Visie Landelijk Gebied Enschede v11 april 2021.pdf
Tekst van het document
40
Hoofdstuk:
De nieuwe landgoederen komen grotendeels voort uit landbouwbedrijven. Meest recent zijn met de ‘rood voor groen’-regeling nieuwe landgoederen gesticht met een groot landhuis, waarbij een aantal hectaren landbouwgrond is omgezet in natuur. Meer informatie over de variatie en kwaliteiten van de landgoederen staat in de Landgoederenstudie . Vooral de historische landgoederen kenmerken zich door een samenhangend ontwerp, in Enschede opvallend vaak van de hand van vader Dirk en/of zoon Pieter Wattez. De landgoederen bieden Enschede een rijke natuur, een aantrekkelijk landschap en monumentale bebouwing met tuinen en parken, veelal op korte afstand van het stedelijk gebied. De landgoederen hebben zorg om hun voortbestaan. De onderhoudslasten stijgen en de inkomsten van het landgoed staan onder druk. 33 De invloed van de stad (afval, recreatieve druk) in combinatie met beperkt toezicht wordt als een probleem ervaren. De verdroging is een aanslag op de vegetatie. Laanbeplanting is, gezien de leeftijd van de bomen én de gevolgen van de droogte, op grote schaal toe aan verjonging.
Ambitie De historische landgoederen vormen een uniek deel van de identiteit van het landelijk gebied in Enschede.
Visie landelijk gebied Enschede
1
2
3
4
5
6
7
8
De waarde van de landgoederen hangt samen met het historische samenstel van natuur, landschap en monumentale gebouwen en bijzondere tuinen. De herkenbaarheid, zichtbaarheid en toegankelijkheid van een landgoed vullen de maatschappelijke betekenis verder in. De gemeente wil haar profiel als stad met veel landgoederen benadrukken en benutten. De eigenaar is echter als eerste aan zet voor het behoud en de ontwikkeling van zijn/haar eigen landgoed. Landgoedeigenaren, inclusief Landschap Overijssel, zien dat de historische ontwerpen, door de grote fysieke en maatschappelijke veranderingen, toe zijn aan een vernieuwingsslag. Een meer op de huidige tijd aangepaste vormgeving en gebruik, mits zorgvuldig en in samenhang ontworpen, kan de waarde en betekenis van landgoederen voor de komende decennia borgen.
Aanpak De gemeente steunt, binnen haar beperkte mogelijkheden, de landgoedeigenaren bij nieuwe ontwikkelingen. De variatie aan landgoederen met elk hun eigen kwaliteiten vraagt om maatwerk, waarbij de eigenaren flexibel kunnen inspelen op de bijzondere omstandigheden op hun landgoed. Daarbij zet de gemeente het publieke belang altijd voorop. Dat betekent dat een nieuwe ontwikkeling moet bijdragen
Inhoudsopgave
Vorige
aan de versterking van de Groene Pijler in de vorm van natuur, landschap en/of cultuurhistorie en liefst met vergroting van de zichtbaarheid en toegankelijkheid van het landgoed. De gemeente heeft voorkeur voor ontwikkelingen die bijdragen aan de duurzame en toekomstgerichte exploitatie. De regeling uit de Gids buitenkans 2014 voor nieuwe bebouwing op vijf buitenplaatsen wordt bij de herziening van de Gids buitenkans op een redelijke termijn beëindigd.
Hoofdstuk:
aanpak zijn de verdroging, het verhogen van de biodiversiteit en kleinschalige energieopwekking. Ook is bij de verjonging van de laanbeplanting samenwerking tussen de landgoederen gewenst voor een goede fasering en eigentijds ontwerp.
Samenwerking tussen landgoederen onderling vergroot de zichtbaarheid van de landgoederen en versterkt het publieke belang. Landgoederen die (bijvoorbeeld bij vererving) splitsen beschouwt de gemeente waar mogelijk als een ruimtelijke eenheid. De gemeente versterkt het contact met de landgoederen met het instellen van een aanspreekpunt en gaat de samenwerking met andere overheden en initiatiefnemers aan om kansen op de landgoederen gezamenlijk op te pakken. In de stadsrandzone zijn dat kansen voor de waterbeheersing (opvang van een teveel aan stedelijk water), recreatie, toerisme en stedelijke uitloop. Als zich onevenredige overlast voordoet, hoort daarbij ook de versterking van toezicht en handhaving. Andere opties voor een gezamenlijke
41
Wonen Analyse Het landelijk gebied van Enschede kent relatief veel woningen. De groene kwaliteit van het buitengebied en de nabijheid van de stad met alle voorzieningen maken van het landelijk gebied een aantrekkelijk woonlocatie. De druk om wonen toe te staan is permanent aanwezig. Dat geldt onder meer voor jongeren die zijn opgegroeid in het landelijke gebied en daar ook eigen woonruimte willen vinden.
Visie landelijk gebied Enschede
1
2
3
4
5
6
7
8
Ambitie De gemeente wil de groene kwaliteit behouden en versterken en om die reden de verstening van het landelijk gebied tegengaan. Dat is al jaren het beleid en die lijn zet deze Visie voort. Het landelijk gebied wordt echter niet op slot gezet. Hergebruik van landschappelijk en cultuurhistorisch waardevolle gebouwen is onder voorwaarden mogelijk. Initiatiefnemers kunnen via sloop een beperkt deel van het volume van agrarische schuren terugbouwen en experimenten zijn mogelijk. Daarmee wordt beperkt ruimte geboden voor nieuwe woningen die bijdragen aan de kwaliteit van het landelijk gebied. Dat kan door natuur en landschap te versterken, economische of maatschappelijke vitaliteit toe te voegen. Belangrijke uitgangspunten zijn het behoud van cultuurhistorische waardevolle gebouwen en structuren (zoals erven) en de beperking van het gebouwde volume. Bij toekomstige stadsuitbreiding (voor wonen én werken) geldt dat het verlies aan groene kwaliteit moet meewegen bij de locatiekeuze. Naast een zorgvuldige landschappelijke inpassing moet het verlies aan groene kwaliteit zoveel mogelijk elders in het landelijk gebied worden gecompenseerd 34
Vorige
Aanpak Bij voormalige agrarische bebouwing overweegt de gemeente een tweedeling. 35 Als het gebouw zelf of het ensemble van een erf landschappelijk en cultuurhistorisch waardevol is, dan is hergebruik voor wonen en soms ook voor werken toegestaan via de regeling Vrijkomende Agrarische Bebouwing. Alle overige gebouwen die hun agrarische functie hebben verloren kunnen via de Rood voor Roodregeling worden gesloopt. Een beperkt deel van het volume kan worden benut voor een nieuwe woning of uitbreiding van een bestaande woning. Daarbij geldt het uitgangspunt dat de sloopmeters uit de eigen gemeente komen. De regels voor benutting van voormalige agrarische bebouwing worden uitgewerkt in de Gids buitenkans. 36 Voor nieuwbouw en uitbreiding gelden stringente locatie- en kwaliteitseisen. De gemeente komt voor het landelijk gebied met een uitbreiding van de bestaande -nu heel beperkte set- aan welstandseisen en met aanvullende criteria in de Gids buitenkans. Deze gaan over de aansluiting op de ruimtelijke kwaliteit, woonmilieus en cultuurhistorische waarden in het landelijk gebied. De welstandseisen richten zich op ruimtelijke uitstraling, architectuur en materiaalgebruik;
42
Inhoudsopgave
Hoofdstuk:
de Gids buitenkans op de maximale hoeveelheid toegestane bebouwing, de inrichting van het erf en de inpassing in het landschap. De gemeente scherpt het proces aan door samen met de initiatiefnemer de voorwaarden goed langs te lopen, mee te kijken naar het definitief ontwerp en achteraf te checken of de welstandsregels en de eisen in de vergunning zijn nageleefd. Bij de realisatie van nieuwe woningen / wooneenheden wordt de voorkeur gegeven aan clustering van meer woningen in één volume, liefst nabij de dorpen of bij bestaande woningen. De gemeente wil ongewenste negatieve effecten van woningsplitsing en onzelfstandige bewoning op leefbaarheid, ruimtelijke uitstraling en cultuurhistorische waarden voorkomen. Daarom geldt als algemene beleidslijn om geen medewerking te verlenen aan nieuwe initiatieven voor woningsplitsing van (voormalige) agrarische bedrijfswoningen en burgerwoningen met een inhoud kleiner dan 1000 m3 in meerdere zelfstandige eenheden en/ of aan vervangende nieuwbouw in de vorm van een woongebouw met meerdere zelfstandige wooneenheden. Ook geldt als algemene beleidslijn om geen medewerking te geven aan nieuwe initiatieven voor omvorming van (voormalige)
Visie landelijk gebied Enschede
1
2
3
4
5
6
7
agrarische bedrijfswoningen en burgerwoningen tot kamerverhuurpanden. Mogelijke uitzonderingen op deze beleidslijnen worden uitgewerkt in de Gids buitenkans. Om toevoeging van extra woningen in het buitengebied te voorkomen wordt in de Gids buitenkans nader omschreven wat wel / niet onder gewenste functies als inwoning, mantelzorg(woning), gastenverblijf en ‘bed and breakfast’ wordt verstaan en welke randvoorwaarden gelden. De geldende bestemmingsplannen (en straks het nieuwe omgevingsplan) worden met deze beleidslijnen in overeenstemming gebracht door hiervoor regels te stellen in een paraplu-bestemmingsplan. De gemeente kan onder voorwaarden meewerken aan het omzetten van recreatiewoningen naar een woonbestemming. Het gaat alleen om recreatiewoningen waar het gebruiksovergangsrecht geldt of een uitsterfregeling op grond van het bestemmingsplan van toepassing is en waarbij maximaal de legale omvang van de recreatiewoning aanwezig is. De eigenaar moet een bijdrage leveren aan de verhoging van de omgevingskwaliteit in overeenstemming met de waardevermeerdering
8
Inhoudsopgave
Vorige
Hoofdstuk:
Het omzetten van een (agrarische) bedrijfswoning in een woonfunctie kan alleen plaatsvinden als de bedrijfsvoering is gestaakt, aan eisen voor het woon- en leefklimaat wordt voldaan én de (agrarische) bedrijven in de omgeving niet worden belemmerd. De gemeente is terughoudend in het omzetten van een bedrijfswoning naar een plattelandswoning. De Gids buitenkans werkt dit nader uit in regels.
Een uitzondering op het uitgangspunt om geen woningen aan het buitengebied toe te voegen betreft ook initiatieven van bijzondere doelgroepen en voor pilots, die nu geen plek in het buitengebied hebben. 37 Als voorwaarde geldt dat nieuwe bouwwerken een meerwaarde opleveren voor de doelen van de stad en naar aard, schaal en impact passen bij de locatie. Eenzelfde plan wordt niet telkens herhaald.
43
2
3
4
5
6
7
8
en toerisme beter en completer. Ook kan de beleefbaarheid van het buitengebied worden vergroot. De combinatie van de stad, met haar (culturele) voorzieningen en de directe nabijheid van groen bieden goede kansen voor het aantrekken van specifieke toeristische doelgroepen. Enschede onderscheidt zich op dat punt van andere gemeenten in de regio. In het buitengebied vinden vaste en wisselende evenementen plaats.
én passend bij de aard van het gebied waarin de recreatiewoning ligt. De Gids buitenkans werkt deze en aanvullende regels en voorwaarden verder uit.
De Gids buitenkans geeft ook afwegingsregels voor hobbymatige voorzieningen en/of bouwwerken bij (bedrijfs)woningen in het buitengebied.
1
Ambitie
Analyse
Enschede profileren als ‘groene leefstad 39 ’ met aantrekkingskracht voor de specifieke doelgroepen die in dat profiel passen. Dat zijn zowel ‘onze’ eigen inwoners als bezoekers van buiten de gemeente.
Enschede is vooral bekend als stad. Onderbelicht is de betekenis van het landelijk gebied voor het woon- en leefklimaat van Enschede en het belang van de groene omgeving voor het welzijn van de inwoners. Het landelijk gebied heeft veel mogelijkheden om gezond te bewegen en heeft betekenis voor het recreatieve en toeristische aanbod van de hele gemeente. 38 De relatieve onbekendheid ligt niet aan de kwaliteit van het buitengebied met het gevarieerde landschap met landgoederen, natuur en landbouw. Wel kunnen de voorzieningen voor recreatie
Het ‘ommetje’ in het buitengebied maakt Enschede als woonstad meer compleet en attractief. Het buitengebied lokt gezond bewegen en ontspannen uit. De beperkte bewegingsvrijheid tijdens de Coronacrisis heeft de waarde van een gezond en aantrekkelijk woon- en leefklimaat benadrukt. De ambitie is dat inwoners en bezoekers de bijzondere kwaliteiten van het buitengebied van Enschede goed kunnen ervaren en beleven. De inwoners moeten vanuit elk deel van de stad op korte afstand een route aantreffen voor
Recreatie en toerisme
Visie landelijk gebied Enschede
Vorige
wandelen, fietsen en een plek voor sport, spel of luieren. De routes ontsluiten een gevarieerde natuur en cultuurhistorisch interessante plekken. Meer dan nu is op knooppunten van routes kleinschalige en kwalitatieve horeca aanwezig en/of zijn kleinschalige attracties te vinden. Enschede wil ook mensen van buiten aantrekken voor een (meerdaags) bezoek. De gemeente wil invulling geven aan het begrip duurzaam toerisme. ‘Duurzaam toerisme’ legt de focus op het behoud van natuur, milieu, cultuur en de lokale bevolking. De vakantieganger en de vakantiebestemming profiteren op een positieve manier van elkaar. Daarbij past ook het begrip ‘Slow toerisme’ met nadruk op de beleving van ‘het lokale leven’. De bezoeker proeft lokale producten, beleeft de authenticiteit van de bestemming en waardeert de kwaliteit van het buitenleven.
Aanpak Kansrijk is de inzet op kleinschaligheid en kwaliteit: goede basisinfrastructuur en toevoeging van bijzondere onderscheidende concepten. Het aanbod wordt selectiever gericht op kwaliteit. Niet meer, maar beter is over het geheel genomen het uitgangspunt. Ondernemers moeten makkelijker kleinschalige
44
Inhoudsopgave
Hoofdstuk:
initiatieven kunnen realiseren, die kwaliteit toevoegen. Bij de promotie van de stad wordt het landelijk gebied meer betrokken. Evenementen kunnen bijdragen aan de beleving en levendigheid van het buitengebied, maar moeten ook passen bij het karakter van de locatie. Het integrale evenementenbeleid van de gemeente geeft aan wat de mogelijkheden zijn. Met bijvoorbeeld apps, panelen, themaroutes, openstelling van bedrijven en streekproducten krijgen de bezoekers laagdrempelig informatie over bijzonderheden in het landelijk gebied. Dat verhoogt de beleving en zorgt voor kennis en respect voor deze bijzonder omgeving. Verder is de aanpak voor recreatie en toerisme gericht op: • Het versterken van routenetwerken voor wandelen en fietsen 40 • Ruimte voor toevoeging en revitalisering van (kleinschalige) verblijfsaccommodaties, met kwaliteit en bij voorkeur in de stadsrand. De voorwaarden worden uitgewerkt in de Gids buitenkans. • Nieuwe (kleinschalige) horeca en leisure-concepten bij voorkeur in de stadsrand in nabijheid van rondje Enschede en in bestaande en nieuwe gebouwen op historische landgoederen. Ook hiervoor worden de voorwaarden uitgewerkt in de Gids buitenkans. Met recreatie en toerisme valt geld te verdienen voor
Visie landelijk gebied Enschede
1
2
3
4
5
6
7
8
ondernemers in het landelijk gebied. Een deel van de investeringen vindt plaats met publiek geld. Een deel van de toeristenbelasting komt om die reden beschikbaar voor toeristische doelen in het landelijk gebied.
Inhoudsopgave
Vorige
Hoofdstuk:
1
2
3
4
5
6
7
8
beschikbaar, zoals Kennispark en Techbase. Voor kleine kennisbedrijven, die daar niet terecht kunnen, biedt vrijkomende agrarische bebouwing in het landelijk gebied wellicht een alternatief. Voorwaarde voor alle soorten bedrijven is dat de bedrijvigheid past in het landelijk gebied en bijdraagt aan de vitaliteit en kwaliteit.
Aanpak
Niet-agrarisch werken Analyse Het landelijk gebied kan aantrekkelijk zijn voor economische activiteiten, buiten de agrarische en de recreatieve-toeristische sector. Activiteiten kunnen bijdragen aan de vitaliteit van het landelijk gebied, maar ook afbreuk doen aan de groene kwaliteiten van het landelijk gebied.
Ambitie Behoud en versterking van de (ruimtelijke) kwaliteit van het landelijk gebied en werkgelegenheid zijn beide belangrijk thema’s in Enschede. Deze moeten elkaar niet in de weg zitten. In beginsel zijn voor bedrijven specifieke locaties en bedrijventerreinen
45
In beginsel is geen plaats in het landelijk gebied voor bedrijven die op bedrijventerreinen thuishoren. Nieuwbouw van bedrijfsruimte is ongewenst. In vrijkomende bestaande gebouwen is alleen plek voor bedrijven die qua aard, schaal en impact passen in het landelijk gebied en geen overlast en (verkeers-)hinder veroorzaken. Daarbij zal ook worden afgewogen of een niet-agrarisch bedrijf een bijzondere toegevoegde waarde heeft voor een duurzaam en vitaal platteland. De herziene Gids buitenkans bevat nadere handvatten om na te gaan of een bedrijf passend is. Bij grootschaliger bedrijven moet uitdrukkelijk worden gemotiveerd waarom geen plaats is op een bedrijventerrein.
Visie landelijk gebied Enschede
Verkeer en vervoer Analyse Voor de ontsluiting van het landelijk gebied zijn geen grote knelpunten gesignaleerd. Aandacht is wel nodig voor drukte op kleine wegen en de verkeersveiligheid in de combinatie van gemotoriseerd verkeer, fietsverkeer (recreatie, schoolgaande jeugd) en landbouwverkeer. De plattelandswegen zijn niet ontworpen voor de huidige dimensies van de landbouwvoortuigen. Naast problemen voor de verkeersveiligheid hebben ook de bermen daarvan te lijden. Het bermbeheer kan bijdragen aan het verhogen van de biodiversiteit van deze groene linten. Vanuit het oogpunt van
Inhoudsopgave
Vorige
gezondheid heeft gemotoriseerd verkeer ongewenste effecten: verontreiniging van de lucht en geluidoverlast vanaf de wegen. Het oude wegenpatroon met zanden klinkerwegen heeft ook een cultuurhistorische betekenis. Verlichting van wegen past niet bij de beleving van een ‘donker’ buitengebied.
Ambitie Het netwerk aan plattelandswegen voldoet in grote lijn voor de ontsluiting van het landelijk gebied en wordt niet verder uitgebreid. Voor het landelijk gebied is -net als in de stad- het streven de verhouding gemotoriseerd verkeer - langzaam verkeer te verschuiven in de richting van fietsen en wandelen. Dat is goed vanuit het oogpunt van gezond bewegen, verkeersveiligheid, draagt bij aan de energietransitie en leidt tot verbetering van de luchtkwaliteit.
1
2
3
4
5
6
7
8
oogpunt wordt zorgvuldig omgegaan met het beheer van zand- en klinkerwegen en het behoud van laanbomen langs wegen.
Aanpak Verkeer krijgt in het landelijk gebied aandacht als ook vanuit andere thema’s in een gebied maatregelen worden voorbereid. Dat kan ook het geval zijn als een weg groot onderhoud nodig heeft of bij het opstellen van een beheerplan voor de openbare ruimte, zoals voor de openbare verlichting. De verlichting langs wegen in het buitengebied wordt waar mogelijk afgebouwd. Nieuwe openbare verlichting wordt alleen geplaatst op aantoonbaar gevaarlijke kruispunten en langs belangrijke fietsroutes.
Leefbaarheid Analyse Het landelijk gebied is een gewilde plek om te wonen. De leefbaarheid is over het geheel genomen goed door de combinatie van de rustige groene woonomgeving en de dichtbij gelegen (stedelijke) voorzieningen. Het Twentse noaberschap staat voor sociale samenhang. Toch bestaan ook bedreigingen: leegstaande schuren kunnen een voedingsbodem zijn voor criminaliteit en ondermijning, de veroudering van de bevolking, de afname van het aantal agrarische bedrijven en de beperkte armslag van landgoederen
Zeker in de combinatie van gemotoriseerd- en landbouwverkeer met fietsverkeer en wandelen is veiligheid een thema op de smalle plattelandswegen. Een verdere verhoging van de veiligheid wordt nagestreefd, waarbij de aandachtspunten zijn de grote en brede landbouwvoertuigen en de menging van verschillende verkeerssoorten. De ecologische kwaliteit van de bermen wordt verhoogd. Vanuit cultuurhistorisch
46
Hoofdstuk:
Visie landelijk gebied Enschede
Inhoudsopgave
Vorige
zorgen voor terugloop van de vitaliteit. De aandacht van de gemeente voor het landelijk gebied is beperkt. Inwoners van het landelijk gebied hebben zorg over ongewenste neveneffecten vanuit de stad: afvaldumping, onrust, betreding van eigen land etc. De Brandweer 41 vraagt bij de inrichting en het beheer van het landelijk gebied rekening te houden met fysieke veiligheid. De GGD 42 noemt de positieve uitwerking voor de gezondheid van een schoon en groen buitengebied. Ook al voldoet de luchtkwaliteit aan Europese normen toch levert luchtverontreiniging een aanzienlijke bijdrage aan de ziektelast in Nederland. Evenementen in het landelijk gebied kunnen bijdragen aan de levendigheid, maar ook zorgen voor overlast. Evenementen moeten net als in stedelijk gebied aan voorwaarden voor bijvoorbeeld geluid(overlast) voldoen. Een groene omgeving die uitnodigt tot dagelijks bewegen draagt bij aan de gezondheid. De GGD adviseert verder inwoners goed te betrekken bij planuitwerking en aandacht te geven aan leegstand en vereenzaming. Voor de communicatie en de bereikbaarheid in het landelijk gebied is het 5G-netwerk van belang. Punt van zorg vormen de daarvoor benodigde zendmasten, die afbreuk doen aan de Groene Pijler.
47
Hoofdstuk:
Ambitie De gemeente wil het landelijk gebied vitaal en leefbaar houden, door ondermijning tegen te gaan en openbare gedragsregels te handhaven. Door de kracht van het landelijk gebied en zelfredzaamheid van de bewoners te ondersteunen. Door het contact tussen stad en land in een positief daglicht te plaatsen met wederzijds voordeel. Door het landelijk gebied over moderne communicatiemiddelen te laten beschikken. Door aandacht te geven aan fysieke veiligheid en gezonde woon- en leefomstandigheden. En tot slot door het landelijk gebied zijn kenmerkende groene karakter te laten behouden: geen toename van verstening, geen gebiedsvreemde bedrijvigheid, geen toename van gemotoriseerd verkeer, bij de plaatsing van 5G-zendmasten en andere antenne-installaties rekening houden met het landschap en door beperkt ruimte te bieden voor wonen, gericht op speciale doelgroepen.
Aanpak De leefbaarheid van het landelijk gebied wordt voor een groot deel via de andere thema’s ondersteund, zoals via wonen, landbouw, niet-agrarische werken, Groene Pijler, recreatie en toerisme, landgoederen en verkeer en vervoer. Als voorbeeld: de voorzieningen
Visie landelijk gebied Enschede
1
2
3
4
5
6
7
8
voor wandelen en fietsen zijn ook beschikbaar voor de bewoners van het landelijk gebied. Die voorzieningen nodigen uit tot bewegen, wat bijdraagt aan een gezonde leefomgeving. Dat geldt ook voor de afname van fijnstof, stikstofoxide en geluid, als neveneffect van meer duurzaam transport. Toezicht en handhaving dragen bij aan het inperken van de ervaren overlast vanuit de stad en van ondermijning. Voor dat laatste helpen ook de regels voor sloop en nieuwbouw. De gemeente wil wel ruimte geven voor mantelzorg door en aan de bewoners van het landelijk gebied, maar geen ruimte bieden voor grootschalige nieuwe zorgvoorzieningen. Via de gebiedsaanpak (hoofdstuk 7), met de aanpassing van de overlegstructuur met de inwoners (hoofdstuk 8) en het versterken van het ambtelijk apparaat kunnen de plannen voor het landelijk gebied beter op de wensen en behoefte van de mensen in het landelijk gebied worden afgestemd.
Vorige
Inhoudsopgave
Hoofdstuk:
een Energievisie maatregelen uit. Die gaan over besparing van energie en over de inzet op duurzame en hernieuwbare energiebronnen.
Energie Analyse Het klimaat verandert en de aarde warmt op. Die verandering heeft ook negatieve gevolgen voor onder meer de waterhuishouding, de biodiversiteit en de landbouw in het landelijk gebied van Enschede. Mondiaal en in Nederland zijn afspraken om de opwarming van de aarde te beperken (Klimaatakkoord Parijs, 2015; Nederlandse Klimaatakkoord, 2019). In vervolg hierop werkt de gemeente Enschede in
48
Het beleid in de Energievisie voor isolatie en verduurzaming van de energievoorziening gaat ook over de woningen en de bedrijven in het buitengebied. In de hele gemeente moet het vervoer de emissies verminderen. De Energievisie bevat een hoofdstuk over de bijdrage van de landbouw en het grondgebruik in het landelijk gebied aan de energietransitie. Een belangrijk onderwerp voor het landelijk gebied is verder de duurzame opwekking van elektriciteit op daken, met zonnevelden en windturbines. Vooral zonnevelden nemen ruimte in en zowel zonnevelden als windturbines zijn nieuwe gebiedsvreemde elementen in het landschap. De inpassing vraagt veel aandacht. De energietransitie kan tot slot een bron van verdiensten vormen voor grondeigenaren, waarbij ook omwonenden profijt kunnen hebben. De energievoorziening vergt infrastructuur, zowel boven- als ondergronds. Kabels en (buis) leidingen nemen ruimte in en beperken soms de gebruiksmogelijkheden in de omgeving ervan.
Visie landelijk gebied Enschede
1
2
3
4
5
6
7
8
Ambitie De Energievisie richt zich, net als de Visie landelijk gebied, op de periode 2020 – 2030. De ambitie is dat in die periode de productie van hernieuwbare energie in Enschede met tenminste 8% toeneemt. Op 1 januari 2019 was dat aandeel 9,9 procent. In 2050 wil Enschede klimaatneutraal zijn. Dan hebben wonen, werken en recreëren in Enschede geen negatieve invloed meer op het klimaat. De doelstelling voor de energietransitie heeft gevolgen in bebouwd en landelijk gebied. Uitgangspunt is dat de lusten en lasten eerlijk verdeeld worden en dat balans bestaat tussen het aandeel van de maatregelen in stedelijk en landelijk gebied. Voor de hele gemeente geldt het streven dat in 2030 tenminste 20% van de daken met zonnepanelen zijn belegd. Overal vindt energiebesparing plaats en omschakeling naar het gebruik van hernieuwbare bronnen. Voor het buitengebied gaat het om windturbines en zonnevelden voor de duurzame opwekking van elektriciteit.
Vorige
Bij de inpassing van kabels en (buis)leidingen moet zorgvuldig met het ruimtebeslag worden omgegaan en rekening worden gehouden met de invloed op ander gebruik. Dat geldt bijvoorbeeld voor gasbuizen die beperkingen leggen op het gebruik in een brede zone langs de buisleiding.
Aanpak De Beleidskaders voor zon en wind (onderdeel van de Energievisie) geven nadere invulling aan de locaties en condities voor de inpassing van zonnevelden en windturbines. De herziene Gids buitenkans zal -waar nodig- verdere kaders uitwerken voor het ontwerp, beheer en de landschappelijk verantwoorde inpassing. Afdracht aan een in te stellen Landschapsfonds komt aan de orde als de landschappelijke inpassingsmaatregelen op de locatie zelf niet logisch of zinvol zijn. Voor zonnevelden wordt de provinciale zonneladder gevolgd. Voorkeur bestaat voor de plaatsing van zonnepanelen op daken, parkeerterreinen en andere onbenutte ruimtes in de bebouwde kom. Die ruimten zijn onvoldoende om de gemeentelijke energiedoelstellingen te halen. Daarom zijn zonnevelden in het landelijk gebied -onder
49
Inhoudsopgave
Hoofdstuk:
1
2
3
4
5
6
7
8
voorwaarden- mogelijk, met uitzondering van het Natuurnetwerk Nederland. De beoordeling van initiatieven vindt plaats aan de hand van de landschapswaardering en -strategie van de Visie landelijk gebied. Het landschap is altijd uitgangspunt; per saldo moet de inpassing de kwaliteit van natuur en landschap versterken. Zeker in gebied met hoge of zeer hoge landschappelijke kwaliteit stelt dat hoge eisen aan de omvang en inpassing en de maatschappelijke belangen die met de aanleg zijn gediend.
Usselo en Twekkelo), Oost (Eschmarke) en in Zuid (het grensoverschrijdende gebied met Haaksbergen). Zie hiervoor ook hoofdstuk 6 van deze Visie.
Aanleg en onderhoud van de groenstructuur rond een zonneveld moeten zodanig zijn dat het landschap beter achterblijft als het zonneveld -na afloop van de technische en/of economische levensduur- weer wordt opgeheven. Voor zonnevelden groter dan 2 ha is altijd een gebiedsaanpak nodig, waarin de verschillende opgaven die op dat gebied afkomen op elkaar worden betrokken. Door opgaven zoals voor kringlooplandbouw, klimaatadaptatie (water en klimaat), biodiversiteit en landschap samen te nemen ontstaan kansen op een evenwichtige gebiedsinrichting en -benutting, waarbij de zonnevelden terecht komen op een plek waar ze het beste passen. De gebieden waar de gemeente de grootschalige opwekking met zon als eerste wil inpassen zijn de gebieden in West (Boekelo,
Het landelijk gebied draagt ook aan de energietransitie bij door het langjarig vastleggen van CO2 (koolstof) in de bodem (humus), in landbouwgewassen, bomen en planten. De voorgenomen aanplant van 170.000 bomen in heel Enschede levert hieraan een bijdrage. De verduurzaming van de landbouw met kringlooplandbouw is naar verwachting ook gunstig voor de energietransitie.
Visie landelijk gebied Enschede
De Energievisie geeft ruimte voor 2 tot 3 grote windturbines (tiphoogte van 190 – 230 meter) langs de N18. Kleine windturbines (tiphoogte maximaal 25 meter) zijn, als wordt voldaan aan de daarvoor opgenomen voorwaarden in de Beleidsregels windenergie, op veel meer plaatsen mogelijk.
Vorige
Inhoudsopgave
Hoofdstuk 6
Opgaven Dit hoofdstuk geeft de doorkijk naar maatregelen die de gemeente wil uitvoeren. Die maken dat de Visie méér is dan een ‘vergezicht’. Door een aantal ‘opgaven’ in te vullen wil de gemeente richting geven aan de uitvoering van de thema’s uit hoofdstuk 5. Zonder de benodigde middelen en samenwerking komen de opgaven niet tot uitvoering.
50
Visie landelijk gebied Enschede
Hoofdstuk:
1
2
3
4
5
6
7
8
Inhoudsopgave
Vorige
Naast een vergezicht ook richting geven aan uitvoering De gemeente wil de kwaliteit van de fysieke leefomgeving in het landelijk gebied beschermen en waar dat kan versterken. Om dat te bereiken moet de Visie niet alleen bestaan uit een ambitie met vergezichten, maar ook zicht geven op concrete bijdragen voor de verbetering van de kwaliteit in het buitengebied. Dat zijn in deze Visie ‘opgaven’ genoemd. De opgaven maken de ambities meetbaar en concreet. Ze geven mogelijkheden voor monitoring en evaluatie van de voortgang. De opgaven zijn ook bedoeld als tegenwicht bij de talrijke claims die op het landelijk gebied afkomen 43 én geven richting aan de inspanningen 44 van de gemeente en haar partners.
51
Hoofdstuk:
Eerst komen de opgaven zelf, dan drie punten die van belang zijn bij de realisatie: 1. Zonder middelen geen realisatie 2. Samenwerking bij de realisatie is nodig en kan leiden tot aanpassing 3. Opgaven horen vaak bij verschillende thema’s.
Opgaven Om deze Visie meer te maken dan een vergezicht en ook actief bij te dragen aan de realisatie is een groot aantal opgaven benoemd. De Visie is geen realisatieplan. De beschrijving blijft op hoofdlijn en de begroting is indicatief.
Visie landelijk gebied Enschede
1
2
3
4
5
6
7
8
Vorige
Inhoudsopgave
Hoofdstuk:
1
2
3
4
5
6
7
8
Indicatie inzet van de gemeente Opgave
Bloemrijke akkerranden
Toelichting
Initiatief van LTO om tegen een beperkte vergoeding akkerranden met bloemrijke kruidenmengsels in te zaaien.
Prestatie
3 ha in 2021 groeiend naar 15 ha in 2030
Financieel
Menskracht
€ 200.000 voor hele
Onderdeel reguliere
uitvoerings-periode (10
takenpakket; uitvoering
jaar); 25% = €50.000 voor
Stawel / LSE
de gemeente
(Landschaps-fonds
Instrument Natuur- & Landschapsplan / Fonds landelijk gebied
Enschede Groen bij zonnevelden
De groenstructuur van een zonneveld draagt blijvend bij aan landschap en biodiversiteit
Uitgaan van de beleidsregel voor zonnevelden, waarbij 20% van het zonneveld benut wordt voor groen en/ of water
Kosten voor ontwikkelaar
170.000 bomen (incl. nieuwe bosjes, houtwal)
Voor elke inwoner 1 nieuwe boom
70% = 120.000 bomen in het in het landelijk gebied in de hele planperiode -
50 % bijdrage gemeente = € 30.000 per jaar aanleg (ex grond en beheer)
Onderdeel reguliere takenpakket
Onderdeel reguliere takenpakket; uitvoering Stawel / LSE
Beleidsregel zonneveld (Energievisie)
Natuur- & Landschapsplan/ Fonds landelijk gebied
(Landschaps-fonds Enschede Beheer houtwallen en landschapselementen
52
Houtwallen zijn essentieel voor het Twentse landschap. Voor behoud van kwaliteit is beheer nodig.
Uitbreiding van het structureel beheer van nu 25% naar 50% van de houtwallen in 2030.
Visie landelijk gebied Enschede
Vervolg op Groenblauwe diensten: 25% bijdrage gemeente = € 100.000 per jaar
Onderdeel reguliere takenpakket uitvoering met Stawel en LSE
Natuur- & Landschapsplan / Fonds landelijk gebied
Vorige
Inhoudsopgave
Hoofdstuk:
1
2
3
4
5
6
7
8
Indicatie inzet van de gemeente Opgave
Toelichting
Prestatie Financieel
Herinrichting van erven volgens ontwerpeisen van het Twentse landschap
10 erven per jaar (hulp bij ontwerp en plantgoed)
Afronding Natura 2000
Kleine afronding van de Natura 2000 gebieden
In totaal 5 ha in de hele planperiode
Duurzaam berm en slootkantbeheer
Bij het beheer en onderhoud meer rekening houden met biodiversiteit. Landbouwers tegen vergoeding in te schakelen
Geleidelijk omschakelen zodat in 2025 alle geschikte bermen en slootkanten van de gemeente natuurinclusief worden beheerd.
Meerkosten € 20.000 per jaar
Brede inzet natuureducatie om kennis en betrokkenheid te verkrijgen met natuur, landschap, landbouw
Bereiken van een breed publiek en met name scholieren
€ 20.000 per jaar
Twentse erven
Educatie over landelijk gebied
53
10 x €1500= €15.000 per jaar
Kosten provincie
Menskracht
Instrument
/ LSE
Natuur- & Landschapsplan / Fonds landelijk gebied
Onderdeel reguliere
-
Onderdeel regulier takenpakket met Stawel
takenpakket
Visie landelijk gebied Enschede
Aanpassing vergt extra inzet van 0,2
Gemeentelijk Beheer- en onderhoudsplan
fte gedurende 5 jaar; uitvoering met Stawel
0,25 fte per jaar
-
Vorige
Inhoudsopgave
Hoofdstuk:
1
2
3
4
5
6
7
8
Indicatie inzet van de gemeente Opgave
Toelichting
Prestatie Financieel
Via een korte keten afzet van landbouwproducten aan de stedelijke consument
Oprichten / aansluiten bij een afzetorganisatie. Elk jaar komt er een bedrijf bij dat producten levert aan de Enschedese / Twentse consument
Verduurzaming landbouw
Landbouwbedrijven zetten stappen in verduurzaming zoals door het sluiten van kringlopen op hun bedrijf of in de buurt met andere bedrijven
In 2030 hebben alle veehouderijbedrijven in Enschede stappen gezet naar verduurzaming
Inzet gemeentegrond voor verduurzaming
De gemeente beschikt over eigendom in het landelijk gebied. Deze grond wordt uitgegeven aan bedrijven die de doelen van deze Visie helpen invullen, zoals verduurzaming van de landbouw
Inzet van elk jaar gemiddeld 50 ha gemeentelijke grond met voorwaarden voor verduurzaming. De pachtprijs wordt als tegenprestatie verlaagd.
Voedselbos
Een voedselbos is een experiment voor andersoortige landbouwproductie, draagt bij aan de biodiversiteit en heeft recreatieve waarde
Tenminste 2 voedselbossen in de hele planperiode
Streekproducten
54
Visie landelijk gebied Enschede
Menskracht 0,25 fte per jaar (of via Stawel)
€50.000 per jaar
Instrument Via het onder-nemersloket of Stawel
Via Stawel (of soortgelijk)
50 ha x €500 /ha = € 25.000 minder inkomsten
Spelregels duurzaam gronduitgifte
per jaar
Stimulerings-bijdrage van € 25.000 over hele looptijd
Onderdeel reguliere takenpakket
Natuur- & Landschapsplan / Fonds landelijk gebied / Gids buitenkans
Vorige
Inhoudsopgave
Hoofdstuk:
1
2
3
4
5
6
7
8
Indicatie inzet van de gemeente Opgave
Toelichting
Prestatie Financieel
55
Menskracht
Instrument
Versterking recreatieftoeristische routes
De aantrekkingskracht van Enschede wordt groter door routenetwerken te versterken
In 2030 is het rondje Enschede compleet en zijn 5 nieuwe ondernemers aan de route verbonden. Daarnaast zijn 2 nieuwe themaroutes met grote belevingswaarde beschikbaar. Kansenkaart voor routes
€ 50.000 per jaar voor onderhoud en voorzieningen. Financiering deels met Toeristen-belasting
0.3 fte per jaar
Toeristische overnachtingen
Enschede zet in op kwaliteit en trekt meer bezoekers van buiten
Verdubbeling van het aantal overnachtingen in het buitengebied in tien jaar
Zie onder versterking routes
Zie onder versterking routes
Voor ruimtelijke inpassing: Gids buitenkans
Toekomst landgoederen
Enschede hecht waarde aan het voortbestaan van de landgoederen en biedt daarbij actieve steun
De gemeente biedt eigenaren steun bij het maken van een toekomstplan voor landgoederen met maatschappelijke meerwaarde
0,25 fte aanspreekpunt /
Gids buitenkans
Gemeentelijke monument
De monumentale gebouwen en andere objecten worden beter beschermd
De aanwijzing tot gemeentelijk monument wordt benut om waardevolle gebouwen en objecten te beschermen.
0,1 fte per jaar
Visie landelijk gebied Enschede
uitvoering met OPG
Gids buitenkans
Vorige
Inhoudsopgave
Hoofdstuk:
1
2
3
4
5
6
7
8
Indicatie inzet van de gemeente Opgave
Toelichting
Prestatie Financieel
Vermindering van rommelige bebouwing in het buitengebied
Minder verstening in het buitengebied
Organische stof bodem
Het organische stofgehalte in de bodem is kenmerk van de bodemvruchtbaarheid, is goed voor de biodiversiteit en legt koolstof vast
Elk jaar start in de gemeente een proef of neemt een extra eigenaar deel aan een lopende proef met organische stof in de bodem
Water vasthouden
Water vasthouden is belangrijk middel tegen de verdroging en draagt bij aan de biodiversiteit
reguleren water op perceelsniveau in samenwerking met eigenaren en in aansluiting op de Vergroeningsstrategie van het waterschap Vechtstromen
Afname stikstofdepositie
Stikstof in de lucht is slecht voor natuur en leidt -indirecttot beperkingen bij ruimtelijke ontwikkelingen
Wegnemen of verminderen van bronnen van stikstofuitstoot
Rood voor Rood
56
Menskracht
Instrument
Onderdeel regulier
Gids buitenkans
takenpakket
Visie landelijk gebied Enschede
€ 50.000 / jaar cofinanciering
Zie verduurzaming landbouw
Mineral Valley Twente
Onderdeel regulier
Samen met waterschap / (landgoed)-eigenaren en inzet ZON
takenpakket
Onderdeel gebiedsaanpak
Samen met de provincie en buurgemeenten
Vorige
Zonder middelen geen realisatie; zonder goede programmering ad-hoc-werken De opgaven zijn kort weergegeven en voorzien van een indicatieve begroting. Daar zit direct een belangrijke sleutel tot succes. De gemeente heeft op het moment van de aanbieding van deze Visie aan de Gemeenteraad niet de middelen, de menskracht en de instrumenten beschikbaar om de opgaven te realiseren. Alleen als voldoende middelen beschikbaar komen is het mogelijk in de looptijd van deze Visie (tot 2030) ook daadwerkelijk de genoemde resultaten te bereiken. De opgaven zijn daartoe telkens voorzien van een inschatting van de benodigde financiële middelen, menskracht en instrumenten. Naarmate die bij de vaststelling van de Visie of in de jaren daarna meer middelen beschikbaar komen, kan de gemeente ook meer van de opgaven waarmaken. Als de middelen achterwege blijven is de realisatie van de opgaven vooral afhankelijk van de inzet van derden. Aangezien veel bijdragen van andere overheden uitgaan van cofinanciering is een gemeentelijke bijdrage vaak cruciaal voor het rondkrijgen van de begroting van maatregelen. De financiering van maatregelen in het landelijk gebied is veelal georganiseerd langs de lijn van de sectoren en komt ad-hoc beschikbaar. Voor het bereiken van
57
Inhoudsopgave
Hoofdstuk:
kwaliteit is juist de combinatie van fondsen nodig, meerjarig en vanuit verschillende bronnen. De gemeente gaat zich inzetten om de ad-hoc financiering van maatregelen meer programmatisch te organiseren: vanuit meer bronnen, over de thema’s heen en meerjarig. Dat past in het bijzonder bij de beoogde gebiedsgerichte aanpak. Een andere manier om structuur in de realisatie te krijgen is door de opgaven bij elkaar te brengen in het op te stellen Natuur- & Landschapsplan.
Samenwerking bij de realisatie is nodig en kan leiden tot aanpassing De gemeente wil de opgaven met partners in het landelijk gebied aanpakken. Samenwerking levert draagvlak en bundeling van middelen geeft meer mogelijkheden voor realisatie. Partners kunnen andere overheden zijn, bedrijven, grondeigenaren, maatschappelijke organisaties of onderzoekers en onderwijsinstellingen. De gemeente heeft met een aantal belangrijke partners in de voorbereiding over de Visie gesproken. Dat zijn andere overheden, zoals de provincie Overijssel, waterschap Vechtstromen en de buurgemeenten. Met Stawel, LTO, OPG, Landschap Overijssel, Natuurmonumenten heeft overleg plaatsgevonden, evenals met het Groenberaad.
Visie landelijk gebied Enschede
1
2
3
4
5
6
7
8
Dit is geen ‘gesloten’ groep van gesprekspartners. Bij de uitwerking en voering kunnen ook anderen aanhaken. Dat zullen in de gebiedsaanpak ook zeker de buurtkringen zijn. De gemeente staat open om de opgaven aan te passen als de samenwerkingspartner daarom vraagt. De taakstelling is vaak niet de enige manier om de ambities te bereiken. Het kan goed zijn dat via een andere weg met een andere opgave eenzelfde resultaat kan worden bereikt. In de samenwerking kan het ook verstandig blijken om de lat wat minder hoog te leggen als daarmee uiteindelijk toch meer kan worden bereikt dan zonder samenwerking het geval zou zijn. De gemeente stelt zich flexibel op.
Opgaven horen vaak bij diverse thema’s. De opgaven maken de kwaliteit van het landelijk gebied meetbaar en laten resultaten zien per thema. Het hierna geschetste beeld is echter wel een versimpeling van de werkelijkheid. De opgaven beperken zich zelden tot één thema. Het onderstaande schema legt indicatief het verband tussen de opgave en de verschillende thema’s uit deze Visie. Bij de uitwerking kan blijken dat nog meer relaties bestaan, of dat een verband toch minder sterk blijkt te zijn. Het beeld is uitdrukkelijk indicatief.
Vorige
Opgave
Groene pijler
Landbouw
Inhoudsopgave
Landgoederen
Wonen
Bloemrijke akkerranden Groen rond zonnevelden 170.000 bomen Beheer houtwallen Twentse erven Afronding Natura 2000 Duurzaam berm en slootkantbeheer Educatie over landelijk gebied Streekproducten Verduurzaming landbouw Inzet gemeentegrond voor verduurzaming
grote bijdrage – relatie met het thema
58
beperkte bijdrage - relatie met het thema
Visie landelijk gebied Enschede
Hoofdstuk:
Recreatie toerisme
1
2
Cultuurhistorie
3
4
5
Leefbaarheid
6
7
Energie
8
Vorige
Opgave
Groene pijler
Landbouw
Inhoudsopgave
Landgoederen
Wonen
Voedselbos Versterking routes Toeristische overnachtingen Toekomst landgoederen Gemeentelijk monument Rood voor Rood Organische stof bodem Water vasthouden Afname stikstofdepositie
grote bijdrage – relatie met het thema
59
beperkte bijdrage - relatie met het thema
Visie landelijk gebied Enschede
Hoofdstuk:
Recreatie toerisme
1
2
Cultuurhistorie
3
4
5
Leefbaarheid
6
7
Energie
8
Vorige
Inhoudsopgave
Hoofdstuk 7
Gebieden De integrale gebiedsaanpak is een van de belangrijkste instrumenten om de Visie uit te voeren. Dit hoofdstuk legt uit waarom de gebiedsaanpak zo belangrijk is, wat onder de gebiedsaanpak wordt verstaan en in welke vijf gebieden de gemeente Enschede een start wil maken met de gebiedsaanpak.
60
Visie landelijk gebied Enschede
Hoofdstuk:
1
2
3
4
5
6
7
8
Vorige
Waarom inzet op gebieden? De analyses in deze Visie laten zien dat het nodig is om verschillende thema’s aan elkaar te knopen. Thema’s hebben allereerst inhoudelijk veel met elkaar te maken. 45 Naast de inhoudelijke samenhang geldt verder dat veel thema’s betrekking hebben op een en het hetzelfde stuk grond. Diverse opgaven en vraagstukken komen in één gebied samen. Bij dat gebied zijn vervolgens veelal dezelfde personen en organisaties betrokken als inwoner, grondeigenaar, landbouwer, natuurbeschermer, ontwikkelaar, vanuit een overheid, of maatschappelijke organisatie. Zij hebben elk verschillende belangen en interesses. Tot slot blijkt dat de overheden gebiedsgericht beleid ontwikkelen, op uiteenlopende schaalniveaus. 46 Die stapeling van inhoudelijke opgaven en belangen in één gebied vraagt om coördinatie: een integrale gebiedsgerichte aanpak (verder: gebiedsaanpak). De gebiedsaanpak onderzoekt mogelijkheden om gebruik te combineren, ambities af te stemmen en maatregelen samen te nemen. Gebiedsgericht maatwerk is nodig omdat elk gebied zijn eigen kenmerken heeft en de opgaven per gebied verschillen. De oplossingen moeten passen bij de opgaven en het
61
Inhoudsopgave
Hoofdstuk:
gebied, bij de mensen die er wonen en werken, bij de belangen en de grondposities. De gebiedsaanpak kan veel opleveren, maar gaat niet vanzelf. De gebiedsaanpak vergt dat de betrokkenen bereid zijn tot ‘geven en nemen’, dat zij hun tijdschema’s op elkaar willen afstemmen, samen willen zoeken naar oplossingen, elkaars belangen respecteren etc. Het gebiedsproces kost tijd en inspanning. Partijen moeten bereid zijn daar -ook letterlijk- in te investeren. De gemeente heeft vaak verschillende rollen in de gebiedsaanpak. De gemeente is hoeder van het algemeen belang, heeft de rol van bevoegd gezag, beschikt voor veel onderwerpen over beleid met ambities en opgaven en beschikt soms over grondposities. De gemeente is vaak regisseur ‘boven de partijen’, maar verstrekt ook vergunningen, levert inbreng met specialisten en neemt mogelijk een deel van de uitvoering voor haar rekening. De gemeente moet zorgvuldig positie kiezen. Dat alles maakt dat de gemeente selectief moet zijn. Niet alles kan, niet elk gebied komt direct aan bod. In dit hoofdstuk zijn twee elementen van de gebiedsaanpak uitgewerkt. Ten eerste volgt een nadere toelichting
Visie landelijk gebied Enschede
1
2
3
4
5
6
7
8
op de gebiedsaanpak in algemene zin. Vervolgens kiest deze Visie een vijftal gebieden waar met de gebiedsaanpak van start wordt gegaan. Voor de gebieden zijn alleen globaal de opgaven en thema’s aangeduid. Dat is een bewuste keuze. De gemeente wil ruimte houden voor zichzelf en voor alle betrokkenen om in gezamenlijkheid te komen tot een aanpak op maat. Naast de ‘complexe’ gebiedsaanpak staat een ‘eenvoudig’ initiatief. Voor eenvoudige losstaande initiatieven zonder grote belangentegenstellingen is een meer directe aanpak mogelijk. Een dergelijk initiatief wordt op zichzelf ontwikkeld en beoordeeld, zonder inbedding in een brede gebiedsaanpak. De doorlooptijd is beperkt, de complexiteit van de besluitvorming is geringer, de kosten zijn lager en de realisatie kan sneller van start. In het kader enkele criteria voor de keuze.
Vorige
Overwegingen om af te zien van een gebiedsaanpak Voor het bepalen of een initiatief tot een gebiedsaanpak moet leiden of op zich kan worden beoordeeld bestaat geen harde formule met een eenduidige uitkomst. Een directe aanpak -zonder gebiedsaanpak- kan volstaan als het initiatief: Een enkelvoudige functie betreft (alleen energie, landbouw, recreatie, wonen etc.) Een beperkte investering vraagt (denk aan minder dan 1 miljoen euro) Weinig tot geen negatieve invloed heeft op de grotere omgeving Weinig kans geeft op het aanhaken of dwarsbomen van andere initiatieven Geen onomkeerbare effecten heeft (herstel is mogelijk) Geen negatieve invloed heeft op te beschermen gebiedskwaliteit
Inhoudsopgave
Hoofdstuk:
Wat verstaat de gemeente onder een gebiedsaanpak? Aanleiding Een gebiedsaanpak is zinvol als op een gebied verschillende opgaven van toepassing zijn en het nastreven daarvan voor elk thema afzonderlijk hooguit tot enkele winnaars en vooral tot veel verliezers gaat leiden. Vaak is direct duidelijk dat alle ruimteclaims bij elkaar niet in het gebied passen. Maar het gaat om meer dan ‘plussen en minnen’ met hectaren. Het gaat om het behoud en het versterken van de kwaliteit in het gebied en het respecteren van verschillende belangen. De aanleiding voor een gebiedsaanpak kan uit een gebied zelf voortkomen, uit het gemeentelijke beleid volgen of uit een initiatief van buiten. Denk bij dat laatste aan de provincie met de gebiedsgerichte stikstofaanpak, het waterschap dat maatregelen ontwikkelt tegen de verdroging of aan een plan voor doorgaande infrastructuur in de vorm van een weg, spoorweg, kabel of leiding. Het tot stand brengen en uitvoeren van een integrale gebiedsontwikkeling staat of valt met een goed gekozen
62
Visie landelijk gebied Enschede
1
2
3
4
5
6
7
8
procesaanpak en -begeleiding. Gebiedsontwikkeling is namelijk een reis met een gemengd gezelschap met verschillende reisdoelen en eigen gewoonten op weg naar een maar deels bekende bestemming. Door vooraf goede afspraken te maken kan de reis toch alle betrokkenen binnen boord houden.
Neutraal starten De start van een gebiedsaanpak vergt aandacht. Neemt de overheid (de gemeente) het initiatief, dan vat in het gebied snel de gedachte post dat al plannen bestaan en dat de uitkomst al (deels) in beeld is. Als het initiatief van een gebiedspartij komt, dan bepaalt de doelstelling of het imago van die partij bij voorbaat hoe anderen daarop reageren. Komt het initiatief van bewoners, dan vraagt de overheid zich af wat haar rol is, of die bewoners het gebied wel vertegenwoordigen en hoe het algemeen belang wordt gediend. Staat een ontwikkelaar aan de basis, dan ontstaat weerstand tegen het geld verdienen, vragen over een gelijk speelveld of ongewenste staatssteun. Kortom: het is eigenlijk nooit goed. Om toch goed van start te gaan wil de gemeente de gebiedsaanpak altijd beginnen met een neutrale verkenning. De verkenning begint met een neutraal speelveld (geen voorwaarden
Inhoudsopgave
Vorige
en oordelen vooraf) en wordt het liefst uitgevoerd door een ongebonden persoon. De verkenning mondt uit in een startdocument waarin de vraagstukken en opgaven voor het gebied zijn beschreven. Op basis daarvan komt de verkenner tot een voorstel voor de grens van het gebied, de mee te nemen opgaven, de deelnemende partijen, de organisatie en werkvormen, de planning en de besluitvorming. Ook wordt de rol van de gemeente en de Gemeenteraad beschreven.
Besluit over het Startdocument
van burgemeester en wethouders besluit zelf over deelname en betrekt indien nodig de Gemeenteraad bij dat besluit.
Vervolg Het vervolg van de gebiedsaanpak is niet in algemene zin aan te geven. Dat zal per gebied anders zijn, afhankelijk van de uitkomsten van de verkenning. Logische stappen zijn het maken van een plan, besluitvorming en uitvoering. Het Startdocument legt die stappen per gebied vast.
Alle relevante gebiedspartijen moeten vervolgens het Startdocument in voldoende mate onderschrijven. Als dat het geval is kan de volgende stap in het gebiedsproces worden gezet. Deze vorm van participatie sluit goed aan bij de aanpak die de Omgevingswet voorstaat. De gemeente zal aan de hand van het Startdocument een besluit moeten nemen over de eigen rol en positie: als een van de partijen, als regisseur, (mede)financier van het proces of meer op een afstand, mits aan enkele randvoorwaarden is voldaan. Het Startdocument bevat ook de opgaven en randvoorwaarden waarmee het gebiedsproces wordt uitgevoerd. Het College
63
Hoofdstuk:
Visie landelijk gebied Enschede
1
2
3
4
5
6
7
8
Vorige
Met deze gebieden wil de gemeente van start Bij het opstellen van de Visie zijn vijf gebieden in beeld, die voor een gebiedsaanpak in aanmerking komen. Drie van deze gebieden zijn voor een (groot) deel transformatiegebied (zie de landschapswaardering) waar de Energievisie de mogelijkheid geeft voor het duurzaam opwekken van elektriciteit met zonnevelden. Deze grootschalige opwek (meer dan 2 ha) vraagt altijd om een gebiedsaanpak, waarin verschillende opgaven samen worden gebracht. Deze drie gebieden zijn hier kort aangeduid met West, Zuid en Oost. Daarnaast komt de Usseler Es in aanmerking voor een gebiedsaanpak om -grotendeels op gemeentelijke grond- een nieuwe inrichting en gebruik tot stand te brengen. Het vijfde gebied is de Stadsrand, waar het Rondje Enschede als ruggengraat fungeert voor de recreatieve ontwikkeling.
Inhoudsopgave
Hoofdstuk:
1
2
4
Gebiedsaanpak
Stadsrand
Eschmarke Usseler Es West
Stadsrand
Zuid
64
3
Visie landelijk gebied Enschede
5
6
7
8
Inhoudsopgave
Vorige
Hoofdstuk:
Stadsrand
Usseler Es
De gemeente zet in op het duidelijk markeren en beter benutten van de stadsrand. Dat heeft rond 2010 geleid tot het ‘Rondje Enschede’. Dit Rondje voor fietsen en wandelen draagt bij aan zonering: grootste recreatieve druk opgevangen dicht bij de stad en wat kwetsbaarder gebieden op enige afstand ontlasten. Ook wordt het landelijk gebied beter bereikbaar en aantrekkelijker voor de stedeling. Aandacht voor het beperken van overlast die de recreatieve druk oplevert, hoort bij de aanpak. Het Rondje van destijds is letterlijk nooit helemaal ‘rondgemaakt’. Opgave is de ontbrekende delen in de route in te vullen. Voorop staat echter de betekenis van de stadsrand en het Rondje beter te benutten onder meer door kleinschalige recreatieve voorzieningen aan te brengen. In het gebied liggen landgoederen en onder meer het Wageler met het Abraham Ledeboerpark en het voormalige natuureducatiecentrum de Lammerinkswonner. Vanuit dit centrum zal educatie over het landelijk gebied in brede zin worden opgepakt. De gebiedsaanpak moet de activiteiten in de stadsrand en de betrokken ondernemers bij elkaar brengen.
Door het Raadsbesluit om de bestemming van de Bolling en de Westkrans van de Usseler Es te wijzigen van bedrijventerrein naar landelijk gebied met natuur en landbouw dienen zich voor de Usseler Es nieuwe inrichtings- en gebruiksmogelijkheden aan. Met de betrokken partijen gaat de gemeente op zoek naar een nieuwe inrichting met bijpassend beheer waarin het gebied meer betekenis krijgt voor duurzame landbouw, natuur en als uitloopgebied voor de stad. Een belangrijk deel van het gebied is eigendom van de gemeente. Dat maakt dat de gemeente hier een voorbeeld van de gebiedsaanpak van wil maken.
65
West: Twekkelo, Usselo, Boekelo Het gebied aan de westzijde van Enschede omvat de deelgebieden Twekkelo, Usselo en Boekelo. Het deelgebied Twekkelo ligt deels in de gemeente Hengelo en deels in de gemeente Enschede. Beide gemeenten hebben met het gebied afspraken gemaakt voor een gebiedsgerichte benadering. De gemeente Hengelo heeft daarvoor in haar omgevingsvisie uitspraken gedaan. De gemeente Enschede heeft voor West in de Energievisie een opgave opgenomen voor duurzame opwekking van elektriciteit.
Visie landelijk gebied Enschede
1
2
3
4
5
6
7
8
Met een gezamenlijk initiatief vanuit de samenwerkende gebieden Twekkelo, Usselo en Boekelo is een eigen aanpak voorgesteld voor energieopwekking. Deze beide invalshoeken (gebiedsaanpak Twekkelo met de gemeente Hengelo) en de duurzame opwek van energie is aanleiding om het gebied West in deze Visie op te nemen als gebied waar met voorrang de gebiedsaanpak voor geldt.
Oost: Eschmarke De Eschmarke ligt aan de oostzijde van de stad Enschede. In de landschapsstudie zijn delen van de Eschmarke aangemerkt als transformatiegebied. De Energievisie ziet daar mogelijkheden voor grootschalige opwek van elektriciteit met zonnevelden. Dat maakt dat de Eschmarke in beeld is voor een integrale gebiedsaanpak, waarin opgaven op het gebied van water, natuur, stadsrand, energie en landbouw worden meegenomen. De gemeente beschikt in Eschmarke over grondposities.
Inhoudsopgave
Vorige
Groene pijler
Zuid: Broekheurne Ook delen van Broekheurne aan de zuidkant van Enschede zijn in de landschapsstudie aangemerkt als transformatiegebied. Volgens de Energievisie bestaan hier mogelijkheden voor de duurzame opwek van elektriciteit. Bij het opstellen van de Regionale Energiestrategie Twente is naar voren gekomen dat het grensgebied met de gemeente Haaksbergen mogelijkheden biedt voor een cluster voor duurzame opwek met in Enschede de nadruk op zonne-energie en in Haaksbergen ook windenergie. In samenwerking met de gemeente Haaksbergen kan deze energieopgave in een bredere gebiedsaanpak worden opgepakt.
Hoofdstuk:
Relatie stad-land
Landbouw
2
Energie
3
4
Landgoederen
5
6
Recreatie
7
8
Verkeer
TwekkeloUsseloBoekelo Stadsrand Usseler Es Eschmarke Enschede Zuid
Toekomstige gebieden? Als op een later moment voor andere gebieden ook aanleiding ontstaat voor een gebiedsgerichte benadering, dan kan ook daar een dergelijke aanpak worden gevolgd. De gemeente moet echter wel selectief zijn: voor niet elk initiatief of vraagstuk is een gebiedsaanpak nodig. Een eenvoudiger
66
1
Visie landelijk gebied Enschede
projectbeoordeling kan vaak volstaan. Een gebiedsaanpak vergt van zowel de gemeente als het gebied een forse inspanning over een lange periode. Van initiatief tot en met realisatie vergt vaak verschillende jaren. De investering in aandacht en tijd is hoog en alleen al om die reden moet de gemeente zich beperken.
Vorige
Inhoudsopgave
Hoofdstuk 8
Instrumenten Deze Visie sluit af met de instrumenten die de gemeente gaat inzetten om de Visie uit te voeren. Vanzelfsprekend maakt de gemeente daarbij gebruik van de nationale regelgeving. Dit hoofdstuk beperkt zich tot de gemeentelijke invulling van wettelijke instrumenten en de aanvulling met eigen instrumenten. Het hoofdstuk rondt af met een korte beschouwing over het tot stand komen van de instrumenten, het gemeentelijke budget en de uitvoeringsorganisatie voor het landelijk gebied.
67
Visie landelijk gebied Enschede
Hoofdstuk:
1
2
3
4
5
6
7
8
Vorige
Gereedschapskist met gemeentelijke instrumenten In aanvulling op het beschikbare wettelijke instrumentarium wil de gemeente Enschede negen eigen instrumenten nieuw ontwikkelen of aanpassen. Die instrumenten zijn nodig om de Visie op een goede manier uit te kunnen voeren. Een aantal van de instrumenten is nieuw, andere moeten worden herzien of aangevuld. De Visie geeft geen uitvoerige beschrijving van de inhoud van elk instrument afzonderlijk. De samenstellen van de instrumenten vindt zo snel mogelijk plaats na het vaststellen van de Visie. De voorbereiding van de instrumenten ‘gebiedsaanpak’ en ‘Gids buitenkans’ is al parallel aan het opstellen van de Visie in gang gezet.
68
Inhoudsopgave
Hoofdstuk:
1
2
3
4
5
6
7
8
Gereedschapskist
Overleg en participatie: richten op het landelijk gebied
Overleg en participatie Gebiedsaanpak Gids buitenkans Natuur- & Landschapsplan Landschapsplan Fonds landelijk gebied Toezicht en handhaving Welstandseisen Spelregels voor de inzet van gemeentelijke grond Monitoring
Bewoners, bedrijven en eigenaren van het landelijk gebied voelen zich niet altijd goed gehoord. Veel van het overleg heeft vooral betrekking op de meer stedelijke vraagstukken die in de gemeente spelen. Landbouwers en landgoedeigenaren vinden het lastig om bij de gemeente een aanspreekpunt te vinden die het voor hun van belang zijnde beleid overziet, de procedures van de gemeente kent en kan helpen bij het doorlopen van de juiste stappen om hun plannen tot goedkeuring te krijgen. Het is van groot belang dat de gemeente bereikbaar en aanspreekbaar is voor haar inwoners, bedrijven en eigenaren in het landelijk gebied en de haar toevertrouwde wettelijke taken adequaat uitvoert. De gemeente is in de afgelopen jaren over het geheel genomen wat reactief en staat te veel op afstand van het landelijk gebied. Het ontbreekt aan een vaste overlegstructuur met de diverse partners in het landelijk gebied (maatschappelijke organisaties, dorpen, buurtkringen) en aan verankering van beleidsprocessen aan het werk van de Raad. Ook
Visie landelijk gebied Enschede
Vorige
beschikt de gemeente niet over een vast aanspreekpunt voor belangrijke groepen in het landelijk gebied zoals de landbouwbedrijven en de landgoedeigenaren. Bij de vaste overlegstructuren is niet altijd duidelijk of deze het landelijk gebied in de volle breedte vertegenwoordigen. Dit leidt tot de volgende vier voorstellen: 1. Verbeteren van de vaste overlegstructuren met het landelijk gebied met aandacht voor de representativiteit (wie worden vertegenwoordigd en zijn er groepen die niet gehoord worden). 2. Voorstel aan de Raad om met ingang van de volgende raadsperiode een Stadsdeelcommissie Landelijk Gebied in stellen. 3. Versterking van het ambtelijk apparaat en/of van Stawel als vast en deskundig aanspreekpunt voor allerhande zaken in het landelijk gebied voor onder meer de landbouw, de landgoederen, de natuuren landschapsorganisaties. Deze versterking is ook nodig om partijen en opgaven te koppelen en cofinanciering te regelen. 4. Aanstelling van een wijkregisseur in het landelijk gebied, die fungeert als aanspreekpunt voor inwoners en bezoekers. De wijkregisseur is een laagdrempelig ‘oog en oor’ voor allerhande zaken die in het landelijk gebied spelen en is in staat om vroegtijdig signalen op te pakken voor onderwerpen die beleidsmatige
69
Inhoudsopgave
Hoofdstuk:
aandacht vergen. De wijkregisseur corrigeert ongewenst gedrag waar hij/zij dan zelf kan en schakelt toezicht en handhaving in waar nodig.
Gebiedsaanpak: een algemene aanpak in maatwerk toegepast Tal van opgaven komen samen in geografische gebieden. Ze vergen een uitwerking die past bij de uiteenlopende kenmerken van die gebieden en bij de wensen en belangen van de inwoners en andere betrokken partijen. De opgaven gaan onder meer over de verduurzaming van de landbouw, de klimaatadaptatie, de energietransitie, het herstel van de biodiversiteit, het verminderen van de stikstofdepositie, over wonen en recreatie. De stapeling van opgaven kan niet anders dan in samenhang met eigenaren en betrokkenen worden vormgegeven. Ook Rijk, provincie en waterschap zetten voor tal van vraagstukken in op een gebiedsgerichte integrale aanpak. Hoofdstuk 7 van deze Visie gaat over de gebiedsaanpak in Enschede en de toepassing daarvan in een vijftal gebieden. Voor de gebiedsaanpak stelt de gemeente een werkwijze op met een aantal vaste uitgangspunten, randvoorwaarden en processtappen. De rol van de gemeente kan verschillen van regisseur tot