantwoordelijkheid met andere omliggende gemeenten en de provincie Gelderland. Kenmerkend zijn de bossen, afgewisseld met heiden (open stukken en dichte bossen). Er liggen ook restanten van hakhoutbosjes, vennen en enken. Het is in hoofdzaak besloten bos met weinig bebouwing. Kenmerkende enken liggen bij de historische buurtschappen Gortel en Niersen. Karakteristiek is de landbouwenclave Tongeren. Er zijn veel sporen die terugleiden tot in de prehistorie, zoals vele grafheuvels, waaronder de bijzondere grafheuvelrij bij Niersen. De afwisseling ligt in de heideontginningen en bossen. Het beschermen en in stand houden ervan is onze prioriteit. De Veluwe, doelstellingen natuurgericht ontwikkelen De kernwaarde natuur is voor de Veluwe essentieel, het natuurgebied is grensoverschrijdend en uniek. Flora en fauna kunnen zichzelf niet beschermen tegen de veranderingen die wij aanbrengen in de fysieke leefomgeving.
Het in stand houden en beleefbaar maken van de cultuur- en natuurlandschappen is daarom in dit gebied onze belangrijkste doelstelling. De natuur heeft ons nodig. De duurzame toekomst kunnen we op de Veluwe realiseren door het behouden en versterken van natuurwaarden. Het verbeteren van de biodiversiteit is een belangrijke opgave voor de Veluwe. De stikstofdepositie moet worden teruggedrongen om de biodiversiteit te vergroten. De staat daarvan
39
is zorgwekkend. Dit betekent het structureel verminderen van de stikstofdepositie wat consequenties heeft voor met name de landbouw in de directe omgeving. Ook de veranderende klimaatomstandigheden hebben consequenties. We zullen tot een aanpak moeten komen om de toenemende verdroging aan te pakken. Ons integrale duurzame streven voor de Veluwe is een robuuster bos, bestendiger bij droogte. Daarnaast is een belangrijke doelstelling dat de Veluwe ook een ontvangstgebied is voor de recreant (onze inwoners) en de toerist (onze bezoekers). De toegankelijke Veluwe is een toegevoegde waarde voor inwoners en recreanten, mits in balans met natuurwaarden. Ruimte bieden aan de mogelijkheden voor recreatie is voor dit gebied een belangrijke kans voor het bevorderen van een gezonde omgeving en biedt ruimte om te bewegen. Op de Veluwe liggen beperkt kansen om te ondernemen. Uiteraard zullen we de recreatieve kansen die er liggen benutten. Bredere activiteiten en combinatie van functies zoals dagrecreatie, verblijfsrecreatie, bosbouw en natuurbeheer zullen in samenhang een plek moeten krijgen.
40
Hoe kunnen we dat bereiken? We sturen op verduurzamen van het bos door de transitie van ‘naald naar loofbos’. Dit draagt ook bij aan de verbetering van de biodiversiteit en loofbos is minder gevoelig voor verdroging. Sterker, transpiratie en interceptietranspiratie bij naaldbomen is per jaar gemiddeld hoger dan bij loofbomen en de grondwateraanvulling bij naaldbomen kleiner. Ook neemt loofbos meer CO2 op. Bij verandering en ontwikkeling aan de randen van de Veluwe zal het langer vasthouden van water meegekoppeld moeten worden. Ook zal er kritisch moeten worden gekeken naar (drink) wateronttrekking. Voor het beheer richten we ons op bodemverbetering. We letten bij bosbeheer extra op het beperken van afvoer van mineralen. Het recreatieve gebruik is een meekoppelkans. Allereerst draagt de Veluwe bij aan gezondheid in de breedte, door de schone lucht, maar ook door de mogelijkheden om te bewegen. Om beweging te stimuleren willen we in delen van het gebied de bestaande fijnmazigheid van het padensysteem behouden en waar mogelijk verbeteren. Op de Veluwe gaan we de mogelijkheden voor het beperken van doorgaand autoverkeer nader verkennen. Voorbeeld hiervan is de onderbreking van de autoverbinding tussen Wissel en Tongeren en op termijn mogelijk ook in het Kroondomein. We bekijken kritisch waar een autoverbinding noodzakelijk is en geven vooral voorrang aan natuur en langzaam verkeer.
De recreatie-ondernemers krijgen de ruimte, maar we kijken wel duidelijk waar dat kan en of dit in goede verhouding tot de flora en fauna staat. Door recreatiezonering bepalen we gebiedsgewijs de ruimte voor recreatie. Voor recreatiezonering heeft de Provincie Gelderland een aanpak vastgesteld. Belangrijke stakeholders (onder andere vertegenwoordigd in het Grondeigenaren Overleg Veluwe (GOV)) en de gemeente bepalen uiteindelijk de uitvoering van de zonering. Voor de hand ligt dat de plekken waar een fijnmazig routenetwerk ligt of ontwikkeld kan worden recreatief toegankelijk blijven en beschikbaar zijn voor initiatieven van onze recreatie ondernemers. De economische mogelijkheden met name op het vlak van recreatie en toerisme verhouden zich altijd tot het behoud en het zorgvuldige beheer van de natuur.
Relatie met Veluweflank De natuurwaarden worden negatief beïnvloed door met name agrarische activiteiten in de Veluweflank. Met name de ambitie voor natuurversterking op de Veluwe en het verbeteren van de biodiversiteit hebben consequenties voor de mogelijkheden van agrarische activiteit in de omgeving. Het gaat om verduurzamen van de omgeving, reduceren van stikstofdepositie, voorkomen verzuring en vermesting. In het gebied Veluweflank wordt dit verder uitgewerkt.
Verbinding met de waardevolle leefomgeving We zijn duidelijk over borging van de waarden op de Veluwe. De mogelijkheden die op de Veluwe worden geboden gaan niet ten koste van natuurwaarden. Natuurbehoud en ontwikkelen in balans met de natuur is randvoorwaardelijk. Beschermen van de cultuurhistorisch waardevolle bebouwing en ensembles, zoals grafheuvels, is van betekenis voor de identiteit van het gebied. Ook het bewaren van duisternis en stilte wordt meegenomen bij een nader te bepalen recreatiezonering. Landschappelijk borgen we structuren (open stukken en dichte bossen). Meer flexibiliteit is passend bij natuurontwikkeling als hier een toename van de biodiversiteit tegenover staat. De omgang is in essentie gericht op behoud en toekomstbestendigheid. Door recreatiezonering markeren we gebiedsgericht de ruimte voor echte natuur.
41
VELUWEFLANK
De Veluweflank wordt een syntheselandschap, een kleinschalig multifunctioneel landschap De Veluweflank is het meest divers en misschien daardoor wel heel aantrekkelijk. Er komen ook veel opgaven samen. Er is een direct verband met de Veluwe, vooral als het gaat om de stikstofproblematiek. De verandering van het agrarisch gebruik met name direct langs de Veluwe is een belangrijke richting in deze visie die betekenis heeft voor de ontwikkeling van dit gebied. De Veluweflank kenmerkt zich door variatie in bodem en vochtgehalte met afwisselende flora en fauna. Er liggen veel beken die van west naar oost stromen. De kenmerkende sprengen en watermolens vormen samen belangrijke ensembles. Het enkenlandschap met de plaatselijke enken is echt karakteristiek mede als gevolg van de sporen van menselijke activiteit. Verder liggen er kleine ontgonnen veengebieden, zoals het Tongerense Veen, het Wisselse Veen en het Pollense Veen. Drie van de vier dorpen en een aantal doorgaande wegen liggen ook in de Veluweflank. Er liggen mooie kansen in dit diverse gebied op het raakvlak van landbouw, natuur inclusief en kwalitatief toerisme! De Veluweflank, doelstellingen In het afwisselende gebied van de Veluweflank ligt een grote ambitie.
Met name gezien de invloed van de agrarische sector op de ten westen gelegen Veluwe willen we hier een transitie op gang brengen, een transitie naar minder intensief en meer in balans met de natuur. De kwaliteit van het landschap en het rurale karakter moeten daarbij in stand blijven.
42
De duurzame toekomst kunnen we realiseren door het behouden en versterken van natuurwaarden. De stikstofdepositie moet worden teruggedrongen om de biodiversiteit te vergroten. De noodzaak tot het verminderen van stikstofdepositie leidt met name hier tot een noodzakelijke verandering in de landbouw. We streven daarnaast vanuit de duurzame toekomst naar het vasthouden van water rondom de beken en koppelen daar andere opgaven aan, zoals bijvoorbeeld energietransitie of natuurontwikkeling. Het opwekken van zonne-energie in relatie tot de klimaatopgave is een concrete meekoppelkans. Het gebied speelt ook een belangrijke rol voor de dorpen die hier liggen, bijvoorbeeld op het vlak van gezondheid: ruimte om te bewegen als uitloopgebied van de dorpen. Er zijn ook kansen voor woonzorg concepten als mogelijke nieuwe invulling van een agrarischerf. De rol van dit gebied als woonomgeving is, naast voor de dorpen zelf, natuurlijk ook relevant voor de leefbaarheid en de transitie van het gebied. Waar nodig willen we een transitie inzetten van vrijkomende (agrarische) bedrijfsbebouwing naar bijvoorbeeld nieuwe landgoederen of andere woonvormen. De opgave ondernemen krijgt vanuit de veranderopgave in de landbouw ook in de breedte ruimte: verbreding van functies, naast agrarisch, vooral ook recreatie en toerisme.
We benutten ook de ondernemerskansen om recreatie en toerisme een passende plek te geven in dit gebied met het oog op een nieuwe toekomst. Bredere activiteiten en combinatie van functies zoals dagrecreatie, verblijfsrecreatie, bosbouw en natuurbeheer krijgen in samenhang een plek.
Hoe kunnen we dat bereiken? De belangrijkste afspraak: nieuwvestiging, uitbreiding of intensivering van agrarische bedrijven is in deze zone niet toegestaan. De omvorming van bestaande bedrijven naar extensievere vormen (bijvoorbeeld biologisch, voedselbossen, agroforestry, herenboeren) zijn hier wel mogelijk, al dan niet in combinatie met recreatie en bijvoorbeeld zorgfuncties. De verandering wordt niet opgelegd maar stapsgewijs uitgevoerd, waarbij belangrijke momenten moeten worden benut. Dit kan zijn als een agrariër stopt of wijzigingen wil aanbrengen in de opstallen en/of functies op het erf. De biodiversiteit kan worden vergroot door natuurontwikkeling, bosontwikkeling en de voorgestelde extensivering van de landbouw. Deze initiatieven worden gestimuleerd. Voor regenwater geldt het principe ‘elke druppel raakt de grond’. Dit betekent regenwater zoveel mogelijk afkoppelen. Met name het waterschap heeft bij projecten een rol bij het ruimte zoeken voor het vasthouden van water of het vertragen van de afvoer. Een goed voorbeeld is de ontwikkeling van doorstroomvenen aan de bovenlopen van beken bij beekdalkoppen zoals bij het Wisselse veen wordt geïnitieerd. Het meest kansrijk is dit bij het meekoppelen met de andere opgaves in dit gebied. Bijvoorbeeld bij het herontwikkelen van een agrarisch erf, een natuurproject of het realiseren van een zonnepark.
Hier kan een verbinding tussen meerdere opgaven worden gemaakt. Kleinschalige zonneparken kunnen op de overgangen tussen beken en enken een plek krijgen. Zonneenergie op (agrarische) daken en erven wordt als prioritair beschouwd.
43
Gerichte uitbreiding van recreatieve fiets- en wandelroutes maken de verbindingen tussen de flanken en centra beter. Ook tussen de dorpen zelf worden deze routes geoptimaliseerd. Naast de Vlot en Veilige (V&V) fietsroute F50 is ook het realiseren van aantakkingen hierop belangrijk. Kleinschalig woningen ontwikkelen zetten we in om de transitie mogelijk te maken. Dit kan alleen vanuit een landelijk karakter met een agrarische typologie. We maken het mogelijk om bestaande boerderijen te splitsen met het oog op het behoud van de cultuurhistorisch waardevolle bebouwing (continuering beleid). Woningontwikkeling en/ of functieverandering voegt zich naar de omgeving (buurtschappen vs. open gebied). Bestaande en nieuwe fietsroutes zijn toegankelijk en veilig. De dorpenroute wordt ontlast door waar mogelijk de autosnelheid te verlagen en het fietsen te stimuleren. Vooral de Geerstraatroute is geschikt voor grotere landbouwvoertuigen. Lokale wegen blijven kleinschalig landelijk. We versterken de kansen voor recreatie ondernemers. Kwaliteit gaat daarbij voor kwantiteit, wat als onderwerp in het gesprek met initiatiefnemers centraal zal staan. Het karakter van de ontwikkeling van recreatie staat in het teken van een breed en variërend aanbod inclusief mogelijkheden voor seizoensverlenging.
Integrale aanpak De transitie krijgt bij voorkeur vorm vanuit een gebiedsaanpak met bijbehorend proces. Hier is een nadere uitwerking van nodig. In hoofdstuk 2 hebben we hierbij al het instrument programma genoemd dat opgave gericht of gebiedsgericht kan worden ingezet! Bijvoorbeeld door het programma specifiek op de landbouwtransitie te richten.
44
Verbinding met de waardevolle leefomgeving De omgevingsvisie richt zich in dit gebied vooral op de randen van de natuurgebieden waar we kiezen voor een strategie van zonering en waar we stap voor stap extensiveren: geen uitbreidingsmogelijkheden voor agrariërs, alleen natuurinclusieve veranderingen. Dit kan alleen door nieuwe verdienmogelijkheden en meer concreet flexibiliteit te bieden in de functiewensen van agrariërs die er gaan komen. We beschermen cultuurhistorisch waardevolle bebouwing en ensembles. Relatie met de IJsselvallei We verwachten de komende jaren dat de veranderingen in de Veluweflank voor met name agrariërs ook nieuwe kansen bieden. Toch zal de focus van agrariërs die zich op landbouw willen concentreren er bijvoorbeeld toe kunnen leiden dat de activiteiten deels of in het geheel in de IJsselvallei moeten plaatsvinden. Het is niet aan de orde dat de visie dit gaat voorschrijven, maar wel dat we voorsorteren op een wezenlijk andere aanpak in de Veluweflank in vergelijking met de agrarische mogelijkheden in de IJsselvallei.
IJSSELVALLEI
Voor de IJsselvallei staat de opgave duurzame toekomst van het productielandschap centraal. In de IJsselvallei staat de landbouw centraal. Het gebied wordt gekenmerkt door grootschalige openheid. Er ligt ook een weidevogelgebied. Het is een weteringengebied dat zich voornamelijk kenmerkt door een strakke, rechthoekige structuur. Vochtgebonden natuur ligt langs de weteringen. De waardevolle open gebieden bieden een heel ander beeld van onze gemeente dan de andere twee gebieden. In het landschap liggen sporen vanuit de Late Middeleeuwen. De IJsselvallei, doelstellingen Voor duurzaamheid zien we in de IJsselvallei zowel kansen als uitdagingen. De biodiversiteit zal moeten verbeteren, daarnaast zijn er mogelijkheden om energie op te wekken. Het watersysteem is zowel voor de landbouw als de andere functies in het gebied heel belangrijk en zal robuuster moeten worden. Alhoewel minder urgent, zal ook de aanpak van stikstofreductie aan de orde zijn. Onze doelstelling voor dit gebied is het behoud van de agrarische functie, maar minder intensief door kansen te bieden om bedrijfsvoering te verbreden naar bijvoorbeeld recreatie of het opwekken van energie. Belangrijk doelstelling voor de IJsselvallei is om in de komende jaren te komen tot de uitwerking van wind- en zonne-energie. De landbouw kan alleen uitbreiden als biodiversiteit wordt verbeterd.
Agrariërs worden uitgenodigd om bij te dragen aan het verkorten van de ketens door bijvoorbeeld verkoop van streekproducten. We gaan de mogelijkheden verkennen voor een duurzaam en gezond landschapsbeheer met een nieuw verdienmodel voor de agrarische sector en andere landschapsbeheerders.
45
Gezondheid als opgave is ook op meerdere manieren voor dit gebied relevant. Een schone bodem, water en lucht is een belangrijke ambitie. Ook willen we ruimte om te bewegen. Wonen is een mogelijke oplossing in vrijkomende (agrarische) bebouwing. Voor de agrarische ondernemers ligt het accent op verduurzamen en mogelijkheden voor recreatief medegebruik. We vinden het belangrijk dat de landbouw zich goed verhoudt tot de omgeving met weinig impact op de natuur, de bodem en het water. We kiezen voor een strategie om imago van de boer en de gebiedstransformatie hand in hand te laten gaan. Stimuleren en belonen, ook in het verlengde van prijsvragen over completer en diverser maken van het landschap: akkerranden, notenbomen, wisselteelten. Hoe willen we dat bereiken? We sturen op het vergroten van biodiversiteit binnen agrarische bedrijfsvoering door: bermbeheer, wisselteelten en het aanbrengen van landschapselementen. Samen met partners, waaronder het waterschap, zal de waterstrategie worden uitgewerkt door locaties aan te pakken om afstroming van water te vergroten (voorkomen wateroverlast) of juist te bufferen. Door enkele windturbines en zonnevelden in nabijheid van Eekterveld of wat meer naar het oosten, geven we invulling aan de energietransitie.
In dit gebied is het belangrijk de komende tijd geen nieuwe bewoning toe te staan tot duidelijk is op welke manier windturbines kunnen worden gerealiseerd. Uiteraard wordt zonne-energie op agrarische daken en erven gestimuleerd. Om beweging te stimuleren werken we aan uitbreiding van de mogelijkheden voor actieve recreatie: fiets- en wandelroutes. Er zijn ook andere kleinschalige recreatieve mogelijkheden
46
op de agrarische erven mogelijk. We scheiden daarbij zoveel mogelijk routes voor (grotere) landbouwvoertuigen en routes voor fietsers waar mogelijk beperkende maatregelen voor landbouwverkeer denkbaar is. Vervangende woningbouw is mogelijk om leefbaarheid te verbeteren. Het landelijk karakter met agrarische typologie is bij bouwen en functieverandering uitgangspunt. Lokale wegen blijven kleinschalig landelijk. We stimuleren de ontwikkeling de komende 10 jaar richting meer natuur inclusieve landbouw. Hierbij houden we oog voor het verdienmodel van agrariërs. Veranderingen zullen niet snel gaan, maar de momenten die zich aandienen (bijvoorbeeld verbouwplannen op het erf of pensionering) gaan we goed benutten om in de goede richting te ontwikkelen. Verbinding met de waardevolle leefomgeving We zetten in op kwaliteit in de IJsselvallei die we minimaal op hetzelfde niveau houden en waar we stap voor stap ‘rijkdom’ (biodiversiteit) toevoegen. We passen ruimtelijke ontwikkelingen in binnen de bestaande bijzondere ontginningsstructuur en karakteristieke verkaveling.
EPE De opgaven zoals beschreven in hoofdstuk 3 van de visie komen allemaal terug in Epe. Met name als het om wonen en ondernemen gaat ligt er een grote ambitie. Epe heeft een lange geschiedenis en is ontstaan uit agrarische linten. Bijzonder is dat een aantal groene wiggen tot in het centrum doorlopen. Rondom de grote kerk ligt een waardevol ensemble. In Epe staan vele karakteristieke villa’s waaronder de villa’s langs de Quickbornlaan. De opgaven in Epe Energie, klimaat en biodiversiteit zijn ook binnen de kern Epe belangrijk. Het gaat onder andere om de warmtetransitie en maatregelen tegen hittestress, verdroging en piekregenbuien. Het stimuleren van bewegen is een opgave die gezondheid moet verbeteren in Epe. Dit geldt voor alle leeftijden. De toegankelijkheid verbeteren is in het verlengde daarvan vooral ook voor ouderen van belang. Door aan een prettige omgeving te werken zal ook worden bijgedragen aan het welzijn van de inwoners. Voor Epe geldt dat uitbreiding van de kern door woningbouw een belangrijke bijdrage moet leveren aan de groei. De gemeente zal in aantallen en doelgroepen sturen. Binnen Epe is met name het centrum een belangrijk speerpunt. In het verlengde van 100% wild ligt ook een relatie tussen het centrum en Veluwe. Detailhandel, horeca en andere voorzieningen zijn van waarde voor zowel inwoners als recreanten en toeristen.
Ruimte voor bedrijven en ook vernieuwing zal op het bedrijventerrein Kweekweg moeten worden geboden.
47
Duurzaamheid in Epe We streven naar een duurzame energievoorziening voor alle woningen in Epe inclusief het besparen van gebruik en het zelf duurzaam opwekken van energie. Een wijkaanpak vanuit een visie op de warmtetransitie zal dit mogelijk maken. Het toevoegen van groen dient meerdere doelen en zien we als meekoppelkans. Naast reductie van hittestress zullen hiermee ook het groene karakter van het dorp en de biodiversiteit worden verbeterd. De omgang met water wordt binnen de kern Epe de komende jaren steeds belangrijker door klimaatverandering. Door ruimte te maken om pieken bij neerslag op te vangen geven we hier vorm aan. We sturen op water vasthouden in natuurlijke laagtes in de openbare ruimte en tegelijk water vasthouden waar dat kan. Dit is vooral bij herinrichtingsprojecten relevant. Een duidelijk samenvattende lijn voor de openbare ruimte is: groen in het dorp versterken, hoeveelheid verharding verminderen, groenbeheer afstemmen voor biodiversiteit. Ook bij nieuwbouw werken we aan duurzaamheid door natuur- en klimaatinclusief te bouwen. We verwachten de komende jaren een substantiële toename van het aantal parkeerplaatsen dat we van een laadpaal gaan voorzien. Gezondheid De fysieke omgeving draagt bij aan gezondheid door ruimte voor bewegen, ontmoeten, en groen.
Nieuwe verbindingen zijn gericht op actieve recreatie, juist voor de inwoners: veilige en goede fiets- en wandelroutes in en tussen de woonwijken, scholen, woonzorgvoorzieningen, het centrum, het buitengebied, de dorpen onderling en busknooppunten. Langer zelfstandig wonen en zorg op maat zien we als belangrijke maatregelen omdat onze inwoners
48
ouder worden. We versterken de aantrekkelijke woonomgeving voor senioren, onder andere door het toevoegen van ontmoetingsplekken. Een beweegvriendelijke omgeving kan ook op nieuwe plekken tot voorzieningen voor bijvoorbeeld bootcamps leiden. We werken op termijn aan een meer toegankelijke openbare ruimte, met meer verblijfskwaliteit. De opgaven groen, klimaat en een aantakking op recreatieve structuur zijn hier mooi te koppelen. Wonen We hebben een stevige bouwopgave voor woningen. In Epe wordt op meerdere locaties uitgebreid. Landschap en bestaande natuur zijn inspiratie voor ontwikkeling. Er wordt voor alle doelgroepen gebouwd en we zetten in op nieuwe woontypologieën, bijvoorbeeld: flexibele bouw, innovatieve woonconcepten en woon-zorgbuurten met bijzondere nieuwe woonvormen voor ouderen. Bij nieuwbouw zetten we ook in op groen (bomenstructuur en een groene ondergrond) en blauw (ruimte voor water). Er zijn groene aders naar de bestaande wijken, het verbeteren van biodiversiteit en inspelen op de klimaatopgave worden gekoppeld. De omgeving bepaalt mede de manier waarop invulling wordt gegeven aan de opgave. Het STOP-principe (Stappen, Trappen, OV en Privé) is leidend voor de opbouw van de wijk (bestaand en nieuw), via fietsradialen worden belangrijke verbindingen gelegd met de omgeving en het centrum.
Op de fietsradialen wordt verkend of door het inrichten van fietsstraten, eenrichtingsverkeer of een ‘knip’ veilige en snelle verbindingen kunnen worden gerealiseerd. In nieuwbouwwijken is geen doorgaand verkeer. Elektrisch rijden wordt gefaciliteerd. Voor goede functionerende woonwijken (zowel bestaand als nieuw) zijn maatregelen gericht op
doorstroming en verkeersveiligheid. Goede en veilige fietsverbindingen tussen de dorpen (bijvoorbeeld Vlot en Veilige fietsroute F50 en aantakkingen) worden verder ontwikkeld. Op de bestaande autoverbinding tussen de dorpen en de centrumring brengt een snelheidsverlaging extra verkeersveiligheid en minder hinder. Vitale economie in groene omgeving Centrum Epe Voor Epe streven we naar een vitaal compact centrum met focus op horeca en detailhandel. Het doel is het behoud van een sterke centrumfunctie van Epe en de profilering ervan. Voor Epe is dat 100% wild. Verblijven en besteden gaan hand in hand: Place to be en place to buy! Belangrijk voor het blijvend goed functioneren is een compact kernwinkelgebied en voorzieningenstructuur. We streven naar een centrum dat aantrekkelijk en gastvrij is. Inrichting en functies blijven afgestemd op trends in winkelen en gebruik van de horeca. Ondernemers en gemeente moeten daarvoor nauw samenwerken gericht op versterking van de centrumfunctie en kwalitatieve duurzame groei. We bevorderen het economisch functioneren van het centrum als geheel door op een compact kernwinkelgebied te sturen en de onderlinge afstand tussen de diverse centrumvoorzieningen te verkleinen. Voor nieuwe commerciële voorzieningen wordt een plek gezocht in het centrumgebied. Ruimte bieden aan nieuwe initiatieven hoort bij het actief houden van onze centrumontwikkeling.
Het transformeren van locaties om de centra aantrekkelijk te houden is ook de komende jaren nodig. Een goede verbinding tussen recreatieparken/ campings en het centrum van Epe is onderdeel van de aanpak om meer toeristen in het centrum te
ontvangen. We verbeteren wandel- en fietspaden en zetten in op veiligheid. Toeristische routes via en door het centrum. Ook willen we voor het verhogen van de verblijfskwaliteit een deel van het centrum autovrij maken, op andere plekken is de auto te gast. Natuurlijk werken we door aan goede fietsvoorzieningen (routes, stallingen). De bestaande parkeercapaciteit in het centrum is in principe voldoende en kan door een betere verdeling beter worden benut. Het aantrekkelijker maken van de openbare ruimte is essentieel voor het functioneren. We vergroten de verblijfskwaliteit en richten een deel van de ruimte in om te ontmoeten, zoals de vergroening van EpeZuid (hoofdstraat) en herinrichting in het overig deel van het centrum. We bekijken waar het nodig is om winkels te verplaatsen naar het compacte centrum. We zoeken in vormgeving en sturing aansluiting bij het recreatie & toerisme profiel en de positionering: 100% wild. We vergroten de bereikbaarheid en bieden mogelijkheden voor evenementen en wegen die af tegen de belangrijke kernwaarden van onze gemeente. De vaste samenwerking tussen gemeente en centrumondernemers blijven we doorzetten. Bedrijventerrein Kweekweg Op het bedrijventerrein Kweekweg streven we naar een toekomstbestendige terrein met steeds meer focus op circulariteit. Voor een deel van bedrijventerrein Kweekweg is revitalisering daarom aan de orde.
Op de Kweekweg is in de toekomst voldoende werkgelegenheid, stageplekken en staan arbeidsintensieve bedrijven. De openbare ruimte moet groen en klimaatbestendig zijn. Het algehele beeld is een gezonde, veilige en aantrekkelijke werklocatie. Veilige en toegankelijke openbare ruimte
49
is daarbij essentieel voor fietsers en voetgangers. Goede autobereikbaarheid met de A50 blijft een belangrijke vestigingsvoorwaarde. We kunnen op Kweekweg beperkt ruimte bieden voor toekomstige uitbreiding(en). Op het bedrijventerrein en met de gemeente wordt samengewerkt aan met name duurzame doelen (energie, klimaat). Er wordt ruimte geboden aan initiatieven die onder andere de werkgelegenheid vergroten. We werken daarbij mee aan functies en bouwen (binnen de kwalitatieve randvoorwaarden). We houden ook ruimte voor bedrijfsactiviteiten door het tegengaan van gevoelige functies op bedrijventerreinen. Een gerichte zonering of afstand is noodzakelijk voor toekomstige woningbouw in de omgeving. Uitbreiding van solitaire bedrijven (niet gelegen op een bedrijventerrein) zullen we met een positieve grondhouding op haalbaarheid beoordelen. Duurzaam (energie/klimaat/circulair/groen) is uitgangspunt bij vernieuwing en uitbreiding. De samenwerking tussen gemeente en ondernemers laten we centraal staan. Verbinding met de waardevolle leefomgeving We behouden bestaande groenblauwe structuren en brengen waar mogelijk bijvoorbeeld de ondergrond (bijvoorbeeld beken structuur) terug in het straatbeeld. Ook landschapskenmerken brengen we mogelijk weer terug om de groenstructuur aan te vullen en de schaal en indeling van het dorp te behouden.
Voor Epe zetten we in op het behoud van het historische ensemble rondom de kerk en het behoud van de karakteristieke Villabebouwing langs de hoofdwegen.
50
Bij de kwaliteit van de leefomgeving in Epe hoort ook een levendig stelsel van beeldbepalende straten met een diversiteit aan functies: wonen en ondernemen. Deze linten (historische invalswegen) willen we koesteren. De uitstraling van de openbare ruimte is groen en faciliteert fietsers en voetgangers, op meerdere plekken ook om elkaar te ontmoeten. Zowel qua bouwregels als functies werken we met maatwerk afgestemd op de karakteristiek van de linten. De vertaling hiervan zal in een toekomstig omgevingsplan inclusief beleidsregel voor ruimtelijke kwaliteit kunnen worden geregeld. De openbare ruimte is groen en wordt begeleid door bomen. Waar het mogelijk is worden kansen benut om de boomstructuur aan te vullen. Mogelijkheden voor ontmoeting en ruimte voor beweging worden bij inrichtingsprojecten benut.
VAASSEN De opgaven zoals beschreven in hoofdstuk 3 van de visie komen allemaal terug in Vaassen. Met name als het om wonen en ondernemen gaat ligt er een grote ambitie. Vaassen wordt gekenmerkt als kasteeldorp (Cannenbuch). Er zijn veel sporen van industrieel water (watermolens en sprengen). Daams’ Molen is karakteristiek. Rond de buitenplaats Oosterhof ontwikkelde zich vanaf de achttiende eeuw een katholieke enclave.
De opgaven in Vaassen Energie, klimaat en biodiversiteit zijn ook binnen de kern Vaassen belangrijk. Het gaat onder andere om de warmtetransitie en maatregelen tegen hittestress, verdroging en piekregenbuien. Het stimuleren van bewegen is een opgave die gezondheid moet verbeteren in Vaassen. Dit geldt voor alle leeftijden. De toegankelijkheid verbeteren is in het verlengde daarvan vooral ook voor ouderen van belang. Het welzijn moet verbeteren door aan een prettige omgeving te werken. Voor Vaassen geldt dat uitbreiding van de kern voor woningbouw een belangrijke bijdrage moet leveren aan de groei. De gemeente zal in aantallen en doelgroepen goed moeten sturen.
51
Binnen Vaassen is met name het centrum een belangrijk speerpunt. In het verlengde van de kasteelbeleving ligt ook een relatie tussen het centrum en Veluwe. Detailhandel, horeca en andere voorzieningen zijn van waarde voor zowel inwoners als recreanten en toeristen. Ruimte voor bedrijven en ook vernieuwing wordt op het bedrijventerrein Eekterveld geboden. Duurzaamheid in Vaassen We streven naar een duurzame energievoorziening voor alle woningen in Vaassen. Een wijkaanpak vanuit een visie op de warmtetransitie zal dit mogelijk maken, inclusief besparen en opwekken van energie. Het toevoegen van groen dient meerdere doelen. Naast reductie van hittestress zal ook het groene karakter van de dorpen en de biodiversiteit worden verbeterd. De omgang met water wordt binnen de kern Vaassen de komende jaren steeds belangrijker door klimaatverandering. Door ruimte te maken om pieken bij neerslag op te vangen geven we hier vorm aan. We sturen op water vasthouden in natuurlijke laagtes in de openbare ruimte en tegelijk water vasthouden waar dat kan. Dit is vooral bij herinrichtingsprojecten relevant. Een duidelijk lijn voor de openbare ruimte is: groen in de dorpen versterken, hoeveelheid verharding verminderen en groenbeheer afstemmen voor biodiversiteit. Ook voor het bouwen werken we aan duurzaamheid door natuur- en klimaatinclusief te bouwen.
We verwachten de komende jaren een substantiële toename van het aantal parkeerplaatsen dat we van een laadpaal gaan voorzien. Gezondheid De fysieke omgeving draagt bij aan gezondheid door ruimte voor bewegen, ontmoeten, en groen. Nieuwe verbindingen zijn gericht op actieve recreatie, juist voor de inwoners: veilige en
52
goede fiets- en wandelroutes in en tussen de woonwijken, scholen, woonzorgvoorzieningen, het centrum, het buitengebied, de dorpen onderling en busknooppunten. Een beweegvriendelijke omgeving kan ook op nieuwe plekken tot voorzieningen voor bijvoorbeeld bootcamps leiden. Vanuit het sport- en beweegakkoord zijn hier al een aantal plekken voor in beeld. Langer zelfstandig wonen en zorg op maat zien we als belangrijke maatregelen omdat onze inwoners ouder worden. We versterken de aantrekkelijke woonomgeving voor senioren, onder andere door het toevoegen van ontmoetingsplekken. We werken op termijn aan een meer toegankelijke openbare ruimte, met meer verblijfskwaliteit. De opgaven groen, klimaat en een aansluiting op recreatieve structuur zijn hier mooi te koppelen. Wonen We hebben een stevige bouwopgave voor woningen. In Vaassen wordt op meerdere locaties uitgebreid. Landschap en bestaande natuur zijn inspiratie voor ontwikkeling. Er wordt voor alle doelgroepen gebouwd en we zetten in op nieuwe woontypologieën, bijvoorbeeld: flexibele bouw, innovatieve woonconcepten en woon-zorgbuurten met bijzondere nieuwe woonvormen voor ouderen. Bij nieuwbouw zetten we ook in op groen (bomenstructuur en een groene ondergrond) en blauw (ruimte voor water). Er zijn groene aders naar de bestaande wijken, het verbeteren van biodiversiteit en inspelen op de klimaatopgave worden gekoppeld.
De omgeving bepaalt mede de manier waarop invulling wordt gegeven aan de opgave. Het STOP-principe (Stappen, Trappen, OV en Privé) is leidend voor de opbouw van de wijk (bestaand en nieuw), via fietspaden worden belangrijke verbindingen (radialen) gelegd met de omgeving en het centrum. In nieuwbouwwijken is geen doorgaand
verkeer. Elektrisch rijden wordt gefaciliteerd. Voor goede functionerende woonwijken (zowel bestaand als nieuw) zijn maatregelen gericht op doorstroming en verkeersveiligheid. Goede en veilige fietsverbindingen tussen de dorpen (bijvoorbeeld Vlot en Veilige fietsroute F50) worden verder ontwikkeld. Op de bestaande autoverbinding tussen de dorpen brengt een snelheidsverlaging extra verkeersveiligheid en minder hinder. Vitale economie in groene omgeving Centrum Vaassen Voor Vaassen streven we naar een vitaal compact centrum met focus op horeca en detailhandel. Het doel is het behoud van een sterke centrumfunctie van Vaassen en de profilering van het dorpscentrum, voor Vaassen is dat ‘kasteeldorp’ (relatie Cannenburch). Verblijven en besteden gaan hand in hand: Place to be en place to buy! Belangrijk voor het blijvend goed functioneren is een compact kernwinkelgebied en voorzieningenstructuur. We streven naar een centrum dat aantrekkelijk en gastvrij is. We leggen de groene, (recreatieve)verbinding tussen het kasteel via het centrum naar de molen. Inrichting en functies blijven afgestemd op trends in winkelen en gebruik van de horeca. Ondernemers en gemeente moeten daarvoor nauw samenwerken gericht op versterking van de centrumfunctie en kwalitatieve duurzame groei.
We bevorderen het economisch functioneren van het centrum als geheel door op een compact kernwinkelgebied te sturen en de onderlinge afstand tussen de diverse centrumvoorzieningen te verkleinen. Voor nieuwe commerciële voorzieningen wordt een plek gezocht in het centrumgebied. Ruimte bieden aan nieuwe initiatieven hoort bij het actief houden van onze centrumontwikkeling. Het transformeren van locaties om de centra aantrekkelijk te houden is ook de komende jaren nodig.
Een goede verbinding tussen recreatieparken/ campings en het centrum van Vaassen is onderdeel van de aanpak om meer toeristen in het centrum te ontvangen. We verbeteren wandel- en fietspaden en zetten in op veiligheid. Toeristische routes verbinden we via en door het centrum (onder andere via Toeristisch Overstap Punt Vaassen). Ook willen we voor het verhogen van de verblijfskwaliteit een deel van het centrum autovrij maken, op andere plekken is de auto te gast. Natuurlijk werken we door aan goede fietsvoorzieningen (routes, stallingen). De bestaande parkeercapaciteit in het centrum is in principe voldoende en kan door een betere verdeling beter worden benut. Het aantrekkelijker maken van de openbare ruimte is essentieel voor het functioneren. We vergroten de verblijfskwaliteit en richten een deel van de ruimte in om te ontmoeten. We bekijken waar het nodig is om winkels te verplaatsen naar het compacte centrum. We zoeken in vormgeving en sturing aan op recreatie & toerisme profiel en de positionering: kasteelbeleving. We vergroten de bereikbaarheid en bieden mogelijkheden voor evenementen en wegen die af tegen de belangrijke kernwaarden van onze gemeente. De vaste samenwerking tussen gemeente en centrumondernemers blijven we doorzetten.
Bedrijventerrein Eekterveld Op het bedrijventerrein van Eekterveld streven we naar een toekomstbestendige en circulair terrein met een eigen energievoorziening op of in de directe nabijheid van de bedrijven. Het algehele beeld is een gezonde, veilige en aantrekkelijke werklocatie. Veilige en toegankelijke openbare ruimte is daarbij essentieel voor fietsers en voetgangers. Goede bereikbaarheid vanuit de omliggende dorpen met de fiets en een directe autoverbinding met de A50 zijn belangrijke vestigingsvoorwaarden.
53
We kunnen op Eekterveld ruimte bieden voor uitbreiding(en).Op het bedrijventerrein en met de gemeente wordt samengewerkt aan met name duurzame doelen (energie, klimaat). Er wordt ruimte geboden aan initiatieven die onder andere de werkgelegenheid vergroten. We werken daarbij mee aan functies en bouwen (binnen de kwalitatieve randvoorwaarden). We houden ook ruimte voor bedrijfsactiviteiten door het tegengaan van gevoelige functies op of in de buurt van bedrijventerreinen. Een gerichte zonering of afstand is noodzakelijk voor toekomstige woningbouw in de omgeving. Duurzaam (energie/klimaat/circulair/groen) is uitgangspunt bij vernieuwing en uitbreiding. Uitbreiding van solitaire bedrijven (niet gelegen op Eekterveld) zullen we met een positieve
54
grondhouding op haalbaarheid beoordelen. De samenwerking tussen gemeente en ondernemers laten we centraal staan. Verbinding met de waardevolle leefomgeving We behouden bestaande groenblauwe structuren, waaronder het Vaassense bekenstelsel en kasteel Cannenburgh, uniek in zijn soort. Ook landschapskenmerken brengen we mogelijk weer terug om de groenstructuur aan te vullen en de schaal en indeling van het dorp te behouden. We beschermen cultuurhistorisch waardevolle bebouwing. In de linten en op beeldbepalende plekken geldt sturing op bouw- en verbouwplannen naar een straatbeeld (openbare ruimte en gebouwen) van hoge kwaliteit.
OENE De geschiedenis van Oene is nog af te lezen aan de Middeleeuwse wegenstructuur. De kerk vormt het middelpunt van het dorp. Dorp en landschap zijn verweven. Vanuit dit dorpshart lopen de verschillende wegen in een radiaal patroon het landschap in, zoals de Eperweg in het westen en de Houtweg aan de noordzijde. De opgaven in Oene Het eigene van het dorp Oene, dat als enige dorp in het weteringenlandschap ligt, willen we beschermen en behouden. In Oene liggen er uitdagingen vanuit meerdere van onze opgaven. Allereerst gaat het om vergroenen, ruimte voor water en energietransitie. We streven naar een groen dorp met ruimte voor klimaatadaptie en op termijn een energie-neutrale woonomgeving. Voor gezondheid is bewegen belangrijk, basisvoorzieningen voor sporten horen daarbij. Ontmoeten zorgt ook voor het sociale aspect dat we willen stimuleren. Veranderingen in de fysieke leefomgeving dragen bij aan de lokale dynamiek en lokale vitaliteit. Voor ouderen is het essentieel dat de zorgvoorzieningen op peil blijven. De bouw van woningen wordt afgestemd op de lokale behoefte. Wonen in het buitengebied is in bepaalde gevallen mogelijk. De ontwikkelingen in het buitengebied op het vlak van de focus op lokale voedselproductie en energietransitie zullen mogelijk binnen en rondom het dorp tot veranderingen leiden.
We streven naar een voor de inwoners goed evenwicht tussen kans voor ondernemen op dit vlak en het behouden van de dorpse identiteit. We willen de basisvoorzieningen minimaal op peil houden. Voor de leefbaarheid in het dorp zien wij het belang van ruimte voor ontmoeting en lokale activiteiten.
55
Hoe kunnen we dat bereiken? In het kader van klimaatadaptatie en biodiversiteitsherstel willen we het groen in het dorp versterken onder andere door de hoeveelheid verharding te verminderen en groen in te richten. We stemmen het groenbeheer af om de biodiversiteit te verbeteren. Waar mogelijk kan de ruimte rondom het dorp worden gebruikt voor flexibiliteit in het watersysteem. We koppelen aan projecten in de agrarische sector, wonen en recreatie. De verduurzaming van Oene, waaronder de warmtetransitie is een mooie kans voor een dorpsgerichte aanpak. Centraal daarbij staat een duurzame warmte-oplossing, besparen en op de daken zonne-energie opwekken. De fysieke omgeving draagt bij aan gezondheid en welzijn door mogelijkheden voor bewegen, ontmoeten en groen. Veilige verbindingen zullen de actieve recreatie stimuleren, juist voor de inwoners. We verbeteren daarom fiets- en wandelroutes van en naar Oene, buitengebied en de andere dorpen. Langer zelfstandig wonen wordt aangemoedigd mede door zorg op maat te faciliteren. We zetten in op doorstroming, onder andere door kleinschalige woonconcepten voor ouderen. In Oene is dit extra belangrijk omdat veel van de woningen buiten de kern zijn gelegen. We hebben een bouwopgave voor woningen. Het landschap en de bestaande natuur dient als inspiratie voor ontwikkeling. We bouwen voornamelijk voor starters/jongeren en senioren.
Voor passende woonvormen geven we ruimte aan collectief particulier opdrachtgeverschap. We doen onderzoek naar de toepassing van juridische instrumenten om de woningen die worden gebouwd ook voor onze inwoners te behouden. Door een apart verkeersplan voor Oene te maken,
56
kan samen met het dorp worden gesproken over de bijzondere voorzieningen die enerzijds verkeer aantrekken en anderzijds zorgen voor levendigheid. Ook kan daarin een afweging worden gemaakt om reden van verkeersveiligheid voetpaden aan te brengen in het beschermd dorpsgezicht. We bieden mogelijkheden aan ondernemers in verandering van functies en gebruik om voorzieningen overeind te houden. We zetten daarbij in op behoud en versterking van de bestaande voorzieningenstructuur, voor recreatie-ontwikkeling sturen we op kwalitatieve ontwikkeling. We ontwikkelen goede en veilige fietsverbindingen tussen de dorpen (bijvoorbeeld Vlot en Veilige fietsroute F50). We behouden en versterken wandelen fietsroutes, onder andere klompenpaden. Waar mogelijk (passend bij de waarden) werken we mee aan de bevordering van een hechte dorpsgemeenschap. Verbinding met de waardevolle leefomgeving De gemeente stuurt onder meer op dorpse identiteit. Dit betekent het beschermen van cultuurhistorisch waardevolle bebouwing. Verder moeten de ontwikkelingen een passende schaal hebben en passen binnen de ruimtelijke structuur. In het dorp bouwen we niet te dicht op elkaar en sturen we op een passende typologie (afgestemd op gebouwtypes, positie ten opzichte van de weg, de kap). Bij verandering van gebouwen en complexen past extra aandacht om het karakter vast te houden.
We behouden bestaande groenblauwe structuren Dit toetsen we aan de hand van regels in het omgevingsplan en een beleidsregel ruimtelijke kwaliteit (of welstandsnota).
EMST Emst is een fraai lintdorp op een historische enk. Dorp en landschap zijn verweven. De historische bebouwing concentreert zich vooral langs de Hoofdweg, de Oranjeweg en in mindere mate langs de Stationsweg en bestond oorspronkelijk voornamelijk uit boerderijen. De opgaven in Emst Het eigene van het dorp Emst willen we beschermen en behouden. De omgeving van Emst zal functioneel met name door de agrarische transitie de komende jaren gaan veranderen. Doel is om de voordelen die dit biedt voor Emst te benutten en tegelijk de dorpse identiteit te behouden. In Emst liggen er uitdagingen vanuit meerdere van onze opgaven. Allereerst gaat het om vergroenen, ruimte voor water en energietransitie. We streven naar een groen dorp met ruimte voor klimaatadaptie en op termijn een energie neutrale woonomgeving. Voor gezondheid is bewegen belangrijk, basisvoorzieningen voor sporten horen daarbij, ontmoeten zorgt ook voor het sociale aspect dat we willen stimuleren. Veranderingen in de fysieke leefomgeving dragen bij aan de lokale dynamiek en lokale vitaliteit. Voor ouderen is het essentieel dat de zorgvoorzieningen op peil blijven. De bouw van woningen wordt afgestemd op de lokale behoefte. Wonen in het buitengebied is in bepaalde gevallen mogelijk. De toename van recreatie en toerisme zal binnen en rondom het dorp tot veranderingen leiden.
We streven naar een voor de inwoners goed evenwicht tussen kans voor ondernemen op dit vlak en het behouden van de dorpse identiteit. We willen de basisvoorzieningen minimaal op peil houden en denken dat dit realistisch is door functieveranderingen die op de Veluweflank tot een ander gebruik van de omgeving leiden. Dit leidt naar verwachting tot een groter draagvlak (meer toerisme,
57
dus meer aanloop voor winkels en horeca). Voor de leefbaarheid in het dorp zien wij het belang van ruimte voor ontmoeting en lokale activiteiten. Hoe kunnen we dat bereiken? In het kader van klimaatadaptatie en biodiversiteitsherstel willen we het groen in het dorp versterken onder andere door de hoeveelheid verharding te verminderen en groen in te richten. We stemmen het groenbeheer af om de biodiversiteit te verbeteren. Waar mogelijk kan de ruimte rondom het dorp worden gebruikt voor flexibiliteit in het watersysteem. We koppelen aan projecten in de agrarische sector, wonen en recreatie. De verduurzaming van Emst, waaronder de warmtetransitie, is een mooie kans voor een dorpsgerichte aanpak. Centraal daarbij staat een duurzame warmte oplossing, besparen en op de daken zonne-energie opwekken. De fysieke omgeving draagt bij aan gezondheid en welzijn door mogelijkheden voor bewegen, ontmoeten en groen. Verbindingen zullen de actieve recreatie stimuleren, juist voor de inwoners. We verbeteren daarom fiets- en wandelroutes van en naar Emst, buitengebied en de andere dorpen. Overlast van doorgaand gemotoriseerd (vracht)verkeer wordt tegengegaan. Op de bestaande autoverbinding tussen de dorpen brengt een snelheidsverlaging extra verkeersveiligheid en minder hinder. Langer zelfstandig wonen wordt aangemoedigd mede door zorg op maat te faciliteren.
We zetten in op doorstroming onder andere door kleinschalige woonconcepten voor senioren. We hebben een bouwopgave voor woningen. Het landschap en de bestaande natuur dient als inspiratie voor ontwikkeling. We bouwen
58
voornamelijk voor starters/jongeren en senioren. Voor passende woonvormen geven we ruimte aan collectief particulier opdrachtgeverschap. We doen onderzoek naar de toepassing van juridische instrumenten om de woningen die worden gebouwd ook voor onze inwoners te behouden. We bieden mogelijkheden aan ondernemers in verandering van functies en gebruik om voorzieningen overeind te houden. We zetten daarbij in op behoud en versterking van de bestaande voorzieningenstructuur, voor recreatie ontwikkeling sturen we op kwalitatieve ontwikkeling. We ontwikkelen goede en veilige fietsverbindingen tussen de dorpen (bijvoorbeeld Vlot en Veilige fietsroute F50). We behouden en versterken wandelen fietsroutes, onder andere klompenpaden. Verbinding met de waardevolle leefomgeving De gemeente stuurt onder meer op dorpse identiteit. Dit betekent het beschermen van cultuurhistorisch waardevolle bebouwing. Verder moeten de ontwikkelingen een passende schaal hebben en passen binnen de ruimtelijke structuur. In het dorp bouwen we niet te dicht op elkaar en sturen we op een passende typologie (afgestemd op gebouwtypes, positie ten opzichte van de weg, de kap). Bij verandering van gebouwen en complexen past extra aandacht om het karakter vast te houden.
We behouden bestaande groenblauwe structuren Dit toetsen we aan de hand van regels in het omgevingsplan en een beleidsregel ruimtelijke kwaliteit (of welstandsnota).
59
60
5. HANDELINGSPERSPECTIEF Het perspectief van de omgevingsvisie De Omgevingsvisie is een agenderend en richtinggevend document. In de Omgevingsvisie staat beschreven wat voor de gemeente Epe van waarde is en wat beschermd, behouden en ontwikkeld moet worden: • De rijkdom van natuur met bijbehorende wateren bodemkwaliteit. • De kwaliteit en grote afwisseling in het landschap. • De rust, de cultuurhistorie en het dorpse karakter. Wanneer invulling wordt gegeven aan de verschillende opgaven waar we voor staan, zoals beschreven in hoofdstuk 3, moet dat passen bij de keuzes voor de fysieke leefomgeving die in de omgevingsvisie worden gemaakt. Concreet betekent dit dat de omgevingsvisie richtinggevend is voor nieuwe ontwikkelingen én behoud van bestaande kwaliteiten. De visie geldt voor onszelf en bepaalt ons handelen. Het geeft op vele beleidsterreinen een handelingsperspectief voor verdere uitwerking en uitvoering van grote opgaven (zoals de energietransitie en de woonprogrammering) en concrete investeringen en maatregelen (zoals vergroening, klimaatadaptatie). Voor ons en voor anderen! Met de omgevingsvisie spreken wij onze ambitie uit. Het is dus bewust geen volledig uitgewerkt plan voor de komende 10 jaar. Zij bevat de uitnodiging en het wenkend perspectief voor inwoners, organisaties en overheden om daaraan samen vorm te geven.
Evenwicht in ruimte geven en sturen De visie zet de koers uit, geeft richting, inspireert. De visie is onze missie. Dit is Epe, dit zijn wij! We moeten samen een balans vinden tussen ruimte geven aan initiatieven en sturen in de vorm van regels. Bij de realisatie van de opgaven zijn altijd meerdere partijen betrokken met belangen, wensen, regels en bevoegdheden. Ons belang wordt ingegeven vanuit het publiek-maatschappelijk belang. Daar ligt onze verantwoordelijkheid. Daarin hebben we verschillende rollen, afhankelijk van de opgave en de fase waarin de opgave zich bevindt. De rol die de gemeente op zich neemt hangt onder meer af van het antwoord op de vragen of het een maatschappelijke opgave betreft, of er veel maatschappelijke aandacht voor is en welke maatschappelijke impact er is. Hoe hoger iets hierop scoort, hoe actiever de rol van de gemeente. Deze vraag kan overigens op verschillende momenten in het proces worden gesteld en beantwoord, afhankelijk van de ontwikkelingen kan het antwoord dan verschillend zijn. Uitgangspunt is zoveel mogelijk ‘Samen’. Samen met inwoners, organisaties, bedrijven en andere overheden: • Als het samen lukt binnen de kaders en ambities van de omgevingsvisie te blijven, dan zijn we erbij en denken mee / verbinden. • Als er keuzes moeten worden gemaakt en kaders moeten worden gesteld, dan nemen we een meer sturende rol aan.