Eindrapport Regioplan.pdf
Tekst van het document
Specifiek voor de gemeente Enschede is dit in de vorm van collectieve ggz-preventie (o.a. vroegsignalering, monitor- en adviesgesprekken, zelfhulpgroep) en extra ondersteuning voor kinderen van verslaafde ouders. Verslavingspreventie krijgt vorm door middel van samenwerking en afstemming met diverse regionale partners. Deze partijen/organisaties hebben zicht op de verschillende doelgroepen, en zijn onmisbaar voor het kunnen uitvoeren van preventieactiviteiten vanuit Tactus. In figuur 3.2 is het regionale preventienetwerk op hoofdlijnen weergeven. De verschillende partners spelen een belangrijke rol in de vroegsignalering (vindplaatsen) en preventieactiviteiten in afstemming en samenwerking met verschillende regionale partners. Dit zijn bijvoorbeeld veel partijen die zorg of onderwijs aanbieden, maar ook andere partijen die van groot belang zijn in de toeleiding naar verslavingszorg (bijvoorbeeld wijkteams, Jeugdreclassering, Veilig Thuis Twente) van mensen die nog niet in zicht zijn. Zeker in de coronajaren bleken vindplaatsen belangrijker dan ooit, aldus Tactus. Uit gesprekken met Tactus en partners komt naar voren dat de aanpak op het leveren van maatwerk gericht is: de behoefte aan ondersteuning op het gebied van preventie wordt per partner afzonderlijk afgestemd (zie ook onder het kopje ‘uitvoering preventieactiviteiten’).
27 Blijkt uit verantwoordingsinformatie van Tactus over het jaar 2020.
19
“We hopen dat we met deze lichte, snelle en laagdrempelige inzet van spreekuren en voorlichting kunnen voorkomen dat studenten dure specialistische hulpverlening nodig hebben. Uiteraard willen we ook met de hulp van Tactus ervoor zorgen dat we de studenten kunnen behouden voor het onderwijs, dat ze niet uitvallen en gewoon een startkwalificatie kunnen halen.” Medewerker ROC Twente
Tactus stelt dat acquisitie veel tijd kost: soms kost het veel moeite om bij organisaties binnen te komen en ze te overtuigen van de urgentie van preventieactiviteiten/beleid. Hier is volgens Tactus nog winst te behalen, zo blijkt uit de gesprekken met Tactusmedewerkers. Bij andere organisaties wordt Tactus juist zelf gevraagd om ondersteuning te kunnen bieden. Zo werd bij Humanitas Onder Dak opgemerkt dat de verslavingsproblematiek onder jongeren die opgevangen werden flink was toegenomen, en daarop werd besloten tot samenwerking met Tactus. Figuur 3.2
Globaal preventienetwerk van Tactus in Twente/Enschede*
Bron: Tactus, bewerking Regioplan
Uitvoering preventieactiviteiten Aan de hand van de documenten en gesprekken met Tactus en de regionale partners identificeren we vier belangrijke vormen van preventie waar Tactus zich voor inzet. Deze zijn ook te herleiden naar de keten van effectieve verslavingszorg (zie figuur 3.2). Beleidsontwikkeling: door te informeren, te monitoren en in gesprek te gaan met beleidsmakers en andere betrokkenen stuurt Tactus mee in het preventiebeleid van scholen en(zorg)instellingen, maar ook bij gemeenten en ontwikkeltafels jeugdhulp. Met dat laatste wordt beoogd aandacht voor middelengebruik in relatie tot gezond opgroeien structureel te verankeren in beleid. Ook wordt er tussen Tactus en verschillende regionale partners (figuur 3.2) terugkerend besproken wat ontwikkelingen zijn op het gebied van verslavingsproblematiek (voornamelijk cannabis), en hoe daar vervolgens door de betreffende organisatie mee omgegaan kan worden.
20
Voorlichting aan risicogroepen en ouders: preventiewerkers van Tactus geven voorlichting aan groepen over de effecten en risico's van roken, alcohol, drugs, gokken, gamen en ook het opgroeien met een verslaafde ouder. Tactus geeft aan dat het doel is om te informeren, te motiveren en de eigen kracht en verantwoordelijk van de inwoner te versterken op het gebied van gezond gedrag, en doet dit soms ook in samenwerking met regionale partners. Zo kunnen docenten van het ROC bijvoorbeeld op aanvraag Tactus inschakelen om voor de klas over een verslavingsthema te praten. Niet alleen jongeren, maar ook ouderen worden bereikt, bijvoorbeeld door voorlichting te geven in de woonkamer van een zorginstelling. Bevorderen van vroegsignalering door deskundigheidsbevordering: bij vroegsignalering is het van belang dat professionals die dicht bij de doelgroep staan in het werkveld door preventiewerkers ondersteund en getraind worden. Hierdoor leren zij signalen van gebruik te herkennen, dit bespreekbaar te maken en weten hoe vervolgens te handelen (deskundigheidsbevordering). Dit zijn bijvoorbeeld professionals binnen de sociale wijkteams, jeugdzorg en het onderwijs. Inzetten op deskundigheid over verslavingsproblematiek bij diverse professionals ter bevordering van vroeg signalering is een belangrijke pijler voor Tactus, zo blijkt onder meer uit de gesprekken.
Dit kan een uitleg/training zijn over bepaalde middelen, het goed kunnen signaleren en bespreekbaar maken van de problematiek of op de juiste manier het gesprek kunnen aangaan met de doelgroep (strategieën en technieken).28 Daarnaast is Tactus actief met spreekuren op locatie zodat mensen op een laagdrempelige wijze het gesprek een-op-een aan kunnen gaan over middelengebruik of verslavingen met een medewerker van Tactus. Het bevorderen van laagdrempeligheid wordt door verschillende partnerorganisaties beaamd, en zij ervaren dat als een grote meerwaarde van Tactus. “Iemand van Tactus komt een dagdeel per maand naar de kliniek, en neemt plaats in onze huiskamer voor het spreekuur. Jongeren met vragen kunnen vervolgens langskomen voor vragen of uitleg. Wij als Mediant hebben dan vaak een aantal jongeren erop gewezen dat iemand van Tactus aanwezig zal zijn. Dat inventariseren we eerst. Soms komen jongeren ook gewoon binnenlopen zonder afspraak, dat kan. (…) We merken dat jongeren het erg prettig vinden om op deze manier over mogelijke problemen te praten. De stap is namelijk erg moeilijk voor hen om te zetten. De inzet van Tactus bij ons maakt dit proces veel laagdrempeliger.” Medewerker Mediant
Wanneer er bij regionale partners zorgen zijn over middelengebruik, game- of gokgedrag bij individuele jongeren, kan Tactus ingezet worden om hen weer te motiveren zelf regie te nemen en gezond gedrag aan te leren. Medewerkers van Tactus komen dan op bezoek, geven advies over het al dan niet aangaan van een vervolgtraject en bekijken samen met de partner wat daarbij passend is. Bijsturen Tactus biedt Moti-4-trajecten aan voor jongeren met licht problematisch gebruik van middelen. In verschillende gesprekken wordt iemand gemotiveerd om het eigen gebruik kritisch te onderzoeken. Het traject wordt op maat aangeboden en is toepasbaar bij verschillende soorten verslavingen. Het traject wordt ingezet om zwaardere problematiek te kunnen voorkomen (en daarmee een duurder behandeltraject), of jongeren te motiveren voor het volgen van een behandeltraject. Tactus werkt samen met de lokale ziekenhuizen. Jongeren onder de 18 jaar die in het ziekenhuis worden opgenomen door alcohol- en/of drugsgebruik worden samen met ouders uitgenodigd voor een alcoholof drugspoligesprek bij Tactus.
Resultaten Tactus geeft aan dat niet exact cijfermatig inzichtelijk gemaakt kan worden in hoeverre de preventieactiviteiten van de afgelopen jaren ook daadwerkelijk effectief zijn gebleken in het voorkomen van erger verslavingsgedrag, maar dat het wel aannemelijk is dat de preventieactiviteiten bijdragen aan maatschappelijke kostenbesparingen.
28 Blijkt uit gesprekken met Tactus en regiopartners en het Preventie en WMO Productaanbod van Tactus (september 2019).
21
In 2020 zijn er 277 unieke preventietrajecten uitgevoerd. Dit zijn preventiegesprekken, moti-4-trajecten en/of gesprekken bij de alcohol- en drugspoli. In meer dan de helft van de gevallen betrof dit gebruik/verslaving van cannabis. In een kwart van de gevallen ging het om alcohol en tien procent om schermgebruik. Bij de alcohol- en drugspoli betrof de gemiddelde leeftijd van de gesprekspartners 16 jaar. Specifiek bij het ROC hebben in 2021 Mediant en Tactus gezamenlijk 105 unieke casussen opgepakt op het gebied van psychische problematiek. In bijna een op de vier gevallen ging dit om drugsverslaving. 23 casussen zijn opgelost zonder dat leerlingen doorverwezen hoefden te worden. Acht jongeren zijn in 2021 doorverwezen naar de gespecialiseerde verslavingszorg. Met voorlichting en advies op het ROC zijn 222 medewerkers bereikt, en 194 studenten.
3.3 Maatschappelijke opvang Doel- en taakstelling Maatschappelijke opvang heeft tot doel dak- en thuisloosheid voor kwetsbare burgers te voorkomen en daarmee ook maatschappelijke overlast te voorkomen. Om de overlast van mensen met een verslaving op straat en in de wijken te voorkomen, heeft Tactus voorzieningen waar zij dagelijks naartoe kunnen voor opvang en begeleiding. Daarnaast biedt Tactus activiteiten gericht op activering aan waardoor clienten gemotiveerd worden tot zinvolle dagbesteding en om hun rol in de samenleving weer op te pakken. Dat er een nadruk ligt op de mogelijkheden van cliënten is een relatief nieuwe ontwikkeling, zo bleek uit de gesprekken. De aanpak van de opvanglocatie Ripperdastraat heeft zich de afgelopen jaren ontwikkeld richting een aanpak waarin steeds meer naar die mogelijkheden wordt gekeken. Waar de zorg aan de Ripperdastraat eerst meer was gericht op het opvangen van de doelgroep, worden de mensen die bij de Ripperdastraat worden opgevangen meer gemotiveerd om hun leven weer actief op te pakken. Door de verschillende dagbestedingsactiviteiten kunnen cliënten hun eigen steentje bijdragen op de locatie. Daarbij wordt door begeleiders ook gekeken wat de kwaliteiten en wensen van cliënten zijn en hoe ze die kunnen inzetten op de Ripperdastraat.
Om hierop in te spelen biedt de Ripperdastraat een uiteenlopende hoeveelheid faciliteiten aan, waaronder werkruimtes, een werktuin en een muziekruimte. Door binnen Tactus een rol met bepaalde verantwoordelijkheden te krijgen, kunnen cliënten weer meer een gevoel van zelfvertrouwen krijgen en gemotiveerder worden om hun problemen aan te pakken. Vanuit de locatie Ripperdastraat worden teven de casemanagers, bemoeizorgers en de medische zorgunit aangestuurd (deze functies worden verderop in deze paragraaf beschreven). Doelgroep De doelgroep van de maatschappelijke opvang betreft over het algemeen mensen die al langdurig verslaafd zijn. De verslaving is bij deze groep zo ontregelend in het dagelijks leven, dat opvang en dagbesteding rust kunnen bieden. Op de IJsbaanweg nemen deze activiteiten de vorm aan van nazorg om mensen die een detoxbehandeling ondergaan hebben, rust en regelmaat te bieden zodat terugval zo veel mogelijk wordt voorkomen. Middelengebruik is op deze locatie verboden. Op de locatie aan de Ripperdastraat is drugs- en alcoholgebruik onder toezicht wel toegestaan. Tegelijkertijd worden cliënten gestimuleerd een leefstijl te leiden waarin hun verslaving minder invloed krijgt en de kans op herstel toeneemt.
Onder andere door gebruik op een veilige manier te faciliteren, wil Tactus bereiken dat bepaalde aspecten van de verslaving (zoals het scoren van drugs) een minder dominante invloed gaan hebben op het dagelijks leven van cliënten. Vormgeving en uitvoering De maatschappelijke opvang in de centrumgemeente Enschede wordt georganiseerd vanuit de integrale aanpak. Een onderdeel hiervan is om dak- en thuisloosheid voor kwetsbare, verslaafde burgers en de daaraan gerelateerde maatschappelijke overlast te voorkomen. Een van de activiteiten die hiertoe moeten dienen, is het open spreekuur op de locatie Ripperdastraat, waar mensen met en zonder afspraak 22
terecht kunnen met hun hulpvraag. Met diverse voorzieningen, activiteiten en persoonlijke aandacht worden cliënten daarnaast gemotiveerd tot bezigheden die hun gebruik/verslaving kunnen/doen verminderen en herstel kunnen bevorderen. Hierin wordt samengewerkt met ketenpartners in de regio (politie, wijkteams, Mediant, Humanitas onder Dak, Leger des Heils). Begeleiding Verslavingsproblematiek gaat doorgaans samen met complexe problematiek op meerdere leefgebieden. Begeleiding vanuit de casemanagers van Tactus richt zich daarom op een grote diversiteit aan thema’s. Om deze reden werken casemanagers nauw samen met een veelvoud aan ketenpartners in het zorg- en veiligheidsdomein, zoals Mediant, Humanitas, het Leger des Heils, wijkcoaches en wijkagenten. Dit heeft als doel om niet alleen de verslaving zelf, maar ook de daarmee samenhangende problematiek gericht aan te pakken. Waar verslavingsproblematiek samengaat met criminaliteit, biedt Tactus ook casemanagement. Zo moet justitieel casemanagement de continuïteit van zorg waarborgen voor (ex-)gedetineerden (waaronder veelplegers), wanneer dwang-en-drangtrajecten vanuit bijvoorbeeld de Reclassering eindigen. Voor deze doelgroep doen casemanagers ook aan nazorg detentie, waarbij ex-gedetineerden geholpen worden met het regelen van bijvoorbeeld woonruimte, uitkeringen en verzekeringen.
Dit nazorgtraject kan al starten voordat een gedetineerde vrijkomt. Hierdoor wordt terugval in gebruik en criminaliteit waar mogelijk voorkomen. Ondersteuning Naast intensieve begeleiding biedt Tactus mensen ook ondersteuning in de uitdagingen die met een verslaving en het afkickproces gepaard gaan. Een zeer laagdrempelige vorm van ondersteuning betreft de zelfhulpgroepen die Tactus aanbiedt. Dit zijn gespreksgroepen waarin verslaafde mensen met lotgenoten/ervaringsdeskundigen in gesprek kunnen over hun verslaving en de uitdagingen van het afkickproces. Hiervoor zijn geen huisartsverwijzingen, zorgindicaties of eigen bijdragen nodig. De enige voorwaarden zijn dat mensen als doel moeten hebben om af te kicken en dat ze nuchter/clean naar de bijeenkomsten komen. Zelfhulpgroepen bieden mensen een groter netwerk en een luisterend oor bij mensen die hun problemen goed kennen. Activering Tactus biedt ook ondersteuning in de vorm van werk- en dagbesteding. In Enschede gebeurt dit op de houtwerkplaats en klussendienst op de IJsbaanweg. Door herstellende verslaafden structuur in de vorm van een dag- en werkritme te bieden, moet terugval worden voorkomen en worden mensen geholpen de draad van hun leven weer op te pakken. Op de Ripperdastraat wordt ook dagbesteding aangeboden. Deze dagbesteding is onder te verdelen in werk- en ontspanningsactiviteiten.
Deelnemers kunnen op de Ripperdastraat werkzaamheden uitvoeren in ruil voor een maaltijd. Daarnaast kunnen deelnemers instromen in het zogenoemde ‘uurwerk’, dat bestaat uit de tuindienst en de klussendienst. Dit werk is bedoeld om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt weer te activeren/motiveren. Daarnaast is het doel van de dagbesteding aan de Ripperdastraat om mensen die nog verslaafd zijn een gevoel van verantwoordelijkheid en eigenwaarde te geven. Deze activiteiten zijn ervoor bedoeld om mensen een betere kwaliteit van leven te geven en hen van daaruit te stimuleren om een leven te gaan leiden waarin hun verslaving een minder dominante invloed heeft. Op de Ripperdastraat zijn ook alcohol- en drugsgebruikersruimten aanwezig, waar mensen onder toezicht middelen kunnen gebruiken. Hier zit dan wel een gezondheidsplan aan vast. De locatie Ripperdastraat kent een dagelijks inloopspreekuur waar mensen die nog geen zorg krijgen van Tactus terechtkunnen met hulpvragen. Dit moet de laagdrempeligheid van Tactus vergroten.
23
Bemoeizorg Het team Bemoeizorg is een speciale tak binnen Tactus die zich bezighoudt met ‘zorgwekkende zorgmijders’. Dit betreft burgers/inwoners die kampen met verslavingsproblematiek en/of psychische problematiek en die zorg mijden. Centraal staat dat hulp nodig is, deze hulp niet gevraagd wordt en zelfs wordt afgewezen. Zorgwekkende zorgmijders komen veelal in beeld bij Tactus Bemoeizorg via politie, wijkteams en andere hulpverleners. In samenwerking met het Bemoeizorgteam Mediant (specialist op het gebied van psychische problematiek) wordt in een wekelijks overleg gekeken wie de hoofdverantwoordelijke organisatie voor een zorgmijder wordt. Het team Bemoeizorg bestaat uit verpleegkundigen, sociaalpsychiatrische verpleegkundigen, hulpverleners, maatschappelijk werkers, een psychiater en een verpleegkundig specialist. Het team Bemoeizorg heeft in eerste instantie als doel om zorgwekkende zorgmijders tot zorg te verleiden. Dit doet Bemoeizorg door allereerst hulp aan te bieden op terreinen die de zorgmijder ook al als problematisch ervaart (bijvoorbeeld geldproblemen). Middels dergelijke hulp probeert Bemoeizorg een vertrouwensband op te bouwen met de zorgmijder, in de hoop dat verdere hulp daarna ook aanvaard wordt.
Na maximaal een half jaar houden de activiteiten van Bemoeizorg op, doordat hulp óf niet meer nodig is óf doordat er tot onvrijwillige zorg moet worden overgegaan. De mensen die in beeld zijn bij Bemoeizorg worden veelal doorgeleid naar locaties voor detoxopnames of een klinische behandeling, woonlocaties, woonbegeleiding, casemanagement en dagbesteding (aan de IJsbaanweg of de Ripperdastraat). Casemanagement Voor individuele vragen van volwassenen die langdurig alcohol- en harddrugsverslaafd zijn en vaak meervoudige, complexe problemen op verschillende leefgebieden hebben, zet Tactus casemanagement in. Casemanagers bieden deze chronische groep begeleiding en ondersteuning om de vicieuze cirkel van terugval en gebruik te doorbreken. Casemanagers sluiten in hun werk bovendien actief aan bij de wijkteams zodat zij ook deze collega’s kunnen ondersteunen als zij met ‘verslavingsvragen’ zitten, kennis over te dragen en om vroeg te signaleren als iemand problemen op dat vlak heeft. Het casemanagement binnen Tactus is opgedeeld in twee teams: team Binnenstad en team Wijken. Casemanagers in team Binnenstad houden zich bezig met dat deel van de doelgroep waarbij sprake is van dak- of thuisloosheid, en soms zelfs criminaliteit, en die daardoor vaak ook overlast veroorzaakt in de binnenstad.
Deze casemanagers schakelen veel met de Daklozenopvang, Leger des Heils, woningbouwcorporaties, penitentiaire inrichtingen, gemeente, Mediant, wijkagenten en financiële bewindsvoering. De casemanagers van team Wijken werken met dat deel van de doelgroep dat vaak nog een huis heeft en dat nog enigszins financieel stabiel is. Zij schakelen voornamelijk met wijkteams, politie en andere zorgorganisaties. Deze ketenpartners signaleren het vaak als eerste wanneer er bij iemand verslavingsproblematiek speelt. Naast het doel van signalering werken casemanagers met veel verschillende zorgorganisaties samen omdat de complexe problematiek die met verslavingen samenhangt soms inzet vanuit verschillende hoeken vraagt. De samenwerkingspartners waarmee gesproken is, waarderen daarbij de laagdrempeligheid van Tactus en de wijze waarop Tactus zich over een uiteenlopende doelgroep ontfermt, ook zonder dat daar eerst een zorgindicatie voor vereist is. Door intensieve en veelzijdige begeleiding trachten casemanagers de vicieuze cirkel van gebruik en terugval bij verslaafde mensen te doorbreken. Dit kan via ambulante begeleiding, maar indien nodig worden cliënten ook doorgeleid naar een woonlocatie of een afkickkliniek. Voor zowel team Binnenstad als team Wijken geldt dat het hier wel om mensen gaat die an sich open staan voor hulp. Mensen voor wie dit niet geldt, vallen onder team Bemoeizorg.
Casemanagers van Tactus zijn verbonden aan de verschillende wijkteams. Vanuit hier wordt bemoeizorg ingezet. Indien een cliënt geholpen wil worden, kunnen reguliere structuren van Mediant en Tactus worden ingezet.
24
Casus: cliënt Jacob Jacob werd als kind veel gepest en had gedragsproblemen (later bleek hij ADHD te hebben). Daardoor was hij erg onzeker en begon hij zijn toevlucht te zoeken in drugs. Al op veertienjarige leeftijd raakte hij verslaafd aan harddrugs. Op latere leeftijd, toen hij vader ging worden, besloot hij zijn verslaving aan te pakken. Hij woonde toen nog niet in Enschede, maar kwam al wel in beeld bij Tactus. Bij Tactus volgde hij in die jaren de methadonbehandeling: hij kreeg wekelijks een dosis methadon verstrekt, als veiliger alternatief voor zijn heroïnegebruik. Toen hij naar Enschede verhuisde, werd hij al snel gebeld door zijn nieuwe contactpersoon bij Tactus om kennis te maken. Er volgde toen al snel een intakegesprek en zijn behandeling zette zich zonder noemenswaardige onderbrekingen voort. Toch kreeg Jacob een terugval doordat er in zijn nieuwe flat veel gedeald en gebruikt werd. De casemanager vanuit Tactus bleef contact met hem onderhouden en vroeg geregeld hoe het met hem ging, en of hij niet opnieuw een hulptraject in wilde. Hoewel hij hier in eerste instantie niet voor koos, waardeerde Jacob de tijd en aandacht die Tactus in hem bleef steken. Toen hij uit zijn flat werd gezet, kwam hij via een casemanager van team Binnenstad bij de locatie Ripperdastraat terecht.
Daar kreeg hij een medische heroïnebehandeling, deed hij aan dagbesteding en ging hij gespreksgroepen en cursussen volgen. Inmiddels gaat het veel beter en is de medische heroinebehandeling niet meer nodig. Jacob komt nog wel dagelijks naar de Ripperdastraat toe voor de gespreksgroepen, de cursussen en de dagbesteding. Als dagbesteding maakt Jacob beeldhouwwerkjes. Dit werk geeft hem iets creatiefs te doen en het geeft hem meer zelfvertrouwen. Inmiddels gaat Jacob ook mee naar preventieactiviteiten van Tactus om daar als ervaringsdeskundige voorlichting te geven. Op de Ripperdastraat wordt Jacob niet behandeld als een cliënt, maar meer als een collega die zijn eigen steentje bijdraagt op de locatie. Er wordt naar zijn talenten gekeken en wat die voor mogelijkheden bieden. Zo mag hij zijn vermogen om zijn verhaal onder woorden te brengen inzetten om voorlichting te geven op scholen. Zodoende kan hij uit zijn verleden putten om als ervaringsdeskundige een nuttige rol te spelen in de verslavingspreventie in Enschede. Dit geeft hem het gevoel weer iets te kunnen betekenen voor de maatschappij, wat hem motiveert om aan zichzelf te blijven werken.
Resultaten Casemanagement: de resultaten van het casemanagement van Tactus zijn op te delen in het aantal mensen dat vanuit casemanagement begeleid wordt en het aantal gesprekken dat er met potentiële clienten is gevoerd. Deze laatste groep betreft mensen die niet zozeer in een begeleidingstraject zitten, maar waarmee wel kort contact heeft plaatsgevonden aan de Ripperdastraat om op een ander leefgebied geholpen te worden. Deze cijfers zijn ook in dit rapport opgenomen, omdat ze iets zeggen over de mate waarin Tactus de doelgroep te spreken krijgt. In het meetjaar 2020 zijn er 224 cliënten begeleid door casemanagement Enschede. Dit betreft de meting over het hele jaar heen. Op de peildatum 31 december 2020 waren er 121 cliënten in begeleiding bij het casemanagement. In hetzelfde jaar hebben er met 213 cliënten in totaal 436 gesprekken plaatsgevonden. Bij 28 cliënten ging het daarbij om vijf of meer gesprekken. Binnen de tak ‘Nazorg Detentie’ zijn in 2020 26 cliënten ingestroomd, waarvan er aan het eind van het jaar 16 weer zijn uitgestroomd. Dit betreft cliënten waarvan zaken als huisvesting, dagbesteding, passende zorg en verzekeringen door het casemanagement van Tactus geregeld waren. De overige cliënten kregen nog nazorg vanuit Tactus. Het justitieel casemanagement had in dezelfde periode een caseload van rond de 30 Enschedese veelplegers.
Ongeveer de helft daarvan kreeg een ISD-maatregel opgelegd. Bij deze laatste groep werkt Tactus nauw samen met de penitentiaire inrichting om ervoor te zorgen dat deze maatregel gepaard gaat met de juiste begeleiding. Bemoeizorg: in het meetjaar 2020 stroomden er 128 cliënten in bij het team Bemoeizorg die Enschede als woongemeente hadden. Dit was ten opzichte van de voorgaande jaren beneden gemiddeld (het gemiddelde van de voorgaande jaren was 165 cliënten). Het grootste deel van deze groep kwam bij Be-
25
moeizorg terecht via de huisarts en de wijkteams. Op de peildatum 31 december 2020 waren er 80 clienten via Bemoeizorg in een zorgtraject van Tactus terechtgekomen, en 66 in een zorgtraject van Mediant. Opvang Ripperdastraat: de open aard van een locatie als de Ripperdastraat maakt het lastig harde cijfers te geven over de totale omvang van de doelgroep die hier komt, aangezien niet iedereen die hier komt regelmatig op de Ripperdastraat aanwezig is. Wat wel bekend is, is dat er in 2020 189 bezoekers ingeschreven zijn geweest aan de Ripperdastraat. Gemiddeld waren er dat jaar dagelijks 80-100 cliënten aanwezig op de Ripperdastraat (afgezien van de daling die als het gevolg van de coronabeperkingen optrad). Op de alcoholruimte kwamen in 2020 dagelijks gemiddeld 21 bezoekers. Op de drugsgebruikersruimte waren dat jaar gemiddeld 60 mensen ingeschreven en werd de ruimte dagelijks gebruikt door gemiddeld 35 mensen. Daarnaast zijn er cijfers beschikbaar over de cliënten die deelnemen aan het dagwerk, het uurwerk of de rehabilitatiebaan. Door de ingrijpende invloed van de coronapandemie op de activiteiten aan de Ripperdastraat geven de cijfers van 2020 hier mogelijk wel een vertekend beeld van het gebruikelijke bereik van Tactus. Zo slonk de groep die deelnam aan het dagwerk bij de Ripperdastraat na maart 2020 van 32 naar 5 deelnemers.
De groep die deelnam aan het uurwerk is, na een onderbreking van een paar maanden, min of meer op peil gebleven met rond de 40 deelnemers. De groep die deelnam aan de rehabilitatiebaan is, na een soortgelijke onderbreking, gelijk gebleven met 11 deelnemers. 3 deelnemers hadden in dit jaar een vrijwilligerscontract bij Tactus.
3.4 Beschermd wonen Doel- en taakstelling: beschermd wonen onder de vlag van Tactus heeft als doel een veilige plek bieden voor cliënten om de kwaliteit van leven te bevorderen en toe te werken naar een gezondere leefstijl, meer zelfstandigheid en herstel. Door een beschermde omgeving te creëren waarin cliënten kunnen herstellen, wordt voorkomen dat foute invloeden uit de vroegere omgeving het herstelproces negatief kunnen beïnvloeden. Voor beschermd wonen zijn in Enschede vier locaties beschikbaar. Doelgroep: De doelgroep van Beschermd Wonen vanuit Tactus betreft mensen met langdurige chronische verslavingsproblematiek, waarbij zich problemen voordoen op verschillende leefgebieden. Het gaat om cliënten die een plek hebben die vanuit de Wmo gefinancierd wordt. Dit waren er in het verleden veel meer (zie ook hoofdstuk 4 ‘Financiële Analyse’). Per 1 januari 2021 kunnen mensen die vanwege een psychische stoornis blijvend behoefte hebben aan permanent toezicht of zorg, toegang krijgen tot de Wlz.[1] Personen die onder de Wmo vielen konden sindsdien instromen in de Wlz. Vormgeving en uitvoering Tactus faciliteert Beschermd Wonen-locaties waar cliënten actief middelen mogen gebruiken. Deze woonvoorzieningen staan ook wel bekend als ‘wet housing’-voorzieningen.
Daarnaast zijn er ‘dry housing’-voorzieningen, waarbij cliënten abstinent zijn (dus geen drugs meer gebruiken) en terugval altijd een actueel thema is (zoals de locatie Oosterkerk). In alle gevallen is een behandelaar nauw betrokken bij de zorg. Cliënten ontvangen begeleiding in de dagelijkse bezigheden, gericht op het aanleren of stabiliseren van vaardigheden voor het zo zelfstandig mogelijk (als haalbaar) wonen. In de beschermd woonvoorzieningen is 24 uur per dag toezicht. Er wordt gekeken naar de cliënt, waarbij de wensen en doelen van hem/haar centraal staan. Er is vrij bezoek mogelijk op de locaties, maar hierbij wordt er wel op gelet dat dit geen ‘foute contacten’ betreft. Een van de redenen dat mensen voor beschermd wonen kiezen, is omdat ze in hun sociale omgeving contacten hebben die de kans op terugval vergroten (bv. Mensen die vlak bij hun dealer in de buurt wonen), en er wordt dus wel op gelet dat zulke contacten op afstand blijven. Op deze manier kunnen cliënten in een stabiele omgeving werken aan herstel en aan een leefstijl waarin hun verslaving geen of een minder dominante invloed gaat hebben op hun leven.
26
Tactus werkt nauw samen met het CIMOT met betrekking tot indicatiesteling Beschermd wonen. Als iemand via het CIMOT (de organisatie die de toegang tot beschermd wonen regelt) een indicatie krijgt dat beschermd wonen voor hem/haar nodig is, dan kan diegene worden aangemeld bij Tactus. De meeste cliënten zijn al in behandeling bij Tactus. Cliënten worden aangemeld door verschillende hulpverleners, zowel intern bij Tactus als extern. Er wordt gevraagd naar een geldige indicatie (in geval van de WMO plekken een CIMOT indicatie). Daarnaast vindt er een oriënterend gesprek plaats om te kijken of beschermd wonen bij de cliënt past en waarbij gekeken wordt of een cliënt wel of niet in behandeling is bij Tactus. Cliënten gaan naar Beschermd Wonen-locaties in de centrumgemeente die hoort bij de gemeente waar ze ingeschreven staan, maar het komt ook voor dat mensen uit andere gemeenten in Enschede worden opgevangen. Ook wordt er gekeken met andere woonlocaties hoe elkaars expertise benut kan worden. Voorbeelden van andere kernpartners in Beschermd wonen zijn Humanitas en het RIBW. Resultaten: In 2020 zijn er bij Beschermd Wonen 14 mensen ingestroomd, 3 mensen doorgestroomd en 7 mensen uitgestroomd. In hetzelfde jaar deed Tactus mee aan de aanbesteding voor WLZ-erkenning die ook verleend werd.
Vanaf januari 2021 heeft Tactus vervolgens WLZ-indicaties aangevraagd voor de cliënten die bij hen op de beschermde woonlocaties verbleven, voor wie zij dit nodig achtten. Er zijn uiteindelijk 77 WLZ-indicaties toegekend. In het gesprek met Tactus kwam naar voren dat de beschermde woonlocaties daarmee aan hun taks zitten. Tactus houdt momenteel wachtlijsten aan voor beschermd wonen omdat het aanbod de vraag niet aankan. Casus: cliënt Michiel Michiel raakte rond zijn twintigste verslaafd aan alcohol. Naarmate hij zich meer begon te realiseren dat hij een alcoholprobleem had, ging hij steeds vaker stiekem drinken. Een lange tijd vond hij dat hij op eigen houtje moest kunnen stoppen. Het duurde een tijd voordat hij openlijk durfde te erkennen dat hij een probleem had. Hij is toen naar de huisarts gegaan en deze heeft hem doorverwezen naar Tactus. Daar kon hij binnen twee weken al terecht voor een intakegesprek. Er werd toen besloten om een detoxbehandeling te starten. Vanwege de wachtlijsten duurde het zes weken voor dit traject kon beginnen. De detoxbehandeling zelf duurde twee weken. In de kliniek werd een vaste dagelijkse structuur geboden met verplichte maaltijdmomenten. Ook kreeg Michiel medicatie voor zijn ontwenningsverschijnselen.
Na de detoxbehandeling begon voor Michiel een moeilijke periode, waarin hij nuchter weer zijn draai moest zien te vinden in het dagelijkse leven. Hij kreeg in die periode nazorg van Tactus, in de vorm van het onlineprogramma ‘Verslaving De Baas’. Dit programma richtte zich op het veranderen van de leefstijl en het weer aannemen van een normaal ritme. Michiel volgde dit programma wel, maar zat tegelijkertijd met bepaalde psychische trauma’s waaraan in de nazorg geen aandacht werd besteed. Dit kwam ook doordat Michiel niet open was over de psychische problemen die aan zijn verslaving hadden bijgedragen. Uiteindelijk ging het mis en had hij een terugval. Er volgde een tweede detoxbehandeling. Michiel ervoer de ontvangst van Tactus hierbij als een warm bad: hij voelde zich niet veroordeeld, maar voelde zich juist geaccepteerd en zelfs gewaardeerd omdat hij opnieuw om hulp durfde te vragen. Hij voelde zich kortom welkom om na de terugval weer een poging te doen om af te kicken. Er volgden nog een aantal detoxbehandelingen en periodes van terugval. Voor Michiel was het moeilijk zich helemaal open te stellen en ook therapie van Tactus te accepteren. Uiteindelijk heeft hij die stap toch gezet. Bij de therapie leerde hij meer over zichzelf en welke persoonlijkheidsproblematiek zijn verslaving had beïnvloed.
Tegelijkertijd kickte hij af en werd hij vanuit Tactus gestimuleerd om zich voor een beschermd wonen-locatie in te schrijven. Michiel woont nu sinds een jaar op deze beschermd wonen-locatie en heeft al die tijd geen alcohol meer gedronken. Beschermd wonen bij Tactus geeft hem de kans door te gaan met zijn therapie in een veilige omgeving, waarin hij niet omringd wordt door dezelfde contacten die hem eerst nog tot alcoholgebruik verleidden. Dat geeft hem rust en maakt het makkelijker nuchter te blijven, terwijl hij verder kan werken aan de problemen die bijdroegen aan zijn verslaving. Deze rust ervaart Michiel ook doordat de hulpverlening bij Tactus erg laagdrempelig is. De begeleiders staan continu voor hem klaar, bieden een luisterend oor en stellen hem op zijn gemak als het even moeilijker gaat. Doordat hij weet dat hij bij Tactus niet veroordeeld wordt en dat er hier echt naar hem
27
geluisterd wordt, vindt Michiel het nu veel makkelijker om openlijk te bespreken op welke gebieden hij hulp nodig heeft. Daardoor heeft hij nu ook echt het gevoel dat zijn problemen bij de kern worden aangepakt in de therapie, en voelt hij de motivatie en het zelfvertrouwen om dit hersteltraject te blijven volgen.
3.5 Medische heroïnebehandeling Op de locatie Ripperdastraat is ook een faciliteit voor medische heroïnebehandeling aanwezig. Dit is een faciliteit waar heroïneverslaafden op een veilige en verantwoorde manier heroïne kunnen gebruiken. De behandeling wordt uitgevoerd door verschillende functionarissen: medici, verpleegkundigen en sociaalmaatschappelijk werkers. Dit verloopt volgens strikte protocollen die op Rijksniveau zijn vastgesteld aangaande de kwaliteit van de heroïne, wat er op de faciliteiten aanwezig moet zijn, het toezicht na de inname en de criteria waaraan de doelgroep moet voldoen. Doelgroep: met betrekking tot dit laatste zijn er diverse strenge criteria waaraan de doelgroep moet voldoen. Zo moet iemand langer dan vijf jaar verslaafd en ouder dan 35 jaar zijn, en moet er al een methadonbehandeling zijn gevolgd. Dit laatste is een voorwaarde omdat een methadonbehandeling ook geschikt kan zijn voor heroïneverslaafden, maar het hier een lichter middel betreft. Doel- en taakstelling De medische heroïnebehandeling is bedoeld ter behandeling voor langdurig heroïneverslaafden. Deze behandeling heeft ten eerste als doel dat heroïneverslaafden op een veilige manier kunnen gebruiken. Tevens moet de behandeling ervoor zorgen dat de noodzaak van het scoren van heroïne in mindere mate invloed gaat hebben op het leven van de verslaafden. Dit creëert meer rust.
Ten slotte draagt dit ertoe bij dat er minder overlast is in de buurt door drugscriminaliteit en openbaar drugsgebruik. Vormgeving en uitvoering Vanwege de strenge voorwaarden gaat er een grondige screening vooraf aan ieder medisch heroïneverstrekkingstraject. Daardoor kan het soms lang duren voor iemand hier terechtkan. Er moet vastgesteld worden dat iemand daadwerkelijk heroïneverslaafd is, dat iemand al gebruik heeft gemaakt van andere behandelopties en degene moet er zelf mee akkoord zijn dat dit het traject is wat hij/zij nu nodig heeft. Het programma valt onder de verantwoordelijkheid van een medicus van Tactus. De zorg bestaat (naast het verstrekken van de stof middels schone instrumenten) uit verpleegtechnische handelingen, uit preventie en voorlichting, als ook het motiveren tot zorg. Tevens wordt er na het heroïnegebruik toezicht gehouden op cliënten om snel te kunnen handelen in gevallen van psychische effecten en dergelijke. Resultaten In 2020 waren er 26 erkende plekken bij Tactus waar mensen terecht konden voor de medische heroïnebehandeling. In 2020 waren er uiteindelijk 24 van deze plekken daadwerkelijk bezet, waarvan er 20 werden bezet door mensen afkomstig uit de regio Enschede. In dat jaar stroomde er 3 cliënten in en zaten er 2 cliënten aan het eind van het jaar nog in de screeningsfase, vanwege het niet hebben van een vaste woon-/verblijfplaats.
1 cliënt werd na de screening afgewezen omdat hij niet in de doelgroep paste (heroïne was bij diegene niet het hoofdmiddel).
3.6 Conclusie en beoordeling Doelgroep Tactus bedient een divers samengestelde doelgroep die per uitvoeringsonderdeel verschillend is. Tactus biedt ondersteuning in de volle breedte van verslavingszorg: van (universele) preventie tot ‘Harm-reduction’. Verslaving is namelijk iets wat zich in de gehele samenleving afspeelt, en zeker niet altijd in het zicht is van Tactus of andere instanties. De meeste mensen met verslavingsproblemen zijn niet in het zicht omdat zij bijvoorbeeld op veel latere leeftijd pas erkennen dat zij met problematiek te maken hebben.
28
Effectiviteit Uit de gesprekken blijkt dat het lastig is om daadwerkelijke effecten van het verslavingsbeleid in kaart te kunnen brengen. Het is bijvoorbeeld niet bekend in hoeverre de preventieactiviteiten daadwerkelijk hebben bijgedragen aan het verminderen van problematiek op latere leeftijd of het terugdringen van maatschappelijke kosten (zorg en overlast van verslaafden). Er is wel in de literatuur landelijk gezien een causaal verband gevonden tussen middelengebruik (voornamelijk alcohol en cannabis) en schooluitval. Daarnaast lijkt harddrugsverslaving een voorspeller te zijn van dakloosheid, lijkt alcoholverslaving een voorspeller te zijn van het plegen van partnergeweld en drugsverslaving van het slachtoffer worden van partnergeweld.29 Desalniettemin is het wel zeer aannemelijk dat de (preventie)activiteiten van Tactus effectief zijn, maar een harde cijfermatige onderbouwing (bijvoorbeeld in de vorm van een MKBA, maatschappelijke kosten-batenanalyse) is niet aanwezig. Maar ook de partners van Tactus waarmee in de praktijk wordt samengewerkt ervaren de inzet van Tactus als (voldoende) effectief. Preventie als belangrijke pijler Zeker omdat inwoners met verslavingsproblematiek vaak niet beeld zijn, is preventie een belangrijke pijler in de uitvoering. Jongeren zijn een belangrijke doelgroep (met zowel nog geen, beginnende of al zwaardere problematiek).
Maar ook kan snel geschakeld worden: de doelgroep ouderen is erbij gekomen omdat gemerkt werd dat veel ouderen onder behandeling waren voor een alcoholverslaving. De samenwerking met partners is noodzakelijk voor het vroegtijdig signaleren en preventief ingrijpen alvorens een duurdere behandeling nodig is. Tactus heeft regionaal een breed netwerk in de regiogemeenten (wijkteams, onderwijs, zorginstellingen, politie etc.) waarmee in samenwerking op maat activiteiten worden uitgevoerd (deskundigheidsbevordering, spreekuren etc.). Een belangrijk element is ook dat Tactus meedenkt in beleidsontwikkeling bij regionale partners als het gaat over verslavingsproblematiek. Partners met wie is gesproken voor dit onderzoek ervaren de inzet van Tactus als zeer waardevol. Naast problematieken die spelen bij de doelgroep is op deze manier ook aandacht voor verslavingsproblematiek. Regiogemeenten blijken alleen niet geheel op de hoogte te zijn welke preventieactiviteiten precies binnen de eigen gemeente uitgevoerd wordt vanuit de centrumgemeentegelden. Laagdrempeligheid in de toegang tot zorg Uit de uitvoeringsanalyse blijkt dat er aandacht is voor een zo laagdrempelig mogelijke toegang en dat dit ook door externen als succesfactor wordt bevonden. • Bepaalde zorg vanuit Tactus wordt al aangeboden, zonder dat daar meteen een zorgindicatie voor vereist is.
Het inloopspreekuur aan de Ripperdastraat en de activiteiten van het team Bemoeizorg zijn hier voorbeelden van. Beide vormen van hulpverlening zijn erop gericht mensen direct met hun eerste behoeftes verder te helpen en ze zodoende zover te krijgen dat ze verdere zorg accepteren. Hierna kan wel een zorgindicatie volgen. • Uit gesprekken met medewerkers en samenwerkingspartners ontstaat ook het beeld dat Tactus zich over een uiteenlopende doelgroep ontfermt. Het gaat daarbij soms ook over mensen waarbij een verslaving misschien niet de hoofdmoot van het probleem is, maar die wel dringend hulp nodig hebben. Ook deze mensen worden door Tactus verder geholpen en mogelijk dan doorverwezen naar passender hulpverlening (integrale aanpak). • De preventieactiviteiten hebben volgens regionale partners in positieve zin bijgedragen aan een laagdrempelige toegang tot verslavingszorg. Mensen met een verslaving zoeken zeker niet altijd uit zichzelf hulp bij Tactus, maar door bijvoorbeeld spreekuren of preventiegesprekken is de drempel veel lager voor hen om ondersteuning te vragen. Cliënten ervaren de zorg van Tactus als warm en belangstellend • De cliënten waarmee voor dit onderzoek gesproken is, waren ieder zeer te spreken over Tactus. Wat vooral opviel in hun verhalen is dat ze nooit het gevoel leken te hebben dat er bij Tactus over hen geoordeeld werd.
Ook op momenten dat cliënten zichzelf erg schaamden (bijvoorbeeld vanwege een terugval) werden ze bij Tactus met open armen ontvangen en juist gecomplimenteerd voor het feit dat ze toch terug bleven komen naar Tactus. • Hiermee samenhangend viel op dat cliënten het vertrouwen dat ze bij Tactus krijgen heel erg waarderen. Naast vertrouwen in hun vermogen om af te kicken, ging het daarbij ook om het krijgen van 29 https://www.trimbos.nl/docs/cf089eb0-b227-47f5-8904-2de21eada502.pdf
29
taken en verantwoordelijkheden die aansluiten op hun talenten en ambities. Cliënten zeiden regelmatig dat dit een positief effect heeft op hun eigenwaarde en motivatie. Tabel 3.2 Beoordelingskader uitvoeringsnormen UItvoeringsnormen
Waarderingsscore*
•
De uitvoering vindt plaats conform het vastgestelde beleid. Toelichting: de uitvoering wordt uitgevoerd zoals van tevoren in overleg besproken door de gemeente. • Er is sprake van een adequaat functionerende toegang tot de verslavingszorg. Toelichting: de inzet van Tactus lijkt de toegang tot verslavingszorg te vergroten, zeker gezien het grote netwerk in de regio. Gesproken partners ervaren dat mensen sneller geneigd zijn bij Tactus aan te kloppen door hun aanwezigheid in bijvoorbeeld zorginstellingen of het onderwijs.
++
•
++
++
De toegang tot de verslavingszorg én de zorgverleners kennen de (potentiële) doelgroep(en) en werken aantoonbaar vanuit de basisprincipes zoals geformuleerd in de beleidskaders. Toelichting: de brede vertrekpunten als geformuleerd voor sociale verslavingszorg komen terug in de uitvoering. Ook is er aandacht voor Jeugd en gezin (Wmo/jeugdbeleid), bijvoorbeeld de aandacht voor de KOV-doelgroep. • Er is sprake van een effectieve samenwerking tussen de lokale toegang en de regionale verslavingszorg, met name op de volgende aspecten: o de samenstelling van de lokale toegang is toegespitst op de lokale behoefte aan verslavingszorg; o de samenwerking leidt tot een gedegen inzicht in de behoefte aan verslavingszorg en de wijze waarop deze wordt vervuld; o de samenwerking vormt een gedegen basis voor het genereren van beleidsinformatie op basis waarvan de gemeente kan sturen op gewenst resultaat. Toelichting: Tactus heeft een omvangrijk netwerk in de regio waardoor zij toegang hebben tot de doelgroep. Afzonderlijk wordt met de partners afgestemd waar ondersteuningsbehoefte ligt, of welke ontwikkelingen er zijn op het gebied van verslavingen. De vertaling naar beleid in de regiogemeenten lijkt te ontbreken volgens de regiogemeenten zelf. Resultaatnormen
++
Waarderingsscore*
•
Er is sprake van een laagdrempelige toegang tot de verslavingszorg. Toelichting: zowel bij de opvanglocaties van Tactus als bij regionale partners wordt de sociale verslavingszorg /ondersteuning als erg laagdrempelig ervaren door alle betrokkenen. • Alle (potentiële) doelgroepen zijn in beeld en zij die dat nodig hebben ontvangen tijdig de juiste zorg en ondersteuning. Toelichting: er zijn geen cijfers bekend over de precieze omvang van de doelgroep in Enschede en precieze aandelen van verschillende verslavingen in die doelgroep. Wel lijkt er bij Tactus vanwege hun ‘outreachende’ benadering brede kennis beschikbaar te zijn over welke sub-doelgroepen er allemaal zijn, welke daarvan al goed bereikt worden en welke er nog aandacht behoeven. • De cliënten in de verslavingszorg zijn tevreden over de geboden ondersteuning. Toelichting: de clliënten die we gesproken hebben ervaren de zorg van Tactus als laagdrempelig, warm en belangstellend. Ook wanneer ze terugvallen en terugkeren bij Tactus worden ze warm ontvangen door het personeel, hetgeen het opzoeken van de hulp makkelijker maakt. • Cliënten die uit de verslavingszorg komen, ontvangen tijdig de juiste nazorg en ondersteuning met als resultaat dat het terugvalpercentage zo gering mogelijk is. Er zijn geen cijfers bekend over het terugvalpercentage: hier wordt niet over gerapporteerd.
Uit de verhalen van cliënten ontstaat het beeld dat de nazorg (waar van toepassing) en ondersteuning die ze krijgen over het algemeen passend is en zich, waar nodig, ook op meer leefgebieden richt dan alleen verslavingsproblematiek. *
++ + ++ ++
De waarderingsscores zijn: ++ = zeer goed, + = goed, kan nog beter, - = moet beter en -- = moet snel verbeteren.
30
Financiële analyse
4 Financiële analyse
De financiële analyse beoogt inzicht te geven in de effectiviteit en doelmatigheid van het verslavingszorgbeleid van Enschede. Eerst is de jaarrekening 2020 (incl. subsidiebijlage) van de gemeente Enschede geanalyseerd, ook in relatie tot de begroting. Hierbij zijn tevens subsidiebeschikkingen en verantwoordingscijfers van Tactus Verslavingszorg betrokken. Vervolgens is een vergelijking gemaakt met cijfers van drie andere centrumgemeenten. Dit hoofdstuk besluiten we met de scores op de financiële normen uit het normenkader: Financiële normen • De gemeente wordt tijdig, juist en volledig geïnformeerd door de zorgaanbieder(s) over de kosten en de resultaten van de verslavingszorg. • De inkomsten en uitgaven voor het verslavingsbeleid zijn transparant in de zin dat een duidelijk onderscheid gemaakt kan worden tussen uitgaven voor de preventie, de curatie en de nazorg en eveneens duidelijk is welke financieringsbronnen daarvoor worden ingezet. • Het beleid is effectief en efficiënt uitgevoerd gelet op de resultaten.
4.1 Verantwoording bestedingen Enschede Gemeente Enschede: programmabegroting/rekening, incl. subsidiebijlage De jaarstukken 2020 van de gemeente Enschede dienen als beginpunt van de financiële analyse. Hierin is bekeken hoe de verslavingszorglasten zijn verantwoord. In de begroting van 2020 zijn de verslavingszorglasten niet direct herkenbaar opgenomen . Een deel van de subsidies voor beschermd wonen en maatschappelijke opvang (waaronder verslavingszorg) is opgenomen als verzamelsubsidies. In de begroting van 2019 staat voor verslavingszorg een bedrag van €10,1 miljoen vermeld. Daarnaast wordt het project medische heroïneverstrekking genoemd onder het thema Ondersteuning centrumtaken WMO. Hierbij staat in de begroting omschreven dat de landelijke middelen (specifieke uitkering regeling heroïnebehandeling) in 2020 onvoldoende zijn om de lasten te dekken. Het tekort tussen de specificatie uitkering en de begrote lasten is opgelost door de gemeenten. Zo draagt Almelo evenredig bij aan de dekking van het tekort30. In de jaarrekening 2020 zijn de lasten van de verslavingszorg evenmin direct herkenbaar. Wel is er binnen het programma Vitaal en Sociaal een onttrekking zichtbaar aan de reserve Maatschappelijke opvang en verslavingszorg (€0,25 miljoen ten behoeve van Ondersteuning centrumtaken wegens de start van het project integrale aanpak (investeringen in locaties)31.
In de toelichting van het programma Vitaal en Sociaal wordt het onderdeel Ondersteuning Centrumtaken (WMO) omschreven. Voor dit onderdeel noteert de gemeente €69,5 miljoen aan lasten en circa €3,1 miljoen aan baten. Deze uitgaven overstijgen de kosten van verslavingszorg, omdat uit deze middelen ook andere taken worden bekostigd. Naast beschermd wonen en maatschappelijke opvang betreft dit vrouwenopvang en diverse voorzieningen voor vreemdelingen. Ook in de gemeentebegroting 2021 zijn de lasten die betrekking hebben op Verslavingszorg geschaard onder verzamelsubsidies (Ondersteuning Centrumtaken WMO). Al met al geven de jaarstukken beperkt houvast om de ontwikkeling van de lasten van verslavingszorg eenduidig in beeld te krijgen, in de tijd te volgen en op effectiviteit en doelmatigheid te evalueren. Daarom is ingezoomd op subsidiebeschikkingen en verantwoordingsrapportage van Tactus Verslavingszorg. Tactus Verslavingszorg: subsidiebeschikkingen Binnen de subsidieaanvragen (2019, 2020, 2021 en 2022) en de verantwoording (2020) van Tactus Verslavingszorg zijn vier onderdelen herkenbaar (zowel lokale als centrumtaken): A. Preventie: algemene preventietrajecten, Collectieve GGZ preventie en diverse oudercursussen; 30 De gemeente Almelo draagt circa €100.000 bij. 31 Onttrekking van €250.000.
32
B. Beschermd Wonen: ambulante woonbegeleiding in eigen woning, 24-uurs begeleiding in woning van Tactus, CIMOT-medewerkers, Coaching- en adviseringstrajecten, Opstapplekken en projectleider Wonen; C. Maatschappelijke Opvang: Daginvulling verslaafden, Dagcentrum, alcohol/drugs gebruikersruimten, Somatische en psychiatrische zorg, Casemanagement, Nazorg Detentie, zorg coördinatie en activeringsactiviteiten; D. Medicinale Heroïne Unit: opiaatonderhoudsbehandelingen. In onderstaand diagram is de subsidie per onderdeel voor vier jaar in beeld gebracht. Figuur 4.1
Subsidieaanvragen Tactus Verslavingszorg 2019, 2020, 2021 en 2022
In de grafiek is een ontwikkeling per onderdeel zichtbaar is. Bij het onderdeel Beschermd wonen valt op dat de subsidie vanaf 2021 drastisch is verminderd. Deze afname vloeit voort uit de openstelling van de Wet langdurige zorg (Wlz). Uit gesprekken met beleidsmedewerkers van de gemeente Enschede blijkt dat er sindsdien een substantieel deel van de beschermd wonen populatie niet meer wordt bekostigd uit gemeentelijke subsidies maar uit Wlz-middelen. Het onderdeel Maatschappelijke opvang vertoont een jaarlijkse groei, van €3 miljoen in 2019 naar €3,5 miljoen in de aanvraag van 2022. Deze groei in de kosten bestaat uit meerdere onderdelen: circa €0,15 miljoen voor Casemanagement (Hengelo, Enschede en justitieel), €0,15 miljoen voor de ontwikkeling van opstapplekken en €0,085 miljoen voor toename in arbeidsgerichte activeringsactiviteiten. Bij Preventie is een wisselende ontwikkeling te zien. De groei tussen 2019 en 2021 wordt met name veroorzaakt door de kosten van het basispakket (preventie op scholen in Enschede en omgeving; circa €0,1 miljoen). De daling in 2022 wordt mede veroorzaakt voor verschillen in aangeboden oudercursussen (Hoe vroeger hoe beter, Mijn kind kan niet zonder). Bij de Medische Heroïne Unit (MHU) is in 2020 een kostenreductie gerealiseerd.
Waar er in 2020 nog een subsidie werd verleend van circa €0,85 miljoen, is deze subsidie vanaf 2021 gedaald tot circa €0,76 miljoen. Deze reductie is overeengekomen middels overleg tussen Almelo en Enschede en de medische heroïne unit Twente. Het overeengekomen bedrag brengt de begrote lasten van de MHU in lijn met het beschikbare budget vanuit het Rijk, exclusief de huurkosten (waarvoor de rijksmiddelen niet zijn bedoeld). De reductie is gerealiseerd met behoud van de zorgkwaliteit. Tactus verslavingszorg: verantwoording Naast de subsidieaanvragen van Tactus Verslavingszorg is ook de verantwoording over het jaar 2020 geanalyseerd. Doordat de kosten zijn gecategoriseerd is het mogelijk om per onderdeel een vergelijking te maken tussen de aanvraag en de werkelijke kosten. We merken op dat Beschermd wonen na 2020 nog maar beperkt van toepassing is (zie grafiek 1). 33
Figuur 4.2
Tactus subsidieaanvraag en verantwoording 2020
In totaal heeft Tactus Verslavingszorg voor circa €9,9 miljoen subsidieaanvragen gedaan voor het jaar 2020. In de verantwoording tellen de kosten op tot circa €10,2 miljoen32. Op alle onderdelen is een lichte overschrijding te zien, maar de belangrijkste oorzaak van de hogere kosten is het onderdeel beschermd wonen.33 Tactus Verslavingszorg: prestaties In de inhoudelijke verantwoording van Tactus Verslavingszorg worden verschillende resultaten benoemd. Dit zijn vooral prestaties in termen van input (aantal plekken) of output (aantal trajecten). Onderdeel A. Preventie B. Beschermd wonen C. Maatschappelijke opvang
D. Medicinale heroïne unit
Prestaties in 2020 277 unieke trajecten, voornamelijk ter preventie van Cannabis, Alcohol en Schermgebruik 77 erkende woonplekken en 4 opstapplekken Er is sprake van een wachtlijst Dagcentrum heeft 189 unieke bezoekers ontvangen Drugsgebruikersruimte heeft gemiddeld 60 inschrijvingen 224 cliënten zijn begeleid door Casemanagement 26 beschikbare plekken waarvan 24 bezet
Tactus Verslavingszorg: subsidiebeoordeling In een interview met de subsidiebeoordelaar van de gemeente Enschede is nagegaan hoe de jaarlijkse subsidiebeschikking tot stand komt. Hierbij is zowel de communicatie met Tactus verslavingszorg besproken als de beoordeling van de inhoud (criteria van toekenning). Subsidieaanvragen worden met name getoetst aan de geldende subsidieverordeningen. Met name nieuwe/gewijzigde aanvragen gaan gepaard met veelvuldig overleg tussen gemeente en Tactus, waarbij de gemeentelijke begroting kaderstellend is. Bij de verantwoording vindt vooral een toetsing plaats of de gesubsidieerde activiteiten hebben plaatsgevonden en Tactus heeft voldaan aan de subsidieverplichtingen. De gemeente ontvangt hiervoor een gespecificeerde opgave met accountantsverklaring. In geval van substantiële afwijkingen ten opzichte van de verstrekte subsidie vraagt de gemeente om een aanvullende verklaring. Kenmerkend voor het proces van de subsidiebeoordeling is de verstandhouding met en expertise van Tactus. Ondanks een beoordeling door gemeentelijke beleidsadviseurs geeft vooral de verslavingsexpertise richting aan de inhoud van de verschillende onderdelen binnen de subsidie. In het gesprek is duidelijk gemaakt dat Tactus inzicht heeft in de actuele behoefte aan verslavingszorg.
Zij ervaren vanuit de dagelijkse praktijk waar eventuele accenten van de subsidie kunnen worden verlegd. 32 In de praktijk worden dergelijke verschillen betaalt door de uitvoerder als de kosten vermijdelijk zijn, zijn ze onvermijdelijk dan worden de kosten
doorgaans betaald door de gemeente. een en ander wordt in overleg vastgesteld. 33 De realisatie van drie woonplekken in Zutphen veroorzaakt een overschrijding van bijna €0,1 miljoen euro.
34
De onderdelen binnen de subsidiebeschikking kunnen in beperkte mate worden beoordeeld op effectiviteit en doelmatigheid. Vooral bij de preventieactiviteiten speelt de discussie over effectiviteit, omdat de effecten van het beleid zich in de (verre) toekomst kunnen uiten. Op het onderdeel maatschappelijke opvang is volgens de beoordelaar wel een effect te zien van de aanpak van Tactus. Zo zijn er zichtbaar minder zwervers in de stad en is de sfeer in de stad verbeterd. Mede door deze successen van het verslavingsbeleid is er vanuit de gemeente veel vertrouwen in de kennis en expertise van Tactus. Hiernaast steunt de gemeente op het productenboek van Tactus en de jaarlijkse verantwoordingsrapportages.
4.2 Vergelijking met referentiegemeenten Om na te gaan hoe de lasten van verslavingszorg van de centrumgemeente Enschede zich verhouden tot andere centrumgemeenten is een ‘benchmark’ uitgevoerd. Op basis van structuurkenmerken zijn enkele centrumgemeenten gekozen als mogelijke referentie. Deze gemeenten zijn benaderd om financiële en beleidsgegevens aan te leveren voor het onderzoek. In de uitvraag van deze gegevens merkten wij dat het voor referentiegemeenten lastig is om gegevens aan te leveren. Waar de verslavingszorg in Enschede geheel is ondergebracht bij Tactus Verslavingszorg is dit elders niet altijd het geval. Vaak zijn er verschillende organisaties betrokken. Daarnaast maakt de zorg voor verslaafden in veel gevallen deel uit van overkoepelend beleid voor maatschappelijke opvang en beschermd wonen. Een gemeente gaf expliciet aan niet te kunnen meewerken aan het onderzoek omdat zij op het gebied van verslavingszorg geen concreet beleid hebben en daardoor eventuele vragen, met betrekking tot financiële lasten of verslavingszorg gerelateerde prestatiekenmerken, niet kunnen beantwoorden. Uiteindelijk is voor de benchmark gebruikgemaakt van gegevens van drie referentiegemeenten: Leeuwarden, Den Bosch en Nijmegen.
Omdat de referentiegemeenten hun beleid anders invullen en organiseren, is er niet altijd een duidelijke scheiding te maken tussen verslavingszorg en aangrenzende gemeentelijke taken. Dit is gedeeltelijk ondervangen door de bovengenoemde onderdelen van verslavingszorg te onderscheiden. Desondanks is een onderschatting van bepaalde lasten van referentiegemeenten niet uit te sluiten. De uitkomsten van de benchmark moeten dan ook als indicatief worden geïnterpreteerd om een beeld te schetsen van uitgavenverschillen tussen Enschede en andere centrumgemeenten. A. Preventie Binnen het onderdeel preventie worden verschillende activiteiten georganiseerd door verslavingszorginstellingen, zoals voorlichtingsavonden op scholen, gesprekken met bezorgde ouders en cursussen voor ouders met een verslaafd kind. Uit de benchmark blijkt dat centrumgemeente Enschede met €1,4 per inwoner meer aan verslavingspreventie besteedt dan referentiegemeenten (circa €0,8 per inwoner). Een mogelijke verklaring voor dit verschil is de omvang en de kwaliteit van de preventieactiviteiten. Waar Enschede met een brede focus verschillende doelgroepen bereikt34, hanteren referentiegemeenten een nauwere focus gericht op deskundigheidsbevordering van zorgprofessionals en selectieve preventie binnen het onderwijs.
De Enschedese activiteiten voor een gezonde levensstijl (gezond blijven en gezondheid bevorderen) zijn dan ook in mindere mate zichtbaar bij de preventieactiviteiten van referentiegemeenten. Hierbij kan ook de mogelijke samenhang tussen verslavingspreventie en gezondheidspreventie in het algemeen een rol spelen. Waar er in de subsidiebeschikking van Tactus een duidelijke scheiding van taken zichtbaar is, kunnen op verslaving gerichte preventieactiviteiten (en verantwoordingswijze) in referentiegemeenten ook deel uitmaken van het bredere gezondheidsbeleid. Dit kan een rol hebben gespeeld in de herkenbaarheid (en omvang) van de preventieactiviteiten van referentiegemeenten. Een laatste verklaring voor het verschil kan gevonden worden in inzet door regiogemeenten. Vanuit een interview met een beleidsmedewerker van een andere verslavingszorgorganisatie is duidelijk geworden dat regiogemeenten zelfstandig een deel van de verslavingspreventieactiviteiten financieren en uitvoeren.
34 Jongeren (in de wijk, op scholen en op woongroepen), zorgprofessionals door middel van deskundigheidsbevordering, rokers,
alcoholdrinkers en kinderen van ouders met verslavingsproblematiek.
35
B/C. Beschermd wonen/Maatschappelijke opvang Bij referentiegemeenten is er geen sprake van duidelijk herkenbare voorzieningen voor verslaafden als het gaat om beschermd wonen. Binnen het onderdeel maatschappelijke opvang biedt Tactus verschillende producten aan, zoals het dagcentrum, drugsgebruikersruimten en de casemanagement van cliënten. Alle taken van Tactus hebben betrekking op zorg of voorzieningen voor verslaafden. Bij referentiegemeenten zijn de lasten van maatschappelijke opvang vaak breder dan de zorg voor verslaafden. Daarbij is het vanuit de beschikbare documenten niet goed mogelijk om onderscheid te maken tussen lasten voor verslaafde populaties en de algemenere voorzieningen. Een betekenisvolle cijfermatige benchmark op dit onderdeel bleek hierdoor helaas niet mogelijk. D. Medische Heroïnebehandeling Dit onderdeel is op basis van het aantal behandelplekken relatief goed vergelijkbaar tussen Enschede en referentiegemeenten. Voor medische heroïnebehandeling ontvangen centrumgemeenten onder strikte voorwaarden een specifieke uitkering, die is gebaseerd op een bepaald aantal behandelplekken. Uit de benchmark blijkt dat Enschede iets hogere lasten per behandelplek heeft dan de referentiegemeenten. Ondanks de in 2020 doorgevoerde en in 2021 geëffectueerde kostenreductie komt Enschede niet uit met de rijksmiddelen.
In de subsidieverlening van 2021 is de subsidie meer in lijn gebracht met het budget vanuit het Rijk, exclusief huurkosten.35 Hierbij merken we op dat de gerealiseerde kostenreductie in 2020 (circa €0,09 miljoen) ervoor heeft gezorgd dat de lasten per behandelplek meer in lijn zijn gekomen met de referentiegemeenten. Zonder de kostenreductie zou het verschil tussen Enschede en de referenties groter zijn.