339896 Ontwerp Omgevingsvisie gemeente Epe
Tekst van het document
OMGEVINGSVISIE GEMEENTE EPE
1
Ontwerp Omgevingsvisie 8 juni 2021
Alle kaarten in dit document en de bijlagen zijn een indicatieve verbeelding van het beschreven beleid. Begrenzing en locaties zijn niet juridisch bindend.
2
INHOUD 1. Inleiding 2. Waardevolle leefomgeving De rijke natuur De kwaliteit en grote afwisseling in het landschap De rust, de cultuurhistorie en het dorpse karakter Trots nu en straks 3. Opgaven Duurzame toekomst Gezondheid, zorg en welzijn Goed wonen Vitale economie in een groene omgeving 4. Ruimtelijke keuzes Veluwe Veluweflank IJsselvallei Epe Vaassen Emst Oene 5. Handelingsperspectief
4 6 10 12 14 17 18 18 24 26 30 37 39 42 45 47 51 55 58 61
Bijlagen: begrippenlijst visiekaart strategische afweging
3
Pamflet omgevingsvisie Epe
Natuurlijk goed leven •
•
•
4
De waardevolle leefomgeving is ons DNA. We laten ons inspireren door de rijkdom van de natuur, de kenmerken van het landschap en de eigenheid van het gebied. Nieuwe ontwikkelingen passen bij de identiteit van het gebied en dragen bij aan ruimtelijke kwaliteit en de doelstellingen van de omgevingsvisie. We leveren maatwerk. We nemen verantwoordelijkheid in de energietransitie en de klimaatopgave. Dit doen we door in te zetten op zon en wind en aardgasvrije wijken. Ook benutten we kansen en nieuwe technieken. We maken werk van de klimaatopgave door in te zetten op groen, natuurbescherming en -ontwikkeling en gebiedseigen maatregelen. We stimuleren eigen verantwoordelijkheid en trekken samen op. In de gemeente Epe kun je een leven lang gezond, prettig en veilig wonen. Dit doen we door bij de inrichting van onze omgeving constant te werken aan een schone, gezonde en veilige woon- en leefomgeving. Er is voldoende water en groen in de omgeving en goede, veilige wandel- en fietspaden verbinden de dorpen met de natuur.
•
Onze omgeving stimuleert ontmoeting en versterkt de band tussen onze inwoners. We werken aan een uitnodigende openbare ruimte met verblijfskwaliteit en voldoende voorzieningen voor jong en oud.
•
We werken aan een stevige woningbouwopgave. Dit doen we door in en rond de kernen woningen te realiseren voor alle leeftijden en doelgroepen.
•
Voor ondernemers biedt de gemeente Epe een prettig ondernemersklimaat. Dit doen we door ruimte te bieden voor ontwikkeling en het benutten van kansen. We hebben daarbij oog voor een duurzame toekomst.
•
De centra van Vaassen en Epe zijn uitnodigend. Dit doen we door gastvrij en compleet te zijn. We koppelen de centra aan recreatie en toerisme (100% Wild, kasteel de Cannenburch) met goede verbindingen van en naar de wijken en het buitengebied.
•
Recreatie vanuit onze natuurlijk omgeving. Dit doen we door uit te gaan van onze kracht: De waardevolle leefomgeving. Ontwikkeling vindt plaats vanuit waardetoevoeging en kwaliteit.
•
Mobiliteit is in beweging. Dit doen we door in te zetten op duurzame mobiliteit en het STOP-principe (stappen, trappen, OV, privé). We stimuleren wandelen en fietsen.
•
Landbouw heeft in Epe een nieuwe toekomst. Dit doen we vanuit overtuiging dat de landbouw in transitie is. In de Veluweflank veranderen we vanuit het belang van natuur naar een bredere schakering met andere functies zoals de ontwikkeling van bos, recreatie en kleinschalige woningbouw. In de IJsselvallei is meer agrarische ontwikkelruimte met daarbij oog voor de versterking van de biodiversiteit. We inspireren en bieden kansen.
•
We zetten samen onze schouders eronder. In de gemeente Epe werken we op basis van vertrouwen met elkaar samen en respecteren we elkaars mening. We zijn transparant en constructief.
•
De Omgevingsvisie voor Epe staat voor Natuurlijk goed leven: • Natuurlijk is onze leefomgeving en onze trots • Goed staat voor de kwaliteit die we nastreven • Leven staat voor kansen en mogelijkheden om te wonen, werken en recreëren.
5
1. INLEIDING De gemeente Epe is een bijzonder mooie gemeente. Er is veel om dankbaar voor te zijn: veel groen, veel natuur en binnen de gemeente zijn mooie dorpen met hun eigen karakter. Daar willen we zorgvuldig mee omgaan. Tegelijkertijd zijn er veel uitdagingen en er moet veel gebeuren: de vraag naar voldoende woningen in een gezonde en sociale leefomgeving, de behoefte aan ruimte voor recreatie, economische groei en diverse duurzaamheidsambities. Dit alles samengenomen vraagt om een integrale aanpak met behoud van de kwaliteiten en waarden die we hebben. De gemeente wil via de omgevingsvisie samen met haar inwoners komen tot gedragen, evenwichtige en integrale oplossingen voor ruimtelijke en maatschappelijke opgaven. De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties werkt aan een nieuwe Omgevingswet. De komst van de Omgevingswet heeft een grote impact op het beleid voor de fysieke leefomgeving. De doelstelling is integraal, eenvoudig en beter. Met de komst van de Omgevingswet wordt de rol van de samenleving groter. De omgevingsvisie speelt daarbij een belangrijke rol. In de omgevingsvisie legt de gemeente de ambities en beleidsdoelen vast voor de fysieke leefomgeving in één samenhangende visie op strategisch niveau. Participatie Bij het maken van deze omgevingsvisie was een goed participatieproces het uitgangspunt.
Inwoners, ketenpartners en stakeholders zijn op diverse manieren uitgenodigd en betrokken. We zijn in gesprek gegaan met de gemeenteraad, college en medewerkers. Met een team van de gemeente zijn we in het najaar van 2019 de straat op geweest. We hebben in de hele gemeente interviews gehouden over de kwaliteiten van de leefomgeving en de wensen die er leven bij inwoners. Dit hebben we ook geïnventariseerd door een digitale enquête via het panel Epe Spreekt.
6
In het voorjaar van 2020 hebben we de uitwerking van de visie per gebied opgezet. Dat deden we aan de hand van de belangrijkste opgaven voor onze gemeente. Deze opgaven zijn afgeleid uit de eerste participatieronde in 2019. Door enquêtes en digitale bijeenkomsten per gebied konden inwoners, stakeholders en ketenpartners hieraan bijdragen. In december 2020 hebben we naar aanleiding van het inspiratiedocument voor de omgevingsvisie de belangrijkste opgaven in een werkconferentie met inwoners en stakeholders uitgewerkt en zijn met diverse groepen ondernemers gesprekken gevoerd. In mei 2021 is de omgevinsgsschets (aanzet voor de visie) besproken. De particpatiebijeenkomsten hebben veel inzichten opgeleverd die veel hebben bijgedragen aan deze omgevingsvisie. Kern omgevingsvisie Door in de omgevingsvisie doelgericht afwegingen en keuzes te maken wordt de visie een richtinggevend instrument. Met de omgevingsvisie willen we iedereen, die actief is in onze leefomgeving, inspireren om ideeën waar te maken die passen in onze gedeelde visie. Om initiatieven samen voor elkaar te krijgen, is het belangrijk dat de uitnodiging zo open mogelijk is met zo min mogelijk beperkingen. Tegelijkertijd blijft sturing een belangrijk middel. Het is van belang dat ontwikkelingen elkaar versterken en niet beperken.
Bovendien is het belangrijk om het eigene van onze gemeente te behouden: de identiteit en de kernwaarden waar we trots op zijn. Manier van denken Bij het voorbereiden van de omgevingsvisie kwam nadrukkelijk naar voren dat er verschillende aspecten spelen bij het beleid voor de fysieke leefomgeving. Het heeft vooral te maken met het feit dat het behouden van de kwaliteiten in de gemeente samen moet kunnen gaan met ruimtelijke ontwikkeling. Een extra aspect is dat we expliciet benoemen hoe de ontwikkeling op een voor de gemeente passende
manier kan plaatsvinden. Daarnaast is het belangrijk dat urgente opgaves en maatschappelijke behoeftes een goede plek krijgen.
Tot slot een handelingsperspectief in hoofdstuk 5, een nadere uitwerking van de hoe vraag en een voorzet van de wie-vraag.
De opbouw van de omgevingsvisie is nadrukkelijk het resultaat van het proces. In het inspiratiedocument dat we eerder hebben gemaakt, hebben we de lagenbenadering beschreven die ook voor de omgevingsvisie de basis vormt. Per hoofdstuk zullen we naar die lagen verwijzen. De omgevingsvisie start met wat we hebben, belangrijk vinden, waarderen: onze waardevolle leefomgeving (hoofdstuk 2, de basis). Dit is het canvas waarop we werken. Vervolgens stellen we op basis van maatschappelijke behoeftes en urgente opgaven vast wat we met de samenleving willen bereiken: de opgaven (hoofdstuk 3, de wat-vraag). De uitwerking hiervan vraagt om een aantal ruimtelijke keuzes (hoofdstuk 4, de waar en hoevraag). Hoe en waar gaat ontwikkeling plaatsvinden?
Strategische afweging Ter ondersteuning van de beleidskeuzes hebben we voor deze omgevingsvisie een strategische afweging gemaakt (zie bijlage). Door middel van scenario’s zijn de verschillende programmatische onderdelen uit deze visie verkend. De impact van deze onderdelen op het gebied van milieu (grijs en groen), maatschappij en economie is afgewogen. Dit heeft in belangrijke mate richting gegeven aan de gebiedsgerichte uitwerking.
Hoofdstuk 5 Afwegingskader Hoofdstuk 4 Ruimtelijke keuzes Hoofdstuk 3 Opgaven Hoofdstuk 2 Waardevolle leefomgeving
Het ligt wellicht in de lijn van de verwachting om te beginnen met de lange termijn ambitie voor onze gemeente om vervolgens aan de hand van concrete doelstellingen per opgave naar uitvoering te gaan. We hebben voor een andere benadering gekozen. We doen dat omdat juist uit het participatieproces naar voren kwam dat de lange termijn ambitie draait om de waardes van natuur, landschap, cultuurhistorie en de dorpen. Zo bouwen we de omgevingsvisie dan ook op vanuit de waardevolle leefomgeving, naar de belangrijke opgaves en tot slot ruimtelijke keuzes per gebied. • • • • •
Veluwe Veluweflank IJsselvallei Grote kernen Kleine dorpen
• • • •
Duurzame toekomst Gezondheid, zorg en welzijn Goed wonen Vitale economie
•
De rijkdom van natuur met bijbehorende water- en bodemkwaliteit De kwaliteit en grote afwisseling in het landschap De rust, de cultuurhistorie en het dorpse karakter
• •
7
2. WAARDEVOLLE LEEFOMGEVING De basis voor de omgevingsvisie is de kwaliteit van de leefomgeving. Iets wat in honderden jaren is ontstaan, gegroeid en opgebouwd. Binnen de gemeente Epe is er brede waardering voor de omgeving. Dit is duidelijk uit het participatieproces naar voren gekomen. Het gaat om een breed spectrum aan kwaliteiten: landschappelijk, monumentaal, natuurlijk. De kern zit in drie waarden: • De rijkdom van natuur met bijbehorende wateren bodemkwaliteit. • De kwaliteit en grote afwisseling in het landschap. • De rust, de cultuurhistorie en het dorpse karakter. Deze bijzondere waarden kunnen we niet onder een glazen stolp bewaren. De omgeving verandert, behoeften ontwikkelen en niet minder belangrijk: zonder onderhoud treedt verval op. De kwaliteiten die we in dit hoofdstuk beschrijven zijn de basis voor de omgevingsvisie. Maar de kwaliteiten staan ook onder druk. De afname van biodiversiteit en de klimaatverandering bijvoorbeeld, zijn juist in de door ons gewaardeerde gebieden grote uitdagingen. Per onderdeel of gebied kijken we in deze omgevingsvisie naar de toekomst en bepalen we hoe we de kwaliteit in stand houden; hoe we opgaven een plek kunnen geven. Hoe we behoud garanderen juist door ontwikkeling toe te staan. De omgevingskwaliteit staat in dit hoofdstuk centraal en leidt per gebied tot een onderscheid in
8
de wijze waarop wordt omgegaan met toekomstige ontwikkeling. Hier hoort een strategie bij waarbij we onderscheid maken in beschermen, behouden en ontwikkelen. Verderop in dit document in het hoofdstuk over ruimtelijke keuzes wordt dat strategisch onderscheid verder uitgewerkt op basis van de volgende denklijnen: • Beschermen; kwaliteit is randvoorwaardelijk, instandhouding essentieel. Hierover maken we bindende afspraken. • Behouden; kwaliteit is uitgangspunt, voor behoud is mogelijk ontwikkeling nodig, of soms zelfs noodzakelijk. Functiewijziging is een voorbeeld daarvan. Sturing is een middel om het doel te bereiken. • Ontwikkeling; verandering en verbetering staat centraal. (Mede) het initiatief nemen en het stimuleren van initiatiefnemers is nodig. Wat goed is beschermen we, wat goed is en onder druk staat behouden we, maar hier gaan we ook aan de slag. In de basis is er de wens om vanuit de visie gelijke mogelijkheden en kansen te bieden. Maar juist vanuit de verschillen in waarden en kwaliteiten enerzijds en opgaven en knelpunten anderszijds is onderscheid in strategie noodzakelijk. De opgaven die we zien, zijn bepalend voor wat we de komende jaren in het fysieke domein gaan doen of mogelijk maken. Dit vraagt per gebied om een andere werkwijze. In hoofdstuk 3 werken we de opgaven verder uit om vervolgens in hoodstuk 4 gebiedsgericht keuzes te beschrijven.
Kaart: Natuur en landschap De rijkdom van natuur met bijbehorende water- en bodemkwaliteit.
9
De rijke natuur Natuur is in onze gemeente ruimschoots aanwezig en de waarde hiervan wordt ook beschermd. Het gaat om Natura 2000 en het Gelders Natuurnetwerk (de GNN). De wettelijk beschermde status van Natura 2000 werkt ook door in de mogelijkheden (en beperkingen) in het omringende gebied. Het GNN is beschermd via de Provinciale verordening. Het westelijk deel van de gemeente Epe is onderdeel van het grootste natuurgebied van Nederland: de Veluwe. De bossen van de Veluwe bestaan grotendeels uit naaldbos (grove den, lariks, fijnspar, douglas). Er liggen ook restanten van hakhoutbosjes, vennen, enken en stuifzanden. Een natuurlijke weelde. Langs de randen van de Veluwe neemt de variatie in bodem en vochtgehalte toe en verandert de samenstelling van flora en fauna, afgewisseld met meer diverse, gemende bossen in de buurt van woonen recreatiegebieden. De begroeiing bij deze meer in cultuur gebrachte gebieden is vaak meer divers dan de veelal monotone naaldbossen. Watersysteem en bodem Aan de rand van het Veluwemassief bevinden zich in de gemeente Epe verscheidene sprengen (vanuit gegraven bronnen) met relatief schoon kwelwater. Dit water komt via een aantal beken (vanuit natuurlijke bronnen), zoals de Nijmolensche Beek, de Smallertsche Beek en de Verloren Beek uit op de Grift. Deze vormt samen met het Apeldoorns Kanaal een belangrijke scheiding in het landschap.
De relatief droge en hoger gelegen zandgronden worden hier gescheiden van de nattere en lagere broekpolders en uiterwaarden van de IJssel. De beken lopen overwegend in west-oostrichting, terwijl de weteringen, die de structuur van het westelijk gelegen polderlandschap bepalen, juist van zuid naar noord lopen. Aan de oostgrens van de gemeente stroomt tenslotte de IJssel met parallel daaraan de IJsseldijk.
10
Het watersysteem tussen Veluwe en IJssel is heel specifiek. Op de hogere delen, zoals de Veluwe, de dekzandruggen en oeverwallen, trekt een deel van het (regen)water de bodem in. In de lager gelegen delen aan de oostzijde van de gemeente komt dat water weer aan het oppervlak. Hier treedt kwel op. Het gaat zowel om diepe kwel (vanuit de Veluwe), als lokale kwel, afkomstig uit dekzandruggen en oeverwallen. Bij hoog water in de IJssel kan ook hiervandaan lokale kwel optreden. Regenwater van de Veluwe trekt de bodem in maar stroomt ook af. Naast dat het water de bodem intrekt, stroomt het af via beken en sprengen af naar de lager gelegen komgebieden. Zowel voor de ecologische kwaliteit, het watersysteem en het landschap is het belangrijk dat de bodemkwaliteit goed is. Een goede omgang met de bodem is randvoorwaardelijk.
Kaart: Natura 2000, GNN en GO
Kaart: Waterlopen
11
De kwaliteit en grote afwisseling in het landschap Drie gebieden In grote lijnen herkennen we drie verschillende landschappelijke gebieden binnen de gemeente Epe. De gemeente Epe strekt zich uit van de hoge en droge zandgronden van de Veluwe (1), via de Veluweflank (2) dat zich kenmerkt door een grote diversiteit aan landschappen en bebouwingsvormen tot aan een nat broekpoldergebied met weteringen en de natte rivierklei van de IJssel (3).
De verkaveling heeft voornamelijk een strakke, rechthoekige structuur. De kavels strekken zich evenwijdig aan elkaar uit tussen de weteringen.
Afwisseling In het westen, op de Veluwe, liggen de heideontginningen en bossen, met daarin drie karakteristieke landbouwenclaves: Niersen, Gortel en Tongeren.
De A50 doorkruist het landschap op een schijnbaar willekeurige manier, en heeft weinig relatie met de onderliggende landschappelijke structuur. Het leidt tot barrièrewerking, maar is ook een kans om het landschap te beleven.
Het landschap op de flanken van de Veluwe op de overgang van hoog naar laag wordt gekenmerkt door de vele beken. We onderscheiden het enkenlandschap met de plaatselijke enken. Dit zijn oude bouwlanden met een open karakter, die aan de randen bebouwd zijn. Dan zijn er aan de rand van de Veluwe kleine ontgonnen veengebieden, zoals Tongerense veen, Wisselse veen en Pollense Veen. Het landschap ten oosten van het Apeldoorns Kanaal bestaat grofweg uit twee landschapstypes. Rondom Oene is dit het landschap met de wat hoger gelegen oude bouwlanden. Hier kenmerkt de verkaveling zich door een minder rechtlijnige structuur dan in de natte broekpolder. Daaromheen ligt het broeklandschap. Het is een weteringengebied dat zich uitstrekt tussen het Apeldoorns Kanaal en de IJsseldijk in het oosten.
12
Het rivierenlandschap langs de IJssel is het laagst gelegen deel van de gemeente. De verkaveling is hier ook rationeel (rechtlijniger, door de mens aangebracht). Hier is sprake van grotere openheid van het landschap.
Kaart: Geomorfologie
Kaart: Landschapstypen 13
De rust, de cultuurhistorie en het dorpse karakter De onderscheidende kwaliteit naast natuurlijke waarde en landschappelijke kwaliteit is de relatief rustige ligging. De afstand tussen de dorpen en de grotere wegen (A50) is redelijk groot. Het landschap en de natuur rondom de dorpen benadrukken die aantrekkelijke rustige ligging. Dat maakt het samen met de cultuurhistorische kwaliteiten en dorpse schaal tot een hele aantrekkelijke omgeving. Cultuurhistorie Ook het rijke verleden is een belangrijke uitgangspunt voor de omgevingsvisie van Epe. Zowel zichtbaar, bijvoorbeeld in monumenten, als onzichtbaar onder de grond, zijn de sporen van menselijk handelen aanwezig. Deze bijzondere waarden hangen samen met de ligging van de gemeente en de ontwikkeling tot wat het nu is. Deze waarden moeten zoveel mogelijk behouden blijven, maar kunnen juist ook worden benut. Dit kan bijvoorbeeld door bij ontwikkeling een historische verwijzing te gebruiken of door de koppeling met recreatie en educatie (informatie) te maken. De Veluwe is besloten bos met weinig bebouwing. Bijzondere openingen in het dichte Veluwse landschap zijn de twee enken bij de historische buurtschappen Gortel en Niersen.
Ook bij de karakteristieke landbouwenclave Tongeren vinden we veel van de oudste bewoningssporen, sporen die terugleiden tot in de prehistorie! De vele grafheuvels, waaronder de bijzondere grafheuvelrij bij Niersen, zijn hier een mooi voorbeeld van en hebben internationale faam. In het enkenlandschap vinden we de meeste sporen van menselijke activiteit, waaronder de dorpskernen binnen de gemeente, veel doorgaande wegen en de voor de gemeente zo kenmerkende sprengen en watermolens. De omgang met het water en de beïnvloeding door de mens kent daarmee een lange
14
historie. Veel sporen in deze landschappelijke eenheid dateren uit de Middeleeuwen en worden aan de oostzijde begrensd door de Grift en het Apeldoorns Kanaal. Tussen de Nieuwe Wetering en het Apeldoorns Kanaal is de agrarische bebouwing meer geclusterd. In het nattere weteringengebied zijn sporen te vinden vanuit de Late Middeleeuwen. De aangrenzende IJsseldijk ligt op een oeverwal. Aan de dijk zijn enkele boerderijen gesitueerd. Daarachter liggen de uiterwaarden en de IJssel. Hier bevindt zich geen bebouwing. Dorpse structuren De dorpen liggen in het grotere geheel aan de rand van de Veluwe, aan de hoofdroute die in noordzuidrichting langs het natuurgebied loopt. Drie van de vier dorpen in de gemeente, Epe, Vaassen en Emst, liggen aan deze dorpenroute. Ten oosten van het Apeldoorns Kanaal liggen de wat hoger gelegen oude bouwlanden met het dorp Oene. Deze behoren tot een overgangsgebied en liggen midden in het weteringengebied. Verspreid over het gehele buitengebied ligt over het algemeen agrarische bebouwing, veelal geclusterd in buurtschappen. Kenmerkend voor deze regio zijn de hallehuisboerderijen. Dorpse identiteit De dorpen in de gemeente Epe zijn ontstaan vanuit een stelsel van landwegen. In eerste instantie werd gebouwd langs deze oude wegen. Later werden de open plekken langs deze oude wegen ingevuld.
Hierdoor zijn binnen de dorpen weinig eenduidige gebieden met één soort bebouwing te herkennen. De structuur en opbouw van de dorpen zelf kent ook grote verschillen. Vaassen, Epe, Oene en Emst hebben ieder door de ligging, de bouwcultuur, de verschillen in ambacht en bedrijven een geheel eigen karakter.
15
De historische bebouwingsstructuren hebben een lange historie en verzorgen in de dorpen de samenhang. Het is mooi te zien dat bebouwing uit verschillende perioden het straatbeeld is gaan bepalen. Daaraan is het beeld van de historische ontwikkeling af te lezen. Tot de waardevolle en beeldbepalende structuren behoren de straten van en naar de oude dorpskernen. Bijzonder waardevol is het lanenstelsel van het dorp Epe met daarlangs veel waardevolle kleinere en grote villa’s uit het de periode tussen de twee wereldoorlogen. Bindend thema zijn de monumentale bomenrijen die vaak langs de belangrijke wegen in de dorpen staan. De kwaliteit van deze wegen wordt ook met de groenstructuren geassocieerd. Het zijn deels ontsluitingswegen, maar tegelijk ook de straten in de dorpscentra. Daarmee vormen deze structuren het visitekaartje van de gemeente. Dorpsranden De unieke ligging van de dorpen in de gemeente hangt ook samen met hoe de bebouwing in de omgeving ligt. Op veel plekken is door een open bebouwingsstructuur, doorlopende groenstructuren en recreatieve routes een zachte en natuurlijke overgang met de omgeving.
16
Waardevolle en beeldbepalende structuren Om een duidelijke richting voor de belangrijke plekken mee te geven, krijgen deze een plek op de kaart: • Straten, pleinen en parken in de centra van Epe, Vaassen en rond de Cannenburch. • De oude dorpskernen van Oene en Gortel. • Lintdorp Emst. • Lanen met waardevolle villabebouwing in Epe. • De dorpenroute en enkele historische radiale routes in Epe en Vaassen. • Sprengen- en bekenstelsel en de historische watermolens. • Oude spoorbaan. • Apeldoorns kanaal/ Grift. • Nieuwe ontsluitingswegen, zoals de wegen rond de centra van Epe en Vaassen. • Verspreid over de gemeente komen waardevolle en beeldbepalende gebouwen en complexen voor, zoals: * beschermde monumenten en complexen; * oorspronkelijke agrarische erven met overwegend bebouwing van voor 1940, in een stijl die kenmerkend is voor deze streek; * onder architectuur ontworpen villa’s en woonhuizen uit de periode 1880-1940; * gebouwen met een openbare en publieke functie (bijv. een gemeentehuis of een schoolgebouw).
Trots, nu en straks De waardevolle leefomgeving is bij het proces van voorbereiden het uitgangspunt van de visie geworden. De kaart op pagina 9 is onze ‘troefkaart’, de kaart die bepalend is voor wat er gebeurt in onze gemeente. De variatie, natuur en identiteit is zo essentieel dat we bij elke verandering en ontwikkeling eerst kijken of we onze leefomgeving in haar waarde laten. We moeten wel constateren dat de houdbaarheid van die waardevolle leefomgeving afhankelijk is van hoe wij daar de komende decennia mee omgaan. Natuur, watersysteem en bodem vormen in samenhang een essentieel (eco)systeem. Het voortbestaan is mede afhankelijk van invloeden van buitenaf. Aan het toekomstbestendig maken hiervan kunnen we zelf in belangrijke mate bijdragen. Dit hangt samen met het tegengaan van verdroging en verontreiniging, het beschermen van de waterstructuren en het behouden of herstellen van een evenwichtig ecosysteem. De identiteit van onze gemeente ontlenen we voor een groot deel aan de cultuurhistorie en waardevolle landschappen, van Oene tot Gortel, van Veluwe tot oude bouwgronden, van Grift tot oorsprong van de beken, van Cannenburch tot statige villa’s, van enken tot heideontginningen. De hierboven beschreven trots, onze kwaliteiten en de toekomstbestendigheid daarvan zijn het vertrekpunt van de visie.
In de opgaven van hoofdstuk 3 beschrijven we de opgaven die in deze context een plek moeten krijgen. De duurzame toekomst werken we hier als eerste overkoepelende opgave voor onze gemeente uit. Dit houdt nauw verband met de bestendigheid van de hier beschreven waardevolle leefomgeving.
17
3. OPGAVEN Onze gemeente is nooit af. Er zijn altijd behoeftes van de samenleving, actuele trends en nieuwe ontwikkelingen en er zijn op dit moment urgente opgaven. In dit hoofdstuk beschrijven we vanuit ‘De samenlevingslaag’ de vier opgaven voor onze gemeente. Deze opgaven zijn de uitkomst van enerzijds de analyse van grotere maatschappelijk knelpunten zoals klimaat en biodiversiteit en anderzijds van het participatieproces met inwoners, bestuurders, raadsleden, ambtenaren, ketenpartners en stakeholders. Voor onze gemeente gaat het om de volgende opgaven: • Duurzame toekomst • Gezondheid, zorg en welzijn • Goed wonen • Ondernemen De vier opgaven zijn niet los van elkaar te zien en hangen op meerdere vlakken samen. Er zijn raakvlakken, maar ook knelpunten. Vooral bij nieuwe ontwikkelingen (energie-installaties, woningbouw, recreatieontwikkeling) zullen we aan integrale oplossingen moeten werken. Dit hoofdstuk beschrijft de opgaven voor onze gemeente. In het volgende hoofdstuk (4. Ruimtelijke keuzes) wordt de derde laag ontwikkeling (nu en morgen) beschreven. Als het gaat om de ontwikkelingen zullen met name in dit hoofdstuk per gebied de combinaties tussen de opgaven worden uitgewerkt.
18
Duurzame toekomst Grote onderwerpen en meerdere crisissen die op wereldschaal spelen zijn ook voor onze gemeente belangrijke uitdagingen. De klimaatverandering, de (aanpak van de oorzaak door) energietransitie, de biodiversiteitscrisis, het stikstofprobleem en op termijn het tekort aan grondstoffen. Het is nauwelijks te bevatten hoe we zullen moeten veranderen om het leven in onze gemeente echt toekomstbestendig te maken. Het vormgeven aan een duurzame toekomst van onze leefomgeving zien we als de meest uitdagende opgave waar we in de omgevingsvisie invulling aan moeten geven. In het vorige hoofdstuk beschreven we de waardevolle leefomgeving als basislaag voor ruimtelijke ontwikkeling. Het gaat bij de waarden en kwaliteiten die we beschreven ook om de instandhouding of versterking hiervan. Het verduurzamen van de waardevolle leefomgeving vergt een grote krachtinspanning. De omgang met natuur, bodem en water, het anticiperen op klimaatverandering en het CO2- neutraal maken van onze samenleving, vragen om een structurele duurzaamheidsaanpak. Dit moet leiden tot een waardevolle leefomgeving met toekomstwaarde. Een duurzame toekomst is een overkoepelende opgave en hangt samen met de andere drie opgaven. In dit hoofdstuk zien we de verbinding met de opgave duurzaamheid.
Dit geldt voor gezondheid (bijvoorbeeld hittestress), wonen (isoleren en verwarmen) of ondernemen (toepassing van grondstoffen, afval, mobiliteit). We zullen ook kansen benoemen om tot meervoudige oplossingen te komen. De condities om die samenhang te borgen, komt terug in het vijfde hoofdstuk: het handelingsperspectief.
Biodiversiteit De natuur is een van onze belangrijkste waarden. De rijkdom van natuur meten we onder andere af aan biodiversiteit. Biodiversiteit is nuttig en noodzakelijk. Daarnaast draagt biodiversiteit bij aan de kwaliteit van leven en het welzijn van mensen. In het hele land zien we dat verschillende soorten insecten en planten zijn verdwenen. De natuur in onze gemeente staat ook ernstig onder druk en heeft het zwaar te verduren: verdroging, vergiftiging, verzuring en vermesting. De grote uitdaging voor onze bossen in de Veluwe is een sterke reductie van de stikstofdepositie. Dit heeft betekenis voor de agrarische structuur in de omgeving. Hier is een aanpak voor nodig om de invloed van intensieve agrarische bedrijven te verminderen, de verzuring tegen te gaan en de stikstofuitstoot te verminderen. Van groot belang hierbij is de uitdaging om agrariërs perspectief te geven. Hierover later meer bij de opgave ‘vitaal ondernemen’. Ook de afvoer van mineralen (in hoofdzaak snoeiafval voor biomassa), vooral op de rand van het agrarisch gebied in de overgangszone van de Veluwe, is ongunstig voor de biodiversiteit. Het probleem van verdroging heeft ook negatieve invloed op de biodiversiteit en wordt verderop beschreven onder ‘Hitte, droogte, natte voeten’. Door (grootschalige) landbouw ontstaat in het agrarische buitengebied eentonigheid waardoor de diversiteit afneemt.
Dit heeft ook zijn weerslag op de natuurgebieden in de omgeving. In de agrarische gebieden in onze gemeente ligt een belangrijke opgave voor biodiversiteit. We maken daarbij onderscheid tussen de Veluweflank en de IJsselvallei. In beide gebieden moet nadrukkelijk ruimte worden gegeven aan behoud en versterking van natuur.
In de Veluweflank is een grote omslag nodig, omdat dit gebied direct aan de Veluwe grenst. Opgave is om natuur inclusieve landbouw in gang te zetten, of zelfs een grotere transformatie naar (voedsel) bos of andere functies die de natuur minder zwaar belasten. In de IJsselvallei bestaat het agrarisch gebruik vooral uit productiegerichte landbouw. Hier is teveel sprake van een monocultuur met uitputting van de bodem en een sterke teruggang van biodiversiteit tot gevolg. Er ligt hier een opgave om het veranderproces naar natuur inclusieve landbouw in gang te zetten bijvoorbeeld met het instrument programma.
Trend afname akkerflora 1900-2018 (bron: CBS, 2021)
In onze dorpen speelt ook een probleem, door verstening zijn belangrijke leefgebieden voor flora en fauna verdwenen. Door ook in de dorpen extra aandacht te besteden aan biodiversiteit zullen hier kleine dieren zoals bijvoorbeeld vleermuizen, kikkers en kleine vogels meer voorkomen. Samenvatting: Met de toekomstige inrichting en ontwikkeling van onze leefomgeving zullen we de biodiversiteit moeten verbeteren en de kansen voor natuur benutten. De grootste opgave voor de biodiversiteit is een sterke reductie van de stikstofdepositie. Ook andere opgaven als het voorkomen van monocultuur en het meer ruimte geven aan natuur (ook in de dorpen) zijn voor onze gemeente belangrijk.
19
Droogte, Hitte en Natte voeten Klimaatverandering leidt in het hele land tot meer hittegolven, vaker extreme neerslag en meer droogteperioden. Dit heeft invloed op de gezondheid van mensen, leefbaarheid van buurten, comfort in woningen en uiteindelijk op veiligheid in verband met bosbranden en overstromingen. Ook in onze gemeente is de klimaatverandering goed zichtbaar. Als gevolg van droge periodes staat een aantal beken in de zomer droog. In onze bossen treedt als gevolg van de droogte sterfte op van lariksen en fijnsparren. Maar ook bij vele laanbomen vermindert de conditie door de droogte. Daarnaast zien we dat extreme neerslag leidt tot wateroverlast. Zo leiden deze buien onder andere
in de wijk Vegtelarij en in Oene vaker tot water op straat. In de komende jaren moeten wij rekening houden met steeds extremere weersomstandigheden. Het bestrijden van de droogte is in onze gemeente de grootste klimaatopgave. Dit houdt in dat we met name op en aan de rand van de Veluwe kansen moeten benutten om water vast te houden. Het systeem van beken en sprengen speelt hierbij een belangrijke rol. We moeten vooral voorkomen dat het water te snel wordt afgevoerd. Het verminderen van hittestress, dat ook direct invloed heeft op de gezondheid, is een opgave waarbij we ons vooral richten op het toevoegen
Esri Nederland, Community Map Contributors
Legenda
Legenda
Regio Cleantech
Postbus 4142
Droogval geconstateerd de afgelopen 4 jaar 2,5 (Bron: waterschap Vallei en5Veluwe)
20
10 Kilometers
Wateroverlast (Bron: waterschap Vallei en Veluwe) Droogval geconstateerd de afgelopen 4 jaar, in watergangen regio Cleantech
zie tek.
5
Steenbokstraat 10 Postbus 4142 7320 AC Apeldoorn
Schaal:
2,5
Wateroverlast
E: info@vallei-veluwe.nl
Onderwerp:
Getekend: AH
Datum:
Formaat:
Esri Nederland, Community 16-02-2021 Blad: Map1Contributors van 1
10 Kilometers
T: (055) 5272911
A0
locatie: W:\Informatiemanagement\GIS\Inhoudelijk\Planon2021\215457_Kaarten_regioCleantech\Output\Krt_215457.mxd
0
Watergangen
7320 AC Apeldoorn T: (055) 5272911
Watergangen
0
Regio Cleantech
Steenbokstraat 10
Droogval geconstateerd afgelopen 4 jaar
E: info@vallei-veluwe.nl
Onderwerp: Wateroverlast regio Cleantech
Schaal:
Getekend:
zie tek.
AH
Datum:
Formaat:
A0
Esri Nederland, Community 15-02-2021 Blad: Map1Contributors van 1
van groen. Dat kan door het beschermen van bestaand groen en het vergroten van de hoeveelheid openbaar groen. Maar ook door het motiveren van inwoners, scholen, maatschappelijke organisaties en bedrijven om hun eigen terreinen te vergroenen. Ook het ruimte bieden voor meer (oppervlakte) water draagt bij aan het verminderen van hittestress, maar maakt een wijk ook beter bestendig tegen hevige regenbuien. De wijk Klaarbeek is hier een goed voorbeeld van. In die wijk is veel ruimte voor groen en water. De wijk dient dan ook als voorbeeld in Nederland. Nieuwe woonwijken in de gemeente zullen zich naar dit voorbeeld voegen, met aandacht voor locatiespecifieke kenmerken. Klimaatadaptatie is ook voor bestaande wijken een opgave. Hier speelt ook de verantwoordelijkheid van de inwoners. De uitdaging is om de inwoners bewuster te maken en te stimuleren om bijvoorbeeld maatregelen te nemen. De gemeente heeft hierin een voorbeeldrol in de openbare ruimte. Samenvatting: De verandering van ons klimaat heeft op dit moment al merkbare gevolgen. Het brengt ook het aanpassen van onze fysieke leefomgeving met zich mee. We zullen aan de slag moeten met het tegengaan van droogte door water op en rondom de Veluwe vast te houden. De ontwikkeling van groen is belangrijk voor het bestrijden van hittestress. En de derde deelopgave is het voldoende ruimte bieden aan water bij piekregenbuien.
De kern van de klimaatopgave is een flexibel en robuust watersysteem en het versterken van de groenstructuur. Een programma klimaat kan integraal inhoud geven aan de aanpak van deze belangrijke opgave.
Energietransitie In het klimaatakkoord van Parijs heeft Nederland zich gecommitteerd aan 45% besparing van CO2uitstoot ten opzichte van 1990 om de opwarming aarde niet boven de 1,5 graad te laten uitkomen. De Cleantech Regio, waarvan gemeente Epe deel uit maakt, heeft de ambitie om energieneutraal te worden. In onze gemeente kiezen we voor een juiste balans in de energiemix: besparen, stimuleren en opwekken van energie. In het Nederlandse klimaatakkoord hebben we afgesproken om regionaal via energiestrategieën te werken aan het opwekken van duurzame energie. In de Cleantechregio maken we een strategie met 7 gemeentes. We maken hierin afspraken over hoe en waar we zonne-energie willen opwekken en hoe we windenergie willen inzetten. Het voorstel uit de Regionale Energie Strategie (RES) wordt in deze omgevingsvisie overgenomen. Andere onderwerpen als de warmtetransitie, de relatie met waterstof en energie neutrale bedrijventerreinen zijn lokale opgaven die ook voor onze omgevingsvisie relevant zijn. Windenergie In de regionale energiestrategie wordt uitgegaan van clustering van windenergie. Dit is gebaseerd op het principe dat het landschap het kapitaal van de regio is. Een heel herkenbaar principe voor onze gemeente vanuit het perspectief van deze omgevingsvisie: natuur en landschap behoren tot onze kernkwaliteiten.
De grotere landschappelijke structuren worden aangehouden om tot een situering van windclusters te komen. De clusters volgen in ons deel van de regio de stuwwallen en zijn gesitueerd in de flanken van de Veluwe nabij de A50.
21
Door clustering wordt de verrommeling van ons landschap zoveel mogelijk voorkomen en wordt de ruimtelijke impact van de windturbines verkleind. Clustering betekent dat meerdere windturbines bij elkaar komen te staan en dat tussen de locaties veel ruimte zit (minimaal 5 km). Dit zorgt voor een zodanige spreiding dat het landschap goed beleefbaar blijft. Voor Epe wordt in de RES rekening gehouden met een cluster nabij het electriciteitsstation bij bedrijventerrein Eekterveld. Een ruimtelijke en functionele koppeling met het bedrijventerrein en de ontwikkeling van een zonnepark is hier mogelijk. Een alternatief is een cluster met enkele windturbines wat meer naar het oosten in het weteringengebied. Overigens lijken windturbines door ecologische beperkingen op een afstand tot 8 km van de Veluwe op dit moment lastig. Hier wordt nog nader onderzoek naar gedaan.
Zonne-energie Zon op dak en besparing van energie zijn belangrijke focuspunten. Dit heeft prioriteit, maar alleen daarmee gaan we de opgave om energieneutraal te worden niet redden. In de RES wordt ook gekeken waar het realiseren van zonneparken in het landschap kan. De RES gaat uit van een landschappelijke zonneladder. Er is in de RES per landschap een indeling gemaakt in de volgende categorieën: Ja graag (voorkeurslocaties)
-> Zon op dak. -> Clusters met wind- en zonne-energie of alleen zonne-energie. -> Rijksinfrastructuur (langs geluidswal, berm van de rijksweg en incourante zones, gelieerd aan de weg). -> Bedrijven terreinen. -> Stortplaatsen. -> Zandwinlocatie. -> Grote parkeerplaatsen (overdekken).
Ja-mits (onder voorwaarden zonneparken mogelijk) -> Groenontwikkelzones. -> Transitiegebieden landbouw. -> Klimaatlandschappen. -> Nieuwe en uit te breiden bestaande landgoederen.
Nee-tenzij (onder zeer strikte voorwaarden zonneparken mogelijk)
-> Grootschalige Landbouwgebieden. -> Verbrede beekdalen - noodzakelijk voor klimaatdoelstellingen en biodiversiteit. -> Enken (cultuurhistorische enken en / of enken als klimaatlandschap – spons vanwege de waardevolle bodem). -> Bestaande landgoederen.
Nee (geen zonneparken mogelijk) Wettelijke uitsluitingen: -> Natura 2000 gebieden. -> Weidevogelgebieden. -> Rust en fourageergebieden ganzen.
Indicatie windclusters in de RES 1.0 bij Heerde, Vaassen en Apeldoorn Noord
22
Door de RES voorgestelde uitsluitingen: -> Gelders Natuurnetwerk. -> Beekdalen. -> Cultuurhistorische ensembles. -> Nabij beschermde dorps en stadsgezichten. -> Rivier, uiterwaarden en dijken. -> Complex begrensde particuliere historische buitenplaatsen.
Er is een sterke voorkeur om de kansen te benutten om door het realiseren van zonneparken ook een grote bijdrage te leveren aan andere gebiedsopgaven: landbouwtransitie, klimaatadaptatie of natuurontwikkeling. In Epe is dat vooral mogelijk in de Veluweflank waar een koppeling met klimaatmaatregelen mogelijk is. Door de indeling in landschapseenheden is het mogelijk om de inpassing en ontwikkeling van zonneparken goed op het landschap af te stemmen. Wij kiezen voor het uitwerken van lokaal beleid om zonneparken mogelijk te maken.
Zoekgebieden zon RES 1.0: Ja, mits- en Nee, tenzijgebieden waar ontwikkeling van zonnevelden onder voorwaarden mogelijk zijn. Daarnaast Nee-gebieden waar geen zonneparken toegestaan zijn.
Energie op bedrijventerreinen Ook projectmatig zal locatiegericht de uitwerking van energietransitie vorm moeten krijgen. Bijvoorbeeld in de ambitie om van het bedrijventerrein Eekterveld een energieneutraal bedrijventerrein te maken. Dit kan door toekomstige bedrijven die inzetten op hernieuwbare energie een plek geven. Ook het benutten van grootschalige bedrijfs- en agrarische daken voor zonne-energie is een opgave voor de energietransitie. Een essentieel onderdeel van de transitie is de omgang met grondstoffen en afval dat onderdeel uitmaakt van de circulaire opgave. Warmte opgave Op termijn zullen alle woningen in onze gemeente gasloos moeten worden verwarmd. In de transitievisie warmte wordt hiervoor een strategie ontwikkeld. De warmtetransitie wordt dus in een gemeentelijke visie uitgewerkt en heeft duidelijk raakvlakken met de omgevingsvisie, bijvoorbeeld waar het gaat over de toekomst van onze woonwijken.O Samenvatting: Wij zetten in op de uitwerking van de Regionale Energie Strategie om binnen onze gemeente hernieuwbare energie op te wekken met wind- en zonne-energie bijvoorbeeld in de vorm van een beleidskader of een programma zon en wind. Ook de warmtetransitie en de verduurzaming van onze bedrijven maken deel uit van de opgave.
23
Gezondheid, zorg en welzijn (Gezond) leven in de gemeente Epe De gemeente Epe wordt bij uitstek gezien als een fijne plek om te wonen. Rust en ruimte zijn daarbij belangrijke kernwoorden. De natuur, het landschap, de cultuurhistorie en de eigenheid van de dorpen zijn niet voor niets het uitgangspunt bij alle ontwikkelingen. Dankzij de bijzondere ligging ervaren de inwoners de natuur van zowel de Veluwe als de IJsselvallei als directe leefomgeving. Dit leidt tot waardering van de omgeving en is een gunstige voorwaarde voor het welzijn van inwoners in onze gemeente. Wij zetten in op de toegankelijkheid van deze kwaliteiten voor alle inwoners. Het welzijn en de gezondheid van onze inwoners is in hoge mate gebaat bij een fysieke vertaling en een koppeling met de omgeving. Voor het buitengebied betekent dit vooral een opgave in het toegankelijk maken daarvan. Fietsroutes en wandelpaden zijn belangrijk om beweging te stimuleren. Extra aandacht is nodig voor de dorpsranden en het faciliteren van groen dichtbij en ‘om de hoek’. De opgave is om de toegankelijkheid van het buitengebied te bevorderen. Ook is de fijnmazigheid van paden in het uitloopgebied belangrijk.
Door de verschillen tussen gebruikers (jong en oud, fietsers en voetgangers, fit en mobielbeperkt) ligt de focus op verbreding van het aanbod: grotere en kleinere rondjes / routes en met verschillende ondergronden; natuurpaden, maar ook mogelijkheden voor mensen in een rolstoel of met een rollator. Opgaven: Ontwikkelen van fijnmazig uitloopgebied met mogelijkheden voor actieve recreatie voor jong en oud en bewegen en ontmoeten in de dorpen.
24
Ouder worden in de gemeente Epe Het aantal ouderen neemt de komende jaren sterk toe. Dat komt vooral doordat de babyboomgeneratie (van 1946 – 1970) sinds 2011 langzaamaan de 65-jarige leeftijd bereikt. Daarnaast stijgt het aantal ouderen door de toename van de levensverwachting. Met de vergrijzing neemt ook de grijze druk toe. Naar verwachting neemt de grijze druk landelijk toe van 30% in 2015 naar 51% in 2040 (Bron: GGD Nederland).
Ontwikkeling inwoners naar leeftijdsgroep 1970-2060 (bron: CBS, 2021)
De meeste ouderen willen zo lang mogelijk zelfstandig blijven wonen in hun vertrouwde omgeving. Ook als zij een zorgvraag of een beperking hebben. Niet alleen willen zij dit zelf, ook het overheidsbeleid is er op gericht om mensen met een zorgvraag zo lang mogelijk thuis te laten wonen. We vinden het belangrijk dat oudere inwoners zoveel mogelijk kunnen blijven meedoen aan de samenleving. Voorzieningen moeten hiervoor toegankelijk, bereikbaar en betaalbaar zijn voor inwoners. Dat zien wij als een belangrijke uitdaging. Oudere inwoners moeten de voorzieningen kunnen bereiken op loop- en fietsafstand. Het behouden van voorzieningen is ook in de dorpen Emst en Oene van belang om het langer thuis wonen van ouderen mogelijk te maken.
Slimme combinaties van wonen en zorg zijn nodig om mensen enerzijds zo lang mogelijk zelfredzaam te laten zijn en anderzijds toch enige vorm van ondersteuning te bieden. We zien vooral kansen in een combinatie van beschutwonen en een intramurale voorziening. Maar ook andere speciale (woon)vormen zijn mogelijk. Denk hierbij aan vormen waarbij ook de sociale aspecten waaronder ontmoeting centraal staan. Opgave: We spelen in op de toenemende vergrijzing door behoud van voorzieningen, het realiseren van slimme combinaties van wonen en zorg, en bevorderen van doorstroming.
Gezonde, prettige leefomgeving Het stimuleren van ontmoeten zal de sociale cohesie in de wijken versterken. Dit verbetert het welzijn en bevordert contacten in de wijken, zodat inwoners bij elkaar terecht kunnen voor ondersteuning bij problemen. De kansen voor die ontmoetingen zullen bij inrichtingsvraagstukken moeten worden benut. Ook voorzieningen zoals de Hezebrink, De Wieken en de Kulturhusen in Epe en Oene zijn belangrijk voor de sociale cohesie en essentieel om te behouden. Belangrijk voor de kwaliteit van onze leefomgeving zijn de basisvoorwaarden: schone lucht, water en bodem. In onze gemeente zijn hiervoor relatief goede omstandigheden. Op het vlak van afval, meststoffen en wegverkeer ligt er nog een opgave. Vanuit klimaatadaptatie kan hitte een heel direct negatief effect hebben op de gezondheid van kwetsbare groepen. Denk daarbij aan jonge kinderen en ouderen. Daarnaast kunnen initiatieven in het kader van klimaat bijdragen aan een gezonde leefomgeving. Het groener inrichten van (bestaande) werklocaties draagt niet alleen bij aan de biodiversiteit, verminderen van hittestress en verbeteren van wateradaptatie van gebieden, maar ook aan een gezonde leefbare omgeving. Mensen die werken in deze gebieden zullen de leefomgeving hierdoor ook als prettig ervaren. Op onze bedrijventerreinen ligt hier nog een belangrijke opgave.
Opgave: prettig leven in een gezonde omgeving verdient op meerdere plekken onze aandacht. Wij zetten in op het stimuleren van bewegen, ontmoeten, een schone leefomgeving, vergroenen van de woonomgeving en werklocaties.
25
Goed wonen Goed wonen is een belangrijke opgave voor onze gemeente. Het is een opgave die voortdurend aandacht nodig heeft. We zien huishoudens die kleiner worden, een grote vraag naar betaalbare woningen voor jongeren en ouderen, en een verschuiving in de behoefte naar een bepaald type woningen. gaat naast een kwantitatieve opgave ook om 2 Het Demografie Epe de kwaliteit van de woonomgeving en dat is veel meer dan de woning zelf. De kwaliteit van de In dit hoofdstuk staan we stil bij de demografische ontwikkelingen in de woonomgeving wordt gevormd door bijvoorbeeld de gemeente Epe in de afgelopen jaren. Hoe zag de bevolkingsontwikkeling eruit? aanwezigheid groen enzij natuur, Welke groepen verhuizenvan en waar komen vandaan? en de nabijheid van voorzieningen, zoals winkels, scholen en zorg. 2.1 Inwoners en huishoudens De kwantitatieve opgave Bevolkingsontwikkeling In de komende jaren neemt het totaal aantal Op 1huishoudens januari 2020 teldenaar Epe circa 33.160 inwoners. De ruim 33.000 inwoners verwachting toe. Vooral het aantal vormen samen circa 14.250 huishoudens. Sinds het vorige alleenstaande huishoudens neemt sterk toe. In de woningmarktonderzoek van 2017 is de gemeente met circa 600 inwoners eerste jaren bestaat de toename van alleenstaanden toegenomen. De afgelopen jaren is de gemeente Epe voornamelijk gegroeid grote groep 65-plussers.
dooruit eeneen positief geboortesaldo en een toename van de binnenlandse migratie. Het aantal geboorten ligt in de gemeente hoger dan het aantal sterfgevallen. De verhuizingen tussen Epe en andere gemeenten in Nederland schommelt door de jaren. Na de crisis kent Epe een sterke stijging van het aantal vestigers. Na 2017 neemt het aantal vestigers naar de gemeente af. Het aantal vertrekkers blijft gelijk, waardoor per saldo de binnenlandse migratie minder stijgt.
erg in trek bij instromende huishoudens. De migratie vanaf buiten is in onze gemeente de laatste jaren sterk gegroeid. Dat heeft zich vertaald in een groeiend aantal inwoners en ondanks het groot aantal opgeleverde woningen wordt een druk op de woningmarkt ervaren. Dit is vooral aan de orde in de dorpen Epe en Vaassen. Figuur 2.1: Gemeente Epe. Demografische trends 2006-2019
800 600 400 200 0 -200 -400
2006 2007 2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 Geboortesaldo
Binnenlandse migratiesaldo
Buitenlands migratiesaldo
Bevolkingsontwikkeling
Bron: CBS, 2021 Demografische trends Gemeente Epe 2006-2019 (bron: CBS,
2021)
Toenemende vergrijzing De meeste inwoners in de gemeente Epe wonen in de kernen Epe (15.680 Om deenopgave van de verandering in en Oene zijn een stuk inwoners) Vaassen (12.640 inwoners). De kernen Emst huishoudenssamenstelling kleiner met circa 3.000 en 1.500 inwoners.en de druk op de Net als in veel gemeenten heeft de gemeente te maken met woningmarkt in tein Nederland, vullen, moeten er snelEpemeer vergrijzing. Een kwart van de worden. inwoners is Het 65 jaargaat of ouder. Ouderen wonen woningen gebouwd daarnaast graag in het centrum dichtbij voorzieningen. Deze voorzieningen zijn vooral ook om het beter benutten van de bestaande terug te vinden in Epe en Vaassen. Vooral in Epe komt de vergrijzing dan ook woningvoorraad en het zorgen voor betaalbare sterker terug. Het aantal jongeren verschilt beperkt tussen de kernen. In Emst enwoningen. Oene wonen naar verhouding meer jongeren tot 25 jaar dan in Epe en Via de regionale afstemming is er voor onze Vaassen.
gehele gemeente een afspraak gemaakt over nieuw te realiseren woningen voor de periode 2020-2030.
Prognose alleenstaanden (bron: CBS, huishoudenprognose)
In 2020 verhuisden meer mensen uit de Randstad dan ernaartoe. Vooral stellen zonder kinderen en mensen ouder dan 30 verlaten vaker dan voorheen de Randstad. Daarnaast, mede door de hoge woningbouwdruk in de omliggende steden zoals Apeldoorn en Zwolle is de omgeving van de Veluwe
2232.102 | Woningmarktonderzoek 2021
26
Opgave: Het bouwen van voldoende woningen voor de juiste doelgroep en op de juiste plek is onze uitdaging. Ook is het gewenst om passende woningtypes te ontwikkelen. We streven daarom naar een diversiteit aan woonvormen om een goed balans te creëren in de behoefte van de verschillende doelgroepen. Inspelen op verandering
9
Hoe de woningbehoefte zich de komende jaren precies gaat ontwikkelen en welke nieuwe behoefte er gaat ontstaan is moeilijk te voorspellen. Door meer ruimte te bieden aan nieuwe (woonvorm)initiatieven ontstaat in ieder geval een meer divers aanbod. Voor het aantal nieuwe woningen blijven het gemeentelijke woningbouwprogramma en de regionale afspraken leidend. Zie hiervoor de actuele woonagenda. Voor nieuwe woningbouwlocaties geldt als basis transformatie voor inbreiding en dat inbreiding voor uitbreiding gaat. Echter gaat deze regel niet altijd op. De transformatie van bestaande gebouwen levert niet altijd het gewenste woningbouwprogramma. Inbreidinglocaties zijn vaak bestaande groene en/ of blauwe structuren (waterrijk) die we willen behouden. In het hoofdstuk 4 ‘ruimtelijke keuzes’ gaan we hier nader op in. Voor wonen in het buitengebied zal maatwerk nodig blijven. Dit is niet zozeer aan de orde als volkshuisvestelijke opgave, maar hier moet het vooral mogelijk zijn om in te spelen op veranderingen. We denken hierbij aan het vrijkomen van agrarisch vastgoed, de ontwikkeling van (nieuwe) landgoederen of het benutten van kansen voor andere transitieopgaven (natuur, klimaat, landbouw). Opgave: het wonen is in onze gemeente aan verschillende veranderingen onderhevig. De opgave die hierbij hoort is het goed monitoren van de ontwikkelingen en het leveren van maatwerk.
Ook actief contact met de regio hoort daarbij.
Kwaliteit van de woonomgeving In de dorpen is een groot scala aan voorzieningen aanwezig die verschillende doelgroepen bedienen. Dit leidt tot een hogere waardering van de woonomgeving. Het behoud van deze voorzieningen is een belangrijke opgave om de woonkwaliteit op peil te houden. De centrale ligging tussen een aantal grotere steden en de goede bereikbaarheid via twee snelwegaansluitingen draagt bij aan de mogelijkheid om elders te kunnen werken en in onze gemeente prettig te kunnen wonen. Opgave is de balans blijven vasthouden tussen een goede bereikbaarheid en de rustige, groene omgeving die we willen bieden. Ook het dorpse karakter en de natuur in de omgeving zijn gunstig voor de woonkwaliteit. De waardering voor de omgeving hangt dus samen met de beschrijving van de waardevolle leefomgeving. Het behouden hiervan zien wij, vanuit het perspectief van goed wonen, als opgave. De woongebieden zelf krijgen de komende jaren te maken met een aantal opgaven waaronder een duurzame warmtevoorziening en de klimaatadaptie. De opgave die vanuit verduurzaming komt, zien wij als kans om ook de inrichting van de wijken te verbeteren en aan te passen aan de tijd. Opgave: een kwalitatieve woonomgeving heeft continue aandacht nodig.
Zowel als het gaat om het in stand houden van voorzieningen en de goede bereikbaarheid als het behouden van rust / natuur en het aanpassen van de woonomgeving aan de nieuwe tijd. De opgave voor de woonomgeving bij aanpassing van de inrichting of nieuwbouwontwikkeling is, dat er in belangrijke mate aandacht uitgaat naar de kwalitatieve aspecten.
27
Onderscheid grote en kleine dorpen In de dorpen Epe en Vaassen is de behoefte aan woningen het grootst. De opgave om te voorzien in voldoende woningen is een uitdaging. Hoewel de voorkeur ligt bij transformatie en inbreiding zijn er ook uitbreidinglocaties nodig. Voor uitbreidingslocaties in het dorp Epe wordt eerst de woonwijk Klaarbeek afgerond. Daarnaast zijn ’t Slath, Zuurenk en de Oksel Griseeweg voor de hand liggende locaties om uit te breiden. In Vaassen zal het gaan om het eerste deel van Kerkenland en daarna een volgende stap richting het Eekterveld. Onder de kwantitatieve opgave beschreven we al de opgave voor voldoende woningen voor de juiste doelgroep op de juiste plek. In de grotere dorpen rondom de centra van Epe en Vaassen willen we anticiperen op de toenemende vergrijzing door te sturen op het bouwen van levensloopbestendige woningen. Senioren kunnen dan zo lang als het mogelijk is zelfstandig thuis wonen, daarnaast ontstaat hierdoor doorstroming en komt er een verhuisketen tot stand. In Emst en Oene spelen heel andere vraagstukken. Hier speelt veel minder de druk van buitenaf, maar juist de druk van binnenuit. Grote woningbouw opgaven liggen hier dan ook niet. Er is ruimte voor een beperkte uitbreiding van de woningvoorraad. Daarbij is het van belang dat deze woningen aansluiten bij de woningvraag in het dorp en passen bij de dorpse identiteit.
Om Emst en Oene aantrekkelijk te houden voor jonge mensen is het bieden van betaalbare grondgebonden woningen van belang. Daarnaast zetten we erop in om inwoners weer terug te laten keren naar de dorpen.
28
Opgave: Voor de grote dorpen Epe en Vaassen is de druk op woningbouwontwikkeling hoog. We ontwikkelen uitbreidingslocaties om het aanbod te verbreden en zetten in op levensloopbestendigheid om het aanbod te verdiepen. Nabij de centra moet ruimte voor ouderen worden gezocht. In de kleine dorpen is de opgave om kleinschalig te bouwen en te kunnen voorzien in de eigen behoefte. Goede bereikbaarheid De gemeente Epe maakt onderdeel uit van de Cleantechregio. Daarmee is de gemeente Epe aan te merken als een suburbane gemeente met diverse steden op relatief korte reisafstand, namelijk Apeldoorn en Deventer en Zwolle. Ook de Randstad is binnen bereik. Er ligt een sterke autocorridor, de A50 Apeldoorn-Zwolle, maar er is sprake van toenemende congestie. Dit stelt ons voor nieuwe mobiliteitsvragen op en rond de A50corridor en vraagt om inzet om de automobilist te verleiden gebruik te gaan maken van duurzamere alternatieven. Er is een sterke OV-lijn ApeldoornZwolle (Veluwelijn). Daarop aansluitend zetten we in op realisatie van de Vlot en Veilige (V&V) fietsroute F50 Apeldoorn-Zwolle. Belangrijk daarbij is het om de verschillende verbindingen (A50, Veluwelijn en V&V-fietsroute) tussen Apeldoorn/ Deventer-Zwolle op strategische punten met elkaar te verknopen. Dit geldt ook voor het lokale mobiliteitsnetwerk.
Let op: aangegeven woningbouwlocaties zijn indicatief en afhankelijk van nader onderzoek en keuzes
Kaart: Mogelijke uitbreidingslocaties Vaassen
Kaart: Mogelijke uitbreidingslocaties Emst
Kaart: Mogelijke uitbreidingslocaties Epe
Kaart: Mogelijke uitbreidingslocaties Oene 29
Vitale economie in een groene omgeving De gemeente is niet alleen een bijzondere plek om te wonen, maar ook een uitstekende plek om te ondernemen door het gunstige ondernemersklimaat. Het ondernemen in onze gemeente wordt vertegenwoordigd door verschillende sectoren, waarvan de toeristische sector een van de grotere is. De Veluwe beslaat een derde van onze gemeente. In samenwerking met de provincie Gelderland en de 20 Veluwse gemeenten wordt gewerkt aan een kwaliteitsimpuls voor het toeristische, recreatieve aanbod op de Veluwe. Verblijfsrecreatie is de grootste toeristische sector binnen de gemeente. Het toerisme draagt ook bij aan het voorzieningenniveau in de gemeente. Onze gemeente heeft mede daardoor een rijk aanbod aan winkels en horeca in de centra, wat ook voor onze inwoners van meerwaarde is. We zien het als belangrijke taak om de centra krachtig te houden en vooral compact te maken. Door ons grote buitengebied is ook het belang van goed ondernemen in de agrarische sector een belangrijk onderdeel van de opgave ondernemen. Er ligt hier een grote transitieopgave waarbij ook perspectief aan de boer moet worden geboden. Ook de bedrijventerreinen met een strategische ligging nabij de A50 en de verbinding met stedelijke netwerken leveren een belangrijke economische waarde.
Binnen onze gemeente willen we (nieuwe) initiatieven stimuleren, waar mogelijk energieneutraal, circulair en klimaatadaptief.
30
Recreatie en toerisme De gemeente Epe ligt op een unieke locatie op de Veluwe en trekt jaarlijks veel bezoekers. De toeristisch recreatieve sector in Epe is daardoor goed voor acht procent van de werkgelegenheid in onze gemeente. We zien kansen om de sector verder te ontwikkelen, ook omdat binnenlands toerisme naar verwachting verder zal aantrekken. Epe gaat voor kwaliteit. We zetten niet in op het aantrekken van grote aantallen toeristen, maar willen juist compleet zijn in ons aanbod. De opgave voor de fysieke leefomgeving is het verder ontwikkelen van een goed netwerk, fijnmazigheid en recreatiezonering. Het vitaal houden van de vakantieparken speelt ook een belangrijk rol. Hierin is onderscheid in kwaliteit van belang. Rust, ruimte en natuur zijn de ‘Unique Selling Points’ en de 100% wildgarantie is daarbij het onderscheidende toeristische profiel. Er liggen kansen om 100% wildgarantie door te vertalen naar het centrumgebied van Epe en Vaassen door het profiel zichtbaar en beleefbaar te maken in de uitstraling, inrichting en de activiteiten die georganiseerd worden. Om het recreatieve voorzieningenniveau te optimaliseren is een uitbouw naar een breed en gevarieerd aanbod nodig met bijvoorbeeld natweervoorzieningen. Ook seizoenverlenging is een opgave om aan de vraag te kunnen voldoen.
Opgave: Het ontwikkelen en uitbouwen van kwaliteitstoerisme is onze opgave voor recreatie en toerisme. Dit moet in balans zijn met en passend bij onze waarden. De opgave voor bestaande vakantieparken is het werken aan vitaliteit onder andere door het verlengen van het seizoen.
Vitale en uitnodigende centra Jaarlijks vinden er 750.000 overnachtingen plaats in onze gemeente. Dit illustreert het grote aantal bezoekers dat jaarlijks naar onze gemeente komt. De centra van onze dorpen kunnen hiervan profiteren. Door de dag- en verblijfsrecreatie, horeca en retail met elkaar te verbinden kan dit nog verder worden versterkt. Het centrum van Epe is functioneel, sfeervol en compleet. Inwoners en toeristen kunnen er terecht voor de dagelijkse boodschappen in kwaliteitswinkels en er is een gevarieerd aanbod niet-dagelijkse winkels, horeca, diensten en andere voorzieningen. Het centrum is een regionaal koopcentrum en biedt de consument gemak, gastvrijheid en een goede bereikbaarheid. Het centrum heeft een compact kernwinkelgebied waar het winkelen en horeca centraal staat. In de omliggende straten is er samenhang tussen verschillende functies en ruimte voor nieuwe initiatieven en transformatie. Hierbij is het van belang dat nieuwe functies de bestaande functies gaan versterken.
Het centrum is gastvrij, sfeervol en heeft een gevarieerd en compleet aanbod aan dagelijkse en niet-dagelijkse winkels, horeca, diensten en andere voorzieningen. Het winkelaanbod is zo veel mogelijk geclusterd in een compact kernwinkelgebied in de Dorpsstraat. In de omliggende straten is er samenhang tussen verschillende functies en ruimte voor nieuwe initiatieven en transformatie. Hierbij is het van belang dat nieuwe functies de bestaande functies gaan versterken. Het vernieuwde en bruisende horecaplein biedt de mogelijkheid om elkaar te ontmoeten en evenementen te organiseren. Opgave: De belangrijkste opgave is het compact en daarmee levendig houden van de centra.