Woonvisie 2024 (aangepast 02-04-24)
Tekst van het document
(qua ruimte en tijd). Ook zetten we in op het realiseren van energiehubs.
hieraan gekoppeld een planning voor de overstap naar dit alternatief.
▬W e plaatsen batterijen en realiseren lokale energiehubs om lokaal opgewekte stroom ook lokaal te benutten.
De Transitievisie schetst meerdere routes naar een aardgasvrij Enschede, afhankelijk
▬ We faciliteren de uitbreiding van het energienetwerk. En we stellen integrale
van de karakteristieken van de betreffende wijk. Zo werken we gefaseerd en wijk voor
gebiedsplannen op voor de totale energieopgave. Hierbij zorgen we voor een
wijk naar een alternatieve warmteoplossing. Voor de gebouwde omgeving maken we
goede combinatie van alle opgaven in het gebied.
onderscheid naar nieuwbouwwoningen en bestaande bouw. In de komende jaren wordt
▬O nze Transitievisie Warmte geeft voor elke wijk of bedrijventerrein aan wat
de Transitievisie Warmte, net zoals de Woonvisie, omgevormd naar een programma.
het meest kansrijke alternatief is voor de huidige warmtevoorziening. We faciliteren de ruimte die nodig is voor het aardgasvrij maken van wijken en
NIEUWBOUWWONINGEN
bedrijventerreinen.
Voor nieuwbouwwoningen gelden landelijke regels; nieuwe woningen worden niet meer op het aardgasnetwerk aangesloten en moeten sinds 2020 voldoen aan de BENG-norm (Bijna EnergieNeutraal Gebouw). De transitieopgave betreft daarmee enkel de bestaande bouw. BESTAANDE WONINGVOORRAAD Voor de verduurzaming van de bestaande woningvoorraad in Enschede is de opgave groot. In Enschede maken we op een aantal plekken een voor de hand liggende koppeling
WOONVISIE 2024
48
HOOFDSTUK
1
2
3
tussen stedelijke vernieuwing, het verduurzamen van de woningvoorraad en het
PARTICIPATIE
aardgasvrij maken van de gehele gebouwde omgeving. Dit doen we daar waar meerdere
Speciale aandacht vraagt de participatie van inwoners bij de transitie.
thema’s spelen en het logisch is om deze integraal op te pakken.
De verantwoordelijkheid voor de aanpassing van woningen op de toekomstige
4
5
warmte-infrastructuur ligt bij de corporaties en de particuliere eigenaren zelf. Vanuit het Rijk hebben gemeenten de regiefunctie gekregen bij de warmtetransitie.
De gemeente is mede aan zet om bewoners tijdig te informeren over de warmtetransitie.
Gemeente Enschede geeft hier invulling aan via samenwerking met en een gedeelde
Hierbij is niet enkel duidelijkheid nodig over het beste alternatief voor aardgas per wijk,
verantwoordelijkheid tussen partners. Hierbij zijn met name de corporaties, de net-
maar ook over de te nemen maatregelen, financiering en uitvoering. Het Energieloket
werkbeheerders en de warmteleveranciers actief betrokken. Ook particuliere wonin-
Enschede speelt hierbij een belangrijke rol. Per wijk maken we een wijkuitvoeringsplan
geigenaren hebben wij nodig in deze opgave. De woningcorporaties worden gezien als
gericht op de concrete overstap naar duurzame warmte. Inwonerparticipatie is hierbij
startmotor voor de energietransitie. Zij brengen met de verduurzaming van hun eigen
van groot belang. De vorm van deze participatie kan per wijk verschillen.
bezit het vliegwiel van de grootschalige verduurzaming van de woningvoorraad op gang. Waar mogelijk worden woningen voorbereid op een alternatieve warmtevoorziening, ook
STIMULEREN RANDVOORWAARDEN
wanneer de aanpak van de desbetreffende wijk in de toekomst ligt. Zo zijn de woningen
Op landelijk en regionaal niveau blijven we aandacht vragen voor goede (financiële)
aardgasvrij-ready en klaar voor de overgang naar duurzame vormen van warmte.
instrumenten die de bewoners en partners ook daadwerkelijk in staat stellen om de benodigde maatregelen uit te voeren. Tot slot ziet de gemeente ook een rol in
Daar waar kansen liggen voor een integrale aanpak, werken we met een wijkaanpak.
het stimuleren van verbetering van het aanbod van maatregelen: door onderlinge
Hierover heeft u gelezen in hoofdstuk 1.3.
samenwerking en innovatie te ondersteunen. Daarbij kijken we verder dan het thema energie, maar richten ons ook op bijvoorbeeld circulair bouwen en ICT-toepassingen
ISOLATIEAANPAK
op het gebied van wonen en zorg. Dit doen we door optimaal gebruik te maken van de
Als onderdeel van het aardgasvrij-ready maken van woningen ondersteunen we
kennis en ervaring die in onze regio aanwezig op het gebied van duurzaam bouwen en
inwoners met energiearmoede en/of woningen met een D, E,F of G label en een lage WOZ
renoveren. We stimuleren duurzame innovaties in de bouw en we creëren ruimte
waarde met het isoleren van hun woning. Hiervoor hebben we het Energiebesparingspro-
om deze innovaties in onze regio als pilots toe te passen en verder door te ontwikkelen.
gramma opgesteld. We richten ons hierin op het stapsgewijs verbeteren van de isolatie
Hiermee stimuleren we niet alleen duurzaamheid maar versterken we ook de
van deze woningen. Bijvoorbeeld via isolatievouchers, een Doe het zelf regeling en een
economische kracht van onze regio door trendsettend te worden in duurzaam
regeling voor VvE’s. We koppelen deze aanpak waar mogelijk ook aan de wijkaanpak. Dit
bouwen en renoveren. Een voorbeeld hiervan is biobased bouwen.
zijn immers ook de wijken waar extra aandacht nodig is.
WOONVISIE 2024
49
HOOFDSTUK
1
2
3
4
5
Een regionaal project waarbij gewerkt wordt, samen met agrariërs, industrie, bouwers en RICHTINGGEVENDE UITSPRAKEN
woningcorporaties, aan de realisatie van een biobased bouwketen. Zie verder 3.3.
▬W e werken samen met onze partners aan het vergroten van de Het is duidelijk dat de impact van deze opgave op onze stad en haar inwoners groot is,
bewustwording rondom duurzaamheid in de woonomgeving.
zowel in de openbare ruimte als ‘achter de voordeur’. Een opgave die nog met aanzienlijke
▬W e maken optimaal gebruik van de kennis en ervaring die in onze regio
onzekerheden is omgeven, ook in financiële zin.
aanwezig is m.b.t. duurzaam bouwen en renoveren, we stimuleren duurzame innovaties in de bouw en we creëren ruimte om deze innovaties in onze regio
ENERGIEARMOEDE EN DE RENOVATIEDEAL TWENTE
als pilots toe te passen en verder door te ontwikkelen. Hiermee stimuleren we
Vanuit de afspraken vanuit de concept-Intentieovereenkomst Renovatiedeal Twente
niet alleen duurzaamheid maar versterken we ook de economische kracht van
tussen de drie Twentse steden, zes corporaties en het Ministerie van BZK (hierna:
onze regio door trendsettend te worden in duurzaam bouwen en renoveren.
partijen) wordt in 2024 en 2025 samengewerkt om te komen tot een gezamenlijke
▬D e warmtetransitie staat niet los van onze andere doelen. Waar mogelijk
integrale en geïndustrialiseerde aanpak ter bestrijding van energie-armoede van alle
benutten we koppelkansen. In ieder geval leggen we verbinding tussen het
huishoudens in de drie gemeenten. De eerste stap om hiertoe te komen is de start van
proces van de warmtetransitie en wijkaanpakken.
een gezamenlijke reis vanuit ieders eigen opgave, prioritering en planning. Hiermee
▬P articipatie en communicatie zijn van groot belang bij de warmtetransitie. We
willen partijen komen tot een programmatische opzet van voorbereiding en uitvoering
geven dit zoveel mogelijk vorm vanuit een gebiedsgerichte aanpak, waarbij
van de verduurzaming van bestaande woningen van corporaties, van particuliere
we bij aanvang helder zijn over de wijze van participatie en de invloed die men
woningen (primair die van eigenaar-bewoners) en die van VvE’s. Deze gezamenlijke
daarmee kan uitoefenen.
verkenning geldt voor de periode tot en met 2025. In de loop van 2025 besluiten partijen
▬W e zetten actief in op de lobby voor aanvullende financiële middelen (de
over een gezamenlijk vervolg. Partijen zetten hiervoor een gezamenlijke overleg-
Renovatiedeal Twente). De middelen voor stedelijke vernieuwing en voor
structuur op en bepalen samen enkele pilotprojecten. Partijen wensen te leren van de
de energietransitie (proces- en uitvoeringsgelden) schieten zowel bij
samenwerking en het vertalen van de leerervaringen naar nieuw op te zetten renova-
gemeenten als bij de corporaties en huiseigenaren vergaand tekort om de
tiestromen in de vervolgfase na 2025.
opgaven succesvol aan te pakken.
WOONVISIE 2024
50
HOOFDSTUK
1
2
3
4
5
3.2
3.2 KLIMAATADAPTATIE
▬D e gemeente heeft vanuit het Klimaatakkoord een regierol bij de warmte-
Vanuit de opgave Groen en duurzaam Enschede zetten we onder andere in op een
transitie. We doen dit samen met woningcorporaties, netwerkbeheerders,
klimaatrobuust Enschede en een groen en biodivers Enschede. Deze opgaven liggen in
warmteleveranciers, gebouweigenaren en inwoners. We werken op basis van
de praktijk dicht bij elkaar. Zo communiceren we over beide onderwerpen via groen-
concrete ervaringen en toekomstige regelgeving verder uit wat de inbreng en
blauwenschede.nl en werken we gezamenlijk aan groenblauwstructuurplannen. Het
rol van de verschillende partijen is in deze opgave.
beleid is voor water en klimaat vastgelegd in het Water- en klimaatadaptatieplan (WEK).
▬W e stimuleren (de bewustwording van) huiseigenaren om zelf aanpassingen
Voor groen en biodivers zijn de ambities en principes vastgelegd in het Groenambitie-
te doen aan hun woning.
plan Enschede “Enschede één groot groen park”. Belangrijk is ook dat we als Enschede meer willen inzetten op water, bodem en groen sturend (natuurlijke systemen sturend). Hieronder gaan we in op de verschillende opgaven en het beleid voor klimaatadaptatie. In paragraaf 3.3 vindt u de opgaven en het beleid voor biodiversiteit en natuur-inclusief bouwen.
ACTIEGERICHTE UITSPRAKEN ▬P articuliere woningeigenaren helpen we met de verduurzaming van hun
Het klimaat verandert en de aarde warmt op. We krijgen steeds vaker te maken met hitte,
woning. Bijvoorbeeld via het energiebesparingsprogramma.
droogte en wateroverlast, waardoor het woon- en leefklimaat worden aangetast. Om
▬O m energiearmoede te bestrijden werken de drie Twentse steden, zes
deze gevolgen tegen te gaan en zoveel mogelijk te voorkomen, nemen we maatregelen.
corporaties en Ministerie BZK (hierna: partijen) samen om te komen tot
Bijvoorbeeld door kwalitatief groen toe te voegen en verharding te vervangen door
een gezamenlijke aanpak (Renovatiedeal Twente). Hiervoor wordt een
groen om wateroverlast te beperken en hittestress tegen te gaan. Groen kan zorgen voor
gezamenlijke verkenning uitgevoerd en een aantal pilotprojecten bepaald.
verkoeling, bevordert de gezondheid en zorgt voor een prettiger woon- en leefklimaat.
Deze worden na circa twee jaar geëvalueerd.
Ook zorgen we voor waterberging in het groen, de aanleg van groene daken en gevels en het zichtbaar maken van water in de stad, zoals via de aanleg van stadsbeken. Daardoor kan regenwater beter worden opgevangen en afgevoerd en ontstaat er minder wateroverlast bij woningen. Bij het ontwikkelen van stedelijke plannen houden we rekening met extra waterberging en kwalitatief groen. De basis daarvoor ligt in het gemeentelijke Water- en Klimaatadaptatieplan. Hierin is o.a. opgenomen dat er per m2 nieuwe verharding 55 mm waterberging moet worden gerealiseerd.
WOONVISIE 2024
51
HOOFDSTUK
1
2
3
4
5
Tegelijkertijd hebben we ook een verplichting op dit gebied. Het Delta-programma Ruimtelijke Adaptatie stelt dat Nederland in 2050 klimaatbestendig moet zijn ingericht.
▬B ij het ontwikkelen van stedelijke plannen geven we extra ruimte aan
Dit geldt zowel voor de openbare als de particuliere woon- en leefomgeving. De maatlat
waterberging en “kwalitatief” groen. Ook werken we zowel in ontwikkelingen
groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving is hiervoor een richtlijn. Het Rijk verkent
als in de bestaande ruimte aan het versterken van een schone, hele, veilige,
momenteel aan diverse tafels hoe hierover concretere afspraken gemaakt kunnen
duurzame en biodiverse woon- en leefomgeving.
worden.
▬W e geven samen met onze inwoners, bedrijven en partners invulling aan het beperken van wateroverlast, hitte en droogte in Enschede op basis van het
De Enschedese aanpak start met het in beeld brengen van plekken in de stad waar kli-
gemeentelijke Water- en Klimaatadaptatieplan.
maatproblemen zich voordoen. Deze worden vastgelegd in zogeheten klimaatstresstest-
▬W e nemen samen met partners maatregelen om verharding te vervangen
kaarten. Met de klimaatstresstesten krijgen we inzicht in de locaties waar problemen
door groen, leggen groene daken aan om water op te vangen en beperken de
zijn of kunnen ontstaan. Hiermee wordt een basis gelegd om gezamenlijk maatregelen te
hoeveelheid nieuwe verharding.
kunnen nemen. Zowel in de bestaande woon- en leefomgeving als bij nieuwe ontwikke-
▬W e voeren het gesprek met bouwende partijen over hoe bij nieuwbouw
lingen. Specifiek voor hittestress doen wij een pilot met RVO waarin we onderzoeken hoe
maatregelen genomen kunnen worden die het drinkwatergebruik beperken
we de impact van hittestress kunnen beperken. We voeren daarnaast gesprekken met
en/of hergebruik van regenwater bevorderen.
bouwende partijen hoe we bij nieuwbouw maatregelen kunnen nemen die het drinkwatergebruik beperken en/of hergebruik van regenwater bevorderen. Voor het beperken van drinkwaterverbruik werken we in het Twents waternet samen met alle Twentse gemeenten, waterschap Vechtstromen, provincie Overijssel en Vitens. ACTIEGERICHTE UITSPRAKEN ▬ I n woningbouwprojecten (nieuwbouw en renovatie) zorgen we ervoor RICHTINGGEVENDE UITSPRAKEN
dat er klimaatadaptieve maatregelen worden getroffen die de kans op
▬W e werken aan een Klimaatrobuust Enschede in 2050 vanuit het Water- en
wateroverlast, hittestress en droogte problemen beperken. De maatlat
klimaatadaptatieplan Enschede “Verder bouwen aan een groenblauw Enschede”.
groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving is hiervoor de richtlijn.
We zetten in op het beperken van de negatieve effecten van wateroverlast, droogte en hittestress. In de openbare ruimte en op particulier terrein.
WOONVISIE 2024
52
HOOFDSTUK
3.3
1
2
3
4
3.3 GROEN, BIODIVERSITEIT EN NATUURINCLUSIEF BOUWEN
Om dit te realiseren werken we ook aan concrete groennormen. Waarvoor er ook vanuit
Om Enschede aantrekkelijk, gezond en leefbaar te houden in de toekomst is het van belang
van boomkroonvolume in stedelijk gebied naar groei van dit volume naar de toekomst.
5
het Rijk inmiddels ontwikkelingen zijn ingezet. Denk bijvoorbeeld aan minimaal behoud
Enschede verder te vergroenen en de biodiversiteit te verhogen. Dit om ook de balans te houden met de verstening en verdichting van Enschede vanuit bijvoorbeeld de woon-,
Naast deze algemene lijn zien we ook een aantal prioriteiten. Dit zijn onder andere:
energietransitie, mobiliteits- en werklocatie opgaven. Dit doen we vanuit de ambitie:
▬ V ergroenen van de binnenstad. De binnenstad willen we de komende jaren vergroenen.
Enschede één groot groen park, zoals ook vastgelegd in het Groenambitieplan Enschede
Zo maken we ook een plan voor het vergroenen van het Van Heekplein. Dit betekent dat
“Enschede één groot groen park”. Waarbij het prachtige groene landelijke gebied via unieke
woonontwikkelingen in de binnenstad (het verdichten) hand in hand moeten gaan met
groene invalswegen, wiggen, (stads)parken, groene wijken en dorpen en een vergroende
het vergroenen van Enschede of hier op andere wijze aan bijdragen.
singel naadloos overgaat in een sterk vergroend centrum. Een groen park dat ruimte biedt
▬W e werken aan robuuste groene/ natuurstructuren. We werken vanuit onze ambitie
aan mens, plant en dier. We streven daarbij naar een meer natuurlijk evenwicht, waarin
aan robuuste groenverbindingen tussen het landelijk gebied, de groene parken en de
plagen als de eikenprocessierups of invasieve dier- en plantsoorten minder kans krijgen.
binnenstad. Dit bijvoorbeeld via het versterken van de groene wiggen en de hoofdstruc-
Daarom zetten we ook in het woonbeleid in op het behouden en versterken van het groen en
turen of het werken aan (een visie op) de parken. Bij de woonopgaven en -ontwikkelin-
de biodiversiteit in Enschede. Dat doen we op verschillende manieren. Zoals:
gen passen we de woonvormen hier zo veel mogelijk op aan. ▬W e bouwen en ontwikkelen natuurinclusief. Bij het natuurinclusief bouwen gaat het
We vergroenen Enschede kwalitatief via drie principes:
bijvoorbeeld om de toevoeging van kwalitatief groen, maar ook om aanpassing van
1. Het bestaande groen, de bomen en de natuur beschermen we en verzorgen we goed.
woningen: het zogenaamde natuur-inclusief bouwen. Door relatief simpele ingrepen
Dat geldt ook bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen en woningbouw.
kunnen gebouwen een volwaardige plaats in een stedelijk ecosysteem innemen. Denk
2. Daarnaast gebruiken we het groen beter (benutten). Bijvoorbeeld om regenwater
aan nestplaatsen voor vogels of vleermuizen, groene daken of gevels. Of een diervrien-
op te vangen, en om de stad koel te houden in hete zomers. Maar ook om te sporten,
delijke aanpak bij ratten- of duivenoverlast. Natuur-inclusief bouwen zorgt zo voor een
spelen en om uit te rusten.
gezonde, toekomstbestendige leefomgeving voor mens en dier. De beste mogelijkhe-
3. Tenslotte bouwen we groener. Bijvoorbeeld door groene daken op huizen te leggen. Maar ook door bij nieuwbouw meer groen aan te leggen, natuurinclusief te bouwen
den hiervoor liggen in het vroegtijdig betrekken van natuur-inclusief ontwerpen in het planproces.
en verlaten terreinen (tijdelijk) te vergroenen. Ook streven we naar 170.000 bomen erbij in Enschede. We zetten daarbij ook in op stevig buurt- en wijkgroen door ook bij nieuwbouw verder te vergroenen.
WOONVISIE 2024
53
HOOFDSTUK
1
2
3
4
SOORTEN MANAGEMENT PLAN (SMP)
Het Rijk werkt momenteel aan een wetswijziging die verplicht gaat voorschrijven dat
Om in Enschede op een goede manier om te gaan met kwetsbare of bedreigde
bij nieuwbouw en grootschalige verbouw van woningen altijd ook inpandig verblijf-
diersoorten (hierna: soorten), wordt er gewerkt aan een soorten management plan. Bij
plaatsvoorzieningen voor in ieder geval vleermuizen, huismussen en gierzwaluwen
nieuwbouw, verbouw, renovatie en verduurzaming van woningen is het verplicht om
gerealiseerd moeten worden. Verwachting is dat deze wetswijziging in 2025 in werking
door een ecologisch deskundige te laten inventariseren of er vaste rust- en verblijfplaat-
treedt. Het soortenmanagementplan sorteert deels al voor op deze wetswijziging.
5
sen van beschermde diersoorten in of nabij de woning aanwezig zijn. Dit traject duurt vaak erg lang en is kostbaar. Het kan daardoor vertragend werken in de (ver)bouw- en/ of verduurzamingsopgave. Om die reden zijn wij gestart met het laten opstellen van
RICHTINGGEVENDE BELEIDSUITSPRAKEN
een soorten management plan. Daarin worden alle relevante beschermde soorten op
▬W e werken samen aan het (kwalitatief) vergroenen en biodiverser maken van
stedelijk niveau in kaart gebracht en gekoppeld aan een compensatieopgave of andere
Enschede. Waarmee we invulling geven aan het Groenambitieplan Enschede
passende maatregel. Het is dan direct inzichtelijk welke maatregelen een woningei-
“Enschede één groot groen park” en de visie landelijk gebied. Dit betekent dat
genaar moet treffen bij (ver)bouw en verduurzaming om de aanwezige diersoorten te
we onder andere bestaande bomen en groen beter beschermen, het groen
beschermen.
beter benutten en diverser maken. We bouwen aan kwalitatief groen en we bouwen groen. Waarbij we ook inzetten op robuuste groenstructuren en de
Na vaststelling van het soorten management plan en goedkeuring daarvan door de
verbinding landelijk gebied met een te vergroenen binnenstad. Belangrijk
provincie kunnen alle partijen in de stad verder met nieuwbouw, verbouw, renovatie en
hierin is ook het kwalitatief vergroenen van de buurten en wijken, zowel bij
verduurzamingsmaatregelen zonder daarvoor een omgevingsvergunning bij de provincie
nieuwbouw als in bestaande woongebieden.
te hoeven aanvragen. Voorwaarde is dan wel dat gewerkt wordt volgens de spelregels
▬W e bouwen en ontwikkelen natuurinclusief. Dit zodat nieuwe gebieden
in het soortenmanagementplan en dit vooraf gemeld wordt bij de gemeente. Het kan per
en woningen klimaatadaptief en tegelijkertijd groen, biodivers en
gebied verschillen welke compensatiemaatregelen noodzakelijk zijn. Niet alleen door
toekomstbestendig zijn. Hiervoor hanteren we ook de richtlijnen van de
fysiek ruimte te maken of te laten voor soorten in een (woon)gebouw, maar ook door
landelijke “maatlat groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving” en werken
bedrijven te stimuleren om natuurvriendelijk te isoleren.
nadere groennormen uit.
WOONVISIE 2024
54
HOOFDSTUK
1
2
3
4
5
Recentelijk is het Koersdocument Circulaire Economie vastgesteld. De komende periode ACTIEGERICHTE BELEIDSUITSPRAKEN
worden er verschillende uitvoeringsprogramma’s circulaire economie opgesteld met
▬D e gemeente werkt aan een soortenmanagementplan. Gemeente,
daarin doelen en indicatoren. De Woonvisie krijgt een plek in het Uitvoeringsprogramma
ontwikkelaars, corporaties en andere partijen geven vervolgens samen
Circulaire Gebiedsontwikkeling.
uitvoering aan dit soortenmanagementplan. ▬D e gemeente werkt aan groenblauwstructuurplannen. Dit vormt de
De gemeente gaat aan de slag met de implementatie van materialenpaspoorten
ruimtelijke vertaling van het water en klimaatadaptatieplan en het
voor nieuwbouw- en renovatieprojecten waarin alle toegepaste materialen zijn
groenambitieplan naar een gebied. Gemeente betrekt de corporaties bij deze
gespecificeerd. Door dit als gemeente in kaart te brengen, helpt dit om doelen te stellen
groenblauwstructuurplannen.
en de voortgang hiervan te monitoren. Daarnaast kan de gemeente met deze inzichten
▬W e maken werk van natuurinclusief bouwen en zorgen dat ontwikkelingen
in de gebruiksfase beter sturen op onderhoud en hoogwaardig hergebruik aan het einde
vanuit wonen actief bijdragen en aan het verder vergroenen van Enschede.
van de levensduur. Dit past goed binnen de principes van de circulaire economie, waarbij
Waarbij we ook werken aan het behouden en versterken van robuuste
het doel is om afval te minimaliseren en grondstoffen nu en in de toekomst optimaal te
structuren en het vergroenen van zowel te ontwikkelen als bestaande buurten
benutten.
en wijken. Hiervoor ontwikkelen we groennormen. INZAMELING VAN AFVAL EN GRONDSTOFFEN Bij de inzameling van huishoudelijk afval en grondstoffen is het beleidsuitgangspunt
3.4
bij grondgebonden woningen dat zowel restafval als gescheiden stromen huisaan-huis opgehaald kunnen worden. Dit houdt in dat de wijk toegankelijk is voor inzamelvoertuigen en/of loopafstanden tot opstelplaatsen voor minicontainers beperkt
3.4 CIRCULAIRE ECONOMIE
blijven. Bij grondgebonden woningen is voldoende ruimte gecreëerd voor gescheiden
In een circulaire economie worden producten, grondstoffen en afval zoveel mogelijk
inzameling met minicontainers. Bij gestapelde bouw en hoogbouw wordt er gewerkt
hergebruikt. De uitdaging is het sluiten van kringlopen waarin grondstoffen, materialen
met verzamelcontainers voor restafval en gescheiden stromen (o.a. GFT, oud papier en
en producten zo min mogelijk hun waarde verliezen. In het coalitieakkoord ‘Samen
verpakkingsafval).
trots op Enschede ‘ 2022-2026 staat dat ‘de gemeente Enschede een zo groot mogelijke bijdrage en verantwoordelijkheid neemt op het gebied van circulaire economie’.
WOONVISIE 2024
55
HOOFDSTUK
1
2
3
4
5
CIRCULARITEIT IN WOONWIJKEN Niet elke wijk heeft dezelfde behoeften op het vlak van duurzaamheid en circulariteit.
ACTIEGERICHTE BELEIDSUITSPRAKEN
Waar in sommige wijken vraag zal zijn naar een reparatiecentrum en/of kringloopac-
▬D e gemeente gaat aan de slag met het Uitvoeringsprogramma Circulaire
tiviteiten, zal in andere wijken wellicht meer behoefte zijn aan het inrichten van een
Gebiedsontwikkeling.
platform of locatie voor het delen van spullen (zo hoeft niet iedereen een ladder of een
▬D e gemeente gaat van start met het implementeren van materiaalpaspoorten
boormachine te kopen die je maar twee keer per jaar gebruikt). Om achter de specifieke
voor nieuwbouw -en renovatieprojecten. Hierover gaan we ook met
behoefte van een wijk te komen, kan de gemeente in gesprek gaan met de verschil-
woningcorporaties in gesprek.
lende wijken om gezamenlijk tot een aanpak te komen met bijbehorende locaties die
▬D e gemeente stelt de Grondstoffenvisie vast met o.a. het thema circulariteit in
gaat leiden tot meer duurzame consumptie en circulariteit. De Grondstofvisie voor de
woonwijken.
inzameling van huishoudelijke afval- en grondstofstromen zal de basis worden voor beleid op dit gebied. BIOBASED BOUWEN We werken aan een lokale biobased waardeketen waar veel kansen in te benoemen zijn.
3.5
3.5 MONITORING GROEN EN DUURZAAM
Zo biedt het lokaal telen en benutten van de desbetreffende gewassen een alternatief verdienmodel voor de agrariërs (wat geen stikstof of CO2 uitstoot). Ook is het een
Niet alle thema’s in dit hoofdstuk zijn goed in beeld aan de hand van monitoring. Soms
uitweg uit de stikstof problemen voor de bouwsector en kan het de werkgelegenheid
gaat het meer om experimenteren, uitproberen en goed evalueren. Dit geldt vooral voor
binnen de regio ten goede kunnen komen. Er is een intentieovereenkomst getekend door
het beleid ten aanzien van circulariteit en natuurinclusiviteit.
de Twentse Bouwboeren. Vervolgens is een onderzoek gestart om de (on)haalbaarheden voor een gemeente in kaart te brengen bij het stimuleren van een biologische
▬W armtetransitie: voor inzicht in energie- en gasverbruik van woningen gebruiken wij de
waardeketen. Recent is de Nationale Aanpak Biobased Bouwen (NABB) gepubliceerd
klimaatmonitor van de Rijksoverheid. Daarnaast verzorgen de corporaties inzicht in de
door ministeries BZK, I&W, LNV en EZK, waarbij er 200 miljoen beschikbaar is gesteld.
energie labels van hun woningen.
De komende periode bekijken we welke stimuleringsmaatregelen kunnen worden
▬K limaatadaptatie: voor inzicht in klimaatdoelstellingen gebruiken wij de klimaatmonitor
opgenomen in het woonbeleid.
van de Rijksoverheid.
WOONVISIE 2024
56
HOOFDSTUK
1
2
3
4
5
4. OPEN GE MEEN TE ENSC HE DE: OVER SA MEN W ER K EN A A N DE VOLK SH UISVES T ING Als gemeente hebben wij onze partners in de stad hard nodig om onze volkshuis-
Met de woningcorporaties is tevens een concept versie van deze Woonvisie gedeeld en
vestelijke doelen te behalen. We bouwen namelijk zelf geen woningen en voeren geen
besproken, waarna inhoudelijk nog aanpassingen zijn geweest.
verduurzamingsmaatregelen uit. Wel hebben wij op veel vlakken een kaderstellende rol. Voortkomend uit zowel regelgeving als ambitie.
We zien dat een aantal groepen belanghebbenden nog niet betrokken zijn bij ons beleid. Denk hierbij aan eigenaren van een koopwoning, particuliere huurders en particuliere
Daarnaast faciliteren we ruimtelijk initiatieven die wij wenselijk vinden en jagen we
verhuurders. Voor deze groepen geldt dat de participatievraag specifieker is dan het
proactief nieuwe ideeën en projecten aan. In dit hoofdstuk geven we aan hoe participatie
beleid in deze Woonvisie. Thema’s die in uitwerkingen van beleid naar praktijk spelen zijn
met belanghebbenden heeft plaats gevonden en hebben we een niet-limitatief overzicht
voor deze groepen relevanter.
van partners en belangrijke overleggroepen opgenomen. Hiermee krijgt u inzicht in de Daarom stellen wij participatie nadrukkelijk aan de orde bij uitwerkingen van de
wijze waarop wij met onze partners in de stad – en daarbuiten – samenwerken.
4.1
Woonvisie. Dit kan plaats vinden op verschillende schaalniveaus (van gesprekken met enkele inwoners tot grotere participatietrajecten). Op dit moment geldt dat in ieder geval voor de volgende thema’s en onderwerpen:
4.1 PARTICIPATIE
▬O uderen en de toekomstige woningvraag – focusgesprekken met ouderen.
Deze Woonvisie is een geactualiseerde versie van het bestaande beleid. Woonbeleid
▬D oorstromingsbeleid – focusgesprekken met individuele ouderen over verhuiswensen
maken wij niet alleen. Onze partners in de stad leveren een belangrijke bijdrage in de
en -motivatie.
totstandkoming, maar vooral ook in de uitvoering van ons beleid. De beleidswijzigingen
▬O ntwikkeling van woonconcepten voor talenten en aandachtsgroepen – denk aan
in deze Woonvisie zijn tot stand gekomen na overleg met onze partners. Dit heeft formeel
focusgesprekken met personen uit de doelgroep.
plaats gevonden tijdens een bespreking van de hoofdlijnen van deze versie van de
▬W ijkaanpakken en wijkuitvoeringsplannen – per plan wordt de wijze van participatie
Woonvisie, maar vind ook basis in alle samenwerkingen die reeds lopen.
bepaald.
WOONVISIE 2024
57
HOOFDSTUK
4.2
1
2
3
4
4.2 SAMENWERKING MET PARTNERS IN DE STAD
Daarnaast werken we ook in diverse pilots, gebiedsgerichte aanpakken en regionale
Er zijn verschillende partners in de stad betrokken bij het woonbeleid en de uitvoering
samenwerkingsverbanden samen met de woningcorporaties. De resultaten en afspraken
daarvan. In deze paragraaf vind u een niet limitatieve lijst met partners en belangrijkste
uit al deze overleggen zijn de basis geweest voor deze Woonvisie.
5
onderwerpen. ZORG- EN WELZIJNSORGANISATIES WONINGCORPORATIES EN HUURDERSORGANISATIES
In de komende jaren wordt het verplicht om ook zorg- en welzijnsorganisaties bij de
In Enschede zijn zes woningcorporaties actief. Dit zijn Domijn, Ons Huis, Stichting
prestatieafspraken te betrekken. De manier waarop we dat gaan doen, werken we de
Jongeren Huisvesting Twente, Veste Wonen (onderdeel van Vechtdal Wonen), de
komende tijd uit. Op het gebied van ouderen hebben we in de Woonzorgvisie (2023) al
Woonplaats en Woonzorg Nederland. Met deze woningcorporaties en bijbehorende
afspraken gemaakt. Dit zijn:
huurdersorganisaties maken wij prestatieafspraken. De basis voor de prestatieafspraken is deze Woonvisie. Onderwerpen die aan de orde komen zijn onder andere woningbouw
▬W e werken samen met zorgkantoor, corporaties, zorg- en welzijnsorganisaties aan
en de woningbouwopgave, huisvesting voor specifieke doelgroepen en bijbehorende
opgaven voor ouderen.
zorgopgave, betaalbaarheid, duurzaamheid, leefbaarheid en samenwerkingsverbanden.
▬W e betrekken de doelgroep ouderen bij de uitvoering van de woonzorgvisie. ▬W e werken domeinoverstijgend en handelen vanuit de bereidheid tot het vinden van
Naast en voortvloeiend uit de prestatieafspraken zijn er verschillende werkgroepen
nieuwe financieringsvormen.
waarin we samenwerken. Zoals (ook niet limitatief):
▬U itvoeringsafspraken leggen we vast in integrale prestatie- en uitvoeringsafspraken
▬A daptief programmeren
met corporaties, zorgorganisaties, zorgkantoor en welzijnsorganisaties.
▬ S IA, uitvoeringsplannen Transitievisie warmte en wijkaanpakken
▬W e werken met een regietafel vastgoed wonen en zorg Enschede waarin we
▬H uisvesting inwoners met een zorg- of ondersteuningsvraag in werkgroep Woonpalet
samenwerken met corporaties en zorgorganisaties en welzijn om vraag en aanbod van
▬W onen en zorg ouderen
zorgvastgoed bij elkaar te brengen.
▬ S tudentenhuisvesting ▬W oonStAP
ONDERWIJSINSTELLINGEN
▬ S tatushouders
Onderwijsinstellingen werken op het vlak van wonen met de studentenhuisvesters
▬R enovatiedeal Twente
samen in de werkgroep studentenhuisvesting. Daar bespreken we de prognoses van studentenaantallen en werken we samen aan voldoende huisvesting voor alle studenten. De uitkomsten van de werkgroep dienen als input voor de opgave voor studentenhuisvesting.
WOONVISIE 2024
58
HOOFDSTUK
1
2
3
4
MARKTPARTIJEN EN BEDRIJFSLEVEN
zijn gebieden die als gevolg van de nationale opgaven ingrijpend worden heringericht
In het Platform Stedelijke Ontwikkeling Enschede (PSOE) vindt met makelaars,
tegen de achtergrond van de nieuwe Nota Ruimte. In de Contourennotitie voor de
projectontwikkelaars, bouwende partijen, woningcorporaties en gemeente Enschede
Nota Ruimte heeft Twente positie gekregen en gaan we met het Rijk samen een
overleg plaats over de ontwikkelingen van de Enschedese woningmarkt. Het aantrekken
verstedelijkingsstrategie opstellen voor een verdere schaalsprong. De ambities in de
en behouden van talent is een van de onderwerpen die in een werkgroep van de PSOE
RSIA sluiten hier goed op aan.
5
verder wordt uitgewerkt. De uitkomsten van deze uitwerking hebben als input gediend voor het woonbeleid voor talent. Naast de PSOE is ook TwenteBoard een belangrijke
De RSIA is in lijn met en een uitwerking van onze eerder geformuleerde bouwstenen van
partner in onder andere deze opgave.
de omgevingsvisie en het toekomstbeeld (fase 3). Ook sluit de RSIA aan op visie voor de Spoorzone Hengelo Enschede (SHE).
Ook in andere overlegstructuren is er contact met de markt, bijvoorbeeld met het World Trade Centre en grote werkgevers in de regio over de woonbaan. Of met de cultuursector
Almelo, Hengelo en Enschede zijn onlosmakelijk verbonden met de omgeving;
als het gaat om het samenwerken aan de groeiende stad.
vraagstukken bewegen zich over gemeentegrenzen heen en de opgaven in landelijk Twente raken aan die in de steden en andersom.
Ook met partijen zoals Enexis en Vitens wordt samen gewerkt. Dit vindt vooral vanuit projecten of vanuit een wijkaanpak plaats. Met Enexis wordt daarnaast samengewerkt
De effecten van de versterking van de regionale economie en de groei van de bevolking
om het energienetwerk te verzwaren en toekomstbestendig te maken. Hierbij zijn ook
zal ook ten goede komen aan de omliggende gemeenten. De ambities van de RSIA zijn
woningcorporaties betrokken.
hoog en de uitvoering zal forse inzet en investeringen vergen. Die komen niet enkel van de drie Twentse steden en de provincie Overijssel zelf. Ook de partijen uit de regio en
SAMENWERKING MET HENGELO, ALMELO, PROVINCIE OVERIJSSEL EN HET RIJK
daarbuiten zijn hierin nodig: zowel van de landelijke overheid als van maatschappelijke
Voor Twente hebben de provincie Overijssel, Almelo, Hengelo en Enschede begin 2023 de
en private partijen in de regio. De RSIA vormt een unieke propositie waarin het
handen ineengeslagen om een Regionale Stedelijke Investeringsagenda op de stellen die
bedrijfsleven, kennisinstellingen en de overheden samenwerken aan één opgave.
input heeft geleverd aan het Overijsselse ruimtelijk voorstel aan het Rijk. ANDERE OVERHEDEN Aanleiding voor de RSIA was de wens om het belang van de verstedelijksopgave en
Met het Rijk, de provincie Overijssel en andere Twentse gemeenten is in 2022 een
ambitie van de steden gezamenlijk met de provincie onder aandacht van het Rijk te
Woondeal gesloten. Daar hebben we afspraken gemaakt over woningbouw, wonen
brengen, omdat Twente niet als een van de 16 NOVEX gebieden is aangewezen. Dit
en zorg voor ouderen en aandachtsgroepen. Samen werken we aan invulling van de
WOONVISIE 2024
59
HOOFDSTUK
1
2
3
4
5
landelijke opgave voor woningbouwen de vertaling van de verschillende programma’s die het Rijk heeft opgesteld. Zoals we al eerder beschreven, is deze Woonvisie een lokale vertaling van de afspraken die we in de Woondeal hebben gemaakt. Daarnaast werken we samen met Almelo, Hengelo en provincie Overijssel aan de RSIA richting een verstedelijkingsstrategie voor onze regio. Tot slot werken we met het Rijk aan de uitwerking van de Renovatiedeal Twente. WIJKORGANEN Voorafgaand aan vaststelling van deze Woonvisie worden de wijkorganen ‘niveau 3’ geïnformeerd. Dit zijn de wijkorganen die hebben aangegeven intensief met de gemeente te willen samenwerken en nemen deel aan het maken van beleid. OVERIG Naast al deze organisaties vinden ook gesprekken plaats met inwoners en/of groepen inwoners, zoals de bewoners advies raad sociaal en het senioren platform.
WOONVISIE 2024
60
HOOFDSTUK
1
2
3
4
5
5. BIJL AGEN
5.1
MANTELZORGER
5.1 BIJLAGE DEFINITIES
Persoon die mantelzorg levert. Mantelzorg is onbetaalde en vaak langdurige zorg voor zieke familieleden of vrienden. OUDEREN
DOELGROEPEN
Personen van 65 jaar en ouder. AANDACHTSGROEPEN
STATUSHOUDERS
Het Rijk maakt onderscheid tussen drie typen aandachtsgroepen in het programma
Een vluchteling met verblijfsvergunning.
‘Een thuis voor iedereen’. Bij de eerste gaat het om aandachtsgroepen, waar het Rijk
STUDENT
zich primair op richt, die vaak behoefte hebben aan een betaalbare sociale huurwoning
Persoon die hoger onderwijs geniet.
met daarnaast ondersteuning en zorg. Het gaat om mensen met een medische of
TALENT
sociale urgentie, dak- en thuislozen, statushouders en mensen die uitstromen uit een
(NB: wat niet wil zeggen dat andere doelgroepen geen talent hebben). Persoon tot
intramurale instelling. Ook mantelzorgers en uittredende sexwerkers vallen onder deze
40 jaar met een HBO of universitair opleidingsniveau of die een creatieve opleiding
groep. Bij de tweede ligt het accent op woonruimte. Het gaat hier om arbeidsmigranten,
gevolgd heeft of momenteel volgt.
studenten en woonwagenbewoners. De derde aandachtsgroep is ouderen. Gegeven de
UITSTROMERS UIT INTRAMURALE INSTELLINGEN
grote opgave voor ouderen heeft het Rijk voor ouderen een apart programma opgesteld.
Personen die uitstromen uit intramurale voorzieningen (letterlijk: zorg binnen de muren), zoals een ggz-instelling, verpleeg- of verzorgingstehuis hebben een betaalbare
ARBEIDSMIGRANTEN
en passende woning nodig. De aandachtsgroep betreft: uitstroom uit vrouwenopvang,
Personen die tijdelijk in Nederland komen werken
beschermd wonen, jeugdzorg, ggz-domein, instelling voor gehandicapten, tbs-instelling
GEZINNEN
of overige klinische forensische zorg.
Personen van 30 tot 65 jaar die duurzaam met elkaar samenleven in gezinsverband.
WOONWAGENBEWONER
JONGEREN
Persoon waarop het afstammingsbeginsel van toepassing is én die ofwel geboren is in
Personen van 18 tot 30 jaar.
een woonwagen in Enschede, of vijf aaneengesloten jaren in Enschede heeft gewoond of
KENNISWERKERS
familieleden in de 1e of 2e graad in Enschede op een woonwagenlocatie heeft wonen.
Arbeidsmigrant die hooggekwalificeerde arbeid verricht. WOONVISIE 2024
61
HOOFDSTUK
WONINGEN
1
2
3
4
5
GEMENGDE EN GESPIKKELDE WOONCONCEPTEN In een gemengd of gespikkeld woonconcept worden bewoners met en zonder zorg- of
BETAALBARE WONINGEN
ondersteuningsvraag gezamenlijk en in georganiseerd verband gehuisvest. Er is extra
Sociale huurwoningen, middenhuurwoningen en betaalbare koopwoningen.
aandacht voor ontmoeting.
BETAALBARE KOOPWONING
TINY HOUSE
Een koopwoning met een koopsom onder de 390.000 euro (prijspeil betaalbaarheids-
Kleine woningen tot maximaal 50 m2, gemaakt van duurzaam materiaal, energieneutraal,
grens 2024)
niet belastend voor de omgeving en natuur en vaak flexibel in de bouw en verplaats-
DURE KOOPWONING
baar. Deze woonvorm wordt ingezet door personen die een andere manier van wonen
Een koopwoning met een koopsom vanaf 390.000 euro (prijspeil betaalbaarheidsgrens
nastreven.
2024)
NULTREDENWONING
SOCIALE HUURWONING
In een nultredenwoning zijn woonkamer, keuken, badkamer, toilet en tenminste één
Een huurwoning met een huurprijs onder de liberalisatiegrens (een huurprijs van ten
slaapkamer gelijkvloers, dus op hetzelfde niveau als de voordeur. Ook van buitenaf is een
hoogste het in artikel 7:247 van het Burgerlijk Wetboek beschreven bedrag).
nultredenwoning zonder traplopen bereikbaar. Deze woningen zijn met name geschikt
MIDDENHUURWONING
voor mensen met (lichte) lichamelijke beperkingen.
Een huurwoning die volgens de puntentelling niet meer dan 187 punten bedraagt, maar
WOONZORGZONE
een huurprijs heeft boven de liberalisatiegrens.
Een aanduiding van een gebied waarbinnen 24uurs zorg en benodigde voorzieningen
FLEXWONEN
voor inwoners die nadrukkelijk hierbij gebaat zijn voldoende nabij is. Binnen deze ‘zone’
Een huurwoning met een tijdelijke huurovereenkomst
gaat de ontwikkeling van geclusterde of zorggeschikte woningen voor op andere woning-
FLEXWONINGEN
bouwontwikkelingen.
Modulair gebouwde woningen die verplaatsbaar zijn.
ZORGGESCHIKTE WONING
GECLUSTERDE WONINGEN EN WOONCONCEPTEN
Een geclusterde woon- en verblijfsvorm met 24-uurszorg. Er is sprake van groepswonen
Een groep (nultreden)woningen (zelfstandig wonen) met een gezamenlijke ruimte voor
met een gemeenschappelijke huiskamer. De woonvorm is bedoeld voor doelgroepen met
ontmoeting.
een Wlz-indicatie en biedt een veilige, beschermde woonomgeving. Onder deze definitie vallen zowel de intramurale verpleegzorgplekken als woonvormen waarbij wonen en zorg inhoudelijk gekoppeld zijn, maar financieel gescheiden.
WOONVISIE 2024
62
HOOFDSTUK
1
2
3
4
5
5.2
5.2 BIJLAGE TRENDS, ONTWIKKELINGEN EN OMGEVING
VOORZIENINGEN
We geven een korte schets van een aantal trends en ontwikkelingen die relevant zijn voor
VOORZIENINGEN
de Enschedese woonvisie. We maken daarbij onderscheid tussen demografische trends,
Maatschappelijke voorzieningen zijn gebouwen en buitenruimtes voor maatschappelijke
trends in woonwensen en overige trends. Bij een aantal trends leggen we een relatie met
functies en activiteiten. Deze vormen een belangrijke plek voor ontmoeting. Maatschap-
de opgaven die daarvoor uit de Woonvisie voortvloeien.
pelijke voorzieningen worden niet vanzelfsprekend door de markt gerealiseerd en vragen een actieve rol van de gemeentelijke overheid. Denk hierbij aan onderwijs, jeugd-,
DEMOGRAFISCHE TRENDS
(woon)zorg-, en basisvoorzieningen, kunst en cultuur, sport, groen en spelen. Er wordt
▬D e belangrijkste demografische ontwikkeling is de toename van het aantal ouderen
onderscheid gemaakt tussen voorzieningen die op buurtniveau nodig zijn en voorzienin-
(75+). Deze groep groeit de komende 20 jaar met 8.000 inwoners. Dat levert verschil-
gen waar aanvullend bovenwijks behoefte aan is. Ook zijn er niet-gemeentelijke (maat-
lende vraagstukken op het gebied van wonen: huisvesting waarin inwoners zo lang
schappelijke) voorzieningen die wel meehelpen in het compleet maken van de stad. Denk
mogelijk zelfstandig kunnen wonen (levensloopgeschiktheid), passende zorg in de
hierbij aan de aanwezigheid van plekken voor commerciële voorzieningen zoals winkels
omgeving, zorgwoningen voor ouderen die niet meer zelfstandig kunnen wonen.
en horeca.
▬ T raditionele gezinsstructuren veranderen, het aantal alleenstaanden neemt toe, er is met een toename van eenoudergezinnen, samenwonenden paren zonder huwelijk en
WOONZORGVOORZIENINGEN
andere vormen van huishoudens. Dit heeft impact op het sociale beleid, de huisvesting
Elk initiatief van organisaties of groepen inwoners voor wonen met een zorg component
en dienstverlening.
of zorg met een wonen component TRENDS IN BETAALBAARHEID ▬D e betaalbaarheid staat onder druk door onder andere stijgende woonlasten (toenemende energielasten, huurindexering, hogere zorgkosten en stijgende gemeentelijke en andere belastingen). Hierdoor komt een groeiende groep inwoners in de financiële problemen. ▬A rmoedeorganisaties slaan alarm, steeds meer mensen kloppen aan omdat ze het hoofd niet meer boven water kunnen houden. Er ontstaan wachtlijsten waardoor iedereen die hulp zoekt niet direct hulp kan krijgen. Hierbij zitten ook steeds vaker mensen met een baan en een normaal inkomen.
WOONVISIE 2024
63
HOOFDSTUK
1
2
3
4
▬D e vraag naar betaalbare woningen is onverminderd groot en door stijgende rente,
TRENDS IN ‘KOMEN EN GAAN’
hoge prijzen en schaarste. Het is daardoor moeilijk om een betaalbare woning te
▬ S inds het aantrekken van de woningmarkt in 2014 is er een trend waarneembaar dat er
vinden. Dit ondervinden met name middeninkomens en starters op de woningmarkt
steeds meer wordt verhuisd vanuit de Randstad naar overig Nederland, waaronder ook
(koopstarters).
naar Gelderland en Overijssel. Er is echter te zien dat de trek ophoudt bij Deventer. De
▬H et investeren in vastgoed is voor investeerders minder aantrekkelijk gemaakt door
toename bestaat vooral uit dertigplussers.
invoering van diverse maatregelen. Veel particuliere huurwoningen worden daarom
▬D e instroom van personen uit de Randstad is over de laatste tien jaar toegenomen,
verkocht, onder andere aan starters. Helaas is er ook een onbedoeld effect, huurders
zowel absoluut als relatief (t.o.v. de totale verhuisstroom). De omgekeerde stroom
van deze voormalige huurwoningen hebben over het algemeen een lager inkomen dan
bleef betrekkelijk constant van omvang.
kopers. Deze groep huurders heeft door deze trend minder kans op een woning (er zijn
▬ E en andere trend is dat de instroom uit het buitenland over een aantal jaar bezien
minder middenhuur woningen beschikbaar) en vallen hierdoor tussen wal en schip.
is toegenomen. Het coronajaar 2020 vormt hierin wel een trendbreuk, in 2021
▬D e voorraad middenhuur woningen is klein en groeit langzaam. Er ontstaat een gat
herstelde de instroom uit het buitenland weer en in 2022 is de instroom uit het
omdat investeren in dit segment voor investeerders niet meer aantrekkelijk is. En voor
buitenland weer aanzienlijk toegenomen. Het gaat zowel om huishoudens die via een
woningcorporaties is het realiseren van middenhuur woningen lastig omdat er veelal
AZC door verhuisden (maar een jaar eerder nog niet in Nederland woonden) en om
sprake is van een onrendabele top en zij kunnen deze woningen niet financieren met
arbeidsmigranten.
5
geborgd geld. ▬H et wetsvoorstel betaalbare huur is in voorbereiding om de middenhuur te reguleren
TRENDS IN WOONBEHOEFTE
en op die manier de huur betaalbaar te houden. Het doel is het verbeteren van de
▬ I n de woningmarkt zien we sterke aanwijzingen dat jongere talenten zoeken naar een
bescherming van huurders, het realiseren van meer betaalbare huurwoningen, het
hoogstedelijk milieu.
verduurzamen van woningen en het stimuleren van investeringen in nieuwbouw. Het
▬D e vraag naar tijdelijke woonruimte neemt toe. Denk aan (buitenlandse) studenten,
WWS wordt van toepassing op huurwoningen tot en met 186 punten, met een maximale
arbeidsmigranten, expats en mensen die gescheiden zijn.
huurprijs van € 1123,13 (prijspeil juli 2023). Het voornemen is dat de wet vanaf juli
▬O uderen blijven langer in hun woning wonen. De groep die het minst verhuist zijn de
2024 ingaat.
nog gezonde, welvarende bewoners met een partner (tot 85 jaar) van de grondgebonden koopwoningen. ▬O ver de gehele linie is er behoefte aan meer grondgebonden woningen. De vraag komt met name uit jonge huishoudens die nu in een sociaal huurappartement wonen.
WOONVISIE 2024
64
HOOFDSTUK
1
2
3
4
▬ V anuit verhuisgedrag zien we dat de druk op sociale huurappartementen op dit moment
▬ E r ontstaat een geografische en economische tweedeling, hoewel de inkomensverde-
hoog is. Dit hangt samen met de druk op de (koop)woningen in grondgebonden
ling in Nederland niet of nauwelijks verandert, ontstaat er toch een geografische en
segmenten. Deze behoefte aan sociale huurappartementen is een stuk kleiner dan
economische tweedeling. Mensen met een baan, inkomen en kinderen kiezen hun eigen
op basis van woonwensen kan worden verwacht. Dit komt doordat huishoudens de
wijken, met gelijkgestemden. Voor mensen met een beperkter inkomen resten andere
afgelopen jaren hun grondgebonden woonwensen beperkt hebben gerealiseerd.
wijken.
▬H et ‘overschot’ wordt vooral door de jongere doelgroepen veroorzaakt, tegelijker-
▬D oor vergrijzing en een afnemende beroepsbevolking ontstaat er krapte op de
tijd zijn er ook ouderen die juist naar een sociaal huurappartement/nultredenwoning
arbeidsmarkt, dit heeft gevolgen voor economische groei en arbeidsmarktbeleid (denk
willen verhuizen. De opgave ligt naast de kwantitatieve opgave voor dit segment in een
onder andere aan de sectoren bouw en zorg).
5
kwalitatieve opgave. ▬D e ambitie is vooral om binnenstedelijk te ontwikkelen. Dit vraagt ook om ‘gezinsvriendelijker’ te ontwikkelen (denk hierbij na over de publieke ruimte, stedelijke woningtypen voor gezinnen en duurzaam integreren van voorzieningen). OVERIGE TRENDS EN ONTWIKKELINGEN ▬ S teeds meer mensen hebben behoefte aan flexibele contracten, enerzijds omdat zij nog geen gelegenheid hebben gehad om te zoeken naar een permanente woonplek, anderzijds omdat zij niet permanent in Enschede blijven. Deze trend draagt bij aan een toenemende vraag naar flexwonen. ▬H et sociale beleid is er meer en meer op gericht om kwetsbare groepen en/of mensen met een zorgvraag in de buurt op wijk op te vangen (extramuralisering van de zorg). ▬D e toename van ouderen en andere inwoners met (fysieke) beperkingen betekent een toenemend beroep op de WMO-voorzieningen. ▬ E r is sprake van afnemende leefbaarheid in buurten met veel kwetsbare inwoners.
WOONVISIE 2024
65
HOOFDSTUK
5.3
5.3 BIJLAGE ACTUELE WONINGBOUWPROGRAMMERING EN -BEHOEFTE (1-1-2024)
BASISSCENARIO
overeenstemming is of een definitieve locatie bekend is). WONINGPROGRAMMERING EN – BEHOEFTE SOCIALE HUUR Figuur 1. Overzicht kwantitatieve onderbouwing sociale huur WONINGBOUWPROGRAMMERING
EGW
2675
3805
1195
MGW
-3130
-1715
3025
Totaal
45
2090
4220
Sloop
Totaal incl. sloop
3
4
5
Figuur 2. Overzicht kwantitatieve onderbouwing middenhuur
of een nieuwe initiatievenbrief is afgegeven) en zachte plannen (waarover nog niet altijd
GROEI NAAR 9300 WONINGEN
2
WONINGPROGRAMMERING EN – BEHOEFTE MIDDENHUUR
Dit overzicht bevat harde plannen (waarvoor al een bestemminsplanprocedure is gestart
BASISSCENARIO
1
WONINGBOUWPROGRAMMERING
EGW
620
840
190
MGW
640
810
1235
Totaal
1260
1650
1425
WONINGPROGRAMMERING EN -BEHOEFTE DURE HUUR Figuur 3. Overzicht kwantitatieve onderbouwing dure huur BASISSCENARIO
-1500
2720
GROEI NAAR 9300 WONINGEN
GROEI NAAR 9300 WONINGEN
WONINGBOUWPROGRAMMERING
EGW
310
380
15
MGW
130
160
440
Totaal
440
540
455
WOONVISIE 2024
66
HOOFDSTUK
2
3
4
5
5.4
5.4 ONDERBOUWING WOONZORGVISIE VOOR OUDEREN
WONINGPROGRAMMERING EN -BEHOEFTE KOOP Figuur 4: Overzicht kwantitatieve onderbouwing betaalbare koop BASISSCENARIO
1
GROEI NAAR 9300 WONINGEN
1. WOONZORGVISIE VOOR OUDEREN
WONINGBOUWPROGRAMMERING
Enschede heeft, net als de rest van het land, te maken met een flinke vergrijzing. Daarnaast blijven ouderen3 met een hulpvraag steeds langer zelfstandig wonen als gevolg van het scheiden van wonen en zorg (extramuralisering). De toenemende woon-,
EGW
1170
2880
820
MGW
370
630
670
tot knellende situaties. Om de veertigers van nu (ofwel, de toekomstige ouderen) in
Totaal
1540
3510
1490
de toekomst ook te kunnen faciliteren in hun woon- , zorg- en welzijnsbehoefte is het
zorg- en ondersteuningsvraag van ouderen die zelfstandig wonen leidt nu (soms) al
anticiperen op deze ontwikkelingen noodzakelijk. Figuur 5: Overzicht kwantitatieve onderbouwing dure koop BASISSCENARIO
GROEI NAAR 9300 WONINGEN
De vraag is in hoeverre de huidige woningen (zowel kwantitatief als kwalitatief), het huidige zorgvastgoed, de woonomgeving en het aanbod van zorg en ondersteuning
WONINGBOUWPROGRAMMERING
aansluiten op de woon-en zorgbehoeften van ouderen. Nu en in de toekomst. Deze vragen zijn niet vanuit één organisatie te beantwoorden. Samenwerking tussen partners
EGW
470
1200
1380
MGW
270
310
845
Totaal
740
1510
2225
is noodzakelijk. Met input van Menzis Zorgkantoor, Woonzorg Nederland, Domijn, de Woonplaats, Ons Huis, Livio, Liberein, Zorggroep Manna, De Posten en de gemeente Enschede is deze woonzorgvisie tot stand gekomen. In deze woonzorgvisie zijn de gezamenlijke ambities van deze partijen vastgelegd in gemeentelijke beleidsuitspraken. Voor een betere leesbaarheid start de woonzorgvisie met die beleidsuitspraken (zie paragraaf 1.1). Vervolgens wordt in de paragrafen daarna ingegaan op de achtergrondinformatie. Allereerst wordt in paragraaf 1.2 inzicht gegeven in zowel de woon- als de zorgopgave voor ouderen. Daarna wordt in paragraaf 1.3 de gezamenlijke ambitie voor de komende jaren geformuleerd. 3. Onder ouderen verstaan we: inwoners van Enschede van 65 jaar of ouder.
WOONVISIE 2024
67
1
HOOFDSTUK
In de komende periode gaan we met alle partners (hierbij bedoelen we ook zeker de
Bevolking naar leeftijdsklassen (Enschede)
welzijnsorganisaties) gericht aan de slag met de concrete uitvoering. Hierin heeft
2020
elke partner een eigen bijdrage, passend bij de organisatie. De uitvoeringsagenda
14,7%
moet nog ontwikkeld worden en is geen onderdeel van de woonzorgvisie, maar het vervolg op de visie. Vanaf 2024 worden de uitvoeringsafspraken vastgelegd in integrale
0%
2. GEMEENTELIJKE BELEIDSUITSPRAKEN
-14
Deze zijn verwerkt in paragraaf 2.4.
18,4%
3
25,6%
4
10,1%
5
7,7%
2050 12,2%
prestatieafspraken tussen de partners.
23,4%
2
20,5%
16,1%
22,4%
10,3%
20%
40%
60%
80%
15-29
30-44
45-64
65-74
75+
15,4% 100% Prognose
3. INZICHT IN DE WOONZORGOPGAVEN
Dit betekent niet dat ouderen tot hoge leeftijd in dezelfde woning kunnen en willen
VERGRIJZING
blijven wonen. De zelfstandig wonende oudere komt, al dan niet gedwongen door
Het aantal ouderen in de gemeente Enschede neemt de komende jaren sterk toe.
omstandigheden, op een bepaald moment voor een keuze te staan: in de huidige woning
Naast een stijging van het aantal ouderen (als gevolg van de babyboom) leven mensen
blijven of op zoek gaan naar een andere woning (bv kleiner, levensloopgeschikt,
tegenwoordig ook steeds langer. Het aandeel ouderen in Enschede wordt hierdoor steeds
geclusterde woonvorm met zorg of ondersteuning nabij) of een andere woonomgeving
groter (dubbele vergrijzing). Zo was in 2020 17,8% van de inwoners van Enschede 65 jaar
(bv dichterbij voorzieningen, dichterbij familie). Deze veranderende woonwens hangt
of ouder. In 2050 zal dit naar verwachting 25,7% zijn (zie figuur 1).
vaak samen met een afname van de fysieke of geestelijke gezondheid of met het
Het aantal ouderenhuishoudens groeit van een kleine 19.000 in 2019 naar bijna 26.000
wegvallen van een partner, waardoor de zelfredzaamheid afneemt.
huishoudens in 2040. In veel gevallen gaat het hier om eenpersoons huishoudens. Pas na 2040 stabiliseert zowel de bevolkings- als de huishoudengroei voor 65-plussers.
ZORGOPGAVE OUDEREN EXTRAMURALISERING
Lang niet al deze ouderen hebben een zorgvraag en lang niet alle ouderen hebben
De rijksoverheid zet in op het scheiden van wonen en zorg. Een onderdeel van
behoefte aan een specifiek soort woning vanwege die zorgvraag. Verreweg de meeste
de extramuralisering is de voorwaarde van het Rijk dat het aantal intramurale
65-plussers (94%) wonen thuis en zijn daarbij niet afhankelijk van langdurige zorg
verpleeghuisplekken landelijk niet mag toenemen. Daarnaast is de tendens dat mensen
en ondersteuning. Ook van de 85-plussers woont nog 70% thuis, overigens vaak met
een steeds hogere zorgindicatie nodig hebben, om naar het verpleeghuis te kunnen.
ondersteuning vanuit de wijkverpleging.
WOONVISIE 2024
68
HOOFDSTUK
1
2
3
4
Als gevolg van de dubbele vergrijzing in combinatie met extramuralisering neemt zowel
ARBEIDSMARKT
het aantal mensen dat thuis zorg en ondersteuning ontvangt als de zwaarte van de
De arbeidsmarkt in de zorg is gespannen. Voorspellingen laten zien dat tekorten in de
ondersteuning de komende jaren toe.
zorg en ondersteuning in Twente oplopen tot ca. 2500 vacatures in 2030. Het is en blijft
5
een grote uitdaging om voldoende zorg- en ondersteuningspersoneel aan te trekken en Via het programma Wonen, Ondersteuning en zorg voor Ouderen (Wozo) stimuleert de
te behouden (zie figuur 3).
Rijksoverheid het langer thuis (zelfstandig) wonen van ouderen. Zij hanteert hierbij de norm “Zelf als het kan, Thuis als het kan, Digitaal als het kan”.
Arbeidsmarkttekort per branche (Twente/personen) 2021
Inzet op preventie wordt steeds belangrijker. Denk hierbij aan inzet op positieve gezondheid, zowel fysiek (oa. beweging) als geestelijk (oa. cultuuraanbod). Maar ook door rekening te houden met omgevingsfactoren zoals hittestress als
2031
gevolg van klimaatverandering. Daarnaast wordt ingezet op een langer behoud van zelfstandigheid door oa. reablement en (thuis-)technologie.
Reablement: in plaats van hulp bieden naar het behoud van zelfstandigheid faciliteren
0
800 Universitair medische centra Ziekenhuizen en overige med. spec. zorg Geestelijke gezondheidszorg Huisartsen en gezondheidscentra Overige zorg en welzijn
1600
2.400
3.200
Verpleging en verzorging Thuiszorg Gehandicaptenzorg Jeugdzorg Sociaal werk
Bestaande voorbeelden: ▬N iet jarenlang steunkousen aantrekken, maar iemand leren de steunkousen
Door de krapte in de arbeidsmarkt wordt het beroep op mantelzorgers groter. Het aantal
zelf aan te trekken;
potentiële mantelzorgers per hulpbehoevende persoon neemt de komende twintig jaar
▬N iet tafeltje dekje leveren als de kokende partner overlijdt, maar iemand
echter fors af. Nu zijn per hulpbehoevende 14 potentiële mantelzorgers beschikbaar,
leren koken;
over twintig jaar zijn dat er nog maar 6. Dit is een gevolg van de procentuele afname van
▬G een scootmobiel leveren, maar een elektrische driewieler zodat iemand
het aandeel mensen dat mantelzorg verleent (over het algemeen 50-74 jarigen).
blijft bewegen.
WOONVISIE 2024
69
HOOFDSTUK
1
2
3
4
WOONOPGAVE OUDEREN
grotere gebondenheid aan huis) vermindert en ouderen meer kampen met langdurige
De typische 65+-plusser bestaat niet. Er is onder ouderen een grote verscheidenheid aan
ziekten. Ontmoetingsmogelijkheden dragen bij aan vermindering van de eenzaamheid.
5
woonwensen. In Enschede is geen specifiek woonwensen onderzoek uitgevoerd onder de doelgroep ouderen4. In algemene zin kan er over de woonwensen wel iets worden gezegd.
GESCHIKTHEID VAN DE WONING / WOONOMGEVING De geschiktheid van de woning en woonomgeving spelen een rol in de woonwensen van
BETAALBAARHEID
ouderen. Een geschikte woning is een woning die geschikt is voor ouderen of andere
De betaalbaarheid van de woningen speelt een rol bij de woonwensen.
zorgvragers met een (lichte) lichamelijke beperking. Alle primaire voorzieningen liggen
In Enschede is de groep inwoners met een lager inkomen relatief groot. Deze groep
gelijkvloers en zijn zonder traplopen bereikbaar. Naast de woning is ook de geschiktheid
woont voornamelijk in een huurwoning en heeft niet altijd de middelen om te wonen
van de woonomgeving van belang bij het langer zelfstandig wonen. Denk hierbij aan
zoals zij het liefst zouden willen. Ze zijn financieel niet in staat te kiezen voor collectieve
toegankelijkheid, ontmoeten en voorzieningen.
woonzorgvormen in het duurdere (particuliere) segment. Hierdoor zijn zij vaker aangewezen op verpleeghuiszorg. Aan de andere kant zien we een ontwikkeling dat steeds
Aanbod ‘geschikte’ woningen volgens ‘doorzonscan’ (gemeente Enschede 2020)*
meer woningeigenaren in de huidige woningmarkt vermogen opbouwen en juist wel ruimte hebben om te kiezen voor de collectieve woonzorgvormen of particuliere zorg aan huis. Naar verwachting wordt de kloof tussen deze twee groepen de komende jaren groter.
24% Geschikt voor ouderen
EENZAAMHEID 51%
De mogelijkheid tot ‘ontmoeten’ in de woonomgeving speelt een rol bij de woonwensen. De Ouderenmonitor GGD (2020) geeft aan dat 53% van de ouderen in Enschede matig tot (zeer) ernstig eenzaam is. Ouderen zijn eenzamer dan andere volwassenen. Binnen de groep
25%
Geschikt te maken Niet geschikt voor ouderen
ouderen neemt de eenzaamheid aanzienlijk toe met de leeftijd. Dit komt o.a. doordat meer dierbaren zijn overleden, het sociale netwerk kleiner wordt, de zelfredzaamheid (daardoor
4. In het kader van het landelijke Woononderzoek Nederland (WoON) heeft Enschede wel een zogenaamde oversampeling laten doen, zodat op lokaal niveau betrouwbare informatie wordt verkregen over de huidige woonsituatie van huishoudens en eventuele verhuisbehoefte en woonwensen. Dit is niet specifiek voor ouderen.
* Bron: WOZ-registratie Enschede, bewerkt door Companen (2020)
WOONVISIE 2024
70
HOOFDSTUK
1
2
3
4
Doordat ouderen steeds langer zelfstandig thuis wonen wordt de geschiktheid van een
geclusterde woonvormen voor ouderen. Sommige ouderen sorteren daarbij voor op
woning ook steeds belangrijker. Door Companen is becijferd dat in Enschede momenteel
een toekomstige zorgvraag. Voor anderen is het met anderen samenwonen in een
ca. 24% van de woningvoorraad geschikt is voor ouderen. Nog eens ca. 25% is geschikt
geclusterde ‘vernieuwende woonvormen’ (zoals hofjeswonen) juist aantrekkelijk
te maken (zie figuur 4). Daarvan bestaat het grootste gedeelte uit koopwoningen,
vanwege het niet direct afhankelijk zijn van de zorg en het verminderen van eenzaamheid.
ca 41%. En een kleiner deel uit (sociale) huurwoningen (9% resp. 13%).
Geclusterde woonvormen dragen daarnaast ook bij aan de efficiëntie van de zorg.
De aanwezigheid van geschikte woningen voor ouderen wil nog niet automatisch zeggen
Companen heeft de behoefte aan geclusterde woonvormen onderzocht. Gesteld wordt
dat deze woningen ook daadwerkelijk door deze doelgroep worden bewoond (zie figuur 5).
dat het gaat om een extra vraag van 1000 – 2000 geclusterde eenheden (zowel met als
5
5
zonder zorg) Hierbij is geen rekening gehouden met de verdergaande extramuralisering, Geschiktheid woningvoorraad naar eigendom (gemeente Enschede 2020)*
waarbij het aantal verpleeghuisplekken niet mag groeien en een hogere zorgindicatie
Koop
nodig is voordat inwoners naar het verpleeghuis kunnen gaan. Er vindt momenteel
9%
41%
aanvullend onderzoek plaats om de kwantitatieve behoefte aan geclusterde woonvormen
50%
scherper in beeld te krijgen. In Nederland zijn diverse voorbeelden van geclusterde