Eindrapport Roots AnalyZus
Tekst van het document
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
22
Acquisitie Een ander instrument dat wordt ingezet om het economisch vestigingsklimaat te verbeteren is de acquisitie van specifieke doelgroepen. In 2016 ontwikkelde de gemeente een "rode loper"-aanpak voor nieuwe bedrijven en bestaande bedrijven die willen uitbreiden of verplaatsen (waarbij de gemeente ernaar streeft belemmeringen weg te nemen).46 De ondersteuning van netwerken voor starters, start ups en scale ups en innovatie belegde de gemeente Enschede voor een belangrijk deel bij Novel-T (voorheen Stichting Kennispark Twente). Met de bezuinigingen op het ondernemersloket in 2019 werden de functies van een aantal accountmanagers en acquisiteurs geïntegreerd. Op regionaal niveau ging acquisitie plaatsvinden in de sectoren High Tech Systems en Materials (HTSM) en logistiek. Daarnaast acquireerde Enschede zelf op enkele voor Enschede specifieke sectoren: zakelijke dienstverlening, ICT en winkels voor de binnenstad.47 Later is de acquisitie vanuit de gemeente nog verder geconcentreerd op de binnenstad.48 De acquisitie voor de binnenstad is in de onderzoeksperiode voornamelijk uitgevoerd door het ondernemersloket (zie ook hiervoor). Het grote belang van deze inspanning komt onder andere tot uitdrukking in het voormalige V&D-pand aan het Van Heekplein.
Dit prominente pand (10.000 vierkante meter winkelruimte verdeeld over drie etages) is diverse keren leeg komen te staan maar wist (mede dankzij de inzet van de gemeente) steeds opnieuw gevuld te worden (met Hudson’s Bay in 2018, 2Brüder in 2020 en sinds 2022 een flagshipstore van The Sting).49 Op regionaal niveau werken o.a. gemeenten, Twente Board, provincie, bedrijven, Oost NL en Kennispark Twente in een netwerkstructuur samen aan het aantrekken van nieuwe bedrijven en het faciliteren van het huidige bedrijfsleven in Twente. De aansturing, bekostiging en werkwijze/aanpak van deze netwerkstructuur zijn vanaf januari 2016 uitgewerkt en geïmplementeerd (zie ook hoofdstuk 6).50
Arbeidsmarkt Gedurende de jaren is het aantrekken en behouden van talent een terugkerend thema in het economisch vestigingsbeleid. Ondanks de aanwezigheid van een universiteit en hogeschool is het aandeel HBO- en universitair opgeleiden in de beroepsbevolking van Enschede relatief laag.51 Om hierin verandering te brengen, zet Enschede sinds 2019 nog nadrukkelijker in op het aantrekken en vasthouden van HBO en universitair opgeleid talent. Hoewel er in beleid veel aandacht is voor dit onderwerp, zijn er in de praktijk weinig instrumenten om direct op de samenstelling van de arbeidsmarkt te sturen. In de praktijk is een combinatie van de hiervoor beschreven instrumenten nodig om talent aan te trekken en vooral ook te binden. Duidelijk is dat de inzet van de gemeente daarop ook in belangrijke mate is gericht. Ook zet de gemeente via de Enschede Arbeidsmarkt Aanpak instrumenten in om de match tussen vraag en aanbod te verbeteren.52 Deze richt zich echter primair op Bron: Gemeente Enschede (2017), Gemeenterekening 2016. Bron: Gemeente Enschede (2018), Programmabegroting 2019. 48 Bron: interviews met vertegenwoordigers van de gemeente Enschede. 49 Bron: interviews met vertegenwoordigers van de gemeente Enschede. 50 Bron: Gemeente Enschede (2016), Programmabegroting 2016. 51 Bron: Gemeenterekeningen in de onderzoeksperiode 2016-2022.
52 Zie beleidskader Enschede Arbeidsmarktaanpak (EAA) 2016-2018 en uitvoeringsprogramma EAA 2019. 46 47
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
23
bijstandsgerechtigden en staat wat dat betreft wat verder af van de doelstelling om talent te trekken en te binden. Relevanter zijn het Twents Fonds voor Vakmanschap53 en de acties die worden ondernomen om grensbarrières weg te nemen en het arbeidspotentieel aan de Duitse zijde van de grens beter te ontsluiten (zie ook hoofdstuk 6). Daarnaast biedt het gericht aantrekken van grotere werkgevers (acquisitie) kansen om zowel talent aantrekken als vast te houden.
2.3 Inzet middelen Voorgaande paragrafen hebben beschreven welk beleid is gevoerd en welke instrumenten zijn ingezet om het economisch vestigingsklimaat van Enschede te verbeteren. Met de uitvoering van het beleid en de inzet van instrumenten gingen uiteraard ook middelen gepaard. De precieze omvang hiervan is moeilijk te bepalen. Wij hebben ervoor gekozen om de analyse van de inzet van middelen vooral te richten op de budgetten die voor economie zijn ingezet. Passend bij de eerdere analyse van instrumenten laten wij de budgetten die voor de kwaliteit van de openbare ruimte en bereikbaarheid van de stad worden ingezet grotendeels buiten beschouwing, ondanks de waarde die deze investeringen hebben (gehad) voor het economisch vestigingsklimaat van de stad. Duidelijk is immers dat investeringen in de kwaliteit van de openbare ruimte en bereikbaarheid ook deels een ander doel dienden en niet alleen (direct) voor de primaire doelgroepen van het economisch vestigingsbeleid waren bestemd, maar bijvoorbeeld ook voor inwoners.
Overall beeld Binnen de budgetten voor economie is het budget voor het verbeteren van het economisch vestigingsklimaat niet altijd te onderscheiden van andere budgetten. Ook zijn de budgetten in de onderzoeksperiode 2016-2022 op verschillende wijzen in de begroting gealloceerd. Zo was het economisch vestigingsbeleid in de periode tot 2018 voor een belangrijk deel onderdeel van het programma “Versterken economie” en vanaf 2019 vooral van het programma “Duurzaam wonen, leven en werken”. De hoofddoelen van het programma “Versterken economie” (in periode 2016-2018) waren: 1. Economische groei in Enschede en Twente 2. Een groter deel van de potentiële beroepsbevolking aan het werk 3. Meer jongeren met een opleiding die aansluit bij de arbeidsmarkt De hoofddoelen van het programma “Duurzaam wonen, leven en werken” (in periode 2019-2022) waren: 1. De bereikbaarheid van banen wordt vergroot 2. Talent wordt aangetrokken en vastgehouden 3. Enschede is een duurzame en klimaatbestendige stad De figuren 2.2 en 2.3 tonen de ontwikkeling van de budgetten in de periode 20152022. Figuur 2.2 toont daarbij de gerealiseerde baten en lasten in de genoemde programma’s; figuur 2.3 de gerealiseerde saldi ten opzichte van de begrote saldi. Uit de figuren is een aantal zaken af te leiden. In de eerste plaats valt op dat de beschikbare middelen voor de genoemde twee programma’s door de jaren heen 53
Zie voor meer informatie: https://www.ikbindr.nl/twents-fonds-voor-vakmanschap.
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
24
afnam. Pas in de twee meest recente jaren nam het (begrote) budget voor de twee programma’s weer toe. Figuur 2.2: Gerealiseerde lasten en baten in periode
Figuur 2.3: Begrote en gerealiseerde saldi van lasten
2015-2022 (x 1.000 euro)*
en baten in periode 2015-2023 in respectievelijk de programma’s Versterken economie en Duurzaam wonen, leven en werken (x 1.000 euro)*
Bron: Gemeenterekeningen en -begrotingen Enschede, bewerking Roots Beleidsadvies (* nominaal)
Daarnaast valt op dat enkel in 2019 en 2022 meer lasten zijn gerealiseerd dan initieel waren begroot. Vrijwel elk jaar was er dus budget over dat beschikbaar kon worden gesteld voor andere (beleids)programma’s of de algemene reserve. Tenslotte valt op dat er een duidelijke samenhang tussen kosten en baten bestaat. Lagere kosten blijken hand-in-hand te gaan met lagere baten en vice versa. Dit verduidelijkt dat het realiseren van baten nodig was om grote(re) bijdragen aan het economische vestigingsklimaat te kunnen leveren.
Budget voor relevante deelprogramma’s Om de inzet van middelen voor het verbeteren van het economisch vestigingsklimaat op waarde te kunnen schatten, is het van belang om de ontwikkeling van budgetten in/voor onderliggende beleidsprogramma’s te analyseren. Onderstaande figuren laten zien hoe de (gerealiseerde) lasten van een aantal relevante beleidsprogramma’s zich in de periode 2015-2023 hebben ontwikkeld. Figuur 2.4: Gerealiseerde lasten in periode 2015-
Figuur 2.5: Gerealiseerde lasten in periode 2019-
2018 (x 1.000 euro)*
2022 (x 1.000 euro)*
Bron: Gemeenterekeningen Enschede, bewerking Roots Beleidsadvies (* nominaal)
Uit deze figuren blijkt dat in een belangrijk deel van de onderzoeksperiode is bezuinigd op de dienstverlening aan ondernemers. Pas in de laatste jaren kwam
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
25
hiervoor weer meer budget beschikbaar.54 In het versterken van de economische structuur is hiervan al langer sprake. Hetzelfde geldt voor brede talentontwikkeling; hoewel dit uit de recente(re) begrotingen moeilijker is af te leiden. Ook valt op dat er significant is geïnvesteerd in de verkeersinfrastructuur, stedelijke en locatieontwikkeling. Laatstgenoemde hebben betrekking op de deelnames van de gemeente in de ontwikkeling van XL Business Park en Technology Base.
Incidentele lasten en baten Het is goed om stil te staan bij het feit dat de gemeente in de onderzoeksperiode in algemene zin steeds is geconfronteerd met bezuinigingsopgaven om te komen tot een structureel evenwicht op de begroting. Met incidentele middelen konden echter toch impulsen aan (o.a.) het economisch vestigingsklimaat worden gegeven. De gemeente heeft dit ook gedaan. Zo is met incidentele middelen o.a. invulling gegeven aan de toezegging in het coalitieakkoord 2018-2022 om extra te gaan investeren in de economische ontwikkeling van Enschede. Hiermee ontstond er vanaf 2019 de situatie dat er enerzijds (structureel) werd bezuinigd op economie – in het bijzonder op de dienstverlening aan ondernemers – en anderzijds extra werd geïnvesteerd in o.a. de samenwerking met kennisinstellingen, de ontwikkeling van toplocaties en de internationale strategie (zie figuur 2.6). Met deze extra investeringen is in de afgelopen collegeperiode getracht om de bezuinigingen zo min mogelijk voelbaar te laten zijn voor doelgroepen van het economisch (vestigings)beleid en waar nodig extra impulsen te geven.55 Figuur 2.6: Incidentele bijdragen aan versterking economie, 2019-2021 (lasten x 1.000 euro)*
Bron: Gemeenterekeningen Enschede, bewerking Roots Beleidsadvies (* nominaal)
De gekozen oplossing van het college in de periode 2018-2022 maakt duidelijk dat er structurele opgaven bestaan om te kunnen blijven investeren in het economisch vestigingsklimaat van Enschede. Dit geldt des te meer doordat er met betrekking tot bijvoorbeeld de ontwikkeling van Kennispark sterk is geleund op gelden uit de RegioDeal. Daardoor konden verhoudingsgewijs grote lasten ook worden gedekt door relatief grote baten. Op het moment dat die baten wegvallen, kan de inzet niet zonder meer vanuit de structurele begroting worden gepleegd. Tegelijkertijd is het positief hoe Enschede in een periode van bezuinigingen steeds weer incidentele middelen heeft kunnen verwerven. Bijdragen aan het economisch Per 2023 is deze personeelstaakstelling overigens teruggedraaid omdat deze niet in verhouding stond tot de veranderde personeelsbehoefte. Zie: Gemeente Enschede (2023), 1ste tussenrapportage 2023. 55 Bron: interviews met vertegenwoordigers van de gemeente Enschede. 54
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
26
vestigingsklimaat konden daarmee op peil blijven. Uit Findo56 komt zelfs naar voren dat de nominale economiebijdragen per inwoner in de periode 2017-2021 toenamen van €52 in 2017 tot €56 in 2021.57 De bijdragen liggen daarmee bovendien op een relatief hoog niveau. In Nederland namen diezelfde bijdragen immers toe van gemiddeld €36 per inwoner in 2017 tot €45 per inwoner in 2021 (zie figuur 2.7). Figuur 2.7: Bijdragen aan economie per categorie, 2017-2021 (€ lasten per inwoner)*
Bron: Findo, bewerking Roots Beleidsadvies (* nominaal)
2.4 Conclusie In dit hoofdstuk is geanalyseerd welk beleid de gemeente Enschede in de periode 2016-2022 heeft gevoerd om het vestigingsklimaat voor ondernemers te verbeteren en welke instrumenten en middelen daarvoor zijn ingezet. Bij de analyse is gebruik gemaakt van drie normen: Onderdeel
Beleid
Norm • De gemeente heeft beleid geformuleerd voor het verbeteren van het vestigingsklimaat voor winkeliers, mkb, startups, hightechbedrijven, grootschalige activiteiten en zware industrie. • De gemeente maakt een onderbouwde keuze voor de instrumenten die zij voor het verbeteren van het vestigingsklimaat inzet. • De gemeente maakt een onderbouwde keuze voor de middelen die zij voor het verbeteren van het vestigingsklimaat inzet.
Dit hoofdstuk heeft verduidelijkt dat de gemeente beleid heeft geformuleerd voor het verbeteren van het vestigingsklimaat voor winkeliers, mkb, startups, hightechbedrijven, grootschalige activiteiten en zware industrie. Daarbij kan een onderscheid worden gemaakt tussen het overkoepelend beleid, het beleid ten aanzien van winkellocaties en het beleid ten aanzien van overige werklocaties. In algemene zin is in het (recente) beleid omtrent het economisch vestigingsklimaat ingezet op het aantrekken en vasthouden van meer talent, een betere bereikbaarheid van banen en een betere verbinding van kennis en innovatie met het mkb en de (grote) maatschappelijke vraagstukken. We zien in het beleid een duidelijke samenhang die op het bereiken van deze doelen is gericht. De economische visies van 2011 en 2019 fungeerden daarbij als kapstok, waarbij de ecoBron: Findo – Data Financiën Decentrale Overheden, gedownload op 25 maart 2023. Hierbij gedefinieerd als bijdragen aan economische ontwikkeling, bedrijvenloket & bedrijfsregelingen en economische promotie. 56 57
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
27
nomische visie van 2019 enerzijds de koers uit 2011 bestendigde en anderzijds nieuwe accenten legde op basis van gewijzigde (markt)omstandigheden (zie ook hoofdstuk 4). Met betrekking tot de instrumenten kan worden gesteld dat de gemeente een onderbouwde keuze maakt voor de instrumenten die zij voor het verbeteren van het vestigingsklimaat inzet. De gemeente maakt daarbij gebruik van een breed palet aan instrumenten, uiteenlopend van accountmanagement, marketing en acquisitie tot ruimtelijke en financiële instrumenten. Ook zijn specifieke instrumenten ingezet om het functioneren van de arbeidsmarkt te verbeteren. Tenslotte zien we dat de gemeente een onderbouwde keuze heeft gemaakt voor de middelen die zij voor het verbeteren van het vestigingsklimaat inzette. Het college is daarbij creatief omgegaan met de bezuinigingsopgaven waarvoor de gemeente in de onderzoeksperiode stond en heeft waar mogelijk met incidentele middelen het economisch vestigingsklimaat gestimuleerd. De betreffende keuzes maken wel duidelijk dat er structurele opgaven bestaan om te blijven investeren in het economisch vestigingsklimaat. Op het moment dat incidentele baten wegvallen, kan de inzet immers niet zonder meer vanuit de structurele begroting worden gepleegd.
Tegelijkertijd is het positief hoe Enschede in een periode van bezuinigingen steeds weer incidentele middelen heeft kunnen verwerven om in het economisch vestigingsklimaat te investeren. De bijdragen aan het economisch vestigingsklimaat konden daarmee op peil blijven en zelfs iets toenemen. De bijdragen liggen bovendien op een relatief hoog niveau.
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
28
3.
Ervaring doelgroepen In dit hoofdstuk staat de beantwoording van de volgende deelvraag centraal: 2. Hoe ervaren de diverse doelgroepen het beleid en de inspanningen van de gemeente rondom het vestigingsklimaat? Zoals reeds beschreven in paragraaf 1.4 wordt deze deelvraag hoofdzakelijk beantwoord op basis van de uitkomsten van interviews met externe stakeholders. We maken daarbij onderscheid tussen de ervaringen van enerzijds de winkeliers en het mkb op winkellocaties (zie paragraaf 3.2) en anderzijds het mkb, de startups, hightechbedrijven, grootschalige bedrijven en zware industrie op overige werklocaties (paragraaf 3.3). Wij zullen echter eerst ingaan op enkele overall ervaringen van de genoemde doelgroepen als geheel (paragraaf 3.1).
3.1 Overall ervaringen doelgroepen We kijken in de eerste plaats naar de overall ervaringen van de verschillende doelgroepen als het gaat om de gemeentelijke inzet op het aantrekken en vasthouden van meer talent, een betere bereikbaarheid van banen en een betere verbinding van kennis en innovatie met het mkb en de (grote) maatschappelijke vraagstukken, oftewel de drie hoofddoelen van de economische visie uit 2019. Deze inzet is in de interviews zonder uitzondering positief gewaardeerd.58 Hetzelfde geldt voor de inzet op de groei van de stad tot een stad met meer dan 170.000 inwoners. Vertegenwoordigers van de diverse doelgroepen onderschrijven het belang van een koers die op groei is gericht. Volgens diverse gesprekspartners mag deze ambitie zelfs nog wel wat hoger en zou Enschede zich nog wat sterker mogen positioneren als hoofdstad van Twente en specifiek ook hightech hoofdstad van Oost-Nederland.59 Zowel voor winkellocaties als bedrijventerreinen is een dergelijke koers waardevol om bovenliggende ambities en doelen te realiseren. Nu bestaat bij enkele vertegenwoordigers de indruk dat door een bescheiden opstelling in regionaal verband soms ook kansen voor de stad en daarmee Twente worden gemist (zie ook hoofdstuk 6).
3.2 Ervaringen op winkellocaties Voor wat betreft de ervaringen van doelgroepen op winkellocaties is het goed om een (verder) onderscheid aan te brengen tussen de binnenstad en andere locaties. Vertegenwoordigers van de binnenstad blijken over het algemeen positief over het beleid en de inspanningen van de gemeente omtrent het economisch vestigingsklimaat. Ook de opstelling van en samenwerking met de gemeente wordt door hen gewaardeerd.60 De betrokkenheid en deskundigheid van de gemeente wordt door de ondernemersverenigingen in de binnenstad expliciet genoemd. Ook is opgemerkt dat signalen Bron: interviews met externe stakeholders. Zie voor een overzicht Bijlage B. Bron: o.a. interviews met Twente Board, beleidsadviseurs regionale programmering bedrijventerreinen, VNO NCW en Oost NL. 60 Bron: interview met vertegenwoordigers van de binnenstad. Ook in het interview met de koepelorganisaties MKB en KHN is dit (positieve) signaal gegeven. 58 59
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
29
van ondernemers door accountmanagers doorgaans goed worden doorgeleid binnen de gemeentelijke organisatie en in het algemeen ook van een goede/duidelijke opvolging worden voorzien. Van (veranderingen in) beleid wordt kennisgenomen in een periodiek binnenstadsoverleg. In de ogen van de vertegenwoordigers van de binnenstad is dat goed, maar is het moeilijk om in dit (brede) overleg input te geven. Daarvoor worden echter wel separaat mogelijkheden gecreëerd. De vertegenwoordigers van de binnenstad geven verder aan dat zij veel meer dan voorheen aan de voorkant van beleidswijzigingen worden meegenomen. Hierdoor zijn zij beter in staat om input te geven en richting te geven aan beleid dan pakweg 10-15 jaar geleden. Kijkend naar ontwikkelingen in de tijd geven vertegenwoordigers aan dat met name tijdens de coronaperiode het Ondernemersloket een belangrijke rol heeft vervuld voor de ondernemers in de binnenstad. In de ogen van de ondernemers stelde de gemeente stelde zich toentertijd zeer constructief en oplossingsgericht op. Ondernemers waardeerden de opstelling van de gemeente die daarbij vooral was gericht op wat wél kon (binnen de kaders van de geldende coronamaatregelen). Een voorbeeld daarvan is de ruimte die aan terrassen werd geboden en de introductie van XXL-terrassen (onder andere op de Oude Markt).
Hiermee bleef het aantal bezoekers redelijk op peil.61 Vanwege het succes zijn deze terrassen inmiddels permanent geborgd in het nieuwe bestemmingsplan ‘Terrassenvisie Stadserf’. Als kritische noot benoemen de vertegenwoordigers van de binnenstad dat niet altijd duidelijk is waarom in specifieke situaties wordt afgeweken van beleid (bijvoorbeeld bij nieuwe vestigingen). Vertegenwoordigers van de binnenstad kunnen hierdoor afwijkingen niet altijd richting de achterban motiveren. Ook kan de coördinatie van het nieuwe Actieplan Binnenstad en de bijdrage die ondernemers hieraan kunnen leveren, volgens de vertegenwoordigers van de binnenstad beter. Dit geldt in het bijzonder voor ondernemers die wat verder afstaan van de ondernemerscollectieven. Dit laatste is ook een aandachtspunt die door de vertegenwoordigers in binnenstad wordt gezien: de organisatiekracht van ondernemers. Mogelijk dat daarvoor in het (toekomstige) beleid meer aandacht moet bestaan.62 In elk geval is het duidelijk dat ondernemersverenigingen zichzelf steeds moeilijker organiseren. Bestuurders zijn lastig te vinden en de binding met de achterban verschilt per organisatie. Ook is er in tegenstelling tot in veel andere steden in Enschede geen centrummanager die (mede) door ondernemers wordt aangestuurd.
Mogelijk dat dit in de toekomst gaat veranderen als gevolg van een traject dat recentelijk (buiten de onderzoeksperiode) is ingezet. Vanuit intermediaire organisaties als Enschede Promotie en koepelorganisaties als MKB en KHN wordt in elk geval de meerwaarde van een betere organisatiegraad benadrukt. De verwachting is dat daarmee ook het bereik en de meerwaarde van acties op het vlak van bijvoorbeeld evenementen, marketing en communicatie toeneemt. Kijkend naar de ervaringen van doelgroepen op overige winkellocaties zijn de koepelorganisaties positief over het beleid en de inspanningen van de gemeente omtrent het economisch vestigingsklimaat. Hoewel er in het beleid en de inspanningen een focus ligt op de binnenstad, worden andere gebieden niet vergeten. Wel
Bron: Stadsbeweging (2021), Lerende Evaluatie Crisisarrangementen – Monitor dec 2020 – jun 2021. Dit is eveneens als aandachtspunt benoemd in de interviews met Enschede Promotie en de vertegenwoordigers van de koepelorganisaties. Ook in de interviews met vertegenwoordigers van de gemeente kwam dit terug. 61 62
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
30
speelt ook daar het vraagstuk van het organiserend vermogen en misschien nog wel meer dan in de binnenstad. In ieder geval bereiken signalen over wat wel/niet op andere winkellocaties goed gaat, minder snel de koepelorganisaties dan in de binnenstad. Tegelijkertijd biedt in een aantal gebieden het Keurmerk Veilig Ondernemen (KVO) een goede basis voor het overleg over (een deel van) het economisch vestigingsklimaat. Voor wat betreft directe ondersteuning verwijzen de koepelorganisaties vaak door naar het Ondernemersloket. De bezuinigingen die daar in de onderzoeksperiode zijn doorgevoerd, zijn door de koepelorganisaties nauwelijks gemerkt. In het algemeen zijn zij tevreden met de dienstverlening aan ondernemers. Dit sluit ook aan bij de monitoringsresultaten die in relatie tot de planning en control cyclus in de jaren tot en met 2018 plaatsvond over de dienstverlening via het ondernemersloket. 63 De waardering lag daarbij structureel boven de target van het college (zie figuur 3.1). Figuur 3.1: Waardering dienstverlening ondernemersloket, 2016-2018
Bron: Gemeenterekeningen Enschede, bewerking Roots Beleidsadvies
Tenslotte geven de koepelorganisaties het signaal dat zij veel meer dan voorheen aan de voorkant van beleidswijzigingen worden meegenomen. Dit wordt door hen gewaardeerd.
3.3 Ervaringen op overige werklocaties Voor wat betreft de ervaringen van doelgroepen op overige werklocaties kan een onderscheid worden aangebracht tussen de toplocaties Kennispark Twente, Technology Base en XL Businesspark en de andere locaties. Vertegenwoordigers van de toplocaties blijken over het algemeen positief over het beleid en de inspanningen van de gemeente omtrent het economisch vestigingsklimaat. Ook de opstelling en samenwerking met de gemeente wordt gewaardeerd. Lijnen tussen de vertegenwoordigers van de betreffende locaties en de gemeente zijn kort, maar tegelijkertijd opereren de ontwikkelorganisaties redelijk autonoom. In de ogen van de vertegenwoordigers van deze organisaties is dat ook nodig om op die manier een consistente koers te kunnen volgen en niet (te worden verleid om) mee te gaan in de (politieke) waan van de dag. Vertegenwoordigers van de
Helaas is deze sinds 2019 niet meer gemonitord. Wel heeft Kennispunt Twente recent de bekendheid van het Ondernemersloket onderzocht met behulp van een ondernemerspeiling. Hieruit bleek dat 19% Ondernemersloket Enschede op LinkedIn kent. 63
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
31
gemeente hebben aangegeven dat dit ook de reden is waarom deze organisaties op zekere afstand van de gemeentelijke organisatie zijn geplaatst. Bedrijven op de locaties hebben het voordeel van de extra aandacht die er voor deze locaties is. Tegelijkertijd maken de scherpe profielen op deze terreinen en de toenemende schaarste ook dat niet elk bedrijf wordt gefaciliteerd.64 Vanuit het collectief wordt deze aanpak gewaardeerd, maar door/voor individuele bedrijven kan dit soms anders zijn. Op de andere locaties worden tevens het beleid en inspanningen van de gemeente omtrent het economisch vestigingsklimaat positief gewaardeerd. Wel is daarbij (veel meer dan op de toplocaties) een onderscheid aan te brengen tussen de twee coalitieperioden 2014-2018 en 2018-2022. Zo is de extra aandacht vanaf 2018 duidelijk voelbaar voor de vertegenwoordigers van andere terreinen en wordt gewaardeerd dat zowel ambtelijk als bestuurlijk nu meer aandacht voor de ontwikkeling van de andere werklocaties bestaat.65 De gemeente heeft daarbij ook geholpen om de organisatiegraad op de andere terreinen te versterken. Ook de ondersteuning bij de ontwikkeling van gebiedsagenda’s wordt gewaardeerd. Hierdoor hebben gemeente en ondernemers een gezamenlijke agenda om het economisch vestigingsklimaat op de bestaande terreinen te verbeteren.
Een aandachtspunt dat vanuit de andere locaties wordt genoemd, is wel de directe ondersteuning aan ondernemers. Waar voor bedrijven op Technology Base en Kennispark met Novel-T en Oost NL ook naast de gemeente partijen actief zijn die (proactief) veel directe ondersteuning aan bedrijven bieden, zijn de bedrijven op de andere terreinen meer aangewezen op het Ondernemersloket. Het ondernemersloket heeft echter relatief gezien meer capaciteit beschikbaar voor winkellocaties – de binnenstad in het bijzonder.66 Ondernemers op andere bedrijventerreinen ervaren daardoor soms dat zij tussen wal en schip belanden. Iets soortgelijks geldt in relatie tot de benodigde ruimtelijk-fysieke investeringen. Zowel vanuit de gemeente als vanuit de ondernemersvertegenwoordigers wordt erkend dat bestaande bedrijventerreinen intensiever kunnen worden benut. Om hiertoe te komen, zullen echter grote investeringen moeten plaatsvinden. Tot op heden vinden dergelijke extra impulsen vooral op de toplocaties plaats. Hoewel de aandacht voor de bestaande terreinen is vergroot, is extra aandacht in het beleid vanuit de betreffende doelgroepen dus nog steeds gewenst.
3.4 Conclusie In dit hoofdstuk is geanalyseerd hoe de diverse doelgroepen het beleid en de inspanningen van de gemeente rondom het vestigingsklimaat ervaren. Bij de analyse is de volgende norm gehanteerd: Onderdeel Ervaring doelgroepen
Norm • De diverse doelgroepen ervaren het beleid en de inspanningen van de gemeente t.a.v. het vestigingsklimaat als positief.
Bron: interviews met vertegenwoordigers van de bedrijventerreinen en Novel-T. Bron: interview met vertegenwoordigers van de bedrijventerreinen. 66 Bron: interviews met vertegenwoordigers van de gemeente en vertegenwoordigers van bedrijventerreinen. 64 65
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
32
Uit de analyse is gebleken dat de diverse doelgroepen het beleid en de inspanningen van de gemeente t.a.v. het vestigingsklimaat in algemene zin positief hebben ervaren. Bezuinigingen op de dienstverlening naar ondernemers zijn niet of nauwelijks gevoeld en specifiek op bedrijventerreinen was de extra ambtelijke en bestuurlijke aandacht voelbaar. Ook de lijnen tussen ondernemerscollectieven en gemeente lijken in de onderzoeksperiode te zijn versterkt. Hierdoor zijn beleid en inspanningen van de gemeente ook meer zichtbaar dan voorheen. Aandachtspunten schuilen vooral op het vlak van (de beleidsaandacht voor) het organiserend vermogen van ondernemers. Hoewel de context per gebied verschilt is op zowel de toplocaties als overige werklocaties behoefte aan extra impulsen op dit vlak. Specifiek voor de binnenstad geldt dat ondernemers graag een betere (communicatie van de) onderbouwing zien als er van beleid wordt afgeweken. Voor ondernemers op bestaande bedrijventerreinen vormt de dienstverlening vanuit de gemeente een aandachtspunt. Overall zouden ondernemersvertegenwoordigers graag zien dat Enschede soms wat meer ambitie toont en kiest voor een bijpassende regionale strategie (zie ook hoofdstuk 6).
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
33
4.
Invloed van ontwikkelingen In dit hoofdstuk staat de beantwoording van de volgende deelvraag centraal: 3. Hebben (externe) ontwikkelingen uit de afgelopen zes jaar, zoals Covid (thuiswerken), invloed gehad op visie, beleid en regelingen/voorzieningen die de gemeente beschikbaar heeft gesteld en op de effecten daarvan? Deze vraag is beantwoord op basis van een combinatie van dossieranalyse, deskresearch en interviews. Bij dit laatste is gesprekspartners vooral gevraagd wat volgens hen ontwikkelingen zijn waarop visie, beleid en regelingen zouden moeten zijn aangepast. Daaruit kwam naar voren dat naast Corona ook de verander(en)de situatie bij de gemeente Enschede alsmede het verander(en)d economische tij aanleiding zouden kunnen zijn om visie, beleid en regelingen aan te passen. Op deze drie ontwikkelingen gaan wij daarom achtereenvolgens in dit hoofdstuk in. Eerst is het echter goed om te stellen dat in algemene zin (externe) ontwikkelingen een onderlegger vormen voor het beleid omtrent het economisch vestigingsklimaat. Dat zien we terug in de economische visies van 2011 en 2019 waarin vanuit een analyse van cijfers en trends de kansen en opgaven voor Enschede zijn geschetst. Ook in diverse onderliggende beleidsdocumenten is vanuit een analyse van (externe) ontwikkelingen de koers bepaald.
Daarbij is nadrukkelijk ook steeds vanuit een lange termijnontwikkeling visie en beleid bepaald en niet vanuit incidenten en/of kortstondige ontwikkelingen. Dit laatste had hoogstens effect op de beschikbaarheid van specifieke regelingen en/of voorzieningen, zoals ook uit de volgende paragrafen zal blijken.
4.1 Invloed van Corona Eén van de meest impactvolle ontwikkelingen in de periode 2016-2022 was ongetwijfeld de opkomst van Corona en de maatregelen die (landelijk) werden getroffen om de verspreiding van het virus tegen te gaan. De aard en omvang van de effecten verschilden echter sterk per doelgroep en type gebied. Hierbij kan onderscheid worden gemaakt tussen de winkeliers en het overige mkb op winkellocaties enerzijds en het mkb, de startups, hightechbedrijven, grootschalige bedrijven en zware industrie op overige werklocaties anderzijds. Een volledige uiteenzetting van de wijze waarop door de gemeente Enschede op Corona heeft gereageerd voert te ver voor dit onderzoek, maar wij zullen hieronder per type locatie de belangrijkste effecten op visie, beleid en regelingen benoemen. We sluiten vervolgens af met een aantal overall effecten.
Invloed op winkellocaties Zoals aangegeven in hoofdstuk drie heeft de gemeente Enschede volgens de vertegenwoordigers van de winkellocaties (incl. koepelorganisaties) adequaat gereageerd op de ontwikkelingen tijdens de Coronacrisis. Het ondernemersloket stond in deze periode in nauw contact met ondernemers en heeft zich ingespannen om de negatieve impact van de Coronamaatregelen te beperken. Evenals alle andere Overijsselse gemeenten heeft de gemeente Enschede drie keer aanspraak gemaakt op een crisisarrangement van de provincie Overijssel. Hiermee zijn onder leiding van Enschede Promotie diverse initiatieven uitgerold. Voorbeelden
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
34
zijn de campagne “Koop lokaal, steun onze stad” en de introductie van een lokale cadeaukaart.67 Ook heeft de gemeente Enschede in deze periode een nieuwe marktlocatie in de binnenstad mogelijk gemaakt. Doordat er met de anderhalvemeterregel onvoldoende ruimte was voor alle kramen op het Van Heekplein, is uitgeweken naar een extra locatie bij het stadhuis.68 Daarnaast heeft het toestaan van de XXL-terrassen op onder andere de Oude Markt ervoor gezorgd dat de horecasector het aantal bezoekers redelijk op peil heeft weten te houden.69 Deze terrassen zijn inmiddels permanent geborgd in het nieuwe bestemmingsplan ‘Terrassenvisie Stadserf’. Behalve de inzet van de gemeente ten tijde van de Coronacrisis, wordt sinds 2022 uitvoering gegeven aan de Ambitie & actie agenda Binnenstad. Met het beleid dat uit deze agenda voorkomt, geeft de gemeente uitvoering aan een raadsmotie over het herstel na corona. Zo wordt onder andere geschetst hoe de binnenstad van Enschede er in 2030 uit moet zien. Het vormt tegelijkertijd de onderlegger om een beroep te kunnen doen op de subsidie Impulsaanpak Winkelgebieden (waarvoor landelijk 100 miljoen euro beschikbaar is).70
Invloed op overige werklocaties Op de bedrijventerreinen waren de effecten van de coronamaatregelen minder zichtbaar dan op de winkellocaties. Desondanks ondervonden de doelgroepen op bedrijventerreinen eveneens duidelijke gevolgen. Zo namen bijvoorbeeld het thuiswerken, het verzuim en de onzekerheid over leveranties toe.71 Specifiek voor startups en hightechbedrijven speelde ook de toenemende onzekerheid over de conjunctuur en de impact op financieringsmogelijkheden een belangrijke rol.72 Door de onzekerheid werden financiers namelijk terughoudender in kredietverlening. Omdat startups en scale-ups vanwege het hogere risicoprofiel vaak non-bancair waren/zijn gefinancierd, kwamen zij door deze snel opkomende terughoudendheid extra in de problemen. Oost NL heeft zich (samen met de andere ROM’s en het ministerie van Economische Zaken en Klimaat) tijdens de Coronacrisis ingespannen voor het optuigen van de Corona OverbruggingsLening (COL). Met deze regeling is landelijk bijna € 300 miljoen geïnvesteerd in innovatieve startups, scale-ups en innovatieve mkb’ers. Gezien de sterke vertegenwoordiging van deze doelgroep in Enschede, was de COLregeling ook voor Enschede zeer relevant.
In de uitvoering hebben Oost NL en gemeente goed samengewerkt om de belangrijkste doelgroepen in beeld te krijgen en te bedienen.73 Novel-T stelde tijdens de Coronacrisis een team van experts samen voor hands-on support voor regionale maakbedrijven, startups en snelle groeiers.74 Het team heeft bedrijven geholpen met het vinden en aanvragen van overheidsregelingen en met
Bron: Stadsbeweging (2021), Lerende Evaluatie Crisisarrangementen – Monitor dec 2020 – jun 2021. Bron: Stadsbeweging (2021), Lerende Evaluatie Crisisarrangementen – Monitor dec 2020 – jun 2021. 69 Bron: Stadsbeweging (2021), Lerende Evaluatie Crisisarrangementen – Monitor dec 2020 – jun 2021. 70 Bron: Gemeente Enschede (2021), Gemeentebegroting 2022. 71 Bron: interviews met vertegenwoordigers van de gemeente en vertegenwoordigers van bedrijventerreinen. 72 Bron: interviews met Oost NL, Novel-T en vertegenwoordigers van de gemeente Enschede. 73 Bron: interview met Oost NL. 74 Bron: interview met Novel-T. 67 68
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
35
advies over financiële oplossingen en juridische zaken. Ook gaf Novel-T advies aan bedrijven met betrekking tot een effectieve omgang met de maatregelen. Een voorbeeld cluster dat in de Coronacrisis een impuls kreeg, was het Twentse MedTech-cluster. Bedrijven als Demcon, Micronit, Medspray en Lipcoat kregen dankzij hun innovaties tijdens de pandemie veel nationale en internationale erkenning. Het cluster in de regio ontving in de zomer van 2021 ruim 11 miljoen euro aan REACT-EU-gelden.75 Hiermee kon groen licht worden gegeven aan de ontwikkeling van de MedTech Factory (realisatie begin 2024) en konden diverse innovatieve projecten van de deelnemende bedrijven en kennisinstellingen worden gerealiseerd.
Invloed overall Het laatste voorbeeld laat zien dat er de Coronacrisis ook positieve invloeden heeft gehad. Een ander voorbeeld daarvan is dat de Coronacrisis ook heeft gezorgd voor meer aandacht voor ondernemers binnen de gemeentelijke organisatie.76 Zo heeft de raad meermaals verzocht om een actueel beeld van de effecten op ondernemers en heeft het ondernemersloket zich daardoor beter binnen de gemeentelijke organisatie kunnen positioneren. Sindsdien wordt het ondernemersloket meer en/of in een eerder stadium bij de beleidsvorming van/bij andere afdelingen betrokken.77 Dit geldt in het bijzonder als de betreffende afdeling verwacht dat het beleid effecten zou kunnen hebben voor ondernemers danwel het economisch vestigingsklimaat van de stad. De waarde van het ondernemersloket als oren en ogen van economisch Enschede wordt sinds Corona dus ook breder binnen de gemeente onderkend. Tegelijkertijd is het goed om vast te stellen dat Corona weinig effect heeft (gehad) op visie en beleid voor de langere termijn. Hoewel ook in de Coronaperiode beleid omtrent het economisch vestigingsklimaat is geactualiseerd (zie paragraaf 2.1), hebben actualisaties in die gevallen plaatsgevonden op basis van inzichten in lange termijnontwikkelingen en niet het kortstondige (grote) effect van Corona.
4.2 Invloed van veranderende situatie bij de gemeente Enschede Een ontwikkeling van een andere orde die van invloed is geweest is op visie, beleid en/of regelingen/voorzieningen ten behoeve van het economisch vestigingsklimaat is de (veranderende) situatie van de gemeente Enschede. Diverse gesprekspartners hebben aangegeven dat voor 2016 het economisch vestigingsklimaat minder een thema was en de gemeente toentertijd vooral bezig was met de eigen financiële huishouding en de drie decentralisaties in het sociaal domein.78 In de stukken van de planning & control cyclus zien we dit slechts ten dele terug. In de periode tot en met 2018 was het versterken van de economie immers (ook) één van de centrale onderwerpen en werden diverse acties op dit vlak ontplooid (zie ook hoofdstuk 3).
Een programma van de EU gericht op een groen, digitaal en veerkrachtig herstel van de regionale economie. 76 Bron: interviews met vertegenwoordigers van de gemeente Enschede. 77 Bron: interviews met vertegenwoordigers van de gemeente Enschede. 78 Bron: interviews met vertegenwoordigers van de gemeente Enschede en interviews met de koepelorganisaties MKB, KHN en VNO NCW. 75
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
36
Anderzijds namen de bijdragen – vooral met incidentele middelen – eerder toe dan af. Ook past het beeld bij het karakter van de inspanningen. In de periode tot en met 2018 werden de inspanningen in het economisch vestigingsklimaat immers veelal direct gekoppeld aan de opgaven in het sociale domein (werk & inkomen). Op de (zichtbare) dienstverlening naar ondernemers werd bezuinigd en op de ontwikkeling van bedrijventerreinen afgeschreven. Visie en beleid werden niet of nauwelijks geactualiseerd en daarover was dus ook geen contact met ondernemers. Met het aantreden van het nieuwe college in 2018 is de houding gewijzigd en werd weer (meer) gesproken over investeren. Ook is actief ingezet op verbinding met ondernemers en het scherp krijgen van de opgaven in het economisch vestigingsklimaat. Vervolgens zijn veel beleidsstukken geactualiseerd en kwam de nadruk – ook in de communicatie vanuit de gemeente richting externe partijen – meer te liggen op groei. Met incidentele middelen is tenslotte extra capaciteit georganiseerd en duidelijk in het economisch vestigingsklimaat geïnvesteerd (zie ook hoofdstuk 3). Hoewel het voor de gemeente nog steeds een opgave was (en is) om een structureel evenwicht op de begroting te realiseren, was de druk aan het einde van de onderzoeksperiode minder groot dan aan het begin.
Ook zijn de drie decentralisaties inmiddels geïmplementeerd en is de gemeente in staat gebleken om aanvullende middelen voor het economisch vestigingsklimaat vanuit provincie en Rijk te verwerven. Deze veranderde situatie heeft niet zo zeer geleid tot een andere visie en/of beleid, maar wel tot accentverschuivingen in de uitvoering van dit beleid (zie ook hoofdstuk 2). Bovendien maakt de betere financiële positie dat er voor ondernemers weer meer zichtbaar in het economisch vestigingsklimaat wordt geïnvesteerd.
4.3 Invloed van veranderend economisch tij Een derde ontwikkeling met invloed op visie, beleid en/of regelingen/voorzieningen, is de ontwikkeling van de economie. Zoals hiervoor aangegeven, stamde aan het begin van de onderzoeksperiode nog veel vigerend beleid uit de periode 20082012. Op dat moment bevond Nederland zich in een grote economische crisis, waarna het enkele jaren duurde voordat er weer sprake was van economische groei. Specifiek in Enschede bleef het aantal banen in de periode 2009-2016 op min of meer hetzelfde niveau van ruim 83.000 banen. Sindsdien is er sprake van een forse groei die in de Coronajaren weliswaar even tot stilstand kwam maar sindsdien weer snel het oorspronkelijke (groei)pad vond. Zo nam het aantal banen in de periode 2016-2020 toe van 83.750 tot bijna 90.000 banen en in 2021-2022 van bijna 90.000 banen tot ruim 92.500 banen.79 De groei lag daarmee overigens in lijn met het regionale en landelijke gemiddelde. Zoals al eerder aangegeven is de houding van de gemeente Enschede in het contact met de ondernemers in de onderzoeksperiode gewijzigd. Dit is niet alleen ingegeven door de veranderde situatie bij de gemeente Enschede, maar ook door het veranderde economische tij.
De groei accentueert bovendien opgaven die reeds voor deze veranderingen bekend waren bij de gemeente, zoals bijvoorbeeld de schaarste aan strategische voorraad bedrijventerreinen en de schaarste aan talent. Ook bij deze ontwikkeling kan dus worden aangegeven dat visie en beleid hierdoor niet zijn gewijzigd, maar dat in de uitvoering zeker wel accenten zijn verschoven. 79
Bron: Landelijk Informatie Systeem Arbeidsplaatsen (LISA).
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
37
De noodzaak tot investeringen in de arbeidsmarkt en grensoverschrijdende samenwerking wordt bijvoorbeeld sterker gevoeld dan voorheen. Datzelfde geldt voor het intensiever benutten van de werklocaties en het uitbreiden van de planvoorraad bedrijventerreinen.
4.4 Conclusie In dit hoofdstuk is geanalyseerd of (externe) ontwikkelingen in de afgelopen zes jaar invloed hebben gehad op visie, beleid en regelingen/voorzieningen die de gemeente inzet ten behoeve van het economisch vestigingsklimaat. Bij de analyse is de volgende norm gehanteerd: Onderdeel Ontwikkelingen
Norm • De gemeente stelt haar beleid bij o.b.v. relevante (externe) ontwikkelingen.
Uit de analyse kan worden geconcludeerd dat de gemeente haar beleid ten aanzien van het economisch vestigingsklimaat heeft bijgesteld op basis van relevante (externe) ontwikkelingen. We hebben bovendien gezien dat deze ontwikkelingen een belangrijke onderlegger vormen voor dit beleid. Visies zijn in algemene zin vanuit een lange termijnontwikkeling opgesteld en dus niet vanuit incidenten en/of kortstondige ontwikkelingen. Dergelijke incidenten en/of ontwikkelingen hadden hoogstens effect op de beschikbaarheid van specifieke regelingen en/of voorzieningen. Uit de gesprekken met stakeholders van het economisch vestigingsbeleid kwamen drie duidelijke (externe) ontwikkelingen naar voren met een invloed op visie, beleid en/of regelingen. Het ging daarbij om Corona, veranderde situaties bij de gemeente Enschede en verander(en)d economische tij. Hoewel deze niet zo zeer hebben geleid tot een andere visie vanuit de gemeente, zijn hierdoor in de uitvoering wel accenten verschoven. Dat geldt in het bijzonder voor Corona. Successen die daarmee aanvankelijk tijdelijk werden geboekt, zijn in sommige gevallen ook structureel in beleid geborgd. Dit geldt bijvoorbeeld voor het beleid ten aanzien van terrassen. Tegelijkertijd heeft ook deze majeure ontwikkeling niet geleid tot een andere koers in het beleid omtrent het economisch vestigingsklimaat.
De drie hoofddoelen van dit beleid80 staan nog overeind en de inzet van instrumenten en middelen is hierop nog steeds primair gericht. Als gevolg van het veranderde economische tij zijn bovendien bekende lange termijnopgaven op het vlak van ruimte en arbeidsmarkt nog duidelijker zichtbaar geworden. De urgentie voor de uitvoering van dit beleid is daarmee vergroot.
1) het aantrekken en vasthouden van meer talent, 2) een betere bereikbaarheid van banen en 3) een betere verbinding van kennis en innovatie met het mkb en de (grote) maatschappelijke vraagstukken. 80
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
38
5.
Resultaten beleid In dit hoofdstuk staat de beantwoording van de volgende deelvraag centraal: 4. Wat zijn de resultaten (beleidsprestaties en effecten) van het gevoerde gemeentelijke beleid en welke resultaten zijn in de toekomst te verwachten? Benoem hierbij gewenste en ongewenste effecten, die al dan niet te voorzien zijn. Deze vraag is beantwoord op basis van een combinatie van dossieranalyse, deskresearch en interviews. Daarbij zal in paragraaf 5.1 worden ingegaan op de resultaten van het gevoerde beleid en in paragraaf 5.2 op gewenste en ongewenste effecten. In paragraaf 5.3 staan de verwachtingen richting de toekomst centraal. Het hoofdstuk besluit in paragraaf 5.4 met een beknopte conclusie.
5.1 Bereiken van beoogde doelen Met betrekking tot de resultaten analyseren wij in de eerste plaats in hoeverre de beoogde doelen van het beleid zijn gerealiseerd. In de planning & control cyclus is steeds gemonitord op het doelbereik. Wij zullen eerst deze resultaten beschouwen en vervolgens specifiek stilstaan bij de doelen en ambities uit de economische visies van respectievelijk 2011 en 2019.
Winkellocaties Bij de beschrijving van de resultaten zoals die in de planning & control cyclus zijn gemonitord zoomen we eerst in op de indicatoren die relevant zijn voor de ontwikkeling van winkellocaties. In de coalitieperiode 2014-2018 gaat het dan primair om de volgende indicatoren: • •
Waardering dienstverlening Ondernemersloket. Bereikbaarheid Enschede West en centrum
In de coalitieperiode 2018-2022 gaat het primair om de volgende indicatoren: • • • •
Bereikbaarheid Enschede vanaf de radialen (05.01) Aantal banen binnenstad/stadcampus (05.02) Gemiddeld aantal weekbezoekers binnenstad (06.01) Bezoekers van grote gesubsidieerde culturele instellingen (06.01)
Onderstaande grafieken en toelichting uit respectievelijk de gemeenterekening 2018 en de gemeentebegroting 2023 laten zien in hoeverre de beleidsdoelen omtrent de winkellocaties zijn gerealiseerd. Hieruit blijkt dat in de periode 20162018 de relevante beleidsdoelen zijn gerealiseerd. Sinds 2018 blijven de prestaties hierbij wat achter. Dit wordt echter hoofdzakelijk veroorzaakt door de coronacrisis. Deze leidde immers tot significant minder bezoekers aan de binnenstad en culturele instellingen.81 Het aantal banen in de binnenstad lag in 2021 iets onder de streefwaarde van het college, maar wellicht is dat inmiddels anders door de forse groei die Enschede in 2021-2022 heeft gerealiseerd.82
81 82
Bron: Gemeente Enschede (2022), Gemeenterekening 2021. Kennispunt Twente wijst in dit kader op een groei van 4,9% in de wijk ‘Binnensingelgebied’.
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
39
Waardering dienstverlening Ondernemersloket (rapportcijfers dienstverlening) Ondernemers wordt gevraagd hoe zij de dienstverlening door de accountmanagers van het Ondernemersloket hebben ervaren. Ook wordt gevraagd naar de tevredenheid over de informatieverstrekking door het Ondernemersloket. De waardering ligt structureel boven de streefwaarde.
Bereikbaarheid (reistijden) Enschede West en centrum (index83) De bereikbaarheidsindicator is een indexcijfer van de reistijden over een aantal invalswegen naar het centrum van Enschede. Na een daling (waarschijnlijk als gevolg van de economische crisis) is er tussen 2016 en 2018 sprake van een stijging. De streefwaarde van 86,6 wordt niet meer gehaald. De grootste reistijdtoenames zitten in de ochtendspits op de Gronausestraat (+5,6 punt) en Westerval (+4,6 punt). Bereikbaarheid Enschede vanaf de radialen De bereikbaarheidsindicator is een indexcijfer van de reistijden over een aantal invalswegen naar het centrum van Enschede. Een lagere waarde betekent dat de reistijd ten opzichte van 2011 verbeterd is. Het doel is om de bereikbaarheid van Enschede minimaal op peil te houden.
Aantal banen binnenstad/stadcampus In deze grafiek staat het aantal banen van de toplocatie binnenstad. De streefwaarde (een groei met 150 banen per jaar) is gebaseerd op de sterker wordende functie van de binnenstad in de Euregio (voorzieningen, komst bioscoop, vernieuwing van winkels en horeca) en de ontwikkeling van de stadscampus en Centrumkwadraat met woon/werkfuncties, onderwijs, bedrijvigheid, diensten etc. Bron: Gemeenterekening 2018 en gemeentebegroting 2023
Dit betreft een samengestelde index voor de bereikbaarheid van de binnenstad vanaf drie invalswegen. 83
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
40
Gemiddeld aantal weekbezoekers binnenstad Het aantal bezoekers aan de binnenstad nam tijdens de coronajaren af. De gemeente verwacht dat het aantal bezoekers aan de binnenstad vanaf 2022 weer langzaam gaat toenemen. Niet alleen door het opheffen van de coronabeperkingen maar ook doordat de plannen voor de binnenstad zullen zorgen voor meer bezoekers om te werken, ontmoeten of recreëren. De gemeente streeft naar een herstel naar het niveau van 2019 (voor corona). Bezoekers van de grote gesubsidieerde culturele instellingen De afgelopen twee jaar is de impact van corona op het publieksbereik van de culturele instellingen heel groot geweest. De sector werkt hard aan herstel. Het streven is dat in 2023 de bezoekcijfers weer op niveau van voor de pandemie zijn en dat de sector dat de jaren daarna weet vast te houden.
Bron: Gemeentebegroting 2023
Overige werklocaties Voor wat betreft de bedrijventerreinen is in de periode 2016-2018 niet specifiek op de resultaten van het beleid gemonitord. In de periode 2018-2022 wel. Het gaat dan om de volgende indicatoren: • •
Aantal banen Kennispark (05.02) Aantal banen voormalig vliegveld (05.02)
Hieruit blijkt dat het aantal banen op de toplocaties Kennispark en het voormalige vliegveld – ondanks de coronacrisis – fors is gegroeid. Het streefcijfer werd daarbij bovendien overtroffen. Aantal banen Kennispark In de grafiek staat de ontwikkeling van het aantal banen op Kennispark. Kennispark beslaat de gebieden: UT, Business and Science Park en Twente Village. De gemeente Enschede gaat uit van een groei van 300 banen per jaar.
Bron: Gemeentebegroting 2023
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
41
Aantal banen voormalig vliegveld De grafiek toont de ontwikkeling van het aantal banen op de toplocatie "luchthaven". Het betreft de banen op de werklocaties van de voormalige luchthaven (Technology Base, Deventer Poort en de werkparken van Van Eck). Als streven gaat de gemeente uit van 50 banen per jaar vanaf 2021. Er zijn nog veel hectares beschikbaar voor groei van bedrijvigheid op deze toplocatie.
Bron: Gemeentebegroting 2023
Beleidsprestaties overall Zoals eerder omschreven is in de economische visie van 2019 ingezet op een versnelling van economische groei met als speerpunten 1) het aantrekken en vasthouden van meer talent, 2) een betere bereikbaarheid van banen en 3) een betere verbinding van kennis en innovatie met het mkb en de (grote) maatschappelijke vraagstukken.84 In relatie tot deze doelen zijn een aantal indicatoren uit de planning & control cyclus relevant: • • • • •
Totaal aantal banen Enschede (05.03) – werd ook gemonitord in 2014-2018 BRP Enschede per inwoner (05.03) Migratiesaldo naar leeftijd (06.03) Aantal bereikbare banen binnen redelijke reisafstand (05.01) Omvang Enschedese beroepsbevolking (06.03)
Onderstaande grafieken en toelichting uit de gemeentebegroting 2023 laten zien in hoeverre de betreffende beleidsdoelen zijn gerealiseerd. Hieruit blijkt dat het aantal banen in Enschede zich conform de prognose heeft ontwikkeld. Na een groei in 2018 vlakte vanaf 2019 de groei iets af. Anno 2021 lag het aantal banen iets onder de streefwaarde. Datzelfde gold voor het BRP per inwoner. De Coronacrisis vormt hiervoor een verklaring. Banen Enschede Volgens de gemeente Enschede is banengroei een resultaat van inzet op bereikbaarheid van banen, toplocaties, bestaande bedrijvigheid, innovatie en van het aantrekken en vasthouden van talent. Bij de ambitie om door te groeien naar een inwonertal van 170.000 inwoners in de komende 10 jaar hoort ook een groei in banen. Enschede heeft relatief weinig banen per inwoner. Ook de participatiegraad is relatief laag. Daarom streeft de gemeente naar een banengroei die hoger ligt dan de bevolkingsgroei. Kennispunt Twente heeft berekend dat hiervoor een banengroei nodig is van 10.000 en 12.500 in de komende 10 jaar. Bron: Gemeentebegroting 2023
Gemeente Enschede (2019), Economische visie Enschede – Naar versterking van het structureel groeivermogen van de Enschedese economie. 84
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
42
BRP Enschede per inwoner Het BRP zegt iets over de samenstelling van de economische sectoren in een gemeente en de toegevoegde waarde per baan. Innovaties kunnen leiden tot een groei van het BRP. Het BRP wordt berekend met behulp van gegevens van het CBS (nationale rekeningen) en werkgelegenheidsgegevens (LISA). Het streven is het BRP sneller te laten stijgen dan de landelijke prognose (een stijging van 1,8% per jaar vanaf 2018, bron: CPB). De gemeente hoopt met ontwikkelingen op de toplocaties, ondersteuning van innovatie en inzet op goede voorzieningen een sterkere samenstelling in sectoren te krijgen die zorgt voor meer toegevoegde waarde per baan. Migratiesaldo naar leeftijd Om de grafiek leesbaar te houden is gekozen voor de leeftijdsgroepen tussen 15 en 40 jaar. En dit zijn ook de groepen waar de gemeente zich vooral op inzet bij de doelstelling "aantrekken en vasthouden van talent". De migratie in de leeftijdsgroep 1519 hangt sterk samen met het aantal jongeren dat in onze stad komt studeren. De gemeente streeft ernaar om meer jongeren te trekken in de leeftijdsgroep 1519 jaar en in de leeftijdsgroepen 20-40 streeft de gemeente naar een positief migratiesaldo. Bron: Gemeentebegroting 2023
Tegelijkertijd ontwikkelde het aantal bereikbare banen zich conform de verwachting en is – zoals eerder aangegeven in 2021-2022 een sterke banengroei gerealiseerd. Ook de bereikbaarheid van Enschede is tussen 2018 en 2021 verbeterd. Doordat deze op basis van reistijden wordt berekend, zal de coronacrisis (toen het maatschappelijk leven en economisch verkeer grotendeels stil lag) hier een belangrijk aandeel in hebben gehad. Aantal bereikbare banen binnen redelijke reisafstand In de grafiek is te zien hoeveel banen binnen een redelijke reisafstand (1,5 uur) bereikbaar zijn voor de inwoners van Enschede. Hierbij is geen rekening gehouden met filedruk en ook de banen in Duitsland worden niet meegeteld. Landelijk wordt verwacht dat de banen blijven groeien met 0,8% de komende 2 jaar (UWV arbeidsmarktprognose 2022-2023). Dit percentage is in deze grafiek doorgetrokken naar de komende 5 jaar. De effecten van een snellere en betere treinverbinding tussen Zwolle, Enschede en Münster zijn de komende jaren nog niet aan de orde. Bron: Gemeentebegroting 2023
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
43
Omvang Enschedese beroepsbevolking De beroepsbevolking (alle mensen tussen 15 en 74 jaar die werken of beschikbaar zijn voor werk) neemt toe in de grote steden. In Enschede gebeurt dit in veel mindere mate. Door maatregelen op het gebied van bereikbaarheid van banen en het vasthouden van talent hoopt de gemeente op termijn de dalende tendens van de beroepsbevolking iets te keren. Een groeiende beroepsbevolking (met een hoog opleidingsniveau) is een belangrijke vestigingsfactor voor bedrijven. Vanwege de (onverklaarbare) grote sprong die het CBS-cijfer in 2021 laat zien, heeft de gemeente nog geen streefwaarde vastgesteld. Kennispunt Twente is hierover in overleg met het CBS. Bron: Gemeentebegroting 2023
5.2 Gewenste en ongewenste effecten In de vorige paragraaf is uitgebreid stilgestaan bij de beleidsprestaties zoals die in de planning & control cyclus zijn gerapporteerd. Het is goed om daarbij te realiseren dat de gerapporteerde resultaten niet altijd één-op-één zijn toe te schrijven aan het gevoerde beleid, maar dat bijvoorbeeld ook de conjunctuur ontwikkeling, de economische structuur en het aanwezige ondernemerschap de ontwikkeling in belangrijke mate bepalen – zeker waar het gaat om overall indicatoren zoals banengroei en ontwikkeling van het BRP. Bovendien is het goed om stil te staan bij het feit dat in verschillende, relevante beleidsdocumenten ook doelen en ambities zijn geformuleerd die weliswaar in lijn liggen met de algemene ambities van de stad maar hiervan wel een verbijzondering vormen. Denk bijvoorbeeld aan het aantrekken van nieuwe bedrijven, het beperken van leegstand en het voorkomen van verdringing van functies. Met betrekking tot het aantrekken van nieuwe bedrijven is het interessant om te kijken hoe het aantal bedrijven zich per sector ontwikkeld heeft. Hieruit blijkt dat er vooral in de detailhandel en zakelijke diensten sprake was van een grote dynamiek. Opvallend is ook het hoge aantal nieuwe vestigingen op Euregio Bedrijvenpark (zie de onderstaande figuren). Gestarte en gestopte MKB-vestigingen per 10.000
Ontwikkeling aantal vestigingen bedrijventerreinen
inwoners
2016-2021
Bron: Gemeentebegroting 2023 Enschede, bewerking Roots Beleidsadvies
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
44
De leegstand is in de afgelopen jaren beperkt geweest. In de binnenstad is de leegstand - ondanks de coronacrisis – afgelopen jaren zelfs afgenomen. Dit geeft aan dat de toegenomen flexibiliteit in het toestaan van functies alsmede de inzet van de gemeente op het vlak van acquisitie haar vruchten afwerpt. Dit blijkt eveneens uit het feit dat de afname van het aantal detailhandelsvestigingen in de binnenstad vrijwel geheel wordt gecompenseerd door een toename van horecavestigingen (zie onderstaande figuren).85 Ontwikkeling aantal leegstaande panden binnenstad
Ontwikkeling aantal detailhandels- en horeca-
Enschede 2014-2022
vestigingen in de binnenstad 2014-2022
Bron: Kennispunt Twente, bewerking Roots Beleidsadvies
Tenslotte staan we graag stil bij de effecten van de coronacrisis en de maatregelen die zijn genomen om de effecten op het economisch vestigingsklimaat te beperken. Zo zijn er op Rijks- en regionaal niveau veel regelingen geïntroduceerd (NOW, TOZO, TONK, TOGS, COL) die bij ondernemers onder de aandacht konden worden gebracht. Hoewel het lastig is om precies vast te stellen hoe effectief de betreffende inzet is geweest, zien we wel dat er relatief veel van regelingen gebruik is gemaakt. Aandeel bedrijven dat van minimaal één coronaregeling gebruik maakte
Bron: CBS, bewerking Roots Beleidsadvies
5.3 Verwachtingen toekomst Voor de toekomst van het vestigingsklimaat geven externe doelgroepen vrijwel zonder uitzondering aan dat het belangrijk is om de aandacht voor economie vast
85
Bron: Kennispunt Twente (2023), Binnenstadsmonitor Enschede.
20230914 Eindrapport Economisch vestigingsklimaat Enschede
45
te houden en de ambities hieromtrent uit te dragen.86 Ontwikkelingen uit het verleden hebben bovendien laten zien dat flexibiliteit loont. Dit betekent investeren in kansrijke initiatieven en meebewegen waar de markt daar om vraagt.87 Duidelijk is dat in de onderzoeksperiode veel aandacht uitging naar de ontwikkeling van de toplocaties.88 Op dat vlak zijn belangrijke resultaten geboekt en zijn de verwachtingen gunstig. Kijkend naar de afzonderlijke locaties, zien we dat de binnenstad sinds jaar en dag een sterke positie als koopstad voor consumenten uit Oost-Nederland en de Duitse grensstreek vervult. Ook de rol die het binnen het bredere economische spectrum vervult, wordt (terecht) steeds meer onderkend. Tegelijkertijd was de impact van de coronacrisis in de binnenstad groot.89 In dat kader is het positief dat de – op dat moment verwachte – toename van leegstand vooralsnog uitblijft. Dit beeld kan echter vertekenen. Veel ondernemers maakten immers gebruik van steunmaatregelen die nu nog terug betaald moeten worden. Met de inflatie, hoge energieprijzen en het dalende consumentenvertrouwen komen (uitgestelde) faillissementen nu pas aan het licht.90 De gemeente Enschede is zich hiervan bewust en weet dat de sterke positie van de Enschedese binnenstad geen vanzelfsprekendheid is.